Zelf koninginnen telen



Vergelijkbare documenten
MOEREN KWEKEN MET HET OVERLARFPROJECT TENSLOTTE

Moerkweek 2013 met aangezogen moerdopjes. Marco De Pauw Keuze van het pleegvolk.

MOEREN KWEKEN MET HET OVERLARFPROJECT. DAG 0 : inbrengen aangezogen cellen

Vermeerderen op basis van eigen teeltmateriaal. Evert van Ginkel

Koninginnenteeltdag 2018

MOEREN KWEKEN MET HET OVERLARFPROJECT

Het werken in de bijen Opbrengst Koningin is hier een zeer belangrijke factor Ook de omgeving Maar ook de imker speelt een grote rol Hij kan bepalen

Najaarsbijeenkomst VCI november 2013

Werken met de Doppenmethode. Studiedag Boskoop 11 november 2017 Leo van der Heijden

S E L E C T I E E N K O N I N G I N N E T E E L T. Inleiding. Wat is het overlarfproject? Uw lokale overlarver. Praktische richtlijnen

Imkeren in mei. Zwermverhindering

Imkercafé Deel 2. Bestuiving, zwermverhindering/ vermeerdering.

Imkercafé Deel 4. Zwermen voorkomen, varroa bestrijden, voeren, nieuwe koninginnen en problemen oplossen..

Koninginnenteelt. Door Ron van Muilekom en Frans van Korlaar

Koninginnenteeltdag Invoeren van moeren. Marie José Duchateau

HELP, ER ZIJN MOERDOPPEN! WAT MOET IK DOEN?

MOEREN KWEKEN MET HET OVERLARFPROJECT

Cursus Koninginnen vermeerdering (de doppen methode)

Mijn bijen zwermen. Help!!! Boskoop, 11 november 2017

Bedrijfsmethode. Winterperiode (December-Januari tot eind Februari). B. Voorjaar.

Imkercafé Deel 1. Voorjaarsinspectie.

Koninginnenteelt voor dummies Doel: lieve bijenvolkjes

Koninginnenteelt via de doppenmethode

1.Gebruikt materiaal bij oogsten van koninginnebrij. Dopjes (napjes) uit donkerbruine kunststof (donkerbruin = omgelarfde larfjes beter zichtbaar)

Koningin. Opdracht Wie van de drie? Bekijk de bijen in het doosje en zoek op. Welke bij is de koningin? Wat valt je op aan de koningin?

HET JAARROND IMKEREN (IN DADANT KASTEN), DAT DOE JE ZO!

Opdrachtkaart Zwart: Hoe ziet de bij eruit?

De honingbij. (Latijnse naam is Apis mellifera = zij die honing maakt).

Koninginnenteelt. Waarom koninginnenteelt? Telen van koninginnen

Invoeren van een koningin. zekerheid boven alles

WORKSHOP GEZONDE BIJEN IS DE IMKER ZELF DE GROOTSTE VERSPREIDER? IMKER ALS STERKSTE SCHAKEL!

Praktijkhandboek basiscursus bijenteelt. Deel 1 : De cursist

Help, ik zie moerdoppen! Wat nu? Henk Rostohar

Blij met een Bij. Maart Verantw. uitg.: De Krainer Bieënvrienden VZW Bankrekening nr. : BE

Waarom koninginnenteelt?

Binnen de kast heeft elke bij haar eigen taken en verantwoordelijkheden: de koningin legt de eitjes, de darren vrijen met de koningin en de werksters

Mijnteeltaanpaken Bedrijfsmethode productievolken

Het controleraam van Paschke.

Praktijkhandboek voor de basiscursus bijenteelt. Deel 2 : De mentor

MOEREN KWEKEN MET AANGEZOGEN MOERCELLEN Deel 1

Veelzijdigheid van een tussenaflegger!

Ze gaat op zoek naar een holletje onder de grond op een droge plaats om er een nest te starten.

Ze gaat op zoek naar een holletje onder de grond op een droge plaats om er een nest te starten.

Bijen project boekje. Groep 4 - juni 2006

Het bijenjaar. Even opfrissen. Leerdoelen Verloop van het bijenjaar Het werkt van de imker. Kijken naar de vliegplank

Ga ik door met deze koningin? Jos Römgens 10 mei 2017

1. Bijen 3 2. Drie soorten bijen 4 3. Op zoek naar eten 5 4. Wonen 7 5. De imker 9 6. Honing Was Filmpje 13 Pluskaarten 14 Bronnen en

Carnicaimkers voor Carnicaimkers

Hoe houden beginnende imkers de volken raszuiver? zie blad 2. Cursus koninginnenteelt met de doppenmethode in De Bommelerwaard

Handleiding praktijklessen. Voor de cursus bijengezondheid

Imkeren met zachtaardige bijen. Presentatie Jos Römgens 12 mei 2016 Dorpshuis Hoofdplaat

Imkeren met dadant. Middelbeers, 13 november Met één broedruimte is het beter en mooier imkeren!!!!.

Imkercafé Deel 5. Inwinteren, varroa bestrijden, opruimen en studeren.

Laatste nieuws VSH teelt 2016 bij Buckfast Teeltgroep Flevo

VCI, 17 nov Koninginnenteelt, tips en trucs

de bij en de imker De relatie tussen de mens en de bij is heel oud.

