VU-BREED KADER TOETSBELEID. 20 februari 2013

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VU-BREED KADER TOETSBELEID. 20 februari 2013"

Transcriptie

1 VU-BREED KADER TOETSBELEID 20 februari

2 INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave... 2 Inleiding... 4 Toetsbeleid... 5 Waarom een toetsbeleid?... 5 Wat is een toetsbeleid?... 5 Uitgangspunten voor het toetsbeleid... 6 Opbouw document/ Leeswijzer... 6 Terminologie... 7 Context en randvoorwaarden Draaiboeken Draaiboek voor faculteiten Draaiboek voor het opleidingsmanagement Draaiboek voor de examencommissie Draaiboek voor examinatoren (cursuscoördinator/docententeam) Visie op toetsing Waarom toetsen? Summatieve toetsing Formatieve toetsing Ingangstoetsen Wat toetsen? Hoe toetsen? Wanneer toetsen? Compensatie bij deeltoetsen Herkansingen Wie toetst? Het toetsproces Kwaliteitseisen aan formatieve toetsing en feedback Kwaliteitseisen aan toetsing als meetinstrument Validiteit Betrouwbaarheid Transparantie Bruikbaarheid Hergebruik van oude tentamenvragen Vergelijkbaarheid Kwaliteitseisen aan toetsing als waarderingsinstrument Cesuurbepaling Beoordelen van open vragen Toetsen en beoordelen van vaardigheden (stage en thesis) Beoordelen van Groepsproducten en Groepsprocessen Mondeling toetsen Kwaliteitseisen rond toetsafname Toetsafname en surveillance Studenten met een functiebeperking Archivering Beroep Kwaliteitsborging van toetsing- toetsbeleid als cyclisch proces Toetsbeleid als cyclisch proces

3 Visie op toetsing (Plan) Implementatie toetsing (Do) Evaluatie toetsing (Check) Opvolging (Act) Kwaliteitsborging van toetsing in de Plan-fase Kwaliteitsborging van toetsing in de DO-fase Kwaliteitsborging van toetsing in de Check-fase Kwaliteitsborging van toetsing in de Act-fase Referenties Naslagliteratuur Bijlage 1 Wettelijke voorschriften m.b.t. borging kwaliteit tentamens Bijlage 2: Checklist voor vraagconstructie Bijlage 3: Tips voor het inrichten van een mondelinge toets Bijlage 4: De cesuurbepaling Bijlage 5: Overzicht kwaliteitseisen Toetsbeleid VU

4 INLEIDING De manier waarop in het onderwijs getoetst wordt, en de momenten waarop dat gebeurt, hebben grote invloed op het leerproces van studenten. Men kan de toetsing dan ook niet los zien van het onderwijs als zodanig. Toetsen worden onderscheiden naar hun formatieve en summatieve functie. Summatief toetsen is primair gericht op selectie: voldoet de student wel of niet aan de eisen; mag deze student afstuderen, of door naar een volgende trede in het onderwijsprogramma? Formatief toetsen heeft vooral een diagnostische functie; doel is studenten informatie te geven over hun leerproces en hen te helpen gerichter te studeren. Daarnaast geven formatieve toetsen de docent informatie over de vorderingen van de studenten, zodat het onderwijs zo nodig tussentijds kan worden aangepast. Een adequate (summatieve) toetsing garandeert dat studenten die met een diploma de VU verlaten over het juiste academische niveau beschikken. Daarnaast heeft de mate waarin de toetsing valide, transparant en betrouwbaar is gevolgen voor het individuele studiesucces van studenten en voor het studierendement van opleidingen. Een adequate toetsing is derhalve voor studenten, voor het afnemend werkveld en voor de VU van erg groot belang. Dat de kwaliteit van de toetsing deel uitmaakt van de interne en externe kwaliteitszorg is dan ook terecht. In het hoger onderwijs gaat de meeste aandacht naar de summatieve kant van toetsen. Dat is begrijpelijk, omdat die samenhangt met het gerealiseerde eindniveau van de opleiding. Tegelijk is het van belang de formatieve functie goed te benutten, onder meer vanwege het positieve effect van formatief toetsen op de studievoortgang. De aandacht voor toetskwaliteit en toetsbeleid wordt ingegeven door een aantal belangrijke landelijke wijzigingen. In de eerste plaats is de WHW gewijzigd (onder de naam Versterking Besturing ), waarmee Examencommissies uitdrukkelijker verantwoordelijk zijn gemaakt voor de bewaking van de kwaliteit van de toetsing. In de tweede plaats is het nieuwe accreditatiekader van de NVAO ingegaan (zie bijlage 1 voor de wettelijke voorschriften, inclusief wijzigingen in het NVAO-kader). In de beperkte opleidingsbeoordeling die hiervan deel uit maakt is Toetsing en gerealiseerde eindkwalificaties één van de drie standaarden. Op deze standaard moet men een voldoende scoren om accreditatie te behouden. De verwachting is dat visitatiecommissies bij de beperkte opleidingsbeoordeling nog meer dan voorheen zullen gaan kijken naar de kwaliteit van toetsen en beoordelen/examineren. In het kader van de instellingsaudit zal de VU daarnaast moeten aantonen dat zij een gedegen toetsbeleid voert. Voor de VU is dit een gelegenheid om de visie op toetsen uit te schrijven door de bundeling van relevante passages in bestaande documenten, door het formuleren van noodzakelijke aanvullingen hierop en door het expliciteren van vaak impliciet bestaande goede praktijken. Veel van wat dit document bevat is dan ook niet nieuw, maar wordt herbevestigd. Waar nodig werden verduidelijkingen en aanvullingen geformuleerd en verantwoordelijkheden op transparante wijze toegewezen. Dit VU-brede kader voor het toetsbeleid is tot stand gekomen in de projectgroep Toetsbeleid, bestaande uit: Nellie Harms (onderwijsdirecteur FALW), Rune Meerman (beleidsmedewerker FEWEB), Margreet Onrust (Examencommissie Faculteit Letteren), John Stins (Examencommissie FBW), Hester Glasbeek (BUD/BKO Onderwijscentrum/FPP), Silvester Draaijer (ICT&O Onderwijscentrum/UBVU), Marlies van Beek (toetsdeskundige/projectsecretaris, Onderwijscentrum/DSZ) en Johanna de Groot (projectleider, Onderwijscentrum/DSZ). Het College van Bestuur heeft het Toetsbeleid onder voorbehoud van instemming door de GV vastgesteld op 15 mei Vervolgens is deze definitieve versie van het Toetsbeleid tot stand gekomen in samenspraak met de commissie Onderwijs & Onderzoek van de Gezamenlijke Vergadering (GV), waarna de GV met het Toetsbeleid heeft ingestemd (d.d. 8 februari 2013). 4

5 TOETSBELEID WAAROM EEN TOETSBELEID? Gezien het belang van toetsing voor alle partijen die bij het onderwijs betrokken zijn, is het noodzakelijk dat op zowel instellings- faculteits- als opleidingsniveau keuzes worden gemaakt over de plaats van de toetsing binnen het onderwijs. Een inzichtelijke beschrijving van de manier waarop men, in lijn met de onderwijsvisie, de toetsing inzet voor diagnose, feedback en kwalificatie, en een duidelijke toewijzing van verantwoordelijkheden met betrekking tot de toetsing, geeft docenten en studenten houvast en levert een positieve bijdrage aan de kwaliteit van het onderwijs. WAT IS EEN TOETSBELEID? Een toetsbeleid bestaat uit een visie op de plaats van toetsing in het onderwijs. Het toetsbeleid verduidelijkt hoe formatieve en summatieve toetsen bijdragen aan de onderwijsvisie van de instelling. Een belangrijk aspect van het toetsbeleid is een samenhangend geheel van kwaliteitszorg waarin maatregelen en voorzieningen zijn getroffen om de kwaliteit van de toetsing te bewaken en te bevorderen. Het toetsbeleid veronderstelt en bevordert een cultuur waarin alle facetten van de toetsing bespreekbaar zijn, en waarbij alle relevante partijen een rol spelen in de kwaliteitszorg: de instelling, de faculteiten en opleidingen, de examencommissies, de docenten en het ondersteunend personeel, en de studenten. Wanneer het hier beschreven toetsbeleid is geïmplementeerd in de faculteiten en de opleidingen van de VU, zijn de volgende resultaten behaald: De instelling kan aangeven op welke wijze het toetsbeleid bijdraagt aan de visie op onderwijskwaliteit die zij heeft. Daarnaast is duidelijk welke regels binnen de VU gesteld worden aan het proces van toetsen, aan de kwaliteit van de toetsen en hoe de VU die kwaliteit borgt door een adequaat systeem van kwaliteitszorg rond de toetsing. De VU is hiermee voorbereid op de instellingsaudit; Opleidingsdirecteuren, opleidingscommissies en examencommissies krijgen meer zicht en invloed op de kwaliteit van de toetsen, op hun eigen rol in de borging van die kwaliteit en op de benodigde archivering en documentatie op het gebied van toetsen. Opleidingen zijn voorbereid op een beperkte opleidingsbeoordeling in het kader van visitatie en accreditatie; Docenten krijgen een duidelijk kader waarbinnen zij hun toets construeren en afnemen. Zij worden door het (facultaire of opleidings)toetsbeleid ondersteund bij het maken van goede toetsen en het komen tot juiste beoordelingen van studenten. Ook weten docenten welk bewijsmateriaal zij bij de examen- of toetscommissie dienen aan te leveren als daarom verzocht wordt; Studenten worden goed en tijdig geïnformeerd over de toetsing, de toetsen sluiten aan bij de doelstellingen van de cursussen en er is een evenwicht in toetsvormen over de opleiding heen die past bij de visie op het onderwijs die de opleiding heeft. Studenten krijgen de garantie dat zij bij het behalen van hun bachelor- of masterdiploma de eindtermen van de opleiding behaald hebben. 5

6 UITGANGSPUNTEN VOOR HET TOETSBELEID Bij het uitwerken van het toetsbeleid zijn de volgende uitgangspunten van belang geweest: Het is noodzakelijk om de gang van zaken rond de toetsing explicieter te beschrijven op alle niveaus, die van de instelling, de faculteit, de opleiding en de cursussen. Deze beschrijving neemt de vorm aan van concrete regels op het gebied van de wijze van toetsen, de kwaliteit van toetsen en de manier waarop die kwaliteit gecontroleerd en verbeterd wordt. Toetsing is een essentieel onderdeel van het leerproces en is onlosmakelijk verbonden met de inhoud van het onderwijs. Dit betekent dat de beoordeling van de student, de beslissingen die daarover moeten worden genomen en de feedback die studenten ontvangen, worden bekeken in het licht van de leerdoelen van de cursus, c.q. de eindtermen van de opleiding. Toetsing is in de praktijk de taak van de examinator of het docententeam (formeel is de examinator aangewezen door de examencommissie). De leden van het team zijn de inhoudsdeskundigen en dragen de directe verantwoordelijkheid voor de toetsing. OPBOUW DOCUMENT/ LEESWIJZER Dit document bestaat uit vier delen: 1) Draaiboeken voor faculteiten, opleidingen, examinatoren en examencommissies. In de draaiboeken wordt het toetsbeleid en het proces van toetsen beschreven vanuit de rol van faculteiten, opleidingen, examinatoren en examencommissies: wie doet wat op welk moment? De draaiboeken beschrijven de stappen die gezet moeten worden volgens de PDCA-cyclus: Plan, Do, Check, Act. De draaiboeken zijn een hulpmiddel om tot een juiste werkwijze te komen. Binnen deze werkwijze moet voldaan worden aan een aantal kwaliteitseisen, aangeduid met pijltjes: Kwaliteitseis 1 Kwaliteitseis 2 Etc. Alle 18 kwaliteitseisen zijn te vinden in Bijlage 5: Overzicht kwaliteitseisen Toetsbeleid VU. In de draaiboeken wordt telkens verwezen naar een nadere toelichting en achtergrondinformatie in de hoofdstukken 2, 3 en 4. Men kan daarin terugvinden waarom bepaalde kwaliteitseisen zijn opgenomen en hoe men ze moet interpreteren. Verwijzing naar bijbehorende toelichting xxx 6

