Nr april 2016



Vergelijkbare documenten
Tarieven dagvergoedingen voor categorie 1 en categorie 2

TERUGBETALING KOSTEN EIGEN AAN DE WERKGEVER ============================================== 1. OPGAVE VERPLAATSINGEN

Wetsontwerp Werkbaar en Wendbaar Werk voorgesteld

WERKBAAR EN WENDBAAR WERK

Versoepeling buitenlandse dagvergoeding

Eigen auto 0,3573/km (01/07/2018 t.e.m. 30/06/2019) - Geldt voor beroepsverplaatsingen met de eigen auto, motor- of bromfiets

WET WERKBAAR WENDBAAR WERK

DE NIEUWE WET OP WENDBAAR en WERKBAAR WERK ALGEMEEN OVERZICHT. In de Wet Werkbaar en Wendbaar Werk (WWW) zijn twee soorten van maatregelen opgenomen:

De bedragen in onderstaande tabel worden aanvaard als een niet-belastbare terugbetaling van eigen kosten van de werkgever vanaf 1 januari 2014:

De bedragen in onderstaande tabel worden aanvaard als een niet-belastbare terugbetaling van eigen kosten van de werkgever vanaf 1 januari 2014:

Circulaire Nr. Ci.RH.241/ (AAFisc 21/2011) dd

Flexibiliteit in de arbeidsduur: utopie of realiteit?

Stelsel van economische werkloosheid voor bedienden

Terugbetaling van kosten - RSZ

> 5 uur en < 8 uur 8 uur Verblijf op kosten van het personeelslid 3,90 EUR 19,60 EUR 44,65 EUR 23,50 EUR

Ecocheques. paritair comité 309. Rechtsbronnen. Definitie. Betrokken werknemers. Bedrag en toekenningsvoorwaarden

6. ONKOSTENVERGOEDINGEN EN MAALTIJDCHEQUES. 6.1 Forfaitaire onkostenvergoeding

Out Sim. Handleiding te lezen voor gebruik

Sector van de vlasbereiding

WETSONTWERP BETREFFENDE WERKBAAR EN WENDBAAR WERK

Versie Deel IV Titel II Hoofdstuk V : Vergoeding voor tijdelijke opdrachten in het buitenland Inhoudstafel

Paritair Comité voor de houtnijverheid Houthandel

Halftijds brugpensioen

WET WERKBAAR WENDBAAR WERK

Persbericht. Anti-crisismaatregelen: goedkeuring van een tweede pakket maatregelen van de minister van Werk om ontslagen te vermijden

Diverse bepalingen om de tewerkstelling te beschermen

Federale en bicommunautaire Socio-culturele organisaties. Overwerk... 2 Nachtarbeid... 2 Arbeid op zon en feestdagen... 2 Vevoerkosten...

DE CRISISPREMIE VOOR ONTSLAGEN ARBEIDERS

ARBEIDSOVEREENKOMST VOOR ARBEIDER - DEELTIJDS

Akkoord begroting 2017

Paritair Comité voor de landbouw

Metaalverwerkingsondernemingen Nationaal

Koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques (BS )

Instelling. Group S. Onderwerp. Werkbaar en wendbaar werk: nieuwe maatregelen inzake arbeidsduur. Datum. 8 december 2016

2. Beslissing om het stelsel toe te passen

De volledige CLB Group wenst u een gezond en succesvol 2016!

[ ] CRISISPREMIE VOOR ONTSLAGEN ARBEIDERS KAN TOT EEN BIJKOMENDE KOST VAN EUR LEIDEN

Wijziging van de reglementering van het tijdskrediet

CRISISPREMIE ARBEIDERS

Paritair Comité voor de schoonmaak- en ontsmettingsondernemingen

Gemeenschappelijk voorstel van de sociale partners. Sectorale CAO s in PC 117/211. Periode

Nieuw bedrag forfaitaire kilometervergoeding vanaf 1 juli 2015 definitief vastgelegd

Houthandel. Anciënniteitspremie... 2 Collectieve arbeidsovereenkomst van 22 juni 2009 (94.291)... 2 Eco-cheques... 3

Socio-culturele sector van de Franstalige en Duitstalige Gemeenschap en het Waalse Gewest. Duitstalige Gemeenschap

PC 152 Flexibiliteit, vervoerskosten & vormingsinspanning

Zagerijen en aanverwante nijverheden

Wijziging van de reglementering van het tijdskrediet

Nieuwe ontslagregels 2012

INHOUD INHOUD JURIDISCHE ACTUA ALGEMENE INFO. Varia Tussenkomst kilometervergoeding

