Welstandsnota HARDINXVELD GIESSENDAM. Mei 2013

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Welstandsnota HARDINXVELD GIESSENDAM. Mei 2013"

Transcriptie

1 Welstandsnota HARDINXVELD GIESSENDAM Mei 2013

2 OVERGANGSBEPALING Op een aanvraag om vergunning, ontheffing of toestemming anderszins, die is ingediend vóór het tijdstip waarop deze beleidsregels van kracht worden en waarop op genoemd tijdstip nog niet is beschikt, zijn de bepalingen van de Welstandsnota Hardinxveld-giessendam (in werking getreden op 1 juli 2004) van toepassing, zoals deze luidden vóór de vaststelling van de onderhavige beleidsregels, tenzij de aanvrager de wens te kennen geeft dat de onderhavige regels worden toegepast. Vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Hardinxveld- Giessendam, d.d. 30 mei 2013 Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 2

3 INHOUD Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten voor het beleid 5 Gebruik van de nota 5 Leeswijzer 6 Hoofdstuk 2 Welstand op hoofdlijnen Redelijke eisen van welstand 7 Gebieden en objecten 7 Landschap en bebouwing 7 Cultureel erfgoed 8 Grote projecten 10 Afwijkende plannen 11 Hoofdstuk 3 Welstandscriteria objecten Criteria objecten 13 Aanbouwen (object 1) 14 Bijgebouwen (object 2) 15 Kozijn- en gevelwijzigingen (object 3) 16 Dakkapellen (object 4) 17 Dakopbouw (object 5) 18 Dakramen, panelen en collectoren (object 6) 19 Erfafscheidingen (object 7) 20 Installaties (object 8) 21 Reclame (object 9) 22 Rolluiken (object 10) 24 Hoofdstuk 4 Welstandscriteria gebieden Gebiedsindeling en welstandsniveaus 25 Centrumlint Neder-Hardinxveld (gebied 1) 28 Centrumlint Boven-Hardinxveld (gebied 2) 30 Dorps dijklint (gebied 3) 32 Dorpslint (gebied 4) 34 Binnendams (gebied 5) 36 Parallelweg (gebied 6) 38 Landelijk dijklint (gebied 7) 40 Woongebieden: - Giessendam (gebied ) 42 - De Peulen (gebied ) 43 - Wielwijk (gebied 8c) 44 - Over t spoor (gebied 8d) 45 - Boven-Hardinxveld (gebied ) 46 - Criteria woongebieden (gebied /b/c/d/e) 47 Bedrijven, kantoren, instellingen (gebied 9) 48 Industrie (gebied 10) 50 Groen en parken (gebied 11) 52 Giessenzoom (gebied 12) 54 Landelijk gebied (gebied 13) 56 Bijlagen Begrippenlijst (1) 59 Algemene criteria (2) 65 Straatnamen (3) 69 Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 3

4 Stroomschema welstand Betreft uw bouwplan een vergunningplichtig bouwwerk en gelden er welstandscriteria? Sommige objecten zijn vergunningvrij en worden niet preventief aan redelijke eisen van welstand getoetst. Daarnaast zijn enkele gebieden welstandsvrij, zie hiervoor onder meer de niveaukaart. In andere gevallen EEN CULTUURHISTORISCH GEBOUW OF GEBIED monument beeldbepalend pand beschermd gezicht Criteria voor Erfgoed Hardinxveld-Giessendam heeft een rijke historie. Diverse panden zijn aangewezen als monument. Eventuele veranderingen aan deze gebouwen vragen om een zorgvuldige aanpak. Hiervoor staan aparte regels in hoofdstuk 2. In andere gevallen Ga verder met EEN OBJECT aanbouw bijgebouw kozijn- of gevelwijziging dakkapel dakopbouw erfafscheiding dakraam paneel of collector installatie rolluik reclame... Criteria voor veel voorkomende (bescheiden) objecten Binnen bepaalde grenzen zijn bepaalde objecten vergunningvrij. Deze vergunningvrije bouwwerken worden niet preventief getoetst, maar tegen eventuele excessen kan wel achteraf worden opgetreden. Informatie over vergunningvrij bouwen kunt u onder meer verkrijgen bij de gemeente en de rijksoverheid. Voor vergunningplichtige bouwwerken bij en wijzigingen van bestaande panden in gewone en bijzondere welstandsgebieden zijn in hoofdstuk 3 eenvoudige criteria opgenomen, waarmee snel uitsluitsel te geven is binnen welke grenzen het plan in ieder geval aan redelijke eisen van welstand voldoet. Plannen die niet passen binnen de criteria in dit hoofdstuk zijn niet per definitie in strijd met redelijke eisen van welstand. Of ze alsnog voldoen, wordt bezien aan de hand van bijvoorbeeld de gebiedscriteria of de algemene criteria. In andere gevallen EEN GROTER PLAN Een groter plan voor (ver)bouw dat past in de structuur en de architectuur van het betreffende gebied, zoals een (dijk)lint, woongebied, bedrijventerrein of het buitengebied Criteria voor grotere plannen Grotere plannen in gewone en bijzondere welstandsgebieden worden beoordeeld aan de hand van de criteria in hoofdstuk 4. Aan de hand van de bebouwingstypologie en beleving van de burger is de gemeente verdeeld in gebieden. Hiervoor zijn uitgangspunten en welstandscriteria opgesteld, waarmee de ontwerper rekening moet houden. In andere gevallen EEN AFWIJKEND PLAN Afwijkend van de gebiedsstructuur of architectuur Procedure voor afwijkende plannen Voor plannen die de bestaande structuur doorbreken of in hun architectuur afwijken van de omgeving kunnen de eerder genoemde criteria ontoereikend zijn. Soms kunnen deze plannen met de algemene criteria worden beoordeeld, in andere gevallen zal een nieuw welstandskader nodig zijn. Zie hiervoor de toelichting in hoofdstuk 2. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 4

5 INLEIDING Hoofdstuk 1 Hardinxveld-Giessendam heeft in 2004 een welstandsnota vastgesteld zoals aangegeven in de Woningwet. Hierin zijn beoordelingskaders opgenomen voor gebieden en objecten, die hun grondslag vinden in de samenhang van het bebouwingsbeeld, stedenbouwkundige kenmerken en landschappelijke structuren. Met de herziening van 2012 wil de gemeente het welstandsbeleid actualiseren en meer afstemmen op de beleving van de burger. Uitgangspunten voor het welstandsbeleid Doel van de welstandstoets is het behartigen van het publieke belang door de lokale overheid, waarbij de individuele vrijheid van de burger of ondernemer wordt afgewogen tegen het aanzien van hun omgeving als algemene waarde. Met de verschijningsvorm van een bouwwerk wordt iedere voorbijganger geconfronteerd. Het beleid is opgesteld vanuit de gedachte, dat welstand een bijdrage levert aan de totstandkoming en het beheer van een aantrekkelijke bebouwde omgeving. Doel van het welstandsbeleid is het welstandstoezicht helder onder woorden te brengen en op een effectieve en controleerbare wijze in te richten. Daarbij is het van belang aanvragers door middel van de welstandsnota van tevoren op de hoogte te stellen van de aspecten die een rol spelen bij de welstandsbeoordeling. Het welstandsbeleid geeft de gemeente de mogelijkheid om cultuurhistorische, stedenbouwkundige en architectonische waarden een rol te geven bij de ontwikkeling en beoordeling van bouwplannen. Evenwicht Hardinxveld-Giessendam zoekt naar een evenwicht tussen de bouwmogelijkheden voor burgers en bedrijven enerzijds en het aanzien van de gemeente anderzijds. In de dorpscentra en langs enkele beeldbepalende linten is een hoge beeldkwaliteit uitgangspunt en moet welstand bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit. Voor de meeste woongebieden en bedrijventerreinen wil de gemeente zich wat betreft welstand terughoudend opstellen en waar mogelijk ruimte laten voor particulier initiatief. Hierbij zal de voor-achterkant benadering toegepast worden, waarbij bouwplannen aan achterkanten in beginsel niet preventief worden getoetst. In beginsel worden alle overige plannen wel preventief getoetst op welstand. Wat betreft vergunningvrij bouwen wordt aangesloten op de mogelijkheden die het Rijk biedt. Gebruik van de nota De welstandsnota is niet bedoeld als leesboek, maar opgesteld als een naslagwerk. De nota bevat verschillende beoordelingskaders. De verschillende hoofdstukken bevatten de criteria, die de gemeente hanteert bij de beoordeling van bouwplannen. Wie wil weten welke criteria op een aanvraag van toepassing zijn, doorloopt het hiernaast afgebeelde stroomschema. Bij twijfel is het verstandig bij de gemeente inlichtingen te winnen over de interpretatie van de welstandsnota in het licht van het beoogde plan. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 5

6 Hoofdstuk 1 Leeswijzer Hoofdstuk 2 bevat de hoofdlijnen van welstand met daarin een algemene toelichting op welstand. Daarnaast bevat het een korte beschrijving van de ruimtelijke opbouw van de gemeente en een samenvatting van het ruimtelijk beleid als basis voor de nota. Hierop volgend zijn uitgangspunten opgenomen voor de beoordeling van bouwplannen aan of bij monumenten en ander erfgoed en een toelichting op de procedure voor afwijkende plannen. De nota is in hoofdzaak geschreven voor het beheer van bestaande gebieden, plannen die de bestaande structuur of architectuur doorbreken zullen op een andere wijze beoordeeld worden. Dit kan vooraf op basis van bijvoorbeeld een stedenbouwkundig plan of beeldkwaliteitsplan danwel op basis van de algemene criteria, die de regels zijn van het architectonische vakmanschap en gelden als uitgangspunt voor iedere welstandsbeoordeling. Achteraf kan een plan beoordeeld worden aan de hand van de excessenregeling, waarin criteria staan voor bouwwerken en andere vergunningplichtige activiteiten die zonder vergunning of in afwijking van een vergunning zijn gerealiseerd, maar zo onder de maat zijn dat zij als exces moeten worden gezien. Met behulp van deze criteria kan de gemeente achteraf optreden tegen misstanden. Hoofdstuk 3 bevat criteria voor veel voorkomende objecten als dakkapellen en bijgebouwen. In hoofdstuk 4 wordt voor de gebieden in de gemeente aangegeven op welke wijze het architectonische vakmanschap zou moeten worden ingevuld. De beschrijvingen en criteria geven aan welke eigenschappen wenselijk zijn en dienen als agenda voor de beoordeling door de commissie. In de bijlagen zijn onder meer een begrippenlijst, de tekst van de algemene criteria en een register van straatnamen met een verwijzing naar de betreffende gebiedsbeschrijving(en) opgenomen. De in de nota opgenomen foto s zijn te zien als illustratie bij de gebiedsbeschrijving (dus niet als afbeelding van de gewenste eigenschappen). Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 6

7 WELSTAND OP HOOFDLIJNEN Hoofdstuk 2 Dit hoofdstuk beschrijft de grondslag voor de welstandsnota. Deze is onderdeel van het ruimtelijk kwaliteitsbeleid van de gemeente, waarvan ook bestemmingsplannen en cultuurhistorie deel uitmaken. Dit hoofdstuk begint met de basisbeginselen van welstand. Daarna volgen een beschrijving van de ruimtelijke opbouw en het bebouwingsbeeld van de gemeente. Hiermee is het startpunt van de welstandsnota bepaald. Daarna volgen de algemene criteria, de excessenregeling en toelichting op de te volgen procedure bij grote bouwplannen die afwijken van de gangbare structuur. Monumenten en cultuurhistorie maken eveneens deel uit van de randvoorwaarden voor welstand. Redelijke eisen van welstand Volgens de Woningwet moet een plan voldoen aan redelijke eisen van welstand. Deze eisen betreffen het bouwwerk op zichzelf en in zijn omgeving. In deze nota is dit vertaald in een nadruk op de beleving van de bebouwing vanuit de openbare ruimte en het landschap. Bouwdelen in het zicht zijn belangrijker voor het algemeen belang dan bouwdelen die aan het oog onttrokken zijn. De gemeente heeft in het welstandsbeleid met name het algemeen belang op het oog. De gemeente hanteert beoordelingskaders, waarin deze aspecten zijn verwerkt in beschrijvingen en criteria. Daarbij wordt onder meer de invloed van een plan op het straatbeeld en het aanzien van de gemeente als geheel gewogen. Voor een zijstraat in het woongebied gelden andere criteria dan voor een ingrijpende verbouwing van een monumentale kerk of een nieuw te bouwen woning aan het lint. Naarmate een plan meer invloed heeft op de identiteit van de gemeente zullen er meer aspecten worden betrokken bij de beoordeling en zal er zorgvuldiger worden gewogen. Daarnaast moet worden bekeken of het een omgeving betreft, die vooral moet worden beheerd of een omgeving die aan verandering onderhevig is. Gebieden en objecten De welstandsnota maakt onderscheid in gebieden en objecten. Met de nieuwe nota is het aantal gebieden en objecten sterk gereduceerd. De gebieden vormen de kern van het welstandsbeleid. De gemeente is verdeeld in gebieden met een eigen identiteit zoals linten, woonwijken en bedrijventerreinen. Van deze gebieden is het ruimtelijk en architectonisch beeld beschreven gevolgd door een waardering en een verwachting over eventuele veranderingen. Deze bepalen de uitgangspunten voor de welstandstoets. De welstandscriteria zijn te zien als een uitwerking van de algemene criteria en beschrijven de voor een bouwplan gewenste eigenschappen. Net als te onderscheiden gebieden zijn er bescheiden objecten, die zich lenen voor vereenvoudigde toetsing. Voorbeelden daarvan zijn bijgebouwen bij en dakkapellen op een woning. Voor dit soort plannen zijn zo eenduidig en meetbaar mogelijke criteria opgenomen, die de planindiener vooraf een grote mate van duidelijkheid geven over de uitkomst van de toetsing. Landschap en bebouwing Hardinxveld-Giessendam ligt tussen Sliedrecht en Gorinchem en is enerzijds gelegen aan de Merwede en anderzijds aan de rand van het Groene Hart. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 7

8 Hoofdstuk 2 Landschap Hardinxveld-Giessendam ligt aan de rand van het Groene Hart. De Merwede en de Giessen zijn de historische structuurdragers van de gemeente. Deze zijn in de loop der tijd aangevuld met grootschalige andere structuren als het Kanaal van Steenenhoek, de snelweg A15, MerwedeLingelijn en Betuwelijn. Het poldergebied ten noorden van de MerwedeLingelijn heeft moderne bebouwing waaronder een enkele ruilverkavelingsboerderij. Ten zuiden van de spoorlijn speelt het veenlandschap een kleinere rol. Kernen De gemeente bestaat uit de kernen Hardinxveld-Giessendam en Boven- Hardinxveld. De bebouwingslinten van Giessendam en Neder-Hardinxveld zijn ter plaatse van de Damsluis aan elkaar gegroeid. De lintbebouwing is richting dit centrale punt steeds meer aaneengesloten. Boven-Hardinxveld is ontstaan door verdichting van een dijklint langs de Merwede. Vanaf het begin van de twintigste eeuw heeft de industriële ontwikkeling doorgezet, waarbij met name de buitendijkse scheepsbouw herkenbaar is. Deze ontwikkeling bracht ook de bouw van arbeiderswoningen met zich mee. In de tweede helft van de twintigste eeuw zijn de kernen uitgebreid met grootschaligere woongebieden en binnendijkse woongebieden. Cultureel erfgoed Het cultureel erfgoed van Hardinxveld-Giessendam bestaat onder andere uit 11 Rijksmonumenten en 36 gemeentelijke monumenten. Dit erfgoed is divers, waarbij het agrarische erfgoed het meest kenmerkend is. Het is de wens van de gemeente dit erfgoed te koesteren. Waarde Van belang voor cultureel erfgoed is allereerst de waarde van het object op zich. Elk pand of bouwwerk heeft een eigen architectuur en daarmee wat betreft de vormgeving een eigen logica. Daarnaast is er veelal sprake van ensemblewaarde, die voor (voormalige) boerderijen een andere logica heeft dan voor een kerk met pastorie of de bebouwing op een landgoed. Om recht te doen aan de bijzondere waarde stelt de gemeente aanvullende eisen aan plannen binnen de invloedssfeer van cultureel erfgoed. De gemeente wenst de ontwikkeling in beginsel te beperken tot het versterken of herstellen van historisch wenselijke eigenschappen danwel het faciliteren van nieuw gebruik met als doel het behoud van de panden. Aanpassingen betreffen in de regel kleine wijzigingen, die het aanzien van de gebouwen niet schaden zoals bescheiden dakkapellen aan de achterzijde of bijgebouwen uit het zicht vanuit de openbare ruimte. Ingrijpende wijzigingen zijn uitzonderingen, die in de regel zorgvuldig en terughoudend in het bestaande beeld moeten worden ingepast. De gemeente zet in op behoud danwel versterking van het cultuurhistorisch karakter van de gebouwen, waarbij voor kleine wijzigingen een gelijke architectuur uitgangspunt is maar voor grotere wijzigingen een meer eigentijdse architectuur eveneens passend kan zijn. Hardinxveld-Giessendam heeft diverse historisch waardevolle gebouwtypen. De benadering van cultureel erfgoed is vooral maatwerk. Wel zijn er specifieke typen bouwwerken te onderscheiden, die kenmerkend zijn voor de gemeente. In Hardinxveld-Giessendam zijn met name de boerderijen karakteristiek. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 8

9 Hoofdstuk 2 Agrarisch erfgoed Oude boerderijen maken deel uit van linten en liggen meestal aan de weg. De bebouwing bestaat vaak uit een hoofdgebouw en iets teruggelegen bijgebouwen als stallen, schuren en hooibergen. Het hoofdgebouw is soms onderverdeeld in een woon- en een bedrijfsdeel en meestal voorzien van een plint, een begane grond en een laag met een kap, die meestal de vorm van een samengestelde kap of een zadeldak met eventueel een wolfseind. De veelal representatieve kop- of langsgevel van het woondeel heeft vaak een symmetrische indeling met hoge ramen. De overige ramen van de zijgevels zijn meestal kleiner. De boerderijen hebben een zorgvuldige en rijke detaillering. De gevels zijn veelal opgebouwd uit een bruine of gele baksteen en een enkele keer wit gepleisterd. Daken zijn merendeels afgedekt met keramische pannen. De overwegend houten kozijnen zijn meestal geschilderd in een lichte kleur, net als de meeste andere houten elementen als de windveer. Het raamhout is vaak juist in een donkere kleur geschilderd. De bijgebouwen zoals de stallen en schuren hebben een met het hoofdgebouw vergelijkbaar hoofdvolume, maar zijn in architectuur en detaillering soberder. De boerderijen met erfbeplanting en bijgebouwen, zijn kenmerkend voor de linten en bepalen mede het cultuurhistorisch waardevolle beeld. De structuur van het gebouw alsmede de erfinrichting zijn van belang. Uitgangspunten Bij de beoordeling van kleinere wijzigingen aan of in de invloedssfeer van erfgoed zal de commissie onder meer de inpassing daarvan in de ordening op het erf en het karakter van het pand bezien waarbij onder meer aandacht zal worden geschonken aan de architectonische uitwerking met inbegrip van materiaal- en kleurgebruik. Bij de beoordeling van eventuele grotere wijzigingen zal de commissie met name aandacht schenken aan een grote mate van terughoudendheid met een nadruk op de plaatsing ten opzichte van enerzijds de openbare ruime met inbegrip van het landschap en anderzijds het object of ensemble op zich, een terughoudende vormgeving met inbegrip van materiaal- en kleurgebruik. Zonder wijzigingen en nieuwbouw onmogelijk te maken, heeft herstel van historisch wenselijke eigenschappen prioriteit. Omdat cultureel erfgoed vraagt om een specifieke benadering zal bij de beoordeling eveneens kunnen worden teruggegrepen op het vakmanschap van de ontwerper zoals bedoeld en beschreven in de algemene criteria. Bij aanpassingen aan of in de directe nabijheid van cultureel erfgoed gelden de volgende algemene uitgangspunten: wijzigingen spelen in beginsel een ondergeschikte rol in het aanzien van het object en zijn in stijl, maat, schaal en detaillering zorgvuldig afgestemd op (cultuurhistorische delen van) het object bij aanpassingen blijft de hoofdvorm van het gebouw duidelijk herkenbaar het zicht op het monumenten of beeldbepalend panden vrij laten Voor aanpassingen binnen de invloedssfeer van monumenten wordt ook een monumentenadvies gevraagd. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 9

10 Hoofdstuk 2 Grote projecten Ook nieuwbouwplannen en herontwikkelingsprojecten vereisen een bijzondere inzet. De welstandsnota bevat echter geen welstandscriteria voor grotere (her)ontwikkelingsprojecten die de bestaande ruimtelijke structuur en karakteristiek doorbreken. Dit is het geval indien sprake is van een functiewijziging ten opzichte van de gebiedenkaart uit hoofdstuk 4, zoals bijvoorbeeld nieuwe woon- en werkgebieden in agrarisch gebied, waarbij de gebiedsgerichte welstandscriteria voor het betreffende gebied niet toereikend zijn voor een goede beoordeling. Dergelijke welstandscriteria kunnen niet worden opgesteld zonder dat er een concreet stedenbouwkundig plan, bijvoorbeeld in de vorm van een beeldkwaliteitplan, aan ten grondslag ligt. Het opstellen van welstandscriteria voor (her)ontwikkelingsprojecten kan een onderdeel zijn van de stedenbouwkundige planvoorbereiding. De criteria worden in dat geval opgesteld door de gemeente of in overleg met de commissie. De gemeenteraad stelt de welstandscriteria vervolgens vast ter aanvulling op de welstandsnota, waarbij de inspraak gekoppeld kan worden aan de inspraakregeling bij de stedenbouwkundige planvoorbereiding. Ruimtelijk kwaliteitsbeleid Er zijn verschillende gebieden en locaties, waarvoor de gemeente gebruik maakt van bovengenoemde stedenbouwkundige plannen of beeldkwaliteitplannen om sturing te geven aan veranderingen. Structuurvisie Hardinxveld-Giessendam, 2005 In de structuurvisie is de gewenste ruimtelijke en functionele hoofdstructuur van Hardinxveld-Giessendam tot 2015 en met een doorkijk naar 2020 beschreven. De visie is een richtinggevend document om ontwikkelingen te plaatsen in het grotere geheel. De gemeente kiest voor een progressief beleid dat zowel op optimalisatie, functiemenging en vernieuwing in bestaand gebied als op kwaliteit is gericht. Een hoge integrale kwaliteit wordt onder andere in meervoudig ruimtegebruik gezocht. In de visie zijn aangewezen (binnenstedelijke) herstructureringsgebieden, iets grotere transformatiegebieden en overige aandachtsgebieden waar de specifieke situatie om extra aandacht kan vragen. Bestemmingsplannen In diverse bestemmingsplannen, zoals Wielwijk, is of wordt in de nabije toekomst een koppeling gemaakt tussen bestemmingsplanregels en het welstandsbeleid. Ter plaatse van de gebieden met een bijzonder of een plus niveau is in deze bestemmingsplannen een aanduiding opgenomen waar aanvullende regels voor gelden. De regels hebben betrekking op de goot- en bouwhoogte, doorzichten op de Giessen en het slopen van bouwwerken. Afwijkende plannen De criteria voor gebieden en objecten gaan uit van de aanwezige kwaliteit en geven richtlijnen voor veranderingen, die redelijkerwijs passen in hun omgeving. Het kan voorkomen, dat een bouwwerk of een plan afwijkt van zijn omgeving. In dat geval kan er gebruik worden gemaakt van de criteria voor excessen of van de algemene criteria. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 10