7 2) Visie op toetsing Dit deel geeft een algemene universiteitsbrede visie op toetsing weer. De visie is geëxpliciteerd als antwoord op vijf basisvragen met betrekking tot toetsing, namelijk: waarom, wat, hoe, wanneer en wie? 3) Het toetsproces In dit deel wordt ingezoomd op de eisen die aan formatieve en summatieve toetsing worden gesteld. 4) Kwaliteitsborging van toetsing Het laatste deel richt zich op de kwaliteitsborging van toetsing. Dit gaat om het geheel van maatregelen die moeten zorgen dat de kwaliteitseisen zullen worden vervuld. De kwaliteitsborging wordt beschreven in de vorm van de PDCA-cyclus (Plan, Do, Check, Act-cyclus) op instellings- faculteits- opleidings- en cursusniveau. TERMINOLOGIE Opleidingsmanagement: degene die, gemachtigd door het faculteitsbestuur, verantwoordelijk is voor het onderwijs binnen een bepaalde opleiding (of deel van een opleiding). Per faculteit worden hiervoor verschillende organisatievormen gebruikt. Gebruikelijke functies waarin deze taken zijn belegd zijn opleidingscoördinator, opleidingsdirecteur of bachelor- of mastercoördinator. De faculteit dient in haar facultair reglement vast te stellen welke taken bij welke functies berusten, wat uiteraard ook geldt voor de taken die in dit toetsbeleid worden belegd bij het opleidingsmanagement. Cursus: onderwijsonderdeel (zoals bedoeld in de Wet) Toets: in dit document worden hiermee alle verschillende vormen die een toets kan aannemen aangeduid: een multiple choice tentamen, een tentamen bestaande uit open vragen, een mondeling tentamen, een presentatie die beoordeeld wordt, een verslag of werkstuk dat beoordeeld wordt, een practicum dat beoordeeld wordt, een thesis of stage die beoordeeld wordt, etc. Toetsplan: het toetsbeleid van de opleiding, gebaseerd op de eindtermen van de opleiding, de onderwijsvisie van de opleiding en het kader dat het facultaire en het instellingstoetsbeleid biedt. Het toetsplan omvat in concreto een overzicht van de cursussen van de opleiding (op te nemen in de studiegids dan wel de bijlage bij de Onderwijs- en Examenregeling (OER)) met daarbij per cursus de volgende informatie over de toetsing: het type (deel)toets(en); het gewicht van de eventuele deeltoetsen of subonderdelen van de toets in het eindcijfer van de cursus; de mogelijkheid om de resultaten van deeltoetsen of subonderdelen van de toets (gedeeltelijk) met elkaar te compenseren, met andere woorden: welke deeltoetsen of subonderdelen van de toets moeten voldoende zijn of een minimale score hebben. Indien volledige compensatie geldt betekent dit dat er geen ondergrens geldt voor het resultaat van een deeltoets of subonderdeel van de toets, maar dat alleen het gemiddeld eindcijfer voldoende moet zijn; het gebruik van formatieve toetsen en de manier en termijn waarop studenten feedback op de formatieve toetsen ontvangen. Toetsmatrijs: Een belangrijk hulpmiddel om ervoor te zorgen dat een toets de geleerde stof goed weerspiegelt en de beoogde beheersingsniveaus meet, is de specificatietabel (toetsmatrijs). In deze tabel zijn de inhoud van 7

8 de te toetsen leerstof en het beheersingsniveau tegen elkaar afgezet. De tabel kan zowel gebruikt worden bij het samenstellen van de toets als bij de controle of de eenmaal samengestelde toets evenwichtig is (zie voor verdere toelichting paragraaf Validiteit). CONTEXT EN RANDVOORWAARDEN De in dit kader voor het toetsbeleid geformuleerde randvoorwaarden zullen de basis vormen voor het facultaire toetsbeleid en het toetsbeleid (en/of het toetsplan) per opleiding. Daarnaast worden de randvoorwaarden in dit kader, indien van toepassing, vertaald in de model-oeren (voor de bachelor en voor de master) en het model voor de Regels en Richtlijnen van Examencommissies. De model-oeren zijn een handreiking aan faculteiten, het model Regels en Richtlijnen van Examencommissies is een handreiking aan examencommissies. Vanwege het belang van uniformiteit in de werkwijze binnen de VU, wordt aansluiting bij deze modellen sterk aanbevolen. De resultaten die beoogd worden met dit nieuwe VU-brede kader voor het toetsbeleid kunnen alleen bereikt worden als docenten, examencommissieleden en/of andere betrokkenen in staat gesteld worden om aan de minimale eisen en richtlijnen te voldoen. Het is goed denkbaar dat hiervoor aanpassingen nodig zijn in formaties voor specifieke taken. Immers, om aan de minimale eisen van het hier geformuleerde toetsbeleid te kunnen voldoen is voldoende kennis en formatie nodig om dit praktisch uit te voeren. Het faculteitsbestuur is ervoor verantwoordelijk om, in samenspraak met de examencommissie(s), de juiste randvoorwaarden te creëren voor de uitvoering van het toetsbeleid. 8

9 1. DRAAIBOEKEN 1.1 DRAAIBOEK VOOR FACULTEITEN Plan De faculteit stelt ter specifiёring bij het VU-brede Toetsbeleid het facultaire toetsbeleid op. Hierin wordt de visie van de faculteit op de toetsing aangegeven en worden de eisen die gesteld worden aan de toetskwaliteit geëxpliciteerd. Ook wordt in het facultaire toetsbeleid aangegeven op welke wijze de kwaliteitsborging gestalte krijgt. Er worden duidelijke keuzes gemaakt ten aanzien van de inzet van formatie van docenten en examencommissies/ toetscommissies om het toetsbeleid uit te voeren. De faculteit zorgt dat duidelijk is wie er per opleiding verantwoordelijk is voor de toetsing en de toetskwaliteit (m.a.w. wie er bedoeld wordt met het opleidingsmanagement, de term die hier in dit toetsbeleid voor gebruikt wordt; zie definitie in paragraaf Terminologie) en neemt deze informatie op in het Facultair Reglement (zie het hoofdstuk Onderwijsorganisatie, Handboek Onderwijskwaliteit; https://www.intranet.vu.nl/handboekonderwijskwaliteit ). De faculteit benoemt, daartoe gemachtigd door het instellingsbestuur, de examencommissie (zie bijlage 5: art. 7.12a WHW). De faculteit stelt de OER vast (incl. bijlagen en studiegids). De faculteit is verantwoordelijk om de studenten voor de aanvang van het studiejaar te informeren over de OER. Daarnaast moet ze de studenten ook informeren over de klacht-en beroepsmogelijkheden. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 2. Visie op toetsing 4. Kwaliteitsborging van toetsing toetsbeleid als cyclisch proces Do De faculteit coördineert het opstellen van procedures waarin specifieke bepalingen worden opgenomen voor één of meerdere aspecten van de toetsing voor alle of voor specifieke cursusonderdelen aan de faculteit, bijvoorbeeld: o Handleiding toetsen en beoordelen, inleverdata en beoordelingscriteria/-formulier voor de bachelorthesis, de masterthesis of stages. o Procedure rondom digitale toetsing. o Richtlijnen voor mondelinge toetsen (zie ook Bijlage 3: Tips voor het inrichten van een mondelinge toets). o Richtlijnen voor de beoordeling van groepsproducten of groepsprocessen o Richtlijnen voor nakijktermijnen en/of aanlevering cijfers o Richtlijnen voor formatieve toetsing o De faculteit zorgt voor een goede organisatie en logistiek van de toetsing en voor een gepaste infrastructuur. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.3 Kwaliteitsborging van toetsing in de DO-fase 3.1 Kwaliteitseisen aan formatieve toetsing en feedback 9

10 3.3 Kwaliteitseisen aan toetsing als waarderingsinstrument Check De faculteit evalueert het facultair toetsbeleid en de bijbehorende procedures ten minste twee keer per 6 jaar en betrekt bij deze evaluatie de bevindingen van opleidingscoördinatoren, examen- en toetscommissies, opleidingscommissies en de ter zake doende managementinformatie, zoals de resultaten van cursus- en curriculumevaluaties, de Nationale Studenten Enquête (NSE), de studierendementen, de slagingspercentages en de toetskwaliteit (overzichten van tentamenanalyses). De faculteit evalueert jaarlijks de OER, inclusief bijlagen en studiegids, en betrekt daarbij het advies van de opleidingscommissie, de examencommissie en toetscommissie en de FSR. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.4 Kwaliteitsborging van toetsing in de Check-fase Act De faculteit stelt, daar waar nodig, het facultair toetsbeleid en de bijbehorende procedures bij. De faculteit stelt, daar waar nodig, de OER bij. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.5 Kwaliteitsborging van toetsing in de Act-fase 10

11 1.2 DRAAIBOEK VOOR HET OPLEIDINGSMANAGEMENT N.B. Opleidingsmanagement: degene die, gemachtigd door het faculteitsbestuur, verantwoordelijk is voor het onderwijs binnen een bepaalde opleiding (of deel van een opleiding). Per faculteit worden hiervoor verschillende organisatievormen gebruikt. Gebruikelijke functies waarin deze taken zijn belegd zijn opleidingscoördinator, opleidingsdirecteur of bachelor- of mastercoördinator. De faculteit dient in haar facultair reglement vast te stellen welke taken bij welke functies berusten, wat uiteraard ook geldt voor de taken die in dit toetsbeleid worden belegd bij het opleidingsmanagement. Plan Het opleidingsmanagement stelt een toetsplan op van de opleiding, waarin wordt beschreven op welke wijze er in de verschillende onderwijsonderdelen getoetst wordt. Het toetsplan geeft het opleidingsmanagement inzicht in het evenwicht van toetsvormen over de gehele opleiding en de spreiding van de studiedruk over de onderwijsperiodes. Het opleidingsmanagement betrekt de opleidingscommissie, de examen- en toetscommissie en de cursuscoördinatoren bij het opstellen van het toetsplan (zie Terminologie voor de definitie van een toetsplan). Het opleidingsmanagement bepaalt, op voorstel van en in overleg met de examinator of het docententeam, de toetsvormen van de cursus/het cursusonderdeel. Het opleidingsmanagement kan procedures opstellen voor één of meerdere aspecten van de toetsing voor alle of voor specifieke cursussen/cursusonderdelen, bijvoorbeeld inleverdata of beoordelingscriteria voor werkcolleges of practica. Deze procedures kunnen ook facultair vastgesteld zijn (zie draaiboek voor faculteiten). Kwaliteitseis 1: Het opleidingsmanagement is verantwoordelijk voor een duidelijke formulering van de eindtermen van de opleiding en waarborgt dat de eindtermen van de opleiding als geheel worden gedekt door de toetsen die worden afgenomen. Kwaliteitseis 2: De docenten formuleren de leerdoelen van de cursussen adequaat, en stemmen deze af op de eindtermen en op de overige cursussen in het programma. Het opleidingsmanagement ziet toe op de samenhang en de opbouw van het programma en derhalve ook op de afstemming van leerdoelen op de eindtermen van het programma. Kwaliteitseis 4: Het opleidingsmanagement waakt over een evenwicht in toetsvormen over de gehele opleiding om recht te doen aan de verschillende vormen van kennis, vaardigheden en attitudes die van belang zijn binnen een opleiding of binnen de toekomstige beroepsuitoefening. Kwaliteitseis 12: Voor het oefenen en verwerven van vaardigheden zoals het schrijven van papers, het houden van presentaties en relevante ICT-vaardigheden, heeft het opleidingsmanagement het vereiste niveau (of niveaus voor verschillende opleidingsjaren) en daarbij passende beoordelingscriteria beschreven. Deze worden bij alle vakken van de opleiding toegepast en zijn bekend bij de studenten van de opleiding. Het opleidingsmanagement stelt vast in welke vakken de vaardigheden worden geoefend. Kwaliteitseis 13: De beoordelingscriteria voor de stage en thesis worden geoperationaliseerd in een beoordelingsschema. Bij voorkeur zijn deze beoordelingscriteria ook al eerder in de opleiding aan de orde geweest. In de stage- of thesishandleiding is vastgelegd hoe en op welke momenten de beoordeling plaatsvindt. Kwaliteitseis 14: Het eindproduct van de masterstage of thesis wordt beoordeeld door de begeleidende docent en een tweede beoordelaar. Bij de bachelorstage of thesis wordt een tweede beoordelaar aanbevolen. 11