Tijdelijke werkloosheid - Economische redenen

Paritair comité voor de ondernemingen waar teruggewonnen grondstoffen opnieuw ter waarde worden gebracht Terugwinning van papier

12 DECEMBER Wet tot vaststelling van de arbeidsduur. van de geneesheren, de tandartsen, de dierenartsen,

I N F O Augustus 2015

3 maanden 6 maanden 9 maanden 12 maanden 15 maanden 18 maanden 21 maanden 24 maanden 27 maanden

Pensioenen Stand van zaken op 20 januari 2012

Vakantiegeld... 2 Jaarlijkse gratificatie... 2 Jaarlijkse premie... 4 Bijdrage van de werkgevers in de vervoerkosten van het personeel...

3 maanden 6 maanden 9 maanden 12 maanden 15 maanden 18 maanden 21 maanden 24 maanden 27 maanden

Paritair Comité voor de bewakings- en/of toezichtsdiensten. Collectieve arbeidsovereenkomst van 25 februari 2014 (121179)...

Paritair Comité voor de bedienden uit de scheikundige nijverheid

Ter beschikking gesteld door ACV-metaal Picanolgroup

Arbeidsovereenkomst - Student

Transcriptie:

Nr. 230 21 april 2016 Belgisch Staatsblad Verblijfsvergoedingen buitenland: bedragen vanaf 1 april 2016 gepubliceerd In het Belgisch Staatsblad verschijnt elk jaar een lijst met de bedragen van de dagelijkse forfaitaire verblijfsvergoedingen die worden toegekend aan de ambtenaren van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (categorie 1) die in opdracht naar het buitenland gezonden worden. De lijst maakt soms een onderscheid tussen het prijsniveau in de hoofdstad, andere belangrijke steden en de rest van ieder land. Op 15 april 2016 werd de nieuwe lijst met bedragen, van toepassing vanaf 1 april 2016, in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. Deze bedragen wijzigen niet in vergelijking met de bedragen die van toepassing waren vanaf 1 april 2015. U kan deze bedragen ook toepassen voor uw werknemers die u voor het werk tijdelijk naar het buitenland stuurt. De kosten die zij daar maken, mag u op forfaitaire wijze terugbetalen. U moet dus geen verantwoordingsstukken voorleggen voor de gemaakte kosten, op voorwaarde dat u niet meer terugbetaalt dan de in de landenlijst opgenomen bedragen. Sinds 10 oktober 2013 maakt de fiscus een onderscheid tussen dienstreizen langer of korter dan 30 kalenderdagen: 1. Dienstreizen van maximaal 30 kalenderdagen Onder dienstreis in het buitenland wordt verstaan: een opdracht van korte duur in het buitenland in effectieve dienst of opdracht van de werkgever of vennootschap waarin men werknemer of bedrijfsleider is. De periodes die betrekking hebben op de eventueel door de belastingplichtige vrijwillig gemaakte reisverlengingen, worden echter niet als dienstreis aangemerkt. Onder korte duur wordt verstaan: een dienstreis van maximum 30 kalenderdagen. Wanneer de periode van 30 dagen wordt overschreden, dan kan enkel de terugbetaling van de kosten, die worden verantwoord door het voorleggen van bewijsstukken, als een kost eigen aan de werkgever worden aangemerkt. De forfaitaire bedragen kunnen enkel worden gebruikt ter vergoeding van de kosten van werknemers en bedrijfsleiders die hun beroepswerkzaamheden in vergelijkbare omstandigheden uitoefenen als de ambtenaren van de carrière hoofdbestuur van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (categorie 1). 1

