WEB Regionaal Programma Volwassenen Educatie

Vergelijkbare documenten
Regionaal Programma volwassenen Educatie 2018

WEB Regionaal Programma Volwassenen Educatie

[Typ hier] Regionaal Programma volwassenen Educatie 2019

Regionaal Programma Volwassenen Educatie 2017

Regionaal Programma Volwassenen Educatie

Samenwerkingsovereenkomst. Samenwerkingsovereenkomst Volwasseneneducatie Arbeidsmarktregio FoodValley

Burgemeester en wethouders van gemeente Amersfoort, gelezen de nota (...) d.d. (...) nr. (...);

Stand van zaken uitvoering regionaal Educatieplan en budget volwassenen educatie 2017

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN. Datum. 8 november Onderwerp. Ons kenmerk. Taaleis BSW/ RIS294999

Volwasseneneducatie en bestrijding laaggeletterdheid in Holland Rijnland

Regionaal programma volwasseneneducatie 2015

Regioplan inzet WEB middelen 2015 Een taalinfrastructuur met regionale partners en geschoolde vrijwilligers.

Oplegvel Collegebesluit

De Bibliotheek; óók partner in het sociale domein

Regionaal Educatieprogramma. Arbeidsmarktregio Holland Rijnland

Laaggeletterdheid, herkennen & doorverwijzen

EDUCATIEPLAN ARBEIDSMARKTREGIO DRENTHE

Nota van B&W. onderwerp Volwasseneneducatie en ontwikkeling Taaihuis. Portefeuilehouder John Nederstigt

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), Maastricht University

Collegevoorstel SAMEN LEVEN EN WERKEN. zaak_zaaknummer. Ja, namelijk uitgesteld (één week) Stad van actieve mensen. Samen leven en Werken

Notitie Educatie. Arbeidsmarktregio Groningen

Beleidsplan volwasseneneducatie

Notitie Educatie. Arbeidsmarktregio Groningen

Nederland FACTS & FIGURES. Laaggeletterdheid in. Geletterdheid. VAN DE 1,3 MILJOEN laaggeletterden tussen de 15 en 65 jaar zijn: 65% 35%

Projectplan Taalhuizen in de regio Holland Rijnland

VIME NT1 Werkveld NT1: begrippen en verantwoording

Convenant Educatie van de Arbeidsmarktregio Utrecht-Midden kenmerk

Routeformulier college en raad

Collegevoorstel. Zaaknummer Taalakkoord aanpak laaggeletterdheid Midden-Brabant

Alleen ter besluitvorming door het College Bestuursagenda

Inhoud educatie-opleidingen, toetsing en certificering

Inschatting van het risico op laaggeletterdheid per wijk Laaggeletterdheid in Gouda

SUBSIDIEREGELING VOLWASSENEN EDUCATIE 2018

WIJ BEGRIJPEN ELKAAR!

Innovatiebudget Sociaal Domein gemeente Arnhem

Innovatiebudget Sociaal Domein regio Arnhem

Subsidieregeling non-formele volwasseneneducatie en lokale projecten volwasseneneducatie Stedendriehoek en Noord Veluwe 2019.

De gemeente Huizen blijft in de rol van centrumgemeente van de gemeenschappelijke regeling de contractvoorbereiding doen.

Sturen op uitkomsten in de Wmo. Investeren in maatschappelijke participatie

Productovereenkomst Volwasseneneducatie 2014 gemeente Venlo en ROC Gilde Opleidingen

Speerpuntennotitie aanpak laaggeletterdheid

Meer (voor)lezen, beter in taal. De Bibliotheek en basisvaardigheden Kunst van Lezen 0-18 jaar

Met het nieuwe welzijnsbeleid werkt de gemeente Tiel vanuit de volgende uitgangspunten:

Opdrachtverstrekking volwasseneneducatie

Beleidsplan volwasseneneducatie

Ontwikkelingen. in zorg en welzijn. Wij houden daarbij onverkort vast aan de Koers ,

Voor informatie en aanmeldingen kan er contact worden opgenomen de Taalhuiscoördinator(en) van het Alfa-college.