12 Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.2 Kwaliteitsborging van toetsing in de Plan-fase Summatieve toetsing 2.3 Hoe toetsen? Toetsen en beoordelen van vaardigheden Do Het opleidingsmanagement coördineert de organisatie van de tussentijdse toetsen en van eindtoetsen en zij ziet er op toe dat er afspraken over de organisatie en afname van de toetsen worden gemaakt tussen cursuscoördinatoren. Het opleidingsmanagement ziet erop toe dat studenten tijdig en adequaat feedback ontvangen van de examinator. Het opleidingsmanagement ziet erop toe dat er duidelijkheid bestaat over eventuele compensatiemogelijkheden tussen summatieve deeltoetsen. Het opleidingsmanagement is verantwoordelijk voor de archivering van opgaven, uitwerkingen en uitslagen van tentamens, en de archivering van theses inclusief ondertekende beoordelingsformulieren (de landelijk afgesproken vernietingstermijn hiervoor is twee jaar (bron: selectielijsten openbare en bijzondere universiteiten)). Ten behoeve van heraccreditatie is het faculteitsbestuur (gemachtigd door het instellingsbestuur) verantwoordelijk voor het ter beschikking stellen van de OER, het toetsplan van de opleiding, en een volledige lijst van afgestudeerden van de laatste twee voltooide studiejaren. Voor details over de daaraan gestelde eisen door de NVAO, zie Kwaliteitseis 5 (v.a. 1 sept. 2013): In cursussen behorende tot de bacheloropleiding wordt zo frequent en vroegtijdig mogelijk getoetst. Hiertoe wordt tijdig gedurende de onderwijsperiode een diagnostische toets afgenomen, op grond waarvan de docent de vorderingen van de student evalueert en aan hem of haar kenbaar maakt (de diagnostische toets kan formatief of summatief zijn). Daarnaast wordt elk vak afgerond met een laatste deeltoets. Per vak wordt het gewicht van de deeltoetsen vooraf bepaald. Op basis daarvan wordt de eindbeoordeling vastgesteld. Kwaliteitseis 6 (v.a. 1 sept. 2013): De toetsing van de student is afgerond bij het einde van de cursus. Kwaliteitseis 11 (v.a. 1 sept. 2013): De resultaten worden binnen tien werkdagen na het afnemen van een toets bekend gemaakt. De resultaten van scripties worden binnen twintig werkdagen na inleveren van de scriptie bekend gemaakt. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.3 Kwaliteitsborging van toetsing in de DO-fase 2.4 Wanneer toetsen? Compensatie bij deeltoetsen Formatieve toetsing 3.1 Kwaliteitseisen aan formatieve toetsing en feedback Transparantie Summatieve toetsing Archivering 12

13 Check Het opleidingsmanagement controleert of alle verplichte elementen (met betrekking tot toetsing) in de studiegids zijn opgenomen. Het opleidingsmanagement controleert of de toetsing volgens de geldende regels en procedures verloopt en zij betrekt hierbij de bevindingen van de examen- of toetscommissie. Het opleidingsmanagement zorgt voor de afname van cursusevaluaties, waarin ook de mening van studenten over de kwaliteit van de toetsing gepeild wordt. Het opleidingsmanagement kan een panelgesprek met studenten en een gesprek met de jaarvertegenwoordiging organiseren, waarin ook de toetsing aan bod komt. Het opleidingsmanagement signaleert eventuele knelpunten met betrekking tot de planning, organisatie en kwaliteit van een toets (op grond van informatie van docenten en ondersteunend personeel, uit cursusevaluaties, uit gesprekken met studenten c.q. de jaarvertegenwoordiging, uit de opleidingscommissie en uit de examen- of toetscommissie). Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.4 Kwaliteitsborging van toetsing in de Check-fase Act Het opleidingsmanagement stelt het toetsplan indien nodig bij en zij betrekt cursuscoördinatoren, opleidingscommissie, examen- en toetscommissie en studenten (jaarvertegenwoordiging, FSR) hierbij. Het opleidingsmanagement zal bij signalen van problemen bij de toetsing, in dialoog met de examencommissie, het afdelingshoofd en de cursuscoördinator (c.q. de examinator of het docententeam), remediёrend optreden gericht op verbetering van de toetsing van een cursus/cursusonderdeel en zij draagt zorg voor het maken van schriftelijke afspraken omtrent noodzakelijke aanpassingen in de toets, en eventuele training en scholing van docenten. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.5 Kwaliteitsborging van toetsing in de Act-fase 13

14 1.3 DRAAIBOEK VOOR DE EXAMENCOMMISSIE Examencommissie en toetscommissie De examencommissie is verantwoordelijk voor de kwaliteitsborging van de toetsing, maar kan een toetscommissie machtigen een deel van de taken van de examencommissie uit te voeren (zie ook 4.2 Kwaliteitsborging van toetsing in de Plan-fase). Daarbij is het belangrijk dat de examencommissie formeel verantwoordelijk blijft, ook al doet de toetscommissie (een deel van) het feitelijke werk. Het is belangrijk dat duidelijk afgesproken en vastgelegd is wat de taakverdeling is tussen de toetscommissie en de examencommissie. De examencommissie moet zich er daarbij van vergewissen, dat de wijze waarop de toetscommissie haar taken uitvoert, voldoet aan de eisen zoals door de examencommissie vastgesteld. Daartoe moet de examencommissie zelf beschikken over toetsingsexpertise. Bovendien moet de examencommissie de toetscommissie kunnen aansturen, als de werkwijze van de toetscommissie naar het oordeel van de examencommissie niet voldoet aan de eisen. Bij de accreditatie zal de examencommissie zich moeten kunnen verantwoorden over het aspect toetsen en beoordelen. Plan De examencommissie wijst jaarlijks examinatoren aan. De examencommissie maakt gebruikt van het VU-brede model voor de Regels en Richtlijnen van examencommissies. Eventueel gewenste aanpassingen op deze Regels en Richtlijnen voor het eigen functioneren worden door de examencommissie op schrift gesteld. De examencommissie of toetscommissie stelt een werkwijze op, die gericht is op het signaleren van onvolkomenheden met betrekking tot de kwaliteit van de toetsing. De examen- of toetscommissie kan de kwaliteit van de toetsen vooraf (voor afname van de toets) en achteraf controleren. Om praktische redenen zal de examencommissie haar werkwijze vooral richten op de controle achteraf. Bij controle achteraf kan onderscheid gemaakt worden tussen het onderzoeken van een vast aantal toetsen per jaar (willekeurige steekproef, of gericht op een specifiek studiejaar) en het onderzoeken van toetsen waarbij signalen ontvangen zijn die kunnen betekenen dat de kwaliteit van de toets niet adequaat is (voor een lijst van te gebruiken signalen, zie onderstaande verwijzing). Het is belangrijk dat de examen- of toetscommissie speciale aandacht besteedt aan toetsen waarin de eindtermen van de opleiding getoetst worden (in ieder geval de thesis). Kwaliteitseis 17: De examencommissie zorgt voor helder en duidelijk geformuleerde Regels en Richtlijnen, die bij voorkeur het VU-brede model volgen. Maatregelen die getroffen worden bij fraude worden conform de modelbepaling van het College van Bestuur opgenomen in de Regels en Richtlijnen van de Examencommissie. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.2 Kwaliteitsborging van toetsing in de Plan-fase Do Indien de examinator van de meegedeelde (en in de studiegids gepubliceerde) toetsvorm wil afwijken, dient deze in overleg te treden met het opleidingsmanagement. Een voorstel voor de nieuwe wijze van toetsen wordt door de examencommissie bekrachtigd (indien akkoord). Aandachtspunt: er kunnen omstandigheden zijn die met zich meebrengen dat van de meegedeelde toetsvorm wordt afgeweken, maar er moet duidelijk worden verantwoord waarom dit wordt gedaan. 14

15 De examencommissie communiceert met examinatoren over haar werkwijze m.b.t. de borging van de toetskwaliteit. De examencommissie controleert de kwaliteit van de toetsing volgens haar eigen werkwijze. De examencommissie controleert de toetsing sowieso voor toetsen die het jaar ervoor niet aan de gestelde norm voldeden en aanleiding gaven voor het opstellen van een verbeterplan door de betreffende examinator. De examencommissie controleert of dit verbeterplan is uitgevoerd en heeft opgeleverd wat het beoogde (de verbetering van de kwaliteit van de toets). De examencommissie controleert of de beoordelingsformulieren van de thesis/stage aanwezig zijn en door 2 examinatoren zijn ondertekend. Indien de examencommissie of toetscommissie een toets nader wil bestuderen, bekijkt zij in elk geval de studiegidsinformatie en gaat zij na wat de nakijktermijn van het tentamen was. Daarnaast verzoekt zij de examinator om aanvullende informatie over de toets, bijvoorbeeld: o Het tentamen, het eventuele hertentamen (de tentamenvragen en het voorblad) en het proeftentamen o Antwoordmodel(len) o Toetsmatrijs (zie Terminologie en paragraaf Validiteit) o Statistische analyse van het tentamen o Beoordelingscriteria en beoordelingsformulieren bij presentaties, verslagen e.d. o De uitslag in cijfers, met de cesuur en het slagingspercentage erbij De examencommissie communiceert schriftelijk met de verantwoordelijke examinator in geval van afwijkingen van de norm met betrekking tot de kwaliteit van de toets, en vraagt de examinator om een verbeterplan te formuleren t.a.v. de komende afname (in de regel het volgend studiejaar). De examencommissie communiceert haar (gedetailleerde) bevindingen met betrekking tot onderzochte toetsen met het opleidingsmanagement. De examencommissie stelt jaarlijks een jaarverslag op. De examencommissie neemt de belangrijkste informatie omtrent de kwaliteit van de toetsen van dat studiejaar en de evt. acties die zijn ondernomen met het oog op verbetering van de kwaliteit van de toets op in haar jaarverslag. Kwaliteitseis 15: De examencommissie stelt richtlijnen op waarin is aangeven hoe het eindcijfer van stages en theses wordt vastgesteld en hoe wordt omgegaan met verschillen in beoordeling tussen eerste en tweede beoordelaar (Zie bijlage 1: art b lid 1 b WHW). Bij het opstellen van deze richtlijnen ligt samenwerking met het opleidingsmanagement en het faculteitsbestuur voor de hand. Ook neemt de examencommissie regelmatig kennis van stageverslagen en theses. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.3 Kwaliteitsborging van toetsing in de DO-fase 3. Het toetsproces Check De examencommissie evalueert ten minste twee keer per 6 jaar het toetsplan van de opleiding, en zij gaat na of alle eindtermen degelijk worden getoetst. Zij evalueert daarnaast het toetsbeleid en de procedures van de faculteit en geeft hierover advies aan respectievelijk het opleidingsmanagement en het faculteitsbestuur. Hierbij betrekt de examencommissie de examinatoren. (Voor de definitie van een toetsplan zie Terminologie). De examencommissie evalueert de opgestelde Regels en Richtlijnen en haar eigen werkwijze. 15