Beoordeling volken in het kader van Beebreed

Blij met een Bij. Mei Verantw. uitg.: De Krainer Bieënvrienden VZW Bankrekening nr. : BE

Bijenhoudersvereniging St Ambrosius Boxtel

Imkeren met beperkte broedruimte. Gevorderde imker. Augustus Auteur: Dirk Desmadryl Al meer dan 30 jaar deskundig volgeling van deze techniek

Gearchiveerd op 17/09/2013

17 oktober 2013 Hub Maar

K09-NJ TX

Selectie op eigen stand op basis van de mijtval/dag. Egbert Touw, Mari van Iersel DDB

Bijenhouden ten behoeve van zaadteelt en groente productie. Willem J. Boot & Johan N.M. Calis Inbuzz, Imkersbedrijf Boot en Calis, VOF

Inhoudsopgave Voorwoord...1 Deel Hoofdstuk 1.1: Het bijenvolk...5 De koningin (moer)...6 De darren...7 Behuizing van bijen...

Werkboekje Boerderijles Groep 5/6. Naam..

Beevital HiveClean Habeetat en Beetricious Habeetat Beetricious Habeetat Beetricious

SAMENSTELLING EN OPBOUW VAN DE DB COMBI KWEEK EN AFLEGGERKASTJES

ZWERMEN IN LEWENBORG

Selectie op VSH bij de Carnica

Mijn werkwijze met geïntegreerde varroabestrijding

Het invoeren van koninginnen

Imkeren volgens Nico van den Boomen

INSECTEN. werkboekje

Imkeren volgens Roger De Vos

KONINGINNENVERMEERDERING VOOR DE

Papier recyclen. Inlage

Beschrijving van de verschillende carnicalijnen.

Werkstuk Biologie Bijen

De bouwonderdelen bij dit nummer

5.1 Zes poten en vier vleugels

Toegelaten middelen bestrijding van de varroamijt met behulp van Etherische olien, gewonnen uit planten

Kunststof Bijenkasten

Beschrijving van de verschillende carnicalijnen.

Koninginneteelt simpel beginnen, en door samenwerking simpel houden. Koninginneteeltdag Henk Kok

Koninklijke Imkersvereniging Ons Denderbieken Geraardsbergen

Europees vuilbroed. Bijenziekten

Bijenwerk september/oktober 2015

Bijenwerk 2016 april/mei

BUCKFASTBIJEN (1) KONINGINNENTEELT (2) BEVRUCHTINGSEILAND(EN) (3)

DAT VERDIENT EEN BLOEMETJE!

Voedselhygiëne. Doelgroep: bovenbouw. Doelstelling: kinderen inzicht geven in de principes van voedselhygiëne.

Basiscursus Bijenhouden 2016/2017

Imkeren met zachtaardige carnicabijen. Presentatie Jos Römgens 7 november 2015 NBV studiedag Beilen

Transcriptie:

Zelf koninginnen telen Wat houdt je tegen? Coverfoto: vlak voor het omlarven wordt een broedraam met ééndagslarfjes uit een Carnicateeltvolk genomen. Bijentelersbond Lanaken en Omstreken i.s.m. Bevruchtingsstation 't Watersweierke - Houthalen-Helchteren Bevruchtingsstation De Zijp - Nieuwerkerken Het Bijenteeltmuseum Lanaken - achiel.geurts@telenet.be

2 Woord vooraf De tijd van vroeger, toen men de bijen gewoon liet zwermen om het bijenbestand uit te breiden is definitief voorbij. In Limburg is er al heel wat pionierswerk verricht op gebied van koninginnenteelt, we vermelden hierbij uitdrukkelijk het Onderzoeksstation GeeGra te Hengelhoef dat in 1972 werd opgericht door imker Jules Graulus. Hierdoor beschikken we al enkele decennia over uitstekende Limburgse bevruchtingsstations waar we voor het bevruchten van onze koninginnen terecht kunnen. Over koninginnenteelt werd al heel wat geschreven, vaak met tegenstrijdige werkwijzen. Maar los daarvan, is het voor iedereen duidelijk, dat we elk jaar opnieuw koninginnen moeten telen en dit om de simpele reden, dat we enkel door het kweken van jonge, gezonde en sterke volkjes, ons bijenbestand op peil kunnen houden. Koninginnenteelt loont pas bij meer dan 5 volken zegt men, maar ook imkers met minder volken hebben heel veel belang bij het jaarlijks vernieuwen van hun bijenbestand. Met deze brochure willen we aantonen dat iedereen - ook de beginneling - koninginnen kan telen. We bespreken in deze brochure - stap voor stap - de eenvoudigste methode, om succesvol kwaliteitsmoeren te telen. Wat houdt je tegen? Achiel Geurts, voorzitter Bijentelersbond Lanaken en Omstreken Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? Voor we starten Wat hebben we absoluut nodig voor een geslaagde koninginnenkweek? Een sterk en gezond bijenvolk. Een moerrooster (als we telen in een moergoed volk). Volledig met bijen bezette honingzolder Moerrooster Volledig met bijen bezette broedkamer 1 - Teeltraam Het bijenvolk moet sterk en gezond zijn. Alle ramen moeten goed bezet zijn zowel boven als onder. Start zo vroeg mogelijk. Raadpleeg de koninginnenteeltkalender. Wat hebben we nodig bij het omlarven en het kweken? Een teeltraam (1), met dezelfde afmetingen als de door de imker gebruikte ramen. Teeltlat (2). Celhoudervoetjes (3), welke zo dicht mogelijk tegen elkaar op de teeltlatten worden bevestigd. Celhouders (4), welke men op de celhoudervoetjes vastklemt. Kunststof celletjes (5), waarin de larven zullen geplaatst worden. Een teeltraam (best zonder onderlat) kan men makkelijk zelf maken. De afmetingen zijn identiek aan de eigen raammaat. 2 - Teeltlat Arresthulzen (6), om de gesloten celdoppen te beschermen. Het arresthulsdeksel (7) kan gevuld worden met deegsuiker. Een beetje koninginnenbrij. Een beetje deegsuiker (5 delen bloemsuiker en 1 deel honing). 6 - Arresthuls 7 - deksel 3 - Voetje 4 - Celhouder 5 - Cel Wat hebben we nodig om de gekweekte koninginnen te bevruchten? Voldoende EWKbevruchtingskastjes (8). Omhulselkastjes (10) meestal voor 2 EWK s. Transportbakje (9) voor het veilig wegbrengen en afhalen van de EWK-bevruchtingskastjes. Voldoende deegsuiker. 9* - Transportbak Omhulselkastje 10** Voederbakje 8* - EWK Wat hebben we nodig om de bevruchte koninginnen te merken? Glazen afvangpijp (11). Merkbuisje met tekennetje (12). Opalith merktekens en lijm of hars (13), of markeerstift. Schaartje om de vleugel te knippen. 11 - Afvangpijp 12 - Merkbuis 13 - Merktekens Tekennetje Stamper Lijm Stokje Wat hebben we nodig om de bevruchte koninginnen te laten inlopen in een bijenvolk? Introductiekooitjes zoals bijvoorbeeld Iltiskooitjes (13) of Wohlgemuthkooitjes (14). 13* 14* * wordt door de plaatselijke afdelingen (zolang de voorraad strekt) gratis ter beschikking gesteld. ** wordt door de bevruchtingsstanden gratis ter beschikking gesteld. Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? 3

