Test Rapport Montana

Vergelijkbare documenten
Gebruik van microwindturbines voor het leveren van hernieuwbare energie aan particulieren en kleine bedrijven

De emissieterm uit het reken- en meetvoorschrift windturbines

Resultaten testveld kleine windturbines Schoondijke

Windenergie. Verdiepende opdracht

Opbrengstberekening t.b.v. MER Windpark Deil. Inleiding. Berekening. Datum: 28 september 2016 Auteur: Steven Velthuijsen

Opbrengsten en Vollasturen

Opbrengstberekening Windturbines A16

Opbrengstberekening Windenergie A16

Opbrengst- en turbulentieberekeningen Windpark IJmond Lijnopstelling windturbines Reyndersweg Velsen-Noord

Eindexamen wiskunde B1-2 havo 2001-II

Eindexamen wiskunde B1-2 havo 2001-II

Opbrengstberekening t.b.v. MER Windpark Oostflakkee

Het reken- en meetvoorschrift voor windturbines 2010 (concept)

Windturbines en slagschaduw Deventer

JERTS-studie rond kleine en middelgrote windturbines

Testveld Kleine WindTurbines Zeeland

Opbrengstberekening Piet de Wit

Wat is een kleine windturbine?

Windturbines. Energie in de wind Rotor is de motor. Zeeuwind. 07 April Voor meer informatie:

Handleiding Rekentool

Windklimaat industrieterrein Aarschot

Examen HAVO. Wiskunde B (oude stijl)

Kleine en middelgrote windturbines Technische aspecten

Gebruik van microwindturbines voor het leveren van hernieuwbare energie aan particulieren en kleine bedrijven

Als u zelf elektriciteit wilt opwekken, kan een kleine windmolen een mogelijkheid zijn.


Geluid. De norm: 47 db L den

Eindrapport IWT TETRA

1 Evaluatie meetresultaten testveld kleine windturbines Zeeland

PlanMER Gemeente Emmen. Opbrengststudie Windenergie

Eindexamen wiskunde B1 havo 2001-II

Rapport Opbrengst Urban Wind Turbines Duurzame Energie Thuis, Frank Peetoom, juni 2008

Examen HAVO. Wiskunde B1,2 (nieuwe stijl)

Plaatsing van een kleine windmolen aan een kas. Feije de Zwart

Testen en metingen op windenergie.

Kleine windturbines. Stand van zaken. infoavond KWT 23 september Karel Van Wyngene

Top molen. Onderkant molen. Een korte beschrijving van wat je gedaan hebt: We hebben opgemeten hoe hoog de molen was met een geodriehoek.

Windturbine E70 Grote Sloot 158 Sint Maartensbrug

Informerend gedeelte bij Omzendbrief LNE/2009/01 RO/2009/01: Beoordelingskader voor de inplanting van kleine en middelgrote windturbines

Alles in de wind. Over windenergie. Hoe werkt een windturbine? Tandwielkast vroeger en nu. Direct Drive

Monitoring windturbines pilot Energiek Wegdek

NOTITIE AKOESTISCH ONDERZOEK GEWIJZIGDE

LESMODULE OVER WINDENERGIE

Examen HAVO. Wiskunde B1 (nieuwe stijl)

Praktische toepassing mini windturbines

Nederlandse Beoordelingsrichtlijn Kleine Windturbines

Geluidsbelasting door windturbine Slikkerdijk

PR contouren voor windturbine Vestas V90-3.0

Windenergie in Brussel

provincie groningen Voor de Wind gaan! Een praktijkproject over kleine windturbines in de gebouwde omgeving Technische en economische monitoring

LAAGFREQUENT GELUID WINDPARK DE

Naar een nieuw reken- en meetvoorschrift voor windturbines

Titel Studie zog-effecten project Windenergie A16

Slagschaduwonderzoek Amsterdam Noord. 1 Inleiding. 2 Principe en richtlijnen. 2 Mei 2016, Ernst Jaarsma

Opschalen, saneren of vervangen

Rapport. Vaststelling geluidemissie en -immissie ten gevolge van de windturbine gelegen aan Zwinweg 38 te Anna-Paulowna

NMi EuroLoop KROHNE Academy Procesverbetering door kennisoptimalisatie

TECHNISCHE UNIVERSITEIT EINDHOVEN. Eindtoets Experimentele Fysica 1 (3A1X1) - Deel januari 2014 van 14:50 17:00 uur

Windenergie:krachtontwikkeling en pitch-controle

Microwindturbines & Hybridesystemen

Postbus BA Rotterdam. Akoestisch onderzoek windpark Laarakkerdijk in de gemeente Reusel-De Mierden.

