Onderwijs en Examenregeling 2011
|
|
|
- Victor de Smedt
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Onderwijs en Examenregeling 2011 M(M)Z. Crebo NV.4 BOL Uitstroom: Specifieke Doelgroepen / SD. - Doorstroom Cohort (2009) Terugvalcrebo type hier het terugvalcrebo Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX 1
2 Inhoudsopgave 1 Woord vooraf Leeswijzer Alles over het beroep Wat doet een Persoonlijk Begeleider Specifieke Doelgroepen / SD Wat kun je met je opleiding doen? Alles over de opleiding Informatie over het onderwijs en het leren Wat ga je leren?... 9 A. Wat vind je in een kwalificatiedossier?... 9 B. Nederlandse taalbeheersing, rekenen, moderne vreemde talen C. Loopbaan & burgerschap Hoe is je opleiding ingedeeld? A. Beroepsgericht B. Nederlands, rekenen C. Loopbaan & burgerschap Doorstroom van N3 naar N4 BBL /BOL Alles over de beroepspraktijk Studiebelasting Alles over de begeleiding Begeleiding bij het leren op de opleiding Begeleiding bij een handicap, stoornis of belemmering Begeleiding bij het kiezen van een andere studie Klachten Help: ik voel me bedreigd, geïntimideerd of gediscrimineerd Alles over de beoordeling Ontwikkelingsgericht beoordelen A. Beroepsgericht B. Nederlands, rekenen Format toetsplan Nederlands Vitalis college cohort C. Loopbaan & burgerschap Kwalificerend beoordelen: examenplan A. Beroepsgericht B. Nederlands, rekenen C. Loopbaan & burgerschap Beoordeling en je portfolio Studievoortgang Examens en het diplomeren Hoe is de organisatie van de examinering geregeld? Welke resultaten/bewijzen bewaart de school? Waar kun je terecht als je het met een beslissing niet eens bent? Inspectie Addendum Bijlagen Begrippenlijst Examinering Nederlandse taal en rekenen Kwalificatie-eisen loopbaan & burgerschap in het MBO studiejaar Top model Diverse documenten op website Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 2
3 1 Woord vooraf Welkom op het Vitalis college, bij het cluster Welzijn Je hebt gekozen voor de opleiding MMZ. Bij het Vitalis college leiden we op vanuit de volgende missie: Groeien kan het beste als je jezelf kwetsbaar opstelt en je durft te verbinden. Wij scheppen de voorwaarden om je op te laten stellen en je te laten raken door de meerwaarde die je kunt hebben voor de maatschappij. Wij vragen van studenten zich te verbinden met elkaar en met de maatschappij. En gezamenlijk op te trekken in groei en maatschappelijke waarde. Hierin maken wij geen onderscheid tussen studenten en medewerkers. Henny Verbeek, Algemeen directeur Vitalis college Welzijn Clustermanager Yvonne Vincenten Algemene informatie invullen moeten invulvakken worden!! brin nummer naam van de instelling 25LX ROC West-Brabant, Vitalis college crebonummer terugvalcode Invullen terugvalcode naam van de opleiding Maatschappelijke Zorg / SD. landelijk orgaan, kenniscentrum Calibris leerweg (BOL/BBL) BOL niveau NV4 / Doorstroom cohort 2011 (2009) Ingangsdatum 1 augustus 2011 Vervaldatum 1 augustus 2012 Datum waarop het bevoegd gezag de OER heeft vastgesteld Datum waarop de OER gepubliceerd is juli 2011 Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 3
4 2 Leeswijzer Beste student(e), Dit is de Onderwijs- en Examenregeling. We korten dit af tot OER. Met deze OER willen we je wegwijs maken in de opleiding waarvoor je gekozen hebt. De OER is een belangrijk onderdeel van de onderwijsovereenkomst die je met het ROC West-Brabant hebt gesloten. Wat kun je vinden in deze OER? Je vindt informatie over de volgende onderwerpen: Korte beschrijving van je beroep. De opleiding in het algemeen. De manier waarop de opleiding en het onderwijs op school geregeld is. De manier waarop de BPV of je vorming in de beroepspraktijk geregeld is. De begeleiding bij je studieloopbaan. De wijze van beoordelen en informatie over de examens. De examencommissie. Achterin de OER vind je een aantal bijlagen. In een bijlage vind je een verwijzing naar het examenreglement van het Vitalis college en regels die voor jou als student belangrijk zijn. Naast deze regels vind je in andere bijlagen de verantwoording van het onderwijs. Op basis daarvan wordt jouw diploma geldig. Deze opleiding gaat uit van het kwalificatiedossier MBO / Welzijn 2008 Maatschappelijke zorg en het daarbij horende document Leren, Loopbaan en Burgerschap. In deze documenten staan de wettelijk eisen beschreven. Als student moet je hieraan voldoen om het diploma te kunnen halen. De verplichte richtlijnen voor Nederlands, rekenen en mogelijk een moderne vreemde taal (Engels) staan ook vermeld. In het referentiekader document van Meijerink zijn de referentiën niveaus voor taal en rekenen ( 2 F / 3F ) vastgelegd. In al deze documenten staan de wettelijk eisen beschreven. Als student moet je hieraan voldoen om het diploma te kunnen halen. Op portal voor studenten staat nog veel meer informatie over het Vitalis college en je opleiding. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 4
5 3 Alles over het beroep 3.1 Wat doet een Persoonlijk Begeleider Specifieke Doelgroepen / SD. Jouw baan Je kunt komen te werken bij instellingen die ondersteuning en zorg geven op gebied van persoonlijke verzorging, wonen, dagbesteding of vrije tijd. Denk hierbij aan bijvoorbeeld: een kleinschalige woonvorm voor ouderen of gehandicapten, een dak- en thuislozen tehuis, een psychiatrisch centrum, een zorgboerderij, een verzorging- of verpleeghuis, een sociale werkplaats. Je streeft ernaar mensen in de maatschappelijke zorg, ook wel cliënten genoemd, zo zelfstandig mogelijk te laten functioneren in hun eigen omgeving en als lid van de samenleving. Je krijgt te maken bijvoorbeeld: mensen met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking en/of zintuiglijke beperking mensen met een psychiatrische aandoening mensen met een verslavingsprobleem mensen met een psychosociaal of gedragsprobleem mensen met ouderdomsklachten mensen die dak- of thuisloos zijn vrouwen ( en hun eventuele kinderen) en mannen die te maken hebben gehad met huislijk geweld a.s. tienermoeders mensen die in justitiële inrichtingen verblijven mensen die asiel zoeken in Nederland mensen met een combinatie van problemen Jouw werk op niveau 4 in de maatschappelijke zorg, specifieke doelgroepen: Werken als persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen betekent direct werken met individuen/cliënten en groepen. Hierbij speelt de persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen als persoon een essentiële rol. Haar kwaliteiten zijn van doorslaggevend belang bij het aangaan van een professionele relatie en bij het bereiken van de gewenste resultaten. Voor een verantwoorde beroepsuitoefening moet de persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen: - betrokken; - empathisch; - assertief; - representatief; - communicatief vaardig; - integer zijn. Tijdens de uitvoering van agogische en verzorgende taken peilt de persoonlijk begeleider Specifieke Doelgroepen of de ondersteuning aansluit bij de cliënt en de situatie, zodat de gewenste ondersteuning wordt geboden. Tijdens de ondersteuning leidt en stimuleert zij de cliënt tot steeds meer en zo groot mogelijke zelfredzaamheid en zelfstandig functioneren. De persoonlijk begeleider specifieke doelgroep is bij de ondersteuning bijna altijd gericht op activeren van de cliënt. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 5
6 De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen heeft een uitvoerende, adviserende, initiërende en coördinerende rol. Ze wisselt voortdurend van rol, afhankelijk van de soort begeleiding, die per context en per cliënt verschilt. Ze is verantwoordelijk voor het plan van aanpak ten aanzien van de ondersteuning, waarbij ze doelen die de cliënt wil bereiken en de gemaakte afspraken met de cliënt over de uitvoering beschrijft. Tevens is zij verantwoordelijk voor haar eigen werkzaamheden met betrekking tot verzorging, ondersteuning en begeleiding van de cliënt. Ze handelt zelfstandig, stemt haar handelen af en zonodig bespreekt ze knelpunten met het (multidisciplinair) team of haar leidinggevende. Wanneer nodig consulteert zij deskundigen. Voor de uitvoering van (bepaalde) activiteiten schakelt zij zelfstandig anderen in en draagt ze zorg voor de coördinatie van de activiteiten. De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen is verantwoordelijk voor haar werk en kan daar op aangesproken worden. In een aantal gevallen draagt zij ook de eindverantwoordelijkheid zoals voor het afstemmen van de hulpverlening op de behoeften van de cliënt. Jouw kwaliteiten Hiernaast wordt van de persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen verwacht dat ze respectvol omgaat met anderen, diversiteit tussen mensen kan hanteren en een open houding toont waardoor ze lastige en zeer persoonlijke vraagstukken bespreekbaar maakt. Situaties kunnen in hoog tempo wisselen en snel escaleren. Zij houdt haar gevoelens bij weerstand, bij tegenslag, in moeilijke situaties en bij tijdsdruk onder controle. In onverwachte en mogelijk escalerende situaties blijft ze zowel kalm als doortastend en brengt haar mogelijkheden en grenzen duidelijk naar voren. Typerend voor de persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen is dat ze initiatiefrijk en creatief is, ze weet van aanpakken, ziet kansen en kan deze oppakken en weet creatieve oplossingen te bedenken voor nieuwe vraagstukken. De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen heeft een voorbeeldfunctie ten aanzien maatschappelijke normen en waarden. Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden draagt zij maatschappelijke normen en waarden uit bijvoorbeeld ten aanzien de sociale omgang, hygiëne in het algemeen en de persoonlijke verzorging. Van de persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen wordt ook verwacht dat zij regelmatig reflecteert op haar beroepsmatig handelen zodat zij blijft leren van haar werkzaamheden en haar handelingsrepertoire regelmatig bijstelt. De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen heeft een verdiepend inzicht ten aan zien van de ondersteuning van de verzorgende en agogische taken en denkt mee over de strategie, de lange termijn aanpak en de overstijgende beslissingen in een instelling. De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen heeft te maken met de volgende keuzes en dilemma s: - het individueel belang van de cliënt versus het belang van de cliëntgroep; - het bevorderen van de zelfstandigheid van de cliënt versus het waarborgen van de veiligheid van de cliënt en de omgeving; - tijd versus kwaliteit; - respecteren van waarden, normen en opvattingen van anderen versus de eigen waarden, normen en professionele zienswijze; - betrokkenheid bij de cliënt versus professionele distantie; - de eigen professionele waarneming versus de beleving van de cliënt; - vasthouden aan afspraken uit het plan van aanpak versus flexibel inspelen op een veranderende cliëntvraag; - werkzaamheden zelf uitvoeren versus inschakelen van anderen; - wensen van de cliënt versus de mogelijkheden van de organisatie; - handelen wel of niet aanpassen t.a.v. de ondersteuning; - handelen wel of niet aanpassen in een veranderende situatie, zoals crisis- en onvoorziene situaties. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 6
7 3.2 Wat kun je met je opleiding doen? De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen is werkzaam in instellingen die ondersteuning en zorg bieden op het gebied van wonen, dagbesteding en/of vrije tijd aan cliënten die tijdelijk of permanent ondersteuning nodig hebben om te kunnen functioneren in de samenleving. De instellingen bieden intramurale, semi-murale of ambulante zorg- en dienstverlening en hulp op verschillende leefgebieden (wonen, werken en vrije tijd). De persoonlijk begeleider specifieke beroepen is bijvoorbeeld werkzaam als begeleider op een leefgroep in een verslavingskliniek, in opvang voor dak- en thuislozen, vrouwenopvang of in een psychiatrische kliniek. De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen kan ook werkzaam zijn als begeleider in een activiteitencentrum voor dagbesteding, een welzijnsinstelling, een sociale werkplaats, een penitentiaire inrichting, een verpleeghuis, een verzorgingshuis of een asielzoekerscentrum. De persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen komt buiten de geestelijke gezondheidszorg steeds meer in aanraking cliënten met een psychiatrische aandoening. Zij werkt vooral met cliënten met meerdere problematieken zoals bijvoorbeeld een psychosociale, gedrags- of verslavingsproblematiek. De hulpverlening is doorgaans intramuraal of semi-muraal, in toenemende mate wordt ambulante zorg geboden. Jouw toekomst Met het diploma Persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen kun je doorstromen naar HBO opleidingen, bijvoorbeeld de opleiding Sociaal pedagogische hulpverlening/social Work of de opleiding HBO Verpleegkunde. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 7
