coalition paper Smart Mobility
2 Coalition Paper Smart Mobility
Coalition Paper Smart Mobility Provincies zien kansen voor Smart Mobility. Niet voor niets werken wij met anderen aan talloze slimme innovaties rond mobiliteit gericht op het versterken van de bereikbaarheid, leefbaarheid, verkeersveiligheid en BV Nederland. Om als Nederland internationaal koploper te blijven en reizigers en vervoerders op termijn ook echt te laten profiteren van Smart Mobility is het zaak dat we in Nederland kiezen voor een gezamenlijke aanpak. Samen met anderen willen wij schetsen wat Smart Mobility kan opleveren. Ook willen wij met meer gebundelde kracht samen werken aan de ontwikkeling en opschaling van Smart Mobility bouwstenen. Tot slot willen wij samen investeren in het vergroten van de wendbaarheid en flexibiliteit van onze organisaties en medewerkers om de beoogde verandering waar te maken. Aanleiding en bedoeling Coalition Paper Provincies willen met markt, kennisinstellingen en mede-overheden pro-actief werken aan de ontwikkeling en inzet van Smart Mobility. In deze Coalition Paper delen wij onze ambities rond Smart Mobility en nodigen wij onze partners uit om samen in actie te komen. Smart Mobility: tal van nieuwe mogelijkheden Toenemende aandacht voor verduurzaming, de groeiende populariteit van deelsystemen en razendsnelle technologische vooruitgang hebben sterke invloed op ons huidige mobiliteitssysteem. Door gebruik van slimme technologie raken gebruiker, transportmiddel en infrastructuur steeds beter met elkaar verbonden. Hierdoor ontstaan er veel nieuwe mobiliteitsvormen en diensten voor reizigers en lading. Denk maar eens aan de verregaande automatisering van rijtaken, het gebruik van nieuwe aandrijftechnologieën of multi-modaal plannen, reserveren en navigeren op basis van realtime reisinformatie. Deze nieuwe mobiliteitsvormen en diensten maken onder andere het beter benutten van het bestaande mobiliteitssysteem mogelijk: een aantrekkelijk alternatief voor nieuwe (en vaak dure en ingrijpende) fysieke infrastructuur. Bovenstaande ontwikkelingen raken aan alle modaliteiten binnen ons mobiliteitssysteem en vragen daarmee om een integrale aanpak. Wij vatten al deze ontwikkelingen samen onder de noemer Smart Mobility. Van idee- en testfase naar opschaling De ontwikkeling en inzet van Smart Mobility in Nederland vraagt om hechte samenwerking tussen en gedeeld eigenaarschap van zowel publieke als private partners. Ieder vanuit zijn/haar eigen rol en met een eigen bijdrage. Op deze manier kunnen wij ons internationaal (blijven) onderscheiden en creëren wij met elkaar voldoende massa om opschaling van succesvolle toepassingen mogelijk te maken. Juist omdat we de laatste jaren met elkaar veel ontdekt en getest hebben kunnen wij als geen ander nu de stap naar volwassenheid van Smart Mobility maken. Meer dan voorheen moeten we met elkaar wel een duidelijk beeld krijgen van de (potentiële) effecten van Smart Mobility, beter van elkaar weten wie wat aan het doen is en vaker besluiten om projecten samen te initiëren of concrete afspraken te maken over opschaling. Door meer met elkaar te leren en te doen bouwen wij informatie op waarmee we onderbouwde besluiten kunnen nemen over de volgende stap in de transitie naar Smart Mobility. Dit alles vraagt het nodige van onze eigen organisaties. Deze moeten tot in de haarvaten flexibeler en wendbaarder worden. Ook overheden moeten zich blijven ontwikkelen om (de impact van) snelle innovaties bij te houden en mede te bepalen. Coalition Paper Smart Mobility 3
4 Coalition Paper Smart Mobility
Gezamenlijke aanpak voor Smart Mobility Om de ontwikkeling en inzet van Smart Mobility duurzaam in beweging te brengen willen wij met markt, kennisinstellingen en mede-overheden vanuit een gemeenschappelijke integrale aanpak werken aan: een lonkend perspectief en daarmee gedeelde urgentie voor het werken aan Smart Mobility; het volgordelijk realiseren van inhoudelijke bouwstenen en randvoorwaarden voor Smart Mobility; de ontwikkeling van onze organisaties en competenties van onze medewerkers. Binnen deze aanpak maakt ieder vanuit zijn eigen belang en rol scherp wat zijn bijdrage kan zijn. Zo ontstaat focus en komen wij samen duurzaam in beweging. Hieronder schetsen wij als provincies onze ambities en doelen ten aanzien van deze gezamenlijke Smart Mobility