Checklist PGS-15 Checklist EVO PGS-15 Checklist evo.nl/pgs15 1
Verkrijg eenvoudig een algemeen inzicht in de PGS-15 richtlijn Bedankt voor uw download Deze PGS-15 checklist is opgesteld om een algemeen inzicht op het gebied van de vernieuwde PGS-15 richtlijn te verschaffen. Indien u twijfelt over bepaalde onderdelen binnen PGS-15 neem dan contact op met EVO Bedrijfsadvies. Mail naar bedrijfsadvies@evo.nl of bel naar 079-347 333. Ook kunt u een adviseur van EVO een scan opslag gevaarlijke stoffen uitvoeren specifiek voor uw organisatie, zo voorkomt u onzekerheid bij de juiste implementatie van de wetgeving. Disclaimer Deze controle is alleen bedoeld voor gevaarlijke stoffen in stukgoed en de opslag in kasten en inpandige of uitpandige opslagplaatsen. Let op: niet alle PGS-15 verplichtingen zijn genoemd. De plaatselijke situatie én de volledige PGS-15 is maatgevend. Let op: niet alle PGS-15 verplichtingen zijn genoemd. De plaatselijke situatie én de volledige PGS-15 is maatgevend. 2
Inhoud 1. Is PGS-15 wel of niet van toepassing en zo ja, welk deel? 4 1.1. Bepalen welke stoffen volgens de PGS-15 moeten worden opgeslagen 4 1.2. Welke hoofdstukken moet u toepassen? 4 2. Onverenigbare combinaties 5 3. Fysieke maatregelen opslagvoorziening 6 3.1. Brandwerendheid 6 3.2. Bodembescherming 7 3.3. Stellingen & Pallets 7 3.4. Ventilatie 8 3.5. Hemelwater 8 3.6. Verpakkingen 8 3.7. Blustoestellen 8 3.8. Toegankelijkheid, vluchtroutes en noodverlichting 8 3.9. Verwarming 8 3.10. Nooddouche en oogspoel in een betreedbare opslagvoorziening 8 4. Organisatorische maatregelen 9 4.1. Journaal en registratie 9 4.2. Noodplan 9 4.3. Persoonlijke BeschermingsMiddelen (PBM s) 9 4.4. BHV (BedrijfsHulpVerlening) 9 4.5. Veiligheidssignalering en rook- en vuurverbod 9 4.6. Activiteiten 9 5. Awareness (mensgerichte of sociale maatregelen) 10 5.1. Etiketten op de verpakking 10 5.2. Vakbekwaamheid 10 5.3. BHV 10 5.4. Hygiëne, good house keeping 10 5.5. Openen verpakkingen 10 6. Brandveiligheidsopslagkasten 11 3
1. Is PGS-15 wel of niet van toepassing en zo ja, welk deel? 1.1. Bepalen welke stoffen volgens de PGS-15 moeten worden opgeslagen 1.1.1. Zijn er gevaarlijke stoffen aanwezig die onder de werkingssfeer van de PGS-15 vallen? 1.1.2. Zijn er gevaarlijke stoffen met een H-zin H350, H340of H360 aanwezig (zie rubriek 15 van het VIB, doodskop en minstens 1 R-zin genoemd)? 1.1.3. Zijn er organische peroxides UN3103 t/m 3110 die niet LQ-verpakt zijn? 1.1.4. Is er een overzicht aanwezig van alle gevaarlijke stoffen binnen het bedrijf aanwezig? 1.1.5. Zijn er IBC met diesel die buiten de inrichting worden opgeslagen? 1.1.6. Verpakte stoffen met de UN-nummers vallen buiten de PGS-15 en onder de PGS7. Heeft u deze stoffen? 1.1.7. Heeft u leeg ongereinigd verpakkingen opgeslagen? 1.2. Welke hoofdstukken moet u toepassen? 1.2.1. Moeten er gasflessen worden opgeslagen? Zo ja, zie hoofdstuk 6 van PGS-15. 