Objectcriteria welstandsnota 2 e wijziging
|
|
|
- Nienke de Winter
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Afdeling Veiligheid, Vergunningverlening en Handhaving Objectcriteria welstandsnota 2 e wijziging Vastgesteld. Gepubliceerd. Pagina 1 van 24
2 Pagina 2 van 24 December 2013
3 OBJECT December 2013 I. Criteria veel voorkomende bouwwerken De objectcriteria zijn gegoten in de vorm van overzichtelijke checklists, die een snelle en volledige toets door BWT mogelijk maken. Voor de volgende categorieën bouwwerken is een dergelijk checklists gemaakt: Aan- en uitbouwen Bijgebouwen en overkappingen Dakkapellen Erfafscheidingen Kozijn of gevelwijzigingen Rolhekken, luiken en rolluiken Dakopbouwen Reclames Aan- en uitbouwen van twee bouwlagen aan de achterkant van een woning Aan- en uitbouwen van twee bouwlagen algemeen De criteria zijn, voor zover zinvol, gegroepeerd per situatie: Voorkant Naar de openbare weg of groen gekeerde zijkant Zijkant (niet naar de openbare weg gekeerd) Achterkant Werkwijze Het bouwwerk is niet strijdig met redelijke eisen van welstand wanneer het voldoet aan de hierna volgende criteria. Pagina 3 van 24
4 OBJECT aan- en uitbouwen (één bouwlaag) voorkant Checklist - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument) - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing - Indien het een erker betreft is de breedte zoveel mogelijk afgestemd op bestaande gevelopeningen en maximaal 60% van de oorspronkelijke gevelbreedte. - De aan- of uitbouw is vormgegeven in één bouwlaag met een rechthoekige of een op de situatie afgestemde plattegrond. - De kapvorm is afgestemd op die van het hoofddak: gelijke hellingshoek en richting. Indien het een erker betreft: de erker is niet gekoppeld aan een eventuele luifel boven de entree en is plat afgedekt. Minimale afstand tot entreeluifel is 0,5 m. - De vorm van kozijnen en ramen is gelijk aan of afgestemd op die van de kozijnen en ramen van het hoofdgebouw, passend bij het karakter van de woning. - Er is sprake van een van het hoofdgebouw afgeleide detaillering: passend bij de stijl van het hoofdgebouw, of met een zelfde mate van verfijning/profilering. - Het materiaal- en kleurgebruik van de aan- of uitbouw is afgestemd op het hoofdgebouw - De materialen en kleuren voegen zich in de omgeving. - Indien het een erker betreft: de gevels zijn transparant, eventueel voorzien van een borstwering van maximaal 0,6 m. Een erker op de perceelsgrens is aan deze zijde voorzien van een gemetselde muur of een scheidende penant die in diepte en hoogte doorsteekt t.o.v. de erker. Pagina 4 van 24
5 OBJECT aan- en uitbouwen (één bouwlaag) naar de openbare weg of openbaar groen gekeerde zijkant - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument) - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing - Indien het een erker betreft is de breedte zoveel mogelijk afgestemd op bestaande gevelopeningen en maximaal 60% van de oorspronkelijke gevelbreedte. - De aan- of uitbouw is vormgegeven in één bouwlaag met een rechthoekige of een op de situatie afgestemde plattegrond en is plat afgedekt. - Indien het een erker betreft: de erker is niet gekoppeld aan een eventuele luifel boven de entree en is plat afgedekt. Minimale afstand tot entreeluifel is 0,5 m. - De voor- en zijgevel van de aanbouw zijn niet volledig gesloten en de bestemming van de aanbouw is uit de voorgevel afleesbaar. - De vorm van kozijnen, ramen en de detaillering is passend bij het karakter van de woning. - - Het materiaal- en kleurgebruik van de aan- of uitbouw is afgestemd op het hoofdgebouw. - De materialen en kleuren voegen zich in de omgeving. - Indien het een erker betreft: de gevels zijn transparant, eventueel voorzien van een borstwering van maximaal 0,6 m. Pagina 5 van 24
6 OBJECT aan- en uitbouwen (één bouwlaag) zijkant, niet naar de openbare weg of openbaar groen gekeerd - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument) - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing - De aan- of uitbouw is vormgegeven in één bouwlaag en plat afgedekt. - De voorgevel van de aanbouw is niet volledig gesloten en het gebruik van de aanbouw is uit de voorgevel afleesbaar. - Het materiaal- en kleurgebruik van de aan- of uitbouw is afgestemd op het hoofdgebouw of transparant. (bij serres). - De materialen en kleuren voegen zich in de omgeving. Pagina 6 van 24
7 OBJECT aan- en uitbouwen (één bouwlaag) achterkant - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument) - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing - De aan- of uitbouw is vormgegeven in één bouwlaag met een rechthoekige of een op de situatie afgestemde plattegrond en is plat afgedekt. Bij serres is een flauw hellend transparant dak mogelijk. - Het materiaal- en kleurgebruik van de aan- of uitbouw is afgestemd op het hoofdgebouw of transparant (bij serres). - De materialen en kleuren voegen zich in de omgeving. Pagina 7 van 24
8 OBJECT bijgebouwen en overkappingen Voorkant - Bijgebouwen en overkappingen aan de voorkant (dus voor de voorgevel van de woning) worden zelden door het bestemmingsplan toegelaten en hebben dusdanige invloed op het straatbeeld dat een afweging door de welstandscommissie noodzakelijk is. Uitzonderingen: - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing Pagina 8 van 24
9 OBJECT bijgebouwen en overkappingen zijkant - Bijgebouwen en overkappingen aan de voorkant (dus voor de voorgevel van de woning) worden zelden door het bestemmingsplan toegelaten en hebben dusdanige invloed op het straatbeeld dat een afweging door de welstandscommissie noodzakelijk is. Uitzonderingen: - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing - Het bijgebouw of de overkapping is vormgegeven in één bouwlaag met een rechthoekige of een op de situatie afgestemde plattegrond. - Het bijgebouw of de overkapping is plat afgedekt (andere kapvormen voorleggen aan welstandscommissie). - Er is sprake van een van het hoofdgebouw afgeleide detaillering: passend bij de stijl van het hoofdgebouw, of met een zelfde mate van verfijning/profilering. - Het materiaal- en kleurgebruik van het bijgebouw of de overkapping is afgestemd op het hoofdgebouw. Pagina 9 van 24
10 OBJECT bijgebouwen en overkappingen achterkant - Bijgebouwen en overkappingen aan de voorkant (dus voor de voorgevel van de woning) worden zelden door het bestemmingsplan toegelaten en hebben dusdanige invloed op het straatbeeld dat een afweging door de welstandscommissie noodzakelijk is. Uitzonderingen: - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing - Het bijgebouw of de overkapping is vormgegeven in één bouwlaag met een rechthoekige of een op de situatie afgestemde plattegrond. - Het bijgebouw of de overkapping is plat afgedekt of heeft een op de hoofdmassa afgestemde kap. - Bij aangebouwde overkappingen: de overkapping blijft onder de gootlijn van het hoofdgebouw. - Het materiaal- en kleurgebruik van het bijgebouw of de overkapping is afgestemd op het hoofdgebouw of heeft een tuinkarakter (gevels in metselwerk en/of hout, het dak in pannen, of, bij plat dak, bitumen). - Geen toepassing van betonplaten of damwandprofielen. Pagina 10 van 24
