Kwaliteitskader WMO (voorheen AWBZ) Visiedocument



Vergelijkbare documenten
Toetsingskader Wmo-toezicht Gelderland-Zuid

Thema 1 CLIËNT CENTRAAL De ondersteuning komt in samenspraak met de cliënt tot stand

Toetsingskader Toezicht Wmo Verwey-Jonker Instituut en GGD GHOR Nederland

Zorgaanbieder Verbinding

Werkdocument model toetsingskader kwaliteitstoezicht Wmo

Methodisch werken met zorgleefplan, ondersteuningsplan of begeleidingsplan

Alternatief voor Regeerakkoord Regie in eigen hand door persoonsgebonden en persoonsvolgende bekostiging

Bijlage 5: Model basisset kwaliteitseisen Wmo-ondersteuning voor zeer kwetsbare burgers

Toetsingskader WMO toezicht Gemeente Steenwijkerland. Januari 2018

Toetsingskader WMO toezicht Gemeente Kampen. April 2017

DD-NR Regelingen en voorzieningen CODE

Signalering en zorgcoördinatie bij begeleiding in de Wmo voor specifieke groepen

Inhoud VISIE OP ZORG. KVK : Geregistreerde ANBI status IBAN: NL49RABO : :

Toetsingskader WMO toezicht Gemeente Dalfsen. Juni 2017

Toetsingskader WMO toezicht Gemeente Staphorst. Mei 2017

Onafhankelijke cliëntondersteuning vanuit cliëntenperspectief. De stand van zaken medio 2015

Sturen op uitkomsten in de Wmo. Investeren in maatschappelijke participatie

Traject Tilburg. Aanvragers: Gemeente Tilburg. Adviseur: Monique Postma, Alleato, CMO-net

Nieuwsflits 16 Aandacht voor iedereen. Hervorming Langdurige Zorg en Zorgakkoord. 8 mei 2013

Instructie cliëntprofielen

Het verhaal van Careyn Het Dorp

Inhoud VISIE OP ZORG. KVK : Geregistreerde ANBI status IBAN: NL49RABO : :

Bijlage 1. Criteria ondersteuning, dagactiviteiten, kortdurend verblijf

Oude en nieuwe Wmo. ondersteuning. 2 Deze resultaatgebieden zijn: a. een huishouden te voeren; b. zich te verplaatsen in en om de woning;

Resultaten Wmo toezicht 2016/2017 regio Noord-en Oost-Gelderland Onderzoekers en toezichthouders GGD Noord- en Oost-Gelderland, april 2018

Maatschappelijke Ondersteuning Meerjarenprogramma Van Beschermd wonen naar wonen met begeleiding op maat

opdrachtformulering subsidiëring MEE 2017

Met elkaar voor elkaar

Een voorbeeld van de samenwerking tussen de partners.

Ben Ik Tevreden? Meetinstrument cliënttevredenheid

VISIE OP DAGBESTEDING EN WERK DICHTERBIJ

Participatiewiel: een andere manier van kijken

Wmo begeleiding WF6 2017

Kwaliteitskader Gehandicaptenzorg. Visiedocument

Uitgelicht: Adviezen participatieraad Asten Bijlage 4

Ketenzorg Dementie Midden-Brabant. Samenwerking tussen gemeenten en zorgverzekeraars 6 februari 2017

NORMEN KWALITEITSLABEL SOCIAAL WERK

Samenwerkingsplannen Community Support. Kwaliteiten & kansen voor de positie van de cliënt.

Aandachtspunten voor het gesprek in de Wmo Voor Wmo-raden

88% Inwoner enquête (onderzoek)

TOEZIEN OP DE WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING (2015) IN AALSMEER EN AMSTELVEEN

ONDERZOEKSPLAN HULP BIJ HET HUISHOUDEN

Aan: de gemeenteraad Vergadering: 23 juni 2014

Onze punten van zorg en onze aanbevelingen hebben betrekking op de volgende onderwerpen die in de bijlage nader worden uitgewerkt:

Zorgaanbieder stelt samen met klant het ondersteuningsplan op. Kortdurende beschikking. klant stuurt getekend onderszoeksverslag retour (aanvraag)

Begeleiding individueel (laag)

ZN Doelgroepenregistratie schema en beslisboom, d.d. 01 juli 2018, versie 2.0

Basisarrangement 10. Beschermd verblijf met intensieve palliatief-terminale zorg CIZ-indicatie: zorgzwaartepakket 10 (ZZP VV10)

Visie op Zorg JOVO Veldhoven Augustus 2016

Verklarende woordenlijst

Kortdurend intensief verblijf

Inleiding. Doelen en uitgangspunten van het gemeentebestuur

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dronten,

Nee Ja, hoeveel? Klik hier als u tekst wilt invoeren. Klik hier als u een datum wilt invoeren. Klik hier als u tekst wilt invoeren.