1.2.2. Moeten er spuitbussen en gaspatronen worden opgeslagen? Zo ja, zie hoofdstuk 7 van PGS-15. 1.2.3. Moeten er stoffen van gevarenkassen 4.1, 4.2 en 4.3 worden opgeslagen? Zo ja, zie hoofdstuk 8 van PGS-15. 1.2.4. Moeten er organische peroxiden opgeslagen met een van de UNnummers UN3103 t/m UN3110? Zo ja, zijn deze dan LQ-verpakt en komt het totaal niet boven de 10% van de opslagcapaciteit uit in een opslagvoorziening kleiner dan 10 ton? Zo ja, zie hoofdstuk 9 van PGS-15. 1.2.5. Heeft u gevaarlijke verpakte goederen die tijdelijk worden opgeslagen? 4
2. Onverenigbare combinaties 2.1. Zijn er ADR-klasse die in de tabel D1 voorkomen? 2.2. Heeft u klasse 3 en 5.1 stoffen? 2.3. Heeft u stoffen van klasse 6.1 verpakkingsgroep I of klasse 8 met bijkomend gevaar klasse 6.1 verpakkingsgroep I 2.4. Heeft u een opslagvoorziening groter dan 10 ton? Zo ja, gebruik de betreffende regels onder deel bijlage E, E3 voor de aanwijzing V of B of voetnoot a. 2.5. Heeft u een opslagvoorziening kleiner dan 10 ton? Zo ja, gebruik de betreffende regels onder deel bijlage E, E3 voor de aanwijzing V of B of voetnoot a. 5
3. Fysieke maatregelen opslagvoorziening 3.1. Brandwerendheid 3.1.1. Algemeen 3.1.1.1. Een opslagvoorziening (brandcompartiment) is maximaal 1.000m² groot? 3.1.1.2. De hoofdconstructie is afgedekt en daarmee brandwerend gemaakt? 3.1.1.3. Is de deur zelfsluitend? 3.1.1.4. Wordt de deur opengehouden op zo n wijze dat deze in het geval brand automatisch sluit? 3.1.1.5. Op een verdieping heeft u niet meer dan 500 kilogram of liter gevaarlijke stoffen opgeslagen? (Een entresol is een verdieping) 3.1.2. Uitpandige opslagvoorziening 3.1.2.1. De constructie (dak, muren en vloer) heeft een WBDBO van ten minste 60 minuten gerealiseerde door: 3.1.3. Inpandig 60 minuten bij een afstand van minder dan 5 meter naar de inrichtingsgrens of brandbare objecten; of 30 minuten en de voorziening is op ten minste 5 meter afstand van gevoelige objecten (erfgrens, andere gebouwen en/of opslagen) opgesteld; of 0 minuten en de voorziening is op ten minste 10 meter afstand van gevoelige objecten (erfgrens, andere gebouwen en/of opslagen) opgesteld. 3.1.3.1. De constructie (dak, muren, ventilatieopeningen en vloer) heeft een WBDBO van ten minste 60 minuten naar een andere ruimte? 3.1.3.2. Is er op enig moment meer dan 2.500 kg gevaarlijke stoffen aanwezig en maximaal 10.000kg? 3.1.3.3. Heeft u stoffen van klasse 8 verpakkingsgroep II en/of III zonder bijkomend gevaar? 3.1.3.4. Heeft u stoffen van klasse 9 verpakkingsgroep II en/of III zonder bijkomend gevaar die niet brandbaar of brandonderhoudend zijn? 3.1.3.5. Heeft u werkvoorraad? 3.1.3.6. Heeft u brandveiligheidsopslagkasten? 6
