1
AVU (Afvalverwijdering Utrecht) Postbus 3250, 3760 DG Soest Lange Brinkweg 81, 3764 AB Soest Telefoon 035-6032303 Fax 035-6035544 e-mail: info@avu.nl www.avu.nl Bibliografische gegevens AVU afvalmonitoring 2006 2011, toelichting voor de Utrechtse gemeenten op de sorteeranalyses en afvalmonitoring van AVU van 2006 tot en met 2011, Afvalverwijdering Utrecht, december 2012, aangepast 14 februari 2013, 98 pagina s. Het rapport kan worden opgevraagd bij het secretariaat van AVU (secretariaat @ avu.nl) en worden gedownload van avu.nl.
Inhoudsopgave SAMENVATTING AVU AFVALMONITORING 2006-2011 3 1. Inleiding 13 2. Monitoring van huishoudelijk afval 15 2.1. Methodiek in hoofdlijnen 15 2.2. Gegevens bij AVU over ingezamelde en verwerkte hoeveelheden 15 2.3. Aanvullende gegevens bij de gemeenten en het CBS 16 2.4. Onderzoek naar de samenstelling van het restafval met sorteeranalyses 16 2.5. Aanvullend onderzoek naar verpakkingen en klein chemisch afval 17 2.6. Sorteeranalyses van grof huishoudelijk restafval in 2009 17 3. Doelstellingen voor het gescheiden inzamelen van huishoudelijk afval 19 3.1. Aangescherpte algemene doelstelling in het landelijk afvalbeleid 19 3.2. Beoordelen van inzamelresultaten door vergelijken met andere gemeenten 19 3.3. Beoordelen van de samenstelling van het huishoudelijk restafval 21 3.3.1. Beoordelen van de samenstelling van het restafval in procenten 21 3.3.2. Beoordelen van de samenstelling van het restafval in kg per inwoner 22 3.4. Nuttige toepassing door nascheiden van grof restafval in de provincie Utrecht 23 4. Via AVU verwerkte hoeveelheden afval 25 4.1. Via AVU in 2011 verwerkt huishoudelijk afval 25 4.2. Brandbaar afval: huishoudelijk restafval en grof huishoudelijk restafval 25 4.3. Gft-afval 27 4.4. Papier 28 4.5. Glas 30 4.5.1 Verpakkingsglas 30 4.5.2 Vlakglas 30 4.6. Medicijnen en injectienaalden 30 4.7. Bouw- en sloopafval, groenafval, oude metalen en klein chemisch afval 32 5. Door de gemeenten ingezameld huishoudelijk afval 33 5.1. Door de gemeenten ingezamelde afvalstromen en hoeveelheden 33 5.2. De hoeveelheden per afvalstroom en per gemeente 34 5.3. Totaal aan huishoudelijk afval per gemeente 36 5.4. Scheidingspercentages voor afval 40 5.5. Halen en brengen van afval 41 5.6. Ingezamelde hoeveelheden van 1993 tot en met 2011 42 5.7. Gemeentelijk afval (niet huishoudelijk) 45 6. Samenstelling van het huishoudelijk restafval 47 6.1. Uitvoeren van de sorteeranalyses 47 6.2. Samenstelling van het huishoudelijk restafval 48 1
7. Samenstelling van het grof huishoudelijk restafval 51 7.1. Sorteeranalyses van grof huishoudelijk restafval en nieuwe minimumstandaard 51 7.2. Samenstelling van grof huishoudelijk restafval in kg per inwoner 53 7.3. Vergelijking met de resultaten van de scheidingsinstallatie 54 7.4. Vergelijking met de materiaalsamenstelling in 1999 55 7.5. Vergelijking met de samenstelling van huishoudelijk restafval 55 8. Analyses per afvalstroom voor gewoon huishoudelijk afval 57 8.1. Huishoudelijk restafval 57 8.2. Gft-afval (en grof tuinafval) 60 8.3. Papier en karton 63 8.4. Verpakkingsglas 66 8.5. Textiel 67 8.6. Klein chemisch afval (kca) 69 8.7. Kunststof verpakkingen 70 9. Analyses per afvalstroom voor grof huishoudelijk afval 73 9.1. Ingezamelde hoeveelheden grof huishoudelijk afval 73 9.1.1 Grote verschillen in de totale hoeveelheid grof afval 73 9.1.2 Halen en brengen van grof huishoudelijk restafval 73 9.1.3 Gescheiden ingezamelde hoeveelheden en hoeveelheid restafval 74 9.2. Grof huishoudelijk restafval en verbouwingsrestafval 75 9.3. Gescheiden inzamelen van grof huishoudelijk afval: overzicht 76 9.4. Grof tuinafval 77 9.5. Schoon puin 78 9.6. Hout 79 9.7. Schone grond 80 9.8. Apparaten 81 9.9. Metalen 82 9.10. Bruikbaar huisraad 83 9.11. Gips 84 9.12. Vlakglas 84 BIJLAGEN 85 Bijlage 1: Via AVU verwerkte hoeveelheden afval in 2011 (in tonnen en kg/inwoner) 86 Bijlage 2: Door de gemeenten ingezameld afval in 2011 in tonnen (CBS) 87 Bijlage 3: Uitkomsten per sorteeranalyse in procenten van het restafval in 2011 91 Bijlage 4: Uitkomsten van de sorteeranalyses per gemeente in 2011 in kg per inwoner in het restafval 94
SAMENVATTING AVU AFVALMONITORING 2006-2011 AVU afvalmonitoring 2006 2011 Inleiding Dit rapport beschrijft de ontwikkeling van de gescheiden ingezamelde hoeveelheden huishoudelijk afval in de Utrechtse gemeenten. Er is gebruik gemaakt van gegevens van Afvalverwijdering Utrecht (AVU) en van aanvullende gegevens van de gemeenten. Het rapport is een voortzetting van de vroeger door AVU uitgebrachte jaarlijkse toelichtingen op de afvalmonitoring 1. Het bestrijkt de jaren 2006 tot en met 2011. In het rapport zijn de afval gegevens uitgewerkt tot overzichten en tijdreeksen op provincieniveau. Er zijn analyses opgesteld van inzamelmethodes, scheidingspercentages en de inzamelresultaten. Er is geen uitwerking gemaakt naar het afvalbeleid van de gemeenten. Dat past niet goed in een monitoringrapportage en het is geen AVU taak. Doelstellingen voor gescheiden inzamelen In het landelijk afvalbeleid zijn in 2011 de doelstellingen voor de recycling van huishoudelijk afval aangescherpt: het percentage recycling moet toenemen van 50% nu naar 60% tot 65% in 2015. Dit komt landelijk overeen met 1 tot 1,5 miljoen ton extra recycling. De landelijke doelstellingen zijn niet uitgewerkt naar concrete richtlijnen voor afzonderlijke gemeenten; zij kunnen dit zelf invullen. Beoordelen of een gemeente voldoende gescheiden inzamelt gebeurt in de praktijk door benchmarken en door te vergelijken met landelijke of provinciale gemiddelden. In het rapport staan hiervoor de cijfers van 2011 per stedelijkheidsklasse. Ook de samenstelling van het huishoudelijk restafval volgens de sorteeranalyses kan worden beoordeeld door te vergelijken met de uitkomsten in de andere gemeenten. De samenstelling in procenten is omgerekend naar kilogrammen per inwoner in het restafval. Om deze hoeveelheden te kunnen beoordelen zijn door AVU aanvaardbare niveaus afgeleid van de vroegere landelijke richtlijnen voor gescheiden inzamelen. Deze aanvaardbare niveaus kunnen worden gebruikt voor het beoordelen van het inzamelen van gft-afval, papier, glas, textiel, kunststofverpakkingen, apparaten en klein chemisch afval. Daarnaast is afgeleid, welke hoeveelheden gewoon huishoudelijk restafval (< 210 kg/inwoner) en grof huishoudelijk restafval (< 40 kg/inwoner) nog zijn te verwachten als aan de landelijke doelstellingen voor gescheiden inzamelen wordt voldaan. Via AVU verwerkte hoeveelheden afval Via AVU wordt 80% van het door de gemeenten ingezamelde huishoudelijk afval verwerkt. Brandbaar afval is verreweg de omvangrijkste afvalstroom, gevolgd door gft-afval en papier. kton % van totaal Totaal brandbaar afval, waarvan 338,7 64% - Huishoudelijk restafval 284,5 55 % - Grof huishoudelijk restafval 43,2 8,3% - Veeg- en marktafval 8,2 1,6% - Bedrijfsafval 2,7 0,5% Gft-afval 98,0 19% Papier en karton 61,9 12% Glas 27,0 5% Oude medicijnen en injectienaalden 0,1 0,02% Totaal 525,7 100% 1 De eerdere toelichtingen zijn te vinden bij downloads rapporten op de website avu.nl. 3
De hoeveelheid huishoudelijk restafval per inwoner is in 10 jaar afgenomen met 12,5%. Het grof restafval is 22% afgenomen: van 45 kton in 2005 naar 35 kton in 2011. De hoeveelheid gft-afval is in 2011 iets toegenomen, maar gerekend over meer jaren vrijwel constant. Nog niet al het door de gemeenten ingezamelde papier wordt via AVU verwerkt. Dit hangt samen met het geleidelijk aflopen van oude contracten en regelingen. In 2011 is 70,6 kton ingezameld, waarvan 88% via AVU is verwerkt. De hoeveelheid glas fluctueert van jaar tot jaar enigszins, maar is gerekend over een langere periode constant: 27 kton. Medicijnen en injectienaalden worden opgehaald bij apotheken en afvalbrengstations. De hoeveelheid is in zes jaar toegenomen van 66 naar 86 ton; een toename met 30%. Geraamd wordt dat 80% apart wordt ingezameld. Door de gemeenten ingezameld huishoudelijk afval De gemiddelde ingezamelde hoeveelheden per afvalstroom zijn in kg per inwoner: kg per inwoner 250 200 150 100 50 0 De 8 omvangrijkste stromen vormen samen 92% van het afval. Het aantal verschillende afvalstromen dat gescheiden wordt ingezameld verieert per gemeente. De verschillen doen zich voor bij deelstromen van het grof huishoudelijk afval. Het totaal aan huishoudelijk afval varieert van 474 kg per inwoner in Utrecht tot 679 kg in Leusden. Het gemiddelde is 532 kg per inwoner; landelijk is dit 538 kg. In de gemeenten met het meeste afval wordt vooral meer grof huishoudelijk afval ingezameld; de hoeveelheid huishoudelijk restafval is er verhoudingsgewijs laag. In de gemeenten met het minste afval wordt vooral minder afval gescheiden ingezameld en is meer restafval. Voor het totaal aan huishoudelijk afval is de landelijke scheidingsdoelstelling 65% in 2015. Dat wordt alleen in Leusden gehaald. Als rekening wordt gehouden met het nascheiden van grof restafval wordt dit percentage in nog zes gemeenten gehaald. Provinciebreed zou 80 kg per inwoner meer gescheiden moeten worden ingezameld; als rekening wordt gehouden met de nascheiding is dit 48 kg.
Het huishoudelijk afval wordt voor het overgrote deel aan-huis of bij-huis (buurtcontainers) opgehaald. Voor het overige wordt het gebracht naar afvalbrengstations of verzamelcontainers. Vooral de grote afvalstromen worden opgehaald. In totaal word 65% van het afval opgehaald. Het haalpercentage is per gemeente verschillend. Het varieert van 41% in Leusden tot 78% in Eemnes. Het CBS heeft cijfers over de afvalstromen van 1993 tot en met 2011. Ten opzichte van 1993 was gemiddeld voor de provincie - het totaal aan afval per inwoner in 2002 circa 100 kg toegenomen (tot 576 kg); 50 kg hiervan betrof huishoudelijk restafval en verder was het inzamelen van hout, schone grond, puin en grof tuinafval toegenomen. In 2011 was de hoeveelheid weer afgenomen met 50 kg per inwoner; deze afname betreft huishoudelijk restafval en grof huishoudelijk restafval. Opvallende ontwikkelingen per afvalstroom zijn: - De sterke toename van huishoudelijk restafval van 1995 tot 2000 en de geleidelijke afname daarna. - De toename van het inzamelen van oud papier en karton. - De afname van het inzamelen van grof huishoudelijk restafval. - Het inzamelen van hout vanaf 1995. - Het inzamelen van schone grond vanaf 1998. - De afname van het inzamelen van verbouwingsrestafval: dat is waarschijnlijk een gevolg van het meer inzamelen van hout en schone grond. - De start in 2008 van het inzamelen van kunststofverpakkingen. - Het inzamelen van bruikbaar huisraad: van 2001 tot 2004 toegenomen. - Het inzamelen van asbesthoudend afval: eerst sterk toegenomen en sinds 2003 een afname. - Het inzamelen van vlak glas: hiervoor zijn op de afvalbrengstations containers geplaatst. De hoeveelheid neemt geleidelijk toe. Bij de CBS enquête wordt ook gevraagd naar door de gemeenten ingezameld afval, dat niet van huishoudens afkomstig is. Het betreft vooral groenafval en veegafval. In totaal gaat het om 57 kton of 47 kg per inwoner; ongeveer 9% van het totaal aan huishoudelijk afval. Samenstelling van het huishoudelijk restafval Elk jaar wordt in alle Utrechtse gemeenten de samenstelling van het huishoudelijk restafval onderzocht. Hiervoor worden 57 sorteeranalyses uitgevoerd. Per sorteeranalyse wordt het afval van circa 60 huishoudens onderzocht. De gemiddelde samenstelling van het restafval is in de afgelopen 10 jaar weinig veranderd. De drie grootste fracties zijn gft-afval (25%), papier (15%) en kunststoffen (14%). Deze drie fracties vormen samen 54% van het restafval. De samenstelling in 2011 was: 5
Samenstelling huishoudelijk restafval in % (2011) overig 20,0% gft-afval 25,1% zeeffractie 7,5% metalen 3,9% hout 1,9% kca 0,1% steen 2,8% papier en karton 15,4% apparaten 1,0% textiel 3,9% glas 4,7% kunststoffen 13,8% Samenstelling van het grof huishoudelijk restafval Doordat grof huishoudelijk restafval voor een groot deel bestaat uit producten (zoals meubels) die zijn samengesteld uit verschillende materialen, is onderzoek naar de samenstelling minder eenvoudig dan bij gewoon restafval. Bij de aanbesteding van de verwerking van restafval heeft AVU in 2009 de samenstelling onderzocht. Het grof restafval is daarvoor eerst geshredderd, waarna de materiaalsamenstelling kon worden bepaald. De productsamenstelling is niet bepaald. Het verschil in samenstelling bij halen of brengen is wel onderzocht. De minimumstandaard voor het verwerken van grof huishoudelijk restafval is in het LAP-2 gewijzigd van verbranden in sorteren. Het grof huishoudelijk restafval van de gemeenten in de provincie Utrecht wordt al vele jaren gesorteerd in plaats van verbrand. Bij de landelijke discussie hierover kon gebruik worden gemaakt van informatie van AVU. Uitgaande van de sorteeranalyses in 2009 en het ingezamelde grof huishoudelijk restafval in 2011 van 35 kg per inwoner was de samenstelling van het grof huishoudelijk restafval: Samenstelling grof huishoudelijk restafval Fractie In % In kg per inwoner Hout (A, B, C) 28% 9,7 Vloerbedekking 11,6% 4,1 Kunststof Hard 10,3% 3,6 Textiel 9,7% 3,4 Metalen 6,8% 2,4 Karton 4,2% 1,5 Kunststof Folie 4,1% 1,4 Papier 3,7% 1,2 Foam, Eps 3,6% 1,3 Kabels, rubbers, e.d. 3,3% 1,2 Steen 2,0% 0,7 Overig 13% 4,6 Hout is verreweg de grootste fractie. Bij halen bevat het restafval aanzienlijk meer hout (46%) dan bij brengen (18%).
Bij halen zijn de fracties papier, kunststof folie, kunststof hard, steen, glas, zeil, luiers/drankenkartons/gft minimaal. Deze fracties zijn bij brengen 5 tot 10 maal groter. De uitkomsten zijn vergeleken met de resultaten van de scheidingsinstallatie in Utrecht. Circa 80% van het ingevoerde afval wordt daar als materiaal hergebruikt of nuttig toegepast als brandstof; de rest gaat naar een afvalverbrandingsinstallatie. De scheidingsresultaten komen redelijk overeen met de samenstelling van de invoer. Er is ook vergeleken met de samenstelling volgens onderzoek in 1999. De verwachting was dat door de betere afvalscheiding op de afvalaanbiedstations de samenstelling was veranderd en nascheiden minder aantrekkelijk zou zijn geworden. Dat bleek niet het geval te zijn. Er is ook wel gesteld dat door de betere scheiding het grof restafval steeds meer gaat lijken op gewoon huishoudelijk restafval. Dat blijkt niet het geval te zijn. Grof restafval bevat: - heel veel meer hout - veel meer textiel, vloerbedekking en metalen - vergelijkbare hoeveelheden kunststoffen (maar waarschijnlijk anders samengesteld) - veel minder papier en karton, glas en gft-afval dan gewoon huishoudelijk restafval. Analyses per afvalstroom voor gewoon huishoudelijk afval Huishoudelijk restafval De hoeveelheid huishoudelijk restafval is gemiddeld 229 kg per inwoner. Dat is 9 kg meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 210 kg per inwoner. In 11 gemeenten is de hoeveelheid minder dan 210 kg. Leusden is met slechts 149 kg een uitschieter: er wordt heel veel afval gescheiden ingezameld; het is de gemeente met het meeste ingezamelde huishoudelijk afval. Utrecht is de tegenpool: het restafval is het hoogst, terwijl het totaal aan huishoudelijk afval het laagst is. De hoeveelheid huishoudelijk restafval wordt in bijna alle gemeenten geleidelijk minder. Er is geen verband gevonden tussen de hoeveelheid restafval en het aantal inwoners. Er is wel een zwak verband zichtbaar met de stedelijkheidsklasse. Gemiddeld is er minder restafval in stedelijkheidsklasse 3; de spreiding is echter groot. Bij vergelijken met de landelijke gemiddelden valt op dat: - De gemiddelde hoeveelheid in de provincie overeenkomt met het landelijk gemiddelde. - Voor stedelijkheidsklasse 1 (gemeente Utrecht) de hoeveelheid duidelijk minder is. - Voor de stedelijkheidsklassen 2 en 3 de hoeveelheid goed overeenkomt. - Voor 4 en 5 de hoeveelheid duidelijk meer is; mogelijk doordat veel van deze gemeenten buiten Utrecht tariefdifferentiatie toepassen, en daardoor weinig restafval hebben. Er is duidelijk minder restafval als er meer gescheiden wordt ingezameld. Dat is zowel zichtbaar voor het totaal aan gescheiden ingezameld gewoon afval (gft-afval + papier + glas + textiel + kca + kunststofverpakkingen) als voor gft-afval, papier en glas afzonderlijk. Volgens de trendlijn is er 12 kg minder restafval als er 10 kg meer gescheiden wordt ingezameld (per inwoner). Gezien de grote spreiding in de uitkomsten is dat een ruwe benadering. Gft-afval en grof tuinafval De hoeveelheid gft-afval is gemiddeld 80 kg per inwoner; 3 kg meer dan het landelijk gemiddelde. Utrechtse Heuvelrug is met 154 kg koploper. In Utrecht wordt het minste gftafval ingezameld (30 kg), wat gezien het zeer stedelijke karakter niet verrassend is. Zoals te verwachten, wordt in de landelijke gemeenten meer ingezameld dan in de meer stedelijke. De spreiding in de ingezamelde hoeveelheden is echter groot. Per jaar fluctueren de hoeveelheden gft-afval enigszins, maar er is geen duidelijke trend. 7
In de gemeenten met veel restafval wordt minder gft-afval en minder grof tuinafval ingezameld, en komt meer gft-afval in het restafval terecht. Het totaal aan groenafval is minder in de (stedelijke) gemeenten met veel restafval. Dat is in lijn met de verwachting. Papier en karton De ingezamelde hoeveelheid papier is gemiddeld 57 kg per inwoner; 6 kg minder dan het landelijk gemiddelde. In Lopik (94 kg) wordt het meest ingezameld, in Utrecht het minst (40 kg). Zoals te verwachten, wordt in de landelijke gemeenten meer ingezameld dan in de stedelijke. De spreiding in de ingezamelde hoeveelheden is echter groot. Hoe meer papier wordt ingezameld, hoe minder in het restafval wordt aangetroffen. Het totaal aan papier per gemeente varieert wel, maar er is geen verband met de hoeveelheid restafval. De hoeveelheid herbruikbaar papier in het restafval van 39 kg per inwoner is meer dan het AVU-aanvaardbaar niveau van gemiddeld 30 kg per inwoner. Provinciebreed zou circa 10 kg per inwoner meer papier moeten worden ingezameld. Voor de stedelijkheidsklassen 1 en 2 is bij 2 van de 5 gemeenten minder papier in het restafval aangetroffen dan het AVU aanvaardbaar niveau van 40 kg. Voor de stedelijkheidsklassen 3, 4 en 5 is bij slechts 1 van de 21 gemeenten minder papier in het restafval aangetroffen dan het AVU aanvaardbaar niveau van 20 kg voor deze stedelijkheidsklassen. De hoeveelheid papier is gerekend over de afgelopen 10 jaar weinig veranderd. Er waren wel fluctuaties in de hoeveelheden: van 52 kg in 2003 tot 66 kg in 2007. De afname na 2008 wordt geweten aan de financiële crisis, waardoor minder papier wordt gebruikt. Verpakkingsglas De ingezamelde hoeveelheid glas is gemiddeld 22 kg per inwoner; 1 kg meer dan het landelijk gemiddelde. In Woudenberg (36 kg) wordt het meest ingezameld, in Renswoude het minst (16 kg). In 8 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Hoe meer glas wordt ingezameld, hoe minder in het restafval wordt aangetroffen. De spreiding in de cijfers voor glas is groot. In alle gemeenten is de hoeveelheid glas in het restafval meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 5 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde is 11 kg. Er zou dus 6 kg per inwoner meer moeten worden ingezameld. De ingezamelde hoeveelheid glas is de afgelopen jaren nauwelijks veranderd. Om het inzamelen van glas te verbeteren is blijkbaar extra beleid nodig. Textiel De ingezamelde hoeveelheid textiel is gemiddeld 3,7 kg per inwoner; 0,4 kg (10%) minder dan het landelijk gemiddelde van 4,1 kg. In Bunnik (5,8 kg) wordt het meest ingezameld, in Baarn (0 kg), Nieuwegein (1,7 kg) en Oudewater (2 kg) het minst. In 17 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. De inzamelcijfers voor textiel kunnen vertekend zijn: in veel gemeenten wordt textiel ingezameld door charitatieve organisaties en de inzamelcijfers van deze organisaties worden niet altijd geregistreerd bij de gemeenten. Er is geen verband met het restafval waarneembaar voor het ingezamelde textiel. De hoeveelheid in het restafval neemt wel toe als er meer restafval is (en het totaal dus ook). De spreiding in de cijfers is groot. De hoeveelheid textiel in het restafval is in alle gemeenten meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 5 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde is 9 kg. Er zou 4 kg per inwoner meer moeten worden ingezameld; anders gezegd: twee maal zo veel als nu. In 10 jaar is de ingezamelde hoeveelheid textiel geleidelijk toegenomen van 3 naar 4 kg per inwoner.