Gemeenten krijgen vanaf 2015 veel meer verantwoordelijkheid:

Zie voor volledige tekst Staatscourant: ministeriële regeling met de standaarden en eindtermen voor de opleiding digitale vaardigheden

de Bibliotheek en basisvaardigheden Kunst van Lezen 0-18 jaar

Subsidieregeling Zo gaan we basisvaardigheden verbeteren! Artikel 1 Wat is het doel van deze subsidie?

Transcriptie:

WEB 2016 - Regionaal Programma Volwassenen Educatie Regio Noord- Limburg Ten behoeve van periode 2016-2017 De 7 samenwerkende gemeenten in de regio Noord-Limburg, juli 2016 RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 1 van 10

Inleiding Iedereen doet mee en doet ertoe! Onder dat motto, voeren de gemeenten in de regio Noord- Limburg hun beleid in het sociale domein, gericht op het realiseren van een gezonde, vitale en duurzame samenleving Een goede beheersing van de Nederlandse taal, is daarbij onmiskenbaar een eerste vereiste voor participatie. Volwassenen die, om wat voor reden dan ook, het Nederlands onvoldoende beheersen en dus laaggeletterd zijn, komen vaak aan de kant te staan en doen niet (optimaal) meer mee. Laaggeletterdheid is een overkoepelende term voor mensen die grote moeite hebben met lezen, schrijven en het begrijpen en toepassen van informatie. Zij beheersen het minimale niveau om volwaardig in de Nederlandse maatschappij te kunnen functioneren niet. Dat niveau is door de overheid vastgesteld op eindniveau VMBO of niveau mbo-2/3 (niveau 2F binnen de Standaarden en eindtermen volwassenen educatie). Ze hebben bijvoorbeeld problemen met: formulieren invullen voor bijvoorbeeld zorgtoeslag, kinderopvang of de belasting straatnaamborden lezen voorlezen aan (klein)kinderen een (verjaardags)kaart schrijven geld opnemen bij een pinautomaat vertrektijden van de trein opzoeken ondertitels lezen recepten uit een kookboek lezen lezen en begrijpen van gezondheidstips, patiëntenfolders en bijsluiters van medicijnen Laaggeletterdheid is in Nederland een groot probleem. 2,5 miljoen mensen in Nederland heeft een probleem met lezen, schrijven en /of rekenen. In de leeftijdsgroep tussen de 16 en 65 jaar gaat het om 1,3 miljoen Nederlanders die laaggeletterd zijn. Tweederde van hen is van Nederlandse afkomst en eenderde is van buitenlandse afkomst. 57% van hen is vrouw en 43% is man. Ongeveer 43% van de laaggeletterden is werkeloos of inactief op de arbeidsmarkt. Laaggeletterdheid kost de Nederlandse samenleving naar schatting jaarlijks 556 miljoen euro. Een groot deel van deze kosten (circa 63%) wordt veroorzaakt door een verminderde productiviteit en verminderde belastinginkomsten. Een lagere productiviteit betekent op de middellange termijn een lager inkomen voor de laaggeletterde. Voor de (lokale) overheid betekent dit een verlies van circa 140 per laaggeletterde, oftewel rond 140 miljoen aan belasting die niet kan worden geïnd. Hier komen de uitkeringskosten voor werkloze laaggeletterden nog bij. Deze kosten worden geschat op circa 75 miljoen per jaar (of circa 75 per laaggeletterde persoon/ 14.400,- per uitkeringsontvanger). 1 Voldoende geletterd zijn is helaas niet een ieder gegeven. In de regio Noord-Limburg zijn bovengemiddeld veel volwassenen laaggeletterd: ruim 16% van de volwassenen tussen de 15 en 65 jaar is in de regio Noord-Limburg laaggeletterd. De Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) is er op gericht volwassenen in staat te stellen zich te scholen op een voor participatie gewenst niveau. De rijksoverheid heeft de gemeente Venlo, als contactgemeente van de arbeidsmarktregio Noord-Limburg, de verantwoordelijkheid gegeven om de besteding van de middelen ingevolge de WEB regionaal te coördineren. Gedachte hierbij is dat vanuit 1 Bron: website stichting Lezen & Schrijven: http://www.lezenenschrijven.nl/feiten/laaggeletterdheid RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 2 van 10