Zelfevaluatie Kwaliteitslabel Sociaal Werk

Toezicht op kwaliteit van de Wmo persoonsgebonden budget (Pgb)

Wijziging Nadere regels voor subsidieverstrekking Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal;

Gemeenten Regio kop. Deelnemende gemeenten: Gemeente Den Helder Gemeente Schagen Gemeente Hollands Kroon Gemeente Texel

NAH-PrikkelS voor goede NAH-zorg

Huis van Renkum. Doelen waaraan wordt bijgedragen

Thema. De positie van de cliënt na afschaffing van het bouw regime en de rol van de inspectie

Rapport Onderzoek Toegang Wmo 2015

Gemeenten krijgen vanaf 2015 veel meer verantwoordelijkheid:

Zelftest clie ntondersteuning voor gemeenten

Visiedocument 2012 CAVENT. Geeft om wie je bent (naast mensen staan)

Trends in dagbesteding. Charlotte Hanzon, 9 maart 2017

Regionale visie op welzijn. Brabant Noordoost-oost

Onderwerpen. Wat is kantelen? Waarom kantelen? Kantelen doen we samen Stip aan de horizon

Eigen Regie Maakt Zorg Beter

Perceelbeschrijving Beschermd wonen

Visie op langdurige zorg: 4 beloftes van Coöperatie VGZ

Meer info over Prisma en WMO?

Wmo 2015 door Tweede Kamer

Toetsingskader WMO toezicht Gemeenten Ommen en Hardenberg. April 2017

Ambtenaren / managers Ambtenaren die werken met moeilijk bereikbare groepen

Set generieke kwaliteitscriteria vanuit patiëntenperspectief

Transitie jeugdzorg. Ab Czech. programmamanager gemeente Eindhoven. januari 2013

Monitoring. Meetbare effecten van beleid. Hoofdlijnen. Bestuurlijk contracteren

Arbeidsmatige dagbesteding werkt

Wettelijke kwaliteitseis

Transcriptie:

Kwaliteitskader WMO (voorheen AWBZ) Visiedocument Dit document is opgesteld als eindrapportage van een experiment binnen het Land van Heusden en Altena in het kader van het experimentenprogramma regelarme invoering awbz van de regio West-Brabant. Deze visie is gezamenlijk opgesteld door vertegenwoordigers van gemeenten en aanbieders (AWBZ-erkend en PGB-gefinancierd). Definitieve versie 12 juni 2014

