November 2011 Onderzoeksrapport EOS De noden en behoeften van allochtone prestarters en ondernemers in Vlaanderen
Inhoud I. Inleiding... 4 II. Noden en behoeften van allochtone prestarters in Vlaanderen... 5 1. Profiel respondenten... 6 1.1. Provincie... 6 1.2. Leeftijd... 6 1.3. Geslacht... 6 1.4. Land van herkomst... 7 1.5. Aantal jaren in België... 7 1.6. Ondernemerservaring... 8 2. Info over de toekomstige zaak... 9 2.1. Sector... 9 2.2. Grootte bedrijf personeel... 9 2.3. Hoofdberoep of bijberoep... 10 2.4. Doelpubliek... 10 2.5. Opstarttermijn... 10 3. De opstart... 11 3.1. Motivatie voor opstart zaak... 11 3.2. Verwachte problemen bij opstart... 12 3.3. Business plan... 13 3.4. Noden bij opstart... 13 4. Opleiding... 14 4.1. Scholingsgraad prestarters... 14 4.2. Attest bedrijfsbeheer... 14 4.3. Welke opleidingen volgen prestarters?... 14 4.4. Waarom volgen prestarters geen opleidingen?... 15 4.5. Nood aan opleidingen bij prestarters... 15 4.6. Weten prestarters waar ze terecht kunnen voor opleidingen?... 16 4.7. Evaluatie opleidingsaanbod voor prestarters... 16 5. Begeleiding... 18 5.1. Nood aan begeleiding bij prestarters... 18 5.2. Weten prestarters waar ze terecht kunnen voor begeleiding?... 19 5.3. Evaluatie begeleidingsaanbod voor prestarters... 19 6. Financiën... 20 6.1. Beheer financiën... 20 6.2. Financieel plan... 21 6.3. Financiële opleidingen... 21 1
6.4. Opstartkapitaal... 21 6.5. Subsidiekanalen... 22 7. Netwerk en informatie... 23 7.1. Wie helpt prestarters bij de opstart van een zaak?... 23 7.2. Waar halen prestarters Informatie over het opstarten van een zaak?... 23 7.3. Evaluatie van de informatie over het opstarten van een zaak... 24 8. Andere problemen... 26 8.1. Welke andere problemen verwachten prestarters bij het opstarten van een zaak?... 26 8.2. Weten prestarters waar ze hulp kunnen vragen voor deze problemen?... 26 8.3. Hebben prestarters al hulp gevraagd voor deze problemen?... 26 8.4. Verwachten prestarters problemen door hun origine?... 27 III. Noden en behoeften van allochtone ondernemers in Vlaanderen... 28 1. Profiel respondenten... 29 1.1. Provincie... 29 1.2. Leeftijd... 29 1.3. Geslacht... 29 1.4. Land van herkomst... 30 1.5. Aantal jaren in België... 30 1.6. Ondernemerservaring... 30 2. Details bedrijf... 32 2.1. Sector... 32 2.2. Grootte bedrijf personeel... 33 2.3. Wie helpt nog mee in de zaak?... 33 2.4. Zijn de ondernemers alleen eigenaar van hun zaak?... 33 2.5. Leeftijd bedrijf... 33 2.6. Doelpubliek... 34 3. De opstart... 35 3.1. Motivatie voor opstart zaak... 35 3.2. Problemen bij de opstart... 35 3.3. Business plan... 36 3.4. Nood aan begeleiding bij de opstart... 37 4. Opleiding... 39 4.1. Scholingsgraad ondernemers... 39 4.2. Welke opleidingen volgen ondernemers?... 39 4.3. Waarom volgen ondernemers geen opleidingen?... 40 4.4. Nood aan opleiding bij de ondernemers... 40 4.5. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen voor opleidingen?... 41 4.6. Evaluatie opleidingsaanbod voor ondernemers... 41 2
5. Begeleiding... 43 5.1. Nood aan begeleiding bij ondernemers... 43 5.2. Wie begeleidt de ondernemers?... 43 5.3. Waarom zoeken ondernemers geen hulp?... 44 5.4. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen voor begeleiding?... 44 5.5. Evaluatie begeleidingsaanbod voor ondernemers... 45 5.6. Bij welke problemen worden ondernemers nog te weinig geholpen?... 45 6. Financiën... 46 6.1. Beheer financiën... 46 6.2. Financiële opleiding en begeleiding... 47 6.3. Kapitaal... 47 6.4. Subsidiekanalen... 48 7. Netwerk en informatie... 49 7.1. Contacten met andere ondernemers... 49 7.2. Informatie voor ondernemers... 49 7.3. Evaluatie van informatie voor ondernemers... 50 8. Andere problemen... 51 8.1. Welke andere problemen ondervinden ondernemers?... 51 8.2. Weten ondernemers waar ze hulp kunnen vragen voor deze problemen?... 52 8.3. Vragen ondernemers hulp voor deze problemen?... 52 8.4. Ondervinden ondernemers problemen door hun origine?... 52 IV. Conclusies en vergelijking resultaten... 53 1. De respondenten... 54 2. De opstart... 55 3. Opleidingen... 58 4. Begeleiding... 60 5. Financiën... 62 6. Netwerk en informatie... 63 7. Problemen door origine... 64 3
I. Inleiding Het EOS project wil de noden en behoeften van allochtone ondernemers en prestarters in Vlaanderen in kaart brengen. Dit onderzoek zal gebruikt worden om de huidige ondersteuning voor (toekomstige) allochtone ondernemers in iedere Vlaamse provincie onder de loep te nemen en eventuele leemtes bloot te leggen. Op basis van de conclusies van dit onderzoek zal per provincie een pilootproject ontwikkeld worden om de ondernemers en prestarters van vreemde origine beter te kunnen ondersteunen. Het EOS project wil uiteindelijk komen tot een betere en meer geïntegreerde aanpak op het vlak van: Stimuleren van ondernemerschap bij studenten. Begeleiding en opleiding van starters en jonge bedrijven. Dienstverlening voor allochtone ondernemers. Integratie van ondernemers van vreemde origine bij autochtone ondernemers. Om de noden en behoeften van de allochtone ondernemers en prestarters in kaart te brengen, werd per doelgroep een vragenlijst ontwikkeld. Deze vragenlijst werd door iedere partnerorganisatie afgenomen bij 50 ondernemers/prestarters van allochtone origine. Dit onderzoek werd over heel Vlaanderen uitgevoerd. Daarom werd per provincie een partner geselecteerd: West Vlaanderen: Gusto Oost Vlaanderen: Voka Kamer van Koophandel Oost Vlaanderen en Uniekon Antwerpen: Syntra Vlaanderen Vlaams Brabant: NFTE Limburg: Stebo De verschillende partners hebben door hun werking en voorgaande projecten een netwerk opgebouwd bij één van de (of soms ook beide) doelgroepen. Zo werden met de 6 partners samen in totaal 297 (toekomstige) ondernemers bereikt. De prestarters en ondernemers werden bevraagd over hun noden inzake opleiding, begeleiding en informatie. Er werd ook gepolst in welke mate deze (toekomstige) ondernemers het bestaande aanbod kennen en voldoende vinden. Het rapport bestaat uit drie delen. In de eerste twee delen worden de resultaten per doelgroep apart weergegeven. In het laatste deel worden de belangrijkste resultaten van de ondernemers en prestarters met elkaar vergeleken. Dit onderzoek naar de noden en behoeften van allochtone ondernemers en prestarters in Vlaanderen, zal door iedere partner gebruikt worden om het huidige aanbod inzake opleiding, begeleiding en informatie in hun respectievelijke provincie te evalueren en eventuele leemtes te detecteren. Iedere partner zal uiteindelijk een pilootproject lanceren in zijn provincie om een antwoord te bieden aan deze leemtes. 4
II. Noden en behoeften van allochtone prestarters in Vlaanderen Om de noden en behoeften van allochtone prestarters inzake opleiding, begeleiding en informatie in kaart te brengen, werd een vragenlijst ontwikkeld. Met deze vragenlijst werd ook onderzocht in welke mate de prestarters het bestaande aanbod kennen en voldoende vinden. In totaal werden 149 interviews afgenomen in de verschillende Vlaamse provincies. Alle gegevens werden verzameld aan de hand van persoonlijke gesprekken, hetzij telefonisch, hetzij face to face. Om de gegevensverwerking vlot te laten verlopen, werd voor de meeste vragen een multiple choice lijst opgemaakt, gebaseerd op de ervaring van de onderzoekspartner en hun inschatting van de mogelijke antwoorden. De respondenten kregen de mogelijkheden echter niet voorgelezen, zij droegen dus zelf de antwoorden aan. De enquêteur categoriseerde vervolgens het antwoord. Waar de lijst niet exhaustief bleek, werd het antwoord onder de lijst genoteerd Dit onderzoek geeft natuurlijk geen volledig beeld van de noden en behoeften van allochtone prestarters in Vlaanderen, maar met deze 149 prestarters werd toch al een mooie steekproef bereikt. In dit deel worden de resultaten van het onderzoek beschreven. 5
1. Profiel respondenten Op vraag van de respondenten is dit onderzoek volledig anoniem. Maar het is wel relevant om het profiel van de bevraagde prestarters te kennen. Zo wordt bias vlugger opgespoord en kunnen subgroepen vergeleken worden. 1.1. Provincie Het aantal bevraagde prestarters is relatief goed verdeeld over de verschillende provincies. Uit onderstaande tabel blijkt wel dat bijna een derde van de bevraagde prestarters uit Limburg afkomstig is, kort gevolgd door Antwerpen (26%). Het aantal respondenten in de overige provincies ligt iets lager. Bij de interpretatie van de resultaten moeten we dit zeker in het achterhoofd houden. Provincie Aantal West Vlaanderen 26 18% Oost Vlaanderen 17 11% Vlaams Brabant 23 15% Antwerpen 38 26% Limburg 45 30% Totaal 149 100% 1.2. Leeftijd Onderstaande tabel maakt duidelijk dat 69% van de respondenten zich in de leeftijdscategorie 25 45 jaar bevindt. Daarnaast werden ook, in mindere mate, prestarters bevraagd in de leeftijdscategorieën 18 25 jaar en 45+. Dat komt overeen met het profiel van de Vlaamse ondernemer; ook die is meestal tussen de 25 en de 45 jaar oud. De steekproef is dus meer dan waarschijnlijk representatief. Leeftijdscategorie < 18 0% 18 25 14% 25 45 69% 45+ 17% 1.3. Geslacht Het aantal mannelijke en vrouwelijke prestarters dat bevraagd werd, is vrijwel in evenwicht: respectievelijk 58% en 42%. Een opvallend resultaat, want bij de ondernemers is dat evenwicht er niet. Dat kan enerzijds aan de bevraging liggen (het netwerk van de organisaties is misschien hoofdzakelijk mannelijk). Anderzijds zien we ook bij Vlaamse ondernemers een ondervertegenwoordiging van vrouwen. We kunnen dus voorzichtig concluderen dat ook allochtone vrouwen minder snel hun ondernemersaspiraties, die er dus duidelijk wel zijn, daadwerkelijk realiseren. Geslacht Man 58% Vrouw 42% 6
1.4. Land van herkomst Het land van herkomst van de respondenten is zeer divers. In totaal werden 38 verschillende landen geïdentificeerd. Een groot deel van de prestarters hebben wel hun roots in Turkije (20%), Marokko (18%) en Rusland (12%). LAND LAND AFGHANISTAN 1% OEZBEKISTAN 1% ALGERIJE 3% OEKRAÏNE 1% ARMENIË 1% POLEN 1% BULGARIJE 3% PORTUGAL 2% CHINA 1% ROEMENIE 2% CONGO 1% RUSLAND 12% ECUADOR 1% SERVIE 3% EGYPTE 1% SPANJE 2% FILIPPIJNEN 2% SAUDI ARABIË 1% INDIA 1% SYRIË 1% IRAN 1% THAILAND 1% IRAK 1% TOGO 1% ISRAEL 1% TSJETSJENIË 1% JEMEN 1% TSJECHIË 1% KAMEROEN 1% TUNESIE 1% LIBERIA 1% TURKIJE 20% MAROKKO 18% U.S.A. 1% NEDERLAND 1% VERENIGD 1% KONINKRIJK NIGERIA 6% WIT RUSLAND 1% 1.5. Aantal jaren in België Uit onderstaande tabel blijkt dat slechts 18% van de bevraagde prestarters geboren is in België. Het merendeel van de respondenten (74%) woont tussen de 1 en 25 jaar in België. De partnerorganisaties hebben ook zeer weinig absolute nieuwkomers (0 tot 1 jaar in België) in hun netwerk. Zij worden dus (nog) niet bereikt. Waarschijnlijk is het voor inburgeraars op dat moment ook nog zeer vroeg om al de eerste stappen naar ondernemerschap te zetten. Hoe lang wonen de prestarters reeds in België? In België geboren 18% 0 1 jaar 2% 1 5 jaar 25% 5 10 jaar 21% 10 25 jaar 28% > 25 jaar 6% 7
1.6. Ondernemerservaring Uit het onderzoek blijkt dat een groot deel van de prestarters (42%) al ondernemerservaring heeft, voor een groot deel in hun land van herkomst. Hebben de prestarters reeds ondernemingservaring? Ja 42% Nee 58% 8