8 4. Alles over de opleiding VITALIS.VISIE.MMZ Missie van het Vitalis Groeien kan het beste als je jezelf kwetsbaar opstelt en je durft te verbinden. Wij scheppen de voorwaarden om je op te laten stellen en je te laten raken door de meerwaarde die je kunt hebben voor de maatschappij. Wij vragen van studenten zich te verbinden met elkaar en met de maatschappij. En gezamenlijk op te trekken in groei en maatschappelijke waarde. Hierin maken wij geen onderscheid tussen studenten en medewerkers. MMZ is een opleiding waarin de student de mogelijkheid wordt geboden zich te ontwikkelen tot competent beroepsbeoefenaar, in een leeromgeving die duidelijk, overzichtelijk en uitdagend is voor student en medewerker waarin beiden centraal staan MMZ.MISSIE.VITALIS Verantwoorden waarom we voor onze onderwijsvormen hebben gekozen Wij kennis aanbieden van waaruit de student goed kan handelen. Hoe werken wij aan de werkhouding van de student Hoe bieden wij kennis aan van waaruit de student goed kan handelen. Ons onderwijs wordt opgebouwd van algemeen naar specifiek.. De theorie integreren in de praktijk.. Kleinschalig onderwijs, groepen van max. 15 studenten, om te kunnen begeleiden op maat De taak van de SLB. er... Werken volgens thema s.. Collegiale consultatie, elkaars kwaliteiten benutten LB is verweven in de opleiding Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 8
9 4.1 Informatie over het onderwijs en het leren Het onderwijs binnen het Vitalis college is competentiegericht. Dit betekent dat wij je opleiden om het vermogen te ontwikkelen probleemoplossend te werken in beroepssituaties. We sluiten het onderwijs zoveel mogelijk aan op jouw specifieke ervaring. Het doel is dat je aantoont succesvol te kunnen functioneren in de beroepscontext / beroepssituatie. Om dit te bereiken richt het onderwijs zich op het integreren van kennis, vaardigheden en houdingsaspecten, dus op een mix van kennen, kunnen, willen en zijn. Dit betekent dat: jij als student gestimuleerd wordt een actieve rol te nemen in je leerproces. jij en je studieloopbaan centraal staan. jouw leerervaringen in de beroepspraktijk een grote rol spelen Het onderwijsprogramma is afgeleid is van de beroepspraktijk. de kerntaken, werkprocessen, bijbehorende beroepsproducten en competenties het uitgangspunt vormen voor het hele opleidingsprogramma. er geleerd wordt in de context van de beroepspraktijk. er geïntegreerd beoordeeld wordt in de context van de beroepspraktijk. Niet alleen na afloop maar ook tijdens je leerproces. vooraf bekend is waar je op beoordeeld wordt en welke eisen hiervoor gehanteerd worden. 4.2 Wat ga je leren? De inhoud van de opleiding is samengesteld vanuit een aantal wettelijke documenten. Het kwalificatiedossier, waarin de kwalificatie eisen van het beroep staan beschreven. In het kwalificatiedossier staan ook de wettelijke eisen van Nederlands, moderne vreemde taal en rekenen. In een ander document zijn aanvullende eisen gesteld m.b.t. Loopbaan & burgerschap. Al deze onderdelen van de opleiding zijn door de minister vastgesteld en dus wettelijk verplicht. Om een diploma te ontvangen moet je aan de eisen van het kwalificatiedossier, de gestelde eisen aan taalvaardigheid/rekenen en Loopbaan & burgerschap voldoen. A. Wat vind je in een kwalificatiedossier? Het kwalificatiedossier waarop je opleiding is gebaseerd, geeft een beeld van wat een beginnend werker moet beheersen. Het dossier bestaat uit verschillende onderdelen en geeft de eisen aan van een beginnend beroepsbeoefenaar. Belangrijke begrippen van het kwalificatiedossier zijn: Kerntaak Een kerntaak is kenmerkend voor het beroep waarvoor je wordt opgeleid. In het geval van de MZ. Specifieke Doelgroepen is er bijvoorbeeld de kerntaak Opstellen van een plan van aanpak". Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 9
10 Werkproces Schrijft het plan van aanpak. Voor jouw opleiding ziet het overzicht van de kerntaken en werkprocessen er als volgt uit: Invulveld overzicht kt/wp Tevens kun je dit document terugvinden op en op de site van Calibris. ( ) is het Kwalificatiedossier te vinden. Legenda: U1:MZ.; Persoonlijk Begeleider Gehandicaptenzorg U2:MZ.; Persoonlijk Begeleider Specifieke Doelgroepen Uitstroom Kerntaak Werkproces U1 U2 Kerntaak 1: 1.1 Inventariseert hulpvragen van de client x x 1.2 Schrijft het plan van aanpak x x 1.3 Specificeert het plan v. aanpak tot een act. plan x x Kerntaak 2: 2.1 Ondersteunt de client bij de persoonlijke zorg x x 2.2 Ondersteunt de client bij wonen en huishouden x x 2.3 Ondersteunt de client bij dagbesteding x x 2.4 Begeleidt e. groep client. op soc. maats. gebied x x 2.5 Ondersteunt client bij regievoeren over z.leven x x 2.6 Ondersteunt het sociale systeem x x 2.7 Voert verpleegtechnische handelingen uit x Kerntaak 3: 3.1 Werkt aan desk. bev. en profess. v.h. beroep x x 3.2 Werkt aan bevorderen + bewaken v. kwal.zorg x x 3.3 Stemt de werkzaamheden af met betrokkenen x x 3.4 Voert coordinerende taken uit. x x 3.5 Evalueert de geboden ondersteuning x x 3.6 Je werkt aan de kerntaken en werkprocessen met behulp van competenties. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 10
11 Competentie Een competentie is het specifiek ontwikkelbare vermogen van de student. Dit vermogen bestaat uit een combinatie van kennis, houding en vaardigheden. Voor het MBO gelden 25 competenties, zie het schema hieronder. A Beslissen en activiteiten initiëren N Onderzoeken B Aansturen O Creëren en innoveren C Begeleiden P Leren D Aandacht en begrip tonen Q Plannen en organiseren E Samenwerken en overleggen R Op de behoeften en verwachtingen van de F Ethisch en integer handelen klant richten G Relaties bouwen en netwerken S Kwaliteit leveren H Overtuigen en beïnvloeden T Instructies en procedures opvolgen I Presenteren U Omgaan met verandering en aanpassen J Formuleren en rapporteren V Met druk en tegenslag omgaan K Vakdeskundigheid toepassen W Gedrevenheid en ambitie tonen L Materialen en middelen inzetten X Ondernemend en commercieel handelen M Analyseren Y Bedrijfsmatig handelen. B. Nederlandse taalbeheersing, rekenen, moderne vreemde talen Je krijgt in je beroep te maken met werkzaamheden waarbij een bepaald beheersingsniveau van de Nederlandse taal nodig is. Denk aan het schrijven van rapportages. Bij de start van de opleiding krijg je een test (0-meting), waardoor zichtbaar wordt op welk niveau je de vaardigheden beheerst. In de opleiding oefen je met deze vaardigheden Er wordt specifiek aan je taalvaardigheid gewerkt via Nederlandse taal (rooster). Voor studenten die een achterstand moeten inhalen is extra ondersteuning beschikbaar. Ook de eisen aan rekenen en vreemde taal zijn per kwalificatiedossier geformuleerd. In de opleidingen waar rekenen en vreemde talen onderdeel uitmaken van het kwalificeren, worden deze vaardigheden ondersteund. 11
12 Nederlandse taalbeheersing N1 4F 3F 2F 1F Mondelinge taalvaardigheid Leesvaardigheid Schrijfvaardigheid Taalverzorging en taalbeschouwing Rekenen N1 Getallen Verhoudingen Meten en Verbanden meetkunde 4F 3F x x x x 2F x x x x 1F x x x x Moderne vreemde talen (MVT) N1 Luisteren Lezen Gesprekken voeren C2 C1 B2 B1 A2 A1 Spreken Schrijven Meer informatie over de exameneisen van jouw opleiding vind je in bijlage nr. 2 C. Loopbaan & burgerschap Het document, Loopbaan & burgerschap (april 2007) beschrijft kwalificatie-eisen ten aanzien van loopbaan & en burgerschap. zie bijlage nr 3. In paragraaf 4.3 staat hoe dit vorm krijgt in jouw opleiding. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 12
13 4.3 Hoe is je opleiding ingedeeld? In de beroepsopleidende leerweg BOL bestaat de opleiding uit leren in de beroepspraktijk (BPV) en leren op school. Deze twee aspecten vormen een eenheid. Hieronder staat wat je in het onderwijsprogramma op school en in de BPV krijgt aangeboden. A. Beroepsgericht Doorstroom niveau 3 naar niveau 4 MZ. Periodisering Onderwijsprogramma Workshop Periode 1 Zorgplan/ ondersteuningsplan; - signaleringsplan - bijzonder zorgplan Verpleegtechnisch handelen; - EHBO - Medicatie en wondverzorging Periode 2 Periode 3 Kwaliteitszorg/ deskundigheidsbevordering/ GVO Rol van de begeleider. Regie/ coördinatie. PB. er naar cliënt, je rol als PB er in het team. - Budgettering - Recht ( bewindvoering, curatorschap) - Syndromen/ ziektebeelden - Innovatie in de zorg - Palliatieve zorg - Coachen van jezelf - Groepsdynamica - Gesprekstechnieken - Vergadertechnieken - Behandeling en therapie Periode 4 - HRM ( sandwichpositie) - Leiderschapsstijlen Afstuderen - PGI / intervisie - Intimiteit/ seksualiteit - Solliciteren Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 13
14 Nederlands: B. Nederlands, rekenen Nulmeting Voortgangstoets via de methode VIA TAAL Aan het einde van de opleiding een kwalificerende toets Er wordt bij het examineren getoetst op de onderdelen: Centraal examen: lezen, luisteren, Instellingsexamen: spreken, gesprekken voeren en schrijven Niveau 4 moet 3F behalen De student gaat een portfolio aanleggen met bewijsstukken van voortgangsresultaten en gemaakte opdrachten. Rekenen: wordt aangeboden in de Doorstroomgroep. C. Loopbaan & burgerschap Voor externe studenten: Uitgangspunten burgerschap van het cluster welzijn / MMZ. van het Vitalis College. Werken aan burgerschap vereist een actieve houding van de student: zowel binnen als buiten de school. De student volgt een individueel traject afgestemd op zijn behoeftes. De student is zelf verantwoordelijk voor het werken aan de kerntaken. Studenten verzamelen bewijsstukken van hun inspanningen en bewaren dat in het portfolio. De inspanningsverplichting voor een student voor LB is gemiddeld 2 uur per week. De rol van een SLB-er/docent is richtinggevend, begeleidend en stimulerend. De SLB-er/docent tekent bewijsstukken af voor in het portfolio. Naast kennis en vormende opdrachten binnen school werkt een student aan burgerschap in de context oftewel in de maatschappij (kan binnen of buiten de beroepscontext zijn). Het uitgangspunt is dat een student 2 uur per week actief bezig is met LB. De student werkt verdiepend aan LB. Dat wil zeggen dat hij per kerntaak een prestatie uitvoert. Deze prestatie kan binnen of buiten de beroepscontext worden uitgevoerd. De student formuleert het doel van deze prestatie (met begeleiding van zijn SLB-er/docent), voert de prestatie uit en maakt er een verslag van. De prestatie is naar voorbeeld van de beroeps prestaties van het consortium. De kaders voor deze prestatie zijn moeilijk algemeen aan te geven. Het uitgangspunt is dat leer-, loopbaan- en burgerschapcompetenties geoefend worden in de reële context oftewel :de maatschappij (dit kan ook de beroepscontext zijn). Bij het formuleren van de opdracht moet de student in gedachten houden dat hij de werkprocessen van die kerntaak in deze prestatie zichtbaar moet maken. Het uitvoeren van de prestatie kan aansluiten bij hobby, bijbaantje, vrijwilligerswerk enz. De student houdt regelmatig contact met zijn SLB-er/docent over de voortgang. Hij spreekt af welk bewijsstukken in zijn werkportfolio komen. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 14