Klein chemisch afval De ingezamelde hoeveelheid klein chemisch afval (kca) is gemiddeld 1,3 kg per inwoner; hetzelfde als het landelijk gemiddelde. In Woudenberg (2,6 kg) en Lopik (2,5 kg) wordt het meest ingezameld. Het minst wordt ingezameld in Stichtse Vecht (0,16 kg). In 9 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Er is geen verband met het restafval waarneembaar. De spreiding in de cijfers voor het inzamelen is relatief groot. De hoeveelheid kca in het restafval is in slechts 3 van de 26 gemeenten meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 0,25 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde (0,14 kg) is ook duidelijk minder. Blijkbaar wordt het kca voldoende gescheiden ingezameld. In 10 jaar is de ingezamelde hoeveelheid klein chemisch afval weinig veranderd Kunststof verpakkingen De ingezamelde hoeveelheid kunststof verpakkingen is gemiddeld 4,4 kg per inwoner; 1,5 kg minder dan het landelijk gemiddelde van 5,9 kg per inwoner. In Rhenen (8,5 kg) en Montfoort (8,3 kg) wordt het meest ingezameld. Het minst wordt ingezameld in Utrecht (1,8 kg). In 14 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Er wordt meer gescheiden ingezameld in de gemeenten met weinig restafval. De hoeveelheid kunststof verpakkingen in het restafval is in 11 van de 26 gemeenten meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 20 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde (22 kg) is 2 kg meer. Er zou dus 1 à 2 kg meer moeten worden ingezameld. Het totaal aan kunststofverpakkingen per gemeente verschilt betrekkelijk weinig. Bij de sorteeranalyses is eerder onderzoek gedaan naar de vervuiling met aanklevend vuil en productresten. Die bleek circa 30% te zijn. In 2011 is daarvoor gecorrigeerd. De ingezamelde hoeveelheid is maar een fractie (13%) van het totaal. Het gescheiden inzamelen van kunststof verpakkingen is gestart in 2008. Na een grote toename in 2010 volgde een kleine afname in 2011. De cijfers van 2012 zullen duidelijk maken in welke richting de ontwikkeling gaat. Analyses per afvalstroom voor grof huishoudelijk afval Hoeveelheid grof huishoudelijk afval totaal Gemiddeld is er 135 kg per inwoner grof huishoudelijk afval ingezameld. Er zijn grote verschillen tussen de gemeenten in de ingezamelde hoeveelheid. Uitschieters zijn Eemnes met 77 kg en Leusden met 325 kg. Ook per afvalstroom zijn er grote onderlinge verschillen. Voor deze verschillen is geen algemene verklaring bekend. Halen en brengen van grof huishoudelijk restafval In bijna alle gemeenten wordt het grof huishoudelijk restafval op afroep aan-huis opgehaald; alleen in De Bilt en Montfoort werd het tot 2012 nog huis-aan-huis opgehaald. In De Ronde Venen, Leusden, Lopik, Soest, Oudewater en Vianen moet worden betaald voor het ophalen ( 25 tot 34 per keer). In Bunschoten wordt het niet opgehaald. In Baarn en Woudenberg wordt het opgehaald door het kringloopcentrum. In alle gemeenten behalve in Renswoude kan grof restafval worden gebracht naar het afvalaanbiedstation. In Wijk bij Duurstede moet 10 per ¼ m 3 worden betaald bij brengen. Zoals te verwachten is wordt bij halen=betalen nog nauwelijks grof huishoudelijk restafval opgehaald. Het totaal aan afval wijkt echter niet af van dat in andere gemeenten. 9
Gescheiden ingezamelde hoeveelheden en hoeveelheid grof restafval Het is opvallend dat in de gemeenten met weinig grof restafval niet duidelijk meer grof afval gescheiden wordt ingezameld. In Leusden en Bunschoten wordt veel restafval en veel gescheiden ingezameld. In Leusden wordt heel veel grof tuinafval ingezameld; in Bunschoten veel grof tuinafval, hout en schoon puin. Grof huishoudelijk restafval en verbouwingsrestafval In alle gemeente wordt grof huishoudelijk restafval ingezameld. In de helft van de gemeenten wordt ook verbouwingsrestafval apart ingezameld. De ingezamelde hoeveelheden verschillen sterk per gemeente. Het is aannemelijk dat er minder wordt ingezameld als het aanbiedingsstation beperkt open is, en meer als het afval huis-aan-huis wordt opgehaald. Er is soms ook sprake van instroom van bedrijfsafval, maar concrete informatie daarover ontbreekt. Het ingezamelde verbouwingsafval is aanzienlijk minder dan het gewone grof huishoudelijk restafval. In gemeenten waar dit niet wordt geaccepteerd, zal een deel terechtkomen in het gewone grof huishoudelijk restafval en een deel worden aangeboden bij andere, particuliere verwerkers. Gescheiden inzamelen van grof huishoudelijk afval: overzicht Bij het gescheiden inzamelen van grof huishoudelijk afval worden 21 verschillende stromen onderscheiden. Per gemeente wordt een deel daarvan daadwerkelijk gescheiden ingezameld. Gerangschikt naar hoeveelheden betreft het gemiddeld: kg per inwoner 1 Grof tuinafval 25 2 Schoon puin 25 3 Hout A en B 20 4 Hout C 1,5 5 Schone grond 7,7 6 Apparaten 6,3 7 Metalen 5,1 8 Bruikbaar huisraad 1,9 9 Gips 1,2 10 Dakbedekking 0,9 11 Vlakglas 0,7 12 Overige kunststoffen 0,6 13 Asbesthoudend afval 0,4 14 Autobanden 0,2 15 Luiers 0,1 16 Vloerbedekking 0,0 17 Gasflessen en brandblussers 0,0 18 Overig asfaltpuin 0,0 19 Overig frituurvet 0,0 20 Overig non ferro 0,0 21 Overig kadavers 0,0 Totaal 97 In totaal is dit 97 kg per inwoner; het leeuwendeel (74%) wordt gevormd door grof tuinafval, schoon puin en hout.
Voor de 9 afvalstromen met gemiddeld meer dan 1 kg per inwoner en voor vlakglas (in verband met producentenverantwoordelijkheid) is een analyse gemaakt: Grof tuinafval In alle gemeenten wordt grof tuinafval gescheiden ingezameld. De hoeveelheden verschillen enorm: van 4 kg per inwoner in Eemnes, 6 in Utrecht en 7 in Wijk bij Duurstede tot 198 kg in Leusden, 105 in Renswoude en 103 in Bunschoten. Gemiddeld wordt 25 kg ingezameld. Voor het verklaren van de verschillen kan worden gedacht aan verschillen in stedelijkheidsklasse, inzamelmethodiek en de instroom van gemeentelijk groenafval. Er is geen duidelijk verband met de ingezamelde hoeveelheid gft-afval. De hoeveelheid grof tuinafval neemt niet toe- of af als er meer of minder gft-afval wordt ingezameld. Schoon puin - Ingezameld: 25 kg per inwoner - In het restafval: 5 - In grof restafval: 0,7 - Verbouwingsrestafval: 5 kg, waarvan een onbekend deel puin In alle gemeenten wordt schoon puin gescheiden ingezameld. De hoeveelheid is gemiddeld hetzelfde als voor grof tuinafval: 25 kg per inwoner. De verschillen zijn echter veel minder groot: van 4 kg per inwoner in Renswoude en 8 kg in Stichtse Vecht tot 48 kg in Bunschoten en 47 kg in De Bilt. Ook bij deze afvalstroom is er geen verklaring voor de verschillen. Bij de sorteeranalyses van het huishoudelijk restafval is ook de hoeveelheid steenachtig materiaal bepaald. Gemiddeld was dit 5,2 kg per inwoner. Dat is veel minder dan de gescheiden ingezamelde hoeveelheid. Er blijkt nauwelijks een verband tussen de ingezamelde hoeveelheid en de hoeveelheid in het restafval. Het is dus niet zo dat als er minder puin door de gemeente wordt ingezameld, dit puin in het restafval terecht komt. Bij het onderzoek naar de samenstelling van grof huishoudelijk restafval is gevonden dat dit gemiddeld circa 0,7 kg per inwoner steen bevat. Een klein deel (circa 2%) van het puin komt dus in het grof huishoudelijk restafval terecht. Hout - Ingezameld: 22 kg per inwoner - In het restafval: 4 - In grof restafval: 10 In alle gemeenten, behalve Eemnes, wordt schoon en licht verontreinigd hout (A- en B-hout) ingezameld; gemiddeld 20 kg per inwoner. De hoeveelheid varieert van 0 kg in Eemnes, 5 kg in Montfoort, 5 kg in Renswoude en 6 kg in Baarn tot 34 kg in Bunschoten en in Lopik. Voor deze verschillen is geen directe verklaring. In 18 gemeenten wordt ook verontreinigd hout (hout C) apart ingezameld. De gemiddelde hoeveelheid is 1,5 kg, dus veel minder dan A- en B-hout. Bij de sorteeranalyses van huishoudelijk restafval is ook het aandeel van hout bepaald; gemiddeld is 4 kg per inwoner in het restafval gevonden. Dat is veel minder dan de ingezamelde hoeveelheid. Als er meer hout gescheiden wordt ingezameld, is er iets minder hout in het restafval, maar het verband is zwak. Bij de sorteeranalyses van grof huishoudelijk restafval is gevonden dat dit gemiddeld circa 10 kg per inwoner hout bevat Een groot deel (bijna 30%) van het hout komt dus in het grof restafval terecht. Via de scheidingsinstallatie wordt dit hout grotendeels hergebruikt. 11
Schone grond In 11 gemeenten wordt schone grond geaccepteerd op het afvalaanbiedstation. Gemiddeld is dit 7,7 kg per inwoner. De hoeveelheid varieert van 4,2 kg in Nieuwegein tot 21,2 kg in Houten. Voor de verschillen is geen verklaring. Apparaten - Ingezameld: 5,3 kg per inwoner - In het restafval: 2,2 kg per inwoner In alle gemeenten worden elektrische en elektronische apparaten (wit- en bruingoed) gescheiden ingezameld; gemiddeld is dit 5,3 kg per inwoner. De hoeveelheid varieert van 2 kg in Renswoude tot 10,7 kg in De Ronde Venen en 9,8 kg in Lopik. De apparaten worden verwerkt via de branche-organisaties. De gemeenten ontvangen een vergoeding voor het nzamelen. Oude apparaten kunnen bij aanschaf van een nieuw worden ingeleverd bij de detailhandel. Dat kan voor een deel de verschillen per gemeente verklaren. Voor apparaten in het restafval is het AVU-aanvaardbaar niveau 1 kg per inwoner. In slechts 3 gemeenten is de hoeveelheid minder. De gemiddelde hoeveelheid in het restafval is 2,2 kg. Er zou circa 1 kg per inwoner meer moeten worden ingezameld. Hoe meer apparaten worden ingezameld, hoe minder in het restafval wordt gevonden, maar het verband is zwak. Metalen - Ingezameld: 5,1 kg per inwoner - In het restafval: 8,4 - In grof restafval: 2,4 In alle gemeenten op 3 na worden metalen ingezameld. De hoeveelheid is gemiddeld 5,1 kg per inwoner, en varieert van 0,6 kg in Montfoort tot 9,8 kg in De Bilt en 9,3 kg in Leusden. Er is geen directe verklaring voor de verschillen. Oude metalen brengen geld op. Daardoor zullen burgers oude metalen ook naar oud ijzer handelaren brengen. De hoeveelheid in het huishoudelijk restafval is gemiddeld 8,4 kg per inwoner, dat is duidelijk meer dan de gescheiden ingezamelde hoeveelheid! Circa 25% van deze metalen is non-ferro. Er blijkt nauwelijks een verband te zijn tussen de gescheiden ingezamelde hoeveelheid metalen en de hoeveelheid in het restafval. De verklaring is dat de metalen in het restafval vooral bestaan uit verpakkingsblik, dat in de praktijk niet wordt aangeboden als oud ijzer. Bij de sorteeranalyses van grof huishoudelijk restafval is gevonden dat dit gemiddeld circa 2,4 kg per inwoner metalen bevat. Een klein deel (15%) van de metalen komt dus in het grof huishoudelijk restafval terecht. Via de scheidingsinstallatie worden deze metalen hergebruikt. Bruikbaar huisraad In 8 van de 26 gemeenten wordt bruikbaar huisraad gescheiden ingezameld en als zodanig door de gemeente geregistreerd. Het is waarschijnlijk dat in meer gemeenten bruikbaar huisraad ook wordt ingezameld door kringloopcentra. Dat is niet verder onderzocht. Gips Gips wordt in de helft van de gemeenten gescheiden ingezameld. In Bunschoten en Lopik wordt het meest ingezameld. Vlakglas In alle gemeenten wordt vlakglas gescheiden ingezameld. Hiervoor staat op de afvalaanbiedstations een speciale, van de branche-organisatie gehuurde container. De branche verzorgt gratis de verwerking. De ingezamelde hoeveelheid per gemeente varieert van 0,4 kg per inwoner tot 2,5 kg. Het gemiddelde is 0,7 kg per inwoner.
1. Inleiding Het gescheiden inzamelen van huishoudelijk afval is één van de kerntaken van de gemeenten. Dit rapport beschrijft voor de Utrechtse gemeenten de ontwikkeling van de gescheiden ingezamelde hoeveelheden afval en de resterende hoeveelheden in het huishoudelijk restafval. Er is gebruik gemaakt van gegevens van Afvalverwijdering Utrecht (AVU) en van het CBS. AVU verzorgt de verwerking van het grootste deel van de afvalstoffen, die door de Utrechtse gemeenten worden ingezameld. Daarnaast laat AVU elk jaar in alle Utrechtse gemeenten sorteeranalyses van het huishoudelijk restafval uitvoeren. Het CBS verzamelt ieder jaar van alle gemeenten de gegevens over de verwerkte huishoudelijke afvalstoffen. Het rapport is een voortzetting van de in het verleden door AVU uitgebrachte toelichtingen op de afvalmonitoring 2. In afwijking van de eerdere jaarlijkse toelichtingen bestrijkt dit rapport de jaren 2006 tot en met 2011. Door enkele omvangrijke aanbestedingen en een capaciteitsprobleem binnen AVU zijn de afgelopen jaren geen toelichtingen uitgebracht. De achterliggende gegevens zijn echter wel elk jaar toegestuurd aan de gemeenten, en ook uitgewerkt in de jaarrekeningen van AVU. In het rapport zijn de gegevens van de gemeenten op provincieniveau geanalyseerd. Er is vooral gezocht naar ontwikkelingen in de hoeveelheden en samenstelling, en naar verbanden tussen het gescheiden inzamelen en de resterende hoeveelheden in het restafval. Er is geen uitwerking gemaakt naar het afvalbeleid van de gemeenten. Dat past niet goed in een monitoringrapportage en het is geen AVU taak. 2 De eerdere toelichtingen zijn te vinden bij downloads rapporten op de website avu.nl. 13
2. Monitoring van huishoudelijk afval 2.1. Methodiek in hoofdlijnen Voor de indeling en definities van afvalstromen is gebruik gemaakt van de aanpak bij de landelijke monitoring van huishoudelijk afval door het CBS. Voor bijna alle afvalstromen worden de hoeveelheden gewogen. De weeggegevens worden vooral gebruikt voor de financiële afhandeling. De gegevens over de ingezamelde en verwerkte hoeveelheden afval komen voor een deel beschikbaar bij de gemeenten en voor een deel bij AVU. De samenstelling van het huishoudelijk restafval wordt elk jaar in alle gemeenten in opdracht van AVU via sorteeranalyses onderzocht. In dit monitoringrapport zijn deze gegevens uitgewerkt tot overzichten en tijdreeksen op provincieniveau. Daarnaast zijn verschillende analyses opgesteld van inzamelmethodes, scheidingspercentages en voor de belangrijkste afvalstromen van de inzamelresultaten. De methodiek voor de monitoring is uitgebreider beschreven in de voorgaande monitoringrapportages van AVU. Deze kunnen worden gedownload van avu.nl. 2.2. Gegevens bij AVU over ingezamelde en verwerkte hoeveelheden De verwerking van veel gemeentelijke afvalstromen gebeurt in de provincie Utrecht via de gemeenschappelijke regeling AVU. De administratie van deze taken leidt tot veel gegevens over ingezamelde en verwerkte hoeveelheden. Als onderdeel van de financiële afhandeling en de operationele afstemming wisselt AVU deze gegevens met iedere gemeente uit. De gemeenten kunnen de meeste cijfers over de ingezamelde hoeveelheden controleren op de website van AVU. In de Jaarrekeningen van AVU staan de via AVU verwerkte hoeveelheden afval per gemeente voor: - Huishoudelijk restafval 3 - Grof huishoudelijk restafval 4 - Gft-afval - Papier en karton (niet voor alle gemeenten) - Glas (van verpakkingen) - Injectienaalden en oude medicijnen (alleen de totale hoeveelheid in de provincie) De AVU-gegevens van 2011 over de verwerkte hoeveelheden afval per gemeente staan in Bijlage 1 van dit rapport. De gegevens van de voorgaande jaren kan men vinden in de jaarrekeningen van AVU en de N.V. AVU. 3 Voor enkele gemeenten ook over apart aangeleverd veegvuil, marktafval en bedrijfsafval (Utrecht en Veenendaal). Dit is niet meegenomen in deze rapportage. 4 Voor Baarn en Eemnes is het grof restafval van kringloopbedrijven apart geregistreerd. Het is hier bij de gemeente meegeteld. 15
2.3. Aanvullende gegevens bij de gemeenten en het CBS In aanvulling op de gegevens van AVU hebben de gemeenten gegevens over: - Ingeleverde hoeveelheden bij het afvalbrengstation - Opgehaalde hoeveelheden bij aparte inzamelacties (bijvoorbeeld voor grof tuinafval) - Hoeveelheden van ondersteunende organisaties: kringloopcentrum en charitatieve inzamelaars van textiel - Via producentenorganisaties verwerkt afval: apparaten, vlak glas, kunststof verpakkingen - Het afval van eigen diensten. De gemeenten geven elk jaar de ingezamelde hoeveelheden op aan het CBS. Zij zijn wettelijk verplicht om mee te werken aan deze enquête Van gemeentewege ingezameld afval. Het vragenformulier van het CBS biedt een belangrijke structuur voor de registratie van het afval. Voor het afval wordt een indeling gehanteerd in afvalcomponenten volgens een toelichting bij de enquête 5. Deze structuur is ook bij deze rapportage gebruikt. 2.4. Onderzoek naar de samenstelling van het restafval met sorteeranalyses Afvalverwijdering Utrecht (AVU) laat elk najaar in alle Utrechtse gemeentes sorteeranalyses van huishoudelijk restafval uitvoeren door Eureco BV. Er worden in totaal 57 sorteeranalyses uitgevoerd. Het aantal analyses is afhankelijk van het inwoneraantal van de gemeente: - Tot 20.000 inwoners 1-20.000 tot 50.000 inwoners 2-50.000 tot 100.000 inwoners 3-100.000 tot 200.000 inwoners 4 - Meer dan 200.000 inwoners 6 Op verzoek worden in enkele gemeenten extra analyses uitgevoerd (tegen betaling). Voor iedere sorteeranalyse wordt een monster verzameld bij circa 40 huishoudens waarvan vervolgens circa 750 kilogram restafval wordt gesorteerd. De resultaten van de sorteeranalyses worden elk jaar door Eureco beschreven in de rapporten Sorteeranalyses huishoudelijk restafval in de provincie Utrecht. - Najaar 20xx. Deze rapporten worden door AVU aan de gemeenten gezonden. De uitkomsten van de sorteeranalyses zijn per gemeente als losse bijlage aan de rapporten toegevoegd. In de jaarrekeningen van AVU staat een overzicht van de ontwikkeling van de samenstelling van het restafval. AVU rekent de procentuele samenstelling van het restafval om naar hoeveelheden (in kg per inwoner). In een bijlage van de jaarrekening staat een tabel met per gemeente de samenstelling van het restafval in kg per inwoner. 5 In deze rapportage zijn dezelfde omschrijvingen voor afvalstoffen van het CBS aangehouden.
2.5. Aanvullend onderzoek naar verpakkingen en klein chemisch afval In 2006 en 2007 is bij 25 sorteeranalyses extra onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van verpakkingen en met name kunststof. In 2007 is ook extra onderzoek gedaan naar klein chemisch afval. De resultaten hiervan zijn beschreven in de rapportages van Eureco. 2.6. Sorteeranalyses van grof huishoudelijk restafval in 2009 Als onderdeel van de voorbereiding van de aanbesteding voor het verwerken van restafval zijn in 2009 speciale sorteeranalyses uitgevoerd van grof huishoudelijk restafval. De resultaten daarvan zijn uitgewerkt in paragraaf 7.1. 17
3. Doelstellingen voor het gescheiden inzamelen van huishoudelijk afval 3.1. Aangescherpte algemene doelstelling in het landelijk afvalbeleid In het landelijk afvalbeleid zijn in augustus 2011 aangescherpte doelstellingen geformuleerd voor de recycling van huishoudelijk afval. Het percentage recycling moet toenemen van 50% nu naar 60% tot 65% in 2015 6. Dit komt landelijk overeen met 1 tot 1,5 miljoen ton extra recycling. Het moet worden bereikt door meer recycling van: - Kunststofverpakkingsafval: + 2% (200 kton) - Textiel: + 0,7% (70 kton) - Kleine elektr(on)ische apparatuur: + 0,3% (30 kton) - Overige stromen, met name gft-afval en papier: + 5% tot 10% (500 tot 1.000 kton) - Grof huishoudelijk restafval: + 3% (300 kton) De verantwoordelijkheid voor het realiseren ligt bij de gemeenten en voor een deel van de afvalstromen ook bij producenten (verpakkingen, papier, apparatuur). De NVRD 7 heeft in een advies aan de Staatssecretaris voorgesteld om resultaatverplichtingen voor de gemeenten vast te stellen voor de hoeveelheden restafval per inwoner en afhankelijk van het percentage hoogbouw 8. De VNG heeft terughoudend gereageerd, met als argument dat het realiseren ook een verantwoordelijkheid van het verpakkende bedrijfsleven betreft. In het tweede Landelijk afvalbeheerplan 2009 2021 (zie lap2.nl) was nog als scheidingsdoelstelling voor huishoudelijk afval opgenomen 60%. Dit was als volgt omschreven: Verhogen van de nuttige toepassing van het totaal aan huishoudelijk afval van 51% in 2006 naar 60% in 2015. In diverse besluiten zijn doelstellingen opgenomen voor te bereiken percentages nuttige toepassing van afzonderlijke afvalstoffen, zoals verpakkingen, batterijen en elektr(on)ische apparatuur. Er worden aanvullend aan deze wettelijk vastgelegde doelstellingen geen andere doelstellingen voor afzonderlijke afvalstoffen vastgelegd. Dat betekent dat gemeenten een bepaalde mate van vrijheid hebben bij het behalen van de doelstelling van 60%. In het LAP staat ook welke deelstromen van huishoudelijk afval door huishoudens dienen te worden gescheiden en welke niet. Hierbij is kunststofverpakkingsafval van consumenten toegevoegd. In het eerste LAP werd het scheiden van kunststoffen nog als te duur en complex beoordeeld. 3.2. Beoordelen van inzamelresultaten door vergelijken met andere gemeenten Zoals gezegd zijn de landelijke doelstellingen niet uitgewerkt naar concrete richtlijnen voor de gescheiden in te zamelen afvalstromen: de gemeenten kunnen dit zelf invullen. Het gevolg daarvan is dat het moeilijk is om te beoordelen of een gemeente voldoende gescheiden inzamelt. In de praktijk gebeurt het beoordelen van de inzamelresultaten vooral 6 Meer waarde uit afval, brief met bijlage van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu aan de Tweede Kamer d.d. 25 augustus 2011. 7 De NVRD is de branche organisatie van inzamelbedrijven en reinigingsdeskundigen. 8 Hoe kunnen we 2/3 van het huishoudelijk afval recyclen?, advies aan de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, mei 2012, werkgroep van de NVRD, Arnhem 19
Totaal gewoon afval Gewoon huishoudelijk restafval Gescheiden inzamelen Scheidingspercentage Gft-afval Oud papier en karton Glas Textiel Klein chemisch afval (KCA) Blik Drankenkartons Kunststof verpakkingen AVU afvalmonitoring 2006 2011 door vergelijken met de inzamelcijfers in andere gemeenten, bijvoorbeeld via benchmarken of door vergelijken met landelijke gemiddelden. In het verleden zijn wel landelijke richtlijnen uitgebracht voor de door gemeenten gescheiden in te zamelen hoeveelheden per afvalstroom. In deze rapportage is daar geen gebruik van gemaakt. In de eerdere monitoringrapportages van AVU zijn de richtlijnen nog te vinden. Benchmarken Voor het benchmarken kan men vergelijken met de inzamelcijfers van een vergelijkbare groep gemeenten. De inzamelcijfers kunnen worden opgevraagd bij de gemeenten dan wel worden opgezocht via statline.nl van het CBS. Elk jaar worden ook benchmark projecten uitgevoerd door: - Agentschap NL voor gemeenten - NVRD voor inzamelbedrijven. Bij deze benchmarkprojecten worden niet alleen de inzamelresultaten vergeleken, maar ook andere aspecten zoals de kosten. Vergelijken met landelijke gemiddelden voor het inzamelen Voor het beoordelen van het gescheiden inzamelen kan ook worden vergeleken met de inzamelresultaten in andere gemeenten, bijvoorbeeld met de landelijke gemiddelden per stedelijkheidsklasse voor de gescheiden ingezamelde hoeveelheden per afvalstroom. Een gemeente kan zich als doel stellen om minder restafval en meer gescheiden in te zamelen dan het landelijk gemiddelde. In deze monitoringrapportage zijn vergelijkingen uitgevoerd met de landelijke gemiddelden en bij de uitwerkingen zijn ook provinciale gemiddelden (voor Utrecht) vermeld als referentie. De landelijke inzamelcijfers per stedelijkheidsklasse van 2011 (bron: statline CBS) staan in Tabel 1, Tabel 2 en Tabel 3. Deze cijfers kunnen als referentie worden gebruikt: men zamelt meer of minder in dan het landelijk gemiddelde voor de stedelijkheidsklasse. P.m.: De cijfers per gemeente in Utrecht en de provinciale inzamelcijfers staan in Tabel 13. Tabel 1: Gewoon huishoudelijk afval in 2011 per stedelijkheidsklasse (Nederland) Gewoon huishoudelijk afval in 2011 in kg per inwoner Stedelijkheidsklasse Totaal Nederland 401 228 173 43% 77 63 21 4,1 1,3 0,1 0,2 5,9 Niet stedelijk 5 443 205 238 54% 123 79 23 4,3 1,4 0,2 0,2 7,3 Weinig stedelijk 4 408 189 219 54% 105 76 23 4,8 1,3 0,2 0,3 8,5 Matig stedelijk 3 406 207 199 49% 94 70 22 4,5 1,4 0,1 0,1 6,7 Sterk stedelijk 2 388 229 159 41% 67 59 21 4,1 1,4 0,1 0,2 6 Zeer sterk stedelijk 1 383 305 77,5 20% 18 37 18 2,7 0,8 - - 1
Totaal afval van huishoudens Totaal restafval Totaal gescheiden Scheidingspercentage totaal Totaal gewoon afval Huishoudelijk restafval Gescheiden gewoon afval Scheidingspercentage gewoon afval Totaal grof afval Totaal grof restafval Gescheiden grof afval Scheidingspercentage Gewoon afval in % van totaal Grof afval in % van totaal Totaal grof afval Totaal grof restafval Totaal grof afval gescheiden Scheidingpercentage grof afval Grof huishoudelijk restafval Verbouwingsrestafval Overige kunststoffen Vloerbedekking Wit- en bruingoed Grof tuinafval Bruikbaar huisraad Vlakglas Metalen Houtafval Schoon puin Asbesthoudend afval Autobanden Schone grond Bitumenhoudende dakbedekking Overige afvalcomponenten AVU afvalmonitoring 2006 2011 Tabel 2: Grof huishoudelijk afval in 2011 per stedelijkheidsklasse (Nederland) Grof huishoudelijk afval in 2011 in kg per inwoner Stedelijkheidsklasse Totaal Nederland 138 41 97 70% 36 5 0,5 0,7 5,1 28 2,4 0,5 4 20 25 0,7 0,2 6 0,7 3 Niet stedelijk 5 166 33 133 80% 29 4 0,3 0,5 5,3 46 2,2 0,9 4 24 38 1,4 0,2 5 0,7 4 Weinig stedelijk 4 146 30 116 79% 27 3 0,4 1 5,1 43 2,7 0,7 4 20 28 1,1 0,2 5 0,8 4 Matig stedelijk 3 143 33 110 77% 29 4 0,6 0,8 5,3 31 3,2 0,7 5 23 28 0,7 0,2 6 1 4 Sterk stedelijk 2 142 43 99 70% 38 5 0,6 0,9 5,7 21 2,6 0,4 5 22 26 0,4 0,1 10 0,8 3 Zeer sterk stedelijk 1 102 63 39 38% 56 7 0,4 0,1 3,9 5 1,4 0,2 3 11 9 0,2 0,1 3 0,3 1 Tabel 3: Totaal huishoudelijk afval in 2011 per stedelijkheidsklasse en scheidingspercentages (Nederland) Overzicht van het totaal aan huishoudelijk afval in 2011 in kg per inwoner Stedelijkheidsklasse Totaal Nederland 538 269 269 50% 401 228 173 43% 138 41 97 70% 74% 26% Niet stedelijk 5 608 238 370 61% 443 205 238 54% 166 33 133 80% 73% 27% Weinig stedelijk 4 553 219 334 60% 408 189 219 54% 146 30 116 79% 74% 26% Matig stedelijk 3 548 240 308 56% 406 207 199 49% 143 33 110 77% 74% 26% Sterk stedelijk 2 528 272 256 48% 388 229 159 41% 142 43 99 70% 73% 27% Zeer sterk stedelijk 1 483 368 115 24% 383 305 77,5 20% 102 63 39 38% 79% 21% 3.3. Beoordelen van de samenstelling van het huishoudelijk restafval 3.3.1. Beoordelen van de samenstelling van het restafval in procenten De uitkomsten van de sorteeranalyses van het huishoudelijk restafval zijn door Eureco weergegeven in procenten van het gesorteerde restafval. Om de uitkomsten te beoordelen is het mogelijk om deze percentages te vergelijken met: 1. De gemiddelden van de sorteeranalyses in de provincie Utrecht 2. De gegevens van de andere door Eureco in Nederland uitgevoerde sorteeranalyses 21
3. Uitkomsten van eerdere sorteeranalyses in de gemeente 4. Landelijke cijfers van Agentschap NL over de samenstelling van het restafval 9 In de rapporten van Eureco per sorteeranalyse zijn de uitkomsten per afvalcomponent vergeleken met de uitkomsten van alle in de provincie Utrecht uitgevoerde sorteeranalyses. Er is een vergelijking gemaakt met de uitkomsten van de 57 sorteeranalyses die zijn uitgevoerd voor de AVU-gemeenten in het jaar 2011. Aangegeven is of men bijvoorbeeld tot de 20% laagste scores behoort, of juist tot de 20% hoogste scores. Er worden zo 5 score-klassen onderscheiden: zeer laag, laag, gemiddeld, hoog, zeer hoog. Bij het beoordelen van de cijfers van de sorteeranalyses moet men rekening houden met de beperkte nauwkeurigheid; dat wil zeggen: verschillen van enkele procenten hebben weinig betekenis. Het is daarom aan te bevelen om bij het beoordelen met een tijdreeks van enkele jaren te werken. Dat geeft een betrouwbaarder beeld en toont mogelijk een ontwikkeling. 3.3.2. Beoordelen van de samenstelling van het restafval in kg per inwoner De samenstelling van het restafval in procenten kan worden omgerekend naar kilogrammen per inwoner. Hiervoor wordt de jaarlijkse hoeveelheid huishoudelijk restafval per inwoner vermenigvuldigd met het bij de sorteeranalyse gemeten percentage. Om op een eenvoudige manier de hoeveelheid van een component in het restafval te kunnen beoordelen zijn door AVU zogenaamde aanvaardbare niveaus bepaald. Deze niveaus zijn afgeleid van de vroegere landelijke richtlijnen voor gescheiden inzamelen per component en de beoogde scheidingspercentages. Er zijn dus geen nieuwe AVU -normen ontwikkeld. De vroegere - landelijke richtlijnen voor gescheiden inzamelen zijn omgerekend naar acceptabele hoeveelheden in het restafval. In de toelichting van AVU op de sorteeranalyses voor 2002 is dit uitgebreid toegelicht 10. Deze waarden kunnen nog steeds als referentie worden gebruikt. Daarnaast is in AVU-verband voor de Utrechtse gemeenten uit de landelijke doelstellingen ook nog afgeleid, welke hoeveelheden gewoon huishoudelijk restafval (< 210 kg/inwoner) en grof huishoudelijk restafval (< 40 kg/inwoner) zijn te verwachten indien aan de landelijke doelstellingen voor gescheiden inzamelen wordt voldaan. Deze aanvaardbare niveaus kunnen worden gebruikt voor het beoordelen van het gescheiden inzamelen. In de Jaarrekening 2011 van AVU is een overzicht opgenomen van de per gemeente ingezamelde hoeveelheid kunststofverpakkingen en de resterende hoeveelheden in het restafval. Op basis daarvan is voor kunststofverpakkingen ook een aanvaardbaar niveau afgeleid (van 20 kg per inwoner). Zie ook paragraaf 8.7 In Tabel 4 staan deze AVU aanvaardbare niveaus. 9 Agentschap NL laat elk jaar 11 sorteeranalyses uitvoeren. De rapportages staan op uitvoeringafvalbeheer.nl. 10 In bijlage 4 van de toelichting op de afvalmonitoring voor 2002 is ingegaan op het landelijke beleid voor gescheiden inzamelen volgens het Landelijk afvalbeheerplan, de landelijke doelstellingen en richtlijnen. Er is ook een onderbouwing gegeven van de aanvaardbare niveaus.
