Gemeente Gennep T.a.v. drs. A.M.G. Franssen Postbus 9003 6590 HD Gennep Kenmerk: 2013-38-11-GP-03 Rotterdam, 31 oktober 2016 Betreft: Suppletie-uitkering opsporen explosieven Geachte mevrouw Franssen, Zoals eerder afgesproken, o.a. in onze brief met kenmerk 2013-38-11-GP-01, sturen we u hierbij nadere informatie over het restbedrag van de gemaakte opsporingskosten Conventionele Explosieven (CE) door het Waterschap Peel en Maasvallei (WPM), als onderdeel van het project Dijkversterking. Dit restbedrag komt in aanmerking voor een suppletie-uitkering van het Rijk, via de zogeheten bommenregeling van het Gemeentefonds. Aanvragen voor uitkeringen uit dit fonds dienen, d.m.v. een college- en raadsbesluit, uiterlijk 1 maart 2017 worden ingediend bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatie (BZK). Door middel van deze brief vraagt BeoBOM, als vaste adviseur van het WPM, aan de gemeente Gennep of zij voor het restbedrag van de opsporingskosten CE een raadsvoorstel wil opstellen, deze wil in dienen bij de gemeenteraad en het geaccordeerde raadsbesluit vervolgens wil doorsturen naar het ministerie BZK. PROJECT DIJKVERSTERKING Het Waterschap Peel en Maasvallei heeft in 2013-2014 een omvangrijk dijkversterkingsproject laten uitvoeren binnen zijn beheersgebied. Als vaste adviseur OCE van het Waterschap was BeoBOM bij dit project betrokken als adviseur, directievoerder en toezichthouder. Doel van het project was een aanpassing van de dijken en keringen binnen het beheersgebied van het WPM. Hierbij werd o.a. de dijken bij Milsbeek, Ottersum-Ven-Zelderheide (Dijkring 54) versterkt. Omdat het vermoeden bestond dat, als gevolg van oorlogshandelingen tijdens de Tweede Wereldoorlog, er zich binnen of in de directe nabijheid van de projectlocatie explosieven zijn achtergebleven, heeft het Waterschap een historisch vooronderzoek opsporen CE laten uitvoeren. In dit onderzoek kwam naar voren dat een aantal dijkvakken binnen de gemeente Gennep verdacht waren op achtergelaten explosieven, in de vorm van afwerpmunitie, (verschoten) geallieerde en Duitse geschutmunitie en raketten (zie figuur 1). Daarop heeft WPM een CE opsporingsbedrijf gevraagd om detectieonderzoek te laten uitvoeren. Het Waterschap was immers, conform de Arbeidsomstandighedenwet (artikel 3 en 6), verantwoordelijk om een veilige werkplek te garanderen voor zijn medewerkers. Voor een tweetal locaties binnen de gemeente Gennep zijn aanzienlijke OCE-kosten gemaakt, die nog niet in zijn ingediend voor een suppletie-aanvraag. Het gaat hier om restpunten 5 en 8, oftewel het dijkvak net ten zuiden van het dorp Ottersum en de dijk langs het riviertje Niers, ten zuiden van de Kleefseweg (zie figuren 1 en 2). OCE advies; projectbegeleiding; directievoering; aanvragen van suppletie uit het gemeentefonds; opstellen van procedures en opzetten van een OCE opsporingsbeleid; controleren en opstellen van vooronderzoeken; controleren en opstellen van projectgebonden probleemanalyses (PRA); controleren van meetdata; uitwerken van meetdata; opstellen van second-opinions; opzetten van een volledig opsporingsproject; opstellen calamiteitenplannen in de what-if sfeer; crisis beheersing geïmproviseerde explosieven.
