Schouderprothese Schouderprothese
Inhoud Schouderprothese, december 2014 3 Inleiding 4 De schouderprothese 4 Waarom een prothese? 6 Soorten protheses 10 De operatie 10 Voorbereiden 11 De ingreep uitgelegd 13 Mogelijke complicaties 15 Het herstel 15 Herstel in het ziekenhuis 16 Weer thuis 18 Lange termijn 19 Meer informatie 19 Relevante adressen 20 Woordenlijst Inleiding U heeft veel last van uw schouder. U heeft pijn en u kunt uw schouder moeilijk bewegen. Uw arts heeft voorgesteld uw schoudergewricht te vervangen door een kunstgewricht: de schouderprothese. Hiervoor is een operatie nodig. Misschien wilt u meer weten over deze operatie voordat u een besluit neemt. U vindt hier informatie over de schouderprothese, de operatie en wat u bij het herstel kunt verwachten. Ook vindt u adressen van organisaties waar u meer informatie kunt krijgen. Houdt u er rekening mee dat de situatie voor iedereen anders is. Ook kan de precieze procedure per ziekenhuis verschillen. 2 3
De schouderprothese Waarom een prothese? Met een schouderprothese kunt u uw arm weer pijnloos bewegen. Wacht niet te lang met een operatie. De kans op een goed resultaat is groter naarmate de conditie van de botten, spieren en pezen in uw schouder beter is. Het schoudergewricht De schouder is het meest beweeglijke gewricht van het lichaam. Het schoudergewricht bestaat uit 3 botstukken: De bovenarm (humerus) Het schouderblad (scapula) Het sleutelbeen (clavicula) De kop van uw bovenarm beweegt in de kom van uw schouderblad. Kop en kom zijn bekleed met kraakbeen. Oorzaak pijn Uw schoudergewricht is beschadigd door een reumatische aandoening. De pezen worden dunner en rafelig. Uw kraakbeen is broos en breekbaar in plaats van elastisch en stevig. Het is zelfs mogelijk dat uw kraakbeen en gedeelten van het bot verdwenen zijn. Op den duur veroorzaakt dit veel pijn en kunt u uw schouder slechter bewegen. Uw schouderspieren worden dunner en slapper. Dit komt door de reumatische aandoening en doordat u uw schouder minder gebruikt. Uiteindelijk kunt u een prothese nodig hebben. Schoudergewricht Wel of niet opereren Of een operatie nodig is, hangt in eerste instantie af van: hoeveel pijn u heeft hoeveel minder u het gewricht kunt bewegen de aantasting van botten, spieren en pezen rondom het gewricht Ook de volgende factoren bepalen of u voor een operatie in aanmerking komt: Uw lichamelijke conditie Andere lichamelijke ziekten Actieve ontstekingen in uw schouders of elders in het lichaam Uw leeftijd 4 5
Orthopedisch chirurgen kiezen er steeds vaker voor om een schouderprothese te plaatsen. Dit is een lastige beslissing omdat het wisselende resultaten oplevert. Het resultaat is sterk afhankelijk van de conditie van het weefsel in uw schouder. Vaststellen artrose Met een röntgenfoto stelt de arts vast dat uw kraakbeen is aangetast. Eventueel laat hij ook een CT-scan of MRI-scan maken of beide. Pijn verminderen Het belangrijkste doel van de operatie is dat de pijn afneemt. De beweeglijkheid kan hetzelfde blijven, maar neemt vaak toe. Lang wachten is niet gunstig Als u lang wacht met een operatie, kunnen de pezen en spieren rondom uw gewricht heel dun worden of zelfs scheuren. Dit herstelt meestal niet meer. Ook kan in een laat stadium veel bot van uw schouderkom verdwenen zijn. Dan is het niet altijd meer mogelijk om een prothese te plaatsen. Dit verschilt per persoon. Uw orthopedisch chirurg kiest de prothese die voor uw situatie het meest geschikt is. Zijn keuze baseert hij op de toestand van het weefsel in uw schouder. Hij bespreekt zijn keuze met u. Hemiprothese Bij de hemiprothese wordt de hele schouderkop vervangen door een nieuwe kop van metaal. Deze kop zit op een steel, die de arts bevestigt in de schacht van de bovenarm. Hiervoor moeten de spieren en pezen rondom de schouder intact zijn en goed werken. Het is ook mogelijk dat alleen het beschadigde kraakbeen van uw schouderkop wordt verwijderd. Het bot van de schouderkop blijft zitten. De arts brengt dan een bolvormige metalen overkapping aan op de schouderkop. Dit wordt ook wel een fietsbel