deze regionale coördinatie kansen ontstaan om, ondanks de forse afname van het budget voor volwasseneneducatie, regionaal een passend aanbod neer te zetten dat goed aansluit bij de ontwikkelingen in het sociale domein. Om met beperkte middelen optimaal rendement te realiseren, is samenwerken het sleutelwoord. Niet alleen met de regiogemeenten, maar ook met alle mogelijke partners, in het belang van een regio waarin iedereen elkaar zowel letterlijk als figuurlijk kan begrijpen. Voor u ligt het Regionaal Programma Volwassen Educatie (RPE) Noord-Limburg. Het RPE is een verplichting die voortvloeit uit de WEB. Dit regioplan gaat over de regionale besteding van het WEBbudget. Doelgroepen van de WEB zijn analfabeten, laaggeletterden en vrijwillige inburgeraars, voor zover ze inwoner van de gemeente en 18 jaar of ouder zijn. Omdat de reikwijdte van de WEB beperkt is en een integrale aanpak laaggeletterdheid veel breder en meeromvattend dan enkel deze wettelijke focus moet zijn, is het van belang te beseffen dat we dit plan hebben geschreven met de bedoeling dienstbaar te zijn aan een integrale (lokale dan wel regionale) aanpak van laaggeletterdheid. Het RPE Noord-Limburg geldt als inhoudelijk kader voor de samenwerking tussen de 7 gemeenten Gennep, Bergen, Venray, Venlo, Horst aan de Maas, Peel en Maas en Beesel voor de volwasseneducatie voortvloeiende uit de WEB. De looptijd van dit programma is gekoppeld aan de separate financiering van de WEB langs een specifieke uitkering. Momenteel wordt onderzocht of en hoe de WEB-financiering vanaf 2018 onderdeel uit kan gaan maken van het GemeenteFonds (gemeenten hebben vanaf dan volledige beleidsvrijheid). RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 3 van 10

Volwasseneneducatie in regionaal verband Educatie draagt bij aan participatie en de zelfredzaamheid van mensen. Door vaardiger te worden in de Nederlandse taal, digitale vaardigheden en beter te leren rekenen, kunnen mensen zelfstandiger deelnemen aan de samenleving. Daarom is het van belang dat gemeenten een educatiebeleid voeren dat is verbonden met de andere beleidsdomeinen waarbinnen het bevorderen van participatie belangrijk is. Wellicht tegen de verwachting in, is laaggeletterdheid in Nederland een groot probleem. Volgens internationale cijfers (PIAAC) beheersen in Nederland naar schatting circa 1,3 miljoen mensen onvoldoende de benodigde basisvaardigheden om zelfstandig en actief te kunnen participeren in de samenleving. Van deze mensen is 1/3 e allochtoon en 2/3 e autochtoon 2. Uit recent onderzoek 3 blijkt opnieuw dat de regio Noord-Limburg relatief gezien meer dan gemiddeld laaggeletterd is. Bij een landelijk gemiddelde laaggeletterdheid van tussen de 8% en 11% laat de regio Noord-Limburg het volgende beeld zien Percentage laaggeletterden Gennep 13% - 16% Bergen 13% - 16% Venray 13% - 16% Venlo 16%+ Horst aan de Maas 8% - 11% Peel en Maas 8% - 11% Beesel 8% - 11% Doorgerekend op het totale volume beroepsbevolking Noord-Limburg (185.000 personen), worden (als bovengrens) meer dan 32.000 personen als laaggeletterd beschouwd. De wijzigingen van de WEB passen in een voor dit plan relevante bredere aandacht voor het tegengaan van laaggeletterdheid: - Focus op integraliteit sociaal domein van volwasseneneducatie middels WEB-wijzigingen per 2015 - De invoering van de Wet Taaleis per 2016 (als onderdeel van de participatiewet) - Landelijk actieprogramma Tel mee met taal vanaf 2016 als multi-departementaal (OCW, SZW, VWS) project ter vermindering van laaggeletterdheid Wetswijziging WEB De invoering van de wetswijziging in de WEB per 1 januari 2015 heeft een aantal gevolgen voor de gemeenten gehad: De wet voorziet in gemeentelijke samenwerking op regionaal niveau De verplichte inkoop bij de Regionale Opleidings Centra (ROC s) wordt stapsgewijs afgebouwd Gemeenten kunnen zowel formele als non-formele educatietrajecten bieden 2 Of dit verhoudingsgetal voor de regio Noord-Limburg aanzienlijk van dit gemiddelde afwijkt, is niet bekend. 3 Bron: Onderzoek van de stichting Lezen en Schrijven i.s.m. ROA: Regionale spreiding van geletterdheid in Nederland, mei 2016. RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 4 van 10

