Studiewijzer 2013-2014

Vergelijkbare documenten
Studiewijzer

Studiewijzer

Studiewijzer

Examenplan MBO-Verpleegkundige

Studiewijzer

Make-up Art/Allround grimeur

Studiewijzer

Studiewijzer

Studiewijzer

Studiewijzer

Onderwijs- en Examenregeling

Leidinggevende keuken jarig traject

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme

Studiewijzer

Studiewijzer

Onderwijs- en Examenregeling

Onderwijs- en Examenregeling

Studiewijzer Deel 1 - Informatie voor studenten van alle opleidingen

Studiewijzer

Studiewijzer

Helpende Zorg & Welzijn (speciale doelgroep)

Onderwijs- en Examenregeling

Examenplan Verzorgende IG Verkort traject voor gediplomeerd bejaardenverzorgenden, MDGO-vz, etc

1.Overzicht 1.1.Specifieke examens Examenoverzicht opleiding: Verzorgende IG Niveau 3 3 jaar

Informatie voor studenten van de opleiding Artiest Theater niveau 4 Leerweg BOL Crebonummer: 90032

Zelfstandig werkend kok 95420

Vakmanschapsroute Opleidingsgids Leerjaar 5. Informatie voor leerlingen van de opleiding Helpende Zorg en Welzijn

Studiewijzer Informatie voor de studenten van de opleiding Applicatieontwikkelaar. niveau 4 Leerweg BOL crebonummer: 95311

Examenplan Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg

Studiewijzer

Cultureel Organisator

Studiewijzer

Studiewijzer

Studiewijzer

Studiewijzer ALLROUND GRIMEUR. niveau 4. Leerweg BOL Crebonummer: MBO College Zuid Europaboulevard PC Amsterdam

Studiewijzer

Studiewijzer

Studiewijzer Informatie voor studenten van de opleiding Filiaalmanager Sprintopleiding (1-jarig) Niveau 4 Leerweg BOL Crebonummer: 93492

Studiewijzer Informatie voor studenten van de opleiding Maatschappelijke Zorg/Verzorgende IG niveau 3

Studiewijzer

Onderwijs- en examenregeling

Studiewijzer

EXAMENPLAN Crebonr. Kwalificatiedossier. Naam kwalificatiedossier. Crebonr. kwalificatie. Studiejaar diplomering

Onderwijs- en Examenregeling

Studiewijzer

Examenplan Doktersassistente Overzicht

Studiewijzer

WIJZIGINGSBLAD OER. OER opleiding Mbo-Verpleegkunde

Onderwijs- en examenregeling (nieuwe KD)

ROC Nijmegen, Brinnummer 25 PN Onderwijs-en Examenregeling (OER) Mbo-VP 2-jarige sprint (2015_08) Inhoudsopgave van de onderwijsregeling

Examenplan Verzorgende IG / Maatschappelijke Zorg

Studiewijzer Professioneel voetballer

Studiewijzer

Studiewijzer

Hoofd Informatie niveau 4. crebo 94071

Leidinggevende bediening 94161

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten

EXAMENPLAN 2018 Crebocode: Leerweg: BOL en BBL

Studiewijzer

Studiewijzer

Examenplan , 2016 t/m 2019, examenplan en diplomavereisten Verzorgende IG. (HKS, vanaf augustus 2016)

Onderwijs- en Examenregeling

Beveiliger BBL niv. 2

1. Wat is beroepspraktijkvorming

EXAMENPLAN Leerweg Cohort Startdatum Naam kwalificatie. Mbo-Verpleegkundige verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorg (VVT)

Studiewijzer

EXAMENPLAN 2016 Crebocode: 23183, Leerweg: bol / bbl / Maatwerktrajecten

Studiewijzer Informatie voor studenten van de opleiding Artiest Dans niveau 4 Leerweg BOL Crebonummer: 90031

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme. Informatiemedewerker Niveau 3

Specifiek deel Onderwijs- en examenregeling. College voor Toerisme

Studiewijzer

Examenplan , 2017 en 2018, examenplan en diplomavereisten Onderwijsassistent (p3) (HKS, vanaf augustus 2016)

Transcriptie:

Studiewijzer 2013-2014 Informatie voor studenten van de opleiding verpleegkundige niveau 4 Leerweg BOL en BBL Crebonummer: 95520 MBO College Hilversum Locatie: Hilversum

Inhoudsopgave 1. WELKOM... 3 2. JOUW SCHOOL: HET MBO COLLEGE... 4 2.1 Dit vinden wij belangrijk:... 4 2.2 Wat zijn jouw rechten en plichten?... 4 3. HET BEROEP... 6 3.1 Inhoud Beroep... 6 3.2 Verder studeren na je opleiding... 6 4. HET LEREN OP ONZE SCHOOL... 7 4.1 Leren en je ontwikkeling... 7 4.2 Leren in de praktijk... 7 4.3 Leren en beoordelen... 8 4.4 Het aantal uren... 8 4.5 Aanvullende eisen... 9 5. DE STRUCTUUR VAN DE OPLEIDING... 10 5.1 Kwalificatiedossier... 10 5.2 Kerntaken en werkprocessen... 11 5.3 Generiek Nederlands- Rekenen- Engels... 12 5.4 Loopbaan & Burgerschap... 13 5.5 Overige onderdelen... 13 6. HET ONDERWIJSPROGRAMMA VAN JE OPLEIDING... 14 6.1 De eerste leerperiode... 14 6.2 Leereenheden... 14 6.3 IJken en meten van studievoortgang... 16 7. HET EXAMENPROGRAMMA... 18 7.1 De beroepsgerichte examinering... 18 7.2 Nederlands generiek... 19 7.3 Rekenen - generiek... 19 7.4 Engels - generiek... 20 7.5 Loopbaan en burgerschap in het mbo... 21 7.6 BPV... 21 7.7 Diplomering... 21 7.8 Vrijstellingen voor Nederlands en rekenen... 22 7.9 Herkansingen... 22 8. BEGELEIDING BIJ ZORG OF HANDICAP... 23 9. TOPSPORTREGELING... 24 10. AANWEZIGHEID... 25 10.1 Wanneer moet ik op school aanwezig zijn?... 25 10.2 Wat moet ik doen als ik niet kan komen?... 25 10.3 Wat gebeurt er als ik zonder reden afwezig ben?... 25 11. STUDIEFINANCIERING EN STUDIEKOSTEN... 26 11.1 Studiefinanciering... 26 11.2 Wettelijke kosten... 26

11.3 Opleidingskosten... 26 12. VERZEKERINGEN... 30 12.1 Ongevallenverzekering... 30 12.2 Aansprakelijkheidsverzekering... 30 12.3 Schoolreisverzekering... 30 12.4 Verzekering bij BPV in het buitenland... 30 13. INSPRAAK... 31 13.1 Inspraak via het ROC van Amsterdam... 31 13.2 Inspraak van studenten... 31 13.3 Inspraak via JOB... 31 14. VAKANTIEROOSTER 2013-2014... 32 15. PROBLEMEN OF KLACHTEN... 33 15.1 Wat moet ik doen als ik een probleem heb?... 33 15.2 Wat moet ik doen als mijn eigen opleiding het probleem niet kan oplossen?... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 15.3 Waar kan ik terecht?... 33 16. HET EXAMENREGLEMENT... 34 17. OVERIGE INFORMATIE... 40 Vastgesteld op door namens de directie van het MBO College

1. Welkom Welkom bij het MBO college Hilversum Als je een opleiding gaat doen, heb je informatie nodig: Wat moet ik doen als ik ziek ben? Wanneer heb ik vakantie? Hoe ziet mijn studie eruit? Wie begeleidt mij tijdens mijn opleiding? Welke boeken heb ik nodig? In deze Studiewijzer vind je informatie die je nodig hebt voor je studie. Hierin vind je bijvoorbeeld: wat wij belangrijk vinden aan onderwijs hoe je als student kunt meepraten over het ROC wat je moet doen als je een klacht hebt wanneer je vakantie hebt Daarnaast vind je in deze Studiewijzer informatie over de opleiding die je bij ons gaat volgen. Hierin vind je bijvoorbeeld: hoe je opleiding is opgebouwd wanneer je stage loopt welke examens je moet doen en wanneer wat je moet kunnen aan het eind van je opleiding hoeveel geld je opleiding kost welke regels gelden Daarnaast vind je op www.zorgcollege.net informatie over actuele zaken, zoals je rooster, informatie over de lokalen en nieuws. Op deze site staan handige formulieren en informatie waaronder het studentenstatuut, het examenreglement e.d. En deze studiewijzer kun je er ook downloaden. Natuurlijk krijg je aan het begin van je opleiding nog te horen waar je alle informatie die je nodig hebt kunt vinden. Ook kun je altijd met je vragen terecht bij je docenten en begeleiders. Veel succes met je opleiding! Mevr.M.V.Gigengack opleidingsmanager Afdeling Gezondheidszorg MBO College Hilversum

2. Jouw school: het MBO College Het allerbelangrijkste is dat jij goed onderwijs en een waardevol diploma krijgt. Daar zetten wij ons samen met jou voor in. Daartoe hebben wij voor het onderwijs vijf belangrijke uitgangspunten opgesteld, die je hieronder kunt lezen. En we verwijzen je naar jouw rechten en plichten op dit gebied. 2.1 Dit vinden wij belangrijk: 1. Je krijgt onderwijs dat is gericht op de beroepspraktijk. Wij leiden je op voor een beroep dus daar moet ons onderwijs op afgestemd zijn. De lessen op school zijn daarom gericht op de beroepspraktijk en je volgt tijdens je opleiding een of meerdere stages. Je krijgt les van goede, enthousiaste en vakbekwame docenten. 2. Het onderwijs sluit aan bij wat jij nodig hebt. Aan het begin van je opleidingen krijg je enkele testen. Daarmee kijken we of en waar je eventueel extra ondersteuning kunt gebruiken en of we die kunnen bieden. Met je studieloopbaanbegeleider stel je een persoonlijk onderwijsprogramma op. Jullie bespreken daarna regelmatig samen het verloop van je studie. We nemen je graag serieus en luisteren naar je. Als er knelpunten zijn, dan lossen we die samen op. 3. Jouw school is jouw plek. Je volgt een opleiding op je eigen school. Daar ken je de docenten en medestudenten, je moet je thuis voelen. Er is een goede sfeer. Jouw school is een leuke plek om elkaar te ontmoeten! 4. Jouw school is goed georganiseerd. We geven je structuur en houvast. Op het ROC werken we met een rooster en onderwijsperiodes. Zo weet je precies welke lesonderdelen je wanneer en waar moet volgen. Dat geeft je structuur en houvast. Bovendien krijg je bij ons een vaste studieloopbaanbegeleider die jou helpt als je problemen hebt. 5. Doorstroming naar een hoger mbo niveau of hbo Als je dat wilt en kunt, ga je na jouw opleiding door naar een hoger mbo niveau of naar het hbo. Volg je een opleiding op mbo niveau 1 of 2 of 3, dan kijken we samen met jou of je kunt doorstromen naar een hoger mbo niveau nadat je je diploma hebt gehaald. Wij zorgen voor een goede aansluiting. Volg je een niveau 4 opleiding, dan bekijken we samen of je door kunt stromen naar het hoger beroepsonderwijs (hbo). Wij stimuleren je om je goed te verdiepen in de mogelijkheden en begeleiden je bij het maken van een goede keuze. 2.2 Wat zijn jouw rechten en plichten? Je rechten en plichten zijn in verschillende documenten te vinden, zoals: het Studentenstatuut de OOK (onderwijsovereenkomst) en/of de examenovereenkomst de BPV (of stage)-overeenkomst deze Studiewijzer met de onderwijs- en examenregeling inclusief het examenreglement de Studiehandleidingen en de BPV-handboeken de algemene omgangsregels en eventuele specifieke schoolregels per opleiding, mbo college of locatie.