Figuur 1: Uitsnede uit de Eindrapportage detectie- en benaderonderzoek Restpunt Pipingmaatregelen RVG te Ottersum, Heijen en Middelaar (ECG 197-013-ER-01), met daarop aangegeven het detectiegebied ten zuiden Ottersum. Figuur 2: Uitsnede uit de Rapportage detectieonderzoek Restpunt 8 RVG te Ottersum (ECG 139-014-DE-01), met daarop aangegeven het detectiegebied tussen de Kleefseweg (N291) en het riviertje Niers. 2013-38-11-GP-03 Suppletie-uitkering OCE - WPM 2
BOMMENREGELING Het Rijk besloot in 1986 dat de financiële verantwoordelijkheid voor de opsporing van CE bij gemeenten of derden ligt, maar in uitzonderlijke gevallen kan het Rijk een tegemoetkoming in de kosten geven. Dit Bijdragebesluit werd in 2009 omgezet in de zogenaamde bommenregeling, die via het Gemeentefonds loopt. In 2014 is deze regeling aangepast op twee belangrijke punten: Waar voorheen er onderscheid werd gemaakt tussen gemeenten met een vaste vergoeding, maatstafgemeenten en vangnetgemeenten, gelden vanaf 2015 voor alle gemeenten dezelfde regels. Namelijk dat alle gemeenten in geval van opsporing en ruiming van explosieven een bijdrage van 70% in de gemaakte kosten (excl. BTW) van het Rijk kunnen ontvangen door het indienen van een raadsbesluit. Het ontvangen van een suppletie-uitkering via de bommenregeling wordt beperkt tot de werkelijk gemaakte kosten. De mogelijkheid om op basis van toekomstige kosten een bijdrage te ontvangen vervalt. Om in aanmerking te komen voor een suppletie-uitkering via de bommenregeling, dient de desbetreffende gemeente een geaccordeerd raadsbesluit (met daarin vermeld de gemaakte kosten excl. BTW) in te dienen bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), directie Financieel-Economische Zaken (FEZ). Deze aanvraag dient vóór 1 maart 2017 bij het ministerie te zijn ontvangen. Op basis van het raadsbesluit zal de suppletiebijdrage uit de bommenregeling, bestaande uit 70% van de gemaakte kosten, in de meicirculaire 2017 van het Gemeentefonds worden toegekend aan de desbetreffende gemeente. De gemaakte kosten dienen vervolgens in Iv3 inzichtelijk te worden gemaakt via lastenfunctie 160 opsporing en ruiming conventionele explosieven. De beleidsregels geven aan dat publiekrechtelijke lichamen, zoals het Waterschap Peel en Maasvallei, niet zelfstandig in aanmerking komen voor een suppletie uit het gemeentefonds. In uitzondering hierop kunnen zij wel via de gemeente waarbinnen het opsporingsproces CE plaatsvond, aanspraak maken op een suppletieuitkering. Hierbij wordt door middel van een convenant tussen de desbetreffende gemeente en het publiekrechtelijke lichaam geregeld dat de gemeente de aanvraag voor een dergelijke uitkering via de bommenregeling bij het Rijk indient (zie bijlage 1 bij deze brief). FINANCIËLE AFWIKKELING Voor het project Dijkversterking heeft WPM CE-kosten gemaakt in de gemeente Gennep voor OCEwerkzaamheden bij twee dijkvakken in de omgeving van Ottersum (restpunten 5 en 8). De totale kosten van die OCE-proces vormt het subsidiabele bedrag van 153.961,42 (zie onderstaande tabel, voor een uitgebreide specificatie: zie bijlage 2 bij deze brief). Van dit bedrag kan 70% vergoedt worden via de bommenregeling (à 107.773,00), terwijl de overige 30% ten laste komen van het projectbudget van WPM. Dit betekent kortom dat de suppletie-aanvraag voor de gemeente Gennep kostenneutraal verloopt. In het geval dat het college, de raad of het ministerie BZK afwijzend beslist, komen de lasten eveneens geheel voor rekening van WPM. Onderdeel Totaal gemaakte kosten (excl. BTW) OCE-kosten restpunt 5 121.960,22 85.372,16 OCE-kosten restpunt 8 32.001,20 22.400,84 Totaal 153.961,42 107.773,00 Suppletie-bedrag (70% totaal) 2013-38-11-GP-03 Suppletie-uitkering OCE - WPM 3