Contactgemeenten krijgen een coördinerende rol in het regionale educatiebeleid Alle gemeenten moeten zorgen voor een educatieaanbod afgestemd op de behoefte van de doelgroepen in de eigen gemeente. Ze moeten daarvoor samenwerken in de arbeidsmarktregio. Contactgemeenten krijgen een regierol in de taak om samen met de andere gemeenten in hun regio een programma educatie op te stellen en afspraken te maken met aanbieders van educatie voor (eventueel) regionaal in te kopen trajecten. Contactgemeenten krijgen ook het budget overgemaakt voor de gehele regio, dragen zorg voor de eventuele verdeling en dienen de besteding ervan te verantwoorden aan het Rijk. Beschikbaar budget; afbouw verplichte inkoop bij ROC Met de WEB zijn vanaf 2009 de budgetten voor re-integratie, participatie en educatie ondergebracht in het participatiebudget. In principe komen de gemeentelijke middelen voor volwassenen-educatie en re-integratie samen in één specifieke uitkering voor gemeenten gericht op de arbeidsmarktparticipatie, te weten het participatiebudget. In 2009 is indertijd echter nog wel geregeld dat tot een later te bepalen tijdstip de gemeenten het educatiebudget bij ROC s moeten besteden aan inkoop van educatie-opleidingen. Met het van kracht worden van de wijzigingen van de WEB per 2015, is het traject van afbouw van de verplichte inkoop bij ROC s ingezet. Volgens de afbouwregeling verloopt de verplichte inkoop als volgt: Verplichte inkoop bij ROC Vrij besteedbaar 2015 75% 25% 2016 50% 50% 2017 25% 75% 2018 0% 100% Voor de gehele arbeidsmarktregio Noord-Limburg is in 2016 een budget beschikbaar ad 963.108. Met betrekking tot de verplichte inkoop bij ROC, geldt op basis van afspraken van de gemeenten Gennep en Bergen met ROC GildeOpleidingen, dat voor die gemeenten reeds vanaf 2016 geen sprake meer is van verplichte inkoop bij het ROC. Het percentage van het budget (voor 2016 50%) dat niet onder de wettelijke afbouwregeling valt, kan worden ingezet bij alle aanbieders met een passend aanbod. Dit kunnen ROC s, private aanbieders of andere aanbieders zijn. Het staat de regio vrij binnen de gestelde wettelijke kaders voor aanbesteding dan wel subsidiëring zelf te bepalen bij welke en bij hoeveel aanbieders (formeel/non-formeel, ROC of anderszins) educatie opleidingen worden afgenomen. Wanneer het vrij besteedbare WEB-budget op de markt wordt besteed aan inkoop van educatieopleidingen, moet dit geschieden volgens de geldende aanbestedingsregels. Een andere mogelijkheid is om dit deel van het budget via subsidiëring weg te zetten. Hiervoor hanteert de gemeente dan de voor subsidies geldende regels. Verantwoording over besteding van middelen vindt plaats via SISA in het kader van de algemene verantwoording over specifieke uitkeringen. Inhoudelijk moeten de activiteiten (zowel formeel als non-formeel) beoordeeld en getoetst worden met de methodiek Standaarden en Eindtermen VolwassenenEducatie. RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 5 van 10

