Spierstelsel onderbeen en voet
|
|
|
- Gustaaf Smeets
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Spierstelsel onderbeen en voet Jan van Ede - Semester 2 Cursusjaar studentnummer Spierstelsel onderbeen en voet 1 december 2013
2 Inhoudsopgave Voorwoord 3 1 Onderbeenmusculatuur (exentrieke voetspieren) Extensoren M. tibialis anterieur (voorste scheenbeenspier) M. extensor digitorum longus (lange tenenstrekker M. extensor hallucis longes (lange strekker van de grote teen) Fibularisgroep M. fibularis* longus (lange kuitbeenspier) M. fibularis* brevis (korte kuitbeenspier) M. fibularis* tertius (afsplitsing van de m. extensor dig. longus) Oppervlakkige flexorengroep M. plantaris M. triceps surae M. gastrocnemius (kuitspier) M. Soleus (scholspier) Diepe flexorengroep M. tibialis posterieur (achterste scheenbeenspier) M. flexor digitorum longus (lange tenenbuiger) M. flexor hallucis longus (lange buigspier van de grote teen) 16 2 Korte voetspieren (intrinsieke voetspieren) Loges van grote en kleine teen Voetrug (Loges van grote en kleine teen) M. extensor digitorum brevis (korte strekker van de tenen) M. extensor hallucis brevis (korte strekker van de grote teen) Voetzool (Loges van grote en kleine teen) M. ABductor hallucis (afvoerder van de grote teen) M. flexor hallucis brevis (korte buiger van de grote teen) M. ADductor hallucis (aanvoerder van de grote teen) 22 Voor het overzicht de add. hallucis hier benoemd, maar hoort bij de middenloge M. ABductor digiti minimi (afvoerder van de 5e teen) M. flexor digiti minimi brevis (korte buiger van de 5e teen) Middenloge Voetzool (Middenloge) M. flexor digitorum brevis (korte buiger van de tenen) M. quadratus plantae (vierkante voetzoolspier) Mm. lumbricales I t/m IV (spoelwormspieren) Mm. interossei plantares I t/m III (onderste tussenbeen spieren) Mm. interossei dorsales I t/m IV (bovenste tussenbeen spieren) 29 Conclusie 30 Literatuurlijst 31 Spierstelsel onderbeen en voet 2 december 2013
3 Voorwoord Tijd Tijd kom je altijd te kort bij het uitwerken van een scriptie. Heb ik er wel voldoende tijd ingestopt? Is het wel compleet? Vragen die opkomen als ik dit voorwoord na gedane arbeid schrijf. Je werkt naar een (inmiddels ruim doorgeschoven) deadline toe en daarbinnen moet het gebeuren. Totaal heb ik ongeveer 35 á 40 uur tijd besteed aan het verslag. En deze tijd is zeker goed besteed geweest. Mijn kennis van het onderbeen en de voet musculatuur is stevig versterkt. Ik heb de keuze gemaakt om elke spier in drie verschillende soorten afbeeldingen te laten zien. Niet zo maar afbeeldingen. Uit de Prometheus anatomische atlas heb ik zowel de schematische overzicht afbeeldingen als de zeer duidelijke en uitgebreide groep-illustraties gebruikt. Daarnaast heb ik anatomie foto s gebruikt uit McMinn s color atlas of foot & ankle anatomy. Door deze combinatie van afbeeldingen, welke elk een eigen kijk op de spieren geeft, wordt veel duidelijker wat de uiteindelijke positie van de individuele spieren is. Ook de onderlinge verbanden worden inzichtelijk omdat je telkens weer het volledige zoekplaatje door moet om te zien waar alles zit. De foto s uit McMinn maken mogelijk dat je nog beter kunt inschatten hoe de spieren in de praktijk verborgen zitten. Ik ben blij dat ik dit boek heb aangeschaft. De overzichtelijke indeling van de Prometheus atlas is aangehouden voor het indelen van de spiergroepen. De inhoud van de tekst is een samenvoeging van de informatie uit verschillende bronnen welke in de literatuurlijst genoemd zijn. Ja, dan kan ik alleen nog maar dankbaar zijn dat ik deze opdracht heb gekregen en zodoende de stap richting het uiteindelijke doel; (register) podoloog, weer iets dichterbij is gekomen. Jan van Ede 19 december Voetkundig Adviseur - (Register) Podoloog in opleiding - Jan van Ede Burg. Elmersstraat KJ Sijbekarspel Tel: [email protected] "de voeten van Jan" is een handelsnaam van janvanede.nl Spierstelsel onderbeen en voet 3 december 2013
4 1 Onderbeenmusculatuur (exentrieke voetspieren) 1.1 Extensoren 1.2 Fibularisgroep 1.3 Oppervlakkige flexorengroep 1.4 Diepe flexorengroep Spierstelsel onderbeen en voet 4 december 2013
5 1.1.1 M. tibialis anterieur (voorste scheenbeenspier) Origo bovenste tweederde deel facies lateralis tibiae membrana interossea cruris bovenste deel fascia cruris superficalis Insertie os cuneiforme mediale basis metatarsi I Actie BSG - dorsaal extensie OSG - inversie (supinatie) Zwakte Verminderde hefkracht van de voet Snel struikelen over lage obstakels Spierstelsel onderbeen en voet 5 december 2013
6 1.1.2 M. extensor digitorum longus (lange tenenstrekker) Origo condylus lateralis tibiae caput fibiulae margo anterior fibulae membrana interossea cruris Insertie splitst zich in vier deelpezen; aan de dorsale aponeurose van de 2 e teen basis van de distale falanx van de 2 e t/m 5 e teen Actie BSG - dorsaal extensie OSG - eversie (pronatie) MTP - PIP - DIP 2 e t/m 5 e teen - extensie Zwakte Klauwtenen Spierstelsel onderbeen en voet 6 december 2013
7 1.1.3 M. extensor hallucis longes (lange strekker van de grote teen) Origo middelste derde deel facies medialis fibulea membrana interossea cruris Insertie dorsale aponeurose grote teen en basis eindfalanx Actie BSG - dorsaal extensie OSG - ondersteunt zowel eversie als inversie (pro-/supinatie) afhankelijk uitgangspositie voet MTP I - IP - extensie Zwakte Klauwteen dig I Spierstelsel onderbeen en voet 7 december 2013