genoemd. De resultaten op langere termijn zijn beter naarmate uw spieren en pezen minder beschadigd zijn. Ook is het noodzakelijk dat u een goede botmassa heeft, zodat de arts de prothese daarin kan vastzetten. Soorten protheses Er zijn 4 soorten schouderprotheses. De keuze is afhankelijk van de conditie van het weefsel in uw schouder. Uw orthopedisch chirurg bekijkt of er alleen kraakbeen beschadigd is of ook botten, spieren en pezen. Soorten protheses Er bestaan 4 typen schouderprotheses: Hemiprothese Stemless schouderprothese Totale schouderprothese Omgekeerde schouderprothese Hemiprothese van de schouder 6 7
Stemless schouderprothese Tegenwoordig zijn er ook schouderprotheses met een zeer korte steel of eigenlijk geen steel. Dit zijn de zogenaamde stemless schouderprotheses. Die kunnen zowel met als zonder kom erbij geplaatst worden. Totale schouderprothese Bij een totale schouderprothese wordt zowel een nieuwe kop als een nieuwe kom geplaatst. De metalen schouderkop zit op een steel en wordt in de bovenarm vastgezet. De kom kan van metaal met een plastic glijlaag of volledig van kunststof zijn en wordt aan het schouderblad vastgemaakt. Omgekeerde schouderprothese Wordt gebruikt als de peesaanhechting op de schouder onherstelbaar gescheurd is. Naast de gewrichtsbeschadiging is er ook sprake van functiebeperking en vermindering van kracht. Bij een omgekeerde schouderprothese wordt een kop op de oorspronkelijk kom geplaatst en een kom op de plaats van de kop. De kom draait nu om een kop in plaats van andersom. Het voordeel hiervan is dat de schouder stabiel is en niet meer naar boven kan wegglijden. Totale schouderprothese Omgekeerde schouderprothese 8 9
De operatie Voorbereiden Het is belangrijk dat u weet wat er allemaal komt kijken bij het plaatsen van een schouderprothese. Uw vragen kunt u stellen aan de orthopedisch chirurg. Vraag ook om informatie over anesthesie. Gebruik uw arm voor de operatie zo normaal mogelijk. Uw arm gebruiken Gebruik uw arm in de periode voor de operatie op een normale wijze. Misschien kunt u bepaalde oefeningen doen om de spieren rond uw schoudergewricht soepel te houden. Doe geen krachttraining, want dit kan een ongunstige invloed hebben op het herstel en de mogelijkheden van uw schouder na de operatie. Praat met de chirurg Het is belangrijk dat u alles wat te maken heeft met de operatie goed begrijpt. Pas dan kunt u toestemming geven voor de operatie. Bespreek van tevoren uw vragen en zorgen met de orthopedisch chirurg die de operatie gaat uitvoeren. Vragen stellen U kunt de volgende vragen stellen aan de orthopedisch chirurg: Waarom is deze operatie nodig? Hoe bereid ik mij voor op de operatie? Wat wordt er tijdens de operatie gedaan? Welke problemen kunnen tijdens en na de operatie ontstaan? Wat staat mij te wachten na de operatie? Wanneer mag ik naar huis? Wat staat mij te wachten in de herstelfase direct na de operatie? Wat kan ik op langere termijn verwachten? Wat mag ik wel en wat niet na de operatie? Welk resultaat mag ik van deze operatie verwachten? Overleg met uw arts of u tijdelijk moet stoppen met bepaalde medicijnen, bijvoorbeeld NSAID s, bloedverdunners of DMARD s. Meestal stopt u vlak voor de operatie met uw medicijnen. Folder anesthesie Vraag in het ziekenhuis naar een folder over anesthesie. Daarin staat hoe u zich voorbereidt op de operatie. U leest over onderwerpen als nuchter zijn voor de operatie (vanaf middernacht niet meer eten en drinken op de dag van de operatie), het verwijderen van make-up, sieraden en uw kunstgebit, en of u tijdelijk met medicijnen moet stoppen. De ingreep uitgelegd Tijdens de operatie verwijdert de orthopedisch chirurg de beschadigde gewrichtsdelen. Hij vervangt deze door een kunstgewricht. Opname Wanneer u wordt opgenomen in het ziekenhuis is afhankelijk van verschillende factoren. De operatie De orthopedisch chirurg maakt een insnijding in uw schouder. Hoe deze snede loopt, hangt af van de prothese die u krijgt. De chirurg verwijdert de beschadigde gewrichtsdelen van uw schouder en vervangt deze door een prothese. 10 11