2. Info over de toekomstige zaak De prestarters werden ook bevraagd over de zaak die ze willen opstarten. Hiermee willen we een beter zicht krijgen op de sectoren, doelgroepen, waarop allochtone ondernemers mikken. Vaak leeft het clichébeeld van de Turkse pitabar of het Afrikaanse winkeltje dat zich enkel naar de eigen gemeenschap richt. Maar dat beeld lijkt al lang achterhaald. De respondenten hebben zeer diverse ambities. 2.1. Sector De bevraagde prestarters willen blijkbaar zeer diverse zaken opstarten. In het totaal werden 24 verschillende sectoren geïdentificeerd. Er is slechts één sector die beduidend beter scoort, namelijk de horeca (33%). Sector Horeca 33% Detailhandel 11% Kleding + schoenen 8% Bouw 7% Auto: verkoop, verhuur en herstellingen 5% Wellness en cosmetica 5% ICT 3% Import/export 3% Textiel en leder 3% Voeding en drank productie 3% Voeding en drank retail 3% Logistiek 2% Schilders 2% Advocaat 1% Astrologie 1% Callcenter 1% Carwash 1% Consultancy 1% Kapper 1% Kunst 1% Schoonmaak 1% Schrijnwerk 1% Taxi 1% Vertalingen 1% Geen antwoord 1% 2.2. Grootte bedrijf personeel Uit het onderzoek blijkt dat een groot deel van de prestarters een eerder bescheiden zaak wil oprichten, zonder de intentie deze later uit te breiden. Bijna de helft van de respondenten (47%) 9
geeft immers aan dat ze niet van plan zijn om met personeel te werken. De overige helft wil dit wel overwegen als de zaak goed draait. Bedrijf met personeel? Ja 45% Nee 47% Ik weet het niet 8% 2.3. Hoofdberoep of bijberoep De overgrote meerderheid (83%) van de respondenten is tevens van plan zijn zelfstandige activiteit in hoofdberoep uit te oefenen. Hoofdberoep of bijberoep Hoofdberoep 83% Bijberoep 16% Ik weet het niet 1% 2.4. Doelpubliek Aan de prestarters werd ook gevraagd welk publiek ze denken te bereiken met hun onderneming. Allochtone zaakvoerders hebben de reputatie zich vooral op de eigen gemeenschap te richten, maar dat blijkt niet te kloppen. Drie vierde van de respondenten (76%) antwoordt zowel Vlamingen als hun eigen gemeenschap te willen bereiken. 17% geeft aan zich voornamelijk te willen focussen op autochtone, Vlaamse klanten. Slechts 7% antwoordt dat ze zich voornamelijk zullen richten op hun eigen gemeenschap. Als we dit vergelijken met de antwoorden van de ondernemers verdubbelt dit percentage bijna. 13% van de bevraagde ondernemers bereikt voornamelijk klanten uit de eigen gemeenschap. Doelpubliek Voornamelijk eigen gemeenschap 7% Voornamelijk Vlamingen 17% Beide 76% 2.5. Opstarttermijn Meer dan 40% van de bevraagde prestarters wil zijn zaak op zeer korte termijn opstarten. 27% heeft de intentie dit slechts op langere termijn te doen. Bij 23% van de respondenten hangt de opstart dan weer af van een bepaalde voorwaarde, zoals een locatie vinden, een lening kunnen aangaan, het attest bedrijfsbeheer halen,. Binnen welke termijn willen we de prestarters hun zaak opstarten? < 1 jaar 41% > 1 jaar 27% Ik weet het niet 9% Hangt af van een bepaalde voorwaarde 23% 10
3. De opstart Tijdens dit onderzoek werden de prestarters ook in detail bevraagd over de toekomstige opstart van hun zaak. Welke problemen verwachten ze, wat zijn hun drijfveren en hebben ze begeleiding nodig? Met deze antwoorden kan er een efficiënter begeleidingsaanbod worden uitgewerkt. 3.1. Motivatie voor opstart zaak Er werd gepolst naar de motivatie van de prestarters om een eigen zaak op te starten. Onderstaande tabel toont aan dat de redenen om met een eigen zaak te beginnen zeer divers zijn. Bijna de helft van de respondenten (48%) geeft wel aan dat ze een zaak opstarten om een eigen job te kunnen creëren. Waarom willen prestarters een zaak opstarten? Eigen job willen creëren 48% Vrijheid, flexibiliteit, onafhankelijkheid 37% Winst van eigen werk kunnen genieten 22% Ervaring in de sector als werknemer 19% Ontsnappen uit de werkloosheid 18% Logische stap na bepaalde opleiding/ervaring 17% Zelfontwikkeling 16% Bepaalde opportuniteit gezien in de sector 11% Nood aan extra inkomen 10% Discriminatie op de arbeidsmarkt 8% Ondernemers in de familie 7% Avontuur, het eens willen proberen 5% Tekort aan scholing 4% Ik weet het niet 1% De gegevens in bovenstaande tabel zijn de meest voorkomende antwoorden. Hieronder worden ook nog een aantal antwoorden opgesomd die slechts één of enkele keren werden gegeven. Ervaring delen met de gemeenschap Bijdragen aan de Belgische economie Samenwerken met de rest van de familie Eigen baas zijn Betere work life balans Grote ambitie Voorbeeld zijn voor de kinderen Handicap/gezondheidsproblemen Altijd gedroomd van eigen zaak Commercieel talent Het valt op dat de meeste respondenten positief gemotiveerd zijn. Pullfactoren zoals een eigen job willen creëren, flexibiliteit, ervaring in de sector, spelen een grotere rol dan pushfactoren zoals vluchten uit de werkloosheid. Een positieve motivatie zorgt over het algemeen voor meer slaagkansen op termijn. 11
3.2. Verwachte problemen bij opstart De prestarters werden ook bevraagd over de problemen die ze verwachten bij de opstart van hun zaak. 43% van de prestarters verwacht financieringsproblemen. Bijna een vierde van de respondenten (24%) vreest ook een tekort aan klanten. Opvallend is ook dat 17% van de toekomstige ondernemers problemen verwacht door een gebrekkige kennis van het Nederlands. Daarnaast zijn er nog een aantal struikelblokken die regelmatig terugkeren: problemen met administratie/boekhouding (15%), geen netwerk (14%), geen of slechte locatie (13%). Bij het ontwerpen van mogelijke begeleidingsprojecten is deze informatie niet onbelangrijk. Het geeft aan waar de prestarters zelf de knelpunten inschatten. Welke problemen verwachten prestarters bij de opstart? Financieringsproblemen 43% Tekort aan klanten 24% Taalproblemen 17% Problemen met administratie/boekhouding 15% Geen netwerk 14% Geen of slechte locatie 13% Geen 11% Belastingen 9% Geen attest bedrijfsbeheer 7% Moeite om vergunningen te bekomen 7% Problemen met opstartformaliteiten 6% Negatieve impact op sociaal leven 6% Ik voel me niet klaar om een zaak op te starten 3% Aflossing van schulden 3% Geen geschikt personeel 3% Te hoge privé uitgaven 2% Onvoldoende steun en begrip van het thuisfront 2% Slechte voorbereiding 1% Tegenvallende verkoop 1% Slecht voorraadbeheer 1% Wanbetalers 1% Problemen met zakenpartner(s) 1% Hieronder worden nog een aantal antwoorden opgesomd, die aanvullend werden gegeven door de bevraagde prestarters. Leeftijd Nog geen verblijfsvergunning Geen ervaring Geen auto Bereiken van autochtone klanten Economische crisis Politieke instabiliteit 12
Geen zekerheid Wetgeving Te weinig kennis van internetmarketing Inschatten kosten en inkomsten Moeilijke combinatie werk gezin Veel concurrentie Groot risico Racisme 3.3. Business plan Bijna alle bevraagde prestarters (91%) zijn van plan de opstart van hun zaak degelijk voor te bereiden aan de hand van een business plan. Slechts 5% weet niet wat een business plan is. De bevraging bij de ondernemers leert dat uiteindelijk slechts 34% van de opgestarte zaakvoerders effectief een business plan opstelt. Stellen prestarters een business plan op? Ja 91% Nee 4% Ik weet niet wat een business plan is 5% 3.4. Noden bij opstart De toekomstige ondernemers konden tijdens het interview aangeven waar ze denken nood aan te zullen hebben bij de opstart van hun zaak. Bijna de helft van respondenten (49%) gaf aan voornamelijk nood te zullen hebben aan financiële middelen. De vraag naar informatie (28%), advies (24%), begeleiding (28%) en vooral opleiding (18%) is lager. Waar hebben prestarters nood aan bij hun opstart? Financiële middelen 49% Begeleiding 28% Informatie 28% Advies 24% Opleiding 18% Locatie 9% Een breder netwerk (klanten, leveranciers,...) 6% Ik weet het niet 6% 13
4. Opleiding In dit hoofdstuk wordt nagegaan in welke mate prestarters opleidingen volgen ter voorbereiding van de opstart van hun zaak, maar ook of ze het huidige opleidingsaanbod voor ondernemers kennen en voldoende vinden. 4.1. Scholingsgraad prestarters De scholingsgraad van de bevraagde prestarters is zeer verschillend. Zowel niet geschoolden als universitairen hebben meegewerkt aan dit onderzoek. Opvallend is wel dat ongeveer één op de vijf prestarters (21%) geen diploma secundair onderwijs heeft. Wat is de scholingsgraad van de prestarters? Geen diploma 7% Diploma lager onderwijs 14% Diploma secundair onderwijs ASO 21% Diploma secundair onderwijs TSO 16% Diploma secundair onderwijs BSO 13% Diploma secundair onderwijs KSO 2% 4.2. Attest bedrijfsbeheer Bachelor 17% Master 10% Een vierde van de respondenten (26%) heeft reeds een attest bedrijfsbeheer en kan dus in principe onmiddellijk een zaak opstarten. Meer dan de helft van de bevraagde prestarters (53%) is momenteel een opleiding bedrijfsbeheer aan het volgen en heeft dus een duidelijke ambitie om op korte termijn ondernemer te worden. Slechts een kleine minderheid (13%) heeft geen attest en is ook niet van plan deze op korte termijn te behalen. Hun ondernemersambitie is dus eerder op lange termijn. Hebben de prestarters een attest bedrijfsbeheer? Ja 26% Nee 13% Nee, maar ik wil op korte termijn een attest bedrijfsbeheer behalen 8% Momenteel een opleiding bedrijfsbeheer aan het volgen 53% 4.3. Welke opleidingen volgen prestarters? Het valt op dat de toekomstige ondernemers, naast de beroepsopleidingen (26%) en taalopleidingen (28%), nog maar weinig extra opleidingen hebben gevolgd om zich voor te bereiden op de opstart van hun zaak. 40% van de bevraagde prestarters geeft zelfs aan nog geen enkele opleiding te hebben gevolgd. 14
Opleidingen Geen 40% Taalopleiding 28% Beroepsopleiding 26% Opleiding marketing 7% Managementopleiding 4% Opleiding ICT 4% Financiële opleiding 2% Juridische en fiscale opleiding 1% Naast de antwoorden in bovenstaande tabel, somden de prestarters nog enkele andere opleidingen op die ze reeds gevolgd hebben: commerciële opleiding, opleiding logistiek, traject bij activiteitencoöperatie, sectorgerelateerde opleidingen, NFTE cursus. 4.4. Waarom volgen prestarters geen opleidingen? Zoals hierboven vermeld, heeft 40% van de bevraagde prestarters nog geen opleidingen gevolgd. Aan deze toekomstige ondernemers werd gevraagd wat de redenen hiervoor zijn. Het meest aangehaalde argument is: Ik heb geen tijd (31% van de respondenten). Een op de vijf respondenten zegt geen behoefte te hebben aan opleidingen en 15% geeft aan dat ze geen interesse hebben. Slechts een kleine minderheid vindt de opleidingen te duur (9%), weet niet waar men opleidingen kan volgen (5%), of heeft onvoldoende kennis van het Nederlands (14%) Andere redenen, die niet vermeld worden in onderstaande tabel, zijn: gezondheidsproblemen, voldoende bagage door schoolopleidingen, familie heeft voldoende ervaring en kennis, opleiding niet nodig voor bijberoep, ik kan mijn opleidingsnood niet inschatten, ik heb reeds voldoende ervaring. Waarom volgen prestarters geen opleidingen? Ik heb geen tijd 31% Geen behoefte aan een opleiding 20% Geen interesse 15% Ik weet het niet 15% Kennis Nederlands is onvoldoende 14% Te duur 9% Ik weet niet waar ik een opleiding kan volgen 5% 4.5. Nood aan opleidingen bij prestarters Iets meer dan de helft (52%) van de bevraagde prestarters antwoordt ja op de vraag of ze in de toekomst nog andere opleidingen willen volgen. Langs de andere kant antwoordt wel bijna 38% negatief op deze vraag. Bij de ondernemers loopt dit percentage zelfs op tot 51%. Willen prestarters in de toekomst nog andere opleidingen volgen? Ja 52% 15