DE MEETCAMPAGNE. Guy Putzeys dba-plan bvba

Windpark Hogezandse Polder

Geluid van windturbines Winddagen 2016

Wat is voor de doorsnee Nederlander het meest verstorend aan een windturbine die in de buurt wordt neergezet?

WINDENERGIE : STROMINGSLEER

serie RVV Variabel debietsregelaar

Betreft: Verzoek tot beleid inzake kleine windmolens voor particulieren en bedrijven.

Opgaven. Opgave: Polsstokspringen a) m = ρ V

Invloed bouwplan Molenborgh op windvang De Zuidmolen te Groesbeek OO/OO//HC BR-001

Entiteit: Energiecoöperatie Dordrecht Datum: Project: Windturbine Krabbegors Versie: 1.0 Auteur: E. van den Berg Status: Concept

Energie uit getijstroming

Eindexamen natuurkunde pilot vwo II

ONDERZOEK EXTERNE VEILIGHEID WINDTURBINE DE HOEF 14 TE LEUNEN. De heer G. van de Ligt. Definitief december 2015

Raedthuys Windenergie BV en De Wieken BV. Berekeningen aanvullende scenario s

03/07469/pv - MER offshore windmolenpark Thorntonbank 4.5 GELUID EN TRILLINGEN: FIGUREN

Deze toets bestaat uit 3 opgaven (30 punten). Gebruik eigen grafische rekenmachine en BINAS toegestaan. Veel succes!

BLIX Consultancy BV. Hoe kies je de juiste windturbine voor je project

Profielwerkstuk Windturbines

Wind Werkt...met Weibull

DHV B.V. bedrijfssituatie is uitgegaan van iets meer dan tweederde van de maximale capaciteit. Om het bronvermogen (Lwr) te corrigeren is gebruik gema

Werkstuk Natuurkunde Schakeling

Examen HAVO. Wiskunde B1

Windpark Nieuwegein. Slagschaduwstudie

De heer P. Reintjes Raadhuisstraat ER Eijsden INLEIDING

Transcriptie:

Test Rapport Montana Jochem Vermeir Fluid mechanics and Thermodynamics Research group (FTRG) Erasmushogeschool Brussel Nijverheidskaai, Brussels 1070, Belgium 19 september 2012 1 Omschrijving wind turbine Montana Fortis Wind energy Rotor diameter = 5 m Nominaal vermogen = 5 kw Nominale wind snelheid = 15 m/s Aantal rotorbladen = 3 Ashoogte 24 m Toren verankerd met kabels 1

2 Omschrijving test site De turbine is geïnstalleerd op de bedrijvensite van Laborelec te Linkebeek. Op figuur 1 is een grondplan te zien van de plaats van de windturbine op dit bedrijventerrein. Figuur 1: Grondplan installatie 2

3 Omschrijving Test materiaal De connectie met het net is tweefasig (Figuur 2). Er wordt gebruik gemaakt van 2 invertoren (type Windyboy) van 2,3 kw. Het vermogen afkomstig van de windturbine wordt eerst gelijkgericht om nadien terug naar een sinusvormige stroom te worden omgevormd met de juiste frequentie in de inverter. Figuur 2: Netconnectie 3

De anemometer werd op de mast van de turbine zelf bevestigd. De hoogte van de bevestiging is gelijk aan 18 m. In figuur 3 (anemometer 2) is een situatieschets te zien van de wind metingen. Volgens de IEC 61400-12-1 normen dient de windsnelheid echter op ±2,5% van de ashoogte gemeten worden. Aangezien er 2 windmetingen simultaan plaatsvinden, kan de windsnelheid op ashoogte geëxtrapoleerd worden. De berekeningen voor de extrapolatie zijn terug te vinden in hoofdstuk 6: Resultaten van de windmetingen voor de testsite. Figuur 3: Wind meting 4

4 Omschrijving meet procedure Meetperiode ±1jaar Start vermogensmetingen 01/01/09 Start windmetingen 16/01/09 Einde metinge 01/01/10 Uitmiddelingsperiode voor de vermogensmetingen = 5 min Uitmiddelingsperiode voor de windmetingen = 10 min 5

5 Presentatie van de metingen In figuur 4 worden alle meetpunten weergegeven in een grafiek, met een onderverdeling van hun afwijking tegenover het gemiddelde. Figuur 4: Scatter Plot 6

