Insectenplagen op bomen en klimaatverandering G.A.J.M. Jagers op Akkerhuis/L.G. Moraal H. Siepel, M.J. Schelhaas, G.F.P. Martakis
Wie weet dat nog? Jaren 40: kaalvraat van iepen door de Ringelrups. Een regen van uitwerpselen en glibberige verkeersgevaarlijke massa's platgereden rupsen langs de Amsterdamse grachten. Jaren 50: privévliegtuig van Prins Bernhard voor uitvoeren bespuitingen tegen Dennenbladwesp op de Veluwe. Jaren 60: vliegtuigbespuitingen tegen Bastaardsatijnvlinder in Noord-Brabant.
Monitoring en analyse www.insectenweb.nl Jaarlijkse monitoring van insectenplagen sinds 1946 is een van de langstlopende continue biologische meetreeksen in Nederland. De monitoring wordt uitgevoerd met behulp van een netwerk van ca. 400 vrijwillige waarnemers. Veelheid aan gegevens biedt mogelijkheid tot analyse naar de oorzaken van verschuivingen van plagen.
Op bomen meer insecten dan op andere planten Grootte, vorm en structuur leveren verschillende voedselplekken. Voorspelbare voedselbron. Bovengronds zijn er overwinteringsmogelijkheden.
De ene boom is de andere niet: Totaal aan herbivore insecten per boomgenus wilg eik berk den els beuk es esdoorn plataan paardenkastanje acacia douglasspar 450 420 330 170 140 100 60 40 < 5 < 5 < 5 < 5
Opdringerige plagen: TOP-10 van afgelopen 60 jaar Periodes van 5 jaar -> Mogelijke oorzaken: bosbeheer boomaanplant invasies klimaat
Oude plagen die afnemen...
Dennenbladwesp Diprion pini In jaren 50: PLAAG Nu: VERDWENEN Oorzaak:?
Grote Dennensnuitkever Hylobius abietis In verleden: PLAAG Nu: VERDWENEN Oorzaak: bosbeheer
Oude plagen die toenemen...
Wilgenspinselmot Yponomeuta rorrellus Vroeger: WEINIG Nu: VEELVULDIG Oorzaak: klimaat?
Kleine wintervlinder Operophtera brumata Vroeger: WEINIG Nu: TOENEMEND Oorzaak: strategie eioverwinteraar?
Kleine wintervlinder 250 Aantal meldingen Kleine wintervlinder 200 150 100 50 0 1946 1948 1950 1952 1954 1956 1958 1960 1962 1964 1966 1968 1970 1972 1974 1976 1978 1980 1982 1984 1986 1988 1990 1992 1994 1996 1998 2000 2002 licht matig zwaar
Eikenprachtkever Vroeger: ZZ Nu: tijdelijke PLAAG Oorzaak: zwakke eik
Nieuwe plagen Tegenwoordig hebben we ook te maken met invasies van nieuwe plagen, soms van Zuid- Europese oorsprong, soms van een ander continent.
Roodzwarte dennencicade Haematoloma dorsatum Vroeger: - Nu: SINDS 80 Uit: Z-Europa
Koningsschildluis (Pulvinaria regalis) Vroeger: - Na 80: ALGEMEEN Uit: Azie/VS
Eikenprocessierups Vroeger: ZZ Nu: CONTINU Uit: M/Z-Europa
Eikenprocessierups: 2005 het vijftiende jaar Meldingen Eikenprocessierups 250 200 150 Licht Matig Zwaar 10 0 50 0 2004 1991 1992 1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003
Eikenprocessierups 2003
Paardenkastanjemineermot (Cameraria ohridella) Vroeger: - Nu: INHEEMS Uit: Macedonië?