in de marge Welk bijenvolk kan als pleegvolk dienen? Enkel een sterk bijenvolk kan als pleegvolk dienen. Alle ramen moeten volledig bezet zijn in ten minste 2 kamers. Er moeten massaal jonge bijen voorhanden zijn. Het volk moet in weelde leven, er is voldoende voedsel en stuifmeelvoorraad. Er mag geen zwermstemming zijn (doppen breken). Koninginnenbrij Sommige imkers nemen enkele dagen voor het omlarven enkele ramen met open broed uit de onderste broedkamer en hangen deze in de honingzolder. Ze larven zelf om, met larfjes uit eender welk volk, larfjes van 1 dag of 2 dagen oud, het maakt niet uit. Deze handeling heeft 2 voordelen: men kan vaststellen of het volk geschikt is om doppen aan te trekken en men kan koninginnenbrij oogsten die we gebruiken bij de definitieve omlarving. Sommige imkers leggen enkele uren voordat ze gaan omlarven een extra scheidingsrooster over het koninginnenrooster en nemen dit enkele uren nadat het teeltraam is ingebracht weer weg. Dit versterkt het moerloosheidsgevoel. Dag -1 Pleegvolk klaarmaken Daags voor we gaan omlarven controleren we het volledige pleegvolk op doppen. We nemen 3 ramen weg uit de honingzolder die we opbergen in de ramenkast. Vervolgens nemen we twee ramen met open broed uit de broedkamer, maken deze bijenvrij en hangen deze om in de vrijgekomen ruimte van de bovenste kamer, met in het midden een open ruimte voor het plaatsen van het teeltraam. In de onderste broedkamer sluiten we de broedramen aan en vullen aan met waswafels. Een koninginnenrooster scheidt de bovenste van de onderste broedkamer. + o 2 ramen met openbroed en een vrije ruimte voor de plaatsing van het teeltraam. De koningin blijft beneden. De weggenomen broedramen worden vervangen door waswafels. Dag 0 Omlarven We brengen onze teeltlatten naar de omlarver. We kunnen droog omlarven, of we kunnen met een pipet een druppeltje (eventueel met een beetje water aangelengde) koninginnenbrij aanbrengen op de celbodems in onze teeltlatten. Let wel dat deze koninginnenbrij precies op de bodem terecht komt en de zijkanten van de cel niet raakt, dit is immers voor de bijen aanleiding om de cel leeg te halen (te plunderen). Enkel de ééndagslarfjes zijn geschikt. De omlarver gaat onze teeltlatten vullen. Hij schept de ééndagslarfjes op met een omlarfnaald en deponeert ze in de cellen. Het belarfde teeltraam wordt ondersteboven vervoerd. We vermijden trillingen en schokken. Het belarfde teeltraam beschermen we met een doek tegen te felle afkoeling, uit- Een omlarfnaald. droging en direct zonlicht (UV-straling). Ook belangrijk is, dat de temperatuur tijdens het vervoer van het teeltraam niet mag oplopen. Als de buitentemperatuur die van het broednest (35 C) benadert gaat de ontwikkeling verder en treden er - door gebrek aan verzorging - ontwikkelingsstoornissen op. We brengen het teeltraam na de omlarving rechtstreeks naar het pleegvolk en plaatsen het in de voorziene ruimte tussen de 2 broedramen in de moerloze kamer. Een ééndagslarfje wordt voorzichtig op de celbodem gelegd. Het larfje mag niet uitdrogen en moet beschermd worden tegen direct zonlicht. Dek de gevulde teeltlatten af met een handdoek. Links: een koninginnenlarve van 60 uren oud zwemt in de koninginnenbrij. Dit is het ideale moment om koninginnenbrij te oogsten. Rechts: vlak voor het popstadium - de larve is dan 5,5 dag oud - blijft er van deze voorraad koninginnenbrij nog maar weinig over, de larve heeft zich ontlast, de brij is vergeeld. 4 Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? -3 moer legt eitje 17 naar bevr. station 3 dagen eistadium -2-1 einde eistadium 18 19 moer bevrucht 0 omlarving 5,5 dagen larvenstadium 7,5 dagen popstadium 4 dagen quarantaine 20 21 eerste eileg 1 2 controle aangetr. doppen 3 Stoppen met prikkelen 22 23 24 bijvoederen 4 5 cel gesloten 15 dagen bevruchtingsstation 6 doppen inkooien 7 zeer kwetsbaar 8 zeer kwetsbaar 9 zeer kwetsbaar 10 doppen inkooien 25 26 27 28 29 30 31 11 12 moeren lopen uit EWK's afhalen 13 EWK's vullen 14 15 16 De schematische voorstelling geeft in een notendop de evolutie weer vanaf het eitje tot het plaatsen van de bevruchte koningin in een nieuw volk. Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? 5

