EVALUATIERAPPORT PILOT 2X4 DELFT ( )

Vergelijkbare documenten
EVALUATIERAPPORT PILOT TS-4 NAALDWIJK ( )

EVALUATIERAPPORT PILOT SIV-2 MIDDEN- DELFLAND ( )

Bijlage 11. Voertuigspecificaties

VISIE UITRUK OP MAAT DEFINITIEF CONCEPT

Wat je al met 4 niet kan!!! Pilot TS-4 Brandweer Utrecht Brandweer Amersfoort

Analyse GMS-gegevens. 1. Inleiding. 2. Methode

uitrukprocedure versie 1.0 Nieuwe uitruk procedure per 9 januari 2012

MOED brandweer VNOG T.b.v. de 22 gemeenteraden

Bijlage A, behorende bij artikel 2 lid 1 Besluit personeel veiligheidsregio s

VRBZO. Wat doet VRBZO? Zie film

VAARDIGHEIDSTOETS Provinciaal

Het dekkingsplan is een wettelijk verplicht plan dat aangeeft hoe snel de brandweer na de melding van een brand bij een object kan zijn.

Operationele grenzen basisbrandweerzorg

Kwaliteitskader uitruk- en opkomsttijden Regionale Brandweer Haaglanden

Inzet met accent op brandbestrijding. Oefening

samenwerkingsovereenkomst

Functiehuis Bedrijfsbrandweer

Grootschalig Watertransport

RAPPORTAGE DEKKINGSPLAN VERSIE 0.4

Analyse evaluatierapport Grote brand Gruttostraat 14, Hellevoetsluis, 20 mei 2016 (Versie 1.0,13 juni 2016) Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond

Brandweer Nederland Samen sterk, samen veilig

Inzet met accent op brandbestrijding. Oefening

Kan de brandweer een gevelbrand bestrijden

Vergelijkende studie minimale middelen brandweer Buurlanden van België

AGENDAPUNT /08

Geactualiseerd repressief dekkingsplan Gemeente Heemstede -

Plan van Aanpak. Onderzoek Zeer grote brand aan de Herenweg 6 te Houten op 25 juli 2015

Risico s bij brandbestrijding. Ricardo Weewer Strategisch adviseur/ plv commandant

Woensdag. februari. Wat doet BOT-MI? Brandweerscheurkalender 2012

Uitruk op Maat. In deze uitgave. Project Uitruk op Maat van start in veiligheidsregio Zuidoost-Brabant. Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost

KWALIFICATIEPROFIEL VOOR BEVELVOERDER

Brandweer Haaglanden Bestuurlijke aansturing en Contouren brandweerorganisatie

Project Kwaliteit brandweerpersoneel. De brandweer wordt nog veiliger en beter

De brandweer wordt nog veiliger en beter

Redvoertuigen & Hulpverleningsvoertuigen

Vliegtuigbrandbestrijding. Oefening

Brandweerzorg in samenhang

Visie op de brandweerzorg Gelderland-Zuid

Kosten en opbrengst OMS. Resultaten onderzoek naar de kosten en opbrengst van het OMS in de regio Twente

Specialisten van de VRU. Hoogtereddingsteam: voor redden op hoogte én diepte

brandweer Nieuwegein Zuid Jij ook? Kom bij de brandweer!

b Anders, namelijk: op verzoek van bestuurlijke werkgroep toekomstvisie gemeente Eindhoven Raadsinformatiebrief Betreft Toekomstvisie Brandweerzorg 3

Project mpsp. Eindrapportage scenario 2 en 3. Versiebeheer

EVALUATIE BASISBRANDWEERZORG. Waarom leren van uitrukken?

# Overwegingen Aantekeningen 1 Alarm

VISIE BASISBRANDWEERZORG DEFINITIEF CONCEPT 18 SEPT. In het kader van het project Doorontwikkeling Repressieve Organisatie

Evaluatie. Pilot TS4. Brandweer. Alkmaar

Samenwerken aan Brandveiligheid

Brandweer pleit voor realistische wetgeving opkomsttijden

Presentatie voorstellen AB MOED

Inzicht in de activiteiten die brandweer Maas en Waal verricht voor de gemeente Beuningen.

VAARDIGHEIDSTOETS e gewestelijke

Manschap A. BB-A- Brandweerorganisatie BB-B- Verzorgingsgebied. THV-A- Hulpverleningsincidenten in de eigen werkomgeving

20 vacante plaatsen voor sergeant (vrijwillig personeel) via bevordering

Juridisch onderzoek variabele bezetting tankautospuit

Geachte leden van de vaste Kamercommissie Veiligheid & Justitie,

NB: Dit voorstel is op 28 augustus 2008 besproken in het overleg van de pilotregio s. De uitkomsten van dit overleg zijn in de notitie verwerkt.

