Aanbod van arbeid 2012
|
|
|
- Filip Veenstra
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Bijlage B: Tabellen Auteurs Jan Dirk Vlasblom Edith Josten Marian de Voogd-Hamelink
2 Bijlage B. Tabellen In deze bijlage zijn diverse tabellen opgenomen behorende bij het SCP-rapport Aanbod van Arbeid 2012 Tabel B.1 Belangrijkste reden waarom werknemers in deeltijd werken, Tabel B.2 Percentage werknemers met voorkeur voor voltijd- of deeltijdwerk, naar achtergrondkenmerken, Tabel B.3 Verandering van het percentage werknemers met een voltijd- of deeltijdbaan bij volledige vervulling arbeidsduurwensen, naar achtergrondkenmerken, (in procentpunten)... 4 Tabel B.4 Percentage met een (nog) onvervulde wens voor meer of minder uren werk, naar achtergrondkenmerken, 2000 en Tabel B.5 Percentage werknemers dat erin slaagt de arbeidsduur aan te passen in de gewenste richting, naar achtergrondkenmerken, jaren negentig en jaren nul... 6 Tabel B.6 Aantal werknemers dat zaterdag-, zondag- en/of nachtwerk erg belastend vindt, naar achtergrondkenmerken, a... 7 Tabel B.7 Percentage werknemers dat de afgelopen 4 weken tenminste 6 uur per week thuis werkte, naar belangrijkste reden en achtergrondkenmerken, Tabel B.8 Percentage werknemers dat zelf zijn begin- of eindtijden kan bepalen, naar sector, 2000 en Tabel B.9 Werk- en persoonlijke kenmerken die het oordeel over de aansluiting tussen arbeid en privéleven beïnvloeden, resultaten multivariate logistische regressie, a Tabel B.10 Reden van baan-baan mobiliteit naar sector, in % van aantal baan en functiewisselaars, gemiddelde a Tabel B.11 Percentage werknemers dat naar een andere baan zoekt, naar kenmerk, Tabel B.12 Schattingsresultaten van een probitmodel ter verklaring van scholingsdeelname door werkenden, Tabel B.13 Effecten van scholing op het behoud van werk, de omvang van de loonstijging en aanstellingsvorm,
3 Bijlage B: Tabellen Tabel B.1 Belangrijkste reden waarom werknemers in deeltijd werken, wil genoeg tijd hebben voor huishoudelijke taken en/of zorg wil genoeg tijd hebben voor hobby s, sport en dergelijke volg onderwijs of cursus vanwege gezondheid kan bij deze werkgever niet meer uren werken heb een tweede baan andere reden Bron: SCP (AAP 00-10) 2
4 Tabel B.2 Percentage werknemers met voorkeur voor voltijd- of deeltijdwerk, naar achtergrondkenmerken, wil voltijdbaan wil grote of middelgrote deeltijdbaan wil kleine of zeer kleine deeltijdbaan (35 of meer uur per week) (20 t/m 34 uur per week) (0 t/m 19 uur per week) totaal man vrouw man met één of meer thuiswonende kinderen vrouw met één of meer thuiswonende kinderen t/m 24 jaar t/m 34 jaar t/m 44 jaar t/m 54 jaar t/m 64 jaar laagopgeleid middelbaar opgeleid hoogopgeleid landbouw. a..... industrie bouwnijverheid handel, horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening overheid onderwijs a Minder dan 100 waarnemingen Bron: SCP (AAP 90, 00 en 10) 3
5 Bijlage B: Tabellen Tabel B.3 Verandering van het percentage werknemers met een voltijd- of deeltijdbaan bij volledige vervulling arbeidsduurwensen, naar achtergrondkenmerken, (in procentpunten) voltijdbaan verandering in percentage met: grote of middelgrote deeltijdbaan kleine of zeer kleine deeltijdbaan (35 uur of meer per week) (20 t/m 34 uur per week) (0 t/m 19 uur per week) totaal man vrouw t/m 24 jaar t/m 34 jaar t/m 44 jaar t/m 54 jaar t/m 64 jaar laagopgeleid middelbaar opgeleid hoogopgeleid landbouw. a..... industrie bouwnijverheid handel, horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening overheid onderwijs a Minder dan 100 waarnemingen Bron: SCP (AAP 90, 00 en 10) 4
6 Tabel B.4 Percentage met een (nog) onvervulde wens voor meer of minder uren werk, naar achtergrondkenmerken, 2000 en 2010 wil minder uren werken wil meer uren werken totaal man vrouw t/m 24 jaar t/m 34 jaar t/m 44 jaar t/m 54 jaar t/m 64 jaar laagopgeleid middelbaar opgeleid hoogopgeleid t/m 11 uur p.wk. contract t/m 19 uur p.wk. contract t/m 27 uur p.wk. contract t/m 34 uur p.wk. contract uur of meer p.wk. contract landbouw. a... industrie bouwnijverheid handel, horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening overheid onderwijs a Minder dan 100 waarnemingen Bron: SCP (AAP 00 en 10) 5