Nee 38% Ik weet het niet 10% Hierboven werd reeds vermeld dat 52% van de bevraagde prestarters in de toekomst nog opleidingen wil volgen. Uit onderstaande tabel blijkt dat deze toekomstige ondernemers, naast de beroepsopleidingen (33%), maar weinig interesse hebben in klassieke business opleidingen, zoals: financiële opleidingen (14%), managementopleidingen (5%), opleiding ICT (8%) of een opleiding marketing (10%). 16% van de respondenten geeft ook nog aan dat ze in de toekomst extra taalopleidingen zullen nodig hebben om hun zaak te kunnen runnen. Welke opleidingen willen prestarters nog volgen? Beroepsopleiding 33% Ik weet het niet 19% Taalopleiding 16% Financiële opleiding 14% Opleiding marketing 10% Opleiding ICT 8% Managementopleiding 5% Andere opleidingen die de prestarters in de toekomst nog willen volgen zijn: Opleiding voorraadbeheer Opleiding personeelsbeheer Opleiding bij activiteitencoöperatie Opleiding bedrijfsadministratie Opleiding import/export Stage bij andere bedrijven Managementopleiding Sectorgerelateerde opleidingen 4.6. Weten prestarters waar ze terecht kunnen voor opleidingen? 76% van de bevraagde prestarters zegt te weten waar ze opleidingen kunnen volgen. Toch blijft het voor 24% van de prestarters onduidelijk wat het opleidingsaanbod is en waar ze terecht kunnen. Hier is duidelijk nog een leemte in te vullen voor opleidingsverstrekkers. Weten prestarters waar ze opleidingen kunnen volgen? Ja 76% Nee 24% 4.7. Evaluatie opleidingsaanbod voor prestarters Net iets meer dan de helft van de prestarters (54%) vindt dat er voldoende opleidingen zijn voor startende ondernemers. Slechts 10% antwoordt uitdrukkelijk nee op deze vraag. 16
Het is opvallend dat meer dan een derde van de prestarters (36%) niet weet of er voldoende opleidingen zijn voor ondernemers. Voor hen is het aanbod dus onbekend. Zijn er voldoende opleidingen? Ja 54% Nee 10% Ik weet het niet 36% Aan de prestarters, die verklaren dat er onvoldoende opleidingen zijn voor startende ondernemers, werd gevraagd welke opleidingen volgens hen dan nog ontbreken. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Er zouden meer cursussen met taalondersteuning moeten komen. Het gedeelte 'boekhouden' in de cursus bedrijfsbeheer mag uitgebreider. Meer specifieke opleidingen rond bv. import export, administratie,.... Het aanbod is niet voldoende omdat ik in de praktijk met andere problemen geconfronteerd word. Ondernemerschap voor ingenieurs. Opleiding over de zoektocht naar financiële middelen. Er moeten meer opleidingen zijn over actuele topics en trends. 17
5. Begeleiding In dit hoofdstuk wordt onderzocht in welke mate (en vooral voor welke problemen) de toekomstige ondernemers hulp nodig hebben bij de opstart van hun zaak. Daarnaast wordt het huidige begeleidingsaanbod ook geëvalueerd door de prestarters. 5.1. Nood aan begeleiding bij prestarters Uit dit onderzoek blijkt dat de overgrote meerderheid van de prestarters (95%) behoefte heeft aan begeleiding bij de opstart van hun zaak. Slechts 5% zegt immers expliciet geen begeleiding nodig te hebben. Dit contrasteert met de antwoorden uit hoofdstuk 3.4. Daar gaf amper 28% van de prestarters begeleiding aan als een nood bij de opstart. Pas als er expliciet gevraagd wordt waarbij ze hulp kunnen gebruiken, komen de prestarters met begeleidingsvragen. Spontaan komt de vraag naar begeleiding veel minder sterk naar voor. De toekomstige ondernemers kunnen vooral hulp gebruiken bij de zoektocht naar financiële middelen (36%), de boekhouding (33%), het opstellen van een business plan (31%), de administratieve verplichtingen bij de opstart (29%) en administratie (24%). Het onderzoek bij de ondernemers levert totaal andere resultaten op. Slechts 49% van de ondernemers doet uiteindelijk beroep op organisaties of derden bij de opstart van hun bedrijf. Bij welke problemen hebben prestarters nood aan begeleiding? Zoeken naar financiële middelen 36% Boekhouding 33% Opstellen business plan 31% Administratieve verplichtingen bij opstarten zaak 29% Administratie 24% Opbouwen netwerk (klanten, leveranciers,...) 16% Zoeken naar locatie 11% Bekomen vergunningen 11% Aanvragen subsidies 11% Voorraadbeheer 7% Ik weet het niet 7% Ik heb geen begeleiding nodig 5% Zoeken naar personeel 3% Hieronder andere antwoorden die werden gegeven door de prestarters: Vinden van geschikte producten Begeleiding bij overname Vakkennis Kostenbeheer Communicatie Marketing Nood aan mentor 18
Advies bij het maken van keuzes Internetmarketing Inrichting zaak 5.2. Weten prestarters waar ze terecht kunnen voor begeleiding? 68% van de bevraagde prestarters zegt te weten waar ze terecht kunnen voor begeleiding bij de opstart van een zaak. Toch blijft het voor bijna een derde van de prestarters (32%) onduidelijk wat het begeleidingsaanbod is en waar ze terecht kunnen met bepaalde vragen. Het is duidelijk dat begeleidingsverstrekkers zich nog beter kunnen profileren bij deze groep. Weten prestarters waar ze terecht kunnen voor begeleiding? Ja 68% Nee 32% 5.3. Evaluatie begeleidingsaanbod voor prestarters Bijna de helft van de bevraagde prestarters (49%) vindt dat er voldoende begeleiding is voor startende ondernemers. Slechts 11% antwoordt uitdrukkelijk nee op deze vraag. 40% weet niet of er voldoende begeleiding is. Voor hen is het aanbod dus nog onbekend. Is er voldoende begeleiding voor prestarters? Ja 49% Nee 11% Ik weet het niet 40% Aan de prestarters die verklaren dat er onvoldoende begeleiding is voor startende ondernemers, werd gevraagd welke begeleiding volgens hen dan nog ontbreekt. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Hulp wordt niet proactief aangeboden. Er is meer en betere begeleiding nodig bij alle aspecten van de opstart en vooral bij het zoeken naar kapitaal. De taal is soms een drempel bij het zoeken naar hulp. Meer duidelijkheid over vergunningen. Een duidelijk stappenplan om een zaak op te starten. Hulp is niet altijd kwalitatief. Starters moeten duidelijker geïnformeerd worden. Er is geen goede doorverwijzing. Er is meer hulp nodig bij alle opstartformaliteiten. Het moet duidelijk zijn waar je terecht kan met bepaalde problemen. 19
6. Financiën Net als bij autochtone starters is ook bij allochtonen de financiële kant van een zaak vaak de grootste zorg. Daarom werden de prestarters bevraagd over het financiële aspect van de opstart van een zaak: hoe gaan de prestarters hun zaak financieel voorbereiden, gaan ze hulp zoeken bij het beheer van de financiën of zullen ze dit volledig zelf doen, hebben ze nog een financiële opleiding nodig,. Van allochtone ondernemers leeft het beeld dat zij in grote mate afhankelijk zijn van hun boekhouder. Ook zouden zij veel meer informeel lenen dan bij de bank. Met deze vragen willen we toetsen of ook onze respondenten in dat plaatje passen. 6.1. Beheer financiën Meer dan de helft van de prestarters (56%) denkt de financiële kant van zijn zaak zelf te kunnen beheren. De overige 36% laat dit liever aan zakenpartners of, vooral, de boekhouder over. Als we dezelfde vraag aan ondernemers stellen, blijkt nog slechts 17% de financiële kant van zijn zaak zelf te beheren. Zullen de prestarters hun financiën zelf beheren? Ja 56% Nee 36% Ik weet het niet 8% Alhoewel 56% van de bevraagde prestarters de financiën zelf zal beheren, gaat meer dan 80% van de respondenten toch nog extra hulp zoeken. Ter vergelijking: slechts 22% van de ondernemers zegt extra hulp nodig te hebben bij het beheer van de financiën. Hebben de prestarters hulp nodig bij beheer financiën? Ja 82% Nee 11% Ik weet het niet 7% Uit onderstaande cijfers blijkt dat het merendeel van de prestarters (83%) beroep zal doen op een boekhouder voor het beheer van de financiën. Daarnaast wordt ook, in veel mindere mate, beroep gedaan op advocaten, vrienden, familie,. Wie helpt de prestarters bij het beheer van hun financiën? Boekhouder 83% Familie 13% Advocaat 7% Vrienden 7% Collega ondernemers 4% Overheid 4% Ik weet het niet 4% Werkgeversorganisaties 2% 20
Andere antwoorden, die niet in bovenstaande tabel voorkomen, zijn: Zakenpartner Vennoot Activiteitencoöperatie Opleidingsinstellingen Bank 6.2. Financieel plan Uit dit onderzoek blijkt dat het overgrote merendeel van de prestarters (87%) een financieel plan zal opstellen ter voorbereiding van de zaak. Stellen prestarters een financieel plan op? 6.3. Financiële opleidingen Ja 87% Nee 6% Ik weet het niet 7% Meer dan de helft van de toekomstige ondernemers (51%) zegt nood te hebben aan een financiële opleiding. Dit contrasteert met de antwoorden uit hoofdstuk 4.5. Daar gaf amper 14% van de prestarters financiële opleiding als antwoord op de vraag welke opleidingen ze nodig hebben bij de opstart van een zaak. Hieruit blijkt dat de opleidingsbehoefte van de prestarters groter is dan ze in eerste instantie zelf denken. Hebben prestarters nood aan financiële opleidingen? 6.4. Opstartkapitaal Ja 51% Nee 43% Ik weet het niet 6% Er werd ook onderzocht waar de prestarters het nodige kapitaal willen halen voor de opstart van hun zaak. De meeste respondenten (64%) zullen privé kapitaal aanwenden, 61% zal trachten een lening te vinden (uiteindelijk krijgt 50% van de ondernemers een lening), 24 % zal beroep doen op familie en/of vrienden. Slechts 5% weet nog niet waar ze het kapitaal vandaan zullen halen. Andere antwoorden, die niet voorkomen in onderstaande tabel, zijn: vennoot, overheid, participatiefonds, starterslening. Waar halen prestarters hun startkapitaal? Privé kapitaal 64% Lening 61% Familie 21% Ik weet het niet 5% Vrienden 3% De respondenten konden meerdere antwoorden geven, waardoor het totaal meer dan 100% kan zijn 21
6.5. Subsidiekanalen Onderstaande tabel toont aan dat de meerderheid van de bevraagde prestarters (59%) geen subsidiekanalen of ondersteunende maatregelen voor kapitaal kent. Het is verrassend dat dit resultaat bij de ondernemers amper beter is. Daar kent slechts 45% subsidiekanalen of andere ondersteunende maatregelen. Kennen prestarters de subsidiekanalen? Ja 41% Nee 59% Aangezien slechts 41% van de respondenten subsidiekanalen of ondersteunende maatregelen kent, is het logisch dat slechts een minderheid antwoordt dat ze hiervan gebruik zal maken. 34% van de prestarters antwoordt ja en 48% misschien. Slechts 18% zegt nooit gebruik te zullen maken van subsidiekanalen of ondersteunende maatregelen. Het meest voorkomende argument hierbij is dat de subsidieaanvragen te complex zijn en te veel tijd in beslag nemen. Veel zaken komen ook simpelweg niet in aanmerking voor een participatielening. Gebruiken prestarters de subsidiekanalen? Ja 34% Nee 18% Misschien 48% 22
7. Netwerk en informatie In dit hoofdstuk wordt onderzocht hoe breed het formeel en informeel netwerk van prestarters is. Op wie kunnen de toekomstige ondernemers beroep doen bij de opstart van hun zaak? Daarnaast wordt ook nagegaan waar de prestarters hun informatie vandaan halen en in welke mate ze die informatie voldoende vinden om hun zaak te kunnen opstarten. 7.1. Wie helpt prestarters bij de opstart van een zaak? Onderstaande tabel toont dat de prestarters beroep kunnen doen op veel verschillende formele (boekhouder, collega ondernemers) en informele (familie, vrienden) contacten. Slechts weinig respondenten doen echter beroep op werkgeversorganisaties (7%) en de overheid (6%). 10% zegt dan weer op niemand beroep te doen bij de opstart van zijn/haar zaak. Wie helpt bij de opstart? Familie 38% Vrienden 23% Boekhouder 22% Collega ondernemers 22% Niemand 10% Werkgeversorganisaties 7% Ik weet het niet 7% Overheid 6% Advocaat 1% Andere antwoorden, die niet voorkomen in bovenstaande lijst, zijn: Docenten Leveranciers Vennoot/zakenpartner Stebo Gemeenschap NFTE Activiteitencoöperaties Kanaal 127 Echtgenoot Agentschap Ondernemen 7.2. Waar halen prestarters Informatie over het opstarten van een zaak? Uit het onderzoek blijkt dat prestarters veel verschillende kanalen gebruiken om informatie op te zoeken over het opstarten van een zaak. De meeste voorkomende kanalen zijn: internet (42%), boekhouder (28%), collega ondernemers (24%) en vrienden (21%). 10% van de respondenten zegt nergens informatie te zoeken over het opstarten van een zaak. Waar halen prestarters informatie? Internet 42% 23
