PUBLIC. Brussel, 20 december 2011 (09.01) (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE /11 Interinstitutioneel dossier: 2011/0092 (C S) LIMITE

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "PUBLIC. Brussel, 20 december 2011 (09.01) (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE. 18838/11 Interinstitutioneel dossier: 2011/0092 (C S) LIMITE"

Transcriptie

1 eil UE PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 20 december 2011 (09.01) (OR. en) 18838/11 Interinstitutioneel dossier: 2011/0092 (C S) LIMITE FISC 174 E ER 417 E V 994 OTA van: aan: Betreft: het aantredende Deense voorzitterschap de Groep belastingvraagstukken - indirecte belasting (energieheffing) Voorstel voor een richtlijn van de Raad houdende wijziging van Richtlijn 2003/96/EG tot herstructurering van de communautaire regeling voor de belasting van energieproducten en elektriciteit - Nota van het voorzitterschap Voor de delegaties gaat in bijlage een nota van het aantredende voorzitterschap over de belasting van energieproducten en elektriciteit, die de Groep belastingvraagstukken op 17 januari 2012 zal bespreken /11 rts/pau/fb 1

2 ota van het voorzitterschap Belasting van energieproducten en elektriciteit Tijdens het Hongaarse en het Poolse voorzitterschap is een eerste lezing afgesloten van het Commissievoorstel voor een herziening van de richtlijn inzake energiebelasting (REB). Om verdere vorderingen in de onderhandelingen te maken is het Deense voorzitterschap van oordeel dat de problemen met de huidige richtlijn moeten worden verduidelijkt. Een gemeenschappelijk inzicht in die problemen zou de basis kunnen vormen voor een algemeen compromis, dat tegemoet komt aan de bezwaren van sommige lidstaten tegen het voorstel en het algemene doel van de herziene richtlijn niet voorbijschiet, namelijk op een kostenefficiënte en gerichte wijze de energie- en klimaatdoelstellingen van de EU, die herhaaldelijk door de Europese Raad zijn vastgesteld, te ondersteunen. Afgezien daarvan kan de belasting van energie niet los worden gezien van andere problemen die in verband met de financiële crisis de kop hebben opgestoken. De hervorming van de energiebelasting kan daarom ook een belangrijke rol spelen bij de begrotingsconsolidatie; tegelijk moet de bedrijfswereld in staat worden gesteld om zich binnen een redelijke termijn aan een hogere belasting aan te passen, zodat de sector de druk van de hogere energiebelasting kan verminderen door in nieuwe energiebesparende uitrusting te investeren of de energie efficiënter te gebruiken. De geleidelijke invoering van een hogere belasting zal een prijssignaal vormen voor de toekomstige energieprijzen, hetgeen belangrijk is voor de bedrijfswereld bij investeringsbeslissingen. Energiebelasting kan voorts een onderdeel zijn van een meer algemene belastinghervorming, met een verschuiving van de belasting van arbeid naar energie of van ondernemingsbelasting naar energiebelasting, waarbij de algemene belastingdruk gelijk blijft. De inkomsten zouden ook kunnen worden hergebruikt ten behoeve van ondernemingen of huishoudens, bijvoorbeeld door energiebesparende investeringen te ondersteunen. Het voorzitterschap is voornemens om samen met de lidstaten te bepalen hoe de werkzaamheden betreffende de voorgestelde REB kunnen worden voortgezet zonder bovenstaande doelstellingen uit het oog te verliezen /11 rts/pau/fb 2

3 Problemen met de huidige REB De huidige REB is in de plaats gekomen van de richtlijn minerale oliën, die beperkt was tot producten van minerale oliën en waarin op verschillende niveaus minimumtarieven per volumeeenheden waren vastgesteld (bijvoorbeeld per liter of kilogram). Met de huidige REB werd het toepassingsgebied uitgebreid tot elektriciteit en andere energieproducten dan minerale oliën, met name kolen en aardgas. Voor de nieuwe energieproducten werden de minimumtarieven vastgesteld op basis van de energie-inhoud in GJ, en golden dezelfde tarieven. Elektriciteit werd belast volgens de hoeveelheid MWh, tegen nagenoeg hetzelfde tarief als dat voor kolen en aardgas. De lidstaten konden hun nationale belastingniveaus in andere eenheden uitdrukken, mits de omgerekende tarieven niet onder de minimumtarieven lagen. De tarieven voor verwarmingsbrandstoffen waren per GJ in het algemeen hoger dan de tarieven voor kolen en aardgas, omdat die in grote mate waren overgenomen uit de richtlijn minerale oliën. Omdat met de huidige bepalingen biobrandstoffen tegen hetzelfde tarief worden belast als gelijkwaardige fossiele brandstoffen, worden biobrandstoffen op grond van hun energie-inhoud in vergelijking met andere brandstoffen meer belast; er werd van uitgegaan dat de vrijstellingsoptie in artikel 16 van de REB voor de lidstaten voldoende was. De toepasbaarheid van artikel 16 hangt evenwel af van de mogelijkheid om voor biobrandstoffen overheidssteun te verlenen. Indien de minimumtarieven worden uitgedrukt op basis van de CO 2 -inhoud, blijkt dat brandstoffen met een hoge koolstofinhoud bevoordeeld worden ten opzichte van brandstoffen met een lagere CO 2 -inhoud. Omdat thans als motorbrandstof gebruikte biobrandstoffen belast worden volgens het beginsel gelijkwaardige brandstof, worden biobrandstoffen hoger belast dan fossiele motorbrandstoffen. Brandstoffen die zouden moeten worden bevorderd, worden aldus benadeeld en brandstoffen waarvan het gebruik om milieuredenen zou moeten worden beperkt, worden bevoordeeld ten nadele van milieuvriendelijker brandstoffen. De inconsistentie van de huidige minimumtarieven wordt aangetoond in de volgende tabel /11 rts/pau/fb 3

4 Tabel voor typische brandstoffen Huidige minimumtarieven Huidige minimumtarieven volgens GJ-inhoud Huidige minimumtarieven volgens CO 2 -inhoud Gasolie EUR 21 /1000 l EUR 0,59 /GJ EUR 8,1 /t CO 2 Kolen EUR 0,15 /GJ EUR 0,15 /GJ EUR 1,58 /t CO 2 Aardgas EUR 0,15 /GJ EUR 0,15 /GJ EUR 2,7 /t CO 2 Benzine EUR 359 /1000 l EUR 10,9 /GJ EUR 158 /t CO 2 Ethanol EUR 359 /1000 l EUR 17 /GJ - Diesel EUR 330 /1000 l EUR 9,4 /GJ EUR 126 /t CO 2 Biodiesel EUR 330 /1000 l EUR 11,7 /GJ - Het prijssignaal van de minimumtarieven is niet correct gerelateerd aan de strijd tegen de klimaatverandering, biedt geen ondersteuning voor energiebesparingen en is geen stimulans voor biobrandstoffen. De tariefstructuur creëert prikkels die haaks staan op de energie- en klimaatdoelstellingen die de EU met CO 2 -uitstootreductie, een lager energieverbruik en een groter aandeel van hernieuwbare energiebronnen in het totale energieverbruik beoogt. Op het ogenblik dat de REB is aangenomen, is ook de EU-emissiehandelsregeling (EU ETS) aangenomen, en is duidelijk geworden dat de ETS en de energiebelasting elkaar zouden overlappen. Derhalve werd bij de aanneming van de REB in de notulen van de Raad de volgende verklaring opgenomen: "De Raad zegt toe zich, op basis van een voorstel van de Commissie, welwillend te buigen over belastingmaatregelen ter begeleiding van de toekomstige toepassing van een communautaire regeling voor de handel in emissierechten, met name ter voorkoming van dubbele heffing" (doc. 8084/03 ADD 1). De huidige richtlijn is onvoldoende toegerust om met quotaprijzen of belastingen dubbele regulering te vermijden of gelijke behandeling in en buiten de EU ETS-sector te garanderen. Artikel 17 houdt in dat belasting kan worden gedifferentieerd naargelang het gebruik van brandstoffen die onder regelingen met verhandelbare vergunningen vallen, maar is volgens de interpretatie van de Commissie in verscheidene zaken betreffende overheidshulp, niet van toepassing op de EU ETS. Derhalve lijkt er behoefte te zijn aan een preciezere formulering om te verduidelijken hoe de differentiëring tussen de twee sectoren zodanig kan worden doorgevoerd dat dubbele regulering of het ontbreken van regulering kan worden vermeden /11 rts/pau/fb 4