16 Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.4 Kwaliteitsborging van toetsing in de Check-fase Act De examencommissie voert evt. wijzigingen door in de opgestelde Regels en Richtlijnen en in haar eigen werkwijze. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.5 Kwaliteitsborging van toetsing in de Act-fase 16

17 1.4 DRAAIBOEK VOOR EXAMINATOREN (CURSUSCOÖRDINATOR/DOCENTENTEAM) Plan De examinator kiest een toetsvorm (of meerdere) en stelt de weging en evt. compensatie van de verschillende deeltoetsen of onderdelen vast (zoals een tentamen, werkstuk, practicum, presentatie e.d.). Bij de keuze voor een wijze van toetsen sluit de examinator aan bij het toetsplan van de opleiding (in overleg met het opleidingsmanagement) en stemt hij/zij de toets af op andere cursussen in het curriculum. (Voor de definitie van een toetsplan zie Terminologie). Indien de examinator van de meegedeelde (en in de studiegids gepubliceerde) toetsvorm wil afwijken, dient hij/zij in overleg te treden met het opleidingsmanagement. Een voorstel voor de nieuwe wijze van toetsen wordt aangevraagd bij de examencommissie, die dit voorstel bekrachtigt (indien akkoord). Aanvullend op de informatie in de studiegids verschaft de docent de studenten bij aanvang van de cursus duidelijk en gedetailleerd informatie (bv. via Blackboard) met betrekking tot de toetsing van de cursus. Kwaliteitseis 2: De docenten formuleren de leerdoelen van de cursussen adequaat, en stemmen deze af op de eindtermen en op de overige cursussen in het programma. Het opleidingsmanagement ziet toe op de samenhang en de opbouw van het programma en derhalve ook op de afstemming van leerdoelen op de eindtermen van het programma. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 2.2 Wat toetsen? 2.3 Hoe toetsen? 4.2 Kwaliteitsborging van toetsing in de Plan-fase Do TOETSSAMENSTELLING De examinator is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de toets. Bij summatieve toetsing zijn de belangrijkste eisen: De toets is valide/representatief. o De toets dekt de leerdoelen van de cursus/ het cursusonderdeel. o De inhoud van de toetst stemt overeen met de inhoud van de cursus/ het cursusonderdeel. o De opgaven en toets als geheel hebben als resultaat dat er een onderscheid kan worden gemaakt tussen studenten die de stof wel en niet (goed) beheersen. De toets is betrouwbaar. o De opgaven zijn zo duidelijk en de antwoordmogelijkheden zo eenduidig dat verschillende beoordelaars tot eenzelfde score zouden komen. o De opgaven zijn zo gesteld dat de kans het grootst is dat studenten die de stof beheersen deze ook goed maken. o De opgaven zijn qua moeilijkheidsgraad afgestemd op het niveau dat van de studenten wordt verwacht. 17

18 o De toets heeft de juiste lengte met het oog op de beschikbare tijd, zodat het werktempo geen invloed heeft op het resultaat. De toets is transparant. o Het dient voor de student duidelijk te zijn hoe het eindcijfer tot stand komt zodat de student zich goed kan voorbereiden op de toets, en achteraf kan nagaan hoe zijn/haar cijfer tot stand is gekomen. o De cursuscoördinator draagt er zorg voor dat de informatie omtrent toetsing in de studiegids overeenstemt met de werkelijkheid. o Studenten kunnen een inschatting maken van het niveau en de wijze van toetsing door middel van een proeftentamen, waarvan ook de antwoorden beschikbaar zijn. Het proeftentamen komt qua vorm en moeilijkheidsgraad overeen met het echte tentamen en wordt tijdig (dat wil zeggen: ten minste voor aanvang van de collegevrije periode ten behoeve van tentamenstudie), beschikbaar gesteld aan de studenten. De toets is bruikbaar. o Er is een goede verhouding tussen de tijdsinvestering voor het docententeam, de student en de organisatie voor de ontwikkeling, afname en beoordeling van de toets en de informatie die de toets oplevert. o Iedere student krijg een goede en even grote kans om zijn echte kunnen en vooruitgang te demonstreren. De toets is vergelijkbaar. o De docent/examinator dient er voor te zorgen dat bij de verschillende gelegenheden (eerste gelegenheid en herkansing) waarop een tentamen kan worden afgelegd, de inhoud en moeilijkheidsgraad vergelijkbaar zijn. o Speciale aandacht verdient het afnemen van een herkansing met een andere toetsvorm dan de oorspronkelijke toets (bijvoorbeeld een mondelinge toets bij herkansing). Gezien de eisen die gesteld worden aan de vergelijkbaarheid zal men hier zeer terughoudend mee moeten zijn. Kwaliteitseis 3: De toets dient representatief te zijn voor alle door de docent belangrijk geachte onderwerpen in de stof. De toets betreft de kern van de stof en bestrijkt daarmee de leerdoelen. Kwaliteitseis 10: Bij de toetsconstructie wordt uitgegaan van de belangrijkste kwaliteitseisen: de toets moet valide, betrouwbaar, transparant, bruikbaar en vergelijkbaar zijn. Kwaliteitseis 8: De examinator is eindverantwoordelijke voor de toetsing. Examinatoren voeren regie op eventuele onderdelen van toetsen die door collega-docenten aangeleverd worden, en voeren de kwaliteitscontrole op de gehele toets uit. Kwaliteitseis 5 (v.a. 1 sept. 2013): In cursussen behorende tot de bacheloropleiding wordt zo frequent en vroegtijdig mogelijk getoetst. Hiertoe wordt tijdig gedurende de onderwijsperiode een diagnostische toets afgenomen, op grond waarvan de docent de vorderingen van de student evalueert en aan hem of haar kenbaar maakt (de diagnostische toets kan formatief of summatief zijn). Daarnaast wordt elk vak afgerond met een laatste deeltoets. Per vak wordt het gewicht van de deeltoetsen vooraf bepaald. Op basis daarvan wordt de eindbeoordeling vastgesteld. 18

19 Kwaliteitseis 9: De formatieve toets en de feedback daarop zijn expliciet gekoppeld aan de beoordelingscriteria die gelden voor het halen van (onderdelen van) de cursus. De feedback helpt studenten hun eigen vorderingen te beoordelen en te bepalen hoe ze het beste verder kunnen studeren (Waar ga ik heen/ waaraan moet ik voldoen? Hoe vorder ik? Wat is mijn volgende stap?). Kwaliteitseis 7 (v.a. sept 2013): Indien de student voldaan heeft aan de inspanningen zoals vermeld in de vakbeschrijving, dan wordt hij, bij een onvoldoende eindbeoordeling, éénmaal in de gelegenheid gesteld om op een door de docent / examinator te bepalen wijze, alsnog een voldoende te halen. Herkansingen noodzakelijk vanwege persoonlijke omstandigheden die de student hebben verhinderd het tentamen af te leggen (ziekte, calamiteiten, etc.) vallen onder de hardheidsclausule. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.3 Kwaliteitsborging van toetsing in de DO-fase Validiteit Betrouwbaarheid Transparantie Bruikbaarheid Hergebruik van oude tentamenvragen Vergelijkbaarheid Herkansingen TOETSAFNAME De examinator is steeds de eindverantwoordelijke voor de toetsing. Als de toets wordt afgenomen door een andere persoon dan de examinator, moet ervoor worden gezorgd dat de examinator over de informatie beschikt die hij nodig heeft om zijn verantwoordelijkheid te nemen. Dit vergt duidelijke afspraken, bijvoorbeeld over hoe notities moeten worden gemaakt bij mondelinge toetsen. Tijdens de toets is het belangrijk dat voor studenten inzichtelijk is hoe men tot het eindcijfer komt. Hiertoe wordt informatie gegeven op het voorblad van het tentamen (bijvoorbeeld over de puntentoekenning per (deel)antwoord); zie paragraaf Transparantie, voor informatie die op het voorblad dient te worden gegeven). De examinatoren treffen maatregelen om fraude tegen te gaan (zoals beschreven in de Regels en Richtlijnen van de Examencommissie). Verwijzing naar bijbehorende toelichting 3.4 Kwaliteitseisen rond toetsafname VASTSTELLEN VAN HET EINDOORDEEL De examinator bepaalt welk begrip, kennis, vaardigheden, attitudes of een integratie daarvan in competenties van een student worden verwacht rekening houdend met de leerdoelen van de cursus en hoe dit zal worden beoordeeld. De examinator legt voor elke toetsactiviteit de cesuur (zak/slaaggrens/slaagvoorwaarden) vast (zie Bijlage 4: De cesuurbepaling voor diverse methoden van cesuurbepaling). 19

20 Als meerdere collega s een deel van het werk beoordelen, worden duidelijke afspraken gemaakt over de wijze waarop eenvormigheid zal worden bereikt. De beoordelaars zijn alert op het vaststellen van fraude. In het kader van geschillen met betrekking tot toetsing en eisen tot schadevergoeding, moet de docent de toets zelf, en de uitwerkingen van de toets, bewaren gedurende minimaal 2 jaar (zie Archivering). Kwaliteitseis 6 (v.a. 1 sept. 2013): De toetsing van de student is afgerond bij het einde van de cursus. Kwaliteitseis 13: De beoordelingscriteria voor de stage en thesis worden geoperationaliseerd in een beoordelingsschema. Bij voorkeur zijn deze beoordelingscriteria ook al eerder in de opleiding aan de orde geweest. In de stage- of thesishandleiding is vastgelegd hoe en op welke momenten de beoordeling plaatsvindt. Kwaliteitseis 14: Het eindproduct van de masterstage of thesis wordt beoordeeld door de begeleidende docent en een tweede beoordelaar. Bij de bachelorstage of thesis wordt een tweede beoordelaar aanbevolen. Kwaliteitseis 15: De examencommissie stelt richtlijnen op waarin is aangeven hoe het eindcijfer van stages en theses wordt vastgesteld en hoe wordt omgegaan met verschillen in beoordeling tussen eerste en tweede beoordelaar (Zie bijlage 1: art b lid 1 b WHW). Bij het opstellen van deze richtlijnen ligt samenwerking met het opleidingsmanagement en het faculteitsbestuur voor de hand. Ook neemt de examencommissie regelmatig kennis van stageverslagen en theses. Kwaliteitseis 16: In het geval de stage of thesis door twee of meer studenten uitgevoerd wordt, wordt duidelijk afgesproken welke taken, onderdelen of onderzoeksvragen per individu worden uitgewerkt. Ook dient in de verslaglegging de bijdrage van de afzonderlijke studenten zichtbaar te zijn; deze dient te kunnen leiden tot een individuele beoordeling, gerelateerd aan de hoofddoelen van de stage of thesis. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 3.3 Kwaliteitseisen aan toetsing als waarderingsinstrument Toetsen en beoordelen van vaardigheden (stage en thesis) Archivering HET GEVEN VAN FEEDBACK De feedback voldoet aan de kwaliteitseisen. De docent moet te allen tijde kunnen aantonen hoe een scoreresultaat van een student tot stand is gekomen en de juiste documenten (o.a. beoordelingsformulier) kunnen voorleggen (zie Archivering). De docent verleent inzage in de gemaakte toetsen met aantekeningen van de examinator, en met inzage in de antwoorden of de antwoordsleutel, aan de studenten die hierom verzoeken. 20