Als het geaccordeerde raadsbesluit wordt aangenomen door het ministerie, dan zal het Rijk d.m.v. de meicirculaire 2017 bekent maken welk suppletie-bedrag uit de bommenregeling aan de gemeente Gennep wordt toegekend (in dit geval max. 107.773,00). Het Waterschap zal in dat geval een factuur indienen bij de gemeente, wat overeenkomt met het uitgekeerde suppletiebedrag. CONCLUSIE Om de suppletie-aanvraag succesvol af te ronden voor het subsidiabele bedrag van de gemeente Gennep, dient de gemeenteraad uiterlijk 28 februari 2017 akkoord te gaan met een raadsvoorstel over een suppletieaanvraag uit de bommenregeling. Daarom vraagt BeoBOM, namens WPM, hierbij of het college B&W de mogelijkheid ziet om een dergelijk raadsvoorstel in te dienen bij de gemeenteraad en het geaccordeerde raadsbesluit door te sturen naar het ministerie BZK. Alvast hartelijk bedankt voor uw tijd en moeite. Met vriendelijke groet, BeoBOM Frank Barink OCE adviseur Senior OCE deskundige Directeur 2013-38-11-GP-03 Suppletie-uitkering OCE - WPM 4
Bijlage 1: Concept-convenant betreffende suppletie-aanvraag OVEREENKOMST TUSSEN DE GEMEENTE GENNEP EN HET WATERSCHAP PEEL EN MAASVALLEI VOOR DE OPSPORING EN RUIMING VAN CONVENTIONELE EXPLOSIEVEN TER PLAATSE VAN HET PROJECT DIJKVERSTERKING (PROJECTNR. 726300 - RVG) GELEGEN IN DE GEMEENTE GENNEP. De ondergetekenden: De gemeente Gennep, hierna te noemen: de Gemeente, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigt krachtens artikel 171 Gemeentewet door de burgemeester de heer/mevrouw, handelend ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente d.d., en Het Waterschap Peel en Maasvallei, gevestigd te 5921 AC Venlo, Drie Decembersingel 46 (postbus 3390, 5902 RJ Venlo), in deze rechtsgeldig vertegenwoordigd ingevolge het bepaalde in artikel 95 van de Waterschapswet door de heer G.H.M. Driessen in zijn hoedanigheid van waarnemend voorzitter, verder te noemen WPM. Gezamenlijk verder aan te duiden als: partijen; in aanmerking nemende dat: Het waterschap toestemming heeft verleend voor uitvoering van het project DIJKVERSTERKING; Gebleken was dat zich zeer waarschijnlijk conventionele explosieven bevinden binnen het hierboven vermelde projectgebied; Het in verband met de voorgenomen werkzaamheden noodzakelijk werd geacht een explosievenonderzoek uit te voeren; De Gemeente in het kader van de taakbehartiging met betrekking tot de openbare orde en veiligheid een opdracht tot het explosievenonderzoek kan geven; Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) op grond van de Bommenregeling een suppletie kan toekennen aan de Gemeente die een opdracht tot het explosievenonderzoek geeft. Een en ander zoals verwoord in de septembercirculaire gemeentefonds 2014 van 16 september 2014, met kenmerk: 2014-0000286660; WPM de Gemeente heeft verzocht overeenkomstig het bepaalde in voornoemde septembercirculaire gemeentefonds een aanvraag in te dienen bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor het verkrijgen van een suppletie-uitkering voor het opsporen en ruimen van explosieven uit de Tweede Wereldoorlog; De kosten die niet worden gedekt door de suppletie-uitkering ten laste zullen komen van het projectbudget, althans ten laste van WPM WPM binnen het projectgebied DIJKVERSTERKING zorg heeft gedragen voor het uitvoeren van een explosieven-onderzoek conform de vigerende wet- en regelgeving; WPM de betreffende werkzaamheden reeds heeft aanbesteed conform de daarvoor geldende aanbestedingswet- en regelgeving aan ARCADIS NEDERLAND BV en ECG; WPM de technische en inhoudelijke leiding bij de projectuitvoering heeft; De Gemeente voor haar taak als toezichthouder namens openbare orde en veiligheid werd ondersteund door BEOBOM waarvan de kosten werden betaald door WPM. komen overeen als volgt: 1. De Gemeente draagt zorg voor het tijdig aanvragen van een suppletie-uitkering bij de minister van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties zulks conform de daarvoor geldende Bommenregeling voor het opsporen en opruimen van conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. 2. De Gemeente draagt ervoor zorg dat de gemeenteraad tijdig het daartoe vereiste besluit neemt met vermelding daarin van de gemaakte kosten voor de opsporing en ruiming van explosieven. 2013-38-11-GP-03 Suppletie-uitkering OCE - WPM 5