5 Biobrandstoffen kunnen volgens artikel 16 van de REB van belastingen worden vrijgesteld of onder een verlaagd tarief worden gebracht. Maar conform artikel 16, lid 6, is de belastingverlaging niet meer van toepassing vanaf de datum waarop de lidstaten op grond van het Gemeenschapsrecht gedwongen worden tot nakoming van juridisch bindende verplichtingen om een minimumaandeel biobrandstoffen in de handel te brengen. Die bindende verplichting is voor 2020 ingevoerd bij artikel 7 bis van de richtlijn brandstofkwaliteit (Richtlijn 98/70/EG, als gewijzigd bij Richtlijn 2009/30/EG), en bij artikel 3 van de richtlijn hernieuwbare energiebronnen (Richtlijn 2009/28/EG); vanaf die datum is het dus niet meer mogelijk de belasting met betrekking tot voor voortbeweging gebruikte biobrandstoffen te verlagen. Aangezien belastingverlaging voor biobrandstoffen als overheidssteun wordt beschouwd, volgt uit de regelgeving betreffende overheidssteun dat geen overheidssteun mag worden verstrekt aan bedrijven van een sector die door een verplichte norm op EU-niveau wordt gereguleerd 1. In artikel 7 bis van de richtlijn brandstofkwaliteit is deze norm vastgelegd in de verplichting voor de operatoren om vóór 2020 aan emissiereducties te voldoen en in artikel 3 van de richtlijn hernieuwbare energiebronnen zijn voor de lidstaten de streefcijfers vastgesteld inzake het aandeel energie uit hernieuwbare bronnen. Sinds de aanneming van de REB en de EU ETS zijn met de aanneming in 2009 van het pakket maatregelen op klimaat- en energiegebied, meer concrete en ambitieuzere streefcijfers overeengekomen. De behoefte aan een herziening van de REB, die niet is opgezet om aan deze nieuwe streefcijfers te voldoen, is daarmee nog sterker geworden. Problemen met de huidige REB 1. De structuur van de minimumtarieven creëert prikkels die in strijd zijn met de ambitieuze energie- en klimaatdoelstellingen die de EU met een lager energieverbruik en minder CO 2 -uitstoot beoogt, en met het doel om het aandeel hernieuwbare energiebronnen, waaronder biobrandstoffen, in het totale energieverbruik te vergroten. 2. Het huidige artikel 17 is onvoldoende toegerust om dubbele regulering, zowel door de EU ETS als door de energiebelasting, te vermijden en kan met quotaprijzen of belastingen niet garanderen dat brandstoffen in en buiten de EU ETS-sector gelijk worden behandeld. 1 Zie document 5862/08 ADD 4 van de Raad met het begeleidend werkdocument van de diensten van de Commissie bij het pakket uitvoeringsmaatregelen voor de EU-doelstellingen inzake klimaatverandering en hernieuwbare energie voor 2020 (bijlage bij de effectbeoordeling). De desbetreffende bladzijde gaat als bijlage bij dit document /11 rts/pau/fb 5

6 3. De huidige bepalingen van de REB voorzien niet in een eerlijke behandeling van biobrandstoffen op basis van hun eigen kenmerken (lagere CO 2 - uitstoot en lagere netto calorische waarde). Bovendien zal de interactie tussen de regels inzake overheidssteun, de richtlijn brandstofkwaliteit en de richtlijn hernieuwbare brandstoffen enerzijds, en de belastingverlaging voor biobrandstoffen, die is bedoeld in artikel 16, lid 6, van de REB anderzijds, het onmogelijk maken om vanaf 2020 een belastingvrijstelling toe te passen op biobrandstoffen die worden gebruikt voor voortbeweging. In dat verband zij erop gewezen dat de Europese Raad in maart 2008 heeft verzocht om de energiebelasting beter af te stemmen op de energie- en klimaatdoelstellingen van de EU (punt 27 in document 7652/1/08 REV 1 CONCL 1). Bezwaren van de lidstaten tegen het voorstel van de Commissie Nu de eerste lezing van het voorstel tot herziening van de REB achter de rug is, zijn de meeste lidstaten bezig met de analyse van het voorstel, teneinde hun standpunt te bepalen. Een aantal lidstaten heeft evenwel bij kernpunten van het voorstel vraagtekens geplaatst en bezwaren geuit. 1. Sommige lidstaten zijn om verschillende redenen bezorgd over of tegen de invoering van een verplichte CO 2 -component in de energiebelasting. Sommige vinden de CO 2 -component een ingewikkelde nieuwe belasting. Andere zijn beducht voor het hogere belastingniveau dat door de CO 2 -component zal ontstaan. Verder zijn ook vraagtekens geplaatst bij de reikwijdte van de CO 2 -belasting buiten de ETS-sector (artikel 2, lid 4, en artikelen 5 en 15), omdat er slechts een paar uitzonderingen zijn, zoals huishoudens. Tot slot wordt meer flexibiliteit gevraagd voor de verplichte vrijstelling van de CO 2 -belasting in de ETS-sector. 2. Een groot aantal lidstaten is tegen het voorstel om voor een bepaald gebruik in de nationale belasting dezelfde energie- en CO 2 -tarieven toe te passen indien zij tarieven boven het minimumbelastingsniveau hanteren. Voor de meeste lidstaten is het bijzonder problematisch dat het belastingniveau per liter hoger zal liggen voor diesel dan voor benzine /11 rts/pau/fb 6

7 Mogelijke punten voor de verdere besprekingen en mogelijke compromiselementen Volgens het Deense voorzitterschap zijn de hierboven geschetste bezwaren tot op grote hoogte van politieke aard, maar hebben sommige ermee samenhangende punten een eerder technisch karakter. Het Deense voorzitterschap vindt dat er met het oog op een analyse van de voor- en nadelen van het voorstel dieper op de bezwaren moet worden ingegaan, zodat er op een stevige grondslag een politiek besluit kan worden genomen. 1. De structuur in de minimumtarieven Met de voorgestelde splitsing bij de belasting van energieproducten in een energie- en een CO 2 -component met uniforme tarieven per GJ en per t CO 2 wordt beoogd een logischere structuur aan te brengen in de minimumtarieven, die op kostenefficiëntere wijze dan de huidige aan het verwezenlijken van de energie- en de klimaatdoelstellingen van de EU moeten bijdragen. De energiebelastingtarieven voor alle brandstoffen voor verwarming en voor niet voor de weg bestemde voertuigen worden vastgesteld op hetzelfde niveau als voor kolen en aardgas, en aangezien het voor de consumenten op de energie-inhoud in de brandstoffen aankomt en niet op het volume, zal een belasting op basis van de energie-inhoud met hetzelfde tarief per GJ zorgen voor neutraliteit bij de keuze van de consument tussen verschillende brandstoffen. De lidstaten zouden echter de mogelijkheid behouden om hun belastingtarieven in volume- of gewichtseenheden uit te drukken. Voor motorbrandstoffen wordt een hoger minimumbelastingtarief per GJ vastgesteld. De minimumtarieven voor diesel en andere motorbrandstoffen stijgen tot 2018 geleidelijk tot het niveau van benzine. Dat zal ertoe leiden dat het minimumtarief per liter diesel in 2018 hoger zal zijn dan dat voor benzine. Het belastingniveau voor de CO 2 -component wordt op het verwachte quotumprijsniveau vastgesteld. Dat zal garant staan voor gelijke behandeling in en buiten de ETS-sector, alsmede voor een kostenefficiënte CO 2 -vermindering. Voorts lijkt het voor de hand te liggen om, evenals in het quotumstelsel, voor alle CO 2 -emissies buiten de ETS-sector een uniform tarief te laten gelden /11 rts/pau/fb 7