15 Hoe ziet een lesweek eruit? Lessen volgens vast rooster; Het jaar is verdeeld in 4 perioden van 9 weken. Elke periode bestaat uit 7 lesweken, 1 bufferweek en 1 reflectieweek. In de lesweken volg je alle onderwijsactiviteiten volgens een vast rooster. In de buffer- en reflectieweken zijn allerlei activiteiten gepland op de schooldagen, waaronder workshops, SLB-gesprekken, voorgangbeoordelingen, inhaalmomenten, enz. Voor elke buffer- en reflectieweek wordt een rooster tijdig bekend gemaakt. De onderwijsactiviteiten die gepland zijn in de lesweken, kun je vinden in de voorbeeldroosters van betreffende periode en leerjaar in de studiegids. Voorbeeld van een roosterplaatje Doorstroom van N3 naar N4 BBL /BOL Weekrooster (doorstroom) BBL/BOL BBL /BOL Dinsdag Thema-aansturing min (Samen-)werken aan opdracht Praktijkdag Praktijkdag Praktijkdag Praktijkdag min SLB uren en Stud werken aan LLB min. 420 min. 120 min. 420 min. 420 min Workshop min Ned./rekenen min. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 15
16 Beroepsgericht grofmazig leerplanschema / raamwerk: MZ BOL Verdeling beroepsprestaties in het Fasemodel C 2010 Niveau 4 : Persoonlijk begeleider Gehandicaptenzorg / Specifieke Doelgroepen DOORSTROOM: Periode MZ N4 GZ en SD / BOL-BBL Doorstroom Toetsing van kennis P1 BP 1.3 Planmatig werken BP 2.1 Geven van advies en voorlichting BP 2.5 Begeleiden en activeren van de individuele cliënt P2 BP 2.6 Plannen en uitvoeren van verpleegtechnische vaardigheden ( PBGZ) BP 3.1 Kwaliteitszorg en deskundigheidsbevordering BP 3.3 Activeren van de autonomie P3 BP 3.4 Regie voeren Aansturing Proeve(s) P4 PROEVE Fase 2 + 3?! Kwalificerend middels methodemix. Opmerking: GZ en SD. in periode 1 aanbod workshop VTH01 / 02 + SD.workshop ivm. BP 2.6??!! Er vindt met een bepaalde regelmaat een toetsing plaats over de kennis van de student MZ BBL/BOL Verdeling Kernactiviteiten en beroepsprestaties C 2008 / 2009 Doorstroom N4 Periode MZ N4 GZ. MZ N4 VW (SD) Toetsing P9 BP-17 Werk- en dagbesteding organiseren (KA.: Ondersteunen bij dagbesteding) BP-17 Werk- en dagbesteding organiseren (KA.: Ondersteunen bij dagbesteding) TOA (voor externe studenten) BP-21 Ondersteunen van de autonomie bij zelfzorg BP-21 Ondersteunen van de autonomie bij zelfzorg ( KA.: Ondersteunen bij de persoonlijke zorg) ( KA.: Ondersteunen bij de persoonlijke zorg) BP-22 Verpleegtechnische BP-22 Verpleegtechnische Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 16
17 P10 handelingen (alleen GZ. verplicht ) Kan/mag doorlopen in periode 10 en 11. BP-23 Ondersteunen van het sociale systeem (KA.: Ondersteunen bij wonen) BP-28 Ondersteuningsplan schrijven ( KA.: Regie voeren) BP-24 Kwaliteitszorg organiseren (KA.: Bevorderen van kwaliteit) BP-25 Ondersteunen van het sociale systeem (KA.: Regie voeren) handelingen (alleen GZ. verplicht ) Kan/mag doorlopen in periode 10 en 11. BP-23 Ondersteunen van het sociale systeem (KA.: Ondersteunen bij wonen) BP-28 Ondersteuningsplan schrijven ( KA.: Regie voeren) BP-24 Kwaliteitszorg organiseren (KA.: Bevorderen van kwaliteit) BP-25 Ondersteunen van het sociale systeem (KA.: Regie voeren) BP-26 Ondersteunen van de autonomie ( KA.: Regie voeren) BP-26 Ondersteunen van de autonomie ( KA.: Regie voeren) Evt. proef-ag. (voor externe studenten) P11 BP-27 Ondersteunen, coördineren en evalueren ( KA.: Regie voeren) BP-27 Ondersteunen, coördineren en evalueren ( KA.: Regie voeren) Start Proeve over alle kernactiviteiten Start Proeve over alle kernactiviteiten Proeve P12 Proeve Proeve Proeve over alle kernactiviteiten Evt. LLB. en NED Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 17
18 4.4 Alles over de beroepspraktijk De BPV vindt plaats in de vorm van een : POK. De student BOL loopt gedurende uur per week stage. Tijdens de praktijkdagen zal er gewerkt worden volgens de roostering van de stageplaats. Dit kan betekenen dat er onregelmatige diensten gewerkt moeten worden, dat kan gelden voor zowel ma- t/m vrijdag, als weekenddiensten. BOL: Gedurende deze opleiding is het schoolse leren en leren in de praktijk gecombineerd. (per week 1 dag leren op school, 4 dagen leren in de praktijk) zie BPV.-schema, Doorstroom BOL. Tijdens de schooldagen zijn ondersteunende lessen en SLB gepland volgens rooster. In de praktijk werk je aan de beroepsprestaties. Door de koppeling van school en praktijk, kun je steeds het geleerde meteen toepassen in de praktijk. Leren in de praktijk en leren op school zijn gekoppeld. Je kunt de opleiding alleen volgen in combinatie met een praktijkovereenkomst In de Praktijkovereenkomst (P.O.K.) wordt vastgelegd waar je de praktijk uitvoert en voor welke periode. School regelt de BPV./stageplaats. Afspraken BPV-plaatsen De BPV-plaatsen worden standaard geregeld vanuit het RBB. Het RBB maakt hierover afspraken met zorg -/welzijnsinstellingen in de regio. Je mag niet zelf een BPV-plaats zoeken. Ook als er iets wijzigt in je BPV-plaats of als je onverhoopt een andere plaats nodig hebt, dient dit altijd via het RBB te gaan. Werktijden en diensten Je volgt een opleiding in de zorg en welzijn. Dit is een 24-uurssector. Dat betekent dat je ook onregelmatige diensten en weekenddiensten draait. Hierbij wordt uiteraard rekening gehouden met de arbeidstijdenwet en afspraken in de CAO. Houd er rekening mee dat je minimaal een keer op een leerafdeling geplaatst kan worden. 4.5 Studiebelasting Wil je precies weten hoe de verdeling van de uren eruit ziet? Kijk dan in de bijlage bij TOP-model. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 18
19 5 Alles over de begeleiding 5.1 Begeleiding bij het leren op de opleiding Onder studieloopbaanbegeleiding verstaan we alle activiteiten die erop gericht zijn om studenten te begeleiden bij een resultaatgerichte studieloopbaan. Je krijgt een studieloopbaanbegeleider toegewezen met wie je de resultaten en ontwikkeling van je leerroute bespreekt. Deze studieloopbaanbegeleider heeft vanuit de opleiding een sleutelrol in je studieloopbaanplanning. -Je wordt begeleid bij het steeds meer zelfverantwoordelijk te nemen in je leren -Je wordt begeleid op het persoonlijk vlak. Je gaat dus: gericht informatie verzamelen over kenmerken, mogelijkheden en eisen van opleiding en beroep. inzicht krijgen in de eigen capaciteiten, interesses, waarden, persoonskenmerken en ontwikkeling van competenties. bovenstaande informatie over opleiding, beroep en eigen persoon eigen maken en op grond daarvan keuzes maken. reflecteren op evaluaties en beoordelingen daar acties aan verbinden. zorgen voor een gevuld (digitaal ) portfolio en een Persoonlijk Ontwikkel Plan waarin je je ontwikkeling zichtbaar maakt. Op basis hiervan maak je een Persoonlijk Activiteiten Plan. de bewijzen uit je portfolio laten zien aan de studieloopbaanbegeleider Deze zijn voorwaarde om aan examens te kunnen deelnemen. De SLB begeleider heeft hierin een adviserende rol. Individuele begeleiding krijg je van de studieloopbaan begeleider en je werkbegeleider op stage. Voorbeelden van individuele begeleiding zijn: je beginsituatie helder krijgen(sterkte -zwakte kanten van je competenties of beroepstaken), individuele leervorderingen bespreken, mogelijke bewijsstukken portfolio checken, persoonlijke leerstijl-tips, stage-ervaringen bespreken, feedback op (bijstelling) van persoonlijke leerdoelen en acties, portfolio Groepsgesprekken vinden plaats in de onderwijsgroep en zijn gericht op begeleiding die voor alle studenten min of meer gelijk zijn. Dit betreft leermanieren die zich goed lenen om met elkaar en van elkaar te leren, zoals bijvoorbeeld het bespreken van leerdoelen, het geven van algemene handreikingen, intervisie.. Uitgangspunten bij SLB: SLB is een vorm van begeleiding waarin de student wordt geleerd zelfverantwoordelijk te zijn voor zijn studieloopbaan. Bij de start van de opleiding neem je de student bij het handje, stuur je, geef je instructies, maak je afspraken met hem, en jij neemt vaker initiatief. M.a.w. je zit dicht op zijn huid. Geleidelijk aan zal het initiatief tot het vragen van begeleiding vanuit de student moeten gaan komen. In het begin van de opleiding zal deze ondersteuning gestructureerd en verplicht aangeboden worden, na verloop van tijd zal het initiatief voor ondersteuning meer van de student zelf uit moeten gaan. SLB is een proces waarin student en SLB-er werken aan het zo goed mogelijk doorlopen van de studie. Een proces dat af en toe afgeremd wordt omdat aan voorwaarden voor verdere ontwikkeling nog niet is Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 19
20 voldaan. Verschillen in individuen, achtergronden, aanleg, motivatie, groepssamenstelling en groepssfeer hebben invloed op de studieloopbaan van de student. De belangrijkste taak van de SLB-er is de student snel op weg te helpen. Begeleiden bij inzicht in en verantwoordelijkheid nemen voor zijn eigen studieloopbaan. Plannen Van belang is dat de SLB-er de student begeleidt bij zijn studie, maar geleidelijk aan de verantwoordelijkheid hiervoor steeds zoveel mogelijk bij de student laat liggen. De SLB-er zal vanaf het begin de student zeer intensief begeleiden. De student dient te ervaren dat de SLB-er hem dicht op de huid volgt, dat de SLB-er erg betrokken is bij zijn leerproces. De slb.'er is het eerste aanspreekpunt voor de student. De SLB dient vorm te krijgen vanaf de intake. In de intake wordt al belangrijke informatie aangeleverd, waaruit de SLB-er kan herleiden of een student een specifieke hulpvraag heeft. Bijvoorbeeld, bij dyslexie, kan er een maatregel bij toetsing getroffen worden. Daarom kan het van belang zijn dat de SLB-er de intakegegevens bekijkt. De SLB-er bekijkt steeds samen met de student wat er aan ondersteuning (maatwerk) nodig is. Studieloopbaanbegeleiding eindigt pas als de student uitgestroomd is. Stroomt een student door omstandigheden tussentijds uit, dan behoort daar ook begeleiding bij. In de benadering van de SLB-er naar de student toe is een duidelijke opbouw aanwezig. Van gestructureerd verplicht aanbod naar zelfsturend leren, dus begeleiden op momenten dat dit nog nodig is en op initiatief van de student. De slb. er heeft tevens een taak bij de begeleiding van de student op de praktijk/stage en is de slb. er, in deze, contactpersoon voor de betreffende praktijk-/stagebegeleider van de student. Uitgangspunt hierbij is, tav. het contact: bezoekfrequentie aan de praktijkplaats van de BBL.-student is 1x per schooljaar; bezoekfrequentie aan de stageplaats van de BOL.-student is 2x per schooljaar. Hiernaast kan het contact verlopen middels telefoon en /of mail. Bij calamiteiten rondom de student kan de frequentie van bezoek, van de slb. er aan de praktijkplaats, hoger zijn/worden, op jaarbasis. Middelen die worden ingezet om de doelen van SLB te bereiken Het portfolio (werkportfolio = ontwikkelingsportfolio) Gesprekken Groepsbijeenkomsten Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 20
21 5.2 Begeleiding bij een handicap, stoornis of belemmering Indicatie wordt bij aanvang of tijdens je studie gesteld. Er volgt een melding bij SS&B (Steunpunt Studie & Beperking) wat kan resulteren in extra begeleidingstijd binnen en/of buitenschools. Aard en omvang van de begeleiding worden bepaald in samenspraak met jou de school en SS&B. Heb je een REC (regionaal expertise centrum) indicatie en LGF (leerling gebonden financiering) dan kan er in overleg met SS&B gekeken worden of dit gebruikt kan worden voor extra begeleiding of voorzieningen. Waarbij in acht wordt genomen dat de leerling tot een beroepsbeoefenaar wordt opgeleid en ook als dusdanig zelfstandig moet kunnen functioneren. 5.3 Begeleiding bij het kiezen van een andere studie Tijdens het doorlopen van je studie kan je soms tot de conclusie komen dat een opleiding binnen de zorg niet haalbaar of wenselijk is. Dit kun je bespreken met je studieloopbaanbegeleider. Deze verwijst je door naar het loopbaancentrum. De zorgexpert van het loopbaancentrum gaat verder met je in gesprek en zal samen met jou (en je ouders/verzorgers) kijken naar de te nemen vervolg stappen. Bijv.: Beroepskeuze test, capaciteitentest en of mogelijk doorverwijzen naar 3 e lijnszorg. 5.4 Klachten Binnen Vitalis college is er een klachtenregeling. Deze kan op diverse momenten in werking gaan Je kunt een klacht in dienen via de studieloopbaan begeleider, vertrouwenspersoon of servicebureau Meer uitleg kun je vinden in het document Deelnemersstatuut-Klachtenregeling, zie bijlage 7 van dit document. En de klachtenregeling is ook te vinden op Portal. 5.5 Help: ik voel me bedreigd, geïntimideerd of gediscrimineerd Speciaal hiervoor zijn er binnen het Vitalis college een tweetal vertrouwenspersonen aangesteld. De verwijzing naar deze personen kan via de studieloopbaan begeleider, begeleiders, instructeurs, studentenloket of via het servicebureau Ook kan je zelfstandig hier contact mee zoeken. Aan het begin van je opleiding krijg je een folder met de namen van de vertrouwenspersonen en hoe en waar ze te bereiken zijn. Je meldingen worden in vertrouwen behandeld. De directeur van het Vitalis college wordt geïnformeerd over het aantal meldingen en de aard van die meldingen, dit gebeurd zonder de naam van de melder. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 21
