Bestuurskunde/Overheidsmanagement Bijlagen 3 t/m 6 bij OER Academie Voor Deeltijd 2016-2017 per opleiding Bijlage 3: Competenties De landelijke LOBO-competenties 1. De bachelor kan zijn weg vinden in het publieke domein. De bachelor kan zijn weg vinden in het publieke domein en heeft daarbij oog voor de internationale context. Niveau 1 heeft inzicht in de inrichting van het openbaar bestuur, kent de hoofdrolspelers en kan de relaties daartussen definiëren. Niveau 2 kan bij een concreet sterrein de betrokken organisaties, gangbare procedures en kaders in kaart brengen. Niveau 3 kan bij een complexe opdracht een analyse maken van de betrokken organisaties en het krachtenveld waarin deze zich bevinden. 2. De bachelor kan politiek strategische keuzes overzien voor het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. De bachelor is in staat om maatschappelijke vraagstukken te analyseren met oog voor het politieke en maatschappelijke krachtenveld waarin die vraagstukken zich voordoen en kan politiek strategische keuzes overzien voor het oplossen van deze vraagstukken vanuit alle betrokken belangen. Niveau 1 kan van een situatie aangeven of en waarom het een maatschappelijk vraagstuk is. Niveau 2 kan vanuit verschillende invalshoeken maatschappelijke vraagstukken analyseren. Niveau 3 kan een analyse van maatschappelijke vraagstukken geven vanuit alle betrokken belangen, kan politiek strategische keuzes en hun gevolgen overzien en draagvlak onder betrokkenen inzichtelijk maken. 3. De bachelor kan ontwikkelen, implementeren en evalueren. De bachelor kan bestaand analyseren, implementeren, kan na evaluatie voorstellen doen tot verbetering van het of de uitvoering en kan nieuw ontwerpen. Niveau 1 kan bestaand beschrijven en analyseren. Niveau 2 kan eenvoudig construeren, evalueren en implementeren. Niveau 3 kan complex construeren, evalueren en implementeren. 4. De bachelor kan participeren in organisaties en samenwerkingsverbanden. De bachelor heeft een adequaat, correct en up-to-date beeld van de organisatieprocessen, beheersstructuren en al dan niet tijdelijke samenwerkingsverbanden waarin hij participeert en draagt bij aan het soepel functioneren daarvan. Niveau 1 kan binnen organisaties structuren, culturen en processen herkennen. Niveau 2 kan vanuit een goed beeld van organisatieprocessen en beheersstructuren participeren in de eigen organisatie en bijdragen aan het soepel functioneren daarvan. Niveau 3 kan vanuit de eigen organisatie participeren in samenwerkingsverbanden en netwerken en draagt bij aan het soepel functioneren daarvan. 5. De bachelor kan praktijkgericht onderzoek verrichten. De student kan zelfstandig onderzoek verrichten en op basis hiervan adviseren en aanbevelingen doen. Niveau 1 kent onderzoeksmethoden en kan deze hanteren. Niveau 2 kan zelfstandig een onderzoeksplan maken en onder begeleiding toepassingsgericht onderzoek verrichten en hierover rapporteren. Niveau 3 kan bruikbare aanbevelingen doen op basis van zelfstandig opgezet en uitgevoerd toepassingsgericht onderzoek. 6. De bachelor is sociaal communicatief vaardig. De bachelor beschikt over de sociale vaardigheden om te kunnen functioneren in zijn beroepsomgeving en beschikt over mondelinge en schriftelijke communicatievaardigheden om zowel intern als extern met doelgroepen te kunnen communiceren. Niveau 1 beheerst gesprekstechnieken, kan informatie ordenen, presenteren en samenwerken. Niveau 2 kan effectief samenwerken en doelgericht rapporteren. Niveau 3 kan effectief communiceren met interne en externe doelgroepen.