Voor het opstellen van de vermogenscurve van de turbine zijn de resultaten opgedeeld in bins van 0,5 m/s. De eerste 2 bins zijn weggelaten omdat deze geen bruikbare resultaten leveren. Aangezien er geen metingen zijn waar de windsnelheid boven 13,2 m/s bestaan is het aantal bins gereduceerd. In tabel 1 worden de statistische resultaten van de metingen in tabelvorm weergegeven. De windsnelheden die gebruikt zijn voor het verwerken van de metingen zijn zoals eerder vermeld de geëxtrapoleerde waarden naar ashoogte. Tabel 1: Calibration 1 Bin U Mean (m/s) P Mean (W ) P Min (W ) P Max (W ) P std (W ) Nr. samples Cp 3 1,0 2,61 0,0 800,1 15,1 2708 0,217 4 1,5 4,6 0,0 398,4 22,9 3942 0,113 5 2,0 9,9 0,0 374,6 30,9 5112 0,103 6 2,5 24,9 0,0 1005,2 58,1 5633 0,133 7 3,0 62,9 0,0 1070,8 85,3 5326 0,194 8 3,5 120,9 0,0 1048,8 108,4 4767 0,234 9 4,0 199,4 0,0 1101,4 134,5 4173 0,259 10 4,5 292,0 0,0 1088,3 150,9 3439 0,266 11 5,0 403,1 0,0 1450,1 181,7 2720 0,268 12 5,5 537,6 0,0 1653,2 229,3 2094 0,269 13 6,0 682,9 0,0 1773,2 250,1 1588 0,263 14 6,5 834,7 0,0 2098,7 283,2 1059 0,253 15 7,0 983,2 0,0 2405,8 333,4 808 0,238 16 7,5 1140,6 13,1 2333,6 346,2 601 0,225 17 8,0 1316,4 13,8 2868,9 369,0 373 0,214 18 8,5 1511,0 22,7 2811,6 445,8 238 0,205 19 9,0 1588,7 25,4 2393,9 378,4 166 0,181 20 9,5 1834,8 12,4 2756,3 412,3 98 0,178 21 10,0 1875,3 533,0 3108,5 457,6 57 0,156 22 10,5 2124,3 1290,2 2866,5 357,2 36 0,153 23 11,0 2051,1 1429,5 2824,6 421,1 13 0,128 24 11,5 2294,7 1742,2 2789,1 288,7 15 0,125 25 12,0 2411,4 1740,5 2742,8 285,1 9 0,116 26 12,3 2348,9 2348,9 2348,9 0,0 1 0,100 27 13,0 1268,3 157,1 2130,0 1009,8 3 0,048 7

Deze waarden kunnen nu gebruikt worden in een grafiek die dan de vermogenscurve weergeeft. Door het lage aantal meetpunten in de laatste bins, heeft de curve een abnormaal verloop bij hogere snelheden. Het vermogen in deze bins is lager dan verwacht. Dit wordt wellicht veroorzaakt door rukwinden die optreden in een 10 min uitgemiddelde periode. Deze rukwinden (korte periode sterkere windsnelheid) zorgen voor een hoger gemiddelde van de windsnelheid, terwijl de windturbine vanwege zijn traagheid de hogere windsnelheid niet kan omzetten in een hogere energieproductie.in figuur 5 wordt deze vermogenscurve weergegeven. Figuur 5: Vermogenscurve Montana 8

De vermogensfactor Cp kan berekend worden aan de hand van onderstaande formule. In figuur 6 wordt (Cp) weergegeven voor de verschillende windsnelheden uit de bins. Wat meteen opvalt zijn de hoge waarden bij lagere snelheden. Dit is wellicht te wijten aan de invloed van extreme waarden binnen de meetperiode bij lage windsnelheden. Indien de uitmiddelingsperiode kleiner zou genomen worden (bijvoorbeeld 1 min) dan zou de Cp-curve een ander verloop kennen bij lage windsnelheden. Met Cp = P 1 ρau (1) 2 3 P is het gemeten vermogen [W] ρ is de luchtdichtheid. De waarde die wordt gebruikt is gestandaardiseerd [1.225 kg/m 3 ] A is het rotoroppervlak [m 2 ] U is de windsnelheid op ashoogte [m/s] 9

Figuur 6: Cp-curve De gemeten vermogenscurve kan vergeleken worden met de gegevens van de fabrikant. Deze vergelijking wordt weergegeven in figuur 7. Het valt op dat er een goede overeenkomst is tussen beide curven bij lage windsnelheden. Naarmate de windsnelheid groter wordt, vergroot ook de afwijking. Bij de hoogst gemeten windsnelheden is het verschil relatief groot wat wellicht te wijten is aan het lage aantal meetpunten in deze bins. 10