22 6 Alles over de beoordeling We kennen twee soorten beoordelingen: Ontwikkelingsgericht beoordelen; beoordelen om te leren. Deze beoordelingen zijn onderdeel van het opleidingsprogramma. Kwalificerend beoordelen; beoordelen om te kijken of je voldoet aan de eisen voor een diploma. Deze beoordelingen vind je hieronder. T.a.v. beoordelen zijn alle partijen gebonden aan de regels van het Examenreglement CGO van ROC West-Brabant en de aanvullende regels van het ClusterWelzijn. Deze zijn te vinden op de portal. In de bijlage van deze OER zijn hiervoor links opgenomen. Onder punt 6.1 en 6.2 worden beide aspecten toegelicht. 6.1 Ontwikkelingsgericht beoordelen A. Beroepsgericht Tijdens de uitvoering van een Fase werk je aan de beroepsprestaties. Soms zijn die ontwikkelgericht als voorwaarde om aan een kwalificerend examen deel te nemen. Een aantal Beroepsprestatie / proeves zijn kwalificerend, d.w.z. het zijn examens die je voldoende moet af sluiten om je diploma te behalen. Ook de aftekenlijsten van de verschillende vakken en jouw portfolio zijn voorbeelden van een ontwikkelingsgerichte beoordeling. B. Nederlands, rekenen Format toetsplan Nederlands Vitalis college cohort 2011 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Niveau 4 Intake/instroom intaketoets lezen 1F/2F intaketoets luisteren 1F/2F intaketoets lezen 1F/2F intaketoets luisteren 1F/2F intaketoets lezen 1F/2F intaketoets luisteren 1F/2F intaketoets 2F/3F intaketoets luisteren 2F/3F Eindtoets eindtoets lezen 2F eindtoets luisteren 2F eindtoets schrijven 2F eindtoets lezen 2F eindtoets luisteren 2F eindtoets schrijven 2F eindtoets spreken 2F intaketoets 2F/3F* eindtoets lezen 3F (centraal vanaf 13/14) eindtoets luisteren 3F (centraal vanaf 13/14) eindtoets spreken eindtoets gesprekken *eindoordeel niv. 3 Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 22
23 Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Niveau 4 2F eindtoets gesprekken 2F 2F doorstroom als intake naar niv.4. eindtoets schrijven 3F eindtoets spreken 3F eindtoets gesprekken 3F Herkansing toets lezen 2F eindtoets lezen 2F toets lezen 3F toets luisteren 2F toets schrijven 2F toets spreken 2F eindtoets luisteren 2F eindtoets schrijven 2F toets luisteren 3F toets schrijven 3F toets spreken 3F toets gesprekken 2F eindtoets spreken 2F toets gesprekken 3F eindtoets gesprekken 2F Opmerkingen Intake en eindtoets volgens Meyerink. Voortgangstoets: eventueel jongerenversie of CEF. Voor schrijven, spreken en gesprekken wordt nog nader bekeken welke toetsingsmethode ingezet gaat worden. (TOA of eigen toetsen) MMZ / Niveau 4 Examenplan:rekenen Examencode Titel Examenvorm Kerntaak (niveau CEF.) Periode Plaats afname Rek-S-1 toetsing volgens referentiekader op 3F Rekenen vaardigheid Getallen, hoeveelheden, maten; ruimte en vorm; gegevens verwerken, onzekerheid; verbanden, veranderingen. Getallen, hoeveelheden, maten: Y1 Ruimte en vorm: X1 Gegevens verwerken, onzekerheid:x2 Verbanden, veranderingen: school Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 23
24 C. Loopbaan & burgerschap Code TOA 0- meting L&B N4 Domein L& b Soort / vorm beoordeling: Digitaal (meerkeuze) Uitslag per KT in % Proces Loopbaan n.v.t. Ontwikk eling aantone n Inhoud Duur Cesuur Aantal X Periode L&B Algemeen 30 zie TOA n.v.t. P1 min. (les) 2 Periode 2,3 of 4 Toelichting cesuur Per KT Verdiepende opdracht KT 3 t/m 7 Praktische uitvoering n.v.t. Ontwikk eling aantone n 2 Periode 2,3 of 4 Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 24
25 6.2 Kwalificerend beoordelen: examenplan A. Beroepsgericht 25
26 Team MMZ. volgt de ontwikkelingsgerichte en kwalificerende delen, zoals het Consortium deze aangeeft; zie ook grofmazig raamwerk / leerplanschema. BP. : Beroepsprestatie PR.: Proeve VV.: Verantwoordingsverslag AG.: Assessmentgesprek Ontwikkelscore: kleine, schuin gedrukte letter Normscore: hoofdletter, dikgedrukt Toetsplan Persoonlijk begeleider Gehandicaptenzorg / Specifieke Doelgroepen (Doorstroom) Crebocode: / cohort: 2010 BOL/BBL: BBL. en BOL. ROC West-Brabant, Vitalis college, Cluster Welzijn Toetsnaam/-code TOA-NL-Lezen TOA-NL-Luisteren TOA-Rekenen TOA-LB BP-M-1.3 Planmatig werken BP-M-2.1 Geven van advies en voorlichting BP-M-2.5 Begeleiden en activeren van de Kwalificerend Setting School BPV Toetsvorm Periode afname Aantal kansen Bijzonder -heden X Schriftelijk 1 1 Alleen externe studenten X Schriftelijk 1 1 Alleen externe studenten X Schriftelijk 1 1 Alleen externe studenten X Schriftelijk 1 1 Alleen externe studenten x Opdracht 1 2 X Opdracht 1 2 X Opdracht 1 2 Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 26
27 individuele cliënt BP-M-2.6 Plannen (X) X Opdracht 2 2 en uitvoeren van verpleegtechnische vaardigheden (PBGZ.) BP-M-3.1 X Opdracht 2 2 Kwaliteitszorg en deskundigheidsbevo rdering BP-M-3.3 Activeren X Opdracht 2 2 van de autonomie BP-M-3.4 Regie X Opdracht 3 2 voeren Toetsen Nederlands X Schriftelijk 4 2 Proeves X X X Methodemix Assessment 4 2 Cohort 2009: P11 proef-ag. Start Proeve over alle kernactiviteiten Start Proeve over alle kernactiviteiten (voor externe studenten) P12 Proeve Proeve Proeve over alle kernactiviteiten Evt. LB. en NED B. Nederlands, rekenen Code: Examen Inhoud Toets vorm Nederlands Mondelinge Ne-Ataalvaardigheid 1 Spreken Ne-A- 2 Ne-A- 3 Mondelinge taalvaardigheid Luisteren Mondelinge taalvaardigheid Gesprekken voeren Duur Cesuur Weging Aantal X Periode Plaats Mondeling 10 MIN 3F: 5 van 6 2 P11-12 School Digitaal 60 MIN TOA Mondeling 90 MIN 3F: P11-12 School 2 P11-12 School Ne- A- Leesvaardigheid Digitaal 60 MIN TOA 2 P11-12 School 4 Ne- A- Schrijfvaardigheid Digitaal 60 MIN TOA 2 P11-12 School Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 27
28 Code: Examen Inhoud Toets vorm 5 Ne-A- Taalverzorging en 6 begrippenlijst Re- A- 1 Eng Rekenen Getallen Verhoudingen Meten en meetkunde Verbanden Engels Luisteren Lezen Gesprekken voeren Spreken Schrijven Duur Cesuur Weging Digitaal 60 MIN 3F:65 van 70 Aantal X Periode Plaats 2 P11-12 School Digitaal 90 min TOA 2 P11-12 School Toelichting cesuur C. Loopbaan & burgerschap Code: Examen Inhoud Toets vorm Document kwalificatie Portfolio portfolio L&B- eisen L&B met bewijzen Toelichting cesuur Duur Cesuur Weging Alles aangetoo nd Aantal X Periode Plaats 2 P11-12 School Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 28
29 6.2 Beoordeling en je portfolio Tijdens de uitvoering van een kernactiviteit of Fase werk je aan beroepsprestaties. Deze zijn ontwikkelgericht als voorwaarde om aan een kwalificerend examen deel te nemen. Een aantal Beroepsprestatie / Proeves zijn kwalificerend, d.w.z. het zijn examens die je voldoende moet afsluiten om je diploma te behalen. Iedere beroepsprestatie moet je geheel voldoende aantonen op een bepaald niveau. Als daaraan is voldaan, gaat dat bewijs in je portfolio. De docent die je begeleidt bij deze beroepsprestaties volgt je vorderingen nauwlettend en geeft een go of / no go om door te gaan naar de volgende stap van de opdracht. Eerst maak je een plan (hoe, wat en wanneer). We noemen dit een wegwijzer. Daarna verzamel je bewijzen. Dan laat je de Beroepsprestaties beoordelen door de beoordelaar / werkbegeleider in de praktijk. Je studievoortgang maak je inzichtelijk in je (ontwikkel-)portfolio. Onderdelen van het portfolio zijn het POP, het PAP, reflectie- en procesverslagen, bewijzen van competent handelen en geleverde beroepsproducten. Je portfolio geeft dus inzicht in je studievoortgang en je eigen leerproces. Je studieloopbaanbegeleider volgt/begeleidt dit proces. Samenvattend: 1. Voorwaardelijk/ ontwikkelingsgericht De aftekenlijsten van de lessen die je voldoende afrond zijn voorwaardelijk. De ontwikkelingsgerichte beroepsprestaties en de beoordeling hiervan zijn voorwaardelijk De voldoende beoordeling van je ontwikkelportfolio door de Studieloopbaanbegeleider is voorwaardelijk 2. Kwalificerend De kwalificerende beroepsprestatie(s) / proeves moeten volledig voldaan zijn afgetekend door de beoordelaars op stage / werksituatie, inclusief de reflectieverslagen hiervan door een objectieve beoordelaar binnenschools. Het assessment gesprek. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 29
30 6.3 Studievoortgang Naast de resultaten die in de voortgangsregeling genoemd worden dien je 100 % op school aanwezig te zijn. Indien je hier niet aan voldoet loop je eventuele studievertraging op en kun je niet deelnemen aan het kwalificerende deel. Als je achterloopt met de gangbare looptijd van het onderwijs wordt met je studieloopbaanbegeleider bekeken wat het vervolg van je onderwijstraject wordt. Het examenbureau stelt je voortgang vast in overleg met de clusterexamencommissie. Bij het examenbureau kun je tevens een aanvraag doen om te onderzoeken of je recht hebt op vrijstellingen ten aanzien van examenonderdelen. Recente relevante diploma s of relevante eerder verworven competenties/kwaliteiten kunnen je opleidingstraject verkorten. In het document Examenreglement ROC WB versie competentiegericht onderwijs van het Vitalis college ( kun je de vrijstellingsgronden terugvinden. Voortgangsregeling: Overgangsregelingen voor: MMZ. Betreffende: een combinatie van behaalde Beroepsprestaties kennistoetsen L(L) B activiteit / actie / presentaties / reflecties etc. Volgens het Raamwerk; Verder geldt: Voortgangsregeling tav. studievoortgang: Vanaf Cohort 2010 Fasemodel Gemaakte afspraken: We hebben drie Kwalificerende momenten gedurende de opleidingen; zie grofmazig raamwerk / leerplan. Deze zijn leidend sturend gedurende de opleiding. Behalve de Doorstroom-opleiding; deze heeft één kwalificerend deel, aan het einde van het Doorstroom-jaar. Ieder kwalificerend moment bestaat uit de methodemix; drie onderdelen, namelijk: - Kwalificerende BP. / Proeve - Verantwoordingsverslag - Assessmentgesprek op school De student moet op al deze onderdelen, vlgs. de normscore voldoende / aangetoond scoren mbt. werkproces(sen) en competentie(s). Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 30
31 Indien dit niet het geval is volgt: herkansing of reparatie. (zie Handleiding Kwalificering algemeen.) De (ontwikkelingsgerichte -)beroepsprestaties zijn voorwaardelijk aan ieder kwalificerend moment van elke Fase. De aan de beroepsprestaties gekoppelde ondersteunende onderwijsactiviteiten dienen als voldoende afgetekend te zijn ( door docent / slb. er). De Voortgangstoetsen met betrekking tot kennis en toepassing van die kennis vinden plaats aan het einde van iedere periode; van p.1 t/m p.6. Voor deze toetsen moet de student een voldoende scoren en hij/zij mag deze toetsen 2 keer herkansen ten einde een voldoende als resultaat te behalen. De status van het LW (Leer-en Werkhouding)-formulier is alsvolgt: het is een middel om de student te ondersteunen en te begeleiden in zijn leerproces, zowel binnen- als buitenschools ( in de praktijk/bpv.) Kan ook als middel gebruikt worden, bij o.a. begeleidingsgesprekken en voortgangsgesprekken, zowel binnen- als buitenschools. 6.4 Examens en het diplomeren De examens hebben betrekking op: alle kerntaken uit het kwalificatiedossier alle kerntaken uit het document Loopbaan en Burgerschap Het cluster Welzijn gebruikt producten van de Stichting Consortium Beroepsonderwijs - Zorg en Welzijn - als leidraad voor de invulling van het onderwijs. De Kerntaken uit het kwalificatiedossier zijn opgenomen in de verschillende kernactiviteiten-fasen (1-2-3). Deze producten worden ingezet om de examens vorm te geven. De examens worden dus afgesloten per kernactiviteit of per Fase. a) Per kernactiviteit / Fase bestaat het examen uit een methodemix van deze onderdelen: de beroepsprestatie(s) en/of de proeve. een reflectie-/verantwoordingsverslag volgens de STARRT- methodiek een assessement gesprek b) Bij de kerntaken Loopbaan en Burgerschap bestaat het examen uit opdrachten per kerntaak Om je diploma te behalen moet je alle kernactiviteiten / Fasen en kerntaken met een voldoende afsluiten. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 31