8 1.2.1 M. fibularis* longus (lange kuitbeenspier) * In plaats van de aanduiding fibularis kan ook peroneus worden gebruikt Origo caput fibulae (lateraal) proximale tweederde deel van de facies lateralis fibulae gedeeltelijk aan septa intermuscularia kapsel van articulatio tibio-fibularis Insertie os cuineiforme mediale basis os metatarsi I Actie BSG - plantaire flexie OSG - eversie (pronatie) ondersteuning dwarsgewelf voet Zwakte Verhoogde kans omzwikken (inversie trauma) Minder goed op tenen staan (stabiliteitsverlies) Spierstelsel onderbeen en voet 8 december 2013
9 1.2.2 M. fibularis* brevis (korte kuitbeenspier) * In plaats van de aanduiding fibularis kan ook peroneus worden gebruikt Origo distale helft van de facies lateralis fibulae gedeeltelijk aan de septa intermuscularia Insertie tuberositas ossis metatarsi V soms afsplitsing naar de dorsale aponeurose Actie BSG - plantaire flexie OSG - eversie (pronatie) Zwakte Verhoogde kans omzwikken (inversie trauma) Minder goed op tenen staan (stabiliteitsverlies) Spierstelsel onderbeen en voet 9 december 2013
10 1.2.3 M. fibularis* tertius (afsplitsing van de m. extensor dig. longus) * In plaats van de aanduiding fibularis kan ook peroneus worden gebruikt Origo margo anterior van distale fibula (het is een afsplitsing van de extensor digitorum longus) Insertie basis os metatarsi V Actie BSG - dorsale extensie OSG - eversie (pronatie) Zwakte Deze afsplitsing is niet altijd aanwezig Mogelijk meer inversie (supinatie) maar dit hoeft niet zo te zijn Spierstelsel onderbeen en voet 10 december 2013
11 1.3.1 M. plantaris Origo proximaal van caput laterale van m. gastrocnemius Insertie via achillespees aan tuber calcanei Actie Vanwege zijn geringe fysiologische doorsnede te verwaarlozen Verhindert bij knieflexie compressie van vasa tibialia posteriora Zwakte Functioneel gezien is de M. plantaris nagenoeg nutteloos. De motorische functie is zo beperkt dat zijn lange pees zonder problemen kan worden weggenomen voor reconstructies elders in het lichaam, en dat zonder grote functionele gebreken tot gevolg te hebben M. triceps surae Is verdeeld in M. gastrocnemius en M. soleus Achillespeesruptuur Rechter onderbeen, achteraanzicht. Achillespees (tendo calcaneus) is de benaming voor de gezamenlijke aanhechtingspees van de spieren die de m. triceps surae vormen (de m. soleus en de twee hoofden van de m. gastrocnemius). De gemiddeld cm lange pees heeft in het midden een doorsnee-oppervlakte van ca mm 2, met een scheurweerstand van N/mm2. Dit komt overeen met een draagkracht van bijna een ton! Een ruptuur van de achillespees is daarom bijna alleen maar mogelijk wanneer de pees door chronische verkeerde belasting of overbelasting al is beschadigd (bijv. bij hoogspringers). Herhaalde micotraumata verminderen de bloedcirculatie en laten de pees degenereren, zodat deze geleidelijk aan steeds minder sterk wordt. Dit heeft vooral daar kwalijke gevolgen, waar de doorbloeding van de pees toch al het slechtst is: ongeveer 2-6 cm proximaal van de peesaanhechting aan het tuber calcanei. In dit gebied komt het dan ook tot een ruptuur, die uiteindelijk door een onbeduidend trauma wordt teweeggebracht. Hierbij is een geluid te horen als van een zweepslag. Daarna is er geen actieve plantaire flexie meer mogelijk en resteert alleen nog de flexie door de diepe buigers. Spierstelsel onderbeen en voet 11 december 2013
12 M. gastrocnemius (kuitspier) Origo caput mediale - epicondylus medialis femoris caput laterale - epicondylus lateralis femoris Insertie via de achillespees (tendo calcaneus), samen met de m. soleus aan het tuber calcanei Actie BSG - plantaire flexie OSG - inversie (supinatie) ondersteuning flexie van kniegewricht Zwakte Minder kracht om op de tenen te staan, neiging van een houding naar voren (knie flexie) Spierstelsel onderbeen en voet 12 december 2013
13 M. Soleus (scholspier) Origo dorsale zijde van caput en collum fibulae via de arcus tendineus aan linea musculi solei van de tibia bevestigd Insertie via de achillespees (tendo calcaneus), samen met de m. gastrocnemius aan het tuber calcanei Actie BSG - plantaire flexie OSG - inversie (supinatie) Zwakte Minder kracht om op de tenen te staan, neiging van een houding naar voren (knie flexie) Spierstelsel onderbeen en voet 13 december 2013
14 1.4.1 M. tibialis posterieur (achterste scheenbeenspier) Origo membrana interossea cruris aangrenzende randen van tibia en fibula Insertie tuberositas ossis navicularis ossa cuneiformia mediale, intermedium en laterale bases van de ossa metatarsi II-IV Actie BSG - plantaire flexie OSG - inversie (supinatie) ondersteuning lengte- en dwarsgewelf van de voet Zwakte Overpronatie, op de tenen staan gaat minder goed (stabiliteitsverlies) Pes planus Spierstelsel onderbeen en voet 14 december 2013
15 1.4.2 M. flexor digitorum longus (lange tenenbuiger) Origo middelste derde deel van de facies posterieur van de tibia Insertie plantaire basis eindfalangen II t/m V Actie BSG - plantaire flexie OSG - inversie (supinatie) MTP - PIP - DIP 2 e t/m 5 e teen - plantaire flexie Zwakte Minder krachtige afzet van de voet Pes planus Spierstelsel onderbeen en voet 15 december 2013
16 1.4.3 M. flexor hallucis longus (lange buigspier van de grote teen) Origo distale tweederde deel van de facies posterieur fibulae aangrenzende membrana interossea cruris Insertie plantaire basis eindfalanx dig I Actie BSG - plantaire flexie OSG - inversie (supinatie) MTP I - IP - plantaire flexie ondersteuning mediale lengtegewelf van de voet Zwakte Minder krachtige afzet van de voet Grotere neiging tot hallux valgus door verminderde stabiliteit tijdens lopen Spierstelsel onderbeen en voet 16 december 2013