Experiment TS-4 Brunssum

Brandweer Bedum. Commissie Algemene Bestuurlijke Zaken. Rapportage en voortgang van de lokale Brandweer Bedum

Erratum Regionaal Crisisplan Uitwerking calamiteitencoördinator (CaCo)

Test team Baancoördinator

Transcriptie:

BRANDWEER HAAGLANDEN EVALUATIERAPPORT PILOT 2X4 DELFT (15-4230) Definitieve Versie Vernieuwde Repressie 1

Toelichting Deze evaluatie maakt onderdeel uit het Project Pilots Vernieuwde Repressie. Dit project is één van de projecten van het Programma Vernieuwde Repressie van de Brandweer Haaglanden. De Brandweer Haaglanden heeft zich tot doel gesteld de manier van incidentbestrijding te blijven aanpassen aan de eisen van de samenleving. Dit gebeurt door: Het oprichten van kleinere eenheden voor basiszorg en/of noodhulp Het meer specialiseren van brandweertaken Het leveren van zorg op maat (b.v. per gebied, tijdstip of weersomstandigheden) De evaluatie van de pilots Vernieuwde Repressie kan daarom niet los worden gelezen van de andere activiteiten en projecten zoals: Materieel en Personeel Spreidings Plan scenario 4 Vergelijkingstesten pilots (medio 2013) Visie Technische Hulpverlening Visie Brandbestrijding Kijk op BRITH voor meer informatie over Vernieuwde Repressie. 2

Inhoudsopgave Samenvatting... 5 Inleiding... 6 Hoofdstuk 1 Opzet evaluatierapport... 7 Doelstelling... 7 Doelgroep... 7 Aanpak... 7 Leeswijzer... 7 Hoofdstuk2: De Pilot 2x4... 8 Inleiding... 8 Ontstaan van de pilot... 8 Wat omvat de pilot... 8 Welk voertuigen worden er ingezet... 9 Hoofdstuk 3 Het verzorgingsgebied van de pilot... 10 Inleiding... 10 Beschrijving van het verzorgingsgebied... 10 Alarmering procedure... 11 Uitruk gegevens:... 11 Conclusie... 12 Hoofdstuk 4 Ervaringen vanuit de evaluatieformulieren... 13 Inleiding... 13 Evaluatieformulieren... 13 Aanrijden... 13 Beeldvorming ter plaatse... 14 Opschaling... 14 Procedures... 15 Veiligheid... 15 Hoofdstuk 5 Persoonlijke ervaringen met de Pilot TS-4... 16 Inleiding... 16 Betrokkenheid bij de pilot... 16 Positief gestemd om te starten met de pilot... 16 Oefeningen Antwerpen:... 17 Voertuigen SIV-4 en een TS-4:... 17 De taken voor de pilot 2x4 waren duidelijk:... 18 3

Wie kan er werken op een TS-4 of een SIV-4:... 18 Toekomst van de 2x4... 19 Hoofdstuk 7 Conclusie... 20 De organisatie van de pilot... 20 Sterkte- Zwakte analyse... 20 Eindconclusie Pilot 2x4... 20 Begrippenlijst... 21 4

Samenvatting Het project pilots Vernieuwde Repressie is gestart om ervaring op te doen met verschillende vormen van voertuigbezetting. Bij dit project wordt de kennis en ervaring van de medewerkers benut om een zichtbare beweging te starten. Vanuit de kazerne Delft is het initiatief gekomen om een pilot te starten 2x4. Voor de regionalisering werd er in Delft al uitgerukt met een TS-4 die dan gevolgd werd door een TS-6. Door de bereikbaarheidsproblematiek in de oude binnenstad van Delft waren de straten met de kleine TS-4 goed toegankelijk. Het doel van de pilot was om beide voertuigen op aparte incidenten in te zetten en bij binnenbrand samen te gaan. Tijdens de pilotperiode zijn twee voertuigen gebruikt, een standaard tankautospuit en SIV-4. Na een lange voorbereidingsperiode is op 15-03-2013 de pilot van start gegaan voor een periode van 3.5 maand. Tijdens deze periode heeft de kazerne Delft een beperkt aantal incidenten gehad. Daarnaast heeft de pilot ook buitendienst gestaan wegens problemen in verband met de tekorten in het rooster. BMT kon niet aan de opgestelde eisen van het SIV voertuig voldoen. Hierdoor was het draagvlak lager en viel een deel van de beoogde pilotdoelen in het water. De collega s in Delft hebben diverse keren geoefend met de combinatie 2x4. Gezien er op de verschillende specialismes werd uitgerukt met 1x4 is er ook op deze wijze geoefend. Hieruit kwam naar voren dat bij de verschillende specialismes al snel de beperking in handjes tekort naar voren kwam. Daarnaast is de rol van bevelvoerder erg belangrijk. Bij complexe incidenten is de bevelvoerder nodig voor inzicht en kan niet worden ingezet als meewerkend voorman. Het werken met een andere voertuigbezetting stelt hogere eisen op het gebied van vakbekwaamheid en zelfstandigheid. De collega s verwachten meer van elkaar; moeten meer zelfstandig kunnen optreden, er is meer behoefte aan zekerheid over iemands kwaliteiten. Door het geringe aantal incidenten en de pilot niet alle dagen operationeel is geweest levert de pilot geen volledig beeld op. Tijdens de pilot zijn bij operationeel optreden geen grote nadelen ervaren. De pilot heeft tekort geduurd om hier conclusies aan te verbinden. 5