Boekhouder 28% Collega ondernemers 24% Vrienden 21% Familie 15% Werkgeversorganisaties 13% Nergens 10% Overheid 8% Vakbladen 6% Advocaat 1% Andere antwoorden, die niet voorkomen in bovenstaande lijst, zijn: Docenten Vennoot/zakenpartner Stebo VDAB Sociaal assistent Gemeenschap Unizo Voka Activiteitencoöperatie Gusto Agentschap Ondernemen Bank NFTE Syntra 7.3. Evaluatie van de informatie over het opstarten van een zaak Een kleine meerderheid (54%) van de toekomstige ondernemers vindt dat er voldoende informatie beschikbaar is over het opstarten van een zaak, tegenover 21% die uitdrukkelijk zegt dat er onvoldoende informatie is. Een vierde van de respondenten spreekt zich hier niet over uit en antwoordt ik weet het niet. Voor hen is het aanbod dus nog onbekend. Is er voldoende informatie? Ja 54% Nee 21% Ik weet het niet 25% Aan de prestarters, die verklaren dat er onvoldoende informatie is voor startende ondernemers, werd gevraagd welke informatie volgens hen dan nog ontbreekt. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Meer en duidelijkere informatie over belastingen. Concretere en duidelijkere informatie voor starters. De informatie is teveel verspreid en moeilijk terug te vinden. Het taalgebruik is dikwijls te moeilijk. 24
Nood aan vertaalde informatie. Informatie over de verschillende soorten ondernemingsvormen, de eerste stappen die ondernemers moet nemen bij de opstart van een zaak en welke financiële hulp er bestaat voor starters. Er is weinig informatie over startersvoorwaarden en formaliteiten. Er is een barrière om informatie te vragen, zeker bij prestarters met een taalachterstand. Informatie over het gebruik van internet. Duidelijk overzicht bij wie ondernemers terecht kunnen voor welbepaalde problemen. Lijst met subsidies en andere vormen van ondersteuning voor starters. Lijst van organisaties die bepaalde projecten financieel ondersteunen. Er is een overvloed aan algemene info, maar geen informatie op maat. Informatie over importeren en exporteren. 25
8. Andere problemen 8.1. Welke andere problemen verwachten prestarters bij het opstarten van een zaak? Ter afronding van het interview werd aan de toekomstige ondernemers gevraagd of er nog andere zaken zijn die hen afschrikken om een zaak op te starten. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Administratie, belastingen. Vragen van klanten niet kunnen beantwoorden. Geen personeel. Geen politieke stabiliteit. Geen ondersteuning van overheid na faillissement. Economische crisis. Faillissement. Nog geen opleiding begonnen. Groei van de zaak. Onvoldoende kapitaal. Heb reeds een zaak opgestart maar heb die moeten sluiten. Grote concurrentie. Schrik om de wet te overtreden, bij gebrek aan kennis. Investeringsrisico. Invorderen van erelonen is moeilijk binnen de Turkse gemeenschap, er wordt verwacht dat advocaten de gemeenschap gratis helpen. Juridische en boekhoudkundige aspecten. Kostprijszetting. Onvoldoende klanten. Onvoldoende ervaring. Taalproblemen. Tekort aan informatie. Zoektocht naar een geschikte locatie. Zoektocht naar financiële middelen en beheer financiën. 8.2. Weten prestarters waar ze hulp kunnen vragen voor deze problemen? Als we de prestarters vragen of ze weten waar ze terecht kunnen met bovenstaande problemen, antwoordt slechts een kleine meerderheid (55%) positief. Een goede doorverwijzing dringt zich hier duidelijk op. Weten prestarters waar ze terecht kunnen met hun problemen? Ja 55% Nee 45% 8.3. Hebben prestarters al hulp gevraagd voor deze problemen? Slechts een minderheid van de prestarters (44%) blijkt reeds hulp te hebben gezocht bij de problemen die ze ondervinden. De nood aan begeleiding of duidelijkere informatie laat zich dus voelen. 26
Hebben prestarters al hulp gevraagd? Ja 44% Nee 56% 8.4. Verwachten prestarters problemen door hun origine? Uit dit onderzoek blijkt dat slechts 24% van de bevraagde prestarters problemen verwacht door zijn origine. Uit het onderzoek van de ondernemers blijkt dat de ondernemers in de realiteit toch meer problemen ondervinden door hun origine. Maar liefst 42% antwoordt positief op deze vraag. Problemen door origine? Ja 24% Nee 69% Ik weet het niet 7% Hieronder worden enkele specifieke problemen opgesomd die prestarters verwachten door hun origine: De wetgeving in België is anders dan in mijn land van herkomst. Problemen bij de introductie bij Vlaamse ondernemers en bij klantenwerving. In orde brengen van papieren, vergunningen. Taalproblemen, contacten vinden in de Vlaamse gemeenschap. Racisme bij overheden en andere organisaties. Problemen bij het vinden van kapitaal. Het imago van mijn land is in Westerse landen heel slecht. 27
III. Noden en behoeften van allochtone ondernemers in Vlaanderen Net als bij de prestarters werd een vragenlijst ontwikkeld om de noden en behoeften van allochtone ondernemers inzake opleiding, begeleiding en informatie in kaart te brengen. Met deze vragenlijst werd ook onderzocht in welke mate ondernemers het bestaande aanbod kennen en voldoende vinden. In totaal werden 148 interviews afgenomen in de verschillende Vlaamse provincies. Alle gegevens werden verzameld aan de hand van persoonlijke gesprekken, hetzij telefonisch, hetzij face to face. Om de gegevensverwerking vlot te laten verlopen, werd voor de meeste vragen een multiple choice lijst opgemaakt, gebaseerd op de ervaring van de onderzoekspartner en hun inschatting van de mogelijke antwoorden. De respondenten kregen de mogelijkheden echter niet voorgelezen, zij droegen dus zelf de antwoorden aan. De enquêteur categoriseerde vervolgens het antwoord. Waar de lijst niet exhaustief bleek, werd het antwoord onder de lijst genoteerd Dit onderzoek geeft natuurlijk geen volledig beeld van de noden en behoeften van allochtone ondernemers in Vlaanderen, maar met deze 148 ondernemers werd toch al een mooie steekproef bereikt. In dit deel worden de resultaten van het onderzoek beschreven. 28
1. Profiel respondenten Op vraag van de respondenten is dit onderzoek volledig anoniem. Maar het is wel relevant om het profiel van de bevraagde prestarters te kennen. Zo wordt bias vlugger opgespoord en kunnen subgroepen vergeleken worden. 1.1. Provincie In het totaal werden 148 allochtone ondernemers bevraagd in de vijf Vlaamse provincies. Bijna de helft van de respondenten (47%) is afkomstig uit Oost Vlaanderen. Het aantal respondenten in de overige provincies ligt lager. Bij de interpretatie van de resultaten moeten we dit zeker in het achterhoofd houden. Provincie Aantal West Vlaanderen 25 17% Oost Vlaanderen 71 47% Vlaams Brabant 10 7% Antwerpen 23 16% Limburg 19 13% Totaal 148 100% 1.2. Leeftijd Onderstaande tabel toont dat 85% van de respondenten zich in de leeftijdscategorie 25 45 jaar bevindt. Daarnaast werden ook, in mindere mate, prestarters bevraagd in de leeftijdscategorieën 18 25 jaar en 45+. Dat komt overeen met het profiel van de Vlaamse ondernemer; ook die is meestal tussen de 25 en de 45 jaar oud. De steekproef is dus meer dan waarschijnlijk representatief. Leeftijdscategorie < 18 0% 18 25 5% 25 45 85% 45+ 10% 1.3. Geslacht Uit onderstaande tabel blijkt dat veel meer mannen werden bevraagd dan vrouwen, respectievelijk 83% tegenover 17%. Een opvallend resultaat, want bij de prestarters was de verhouding meer in evenwicht. Dat kan enerzijds aan de bevraging liggen (het netwerk van de organisaties is misschien hoofdzakelijk mannelijk). Anderzijds zien we ook bij Vlaamse ondernemers een ondervertegenwoordiging van vrouwen. We kunnen dus voorzichtig concluderen dat ook allochtone vrouwen minder snel hun ondernemersaspiraties, die er dus duidelijk wel zijn, daadwerkelijk realiseren. Geslacht Man 83% Vrouw 17% 29
1.4. Land van herkomst Het land van herkomst van de respondenten is divers. In totaal werden 17 verschillende landen geïdentificeerd. Opmerkelijk is wel dat bij 74% van de bevraagde ondernemers de roots in Turkije liggen. LAND ALGERIJE 1% CONGO 1% FRANKRIJK 1% IRAN 1% ITALIË 1% LITOUWEN 1% MACEDONIE 1% MAROKKO 9% OEKRAÏNE 1% PAKISTAN 1% POLEN 2% RUSLAND 2% RWANDA 1% SIBERIË 1% SYRIË 1% TUNESIE 1% TURKIJE 74% 1.5. Aantal jaren in België Uit onderstaande tabel blijkt dat 32% van de bevraagde ondernemers geboren is in België. Meer dan de helft van de respondenten (53%) woont reeds langer dan 10 jaar in België. De partnerorganisaties hebben ook zeer weinig absolute nieuwkomers (0 tot 1 jaar in België) in hun netwerk. Zij worden dus (nog) niet bereikt. Waarschijnlijk is het voor inburgeraars op dat moment ook nog zeer vroeg om al de eerste stappen naar ondernemerschap te zetten. Aantal jaren in België In België geboren 32% 0 1 jaar 1% 1 5 jaar 4% 5 10 jaar 10% 10 25 jaar 26% > 25 jaar 27% 1.6. Ondernemerservaring Een meerderheid van de ondernemers (56%) heeft reeds één of meerdere bedrijven gehad voor de opstart van hun huidige zaak. 30
Hadden de ondernemers al ondernemerservaring voor de opstart hun huidige zaak? Ja 56% Nee 44% 31
2. Details bedrijf De ondernemers werden ook in detail bevraagd over hun zaak. Hiermee willen we een beter zicht krijgen op de sectoren, doelgroepen waarop allochtone ondernemers mikken. Vaak leeft het clichébeeld van de Turkse pitabar of het Afrikaanse winkeltje dat zich enkel naar de eigen gemeenschap richt. Maar dat beeld lijkt al lang achterhaald. De respondenten zijn actief in diverse sectoren. 2.1. Sector De activiteiten van de bevraagde ondernemers zijn zeer divers. In het totaal werden 29 verschillende sectoren geïdentificeerd. Alhoewel het percentage hier een stuk lager ligt dan bij de prestarters is de horeca ook wel de populairste sector bij allochtone ondernemers. Sector Horeca 16% Bouw 12% Voeding en drank retail 7% Auto: verkoop, verhuur en herstellingen 6% Binnenhuisdecoratie 6% Detailhandel 6% Grond en kabelwerken 6% Voeding en drank productie en groothandel 4% Elektronica 3% Fotografie en grafische vormgeving 3% ICT 3% Schoonmaak 3% Textiel en leder 3% Toerisme 3% Vertalingen 3% Accountancy 2% Transport (goederen en personen) 2% Bakker 1% Carwash 1% Consultancy 1% Immobiliën 1% Import/export 1% Juwelen 1% Kapper 1% Kinderopvang 1% Kleding + schoenen 1% Krediet en verzekeringen 1% Videotheek 1% Wellness en cosmetica 1% 32
2.2. Grootte bedrijf personeel Tijdens dit onderzoek werden zowel zelfstandigen als ondernemers met meer dan 100 werknemers bevraagd. Het grootste deel van de zaakvoerders (72%) heeft wel relatief kleine bedrijven met minder dan 5 werknemers. Aantal personeelsleden 0 37% 1 5 35% 5 10 13% 10 25 9% 25 50 1% 50 75 3% 75 100 1% 100+ 1% 2.3. Wie helpt nog mee in de zaak? Uit onderstaande tabel blijkt dat meer dan 50% van de bevraagde ondernemers kan rekenen op hulp van familie of vrienden. Wie helpt nog mee in de zaak? Niemand 49% Echtgenoot 23% Ouders 11% Broer/zus 14% Kinderen 11% Vrienden 8% 2.4. Zijn de ondernemers alleen eigenaar van hun zaak? Het merendeel (71%) van de bevraagde ondernemers is alleen eigenaar van de zaak. Zijn de ondernemers alleen eigenaar van hun zaak? Ja 71% Nee 29% 2.5. Leeftijd bedrijf De leeftijd van de betrokken ondernemingen is zeer divers. Er werden zowel starters als bedrijven ouder dan 20 jaar bereikt. Enkel het aandeel van de laatste groep is eerder beperkt (4%). Leeftijdscategorie 0 1 jaar 17% 33