Het Studentenstatuut In het Studentenstatuut staan de rechten en de plichten van elke mbo-student. Er wordt uitgelegd hoe die rechten en plichten vorm krijgen in de school. Voorbeelden zijn het recht op gelijke behandeling, de bescherming van je privacy en een veilige school. Je vindt het Studentenstatuut op de site van het ROC van Amsterdam (www.rocva.nl) onder: Informatie voor studenten. De onderwijsovereenkomst (OOK) Voordat je aan de opleiding begint gaan we samen een OnderwijsOvereenKomst ofwel OOK aan. In de OOK leggen wij onze afspraken schriftelijk vast. Het zijn de rechten en de plichten van het ROC en van jou, waar wij ons beiden aan gaan houden. Ben je jonger dan 18, dan moet jouw ouder of verzorger de overeenkomst ondertekenen. Nadat alle partijen (jij, eventueel je ouder/verzorger en de school) handtekeningen hebben gezet onder de OOK, mag je de lessen gaan volgen en kun je echt beginnen aan je opleiding! Wij verwachten ook iets van jou, namelijk dat ook jij je bijdrage levert aan een goede sfeer op school. En dat je met een positieve instelling deelneemt aan je opleiding, dat je alle lessen volgt en dat je daar op tijd aanwezig bent. We verwachten van je dat je op een positieve manier met de docent en je loopbaanbegeleider in gesprek gaat over je opleiding.

3. Het beroep De opleiding MBO verpleegkundige is een beroepsopleiding. Aan het einde van je opleiding moet je het beroep waar je voor opgeleid wordt kunnen uitoefenen en als goede burger kunnen functioneren in de Nederlandse samenleving. De onderwijsonderdelen die je in je opleiding krijgt zijn hierop gericht. 3.1 Inhoud Beroep De opleiding MBO-Verpleegkundige is een beroepsopleiding. Aan het einde van je opleiding moet je het beroep waar je voor opgeleid wordt kunnen uitoefenen en als goede burger kunnen functioneren in de Nederlandse samenleving. De onderwijsonderdelen die je in je opleiding krijgt zijn hierop gericht. Wat je precies moet kunnen binnen je beroep, is vastgelegd in een kwalificatiedossier. Daarin staan de werksituaties en taken van jouw beroep. Alle scholen in Nederland die deze opleiding aanbieden, moeten zich houden aan de eisen in het kwalificatiedossier. Het onderwijsprogramma wordt dus niet zomaar samengesteld. Het onderwijs moet ervoor zorgen dat je straks voldoet aan alle eisen die aan jou als beginnend beroepsbeoefenaar gesteld worden. Elk beroep heeft zijn eigen kwalificatiedossier en heeft dus zijn eigen eisen. Je kunt het kwalificatiedossier van jouw opleiding vinden op www.kwalificatiesmbo.nl (onderdeel Kwalificatiedossiers). 3.2 Verder studeren na je opleiding Na het behalen van je opleiding kun je als MBO-Verpleegkundige gaan werken in: een ziekenhuis; een instelling voor geestelijke gezondheidszorg; woon-zorgcentra (verzorgingshuis/verpleeghuis); de thuiszorg; woonvormen voor mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking. Als MBO-Verpleegkundige kun je in sommige instellingen een specialisatie volgen, zoals kraamverpleegkunde, kinderverpleegkunde, intensive careverpleegkunde of ambulanceverpleegkunde. Ook kun je na de opleiding MBO-Verpleegkundige verder studeren op hbo-niveau, bijvoorbeeld hbo-v of SPH.

4. Het leren op onze school 4.1 Leren en je ontwikkeling De maatschappij is veranderlijk, beroepen passen zich daarbij aan en veranderen of verdwijnen. Soms ontstaan er nieuwe beroepen. Zo worden er voortdurend wisselende vaardigheden van beroepsbeoefenaars gevraagd. Daar passen wij ons onderwijs op aan. Maar wij kijken net zo goed ook naar onze studenten. Want wat willen en kunnen zij? Niet alleen beroepen zijn in ontwikkeling maar jij als student ook. Wij ondersteunen jouw leerontwikkeling zo zorgvuldig mogelijk, daar heeft jouw studieloopbaanbegeleider een hoofdrol in. Loopbaanbegeleiding: de twee plannen Het uitgangspunt van je studie is jouw loopbaan. Elke student draagt zelf verantwoordelijkheid voor zijn of haar leertraject, maar met ondersteuning van een studieloopbaanbegeleider. Die volgt jou van het begin tot het einde van je opleiding. Hij/zij maakt samen met jou een Persoonlijk OntwikkelPlan en een Persoonlijk ActiviteitenPlan. Persoonlijk ActiviteitenPlan In je Persoonlijk ActiviteitenPlan plan staat onder meer aan welke competenties (vaardigheden) je wilt werken en met welke leeronderdelen. Je studieloopbaanbegeleider volgt jouw resultaten in een leerlingvolgsysteem en met behulp van je portfolio, zo houdt hij/zij steeds inzicht in hoe jij er voor staat. Persoonlijk OntwikkelPlan (POP) Samen met je loopbaanbegeleider maak je aan het begin van je opleiding een Persoonlijk OntwikkelPlan (POP). In je Persoonlijk OntwikkelPlan komen de volgende onderwerpen te staan: je leerdoelen voor de beroepsvaardigheden wat je wilt bereiken in je persoonlijke ontwikkeling de planning van jouw (leer)activiteiten voor de komende periode de adviezen van de school en praktijkbegeleider en eventuele afspraken 4.2 Leren in de praktijk Om een beroep goed te leren moet je natuurlijk in de praktijk aan de slag. Een belangrijk deel van je opleiding breng je door bij een bedrijf of instelling. Het bedrijf of de instelling maakt met de school afspraken over wat jij in de praktijk gaat leren en hoe je daarbij wordt begeleid. De school en het bedrijf of de instelling zorgen er samen voor dat wat je op school en in de praktijk leert op elkaar is afgestemd. Beroepspraktijkvorming (BPV) Tijdens je opleiding leer je in de praktijk tijdens je BPV (stage). Dan draai je een periode volledig mee in een bedrijf of instelling en doe je praktische ervaring op. Op stage moet je ook een aantal opdrachten uitvoeren, deze staan beschreven in het BPV-boek van je opleiding. Tijdens BPV doe jij enorm veel ervaring op en kunnen wij je prestaties in de praktijk boordelen. Wij ondersteunen en begeleiden je tijdens BPV en bespreken regelmatig jouw ervaringen en voortgang. Praktijkovereenkomst (POK) of stageovereenkomst(sok) De wet wil dat voor elke stage een aantal afspraken worden gemaakt, die worden vastgelegd in de POK ofwel Praktijkovereenkomst voor BBL studenten en een stageovereenkomst (SOK) voor BOL studenten. In de POK of SOK staat precies wat je gaat leren in de praktijk en hoe je begeleid en beoordeeld wordt en door wie. Lees de POK of SOK altijd goed door en als je het eens bent met de inhoud, dan onderteken je de overeenkomst. De school en het BPV-bedrijf of instelling moeten de POK of SOK ook ondertekenen. Pas als iedereen een handtekening heeft gezet kun je aan de BPV beginnen. (meer informatie is te vinden op www.zorgcollege.net, opleindingsinfo)

4.3 Leren en beoordelen Leerlingvolgsysteem Tijdens de opleiding is het voor jou belangrijk dat je weet hoe je ervoor staat. Voor je docenten en begeleiders is het belangrijk dat ze weten hoe je vooruit gaat in je opleiding. Al jouw resultaten worden bijgehouden in ons leerlingvolgsysteem. Daarin is te zien welke onderdelen jij met succes hebt afgerond en welke niet. Het is een handvat voor gesprekken met je studieloopbaanbegeleider, waarin jullie samen bekijken hoe het gaat en hoe jouw traject er verder uit ziet. Op vaste momenten wordt bepaald of je verder mág met je opleiding. Om dat te kunnen vaststellen, is het van belang natuurlijk dat je goed beoordeeld wordt. Dat doen wij op twee manieren. Ontwikkelingsgericht beoordelen Als we ontwikkelingsgericht (of formatief) beoordelen, willen we vooral inzicht krijgen in hoe jij je ontwikkelt. Daarbij wordt niet gekeken naar het niveau, maar naar wat je kunt of meer moet ontwikkelen. Daarmee kun jij dan verder. Deze beoordeling is alleen bedoeld om jou richting te geven, het telt niet mee voor het behalen van je diploma of voor een certificaat. Kwalificerend beoordelen Als de uitslag van een beoordeling wel meetelt voor een diploma of certificaat, noemen we dat kwalificerend (of summatief) beoordelen. We beoordelen dan om te beslissen of je aan de eisen van examenonderdelen voldoet. Als wij op deze manier beoordelen, dan moet dat volgens de regels en met examens. De Inspectie van het Onderwijs bewaakt de kwaliteit van de examens. Examenregeling De regels voor het afnemen van examens staan in het examenregeling van het ROC. Iedere opleiding moet precies beschrijven hoe de opleiding eruit ziet en met welke examens je te maken krijgt. Iedere opleiding heeft regels voor het onderwijs en de examens. Niet alleen de examens op school bepalen trouwens of je een diploma krijgt. De beoordeling van je BPV telt ook mee bij de examinering. Als je alle examens van de opleiding met voldoende resultaat hebt afgesloten, ontvang je een diploma met daarbij een lijst van je resultaten. In het examenreglement vind je wat je moet doen als je het niet eens bent met de uitslag van het examen. Extraneus of examendeelnemer Wil je alleen examen of een examenonderdeel doen, dan kan dat onder bepaalde voorwaarden. Een reden kan zijn dat je enkele examens of examenonderdelen nog niet hebt behaald tijdens de normale duur van de opleiding. Je kunt je dan inschrijven als extraneus of examendeelnemer. Dan volg je geen onderwijs en je hebt geen recht op loopbaanbegeleiding. Je hebt ook geen recht op studiefinanciering en een ov-jaarkaart. De looptijd van de examenovereenkomst is maximaal zes maanden. De kosten in 2013/2014 bedragen 150. Bij examens die door een externe partij worden afgenomen, komen de kosten voor het externe examen daar nog bovenop. 4.4 Het aantal uren Het aantal uren onderwijs dat je per studiejaar krijgt, verschilt per leerweg. Het middelbaar onderwijs beroepsonderwijs kent twee leerwegen: Beroepsopleidende leerweg (BOL) Beroepsbegeleidende leerweg (BBL) Voor elke leerweg zijn wettelijke eisen. Studiebelastingsuren is het totaal aantal uren dat je bezig bent met je opleiding (op school, in de praktijk én thuis). Hierbij wordt uitgegaan van totaal 1600 uur. BPV-uren zijn de uren waarin je stage loopt.

Begeleide onderwijsactiviteiten zijn alle uren die je onder begeleiding van een docent, instructeur of praktijkopleider doorbrengt. Dat zijn dus de lessen, de toets-uren, de beroepspraktijkvorming en de examenuren. Verdeling van de uren over het studiejaar Een studiejaar is verdeeld in vier periodes van zo n tien weken. Elke onderwijsperiode heb je minimaal 220 contacturen. Dat zijn uren die je onder begeleiding doorbrengt op school en/of op een leerwerkplek. Aantal uren Het aantal uren onderwijs dat je per studiejaar krijgt, is afhankelijk van de leerweg die je volgt. Het middelbaar onderwijs beroepsonderwijs kent twee leerwegen: Beroepsopleidende leerweg (BOL) Beroepsbegeleidende leerweg (BBL) Per leerweg zijn er wettelijke eisen, die staan in het schema hieronder Met studiebelastingsuren bedoelen we het totaal aantal uren dat je bezig bent met je opleiding (op school, in de praktijk, thuis). BPV uren zijn de uren waarbij je stage loopt. Onder begeleide onderwijsactiviteiten vallen bijvoorbeeld ingeroosterde lessen, toetsuren en de beroepspraktijkvorming. Dit zijn de uren die je onder begeleiding van een docent, instructeur of praktijkopleider doorbrengt. BOL BBL Studiebelastingsuren (= totaal 1600 uren 1600 uren aantal uren) per jaar BPV-uren over de opleidingsduur 20-60% 60% of meer Begeleide uren per jaar Minimaal 850 uren Minimaal 300 uren Verdeling van de uren over het studiejaar Ieder studiejaar is verdeeld in vier periodes van ongeveer tien weken. In een leerperiode heb je minimaal 220 contacturen. Dat zijn uren die je onder begeleiding doorbrengt op school en/of op een leerwerkplek. Er zijn meestal twee momenten per studiejaar (namelijk augustus en februari) waarop je met een opleiding kunt beginnen. Op die momenten kun je overstappen naar een andere opleiding. Door die twee momenten per jaar hoef je niet een heel jaar te wachten als je van opleiding wilt wisselen. Dit geldt niet voor alle opleidingen. Info bij je loopbaanbegeleider. 4.5 Aanvullende eisen De wet stelt soms speciale eisen aan de uitoefening van je beroep. Als dat ook voor jouw beroep zo is, dan worden ze hieronder genoemd: Hepatitis B-beleid Er is een inentingsplicht om het risico van besmetting met hepatitis B te verminderen. Aan het begin van de opleiding krijg je hierover schriftelijke informatie. Verklaring Omtrent het Gedrag Een werkgever kan bij indiensttreding om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) vragen. Dit kan hij doen als je werkt met vertrouwelijke gegevens of kwetsbare personen. Studenten die stage lopen bij zo n bedrijf of instelling moeten vaak een VOG hebben. Je stagebegeleider informeert je of een VOG vereist is.