Inleiding De veiligheidsregio haaglanden (VRH) wil de komende jaren haar incidentbestrijding vernieuwen en aanpassen aan de huidige eisen en verwachtingen van de samenleving. Daarom worden in de periode 2012 en 2013 een aantal pilots uitgevoerd met andere vormen van voertuigbezetting voor de basisbrandweerzorg. De pilots hebben tot doel om ervaring op te doen met andere manieren van voertuigbezetting tijdens oefeningen en in de praktijk. Er is gekozen voor pilots om de aanwezige kennis en ervaringen van de operationele dienst te gebruiken. 6

Hoofdstuk 1 Opzet evaluatierapport Doelstelling De projectgroep Vernieuwde Repressie hebben een drietal doelstellingen vastgesteld, wat er bereikt moet worden met de pilots in het kader van Vernieuwde Repressie : 1. Het benutten van de kennis en ervaring ( vakmanschap ) in de organisatie bij het ontwikkelen van Vernieuwde Repressie 2. Het opdoen van ervaring met verschillende vormen van variabele voertuigbezetting en daarbij behorende werkwijze, procedures etc. 3. Het creëren van een zichtbare beweging van verandering voor brandweer, burgers en bestuur 1 Doelgroep Dit evaluatierapport wordt geschreven naar aanleiding van de ervaringen en opgedane kennis van de operationele dienst die met de pilot werkt of ondersteuning aan de pilot heeft geleverd. De kennis en ervaring die hier in staat beschreven wordt gedragen door de operationele dienst. Tevens dient het evaluatierapport als overzichtsmiddel voor het management en andere geïnteresseerden. Aanpak De pilots die onder het project Vernieuwde Repressie worden opgestart zullen geëvalueerd moeten worden. Om aan de doelstelling van het project te voldoen moeten de ervaringen en kennis beschreven worden. Naast deze kennis zal er in dit rapport ook aandacht besteed worden aan de cijfers zoals deze bekend zijn in het GMS (Geïntegreerd Meldkamer Systeem) en de evaluatieformulieren die na een incident zijn ingevuld door betrokken bevelvoerders. Om de opgedane kennis en ervaring te kunnen vastleggen hebben er evaluatiesessies plaats gevonden. Zoals bij de andere pilots is vastgehouden aan een aantal onderwerpen die het gesprek sturen. Leeswijzer In hoofdstuk 2 zal er gekeken worden naar de pilot, hoe is deze ontstaan, wat is het doel en hoe is er draagvlak gecreëerd. Hoofdstuk 3 zal zich richten op het verzorgingsgebied, welke cijfers zijn er bekend vanuit het Geïntegreerd Meldkamer Systeem. De evaluatieformulieren die door de bevelvoerders zijn ingevuld zijn geanalyseerd in Hoofdstuk 4. De ervaringen van de operationele dienst over de bevindingen met betrekking tot de pilot staan samengevat in hoofdstuk 5. Het evaluatierapport wordt afgesloten met een conclusie in de vorm van een sterkte- zwakte analyse, deze is terug te vinden in hoofdstuk 6. 1 Projectplan Pilots Vernieuwde Repressie 7

