Meelwormen in de klas



Vergelijkbare documenten
Koolwitjes in de klas!

Koolwitjes in de klas! (Groep 7 & 8)

Koolwitjes in de klas! (Groep 5 & 6)

Koolwitjes in de klas!

Vlinders in de Klas. Inleiding. Wat hoort bij dit project. Wat moet u zelf regelen. Voor wie is dit project bedoeld. Evaluatie

Amfibieën. Les 1 Kenmerken amfibieën en de kikker. 1. De leerkracht vertelt dat de les gaat over hoe je amfibieën kunt herkennen.

Regenwormen Tijdstip: in september, oktober en november, na een regenbui.

Vlinderpakket Middenbouw

Ideeën voor leerkrachten ter voorbereiding op de insectenwandeling door de Natuurtuin 't Loo

,:,- ::s (\') ., - n. -==-. (\) ==} (\) (\) (ih. (\) (h. b,. (\)

Aftekenlijst. Naam:

Nachtvlinders. Glasvleugelpijlstaart. De sint-jansvlinder is een dagactieve nachtvlinder

Drents Archief. Meisje met de hoepel. Groep 2 Speuren in het archief

Lespakket Strandvondsten

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken

5.1 Zes poten en vier vleugels

Opdrachtkaarten Lente

INSECTEN. werkboekje

Vlinders. Tijdstip: op een mooie zonnige dag in mei, juni of juli

Voorbereiding post 4. Mondjes open mondjes dicht Groep 7-8

Vlinderpakket Onderbouw

Vraag 1. Waarom moet je goed voor de rupsen zorgen als je vlinders wilt hebben?

Van eitje tot vlinder

Wist je dat?... Overwintering van vlinders. Vragen. De vlinder. De levenscyclus..

KRIEBELENDE KRUIPERTJES

KRIEBELENDE KRUIPERTJES

Doe- pad Watertorenweg

Wat weet jij over biologisch en over de bodem?

Lesbrief Uitvinders. Inleiding

Lesideeën groep 3 en 4

Lesmateriaal op school

Magnetische velden groep 7-8

Lesbrief Bodemdiertjes favoriete voedsel

Lesbrief bij Een caravan in de winter van Louisa van der Pol

lezen veilig leren Kinderboekenweektip Voorbereiding Les 1 - kookboeken en recepten Benodigde materialen Werkwijze

Pak voor de activiteit Hoe eten astronauten? de foto van de etende astronaut uit de bijlage.

Wandelroute langs insecten en andere kleine beestjes

Voorbereiding post 4. Ik zie, ik zie wat jij niet ziet Groep 1-2-3

Doel: De kinderen kunnen de verschillende kleine beestjes benoemen en kunnen aangeven hoe deze dieren leven.

Verwerkingsles biodiversiteit onderbouw

Limburgs Landschap. natuurboekje van

De Drakendokter: Gideon

l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n SPREEKBEURT AXOLOTL AMFIBIEËN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN

2. Maak met de 4 buizen een vierkant op de grond. Dit is het zoekraam.

Vlinderpakket. Bovenbouw

inhoud 1. Kom jij uit een ei? 2. Dieren uit een ei. 3. Vogels 4. Vissen 5. Insecten 6. Spinnen 7. Reptielen 8. Kikkers en padden 9.

Auditieve oefeningen bij het thema: Kriebelbeestjes

4 Vind me dan. Achtergrondinfo Planten en dieren hebben allerlei manieren om niet op te vallen. Deze kunnen onderverdeeld worden in:

Voorbereiding post 5. De eik elk seizoen anders Groep 1-2

Hier zien jullie alweer de zesde uitgave van ons jeugdblad. Nieuwsgierig wat de Oele nu weer heeft te vertellen. Lees maar gauw.

Voorbereiding post 4. Ik zie, ik zie wat jij niet ziet Groep 6-7-8

Voorjaarswandeling Geastmer Bosk

Stripverhaal.. De vlinder.. De vleugels van een vlinder... De levenscyclus.. Vlinderlied en dans. Verstopte vlinders.. Opvallen of niet..