Het moet bijgevolg gaan om werknemers en bedrijfsleiders die hoofdzakelijk een sedentaire beroepswerkzaamheid uitoefenen en in het kader daarvan éénmalig, occasioneel of zelfs regelmatig dienstreizen naar het buitenland maken. De werknemers of bedrijfsleiders voor wie verplaatsingen van en naar het buitenland deel uitmaken van hun normale, dagelijkse beroepsactiviteit vallen niet onder het toepassingsgebied. Voor deze laatsten worden de reizen naar het buitenland niet als dienstreizen aangemerkt. Voor de transportsector geldt een bijzondere regeling. In de landentabel wordt een onderscheid gemaakt tussen dagelijkse forfaitaire vergoedingen en logementsvergoedingen: Dagelijkse forfaitaire vergoedingen Deze bedragen worden geacht de kosten van de maaltijden en van de andere kleine uitgaven (plaatselijk vervoer, versnaperingen, ) te vergoeden. Zij dekken niet de overnachtingskosten, noch de verplaatsings- of reiskosten naar het buitenland en terug. Er geldt een algemeen forfaitair bedrag van 37,18 euro als minimum. Dit bedrag mag dus steeds toegepast worden voor landen waarvoor op basis van de landenlijst een lager bedrag van toepassing zou zijn. Het volledig forfait mag slechts in de volgende gevallen worden betaald: 1. Voor elke volle dag van afwezigheid (= dag tussen 2 overnachtingen op dienstreis). 2. Voor dienstreizen met vertrek en terugkeer binnen hetzelfde etmaal met een afwezigheid van minstens 10 uren: - de duur van dergelijke dienstreizen moet worden berekend op basis van de afwezigheid van de werknemer of bedrijfsleider van zijn vaste plaats van tewerkstelling tot het uur van terugkeer; - indien de afwezigheid minder dan 10 uren bedraagt, wordt enkel de terugbetaling op basis van de kosten, die worden verantwoord door het voorleggen van bewijsstukken, als een terugbetaling van kosten eigen aan de werkgever aangemerkt. Wanneer u de overnachtingskosten ook terugbetaalt en deze ook uitgaven voor maaltijden of kleine kosten omvatten, dan moet het forfaitair bedrag als volgt verminderd worden: - 15% als het ontbijt in de overnachtingskosten inbegrepen is; - 35% voor het middagmaal; - 45% voor het avondmaal; - 5% voor de kleine uitgaven. Voor dienstreizen die langer dan 24 uren duren, wordt de dagvergoeding voor de dagen van vertrek en terugkeer, ten belope van de helft als kost eigen aan de werkgever of vennootschap in aanmerking genomen. Op de halve dagvergoeding moeten de bovenstaande verminderingen niet worden toegepast. Logementsvergoedingen Dit betreft de vergoedingen voor huisvesting of overnachting. De fiscus laat echter niet toe om deze forfaits te gebruiken zonder bewijs. De hotel- en andere reiskosten kunnen m.a.w. enkel terugbetaald worden op grond van bewijsstukken. 2. Dienstreizen van meer dan 30 kalenderdagen Sinds 10 oktober 2013 kunnen ook kostenvergoedingen toegekend worden voor dienstreizen langer dan 30 kalenderdagen. 2

In dat geval moet rekening gehouden worden met volgende voorwaarden: - de vergoedingen mogen enkel worden betaald voor buitenlandse dienstreizen van meer dan 30 kalenderdagen tot een maximumperiode van 24 maanden; - de betaling van de forfaitaire vergoedingen moet gestaakt worden van zodra de werknemer of de betrokken bedrijfsleider zich vestigt in het buitenland; - de tabel die de werkgever hiervoor moet raadplegen, is deze voor categorie 2: de naar het buitenland uitgezonden agenten. Indien u het juiste bedrag van de dagvergoedingen voor buitenlandse dienstreizen wil kennen, kan u steeds contact opnemen met onze diensten. Bron: M.B. dd. 29 maart 2016 houdende vaststelling van verblijfsvergoedingen toegekend aan afgevaardigden en ambtenaren afhangend van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking die zich in officiële opdracht naar het buitenland begeven of zetelen in internationale commissies, B.S. 15 april 2016. Informatief Aanpassingen van regels over economische werkloosheid Indien een werkgever een werknemer tijdelijk op inactiviteit zet omwille van gebrek aan werk, dan kan die werknemer voor die dagen van inactiviteit (= tijdelijke werkloosheid) onder bepaalde voorwaarden een werkloosheidsuitkering krijgen. Op 13 april 2016 gaf de Commissie Sociale Zaken haar goedkeuring voor de aanpassing van de berekeningswijze van de bijdrage die werkgevers moeten betalen in geval van overmatig gebruik van economische werkloosheid en voor een aanpassing aan de regelgeving over economische werkloosheid voor bedienden. 1. Overmatig gebruik economische werkloosheid Om misbruik van het systeem van economische werkloosheid te voorkomen bestaat er een systeem van bijdragebetaling: als de werkgever op jaarbasis te veel dagen van economische werkloosheid inroept, is hij een bijzondere bijdrage verschuldigd. De berekening van deze bijzondere bijdrage zal vanaf nu gebeuren op kwartaalbasis in plaats van op jaarbasis. 2. Economische werkloosheid voor bedienden Door de aanpassing kan een bedrijf een gemotiveerde aanvraag indienen bij de Minister van Werk om als onderneming in moeilijkheden te worden erkend (en dus economische werkloosheid voor bedienden te kunnen toepassen), wanneer zij getroffen wordt door onvoorziene omstandigheden die op korte termijn een substantiële daling van de omzet, de productie of het aantal bestellingen tot gevolg hebben. Tot voorheen kon een bedrijf enkel beroep doen op economische werkloosheid als ze een erkenning als onderneming in moeilijkheden had en werd hetzelfde kwartaal in het jaar 2008 of één van de twee voorgaande kalenderjaren als referteperiode gezien. Bij onvoorziene en onverwachte omstandigheden is een daling van de omzet, productie of het aantal bestellingen in vergelijking met een vorig kwartaal soms moeilijk meteen aan te tonen. Nu kan een bedrijf bij onvoorziene omstandigheden (zoals bv. een terroristische aanslag en het sluiten van het publiek transport) een gemotiveerde aanvraag tot de minister richten. 3