3.2. Bodembescherming 3.2.1. De productopvang is groter dan 110 % van de grootste emballage of indien groter 10% van het totaal opgeslagen volume 3.2.2. Vloeistof dicht of kerend 3.2.2.1. Is uw vloer kerend uitgevoerd? 3.2.2.1.1. Is er een procedure incidenten management? 3.2.2.1.2. Is er een periodieke inspectie op lekkage en beschadiging verpakking? 3.2.2.1.3. Is er een periodieke inspectie op het gebruik de vloer en/of lekbakken? 3.2.2.1.4. Is er een beste werkwijze gelekte stoffen aanwezig? 3.2.2.1.5. Zijn er materialen aanwezig om gevaarlijke stoffen op te ruimen bij lekkage of morsing, denk aan persoonlijke beschermingsmiddelen, absorptie materiaal, andere hulpmiddelen zoals schop, bezem, lege goedgekeurde verpakking etc.? 3.2.2.1.6. Heeft u een certificaat welke nog geldig is bij uw vloeistof kerende vloer? 3.3. Stellingen & Pallets 3.3.1. Stellingen 3.3.1.1. Zijn uw stellingen stabiel? 3.3.1.2. Zijn uw stellingen compleet? 3.3.1.3. Zijn er onderdelen vervormd? 3.3.1.4. Kunt u de geschiktheid van de stelling voor de opslag van gevaarlijke stoffen aantonen? 3.3.1.5. Keurt u jaarlijks visueel uw stellingen op doelmatigheid, juist gebruik en beschadigingen? 3.3.2. Pallets 3.3.2.1. Zijn de pallets die u heeft liggen noodzakelijk voor uw logistieke proces? 3.3.2.2. Heeft u maximaal 24 uw lege/losse pallets in uw PGS-15 opslagvoorziening? 3.3.2.3. Heeft u uw pallets op het maaiveld niveau opgeslagen? 3.3.2.4. Zijn de stapel met pallets niet hoger dan 1.80m? 3.3.2.5. Staan de pallets in een apart vak met maximaal 48 pallets? 3.3.2.6. Staan er boven de pallets gevaarlijke/crm-goederen? 7
3.4. Ventilatie 3.4.1. Is beoordeeld of er dampen vrij kunnen komen tijdens normaal gebruik? 3.4.2. Zijn er passende maatregelen genomen tegen eventuele blootgesteld aan dampen die schadelijk zijn? 3.4.3. Is in het incidenten management opgenomen hoe met onbedoeld vrijkomen van dampen omgegaan moet worden? 3.5. Hemelwater 3.5.1. Kan hemelwater in contact komen met een gevaarlijke/cmr-stof? 3.6. Verpakkingen Verpakkingen moeten sterk genoeg zijn, tegen de gevaarlijk stof kunnen en tegen normale behandeling bestand zijn. 3.7. Blustoestellen 3.7.1. Hangt er op iedere 200m² een brandblusser met minimaal 5kg blusstof? 3.7.2. Kan de blusstof een beginnende brand blussen? 3.8. Toegankelijkheid, vluchtroutes en noodverlichting 3.8.1. Is een open opslag afgeschermd voor onbevoegde? 3.8.2. Is de toegangsdeur tot een betreedbare opslagvoorziening van binnenuit altijd te openen (zonder sleutel)? 3.8.3. Draait de vluchtdeur nooit tegen de vluchtrichting in? 3.9. Verwarming 3.9.1. Is er een verbrandingsruimte in de opslagvoorziening? 3.9.2. Kan een verbrandingsruimte van een verwarmingsinstallatie in direct contact met de opslagruimte worden gebracht? 3.10. Nooddouche en oogspoel in een betreedbare opslagvoorziening 3.10.1. Wordt er verpakkingsgroep I stoffen opgeslagen? 3.10.2. Wordt er meer dan 2.500 kg opgeslagen? 3.10.3. Wordt er met een heftruck in de opslagvoorziening gereden? 8
