Installatie- en gebruikershandleiding



Vergelijkbare documenten
Algemene beschrijving

Algemene beschrijving

Algemene beschrijving

Algemene beschrijving

Chipknip Oplaadpunt TR5000 CK. Gebruikershandleiding

Algemene beschrijving

FacilityPro POS Installatie- en gebruikershandleiding

bestandsnaam: PDS6 V3000 NLED 0308.doc revisiedatum:

Algemene beschrijving

Algemene beschrijving. PDS7 FPM NLED 0305.doc

MultiBank Installatie- en gebruikershandleiding

BENQ_ESG103QG_DU.book Page i Tuesday, July 30, :05 PM. Inhoudsopgave

Remote Powercontrol for TCP/IP networks

CAP1300 Beknopte installatiehandleiding

Chipknip Oplaadpunt TR5000 CK. Product Datasheet

Firmware Upgrade. Upgrade Utility (Router Tools)

TECHNISCHE HANDLEIDING AVISTAR 1.1 SERVER- en CLIENTPANEEL. 1 Inleiding blz Montage/ophanging paneel blz. 3

Optibel Breedband Telefonie Installatie- en Gebruikershandleiding SPA-2102

Firmware Upgrade. Upgrade Utility (Router Tools)

INSTALLATIE HANDLEIDING

Edimax Gemini Upgradepakket Wi-Fi-roaming voor thuis RE11 Snelstartgids

Forum IPhone 3020 Installatiehandleiding

BIPAC-711C2 / 710C2. ADSL Modem / Router. Snelle Start Gids

Optibel Breedband Telefonie Installatie- en Gebruikershandleiding

FacilityPro Hét chipkaartsysteem voor facilitair management

Omzetten XENTA MU van PSTN (analoog) naar TCP/IP (DSL)

INSTALLATIE HANDLEIDING Nauticwifi USB Router in combinatie met de Nauticwifi USB buitenantenne

Installatie & Snel Start Gids AISnet Internet Basis Station AIS Ontvanger

INSTALLATIE HANDLEIDING

FacilityPro gebruikersportaal Gebruikershandleiding

Installatiehandleiding CEMM basic+, voor Modbus meters

BIPAC 7402G g ADSL VPN Firewall Router. Snelle Start Gids

BIPAC-5100 / 5100W. (Draadloze) ADSL Router. Snelle Start Gids

Gebruikershandleiding

Montagevoorschriften

myguard 7202 / 7202G (802.11g) Security ADSL2+ Router Snelle Start Gids

Voor je met de installatie begint controleer of alle benodigde onderdelen aanwezig zijn. In de verpakking dient aanwezig te zijn:

Getting Started. AOX-319 PBX Versie 2.0

Firmware Upgrade Utility

EW-7416APn v2 & EW-7415PDn Macintosh Installatiegids

(2) Handleiding Computer Configuratie voor USB ADSL modem

Handleiding gebruik kassaterminal

Installatiehandleiding software

GEAVANCEERDE NETWERK BEWAKING- EN KOEPELCAMERA

Webrelais IPIO-32R-M-v8.0 Compacte modul met 32 Relais Outputs.

Getting Started. AOX-319 PBX Versie 2.0

Configuratie handleiding Gigaset SE505. Omschakelen naar de Nederlandse Taal. Overzicht van de stappen voor de installatie

Instellingen voor de C100BRS4 met Chello kabel Internet.

Installatie en Gebruik Barcode Scanner

Omzetten XENTA SDLE van PSTN (analoog) naar TCP/IP (DSL)

Softphone Installatie Handleiding

Revisie geschiedenis. [XXTER & KNX via IP]

Installatie-instructie. Vx680

FacilityPro CopyPrint Installatie- en gebruikershandleiding

BIPAC 7100SV VoIP ADSL Modem/Router

Instellingen voor de C100BRS4 met Wanadoo kabel Internet.

Gebruikershandleiding. Wi-Fi Versterker

BIPAC-7402 / 7402W (Draadloze )ADSL VPN Firewall Router met 3DES Accelerator Snelle Start Gids

BUITEN IR-NETWERKCAMERA Serie

HANDLEIDING. Dit document beschrijft de installatie, configuratie en gebruik van de Netduino Plus 2 monitoring oplossing

De print van de centrale is hardwarematig aangepast waardoor een upgrade is niet mogelijk is.

Sweex Broadband Router + 4 poorts 10/100 Switch

Hoofdstuk 1 De Router op het internet aansluiten

R10 instellen via de Web Interface

Duifmelden. nl Gebruikershandleiding Automatische Aanmeld Module met de kloksystemen - Tauris - Unikon - Mega - Bricon - Benzing M1

Handleiding Hulp bij verbindingsinstellingen. Versie

Switch. Handleiding

FLEXIOS PERSOONSALARMERING TC-FL3 FL VERGRENDELINGEN. t f MODEL KS4210

b r o a d b a n d r o u t e r 4 p o r t s 1 0 / m b p s

Installatiehandleiding

Installatie-instructie. Vx520

BIPAC 5102 / 5102S / 5102G

Voor je met de installatie begint controleer of alle benodigde onderdelen aanwezig zijn. In de verpakking dient aanwezig te zijn:

BIPAC 7100SG/7100G g ADSL Router. Snelle Start Gids

Optinet-SX/MX-H. Installatiehandleiding. Opticom Engineering B.V.

iphone Softphone App voor het Vox DaVo IP Systeem

TW100-S4W1CA Breedband Router (met 4-Poort Schakelaar) Snelle Installatie Gids

Verkorte gebruikershandleiding. CCV Smart (VX VX 820)

Instellingen voor de C100BRS4 met Wanadoo kabel Internet.

4 Installatie van het stuurprogramma

Handleiding configuratie Linksys router BEFSR41v4 t.b.v. SSHN-complex Orion. Resetten van de router

Deze applicatie nota legt uit hoe u een Net2 datalijn verbonden aan een TCP/IP netwerk, via een TCP/IP interface moet verbinden.

LIVECHESS QUICK SET-UP CAÏSSA

H A N D L E I D I N G D A Z A T O O L S - O N T V A N G E R

TA72 Configuration Manager

EWS660AP. Quick Installation Guide

Inhoud verpakking. Terminologielijst. Powerline Adapter

De print van de centrale is hardwarematig aangepast waardoor een upgrade is niet mogelijk is.

Nabaztag verbinden met een Wi-Fi netwerk of een Airport

Xesar. Inbedrijfstelling Netwerkadapter

JaZUp Gebruikershandleiding

RS BA-1 settings Opgesteld door Rens, PA1RVL op

Gebruikershandleiding Polycom IP321 en IP331

GEBRUIKSAANWIJZING 20274_ HK855 TM ALL RIGHTS RESERVED MARMITEK

FISCALE DATA MODULE (FDM) Handleiding

Vigor V2.0. Voor een uitgebreidere handleiding kijk op e- mail:

Technische ondersteuning is beschikbaar van: maandag t/m vrijdag van 08:30-17:00 (CET)

Er zijn diverse andere software platformen en providers die werken met SIP, maar in dit voorbeeld gaan we uit van de volgende software:

Gebruikers- & Installatie Handleiding CEMM basic

Uw gebruiksaanwijzing. NAVMAN F-SERIES DESKTOP F20

Transcriptie:

Magnabox Installatie- en gebruikershandleiding bestandsnaam: revisiedatum: 13-02-2012 MAN7 MBX2 NLED 9101.doc

Voor meer informatie: Bezoek de website http://www.magnacarta.nl/ 2009 Magna Carta Chipcard Solutions. Alle rechten voorbehouden. Magna Carta, FacilityPro, FacilityPro Manager, Comet en het FacilityPro Manager logo zijn wettig gedeponeerde handelsmerken of handelsmerken van Magna Carta Chipcard Solutions in Nederland en/of andere landen. Alle andere productnamen zijn handelsmerken of wettig gedeponeerde handelsmerken van hun respectievelijke eigenaren. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 2

INHOUD OVER DEZE GEBRUIKERSHANDLEIDING... 6 1 INLEIDING... 8 2 MAGNABOX SCHEMA S... 9 3 INSTALLATIE... 11 3.1 Het bevestigen van de Magnabox... 11 3.1.1 Het bevestigen van de montageplaat... 11 3.1.2 De Magnabox op de montageplaat plaatsen... 12 3.1.3 De Magnabox op de montageplaat vast schroeven... 12 3.2 Het aanzetten van de Magnabox... 12 3.3 De LED s van de Magnabox... 14 3.4 Het aansluiten van de kaartlezer aan de Magnabox... 14 3.5 Het aansluiten van de Magnabox aan de dispenser... 14 3.5.1 Het aansluiten van een kassa of POS... 14 3.5.2 Het aansluiten van een Magna Carta minikassa... 15 3.5.3 De Magnabox aansluiten op een verkoopautomaat met MDB protocol... 15 3.5.4 De Magnabox aansluiten op een verkoopautomaat met Executive protocol... 15 3.5.5 Het aansluiten op een kopieermachine... 16 3.6 Het programmeren van de Magnabox... 16 3.6.1 Het programmeren van de firmware... 16 3.6.2 Het programmeren van de kaartlezer... 17 3.7 De communicatie met de Magnabox... 18 3.7.1 Ethernet verbinding... 20 3.7.1.1 De Magnabox aansluiten op een netwerk... 20 3.7.1.2 Het wijzigen van de waarde van de parameter DHCP mode... 20 3.7.1.3 NTP... 21 3.7.1.4 Het instellen van het IP adres... 21 3.7.1.5 Het wijzigen van de netmask... 22 3.7.1.6 Het instellen van het gateway IP adres... 22 3.7.2 Communciatie via een ingebouwde PSTN modem... 23 3.7.2.1 Het aansluiten van de Magnabox op de telefoonlijn... 23 3.7.2.2 Het instellen van de parameter Direct mode(m)... 23 3.7.2.3 Het instellen van de parameter Ring count... 24 3.7.2.4 Het instellen van het IP adres... 24 3.7.3 Communicatie via een ingebouwde GSM/GPRS modem... 24 3.7.3.1 Het aansluiten van een de antenne... 24 3.7.3.2 Het instellen van de parameter Direct mode(m)... 25 3.7.3.3 Het instellen van de parameter Ring count... 25 3.7.3.4 Het instellen van het IP adres... 25 3.7.4 Communciatie via een extern modem... 25 3 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

3.7.5 MC NET verbinding... 26 3.7.5.1 Een Magnabox aansluiten op een hub H530 of Hub H520... 26 3.7.5.2 Het instellen van het IP adres... 26 3.7.5.3 Het instellen van de parameter Direct mode(m) van de Magnabox... 26 3.8 Het menu Maintenance van de Magnabox... 27 4 DE MAGNABOX MENU S... 28 4.1 Naar het hoofdmenu van de Magnabox gaan... 28 4.2 Navigeren in de menu s... 28 4.3 Het wijzigen van een parameter vanaf het wijzigingsscherm... 29 4.4 Het wijzigen van een parameterwaarde vanuit een menu met waardes... 30 5 CONFIGURATIE... 31 5.1 Het laden van de standaard configuratie... 31 5.2 Configureren met FacilityPro Manager... 32 5.3 Configureren met de Magnabox menu s... 32 5.4 Configureren met http... 33 6 CHIPKNIP... 37 6.1 Het plaatsen van een SAM in de Magnabox... 37 6.2 Chipknip betalingen afstorten... 38 6.2.1 Het afstorten naar Equens... 38 6.3 Chipknip informatie opvragen... 39 6.3.1 De collecties bekijken... 39 6.3.2 De volgende collectie... 39 6.3.3 TerminalID... 39 6.3.4 Rekeningnummer... 40 6.3.5 SAM ID... 40 6.4 Chipknip instellingen, activeren en deactiveren... 40 6.4.1 Chipknip instellingen voor het collecteren wijzigen... 40 6.4.2 Chipknip instellingen voor de communicatie wijzigen... 42 6.4.2.1 De parameter Comm. type... 43 6.4.2.2 De parameters van het Modem inst. Menu... 44 6.4.2.3 De parameter Netwerkadres... 45 6.4.2.4 De parameter Aantal retries... 45 6.4.2.5 De parameter Retry interval... 46 6.4.2.6 De parameter Conn. Timeout... 46 6.4.2.7 De parameter Reply timeout... 46 6.4.2.8 De parameter Max datalengte... 47 6.4.3 Het activeren van Chipknip... 47 6.4.4 Het deactiveren van Chipknip... 48 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 4