11 OBJECT dakkapellen voorkant - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - De dakkapel is overeenkomstig een bestaande dakkapel, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing en aantal - Het betreft een dakkapel op het hoofdgebouw. - Indien het een dakkapel betreft op een woning in een blok: de dakkapel is per bouwlaag in één horizontale lijn gerangschikt met ander dakkapellen. - Er is minimaal 0,5 meter dakvlak aan de bovenkant en aan weerszijden van de dakkapel. Bij een einddakvlak (hoekwoning) is minimaal 0,9 meter zijdelingse afstand aanwezig. Onder de dakkapel is er een dakvlak van minimaal 0,5 meter en maximaal 1,50 meter hoogte. Afstand tot boven- en onderkant verticaal gemeten; afstand tot zijkant gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel en bij kilkepers vanaf de onderkant. - De tussenruimte tussen dakkapellen of afstand tot dakramen bedraagt tenminste 0,5 m. - Niet meer dan één dakkapel per dakvlak van een woning. - Bij mansardekap: de dakkapel is geplaatst in het onderste dakvlak. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is geplaatst op het oorspronkelijke woongedeelte. - De dakkapel is niet op een wolfseind geplaatst. - De hoogte bedraagt maximaal 1,5 meter gemeten vanaf voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord of daktrim. - De breedte bedraagt in totaal maximaal 50% van de breedte van het dakvlak met een maximum van 4 meter gemeten tussen eindgevels of de hartlijn van woningscheidende bouwmuren, gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel en bij kilkepers vanaf de onderkant. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is staand van verhoudingen. - De dakkapel is plat afgedekt of, bij mansardekap, doorgetrokken vanuit bovenste dakvlak (andere vormen ter beoordeling welstandscommissie). - De indeling van de kozijnen is afgestemd op het hoofdgebouw. - Er is sprake van een van het hoofdgebouw of reeds aanwezige dakkapellen afgeleide detaillering. - - Het materiaal- en kleurgebruik van de dakkapel is gelijkwaardig aan reeds aanwezige dakkapellen op hetzelfde dakvlak. - Er is sprake van een beperkte toepassing van dichte panelen in het voorvlak; eventueel alleen in ondergeschikte mate tussen de glasvlakken. Pagina 11 van 24
12 OBJECT dakkapellen naar de openbare weg of openbaar groen gekeerde zijkant - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - De dakkapel is overeenkomstig een bestaande dakkapel, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies in hetzelfde woonblok bij een vergelijkbare woning en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing en aantal - Het betreft een dakkapel op het hoofdgebouw. - Er is minimaal 0,5 meter dakvlak aan de bovenkant en aan weerszijden van de dakkapel. Bij een einddakvlak (hoekwoning) is minimaal 0,9 meter zijdelingse afstand aanwezig. Onder de dakkapel is er een dakvlak van minimaal 0,5 meter en maximaal 1,50 meter hoogte. Afstand tot boven- en onderkant verticaal gemeten; afstand tot zijkant gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel en bij kilkepers vanaf de onderkant. - De tussenruimte tussen de dakkapellen of afstand tot dakramen bedraagt tenminste 0,5 m. - Niet meer dan twee, identieke, dakkapellen per dakvlak. - Bij een mansardekap: de dakkapel is geplaatst in het onderste dakvlak. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is geplaatst op het oorspronkelijke woongedeelte. - De dakkapel is niet op een wolfseind geplaatst. - De hoogte bedraagt maximaal 1,5 meter gemeten vanaf voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord of daktrim. - De breedte bedraagt in totaal maximaal 50% van de breedte van het dakvlak met een maximum van 4 meter gemeten tussen eindgevels of de hartlijn van woningscheidende bouwmuren, gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel en bij kilkepers vanaf de onderkant. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is staand van verhoudingen. - De dakkapel is plat afgedekt of, bij mansardekap, doorgetrokken vanuit het bovenste dakvlak. - De indeling van de kozijnen is afgestemd op de indeling van de kozijnen van het hoofdgebouw. - Er is sprake van een van het hoofdgebouw of reeds aanwezige dakkapellen afgeleide detaillering - Het materiaal- en kleurgebruik van de dakkapel is gelijk of gelijkwaardig aan reeds aanwezige dakkapellen op hetzelfde dakvlak. - Er is sprake van een beperkte toepassing van dichte panelen in het voorvlak; eventueel alleen in ondergeschikte mate tussen de glasvlakken. Pagina 12 van 24
13 OBJECT December 2013 dakkapellen zijkant, niet naar openbare weg of openbaar groen gekeerd - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - De dakkapel is overeenkomstig een bestaande dakkapel, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing en aantal - Het betreft een dakkapel op het hoofdgebouw. - De afstand tot de voorgevel bedraagt minimaal 0,9 meter. - Er is minimaal 0,50 meter dakvlak aan de boven- en onderkant en aan weerszijden van de dakkapel. Onder de dakkapel is er een dakvlak van maximaal 1,50 meter hoogte. Afstand tot boven- en onderkant verticaal gemeten; afstand tot zijkant gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel en bij kilkepers vanaf de onderkant. Bij aangekapte dakkapellen is de afstand tot de nok minimaal 1 meter. - Niet meer dan twee, identieke, dakkapellen per dakvlak. - Bij een mansardekap: de dakkapel is geplaatst in het onderste dakvlak. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is geplaatst op het oorspronkelijke woongedeelte. - De dakkapel is niet op een wolfseind geplaatst. - De totale breedte van de dakkapel(len) is maximaal 2/3 van de breedte van het dakvlak met een maximum van 6 meter. - Bij platte afdekking: de hoogte bedraagt max.1,50 m, gemeten van voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord of daktrim. - Bij een aangekapte dakkapel: de afstand van de voet dakkapel tot de gootlijn van de dakkapel bedraagt maximaal 0,90 meter en de bovenkant van de dakkapel is tenminste 1 meter onder de nok gelegen. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is staand van verhoudingen. - De dakkapel is plat afgedekt of aangekapt bij een dakhelling van het hoofddak van 45 of meer, met een minimale dakhelling van 25. Bij mansardekap is het dak doorgetrokken vanuit het bovenste dakvlak of plat. - Het materiaal- en kleurgebruik van de dakkapel is gelijk of gelijkwaardig aan reeds aanwezige dakkapellen op hetzelfde dakvlak. - Het materiaal- en kleurgebruik van de kap bij een aangekapte dakkapel is gelijk aan de kap van het hoofdgebouw. - Er is sprake van een beperkte toepassing van dichte panelen in het voorvlak; eventueel alleen in ondergeschikte mate tussen de glasvlakken Pagina 13 van 24
14 OBJECT dakkapellen achterkant - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - De dakkapel is overeenkomstig een bestaande dakkapel, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing en aantal - Het betreft een dakkapel op het hoofdgebouw. - Er is minimaal 0,50 meter dakvlak aan de boven- en onderkant en aan weerszijden van de dakkapel. Onder de dakkapel is er een dakvlak van maximaal 2 meter hoogte. Afstand tot boven- en onderkant verticaal gemeten; afstand tot zijkant gemeten aan de bovenzijde van de dakkapel en bij kilkepers vanaf de onderkant. - De tussenruimte tussen dakkapellen bedraagt tenminste 0,5 meter. - Niet meer dan twee dakkapellen per dakvlak. - Bij een mansardekap: de dakkapel is geplaatst in het onderste dakvlak. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is geplaatst op het oorspronkelijke woongedeelte. - De dakkapel is niet op een wolfseind geplaatst. - De hoogte bedraagt max.2 m., gemeten vanaf voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord of daktrim. - De totale breedte aan dakkapellen is maximaal 2/3 van de breedte van het dakvlak met een maximum van 8 meter. - Bij een (voormalige) boerderij: de dakkapel is staand van verhoudingen. - De dakkapel is plat afgedekt of aangekapt bij een dakhelling van het hoofddak van 45 of meer, met een minimale dakhelling van Het materiaal- en kleurgebruik van de dakkapel is gelijkwaardig aan reeds aanwezige dakkapellen op hetzelfde dakvlak. - Het materiaal- en kleurgebruik van de kap bij een aangekapte dakkapel is gelijk aan de kap van het hoofdgebouw. Pagina 14 van 24
