UNIFORM EINDEXAMEN MULO 2008



Vergelijkbare documenten
UNIFORM HEREXAMEN MULO 2009

UNIFORM HEREXAMEN MULO 2007

Examentrainer. Vragen vmbo-bk. Scan

UNIFORM EINDEXAMEN MULO 2009

PULO / MULO staatsexamen lesmateriaal Vak: Biologie Les 6

Samenvatting Biologie Regeling

Samenvattingen. Samenvatting Thema 6: Regeling. Basisstof 1. Zenuwstelsel regelt processen:

UNIFORM EINDEXAMEN MULO 2011

Samenvatting Biologie Thema 4:

Oefen Repetitie KGT thema Bloedsomloop

UNIFORM EINDEXAMEN MULO 2010

UNIFORM EINDEXAMEN MULO 2012

DEZE TAAK BESTAAT UIT 40 ITEMS. WEEFSELS EN ORGANEN. De tekening geeft een gewricht met de verschillende delen schematisch weer.

H.6 regeling. Samenvatting

UNIFORM HEREXAMEN MULO 2008

UNIFORM EINDEXAMEN MULO 2007

DEZE TAAK BESTAAT UIT 40 ITEMS. WEEFSELS EN ORGANEN. De afbeeldingen geven twee typen cellen weer. De foto geeft een plant weer.

REGELING. 1 G o e d g e r e g e l d. 2 Z e n u w s t e l s e l

DEZE TAAK BESTAAT UIT 40 ITEMS.

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 6 + 9: Regeling en Gedrag

A. de hersenen en het ruggenmerg B. het hersenvlies en de hersenstam C. het cerebrospinaal vocht en de gevoelszenuwen D. de klieren en de lymfevaten

Samenvatting Biologie voor Jou 2A Thema 4 Waarnemen en regeling

SO Biologie T3: De bloedsomloop

Regeling. Regeling is het regelen van allerlei processen in het lichaam. Regeling vindt plaats via twee orgaanstelsels: Zenuwstelsel.

Toets Anatomie Opleiding Sport en Bewegen. Behaalde punten Hulpmiddelen geen

Werkstuk Biologie Lichaamstelsels

Samenvatting Biologie voor Jou 1B Thema 6 Waarnemen, regeling en gedrag. Zintuig = orgaan dat reageert op prikkels uit de omgeving

Als het bloed uit de holle ader verder stroomt, in welk bloedvat komt het dan?

4,3. Samenvatting door een scholier 1547 woorden 28 februari keer beoordeeld

6,7. Samenvatting door een scholier 1580 woorden 20 juni keer beoordeeld

halvemaanvormige kleppen) Doordat de hartkamers het bloed met kracht wegpompen.

Toelatingsexamens en Ondersteunend Onderwijs

Uitscheiding en afweer

Thema: Transport HAVO. HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] Docent: A. Sewsahai

4 keer beoordeeld 30 mei 2017

Examen VMBO-KB 2005 BIOLOGIE CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 21 juni uur. Bij dit examen horen een uitwerkbijlage en een bijlage.

Examen VMBO-BB. biologie CSE BB. tijdvak 1 woensdag 20 mei uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Van cel tot organisme hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

DEZE TAAK BESTAAT UIT 40 ITEMS. WEEFSELS EN ORGANEN STEVIGHEID. 1 De afbeelding geeft een doorsnede van een stengel schematisch weer.

Examen VMBO-BB 2005 BIOLOGIE CSE BB. tijdvak 12. Naam kandidaat Kandidaatnummer. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Samenvatting Biologie, 8.1 t/m 8.5

Van cel tot organisme vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Naam: BLOEDSOMLOOP. Vraag 1. Waaruit bestaat bloed?

DEZE TAAK BESTAAT UIT 40 ITEMS. WEEFSELS EN ORGANEN. Bij de plant komen verschillende typen weefsels voor.

PLANTEN. Basis maakt de vragen 1 t/m 35. Voor iedere vraag kan 1 punt behaald worden

Cellen aan de basis.

Examen VMBO-KB. biologie CSE KB. tijdvak 1 dinsdag 2 juni uur. Bij dit examen horen een bijlage en een uitwerkbijlage.

1 Stoffen worden omgezet. Stofwisseling is het vormen van nieuwe stoffen en het vrijmaken van energie. Kortom alle processen in organismen.