7 ONDERHOUD... 49 7.1 Het op slot doen en openen van het deksel van de Magnabox... 49 7.2 Het verwijderen van het deksel van de Magnabox... 49 7.3 De Magnabox van de montageplaat afhalen... 49 7.4 Het vervangen van de batterij... 49 7.5 Het vervangen van de zekering... 50 7.6 Het afvoeren van de Magnabox... 50 5 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Over deze gebruikershandleiding Dit is de gebruikershandleiding voor de Magnabox 2 of MBX2 (versie MAN7 MBX2 NLED 9101.doc), in deze handleiding verder gewoon Magnabox genoemd. Het is gebaseerd op de Magnabox applicatiefirmware versie V3.91 en BIOS versie 3.55. De Magnabox vormt het hart van een elektronisch transactiesysteem. Het is een besturingsmodule voor het elektronisch afhandelen van transacties. De Magnabox kan in combinatie met een kaartlezer bijvoorbeeld worden gebruikt als betaalautomaat bij verkoopautomaten, kopieermachines, en kassa s, of als toegangsautomaat bij slagbomen en elektrische deuren. Ook in een opwaardeerstation waar chipkaarten kunnen worden opgewaardeerd wordt gebruik gemaakt van een Magnabox als besturingsmodule. Deze gebruikershandleiding beschrijft hoe u een Magnabox moet installeren en programmeren, hoe u de Magnabox moet koppelen aan randapparatuur, en hoe u bepaalde onderhoudswerkzaamheden dient uit te voeren, zoals het vervangen van de batterij. Voor technische specificaties zoals de afmetingen, geheugencapaciteit, enz. wordt verwezen naar de datasheet van de Magnabox. Wanneer in de tekst opsommingen voorkomen die geen instructies zijn zullen ze zijn genummerd met haken, als volgt: 1) Eerste punt 2) Tweede punt, enzovoorts Wanneer in de tekst opsommingen instructies voorkomen voor het uitvoeren van de diversen taken die uitgevoerd moet worden bij het installeren, instellen, gebruiken en onderhouden van de Magnabox, hebben deze instructies altijd een kop die begint met Zo, bijvoorbeeld Zo kunt u de applicatiefirmware programmeren:. De instructies voor die taak worden vervolgens stapsgewijs gegeven, in de volgorde waarin u ze uitvoert, en genummerd met punten, als volgt: 1. Stap 1. 2. Stap 2. 3. Stap 3, enzovoorts. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 6

7 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

1 Inleiding Afhankelijk van de applicatie waarvoor hij wordt aangeschaft zal een Magnabox worden geleverd in combinatie met een bepaald type kaartlezer. Samen vormen deze twee onderdelen een Magna Carta terminal, die kan worden gekoppeld aan een dispenser (kassa, kopieermachine, slagboom, enz.) of ingebouwd in een opwaardeerstation. Bij een Magna Carta terminal kunnen elektronische transacties worden gedaan door gebruikers van het systeem. Deze transacties worden bestuurd door de Magnabox en ook opgeslagen in het geheugen van de Magnabox. Er is opslagruimte voor 4000 1 transacties. Voorbeelden van transacties zijn het kopen van een product (koffie, kopietjes, lunch bij de kassa, enz.), het verkrijgen van toegang, het laten registreren van aankomst of vertrek voor aanwezigheidsregistratie, en het opwaarderen van het saldo op een chipkaart. Om een transactie te mogen doen moet de gebruiker zich identificeren bij de kaartlezer met een chipkaart. De gebruiker geeft op de dispenser aan welke transactie(s) hij wil doen (koffie met suiker, cola, 8 kopietjes, 10 opwaarderen, etc.). De Magnabox communiceert met de kaartlezer en met de dispenser en bepaalt of de transactie mag plaatsvinden, en zo ja, onder welke condities. Via de kaartlezer kan de Magnabox ook schrijven op de chipkaart, om bijvoorbeeld een bedrag van het saldo af te trekken voor de geleverde producten. De Magnabox kan worden gebruikt voor transacties met de Chipknip, de open bancaire chipkaart voor de Nederlandse markt. Ook kan de Magnabox worden gebruikt voor transacties met de FacilityPro kaart, een chipkaart van het gesloten elektronische transactiesysteem FacilityPro, dat is ontwikkeld door Magna Carta. Betalen met een FacilityPro kaart biedt een variëteit aan configuratie, registratie en loyalty mogelijkheden. Zo kunnen voor de individuele FacilityPro kaarthouder verschillende kortingen gelden. FacilityPro kaarten zijn beschikbaar voor contact kaarten en voor contactloze kaarten. FacilityPro ondersteunt de contact kaarten JavaCard, IBM MFC en de verouderde Bull Scot5, Gemclub Micro, FacilityCard en Multi-Card Smart. De contactloze kaarten die worden ondersteund zijn Mifare Classic, Mifare DESFire en contactloze JavaCards. Terminals zijn voorbereid voor Mifare Plus. Voor de ondersteuning van LEGIC kaarten is er een speciale LEGIC kaartlezer. De Magna Carta terminals kunnen worden beheerd met de door Magna Carta ontwikkelde beheerssoftware FacilityPro Manager, die optioneel aan te schaffen modules bevat voor het beheer van de terminals, voor het afstorten van Chipknip betalingen, voor het lezen- en schrijven van FacilityPro kaarten, voor het kunnen toepassen van prijsdifferentiatie en rapportage per kostenplaats, etc. Voor verdere informatie over de FacilityPro Manager wordt verwezen naar de datasheet. De Magnabox biedt de mogelijkheid om de communicatie tussen de beheerssoftware en de terminals op verschillende manieren te realiseren: via een netwerk, via inbellen op een GSM/GPRS- of PSTN-modem, of via infraroodcommunicatie. In sommige gevallen is voor het uitwisselen van gegevens tussen de FacilityPro Manager en de terminal additionele hardware en/of software nodig, zoals een Personal Digital Assistant (PDA) en COMET software voor infraroodcommunicatie, of een modem op de back-office computer in het geval van inbellen naar een modem op de Magnabox. 1 Voor Magnaboxen met firmwareversie lager dan 3.90 geldt dat er opslagruimte voor 1000 transacties is. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 8

2 Magnabox schema s 9 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 10

3 Installatie 3.1 Het bevestigen van de Magnabox De Magnabox wordt geleverd met een montageplaat (Figuur 3-1) waarop de Magnabox eenvoudig kan worden vastgeklikt. Figuur 3-1 3.1.1 Het bevestigen van de montageplaat Er is tenminste 1 cm vrije ruimte boven het montageoppervlak zodat de Magnabox op de montageplaat gemonteerd en gedemonteerd kan worden. Het wordt aangeraden de montageplaat zo te installeren dat op de Magnabox de woorden Magna Carta boven de display rechtop komen te staan (d.w.z. dat de kant van de montageplaat met het woord TOP in Figuur 3-1 boven is). Dit zorgt ervoor dat de Magnabox niet per ongeluk van de montageplaat kan worden afgestoten en het daarom niet nodig is de Magnabox op de montageplaat vast te schroeven. Het plegen van onderhoud op de Magnabox wordt hierdoor vereenvoudigd, want de Magnabox kan altijd eenvoudig van de montageplaat worden afgeschoven. De Magnabox moet zo worden gemonteerd dat er voldoende ruimte is aan de kant met de connectoren om alle kabels te vestigen. Het is aan te raden dat de voorkant van de Magnabox eenvoudig in het zicht kan worden gebracht (door bijvoorbeeld de verkoopautomaat te openen). Wanneer dit niet het geval is zal de Magnabox voor elk onderhoud van de montageplaat moeten worden afgehaald. 11 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Om de zekering van de Magnabox te kunnen vervangen moet ook de rechterzijde van de Magnabox vrij zijn, wil men de Magnabox niet van de montageplaat af hoeven te halen. Afhankelijk van de applicatie waarvoor de Magnabox wordt gebruikt, zal de montageplaat worden bevestigd op een muur of op een ander oppervlak, bijvoorbeeld binnen in een dispenser (kopieermachine, verkoopautomaat, enz.). Er zijn drie manieren om een Magnabox te plaatsen: 1) De Magnabox past op de plaats van de wisselaar van een verkoopautomaat. In een verkoopautomaat zijn meestal op de plaats voor de wisselaar drie uitstekende bevestigingspunten op standaard afstand van elkaar (soms zijn er drie schroefgaten, die dan gebruikt dienen te worden om drie uitstekende bevestigingspunten te creëren). De montageplaat van de Magnabox heeft gaten die over deze bevestigingspunten heen passen, zodat de montageplaat naar beneden toe vast geschoven kan worden. 2) De Magnabox past op een din rail (vaak beschikbaar bij toegangsapplicaties). De montageplaat heeft een uitsparing voor de din rail (Figuur 3-1), en kan eenvoudig op de rail worden geklikt en vast gemaakt de schuif aan de onderzijde van de montageplaat. 3) De montageplaat kan op een muur of ander glad oppervlak worden vastgeschroefd. De Magnabox wordt geleverd met een mal voor drie boorgaten, die met een 5 mm boor gemaakt dienen te worden. De gaten dienen uitgevijld te worden, zodat er geen scherpe randen zijn die kabels kunnen beschadigen. 3.1.2 De Magnabox op de montageplaat plaatsen Zo schuift u de Magnabox op de montageplaat: 1. Plaats de Magnabox even boven de montageplaat. 2. Schuif de Magnabox naar beneden vast (u hoort een klik). 3. Desgewenst kan de Magnabox nu worden vastgeschroefd op de montageplaat ( 3.1.3). 3.1.3 De Magnabox op de montageplaat vast schroeven Zo schroeft u de Magnabox op de montageplaat: 1. Open het deksel van de Magnabox ( 7.2) 2. Plaats een M3*20 cylinder torque schroef in het schroefgat links van de batterij en draai die vast met een torque 9 schroevendraaier. 3.2 Het aanzetten van de Magnabox Afhankelijk van de applicatie waarvoor de Magnabox wordt gebruikt zal de Magnabox van stroom worden voorzien door de dispenser (bijvoorbeeld door de verkoopautomaat) of door een voedingsadapter die is aangesloten op een stopcontact van het elektrische net. Deze paragraaf is alleen van toepassing in het tweede geval. Zo schakelt u de Magnabox aan: 1. Steek de power plug in de poort POWER van de Magnabox. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 12