5. De structuur van de opleiding Wat je precies moet kunnen binnen je beroep, is vastgelegd in een kwalificatiedossier. Daarin staan de werksituaties en taken van jouw beroep. Alle scholen in Nederland die deze opleiding aanbieden, moeten zich houden aan de eisen in het kwalificatiedossier. Het onderwijsprogramma wordt dus niet zomaar samengesteld. Het onderwijs moet ervoor zorgen dat je straks voldoet aan alle eisen die aan jou als beginnend beroepsbeoefenaar gesteld worden. Je kunt het kwalificatiedossier van jouw opleiding vinden op www.kwalificatiesmbo.nl (onderdeel Kwalificatiedossiers). Naast het beroepsgerichte deel van je opleiding, is er een meer algemenere delen van je opleiding. Dit algemene deel moet ervoor zorgen dat je als burger in de Nederlandse samenleving goed kunt functioneren. Dit algemene deel heeft de overheid verplicht gesteld voor alle mbo-opleidingen. Dat onderdeel van je opleiding heet Loopbaan en burgerschap. Verder stelt de overheid eisen aan het algemeen niveau van Nederlands, Rekenen. En voor de niveau 4 opleidingen ook bij Engels Daarnaast kan je opleidingstijd ook gevuld zijn met sport- en bewegen, ondernemerschap, doorstroomprogramma s voor het HBO, verdieping en verbreding van bestaande vakken enz. 5.1 Kwalificatiedossier De inhoud van je beroep is vastgelegd in een kwalificatiedossier. Alle scholen in Nederland die deze opleiding aanbieden, moeten zich houden aan de eisen in het kwalificatiedossier. Mbo-Verpleegkundige in het kort Als Mbo-Verpleegkundige ben je actief op het gebied van zorg, wonen en welzijn. Je kunt werken in verschillende beroepspraktijken, zoals een ziekenhuis, verpleeg- en verzorgingshuis en thuiszorg, geestelijke gezondheidszorg of gehandicaptenzorg. Je werkt voor mensen met verschillende achtergronden en van alle leeftijden, denk aan: klinische zorgvragers, chronisch zorgvragers, revaliderende zorgvragers, zorgvragers met een handicap, zorgvragers met psychiatrische problemen, kraamvrouwen, pasgeborenen, kinderen en jeugdigen met gezondheidsproblemen. Je werkt vooral met individuele zorgvragers in hun directe omgeving. Daarnaast kun je ook werken met groepen, bijvoorbeeld in een kleinschalige woonomgeving. Jouw werk Je inventariseert de (zorg)behoeften, wensen en mogelijkheden van een zorgvrager. Je stelt een verpleegkundige diagnose en schrijft een verpleegplan. Je ondersteunt bij persoonlijke verzorging, zoals het wassen. eten en drinken. Je voert verpleegtechnische handelingen, zoals injecteren en het verzorgen van een wond. Je begeleidt een zorgvrager bijvoorbeeld bij lichamelijke, psychosociale en/of maatschappelijke problemen. Je stimuleert een zorgvrager zo zelfredzaam mogelijk te zijn. Je geeft voorlichting, advies en instructies. Zo geef je informatie over bijvoorbeeld gezond gedrag, over een ziekte of handicap en de gevolgen hiervan of hoe je een hulpmiddel kan gebruiken. Je regelt en verdeelt zorgtaken voor één of meerdere zorgvragers en in overleg met collega s of andere disciplines. De situatie waarin je zorg biedt en de inhoud daarvan, kunnen steeds weer anders zijn. De zorg die je verleent kan per zorgvrager en per dag verschillen. Je werkt zelfstandig, maar stemt de zorg regelmatig af met collega ' s van verschillende disciplines, zoals helpenden zorg & welzijn, verzorgenden, artsen, andere medische en paramedische zorgverleners en sociaalagogisch werkers. In je werk krijg je vaak te maken met mantelzorgers, dat zijn de naasten van de zorgvrager, zoals een ouder, partner, kind of vriend. Je voert je activiteiten uit volgens de visie en de richtlijnen van jouw zorginstelling. Je draagt bij aan het verbeteren van de kwaliteit van de zorgverlening. Door bijvoorbeeld vakliteratuur te lezen en bijscholingen te volgen ontwikkel je je deskundigheid. Ook werk je nieuwe collega s in en begeleid je studenten.

Jouw kwaliteiten - Je kunt je in zorgvragers inleven en behandelt ze met respect - Je kunt goed met mensen omgaan en je communiceert duidelijk en helder - Je weet hoe je jouw kennis en vaardigheden in de praktijk kunt toepassen - Je werkt systematisch en doelgericht - Je kunt goed samenwerken met collega ' s, deskundigen van andere disciplines en de naasten van de zorgvrager - Je bent stressbestendig - Je bent in staat om je eigen grenzen en die van anderen te bewaken - Je bent geïnteresseerd in mensen met uiteenlopende sociale en medische problemen - Je vindt het leuk om mensen te verzorgen bij hun persoonlijke verzorging en hen te ondersteunen bij het wonen in een leefgroep - Je wilt verantwoordelijk dragen - Je kunt goed met werkdruk omgaan - Je houdt je aan de beroepscode, normen en waarden, de visie en de richtlijnen van de instelling waar je werkt. Jouw sector Je wordt opgeleid om als mbo-verpleegkundige te werken in de sector gezondheidszorg. Je kunt in verschillende branches/ of werkvelden werken: ziekenhuis, verpleeg- en verzorgingshuis en thuiszorg, geestelijke gezondheidszorg of gehandicaptenzorg. Certificeerbare eenheden De opleiding kent een aantal certificeerbare eenheden (CE s). CE s zijn zelfstandige onderdelen van je beroepsopleiding. Als je niet je hele opleiding afmaakt, maar wel een CE, kun je toch (een deel van) het beroep uitoefenen wat bij die CE hoort. Jouw opleiding heeft de volgende certificeerbare eenheden: Certificeerbare eenheid 1 Ondersteunen bij persoonlijke verzorging Certificeerbare eenheid 2 Ondersteunen bij verpleegtechnische handelingen Certificeerbare eenheid 3 Ondersteunen bij de begeleiding Etc. 5.2 Kerntaken en werkprocessen In het kwalificatiedossier staan voor elk beroep verschillende kerntaken: belangrijke werkzaamheden die centraal staan in dat beroep. Elke kerntaak bestaat uit verschillende onderdelen. Deze onderdelen heten werkprocessen. Om een werkproces en dus een kerntaak uit te voeren heb je kennis, vaardigheden en de juiste houding nodig. In onderstaande tabel staan de kerntaken en werkprocessen van je opleiding. In de laatste kolom van de tabel zie je bij welke uitstroomrichtingen de kerntaken en werkprocessen horen.

Legenda: B1: Ziekenhuizen (ZH) B2: Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg (VVT) B3: Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) B4: Gehandicaptenzorg (GHZ) Kwalificatie Kerntaak Werkproces B1 B2 B3 B4 Kerntaak 1: Bieden van zorg en begeleiding in het verpleegkundig proces 1.1 Stelt verpleegkundige diagnose en stelt het verpleegplan op 1.2 Biedt persoonlijke verzorging, observeert en monitort gezondheid en welbevinden x x x x x x x x 1.3 Voert verpleegtechnische handelingen uit x x x x 1.4 Begeleidt een zorgvrager x x x x 1.5 Begeleidt een groep zorgvragers x x x 1.6 Geeft voorlichting, advies en instructie x x x x 1.7 Hanteert crisissituaties en onvoorziene situaties x x x x 1.8 Coördineert de zorgverlening x x x x 1.9 Evalueert de zorgverlening x x x x Kerntaak 2: Uitvoeren van organisatie- en professiegebonden taken 2.1 Werkt aan deskundigheidsbevordering en professionalisering van het beroep 2.2 Werkt aan het bevorderen en bewaken van kwaliteitszorg x x x x x x x x 2.3 Geeft werkbegeleiding x x x x 5.3 Generiek Nederlands- Rekenen- Engels Generiek Nederlands en rekenen Nederlands en rekenen zijn belangrijke vakken die je nodig hebt om je opleiding goed te kunnen volgen. Maar ook in je latere beroep en om goed te kunnen functioneren in de samenleving is het nodig dat je dat goed beheerst. Dat vindt de overheid ook, die gaat daarom eisen stellen aan het niveau. Naast de eisen die het kwalificatiedossier aan Nederlands en rekenen stelt moet je ook voldoen aan algemene of generieke eisen voor Nederlands en rekenen (www.steunpunttaalenrekenenmbo.nl). In ons onderwijs werken we er al aan dat je aan het eind van de opleiding het vereiste niveau van taal en rekenen haalt. Ben jij niet zo goed in taal of rekenen? Dan kunnen we jou extra ondersteuning geven.

Generiek Engels niveau 4 opleidingen Voor de niveau-4-opleidingen gelden net als bij Nederlands en rekenen ook generieke eisen voor Engels (www.steunpunttaalenrekenenmbo.nl). 5.4 Loopbaan & Burgerschap Bij loopbaanoriëntatie wordt aandacht besteed aan je capaciteiten en motivatie, aan het plannen van je loopbaan, het zoeken van een baan en aan netwerken. Tijdens de opleiding leer je hoe je hierin verder kunt ontwikkelen. Je leert bijvoorbeeld om na te denken over wat je wilt bereiken in je opleiding of je beroep en hoe je dit kunt bereiken. Daarnaast is het belangrijk dat je leert hoe je actief deel uit kunt maken van de Nederlandse samenleving. Daarbij kun je onder andere denken aan het maken van politieke keuzes, op tijd op je werk komen en als kritische consument kunnen functioneren. Dat alles leer je bij het onderdeel "Loopbaan en Burgerschap" (L&B). Om je diploma te kunnen behalen, moet je ook voldoen aan de eisen voor L&B. 5.5 Overige onderdelen Sport en beweging Wij vinden het belangrijk dat je leert hoe je gezond kunt leven. Beweging is daar een belangrijk onderdeel van. Daarom streven we er bij het ROC naar om bewegingsonderwijs op te nemen in alle BOLopleidingen. Alle BOL-opleidingen hebben sport- en bewegingsonderdelen opgenomen in hun onderwijsprogramma. Internationalisering Binnen verschillende branches is internationale kennis van extra betekenis. Je krijgt daarmee de kans om je internationaal verder te ontwikkelen binnen de beroepscontext. Het ROC biedt daarom buitenlandse stages aan en doet mee aan studentuitwisselingen binnen en buiten Europa. Ook organiseert het buitenlandse excursies zoals naar het Europees Parlement in Brussel.