Opdrachten thema. Veluwe

Laat de kinderen ook opzoeken in een woordenboek en/of spreekwoorden boek

vlinders infoblad Meer informatie van de afdeling NME (Natuur en Milieu Educatie) van Carmabi is te vinden op:

Lesbrief Bij, wesp, hommel of zweefvlieg

Vollenhove Wonen op een havezate

onderzoek water opdrachtkaart Onderdeel A les 5-6.6

Ontwerp je eigen superbijzondere dier

Voorbereiding post 4. Heidespinsels Groep 1-2-3

Voorbereiding post 4. Mondjes open mondjes dicht Groep 7-8

inhoud blz. 1. Soorten 3 2. Zo herken je een insect 4 3. Insecten en hun jong 6 4. Vijanden Meer insecten Filmpjes 15 Pluskaarten 16

Educatief materiaal bij de voorstelling Buurman en Buurvrouw, groep 3 en 4

Lesbrief Bodemdiertjes favoriete voedsel

1. Het feest van de koning. Slingers maken. Nodig gekleurde strookjes papier touw gekleurde A4 tjes witte A4 tjes kleurpotloden of stiften schaar

Een. hoort erbij! Over dieren uit een ei. groepen 3-5

Raar, maar waar! deel 1. groep 3 en 4

Kerstkoekjes bakken. Voor elke leerling een exemplaar van de Kopieerbladen Kerstkoekjes bakken 1, 2 en 3.

Lesbrief Vlinderkids 1

Camouflage is handig in het dierenrijk. Veel prooidieren vallen door hun kleur niet

Vitamines zitten in kleine hoeveelheden in je eten en drinken. Je hebt het halve alfabet aan vitamines: A, B, C, D, E, K.

Over haaien, vissen en bruinvissen. Leerlingen ontdekken het verschil tussen hondshaaien, bruinvissen en vissen.

Werkblad slootdiertjes

Verwonderen STICHTING KIND EN VOEDING. Groep 7 en 8

Arie Aardvarken. Lesbrief

STERREN DANSEN OP DE MUUR WAT HEB JE NODIG? BOUWTEKENING

Vers fruit als ijsje. Vlinder

Kleine beestjes Tijdstip: Deze activiteit kan in de lente, zomer of herfst en door alle groepen gedaan worden.

Arie Aardvarken. Lesbrief. Tips

Inleiding Doelgroep Relatieschema Opzet van de lescyclus Algemeen doel De doelstellingen...

ONTDEK HET ZELF...EN LAAT JE NIETS WIJSMAKEN!

MOEILIJKHEIDSGRAAD: -**- Een spreekbeurt geven, vraagt veel voorbereiding. Je moet immers vlot kunnen vertellen en je moet je luisteraars boeien.

S C I E N C E C E N T E R

COMPOSTEREN MET KINDEREN WERKBLAD 24. Duizendpoot in bed

Speluitleg: Gebruik bij de speluitleg het bestand Hoe wordt het spel gespeeld op

Diertjes vangen en bekijken

Een kreeft in de klas

SummerLabb: een leerzame combinatie van bijzondere verhalen, proefjes en interactieve experimenten. Opdracht voor in de klas: Poep is Goud

wat je moet doen welkom in de wereld van Olle Handreikingen voor de leerkracht

Buitenles THEMA-handleiding Ribbeltje is zijn geheugen kwijt Groep 3 en 4

inhoud 1. De mier 2. De teek 3. De regenworm 4. De pissebed 5. De hoofdluis 6. De vlieg 7. De mug 8. De vlo 9. Filmpje Pluskaarten Colofon

Tips voor leerlingen. Algemene observatievragen

Begin en eindig de les klassikaal. Tijdens de kern van de les vouwen de leerlingen individueel hun dieren aan de hand van het werkblad.

Voorbereiding post 4. Ik zie, ik zie wat jij niet ziet Groep 4-5

SPREEKBEURT BIDSPRINKHAAN

Een bovenbouwproject van IVN Veldhoven Eindhoven Vessem voorjaar 2015

van een plant en zonlicht nodig heeft om te leven voor zuurstof die mensen nodig hebben om te leven bakjes met tuinkers 10 min.