21 Kwaliteitseis 11 (v.a. 1 sept. 2013): De resultaten worden binnen tien werkdagen na het afnemen van een toets bekend gemaakt. De resultaten van scripties worden binnen twintig werkdagen na inleveren van de scriptie bekend gemaakt. Kwaliteitseis 9: De formatieve toets en de feedback daarop zijn expliciet gekoppeld aan de beoordelingscriteria die gelden voor het halen van (onderdelen van) de cursus. De feedback helpt studenten hun eigen vorderingen te beoordelen en te bepalen hoe ze het beste verder kunnen studeren (Waar ga ik heen/ waaraan moet ik voldoen? Hoe vorder ik? Wat is mijn volgende stap?). Verwijzing naar bijbehorende toelichting Formatieve toetsing 3.1 Kwaliteitseisen aan formatieve toetsing en feedback Transparantie 4.3 Kwaliteitsborging van toetsing in de DO-fase Check De examinator evalueert de toetsing van zijn/haar cursus, bijvoorbeeld aan de hand van de resultaten van de evaluatie van het onderwijs en/of eventuele panelgesprekken met studenten, de feedback van andere betrokkenen bij de toetsing en de informatie van een eventuele itemanalyse. Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.4 Kwaliteitsborging van toetsing in de Check-fase Act De examinator kan de toetsvorm of de aanpak bij de constructie, de afname en/ of het beoordelen van de toets indien nodig aanpassen. Hierbij wordt aangesloten bij het toetsplan van de opleiding (zie paragraaf Terminologie voor de definitie van een toetsplan). Verwijzing naar bijbehorende toelichting 4.5 Kwaliteitsborging van toetsing in de Act-fase 21

22 2. VISIE OP TOETSING Toetsing is onlosmakelijk verbonden met het onderwijs. Hierdoor is ook de visie op toetsing verbonden met de visie die de VU heeft op haar onderwijs. Hieronder volgen enkele belangrijke passages die een beeld geven van de visie van de VU op haar onderwijs en op de toetsing. In het Instellingsplan is de volgende ambitie voor het bacheloronderwijs geformuleerd: De VU wil een intensief en uitdagend studieklimaat creëren, met uitdagend onderwijs waarbij de verwachting is dat iedere student elk jaar alle cursussen haalt. Aanstaande studenten worden in de studievoorlichting al op deze ambitie gewezen. De VU verwacht van haar studenten dat zij de potentie en de ambitie hebben om een sprong te maken in hun ontwikkeling, een grote inzet en betrokkenheid bij de studie en een actieve studiehouding. De Programmacommissie Undergraduate heeft op grond hiervan de Richtlijn Bacheloronderwijs opgesteld, die per 1 september 2013 van kracht wordt 1. De volgende passages hieruit zijn relevant voor de visie op toetsing binnen de instelling: 1. Onderwijsprogramma De bacheloropleidingen zijn zo ingericht dat de actieve participatie van studenten en (derhalve) hun studiesucces bevorderd worden; a. Hiertoe worden activerende onderwijsvormen gebruikt die bewezen effectief zijn. b. Biedt een opleiding minimaal 12 contacturen per week (voor het eerste jaar van de bacheloropleiding: minimaal 14 contacturen per week). c. Omvat een studiepunt in totaal 28 uur aan contacturen en zelfstudie. d. Zijn vakken ingedeeld in drie niveaus: inleidend (100), verdiepend (200) en gevorderd (300). e. En is de toetsing van de student afgerond bij het einde van het vak. 2. Toetsing en beoordeling in vakken a. De bacheloropleiding voldoet aan het VU-toetsbeleid, waarvan in ieder geval onderstaande bepalingen deel uitmaken. b. De resultaten worden binnen tien werkdagen na het afnemen van een toets bekend gemaakt. c. Er wordt zo frequent en vroegtijdig mogelijk getoetst. Hiertoe wordt tijdig gedurende de onderwijsperiode een diagnostische toets afgenomen, op grond waarvan de docent de vorderingen van de student evalueert en aan hem of haar kenbaar maakt. Daarnaast wordt elk vak afgerond met een laatste deeltoets. Per vak wordt het gewicht van de deeltoetsen vooraf bepaald. Op basis daarvan wordt de eindbeoordeling vastgesteld. d. Indien de student voldaan heeft aan de inspanningen zoals vermeld in de vakbeschrijving, dan wordt hij, bij een onvoldoende eindbeoordeling, éénmaal in de gelegenheid gesteld om op een door de docent / examinator te bepalen wijze, alsnog een voldoende te halen. e. Maatregelen die getroffen worden bij fraude worden conform de modelbepaling van het College van Bestuur opgenomen in de Regels en Richtlijnen van de Examencommissie. De verdere uitwerking van de visie op toetsing krijgt vorm aan de hand van antwoorden op de vijf basisvragen met betrekking tot toetsing: waarom, wat, hoe, wanneer en wie. 1 Zoals definitief vastgesteld door het CvB op 7 januari

23 2.1 WAAROM TOETSEN? In algemene zin zijn er drie belangrijke functies van toetsen, namelijk het diagnosticeren van het ingangsniveau (voorafgaand aan de cursus, een vorm van formatief toetsen), het geven van feedback aan de studenten over hun bereikte en niet-bereikte doelstellingen, zodat zij hun leerproces kunnen bijsturen (formatief toetsen) en het beoordelen in welke mate studenten de leerdoelen hebben bereikt (summatief toetsen) SUMMATIEVE TOETSING Bij summatief toetsen wordt nagegaan in welke mate de studenten de vooropgestelde doelstellingen hebben bereikt (meetinstrument) en wordt op basis daarvan een oordeel geformuleerd (waarderingsinstrument). Een goede summatieve toetsing biedt de garantie dat de afgestudeerden de eindtermen van de opleiding beheersen. Een cruciale voorwaarde hierbij zijn duidelijke leerdoelen (bij cursussen) en eindtermen (bij opleidingen). Kwaliteitseis 1: Het opleidingsmanagement is verantwoordelijk voor een duidelijke formulering van de eindtermen van de opleiding en waarborgt dat de eindtermen van de opleiding als geheel worden gedekt door de toetsen die worden afgenomen. De eindtermen vormen een uitwerking van het inhoudelijke deel van de opleidingsvisie. Het zijn meer in detail de eindkwalificaties die iedere afgestudeerde van de opleiding moet bezitten. In de eindtermen ligt vast op welke gebieden en op welk niveau een student na afronding van de opleiding inhoudelijke kennis bezit, maar ook over welke vaardigheden hij moet beschikken, met welke methoden en technieken hij bekend is en op welk niveau hij onderzoek moet kunnen opzetten, uitvoeren en presenteren (zie voor nadere informatie hierover het Hoofdstuk Programma van het Handboek Onderwijskwaliteit (https://www.intranet.vu.nl/handboekonderwijskwaliteit) en de website van de NVAO: Kwaliteitseis 2: De docenten formuleren de leerdoelen van de cursussen adequaat, en stemmen deze af op de eindtermen en op de overige cursussen in het programma. Het opleidingsmanagement ziet toe op de samenhang en de opbouw van het programma en derhalve ook op de afstemming van leerdoelen op de eindtermen van het programma. De eindtermen van de opleiding moeten uitgewerkt zijn in concrete en toetsbare leerdoelen. Goed geformuleerde leerdoelen bevatten minimaal twee componenten: een inhoudscomponent (dit geeft aan waarover de student iets moet leren) en een gedragscomponent (dit geeft expliciet aan wat de student met de inhoud moet kunnen doen, bovendien is het gedrag dat de student moet kunnen vertonen beschreven in observeerbare activiteiten). Daarnaast kan een leerdoel een conditiecomponent bevatten (deze component geeft aan onder welke condities het gedrag van de student getoond mag of moet worden, bijvoorbeeld 'met gebruikmaking van het handboek' of 'aan de hand van een eigen voorbeeld') (zie voor nadere informatie hierover het Hoofdstuk Programma van het Handboek Onderwijskwaliteit. https://www.intranet.vu.nl/handboekonderwijskwaliteit) FORMATIEVE TOETSING Formatieve toetsing is van groot belang om studenten te activeren. Bij een formatieve toets krijgen studenten (meestal) geen cijfer, maar informatie over de mate waarin hun werk beantwoordt aan de criteria en over het gewenste vervolg. Regelmatig formatief toetsen leidt tot minder uitstelgedrag. Met name voor het ontwikkelen van academische vaardigheden en kritisch denken blijkt het krijgen en het (leren) geven van goede feedback een van de beste manieren te zijn om beoordelingscriteria te doorgronden 23

Training examencommissies

Training examencommissies Training examencommissies N.a.v. midterm review instellingstoets kwaliteitszorg 5 maart 2015 Linda Verbeek 1 Voorstellen Drs Scheikunde (UU) MSc Onderwijskundig ontwerp en advisering (UU) Nu: Beleidsmedewerker

Nadere informatie

Kwaliteit van Toetsen. Dr C.G.Groot

Kwaliteit van Toetsen. Dr C.G.Groot Kwaliteit van Toetsen Dr C.G.Groot Er was eens. - Vragen niet correct - Toets geen afspiegeling van de stof - Procedures onduidelijk - Mondeling (in dit geval) niet objectief 2 Wettelijk kader - Wet op

Nadere informatie

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016. Regeling Externe toezichthouders bij examens

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016. Regeling Externe toezichthouders bij examens Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Automotive Studiejaar 2015 2016 Regeling Externe toezichthouders bij examens Inhoudsopgave 1. Positie en benoeming externe toezichthouders... 3 2. Taak externe toezichthouder

Nadere informatie

Reglement examencommissie (regels ex art. 7.12b, 3 e lid WHW)

Reglement examencommissie (regels ex art. 7.12b, 3 e lid WHW) Reglement examencommissie (regels ex art. 7.12b, 3 e lid WHW) Reglement examencommissie, vastgesteld door de examencommissie van de Undergraduate School Geowetenschappen aan de Universiteit Utrecht, op

Nadere informatie

Inhoudsopgave : PARAGRAAF 4 EXAMEN 6 Artikel 4 Iudicium 6

Inhoudsopgave : PARAGRAAF 4 EXAMEN 6 Artikel 4 Iudicium 6 Regels en Richtlijnen voor de Bacheloropleiding Gezondheidswetenschappen 2015-2016 voor studenten die per 1 september 2014 of eerder zijn gestart met de opleiding, zoals bedoeld in artikel 7.12b van de

Nadere informatie

OER. Uitleg over de. Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

OER. Uitleg over de. Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Fractie VUUR, Universiteitsraad www.verenigingvuur.nl info@verenigingvuur.nl Voorwoord De Onderwijs-

Nadere informatie

Kwaliteitsvol evalueren

Kwaliteitsvol evalueren Kwaliteitsvol evalueren Studiedag peer review van het toetsgebeuren, 31/5/2013 Dirk Van Landeghem Inleiding Kwaliteitsvol onderwijs vereist kwaliteitsvol evalueren Evaluatie = multidimensioneel en complex

Nadere informatie

Archiveren toetsen. Toetsadviescommissie, Johan Jeuring Faculteit Bètawetenschappen Januari 2012

Archiveren toetsen. Toetsadviescommissie, Johan Jeuring Faculteit Bètawetenschappen Januari 2012 Archiveren toetsen Toetsadviescommissie, Johan Jeuring Faculteit Bètawetenschappen Januari 2012 Moeten we toetsen archiveren? Welke onderdelen? Waarom moeten we dat doen? Hoe lang moeten we dat doen? Wie

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1. 1 INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.4 Onderwijs- en examenregeling... 4 2. TOELATING TOT DE OPLEIDING...

