Verkeersgetuigen. Literatuurstudie over confronterende voorlichting RA Karin Van Vlierden. Onderzoekslijn Gedrag

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Verkeersgetuigen. Literatuurstudie over confronterende voorlichting RA-2006-96. Karin Van Vlierden. Onderzoekslijn Gedrag"

Transcriptie

1 Verkeersgetuigen Literatuurstudie over confronterende voorlichting RA Karin Van Vlierden Onderzoekslijn Gedrag DIEPENBEEK, STEUNPUNT VERKEERSVEILIGHEID.

2 Documentbeschrijving Rapportnummer: Titel: RA Verkeersgetuigen Ondertitel: Literatuurstudie over confronterende voorlichting Auteur(s): Karin Van Vlierden Promotor: Rob Cuyvers Onderzoekslijn: Gedrag Partner: Provinciale Hogeschool Limburg Aantal pagina s: 46 Projectnummer Steunpunt: 4.3 Projectinhoud: Literatuurstudie over preventieboodschappen waarin toehoorders geconfronteerd worden met mogelijke negatieve gevolgen van gedrag, in het kader van het project Verkeersgetuigen waarin de Provincie Limburg en de Mobiliteitscel jongeren in contact brengen met slachtoffers van verkeersongevallen Uitgave: Steunpunt Verkeersveiligheid, september 2006 Steunpunt Verkeersveiligheid Agoralaan Gebouw D B 3590 Diepenbeek T F E I

3 Samenvatting Het project Verkeersgetuigen werd opgezet door de Provincie Limburg, in samenwerking met de Provinciale Hogeschool Limburg en ondersteund door de Mobiliteitscel van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. In het project worden jongeren van de derde graad van het secundair onderwijs blootgesteld aan getuigenissen van verkeersslachtoffers die aan hun ongeval een handicap hebben overgehouden. Deze slachtoffers komen in de klas vertellen over het ongeval en de impact ervan op hun leven. Na afloop van hun getuigenis krijgen de jongeren gelegenheid om vragen te stellen of met de getuigen een gesprek aan te knopen. In het buitenland worden of werden in het verleden gelijkaardige projecten uitgevoerd. In Nederland volgt men ongeveer dezelfde werkwijze in het project Traffic Informers. Dit wordt er vaak gecombineerd met andere voorlichtingsprojecten. Soms worden de getuigenissen van verkeersslachtoffers opgenomen in een road show. Hierin wordt meer nadruk gelegd op het aandacht trekken door showelementen zoals luide muziek en confronterende filmpjes. In de Verenigde Staten worden verkeersslachtoffers ingezet in Victim Impact Panels. Dit zijn eveneens getuigenissen over de impact van verkeersongevallen op slachtoffers en nabestaanden. Primaire doelgroep is hier echter de groep van bestuurders die werd veroordeeld voor het rijden onder invloed. Pas in tweede instantie werden ze ook ingericht voor het voorlichten van jongeren. In het Verenigd Koninkrijk maakt men gebruik van theatervoorstellingen om jongeren te wijzen op de gevolgen van risicogedrag in het verkeer. Minder directe getuigenissen van slachtoffers vinden we in Zweden en Australië, waar ze getoond worden in televisiefilmpjes en op DVD. Educatie kan gebeuren op een rationele manier, waarbij door middel van beredeneerde en logische argumenten informatie wordt doorgegeven. Projecten zoals Verkeersgetuigen gaan echter verder dan het louter doorgeven van informatie. Er wordt beroep gedaan op emoties, waarbij verondersteld wordt dat de toehoorders hun latere beslissingen zullen baseren op deze emoties in plaats van of bovenop het rationeel geleerde. Deze soort voorlichting noemen we confronterende voorlichting. Ze bestaat uit voorstellingen die confronteren met de gevolgen van risicogedrag en die een shockerend effect hebben op de ontvanger van de boodschap. De meest bestudeerde emotie in het kader van confronterende voorlichting is angst. Aan angstaanjagende voorlichting is heel wat onderzoek gewijd. Er bestaan diverse modellen die de werkingsmechanismen van deze soort voorlichting beschrijven. Angst treedt op wanneer de toehoorders zich voorstellen welke gevolgen hun gedrag kan hebben voor hun eigen leven en gezondheid. Andere gevoelens die worden aangesproken in confronterende voorlichting zijn schuldgevoel en spijt. Wanneer een onschuldig slachtoffer van een verkeersongeval getuigt over de invloed van dat ongeval op zijn verdere leven, worden toehoorders ertoe aangezet na te denken over mogelijke gevolgen voor anderen van hun eigen risicogedrag. Het zijn dus vooral de geanticipeerde vormen van schuld en spijt waarop in dat geval beroep wordt gedaan. In sommige gevallen kunnen we de verkeersgetuigen ook zien als een soort rolmodel voor de jongeren aan wie ze hun verhaal vertellen. Ze brengen over welk verkeersgedrag gepast is en vooral welk ongepast en risicovol is. Jongeren worden aangezet zichzelf als het ware met de getuigen te vergelijken en te leren uit de gevolgen die deze laatste aan den lijve ondervonden hebben. Op basis van de literatuur over angstaanjagende voorlichting en andere invalshoeken voor confronterende voorlichting, kunnen een aantal richtlijnen gegeven worden waarmee men best rekening houdt bij toepassing van confronterende voorlichting. Een project zoals Verkeersgetuigen wordt ten slotte geëvalueerd. Ook hiervoor zijn er verschillende invalshoeken. Of het uiteindelijke doel van het project dat jongeren zich in de toekomst veiliger gedragen in het verkeer, waardoor ongevallen vermeden worden bereikt werd, is moeilijk te beoordelen. Het is immers bijna onmogelijk om het latere verkeersgedrag te linken aan de voorlichting die nu gegeven wordt. Wat wel bevraagd Steunpunt Verkeersveiligheid 3 RA

4 kan worden zijn de gevoelens die door het project worden losgeweekt, de attitudes tegenover veilig gedrag die er eventueel door beïnvloed worden en het voorgenomen verkeersgedrag voor de toekomst. Door het bevragen van de opgeroepen gevoelens en het effect ervan op de jongeren groeit bovendien inzicht over de mechanismen die door het project in gang worden gezet. Andere invalshoeken voor evaluatie zijn die waarbij de betrokken jongeren hun mening geven over het voorlichtingsconcept en die waarbij de getuigen zelf aan het woord komen. Steunpunt Verkeersveiligheid 4 RA

5 English summary Verkeersgetuigen Literature study on confronting education In the project Verkeersgetuigen, 17 and 18 year-olds in secondary schools are exposed to the testimony of a road victim with permanent damage. This victim reports in the classroom about the accident and the impact from it on his/her life. Afterwards, the youngsters get the opportunity to ask questions or begin a conversation with the victim. In the international literature, we found some projects of the same kind. In the Netherlands, the method is used in the project Traffic Informers. This project is often combined with other educational projects. Sometimes, the testimonies of road victims are part of road shows. These shows catch the youngsters attention with loud music and confronting movies. In de United States, road victims are put in Victim Impact Panels. These are also testimonies about the impact of road accidents on victims and relatives. But the primary target group of these panels was the group of drivers convicted for driving under the influence of alcohol. Only at a later stage they were also set up for educational purposes with youngsters. In the United Kingdom, youngsters are approached with theatre performances to point to the consequences of risky behaviour in traffic. Less direct testimonies of victims are found in Sweden and Australia, where they are part of TV films or DVD s. Education can be a rational matter, by giving well-reasoned and logical arguments to pass on information. Projects like Verkeersgetuigen go beyond the mere passing of information. There is made an appeal to emotions, on the assumption that the audience will make future decisions with these emotions in mind, rather than or in addition to the rational information they got. We call this kind of education confronting education. It depicts the consequences of risky behaviour in a shocking way. The emotion that is studied the most within the framework of confronting education is fear. A lot of studies are dedicated to fear appeals. There are numerous models to explain the effects of this kind of education. Fear occurs when the audience imagines which consequences behaviours may have for its own life and health. Other feelings drawn on in confronting education are guilt and regret. When an innocent road victim tells about the impact of an accident on his/her life, the audience is prompted to think about possible consequences of its risky behaviours for other people. In this way the guilt and regret is mainly anticipated. In some cases road victims can be seen as role models for the youngsters in the audience. They communicate which behaviours are appropriate in traffic and above all which behaviours are inappropriate and risky. They prompt the youngsters to learn a lesson from the consequences they have experienced personally. On the basis of the literature about fear appeals and other approaches of confronting education, we give some guidelines for the implementation of this form of education. The project Verkeersgetuigen will eventually be evaluated. To this end there are also various approaches. The final aim of the project the fact that youngster in the future behave safely in traffic, so that accidents are prevented is hard to assess. It s almost impossible to attribute future traffic behaviours to the current education. But we can study the feelings caused by the project, the attitudes about safe behaviour that can be influenced by the education and the intentions for future traffic behaviour. We can also assess the youngsters opinion about the concept Verkeersgetuigen. And last but not least we can listen to the victims who are influenced by their own testimony for the youngsters. Steunpunt Verkeersveiligheid 5 RA

6 Steunpunt Verkeersveiligheid 6 RA

7 Inhoudsopgave 1. SITUERING VAN HET PROJECT VERKEERSGETUIGEN Inleiding Situering ten opzichte van gelijkaardige buitenlandse projecten Situering in mogelijke benaderingen van voorlichting: confronterende voorlichting MODELLEN VOOR CONFRONTERENDE VOORLICHTING Inspelen op gevoelens Angst, schuld en spijt Schuld Spijt Basismodellen voor angstaanjagende voorlichting Invloed van individuele variabelen Vergelijking met anderen die er slechter aan toe zijn: downward comparison Model-leren Theoretische achtergrond Toepassing op het project Verkeersgetuigen TOEPASSING VAN CONFRONTERENDE VOORLICHTING EVALUATIE VAN CONFRONTERENDE VOORLICHTING Inleiding Bevordering van verkeersveiligheid Attitude van de doelgroep tegenover het voorlichtingsconcept Waarde voor de slachtoffers die getuigen AANBEVELINGEN VOOR HET PROJECT VERKEERSGETUIGEN IN VLAANDEREN Inleiding Inhoudelijke vormgeving van Verkeersgetuigen Evaluatie van Verkeersgetuigen LIJST VAN AFKORTINGEN LITERATUURLIJST Steunpunt Verkeersveiligheid 7 RA