1 5 jaar 32% 5 10 jaar 28% 10 20 jaar 19% > 20 jaar 4% 2.6. Doelpubliek Aan de ondernemers werd gevraagd welk publiek ze bereiken met hun bedrijf. Allochtone zaakvoerders hebben soms de reputatie zich vooral op de eigen gemeenschap te richten, maar dat blijkt niet te kloppen. Meer dan de helft van de respondenten (56%) antwoordt zowel Vlamingen als de eigen gemeenschap te bereiken. 31% geeft aan dat ze zich voornamelijk focussen op autochtone Vlaamse klanten. 13% antwoordt dat ze zich voornamelijk richten op hun eigen gemeenschap. Bij de prestarters was dit percentage nog lager, slechts 7% van de toekomstige ondernemers is van plan zich te richten op de eigen gemeenschap. Doelpubliek Voornamelijk eigen gemeenschap 13% Voornamelijk Vlamingen 31% Beide 56% 34
3. De opstart Tijdens dit onderzoek werden ook de ondernemers in detail bevraagd over de opstart van hun zaak. Waarom zijn ze met een eigen zaak begonnen, hoe hebben ze de opstart voorbereid, welke problemen ondervonden ze en hebben ze hiervoor beroep gedaan op derden? 3.1. Motivatie voor opstart zaak Er werd gepolst naar de motivatie waarom ondernemers met een eigen zaak beginnen. Onderstaande tabel toont aan dat de redenen zeer divers zijn. Vrijheid en onafhankelijkheid worden het vaakst vermeld (29%). De respondenten halen ook een eigen job willen creëren (24%), ondernemers in de familie (22%), discriminatie op de arbeidsmarkt (20%), winst van eigen werk kunnen genieten (20%) of logische stap na bepaalde opleiding (20%) regelmatig aan als redenen waarom ze met een eigen zaak zijn gestart. Net als bij de prestarters valt het op dat de meeste respondenten positief gemotiveerd zijn. Pullfactoren spelen een grotere rol dan pushfactoren, wat de slaagkansen op termijn alleen maar positief beïnvloeden. Waarom starten ondernemers een zaak op? Vrijheid, flexibiliteit, onafhankelijkheid 29% Eigen job willen creëren 24% Ondernemers in de familie 22% Discriminatie op de arbeidsmarkt 20% Winst van eigen werk kunnen genieten 20% Logische stap na bepaalde opleiding/ervaring 20% Ontsnappen uit de werkloosheid 17% Bepaalde opportuniteit gezien in de sector 17% Ervaring in de sector als werknemer 14% Zelfontwikkeling 10% Nood aan extra inkomen 9% Tekort aan scholing 5% Avontuur, het eens willen proberen 2% 3.2. Problemen bij de opstart De ondernemers werden ook bevraagd over de problemen of struikelblokken die ze ondervonden bij de opstart van hun zaak. Het meeste voorkomende antwoord is financieringsproblemen. 31% van de respondenten heeft problemen ondervonden om voldoende financiële middelen te vinden voor zijn zaak. Daarnaast zijn er nog een aantal struikelblokken die regelmatig terugkeren: tekort aan klanten (27%), geen netwerk (20%), problemen met administratie en boekhouding (18%) en taalproblemen (15%). Opvallend is ook dat 26% van de respondenten verklaart geen problemen te hebben ondervonden bij de opstart van zijn zaak. Welke problemen ondervinden ondernemers bij de opstart? Financieringsproblemen 31% Tekort aan klanten 27% Geen 26% 35
Geen netwerk 20% Problemen met administratie/boekhouding 18% Taalproblemen 15% Geen geschikt personeel 13% Problemen met opstartformaliteiten 12% Tegenvallende verkoop 10% Slechte voorbereiding 9% Geen of slechte locatie 8% Geen attest bedrijfsbeheer 7% Wanbetalers 7% Aflossing van schulden 6% Slecht voorraadbeheer 5% Moeite om vergunningen te bekomen 3% Belastingen 3% Problemen met zakenpartner(s) 3% Te hoge privé uitgaven 3% Ik voelde me niet klaar om een zaak op te starten (te weinig opleiding, te weinig ervaring) 3% Negatieve impact op sociaal leven 2% Onvoldoende steun en begrip van het thuisfront 1% Hieronder worden nog een aantal antwoorden opgesomd die aanvullend werden gegeven door de bevraagde ondernemers. Te snelle en ongecontroleerde groei. Gebrek aan vertrouwen bij leveranciers. Niet op de hoogte van wetten en regels. ICT problemen. Markt/sector leren kennen. Vooroordelen. Moeilijk om een goede boekhouder te vinden die correcte informatie geeft. Veel concurrentie. 3.3. Business plan Uit onderstaande tabel blijkt dat slechts 34% van de bevraagde ondernemers een business plan heeft opgesteld bij de opstart van zijn zaak. Dit is verrassend aangezien 91% van de prestarters wel van plan is om een business plan op te stellen. Stellen ondernemers een business plan op? Ja 34% Nee 65% Weet niet wat een business plan is 1% 36
3.4. Nood aan begeleiding bij de opstart Meer dan de helft van de bevraagde ondernemers (51%) heeft geen beroep gedaan op organisaties of derden bij de opstart van zijn bedrijf. Dit staat in schril contrast met de antwoorden van de prestarters. Daar zegt 95% nood te zullen hebben aan begeleiding bij de opstart. Hebben ondernemers beroep gedaan op derden bij de opstart? Ja 49% Nee 51% Zoals hierboven vermeld, heeft 51% van de bevraagde ondernemers geen beroep gedaan op organisaties of derden bij de opstart van zijn bedrijf. Aan deze ondernemers werd gevraagd wat de redenen hiervoor waren. Het meest aangehaalde argument is: Ik wist niet waar ik terecht kon (39% van de respondenten). 31% van de respondenten zegt dat hij zijn problemen liever zelf oplost, 20% verklaart dan weer dat hij dacht dat ze hem toch niet zouden kunnen helpen. Slechts een kleine minderheid deed geen beroep op organisaties of derden wegens taalproblemen (5%) of omdat de drempel te hoog was (11%). Andere redenen, die niet in onderstaande tabel vermeld worden, zijn: Ik dacht dat je voor alle hulp moest betalen, Geen geduld, Er was voldoende kennis aanwezig in mijn familie, Mijn broers hebben gestudeerd, Voldoende kennis en expertise door opleiding en ervaring, Geen tijd. Waarom doen ondernemers geen beroep op derden bij de opstart? Ik wist niet waar ik terecht kon 39% Ik wilde het liever zelf uitzoeken 31% Ik weet het niet 23% Ik dacht dat ze met toch niet zouden kunnen helpen 20% Drempel was te hoog 11% Ik had het gevoel dat ik onvoldoende Nederlands kon 5% De ondernemers, die wel hulp zoeken bij de opstart van hun zaak, doen voornamelijk beroep op de boekhouder (50%). 40% van de ondernemers zoekt ook hulp bij werkgeversorganisaties. Daarnaast doen ondernemers bij de opstart van een zaak ook nog regelmatig beroep op vrienden (28%), familie (25%), overheid (19%) en collega ondernemers (18%). Andere antwoorden, die niet in onderstaande tabel voorkomen, zijn: sociaal secretariaat en activiteitencoöperaties. Op wie doen ondernemers beroep bij de opstart van hun zaak? Niemand 50% Boekhouder 50% Werkgeversorganisaties 40% Vrienden 28% 37
Familie 25% Overheid 19% Collega ondernemers 18% Advocaat 1% De meeste ondernemers die beroep hebben gedaan op organisaties of derden bij de opstart van hun zaak, deden dit voornamelijk voor hun boekhouding (56%) en administratie (50%). Maar ook voor de administratieve verplichtingen bij de opstart van een zaak (44%), het opstellen van een business plan (41%), het opbouwen van een netwerk (40%) en de zoektocht naar financiële middelen (33%) werd hulp van buitenaf ingeschakeld. Andere problemen, waarvoor de pasopgestarte ondernemers regelmatig hulp zoeken, zijn: zoeken naar locatie, bekomen vergunningen, zoeken naar personeel en voorraadbeheer. Voor welke zaken doen ondernemers beroep op derden bij de opstart van hun bedrijf? Boekhouding 56% Administratie 50% Administratieve verplichtingen bij opstart zaak 44% Opstellen business plan 41% Opbouwen netwerk (klanten, leveranciers,...) 40% Zoeken naar financiële middelen 33% Zoeken naar locatie 17% Bekomen vergunningen 14% Aanvragen subsidies 9% Zoeken naar personeel 9% Voorraadbeheer 6% Andere antwoorden, die niet in bovenstaande tabel voorkomen, zijn: Loonbeheer Rechtsbijstand Markt/sector leren kennen Aanbestedingen Opleidingen Hulp in de zaak 38
4. Opleiding In dit hoofdstuk wordt nagegaan wat de scholingsgraad van ondernemers is, in welke mate ze opleidingen volgen in functie van hun zaak, maar ook of ze het huidige opleidingsaanbod voor ondernemers kennen en voldoende vinden. 4.1. Scholingsgraad ondernemers De scholingsgraad van de bevraagde ondernemers is zeer verschillend. Zowel niet geschoolden als universitairen hebben meegewerkt aan dit onderzoek. Opvallend is wel dat 28% van de ondernemers geen diploma secundair onderwijs heeft. Wat is de scholingsgraad van ondernemers? Geen diploma 9% Diploma lager onderwijs 19% Diploma secundair onderwijs ASO 7% Diploma secundair onderwijs TSO 15% Diploma secundair onderwijs BSO 26% Diploma secundair onderwijs KSO 1% Bachelor 12% Master 11% 4.2. Welke opleidingen volgen ondernemers? Ondernemers volgen maar weinig opleidingen in functie van hun zaak. Maar liefst 51% van de bevraagde ondernemers heeft nog geen enkele opleiding gevolgd. Bij de overige helft van de ondernemers, die wel opleidingen hebben gevolgd, scoren voornamelijk beroepsopleidingen en financiële opleidingen goed. Opleidingen Geen 51% Beroepsopleiding 21% Financiële opleiding 13% Taalopleiding 7% Opleiding ICT 6% Juridische en fiscale opleiding 5% Managementopleiding 4% Opleiding marketing 4% Hieronder nog enkele antwoorden die werden gegeven, maar niet voorkomen in bovenstaande tabel: Grafische opleiding Opleiding logistiek Ondernemersstage Bedrijfsbeheer 39
Traject activiteitencoöperatie Opleiding offertes opmaken Opleiding aanbestedingen Veiligheidsopleiding Voedselveiligheid Sectorspecifieke opleidingen 4.3. Waarom volgen ondernemers geen opleidingen? Zoals hierboven vermeld, heeft 51% van de bevraagde ondernemers nog geen opleidingen gevolgd. De meest aangehaalde argumenten, waarom ondernemers geen opleidingen volgen, zijn: geen behoefte (41% van de respondenten), geen tijd (28%) en geen interesse (24%). 17% van de ondernemers zegt ook geen opleidingen te volgen omdat hij niet weet waar hij terecht kan. De prijs van opleidingen is blijkbaar geen reden voor ondernemers om geen opleidingen te volgen. Slechts 1% van de respondenten vindt opleidingen te duur. Andere redenen, die niet vermeld worden in onderstaande tabel, zijn: Vak geleerd van vader, Probleem zal niet verholpen worden door opleiding. Redenen Geen behoefte aan een opleiding 41% Ik heb geen tijd 28% Geen interesse 24% Ik weet niet waar ik een opleiding kan volgen 17% Ik weet het niet 6% Kennis Nederlands is onvoldoende 3% Te duur 1% 4.4. Nood aan opleiding bij de ondernemers 42% van de ondernemers wil in de toekomst nog andere opleidingen volgen. Maar liefst 51% van de bevraagde ondernemers antwoordt negatief op deze vraag. Dit is een stijging van 13 % in vergelijking met de prestarters. Daar antwoordde slechts 38% negatief op deze vraag. Willen de ondernemers in de toekomst nog andere opleidingen volgen? Ja 42% Nee 51% Ik weet het niet 7% 42% van de bevraagde ondernemers is van plan om in de toekomst nog opleidingen te volgen. Deze ondernemers zijn vooral geïnteresseerd in managementopleidingen (26% van de ondernemers die opleidingen willen volgen), beroepsopleidingen (24%), financiële opleidingen (23%), taalopleidingen (19%), marketingopleidingen (18%), juridisch/fiscale opleidingen (17%) en ICT opleidingen (13%). 29% kon geen specifiek antwoord geven op deze vraag. 40
Welke opleidingen willen ondernemers nog volgen? Managementopleiding 26% Beroepsopleiding 24% Financiële opleiding 23% Ik weet het niet 21% Taalopleiding 19% Opleiding marketing 18% Juridische en fiscale opleiding 17% Opleiding ICT 13% Andere opleidingen die de prestarters in de toekomst nog willen volgen zijn: Hoe omgaan met klanten Inrichten zaak HR opleiding Klantenbeheer Personeelsbeheer Opleiding rond halal voeding 4.5. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen voor opleidingen? Een ruime meerderheid van de bevraagde ondernemers (69%) zegt te weten waar hij opleidingen kan volgen. Toch blijft het voor 31% van de ondernemers onduidelijk wat het opleidingsaanbod is en waar hij terecht kan. Hier is duidelijk nog een leemte te vullen voor opleidingsverstrekkers. Weten ondernemers waar ze opleidingen kunnen volgen? Ja 69% Nee 31% 4.6. Evaluatie opleidingsaanbod voor ondernemers Het merendeel van de ondernemers (62%) vindt dat er voldoende opleidingen zijn. Slechts 13% antwoordt uitdrukkelijk nee op deze vraag. Het is opvallend dat een vierde van de ondernemers niet weet of er al dan niet voldoende opleidingen zijn. Voor hen is het aanbod dus onbekend. Zijn er voldoende opleidingen? Ja 62% Nee 13% Ik weet het niet 25% Aan de ondernemers die verklaren dat er onvoldoende opleidingen zijn (13%), werd gevraagd welke opleidingen volgens hen dan nog ontbreken. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Betaalbare opleidingen Boekhouding 41