17 2 Korte voetspieren (intrinsieke voetspieren) 2.1 Loges van grote en kleine teen Voetrug Voetzool 2.2 Middenloge Voetzool Spierstelsel onderbeen en voet 17 december 2013
18 M. extensor digitorum brevis (korte strekker van de tenen) Origo dorsaal vlak van de calcaneus aan de laterale zijde Insertie dorsale aponeurose van de 2 e t/m 4 teen basis van de middenfalangen II t/m IV Actie MTP II t/m IV - PIP I t/m IV - dorsale extensie Spierstelsel onderbeen en voet 18 december 2013
19 M. extensor hallucis brevis (korte strekker van de grote teen) Origo dorsaal vlak van de calcaneus aan de laterale zijde Insertie dorsale aponeurose van de grote teen basis van de proximale falanx van de grote teen Actie MTP I - dorsale extensie Spierstelsel onderbeen en voet 19 december 2013
20 M. ABductor hallucis (afvoerder van de grote teen) Origo processus medialis tuber calcanei plantaire aponeurose Insertie via mediale sesambeentje aan basis proximale falanx grote teen Actie MTP I - plantaire flexie Abductie van 1 e teen naar mediaal ondersteuning mediale lengtegewelf Spierstelsel onderbeen en voet 20 december 2013
21 M. flexor hallucis brevis (korte buiger van de grote teen) Origo os cuneiforme mediale os cuneiforme intermedium ligamentum calcaneocuboideum plantaire Insertie caput mediale - via mediale sesambeentje aan de mediale basis proximale falanx I caput laterale - via laterale sesambeentje aan de laterale basis van de proximale falanx Actie MTP I - plantaire flexie ondersteuning van het lengtegewelf van belang bij de spitzentanz Spierstelsel onderbeen en voet 21 december 2013
22 M. ADductor hallucis (aanvoerder van de grote teen) Voor het overzicht is de adductor hallucis hier benoemd, maar hij hoort bij de middenloge Origo caput oblicuum: - basis ossa metatarsi II t/m IV - os cuboideum - os cueiforme laterale caput transversum: - MTP III t/m IV - ligamentum metatarsale transversum profundum Insertie gezamenlijk via laterale sesambeentje aan de basis van proximale falanx I Actie MTP I - plantaire flexie Adductie van de grote teen ondersteuning dwarsgewelf door caput transversum ondersteuning lengtegewelf door caput obliquum Spierstelsel onderbeen en voet 22 december 2013
23 M. ABductor digiti minimi (afvoerder van de 5 e teen) Origo processus lateralis tubercalcanei onderste vlak tubercalcanei plantaire aponeurose Insertie basis proximale falanx van digiti V tuberositas ossis metatarsi V Actie MTP V - plantaire flexi Abductie kleine teen ondersteuning lengtegewelf Spierstelsel onderbeen en voet 23 december 2013
24 M. flexor digiti minimi brevis (korte buiger van de 5 e teen) Origo basis os metatarsi V ligamentum plantaire longum Insertie basis proximale falanx van digiti V Actie MTP V - plantaire flexi Spierstelsel onderbeen en voet 24 december 2013
25 M. flexor digitorum brevis (korte buiger van de tenen) Origo mediaal uitsteeksel van het tuber calcanei proximale deel van plantaire aponeurose Insertie aan de zijkanten van de middenfalangen 2 e t/m 5 e teen de pees splitst zich naar de zijkanten en geeft doorgang aan de pees van flexor dig longus Actie MTP II t/m V - PIP II t/m V - plantaire flexie Spierstelsel onderbeen en voet 25 december 2013
26 M. quadratus plantae (vierkante voetzoolspier) Origo mediale en plantaire rand van de plantaire zijde van het tuber calcanei Insertie lateraal aan de rand van de pees van de m. flexor digitorum longus Actie verandering van de trekrichting en grotere kracht van de m. flexor digitorum longus plantair flexie digitorum II t/m V Spierstelsel onderbeen en voet 26 december 2013
27 Mm. lumbricales I t/m IV (spoelwormspieren) Origo mediale randen van de pezen van de m. flexor digitorum longus Insertie dorsale aponeurosen van de 2 e t/m 5 e teen Actie MTP II t/m V - plantaire flexie PIP II t/m V - DIP II t/m V - dorsale extensie ADductie van de 2 e t/m 5 e teen naar de grote teen toe (sluiten van gespreide tenen) versteviging van het voetgewelf Spierstelsel onderbeen en voet 27 december 2013
28 Mm. interossei plantares I t/m III (onderste tussenbeen spieren) Origo mediale rand van de ossa metatarsi III t/m V Insertie mediale basis van de proximale falangen III t/m V dorsale aponeurosen van de 3 e t/m 5 e teen Actie MTP III t/m V - plantaire flexie PIP III t/m V - DIP III t/m V - dorsale extensie ADductie van de 3 e t/m 5 e teen naar de 2 e teen toe (sluiten van gespreide tenen) Spierstelsel onderbeen en voet 28 december 2013
29 Mm. interossei dorsales I t/m IV (bovenste tussenbeen spieren) Origo tweehoofdig naar elkaar gekeerde zijden van de ossa metatarsi I t/m V Insertie I: mediale basis van de 2 e proximale falanx, dorsale aponeurose van de 2 e teen II t/m IV: laterale basis van de 2 e t/m 4 e proximale falanx, dorsale aponeurosen van de 2 e t/m 4 e teen Actie MTP II t/m IV - plantaire flexie PIP II t/m IV - DIP II t/m IV - dorsale extensie ABductie van de 3 e en 4 e teen van de 2 e teen weg (spreiden van de tenen) Spierstelsel onderbeen en voet 29 december 2013
30 Conclusie Zoals al aangegeven in het voorwoord geeft zowel het maken van dit verslag als het bestuderen ervan, meer inzicht in het spierstelsel van het onderbeen en de voet. De onderlinge verwevenheid van de spieren, lingamenten en verdere structuren in de voet maken dat er een unieke samenwerking ontstaat. Deze samenwerking maakt het mogelijk dat wij zo mobiel kunnen zijn. Diep inzicht hierin maakt dat we bij pathologie meer kans maken om als zorgverleners ontlastende hulp, of zelfs volledige remedie te bieden. Spierstelsel onderbeen en voet 30 december 2013