Dag 2 (of dag 3 of dag 4) Eerste controle We lichten het teeltraam heel voorzichtig op en kijken na hoeveel cellen werden aangetrokken. Vermijd afkoeling! Het pleegvolk moeten we - zeker bij afnemende dracht - enkele dagen prikkelen (prikkelvoeding = 2 delen suiker en 1 deel water). Op de 5de dag worden de aangetrokken moercellen door de bijen gesloten. We beeindigen ook het geven van prikkelvoeding. Dag 6 (of dag 10) Inkooien van de moercellen Op de 5de dag worden de aangetrokken doppen door de bijen gesloten. Enkel op de 6de of op de 10de dag kunnen de aangetrokken koninginnencellen worden ingekooid. Het inkooien zorgt ervoor dat de koninginnen veilig kunnen uitlopen. Van de 7de tot de 10de dag zijn de larven in de moercellen uiterst kwetsbaar. De meeste imkers wachten tot de 10de dag om de doppen in te kooien. In het dekseltje van elk arrestkooitje duwen we een beetje deegsuiker. Het inbouwen van de aangetrokken moercellen kan men voorkomen door ze te beschermen met een reep moerrooster. Op de 6de ofwel op de 10-de dag na de omlarving kunnen we de doppen inkooien. Vermijd tijdens het inkooien afkoeling, tocht en schokken. En let op: keer de moercellen nooit om! Het tijdig inkooien verhindert dat de doppen worden uitgebouwd met was (wat vaak gebeurt bij goede dracht) en dat de doppen worden uitgebeten. Dag 11 Te vroeg uitgelopen doppen Op de 11de dag controleren we of er koninginnen zijn uitgelopen. Is dit zo, dan nemen we deze koninginnen uit het pleegvolk weg en ruimen ze op. Deze koninginnen zijn ontwikkeld uit té oude larven en hebben tijdens de eerste dagen van hun larvebestaan niet de juiste voeding ontvangen. Als de aangetrokken doppen niet be-schermd worden, kunnen ze wel eens door de bijen worden ingebouwd met was. Het inbouwen van koninginnencellen kan men voorkomen door bijvoorbeeld de moercellen af te schermen met een moerrooster. Dag 12 Geboorte Op de 12de dag lopen onze koninginnen uit. We nemen zo snel mogelijk de lege moercel weg, dit om te verhinderen dat de koningin er terug zou inkruipen en verstikken. De afgesloten arresthulzen met koningin hangen we terug in de kast in afwachting tot het vullen van de EWK s. Let wel: te kleine en misvormde koninginnen verwijderen we. Dag 13 Kweekkastjes vullen Een EWK-bevruchtingskastje moet proper zijn. Het voederbakje moet volledig gevuld worden met deegsuiker. De wasrepel aan de bovenzijde moet tot aan beide zijkanten reiken om wildbouw te voorkomen. Zorg dat de verluchtingsgaten goed open zijn. Het percentage van de slaagkans op een goede bevruchting, wordt mede bepaald door de sterkte van het bevruchtingsvolkje. We nemen van verschillende productievolken ramen met jonge bijen en vegen ze (lichtjes nat gespoten) af in een emmer. We werken in alle rust. Oude bijen zijn niet geschikt, we geven ze de kans om terug te vliegen. Opgelet: we nemen geen bijen uit het pleegvolk en we nemen ook geen bijen uit zwermlustige volken (zwermen weg met de onbevruchte koningin). Het EWK wordt gevuld met één pollepel bijen, we zetten de onbevruchte koningin erbij en we sluiten het EWK onmiddellijk af. Vullen we de EWK s met teveel bijen, dan komen deze bijen bij het uitbouwen van de wasstrook in verdrukking en verlaten ze het bevruchtingskastje. EWK s moeten darrenvrij zijn (eventueel de zwermkist gebruiken). De EWK s mogen tijdens de arrestdagen en tijdens het vervoer geen onderling zichtbaar contact krijgen en afgeschermd blijven tegen zonlicht. Met een pollepel of koffiemok (inhoud 250 ml) worden de jonge bijen geschept om het EWK te vullen. Dag 13 tot dag 17 Quarantaine We zetten de gesloten EWK s 4 dagen op een koele plaats. Zorg voor voldoende vocht, benevel ze met wat water. Het voederbakje is vol en de verluchingsgaten zijn vrij. Voordat deze kastjes naar het bevruchtingsstation gebracht worden, kijken we ze nog even na. Prima is het als de bijen al hebben aangebouwd. Lopen de bijen onrustig heen en weer, dan is er heel waarschijnlijk al iets grondig fout. 6 Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? 7