8 Wat het omzetten van de belastingtarieven voor energie en CO 2 in traditionele nationale eenheden betreft, moet volgens het Deense voorzitterschap worden bezien of de omzettingsfactoren in de richtlijn moeten worden vastgesteld dan wel of het aan de lidstaten kan worden overgelaten om overeenkomstig artikel 12 van de richtlijn REB nationale omzettingsfactoren toe te passen. In de huidige richtlijn zijn er voor kolen en aardgas nationale omzettingsfactoren toegepast. Een vereiste voor het gebruik van nationale omzettingsfactoren zou kunnen zijn dat zij moeten worden vastgesteld door geaccrediteerde laboratoria. Het feit dat de uniforme CO 2 -component kan worden omgezet in eenheden die in de nationale energiebelastingswetgeving reeds worden toegepast en welbekend zijn, doet de vraag rijzen of de CO 2 -component nu als een nieuwe belasting moet worden beschouwd, dan wel of zij louter moet worden gezien als een andere manier om de totale belastingtarieven voor energieproducten te berekenen. Daarnaast bepaalt artikel 4, lid 3, van het voorstel dat de lidstaten dezelfde energie- en CO 2 -tarieven voor alle voor een bepaald doel gebruikte energieproducten toepassen indien zij tarieven boven het minimumbelastingniveau hanteren. Voor motorbrandstoffen geldt de aanpassing vanaf Aangezien een meerderheid van de lidstaten problemen heeft met artikel 4, lid 3, zou het voor het Deense voorzitterschap te overwegen vallen het onderliggende beginsel opnieuw te bezien, dat wil zeggen het te handhaven voor de CO 2 -component, maar de lidstaten het niveau van de energiecomponent voor verschillende brandstoffen boven de door de Commissie voorgestelde minimumtarieven te laten bepalen. De lidstaten zouden de tarieven voor benzine en voor diesel uitgedrukt per GJ echter niet verder mogen laten uiteenlopen. Vraag aan de lidstaten: Zou een herformulering van artikel 4, lid 3, in de hierboven beschreven zin, waarbij de lidstaten voldoende flexibiliteit zouden krijgen, soelaas kunnen bieden? 18838/11 rts/pau/fb 8

9 2. De interactie tussen quota en belastingen Zoals hierboven vermeld, regelt artikel 17 de fiscale behandeling van brandstoffen die binnen het quotum vallen niet naar behoren, aangezien de mogelijkheid om verlaagde tarieven toe te passen voor brandstoffen die door emissiehandelsregelingen worden bestreken, niet voor de EU ETS geldt. A. De CO 2 -component Door in de belasting van energieproducten een CO 2 -component in te voeren op een niveau dat vergelijkbaar is met de verwachte quotumprijs, zal de dubbele regulering met quota en belastingen gemakkelijker gehanteerd kunnen worden. Ook zal daardoor een gelijke behandeling van de in de EU ETS-sector en de daarbuiten gebruikte brandstoffen worden gegarandeerd. De verplichte vrijstelling van de CO 2 -belastingcomponent zal maken dat voor het totale verbruik van binnen de quota vallende brandstoffen uitsluitend de quotumprijs zal worden berekend. Het verbruik van alle andere conventionele brandstoffen zal aan de CO 2 -belastingcomponent worden onderworpen en zodoende bijdragen aan lagere CO 2 -emissies buiten de ETS-sector overeenkomstig de energie- en klimaatdoelstellingen van de EU. De CO 2 -belastingcomponent is een kostenefficiënt economisch instrument dat, evenals de EU ETS, veel nauwer met milieubescherming samenhangt dan de huidige energiebelasting. Daardoor kan een bepaalde CO 2 -vermindering worden bereikt voor een lagere sociaal-economische kostprijs dan bij een uniforme verhoging van de huidige energiebelasting. Vragen aan de lidstaten: Werkt een CO 2 -belastingcomponent waarvan onder de EU ETS vallende brandstoffen zijn vrijgesteld, een oplossing voor het probleem van de dubbele regulering met quota en belastingen in de hand? Indien de CO 2 -component in bepaalde subsectoren buiten de ETS-sector problemen oplevert, welke oplossingen moeten daar dan voor worden overwogen? 18838/11 rts/pau/fb 9

10 B. Verplichte vrijstelling voor de CO 2 -component De verplichte vrijstelling stuit op bezwaren van sommige lidstaten, die een CO 2 -belasting bovenop de quotumprijs zouden willen heffen om aan de sector een sterker prijssignaal af te geven dan wordt verkregen via de EU ETS, waar de prijs in de loop van de tijd volatiel is geweest. Om die reden acht het Deense voorzitterschap het dienstig te overwegen de verplichte vrijstelling, voor door de EU ETS bestreken brandstoffen facultatief te maken, hetzij door een landspecifieke vrijstelling, hetzij door een toevoeging aan de verplichte vrijstelling van artikel 14, op grond waarvan de lidstaten de reikwijdte van de vrijstelling voor de door de ETS bestreken brandstoffen kunnen beperken. Vragen aan de lidstaten: Zou een landspecifieke facultatieve vrijstelling een oplossing kunnen zijn om het dossier vooruit te helpen? Of zou een alternatieve oplossing erin kunnen bestaan dat de lidstaten de reikwijdte van de verplichte vrijstelling voor de door de ETS bestreken brandstoffen kunnen beperken? Zou een facultatieve vrijstelling specifieke problemen veroorzaken? C. Problemen in verband met koolstoflekkage in de niet-ets-sector In het EU ETS-systeem bestaan er en zullen er gedurende een langere periode vrije quota bestaan. De Commissie heeft voorgesteld die vrije quota in het belastingstelsel te weerspiegelen in de vorm van een belastingkrediet dat beperkt is tot brandstofverbruik in installaties binnen sectoren of subsectoren die worden geacht aan een aanzienlijk risico op koolstoflekkage te zijn blootgesteld. De lidstaten achtten het berekenen van dat belastingkrediet nogal gecompliceerd. Vragen aan de lidstaten: Lopen bedrijven in de niet-ets-sector een vergelijkbaar risico op koolstoflekkage als in de ETSsector? Zo ja, achten de lidstaten een bijzondere belastingverlichting gerechtvaardigd? Hoe moeten - administratief eenvoudige - bepalingen ter zake er uit komen te zien? Moet een belastingverlichting op in andere wetgeving vastgestelde definities stoelen of moeten er andere definities worden toegepast, zoals de definitie voor energie-intensieve bedrijven in artikel 17? 18838/11 rts/pau/fb 10

11 3. Biobrandstoffen In het Commissievoorstel zijn de inherente voordelen van biobrandstoffen, namelijk dat zij CO 2 -neutraal zijn en een lagere energie-inhoud hebben dan de conventionele brandstoffen, gevrijwaard en impliceert de lagere belasting op biobrandstoffen per liter niet langer staatssteun overeenkomstig artikel 16 van de huidige richtlijn REB. Artikel 16 van de huidige richtlijn REB bepaalt dat de lidstaten vrijstellingen of verlaagde belastingtarieven voor biobrandstoffen kunnen toepassen. De toepassing van die bepaling is echter onderworpen aan goedkeuring van staatssteun. De Commissie heeft voorgesteld de bepaling vanaf 2023 af te schaffen. Om de staatssteunproblemen in verband met de toepassing van artikel 16 in toom te houden, zou kunnen worden overwogen om in bijlage A specifieke lagere minimumtarieven in te voeren voor de energiebelasting op ethanol/etbe en op biodiesel (Famae) en andere biostuwstoffen die aan de duurzaamheidscriteria van artikel 17 van de richtlijn hernieuwbare energiebronnen voldoen. Artikel 16 van de huidige REB lijkt echter ook van toepassing op andere biobrandstoffen dan stuwstoffen, zoals biogas en bio-olie (pyrolyse-oliebrandstof), en ook voor dergelijke producten zou een belastingverlichting dienstig kunnen blijken, voor zover zij niet met conventionele brandstoffen kunnen concurreren. Wordt artikel 5 zo gewijzigd dat er ook gedifferentieerde tarieven kunnen worden toegepast voor biobrandstoffen die voor andere doeleinden dan als stuwstof worden gebruikt, dan zou er een lager energiebelastingtarief, tot het minimum van 0,15 euro/gj, kunnen worden toegepast voor biobrandstoffen die voor andere doeleinden dan als stuwstof worden gebruikt. Op die manier zouden de staatssteunproblemen in samenhang met artikel 16 grotendeels worden opgelost indien de minimumtarieven in acht worden genomen. Artikel 16 zou dan kunnen komen te vervallen. Vragen aan de lidstaten: Moeten er nog verdere belastingverlagingen voor biobrandstoffen komen naast de logische verlaging tengevolge van de CO 2 -neutraliteit en de lagere energie-inhoud van biobrandstoffen? Zijn de lidstaten het ermee eens om verlichting van de energiebelastingscomponent facultatief te maken door specifieke minimumtarieven voor als stuwstof gebruikte biobrandstoffen in te voeren of door een belastingdifferentiatie tot aan het minimum toe te staan voor bio-energie die voor andere doeleinden wordt gebruikt? 18838/11 rts/pau/fb 11