6. Het onderwijsprogramma van je opleiding 6.1 De eerste leerperiode Oriëntatie Eerst doen we een aantal onderzoeken om te bepalen of deze opleiding voor jou wel de juiste is. Als dat niet zo is, dan kun je in de eerste weken nog overstappen naar een andere opleiding die beter bij jou past. Startprofiel Als je aan een opleiding begint stel je een startprofiel op waarin staat wat jouw persoonlijke kwaliteiten zijn. Verder beschrijf je er in wat je wil bereiken en welke competenties (vaardigheden) je al hebt. Dit startprofiel vergelijk je met het profiel van je opleiding en beroep. Met de studieloopbaanbegeleider bekijk je of het startprofiel bij de opleiding past. Vervolgens maken jullie een Persoonlijk Ontwikkel Plan ofwel POP. In het startprofiel komen dus samengevat de volgende onderdelen aan bod: Wie ben ik? (je persoonlijke kwaliteiten) Wat wil ik? (je loopbaanwensen en ambities) Wat kan ik? (de competenties die je al hebt) Nulmetingen Als je start met je opleiding, moet jouw beginniveau van Nederlands, rekenen en Engels* gelijk zijn aan het vereiste eindniveau van het vmbo. Dat bepalen we door een test. Op basis van de resultaten proberen we jou een passend programma aan te bieden. Voor Engels of een andere vreemde taal krijg je alleen een test als je deze taal later voor je beroep nodig hebt. 6.2 Lestabellen De gehele opleiding bestaat uit een aantal projecten en integrale opdrachten. Binnen deze projecten en opdrachten werk je aan het opdoen van kennis en het ontwikkelen van vaardigheden en houding. Aan deze opdrachten werk je zowel op school als binnen de stage die in het mbo beroepspraktijkvorming (BPV) heet. Taal, rekenen en burgerschap zijn ook onderdelen van je opleiding. In de onderstaande tabellen zie je uit welke leereenheden en BPV-periodes de opleiding globaal bestaat.

LESTABEL 2013-2014 HZP3P Periode 1 Week V T Vak Omschrijving/opmerking 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 code LBB Loopbaanbegeleiding 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 PROJ Projectbegeleiding 3 3 3 3 3 3 3 3 3 1 BAZ Basiszorg 5 5 5 5 5 5 5 5 5 2 IBS Interactie 3 3 3 3 3 3 3 3 3 2 PVZ Plannen van Zorg 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 COMP Computeruur 2 2 2 2 2 2 2 2 2 0 ANT Anatomie 3 3 3 3 3 3 3 3 3 2 NED Nederlands 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 MUIS Muiswerk 1 1 1 1 1 1 1 1 1 0 REK Rekenen 2 2 2 2 2 2 2 2 2 1 SPO Sport 2 2 2 2 2 2 2 2 2 0 26 26 26 26 26 26 26 26 26 13 HZP3P Periode 2 Week V V T Vak Omschrijving/opmerking 46 47 48 49 50 51 52 1 2 3 4 code LBB Loopbaanbegeleiding 2 2 2 2 2 2 2 2 2 PROJ Projectbegeleiding 1 1 1 1 1 1 1 1 1 BAZ Basiszorg 2 2 2 2 2 2 2 2 2 ANT Anatomie 1 1 1 1 1 1 1 1 1 6 6 6 6 6 6 6 6 6 HZP3P Periode 3 Week V T Vak code Omschrijving/opmerking 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 LBB Loopbaanbegeleiding 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 PROJ Projectbegeleiding 3 3 3 3 3 3 3 3 3 1 BAZ Basiszorg 4 4 4 4 4 4 4 4 4 2 IBS Interactie 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 PVZ Plannen van Zorg 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 COMP Computeruur 2 2 2 2 2 2 2 2 2 0 ANT Anatomie 3 3 3 3 3 3 3 3 3 2 NED Nederlands 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 MUIS Muiswerk 1 1 1 1 1 1 1 1 1 0 REK Rekenen 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 SPO Sport 2 2 2 2 2 2 2 2 2 0 BURG Burgerschap 1 1 1 1 1 1 1 1 1 0 MED Mediation 2 2 2 2 2 2 2 2 2 2 26 26 26 26 26 26 26 26 26 15

HZP3P Periode 4 Week V T Vak code Omschrijving/opmerking 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 LBB Loopbaanbegeleiding 2 2 2 2 2 2 2 2 2 0 0 PROJ Projectbegeleiding 1 1 1 1 1 1 1 1 1 0 0 BAZ Basiszorg 2 2 2 2 2 2 2 2 2 0 0 ANT Anatomie 1 1 1 1 1 1 1 1 1 0 0 PVZ Plannen van Zorg 1 1 1 1 1 1 1 1 0 0 7 7 7 7 7 7 7 7 6 0 0 6.3 IJken en meten van studievoortgang Tijdens de opleiding is het belangrijk dat je weet hoe jij ervoor staat. Voor je docenten en begeleiders is het belangrijk dat ze weten hoe je vooruit gaat in je opleiding. Daarom worden jouw resultaten bijgehouden in ons leerlingvolgsysteem (Trajectplanner). In het leerlingvolgsysteem kunnen we precies zien welke onderdelen jij met succes hebt afgerond en welke niet. Die resultaten zijn belangrijk voor de gesprekken met je loopbaanbegeleider. In die gesprekken bespreken jullie immers samen hoe het gaat en hoe je verder gaat met je opleiding. Op vaste momenten in je opleiding wordt bepaald of je verder mág met je opleiding. Om dat te kunnen vaststellen, is het natuurlijk belangrijk dat je goed beoordeeld wordt. Dat doen we op twee manieren. Ontwikkelingsgericht beoordelen Als we ontwikkelingsgericht (of formatief) beoordelen, willen we vooral inzicht krijgen in hoe jij je ontwikkelt. Het gaat er dan niet om dat je een bepaald niveau haalt, maar dat je te horen krijgt wat je al beheerst en waar je je verder in moet ontwikkelen. Met die informatie kun jij dan verder aan de slag. Zo n beoordeling, bijvoorbeeld een toets, telt dus niet mee voor het behalen van je diploma of voor een certificaat. Kwalificerend beoordelen Als de uitslag van een beoordeling wel meetelt voor een diploma of certificaat, noemen we dat kwalificerend (of summatief) beoordelen. We beoordelen dan om te beslissen of je aan de eisen van examenonderdelen voldoet. Als we op deze manier beoordelen,dan moet dat officieel, volgens de regels en met goede examens gebeuren. De Inspectie van het Onderwijs bewaakt de kwaliteit van de examens. Examenreglement De regels voor het afnemen van examens staan in het examenreglement van het ROC. In dit examenreglement vind je bijvoorbeeld wat je moet doen als je het niet eens bent met de uitslag van het examen. Iedere opleiding heeft regels voor het onderwijs en de examens. Die informatie staat allemaal in deze Studiewijzer. Niet alleen de examens op school bepalen trouwens of je een diploma krijgt. De beoordeling van je BPV is een belangrijk onderdeel van de examinering. Als je alle examens van de opleiding met voldoende resultaat hebt afgesloten, ontvang je een diploma met daarbij een lijst van je resultaten. Extraneus of examendeelnemer Als je alleen een examen of een examenonderdeel wilt doen, kun jij je inschrijven als extraneus of examendeelnemer. Je volgt dan geen onderwijs en je hebt geen recht op loopbaanbegeleiding. Dit kan alleen een korte periode, anders moet je je gewoon inschrijven als voltijds student. Voortgang De formatieve toetsing bepaalt de voortgang. Uitgangspunten zijn: o in de projecten en opdrachten staat vermeld waaraan deze moeten voldoen; o alle projecten en opdrachten moeten voldoende of voldaan zijn; o bij elkaar horende toetsen kunnen elkaar compenseren; o toetsen die elkaar compenseren mogen nooit lager dan 4,5 scoren; o per toets is er één herkansingsmogelijkheid;

o o de rapportvergadering stelt vast of een student de opleiding kan vervolgen; als de student de opleiding niet kan vervolgen, zijn er de volgende mogelijkheden: schooljaar herhalen, met profielverbetering, eerder behaalde resultaten blijven staan via LEC naar niveau 3 via LEC naar andere opleiding via LEC de school verlaten BPV-opdrachten binnen een project moeten altijd met een voldoende zijn afgesloten. Elke BPV wordt beoordeeld door de beroepspraktijk. In het 1 e jaar worden tweemaal BPV gelopen. BPV 1 mag onvoldoende zijn, maar BPV 2 moet wel voldoende zijn. De BPV in de overige leerjaren moet altijd voldoende zijn. Elke BPV heeft een herkansingsmogelijkheid. Dit kan bij dezelfde instelling, maar kan zonodig ook bij een andere instelling. Bindende studieadviezen: De LBB-er en de docenten van wie je les krijgt kunnen middels een rapportenvergadering een bindend studieadvies geven. 1. Het bindend studieadvies wordt gebaseerd op een dusdanig gebrek aan goede studieresultaten over de gehele linie dat niet verwacht kan worden dat de student een diploma haalt in de gekozen beroepsrichting. 2. Het bindend studieadvies wordt schriftelijk vastgelegd. 3. Vooraf wordt een schriftelijke waarschuwing gegeven. 4. Het bindend studieadvies wordt schriftelijk beargumenteerd, er kan tegen dit advies in een beroep worden gegaan.

7. Het Examenprogramma Het examen van de opleiding bestaat uit de volgende onderdelen: Beroepsgericht deel Nederlands Rekenen Engels (MBO 4) Loopbaan en burgerschap Om het diploma van de opleiding te behalen moet je daarbij voldoen aan de eisen die de school stelt voor de BPV. Voordat je aan je examens begint, krijg je de richtlijnen rond examinering. In deze richtlijnen staat wat je rechten en plichten zijn bij het maken van examens. 7.1 De beroepsgerichte examinering In onderstaande tabel zie je op welke beroepsgerichte examenonderdelen geëxamineerd wordt. In de tabel kun je lezen in welke vorm het examen wordt afgenomen, waar en op welk moment van de opleiding. Beoordeling op driepuntschaal Het eindoordeel van de kerntaak wordt uitgedrukt in een driepuntschaal: goed, voldoende of onvoldoende. In onderstaande tabel zie je in welke beroepsgerichte examenonderdelen geëxamineerd wordt. In de tabel kun je lezen in welke vorm het examen wordt afgenomen, waar en op welk moment van de opleiding. Naam examenonderdeel CE1 Ondersteunen bij persoonlijke verzorging CE2 Ondersteunen bij de begeleiding CE3 Ondersteunen bij verpleegtechnische handelingen Voorwaarde(n) deelname Voldoen aan project 1 Voldoen aan project 2 Voldoen aan project 3 en 4 Inhoud (kerntaak, werkproces) 1.1 1.2 1.4 1.9 1.1 1.4 1.6 1.9 1.1. 1.2 1.3 1.4 1.6 1.9 Vorm (PvB, kennistoets, CGI, anders) Setting (school, BPV, simulatie op school) Afnamemoment Proeve Bpv 2 e leerjaar Proeve Bpv 2 e leerjaar Proeve Bpv, simulatie school 3 e leerjaar PvB Proeve van Bekwaamheid Go van de LBB-er 1.1 t/m 1.9 2.1 t/m 2.3 Proeve Bpv 4 e leerjaar

7.2 Nederlands generiek Nederlands Alle MBO-deelnemers moeten examen Nederlands doen. Voor niveau 1, 2 of 3 is dat op niveau 2F, voor niveau 4 is dat op niveau 3F. Tijdens je opleiding wordt uitgelegd wat dit niveau inhoudt. Cijferbeoordeling De beoordelingen bij Nederlands bij onderstaande examenonderdelen worden uitgedrukt in cijfers. Nederlands Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Eindwaardering Nederlands Korte omschrijving Luisteren 3F Centraal examen - digitaal School Lezen 3F Centraal examen - digitaal School Schrijven 3F Schoolexamen schriftelijk School Spreken 3F Schoolexamen mondeling School Gesprekken 3F Schoolexamen mondeling School Cijfer centraal examen is het gemiddelde van de cijfers voor Luisteren en Lezen Cijfer schoolexamen is het gemiddelde van de cijfers voor Schrijven, Spreken en Gesprekken Eindcijfer (een heel cijfer) voor Nederlands is het gemiddelde van het cijfer voor het centraal examen en het cijfer voor het schoolexamen 7.3 Rekenen - generiek Alle MBO-deelnemers moeten het examen Rekenen doen. Voor niveau 1, 2 of 3 is dat op niveau 2F, voor niveau 4 op niveau 3F. Tijdens je opleiding wordt uitgelegd wat dit niveau inhoudt. Cijferbeoordeling De beoordeling bij rekenen worden uitgedrukt in een cijfer. Rekenen Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Korte omschrijving Rekenen 3F Centraal examen - digitaal School