Tabel 4: AVU-aanvaardbare niveaus voor de samenstelling van het restafval Afvalfractie AVU-aanvaardbaar niveau in kg per inwoner Gemeenten in de Stedelijkheidsklassen 3, 4 en 5 (minder stedelijk) Gemeenten in de Stedelijkheidsklassen 1 en 2 (zeer stedelijk) 11 Gewogen 12 gemiddelde voor de provincie Utrecht Gft-afval < 50 < 75 < 62,5 Papier < 20 < 40 < 30 Glas < 5 < 5 < 5 Textiel < 5 < 5 < 5 Wit- en bruingoed < 1 < 1 < 1 Klein chemisch afval < 0,25 < 0,25 < 0,25 Kunststof verpakkingen < 20 < 20 < 20 Huishoudelijk restafval < 210 < 210 < 210 Grof huishoudelijk restafval < 40 < 40 < 40 De via de sorteeranalyses bepaalde hoeveelheden in het restafval kunnen direct worden vergeleken met deze aanvaardbare niveaus. In het ideale geval is de hoeveelheid in het restafval minder dan het aanvaardbare niveau. Als de hoeveelheid in het restafval groter is dan het aanvaardbaar niveau, is het verschil een goede indicatie voor de extra gescheiden in te zamelen hoeveelheid. 3.4. Nuttige toepassing door nascheiden van grof restafval in de provincie Utrecht In de provincie Utrecht wordt het grof huishoudelijk restafval niet direct verbrand, maar verwerkt in een scheidingsinstallatie. Hierdoor wordt circa 80% alsnog nuttig toegepast als brandstof of als materiaal hergebruikt. De gemeenten in de provincie Utrecht kunnen rekening houden met de nuttige toepassing van dit deel van het grof huishoudelijk restafval. Het grof huishoudelijk restafval kan voor 80% als nuttige toepassing worden meegeteld bij het bepalen van het scheidingspercentage. In paragraaf 5.4 is dit toegelicht. Het nascheiden van het grof huishoudelijk restafval is sinds het vaststellen van het tweede Landelijk afvalbeheerplan de nieuwe minimumstandaard voor dit afval. In Utrecht wordt daar al sinds lang aan voldaan. In hoofdstuk 7 en in het bijzonder paragraaf 7.1 is dit verder uitgewerkt. 11 Dit zijn Utrecht in klasse 1, en Amersfoort, IJsselstein, Nieuwegein en Veenendaal in klasse 2. In deze gemeenten woont 49% van de inwoners van de provincie. 12 Het gewogen gemiddelde is voor gft-afval en papier iets anders dan in voorgaande jaren doordat de stedelijkheidsklasse van IJsselstein is veranderd van 3 naar 2. 23
4. Via AVU verwerkte hoeveelheden afval 4.1. Via AVU in 2011 verwerkt huishoudelijk afval In Tabel 5 staan de via AVU verwerkte hoeveelheden huishoudelijk afval in 2011. In bijlage 1 staan de hoeveelheden per gemeente. De gegevens van voorgaande jaren zijn te vinden in de jaarrekeningen van AVU. Tabel 5: Via AVU verwerkte hoeveelheden afval in 2011 kton % van totaal Verwerking door - Huishoudelijk restafval 284,5 55 % Verbranden - Bedrijfsafval 2,7 0,5% Verbranden - Veeg- en marktafval 8,2 1,6% Verbranden - Grof huishoudelijk restafval 43,2 8,3% Nascheiden Totaal brandbaar afval 338,7 64% Gft-afval 98,0 19% Vergisten/composteren Papier en karton 61,9 12% Hergebruik Glas 27,0 5% Hergebruik Oude medicijnen en injectienaalden 0,1 0,02% Verbranden TOTAAL 525,7 100% Via AVU wordt 80% van het door de gemeenten ingezamelde huishoudelijk afval verwerkt. Brandbaar afval is verreweg de omvangrijkste afvalstroom, gevolgd door gft-afval en papier. In de volgende paragrafen is per afvalstroom de ontwikkeling van de verwerkte hoeveelheid in de afgelopen jaren beschreven. 4.2. Brandbaar afval: huishoudelijk restafval en grof huishoudelijk restafval De via AVU verwerkte hoeveelheid brandbaar afval in de afgelopen jaren is weergegeven in Tabel 6 en Figuur 1. Tabel 6: De via AVU verwerkte hoeveelheden brandbaar afval (in kton = 1.000 ton) - in kton - 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 huishoudelijk 302 297 286 287 291 298,3 295,9 291,3 285,1 284,5 restafval grof huishoudelijk 63,8 39,9 49,2 52,4 51,4 53,2 48,6 43,8 42,1 43,2 restafval bedrijfsafval p.m. 8,6 8,5 9,8 4,8 3,2 5,7 2,5 2,1 2,7 veegvuil en p.m. 9,8 8,6 1,2 3,4 8,3 9,2 6,7 6,8 8,2 marktafval Brandbaar 379,0 355,1 352,2 350,0 350,6 363,0 359,4 344,3 336,1 338,7 afval totaal 25
Figuur 1: De verwerkte hoeveelheden brandbaar afval in de afgelopen jaren (in kton) kton 400 350 300 250 200 150 100 50 0 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 brandbaar afval huish. restafval grof restafval bedrijfsafval veegvuil Over de periode 2002 2011 (10 jaar) is de totale hoeveelheid brandbaar afval afgenomen met 11%. De afname bij huishoudelijk restafval en grof huishoudelijk restafval is vergelijkbaar. De via AVU verwerkte hoeveelheid bedrijfsafval is afgenomen. Het wordt waarschijnlijk minder ingezameld via de gemeenten en een deel is bij andere verwerkers aangeboden. De hoeveelheid veegvuil fluctueert. In 2005 en 2006 is er weinig via AVU verwerkt; het is toen waarschijnlijk elders aangeboden. Door het lage verwerkingstarief in het nieuwe AVUcontract, wordt het nu weer via AVU verwerkt. Omgerekend naar de hoeveelheden per inwoner is de ontwikkeling voor huishoudelijk restafval en grof huishoudelijk restafval (exclusief veegvuil en bedrijfsafval) weergegeven in Tabel 7 en Figuur 2: Tabel 7: Ontwikkeling van de hoeveelheid restafval in kg per inwoner - kg per inwoner- 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Huishoudelijk 265 258 246 245 247 245 246 242 234 232 restafval Grof huishoudelijk 56 35 44 45 44 44 40 36 34 35 restafval Totaal restafval 321 293 290 290 290 289 286 278 268 267 Grof restafval in % van totaal 21% 12% 15% 16% 15% 15% 14% 13% 13% 13%
Figuur 2: Ontwikkeling van hoeveelheid restafval in kg per inwoner kg/inwoner 300 250 200 150 100 50 0 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Huishoudelijk restafval Grof restafval De verwerkte hoeveelheid huishoudelijk restafval per inwoner neemt de afgelopen jaren af (12,5% in 10 jaar). In paragraaf 8.1 is verder ingegaan op deze afvalstroom De afname van het grof restafval in de afgelopen jaren is opvallend: van 45 kton in 2005 naar 35 kton in 2011, een afname van 22%. In paragraaf 9.2 is verder ingegaan op grof restafval. 4.3. Gft-afval De via AVU verwerkte hoeveelheden gft-afval staan in Tabel 8 en Figuur 3. Tabel 8: De via AVU verwerkte hoeveelheid gft-afval in kton (= 1.000 ton) - in kton - 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Gft-afval 90,9 88,2 100,1 98,5 93,9 97,0 93,7 97,5 94,7 98,0 Figuur 3: Ontwikkeling van de via AVU verwerkte hoeveelheid gft-afval in kton kton 120 100 80 60 40 20 0 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 27
Omgerekend naar de hoeveelheden per inwoner is de ontwikkeling voor gft-afval vermeld in Tabel 9 en Figuur 4. Tabel 9: Verwerkte hoeveelheid gft-afval in kg per inwoner - kg per inwoner- 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Gft-afval 81 81 86 84 80 81 78 81 78 80 Figuur 4: Ontwikkeling van het aanbod van gft-afval in kg per inwoner kg/inwoner 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 De ingezamelde hoeveelheid gft-afval is in 2011 iets toegenomen, maar gerekend over meer jaren vrijwel constant. 4.4. Papier Anders dan bij brandbaar afval, gft-afval en glas wordt bij papier nog niet al het door de gemeenten ingezamelde papier via AVU verwerkt. Dit hangt samen met het geleidelijk aflopen van eerdere contracten en regelingen in gemeenten. Door de hoge opbrengst van het papier is het voor de gemeenten financieel aantrekkelijk om gebruik te maken van de AVU regeling. Per 1 januari 2012 maakten alleen de gemeenten Montfoort en Oudewater nog geen gebruik van de AVU papierregeling. Het papier van de gemeenten Rhenen, Utrecht, Veenendaal en Wijk bij Duurstede wordt voor een deel via AVU verwerkt. In 2011 is in de provincie Utrecht door de gemeenten 70,6 kton huishoudelijk papier en karton ingezameld, waarvan 88% (61,9 kton) via het AVU-contract is verwerkt. Per inwoner is dat gemiddeld 57,4 kg respectievelijk 50,3 kg. In Figuur 5 is de ontwikkeling van het ingezamelde papier en het AVU aandeel weergegeven.
Figuur 5: Door de gemeenten ingezameld papier en het via AVU verwerkte papier in kton kton 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Verwerkt via AVU Totaal ingezameld papier Het is opvallend dat de totaal ingezamelde hoeveelheid papier vanaf 2008 is afgenomen, terwijl veel gemeenten het inzamelen van papier juist zijn gaan bevorderen. De afname wordt geweten aan de financiële crisis en het vervangen van papier door digitale informatie; het is een landelijke tendens. In Tabel 10 staan de hoeveelheden papier van de gemeenten die gedeeltelijk of nog niet gebruik maken van de AVU papierregeling. De verwachting is dat geleidelijk steeds meer papier via de AVU regeling wordt verwerkt. Tabel 10: Ingezameld papier in gemeenten die gedeeltelijk gebruik maken van de AVU papierregeling - In 2011 in tonnen - Papier via AVU Papier totaal Via AVU in % Montfoort 0 860 0% Oudewater 0 688 0% Rhenen 70 1.162 6% Utrecht 8.629 12.606 68% Veenendaal 977 2.668 37% Wijk bij Duurstede 1.225 1.568 78% - Subtotaal 10.901 19.552 56% Overige gemeenten via AVU 51.020 51.020 100% Totaal 61.921 70.572 88% Omdat in de afgelopen jaren een steeds toenemend deel van het papier via AVU is verwerkt, is voor papier geen uitwerking gemaakt naar de ontwikkeling per gemeente in de afgelopen jaren van de ingezamelde hoeveelheden papier. 29
4.5. Glas 4.5.1 Verpakkingsglas Al het door de gemeenten ingezamelde verpakkingsglas wordt via AVU verwerkt. Het inzamelen van het glas gebeurt ook via AVU door Stadswerken Utrecht, behalve in Utrecht en Amersfoort. In Utrecht staat de inzameling door Stadswerken Utrecht los van AVU. In Amersfoort wordt het glas ingezameld door ROVA. In Tabel 11 staan de verwerkte hoeveelheden glas in de afgelopen jaren. Tabel 11: De via AVU verwerkte hoeveelheid verpakkingsglas in kton (= 1.000 ton) en kg per inwoner Verpakkingsglas 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 - in kton 26,87 26,84 27,60 24,39 24,11 24,95 25,88 25,56 27,30 26,96 - in kg/inwoner 23,6 23,9 23,9 21 20,4 21,0 21,5 21,1 22,4 21,9 Uit de tabel blijkt dat de hoeveelheid glas van jaar tot jaar wel fluctueert, maar gerekend over een langere periode niet is veranderd. Bijna al het glas wordt op kleur gescheiden ingezameld. In 2011 zijn de volgende hoeveelheden en fracties ingezameld: Fractie kton in % - Bont 2,44 9% - Wit 11,34 42% - Bruin 2,99 11% - Groen 10,17 38% + Totaal 26,96 100% 4.5.2 Vlakglas Voor het inzamelen van vlakglas staat op alle gemeentelijke afvalbrengstations een container van Vlakglas Recycling Nederland (VRN). Deze brancheorganisatie verzorgt ook kosteloos de verwerking. AVU heeft voor deze regeling een contract met VRN, maar verder geen uitvoerende rol. 4.6. Medicijnen en injectienaalden Ingeleverde medicijnen en gebruikte injectienaalden worden bij de apotheken en afvalbrengstations in opdracht van AVU opgehaald. Dit gebeurt door ROVA in de regio nabij Amersfoort en door Stadswerken Utrecht in de rest van de provincie. Er is geen registratie van de hoeveelheden per gemeente. De medicijnen worden verbrand in een afvalverbrandingsinstallatie. De injectienaalden worden als specifiek ziekenhuisafval verbrand in de speciale installatie van Zavin in Dordrecht. De ingezamelde hoeveelheden medicijnen en injectienaalden staan in Tabel 12 (in tonnen). Bij de medicijnen betreft het netto hoeveelheden zonder omverpakkingen. Bij de naalden zijn de naaldenkokers meegewogen.
Tabel 12: Ingezamelde medicijnen en injectienaalden per jaar in tonnen 1998 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 ROVA - medicijnen 24 24 26 26 27 29 31 - naalden 14 10 11 11 13 14 13 Subtotaal 34 34 36 37 40 42 44 STADSWERKEN - medicijnen 22 23 23 26 26 29 27 - naalden 10 11 12 13 16 16 15 Subtotaal 32 35 34 39 43 45 43 TOTAAL - medicijnen 48 46 48 48 52 53 58 58 - naalden 15 20 21 22 25 29 30 28 Totaal 63 66 69 71 77 82 88 86 De ingezamelde hoeveelheid is de afgelopen zes jaar toegenomen van 66 naar 86 ton; een toename met 30%. Zie ook Figuur 6. Figuur 6: Ingezamelde hoeveelheden oude medicijnen en naalden (tonnen per jaar) ton 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Totaal Medicijnen Naalden Van de ingezamelde naalden wordt 99% opgehaald bij de apotheken. Van de medicijnen wordt 85% à 90% opgehaald bij de apotheken en de rest bij de gemeentelijke afvalbrengstations. De resterende hoeveelheden medicijnen in het restafval zijn bepaald via sorteeranalyses. In de jaren 2004 tot en met 2006 is extra onderzoek gedaan naar de samenstelling van het klein chemisch afval. Uit dit onderzoek blijkt dat de niet-gescheiden ingezamelde hoeveelheid medicijnen en naalden in het restafval circa 20 ton per jaar is. Het rendement van het gescheiden inzamelen is dan 80%. Dit komt er op neer dat circa één medicijnstrip per inwoner in het restafval terecht komt en vier strippen gescheiden worden ingeleverd. Medicijnen en injectienaalden vormen circa 5% van het totaal aan klein chemisch afval (kca) van huishoudens. 31
4.7. Bouw- en sloopafval, groenafval, oude metalen en klein chemisch afval AVU heeft voor de Eemlandgemeenten (zonder Amersfoort) contracten afgesloten voor het verwerken van: - Bouw- en sloopafval en vergelijkbaar afval - Groenafval - Oude metalen - Klein chemisch afval. De financiële afhandeling van deze contracten gaat buiten AVU om: de gemeenten betalen direct aan de verwerkers en er is geen vereveningsregeling voor de transportafstanden. Daarom zijn deze afvalstromen niet opgenomen in het bovenstaande overzicht en niet verder uitgewerkt in deze rapportage. De verwerkte hoeveelheden staan wel in de Jaarrekening 2011 van de N.V. Afvalverwijdering Utrecht.
5. Door de gemeenten ingezameld huishoudelijk afval AVU afvalmonitoring 2006 2011 5.1. Door de gemeenten ingezamelde afvalstromen en hoeveelheden De gemeenten zijn wettelijk (volgens de Wet milieubeheer en de provinciale milieuverordening) en beleidsmatig (volgens het Landelijk Afvalbeheer Plan en uitvoeringsovereenkomsten van de VNG) verplicht om bepaalde afvalstromen van huishoudens apart in te zamelen. Het betreft de volgende afvalstromen (en ingezamelde hoeveelheden in 2011): - Huishoudelijk restafval 281 kton - Grof huishoudelijk restafval 41 kton - Gft-afval 98 kton - Oud papier en karton 70 kton - Glas van verpakkingen 26,9 kton - Textiel 4,5 kton - Klein chemisch afval 1,6 kton Daarnaast worden op basis van producentenverantwoordelijkheid verschillende afvalstromen in samenwerking met de producenten ingezameld en verwerkt: - Kunststofverpakkingen 5,4 kton - Apparaten 6,6 kton - Vlak glas 0,86 kton - Batterijen als onderdeel van het klein chemisch afval. De hiervoor genoemde afvalstromen worden in alle Utrechtse gemeenten gescheiden ingezameld. De wijze van inzamelen kan wel verschillen. In aanvulling hierop worden volgens eigen beleid van de gemeenten ook nog andere afvalstromen apart ingezameld. Per gemeente is dit verschillend. De keuzes worden bepaald door financiële, milieu- en praktische overwegingen. Een gemeente kan bijvoorbeeld bouwen sloopafval van particulieren accepteren, dan wel voor de verwerking verwijzen naar bijvoorbeeld plaatselijke, particuliere verwerkers. Afgaande op de aan het CBS verstrekte gegevens en de door het CBS gehanteerde indeling voor afvalstromen is voor de Utrechtse gemeenten per afvalstroom het beeld als volgt: Verbouwingsrestafval Metalen verpakkingen (blik) Overige kunststoffen Luiers Grof tuinafval kton 6,5 In iets meer dan de helft van de gemeenten wordt verbouwingsrestafval apart ingezameld en verwerkt. 0 Blik wordt niet apart ingezameld. De metalen worden teruggewonnen uit de verbrandingsresten. 0,7 In 9 gemeenten worden overige kunststoffen apart ingezameld. Het gaat meestal om hard plastic of PVC. 0,1 Alleen in Bunnik en Houten worden luiers nog apart ingezameld. 30,6 In alle gemeenten wordt grof tuinafval apart ingezameld. Het kan worden gebracht naar het afvalbrengstation. In 70% van de gemeenten wordt het ook opgehaald. 33
Bruikbaar huisraad Metalen Houtafval (A- en B-hout) Houtafval (C-hout) Schoon puin Dakbedekking Asbesthoudend afval Autobanden Schone grond Piepschuim Matrassen Gips Gasflessen en brandblussers 2,3 In 7 gemeenten kan bruikbaar huisraad worden gebracht; in 4 van de gemeenten wordt het ook opgehaald. Het is waarschijnlijk dat in andere gemeenten bruikbaar huisraad ook wordt ingezameld via kringloopbedrijven, maar niet is opgenomen in de afvalcijfers van de gemeente. 6,3 Metalen worden in bijna alle gemeenten gescheiden ingezameld. Soms zamelen gemeenten ferro en nonferro metalen apart in. Het CBS maakt daarin geen onderscheid. 25,0 In alle gemeenten, behalve Eemnes, wordt hout apart ingezameld (A- en B-hout = schoon en licht verontreinigd hout). 1,8 Verontreinigd hout (C-hout) wordt in 75% van de gemeenten apart gehouden. 30,6 Schoon puin wordt in alle gemeenten apart ingezameld. 1,1 Dakbedekking wordt in 75% van de gemeenten apart ingezameld. 0,45 Asbesthoudend afval wordt in alle gemeenten apart ingezameld. 0,2 Autobanden kunnen in ruim 75% van de gemeenten apart worden ingeleverd. 9,5 In circa 30% van de gemeenten wordt schone grond geaccepteerd. 0 Piepschuim wordt niet apart ingezameld. 0 Matrassen worden niet apart ingezameld. 1,45 Gips wordt in de helft van de gemeenten gescheiden ingezameld. 0,008 Gasflessen en brandblussers worden in 4 gemeenten apart ingezameld (en geregistreerd). Overig 0,08 Als overige afvalstoffen worden genoemd door 1 gemeente: asfaltpuin en kadavers. Frituurvet wordt apart ingezameld in 6 gemeenten. 5.2. De hoeveelheden per afvalstroom en per gemeente De ingezamelde hoeveelheden afval zijn door de gemeenten opgegeven aan het CBS. Deze cijfers zijn door AVU verder uitgewerkt. Dat wil zeggen dat waar van toepassing de opgegeven hoeveelheden zijn vergeleken met de cijfers van AVU; voor vlak glas en apparaten is vergeleken met de cijfers van de branche-organisaties. Indien mogelijk zijn zo ontbrekende cijfers aangevuld. Soms waren er verschillen; dan is in overleg met de gemeente bepaald welk cijfer juist is. In Bijlage 2 staan de ingezamelde hoeveelheden in 2011 per afvalstroom en per gemeente, uitgesplitst naar halen, brengen en het totaal. Om een indruk te geven van de hoeveelheden per afvalstroom en de onderlinge verhoudingen zijn in Figuur 7 de hoeveelheden per afvalstroom weergegeven in volgorde van hun omvang voor de 14 omvangrijkste afvalstromen.