2. Steek de stekker van de voedingsadapter van de Magnabox in een stopcontact. De Magnabox zal opstarten. De display toont tijdens het opstarten de volgende informatie: a) Als er geen applicatiefirmware en geen BIOS firmware in de Magnabox is geladen zal er niets op de display verschijnen. De de LED s 3,3 V en 8 V zullen oplichten. Programmeer de benodigde firmware ( 3.6.1) of stuur de Magnabox naar Magna voor het programmeren van de firmware. b) Als de BIOS firmware is geladen, maar de applicatiefirmware niet, zal de display tonen als in Figuur 3-2, waarbij de bovenste regel het serienummer van de Magnabox toont, en daarna als in Figuur 3-3, waarbij het versienummer van de BIOS firmware wordt getoond. Figuur 3-2 MBX tijdens boot Figuur 3-3 BIOS versie c) Als zowel de BIOS als de applicatiefirmware zijn geladen zijn, worden de displays in Figuur 3-2 en Figuur 3-3 gevolgd door displays als in Figuur 3-4, waar de direct link modus ( 3.7.2.2) en het IP adres van de Magnabox worden getoond, en Figuur 3-5, waar op de onderste regel de applicatie is te zien. Figuur 3-4 Direct link modus Figuur 3-5 MBX tijdens boot 3. Wanneer de Magnabox klaar is met opstarten zal de display de volgende informatie tonen: a) Als de BIOS firmware is geladen, maar de applicatiefirmware niet, zal de display tonen als in Figuur 3-6, waar op de bovenste regel afwisselend de tijd en de datum en het IP adres van de Magnabox worden getoond. Figuur 3-6 Geen applicatie b) Als zowel de BIOS als de applicatiefirmware zijn geladen zal de display tonen als in Figuur 3-7, met op de bovenste regel het IP adres van de Magnabox als er een actieve netwerkverbinding is, op de tweede regel de applicatie (bijv. POS) en op de derde regel het serienummer van de Magnabox en de versie van de applicatie firmware in de Magnabox. 13 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Figuur 3-7 Display MBX 3.3 De LED s van de Magnabox Er zijn 8 LED s op de Magnabox. Terwijl de Magnabox opstart zullen deze LED s oplichten. Wanneer de Magnabox is opgestart geven de LED s het volgende aan: LINK : geeft aan of er een Ethernet verbinding is ACT : geeft aan of er activiteit is op de Ethernet verbinding (het ontvangen of versturen van gegevens) TX : geeft aan of er gegevens worden gestuurd van de Magnabox over het MC Net RX : geeft aan of er gegevens worden ontvangen door de Magnabox over het MC Net 3,3 V : geeft aan dat er spanning staat op de CPU van de Magnabox. Als deze LED niet brandt terwijl de 8V LED wel brandt, moet er een hardwarematig defect zijn 8 V : geeft aan dat er spanning staat op de Magnabox. Als deze LED niet brandt is de stroomvoorziening niet aangesloten of is de zekering stuk USB : geeft aan dat er een USB verbinding is CPU : zal knipperen als de applicatie actief is; hoe actiever de applicatie is, des te sneller knippert deze LED 3.4 Het aansluiten van de kaartlezer aan de Magnabox Voor het aansluiten van de kaartlezer (kaartlezer) aan de Magnabox wordt een modulaire kabel met twee RJ12 connectoren gebruikt. De MC bestelnummers voor deze kabels zijn: 91900010 (1 meter) 91900020 (1.5 meter) 91900030 (2 meter) 91900040 (5 meter) Zo sluit u de kaartlezer Atlas 3 of Atlas 4 op de Magnabox aan: 1. Steek een RJ 12 connector in de poort READER1 van de Magnabox. 2. Steek de andere RJ12 connector in de poort 1 van de Atlas. 3.5 Het aansluiten van de Magnabox aan de dispenser 3.5.1 Het aansluiten van een kassa of POS Voor het aansluiten wordt een MC POS kabel met een vrouwelijke DB9 connector en een RJ12 connector gebruikt. Dit is een modulaire kabel met een adapter. De MC bestelnummers voor deze kabel zijn: 91900020 (1.5 meter modulaire kabel) Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 14

07000270 (RJ12-vrouwelijke DB9 adapter) 1. Steek de vrouwelijke DB9 connector in een beschikbare com poort op de kassa of andere POS. 2. Steek de RJ12 connector in de poort READER2/RS232 van de Magnabox. 3.5.2 Het aansluiten van een Magna Carta minikassa Voor het aansluiten wordt een Minkassa kabel met twee mini-din connectoren gebruikt. Het MC bestelnummer voor deze kabel is 91903050. Oudere versies van de Minikassa betaalterminal zonder TIPRO PCB gebruiken een modulaire kabel RJ12/RJ12 (91900020), een adapter D9 mannelijk naar RJ12 (07000275) en een voedingsadapter en kabel voor het kassa-toetsenbord met gesplitste kabel met 1 mini-din TIPRO connector en 1 vrouwelijke DB9 connector. Instructies voor het aansluiten van deze oudere minikassa s vindt u in de gebruikers- en installatiehandleiding van de FacilityPro Minikassa 3000. 1. Steek één mini-din connector van de minikassa kabel in de naamloze poort van de MBX boven de poort POWER. 2. Steek de andere mini-din connector van de minikassa kabel in de juiste poort van de minikassa (de enige waar hij in past en de meest rechter als je van achteren naar de poorten kijkt). 3.5.3 De Magnabox aansluiten op een verkoopautomaat met MDB protocol Voor het aansluiten wordt een MC MDB kabel met een HDP 26-pin connector en een MLX 5557 connector (MDB standaard) gebruikt. Het MC bestelnummer voor deze kabel is 91900110. Zo sluit u de Magnabox aan op een verkoopautomaat met MDB protocol: 1. Steek de mannelijke HDDB 26 connector van de MDB kabel in de poort AUXILIARY van de Magnabox. 2. Steek de MLX 5557 connector in de overeenkomstige poort van de verkoopautomaat. De Magnabox zal opstarten als de verkoopautomaat wordt aangezet. 3.5.4 De Magnabox aansluiten op een verkoopautomaat met Executive protocol Voor het aansluiten wordt een MC Executive kabel met een HDP 26-pin connector, een MLX 1991-15p3 connector en een MLX 1625-9p connector gebruikt. Het MC bestelnummer voor deze kabel is 91900120. Zo sluit u de Magnabox aan op een verkoopautomaat met Excecutive protocol: 1. Steek de mannelijke HDDB 26 connector van de Executive kabel in de poort AUXILIARY van de Magnabox. 2. Steek de MLX 1991-15p3 connector in de poort voor spanningstoevoer op de verkoopautomaat. 15 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

3. Steek de MLX 1625-9p connector voor seriële communicatie met Executive protocol in de overeenkomstige poort van de verkoopautomaat. De Magnabox zal opstarten als de verkoopautomaat wordt aangezet. 3.5.5 Het aansluiten op een kopieermachine Welke kabel gebruikt wordt voor het aansluiten van een Magnabox op een kopieermachine hangt af van het merk en type van de kopieermachine. De kabel moet worden gestoken in de poort AUXILIARY van de Magnabox. 3.6 Het programmeren van de Magnabox De Magnabox moet worden geprogrammeerd met de juiste firmware: 1) De BIOS firmware 2) De applicatiefirmware 3) Evt. de Chipknip firmware De BIOS firmware wordt gewoonlijk door Magna Carta in de Magnabox geprogrammeerd. Om de applicatiefirmware te programmeren moet er een actieve netwerkverbinding zijn tussen de PC en de Magnabox. 3.6.1 Het programmeren van de firmware Door de instructies in deze paragraaf uit te voeren kunt u zowel de BIOS- als de applicatie- en de Chipknip-firmware programmeren, eventueel tegelijkertijd. Firmware kan ook weer worden verwijderd uit de Magnabox ( 3.8). Dit kan bijvoorbeeld van pas komen als een Magnabox niet bedoeld is voor Chipknip betalingen, maar toch de Chipknip firmware bevat. Er is een applicatiefirmware voor elke specifieke applicatie, waaronder: 1) Verkoopautomaten met MDB protocol 2) Verkoopautomaten met Executive protocol 3) Verkoopautomaten met Totaliser interface 4) POS, Point of Sale 5) Kopiëren 6) Toegang 7) Minikassa 8) Opwaardeerstations Benodigdheden: 1) een netwerkkabel met twee RJ45 connectoren (MC bestelnummer: 91900180, 2 meter) 2) in dezelfde map op uw PC de bestanden <ipprog.exe> en de bestanden met de te programmeren firmware a. <[BIOSupl_VXXX].nbn> (bevat de BIOS firmware) b. <[applicatienaam].nbn> (bevat de applicatiefirmware) Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 16

c. <[pa_vxxxx.nbn]> (bevat de Chipknip firmware) 3) Uw PC en de Magnabox moeten op hetzelfde netwerk zijn aangesloten, dus het IP adres van uw PC (voor Ethernet adapter Local Area Connection) en het IP adres van de Magnabox voor Ethernet verbinding moeten in dezelfde range zijn (om het IP adres van uw PC op te vragen kunt u het commando ipconfig bij een DOS prompt ingeven) Zo programmeert u de firmware: 1. Steek een RJ45 connector van de netwerkkabel in de poort 10/100BASET van de Magnabox. 2. Steek de andere RJ45 connector van de netwerkkabel in een netwerkpoort van het netwerk waarop uw PC is aangesloten. 3. Zorg dat de DHCP mode voor Ethernet verbinding op de Magnabox de waarde SMART heeft ( 3.7.1.2). Druk op de reset knop op de Magnabox (kleine ronde knop naast de vier knoppen onder de display). Een IP adres zal worden toegekend aan de Magnabox, die wordt getoond op de eerste regel van de display. 4. Geef vanaf de map waar u het bestand <ipprog.exe> en de te programmeren firmware heeft bewaard, in DOS modus, het volgende commando in: Ipprog.exe [BIOS firmware] [applicatiefirmware] [Chipknip firmware] [IP adres]. U kunt dus drie firmware bestanden tegelijkertijd programmeren, maar u kunt er ook voor kiezen om ze één voor één te programmeren. U kunt ook meerdere IP adressen invoeren gescheiden door een spatie om meerdere Magnaboxen tegelijkertijd te programmeren. Bijvoorbeeld Ipprog.exe mdb2.nbn 192.0.2.93 of Ipprog.exe BIOSupl_V323.nbn 192.0.2.93. Als het programmeren van applicatiefirmware is voltooid ziet u op het DOS scherm: Unit MBX[serienummer] programmed successfully New application with version number [firmwareversie] Bijvoorbeeld: Unit MagnaboxA469 programmed successfully New application with version number 3.03 De Magnabox zal opstarten en de display toont als in Figuur 3-7. Als het programmeren van alleen de BIOS firmware is voltooid ziet u op het DOS scherm: Unit MBX[serial number] programmed successfully New application with version number [0.00] De Magnabox zal opstarten en op de display toont als in Figuur 3-6. Op de eerste regel verschijnen afwisselend het IP adres en de datum en tijd. 3.6.2 Het programmeren van de kaartlezer De Magnabox zal de kaartlezer (kaartlezer) automatisch programmeren na het opstarten, als die niet al eerder is geprogrammeerd, of als er een nieuwe applicatie is geladen. Het is echter ook mogelijk de kaartlezer handmatig te programmeren. Zo programmeert u de kaartlezer (kaartlezer): 17 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