7 Bijlage B: Tabellen Tabel B.5 Percentage werknemers dat erin slaagt de arbeidsduur aan te passen in de gewenste richting, naar achtergrondkenmerken, jaren negentig en jaren nul kreeg inkorting werkweek met minstens 4 uur (als percentage van degenen die inkorting wilden met minstens 4 uur) jaren negentig kreeg uitbreiding werkweek met minstens 4 uur (als percentage van degenen die uitbreiding wilden met minstens 4 uur) jaren nul jaren negentig jaren nul totaal man vrouw t/m 24 jaar 28. a t/m 34 jaar t/m 44 jaar t/m 54 jaar t/m 64 jaar laagopgeleid middelbaar opgeleid hoogopgeleid landbouw.. industrie bouwnijverheid.... handel, horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening.... overheid onderwijs a Minder dan 100 waarnemingen Bron: SCP (AAP 90-10) 6
8 Tabel B.6 Aantal werknemers dat zaterdag-, zondag- en/of nachtwerk erg belastend vindt, naar achtergrondkenmerken, a werken op zaterdag werken op zondag werken in nachtdienst totaal man vrouw t/m 24 jaar t/m 34 jaar t/m 44 jaar t/m 54 jaar t/m 64 jaar a De cijfers over de verschillende jaargangen zijn samengevoegd om voldoende waarnemingen te hebben per categorie. Bron: SCP (AAP 00-10) 7
9 Bijlage B: Tabellen Tabel B.7 Percentage werknemers dat de afgelopen 4 weken tenminste 6 uur per week thuis werkte, naar belangrijkste reden en achtergrondkenmerken, 2010 totaal afmaken (over)werk belangrijkste reden: betere combinatie zorgtaken en werk reistijd andere redenen totaal man vrouw t/m 24 jaar t/m 34 jaar t/m 44 jaar t/m 54 jaar t/m 64 jaar laagopgeleid middelbaar opgeleid hoogopgeleid landbouw. a.... industrie bouwnijverheid handel, horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening overheid onderwijs a Minder dan 100 waarnemingen Bron: SCP (AAP 10) 8
10 Tabel B.8 Percentage werknemers dat zelf zijn begin- of eindtijden kan bepalen, naar sector, 2000 en totaal man vrouw t/m 24 jaar t/m 34 jaar t/m 44 jaar t/m 54 jaar t/m 64 jaar laagopgeleid middelbaar opgeleid hoogopgeleid landbouw. a. industrie bouwnijverheid handel, horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening overheid onderwijs a Minder dan 100 waarnemingen Bron: SCP (AAP 00 en 10) 9
11 Bijlage B: Tabellen Tabel B.9 Werk- en persoonlijke kenmerken die het oordeel over de aansluiting tussen arbeid en privéleven beïnvloeden, resultaten multivariate logistische regressie, a goede aansluiting werktijden op thuissituatie geen problemen met combinatie van werk en zorgtaken a veel gevoelens van emotionele uitputting geslacht (1 = vrouw, 0 = man) 0,145-0,488** 0,014 (1,90) (-3,10) (0,11) leeftijd - 16 t/m 24 jaar ref. ref. ref t/m 34 jaar -0,082-1,324** 0,377 (-0,72) (-2,69) (1,81) - 35 t/m 44 jaar 0,065-1,311** 0,398 (0,57) (-2,71) (1,88) - 45 t/m 54 jaar 0,119-1,122* 0,218 (1,05) (-2,34) (1,04) - 55 t/m 64 jaar 0,124-1,033* 0,125 (0,99) (-2,08) (0,57) opleidingsniveau - laag ref. ref. ref. - middelbaar -0,112-0,168-0,259* (-1,62) (-1,43) (-2,25) - hoog -0,241** -0,480** -0,225 (-3,01) (-3,76) (-1,68) arbeidsmarktsituatie partner - geen partner 0,237* -0,220 0,165 (2,40) (-1,18) (1,03) - partner zonder betaald werk ref. ref. ref. - partner met betaald werk: 0 t/m 19 uur p.wk. 0,0430 0,306* 0,019 (0,43) (2,01) (0,12) - partner met betaald werk: 20 t/m 34 uur p.wk. 0,245** 0,090 0,030 (2,77) (0,67) (0,21) - partner met betaald werk: 35 uur of meer p.wk. 0,172 0,182-0,238 (1,82) (1,12) (-1,51) zorgtaken - geen zorgtaken ref. n.v.t. ref. - heeft thuiswonende kinderen t/m 12 jr. -0,223** ref. -0,333** - heeft thuiswonende kinderen t/m 12 jr en verleent onbetaalde zorg aan familie/vrienden (-3,13) (-2,77) -0,382** -0,779** -0,149 (-2,94) (-6,08) (-0,61) - verleent onbetaalde zorg aan familie/vrienden -0,080-0,310* 0,036 (-0,94) (-2,43) (0,28) contractuele arbeidsduur per week - 0 t/m 11 uur 0,918** 0,791** -0,148 (5,28) (2,86) (-0,50) - 12 t/m 19 uur 0,657** 0,013-0,042 (5,58) (0,07) (-0,20) - 20 t/m 27 uur 0,386** -0,164 0,144 (4,11) (-1,04) (0,90) - 28 t/m 34 uur 0,101-0,344* 0,188 (1,28) (-2,53) (1,41) - 35 uur of meer ref. ref. ref. wil arbeidsduur met 4 uur per week wijzigen 10