8 1. S I T U E R I N G V A N H E T P R O J E C T V E R K E E R S G E T U I G E N 1.1 Inleiding In het project Verkeersgetuigen worden jongeren van de derde graad van het secundair onderwijs blootgesteld aan getuigenissen van verkeersslachtoffers die aan hun ongeval een handicap hebben overgehouden. Deze komen in de klas vertellen over het ongeval en de impact ervan op hun leven. Na afloop van hun getuigenis krijgen de jongeren gelegenheid om vragen te stellen of met de getuigen een gesprek aan te knopen. Het is belangrijk om op te merken dat de verkeersgetuigen zowel onschuldige slachtoffers kunnen zijn die dus zelf niet aan de basis van hun ongeval lagen als slachtoffers die zelf hun ongeval veroorzaakten. Het belang van dit onderscheid wordt in de rest van het rapport duidelijk gemaakt. De Provincie Limburg heeft in samenwerking met de Provinciale Hogeschool Limburg het project in de loop van het schooljaar als pilootproject uitgevoerd. Op vraag van de Mobiliteitscel (Vlaams Ministerie van Mobiliteit) werd daarvan een evaluatie gemaakt, die in een afzonderlijk rapport beschreven zal worden. De literatuurstudie waarvan dit rapport een verslag is, werd eveneens uitgevoerd op vraag van de Mobiliteitscel. Het is de bedoeling om het project Verkeersgetuigen in de toekomst in heel Vlaanderen te implementeren. In dit eerste hoofdstuk zullen we het project Verkeersgetuigen eerst vergelijken met gelijkaardige projecten in het buitenland. Daarna plaatsen we ze in het bredere kader van voorlichtingsvormen en bekijken we welk de specifieke inhoud van een project zoals Verkeersgetuigen is. 1.2 Situering ten opzichte van gelijkaardige buitenlandse projecten De werkwijze in het project Verkeersgetuigen is dezelfde als die van het Nederlandse project Traffic Informers en is gebaseerd op een Deens model voor het geven van verkeerseducatie aan jongeren (Institute for Traffic Care (ITC)). In Nederland wordt het project Traffic Informers vaak gecombineerd met andere projecten. Voorbeelden hiervan zijn Klas op Wielen, waarin leerlingen zelf kunnen ervaren wat het betekent gebonden te zijn aan een rolstoel of blind te zijn, en Mind your Head, waarin bromfietsers bewust worden gemaakt van het op een juiste wijze dragen van hun helm. Dit samengaan van verschillende projecten blijkt de impact ervan te versterken (Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid Limburg (ROVL), 2005). Anders dan het voor een klas getuigen van verkeersslachtoffers is de werkwijze in een road show. Dit concept is afkomstig uit Noord-Ierland en legt meer nadruk op het aandacht trekken door showelementen zoals luide muziek en confronterende filmpjes (ITC; van Damme, 2005; Lynch, 2004). In Nederland worden road shows georganiseerd door de groep TeamAlert. Ondanks de nadruk op de showelementen spelen ook in de road show getuigenissen van verkeersslachtoffers een rol. En naast de slachtoffers zelf komen ook hulpverleners en naaste verwanten aan het woord. Deze laatste geven bijvoorbeeld aan wat de impact is van een verkeersongeval op de gezins- en andere relaties van de slachtoffers. In een road show hebben de jongeren weinig gelegenheid om in gesprek te treden met de getuigen (Vlakveld, 2005). Volgens Lord (2001) hoeft dat echter geen nadeel te zijn. Door het toevoegen van een vraag-en-antwoordmoment aan een getuigenis wordt volgens haar de focus van het programma verlegd van het voelen naar het denken. De getuigenis wordt met andere woorden gerationaliseerd in plaats van gevoeld. Terwijl het juist het gevoel is, dat voor veel toehoorders leidt tot het speciale effect van zulk een getuigenis. Volgens de Vereniging Verkeersslachtoffers (VVS, 2002) is er een Europees model in de maak, dat het Deense en Noord-Ierse model Steunpunt Verkeersveiligheid 8 RA

9 combineert en bijzondere nadruk legt op de nazorg bij het uitvoeren van zulke projecten. Deze nazorg kan er bijvoorbeeld uit bestaan dat toehoorders de gelegenheid krijgen om gespecialiseerde personen of diensten te contacteren indien het beluisteren van de getuigenis hen emotioneel in moeilijkheden heeft gebracht. Ook voor de getuigen zelf is zulke nazorg onontbeerlijk, niet alleen direct na hun getuigenis maar ook in de dagen erna (Lord, 2001). In Zweden werden getuigenissen van verkeersslachtoffers gebruikt in een verkeersveiligheidscampagne (Linderholm, 2000) op televisie. Aangezien het hier ging om een televisiecampagne, was interactie van de jongeren in het publiek met de getuigen helemaal onmogelijk. De verhalen van de getuigen waren er opgenomen in een uitgebreidere reeks filmpjes over de gevolgen van het rijden onder invloed en de connectie tussen dronken rijden en alcoholisme. Deze werden uitgezonden in december 1998 op drie opeenvolgende avonden tussen 20 en 22 uur. Vanuit een andere invalshoek dan educatie voor jongeren worden in de Verenigde Staten Victim Impact Panels (VIP s) gehouden. Ook dit zijn bijeenkomsten waarop een aantal verkeersslachtoffers en hun familieleden verslag uitbrengen over hoe hun levens veranderden door een zwaar verkeersongeval of door het verlies van een geliefde in zulk een ongeval (Lord, 2001). Deze bijeenkomsten werden in 1985 voor het eerst georganiseerd door de vereniging Mothers Against Drunk Driving (MADD) (Lord, 1990 geciteerd in Badovinac, 1994) en zijn dan ook in de eerste plaats bedoeld voor het bestrijden van rijden onder invloed van alcohol. Het publiek bestaat uit bestuurders die een veroordeling opliepen voor dronken rijden. De getuigenissen zijn er allemaal van weggebruikers of verwanten die het slachtoffer waren van zulk een dronken bestuurder (zie Hrenchir, 2000 voor een voorbeeld). Naar schatting wonen jaarlijks overtreders over de hele Verenigde Staten een VIP bij (Polacsek et al., 2001 geciteerd in Rojek, Coverdill & Fors, 2003). Bedoeling is zoals gezegd het terugdringen van recidivisme bij bestuurders die dronken reden. Dit wordt betracht door beroep te doen op hun empathie met mogelijke slachtoffers en door het verleggen van hun focus van henzelf als betrapt slachtoffer naar de feitelijke menselijke gevolgen van hun overtreding (Brunson & Knighten, 2004; Correll, 2004; Lord, 2001). Ook voor de slachtoffers van ongevallen kan een getuigenis heilzaam zijn. Alhoewel het voor deze mensen vaak zowel fysiek als psychisch uitputtend is, kan het openlijk uiten van hun verdriet bijdragen aan de verwerking. Bovendien kunnen ze het gevoel krijgen dat ze iets kunnen doen om rijden onder invloed tegen te gaan, zodat hun persoonlijk verlies en lijden toch een betekenis krijgen (Brunson & Knighten, 2004; Doege, 2004). Recenter werden in sommige Amerikaanse staten de VIP s aangepast om ook gebruikt te worden in educatie voor jongeren (Holden & Abram, 2001). In Hawaii bijvoorbeeld wordt een aangepaste versie van VIP s gebruikt in secundaire scholen om jongeren van 15 tot 18 jaar preventieve educatie te geven over het drinken van alcohol en rijden onder invloed. Hierbij ligt de focus op persoonlijke verantwoordelijkheid en eigen keuzes (Lord, 2001). In deze vorm wordt het concept van de VIP s hetzelfde als dat van het project Verkeersgetuigen. Een vorm van educatie die aanleunt bij projecten zoals Verkeersgetuigen maar werkt met acteurs in plaats van echte verkeersslachtoffers wordt toegepast in Ierland (O Brien, Rooney, Carey & Fuller, 2002). Een theatergroep toert er met het stuk Never Saw the Day langs secundaire scholen. Onderwerp is het leven van vijf jongeren, dat totaal overhoop wordt gegooid nadat één van hen verlamd raakt in een ongeval te wijten aan snelheid. Ook in het Verenigd Koninkrijk kent men deze vorm van educatie. In Schotland wordt aan jongeren het toneelstuk Too Much Punch for Judy getoond (Powney, Glissov & Hall, 1995). Dit handelt over de gevaren van drinken en rijden. In Hertfordshire heet het betreffende toneelstuk Go for It (Transport Research Laboratory (TRL), 1998). Het handelt over een fataal fietsongeval. Er wordt ingespeeld op de oorzaken, gevolgen en impact op familieleden en nabestaanden van het slachtoffer. Mogelijke mechanismen die volgens bovenstaande auteurs door dit theater in werking worden gezet zijn het inspelen op en het bespreekbaar maken van gevoelens die het gevolg zijn van Steunpunt Verkeersveiligheid 9 RA

10 verkeersongevallen, het doen nadenken over eigen gedrag en de redenen daarvoor waardoor jongeren bewuster en betere gedragskeuzes kunnen maken. Er worden effecten nagestreefd op het vlak van bewustzijn van de gevaren, op het vlak van attitudes tegenover veilig gedrag en op het vlak van feitelijk gedrag. In Queensland (Australië) ten slotte werd een DVD ontwikkeld waarop jonge verkeersslachtoffers, hun vrienden en familieleden in hun eigen woorden vertellen over de gevolgen van ongevallen en de impact op alle betrokkenen (Queensland Transport, 2005). Deze DVD wordt samen met een boekje met praktische informatie over het kopen van een eerste wagen, het zich veilig gedragen op de weg en het vermijden van verkeersovertredingen verspreid onder alle nieuwe bestuurders die een voorlopig rijbewijs behaald hebben en zelfstandig beginnen te rijden. Het informatiepakket getiteld Never the Same Again levert de jongeren belangrijke informatie over verkeersveiligheid op het moment dat ze die als nieuwe bestuurder nodig hebben. Ouders worden door de overheid aangemoedigd om het materiaal samen met hun kinderen te bekijken, zodat ze over belangrijke thema s die worden aangehaald kunnen discussiëren. Ten slotte bestaat er nog een ondersteunende website voor bijkomende informatie over veiligheid en het behalen van het rijbewijs. De meeste van bovenstaande projecten werden door de inrichters of door wetenschappers op één of andere manier geëvalueerd. De resultaten van deze evaluaties geven we weer in hoofdstuk 4, waar we ingaan op manieren om het project Verkeersgetuigen te evalueren. 1.3 Situering in mogelijke benaderingen van voorlichting: confronterende voorlichting Educatie kan gebeuren op een rationele manier, waarbij door middel van beredeneerde en logische argumenten informatie wordt doorgegeven. De ontvanger van die informatie kan ze vervolgens gebruiken in zijn beslissingsproces. Projecten zoals Verkeersgetuigen gaan echter verder dan het rationeel doorgeven van informatie. Er wordt bijkomend beroep gedaan op de emoties van de ontvanger van de boodschap. Men verwacht dat de daaropvolgende beslissingen van de ontvanger gebaseerd worden op deze emoties in plaats van of bovenop het rationeel geleerde (Dann & Dann, 1998). Sommige onderzoeken tonen aan dat voorlichting die verder gaat dan louter informatie verstrekken meer aandacht trekt en ook meer invloed heeft op gedragsintenties van de ontvangers (Johar & Segal, 1987; Elliott, 1993 en Delhomme, 1999 beide geciteerd in Delaney, Lough, Whelan & Cameron, 2004; Goldenbeld & Wisman, 2003; Wiliszowski, Lacey, Jones, Marchetti & Smith, 1998). Om in te kunnen spelen op emoties van toehoorders is het nodig hen te confronteren met gevoelige aspecten van de materie waarover de voorlichting gaat. We noemen deze vorm van voorlichting dan ook confronterende voorlichting. In verkeersveiligheid gaat het vaak om confrontatie met de gevolgen van risicogedrag, waarvan de voorstelling een shockerend effect heeft op de ontvangers van de boodschap (Bundesanstalt für Strassenwesen, 1999 geciteerd in Haid, 2002). Bij het lezen van deze omschrijving van confronterende voorlichting denken we eerst en vooral aan voorlichting waarbij gebruik gemaakt wordt van expliciete beelden van verkeersslachtoffers, de voertuigen waarin ze zaten en de verwondingen die ze opliepen. Dit is confrontatie met de directe gevolgen van verkeersongevallen. Bij projecten zoals Verkeersgetuigen is deze confrontatie niet de eerste bedoeling. Het is mogelijk dat sommige verkeersgetuigen afbeeldingen tonen van hun verwondingen na het ongeval of het voertuig waarin ze zaten. Veel belangrijker in dit project is echter de confrontatie met de levenslange gevolgen van de verkeersongevallen. Het shockerend effect heeft dan ook niet in de eerste plaats betrekking op de afschrikwekkende beelden van de directe materiële en lichamelijke gevolgen, maar op de blijvende gevolgen lichamelijk, maar evenzeer psychisch en sociaal die verkeersslachtoffers ondervinden. Steunpunt Verkeersveiligheid 10 RA

