Behandeling Boutonnièredeformiteit
Wat is een Boutonnière deformiteit? Een Boutonnière-deformiteit ontstaat na een letsel van de pees die het middelste vingerkootje strekt. Dit stukje van de pees wordt de centrale slip genoemd. De letterlijke vertaling van Boutonnière-deformiteit is knoopsgatmisvorming. Het wordt zo genoemd omdat het middelste gewricht van de vinger tussen de beide buitenste delen van de strekpees komt te zitten, als een knoop in een knoopsgat. Hierdoor gaat de strekpees werken als een buiger van het middelste gewricht waardoor de aandoening zichzelf in stand houdt. Op het eindgewricht van de vinger komt een (sterke) strekkracht te staan, waardoor dit gewricht overstrekt wordt. Er kan sprake zijn van een gesloten of een open letsel. De deformiteit ontstaat meestal door een ontwrichting van het gewricht (luxatie) of een doorsnijding van de pees. Het kan ook gebeuren dat bij een hevige en/of langdurige ontsteking van het middelste gewricht van de vinger, de pees kan beschadigen. Er kan sprake zijn van een gescheurde pees maar ook van een pees die te lang is geworden. Bron: P. Houpt, Isala klinieken, Zwolle Doordat in het begin vaak het middelste gewrichtje nog volledig te strekken is, wordt een gesloten letsel met regelmaat gemist. Na enkele dagen ontstaat geleidelijk de typische stand van de vinger waarin het middelste gewricht niet meer volledig gestrekt kan worden en het eindgewricht overstrekt. 1
Bron: Dr. David Lincoln Nelson Symptomen Pijn, zwelling en/of roodheid rondom het middelste vingergewricht De vinger kan in het middelste gewricht niet meer volledig gestrekt worden De vinger zal in het eindgewricht vaak overstrekken. Dit is echter meestal niet direct zichtbaar. Eerste periode: 0-6 weken Behandeling De gescheurde of uitgerekte pees kan goed herstellen. Als u een wond hebt op de vinger (bv. een snijwond, of na een val) dan wordt de pees waarschijnlijk eerst gehecht. Als er geen wond is, dan zal de pees niet worden gehecht, maar kan deze spontaan genezen. In beide gevallen moet het middelste gewricht van de vinger, afhankelijk van het herstel, 6 tot 8 weken in een strekspalk. Deze spalk moet continu omgehouden worden, 24 uur per dag, omdat anders de herstellende pees weer kan afscheuren of uitrekken. De hand mag niet zwaar belast worden. Bij problemen zoals toenemende zwelling, roodheid en pijn moet er contact worden opgenomen met de therapeut. 2
Spalk De spalk zorgt ervoor dat u het middelste gewricht van de vinger tijdelijk niet kunt buigen. Zo kan de pees goed genezen. Het gewricht staat zo recht mogelijk. Soms is het nodig om in het begin een paar keer een nieuwe spalk te maken, wanneer het gewricht nog niet direct helemaal recht kan. Het topje van de vinger blijft vrij om te bewegen. Bron: Medisch Centrum Alkmaar Vanaf het moment dat het gewricht helemaal recht is, dan duurt het minimaal 6 weken voordat de pees belast mag gaan worden. In deze eerste 6 weken moet u de spalk altijd omhouden. De kans dat de vinger toch per ongeluk een keer buigt, is te groot. U komt ongeveer 1x per 2 weken naar de afdeling Ergotherapie om de vinger te laten verzorgen. U wordt aangeraden om de vinger en de spalk zo veel mogelijk droog te houden. Als de vinger die in de spalk zit vaak of langdurig nat wordt, kan de huid week worden en irritaties veroorzaken. Na de eerste 6 weken, draagt u de spalk nog eens 4-6 weken, maar deze mag dan tijdens het oefenen af. Hoe vaak therapie? In het begin is de behandelfrequentie ongeveer 1x per 2 weken om de spalk te controleren en te beoordelen of het herstel naar wens gaat. Na een succesvolle spalkperiode, minimaal 6 weken, komt u gedurende nog 4-6 weken iedere week terug, voor begeleiding in het oefentraject. 3