Capabel Examens 2011 Pagina 1

Biologie ( havo vwo )

5,2. Antwoorden door een scholier 1376 woorden 19 februari keer beoordeeld. Basisstof 1; samenstelling van bloed

7,3. Het zenuwstelsel. Zenuwcellen en zenuwen. Samenvatting door een scholier 1716 woorden 24 februari keer beoordeeld

Algemene anatomie en fysiologie

Basisberoepsgerichte leerweg: Wat moet je kennen voor het Centraal Eindexamen (CE) Biologie VMBO BI/K/3 Leervaardigheden in het vak biologie

1. We ademen om te leven

OMSCHRIJVING LESSTOF

6.5. Opdracht 1. Opdracht 2. Opdracht 4. Boekverslag door K woorden 10 mei keer beoordeeld. Basisstof 1

1. Bloedvatenstelsel geeft zuurstof en glucose aan spierstelsel; water aan uitscheidingstelsel; CO² aan ademhalingsstelsel.

2009 I GT Biologie verzameld NVON-commentaar

Examen VMBO-GL en TL 2005

1) Wat is het verschil tussen de grote en kleine bloedsomloop? 2) Tot welke bloedsomloop behoren je hersenen?

Samenvatting Biologie Biologie Hoofdstuk 9: vertering, ademhaling, verbranding, bloedsomloop

1. Waarvan is DNA een belangrijke bouwstof? A) Van de celmembraan. B) Van de chromosomen. C) Van de kernmembraan.

BASISSTOF 1 HET BLOED OM TE ONTHOUDEN

VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 4VMBO- B Deel 1 en 2 KLAS: 4 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week

VWO HENRY N. HASSENKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP [HHS-SGL] ARTHUR A. HOOGENDOORN ATHENEUM - VRIJE ATHENEUM - AAHA

Paragraaf 6.1 en Osmotische waarde, ph weefselvloeistof, glucosegehalte

Examen VMBO-KB. biologie CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 18 juni uur. Bij dit examen horen een bijlage en een uitwerkbijlage.

Inhoud. Woord vooraf 1 1. Over de auteurs 1 2. Redactionele verantwoording 1 3 Curriculummodel 1 3 Didactisch concept Basiswerken 1 4

Samenvatting Biologie Transport

1. Waar in de cel bevindt zich het centraallichaampje? A) In de celkern. B) In het cellichaam. C) In het celmembraan.

Herhalingsles Het lichaam. Ademhaling. Benoem de aangeduide delen op onderstaande tekeningen aan.

Examen VMBO-BB. biologie CSE BB. tijdvak 1 maandag 23 mei uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Samenvatting Biologie Basisstof 1 tot 10

UITWERKING TOELICHTING OP DE ANTWOORDEN VAN HET EXAMEN 2000 BIOLOGIE MAVO-D NIVEAU: EXAMEN: 2000-I

biologie CSE BB herziene versie

THEMA 8 Opslag, uitscheiding en bescherming EXAMENTRAINER OEFENVRAGEN 4 VMBO-bk. talgklier haarspier. borstelhaar

Examen VMBO-BB. biologie CSE BB. tijdvak 1 woensdag 28 mei uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

1. Een orgaan waarbij stoffen vanuit het interne milieu naar het externe milieu gebracht worden

3. Wat gebeurt er met het kernmembraan in de eerste fase van de celdeling?

1 Planten met bladgroen produceren in het licht organische stoffen. Juist / onjuist 2 Planten met bladgroen gebruiken in het licht anorganische

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 9

Examen VMBO-KB. biologie CSE KB. tijdvak 1 dinsdag 18 mei uur. Bij dit examen horen een bijlage en een uitwerkbijlage.

7. Het gebit De bouw van het gebit Tanden en kiezen noem je gebitselementen. kroon. wortel

OMSCHRIJVING LESSTOF

7,3. Samenvatting door een scholier 2527 woorden 31 maart keer beoordeeld

Normwaarde = is een waarde die je af leest, zoals bij de thermostaat, zie je 19 graden staan dan is dat de normwaarde. Zo warm moet het zijn.

Examen VMBO-KB 2005 BIOLOGIE CSE KB. tijdvak 1 woensdag 1 juni uur. Bij dit examen horen een uitwerkbijlage en een bijlage.