Dag 17 Naar het bevruchtingsstation Een bevruchtingsstation voor reinteelt is een geïsoleerde standplaats waar geselecteerde volken staan met een voldoende aantal raszuivere darren van degelijke kwaliteit. Tijdens het bevruchtingsseizoen kan men er bevruchtingskastjes plaatsen met jonge koninginnen om ze op natuurlijke wijze te laten bevruchten. De nakomelingen van de koninginnen zullen bijgevolg ook raszuiver zijn en van goed genetisch materiaal. Aangezien een dar 7 km ver kan vliegen en een koningin 5 km, moet in principe een bevruchtingsstation in een straal van 12 km raszuiver zijn. In de praktijk is een radius van 10 km aanbevolen. In ons land is het door de grote bijendichtheid heel moeilijk om raszuivere paringsstations te vinden, maar dat wil niet zeggen dat ze niet van belang zijn. t Watersweierke te Houthalen-Helchteren en De Zijp te Nieuwerkerken zijn de twee belangrijkste bevruchtingsstations in Limburg. De EWK s vervoeren we s avonds (met gesloten vlieggat) naar de bevruchtingsstand in een transportbak Ook tijdens het vervoer blijven de kastjes door een plankje afgeschermd. Let erop dat de verluchtingsgaten vrij blijven. of in een EWK-beschermingskastje. Na de definitieve opstelling en pas als de bijen volledig tot rust zijn gekomen, openen we de vlieggaten. Openen we de EWK s te vroeg, dan lopen we het risico dat te veel bijen naar buiten komen en verdwalen. Dag 24 Controle bevruchtingskastjes Op de 24ste dag moeten de in het bevruchtingsstation opgestelde EWK s bijgevoederd worden. Als de weersomstandigheden gunstig waren, zijn onze koninginnen bevrucht en al aan de leg. Dag 31 Afhaling bevruchtingskastjes Op de 31ste dag controleren we de in het bevruchtingsstation opgestelde EWK s. We kunnen aan de broedaanzet duidelijk zien welke koninginnen bevrucht zijn. We sluiten de EWK s pas af na zonsondergang. Zo voorkomen we dat er veel vliegbijen achterblijven, wat bijzonder storend is voor de andere gebruikers van het bevruchtingsstation. De EWK s (met gesloten vlieggat) nemen we huiswaarts in een transportbak of in een EWKbeschermingskastje. We hebben jonge bevruchte koninginnen. Wat nu? Koninginnen merken Koninginnen merken doen we best binnenshuis (kort bij het vensterraam). We vangen de bevruchte koningin met de afvangpijp en plaatsen ze in het merkbuisje. Met de zuiger drukken we de koningin tot tegen het merkgaas. Met een stokje (of een tandenstoker) wordt vervolgens een druppeltje lijm aangebracht op het borststuk van de koningin. De keerzijde van dit houten stokje wordt eerst nat gemaakt met wat speeksel, zodat we het merktekentje gemakkelijk kunnen opnemen. Sommige imkers knippen na het merken aan één zijde een stukje van de vleugel af waardoor de koningin niet met een zwerm kan wegvliegen. Zij valt dan immers voor de kast en de zwerm komt terug. In een klein bevruchtingsvolkje kan men een gemerkte koningin gewoon terug laten inlopen. Bij grotere bevruchtingsvolkjes (drieramer), kan men beter een invoerkooitje gebruiken. Tip: merk alle bevruchte koninginnen! Meer ervaren imkers pakken de koningin tussen duim en wijsvinger om ze te merken. Let op: neem een konigin nooit bij het achterlijf vast. Het achterlijf is zeer kwetsbaar. Nieuwe volkjes maken? Als we van het bevruchtingscentrum met onze bevruchte koninginnen terug thuis komen, moeten we beslissen wat we met deze koninginnen gaan doen. Gaan we volledig nieuwe varroavrije volkjes maken of gaan we broedafleggers maken? Gaan we de oude koninginnen van onze productiekasten vervangen? Opteren we ervoor om enkele koninginnen in reserve te houden? Laten we beginnen met het maken van een nieuw volkje op een 3-ramer. We nemen een 3-raamskastje. We vullen dit met 1 raam voeding, 1 raam stuifmeel en 1 uitgebouwd raam (of waswafelraam). We kloppen enkele ramen met jonge bijen (eerst wat nat sproeien) uit de honingzolders van verschillende kasten af in een grote emmer. De oude bijen geven we voldoende tijd om weg te vliegen. Met deze jonge bijen vullen we de drieramer. De jonge bevruchte koningin uit het EWK sluiten we op in een Iltiskooitje en hangen dit in de drieramer. Laten we de koningin inlopen met een Wohlgemuthkooitje, dan nemen we tijdelijk het uitgebouwd raam weg. We dekken de drieramer af met een natte krant waarin we enkele gaatjes prikken. Daarop leggen we het EWK zodat de bijen en het uitlopend broed zich met bijen in de drieramer kunnen verenigen. Het vlieggat van de drieramer laten we 24 uren volledig geslo- In welke kleur wordt de koningin gemerkt? Het wilgeroosje groeit en bloeit wit geel rood groen blauw * 1 of 6 2 of 7 3 of 8 4 of 9 5 of 0 (*) = jaartal eindigend op... 8 Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? 9