1. Druk, terwijl u de -toets van de Magnabox ingedrukt houdt, kort op de reset-knop van de Magnabox (kleine ronde knop naast de vier toetsen onder de display). Sommige van de LED s van de Magnabox zullen kort oplichten. Laat de -toets pas los wanneer de display toont als in Figuur 3-8. Figuur 3-8 Programming reader 2. Als het programmeren is voltooid toont de display als in Figuur 3-9. Druk op een willekeurige toets en de Magnabox zal opstarten. Figuur 3-9 Programming reader correct 3.7 De communicatie met de Magnabox Een Magnabox wordt vaak geconfigureerd en uitgelezen door FacilityPro Manager. De Magnabox zal in FacilityPro Manager bekend zijn als een terminal, met een veld waarin het serienummer van de Magnabox staat. Voor de communicatie met de Magnabox zijn er een aantal mogelijkheden: 1) Een netwerkverbinding via Ethernet tot stand brengen ( 3.7.1). De Magnabox zal worden aangesloten op een beschikbare switch poort (of wall outlet) die is gepatched aan het LAN ( 3.7.1.1). In de Magnabox dienen de volgende parameters de volgende waardes te hebben: a) Aan alle parameters van het Ethernet menu van de MBX2 dient de juiste waarde te worden toegekend ( 3.7.1.2 t/m 3.7.1.6). In FacilityPro Manager dienen de volgende velden voor de terminal de volgende waardes te krijgen: a) connectie = netwerk. b) IP-adres = het Ethernet IP adres van de Magnabox 2) Een netwerkverbinding tot stand brengen via een ingebouwde PSTN modem ( 3.7.2). Het PSTN modem dient op de juiste manier te zijn aangesloten op een analoge telefoonlijn ( 3.7.2.1). De PC waarop FacilityPro Manager draait moet zijn uitgerust met een modem om de inbelverbinding tot stand te brengen. In de Magnabox dienen de volgende parameters de volgende waardes te hebben: a) Direct mode(m) = Automatic of PSTN ( 3.7.2.2) b) Ring count = het aantal keren dat de modem overgaat voordat het opneemt (standaardwaarde = 1) ( 3.7.2.3) In FacilityPro Manager dienen de volgende velden voor de terminal de volgende waardes te krijgen: a) connectie = netwerk Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 18

b) IP-adres = modem IP adres van de Magnabox, die een standaardwaarde heeft van 192.168.002.100. De waarde kan worden opgezocht en/of gewijzigd via het menu modem van de Magnabox ( 3.7.2.4). c) Inbelverbinding = een inbelverbinding met een algemene naam zoals PSTN terminal moet in Windows worden aangemaakt en hier worden ingevuld. d) Tel. nr = het telefoonnummer van de PSTN lijn. 3) Een netwerkverbinding tot stand brengen via een ingebouwde GSM/GPRS modem met een actieve GSM SIM ( 3.7.3). U dient een GSM/GPRS antenne met een SMA connector aan te sluiten op uw Magnabox met ingebouwde GSM/GPRS modem ( 3.7.3.1). De PC waarop FacilityPro Manager draait moet zijn uitgerust met een modem om de inbelverbinding tot stand te brengen. In de Magnabox dienen de volgende parameters de volgende waardes te hebben: a) Direct mode(m) = Automatic of GSM M35 ( 3.7.3.2) b) Ring count = het aantal keren dat de modem overgaat voordat het opneemt (standaardwaarde = 1) ( 3.7.3.3) In FacilityPro Manager dienen de volgende velden voor de terminal de volgende waardes te krijgen: a) connectie = netwerk. b) IP-adres = modem IP adres van de Magnabox, die een standaardwaarde heeft van 192.168.002.100. De waarde kan worden opgezocht en/of gewijzigd via het menu modem van de Magnabox ( 3.7.3.4). c) Inbelverbinding = een inbelverbinding met een algemene naam zoals GSM terminal moet in Windows worden aangemaakt en hier worden ingevuld. d) Tel. nr = het telefoonnummer van de SIM 4) Een netwerkverbinding tot stand brengen via een ingebouwde GSM/GPRS modem met een actieve GPRS SIM ( 3.7.3). U dient een GSM/GPRS antenne met een SMA connector aan te sluiten op uw Magnabox met ingebouwde GSM/GPRS modem ( 3.7.3.1). In de Magnabox dienen de volgende parameters de volgende waardes te hebben: a) Direct mode(m) = GPRS 35 ( 3.7.3.2) In FacilityPro Manager dienen de volgende velden voor de terminal de volgende waardes te krijgen: a) connectie = netwerk. b) IP-adres = het IP adres toegewezen door de GPRS provider, dat een vast publiek adres moet zijn. 5) Een netwerkverbinding tot stand brengen via een extern modem ( 3.7.4). Het modem zal worden aangesloten op de Magnabox met een Netadapt 2 kabel met RJ11 en DB9 mannelijke connectoren (MC ordernummer: 90801020). De voorwaarden zoals beschreven voor ingebouwde modems hierboven zijn ook van toepassing bij het gebruik van een extern modem, met als enige verschil dat de parameter Direct mode(m) niet de waarde Automatic mag hebben. 6) De Magnabox met een Magna Carta H530 of H520 hub verbinden, direct of via een walloutlet, die op zijn beurt zal zijn verbonden aan het LAN (Local Area Network) ( 3.7.5). Deze methode van communicatie zal alleen worden verkozen in het geval het een upgrade betreft van een Magnabox 1 (MBX1) naar een Magnabox 2 (MBX2), en een verbinding met een hub al aanwezig is. In de Magnabox dienen de volgende parameters de volgende waardes te hebben: a) Direct mode(m) = SLAVE (Als de hub een H520 is dient de waarde van de parameter voor één van de op de hub aangesloten Magnaboxen MASTER is, en voor de overige op de hub aangelsoten Magnaboxen SLAVE is) ( 3.7.5.3) b) IP-adres = het IP adres van de Magnabox ( 3.7.5.2) 19 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

In FacilityPro Manager dienen de volgende velden voor de terminal de volgende waardes te krijgen: a) connectie = netwerk. b) IP-adres in menu Direct link = MC NET IP adres van de Magnabox, die een standaardwaarde heeft van 192.168.002.100. De waarde kan worden opgezocht en/of gewijzigd via het menu Direct link van de Magnabox ( 3.7.5.2) 7) Met een PDA met software COMET kan de terminal handmatig worden uitgelezen en geconfigureerd. Het veld connectie van de terminal in FacilityPro Manager dient de waarde handterminal te krijgen. Om op de manieren die hierboven worden beschreven met de terminal te communiceren, zult u de Magnabox intern dienen te configureren. Instructies worden in de hiernavolgende paragrafen gegeven. 3.7.1 Ethernet verbinding 3.7.1.1 De Magnabox aansluiten op een netwerk U heeft een netwerkkabel met twee RJ45 connectoren nodig (MC bestelnummer: 91900180, 2 meter) om de Magnabox op het Ethernet aan te sluiten. 1. Steek een RJ45 connector in de poort 10/100BASET van de Magnabox. 2. Steek de andere RJ45 connector in een netwerkpoort of wall outlet in de buurt van de Magnabox die is gepatched zodat de Magnabox met het Ethernet kan verbinden. 3. Zorg dat de Magnabox parameters voor communicatie via Ethernet juist zijn ingesteld zoals beschreven in de volgende paragrafen. 3.7.1.2 Het wijzigen van de waarde van de parameter DHCP mode De Magnabox heeft een parameter DHCP mode. De waarde van deze parameter bepaalt welk IP adres zal worden gebruikt voor Ethernet communicatie met de Magnabox. Standaardwaarde = Smart. DHCP mode kan de volgende waardes hebben: 1) Smart: Het IP adres zal worden toegekend door de DHCP server. Als er geen DHCP server wordt gevonden zal de Magnabox het IP adres gebruiken dat in de interne configuratie van de Magnabox is ingesteld ( 3.7.1.3). 2) Never: De Magnabox zal het IP adres gebruiken dat in de interne configuratie van de Magnabox is ingesteld ( 3.7.1.3). Als er geen DHCP server beschikbaar is, is deze optie sneller, daar er niet steeds naar een DHCP server zal worden gezocht. Ook als er wel een DHCP server is, maar het niet wenselijk is dat het IP adres door de DHCP server wordt toegekend, is dit de waarde die moet worden gekozen. 3) Always: Het IP adres wordt altijd toegekend door de DHCP server. Als de DHCP server buiten werking is zal er geen communicatie met de Magnabox mogelijk zijn. DHCP staat voor Dynamic Host Configuration Protocol. Een DHCP server kan variabele IP adressen toekennen. Als de Magnabox wordt gebruikt in een terminal die met FacilityPro Manager wordt beheerd is het noodzakelijk dat er een vast IP adres wordt gebruikt. Er zijn meerdere manieren om dit te bewerkstelligen: Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 20

1) Door een vast IP adres intern in de Magnabox in te stellen ( 3.7.1.3) en de parameter DHCP mode in te stellen met waarde Never 2) Door de parameter DHCP mode in te stellen met waarde Always of Smart en de DHCP server zodanig te configureren dat het MAC adres wordt gecontroleerd voordat een IP adres wordt toegekend en altijd hetzelfde IP adres per MAC adres wordt toegekend. In dit geval zult u niet het interne IP adres, de netmask en de gateway voor Ethernet verbinding van de Magnabox instellen. Zo wijzigt u de waarde van de parameter DHCP mode : 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 2. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Network. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 3. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het netwerkmenu. 4. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Ethernet. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 5. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Ethernet menu. 6. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer DHCP mode. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het DHCP mode menu, en de waarde die op dit moment staat ingesteld als DHCP mode zal zijn geselecteerd (knippert). 8. Gebruik de toetsen en om de gewenste waarde voor DHCP mode te kiezen. De geselecteerde waarde zal knipperen. 9. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ) om de nieuwe waarde van DHCP mode op te slaan en terug te keren naar het Ethernet menu. 10. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 3.7.1.3 NTP Als de Magnabox via de DHCP server wordt bereikt, kan de Magnabox ook gebruik maken van een NTP of SNTP server. Hiervoor dienen in de DHCP server gegevens opgenomen te worden zodat de Magnabox de (S)NTP server vinden kan. Een (S)NTP server deelt de tijd uit in GMT formaat. Zowel het IP adres van de (S)NTP server (DHCP optie 42) als ook de time offset (DHCP optie 2) dienen opgegeven te worden. De time offset is het verschil in tijd tussen de lokale tijd en GMT in seconden. Voor gebruik in Nederland moet als time offset het verschil in seconden worden opgegeven tussen de wintertijd in Nederland en GMT. Dit is 3600. Zomertijd wordt er automatisch bijgeteld. Voor terminals in het Verenigd Koningrijk is deze waarde 0. 3.7.1.4 Het instellen van het IP adres Het standaard ingestelde IP adres voor Ethernet verbinding van de Magnabox is 192.0.2.93. Deze paragraaf beschrijft hoe u het IP adres kunt wijzigen. Wanneer het IP adres niet wordt toegekend door de DHCP server kan met dit IP adres een Ethernet verbinding met de Magnabox worden gemaakt. Zo stelt u het IP adres voor Ethernet verbinding in: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 21 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

2. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Network. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 3. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het netwerkmenu. 4. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Ethernet. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 5. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Ethernet menu. 6. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer IP Address. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het wijzigingsscherm, met op de tweede regel van de display het op dit moment ingestelde IP adres. 8. Wijzig het IP adres ( 4.3). 9. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 3.7.1.5 Het wijzigen van de netmask De standaard ingestelde netmask van de Magnabox is 255.255.255.0. Als het netwerk een ander netmask gebruikt, dient u de netmask in de Magnabox te wijzigen. Deze paragraaf beschrijft hoe u de netmask kunt wijzigen. Wanneer het IP adres wordt toegekend door de DHCP server zult u normaliter de netmask niet wijzigen. Zo wijzigt u de netmask: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 2. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Network. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 3. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het netwerkmenu. 4. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Ethernet. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 5. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Ethernet menu. 6. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Netmask. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het wijzigingsscherm, met op de tweede regel van de display de op dit moment ingestelde netmask. 8. Wijzig de netmask ( 4.3). 9. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 3.7.1.6 Het instellen van het gateway IP adres Wanneer het IP adres wordt toegekend door de DHCP server zult u normaliter het gateway IP adres niet wijzigen. Zo stelt u het gateway IP adres in: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 2. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Network. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 3. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het netwerkmenu. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 22

4. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Ethernet. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 5. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Ethernet menu. 6. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Gateway Adres. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het wijzigingsscherm, met op de tweede regel van de display het op dit moment ingestelde gateway IP adres. 8. Wijzig het IP adres ( 4.3). 9. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 3.7.2 Communciatie via een ingebouwde PSTN modem 3.7.2.1 Het aansluiten van de Magnabox op de telefoonlijn Voor het aansluiten van de Magnabox op een analoge telefoonlijn wordt een telefoonkabel met twee RJ11 connectoren gebruikt. Het MC bestelnummer voor deze kabel is: 91900030 (2 meter). 1. Steek een RJ11 connector in de poort PSTN van de Magnabox. 2. Steek de andere RJ11 connector in de telefoonstekker van de analoge telefoonlijn. 3.7.2.2 Het instellen van de parameter Direct mode(m) De Magnabox heeft een parameter Direct mode(m). De waarde dient Automatic of PSTN te zijn indien communicatie via ingebouwde PSTN modem zal zijn. De fabrieksinstelling is Automatic. Het zal daarom normaalgesproken niet nodig zijn de waarde te wijzigen. Direct mode(m) kan de volgende waardes hebben: 1) SLAVE als communicatie met de Magnabox geschiedt via een H520 of H530 hub aangesloten op de poort MC Net van de Magnabox (bij een H520 dient één van de aangesloten Magnaboxes de waarde Master te hebben) 2) MASTER voor één van de op de hub aangesloten Magnbboxes, indien communicatie met geschiedt via een H520 hub aangesloten op de poort MC Net van de Magnabox 3) GPRS 35 als communicatie met de Magnabox geschiedt via een intern GSM/GPRS modem met GPRS SIM of via een extern Siemens TM35 GSM/GPRS modem aangesloten op de poort MC Net van de Magnabox 4) GSM M35 als communicatie met de Magnabox geschiedt via een extern Siemens TC35i of TM35 GSM/GPRS modem aangesloten op de poort MC Net van de Magnabox 5) PSTN als communicatie met de Magnabox geschiedt via een extern PSTN modem aangesloten op de poort MC Net van de Magnabox 6) Automatic als communicatie met de Magnabox geschiedt via Ethernet of via een ingebouwd modem, behalve als een GPRS SIM wordt gebruikt, of handmatig met een PDA en software COMET Zo stelt u de parameter Direct mode(m) in voor communicatie via ingebouwd modem: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 2. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Network. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 3. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het netwerkmenu. 23 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

4. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Modem. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 5. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet een menu. 6. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Direct mode(m). De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet de waardes die de parameter Direct mode(m) kan hebben, en de waarde die op dit moment staat ingesteld als Direct mode(m) zal zijn geselecteerd (knippert). 8. Gebruik de toetsen en om de gewenste waarde voor Direct mode(m) te kiezen. De geselecteerde waarde zal knipperen. 9. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ) om de nieuwe waarde van Direct mode(m) op te slaan en terug te keren naar het Direct link menu. 10. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 3.7.2.3 Het instellen van de parameter Ring count De Magnabox heeft een parameter Ring count, die bepaalt hoe vaak het modem zal overgaan voordat het opneemt. De fabrieksinstelling is 1. Het zal normaalgesproken niet nodig zijn de waarde te wijzigen. Zo stelt u de parameter Ring count in voor communicatie via ingebouwd modem: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 2. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Network. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 3. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het netwerkmenu. 4. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Modem. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 5. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet een menu. 6. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Ring count. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet de waarde van de parameter Ring count en u kunt deze nu wijzigen ( 4.3). 8. Druk op de rechter toets bij het woord Done ( - ) om de nieuwe waarde van de parameter Ring count op te slaan en terug te keren naar het vorige menu. 9. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 3.7.2.4 Het instellen van het IP adres De fabrieksinstelling voor het IP adres voor communicatie via ingebouwd modem is 192.168.2.100. U zult het normaalgesproken niet hoeven te wijzigen als u via een ingebouwd modem communiceert. Het kan worden gewijzigd zoals beschreven in 3.7.5.2, waarbij u menuoptie Modem dient te kiezen in stap 4 in plaats van Direct link. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 24

3.7.3 Communicatie via een ingebouwde GSM/GPRS modem 3.7.3.1 Het aansluiten van een de antenne Voor het aansluiten van een Magnabox met ingebouwde GSM/GPRS modem wordt een raamantenne met SMA connector gebruikt. In het modem dient een actieve GSM/GPRS SIM te zijn geplaatst met een GSM abonnement. 1. Installeer de antenne. 2. Steek de SMA connector van de antenne in de poort antenna van de Magnabox. 3.7.3.2 Het instellen van de parameter Direct mode(m) De Magnabox heeft een parameter Direct mode(m). De waarde dient Automatic of GSM M35 te zijn indien communicatie via ingebouwde GSM/GPRS modem zal zijn met een GSM SIM, en dient GPRS 35 te zijn indien communicatie via ingebouwde GSM/GPRS modem zal zijn met een GPRS SIM. De fabrieksinstelling is Automatic. Het zal daarom normaalgesproken niet nodig zijn de waarde te wijzigen voor GSM. Instructies voor het wijzigen van deze parameter worden gegeven in 3.7.2.2. 3.7.3.3 Het instellen van de parameter Ring count De Magnabox heeft een parameter Ring count, die bepaalt hoe vaak het modem zal overgaan voordat het opneemt. De fabrieksinstelling is 1. Het zal normaalgesproken niet nodig zijn de waarde te wijzigen. Instructies voor het wijzigen van deze parameter worden gegeven in 3.7.2.3. 3.7.3.4 Het instellen van het IP adres De fabrieksinstelling voor het IP adres voor communicatie via ingebouwd modem is 192.168.2.100. U zult het normaalgesproken niet hoeven te wijzigen als u via een ingebouwd modem communiceert. Het kan worden gewijzigd zoals beschreven in 3.7.5.2, waarbij u menuoptie Modem dient te kiezen in stap 4 in plaats van Direct link. 3.7.4 Communciatie via een extern modem De Magnabox ondersteunt de volgende modems voor communicatie via een extern modem: 1) US Robotics 56K faxmodem voor communicatie over een PSTN lijn 2) Siemens MC35i voor communicatie via GSM of GPRS netwerk 3) Siemens TC35i voor communicatie via GSM netwerk U heeft een Netadapt 1 kabel nodig met een RJ11 connector en een mannelijke DB9 connector om het extern modem op uw Magnabox aan te sluiten. Het MC ordernummer voor deze kabel is 90801020. Afhankelijk van het type extern modem zult u vervolgens het modem aansluiten op een analoge (PSTN) telefoonlijn of een GSM/GPRS antenne installeren. Zo sluit u een extern modem aan op een Magnabox: 25 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

1. Steek de RJ11 connector in de poort MC NET van de Magnabox. 2. Steek de mannelijke DB9 connector in het extern modem. 3. Verbind het extern modem met een analoge telefoonlijn of zorg dat er een actieve GSM of GPRS SIM in de extern modem zit en dat er een antenne op het extern modem is aangesloten. De waarden die de Magnabox parameters en FacilityPro Manager velden dienen te hebben zoals beschreven voor ingebouwde modems ( 3.7.2.2 t/m 3.7.2.4 voor PSTN en 3.7.3.2 t/m 3.7.3.4 voor GSM/GPRS) zijn ook van toepassing bij het gebruik van een extern modem, met als enige verschil dat de parameter Direct mode(m) niet de waarde Automatic mag hebben. 3.7.5 MC NET verbinding 3.7.5.1 Een Magnabox aansluiten op een hub H530 of Hub H520 Deze paragraaf is alleen van toepassing als de Magnabox wordt gebruikt als upgrade voor een MBX1, waarvoor communicatie via MC Net in gebruik is. De Magnabox en FacilityPro Manager moeten worden geconfigureerd met het MC Net IP adres voor de terminal ( 3.7.5.2). Voor het aansluiten van de Magnabox op een hub wordt een UTP cat. 5 netwerkkabel met een RJ10 en een RJ45 connector gebruikt. Zo sluit u de Magnabox aan op de hub: 1. Steek de RJ 10 connector in de poort MC Net van de Magnabox. 2. Steek de RJ45 connector in één van de 12 genummerde poorten van de hub. Voor verdere instructies voor het aansluiten van de Magnabox op het MC Net wordt verwezen naar de gebruikershandleiding van de hub. 3.7.5.2 Het instellen van het IP adres Het standaard ingestelde IP adres voor MC Net verbinding van de Magnabox is 192.168.2.100. Deze paragraaf beschrijft hoe u het IP adres kunt wijzigen zodat de Magnabox via het MC Net kan communiceren. Zo wijzigt u het de IP adres voor MC Net verbinding: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 2. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Network. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 3. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het netwerkmenu. 4. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer Direct link. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. 5. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Direct link menu. 6. Gebruik de toetsen en om door de menukeuzes te scrollen en selecteer IP address. De geselecteerde menukeuze zal knipperen. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 26

7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het wijzigingsscherm, met op de tweede regel van de display het op dit moment ingestelde IP adres voor MC Net verbinding. 8. Wijzig het IP adres ( 4.3). 9. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 3.7.5.3 Het instellen van de parameter Direct mode(m) van de Magnabox De Magnabox heeft een parameter Direct mode(m). Voor communicatie via MC Net dient deze de waarde Slave te hebben. Als het een H520 hub betreft, dient u er voor te zorgen dat de parameter Direct mode(m) van de Magnabox de waarde Master heeft voor één Magnabox die is aangesloten op de H520, en de waarde Slave voor alle andere Magnabox s aangesloten op die H520. De standaard ingestelde waarde van Direct mode(m) is Automatic. Instructies voor het wijzigen van deze parameter worden gegeven in 3.7.2.2, waarbij u menuoptie Direct link dient te kiezen in stap 4 in plaats van Modem. 3.8 Het menu Maintenance van de Magnabox Een aantal onderhoudstaken, die ook vaak bij installatie al worden uitgevoerd, kunnen worden uitgevoerd met behulp van het menu Maintenance van de Magnabox. Deze taken zijn: 1) De tijd instellen 2) De datum instellen 3) Het contrast van de display van de kaartlezer instellen 4) Het controleren van de signaalsterkte van een internal GSM/GPRS modem 5) Het wissen van het RAM geheugen 6) Het verwijderen van de applicatiefirmware 7) Het verwijderen van de PA firmware voor Chipknip betalingen Deze taken worden gewoonlijk uitgevoerd door service monteurs en hebben grote gevolgen voor het functioneren van de Magnabox en voor de gegevens die in de Magnabox zijn opgeslagen. Het wissen van het RAM geheugen verwijdert alle data en firmware van de Magnabox en zal tot permanent verlies van gegevens leiden als het per ongeluk wordt uitgevoerd. Om de hierboven genoemde taken uit te voeren moet u gewoon naar het juiste menu navigeren en het selecteren ( 4.2) en vervolgens één de van onderstaande opdrachten uitvoeren: 1) Om de datum of tijd in te stellen, wijzig de waarde van de parameter ( 4.3) 2) Om het contrast van de display in te stellen, gebruik de toetsen en om het contract te wijzigen en druk vervolgens op de rechter toets bij het woord Done ( - ). 3) Lees de signaalsterkte van het modem af. 4) Druk op de linker toets bij het woord Yes ( - ) om het RAM geheugen te wissen, of de applicatie- of PA-firmware te verwijderen. 27 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

4 De Magnabox menu s De belangrijkste instellingen van de Magnabox kunnen worden gewijzigd via de menu s en de toetsen. Figuur 4-1 geeft de menustructuur weer. Precieze instructies voor het werken met de menu s en de toetsen staan in de hiernavolgende paragrafen. Figuur 4-1 De menustructuur van de Magnabox 4.1 Naar het hoofdmenu van de Magnabox gaan Zo gaat u naar het hoofdmenu van de Magnabox: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. Het hoofdmenu verschijnt op op de display van de Magnabox. 4.2 Navigeren in de menu s Wanneer het kiezen van een menuoptie leidt tot een volgend keuze menu is dit in Figuur 4-1 zichtbaar door de lijnen te volgen. Wanneer dit niet het geval is leidt het kiezen van de menuoptie tot een scherm waar een bepaalde waarde kan worden opgegeven, of tot een scherm waar informatie op wordt getoond. De toetsen van de Magnabox hebben de volgende werking wanneer de Magnabox zich in de gewone operationele modus bevindt: : open het hoofdmenu Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 28