31 Literatuurlijst Titel ISBN Uitgever Anatomische atlas Prometheus Bohn Stafleu van Loghum McMinn s Color atlas of foot&ankle anatomy Elsevier Saunders Coëlho Zakwoordenboek der Geneeskunde Elsevier Gezondheidszorg De Voetzoeker: Rob Zeijen, Wilma Fliers, Ronald Otte - Anatomie en fysiologie De Vries en de Boer - Sesam Atlas van de anatomie deel 1 Sesam/HB Baarn - Sobotta, CD-rom atlas 2.2 Bohn Stafleu van Loghum Spierstelsel onderbeen en voet 31 december 2013
7.Aa,b Heupspieren (heupgewrichtsspieren), oorsprong op os coxae. a lateraal aanzicht. b mediaal aanzicht. Afb. 7.Aa,b
Heupgewrichtsspieren 1 7.Aa,b Heupspieren (heupgewrichtsspieren), oorsprong op os coxae. 0 M. gluteus medius buitenvlak van het darmbeen tussen linea glutea anterior en linea glutea posterior, labium externum
Inspectie, anatomische structuren en palpatie liggend
Inleiding tot het orthopedisch onderzoek 1 2.3. ENKEL EN VOET 2.3.1. Inspectie in staande houding m. gastrocnemius Calcaneum Valgushoek achillespees met hiel Malleolus medialis en lateralis Lengtegewelf
DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT (vervolg)
Inleiding tot het orthopedisch onderzoek 1 DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT (vervolg) 3. ENKEL EN VOET 3.1. Inspectie in staande houding m. gastrocnemius Calcaneum Valgushoek achillespees met hiel Malleolus
OPEN LESSEN HERFSTVAKANTIE FUNCTIONELE ANATOMIE Prof. dr. Ingrid Kerckaert 13u-14u15
OPEN LESSEN HERFSTVAKANTIE 2016 FUNCTIONELE ANATOMIE Prof. dr. Ingrid Kerckaert 13u-14u15 WERKING KNIEGEWRICHT (beschouwingen uit de literatuur) PATELLA: - beschermt kniegewricht - is katrol voor pees
Spiergroep Spier (onderdeel) Origo Insertie Innervatie Functie Ventrale spieren van de bovenarm (flexoren onderarm)
Spiergroep Spier (onderdeel) Origo Insertie Innervatie Functie bovenarm ) m. biceps brachii - caput breve Supraglenoid deel scapula Top processus coracoideus lateralis tot m. coracobrachialis Radius en
Bouw van een skeletspier
Reina Welling WM/SM-theorieles 5 Met dank aan Jolanda Zijlstra en Bart van der Meer Bouw van een skeletspier faculty.etsu.edu Welke eigenschappen horen bij type I en welke bij type II spiervezels? Vooral
Spiertabellen1.2. Bij 'Blok Locomotorisch Stelsel & Huid', 2 de kandidatuur geneeskunde
Spiertabellen1.2 Bij 'Blok Locomotorisch Stelsel & Huid', 2 de kandidatuur geneeskunde Auteurs: Matthias De Moerloose Bronnen: Syllabus Prof. Roels, D Herde en Kerckaert Femke Delporte Hosford Muscle Tables
DE INTRINSIEKE MUSCULATUUR VAN DE HAND: ANATOMIE EN FUNCTIE
DE INTRINSIEKE MUSCULATUUR VAN DE HAND: ANATOMIE EN FUNCTIE Prof.dr. P.M.N. Werker, plastisch chirurg, Universitair Medisch Centrum Groningen 1. Inleiding Intrinsieke musculatuur van de hand betreft die
Anatomie van de heup. j 1.1
j1 Anatomie van de heup De Latijnse naam voor het heupgewricht is art. coxae, het is een kogelgewricht (art. spheroidea). In het gewricht kan om drie assen bewogen worden. As Vlak Beweging Transver- Sagittaal
* short head: eind van coracoid van scapula * long head: supraglenoid deel scapula. * Ulna. * halverwege voorkant humerus.
BOVENSTE EXTREMITEITEN Spiergroep Spiernaam Aanhechtingsplaats proximaal Aanhechtingsplaats distaal Innervatie Functie Extensoren bovenarm * m. biceps brachii * short head: eind van coracoid van scapula
Tabel van de perifere zenuwen [terminale takken]: bovenste extremiteit
Tabel van de perifere zenuwen [terminale takken]: bovenste extremiteit n. radialis n. axillaris C5-Th1 C5,C6 ALLE dorsale boven- en onderarmspieren Extensoren van de schouder, elleboog, pols, Abductie,
Voet. Oriëntatiepunten van de voet 38. Voetrug en zijkanten van de voet 74. Voetskelet 42. Voetzool 82. Voetbeenderen 52. Ligamenten van de voet 88
Voet Oriëntatiepunten van de voet Ventraal en dorsaal aanzicht Voetzool Mediaal aanzicht 0 Lateraal aanzicht Voetskelet Gedisarticuleerde voet van Gearticuleerde voet van en Gearticuleerde voet met gemarkeerde
frontaal vlak sagittale as transversale as sagittaal vlak mediosagittaal (mediaan) vlak
j1 Anatomie van de heup As Vlak Beweging De Latijnse naam voor het heupgewricht is art. coxae; en het is een kogelgewricht (art. spheroidea). In het gewricht kan om drie assen bewogen worden. transversaal
Een fotoatlas van de. anatomie in vivo 2. Onderste extremiteit. Serge Tixa. Bohn Stafleu Van Loghum
Een fotoatlas van de anatomie in vivo 2 Onderste extremiteit Serge Tixa Bohn Stafleu Van Loghum Een fotoatlas van de anatomie in vivo 2 Onderste extremiteit EEN FOTOATLAS VAN DE ANATOMIE IN VIVO 2 ONDERSTE
M. supraspinatus. Origo: Insertio: Innervatie: Functie: Fossa supraspinata. Tuberculum maius. N. suprascapularis. Abductie arm
M. supraspinatus Fossa supraspinata Tuberculum maius N. suprascapularis Abductie arm M. infraspinatus Fossa infraspinata Tuberculum maius N. suprascapularis Exorotatie arm M. teres maior Dorsale zijde
Inhoud. Inleiding 1. 4 Anatomie van de schouder 41 4.1 Anteflexie 42 4.2 Retroflexie 42 4.3 Abductie 44 4.4 Adductie 46
Inhoud Inleiding 1 1 Anatomie van de heup 3 1.1 Anteflexie 4 1.2 Retroflexie 6 1.3 Abductie 7 1.4 Adductie 8 1.5 Exorotatie 9 1.6 Endorotatie 12 1.7 Ligamenten van de heup 12 1.8 Schema 14 2 Anatomie van
Linea intermedia Labium externum. Incisura ischiadica major. Spina ischiadica Incisura ischiadica minor Ramus ossis ischii. Ramus inferior ossis pubis
Heupbeen 7.1a,b Rechter heupbeen (os coxae). [6] Tuberculum iliacum Linea glutea anterior Ala ossis ilii Linea glutea posterior De beenderen van de bekkenkam Ä worden gebruikt als autoloog transplantaat.