ten, daarna zo klein mogelijk open. Na 2 dagen controleren we of de koningin is uitgelopen en nemen het Iltiskooitje (of het Wohlgemuthkooitje) weg. Hebben we geen drieraamskast ter beschikking, dan nemen we een zesramer. Dit kastje vullen we vooraf met 3 opvulblokken en passen dan dezelfde werkwijze toe zoals bij het maken van een drieramer. Het grote voordeel van deze werkwijze is dat we geen broedramen uit andere volken moeten wegnemen. Broedramen inbrengen betekent immers extra varroa s inbrengen en dat mag zeker niet de bedoeling zijn. Sowieso geven we het nieuwe volkje een varroabehandeling. Oude koningin vervangen Een oude koningin van hetzelfde ras kunnen we makkelijk vervangen. We maken gebruik van een Wohlgemuthkooitje dat aan de onderzijde voorzien is van een koninginnenrooster. We sluiten de oude koningin er in op en hangen dit in de kast. De bijen kunnen alzo de koningin verzorgen, het volk voelt zich niet moerloos. De oude koningin kan geen eitjes leggen en na 10 dagen is alle open broed verzegeld. Nu nemen we de oude koningin weg en brengen de nieuwe koningin in eenzelfde Wolhgemuthkooitje (met gevulde voedselruimte) in de kast. Als na een korte periode de bijen in tros aan dit kooitje hangen, kan men het kooitje openzetten en kan de koningin haar plaats innemen in het bijenvolk. Als je een onbevruchte koningin inzet, is er een redelijke kans dat de koningin tijdens haar bruidsvlucht verloren gaat. 10 Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? Ander ras? Het inbrengen van een nieuwe koningin in een bestaand volk van een ander ras is een riskante bezigheid. De geschiktste periode hiervoor is het einde van de maand juli. We nemen alle open broed én de oude koningin uit het bijenvolk weg (de ramen met open broed geven we aan andere volken). Uit andere volken nemen we lege ramen (let op: geen open broed) met jonge bijen en hangen die op de vrijgekomen ruimte. Nu kunnen we de jonge koningin laten inlopen. Met het Wohlgemuthkooitje gaat dit trefzeker. Er kan altijd iets mislopen. Hou daarom een reservekoningin achter de hand. Reservekoningin Men kan ook koninginnen in reserve houden. We bewaren - tot we ze nodig hebben - de bevruchte koninginnen in de EWK's in een omhulselkooi. Ook in drieramers kan men koninginnen bewaren. We letten er wel op dat door de vliegopening enkel één bij terzelfdertijd doorkan. Zorg ook dat de deegsuikervoorraad regelmatig wordt aangevuld en zorg steeds voor een goede verluchting. Jonge volken moeten steeds voedsel hebben. De verzorging van jonge volken Jonge volken kunnen alleen groeien als ze over voldoende voedsel beschikken. Voor het stuifmeel zorgen ze zelf. Het nectaraanbod - zelfs in de zomer - is soms zo gering, dat de volken meer verbruiken dan dat ze vinden. Jonge volken kunnen dus het best doorlopend gevoerd worden. Verder hebben ze geen verzorging nodig. Als er vrij veel varroamijten vallen, moeten ze onmiddellijk tegen de varroa behandeld worden. In de nazomer worden ze - gelijktijdig de productievolken - gevoederd en nogmaals tegen de varroa behandeld. Het vlieggat wordt voortdurend klein gelaten. Enkel met voldoende voeding kan een nieuw bijenvolkje zich goed ontwikkelen. Wohlgemuthkooitje Er bestaan diverse soorten inloopkooitjes. Toch raden we de beginnende imkers aan om bij voorkeur een Wohlgemuthkooitje te gebruiken. Bovenzicht Koninginnenruimte Uitloopgat koningin Draaipunt Draaipunt Inloopgat koningin Gleuf voor bevestiging stukje wasraat Voedselruimte Gleuf voor wasraat Koninginnenruimte Stukje wasraat Onderzijde Nog enkele raadgevingen Zwakke volken horen niet thuis op een bijenstand. Met jonge vitale koninginnen op sterke volken is het succes verzekerd. Selectie begint met het opruimen van al wat niet voldoet. Koninginnenteelt vraagt niet veel ingrepen, maar ze moeten wel stipt en nauwkeurig worden uitgevoerd. Alle benodigdheden zijn proper en voldoende voorradig. Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? 11

