5 Klassengesprek - excursie Doelen Materialen Duur De leerlingen: herkennen verschillende dieren uit hun omgeving. weten dat er diereneters, planteneters en alleseters zijn. observeren het gedrag van dieren. kunnen dieren indelen in diereneters, planteneters en alleseters. Het boodschappenmandje van Texelse Tim met daaraan toegevoegd: voedsel voor een huisdier, bijvoorbeeld een blikje kattenvoer. Kopieerbladen 5a, 5b en 5c. Knuffeldieren van de leerlingen en dierenplaatjes. Tijdens de excursie voor elk groepje leerlingen een fototoestel. 155 minuten Vooraf Laat de leerlingen knuffeldieren en dierenplaatjes meenemen. Zorg voor vervoer naar Ecomare en extra begeleiders. Neem contact op met de educatieve dienst van Ecomare, zodat ze kunnen zorgen dat er een zeehondenschedel, een mammoetkies, een wie-eet-watspel en een schedelspel klaarliggen. Tim eet op Texel Inleiding (15 minuten) 5a Kopieerblad Neem het boodschappenmandje van Texelse Tim. Er zit een blikje kattenvoer tussen de boodschappen. Bekijk samen het blikje. Voor wie is dit? Lees wat erin zit. Een kat eet vis of vlees of vogeltjes en muizen. Hebben de leerlingen ook huisdieren? Hoe heten ze en wat eten ze? Verschillende dieren eten verschillende dingen. We kunnen dieren opdelen in drie groepen: vleeseters, planteneters en alleseters. Hang de platen op het bord of kopieer de platen voor elk groepje. Bespreek wat er op de platen te zien is. Vleeseters hebben hele scherpe tanden en kiezen. Hiermee kunnen ze hun prooi pakken of vlees verscheuren. Planteneters hebben platte kiezen om de taaie planten te kunnen vermalen. Alleseters hebben beiden. Laat de leerlingen de meegebrachte knuffeldieren en de dierenplaatjes verdelen over de drie groepen. Kern (120 minuten) Dieren kun je dus onderverdelen in vleeseters, planteneters en alleseters. Breng gratis een bezoek aan Ecomare om te onderzoeken hoe het zit met 5. www.duurzameleerleerlijn.nl 19
de dieren daar. De bek van een dier is aangepast aan wat hij eet. Geef de leerlingen bij Ecomare de volgende opdracht: Fotografeer verschillende dierenkoppen. Aan de bek kun je zien wat ze eten. Denk daarbij aan: vogelsnavels, koppen van skeletten (potvis buiten, lederschildpad, skeletten die aan het plafond hangen in het zeeaquarium), dieren in het zeeaquarium, zeehonden. Ga om 11.00 uur kijken bij het voeren van de zeehonden en kijk hoe de zeehonden (en de meeuwen) eten. Wanneer vooraf contact opgenomen is met de educatieve dienst van Ecomare liggen er een zeehondenschedel, een schedelspel, een wie-eetwat-spel en een mammoetkies klaar, ter aanvulling op de foto-opdracht. De leerkracht kan de zeehondenschedel en de mammoetkies laten zien en voelen, als voorbeeld van een vleeseter en een planteneter. Laat de leerlingen elkaars gebit bekijken en hun eigen gebit voelen, als voorbeeld van een alleseter. Laat de beide spellen rouleren. De leerkracht houdt de spellen, de schedel en de mammoetkies gedurende de excursie in beheer. Lever de spullen na afloop weer in bij de receptie. Hieronder volgt een lijst met een aantal voorbeelden van (opgezette) dieren, die bij Ecomare te zien zijn onderverdeeld in planteneters, vleeseters en alleseters: Planteneters: Ganzen Noordse woelmuis Konijn Eekhoorn Wolharige neushoorn Vink Kruisbek Vleeseters: Zeehonden Bruinvissen Zee-anemonen Potvis Bultrug De meeste vissen Kwallen Jan van Genten Adder Hermelijn Egel Lepelaar Zeester Wulp Roofvogel Lederschildpad Alleseters: Vossen Krabben Meeuwen Mieren Kauwen 5. www.duurzameleerleerlijn.nl 20
Alternatieve opdracht: Neem een dier in de klas en onderzoek hoe en wat hij eet. Een slak, een rups, een vis, een spin, regenwormen in een pot aarde, of een huisdier. In de winter is het ook leuk om vogels op een pindasnoer te observeren. Is het dier een vleeseter, een planteneter, of een alleseter? De vorm van de snavel vertelt je iets over het eten. Afronding (20 minuten) Bespreek welke dieren de leerlingen hebben gefotografeerd en wat deze dieren eten. Verdeel de dieren over de drie groepen: planteneters, vleeseters, alleseters. Speel tenslotte een spel. Laat steeds een leerling een dier uitbeelden. Het dier is aan het eten. De andere leerlingen raden om welk dier het gaat en geven aan of het een vleeseter, een planteneter, of een alleseter is. Extra Filmpjes: Schooltv Beeldbank De wilde gans een wintergast in Nederland Kruisspinnen een rover in een web De oorworm hoe ziet zijn dag eruit? Zeekat op jacht een zeekat vangt geen muisjes Zeeanemoon vangt prooi op jacht met gifpijltjes Egel op jacht lekker vet de winter in Hoe eet een schaap? kauwen en herkauwen Onderzoeken: Laat de leerlingen diersporen onderzoeken die iets zeggen over het eten. Denk aan vraatsporen aan dennenappels of sparrenappels van muizen of vogels, braakballen, poep, schelpen met gaatjes erin, etc. Ga uilenballen pluizen met de leerlingen. Uilen hebben geen tanden en kunnen dus niet kauwen. Uilen slikken een muis in een keer in. De botjes en haartjes braken ze uit. Door een braakbal uit te pluizen kun je zien wat de uil gegeten heeft. Materialen hiervoor (inclusief braakballen) zijn te bestellen bij www.vzz.nl. Maak een regenwormenbak en bestudeer het gedrag regenwormen. Ze eten dode bladeren en maken er weer aarde van. Laat de leerlingen observeren hoe de wormen blaadjes de aarde intrekken. Doe een wie-eet-wie onderzoek en maak een eenvoudige voedselketen. Creatief: Voederhuisjes maken voor vogels Vetbollen maken Pindasnoeren rijgen Boek: Frederik de muis, Leo Lionni 5. www.duurzameleerleerlijn.nl 21
5a Kopieerblad
5b Kopieerblad
5c Kopieerblad