Hoofdstuk2: De Pilot 2x4 Inleiding In Delft is gekozen om een pilot te doen met de TS-4, een Tankautospuit met 4 personen en daarnaast een SIV-4, een Snel Interventie Voertuig met 4 personen. Hoe de pilot is ontstaan, wat voor voertuig er werd gebruikt is te lezen in dit hoofdstuk. Ontstaan van de pilot Delft is een beroepspost waar na de regionalisering nog 2 specialisme zijn, duiken en het redvoertuig. Voor de regionalisering had Delft naast een standaard tankautospuit ook een kleine tankautospuit. De kleine tankautospuit werd bemand door springbemanning. Bij een melding brand ging zowel de grote als de kleine tankautospuit rijden. In de binnenstad is gebleken dat de kleine tankautospuit een meerwaarde heeft doordat de oude binnenstad en het westerkwartier niet goed toegankelijk zijn met een standaard tankautospuit. Wat omvat de pilot Door het inzetten van de pilot 2x4 wil de post maatwerk leven voor de basisbrandweerzorg. Uit diverse korpsen in Nederland is gebleken dat circa 90% van de uitrukken met een 4 persoonsvoertuig mogelijk zijn. De belangrijkste reden voor Delft om met twee 4-mansvoertuigen uit te rukken is dat Delft de eerste minuten selfsupporting is doordat de korpsen verder uit elkaar liggen. Om maatwerk te kunnen leveren wordt er dan ook niet standaard uitgerukt met 2 voertuigen. Bij THV en WO zal er worden uitgerukt met het SIV voertuig. Terwijl bij OGS en brand wordt uitgerukt met de standaard TS. Bij een melding binnenbrand binnen de gemeente Delft zullen beide voertuigen uitrukken aangevuld met een TS6 vanuit een omliggende gemeente. Wanneer beide voertuigen worden ingezet zal het nader bericht "middelbrand" worden gegeven. Wanneer ook de aanvullende TS-6 wordt ingezet is het nader bericht "Grote brand". Beide voertuigen kunnen ook uitrukken naar omliggende gemeenten volgens de kazerne volgorde tabel. Wel zal altijd worden vermeld op het incidentenkanaal waarmee men uitrukt zodat de "ontvangende" bevelvoerder rekening kan houden met eventuele opschaling. Wanneer Delft wordt gealarmeerd voor een grote of zeer grote brand buiten Delft zal uitgerukt worden met een TS-6 zodat de huidige opschaling structuur van kracht blijft. Het SIV voertuig staat dan buitendienst. 8

Welk voertuigen worden er ingezet Tijdens de pilot in Delft is er gebruik gemaakt van 2 voertuigen. 1 standaard tankautospuit met een bemanning van 4 personen en een gehuurde SIV / kleine tankautospuit met een bemanning van 4 personen. De gehuurde SIV/ kleine tankautospuit is een klein chassis gehuurd van BMT. Het voertuig is uitgerust met 1 straal one seven en 1 straal LD. 9

Hoofdstuk 3 Het verzorgingsgebied van de pilot Inleiding Om een beeld te creëren waar de pilot heeft plaatsgevonden is het verzorgingsgebied van de kazerne Delft toegevoegd aan dit rapport. Doordat er gebruik is gemaakt van verschillende voertuigen zijn de incidenten gescheiden voor beide voertuigen. De SIV-4 wordt ingezet op dienstverlening terwijl de TS-4 brandbestrijding als belangrijkste taak heeft. Naast het verzorgingsgebied en de taakverdeling van de verschillende voertuigen zijn de uitrukgegevens toegevoegd zoals deze bekend zijn in het GMS. Beschrijving van het verzorgingsgebied De legenda aan de zijkant geeft aan dat het roze deel het gebied is waar Delft als eerste ter plaatse is. Het paarse gedeelte geeft aan waar Delft als tweede ter plaatse is. Op de afbeelding zijn ook meerdere rode puntjes zichtbaar, dit zijn de kazernes die in de buurt van kazerne Delft zijn gelegen. Kazerne Delft heeft een groot verzorgingsgebied waarbij de aanrijdtijd voor aanvullende eenheden langer is op andere plekken in de regio. De aanwezigheid van industrie, chemische bedrijven, technische universiteit, snelwegen, hoogbouw en een dichtbebouwd centrum bieden de pilot een brede diversiteit aan objecten. 10

Alarmering procedure De SIV-4 zal voor de volgende alarmeringen gaan rijden: Binnenbrand THV Dienstverleningen zoals: liften, buitensluitingen en etc WO Tram ongeval Ass. AMBU aangevuld door een HW en bij reanimatie, zwaarlijvige personen + TS4 De TS-4 zal voor de volgende alarmeringen gaan rijden: Binnenbrand Buitenbranden Automatische meldingen OGS Tram ongeval Uitruk gegevens: Tijdens de 4 maanden durende pilot is er in het GMS geen splitsing gemaakt tussen de twee voertuigen. Ten alle tijden werd de 4230 gealarmeerd. Door de bovenstaande taakverdeling wist de bemanningen zelf welk voertuig moest uitrukken. Het onderstaande overzicht geeft alle incidenten waar Delft aan is gekoppeld, dit betekend dus nog voor de splitsing naar een bepaald voertuig. Het schema Gekoppeld SIV-4 Delft geeft de aantallen weer wanneer de SIV-4 op aanvraag bij de alarmcentrale is gekoppeld. 11