Als de prothese geplaatst is, hecht de chirurg de opening dicht. Bij het sluiten van de wond wordt er veel aandacht besteed aan herstel van de pezen en het kapsel rond de schouder om de stabiliteit van de schouder zo goed mogelijk te herstellen. Daardoor wordt in de eerste weken na een schouderoperatie vaak een bewegingsbeperking in verschillende richtingen opgelegd. Duur De duur van de operatie varieert variëren van 1 tot 3 uur. Mogelijke complicaties Bij sommige vormen van reuma is het mogelijk dat er een botbreuk of een scheur in een bot of spier ontstaat. Verder gelden bij het plaatsen van een schouderprothese dezelfde risico s als bij andere operaties. Botbreuken bij reuma Als u een vorm van reuma heeft waarvoor u medicijnen gebruikt, dan zijn er soms extra risico s vanwege veranderingen die zijn ontstaan door uw aandoening. Tijdens de operatie kan er bijvoorbeeld een scheur of breuk ontstaan in uw bot. Ook kan het nodig zijn dat de orthopedisch chirurg extra bot aanbrengt (botplastiek of transplantaat) om de prothese beter te laten vastgroeien. Scheur in rotator cuff Een andere mogelijke complicatie is een scheur in uw rotator cuff, een groep van spieren in uw schouder. Beschadiging van zenuwen Vlakbij het schoudergewricht loopt een zenuwbundel. Deze kan tijdens de operatie beschadigd raken. U merkt dit aan tintelende vingers en krachtverlies in de hand. De klachten zijn meestal tijdelijk van aard. Uw herstel kan enkele maanden duren. Achteraanzicht en vooraanzicht van rotator cuffspieren van de schouder Overige complicaties Die kunnen optreden zijn: Ontwrichting van de prothese (uit de kom schieten). De kans hierop is het grootst in de eerste drie maanden na de operatie. Volg de gegeven instructies daarom goed op. Verstijving van de schouder Loslating van de prothese op langere termijn Risico s bij elke operatie Verder gelden dezelfde risico s als bij andere operaties: Wondinfectie. De kans hierop is klein. Een wondinfectie is meestal na enkele dagen zichtbaar. De wond is dan rood en pijnlijk en uw temperatuur is verhoogd. Een operatie is dan nodig om pus te verwijderen. Dit voorkomt een aanhoudende infectie van uw schouder en het risico dat de prothese verwijdert moet worden. Wordt de wond roder en pijnlijker, neem dan direct contact op met uw specialist. Lukt dit niet, dan kunt u de spoedarts van het ziekenhuis bellen. 12 13
Nabloeding. De kans dat de wond nabloedt is de eerste 24 uur het grootst. Voor de eerste dagen heeft u een verband gekregen. Meestal is een tweede operatie niet noodzakelijk. Wel kunt u bij een nabloeding een bloedtransfusie krijgen om het bloedtekort aan te vullen. Trombose. Alle langdurige operaties verhogen de kans op trombose. Om dit te voorkomen krijgt u vanaf de dag van de operatie bloedverdunnende medicijnen in de vorm van tabletten of injecties. Deze worden weer gestaakt als u voldoende actief bent en worden meestal alleen tijdens de opname gegeven. Het herstel Herstel in het ziekenhuis Na de operatie blijft u 3 tot 10 dagen in het ziekenhuis. De eerste dagen heeft u een infuus en soms een drain. Ook krijgt u een draagband. Na enkele dagen kunt u gaan oefenen onder begeleiding van de oefen- of fysiotherapeut met uw nieuwe gewricht. De eerste dagen De eerste dagen na de operatie heeft u een infuus. U krijgt goede pijnstilling. Meestal krijgt u een draagband om uw hals en arm: een bandage, mitella of sling. De sling is een moderne vorm van een mitella. Drain Om de bloeduitstorting na de operatie te verminderen heeft u soms de eerste dag na de operatie een drain in de wond. Deze drain voert wondvocht af. Verzorging De verpleegkundige of de fysiotherapeut leert u hoe u uzelf met één hand kunt verzorgen. Bewegen Na de operatie, meestal de volgende dag, krijgt u van uw fysiotherapeut instructies voor het gebruik van uw schouder. Naar huis Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u mee: Een afspraak op de polikliniek Een recept voor medicijnen 14 15