7. De bachelor is zelfsturend. De bachelor is in staat zijn ontwikkeling te sturen en reguleren, te reflecteren en verantwoording te nemen voor zijn handelen, een (ethische) beroepshouding te ontwikkelen en een bijdrage te leveren aan de professionalisering van de eigen beroepsuitoefening. Niveau 1 ontwikkelt een beeld van het beroep en studiehouding. Niveau 2 neemt op basis van een ethische beroepshouding standpunten in en reflecteert op eigen werk. Niveau 3 kan een kritisch oordeel geven en ontvangen en kan gemotiveerd zijn handelen al dan niet aanpassen.
Bijlage 4: Curriculum overzichten Bachelor Bestuurskunde (na afronding Ad BKM of Ad FD) Examenprogramma: Jaar 3 Onderwijs-eenheid Toets Studie-belasting Beoordeling Code OSIRIS Taal van de Toets-vorm Taal van Resultaa SP Min. eis Naam onderwijsuitvoering de toets SP Toets t-schaal Weging OE toets NC/C D05 Beschrijven en evalueren van 5,5 NC MBBK D05 BLK Beleidskunde NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D05 ECO Economie NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D05 ORG Organisatiekunde NL Werkstuk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D05 RHT Recht NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC D06 Beschrijven en evalueren van MBBK D06 BPR Beroepsproduct NL Beroepsproduct NL 11 11 1-10 1 5,5 NC MBBK D06 ENG Engels NL Schriftelijk EN 2 2 1-10 1 5,5 NC D07 Ontwikkelen en uitvoeren van MBBK D07 BLK Beleidskunde NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D07 ECO Economie NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D07 POL politicologie NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D07 RHT Recht NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC D08 Ontwikkelen en uitvoeren van MBBK D08 BPR Beroepsproduct NL Beroepsproduct NL 11 11 1-10 1 5,5 NC MBBK D08 ENG Engels NL Schriftelijk NL 2 2 1-10 1 5,5 NC BV Beroepsvaardighedenleerlijn MBBK D06 OND Onderzoek NL Werkstuk NL 0,5 0,5 VLD 1 5,5 NC MBBK D08 RAP Rapporteren NL Werkstuk NL 0,5 0,5 VLD 1 5,5 NC ILL Individuele leerlijn MBBK D06 REFL1 Reflectie NL Werkstuk NL 4,5 4,5 VLD 1 5,5 NC MBBK D08 REFL1 Reflectie NL Werkstuk NL 4,5 4,5 VLD 1 5,5 NC Totaal
Examenprogramma: Jaar 4 Code OSIRIS Onderwijs-eenheid Toets Studie-belasting Beoordeling Taal van de Toetsvorm Taal van Resultaa SP Min. eis Naam onderwijsuitvoering de toets SP Toets t-schaal Weging OE toets Complex Beleid MBBK D09 BLK Beleidskunde NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D09 ECO Economie NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D09 ORG Organisatiekunde NL Werkstuk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D09 RHT Recht NL Schriftelijk NL 3 3 1-10 1 5,5 NC MBBK D10 BPR Beroepsproduct NL Beroepsproduct NL 11 11 1-10 1 5,5 NC MBBK D10 REFL Reflectie NL Werkstuk NL 7 7 1-10 1 5,5 NC AFSTU Afstuderen MBBK D12 AFS Afstuderen NL Werkstuk NL 30 30 1-10 1 5,5 NC NC/C Totaal 60