32 6.5 Hoe is de organisatie van de examinering geregeld? Procedures De clusterexamencommissie verstrekt tijdig voor aanvang van een periode de opdrachten, betrekking hebbend op die periode, die ertoe moeten leiden dat: tijdig bekend is welke toetsen en examens wanneer en waar worden aangeboden; bekend is wie mag deelnemen c.q. geacht wordt deel te nemen aan een toets; de toetsentiteit tijdig beschikbaar is; de vereiste lokaliteiten beschikbaar en in orde zijn; de vereiste examinatoren en surveillanten beschikbaar zijn. Binnen het cluster Welzijn regelt het clusterexamenbureau de organisatie van examens, de registratie van beoordelingen/ resultaten en het uitschrijven van diploma s. In het examenplan zijn de kwalificerende beoordelingen vastgelegd. De ontwikkelingsgerichte beoordelingen geven sturing aan je leer- en ontwikkelproces. De bewijslast hiervan bewaar je in je (digitale) ontwikkelingsportfolio. In je beoordelingsportfolio verzamel je alle documenten waarop je beoordeeld wordt. Voor het cluster examenbureau zijn alleen deze documenten van belang. Het clusterexamenbureau legt van iedere student een examendossier aan. Dit blijft eigendom van het examenbureau. Er is een centrale examenregeling ROC West-Brabant. Deze kun je vinden op de site kies MBO >> studenteninfo >> examenreglement >> B. Examenreglement ROC WB versie competentie gerichtonderwijs. In deze regeling zijn de examenrechten van studenten vastgelegd in 2 hoofdstukken en 3 bijlagen: - De regeling en de organisatie van de examens - Bezwaar en beroep - Bijlage 1: Begrippenlijst - Bijlage 2: Examencommissies - Bijlage 3: Afwijkende toetsing en examinering We adviseren je dit document aandachtig door te nemen. De clusterexamencommissie Welzijn bestaat uit: Voorzitter: Yvonne Vincenten Secretaris: E. Koulman Leden: Team Zorghulp en Helpende M. van Bezouw Team MMZ.: J. van Gils Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 32
33 De clusterexamencommissie houdt zich bezig met: het verbeteren van de kwaliteit van de examens het organiseren van binnensschoolse examens het uitvoeren van regelingen die bestaan rondom examens zoals: het verlenen van vrijstellingen het aanwijzen van examinatoren en simulatie cliënten het verwerken van verzoeken om versnelling/ vertraging / opstroom / afstroom het vaststellen van resultaten van de deelnemer en de consequenties hiervan voor de voortgang het in eerste aanleg behandelen van klachten m.b.t. de examinering. het verstrekken van diploma s en certificaten 6.6 Welke resultaten/bewijzen bewaart de school? In je portfolio bewaar je al je bewijzen ten aanzien van examinering. Op school bewaren we deze bewijzen voor de onderwijsinspectie en voor jouw zekerheid. Alle bewijzen (examenproducten) worden voor zover mogelijk zes maanden na diplomering bewaard. De vastgestelde resultaten worden verwerkt in een prestatieregistratiesysteem. Na diplomering bewaren we een kopie van je diploma. Na zes maanden worden alle bewijzen door het cluster examenbureau vernietigd. 6.7 Waar kun je terecht als je het met een beslissing niet eens bent? In uitzonderlijke gevallen kan het voorkomen dat je het niet eens bent met de einduitslag van een examen of de manier waarop je bent beoordeeld. Je dient dan binnen 14 dagen na bekendmaking van de uitslag je bezwaar schriftelijk te melden bij de cluster examencommissie. Dit geldt alleen voor de kwalificerende beoordeling (de examens), dus niet voor andere vormen van beoordeling tijdens je studieloopbaan. Voor die gevallen ga je naar je studieloopbaanbegeleider. Het klachtenformulier vind je op de website van het Vitalis college Ben je het niet eens met de uitspraak van de clusterexamencommissie dan kun je een brief aan de Centrale examencommissie schrijven. In het examenreglement van het ROC-West-Brabant is een klachtencommissie examens opgenomen. Hier kun je terecht met zaken waarover je het binnen het Vitalis college niet eens kunt worden. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 33
34 7 Inspectie De inspectie van het onderwijs is belast met de kwaliteitscontroles op de examens. Hiervoor wordt een jaarlijks terugkerende audit gehouden. Resultaten van de audits worden gepubliceerd op de websites van de inspectie en van ROC West-Brabant. 8 Addendum In een addendum vind je alle aanpassingen en wijzigingen, die na het vaststellen en bekendmaken van een OER nog worden doorgevoerd. Zodra de aanpassing bekend is wordt deze opgenomen in een aangepaste versie en gepubliceerd. Je kunt er als student op vertrouwen dat je nooit de dupe zult worden van het ontbreken van informatie. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 34
35 Bijlagen 1. Begrippenlijst 2. Examinering Nederlandse taal, rekenen 3. Kwalificatie eisen loopbaan & burgerschap in het MBO, studiejaar Top -model 5. Diverse documenten op de website Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 35
36 1. Begrippenlijst Begrip Begeleiding Bewijsstukken Competentie Competentie scoretabel Complexiteit van de beroepscontext Definitie Begeleiding is de professionele ondersteuning van de student, gericht op competentieontwikkeling, eigen verantwoordelijkheid en zelfstandigheid van de student. Mate van begeleiding Geleid In een geleide beroepssituatie krijgt de student opdrachten en instructie van de begeleider. De student volgt bij het uitvoeren van werkzaamheden de aangereikte richtlijnen, procedures en protocollen. Begeleid n een begeleide beroepssituatie is er overleg met de begeleider over de aanpak van de uitvoering. De student doet zelf onderzoek en komt met voorstellen voor de uit te voeren werkzaamheden, daarbij gebruikmakend van bestaande richtlijnen, procedures en pr Zelfstandig Bij het zelfstandig functioneren in een beroepssituatie handelt de student naar eigen inzicht, rekening houdende met de geldende richtlijnen, procedures en protocollen. Informatie of resultaten verkregen in de beroepspraktijk na het uitvoeren van beroepsprestaties of een proeve. Op grond van bewijsstukken kan de beoordelaar competentieontwikkeling vaststellen. Hierbij is informatie noodzakelijk over de complexiteit van d Een competentie is een specifiek ontwikkelbaar vermogen van een individu bestaande uit kennis, inzicht, houding en vaardigheden. Een instrument waarin competentieontwikkeling van een student geregistreerd staat, uitgedrukt in ontwikkelscore r-p-t of normscore R- P-T op het niveau van een kernactiviteit of opleidingsniveau. Gesloten context De complexiteit van de beroepssituatie is een enkelvoudige, redelijk voorspelbare context. Dat betekent dat de student zijn feitenkennis kan toepassen in een concrete situatie en onder begeleiding. De student kan terugvallen op regels, procedures en proto Open context Een open context kan van diverse aard zijn. De beroepscontext is minder voorspelbaar. Er kan sprake zijn van meervoudige problematiek en dienstverlening. Dat betekent dat de student kennis verwerft en procedures eigen maakt en deze flexibel kan inzetten e. Complexe context In een complexe context is er sprake van onvoorspelbare en meervoudige problematiek. De student kan totale kennis- en handelingsrepertoire inzetten. Beheerst de situatie zelfstandig en reguleert en werkt oplossingsgericht. Is in staat tot een helikoptervi Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 36
37 Assessment gesprek Een toetsvorm waarin beoordelaars of assessoren een gesprek voeren met de student over zijn competentieontwikkeling aan de hand van de STARRT- methode.bewijsstukken van beroepsprestaties/ proeve en reflectieverslag zijn input voor dit gesprek. De beoordeling vindt plaats op grond van geldende prestatieindicatoren uit het kwalificatiedossier. Beoordelen om te leren of ontwikkelingsgericht beoordelen. Ontwikkelingsgerichte toets Kwalificatie dossier De beschrijving van de startpositie van de beginnende beroepsbeoefenaar op de arbeidsmarkt en in de maatschappij. Het kwalificatiedossier beschrijft de kerntaken van de beroepsopleiding. Iedere kerntaak is opgebouwd uit werkprocessen. Aan de werkprocessen zijn generieke competenties verbonden. In welke mate de competenties beheerst zullen worden staat beschreven in de prestatie-indicator. Methodenmix Normscore R-P-T Ontwikkelscore r-p-t POP PAP De combinatie van verschillende vormen van assessment (of vormen van examinering) binnen de summatieve beoordeling van competenties. Normscore, ook wel kwalificerende score genoemd, wil zeggen dat de student bij de beoordeling aan de vereiste beoordelingscriteria moet voldoen. Deze zijn afgeleid van de prestatie-indicatoren uit het kwalificatiedossier. Bij een normscore voldoet de student aan de criteria die verwijzen naar de competenties van een beginnende beroepsbeoefenaar De normscore staat in de beoordelingslijst met een grote vetgedrukte hoofdletter R, P of T. De ontwikkelscore geeft aan dat de student zich ontwikkelt en nog niet hoeft te voldoen aan de kwalificerende norm voor competentiebeheersing.de student heeft nog begeleiding nodig. Hij kan zich nog ontwikkelen in de gewenste richting, hij heeft nog even de tijd. De ontwikkelscore geeft echter wel inzicht in de mate van ontwikkeling richting de normscore. Is er vooruitgang aanwezig, staat de student even stil in zijn groei, met welke competenties heeft hij meer/ minder moeite? De ontwikkelscore staat vermeld met een kleine letter en cursief gedrukte r, p of t. Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP) en een Persoonlijk Activiteitenplan (PAP). In het POP beschrijft de student zijn competentieontwikkeling, leerstijl, leerdoelen op korte- en lange termijn. In het PAP beschrijft de student op welke wijze, waar, wanneer hij zijn competentieontwikkeling, leerdoelen en dergelijke verwezenlijkt. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 37
38 Portfolio Competentiebeheersingsniveaus Proeve Prestatie-indicator SLB-er, SLB Een portfolio biedt een overzicht van de individuele leer- en werkervaringen, onderbouwd met bewijsstukken en gerelateerd aan de eisen uit het beroepenveld en de opleiding. Een portfolio bevat normaal gesproken: persoonlijke gegevens, een overzicht van relevante ervaringen, een overzicht van verworven competenties met bewijzen en conclusies. Veelal wordt onderscheid gemaakt tussen het ontwikkelingsdeel en het kwalificerende deel van het portfolio. Een portfolio is te beschouwen als een registratiesysteem waarin verschillende vormen van beoordeling opgenomen kunnen worden, zoals observatielijsten, fotomateriaal, beoordelingslijsten, reflectieverslagen en resultaten van beroepsprestaties en proeven van bekwaamheid. Op Reproductief niveau voert de student een taak uit onder begeleiding.die taak wordt uitgevoerd volgens standaardprocedures en voorschriften. De student heeft vaak een instructie of rolmodel nodig.de student verwerft kennis en vaardigheden én hij ontwikkelt een passende beroepshouding. Op Productief niveau voert de student de taak deels op eigen initiatief uit. Hij lost problemen op en bedenkt oplossingen voor nieuwe problemen.hij vraagt advies ten aanzien van de oplossingen. Hij heeft minder structuur nodig om zelfstandige activiteiten te ondernemen. Bij Transfer gedrag voert de student binnen zeer uiteenlopende beroepssituaties taken zelfstandig uit.hij past kennis, houding en vaardigheden toe. Hij ziet verbanden en kan die uitleggen. De student is proactief en zijn oplossingen zijn origineel en deskundig binnen de grenzen van het beroep. De proeve is een toetsvorm die de student de gelegenheid biedt om te demonstreren dat hij over de benodigde competenties beschikt. Het gaat hier om een grote integrale opdracht waarin de student voor uitdagingen, dilemma s, onverwachte situaties, keuzes wordt gesteld die een beroep doen op de inzet van verschillende competenties. Deze worden integraal getoetst en meestal beoordeeld in de beroepspraktijk. De prestatie-indicator geeft de mate van competentiebeheersing aan binnen een werkproces. Met de prestatie-indicator van de competentie meet de beoordelaar of het resultaat en het daaraan voorafgaande proces is aangetoond. Een prestatie-indicator is op gebouwd uit beheersingscriteria met daaruit voortvloeiend het uiteindelijke resultaat. Een SLB-er is de afkorting van studieloopbaan begeleider. Dit is een begeleider die de student begeleidt tijdens het opleidingstraject. Begeleiding geven aan groepen studenten en/of individuele student met als doel het leerproces van de student(en) te begeleiden afgestemd op de specifieke behoeften en vragen van de student, zodat de student in staat is zelfstandig te functioneren en zodangekwalificeerd is met een certificaat of diploma dat hij/zij reële kansen heeft op de arbeidsmarkt. Uitgangspunt hierbij is dat de student de verantwoordelijkheid draagt van zijn/haar leerproces. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 38