11 Hoofdstuk 2 Excessen Ook plannen die niet preventief worden getoetst moeten passen in het beeld van de gemeente. Van een exces is sprake als het uiterlijk van een bouwwerk sterk afwijkt van en afbreuk doet aan de omgeving. Dat kan het geval zijn bij bouwwerken waarvoor vanuit het Rijk is besloten de vergunningsplicht te laten vervallen (vergunningvrij bouwen), maar ook bij bouwwerken waarvoor het welstandsbeleid eigen initiatief van de burger mogelijk maakt (vergunningplichtige bouwwerken die niet preventief op welstand worden getoetst). De burger heeft in deze gevallen vrijheid, maar moet rekening houden met zijn omgeving. Het plan moet passen in de structuur en architectuur van het gebied. In welstandsvrije gebieden is het niet mogelijk om de excessenregeling toe te passen. Vrij is vrij. De initiatiefnemer zal in alle welstandsplichtige gebieden redelijkerwijs moeten aansluiten op wat in de omgeving gebruikelijk is (uitgezonderd bouwwerken in gebieden, die expliciet als welstandsvrij zijn aangewezen). Daarbij geldt, dat er eerder sprake is van strijdigheid naarmate een bouwwerk meer zichtbaar is vanuit de openbare ruimte. Een aanbouw aan de achterzijde van een woning in een bouwblok is minder van invloed op het aanzien van de gemeente dan een aanbouw aan de zijgevel van een vrijstaande woning aan een doorgaande route. Ook is er eerder sprake van een exces bij cultureel erfgoed. Volgens de wet moeten de criteria voor het beoordelen op excessen in de welstandsnota zijn opgenomen. De hier opgenomen criteria zijn niet bedoeld om de plaatsing van een bouwwerk tegen te gaan. De gemeente hanteert bij het toepassen van deze excessenregeling het criterium, dat er sprake moet zijn van een buitensporigheid in het uiterlijk die ook voor niet-deskundigen evident is en die afbreuk doet aan de ruimtelijke kwaliteit van een gebied. Vaak heeft dit betrekking op: Het visueel of fysiek afsluiten van een bouwwerk voor zijn omgeving De plaatsing van een schuur of hoge schutting voor de voorgevel of het dichttimmeren van gevelopeningen kan het zicht op een bouwwerk hinderen. Het ontkennen of vernietigen van architectonische bijzonderheden Aanpassingen aan een bouwwerk kunnen de architectonische bijzonderheden van een pand zodanig beschadigen dat het in strijd is met redelijke eisen van welstand. Een toegevoegd wezensvreemd element dat de architectuur van een pand ontkent, kan het oorspronkelijk karakter van een bouwwerk (deels) teniet doen, net als achterstallig onderhoud aan de buitenzijde van een bouwwerk. Van een andere orde zijn bouwwerken die door een calamiteit geheel of gedeeltelijk onherstelbaar zijn beschadigd. Het in stand laten van dit soort objecten kan een exces zijn. Armoedig materiaalgebruik Omdat materialen die niet geschikt zijn als bouwmateriaal kunnen leiden tot een armoedige en ook gevaarlijke situaties, kan de gemeente op basis van welstand verlangen dat een ander materiaal wordt gebruikt. Felle of contrasterende kleuren Het toepassen van felle kleuren of kleuren die contrasteren met de directe omgeving, kan leiden tot een onrustig beeld en is daarom welstandshalve ongewenst. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 11

12 Hoofdstuk 2 Te opdringerige reclames Een veelheid of hinderlijk in het oog springende reclame kan een exces zijn. Of er daadwerkelijk sprake is van een exces is onder andere afhankelijk van de ligging en de omvang van het gebouw. Een te grove inbreuk op wat in de omgeving gebruikelijk is Een gevel kan door een veelvoud van kleine toegevoegde elementen te veel uit de toon vallen. Daarnaast kunnen een of meerdere nieuwe gebouwen de samenhang in een gebied verstoren doordat de kenmerken hiervan teveel afwijken van wat gebruikelijk is. Aan de hand van de gebiedsgerichte welstandscriteria kan bekeken worden wat redelijkerwijs verwacht kan worden van een nieuw gebouw. Voor de soepele en minimale welstandsgebieden zijn deze criteria wat grover gesteld en in de bijzondere gebieden juist wat preciezer. Bij de beoordeling of een object al dan niet een exces is, wordt hiermee rekening gehouden. Algemene criteria De algemene welstandscriteria richten zich op het vakmanschap. In bijzondere situaties wanneer de gebiedsgerichte en de objectgerichte welstandscriteria ontoereikend zijn, kan het nodig zijn expliciet terug te grijpen op de algemene welstandscriteria. Dit kan het geval zijn als een bouwplan past binnen de criteria voor objecten of gebieden en toch duidelijk onder de maat blijft of als het afwijkt van de omgeving maar door bijzondere schoonheid wél aan redelijke eisen van welstand voldoet. De algemene criteria zijn opgenomen in bijlage 2 en doen een uitspraak over: Relatie tussen vorm, gebruik en constructie Relatie tussen bouwwerk en omgeving Betekenissen van vormen in sociaal-culturele context Evenwicht tussen helderheid en complexiteit Schaal en maatverhoudingen Materiaal, textuur, kleur en lichtval Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 12

13 WELSTANDSCRITERIA OBJECTEN Hoofdstuk 3 De gemeente streeft ernaar veel voorkomende kleine objecten snel te beoordelen om zo de burger tegemoet te komen. Het gaat daarbij om relatief eenvoudige en meetbare criteria, die de planindiener vooraf zo veel mogelijk duidelijkheid te geven. Deze criteria zijn opgesteld voor aanbouwen, bijgebouwen, kozijn- en gevelwijzigingen, dakkapellen, dakopbouwen, dakramen panelen en collectoren, erfafscheidingen, installaties, reclame en rolluiken. Vergunning De bovengenoemde bouwwerken zijn deels vergunningvrij binnen bepaalde randvoorwaarden. Dat betekent dat een deel van deze plannen (met name aan achterkanten) niet vooraf wordt getoetst aan redelijke eisen van welstand. Als een bouwwerk niet vergunningvrij is, moet een vergunning worden aangevraagd en is een welstandstoets nodig (tenzij het een plan in welstandsvrij gebied betreft). In dit geval treedt het bestemmingsplan in eerste instantie regelend op voor wat betreft rooilijnen en maximale afmetingen. Als het bestemmingsplan geen bezwaar oplevert, wordt het bouwplan getoetst aan de criteria voor kleine plannen. Voldoet het bouwplan niet aan deze criteria of is er sprake van een bijzondere situatie waarbij twijfel bestaat aan de toepasbaarheid van de criteria, dan wordt bij de beoordeling van het bouwplan tevens gebruik maakt van de gebiedsgerichte, objectgerichte en algemene welstandscriteria. Herhalingsplan Een herhalingsplan is een plan, dat in vergelijkbare situaties als uitgangspunt gehanteerd kan worden. Ook als deze enigszins afwijkt van de criteria op de volgende bladzijden. Niet ieder bouwwerk is automatisch een herhalingsplan. Een eerder op dezelfde woning of hetzelfde bouwblok goedgekeurd plan is dit in de regel wel. Ook een oorspronkelijke optie voldoet aan redelijke eisen van welstand. Een herhalingsplan is van toepassing op een bouwblok, cluster of een groter gebied. Voor- en achterkant Bij de criteria is er onderscheid in de voor- en de achterkant van bouwwerken. Onder voorkant wordt ten eerste verstaan het voorerf, de voorgevel en het dakvlak aan de voorzijde van een gebouw en ten tweede het zijerf, de zijgevel en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voor zover die zijde (zijdelings) gekeerd is naar openbaar toegankelijk gebied. Onder achterkant wordt ten eerste verstaan het achtererf, de achtergevel en het dakvlak aan de achterzijde van een gebouw en ten tweede het zijerf, de zijgevel en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voor zover die zijde (zijdelings) niet gekeerd is naar openbaar toegankelijk gebied. Erf bebouwing achterkant voorkant Openbaar toegankelijk gebied weg stoep en achterpad groen water welstandsvrije zone Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 13

14 Aanbouwen Object 1 Een aanbouw is een grondgebonden toevoeging van één bouwlaag aan een gebouw zoals een erker, serre, uitbouw of garage. Het bestemmingsplan treedt in eerste instantie regelend op voor wat betreft de rooilijnen en maximale afmetingen. Beoordeling Een aanbouw voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Goed geplaatste aanbouw in passende vormgeving, materialen en kleuren Criteria Aanbouwen worden beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen de aanbouw is een ondergeschikte toevoeging aan het hoofdgebouw aanbouw direct tegen de hoofdmassa plaatsen of bestaande aanbouw in identieke vormgeving vergroten de aanbouw voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied plaatsing en aantal minstens 1,00 m achter de voorgevellijn of uitvoeren als erker hoogstens één aanbouw per gevel overkappingen en carports tegen het hoofd- of bijgebouw plaatsen maatvoering hoogte maximaal 0,30 m boven de eerste bouwlaag en aan voorkanten minstens 0,50 m onder de dakvoet aan voorgevels diepte hoogstens 1,00 m en breedte tot 2/3 van de oorspronkelijke gevel met een maximum van 4,00 m oppervlak tot hoogstens 50% van het oorspronkelijke zij- of achtererf vormgeving vormgeven in één bouwlaag met een rechthoekige plattegrond of uitvoeren als erker met afgeschuinde hoeken gevelgeleding van gevels die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg afstemmen op bestaande woning plat afdekken of aan achterkanten met een kap in vergelijkbare uitvoering als het dak van het hoofdgebouw of als een flauw hellend glazen serredak overkapping of carport minimaal aan twee zijden open ingetogen detaillering met bescheiden ornamenten, boeiboorden en overstekken materiaal en kleur materialen en kleuren zoveel mogelijk afstemmen op het hoofdgebouw met uitzondering van serres bij tussenwoningen een eenvormige overgang toepassen door bijvoorbeeld een gemetselde muur op de erfgrens (muurdam) of een scheidende penant Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 14

15 Bijgebouwen Object 2 Een bijgebouw is een grondgebonden bouwwerk van in beginsel één bouwlaag met of zonder kap los van het hoofdgebouw, zoals een garage, schuur of overkapping. Het bestemmingsplan treedt in eerste instantie regelend op voor wat betreft rooilijnen en maximale afmetingen. Beoordeling Een bijgebouw voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Goed geplaatst bijgebouw in passende vormgeving, materialen en kleuren Criteria Een bijgebouw wordt beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen het bijgebouw voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied plaatsing en aantal minstens 1,00 m achter de voorgevellijn afstand tot de perceelsgrens minstens 1,00 m of integreren in erfafscheiding bijgebouwen staan op het oog vrij hoogstens twee bijgebouwen op het gehele erf maatvoering goothoogte maximaal 3,00 m aan achterkanten eventueel uitvoeren met kap en een nokhoogte tot 6,00 m vormgeving vormgeven in één bouwlaag met een rechthoekige plattegrond plat afdekken, met een kap in vergelijkbare uitvoering als het dak van het hoofdgebouw of een flauw hellend glazen kassendak overkapping of carport minimaal aan twee zijden open ingetogen detaillering met bescheiden ornamenten, boeiboorden en overstekken materiaal en kleur materialen en kleuren afstemmen op hoofdgebouw of tuinkarakter (bij voorkeur metselwerk en hout of voor kassen glas) bij integratie in erfafscheiding materialen en kleuren gelijk aan deze erfafscheiding Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 15

16 Kozijn- of gevelwijzingen Object 3 Van een kozijn- of gevelwijziging is sprake bij het veranderen of verplaatsen van een kozijn, kozijninvulling, luik of gevelpaneel. Ook gevelverhogingen vallen in deze categorie. De opbouw en indeling van de gevel is een belangrijk onderdeel van de architectonische vormgeving van het gebouw en het aanzicht van de straat. Beoordeling Een kozijn- of gevelwijziging voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Bestaande indeling gerespecteerd bij wijziging Criteria Een kozijn- of gevelwijziging wordt beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen de kozijn- of gevelwijziging voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied plaatsing gevelverhogingen in beginsel aan achterkanten plaatsen Gevelverhoging in materiaal en kleur afstemmen op het hoofdgebouw maatvoering bij kozijnen en ramen oorspronkelijke hoofdindeling behouden vormgeving samenhang en ritmiek van straatwanden behouden g evelwijziging in overeenstemming met de architectuur en het tijdsbeeld van de oorspronkelijke gevel, indeling en detaillering gevelopeningen grotendeels invullen met glas (niet blinderen met panelen, schilderwerk en dergelijke) materiaal en kleur materialen en kleuren overeenkomstig met of gelijkend op die van het hoofdgebouw, gevelverhogingen afstemmen op het hoofdgebouw Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 16

17 Dakkapellen Object 4 Een dakkapel is een bescheiden uitbouw in de kap. Dakkapellen kunnen bepalend zijn voor het straatbeeld. Dakkapellen moeten een ondergeschikte toevoeging zijn aan een dakvlak. Bij meerdere dakkapellen op één doorgaand dakvlak streeft de gemeente naar een herhaling van uniforme exemplaren en een regelmatige rangschikking op een horizontale lijn. Beoordeling Een dakkapel voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Dakkapel niet op een wolfseind plaatsen Criteria Een dakkapel wordt beoordeeld aan de hand van de volgende criteria: algemeen de dakkapel is gelijkvormig aan eerder geplaatste dakkapellen op het betreffende dakvlak van het bouwblok, mits deze een positieve welstandsbeoordeling hebben gehad de dakkapel is een ondergeschikte toevoeging aan een gebouw (dus niet plaatsen op een wolfseind) de dakkapel voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied Bij schilddaken de kleinste afstand hanteren voor de plaatsing in het dakvlak aantal en plaatsing dakkapellen in hetzelfde bouwblok regelmatig rangschikken op horizontale lijn aan een voorkant per woning hoogstens één dakkapel op een dakvlak minstens 0,50 m boven en aan weerszijden van de dakkapel tussen 0,50 m en 1,00 m dakvlak onder de dakkapel aan achterkanten minstens 1,00 m tussen twee dakkapellen in een mansardekap in onderste dakvlak plaatsen en aansluiten op de knik Dakkapel in mansardekap in onderste dakvlak plaatsen en aansluiten op knik maatvoering aan een voorkant breedte in totaal hoogstens 50% van het dakvlak met een maximum van 3,50 m goothoogte aan een voorkant maximaal 1,50 m en aan een achterkant 1,75 m aangekapte dakkapel is in totaal maximaal 50% van de hoogte van het dakvlak vormgeving plat afdekken of aan achterkanten met een kap van minstens 25 graden gevelgeleding zoveel mogelijk gelijk aan de gevelgeleding van hoofdgebouw ingetogen detaillering met bescheiden ornamenten, boeiboorden en overstekken materiaal en kleur materialen en kleuren zoveel mogelijk afstemmen op het hoofdgebouw glas voert de boventoon in het voorvlak zijwangen donker, wit of in de kleur van het dakvlak danwel uitvoeren in zink kap aangekapte dakkapel gelijk uitvoeren als de kap van het hoofdgebouw Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 17

18 Dakopbouwen Object 5 Een dakopbouw wordt op een gebouw geplaatst, waarbij een nieuwe ruimte ontstaat of een bestaande ruimte wordt vergroot. Doel van een dakopbouw is de lichttoetreding te verbeteren en het bruikbaar woonoppervlak te vergroten. Bij meerdere dakopbouwen op één doorgaand dakvlak streeft de gemeente naar een herhaling van uniforme exemplaren en een regelmatige rangschikking op een horizontale lijn. Beoordeling Een dakopbouw voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, zoals bij plaatsing in een zijdakvlak, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Criteria Dakopbouwen worden beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen het hoofdgebouw heeft minstens twee bouwlagen en een plat dak of een symmetrisch zadeldak van maximaal één verdieping hoog de dakopbouw is gelijk georiënteerd als en gelijkvormig aan eerder geplaatste dakopbouwen op het betreffende dakvlak van het bouwblok, mits deze een positieve welstandsbeoordeling hebben gehad de dakopbouw voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied aantal en plaatsing hoogstens één dakopbouw per woning regelmatig rangschikken op horizontale lijn op zadeldaken: - alleen enkelzijdige nokverhogingen aan achterkanten - onderkant kozijn direct aansluiten op het dakvlak maatvoering op een zadeldak: - de stahoogte in de bestaande ruimte is tussen de 2,00 m en de 2,50 m - goot nokverhoging gelijk aan de daknok of lager, hellingshoek gelijk aan dak - kozijn tussen 0,90 en 1,20 m hoog hoogte op een plat dak, gemeten vanaf het oorspronkelijke dak: - totale hoogte platte dakopbouw maximaal 3,30 m - goothoogte dakopbouw met kap maximaal 2,00 m en nokhoogte tot 5,00 m vormgeving, materiaal en kleur bij een dakopbouw in de vorm van een nokverhoging: stijl, afwerking, materiaal en kleur gelijk aan hoofdgebouw overige dakopbouwen in stijl, afwerking, materiaal en kleur afstemmen op het hoofdgebouw Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 18

19 Dakramen, panelen en collectoren Object 6 Dakramen zijn toevoegingen aan een dakvlak, die in het straatbeeld niet snel zullen storen en die mede daarom in veel gevallen vergunningvrij zijn. Ze kunnen met gemak zo worden aangebracht, dat de hoofdvorm van het dakvlak behouden blijft en dakbedekking rondom aanwezig is. Het plaatsen ervan mag niet ten koste gaan van de eenheid van het dakvlak. Zonnepanelen en -collectoren zijn veelal nadrukkelijker aanwezig in het straatbeeld en vanuit welstandsoverwegingen minder wenselijk. Vanuit andere overwegingen is vergunningvrij echter zeer veel mogelijk, waardoor de criteria in de praktijk veelal in voorlichtende zin zullen worden gebruikt. Beoordeling Een dakraam, paneel of collector voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Criteria Dakramen, panelen en collectoren worden beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen het dakraam, paneel of de collector voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied plaatsing alleen op daken (dus niet aan gevels en wanden) op schuine daken vlak aanbrengen binnen het dakvlak en met de hellingshoek gelijk aan die van het dakvlak minstens 0,50 m dakvlak boven, onder en aan weerszijden van het dakraam op platte daken afstand tot de dakrand ten minste gelijk aan de hoogte van het paneel of de collector meerdere dakramen, panelen en collectoren regelmatig rangschikken op horizontale of verticale lijn Op schuine daken is de hellingshoek gelijk aan die van het dakvlak Meerdere dakramen regelmatig rangschikken op horizontale lijn 45o 45o Zonnepanelen op platte daken plaatsen binnen het vlak van de 45 graden lijnen vormgeving panelen en collectoren integraal opnemen in het ontwerp van het bouwwerk panelen en collectoren vormen een geheel met de installatie voor het opslaan van water of voor de opwekking van elektriciteit, zo niet dan is de installatie in het bouwwerk geplaatst materiaal en kleur kleuren komen overeen met het achterliggende dakvlak of anders zwart, antraciet of donker grijs Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 19

20 Erfafscheidingen Object 7 Een erfafscheiding is bedoeld om het erf af te bakenen van een buurerf of van de openbare weg. Erfafscheidingen aan de openbare ruimte zijn van invloed op de ruimtelijke kwaliteit. De gemeente streeft ernaar een rommelige indruk door een te grote verscheidenheid aan erfafscheidingen te voorkomen. Beoordeling Een erfafscheiding voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Een erfafscheiding in de vorm van een heg is vergunningvrij Criteria Erfafscheidingen worden beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen erfafscheidingen bij nieuwbouwplannen mee ontwerpen een erfafscheiding voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied maatvoering hoogte voor de voorgevel maximaal 1,00 m hoogte achter de voorgevel maximaal 2,00 m vormgeving één vormgevingsprincipe per afscheiding toepassen erfafscheidingen hebben een dichte uitvoering tot maximaal 1,00 m hoogte en zijn daarboven zoveel mogelijk transparant of uitgevoerd als begroeid hekwerk materiaal en kleur materialen als metselwerk, hout of draadstaal gebruiken aansluitend op erfafscheiding naastgelegen percelen (geen gesloten plaatmateriaal toepassen zoals profielplaten of betonpanelen) terughoudende kleuren gebruiken Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 20

21 Installaties Object 8 Installaties voor bijvoorbeeld airconditioning, kleine windmolens en antennes kunnen vrijstaand worden geplaatst of op of aan een bouwwerk worden aangebracht. Een zorgvuldige plaatsbepaling kan een goed middel zijn om deze voorzieningen in te passen in de omgeving. Beoordeling Een installatie voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Criteria Installaties worden beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen de installatie voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied plaatsing installaties bij voorkeur aan een achtergevel bevestigen, in ieder geval achter de voorgevellijn plaatsen kleine windmolens alleen op platte daken en afstand tot de dakrand minstens gelijk aan de hoogte van de windmolen bij gestapelde woningbouw: - op het platte dak plaatsen - op of aan het balkon plaatsen binnen het verticale en horizontale vlak van het balkon en niet aan de gevel of kozijn in principe maximaal één installatie aan, op of bij een pand maatvoering hoogte kleine windmolens op platte daken maximaal 5,00 m hoogte spriet- of staafantenne maximaal 5,00 m: - vanaf maaiveld bij plaatsing op het erf - vanaf snijpunt met aangrenzend dakvlak bij plaatsing aan de gevel schotelantenne: - hoogte maximaal 3,00 m gemeten vanaf de voet van de antenne(drager) - doorsnede maximaal 2,00 m vormgeving installaties en bijbehorende voorzieningen (mast, bedrading, tuidraden etc.) als één geheel vormgeven indien zichtbaar vanaf het openbaar toegankelijk gebied zo onzichtbaar mogelijk (een minimum aan dwarssprieten kan hiertoe bijdragen) beperken van aantal tuidraden, geen tuidraden bij bevestiging aan gevel materiaal en kleur materiaal en kleur onopvallend en afgestemd op de omgeving, dus geen felle, contrasterende kleuren maar antraciet of donker grijs Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 21