12 Overgangstermijnen Een aanzienlijke verhoging van het belastingniveau voor energieproducten in de niet-ets-sector kan problemen in verband met het internationale concurrentievermogen veroorzaken, met name als de belastingverhoging zomaar plotseling wordt ingevoerd. Een geleidelijke verhoging van de belasting gedurende een redelijke tijdsspanne zou de sector beter in de gelegenheid kunnen stellen tot het plannen van de vereiste aanpassing. Vraag aan de lidstaten: De Commissie stelt een geleidelijke invoering gedurende een betrekkelijk lange periode voor. Is die periode lang genoeg? 18838/11 rts/pau/fb 12

13 BIJLAGE UITTREKSEL UIT DOC. 5862/08 ADD State aid implications of the introduction of binding targets for the use of renewable energy It is important to assess what scope will remain for State aids for renewable energy after the adoption of a renewable energy Directive that sets binding targets for (a) a 20% overall share of renewable energy and (b) a 10% share of renewable energy in transport in According to the environmental State aid guidelines, aid should not be allowed for the fulfilment of "mandatory environmental requirements" laid down in Community law. The binding targets for the share of renewable energy in total energy consumption will not, however, trigger a prohibition of State aid on this basis, because these targets do not constitute mandatory environmental requirements in the sense of the guidelines. Article 16(6) of the energy taxation Directive (Directive 2003/96/EC) states, "Should Member States be required by Community law to comply with legally binding obligations to place on their markets a minimum proportion of the products referred to in paragraph 1 [bioenergy products], paragraphs 1 to 5 [authorising tax exemptions] shall cease to apply as from the date when such obligations become binding on the Member States." Because the renewable energy used in transport consists almost exclusively of biofuels, the binding targets for renewable energy in transport in the Directive will trigger this prohibition in Despite this, it will continue to be possible even in 2020 for Member States to give: - aid for biofuels that does not take the form of tax exemptions; - tax exemptions for the use of biofuels outside the transport sector; 18838/11 gys/pau/fb 13

14 - tax exemptions for the use of biomass in heating or electricity (because the binding target for the share of renewable energy in total energy consumption can be fulfilled with many energy sources, only some of which fall as bioenergy within the list of products in article 16(1): the targets do not therefore impose a legally binding obligation to place a minimum proportion of these bioenergy products on the market.) - place 'biofuel' or 'renewable energy' obligations on fuel suppliers, The requirements in article 7a of the Commission's proposal to revise the fuel quality Directive (Directive 98/70/EC) will constitute mandatory environmental requirements in the sense of the environmental State aid guidelines. They will therefore trigger a prohibition on State aid for the means by which fuel suppliers can meet the obligation including biofuels and other alternative fuels (except those that do not reduce greenhouse gas emissions) up to the point at which the obligation laid down by the Directive has been complied with.. The option of placing renewable energy obligations on fuel suppliers will, however, remain available. Biofuel obligations are already in widespread use among Member States, and appear to be effective; this change in the range of permissible types of support scheme will not therefore prevent the 10% biofuel target being achieved /11 gys/pau/fb 14

PUBLIC. Brussel, 23 februari 2012 (02.03) (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE. 6788/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0092 (C S) LIMITE

PUBLIC. Brussel, 23 februari 2012 (02.03) (OR. en) RAAD VA DE EUROPESE U IE. 6788/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0092 (C S) LIMITE eil UE PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 23 februari 2012 (02.03) (OR. en) 6788/12 Interinstitutioneel dossier: 2011/0092 (C S) LIMITE FISC 25 E ER 65 E V 134 OTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 8 januari 2003 (09.01) (OR. fr) 5105/03 FISC 2

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 8 januari 2003 (09.01) (OR. fr) 5105/03 FISC 2 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 8 januari 2003 (09.01) (OR. fr) 5105/03 FISC 2 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Sylvain BISARRE, directeur, namens de secretaris-generaal van de Europese Commissie ingekomen:

Nadere informatie

O TWERP-MOTIVERI G VA DE RAAD Betreft: Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake luchthavengelden

O TWERP-MOTIVERI G VA DE RAAD Betreft: Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake luchthavengelden RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 18 juni 2008 (20.06) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2007/0013 (COD) 8332/08 ADD 1 REV 1 AVIATIO 89 CODEC 455 O TWERP-MOTIVERI G VA DE RAAD Betreft: Voorstel voor

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 13 februari 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 13 februari 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 13 februari 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0004 (E) 5805/15 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: FISC 9 ENER 20 ECOFIN 59 UITVOERINGSBESLUIT

Nadere informatie

PUBLIC. Brussel, 2 juni 2003 (11.06) (OR. en) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. 9919/03 Interinstitutioneel dossier: 2002/0286 (CNS) LIMITE FISC 87 ENER 164

PUBLIC. Brussel, 2 juni 2003 (11.06) (OR. en) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. 9919/03 Interinstitutioneel dossier: 2002/0286 (CNS) LIMITE FISC 87 ENER 164 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 2 juni 2003 (11.06) (OR. en) 9919/03 Interinstitutioneel dossier: 2002/0286 (CNS) LIMITE PUBLIC FISC 87 ENER 164 NOTA van: het voorzitterschap aan: de Groep

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) 15528/02 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) ENER 315 CODEC 1640 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 21 januari 2003 (28.01) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2001/0077 (COD) 15528/02 ADD 1 ENER 315 CODEC 1640 ONTWERP-MOTIVERING VAN DE RAAD Betreft: Gemeenschappelijk

Nadere informatie

EUROPESE COMMISSIE. Brussel,19.12.2012 C(2012) 9473 final

EUROPESE COMMISSIE. Brussel,19.12.2012 C(2012) 9473 final EUROPESE COMMISSIE Brussel,19.12.2012 C(2012) 9473 final Betreft: Steunmaatregel SA.35377 (2012/N) Nederland Groene energiebelasting verlenging van de toepassing van het verlaagde tarief voor de glastuinbouwsector

Nadere informatie

PUBLIC. Brussel, 8 november 2010 (12.11) (OR. en) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE /10 Interinstitutioneel dossier: 2007/0267 (CNS) LIMITE FISC 129

PUBLIC. Brussel, 8 november 2010 (12.11) (OR. en) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE /10 Interinstitutioneel dossier: 2007/0267 (CNS) LIMITE FISC 129 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE PUBLIC Brussel, 8 november 2010 (12.11) (OR. en) 15578/10 Interinstitutioneel dossier: 2007/0267 (CNS) LIMITE FISC 129 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 24 april 2009 (30.04) (OR. fr) 6094/1/09 REV 1 LIMITE JUSTCIV 32 CO SOM 21

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 24 april 2009 (30.04) (OR. fr) 6094/1/09 REV 1 LIMITE JUSTCIV 32 CO SOM 21 Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 24 april 2009 (30.04) (OR. fr) PUBLIC 6094//09 REV LIMITE JUSTCIV 32 CO SOM 2 OTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité burgerlijk recht (overeenkomsten)

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 1 september 2008 (02.09) (OR. en) 12583/08 ADD 2 FISC 109

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 1 september 2008 (02.09) (OR. en) 12583/08 ADD 2 FISC 109 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 1 september 2008 (02.09) (OR. en) 12583/08 ADD 2 FISC 109 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 29 april 2016 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 29 april 2016 (OR. en) Conseil UE Raad van de Europese Unie Brussel, 29 april 2016 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2012/0102 (CNS) 8333/16 LIMITE PUBLIC FISC 59 ECOFIN 326 NOTA van: aan: het voorzitterschap het Comité

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 7 november 2008 (20.11) (OR. fr) 15306/08 LIMITE JUSTCIV 236 CO SOM 167

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 7 november 2008 (20.11) (OR. fr) 15306/08 LIMITE JUSTCIV 236 CO SOM 167 Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE PUBLIC Brussel, 7 november 2008 (20.11) (OR. fr) 15306/08 LIMITE JUSTCIV 236 CO SOM 167 OTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Coreper / de Raad Ontwerp-verslag