INLEIDING 12-06-2014 De komende jaren zal het sociaal domein fors veranderen; gemeenten krijgen er veel taken bij op het gebied van zorg en ondersteuning, jeugd, (beschut) werk en passend onderwijs. Het kabinet wil vanaf 2015 gemeenten verantwoordelijk maken voor extramurale begeleiding een decentralisatie van delen van de AWBZ naar de Wmo, ook wel transitie genoemd. De Dongemond-gemeenten bereiden zich samen met cliënten, zorg- en welzijnsaanbieders, mantelzorgers, vrijwilligers en Wmo-raden voor op deze transitie én op de vernieuwingen die daarmee gepaard zullen gaan. Om wie gaat het? AWBZ extramurale begeleiding richt zich op mensen met een ondersteunings- en/of zorgvraag vanwege (een combinatie van): psychiatrische problematiek (wanneer psychische klachten zo ernstig zijn dat je hele leven erdoor beheerst wordt, bijvoorbeeld ernstige angsten, verwardheid, achterdocht of somberheid) verstandelijke functiebeperkingen lichamelijke functiebeperkingen en/of niet aangeboren hersenletsel (NAH) psychogeriatrische problematiek (verminderd psychisch functioneren samenhangend met de ouderdom, bijvoorbeeld dementie) chronische ziekte / lichamelijke problematiek Als verzamelterm wordt wel gesproken over kwetsbare burgers. Wat opvalt is dat er veel overeenkomsten zijn in de ondersteuningsvragen van de verschillende groepen. Kernpunten daarin zijn: structuur, zinvolle bezigheden, sociale contacten, autonomie en voor vol worden aangezien. Om deze ontwikkelingen voor te bereiden zijn er een aantal projecten gestart. Projecten die de aanleiding zijn geweest om dit kwaliteitskader op te stellen zijn: de regelarme invoering ( Land van Heusden en Altena) - Triage - Inkoop - kwaliteit het invoeren van wijkteams (kern Werkendam) Doel van dit kwaliteitskader is om met elkaar af te spreken wat de visie, uitgangspunten, kwaliteitsdomeinen en kwaliteitsthema s zijn op het terrein van zorg en ondersteuning, waarvan we vinden dat betrokkenen zich aan moeten houden. De basis, de lat, waar we met elkaar aan willen voldoen. Elke organisatie is hiervoor zelf verantwoordelijk. Uiteindelijk zullen de gemeenten op een zo eenvoudig mogelijke wijze (regelarm) toetsen of de kwaliteit wordt geleverd (op de ontwerpen: cliënt resultaat/tevredenheid, randvoorwaarden en kwaliteit effectiviteit). In dit document komen de volgende zaken aan de orde: Het document start met een inleiding. Het eerste hoofdstuk geeft in een model aan wat de plaats is van het kwaliteitskader, welke onderdelen getoetst worden en welke rol de aanbieder en de gemeente daarbij spelen. De reikwijdte en afbakening zijn beschreven in hoofdstuk 2. Hoofdstuk 3 bevat de visie en de uitgangspunten. In hoofdstuk 4 worden de kwaliteitsthema s voor de zorgaanbieders uitgewerkt. Het document wordt in hoofdstuk 5 afgesloten met de wijze van toetsing. 2

Er zijn 3 bijlagen: 1. Kwaliteitskader begeleiding (uitgangspunten, inzicht) 2. Wat gaan we toetsen en op welke manier? 3. Zelfredzaamheidsmatrix 12-06-2014 Hoofdstuk 1 Kwaliteitskader Met de betrokken partijen wordt in het kwaliteitskader afgesproken welke uitgangspunten gedeeld worden en aan welke kwaliteitseisen een organisatie zal voldoen (bijlage 1). Alle organisaties zullen dat niveau van kwaliteit op de eigen wijze bereiken. De gemeente toetst uiteindelijk of de kwaliteit geleverd wordt. Belangrijkste aspect daarbij is natuurlijk of de cliënt tevreden is over het resultaat maar ook over de bejegening. Daarnaast zijn veiligheid, beperking van risico en een goede prijs-kwaliteit aspecten die getoetst zullen worden. Het kwaliteitstraject is ontwikkeld vanuit de gedachte de regels terug te dringen. De wijze van toetsen is met elkaar afgesproken (zie hoofdstuk 5 en bijlage 2) In dit document gaat het over het kwaliteitskader. 3

Hoofdstuk 2 Reikwijdte en afbakening 12-06-2014 Dit kwaliteitskader heeft betrekking op: de Wmo en Awbz gefinancierde zorg die geleverd wordt in het kader van de trajecten Triage, inkoop en kwaliteit van het Land van Heusden en Altena en de zorg en ondersteuning waarover afspraken gemaakt zijn in het wijkteam Werkendam. Hoofdstuk 3 Visie en uitgangspunten Visie Ieder mens heeft recht op een kwalitatief goed bestaan. Belangrijke aspecten in deze kwaliteit betreft bijvoorbeeld zaken als; gewaardeerd worden, zeggenschap hebben over je eigen leven, verbondenheid met anderen, deel uitmaken van wat er in je omgeving gebeurt, van betekenis zijn voor de ander en bijdragen aan de samenleving. Daarnaast zijn er nog vier aspecten van waaruit gewerkt moet worden en die van belang zijn voor het succesvol inzetten van financiering vanuit de WMO. Deze zijn: Laagdrempelig Levensbreed Regelarm Vanuit de ondersteuningspiramide 4