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 7: Hoeveelheid afval per afvalstroom gerangschikt naar hoeveelheid (in kton) 300 250 200 150 100 50 0 De ingezamelde hoeveelheden zijn omgerekend naar kg per inwoner om de cijfers van de gemeenten onderling vergelijkbaar te maken. In Tabel 13 staan de inzamelcijfers van 2011. Tabel 13: Ingezameld afval per afvalstroom en per gemeente in 2011 (kg per inwoner) Huishoudelijk 228 199 191 212 204 198 220 192 229 149 206 222 237 204 261 225 209 226 268 199 215 235 249 210 187 238 229 restafval Grof huishoudelijk 25 41 52 67 39 27 49 27 42 38 36 42 33 19 21 35 31 41 36 25 37 21 38 21 51 29 34 restafval Verbouwingsrestafval 15 7 10 3 13 2 8 6 6 4 5 3 4 5 Gft-afval 71 103 133 81 122 104 134 93 59 84 112 126 69 143 104 112 123 96 30 154 87 102 108 84 133 100 80 Oud papier en karton 59 71 84 55 73 72 61 71 59 77 94 64 54 70 59 61 73 52 40 74 43 70 69 51 69 64 57 Verpakkingsglas 19 25 24 19 26 24 30 23 25 34 20 26 18 25 16 17 24 22 20 24 19 24 30 22 36 23 22 Textiel 3,9 0,0 5,8 3,2 3,7 4,0 5,3 4,4 5,4 4,6 3,3 3,7 1,7 2,0 3,1 4,3 3,4 3,5 3,5 4,2 3,1 5,0 5,4 3,9 3,8 4,1 3,7 KCA 1,8 1,6 1,5 1,4 1,9 1,7 1,6 1,4 1,0 1,3 2,5 0,7 1,5 0,6 0,9 1,1 1,8 0,2 1,1 1,4 0,9 1,5 0,7 1,3 2,6 1,6 1,3 Kunststof verpakkingen 3,3 7,5 7,1 6,1 6,1 6,2 7,0 6,8 5,4 4,2 6,4 8,3 5,5 5,0 7,3 8,5 5,6 4,4 1,8 4,9 4,9 7,3 4,4 5,9 8,2 4,0 4,4 Overige kunststoffen 0,3 2,4 2,1 1,3 0,4 1,0 1,8 2,7 0,6 Luiers 2,4 1,9 0,1 Apparaten 2,6 3,7 5,3 5,1 7,1 10,7 4,8 7,9 6,2 8,3 9,8 1,9 6,2 2,4 2,0 3,0 6,5 5,3 4,4 5,3 7,9 5,5 5,7 5,9 0,6 5,7 5,3 Grof tuinafval 22 10 61 103 28 16 4 38 25 198 72 35 11 48 105 31 19 22 6 39 18 26 7 21 46 13 25 Bruikbaar huisraad 7,9 1,9 9,0 7,8 2,1 2,5 1,0 4,2 1,9 Vloerbedekking 0,0 Vlakglas 0,7 0,5 1,1 1,4 0,9 1,1 0,5 0,8 0,8 1,3 2,5 0,5 0,7 1,0 0,7 0,6 0,8 0,9 0,4 0,9 0,6 0,8 0,4 0,6 0,8 0,9 0,7 Metalen 5,1 5,5 2,6 8,1 9,8 5,5 7,8 4,5 9,3 9,3 0,6 4,6 2,3 5,3 3,4 3,7 5,6 4,8 8,1 3,3 7,5 5,0 6,1 5,1 Hout A en B 23 6 21 34 25 27 21 10 30 34 5 19 18 5 12 24 19 18 20 22 23 11 27 21 20 20 Hout C 0,0 4,4 1,9 4,3 4,1 2,6 2,2 2,2 3,8 4,6 0,3 1,0 3,7 2,1 0,4 2,3 2,0 0,7 3,3 2,5 1,5 Schoon puin 34 28 29 48 47 23 18 29 22 11 21 20 16 16 4 12 23 8 23 19 23 31 18 38 24 29 25 35
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Dakbedekking 1,5 1,0 1,0 1,4 2,1 0,1 0,5 0,3 0,9 0,8 1,2 0,9 0,3 1,2 1,0 0,7 0,4 1,0 2,1 0,9 Asbesthoudend afval 0,2 0,8 0,2 0,5 0,8 0,5 0,8 0,2 0,1 0,3 1,8 0,0 0,1 0,3 1,0 0,4 0,4 0,6 0,2 0,6 0,4 0,3 0,5 0,7 0,8 0,4 0,4 Autobanden 0,2 0,2 0,2 0,4 0,2 0,3 0,3 0,6 0,1 0,2 0,2 0,2 0,1 0,2 0,2 0,1 0,7 0,2 0,2 Schone grond 20,8 10,8 8,6 21,2 16,2 4,2 7,3 9,1 10,1 5,7 7,7 Gips 4,7 2,3 1,8 3,0 2,1 4,7 1,0 1,2 2,1 2,7 1,3 2,2 0,1 1,2 Gasflessen en brandblussers 0,0 Overig asfaltpuin 0,0 Overig frituurvet 0,1 0,2 0,5 0,2 0,2 0,0 Overig non ferro 0,0 Overig kadavers 0,0 TOTAAL kg/inw 545 527 627 655 622 535 535 555 516 679 644 556 490 558 589 526 570 513 474 579 498 567 553 523 590 557 532 In de volgende paragrafen en hoofdstukken zijn deze cijfers verder geanalyseerd. 5.3. Totaal aan huishoudelijk afval per gemeente De totaal ingezamelde hoeveelheid huishoudelijk afval varieert in 2011 per gemeente van 474 kg per inwoner in de gemeente Utrecht tot 679 kg per inwoner in Leusden. Het gemiddelde voor de provincie is 532 kg per inwoner; landelijk is dit 538 kg per inwoner. Voor het analyseren van deze hoeveelheid is het huishoudelijk afval ingedeeld naar: - Huishoudelijk restafval - Gescheiden ingezameld huishoudelijk afval (gft-afval, papier, textiel, glas, kca, kunststof verpakkingen) En - Grof huishoudelijk restafval + verbouwingsrestafval - Gescheiden ingezameld grof huishoudelijk afval. In Figuur 8 is een beeld gegeven van de hoeveelheid afval per gemeente. In de figuur zijn de gemeenten gerangschikt naar de totale hoeveelheid huishoudelijk afval. Het totaal varieert van 474 kg per inwoner in Utrecht tot 679 kg per inwoner in Leusden.
Figuur 8: Hoeveelheden afval per gemeente (in kg per inwoner) kg/inwoner 700 600 500 400 300 200 100 0 Huishoudelijk restafval Totaal gewoon gescheiden Totaal grof restafval Totaal grof gescheiden Uit de figuur blijkt dat: - In de gemeenten met het meeste afval vooral meer grof huishoudelijk afval (de twee bovenste stroken) wordt ingezameld dan in de andere gemeenten. De hoeveelheid huishoudelijk restafval is verhoudingsgewijs laag. - In de gemeenten met het minste afval vooral minder afval gescheiden wordt ingezameld, en omgekeerd: in de gemeenten met het meeste afval wordt vooral meer afval gescheiden ingezameld. In de grafiek in Figuur 9 is de verdeling van het totaal aan afval over restafval en gescheiden weergegeven. Uit deze grafiek blijkt duidelijk dat in de gemeenten met meer afval meer afval gescheiden wordt ingezameld en en dat is opvallend minder restafval. Het verband tussen gescheiden ingezameld afval en de hoeveelheid restafval is weergegeven in Figuur 10. Uit de figuur blijkt dat meer gescheiden inzamelen leidt tot minder restafval, maar beperkt. Eenvoudig gezegd komt 100 kg meer gescheiden inzamelen overeen met 27 kg minder restafval; er wordt dan in totaal dus 73 kg per inwoner meer afval ingezameld. Dit zijn overigens statistische verbanden voor de verzameling van alle gemeenten en alle afvalstromen. Per gemeente en afvalstroom kan er een ander (directer) verband zijn tussen meer gescheiden inzamelen en minder restafval. In hoofdstuk 8 en hoofdstuk 9 is dit per afvalstroom verder onderzocht. 37
Totaal restafval kg/inw AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 9: Verband tussen totale hoeveelheid afval, restafval en gescheiden inzamelen. kg/inw 800 700 600 500 y = 1,2004x - 367,03 400 300 200 100 0 y = -0,2004x + 367,03 0 100 200 300 400 500 600 700 800 totaal kg/inw Totaal restafval Totaal gescheiden Totaal afval Figuur 10: Verband tussen gescheiden ingezameld afval en restafval 350 300 250 200 150 y = -0,2627x + 335,13 100 50 0 0 100 200 300 400 500 600 Totaal gescheiden kg/inw Er is ook een verband gevonden van het totaal aan afval met de hoeveelheden gewoon afval en grof afval: zie Figuur 11. Uit de figuur blijkt dat in de gemeenten met veel totaal afval vooral meer grof huishoudelijk afval is ingezameld. De hoeveelheid gewoon afval is daar zelfs minder dan gemiddeld.
Figuur 11: Verband van het totaal aan afval met de hoeveelheden gewoon en grof afval kg/inw 800 700 600 500 400 300 200 100 0 0 100 200 300 400 500 600 700 800 Totaal gewoon afval Totaal grof afval Totaal afval Totaal afval kg/inw In Figuur 12 zijn voor de gemeenten met meer dan 600 kg per inwoner de inzamelcijfers vergeleken met het gemiddelde voor de provincie. Er zijn vooral verschillen voor het gescheiden inzamelen van afval. In Leusden wordt opvallend veel gescheiden ingezameld (met name 195 kg per inwoner grof tuinafval) en bijzonder weinig restafval. Figuur 12: Inzamelcijfers voor de gemeenten met veel afval totaal (kg per inwoner) kg/inwoner 700 600 500 400 300 200 100 0 De Bilt Bunnik Lopik Bunschoten Leusden Provincie Huishoudelijk restafval Totaal gewoon gescheiden Totaal grof restafval Totaal grof gescheiden Ook voor de gemeenten met minder dan 500 kg per inwoner zijn de inzamelcijfers vergeleken met het gemiddelde voor de provincie: zie Figuur 13. In deze gemeenten wordt relatief weinig gescheiden ingezameld. 39
Figuur 13: Inzamelcijfers voor de gemeenten met weinig afval totaal (kg per inwoner) kg/inwoner 600 500 400 300 200 100 0 Provincie Utrecht Nieuwegein Veenendaal Huishoudelijk restafval Totaal gewoon gescheiden Totaal grof restafval Totaal grof gescheiden 5.4. Scheidingspercentages voor afval In Tabel 14 zijn per gemeente de inzamelcijfers uitgewerkt tot scheidingspercentages. Dat is gedaan voor gewoon huishoudelijk afval, grof huishoudelijk afval en het totaal aan huishoudelijk afval. Tabel 14: Inzamelcijfers en scheidingspercentages per gemeente Gemeente Gewoon huishoudelijk afval Grof huishoudelijk afval Totaal afval restafval scheiden % restafval scheiden gescheiden totaal % gescheiden % % met nascheiden restafval scheiden totaal totaal scheiden Totaal met nascheiden grof restafval Amersfoort 228 158 41% 40 118 75% 95% 268 277 545 51% 57% Baarn 199 208 51% 48 71 60% 92% 247 280 527 53% 60% Bunnik 191 256 57% 52 128 71% 94% 243 384 627 61% 68% Bunschoten 212 166 44% 67 211 76% 95% 278 377 655 57% 66% De Bilt 204 232 53% 49 136 74% 95% 253 369 622 59% 66% De Ronde Venen 198 212 52% 27 98 79% 96% 224 310 535 58% 62% Eemnes 220 239 52% 49 28 37% 87% 269 267 535 50% 57% Houten 192 199 51% 30 133 82% 96% 222 333 555 60% 64% IJsselstein 229 154 40% 42 91 68% 94% 270 245 516 48% 54% Leusden 149 205 58% 51 274 84% 97% 200 478 679 70% 77% Lopik 206 237 54% 38 163 81% 96% 244 401 644 62% 67% Montfoort 222 228 51% 42 63 60% 92% 264 291 556 52% 59% Nieuwegein 237 150 39% 41 63 61% 92% 277 213 490 43% 50%
Gemeente Gewoon huishoudelijk afval Grof huishoudelijk afval Totaal afval restafval scheiden % restafval scheiden gescheiden totaal % gescheiden % % met nascheiden restafval scheiden totaal totaal scheiden Totaal met nascheiden grof restafval Oudewater 204 247 55% 19 89 82% 96% 224 335 558 60% 63% Renswoude 261 189 42% 21 118 85% 97% 281 307 589 52% 54% Rhenen 225 204 48% 35 61 64% 93% 261 266 526 50% 56% Soest 209 230 52% 37 93 71% 94% 247 323 570 57% 62% Stichtse Vecht 226 178 44% 47 62 57% 91% 273 240 513 47% 54% Utrecht 268 97 27% 40 70 64% 93% 308 167 474 35% 42% Utrechtse Heuvelrug 199 262 57% 25 93 79% 96% 223 355 579 61% 65% Veenendaal 215 158 42% 42 84 67% 93% 257 241 498 48% 55% Vianen 235 210 47% 21 102 83% 97% 256 311 567 55% 58% Wijk bij Duurstede 249 217 47% 38 49 56% 91% 287 266 553 48% 54% Woerden 210 167 44% 24 121 83% 97% 235 288 523 55% 59% Woudenberg 187 252 57% 51 100 66% 93% 238 352 590 60% 67% Zeist 238 196 45% 34 89 73% 95% 271 285 557 51% 56% Provincie 229 168 42% 39 96 71% 94% 268 264 532 50% 56% Doelstelling 75% 75% (346) 65% 65% Scheidingsdoelstelling wordt gehaald. Voor het totaal aan huishoudelijk afval wordt als landelijke scheidingsdoelstelling voor 2015 gehanteerd 65%. Dat wordt alleen in Leusden gehaald. Als rekening wordt gehouden met het nascheiden van grof restafval wordt dit scheidingspercentage in nog zes gemeenten gehaald. Provinciebreed zou 80 kg per inwoner meer gescheiden moeten worden ingezameld; als rekening wordt gehouden met de nascheiding moet 48 kg per inwoner meer worden gescheiden. Voor het grof huishoudelijk afval wordt de (vroegere) scheidingsdoelstelling van 75% in 12 gemeenten gehaald. Er zou 5 kg per inwoner meer moeten worden gescheiden. Als rekening wordt gehouden met het nascheiden van grof restafval wordt de doelstelling in alle gemeenten gehaald. Voor het gewone huishoudelijk afval bestaat geen scheidingsdoelstelling. Het scheidingspercentage varieert van 27% in Utrecht tot 58% in Leusden. Om de algemene landelijke scheidingsdoelstelling te halen moet 75 kg (80 5) meer gescheiden worden ingezameld; als rekening wordt gehouden met het nascheiden van het grof restafval zou van het gewone afval 50 kg per inwoner meer gescheiden moeten worden ingezameld. 5.5. Halen en brengen van afval Het huishoudelijk afval wordt voor het overgrote deel aan-huis of bij-huis (buurtcontainers) opgehaald. Voor het overige wordt het gebracht naar afvalbrengstations of verzamelcontainers. Het CBS vraagt de cijfers voor zowel halen als brengen. In Tabel 15 staat per afvalstroom vermeld welk percentage van het afval gehaald wordt (provinciebreed). De overige afvalstromen worden volledig gebracht. 41
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Tabel 15: Aan huis opgehaalde afvalstromen: hoeveelheden en percentage halen Afvalstroom Hoeveelheid totaal kton Percentage gehaald Huishoudelijk restafval 281 91% Grof huishoudelijk restafval 41 33% Gft-afval 98 100% Papier en karton 70 68% Textiel 4,5 8% KCA 1,6 1% Kunststof verpakkingen 5,4 58% Apparaten 6,6 6% Grof tuinafval 30,6 5% Bruikbaar huisraad 2,3 14% Metalen 6,2 4% Andere afvalstromen p.m. 0% - Totaal huishoudelijk afval 654 65% Vooral de grote afvalstromen worden opgehaald. In totaal word 65% van het afval opgehaald. Het haalpercentage is per gemeente verschillend. Het varieert van 41% in Leusden tot 78% in Eemnes. Zie Tabel 16. Tabel 16: Haalpercentage voor huishoudelijk afval per gemeente % halen 61 71 70 52 65 71 78 65 63 41 64 76 75 75 77 66 69 71 57 72 72 70 78 67 66 71 65 Halen kg/inw 333 374 441 342 406 378 417 363 324 280 409 423 367 418 451 345 391 362 271 419 359 399 432 348 391 393 344 Totaal kg/inw 545 527 627 655 622 535 535 555 516 679 644 556 490 558 589 526 570 513 474 579 498 567 553 523 590 557 532 5.6. Ingezamelde hoeveelheden van 1993 tot en met 2011 Om een beeld te geven van de afvalontwikkeling over een langere periode zijn de cijfers van het CBS voor de ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen in de provincie Utrecht over de periode 1993 tot en met 2011 vermeld in Tabel 17. Tabel 17: Ingezamelde afvalstoffen in de provincie Utrecht van 1993 tot en met 2011 in kg per inwoner 1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011* Huishoudelijk restafval 207 203 198 207 210 239 246 255 254 256 249 243 244 246 247 244 238 230 229 Grof huishoudelijk restafval 45 57 40 40 46 47 45 49 52 48 46 48 47 46 43 41 37 34 34 Verbouwingsrestafval 17 18 16 16 8 5 11 11 10 8 11 9 7 8 7 7 6 6 5 GFT-afval 80 88 91 90 94 88 83 82 81 81 78 88 84 81 83 79 80 78 79
1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011* Oud papier en karton 56 41 36 45 51 60 63 63 61 60 52 54 60 62 66 65 61 59 59 Verpakkingsglas 20 20 19 19 20 21 21 22 22 24 24 23 22 21 20 21 20 22 21 Textiel 0,9 1,3 2 2 2,3 2,4 2,6 2,9 3,2 3,2 3,2 3,4 3,4 3,3 3,4 3,6 3,4 3,9 4 Klein chemisch afval 1,4 1,3 1,3 1,5 1,7 1,5 1,6 1,3 1,3 1,3 1,4 1,4 1,4 1,5 1,6 1,6 1,6 1,4 1,4 Metalen verpakkingen (blik) 0,3 0,3 0,2 0,1 0,3 0,1 0,1 Drankenkartons Kunststof verpakkingen 0,2 0,1 0,2 0 0,1 0,1 0,1 0,3 0,9 3,6 4,4 Overige kunststoffen 0,2 0,3 0,3 0,4 0,4 Vloerbedekking 0,1 0 0,1 0,2 0,2 0,1 0,1 Wit- en bruingoed 0,4 1,1 1 0,7 0,7 0,8 1,3 2,9 3 3,5 3,6 3,9 4,3 4,6 4,1 4,6 4,7 5,1 5,5 Grof tuinafval 13 13 20 23 20 17 20 21 19 23 20 22 25 23 25 25 25 22 22 Bruikbaar huisraad 0,1 0,1 0,3 0,3 0,1 0,6 1,5 2,5 1,9 1,5 2,3 1,9 2,2 2 2,3 Vlakglas 0,2 0,2 0,3 0,4 0,3 0,5 0,4 0,6 0,6 0,6 0,7 0,5 0,5 0,5 0,6 0,6 0,6 Metalen 4 5 5 6 5 6 6 5 6 5 6 6 6 7 7 6 6 5 5 Houtafval 1 7 8 11 12 12 14 15 18 17 19 20 21 22 22 20 20 20 Schoon puin 20 23 23 23 27 31 28 29 28 29 28 29 28 28 29 28 25 23 23 Asbesthoudend afval 0,6 0,7 0,7 0,7 0,8 0,8 0,7 0,7 0,8 0,5 0,5 0,4 0,5 0,4 0,3 0,4 0,4 Autobanden 1 0,2 0,2 0,2 0,3 0,2 0,2 0,1 0,2 0,2 0,2 0,1 0,2 0,2 Schone grond 7 8 9 11 10 8 10 10 9 8 9 8 8 Bitumenhoudende dakbedekking 0,8 0,8 1 1,1 1,2 1,1 1,2 1,2 1,1 0,9 1 0,9 0,9 Overige afvalcomponenten 6 7 7 7 10 4 1 1 1 1 1 1 2 2 3 3 3 3 2 Totaal afval van huishoudens 473 479 470 489 509 536 551 570 569 576 555 565 568 565 576 564 543 528 529 2011*: voorlopige cijfers De ontwikkeling van het totaal aan afval is weergegeven in Figuur 14. Ten opzichte van 1993 was de hoeveelheid per inwoner in 2002 circa 100 kg toegenomen; 50 kg hiervan betrof huishoudelijk restafval en verder was het inzamelen van hout, schone grond, puin en grof tuinafval toegenomen. In 2011 is de hoeveelheid weer afgenomen met 50 kg per inwoner; deze afname betreft huishoudelijk restafval en grof huishoudelijk restafval. Figuur 14: Ontwikkeling van het totaal aan huishoudelijk afval kg/inwoner 700 600 500 400 300 200 100 0 43
1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 AVU afvalmonitoring 2006 2011 De inzamelcijfers per afvalstroom zijn uitgewerkt tot drie grafieken: - Afvalstromen van meer dan 8 kg per inwoner in 2011 Figuur 15 - Afvalstromen van 8 tot 1 kg per inwoner in 2011 Figuur 16 - Afvalstromen van minder dan 1kg per inwoner in 2011 Figuur 17 Figuur 15: Ontwikkeling van afvalstromen met meer dan 8 kg per inwoner in 2011 kg/inwoner 300 250 200 150 100 50 0 Huishoudelijk restafval GFT-afval Oud papier en karton Grof huishoudelijk restafval Schoon puin Grof tuinafval Verpakkingsglas Houtafval Opvallende ontwikkelingen zijn: - De sterke toename van huishoudelijk restafval van 1995 tot 2000 en de geleidelijke afname daarna. - De toename van het inzamelen van oud papier en karton. - De afname van het inzamelen van grof huishoudelijk restafval. - Het inzamelen van hout vanaf 1995. Figuur 16: Ontwikkeling van afvalstromen van 8 tot 1 kg per inwoner in 2011 kg/inwoner 20 18 16 14 12 10 8 6 4 2 0 Schone grond Wit- en bruingoed Verbouwingsrestafval Metalen Kunststof verpakkingen Textiel Bruikbaar huisraad Klein chemisch afval
1993 1994 1995 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 AVU afvalmonitoring 2006 2011 Opvallende ontwikkelingen zijn: - Het inzamelen van schone grond van af 1998. - De afname van het inzamelen van verbouwingsrestafval: dat is waarschijnlijk een gevolg van het meer inzamelen van hout en schone grond. - De start in 2008 van het inzamelen van kunststofverpakkingen. - Het inzamelen van bruikbaar huisraad: van 2001 tot 2004 toegenomen. Figuur 17: Ontwikkeling van afvalstromen van minder dan 1 kg per inwoner in 2011 kg/inwoner 1,4 1,2 1 0,8 0,6 0,4 0,2 0 Bitumenhoudende dakbedekking Vlakglas Overige kunststoffen Asbesthoudend afval Autobanden Vloerbedekking Metalen verpakkingen (blik) Opvallende ontwikkelingen zijn: - Het inzamelen van asbesthoudend afval: eerst sterk toegenomen en sinds 2003 een afname. - Het inzamelen van vlak glas: hiervoor zijn op de afvalbrengstations containers geplaatst. De hoeveelheid neemt geleidelijk toe. 5.7. Gemeentelijk afval (niet huishoudelijk) Bij de CBS enquête wordt ook gevraagd naar door de gemeenten ingezameld afval, dat niet van huishoudens afkomstig is. Enkele gemeenten laten een deel van dit afval via AVU verwerken, met name veegafval en bedrijfsafval 13. In Tabel 18 staat een overzicht van dit afval voor alle gemeenten gezamenlijk. Het betreft vooral groenafval en veegafval. In totaal gaat het om 57 kton of 47 kg per inwoner. De hoeveelheid gemeentelijk afval komt overeen met ongeveer 9% van het totaal aan huishoudelijk afval. 13 Bij bedrijfsafval gaat het om met huishoudelijk restafval vergelijkbaar afval. Ook wel KWD-afval genoemd: kantoor-, winkel- en dienstenafval. 45
Tabel 18: Door de Utrechtse gemeenten aangeboden gemeentelijk afval (niet huishoudelijk) in 2011 kton kg/inwoner Veegafval 21,1 17,2 Riool-, kolken en gemalenafval 2,9 2,4 Drijfafval 1,9 1,6 Groenafval 23,6 19,2 Gemengd evenementenafval 0,1 0,1 Gemengd marktafval 0,0 0,0 Overige reinigingsdienstenafval 1,1 0,9 KWD afval (bedrijfsafval) 5,7 4,6 Bouw- en sloopafval 1,0 0,8 Klein Gevaarlijk Afval 0,1 0,1 Totaal gemeentelijk afval (niet huishoudelijk) 57,6 46,9
6. Samenstelling van het huishoudelijk restafval AVU afvalmonitoring 2006 2011 6.1. Uitvoeren van de sorteeranalyses In alle Utrechtse gemeenten laat AVU elk jaar via één of meer sorteeranalyses de samenstelling van het (gewone) huishoudelijk restafval onderzoeken (zie paragraaf 2.4 over de mtehodiek). Voor iedere sorteeranalyse wordt een monster genomen van circa 1.500 kg (van ruim 60 huishoudens) waarvan 750 kg wordt uitgesorteerd. In totaal worden 57 sorteeranalyses uitgevoerd. De uitkomsten van de sorteeranalyses kunnen per gemeente worden gebruikt, maar ook voor de provincie als geheel. Door het grote aantal sorteeranalyses is het gemiddelde voor de provincie veel nauwkeuriger dan de uitkomsten voor de afzonderlijke gemeenten. De sortering vindt plaats op de in Tabel 19 genoemde fracties en uitsplitsingen. Deze indeling sluit aan op het afvalbeleid. Tabel 19: Sorteerschema voor huishoudelijk restafval Fractie Uitgesplitst naar Gft-afval - Gft-afval exclusief tuinafval - Tuinafval Herbruikbaar papier en karton - Verpakkingen Kunststoffen Glas (van verpakkingen) Textiel Elektrische apparaten Klein chemisch afval Metalen Hout Steen en puin Zeeffractie < 20 mm Restfractie - Niet verpakkingen - Verpakkingen - Niet-verpakkingen - Textiel exclusief schoeisel - Schoeisel - Kleine apparaten (passend in handtas of < 1 kg) - Grote apparaten (met soort, gewicht en aantal) - Klein chemisch afval exclusief batterijen - Batterijen (met aantal en gewicht) - Ferro - Non-ferro De gemeenten ontvangen van elke sorteeranalyse een rapport van Eureco. Daarnaast ontvangen zij een overzichtsrapport van Eureco voor alle sorteeranalyses in de provincie. AVU rapporteert over de ontwikkelingen in de Jaarrekening. In de Jaarrekening is ook een tabel opgenomen waarin per gemeente de gemiddelde procentuele samenstelling van het restafval is omgerekend naar kg per inwoner. 47
6.2. Samenstelling van het huishoudelijk restafval De gemiddelde uitkomsten van de sorteeranalyses in procenten in de afgelopen jaren staan in Tabel 20 en in Figuur 19. Tabel 20 De samenstelling van het restafval in de provincie Utrecht volgens de sorteeranalyses Gemiddelde in gewichtsprocenten % 2000/1 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Gft-afval 15,6 21,8 23,5 24,3 23,9 22,3 23,8 22,4 20 22 25 Papier en karton 13,6 13,5 16,1 15,9 16,4 16,4 16,4 15,7 15 16 15 Glas 3,4 3,2 4,1 4,1 4,5 4,5 4,6 4,9 3,9 4,5 4,7 Textiel (excl. schoenen) 2,2 2,7 3,0 2,7 3,0 3,6 4 2,9 2,8 3,0 3,9 Apparaten (WEB) 0,52 0,4 0,7 0,5 0,6 0,8 1,3 0,8 1,0 0,8 1,0 Klein chemisch afval 0,25 0,14 0,13 0,11 0,1 0,1 0,09 0,09 0,1 0,1 0,1 Kunststoffen 17 17 17 18 18 22 27 21 14 Hout 2 2 3 2 2,4 1,9 1,6 2,5 1,9 Steen 3 3 2 3 2,3 2,3 2,0 1,8 2,8 Metalen 4 3 4 2 4,0 3,8 3,3 3,7 3,9 Zeeffractie 8,7 7,7 8,5 9,1 7,5 7,8 8,3 7,0 6,4 6,9 7,5 Overig p.m. p.m. 18 18 18 20 15 17 17 17 20 Figuur 18: Ontwikkeling van de samenstelling van het restafval in % % 30 25 20 15 10 Gft-afval Kunststoffen Papier en karton Glas 5 0 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Per gemeente zijn de gemiddelde percentages op basis van de jaarlijkse hoeveelheid huishoudelijk restafval omgerekend naar hoeveelheden in kg per inwoner in het restafval. In bijlage 3 staan de uitkomsten per gemeente. In Tabel 21 en Figuur 19 staat de ontwikkeling van de gemiddelde hoeveelheden voor de provincie vermeld (gewogen naar inwoners per gemeente). Deze gegevens staan ook elk jaar in een bijlage van de Jaarrekening van AVU. In de tabel zijn de hoeveelheden in het restafval vergeleken met het aanvaardbaar niveau : de resterende hoeveelheid in het restafval wanneer volgens (de vroegere) landelijke doelstellingen en richtlijnen voldoende gescheiden wordt ingezameld (zie paragraaf 3.3).