Transcriptie:

Meelwormen in de klas Inleiding Welkom bij het project meelwormen in de klas. Jullie hebben de meelwormen gekregen van NME-centrum De Klyster. De natuur in de klas brengen is altijd erg aantrekkelijk. In dit geval moet je rekening houden met wat hilariteit. Als kinderen voor het eerst meelwormen zien, vinden ze dat vaak een beetje vies. Ze zien er ook niet echt aantrekkelijk uit maar vertel de kinderen dat er niets engs aan is. Ze prikken of bijten niet, ze stinken niet en glibberen niet. Vraag de kinderen om ze beter te bekijken. Laat ze eens in de bak ruiken en misschien durft iemand al wel een meelworm op de hand te houden. Vertel vervolgens dat je hebt gehoord dat hun uiterlijk helemaal gaat veranderen naar verloop van tijd (ongeveer 7 weken). De kinderen zullen gelijk vragen waarin ze dan veranderen. Maar vertel ze nog niks. Doe alsof jij het ook niet weet en dat jullie geduldig zullen afwachten wat er gaat gebeuren. Achter in de klas kun je een hoek inrichten waar je de meelwormen in een bak zet. Je kunt ook ieder kind een grote glazen pot mee laten nemen en de meelwormen verdelen. Na een paar dagen wint de nieuwsgierigheid. De kinderen vinden de meelwormen helemaal niet meer eng of vies! Veel plezier! Marjolein Staal NME-Centrum De Klyster Meelwormen in de klas 1

Wat hoort bij dit project deze lesbrief doosje meelwormen doosje brinta doosje havermout doosje beschuit doosje meel Wat moet u zelf regelen aquarium van plastic of glas * loep * appel water wc-papier voor ieder kind een grote glazen pot (of per tweetal) theelepeltjes en kwastjes om de wormen op te pakken voor een experiment: voedsel waar geen meel in zit zoals: suiker, groente, zout etc. werkbladen kopiëren materiaal voor de lessen * De Klyster heeft ook een aantal aquaria en loepen te leen. Via de website van de Klyster kunnen loepjes en loeppotjes worden gereserveerd. Aan het eind van het project kunnen de meelwormen, poppen of kevers buiten vrijgelaten worden. Voor wie is dit project bedoeld Groep 5 en 6 van de basisschool. Evaluatie De Klyster is benieuwd naar uw mening over dit Natuur in de Klas-project. Wilt u het digitale evaluatieformulier na afloop invullen? Het kost u 2 minuutjes van uw tijd. U vindt het formulier op www.klyster.nl onder het kopje activiteiten. Meelwormen in de klas 2

Het project Natuur in de klas: meelwormen in de klas is een initiatief van NME-Centrum De Klyster en samengesteld door Pyke Kroes en Marjolein Staal. Met een bijdrage van Dineke en Marcel Prins. De Klyster is het intergemeentelijk Centrum voor Natuur en Milieu-educatie van de gemeenten Dongeradeel, Dantumadeel en Kollumerland c.a. De lesbrief is bestemd voor de scholen uit de klysterregio die lid zijn van De Klyster. Derden mogen niet zonder voorafgaande toestemming gebruik maken van ons educatief materiaal. Vragen Bel dan met NME Centrum De Klyster 0511-425555 en spreek de voicemail in. U wordt z.sp.m. teruggebeld. Of mail info@klyster.nl Meer weten? www.klyster.nl kijk bij links Referenties en nuttige info: Kijk voor filmpjes op de volgende beveiligde link van you tube 1. www.youtube.com/watch?v=exiof_yphpw (meelwormen) 2. www.youtube.com/watch?v=ao2mec-fxkw (solo meelworm) 3. www.youtube.com/watch?v=gzbocplxtea (opzetten van de bak deel 1) 4. www.youtube.com/watch?v=lrwde5mxt40 (opzetten van de bak deel 2) 5. www.youtube.com/watch?v=gyo_yesc0yq (tor kruipt uit pop) 6. www.youtube.com/watch?v=vrk1ctzrkoi (poppen) 7. www.youtube.com/watch?v=rdwtn9u_lxg (tor net uit pop gekropen) 8. www.youtube.com/watch?v=_uld93f3k_w (torren) Meelwormen in de klas 3