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [66810] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs

Nadere informatie

Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Fractie VUUR, Universiteitsraad www.verenigingvuur.nl info@verenigingvuur.nl - 2 - Voorwoord

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling [60717] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs en

Nadere informatie

7.3 Regels en Richtlijnen van de Examencommissie Lerarenopleiding 2014-2015 voor:

7.3 Regels en Richtlijnen van de Examencommissie Lerarenopleiding 2014-2015 voor: 7.3 Regels en Richtlijnen van de Examencommissie Lerarenopleiding 2014-2015 voor: Lerarenopleidingstraject van de Educatieve Master / Master Communicatie en Educatie Master LVHO Educatieve Minor met betrekking

Nadere informatie

Toetsvormen. Onderwijsmiddag 14 februari 2012 Ferdi Engels & Gerrit Heil toetsadviescommissie

Toetsvormen. Onderwijsmiddag 14 februari 2012 Ferdi Engels & Gerrit Heil toetsadviescommissie Toetsvormen Onderwijsmiddag 14 februari 2012 Ferdi Engels & Gerrit Heil toetsadviescommissie 1 Waarom wordt er getoetst? Om te beoordelen in hoeverre de student in staat is te handelen zoals op academisch

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Journalistiek. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Journalistiek. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling [60628] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Journalistiek Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs en

Nadere informatie

Eens per 6 jaar, voor visitatie. Evt.bijstelling bij mid-term

Eens per 6 jaar, voor visitatie. Evt.bijstelling bij mid-term Handreiking voor de adjunct-directeuren Iedere bachelor- of masteropleiding in de FWN wordt aangestuurd door een adjunct-directeur. Een adjunct-directeur kan meerdere opleidingen aansturen. Hij heeft hierbij

Nadere informatie

Toetsbeleid faculteit MB

Toetsbeleid faculteit MB faculteit Management & Bestuur Datum: versie oktober 2011 Toetsbeleid faculteit MB Versie oktober 2011 Uitgangspunten en maatregelen t.b.v. de kwaliteit van toetsen en beoordelen geïnitieerd door OLDs

Nadere informatie

Checklist kwaliteitsborging examen- en opleidingscommissies hogeschool Windesheim. I. Aanleiding

Checklist kwaliteitsborging examen- en opleidingscommissies hogeschool Windesheim. I. Aanleiding Checklist kwaliteitsborging examen- en opleidingscommissies hogeschool Windesheim Versiedatum: 8 maart 2011 (vastgesteld in directeurenoverleg 8 maart 2011) I. Aanleiding Dit document is een vervolg op

Nadere informatie

Kwaliteitsdefinitie. Analyse. Draaiboek voor evaluatie van de studie archeologie

Kwaliteitsdefinitie. Analyse. Draaiboek voor evaluatie van de studie archeologie Versie april 2008 1 Draaiboek voor evaluatie van de studie archeologie Afkortingen: OLC : opleidingscommissie OS : onderwijssecretaris (Olga Yates / Jaap Hoff) PO : portefeuillehouder onderwijs (Corinne

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [66809] Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het

Nadere informatie

De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk

De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk Op de HBOV van de Hogeschool Leiden wordt sinds het studiejaar 2013-2014 gewerkt met CBP s, Competentie Beoordelingen in de Praktijk. Gedachte hierachter is, dat

Nadere informatie

Regels en Richtlijnen voor de bacheloropleiding Sociale Geografie en Planologie, College Sociale Wetenschappen

Regels en Richtlijnen voor de bacheloropleiding Sociale Geografie en Planologie, College Sociale Wetenschappen Regels en Richtlijnen voor de bacheloropleiding Sociale Geografie en Planologie, College Sociale Wetenschappen I. Regels en Richtlijnen Examens en Tentamens De Examencommissie van de bacheloropleiding

Nadere informatie

1 Inleiding... 2 2 Examencommissie... 3 3 Toelating... 4. 3.1 Toelatingseisen... 4 3.2 Vrijstellingen... 4. 4 De inrichting van toetsen...

1 Inleiding... 2 2 Examencommissie... 3 3 Toelating... 4. 3.1 Toelatingseisen... 4 3.2 Vrijstellingen... 4. 4 De inrichting van toetsen... Inhoudsopgave 1 Inleiding... 2 2 Examencommissie... 3 3 Toelating... 4 3.1 Toelatingseisen... 4 3.2 Vrijstellingen... 4 4 De inrichting van toetsen... 5 4.1 Toelating tot de toetsing... 5 4.2 Schriftelijke

Nadere informatie

[TOETSKADER TU/E] TU/e. Lilian Halsema Henk Swagten Werkgroep project implementatie Toetsbeleid

[TOETSKADER TU/E] TU/e. Lilian Halsema Henk Swagten Werkgroep project implementatie Toetsbeleid 2014 TU/e Lilian Halsema Henk Swagten Werkgroep project implementatie Toetsbeleid [TOETSKADER TU/E] Op 23-10-2014 is deze nota vastgesteld door het College van Bestuur van de TU Eindhoven. 1 1. Introductie

Nadere informatie

Individueel Onderwijsontwerp Traject (IOT)

Individueel Onderwijsontwerp Traject (IOT) universitair onderwijscentrum groningen Cursusontwerp Individueel Onderwijsontwerp Traject (IOT) Versie Augustus 2013 Naam: Datum: Dit sjabloon geeft een structuur voor het ontwerpen van uw cursus. Onder

Nadere informatie

Vastgesteld door de decaan van de faculteit Wiskunde&Informatica op 28 augustus 2003

Vastgesteld door de decaan van de faculteit Wiskunde&Informatica op 28 augustus 2003 Onderwijs- en examenregeling 2003 van de Masteropleiding Computer Science Vastgesteld door de decaan van de faculteit Wiskunde&Informatica op 28 augustus 2003 Inhoud: 1. Algemeen 2. Inrichting van de opleiding

Nadere informatie

Toetsing en beoordeling en de beperkte opleidingsbeoordeling

Toetsing en beoordeling en de beperkte opleidingsbeoordeling Toetsing en beoordeling en de beperkte opleidingsbeoordeling Conferentie Onderwijsinspectie, Amersfoort, 20 mei 2015 Sietze Looijenga, QANU In deze workshop: Hoe wordt in visitaties aandacht besteed aan

Nadere informatie

Reglement Examencommissie Premasterprogramma Klinische Gezondheidswetenschappen studiejaar 2014-2015 (regels ex art. 7.

Reglement Examencommissie Premasterprogramma Klinische Gezondheidswetenschappen studiejaar 2014-2015 (regels ex art. 7. Reglement Examencommissie Premasterprogramma Klinische Gezondheidswetenschappen studiejaar 2014-2015 (regels ex art. 7.12b, lid 3 WHW) In het examenreglement zijn deze regels van de examencommissie opgenomen.

Nadere informatie

VERDERE VERSTERKING. toetsen & examineren. 8 oktober 2015. Martine Pol m.pol@owinsp.nl

VERDERE VERSTERKING. toetsen & examineren. 8 oktober 2015. Martine Pol m.pol@owinsp.nl VERDERE VERSTERKING toetsen & examineren 8 oktober 2015 Martine Pol m.pol@owinsp.nl CHRONOLOGISCH OVERZICHT 2004 Onderwijsraad, Examinering in ho 2009 Inspectie vh Onderwijs, Boekhouder of wakend oog 2010

Nadere informatie

Toetsplan 2014-2015. Docent theater. M. Lammers

Toetsplan 2014-2015. Docent theater. M. Lammers Toetsplan 2014-2015 Docent theater M. Lammers Inhoudsopgave Inleiding... 3 1. Visie en uitgangspunten... 4 1.1 Visie op onderwijs... 4 Vaktraining en projecten... 4 Propedeuse en hoofdfase... 5 Actieve

Nadere informatie

B. OPLEIDINGSSPECIFIEK DEEL VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE DUALE PROGRAMMA NEDERLANDS ALS TWEEDE TAAL FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN

B. OPLEIDINGSSPECIFIEK DEEL VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE DUALE PROGRAMMA NEDERLANDS ALS TWEEDE TAAL FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN B. OPLEIDINGSSPECIFIEK DEEL VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE DUALE MASTEROPLEIDING TAALWETENSCHAPPEN 90 EC PROGRAMMA NEDERLANDS ALS TWEEDE TAAL FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN 2015-201 Deel

Nadere informatie

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool

Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool NAO nederlands- vlaamse accreditatieorganisatie Besluit Besluit strekkende tot het verlenen van accreditatie aan de opleiding hbo-bachelor Bewegingstechnologie van De Haagse Hogeschool Datum: 1 oktober

Nadere informatie

Regeling centrale tentamenafname TU/e 2014

Regeling centrale tentamenafname TU/e 2014 Het College van Bestuur van de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e), Gelet op artikel 7.10, derde lid, van de Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek juncto artikel 7.12b, eerste lid,

Nadere informatie

Datum 20 april 2015 Rapport Verdere versterking over het functioneren examencommissies

Datum 20 april 2015 Rapport Verdere versterking over het functioneren examencommissies >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA.DEN HAAG Hoger Onderwijs en Studiefinanciering IPC 2250 Rijnstraat 50 Den Haag Postbus

Nadere informatie

VERANTWOORDELIJKHEDEN KWALITEITSZORG ONDERWIJS/ EXAMINERING onderwijsdirecteuren, opleidingscommissie, examencommissie, (vice)decanen

VERANTWOORDELIJKHEDEN KWALITEITSZORG ONDERWIJS/ EXAMINERING onderwijsdirecteuren, opleidingscommissie, examencommissie, (vice)decanen BIJLAGE 1 VERANTWOORDELIJKHEDEN KWALITEITSZORG ONDERWIJS/ EXAMINERING onderwijsdirecteuren, opleidingscommissie, examencommissie, (vice)decanen Bevoegdheden m.b.t. onderwijs in de wet (WHW) De WHW (zie

Nadere informatie

FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN

FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN FACULTEIT DER GEESTESWETENSCHAPPEN REGELS VOOR HET SCHRIJVEN EN BEOORDELEN VAN BACHELORSCRIPTIES BIJ KUNST- EN CULTUURWETENSCHAPPEN (tot 1 september 2015 geldt dit reglement ook voor de BA Religiewetenschappen)

Nadere informatie

Procedurebeschrijving verzoekschriften niet in usis voor medewerkers

Procedurebeschrijving verzoekschriften niet in usis voor medewerkers Procedurebeschrijving verzoekschriften niet in usis voor medewerkers Inhoudsopgave Algemeen... 1 Verzoek tot goedkeuring keuzeruimte Bachelor (30 EC)... 2 Goedkeuring stage... 4 Verzoek tot afwijking van

Nadere informatie

OVERZICHT VAN TOETSVORMEN

OVERZICHT VAN TOETSVORMEN OVERZICHT VAN TOETSVORMEN Om tot een zekere standaardisering van de gehanteerde toetsvormen en de daarbij geldende criteria te komen, is onderstaand overzicht vastgesteld. In de afstudeerprogramma's voor

Nadere informatie

SCALA: Efficiënt tussentijds feedback geven op schriftelijke werkstukken

SCALA: Efficiënt tussentijds feedback geven op schriftelijke werkstukken SIG Digitaal Toetsen 5 juni 2012 SCALA: Efficiënt tussentijds feedback geven op schriftelijke werkstukken Patris van Boxel (p.van.boxel@vu.nl) Sanne Gratama van Andel (r.gratamavanandel@uu.nl) Patris van

Nadere informatie

Toetsbeleid van Wageningen University. Borging van de kwaliteit van tentamens en examens

Toetsbeleid van Wageningen University. Borging van de kwaliteit van tentamens en examens Toetsbeleid van Wageningen University Borging van de kwaliteit van tentamens en examens Toetsbeleid van Wageningen University Borging van de kwaliteit van tentamens en examens Mei 2011 Examencommissies

Nadere informatie

Examenreglement 2014-2015

Examenreglement 2014-2015 Examenreglement 2014-2015 INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1 Algemeen 3 Hoofdstuk 2 Toelating tot opleidingen en cursussen 4 Hoofdstuk 3 Onderwijsprogramma 5 Hoofdstuk 4 Getuigschrift 7 Hoofdstuk 5 Doel en vorm

Nadere informatie

DEEL B VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE BACHELOROPLEIDING ROEMEENSE TAAL EN CULTUUR

DEEL B VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE BACHELOROPLEIDING ROEMEENSE TAAL EN CULTUUR DEEL B VAN DE ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING VAN DE BACHELOROPLEIDING ROEMEENSE TAAL EN CULTUUR 2015-2016 Deel B: opleidingsspecifiek deel 1. Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepalingen Artikel 1.2