22 Reclame Object 9 Reclame is een publieke aanprijzing van een bedrijf, een product of een dienst. Reclames op borden, lichtreclames en spandoeken of vlaggen vormen een belangrijk en beeldbepalend element van de openbare ruimte. In gebieden met commerciële functies zijn reclames op zijn plaats en verhogen ze de visuele aantrekkingskracht van de omgeving, hoewel daar een kritische grens aan verbonden is. In andere gebieden zijn (bepaalde) reclames ongewenst. Aanvullend beleid Op basis van de APV is voor reclame een vergunning nodig. Beoordeling Een reclame voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Criteria Reclames worden beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen alleen reclame voor diensten of producten die in het pand plaatsvinden respectievelijk worden verkocht reclame plaatsen met behoud van uitzicht op of vanaf de openbare ruimte (voorkom hinder voor voetgangers en ander verkeer) afhankelijk van schaal gebouw en omgeving kan de maatvoering afwijken van onderstaande maten plaatsing en aantal loodrecht op, of evenwijdig en vlak aan de gevel op bouwlagen met winkel- of bedrijfsbestemming (voorkom hinder voor woningen in de omgeving) vrijstaande reclame in principe alleen op bedrijventerreinen bij de entree van het erf of op een parkeerterrein ondergeschikt aan gebouw hoogstens één vlakke/evenwijdige en één uitstekende reclame per gevel of gebruiker hoogstens één losse reclame per erf, aantal vlaggenmasten afhankelijk van grootte van het pand en het erf aanbrengen per pand en zoveel als mogelijk beperken driehoeksborden en lichtmastreclames alleen aan doorgaande routes Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 22

23 Reclame Object 9 vormgeving en maatvoering vorm en maat afstemmen op hoofdgebouw en architectuur van de gevel (bij voorkeur naamsvermelding uit losse letters), kleuren zijn ingetogen vrijstaande reclame als zelfstandig element vormgeven onverlicht of verlicht met onveranderend licht (geen mechanisch bewegende delen, lichtkranten of veranderlijk licht) vlakke reclame tot een breedte van 70% van het pand of de luifel met een maximale hoogte van 0,75 m, haakse reclame hoogstens 1,00 m2 vlakke reclame steekt hoogstens 0,25 m uit de gevel lichtmastreclame is rechthoekig en de maat is afhankelijk van hoogte lichtmast vrijstaande reclamezuil is maximaal 6,00 m en lager dan hoofdgebouw aanvulling winkelgebieden platte reclame centreren onder de raamdorpels van de eerste verdieping hoogstens één vlag per 4,00 m gevellengte aanvulling bedrijventerreinen afhankelijk van de schaal van het gebouw is een grotere hoeveelheid reclame mogelijk gezamenlijke verwijzingsborden aan invalswegen en bij verzamelgebouwen/ bedrijfsterreinen uniform vormgeven (alleen naam- en beroepsaanduidingen) aanvulling overige gebieden aan of bij woningen met beroep of bedrijf aan huis in totaal hoogstens 0,50 m2 bestaande uit naam- en beroepsaanduiding (eventueel aangelicht) bij bedrijven in bijvoorbeeld woongebieden is tot 1,00 m2 reclame mogelijk bij sportcomplexen zijn op het complex gerichte reclameborden tot 1,20 m boven het maaiveld mogelijk (onverlicht) in het buitengebied reclame zoveel mogelijk beperken en vormgeving afstemmen op de omgeving (donkere kleuren en onverlicht) Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 23

24 Rolhekken en rolluiken Object 10 Rolluiken zijn voorzieningen om ruiten van gebouwen te beschermen. Deze voorzieningen kunnen de omgeving een rommelig of onherbergzaam aanzien geven. Het plaatsen van rolluiken aan de binnenzijde van een pui is in veel gevallen vergunningvrij. De gemeente streeft er naar dat rolluiken de uitstraling van het pand en de omgeving niet negatief beïnvloeden. Beoordeling Een rolluik voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan, waarbij kleine afwijkingen denkbaar zijn om herhalingsplannen mogelijk te maken. Voldoet het plan hier niet aan of is er twijfel aan de toepasbaarheid daarvan, dan wordt bij de beoordeling ook gebruik gemaakt van gebieds- en eventuele andere criteria. Aan de buitenzijde van de pui voor minstens 90% bestaand uit openingen Criteria Rolluiken worden beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria: algemeen het rolluik voldoet aan eventuele aanvullende criteria genoemd bij het betreffende gebied plaatsing aan de buitenzijde van de pui alleen als plaatsing aan de binnenzijde niet mogelijk is en uitvoeren met minstens 85% openingen bij plaatsing aan buitenzijde een geïntegreerde inpassing van rolkasten, geleidingen en rolhekken in de gevel kleur ingetogen kleuren of kleuren die harmoniëren met de gevel Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 24

25 WELSTANDSCRITERIA GEBIEDEN Hoofdstuk 4 Een belangrijke pijler van de welstandsnota is het gebiedsgerichte welstandsbeleid. De gebiedsgerichte welstandscriteria worden gebruikt voor de kleine en middelgrote bouwplannen, die de bestaande structuur van het gebied niet wezenlijk doorbreken. Gebieden De gebiedsgerichte criteria zijn gebaseerd op het architectonisch vakmanschap en de ruimtelijke kwaliteit zoals die in de bestaande situatie worden aangetroffen. Deze criteria geven aan hoe een bouwwerk zich moet verhouden tot zijn omgeving om niet teveel uit de toon te vallen, en welke gewaardeerde karakteristieken uit de omgeving in het ontwerp moeten worden gebruikt. De gebiedsgerichte welstandscriteria moeten worden gezien als de gewenste eigenschappen van het bouwplan. Per gebied is een samenhangend beoordelingskader opgesteld met daarin een korte beschrijving van het gebied, waarbij aandacht wordt besteed aan de ontstaansgeschiedenis, de stedenbouwkundige of landschappelijke omgeving, een typering van de bouwwerken, het materiaal- en kleurgebruik en de detaillering. Ook wordt er een samenvatting gegeven van te verwachten of gewenste ontwikkelingen en een waardering voor het gebied op grond van de belevingswaarde en eventuele bijzondere cultuurhistorische, stedenbouwkundige of architectonische werken. Dit is de grondslag voor het welstandsniveau, waarbij tevens de hoofdpunten voor de beoordeling worden genoemd. Daarna volgen de welstandscriteria, steeds onderverdeeld in criteria betreffende de relatie met de omgeving van het bouwwerk, de bouwmassa, de architectonische uitwerking, materiaal en kleur. Met de welstandscriteria kan de commissie zich binnen de grenzen van het bestemmingsplan een gewogen oordeel vormen. In aanvulling op de tekst zijn foto s opgenomen, die een impressie van het gebied geven en zowel goede als slechte voorbeelden tonen. Niveaus Voor elk welstandsgebied is het gewenste welstandsniveau aangegeven. Het welstandsniveau sluit zoveel mogelijk aan bij het gehanteerde ruimtelijk kwaliteitsbeleid en de gewenste ontwikkelingen. Het grootste deel van de gemeente is gewoon welstandsgebied. Hier heeft de gemeente gekozen voor het handhaven van een goede basiskwaliteit voor het aanzien van de openbare ruimte met daarbij voldoende vrijheid voor de burger of ondernemer om invulling te geven aan eigen initiatieven. Bouwplannen in deze gebieden mogen in principe geen afbreuk doen aan de basiskwaliteit van de openbare ruimte. Vanwege de beperkte invloed op het straatbeeld worden bouwplannen aan achterkanten niet preventief getoetst. In de bijzondere gebieden is extra inspanning ten behoeve van het behoud en de eventuele versterking van de ruimtelijke kwaliteit gewenst. In Tienmorgen-Noord zal een deel van de bebouwing niet aan redelijke eisen van welstand worden getoetst: hier komt een pilotgebied welstandsvrij bouwen. Informatie hierover is te verkrijgen bij de gemeente. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 25

26 Niveaukaart legenda niveaus bijzonder gewoon zoekgebied welstandsvrij bouwen (met uitzondering van een 1.00 m brede oeverzone) water Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 26

27 Gebiedskaart legenda gebieden 1 Centrum Neder-Hardinxveld 2 Centrum Boven-Hardinxveld 3 Dorps dijklint 4 Dorpslint 5 9 Binnendams en Damstraat 6 Parallelweg 7 Landelijk dijklint 13 Woongebied Giessendam 8c 8d Woongebied De Peulen Woongebied Wielwijk Woongebied Over t spoor 13 7 Woongebied Boven-Hardinxveld 9 Bedrijven, kantoren, instelingen Industriegebied Groen en parken Giessenzoom Buitengebied water d 4 8c Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 27

28 Centrumlint Neder-Hardinxveld Gebied 1 Beschrijving Centrumlint Neder-Hardinxveld heeft een gevarieerde, kleinschalige bebouwing uit diverse periodes in een gegroeide en compacte structuur met als basis het individuele pand met een dorps karakter. Het gebied bestaat voornamelijk uit de bebouwing aan de Peulenstraat. De bebouwing staat in het algemeen langs de dijk, waarbij het hoofdgebouw op kruinhoogte is gesitueerd. De bebouwing varieert in dichtheid en bestaat voornamelijk uit woningen, winkels, horecagelegenheden en kleine bedrijven. Hoofdgebouwen zijn met de voorzijde gericht op de weg. De bebouwing vormt veelal aaneengesloten straatwanden. Rooilijnen volgen de weg en verspringen. De panden zijn individueel, afwisselend en hebben een eenvoudige tot gedifferentieerde opbouw bestaande uit een onderbouw van één tot twee lagen met kap. Op- en aanbouwen komen veel voor en deze zijn in het algemeen ondergeschikt aan de hoofdmassa. Gevels zijn veelal representatief. Met name de oudere panden zijn verticaal geleed met staande ramen. Winkels en bedrijven hebben veelal een afwijkende begane grond. De detaillering is zorgvuldig en varieert van eenvoudig tot rijk. Gevels van oudere panden zijn voorzien van elementen als siermetselwerk, gevellijsten, windveren en dergelijke. De gevels zijn van baksteen of vergelijkbaar steenachtig materiaal en soms gepleisterd. De daken zijn gedekt met pannen. Uitzondering zijn enkele seriematige woningen. Hier is de individuele woning onderdeel van de rij of het complex. Bijzondere elementen zijn gebouwen met afwijkende functie zoals de kerk. Deze gebouwen vormen accenten door hun ligging in het lint en wijken af in massa, opbouw en vorm. Ook enkele recente bedrijfsgebouwen hebben hier en daar een afwijkende massa en uitwerking. Deze afwijkingen zijn niet altijd herhalingswaardig. Het bankgebouw aan het zuideinde van de Peulenstraat wijkt bijvoorbeeld onder andere af door een teruggelegen positie achter een parkeerveld aan het lint. Waarde De waarde van het centrumlint is vooral gelegen in de afwisseling en kleinschaligheid van de bebouwing. Diverse panden zijn door hun vorm en positie cultuurhistorisch waardevol. Bijzonder welstandsgebied Centrumlint Neder-Hardinxveld is een bijzonder welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit van het lint en het bewaren van de eenvoud in de kleinschalige hoofdmassa's en het kleurgebruik. Ook voor nieuwe gebouwen worden specifieke oplossingen gevraagd, in lijn met de historische context van het dijklint. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan de mate van afwisseling en individualiteit in de massa in combinatie met een terughoudende vormgeving en traditioneel gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 28

29 Centrumlint Neder-Hardinxveld Gebied 1 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het kleinstedelijke karakter van het gebied behouden de hoofdbebouwing staat aan de straatzijde, aan de dijk op kruinhoogte, bijgebouwen hebben een ondergeschikte positie nieuwe panden op kruinhoogte plaatsen tegen het oorspronkelijke dijkprofiel aan met behoud van het dijkprofiel (niet aandijken) de rooilijnen van de hoofdmassa s volgen de weg, verspringen ten opzichte van elkaar en zijn per cluster of rij in samenhang de bebouwing met de voorgevel op de dijk richten en concentreren in de linten Massa de bouwmassa en gevelopbouw zijn evenwichtig, in harmonie met het gebiedskarakter en afgestemd op de oorspronkelijke bebouwingskenmerken van de dijk (hoofdvorm en nokrichting) gebouwen zijn kleinschalig, individueel en afwisselend en hebben bij voorkeur een eenvoudige rechthoekige plattegrond het individuele pand binnen een rij of complex is deel van het geheel woningen hebben bij voorkeur een onderbouw van één of twee lagen met een eenduidige en nadrukkelijke kap de nok is evenwijdig aan of staat haaks op de dijk uitbreidingen zoals aanbouwen en dakkapellen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa en eenvoudig van vorm dakkapellen raken de gootlijn als dit bijdraagt aan de architectuur van de gevel en de straatwand Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn zorgvuldig en evenwichtig de architectuur volgt het beeld van kleinschalige bebouwing met nadruk op de kap grotere massa s hebben een gelede massaopbouw en een verfijnde architectonische uitwerking in aansluiting op kleinschalige bebouwing de begane grondlaag afstemmen op geleding, ritmiek en stijl van de hele gevel elementen in de gevel zoals deuren en ramen in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen kozijnen, dakgoten en dergelijke zorgvuldig detailleren ramen zijn bij voorkeur staand of (verticaal) onderverdeeld wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn terughoudend en bij voorkeur traditioneel gevels in hoofdzaak uitvoeren in baksteen of in een lichte tint pleisteren hellende daken dekken met (matte) keramische pannen houtwerk schilderen in traditionele kleuren kleuren afstemmen op wat in de omgeving gebruikelijk is Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 29

30 Centrumlint Boven-Hardinxveld Gebied 2 Beschrijving Centrumlint Boven-Hardinxveld is een gebied met gevarieerde en in de regel kleinschalige bebouwing, waarbij het individuele pand met een dorps karakter de toon zet. Het gebied bestaat uit De Buurt met inbegrip van het Kerkplein en verder de dorpsbebouwing langs de Rivierdijk. De bebouwing van het centrumlint varieert in dichtheid en bestaat voornamelijk uit woningen met daartussen een enkele winkel of klein bedrijf. Het individuele woonhuis komt het meest voor, maar daarop zijn meerdere uitzonderingen aan te wijzen met het wooncomplex De Buurt als meest in het oog springende uitzondering. Veel panden zijn vrijstaand, maar er zijn ook enkele korte rijen en ensembles. De hoofdgebouwen zijn met de voorzijde gericht op de dijk, waarbij de hoofdverdieping van de meeste panden zich op de hoogte van de kruin bevindt. De rooilijnen volgen het bochtige verloop van de dijk, waarbij de panden aan De Buurt dicht op de weg staan en voor de panden aan de Rivierdijk in de regel een grotere afstand is aangehouden. De standaard in dit gebied is de individuele woning met een bouwmassa, die varieert van een onderbouw van één of twee lagen met zadeldak via villa s met een a-symmetrische kap tot kleinschalige appartementengebouwen van enkele lagen voorzien van een plat dak. Op- en aanbouwen komen veel voor en deze zijn in het algemeen ondergeschikt aan de hoofdmassa. Gevels van woningen zijn veelal representatief. Met name de oudere woningen zijn verticaal geleed met staande ramen, maar ook de horizontale gevelgeledingen uit de tweede helft van de twintigste eeuw komen veelvuldig voor. De architectonische uitwerking wisselt van eenvoudig tot zorgvuldig. Gevels van oudere woningen zijn voorzien van elementen als siermetselwerk, gevellijsten, windveren en dergelijke. Bij de nieuwere panden is veelal een verfijning gezocht in bijvoorbeeld het benadrukken van horizontale lijnen van onder meer balkons. De gevels zijn van baksteen of vergelijkbaar steenachtig materiaal en soms gepleisterd. De daken zijn gedekt met pannen. Bijzondere elementen zijn gebouwen met afwijkende functie zoals de kerk. Deze gebouwen vormen accenten door hun ligging in het lint en wijken af in massa, opbouw en vorm. Waarde De waarde van het centrumlint is vooral gelegen in de afwisseling en kleinschaligheid van de bebouwing. Diverse panden zijn door hun vorm en positie cultuurhistorisch waardevol. Bijzonder welstandsgebied Centrumlint Boven-Hardinxveld is een bijzonder welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit van het lint en het bewaren van de afwisseling waarin de kleinschalige bebouwing tot zijn recht komt. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan de mate van afwisseling en individualiteit in de massa in combinatie met een terughoudende vormgeving en terughoudend gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 30

31 Centrumlint Boven-Hardinxveld Gebied 2 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het dorpse karakter van het gebied behouden de bebouwing met de voorgevel richten op de dijk rooilijnen volgen het dijklint en verspringen ten opzichte van elkaar (met behoud van de samenhang van de rooilijnen in rijen en ensembles) de hoofdbebouwing staat aan de straatzijde, bijgebouwen hebben een ondergeschikte positie Massa de bouwmassa en gevelopbouw zijn evenwichtig, in harmonie met het gebiedskarakter en afgestemd op de oorspronkelijke bebouwingskenmerken van de dijk (hoofdvorm en nokrichting) gebouwen zijn kleinschalig en afwisselend en hebben bij voorkeur een eenvoudige rechthoekige plattegrond de individuele woning binnen een rij of ensemble is deel van het geheel woningen hebben in beginsel een onderbouw van één of twee lagen met een kap, appartementengebouwen kunnen een plat dak hebben de nok is in beginsel evenwijdig aan of dwars op de dijk uitbreidingen zoals aanbouwen en dakkapellen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa en eenvoudig van vorm dakkapellen raken de gootlijn als dit bijdraagt aan de architectuur van de gevel en de straatwand Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn zorgvuldig en evenwichtig de architectuur volgt het beeld van kleinschalige bebouwing, grotere bouwmassa s hebben een geleding de begane grondlaag afstemmen op geleding, ritmiek en stijl van de hele gevel elementen in de gevel zoals deuren en ramen in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen kozijnen, dakgoten en dergelijke zorgvuldig detailleren ramen zijn bij voorkeur staand of (verticaal) onderverdeeld wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn terughoudend en bij voorkeur traditioneel gevels in hoofdzaak uitvoeren in baksteen of in een lichte tint pleisteren hellende daken dekken met (matte) keramische pannen houtwerk schilderen in traditionele kleuren kleuren afstemmen op wat in de omgeving gebruikelijk is Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 31

32 Dorps dijklint Gebied 3 Beschrijving De dorpse dijklinten bestaan overwegend uit gevarieerde bebouwing van individuele woningen afgewisseld met enkele kleinschalige bedrijfspanden uit diverse periodes. Door de aaneenschakeling van gevels dicht op de weg heeft het gebied een dorps karakter. Het gebied bestaat voornamelijk uit de bebouwing langs de Buitendams, Peulenstraat Zuid en het westelijk deel van de Rivierdijk tot aan het Dr. Kolffgemaal. De bebouwing van deze linten staat in het algemeen langs de dijk met het hoofdgebouw op kruinhoogte. De individuele woning is maatgevend voor het straatbeeld, maar de variatie is aanzienlijk: ook korte rijen, appartementen en bedrijfshallen komen voor. Hoofdgebouwen zijn met de voorzijde gericht op de weg. Rooilijnen volgen de weg en verspringen. De gebouwen staan veelal vrij op korte afstand van elkaar of zijn tegen elkaar aan gezet. De woningen zijn in de regel individueel, afwisselend en hebben een eenvoudige tot gedifferentieerde opbouw bestaande uit een onderbouw van één tot twee lagen met kap. Op- en aanbouwen komen veel voor en deze zijn in het algemeen ondergeschikt aan de hoofdmassa. Gevels van woningen zijn veelal representatief. Met name de oudere woningen zijn verticaal geleed met staande ramen. De architectonische uitwerking wisselt van eenvoudig tot zorgvuldig. Gevels van oudere woningen zijn voorzien van elementen als siermetselwerk, gevellijsten, windveren en dergelijke. Bij de nieuwere panden is veelal minder verfijning gezocht en bij complexen zoals de nieuwbouw tussen de Kerkweg en de Giessen is de afwisseling ook minder groot. De gevels zijn van baksteen of vergelijkbaar steenachtig materiaal en soms gepleisterd. De daken zijn gedekt met pannen. Bijzondere elementen komen incidenteel voor. Deze gebouwen vormen accenten door hun ligging in het lint en wijken af in massa, opbouw en vorm zoals bijvoorbeeld het appartementengebouw op de kruising van de Buitendams met de Thorbeckestraat. Ook bedrijfsgebouwen hebben hier en daar een afwijkende massa en uitwerking met als voorbeeld het kantoor van de scheepswerf aan de Rivierdijk. Waarde De waarde van het dorpslint is vooral gelegen in de afwisseling en kleinschaligheid van de bebouwing. Diverse panden zijn door hun vorm en positie cultuurhistorisch waardevol. Bijzonder welstandsgebied Het dorpslint is bijzonder welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit van het lint en het bewaren van de eenvoud in de kleinschalige hoofdmassa's en het kleurgebruik. Ook voor nieuwe gebouwen worden specifieke oplossingen gevraagd, in lijn met de historische context van het dijklint. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan de mate van afwisseling en individualiteit in de massa in combinatie met een terughoudende vormgeving en traditioneel gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 32

33 Dorps dijklint Gebied 3 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het dorpse karakter van het gebied behouden de bebouwing met de voorgevel richten op de dijk rooilijnen volgen het dijklint en verspringen ten opzichte van elkaar (met behoud van de samenhang van de rooilijnen in rijen en ensembles) de hoofdbebouwing staat aan de straatzijde, bijgebouwen hebben een ondergeschikte positie Massa de bouwmassa en gevelopbouw zijn evenwichtig, in harmonie met het gebiedskarakter en afgestemd op de oorspronkelijke bebouwingskenmerken van de dijk (hoofdvorm en nokrichting) gebouwen zijn in beginsel kleinschalig en afwisselend en hebben bij voorkeur een eenvoudige rechthoekige plattegrond de individuele woning binnen een rij of ensemble is deel van het geheel woningen hebben een onderbouw van één of twee lagen met een kap, appartementengebouwen kunnen een plat dak hebben de nok is in beginsel evenwijdig aan of dwars op de dijk uitbreidingen zoals aanbouwen en dakkapellen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa en eenvoudig van vorm dakkapellen raken de gootlijn als dit bijdraagt aan de architectuur van de gevel en de straatwand Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn zorgvuldig en evenwichtig de architectuur volgt het beeld van kleinschalige bebouwing, grotere bouwmassa s hebben een geleding de begane grondlaag afstemmen op geleding, ritmiek en stijl van de hele gevel elementen in de gevel zoals deuren en ramen in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen kozijnen, dakgoten en dergelijke zorgvuldig detailleren wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn terughoudend en bij voorkeur traditioneel gevels in hoofdzaak uitvoeren in baksteen of in een lichte tint pleisteren hellende daken dekken met (matte) keramische pannen houtwerk schilderen in traditionele kleuren kleuren afstemmen op wat in de omgeving gebruikelijk is Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 33