Eventueel kunt u meekrijgen: Een afspraak met de trombosedienst Een recept voor verbandmiddelen Een overdracht voor de thuiszorg of het verpleeghuis Een verwijzing en overdracht voor oefen- of fysiotherapie Vervoer Na een schouderoperatie kunt u niet zelf naar huis rijden. Regel daarom dat iemand u komt ophalen. Weer thuis Het revalidatieproces duurt meestal 3 tot 6 maanden. Bepaalde activiteiten mag u pas na 6 weken weer doen. Houd er rekening mee dat u een schouderprothese niet zwaar kunt belasten. Pas ook op met infecties in uw lichaam. De eerste 6 weken Na de operatie mag u niet autorijden, tillen, fietsen of zwemmen. Dat mag pas weer als u voldoende controle heeft over uw geopereerde schouder en u geen draagband meer nodig heeft. Vraag dit na 6 weken aan de orthopedisch chirurg tijdens uw controleafspraak. Laat het ook beoordelen door uw fysiotherapeut. Oefentherapie Het revalidatieproces duurt meestal 3 maanden. In die periode doet u oefeningen. Ook krijgt u behandelingen om uw schouder weer zo gezond en beweeglijk mogelijk te maken. Uw orthopedisch chirurg of uw oefen- of fysiotherapeut vertelt u welke oefeningen u wel en niet kunt doen met uw prothese. Dagelijks leven Er zijn enkele punten waarop u moet letten bij uw dagelijkse bezigheden: U kunt uw arm gewoon gebruiken, maar belast hem niet zwaarder dan ongeveer 5 kg Beoefen geen sport waarbij u kracht zet met uw armen en bewegingen met uw armen boven uw hoofd maakt, bijvoorbeeld tennis, badminton of handbal. Ook contactsporten horen hierbij, zoals voetbal vanwege het risico op vallen. Heeft u een vraag over bewegen? Informeer bij uw behandelaar, oefen- of fysiotherapeut wat mogelijk is. Wandelen en fietsen is geen probleem. Gaat u zwemmen, zet dan weinig kracht met uw armen. Ga ook niet het zwembad uit via het normale trapje, maar via een uitlooptrap. Er komt anders te veel gewicht op uw schouder Meld bij elke andere medische ingreep die u moet ondergaan dat u een prothese heeft, bijvoorbeeld ook bij een tandheelkundige ingreep Als er kans is op een infectie is het belangrijk dat u antibiotica gebruikt, bijvoorbeeld bij een volgende operatie Goede hygiëne is belangrijk Heel soms kan het gebeuren dat uw schouder uit de kom raakt. Dit heeft meestal te maken met overbelasting of een verkeerde beweging. Neem dan direct contact op met uw orthopedisch chirurg Werk U kunt weer aan het werk in overleg met uw arts of de bedrijfsarts. Het is mogelijk dat u uw arm minder ver omhoog krijgt dan voor de operatie. Ook kunt u uw nieuwe schoudergewricht minder zwaar belasten. Kans op infectie Elk kunstgewricht kan gemakkelijk geïnfecteerd raken. De kans hierop is groter als u een wond heeft of een infectie ergens anders in uw lichaam. Neem daarom direct contact op met uw huisarts als u koorts heeft. Doe dit ook bij bijvoorbeeld een ontsteking aan uw blaas, gebit, keel of nagelriemen, wonden waar pus uit komt of steenpuisten. Bij een infectie krijgt u antibiotica. 16 17
Lange termijn Een schouderprothese geeft vaak goede resultaten. Na de operatie verdwijnt de pijn meestal, maar u kunt niet alle bewegingen meer maken met uw arm. Een schouderprothese gaat zo n 10 jaar mee. Goede resultaten De resultaten van een nieuw schoudergewricht zijn meestal goed. Na de operatie is de pijn vaak minder of zelfs verdwenen. U kunt uw arm voorwaarts en zijwaarts optillen tot ongeveer horizontaal. Dit betekent dat u met uw hand bij uw hoofd kunt. U kunt dus een bril opzetten. Uw haren verzorgen is meestal moeilijker. Waarschijnlijk kunt u uw schouder wel draaien, zodat u uw hand naar uw rug kunt brengen. Meestal kunt u uw schouder weer beter gebruiken dan voor de operatie. Levensduur Een schouderprothese gaat ongeveer 10 jaar mee. Na 15 jaar heeft 74% van de geopereerde mensen zijn eerste prothese nog. Problemen kunnen ontstaan na ongeveer 7 jaar. De schouderkopprothese kan het gewrichtsvlak van de kom aantasten en beschadigen. Als u een prothesedeel op uw schouderblad heeft, is de kans hierop klein. Wel bestaat het risico dat de prothese loslaat. Uw arts kan dan besluiten om opnieuw een schouderoperatie uit te voeren. Meer informatie Relevante adressen Reumafonds Telefoon: 020 589 64 64 Website: www.reumafonds.nl Reumalijn U kunt bij de Reumalijn uw vraag stellen zoals u wilt. Bel 0900 20 30 300 (3 cent p.m.), bereikbaar op werkdagen tussen 10.00 en 14.00 uur. Help mee Het Reumafonds is er voor mensen met reuma. Wij vinden het belangrijk om goede voorlichting te geven. Dit voorlichtingsmateriaal is mogelijk gemaakt door mensen die het Reumafonds een warm hart toedragen. Wij krijgen geen subsidie van de overheid. Wilt u ook helpen in de strijd tegen reuma? Alle giften, groot en klein, zijn welkom. Bankrekening NL 86 RABO 0123040000, Reumafonds Amsterdam. 18 19