Oefening In de eerste 6 weken moet u alle gewrichten die niet gespalkt zijn, oefenen. Vooral het topje van de gespalkte vinger. Oefen minstens 5x per dag: Buig het topje dan 10x zo ver mogelijk. Bron: Medisch Centrum Alkmaar Tweede periode: na 6 weken Behandeling Na 6 weken wordt getest of het middelste gewricht goed gestrekt kan worden. Als de vinger goed zelf gestrekt kan worden, dan begint de oefenperiode. Bij de oefeningen mag de spalk af. Na het oefenen moet de spalk weer om. Wanneer het gewrichtje nog niet goed zelf gestrekt kan worden, wordt de spalkperiode met enkele weken verlengd. Als het gewricht daarna nog steeds niet zelf gestrekt kan worden, dan is een operatie nodig. Oefeningen De oefeningen van het middelste gewricht van de vinger kunnen starten nadat het minimaal 6 weken niet heeft gebogen en deze in de strekstand blijft staan. Op het moment dat u mag gaan oefenen, zal uw therapeut u precies leren hoe u dit moet doen. De oefeningen zijn eenvoudig. Het oefenen doet u zonder spalk. Na elke oefensessie doet u de spalk weer om. De oefenperiode is afgelopen wanneer de vinger weer volledig kan strekken en buigen (de oefenperiode duurt ongeveer 6 weken). Het doel van de oefeningen is dat de strekpees (en het gewricht) weer goed gaat bewegen. Zo kunt u namelijk straks de vinger weer goed strekken (en ook buigen). De vinger zal in het begin stijf aanvoelen. U hebt misschien de neiging om 4
te oefenen om de vinger weer goed krom te kunnen krijgen. Bijvoorbeeld door een vuist te maken, of in een balletje te knijpen. Dit mag niet. Elke week mag de vinger ongeveer 10º meer buigen dan de week daarvoor. Dat is dus maar heel weinig. Het duurt soms wel 6 weken voordat de vinger weer helemaal kan en mag buigen. Dit is heel normaal. Hieronder staan de oefeningen beschreven. Let op: u mag pas door naar de volgende stap als u deze oefening tijdens de therapie heeft uitgevoerd en geleerd. U doet de oefeningen ieder uur. Ze gaan als volgt: Eerste stap: U legt de hand op een dun boek of CD-hoesje van ongeveer 0,5 cm dik, zoals op het plaatje is aangegeven. Het middelste gewricht laat u ontspannen hangen. De vinger mag de tafel raken. Maak de vinger nu zo recht mogelijk. Hou dit 3 seconden vast. Herhaal deze stappen 10 keer. 5
Opmerkingen: Tweede stap: Hetzelfde als stap 1, maar nu mag het boek wat dikker zijn. Let erop dat de vinger steeds helemaal strekt. Herhaal dit weer 10x. Opmerkingen: Derde stap: U mag nu proberen de vingers om een dikke buis of stift te vouwen. Let op: u mag niet met volle kracht de vinger buigen. De beweging moet soepel aanvoelen. Uw therapeut zal u precies vertellen hoever u mag en hoe dik de buis of stift moet zijn. Tussendoor strekt u steeds de vinger zover mogelijk. Herhaal dit 10x. 6
Opmerkingen: Vierde stap: Probeer nu een volledige vuist te maken. Als het middelste gewricht nog niet helemaal volledig buigt, dan is dat niet erg. Strek de vingers volledig. Herhaal dit 10x. 7
Opmerkingen: Vijfde stap Wanneer het gewricht erg stijf blijft, is het soms nodig om de vinger te helpen buigen. Dit kan door middel van oefeningen waarbij u met de andere hand meehelpt. Er kan ook een spalkje gemaakt worden om de vinger te helpen buigen. Vragen of problemen Het kan zijn dat u ongerust bent over de vinger, of dat het spalkje niet lekker zit. Of u weet niet meer precies of u de oefeningen goed doet. Aarzel dan niet om te bellen met de afdeling ergotherapie: 024-361 48 92. Deze folder is samengesteld door de afdeling Revalidatie - Ergotherapie van het Radboudumc, met dank aan het Medisch Centrum Alkmaar. 8
07-2011-6981 Adres Afdeling Revalidatie Ingang oost Reinier Postlaan 2, route 901 6525 GC Nijmegen Postadres Radboudumc 898 Afdeling Revalidatie Postbus 9101 6500 HB Nijmegen Contact 024-361 48 92 Radboud universitair medisch centrum