Achtergrondinformatie De meeltor is een kever uit de familie zwartlijven of Tenebrionidae. De kever zelf is niet zo bekend, de larve (meelworm) is veel bekender. De meelworm leeft in de natuur van vermolmd hout, maar hij houdt ook van tarwemeel. Hij is dan een plaag voor graan- en meelverwerkende bedrijven. Meelwormen worden in dierenwinkels verkocht als voedsel voor vogels, spinnen, reptielen en als visvoer. Meelwormen zijn dus de larven van de meeltor en eigenlijk geen wormen. Zo ondergaan meel wormen een volledige metamorfose net zo als rupsen. Levenscyclus De meeltor heeft zoals alle kevers vier stadia: 1. het ei 2. de meelworm (de larve) 3. de meelwormpop 4. de meeltor Het larve stadium is weer onderverdeeld in verschillende stapjes, iedere vervelling wordt de larve groter. Alleen de volwassen kevers kunnen zich voortplanten. Het ei De vrouwelijke meeltor kan 100-300 eitjes leggen in enkele maanden tijd. Ze leggen ze vaak ergens onder maar begraven ze niet. De eitjes zijn spierwit en goed zichtbaar, maar ook heel kleverig, waardoor er materiaal uit de omgeving aan blijft plakken. Hierdoor zijn de eitjes goed gecamoufleerd. De eitjes zijn ongeveer 1,5 mm lang en komen na een week uit. De larve die dan verschijnt is 2 mm. Een belangrijke vijand zijn de kevers en larven zelf, deze eten graag de eigen eitjes. De meelworm Meelwormen zijn wormachtige larfjes die groter worden en bij een lengte van ongeveer 4 cm gaan verpoppen. Meelwormen vervellen meerdere malen tijdens hun groei. Alleen vlak na het vervellen, kunnen ze groeien. De meelworm is vlak na de vervelling eerst wit en verkleurt later naar goudbruin. Al na een paar dagen kunnen er een heleboel velletjes liggen. Dit zijn de vervelde delen van een meelworm. Het pantser van de meelworm bestaat zoals bij alle insecten uit chitine. Een pas vervelde, witte meelworm heeft echter nog een zachte chitinelaag en is dan het kwetsbaarst. Een opgegeten net vervelde meelworm is veel makkelijker verteerbaar dan een al uitgehard exemplaar. Meelwormen in de klas 4

De meelwormpop De meelwormpoppen zijn het derde stadium. Meelwormpoppen komen na ongeveer 2 tot 3 weken uit en dan verschijnen de meeltorren. Poppen hebben geen voedsel nodig. De meeltor Dit is het volwassen stadium van de meelworm. De net verpopte kever is eerst spierwit, na enkele minuten geelbruin, na een uur roodbruin en na enige dagen diepzwart. De meeltor is een zwart kevertje van 10-18 mm. Hij heeft harde dekschilden en vliegt zelden. Alleen meeltorren kunnen zich voortplanten. De vrouwtjes torren beginnen ongeveer na twee weken eitjes te leggen. Dit kunnen ze ongeveer drie maanden volhouden. Elk vrouwtje kan een paar honderd eitjes leggen. Na twee à drie maanden sterft de kever. Uit de door het kevertje gelegde eieren komen weer de goudbruine meelwormen Verzorging Zowel de meelwormen als de torren, eten meelproducten zoals brood, havermout, brinta, en koekjes. Meelwormen hebben het meeste voedsel nodig want zij groeien het hardst. Meeltorren hebben iets hards nodig om hun tanden aan te knagen. Daarvoor kun je een paar takjes in de bak doen. Meelwormen kun je prima in een aquarium houden. Natuurlijk is ook een grote glazen bak of grote glazen pot (appelmoes) heel geschikt. Je vult het met havermout, zaagsel en zemelen. Regelmatig zet je een fris stukje appel, wortel of komkommer op een schaaltje in de bak. Zo wordt de vochtvoorziening goed in stand gehouden. Ze gedijen het best op kamertemperatuur. Voor de kinderen is het een leuke opdracht om uit te zoeken wat ze wel en niet eten en hoeveel. Meelwormen in de klas 5