Conclusie Door te korten in het rooster en vanwege de personele wisselingen heeft de pilot 2x4 veel buitendienst gestaan. Het precieze aantal dagen dat de pilot buiten dienst heeft gestaan is niet bekend. De gegevens uit GMS waarin het voertuig gekoppeld is en de waarneming van de pilottrekker is dit ongeveer de helft van het totaal aantal dagen geweest. 12

Hoofdstuk 4 Ervaringen vanuit de evaluatieformulieren Inleiding Gedurende de pilot is er aan de bevelvoerders en de manschappen van de pilot en de bevelvoerders van de naburige kazernes gevraagd om een evaluatieformulier in te vullen na een incident. De formulieren zijn verzameld en werden maandelijks gepresenteerd om een ieder binnen de brandweerorganisatie inzicht te geven in de pilot. Wat er is ingevuld door de bevelvoerders zal in dit hoofdstuk behandeld worden. Evaluatieformulieren In dit hoofdstuk vindt u een samenvatting van de ingevulde evaluatieformulieren waar de pilot 2x4 is ingezet. Conform de procedures kan het gaan om één van de voertuigen of beide voertuigen. In totaal zijn er van de 431 incidenten 27 evaluatieformulieren ingevuld. Aanrijden Zoals te zien is in onderstaand diagram is bij 67% van de incidenten het aanrijden goed verlopen. De onderstaande redenen zijn voornamelijk van kracht op het gehuurde SIV voertuig, het aanrijden verliep niet goed door de volgende redenen: Geen koppeling tussen de RAC en het voertuig waardoor het adres niet automatisch werd ingeschoten Ontbrak aan lokale bekendheid van de chauffeur en manschappen, voornamelijk door de wisselingen. Manschappen hadden geen zicht op het MDT en konden hierdoor de chauffeur niet ondersteunen. Het zoeken in de bereikbaarheidskaart en het voorbereiden op het incident gaat niet goed samen. 13

Beeldvorming ter plaatse Zoals te zien is in de diagram is er in 93% van de incidenten bij aankomst direct gekomen tot een volledig beeld. Bij de incidenten waarbij dit niet mogelijk was komt dit door: Vanwege een bommelding moest de brandweer wachten tot de politie klaar was bij het incident. In een ander geval, een incident met CO en meerdere slachtoffers kwam de bevelvoerder handen en ogen tekort. Opschaling Alleen bij binnenbrand rukte beide voertuigen uit, bij de overige incidenten werd er uitgerukt met één van de twee voertuigen. Bij 22% van de incidenten is er opgeschaald. De voornaamste reden van opschaling is mensen te kort. Dit betekent dus dat 78% van de incidenten met 4 personen haalbaar zijn gebleken. 22% van de incidenten waar de pilot 2x4 mee te maken heeft gehad zijn dus niet haalbaar gebleken met 4 personen. Bij één incident waren beide voertuigen apart ingezet, hierdoor is gekozen om op te schalen met de WO voor handjes. 14

Procedures De procedures hebben in 93% van de gevallen geleid tot een goede inzet. Bij 2 incidenten leidde de procedures echter niet tot een goede inzet. Één van de incidenten betrof een plofkraak waar geen procedures voor bekend zijn. Bij het andere incident was de TS-4 reeds ingezet en kwam de SIV-4 bij een incident handen te kort. Hierdoor hebben ze opgeschaald met de WO om aan de gewenste extra handen te komen. De chauffeur(119) van zowel de SIV4 als de TAS4 heeft regelmatig een afwijkende taak uitgevoerd. Het voertuig bleef dan onbeheerd achter, soms op slot, soms niet. De afwijkende taken van de chauffeur waren o.a.:assisteren bij het opstellen van de redvoertuig, vormen van een stand-by team en het helpen bij de waterwinning voor een ander voertuig. Veiligheid Geen van de incidenten is als onveilig ervaren. In de noodzakelijke gevallen is er een stand-by team geformeerd vanuit eigen bemanning of vanuit een 2e voertuig. Dit geheel conform de vastgestelde procedures. 15