12 - geen wens tot wijziging ref. ref. ref. - wil 4 uur meer -0,255* 0,060-0,114 (-2,33) (0,32) (-0,56) - wil 4 uur minder -1,009** -1,212** 1,437** (-14,19) (-10,97) (14,78) gemiddeld aantal uren overwerk per week - < 1 uur ref. ref. ref. - 1 t/m 4 uur -0,089-0,331** -0,022 (-1,48) (-3,62) (-0,22) - > 4 uur -0,475** -0,448** 0,274* (-7,25) (-4,21) (2,54) werktijden - werk op zaterdag (1 = ja, 0 = nee) -0,274** -0,139 0,420** (-3,40) (-1,05) (3,50) - werk op zondag (1 = ja, 0 = nee) -0,226* -0,166-0,242 (-2,44) (-1,10) (-1,66) - werk in nachtdienst (1 = ja, 0 = nee) -0,350** 0,015-0,127 - kan zelf begin- of eindtijden bepalen (1 = ja, 0 = nee) (-3,73) (0,10) (-0,75) 0,946** -0,173-0,175 (15,79) (-1,91) (-1,83) belangrijkste reden voor thuis werken - afmaken (over)werk 0,012-0,150 0,448** (0,11) (-0,97) (2,92) - betere combinatie zorgtaken en werk 0,071 0,108-0,147 (0,30) (0,43) (-0,33) - reistijd 0,130-0,073-0,568 (0,65) (-0,25) (-1,42) - andere redenen 0,176-0,123 0,098 (1,30) (-0,67) (0,48) - geen thuiswerk van minimaal 6 uur per week ref. ref. ref. Jaar ,144* -0,034-0,053 (-2,20) (-0,33) (-0,48) ,103-0,070-0,029 (-1,67) (-0,71) (-0,28) ,073-0,025 0,019 (-1,21) (-0,27) (0,19) ref. ref. ref. sector - landbouw -0,084 0,707-0,626 (-0,35) (1,37) (-1,16) - industrie 0,048 0,075 0,227 (0,49) (0,45) (1,44) - bouwnijverheid 0,058 0,128 0,184 (0,41) (0,54) (0,81) - handel, horeca en reparatie -0,057 0,388* 0,205 (-0,60) (2,34) (1,31) - transport -0,315** 0,058 0,078 (-2,64) (0,30) (0,40) - zakelijke dienstverlening ref. ref. ref. - zorg en welzijn 0,038 0,079-0,003 (0,41) (0,56) (-0,02) - overige dienstverlening 0,018 0,265 0,348 11
13 Bijlage B: Tabellen (0,13) (1,18) (1,58) - overheid 0,190-0,121-0,046 (1,69) (-0,76) (-0,26) - onderwijs -0,339** -0,317* 0,302 (-3,19) (-2,01) (1,71) constante 1,017** 3,607** -3,073** (6,44) (6,97) (-11,36) pseudo R 2 0,094 0,088 0,066 N a In de tabel staan de regressiecoëfficiënten, met de bijbehorende t-waarden tussen haakjes. Significante verschillen worden aangeduid met: * = p <.05, ** = p <.01. Bron: SCP (AAP 04-10) 12
14 Tabel B.10 Reden van baan-baan mobiliteit naar sector, in % van aantal baan en functiewisselaars, gemiddelde a landbouw a) bouwnijverheid a) industrie handel, horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening overheid onderwijs totaal interessanter werk werk met meer zekerheid en toekomst betere werksfeer hoger uurloon meer gezinsinkomen veranderde omstandigheden thuis reorganisatie of sluiting bedrijf(sonderdeel) aflopen van tijdelijk of uitzendcontract ontslag om andere redenen dagopleiding gezondheidsredenen anders totaal a Het betreft hier de belangrijkste reden voor arbeidsmarktverandering van werkenden die op beide meetmomenten werkzaam zijn. De sector is de laats bekende sector: als een baanwisseling heeft geleid tot werk in een andere sector, staat deze vermeld bij de nieuwe sector. Dit is omdat niet voor alle respondenten de vorige sector bekend is, maar de huidige sector wel. b Geen opgaaf, want minder dan 75 waarnemingen in gecombineerde data Bron SCP (AAP 08-10) 13
15 Bijlage B: Tabellen Tabel B.11 Percentage werknemers dat naar een andere baan zoekt, naar kenmerk, 2010 momenteel niet op zoek momenteel op zoek momenteel niet op zoek, maar in de afgelopen twaalf maanden wel totaal man vrouw zeer tevreden met baan wel tevreden niet zo tevreden helemaal niet tevreden blijf werken werkloos worden zelf ophouden met werken tevreden met uren ik wil meer uren per week werken ik wil minder uren per week werken laagopgeleid middelbaar opgeleid hoogopgeleid ervaar GEEN problemen met kennis en vaardigheden ervaar WEL problemen met kennis en vaardigheden minuten reistijd (heenreis) minuten meer dan uur werk wel eens thuis werk nooit thuis jaar jaar jaar jaar jaar landbouw industrie bouwnijverheid handel,horeca en reparatie transport zakelijke dienstverlening zorg en welzijn overige dienstverlening overheid onderwijs Bron: SCP (AAP 10) 14