Vrijstellingen: Je hebt een Associate degree - Als je een Associate degree hebt die bij de bacheloropleiding hoort, kun je deze bacheloropleiding in twee jaar volgen. - Als je een Associate degree financiële dienstverlening hebt kun je de bacheloropleiding Bedrijfskunde of Bedrijfskunde MER in twee jaar volgen. - Als je een Associate degree Bedrijfskunde hebt, kun je de bacheloropleiding Bedrijfskunde, Bedrijfskunde MER, Bestuurskunde of Integrale Veiligheidskunde in twee jaar volgen. Dit betekent dat je 120 studiepunten moet behalen. Als je je Associate degree hebt behaald, moet je binnen twee jaar met deze bacheloropleiding starten. Je krijgt dan vrijstelling voor de onderwijseenheden hieronder. Als je niet binnen twee jaar start, krijg je geen vrijstelling. Onderstaande vrijstellingen gelden voor studenten die in 2015-16 met de hoofdfase AdBK gestart zijn. Code OE Onderwijseenheid Studiejaar DTBK-BPR MGR-14 Beroepsproduct: De ideale leidinggevende 1 3 DTBK-MGT-14 Management I 1 2 DTBK-PSY-14 Organisatie psychologie 1 2 DTBK-CSV-14 Communicatieve schrijfvaardigheden 1 2 DTBK-BOR ORG-14 Beroepsproduct: OQS 1 3 DTBK-MGT2-14 Management II 1 2 DTBK-PERS-14 Personeelsmanagement 1 2 DTBK-WIS-14 Wiskunde 1 3 DTBK-BPR SHA-14 Beroepsproduct: Stakeholdersanalyse 1 3 DTBK-ECO-14 Economische benadering van organisaties 1 5 (Micro/macro economie Financieel management I) DTBK-PMGT-14 Projectmanagement 1 2 DTBK-RHT-14 Recht I 1 2 DTBK-BPR GG-14 Beroepsproduct: Borging van MVO 1 3 DTBK-DUU-14 Duurzaamheid (MVO ethiek Sociologie) 1 5 DTBK-RHT2-14 Recht II 1 2 DTBK-ENG-14 Engels 1 2 DTBK-OV-15 Onderzoeksvaardigheden 1 6 DTBK-NED-14 Taaltoets Nederlands 1 1 DTBK-TMV1-14 Training managementvaardigheden 1 2 DTBK-TMV2-14 Training managementvaardigheden 1 2 DTBK-CIP-15 Crit. Gericht interview en POP BKM 1 3 DTBK-CIPR-15 Crit. Gericht interview POP en reflectie 1 3 DTBK BPR STP-15 Beroepsproduct: Strategisch plan 2 3 DTBK STMGT-15 Strategisch marketing management (R) 2 4 DTBK FINVSM-15 Financieel management en vermogensmarkten (R) 2 4 DTBK BPR MGAM-15 Beroepsproduct: Management Game 2 3 DTBK-ARHTHRMM-15 Arbeidsrecht en HRM voor managers (R) 2 4 DTBK AORMIS-15 AO, riskmanagement en Man. Informatiesystemen (R) SP 2 4 DTBK BPR ANA-15 Beroepsproduct: Analyse 2 3 DTBK INTA-15 Integrale bedrijfsanalyse 2 4 DTBK MTOST-15 Methoden en technieken en Statistiek (R) 2 4 DTBK AE-15 Macro-economie (R) 2 1 DTBK BPR ENA-15 Beroepsproduct: En nu anders 2 6 DTBK CMGT-15 Change management 2 4 DTBK ONZ1-15 Onderzoeksvaardigheden 1 2 2 DTBK ONZ2-15 Onderzoeksvaardigheden 2 2 2
DTBK TMV3-15 Training managementvaardigheden 2 1 DTBK TMV4-15 Training managementvaardigheden 2 1 DTBK PRC1-15 Praktijkcomponent I 2 2 DTBK PRC2-15 Praktijkcomponent II 2 2 DTBK PRC3-15 Praktijkcomponent III 2 2 DTBK PRC4-15 Praktijkcomponent IV 2 4 Bijlage 6: Drempels In de propedeutische fase geldt geen verplichte volgorde voor deelname aan de onderwijseenheden. In de postpropedeutische fase van de Bacheloropleiding kun je aan de onderwijseenheid Afstudeeropdracht deelnemen, als je 165 studiepunten hebt behaald. Dit betreft 60 studiepunten van de propedeuse en 105 studiepunten in de hoofdfase. Voor studenten die in 2013-2014 of eerder in de propedeuse gestart zijn geldt de regel: In de postpropedeutische fase kan de student pas met de afstudeeropdracht starten wanneer het propedeuse-getuigschrift is behaald en in de postpropedeuse vijf thema s/kwartalen met succes zijn afgerond (ook vrijstellingen tellen mee).