Dit biedt bedrijven de kans om economische werkloosheid voor bedienden toe te passen, ook als ze niet voldoen aan de bestaande voorwaarden voor een onderneming in moeilijkheden. Een bedrijf richt in dat geval een gemotiveerd schrijven aan de minister. Dat is specifiek nodig bij bv. bedrijven die getroffen zijn door de gevolgen van de terroristische aanslagen op 22 maart, aldus minister van Werk Kris Peeters. Deze nieuwe regeling zal pas in werking treden na publicatie in het Belgisch Staatsblad. Wij houden u verder op de hoogte. Bron: gezamenlijk persbericht van minister van Sociale Zaken Maggie de Block en minister van Werk Kris Peeters van 13 april 2016. Toekenning ecocheques in april 2016 In een aantal sectoren werd er voor 2016 een CAO afgesloten die voorziet in de toekenning van ecocheques. In de maand april 2016 zullen onze diensten daarom ecocheques boeken voor werknemers uit de volgende sector: Paritair comité PC 124 voor het bouwbedrijf Waarde ecocheques per werknemer 100 EUR Wanneer u een alternatieve besteding gekozen heeft, worden er uiteraard geen ecocheques voor uw personeel geboekt. Werkbaar en wendbaar werk: krijtlijnen goedgekeurd In de marge van de begrotingscontrole 2016 keurde de regering zopas een kaderakkoord goed rond de plannen werkbaar en wendbaar werk, die minister van Werk Kris Peeters reeds in 2015 lanceerde. Dit kader bestaat enerzijds uit een aantal algemene en door de ondernemingen rechtstreeks toe te passen regels en anderzijds uit een geheel van voorstellen waaruit de sectoren één of meerdere maatregelen kunnen kiezen om in hun sector te activeren. 1. Sokkel met rechtstreekse werking De volgende maatregelen kunnen onmiddellijk op ondernemingsniveau worden toegepast: -Annualisering van de arbeidsduur: de referteperiode voor de berekening van de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur wordt vanaf 1 januari 2017 vastgelegd op 1 jaar, waarbij een dagelijkse bovengrens van 9 uur per dag en een wekelijkse bovengrens van 45 uur per week gerespecteerd moet worden. De minimale interne grens wordt bepaald op 143 uur, tenzij anders overeengekomen in de sector; -Alle werknemers krijgen vanaf 1 januari 2017 een krediet van 100 vrijwillige overuren per jaar die zij niet moeten inhalen, maar onmiddellijk kunnen laten uitbetalen of op een loopbaanrekening kunnen laten zetten; -De globale opleidingsinspanningen voor de privésector van minstens 1,9% van de loonmassa worden omgezet in een interprofessionele doelstelling van gemiddeld 5 dagen vorming per VTE per jaar; -Er komt een wettelijk kader m.b.t. telewerk op occasionele basis voor één of meerdere arbeidsdagen of voor een deel van de arbeidsdag (onkostenvergoeding, arbeidsongevallenverzekering, administratieve formaliteiten, ). 4