Tabel 21: Ontwikkeling van de samenstelling van het restafval in kg/inwoner (gewogen naar inwoners) Provincie Utrecht Hoeveelheid in het restafval in kg/inwoner Aanvaardbaar niveau AVU 200220032004200520062007200820092010 2011 kg per inwoner Gft-afval 60 63 59 61 57 63 58 52 52 59 < 62,5 14 Papier 40 44 41 41 42 44 40 39 41 39 < 30 15 Glas 9 11 10 11 11 11 12 10 11 11 < 5 Textiel 7 8 7 7 9 9 8 8 8 9 < 5 Apparaten 0,9 1,8 1 1,3 1,7 3,1 1,6 2,3 1,6 2,2 < 1 Kca 0,4 0,3 0,3 0,2 0,1 0,2 0,3 0,1 0,1 0,1 < 0,25 Kunststoffen - 42 43 44 42 44 51 62 46 32 n.v.t. Hout - 6 5 6 5 6 4 3 6 4 n.v.t. Steen - 7 6 5 6 5 5 4 4 5 n.v.t. Metalen - 9 8 8 10 10 9 8 8 8 n.v.t. Overig p.m. 66 66 62 63 58 58 55 57 62 n.v.t. Restafval 265 258 246 247 247 251 246 242 234 232 < 210 Figuur 19 Ontwikkeling van de samenstelling van het restafval in kg/inwoner kg/inwoner 300 250 200 150 100 50 0 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 Overig Metalen Steen Hout Kunststoffen Kca Apparaten Textiel Glas Papier Gft-afval Uit deze gegevens blijkt dat de gemiddelde samenstelling van het restafval weinig verandert. De drie grootste fracties zijn gft-afval (25%), papier (15%) en kunststoffen (14%). Deze drie fracties vormen samen 54% van het restafval. Voor kunststoffen is er een duidelijke afname in 2010 en 2011. De afname is voor een deel te verklaren uit het invoeren van het gescheiden inzamelen van kunststofverpakkingen in de afgelopen jaren en er zijn mogelijk ook conjuncturele invloeden. De belangrijkste verklaring is echter een aanpassing bij de sorteeranalyses: de uitkomsten zijn gecorrigeerd voor de vervuiling van het materiaal: de cijfers van de sorteeranalyses zijn daardoor beter vergelijkbaar met die voor het gescheiden inzamelen. Zie verder paragraaf 8.7. In de volgende hoofdstukken zijn de uitkomsten van de sorteeranalyses samen met de cijfers over de ingezamelde hoeveelheden afvalstoffen verder besproken en vergeleken met de doelstellingen en richtlijnen. 14 62,5 kg/inwoner is het gewogen gemiddelde van het aanvaardbaar niveau voor gft-afval van 75 kg/inwoner voor de gemeenten in stedelijkheidsklasse 1 of 2, en 50 kg voor de gemeenten in stedelijkheidsklasse 3, 4 of 5. 15 30 kg/inwoner is het gewogen gemiddelde van het aanvaardbaar niveau voor papier van 40 kg per inwoner voor de gemeenten in stedelijkheidsklasse 1 of 2 en 20 kg voor de gemeenten in stedelijkheidsklasse 3, 4 of 5. 49
7. Samenstelling van het grof huishoudelijk restafval AVU afvalmonitoring 2006 2011 7.1. Sorteeranalyses van grof huishoudelijk restafval en nieuwe minimumstandaard Het bepalen van de samenstelling van het grof huishoudelijk restafval is minder eenvoudig dan voor gewoon huishoudelijk restafval. De oorzaak is dat het grof restafval voor een groot deel bestaat uit producten, die zijn samengesteld uit verschillende materialen. Meubels bijvoorbeeld bestaan uit de materialen hout, metalen en kunststoffen. Voor het sorteren kan zowel een indeling naar producten als naar materialen worden aangehouden. Beleidsmatig was er weinig belangstelling voor de samenstelling van het grof restafval. In het verleden zijn er daardoor nauwelijks sorteeranalyses uitgevoerd. Doordat de minimumstandaard voor het verwerken van grof huishoudelijk restafval in het LAP-2 is gewijzigd van verbranden in sorteren is de belangstelling voor de samenstelling toegenomen. Verschillende regio s experimenteren met sorteeranalyses. Bij de landelijke discussie hierover kon gebruik worden gemaakt van informatie van AVU. Het grof huishoudelijk restafval van de gemeenten in de provincie Utrecht wordt namelijk al vele jaren gesorteerd in plaats van verbrand. Als onderdeel van de voorbereiding van de aanbesteding van de verwerking van restafval had AVU al eerder onderzoek gedaan naar de samenstelling. In april 2009 is via sorteeranalyses de samenstelling van het grof huishoudelijk restafval onderzocht. Daarbij is een onderscheid gemaakt naar halen en brengen van het restafval 16. Er zijn toen zes inzamelvrachten onderzocht: - twee vrachten van gehaald grof restafval: Utrecht en Amersfoort - vier vrachten van gebracht grof restafval: De Bilt, Nieuwegein, Soest, Veenendaal De verhouding halen brengen bij de monsters komt overeen met die bij het inzamelen. De vrachten zijn geshredderd bij de scheidingsinstallatie van AVR in Rozenburg. Door het shredderen kon de materiaalsamenstelling worden bepaald. Van het geshredderde materiaal zijn per vracht twee monsters van 1 m 3 genomen (circa 100 kg). Deze monsters zijn gesorteerd door Eureco. De gemiddelde uitkomsten van de sorteeranalyses staan in Tabel 22, uitgesplitst naar halen en brengen, terwijl Figuur 20 de gemiddelde materiaalsamenstelling van het grof restafval weergeeft. Tabel 22: Samenstelling van grof huishoudelijk restafval volgens sorteeranalyses Gemiddeld alles 6 analyses Halen 2 analyses Brengen 4 analyses FRACTIE Hout (A, B, C) 27,6% 46,4% 18,3% Karton 4,2% 1,9% 5,3% Papier 3,7% 0,6% 5,3% Kunststof Folie 4,1% 0,7% 5,8% Kunststof Hard 10,3% 3,0% 14,0% Foam, Eps 3,6% 4,4% 3,2% Textiel 9,7% 6,3% 11,3% Vloerbedekking 11,6% 15,1% 9,8% 16 De samenstelling van het grof huishoudelijk restafval in de provincie Utrecht, augustus 2009, geactualiseerd 22 februari 2012, AVU, Soest 51
Gemiddeld alles 6 analyses Halen 2 analyses Brengen 4 analyses FRACTIE Metalen 6,8% 7,8% 17 6,3% Steen 2,0% 0,3% 2,9% Glas 1,1% 0,3% 1,5% Zeil 1,4% 0,7% 1,7% Kabels, rubbers, e.d. 3,3% 3,8% 3,0% Luiers, drankkarton, GFT 0,9% 0,2% 1,3% Zeef 0-20 mm 9,5% 8,5% 9,9% Niet grof, kleiner dan 150 mm 0,0% 0,0% 0,0% Fijne fractie, kleiner dan 50 mm 0,2% 0,0% 0,3% Figuur 20: Gemiddelde materiaalsamenstelling van het grof huishoudelijk restafval Zeeffractie 0-20 mm 9,5% Luiers, drankkarton, GFT 0,9% Niet grof < 150 mm 0,0% Fijne fractie, < 50 mm 0,2% Kabels, rubbers 3,3% Glas 1,1% Zeil 1,4% Hout (A, B, C) 27,6% Steen 2,0% Metalen 6,8% Vloerbedekking 11,6% Karton 4,2% Papier 3,7% Textiel 9,7% Foam, Eps 3,6% Kunststof Hard 10,3% Kunststof Folie 4,1% Hout is zowel bij halen als bij brengen de grootste fractie: gemiddeld 28%. Andere grote fracties (circa 10% en meer) zijn: - vloerbedekking bij halen en brengen - kunststof hard bij brengen - textiel bij brengen Per fractie valt nog het volgende op: Hout Hout is verreweg de grootste fractie. Bij halen bevat het restafval aanzienlijk meer (46%) hout dan bij brengen (18%). Karton en papier Bij halen is de fractie papier en karton (samen 2,5%) beduidend kleiner dan bij brengen (10,6%) 17 Als rekening gehouden wordt met de metalen voorwerpen die niet zijn geshredderd is de fractie metalen 1% punt meer.
Hout (A, B, C) Vloerbedekking Zeef 0-20 mm Metalen Textiel Foam, Eps Kabels, rubbers, ed Kunststof Hard Karton Zeil Kunststof Folie Papier Glas Steen Luiers, drankkarton, Niet grof, kleiner 150 mm Fijne fractie, kleiner 50 mm AVU afvalmonitoring 2006 2011 Kunststoffen (kunststof folie, kunststof hard en foam, Eps) Bij halen is de fractie kunststoffen (samen 8,1%) duidelijk kleiner dan bij brengen (23%). Voor foam is dit niet het geval; mogelijk doordat bij halen matrassen worden meegenomen. Textiel Bij halen is de fractie textiel (6,3%) duidelijk kleiner dan bij brengen. Vloerbedekking Vloerbedekking is zowel bij halen als bij brengen een aanzienlijke fractie. Metalen Metalen vormen zowel bij halen als bij brengen een aanzienlijke fractie. Het meest opvallende verschil in materiaalsamenstelling tussen halen en brengen is dat voor hout: bij halen 46% en bij brengen 18%. Zie Figuur 20 en Figuur 21. Bij halen zijn de fracties papier, kunststof folie, kunststof hard, steen, glas, zeil, luiers/drankenkartons/gft minimaal. Deze fracties zijn bij brengen 5 tot 10 maal groter. Blijkbaar worden deze fracties minder aangeboden bij halen en meer gebracht. Figuur 21: Materiaalsamenstelling van het grof huishoudelijk restafval voor gehaald en gebracht restafval 50% 45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0% Halen Brengen 7.2. Samenstelling van grof huishoudelijk restafval in kg per inwoner Uitgaande van de sorteeranalyses in 2009 en de ingezamelde hoeveelheid grof huishoudelijk restafval per inwoner in 2011 van 35 kg is in Tabel 23 de samenstelling van het grof huishoudelijk in kg per inwoner vermeld. 53
Tabel 23: Samenstelling van grof huishoudelijk restafval in % en in kg per inwoner Samenstelling Fractie In % In kg per inwoner Hout (A, B, C) 27,6% 9,7 Karton 4,2% 1,5 Papier 3,7% 1,2 Kunststof Folie 4,1% 1,4 Kunststof Hard 10,3% 3,6 Foam, Eps 3,6% 1,3 Textiel 9,7% 3,4 Vloerbedekking 11,6% 4,1 Metalen 6,8% 2,4 Steen 2,0% 0,7 Glas 1,1% 0,4 Zeil 1,4% 0,5 Kabels, rubbers, e.d. 3,3% 1,2 Luiers, drankkarton, GFT 0,9% 0,3 Zeef 0-20 mm 9,5% 3,3 Niet grof, kleiner dan 150 mm 0,0% 0,0 Fijne fractie, kleiner dan 50 mm 0,2% 0,1 Totaal 100% 35 7.3. Vergelijking met de resultaten van de scheidingsinstallatie AVR heeft een overzicht gegeven van de resultaten van de scheidingsinstallatie in Utrecht. Deze gegevens zijn in Tabel 24vergeleken met de uitkomsten van de sorteeranalyses. Hierbij moet worden bedacht dat in de installatie ook veel bouw- en sloopafval en grof bedrijfsafval wordt verwerkt. De capaciteit is 150.000 ton per jaar, terwijl minder dan 50.000 ton grof huishoudelijk restafval is verwerkt. Tabel 24: Scheidingsresultaat en samenstelling grof restafval Scheidingsresultaat Sorteeranalyses Fractie 2009 2010 2011 2009 Hout 21,1% 22% 23% 28% Puin 3,9% 5% 5% 2% Zeefzand 8,3% 13% 13% Metalen 4,0% 5% 6% 6,8% Pellets 13,0% 34% 32% OPK 8% en kunststoffen 18% Residu 49,1% 21% 22% Vergelijken geeft de volgende indruk: - Van het hout is circa 75% gescheiden - Er is meer puin gescheiden dan aanwezig in het huishoudelijk restafval. Dit is te verklaren door het verwerken van bouw- en sloopafval. - Zeefzand zal vooral afkomstig zijn uit bouw- en sloopafval - Voor metalen is het scheidingsresultaat circa 67%
- Pellets (brandstofkorrels) bestaan vooral uit oud papier/karton en kunststoffen. De verhouding is 50%. 7.4. Vergelijking met de materiaalsamenstelling in 1999 AVU heeft in 1999 een toekomstverkenning laten uitvoeren van het afval in de provincie Utrecht 18. Bij dat onderzoek zijn twintig monsters van grof huishoudelijk restafval onderzocht. Bij 11 monsters is toen een sorteeranalyse uitgevoerd, en bij 9 monsters is geregistreerd welke goederen werden ingezameld. De goederen zijn via kentallen omgerekend naar de samenstelling. Er is gewerkt met een enigszins afwijkende indeling van de fracties. De uitkomsten van het eerdere onderzoek (volgens de samenvatting in het rapport) zijn in Tabel 25 vergeleken met de uitkomsten van het nieuwe onderzoek. Tabel 25: Samenstelling van grof huishoudelijk restafval in 1999 en 2009 1999 2009 papier en karton 7% 8% puin 4% 2% kunststoffen 13% 18% textiel 14% 10% hout 28% 28% metalen 8% 7% overig 26% 28% Het is opvallend dat de verschillen in de uitkomsten klein zijn. Dat wijkt af van de verwachting. Door de verbeterde afvalscheiding op de afvalbrengstations zou de samenstelling van het grof huishoudelijk restafval in de afgelopen jaren zijn veranderd, en zou het sorteren minder aantrekkelijk zijn geworden. Dat wordt in dit onderzoek niet bevestigd. De materiaalsamenstelling is immers niet veranderd. 7.5. Vergelijking met de samenstelling van huishoudelijk restafval De samenstelling van het grof huishoudelijk restafval is in Tabel 26 vergeleken met de samenstelling van het gewone huishoudelijk restafval. Om te kunnen vergelijken zijn enkele fracties samengevoegd. Tabel 26: Vergelijking van de samenstelling van gewoon en grof restafval FRACTIE Grof huishoudelijk restafval Fracties samengevoegd Grof huishoudelijk restafval Huishoudelijk restafval Hout (A, B, C) 27,6% Hout 28% 2% Karton 4,2% Papier en 8% 16% Papier 3,7% karton Kunststof Folie 4,1% Kunststoffen 18% 20% Kunststof Hard 10,3% Foam, Eps 3,6% 18 Toekomstverkenning Afval provincie Utrecht 1998-2015, uitgevoerd door Eureco. 55
FRACTIE Grof huishoudelijk restafval Fracties samengevoegd Grof huishoudelijk restafval Huishoudelijk restafval Textiel 9,7% Textiel 10% 3% Vloerbedekking 11,6% Metalen 6,8% Metalen 6,8% 3,8% Steen 2,0% Steen 2% 2,3% Glas 1,1% Glas 1,1% 4,9% Zeil 1,4% Kabels, rubbers, e.d. 3,3% Luiers, drankkarton, GFT 0,9% Zeef 0-20 mm 9,5% Zeeffractie 9,5% 7% Niet grof, kleiner 150 mm 0,0% Subtotaal 83,4% 59% Fijne fractie, kleiner 50 mm 0,2% Overig 16,6% 41% waarvan 22% gft-afval Uit de tabel blijkt dat er grote verschillen zijn in de samenstelling. Grof restafval bevat: - heel veel meer hout - veel meer textiel, vloerbedekking en metalen - vergelijkbare hoeveelheden kunststoffen (maar waarschijnlijk anders samengesteld) - veel minder papier en karton, glas en gft-afval dan gewoon huishoudelijk restafval. Er is wel gesteld dat door de betere scheiding op de afvalbrengstations het grof huishoudelijk restafval steeds meer gaat lijken op gewoon huishoudelijk restafval. Dat blijkt niet het geval te zijn.
PROVINCIE Leusden Woudenberg Bunnik Houten De Ronde Venen Baarn Utrechtse Heuvelrug De Bilt Oudewater Lopik Soest Woerden Bunschoten Veenendaal Eemnes Montfoort Rhenen Stichtse Vecht Amersfoort IJsselstein Vianen Nieuwegein Zeist Wijk bij Duurstede Renswoude Utrecht 8. Analyses per afvalstroom voor gewoon huishoudelijk afval AVU afvalmonitoring 2006 2011 8.1. Huishoudelijk restafval De hoeveelheid huishoudelijk restafval per inwoner in de provincie Utrecht is gemiddeld 229 kg. Dat is 9 kg meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 210 kg per inwoner. In 11 gemeenten is de hoeveelheid minder dan 210 kg per inwoner. In Figuur 22 is per gemeente de hoeveelheid weergegeven. Leusden is met slechts 149 kg per inwoner een uitschieter. Al eerder is opgemerkt dat in deze gemeente heel veel afval gescheiden wordt ingezameld. Leusden is daardoor de gemeente met het meeste ingezamelde huishoudelijk afval. De gemeente Utrecht is de tegenpool: de hoeveelheid huishoudelijk restafval is het hoogst, terwijl het totaal aan ingezameld huishoudelijk afval het laagst is. Zie paragraaf 5.3. Figuur 22: Huishoudelijk restafval per gemeente in kg per inwoner kg/inwoner 300 250 200 150 100 50 0 De hoeveelheid huishoudelijk restafval wordt in bijna alle gemeenten geleidelijk minder. In enkele gemeenten is de hoeveelheid de afgelopen vijf jaar nauwelijks veranderd. In Figuur 23 en in Figuur 24 is dit weergegeven. 57
Figuur 23: Huishoudelijk restafval (kg/inw) per gemeente in de afgelopen vijf jaar (veel restafval) kg/inwoner 300 290 280 270 260 250 240 230 220 210 200 2007 2008 2009 2010 2011 Utrecht Renswoude Wijk bij Duurstede Amersfoort Nieuwegein Zeist PROVINCIE Vianen IJsselstein Stichtse Vecht Soest Montfoort Eemnes Figuur 24: Huishoudelijk restafval (kg/inw) per gemeente in de afgelopen vijf jaar (weinig restafval) kg/inwoner 250 240 230 220 210 200 190 180 170 160 150 2007 2008 2009 2010 2011 PROVINCIE Veenendaal Rhenen Bunschoten Woerden Lopik De Bilt Oudewater Baarn De Ronde Venen Utrechtse Heuvelrug Houten Bunnik Woudenberg Leusden Er is geen verband gevonden tussen de hoeveelheid huishoudelijk restafval en het aantal inwoners: zie Figuur 25.
Figuur 25: Huishoudelijk restafval (kg/inw) en aantal inwoners per gemeente kg/inwoner 300 250 200 150 100 50 0 0 50.000 100.000 150.000 200.000 250.000 300.000 350.000 inwoners Er is voor huishoudelijk restafval wel een zwak verband zichtbaar met de stedelijkheidsklasse: zie Figuur 26 en Tabel 27. Gemiddeld is er minder restafval in stedelijkheidsklasse 3; de spreiding is echter groot. Figuur 26: Huishoudelijk restafval (kg/inw) en stedelijkheidsklasse kg/inwoner 300 250 200 150 100 50 Per gemeente Gewogen gemiddelde 0 1 2 3 4 5 Stedelijkheidsklasse Tabel 27: Huishoudelijk restafval en stedelijkheidsklasse Stedelijkheidsklasse Huishoudelijk restafval in kg/inw Landelijk 1 Zeer sterk stedelijk 268 305 2 Sterk stedelijk 227 229 3 Matig stedelijk 208 207 4 Weinig stedelijk 211 189 5 Niet stedelijk 220 205 Gemiddeld 232 228 59
Bij vergelijken met de landelijke cijfers valt op dat: - Voor stedelijkheidsklasse 1 (gemeente Utrecht) de hoeveelheid restafval duidelijk minder is dan het landelijk gemiddelde - Voor de stedelijkheidsklassen 2 en 3 en het gemiddelde voor de provincie de hoeveelheid restafval goed overeenkomt met het landelijke gemiddelde - Voor de stedelijkheidsklassen 4 en 5 de hoeveelheid restafval duidelijk meer is dan het landelijk gemiddelde. Een verklaring is mogelijk dat veel van deze gemeenten buiten Utrecht tariefdifferentiatie toepassen, en daardoor weinig restafval hebben. In Figuur 27 is het verband weergegeven van de hoeveelheid restafval en het gescheiden ingezamelde afval. Figuur 27: Huishoudelijk restafval en gescheiden ingezameld gewoon afval (kg/inw) gescheiden kg/inw 300 250 y = -0,85x + 384 200 150 100 Gescheiden gewoon totaal Gft-afval Papier en karton Verpakkingsglas 50 0 0 50 100 150 200 250 300 restafval kg/inw Er is duidelijk minder restafval als er meer gescheiden wordt ingezameld. Dat is zowel zichtbaar voor het totaal aan gescheiden ingezameld gewoon afval (gft-afval + papier + glas + textiel + kca + kunststofverpakkingen) als voor gft-afval, papier en glas afzonderlijk. Volgens de trendlijn is er 12 kg minder restafval als er 10 kg meer gescheiden wordt ingezameld (per inwoner). Gezien de grote spreiding in de uitkomsten is dat een ruwe benadering. 8.2. Gft-afval (en grof tuinafval) De gescheiden ingezamelde hoeveelheid gft-afval per inwoner in de provincie Utrecht is gemiddeld 80 kg. Dat is 3 kg meer dan het landelijk gemiddelde. In Figuur 28 is per gemeente de hoeveelheid weergegeven. Utrechtse Heuvelrug is met 154 kg per inwoner koploper. In de gemeente Utrecht wordt het minste gft-afval ingezameld (30 kg), wat gezien het zeer stedelijke karakter niet verrassend is.