34 Dorpslint Gebied 4 Beschrijving Kenmerkend voor de dorpslinten is de kleinschalige en traditionele woningbouw in rode baksteen met pannendaken, waarmee de dijklinten vanaf het begin van de twintigste eeuw werden uitgebreid. De belangrijkste dorpslinten zijn de Stationsstraat, Kerkweg, het westelijke deel van de Parallelweg, de Nieuweweg, Sluisweg en Koningin Wilhelminalaan. De dorpslinten zijn wegen achter de dijken met daarlangs woningen met in de regel een (bescheiden) voortuin, maar die soms ook direct met de voorgevel aan een trottoir staan. Een deel ervan heeft een stenig karakter zoals de Nieuweweg, terwijl andere zoals de Parallelweg en de Koningin Wilhelminalaan met tuinen en water een veel groener aanzien hebben. De panden zijn met de voorzijde gericht op de weg, waarbij de rooilijnen in de regel enigszins verspringen. De woningen zijn soms individueel en soms seriematig in de vorm van tweekappers en korte rijen. Vrijwel allemaal zijn ze van een vergelijkbare maat en schaal, doordat de goot in de regel of iets boven verdiepingsvloer of net boven de ramen van de verdieping is geplaatst. Er komen verschillende dakvormen voor, waaronder (a-symmetrische) zadeldaken en mansardes. Vrijwel alle woningen hebben aanbouwen of bijgebouwen, die achter de woningen en in de regel ook uit het zicht zijn geplaatst. De gevels van woningen zijn veelal representatief met een zorgvuldige detaillering zonder al te veel versieringen: de meeste aandacht gaat uit naar gootlijsten, de entreepartij of een bescheiden erker. De gevels zijn van rode baksteen, de daken zijn op een enkele uitzondering na gedekt met pannen. Bijzondere elementen zijn enkele oudere gebouwen, die veelal getuigen van het agrarisch verleden. Ook staan er enkele bedrijfsgebouwen. Een andere bijzonderheid zijn de bruggen, die zijn aangelegd als erfontsluiting. Waarde De waarde van de dorpslinten is vooral gelegen in de kleinschaligheid van de bebouwing en de samenhang in de architectuur. Enkele panden zijn door hun vorm en positie cultuurhistorisch waardevol. Bijzonder welstandsgebied De dorpslinten vormen een bijzonder welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit van het lint en het bewaren van de kleinschaligheid alsmede het voorkomen van architectonische dissonanten. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan een bescheiden mate van afwisseling in de massa in combinatie met een rustige vormgeving en traditioneel gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 34

35 Dorpslint Gebied 4 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het dorpse karakter van het gebied behouden de bebouwing met de voorgevel richten op het lint rooilijnen volgen het dijklint en verspringen ten opzichte van elkaar (met behoud van de samenhang van de rooilijnen in rijen en ensembles) de hoofdbebouwing staat aan de straatzijde, bijgebouwen hebben een ondergeschikte positie Massa de bouwmassa is evenwichtig en afgestemd op het kleinschalige straatbeeld de woningen hebben in beginsel een onderbouw van één of twee lagen met een eenvoudige plattegrond en zijn voorzien van een (samengestelde) kap, bijvoorbeeld een zadeldak of mansarde de individuele woning binnen een rij of ensemble is deel van het geheel uitbreidingen zoals aanbouwen en bijgebouwen indien goed zichtbaar vanuit de openbare ruimte vormgeven als ondergeschikt element of anders opnemen in de hoofdmassa erkers en bloemenramen zijn bescheiden van maat en passen in de architectuur van de gevel dakkapellen raken de gootlijn als dit bijdraagt aan de architectuur van de gevel en de straatwand Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn degelijk en verzorgd de architectuur volgt het beeld van kleinschalige bebouwing met baksteen en nadruk op de gootlijsten bij rijenwoningen aan voorkanten de herhaling behouden elementen in de gevel zoals deuren en ramen in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen kozijnen, dakgoten en dergelijke zorgvuldig detailleren wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn terughoudend en bij voorkeur traditioneel gevels in hoofdzaak uitvoeren in baksteen (bij uitzondering in een lichte tint pleisteren) hellende daken dekken met (matte) keramische pannen houtwerk schilderen in traditionele kleuren kleuren afstemmen op wat in de omgeving gebruikelijk is Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 35

36 Binnendams en Damstraat Gebied 5 Beschrijving Binnendams en Damstraat zijn bijzondere linten, die vanaf de sluis langs de oever van de Giessen het buitengebied in slingeren. Vlak achter de sluis is het dorps van karakter, vanaf de kruising met het spoor wordt het steeds landelijker. Het gebied bestaat uit de bebouwing langs de Damstraat en Binnendams. Binnendams en Damstraat vormen samen een gebied met een menging tussen individuele woningen, een enkel ensemble, soms een bedrijf en ook een aantal (voormalige) boerderijen. De bebouwing is op een enkele uitzondering na individueel en staat met een ondiepe voortuin of voorerf vrij op het kavel. De rooilijnen volgen het verloop van de weg op ongedwongen wijze, wat de afwisseling in het straatbeeld en de kleinschaligheid van het lint ten goede komt. Het lint bestaat overwegend uit vrijstaande panden met daaronder enkele historische woningen, beeldbepalende villa s en monumentale boerderijen die getuigen van een rijk verleden. Daartussen zijn eenvoudiger panden te vinden, enkele rijwoningen en bedrijven, bijvoorbeeld autohandel en een timmerbedrijf. Het resultaat is een kleinschalig straatbeeld met grote afwisseling, waarin tegelijkertijd slechts een enkele dissonanten voorkomt. De panden zijn in de regel individueel, afwisselend en hebben een eenvoudige tot gedifferentieerde opbouw bestaande uit een onderbouw van één tot twee lagen met kap. Op- en aanbouwen komen veel voor en deze zijn in het algemeen ondergeschikt aan de hoofdmassa. De architectonische uitwerking is in het algemeen zorgvuldig. Gevels van woningen zijn veelal representatief. Met name de oudere woningen hebben ornamenten, siermetselwerk, gevellijsten, windveren en andere elementen die de gevels verlevendigen. Bij de panden uit de afgelopen decennia is veelal minder verfijning gezocht en is de afwisseling ook minder groot. De gevels zijn van baksteen of vergelijkbaar steenachtig materiaal en soms gepleisterd. De daken zijn in de regel gedekt met pannen, die van de boerderijen met riet. Bijzondere element is het voormalig gemeentehuis van Giessendam uit de jaren veertig, dat wat groter van schaal is en een eigen architectuur heeft in lijn met de oorspronkelijk openbare functie. Ook de bedrijfsgebouwen hebben hier en daar een afwijkende massa en uitwerking. Waarde De waarde van deze linten is vooral gelegen in de afwisseling en kleinschaligheid van de bebouwing en in het deels goed behouden agrarisch erfgoed. Diverse panden zijn door hun vorm en positie cultuurhistorisch waardevol. Bijzonder welstandsgebied Binnendams en Damstraat zijn bijzonder welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit van het lint en het bewaren van de afwisseling. Bij vervanging van bebouwing uit de afgelopen decennia wordt aandacht gevraagd voor de historische context van het lint. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan de mate van afwisseling en individualiteit in de massa in combinatie met een terughoudende vormgeving en traditioneel gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 36

37 Binnendams en Damstraat Gebied 5 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het dorpse en landelijke karakter van het gebied behouden de bebouwing met de voorgevel richten op de weg rooilijnen volgen de weg en verspringen ten opzichte van elkaar (met behoud van de samenhang van de rooilijnen in rijen en ensembles) de hoofdbebouwing staat aan de straatzijde, bijgebouwen hebben een ondergeschikte positie Massa de bouwmassa en gevelopbouw zijn evenwichtig, in harmonie met het gebiedskarakter en afgestemd op de oorspronkelijke bebouwingskenmerken van het lint (hoofdvorm en nokrichting) gebouwen zijn afwisselend en kleinschalig (met beeldbepalende gebouwen als de boerderijen en het voormalig gemeentehuis als uitzonderingen van een grotere schaal) de individuele woning binnen een rij of ensemble is deel van het geheel woningen hebben in beginsel een onderbouw van één of twee lagen met een kap de nok is in beginsel evenwijdig aan of dwars op de weg uitbreidingen zoals aanbouwen en dakkapellen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa en eenvoudig van vorm dakkapellen raken de gootlijn als dit bijdraagt aan de architectuur van de gevel en de straatwand Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn zorgvuldig en evenwichtig de architectuur volgt het beeld van kleinschalige bebouwing, grotere bouwmassa s hebben een geleding elementen in de gevel zoals deuren, ramen en ornamenten in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen kozijnen, dakgoten en dergelijke zorgvuldig detailleren ramen zijn bij voorkeur staand of (verticaal) onderverdeeld wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn terughoudend en bij voorkeur traditioneel gevels in hoofdzaak uitvoeren in baksteen of in een lichte tint pleisteren hellende daken dekken met (matte) keramische pannen houtwerk schilderen in traditionele kleuren kleuren afstemmen op wat in de omgeving gebruikelijk is Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 37

38 Parallelweg Gebied 6 Beschrijving De Parallelweg is een lint met zowel oudere agrarische bebouwing als landelijke woningen uit de afgelopen decennia, waar tussen het groen van de tuinen op meerdere plaatsen doorzichten worden geboden op het buitengebied. Het gebied bestaat uit het deel van de Parallelweg ten oosten van de Sluisweg tot aan het viaduct over de snelweg. De bebouwing in dit gebied bestaat voornamelijk uit vrijstaande panden in ruime tuinen en teruggelegen rooilijnen. Doordat er langs de weg een sloot ligt, is de afstand tot de weg relatief groot. De woningen zijn in de regel individueel en afwisselend. Ze hebben een eenvoudige tot gedifferentieerde opbouw bestaande uit een onderbouw van één tot twee lagen met veelal een symmetrische kap. Op- en aanbouwen komen voor en zijn in het algemeen ondergeschikt aan de hoofdmassa. Op het achtererf staan in de regel schuren en andere bijgebouwen. Gevels van woningen zijn veelal representatief. Met name de oudere woningen zijn verticaal geleed met staande ramen, maar ook allerlei andere venstervormen komen voor. De detaillering varieert van eenvoudig tot rijk. Gevels van een deel van de oudere woningen zijn soms voorzien van siermetselwerk en lijsten. De meeste naoorlogse woningen hebben minder ornamenten, hoewel toegenomen aandacht voor een rijke architectuur van de laatste jaren bij nieuwbouw goed terug te zien is. De gevels van de woningen zijn van baksteen of vergelijkbaar steenachtig materiaal en soms gepleisterd of voorzien van betimmering. De daken zijn gedekt met pannen, een enkele keer met riet. Waarde De waarde van de Parallelweg is vooral gelegen in de afwisseling van bebouwing en de doorzichten op het landschap. Een aantal panden is door hun vorm en positie cultuurhistorisch waardevol. Gewoon welstandsgebied De Parallelweg is gewoon welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit van het lint en het in stand houden van het afwisselend beeld van de bebouwing met aanvullende aandacht voor beeldbepalende oudere bebouwing. De commissie zal bij de advisering de nadruk leggen op het straatbeeld en onder meer aandacht schenken aan de mate van afwisseling gecombineerd met het voorkomen van dissonanten in de vormgeving en een terughoudend gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 38

39 Parallelweg Gebied 6 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het landelijke karakter van het gebied en doorzichten behouden de bebouwing met de voorgevel richten op de weg de hoofdbebouwing staat aan de straatzijde, bijgebouwen hebben een ondergeschikte positie Massa de bouwmassa en gevelopbouw zijn evenwichtig de individuele woning binnen een rij of ensemble is deel van het geheel woningen hebben in beginsel een onderbouw van één of twee lagen voorzien van een kap met de nok evenwijdig aan of dwars op de weg uitbreidingen zoals aanbouwen en dakkapellen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa en eenvoudig van vorm dakkapellen raken de gootlijn als dit bijdraagt aan de architectuur van de gevel Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn kleinschalig en evenwichtig elementen in de gevel zoals deuren en ramen in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen kozijnen, dakgoten en dergelijke zorgvuldig detailleren wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn terughoudend en bij voorkeur traditioneel gevels in hoofdzaak uitvoeren in baksteen, eventueel voorzien van een betimmering of in een lichte tint pleisteren hellende daken voorzien van pannen en bij uitzondering dekken met riet houtwerk schilderen in traditionele kleuren kleuren afstemmen op de omgeving en het landelijk karakter Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 39

40 Landelijk dijklint Gebied 7 Beschrijving De bebouwing langs het landelijk dijklint bestaat uit een aaneenschakeling van woningen uit verschillende bouwperioden afgewisseld met een enkel bedrijf en soms een boerderij. Het gebied omvat de Rivierdijk tussen Boven- en Beneden- Hardinxveld en de Rivierdijk ten oosten van de kern Boven-Hardinxveld. De bebouwing in dit gebied bestaat voornamelijk uit vrijstaande panden met in het algemeen een oriëntatie op de dijk. Het bebouwingspatroon varieert in dichtheid en de rooilijnen volgen de weg en verspringen. Een deel van de bebouwing staat op kruinhoogte van de huidige dijk. Veel van de oudere bebouwing is van voor de dijkverzwaring van de afgelopen jaren en staat wat lager in het dijklichaam, waarin voor deze woningen op een aantal plekken een parallelweg is aangelegd. Aan de voet van de dijk zijn binnendijks onder meer (voormalige) agrarische woningen te vinden, terwijl de meeste bebouwing buitendijks bij bedrijven hoort. De woningen zijn in de regel individueel en afwisselend, soms tegen elkaar gebouwd. Ze hebben een eenvoudige tot gedifferentieerde opbouw bestaande uit een onderbouw van één tot twee lagen met kap. Op- en aanbouwen komen veel voor en deze zijn in het algemeen ondergeschikt aan de hoofdmassa. Gevels van woningen zijn veelal representatief. Met name de oudere woningen zijn verticaal geleed met staande ramen, maar ook allerlei andere venstervormen komen voor. De detaillering varieert van eenvoudig tot rijk. Gevels van een deel van de oudere woningen zijn voorzien van elementen als siermetselwerk, gevellijsten en windveren. De meeste naoorlogse woningen hebben minder ornamenten, hoewel toegenomen aandacht voor een rijke architectuur van de laatste jaren bij nieuwbouw goed terug te zien is. De gevels van de woningen zijn van baksteen of vergelijkbaar steenachtig materiaal en soms gepleisterd of voorzien van betimmering. De daken zijn gedekt met pannen. Bijzondere elementen zijn gebouwen met afwijkende functie zoals de bedrijfsgebouwen en het Dr. Kolffgemaal. Deze gebouwen vormen accenten door hun ligging in het lint en wijken van de woningen af in massa, opbouw en vorm. De bedrijfsgebouwen zijn van een eenvoudiger architectuur, waarbij bijvoorbeeld ook gevels van gevouwen plaatstaal voorkomen. Deze afwijkingen zijn niet altijd herhalingswaardig. Waarde De waarde van het landelijk dijklint is vooral gelegen in de afwisseling van bebouwing en de doorzichten op het landschap. Diverse panden zijn door hun vorm en positie cultuurhistorisch waardevol. Bijzonder welstandsgebied Het landelijk dijklint is bijzonder welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de ruimtelijke kwaliteit van het lint en het in stand houden van het afwisselend beeld van de dijkbebouwing. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan de mate van afwisseling en individualiteit in de massa in combinatie met een terughoudende vormgeving en terughoudend gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 40

41 Landelijk dijklint Gebied 7 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het landelijk karakter van het gebied behouden de bebouwing met de voorgevel richten op de dijk rooilijnen volgen het dijklint en verspringen ten opzichte van elkaar de hoofdbebouwing staat aan de straatzijde, bijgebouwen hebben een ondergeschikte positie nieuwe woningen inpassen in het dijkprofiel Massa de bouwmassa is evenwichtig in harmonie met het gebiedskarakter en afgestemd op de oorspronkelijke bebouwingskenmerken langs de dijk (hoofdvorm en nokrichting) gebouwen zijn kleinschalig en afwisselend en met in beginsel een eenvoudige rechthoekige plattegrond de individuele woning binnen een rij of ensemble is deel van het geheel woningen hebben bij voorkeur een onderbouw van één of twee lagen met een eenduidige kap, waarvan de nok evenwijdig is aan de dijk of de verkavelingsrichting van het landschap uitbreidingen zoals aanbouwen en dakkapellen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdmassa en eenvoudig van vorm dakkapellen raken de gootlijn als dit bijdraagt aan de architectuur van de gevel en de straatwand Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn zorgvuldig en evenwichtig elementen in de gevel zoals deuren en ramen in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen ramen zijn bij voorkeur staand of (verticaal) onderverdeeld kozijnen, dakgoten en dergelijke zorgvuldig detailleren wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn terughoudend en bij voorkeur traditioneel gevels van woningen in beginsel uitvoeren in baksteen (eventueel gebruik maken van pleisterwerk of betimmering) hellende daken dekken met (matte) keramische pannen of anders met riet kleuren afstemmen op wat in de omgeving gebruikelijk is en houtwerk schilderen in traditionele kleuren Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 41

42 Woongebied Giessendam Gebied Beschrijving Het woongebied Giessendam bestaat overwegend uit rustige woonstraten met rijen woningen met tweekapper en een aanzienlijke hoeveelheid individuele woningen. Twee lagen met kap is de standaard in dit gebied tussen Buitendams en het spoor aan de westzijde van de gemeente. Het woongebied is een strook, die ter hoogte van het station begint met gemengde bebouwing om bij de Zwijnskade te eindigen bij een aantal nog onbebouwde velden gereserveerd voor plan De Blauwe Zoom. De woningbouw heeft een samenhangende compositie door herhaling van zowel woningtype als rijen en blokken. Rooilijnen zijn soms recht, soms verspringend waardoor verschillende straatbeelden ontstaan. Ook komen verschillende kapvormen voor wat het afwisselende beeld versterkt. De voorgevels zijn veelal georiënteerd op de straat. In het gebied is een aantal buurten te onderscheiden met steeds een eigen stedenbouwkundig plan en architectuur, waarbij gewoonlijk in een ruime mate in groen is voorzien. Rond de Boorstraat staan korte rijen tweelaags woningen met een eenvoudige architectuur met rode baksteen en lichtrode pannendaken. Vanaf het Weideveld begint een nieuwe fase met gestapelde woningen, waarachter tweelaags woonblokken langs woonerven staan met de voor de jaren tachtig kenmerkende doorschietende dakvlakken. Hier overheerst lichter gekleurde baksteen het straatbeeld. Na het Westpark volgt een buurt met woningen rond thematisch vormgegeven straten zoals de Kemphaan en Leeuwerik, waar een mix is gemaakt tussen verschillende woningtypen. Ten zuiden van deze reeks is een zone met vooral vrijstaande woningen en tweekappers ontstaan, waarin het wooncomplex aan de Blauwe Reiger een opvallende uitzondering is door zijn grotere hoogte en de oriëntatie op het water aan de Knobbelzwaan. De nieuwste fase begint achter de voorzieningenzone aan de Bellefleur en bestaat opnieuw uit tweelaags woningen, waarbij is gekozen voor een donkere steen en een architectuur die herinnert aan de woningbouw van de jaren dertig. Materiaalgebruik en detaillering zijn in het algemeen eenvoudig en seriematig. Recente inbreidingen zijn veelal meer verzorgd in uitwerking en detaillering. De meeste gevels zijn van baksteen en soms voorzien van houten beschot of puien. Samenhangend kleurgebruik is standaard. Bijzondere elementen zijn de verspreid over de wijk voorkomende gebouwen met andere functies zoals scholen en kerken. Deze gebouwen en complexen staan vrij op de kavel en wijken af in massa, opbouw en vorm. Verder is er een aantal bedrijfsgebouwen, die met name te vinden zijn in het oudere deel. Voor de woongebieden zijn gelijkluidende criteria opgenomen (zie verderop). Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 42

43 Woongebied De Peulen Gebied Beschrijving De Peulen is een gebied met zowel twee- en drielaags woningen als gestapelde bouw aan een groene van de laan. De bebouwing heeft hoofdzakelijk een sobere baksteenarchitectuur. Dit woongebied ligt tussen de Giessen en de A15 met straten zoals de Maasstraat, Thorbeckestraat, Troelstrastraat en Poolster. Het woongebied heeft door de aanwezigheid van appartementenblokken, enkele flats en drielaags woningen met platte daken een wat stedelijker karakter dan de andere woongebieden. De woningbouw heeft een samenhangende compositie door herhaling van zowel woningtype als rijen en blokken. De rechte rooi- en noklijnen zorgen per rij voor een samenhangend beeld en lopen evenwijdig aan de straat. De voorgevels zijn veelal georiënteerd op de straat. De rijwoningen hebben een eenvoudige opbouw van veelal twee lagen met (zadel)kap of soms plat dak, waarbij de hoekwoningen vrijwel gelijk zijn aan de tussenwoningen. De herhaling van gevelelementen geeft ritme aan het straatbeeld. Daken zijn regelmatig voorzien van dakkapellen in diverse soorten en maten. Appartementenblokken hebben een eenvoudige vorm met platte daken en zijn middelhoog tot hoog. Materiaalgebruik en detaillering zijn in het algemeen eenvoudig en seriematig. Recente inbreidingen zijn veelal meer verzorgd in uitwerking en detaillering. De meeste gevels zijn van baksteen en soms voorzien van houten beschot of puien. Samenhangend kleurgebruik is standaard. Uitzondering zijn enkele vrijstaande woningen met individuele uitstraling zoals aan de Venusstraat en Klompéstraat. Deze woningen staan vrij op de kavel en hebben veelal afwijkende massa s en een meer verzorgde tot zelfs statige uitwerking. Bijzondere elementen zijn de verspreid over de wijk voorkomende gebouwen met andere functies zoals een school en een kerk. Ook het gemeentehuis is in het oosten van de wijk gesitueerd. Deze gebouwen en complexen staan vrij op de kavel en wijken af in massa, opbouw en vorm. Voor de woongebieden zijn gelijkluidende criteria opgenomen (zie verderop). Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 43