Paardenkastanjemineermot - (Cameraria ohridella)
Wat is de rol van klimaat? Bij invloed van klimaat verwacht je een vergelijkbaar effect op plagen met dezelfde strategie Welke strategieën zijn er? Bv: aantal generaties, overwinterstadium, dispersie, etc. Wat is het effect van klimaat? neerslag, vocht, temperatuur, schommelingen, timing, etc. etc. Je verwacht in ieder geval effect op groepen met sterke synchronisatie (sterk gebonden aan planten-stadium)
Overlevingsstrategieën amphitook Facultatieve diapauze adult/larve/ei overw Adult max 1 seizoen (plaaginsecten!) Sexueel/arrh. adult overw pre-adult overw larve overw Met synchronisatie asex Obligate diapauze = 1 generatie met synchronisatie sexueel Meerjarige larve (meikever!) ei overw adult/larve/ei overw adult overw pop overw larve overw ei overw
Alle loofhoutinsecten en hun overwintering aantal meldingen op logschaal 2,5 2 1,5 1 0,5 ei-overwinteraars larve-pop-adult-overwinteraars 0 1946-1949 1950-1954 1955-1959 1960-1964 1965-1969 1970-1974 1975-1979 1980-1984 1985-1989 1990-1994 1995-1999 2000-2002
300 250 200 150 100 larve en adult-overwinteraars op eik Bastaardsatijnvlinder Aardappelgalwesp Eikenblaasmijnmot Eikenspintkever Eikenaardvlo Eikenspringkever Eikelboorder Bastaardsatijnvlinder Eikenprachtkever 50 0 1946-1949 1950-1954 1955-1959 1960-1964 1965-1969 1970-1974 1975-1979 1980-1984 1985-1989 1990-1994 1995-1999 2000-2002 en
500 ei-overwinteraars op eik 450 400 350 300 250 200 150 100 50 Eikenkankerluis Eikendwergluis Eikenlichtmot Plakker Eikenproces sierups Groene eikenbladroller Grote wintervlinder Kleine wintervlinder Kleine Wintervlinder Groene Eikenbl-roller Grote Wintervlinder Eikenprocessierups 0 1946-1949 1950-1954 1955-1959 1960-1964 1965-1969 1970-1974 1975-1979 1980-1984 1985-1989 1990-1994 1995-1999 2000-2002
Tussenconclusie: Overwintering als ei tegenwoordig beter dan overwintering als larve, pop of adult Hoe kan dat?
Engeland: Start van de bladontplooiing van eik Bron: www.knmi.nl Timing
Ook in Nederland lopen bomen eerder uit www.dow.wau.nl/msa/natuurkalender Periode 1975-1987 vergeleken met 1988-2000 Beuk 3 dagen eerder Meidoorn 7 Paardenkastanje 12 Vlier 12 Lijsterbes 13 Zomereik 13 Sleedoorn 19 Timing
Temperatuur Temperatuur 1946
Neerslag Neerslag 1946
Wat kan het succes van ei-overwinteraars verklaren? Meer sterfte in zachte (vochtige) winters door schimmelinfecties bij larven, poppen en adulten dan bij eitjes. Meer ademhaling in warme winters bij larven, poppen, adulten energieverbruik minder vetreserves verzwakking. Bomen lopen eerder uit eioverwinteraars zijn goede synchroniseerders (hoe precies?). Meer eiken in NL: maar niet alle plagen van eik reageren positief, dus een klimaateffect is waarschijnlijker De reactie van een hele groep soorten met de zelfde strategie duidt erop dat klimaatverandering (en niet stikstofdepositie of verdroging) een rol speelt.
Meer weten? Insectenplagen en klimaatverandering: * Alterra-rapport 2004, nummer 856 * De Levende Natuur 2003, 104 (3): 90-93. * cd-rom Tree Doctor voor het herkennen van Ziekten & Plagen op bomen * * algemene info: www.insectenweb.nl Wageningen UR
Bedankt voor uw aandacht Wageningen UR
10 9 8 7 6 5 4 3 2 1 0 MAART-gemiddelde temperatuur De Bilt 1946-2002 Temperatuur 1954 1958 1962 1966 1970 1974 1978 1982 1986 1990 1994 1998 2002 1950 graden Celcius 1946