Management Marketing Communicatie Opleiding rond halal voeding Opleiding internationaal ondernemen Hoe investeren? En in welke sectoren? Motiveren, coachen en begeleiden van personeel. Korte juridische en fiscale opleidingen. Lessen in het Turks. Managementcursus afgestemd op Turkse cultuur. Opleidingen aangepast aan kleine bedrijven. Praktijkstage bij manager. Verplichte opleiding voor mensen die pitazaak willen openen. Er bestaan veel opleidingspakketten, maar je kan geen aparte onderdelen van deze opleidingen volgen. Het probleem is dat de informatie te gefragmenteerd is, iedereen is met zijn eigen opleidingen bezig. Een betere coördinatie zou aan te raden zijn. 42
5. Begeleiding In dit hoofdstuk wordt onderzocht in welke mate (en vooral voor welke problemen) ondernemers begeleiding nodig hebben, door wie ze zich laten begeleiden, maar ook of ze het huidige begeleidingsaanbod kennen en voldoende vinden. 5.1. Nood aan begeleiding bij ondernemers Maar liefst 40% van de bevraagde ondernemers beweert nog geen hulp te hebben gezocht bij derden. Dit staat in schril contract met het antwoord van de prestarters. Daar zegt 95% nood te hebben aan begeleiding. De ondernemers die zich wel reeds hebben laten begeleiden, doen dit voornamelijk bij problemen met: de boekhouding (33%), de administratie (24%), de administratieve verplichtingen bij het opstarten van een zaak (22%), het opstellen van business plan (20%) en het opbouwen van een netwerk (20%). Bij welke problemen zoeken ondernemers hulp? Ik heb me nog niet laten helpen 40% Boekhouding 33% Administratie 24% Administratieve verplichtingen bij opstarten zaak 22% Zoeken naar financiële middelen 22% Opstellen business plan 20% Opbouwen netwerk (klanten, leveranciers,...) 20% Zoeken naar personeel 11% Bekomen vergunningen 10% Zoeken naar locatie 9% Voorraadbeheer 4% Aanvragen subsidies 3% Hieronder enkele andere problemen waarbij ondernemers hulp kunnen gebruiken: Juridisch advies Kennis sector/markt Lange termijn strategie Personeelszaken Sociaal recht 5.2. Wie begeleidt de ondernemers? Als ondernemers zich laten begeleiden, gebeurt dit voornamelijk door hun boekhouder (40%). Daarnaast doen ondernemers ook beroep op werkgeversorganisaties (28%), collega ondernemers (20%), familie (17%), vrienden (16%) en overheid (13%). Opmerkelijk is ook dat een derde van de bevraagde ondernemers nergens hulp zoekt bij problemen. Wie begeleidt de ondernemers? Boekhouder 40% 43
Niemand 33% Werkgeversorganisaties 28% Collega ondernemers 20% Familie 17% Vrienden 16% Overheid 13% Advocaat 5% Andere antwoorden, die niet in bovenstaande tabel voorkomen, zijn: Consultant Activiteitencoöperatie Ondernemingsloket Sociaal secretariaat Bank en verzekeringen VDAB Buitenlandse Kamer van Koophandel Buitenlandse collega ondernemers 5.3. Waarom zoeken ondernemers geen hulp? Aan de bevraagde ondernemers die beweren dat ze nog nooit hulp hebben gezocht (40% van het totaal), werd gevraagd wat de redenen hiervoor zijn. 30% van de respondenten denkt toch niet geholpen te zullen worden. 27% verklaart niet te weten waar hij terecht kan en wil zijn problemen liever zelf oplossen. Slechts 5% van de ondernemers zegt dat de drempel te hoog is om begeleiding te zoeken. Ten slotte kon 23% van de respondenten geen antwoord formuleren op deze vraag. Waarom zoeken ondernemers geen hulp? Ik denk dat ze me toch niet zullen kunnen helpen 30% Ik weet niet waar ik terecht kan 27% Ik wil het liever zelf uitzoeken 27% Ik weet het niet 23% Drempel is te hoog 5% 5.4. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen voor begeleiding? Bijna drie vierde van de respondenten (74%) zegt te weten waar ondernemers terecht kunnen voor begeleiding. Toch blijft het voor 26% van de ondernemers onduidelijk wat het begeleidingsaanbod is en waar ze terecht kunnen. Het is duidelijk dat begeleidingsverstrekkers zich nog beter kunnen profileren bij deze groep. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen voor begeleiding? Ja 74% Nee 26% 44
5.5. Evaluatie begeleidingsaanbod voor ondernemers Bijna de helft van de bevraagde ondernemers (48%) vindt dat er voldoende begeleiding is. Slechts 24% antwoordt uitdrukkelijk nee. 28% weet niet of er voldoende begeleiding is. Voor hen is het aanbod dus nog onbekend. Is er voldoende begeleiding voor ondernemers? Ja 48% Nee 24% Ik weet het niet 28% 5.6. Bij welke problemen worden ondernemers nog te weinig geholpen? Aan de respondenten die verklaren dat er onvoldoende hulp is voor ondernemers, werd gevraagd welke begeleiding volgens hen dan nog ontbreekt. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Allochtone ondernemers moeten beter begeleid worden bij hun sectorkeuze. Er is veel te weinig diversiteit in de sectoren. Er moet worden aangetoond dat er ook toekomst is in andere sectoren. Organisaties moeten toegankelijker zijn voor allochtone ondernemers. Bedrijven beter helpen bij het zoeken naar goedkope producten. Bedrijven moeten het nut inzien van werkgeversorganisaties. Bij de opstart zouden bedrijven beter ingelicht moeten worden over waar ze naar toe kunnen met bepaalde problemen. Ondernemers moeten beter geïnformeerd worden over subsidiekanalen en ondersteunende maatregelen (en begeleid worden bij aanvraag). Bedrijven moeten beter beschermd worden tegen malafide zakenpartners. Het bestaande aanbod zou beter gecommuniceerd moeten worden. Organisaties moeten proactief naar ondernemers stappen. Het is dikwijls moeilijk voor ondernemers om zelf in te zien wat er verkeerd loopt in hun zaak. Het is niet duidelijk waar ondernemers terecht kunnen met bepaalde problemen. Ik word nog te weinig geholpen bij problemen die specifiek zijn voor mijn sector. Intensieve begeleiding door een mentor, die de knepen van het vak aanleert. Meer intensieve begeleiding bij de opstart van een zaak. Hulp bij het zoeken van klanten, het uitbouwen van een netwerk. Er is meer begeleiding nodig bij faillissementen. Vooral meer begeleiding voor ondernemers bij wie het minder goed gaat. Ondernemers moeten beter opgevolgd worden. Er is meer ondersteuning nodig voor kleine zelfstandigen. Meer begeleiding nodig bij zoektocht startbudget. Ondersteuning bij problemen zoals wegenwerken, geschillen tussen huurder en verhuurder pand (wie is verantwoordelijk voor welke zaken?). Controleren of business plan van nieuwe ondernemers realistisch is. Sectorgerichte begeleiding ontbreekt. Het aanbod is te complex. Er is nood aan een business center waar ondernemers met al hun problemen geholpen kunnen worden. 45
6. Financiën Financiën zijn bij zowel autochtone als allochtone ondernemers vaak de grootste zorg. Daarom werden de ondernemers bevraagd over het financiële aspect van hun zaak: hoe hebben de ondernemers hun zaak financieel voorbereid, hoe beheren ze de financiën van hun zaak, zijn er problemen, zoeken ze hiervoor hulp, hebben ze een financiële opleiding nodig,? Van allochtone ondernemers leeft het beeld dat zij in grote mate afhankelijk zijn van hun boekhouder. Ook zouden zij veel meer informeel lenen dan bij de bank. Met deze vragen willen we toetsen of ook onze respondenten in dat plaatje passen. 6.1. Beheer financiën 17% van de bevraagde ondernemers verklaart zijn boekhouding volledig zelf te doen. Het merendeel (91%) van de respondenten laat dit echter over aan een boekhouder. Ter vergelijking: meer dan de helft van de prestarters (56%) denkt de financiële kant van zijn zaak zelf te kunnen beheren. Wie doet de boekhouding? Boekhouder 91% Ik doe de boekhouding zelf 17% Personeelslid 6% Familielid 2% Buiten het feit dat slechts een minderheid van de ondernemers de boekhouding van het bedrijf zelf beheert, verklaart 72% van de respondenten toch een gedetailleerd beeld te hebben van de financiële resultaten. Hebben ondernemers een gedetailleerd beeld van de financiële resultaten van hun bedrijf? Ja 72% Nee 28% Bovendien zegt een grote meerderheid van de bevraagde ondernemers (80%) geen problemen te ondervinden bij het beheer van de financiën. Ondervinden ondernemers problemen bij het beheer van hun financiën? Ja 20% Nee 80% Ondanks bovenstaand resultaat zijn er toch enkele problemen die ondernemers ondervinden bij het beheer van hun financiën. Hieronder een opsomming: Problemen bij aanvraag leningen. Ik doe alle betalingen nog zelf en dat brengt veel werk met zich mee. Geen vaste structuur bij facturatie en opvolging wanbetalers. Heeft een financiële coach nodig die advies geeft over kostencalculatie, kostenbesparingen, financiële beslissingen, enzovoort. 46
Ik moet er echt opletten dat ik mijn privé uitgaven goed bijhoud. Soms weet ik niet meer goed of ik iets voor mijn zaak of privé heb aangekocht. Inkomsten en uitgaven worden verkeerd ingeschat. Problemen om schulden af te lossen. Niet alle informatie die de boekhouder doorgeeft is even begrijpelijk. Weet niet welke producten winstgevend en verlieslatend zijn. Problemen met boekhouden via internet. Steeds veranderende wetgeving. Hoe en wanneer moet je een BTW aangifte en RSZ aangifte doen. Ik weet niet hoe een balans in elkaar zit. Ik Begrijp niet alle financiële gegevens. 6.2. Financiële opleiding en begeleiding Ondanks het feit dat slechts 20% percent van de ondernemers problemen heeft bij het beheer van de financiën, zegt 30% van de respondenten toch nood te hebben aan een financiële opleiding. Hebben ondernemers nood aan een financiële opleiding? Ja 30% Nee 70% Daarnaast heeft slechts een minderheid van de ondernemers (22%) nood aan extra hulp of begeleiding bij het beheer van zijn financiën. Dit is een verrassend resultaat aangezien 82% van de prestarters denkt dit wel nodig te zullen hebben. Hebben ondernemers hulp nodig bij het beheer van hun financiën? 6.3. Kapitaal Ja 22% Nee 78% Er werd ook onderzocht waar de ondernemers het nodige kapitaal hebben gehaald voor de opstart van hun zaak. De meeste respondenten (65%) hebben privé kapitaal aangewend, 50% is een lening aangegaan en 18% heeft beroep gedaan op familie. Andere antwoorden, die niet voorkomen in onderstaande tabel, zijn: starterslening, participatiefonds, voorschot bij klanten, buitenlandse investeerders en kaskrediet. Waar halen ondernemers hun kapitaal? Privé kapitaal 65% Lening 50% Familie 18% Vrienden 1% 47
6.4. Subsidiekanalen Iets minder dan de helft van de ondernemers (45%) kent één of meerdere subsidiekanalen of ondersteunende maatregelen voor kapitaal. Het is verrassend dat het resultaat bij de ondernemers amper beter is dan bij de prestarters. Daar kent 41% van de respondenten minstens één subsidiekanaal. Kennen ondernemers de subsidiekanalen? Ja 45% Nee 55% Ondanks het feit dat 45% van de ondernemers één of meerde subsidiekanalen kent, geeft maar liefst 20% van de bevraagde ondernemers aan hier geen gebruik van te maken. De ondernemers die ze wel kennen, maar toch niet gebruiken halen meestal het argument aan dat de subsidieaanvragen te complex zijn en te veel tijd in beslag nemen. Veel zaken komen ook simpelweg niet in aanmerking voor bv. een participatielening. Gebruiken ondernemers de subsidiekanalen? Ja 20% Nee 80% 48