PROVINCIE Utrecht IJsselstein Nieuwegein Amersfoort Bunschoten Leusden Woerden Veenendaal Houten Stichtse Vecht Zeist Vianen Baarn Renswoude De Ronde Venen Wijk bij Duurstede Lopik Rhenen Soest Montfoort De Bilt Woudenberg Bunnik Eemnes Oudewater Utrechtse Heuvelrug AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 28: Ingezameld gft-afval per gemeente in kg per inwoner (2011) kg/inwoner 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0 In Figuur 29 en Tabel 28 is de ingezamelde hoeveelheid gft-afval per stedelijkheidsklasse weergegeven. In de provincie en in vier stedelijkheidsklassen wordt meer ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Alleen in stedelijkheidsklasse 5 (Lopik: 112 kg en Renswoude: 104 kg) wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Zoals te verwachten, wordt in de landelijke gemeenten meer ingezameld dan in de meer stedelijke. De spreiding in de ingezamelde hoeveelheden is echter groot. Figuur 29: Ingezameld gft-afval per gemeente en stedelijkheidsklasse (kg per inwoner) kg/inwoner 180 160 140 120 100 80 60 40 20 Per gemeente Gewogen gemiddelde 0 1 2 3 4 5 Stedelijkheidsklasse 61
Tabel 28: Ingezameld gft-afval per stedelijkheidsklasse (kg per inwoner) Stedelijkheidsklasse Provincie Utrecht Landelijk 1 Zeer sterk stedelijk 30 18 2 Sterk stedelijk 72 67 3 Matig stedelijk 102 94 4 Weinig stedelijk 116 105 5 Niet stedelijk 110 123 Gemiddeld 80 77 Per jaar fluctueren de ingezamelde hoeveelheden gft-afval enigszins, maar er is geen duidelijke trend naar meer of minder inzamelen. In Figuur 30 zijn per gemeente de ingezamelde hoeveelheden in de afgelopen vijf jaar weergegeven. De stippellijn is het gemiddelde voor de provincie. Figuur 30: Ingezameld gft-afval per gemeente van 2006 to provincie) kg/inwoner 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0 In 2006 In 2007 In 2008 In 2009 In 2010 In 2011 Ten slotte zijn in Figuur 31 nog de hoeveelheden ingezameld gft-afval, ingezameld grof tuinafval en het gft-afval in het restafval uitgezet tegen de hoeveelheid restafval. In de figuur staat ook het totaal aan groenafval = gft-afval + grof tuinafval + gft-afval in restafval.
Figuur 31: Ingezameld gft-afval, groenafval, gft in restafval en totaal per gemeente uitgezet tegen het huishoudelijk restafval (kg per inwoner) Groenafval kg/inw 350 300 250 200 150 100 50 Gft-afval Grof tuinafval Gft in restafval Totaal groenafval 0 0 50 100 150 200 250 300 Restafval kg/inw Uit de figuur blijkt dat in de gemeenten met meer restafval minder gft-afval en minder grof tuinafval wordt ingezameld, en meer gft-afval in het restafval terechtkomt. Het totaal aan groenafval is minder in de gemeenten met meer restafval, ofwel in de meer stedelijke gemeenten. Dat is in lijn met de verwachting. Opvallend is de situatie in Renswoude (het punt rechtsboven): voor deze landelijke gemeente is de hoeveelheid groenafval hoog (wat niet verrassend is), maar ook de hoeveelheid restafval. Voor het laatste is geen verklaring bekend. 8.3. Papier en karton De gescheiden ingezamelde hoeveelheid papier per inwoner in de provincie Utrecht is gemiddeld 57 kg. Dat is 6 kg minder dan het landelijk gemiddelde. In Figuur 32 is per gemeente de hoeveelheid papier weergegeven. In Lopik (94 kg) wordt het meest ingezameld, in de gemeente Utrecht het minste (40 kg). 63
PROVINCIE Utrecht Veenendaal Woerden Stichtse Vecht Nieuwegein Bunschoten Renswoude IJsselstein Amersfoort Eemnes Rhenen Zeist Montfoort Wijk bij Duurstede Woudenberg Vianen Oudewater Houten Baarn De Ronde Venen De Bilt Soest Utrechtse Heuvelrug Leusden Bunnik Lopik AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 32: Ingezameld papier per gemeente in kg per inwoner (2011) 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 kg/inwoner In Figuur 33 en Tabel 29 is de ingezamelde hoeveelheid papier per stedelijkheidsklasse weergegeven. In de provincie en in drie stedelijkheidsklassen wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Alleen in stedelijkheidsklasse 1 (Utrecht) en stedelijkheidsklasse 5 (met name Lopik; niet in Renswoude) wordt meer ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Zoals te verwachten, wordt in de landelijke gemeenten meer ingezameld dan in de stedelijke. De spreiding in de ingezamelde hoeveelheden is echter groot. Figuur 33: Ingezameld papier per gemeente en stedelijkheidsklasse (kg per inwoner) kg/inwoner Per gemeente Gewogen gemiddelde 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 1 2 3 4 5 Stedelijkheidsklasse
Tabel 29: Ingezameld papier per stedelijkheidsklasse (kg per inwoner) Stedelijkheidsklasse Provincie Utrecht Landelijk 1 Zeer sterk stedelijk 40 37 2 Sterk stedelijk 55 59 3 Matig stedelijk 67 70 4 Weinig stedelijk 65 76 5 Niet stedelijk 85 79 Gemiddeld 57 63 In Figuur 34 zijn per gemeente de ingezamelde hoeveelheden papier, de hoeveelheden in het restafval en het totaal (= ingezameld + in het restafval) uitgezet tegen de hoeveelheid restafval. Wat opvalt is dat hoe meer papier wordt ingezameld, hoe minder in het restafval wordt aangetroffen. Het totaal aan papier per gemeente varieert wel, maar er is geen verband met de hoeveelheid restafval. Figuur 34: Ingezameld papier, papier in het restafval en het totaal per gemeente uitgezet tegen het huishoudelijk restafval (kg per inwoner) kg/inwoner 140 120 100 80 60 Totaal Ingezameld In restafval 40 20 0 0 50 100 150 200 250 300 Restafval kg/inw De hoeveelheid herbruikbaar papier in het restafval van 39 kg per inwoner is meer dan het AVU-aanvaardbaar niveau van gemiddeld 30 kg per inwoner. Provinciebreed zou circa 10 kg per inwoner meer papier moeten worden ingezameld. Voor de stedelijkheidsklassen 1 en 2 is bij 2 van de 5 gemeenten minder papier in het restafval aangetroffen dan het AVU aanvaardbaar niveau van 40 kg. Voor de stedelijkheidsklassen 3, 4 en 5 is bij slechts 1 van de 21 gemeenten minder papier in het restafval aangetroffen dan het AVU aanvaardbaar niveau van 20 kg per inwoner voor deze stedelijkheidsklasse. De ingezamelde hoeveelheid papier per inwoner (nu 60 kg) is gerekend over de afgelopen 10 jaar weinig veranderd. Er waren echter wel fluctuaties in de hoeveelheden: van 52 kg in 2003 tot 66 kg in 2007 (zie Tabel 17). De afname na 2008 wordt geweten aan de financiële crisis, waardoor minder papier wordt gebruikt. 65
PROVINCIE Renswoude Rhenen Nieuwegein Veenendaal Amersfoort Bunschoten Lopik Utrecht Woerden Stichtse Vecht Houten Zeist Utrechtse Heuvelrug Soest Vianen Bunnik De Ronde Venen Baarn Oudewater IJsselstein De Bilt Montfoort Wijk bij Duurstede Eemnes Leusden Woudenberg AVU afvalmonitoring 2006 2011 8.4. Verpakkingsglas De gescheiden ingezamelde hoeveelheid glas per inwoner in de provincie Utrecht is gemiddeld 22 kg. Dat is 1 kg meer dan het landelijk gemiddelde. In Figuur 35 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid glas weergegeven. In Woudenberg (36 kg) wordt het meest ingezameld, in Renswoude het minst (16 kg). In 8 van de 26 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Figuur 35: Ingezameld glas per gemeente in kg per inwoner (2011) kg/inwoner 40 35 30 25 20 15 10 5 0 In Figuur 36 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid glas, de hoeveelheid in het restafval en het totaal (= ingezameld + in het restafval) uitgezet tegen de hoeveelheid restafval. Hoe meer glas wordt ingezameld, hoe minder in het restafval wordt aangetroffen. Wat opvalt is dat het totaal aan glas per gemeente lijkt af te nemen als er meer restafval is. Dat kan echter toeval zijn: in de twee gemeenten met het meeste restafval is weinig glas in het restafval aangetroffen. De cijfers van deze gemeenten beïnvloeden de figuur sterk. De spreiding in de cijfers is ook groot.
Figuur 36: Ingezameld glas, in het restafval en het totaal per gemeente uitgezet tegen het huishoudelijk restafval (kg per inwoner) kg/inwoner 45 40 35 30 25 20 15 Ingezameld In restafval Totaal glas 10 5 0 0 50 100 150 200 250 300 Restafval kg/inw In alle gemeenten is de hoeveelheid glas in het restafval meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 5 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde is 11 kg per inwoner. Er zou dus 6 kg per inwoner meer moeten worden ingezameld. De ingezamelde hoeveelheid glas is de afgelopen jaren nauwelijks veranderd. In paragraaf 4.5 en 5.6 (zie Tabel 17) is dat al beschreven. Om het inzamelen van glas te verbeteren is blijkbaar extra beleid nodig. 8.5. Textiel De gescheiden ingezamelde hoeveelheid textiel per inwoner in de provincie Utrecht is gemiddeld 3,7 kg. Dat is 0,4 kg (10%) minder dan het landelijk gemiddelde van 4,1 kg. In Figuur 37 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid textiel weergegeven. In Bunnik (5,8 kg) wordt het meest ingezameld, in Baarn (0 kg), Nieuwegein (1,7 kg) en Oudewater (2 kg) het minst. In 17 van de 26 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. De inzamelcijfers voor textiel kunnen vertekend zijn: in veel gemeenten wordt textiel ingezameld door charitatieve organisaties; de inzamelcijfers van deze organisaties worden niet altijd geregistreerd bij de gemeenten. 67
PROVINCIE Baarn Nieuwegein Oudewater Veenendaal Renswoude Bunschoten Lopik Soest Stichtse Vecht Utrecht Montfoort De Bilt Woudenberg Woerden Amersfoort De Ronde Venen Zeist Utrechtse Heuvelrug Rhenen Houten Leusden Vianen Eemnes IJsselstein Wijk bij Duurstede Bunnik AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 37: Ingezameld textiel per gemeente in kg per inwoner (in 2011) kg/inwoner 7 6 5 4 3 2 1 0 In Figuur 38 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid textiel, de hoeveelheid in het restafval en het totaal (= ingezameld + in het restafval) uitgezet tegen de hoeveelheid restafval. Er is geen verband met het restafval waarneembaar voor het ingezamelde textiel. De hoeveelheid in het restafval neemt wel toe als er meer restafval is (en het totaal dus ook). De spreiding in de cijfers is groot. Figuur 38: Ingezameld textiel, in het restafval en het totaal per gemeente uitgezet tegen het huishoudelijk restafval (kg per inwoner) kg/inwoner 18 16 14 12 10 8 6 Ingezameld In restafval Totaal textiel 4 2 0 0 50 100 150 200 250 300 Restafval kg/inw De hoeveelheid textiel in het restafval is in alle gemeenten meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 5 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde is 9 kg per inwoner. Er zou 4 kg per inwoner meer moeten worden ingezameld; anders gezegd: twee maal zo veel als nu.
In de afgelopen 10 jaar is de ingezamelde hoeveelheid textiel geleidelijk toegenomen van 3 naar 4 kg per inwoner (zie Tabel 17). 8.6. Klein chemisch afval (kca) De gescheiden ingezamelde hoeveelheid klein chemisch afval (kca) per inwoner in de provincie Utrecht is gemiddeld 1,3 kg. Dat is hetzelfde als het landelijk gemiddelde. In Figuur 39 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid kca weergegeven. In Woudenberg (2,6 kg) en Lopik (2,5 kg) wordt het meest ingezameld. Het minst wordt ingezameld in Stichtse Vecht (0,16 kg). In 9 van de 26 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. Figuur 39: Ingezameld kca per gemeente in kg per inwoner (in 2011) In Figuur 40 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid kca, de hoeveelheid in het restafval en het totaal (= ingezameld + in het restafval) uitgezet tegen de hoeveelheid restafval. Er is geen verband met het restafval waarneembaar. De spreiding in de cijfers voor het inzamelen is relatief groot. 69
Figuur 40: Ingezameld kca, in het restafval en het totaal per gemeente uitgezet tegen het huishoudelijk restafval (kg per inwoner) De hoeveelheid kca in het restafval is in slechts 3 van de 26 gemeenten meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 0,25 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde (0,14 kg) is ook duidelijk minder. Blijkbaar wordt het kca voldoende gescheiden ingezameld. In de afgelopen 10 jaar is de ingezamelde hoeveelheid klein chemisch afval weinig veranderd (zie Tabel 17). 8.7. Kunststof verpakkingen De gescheiden ingezamelde hoeveelheid kunststof verpakkingen per inwoner in de provincie Utrecht is gemiddeld 4,4 kg. Dat is 1,5 kg minder dan het landelijk gemiddelde van 5,9 kg per inwoner. In Figuur 41 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid kunststof verpakkingen weergegeven. In Rhenen (8,5 kg) en Montfoort (8,3 kg) wordt het meest ingezameld. Het minst wordt ingezameld in Utrecht (1,8 kg) 19. In 14 van de 26 gemeenten wordt minder ingezameld dan het landelijk gemiddelde. 19 De hoeveelheid in Utrecht is echter duidelijk meer dan het landelijk gemiddelde van 1 kg per inwoner voor stedelijkheidsklasse 1.
PROVINCIE Utrecht Amersfoort Zeist Leusden Wijk bij Stichtse Vecht Veenendaal Utrechtse Oudewater IJsselstein Nieuwegein Soest Woerden Bunschoten De Bilt De Ronde Lopik Houten Eemnes Bunnik Vianen Renswoude Baarn Woudenberg Montfoort Rhenen AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 41: Ingezamelde kunststof verpakkingen per gemeente in kg per inwoner (in 2011) kg/inwoner 9 8 7 6 5 4 3 2 1 0 In Figuur 42 is per gemeente de ingezamelde hoeveelheid kunststof verpakkingen, de hoeveelheid in het restafval en het totaal (= ingezameld + in het restafval) uitgezet tegen de hoeveelheid restafval. De ingezamelde hoeveelheid is een fractie van het totaal. Er wordt meer gescheiden ingezameld in de gemeenten met weinig restafval. Het totaal aan kunststofverpakkingen per gemeente verschilt betrekkelijk weinig. Dat was ook zo in het verleden, toen kunststofverpakkingen nog niet gescheiden werden ingezameld 20. Figuur 42: Ingezamelde kunststof verpakkingen in het restafval en het totaal per gemeente uitgezet tegen het huishoudelijk restafval (kg per inwoner) 35 30 25 20 15 10 Ingezameld In restafval Totaal kunststof verpakkingen 5 0 0 50 100 150 200 250 300 Restafval kg/inw 20 Zie de eerdere AVU monitoringrapportages (op avu.nl). 71
De hoeveelheid kunststof verpakkingen in het restafval is in 11 van de 26 gemeenten meer dan het AVU aanvaardbaar niveau van 20 kg per inwoner. Het gewogen gemiddelde (22 kg) is 2 kg meer. Er zou dus 1 à 2 kg meer moeten worden ingezameld. Bij de sorteeranalyses is eerder aanvullend onderzoek gedaan naar de vervuiling van deze fractie. De vervuiling met aanklevend vuil en productresten bleek circa 30% te zijn. Bij de sorteeranalyses in 2011 is daarvoor gecorrigeerd. Het gescheiden inzamelen van kunststof verpakkingen is gestart in 2008. De ontwikkeling van het inzamelen staat in Tabel 30. Het is opvallend dat na de grote toename in 2010 de ingezamelde hoeveelheid in 2011 weer is afgenomen. De cijfers van 2012 zullen duidelijk maken in welke richting de ontwikkeling gaat. Tabel 30: Ontwikkeling van het gescheiden inzamelen van kunststof verpakkingen in de provincie Utrecht (in kg per inwoner) - in kg/inwoner - 2008 2009 2010 2011 Kunststoffen in restafval 51 62 46 32 - waarvan verpakkingen 43 53 36 22 Ingezamelde verpakkingen 0,6 1 4,8 4,2 Som kunststof verpakkingen 44 54 41 26
PROVINCIE Eemnes Wijk bij Rhenen Nieuwegein Montfoort Oudewater Stichtse Utrecht Utrechtse Baarn Zeist Vianen De Ronde Veenendaal Soest IJsselstein Renswoude Woerden Woudenberg Amersfoort Houten Bunnik De Bilt Lopik Bunschoten Leusden 9. Analyses per afvalstroom voor grof huishoudelijk afval AVU afvalmonitoring 2006 2011 9.1. Ingezamelde hoeveelheden grof huishoudelijk afval 9.1.1 Grote verschillen in de totale hoeveelheid grof afval Er zijn grote verschillen tussen de gemeenten in de ingezamelde hoeveelheid grof huishoudelijk afval. In Figuur 43 is de ingezamelde hoeveelheid per gemeente weergegeven. Figuur 43: Ingezamelde hoeveelheid grof huishoudelijk afval per gemeente in kg per inwoner kg/inwoner 350 300 250 200 150 100 50 0 Overig Schone grond Hout A en B Schoon puin Grof tuinafval Verbouwingsrestafval Grof huishoudelijk restafval Gemiddeld is er 135 kg per inwoner ingezameld. Uitschieters zijn Eemnes met 77 kg en Leusden met 325 kg per inwoner. Ook per afvalstroom zijn er grote onderlinge verschillen. Voor deze verschillen is geen algemene verklaring bekend. In de volgende paragrafen is per afvalstroom een verdere uitwerking gemaakt. Gedetailleerde gegevens over de ingezamelde hoeveelheden per afvalstroom en per gemeente zijn vermeld in paragraaf 5.2 en Tabel 13. 9.1.2 Halen en brengen van grof huishoudelijk restafval Haalsystemen In bijna alle gemeenten wordt het grof huishoudelijk restafval op afroep aan-huis opgehaald. In De Bilt en Montfoort werd het tot 2012 nog huis-aan-huis opgehaald. In zes gemeenten moet worden betaald voor het ophalen: De Ronde Venen, Leusden, Lopik (vanaf november 2011), Soest, Oudewater en Vianen. De kosten zijn 25 tot 34 per keer of een vergelijkbaar bedrag per m 3. In Bunschoten wordt grof huishoudelijk restafval niet door de gemeente opgehaald; in Baarn en Woudenberg wordt het opgehaald door het kringloopcentrum en is het niet als halen geregistreerd. 73
Brengsystemen In alle gemeenten kan grof huishoudelijk restafval worden gebracht naar het afvalaanbiedstation, behalve in Renswoude. Er zijn verschillende openingstijden. In Wijk bij Duurstede moet worden betaald bij het brengen van restafval ( 10 per ¼ m 3 ). In Figuur 44 zijn per systeem de gebrachte en opgehaalde hoeveelheden weergegeven. Figuur 44: Brengen en halen van grof huishoudelijk restafval in kg per inwoner Halen en totaal kg/inw 70 60 50 40 30 20 Halen = gratis Halen=betalen Totaal gratis Totaal halen =betalen 10 0 0 10 20 30 40 50 60 70 Brengen kg/inw Zoals te verwachten is, wordt bij halen=betalen nog nauwelijks grof huishoudelijk restafval opgehaald. Het totaal aan afval wijkt echter niet af van dat in andere gemeenten. Het is opvallend dat in de drie gemeenten waar het restafval niet wordt opgehaald juist heel veel grof restafval wordt gebracht (rechts in de figuur). 9.1.3 Gescheiden ingezamelde hoeveelheden en hoeveelheid restafval In Figuur 45 is de gescheiden ingezamelde hoeveelheid grof huishoudelijk afval uitgezet tegen de hoeveelheid grof restafval totaal (=grof huishoudelijk restafval + verbouwingsrestafval). Het is opvallend dat in de gemeenten met weinig restafval niet duidelijk meer gescheiden wordt ingezameld. De twee gemeenten met veel restafval en veel gescheiden inzamelen (rechtsboven in de figuur) zijn Leusden en Bunschoten. In Leusden wordt heel veel grof tuinafval ingezameld; in Bunschoten betreft het veel grof tuinafval, hout en schoon puin.
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 45: Gescheiden ingezameld grof huishoudelijk afval en grof restafval in kg per inwoner Grof afval gescheiden kg/inw 300 250 200 150 100 50 0 0 10 20 30 40 50 60 70 Grof restafval totaal kg/inw 9.2. Grof huishoudelijk restafval en verbouwingsrestafval In alle gemeente wordt grof huishoudelijk restafval ingezameld. In de helft van de gemeenten wordt ook verbouwingsrestafval apart ingezameld. In Tabel 31 en Figuur 46 staan de ingezamelde hoeveelheden per gemeente. Tabel 31: De ingezamelde hoeveelheden grof huishoudelijk restafval en verbouwingsrestafval per gemeente in kg per inwoner Grof huishoudelijk restafval 25 41 52 67 39 27 49 27 42 38 36 42 33 19 21 35 31 41 36 25 37 21 38 21 51 29 34 Verbouwingsrestafval 15 7 10 3 13 2 8 6 6 4 5 3 4 5 Totaal grof restafval 40 48 52 67 49 27 49 30 42 51 38 42 41 19 21 35 37 47 40 25 42 21 38 24 51 34 39 75
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Utrecht Utrechtse Veenendaal Vianen Wijk bij Woerden Woudenberg Zeist PROVINCIE AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 46: Ingezameld grof huishoudelijk restafval en verbouwingsrestafval per gemeente in kg per inwoner kg/inwoner 70 60 50 40 30 20 10 0 Grof huishoudelijk restafval Verbouwingsrestafval Uit de tabel en de figuur blijkt dat de ingezamelde hoeveelheden sterk verschillen per gemeente. Er is nog geen uitgewerkte verklaring voor deze verschillen. Het is aannemelijk dat er weinig wordt ingezameld als het aanbiedingsstation beperkt open is, en veel als het afval huis-aan-huis wordt opgehaald. Er is soms ook sprake van instroom van bedrijfsafval, maar concrete informatie daarover ontbreekt. Het ingezamelde verbouwingsafval is aanzienlijk minder dan het gewone grof huishoudelijk restafval. In de gemeenten waar dit niet wordt geaccepteerd, zal een deel terechtkomen in het gewone grof huishoudelijk restafval en een deel worden aangeboden bij andere, particuliere verwerkers. 9.3. Gescheiden inzamelen van grof huishoudelijk afval: overzicht In paragraaf 5.2 is al beschreven in welke afvalstromen grof huishoudelijk afval gescheiden wordt ingezameld. Gerangschikt naar de gemiddelde hoeveelheid (gewogen voor de provincie) betreft het: kg per inwoner 1 Grof tuinafval 25 2 Schoon puin 25 3 Hout A en B 20 4 Hout C 1,5 5 Schone grond 7,7 6 Apparaten 6,3 7 Metalen 5,1 8 Bruikbaar huisraad 1,9 9 Gips 1,2 10 Dakbedekking 0,9
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 kg per inwoner 11 Vlakglas 0,7 12 Overige kunststoffen 0,6 13 Asbesthoudend afval 0,4 14 Autobanden 0,2 15 Luiers 0,1 16 Vloerbedekking 0,0 17 Gasflessen en brandblussers 0,0 18 Overig asfaltpuin 0,0 19 Overig frituurvet 0,0 20 Overig non ferro 0,0 21 Overig kadavers 0,0 TOTAAL kg/inw 97 kg/inw In totaal betreft het 97 kg per inwoner; het leeuwendeel (74%) wordt gevormd door grof tuinafval, schoon puin en hout. Voor het gescheiden inzamelen worden 21 verschillende stromen onderscheiden. Per gemeente wordt een deel daarvan daadwerkelijk gescheiden ingezameld (zie Tabel 13). Voor de 9 afvalstromen met gemiddeld meer dan 1 kg per inwoner en voor vlakglas is hierna een korte uitwerking gemaakt. Voor vlakglas is het gedaan omdat dit wordt ingezameld via producentenverantwoordelijkheid. Voor de overige, kleine afvalstromen is geen verdere uitwerking gemaakt en wordt verwezen naar de informatie in paragraaf 5.2. Deze afvalstromen worden niet in alle gemeenten ingezameld en de hoeveelheden per gemeente verschillen onderling sterk. 9.4. Grof tuinafval In alle gemeenten wordt grof tuinafval gescheiden ingezameld. De ingezamelde hoeveelheden verschillen enorm: van 4 kg per inwoner in Eemnes, 6 in Utrecht en 7 in Wijk bij Duurstede tot 198 kg in Leusden, 105 in Renswoude en 103 in Bunschoten. Gemiddeld wordt 25 kg per inwoner ingezameld. In Tabel 32 staan de ingezamelde hoeveelheden per gemeente. Tabel 32: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid grof tuinafval per gemeente in kg per inwoner Grof tuinafval 22 10 61 103 28 16 4 38 25 198 72 35 11 48 105 31 19 22 6 39 18 26 7 21 46 13 25 Voor het verklaren van de verschillen is verder onderzoek nodig. Als oorzaken kan worden gedacht aan verschillen in: - Stedelijkheidsklasse - Inzamelmethodiek: haal- en brengvoorzieningen - Instroom van gemeentelijk groenafval. Er is geen duidelijk verband met de ingezamelde hoeveelheid gft-afval. In Figuur 47 is per gemeente de hoeveelheid grof tuinafval uitgezet tegen de hoeveelheid gft-afval. Uit de 77
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 puntenwolk blijkt dat de hoeveelheid grof tuinafval niet toe- of afneemt als er meer of minder gft-afval wordt ingezameld. Figuur 47: Ingezameld grof tuinafval en gft-afval per gemeente in kg per inwoner Grof tuinafval kg/inw 250 200 150 100 50 0 0 50 100 150 200 Gft-afval kg/inw 9.5. Schoon puin Puin gemiddeld Ingezameld: 25 kg per inwoner In het restafval: 5 In grof restafval: 0,7 Verbouwingsrestafval: 5 kg, waarvan een onbekend deel puin In alle gemeenten wordt schoon puin gescheiden ingezameld. De hoeveelheid is gemiddeld hetzelfde als voor grof tuinafval: 25 kg per inwoner. De verschillen zijn echter veel minder groot: van 4 kg per inwoner in Renswoude en 8 kg in Stichtse Vecht tot 48 kg in Bunschoten en 47 kg in De Bilt. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden staan in Tabel 33. Ook bij deze afvalstroom is er geen directe verklaring voor de verschillen. Tabel 33: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid schoon puin per gemeente in kg per inwoner Schoon puin 34 28 29 48 47 23 18 29 22 11 21 20 16 16 4 12 23 8 23 19 23 31 18 38 24 29 25 Bij de sorteeranalyses van het huishoudelijk restafval is ook de hoeveelheid steenachtig materiaal bepaald. Gemiddeld was dit 5,2 kg per inwoner. Dat is veel minder dan de gescheiden ingezamelde hoeveelheid. In Figuur 48 is de hoeveelheid in het restafval uitgezet tegen de gescheiden ingezamelde hoeveelheid. Er blijkt nauwelijks een verband tussen de
ingezamelde hoeveelheid en de hoeveelheid in het restafval. Het is dus niet zo dat als er minder puin door de gemeente wordt ingezameld, dit puin in het restafval terecht komt. Omgekeerd leidt meer inzamelen van puin niet tot minder restafval. Figuur 48: Ingezameld puinafval en puin in het restafval per gemeente in kg per inwoner Steen in restafval kg/inw 35 30 25 20 15 10 5 0 0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 Ingezameld puin kg/inw Bij het onderzoek naar de samenstelling van grof huishoudelijk restafval is gevonden dat dit gemiddeld circa 0,7 kg per inwoner steen bevat (zie Tabel 23). Een klein deel (circa 2%) van het puin komt dus in het grof huishoudelijk restafval terecht. 9.6. Hout Hout gemiddeld Ingezameld: 22 kg per inwoner In het restafval: 4 In grof restafval: 10 In alle gemeenten, behalve Eemnes, wordt schoon en licht verontreinigd hout (A- en B-hout) gescheiden ingezameld. Gemiddeld wordt 20 kg per inwoner ingezameld. De hoeveelheid varieert van 0 kg per inwoner in Eemnes, 5 kg in Montfoort, 5 kg in Renswoude en 6 kg in Baarn tot 34 kg in Bunschoten en in Lopik. Voor deze verschillen is geen directe verklaring beschikbaar. In 18 van de 26 gemeenten wordt ook verontreinigd hout (hout C) apart ingezameld. De gemiddelde hoeveelheid is 1,5 kg per inwoner, dus veel minder dan voor A- en B-hout. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden hout staan in Tabel 34. 79
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Tabel 34: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid hout per gemeente in kg per inwoner A- en B-hout 21 23 6 21 34 25 27 0 21 10 30 34 5 19 18 5 12 24 19 18 20 22 23 11 27 21 20 20 C- hout 4,4 1,9 4,3 4,1 2,6 2,2 2,2 3,8 4,6 0,3 1,0 3,7 2,1 0,4 2,3 2,0 0,7 3,3 2,5 1,5 Bij de sorteeranalyses van huishoudelijk restafval is ook het aandeel van hout bepaald; gemiddeld is 4 kg per inwoner in het restafval gevonden. Dat is veel minder dan de ingezamelde hoeveelheid. In Figuur 49 is de gevonden hoeveelheid hout in het restafval per gemeente uitgezet tegen de gescheiden ingezamelde hoeveelheid hout. Er is een zwak verband: als er meer gescheiden wordt ingezameld, is er iets minder hout in het restafval. Figuur 49: Ingezameld hout en hout in het restafval per gemeente in kg per inwoner Hout in restafval kg/inw 12 10 8 6 4 2 0 0 5 10 15 20 25 30 35 40 45 Gescheiden ingezameld kg/inw Bij het onderzoek naar de samenstelling van grof huishoudelijk restafval is gevonden dat dit gemiddeld circa 10 kg per inwoner hout bevat (zie Tabel 23). Een groot deel (bijna 30%) van het hout komt dus in het grof huishoudelijk restafval terecht. Via de scheidingsinstallatie wordt dit hout ook grotendeels hergebruikt. 9.7. Schone grond In 11 van de 26 gemeenten wordt schone grond gescheiden ingezameld: dat wil zeggen geaccepteerd op het afvalaanbiedstation. Gemiddeld is de hoeveelheid 7,7 kg per inwoner. De 21 A-hout: ongeverfd en onbehandeld hout; B-hout: niet onder A- en C-hout vallend hout waaronder geverfd, gelakt en verlijmd hout; C-hout: geïmpregneerd hout.