: standaardconfiguratie laden (alleen wanneer er nog geen configuratie is geladen) De toetsen van de Magnabox hebben de volgende werking wanneer de Magnabox zich in menu modus bevindt en de display een menu toont: Back ( - ): ga een menu terug Select ( - ): kies de geselecteerde (knipperende) menuoptie en : ga een menuoptie omlaag/omhoog De toetsen van de Magnabox hebben de volgende werking wanneer de Magnabox zich in menu modus bevindt en de display een informatiescherm toont of een scherm voor het wijzigen van de waarde van een parameter: / ( - ): selecteer een ander karakter/cijfer van de getoonde waarde, bij kort drukken op deze toets gaat de cursor één positie naar rechts, bij lang drukken gaat de cursor één positie naar links. De geselecteerde karakter/cijfer is onderstreept en : wijzig het geselecteerde karakter Done ( - ): sla wijzigingen op en/of of keer terug naar vorig menu De toetsen van de Magnabox hebben de volgende werking wanneer de Magnabox zich in menu modus bevindt en de display een menu van mogelijke parameterwaarden toont: Back ( - ): ga een menu terug, zonder de parameterwaarde aan te passen Select ( - ): kies de geselecteerde (knipperende) parameterwaarde, bewaar deze als de nieuwe waarde voor de parameter en ga een menu terug en : ga een parameterwaarde omlaag/omhoog 4.3 Het wijzigen van een parameter vanaf het wijzigingsscherm Deze instructies kunt u gebruiken voor het wijzigen van een IP adres, de netmask, de gateway, de ring count en een aantal andere parameters van de Magnabox als het display toont als in Figuur 4-2, waarbij de bovenste regel zal tonen welke parameter wordt gewijzigd. Figuur 4-2 IP adres wijzigingsscherm Zo wijzigt u een parameter vanaf het wijzigingsscherm: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 29 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

2. Navigeer door de menu s tot de display een parameterwaarde toont die gewijzigd kan worden (voorbeeld in Figuur 4-2). 3. Gebruik de linker toets onder / ( - ) om een karakter van de parameter te selecteren dat u wilt wijzigen. Bij kort drukken op deze toets gaat de cursor één cijfer naar rechts, bij lang drukken gaat de cursor één cijfer naar links. Het geselecteerde karakter wordt onderstreept weergegeven. 4. Gebruik de toetsen en om het geselecteerde karakter te wijzigen. 5. Herhaal de voorgaande stappen totdat u de juiste waarde voor de parameter op de display ziet. 6. Druk op de rechter toets bij het woord Done ( - ) om de nieuwe waarde van de parameter op te slaan en terug te keren naar het menu van waar u het wijzigingsscherm activeerde. 4.4 Het wijzigen van een parameterwaarde vanuit een menu met waardes Deze instructies kunt u gebruiken voor het wijzigen van de parameters DHCP mode, Direct mode(m), Comm. type en een aantal andere parameters van de Magnabox als de display een menu van parameterwaardes toont zoals in Figuur 4-3. De huidige waarde van de parameter zal knipperen. Figuur 4-3 DHCP mode menu Zo wijzigt u een parameter vanuit een menu met waardes: 1. Druk op de -toets van de Magnabox. 2. Navigeer door de menu s tot de display een menu toont van mogelijke parameterwaardes. 3. Gebruik de toetsen en om de gewenste waarde voor de parameter te selecteren. De geselecteerde waarde knippert. 4. Druk op de toets Select ( - ) om de geselecteerde (knipperende) waarde te kiezen, op te slaan als de nieuwe waarde voor de parameter en terug te gaan naar het vorige menu. 5. Druk op Back ( - ) zo vaak als nodig om naar de operationele modus terug te keren. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 30

5 Configuratie De configuratie van de Magnabox bevat informatie over: 1) Welke kaarten moeten worden geaccepteerd omdat zij de juiste sitecode en sitesleutels bevatten 2) Welke kaarten moeten worden geweigerd, bijvoorbeeld omdat ze op de lijst van verloren en gestolen kaarten staan 3) Welke producten of diensten aangeschaft of verleend kunnen worden 4) Of bepaalde kaarten een korting op de aanschafprijs van bepaalde producten moeten krijgen 5) Of er maar één product per transactie verkocht mag worden, of meerdere 6) Een groot aantal andere technische specificaties die bepalen hoe de terminal waarvan de Magnabox de besturingsmodule is zal werken Uw nieuwe Magnabox wordt geleverd zonder configuratie. Voordat het in gebruik kan worden genomen, moet het worden geconfigureerd. Dit kan op drie manieren: 1) Door met de knoppen op de Magnabox de standaard configuratie te laden, bijvoorbeeld voor een Chipknip site waar geen FacilityPro kaarten gebruikt zullen worden of om met Magna Carta testkaarten te werken 2) Met de beheerssoftware FacilityPro Manager om een site-specifieke configuratie te creëren 3) Met de menu s van de Magnabox om een site-specifieke configuratie te creëren 4) Met http om een site-specifieke configuratie te creëren 5.1 Het laden van de standaard configuratie Voor elke applicatie is er een standaard configuratie. In de installatie- en gebruikershandleiding van de applicatie wordt meer gedetailleerde informatie gegeven over de specifieke parameters van de standaard configuratie voor die applicatie. Een Magnabox met standaard configuratie accepteert altijd alleen Magna Carta testkaarten en, als Chipknip is geactiveerd op de Magnabox, Chipknip kaarten. Zo zet u de standaard configuratie in een Magnabox: NB: de standaard configuratie kan alleen in de Magnabox worden gezet als er geen andere configuratie in is gezet. 1. Installeer de Magnabox en de kaartlezer zoals beschreven in hoofdstuk 3. 2. Zet de Magnabox aan. Na enige tijd toont de display van de kaartlezer als in Figuur 5-1. Als daarentegen de display van de kaartlezer een boodschap toont waarin wordt gevraagd een kaart in te voeren of waar een menu wordt getoond, dan is de Multibank reeds eerder geconfigureerd. U kunt dan niet de standaardconfiguratie laden. 31 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Figuur 5-1 Geen config buiten gebruik 3. Druk de -toets van de Magnabox in. De standaard configuratie wordt geladen. De display van de kaartlezer toont afwisselend als in Figuur 5-2 en Figuur 5-3 voor sommige applicaties (bijv. vending, kopiëren, printen, POS), of toont een andere boodschap waarin wordt gevraagd een kaart in te voeren of een menu wordt getoond voor andere applicaties (bijv. opwaardeerstations). Figuur 5-2 Welkome uw pas aub Figuur 5-3 Datum en tijd 5.2 Configureren met FacilityPro Manager Zie hiervoor de installatie- en gebruikershandleiding van uw applicatie. 5.3 Configureren met de Magnabox menu s Vanuit het hoofdmenu van de Magnabox kan worden gekozen voor het menu Application. Via dit menu is een aantal parameters van de Magnabox eenvoudig in te stellen. Welke parameters dat zijn is afhankelijk van de applicatie. In de installatie- en gebruikershandleiding van de applicatie kunt u lezen welke parameters vanuit het applicatiemenu van de Magnabox kunnen worden ingesteld, en wat de betekenis is van deze parameters voor die applicatie. Wanneer er geen FacilityPro Manager in gebruik is op de site kan men eerst de standaard configuratie laden ( 5.1) en vervolgens de nodige parameters met de Magnabox menu s aanpassen. In hoofdstuk 4 staan instructies voor het weken met de Magnabox menu s. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 32

5.4 Configureren met http Daar de instellingen die van belang zijn per applicatie verschillen, verwijzen wij naar de installatie- en gebruikershandleiding van uw applicatie voor gedetailleerde instructies voor het configureren van uw Magnabox met http. Om met http te kunnen configureren heeft u een gebruikersnaam en wachtwoord nodig. Voor een Magnabox met de standaard configuratie kunt u de gebruikersnaam Demo en het wachtwoord Demo gebruiken. Deze zijn alleen geldig als de sitecode gelijk is aan 12345 en blijven geldig zolang de sitecode niet wordt aangepast, zelfs als tevens een andere gebruikersnaam en wachtwoord worden in gevoerd. Uiteraard is het voor de beveiliging van uw systeem verstandig om de gebruikersnaam, het wachtwoord en de sitecode te wijzigen. Als uw terminal alleen Chipknip kaarten zal accepteren kunt u de sidecode wijzigen naar 0, zodat alle FacilityPro kaarten zullen worden geweigerd. Als FacilityPro kaarten moeten worden geaccepteerd dient u de sitecode van de site in te stellen. Zo configureert u een Magnabox met http: 1. Laad de standaard configuratie ( 5.1). 2. Steek een RJ45 connector van de netwerkkabel in de poort 10/100BASET van de Magnabox. 3. Steek de andere RJ45 connector van de netwerkkabel in een netwerkpoort van het netwerk waarop uw PC is aangesloten. 4. Zorg dat de DHCP mode voor Ethernet verbinding op de Magnabox de waarde SMART heeft ( 3.7.1.2). Druk op de reset knop op de Magnabox (kleine ronde knop naast de vier knoppen onder de display). Een IP adres zal worden toegekend aan de Magnabox, die wordt getoond op de eerste regel van de display. 5. Open een web browser op uw PC. 6. Type in de adresbalk http://[ip-adres van uw Magnabox]. 7. Druk op <Enter>. U ziet de home pagina van uw Magnabox (Figuur 5-4). Figuur 5-4 Home pagina Magnabox 33 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

8. Kies de juiste webpagina voor de configuratieparameters die u wilt wijzigen: a. config network voor de parameters in Figuur 5-5 b. config Chipknip voor de parameters in Figuur 5-6 c. config services voor de parameters in Figuur 5-7 d. config site voor de parameters in Figuur 5-8 e. config paystation voor een parameters die per applicatie verschillen, zoals die voor de POS applicatie in Figuur 5-9 9. Type uw gebruikersnaam en wachtwoord en klik OK. ( Demo, Demo ). 10. Wijzig de parameters die u een andere waarde wilt geven. 11. Wijzig de gebruikersnaam, het wachtwoord en de sitecode op de Site pagina van de Magnabox. 12. Verlaat de web browser en herstart de Magnabox zodat de wijzigingen geëffectueerd worden. Figuur 5-5 Network pagina Magnabox Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 34

Figuur 5-6 Chipknip config pagina Magnabox Figuur 5-7 Services pagina Magnabox Figuur 5-8 Site pagina Magnabox 35 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Figuur 5-9 Paystation pagina Magnabox voor MDB Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 36

