Directiestatuut. Stichting MeerWonen

Vergelijkbare documenten
Bestuursreglement. Woningstichting Heteren

DIRECTIESTATUUT VAN WONINGSTICHTING BARNEVELD TE BARNEVELD

GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES

Inhoudsopgave: 1. Raad van Commissarissen Het bestuur De financiële verslaggeving en de positie van de externe accountant...

Bestuursreglement voor de Nederlandse Uitdaging

REGLEMENT VAN DE DIRECTIE VAN DE NEDERLANDSE HARTSTICHTING

Dit reglement is opgesteld en vastgesteld ingevolge artikel 5.5. van de statuten van Stichting Vocallis.

af over het gevoerde beleid en de door de Raad van Bestuur in dat kader verrichte werkzaamheden.

Bestuursreglement Zadkine

Profielschets raad van commissarissen

Bestuursreglement Woningstichting Vaals

Reglement bestuur UWOON. Artikel 1 Definities

De Raad van Toezicht voert tenminste jaarlijks met de Raad van Bestuur een functionering en beoordelingsgesprek. (in de maand september)

Reglement, werkwijze en taakverdeling RVC

REGLEMENT RAAD VAN COMMISSARISSEN VAN ZORG GROEP BEEK B.V.

Reglement van de Raad van Toezicht

DIRECTIESTATUUT VAN WOONBEDRUF fieder1 TE DEVENTER

REGLEMENT EENHOOFDIGE RAAD VAN BESTUUR STICHTING AMERPOORT

Toezicht- en toetsingskader

Procuratieregeling externe versie

Reglement Raad van Bestuur RSZK

Directiestatuut Domijn

Reglement College van Bestuur IJsselgroep

BESTUURSREGLEMENT DE WAALBOOG

BESTUURSREGLEMENT. Vastgesteld in de vergadering van de Raad van Commissarissen op 10 maart Bestuursreglement Wonen Midden-Delfland

REGLEMENT VAN DE STICHTING CKE

Reglement College van Bestuur. Onderwijsstichting Esprit

REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR KINDERRIJK Inclusief bijlage stroomschema besluitvorming

Voorbeeld directiereglement bij het BV met Raad van Commissarissen-model

Reglement Bestuur. Inleiding. 1. De bestuurstaak

Governancestructuur WonenBreburg. januari 2012, geactualiseerd augustus 2015

REGLEMENT AUDITCOMMISSIE RAAD VAN COMMISSARISSEN KWH Water B.V.

4. Bij voorkeur zal de raad van toezicht van Stichting P60 bij de werving van nieuwe toezichthouders buiten het eigen netwerk zoeken.

Reglement bestuur Stichting Havensteder

S a t de d Ad A vi v es BV B V Kw K al a ite t i e t tva v n n same m nl n eve v n

Directiestatuut CSG. Artikel 1. Taakverdeling en structuur

Reglement intern toezicht

3. Dit directiereglement kan - na overleg met de directeur - worden aangevuld en gewijzigd bij besluit van de raad van toezicht.

Procuratieregeling Rentree 2017

Reglement Raad van Toezicht. Stichting Hogeschool Leiden CONCEPT ALGEMEEN

REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR KINDERRIJK

Reglement Raad van Toezicht

Reglement selectie- en remuneratiecommissie

REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR STICHTING DE ZORGBOOG

Reglement Bestuur HOOFDSTUK 1 ALGEMEEN

REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT FULDAUERSTICHTING

Bestuursreglement. Bestuursreglement Stichting Verpleeghuis het Parkhuis Vastgestelde versie 15 april 2014 Pagina 1 van 6

Bestuursreglement Woningbouwvereniging Bergopwaarts

Transcriptie:

Directiestatuut Stichting MeerWonen Dit directiestatuut is vastgesteld en goedgekeurd in de vergadering van 7 april 2015 van de gezamenlijke raden van commissarissen van Woningstichting Alkemade en Woningstichting Buitenlust voor de rechtsopvolger stichting MeerWonen. Dit directiestatuut treedt in werking op 30 juni 2015. Dan is de stichting MeerWonen een feit. Dit directiestatuur kan bij besluit van de raad van commissarissen van de stichting MeerWonen (hierna te noemen RvC ) worden gewijzigd. Directiestatuut Stichting Meerwoonent 1/5