3. WPM is gehouden zorg te dragen voor het tijdig verstrekken van de benodigde informatie ten behoeve van het door de gemeenteraad te nemen besluit. 4. De Gemeente betaalt de van de bevoegde autoriteit ontvangen bijdrage in deze kosten aan WPM; 5. WPM geeft gemandateerd door de gemeente opdracht tot het conventionele explosievenonderzoek. WPM is richting de Gemeente en het aannemingsbedrijf het aanspreekpunt inzake het onderzoek. 6. Voor zover de aan de opsporing en ruiming verbonden kosten niet, of niet geheel, op grond van de bommenregeling worden vergoed, zullen deze ten laste van het project, althans ten laste van WPM worden gebracht. 7. Indien Gemeenteraad of Ministerie van BZK afwijzend beslist ten aanzien van de suppletie-uitkering, dan is WPM gehouden om alle kosten met betrekking tot munitieopsporing en verwijdering voor haar rekening te nemen. 8. De Gemeente verzoekt WPM binnen twee weken na ontvangst van de suppletiegelden een factuur te versturen. De Gemeente betaalt deze factuur binnen 6 weken. 9. Partijen zijn over en weer jegens elkaar aansprakelijk voor schade voortvloeiende uit het tekortschieten in de nakoming van deze overeenkomst, tenzij dit tekortschieten voortvloeit uit handelen of nalaten waartoe zij op grond van wet- en regelgeving gehouden zijn; 10. WPM vrijwaart de Gemeente voor iedere aansprakelijkheid samenhangende met het opsporen en verwijderen van munitie en andere conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. 11. Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing; 12. Elk der Partijen is gerechtigd onderhavige overeenkomst te ontbinden indien de andere partij bij deze overeenkomst haar verplichtingen niet, dan wel niet deugdelijk nakomt en de niet nakoming van een zodanige aard is dat deze een ontbinding rechtvaardigt. Een gerechtvaardigde reden om de overeenkomst te ontbinden is aanwezig indien om moverende redenen geen uitvoering wordt gegeven aan het onderhavige project 13. Deze overeenkomst eindigt na afronding van de financiële afwikkeling van het project, zijnde het opsporen en ruimen van de conventionele explosieven. Aldus in tweevoud opgemaakt en ondertekend te. en namens de gemeente GENNEP op 2016, ----------------- De burgemeester, namens het Waterschap Peel en Maasvallei op ------------2016 ------------------ XX 2013-38-11-GP-03 Suppletie-uitkering OCE - WPM 6
Bijlage 2: Uitgebreide specificatie facturen WPM betreffende project dijkversterking restpunten 5 en 8 (Dijkring 54 Ottersum) Omschrijving Document nummer Cred. code Percentage Bedrag (excl. BTW) Advisering OCE F. Barink 6149 C3507 100% 396,32 Advisering OCE F. Barink 6149 C3507 30% Detectie en benadering CE restpunt 8 3777 C2462 100% Credit op VF240108 3821 C2462 100% Ondersteuning OCE dijkversterkingsproject, restpunt 8 3851 C3507 100% 772,82 2.354,38-161,52 1.535,73 Ondersteuning OCE dijkversterkingsproject, restpunt 8 Detectie en benadering CE restpunt 8 3937 C3507 100% 4010 C2462 100% 297,24 17.092,95 Onderzoeksvoorstel RP8 Tauw BV 100% 191,18 Offerteaanvraag RP8 Tauw BV 100% 191,18 Vrijgegeven CE RP8 T001-1218209BCO Van Beers 100% 6.046,07 Opstellen PP WSCS-OCE T001-1218209BCO Van Beers 100% 908,11 Extra declaratie OCE RP8 T001-1218209BCO Van Beers 100% 2.376,75 Ondersteuning per 3 4471 C3507 100% 1.686,78 3e termijn 4719 C2462 100% 788,62 Detectie restpunt 5 piping RVG 2902 C2462 100% 13.678,93 Detectie restpunt 5 piping RVG 3104 C2462 100% 798,08 Benaderingswerkzaamheden Piping RVG gebied 1 3105 C2462 100% 46.034,23 1.068,70 2013-38-11-GP-03 Suppletie-uitkering OCE - WPM 7
gebied 2 gebied 3 gebied 1 gebied 2 gebied 3 gebied 1 gebied 2 gebied 3 2.210,85 10.115,82 5.931,84 3.164,75 9.428,42 658,62 4.276,84 3.119,24 3x Basisrapportage CE Arcadis NL BV 100% 4.779,50 Begeleiding benadering CE Arcadis NL BV 100% 11.590,29 Extra detectie Ottersum Arcadis NL BV 100% 2.150,78 Extra startoverleg detectiewerk Arcadis NL BV 100% 477,95 Totaalbedrag in aanmerking voor suppletie-uitkering Totaal 153.961,42 Suppletie-bedrag (70% van het totaal) Totaal 107.773,00 Restbedrag op conto van WPM (30% van het totaal) Totaal 46.188,42 2013-38-11-GP-03 Suppletie-uitkering OCE - WPM 8