Hoofdstuk 5 Persoonlijke ervaringen met de Pilot TS-4 Inleiding In dit hoofdstuk volgt een uitwerking van de evaluatiesessie met de collega s van kazerne Delft. Tijdens de evaluatiesessie is gebruik gemaakt van een aantal onderwerpen om het gesprek op gang te houden. De ervaringen en meningen die tijdens de evaluatiesessie naar voren kwamen zijn geclusterd en zullen per onderwerp worden beschreven. Betrokkenheid bij de pilot Door in het verleden te werken met een TS-4 en een TS-6 wordt dit als voornaamste reden gezien van de pilot. Vanuit de evaluatiegesprekken is gebleken dat een klein aantal mensen zich betrokken voelde bij de pilot. Vanuit de evaluatiesessie zijn de volgende punten naar voren gekomen: - We mochten meedenken over het voertuig en de procedures. Achteraf gezien is het voertuig aangeschaft zonder onze instemming. - Mede door de ploegwisselingen was de timing van de pilot slecht. De datum om te starten met de pilot werd doorgedrukt. - Door de ploegwisselingen kwam de pilot als mededeling, je gaat naar Delft dus heb je de 2x4. Er was geen tijd om eerst aan elkaar te wennen. Positief gestemd om te starten met de pilot Een klein aantal collega s was positief gestemd om te starten met de pilot. Bij sommige kwam dit doordat ze eerdere ervaringen hadden met de pilot SIV-4 in Rijswijk. - Ik was benieuwd na de pilot in Rijswijk wat er met de bevindingen was gedaan in Delft. - Positief of Negatief je moet het eerst ervaren. - De reden achter de pilot was niet helder. - Het had anders ingestoken moeten worden, wat wil je doen met de pilot en dan ga je kijken wat je nodig hebt aan materialen. Nu hebben we het verkeerd om gedaan. - De ervaringen vanuit Rijswijk zijn niet gebruikt bij de voorbereiding op de 2x4. - De voorbereidingstijd was te kort, hierdoor is de pilot erbij ingeschoten. Je kan niet alles tegelijk; nieuwe ploeg, nieuw verzorgingsgebied en een pilot. - De ploegchefs hadden aangegeven liever een langer traject van voorbereiding te hebben zodat een ieder goed was ingewerkt op de 2x4. 16

Oefeningen Antwerpen: Tijdens de voorbereidingen op de pilot hebben er een aantal oefendagen plaats gevonden in Antwerpen. Door de ploegwisselingen, het laat arriveren van het voertuig en de onbekendheid van procedures was Antwerpen de eerste kennismaking met het voertuig en de procedures. In eerste instantie was de oefeningen in Antwerpen bedoelt als een eindtest. Naast het oefenprogramma in Antwerpen hebben er nog diverse oefeningen plaats gevonden op het kazerne terrein en is er geoefend in een woonhuis en bedrijfspand in Rijswijk. De volgende ervaringen kwamen naar voren: - Het was positief om met twee bevelvoerders te werken. - Je oefent onder ideale omstandigheden en de oefening is voorbereid voor de 2x4. In de werkelijkheid is dit anders en loop je sneller tegen beperkingen aan. - Kwamen al snel tot de conclusie dat je voor hoogbouw handjes te kort hebt. - De inzetprocedures werden waar nodig aangepast, zowel in Antwerpen als in Rijswijk. - De organisatie van de oefendagen was goed geregeld. Voertuigen SIV-4 en een TS-4: Tijdens de pilot 2x4 wordt er uitgerukt met 2 verschillende voertuigen, een standaard tankautospuit met een bemanning van 4 personen. En een gehuurd SIV voertuig bezet met 4 personen. Zoals te lezen in hoofdstuk 3 hadden beide voertuigen andere uitrukvoorstellen. Bij de melding binnenbrand zouden ze samen uitrukken. Tijdens de evaluatiesessies werden de volgende punten aangedragen: - In eerste instantie mochten wij meebeslissen over een voertuig, maar er was opeens al een voertuig aangeschaft. - Op de SIV ontbraken diverse gereedschappen hierdoor greep je snel mis. - Door de weinige incidenten hebben we de voertuigen in de pilot vorm niet maximaal kunnen testen. - De inzetprocedures werden aangepast aan de materialen en gereedschappen. Dit had andersom moeten zijn. - De chauffeur moest zelf zijn navigatie verzorgen, dat is als onprettig ervaren. - Het voertuig, gereedschappen en pompcapaciteit zijn voor brandweermannen heel belangrijk en heeft invloed op het veiligheidsgevoel. - Het gehuurde voertuig voldeed niet aan de gestelde eisen. - Het SIV voertuig heeft diverse keren buiten dienst gestaan door technische gebreken. 17