11 Waar de voorlichting door middel van expliciete beelden van directe gevolgen duidelijk inspeelt op het gevoel angst dat wordt opgewekt bij het publiek, kunnen we stellen dat confrontatie met de gevolgen op lange termijn meer is dan inspelen op angst alleen. In hoofdstuk 2 bekijken we confronterende voorlichting daarom vanuit verschillende mogelijke invalshoeken. Aangezien de invalshoek angst de meest bestudeerde en gedocumenteerde is, gaan we daar uitgebreider op in. Dat wil echter geenszins zeggen dat de andere invalshoeken minder belangrijk of waardevol zouden zijn. Ook andere gevoelens kunnen een rol spelen en onderzoek ernaar kan eveneens bijdragen aan de ontwikkeling van effectieve voorlichting. Bovendien zijn er invalshoeken om naar projecten zoals Verkeersgetuigen te kijken, die niet focussen op de gevoelens die worden opgeroepen, maar op de voorbeeld- of vergelijkingsfunctie van de persoon die getuigt in het project. Het overzicht in hoofdstuk 2 is beperkt tot die modellen die in de literatuur expliciet naar voor worden geschoven bij het bespreken en onderzoeken van confronterende voorlichting. Zoals hierboven beschreven is confronterende voorlichting slechts één vorm van voorlichting, die bestaat naast voorlichting waarin de focus op andere aspecten dan de confrontatie met gevolgen ligt. Bovendien is preventie niet alleen gebaseerd op educatie/voorlichting maar evenzeer op handhavingsmaatregelen, ingrepen in de omgeving enzovoort. In die zin zijn de behandelde modellen beperkt. Preventieve gedragsverandering die verder gaat dan confronterende voorlichting valt echter buiten het opzet van deze literatuurstudie en wordt daarom niet behandeld. We zijn ons ervan bewust dat op die manier niet alle factoren die invloed uitoefenen op het verkeersgedrag van jongeren even sterk aan bod komen. Bedoeling is echter om confronterende voorlichting als vorm van educatie te bestuderen, veeleer dan een overzicht te geven van alle mogelijke invloeden en interventievormen. Steunpunt Verkeersveiligheid 11 RA

12 2. M O D E L L E N V O O R C O N F R O N T E R E N D E V O O R L I C H T I N G 2.1 Inspelen op gevoelens Angst, schuld en spijt Zoals gezegd is in de laatste decennia confronterende voorlichting vooral bestudeerd vanuit het uitgangspunt opwekken van angst. In de Engelstalige literatuur spreekt men van fear appeals, wij noemen het in dit rapport angstaanjagende voorlichting. Angstaanjagende voorlichting bestaat op de eerste plaats uit overtuigende boodschappen die de ontvanger op de hoogte brengen van het feit dat waarden die voor hem relevant zijn zoals zijn leven, gezondheid, eigendom enzovoort bedreigd zijn. Deze boodschappen bestaan uit verbaal of niet-verbaal materiaal dat de bedoeling heeft angst uit te lokken bij de ontvanger en op die manier veranderingen teweeg te brengen in attitudes en gedrag (Barth & Bengel, 2000). Onder attitudes worden hypothetische mentale structuren ideeën verstaan die gedragingen bepalen of die iemand voorbereiden om zich op een bepaalde manier te gedragen (OECD, 1994 geciteerd in Delaney et al., 2004). Hoe de veranderingen in attitudes en gedragingen eruit zouden moeten zien, wordt meestal verwoord in een aanbeveling die volgt op de uitlokking van angst. Omdat theoretische modellen over de achterliggende werkingsmechanismen de fundering vormen voor de ontwikkeling en toepassing van voorlichting (Haid, 2002) geven we in paragraaf een overzicht van de modellen voor angstaanjagende voorlichting. Over de precieze werkingsmechanismen van deze vorm van voorlichting zijn in de loop van de jaren verschillende theorieën opgesteld en uitgetest. Nieuwe theorieën ontstonden ofwel uit onvrede met bestaande opvattingen omdat die bijvoorbeeld niet geconfirmeerd konden worden in onderzoek of ter aanvulling van de bestaande theorieën. In grote lijnen kunnen we daarom zeggen dat de recentere modellen als meest volledig en toepasselijk beschouwd kunnen worden. De eerdere modellen geven we echter mee, omdat ze de basis vormen voor de recentste. Maar vooraleer naar paragraaf over te gaan, willen we nog ingaan op andere gevoelens die ons inziens bij projecten zoals Verkeersgetuigen evenzeer van belang zijn en waarop ingespeeld kan worden door middel van confronterende voorlichting. Het eerste gevoel dat in dit opzicht een belangrijke rol kan spelen is schuldgevoel. Een ander gevoel dat in verkeersveiligheidsonderzoek rond gedragsdeterminanten wordt bestudeerd is spijt Schuld Schuldgevoel en het inspelen daarop wordt in marketing vooral bestudeerd in het kader van advertenties voor liefdadigheidsorganisaties. Hier wordt een opgeroepen schuldgevoel vaak gebruikt om mensen te motiveren tot vrijgevigheid. In het kader van verkeersveiligheid en een project als Verkeersgetuigen, kan in sommige gevallen echter ook sprake zijn van inspelen op schuldgevoelens. Wanneer een onschuldig slachtoffer van een verkeersongeval getuigt over de invloed van dat ongeval op zijn verdere leven, speelt dit getuigenis ons inziens in op het schuldgevoel van de toehoorders. Vooral in projecten zoals de VIP s komt dit gevoel in belangrijke mate aan bod. Alhoewel de getuigen in deze VIP s uitdrukkelijk níet de toehoorders beschuldigen of veroordelen (Lord, 2001), gaan overtreders die dronken reden bij confrontatie met de gevolgen van alcoholgerelateerde ongevallen waarschijnlijk nadenken over een ongeval dat ze eventueel zelf veroorzaakt hebben of over het risico dat ze lopen om een fataal ongeval te veroorzaken. Maar zelfs wanneer slachtoffers getuigen voor jongeren waarvan de meesten waarschijnlijk nog geen ongevallen veroorzaakt hebben zullen sommigen onder hen dat schuldgevoel wel erkennen en ook als toepasselijk op henzelf beschouwen, Steunpunt Verkeersveiligheid 12 RA

13 nu of in de toekomst. En op die manier speelt deze emotie, al is het maar anticiperend, een rol in hun verwerking van de getuigenis. Onderzoek in Australië (Forsyth & Ogden, 1993 geciteerd in Haid, 2002) wijst op de grote kracht die voor verkeersveiligheidscampagnes schuilt in het anticiperen op de eigen verantwoordelijkheid voor de dood van een ander bij het veroorzaken van een verkeersongeval. Miceli (1992 geciteerd in Basil, Ridgway & Basil, 2001) stelt drie essentiële ingrediënten voor die nodig zijn voor het oproepen van schuldgevoel. Het eerste is verantwoordelijkheid. Men voelt zich niet schuldig over iets waarover men zich niet op één of andere manier verantwoordelijk voelt. Deze verantwoordelijkheid kan verband houden met het veroorzaken van iets negatiefs door een handeling of actie, of met het er niet in slagen te voorkomen dat een gebeurtenis zich voordoet door het niet stellen van de juiste handeling. De tweede vereiste voor het oproepen van schuldgevoel is dat de actie of het gebrek aan actie schade berokkent aan specifieke anderen of aan de gemeenschap. En een derde vereiste is dat de eigen morele norm overtreden is. Men ziet met andere woorden zelf het verwerpelijke van het handelen of niet handelen in. Schuldgevoel verschilt in diverse opzichten van angst. Bij schuld draait het om het overtreden van een norm, terwijl angst optreedt wanneer er een externe bedreiging of straf zal volgen op een bepaald gedrag (Ghingold, 1981 en Rawlings, 1970 beide geciteerd in Huhmann & Brotherton, 1997). Bij schuld heeft men controle over de situatie, terwijl angst zich voordoet wanneer die controle juist minimaal is (Burnett & Lunsford, 1994 geciteerd in Huhmann & Brotherton, 1997). Ten slotte hebben beide gevoelens verschillende uitkomsten. Schuld zet iemand ertoe aan om zijn overtreding weer goed te maken, angst is een motivator om een ongewenste uitkomst te vermijden (Ghingold, 1981 geciteerd in Huhmann & Brotherton, 1997). Wanneer schuld geanticipeerd wordt, gaat dit laatste onderscheid echter minder op. Geanticipeerde schuld zet net als angst iemand ertoe aan om zijn gedrag aan te passen om ongewenste uitkomsten te vermijden (Levelt, 2002). King en Reid (1989) vergeleken de invloed van verkeersveiligheidsboodschappen waarin gevolgen voor de eigen gezondheid werden benadrukt met boodschappen waarin het verwonden van anderen centraal stond. Ze vonden geen verschillen tussen de twee voor de overtuigingskracht van de boodschap gemeten door toegenomen kennis, attitudeverandering en gedragsintenties. Merkwaardig is wel dat de proefpersonen in dit experiment bij beide soorten boodschappen eenzelfde mate van angst rapporteerden, terwijl het schuldgevoel minder sterk op de voorgrond trad. Dit kan het gevolg zijn van nadruk die door de onderzoekers werd gelegd op lichamelijke gevolgen die op zichzelf angstaanjagend zijn, of ze nu betrekking hebben op het eigen lichaam of op dat van iemand anders. Waarom het schuldgevoel niet nadrukkelijker naar voor kwam, weten we echter niet. Er zijn in het onderzoek ook geen data terug te vinden die het opgeroepen schuldgevoel bij de verschillende boodschappen vergelijken. Huhmann & Brotherton (1997) roepen op om voor de werking van boodschappen die schuld oproepen modellen op te stellen, net zoals dat voor angstaanjagende boodschappen gebeurt. In de gevallen waarin op schuld geanticipeerd wordt, zullen ons inziens overeenkomsten te vinden zijn tussen modellen voor angstaanjagende voorlichting en die voor voorlichting gebaseerd op schuldgevoel. Zoals gezegd gaat het in beide gevallen immers om het veranderen van gedrag omwille van voorgespiegelde negatieve gevolgen in het ene geval negatief voor de betrokkene zelf, in het andere geval negatief voor iemand anders of voor de gemeenschap. Indien in de boodschap wordt gefocust op de ernst van de gevolgen zelf zoals in het onderzoek van King en Reid (1989) spelen angst en schuld bovendien allebei een rol Spijt Spijt is de negatieve, cognitief gebaseerde emotie die we ervaren wanneer we ons realiseren of inbeelden dat onze huidige situatie beter geweest zou zijn indien we ons Steunpunt Verkeersveiligheid 13 RA