44 Woongebied Wielwijk Gebied 8c Beschrijving In het woongebied Wielwijk staan rijen woningen van variërende lengte in een sobere baksteenarchitectuur, die zijn verkaveld in zich herhalende clusters. Ook komen langs de centrale groenstrook en de oostrand enkele vrijstaande, individuele woningen voor. Het gebied ligt groetendeels tussen de Parallelweg en de A15 en bestaat onder andere uit de bebouwing aan en in de omgeving van de Wieling, Spindermolen, Pauwtjesmolen en Groot Veldsweer. Ook de bebouwing aan de Breedeway ten zuiden van de A15 hoort bij dit gebied. Het gebied ten noorden van de A15 heeft een relatief groen karakter vanwege de centrale parkstrook, plantsoenen en voortuinen. Rijwoningen van twee lagen met kap vormen de hoofdmoot van de bebouwing. Deze rijen worden herhaald tot blokken, waartussen hier en daar enkele individuele woningen zijn geplaatst. De rechte rooi- en noklijnen lopen op een enkele uitzondering na evenwijdig aan de straat. De voorgevels zijn veelal georiënteerd op de straat. De woningen hebben een eenvoudige opbouw van veelal twee lagen met (zadel)kap, waarbij de hoekwoningen vrijwel gelijk zijn aan de tussenwoningen. De herhaling van gevelelementen geeft ritme aan het straatbeeld. Daken zijn regelmatig voorzien van dakkapellen in diverse soorten en maten. Ook doorschietende dakvlakken komen regelmatig voor. Materiaalgebruik en detaillering zijn in het algemeen eenvoudig en seriematig. De meeste gevels zijn van baksteen en soms voorzien van houten beschot of puien. Daken zijn gedekt met veelal grijze betonpannen. Kleurgebruik is samenhangend, maar soms per woning individueel. Uitzondering op de laagbouw is het meanderende appartementenblok aan de Houweningeweer in het westen. Dit volume heeft een oplopende hoogte tot vijf lagen in een eenvoudige baksteenarchitectuur. Bijzondere elementen zijn de verspreid over de wijk voorkomende gebouwen met andere functies zoals scholen, een kerk en voorzieningen als een uitvaartcentrum en een bibliotheek. Deze gebouwen en complexen staan vrij op de kavel en wijken af in massa, opbouw en vorm. Voor de woongebieden zijn gelijkluidende criteria opgenomen (zie verderop). Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 44

45 Woongebied Over 't spoor Gebied 8d Beschrijving In het woongebied Over t spoor staan overwegend korte rijen woningen en tweekappers in een verzorgde baksteenarchitectuur langs stenige straten. Het gebied ligt ten noorden van station Hardinxveld-Giessendam en bestaat onder andere uit de bebouwing aan en in de omgeving van de Oranjestraat, Alexanderstraat en de Prins Hendrikstraat. Het woongebied heeft een heldere structuur met een relatief stenig karakter, waarin de smalle voortuinen en enkele plantsoenen voorzien in groen. De woningbouw heeft een samenhangende compositie waarbij de overwegend rechte rooi- en noklijnen zorgen voor samenhang in het straatbeeld. Een aantal tweekappers en enkele vrijstaande woningen zorgen voor afwisseling. De voorgevels zijn veelal georiënteerd op de straat. Het grootste deel van de woningen heeft een bescheiden maat. Het zijn arbeiderswoningen van één of twee lagen met oranje pannendak. Recente woningbouw aan onder meer de Alexanderstraat sluit met een wat grotere maat aan op de sfeer van de oudere bebouwing in deze buurt. De architectuur is verzorgd. Herhaling van gevelelementen geeft ritme aan het straatbeeld. Daken zijn regelmatig voorzien van dakkapellen in diverse soorten en maten. Materiaalgebruik en detaillering zijn in het algemeen eenvoudig en seriematig. Recente bebouwing is veelal meer verzorgd in uitwerking en detaillering. De meeste gevels zijn van baksteen en soms voorzien van houten beschot of puien. Daken zijn gedekt met veelal oranje betonpannen. Kleurgebruik is meestal seriematig, maar kan soms per woning verschillen. Uitzondering zijn enkele voormalige boerderijwoningen langs de noordrand, die vrij op een met water omgeven kavel staan. Deze woningen hebben een afwijkende massa en individuele uitstraling. Bijzonder element is het autobedrijf langs de Spoorweg, dat afwijkt in massa, opbouw en vorm. Voor de woongebieden zijn gelijkluidende criteria opgenomen (zie verderop). Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 45

46 Woongebied Boven-Hardinxveld Gebied Beschrijving In het woongebied van Boven-Hardinxveld worden rijen woningen in baksteen afgewisseld met enkele clusters individuele woningen en middelhoge appartementenblokken langs groene straten. Woongebied Boven-Hardinxveld ligt aan weerszijden van de Koningin Wilhelminalaan en bestaat onder andere uit de bebouwing aan en in de omgeving van de Nassaustraat, Koninging Julinastraat, Rembrandtstraat en Drijverschuit. Het woongebied heeft een relatief groen karakter door de vele voortuinen in combinatie met openbaar groen en water. De woningbouw heeft een samenhangende compositie door herhaling van zowel woningtype als rijen en blokken. De rechte rooi- en noklijnen zorgen per rij voor een samenhangend beeld en lopen evenwijdig aan de straat. De voorgevels zijn veelal georiënteerd op de straat. De rijwoningen hebben een eenvoudige opbouw van veelal twee lagen met (zadel)dak, waarbij de hoekwoningen vrijwel gelijk zijn aan de tussenwoningen. De herhaling van gevelelementen geeft ritme aan het straatbeeld, verschil in kappen voor enige variatie. Daken zijn regelmatig voorzien van dakkapellen in diverse soorten en maten. De individuele woningen in het gebied passen ondanks afwijkende plaatsing en een in de regel lagere goot goed in het gebiedsbeeld. De middelhoge appartementenblokken hebben een eenvoudige vorm en zijn met hun grotere maat een afwijking in de maat en schaal van het gebied. Sobere baksteenarchitectuur zet de toon. Materiaalgebruik en detaillering zijn in het algemeen eenvoudig en seriematig, hoewel recente inbreidingen veelal een meer verzorgde uitwerking en detaillering hebben. De meeste gevels zijn van baksteen, soms voorzien van houten beschot of puien. Bijzondere elementen zijn de verspreid over de wijk voorkomende gebouwen met andere functies zoals scholen en kerken. Deze gebouwen en complexen staan vrij op de kavel en wijken af in massa, opbouw en vorm. Meest in het oog springend voorbeeld hiervan is woonzorgcentrum De Lange Wei, dat met zijn bochtige grondplan de hoek van de Rembrandtstraat en de Koningin Wilhelminlaan markeert. Voor de woongebieden zijn gelijkluidende criteria opgenomen (zie hiernaast). Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 46

47 Criteria Woongebieden Gebied 8 Waarde De waarde van de woongebieden is vooral gelegen in het rustige straatbeeld met groen en een in het algemeen eenvoudige architectuur. Gewoon welstandsgebied De woongebieden zijn gewone welstandsgebieden. Uitzondering hierop is het deel van Tienmorgen-Noord, dat aangewezen zal worden als welstandsvrij gebied. Het beleid is in de welstandsplichtige gebieden gericht op het beheer van de rust in het groene straatbeeld en het aanzien vanuit de omringende gebieden. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan het behoud van het straatbeeld met herhaling in rooilijnen en gevelindeling en samenhang in zowel architectonische uitwerking als het gebruik van materiaal. Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging gebouwen maken deel uit van een stedenbouwkundig patroon, waarin vooral de voorgevelrooilijnen en hoeken van belang zijn gebouwen met de voorgevel richten op de belangrijkste openbare ruimte gebouwen met een bijzondere functie zoals scholen kunnen een meer vrije positie innemen en daarbij een meerzijdige oriëntatie krijgen Massa de bouwmassa is evenwichtig en afgestemd op de samenhang in rij of cluster bezien vanuit de openbare ruimte rijwoningen hebben bij voorkeur twee lagen met eenduidige kap appartementengebouwen hebben bij voorkeur een eenvoudige vorm en hebben meerdere lagen met in beginsel een plat dak uitbreidingen zoals aanbouwen en dakopbouwen indien goed zichtbaar vanuit de openbare ruimte vormgeven als ondergeschikt element of opnemen in de hoofdmassa vrijstaande woningen en gebouwen met bijzondere functies harmoniëren met het karakter van het gebied en kunnen afhankelijk van hun ligging afwijken van de gebruikelijke massa, opbouw en vorm Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn eenvoudig maar degelijk en bij nieuwbouw verzorgd bij rijenwoningen aan voorkanten de herhaling behouden op maaiveldniveau hebben appartementengebouwen bij voorkeur een bewoond karakter wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op het hoofdvolume en de rij of het cluster Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn degelijk en terughoudend en aan voorkanten in samenhang met de rij of het cluster gevels zijn bij voorkeur van baksteen, pleisterwerk of vergelijkbare materialen hellende daken van woningen in beginsel voorzien van pannen Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 47

48 Bedrijven, kantoren, instellingen Gebied 9 Beschrijving De bedrijventerreinen van Hardinxveld-Giessendam liggen verspreid over de gemeente en hebben een dichte bebouwingsstructuur met kleinschalige bedrijfshallen en een enkel kantoorgebouw. De gebieden bestaan onder andere uit de bebouwing aan en in de omgeving van de Helling, Wilgenhout, Nijverheidsstraat en Schapedrift. De terreinen hebben een eenvoudige hoofdstructuur met dicht op elkaar staande individuele bebouwing, waarvan de rooilijnen verspringen. De gebouwen zijn in het algemeen georiënteerd op de weg. Opslag in het zicht is geen uitzondering. De loodsen en hallen bestaan uit een of meerdere lagen met een plat dak of flauw hellend zadeldak en zijn hoofdzakelijk functioneel en meestal eenvoudig van opzet en in architectonische uitwerking. Kantoren en entreepartijen vormen hier en daar een accent in overwegend gesloten gevels. Materialen en kleuren zijn overwegend traditioneel. De gevels zijn uitgevoerd in plaatmateriaal of bak- of betonsteen. Het kleurgebruik is rustig en sober, waarbij lichte grijzen en baksteentinten het meest aanwezig zijn. Enkele recentere terreinen, zoals aan Schapedrift en Zwijnskade en enkele randen langs de A15, hebben een ruimere opzet met representatieve bebouwing en een verzorgde inrichting van de openbare ruimte. In de gebieden komen enkele woningen voor. De architectonische uitwerking varieert en is meestal verzorgd Waarde De bedrijventerreinen zijn veelal traditioneel van opzet. De waarde is vooral gelegen in de heldere opzet en eenvoudige bebouwing die de functie weergeeft. Bij de meer recente bedrijventerreinen is de waarde vooral gelegen in de ruime stedenbouwkundige opzet en de verschijningsvorm van de bebouwing. Gewoon welstandsgebied De bedrijventerreinen zijn gewoon welstandsgebied. Waarbij plannen binnen de invloedssfeer van de A15 een bijzondere inzet vergen. Het beleid is gericht op het beheer van de samenhang in de massa's en het straatbeeld. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan de samenhang in zowel de architectonische uitwerking als het gebruik van materiaal en kleur. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 48

49 Bedrijven, kantoren, instellingen Gebied 9 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging gebouwen oriënteren op de weg representatieve, openbare en woonfuncties naar de straat richten de rooilijnen kunnen verspringen ten opzichte van elkaar opslag en expeditieruimten spelen een onnadrukkelijke rol in het straatbeeld Massa gebouwen zijn bij voorkeur individueel en afwisselend gebouwen zijn eenvoudig van opbouw en bestaan bij voorkeur uit een ongedeelde en evenwichtige hoofdmassa gebouwen hebben een onderbouw van één of meerdere lagen met een plat of flauw hellend dak entreepartijen en kantoorgedeelten vormgeven als accenten of als zelfstandige volumes Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn in het algemeen evenwichtig, gevarieerd en bij voorkeur verzorgd accenten en geledingen ten behoeve van het onderscheiden van functies zijn wenselijk wijzigingen in stijl, maat en afwerking afstemmen op het hoofdvolume Materiaal en kleur grote vlakken bestaan uit materialen met een structuur zoals baksteen, houten betimmering of gevouwen staalplaat kleuren zijn bij voorkeur terughoudend en in onderlinge samenhang Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 49

50 Industrie Gebied 10 Beschrijving De industriegebieden van Hardinxveld-Giessendam liggen buitendijks aan de oever van de Merwede en zijn gebieden met grootschalige bedrijvigheid en industrie. De gebieden bestaan voornamelijk uit de bebouwing aan de zuidzijde van de Rivierdijk. Het terrein heeft weinig samenhang in bebouwing en staat enigszins op zichzelf door de buitendijkse ligging. De eenvoudige hoofdstructuur is ingevuld met individuele en veelal vrijstaande bebouwing, waarvan de rooilijnen verspringen. De gebouwen zijn in het algemeen georiënteerd op het water of de weg. De inrichting van de openbare ruimte is doelmatig en eenvoudig op het sobere af. Groenelementen komen weinig voor. De gebouwen weerspiegelen de functies en kennen weinig opsmuk. Tussen de opslagterreinen en bedrijfshallen staat af en toe een kantoor. Gebouwen zijn meestal eenvoudig van opzet met veel afwisseling in vorm. Kantoren en entreepartijen vormen hier en daar een accent in gesloten gevels. Productiegebouwen zijn schijnbaar willekeurig georiënteerd en hebben zelden een duidelijke voorgevel. De detaillering en het materiaalgebruik zijn in het algemeen erg sober en functioneel. De gevels zijn meestal van gevouwen staalplaat of beton, soms ook van baksteen. Het kleurgebruik is rustig en sober, waarbij lichte grijzen en baksteentinten het meest aanwezig zijn. Waarde De waarde van de industriegebieden is vooral functioneel en economisch. Gewoon welstandsgebied De industriegebieden zijn gewoon welstandsgebied. Het beleid is terughoudend en gericht op het goed functioneren van het gebied en het beheer van de verschijningsvorm van de gebouwen en terreinen, gezien vanaf de noordkant van het gebied. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan de samenhang in zowel de architectonische uitwerking als het gebruik van materiaal en kleur. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 50

51 Industrie Gebied 10 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging gebouwen indien mogelijk oriënteren op de weg en representatieve en openbare functies bij voorkeur naar de straat richten de rooilijnen kunnen verspringen ten opzichte van elkaar opslag en expeditieruimten spelen een onnadrukkelijke rol in het straatbeeld Massa gebouwen zijn bij voorkeur individueel en afwisselend gebouwen zijn eenvoudig van opbouw en bestaan bij voorkeur uit een ongedeelde en evenwichtige hoofdmassa gebouwen hebben een onderbouw van één of meerdere lagen met een plat of flauw hellend dak entreepartijen en kantoorgedeelten vormgeven als accenten of als zelfstandige volumes gebouwen zijn bij voorkeur individueel gebouwen bestaan bij voorkeur uit een ongedeelde en evenwichtige hoofdmassa en hebben een plat of flauw hellend (zadel)dak aanbouwen zijn bescheiden en ondergeschikt entreepartijen en kantoorgedeelten vormgeven als bescheiden accenten van een industriehal of als zelfstandige volumes Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn in het algemeen evenwichtig, gevarieerd en sober accenten en geledingen ten behoeve van het onderscheiden van functies zijn wenselijk wijzigingen in stijl, maat en afwerking afstemmen op omringende bebouwing Materiaal en kleur materialen en kleuren zijn overwegend utilitair grote vlakken bestaan uit materialen met een structuur zoals baksteen, houten betimmering of gevouwen staalplaat kleuren zijn bij voorkeur terughoudend en in onderlinge samenhang met hier en daar een accent Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 51

52 Groen en parken Gebied 11 Beschrijving Dit gebied bevat diverse sportterreinen met bijbehorend clubaccommodatie, enkele begraafplaatsen, de groenstrook langs de A15 in De Peulen en buiten gelegen gronden langs de rivier. Deze gebieden hebben weinig en overwegend eenvoudige bebouwing en zijn verspreid over de gemeente te vinden. De terreinen zijn verschillend van grootte. Ook de bijbehorende bebouwing is verschillend in grootte en vormgeving. In het algemeen bestaat de veelal geclusterde bebouwing van de sportparken uit een hoofdgebouw met meerdere bijgebouwen, die meestal vrij op het maaiveld staan en waarbij het hoofdgebouw gericht is op de belangrijkste openbare ruimte of het hoofd sportveld. De entree is gericht op de weg en veelal vormgegeven als accent. De hoofdbebouwing op begraafplaatsen heeft veelal representatieve gevels en is zorgvuldig gedetailleerd. De gebouwen hebben een eenvoudige opbouw en bestaan in hoofdzaak uit een onderbouw van één tot twee lagen met een flauw hellende kap of plat dak. Hoewel de gebouwen verschillen van uiterlijk is de hoofdvorm helder en de architectuur en detaillering eenvoudig en verzorgd. Grote vlakken bestaan uit materiaal met een structuur zoals baksteen, houten betimmering of gevouwen staalplaat. Het kleurgebruik is terughoudend. De gevels van de sporthallen zijn op het entreegedeelte na veelal gesloten. Uitzondering is de waterzuiveringsinstallatie aan de Tiendweg nabij de A15. Bijzondere elementen zijn de (hoofd)gebouwen op enkele begraafplaatsen. Deze zijn complexer in opbouw, zorgvuldig in detaillering en uitwerking en cultuurhistorisch waardevol. Waarde De gebieden zijn helder en eenvoudig qua opzet en bebouwing en hebben een groen karakter waarbij de gebouwen een ondergeschikte rol spelen. De architectuur is terughoudend. Gewoon welstandsgebied Groen en parken zijn gewoon welstandsgebied. Het beleid is terughoudend en gericht op beheer. Mogelijke uitbreidingen zullen met name buiten de kern goed in het landschap ingepast moeten worden. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan het behoud van de terughoudende architectuur en landschappelijke inpassing. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 52

53 Groen en parken Gebied 11 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging per terrein is er één hoofdmassa, die met de voorgevel wordt gericht op de belangrijkste openbare ruimte(n) het hoofdgebouw is vrijstaand en individueel het individuele gebouw binnen een ensemble is deel van het geheel en voegt zich hier naar bijgebouwen zijn ondergeschikt grootschalige verharding van voorerven voor bijvoorbeeld parkeerplaatsen zoveel mogelijk beperken Massa gebouwen hebben een eenvoudige hoofdvorm die bestaat uit een onderbouw van één tot twee lagen met flauw hellende kap of plat dak gebouwen hebben per cluster samenhang er zijn zo min mogelijk dichte gevels aan de straat aanbouwen zijn ondergeschikt en maken deel uit van de totale compositie van het gebouw geledingen in massa zijn wenselijk Architectonische uitwerking er is ontwerpaandacht voor alle details accenten en geledingen ten behoeve van het onderscheiden van functies zijn wenselijk de detaillering is per cluster in samenhang entreepartijen vormgeven als accent of als zelfstandig volume bijgebouw eenvoudiger maar net zo zorgvuldig detailleren als hoofdgebouw wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur grote vlakken bestaan uit materialen met een structuur zoals baksteen, houten betimmering of gevouwen staalplaat gevels zijn bij voorkeur van baksteen of houten delen hellende daken dekken met pannen of plaatmateriaal met een structuur kleuren zijn terughoudend en in onderlinge samenhang, waarbij eventuele verenigingskleuren als contrastkleur kunnen worden ingezet zonder de boventoon te voeren Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 53

54 Giessenzoom Gebied 12 Beschrijving Giessenzoom is een besloten gebied tussen Merwede-Lingelijn en Giessen. Het gebied heeft zijn agrarische karakter enigszins verloren en wordt momenteel vooral gebruikt voor recreatiedoelen, waaronder volkstuinen en dierenweitjes. De bebouwing op het terrein bestaat naast enkele woningen vooral uit een veelheid aan kleine objecten zoals tuinhuisjes en schuren. Daarnaast staan er enkele vrijstaande recreatiewoningen en bedrijfsgebouwen. De grotere bebouwing staat veelal langs de weg of is op de Giessen gericht, de kleinere bebouwing is ook wel midden in het groen geplaatst. De hoofdvorm van de gebouwen is in de regel helder. De objecten hebben veelal een eenvoudig volume van één laag met een kap. Bij de woningen is deze kap veelal flink. De bedrijfsgebouwen hebben eenzelfde opbouw, maar zijn groter van formaat. Aanbouwen komen voor, ook bij kleine objecten. De architectonische uitwerking en detaillering zijn veelal eenvoudig en degelijk, en bij de woningen verzorgd. Gevels bestaan in beginsel uit materiaal met een structuur zoals baksteen of houten beplanking. Kleuren zijn terughoudend en passen bij de landelijke omgeving. Waarde Giessenzoom is een besloten gebied met een groen karakter waarbij de bebouwing een ondergeschikte rol speelt. De architectuur is terughoudend, vaak zelfs eenvoudig. De waarde is vooral gelegen in het afwisselende karakter door de combinatie tussen openheid en beslotenheid in de groene invulling. Gewoon welstandsgebied Giessenzoom is gewoon welstandsgebied. Het beleid is terughoudend en gericht op behoud van de ruimtelijke kwaliteit. Plannen zullen met name goed in het landschap ingepast moeten worden, zowel bezien vanaf de Giessen als vanaf de kant van de spoorlijn. De commissie zal bij de advisering onder meer aandacht schenken aan een eenvoudige massaopbouw en een terughoudende architectuur met landelijke kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 54

55 Giessenzoom Gebied 12 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging per terrein is er in beginsel één vrijstaande hoofdmassa, die met de voorgevel wordt gericht op de belangrijkste openbare ruimte(n) bebouwing op enige afstand van de perceelsgrenzen plaatsen met behoud van doorzichten op landschap en water opslag en verharding spelen een onnadrukkelijke rol in het straatbeeld Massa gebouwen zijn individueel en afwisselend gebouwen hebben een eenvoudige en ongedeelde hoofdvorm van in beginsel één laag met kap er zijn zo min mogelijk dichte gevels aan de straat en Giessen uitbreidingen zoals op- en aanbouwen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element of opnemen in de hoofdmassa Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn verzorgd en degelijk, tuinhuisjes en schuren zijn eenvoudig wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op het hoofdgebouw Materiaal en kleur bebouwing in beginsel uitvoeren in materialen met een structuur, zoals metselwerk of beplanking in de gevel en pannen of beplating op het dak gevels van woningen zijn bij voorkeur van baksteen of een vergelijkbaar steenachtig materiaal, hellende daken van woningen dekken met pannen kleuren zijn traditioneel, terughoudend en harmoniëren met het landelijke karakter van de omgeving daken zijn bij voorkeur grijs aan- en bijgebouwen in materiaal en kleur afstemmen op de hoofdmassa Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 55