WEB gelden zijn voor zowel formele als non-formele trajecten Formele trajecten zijn opleidingen die gericht zijn op het behalen van een diploma. Een voorbeeld hiervoor is NT2. NT2 zijn opleidingen bedoeld voor mensen voor wie het Nederlands een tweede taal is en gericht op het toetsbaar behalen van een vastgelegd taalvaardigheidsniveau. Omdat het formele trajecten zijn, moet de toegenomen taalvaardigheid blijken uit het behalen van een diploma of certificaat (onderwijsinstelling moet diploma-gecertificeerd zijn); De trajecten worden verzorgd door professionals; Het behalen van een diploma of certificaat kan ook gedaan worden naast een andere opleiding en die combinatie van opleidingen vormt dan een geïntegreerde aanpak. Denk hierbij bijvoorbeeld aan jongvolwassenen die bezig zijn met het afronden van een MBOopleiding maar die juist op het punt van taalvaardigheid nog een achterstand hebben die belemmerend werkt bij het vinden van een stage of van een baan. Non-formele trajecten zijn activiteiten gericht op het verhogen van taal-, reken- en digitale vaardigheid zonder dat het doel is daar een diploma aan te verbinden. Non-formeel leren vindt plaats buiten de schoolmuren, opgelegd of op eigen initiatief van de lerende. Te denken valt bijvoorbeeld aan de bibliotheek als plek waar laaggeletterden zich thuis kunnen voelen en op informele manier worden geholpen met het vergroten van hun taalvaardigheid. Ook non-formele trajecten kunnen worden afgesloten met een diploma of certificaat, maar het hoeft niet; Het zijn trajecten die wel moeten passen binnen de systematiek van de standaarden en eindtermen. Dat betekent ook dat de voortgang van de cursisten meetbaar moet zijn. Als er geen voortgang meer is, is het ook niet zinvol door te gaan; De aanpak kan kleinschalig en informeel zijn; Uitvoering kan plaats vinden door een professionele docent maar kan ook door inzet van (getrainde) vrijwilligers. Wezenlijk is dat ook deze vorm van volwasseneneducatie wordt gevolgd door mensen die voldoende gemotiveerd zijn. Voor zowel de formele als non-formele trajecten geldt dat ze moeten passen in de standaarden en eindtermen van de WEB. Ook voor non-formele trajecten geldt dat er sprake moet zijn van toetsbare verbetering van de taalvaardigheid. Kaders en condities voor het RPE Noord-Limburg Uit het geschetste algemene kader in het voorgaande hoofdstuk blijkt dat het beschikbare budget breed inzetbaar is. De regionale ambtelijke werkgroep WEB heeft, ter verhoging van de opbrengsten en vanuit de behoefte om een duidelijk kader te hanteren, een aantal kaders en randvoorwaarden geformuleerd: Kaders 1) Onze aanpak is gericht op het stimuleren en faciliteren van een sterkere en integrale samenhangende infrastructuur samen met lokale en regionale (educatieve) partners teneinde meer laaggeletterde inwoners daadwerkelijk te bereiken. Naast taal en rekenen is daarbij ook aandacht voor digitale vaardigheden wezenlijk. We zien taalondersteuning als een middel gericht op economische zelfstandigheid en maatschappelijke participatie en beschouwen het niet als doel op zich. RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 6 van 10