Nadere informatie

18475/11 las/gra/fb 1 DG H 2A

18475/11 las/gra/fb 1 DG H 2A RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 december 2011 (13.12) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2009/0157 (COD) 18475/11 JUSTCIV 356 CODEC 2397 NOTA van: het voorzitterschap aan: de Raad nr. vorig doc.:

Nadere informatie

16435/14 jel/gra/hh 1 DG G 2B

16435/14 jel/gra/hh 1 DG G 2B Raad van de Europese Unie Brussel, 5 december 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2013/0400 (CNS) 16435/14 FISC 221 ECOFIN 1157 NOTA A-PUNT van: aan: het secretariaat-generaal van de Raad de Raad

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 23 september 2002 (OR. en) 11738/02 FISC 220

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 23 september 2002 (OR. en) 11738/02 FISC 220 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 3 september 00 (OR. en) 738/0 FISC 0 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Beschikking van de Raad waarbij Zweden wordt gemachtigd, overeenkomstig artikel

Nadere informatie

9317/17 pro/gra/sl 1 D 2A

9317/17 pro/gra/sl 1 D 2A Raad van de Europese Unie Brussel, 19 mei 2017 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2016/0190 (CNS) 9317/17 JUSTCIV 113 NOTA van: aan: het voorzitterschap nr. vorig doc.: WK 5263/17 Nr. Comdoc.: 10767/16

Nadere informatie

Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 25.1.2016 COM(2016) 20 final 2016/0007 (NLE) Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD waarbij Frankrijk overeenkomstig artikel 19 van Richtlijn 2003/96/EG wordt gemachtigd

Nadere informatie

NOTA VAN HET VOORZITTERSCHAP de Groep belastingvraagstukken Indirecte belasting (BTW) Betreft: BTW - Plaats van levering van gas en elektriciteit

NOTA VAN HET VOORZITTERSCHAP de Groep belastingvraagstukken Indirecte belasting (BTW) Betreft: BTW - Plaats van levering van gas en elektriciteit Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 januari 2003 (31.01) (OR. en) PUBLIC 5731/03 Interinstitutioneel dossier: 2002/0286 (CNS) LIMITE FISC 10 ENER 23 NOTA VAN HET VOORZITTERSCHAP aan: de Groep

Nadere informatie

17217/2/10 REV 2 bar/lep/mv 1 DG I 1A

17217/2/10 REV 2 bar/lep/mv 1 DG I 1A RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 10 december 2010 (14.12) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2008/0241 (COD) 17217/2/10 REV 2 ENV 824 MI 510 CODEC 1413 NOTA - HERZIENE VERSIE van: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 maart 2007 (13.04) (OR.en) ST 8028/07 Interinstitutioneel dossier: 2006/0135(CNS) LIMITE JUSTCIV 75

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 maart 2007 (13.04) (OR.en) ST 8028/07 Interinstitutioneel dossier: 2006/0135(CNS) LIMITE JUSTCIV 75 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 maart 2007 (13.04) (OR.en) PUBLIC ST 8028/07 Interinstitutioneel dossier: 2006/0135(CNS) LIMITE JUSTCIV 75 NOTA van: het voorzitterschap aan: het Coreper/de

Nadere informatie

10765/11 ADD 1 oms/rts/dp 1 DG C I

10765/11 ADD 1 oms/rts/dp 1 DG C I RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 29 augustus 2011 (02.09) (OR.en) Interinstitutioneel dossier: 2009/0035 (COD) 10765/11 ADD 1 DRS 87 COMPET 217 ECOFI 294 CODEC 917 O TWERP-MOTIVERI G VA DE RAAD Betreft:

Nadere informatie

Departement Leefmilieu, Natuur en Energie. Departement Leefmilieu, Natuur en Energie. Energiedossiers tijdens het Griekse voorzitterschap

Departement Leefmilieu, Natuur en Energie. Departement Leefmilieu, Natuur en Energie. Energiedossiers tijdens het Griekse voorzitterschap Energiedossiers tijdens het Griekse voorzitterschap Jan Haers 07.02.2014 Vleva en SAR-Minaraad Overzicht ILUC 2030 klimaat-energiekader Mededeling over energieprijzen en kosten Mededeling over overheidsinterventie

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 september 2005 (07.09) (OR. en) 11522/05 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 5 september 2005 (07.09) (OR. en) 11522/05 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 5 september 2005 (07.09) (OR. en) PUBLIC 11522/05 Interinstitutioneel dossier: 2005/0020 (COD) LIMITE JUSTCIV 150 CODEC 660 NOTA van: het voorzitterschap aan:

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 17 oktober 2006 (25.10) (OR. en) 13773/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0162 (C S) LIMITE

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 17 oktober 2006 (25.10) (OR. en) 13773/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0162 (C S) LIMITE Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 17 oktober 2006 (25.10) (OR. en) PUBLIC 13773/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0162 (C S) LIMITE AGRIORG 80 AGRIFI 81 VERSLAG van: de Groep dierlijke producten

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 5 september 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 5 september 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 5 september 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0200 (E) 12313/14 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: FISC 109 ENER 365 ECOFIN 768 UITVOERINGSBESLUIT

Nadere informatie

De meeste delegaties steunden de compromistekst en onderstreepten daarbij hun bereidheid om te streven naar een akkoord bij de eerste lezing.

De meeste delegaties steunden de compromistekst en onderstreepten daarbij hun bereidheid om te streven naar een akkoord bij de eerste lezing. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 25 april 2001 (04.05) (OR. en) 7725/01 Interinstitutioneel dossier: 2000/0211 (COD) LIMITE ENT 55 ENV 166 CODEC 319 RESULTAAT BESPREKINGEN van: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 10 juni 2009 (25.08) (OR. en) 10791/09 Interinstitutioneel dossier: 2009/0009 (C S) LIMITE FISC 84

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 10 juni 2009 (25.08) (OR. en) 10791/09 Interinstitutioneel dossier: 2009/0009 (C S) LIMITE FISC 84 Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 10 juni 2009 (25.08) (OR. en) PUBLIC 10791/09 Interinstitutioneel dossier: 2009/0009 (C S) LIMITE FISC 84 OTA van: aan: Betreft: het aantredende Zweedse voorzitterschap

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 9 juli 2004 (14.07) (OR. en) 11091/04 Interinstitutioneel dossier: 2004/001 (COD) LIMITE

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 9 juli 2004 (14.07) (OR. en) 11091/04 Interinstitutioneel dossier: 2004/001 (COD) LIMITE Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 9 juli 2004 (4.07) (OR. en) PUBLIC 09/04 Interinstitutioneel dossier: 2004/00 (COD) LIMITE JUSTCIV 99 COMPET 3 SOC 337 CODEC 874 OTA van: het voorzitterschap

Nadere informatie

9901/17 dau/dau/fb 1 DG D 2A

9901/17 dau/dau/fb 1 DG D 2A Raad van de Europese Unie Brussel, 1 juni 2017 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0287 (COD) 9901/17 NOTA van: aan: het voorzitterschap Raad nr. vorig doc.: 9641/17 + ADD 1 Nr. Comdoc.: 15251/15

Nadere informatie

10044/17 mak/adw/sl 1 DG G 2B

10044/17 mak/adw/sl 1 DG G 2B Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juni 2017 (OR. en) Interinstitutionele dossiers: 2016/0370 (CNS) 2016/0372 (E) 2016/0371 (CNS) 10044/17 FISC 131 ECOFIN 505 UD 146 NOTA I/A-PUNT van: aan: het voorzitterschap

Nadere informatie

NL In verscheidenheid verenigd NL A7-0279/123. Amendement. Amalia Sartori namens de Commissie industrie, onderzoek en energie

NL In verscheidenheid verenigd NL A7-0279/123. Amendement. Amalia Sartori namens de Commissie industrie, onderzoek en energie 4.9.2013 A7-0279/123 123 Overweging 1 (1) Krachtens artikel 3, lid 4, van Richtlijn 2009/28/EG ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen en houdende wijziging en intrekking van

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 mei 2006 (26.06) (OR. fr) 8693/06 ADD 1 PV/CONS 22 AGRI 146 PECHE 119

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 mei 2006 (26.06) (OR. fr) 8693/06 ADD 1 PV/CONS 22 AGRI 146 PECHE 119 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 mei 2006 (26.06) (OR. fr) 8693/06 ADD 1 PV/CONS 22 AGRI 146 PECHE 119 ADDENDUM bij de ONTWERP-NOTULEN 1 Betreft: 2724e zitting van de Raad van de Europese Unie (LANDBOUW