Theorie - herexamen Anatomie 23 mei 2008
Theorie - herexamen Anatomie 23 mei 2008 1. Wat gebeurt er bij een excentrische contractie van een spier? A. De spier wordt korter. B. De spier wordt langer. C. De spierlengte blijft gelijk. 2. In welk
Les Spierenondersteextremiteit. O: proximaal I : distaal
Les 10+11 Spierenondersteextremiteit O: proximaal I : distaal Oefenvragen les 10. Einde les 11 eindtoets anatomie in de les maken 1) Als een pees in het lichaam over een harde structuur schuift zal de
Anatomie van de Spieren
Schoudergordel en hals Schoudergordel M. Coracobrachialis M. Deltoideus M. Infraspinatus M. Latissimus dorsi M. Levator scapulae M. Pectoralis major Bron:afbeeldingen en omschrijving: SWSportmassage.nl
Spieren van het bovenste membrum
Spieren van het bovenste membrum Verbinding tussen romp en lidmaat Trapezius - schedel - processus spinosi C1 T11 - bovenste vezels: lateraal 1 /3 clavicula - middelste vezels: acromion - extensie hoofd
De spieren (structuur)
Skelet achter 1. Cranium 2. Processus mastoideus 3. Maxilla 4. Mandibularium 5. Arcus Vertebrae C5 6. Processus Transversalis C5 7. Costa 1 8. Costa 2 9. Clavicula 10. Acromion 11. Caput humerus 12. Sulcus
Tricky pricks. Lenie Jacobs. 7 april Infiltratietechnieken voor de huisarts
Tricky pricks Infiltratietechnieken voor de huisarts Lenie Jacobs 7 april 2013 Vooraf Anamnese Klinisch onderzoek ev. Beeldvorming Diagnose Steeds conservatief denken: Natuurlijk verloop causale therapie
Theorie-examen Anatomie 13 januari 2006.
Theorie-examen Anatomie 13 januari 2006. 1. Wat is de diafyse van een pijpbeen? A. Het uiteinde van een pijpbeen. B. Het middenstuk van een pijpbeen. C. De groeischijf. 2. Waar bevindt zich de pink, ten
Bijlage I. Functieonderzoek van de voet
Bijlage I Functieonderzoek van de voet Het functieonderzoek van de voet wordt voorafgegaan door: inspectie in stand, tijdens lopen, lopen op de tenen en lopen op de hielen; algemene palpatie gericht op
Bewegingsleer Deel II De onderste extremiteit
Bewegingsleer Deel II De onderste extremiteit Bewegingsleer Deel II De onderste extremiteit I.A. Kapandji Bohn Stafleu van Loghum Houten 2009 Ó 2009 Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Uitgeverij
1. Welke structuur verbindt trochanter minor met de linea aspera? Linea pectinea
Tussentijdse toets Anatomie maart 2005 Prof. M. Van Leemputte Rnr7 Vraag 1 tot 10: vul uw antwoord in op dit blad. 1. Welke structuur verbindt trochanter minor met de linea aspera? Linea pectinea 2. Welke
2. Bevestiging spieren. 3. Stevigheid (samen met spieren) 4. Beweeglijkheid (samen met spieren) 5. Aanmaak rode bloedcellen in beenmerg
Anatomy is destiny Sigmund Freud Belangrijkste botten Nomenclatuur Reina Welling WM/SM-theorieles 1 Osteologie bekken en onderste extremiteit Myologie spieren bovenbeen Met dank aan Jolanda Zijlstra en
Skillslab handleiding
Skillslab handleiding Faculteit Geneeskunde & Gezondheidswetenschappen Inleiding tot het orthopedisch onderzoek Academiejaar 2012-2013 Dr. Francis Hugelier - Dr. Jan Reniers Dr. Hans Van den Abbeele Met
1. m. Rectus Abdominis (rechte buikspier) A. Origo en insertie: van 5-7de rib naar schaambeen. C. Indeling en functie van de spier:
1. m. Rectus Abdominis (rechte buikspier) A. Origo en insertie: B. Overspanning van: C. Indeling en functie van de spier: D. Bijzonderheden: E. Voorbeelden van oefeningen: van 5-7de rib naar schaambeen
Theorie-examen anatomie 12 januari 2007
Theorie-examen anatomie 12 januari 2007 1. Welke uitspraak met betrekking tot spiercontracties is altijd juist? A. Bij concentrische contracties wordt de spanning in de spier kleiner. B. Bij excentrische
VGN immobilisatieprotocollen
VGN immobilisatieprotocollen VGN immobilisatieprotocollen INLEIDING De VGN immobilisatieprotocollen bevatten de richtlijnen die bepalen waar een correct aangelegd gipsverband aan hoort te voldoen. De immobilisatieprotocollen
** Flexie van de pols wordt ook wel palmairflexie genoemd, extensie van de pols wordt ook dorsaal flexie of dorsaal extensie genoemd.
Checklist LO: Onderzoek van de pols en hand Algemene instructies Stelt u zich voor aan patiënt. Vertel welk onderzoek u gaat verrichten en instrueer de proefpersoon in begrijpelijk Nederlands. Zorg ervoor
Anatomie. Hier volgen 50 opgaven. Bij elke opgave zijn drie antwoorden gegeven. Slechts één van deze antwoorden is het goede.