Nadere informatie

Faculteit der Sociale Wetenschappen Handleiding Toetsen en Beoordelen

Faculteit der Sociale Wetenschappen Handleiding Toetsen en Beoordelen Faculteit der Sociale Wetenschappen Handleiding Toetsen en Beoordelen Vastgesteld door het Faculteitsbestuur op 21 maart 2006, gehoord hebbende de Opleidingscommissies en de Gezamenlijke Vergadering. Inhoud

Nadere informatie

Taakomschrijvingen en procedures omtrent inleveren, beoordelen en archiveren afstudeeronderzoek

Taakomschrijvingen en procedures omtrent inleveren, beoordelen en archiveren afstudeeronderzoek Taakomschrijvingen en procedures omtrent inleveren, beoordelen en archiveren afstudeeronderzoek Opgesteld 4 oktober 2013 Besproken in het MT-ILS 9 oktober 2013 Versie 20 november 13 Ter bespreking in DB

Nadere informatie

Wijze waarop de NTTB invulling geeft aan het Toetsreglement Sport

Wijze waarop de NTTB invulling geeft aan het Toetsreglement Sport Wijze waarop de NTTB invulling geeft aan het Toetsreglement Sport Dit document is gebaseerd op het Toetsingsreglement Sport, waarvan het model is vastgesteld door de Algemene leden vergadering van NOC*NSF

Nadere informatie

Rijksuniversiteit Groningen. Faculteit Medische Wetenschappen

Rijksuniversiteit Groningen. Faculteit Medische Wetenschappen Rijksuniversiteit Groningen Faculteit Medische Wetenschappen Regels en Richtlijnen van de Examencommissie voor examinatoren van de bachelor- en masteropleidingen Geneeskunde en Tandheelkunde Opleiding

Nadere informatie

Beschrijving op hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid. Instructeur. Versie 0.1

Beschrijving op hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid. Instructeur. Versie 0.1 Beschrijving op hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Instructeur Versie 0.1 Inleiding In dit document wordt een beschrijving op hoofdlijnen gegeven van de proeve van bekwaamheid Instructeur, voorheen

Nadere informatie

Programma van toetsing

Programma van toetsing Programma van toetsing Inleiding In samenwerking met onderwijskundige experts hebben we ons programma van toetsing ontworpen. Het programma van toetsing is gevarieerd en bevat naast kennistoetsen en beoordelingen

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Arabische Taal en Cultuur

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Arabische Taal en Cultuur FACULTEIT DER LETTEREN RADBOUD UNIVERSITEIT NIJMEGEN ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING van de masteropleiding Arabische Taal en Cultuur 2008-2009 Par. 1 - Algemene bepalingen Artikel 1 - Toepasselijkheid van

Nadere informatie

UT Toetskader. Kader voor integraal toetsbeleid Universiteit Twente. Definitieve Versie september 2013

UT Toetskader. Kader voor integraal toetsbeleid Universiteit Twente. Definitieve Versie september 2013 UNIVERSITEIT TWENTE UT Toetskader Kader voor integraal toetsbeleid Universiteit Twente Definitieve Versie september 2013 Het toetskader bepaalt het karakter van het integrale toetsbeleid van de UT: van

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Cultureel Erfgoed. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Cultureel Erfgoed. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling [60739] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Cultureel Erfgoed Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs

Nadere informatie

Voorwoord Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning

Voorwoord Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning Voorwoord Voor u ligt een proeve van bekwaamheid voor de opleiding Helpende Zorg & Welzijn, niveau 2, voor de kerntaak 1: Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning Deze proeve sluit

Nadere informatie

Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur

Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur Versie 0.1 Beschrijving in hoofdlijnen van de proeve van bekwaamheid Chauffeur In dit document wordt een beschrijving op hoofdlijnen

Nadere informatie

Toetsplan van de kwalificatie Schaatsbegeleider niveau 1

Toetsplan van de kwalificatie Schaatsbegeleider niveau 1 Toetsplan van de kwalificatie Schaatsbegeleider niveau 1 Toetsplan kwalificatie schaatsbegeleider niveau 1 Overzicht Naam van de kwalificatie Schaatsbegeleider niveau 1 Deelkwalificaties PVB 1.1 Assisteren

Nadere informatie

Vrije Universiteit Herzien op 11 november 2013 door het College van Bestuur

Vrije Universiteit Herzien op 11 november 2013 door het College van Bestuur Vrije Universiteit Herzien op 11 november 2013 door het College van Bestuur Preambule De onderwijsdoelstelling van de VU, zoals verwoord in de Onderwijsvisie is onverkort: talent tot rijpheid te brengen

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Bedrijfscommunicatie. studierichtingen: Bedrijfscommunicatie, Cultuur & Organisaties (BCO)

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Bedrijfscommunicatie. studierichtingen: Bedrijfscommunicatie, Cultuur & Organisaties (BCO) FACULTEIT DER LETTEREN RADBOUD UNIVERSITEIT NIJMEGEN ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING van de masteropleiding Bedrijfscommunicatie studierichtingen: Bedrijfscommunicatie, Cultuur & Organisaties (BCO) Internationale

Nadere informatie

EXAMENREGELING TWEEDE JAAR PSYCHOLOGIE 2015-2016

EXAMENREGELING TWEEDE JAAR PSYCHOLOGIE 2015-2016 1 EXAMENREGELING TWEEDE JAAR PSYCHOLOGIE 2015-2016 Terminologie NAV = Niet aan voorwaarden voldaan; AVV = Aan voorwaarden voldaan. Uitgangspunten 1. Het tweede studiejaar Psychologie kent de volgende 6

Nadere informatie

Studiehandleiding eigen vaardigheid basistoets Nederlands (studiegidsnr: 70710P06MY)

Studiehandleiding eigen vaardigheid basistoets Nederlands (studiegidsnr: 70710P06MY) Universitaire Pabo van Amsterdam Nieuwe Prinsengracht 130 1018 VZ Amsterdam E-mail: upva@uva.nl www.student.uva.nl/upva Studiehandleiding eigen vaardigheid basistoets Nederlands (studiegidsnr: 70710P06MY)

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Master leraar Algemene Economie Croho: 45275 deeltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie

Nadere informatie

FRAUDE EN PLAGIAAT REGELING STUDENTEN UvA. Vastgesteld door het College van Bestuur in 2008, laatstelijk gewijzigd mei 2010.

FRAUDE EN PLAGIAAT REGELING STUDENTEN UvA. Vastgesteld door het College van Bestuur in 2008, laatstelijk gewijzigd mei 2010. FRAUDE EN PLAGIAAT REGELING STUDENTEN UvA Vastgesteld door het College van Bestuur in 2008, laatstelijk gewijzigd mei 2010. Artikel 1 Definities 1. Onder fraude en plagiaat wordt verstaan het handelen

Nadere informatie

Reglement Examencommissie Geneeskunde Studiejaar 2015/2016. Master CRU2006

Reglement Examencommissie Geneeskunde Studiejaar 2015/2016. Master CRU2006 Reglement Examencommissie Geneeskunde Studiejaar 2015/2016 Master CRU2006 In dit examenreglement zijn de regels van de examencommissie m.b.t. de goede gang van zaken tijdens de tentamens en de richtlijnen

Nadere informatie

BEOORDELINGSCRITERIA VAN ONDERWIJSKWALIFICATIES Versie juli 2008

BEOORDELINGSCRITERIA VAN ONDERWIJSKWALIFICATIES Versie juli 2008 BEOORDELINGSCRITERIA VAN ONDERWIJSKWALIFICATIES Versie juli 2008 Toelichting Om te kunnen beoordelen of aan een docent een bepaalde onderwijskwalificatie (start, basis, uitgebreide of volledige kwalificatie)

Nadere informatie

Toetsregeling Professionaliteit

Toetsregeling Professionaliteit Toetsregeling Professionaliteit Bacheloropleidingen Geneeskunde en Biomedische Wetenschappen Radboudumc Propedeuse Deze regeling is van kracht vanaf 31 augustus 2015. 1) Begripsbepaling Professionaliteit

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Algemene Cultuurwetenschappen

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Algemene Cultuurwetenschappen FACULTEIT DER LETTEREN RADBOUD UNIVERSITEIT NIJMEGEN ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING van de masteropleiding Algemene Cultuurwetenschappen 2009-2010 Par. 1 - Algemene bepalingen Artikel 1 - Toepasselijkheid

Nadere informatie

Beschrijving Basiskwalificatie onderwijs

Beschrijving Basiskwalificatie onderwijs universitair onderwijscentrum groningen hoger onderwijs Beschrijving Basiskwalificatie onderwijs 2008-2009 september 2008 Basiskwalificatie onderwijs 2 Wat is de basiskwalificatie onderwijs (BKO)? De basiskwalificatie

Nadere informatie

Handboek Toetscommissies

Handboek Toetscommissies Domein Business, Finance en Law Handboek Toetscommissies Datum: september 2014 Versie: 3.0 definitief 1 Versie Datum Status Actie 2.1 Ingrid Pancras 9 februari 2011 DEF Vastgestelde versie en Sonja Hoogendoorn

Nadere informatie

Datawarehousing BIM. Modulecode: BIMDTB06 Modulehouder: H.D.A. de Wit Publicatiedatum: mei 2014 Studiejaar:2013-2014 Studielast: 2 punten

Datawarehousing BIM. Modulecode: BIMDTB06 Modulehouder: H.D.A. de Wit Publicatiedatum: mei 2014 Studiejaar:2013-2014 Studielast: 2 punten Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch,

Nadere informatie

BEOORDELINGSFORMULIER STAGES BACHELOR NIVEAU 3

BEOORDELINGSFORMULIER STAGES BACHELOR NIVEAU 3 Faculteit Geesteswetenschappen BEOORDELINGSFORMULIER STAGES BACHELOR NIVEAU 3 Onderstaand formulier betreft de beoordeling van het stageverslag en het onderzoeksverslag. Deze wordt door de begeleidende

Nadere informatie

LEIDRAAD EXAMENCOMMISSIES HVA

LEIDRAAD EXAMENCOMMISSIES HVA LEIDRAAD EXAMENCOMMISSIES HVA CREATING TOMORROW INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 5 2. ORGANISATORISCHE INBEDDING 7 3. EEN CRUCIALE ROL VOOR DE EXAMENCOMMISSIE 9 3.1 Onafhankelijkheid 9 3.2 Deskundigheid 10 4.