De taken voor de pilot 2x4 waren duidelijk: Door het gebruik van een ander voertuig en de 4 persoon bezetting waren de inzetprocedures anders dan de standaard. De inzetprocedures werden pas duidelijk tijdens de oefeningen in Antwerpen en na de oefeningen in Rijswijk. Bij de alarmcentrale werd niet de splitsing gemaakt in alarmering, zij alarmeerde de 4230 en in kazerne Delft werd dan gekeken wie er moest uitrukken. - De procedures waren onduidelijk, vooral in de nacht stond iedereen naast zijn bed. - Het voelde als twee pilots 2x1x4 die voornamelijk onafhankelijk werkte en alleen bij binnenbrand samen uitrukte. - Door het specialisme duiken en de aanwezigheid van het redvoertuig waren het vooral dezelfde mensen die op de pilot werkte. - Sommige inzetprocedures mochten wij niet zelf invullen omdat dit in Rijswijk tijdens een andere pilot ook al op een bepaalde manier was gedaan. - De rolverdeling met een TS-6 is er ingebakken, het is dan ook lastig wanneer je anders moet werken. - Als brandweer zijnde zoek je altijd de oplossing, of je nou met 2,3,4 of 5 man bent. Het gaat alleen altijd ten koste van iets; snelheid, veiligheid of kwaliteit. - Er werd teveel gekeken naar de pilot in Rijswijk. De pilot 2x4 moest daardoor vasthouden aan de daar gebruikte inzetprocedures terwijl het een andere pilot was. Wie kan er werken op een TS-4 of een SIV-4: Het werken op een TS-4 of een SIV-4 wijkt af van de standaard manier van werken op een gangbare TS met 6 personen. Tijdens de evaluatiesessies is er gesproken of deze manier van werken andere dingen vraagt van zowel de bevelvoerder, de chauffeur als de manschappen. Bij alle drie de functies is aangegeven dat niet zomaar iedere bevelvoerder, chauffeur of manschap kan werken op een pilot voertuig met een bezetting van 4 personen. De reden waarom niet iedereen kan werken op dit voertuig staat hieronder per functie beschreven. Bevelvoerder: - Je moet kennis hebben van de procedures. - Je moet veel gerichter sturen, in een aantal gevallen ben je een meewerkend voorman - De kwaliteit van de manschappen speelt een grote rol, die kunnen de bevelvoerder ontzorgen bij goed functioneren. - Bij THV zal de bevelvoerder meer een meewerkend voorman zijn, door de taken die hij krijgt raakt hij wel het totaaloverzicht kwijt. - Je bent als bevelvoerder snel door je mensen heen, vooral als je nog denkt in de procedures van de standaard TS-6. Chauffeur: - Chauffeur moet goed prioriteiten kunnen stellen, vraagt meer van de zelfstandigheid van de chauffeur. - De chauffeur zal in het SIV voertuig zelf de navigatie moeten verzorgen en moet dus een goede gebiedkennis hebben. - De chauffeur bouwt de waterwinning op. - Om als back-up team te kunnen fungeren moet de chauffeur ook omhangen. - Als chauffeur zijnde kan je niet weg bij het voertuig, je bent verantwoordelijk voor de pomp en de veiligheid van de collega s. - De chauffeur moet de procedures kennen hij kan daarbij niet terugvallen op de manschappen. 18

Manschappen: - Je moet kennis hebben van de procedures - De taak is in principe gelijk, een ieder zou het dus moeten kunnen doen. - Moeten elkaar goed aanvoelen en aanvullen - Ervaring speelt een belangrijke rol, werken op een TS-4 vraagt veel van de opgedane ervaring - Je moet bewust zijn van de beperkingen, je moet de brand goed kunnen lezen. - Er zal gerichter en intensiever getraind moeten worden, het lezen van de brand is hierbij heel belangrijk. - Een aanvullende module naast de basisopleiding zal nodig zijn voor de manschappen. Toekomst van de 2x4 Als laatste onderdeel van de evaluatiesessie is er gekeken naar de toekomst van de 2x4, TS-4 + SIV-4. Is er toekomst voor, en in wat voor verzorgingsgebied zou dit het best tot zijn recht komen. Onderstaande argumenten werden aangedragen - Delft heeft een groot en divers verzorgingsgebied, daar heb je slagkracht en handjes nodig. - In Delft kan het langer duren voordat er assistentie is vanuit Pijnacker, Den Hoorn of Rijswijk. - Wanneer er brand is in de oude binnenstad kom je met 4 man echt te kort, daarnaast moet je genoeg water en goede pompcapaciteit hebben. - Een klein voertuig levert veel problemen op het gebied gereedschap en pompcapaciteit. 19