39 Kwalificerend examen Verantwoordelijkhe id Wegwijzer Werkproces Beoordelen om te kwalificeren. De summatieve toetsing dient beschreven te zijn in het Onderwijs Examen Reglement (OER). De summatieve toetsing voldoet aan de hiervoor geldende wettelijke regels. De rol of verantwoordelijkheid die een student draagt tijdens de uitvoering van een werkproces varieert van: De mate van verantwoordelijkheid Uitvoering eigen takenpakket De beroepsbeoefenaar is vakman/vakvrouw en vervult uitvoerende en ondersteunende taken. Binnen Zorg en Welzijn is iedere beroepsbeoefenaar verantwoordelijk voor zijn/haar eigen werk. Beroepshandelingen worden met zorg en toewijding uitgevoerd. Samenwerking met collega s Afhankelijk van het opleidingsniveau draagt de beroepsbeoefenaar verantwoordelijkheid voor de sfeer en de wijze waarop collega s met elkaar samenwerken Aansturing op lager niveau De verantwoordelijkheid van de beroepsbeoefenaar kan zich beperken tot het eigen functioneren binnen het eigen takenpakket, maar kan zich ook uitstrekken tot het werk van anderen doe op een lager niveau werken. Dit hangt samen met het niveau van de opleid De hele zorg- en begeleidingscyclus Naarmate het niveau hoger is, zijn de werkzaamheden divers van aard. De beroepsbeoefenaar heeft inzicht in meerdere werkprocessen. Stemt diensten op elkaar af en coördineert werkzaamheden. De beroepsbeoefenaar beschikt over een helikopterview. Begeleidingsinstrument (kompas) aan de hand waarvan de student planmatig leert en werkt volgens de fases Oriënteren, Plannen, Uitvoeren, Controleren en Reflecteren. Een geheel aan beroepshandelingen gericht op een specifiek doel binnen de beroepspraktijk, vastgelegd in het kwalificatiedossier. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 39
40 2. Examinering Nederlandse taal en rekenen Cohorten vanaf 2010 Generiek versus Beroepsspecifiek (Bron: Steunpunt Taal & Rekenen MBO mei 2010) Examinering van generieke taal- en rekenvaardigheden voor mbo 4 t/m 2012/2013 en voor mbo 1, 2 en 3 t/m 2013/2014 Voor deelnemers die én vanaf 2010/2011 starten in een eindtermendocument of kwalificatiedossier én examen doen vóór 2013/2014 (mbo 4) of vóór 2014/2015 (mbo 1 t/m 3) geldt dat de kennis en vaardigheden Nederlandse taal en rekenen behorend bij het generiek vereiste referentieniveau (2F voor mbo 1, 2 en 3; 3F voor mbo 4) via instellingsexamens moeten worden aangetoond. De contexten die voor de instellingsexamens worden gebruikt, kunnen ontleend worden aan maatschappelijke situaties en aan algemene of specifieke beroepssituaties. De generieke taal- en rekenvaardigheden kunnen zowel afzonderlijk worden geëxamineerd als geïntegreerd in beroepsgerichte examens. Voorwaarde voor geïntegreerde examinering is dat de beheersing van het betreffende referentieniveau wordt beoordeeld met afzonderlijke beoordelingsvoorschriften en cesuur. Vanaf 2011/2012 kan de instelling niveau 4 deelnemers mee laten doen aan de centraal ontwikkelde pilotexamens voor lezen, luisteren en rekenen op niveau 3F. Vanaf 2012/2013 geldt dit voor niveau 1, 2 en 3 deelnemers voor nog nader te bepalen (sub-)domeinen op niveau 2F. Binnen nog vast te stellen landelijke minimum- en maximumgrenzen bepaalt de instelling zelf de aantallen deelnemers aan de pilots. De pilotexamens gelden als instellingsexamen. De (sub-) domeinen die niet via de pilotexamens worden geëxamineerd worden altijd via een instellingsexamen geëxamineerd. Examinering van generieke taal- en rekenvaardigheden voor mbo 4 vanaf 2013/2014 en voor mbo 1, 2 en 3 vanaf 2014/2015 Vanaf 2013/2014 (mbo 4) en 2014/2015 (mbo 2 en 3) nemen alle deelnemers verplicht deel aan de centraal ontwikkelde examens. Voor mbo 1 wordt in 2014 besloten over wel of geen centraal ontwikkelde examens. De centraal ontwikkelde examens betreffen voor mbo 4 alle domeinen van rekenen en de (sub)domeinen leesvaardigheid en luistervaardigheid van Nederlandse taal. Voor de overige (sub)domeinen mondelinge taalvaardigheid (spreekvaardigheid en gespreksvaardigheid), schrijven en begrippenlijst en taalverzorging blijft de examinering via een instellingsexamen. Voor mbo 2 en 3 is nog geen besluit genomen over de (sub-)domeinen waarvoor centraal ontwikkelde examens komen. Examinering van beroepsgerichte taal- en rekeneisen voor vanaf augustus 2010 startende deelnemers van alle niveaus Naast de generieke taal- en rekeneisen (referentieniveaus) zoals beschreven in deel B van het kwalificatiedossier vraagt het beroep waarvoor de deelnemer wordt opgeleid vaak om specifieke taalen rekenvaardigheden. Deze staan beschreven in deel C bij de beschrijving van kerntaken en (binnen) werkprocessen. In deel D is met een tabel toegelicht op welk niveau de specifieke beroepsgerichte taal en rekenvaardigheden zich bevinden. De informatie in deel D is bedoeld ter verantwoording en ter toelichting ten behoeve van het onderwijs. Voor examens zijn alleen de kwalificatie-eisen in deel B en C van belang. Beroepsgerichte taal- en rekeneisen hoeven niet apart te worden geëxamineerd en beoordeeld. Ze zijn impliciet verweven in de beroepscompetenties. Wanneer in het examen aangetoond is dat een deelnemer de kerntaken en werkprocessen beheerst dan is het vanzelfsprekend dat ook de onderliggende, voorwaardelijke taal- en rekencomponenten beheerst worden. Dat neemt niet weg dat het instellingen vrij staat om in afzonderlijke examens te beoordelen of de beroepsgerichte taal- en rekenvaardigheden worden beheerst. Net zoals de instelling de vrijheid heeft om met afzonderlijke examens te beoordelen of bepaalde vakkennis wordt beheerst. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 40
41 3. Kwalificatie-eisen loopbaan & burgerschap in het MBO studiejaar Het overgangsregime in afwachting van wetgeving 1.1 De politiek-juridische dimensie De politiek-juridische dimensie betreft de bereidheid en het vermogen om deel te nemen aan politieke besluitvorming. Hierbij gaat het om de participatie in formele zin (stemmen bij officiële verkiezingen) en meer (inter)actieve vormen van betrokkenheid bij besluitvorming op verschillende politieke niveaus (Europees, landelijk, regionaal, gemeentelijk, buurt). Maar ook om actuele, meer op issues gerichte vormen van politieke participatie, zoals duurzaamheid, veiligheid, internationalisering, ondernemerschap, interculturaliteit en levensbeschouwing. Hiervoor is nodig dat een student inzicht heeft in de onderwerpen die voor hem van belang zijn en waarover politieke besluiten worden genomen, in de verschillende meningen en opvattingen die erover bestaan en in de verschillende belangen die daarbij een rol spelen. De student (h)erkent de basiswaarden van onze samenleving, leert omgaan met waardendilemma s en hanteert de basiswaarden als richtlijn en uitgangspunt in zijn meningsvorming en bij zijn handelen. De student heeft kennis over en inzicht in de volgende onderwerpen die bij de politiek-juridische dimensie aan bod komen: de kenmerken en het functioneren van een parlementaire democratie, de rechtsstaat en het rechtssysteem, de rol van de overheid, de belangrijkste politieke stromingen en hun maatschappelijke agenda s, de rol en de invloed op de politieke besluitvorming van belangengroeperingen en maatschappelijke organisaties, de invloed van de Europese Unie op het Nederlandse overheidsbeleid en daarmee op de Nederlandse samenleving, en de rol en de invloed van de (massa)media. 1.2 De economische dimensie De economische dimensie is in twee deelgebieden uitgesplitst en heeft betrekking op - de bereidheid en het vermogen om een bijdrage te leveren aan het arbeidsproces en aan de arbeidsgemeenschap waar men deel van uitmaakt; - de bereidheid en het vermogen om op adequate en verantwoorde wijze als consument deel te nemen aan de maatschappij. Hierbij gaat het om het adequaat functioneren op de arbeidsmarkt en binnen een bedrijf en om het verantwoord handelen op de consumptiemarkt. Voor het adequaat functioneren op de arbeidsmarkt en binnen een bedrijf is nodig dat een student zich algemeen aanvaarde regels en standaard (bedrijfs)procedures eigen maakt en zich daaraan houdt. De student kent de rechten en plichten van de beroepsbeoefenaar en stelt zich collegiaal op. Voor het functioneren als kritisch consument is nodig dat een student weet hoe hij informatie over producten en diensten kan verzamelen om een weloverwogen keuze te kunnen maken. Hij heeft inzicht in zijn eigen wensen in relatie met zijn financiële speelruimte. En het is nodig dat hij bij de aanschaf van producten en diensten afwegingen kan maken met betrekking tot maatschappelijke belangen zoals duurzaamheid en gezondheidsaspecten. De student heeft kennis over en inzicht in de volgende onderwerpen die bij de economische dimensie aan bod komen: de maatschappelijke functies en waardering van arbeid, de factoren die van invloed zijn op de bedrijfscultuur, de arbeidsverhoudingen in Nederland, de rol en de invloed van branche- of vakorganisaties, de rol van de overheid op het gebied van arbeid, de verzorgingsstaat en de consumentenmarkt, de belangrijkste principes van budgettering, kenmerken van duurzame consumptie en productie, de rol en de invloed van consumentenorganisaties, de invloed van de media op het bestedingspatroon van consumenten. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 41