7.4 Engels - generiek Alle deelnemers van een MBO niveau 4-opleiding moeten generiek examen Engels doen. De onderdelen Lezen en Luisteren op niveau B1, de onderdelen Spreken, Gesprekken voeren en Luisteren op niveau A2. Tijdens je opleiding wordt uitgelegd wat deze niveaus inhouden. In de beroepsgerichte examinering zoals beschreven wordt in paragraaf 4.1 wordt aangegeven of en op welke wijze moderne vreemde talen worden geëxamineerd. De beoordelingen bij Engels bij onderstaande examenonderdelen uit de tabel worden uitgedrukt in cijfers. Alle deelnemers van een MBO niveau 4-opleiding moeten examen Engels doen. De onderdelen Lezen en Luisteren op niveau B1, de onderdelen Spreken, Gesprekken voeren en Luisteren op A2. Tijdens je opleiding wordt uitgelegd wat deze niveaus inhouden. De beoordelingen bij Engels bij onderstaande examenonderdelen uit de tabel worden uitgedrukt in cijfers. Engels Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Examentoets of -onderdeel Examenvorm Plaats van afname Periode van afname Eindwaardering Engels Korte omschrijving Luisteren B1 Schoolexamen - digitaal School Lezen B1 Schoolexamen - digitaal School Schrijven A2 Schoolexamen schriftelijk School Spreken A2 Schoolexamen - mondeling School Gesprekken A2 Schoolexamen - mondeling School Het eindcijfer (een heel cijfer) voor Engels is het gemiddelde van de cijfers voor de vijf onderdelen

7.5 Loopbaan en burgerschap in het mbo Als student moet je minimaal voldoen aan de inspanningsverplichting die de opleiding hiervoor heeft gesteld. Dit onderdeel wordt niet geëxamineerd. Op de resultatenlijst bij je diploma is het resultaat voor dit vak wel opgenomen. De eindwaardering voor Loopbaan & Burgerschap is voldaan of niet voldaan. Loopbaan & burgerschap Onderdeel Beoordelingsvorm Plaats van afname Periode van afname Onderdeel Beoordelingsvorm Plaats van afname Periode van afname Onderdeel Beoordelingsvorm Plaats van afname Periode van afname Onderdeel Beoordelingsvorm Plaats van afname Periode van afname Onderdeel Beoordelingsvorm Plaats van afname Periode van afname Eindwaardering L&B Korte omschrijving De politiek-juridische dimensie De economische dimensie De sociaal-maatschappelijke dimensie De dimensie vitaal burgerschap Loopbaanoriëntatie voldaan 7.6 BPV BPV-opdrachten binnen een project moeten altijd met een voldoende zijn afgesloten. Elke BPV wordt beoordeeld door de beroepspraktijk. In het 1 e jaar worden tweemaal BPV gelopen. BPV 1 mag onvoldoende zijn, maar BPV 2 moet wel voldoende zijn. De BPV in de overige leerjaren moet altijd voldoende zijn. Elke BPV heeft een herkansingsmogelijkheid. Dit kan bij dezelfde instelling, maar kan zonodig ook bij een andere instelling. Om het diploma van de opleiding te behalen moet je daarbij voldoen aan de eisen die de school stelt voor de BPV. Het minimum aantal door de school gestelde uren en/of dagen aan BPV moet zijn behaald. De stage of BPV moet met een voldoende zijn beoordeeld. 7.7 Diplomering Omdat de overheid Nederlands, Rekenen en Engels (niveau 4) apart gaat examineren geldt er totdat die vakken volledig bij de diplomering mee tellen een overgangsregeling, waardoor de zakslaagregeling per schooljaar en niveau verschilt. Op grond van de laatste overgangsregeling (21 december 2012) gelden de volgende regels: NB: wanneer onderstaande overgangsregeling door de overheid wordt aangepast ontvang je van ons bericht!

Je bent geslaagd voor je opleiding als voldaan is aan de volgende eisen: 1. Elke kerntaak heeft als eindbeoordeling minimaal een voldoende. 2. Er is voldaan is aan de inspanningsverplichting voor Loopbaan & Burgerschap. 3. Van de eindcijfers voor generiek nederlands, generiek rekenen en generiek Engels mag er een onvoldoende zijn (maar niet lager dan een 5), de twee andere cijfers moeten te minste een 6 zijn. Daarnaast moet zijn voldaan aan de eisen die de school stelt ten aanzien van de BPV. Bij studievertaging kunnen andere regels gelden! Informatie daarover is verkrijgbaar bij de examnencommissie. Bij studievertraging kunnen andere slaagregels gelden! Informatie daarover is verkrijgbaar bij de examencommissie.. 7.8 Vrijstellingen voor Nederlands en rekenen Studenten die de examenonderdelen generiek Nederlands en/of generiek Rekenen binnen het mbo hebben behaald, kunnen voor die examenonderdelen vrijstelling krijgen, als zij een nieuwe mbo opleiding gaan volgen. Voorwaarden daarvoor zijn: - het niveau van de reeds behaalde onderdelen is minimaal gelijk aan het vereiste taal- of rekenniveau van de nieuwe opleiding - de nieuwe opleiding wordt binnen twee studiejaren afgerond, na het studiejaar waarin de examens zijn behaald - het betreffende examenonderdeel is aantoonbaar reeds afgelegd en daarvoor is ten minste een 6 behaald. Een dergelijke vrijstelling voor generiek Nederlands en generiek rekenen kan verkregen worden voor het gehele examen of voor de onderdelen van het centraal examen dan wel het schoolexamen. Studenten die een havo- of vwo-opleiding die het diploma hebben behaald vanaf 2014 kunnen in aanmerking komen voor een vrijstelling. Zij kunnen vrijstelling krijgen als zij een mbo-opleiding afronden binnen twee studiejaren na het studiejaar waarin zij voor het eindexamenvak Nederlands of de rekentoets een 6 hebben behaald. Verzoeken kunnen bij de examencommissie worden ingeleverd. Indien de examencommissie vrijstelling verleent voor het examenonderdeel Nederlandse taal of rekenen, telt de eindwaardering van het eerder afgelegde examenonderdeel of het eindcijfer van de eerder afgelegde rekentoets respectievelijk het eind- of staatsexamen in het vak Nederlandse taal en literatuur mee bij het bepalen van de uitslag. 7.9 Herkansingen Volgens het examenreglement heeft een student recht op twee toetsgelegenheden (één herkansing) Verzoeken tot extra herkansingen worden behandeld door de teamexamencommissie (TEC). 7.10 TEX Het TEX is het toets- en examencentrum. Daar worden alle AVO-examens afgenomen en soms ook andere toetsen. In het TEX moet je je altijd legitimeren. Dat kan NIET met je schoolpas, maar alleen met een rijbewijs, een identiteitsbewijs of een paspoort. Een van die laatste documenten heb je toch al bij je (dat is een wettelijke eis). Zie ook bijlage 3.

8. Begeleiding bij zorg of handicap Het ROC vindt dat iedere student de beste begeleiding en ondersteuning verdient. Natuurlijk heeft niet iedereen evenveel begeleiding en ondersteuning nodig. Sommige studenten hebben een handicap of een chronische ziekte. Andere studenten hebben leerproblemen of problemen met bijvoorbeeld wonen, geld, veiligheid of justitie. We proberen onze begeleiding en zorg daarom af te stemmen op de vraag van iedere student. LEC, het Loopbaan Expertise Centrum Als jouw loopbaanbegeleider vindt dat je specialistische ondersteuning of begeleiding nodig hebt, kun je doorverwezen worden. Er is specialistische begeleiding mogelijk voor loopbaanoriëntatie, leerproblemen als dyslexie, psychosociale- en gedragsproblematiek en (school-) maatschappelijk werk. Daarnaast is er expertise op het gebied van studenten met een handicap of chronische ziekte. Alle mbo colleges maken gebruik van een LEC. Het LEC is te vinden in de ruimten D113-117 en te bereiken onder het algemene telefoonnummer 035-6892000 Zorg Advies Team Soms is de problematiek rond je ondersteuning te ingewikkeld voor één afdeling. Dan bespreken we jouw ondersteuningsvraag in het ZAT, het Zorg Advies Team. In het ZAT zitten hulpverleners als schoolmaatschappelijk werk en een jeugdarts maar ook de wijkagent, de leerplichtambtenaar en schuldhulpverlening. Bij zo n bespreking ben je zelf niet aanwezig. Als we het nodig vinden om een hulpvraag in het ZAT in te brengen vragen we altijd eerst toestemming aan de student. Handicap, langdurige ziekte, stoornis Volgens de Wet Educatie en Beroepsonderwijs en de Wet Gelijke Behandeling moet een ROC voor iedereen toegankelijk zijn. Dat geldt dus ook voor studenten met een lichamelijke, psychische of verstandelijke beperking. Voor deze studenten bestaat de Leerlinggebonden Financiering (LGF of rugzak). Met een rugzak krijgt de school geld voor extra begeleiding van een student met een beperking. De rugzak geldt bijvoorbeeld bij doof- of slechthorendheid, bij langdurige ziekte, een motorische beperking, meervoudige handicaps en psychiatrische of gedragsstoornissen. Een indicatie voor de rugzak, vraag je zelf - of samen met je ouders - aan. De school helpt je met de aanvraag! Meer informatie hierover vind je op www.rugzakinmbo.nl of bij het LEC van jouw college. Als je op je vorige school al een rugzak had, dan kun je die meenemen naar het ROC als de indicatie nog geldig is. Neem daarvan een kopie mee bij aanmelding. Dit geldt ook als je van het speciaal onderwijs komt. Let op: vanaf het studiejaar 2014-2015, wordt de leerlinggebonden financiering afgeschaft. Daarvoor in de plaats komt de Wet op het Passend Onderwijs.

9. Topsportregeling Topsport Sport jij op hoog niveau? Dan kun je extra begeleiding krijgen bij het MBO College. Doe je aan topsport? Dan is er een speciale regeling voor jou, zodat je je sport en opleiding kunt combineren. In overleg met je studieloopbaanbegeleider en topsportbegeleider maken we een aangepast studieprogramma. Het MBO College houdt daarbij zoveel mogelijk rekening met je trainingen en wedstrijden. Meer informatie over de topsportregeling vind je op de website van het ROC.

10. Aanwezigheid 10.1 Wanneer moet ik op school aanwezig zijn? Je moet 100% van de tijd, dus altijd, aanwezig zijn bij onderwijsactiviteiten. Onderwijsactiviteiten zijn lessen, gastlessen, workshops, BPV en examens. Verder zorg je ervoor dat je altijd op tijd komt en dat je de onderwijsactiviteiten volgens het rooster volgt. Kom je te laat of houd je je niet aan het rooster? Dan volgt een gesprek met je studieloopbaanbegeleider. 10.2 Wat moet ik doen als ik niet kan komen? Soms kun je niet naar school komen, bijvoorbeeld omdat je ziek bent. Dat heet verzuim. De school heeft duidelijke regels over verzuim. Je moet verzuim melden op de eerste dag dat je afwezig bent. Je moet dan bellen met de verzuimmedewerker: 035-6892004. Voor bijzondere omstandigheden, zoals een begrafenis of het bijwonen van een huwelijk, kun je vooraf een verlofaanvraag indienen bij de manager van je opleiding. De opleidingsmanager beslist of je verlofaanvraag wordt goedgekeurd. Als je langere tijd niet naar school kunt komen, dan loop je mogelijk een achterstand op. Denk je dat dit het geval is, neem dan zo snel mogelijk contact op met je studieloopbaanbegeleider. Jullie bespreken dan samen hoe je achterstand zoveel mogelijk kunt voorkomen en later kunt inhalen. 10.3 Wat gebeurt er als ik zonder reden afwezig ben? Als jij je verzuim niet meldt, belt de school jou of je ouders om te vragen wat er aan de hand is. Bij verzuim krijg je een gesprek met je studieloopbaanbegeleider. Ben je jonger dan 18 jaar, dan zijn wij wettelijk verplicht om het verzuim te melden aan de leerplichtambtenaar. Ben je tussen de 18 en 23 jaar, dan zijn we wettelijk verplicht dit te melden bij het Regionaal Meld- en Coördinatiepunt. Langdurig of regelmatig ongeoorloofd verzuim leidt tot intrekking van je studiefinanciering of een boete door de overheid.