Examenstichting Perimedische Opleidingen Diploma: sportmassage, massage, wellness massage 22 januari 2010, Beschikbare tijd: 60 minuten Anatomie Aanwijzing: Hier volgen 50 opgaven. Bij elke opgave zijn
Spieractivatiepatronen tijdens fitness oefeningen op de Carving Pro. Maastricht University: Pieter Oomen (MSc) Hans Savelberg (PhD)
Spieractivatiepatronen tijdens fitness oefeningen op de Carving Pro Maastricht University: Pieter Oomen (MSc) Hans Savelberg (PhD) December, 2010 Inleiding De Carving Pro is een fitnessapparaat waarmee
DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT (vervolg)
Inleiding tot het orthopedisch onderzoek 1 DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT (vervolg) 3. ENKEL EN VOET De articulationes pedis (voetgewrichten) bestaan in totaal uit elf gewrichten. We bespreken hier enkel
voetverzorging uit Bakens & Zadkine Informatie mbtstof Anatomie Voetverzorging eindtermen
Voetverzorging Informatie mbtstof Anatomie voetverzorging uit Bakens & Zadkine eindtermen Beenderen onderste extremiteiten Focus been Oefening locatie beenderen in menselijk lichaam http://www.memorizer.net/nl/menselijk_lichaam/skelet/0
Waarom meten Podologen zoveel?
Waarom meten Podologen zoveel? Borgions Paul MsC Pod Secretaris Belgische Vereniging der podologen Podoloog Podologisch Centrum Rotselaar (met focus naar Topsporters en kinderen) Biomechanicus voor KRC
Skillslab handleiding
Skillslab handleiding Faculteit Geneeskunde & Gezondheidswetenschappen Inleiding tot het orthopedisch onderzoek Academiejaar 2011-2012 Skillslabteam : Dr. Francis Hugelier - Dr. Jan Reniers Dr. Hans Van
pijngids Voet In het midden van de voet en de voetboog tweehoofdige kuitspier (303) lange buiger van de tenen
pijngids Voet Vetgedrukte tekst geeft een primair pijnpatroon aan. Niet-vetgedrukte tekst verwijst naar een minder vaak voorkomend patroon of een satelliet-triggerpoint-patroon. Spieren staan in volgorde
Opdrachten Pathologie Hoofdstuk 3 / Bouw van het skelet
Opdrachten Pathologie Hoofdstuk 3 / Bouw van het skelet Het Skelet: Schedel Romp, bestaat uit: o Borstkas: 12 paar ribben/cotae: 7 paar ware ribben; 3 paar valse ribben; 2 paar zwevende ribben. o Borstbeen/Sternum:
1. BEKKENGORDEL EN HEUP
Inleiding tot het orthopedisch onderzoek 1 DEEL II: HET ONDERSTE LIDMAAT Het bekken is een beenderige ring bestaande uit vier verschillende botten die onderling verbonden zijn met stevige ligamenten: Sacrum
6. Van welk deel van de wervelkolom is de vertebra prominens een onderdeel? 7. Hoe wordt de binnenste laag van het gewrichtskapsel genoemd?
Examen anatomie januari 2009 1. Wat kan gesteld worden van slow twitch spiervezels? A. Ze hebben een groot agonistisch vermogen. B. Ze hebben een groot anaeroob vermogen. C. Ze hebben een groot aeroob
Uit: prometheus. Reina Welling WM/SM-theorieles 2. Transversale / frontale as = van links naar rechts = rekstok
Herhaling vorige les Nomenclatuur: bewegingsbepalende uitdrukkingen Reina Welling WM/SM-theorieles 2 Histologie: botweefsel, dekweefsel Myologie: m. tibialis anterior, extensorengroep en de peroneusgroep
Informatie open branche-examen Supplementen maken basis
Informatie open branche-examen Supplementen maken basis In deze informatie komen achtereenvolgens de volgende onderwerpen aan de orde: * algemene informatie (pag. 2) * voorbeeldvragen theorieopdracht (pag.
MASSAGETHERAPEUT
MASSAGETHERAPEUT WWW.I-LEARNING.BE BESPREKING VAN DE SKELETSPIEREN Tijdens de bespreking van de skeletspieren zal voor de spiernaam telkens de term musculus (spier) worden geplaatst. Vanaf nu vervangen
Auteur(s): H. Faber Titel: Afzetten en hielspoor Jaargang: 17 Jaartal: 1999 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 175-184
Auteur(s): H. Faber Titel: Afzetten en hielspoor Jaargang: 17 Jaartal: 1999 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 175-184 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt worden
18 10 2008 Bijscholing BorgInsole 1
Intoeing - Outtoeing Intoeing Outtoeing Problemen ter hoogte van Voet Enkel Tibia Knie Femur Heup Intoeing - Outtoeing Oorzaak Structureel Osteair Intoeing - Outtoeing Therapie Chirurgie In- of outtoeing
Indicaties. Orthopedische schoenen
Indicaties Orthopedische schoenen LGEMENE INFO chter iedere post staat een letter:, of C. Deze letter komt overeen met de categorie welke een verschillend remgeld en/of hernieuwingstermijn hebben. CTEGORIE
https://www.visiblebody.com/anatomy-and-physiology-apps/human-anatomy-atlas
Amstelveen, 29 april 2017 Beste collega s In juni gaan we met het schoudernetwerk weer naar de snijzaal. Om deze sessie goed voor te bereiden een kleine opfrissing van de anatomie middels deze mailronde.
Cursus Ontspanningsmassage. Bijlage spieren. Trapezius
Cursus Ontspanningsmassage Bijlage spieren. Trapezius De trapezius (monnikskapspier) is een ruitvormige spier boven aan de achterkant van het lichaam. De trapezius loopt van de schedelbasis tot aan het
Informatie open branche-examen Leesten maken basis
Informatie open branche-examen Leesten maken basis In dit deel komen achtereenvolgens de volgende onderwerpen aan de orde: * algemene informatie (pag. 2) * voorbeeldvragen theorieopdracht (pag. 3 en 4)
Wat is juist? Spec. Anat. en Fys. Path en Orthopedie. 1. Waarvan is de kuitbeenslagader een rechtstreekse aftakking?