15 OBJECT erfafscheidingen - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - Bij erfafscheidingen aan de openbare weg: het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk gerealiseerd conform een positief welstandsadvies bij een vergelijkbare woning in de directe omgeving en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing en aantal - De hoogte is maximaal 2 m. bij plaatsing achter de eigen voorgevelrooilijn (= de voorgevelrooilijn die gelijk en evenwijdig ligt aan het hoofdgebouw). Vóór de voorgevelrooilijn is de hoogte maximaal 1 m. - De erfafscheiding heeft een deugdelijke en duurzame uitvoering. - Indien een erfafscheiding is gelegen vóór een voorgevelrooilijn (geldt voor alle voorgevelrooilijnen) is deze uitgevoerd in een volledig open gaasconstructie. - Indien van toepassing: er is sprake van een volledig te begroeien gazen hekwerk, als drager voor beplanting. - Indien van toepassing: verhouding hoogte voetmuur totale hoogte bedraagt 1:3. - De erfafscheiding is uitgevoerd in metselwerk, houten delen, open gaas- of hekwerk al dan niet voorzien van beplanting, of combinaties hiervan. - Bij uitvoering in hout: er is sprake van om en om geplaatste houten delen zodat het beeld van een dichte plaat wordt vermeden. - Bij uitvoering in metselwerk: materiaal en kleur conform het hoofdgebouw, eventueel daarboven metalen stijlen met gaas of hekwerk in een donkere kleur of schotten van houten delen tussen gemetselde penanten. - Er is sprake van gebruikelijke en duurzame materialen; dus geen beton, kunststof, staalplaat, golfplaat, damwandprofiel, rietmatten. Geen puntdraden (prikkeldraad). - Er is sprake van een terughoudend kleurgebruik, contrast met bebouwing in de omgeving is vermeden. Pagina 15 van 24
16 OBJECT kozijn- of gevelwijzigingen - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - Het betreft een kozijn- of gevelwijziging op de begane grond aan de achterkant. Plaatsing en aantal - Niet van toepassing. - Nieuwe gevelopeningen zijn gelijk aan of een afgeleide van de bestaande of oorspronkelijke gevelopeningen. - Profielafmetingen van kozijnen en/of raamhout zijn overeenkomstig bestaand of oorspronkelijk - De gevelwijziging blijft in overeenstemming met de architectuur/het tijdsbeeld van de oorspronkelijke gevel. - De samenhang en ritmiek van de straatwand blijft behouden. - De samenhang tussen de gevelelementen op de begane grond en verdieping(en) blijft behouden, indien daarvan sprake is. - Kozijn- of raamindelingen: er is sprake van een geringe wijziging door toevoegen of weglaten van stijlen, dorpels, roedes of ramen. - De gevelopeningen blijven open en worden niet geblindeerd met panelen of schilderwerk - Kenmerkende details voor de oorspronkelijke architectuur van de gevel blijven behouden. (Bijvoorbeeld lateien, onderdorpels, raamlijsten, speklagen, rollagen, metselwerkversieringen, dakgoten, ornamenten etc.). - Bij een (voormalige) boerderij: de gevelopzet respecteert de kenmerkende opdeling in woon- en bedrijfsgedeelte van de bestaande of oorspronkelijke toestand. - Het materiaal- en kleurgebruik is overeenkomstig of gelijkwaardig aan de reeds aanwezige materialen en kleuren van het hoofdgebouw, of voldoet aan een van onderstaande criteria - Indien sprake is van stalen kozijn- en raamprofielen: deze worden vervangen door aluminium renovatieprofielen (alleen aluminium kan de dimensionering en profilering van staal benaderen). - Indien sprake is van vervanging van houten kozijnen door kunststof of aluminium kozijnen: de oorspronkelijke of gelijkwaardige profilering van de houten kozijnen wordt aanhouden Pagina 16 van 24
17 OBJECT Rolhekken, luiken en rolluiken Omschrijving en uitgangspunten Rolhekken, luiken en rolluiken zijn voorzieningen om ruiten van gebouwen tegen inbraak en vandalisme te beschermen. Deze voorzieningen kunnen de omgeving echter ook een onherbergzaam aanzien geven, hetgeen verloedering juist in de hand werkt. Daarom stimuleert de gemeente in de eerste plaats het toepassen van alternatieve oplossingen zoals geweldbestendig glas of elektronische beveiligingssystemen. Voor woningen is het toepassen van rolhekken, luiken en rolluiken vergunningsvrij gesteld. Voor gebouwen anders dan woningen en woongebouwen echter niet. Juist in winkelgebieden zijn de problemen met deze anti-inbraak en vandalisme voorzieningen het grootst. De gemeente streeft er daarom naar dat rolhekken, luiken en rolluiken de uitstraling van een pand niet negatief beïnvloeden. OBJECT voor rolhekken of (rol)luiken Een rolhek, luik of rolluik is niet in strijd met redelijke eisen van welstand als aan onderstaande sneltoetscriteria wordt voldaan. Voldoet een rolhek, luik of rolluik niet aan onderstaande criteria of is er sprake van een bijzondere situatie of gerede twijfel aan de toepasbaarheid van de sneltoetscriteria dan kan de bouwaanvraag voor advies aan de welstandscommissie worden voorgelegd. In geval van een beschermd monument of een beschermd stads- of dorpsgezicht zal altijd de welstandscommissie om advies worden gevraagd. - Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - Het bouwwerk is overeenkomstig een bestaand bouwwerk, gerealiseerd conform een positief welstandsadvies in hetzelfde blok bij een vergelijkbaar pand en waarvoor minder dan 10 jaar geleden een bouwvergunning is afgegeven. Informatieplicht ligt bij aanvrager, te verifiëren door plantoetser. Plaatsing en aantal - Niet van toepassing. - Niet van toepassing. - Bij plaatsing minimaal 2 meter achter de uitwendige scheidingsconstructie (pui): geen criteria t.a.v. vormgeving. - Bij plaatsing aan de binnenzijde van de uitwendige scheidingsconstructie (pui): voor minimaal 50% bestaand uit glasheldere doorkijkopeningen en ingetogen kleurgebruik of kleuren harmoniërend met interieur/gevel. - Bij plaatsing aan de buitengevel: - plaatsing aan de binnenzijde is niet mogelijk, voor minimaal 90% bestaand uit glasheldere doorkijkopeningen, rolkasten, geleidingen en rolhekken worden in de gevel geïntegreerd. - Ingetogen kleurgebruik of kleuren harmoniërend met gevel. Pagina 17 van 24
18 OBJECT December 2013 dakopbouwen - Er zijn voor dit bouwwerk geen gebiedsgerichte criteria of afwijkende criteria in de vorm van een beeldkwaliteitsplan van toepassing. Er is geen sprake van een monument of beschermd dorpsgezicht (bouwen op, aan of nabij een monument). - Het betreft een dakopbouw die gelijk is aan eerder gerealiseerde dakopbouwen op andere, soortgelijke woningen in het blok. (Zijn er geen andere dakopbouwen dan n.v.t. invullen). - Het betreft een dakopbouw op het hoofdgebouw. Plaatsing en aantal - De dakopbouw wordt aan de achterkant (enkelzijdig) of dubbelzijdig (aan beiden zijde van de woning aangebracht. - De hoogte van de dakopbouw gemeten vanaf het hoofddakvlak tot de gootlijn van de dakopbouw in verticale zin bedraagt maximaal 90 centimeter. - De dakopbouw heeft een afstand van minimaal 0,5 m of twee pannen tot de beide dakranden/woningscheidingen of sluit aan op een identieke, belendende dakopbouw - De dakhellingshoek is gelijk aan die van het hoofddak. - De indeling van de kozijnen is afgestemd op de indeling van de kozijnen van het hoofdgebouw. - Er is sprake van een van het hoofdgebouw of reeds aanwezige dakkapellen afgeleide (dakrand)detaillering. - Gemetselde schoorstenen, wanneer aanwezig, vormen de beëindiging van de dakopbouw. Eventueel kunnen schoorstenen daartoe worden opgehoogd. - De dakopbouw is uitgevoerd in dezelfde materialen als het hoofddak. - De kleur van de kozijnen is hetzelfde als die van de kozijnen in de hoofdgevels. Pagina 18 van 24