7. Netwerk en informatie In dit hoofdstuk wordt onderzocht hoe breed het formeel en informeel netwerk van de ondernemers is. Overleggen ze met collega ondernemers, zijn ze lid van een vereniging, etc.? Daarnaast wordt ook nagegaan waar de ondernemers hun informatie vandaan halen en in welke mate ze die informatie voldoende vinden. 7.1. Contacten met andere ondernemers Uit het onderzoek blijkt dat ondernemers veel contact zoeken met andere ondernemers. 76% van de respondenten overlegt regelmatig met collega ondernemers. Overleggen ondernemers met collega ondernemers? Ja 76% Nee 24% 44% van de bevraagde ondernemers blijkt ook lid te zijn van een vereniging voor ondernemers. Hierboven gaf wel slechts 28% van de respondenten aan dat ze effectief beroep doen op deze verenigingen bij problemen. Zijn de ondernemers lid van een vereniging? Ja 44% Nee 56% 7.2. Informatie voor ondernemers Uit het onderzoek blijkt dat ondernemers veel verschillende kanalen gebruiken om informatie op te zoeken over het runnen van een zaak. De meeste voorkomende kanalen zijn de boekhouder (45%), het internet (30%), collega ondernemers (28%) en werkgeversorganisaties (26%). Maar liefst een vijfde van de respondenten zegt nergens informatie te zoeken over ondernemen. Uit welke bronnen halen ondernemers informatie? Boekhouder 45% Internet 30% Collega ondernemers 28% Werkgeversorganisaties 26% Nergens 20% Vrienden 19% Familie 16% Overheid 15% Vakbladen 5% Advocaat 4% 49
Andere antwoorden, die niet voorkomen in bovenstaande lijst, zijn: Activiteitencoöperaties Ondernemingsloketten Banken Verzekeraar Sociaal secretariaat Sectororganisaties 7.3. Evaluatie van informatie voor ondernemers Een kleine meerderheid (59%) van de ondernemers vindt dat er voldoende informatie beschikbaar is over het runnen van een zaak. Daartegenover zegt 18% van de respondenten uitdrukkelijk dat er onvoldoende informatie is. 23% van de ondernemers spreekt zich hier niet over uit en antwoordt ik weet het niet. Is er voldoende informatie? Ja 59% Nee 18% Ik weet het niet 23% Aan de ondernemers die verklaren dat er onvoldoende informatie is, werd gevraagd welke informatie volgens hen dan nog ontbreekt. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Er moet een algemeen informatiecentrum bestaan, met een goede doorverwijzing. Meer gedetailleerde informatie over nieuwe en huidige regels in boekhouding, BTW en wetgeving. Allochtone ondernemers, starters en prestarters moeten proactief worden geïnformeerd. Actuele informatie over subsidies. Meer begrijpelijke informatie. Meer informatie over fiscale verplichtingen. Meer gerichte informatie op maat van het bedrijf. Informatie over het zoeken naar goedkopere leveranciers. Informatie over internationaal ondernemen. Informatie over tewerkstellingsmogelijkheden. Een informatiecentrum per sector. Ondernemers moeten op de hoogte worden gebracht van de beschikbare informatie. Overzicht waar je terecht kan voor informatie en bij bepaalde problemen. 50
8. Andere problemen 8.1. Welke andere problemen ondervinden ondernemers? Ter afronding van het interview werd aan de ondernemers gevraagd of ze nog andere problemen ondervinden bij het runnen van hun zaak. Hieronder een opsomming van hun antwoorden: Aanvraag participatiefonds werd geweigerd zonder geldige reden. Vinden van bekwaam en ervaren personeel. De grote nutsbedrijven spelen de kleine (onder)aannemers tegen elkaar uit, met grote concurrentie en prijzenoorlog tot gevolg. Concurrenten snoepen elkaars personeel af, wat leidt tot een personeelstekort. Kleinere bedrijven zouden beter moeten samenwerken, maar Turkse ondernemers werken niet graag samen omdat ze teveel op korte termijn denken. Problemen door taalproblemen en discriminatie. Er is momenteel weinig werk door de economische crisis. De komst van nieuwe concurrenten die onder de prijs werken. Geschillen met verhuurder pand: wie is verantwoordelijk voor wat? Nood aan informatie, inspiratie en creativiteit. Problemen om industriegrond te vinden. Het aanvragen van een subsidie is heel complex. Het is moeilijk om een locatie te vinden en de nodige vergunningen te krijgen. Het oprichten van een pitazaak zou beter gereglementeerd moeten worden. Veel mensen starten een pitazaak zonder kennis. Hoe voer ik het best reclame voor mijn bedrijf? Hoe kan je als zaakvoerder beter delegeren en meer betrokkenheid/motivatie creëren bij het personeel? Het duurt heel lang voor de huur van terreinen wordt goedgekeurd. Ik profileer mij niet als Turkse ondernemer en heb hierdoor geen klanten in de Turkse gemeenschap. Het is ook moeilijk om met Turkse ondernemers samen te werken. Ik zou me graag lid maken van een werkgeversorganisatie maar ik weet niet welke werkgeversorganisaties er zijn en welke mij kunnen helpen. De loonkost in België is te hoog. We zouden meer personeel kunnen aanwerven maar doen het niet door de hoge kosten. Vakantieregeling moet flexibeler, zeker voor bedrijven die sterk afhankelijk zijn van het weer. Het is moeilijk om goedkopere leveranciers te vinden. Klanten zijn veeleisend, vooral in Turkse gemeenschap. Niet eenvoudig om personeel te vinden die zowel vloeiend Turks als Nederlands spreekt. Nutsbedrijven waarmee we samenwerken, komen hun afspraken niet na. Als de Turkse gemeenschap ziet dat een bedrijf succes heeft in een bepaalde sector, volgen ze allemaal. Dit leidt tot een grote concurrentie. Registratie/erkenning van bedrijven duurt heel lang. Gebrek aan een duidelijk overzicht wat belastingen betreft. Problemen bij het uitbouwen van een netwerk en het vinden van klanten. Financiële problemen door wanbetalers. Problemen met arbeiders die bv. werkmateriaal in het weekend gebruiken. Wegenwerken houden de klanten weg. Wil beschikken over volledige wetgeving rond onderaanneming en outsourcing. Vlamingen verwachten dat Turkse ondernemers tegen een lagere prijs verkopen. 51
8.2. Weten ondernemers waar ze hulp kunnen vragen voor deze problemen? Als we de ondernemers vragen of ze weten waar ze terecht kunnen met bovenstaande problemen, antwoordt slechts 39% positief. De nood aan begeleiding of duidelijkere informatie laat zich dus voelen. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen met hun problemen? Ja 39% Nee 61% 8.3. Vragen ondernemers hulp voor deze problemen? Slechts een kleine minderheid van de ondernemers (32%) blijkt reeds hulp te hebben gezocht voor de problemen die ze ondervinden. Vragen ondernemers hulp voor deze problemen? Ja 32% Nee 68% 8.4. Ondervinden ondernemers problemen door hun origine? Uit het onderzoek blijkt dat 42% van de respondenten problemen ondervindt door zijn of haar origine. Bij de prestarters bedraagt dit percentage nog maar slechts 24%. Problemen door origine? Ja 42% Nee 58% 52
IV. Conclusies en vergelijking resultaten In dit deel worden de belangrijkste resultaten van het onderzoek bij de prestarters en ondernemers opgesomd en met elkaar vergeleken. Zo kan worden onderzocht of de antwoorden van deze twee doelgroepen opvallende gelijkenissen of verschillen vertonen. 53
1. De respondenten In het totaal werden 297 vragenlijsten afgenomen. Aangezien er een mooi evenwicht is in het aantal bevraagde ondernemers en prestarters, is een vergelijkende studie perfect mogelijk. De meeste allochtone prestarters en ondernemers werden bevraagd in de provincies Oost Vlaanderen (88), Limburg (64) en Antwerpen (61); dit zijn dan ook de regio s met de hoogste concentraties aan allochtonen. Provincies Prestarters Ondernemers West Vlaanderen 26 25 Oost Vlaanderen 17 71 Vlaams Brabant 23 10 Antwerpen 38 23 Limburg 45 19 Totaal 149 148 Het land van oorsprong van de respondenten is zeer divers. Bij de ondernemers konden we 17 verschillende landen onderscheiden, bij de prestarters maar liefst 38. Het grootste deel van de prestarters en ondernemers hebben wel hun roots in Turkije, Marokko en Rusland. Land van oorsprong Prestarters Ondernemers Turkije 18% 74% Marokko 17% 10% Rusland 11% 2% Totaal 38 landen 17 landen Uit onderstaande tabel blijkt dat veel meer mannelijke dan vrouwelijke ondernemers werden betrokken in het onderzoek, respectievelijk 83% tegenover 17%. Een opvallend resultaat, want bij de prestarters is de verhouding meer in evenwicht. Dat kan enerzijds aan de bevraging liggen (het netwerk van de organisaties is misschien hoofdzakelijk mannelijk). Anderzijds zien we ook bij Vlaamse ondernemers een ondervertegenwoordiging van vrouwen. We kunnen dus voorzichtig concluderen dat ook allochtone vrouwen minder snel hun ondernemersaspiraties, die er dus duidelijk wel zijn, daadwerkelijk realiseren. Geslacht Prestarters Ondernemers Man 58% 83% Vrouw 47% 17% 54
2. De opstart Onderstaande tabel toont aan dat de redenen om met een eigen zaak te beginnen zeer divers zijn. Over het algemeen vinden we pull factoren terug zoals: een eigen job willen creëren, vrijheid, flexibiliteit, onafhankelijkheid, winst van eigen werk kunnen genieten, logische stap na bepaalde opleiding, ervaring in de sector als werknemer, ondernemers in de familie,. Er zijn echter ook een aantal push factoren zoals ontsnappen uit de werkloosheid en een nood aan extra inkomen. Maar die zijn duidelijk in de minderheid. Motivatie om met een eigen zaak te starten Prestarters Ondernemers Gemiddelde Eigen job willen creëren 48% 24% 36,0% Vrijheid, flexibiliteit, onafhankelijkheid 37% 29% 33,0% Winst van eigen werk kunnen genieten 22% 20% 21,0% Logische stap na bepaalde opleiding/ervaring 17% 20% 18,5% Ontsnappen uit de werkloosheid 18% 17% 17,5% Ervaring in de sector als werknemer 19% 14% 16,5% Ondernemers in de familie 7% 22% 14,5% Bepaalde opportuniteit gezien in de sector 11% 17% 14,0% Zelfontwikkeling 16% 10% 13,0% Nood aan extra inkomen 10% 9% 9,5% De prestarters en ondernemers werden ook bevraagd over de problemen die ze ondervinden bij de opstart van hun zaak. Het meest voorkomende probleem dat de respondenten aangeven zijn financieringsproblemen. Gemiddeld 37% ondervindt problemen om financiële middelen te vinden voor zijn zaak. Een vierde vreest ook een tekort aan klanten. Daarnaast zijn er nog een aantal problemen die regelmatig terugkeren: geen netwerk (17%), problemen met administratie/boekhouding (16,5%), taalproblemen 16%) en geen of een slechte locatie (10,5%). Daarnaast verklaart 18,5% van de (toekomstige) ondernemers geen problemen te ondervinden bij de opstart van de zaak. Welke problemen ondervinden ondernemers bij de opstart van een zaak? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Financieringsproblemen 43% 31% 37,0% Tekort aan klanten 24% 27% 25,5% Geen 11% 26% 18,5% Geen netwerk 14% 20% 17,0% Problemen met administratie/boekhouding 15% 18% 16,5% Taalproblemen 17% 15% 16,0% Geen of slechte locatie 13% 8% 10,5% Problemen met opstartformaliteiten 6% 12% 9,0% Geen geschikt personeel 3% 13% 8,0% Geen attest bedrijfsbeheer 7% 7% 7,0% Belastingen 9% 3% 6,0% Tegenvallende verkoop 1% 10% 5,5% Moeite om vergunningen te bekomen 7% 3% 5,0% Slechte voorbereiding 1% 9% 5,0% 55