aanpak. Daarnaast doen wij voorstellen voor concrete acties die wij samen met markt, mede-overheden en kennisinstellingen willen oppakken om duurzaam in beweging te komen. Lonkend perspectief Smart Mobility Smart Mobility is geen doel op zich. Wel is er steeds meer geloof dat Smart Mobility kan bijdragen aan het verbeteren van de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid van Nederlanden kansen kan bieden voor BV Nederland. Een gezamenlijk inspirerend beeld, het lonkend perspectief, van wat Smart Mobility op langere termijn kan opleveren ontbreekt echter. Een lonkend perspectief zou er voor ons als volgt uit kunnen zien: (let op: onderstaande ambities zijn eerste ideeën die met andere partijen geconcretiseerd en eventueel geprioriteerd kunnen worden) in 2030 zijn er nul verkeersdoden; in 2030 is de benutting van de capaciteit van ons huidige wegennet met 25% toegenomen; in 2030 zijn reizigers volledig geïnformeerd, verbonden en altijd in beweging; in 2030 kan iedereen in Nederland beschikken over vraaggerichte mobiliteit; in 2040 is er meer groen in de stad en zijn er 200.000 extra woningen door minder parkeerruimte; in 2040 verdient BV Nederland 10% van haar BNP met Smart Mobility; in 2050 is vervoer volledig Zero Emissie. Acties voor het lonkend perspectief: Competentie- en organisatieontwikkeling Lonkend perspectief Smart Mobility Inhoudelijke bouwstenen en kennis van effecten de markt, overheden en kennisinstellingen ontwikkelen samen een lonkend perspectief voor Smart Mobility. Gekoppeld aan dit perspectief ontwikkelen de partijen een dynamische roadmap met duidelijke sturing op het scherp krijgen van de bijdragen van innovaties aan het lonkend perspectief en het aanbrengen van volgordelijkheid in het realiseren van bouwstenen en randvoorwaarden; overheden maken hierbij onderling scherp wat hun specifieke bijdrage en verantwoordelijkheid is, gegeven hun nationale, regionale of lokale rol als wetgever, wegbeheerder, concessieverlener, gebiedsregisseur en/of alliantiepartner. Coalition Paper Smart Mobility 5
Inhoudelijke bouwstenen en kennis van effecten Er lopen lokaal, regionaal, nationaal en internationaal veel projecten gericht op de ontwikkeling van Smart Mobility innovaties rond de inhoudelijke thema s infrastructuur, voertuig, data en gebruiker. Publieke partijen starten initiatieven en projecten die aansluiten bij hun maatschappelijke opgaven en gebiedskenmerken. Private partijen zetten in op initiatieven waarvoor zij op korte of langere termijn een positieve business case zien. De uitdaging is om in Nederland, gegeven het lonkend perspectief, publieke en private partijen te verleiden om met elkaar af te stemmen wie (samen) werkt aan welke inhoudelijke thema s, bestaande initiatieven te bundelen rond deze inhoudelijke thema s en af te stemmen wie binnen deze thema s (samen) nieuwe initiatieven start. Rond deze focus kunnen sterke publiek-private coalities ontstaan. Bovendien moeten de partijen rond deze focus samen kennis over de effecten opbouwen om opschaling mogelijk te maken. Hierbij blijft van belang dat overheden indien nodig actief werken aan het wegnemen van blokkades in wet- en regelgeving. Ten aanzien van het realiseren van Smart Mobility bouwstenen en effecten kunnen provincies een regionale sleutelrol vervullen gericht op het realiseren van de volgende ambities: het optimaal afstemmen en samen met mede-overheden, markt en kennisinstellingen starten en opschalen van (nieuwe en bestaande) initiatieven rond de inhoudelijke thema s infrastructuur, voertuig, data en gebruiker; het regionaal op orde brengen van de inwinning en ontsluiting van eigen data gekoppeld aan een landelijke data-strategie; het inregelen van regionaal verkeersmanagement, het voldoen aan eisen t.a.v. privacy en security, het toekomstbestendig inrichten van de provinciale fysieke en digitale infrastructuur; t.a.v. Smart Mobility regionaal regisseur en intermediair zijn tussen Rijk en decentrale overheden. De huidige inhoudelijke focus van de twaalf provincies rond Smart Mobility is te lezen in onderstaande tabel. Provincie Groningen Drenthe Fryslân Overijssel Gelderland Flevoland Noord-Holland Utrecht Zuid-Holland Noord-Brabant Limburg Zeeland Focus inhoudelijk bouwstenen en randvoorwaarden MaaS, 5G en pilots Autonoom Vervoer MaaS, Autonoom Vervoer en reisinformatie