19 OBJECT reclames Omschrijving en uitgangspunten Reclame is een publieke aanprijzing van een bedrijf, een product of een dienst. Reclames op borden, lichtreclames en spandoeken of vlaggen vormen een belangrijk en beeldbepalend element van de openbare ruimte. In gebieden met commerciële functies zijn reclames op zijn plaats en verhogen ze de visuele aantrekkingskracht van de omgeving, hoewel daar een kritische grens aan verbonden is. In andere gebieden zijn (bepaalde) reclame-uitingen ongewenst. Zo dienen reclameuitingen voor diensten of producten die niet in het pand plaatsvinden respectievelijk worden verkocht/vervaardigd vermeden te worden. De situering van de reclame dient een rechtstreeks verband te hebben met de (commerciële) ruimte waarvoor de reclame bedoeld is. Zo is een winkelreclame op de gevel van een bovenverdieping onlogisch als de winkel slechts gevestigd is in het gedeelte op de begane grond. In algemeenheid is geen veelheid van merkreclames toegestaan. Gevelreclames kunnen een dorpsbeeld ernstig verstoren als ze geen harmonische toevoeging zijn die past binnen het gevelontwerp. Een goed reclamebeleid voorkomt dat winkeliers of bedrijven tegen elkaar op gaan bieden met nog grotere en opvallender reclame waardoor de winkelomgeving respectievelijk het bedrijventerrein als geheel achteruit gaat. Tijdelijke reclameborden die bedoeld zijn om bouwkundige of civielkundige werken aan te kondigen, vallen niet onder dit hoofdstuk. Deze borden worden in principe tijdelijk gedoogd, mits de locatie van het bord rechtstreeks en logisch volgt uit de locatie van de werkzaamheden. Na afloop van de werkzaamheden dienen de borden te worden verwijderd. Het bord mag nimmer gevaar of hinder opleveren. Het aantal borden dient tot een minimum te worden beperkt. OBJECT voor reclame-uitingen in winkelgebieden Reclame-uitingen voldoen in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan de onderstaande welstandscriteria wordt voldaan. Algemeen: - Als basis waarop het ontwerp van de reclame-uiting zich moet richten is de structuur van het bouwwerk of ruimte waaraan het is verbonden; - Reclame als toevoeging aan een bestaand bouwwerk moet zich aanpassen aan de architectonische structuur van het gebouw; - In geval van nieuwbouw zal de reclame integraal in de architectuur mee ontworpen moeten worden. Plaatsing en aantal: - In beginsel één reclame evenwijdig aan de gevel en één uithangbord of lichtbak loodrecht op de gevel. Indien er sprake is van een hoekpand dan worden afhankelijk van de situatie aan één van de beide gevels één reclame die evenwijdig aan de gevel is geplaatst en één uithangbord of lichtbak loodrecht op beide gevels toegestaan; - Indien het pand is voorzien van een brede luifel dan mag in plaats van het uithangbord of de lichtbak loodrecht op de gevel een reclame-uiting tegen de voorrand van de luifel worden aangebracht; - Bijvoorkeur reclame-uitingen aangebracht op daarvoor in de architectuur opgenomen koofborden of reclamevelden; - Reclames loodrecht op de gevel, niet hoger aangebracht dan de scheiding van de begane grond en de eerste verdieping en dient, horizontaal gemeten, 0.50 m van de rijweg verwijderd te blijven; - Reclames evenwijdig aan de gevel, aangebracht op de borstwering van de eerste verdieping, onder de onderzijde van de raamdorpels op de eerste verdieping; - Reclame aangebracht op bouwlagen met een woonbestemming is niet toegestaan; - Reclames buiten het bouwsilhouet, bijvoorbeeld op daken of dakgoten of bevestigd aan erkers of balkons, zijn niet toegestaan; - Reclames bevestigd aan kolommen, bijvoorbeeld van winkelgalerijen is niet toegestaan; - Herhaling van een reclame aan één gevel, bijvoorbeeld meerdere malen dezelfde tekst, is niet gewenst; - Reclames aan zogenaamde blinde zijgevels worden alleen toegestaan als zij esthetisch bijzonder goed zijn verzorgd; - Geen reclame-uitingen die het uitzicht op de openbare ruimte of verkeersborden ernstig belemmeren; - Reclame op markiezen uitsluitend op de volant geplaatst; - Reclames zich die boven of op het openbare terrein (met toestemming) mogen geen gevaar opleveren. : - Bij plaatsing evenwijdig aan de gevel: het geheel niet breder dan één etalageraam of toegangsopening, niet hoger dan 0.60 meter en niet dikker dan 0.20 m; - Over meer panden doorlopende reclame is niet toegestaan; - Bij plaatsing loodrecht op de gevel: het geheel (inclusief draagconstructie) niet groter dan 0.75 m²; - Verticale reclames mogen niet hoger zijn dan één verdieping en afhankelijk van de situatie niet breder dan 0.50 m. Pagina 19 van 24
20 Vorm: - In de voorgevel de reclame-uiting als zelfstandig element vormgeven, waarbij de maatvoering en detailleringen zijn afgestemd op en harmoniëren met de oorspronkelijke gevel; - In de voorgevel de samenhang en ritmiek van de straatwand niet verstoren; - Bij voorkeur reclames uitgevoerd in geschilderde letters en tekens of open letters of losse letters en tekens; - Tegen een voorrand van een luifel wordt alleen reclame toegestaan die bestaat uit losse letters of geschilderde reclame. Een lichtbak aan de onderkant van de luifel is toegestaan als deze niet te groot is en voetgangers niet hindert; - Geen mechanisch bewegende delen. : - Lichtcouranten of lichtreclame met veranderlijk, intermitterend licht of daglichtreflecterende reclame zijn niet toegestaan; - Geen toepassing van felle kleuren. Overige: - Reclame voor diensten of producten die niet in het pand plaatsvinden respectievelijk verkocht worden is niet toegestaan. De situering van de reclame dient een rechtstreeks verband te hebben met de (commerciële) ruimte waarvoor de reclame bedoeld is; - Vlaggen, reclamevlaggen, indien meer dan 1 per 6.0 m gevellengte zijn niet aanvaardbaar; - Reclames tegen of achter ramen of glazen deuren, zichtbaar vanaf de openbare weg, worden ook als reclame aangemerkt. OBJECT voor reclame-uitingen op bedrijventerreinen Reclame-uitingen op bedrijventerreinen voldoen in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan de onderstaande welstandscriteria wordt voldaan. Plaatsingen en aantal - Reclame-uitingen dienen bij voorkeur meegenomen worden in het ontwerp; - Bij voorkeur dient in plaats van gevelreclame een losse reclamezuil te worden toegepast met een hoogte van max. 5 meter. - vlaggenmasten, maximaal 3 per locatie; - Gevelreclames, inpassing in het ontwerp en locatie van het gebouw; Vorm - In de voorgevel gevelreclame als zelfstandig element vormgegeven, waarbij de plaatsbepaling is afgestemd op en in verhouding is met de oorspronkelijke gevel; - Gevelreclames evenwijdig aan de gevel bij voorkeur uitgevoerd in open letters of in losse letters en tekens, bij voorkeur geen lichtbakken; - Aan de randen van bedrijventerreinen zijn geen lichtbakken of felle kleuren toegestaan. Pagina 20 van 24
21 OBJECT December 2013 aan- en uitbouwen achterkant, 2 bouwlagen Uitzonderingen Bij een aan- of uitbouw over twee bouwlagen bij woningen gelden bijzondere criteria. Uitgangspunt is dat een uitbouw over 2 verdiepingen mogelijk is bij oudere (bouwjaar voor 1960) kleinere woningen, mits het bestemmingsplan deze mogelijkheid biedt of indien de stedenbouwkundige hierover positief adviseert. In aanvulling op de criteria die reeds gelden voor aan- of uitbouwen aan de achter- en zijkant, zijn onderstaande aanvullende welstandscriteria van toepassing. Voldoet een aan- of uitbouw niet aan deze criteria of is er sprake van een bijzondere situatie of gerede twijfel aan de toepasbaarheid van de objectcriteria, dan wordt de bouwaanvraag voor advies aan de welstandscommissie voorgelegd. In geval van een beschermd monument zal altijd de welstandscommissie om advies worden gevraagd. - Aanbouwen over 2 verdiepingen is slechts aan de achterzijde toegestaan voor oudere (bouwjaar ouder dan 1970) kleinere aaneengebouwde woningen (oorspronkelijke woningdiepte veelal kleiner dan 7,5 meter), waarbij de nok evenwijdig aan de weg is gelegen waarop de woning is georiënteerd. - Uitsluitend binnen het hoofdbebouwingsvlak (dus qua diepte passend binnen het bestemmingsplan), tenzij een bestaande 1-laagse aanbouw (op de begane grond) aanleiding geeft tot een diepere aanbouw en de stedenbouwkundige hierover positief adviseert. De totale maximale diepte bedraagt (incl. evt. binnenplanse vrijstelling) te allen tijde 13 meter. - Diepte van de 2-laagse aanbouw mag nooit dieper zijn dan de oorspronkelijke woningdiepte. - De uitbreiding kan ofwel uitgevoerd worden als vergroting van de hoofdmassa (optie 1) ofwel als ondergeschikte aanbouw t.o.v. de hoofdmassa (optie 2). (optie 1) Uitbreiding/vergroting van de hoofdmassa - De uitbreiding dient of te worden voorzien van een steekkap (kap die haaks staat op de oorspronkelijke