Mensen met een specifieke zorgvraag en/of beperking hebben evenveel recht op deze kwaliteit van leven als mensen zonder zorgvraag. Uitgaan van de mogelijkheden, wensen en ambities van ieder mens is een belangrijke voorwaarde om tegemoet te komen aan kwaliteit van leven. Derhalve is het belangrijk uit te gaan van de eigen kracht van het individu; mensen kunnen zelf meer dan de omgeving denkt en dan ze wellicht zelf denken. Daarnaast zijn zelfbepaling en zelfsturing belangrijke voorwaarden voor mensen met een zorgvraag om zich competent te voelen en deel te nemen aan de samenleving. De inzet van het sociale netwerk en collectieve voorzieningen zijn verder van belang om de ondersteuning succesvol te maken en de participatie te laten slagen. Daar waar het noodzakelijk is zal professionele ondersteuning en/of begeleiding geboden kunnen worden om de kwaliteit van leven te optimaliseren. Voor ieder persoon dient deze zorgvraag afgestemd te worden op de individuele ondersteuningsbehoefte en dus op maat te worden gemaakt. In het kort wordt dit omschreven in kwaliteitsaspecten, die ook bij de triage een belangrijke rol spelen: 1. De mogelijkheden van de mensen staat centraal, niet hun beperking 2. Iedereen doet (in principe) mee in de samenleving op basis van wederkerigheid 3. De zorg / ondersteuning sluit aan bij de individuele mens met de zorgvraag 4. Het oplossingsvermogen van mensen wordt aangesproken op basis van het eigen krachtmodel 5. Ondersteuning bij zelfredzaamheid 6. Professionals krijgen verantwoordelijkheid en ruimte om ondersteuning te bieden in samenwerking met elkaar Uitgangspunten Het centrale doel van dit kwaliteitskader WMO is om voor alle zorgaanbieders een visie te beschrijven met drie uitgangspunten van waaruit gewerkt gaat worden. Hierdoor kan afstemming bereikt worden en kunnen mensen met een zorgvraag bij iedere zorgaanbieder terecht met hun zorgvraag, waarbij men een gezamenlijke aanpak heeft en kwalitatief goede zorg kan bieden waar dit nodig is. Het centrale doel van onderstaande drie uitgangspunten is om de persoon met een zorgvraag zo zelfstandig mogelijk en met zoveel mogelijk eigen regie, vanuit zijn eigen kracht te ondersteunen en/of begeleiden op de aspecten in zijn/haar leven waar dit nodig is. De uitgangspunten die hiervoor van belang zijn: 1. De eigen krachtpiramide is uitgangspunt van waaruit gekeken wordt naar de zorgvraag en de invulling ervan 2. Eigen regie van mensen met een zorgvraag is een centrale waarde in zorg en ondersteuning 3. Zorg en ondersteuning zijn gericht op het bevorderen dan wel in stand houden van de kwaliteit van bestaan van mensen met een zorgvraag Ad.1 Het hanteren van de eigen kracht piramide door alle zorgverleners zorgt ervoor dat alle zorgaanbieders en ondersteuners op dezelfde manier kijken naar de klant en op zoek gaan naar de mogelijkheden. De eigen kracht loopt door alle fasen van de piramide, zodat er telkens teruggekoppeld en gekeken moet worden naar de klant zelf. Uitgangspunt 2 en 3 zijn nauw verbonden met dit uitgangspunt. 5