56 Buitengebied Gebied 13 Beschrijving In het buitengebied van Hardinxveld-Giessendam komt lintbebouwing in lage dichtheid voor met enkele boerderijen en landhuizen. Het buitengebied bestaat voornamelijk uit (een deel van) de bebouwing aan de Broekseweg, Spoorweg. De bebouwing staat deels langs de hoofdontsluitingswegen en ligt meestal iets terug op ruime kavels ontsloten door bruggen. De bebouwing bestaat voornamelijk uit boerderijen, woningen en (agrarische) bedrijfsgebouwen. De bebouwing staat meestal vrij. Hoofdgebouwen zijn met de voorzijde gericht op de weg. Rooilijnen volgen de weg of de verkaveling en verspringen. De bedrijfsgebouwen als schuren liggen meestal achter en soms naast de woongebouwen. Het erf voor het bedrijfsgedeelte is vaak verhard. De bebouwing is individueel en afwisselend. Woningen hebben een eenvoudige tot gedifferentieerde opbouw bestaande uit een onderbouw van één of twee lagen met kap. Op- en aanbouwen komen veel voor en deze zijn in het algemeen ondergeschikt en opgenomen in de hoofdmassa. De gebouwen hebben een verzorgde detaillering. Materialen zijn traditioneel. Gevels zijn gemetseld en soms voorzien van een houten pui of betimmering. De meeste daken zijn gedekt met pannen. De gebruikte kleuren zijn terughoudend en in het algemeen traditioneel. Moderne (agrarische) bedrijfsgebouwen hebben een eenvoudige opbouw van één tot twee lagen met een zadeldak en hebben een eenvoudige detaillering. Terughoudende materialen in combinatie met gedekte kleuren zorgen ervoor dat de gebouwen onnadrukkelijk in het landschap liggen. Waarde Het buitengebied van Hardinxveld-Giessendam heeft enkele polderlinten. De waarde is vooral gelegen in de combinatie tussen de openheid, de oorspronkelijke structuurelementen zoals wegen, waterlopen en de afwisselende bebouwing. Gewoon welstandsgebied Het buitengebied van Hardinxveld-Giessendam is gewoon welstandsgebied. Het beleid is gericht op het behoud van de oorspronkelijke structuurelementen, het karakteristieke profiel van de lintwegen en het inperken van grote oppervlakken verharding. De commissie zal bij de advisering over woongebouwen en bedrijfsgebouwen onder meer aandacht schenken aan de mate van afwisseling en individualiteit in de massa in combinatie met een terughoudende vormgeving en traditioneel gebruik van materialen en kleuren. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 56

57 Buitengebied Gebied 13 Criteria Bij de beoordeling van bouwplannen wordt in samenhang met de beschrijving getoetst aan de hand van de volgende criteria: Ligging het hoofdgebouw aan de straatzijde, bijgebouwen in ondergeschikte positie de rooilijnen van de hoofdmassa s verspringen ten opzichte van elkaar de bebouwing met de voorgevel op de weg richten en concentreren in de ontginningslinten, met behoud van doorzichten naar het landschap (agrarische) bedrijfsgebouwen liggen achter woongebouw en bijgebouwen gebouwen liggen op enige afstand van de perceelsgrens of de slootkant opslag speelt een onnadrukkelijke rol in het straatbeeld grootschalige verharding van voorerven voor bijvoorbeeld inritten voorkomen Massa gebouwen zijn individueel en afwisselend woongebouwen bestaan uit één tot anderhalve laag met kap bedrijfsgebouwen bestaan uit een onderbouw van één laag met bij voorkeur een kap en hebben een eenvoudige hoofdvorm met ongedeelde hoofdmassa nok is bij voorkeur haaks op de weg of evenwijdig aan de verkavelingsrichting uitbreidingen waaronder op- en aanbouwen zoals dakkapellen vormgeven als toegevoegd ondergeschikt element of opnemen in de hoofdmassa bijgebouwen zijn ondergeschikt aan hoofdmassa en eenvoudig van vorm Architectonische uitwerking de architectonische uitwerking en detaillering zijn verzorgd en afwisselend bedrijfsgebouwen eenvoudig en zorgvuldig detailleren zeer grote lengtes door middel van geleding van de wand doorbreken elementen in de gevel zoals deuren en ramen in een logische verhouding tot elkaar en de gevel als geheel plaatsen wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op hoofdvolume Materiaal en kleur gevels van woongebouwen zijn bij voorkeur van baksteen of een vergelijkbaar steenachtig materiaal hellende daken van woningen dekken met pannen of riet, daken van bedrijfsgebouwen zijn bij voorkeur donkergrijs grote vlakken bestaan uit kleine elementen of hebben een duidelijke textuur kleuren zijn traditioneel, terughoudend en harmoniëren met de omringende bebouwing bedrijfsgebouwen in terughoudende kleuren uitvoeren (wanden bij voorkeur in groentinten en daken bij voorkeur donkergrijs) aan- en bijgebouwen in materiaal en kleur afstemmen op de hoofdmassa Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 57

58 Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 58

59 BEGRIPPENLIJST Bijlage 1 Onderstaande verklarende woordenlijst is geschreven voor een beter begrip van de welstandsnota (aan eventuele verschillen met definities in ander beleid kunnen geen rechten worden ontleend). Aanbouw grondgebonden ondergeschikte toevoeging van één bouwlaag Aangekapt met kap bevestigd aan dakvlak Achterkant het achtererf, de achtergevel en het dakvlak aan de achterzijde van een gebouw en het zijerf, de zijgevel en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voor zover die zijde (zijdelings) niet gekeerd is naar openbaar toegankelijk gebied Afdak dak dat is aangebracht tegen een muur of gebouw om tegen neerslag te beschermen Authentiek overeenstemmend met het oorspronkelijke, origineel, eigen kenmerken dragend, oorspronkelijk Band horizontale versiering in de gevel in afwijkend materiaal, meestal natuursteen of baksteen Bedrijfsbebouwing gebouwen ten behoeve van bedrijven zoals hallen, werkplaatsen en loodsen; hebben meestal een utilitair karakter Beschot afwerking van een wand met planken, schroten of rabatdelen Bestemmingsplan door de gemeenteraad vastgesteld plan waarin gebruik van grond en bebouwingsvoorschriften zijn vastgelegd Bijgebouw ondergeschikt gebouw dat bij een hoofdgebouw hoort en los van het hoofdgebouw op het erf of kavel staat; meestal bedoeld als schuur, tuinhuis of garage Blinde muur of gevel muur of gevel zonder raam, deur of andere opening Borstwering lage dichte muur tot borsthoogte Boeibord opstaande kant van een dakgoot of dakrand, meestal uitgevoerd in hout of plaatmateriaal Boerderij gebouw of gebouwen op een erf met een (oorspronkelijk) agrarische functie en het daarbij horende woonhuis Bouwblok een aan alle zijden door straten en wegen begrensde groep gebouwen, die een stedenbouwkundige eenheid vormt Bouwlaag verdieping van een gebouw, door vloeren of balklagen begrensd Bovenbouw het bovendeel van een gebouw; heeft meestal betrekking op de schuine kap van een huis met de daarbij behorende kopgevels Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 59

60 Buitengebied buiten de bebouwde kom gelegen gebied, ook wel landelijk gebied genoemd Bungalow meestal vrijstaande woning waarvan alle vertrekken op de begane grond zijn gesitueerd Buurtschap verzameling woningen of boerderijen buiten de bebouwde kom Carport afdak om de auto onder te stallen, meestal bij een woning Dak afdekking van een gebouw, vlak of hellend, waarop dakbedekking is aangebracht Dakhelling de hoek van het dak ten opzichte van een horizontale vlak Dakkapel uitbouw op een hellend dakvlak Dakopbouw een toevoeging aan de bouwmassa door het verhogen van de nok van het dak, die het silhouet van het oorspronkelijke dak verandert Dakraam raam in een hellend dak Detail ontmoeting van verschillende bouwdelen zoals gevel en dak of gevel en raam Detaillering uitwerking, weergave van de verschillende onderdelen of aansluitingen Drager en invulling de drager is de constructie van een gebouw, waaraan de invulling is toegevoegd om te beschermen tegen weer en wind (heeft vooral betrekking op gebouwen uit de jaren vijftig en zestig, waarbij het verschil tussen drager en invulling werd gebruikt om de woning in een groot gebouw of rij huizen te onderscheiden) Ensemble architectonisch en stedenbouwkundig compositorisch geheel van meerdere panden Erf het perceel exclusief hoofdgebouwen, waarbij voor kleine bouwwerken onderscheid te maken is tussen erven aan een voorkant en aan een achterkant Erker ondergeschikte toevoeging van ten hoogste één bouwlaag aan de gevel van een gebouw, meestal uitgevoerd in hout en glas Flat groot kantoor- of woongebouw met meerdere verdiepingen Galerij gang aan de buitenkant van een (flat)gebouw die toegang verschaft tot de afzonderlijke woningen Geleding verticale of horizontale indeling van de gevel door middel van inspringingen Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 60

61 Gepotdekseld gedeeltelijk over elkaar gespijkerde planken om inwatering tegen te gaan Gevel buitenmuur van een gebouw (afhankelijk van de plaats de voor-, zij- of achtergevel) Gootklos in de muur bevestigd stuk balk ter ondersteuning van een goot Groengebied gebied met veel beplanting zoals parken, plantsoenen, sportterreinen en natuurgebieden Hoofdgebouw een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken Hoogbouw gebouwen van meer dan vier lagen Individueel gebouw zelfstandig, op zichzelf staand gebouw Industriebebouwing gebouwen met een industriële bestemming Industriegebied gebied bestemd voor de vestiging van industrie Kavel grondstuk, kadastrale eenheid Kern centrum van een dorp of stad Klossen uit de muur stekende houten of gemetselde blokjes ter ondersteuning van uitstekende onderdelen van een gebouw zoals dakgoten Kop in het algemeen gebruikt om de smalle kant van een rechthoekige vorm aan te duiden, bijvoorbeeld bij een gebouw Laag zie bouwlaag Laagbouw gebouwen van één of twee lagen Lak afwerklaag van schilderwerk Landelijk gebied zie buitengebied Latei draagbalk boven gevelopening Lessenaardak dak met één hellend, niet onderbroken, dakvlak Lichtkoepel raamconstructie in een plat dak, in de vorm van een koepel Lijst een al dan niet versierde en geprofileerde rand als bekroning van de bovenzijde van een gevel Lineair rechtlijnig, langgerekt Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 61

62 Lint langgerekte weg met daarlangs overwegend vrijstaande bebouwing in een gegroeide structuur met variërende dichtheden. Linten komen voor in de polders, langs dijken en in de dorpen (oude invalswegen). Luifel een plat uitgebouwd afdak, vaak boven een deur Maaiveld bovenzijde van het terrein dat een bouwwerk omgeeft, de grens tussen grond en lucht Mansardekap dakvorm waarbij het onderste deel van het dak steiler is dan het bovenste deel waardoor een geknikte vorm ontstaat Massa volume van een gebouw of bouwdeel Metselverband het zichtbare patroon van metselwerk Middelhoogbouw gebouwen van drie of vier lagen Middenstijl verticaal deel in het midden van een deur- of raamkozijn Monument aangewezen onroerend goed als bedoeld in artikel 3 van de Monumentenwet 1988, zoals deze luidt op het tijdstip van het in ontwerp ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan of aangewezen onroerend goed als bedoeld in de gemeentelijke Monumentenverordening Negge het vlak of de maat tussen de buitenkant van de gevel en het kozijn Nok horizontale snijlijn van twee dakvlakken, de hoogste lijn van het dak Onderbouw het onderdeel van een gebouw; heeft meestal betrekking op de begane grond van een huis met een zadeldak Ondergeschikt voert niet de boventoon Ontsluiting de toegang tot een terrein of een gebouw Oriëntatie de richting van een gebouw Oorspronkelijk origineel, aanvankelijke vorm, authentiek Orthogonaal rechthoekig Overstek bouwdeel dat uitsteekt ten opzichte van het eronder gelegen deel Pand gebouw of (woon)eenheid binnen een gebouw Paneel rechthoekig vlak, geplaatst in een omlijsting Peil a. voor gebouwen waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang. b. in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 62

63 Plaatmateriaal bouwmateriaal dat in plaatvorm geleverd wordt, zoals hout (triplex en multiplex), kunststof (onder andere trespa) of staal (vlak of met profiel) Planmatige bebouwing groep gebouwen herkenbaar uitgevoerd volgens een vooraf opgesteld plan Plint een duidelijk te onderscheiden horizontale lijn aan de onderzijde van een gebouw Portiek gemeenschappelijk trappenhuis Piramidedak dak bestaande uit vier gelijk hellende vlakken die elkaar bovenaan in een punt ontmoeten Renovatie vernieuwing van een gebouw Rijtjeshuis huis als onderdeel van een reeks aaneengebouwde, gelijkende woningen Ritmiek regelmatige herhaling Rollaag horizontale rij stenen boven een gevelopening of aan de bovenzijde van een gemetselde wand Rooilijn lijn die de grens aangeeft waarbinnen gebouwd mag worden Sanering herinrichting door middel van sloop en vervangende nieuwbouw Schilddak dak met vier hellende vlakken waarvan twee grote en twee kleine vlakken Schuur bijgebouw ten behoeve van opslag Situering de plaats van een bouwwerk in zijn omgeving Stads- en dorpsvernieuwing maatregelen voor de verbetering of vervanging van bebouwing en de openbare ruimte daaromheen Stijl architectuur of vormgeving uit een bepaalde periode of een bepaalde stroming Textuur de voelbare structuur van een materiaal (bij metselwerk dus de oneffenheden van de steen en het voegwerk) Voorgevellijn denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een bouwwerk Voorkant het voorerf, de voorgevel en het dakvlak aan de voorzijde van een gebouw en het zijerf, de zijgevel en het dakvlak aan de zijkant van een gebouw voor zover die zijde (zijdelings) gekeerd is naar openbaar toegankelijk gebied Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 63

64 Windveer plank aan weerskanten van een pannendak, bevestigd langs de buitenste rij pannen Wolfseind meestal een zadeldak waarvan één of beide dakschilden op de kop een afgeknot dakschild heeft Zadeldak dak met twee tegenoverliggende dakvlakken die bij de nok samenkomen Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 64

65 ALGEMENE CRITERIA Bijlage 2 De algemene welstandscriteria richten zich op de zeggingskracht en het vakmanschap van het architectonisch ontwerp en zijn terug te voeren op vrij universele kwaliteitsprincipes. Deze criteria liggen (haast onzichtbaar) ten grondslag aan elke planbeoordeling, omdat ze het uitgangspunt vormen voor de uitwerking van de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria. In de praktijk zullen die uitwerkingen meestal voldoende houvast bieden voor de planbeoordeling. Deze criteria zijn opgesteld door voormalig Rijksbouwmeester prof.dr.ir. Tjeerd Dijkstra. Toepassing In bijzondere situaties wanneer de gebiedsgerichte en de objectgerichte welstandscriteria ontoereikend zijn, kan het nodig zijn expliciet terug te grijpen op de algemene welstandscriteria. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer een bouwplan (slaafs) is aangepast aan de gebiedsgerichte welstandscriteria, maar het bouwwerk zelf zo onder de maat blijft dat het zijn omgeving negatief zal beïnvloeden. Ook wanneer een bouwplan afwijkt van de bestaande of toekomstige omgeving maar door bijzondere schoonheid wél aan redelijke eisen van welstand voldoet, kan worden teruggegrepen op de algemene welstandscriteria. De commissie kan burgemeester en wethouders in zo n geval gemotiveerd en schriftelijk adviseren af te wijken van de gebiedsgerichte en objectgerichte welstandscriteria. In de praktijk betekent dit dat het betreffende plan alleen op grond van de algemene welstandscriteria wordt beoordeeld en dat de bijzondere schoonheid van het plan met deze criteria overtuigend kan worden aangetoond. Het niveau van redelijke eisen van welstand ligt dan uiteraard hoog, het is immers redelijk dat er hogere eisen worden gesteld aan de zeggingskracht en het architectonisch vakmanschap naarmate een bouwwerk zich sterker van zijn omgeving onderscheidt. Relatie tussen vorm, gebruik en constructie Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat de verschijningsvorm een relatie heeft met het gebruik ervan en de wijze waarop het gemaakt is, terwijl de vormgeving daarnaast ook zijn eigen samenhang en logica heeft. Een bouwwerk wordt primair gemaakt om te worden gebruikt. Hoewel het welstandstoezicht slechts is gericht op de uiterlijke verschijningsvorm, kan de vorm van het bouwwerk niet los worden gedacht van de eisen vanuit het gebruik en de mogelijkheden die materialen en technieken bieden om een doelmatige constructie te maken. Gebruik en constructie staan aan de wieg van iedere vorm. Daarmee is nog niet gezegd dat de vorm altijd ondergeschikt is aan het gebruik of de constructie. Ook wanneer andere aspecten dan gebruik en constructie de vorm tijdens het ontwerpproces gaan domineren, mag worden verwacht dat de uiteindelijke verschijningsvorm een begrijpelijke relatie houdt met zijn oorsprong. Daarmee is tegelijk gezegd dat de verschijningsvorm méér is dan een rechtstreekse optelsom van gebruik en constructie. Er zijn daarnaast andere factoren die hun invloed kunnen hebben zoals de omgeving en de associatieve betekenis van de vorm in de sociaal-culturele context. Maar als de vorm in tegenspraak is met het gebruik en de constructie dan verliest zij daarmee aan begrijpelijkheid en integriteit. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 65

66 Relatie tussen bouwwerk en omgeving Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de openbare (stedelijke of landschappelijke) ruimte. Daarbij worden hogere eisen gesteld naarmate de openbare betekenis van het bouwwerk of van de omgeving groter is. Bij het oprichten van een gebouw is sprake van het afzonderen en in bezit nemen van een deel van de algemene ruimte voor particulier gebruik. Gevels en volumes vormen zowel de externe begrenzing van de gebouwen als ook de wanden van de openbare ruimte die zij gezamenlijk bepalen. Het gebouw is een particulier object in een openbare context, het bestaansrecht van het gebouw ligt niet in het eigen functioneren alleen maar ook in de betekenis die het gebouw heeft in zijn stedelijke of landschappelijke omgeving. Ook van een gebouw dat contrasteert met zijn omgeving mag worden verwacht dat het zorgvuldig is ontworpen en de omgeving niet ontkent. Waar het om gaat is dat het gebouw een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de omgeving en de te verwachten ontwikkeling daarvan. Over de wijze waarop dat bij voorkeur zou moeten gebeuren kunnen de gebiedsgerichte welstandscriteria duidelijkheid verschaffen. Betekenissen van vormen in sociaal-culturele context Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat verwijzingen en associaties zorgvuldig worden gebruikt en uitgewerkt, zodat er concepten en vormen ontstaan die bruikbaar zijn in de bestaande maatschappelijke realiteit. Voor vormgeving gelden in iedere cultuur bepaalde regels, net zoals een taal zijn eigen grammaticale regels heeft om zinnen en teksten te maken. Die regels zijn geen wetten en moeten ter discussie kunnen staan. Maar als ze worden verhaspeld of ongeïnspireerd gebruikt, wordt een tekst verwarrend of saai. Precies zo wordt een bouwwerk verwarrend of saai als de regels van de architectonische vormgeving niet bewust worden gehanteerd. Als vormen regelmatig in een bepaald verband zijn waargenomen krijgen zij een zelfstandige betekenis en roepen zij, los van gebruik en constructie, bepaalde associaties op. Pilasters in classicistische gevels verwijzen naar zuilenstructuren van tempels, transparante gevels van glas en metaal roepen associaties op met techniek en vooruitgang. In iedere bouwstijl wordt gebruik gemaakt van verwijzingen en associaties naar wat eerder of elders reeds aanwezig was of naar wat in de toekomst wordt verwacht. De kracht of de kwaliteit van een bouwwerk ligt echter vooral in de wijze waarop die verwijzingen en associaties worden verwerkt en geïnterpreteerd binnen het kader van de actuele culturele ontwikkelingen, zodat concepten en vormen ontstaan die bruikbaar zijn in de bestaande maatschappelijke realiteit. Zorgvuldig gebruik van verwijzingen en associaties betekent onder meer dat er een bouwwerk ontstaat dat integer is naar zijn tijd doordat het op grond van zijn uiterlijk in de tijd worden geplaatst waarin het werd gebouwd of verbouwd. Bij restauraties is sprake van herstel van elementen uit het verleden, maar bij nieuw- of verbouw in bestaande (monumentale) omgeving betekent dit dat duidelijk moet zijn wat authentiek is en wat nieuw is toegevoegd. Een ontwerp kan worden geïnspireerd door een bepaalde tijdsperiode, maar dat is iets anders dan het imiteren van stijlen, vormen en detailleringen uit het verleden. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 66