Een greep uit de meest voorkomende vragen en problemen Waarom boven in het pleeg- Open broed trekt veel meer jonge bijen aan, volk open broed inhangen? nodig voor de verzorging van de edellarfjes. Edellarfjes werden niet of zeer slecht aangenomen. Gesloten doppen werden uitgebeten. Koninginnen zitten dood in de arresthuls. 12 Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? Het was te vroeg of te laat in het seizoen, of ze zijn afgekoeld of uitgedroogd tijdens transport, of er liep een koningin in de honingzolder, of het volk stond op zwermen, of er werd geen open broed boven het rooster ingehangen. Er liep een koningin vrij rond bij de doppen, dit kan de oude koningin zijn die door het rooster is geglipt of een jonge koningin (eerst geborene) door het niet (of te laat) inkooien. Zijn afgekoeld of veel te laat weggenomen, of het beetje deegvoeder in het dekseltje van de arresthuls werd vergeten. Doppen werden ingebouwd. De doppen worden bij het geven van teveel prikkelvoeding of bij goede dracht wel eens ingebouwd. Voorkom het inbouwen: kooi tijdig in of plaats een beschermrooster. Is een ingebouwde dop nog te redden? Koninginnen zijn klein. EWK op het bevruchtings- station is volledig leeg. Koningin werd niet aangenomen in het EWK. Koningin is niet bevrucht na 14 dagen plaatsing op het bevruchtingsstation. Wanneer merken we? Het merken gaat moeilijk. De dop kan men bevrijden, door met een (warm) mes de aangebouwde raat voorzichtig weg te snijden. Te oude larfjes gebruikt, of te weinig voer, of het pleegvolk voldoet niet. Het EWK werd gevuld met teveel (oude) bijen of gevuld met zwermbijen, of de bijen werden niet gemengd bij het vullen van de EWK s, of het werd leeggeroofd (geen honig voeren), of de bruidszwerm is niet teruggekeerd. Teveel oude bijen, of de bijen werden niet genomen en gemengd uit diverse bijenvolken. Het EWK-vlieggat was niet voldoende open, of er mankeerde iets aan de koningin, of het was te vroeg of te laat in het seizoen, of te slecht weer. Best na de bevruchting. Liefst achter glas. De handigheid om te merken kun je best leren door vooraf eens te oefenen met darren. Het merkteken is verdwenen. Gebruik nooit té oude lijm. Kan men gebruikte omlarf- celletjes hergebruiken? Ja,... maar dit is niet aan te bevelen. Gebruik steeds proper materiaal. Bevruchtingsstation De Zijp De Zijp was vroeger een verzopen land, dat met steun van het Vlaamse Gewest en EFRO werd omgebouwd tot een recreatief natuurpark met bossen en een unieke vijver. Een oase van rust... én een paradijs voor bijen. De belangrijkste troef van het natuurpark De Zijp is de aanwezigheid van het gelijknamige bevruchtingsstation voor Carnica-bijenkoninginnen, dat in 1972 werd opgericht door Jules Graulus. Het bevruchtingsstation De Zijp beschikt over een prachtige educatieve bijenhal met een ruim vergaderlokaal. Een zestal carnica-darrenvolken staat borg goede bevruchtingsresultaten. Het bevruchtingsstation De Zijp bevindt zich aan de ingang van het recreatief natuurpark De Zijp. Je kan het station bezoeken en er het bijenleven van nabij bestuderen. De leden van imkersvereniging De Heidingers geven je graag een rondleiding in het park. De EWK s staan overzichtelijk, makkelijk bereikbaar en ruim van mekaar opgesteld. Rondleidingen in het park en/of bezoek aan de bijenstand: vanaf 15 mei tot 15 augustus, iedere dinsdagen vrijdagavond van 19.30 tot 22.00 uur. Afspraak bij Roger Vangeebergen, Oppenstraat 59, 3454 Rummen, tel. 011 58 77 68. Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? 13

Om het vervliegen van de koninginnen te beperken staan de EWK s ruim voldoende van elkaar opgesteld op t Watersweierke. Bevruchtingsstation t Watersweierke Bevruchtingsstand t Watersweierke is gelegen op het Militair Domein te Helchteren en kan bezocht worden vanaf 1 juni tot 15 augustus, iedere woensdag- en zaterdagavond van 19.00 tot 21.30 uur. Ligging: ingang Europark, weg tussen de bedrijven Grondwerken Swinnen en Alpagro Plastics. Deze weg volgen tot aan de bevruchtingsstand. 14 Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? Elk jaar (begin juli) organiseert t Watersweierke een opendeurdag. Een ideale gelegenheid voor niet-imkers om even kennis te maken met het leven van een bijenvolkje. De toegangspoort van het carnica-bevruchtingsstation Het Watersweierke. Het station telt een vijftal standen bevolkt met carnica-darrenvolken. Er zijn standplaatsen voorzien de opstelling van ruim 250 EWKbevruchtingskastjes en een 80-tal bevruchtingskasten van een grotere omvang. Contactpersonen bevruchtingsstation 't Watersweierke: Theo Werckx, Genebosstraat 125, 3560 Lummen, tel. 011 43 18 42 Maxime Schrijvers, Berkenstraat 81, 3530 Houthalen-Helchteren, tel. 089 38 33 09 Martinus Wouters, Ambachtstraat 28, 3530 Houthalen-Helchteren, tel. 011 52 19 13 Het plaatsen van EWK s op de bevruchtingsstanden Het kweekmateriaal van de bevruchtingsstanden staat ter beschikking van alle imkers, maar enkel voor eigen gebruik. Het is verboden handel te drijven. Zowel de omlarving als de bevruchting worden bij een en hetzelfde bevruchtingsstation uitgevoerd. Een voorafgaande varroabehandeling wordt aanbevolen. Verplicht is echter een op voorhand uitgevoerd nosema-onderzoek, uitgevoerd door een van de door de F.l.V. aangestelde onderzoekers of verantwoordelijken. De verantwoordelijke van het bevruchtingsstation heeft altijd het recht om kastjes te controleren en bij twijfel over de gezondheid der aangeboden bijen, deze opnieuw te laten onderzoeken. Bij aankomst op een bevruchtingsstand dient de kweker eerst het inschrijvingsformulier in te vullen en het plaatsingsrecht te betalen. Door ondertekening verklaart hij zich akkoord met de reglementering. Hij ontvangt een standaardformulier dat hij na de kweek dient terug te bezorgen aan de verantwoordelijke van het bevruchtingsstation. De aangeboden kasten kunnen enkel afgegeven en geplaatst worden op de bevruchtingsstand zelf. Kastjes aangeboden aan huis bij een van de verantwoordelijken van de bevruchtingsstand worden geweigerd. De maat en de vorm van de aangeboden kastjes is vrij, ze dienen wel uit degelijk materiaal vervaardigd te zijn. Het spreekt vanzelf dat de kastjes voorzien zijn van het nodige voedsel. Alleen originele EWK-kastjes kunnen in de ter plaatse voorhanden zijnde omhulsels geplaatst worden. Het plaatsen van EWKbevruchtingskastjes gebeurt steeds onder toezicht van een verantwoordelijke van het bevruchtingsstation. Al de aangeboden kastjes dienen voorzien te zijn van naam en adresgegevens van de kweker. Kastjes die eigendom zijn van andere imkers mogen nooit gestoord worden. Alle kastjes dienen darrenvrij te zijn, al bij de minste twijfel kan er een controle plaatsvinden. Er mogen geen kastjes aangeboden worden met open- of geslotenbroed. Nooit mag er een darrenrooster geplaatst worden voor de bevruchtingskastjes. Na 14 dagen dienen de kastjes teruggehaald door de kweker, uitsluitend tijdens de dagen dat het station is opengesteld. De EWK s worden pas afgesloten na 20.30 uur, om te vermijden dat er teveel bijen achterblijven. Bij het vertrek dient al het gebruikte materiaal terug op zijn plaats gezet. De verantwoordelijken van het bevruchtingsstation kunnen de toegang weigeren aan personen die zich niet schikken naar de reglementen. De verantwoordelijken van het bevruchtingsstation kunnen nooit verantwoordelijk gesteld worden voor verlies, diefstal of beschadiging van de op het bevruchtingsstation opgestelde kastjes of hun inhoud. Zelf k o n i n g i n n e n telen - Wat h o u d t je tegen? 15