2) Teneinde het educatiebeleid beter aan te laten sluiten op de transformatie naar een participatiesamenleving, worden in afnemende prioriteit tot doelgroepen van het regionale educatieprogramma verklaard: a) (mogelijke) uitkeringsgerechtigden met een te laag taalniveau om te participeren op de arbeidsmarkt; b) Jongeren met of zonder uitkering met een te laag taalniveau, waardoor zij geen startkwalificatie kunnen behalen; c) Inwoners met een te laag taalniveau om te participeren in de maatschappij. Deze prioritering op de inzet van WEB-middelen wil niet zeggen dat er voor andere doelgroepen geen mogelijkheden zijn voor taaleducatie. Het lokale en regionale netwerk van alle voorzieningen in educatie moet ook laaggeletterde mensen op kunnen vangen die buiten deze doelgroepen vallen. 3) Resultaatversterking is het doel van inzet van WEB-middelen; daar waar dit middels samenwerking wordt versterkt, zoeken we actief de samenwerking op, ook regionaal. Daar waar lokale initiatieven het totale resultaat versterken, zal dit ook mogelijk zijn. We onderkennen dat de regio Noord-Limburg te divers is om een gecentraliseerd en eenvormig aanbod uit te rollen en geven ruimte aan initiatief op lokaal en wijk niveau. 4) Verbinding met het Sociaal Domein is noodzakelijk, met name omdat de ervaring leert dat de doelgroep autochtone laaggeletterden moeilijk te bereiken zijn. Het netwerk voor vraag- en aanbod moet dan ook verbonden worden aan de wijkgerichte aanpak. We zetten samen met de regionale en lokale taalaanbieders extra in op voorlichting langs dit kanaal, alsmede op kennisontwikkeling bij de sociaal-domein-professional. Condities Educatieaanbod op basis van dit regionaal ecucatie-programma, voldoet aan de volgende voorwaarden: Breed educatie aanbod dat gericht is op verschillende uitstroomprofielen: maatschappelijke en professioneel functioneren met vaardigheden die passen bij de verschillende doelgroepen Praktijk- en contextgericht Verbinding met andere beleidsterreinen binnen de gemeenten Samenwerking met bestaande best-practices Maatwerk Flexibele instroom Dichtbij en lokaal georganiseerd Laagdrempelig en voor iedereen toegankelijk Stevige regie op kwaliteit en efficiency Stevige regie op wederkerigheid en zelfredzaamheid Oog voor (toekomstige) digitalisering van maatschappij Aansluitend: 1) Om in het oerwoud van vraag en aanbod toch de bomen door het bos te kunnen blijven zien, is regionaal inzicht in de vorm van een kennis- en expertisecentrum wenselijk. Gemeenten en haar partners willen daartoe gebruik maken van de expertiserol en het beschikbare instrumentarium van de stichting Lezen & Schrijven en de in oprichting zijnde Taalhuizen in de regio; RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 7 van 10

2) Formeel aanbod wordt enkel ingezet indien noodzakelijk voor arbeidsparticipatie en economische zelfredzaamheid. 3) Regionale inkoop van formeel aanbod bij het ROC als dat effectiever en efficiënter is; we verkennen regionale inkoop bij het ROC Gilde Opleidingen met het doel om middelen efficiënt en effectief in te zetten. Daarvoor gelden de volgende criteria: a) Substantiële vraag vanuit meerdere gemeenten in de regio b) Educatie dichtbij de vraag van de burger c) Intake en verwijzing door Taalhuis d) Registratie van effecten van het taalaanbod alsmede terugkoppeling hiervan aan de gemeente e) Optioneel: taaltoets ingevolge de wet TaalEis f) Samenwerking met overige lokale aanbieders 4) Het beschikbare budget is in relatie tot de omvang van de doelgroep en in relatie tot het aantal gemeenten gering. We kiezen er dan ook voor om waar mogelijk mee te liften op bestaande fysieke infrastructuren (incourante uren van scholen, buurthuizen, ander maatschappelijk vastgoed) en het budget vooral in te zetten voor mensen en netwerken. 5) Taalverbetering moet altijd gericht zijn op een concreet maatschappelijk resultaat op het gebied van gezondheid, werk en inkomen, opvoeding, financiële zelfredzaamheid, participatie en integratie. Niveauverhoging op zich is als doel niet afdoende. 6) Vrijblijvendheid waarbij geen aantoonbare resultaten worden nagestreefd en/of behaald, is niet meer mogelijk. Dit vereist ook een beheersmatige benadering bij het maken van afspraken, het nakomen en evalueren daarvan. RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 8 van 10