4. Organisatorische maatregelen 4.1. Journaal en registratie 4.1.1. Is er in de inrichting meer dan 2.500kg gevaarlijke/cmr-stoffen aanwezig? 4.1.2. Staan de juiste gegevens in het journaal? 4.1.3. Is het journaal direct toegankelijk 4.1.4. Zijn er veiligheidsinformatiebladen van de gevaarlijke/cmr-stoffen aanwezig? 4.2. Noodplan 4.2.1. Wordt er meer dan 10.000kg gevaarlijke/cmr-stoffen in de inrichting opgeslagen? 4.2.2. Wordt er meer dan 1.000kg klasse 6.1 met verpakkingsgroep I of klasse 8 verpakkingsgroep I met een bijkomend gevaar van 6.1 opgeslagen? 4.2.3. Worden er gasflessen met ammoniak of ethyleenoxide opgeslagen met meer dan 250 waterinhoud? 4.3. Persoonlijke BeschermingsMiddelen (PBM s) 4.3.1. Zijn er PBM s in een opslagvoorziening nodig? 4.3.2. Worden de PBM s onderhouden? 4.4. BHV (BedrijfsHulpVerlening) 4.4.1. Is er binnen de organisatie een deskundige BHV-organisatie? 4.4.2. Zijn er voldoende BHV-ers aanwezig? 4.4.3. Bezitten de BHV-ers voldoende kennis om bij een incident of noodsituatie? 4.5. Veiligheidssignalering en rook- en vuurverbod 4.5.1. Is er een verbod voor roken binnen een opslagvoorziening en 2 meter daar om heen? 4.5.2. Zijn er waarschuwingsborden geplaatst die het gevaar van de gevaarlijke goederen aangeven? 4.5.3. Is duidelijk het verbodsbord: vuur, openvlam en roken verboden aangebracht? 4.6.Activiteiten 4.6.1. Voldoet een eventuele wikkelmachine in de PGS-15 opslag aan de gestelde eisen? 4.6.2. Zijn er breekbare enkelvoudige verpakking gestapeld? 9
5. Awareness (mensgerichte of sociale maatregelen) 5.1. Etiketten op de verpakking 5.1.1. Komen alle gevaarsaspecten duidelijk tot uiting? 5.2. Vakbekwaamheid 5.2.1. Is er tijdens werkzaamheden met gevaarlijke/cmr-stoffen een vakbekwaam medewerker in de inrichting aanwezig? 5.2.2. Is de vakbekwaam medewerker juist opgeleid? 5.2.3. Zijn de medewerkers die een hulpmiddel bedienen in de PGS-15 opslag opgeleid en geïnstrueerd. 5.3. BHV 5.3.1. Is er binnen de organisatie een deskundige BHV-organisatie? 5.3.2. Zijn er voldoende BHV-ers aanwezig? 5.3.3. Bezitten de BHV-ers voldoende kennis om bij een incident of noodsituatie? 5.4. Hygiëne, good house keeping 5.4.1. Is de werkplek schoon? 5.5. Openen verpakkingen 5.5.1. Worden er verpakking geopend in de opslag? 5.5.2. Word er monster genomen? 10
6. Brandveiligheidsopslagkasten 6.1. Heeft u brandveiligheidsopslagkasten? 6.2. Heeft u een certificaat van de brandveiligheidsopslagkast? 6.3. Zijn alle kenmerken op de brandveiligheidsopslagkast aangebracht? 6.4. Staan er op een verdieping per brandcompartiment niet meer dan twee brandveiligheidsopslagkasten? 11
EVO helpt. Meer inhoudelijke informatie over PGS-15 en informatie over opleiding en advisering vindt u op www.evo.nl/site/pgs15 Heeft u nog vragen ten aanzien van PGS-15 of andere zaken die met gevaarlijke stoffen te maken hebben? U kunt altijd contact opnemen met ons. Logistiek advies op maat nodig? Leg uw specifieke case aan één van onze EVO-adviseurs voor. Bel 079 3467 333 of mail naar bedrijfsadvies@evo.nl. 12