67 Associatieve betekenissen zijn van groot belang om een omgeving te begrijpen als beeld van de tijd waarin zij is ontstaan, als verhaal van de geschiedenis, als representant van een stijl. Daarom is het zo belangrijk om ook bij nieuwe bouwplannen zorgvuldig met stijlvormen om te gaan, zij vormen immers de geschiedenis van de toekomst. Evenwicht tussen helderheid en complexiteit Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat er structuur is aangebracht in het beeld, zonder dat de aantrekkingskracht door simpelheid verloren gaat. Een belangrijke eis die aan een ontwerp voor een gebouw mag worden gesteld is dat er structuur wordt aangebracht in het beeld. Een heldere structuur biedt houvast voor de waarneming en is bepalend voor het beeld dat men vasthoudt van een gebouw. Symmetrie, ritme, herkenbare maatreeksen en materialen maken het voor de gemiddelde waarnemer mogelijk de grote hoeveelheid visuele informatie die de gebouwde omgeving geeft, te reduceren tot een bevattelijk beeld. Het streven naar helderheid mag echter niet ontaarden in simpelheid. Een bouwwerk moet de waarnemer blijven prikkelen en intrigeren en zijn geheimen niet direct prijsgeven. Er mag best een beheerst beroep op de creativiteit van de voorbijganger worden gedaan. Van oudsher worden daarom helderheid en complexiteit als complementaire begrippen ingebracht bij het ontwerpen van bouwwerken. Complexiteit in de architectonische compositie ontstaat vanuit de stedenbouwkundige eisen en het programma van eisen voor het bouwwerk. Bij een gebouwde omgeving met een hoge belevingswaarde zijn helderheid en complexiteit tegelijk aanwezig in evenwichtige en spanningsvolle relatie. Schaal en maatverhoudingen Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het een samenhangend stelsel van maatverhoudingen heeft dat beheerst wordt toegepast in ruimtes, volumes en vlakverdelingen. Ieder bouwwerk heeft een schaal die voortkomt uit de grootte of betekenis van de betreffende bouwopgave. Grote bouwwerken kunnen uiteraard binnen hun eigen grenzen geleed zijn maar worden onherkenbaar en ongeloofwaardig als ze er uitzien alsof ze bestaan uit een verzameling losstaande kleine bouwwerken. De maatverhoudingen van een bouwwerk zijn van groot belang voor de belevingswaarde ervan, maar vormen tegelijk één van de meest ongrijpbare aspecten bij het beoordelen van ontwerpen. De waarnemer ervaart bewust of onbewust de maatverhoudingen van een bouwwerk, maar wáárom de maatverhoudingen van een bepaalde ruimte aangenamer, evenwichtiger of spannender zijn dan die van een andere, valt nauwelijks vast te stellen. Duidelijk is dat de kracht van een compositie groter is naarmate de maatverhoudingen een sterkere samenhang en hiërarchie vertonen. Mits bewust toegepast kunnen ook spanning en contrast daarin hun werking hebben. De afmetingen en verhoudingen van gevelelementen vormen tezamen de compositie van het gevelvlak. Hellende daken vormen een belangrijk element in de totale compositie. Als toegevoegde elementen (zoals een dakkapel, een aanbouw of een zonnecollector) te dominant zijn ten opzichte van de hoofdmassa en/of de vlakverdeling, verstoren zij het beeld niet alleen van het object zelf maar ook van de omgeving waarin dat is geplaatst. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 67

68 Materiaal, textuur, kleur en licht Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat materiaal, textuur, kleur en licht het karakter van het bouwwerk zelf ondersteunen en de ruimtelijke samenhang met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan duidelijk maken. Door middel van materialen, kleuren en lichttoetreding krijgt een bouwwerk uiteindelijk zijn visuele en tactiele kracht: het wordt zichtbaar en voelbaar. De keuze van materialen en kleuren is tegenwoordig niet meer beperkt tot wat lokaal aan materiaal en ambachtelijke kennis voorhanden is. Die keuzevrijheid maakt de keuze moeilijker en het risico van een onsamenhangend beeld groot. Als materialen en kleuren teveel los staan van het ontwerp en daarin geen ondersteunende functie hebben maar slechts worden gekozen op grond decoratieve werking, wordt de betekenis ervan toevallig en kan het afbreuk doen aan de zeggingskracht van het bouwwerk. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer het gebruik van materialen en kleuren geen ondersteuning geeft aan de architectonische vormgeving of wanneer het gebruik van materialen en kleuren een juiste interpretatie van de aard en ontstaansperiode van het bouwwerk in de weg staat. Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 68

69 STRAATNAMENREGISTER Bijlage 3 Als er naar aanleiding van de indeling twijfel bestaat in welk gebied een gebouw thuishoort, zal de commissie op basis van de beschrijvingen en afbeeldingen aangeven welke criteria van toepassing worden geacht. A Afslag Akkerstraat Albert Cuijpstraat Alblasstraat Alexanderstraat 8d Ambachtsstraat 9 Amerhof Apollostraat Van Asperenstraat B Baijensweer 8c Bellefleur /9 Binnendams 5 Blauwe Reiger Blikstraat 10 Den Bogerd Den Bout 13 Boorstraat 3/ Bosstraat 10 Breedewaij 8c Broekseweg 13 Brooshooftstraat Buitendams 3 Buitenweistraat 10 De Buurt 2 C Capelleweer Claversweer Clemensweer Van Clevestraat Cornelisweer 8c 8c 8c 8c D Van Damstoep 4 Damstraat 5 Dissel Dok 9 Doornsweer 8c Dreef Dreesstraat Drijverschuit Dwarsdeel E Ekster Elft Emmastraat 8d F Ferdinand Bolstraat Fint Florenweer 8c Frans Halsstraat Frederikstraat 8d G Geemansweer 8c Geldersweer 8c Gerard Doustraat Giessendamse Tiendweg 13 Giessenstraat Giessenzoom 12 Govert Flinckstraat Graaf Adolfstraat Graaf Lodewijkstraat Graafstroomstraat Griendaak 9 Groen van Prinstererstraat Groot Veldsweer 8c Grutto H Hakgriend 9 Hallehuis Handelsstraat 9 Haringband Havenstraat 10 Helling 9 Heijmansweer 8c Hobbemastraat Hoepmakerspad Hofweerstraat 4 Houting Houtschelf 9 Houweningeweer 8c Huik Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 69

70 I Industriestraat 9 J Jacobsweer Jan Steenstraat Jonathan Juliana van Stolbergstraat Jupiterstraat 8c K Kade 9 Kanaaldijk-noord 13 Kanaaldijk-zuid 13 Karrespoor Kemphaan Kerkstoep 2 Kerkplein 2 Kerkweg 4 Kievit Kilstraat Klein Diepje 1/ Kloet Klompéstraat Knobbelzwaan Koetshuis Koningin Julianastraat Koningin Wilhelminalaan 4/ Koperwiek Kramsvogel Kromme Gat 7/11 Kuyperstraat L Het Laantje 8c Lange Griendsweer 8c Langesteeg 3/ Langeveer 9 Leeuwerik Lekstraat Lelystraat Van Leijdenstraat Lingestraat Loodreep M Maasstraat Mercuriusstraat Merwedestraat Moelnaerstraat Moerbei 9 Molenstraat 3/ N Nassaustraat Van Nederveenpad Neptunusstraat Nieuweweg 4/8c Noordstraat Notarisappel Nijverheidsstraat 9 O Oranjestraat 8d P Parallelweg 4/6 Patrijs Paulus Potterstraat Pauwtjesmolen 8c Peulenlaan /11 Peulenplein Peulenstraat 1 Peulenstraat-zuid 3 Pieter de Hooghstraat Pietersweer 8c Plompencamp 8c Plutostraat Polderweg 13 Poolster Prins Bernhardstraat Prins Hendrikstraat 8d Prinses Beatrixstraat Prinses Irenestraat Prinses Margrietstraat Prinses Marijkestraat Pulsstraat R Raadhuisplein Reepijzer Rembrandthof Rembrandtstraat Rivierdijk 2/3/7/9/10 Van Ruysdaelstraat Rijnstraat Rijshaak 9 S Saturnusstraat De Savornin Lohmanstraat Schaepmanstraat Schapedrift /9 Scheldestraat Schoef Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 70

71 Schokker Schoolstraat Schoutsweer 8c Schouw Schrank 9 Sliet 9 Sluisweg 4/11 Smalweer 8c Smederij 9 Spaander Spindermolen 8c Spoorweg 8d/13 Stationsdwarsstraat Stationsstraat Steenenhoek 13 Stek 9 Sterappel Steur Willem de Zwijgerstraat Wisboomhof Wolfseind IJ IJsselstraat Z Zalm Zwaluwpad Zwijnskade 13 Zijlweer 8c T Talmastraat Thorbeckestraat Tielensweer 8c Tiendweg /11/13 Tonneband Transportweg 9 Troelstrastraat Tureluur U Uranusstraat V Venusstraat Vermeerstraat Vierling Vinkeweer Vlietstraat 8c W Waalstraat Watersnip Weegpad Weideveld Weteringstraat 4 Wibautstraat Wiedhaak 9 Wieling 8c Wilgehout 9 Wilhelminastraat 8d Willem Droststraat Willemstraat 8d Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 71

72 Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 72

73 Colofon De herziening van de welstandsnota Hardinxveld-Giessendam werd opgesteld voor de gemeente Hardinxveld-Giessendam door Architectenwerk Twan Jütte. Architectenwerk Twan Jütte Stedenbouw en architectuur Mijnbouwstraat RX Delft Welstandsnota Hardinxveld-Giessendam 2013, pagina 73

74

criteria 7 schotel-, spriet- en staafantennes Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon

criteria 7 schotel-, spriet- en staafantennes Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon criteria 7 schotel-, spriet- en staafantennes 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 7 - schotel-, spriet- en staafantennes

Nadere informatie

2.4 CRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE KLEINE BOUWPLANNEN

2.4 CRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE KLEINE BOUWPLANNEN 2.4 CRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE KLEINE BOUWPLANNEN In artikel 2.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht staat dat Burgemeester en Wethouders een aanvraag om vergunning moeten toetsen aan redelijke

Nadere informatie

BIJGEBOUW OF OVERKAPPING OP ZIJ OF ACHTER ERF

BIJGEBOUW OF OVERKAPPING OP ZIJ OF ACHTER ERF SNELTOETSCRITERIA BIJGEBOUW OF OVERKAPPING OP ZIJ OF ACHTER ERF De afstand tot de voorgevel moet ongeveer 3m zijn. Indien het zij- en/of achtererf grenst aan de weg of een openbaar pad dan dient de afstand

Nadere informatie

De Welstandsnota Vianen is op 29 september 2015 vastgesteld.

De Welstandsnota Vianen is op 29 september 2015 vastgesteld. VIANEN 2015 De Welstandsnota Vianen is op 29 september 2015 vastgesteld. Welstand Vianen 2015, pagina 2 INHOUD Stroomschema Gebruik van de nota 6 Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten 7 Gebruik van de nota

Nadere informatie

DAKKAPELLEN. Beschrijving en uitgangspunten welstandsbeleid

DAKKAPELLEN. Beschrijving en uitgangspunten welstandsbeleid DAKKAPELLEN Beschrijving en uitgangspunten welstandsbeleid Een dakkapel is een bescheiden uitbouw in de kap, bedoeld om de lichttoetreding te verbeteren en het bruikbaar woonoppervlak te vergroten. Dakkapellen

Nadere informatie

criteria 2 dakkapellen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon

criteria 2 dakkapellen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon criteria 2 dakkapellen 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 2 - dakkapellen dorp stad & land Inleiding Deze notitie is een

Nadere informatie

criteria 5 bijbehorende bouwwerken Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon

criteria 5 bijbehorende bouwwerken Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon criteria 5 bijbehorende bouwwerken 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 5 - bijbehorende bouwwerken dorp stad & land Inleiding

Nadere informatie

Hoofdstuk 5 WELSTANDSCRITERIA OBJECTEN. bebouwing achterkant voorkant

Hoofdstuk 5 WELSTANDSCRITERIA OBJECTEN. bebouwing achterkant voorkant WELSTANDSCRITERIA OBJECTEN Hoofdstuk 5 De gemeente streeft ernaar veel voorkomende (kleine) objecten effectief te beoordelen om zo de burger tegemoet te komen. Het gaat daarbij om relatief eenvoudige en

Nadere informatie

GRONINGEN, EEN PRONKJUWEEL MET WELSTAND

GRONINGEN, EEN PRONKJUWEEL MET WELSTAND GRONINGEN, EEN PRONKJUWEEL MET WELSTAND SNELTOETS- CRITERIA DAKKAPELLEN DEEL 4. VERSNELLING: DE SNELTOETS- CRITERIA 1. DAKKAPELLEN 2. DAKOPBOUWEN EN AFSCHEIDINGEN ROND DAKTERRASSEN 3. DAKRAMEN EN ANDERE

Nadere informatie

Omschrijving en uitgangspunten

Omschrijving en uitgangspunten 2.5 Dakkapellen Omschrijving en uitgangspunten Een dakkapel dient een bescheiden uitbouw in de kap te zijn, bedoeld om de lichttoetreding te verbeteren en het bruikbare oppervlak te vergroten. Dakkapellen

Nadere informatie

criteria 1 kozijn- en gevelwijzigingen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon

criteria 1 kozijn- en gevelwijzigingen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon criteria 1 kozijn- en gevelwijzigingen 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 1 - kozijn- en gevelwijzigingen dorp stad & land

Nadere informatie

Voorbeeld sneltoetscriteria

Voorbeeld sneltoetscriteria Welstandsnota gemeente Dordrecht Voorbeeld sneltoetscriteria (algemeen en aan- en uitbouwen) 2. Sneltoetscriteria 2.1 Algemeen In dit hoofdstuk worden Sneltoetscriteria gegeven voor, aan- en uitbouwen,

Nadere informatie

WELSTAND NOORDWIJKERHOUT. 25 september Vastgesteld

WELSTAND NOORDWIJKERHOUT. 25 september Vastgesteld WELSTAND NOORDWIJKERHOUT Vastgesteld 25 september 2014 De herziening 2014 van de welstandsnota Noordwijkerhout werd opgesteld in opdracht van Dorp Stad en Land door Twan Jütte Stedenbouw Architectuur.

Nadere informatie

Welstandsnota WAALRE

Welstandsnota WAALRE Welstandsnota WAALRE 2013 De herziening van de welstandsnota Waalre werd in samenspraak met Dorp Stad en Land opgesteld voor de gemeente Waalre door Architectenwerk Twan Jütte. Welstandsnota Waalre 2013,

Nadere informatie

Bij een zijerf grenzend aan de weg of openbaar groen overlapt de achterkant de voorkant. Bij twijfel of overlapping is de term voorkant bepalend.

Bij een zijerf grenzend aan de weg of openbaar groen overlapt de achterkant de voorkant. Bij twijfel of overlapping is de term voorkant bepalend. Sneltoetscriteria 1. Algemeen Voor kleinere bouwwerken gelden sneltoetscriteria. Anders dan bij de relatieve criteria voor aangewezen gebieden gaat het hier om vrijwel objectieve criteria die planindieners

Nadere informatie

WELSTAND ROOSENDAAL. Januari 2013

WELSTAND ROOSENDAAL. Januari 2013 WELSTAND ROOSENDAAL Januari 2013 De welstandsnota Roosendaal 2013 werd opgesteld voor de gemeente Roosendaal in samenspraak met Stichting Dorp Stad en Land door Architectenwerk Twan Jütte Welstandsnota

Nadere informatie

Als u wel een vergunning nodig heeft, gaat u verder met vraag 2.

Als u wel een vergunning nodig heeft, gaat u verder met vraag 2. GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Lingewaal. Nr. 28682 3 april 2015 Nota ruimtelijke kwaliteit Lingewaal Vastgesteld op 5 maart 2015 STROOMSCHEMA 1. BETREFT UW BOUWPLAN EEN VERGUNNINGPLICHTIG

Nadere informatie

HAARLEMMERLIEDE EN SPAARNWOUDE

HAARLEMMERLIEDE EN SPAARNWOUDE HAARLEMMERLIEDE EN SPAARNWOUDE Concept januari 2015 Welstand Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2015 CONCEPT, pagina 2 INHOUD Stroomschema Gebruik van de nota 4 Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten 5 Gebruik

Nadere informatie

Wanneer een bouwplan niet aan de loketcriteria voldoet of wanneer er sprake is van een bijzondere situatie, waarbij twijfel bestaat aan de

Wanneer een bouwplan niet aan de loketcriteria voldoet of wanneer er sprake is van een bijzondere situatie, waarbij twijfel bestaat aan de Welstandsnota gemeente 8 Loketcriteria Dit hoofdstuk behandelt gestandaardiseerde welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen. Deze criteria dienen als basis voor het gemeentelijk welstandsbeleid

Nadere informatie

WELSTAND TEYLINGEN. Loketcriteria en richtlijnen

WELSTAND TEYLINGEN. Loketcriteria en richtlijnen WELSTAND TEYLINGEN Loketcriteria en richtlijnen 2013 De herziening 2012 van de welstandsnota Teylingen werd opgesteld voor de gemeente Teylingen door Architectenwerk Twan Jütte uit Delft. Welstandsnota

Nadere informatie

Verslag ambtelijke welstandstoets van d.d. 20 mei 2015

Verslag ambtelijke welstandstoets van d.d. 20 mei 2015 Verslag ambtelijke welstandstoets van d.d. 20 mei 2015 Aanwezig : M. Kavsitli, M.Overbeeke, W. Crusio en J. van Bergen REGULIERE AANVRAGEN OMGEVINGSVERGUNNING 1. WABO/2015/80 Rabobank Bouwadres Lange Zelke

Nadere informatie

Actualisatie Welstandsnota (Digitale versie = verkorte versie ten opzichte van analoge versie)

Actualisatie Welstandsnota (Digitale versie = verkorte versie ten opzichte van analoge versie) Actualisatie Welstandsnota (Digitale versie = verkorte versie ten opzichte van analoge versie) Welstandscriteria gebied 1 t/m 16 (als voorbeeld in deze versie alleen gebied 6) Pagina s met de definitieve

Nadere informatie

Criteria van gevallen waarbij wordt afgezien van preventief welstandstoezicht. Bijlage bij de Welstandsnota 2013

Criteria van gevallen waarbij wordt afgezien van preventief welstandstoezicht. Bijlage bij de Welstandsnota 2013 Criteria van gevallen waarbij wordt afgezien van preventief welstandstoezicht Bijlage bij de Welstandsnota 2013 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Regels 4 Artikel 1 Algemene regels 4 1.1 Begrippen 4 1.2 Wijze van

Nadere informatie

WELSTANDSNOTA NOORDENVELD 2008 Bijlage Loketcriteria ideeën- en voorbeeldenboek

WELSTANDSNOTA NOORDENVELD 2008 Bijlage Loketcriteria ideeën- en voorbeeldenboek WELSTANDSNOTA NOORDENVELD 2008 Bijlage Loketcriteria ideeën- en voorbeeldenboek Roden/Assen Plannummer: 160.00.01.15.00 Vastgesteld: 18 december 2008 WELSTANDSNOTA NOORDENVELD 2008 Bijlage Loketcriteria

Nadere informatie

Welstandsnota 2015 gemeente Velsen, pagina 2

Welstandsnota 2015 gemeente Velsen, pagina 2 Welstandsnota 2015 Welstandsnota 2015 gemeente Velsen, pagina 2 INHOUD Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten 7 Gebruik van de nota 8 Leeswijzer 8 Stroomschema Gebruik van de nota 9 Hoofdstuk 2 Welstand

Nadere informatie

DE SNELTOETS- CRITERIA

DE SNELTOETS- CRITERIA DE SNELTOETS- CRITERIA 1. DAK- KAPELLEN Veel aanvragen betreffen kleine veranderingen of toevoegingen aan de bestaande bebouwing. Om ervoor te zorgen dat deze ingrepen gemakkelijk kunnen worden afgehandeld

Nadere informatie

2 Loketcriteria. Welstandsnota gemeente Amersfoort maart 2008 H2 Loketcriteria

2 Loketcriteria. Welstandsnota gemeente Amersfoort maart 2008 H2 Loketcriteria 2 Loketcriteria Zoals in deel A van de bijlage van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a van de Woningwet de gemeenteraad om een welstandsnota vast te stellen, waarin criteria zijn

Nadere informatie

NOTA RUIMTELIJKE KWALITEIT

NOTA RUIMTELIJKE KWALITEIT NOTA RUIMTELIJKE KWALITEIT Vastgesteld op 5 maart 2015 Aldus vastgesteld door de raad van Lingewaal, in zijn openbare vergadering van 5 maart 2015 De griffier, De voorzitter, H.H. Dame L.H.M. van Ruijven-van

Nadere informatie

In geval van een beschermd monument of een beschermd stadsgezicht zal altijd de welstandscommissie om advies worden gevraagd.

In geval van een beschermd monument of een beschermd stadsgezicht zal altijd de welstandscommissie om advies worden gevraagd. 15 HOOFDSTUK 3 SNELTOETSCRITERIA Sneltoetscriteria Licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken zijn in strijd met redelijke eisen van de welstand als aan onderstaande sneltoetscriteria wordt voldaan. Wanneer

Nadere informatie

criteria 3 erfafscheidingen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon

criteria 3 erfafscheidingen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon criteria 3 erfafscheidingen 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 3 - erfafscheidingen dorp stad & land Inleiding Deze notitie

Nadere informatie

Deelgebied 4, Vorchten. 1. Beschrijving bestaande situatie

Deelgebied 4, Vorchten. 1. Beschrijving bestaande situatie Deelgebied 4, Vorchten 1. Beschrijving bestaande situatie der tijden zijn aanbouwen gerealiseerd, soms opvallend qua massa maar zodanig rekening houdend met de locatie en zichten dat zij geen afbreuk doen

Nadere informatie

LISSE Concept juli 2015

LISSE Concept juli 2015 LISSE Concept juli 2015 Welstand Lisse 2015 CONCEPT, pagina 2 INHOUD Stroomschema Gebruik van de nota 6 Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten 7 Gebruik van de nota 7 Leeswijzer 7 Hoofdstuk 2 Welstand op

Nadere informatie

GEMEENTERAAD - VOORSTEL

GEMEENTERAAD - VOORSTEL GEMEENTERAAD - VOORSTEL OPSCHRIFT Vergadering van februari 2013 Besluit nummer: 2013_Raad_00003 Onderwerp: Vaststelling Welstandsnota 2013 - Besluitvormend Beknopte samenvatting: 1. Vaststellen van de

Nadere informatie

DE SNELTOETS- CRITERIA

DE SNELTOETS- CRITERIA DE SNELTOETS- CRITERIA 4. ZONNEPANELEN EN -COLLECTOREN Veel aanvragen betreffen kleine veranderingen of toevoegingen aan de bestaande bebouwing. Om ervoor te zorgen dat deze ingrepen gemakkelijk kunnen

Nadere informatie

Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Oegstgeest houdende Welstand Oegstgeest Herziening 2015

Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Oegstgeest houdende Welstand Oegstgeest Herziening 2015 CVDR Officiële uitgave van Oegstgeest. Nr. CVDR600861_1 23 december 2016 Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Oegstgeest houdende Welstand Oegstgeest Herziening 2015 Artikel A: Beleidsregels De

Nadere informatie

Zonnecollectoren en zonnepanelen bij monumenten en in beschermde stads- en dorpsgezichten

Zonnecollectoren en zonnepanelen bij monumenten en in beschermde stads- en dorpsgezichten Zonnecollectoren en zonnepanelen bij monumenten en in beschermde stads- en dorpsgezichten Algemene uitgangspunten Groene energie Groene energie en ruimtelijke kwaliteit Het opwekken van groene energie

Nadere informatie

DE SNELTOETS- CRITERIA 2. DAKOPBOUWEN EN AFSCHEIDIN- GEN ROND DAKTERRASSEN

DE SNELTOETS- CRITERIA 2. DAKOPBOUWEN EN AFSCHEIDIN- GEN ROND DAKTERRASSEN DE SNELTOETS- CRITERIA 2. DAKOPBOUWEN EN AFSCHEIDIN- GEN ROND DAKTERRASSEN Veel aanvragen betreffen kleine veranderingen of toevoegingen aan de bestaande bebouwing. Om ervoor te zorgen dat deze ingrepen

Nadere informatie

Dakkapel. Voldoet uw bouwplan aan de vergunningvrije criteria op grond van de Woningwet? Zie ook folder van VROM

Dakkapel. Voldoet uw bouwplan aan de vergunningvrije criteria op grond van de Woningwet? Zie ook folder van VROM Dakkapel Voldoet uw bouwplan aan de vergunningvrije criteria op grond van de Woningwet? Zie ook folder van VROM ja nee U kunt direct gaan bouwen. De bouw moet veilig (bijv. stevige constructie) en gezond

Nadere informatie

Als aan deze criteria wordt voldaan, behoeft het bouwplan niet meer te worden voorgelegd aan de welstandscommissie.