Examentraining Biologie Kader. Maandag 19 mei 2014

Proefexamen ANATOMIE EN FYSIOLOGIE

Hart en bloedsomloop vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

GEZONDHEIDSKUNDE. Het menselijk lichaam

basisstof 1 gaswisseling bij dieren om te onthouden

Samenvatting Biologie 1-1 tot 1-3

Transcriptie:

MINISTERIE VN ONERWIJS EN VOLKSONTWIKKELING EXMENUREU VK : IOLOGIE TUM : WOENSG 09 JULI 2008 TIJ : 07.45 09.00 UUR EZE TK ESTT UIT 40 ITEMS. UNIFORM EINEXMEN MULO 2008 TENZIJ NERS NGEGEVEN, GT HET STEES OVER GEZONE ORGNISMEN EN NORMLE OMSTNIGHEEN. WEEFSELS EN ORGNEN e tekening geeft schematisch een lengtedoorsnede weer van een deel van de slokdarm van de mens. In de slokdarm bevindt zich voedsel. 1 e foto geeft een model van een deel van de mens weer. 2 P 1 2 voedsel Zijn bij P de kringspieren van de slokdarm samengetrokken? Wordt het voedsel bewogen in richting 1 of in richting 2? kringspieren bij P samengetrokken beweging voedsel in richting ja 1 ja 2 nee 1 nee 2 Welk van de aangegeven organen bevindt zich of welke bevinden zich onder het middenrif? alleen 4 alleen 3 en 4 alleen 2, 3 en 4 1, 2, 3 en 4 1 2 3 4

STEVIGHEI Het skelet van bejaarden bestaat uit been met veel kalkzouten en veel lijmstof. veel kalkzouten en weinig lijmstof. weinig kalkzouten en veel lijmstof. weinig kalkzouten en weinig lijmstof. Welke beschrijving van het begrip chitine is juist? hitine is een hoornachtige stof in het inwendig skelet van geleedpotigen. hoornachtige stof in het uitwendig skelet van insecten. kalkachtige stof in het inwendig skelet van slakken. kalkachtige stof in het uitwendig skelet van stekelhuidigen. Twee beweringen over turgor zijn: I II 3 4 5 Turgor is de druk van de celinhoud op de celwand. Turgor geeft stevigheid aan kruidachtige plantendelen. Voor deze beweringen geldt: alleen I is juist. alleen II is juist. I en II zijn beide juist. I en II zijn beide onjuist. VOESEL EN SPIJSVERTERING 6 In de keelholte van de mens kruisen de luchtweg en de voedselweg elkaar. e huig en het strottenklepje zorgen ervoor dat voedsel en lucht op de juiste plaats terechtkomen. Wanneer dit niet gebeurt, kunnen we ons verslikken. Waardoor verslikken we ons? oordat er tijdens het slikken lucht in de slokdarm is gekomen. voedsel in de slokdarm is gekomen. voedsel in de neusholte is gekomen. voedsel in de luchtpijp is gekomen. 7 Op welke wijze maakt het lichaam het grootste deel van de bacteriën in het voedsel onschadelijk? oor de werking van alvleessap. bloedplaatjes. maagsap. witte bloedcellen. 8 Enkele stoffen die bij planten en/of dieren voorkomen zijn: glucose, glycogeen, eiwit en vet. Welke van deze stoffen kunnen voorkomen in cellen van een plant met bladgroen? alleen glucose en vet alleen glucose en glycogeen alleen eiwit en vet glucose, eiwit en vet