11. Studiefinanciering en studiekosten Een opleiding volgen kost geld. Er zijn verschillende soorten kosten: de wettelijke kosten en de schoolbijdrage. 11.1 Studiefinanciering Ben je op 1 augustus 18 jaar of ouder? Je hebt recht op studiefinanciering en een ov-jaarkaart. Als je een niveau 1- of 2-opleiding volgt, dan is de studiefinanciering een gift. Je hoeft dan niets terug te betalen. Volg je een niveau 3- of 4- opleiding, dan is de studiefinanciering een prestatiebeurs. Dat betekent dat je het terug moet betalen als je de opleiding niet afrondt. DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bepaalt hoeveel studiefinanciering jij krijgt. De hoogte van je studiefinanciering is afhankelijk van je thuissituatie. Ben je op 1 augustus jonger dan 18 jaar? Dan kunnen je ouders een deel van de kosten die je maakt terugkrijgen volgens de Wet Tegemoetkoming Studiekosten. De voorwaarden hiervoor vind je op de website van DUO: www.ibgroep.nl Je hoeft nog geen lesgeld te betalen als je jonger dan 18 jaar bent. 11.2 Wettelijke kosten Lesgeld Ben je op 1 augustus 2013 18 jaar of ouder en volg je een voltijd BOL-opleiding? Dan moet je lesgeld betalen. Het lesgeld wordt jaarlijks door de overheid vastgesteld, zie 12.3 Specificatie van kosten opleiding. Dit bedrag moet je rechtstreeks betalen aan de DUO. Half oktober ontvang je hiervoor een betalingsverzoek van DUO. Cursusgeld Ben je op 1 augustus 2013 18 jaar of ouder en volg je een deeltijd BOL-opleiding of een BBLopleiding? Dan moet je cursusgeld betalen. Het cursusgeld wordt jaarlijks vastgesteld, zie 12.3 Specificatie van kosten opleiding. Je moet het cursusgeld aan het ROC betalen. Wij sturen jou hiervoor een rekening. Wanneer je ons betaald hebt, zorgen wij dat het geld bij het Ministerie van OC&W terecht komt. Teruggave les- of cursusgeld In een aantal gevallen kun je in aanmerking komen voor een (gedeeltelijke) terugbetaling van het betaalde lesgeld. Dat kan als je je diploma eerder behaald. Of als je voortijdig stopt met de opleiding. We verwijzen voor een volledig overzicht naar de site van www.ib-groep.nl. 11.3 Opleidingskosten Sommige kosten moet je zelf betalen. Dit is de schoolbijdrage. Als je de onderwijsovereenkomst afsluit, krijg je een overzicht van de schoolbijdragen. Leermiddelen en materialen Dit zijn kosten die jij of je ouders/verzorgers moeten betalen, omdat ze noodzakelijk zijn om je opleiding te kunnen volgen. Voordat je begint aan je opleiding, krijg je een lijst met leermiddelen en materialen die je nodig hebt, zoals boeken, licenties, gereedschappen of werkkleding. Je moet deze leermiddelen verplicht kopen, maar je mag meestal wel kiezen of je de leermiddelen via school koopt of niet. Soms krijg je korting als je de leermiddelen via school koopt.

Bijdrage excursie, feesten, kluisjes etc. Dit zijn kosten waarvan je mag kiezen of je ze betaalt. Deze kosten zijn immers niet noodzakelijk voor je opleiding. De activiteiten die we voor dat geld organiseren, maken het onderwijs wel interessanter en leuker. De hoogte van het bedrag hangt af van de kosten die de school maakt. Het bedrag betaal je met een pin en/of eenmalige machtiging. Als je deze bijdrage niet betaalt, mag je gewoon het onderwijs volgen maar je mag dan niet meedoen met de extra activiteiten, zaken of diensten die van deze bijdrage worden betaalt. Dat zijn bijvoorbeeld: introductieactiviteiten, zoals overnachtingen en maaltijden; excursies, werkweken of culturele activiteiten; schoolfeesten, gala s en eindejaarsactiviteiten; kerstviering; afsluitingsbijeenkomst van de opleiding; huur lockers/kluisjes.

Specificatie opleidingskosten BOL-opleiding Kostenpost Bedrag Verplicht Vrijwillig Opmerkingen Wettelijke bijdrage per schooljaar lesgeld 1090.00 X Wordt jaarlijks vastgesteld. Factuur van de IB-groep. Dit bedrag geldt voor 2013/2014 Lesmaterialen (boeken, e.d) De boekenlijst(en) voor de gehele opleidng staan vermeld op de site www.vandijk.nl Overige kosten Bv. excursies * Reiskosten X Reiskosten in het kader van de stage of beroepspraktijkvorming zijn voor rekening van de student. Het kan gebeuren dat gedurende de opleiding van locatie veranderd moet worden. Mogelijke (extra) reiskosten zijn voor rekening van de student. * Kosten voor excursies en andere schoolse activiteiten staan niet tevoren vast. Daarom staat hier geen bedrag genoemd. Als een dergelijke activiteit plaatsvindt, zal de desbetreffende docent in overleg met de opleidingsmanager de hoogte van de bijdrage voor de student vaststellen.

BBL- opleiding Kostenpost Bedrag Verplicht Vrijwillig Opmerkingen Wettelijke bijdrage per schooljaar Lesmaterialen (boeken, licenties) Cursusgeld Niveau 4 549.00 X X Wordt jaarlijks aangepast, het bedrag geldt voor 2013/2014.Geldt alleen voor studenten die per 1 augustus 18 jaar of ouder zijn. Factuur van het ROC De boekenlijst(en) voor de gehele opleiding staan vermeld op de site www.vandijk.nl Overige financiële kosten * Bv. excursies Reiskosten X Reiskosten in het kader van de stage of beroepspraktijkvorming zijn voor rekening van de student. Het kan gebeuren dat gedurende de opleiding van locatie veranderd moet worden. Mogelijke (extra) reiskosten zijn voor rekening van de student. * Kosten voor excursies en andere schoolse activiteiten staan niet tevoren vast. Daarom staat hier geen bedrag genoemd. Als een dergelijke activiteit plaatsvindt, zal de desbetreffende docent in overleg met de opleidingsmanager de hoogte van de bijdrage voor de student vaststellen.

12. Verzekeringen Het ROC en de studenten zijn verzekerd tegen ongevallen en aansprakelijkheid. 12.1 Ongevallenverzekering Met de ongevallenverzekering zijn alle betrokkenen (studenten, personeel, vrijwilligers) tijdens schoolactiviteiten verzekerd. De reis van en naar school is verzekerd. De verzekering geldt ook op het BPV-adres en onderweg van en naar het BPV-adres. 12.2 Aansprakelijkheidsverzekering Met de aansprakelijkheidsverzekering ben je verzekerd tegen schadeclaims als gevolg van onrechtmatig handelen. De school is alleen aansprakelijk als er sprake is van een verwijtbare fout. Een verwijtbare fout is een fout die de school had kunnen voorkomen. Als je bril kapot gaat tijdens de gymles is dat bijvoorbeeld niet de schuld van de school. Maar ook schade door gedrag van studenten valt niet onder deze verzekering. Studenten (en hun ouders) zijn verantwoordelijk voor de gevolgen van hun gedrag. Zorg daarom dat je altijd zelf een particuliere aansprakelijkheidsverzekering hebt. BPV verzekering De BPV verzekering is een onderdeel van de aansprakelijkheidsverzekering. Deze verzekering zorgt ervoor dat schade bij de BPV wordt gedekt. De BPV verzekering is alleen geldig met een geldige Praktijkovereenkomst (POK). Wanneer je schade bij de BPV wilt melden, komt daar veel bij kijken. Je moet ongevallen en schade melden op een schadeformulier. Dat wordt dan weer centraal aangemeld bij de verzekeringsmaatschappij van de school. Heb je schade geleden tijdens de BPV? Neem dan contact op met je loopbaanbegeleider en bekijk de documenten hierover op intranet of portal. Daar kun je vinden welke schade wel of niet gedekt is. 12.3 Schoolreisverzekering Studenten van het MBO College zijn tijdens (school-)reizen en excursies verzekerd door de doorlopende (school)reispolis. 12.4 Verzekering bij BPV in het buitenland Ga jij je BPV doen in het buitenland? Meld dit dan bij je zorgverzekering en vraag een Health Insurance Card aan. In de meeste Europese landen is je Nederlandse ziektekostenverzekering geldig. Hier zijn wel drie voorwaarden aan verbonden: je verblijft korter dan 12 maanden in het buitenland; Nederland blijft je woonplaats; je betaalt je zorgpremie gewoon door.

13. INSPRAAK 13.1 Inspraak via het ROC van Amsterdam Het is belangrijk dat het MBO College jouw mening over het onderwijs en andere schoolzaken weet. We organiseren daarvoor verschillende activiteiten: Tevredenheidonderzoek We houden twee keer per jaar een onderzoek naar wat studenten vinden van hun school, hun opleiding en alles daaromheen. Eén keer per twee jaar wordt er landelijk een enquête gehouden in samenwerking met de Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB). Rondetafelgesprekken Sommige teams nodigen studenten van verschillende leerjaren uit om deel te nemen aan een rondetafelgesprek of een overleg van klassenvertegenwoordigers. Voorbeelden van onderwerpen zijn onderwijs, veiligheid, lesroosters of het gebouw. Op deze manier bekijkt het ROC hoe het met een opleiding gaat. Door de rondetafelgesprekken kunnen we het onderwijs en de examens blijven verbeteren. Het is dus belangrijk om eraan mee te doen als je een uitnodiging krijgt. 13.2 Inspraak van studenten Je kunt zelf beslissen om mee te praten over het onderwijs en andere schoolzaken. Dat kun je op verschillende manieren doen: Klassenvertegenwoordiging Elke klas of groep heeft een klassenvertegenwoordiger. Iedere klas kiest in de eerste leerperiode één student die hun klassenvertegenwoordiger wordt. De klassenvertegenwoordiger overlegt elke onderwijsperiode met de opleidingsmanager. Studentenraad Het ROC heeft een studentenraad waardoor zaken die het gehele ROC betreffen met het Bestuur besproken kunnen worden. 13.3 Inspraak via JOB De Jongeren Organisatie Beroepsonderwijs (JOB) is opgericht voor studenten in het middelbaar beroepsonderwijs. Het JOB komt op voor de rechten van deze studenten. Op de website van JOB, www.job-site.nl, vind je veel informatie over wettelijke regelingen en je rechten en plichten. We vragen je om elke twee jaar een JOB-enquête in te vullen en aan te geven wat je van het onderwijs vindt.

14. Vakantierooster 2013-2014 Het vakantierooster van het ROC gaat in het algemeen volgens de Regio Noord. Het is belangrijk om aan het begin van het jaar te controleren of jouw vakanties overeenkomen met de regio van jouw woonplaats. Dit kan namelijk nog wel eens verschillen! Je bent verplicht om hier zelf op te letten. Als je hier vragen over hebt, neem je contact op met je loopbaanbegeleider. Wanneer zijn de vakanties dit schooljaar? Herfstvakantie 21 oktober 2013-27 oktober 2013 Kerstvakantie 23 december 2013-05 januari 2014 Voorjaarsvakantie 24 februari 2014-02 maart 2014 Meivakantie 28 april 2014-05 mei 2014 Zomervakantie 07 juli 2014-17 augustus 2014 Let op dat je controleert of jouw opleiding conform bovenstaand rooster werkt of de vakantieperiode van de branche, waarvoor je wordt opgeleid, volgt. Je studieloopbaanbegeleider en/of opleidingsmanager kunnen je hier verder mee helpen. Jaarlijks vind je op de website van het ROC de vakantieroosters.