Door gebruik te maken van de eigen krachtpiramide zullen de zorgkosten beter en evenwichtiger verdeeld worden omdat er vanuit een andere richting gekeken wordt naar de zorgvraag en alleen maar professionele hulp wordt ingezet ter ondersteuning of als de zorgvraag zó specifiek is dat het niet anders kan. Er wordt altijd gekeken naar een zo kortdurend mogelijk traject, daar waar dit mogelijk is. Ad. 2 Bij dit uitgangspunt is het van belang dat mensen met een zorgvraag zelf op zoek gaan naar hun eigen krachten en talenten. De klant is expert over zichzelf en zijn eigen zorgvraag en er dient een gelijkwaardige samenwerking te zijn tussen klant en professional. De klant stelt zijn eigen doelen, waarbij wordt uitgegaan van dat wat de klant nog wél kan en welke mogelijkheden er zijn binnen het netwerk. Evaluaties en tussenevaluaties zijn hierbij van belang om de voortgang/doelen te bewaken. Om tot goede kwaliteit van zorg te komen is het belangrijk de (tussen)evaluaties te doen in samenwerking met de klant en zijn netwerksysteem. Omdat de begeleiding/zorg doel- en resultaatgericht is, is het belangrijk de doelen goed en helder te formuleren, zodat de klant zicht heeft op de vorderingen en resultaten. Eigen regie is van belang om `elf invloed te blijven houden op de zorg en de zorgvraag. Eigen regie in relatie tot de professional Eigen regie van de klant vraagt van de professional een vraaggerichte en responsieve attitude. Eigen regie van de klant in relatie tot de zorgaanbieder Het is van belang dat de klant vraaggerichte ondersteuning/zorg krijgt en dat zaken als wonen, welzijn en ondersteuning in zorg, uitgaand van de wensen en behoeften van de klant. De inzet hiervan moet gebaseerd zijn op het zoveel mogelijk versterken of ontwikkelen van de mogelijkheden van de klant met de zorgvraag. Eigen regie betreft ook de keuze van de zorgaanbieder en het serieus nemen van de klant hierbij. Eigen regie in relatie tot grenzen aan medezeggenschap Eigen regie wil niet zeggen dat zomaar alles kan. Er zijn grenzen aan de medezeggenschap, daar waar dit ten koste gaat van zichzelf of van anderen of daar waar de beschikbare middelen en individuele mogelijkheden niet toereikend zijn om alle wensen te vervullen. Ad. 3 Ondersteuning en/of zorg moeten een aantoonbare positieve invloed hebben op de kwaliteit van leven van de klant met de zorgvraag. Zorg en ondersteuning kunnen zich richten op de gehele breedte van het bestaan maar dit betekent niet zonder meer dat de zorgaanbieder op alle bestaansgebieden verantwoordelijk is voor de uitkomsten. Er wordt een duidelijke afspraak gemaakt met de klant op welke gebieden de ondersteuning geboden wordt en dit wordt vastgelegd in het ondersteuningsplan. De zorgaanbieder maakt, op basis hiervan, een offerte voor de te leveren zorg, inclusief tijdspad en intensiteit van de te leveren zorg. 6

Hoofdstuk 4 Niveau te behalen resultaat en kwaliteitsthema s Niveau van te behalen resultaat in relatie tot zelfredzaamheid Het zou mooi zijn als alle wensen van de cliënt gerealiseerd zouden kunnen worden, op eigen kracht, met ondersteuning van zijn netwerk of met ondersteuning van professionals. Dat is echter niet haalbaar.. En de overheid kan niet alles oplossen. Met elkaar moet je afspreken wat reëel is. Om dit te kunnen doen, kun je gebruik maken van de zelfredzaamheidsmatrix. De zelfredzaamheidsmatrix is een instrument waarmee behandelaars, beleidsmakers e.a. in de gezondheidszorg, maatschappelijke dienstverlening en gerelateerde werkvelden, de mate van zelfredzaamheid van hun cliënten eenvoudig en volledig kunnen beoordelen. We kunnen met elkaar afspreken dat het te behalen resultaat eruit bestaat dat de cliënt voldoende zelfredzaam is (categorie 4 zelfredzaamheidsmatrix in bijlage 3). Kwaliteitsthema s 1. Zorgafspraken en ondersteuningsplan - Iedere klant heeft een individueel ondersteuningsplan dat aansluit op zijn/haar ondersteuningsbehoeften - Er staan, vanuit klantperspectief, concreet geformuleerde doelen in beschreven - Het ondersteuningsplan is tot stand gekomen in samenwerking met de klant en zo nodig in samenspraak met zijn/haar wettelijk vertegenwoordiger - Er is duidelijk welke zorg/ondersteuning een klant van de zorgaanbieder vraagt - Er staat duidelijk beschreven welke professionele ondersteuning noodzakelijk is om de doelen te behalen, wie ervoor verantwoordelijk is, wanneer evaluatiemomenten nodig zijn en wanneer bijstelling van het plan noodzakelijk is - Inschatting aantal begeleidingsuren en de kosten die hieraan verbonden zijn Deze afspraken moeten vastgelegd worden in een ondersteuningsplan. Het ondersteuningsplan moet voldoen aan de criteria die vastgelegd zijn in het ondersteuningsdocument in de bijlage./ 2. Cliëntveiligheid; fysieke, sociale en emotionele veiligheid - Algemeen geldende veiligheidsaspecten en maatregelen, beschreven in richtlijnen, protocollen en calamiteitenplannen op het gebied van bv.: Medicatie, medische hulpmiddelen, brandveiligheid, communicatie, fouten, klachten, seksueel misbruik. - Ervaren veiligheid van klant. Hierbij spelen verschillende aspecten een rol bv. geborgenheid en goedlopende communicatie. De ervaren veiligheid uit zich op terreinen als privacy, bejegening, informatie en grensoverschrijdend gedrag. 3. Kwaliteit van medewerkers en organisatie - Deskundig en geschoold personeel is in staat de gevraagde ondersteuning te bieden - Personeel is in staat en bevoegd om de, in het ondersteuningsplan beschreven zorg, adequaat uit te voeren - De organisatie schept de voorwaarden hiertoe - Signalen en behoeften van de klant worden tijdig gesignaleerd en geïnterpreteerd - Medewerkers voelen zich gesteund door deskundigen en management - Medewerkers handelen volgens de richtlijnen/afspraken die de zorginstelling heeft opgesteld 7