SSIMILTIE / ISSIMILTIE Meercellige organismen in een voedselketen kunnen onder andere worden ingedeeld in: planten, planteneters, vleeseters en alleseters. In welke groep komen er organismen voor die voor hun energievoorziening niet afhankelijk zijn van andere? de alleseters de planten de planteneters de vleeseters 9 10 Welke grondstoffen heeft de plant nodig om suiker te maken? water en koolzuurgas water en zouten water en zuurstof zuurstof en koolzuurgas 11 In het schema stellen de pijlen een omzetting voor. 1. water en koolzuurgas glucose en zuurstof 2. glucose en zuurstof water en koolzuurgas 3. glucose glycogeen 4. glycogeen glucose Welke van deze omzettingen kunnen plaatsvinden in cellen van de mensen? alleen 1 en 3 alleen 2 en 4 alleen 1, 3 en 4 alleen 2, 3 en 4 12 In het lichaam van een pasgeborene vinden onder andere de volgende processen plaats: 1. opbouw van eiwitten. 2. verbranding in de spieren. 3. uitscheiding van koolzuurgas via de longen. Welke van deze processen vonden reeds plaats in het lichaam vóór de geboorte? alleen 1 alleen 2 alleen 1 en 2 alleen 2 en 3 GSWISSELING 13 In welk van de hieronder genoemde gevallen zal er lucht door de luchtpijp stromen? lleen als het middenrif omhoog gaat. lleen als het middenrif omlaag gaat. lleen als het middenrif niet beweegt. ls het middenrif zowel omhoog als omlaag gaat. 14 In het schema stellen de pijlen de gaswisseling bij een organisme voor. O 2 organisme O 2 H 2 O Kan dit een organisme zijn met huidmondjes, met longen of met tracheeën? alleen een organisme met huidmondjes alleen een organisme met longen alleen een organisme met tracheeën een organisme met huidmondjes, met longen of met tracheeën

TRNSPORT 15 Uit welk deel van het hart van een mens wordt bloed naar de longen gepompt? oor welk bloedvat stroomt dit bloed? 18 an een sinaasappelboompje hangen twee sinaasappels P en Q. Van de stam wordt op één plaats de bast ringvormig weggesneden tot op het hout (zie tekening). deel van het hart linkerboezem linkerkamer rechterboezem rechterkamer bloedvat holle ader aorta longader longslagader P R ringwond 16 e tekening geeft schematisch de darm met bijbehorende bloedvaten weer. Q R darm stroomrichting van het bloed Welk type bloedvat is R en wat kun je zeggen over het zuurstofgehalte van het bloed in R? bloedvat R is een ader ader slagader slagader 17 het bloed is zuurstofrijk zuurstofarm zuurstofrijk zuurstofarm lcohol die zich in het bloed bevindt, kan ook in de hersenen terechtkomen. Welk bestanddeel van het bloed vervoert de alcohol? de bloedplaatjes het bloedplasma de rode bloedcellen de witte bloedcellen Twee beweringen over opname van stoffen in de twee sinaasappels (nadat de ringwond is aangebracht) zijn: I P kan water opnemen dat afkomstig is uit de bodem. II Q kan koolhydraten opnemen die gevormd worden in blad R. Voor deze beweringen geldt: alleen I is juist. alleen II is juist. I en II zijn beide juist. I en II zijn beide onjuist. UITSHEIING / RESERVE VOESEL 19 Urine gaat bij afvoer uit het menselijk lichaam door verschillende organen. Wat is de juiste volgorde? urineblaas - nierbekken - urineleider - urinebuis urineblaas - urineleider - urinebuis - nierbekken nierbekken - urinebuis - urineblaas - urineleider nierbekken urineleider - urineblaas - urinebuis

20 Hoe ontstaan galkleurstoffen en door welk orgaan worden de galkleurstoffen uitgescheiden? door afbraak van uitgescheiden door rode bloedcellen de galblaas witte bloedcellen de lever rode bloedcellen de lever witte bloedcellen de galblaas 21 Koolhydraten worden in een cassaveplant vervoerd als..1.. en opgeslagen als..2.. Wat moet bij 1 en bij 2 worden ingevuld? bij 1 bij 2 glucose glucose zetmeel zetmeel glucose zetmeel zetmeel glucose HORMONEN 22 Welk orgaan produceert hormonen die de werking van de eierstokken en teelballen regelt? de bijnier de eilandjes van Langerhans de hypofyse de schildklier 23 Welk proces wordt door adrenaline bevorderd? het afnemen van de hoeveelheid glucose in de bijnieren. het omzetten van glucose in glycogeen. het omzetten van glycogeen in glucose het toenemen van de hoeveelheid glycogeen in de bijnieren 24 Waar bevindt zich de schildklier bij de mens? oor hormonen van welke andere hormoonklier(en) wordt de schildklier sterk beïnvloed? de schildklier ligt tegen wordt beïnvloed door hormonen van de de luchtpijp aan eilandjes van Langerhans de slokdarm aan hypofyse de luchtpijp aan hypofyse de slokdarm aan eilandjes van Langerhans 25 Het hormoon dat in de puberteit baardgroei veroorzaakt, wordt geproduceerd door de prostaat. de schildklier. het strottenhoofd. de teelballen. ESHERMING EXTERN MILIEU 26 Welk deel van de huid beschermt de mens tegen infecties? de hoornlaag de kiemlaag de lederhuid het onderhuids bindweefsel ZENUWSTELSEL 27 Waar gaan de impulsen die de kniepeesreflex veroorzaken over van gevoelszenuwcellen op bewegingszenuwcellen? alleen in de kleine hersenen alleen in de grote hersenen alleen in het ruggenmerg in de kleine hersenen, de grote hersenen en het ruggenmerg