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 juni 2008 (13.06) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0110 (COD) 10637/08 ADD 2 AGRILEG 104 CODEC 769 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 2 juli 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 2 juli 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 2 juli 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0200 (NLE) 11518/14 FISC 107 ENER 344 VOORSTEL van: ingekomen: 27 juni 2014 Nr. Comdoc.: Betreft: de Europese Commissie

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 14 december 2011 (15.12) (OR. en) 18650/11 Interinstitutioneel dossier: 2007/0267 (C S) FISC 170

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 14 december 2011 (15.12) (OR. en) 18650/11 Interinstitutioneel dossier: 2007/0267 (C S) FISC 170 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 14 december 2011 (15.12) (OR. en) 18650/11 Interinstitutioneel dossier: 2007/0267 (C S) FISC 170 OTA I/A-PU T van: het secretariaat-generaal aan: het Coreper / de Raad

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 december 2002 (OR. en) 14052/2/02 REV 2 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0046 (COD)

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 december 2002 (OR. en) 14052/2/02 REV 2 ADD 1. Interinstitutioneel dossier: 2001/0046 (COD) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 9 december 2002 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2001/0046 (COD) 14052/2/02 REV 2 ADD 1 ECO 336 UD 111 CODEC 1406 MOTIVERING VAN DE RAAD Betreft: Door de Raad op

Nadere informatie

BESCHRIJVING VAN DE STEUNMAATREGEL

BESCHRIJVING VAN DE STEUNMAATREGEL EUROPESE COMMISSIE Brussel, 14.11.2013 C(2013) 7725 final OPENBARE VERSIE Dit document is een intern document van de Commissie dat louter ter informatie is bedoeld. Betreft: Steunmaatregel SA.37017 (2013/N)

Nadere informatie

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD

Voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 14.12.2015 COM(2015) 646 final 2015/0296 (CNS) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 2006/112/EG betreffende het gemeenschappelijke stelsel van

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 29 mei 2009 (05.06) (OR. en) 10277/1/09 REV 1 LIMITE FISC 73

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 29 mei 2009 (05.06) (OR. en) 10277/1/09 REV 1 LIMITE FISC 73 Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 29 mei 2009 (05.06) (OR. en) PUBLIC 10277/1/09 REV 1 LIMITE FISC 73 VERSLAG van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Coreper/de Raad Voorstel voor een richtlijn

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 juni 2004 (23.06) (OR. en) 10665/04 Interinstitutioneel dossier: 2003/0270 (C S) LIMITE COPE 74

PUBLIC RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 18 juni 2004 (23.06) (OR. en) 10665/04 Interinstitutioneel dossier: 2003/0270 (C S) LIMITE COPE 74 eil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE PUBLIC Brussel, 18 juni 2004 (23.06) (OR. en) 10665/04 Interinstitutioneel dossier: 2003/0270 (C S) LIMITE COPE 74 OTA van: aan: nr. Comv.: Betreft: het voorzitterschap

Nadere informatie

14722/16 eer/rts/sl 1 DG G 2B

14722/16 eer/rts/sl 1 DG G 2B Raad van de Europese Unie Brussel, 24 november 2016 (OR. en) 14722/16 FISC 200 ECOFIN 1088 NOTA I/A-PUNT van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal van de Raad het Comité van permanente vertegenwoordigers

Nadere informatie

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 1 april 2004 (06.04) (OR. en) 8083/04. Interinstitutioneel dossier: 2003/0193 (CNS) 2003/0194 (CNS) LIMITE

PUBLIC RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 1 april 2004 (06.04) (OR. en) 8083/04. Interinstitutioneel dossier: 2003/0193 (CNS) 2003/0194 (CNS) LIMITE Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 1 april 2004 (06.04) (OR. en) PUBLIC Interinstitutioneel dossier: 2003/0193 (CNS) 2003/0194 (CNS) 8083/04 LIMITE VISA 62 COMIX 240 NOTA van: aan: nr. vorig

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 23 november 2006 (OR. en) 12131/6/06 REV 6 ADD 1. Interinstitutioneel Dossier: 2006/0005 (COD) ENV 429 CODEC 826

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 23 november 2006 (OR. en) 12131/6/06 REV 6 ADD 1. Interinstitutioneel Dossier: 2006/0005 (COD) ENV 429 CODEC 826 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 23 november 2006 (OR. en) Interinstitutioneel Dossier: 2006/0005 (COD) 12131/6/06 REV 6 ADD 1 ENV 429 CODEC 826 MOTIVERING VAN DE RAAD Betreft: Gemeenschappelijk standpunt

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 1 december 2015 (OR. en) het voorzitterschap het Comité van permanente vertegenwoordigers/de Raad

Raad van de Europese Unie Brussel, 1 december 2015 (OR. en) het voorzitterschap het Comité van permanente vertegenwoordigers/de Raad Conseil UE Raad van de Europese Unie Brussel, 1 december 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2011/0058 (CNS) PUBLIC 14509/15 LIMITE FISC 169 ECOFIN 916 NOTA van: aan: nr. vorig doc.: 15756/14 Nr.

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 16.5.2001 COM(2001) 261 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij Denemarken wordt gemachtigd om overeenkomstig de procedure van artikel

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 12 maart 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2013/0371 (COD) 7105/15 BEGELEIDENDE NOTA van: ingekomen: 10 maart 2015 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: ENV 162 MI 162

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 16 december 1999 (22.12) (OR. f) 14156/99 LIMITE FISC 265

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 16 december 1999 (22.12) (OR. f) 14156/99 LIMITE FISC 265 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 16 december 1999 (22.12) (OR. f) 14156/99 LIMITE FISC 265 RESULTAAT BESPREKI GE van: de Groep Financiële vraagstukken d.d.: 14 december 1999 Betreft: BTW - Verlaagd tarief

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 14.11.2012 COM(2012) 654 final 2012/0312 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD waarbij België wordt gemachtigd een bijzondere maatregel toe te passen die afwijkt van artikel

Nadere informatie

VOORSTEL TOT STATUTENWIJZIGING UNIQURE NV. Voorgesteld wordt om de artikelen 7.7.1, 8.6.1, en te wijzigen als volgt: Toelichting:

VOORSTEL TOT STATUTENWIJZIGING UNIQURE NV. Voorgesteld wordt om de artikelen 7.7.1, 8.6.1, en te wijzigen als volgt: Toelichting: VOORSTEL TOT STATUTENWIJZIGING UNIQURE NV Voorgesteld wordt om de artikelen 7.7.1, 8.6.1, 9.1.2 en 9.1.3 te wijzigen als volgt: Huidige tekst: 7.7.1. Het Bestuur, zomede twee (2) gezamenlijk handelende

Nadere informatie

15495/1/10 REV 1 VP/lg DG G1

15495/1/10 REV 1 VP/lg DG G1 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 november 2010 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2010/0179 (CNS) 15495/1/10 REV 1 FISC 128 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: RICHTLIJN VAN DE

Nadere informatie

de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie

de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie Raad van de Europese Unie Brussel, 16 juni 2017 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2017/0131 (NLE) 10415/17 FISC 144 VOORSTEL van: ingekomen: 15 juni 2017 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: de heer Jordi AYET

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 oktober 2010 (03.11) (OR. en) 7512/10 ADD 1 PV/CONS 15 ENV 169

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 oktober 2010 (03.11) (OR. en) 7512/10 ADD 1 PV/CONS 15 ENV 169 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 oktober 2010 (03.11) (OR. en) 7512/10 ADD 1 PV/CONS 15 ENV 169 ONTWERP-NOTULEN - ADDENDUM Betreft: 3002e zitting van de Raad van de Europese Unie (MILIEU), gehouden

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 9 juni 2017 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 9 juni 2017 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 9 juni 2017 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2017/0124 (NLE) 10201/17 FISC 137 VOORSTEL van: ingekomen: 8 juni 2017 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: de heer Jordi AYET

Nadere informatie

Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. (Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing) RAAD

Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. (Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing) RAAD L 84/23 II (Besluiten waarvan de publicatie niet voorwaarde is voor de toepassing) RAAD BESCHIKKING VAN DE RAAD van 12 maart 2001 houdende verlagingen en vrijstellingen van de accijns op bepaalde minerale

Nadere informatie

NOTA het voorzitterschap de Groep belastingvraagstukken - indirecte belasting (accijnzen) Belasting van personenauto's - Compromisvoorstel