kap) waarvan de dakhelling gelijk is aan de oorspronkelijke dakhelling of plat te worden afgedekt. - De uitbreiding dient volledig achter de oorspronkelijke woning te worden gesitueerd. - De goot- en nokhoogte dient gelijk te zijn aan de goot- en nokhoogte van de oorspronkelijke hoofdmassa. Bij een plat afgedekte aanbouw dient de dakrandhoogte gelijk te zijn aan de goothoogte van de oorspronkelijke hoofdmassa. - Er moet een duidelijk onderscheid ontstaan tussen de nieuw te vormen hoofdmassa en de bijmassa s (aanbouwen in de vorm van garages, bergingen, etc.); de hoofdmassa dient een duidelijk eind te krijgen. Een eindschild (zelfde dakhelling) kan hieraan bijdragen, maar dit is niet strikt noodzakelijk. Aangebouwde bijgebouwen dienen dan ook in architectonische zin duidelijk ondergeschikt te worden uitgevoerd. - Ingeval de uitbreiding plat wordt afgedekt, dient - zo mogelijk - een tussenlid te worden gecreëerd. De mogelijkheden voor het maken van een tussenlid kunnen worden beperkt door een bestaande uitbouw die wordt vergroot. - Een tussenlid dient tussen de 0,5 en 1,5 meter breed te zijn, terugliggend en onopvallend (bijv. donkere kleur) te worden uitgevoerd. - Het tussenlid dient onder de oorspronkelijke goothoogte te blijven. (optie 2) Uit- of aanbouw als ondergeschikte uitbreiding van de hoofdmassa - De uitbreiding dient of te worden voorzien van (a) een steekkap (kap die haaks staat op de oorspronkelijke kap) waarvan de dakhelling gelijk is aan de oorspronkelijke dakhelling of (b) plat te worden afgedekt. - De uitbreiding dient volledig achter de oorspronkelijke woning te worden gesitueerd; zo mogelijk dient de aanbouw ten minste 1,5 meter smaller te worden uitgevoerd dan de oorspronkelijke woningbreedte. - De dakrandhoogte (bij platte aanbouw) dient lager of gelijk te zijn aan de goothoogte van de oorspronkelijke hoofdmassa. Het platte dakvlak van de 2-laagse aanbouw mag geenszins aangrijpen in het dakvlak van de oorspronkelijke hoofdmassa. - De goot- en nokhoogte (bij aanbouw met steekkap) dient ten minste 0,5 meter lager te zijn dan de goot- en nokhoogte van de oorspronkelijke hoofdmassa. - De 2-laagse aanbouw dient in architectonische zin een duidelijk eind te krijgen. Bij toepassing van een steekkap is een eindschild (zelfde dakhelling) verplicht; bij een platte afdekking is een bescheiden eindschild (met dezelfde dakhelling) mogelijk, mits naar de achterzijde gericht. De detaillering van dit eindschild (dakrand etc.) dient aan te sluiten bij de detaillering van de hoofdmassa. - Ingeval de uitbreiding plat wordt afgedekt, dient - zo mogelijk - een tussenlid te worden gecreëerd. De mogelijkheden voor het maken van een tussenlid kunnen worden beperkt door een bestaande uitbouw die wordt vergroot. - Het tussenlid dient tussen de 0,5 en 1,5 meter breed te zijn, terugliggend, afwijkend maar onopvallend (bijv. donkere kleur) te worden uitgevoerd. - Het tussenlid dient onder de oorspronkelijke goothoogte te blijven. Pagina 21 van 24
22 Onder is het een en ander gevisualiseerd. December 2013 Pagina 22 van 24
23 Pagina 23 van 24 December 2013
24 Definities: December 2013 Dakopbouw uitbreiding op een hellende kap waarbij de nok wordt verhoogd Erker uitbouw van een woonvertrek aan de straatzijde(n) van een woning. Hoeklocatie een kavel dat aan twee zijden aan de openbare weg of openbaar groen grenst Ingesloten situatie het bouwwerk is niet zichtbaar vanaf de openbare weg of openbaar groen en staat niet op een hoeklocatie Serre overwegend transparante uitbouw van een woning in een achtertuin of zijtuin Woonblok een groep woningen met situatieve en/of ruimtelijke samenhang, niet door openbare wegen doorsneden. Pagina 24 van 24
WELSTANDSNOTA GEMEENTE HEUSDEN SNELTOETSCRITERIA 2007
WELSTANDSNOTA GEMEENTE HEUSDEN SNELTOETSCRITERIA 2007 Sneltoetscriteria Welstandsnota gemeente Heusden Vastgesteld: 11 september 2007 (ter vervanging van de versie van 2004) Indeling welstandsnota Gemeente
SNELTOETSCRITERIA voor veel voorkomende kleine bouwplannen
voor veel voorkomende kleine bouwplannen Inleiding Sneltoetscriteria zijn objectgerichte criteria (kortweg objectcriteria) die zo concreet zijn dat toetsing daaraan op ambtelijk niveau kan plaatsvinden.
WELSTANDSNOTA GEMEENTE OSS
WELSTANDSNOTA GEMEENTE OSS SNELTOETSCRITERIA (gewijzigd per raadsbesluit 25 juni 2009) Sneltoetscriteria Welstandsnota Oss, gewijzigd per raadsbesluit 25 juni 2009 1/28 MODEL- SNELTOETSCRITERIA WZNB MOOI
BIJGEBOUW OF OVERKAPPING OP ZIJ OF ACHTER ERF
SNELTOETSCRITERIA BIJGEBOUW OF OVERKAPPING OP ZIJ OF ACHTER ERF De afstand tot de voorgevel moet ongeveer 3m zijn. Indien het zij- en/of achtererf grenst aan de weg of een openbaar pad dan dient de afstand
DAKKAPELLEN. Beschrijving en uitgangspunten welstandsbeleid
DAKKAPELLEN Beschrijving en uitgangspunten welstandsbeleid Een dakkapel is een bescheiden uitbouw in de kap, bedoeld om de lichttoetreding te verbeteren en het bruikbaar woonoppervlak te vergroten. Dakkapellen
Omschrijving en uitgangspunten
2.5 Dakkapellen Omschrijving en uitgangspunten Een dakkapel dient een bescheiden uitbouw in de kap te zijn, bedoeld om de lichttoetreding te verbeteren en het bruikbare oppervlak te vergroten. Dakkapellen
criteria 2 dakkapellen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon
criteria 2 dakkapellen 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 2 - dakkapellen dorp stad & land Inleiding Deze notitie is een
SNELTOETSCRITERIA GEMEENTE HALDERBERGE
SNELTOETSCRITERIA GEMEENTE HALDERBERGE voor veel voorkomende kleine bouwplannen editie juli 2008 VOORWOORD Voor u ligt een nieuw model voor de sneltoetscriteria (editie juli 2008), de welstandscriteria
2.4 CRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE KLEINE BOUWPLANNEN
2.4 CRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE KLEINE BOUWPLANNEN In artikel 2.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht staat dat Burgemeester en Wethouders een aanvraag om vergunning moeten toetsen aan redelijke
Uit de welstandsnota 2007 Gemeente Hof van Twente
Gemeente Hof van Twente, Postbus 54, 7470 AB Goor Tel. 0547 85 85 85 Fax 0547 85 85 86 E-mail: [email protected] Website: www.hofvantwente.nl Reclamebeleid Uit de welstandsnota 2007 Gemeente Hof van
criteria 1 kozijn- en gevelwijzigingen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon
criteria 1 kozijn- en gevelwijzigingen 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 1 - kozijn- en gevelwijzigingen dorp stad & land
deel C Welstandsnota Baarle-Nassau sneltoetscriteria februari 2004 1
deel C sneltoetscriteria Welstandsnota Baarle-Nassau februari 2004 1 Voorwoord Voorliggende notitie biedt de gemeente gestandaardiseerde welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen, als
In geval van een beschermd monument of een beschermd stadsgezicht zal altijd de welstandscommissie om advies worden gevraagd.
15 HOOFDSTUK 3 SNELTOETSCRITERIA Sneltoetscriteria Licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken zijn in strijd met redelijke eisen van de welstand als aan onderstaande sneltoetscriteria wordt voldaan. Wanneer
4 Loketcriteria. Welstandsnota gemeente Woudenberg Deel B Hoofdstuk 4 Loketcriteria 17
4 Loketcriteria Zoals in deel A van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a van de woningwet de gemeenteraad om een welstandsnota vast te stellen waarin criteria zijn opgenomen die worden
criteria 5 bijbehorende bouwwerken Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon
criteria 5 bijbehorende bouwwerken 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 5 - bijbehorende bouwwerken dorp stad & land Inleiding
7. Bijlagen. Loketcriteria gemeente Stein (versie 01-01-2009) Visie Welstandbeleid rayon Beek-Meerssen-Stein-Schinnen
7. Bijlagen Loketcriteria gemeente Stein (versie 01-01-2009) Stichting Ruimtelijke Kwaliteit Limburg B - 7 Aan- en uitbouw 1. Het bouwwerk is te rangschikken in de categorie licht bouwvergunningsplichtig.