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 hoeveelheid varieert van 4,2 kg per inwoner in Nieuwegein tot 21,2 kg in Houten. Voor deze verschillen is geen directe verklaring beschikbaar. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden schone grond staan in Tabel 35. Tabel 35: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid schone grond per gemeente in kg per inwoner Schone grond 20,8 10,8 8,6 21,2 16,2 4,2 7,3 9,1 10,1 5,7 7,7 9.8. Apparaten Apparaten gemiddeld Ingezameld: 5,3 kg per inwoner In het restafval: 2,2 kg per inwoner In alle gemeenten worden elektrische en elektronische apparaten (wit- en bruingoed) gescheiden ingezameld. Gemiddeld wordt 5,3 kg per inwoner ingezameld. De hoeveelheid varieert van 2 kg per inwoner in Renswoude tot 10,7 kg in De Ronde Venen en 9,8 kg in Lopik. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden apparaten staan in Tabel 36. Tabel 36: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid apparaten per gemeente in kg per inwoner Apparaten 2,6 3,7 5,3 5,1 7,1 10,7 4,8 7,9 6,2 8,3 9,8 1,9 6,2 2,4 2,0 3,0 6,5 5,3 4,4 5,3 7,9 5,5 5,7 5,9 0,6 5,7 5,3 De apparaten worden verwerkt via de branche-organisaties. De gemeenten ontvangen hiervoor een vergoeding per ton. De oude apparaten kunnen bij aanschaf van een nieuw apparaat ook worden ingeleverd bij de detailhandel (oud voor nieuw regeling). Dat kan voor een deel de verschillen per gemeente verklaren. Voor de hoeveelheid apparaten in het restafval is het AVU-aanvaardbaar niveau 1 kg per inwoner. De gemiddelde hoeveelheid in het restafval is 2,2 kg per inwoner. Er zou dus circa 1 kg per inwoner meer moeten worden ingezameld. In Figuur 50 is per gemeente de hoeveelheid apparaten in het restafval uitgezet tegen de gescheiden ingezamelde hoeveelheid. Uit de figuur blijkt een zwak verband: hoe meer apparaten worden ingezameld, hoe minder in het restafval. In slechts 3 gemeenten is de hoeveelheid in het restafval minder dan het aanvaardbaar niveau van 1 kg per inwoner. 81
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Figuur 50: Ingezamelde apparaten en apparaten in het restafval per gemeente in kg per inwoner Apparaten in restafval kg/inw 7 6 5 4 3 2 1 0 0 2 4 6 8 10 12 Gescheiden ingezameld kg/inw 9.9. Metalen Metalen gemiddeld Ingezameld: 5,1 kg per inwoner In het restafval: 8,4 In grof restafval: 2,4 In op 3 na alle gemeenten worden metalen gescheiden ingezameld. Het is denkbaar dat in de 3 gemeenten de metalen niet zijn geregistreerd. De ingezamelde hoeveelheid is gemiddeld 5,1 kg per inwoner. De hoeveelheid varieert van 0,6 kg per inwoner in Montfoort tot 9,8 kg in De Bilt en 9,3 kg in Leusden. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden metalen staan in Tabel 37. Er is geen directe verklaring voor de verschillen. Oude metalen brengen geld op. Daardoor zullen burgers oude metalen ook naar oud ijzer handelaren brengen. In sommige gemeenten worden de metalen gescheiden in ferro en non-ferro ingezameld; dat wordt niet door het CBS geregistreerd. Tabel 37: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid metalen per gemeente in kg per inwoner Metalen 5,1 5,5 2,6 8,1 9,8 5,5 7,8 4,5 9,3 9,3 0,6 4,6 2,3 5,3 3,4 3,7 5,6 4,8 8,1 3,3 7,5 5,0 6,1 5,1 Bij de sorteeranalyses is ook de hoeveelheid metalen in het huishoudelijk restafval bepaald. De hoeveelheid is gemiddeld 8,4 kg per inwoner, dat is duidelijk meer dan de gescheiden ingezamelde hoeveelheid! Circa 25% van deze metalen is non-ferro. In Figuur 51 is de
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 hoeveelheid metalen in het restafval uitgezet tegen de gescheiden ingezamelde hoeveelheid. Uit de figuur blijkt dat er nauwelijks een verband is tussen de gescheiden ingezamelde hoeveelheid metalen en de hoeveelheid in het restafval. De verklaring hiervoor is dat de metalen in het restafval vooral bestaan uit verpakkingsblik, dat in de praktijk niet wordt aangeboden als oud ijzer. Figuur 51: Ingezamelde metalen en metalen in het restafval per gemeente in kg per inwoner Metalen in restafval kg/inw 14 12 10 8 6 4 2 0 0 2 4 6 8 10 12 Gescheiden ingezameld kg/inw Bij het onderzoek naar de samenstelling van grof huishoudelijk restafval is gevonden dat dit gemiddeld circa 2,4 kg per inwoner metalen bevat (zie Tabel 23). Een klein deel (15%) van de metalen komt dus in het grof huishoudelijk restafval terecht. Via de scheidingsinstallatie worden deze metalen hergebruikt. 9.10. Bruikbaar huisraad In 8 van de 26 gemeenten wordt bruikbaar huisraad gescheiden ingezameld en als zodanig door de gemeente geregistreerd. Het is waarschijnlijk dat in meer gemeenten bruikbaar huisraad ook wordt ingezameld door kringloopcentra. Dat is niet verder onderzocht. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden bruikbaar huisraad staan in Tabel 39. In Amersfoort, De Ronde Venen en Leusden is de hoeveelheid huisraad substantieel. Tabel 38: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid bruikbaar huisraad per gemeente in kg per inwoner Bruikbaar huisraad 7,9 1,9 9,0 7,8 2,1 2,5 1,0 4,2 1,9 83
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 9.11. Gips Gips wordt in de helft van de gemeenten gescheiden ingezameld. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden staan in Tabel 39. In Bunschoten en Lopik wordt het meest ingezameld. Tabel 39: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid gips per gemeente in kg per inwoner Gips 4,7 2,3 1,8 3,0 2,1 4,7 1,0 1,2 2,1 2,7 1,3 2,2 0,1 1,2 9.12. Vlakglas In alle gemeenten wordt vlakglas gescheiden ingezameld. Hiervoor staat op de afvalaanbiedstations een speciale, van de branche-organisatie gehuurde container. De branche verzorgt gratis de verwerking. De ingezamelde hoeveelheid per gemeente varieert van 0,4 kg per inwoner tot 2,5 kg. Het gemiddelde is 0,7 kg. De per gemeente ingezamelde hoeveelheden vlakglas staan in Tabel 40. Tabel 40: De gescheiden ingezamelde hoeveelheid vlakglas per gemeente in kg per inwoner Vlakglas 0,7 0,5 1,1 1,4 0,9 1,1 0,5 0,8 0,8 1,3 2,5 0,5 0,7 1,0 0,7 0,6 0,8 0,9 0,4 0,9 0,6 0,8 0,4 0,6 0,8 0,9 0,7
BIJLAGEN 1. Via AVU verwerkte hoeveelheden afval in 2011 2. Door de gemeenten ingezameld afval volgens opgaven aan het CBS in 2011 - Halen - Brengen - Halen plus Brengen - Gemeentelijk afval 3. Uitkomsten van de sorteeranalyses in 2011 in % per sorteeranalyse 4. Samenstelling restafval in kg per inwoner in 2011 85
Bijlage 1: Via AVU verwerkte hoeveelheden afval in 2011 (in tonnen en kg/inwoner) Gemeente Inwoners 1-1-2011 Huishoudelijk restafval Grof Bedrijfsafval restafval Veegvuil Brandbaar totaal Huish restafval kg/inw Grof restafval kg/inw Amersfoort* 146.592 35.544 3.737 39.281 242 25 268 10.383 71 8.532 58 2.799 19 60.995 416 Baarn** 24.379 4.853 1.010 5.864 199 41 241 2.510 103 1.740 71 601 25 10.715 440 Bunnik 14.437 2.763 731 21 3.515 191 51 242 1,4 1.921 133 1.227 85 347 24 7.011 486 Bunschoten 20.111 4.348 1.418 5.766 216 71 287 1.651 82 1.318 66 372 19 9.108 453 De Bilt 42.049 8.643 1.639 10.282 206 39 245 5.380 128 3.086 73 1.100 26 19.847 472 De Ronde Venen 43.004 8.495 1.047 9.542 198 24 222 4.464 104 3.056 71 1.056 25 18.118 421 Eemnes** 8.845 1.941 429 2.369 219 48 268 1.192 135 559 63 239 27 4.360 493 Houten 47.935 9.199 1.333 10.533 192 28 220 4.466 93 3.405 71 1.102 23 19.505 407 IJsselstein 34.348 7.851 1.440 9.291 229 42 271 2.010 59 2.022 59 868 25 14.192 413 Leusden 28.609 4.615 1.056 5.671 161 37 198 2.385 83 2.300 80 964 34 11.321 396 Lopik 14.121 2.909 499 3.408 206 35 241 1.579 112 1.216 86 278 20 6.479 459 Montfoort 13.500 3.014 573 3.586 223 42 266 1.694 126 0 0 351 26 5.632 417 Nieuwegein 60.947 14.414 2.004 16.418 236 33 269 4.230 69 3.285 54 1.091 18 25.023 411 Oudewater 9.815 2.007 189 2.196 204 19 224 1.407 143 0 0 247 25 3.851 392 Renswoude 4.752 1.238 99 1.337 261 21 281 493 104 304 64 75 16 2.210 465 Rhenen*** 18.951 4.137 699 4.836 218 37 255 2.120 112 70 4 325 17 7.351 388 Soest 45.611 10.185 1.433 11.618 223 31 255 5.592 123 3.343 73 1.075 24 21.628 474 Stichtse Vecht 63.050 14.227 2.574 16.801 226 41 266 6.082 96 3.453 55 1.403 22 27.740 440 Utrecht 311.367 83.635 12.686 1.901 8.127 106.348 269 41 309 6,1 26 9.260 30 8.629 28 6.234 20 130.472 419 Utrechtse Heuvelrug*** 48.726 9.530 1.484 11.014 196 30 226 7.498 154 3.523 72 1.158 24 23.193 476 Veenendaal 62.267 13.598 2.362 807 5 16.773 218 38 256 13 0,08 5.378 86 977 16 1.199 19 24.327 391 Vianen 19.683 4.558 404 4.962 232 21 252 2.025 103 1.372 70 476 24 8.834 449 Wijk bij Duurstede 23.115 5.767 871 6.639 250 38 287 2.503 108 1.225 53 693 30 11.060 478 Woerden 49.748 10.474 1.090 11.564 211 22 232 4.156 84 2.520 51 1.088 22 19.328 389 Woudenberg 12.008 2.248 609 2.857 187 51 238 1.596 133 831 69 429 36 5.714 476 Zeist 60.824 14.472 1.795 16.267 238 30 267 6.071 100 3.926 65 1.392 23 27.655 455 Provincie 1.228.794 284.666 43.210 2.708 8.153 338.737 232 35 267 2,2 6,6 98.048 80 61.921 50 26.965 22 525.670 428 Som restafval kg/inw Bedrijfsafval kg/inw Opmerkingen *). Voor Amersfoort is het huishoudelijk restafval inclusief 3.000 ton bedrijfsafval, dat niet apart is geregistreerd (20 kg per inwoner). **). In Baarn en Eemnes is het restafval van het kringloopcentrum meegeteld bij het grof restafval. ***). Voor Rhenen en Utrechtse Heuvelrug is het grof restafval gecorrigeerd voor het via het gezamenlijk afvalbrengstation Remmerden verwerkte afval. Veegvuil kg/inw Gftafval Gftafval kg/inw Papier via AVU Papier kg/inw Glas Glas kg/inw Totaal afval via AVU Totaal kg/inw via AVU
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Bijlage 2: Door de gemeenten ingezameld afval in 2011 in tonnen (CBS) Inwoners 1-1-2011 146.592 24.379 14.437 20.111 42.049 43.004 8.845 47.935 34.348 28.609 14.121 13.500 60.947 9.815 4.752 18.951 45.611 63.050 311.367 48.726 62.267 19.683 23.115 49.748 12.008 60.824 1.228.794 HALEN ton Huishoudelijk restafval 30.829 4.853 2.762 4.260 8.572 8.495 1.950 8.614 7.051 3.898 2.682 2.997 14.001 2.007 1.238 4.138 9.512 14.227 65.962 9.429 13.392 4.170 5.505 10.053 2.248 14.358 257.203 Grof huishoudelijk restafval 1.396 412 661 112 2 274 410 161 573 837 99 100 145 665 4.771 376 720 295 798 263 434 13.504 Verbouwingsrestafval 0 Gft-afval 10.383 2.510 1.921 1.629 5.115 4.464 1.189 4.456 2.010 2.405 1.579 1.695 4.230 1.407 493 2.120 5.588 6.082 8.929 7.486 5.391 2.010 2.503 4.156 1.596 6.074 97.421 Oud papier en karton 5.880 1.577 1.139 885 2.102 2.654 541 2.955 1.400 1.696 1.209 141 2.897 688 278 2.306 1.555 4.317 2.812 2.317 1.266 1.133 2.520 747 2.740 47.756 Verpakkingsglas 0 Textiel 87 14 6 116 18 3 14 14 22 2 10 7 48 360 KCA 8 2 0 1 4 4 19 Kunststof verpakkingen 183 87 111 174 193 285 160 56 305 35 161 223 237 233 76 292 98 226 3.136 Overige kunststoffen 0 Luiers 90 90 Apparaten 149 87 48 28 29 40 381 Grof tuinafval 179 34 92 42 4 5 110 237 72 14 48 31 209 135 216 13 47 42 1.530 Bruikbaar huisraad 162 96 52 9 319 Vloerbedekking 0 Vlakglas 0 Metalen 195 11 30 6 5 8 12 267 Hout A en B 33 33 Hout C 0 Schoon puin 0 Dakbedekking 0 Asbesthoudend afval 0 Autobanden 0 Schone grond 0 Gips 0 Gasflessen en brandblussers 0 Overig asfaltpuin 0 Overig frituurvet 0 Overig non ferro 0 Overig kadavers 0 HALEN totaal 48.762 9.124 6.369 6.885 17.060 16.259 3.686 16.789 11.114 8.017 5.780 5.713 22.356 4.102 2.143 6.534 17.822 22.803 84.188 20.397 22.375 7.844 9.993 17.332 4.697 23.874 422.017 87
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie BRENGEN ton Huishoudelijk restafval 2.543 585 800 363 227 413 135 43 17.353 256 447 260 408 112 23.945 Grof huishoudelijk restafval 2.278 1.010 337 1.340 978 1.034 427 1.025 1.030 1.093 341 1.167 189 565 1.288 1.914 6.456 828 1.561 126 73 805 609 1.358 27.833 Verbouwingsrestafval 2.240 161 421 1 142 379 28 484 263 379 1.244 320 148 247 6.457 Gft-afval 314 314 Oud papier en karton 2.809 158 76 214 975 442 455 622 500 117 719 388 1.162 1.035 1.716 8.289 815 351 105 453 82 1.124 22.607 Verpakkingsglas 2.823 608 348 388 1.091 1.043 265 1.093 868 964 277 352 1.072 247 75 325 1.084 1.383 6.234 1.156 1.199 471 684 1.074 427 1.393 26.944 Textiel 486 70 63 156 166 47 97 184 113 43 36 88 20 15 81 153 219 1.095 184 188 89 119 144 46 248 4.150 KCA 258 38 22 29 78 75 15 65 35 38 33 9 89 6 4 21 83 10 348 63 55 26 17 65 31 98 1.590 Kunststof verpakkingen 488 16 11 84 72 62 40 24 120 90 56 30 49 33 43 559 241 73 67 103 1 19 2.281 Overige kunststoffen 1 11 82 30 79 18 319 35 134 708 Luiers 34 34 Apparaten 386 90 77 104 150 375 42 378 166 237 111 26 376 24 9 57 295 336 1.367 228 453 109 132 292 7 344 6.170 Grof tuinafval 3.003 251 851 2.067 1.085 665 30 905 869 5.670 903 237 597 468 500 580 812 1.352 1.702 1.784 931 494 117 1.057 552 726 28.208 Bruikbaar huisraad 1.163 28 224 222 5 102 4 258 2.006 Vloerbedekking 0 Vlakglas 98 13 16 28 39 48 4 41 28 36 35 7 41 10 3 12 37 55 113 42 35 17 10 31 10 52 860 Metalen 752 133 37 164 215 225 372 126 265 125 8 282 0 43 244 209 1.166 263 288 160 76 374 60 372 5.960 Hout A en B 3.394 154 298 691 1.052 1.116 1.026 347 850 475 71 1.138 179 22 228 1.117 1.228 5.736 974 1.391 448 243 1.367 256 1.189 24.990 Hout C 106 28 87 172 113 107 76 108 65 21 9 171 135 119 146 39 17 162 155 1.837 Schoon puin 5.016 680 423 964 1.987 1.007 158 1.369 772 329 303 265 987 156 21 220 1.031 477 7.099 933 1.451 610 424 1.905 290 1.742 30.619 Dakbedekking 224 24 15 28 88 1 24 10 27 11 12 43 20 359 60 14 10 48 127 1.145 Asbesthoudend afval 31 19 3 10 33 23 7 11 4 9 26 1 9 3 5 8 19 35 57 30 22 7 11 34 10 27 454 Autobanden 29 4 3 9 7 15 3 2 1 9 6 3 10 2.822 6 2 3 5 5 8 11 2.962 Schone grond 3.054 264 363 1.014 558 259 332 500 346 6.690 Gips 94 96 79 142 59 66 10 55 650 54 30 110 6 1.450 Gasflessen en brandblussers 0 0 0 7 8 Overig asfaltpuin 29 29 Overig frituurvet 1 5 11 13 3 10 43 Overig non ferro 0 Overig kadavers 2 2 TOTAAL brengen 31.075 3.714 2.682 6.292 9.082 6.730 1.062 8.905 6.602 11.395 3.318 1.787 7.526 1.382 655 3.440 8.166 9.511 63.408 7.808 8.638 3.319 2.783 8.663 2.392 9.983 230.295