14 anders gedragen hadden. Spijt wordt altijd ervaren in de context van keuze, dit wil zeggen in situaties waarin we iets anders hadden kunnen doen dat had geresulteerd in een betere uitkomst. Het gevoel komt voort uit de vergelijking van feitelijke uitkomsten en mogelijke uitkomsten die werkelijkheid waren geworden indien we een andere keuze hadden gemaakt. Spijt is een emotie de vergezeld wordt door gevoelens dat men beter had moeten weten, door gedachten over de vergissing die men begaan heeft en de verloren kansen, door het gevoel van zichzelf wel te kunnen slaan en het willen ongedaan maken van de gebeurtenis en een tweede kans krijgen (Zeelenberg, 1999). Hoe meer we ons verantwoordelijk voelen voor de ongunstige uitkomst die door ons eigen handelen of niet handelen veroorzaakt werd, hoe meer spijt we ervaren (Burks, 1946 en Zeelenberg, Van Dijk & Manstead, 1998b beide geciteerd in Zeelenberg, 1999). Ervaren spijt kan ons helpen om te leren uit onze fouten. Alhoewel het pijnlijk is om zich vergissingen waarover men spijt heeft te herinneren is dit functioneel indien het ons helpt om dezelfde fouten in de toekomst te vermijden. Een andere gelegenheid waarbij de ervaring van spijt functioneel kan zijn is wanneer ze ons motiveert om de oorzaak van de spijt ongedaan te maken. Dit ongedaan maken kan bestaan uit feitelijk gedrag of uit verontschuldigingen die worden aangeboden aan iemand die we benadeeld hebben door onze gedragingen (Golding, 1984 en Zeelenberg, Van der Pligt & Manstead, 1998a beide geciteerd in Zeelenberg, 1999). Met het oog op verkeersveiligheid wordt spijt vooral bestudeerd in zijn geanticipeerde vorm (bijvoorbeeld door Parker, Stradling & Manstead, 1996 geciteerd in Engström, Gregersen, Hernetkoski, Keskinen & Nyberg, 2003). Het idee is dat mensen gedragskeuzes maken met in hun achterhoofd de mogelijke gevolgen, waardoor ze kunnen vermijden in de toekomst spijt te krijgen van hun huidige keuze. Wanneer we ons realiseren dat anderen benadeeld worden door onze gedragskeuze, komt het gevoel van spijt heel dicht bij het in de vorige paragraaf beschreven gevoel van schuld te liggen. Het enige onderscheid tussen de twee lijkt dan de notie dat schuld te maken heeft met het bewust overtreden van een norm, terwijl spijt zich voordoet bij het niet moedwillig maken van een fout (Huhmann & Brotherton, 1997). Om af te sluiten vermelden we nog dat volgens Levelt (2002) een kleine groep weggebruikers schuld- en spijtgevoelens schijnt te ontberen, met negatieve gevolgen voor de veiligheid. Onderzoek hiernaar, en naar effecten van gebruik van schuldgevoel en spijt in educatie, komt volgens hem echter pas net op gang Basismodellen voor angstaanjagende voorlichting a. Drive reduction model (Dollard & Miller, 1950 geciteerd in Barth & Bengel, 2000) en leertheorie van operante conditionering (Skinner, 1938, 1953 geciteerd in Bernstein, Clarke-Stewart, Roy, Srull & Wickens, 1994) Angst is een onaangename emotie, die bij het individu een dwingende aandrang oproept om deze emotie te doen afnemen. De ontvanger van een angstaanjagende boodschap wordt gemotiveerd om gedragingen te vertonen die een reductie van de angst met zich kunnen meebrengen. Elk gedrag dat hierin slaagt wordt versterkt, zodat de waarschijnlijkheid dat het gedrag bij een volgende angstaanjagende gelegenheid opnieuw gesteld wordt groter wordt. Wanneer in angstaanjagende voorlichting ook een gedragsaanbeveling is opgenomen waarin een mogelijke verlichting van het risico wordt voorgesteld na het uitvoeren van gewenst gedrag kan de uitvoering van deze aanbeveling de angst reduceren. Er wordt in de boodschap als het ware een richting gegeven aan de pogingen van de toehoorder om zijn angst te reduceren. In plaats van uitsluitend te zeggen dat iets niet mag, wordt er ingegaan op welke gedragingen wel geschikt zijn. Volgens Job (1988) is het leerprincipe van bekrachtiging dat zo vorm krijgt het meest krachtige dat kan gebruikt worden in gezondheidspromotie. Hovland, Janis en Kelley (1953 geciteerd in Barth & Bengel, 2000) geloven zelfs dat het niet alleen het werkelijk Steunpunt Verkeersveiligheid 14 RA

15 uitvoeren van het gewenste gedrag is dat de angst reduceert, maar dat ook de intentie om het gedrag uit te voeren daartoe al in staat is. Deze intentie wordt dus eveneens bekrachtigd indien ze ervoor zorgt dat de angst gereduceerd wordt. Er kunnen bij het gebruik van angstaanjagende voorlichting verscheidene minder gewenste defensieve reacties optreden. Ook deze reacties verlichten de angst en worden dus bekrachtigd, maar ondermijnen de overtuiging en gedragsverandering die betracht worden door middel van de angstaanjagende boodschap. Vooral hoge niveaus van angst zouden deze defensieve reacties oproepen (Hovland, Janis & Kelley, 1953 geciteerd in Das, 2001). Blumberg (2000 geciteerd in Glascoff, 2001) onderscheidt defensieve reacties op vier verschillende niveaus van informatieverwerking. De eerste soort is het vermijden van aandacht, wat bewust of onbewust kan gebeuren en niet noodzakelijk met de inhoud van de boodschap samenhangt. De boodschap wordt met andere woorden niet bekeken of beluisterd. Een andere defensieve reactie is het voorkomen van verwerking van de boodschap. Een individu stopt met het opnemen en verwerken van de informatie wanneer deze te bedreigend wordt. Wanneer een individu wel de inhoud van de boodschap verwerkt heeft, kan hij ervan afzien om deze op zichzelf toe te passen. Dit is een defensieve reactie op een derde niveau. Een laatste defensieve reactie op het hoogste niveau van informatieverwerking is het bewust verwerpen van de boodschap aan de hand van tegenargumenten. Phau (2001) stelde vast dat rokers in vergelijking met niet-rokers of gestopte rokers een angstaanjagende boodschap over de gevaren van roken veel meer negeerden, minder gemotiveerd waren tot beschermende maatregelen, de relevantie van de boodschap voor henzelf meer in twijfel trokken en de boodschap minder geloofwaardig en minder effectief voor het helpen stoppen met roken vonden. Ze vertoonden met andere woorden veel meer defensieve reacties en wel op alle niveaus van informatieverwerking. Dit zou verband kunnen houden met het feit dat ze als leden van de doelgroep meer angst ervaren omtrent de boodschap. b. Curvilineair model (Janis, 1967; McGuire, 1968 beide geciteerd in Barth & Bengel, 2000) Omwille van mogelijke defensieve reacties maakt Janis een onderscheid tussen twee verschillende gevolgen van angst voor het verwerken van voorlichtingsboodschappen. Er zijn faciliterende effecten van angst die overtuiging in de hand werken en er zijn interfererende effecten die overtuiging juist tegengaan. Wanneer de angst zich nog op een laag niveau bevindt, nemen de faciliterende effecten bij toenemende angst sneller toe dan de interfererende. Wanneer de angst echter boven een bepaald niveau uitstijgt, wordt deze relatie omgekeerd. Dit wil zeggen dat de interfererende effecten sterker toenemen dan de faciliterende. Hieruit volgt dat de kans om iemand met een angstaanjagende boodschap te overtuigen, uitgezet tegen het niveau van opgeroepen angst, de vorm heeft van een omgekeerde U. Ook McGuire komt tot dit curvilineair model, weliswaar op basis van andere onderliggende processen. Volgens hem zijn er twee verschillende stadia in een proces van attitudeverandering. Het eerste stadium noemt hij reception en bestaat uit aandacht en het opnemen van informatie. Het tweede stadium heet yielding en bestaat uit het accepteren van de argumenten van de boodschap. De aandacht voor en het begrijpen van een boodschap reception worden teruggedrongen bij stijgende intensiteit van angst, terwijl het toegeven yielding verhoogt bij toenemende angst. Het linken van deze twee processen levert als resultaat op dat de kans op attitudeverandering laag is in het geval van zeer lage en zeer hoge angst, terwijl een grote kans op attitudeverandering bestaat bij middelmatige angstniveaus. Steunpunt Verkeersveiligheid 15 RA

16 c. Model of arousal (Thayer, 1967, 1970, 1978, 1986 geciteerd in LaTour & Pitts, 1989 en in Henthorne, LaTour & Nataraajan, 1993) Wanneer door een boodschap angst wordt opgewekt zullen individuen zowel fysiek als psychisch geactiveerd worden. Dit brengt gevoelens van energie met zich mee, die op hun beurt zorgen voor positieve gevoelens tegenover de boodschap en dus intenties om de aanbevelingen in de boodschap op te volgen. Wanneer echter de opgewekte angst te hoog is, slorpt dit als het ware de energie terug op en ontstaat spanning. Deze spanning brengt negatieve gevoelens tegenover de boodschap met zich mee. d. Parallel process model (Leventhal, 1970 geciteerd in Barth & Bengel, 2000, in Rosenthal, 2003 en in Ruiter, Abraham & Kok, 2001) In dit model wordt een onderscheid gemaakt tussen twee processen risicocontrole en angstcontrole als reactie op de confrontatie met angstaanjagende voorlichting en daaropvolgende aanbevelingen om het risico te vermijden. Het proces risicocontrole is een cognitief proces van probleemoplossing, waarin informatie vanuit externe bronnen zoals de aanbevelingen in de boodschap of vanuit eigen ervaring met een specifiek gedrag de actie bepalen. Risicocontrole is gericht op de gepresenteerde dreiging en op manieren om die dreiging door gedragsuitingen te verminderen. Angstcontrole is daarentegen een subjectief emotioneel proces dat dient om de onaangename emoties te reduceren door middel van defensieve reacties of acties die de stress verlichten. Er wordt geruststelling gezocht door het ontkennen van de dreiging of door het voor zichzelf afbreuk doen aan de geloofwaardigheid of juistheid van de boodschap. Wanneer door een boodschap angst wordt opgewekt op een middelmatig niveau wordt risicocontrole sterk geactiveerd, terwijl angstcontrole relatief zwak is. Daardoor proberen ontvangers van de boodschap het risico te reduceren door het aanvaarden van de aanbevelingen in de boodschap. Wanneer er weinig angst wordt opgewekt wordt geen enkel van de twee processen geactiveerd. Hoge niveaus van opgewekte angst ten slotte activeren zowel sterke risicocontrole als sterke angstcontrole. Door dit laatste worden defensieve reacties en gedragingen aangemoedigd die interfereren met risicocontrole en acceptatie van de aanbevelingen dus bemoeilijken. e. Protection motivation theory (PMT) (Rogers, 1975 geciteerd in Barth & Bengel, 2000) Rogers vertrekt van drie variabelen die de invloed van angstaanjagende boodschappen bepalen: de ernst van de dreiging, de waarschijnlijkheid dat de dreiging werkelijkheid wordt voor de toehoorder en de beschikbaarheid van een effectieve beschermingsmaatregel. Deze drie variabelen hebben vervolgens een fundamentele invloed op de motivatie om de beschermingsmaatregel uit te voeren. De ontvanger van een angstaanjagende boodschap maakt met andere woorden een inschatting van de dreiging en een inschatting van mogelijkheden om het hoofd te bieden aan deze dreiging. Hoe hoger beide zijn, hoe hoger ook de beschermingsmotivatie. In een latere versie van de PMT wordt nog een vierde variabele aan het lijstje toegevoegd, namelijk het vertrouwen dat het individu stelt in zijn eigen mogelijkheid of vaardigheid om de beschermingsmaatregel uit te voeren (Bandura, 1977 geciteerd in Das, 2001). Op basis van het Health Belief Model van Rosenstock (1974 geciteerd in Das, 2001) kunnen ook nog de subjectieve kosten voor het uitvoeren van de beschermingsmaatregel en de voordelen van ongewenste gedragingen in rekening worden gebracht. Alcohol- of druggebruik bijvoorbeeld leveren een goed gevoel op Steunpunt Verkeersveiligheid 16 RA