landelijk gebied Autonoom Vervoer, Data in Assetmanagement, Verkeersveiligheid en intelligente kruispunten Kleine pilots rond Data, Gebruiker, Infrastructuur en Voertuig Voorloper in toepassing van Smart Mobility (techniek, data en gedragsbeïnvloeding) Connected and Automated Driving, MaaS landelijk gebied en Smart Cities ivri s, verkeerscentrales, Autonoom Vervoer, Vraaggericht OV en ontsluiting wegbeheerdersdata Multi-modaal verkeersmanagement, OV- op maat en MaaS Netwerkgericht multi-modaal verkeersmanagement en ontsluiting verkeersdata Connected and Automated Driving en Smart Logistics MaaS Grensoverschrijdend Verkeer en Smart Logistics Oplossingen die bijdragen aan bereikbaarheid voorzieningen en verminderen piekbelasting Acties voor inhoudelijke bouwstenen en kennis van effecten provincies en hun partners verbinden, koppelen en bundelen nieuwe en bestaande initiatieven rond de vier inhoudelijke thema s infrastructuur, data, voertuig en gebruiker; markt, kennisinstellingen en overheden zoeken op basis van de eigen focus de samenwerking met partners met een gedeelde focus. Landelijk maken partijen afspraken over uniforme monitoring van effecten. Deze effecten worden landelijk gedeeld en gebruikt; Rijk en regionale overheden nemen het voortouw en blijven samen de strategie bepalen t.a.v. de opschaling van Smart Mobility bouwstenen en de thema s wetgeving, data, privacy en security. 6 Coalition Paper Smart Mobility
Competentie- en organisatieontwikkeling Het gezamenlijk najagen van het lonkend perspectief en het loskomen van de ideeen testfase vraagt zowel van publieke als private partijen ontwikkeling van de eigen organisaties en competenties van medewerkers. Innovatie en opschaling van nieuwe vormen en diensten van mobiliteit vragen van professionals en organisaties meer wendbaarheid en flexibiliteit. Leren door te doen is hierbij de leidende strategie. Dit leren moet uiteindelijk wel voldoende maatschappelijke, technische én organisa torische beslisinformatie opleveren om de volgende stap in de transitie naar Smart Mobility te bepalen. Om deze brede transitie mogelijk te maken is het nodig om de verandering door te laten dringen tot in de haarvaten van onze organisaties. Van bestuurder, CEO, inkoper tot technisch specialist. Ten aanzien van competentieen organisatieontwikkeling hebben wij de volgende ambities: publieke en private partners leren en ontwikkelen samen op basis van een gedeelde dynamische publiek-private kennisagenda Smart Mobility; wat partijen samen leren en ontwikkelen zetten partijen ook echt in om de feedbackloop rond te maken: doen, leren én beter doen; mensen en organisaties werken niet meer (samen) aan het oplossen van problemen op specifiek knelpunt- of netwerkniveau, maar aan het realiseren van (keten)oplossingen gekoppeld aan de behoefte van reizigers en vervoerders van lading. Acties voor organisatie- en competentieontwikkeling gekoppeld aan het lonkend perspectief en een afgestemde strategie rond de inhoudelijke bouwstenen werken de partijen een gezamenlijke dynamische kennisagenda uit met aandacht voor de transitie van techniek (gebundeld rond de vier inhoudelijke thema s), organisatie en reisgedrag. Op basis van deze kennisagenda beoordelen partijen samen hoe reeds bestaande kennisplatforms en overlegtafels deze agenda kunnen dragen en welke bundeling of aanvullende acties nodig zijn om de next-step te maken. Hierbij is ook aandacht voor de bestuurlijke inbedding van deze (veelal ambtelijke) overlegtafels in het bestuurlijk domein; overheden werken onderling aan het opzetten van gerichte acties die onze organisaties en mensen meer wendbaar en flexibel maken. Denk aan het scherp krijgen van competenties die passen bij de mobiliteit van de toekomst of het ontwikkelen van wetgeving en beleidskaders die nadrukkelijk ruimte bieden voor innovatie en publiek-private samenwerking. Coalition Paper Smart Mobility 7
Van Coalition Paper naar gezamenlijke aanpak en actie Op 19 april 2018 is deze Coalition Paper met brede steun vastgesteld door de bestuurlijke adviescommissie Mobiliteit van het IPO. Via dit document nodigen wij overheden, markt en kennisinstellingen uit om met ons te bouwen aan de gemeenschappelijke aanpak. Meebouwen? Neem dan contact op met Maja van der Voet (mvdvoet@ipo.nl). Dit is een uitgave van het Interprovinciaal Overleg (IPO). 8