6 Chipknip Een Magnabox kan worden gebruikt voor transacties met FacilityPro kaarten en/of met Chipknip kaarten. Om Chipknip kaarten te kunnen accepteren moet behalve de applicatiefirmware ( 3.6.1) ook de Chipknip firmware in de Magnabox zijn geprogrammeerd. Tevens moet in één van de SAM sloten van de Magnabox een SAM zijn geplaatst. Ook moet er een contract zijn afgesloten met Equens voor het kunnen accepteren van Chipknip betalingen bij de terminal waar de Magnabox wordt ingezet. Dit contract vermeldt een TerminalID (ook betaalautomaatnummer genoemd), die bekend moet zijn om de Chipknip functionaliteit te kunnen activeren. Aan dat TerminalID is in het contract ook een certificatiecode gekoppeld. Afhankelijk van of de Magnabox op een bemand of onbemand verkooppunt wordt gebruikt voor Chipknip betalingen, en van de wijze van communicatie bij het afstorten naar Equens, worden de volgende certificatiecodes gebruikt: Certificatiecodes Bemand Onbemand TCP/IP 8039 8029 PSTN 8030 8020 GSM 8037 8027 GPRS 8059 8049 Een Magnabox die Chipknip betalingen kan verwerken vereist dat de Chipknip functionaliteit wordt geactiveerd en dat de Chipknip betalingen worden afgestort naar Equens. Normaalgesproken zal het systeem zo worden ingesteld dat er automatisch op vastgestelde tijdstippen naar Equens wordt afgestort, bijvoorbeeld dagelijks of wekelijks. Tevens is het voor de gebruiker van belang dat een overzicht kan worden ingezien van de afstortingen die zijn gedaan en dat de instellingen voor Chipknip kunnen worden gewijzigd. Al deze Chipknip functies kunnen op twee manieren worden beheerd: 1) Door de Chipknip firmware ICS intern in de Magnabox. Onderstaande paragrafen geven instructies voor het werken met ICS intern. ICS intern communiceert direct met Equens. Dit kan op de volgende manieren: a. De Magnabox communiceert via Ethernet en een ADSL lijn (met een door Equens gecertificeerde ADSL abonnement) met Equens b. Een ingebouwde ISDN modem belt uit naar Equens over een ISDN telefoonlijn. Deze mogelijkheid wordt op dit moment nog niet ondersteund c. Een ingebouwde PSTN modem belt uit naar Equens over een analoge telefoonlijn d. Een ingebouwde GSM/GPRS modem belt uit naar Equens over het GSM netwerk e. Een ingebouwde GSM/GPRS modem belt uit naar Equens over het GPRS netwerk 2) Door de Chipknip module van Facilitypro Manager (ook wel ICS genoemd) vanaf een backoffice PC. De Magnabox zal dan regelmatig moeten worden uitgelezen, waarna de Chipknip betalingen door de backoffice PC worden afgestort naar Equens. Voor instructies wordt verwezen naar de gebruikershandleiding van de Chipknip module ICS. 6.1 Het plaatsen van een SAM in de Magnabox De Magnabox heeft 4 SAM sloten, 2 externe en 2 interne. Het plaatsen van een SAM gaat in elk slot op dezelfde wijze. U dient er rekening mee te houden dat de SAM erg kwetsbaar is en beschadigd kan raken waanneer hij onvoorzichtig in het SAM slot wordt gevoerd. 37 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

De twee externe SAM sloten bevinden zich aan de bovenste korte zijkant van de Magnabox. De twee interne SAM sloten bevinden zich onder het deksel, onder de LED s links en rechts. Het is van geen enkel belang welk SAM slot gebruikt wordt. Op de voorkant van de Magnabox is voor elk SAM slot een doorzichtig venster. Zo kunt u zien of er een SAM is geplaatst. Zo plaatst u een SAM in een SAM slot: 1. Houdt de SAM met de chip onder en de korte kant waar een hoek af is het dichtst bij u en schuif de SAM voorzichtig in het SAM slot tot het niet verder kan. Ongeveer 5 mm. van de SAM zullen blijven uitsteken, de schuine hoek blijft dus zichtbaar. Zo verwijdert u een SAM uit een SAM slot: 1. Gebruik een tangetje om het uitstekende deel van de SAM vast te pakken en trek de SAM er voorzichtig recht uit. 6.2 Chipknip betalingen afstorten Het afstorten van de Chipknip betalingen die door de Magnabox zijn verwerkt sinds de laatste afstorting heet ook wel het sturen van een collectie naar Equens. De collecties, d.w.z. de verzamelingen van betalingen, die worden afgestort, krijgen opeenvolgende collectienummers. Er wordt bijgehouden welke collectie op welke dag en tijd is afgestort, hoeveel geslaagde Chipknip betalingen (transacties) de collectie bevatte en wat het totale bedrag van die Chipknip betalingen was. ICS intern zal normaalgesproken zo zijn ingesteld dat er automatisch op vastgestelde tijdstippen naar Equens wordt afgestort, bijvoorbeeld dagelijks of wekelijks. Handmatig afstorten naar Equens is dus gewoonlijk nooit nodig, maar kan in bepaalde gevallen wenselijk zijn. 6.2.1 Het afstorten naar Equens Zo stort u de Chipknip betalingen af naar Equens: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Afstorten in het Chipknip menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-1. Figuur 6-1 Afstorten bevestigen 3. Druk op de rechter toets bij het woord Ja ( - ). U ziet de melding Collectie is gestart. Even geduld a.u.b.. Na enige tijd ziet u Collectie gelukt. Vervolgens ziet u de normale displayweergave van de Magnabox in zijn operationele modus. Wanneer u bij deze stap op de linker toets bij het woord Nee ( - ) drukt, komt u terug in het hoofdmenu van de Magnabox. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 38

6.3 Chipknip informatie opvragen 6.3.1 De collecties bekijken Zo kunt u de laatste 10 collecties terug zien: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Collecties in het Chipknip info menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet de gegevens van de meest recente afstorting naar Equens op de display zoals in Figuur 6-2, waarbij links boven het collectienummer, rechts boven de datum, links midden het afgestorte bedrag, rechts midden het aantal afgestorte transacties en links onder het AC-nummer van Equens te zien zijn. Figuur 6-2 Collectiegegevens 3. Gebruik de toetsen en om de gegevens van een eerdere of latere collectie te bekijken. 4. Druk op op de rechter toets bij het woord Done ( - ) om terug te keren naar het Chipknip info menu. 5. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.3.2 De volgende collectie Zo kunt u zien wanneer de volgende automatische afstorting zal plaatsvinden: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Volgende coll. in het Chipknip info menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont wanneer de volgende automatische afstorting zal plaatsvinden (Figuur 6-3). 6.3.3 TerminalID Figuur 6-3 Datum en tijd volgende collectie Zo kunt u zien welk met terminalid de Magnabox is geactiveerd: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze TerminalID in het Chipknip info menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont met welke terminalid de Magnabox is geactiveerd (Figuur 6-4). Figuur 6-4 TerminalID 39 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

3. Druk op een willekeurige knop om terug te keren naar het Chipknip info menu. 4. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.3.4 Rekeningnummer Zo kunt u zien naar welk bankrekeningnummer de afgestorte Chipknip betalingen door Equens worden overgemaakt: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Rekeningnummer in het Chipknip info menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont naar welk bankrekeningnummer Equens de bedragen overmaakt voor de afgestorte Chipknip betalingen (Figuur 6-5). Figuur 6-5 Rekeningnummer 3. Druk op een willekeurige knop om terug te keren naar het Chipknip info menu. 4. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.3.5 SAM ID Zo kunt het SAM ID zien van de SAM die in de Magnabox zit: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze SAM_ID in het Chipknip info menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-6. Figuur 6-6 SAM ID 3. Druk op een willekeurige knop om terug te keren naar het Chipknip info menu. 4. Druk drie maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4 Chipknip instellingen, activeren en deactiveren 6.4.1 Chipknip instellingen voor het collecteren wijzigen Er zijn verschillende parameters voor het collecteren: 1) Collectietijd : bepaalt op welk tijdstip automatisch zal worden afgestort. Collectietijd heeft het formaat [uu:mm:ss] (uren, minuten, seconden). Standaardwaarde 01:00:00. 2) Collectiedagen : bepaalt op welke dagen automatisch zal worden afgestort. Collectiedagen bestaat uit 7 karakters met de waarde 1 of 0 voor de 7 dagen van de Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 40

week, waarbij de eerste karakter voor maandag staat. Een 1 = wel afstorten op die dag, een 0 = niet afstorten op die dag. Standaardwaarde = 1111111. 3) Host updates : bepaalt of de parameters collectietijd en collectiedagen wel of niet automatisch worden aangepast door Equens. Host updates heeft de waarde Ja of Nee. Standaardwaarde =?. Zo stelt u de parameters voor het collecteren in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Collecteren in het Chipknip instellingen menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Instellingen voor het collecteren menu. De menukeuze Collectietijd zal knipperen. 3. Als u de parameter Collectietijd niet wilt wijzigen, ga naar stap 6. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-7. Figuur 6-7 Collectietijd 4. Wijzig de parameter ( 4.3). 5. Wanneer de juiste collectietijd is ingevoerd: Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ) om de collectietijd op te slaan en terug te keren naar het Instellingen voor het collecteren menu. 6. Als u de parameter Collectiedagen niet wilt wijzigen, ga naar stap 10. Gebruik de toetsen en om de parameter Collectiedagen te kiezen. De geselecteerde parameter zal knipperen. 7. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-8. Figuur 6-8 Collectiedagen 8. Wijzig de parameter ( 4.3). 9. Wanneer de juiste collectiedagen zijn ingevoerd: Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ) om de collectiedagen op te slaan en terug te keren naar het Instellingen voor het collecteren menu. 10. Als u de parameter Host updates niet wilt wijzigen, ga naar stap 14. Gebruik de toetsen en om de parameter Host updates te kiezen. De geselecteerde parameter zal knipperen. 11. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Host updates menu (Figuur 6-9), die de keuzes Ja en Nee kent, en de waarde die op dit moment staat ingesteld zal zijn geselecteerd (knippert). Figuur 6-9 Host updates 12. Gebruik de toetsen en om de gewenste waarde voor de parameter Host updates te selecteren. De geselecteerde waarde zal knipperen. 41 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

13. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ) om de waarde van Host updates op te slaan en terug te keren naar het Instellingen voor het collecteren menu. 14. Druk vier maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2 Chipknip instellingen voor de communicatie wijzigen Er zijn verschillende parameters voor de communicatie van de Magnabox met Equens. Sommige van deze parameters moeten eenmalig bij de installatie worden ingevoerd, anderen worden door Equens van een waarde voorzien. Het zal slechts bij uitzondering nodig zijn om de instellingen voor de communicatie te wijzigen. De parameters zijn: 1) Comm. type : bepaalt op welke manier de Magnabox met Equens communiceert. Standaardwaarde = PSTN. Comm. Type kan de volgende waardes hebben: a) TCP/IP: communicatie via TCP/IP Ethernet. Een vereiste is dat er een gecertificeerde ADSL telefoonaansluiting is. b) ISDN = communicatie via ingebouwde ISDN modem over een ISDN telefoonlijn. Deze mogelijkheid wordt nog niet ondersteund. c) PSTN = communicatie via ingebouwde PSTN modem over een analoge telefoonlijn. d) GSM = communicatie via ingebouwde GSM/GPRS modem en een SIM met GSM abonnement. e) GPRS = communicatie via ingebouwde GSM/GPRS modem en een SIM met GPRS abonnement. 2) Modem inst. : onder menu Modem inst. staan acht parameters: a) Voorlooptekens : (alleen van toepassing bij PSTN communicatie) de cijfers of andere tekens die voor het telefoonnummer moeten worden gekozen om een buitenlijn te krijgen. Waarde afhankelijk van de telefooncentrale. Standaardwaarde = leeg. Moet bij installatie worden ingevoerd, tenzij er geen voorlooptekens nodig zijn b) GPRS APN : (Access Point Name) bestaat uit alfanumerieke karakters. de Standaardwaarde hoeft in principe nooit te worden aangepast c) Dag tel.nr 1 : het telefoonnummer dat bij communicatie via ISDN, PSTN of GSM modem wordt gebeld gedurende de dag. Standaardwaarde (0676000114) voldoet bij installatie. De waarde zal automatisch door Equens worden aangepast wanneer wenselijk. d) Dag tel.nr 2 : het telefoonnummer dat bij communicatie via ISDN, PSTN of GSM modem wordt gebeld gedurende de dag, wanneer het bellen naar Dag tel.nr 1 niet lukt. Standaardwaarde (0676000114) voldoet bij installatie. De waarde zal automatisch door Equens worden aangepast wanneer wenselijk. e) Nacht tel.nr 1 : het telefoonnummer dat bij communicatie via ISDN, PSTN of GSM modem wordt gebeld gedurende de nacht. Standaardwaarde (0676000114) voldoet bij installatie. De waarde zal automatisch door Equens worden aangepast wanneer wenselijk. f) Nacht tel.nr 2 : het telefoonnummer dat bij communicatie via ISDN, PSTN of GSM modem wordt gebeld gedurende de nacht, wanneer het bellen naar Nacht tel.nr 1 niet lukt. Standaardwaarde (0676000114) voldoet bij installatie. De waarde zal automatisch door Equens worden aangepast wanneer wenselijk. g) Start dag : de begintijd waarop de modem dient uit te bellen naar de telefoonnummers ingesteld voor de dag. Start dag heeft het formaat [uu:mm:ss] Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 42