17 (Kelly, 1991), wat voor sommige gebruikers belangrijker is dan de voordelen van afzien van gebruik. Anderzijds kunnen de inspanningen die geleverd moeten worden om het gebruik te stoppen, zwaarder wegen dan de voordelen van stoppen. Een ander aspect dat wordt besproken door Woolley, Dyson en Taylor (2001 geciteerd in Delaney et al., 2004) is de onmiddellijkheid of nabijheid van de dreiging, wat verwijst naar het tijdskader waarbinnen de negatieve gevolgen zich waarschijnlijk zullen voordoen. Een angstaanjagende boodschap over een onmiddellijk gevolg is anders dan één die verwijst naar een bedreigende uitkomst die zich binnen twintig jaar zal voordoen. Jongeren blijken gevoeliger voor onmiddellijke gevolgen dan voor gevolgen die zich in de verre toekomst zullen voordoen (Goldman & Glantz, 1998 en Siegel, 2002 beide geciteerd in Searle, Hoek & Maubach, 2004). De PMT van Rogers of het nu in zijn oorspronkelijke of uitgebreide versie is focust eigenlijk nog uitsluitend op de cognitieve verwerking van een angstaanjagende boodschap (Das, 2001). Het subjectief emotioneel proces van angst, dat in de voorgaande theorieën veel aandacht kreeg, komt hier eigenlijk nog nauwelijks ter sprake (Witte, 1992). Er bestaat onderzoek waarin beide componenten afzonderlijk gemeten worden en vergeleken qua invloed op het navolgen van de aanbevelingen in een angstaanjagende boodschap. Omdahl en Cantor (1993) vonden bijvoorbeeld dat de cognitieve verwerking in de vorm van inschatting van de waarschijnlijkheid van de dreiging, de ernst van de gevolgen en de effectiviteit van de aanbevelingen een veel belangrijker voorspeller was voor het belang dat gehecht werd aan de aanbevelingen dan de emotionele impact van de boodschap in de vorm van gerapporteerde angst en gemeten huidtemperatuur. Zij steunen met deze resultaten de mate waarin de PMT de nadruk legt op cognitieve in plaats van emotionele aspecten van angstaanjagende voorlichting. f. Elaboration likelihood model (ELM) (Petty & Cacioppo, 1986 geciteerd in Barth & Bengel, 2000, in Rosenthal, 2003 en in Ruiter et al., 2001) en heuristic-systematic model (HSM) (Chaiken, Liberman & Eagly, 1989 geciteerd in Barth & Bengel, 2000) Deze modellen nemen elk aan dat er twee verschillende routes zijn voor het veranderen van attitudes door middel van overtuigende boodschappen. Er is een centrale route (in het ELM) of een route van systematische verwerking (in het HSM) waarbij argumenten ten gunste van de attitudeverandering door de ontvanger exact geanalyseerd worden en gerelateerd aan de reeds bestaande kennis. Indien de kwaliteit van de argumenten in de boodschap hoog is, zullen positieve gedachten met betrekking tot de boodschap overheersen en zullen attitudes en gedrag veranderen in de gewenste richting. Daarnaast is er een perifere route (in het ELM) of een route van heuristische verwerking (in het HSM) waarin de argumenten niet geanalyseerd worden, maar aandacht gaat naar perifere kenmerken van de boodschap zoals de aantrekkelijkheid of geloofwaardigheid van de bron of de lengte van de boodschap. Indien deze perifere kenmerken positief bevonden worden, kan de boodschap overtuigend zijn zonder dat er aandacht geschonken wordt aan de kwaliteit van de argumenten die erin gebruikt worden. Het is niet zo verwonderlijk dat geconcludeerd wordt dat overtuigende boodschappen die verwerkt worden via de centrale route stabielere attitudeveranderingen met zich meebrengen, met een grotere mate van zekerheid gedrag beïnvloeden en meer bestand zijn tegen tegenargumenten. Boodschappen die via de perifere route verwerkt worden daarentegen bewerkstelligen meestal enkel tijdelijke attitudeveranderingen, die minder zeker tot gedragsverandering leiden. Voorwaarden waaraan voldaan moet zijn opdat centrale verwerking zou optreden zijn dat de ontvanger ervan sterk gemotiveerd is om de argumenten te ontvangen en te analyseren en dat hij bovendien de capaciteiten moet hebben om de informatie te verwerken. Steunpunt Verkeersveiligheid 17 RA

18 Met betrekking tot angstaanjagende boodschappen formuleren Gleicher en Petty (1992, geciteerd in Barth & Bengel, 2000) de hypothese dat de motivatie om dergelijke boodschap centraal te verwerken afhangt van de ervaren dreiging. Verder wordt aangenomen dat de ontvangers van een angstaanjagende boodschap een precieze analyse zullen uitvoeren van de boodschap indien ze geloven dat ze in staat zullen zijn zichzelf beter te beschermen op basis van de informatie. Indien mensen door vroegere ervaringen al gerust gesteld zijn of overdreven bezorgd worden door de nieuwe informatie zullen ze ervan afzien om de informatie in de boodschap te verwerken. Volgens Petty, DeSteno en Rucker (2001 geciteerd in Rosenthal, 2004) betekent het afzien van centrale verwerking van de boodschap niet noodzakelijk dat er helemaal geen opvolging van de aanbevelingen optreedt. Sommige toehoorders zullen de angst die wordt opgeroepen door een boodschap of de aanbevelingen die de angst kunnen verlichten interpreteren als een perifere aanmoediging van dezelfde orde als de aantrekkelijkheid of geloofwaardigheid van de bron en de aanbevelingen daarom toch uitvoeren. Chebat, Laroche, Badura en Filiatrault (1995) stellen vast dat nadruk op perifere kenmerken bij het doorgeven van een boodschap bijvoorbeeld aantrekkelijkheid van de boodschapper een negatief effect kan hebben op het onthouden van de boodschap. Aandacht voor perifere kenmerken leidt in sommige gevallen dus af van centrale verwerking van de inhoud van de boodschap. Identificatie met de boodschapper vinden dat de boodschapper op jezelf lijkt heeft daarentegen een positief effect op het onthouden van de inhoud van de boodschap. g. Ordered Protection Motivation Theory (OPMT) (Tanner, Hunt & Eppright, 1991; Schoenbachler & Whittler, 1996) In de OPMT een herformulering van de PMT van Rogers (zie e) wordt opnieuw meer nadruk gelegd op de emotionele component van angstaanjagende voorlichting. Deze component werd zoals gezegd buiten beschouwing gelaten in de PMT. Verder worden de beoordelingsprocessen die in de PMT beschreven worden geordend in de tijd. En ten slotte wordt er aandacht besteed aan de invloed van sociale implicaties van gedrag tengevolge van angstaanjagende boodschappen en aan het belang van voorafgaande kennis en gedragspatronen. Er wordt vanuit gegaan dat de emotionele reacties op een angstaanjagende boodschap verhoogde aandacht en begrip met zich meebrengen. Deze processen zijn op hun beurt via de cognitieve tussenliggende processen die in de PMT uitvoerig beschreven worden gelinkt aan positievere attitudes en gedrag in lijn met de boodschap. De emotionele reacties zijn in deze theorie dus opnieuw belangrijk, omdat ze de cognitieve processen en dus ook de attitudes en gedragingen mee sturen. Het hele verwerkingsproces van een angstaanjagende boodschap wordt beschreven als een opeenvolging van logische stappen. Er wordt verondersteld dat een toestand van angst ontstaat op basis van de beoordeling van de dreiging in termen van ernst en waarschijnlijkheid in de boodschap. De emotie angst activeert op haar beurt ofwel onaangepaste defensieve gedragingen ofwel het proces waarin de voorgestelde oplossing in termen van effectiviteit en eigen capaciteit om ze uit te voeren beoordeeld wordt. De mogelijke reacties van toehoorders op een bedreigende boodschap kunnen sociale implicaties hebben die het gekozen gedrag beïnvloeden. De toehoorder kan een reactie kiezen die resulteert in de uitkomst die het meest sociaal aanvaard is in de context waarin hij zich bevindt, in plaats van de reactie te kiezen die het best de voorgestelde dreiging minimaliseert. Ervaren druk vanuit de groep van leeftijdsgenoten kan bijvoorbeeld in sommige situaties voor jongeren een belangrijker gedragsdeterminant zijn dan de aanbeveling in een angstaanjagende boodschap. Voortgaand op de denkpiste van de sociale context komen opstellers van Steunpunt Verkeersveiligheid 18 RA

19 angstaanjagende boodschappen bij een mogelijke nieuwe inhoud voor dit soort boodschappen. Men kan immers in plaats van fysieke dreiging sociale dreiging in de boodschap verwerken. Men wijst dan bijvoorbeeld niet in de eerste plaats op de fysieke gevolgen van ongewenst gedrag, maar legt de nadruk op de sociale wenselijkheid van het niet stellen van het gedrag of op de sociale isolatie die het gevolg kan zijn van ongewenst gedrag. Voorwaarde voor het gebruiken van sociale druk als motivator is dan wel dat men gewenst gedrag kan vinden of tenminste zo kan voorstellen dat juist door de groep wordt aangemoedigd in plaats van afgekeurd of met de voeten getreden. Bij sociale druk van jongeren lijkt dat niet altijd even gemakkelijk. Sommige onderzoekers (bijvoorbeeld Schoenbachler en Whittler, 1996, die de theorie testten voor het domein druggebruik en Wiley, Krisjanous & Hutchings, 2002, die sociale en fysieke dreiging vergeleken voor verkeersonveilig gedrag) concluderen dat boodschappen met sociale dreiging meer overtuigend zijn dan boodschappen met fysieke dreiging. Andere onderzoekers (Shore & Gray, 1999, die onderzoek deden op vlak van drinken en rijden) vinden geen verschil tussen beide soorten boodschappen inzake instemming met de boodschap, attitude tegenover drinken en rijden en gedragsintentie met betrekking tot dit gedrag. Fysieke dreiging lijkt in hun onderzoek meer geschikt om de attitude tegenover de boodschap zelf positief te beïnvloeden. De ondervraagde jongeren vonden met andere woorden een boodschap met fysieke dreiging meer geschikt voor een verkeersveiligheidscampagne dan een boodschap met sociale dreiging. Het gedrag dat een toehoorder stelt om het hoofd te bieden aan de dreiging in een angstaanjagende boodschap kan gebaseerd zijn op voorafgaande ervaring of kennis in plaats van op de aanbeveling in de boodschap zelf. Toehoorders kunnen een repertoire aan gedragingen hebben die ze gewoonlijk stellen wanneer ze zich bedreigd voelen. Deze gedragingen nemen vervolgens de plaats in van het in de boodschap aanbevolen gedrag. De gedragingen die gewoonlijk gesteld worden, kunnen zowel wenselijke als onwenselijke gedragingen zijn. Bepaalde persoonlijkheidsvariabelen en ook de capaciteiten van informatieverwerking van de toehoorder liggen aan de basis van het repertoire van gedragingen die gewoonlijk gesteld worden. Individuen die bijvoorbeeld hoog scoren op de persoonlijkheidstrek sensatie zoeken, hebben waarschijnlijk een repertoire gedragingen achter de hand dat niet altijd overeenstemt met aanbevolen gedragingen in gezondheidsvoorlichting. Bestuurders die al jaren zonder gordel maar kwetsurenvrij rijden, hebben op basis van die ervaring bij confronterende voorlichting vaak de reactie : Ik heb geen gordel nodig want ik rijd voorzichtig. Of Ik raak niet betrokken in ongevallen. Deze beweringen verlagen voor hen de angst maar zijn eigenlijk niet adequaat om het risico dat ze lopen echt te verminderen. Belangrijk in de OPMT is de vaststelling dat de vroegere ervaringen en het gedragsrepertoire van een individu ook invloed hebben op het beoordelingsproces van de dreiging die in een angstaanjagende boodschap wordt naar voor gebracht. Het gedragsrepertoire beïnvloedt de inschatting van de ernst en de waarschijnlijkheid van de dreiging. h. Extended Parallel Process Model (EPPM) (Witte, 1992) Dit model is een uitbreiding en/of samenvoeging van de voorgaande modellen van Leventhal (zie d) en Rogers (zie e). Net zoals in de OPMT (zie g) wordt ook in dit model opnieuw rekening gehouden met de emotionele reacties op angstaanjagende boodschappen. Er wordt met andere woorden aandacht besteed zowel aan het proces van risicocontrole cognitief als aan dat van angstcontrole emotioneel. Het model probeert expliciet de factoren aan te geven die het ontstaan van risico- en angstcontroleprocessen beïnvloeden. Bij het ontvangen van een angstaanjagende boodschap beoordelen individuen eerst de dreiging in termen van ernst en eigen vatbaarheid. Indien die ernst en vatbaarheid niet hoog worden ingeschat, wordt er geconcludeerd dat er geen dreiging is en wordt de boodschap niet verder verwerkt. Indien de beoordeling Steunpunt Verkeersveiligheid 19 RA