Loketcriteria welstandsnota gemeente De Ronde Venen, december 2012
Loketcriteria welstandsnota gemeente De Ronde Venen, december 2012 Inhoud : Pagina : Aan- en uitbouwen 2 Bijgebouw of overkapping 3 Dakkapellen 4 Gevelwijzigingen 5 Erf- of perceelsafscheiding 6 Reclame
Sneltoetscriteria. Voor veel voorkomende kleine bouwwerken Onderdeel van de welstandsnota van de gemeente Súdwest-Fryslân
Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwwerken Onderdeel van de welstandsnota van de gemeente Súdwest-Fryslân Vastgesteld door de gemeenteraad 10 september 2015 1 Inhoudsopgave Inleiding...3
Verslag ambtelijke welstandstoets van d.d. 20 mei 2015
Verslag ambtelijke welstandstoets van d.d. 20 mei 2015 Aanwezig : M. Kavsitli, M.Overbeeke, W. Crusio en J. van Bergen REGULIERE AANVRAGEN OMGEVINGSVERGUNNING 1. WABO/2015/80 Rabobank Bouwadres Lange Zelke
7 Welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwwerken
7 Welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwwerken 225 7.1 Toelichting Ten behoeve van de toetsing van de kleinere bouwplannen (1) zijn zogenaamde sneltoetscriteria geformuleerd. Het gaat hier
WELSTANDSNOTA NOORDENVELD 2008 Bijlage Loketcriteria ideeën- en voorbeeldenboek
WELSTANDSNOTA NOORDENVELD 2008 Bijlage Loketcriteria ideeën- en voorbeeldenboek Roden/Assen Plannummer: 160.00.01.15.00 Vastgesteld: 18 december 2008 WELSTANDSNOTA NOORDENVELD 2008 Bijlage Loketcriteria
Dakkapel. Voldoet uw bouwplan aan de vergunningvrije criteria op grond van de Woningwet? Zie ook folder van VROM
Dakkapel Voldoet uw bouwplan aan de vergunningvrije criteria op grond van de Woningwet? Zie ook folder van VROM ja nee U kunt direct gaan bouwen. De bouw moet veilig (bijv. stevige constructie) en gezond
2 Loketcriteria. Welstandsnota gemeente Amersfoort maart 2008 H2 Loketcriteria
2 Loketcriteria Zoals in deel A van de bijlage van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a van de Woningwet de gemeenteraad om een welstandsnota vast te stellen, waarin criteria zijn
Hoofdstuk 5 WELSTANDSCRITERIA OBJECTEN. bebouwing achterkant voorkant
WELSTANDSCRITERIA OBJECTEN Hoofdstuk 5 De gemeente streeft ernaar veel voorkomende (kleine) objecten effectief te beoordelen om zo de burger tegemoet te komen. Het gaat daarbij om relatief eenvoudige en
Voorbeeld sneltoetscriteria
Welstandsnota gemeente Dordrecht Voorbeeld sneltoetscriteria (algemeen en aan- en uitbouwen) 2. Sneltoetscriteria 2.1 Algemeen In dit hoofdstuk worden Sneltoetscriteria gegeven voor, aan- en uitbouwen,
14 Op de grond staand bouwwerk van beperkte omvang 24
Sneltoetscriteria welstand Inhoudsopgave Inleiding 2 1 Welstandstoezicht 3 2 Voor- en Achterkantbenadering 3 3 Uitgangspunten Welstandstoezicht 4 4 Aan- en Uitbouwen 5 5 Bijgebouwen en Overkappingen 8
Bij een zijerf grenzend aan de weg of openbaar groen overlapt de achterkant de voorkant. Bij twijfel of overlapping is de term voorkant bepalend.
Sneltoetscriteria 1. Algemeen Voor kleinere bouwwerken gelden sneltoetscriteria. Anders dan bij de relatieve criteria voor aangewezen gebieden gaat het hier om vrijwel objectieve criteria die planindieners
7 Objectgerichte criteria
HOOFDSTUK 7 OBJECTGERICHTE TOETSINGSCRITERIA Inleiding 7.1 Welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen Het werken met gestandaardiseerde toetsingscriteria (sneltoetscriteria) voor kleinere
GRONINGEN, EEN PRONKJUWEEL MET WELSTAND
GRONINGEN, EEN PRONKJUWEEL MET WELSTAND SNELTOETS- CRITERIA DAKKAPELLEN DEEL 4. VERSNELLING: DE SNELTOETS- CRITERIA 1. DAKKAPELLEN 2. DAKOPBOUWEN EN AFSCHEIDINGEN ROND DAKTERRASSEN 3. DAKRAMEN EN ANDERE
- 346 - Hoofdstuk 9 Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwplannen
- 346 - Hoofdstuk 9 Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwplannen 9. Sneltoetscriteria 9.1. Toepassing In veruit de meeste gevallen komen mensen via de bouwvergunningsaanvraag of in het voortraject
GEMEENTE HEERENVEEN SNEL- TOETSCRITERIA. voor veel voorkomende kleine bouwplannen
1 GEMEENTE HEERENVEEN SNEL- TOETSCRITERIA voor veel voorkomende kleine bouwplannen Voorwoord 2 Sneltoetscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen Voorliggende notitie is een notitie met welstandscriteria
GEMEENTE ZUNDERT WELSTANDSNOTA Deel III: Ambtelijke toetsingscriteria
telefoon fax email internet kvk Breda Compositie 5 stedenbouw bv Boschstraat 35-37 4811 GB Breda 076 5225262 076 5213812 [email protected] www.c5s.nl 20083802 GEMEENTE ZUNDERT WELSTANDSNOTA 2014 Deel III: Ambtelijke
criteria 3 erfafscheidingen Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon
criteria 3 erfafscheidingen 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 3 - erfafscheidingen dorp stad & land Inleiding Deze notitie
4.0 Kleine bouwwerken
4.0 Kleine bouwwerken Veel kleine bouwplannen aan de achterzijde van een pand zijn vergunningvrij. Of u een vergunning nodig heeft is te vinden in bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor), te vinden
Actualisatie Welstandsnota (Digitale versie = verkorte versie ten opzichte van analoge versie)
Actualisatie Welstandsnota (Digitale versie = verkorte versie ten opzichte van analoge versie) Welstandscriteria gebied 1 t/m 16 (als voorbeeld in deze versie alleen gebied 6) Pagina s met de definitieve
Wanneer een bouwplan niet aan de loketcriteria voldoet of wanneer er sprake is van een bijzondere situatie, waarbij twijfel bestaat aan de
Welstandsnota gemeente 8 Loketcriteria Dit hoofdstuk behandelt gestandaardiseerde welstandscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen. Deze criteria dienen als basis voor het gemeentelijk welstandsbeleid
Hoofdstuk 6 Sneltoetscriteria
Hoofdstuk 6 Sneltoetscriteria HOOFDSTUK 6 Sneltoetscriteria Sneltoetscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen Algemeen In dit hoofdstuk worden sneltoetscriteria gegeven voor ondermeer aanen uitbouwen,
Als aan deze criteria wordt voldaan, behoeft het bouwplan niet meer te worden voorgelegd aan de welstandscommissie.
welstand voor lichte bouwvergunning Algemeen In de Woningwet is de bepaling opgenomen dat het uiterlijk of de plaatsing van een bouwwerk of standplaats, zowel op zichzelf als in verband met de omgeving
WELSTANDSNOTA NIEUWEGEIN 2010
BIJLAGE D: ALGEMENE LOKETCRITERIA Raadsnummer 2010-045 INHOUDSOPGAVE 1. ALGEMENE UITGANGSPUNTEN 2 2. AAN- EN UITBOUWEN 3 3. BIJGEBOUWEN EN OVERKAPPINGEN 5 4. DAKKAPELLEN 7 5. KOZIJN EN GEVELWIJZIGINGEN
criteria 7 schotel-, spriet- en staafantennes Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon
criteria 7 schotel-, spriet- en staafantennes 2013 Vereniging tot bevordering, ondersteuning en instandhouding van landschappelijk en stedelijk schoon 2 criteria 7 - schotel-, spriet- en staafantennes
VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN
LOKETCRITERIA VOOR LICHTVERGUNNINGPLICHTIGE BOUWWERKEN 1. DAKKAPELLEN Datum: 25 februari 2004 In werking getreden: 22 april 2004 Inleiding: Een dakkapel is een uitspringend dakvenster, aangebracht op het
Foto 116: Invloed van reclame op de omgeving. dan met name aan de buitengebieden en met name de open delen daarin.