Lessuggesties Lessuggestie 1: Introductie en inrichten van aquarium Materiaal: werkblad 1: wat is dit? werkblad 2: inrichten van de meelwormenpot (voor ieder kind kopiëren); filmpje 3 en 4 (zie pag. 3); digitaal schoolbord; aquarium, grote glazen potten (voor ieder kind 1); brinta; havermout; meelwormen; wc-papier, theelepeltjes en kwastjes om de wormen te pakken en water. Werkvorm: introductie a.h.v. werkblad en filmpjes: klassikaal. De leerkracht demonstreert de inrichting van het aquarium, daarna mogen de kinderen zelfstandig aan de slag. Tijdsduur: 30 minuten Uitvoering: 1. Laat de kinderen werkblad 1 zien en stel vragen. Wat zijn dit voor beestjes? (foto s van meelwormen) Heeft iemand ze wel eens gezien? Wat weten de kinderen zelf over meelwormen? Waar leven ze? Wat eten ze? Hebben sommige mensen/bedrijven ook last van deze dieren? Waarom? 2. Laat de kinderen de filmpjes zien. In de filmpjes wordt het aquarium ingericht. 3. De leerkracht richt het aquarium in. 4. Deel werkblad 2 uit. De leerlingen volgen de stappen op het werkblad en richten hun eigen pot in. Lessuggestie 2: Verzorging Materialen: werkblad 3: verzorgen van de meelwormen werkblad 4: verzorging van de meeltorpoppen werkblad 5: verzorging van de meeltorren (alle werkbladen kopiëren voor de leerlingen) Werkvorm: individueel Tijdsduur: iedere dag een paar minuten Uitvoering: Verzorg de meelwormen zoals aangegeven is op werkblad 3, 4 of 5 (afhankelijk van de stadia). Werkblad 4 kun je de kinderen geven als de worm in een pop is veranderd en werkblad 5 gebruik je als een pop een beestje is geworden. Meelwormen in de klas 6

Lessuggestie 3: Observeren, opdrachten en proefjes Materialen: wit en zwart papier, potlood, kleurpotloden, loep, theelepeltjes, kwastjes meelwormen, eetbare en niet eetbare spullen werkblad 6 t/m 12 (kopiëren voor de leerlingen) Werkvorm: klassikaal en individueel Tijdsduur: iedere week 15-20 minuten Uitvoering: Je kunt de zeven verschillende opdrachten op de werkbladen zowel klassikaal als in groepjes of individueel laten uitvoeren. Volg de instructies op de werkbladen. Iedereen kan tegelijk aan de slag, maar je kunt er ook voor kiezen om de kinderen de opdracht op een zelfgekozen moment te laten doen. Werkbladen 6 t/m 11 gaan over meelwormen en poppen. Werkblad 12 gaat over de meeltor. Het duurt ongeveer zeven weken voordat de eerste meeltor er is. Daarom kun je iedere week één opdracht laten maken. Het is leuk als de kinderen hun opdracht mooi versieren want zo heeft ieder kind aan het eind een mooi opdrachtboekje. Lessuggestie 4: Afsluiting meeltorrenrace Materialen: meerdere vellen papier Werkvorm: klassikaal Tijdsduur: 20 minuten Uitvoering: Elke deelnemer neemt een A4-tje en vouwt deze zo dubbel dat je twee omhoogstaande randen krijgt met een plakstrook aan de zijkant. Met deze plakstrook kunnen alle banen parallel aan elkaar geplakt worden. Je kan een wedstrijd doen wie zijn meeltorren het eerst de baan van het begin tot het eind heeft gelopen. Een variatie is dat elke baan een nummer krijgt en men van te voren inzet op de tor die volgens hem gaat winnen. Ook met meelwormen is deze race uit te voeren. De kinderen vullen iedere dag, indien nodig, werkblad 6 in. Meelwormen in de klas 7

Wat moet je doen om je eigen meelwormenpot in te richten? Nodig: glazen pot, havermout, brinta, meelwormen, wc papier, water 1. Neem een pot. 2. Doe een laagje havermout in de pot. 3. Doe een laagje brinta in de pot. 4. Doe de meelwormen er bij. 5. Over de wormen leg je een laagje wc-papier. 6. Maak het wc-papier voorzichtig nat door er wat druppels water op te sprenkelen. Dit kun je doen door je hand even onder de kraan te houden en de druppels van je hand op het wc-papier te laten vallen.