4. Samenhang in zorg en ondersteuning - Waarborgen van continuïteit - Samenwerken/afstemmen van (evt.) meerdere zorgaanbieders - Vermijden van overlapping of hiaten in de zorg - Goede overdracht van gegevens - Goede communicatie rondom coördinatie van de ondersteuning - Dagelijkse ondersteuning zoveel mogelijk vanuit een kleine kring van bekende medewerkers Hoofdstuk 5 Toetsing Om kwaliteit te waarborgen moet er periodiek getoetst worden of de geboden ondersteuning/zorg voor de klant optimaal is. Tevens zal er gekeken worden of de financiering vanuit de zorgaanbieders op de juiste wijze tot stand gekomen is en dat er door de zorgaanbieders een juiste inschatting is gemaakt. Ook de gevolgde procedure is hierbij een belangrijk toets- punt. Hiervoor zijn richtlijnen opgesteld waaraan de zorgaanbieders zich moeten conformeren. Zorgaanbieders krijgen een grote mate van zelfstandigheid en vertrouwen, mits ze de beoogde kwaliteit bieden. De toetsing zal op verschillende niveaus plaatsvinden; de ondersteuningsplannen, digitale melding en de klanttevredenheid. Resultaat Inhoud - Is het resultaat concreet geformuleerd? - Is er voldoende inzichtelijk op welke wijze het sociale netwerk is ingeschakeld? - Is het resultaat behaald? - Is de voortgang gerapporteerd? Middel - Ondersteuningsplan toetsen Manier - Steekproef 1 op de 4, verspreid over de verschillende zorgaanbieders Klant Inhoud - Is de klant tevreden over de bejegening, de wachttijd, de locatie, de processen enz. Middel 1. Korte vragenlijst 2. Uitgebreidere enquête 3. Interviews Manier 1. Na beëindiging ondersteuning/begeleiding of in ieder geval 1x per jaar 2. 1x per 3 jaar 3. Jaarlijks 1 op de 20 x verspreid over de verschillende zorgaanbieders 8

Randvoorwaarden / veiligheid/ risico s Inhoud - Is er sprake van een fysieke, sociale en emotioneel veilige omgeving voor klant en begeleider? - Is er een risico-inventarisatie? Middel 1. Ondersteuningsplannen toetsen op risico inventarisatie 2. Vragenlijst 3. Digitale melding naar verbeterlijn Manier 1. Steekproef 1 op de 4, verspreid over de verschillende organisaties 2. 1x per jaar korte vragenlijst bij ondersteuningsplan Jaarlijks 1 op de 20x interview verspreid over de verschillende zorgaanbieders 3. Opvolging meldingen verbeterlijn Effectiviteit/ prijs-kwaliteit Inhoud - Wat is er gedaan om het doel te bereiken? - Hoeveel tijd/geld heeft dat gekost? Middel - Ondersteuningsplannen toetsen. In de ondersteuningsplannen is een inschatting van de benodigde tijd en geld gemaakt. Manier - Steekproef 1 op de 4, verspreid over de verschillende zorgaanbieders 9

11

Bijlage 3: Zelfredzaamheidsmatrix 12

13