(uren, minuten, seconden). Standaardwaarde (07:00:00) voldoet bij installatie. De waarde zal automatisch door Equens worden aangepast wanneer wenselijk. h) Start nacht : de begintijd waarop de modem dient uit te bellen naar de telefoonnummers ingesteld voor de nacht. Start nacht heeft het formaat [uu:mm:ss] (uren, minuten, seconden). Standaardwaarde (23:00:00) voldoet bij installatie. De waarde zal automatisch door Equens worden aangepast wanneer wenselijk. 3) Netwerkadres : Het IP adres en poortnummer van de host (Equens). Netwerkadres heeft het formaat [IP adres]:[poortnummer]. Standaardwaarde voldoet bij installatie. De parameter kan automatisch door Equens worden aangepast. In uitzonderlijke gevallen, bij voorbeeld bij testen, zal een monteur de waarde aanpassen. 4) Aantal retries : het aantal keren dat het modem zal proberen om via Dag/nacht tel.nr. 1 of Dag/nacht tel.nr. 2, dan wel via TCP/IP of GPRS, verbinding met Equens te maken. In geval van uitbellen zijn er dus tweemaal zoveel uitbelpogingen als de waarde van deze parameters (eerst met tel. nr. 1 en dan met tel. nr. 2). Standaardwaarde = 3. De waarde kan automatisch door Equens worden aangepast. 5) Retry interval : het aantal minuten tussen de retries. Standaardwaarde = 1. De waarde kan automatisch door Equens worden aangepast. 6) Conn. timeout : de waarde staat voor een aantal seconden. Als na dat aantal seconden vanaf de start van een communicatiepoging er nog geen verbinding is gemaakt, wordt de poging als mislukt beschouwd. Standaardwaarde = 45. De waarde kan automatisch door Equens worden aangepast. 7) Reply timeout : Standaardwaarde = 45. De waarde kan automatisch door Equens worden aangepast. 8) Max datalengte : aantal bytes per datapakket. Standaardwaarde = 509. De waarde kan automatisch door Equens worden aangepast. 6.4.2.1 De parameter Comm. type Zo stelt u de parameter Comm. type in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Comm. type in het Instellingen voor communicatie menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). U ziet het Comm. type menu (Figuur 6-10), en de waarde die op dit moment staat ingesteld zal zijn geselecteerd (knippert). Figuur 6-10 Comm. type 3. Gebruik de toetsen en om de gewenste waarde voor de parameter Comm. type te selecteren. De geselecteerde waarde zal knipperen. 4. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ) om de waarde van de parameter Comm. type op te slaan en terug te keren naar het Instellingen voor de communicatie menu. 5. Druk vier maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 43 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

6.4.2.2 De parameters van het Modem inst. Menu 6.4.2.2.1 De parameter Voorlooptekens Zo stelt u de parameter Voorlooptekens in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Voorlooptekens in het Modem instellingen menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-11. Figuur 6-11 Voorlooptekens 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 5. Druk vijf maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2.2.2 De parameter GPRS APN Zo stelt u de parameter GPRS APN in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze GPRS APN in het Modem instellingen menu ( 4.2). te kiezen. 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-12. Figuur 6-12 GPRS APN 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 5. Druk vijf maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2.2.3 De parameters Dag tel.nr 1, Nacht tel.nr 1, Dag tel.nr 2 en Nacht tel.nr 2 Zo stelt u de telefoonnummers in: 1. Navigeer in de menu s naar (bijvoorbeeld) menukeuze Dag tel.nr 1 in het Modem instellingen menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-13. Figuur 6-13 Dag tel.nr 1 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 44

5. Druk vijf maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2.2.4 De parameters Start dag en Start nacht Zo stelt u de dag- en nachttijden in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Start dag of Start nacht in het Modem instellingen menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-14. Figuur 6-14 Start dag 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 5. Druk vijf maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2.3 De parameter Netwerkadres Zo stelt u de parameter Netwerkadres in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Netwerkadres in het Instellingen voor communicatie menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-15. Figuur 6-15 Netwerkadres 3. Wijzig de waarde van het IP adres van de parameter Netwerkadres ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). De display toont als in Figuur 6-16. Figuur 6-16 Poortnummer 5. Wijzig de waarde van het poortnummer van de parameter Netwerkadres ( 4.3). 6. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 7. Druk vier maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2.4 De parameter Aantal retries Zo stelt u de parameter Aantal retries in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Aantal retries in het Instellingen voor communicatie menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-17. 45 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Figuur 6-17 Aantal retries 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 5. Druk vier maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2.5 De parameter Retry interval Zo stelt u de parameter Retry interval in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Retry interval in het Instellingen voor communicatie menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-18 (waarde in minuten). Figuur 6-18 Retry interval 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 5. Druk vier maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.2.6 De parameter Conn. Timeout Deze parameter is niet instelbaar. 6.4.2.7 De parameter Reply timeout Zo stelt u de parameter Reply timeout in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Reply timeout in het Instellingen voor communicatie menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-19. Figuur 6-19 Reply timeout 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 5. Druk vier maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 46

6.4.2.8 De parameter Max datalengte Zo stelt u de parameter Max datalengte in: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Max datalengte in het Instellingen voor communicatie menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-20. Figuur 6-20 Max. datalengte 3. Wijzig de waarde van de parameter ( 4.3). 4. Druk de rechter toets bij het woord Done ( - ). 5. Druk vier maal op de linker toets bij het woord Back ( - ) om de menu s te verlaten. 6.4.3 Het activeren van Chipknip Om de Chipknip functionaliteit te kunnen activeren moet de SAM zijn geplaatst ( 6.1) en moeten de parameter Comm. type en de daarbij behorende andere parameters juist zijn ingesteld ( 6.1 en 6.4.2). Zo activeert u de Chipknip functionaliteit van de Magnabox: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Activeren in het Chipknip instellingen menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-21. Figuur 6-21 TerminalID invoeren 3. Voer het TerminalID in ( 4.3). 4. Druk wanneer het juiste TerminalID is ingevoerd op de rechter toets bij het woord Done ( - ) om het TerminalID op te slaan en de activatie te starten. De display toont enige tijd als in Figuur 6-22. Daarna toont de display als in Figuur 6-23 of als in Figuur 6-24. Vervolgens ziet u de normale displayweergave van de Magnabox in zijn operationele modus. Oorzaken van het mislukken van de activatie zijn o.a.: a) Chipknip functionaliteit op deze Magnabox was al geactiveerd. b) TerminalID niet bekend bij Equens c) TerminalID bekend bij Equens maar met andere certificatiecode dan die hoort bij deze Magnabox Figuur 6-22 Activatie gestart 47 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Figuur 6-23 Activatie gelukt 6.4.4 Het deactiveren van Chipknip Figuur 6-24 Activatie mislukt U zult de stappen in deze paragraaf alleen volgen wanneer er een storing is en de SAM in de Magnabox vervangen moet worden. Let wel: wanneer u deactiveert terwijl er een goede SAM in de Magnabox zit zal deze SAM onbruikbaar worden en zal de Magnabox pas weer operationeel kunnen worden voor Chipknip betalingen wanneer er een nieuwe SAM wordt geplaatst en deze wordt geactiveerd. Zo deactiveert u de Chipknip functionaliteit van de Magnabox: 1. Navigeer in de menu s naar menukeuze Deactiveren in het Chipknip instellingen menu ( 4.2). 2. Druk op de rechter toets bij het woord Select ( - ). De display toont als in Figuur 6-25. Figuur 6-25 Nu deactiveren? 3. Druk op de rechter toets bij het woord Ja ( - ). De display toont enige tijd als in Figuur 6-26. Daarna toont de display als in Figuur 6-27. Vervolgens ziet u de normale displayweergave van de Magnabox in zijn operationele modus. Figuur 6-26 Deactivatie gestart Figuur 6-27 Deactivatie gelukt Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 48

7 Onderhoud 7.1 Het op slot doen en openen van het deksel van de Magnabox De Magnabox heeft een sleutel waarmee het deksel van de Magnabox op slot kan worden gedaan. U herkent het slot aan de twee iconen voor open en op slot die op het deksel staan afgebeeld. Zo sluit/opent u de Magnabox: 1. Steek de sleutel in het slot. 2. Draai de sleutel 90 zo dat de lijn op het slot tegenover het icoon voor op slot/open. 7.2 Het verwijderen van het deksel van de Magnabox De Magnabox heeft een deksel dat op slot kan worden gedaan. Zo verwijdert u het deksel van de Magnabox: 1. Als het deksel op slot is, open het dan eerst ( 7.1). 2. Schuif het deksel naar beneden. Het deksel zal los komen. 7.3 De Magnabox van de montageplaat afhalen De Magnabox dient soms van de montageplaat te worden afgehaald, bijvoorbeeld om de batterij of zekering te vervangen, om nieuwe firmware in de Magnabox te programmeren, enz. Zo haalt u de Magnabox van de montageplaat af: 1. Als de Magnabox niet is vastgezet op de montageplaat, ga naar stap 4. 2. Open het deksel van de Magnabox ( 7.2). 3. Schroef de schroef waarmee de Magnabox is vastgezet aan de montageplaat (in het midden, links van de batterij) los. 4. Duw de Magnabox naar boven (in de richting van de kant waar TOP bij staat in Figuur 3-1). De Magnabox zal loskomen van de montageplaat. 7.4 Het vervangen van de batterij De batterij van de Magnabox zit in een speciaal vakje onder het deksel. Het is een CR2032 Lithium 3,2 V batterij met een levensduur van 10 jaar. 49 Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx

Zo vervangt u de batterij: 1. Als u niet makkelijk bij de Magnabox kunt, haal dan de Magnabox van de montageplaat af ( 7.3). 2. Verwijder het deksel van de Magnabox ( 7.2). 3. Verwijder de batterij. 4. Plaats een nieuwe CR2032 batterij. 5. Bij het afvoeren van de batterij dient u te handelen volgens de geldende richtlijnen voor gevaarlijk afval. Desgewenst kunt u de batterij inleveren bij Magna Carta, waar zorg zal worden gedragen voor een juiste afvoer. 7.5 Het vervangen van de zekering De Magnabox heeft een vakje voor de zekering aan de zijkant van de Magnabox. Daarin dient een 20 x 5 mm T 1,6 Ampere zekering te zitten. Zo vervangt u de zekering: 1. Als u niet makkelijk bij de zijkant van de Magnabox waar het vakje voor de zekering zit kunt, haal dan de Magnabox van de montageplaat ( 7.3). 2. Open het vakje voor de zekering met een schroevendraaier. 3. Verwijder de zekering. 4. Plaats een nieuwe 20 x 5 mm T 1,6 Ampère zekering. 5. Sluit het vakje voor de zekering. 7.6 Het afvoeren van de Magnabox Wanneer u de Magnabox zou willen weggooien, dient u de batterij apart af te voeren ( 7.2). Desgewenst kunt u de Magnabox inleveren bij Magna Carta, waar zorg zal worden gedragen voor een juiste afvoer. Magnabox installatie- en gebruikershandleiding, MAN7 MBX2 NLED 9101.docx 50