Nodig: brinta, havermout, meel, water, appel, klein schaaltje 1. Iedere dag kijk je even onder het papier in de bak. 2. Op maandag, dinsdag, woensdag en vrijdag geef je wat eten of water. 3. Als een worm in een raar ding is veranderd, vraag dan aan je juf of meester naar werkblad 4. 4. Als een pop een beestje is geworden vraag dan aan je juf of meester naar werkblad 5.

Nodig: boterbakje Als de worm in een raar ding is veranderd, moet je dan iets doen? Nee hoor, je hoeft dan eigenlijk niets te doen. Dit zijn poppen. Misschien ken je dit wel van vlinders. Dat zijn eerst rupsen en gaan zich dan verpoppen. Meelwormen doen dat dus ook. De poppen kun je nu in een apart bakje doen. Zoals in een boterbakje. Poppen hebben geen voedsel of water nodig. Waarom niet?... Zorg er goed voor dat de poppen niet nat worden.

Nodig: havermout, meel, brinta, wortel, appel, takjes, wc papier, water De pop is in een beestje veranderd. Dat beestje is een tor, een meeltor! De metamorfose (verandering) van de meeltor is nu klaar. 1. Zet de meeltor terug in de glazen pot met brinta, havermout en meel; 2. Leg een takje in de pot; 3. Leg er wc papier overheen; 4. Maak dit wc papier nat net zoals bij de meelwormen; 5. Kijk iedere dag onder het papier; 6. Houdt het papier vochtig; 7. Geef de tor wortel en een appel; 8. Geef de tor een klein beetje brinta, meel en havermout.

Nodig: potlood, vergrootglas of loep Eigenlijk klopt de naam meelworm niet. Waarom is dit een verkeerde naam?... Kijk eens goed naar de meelworm. Lijkt hij op een worm?... Een worm leeft onder de grond, heeft geen duidelijke kop, heeft geen poten, is zacht en glibberig. Ga met een vergrootglas of opzetloep de meelworm eens goed bekijken. Heeft hij pootjes en hoeveel?... Heeft de meelworm ogen?... oren?... voelsprieten?... gaatjes?... bulten? een staart?... Hoe ziet zijn mond eruit?... De meelworm heeft een lijf dat in stukjes is verdeeld. Ieder stukje heet een segment. Hoeveel segmenten tel je?... Doe alsof je een meelworm door een super vergrootglas bekijkt en maak er dan een tekening van. Je kunt hem eerst met een grijs potlood tekenen en daarna inkleuren. Succes!

Nodig: eetbaar en niet eetbaar voedsel voor de meelworm, papier, theelepeltje Kijk eens goed in de wormenbak! Waar eten de meeste wormen van?... Kun je zien of ze kunnen bijten?... Ruik eens in de bak. Stinkt hij ook?... Zie je poepjes?... Maak twee verschillende bakjes met eetbare en niet eetbaar voedsel voor de meelworm. Bedenk wat eetbaar is en wat niet. Pak nu een papier en schep met een theelepeltje wat eetbare en niet eetbare op het papier. Schep met een theelepeltje een paar wormen uit de bak en zet ze op het papier. Bedenk wat er zal gebeuren.... Gaan ze meteen naar het eetbare voedsel?... of lopen ze maar wat?... Hoe reageren ze op het niet eetbare voedsel?... Klopt het wat je van tevoren had bedacht?... Wat vindt de meelworm van zijn voedsel?... Probeer het nog een (volgende) keer met ander voedsel.