42 1.3 De sociaal-maatschappelijke dimensie De sociaal-maatschappelijke dimensie heeft betrekking op de bereidheid en het vermogen om deel uit te maken van de gemeenschap en daar een actieve bijdrage aan te leveren. Het gaat hier om het adequaat functioneren in de eigen woon- en leefomgeving, in zorgsituaties en in de school; om de acceptatie van verschillen en culturele verscheidenheid. Om adequaat te kunnen functioneren in de sociale omgeving is het nodig dat de student de aspecten van breed geaccepteerde sociale omgangsvormen kent en deze kan toepassen in verschillende situaties. De student heeft inzicht in de kenmerken van verschillende culturen. In zijn opvattingen en gedrag toont hij respect voor culturele verscheidenheid. De student heeft kennis over en inzicht in de volgende onderwerpen die bij de sociaal-maatschappelijke dimensie aan bod komen: de grondrechten en plichten in Nederland, kenmerken van de verschillende (sub)culturen in Nederland, kenmerken van en oorzaken van spanningen tussen verschillende (sub)culturen en bevolkingsgroepen in Nederland, kenmerken van ethisch en integer handelen, en het doel en de invloed van sociale en professionele netwerken. 1.4 De dimensie vitaal burgerschap De dimensie vitaal burgerschap heeft betrekking op de bereidheid en het vermogen om te reflecteren op de eigen leefstijl en zorg te dragen voor de eigen vitaliteit als burger en werknemer. Hierbij gaat het om de zorg voor de eigen vitaliteit en fitheid. Daarbij is een belangrijke taak om de juiste afstemming te vinden tussen werken, zorgen (voor jezelf en voor anderen), leren en ontspannen. De student heeft kennis over en inzicht in de volgende onderwerpen die bij de dimensie vitaal burgerschap aan bod komen: de kenmerken van een gezonde leefwijze waaronder de nationale norm gezond bewegen en de aard, plaats en organisatie van gezondheidsbevorderende activiteiten in de samenleving en het arbeidsproces. Om zorg te kunnen dragen voor de eigen gezondheid is het nodig dat de student zich bewust is van zijn eigen leefstijl, gezondheidsrisico s van leefstijl en werk in kan schatten, op basis daarvan verantwoorde keuzes kan maken en activiteiten onderneemt die bijdragen aan een gezonde leefstijl. Het gaat naast bewegen en sport ook om aspecten als voeding, roken, alcohol, drugs en seksualiteit. 2 Loopbaan Loopbaanoriëntatie en -ontwikkeling draagt maatschappelijk gezien bij aan employability en ondernemerschap. Daarnaast draagt de loopbaanoriëntatie en -ontwikkeling bij aan de persoonlijke ontplooiing. Het gaat hierbij om het sturing geven aan het vinden van betekenisvol werk of vervolgonderwijs dat aansluit op de eigen kwaliteiten, mogelijkheden, waarden en motieven. Daarvoor is nodig dat een student inzicht heeft in de eigen kwaliteiten, mogelijkheden, waarden en motieven. Maar het vereist ook oriëntatie op en inzicht in de mogelijkheden die de arbeidsmarkt biedt. De student is in staat de eigen kwaliteiten, mogelijkheden, waarden en motieven te vergelijken met gevraagde waarden en kwaliteiten van verschillende soorten werk. Ook oriëntatie op mogelijke doorstroomtrajecten in het vervolgonderwijs (hbo, een volgend niveau in het mbo of andere scholingsmogelijkheden) en op ondersteuningsmogelijkheden ten behoeve van de loopbaanontwikkeling zijn hierbij van belang. Op basis van de vergelijking komt de student tot weloverwogen keuzes en vervolgstappen om gemaakte keuzes te realiseren. De elementen die bij loopbaanoriëntatie en -begeleiding aan bod komen zijn capaciteitenreflectie: beschouwing van de capaciteiten die van belang zijn voor de loopbaan, motievenreflectie: beschouwing van de wensen en waarden van belang voor de loopbaan, werkexploratie: onderzoek naar werk en mobiliteit in de loopbaan, loopbaansturing: loopbaangerichte planning en beïnvloeding van het leer- en werkproces, netwerken: contacten opbouwen en onderhouden op de arbeidsmarkt, gericht op loopbaanontwikkeling. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 42
43 4 Top model Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 43
44 Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 44
45 5 Diverse documenten op website Diverse documenten met informatie voor de student Op de website van het Vitalis college: staan onder de keuze knop Studenten verschillende documenten waarin belangrijke aanvullende informatie wordt gegeven. In sommige gevallen wordt in het oer naar deze documenten verwezen.per document wordt hierna een korte toelichting gegeven. 1 Examenreglement 2009 en aanvulling op dit reglement In het examenreglement worden je rechten en plichten m.b.t. de examinering artikelsgewijs toegelicht. Als je een competentiegerichte opleiding volgt kies je de competentiegerichte versie. Denk o.a. aan 2 Deelnemersstatuut / klachtenprocedures 3 Oer en Te laat komen bij toetsing legitimeren afmelden bij toetsing door ziekte of andere redenen inzake en bespreekrecht afwijkende toetsing vrijstellingen Hierin staan je rechten en plichten beschreven. Deel C bevat de klachtenprocedure die binnen het ROC WB van kracht zijn, o.a. bezwaar en beroep examens en toetsen ongewenste omgangsvormen toelating en verwijdering Met je SLB kun je bespreken welke OER voor jou is Dit document bevat de juridische tekst en een uitleg over je onderwijs overeen komst en je praktijk overeen komst. 5. Overige informatie 6. Procedure bij fraude 4 OOK/POK o.a. de info gids, veiligheidsaspecten e.d. Wat is fraude en hoe wordt er bij vermoedelijke fraude (onregelmatigheid) gehandeld. Als student van het Vitalis college heb je recht op inzage in verschillende regelingen, procedures en protocollen. Via onderstaande links, kun je de documenten inzien en downloaden. Vc/ cluster Welzijn/ MMZ / 2011 / crebo / Doorstroom: N4 / SD. / BOL / versie 2 45
EXAMENPLAN CGO 2012 DELTION COLLEGE
EAMENPLAN CGO 2012 DELTION COLLEGE Opleiding: Pedagogisch Medewerker Jeugdzorg, Persoonlijk Begeleider Specifieke Doelgroepen en Persoonlijk Begeleider Gehandicaptenzorg Niveau: 4 Crebocode: 22195-92631
WIJZIGINGSBLAD OER. OER opleiding Kapper Niveau 3
WIJZIGINGSBLAD OER OER opleiding Kapper Niveau 3 Naam opleiding kapper Crebonummer 91182 Niveau 3 Leerweg BBL Cohort 2012-2014 Startmoment opleiding Februari 2013 Vaststellingsdatum wijziging 25-11-2013
HANDHAVER TOEZICHT EN VEILIGHEID
Onderwijs en Examenregeling HANDHAVER TOEZICHT EN VEILIGHEID Crebo 94810 niveau 3 BOL Cohort 2011-2013! 94850 Handhaver Toezicht en Veiligheid BOL niveau 3 Inhoudsopgave 1 Woord vooraf... 3 2 Leeswijzer...
Onderwijs en Examenregeling. Beveiliger 2. Crebo 94850 niveau 2 BOL. Cohort 2011-2013 1,5 jarige variant
Onderwijs en Examenregeling Beveiliger 2 Crebo 94850 niveau 2 BOL Cohort 2011-2013 1,5 jarige variant Inhoudsopgave 1 Woord vooraf... 3 2 Leeswijzer... 5 3 Alles over het beroep... 6 3.1 Wat doet een beveiliger?...
EXAMENPLAN CGO 2011 DELTION COLLEGE
EAMENPLAN CGO 2011 DELTION COLLEGE Opleiding: Pedagogisch Medewerker Jeugdzorg, Persoonlijk Begeleider Specifieke Doelgroepen en Persoonlijk Begeleider Gehandicaptenzorg Niveau: 4 Crebocode: 92631 92661-92662
Examenplan 1.Overzicht
Examenplan 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens (blauwe tekst = invulvoorbeeld; groene tekst is informatie) Examenoverzicht opleiding: Gespecialiseerd Pedagogisch Medewerker 4 Kinderopvang niveau 4 1 jarig
Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2015 Voorwoord Beste student, In dit
Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Onderwijsassistent (p3) (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Onderwijsassistent (p3) Uitstroom crebo 25485 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Instroom crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140
Maatschappelijke Zorg
Informatie opleidingsstandaard voor de EVC procedure Maatschappelijke Zorg Kwalificatie: Persoonlijk begeleider specifieke doelgroepen Crebonummer: 92662 Niveau : 4 Geldig vanaf: 1 augustus 2012 Deel A:
Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Gespecialiseerd pedagogisch medewerker (p2) (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie BOL en BBL Uitstroom crebo 25484 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Instroom crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang: 1 januari 2013 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Domein Opleiding Maatschappelijke Dienstverlening Assistent Toezicht en Veiligheid Niveau 1 Crebonummer
Zelfstandig werkend kok 95420
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Zelfstandig werkend kok 95420 Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2016 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de
Examenplan algemeen voorbeeld niveau 4 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener
Examenplan algemeen voorbeeld niveau 4 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener niveau 4 3 jarig Crebocode: 92670 Dossiercode: 22196 2012-2015
Examenplan Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg
Examenplan Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg Gehandicaptenzorg Opleidingsdomein Zorg en Welzijn Crebonummer domein 7940 Dossier Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg Crebonummer dossiers VIG: 2387
Helpende Zorg & Welzijn (speciale doelgroep)
Onderwijs- en regeling (OER) Helpende Zorg & Welzijn (speciale doelgroep) OPLEIDINGSGIDS 2015-2017 ARCUS COLLEGE Postbus 207, 6400 AE HEERLEN Opleiding Crebocode Niveau Leerweg Kwalificatie -dossier Cohort
WIJZIGINGSBLAD OER. OER opleiding MBO Verpleegkundige
WIJZIGINGSBLAD OER OER opleiding MBO Verpleegkundige Naam opleiding MBO Verpleegkundige Crebonummer 95520 Niveau 4 Leerweg BBL Cohort 2013 Startmoment opleiding 01-08-2013 en 01-02-2014 Vaststellingsdatum
Examenplan algemeen voorbeeld niveau 4 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener
Examenplan algemeen voorbeeld niveau 4 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal Maatschappelijk Dienstverlener niveau 4 3 jarig Crebocode: 92670 Dossiercode: 22196 2012-2015
Examenplan 1.Overzicht
Examenplan 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Medewerker Maatschappelijke Zorg niveau 3 2 jarig Crebocode: 92650 Dossiercode: 22195 versie 2012-2014 Dossierjaar: 2012-2013 Leerweg:
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Toerisme Leisure & Hospitality Assistant 94110 Niveau 2 Cohort: 2015-2016 Vastgesteld voor schooljaar 2015-2016 Voorwoord Beste student, In dit
Examenplan Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg
Examenplan Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg Begeleider specifieke doelgroepen Opleidingsdomein Zorg en Welzijn Crebonummer domein 7940 Dossier Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg Crebonummer dossiers
Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende keuken 95102 1 jarig traject Cohort: 2013-2014 Vastgesteld op 20-08-2013 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang 1 augustus 2012 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Domein Opleiding Maatschappelijke Dienstverlening Pedagogisch Werk Niveau 3 Crebonummer 92620 Kwalificatiedossier
Examenplan voor de opleidingen tot Medewerker Maatschappelijke Zorg (MMZ) 1.Overzicht
Examenplan voor de opleidingen tot Medewerker Maatschappelijke Zorg (MMZ) 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Medewerker Maatschappelijke Zorg Niveau 3 3 jaar Crebocode: 92650
Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Pedagogisch medewerker kinderopvang (p1) (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie BOL en BBL Uitstroom crebo 25486 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Instroom crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD
Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Sociaal-maatschappelijk dienstverlener (P1) (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25489 Kwalificatiedossier Sociaal werk Instroom crebo 23185 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD 1 augustus 2015
CONCEPT Format OER voor 2010 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format A. Basisgegevens
CONCEPT Format OER voor 2010 competentiegerichte opleidingen in het nieuwe format A. Basisgegevens Kwalificatie Naam Medewerker ICT Cohort 2010 Crebocode 90560 Versie van het 2010 Kwalificatiedossier Studie
EXAMENPLAN 2018 Persoonlijk Begeleider Gehandicaptenzorg (PBGZ)
Examinator school Examinator BPV School BPV Aantal gelegenheden Duur examen EXAMENPLAN 2018 Persoonlijk Begeleider ehandicaptenzorg (PBZ) Naam kwalificatie Crebonr. Kwalificatie Leerweg Cohort Startdatum
Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg
Naam: Klas: praktijkbegeleider: Werkplek: Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Gedurende de opleiding werken de studenten in de praktijk aan praktijkopdrachten. Een schooljaar
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang 1 augustus 2017 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Opleiding: Maatschappelijke Zorg Niveau: 4 Crebonummer: 23181 algemeen 25477 persoonlijk begeleider
(M)MZ Persoonlijk begeleider Specifieke Doelgroepen
Onderwijs en Examenregeling 2012 (M)MZ Persoonlijk begeleider Specifieke Doelgroepen Crebo 92662 / MMZ; SD. DOORSTROOM niveau NV4 BBL Cohort 2012-2013 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX 1 Inhoudsopgave
Manager/ondernemer horeca 90303
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Manager/ondernemer horeca 90303 Cohort: 2014-2015 Vastgesteld voor schooljaar 2014-2015 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de
2. Hoe ga je aan de slag met beroepsprestaties + aanmeldformulier beoordeling beroepsprestatie aanmeldformulier beoordeling reflectieverslag