Er werd ook onderzocht of ondernemers de opstart van hun zaak goed voorbereiden. De prestarters hebben goede voornemens. 91% van de respondenten zegt een business plan te willen opstellen. Uit de ondervraging bij de ondernemers blijkt echter dat slechts 34% effectief een business plan opmaakt. Business Plan Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 91% 34% 62,5% Nee 9% 66% 37,5% Aan de (toekomstige) zaakvoerders werd ook gevraagd welk publiek ze denken te bereiken met hun onderneming. Allochtone zaakvoerders hebben soms de reputatie zich vooral op de eigen gemeenschap te richten, maar dat blijkt niet te kloppen. Gemiddeld 66% van de respondenten antwoordt dat ze zowel Vlamingen als hun eigen gemeenschap (willen) bereiken. 24% geeft aan dat ze zich voornamelijk focussen op autochtone Vlaamse klanten. Gemiddeld antwoordt slechts 10% van de respondenten dat ze zich voornamelijk zullen richten op hun eigen gemeenschap. Bij de ondernemers zien we wel dat dit percentage 5% hoger ligt dan bij de prestarters. Het aantal ondernemers die zowel de eigen gemeenschap als de autochtone Vlamingen bereiken ligt dan weer 20% lager dan wat de prestarters verwachten. Doelpubliek Prestarters Ondernemers Gemiddelde Voornamelijk eigen gemeenschap 7% 13% 10,0% Voornamelijk Vlamingen 17% 31% 24,0% Beide 76% 56% 66,0% De (toekomstige) ondernemers konden tijdens het interview aangeven waar ze nood aan hebben bij de opstart van hun zaak. Bijna de helft van respondenten (49%) geeft aan dat ze voornamelijk nood hebben aan financiële middelen. Het valt ook op dat de vraag naar begeleiding (28%), informatie (28%), advies (24%), begeleiding (28%) en vooral opleiding (18%) eerder beperkt is. Bij veel starters leeft duidelijk de behoefte om de opstart volledig zelf te doen. Waar hebben starters nood aan? Financiële middelen 49% Begeleiding 28% Informatie 28% Advies 24% Opleiding 18% Locatie 9% Een breder netwerk (klanten, leveranciers,...) 6% Ik weet het niet 6% Aan de ondernemers werd gevraagd of ze bij de opstart van hun bedrijf beroep doen op organisaties of derden. We zien dat meer dan de helft negatief antwoordt op deze vraag. Doen starters beroep op derden? Ja 49% Nee 51% 56
Aan de ondernemers, die negatief antwoordden op voorgaande vraag, werd gevraagd wat de redenen hiervoor zijn. Het meest aangehaalde argument is: Ik wist niet waar ik terecht kon (39%). Bijna een derde van de respondenten (31%) zegt ook dat hij zijn problemen liever zelf oplost. 20% verklaart dan weer dat hij dacht dat ze hem toch niet zouden kunnen helpen. Slechts een kleine minderheid deed geen beroep op organisaties of derden wegens taalproblemen (5%) of omdat de drempel te hoog was (11%). Waarom doen starters geen beroep op derden? Ik wist niet waar ik terecht kon 39% Ik wilde het liever zelf uitzoeken 31% Ik weet het niet 23% Ik dacht dat ze met toch niet zouden kunnen helpen 20% Drempel was te hoog 11% Ik had het gevoel dat ik onvoldoende Nederlands kon 5% 57
3. Opleidingen In dit hoofdstuk wordt onderzocht of ondernemers opleidingen volgen in functie van hun zaak en in welke mate ze het huidige opleidingsaanbod kennen en voldoende vinden. Het valt op dat de prestarters en ondernemers, naast de verplichte beroepsopleidingen en taalopleidingen, maar weinig extra opleidingen volgen. 40% van de bevraagde prestarters en 51% van de ondernemers geven zelfs aan nog geen enkele opleiding te hebben gevolgd. Welke opleidingen volgen ondernemers? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Geen 40% 51% 45,5% Beroepsopleiding 26% 21% 23,5% Taalopleiding 28% 7% 17,5% Financiële opleiding 2% 13% 7,5% Opleiding marketing 7% 4% 5,5% Opleiding ICT 4% 6% 5,0% Managementopleiding 4% 4% 4,0% Juridische en fiscale opleiding 1% 5% 3,0% Aan de respondenten die nog geen opleidingen hebben gevolgd, werd gevraagd wat de redenen hiervoor zijn. Het meest aangehaalde argument is: Ik heb geen behoefte aan een opleiding (gemiddeld 30,5%). 31% van de prestarters en 28% van de ondernemers zeggen ook hier geen tijd voor te hebben. Een groot aantal prestarters en ondernemers geven ook aan dat ze geen interesse hebben, respectievelijk 15% en 24%. Slechts een kleine minderheid (gemiddeld 5%) vindt de opleidingen te duur. Waarom volgen ondernemers geen opleidingen? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Geen behoefte aan een opleiding 20% 41% 30,5% Ik heb geen tijd 31% 28% 29,5% Geen interesse 15% 24% 19,5% Ik weet niet waar ik een opleiding kan volgen 5% 17% 11,0% Ik weet het niet 15% 6% 10,5% Kennis Nederlands is onvoldoende 14% 3% 8,5% Te duur 9% 1% 5,0% We kunnen zien in onderstaande tabel dat een groot deel van de prestarters en ondernemers, respectievelijk 38% en 50%, ook in de toekomst geen opleidingen zullen volgen. Zijn de ondernemers van plan om in de toekomst nog opleidingen te volgen? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 52% 42% 47,0% Nee 38% 51% 44,5% Ik weet het niet 10% 7% 8,5% 58
Uit de bevraging blijkt tenslotte dat het merendeel van de prestarters en ondernemers (72,5%) weten waar ze opleidingen kunnen volgen. Gemiddeld 58,5% van de respondenten vindt het huidige aanbod ook voldoende. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen voor opleidingen? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 76% 69% 72,5% Nee 24% 31% 27,5% Zijn er voldoende opleidingen voor ondernemers? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 55% 62% 58,5% Nee 10% 13% 11,5% Ik weet het niet 35% 25% 30,0% 59
4. Begeleiding In dit hoofdstuk wordt onderzocht in welke mate (en vooral voor welke zaken) de ondernemers en prestarters begeleiding nodig hebben, door wie ze zich laten begeleiden, maar ook of ze het huidige begeleidingsaanbod kennen en voldoende vinden. Uit de bevraging van de prestarters blijkt dat de overgrote meerderheid van de prestarters (95%) behoefte heeft aan begeleiding. De toekomstige ondernemers kunnen vooral hulp gebruiken bij de zoektocht naar financiële middelen (36%), de boekhouding (33%), het opstellen van een business plan (31%) en de administratieve verplichtingen bij de opstart van een zaak (29%). De resultaten van de ondernemers zijn zeer gelijkaardig. Opmerkelijk is wel dat maar liefst 40% van de respondenten expliciet aangeeft geen begeleiding nodig te hebben. Bij welke problemen zoeken ondernemers hulp? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Boekhouding 33% 33% 33,0% Zoeken naar financiële middelen 36% 22% 29,0% Opstellen business plan 31% 20% 25,5% Administratieve verplichtingen 29% 22% 25,5% Administratie 24% 24% 24,0% Ik heb geen begeleiding nodig 5% 40% 22,5% Opbouwen netwerk 16% 20% 18,0% Bekomen vergunningen 11% 10% 10,5% Zoeken naar locatie 11% 9% 10,0% Aanvragen subsidies 11% 3% 7,0% Zoeken naar personeel 3% 11% 7,0% Voorraadbeheer 7% 4% 5,5% Ook in onderstaande tabel wordt bevestigd dat heel wat ondernemers geen begeleiding nodig hebben. Gemiddeld 21,5% van de respondenten verklaart bij niemand hulp te zoeken. Als (toekomstige) ondernemers zich al laten begeleiden, gebeurt dit voornamelijk door hun boekhouder (31%), familie (27,5%), collega ondernemers (21%), vrienden (19,5%) en werkgeversorganisaties (17,5%). Door wie laten de ondernemers zich begeleiden? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Boekhouder 22% 40% 31,0% Familie 38% 17% 27,5% Niemand 10% 33% 21,5% Collega ondernemers 22% 20% 21,0% Vrienden 23% 16% 19,5% Werkgeversorganisaties 7% 28% 17,5% Overheid 6% 13% 9,5% Advocaat 1% 5% 3,0% 60
Aan de ondernemers die beweren dat ze nog nooit hulp hebben gezocht, werd gevraagd wat de redenen hiervoor zijn. 30% van de respondenten denkt toch niet geholpen te zullen worden. 27% verklaart niet te weten waar hij terecht kan. Een ander veel voorkomend argument is ik wil het liever zelf uitzoeken (27%). Slechts 5% antwoordt dat de drempel te hoog is. Waarom zoeken ondernemers geen hulp? Ik denk dat ze me toch niet zullen kunnen helpen 30% Ik weet niet waar ik terecht kan 27% Ik wil het liever zelf uitzoeken 27% Drempel is te hoog 5% Uit de bevraging blijkt tenslotte dat gemiddeld 71% van de prestarters en ondernemers weten waar ze terecht kunnen voor begeleiding. Daarnaast vindt gemiddeld 48,5% van de respondenten het begeleidingsaanbod voldoende. Weten ondernemers waar ze terecht kunnen? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 68% 74% 71,0% Nee 32% 26% 29,0% Is er voldoende begeleiding? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 49% 48% 48,5% Nee 11% 24% 17,5% Ik weet het niet 40% 28% 34,0% 61
5. Financiën Slechts een minderheid van de ondernemers (22%) heeft nood aan extra hulp of begeleiding bij het beheer van zijn financiën, terwijl 82% van de prestarters denkt dit wel nodig te zullen hebben. Hebben ondernemers hulp nodig bij het beheer van de financiën? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 82% 22% 52,0% Nee 11% 78% 44,5% Ik weet het niet 7% 0% 3,5% Meer dan de helft van de toekomstige ondernemers (51%) zegt ook nood te hebben aan een financiële opleiding. Bij de reeds opgestarte ondernemers ligt dit percentage 21% lager. Hebben ondernemers nood aan financiële opleiding? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 51% 30% 40,5% Nee 43% 70% 56,5% Ik weet het niet 6% 0% 3,0% Er werd ook onderzocht waar de prestarters en ondernemers het nodige kapitaal halen voor de opstart van hun zaak. De resultaten zijn zeer gelijkaardig. De meeste prestarters (64%) zullen privékapitaal aanwenden voor de opstart. Dit wordt bevestigd door de ondernemers (65%). Daarnaast zal 61% van de prestarters ook trachten een lening te vinden. Uit de bevraging blijkt dat uiteindelijk slechts 50% van de ondernemers effectief een lening krijgt. De rest van de respondenten doet beroep op familie (gemiddeld 19,5%) en in mindere mate op vrienden (gemiddeld 2%). Waar halen ondernemers hun kapitaal? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Privékapitaal 64% 65% 64,5% Lening 61% 50% 55,5% Familie 21% 18% 19,5% Vrienden 3% 1% 2,0% Tenslotte werd ook gevraagd of de prestarters/ondernemers de subsidiekanalen kennen. Minder dan de helft van de respondenten (43%) antwoordt positief op deze vraag. Het is verrassend dat het resultaat bij de ondernemers amper beter is dan bij de prestarters. Slechts een kleine minderheid (gemiddeld 25%) maakt ook effectief gebruik van deze subsidies of is van plan dit te doen. Zijn de subsidiekanalen gekend? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 41% 45% 43,0% Nee 59% 55% 57,0% Worden de subsidiekanalen gebruikt? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 34% 16% 25,0% Nee 18% 62% 40,0% Ik weet het niet 48% 22% 35,0% 62
6. Netwerk en informatie In dit hoofdstuk wordt onderzocht waar (toekomstige) ondernemers hun informatie vandaan halen en in welke mate ze deze informatie voldoende vinden om hun zaak te kunnen runnen of opstarten. Onderstaande tabel toont dat zowel prestarters als ondernemers hun informatie voornamelijk verkrijgen via de boekhouder (gemiddeld 36,5%), het internet (36%), collega ondernemers (26%), vrienden (20%), werkgeversorganisaties (19,5%), familie (15,5%) en de overheid (11,5%). Gemiddeld 15% van de respondenten zegt dan weer nergens informatie te halen over ondernemen. Waar halen ondernemers informatie? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Boekhouder 28% 45% 36,5% Internet 42% 30% 36,0% Collega ondernemers 24% 28% 26,0% Vrienden 21% 19% 20,0% Werkgeversorganisaties 13% 26% 19,5% Familie 15% 16% 15,5% Nergens 10% 20% 15,0% Overheid 8% 15% 11,5% Vakbladen 6% 5% 5,5% Advocaat 1% 4% 2,5% Uit het onderzoek blijkt ook dat een kleine meerderheid van de respondenten (gemiddeld 56,5%) vindt dat er voldoende informatie is. Toch geeft ongeveer een vierde expliciet aan dat er onvoldoende informatie beschikbaar is. Is er voldoende informatie? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 54% 59% 56,5% Nee 21% 18% 19,5% Ik weet het niet 25% 23% 24,0% 63
7. Problemen door origine Ten slotte werd ook onderzocht of ondernemers problemen ondervinden door hun origine. We kunnen zien dat slechts 24% van de prestarters problemen verwacht. In de realiteit blijkt echter dat 42% van de ondernemers problemen ondervindt door zijn afkomst. Ondervinden ondernemers problemen door hun origine? Prestarters Ondernemers Gemiddelde Ja 24% 42% 33,0% Nee 69% 58% 63,5% Ik weet het niet 7% 0% 3,5% 64