Voor de aanschaf van koninginnenteeltmaterialen kan men terecht bij: BVBA Moraviestraat 30-8501 Bissegem - Kortrijk (rechtover het vliegveld van Wevelgem) Tel. 056 35 33 67 Fax 056 37 17 77 E-mail: info@bijenhof.com www.bijenhof.com Open: maandag tot vrijdag van 8.30u - 12u en van 13.30u - 18u. Zaterdag van 9u - 12u Paridaen Stationstraat 237 8020 Oostkamp (West-Vlaanderen) 050 82 21 32 De Graanhalm Berkendreef 3 2920 Kalmthout-heide (Antwerpen) 03 666 52 62 De Bielanden Baselstraat 13 9150 Kruibeke (Waasland) 03 774 39 14 Nectar Janseniusstraat 10 3000 Leuven 016 22 84 54 (zijstraat Kapucijnenvoer) Dhondt Marion Vlasgaardstraat 26 9968 Oosteeklo 09 344 00 65 Aveve Ezaart 191 2400 Mol 014 32 63 16 Vanloy-Vandeven Glasstraat 4 2200 Herentals (Groot Antwerpen) 014 22 41 43 Anné Oude Blaarstraat 130b 3700 Tongeren 012 74 79 94 Heck Robert Berg am Ranzelborn 5 4750 Bütgenbach (Antwerpen) 080 44 66 91 La ferme aux chiens Rue des fermes 3 5081 Bovesse-La bruyère (Namur) 081 56 84 83 Pasau Route de Wiltz 78 6600 Bastogne 061 21 26 38 Nature en jardin Ch 仔 G. Richet 227D 7860 Lessines 068 27 02 02 Agrivert Parc industriel 27 6900 Marche-en-famenne 084 31 36 36 Martine Demez rue Cavalier Fonck 44, 4890 Thimister 087 31 71 20 Au rucher du moulin Joly, Rue du moulin Joly 1, 6838 Corbion 061 46 64 54 Jacoby Rue de Helpert 6, 8710 Boevange sur attert (L) +35 2 23 63 82 32 De vlijtige bij O.L.Vrouwstraat 115, 3550 Heusden-Zolder 0473 39 61 45 Jean Paul Laurent Rue Nicolas Berger 55, 6700 Arlon 063 22 13 46 Lapi Rue de Cassel 93 RD 947 59940 Neuf-berquin (F) +33 32 8 42 83 08 AN,NÉ 800 m 2 winkelruimte Jaarlijkse opendeurdag op 21 juli Eén der grootste bedrijven van Europa tegen de voordeligste prijzen Bijenhof is ook aanwezig in diverse locaties in Frankrijk Hét adres in Limburg voor alle imkersmaterialen wasen natuurproducten Koninginnenteeltmaterialen AN,Né - Hoek Blaarmolenstraat (Oude Blaarstraat 130), 3700 Tongeren Tel. 012 747 994 GSM 0486 778 774 Fax 012 747 995 www.an-ne.com Alles voor de imker alle materialen voor Bijenteeltmaterialen de Koninginnenteelt Broicher Str. 175 - D-52146 Würselen-Euchen Tel.: 0049 2405/74455, Fax -71248, mobiel: 0049 171 62 74455 OPENINGSUREN maandag tot zaterdag: van 9.00 tot 12.00 u. s vrijdags: van 9.00 tot 12.00 u. en 15.00 tot 18.00 u. actuele info: www.bienenzuchtbedarf-geller.de Dank voor de medewerking van de voordrachtgevers: Bert Eben, Albert Reynaers en Claudio Cavaliere; de verantw. bevruchtingsstation De Zijp: Roger Vangeebergen en Paul Wissels; de verantw. bevruchtingsstation 't Watersweierke: Maxime Schrijvers, Martinus Wouters en Theo Werckx. Deze brochure werd gerealiseerd met ondersteuning van gemeentebestuur en culturele raad Lanaken.