Welstandsnota gemeente 6 Reclamebeleid Beschrijving en uitgangspunten in het beleid voor reclame-uitingen Met reclame wordt bedoeld een naamsaanduiding of een vorm van publieke aanprijzing van een product,
Criteria van gevallen waarbij wordt afgezien van preventief welstandstoezicht. Bijlage bij de Welstandsnota 2013
Criteria van gevallen waarbij wordt afgezien van preventief welstandstoezicht Bijlage bij de Welstandsnota 2013 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Regels 4 Artikel 1 Algemene regels 4 1.1 Begrippen 4 1.2 Wijze van
Bijlage bij Welstandsnota Diemen 2012, GR 07-06-2012, besluit nr.12-32 CONSEQUENTIES
CONSEQUENTIES Onderstaand zijn per thema het huidige beleid, het nieuwe beleid en de voordelen en nadelen worden weergegeven wat de consequenties zijn voor de aanpassing van het beleid. Hiermee kunt u
Bijlage bij evaluatie van de Welstandsnota Hoogeveen 2005. 2 Aanpassingen gebiedskenmerken deelgebieden - aangepaste deelgebieden 7, 9, 11, 22, 35
Bijlage bij evaluatie van de Welstandsnota Hoogeveen 2005 1 Loketcriteria - aan- en bijgebouwen - dakkappellen 2 Aanpassingen gebiedskenmerken deelgebieden - aangepaste deelgebieden 7, 9, 11, 22, 35 3
DAKKAPELLEN. k4-1. Ontwerpwelstandsparagraaf kleine plannen
DAKKAPELLEN Beschrijving en uitgangspunten Een dakkapel is een bescheiden uitbouw in de kap, bedoeld om de lichttoevoer te verbeteren en het bruikbaar woonoppervlak te vergroten. Voor dakkapellen worden
DAKKAPELLEN IN DE OUDE KOM VAN VOLENDAM
DAKKAPELLEN IN DE OUDE KOM VAN VOLENDAM WIJZIGING WELSTANDSCRITERIA Vastgesteld door de gemeenteraad op 25 september 2008 1 INHOUD Inhoud. Blz. 2 1 Bestaande criteria Blz. 3 1.1 Sneltoetscriteria voor
DE SNELTOETS- CRITERIA
DE SNELTOETS- CRITERIA 1. DAK- KAPELLEN Veel aanvragen betreffen kleine veranderingen of toevoegingen aan de bestaande bebouwing. Om ervoor te zorgen dat deze ingrepen gemakkelijk kunnen worden afgehandeld
Welstandscriteria voor reclame-uitingen in winkelcentrum De Mare (i.v.m. renovatie)
Welstandscriteria voor reclame-uitingen in winkelcentrum De Mare (i.v.m. renovatie) Randvoorwaarden reclamevoering Reclame hoort bij deze tijd, en het hoort ook zeker bij het winkelbestand. Maar ook de
Bijlage bij RV 2003/11. De hieronder opgenomen richtlijnen zijn het kader voor de welstandstoetsing van aan- of uitbouwen.
11 AAN- OF UITBOUWEN (op zij- of achtererf) BIJLAGE bij RV 11 Welstandsoverweging Het bestemmingsplan geeft slechts de plaats en de afmetingen aan van de bijgebouwen die mogen worden gebouwd. Ook het uiterlijk
5 WELSTANDSCRITERIA. 5.1 Loketcriteria (sneltoetscriteria) Zoals in deel A van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a
5 WELSTANDSCRITERIA 5.1 Loketcriteria (sneltoetscriteria) Zoals in deel A van deze nota is uiteengezet, verplicht het nieuwe artikel 12a van de woningwet de gemeenteraad om een welstandsnota vast te stellen
7. SNELTOETSCRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE KLEINE BOUWPLANNEN
7. SNELTOETSCRITERIA VOOR VEEL VOORKOMENDE KLEINE BOUWPLANNEN 7.1 TOEPASSING In veruit de meeste gevallen komen mensen via de bouwvergunning s- aanvraag of in het voortraject daarvan met welstand in aanraking.
Deelgebied 4, Vorchten. 1. Beschrijving bestaande situatie
Deelgebied 4, Vorchten 1. Beschrijving bestaande situatie der tijden zijn aanbouwen gerealiseerd, soms opvallend qua massa maar zodanig rekening houdend met de locatie en zichten dat zij geen afbreuk doen
DE SNELTOETS- CRITERIA
DE SNELTOETS- CRITERIA 4. ZONNEPANELEN EN -COLLECTOREN Veel aanvragen betreffen kleine veranderingen of toevoegingen aan de bestaande bebouwing. Om ervoor te zorgen dat deze ingrepen gemakkelijk kunnen
Inleiding. Sneltoetscriteria. Welstandscriteria
Sneltoetscriteria 1. Kozijn- of gevelwijzigingen 2. Dakkapellen 3. Dakterrassen 4. Zonnecollectoren en zonnepanelen 5. Erfafscheidingen 6. Rolhekken, luiken en rolluiken (bij niet woongebouwen) 7. Terrasschermen,
Kozijn- of gevelwijziging
Kozijn- of gevelwijziging (aan bestaande woningen of woongebouwen of aan bijgebouwen bij bestaande woningen of woongebouwen) Omschrijving en uitgangspunten Van een kozijn- of gevelwijziging is sprake bij
SNELTOETSCRITERIA WOL-gemeenten
SNELTOETSCRITERIA WOL-gemeenten Per 1 januari 2003 is de Woningwet wat betreft de welstandstoezicht herzien. In artikel 48 van de Woningwet staat dat Burgemeester en Wethouders een aanvraag om een reguliere
DE SNELTOETS- CRITERIA 2. DAKOPBOUWEN EN AFSCHEIDIN- GEN ROND DAKTERRASSEN
DE SNELTOETS- CRITERIA 2. DAKOPBOUWEN EN AFSCHEIDIN- GEN ROND DAKTERRASSEN Veel aanvragen betreffen kleine veranderingen of toevoegingen aan de bestaande bebouwing. Om ervoor te zorgen dat deze ingrepen
BLATENPLAN EWIJK BEELDKWALITEIT 10 oktober 2011 projectnummer 100468
BLATENPLAN EWIJK BEELDKWALITEIT 10 oktober 2011 projectnummer 100468 colofon SAB Arnhem B.V. Contactpersoon: Arjan van der Laan bezoekadres: Frombergdwarsstraat 54 6814 DZ Arnhem correspondentieadres:
WELSTANDSBEOORDELINGEN STADSBOUWMEESTER A M E R S F O O R T. Verslag d.d. 01-07-2014
WELSTANDSBEOORDELINGEN STADSBOUWMEESTER A M E R S F O O R T weeknummer: 27 Verslag d.d. 01072014 Status: vastgesteld Aanwezig: Stadsbouwmeester: mevr. ir. L.L.M. Oudenaarde Ambtelijke ondersteuning: plv.