NOTA het voorzitterschap de Groep belastingvraagstukken - indirecte belasting (accijnzen) Belasting van personenauto's - Compromisvoorstel Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 augustus 2007 (06.09) (OR. en) PUBLIC 12468/07 LIMITE FISC 115 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep belastingvraagstukken - indirecte belasting

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 24.11.2009 COM(2009)641 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij de Portugese Republiek wordt gemachtigd een maatregel toe

Nadere informatie

Energiedossiers tijdens het Italiaanse voorzitterschap

Energiedossiers tijdens het Italiaanse voorzitterschap Energiedossiers tijdens het Italiaanse voorzitterschap Jan Haers 2 juli 2014 Vleva en SAR-Minaraad Overzicht Energiebeleid op Europese Raad Tijdens het Griekse voorzitterschap Prioriteiten van het Italiaanse

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 26 april 2016 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 26 april 2016 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 26 april 2016 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0296 (CNS) 5931/16 FISC 16 ECOFIN 75 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: RICHTLIJN VAN DE RAAD

Nadere informatie

energiebelasting geen steun was in de zin van artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag. 3 N 753/97, SG(98)/D 6551

energiebelasting geen steun was in de zin van artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag. 3 N 753/97, SG(98)/D 6551 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 11.12.2001 C(2001)3959fin Betreft: Steunmaatregel N 239/2001 Nederland Gedeeltelijke vrijstelling van energiebelasting voor afvalverbrandingsinstallaties Geachte heer, Bij schrijven

Nadere informatie

8977/15 gar/yen/hw 1 DG E 2B

8977/15 gar/yen/hw 1 DG E 2B Raad van de Europese Unie Brussel, 20 mei 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2012/0340 (COD) 8977/15 NOTA van: aan: het voorzitterschap de delegaties TELECOM 121 CONSOM 83 MI 321 CODEC 733 nr.

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 6 november 2015 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 6 november 2015 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 6 november 2015 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2015/0238 (E) 13254/15 FISC 130 ECOFIN 788 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: UITVOERINGSBESLUIT

Nadere informatie

Hoe gaan we het in Groningen doen? De Energiekoepel van de Provincie Groningen

Hoe gaan we het in Groningen doen? De Energiekoepel van de Provincie Groningen Hoe gaan we het in Groningen doen? De Energiekoepel van de Provincie Groningen Froombosch Frans N. Stokman frans.stokman@grunnegerpower.nl 28 mei 2013 Hoe realiseren wij duurzaamheid? Decentrale duurzame

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 8 juni 2011 (14.06) (OR. en) 10641/11 Interinstitutioneel dossier: 2010/0380 (COD) SOC 437 CODEC 895

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 8 juni 2011 (14.06) (OR. en) 10641/11 Interinstitutioneel dossier: 2010/0380 (COD) SOC 437 CODEC 895 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 8 juni 2011 (14.06) (OR. en) 10641/11 Interinstitutioneel dossier: 2010/0380 (COD) SOC 437 CODEC 895 VERSLAG van: de Groep sociale vraagstukken aan: het Comité van permanente

Nadere informatie

15730/14 ver/ons/hw 1 DG D 2C

15730/14 ver/ons/hw 1 DG D 2C Raad van de Europese Unie Brussel, 25 november 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2012/0010 (COD) 15730/14 DATAPROTECT 173 JAI 903 DAPIX 177 FREMP 213 COMIX 622 CODEC 2289 NOTA van: aan: Betreft:

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 10 juni 2016 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 10 juni 2016 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 10 juni 2016 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2012/0102 (CNS) 8741/16 FISC 70 ECOFIN 378 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: RICHTLIJN VAN DE RAAD

Nadere informatie

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol?

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Dr. Jos Delbeke, DG Klimaat Actie, Europese Commissie, Universiteit Hasselt, 25/2/2014 Overzicht 1. Klimaat en energie: waar

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 18 april 2011 (19.04) (OR. en) 9267/11 FISC 38 ENER 88 ENV 302

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 18 april 2011 (19.04) (OR. en) 9267/11 FISC 38 ENER 88 ENV 302 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 18 april 2011 (19.04) (OR. en) 9267/11 FISC 38 ENER 88 ENV 302 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese

Nadere informatie

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij

WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING. bij EUROPESE COMMISSIE Brussel, 30.11.2016 SWD(2016) 419 final PART 1/2 WERKDOCUMENT VAN DE DIENSTEN VAN DE COMMISSIE SAMENVATTING VAN DE EFFECTBEOORDELING bij Voorstel voor een richtlijn van het Europees

Nadere informatie

Biobrandstoffen: Hype of duurzame oplossing? Prof. Wim Soetaert

Biobrandstoffen: Hype of duurzame oplossing? Prof. Wim Soetaert Biobrandstoffen: Hype of duurzame oplossing? Prof. Wim Soetaert 1 Fossiele grondstoffen worden steeds duurder Petroleumprijs in dollar per vat Hernieuwbare grondstoffen: opbrengst per ha stijgt voortdurend

Nadere informatie

PUBLIC. Brussel, 26 januari 2007 (01.02) (OR. de) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 5731/07 LIMITE FISC 8

PUBLIC. Brussel, 26 januari 2007 (01.02) (OR. de) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 5731/07 LIMITE FISC 8 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE PUBLIC Brussel, 26 januari 2007 (01.02) (OR. de) 5731/07 LIMITE FISC 8 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep belastingvraagstukken - indirecte belasting

Nadere informatie

Prof. Dr. Martin Junginger Copernicus Instituut, Universiteit Utrecht. Expert-meeting plaatsvinden over het raadsvoorstel Houtenergiestation

Prof. Dr. Martin Junginger Copernicus Instituut, Universiteit Utrecht. Expert-meeting plaatsvinden over het raadsvoorstel Houtenergiestation Copernicus Institute of Sustainable Development Prof. Dr. Martin Junginger Copernicus Instituut, Universiteit Utrecht Expert-meeting plaatsvinden over het raadsvoorstel Houtenergiestation 17 November 2016,

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 27 januari 2012 (30.01) (OR. en) 5859/12 Interinstitutioneel dossier: 2012/0002 ( LE) FISC 15

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 27 januari 2012 (30.01) (OR. en) 5859/12 Interinstitutioneel dossier: 2012/0002 ( LE) FISC 15 RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 27 januari 2012 (30.01) (OR. en) 5859/12 Interinstitutioneel dossier: 2012/0002 ( LE) FISC 15 VOORSTEL van: de Europese Commissie d.d.: 26 januari 2012 Nr. Comdoc.: COM(2012)

Nadere informatie

de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie

de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal van de Europese Commissie Raad van de Europese Unie Brussel, 24 mei 2017 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2017/0079 (NLE) 9664/17 FISC 115 ENER 253 VOORSTEL van: ingekomen: 15 mei 2017 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: de heer Jordi

Nadere informatie

1) Bij brief van 16 november 2005 heeft de Nederlandse overheid de bovengenoemde steunmaatregel aangemeld.

1) Bij brief van 16 november 2005 heeft de Nederlandse overheid de bovengenoemde steunmaatregel aangemeld. EUROPESE COMMISSIE Brussel, 22.XII.2005 C(2005)5946 Betreft: Steunmaatregel N 570/2005 - Nederland Vermindering accijns biobrandstoffen Excellentie, De Commissie deelt Nederland hierbij mede dat zij na

Nadere informatie

ONTWERPADVIES. NL In verscheidenheid verenigd NL 2012/0288(COD) 10.4.2013. van de Commissie vervoer en toerisme

ONTWERPADVIES. NL In verscheidenheid verenigd NL 2012/0288(COD) 10.4.2013. van de Commissie vervoer en toerisme EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie vervoer en toerisme 10.4.2013 2012/0288(COD) ONTWERPADVIES van de Commissie vervoer en toerisme aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

Nadere informatie

Implementatiewet Europees kader voor herstel en afwikkeling van banken en beleggingsondernemingen (34 208) het "Wetsvoorstel"

Implementatiewet Europees kader voor herstel en afwikkeling van banken en beleggingsondernemingen (34 208) het Wetsvoorstel Additionele vragen inzake Wijziging van de Wet op het financieel toezicht en enige andere wetten ter implementatie van richtlijn nr. 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 17.12.1999 COM(1999) 703 definitief 1999/0272 (CNS) Voorstel voor een RICHTLIJN VAN DE RAAD tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG betreffende het gemeenschappelijk