Als aan deze criteria wordt voldaan, behoeft het bouwplan niet meer te worden voorgelegd aan de welstandscommissie. welstand voor lichte bouwvergunning Algemeen In de Woningwet is de bepaling opgenomen dat het uiterlijk of de plaatsing van een bouwwerk of standplaats, zowel op zichzelf als in verband met de omgeving

Nadere informatie

5 WELSTANDSCRITERIA. 5.1 Loketcriteria (sneltoetscriteria) Zoals in deel A van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a

5 WELSTANDSCRITERIA. 5.1 Loketcriteria (sneltoetscriteria) Zoals in deel A van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a 5 WELSTANDSCRITERIA 5.1 Loketcriteria (sneltoetscriteria) Zoals in deel A van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a van de woningwet de gemeenteraad om een welstandsnota vast te stellen

Nadere informatie

GEMEENTE ZUNDERT WELSTANDSNOTA Deel III: Ambtelijke toetsingscriteria

GEMEENTE ZUNDERT WELSTANDSNOTA Deel III: Ambtelijke toetsingscriteria telefoon fax email internet kvk Breda Compositie 5 stedenbouw bv Boschstraat 35-37 4811 GB Breda 076 5225262 076 5213812 [email protected] www.c5s.nl 20083802 GEMEENTE ZUNDERT WELSTANDSNOTA 2014 Deel III: Ambtelijke

Nadere informatie

7 Objectgerichte criteria

7 Objectgerichte criteria HOOFDSTUK 7 OBJECTGERICHTE TOETSINGSCRITERIA Inleiding 7.1 Welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen Het werken met gestandaardiseerde toetsingscriteria (sneltoetscriteria) voor kleinere

Nadere informatie

ACTUALISATIE DIEPENHEIM NOORD 2

ACTUALISATIE DIEPENHEIM NOORD 2 ACTUALISATIE DIEPENHEIM NOORD 2 2015 Inleiding Dit beeldkwaliteitsplan is een herziening van het beeldkwaliteitsplan voor Diepenheim Noord 2 uit 2008. De huidige inzichten op het gebied van ruimtelijke

Nadere informatie

ENKHUIZEN, BINNENSTAD EN ZONNECOLLECTOREN. Vereniging Oud Enkhuizen en Stichting Stadsherstel februari 2017

ENKHUIZEN, BINNENSTAD EN ZONNECOLLECTOREN. Vereniging Oud Enkhuizen en Stichting Stadsherstel februari 2017 1 ENKHUIZEN, BINNENSTAD EN ZONNECOLLECTOREN Vereniging Oud Enkhuizen en Stichting Stadsherstel februari 2017 Inhoud 1. inleiding 2. beschermd stadsgezicht 3. de Welstandsnota van Enkhuizen 4. geplaatste

Nadere informatie

7. Bijlagen. Loketcriteria gemeente Stein (versie 01-01-2009) Visie Welstandbeleid rayon Beek-Meerssen-Stein-Schinnen

7. Bijlagen. Loketcriteria gemeente Stein (versie 01-01-2009) Visie Welstandbeleid rayon Beek-Meerssen-Stein-Schinnen 7. Bijlagen Loketcriteria gemeente Stein (versie 01-01-2009) Stichting Ruimtelijke Kwaliteit Limburg B - 7 Aan- en uitbouw 1. Het bouwwerk is te rangschikken in de categorie licht bouwvergunningsplichtig.

Nadere informatie

7 Welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwwerken

7 Welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwwerken 7 Welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwwerken 225 7.1 Toelichting Ten behoeve van de toetsing van de kleinere bouwplannen (1) zijn zogenaamde sneltoetscriteria geformuleerd. Het gaat hier

Nadere informatie

3. Stuwwallandschap van het land van Vollenhove

3. Stuwwallandschap van het land van Vollenhove 3. Stuwwallandschap van het land van Vollenhove 3.4. Sint Jansklooster Gebiedsbeschrijving Structuur Aan de oostelijke rand van de stuwwal is de lintbebouwing van Sint Jansklooster uitgegroeid tot een

Nadere informatie

Welstandsnota Alkmaar. 2013 (vastgesteld door de raad op 16 mei 2013)

Welstandsnota Alkmaar. 2013 (vastgesteld door de raad op 16 mei 2013) Welstandsnota Alkmaar 2013 (vastgesteld door de raad op 16 mei 2013) Pagina 1 Pagina 2 Inhoud Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten 9 Gebruik van de nota 9 Leeswijzer 10 Hoofdstuk 2 Welstand op hoofdlijnen

Nadere informatie

Hoofdstuk 6 Sneltoetscriteria

Hoofdstuk 6 Sneltoetscriteria Hoofdstuk 6 Sneltoetscriteria HOOFDSTUK 6 Sneltoetscriteria Sneltoetscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen Algemeen In dit hoofdstuk worden sneltoetscriteria gegeven voor ondermeer aanen uitbouwen,

Nadere informatie

BLATENPLAN EWIJK BEELDKWALITEIT 10 oktober 2011 projectnummer 100468

BLATENPLAN EWIJK BEELDKWALITEIT 10 oktober 2011 projectnummer 100468 BLATENPLAN EWIJK BEELDKWALITEIT 10 oktober 2011 projectnummer 100468 colofon SAB Arnhem B.V. Contactpersoon: Arjan van der Laan bezoekadres: Frombergdwarsstraat 54 6814 DZ Arnhem correspondentieadres:

Nadere informatie

WELSTAND ALPHEN AAN DEN RIJN

WELSTAND ALPHEN AAN DEN RIJN WELSTAND ALPHEN AAN DEN RIJN Dorp Stad en Land & Twan Jütte Stedenbouw Architectuur Naar een nieuwe welstandsnota Alphen aan den Rijn Toelichting op de herziening van het welstandsbeleid. Waarom een nieuwe

Nadere informatie

8. Haarstraat. 9. Nijverdalseweg. 7. Esstraat, Blinde Banisweg en Welleweg

8. Haarstraat. 9. Nijverdalseweg. 7. Esstraat, Blinde Banisweg en Welleweg 7. Esstraat, Blinde Banisweg en Welleweg 8. Haarstraat 9. Nijverdalseweg De Esstraat vormt de oude verbinding tussen de kern van Rijssen naar de oude Esgronden. Nabij de aansluiting van de Tabaksgaarden

Nadere informatie

14 Op de grond staand bouwwerk van beperkte omvang 24

14 Op de grond staand bouwwerk van beperkte omvang 24 Sneltoetscriteria welstand Inhoudsopgave Inleiding 2 1 Welstandstoezicht 3 2 Voor- en Achterkantbenadering 3 3 Uitgangspunten Welstandstoezicht 4 4 Aan- en Uitbouwen 5 5 Bijgebouwen en Overkappingen 8

Nadere informatie

Nota uitgangspunten welstand

Nota uitgangspunten welstand Nota uitgangspunten welstand Vastgesteld d.d..... 2014 1 INHOUD 1. AANLEIDING... 3 2. VORM EN BRUIKBAARHEID VAN DE NOTA... 4 3. OBJECTGERICHTE CRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE BOUWPLANNEN... 4 4. GEBIEDSGERICHTE

Nadere informatie

Ruimte voor Ruimte woning Helvoirtsestraat Helvoirt

Ruimte voor Ruimte woning Helvoirtsestraat Helvoirt 8-7-14 Beeldkwaliteitplan Ruimte voor Ruimte woning Helvoirtsestraat Helvoirt 2 juli 2014 1 Compositie 5 stedenbouw bv Boschstraat 35-37 4811 GB BREDA telefoon: 076-5225262 fax: 076-5213812 internet: email:

Nadere informatie

Sneltoetscriteria. Voor veel voorkomende kleine bouwwerken Onderdeel van de welstandsnota van de gemeente Súdwest-Fryslân

Sneltoetscriteria. Voor veel voorkomende kleine bouwwerken Onderdeel van de welstandsnota van de gemeente Súdwest-Fryslân Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwwerken Onderdeel van de welstandsnota van de gemeente Súdwest-Fryslân Vastgesteld door de gemeenteraad 10 september 2015 1 Inhoudsopgave Inleiding...3

Nadere informatie

UITVOERINGSRICHTLIJNEN KLEINE BOUWWERKEN STRAATZIJDE

UITVOERINGSRICHTLIJNEN KLEINE BOUWWERKEN STRAATZIJDE UITVOERINGSRICHTLIJNEN KLEINE BOUWWERKEN STRAATZIJDE Vastgesteld: 7 mei 2013 1 UITVOERINGSRICHTLIJNEN KLEINE BOUWWERKEN STRAATZIJDE Met de Uitvoeringsrichtlijnen voor kleine bouwwerken aan de straatzijde

Nadere informatie

Beeldkwaliteitsplan. Denekamp 't Pierik fase 2

Beeldkwaliteitsplan. Denekamp 't Pierik fase 2 Beeldkwaliteitsplan Denekamp 't Pierik fase 2 Govert Flinckstraat 31 - postbus 1158-8001 BD Zwolle 038-4216800 13 november 2008 2 Beeldkwaliteitsplan Denekamp t Pierik fase 2 1. Inleiding 1.1 Aanleiding

Nadere informatie

Kozijn- of gevelwijziging

Kozijn- of gevelwijziging Kozijn- of gevelwijziging (aan bestaande woningen of woongebouwen of aan bijgebouwen bij bestaande woningen of woongebouwen) Omschrijving en uitgangspunten Van een kozijn- of gevelwijziging is sprake bij

Nadere informatie

Gebied 12 Elst Centrum

Gebied 12 Elst Centrum Gebied 12 Elst Centrum het gebied is roodgekleurd op de kaart Welstandsnota Overbetuwe 2010, gebied 12 Elst centrum 131 Gebiedsbeschrijving Structuur Het centrum van Elst wordt gevormd door de licht gekromde

Nadere informatie

Welstand. of welstandsvrij in de gemeente Gorinchem?

Welstand. of welstandsvrij in de gemeente Gorinchem? Welstand of welstandsvrij in de gemeente Gorinchem? Huidige beleid gehele grondgebied welstandsplichtig alle type bouwwerken welstandsplichtig iedere aanvraag voorleggen aan welstandscommissie Huidige

Nadere informatie

Overzicht aanpassingen bestemmingsplan Twekkelerveld 2005, Olieslagweg 1.

Overzicht aanpassingen bestemmingsplan Twekkelerveld 2005, Olieslagweg 1. Overzicht aanpassingen bestemmingsplan Twekkelerveld 2005, Olieslagweg 1. Blz.1 Er is een verzoek ingediend om op een perceel grond op de hoek van de Olieslagweg en de Hengelosestraat een bestaande vrijstaande

Nadere informatie

Beleidsregels erfafscheidingen. februari 2014

Beleidsregels erfafscheidingen. februari 2014 Beleidsregels erfafscheidingen februari 2014 Inhoud 1. Inleiding...2 2. Wettelijk kader: Wabo en bestemmingsplan...3 3. Welstand...4 4. Handhaving...5 Bijlagen...7 1 1. Inleiding Aanleiding Zederik is

Nadere informatie

VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN

VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN LOKETCRITERIA VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN 1. DAKKAPELLEN Datum: 25 februari 2004 In werking getreden: 22 april 2004 Inleiding: Een dakkapel is een uitspringend dakvenster, aangebracht op het

Nadere informatie

4 Loketcriteria. Welstandsnota gemeente Woudenberg Deel B Hoofdstuk 4 Loketcriteria 17

4 Loketcriteria. Welstandsnota gemeente Woudenberg Deel B Hoofdstuk 4 Loketcriteria 17 4 Loketcriteria Zoals in deel A van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a van de woningwet de gemeenteraad om een welstandsnota vast te stellen waarin criteria zijn opgenomen die worden

Nadere informatie

Deelgebied 5, bruggen Apeldoorns Kanaal. 1. Beschrijving bestaande situatie

Deelgebied 5, bruggen Apeldoorns Kanaal. 1. Beschrijving bestaande situatie GELDERS GENOOTSCHAP Welstandsnota Heerde Deelgebied 5, bruggen Apeldoorns Kanaal 1. Beschrijving bestaande situatie In dit deelgebied komen zeven bruggen over het Apeldoorns Kanaal aan de orde. Bruggen

Nadere informatie

LORENTZ III HARDERWIJK

LORENTZ III HARDERWIJK LORENTZ III HARDERWIJK BEELDKWALITEITPLAN BEDRIJVENTERREIN LORENTZ III BEELDKWALITEITPLAN BEDRIJVENTERREIN LORENTZ III Algemeen Doel In dit document worden richtlijnen beschreven voor de vormgeving van

Nadere informatie

DAKKAPELLEN IN DE OUDE KOM VAN VOLENDAM

DAKKAPELLEN IN DE OUDE KOM VAN VOLENDAM DAKKAPELLEN IN DE OUDE KOM VAN VOLENDAM WIJZIGING WELSTANDSCRITERIA Vastgesteld door de gemeenteraad op 25 september 2008 1 INHOUD Inhoud. Blz. 2 1 Bestaande criteria Blz. 3 1.1 Sneltoetscriteria voor

Nadere informatie

Foto 116: Invloed van reclame op de omgeving. dan met name aan de buitengebieden en met name de open delen daarin.

Foto 116: Invloed van reclame op de omgeving. dan met name aan de buitengebieden en met name de open delen daarin. Welstandsnota gemeente 6 Reclamebeleid Beschrijving en uitgangspunten in het beleid voor reclame-uitingen Met reclame wordt bedoeld een naamsaanduiding of een vorm van publieke aanprijzing van een product,

Nadere informatie

Gebied 6 Woonwijken vooroorlogs tot jaren veertig

Gebied 6 Woonwijken vooroorlogs tot jaren veertig Gebied 6 Woonwijken vooroorlogs tot jaren veertig het gebied is roodgekleurd op de kaart Welstandsnota Overbetuwe 2010, gebied 6 Woonwijken vooroorlogs tot jaren veertig 93 Gebiedsbeschrijving Structuur

Nadere informatie

WELSTANDSNOTA 2016 GOOISE MEREN

WELSTANDSNOTA 2016 GOOISE MEREN WELSTANDSNOTA 2016 GOOISE MEREN Welstandsnota Gooise Meren 2016, pagina 2 INHOUD Stroomschema Gebruik van de nota 6 Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten voor het beleid 7 Gebruik van de nota 7 Uitvoerbaar

Nadere informatie

Loketcriteria welstandsnota gemeente De Ronde Venen, december 2012

Loketcriteria welstandsnota gemeente De Ronde Venen, december 2012 Loketcriteria welstandsnota gemeente De Ronde Venen, december 2012 Inhoud : Pagina : Aan- en uitbouwen 2 Bijgebouw of overkapping 3 Dakkapellen 4 Gevelwijzigingen 5 Erf- of perceelsafscheiding 6 Reclame

Nadere informatie

deel C Welstandsnota Baarle-Nassau sneltoetscriteria februari 2004 1

deel C Welstandsnota Baarle-Nassau sneltoetscriteria februari 2004 1 deel C sneltoetscriteria Welstandsnota Baarle-Nassau februari 2004 1 Voorwoord Voorliggende notitie biedt de gemeente gestandaardiseerde welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen, als

Nadere informatie

Gebied 5 Historische invalswegen

Gebied 5 Historische invalswegen Gebied 5 Historische invalswegen Welstandsnota Overbetuwe 2010, gebied 5 Historische invalswegen 81 het gebied is roodgekleurd op de kaart Welstandsnota Overbetuwe 2010, gebied 5 Historische invalswegen

Nadere informatie

Wabo /

Wabo / ZONNE-ENERGIE IN HISTORISCHE CONTEXT richtlijnen voor zonnepanelen- en collectoren bij monumenten en binnen beschermd stadsgezicht. INHOUDSOPGAVE Behoort bij beschikking van Burgemeester en Wethouders

Nadere informatie

GEMEENTE HEERENVEEN SNEL- TOETSCRITERIA. voor veel voorkomende kleine bouwplannen

GEMEENTE HEERENVEEN SNEL- TOETSCRITERIA. voor veel voorkomende kleine bouwplannen 1 GEMEENTE HEERENVEEN SNEL- TOETSCRITERIA voor veel voorkomende kleine bouwplannen Voorwoord 2 Sneltoetscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen Voorliggende notitie is een notitie met welstandscriteria

Nadere informatie

Objectcriteria welstandsnota 2 e wijziging

Objectcriteria welstandsnota 2 e wijziging Afdeling Veiligheid, Vergunningverlening en Handhaving Objectcriteria welstandsnota 2 e wijziging Vastgesteld. Gepubliceerd. Pagina 1 van 24 Pagina 2 van 24 December 2013 OBJECT December 2013 I. Criteria

Nadere informatie

- 346 - Hoofdstuk 9 Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwplannen

- 346 - Hoofdstuk 9 Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwplannen - 346 - Hoofdstuk 9 Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwplannen 9. Sneltoetscriteria 9.1. Toepassing In veruit de meeste gevallen komen mensen via de bouwvergunningsaanvraag of in het voortraject

Nadere informatie

Rapport. 2^1 kapwoning. voorbeeld-document bouwmogelijkheden

Rapport. 2^1 kapwoning. voorbeeld-document bouwmogelijkheden Rapport 2^1 kapwoning voorbeeld-document bouwmogelijkheden 1 INHOUDSOPGAVE 3 Bestemmingsplan 1996 2 4 Toelichting bestemmingsplan 5 Vergunningsvrij bouwen 7 Bouwmogelijkheden 9 Welstandsbeleid 10 Overzichtstabel

Nadere informatie

WELSTANDSBELEID VOOR GEBIED VAN DE MAATSCHAPPIJ VAN WELDADIGHEID (vaststelling raadsvergadering d.d. 25 januari 2011)

WELSTANDSBELEID VOOR GEBIED VAN DE MAATSCHAPPIJ VAN WELDADIGHEID (vaststelling raadsvergadering d.d. 25 januari 2011) WELSTANDSBELEID VOOR GEBIED VAN DE MAATSCHAPPIJ VAN WELDADIGHEID (vaststelling raadsvergadering d.d. 25 januari 2011) Op 27 november 2008 heeft de gemeenteraad specifiek welstandsbeleid vastgesteld voor

Nadere informatie

1. Stuwwallandschap tussen Oldemarkt en De Eese

1. Stuwwallandschap tussen Oldemarkt en De Eese 1. Stuwwallandschap tussen Oldemarkt en De Eese 1.5. Steenwijkerwold Gebiedsbeschrijving Structuur Steenwijkerwold is centraal gelegen op de stuwwal en is ontstaan als gevolg van het samengroeien van de

Nadere informatie

KAVELPASPOORT WESTREENEN LOO KAVEL #2

KAVELPASPOORT WESTREENEN LOO KAVEL #2 KAVELPASPOORT KAVEL ALGEMEEN BESTEMMINGSPLAN Het bouwplan van uw woning wordt getoetst aan de hand van het bestemmingsplan en het beeldkwaliteitplan. Daarnaast zijn er ook vergunningvrije bouwmogelijkheden.

Nadere informatie

DE SNELTOETS- CRITERIA 3. DAGLICHT- VOORZIENINGEN IN EEN DAK

DE SNELTOETS- CRITERIA 3. DAGLICHT- VOORZIENINGEN IN EEN DAK DE SNELTOETS- CRITERIA 3. DAGLICHT- VOORZIENINGEN IN EEN DAK Veel aanvragen betreffen kleine veranderingen of toevoegingen aan de bestaande bebouwing. Om ervoor te zorgen dat deze ingrepen gemakkelijk

Nadere informatie

LOKETCRITERIA VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN

LOKETCRITERIA VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN LOKETCRITERIA VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN 3. BIJGEBOUWEN Datum: 19 december 2003 In werking getreden: 22 april 2004 Inleiding: Bijgebouwen zoals schuurtjes, garages, dierenverblijven, tuinhuisjes

Nadere informatie

Bijlage bij evaluatie van de Welstandsnota Hoogeveen 2005. 2 Aanpassingen gebiedskenmerken deelgebieden - aangepaste deelgebieden 7, 9, 11, 22, 35

Bijlage bij evaluatie van de Welstandsnota Hoogeveen 2005. 2 Aanpassingen gebiedskenmerken deelgebieden - aangepaste deelgebieden 7, 9, 11, 22, 35 Bijlage bij evaluatie van de Welstandsnota Hoogeveen 2005 1 Loketcriteria - aan- en bijgebouwen - dakkappellen 2 Aanpassingen gebiedskenmerken deelgebieden - aangepaste deelgebieden 7, 9, 11, 22, 35 3

Nadere informatie

Landschappelijk Wonen Mussel

Landschappelijk Wonen Mussel gemeente Stadskanaal Landschappelijk Wonen Mussel Verkoopbrochure maart 2014 - kaveltekening en prijzen - bestemmingsplan - beeldkwaliteitsplan Leeswijzer Op bladzijde 3 en 4 vindt u de verkaveling en

Nadere informatie

Bijlage bij Welstandsnota Diemen 2012, GR 07-06-2012, besluit nr.12-32 CONSEQUENTIES

Bijlage bij Welstandsnota Diemen 2012, GR 07-06-2012, besluit nr.12-32 CONSEQUENTIES CONSEQUENTIES Onderstaand zijn per thema het huidige beleid, het nieuwe beleid en de voordelen en nadelen worden weergegeven wat de consequenties zijn voor de aanpassing van het beleid. Hiermee kunt u

Nadere informatie

reclamebeleid Hellendoorn

reclamebeleid Hellendoorn reclamebeleid Hellendoorn reclamenota Inleiding p.1 1 Algemene reclamecriteria p.3 2 Specifieke reclamecriteria p.4 3 Objectgerichte criteria p.5 4 Algemene aanbevelingen p.6 Inleiding Deze reclamenota

Nadere informatie