16 Tabel B.12 Schattingsresultaten van een probitmodel ter verklaring van scholingsdeelname door werkenden, b/t se geslacht (1 = vrouw, 0 = man) -0,036 0,048 (0,76) leeftijd jaar 0,235* 0,125 (1,88) jaar 0,082 0,057 (1,45) jaar ref jaar -0,117** 0,047 (2,49) jaar -0,342*** 0,059 (5,75) jaar 2006 ref ,067 0,042 (1,59) ,030 0,043 (0,70) opleidingsniveau basisonderwijs -0,450*** 0,162 (2,79) vmbo -0,181*** 0,048 (3,79) mbo ref. hbo 0,100** 0,044 (2,26) wo 0,170*** 0,058 (2,93) arbeidsmarktsituatie veranderd 0,288*** 0,040 (7,27) sector landbouw ref. industrie -0,224 0,161 (1,39) bouwnijverheid -0,024 0,173 (0,14) handel, horeca en reparatie -0,275* 0,160 (1,71) transport -0,142 0,168 (0,84) zakelijke dienstverlening 0,046 0,158 (0,29) zorg & welzijn 0,296* 0,158 (1,87) overige dienstverlening 0,081 0,170 (0,48) overheid 0,217 0,163 (1,33) onderwijs 0,350** 0,163 (2,14) omvang bedrijf 1-24 medewerkers. ref medewerkers 0,069 0,047 (1,49) medewerkers 0,208*** 0,055 (3,81) meer dan 250 medewerkers 0,173*** 0,048 (3,59) soort dienstverband vast ref. tijdelijk, met uitzicht op vast -0,009 0,077 (0,12) tijdelijk -0,146 0,110 (1,34) dienstverband, anders -0,353** 0,156 (2,26) werkzaam als zelfstandige -0,168** 0,079 (2,12) werkzaam in deeltijd -0,171*** 0,047 (3,65) kinderen <=12 in huishouden 0,048 0,044 (1,09) verleent mantelzorg 0,150*** 0,046 15
17 Bijlage B: Tabellen (3,28) verricht vrijwilligerswerk 0,041 0,037 (1,13) aansluiting kennis en vaardigheden goed ref. redelijk -0,091** 0,045 (2,01) matig -0,209** 0,103 (2,04) slecht -0,143 0,160 (0,90) problemen met kennis en vaardigheden 0,295*** 0,071 (4,16) tevredenheid met huidige baan heel tevreden ref. wel tevreden -0,095** 0,038 (2,50) niet zo tevreden -0,167** 0,078 (2,14) ontevreden -0,258 0,192 (1,35) oordeel over loon loon is hoog ref. loon is tamelijk hoog 0,351*** 0,104 (3,37) loon is niet zo hoog 0,296*** 0,104 (2,84) loon is laag 0,218* 0,120 (1,81) inschatting werkloosheid komend jaar ik wordt niet werkloos ref. ik zal werkloos worden -0,155 0,175 (0,89) ik stop zelf met werken -0,227 0,205 (1,11) zoekgedrag nieuwe baan momenteel op zoek 0,032 0,062 (0,52) afgelopen jaar gezocht 0,177*** 0,061 (2,89) ziekteverzuim in vorig jaar twee of meer weken verzuimd 0,043 0,052 (0,82) constante -0,581*** 0,192 (3,03) N 6491 log likelihood -4065,7 restricted log likelihood -4386,8 chi-kwadraat 576,4*** pseudo R 2 0,073 In de regressie zijn de verklarende variabelen uit de vorige meting gebruikt om de scholingsdeelname zoals die gemeten is in de volgende meting te verklaren. De data zijn gepooled over alle individuen en jaren, de standaardfouten zijn gecorrigeerd voor herhaalde metingen. * p<0.10, ** p<0.05, *** p <0.01 Bron SCP (AAP 04-10) 16
18 Tabel B.13 Effecten van scholing op het behoud van werk, de omvang van de loonstijging en aanstellingsvorm, werkbehoud (probitmodel) loonstijging (kleinste kwadraten) kans op vast werk (probitmodel) b/t se b/t se b/t se scholing gevolgd 0,136 0,132 0,040*** 0,015 0,082 0,102 leeftijd (1,03) (2,73) (0,80) jaar 0,512 0,416 0,151*** 0,050-0,127 0,182 (1,23) (3,00) (0,70) jaar 0,108 0,161 0,094*** 0,023-0,044 0,136 (0,67) (4,03) (0,32) jaar ref. ref. ref jaar 0,152 0,114-0,012 0,017-0,122 0,124 (1,33) (0,68) (0,98) jaar -1,050*** 0,096-0,037* 0,021-0,086 0,162 interactie scholing*leeftijd (10,95) (1,80) (0,53) scholing & lft<25-0,630 0, (1,28) scholing & 25<lft<35 0,428 0, (1,62) scholing & 45<lft<55-0,155 0, (0,86) scholing & 55<lft<65 0,522*** 0, (3,03) geslacht (1=vrouw) -0,224*** 0,084 0,014 0,019-0,044 0,122 jaar (2,68) (0,72) (0,36) 2006 ref. ref ,137* 0,077 0,131*** 0,018 0,077 0,126 (1,77) (7,48) (0,61) ,058 0,071-0,004 0,018 0,006 0,126 opleidingsniveau (0,83) (0,23) (0,05) basisonderwijs -0,204 0,202 0,064 0,062 0,005 0,311 (1,01) (1,02) (0,02) vmbo -0,055 0,083 0,015 0,020-0,218 0,137 (0,66) (0,75) (1,59) mbo ref. ref. ref. hbo -0,062 0,083 0,018 0,019 0,001 0,131 (0,74) (0,97) (0,01) wo 0,117 0,114 0,059** 0,023-0,002 0,156 recent verandering arbeidsmarktpositie sector (1,02) (2,51) (0,02) 0,020 0,016-0,348*** 0,112 (1,26) (3,10) landbouw ref. ref. ref. industrie 0,002 0,252 0,019 0,075 0,458 0,343 (0,01) (0,25) (1,34) bouwnijverheid -0,119 0,267 0,015 0,080 0,395 0,362 handel, horeca en reparatie (0,45) (0,19) (1,09) 0,068 0,247-0,007 0,075 0,398 0,328 (0,28) (0,10) (1,21) transport 0,022 0,259 0,029 0,078 0,553 0,364 (0,08) (0,37) (1,52) zakelijke dienstverl. -0,008 0,245 0,001 0,074 0,278 0,325 (0,03) (0,02) (0,85) 17
19 Bijlage B: Tabellen zorg en welzijn 0,248 0,251 0,002 0,074 0,327 0,331 (0,99) (0,02) (0,99) overige dienstverlening. 0,213 0,267-0,013 0,081-0,047 0,364 (0,80) (0,16) (0,13) overheid 0,133 0,262-0,041 0,075 0,334 0,392 (0,51) (0,55) (0,85) onderwijs 0,091 0,260-0,028 0,076 0,209 0,353 aantal medewerkers in bedrijf (0,35) (0,36) (0,59) 1-24 medewerkers ref. ref. ref ,120 0,082 0,016 0,019 0,304** 0,131 (1,46) (0,87) (2,31) ,034 0,099 0,060*** 0,022 0,171 0,169 (0,34) (2,69) (1,01) 250 of meer -0,104 0,087 0,043** 0,020 0,155 0,160 aard dienstverband (1,20) (2,19) (0,97) vast ref. ref. - tijdelijk, met uitz op vast. -0,511*** 0,119-0,016 0,029 ref. (4,28) (0,55) tijdelijk -0,624*** 0,140 0,007 0,044-0,650*** 0,129 (4,46) (0,16) (5,04) anders -0,496** 0,204-0,061 0,107-0,626*** 0,181 (2,43) (0,57) (3,45) werkzaam als zelfstandige -0,343*** 0,131-0,080 0,123-1,729*** 0,157 (2,63) (0,65) (10,99) werkzaam in deeltijd 0,081 0,086-0,061*** 0,019 0,129 0,125 aansluiting kennis en vaardigheden (0,94) (3,17) (1,03) goed ref. ref. ref. redelijk -0,006 0,082-0,014 0,018 0,035 0,117 (0,07) (0,76) (0,30) matig -0,081 0,153-0,045 0,041-0,404 0,252 (0,53) (1,09) (1,60) slecht -0,529** 0,211 0,017 0,074-0,405 0,338 problemen met kennis en vaardigheden (2,51) (0,23) (1,20) -0,083 0,124 0,011 0,030 0,126 0,182 (0,67) (0,37) (0,69) constante 2,102*** 0,251 0,458*** 0,075 0,189 0,344 (8,37) (6,12) (0,55) N log likelihood -977,5-3774,4-573,2 restricted log likelihood -1160,6-3883,4-750,9 chi-kwadraat 420,5*** 257,4*** pseudo R 2 0,158 0,041 0,237 In de regressie zijn de verklarende variabelen uit de vorige meting gebruikt om de scholingsdeelname zoals die gemeten is in de volgende meting te verklaren. De data zijn gepooled over alle individuen en jaren, de standaardfouten zijn gecorrigeerd voor herhaalde metingen. * p<0.10, ** p<0.05, *** p<0.01 Bron SCP (AAP 04-10) 18
Meer of minder uren werken
Meer of minder uren werken Jannes de Vries Een op de zes mensen die minstens twaalf uur per week werken (de werkzame beroeps bevolking) wil meer of juist minder uur werken. Van hen heeft minder dan de
JONGE MOEDERS EN HUN WERK
AMSTERDAMS INSTITUUT VOOR ARBEIDSSTUDIES (AIAS) UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM JONGE MOEDERS EN HUN WERK Onderzoek op basis van de Loonwijzer Kea Tijdens, AIAS, Universiteit van Amsterdam Maarten van Klaveren,
Arbeidsmarktmobiliteit van ouderen
Arbeidsmarktmobiliteit van ouderen Jan-Willem Bruggink en Clemens Siermann Werkenden van 45 jaar of ouder zijn weinig mobiel op de arbeidsmarkt. Binnen deze groep neemt de mobiliteit af met het stijgen
Artikelen. Overwerken in Nederland. Ingrid Beckers en Clemens Siermann
Overwerken in Nederland Ingrid Beckers en Clemens Siermann In 4 werkte 37 procent de werknemers in Nederland regelmatig over. Bijna een derde het overwerk is onbetaald. Overwerk komt het meeste voor onder
Werktijden van de werkzame beroepsbevolking
Werktijden van de werkzame beroepsbevolking Ingrid Beckers Ruim de helft van de werkzame beroepsbevolking werkte in 22 op onregelmatige tijden. Werken in de avonduren en op zaterdag komt het meeste voor.