Nadere informatie

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD)

10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 8 juli 2003 (14.07) (OR. en) 10819/03 Interinstitutioneel dossier: 2001/0245 (COD) CODEC 891 JUR 273 ENV 362 MI 157 IND 96 ENER 204 NOTA van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal

Nadere informatie

EUROPESE COMMISSIE. Steunmaatregel SA. 36315 (2013/N) Nederland Botlek Zuid - stoompijpleiding

EUROPESE COMMISSIE. Steunmaatregel SA. 36315 (2013/N) Nederland Botlek Zuid - stoompijpleiding EUROPESE COMMISSIE Brussel, 16.10.2013 C(2013) 6627 final In de openbare versie van dit besluit zijn, overeenkomstig de artikelen 24 en 25 van Verordening (EG) nr. 659/1999 van de Raad van 22 maart 1999

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2001) 1331 def. COD 2000/0136.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2001) 1331 def. COD 2000/0136. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 september 2001 (07.09) (OR. fr) 11646/01 Interinstitutioneel dossier: 2000/0136 (COD) ENT 177 ENV 425 CODEC 485 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Bernhard ZEPTER, adjunct-secretaris-generaal

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...]

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD. van [...] EUROPESE COMMISSIE Brussel, 15.6.2010 COM(2010)280 definitief 2010/0168 (E) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD van [...] betreffende de verplichte toepassing van Reglement nr. 100 van de Economische

Nadere informatie

(1999/C 55/06) MOTIVERING VAN DE RAAD

(1999/C 55/06) MOTIVERING VAN DE RAAD bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 55 van 25/02/99 GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT (EG) Nr. 13/1999 door de Raad vastgesteld op 22 december 1998 met het oog op de aanneming van Richtlijn

Nadere informatie

NOTA "A"-PUNT het Comité van permanente vertegenwoordigers

NOTA A-PUNT het Comité van permanente vertegenwoordigers Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 juni 2002 (07.06) (OR. fr,en,de) 9628/02 PUBLIC LIMITE ELARG 201 NOTA "A"-PUNT van: het Comité van permanente vertegenwoordigers aan: de Raad Betreft: UITBREIDING

Nadere informatie

PUBLIC. Brussel, 29 oktober 2003 (05.11) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 13967/03 LIMITE JUSTCIV 208 TRANS 275

PUBLIC. Brussel, 29 oktober 2003 (05.11) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE 13967/03 LIMITE JUSTCIV 208 TRANS 275 Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 29 oktober 2003 (05.11) 13967/03 LIMITE PUBLIC JUSTCIV 208 TRANS 275 NOTA van: het voorzitterschap aan: het Comité burgerlijk recht (algemene vraagstukken)

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1999 Nr. 27

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1999 Nr. 27 57 (1998) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1999 Nr. 27 A. TITEL Protocol tot wijziging van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Zuid-Afrika

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Aanbeveling voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Aanbeveling voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Aanbeveling voor een Brussel, 16.10.2009 COM(2009) 570 definitief 2009/0158 (CNB) BESCHIKKING VAN DE RAAD met betrekking tot het standpunt dat de Europese

Nadere informatie

FOSSIELE BRANDSTOFFEN

FOSSIELE BRANDSTOFFEN FOSSIELE BRANDSTOFFEN De toekomst van fossiele energiebronnen W.J. Lenstra Inleiding Fossiele energiebronnen hebben sinds het begin van de industriele revolutie een doorslaggevende rol gespeeld in onze

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 21 april 2017 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 21 april 2017 (OR. en) Conseil UE Raad van de Europese Unie Brussel, 21 april 2017 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2016/0374 (CNS) 8076/17 LIMITE PUBLIC FISC 76 ECOFIN 272 NOTA van: aan: het secretariaat-generaal van de

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 14.3.2003 COM(2003) 114 definitief 2003/0050 (CNS) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de statistische gegevens die moeten worden gebruikt

Nadere informatie

b) de mogelijkheden tot fraude te beperken (model in de vorm van een plastic kaart);

b) de mogelijkheden tot fraude te beperken (model in de vorm van een plastic kaart); Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 10 maart 2006 (14.03) (OR. en) 7192/06 Interinstitutioneel dossier: 2003/0252 (COD) LIMITE PUBLIC TRANS 63 CODEC 233 VERSLAG van: het voorzitterschap aan:

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 13 oktober 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 13 oktober 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 13 oktober 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0288 (NLE) 14222/14 FISC 154 VOORSTEL van: ingekomen: 10 oktober 2014 aan: Nr. Comdoc.: Betreft: de heer Jordi

Nadere informatie

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I

Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I P7_TA(200)0052 Jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen wat micro-entiteiten betreft ***I Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 0 maart 200 over het voorstel voor een richtlijn van het

Nadere informatie

Het Europees Parlement en het Economisch en Sociaal Comité hebben respectievelijk op 20 april 1994 en op 30 juni 1993 advies uitgebracht.

Het Europees Parlement en het Economisch en Sociaal Comité hebben respectievelijk op 20 april 1994 en op 30 juni 1993 advies uitgebracht. Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 9 november 2004 (16.11) (OR. en) PUBLIC 14287/04 Interinstitutioneel dossier: 1992/0449/B (COD) LIMITE SOC 523 CODEC 1208 VERSLAG van: de Groep sociale vraagstukken

Nadere informatie

Staatssteun nr. N 506/2003 - Nederland Vrijstelling van energiebelasting voor energie-intensieve eindverbruikers

Staatssteun nr. N 506/2003 - Nederland Vrijstelling van energiebelasting voor energie-intensieve eindverbruikers EUROPESE COMMISSIE Brussel, 16.12.2003 C (2003) 4498 fin Betreft: Staatssteun nr. N 506/2003 - Nederland Vrijstelling van energiebelasting voor energie-intensieve eindverbruikers Excellentie, Bij brief

Nadere informatie

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 24 mei 2012 (OR. en) 10369/12 Interinstitutioneel dossier: 2010/0390 (COD)

RAAD VA DE EUROPESE U IE. Brussel, 24 mei 2012 (OR. en) 10369/12 Interinstitutioneel dossier: 2010/0390 (COD) RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 24 mei 2012 (OR. en) 10369/12 Interinstitutioneel dossier: 2010/0390 (COD) ECOFI 436 RELEX 469 COEST 170 IS 46 CODEC 1426 I GEKOME DOCUME T van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

Kansen en milieuaspecten van de verschillende nieuwe transportbrandstoffen

Kansen en milieuaspecten van de verschillende nieuwe transportbrandstoffen 1 Kansen en milieuaspecten van de verschillende nieuwe transportbrandstoffen, 11 februari 2014 2 Inhoud 1. Brandstofopties 2. Kansen en onzekerheden 3. Milieuaspecten 4. Conclusies & aanbevelingen 3 Alternatieve

Nadere informatie

RICHTLIJN 2003/96/EG VAN DE RAAD van 27 oktober 2003 tot herstructurering van de communautaire regeling voor de belasting van energieproducten en

RICHTLIJN 2003/96/EG VAN DE RAAD van 27 oktober 2003 tot herstructurering van de communautaire regeling voor de belasting van energieproducten en 31.10.2003 L 283/51 RICHTLIJN 2003/96/EG VAN DE RAAD van 27 oktober 2003 tot herstructurering van de communautaire regeling voor de belasting van energieproducten en elektriciteit (Voor de EER relevante

Nadere informatie

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: 1. In de alfabetische opsomming wordt ingevoegd:

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd: 1. In de alfabetische opsomming wordt ingevoegd: Nota van wijziging Wijziging van de Wet milieubeheer (jaarverplichting hernieuwbare energie vervoer, hernieuwbare brandstofeenheden en elektronisch register hernieuwbare energie vervoer) Het voorstel van

Nadere informatie

2. Het Economisch en Sociaal Comité heeft op 5 juli 2006 advies uitgebracht. Het advies van het Europees Parlement wordt verwacht.

2. Het Economisch en Sociaal Comité heeft op 5 juli 2006 advies uitgebracht. Het advies van het Europees Parlement wordt verwacht. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 18 oktober 2006 (23.10) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2006/0021 (CNS) 14172/06 FISC 132 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het COREPER/de Raad Voorstel

Nadere informatie