15. Problemen of klachten Ben je het ergens niet mee eens of vind je dat er iets niet goed gaat? Dan willen we graag dat je dat aan ons laat weten. In ernstige gevallen kun je een formele klacht indienen. Het ROC probeert het probleem of de klacht altijd zo snel mogelijk op te lossen. Maar jij zult dit dan eerst zelf moeten melden en zo in werking zetten dat er iets mee gebeurt. Op de website vind je informatie over hulp bij klachten of problemen. 15.1 Wat moet ik doen als ik een probleem heb? Probeer het probleem eerst bij je eigen opleiding te bespreken, bijvoorbeeld met een docent, je studieloopbaanbegeleider of de opleidingsmanager. Wanneer zij jouw probleem niet kunnen oplossen, kun je het probleem bespreken met de directie van jouw locatie. 15.2 Waar kan ik terecht? Er zijn veel verschillende soorten problemen of klachten die niet allemaal op dezelfde manier behandeld worden. Je kunt vragen bespreken met je studieloopbaanbegeleider, die je de weg kan wijzen als dat nodig mocht zijn. Op school is een vertrouwnespersoon aanwezig. Deze is er om je te helpen wanneer je problemen of klachten hebt op het gebied van ongewenste omgangsvormen (discriminatie, seksuele intimidatie, agressie, pestgedrag e.d.). De vertouwenspersoon is te bereiken op kamer E015 onder telefoonnummer 0356892000 toestel 88750 In het studentenstatuut staat uitgebreid beschreven waar je met welke klachten terecht kunt.

16. Het Examenreglement Titel 1: De regeling van de examens art. 1.1 toegang en toelating lid 1 Tot de examenvoorzieningen zijn toegelaten: 1. degenen die door het afsluiten van een onderwijsovereenkomst als student * tot de opleiding zijn toegelaten; 2. degenen die door het afsluiten van een examenovereenkomst als externe examendeelnemer (extraneus) zijn toegelaten. lid 2 Studenten dienen bij binnenkomst op het examen een geldig legitimatiebewijs te kunnen tonen. lid 3 De student mag tijdens het examen geen lesmateriaal, boeken, elektronische hulpmiddelen etc. raadplegen tenzij dit volgens de instructies horende bij het examen is toegestaan. De student dient het toegestane hulpmiddel op eerste verzoek onmiddellijk ter controle aan een examinator of surveillant te tonen. Het gebruik van niet toegestane middelen wordt als fraude aangemerkt. lid 4 Mobiele communicatiemiddelen zoals telefoons, pda s etc. moeten tijdens het examen uitgeschakeld en niet zichtbaar aanwezig zijn. Overtreding wordt aangemerkt als fraude. art. 1.2 aanwezigheid en verzuim lid 1 Studenten zijn verplicht deel te nemen aan alle examenonderdelen en eenheden die opgenomen zijn in de examenprogrammering, behoudens: 1. vooraf gegeven en schriftelijk vastgelegde vrijstelling(en); 2. incidentele ontheffing door de teamexamencommissie; 3. overmacht. lid 2 Studenten die niet hebben deelgenomen aan een examenonderdeel, overleggen aan de teamexamencommissie een verklaring waarin de reden van het verzuim is vermeld. Desgevraagd leggen studenten een aanvullend bewijsstuk over. De teamexamencommissie oordeelt over de geldigheid van het verzuim. art. 1.3 vrijstelling lid 1 De teamexamencommissie kan op een vooraf ingediend verzoek van de student vrijstelling verlenen van het afleggen van één of meer examenonderdelen. lid 2 Toegekende vrijstellingen worden in de onderwijsovereenkomst of de examenovereenkomst vastgelegd of eraan toegevoegd. art. 1.4 examenprogrammering In de studiewijzer wordt de inhoud, de vorm en de globale planning van alle examenonderdelen vermeld. * overal waar student staat mag ook deelnemer worden gelezen zoals gehanteerd in de WEB

art. 1.5 gedragscode lid 1 Een ieder die betrokken is bij de uitvoering van de examinering en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak bij de uitvoering van de examinering noodzaak tot bekendmaking voortvloeit. art. 1.6 fraudebepalingen lid 1 Frauduleuze handelingen of onregelmatigheden met betrekking tot examinering zijn eenieder verboden. Op personeel, dat in opdracht van en/of onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag werkt, berust een meldingsplicht ten aanzien van elk geval van fraude. Meldingen worden onverwijld gedaan aan de mbo college examencommissie. lid 2 Tegen studenten die ten aanzien van examinering onregelmatigheden plegen, kunnen maatregelen worden genomen door de teamexamencommissie. Voordat de maatregel wordt opgelegd, wordt de student gehoord. De student kan zich laten bijstaan door een meerderjarige; de minderjarige student laat zich vergezellen door een wettelijke vertegenwoordiger. lid 3 De opgelegde maatregel dient in verhouding te staan tot de ernst van de onregelmatigheid. Hij dient in alle gevallen schriftelijk en gemotiveerd te worden opgelegd. lid 4 Als onregelmatigheid wordt in elk geval aangemerkt: - spieken; - plagiaat; - het niet opvolgen van instructies van surveillanten; - het gebruik van niet-toegestane hulpmiddelen. Verder staat het ter beoordeling van de teamexamencommissie om gedragingen, handelingen en dergelijke aan te merken als onregelmatigheid in de zin van dit artikel. lid 5 De maatregelen bedoeld in dit artikel ten opzichte van studenten kunnen zijn: - ongeldigheidsverklaring van de uitslag van het betreffende examenonderdeel - - (voorwaardelijke) uitsluiting van (verdere) deelname aan examinering; lid 6 Een besluit over uitsluiting van verdere deelname aan examinering wordt genomen door de mbo college examencommissie. art. 1.7 toezicht De Inspectie van het Onderwijs houdt namens de minister toezicht op de examens. art. 1.8 aantal toetsgelegenheden lid 1 De student heeft, een aantal voorwaarden en beperkingen in acht nemend, het recht gedurende de in de onderwijsovereenkomst overeengekomen duur van de opleiding tweemaal van een mogelijkheid tot examen van een examenonderdeel of exameneenheid. lid 2 Het hoogst behaalde resultaat voor een examenonderdeel of exameneenheid telt.

art. 1.9 beroepspraktijkvorming In het examenplan wordt vastgelegd welke onderdelen in de beroepspraktijk worden beoordeeld. De teamexamencommissie stelt vast of de betreffende onderdelen zijn behaald en betrekt daarbij het oordeel van het opleidende bedrijf of de opleidende organisatie. De teamexamencommissie is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de examinering in de beroepspraktijk. art. 1.10 uitslag lid 1 De uitslag van elk examenonderdeel of exameneenheid wordt door de teamexamencommissie binnen 10 werkdagen na afname van het betreffende onderdeel bekendgemaakt. lid 2 De uitslag van de centraal ontwikkelde examens (COE) wordt door de teamexamencommissie binnen 10 werkdagen na ontvangst van de resultaten van het betreffende examen bekendgemaakt. art. 1.11 diploma s en certificaten lid 1 Een diploma wordt uitgereikt aan de student die geslaagd is voor alle kerntaken en voldoet aan de overige eisen waaronder de BPV-eisen, de eisen ten aanzien van Nederlands, rekenen en moderne vreemde talen en de eisen ten aanzien van Loopbaan en Burgerschap. Voor de cohorten vóór 2011 gelden eisen t.a.v. Leren, loopbaan & burgerschap. lid 2 De student die geslaagd is voor kerntaken of werkprocessen die gezamenlijk een certificeerbare eenheid vormen, heeft bij het verlaten van de opleiding recht op een certificaat indien de student het diploma niet heeft behaald en de certificeerbare eenheid in de studiewijzer in het onderwijs- en examenaanbod is beschreven. lid 3 De student die vóór afronding van de opleiding de onderwijsinstelling verlaat, ontvangt desgevraagd een schoolverklaring waarop de resultaten staan vermeld die behaald zijn in de opleiding. Titel 2: De organisatie van de examens art. 2.1 examencommissie lid 1 Het bevoegd gezag stelt per mbo college een examencommissie in. De directieleden zijn de leden van deze examencommissie. De mbo college examencommissie wordt voorgezeten door de voorzitter van de directie. Overal in dit examenreglement waar alleen examencommissie staat wordt bedoeld mbo college examencommissie. De formele en uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de organisatie en de afname van de examens ligt bij de mbo college examencommissie. lid 2 Voor de directe uitvoering stelt de mbo college examencommissie per opleidingsteam een teamexamencommissie in onder voorzitterschap van de opleidingsmanager. Teamexamencommissies opereren onder de verantwoordelijkheid van de examencommissie van het mbo college waartoe zij behoren. Een aantal opleidingsteams kan ook samen één teamexamencommissie vormen, waarbij de directie één van de opleidingsmanagers aanstelt als voorzitter. Een student kan altijd communiceren met teamexamencommissie via de opleidingsmanager. art. 2.2 wijze van aanmelding Studenten zijn door middel van het afsluiten van de onderwijsovereenkomst resp. de examenovereenkomst automatisch aangemeld voor deelname aan alle examenonderdelen. Indien en voor zover aanmelding van studenten bij een externe organisatie noodzakelijk is, is dat een verantwoordelijkheid van de opleiding in de persoon van de opleidingsmanager.

art. 2.3 examenfunctionaris De teamexamencommissie wijst de examenfunctionarissen aan waaronder de examinatoren, assessoren en surveillanten. Zij zijn eerstverantwoordelijke voor de toegewezen taken rond de examinering. art. 2.4 kennisgeving Studenten worden tijdig, minimaal twee weken van tevoren, geïnformeerd over tijdstip en locatie van examenonderdelen. art. 2.5 overmacht Studenten die door overmacht niet in staat zijn aan examenonderdelen deel te nemen worden in de gelegenheid gesteld de betreffende onderdelen op een later tijdstip af te leggen. Door de teamexamencommissie worden met betrokkene hierover afspraken gemaakt. art. 2.6 telaatkomers Er bestaat voor telaatkomers geen recht op toelating tot of verlenging van het examenonderdeel. art. 2.7 absentie Indien een student afwezig is bij een examenonderdeel komt hiermee het recht op één van de twee mogelijkheden tot deelname aan een toets zoals vermeld in art. 1.8 te vervallen, tenzij er sprake is van ziekte of overmacht zoals benoemd in art. 2.5. Dit geldt tevens voor studenten die de deelname vanwege laatkomen art. 2.6 is ontzegd. art. 2.8 materiële voorwaarden De teamexamencommissie is verantwoordelijk voor het bieden van in elk geval voldoende materiële omstandigheden en faciliteiten voor de studenten rond examenonderdelen. Hieronder wordt verstaan dat de examenruimte naar temperatuur, verlichting, geluiddichtheid en bescherming tegen onregelmatigheden moet voldoen aan de daaraan in redelijkheid te stellen eisen. Hetzelfde geldt voor de kwaliteit van de individuele werkplek voor de studenten en de materialen en hulpmiddelen, die door de opleiding ter beschikking worden gesteld. Deze verantwoordelijkheid geldt ook voor overeengekomen speciale aanpassingen en faciliteiten voor studenten met een handicap of chronische ziekte. art. 2.9 bewaartermijn en inzagerecht Examenonderdelen en daarbij behorende werkstukken van studenten worden, indien de aard of omvang van die werkstukken dat toelaat, tezamen met de opgaven en de beoordelingcriteria door of namens het bevoegd gezag bewaard. De bewaartermijn bedraagt ten minste één jaar. De termijn gaat in bij het verlaten van de opleiding. Indien de aard van het product dit niet in redelijkheid toestaat, wordt een passend productafschrift gearchiveerd. Gedurende de eerste 10 werkdagen na bekendmaking van de beoordeling van een examen of een examenonderdeel hebben belanghebbenden recht op inzage. Voor zover nodig wordt de inzagetermijn automatisch verlengd door een lopende bezwaar- of beroepsprocedure. De bekendmaking van de beoordeling is pas officieel nadat de student deze schriftelijk heeft ontvangen. Hiertoe worden ook gerekend de periodiek uitgereikte resultatenoverzichten van de behaalde prestaties en ook de publicaties van de resultaten in Trajectplanner. art. 2.10 aangepaste examinering lid 1 De teamexamencommissie is verplicht mogelijkheden te bieden aan studenten met een handicap of een chronische ziekte tot examinering om op een andere wijze, plaats of tijdstip aan het examen deel te nemen. De aangepaste examinering moet voldoen aan toetstechnische eisen zoals validiteit en betrouwbaarheid. Het niveau en de doelstelling van de aangepaste vorm van het examen mogen