Gemeentelijke samenwerking Financiering en verantwoording De regio Noord-Limburg is een diverse regio. Om recht te doen aan die diversiteit is het ook wenselijk in de budgettering en verantwoording aan die diversiteit recht te doen, door voor elke afzonderlijke gemeente binnen de budgetverantwoordelijkheid van de coördinerende gemeente Venlo een eigen trekkingsrecht vast te stellen. Deze trekkingsrechten worden berekend door per gemeente (P) op basis van het totale budget voor de arbeidsmarktregio (X) de door de rijksoverheid gehanteerde verdeelsleutel (Y) te hanteren. Indien en voor zover de samenwerkende gemeenten besluiten ten behoeve van regionale inzet kosten te maken (Z), worden deze verrekend met het regionale budget voor toepassing van de verdeelsleutel. De budgetteringsformule per gemeente luidt dan ook als volgt: P = (X-Z) / Y Elke gemeente wordt hiermee binnen de verantwoordelijkheid van de coördinerende gemeente zo optimaal mogelijk bevoegd. Omdat bij bevoegdheden altijd verantwoordelijkheden horen, wordt dit trekkingsrecht gekoppeld aan de verantwoordelijkheid van de betreffende gemeente om de ten laste van haar (deel)budget gemaakte kosten pro-actief en voor eigen rekening en risico te verantwoorden bij de coördinerende gemeente (de coördinerende gemeente is richting de rijksoverheid gehouden tot verantwoording van het totale regionale WEB-budget middels de SISA-methodiek) 4 Rekening houdend met reeds eerder overeengekomen aanvullende inkoop bij ROC GildeOpleidingen voor de periode van januari tot en met juli 2016, ziet de verdeling van het WEB-budget onderverdeeld in verplicht ROC en vrij besteedbaar er voor 2016 dan als volgt uit: 2016 Totaal Verplicht ROC (50%) Vrij besteedbaar Gennep 47.289 0 47.289 Bergen 24.678 0 24.678 Venray 177.749 105.703 72.046 Venlo 412.549 245.333 167.216 Horst aan de Maas 134.617 80.054 54.563 Peel en Maas 123.176 73.250 49.926 Beesel 43.050 25.601 17.449 Totaal 963.108 529.941 433.167 In deze opzet wordt er van uit gegaan dat de samenwerkende gemeenten elkaar geen kosten voor ten behoeve van elkaar geleverde werkzaamheden in rekening brengen. 4 In de gehanteerde verdeelformule gaan regionaal afgesproken verplichtingen af van het totaal-budget alvorens de gemeentelijke verdeelsleutel wordt toegepast. Dit vanuit de veronderstelling dat op basis van onderlinge solidariteit en binding aan dit programma, de gezamenlijk lasten ook gezamenlijk gedragen worden. Dit voorstel bevat geen (nog) governance-bepalingen over langs welk proces tot gezamenlijke uitgaven/verplichtingen wordt besloten; verschillende governance modellen (bijv. op basis van inwoneraantallen of op basis van budgetaandelen of op basis van aantal laaggeletterden) zijn denkbaar RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 9 van 10

Overheveling budget binnen arbeidsmarktregio mogelijk Binnen de in dit RPE overeengekomen budgettaire verdeling, staat het elke gemeente vrij desgewenst onbenut budget over te hevelen naar een andere gemeente uit de arbeidsmarktregio Noord-Limburg. Dit is bijvoorbeeld denkbaar in de situatie van dreigende regionale onderbenutting van het budget, waarbij als de ene gemeente overschot heeft en de andere tekort beide gemeenten elkaar op die manier elkaar (en dus ook de regio) kunnen ondesteunen. Ambtelijke en bestuurlijke kennisdeling De regiogemeenten wisselen ambtelijk ten minste 4 maal per jaar de stand van zaken rondom de doelen en activiteiten uit dit PvE uit. Hiervoor bestaat een regionale werkgroep WEB, die qua samenstelling en werkwijze sterk is gelieerd aan de regionale werkgroep Participatiewet. Doelen van de regionale werkgroep WEB zijn om van elkaars kunde en ervaringen te leren, alsmede het hebben van een netwerk waarin initiatieven tot meer gezamenlijkheid besproken en voorbereid kunnen worden (zoals bijvoorbeeld de mogelijkheid om regionaal bij het ROC in te gaan kopen). Waar nodig en wenselijk, kan de werkgroep WEB onderwerpen agenderen ter bespreking op de bestuurlijke regiotafel (PoHo SD). Jaarverslag De regionale werkgroep WEB stelt jaarlijks een jaarverslag educatie op ten behoeve van de 7 afzonderlijke gemeentebesturen. Het jaarverslag wordt zodanig opgeleverd, dat op basis van het verslag van het jaar T-1 het beleid voor het jaar T+1 tijdig kan worden bijgesteld. Onderdeel van het jaarverslag is de kwantiteit en kwaliteit van de jaarlijkse verantwoording in het kader van SISA RPE Noord-Limburg versie definitief Pagina 10 van 10