20 daarentegen resulteert in een waarneming van dreiging wordt angst opgewekt en zijn individuen gemotiveerd om de effectiviteit van de aanbevelingen in de boodschap te beoordelen. Indien die effectiviteit hoog is, domineert risicocontrole en worden de aanbevelingen aanvaard. Indien de gepercipieerde effectiviteit laag is en individuen niet geloven dat er een adequate oplossing bestaat voor het voorkomen van de dreiging zal angstcontrole de overhand nemen. In een meta-analyse van onderzoeken rond angstaanjagende boodschappen vinden Witte en Allen (2000) bevestiging voor hun model. Opgeroepen angst, ernst en waarschijnlijkheid van het risico en ook effectiviteit en het kunnen uitvoeren van de voorgestelde oplossing hebben een positieve invloed op attitudes, gedragsintenties en gedragingen. Dit is een staving van het proces van risicocontrole. Ook wat angstcontroleprocessen betreft, vinden ze bevestiging. Defensieve reacties nemen toe naarmate de opgewekte angst toeneemt. Bovendien blijken ze des te sterker naarmate de effectiviteit van oplossingen lager lijkt. Defensieve reacties zijn bovendien negatief gecorreleerd met risicocontroleprocessen. Een belangrijk idee in het EPPM is dat er een kritiek punt bestaat waarop percepties van de dreiging in een boodschap overwicht beginnen te krijgen op de percepties van efficiëntie van de aanbevolen gedragingen. Met andere woorden: de dreiging wordt zo groot dat geen enkel van de aanbevolen gedragingen er nog tegenop kan. Wanneer een individu dit kritiek punt bereikt, zal het ertoe aangezet worden om van risicocontrole over te schakelen naar angstcontrole en dus ongewenste gedragingen te stellen. Henley en Donovan (1999) verwijzen naar dit kritiek punt met hun stelling dat angstaanjagende gezondheidscampagnes voor sommige mensen vérstrekkende onbedoelde gevolgen kunnen hebben. Ze geven het voorbeeld van mensen die zichzelf niet in staat achten om de aanbevolen gedragingen bijvoorbeeld stoppen met roken uit te voeren. Door de opgeroepen angst en hun gevoel van hulpeloosheid kunnen ze volgens de auteurs in een depressie terecht komen. Ook Ruiter en Kok (2004) waarschuwen voor het gebruik van angstaanjagende voorlichting bij individuen die al tevergeefs probeerden om van risicogedragingen af te geraken. Deze auteurs gaan niet zover dat ze spreken van mogelijke depressies, maar geven aan dat individuen in dit geval waarschijnlijk defensief reageren tegen de boodschap. Gore en Bracken (2005) onderzochten experimenteel het idee van het kritiek punt en zagen het ook bevestigd. Hun conclusie is dat individuen die vooral aan angstcontrole doen vrij gemakkelijk kunnen aangezet worden tot risicocontrole door het benadrukken van de efficiëntie van mogelijke oplossingen en hun eigen vaardigheid om die oplossingen ook uit te voeren. Het tegengestelde individuen die aan risicocontrole doen aanzetten tot angstcontrole wordt in de hand gewerkt door sterk angstaanjagende boodschappen die niet vergezeld zijn van adequate gedragsaanbevelingen om het risico te bedwingen. Boodschappen zonder oproeping van angst zijn echter niet in staat om individuen die al overtuigd zijn van de efficiëntie van en hun eigen vaardigheid in aanbevolen gedragingen tot actie aan te zetten. Dus een niet te grote mate van angstinductie is voor hen wel noodzakelijk. Tay, Watson, Radbourne en De Young (2001) onderzochten de invloed van verschillende variabelen uit de EPPM te weten niveau van opgewekte angst, beoordeling van de effectiviteit van de voorgestelde oplossing en beoordeling van eigen capaciteiten in het uitvoeren van die oplossing op gedragsintenties en op feitelijk gedrag. Hun conclusie was dat het vooral de beoordeling van de effectiviteit van de aanbevolen actie is, die acceptatie van de boodschap en aanbevelingen teweeg brengt. Deze acceptatie vertaalde zich ook in intenties en feitelijk gedrag, gemeten in een vragenlijst enkele weken na het eerste deel van het onderzoek. In andere onderzoeken (bijvoorbeeld Snipes, LaTour & Bliss, 1999) wordt de beoordeling van eigen capaciteiten om het aanbevolen gedrag uit te voeren als belangrijkste variabele gezien. Waarschijnlijk varieert het belang van de verschillende variabelen over situaties, personen en soorten gedragingen. Steunpunt Verkeersveiligheid 20 RA

Verkeersgetuigen. Literatuurstudie over confronterende voorlichting RA-2006-96. Karin Van Vlierden. Onderzoekslijn Gedrag

Verkeersgetuigen. Literatuurstudie over confronterende voorlichting RA-2006-96. Karin Van Vlierden. Onderzoekslijn Gedrag Steunpunt Verkeersveiligheid Verkeersgetuigen Literatuurstudie over confronterende voorlichting Karin Van Vlierden PROMOTOR ONDERZOEKSLIJN ONDERZOEKSGROEP RAPPORTNUMMER Rob Cuyvers Gedrag PHL, UHasselt,

Nadere informatie

Getuigen onderweg: effectevaluatie van een verkeerseducatief programma in de 3 e graad secundair onderwijs

Getuigen onderweg: effectevaluatie van een verkeerseducatief programma in de 3 e graad secundair onderwijs Getuigen onderweg: effectevaluatie van een verkeerseducatief programma in de 3 e graad secundair onderwijs Ariane Cuenen Kris Brijs Tom Brijs Karin van Vlierden Stijn Daniëls Overzicht 1. Inleiding Programma

Nadere informatie

Bijlage 2: Informatie met betrekking tot goede praktijkvoorbeelden in Londen, het Verenigd Koninkrijk en Queensland

Bijlage 2: Informatie met betrekking tot goede praktijkvoorbeelden in Londen, het Verenigd Koninkrijk en Queensland Bijlage 2: Informatie met betrekking tot goede praktijkvoorbeelden in Londen, het Verenigd Koninkrijk en Queensland 1. Londen In Londen kunnen gebruikers van een scootmobiel contact opnemen met een dienst

Nadere informatie

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior Martin. W. van Duijn Student: 838797266 Eerste begeleider:

Nadere informatie

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Met opmaak: Links: 3 cm, Rechts: 2 cm, Boven: 3 cm, Onder: 3 cm, Breedte: 21 cm, Hoogte: 29,7 cm Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Stigmatisation of Persons

Nadere informatie

CASI MODEL (Pag 122) Stappen. Antwoorden

CASI MODEL (Pag 122) Stappen. Antwoorden CASI MODEL (Pag 122) HOE KANSRIJK IS UW CAMPAGNE? Het Campagne Strategie Instrument (CASI) is een hulpmiddel om tot onderbouwde keuzes te komen voor het opzetten van een campagne. Het gaat hierbij om campagnes

Nadere informatie

Let's Talk about Alcohol: The Role of Interpersonal Communication and Health Campaigns H. Hendriks

Let's Talk about Alcohol: The Role of Interpersonal Communication and Health Campaigns H. Hendriks Let's Talk about Alcohol: The Role of Interpersonal Communication and Health Campaigns H. Hendriks Let's talk about alcohol: The role of interpersonal communication and health campaigns Hanneke Hendriks

Nadere informatie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en Discrepantie The Relationship between Involvement in Bullying and Well-Being and the Influence of Social Support

Nadere informatie

Understanding and being understood begins with speaking Dutch

Understanding and being understood begins with speaking Dutch Understanding and being understood begins with speaking Dutch Begrijpen en begrepen worden begint met het spreken van de Nederlandse taal The Dutch language links us all Wat leest u in deze folder? 1.

Nadere informatie

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking Kenmerken van ADHD en de Theory of Mind 1 De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking The Influence of Characteristics of ADHD on Theory

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

Training Omgaan met Agressie en Geweld

Training Omgaan met Agressie en Geweld Training Omgaan met Agressie en Geweld 2011 Inleiding In veel beroepen worden werknemers geconfronteerd met grensoverschrijdend gedrag, waaronder agressie. Agressie wordt door medewerkers over het algemeen

Nadere informatie

Discussie De invloed van boodschappen met meerderheids- en minderheidssteun

Discussie De invloed van boodschappen met meerderheids- en minderheidssteun 5 Discussie De theorievorming over meerderheids- en minderheidsinvloed is door de jaren heen gekenmerkt geweest door een aantal controverses. De eerste controverse betreft de verwerking van boodschappen

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g S e v e n P h o t o s f o r O A S E K r i j n d e K o n i n g Even with the most fundamental of truths, we can have big questions. And especially truths that at first sight are concrete, tangible and proven

Nadere informatie

Slecht nieuws goed communiceren

Slecht nieuws goed communiceren Slecht nieuws goed communiceren M A N U K E I R S E F A C U L T E I T G E N E E S K U N D E, K U L E U V E N Waarheid is een van de meest krachtige medicamenten waarover men beschikt, maar men moet nog

Nadere informatie

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte.

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte. Een chronische en progressieve aandoening zoals multiple sclerose (MS) heeft vaak grote consequenties voor het leven van patiënten en hun intieme partners. Naast het omgaan met de fysieke beperkingen van

Nadere informatie

How to present online information to older cancer patients N. Bol

How to present online information to older cancer patients N. Bol How to present online information to older cancer patients N. Bol Dutch summary (Nederlandse samenvatting) Dutch summary (Nederlandse samenvatting) Goede informatievoorziening is essentieel voor effectieve

Nadere informatie

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim The Relationship between Work Pressure, Mobbing at Work, Health Complaints and Absenteeism Agnes van der Schuur Eerste begeleider:

Nadere informatie

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Emotioneel Eten: de Rol van Persoonlijkheid The Relationship between Daily Stress and Emotional Eating: the Role of Personality Arlette Nierich Open Universiteit

Nadere informatie

Programma. Programma. Na zelfdoding: De hulpverlener als nabestaande. Inleiding

Programma. Programma. Na zelfdoding: De hulpverlener als nabestaande. Inleiding Na zelfdoding: De hulpverlener als nabestaande Ilse Conserriere Suïcidepreventiewerker CGG CGG Eclips Lange Violettestraat 84 9000 Gent 9000 Gent Email : i.conserriere@cggeclips.be Email : kdw@fdgg.be

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/22989 holds various files of this Leiden University dissertation

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/22989 holds various files of this Leiden University dissertation Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/22989 holds various files of this Leiden University dissertation Author: Pouw, Lucinda Title: Emotion regulation in children with Autism Spectrum Disorder

Nadere informatie

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving

Onderzoeksopzet. Marktonderzoek Klantbeleving Onderzoeksopzet Marktonderzoek Klantbeleving Utrecht, september 2009 1. Inleiding De beleving van de klant ten opzichte van dienstverlening wordt een steeds belangrijker onderwerp in het ontwikkelen van

Nadere informatie

Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2

Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2 167 Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2 Task clarity 1. I understand exactly what the task is 2. I understand exactly what is required of

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting (Summary in Dutch)

Nederlandse Samenvatting (Summary in Dutch) Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting (Summary in Dutch) Overredende gezondheidsteksten, die als doel hebben om mensen te overtuigen hun ongezonde gewoonten te veranderen, zijn alom aanwezig

Nadere informatie

B40 Landbouwvoertuigen; een gevaar op de weg!