niet anders zijn dan de beoogde doelstellingen en het niveau van het oorspronkelijke examenonderdeel. Aangepaste examinering wordt per student schriftelijk vastgelegd, via een aanvulling op de onderwijsovereenkomst. lid 2 Een student met een niet-zichtbare handicap of met een chronische ziekte kan alleen op basis van een verklaring van een ter zake deskundige in aanmerking komen voor een aangepaste wijze van examineren. lid 3 Een student die minder dan 6 jaar onderwijs heeft genoten in Nederland en van wie Nederlands niet de moedertaal is, komt in aanmerking voor aangepaste examinering. lid 4 De student die voldoet aan de criteria voor topsporter, heeft in het bijzonder recht op aanpassing van het voor hem geldende examenrooster, als hij daardoor deel kan nemen aan nationale en internationale kampioenschappen die door de onderhavige sportbond zijn georganiseerd. De student moet een verklaring van een bij het NOC/NSF aangesloten sportbond overleggen waaruit blijkt dat de sporter aangemerkt wordt als topsporter. lid 5 Als een student een aanpassing in de wijze van examineren verlangt, moet hij dat schriftelijk aanvragen als aanpassing niet eerder bij de inschrijving is geregeld. Op basis van de verwachting dat de student op het niveau waarvoor hij wordt opgeleid, naar inhoud en niveau kan functioneren zoals bedoeld is in het kwalificatiedossier, wordt een oplossing gezocht in bijvoorbeeld een technische aanpassing van de examinering of examenduurverlenging. Titel 3: Revisie, bezwaar en beroep art. 3.1 Drie trappen van revisie, bezwaar en beroep Er zijn drie trappen bij revisie, bezwaar en beroep die in onderstaande volgorde moeten worden doorlopen: - Revisie vragen aan de teamexamencommissie (de student vraagt de teamexamencommissie om een beslissing genomen door de teamexamencommissie of een examinator nogmaals te overwegen) - Bezwaar maken bij de mbo college examencommissie - Beroep aantekenen bij de commissie van beroep voor examens art. 3.2 Revisie bij teamexamencommissie lid 1 Een student (en/of zijn wettelijke vertegenwoordiger bij minderjarigheid) kan tegen een besluit van de teamexamencommissie schriftelijk een verzoek tot revisie indienen bij de teamexamencommissie. Het revisieverzoek dient binnen 10 werkdagen te worden ingediend nadat het besluit is genomen. lid 2 Het revisieverzoek wordt altijd gericht tot de teamexamencommissie. In de studiewijzer van de opleiding staat vermeld waar en hoe de student het revisieverzoek kan inleveren. Het revisieverzoek wordt binnen 10 werkdagen behandeld, de uitspraak wordt schriftelijk verstrekt aan de student. art. 3.3 Bezwaar bij de mbo college examencommissie Bij een afwijzing van het revisieverzoek door teamexamencommissie kan de student (en/of zijn wettelijke vertegenwoordiger bij minderjarigheid) vervolgens het bezwaar laten behandelen door de mbo college examencommissie. Het bezwaar moet binnen 10 werkdagen schriftelijk worden ingediend na de uitspraak bij het vorige artikel. Het bezwaar wordt behandeld nadat de teamexamencommissie het bezwaar eerder heeft behandeld. Behandeling van het bezwaar door de mbo college examencommissie vindt binnen 10 werkdagen na indiening plaats, de uitspraak wordt schriftelijk verstrekt aan de student. art. 3.4 Beroep Bij afwijzing van het bezwaar door de mbo college examencommissie kan een student (en/of zijn wettelijke vertegenwoordiger bij minderjarigheid) zich nog wenden tot de commissie van beroep voor

de examens. De leden van deze commissie van beroep voor de examens hebben geen directe binding met de uitvoering van de examens. Het beroep kan pas na afwijzing van het bezwaar en moet binnen 10 werkdagen na de afwijzing van het bezwaar door de mbo college examencommissie, schriftelijk worden ingediend. De schriftelijke uitspraak volgt binnen 10 werkdagen. Het beroep wordt gericht aan de Commissie van beroep voor de examens, Postbus 2584, 1000 CN Amsterdam of Postbus 30131, 1303 AC Almere. Titel 4: Generieke examens en examens onder verantwoordelijkheid van externen art 4.1 generieke examens Nederlands en rekenen Examens die ontwikkeld worden door de centrale overheid, vallen onder de condities die door de centrale overheid zijn bepaald. In geval van afwijkende regels, gelden de regels van de COE (centraal ontwikkelde examens). Afwijkende condities zijn er bijvoorbeeld ten aanzien van toelating en aanmelding, het aantal toetsgelegenheden, regels met betrekking tot de uitslag, het toelaten bij te laat komen, het inzagerecht, de aangepaste examinering bij handicaps waaronder dyslexie, e.d. Studenten zullen voorafgaand aan het examen op de hoogte worden gesteld van deze condities. art 4.2 examens onder verantwoordelijkheid van externen Examens waarbij de school een overeenkomst heeft om deze onder verantwoordelijkheid van een externe organisatie te laten uitvoeren, vallen onder de condities die door deze externe organisatie worden voorgeschreven. Afwijkende condities kunnen zijn bijvoorbeeld ten aanzien van toelating en aanmelding, het aantal toetsgelegenheden, regels met betrekking tot de uitslag, het toelaten bij telaatkoming, het inzagerecht, de aangepaste examinering bij handicaps waaronder dyslexie, e.d. Studenten zullen voorafgaan aan het examen op de hoogte worden gesteld van deze condities. Titel 5: Slotbepalingen art 5.1 onvoorziene situaties In het geval van omstandigheden waarin dit reglement en in het verlengde daarvan de examenprogrammering van de opleiding, niet voorziet, beslist het College van Bestuur in overleg met de betrokken examencommissie. art. 5.2 wijzigingen examenreglement Het ROC behoudt zich het recht voor om dit examenreglement eenzijdig zonder opgaaf van redenen te wijzigen. Op de website van het ROC wordt de meest recente versie gepubliceerd. Op verzoek van een student kan kosteloos een exemplaar van de algemene bepalingen worden toegezonden. Een nieuwe versie van het examenreglement doet alle eerdere bepalingen omtrent hetzelfde onderwerp van rechtswege teniet gaan en partijen kunnen daar dan ook geen rechten meer aan ontlenen. art. 5.3 geldigheid Dit examenreglement geldt vanaf 1 augustus 2011. Indien een examen of een deel van het examen door een externe partij wordt verzorgd, gelden voor zover van toepassing de regels en het reglement die zijn overeengekomen met de externe partij.

17. Overige informatie Bijlage 1. Examencommissie Gezondheidszorg De examencommissie is verantwoordelijk voor de gehele gang van zaken rond het examen. Als je een klacht hebt over een examen, kun je bij de examencommissie je klacht (dit heet officieel een bezwaar) schriftelijk indienen. Het indienen van de klacht moet schriftelijk binnen 10 werkdagen na de handeling waarmee je het niet eens bent. Het formulier hiervoor kun je ophalen bij het secretariaat of downloaden van de website. Binnen 10 werkdagen na ontvangst van je klacht (bezwaar) zal de examencommissie Gezondheidszorg een uitspraak doen. Voorzitter Mevr.M.V.Gigengack Plaats vervangend Voorzitter(s) Secretaris Mevr. A. Groffen Leden Mevr.N.van Dijk Mevr.M.Snoek vacature Het adres van de Examencommissie Gezondheidszorg: t.a.v. de voorzitter M.V.Gigengack Arena 301 1213 NW Hilversum Telefoonnummer 035-6892000 Email mv.gigengack@rocva.nl

Bijlage 2 Bereikbaarheid docenten Naam Naamcodes E-mailadres roosters 1. Maria Gigengack Via secretariaat (Opleidingsmanager) 2. Nicolien van Dijk-Koning HDINI nam.vdijk@rocva.nl 3. Ina Jansen HJAIN w1.jansen@rocva.nl 4. Peter van Kleij HKLPE pc1.vkleij@rocva.nl 5. Lies Korte HKOLI l.korte@rocva.nl 6. Paul Meuwese HMEPA ppm.meuwese@rocva.nl 7. Mieke Snoek HSNMI snoekm1@rocva.nl 8. Maarten van Mourik HMOMA mourikm2@talnet.nl 9. Lisette Pieters (Coördinator HPLIE ew.pieters@rocva.nl 1&2) 10. Erika Pieters HPERI e.pieters@rocva.nl 11. Noelle Oostdam HOONO nam.oostdam@rocva.nl 12. Joke Schuurman HSCJO jh.schuurman@rocva.nl 13. Brit Speet HSPBR b.speet@rocva.nl 14. Leny Tasidjawa HTALE me.tasidjawa@rocva.nl 15. Niels Udo HUDNI n.udo@rocva.nl 16. Linda de Vries (Coördinator HVRLI VriesL@rocva.nl 3&4) 17. Loraine Bazelmans HBALO legm.bazelmans@rocva.nl 18. Leontine van Tielrooy HTILE TielrooyL@rocva.nl 19. Alexandra Goethem HGOAL GoethemA@rocva.nl 20. Anja Groffen HGRAN GroffenA@rocva.nl 21. Jentina Wiegers (BPV HWIJE jcp.wiegers@rocva.nl coördinator) 22. Nardy Kaspers HKANA kaspersn@talnet.nl 23. Heleen van Kuilenburg (secretariaat) h.vkuilenburg@rocva.nl 24. Henrike Toren HTOHE hj.toren@rocva.nl 25. Alma van den Burg HBUAL a.vdburg@rocva.nl 26. Benedicte Taks HTABE bpjm.taks@rocva.nl 27. Eric Turlot HTUER TurlotE@rocva.nl 28. Annika Pullen (Verzuim) PullenA@rocva.nl 29. Fieke Kuipers HKUFI fieke.kuipers@rocva.nl 30. Jesse Philipsen HPHJE jerm.philipsen@rocva.nl 31. Patricia van Berckel HBEPA BerckelP@rocva.nl 32. Marian Jones HJOMA jonesm@talnet.nl

Bijlage 3 Presentieregistratie bij digitale afname van voortgangs-, instellings- en COE examens in het TEX De examenkandidaten zijn door het opleidingsteam tijdig aangemeld voor een afname van een voortgang- of eind examen in het toets en examencentrum. Het TEX controleert de aanmeldingen en genereert a.h.v. geldige inschrijving actuele kandidatenlijst en presentielijst. De opleiding informeert de leerling tijdig en volledig over het examenreglement. Het meenemen van diverse apparatuur in het tex is niet toegestaan. Het meevoeren van mobiele telefoons en andere communicatiemiddelen in de examenruimte is verboden. Jassen en tassen moeten achtergelaten worden bij de garderobe. Het TEX hanteert de regel Niets erin, niets eruit! Indien van toepassing zorgt het tex ervoor dat toegestane hulpmiddelen in voldoende mate aanwezig zijn (pen, papier, calculator, woordenboek etc.) - Een deelnemer dient zich voor afname van een examen te legitimeren middels een geldig identiteitsbewijs in de vorm van een paspoort, identiteitskaart of rijbewijs. Zonder geldig identiteitsbewijs is afname van een voortgangs- of eindexamen niet mogelijk. De deelnemer wordt in dit geval doorverwezen naar de examencommissie van de opleiding om, indien van toepassing, een nieuwe afnamedatum te plannen. NB. De schoolpas is géén geldig identiteitsbewijs, maar dient wel om toegang te verkrijgen tot de school! - Bij binnenkomst van het examenlokaal controleert de surveillant het identiteitsbewijs op geldigheid en ook op zicht (foto) en controleert of de schoolpas aanwezig is. - De kandidaat meldt zich bij de surveillant aan en deze wijst de deelnemer een vaste examenplek toe. - De surveillant registreert de presentie op papieren presentielijst en elektronisch. - De deelnemer laat de identiteitskaart tijdens het examen zichtbaar op de tafel liggen. Surveillanten controleren steekproefsgewijs tijdens het examen de identiteit van de deelnemers (minimaal 25%). - Na afloop van het examen meldt de kandidaat zich voor het verlaten van de examenplek bij de surveillant en tekent voor het verlaten van het examenlokaal de presentielijst. - Toegang tot, en vertrek van het examenlokaal is alleen mogelijk na toestemming van de aanwezige surveillanten of toetsleider. - De deelnemer is verplicht te allen tijde aan instructies van de surveillant gehoor te geven. Bij overtreding van de regels zal het examen afgebroken en ongeldig verklaard worden