INHOUDSOPGAVE : 1. Het BPV-gesprek 2. Hoe ga je aan de slag met beroepsprestaties + aanmeldformulier beoordeling beroepsprestatie aanmeldformulier beoordeling reflectieverslag 3. Overzicht van de beroepsprestaties
Beveiliger BBL niv. 2
Beveiliger BBL niv. 2 1 Opleidingsinformatie ROC TOP cohort 2018 DEEL 3 Onderwijs en Examenregeling (OER) 2018-2019 BRIN: 30 RM Kwalificatiedossier Particuliere Beveiliging Nummer kwalificatiedossier 23161
Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Gespecialiseerd pedagogisch medewerker (p2) (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25484 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Crebo 79140 Versiejaar KD 2016 Niveau 4 Geldig voor cohort(en)
Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Onderwijsassistent (p3) (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25485 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Crebo 79140 Versiejaar KD 2016 Niveau 4 Geldig voor cohort(en)
Examenplan , 2016, examenplan en diplomavereisten Pedagogisch medewerker kinderopvang (p1) (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Crebo 25486 Kwalificatiedossier Pedagogisch Werk Crebo 23183 Domein Zorg en welzijn Crebo 79140 Versiejaar KD 2016 Niveau 3 Geldig voor cohort(en)
Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg
Naam: Klas: praktijkbegeleider: Werkplek: Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Het werken aan en en de relatie daarvan met de voortgangsrapportage Gedurende de verdiepingsfase
Pedagogisch medewerker 4 Jeugdzorg
Onderwijs en Examenregeling Pedagogisch medewerker 4 Jeugdzorg Crebo 92631 niveau 4 BBL Cohort 2010 1-jarig traject febr. 2011- febr. 2012 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX IIVO-uren BBL 1e
EXAMENPLAN 2016 Persoonlijk Begeleider specifieke doelgroepen (PBSD)
Examinator school Examinator BPV School BPV Aantal gelegenheden Duur examen EXAMENPLAN 2016 Persoonlijk Begeleider specifieke doelgroepen (PBSD) Naam kwalificatie Crebonr. Kwalificatie Leerweg Cohort Startdatum
EXAMENPLAN 2018 Persoonlijk Begeleider Gehandicaptenzorg (PBGZ)
Examinator school Examinator BPV School BPV Aantal gelegenheden Duur examen EXAMENPLAN 2018 Persoonlijk Begeleider ehandicaptenzorg (PBZ) Naam kwalificatie Crebonr. Kwalificatie Leerweg Cohort Startdatum
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang 1 augustus 2015 E-learning MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Naam school Kwalificatie School voor Commerciële Economie Commercieel medewerker binnendienst
Leidinggevende bediening 94161
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende bediening 94161 Cohort: 2013-2014 Vastgesteld op 20-08-2013 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de specifieke
WIJZIGINGSBLAD OER. OER opleiding Verzorgende-IG
WIJZIGINGSBLAD OER OER opleiding Verzorgende-IG Naam opleiding Verzorgende-IG Crebonummer 95530 Niveau 3 Leerweg BBL Cohort 2015-2018 Startmoment opleiding September 2015 - Februari 2016 Vaststellingsdatum
ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang 1 augustus 2014 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Opleiding: Onderwijsassistent Niveau: 4 Crebonummer: 93500 Kwalificatiedossier: 2012 Cohort: 2013
Examenplan Sociaal-cultureel Werker
Examenplan Sociaal-cultureel Werker 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Sociaal-cultureel Werker niveau 4 3 jarig Crebocode: 91370 Leerweg: bol Cohort: 2014-2017 Sector: GW&S
Leidinggevende bediening 94161
Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling College voor Gastronomie Leidinggevende bediening 94161 Cohort: 2014-2015 Vastgesteld voor schooljaar 2014-2015 Voorwoord Beste student, In dit deel staat de
EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten
Opleiding: Gespecialiseerd pedagogisch medewerker Niveau: 4 Opleidingsduur: 3 jaar 4800 sbu s EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, 25484 Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten Cohort: 2016 2019 College: Sport,
Onderwijs en Examenregeling
Onderwijs en Examenregeling Medewerker Maatschappelijke Zorg Crebo 92650 niveau 3 BBL Cohort 2010 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX MMZ N3 BBL 92650 OER 2010 v 05-07-2010 ( 3) 1 Inhoudsopgave
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING. ADDENDUM Datum van ingang 18 september 2012 ROC MONDRIAAN. BRIN nummer: 27GZ. Maatschappelijke Dienstverlening
ONDERWIJS- en EXAMENREGELING ADDENDUM Datum van ingang 18 september 2012 ROC MONDRIAAN BRIN nummer: 27GZ Domein Opleiding Maatschappelijke Dienstverlening Doktersassistent Niveau 4 Crebonummer 91310 Kwalificatiedossier
Onderwijs en Examenregeling 2011
Onderwijs en Examenregeling 2011 Mbo- Verpleegkundige Crebo 95520 niveau 4 BBL Cohort 2011-2015 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25L Vc/ Gezondheidszorg/ Mbo-Verpleegkundige / 2011 / 95520 / N4
EXAMENPLAN Crebonr. Kwalificatiedossier. Datum vaststelling examenplan. Startdatum. Crebonr. kwalificatie. Studiejaar diplomering
Naam kwalificatiedossier Leerweg Cohort EXAMENPLAN 2016 Crebonr. Kwalificatiedossier Startdatum Pedagogisch werk 23183 BOL 2016 01-09-2016 Naam kwalificatie Gespecialiseerd pedagogisch medewerker Crebonr.
Gespecialiseerd pedagogisch medewerker 4 Kinderopvang
Onderwijs en Examenregeling Gespecialiseerd pedagogisch medewerker 4 Kinderopvang Crebo 92632 niveau 4 BBL Cohort 2010 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX IIVO-uren BBL 1e jaar: 1036 SBU s 1600
Onderwijsassistent. Onderwijs en Examenregeling. Crebo 93500 niveau 4 BOL. Cohort 2010. IIVO-uren BOL OA 1e jaar: 929 SBU s 1600 per jaar
Onderwijs en Examenregeling Onderwijsassistent Crebo 93500 niveau 4 BOL Cohort 2010 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX IIVO-uren BOL OA 1e jaar: 929 SBU s 1600 per jaar 93500 BOL Onderwijsassistent
EXAMENPLAN 2018 Begeleider Gehandicaptenzorg ( BGZ)
Examinator school Examinator BPV School BPV Aantal gelegenheden Duur examen EXAMENPLAN 2018 Begeleider ehandicaptenzorg ( BZ) Naam kwalificatie Begeleider ehandicaptenzorg Crebonr. Kwalificatie 25475 Leerweg
Examenplan , 2016 t/m 2019, examenplan en diplomavereisten Verzorgende IG. (HKS, vanaf augustus 2016)
Examenplan (HKS, vanaf augustus 2016) Naam kwalificatie Verzorgende IG Uitstroom crebo 25491 Kwalificatiedossier Verzorgende IG Instroom crebo 23187 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar
Pedagogisch medewerker 4 Jeugdzorg
Onderwijs en Examenregeling Pedagogisch medewerker 4 Jeugdzorg Crebo 92631 niveau 4 BOL Cohort 2010 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX IIVO-uren BOL PW 1e jaar: 887 SBU s 1600 per jaar VC_PD_2010_92631_BOL_Pedagogisch_medewerker_Jeugdzorg_N4_V1-1
Onderwijs en Examenregeling 2011
Onderwijs en Examenregeling 2011 M(M)Z. Crebo 92662 niveau NV4 BBL Uitstroom: Specifieke Doelgroepen / SD. Cohort 2011-2014 Terugvalcrebo type hier het terugvalcrebo Vitalis college ROC West Brabant Brinnr
Toets en Examenplan MBO Verpleegkunde COHORTEN Crebo 95520
Toets en examenplan Leeswijzer In het toets- en examenplan is een duidelijk onderscheid gemaakt tussen toetsen ( ontwikkelingsgericht) per fase en de examens van de startbekwame fase. Beroepstaak D neemt
Sociaal cultureel werker
Onderwijs en Examenregeling Sociaal cultureel werker Crebo 91370 niveau 4 BBL Cohort 2010 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX IIVO-uren BBL 1e jaar: 1036 SBU s 1600 per jaar 91370 Sociaal cultureel
Examenplan Doktersassistente 2012-2015 1.Overzicht
Examenplan Doktersassistente 2012-2015 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Doktersassistente Niveau 4 2,5 jarig Crebocode: 91310 Dossiercode: Dossierjaar: 2012-2013 Leerweg: DTBOL/BBL
Examenplan Verzorgende IG Verkort traject voor gediplomeerd bejaardenverzorgenden, MDGO-vz, etc
Examenplan Verzorgende IG Verkort traject voor gediplomeerd bejaardenverzorgenden, MDGO-vz, etc Opleidingsdomein Zorg en Welzijn Crebonummer domein 79140 Dossier Verzorgende IG Crebonummer dossier 23187
Onderwijsassistent. Onderwijs en Examenregeling. Crebo 93500 niveau 4 BBL. Cohort 2010. IIVO-uren BBL 1e jaar: 1036 SBU s 1600 per jaar
Onderwijs en Examenregeling Onderwijsassistent Crebo 93500 niveau 4 BBL Cohort 2010 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX IIVO-uren BBL 1e jaar: 1036 SBU s 1600 per jaar VC_PD_2010_93500_BBL_Onderwijsassistent_N4_V1-1
EXAMENPLAN 2017 Begeleider Specifieke Doelgroepen ( BSD)
Examinator school Examinator BPV School BPV Aantal gelegenheden Duur examen EXAMENPLAN 2017 Begeleider Specifieke Doelgroepen ( BSD) Naam kwalificatie Begeleider Specifieke Doelgroepen Crebonr. Kwalificatie
Inleiding... 2. 1 Het beroepsgericht examen... 3. 1.1 Het uitvoeren van kwalificerende beroepsprestaties... 3
1 Het beroepsgericht examen Handleiding voor de student Inhoud Inleiding... 2 1 Het beroepsgericht examen... 3 1.1 Het uitvoeren van kwalificerende beroepsprestaties... 3 1.2 Het maken van een verantwoordingsverslag...
Specificaties. Medewerker maatschappelijke zorg. Verdieping doelgroepen
Specificaties Medewerker maatschappelijke zorg Titel Soort Werksituatie Verdieping doelgroepen Cursus Medewerkers maatschappelijke zorg zijn werkzaam in instellingen voor wonen, dagbesteding en vrije tijd
Sociaal cultureel werker
Onderwijs en Examenregeling Sociaal cultureel werker Crebo 91370 niveau 4 BOL Cohort 2010 Vitalis college ROC West Brabant Brinnr 25LX IIVO-uren BOL 1e jaar: 929 SBU s 1600 per jaar Inhoudsopgave 1 Woord
Toets en Examenplan MBO Verpleegkunde GGZ Leerplan COHORTEN 2013-2017 Crebo 95520
Toets en examenplan Leeswijzer In het toets- en examenplan is een duidelijk onderscheid gemaakt tussen toetsen ( ontwikkelingsgericht) per fase en de examens van de startbekwame fase. Beroepstaak D neemt
Onderwijs- en Examenregeling 2015-2016
Onderwijs- en Examenregeling 2015-2016 School voor Opleiding : Pedagogisch medewerker niveau 3 Crebonummer : 92620 KBB : k1417 Niveau : 3 Leerweg Opleidingsduur : BOL : 3 Jaar Cohort 1 : 2015 1 In een
Examenplan examenplan en diplomavereisten Medewerker facilitaire dienstverlening (p1)
Examenplan Naam kwalificatie Uitstroom crebo 25499 Kwalificatiedossier Dienstverlening Instroom crebo 23189 Domein Zorg en welzijn Domein crebo 79140 Versiejaar KD 1-8-2015, sindsdien niet gewijzigd Niveau
92662 (M)MZ Persoonlijk begeleider Specifieke Doelgroepen Doorstroom
92662 (M)MZ Persoonlijk begeleider Specifieke Doelgroepen Doorstroom van niveau nv 3 naar nv 4 BOL Cohort 2013-2014, startdatum: september schooljaar van diplomeren: 2013-2014 startdatum: februari schooljaar
Examenplan Doktersassistente 2012-2015 1.Overzicht
Examenplan Doktersassistente 2012-2015 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Doktersassistente Niveau 4 3 jarig Crebocode: 91310 Dossiercode: Dossierjaar: 2012-2013 Leerweg: BOL
EXAMENPLAN 2018 Combi VVT- BSD
Examinator school Examinator BPV School BPV Aantal gelegenheden Duur examen EXAMENPLAN 2018 Combi VVT- BSD Naam kwalificatie Crebonr. Kwalificatie Leerweg Cohort Startdatum Naam kwalificatiedossier Crebonr.
EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten
Opleiding: Pedagogisch Medewerker kinderopvang Niveau: 3 Opleidingsduur: 3 jaar 4800 sbu s EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, 25486 Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten Cohort: Startjaar 2016 jaar van
Examenplan voor de brancheopleiding Kraamverzorgende 1.Overzicht
Examenplan voor de brancheopleiding Kraamverzorgende 1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Kraamverzorgende Niveau 3 1 jaar Crebocode: 95530 Dossiercode: - Dossierjaar: 2012 Leerweg:
Voorbeeld examenplan voor dubbelkwalificering
Voorbeeld plan voor dubbelkwalificering Verzorgende IG (VVT) en Begeleider specifieke doelgroepen SSI/247189/2015 1/18 Titel : Voorbeeld plan voor dubbelkwalificering Verzorgende IG (VVT) en Begeleider
WIJZIGINGSBLAD OER. OER opleiding Verzorgende IG BBL 3
WIJZIGINGSBLAD OER OER opleiding Verzorgende IG BBL 3 Naam opleiding Verzorgende IG niveau 3 Crebonummer 95530 Niveau 3 Leerweg BBL Cohort 013-016 Startmoment opleiding Augustus 013, februari 014 Vaststellingsdatum