B40 Landbouwvoertuigen; een gevaar op de weg! B40 Landbouwvoertuigen; een gevaar op de weg! Lotte van den Munckhof ( Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid Gelderland) Erik Geerdes ( Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid Gelderland) Charlotte van Sluis

Nadere informatie

Moral Misfits. The Role of Moral Judgments and Emotions in Derogating Other Groups C. Wirtz

Moral Misfits. The Role of Moral Judgments and Emotions in Derogating Other Groups C. Wirtz Moral Misfits. The Role of Moral Judgments and Emotions in Derogating Other Groups C. Wirtz Mensen die als afwijkend worden gezien zijn vaak het slachtoffer van vooroordelen, sociale uitsluiting, en discriminatie.

Nadere informatie

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten The Moderating Influence of Social Support on the Relationship between Mobbing at Work

Nadere informatie

risicocommunicatie, planning & mechanismen van gezondheidsgedragsverandering in een populatie met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten

risicocommunicatie, planning & mechanismen van gezondheidsgedragsverandering in een populatie met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten risicocommunicatie, planning & mechanismen van gezondheidsgedragsverandering in een populatie met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten Hart- en vaatziekten vormen een grote bedreiging voor de volksgezondheid.

Nadere informatie

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim.

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Bullying at work and the impact of Social Support on Health and Absenteeism. Rieneke Dingemans April 2008 Scriptiebegeleider:

Nadere informatie

WERKEN MET ONTKENNING EN WEERSTAND AAN TOEKOMSTIGE VEILIGHEID. Judith Yntema

WERKEN MET ONTKENNING EN WEERSTAND AAN TOEKOMSTIGE VEILIGHEID. Judith Yntema WERKEN MET ONTKENNING EN WEERSTAND AAN TOEKOMSTIGE VEILIGHEID Judith Yntema Wat is waarheid? J. Yntema 30 september 2015 Wat is weerstand? Redenen voor ontkenning Angst voor verstoting/verlating Angst

Nadere informatie

Hoe marketingcommunicatie werkt

Hoe marketingcommunicatie werkt OHT 3.1 Hoe marketingcommunicatie werkt In dit hoofdstuk zul je het volgende leren: Hoe de hiërarchie van effecten de werking van communicatie kan beschrijven Het belang van attitudevorming voor het overtuigen

Nadere informatie

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers The Influence of Cognitive Stimulation in the Form of Active Learning on Mental Health

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

De Invloed van Familie op

De Invloed van Familie op De Invloed van Familie op Depressie- en Angstklachten van Verpleeghuisbewoners met Dementie The Influence of Family on Depression and Anxiety of Nursing Home Residents with Dementia Elina Hoogendoorn Eerste

Nadere informatie

Het aanpassingsproces na confrontatie met een hart- of vaataandoening

Het aanpassingsproces na confrontatie met een hart- of vaataandoening Auteur: Jos van Erp j.v.erp@hartstichting.nl Het aanpassingsproces na confrontatie met een hart- of vaataandoening Maakbaarheid en kwetsbaarheid Dood gaan we allemaal. Deze realiteit komt soms sterk naar

Nadere informatie

Motiverende gespreksvoering

Motiverende gespreksvoering Motiverende gespreksvoering Naam Saskia Glorie Student nr. 500643719 SLB-er Yvonne Wijdeven Stageplaats Brijder verslavingszorg Den Helder Stagebegeleider Karin Vos Periode 04 september 2013 01 februari

Nadere informatie

Attitudevorming & verandering. dinsdag 6 maart 2012

Attitudevorming & verandering. dinsdag 6 maart 2012 Attitudevorming & verandering H9 Wat vertellen attitudes over consumenten? Wat vertellen attitudes over consumenten? Mensen die van sushi houden zullen het waarschijnlijk eten Wat vertellen attitudes over

Nadere informatie

GEDRAGSBEiNVLOEDING VAN VERKEERSDEELNEMERS: VERKEERSREGELS, VOORLICHTING EN OPLEIDING

GEDRAGSBEiNVLOEDING VAN VERKEERSDEELNEMERS: VERKEERSREGELS, VOORLICHTING EN OPLEIDING GEDRAGSBEiNVLOEDING VAN VERKEERSDEELNEMERS: VERKEERSREGELS, VOORLICHTING EN OPLEIDING Bijdrage symposium Sociale Verkeerskunde, Groningen - Haren, 27-29 november 1974. In: Michon, J.A. & Van der Molen,

Nadere informatie

ANGSTEN OVERWINNEN Een mentale, gedragsmatige en lichamelijke aanpak Vlaams Angstcentrum Bart De Saeger

ANGSTEN OVERWINNEN Een mentale, gedragsmatige en lichamelijke aanpak Vlaams Angstcentrum Bart De Saeger ANGSTEN OVERWINNEN Een mentale, gedragsmatige en lichamelijke aanpak Vlaams Angstcentrum Bart De Saeger In elk mens schuilt een potentiële moordenaar! Wat als zij straks het schelmes neemt? ANGSTEN OVERWINNEN

Nadere informatie

Een FRISse kijk op risicocommunicatie? Ellen Misana 15 June 2012

Een FRISse kijk op risicocommunicatie? Ellen Misana 15 June 2012 Een FRISse kijk op risicocommunicatie? Ellen Misana 15 June 2012 Deze presentatie 1. Risicocommunicatie en informatiezoekgedrag Wie, wat, waar en waarom? 2. Ontwikkeling FRIS Wat weten we (nog niet)? Recente

Nadere informatie

Ervaringsgerichte aanpak voor snelheidsovertreders Sta even stil bij snelheid. Ivo Van Aken Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid

Ervaringsgerichte aanpak voor snelheidsovertreders Sta even stil bij snelheid. Ivo Van Aken Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid Ervaringsgerichte aanpak voor snelheidsovertreders Sta even stil bij snelheid Ivo Van Aken Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid 0 Vrijwillige leermaatregel Sta even stil bij snelheid Module Gerechtelijk

Nadere informatie

Capita Selecta Recent Arbeidsmarktonderzoek in Vlaanderen

Capita Selecta Recent Arbeidsmarktonderzoek in Vlaanderen RESEARCH SUMMARY ONDERZOEK I.K.V. VIONA STEUNPUNT WSE Capita Selecta Recent Arbeidsmarktonderzoek in Vlaanderen Richtlijnen voor auteurs - De hoofdindeling ligt vast en bestaat uit volgende rubrieken:

Nadere informatie

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility.

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility. RELATIE ANGST EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility Jos Kooy Eerste begeleider Tweede

Nadere informatie

Schokbrekers in de communicatie met patiënten en hun naasten

Schokbrekers in de communicatie met patiënten en hun naasten Schokbrekers in de communicatie met patiënten en hun naasten Christien de Jong, psychotherapeut / trainer Amsterdams Instituut voor Gezins- en Relatietherapie christiendejong@hetnet.nl Koos van der Knaap,

Nadere informatie

Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans

Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans Experimentele psychopathologie Op zoek naar de psychologische processen die een rol spelen bij het ontstaan, in stand houden en terugval van psychopathologie

Nadere informatie

Coachen. You get the best effort from others not by lighting a fire beneath them, but by building a fire within.

Coachen. You get the best effort from others not by lighting a fire beneath them, but by building a fire within. Coachen You get the best effort from others not by lighting a fire beneath them, but by building a fire within. Afke van de Wouw Sportpsycholoog Bewegingswetenschapper Fysiotherapeut Mentale Sportbegeleiding

Nadere informatie

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Nederlandse Samenvatting De adolescentie is levensfase waarin de neiging om nieuwe ervaringen op te

Nadere informatie

LinkedIn Profiles and personality

LinkedIn Profiles and personality LinkedInprofielen en Persoonlijkheid LinkedIn Profiles and personality Lonneke Akkerman Open Universiteit Naam student: Lonneke Akkerman Studentnummer: 850455126 Cursusnaam en code: S57337 Empirisch afstudeeronderzoek:

Nadere informatie

Workshop 1: Communiceren over zelfredzaamheid: daar is mijn volggroep!

Workshop 1: Communiceren over zelfredzaamheid: daar is mijn volggroep! Workshop 1: Communiceren over zelfredzaamheid: daar is mijn volggroep! Workshopleiders: Guido Rijnja, communicatieadviseur bij de Rijksvoorlichtingsdienst Ellen van Selm, projectleider Buurtvoorlichters

Nadere informatie

1. In welk deel van de wereld ligt Nederland? 2. Wat betekent Nederland?

1. In welk deel van de wereld ligt Nederland? 2. Wat betekent Nederland? First part of the Inburgering examination - the KNS-test Of course, the questions in this exam you will hear in Dutch and you have to answer in Dutch. Solutions and English version on last page 1. In welk

Nadere informatie

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Influence of Mindfulness Training on Parental Stress, Emotional Self-Efficacy

Nadere informatie

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen Running head: ACTIEVE OUDEREN EN BEWEGEN 1 De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de Lichaamsbeweging van Ouderen The Influence of Identification with 'Active Elderly' and Wellbeing

Nadere informatie

Figuur 1 Precede/Proceed Model

Figuur 1 Precede/Proceed Model Nederlandse samenvatting Benzodiazepinen zijn geneesmiddelen die vooral bij angstklachten en slaapstoornissen worden voorgeschreven. Ze vormen de op één na meest voorgeschreven middelen in Nederland. Tien

Nadere informatie

Ontpopping. ORGACOM Thuis in het Museum

Ontpopping. ORGACOM Thuis in het Museum Ontpopping Veel deelnemende bezoekers zijn dit jaar nog maar één keer in het Van Abbemuseum geweest. De vragenlijst van deze mensen hangt Orgacom in een honingraatpatroon. Bezoekers die vaker komen worden

Nadere informatie

Een gezondheidscheck via het werk: wat vinden werknemers ervan?

Een gezondheidscheck via het werk: wat vinden werknemers ervan? Een gezondheidscheck via het werk: wat vinden werknemers ervan? Olga Damman Allard van der Beek Danielle Timmermans -0- Department of Public and Occupational Health Quality of Care EMGO Institute for Health

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen The Association between Daily Hassles, Negative Affect and the Influence of Physical Activity Petra van Straaten Eerste begeleider

Nadere informatie

The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care

The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care Annemiek T. Harder Studies presented in this thesis and the printing of this

Nadere informatie

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97 Wanneer gebruiken we kwalitatieve interviews? Kwalitatief interview = mogelijke methode om gegevens te verzamelen voor een reeks soorten van kwalitatief onderzoek Kwalitatief interview versus natuurlijk

Nadere informatie

Emoties, wat is het signaal?