1 Inleiding: de metamorfose van de arbeidsmarkt
1 Inleiding: de metamorfose van de arbeidsmarkt 1.1 De beroepsbevolking in 1975 en 2003 11 1.2 De werkgelegenheid in 1975 en 2003 14 Halverwege de jaren zeventig van de vorige eeuw trok de gemiddelde Nederlandse
Vrouwen op de arbeidsmarkt
op de arbeidsmarkt Johan van der Valk Annemarie Boelens De arbeidsdeelname van vrouwen lag in 23 op 55 procent. De arbeidsdeelname van vrouwen stijgt al jaren. Deze toename komt de laatste jaren bijna
Ouderen op de arbeidsmarkt: 60+ ers en 40+ ers
Ouderen op de arbeidsmarkt: 60+ ers en 40+ ers Rapport van ILC Zorg voor later, Stichting Loonwijzer/WageIndicator, en Universiteit van Amsterdam/Amsterdams Instituut voor Arbeids Studies (AIAS) Inhoudsopgave
Meeste werknemers tevreden met aantal werkuren
Meeste werknemers tevreden met aantal werkuren Christianne Hupkens De meeste werknemers zijn tevreden met de omvang van hun dienstverband. Ruim zes op de tien werknemers tussen de 25 en 65 jaar wil niet
Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen
nen geven veel vaker leiding dan vrouwen Astrid Visschers en Saskia te Riele In 27 gaf 14 procent van de werkzame beroepsbevolking leiding aan of meer personen. Dit aandeel is de afgelopen jaren vrijwel
De dagelijkse dichtheid van het bestaan. Paul Schnabel Rotary s Gravenhage Sociaal en Cultureel Planbureau Universiteit Utrecht
De dagelijkse dichtheid van het bestaan Paul Schnabel Rotary s Gravenhage Sociaal en Cultureel Planbureau Universiteit Utrecht Iedereen aan het werk Meer mensen - M. 80% - V. 55% Meer jaren - 61/62 jr.
De arbeidsmarktpositie van werknemers in 2006
Kantoor Den Haag Afdeling Concernbeleid Team Monitoring en Beleidsinformatie De arbeidsmarktpositie van werknemers in 2006 Een onderzoek naar de verschillen in beloning en mobiliteit tussen groepen werknemers
Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk
M201210 Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk Arjan Ruis Zoetermeer, september 2012 Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk De leeftijd van de ondernemer blijkt
SCHOLING IN CAO-AFSPRAKEN
AMSTERDAMS INSTITUUT VOOR ARBEIDSSTUDIES UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM SCHOLING IN CAO-AFSPRAKEN Onderzoek op basis van de Loonwijzer Kea Tijdens, AIAS, Universiteit van Amsterdam Maarten van Klaveren, STZ
Deeltijdwerken in het po, vo en mbo
Deeltijdwerken in het po, vo en mbo 1. Inleiding In Nederland wordt relatief veel in deeltijd gewerkt, vooral in de publieke sector. Deeltijdwerk komt met name voor onder vrouwen, maar ook steeds meer
Presentatie WAI database November 2012. Hoe ziet het werkvermogen van de Nederlandse werkende beroepsbevolking eruit?
Presentatie WAI database November 2012 Hoe ziet het werkvermogen van de Nederlandse werkende beroepsbevolking eruit? Over de data De WAI vragenlijsten worden afgenomen door verschillende WAI licentienemers
Gelijk loon voor gelijk werk?