Nadere informatie

Minor in het buitenland 2016-2017 Mogelijkheden bij de opleiding Geneeskunde

Minor in het buitenland 2016-2017 Mogelijkheden bij de opleiding Geneeskunde Internationalisering Minor in het buitenland 2016-2017 Mogelijkheden bij de opleiding Geneeskunde Minor algemeen Alle studenten van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) volgen in het derde Bachelorjaar

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2006-2007 Masteropleiding Conflict Studies and Human Rights. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Onderwijs- en examenregeling 2006-2007 Masteropleiding Conflict Studies and Human Rights. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [60712] Onderwijs- en examenregeling 2006-2007 Masteropleiding Conflict Studies and Human Rights Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing

Nadere informatie

project Voortgangstoetsen in de propedeuse - Lessons Learned

project Voortgangstoetsen in de propedeuse - Lessons Learned project Voortgangstoetsen in de propedeuse - Lessons Learned Onderzoek naar het effect op studiesucces Universiteit van Amsterdam (maart 2011 - december 2012) Het onderzoeksproject Voortgangstoetsing in

Nadere informatie

Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs

Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs Bijzonder kenmerk Kleinschalig en intensief onderwijs 4 november 2011 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Beoordelingskader 4 3 Procedure 6 pagina 2 1 Inleiding Instellingsbesturen kunnen voor opleidingen met kleinschalig,

Nadere informatie

Uitgebreidere informatie is online beschikbaar via: https://www.radboudumc.nl/onderwijs/docenten/pages/toetsing.aspx

Uitgebreidere informatie is online beschikbaar via: https://www.radboudumc.nl/onderwijs/docenten/pages/toetsing.aspx Inspiratiedocument Toetsinginhetnieuwecurriculum Augustus2014 Toetsservice EKO IWOO Het inspiratiedocument Toetsing is bedoeld voor betrokkenen bij de ontwikkeling van de nieuwe bachelorcurricula Biomedische

Nadere informatie

Media Outlook 2 HOGESCHOOL ROTTERDAM / CMI CDMMOU02-2. Aantal studiepunten:2 Modulebeheerder: Ayman van Bregt. Goedgekeurd door:

Media Outlook 2 HOGESCHOOL ROTTERDAM / CMI CDMMOU02-2. Aantal studiepunten:2 Modulebeheerder: Ayman van Bregt. Goedgekeurd door: HOGESCHOOL ROTTERDAM / CMI Media Outlook 2 CDMMOU02-2 Aantal studiepunten:2 Modulebeheerder: Ayman van Bregt Goedgekeurd door: (namens curriculumcommissie) Datum: MARKETING MET INTERACTIEVE MEDIA 6-5 -

Nadere informatie

[60715] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Kunstbeleid en -management. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

[60715] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Kunstbeleid en -management. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [60715] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Kunstbeleid en -management Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 - Toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing

Nadere informatie

Regels Tentaminering. Christelijke Hogeschool Windesheim

Regels Tentaminering. Christelijke Hogeschool Windesheim Regels Tentaminering Christelijke Hogeschool Windesheim Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1. Preambule... 3 2. Begrippenlijst... 3 3. Deelname toetsen in de propedeuse... 3 4. Deelname schriftelijke toetsen

Nadere informatie

Toetsbeleid; een goed plan voor toetsbekwaamheid

Toetsbeleid; een goed plan voor toetsbekwaamheid Toetsbeleid; een goed plan voor toetsbekwaamheid 1. Ontwikkelen van toetsbeleid is niet eenvoudig Een veelvoorkomende denkfout bij het ontwikkelen van toetsbeleid is dat men vanaf nul begint. Er worden

Nadere informatie

Opleidingsstatuut Bachelor opleidingen Bouwkunde Studiejaar 2015 2016. Reglement examencommissie

Opleidingsstatuut Bachelor opleidingen Bouwkunde Studiejaar 2015 2016. Reglement examencommissie Opleidingsstatuut Bachelor opleidingen Bouwkunde Studiejaar 2015 2016 Reglement examencommissie Inhoudsopgave PARAGRAAF 1: ALGEMENE BEPALINGEN... 3 PARAGRAAF 2: STATUS, SAMENSTELLING, WERKWIJZE EN VERGADERINGEN...

Nadere informatie

Kwaliteit van toetsing onder de loep. kwaliteitszorg rondom toetsing 6 februari 2014

Kwaliteit van toetsing onder de loep. kwaliteitszorg rondom toetsing 6 februari 2014 Kwaliteit van toetsing onder de loep kwaliteitszorg rondom toetsing 6 februari 2014 Ochtendprogramma inleiding op methodiek werken aan methodiek terugkoppelen opbrengsten presentatie opzet vervolgonderzoek

Nadere informatie

Richtlijn Onderwijs Universiteit Utrecht

Richtlijn Onderwijs Universiteit Utrecht Richtlijn Onderwijs Universiteit Utrecht Definitieve versie Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek Artikel 9.5 Het college van bestuur kan richtlijnen vaststellen met het oog op de organisatie

Nadere informatie

Richtlijn beoordeling onderzoeksmasters vanaf 1 september 2015. 23 april 2015

Richtlijn beoordeling onderzoeksmasters vanaf 1 september 2015. 23 april 2015 Richtlijn beoordeling onderzoeksmasters vanaf 1 september 2015 23 april 2015 Parkstraat 28 Postbus 85498 2508 CD Den Haag P.O. Box 85498 2508 CD The Hague The Netherlands T +31 (0)70 312 2300 info@nvao.net

Nadere informatie

Koudum. Schooljaar 2014 / 2015 VMBO 3T. Programma van Toetsing en Afsluiting

Koudum. Schooljaar 2014 / 2015 VMBO 3T. Programma van Toetsing en Afsluiting Schooljaar 2014 / 2015 Programma van Toetsing en Afsluiting VMBO 3T Koudum Bogerman Christelijke school voor lwoo, vmbo, havo, atheneum, gymnasium en technasium www.bogerman.nl Koudum, september 2014 Aan

Nadere informatie

Reglement Bachelorscriptie Geschiedenis Vastgesteld op 1-9-2015, verbeterd en goedgekeurd door de examencommissie op 10-9- 2015

Reglement Bachelorscriptie Geschiedenis Vastgesteld op 1-9-2015, verbeterd en goedgekeurd door de examencommissie op 10-9- 2015 Faculteit der Geesteswetenschappen Afdeling Geschiedenis, Europese studies en Religiewetenschappen Spuistraat 134 1012 VB Amsterdam Datum 10-9-2015 Contactpersoon J.J.B.Turpijn@uva.nl Bijlagen Beoordelingsformulier

Nadere informatie

Tips voor het construeren van een toets en het verbeteren van de toetskwaliteit Faculteit Management en Bestuur

Tips voor het construeren van een toets en het verbeteren van de toetskwaliteit Faculteit Management en Bestuur Tips voor het construeren van een toets en het verbeteren van de toetskwaliteit Faculteit Management en Bestuur Zoëzi Opleidingsadvies Drs. Hilde ter Horst Drs. Annemiek Metz Versie 4.0, 11 september 2008

Nadere informatie

Projecten Educatieve Middelen Pool 2007 2008 Aanvraagformulier ondersteuning Onderwijscentrum VU. Peer review en Academische Vaardigheden

Projecten Educatieve Middelen Pool 2007 2008 Aanvraagformulier ondersteuning Onderwijscentrum VU. Peer review en Academische Vaardigheden Projecten Educatieve Middelen Pool 2007 2008 Aanvraagformulier ondersteuning Onderwijscentrum VU Peer review en Academische Vaardigheden auteurs: Rob van Leeuwen en Janneke van Eijk; FPP, Onderwijsbureau

Nadere informatie

Autoschadehersteller. Crebonummer 91750 / 95030. PvB 01. Voertuig afleveringsklaarmaken na reparatie. Handleiding Proeve van Bekwaamheid

Autoschadehersteller. Crebonummer 91750 / 95030. PvB 01. Voertuig afleveringsklaarmaken na reparatie. Handleiding Proeve van Bekwaamheid Autoschadehersteller Crebonummer 91750 / 95030 PvB 01 Voertuig afleveringsklaarmaken na reparatie Handleiding Proeve van Bekwaamheid Voor de beoordelaar Handleiding PvB Carrosserietechniek voor de beoordelaar.

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bachelor Opleiding Muziek Bijlage Muziektheater

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bachelor Opleiding Muziek Bijlage Muziektheater ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bachelor Opleiding Muziek Bijlage Muziektheater Studiejaar 2013-2014 1 Aanvulling OER 2012-2013 Muziektheater Inhoud en opbouw van het studieprogramma van de Muziektheaterafdeling

Nadere informatie

Criterium: Borging deskundigheid Een opleiding scoort voldoende op dit criterium wanneer de examinering overeenkomt met het volgende portret.

Criterium: Borging deskundigheid Een opleiding scoort voldoende op dit criterium wanneer de examinering overeenkomt met het volgende portret. Bijlage (Behorend bij de `Regeling standaarden examenkwaliteit MBO, van 31 januari 2009, kenmerk BVE-STELSEL/2009-97923) Inleiding Onderstaand worden 7 standaarden voor de examenkwaliteit gegeven. Bij

Nadere informatie

4 Checklist rekenen 4

4 Checklist rekenen 4 4 Checklist rekenen Protocol ERWD mbo 4.1 Rekenbeleid De mbo-instelling heeft in haar instellingsbeleid een visie vastgelegd op rekenonderwijs en de wijze waarop het rekenen wordt ingevuld, georganiseerd

Nadere informatie

Deel B: Bacheloropleiding Nederlandse Taal en Cultuur voor het studiejaar 2015-2016 Inhoud:

Deel B: Bacheloropleiding Nederlandse Taal en Cultuur voor het studiejaar 2015-2016 Inhoud: FACULTEIT DER LETTEREN ONDERWIJS- EN EAMENREGELING (OER) Deel B: Bacheloropleiding Nederlandse Taal en Cultuur voor het studiejaar 2015-2016 Inhoud: 1 Algemene bepalingen 2 Vooropleiding 3 Inhoud en inrichting

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling [60717] Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Dramaturgie Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs en

Nadere informatie

Inleiding... 3 1. Toetsen... 4 2. Toetsbespreking, correctie, normering, inzage... 8 3. Onregelmatigheden, bezwaar en beroep... 9

Inleiding... 3 1. Toetsen... 4 2. Toetsbespreking, correctie, normering, inzage... 8 3. Onregelmatigheden, bezwaar en beroep... 9 Augustus 2015 Inhoud Inleiding... 3 1. Toetsen... 4 2. Toetsbespreking, correctie, normering, inzage... 8 3. Onregelmatigheden, bezwaar en beroep... 9 Pagina 2 van 9 Inleiding Over de regels en afspraken

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 014-015 Master Pedagogiek CROHO-nummer 44113 deeltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1. Informatie en communicatie...

Nadere informatie

TRAINING AUDIT. Doelen van deze training is: Leden van de auditteams trainen in het uitvoeren van een audit. Voorbereiden van de audit.

TRAINING AUDIT. Doelen van deze training is: Leden van de auditteams trainen in het uitvoeren van een audit. Voorbereiden van de audit. TRAINING Doelen van deze training is: Leden van de auditteams trainen in het uitvoeren van een audit. Voorbereiden van de audit. DAGAGENDA 09.00 09.15 uur: Inloop en koffie 09.15 09.30 uur: Kennismaking

Nadere informatie

BEOORDELINGSKADER ERKENNINGSAANVRAAG VERPLEEGKUNDIGE VERVOLGOPLEIDING

BEOORDELINGSKADER ERKENNINGSAANVRAAG VERPLEEGKUNDIGE VERVOLGOPLEIDING BEOORDELINGSKADER ERKENNINGSAANVRAAG VERPLEEGKUNDIGE VERVOLGOPLEIDING Toelichting bij het gebruik van het beoordelingskader: Het beoordelingskader is een werkdocument voor opleidingscommissies om zo op

Nadere informatie

Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland

Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland Handreiking aanvraag Toets Nieuwe Opleiding Nederland 17 december 2015 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Wanneer een Toets Nieuwe Opleiding? 4 3 Werkwijze Toets Nieuwe Opleiding 5 4 Aanvraagdossier ten behoeve van

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2012-2013 bacheloropleiding HBO-Rechten

Onderwijs- en examenregeling 2012-2013 bacheloropleiding HBO-Rechten College van bestuur Onderwijs- en examenregeling 2012-2013 bacheloropleiding HBO-Rechten ) U2012-04405-BGA I Algemeen deel 1. Algemeen Artikel 1. Toepasselijkheid van de regeling Het Algemeen Deel (Deel

Nadere informatie

EXAMENREGLEMENT FACTORING MANAGEMENT

EXAMENREGLEMENT FACTORING MANAGEMENT EXAMENREGLEMENT FACTORING MANAGEMENT ARTIKEL 1. BEGRIPSBEPALINGEN In dit examenreglement wordt verstaan onder: NIVE: Cash management Examencommissie: Voorzitter: Dagvoorzitter: Corrector: Examinator: Kandidaat:

Nadere informatie