1. Waarvan is de kuitbeenslagader een rechtstreekse aftakking? A) Van de kniekuilslagader. B) Van de voorste scheenbeenslagader. C) Van de achterste scheenbeenslagader. 2. Waaruit ontspringt de dijbeenzenuw?
Theorie-examen anatomie 25 januari 2008
Theorie-examen anatomie 25 januari 2008 1. Welke van de volgende spieren is eenkoppig? A. De m. biceps brachii. B. De m. coracobrachialis. C. De m. gastrocnemius. 2. Welke van de volgende spieren geeft
Belangrijkste spiergroepen
Welkom 2. Anatomie 2.6.7. Belangrijkste spiergroepen Als coach: belangrijk om belangrijkste spieren van het lichaam te kennen + ligging en functie van de spieren Ligging: beschreven a.d.h.v. oorsprong
Anatomie en karate-bewegen
Assistent Lerarenopleiding Karate-do Bond Nederland najaar 2014 Anatomie en karate-bewegen de onderste extremiteit Joost Franken en Peter Damen Anatomie en karate-bewegen Veilig en verantwoord lesgeven
De antwoorden op de opdrachten E-Learning VAN WIT EN ZWART. Opdracht 1. A = M. tensor fasciae lata B = lig. capitis femoris
De antwoorden op de opdrachten E-Learning VAN WIT EN ZWART Opdracht 1 A = M. tensor fasciae lata B = lig. capitis femoris C = caput femoris D = trochanter major E = collum femoris F = M. obturatorius internus
Opleidingsprogramma. Percutaneous Needle Electrolysis (PNE)
Opleidingsprogramma Percutaneous Needle Electrolysis (PNE) Bent u als fysiotherapeut op zoek naar innovatie in uw praktijk? Creëer toegevoegde waarde voor uw patiënt met Percutaneous Needle Electrolysis
Krachttraining. Een krachttrainingsschema voor Bewegen, sport en maatschappij. Naam Klas Docent
Krachttraining Een krachttrainingsschema voor Bewegen, sport en maatschappij Naam Klas Docent Inhoudsopgave Inleiding... 3 Musculus biceps brachii... 4 Informatie... 4 Oefening... 4 Musculus pectoralis
Bewegingsleer DeelIDebovensteextremiteit
Bewegingsleer DeelIDebovensteextremiteit Bewegingsleer Deel I De bovenste extremiteit I.A. Kapandji Bohn Stafleu van Loghum Houten 2009 Ó 2009 Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Uitgeverij
Van een hallux valgus wordt gezegd dat het
Dat we met rug- of schouderklachten naar de fysiotherapeut gaan vindt iedereen heel normaal. Ook kijkt niemand er raar van op dat we oefeningen krijgen om het probleem te verhelpen. Best vreemd dat we
23-Oct-14. 6) Waardoor wordt hyperextensie van het kniegewricht vooral beperkt? A) Banden B) Bot C) Menisci D) Spieren
Vlak As Beweging Gym Frontaal Sagitale Ab-adductie Radslag Latero flexie Ulnair-radiaal deviatie Elevatie-depressie Sagitaal Frontale Flexie-extensie Salto Transversale Ante-retro flexie Dorsaal flexie
Studieondersteunend lesmateriaal de voet en enkel Voor tweedejaars studenten oefentherapeut Mensendieck
2007 Studieondersteunend lesmateriaal de voet en enkel Voor tweedejaars studenten oefentherapeut Mensendieck Chawa van Balen Kim van der Laan 1 Studieondersteunend lesmateriaal de voet en enkel Afstudeeropdracht
Onstabiel gevoel Last bij stappen
Naam: Datum: Leeftijd: 37 jaar Geslacht: M/V Beroep: bediende Adres: Telefoonnummer: / Hobby: joggen, zwemmen (totaal: 3u/week) Hoofdprobleem: Onstabiel gevoel en last ter hoogte van de rechter enkel Lichaamsdiagram
Steunzolen en schoenaanpassingen
Steunzolen en schoenaanpassingen Klaas Postema Centrum voor Revalidatie UMCG pijnlijke voeten aanpassingen aan schoeisel enkele aanpassingen aan het schoeisel enkele veel voorkomende aandoeningen : metatarsalgie
MASSAGETHERAPEUT
MASSAGETHERAPEUT WWW.I-LEARNING.BE INHOUD INLEIDING P.8 INLEIDING TOT DE ANATOMIE P.9 Cytologie p.9 Anatomie van de cel p.9 Het celmembraan p.10 Het cellichaam p.10 Celvocht (cytoplasma) p.10 DNA Structuur
Chirurgische technieken
Chirurgische technieken Interuniversitair postgraduaat 28/10/2013 Interuniversitair Postgraduaat Prof. F. Vermassen 18/10/2013 UGent Thoracovasculaire Heelkunde Chirurgische technieken 1. Varicectomie
VOETPATHOLOGIE voor fysiotherapeuten
VOETPATHOLOGIE voor fysiotherapeuten Casuïstiek poli orthopedie met echografie van voet en enkel Robert Wonink, Bella van Dalen Inhoud Tarsale tunnel syndroom Functionele hallux limitus Morton neuroom
Specifieke anatomie en fysiologie, pathologie en orthopedie
Naam kandidaat: Voetverzorger Kwalificatiecode 10505 Specifieke anatomie en fysiologie, pathologie en orthopedie Datum : 4 juni 2009 Werktijd : 75 minuten Deelkwalificatiecode : 51934 Waardering Cesuur
Injectietechnieken onderste ledematen. Philippe Van Elsen 30/03/2018
Injectietechnieken onderste ledematen Philippe Van Elsen 30/03/2018 Programma 1/ Inleiding 2/ Injectietechniek: algemeen 3/ Enkel en voet 4/ Knie 5/ Heup 1/Inleiding Dos Winkel, fysiotherapeut; boeken
Henny Leentvaar (Sport)Massage. Functie testen. Datum: 14 mei 2008. Opgesteld door: Henny Leentvaar
Henny Leentvaar (Sport)Massage Functie testen Datum: 14 mei 2008 Opgesteld door: Henny Leentvaar Functie testen Voordat kan worden overgegaan tot tapen of bandageren van een aangedane spier en/of gewricht
3. Hoe worden spieren genoemd die een tegengestelde beweging veroorzaken?
1. Waarvan is de kuitbeenslagader een rechtstreekse aftakking? A) Van de kniekuilslagader. B) Van de voorste scheenbeenslagader. C) Van de achterste scheenbeenslagader. 2. Waaruit ontspringt de dijbeenzenuw?