Figuur 7: Vergelijking gemeten vermogenscurve met gegevens fabrikant De jaarlijkse energie productie kan berekend worden op basis van de Rayleigh verdeling. De rayleigh verdeling wordt berekend aan de hand van de volgende formule. Met F (U i ) = 1 exp( π 4 ( U i U Mean ) 2 ) (2) F(U i ) is de cumulatieve kansdichtheidsfunctie voor de windsnelheid U i is de gemiddelde windsnelheid in bin i [m/s] U Mean is de jaargemiddelde windsnelheid op ashoogte [m/s] Op basis van deze windsnelheidsverdeling kan een schatting gemaakt worden van de jaarlijkse opbrengst voor een bepaalde gemiddelde windsnelheid. De formule die hiervoor gehanteerd wordt is de volgende : N AEP = N h [F (U i ) F (U i 1 )]( P i 1 + P i ) (3) 2 i=1 11

Met AEP de jaarlijkse energieopbrengst [kwh/jaar] N h het aantal uren per jaar (±8760) [u] N het aantal bins Volgens de IEC-61400-12-1 normen moet dit nagegaan worden voor jaargemiddelde windsnelheden van 4,5,6,7,8,9,10,11 m/s en eventueel voor de gemiddelde windsnelheid (3,3 m/s) voor de testsite. Aangezien er geen meetresultaten zijn voor snelheden boven 13,2 m/s is het niet mogelijk om de jaarlijkse opbrengst te berekenen voor windsnelheden hoger dan 4 m/s. Tabel 2: Calibration 1 U Mean (m/s) AEP (kw h/jaar) 2,5 756,3 3 1342,8 3,3 1714,1 3,5 2087,2 4 2952,6 12

6 Resultaten van de windmetingen voor de testsite Zoals vermeld in hoofdstuk 3 is de windsnelheid niet gemeten op ashoogte maar op 18 m hoogte. Aangezien er ook een 2de anemometer aanwezig was in hetzelfde vlak kan de windsnelheid naar ashoogte worden geëxtrapoleerd. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de volgende vereenvoudigde formule: U(Z) = U(Z R ) ln( Z R Z0 ) ln( Z Z 0 ) (4) Met U(Z R ) de gemeten windsnelheid op 18 m hoogte [m/s] U(Z) de windsnelheid op ashoogte namelijk 24 m [m/s] Z 0 de ruwheidslengte [m] Met de gemeten windsnelheid op 18 m en 15 m hoogte kan voor elk datapunt de ruwheidslengte bepaald worden. Aan de hand van deze ruwheidslengte en de windsnelheid op 18 m hoogte kan de windsnelheid op 24 m geëxtrapoleerd worden. Het gemiddelde voor de test site voor het jaar 2009 op een hoogte van 18 m bedraagt zoals hierboven vermeld 2,6 m/s. In tabel 3 worden de maandelijkse gemiddelde windsnelheden tijdens de meetperiode weergegeven. 13

Tabel 3: Calibration 1 Maand Gemiddelde (m/s) Maximum (m/s) Januari 3,4 10,8 Februari 2,4 9,2 Maart 3,0 8,9 April 2,1 8,4 Mei 2,4 11,1 Juni 2,1 10,0 Juli 2,5 8,3 Augustus 1,9 8,6 September 2,3 8,8 Oktober 2,2 7,9 November 4,0 11,1 December 3,0 7,6 Dezelfde tabel (tabel 4) kan nu opgesteld worden voor een ashoogte van 24 m. Dit zijn ook de windsnelheden die gebruikt zijn om de vermogenscurve te bepalen. De gemiddelde windsnelheid voor deze hoogte is 3,3 m/s. Tabel 4: Calibration 1 Maand Gemiddelde (m/s) Maximum (m/s) Januari 4,1 12,3 Februari 3,1 11,4 Maart 3,7 10,4 April 2,8 10,6 Mei 3,0 13,0 Juni 2,8 11,3 Juli 3,1 10,0 Augustus 2,4 9,9 September 3,0 10,4 Oktober 2,9 9,6 November 4,9 13,2 December 3,8 9,2 14

In figuur 8 en figuur 9 worden resp. een frequentietabel en een rayleigh verdeling weergegeven van de verschillende windsnelheden op ashoogte. Figuur 8: Frequentie tabel 15

Figuur 9: Rayleigh verdeling windsnelheidl In figuur 10 wordt een windroos weergegeven met de gemiddelde windsnelheid per windrichting op ashoogte. 16

Figuur 10: Wind roos 17