Woordenlijst Anesthesie De manier waarop u wordt verdoofd tijdens de operatie. Die kan volledig (narcose) of plaatselijk zijn. Antibioticum Medicijn tegen bacteriën. CT-scan CT is een afkorting voor computertomografie. Bij een CT-scan maakt de computer foto s van dwarsdoorsneden van het lichaam. Al die dwarsdoorsneden samen vormen een driedimensionaal beeld. Bijvoorbeeld van het hart. DMARD Afkorting voor Disease-Modifying Anti Rheumatic Drug. Ook wel ontstekingsremmer genoemd. Dit medicijn remt chronische reumatische ontstekingen. Het helpt de schade te beperken en de pijn te verminderen. Drain Buisje waardoor (wond-)vocht, bloed of pus kan worden afgevoerd. Infectie Besmetting door bepaalde ziekteverwekkers die het lichaam binnendringen en zich vermenigvuldigen. Voorbeelden zijn bacteriën en virussen. Kraakbeen Veerkrachtig weefsel dat goed bestand is tegen druk. Kraakbeen komt niet alleen voor in gewrichten, maar ook in oorschelpen, neus en luchtpijp. MRI-scan Het Engelse woord voor Magnetic Resonance Imaging. Dit houdt in dat met behulp van magneetstralen foto s van het lichaam gemaakt worden. NSAID Afkorting van Non Steroidal Anti-Inflammatory Drug. Dit zijn medicijnen die de verschijnselen van een ontsteking verlichten en pijn en stijfheid verminderen. Orthopedisch chirurg Specialist die afwijkingen van het steun- en bewegingsapparaat (botten, spieren, pezen en gewrichten) behandelt. Wordt ook wel orthopeed genoemd. Pus Geelgroen vocht dat ontstaat bij ontstekingen. Het bestaat uit afgestorven cellen, bacteriën en witte bloedcellen. Röntgenfoto Een foto die gemaakt wordt met röntgenstralen en waarop compacter weefsel zoals botweefsel goed kan worden bekeken. Rotator cuff Naam van de spieren die de kop van de schouder in de kom stabiliseren. Trombose Bloedvatverstopping veroorzaakt door een stolsel aan de wand van het bloedvat. Colofon Schouderprothese, december 2014 Coördinatie Afdeling Voorlichting en Informatie, Reumafonds, Amsterdam. Tekst De teksten in deze brochure zijn tot stand gekomen onder eindverantwoordelijkheid van de Nederlandse Vereniging voor Reumatologie, de Nederlandse Health Professionals in de Reumatologie en het Reumafonds. Bij het samenstellen van de teksten zijn diverse deskundigen (referenten) betrokken, die een ruime ervaring hebben met de behandeling en begeleiding van patiënten met reumatische aandoeningen. Ook patiënten hebben een inhoudelijke bijdrage geleverd. Productiebegeleiding pure brand productions Illustraties Paul Maasillustratie, Tilburg Deze brochure wordt uitgegeven door de Stichting Nationaal Reumafonds (afgekort tot Reumafonds). Hierin zijn vertegenwoordigd de patiëntenorganisaties en de organisaties van de behandelaars. Niets van deze uitgave mag vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden, in welke vorm dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de afdeling Voorlichting en Informatie van het Reumafonds in Amsterdam. 2014 Reumafonds, Amsterdam De inhoud van deze brochure kunt u ook lezen op www.reumafonds.nl/patienten. U bent dan verzekerd van de meest recente informatie. Voor vragen kunt u terecht bij de Reumalijn, T 0900 20 30 300 (3 cent p.m.). 20 21
533.dec14 Meer informatie Reumafonds Postbus 59091 1040 KB Amsterdam t 020 589 64 64 f 020 589 64 44 info@reumafonds.nl www.reumafonds.nl Reumalijn Voor al uw vragen over reuma t 0900-2030300 (3 cent p.m.), maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 14.00 uur. info@reumalijn.nl ANBI erkend