Artikel 1 Doel en reikwijdte directiestatuut 1. Het directiestatuut is vastgesteld en goedgekeurd in de vergadering van 7 april 2015 van de gezamenlijke raden van commissarissen van Woningstichting Alkemade en Woningstichting Buitenlust voor de rechtsopvolger Stichting MeerWonen. Dit directiestatuut treedt in werking op 30 juni 2015. Dit directiestatuur kan bij besluit van de raad van commissarissen van de Stichting MeerWonen (hierna te noemen RvC ) worden gewijzigd. 2. Het directiestatuut heeft, in aanvulling op de wettelijke en statutaire bepalingen, als doel heldere en duidelijke afspraken vast te leggen tussen de RvC en het bestuur, waaraan alle betrokkenen zich committeren. 3. Onverminderd het bepaalde in het directiestatuut zal het bestuur voor zijn of haar functioneren als uitgangspunt de Governancecode woningcorporaties en de Aedescode hanteren en integraal toepassen. 4. Dit directiestatuut kan bij besluit van de directeur-bestuurder worden aangevuld en/of gewijzigd, na voorafgaande goedkeuring door de RvC. De effectuering van het directiestatuut is immer in lijn met het reglement van de RvC. Het directiestatuut wordt door de directeur-bestuurder en de RvC jaarlijks geëvalueerd. 5. Van het bestaan van dit directiestatuut wordt melding gemaakt in het jaarverslag van Stichting MeerWonen. Het reglement wordt geplaatst op de website van Stichting MeerWonen. Artikel 2 Stijl van opereren en samenwerken 1. Om het afsprakenstelsel, zoals benoemd in de artikelen 3 t/m 9 werkbaar te maken is een constructieve samenwerking nodig die invulling geeft aan de rol van Stichting MeerWonen als maatschappelijk ondernemer. De volgende elementen dragen bij aan een effectieve en aangename samenwerking: a. afspraak = afspraak; b. integer handelen; c. het bevorderen en in stand houden van de gewenste bedrijfscultuur; d. resultaatgerichtheid; e. externe en interne klantgerichtheid; f. eigen initiatief en proactieve houding. 2. De directeur-bestuurder is verplicht tot het vervullen van een positieve voorbeeldfunctie voor de medewerkers in de organisatie. Artikel 3 Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden 1. In dit directiestatuut wordt de verdeling van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden op het niveau van de RvC en de directeur-bestuurder weergegeven. Directiestatuut Stichting Meerwoonent 2/5

2. De directeur-bestuurder is conform artikel 10.1 van de statuten belast met het besturen van de stichting. De directeur-bestuurder is verantwoordelijk voor: a. de realisatie van de maatschappelijke, volkshuisvestelijke en financiële doelstellingen en prestaties (vastgelegd in de kwartaalrapportage) als eindverantwoordelijke van de stichting tot uiting komend in de jaarafspraken; b. het leidinggeven aan de door Stichting MeerWonen uitgevoerde onderneming; c. het formuleren en na goedkeuring van de RvC vaststellen van een strategisch beleidsplan iedere vijf jaar (of op basis van besluitvorming door de directeur-bestuurder ten behoeve van een kortere periode); d. periodiek overleg met relevante belanghebbenden, inclusief de communicatie betreft (de realisatie van) de beleidsdoelstellingen mede in het kader van de publieke verantwoording; e. het uitvoeren van het beleid conform het opgestelde strategisch beleidsplan; f. het beheersen van de risico s verbonden aan de activiteiten van Stichting MeerWonen; g. de opzet en werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen, zoals omschreven in de Governancecode; h. het (financiële) verslaggevingproces en de daarbij te volgen procedures; i. de naleving van wet- en regelgeving; j. aanname c.q. ontslag van de medewerkers van de organisatie (inclusief de werving en selectie of de voorbereiding van de ontslagprocedure); k. integer handelen van de organisatie; l. het onder gezamenlijke verantwoordelijkheid met de RvC uitvoeren van de visitatie; m. het voorleggen van majeure besluiten aan de raad van commissarissen, zoals aangegeven in de Governancecode; n. tijdige rapportage en verantwoording over het bovenstaande aan de RvC. 3. Het bestuur legt de in artikel 10.4 van de statuten en de artikelen 7.7 en 7.8 van het reglement RvC benoemde besluiten ter goedkeuring voor aan de RvC. 4. Het grensbedrag voor de in artikel 10.4 van de statuten bedoelde besluiten bij aan- en verkoop van onroerend goed waarvoor de directeur-bestuurder voorafgaande schriftelijke goedkeuring moet hebben van de RvC is vastgesteld op 300.000,-. 5. Majeure besluiten van het bestuur (de directie) van de door de toegelaten instelling (hierna te noemen TI ) opgerichte dochterondernemingen behoeven altijd de goedkeuring van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (hierna te noemen AVA ) van de desbetreffende dochteronderneming en mogen deze nimmer te buiten gaan. Het bestuur (de directie) van deze dochterondernemingen mag geen besluiten nemen die schade kunnen berokkenen of buiten het goedgekeurde beleid treden van de AVA. De AVA wordt gevormd door de TI, die daarbij wordt vertegenwoordigd door de statutaire directie van de TI. De statutaire directie van de TI behoeft immer goedkeuring van de RvC van de TI voor haar te voeren beleid en voor het uitoefenen van stemrecht op aandelen van een de dochteronderneming. 6. Daarnaast is de directeur-bestuurder verantwoordelijk voor: a. Projectontwikkeling; b. arbeidsbeleid, werkomstandigheden, juiste toepassing van de CAO en het vaststellen van de functiebeschrijvingen en functiewaarderingen; c. de hiërarchische aansturing van de afdelingen Wonen, Vastgoed en Financiën in de organisatie. Directiestatuut Stichting Meerwoonent 3/5