Skillslab handleiding
Skillslab handleiding Faculteit Geneeskunde & Gezondheidswetenschappen Inleiding tot het orthopedisch onderzoek Academiejaar 2011-2012 Skillslabteam Dr. Francis Hugelier - Dr. Jan Reniers Dr. Hans Van
De plaatsbepalende uitdrukkingen (mediaal, lateraal etc.) worden altijd gebruikt ten opzichte van een ander lichaamsdeel.
Deel 1 Anatomie H1 Algemeen Anatomie (=ontleedkunde): kennis van de bouw van het menselijk lichaam. Bij inspectie van het lichaam van de cliënt wordt uitgegaan van de anatomische stand: voeten een stukje
ERASMUS MC MODIFICATIE VAN DE (REVISED) NOTTINGHAM SENSORY ASSESSMENT Handleiding
De Erasmus MC Modificatie van de (revised) Nottingham Sensory Assessment (EmNSA) 1 is een meetinstrument om bij patiënten met intracraniële aandoeningen de tastzin, de scherp-dof discriminatie en de propriocepsis
Oefentherapie bij (sport)voeten. Ralph Hermanns
Oefentherapie bij (sport)voeten Ralph Hermanns Inhoud Voorstellen Waarom voetoefeningen? Meting 1 & 2 Klachtenbeelden en oefeningen 1. Metatarsalgie 2. Fasciitis plantaris/hielspoor 3. Verworven per planus
www.fysionair.nl [email protected] Josya Sijmonsma Fysiotherapeut Oedeemtherapeut Kinesio Taping Instructeur / Medical Taping Specialist Specialisaties o.a. Manuele therapie Mulligan Myofeedback Neurologie
Dissectie. Geïllustreerde handleiding
Dissectie Geïllustreerde handleiding De afbeeldingen zijn zo gekozen dat bijna alle vermelde structuren erop te zien zijn. Inhoudstafel Regio pectoralis 2 Axilla 3 Bovenste lidmaat Anterior 6 Bovenste
Reader Bowflex. Hogeschool van Amsterdam 09/2009
Reader Bowflex Hogeschool van Amsterdam 09/2009 Voorwoord. We zijn afgelopen schooljaar bezig geweest met het opstellen van readers voor het gebruik van de pully en bowflex apparaat. Hierin hebben wij
5 Bot tussenstof bestaat behalve uit calciumzouten eveneens uit: a) Fibreuze vezels b) Elastische vezels c) Reticulaire vezels d) Collagene vezels 6
Oefenvragen 1 De diafyse van een pijpbeen; a) Is het middenstuk van een pijpbeen b) Is onderdeel van de gewrichten c) Bevind zich aan de uiteinden van een pijpbeen d) Bevind zich vlak onder het periost
Spierenbovensteextremiteit
Spierenbovensteextremiteit O: Proximaal I : Distaal 1) Tussen welke botten vormt het onderste spronggewricht een verbinding? A) Calcaneus, naviculare, cuboideum B) Calcaneus, naviculare, talus C) Cuneiforma,
Gesloten vragen Functionele Anatomie II
Gesloten vragen Functionele Anatomie II 2013-2014 1. Ab- en adductie vindt plaats om een longitudinale as 2. In de anatomische houding is, in het sagittale vlak van de wervelkolom, lumbaal een lordose
ISPO JAAR CONGRES 2011. Biomechanica en vervaardiging enkel voet orthese bij Cerebrale Parese
ISPO JAAR CONGRES 2011 Biomechanica en vervaardiging enkel voet orthese bij Cerebrale Parese Lichamelijk onderzoek Gangbeeld analyse, MRI, röntgen Algemene lichamelijke conditie Mobiliteit van heup,knie,en
Perifere zenuwletsels van hand en arm
18 D O S S I E R H A N D / P O L S Overzicht symptomen en testen Perifere zenuwletsels van hand en arm Doel van dit artikel is inzicht te geven in de gevolgen van de perifere zenuwletsels van de hand en
Spierenbovensteextremiteit
Spierenbovensteextremiteit O: Proximaal I : Distaal 1) Tussen welke botten vormt het onderste spronggewricht een verbinding? A) Calcaneus, naviculare, cuboideum B) Calcaneus, naviculare, talus C) Cuneiforma,
Inleiding. Anatomie. Humerus
Inleiding Koos van Nugteren De elleboog verbindt de bovenarm met de onderarm. Buiging van de arm zorgt ervoor dat we de hand in de richting van het hoofd en de schouder kunnen bewegen. Activiteiten als
HALLUX VALGUS. bulten en kromme tenen
HALLUX VALGUS bulten en kromme tenen Dr. Karel D Hoore 04 november 2014 Wat is hallux valgus? Variabel klinisch beeld Bunion overrijdende teen Wonden!! Wat is hallux valgus? Wat is hallux valgus? Hallux
Diagnostiek aan de schoudergordel. Model orthopedische geneeskunde ( James Cyriax) (Dos winkel)
Diagnostiek aan de schoudergordel Model orthopedische geneeskunde ( James Cyriax) (Dos winkel) Doorsnede art. humeri bicepspees, loopt door bovenkant van kapsel en voorkomt inklemming van kapsel in gewrichtsspleet
NEDERLANDSE ECHOGRAFIE ACADEMIE CURSUS ZENUWECHOGRAFIE
NEAc NEDERLANDSE ECHOGRAFIE ACADEMIE CURSUS ZENUWECHOGRAFIE Zenuwechografie Voor het meten van zenuwen is een goede anatomische kennis vereist. In deze handleiding wordt beschreven waar de zenuw het beste
Reader Pully. Hogeschool van Amsterdam 09/2009
Reader Pully Hogeschool van Amsterdam 09/2009 Voorwoord. We zijn afgelopen schooljaar bezig geweest met het opstellen van readers voor het gebruik van de pully en bowflex apparaat. Hierin hebben wij verschillende