Hoofdstuk 7 Conclusie Het laatste hoofdstuk staat in het teken van concluderen. Welke sterke, zwakke punten, kansen en bedreigingen heeft dit project. De organisatie van de pilot De voorbereiding van de pilot en de uitvoering van de pilot is veel beïnvloed door de overplaatsingen en invoering van het nieuwe rooster. Hierdoor zijn onder grote tijdsdruk de oefeningen ter voorbereiding van de oefening uitgevoerd ook is tijdens de pilot het regelmatig voorgekomen dat de personele bezetting niet kon worden georganiseerd. Deze twee aanleidingen hebben ervoor gezorgd dat de medewerkers de voorbereiding op de pilot als beperkt hebben ervaren. Tijdens de oefeningen ter voorbereiding op de pilot bleek het voertuig niet aan alle vooropgestelde eisen te voldoen. De eerder genoemde randvoorwaarden maken het specialiseren met een pilot onnodig gecompliceerd. Sterkte- Zwakte analyse Welke sterke, zwakke punten, kansen en bedreigingen heeft dit project. Voordelen 2x4: Kansen voor 2x4: Veel dagelijkse zorg kan met 4 personen worden afgehandeld Het werken met 4 man is in de basiszorg niet negatief ervaren Er wordt maatwerk geleverd Maatwerk in een hoogrisicogebied Uitrukken met meerdere voertuigen van een kazerne biedt mogelijkheden Nadelen 2x4: Bedreigingen voor 2x4: Gebruikte voertuig voldeed niet aan de verwachtingen. Als de omstandigheden zoals vakbekwaamheid, ploegsamenstelling De omstandigheden waaronder de pilot heeft plaats gevonden waren niet ideaal. en voertuig niet goed is belemmerd dit het functioneren van de pilot. Eindconclusie Pilot 2x4 De pilot 2x4 in Delft heeft geen volledig beeld opgeleverd door het geringe aantal incidenten en omdat de pilot niet alle dagen operationeel is geweest. Tijdens de pilot zijn bij operationeel optreden geen grote nadelen ervaren. De pilot is hierbij door het geringe aantal inzetten dan ook niet tot het uiterste getest. 20

Begrippenlijst Geïntegreerd Meldkamer Systeem(GMS): Met het GMS kunnen de centralisten op de meldkamer de hulpvraag van de burger administreren, de inzet van hulpverleners bepalen en vanuit daar de hulpverleners coördineren. Om de hulpvraag van de burger zo goed mogelijk af te handelen is GMS voorzien van koppelingen naar andere systemen. Voorbeelden hiervan zijn C2000 voor radiocommunicatie en Geografisch Informatie Systemen voor positiebepaling. Materieel en Personeel Spreidingsplan (MPSP): Vanuit de gehele regio Haaglanden bekeken op welke plekken het beste het materieel kan staan. Al het materieel is verspreid over heel de regio, zodat alle aanrij tijden gedekt worden. Nummering personeel (110, 111, 112 e.d.): Binnen de operationele dienst wordt er gewerkt met nummers. De officier van dienst (OVD) is 100, de eerst ter plaatse bevelvoerder is de 110, zijn aanvalsploeg de 111 en 112, zijn waterploeg de 113 114, en de chauffeur / pompbediende de 119. Wanneer er nog een tankautospuit ter plaatse komt is dat de 120 e.d. Ongeval Gevaarlijke Stoffen (OGS): Ongeval waarbij gevaarlijke stoffen zijn vrijgekomen, de bestrijding hiervan is een specialisme bij de brandweer. Operationele dienst: De collega s binnen de brandweer die ingezet kunnen worden tijdens de brand. Deze collega s hebben dienst en zijn dus operationeel inzetbaar. Tanksautospuit (TS-4): Een andere manier van het voorzien in de repressie, een kleiner voertuig waar anders dan de gangbare 6 personen maar 4 personen op zitten. Tankautospuit (TS / TS-6): De gangbare autospuit met 6 personen, dit is het standaard brandweervoertuig binnen de regio Haaglanden. Technische Hulpverlening (THV): Technische hulpverlening heeft als doel het lokaliseren van slachtoffers, het stabiliseren van de directe werkomgeving van hulpverleners en het verschaffen van toegang tot slachtoffers. Hierbij gaat het om scenario s van een voet bekneld in een fietswiel tot zware en complexe verkeersongevallen en ingestorte gebouwen. Variabele voertuigbezetting: Het afwijkend aantal personen op een brandweervoertuig dan de standaard. Veiligheidsregio Haaglanden (VRH): Sinds 2009 het samenwerkingsverband tussen de verschillende deelnemende gemeenten. De Veiligheidsregio Haaglanden is het orgaan voor fysieke veiligheid, rampenbestrijding en crisisbeheersing in de regio Haaglanden. Deze organisatie omvat brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening en de gemeenschappelijke meldkamer. Vernieuwde Repressie: Een van de speerpunten voor de nieuwe brandweerorganisatie, waar op andere manieren gekeken wordt naar de inzetten en specialismen. Verzorgingsgebied / Dekkingsgebied: Het gebied waar een kazerne dekking aan geeft, als er een incident in betreffend gebied plaats vindt zal deze kazerne ter plaatsen gaan. Voertuigbezetting: Het standaard aantal operationele personen die op een voertuig van de brandweer plaatsnemen. 21