Welstandsnota Zaanstad 2013
Zaanstad 2013 Hoofdstuk 3 Welstand kleine plannen Trendsetter Een trendsetter is een plan, dat is aangewezen om te herhalen. Daarnaast zijn er niet aangewezen plannen die in vergelijkbare situaties als
2 KLEINE BOUWPLANNEN CRITERIA
2 KLEINE BOUWPLANNEN CRITERIA 2.1 Inleiding Waarom criteria voor kleine bouwplannen De gemeente Smallingerland heeft voor veel voorkomende kleine bouwplannen, waarvoor een vergunning nodig is heldere en
Bijlage 6 B e g r i p p e n l i j s t
Bijlage 6 B e g r i p p en lijst B e g r i p p en lijst Aanbouwen Achterkant Afdak Een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw
Beeldkwaliteitscriteria Sandepark
Beeldkwaliteitscriteria Sandepark I n l eidi n g De bebouwing op het Sandepark kent vanouds een sterke onderlinge ruimtelijke samenhang. Inmiddels zijn diverse wijzigingen zichtbaar. Ter voorkoming van
WELSTANDSZORG NOORD-BRABANT
WELSTANDSZORG NOORD-BRABANT SNELTOETSCRITERIA voor veel voorkomende kleine bouwplannen 1 Sneltoetscriteria voor veel voorkomende kleine bouwplannen 2 Voorwoord Deze notitie biedt de gemeente gestandaardiseerde
Welstandsnota. Algemene criteria voor kleine, veel voorkomende bouwwerken
Welstandsnota Algemene criteria voor kleine, veel voorkomende bouwwerken Croonen Adviseurs b.v. strategie, ordening & vorm COLOFON Projectnummer: Word bestand: BOE01-HEL00010-03A WSN01-HEL00010-02B Datum:
Beeldkwaliteitscriteria Sandepark
B i j l a g e Beeldkwaliteitscriteria Sandepark I n l eidi n g De bebouwing op het Sandepark kent vanouds een sterke onderlinge ruimtelijke samenhang. Inmiddels zijn diverse wijzigingen zichtbaar. Ter
beeldkwaliteitsplan locatie ons belang Staphorst 21 september 2012
beeldkwaliteitsplan locatie ons belang Staphorst 21 september 2012 Inleiding In de Welstandsnota Staphorst is aangegeven dat er bij nieuwe ontwikkelingen (zowel uitbreidingen als inbreidingen) gelet moet
Welstandsnota e Aanvulling. Gemeente Dronten
Welstandsnota 2004 4 e Aanvulling Gemeente Dronten Inleiding In dit beleidsdocument is een nieuw gebied beschreven, bestaande uit drie deelgebieden, dat een aanvulling vormt op de Welstandsnota van de
Bijlage 4. BIJ WELSTANDSNOTA GEMEENTERIJSWIJK OBJECTGERICHTE WELSTANDSSCRITERIA 4.1 OBJECTGERICHTE WELSTANDSSCRITERIA
Bijlage 4. BIJ WELSTANDSNOTA GEMEENTERIJSWIJK OBJECTGERICHTE WELSTANDSSCRITERIA 4.1 OBJECTGERICHTE WELSTANDSSCRITERIA De gemeente Rijswijk heeft er voor gekozen om voor bepaalde (veelvoorkomende) lichtere
Centrum Haaksbergen, partiële herziening Marktplan deelgebied Oost
Centrum Haaksbergen, partiële herziening Marktplan deelgebied Oost Centrum Haaksbergen, partiële herziening Marktplan deelgebied Oost(vastgesteld) Inhoudsopgave Bijlagen bij regels Bijlage 1 Beeldkwaliteitsplan
AANGEPASTE TEKST WELSTANDSNOTA, DECEMBER 2005: WELSTAND DIEMEN
Sneltoetscriteria Voor veelvoorkomende kleine bouwplannen houden we de aanvraagprocedure graag zo eenvoudig en snel mogelijk. Daarom geldt hiervoor een ambtelijke sneltoets, op basis van sneltoetscriteria.
Uitvoeringsbeleid voor dakkapellen en dakopbouwen Rijssen-Holten 2017
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van de gemeente Rijssen-Holten Nr. 149321 28 augustus 2017 Uitvoeringsbeleid voor dakkapellen en dakopbouwen Rijssen-Holten 2017 Gelezen het bestuursvoorstel van 2 mei 2017
Welstandscriteria en richtlijnen (deel B)
Welstandscriteria en richtlijnen (deel B) Welstandsnota/ Welstandscriteria en richtlijnen (webdocument) Inhoud Inleiding 02 1. Welstandscriteria 10 1.1 Bijbehorende bouwwerken 10 1.2 Kozijn- en gevelwijzigingen
WELSTANDSBEOORDELINGEN STADSBOUWMEESTER A M E R S F O O R T. Verslag d.d. 17-09-2013
WELSTANDSBEOORDELINGEN STADSBOUWMEESTER A M E R S F O O R T weeknummer: 38 Verslag d.d. 17-09-2013 Status: vastgesteld Aanwezig: Stadsbouwmeester: mevr. ir. L.L.M. Oudenaarde Ambtelijke ondersteuning:
1. De linten. historische foto van het lint,kornhorn
1. De linten De bebouwing aan de linten is divers. De bebouwing heeft vaak typerende bouwstijlen vanuit hun bouwperiode. Zichtbaar zijn de traditionele stijlen uit het einde van de 19e eeuw. Uit de eerste
Rapport. 2^1 kapwoning. voorbeeld-document bouwmogelijkheden
Rapport 2^1 kapwoning voorbeeld-document bouwmogelijkheden 1 INHOUDSOPGAVE 3 Bestemmingsplan 1996 2 4 Toelichting bestemmingsplan 5 Vergunningsvrij bouwen 7 Bouwmogelijkheden 9 Welstandsbeleid 10 Overzichtstabel
WELSTANDSBEOORDELINGEN STADSBOUWMEESTER A M E R S F O O R T. Verslag d.d. 18-11-2014
WELSTANDSBEOORDELINGEN STADSBOUWMEESTER A M E R S F O O R T weeknummer: 47 Verslag d.d. 18-11-2014 Status: vastgesteld Aanwezig: Stadsbouwmeester: mevr. ir. L.L.M. Oudenaarde Ambtelijke ondersteuning:
Welstandsnota gemeente Cromstrijen
Welstandsnota gemeente Cromstrijen 130 6. Objectgerichte welstandscriteria 6.1 Toelichting In deze paragraaf worden de objectgerichte welstandscriteria genoemd voor bouwwerken die zo specifiek zijn dat
Dakkapellen. (op alle bestaande gebouwen)
Dakkapellen (op alle bestaande gebouwen) Omschrijving en uitgangspunten Een dakkapel is een bescheiden uitbouw in de kap, bedoeld om de lichttoetreding te verbeteren en het bruikbaar woonoppervlak te vergroten.
Overzicht aanpassingen bestemmingsplan Twekkelerveld 2005, Olieslagweg 1.
Overzicht aanpassingen bestemmingsplan Twekkelerveld 2005, Olieslagweg 1. Blz.1 Er is een verzoek ingediend om op een perceel grond op de hoek van de Olieslagweg en de Hengelosestraat een bestaande vrijstaande
2 bouwkavels Aardenburg Helmond (brandevoort-oost)
2 bouwkavels Aardenburg Helmond (brandevoort-oost) Nodigt u uit Geachte mevrouw, mijnheer, Voor U ligt de brochure met informatie over het door U opgevraagde object waar U interesse in heeft. U vindt hierin
Commissie Welstand en Monumenten - Gemeente Utrecht - Aanmaak: 06-08-2015 Advies over de periode van 22-07-2015 t/m 06-08-2015
Commissie Welstand en Monumenten - Gemeente Utrecht - Aanmaak: 06-08-2015 15-17743 Adres: Lucasbolwerk te Utrecht het plaatsen van fietsenrekken voor de duur van zes maanden 29-7-2015 Commissie: 11-8-2015
RECLAMECRITERIA 'S-HERTOGENBOSCH 2005. Reclamecriteria toe te passen bij de uitvoering van artikel 40 en volgende van de Woningwet.
RECLAMECRITERIA 'S-HERTOGENBOSCH 2005 Reclamecriteria toe te passen bij de uitvoering van artikel 40 en volgende van de Woningwet. Hoofdstuk 1 Artikel 1 Inleidende bepalingen Begripsomschrijvingen In deze
Technische vragen. Onderwerp: Welstandsnota Ongewenste trendsetter. Agendapunt: Welstandsnota 2016 Datum: Voorronde 6 juni 2016
Technische vragen Onderwerp: Welstandsnota 2016 Agendapunt: Welstandsnota 2016 Datum: Voorronde 6 juni 2016 Vragen: Proces Afwijkingen De welstandsnota geeft ruimte voor afwijkingen, zoals bij de gewijzigde
UITVOERINGSRICHTLIJNEN KLEINE BOUWWERKEN STRAATZIJDE
UITVOERINGSRICHTLIJNEN KLEINE BOUWWERKEN STRAATZIJDE Vastgesteld: 7 mei 2013 1 UITVOERINGSRICHTLIJNEN KLEINE BOUWWERKEN STRAATZIJDE Met de Uitvoeringsrichtlijnen voor kleine bouwwerken aan de straatzijde
De Welstandsnota Vianen is op 29 september 2015 vastgesteld.
VIANEN 2015 De Welstandsnota Vianen is op 29 september 2015 vastgesteld. Welstand Vianen 2015, pagina 2 INHOUD Stroomschema Gebruik van de nota 6 Hoofdstuk 1 Inleiding Uitgangspunten 7 Gebruik van de nota
GEMEENTE WOENSDRECHT. Sneltoetscriteria
GEMEENTE WOENSDRECHT N o t a W e l s t a n d s b e l e i d Sneltoetscriteria Voor veel voorkomende kleine bouwplannen Versie 01 juli 2007 1 2 Voorwoord Deze notitie biedt de gemeente gestandaardiseerde