Kijk nog eens goed in de meelwormenbak! Wat hebben de meelwormen voor kleur?... en zijn ze allemaal hetzelfde van kleur?... Zie je ook een donkere?... en kun je ook een hele lichte vinden?... Waarom zijn ze zo verschillend van kleur?... Waar eten de meelwormen nu het meest van?... Was dat de vorige keer ook al zo?... Hebben meelwormen wel eens dorst?... Waarom denk/weet je dat?... Kunnen meelwormen klimmen?... Om deze vraag te beantwoorden ga je het uitproberen. Denk er om dat de experimenten wel meelworm vriendelijk zijn!

Nodig: potlood, vel papier, loep, evt. microscoop Bekijk de meelwormen nog eens goed. Zijn ze allemaal even groot?... Hoe groot is de grootste?... Teken hieronder je grootste meelworm en teken hem precies even groot als hij in werkelijkheid is. Neem nu een wit vel papier en schep met een eetlepel wat brinta en havermout uit de bak. Strooi dit uit over het papier. Kijk eens of je ook kleine meelwormen kunt vinden. Hoe klein is de kleinste? Teken hieronder je kleinste meelworm. Teken hem precies zo klein als hij in werkelijkheid is. Pak nu een opzetloep en kijk of je nog een kleinere meelworm kunt vinden. Teken hem hieronder op ware grootte. Hebben jullie op school een microscoop? Misschien kun je hiermee nog kleinere meelwormpjes vinden. Hoe komen die hele kleine meelwormpjes daar eigenlijk? Wat denk je?...

Is er bij jullie al een meelworm helemaal veranderd? Hij is nu een pop geworden. Doe weer alsof je de pop met een vergrootglas bekijkt en maak er een tekening van. Teken eerst met een grijs potlood je pop en ga hem daarna inkleuren. Hebben de poppen allemaal dezelfde kleur?... Hoe zou het komen dat ze niet allemaal dezelfde kleur hebben?... Liggen de poppen helemaal stil of bewegen ze af en toe?...

Hoeveel poppen zijn er intussen bij jullie?... Is er al een pop uitgekomen?... Wat kwam eruit?... Weet je hoelang de pop een pop is geweest? Wat denk je?... Heb je al gezien wanneer een pop uitkomt?... Als je dat nog niet hebt gezien dan moet je drie of vier keer per dag even in de bak kijken. Je kunt dan ook mooi zien welke kleur de tor eerst heeft. Lijkt de tor op de worm en de pop? Wat vind jij?... Doe alsof je de meeltor weer onder een vergrootglas bekijkt en maak er een mooie tekening van. Teken eerst met en grijs potlood en kleur hem dan in. Trouwens..weet je al hoe dat zit met die hele kleine meelwormpjes? Weet je al waar die vandaan komen?

Je hebt intussen ontdekt dat de naam meelworm eigenlijk geen goede naam is. Hij heet dan ook meeltor. Het is een insect! En zoals veel insecten dat hebben, heeft ook de meelworm verschillende stadia. Eerst is het een eitje 1 worm 1 pop 1 tor. Dit noem je een metamorfose. De meeltor legt eitjes en dan begint de hele cyclus weer opnieuw. Teken de cyclus. We hebben al eerder vastgesteld dat worm eigenlijk niet een goed woord is. Larve is een beter woord. Je krijgt dus eigenlijk: larve 1 pop 1 insect 1 eitje 1 larve 1 pop 1 insect 1 eitje enz., enz. Iedere larve ziet er niet hetzelfde uit. Bij een vlinder is de larve een rups. De larve van de mug, een muggenlarve, is een beestje in het water. De larve van het lieveheersbeestje is een zwart roofmonstertje. Het is dus eigenlijk wel logisch dat die larven er niet hetzelfde uit zien. Er komen heel verschillende insecten uit. Hier nog een paar laatste vragen. Waar blijven de vervellingen van de wormen?... Wat gebeurt er met de dode torren?... Eten ze dan toch niet alleen maar meel, havermout en brinta?... Zijn het dan toch niet alleen vegetariërs?... Misschien kun je met een microscoop kijken of de meeltor eitjes heeft gelegd. Pak uit de bak van de bodem een beetje brinta en verspreid dat op een stukje zwart papier. Leg dat vervolgens voorzichtig onder de microscoop. Zie je iets?...