12 1 Gelijk loon voor gelijk werk? Banen en lonen bij overheid en bedrijfsleven, 2010 Marleen Geerdinck Lydia Geijtenbeek Jamie Graham Nicol Sluiter Chantal Wagner Centraal Bureau voor de Statistiek Verklaring
Veranderingen in arbeidsparticipatie van gescheiden moeders
Veranderingen in arbeidsparticipatie van gescheiden moeders Suzanne Peek Gescheiden moeders stoppen twee keer zo vaak met werken dan niet gescheiden moeders. Ook beginnen ze vaker met werken. Wanneer er
Een halve eeuw arbeidsmarkt. 14 december 2018 Paul de Beer, Wieteke Conen
Een halve eeuw arbeidsmarkt 14 december 2018 Paul de Beer, Wieteke Conen Een veranderende arbeidsmarkt sluiten instituties nog wel aan? 2 Mogelijke hervorming: basisinkomen Gegarandeerd onvoorwaardelijk
Arbeidsdeelname van paren
Arbeidsdeelname van paren Johan van der Valk De combinatie van een voltijdbaan met een is het meest populair bij paren, met name bij paren boven de dertig. Ruim 4 procent van de paren combineerde in 24
Mantelzorgers op de arbeidsmarkt
ers op de arbeidsmarkt Jannes de Vries en Francis van der Mooren Een op de tien 25- tot 65-jarigen verleent zorg aan hun partner, een kind of een ouder. Vrouwen en 45- tot 55-jarigen zorgen vaker voor
Ouderschapsverlof. Ingrid Beckers en Clemens Siermann
Ouderschapsverlof Ingrid Beckers en Clemens Siermann Ruim een kwart van de werknemers in Nederland die in 24 recht hadden op ouderschapsverlof, hebben daarvan gebruik gemaakt. nemen veel vaker ouderschapsverlof
Inkomsten uit arbeid van vrouwen en hun partners
Inkomsten uit arbeid van vrouwen en hun s Karin Hagoort en Maaike Hersevoort In 24 verdienden samenwonende of gehuwde vrouwen van 25 tot 55 jaar ongeveer de helft van wat hun s verdienden. Naarmate het
Vrijwilligerswerk onder werkenden en niet-werkenden
Vrijwilligerswerk onder werkenden en niet-werkenden Koos Arts en Saskia te Riele In 29 deed ruim 22 procent van de volwassenen vrijwilligerswerk voor een organisatie of vereniging. Niet-werkenden deden
Burn-out: de rol van werk en zorg
Burn-out: de rol van werk en zorg Harry Bierings en Martine Mol Een op de acht werknemers had in 2011 burn-outklachten. Deze klachten blijken samen te hangen met diverse kenmerken van het werk. Hoge werkdruk
Burn-out: de rol van psychische werkbelasting
Burn-out: de rol van psychische werkbelasting Christianne Hupkens Ongeveer een op de tien werkenden heeft last van burnout klachten. Burn-out blijkt samen te hangen met diverse aspecten van psychische
De arbeidsmarktpositie van werknemers in 2004
Arbeidsinspectie Kantoor Den Haag Directie Concernbeleid Team Monitoring en Beleidsinformatie De arbeidsmarktpositie van werknemers in 2004 Een onderzoek naar de verschillen in beloning en mobiliteit tussen
Verandering van werkgever, beroep en lonen
Sociaaleconomische trends 213 Verandering van werkgever, beroep en lonen Marian Driessen Jannes de Vries december 213, 1 CBS Centraal Bureau voor de Statistiek Sociaaleconomische trends, december 213,
Jongeren op de arbeidsmarkt
Jongeren op de arbeidsmarkt Tanja Traag In 23 was 11 procent van alle jongeren werkloos. Jongeren die geen onderwijs meer volgen, hebben een andere positie op de arbeidsmarkt dan jongeren die wel een opleiding
Monitoring van arbeid door TNO:
Monitoring van arbeid door TNO: Waarom en wat levert het op? Peter Smulders & Seth van den Bossche Inhoud 1. Het monitoringwerk van TNO 2. Recente trends in arbeid, contractvormen en werktijden 3. Willen
Inkomen en de combinatie van arbeid en zorg
Inkomen en de combinatie van arbeid en zorg Jannes de Vries en Francis van der Mooren Voor het combineren van arbeid en zorg kunnen ouders gebruik maken van ouderschapsverlof en kinderopvang. Of werkende
Bedrijfsscholing: scholen voor de concurrent?
Onderwijs en opleiding Bedrijfsscholing: scholen voor de concurrent? Wolff, Ch. J. de, R. Luijkx en M.J.M. Kerkhofs (2002), Bedrijfsscholing en arbeidsmobiliteit, OSA A-186, Tilburg. Scholing van werknemers
Concurrentiebeding. Dataverzameling bij het LISS panel in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Dataverzameling bij het LISS panel in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid datum 18 december 2015 auteur(s) Maarten Streefkerk Suzan Elshout Boukje Cuelenaere versie 2.0 CentERdata,
Artikelen. Combinatie van zorg en werk: de invloed van baankenmerken. Saskia te Riele en Martijn Souren
Artikelen Combinatie van zorg en werk: de invloed van baankenmerken Saskia te Riele en Martijn Souren Moeders met jonge kinderen werken in Nederland voornamelijk in deeltijd. Door minder uren te werken,
Gebruik van kinderopvang
Gebruik van kinderopvang Saskia te Riele In zes van de tien gezinnen met kinderen onder de twaalf jaar hebben de ouders hun werk en de zorg voor hun kinderen zodanig georganiseerd dat er geen gebruik hoeft
Payrollkrachten. Een onderzoek naar kenmerken van payrollkrachten. Jena de Wit Peter Donker van Heel. 6 december 2011
Payrollkrachten Een onderzoek naar kenmerken van payrollkrachten Jena de Wit Peter Donker van Heel 6 december 2011 Vraagstelling: Bekendheid met payrolling Herkomst Persoonskenmerken Kenmerken payrollbaan
Uitstroomonderzoek. Doel en vraagstelling. Conclusie
Opdrachtgever UWV Uitstroomonderzoek Doel en vraagstelling Opdrachtnemer Heliview / W. van Baars Wat is de reden van uitstroom van personen die niet meer ingeschreven staan bij het UWV Werkbedrijf (waarvan
6,1. Praktische-opdracht door een scholier 1991 woorden 25 mei keer beoordeeld. Hoofdvraag:
Praktische-opdracht door een scholier 1991 woorden 25 mei 2004 6,1 123 keer beoordeeld Vak Economie Hoofdvraag: Wat is de relatie tussen jongeren, arbeid en geld? Deelvragen: 1. Hoeveel jongeren werken?