2. Sectoraal te activeren menu De volgende voorstellen kunnen sectoraal geactiveerd worden: -De mogelijkheid om de grenzen van de annualisering van de arbeidstijd tot 11 uur per dag en 50 uur per week te brengen; -De referteperiode van 1 jaar kan voor een aantal wettelijk te voorziene activiteiten worden verlengd tot een maximum van 6 jaar, om de arbeidsduur aan te passen aan de productiecyclus (veralgemening plus minus conto); -De invoering van een uitzendovereenkomst voor onbepaalde duur; -De hervorming van het stelsel van de werkgeversgroepering; -De vereenvoudiging van de deeltijdse arbeid; -Voorzien in de mogelijkheid van loopbaansparen, waarbij vakantie-uren of overuren op bedrijfsvlak op een individuele loopbaanrekening van de werknemer worden opgespaard; -De uitbreiding van het recht op (een uitkering voor) tijdskrediet met motief zorg met 3 maanden en het recht op (een uitkering voor) palliatief verlof met 1 maand; -Een wettelijk kader rond glijdende werktijden; -Er wordt een kader uitgewerkt waarbinnen werknemers verlofdagen kunnen schenken aan collega s die zwaar zieke kinderen opvangen. Opgelet! De bovenvermelde grote lijnen van het kaderakkoord zijn nog niet definitief. Het kader wordt nu in een wetsontwerp gegoten. Na overleg met de groep van 10 wordt dit door de minister van Werk vóór het zomerreces (juli 2016) aan de ministerraad voorgelegd. Vervolgens zal dit in het najaar ter goedkeuring aan het parlement worden voorgelegd, zodat dit wettelijk kader van kracht is vóór de interprofessionele en sectorale onderhandelingen voor de periode 2017-2018 van start gaan. Wij houden u verder op de hoogte. Bron: notificatie wendbaar werkbaar werk / modernisering arbeidsrecht. PC 124: kent u de BouwIngroeiBaan al? Sinds kort kunnen bouwbedrijven die een jonge onervaren arbeider onder PC 124 aanwerven mits naleving van bepaalde voorwaarden een premie van 1000 EUR ontvangen. In dit artikel willen wij u een overzicht geven van de voornaamste voorwaarden om hiervan gebruik te kunnen maken. 1. Aanwerving van een jonge arbeider U moet hiervoor een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur sluiten met een arbeider jonger dan 27 jaar die bovendien minder dan 1 jaar ervaring heeft in de bouwsector. Binnen de maand na de indiensttreding moet er bijkomend nog een bijlage bij de arbeidsovereenkomst opgemaakt en verstuurd worden aan het FVB. Deze bijlage is het BIBbeding en moet tijdig en in drievoud bij het FVB toekomen. De arbeider moet een loon krijgen conform de sectorale afspraken in de bouw: -Een jongere met een bouwopleiding krijgt minstens het loon van categorie IA; -Een jongere zonder bouwopleiding krijgt minstens het loon van categorie I; 5

-Na 18 maanden tewerkstelling krijgt de arbeider minstens het loon van categorie II. 2. Een begeleider aanstellen Voor de jongere moet er een begeleider aangesteld worden: dit kan een ervaren collega zijn of de zaakvoerder zelf. De begeleider moet gedurende minimum 8 uur een mentoropleiding volgen, tenzij hij al een attest heeft van een gelijkwaardige vorming. 3. Een opleidingsprogramma opstellen Er moet voor de jongere een persoonlijk opleidingsplan opgesteld worden. Dit opleidingsplan moet voor minstens 8 uur bestaan uit een basisopleiding veiligheid voor nieuwe intreders. Dit wordt dan aangevuld met andere bedrijfsinterne opleidingen, verplichte opleidingen (bijvoorbeeld EHBO, ) of praktische opleidingen in samenspraak met het FVB. 4. Een functioneringsgesprek houden Vóór het einde van de 6 de maand tewerkstelling moet de werkgever een functioneringsgesprek houden met de werknemer. U kan hiervoor het modeldocument van het FVB volgen. 5. Premie Als alle voorwaarden vervuld zijn, kan de werkgever via het FVB een premie van 1000 EUR bekomen vanaf de 7 de maand tewerkstelling in de onderneming. Vooraleer de premie uitbetaald wordt, controleert het FVB of alle voorwaarden vervuld zijn. 6. Praktisch Wenst u gebruik te maken van het stelsel van de BouwIngroeiBaan, dan kan u best contact opnemen met het FVB van uw regio. Ook indien u meer informatie of concrete begeleiding wenst bij de aanwerving van een jonge arbeider via een BouwIngroeiBaan, kan u hiervoor terecht bij het FVB. Zij helpen u desgewenst ook met het opmaken en invullen van de nodige documenten. Voor Limburg kan u terecht bij mevrouw Marieke Christiaens van het FVB Limburg via 011/30.12.45 of via marieke.christiaens@constructiv.be. De contactgegevens van het FVB in de andere regio s vindt u terug via www.fvb.constructiv.be of kan u bekomen bij onze diensten. Bron: FVB-FFC Constructiv, www.fvb.constructiv.be. 6