7. De directeur-bestuurder is verplicht de stukken die betrekking hebben op artikel 10.5 van de Statuten ten minste zeven werkdagen voorafgaande aan de goedkeuring toe te zenden aan de RvC. Spoedeisende gevallen zijn uitgezonderd. Artikel 4 Bestuur en MT 1. De directeur-bestuurder maakt jaarlijks prestatieafspraken met de individuele leden van het managementteam en bewaakt deze afspraken. 2. Het MT streeft naar unanimiteit in besluitvorming. Te nemen besluiten in het MT worden uitgewerkt in een directieformat, waarbij elk besluit in regel met instemming van het MT wordt genomen. Het genomen besluit wordt geparafeerd door de portefeuillehouder en de directeurbestuurder. 3. Mocht het MT niet komen tot een gedragen besluit, dan is de stem van de directeur-bestuurder doorslaggevend. Afwijkende meningen worden in het directieformat op transparante wijze vastgelegd. 4. Majeure meningsverschillen of (dreigende) conflicten worden door het bestuur gemeld aan de RvC. 5. Bij afwezigheid in geval van regulier verlof of kortstondige afwezigheid in verband met ziekte en dergelijke wordt de directeur-bestuurder vervangen door een door de bestuurder aan te wijzen plaatsvervanger uit de kring van de MT-leden. Hij of zij vervangt de directeur-bestuurder uitsluitend op het uitvoeren van tactisch-operationeel beleid en binnen de vastgestelde kaders van de begroting. Bij langdurige afwezigheid wordt in vervanging voorzien conform het bepaalde in artikel 7 van de Statuten dan wel artikel 8.5 van het Reglement van de RvC. Artikel 5 1. Mandaterings- en procuratieregeling 2. Het bestuur stelt een mandaterings- en procuratieregeling op, waarin is vastgelegd hoe: a. wordt omgegaan met bevoegdheden in geval van ontstentenis en belet b. wordt omgegaan met de tekenbevoegdheid voor het aangaan van verplichtingen 3. De mandaterings- en procuratieregeling behoeft voorafgaande instemming van de RvC en maakt als bijlage onderdeel uit van dit bestuursreglement. 4. De genomen besluiten worden opgenomen in een besluitenregister. 5. Besluiten die leden van het MT zelf betreffen of naar het uitsluitend oordeel van het bestuur een zodanig sensitief karakter hebben dat deze niet in aanwezigheid van het managementteam genomen kunnen worden in een afzonderlijk vertrouwelijk besluitenregister vastgelegd. Artikel 6 Functioneren directeur-bestuurder 1. De RvC vormt zich gedurende het jaar een oordeel inzake de punten zoals benoemd in artikel 2 en 3. Op een vast tijdstip in het jaar bespreekt de remuneratiecommissie van de RvC de kwaliteit van het functioneren van de directeur-bestuurder en legt de beoordeling schriftelijk vast. 2. Met een gesprek wordt aangegeven op basis van welke criteria de directeur-bestuurder het komende jaar door de RvC wordt beoordeeld. Deze criteria worden jaarlijks vastgesteld en vastgelegd. Directiestatuut Stichting Meerwoonent 4/5

3. Eens in de vier jaar vindt er een beoordeling van de directeur-bestuurder op passendheid van de functie plaats. Artikel 7 Relatie bestuur en toezicht 1. De directeur-bestuurder draagt zorg voor het goed kunnen functioneren van de RvC en is in die rol verantwoordelijk voor: a. gevraagd en ongevraagd de RvC tijdig van adequate informatie te voorzien die de RvC nodig heeft om zijn taak te kunnen vervullen; b. het tijdig voorleggen van majeure vraagstukken en/of besluiten en de RvC hiermee niet onaangenaam verrassen; c. het plannen van de vergaderingen van de RvC, inclusief de evaluatie waarvoor de directeurbestuurder een visie opstelt en/of een kader aanreikt; d. het verstrekken van alle gegevens aan de door de RvC aangewezen accountant die nodig zijn voor de uitoefening van zijn controletaak, inclusief het tijdig informeren over zich voordoende problemen dienaangaande. Artikel 8 Geheimhouding 1. De directeur-bestuurder heeft geheimhoudingsplicht aangaande onderwerpen die de organisatie kunnen schaden of in diskrediet kunnen brengen. Artikel 9 Belangenverstrengeling en nevenactiviteiten 1. Elke vorm en schijn van belangenverstrengeling tussen de stichting en het bestuur wordt vermeden. De bestuurder handelt in deze conform de Governancecode. 2. De directeur-bestuurder behoeft voorafgaande toestemming van de RvC voor het uitvoeren van nevenactiviteiten. Directiestatuut Stichting Meerwoonent 5/5