BAANZEKERHEID EN ONTSLAG DREIGING BIJ OUDERE WERKNEMERS
BAANZEKERHEID EN ONTSLAG DREIGING BIJ OUDERE WERKNEMERS Rapport van ILC Zorg voor later, Stichting Loonwijzer/WageIndicator, en Universiteit van Amsterdam/Amsterdams Instituut voor Arbeids Studies (AIAS)
De verdeling van arbeid en zorg tussen vaders en moeders
De verdeling van arbeid en zorg tussen vaders en moeders Marjolein Korvorst en Tanja Traag Het krijgen van kinderen dwingt ouders keuzes te maken over de combinatie van arbeid en zorg. In de meeste gezinnen
leeftijd 2004-2011 minder economisch zelfstandig dan mannen
Sociaaleconomische Economische trends Trends 2014 2013 en Werkloosheid al op jonge leeftijd 2004-2011 minder economisch Stromen en duren zelfstandig dan mannen Werkloosheidsduren op basis van de Enquête
LAAGGELETTERDHEID IN LEIDSCHENVEEN-YPENBURG
LAAGGELETTERDHEID IN LEIDSCHENVEEN-YPENBURG Uitgevoerd door: CINOP Advies Etil Kohnstamm Instituut Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), Maastricht University DEZE FACTSHEETRAPPORTAGE IS
Vrijwilligerswerk, mantelzorg en sociale contacten
Vrijwilligerswerk, mantelzorg en sociale contacten Gemeente s-hertogenbosch, afdeling Onderzoek & Statistiek, februari 2019 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Vrijwilligerswerk... 4 3. Mantelzorg... 8
Onderzoek ten behoeve van de evaluatie Waa en Woa
Onderzoek ten behoeve van de evaluatie Waa en Woa Tabellenboek Datum 13 november 2003 Kenmerk SZW012 MuConsult B.V. Postbus 2054 3800 CB Amersfoort Tel. 033 465 50 54 Fax 033 461 40 21 E-mail Internet
ROA Rapport. Nederland in leerstand ROA. Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt ROA Research Centre for Education and the Labour Market ROA
ROA Nederland in leerstand ROA Rapport ROA-R-2018/4 Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt ROA Research Centre for Education and the Labour Market ROA NEDERLAND IN LEERSTAND ROA-R-2018/4 Didier
CBS-berichten: Veranderingen in de arbeidsparticipatie in Nederland sinds 1970
CBS-berichten: Veranderingen in de arbeidsparticipatie in Nederland sinds 1970 Lian Kösters, Paul den Boer en Bob Lodder* Inleiding In dit artikel wordt de arbeidsparticipatie in Nederland tussen 1970
Een leven lang leren: deelname aan opleidingen, informeel leren en ervaren resultaten
Sociaaleconomische trends 2014 Een leven lang leren: deelname aan opleidingen, informeel leren en ervaren resultaten Astrid Pleijers Paul de Winden September 2014, 01 CBS Sociaaleconomische trends, September
ONDERZOEK JONGEREN EN FLEX FNV JONG
ONDERZOEK JONGEREN EN FLEX FNV JONG Streekproef Geslacht Leeftijd Heb je momenteel een baan in loondienst? n % man 138 45,7 vrouw 164 54,3 Total 302 100,0 n % 18-25 jaar 124 41,1 26-35 jaar 178 58,9 Total
Krappe markt remt flexibilisering
Krappe markt remt flexibilisering A uteur(s): Fouarge, D.J.A.G. (auteur) Kerkhofs, M.J.M. (auteur) Organisatie voor Strategisch Arbeidsmarktonderzoek. V erschenen in: ESB, 85e jaargang, nr. 4240, pagina
Arbeidsmarktanalyse Elektrotechnische detailhandel
Arbeidsmarktanalyse Elektrotechnische detailhandel Op hoofdlijnen Quickscan over 2018 Uitgevoerd door a-advies 2 Inhoud Blok 1: Kengetallen bedrijven Blok 2: Kengetallen werknemers Blok 3: Instroom van
Inkomen verklaard? Het inkomen van werknemers en zelfstandigen nader bekeken
Inkomen verklaard? Het inkomen van werknemers en zelfstandigen nader bekeken Linda Moonen In dit artikel is onderzocht welke factoren van invloed zijn op de hoogte van het inkomen uit betaald werk. Hierbij
Allochtone afgestudeerden van de lerarenopleiding
Allochtone afgestudeerden van de lerarenopleiding Secundaire analyses op de gegevens in de loopbaanmonitor Allochtone afgestudeerden van de lerarenopleiding Secundaire analyses op de gegevens in de loopbaanmonitor
Arbeidsmigratie en verschuivingen op de arbeidsmarkt
Arbeidsmigratie en verschuivingen op de arbeidsmarkt Uitkomsten kwantitatieve analyse 28 juni 2014 www.seo.nl - [email protected] - +31 20 525 1630 Inhoud 1. verschuiving in herkomst werknemers naar herkomst