28 Welk type zenuwcel kan in zijn geheel in het ruggenmerg gelegen zijn? alleen een bewegingszenuwcel alleen een gevoelszenuwcel alleen een schakelcel zowel een gevoelszenuwcel, een bewegingszenuwcel als een schakelcel ekijk de tekening. 29 31 1 2 3 lampjes e afbeelding geeft schematisch een oog van de mens weer, met lichtstralen die van drie kleine lampjes 1, 2 en 3 afkomen. e lampjes staan veel verder van de proefpersoon af dan in de tekening is weergegeven. Welke van deze lampjes worden met dit oog waargenomen? alleen de lampjes 1 en 2 alleen de lampjes 1 en 3 alleen de lampjes 2 en 3 de lampjes 1, 2 en 3 catcher slagman werper Een honkbalwerper staat klaar voor het gooien van de bal. Hij let goed op de slagman en de catcher en beslist dan hoe hij de bal zal gooien. 32 e tekening is een schematische weergave van de tong. In welk deel van het centrale zenuwstelsel vinden de processen plaats die leiden tot de beslissing hoe hij de bal zal gooien? in de grote hersenen in de hersenstam in de kleine hersenen in het ruggenmerg ZINTUIGEN 30 Wat zal het gevolg zijn van een beschadiging van de oogzenuw? e geleiding van impulsen naar de hersenen zal gestoord zijn. e ooglens zal niet meer kunnen accommoderen. e werking van de kegeltjes en staafjes zal gestoord zijn. Het netvlies zal gaan loslaten. Welk cijfer geeft het gedeelte aan waarmee men zoet kan waarnemen? 1 2 3 4 4 1 2 3

GROEI EN ONTWIKKELING 33 35 e tekening stelt een zaad van een kouseband voor. X Hierboven staat een schematische tekening van een stamper nadat er bestuiving heeft plaatsgevonden. Wat gebeurt er met deel na de bevruchting? Hoe heet het deel dat met de letter X is aangeduid? Wat is de functie van dit deel? X heet kiemwit kiemwit navel navel functie opslag van reservevoedsel bevestiging aan de vrucht bevestiging aan de vrucht opslag van reservevoedsel Het valt na een tijdje af. Het wordt een kiempje. Het wordt een vrucht. Het wordt een zaad. ekijk de tekeningen. 36 34 e tekening is een schematische weergave van de ontwikkeling en groei van cellen. 1 2 dochtercel moedercel dochtercel 1 2 3 4 Welke processen treden er op tussen stadium 3 en 4? celdeling en plasmagroei kerndeling en celdeling kerndeling en celstrekking plasmagroei en celstrekking 3 4 Welke insecten maken tijdens hun ontwikkeling geen popstadium door? alleen 1 alleen 1 en 4 alleen 2 en 3 alleen 3 en 4

MILIEU 37 Welke delen van het milieu in ons land worden vervuild door de goudwinning? alleen het water en de bodem alleen de bodem en de lucht alleen de lucht en het water het water, de bodem en de lucht TROPISHE HYGIENE 38 Gele koorts en dengue zijn tropische ziekten. Hoe heten de overbrengers van deze ziekten? 39 Welk ziekteverschijnsel komt niet voor bij ilharzia? bloedontlasting buikpijn darmafsluiting diarree 40 e besmettelijke fase van de lintworm is het ei. de blaasworm. de jonge larve. de volwassen lintworm. gele koorts edes aegypti nofeles edes aegypti Haemagogus dengue edes aegypti edes aegypti Haemagogus nofeles