Emoties, wat is het signaal? Emoties, wat is het signaal? Over interpretatie en actieplan dr Frits Winter Functie van Emoties Katalysator, motor achter gedrag Geen emoties, geen betrokkenheid, geen relaties Te veel emoties, te veel

Nadere informatie

Schokbrekers in de communicatie met patiënten en hun naasten

Schokbrekers in de communicatie met patiënten en hun naasten Schokbrekers in de communicatie met patiënten en hun naasten Christien de Jong, psychotherapeut / trainer Amsterdams Instituut voor Gezins- en Relatietherapie christiendejong@hetnet.nl Distress rond overgangen

Nadere informatie

bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1

bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1 Datum: 31/10/2013 Auteur: Kris De Groof Versie: def Herkomst: Methodisch kader Aan de Slag Doel: Bestemming: Handelingskader 1712 bespreekbaar stellen en ontrafelen van geweld 1 1. Mogelijke introductie

Nadere informatie

The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands

The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands Proefschrift Marieke Heers (gepromoveerd 3 oktober in Maastricht; promotoren prof.dr. W.N.J. Groot en prof.dr. H. Maassen van den Brink)

Nadere informatie

KUNST ONDERZOEK EDUCATIE VISIE VERNIEUWING OMGEVING PUBLIEK WERK BEELD TEKST FASCINATIE

KUNST ONDERZOEK EDUCATIE VISIE VERNIEUWING OMGEVING PUBLIEK WERK BEELD TEKST FASCINATIE ARTISTIEK ONDERZOEK MASTER KUNSTEDUCATIE Willem de Kooning Academie Piet Zwart Instituut te Rotterdam april 2012 Marieke van der Hoek-Vijfvinkel begeleiding: Annette Krauss - MaikoTanaka ? KUNST ONDERZOEK

Nadere informatie

Handleiding voor docenten en opleiders bij de film Verslaafd in het Hoofd

Handleiding voor docenten en opleiders bij de film Verslaafd in het Hoofd Handleiding voor docenten en opleiders bij de film Verslaafd in het Hoofd Door Alie Weerman In de film komen vier mensen aan het woord die hersteld zijn van hun verslaving. Vanwege de variatie aan achtergrond,

Nadere informatie

Taco Schallenberg Acorel

Taco Schallenberg Acorel Taco Schallenberg Acorel Inhoudsopgave Introductie Kies een Platform Get to Know the Jargon Strategie Bedrijfsproces Concurrenten User Experience Marketing Over Acorel Introductie THE JARGON THE JARGON

Nadere informatie

EU keurt nieuw Programma veiliger internet goed: 55 miljoen euro om het internet veiliger te maken voor kinderen

EU keurt nieuw Programma veiliger internet goed: 55 miljoen euro om het internet veiliger te maken voor kinderen IP/8/899 Brussel, 9 december 8 EU keurt nieuw Programma veiliger internet goed: miljoen euro om het internet veiliger te maken voor kinderen Vanaf januari 9 zal de EU een nieuw programma voor een veiliger

Nadere informatie

Samenvatting in het Nederlands

Samenvatting in het Nederlands Samenvatting in het Nederlands (Summary in Dutch) 1. Het overtuigingsproces Op basis van modellen als het Elaboration Likelihood Model (Petty & Cacioppo, 1986a; Petty & Wegener, 1999), het Heuristic-Systematic

Nadere informatie

Mentaal Weerbaar Blauw

Mentaal Weerbaar Blauw Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.

Nadere informatie

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Test-taker Attitudes of Job Applicants: Test Anxiety and Belief in Tests as Antecedents of

Nadere informatie

Samenvatting. Dutch Summary.

Samenvatting. Dutch Summary. Samenvatting Dutch Summary. 125 126 Dutch Summary Nederlandse Samenvatting (Summary in Dutch) Door de aanwezigheid van omstanders helpen mensen elkaar minder snel en minder vaak. Dit geldt voor zowel noodsituaties,

Nadere informatie

20-9-2012. Motiverende Gespreksvoering. It s dancing; not wrestling. 1. Wie heeft er iemand in zijn/haar omgeving (privé of werk) die rookt?

20-9-2012. Motiverende Gespreksvoering. It s dancing; not wrestling. 1. Wie heeft er iemand in zijn/haar omgeving (privé of werk) die rookt? Motiverende Gespreksvoering It s dancing; not wrestling Van klacht naar kracht! It s dancing; not wrestling 1. Wie heeft er iemand in zijn/haar omgeving (privé of werk) die rookt? 1. Wie heeft er iemand

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Burnout, een toestand van mentale uitputting door chronische stress in de werksituatie, vormt een ernstig maatschappelijk probleem dat momenteel veel aandacht krijgt. In

Nadere informatie

De weg naar werk 2020 De wereld van verandermanagement

De weg naar werk 2020 De wereld van verandermanagement De weg naar werk 2020 De wereld van verandermanagement Inleiding 1 2 Er zijn grote veranderingen 3 Verandermanagement is aan de orde van de dag Een greep uit het aanbod veranderaanpakken, -theorieën, boeken

Nadere informatie

Doorbreek je belemmerende overtuigingen!

Doorbreek je belemmerende overtuigingen! Doorbreek je belemmerende overtuigingen! Herken je het dat je soms dingen toch op dezelfde manier blijft doen, terwijl je het eigenlijk anders wilde? Dat het je niet lukt om de verandering te maken? Als

Nadere informatie

Communicatie & sensibilisering. Probleemanalyse & doelgroepafbakening

Communicatie & sensibilisering. Probleemanalyse & doelgroepafbakening Communicatie & sensibilisering Probleemanalyse & doelgroepafbakening Overzicht Uitgangspunt: een planmatige aanpak STAP 1: Probleemanalyse Taak 1: het probleem identificeren Doelvraag: WAT is het probleem?

Nadere informatie

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinants and Barriers of Providing Sexual Health Care to Cancer Patients by Oncology

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

Vragenlijsten kwaliteit van leven

Vragenlijsten kwaliteit van leven Click for the English version Vragenlijsten kwaliteit van leven TNO heeft een aantal vragenlijsten ontwikkeld om de gezondheidsrelateerde kwaliteit van leven te meten van kinderen, jongeren en jong-volwassenen.

Nadere informatie

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere vrouwen: Onderzoek naar de relatie tussen angst, depressieve

Nadere informatie

STAGES IN ARBEIDS- EN ORGANISATIEPSYCHOLOGIE: FEEDBACKINSTRUMENT

STAGES IN ARBEIDS- EN ORGANISATIEPSYCHOLOGIE: FEEDBACKINSTRUMENT STAGES IN ARBEIDS- EN ORGANISATIEPSYCHOLOGIE: FEEDBACKINSTRUMENT Naam stagiair(e):... Stageplaats (+ adres):...... Tussentijdse evaluatie Eindevaluatie Stageperiode:... Datum:.. /.. / 20.. Stagementor:...

Nadere informatie

Let s motivate the patient

Let s motivate the patient LET S MOTIVATE THE PATIENT Melissa.Ooms@Ugent.be Let s motivate the patient 1. Wat is motivatie? 2. Het belang van motivationele gespreksvoering (MG) 3. Theoretische achtergrond 4. Basisprincipes in MG

Nadere informatie

Rolnummer 5264. Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T

Rolnummer 5264. Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T Rolnummer 5264 Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 38, 5, van de wetten betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk

Nadere informatie

stoppen zware drinkers minder vaak met het drinken van alcoholhoudende drank dan vrouwen met een lager alcoholgebruik.

stoppen zware drinkers minder vaak met het drinken van alcoholhoudende drank dan vrouwen met een lager alcoholgebruik. Samenvatting In Nederland gebruikt ongeveer 80% van de vrouwen in de vruchtbare leeftijd alcoholhoudende drank. Veel vrouwen staken het alcoholgebruik zodra ze zwanger zijn of eerder al, als ze zwanger

Nadere informatie

Samenvatting. (Summary in Dutch)

Samenvatting. (Summary in Dutch) (Summary in Dutch) Impulsieve keuzes voor aantrekkelijke opties zijn doorgaans geen verstandige keuzes op de lange termijn (Hofmann, Friese, & Wiers, 2008; Metcalfe & Mischel, 1999). Wanneer mensen zich

Nadere informatie

Risicogedrag pubers: breder dan verkeer alleen? Divera Twisk (SWOV) Eva Schreuder (TeamAlert) Willemijn Noordman (TeamAlert)

Risicogedrag pubers: breder dan verkeer alleen? Divera Twisk (SWOV) Eva Schreuder (TeamAlert) Willemijn Noordman (TeamAlert) Risicogedrag pubers: breder dan verkeer alleen? Divera Twisk (SWOV) Eva Schreuder (TeamAlert) Willemijn Noordman (TeamAlert) Inhoud Waarom deze studie? Voorlopige resultaten - Is er een samenhang tussen

Nadere informatie

Beleidsplan 2012 t/m 2016

Beleidsplan 2012 t/m 2016 Beleidsplan 2012 t/m 2016 Mei 2012 Beleidsplan 2012 t/m 2016 Inleiding Dit beleidsplan is het resultaat van een voortgaand proces, waar we sinds twee jaar aan werken. In die periode is het volgende gebeurd.

Nadere informatie

Emoties, wat is het signaal?

Emoties, wat is het signaal? Emoties, wat is het signaal? Over interpretatie en actieplan dr Frits Winter Functie van Emoties Katalysator, motor achter gedrag Geen emoties, geen betrokkenheid, geen relaties Te veel emoties, te veel

Nadere informatie

Comics FILE 4 COMICS BK 2

Comics FILE 4 COMICS BK 2 Comics FILE 4 COMICS BK 2 The funny characters in comic books or animation films can put smiles on people s faces all over the world. Wouldn t it be great to create your own funny character that will give

Nadere informatie

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy on Sociosexuality Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie op Sociosexualiteit Filiz Bozkurt First supervisor: Second supervisor drs. J. Eshuis dr. W. Waterink

Nadere informatie

De opleiding tot NLP Practitioner

De opleiding tot NLP Practitioner De opleiding tot NLP Practitioner Wat is Neuro-Linguïstisch Programmeren (NLP)? Neuro Linguïstisch Programmeren (NLP ) wordt gedefinieerd als: de structuur van de subjectieve ervaring en wat daaruit verwacht

Nadere informatie

Betekenis manipuleren via framing

Betekenis manipuleren via framing Wegwijzer: Betekenis manipuleren via framing Maakt het een verschil als je zegt: Dit glas is halfvol of Dit glas is halfleeg? Strikt genomen zeg je hetzelfde, maar reageren mensen ook hetzelfde op beide

Nadere informatie

Samenvatting. In hoofdstuk 1 wordt een algemene introductie gegeven over de onderwerpen die in dit proefschrift worden behandeld.

Samenvatting. In hoofdstuk 1 wordt een algemene introductie gegeven over de onderwerpen die in dit proefschrift worden behandeld. 155 Sport- en spelactiviteiten bevorderen over het algemeen de gezondheid. Deze fysieke activiteiten kunnen echter ook leiden tot blessures. Het proefschrift beschrijft de ontwikkeling en evaluatie van

Nadere informatie

Van huidige situatie ------------ naar --------------------------------- gewenste situatie

Van huidige situatie ------------ naar --------------------------------- gewenste situatie Doelen stellen NLP is een doelgerichte, praktische en mensvriendelijke techniek. NLP = ervaren, ervaren in denken, voelen en doen. Middels een praktisch toepasbaar model leren we om de eigen hulpmiddelen,

Nadere informatie

Veiligheid en Integriteit

Veiligheid en Integriteit Veiligheid en Integriteit Persoonlijke aspecten en effecten van (be)dreiging VBG 27 februari 2013 Rob van den Biggelaar adviseur sociale veiligheid / psycholoog E-mail: vandenbiggelaar@habilis.nl Deze

Nadere informatie

Kennisoverdracht. Werkingsmechanisme: Communiceer de functionele en affectieve voordelen van het gewenste gedrag. Kennis Houding Kunnen

Kennisoverdracht. Werkingsmechanisme: Communiceer de functionele en affectieve voordelen van het gewenste gedrag. Kennis Houding Kunnen Kennisoverdracht Kennis Houding Kunnen Werkingsmechanisme: Kennisoverdracht Communiceer de functionele en affectieve voordelen van het gewenste gedrag. Bijvoorbeeld: NL-Alert - Informatievoorziening over

Nadere informatie

Motivatie. Motivatie verhogen

Motivatie. Motivatie verhogen Motivatie verhogen Inleiding: Spanning is een woord dat meestal negatief bekeken wordt. Het wordt dan gezien als stress of faalangst. Toch is dit niet correct. Er zijn heel wat voorbeelden te vinden waarbij

Nadere informatie

GGZ aanpak huiselijk geweld

GGZ aanpak huiselijk geweld GGZ aanpak huiselijk geweld Wat is er nodig en wat helpt Jeannette van Borren Mei 2011 Film moeder en zoon van Putten Voorkomen van problemen is beter en goedkoper dan genezen Preventieve GGZ interventies

Nadere informatie