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie AVU afvalmonitoring 2006 2011 HALEN plus BRENGEN Huishoudelijk restafval 33.372 4.853 2.762 4.260 8.572 8.495 1.950 9.199 7.851 4.261 2.909 2.997 14.414 2.007 1.238 4.273 9.555 14.227 83.315 9.685 13.392 4.616 5.765 10.461 2.248 14.470 281.147 Grof huishoudelijk restafval 3.674 1.010 749 1.340 1.639 1.146 429 1.299 1.440 1.093 502 573 2.004 189 99 665 1.433 2.579 11.227 1.204 2.281 421 871 1.068 609 1.792 41.336 Verbouwingsrestafval 2.240 161 0 0 421 1 0 142 0 379 28 0 484 0 0 0 263 379 1.244 0 320 0 0 148 0 247 6.457 Gft-afval 10.383 2.510 1.921 1.629 5.115 4.464 1.189 4.456 2.010 2.405 1.579 1.695 4.230 1.407 493 2.120 5.588 6.082 9.243 7.486 5.391 2.010 2.503 4.156 1.596 6.074 97.735 Oud papier en karton 8.689 1.736 1.215 1.099 3.077 3.096 541 3.410 2.022 2.196 1.326 860 3.285 688 278 1.162 3.341 3.271 12.606 3.627 2.668 1.371 1.586 2.520 829 3.864 70.363 Verpakkingsglas 2.823 608 348 388 1.091 1.043 265 1.093 868 964 277 352 1.072 247 75 325 1.084 1.383 6.234 1.156 1.199 471 684 1.074 427 1.393 26.944 Textiel 573 0 84 63 156 172 47 213 184 131 46 50 102 20 15 81 153 219 1.095 206 190 99 126 192 46 248 4.510 KCA 266 38 22 29 78 75 15 65 35 38 35 9 89 6 4 21 83 10 348 67 55 30 17 65 31 98 1.609 Kunststof verpakkingen 488 183 103 123 258 265 62 325 184 120 90 112 335 49 35 161 256 280 559 241 306 144 103 292 99 245 5.417 Overige kunststoffen 0 1 0 0 11 0 0 0 82 0 30 0 79 0 0 0 18 0 319 0 0 35 0 134 0 0 708 Luiers 0 0 34 0 0 0 0 90 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 124 Apparaten 386 90 77 104 299 462 42 378 213 237 139 26 376 24 9 57 295 336 1.367 257 493 109 132 292 7 344 6.550 Grof tuinafval 3.182 251 885 2.067 1.177 707 34 1.810 874 5.670 1.013 474 669 468 500 594 860 1.383 1.911 1.919 1.147 507 164 1.057 552 768 30.643 Bruikbaar huisraad 1.163 0 28 0 0 386 0 0 0 222 0 0 0 0 0 0 0 0 0 101 154 0 0 0 12 258 2.324 Vloerbedekking 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 Vlakglas 98 13 16 28 39 48 4 41 28 36 35 7 41 10 3 12 37 55 113 42 35 17 10 31 10 52 860 Metalen 752 133 37 164 410 236 0 372 156 265 131 8 282 0 0 43 244 214 1.166 271 300 160 76 374 60 372 6.227 Hout A en B 3.394 154 298 691 1.052 1.149 0 1.026 347 850 475 71 1.138 179 22 228 1.117 1.228 5.736 974 1.391 448 243 1.367 256 1.189 25.023 Hout C 0 106 28 87 172 113 0 107 76 108 65 0 21 9 0 0 171 135 119 0 146 39 17 162 0 155 1.837 Schoon puin 5.016 680 423 964 1.987 1.007 158 1.369 772 329 303 265 987 156 21 220 1.031 477 7.099 933 1.451 610 424 1.905 290 1.742 30.619 Dakbedekking 224 24 15 28 88 0 1 24 10 27 11 0 0 12 0 0 43 20 359 0 60 14 10 48 0 127 1.145 Asbesthoudend afval 31 19 3 10 33 23 7 11 4 9 26 1 9 3 5 8 19 35 57 30 22 7 11 34 10 27 454 Autobanden 29 4 3 9 7 15 3 2 1 0 9 0 6 0 0 3 10 0 76 6 2 3 5 5 8 11 216 Schone grond 3.054 264 0 0 363 0 0 1.014 558 0 0 0 259 0 0 0 332 0 2.822 0 0 0 0 500 0 346 9.512 Gips 0 0 0 94 96 79 0 142 0 59 66 0 0 10 0 0 55 0 650 0 0 54 30 110 0 6 1.450 Gasflessen en brandblussers 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 7 0 0 0 0 0 0 0 8 Overig asfaltpuin 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 29 29 Overig frituurvet 0 0 0 0 1 5 0 11 0 13 3 0 0 0 0 0 0 0 0 0 10 0 0 0 0 0 43 Overig non ferro 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 Overig kadavers 0 0 0 0 0 2 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 2 TOTAAL halen en brengen 79.837 12.839 9.051 13.177 26.142 22.989 4.748 26.598 17.715 19.412 9.098 7.500 29.882 5.484 2.798 9.974 25.988 32.314 147.672 28.205 31.013 11.162 12.776 25.995 7.089 33.857 653.293 89
Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vianen Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Provincie GEMEENTELIJK AFVAL Veegafval 2.099 813 131 241 396 363 200 280 480 422 98 136 39 315 953 276 9.441 873 868 485 863 102 1.214 21.088 Riool-, kolken en gemalenafval 313 59 91 89 275 30 40 100 161 61 44 57 23 80 79 556 341 162 282 83 2.926 Drijfafval 594 744 3 581 7 5 1.934 Groenafval 1.503 1.029 677 1.476 1.366 112 446 480 237 84 755 209 1.871 9.848 1.824 747 846 121 23.631 Gemengd evenementenafval 5 1 77 31 114 Gemengd marktafval 1 1 Overige reinigingsdienstenafval 821 206 111 1.138 KWD afval 0 5.659 15 5.674 Bouw- en sloopafval 893 89 982 KGA 9 113 122 TOTAAL Gem. afval 3.915 1.842 867 332 2.555 2.748 342 766 1.068 1.164 159 427 7 180 0 1.093 2.063 2.226 26.793 1.214 3.100 0 1.232 1.991 306 1.219 57.610 kg/inwoner 26,7 75,6 60,1 16,5 60,8 63,9 38,7 16,0 31,1 40,7 11,3 31,7 0,1 18,4 0,0 57,7 45,2 35,3 86,0 24,9 49,8 0,0 53,3 40,0 25,5 20,0 46,9
Bouwtype Inzamelmiddel* GFT-Afval gft excl. tuinafval tuinafval Herbruikbaar papier/karton verpakking niet verpakking Kunststof verpakking niet verpakking Glas Textiel textiel excl. schoeisel Schoeisel Elektrische apparaten apparaten klein < handtas apparaten groot > handtas KCA batterijen kca overig Metalen ferro non ferro Hout Steen/puin Zeef 0-20 mm Restfractie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Bijlage 3: Uitkomsten per sorteeranalyse in procenten van het restafval in 2011 Gemeente/ wijk Amersfoort Binnenstad L OC's 34 32 2 22 6 16 9 6 3 5,7 3,3 2,4 0,9 1,4 1,4 0,0 0,1 0,0 0,0 3,7 3,0 0,8 0,5 0,9 5,2 14,7 Amersfoort Cocons H cocons 21 19 1 23 8 15 11 7 4 5,2 2,9 2,8 0,1 1,9 1,9 0,0 0,0 0,0 0,0 3,6 2,5 1,1 6,5 1,2 6,5 17,3 Amersfoort Nieuwland L MC 21 16 5 18 7 12 19 14 4 4,0 2,8 2,3 0,6 1,0 1,0 0,0 0,0 0,0 0,0 2,2 1,8 0,4 0,9 1,6 2,8 26,1 Amersfoort Soesterkwartier L MC 24 23 2 17 5 12 14 11 4 7,5 2,8 2,1 0,7 0,5 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 4,4 3,1 1,3 0,5 2,2 10,1 16,8 Baarn wijk 4 L MC 23 21 2 14 4 10 15 10 5 3,8 4,7 3,8 1,0 1,3 1,3 0,0 0,1 0,1 0,0 4,9 4,1 0,8 1,8 2,9 10,0 18,8 Baarn wijk 8 L MC 31 28 3 9 4 5 12 7 4 3,2 4,6 4,1 0,5 0,5 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 4,3 3,5 0,8 1,3 3,6 14,6 15,8 Bunnik L MC 19 17 2 10 4 7 16 12 5 4,8 2,9 2,6 0,3 1,1 1,1 0,0 0,2 0,1 0,0 4,8 4,2 0,6 1,3 3,6 8,0 27,7 Bunschoten wijk 4 a L MC 25 24 1 13 6 6 12 9 4 6,1 4,3 2,8 1,5 0,8 0,8 0,0 0,2 0,1 0,1 3,9 2,7 1,2 1,5 1,5 9,1 22,8 De Bilt hoogbouw H MC 24 21 2 20 3 17 11 7 4 6,7 4,3 3,4 0,9 1,3 1,3 0,0 0,1 0,0 0,1 5,6 5,2 0,4 1,1 1,3 11,2 13,6 De Bilt laagbouw L MC 32 28 4 16 4 12 13 8 5 6,2 2,0 1,8 0,3 1,1 1,1 0,0 0,0 0,0 0,0 3,6 3,0 0,6 1,6 6,2 5,3 12,7 De Ronde Venen Abcoude L MC 26 23 3 11 4 6 12 9 3 5,7 2,6 1,7 0,8 1,1 1,1 0,0 0,0 0,0 0,0 3,4 2,3 1,1 1,3 6,7 6,8 23,3 De Ronde Venen Mijdrecht buitengebied L MC 16 14 2 15 6 9 20 12 8 4,5 3,4 3,2 0,2 0,7 0,7 0,0 0,0 0,0 0,0 3,0 2,2 0,8 1,2 6,1 7,0 22,8 De Ronde Venen Kern Mijdrecht L MC 26 25 2 14 6 8 16 11 4 4,8 6,3 5,0 1,3 1,2 1,2 0,0 0,0 0,0 0,0 3,7 2,7 1,0 2,2 1,1 6,2 18,9 Eemnes laagbouw L MC 25 23 1 12 4 8 16 10 6 4,3 3,5 2,8 0,7 2,2 1,4 0,8 0,0 0,0 0,0 4,2 3,2 1,0 2,4 0,5 9,4 20,9 Houten laagbouw De Gaarden L MC 27 25 2 11 6 5 16 12 4 3,6 4,5 3,7 0,8 0,6 0,6 0,0 0,0 0,0 0,0 5,0 3,8 1,1 1,0 1,7 5,2 24,6 Houten Ondergrondse Container H OC's 20 18 2 22 6 16 11 8 4 4,3 5,5 4,2 1,3 0,6 0,6 0,0 0,0 0,0 0,0 2,7 1,9 0,9 0,9 0,7 6,7 25,8 Ijsselstein hoogbouw H OC's 30 25 5 16 6 9 13 8 5 5,0 3,9 3,6 0,3 1,3 1,3 0,0 0,1 0,0 0,0 2,7 1,8 0,9 0,8 0,4 6,1 21,2 IJsselstein Zuid L MC 27 23 4 19 8 11 13 10 3 6,0 2,3 2,0 0,3 0,4 0,4 0,0 0,1 0,0 0,1 3,2 2,4 0,9 2,3 1,4 6,4 19,0 Leusden Noord L zakken 28 22 5 15 4 10 16 11 5 3,9 3,8 2,7 1,1 1,6 0,8 0,8 0,1 0,1 0,0 3,3 2,8 0,5 0,4 0,6 3,3 24,5 Leusden Zuid L zakken 24 23 1 11 4 7 16 11 5 3,9 3,8 3,4 0,4 0,8 0,8 0,0 0,1 0,1 0,0 4,2 3,1 1,1 0,5 0,9 8,4 26,2 Lopik kern en buitengebied L MC 18 16 2 16 6 10 12 8 4 3,7 2,5 2,2 0,3 0,3 0,3 0,0 0,1 0,0 0,0 3,0 2,4 0,6 2,2 4,9 8,4 28,6 Montfoort L zakken 23 20 3 18 8 11 14 9 5 4,7 6,0 5,5 0,5 0,5 0,5 0,0 0,1 0,0 0,0 3,7 2,6 1,1 0,8 0,4 8,5 20,0 91
Bouwtype Inzamelmiddel* GFT-Afval gft excl. tuinafval tuinafval Herbruikbaar papier/karton verpakking niet verpakking Kunststof verpakking niet verpakking Glas Textiel textiel excl. schoeisel Schoeisel Elektrische apparaten apparaten klein < handtas apparaten groot > handtas KCA batterijen kca overig Metalen ferro non ferro Hout Steen/puin Zeef 0-20 mm Restfractie Gemeente/ wijk Nieuwegein Galecop L MC 26 20 7 18 7 11 13 9 4 4,6 2,1 1,9 0,2 2,6 2,6 0,0 0,0 0,0 0,0 3,6 2,8 0,7 1,7 1,6 6,6 19,5 Nieuwegein midden/hoogbouw H MC 22 19 3 22 6 16 15 8 6 4,2 5,9 5,3 0,6 0,6 0,6 0,0 0,0 0,0 0,0 3,6 3,0 0,6 0,5 1,2 9,9 15,6 Nieuwegein Vreeswijk L MC 28 22 5 12 5 7 14 10 4 4,5 4,1 4,0 0,1 0,1 0,1 0,0 0,0 0,0 0,0 3,9 3,3 0,7 2,9 2,7 10,8 17,5 Oudewater L MC 22 21 1 14 5 9 14 9 5 4,7 3,7 3,0 0,6 3,0 3,0 0,0 0,1 0,0 0,0 3,3 2,7 0,6 4,2 6,8 5,8 18,5 Renswoude L MC 19 16 3 10 4 6 12 6 5 3,5 4,0 3,4 0,6 0,2 0,0 0,2 0,0 0,0 0,0 5,1 4,4 0,8 4,0 11,8 13,7 17,3 Rhenen L MC 24 19 4 14 4 9 14 8 6 3,3 4,4 4,1 0,3 2,0 1,5 0,6 0,1 0,0 0,0 4,0 3,1 0,9 2,7 3,5 6,3 22,5 Soest hoogbouw OC H OC's 34 33 0 15 5 10 10 7 4 5,6 4,3 3,3 1,0 0,9 0,9 0,0 0,0 0,0 0,0 3,0 2,1 0,9 0,5 1,3 5,3 19,6 Soest laagbouw Overhees Zuid L MC 27 26 1 16 8 8 14 11 3 3,2 5,7 4,4 1,4 1,5 1,5 0,0 0,0 0,0 0,0 4,2 3,1 1,1 1,8 0,5 5,5 20,5 Stichtse Vecht Breukelen L MC 25 23 2 19 6 13 13 10 4 5,4 4,0 3,4 0,6 1,0 1,0 0,0 0,1 0,0 0,1 3,9 2,2 1,7 2,6 1,1 4,2 20,4 Stichtse Vecht kern Maarssen L MC 24 22 1 20 8 12 15 11 4 4,2 3,7 3,3 0,4 1,0 0,5 0,5 0,0 0,0 0,0 3,6 2,4 1,1 0,8 0,9 5,7 22,0 Stichtse Vecht Loenen L MC 20 16 4 22 9 12 13 9 4 7,4 2,8 2,4 0,4 1,1 1,1 0,0 0,4 0,1 0,3 4,5 3,0 1,5 2,3 0,6 7,1 19,2 Stichtse Vecht Maarssen -Maarssenbroek- L MC 24 21 3 22 4 18 11 8 3 6,1 2,9 2,5 0,4 0,6 0,6 0,0 0,0 0,0 0,0 3,8 3,0 0,8 1,0 4,7 5,9 18,2 Utrecht Kanaleneiland H zakken 40 39 1 13 4 8 13 7 6 5,3 3,9 3,3 0,6 0,5 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 3,4 2,5 0,9 0,5 0,2 4,1 15,7 Utrecht Overvecht H Rolc 22 18 5 26 7 19 14 9 4 2,5 4,0 3,7 0,3 0,5 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 2,3 1,9 0,4 0,9 0,6 8,3 19,1 Zakken /MC 24 20 4 15 6 9 17 13 4 3,9 3,8 3,2 0,6 0,7 0,7 0,0 0,1 0,0 0,0 3,5 2,8 0,7 2,0 1,6 8,1 20,6 Utrecht Staatslieden en Tuindorp L Utrecht Leidse Rijn Terwijde L OC's 19 17 2 14 6 8 14 8 6 4,4 6,6 6,0 0,5 0,7 0,7 0,0 0,0 0,0 0,0 3,3 2,4 0,9 1,7 1,0 15,9 20,0 Utrecht Transwijk L MC 29 24 4 23 7 16 12 9 3 4,4 2,5 2,5 0,0 0,7 0,7 0,0 0,1 0,0 0,0 2,9 2,0 0,9 0,9 3,5 4,9 16,9 Utrecht Vleuten-de Meern Vleuterweide L OC 25 24 0 20 7 13 13 9 4 3,2 5,4 4,1 1,2 1,5 1,5 0,0 0,1 0,0 0,1 3,5 2,7 0,8 2,8 0,9 5,9 18,9 Utr Heuvelrug Amerongen L MC 23 20 4 9 3 6 12 9 3 5,0 4,2 3,4 0,8 0,2 0,2 0,0 0,0 0,0 0,0 4,8 3,6 1,2 4,1 7,4 5,4 24,8 Utr Heuvelrug Doorn L MC 30 24 6 10 3 7 17 10 6 4,9 2,9 2,6 0,3 0,5 0,5 0,0 0,2 0,0 0,1 4,5 3,4 1,1 1,5 2,2 6,3 20,9 Utr Heuvelrug Driebergen L MC 26 25 1 8 3 5 15 12 3 3,8 2,9 2,4 0,5 0,1 0,1 0,0 0,0 0,0 0,0 4,6 3,4 1,2 2,7 2,6 11,0 23,2 Utr Heuvelrug Leersum L MC 23 21 2 8 3 5 15 9 6 4,8 3,1 2,1 1,0 2,5 2,5 0,0 0,1 0,0 0,0 4,6 3,8 0,8 3,6 4,7 10,0 20,5 Utr Heuvelrug Maarn L MC 25 21 4 8 3 5 14 10 4 3,5 6,6 4,8 1,8 2,2 0,3 1,9 0,0 0,0 0,0 3,8 3,3 0,5 4,0 3,8 5,9 22,2 Veenendaal Fransegat L MC 18 13 5 13 3 10 13 8 4 4,5 5,7 4,7 1,0 2,6 2,3 0,3 0,1 0,0 0,0 3,7 3,1 0,6 4,3 10,8 11,0 14,2
Bouwtype Inzamelmiddel* GFT-Afval gft excl. tuinafval tuinafval Herbruikbaar papier/karton verpakking niet verpakking Kunststof verpakking niet verpakking Glas Textiel textiel excl. schoeisel Schoeisel Elektrische apparaten apparaten klein < handtas apparaten groot > handtas KCA batterijen kca overig Metalen ferro non ferro Hout Steen/puin Zeef 0-20 mm Restfractie AVU afvalmonitoring 2006 2011 Gemeente/ wijk Veenendaal hoogbouw H OC 30 28 2 21 6 15 13 9 5 7,3 3,3 3,2 0,1 0,3 0,3 0,0 0,1 0,0 0,0 2,7 1,9 0,9 0,6 0,5 3,7 16,9 Veenendaal Petenbos L MC 23 18 4 12 4 8 15 10 5 5,4 5,2 3,2 1,9 2,2 0,5 1,7 0,0 0,0 0,0 4,1 3,0 1,1 1,9 7,6 7,5 16,8 Vianen L MC 27 24 3 10 5 5 15 10 5 4,8 4,3 3,4 0,9 0,8 0,8 0,0 0,1 0,1 0,0 4,4 3,3 1,1 1,8 0,3 9,9 21,4 Wijk bij Duurstede, Cothen & Langbroek L MC 29 15 14 10 4 6 17 10 7 2,4 2,8 1,7 1,1 1,2 0,6 0,7 0,2 0,2 0,0 3,2 2,6 0,6 3,0 3,4 5,8 21,1 Wijk bij Duurstede Wijk L MC 25 21 4 13 7 7 16 12 4 4,9 2,1 1,9 0,2 1,1 1,1 0,0 0,0 0,0 0,0 3,1 2,1 1,0 3,3 1,0 7,3 22,3 Woerden Hoogbouw H OC's 29 25 3 23 8 15 12 7 5 4,6 2,2 1,9 0,3 0,5 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 4,7 3,1 1,7 0,9 1,1 6,1 16,2 Woerden laagbouw L MC 26 25 1 16 7 10 13 10 4 5,3 4,7 4,0 0,6 0,2 0,2 0,0 0,0 0,0 0,0 4,4 3,7 0,8 1,3 1,0 7,9 19,5 Woudenberg L MC 14 9 5 12 5 7 15 10 4 3,8 5,2 4,0 1,2 1,6 1,6 0,0 0,0 0,0 0,0 6,1 4,7 1,4 3,6 7,6 5,5 25,5 Zeist Bosch en Duin L MC 32 22 10 10 3 6 13 9 4 4,7 4,1 3,8 0,3 0,6 0,6 0,0 0,0 0,0 0,0 3,3 2,2 1,1 0,9 9,0 7,1 15,0 Zeist midden/hoogbouw H OC's 27 24 3 24 5 19 12 9 3 5,6 1,8 1,6 0,2 0,4 0,4 0,0 0,0 0,0 0,0 3,6 2,6 0,9 0,4 1,5 5,2 17,9 Zeist Verzetswijk L MC 27 21 7 11 5 6 13 10 3 3,4 3,3 3,0 0,4 0,2 0,2 0,0 0,0 0,0 0,0 3,6 2,5 1,1 3,1 2,9 11,2 20,0 Gemiddeld 25,1 21,8 3,3 15,4 5,4 9,9 13,8 9,4 4,4 4,7 3,9 3,2 0,7 1,0 0,9 0,1 0,1 0,0 0,0 3,8 2,9 0,9 1,9 2,8 7,5 20,0 Standaard afwijking 4,7 5,0 2,4 4,8 1,6 3,9 2,1 1,7 1,1 1,1 1,2 1,0 0,4 0,7 0,6 0,4 0,1 0,0 0,0 0,8 0,7 0,3 1,3 2,8 2,7 3,6 Mediaan 50% 25,0 22,2 2,9 14,6 5,3 9,4 13,8 9,3 4,4 4,6 3,8 3,2 0,6 0,8 0,7 0,0 0,0 0,0 0,0 3,7 2,8 0,9 1,6 1,6 6,7 20,0 Minimum 14,3 9,5 0,5 8,2 2,9 4,7 8,6 5,7 2,6 2,4 1,8 1,6 0,0 0,1 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 2,2 1,8 0,4 0,4 0,2 2,8 12,7 Maximum 40,0 38,9 14,3 25,8 9,1 18,9 19,8 14,3 8,0 7,5 6,6 6,0 1,9 3,0 3,0 1,9 0,4 0,2 0,3 6,1 5,2 1,7 6,5 11,8 15,9 28,6 Percentiel 20% 21,8 18,4 1,5 10,8 3,9 6,4 12,0 8,3 3,6 3,8 2,8 2,3 0,3 0,5 0,5 0,0 0,0 0,0 0,0 3,2 2,3 0,6 0,8 0,9 5,5 16,9 Percentiel 40% 23,7 20,8 2,3 13,5 4,6 8,2 13,3 8,9 4,1 4,4 3,4 2,9 0,4 0,7 0,6 0,0 0,0 0,0 0,0 3,6 2,7 0,8 1,3 1,3 6,2 19,1 Percentiel 60% 26,1 22,8 3,4 16,0 5,7 10,2 14,2 9,7 4,5 4,8 4,1 3,4 0,6 1,1 0,9 0,0 0,1 0,0 0,0 3,9 3,0 1,0 1,8 2,4 7,4 20,5 Percentiel 80% 28,4 24,9 4,5 20,1 6,8 12,7 15,5 10,7 5,1 5,6 4,7 4,0 1,0 1,5 1,3 0,0 0,1 0,0 0,0 4,5 3,3 1,1 2,9 4,7 9,9 22,8 * MC: minicontainers * OC: ondergrondse containers 93
Bijlage 4: Uitkomsten van de sorteeranalyses per gemeente in 2011 in kg per inwoner in het restafval Gemeente en (aantal) analyses in 2011 Sted. heid Restafval Gft-afval Papier Kunststof Waarvan verpakking Glas Textiel Apparaten Kca Metalen Hout Steen Zeeffractie Restfractie Amersfoort (4) 2 242 61 49 32 23 14 7,2 2,9 0,10 8,4 5,1 3,6 15 45 Baarn (2) 3 199 54 23 26 17 7 9,3 1,8 0,14 9,2 3,1 6,4 24 34 Bunnik 4 191 36 20 31 22 9 5,6 2,2 0,32 9,2 2,4 6,8 15 53 Bunschoten 4 216 54 27 27 19 13 9,3 1,7 0,33 8,4 3,2 3,3 20 49 De Bilt (2) 3 206 57 37 25 16 13 6,5 2,6 0,14 9,4 2,7 7,7 17 27 De Ronde Venen (3) 4 198 45 26 31 21 10 8,1 1,9 0,08 6,7 3,1 9,1 13 43 Eemnes 4 219 54 27 34 21 9 7,6 4,9 0,10 9,2 5,2 1,2 21 46 Houten (2) 3 192 45 31 26 18 8 9,7 1,1 0,06 7,4 1,8 2,2 11 48 IJsselstein (2) 2 229 65 39 30 21 13 7,1 1,9 0,20 6,8 3,5 2,0 14 46 Leusden (2) 3 161 42 21 26 18 6 6,1 1,9 0,14 6,0 0,7 1,2 9 41 Lopik 5 206 38 33 24 17 8 5,2 0,6 0,12 6,1 4,6 10,0 17 59 Montfoort 4 223 52 41 31 20 10 13,4 1,1 0,14 8,3 1,8 0,8 19 45 Nieuwegein (3) 2 236 60 41 33 22 11 9,5 2,7 0,09 8,8 4,0 4,4 21 41 Oudewater 4 204 45 28 29 19 10 7,5 6,1 0,12 6,8 8,5 13,8 12 38 Renswoude 5 261 49 25 31 16 9 10,4 0,6 0,12 13,3 10,3 30,8 36 45 Rhenen 4 218 52 30 30 18 7 9,5 4,5 0,11 8,8 5,9 7,6 14 49 Soest (2) 3 223 68 35 27 19 10 11,2 2,6 0,09 8,0 2,5 2,1 12 45 Stichtse Vecht (4) 4 226 52 46 30 21 13 7,6 2,1 0,31 8,9 3,7 4,1 13 45 Utrecht (6) 1 269 71 50 37 25 11 11,7 2,0 0,14 8,5 3,9 3,5 21 50 Utrechtse Heuvelrug(5) 4 196 50 17 28 19 9 7,7 2,1 0,14 8,7 6,2 8,1 15 44 Veenendaal (3) 2 218 51 34 29 19 13 10,3 3,7 0,11 7,7 4,9 13,7 16 35 Vianen 4 232 62 24 35 24 11 9,9 1,8 0,29 10,1 4,2 0,8 23 49 Wijk bij Duurstede (2) 3 250 68 30 42 28 9 6,2 2,9 0,29 7,9 7,9 5,5 16 54 Woerden (2) 3 211 57 41 27 18 10 7,2 0,7 0,07 9,6 2,4 2,2 15 38 Woudenberg 4 187 27 23 27 20 7 9,7 2,9 0,00 11,4 6,8 14,2 10 48 Zeist (3) 3 238 69 36 31 22 11 7,3 1,0 0,11 8,3 3,4 10,6 19 42 AVU aanvaardbaar niveau 1 en 2 < 210 < 75 < 20 < 20 < 5 < 5 < 1 < 0,25 3, 4, 5 < 210 < 50 < 40 < 20 < 5 < 5 < 1 < 0,25 Gewogen gemiddelde 232 59 39 32 22 10,8 9,1 2,2 0,14 8,4 4,0 5,2 17 45 Gemiddelde 217 53 32 30 20 10,0 8,5 2,3 0,15 8,5 4,3 6,8 17 45 Standaard afwijking 24 11 9 4 3 2,1 2,0 1,3 0,09 1,6 2,2 6,4 5 7 Minimum 161 27 17 24 16 6,3 5,2 0,6 0,00 6,0 0,7 0,8 9 27 Maximum 269 71 50 42 28 13,6 13,4 6,1 0,33 13,3 10,3 30,8 36 59 Opmerking: Van de uitkomsten in deze tabel is voor de grote fracties (gft-afval, papier en kunststof) alleen het eerste cijfer betrouwbaar. Voor de kleine fracties is het getal een indicatie.