PROJECTBESCHRIJVING MIJN SCHATKIST

Vergelijkbare documenten
PROJECTBESCHRIJVING SCHATTIG SPELEN

PROJECTBESCHRIJVING DE WIJK IN

PROJECTBESCHRIJVING VERHALEN IN DE MUZIEK

PROJECTBESCHRIJVING VERHALEN IN DE MUZIEK

PROJECTBESCHRIJVING MIJN BOOMHUT

PROJECTBESCHRIJVING MIJN BOOMHUT

PROJECTBESCHRIJVING WIJ ZIJN BIJZONDER

Zing Een beestenboel op school - beweeg als een beest (lesformat) Een les in aansluiting op het dag project Een beestenboel op school.

PROJECTBESCHRIJVING DAT HAD JE GEDROOMD

PROJECTBESCHRIJVING VERHUIZEN

Muziek Singer Songwriter 1. Workshop Handleiding. Singer Songwriter 1. wat is jouw talent? 1. Singer Songwriter 1

Een muziekles in aansluiting op het dagproject Een beestenboel op school.

PROJECTBESCHRIJVING IN RAP EN ROER

PROJECTBESCHRIJVING TOVEREN EN GAMES

PROJECTBESCHRIJVING MIJN LETTERS

Ben je boos. Lesbrief bij het project. een project voor groep 3 en 4 van de basisschool. Cultuurpalet Alphen aan den Rijn

Samenvatting leerlijn Cultureel Erfgoed Thema Utopie Kijk voor meer informatie op of neem contact op met uw cultuurcoach.

LESMATERIAAL ONDERBOUW. Lespakket CliniClowns Geen kinderachtig effect. Vo or Groep 1-

2 > Kerndoelen > Aan de slag > Introductie van de manier van werken > Mogelijke werkvormen en de plaats op het rooster 27

PROJECTBESCHRIJVING DAT BEN JIJ

PROJECTBESCHRIJVING DE MASKERADE

De meeste jonge kinderen zijn dol op dieren en willen heel graag een eigen huisdier

Handleiding bij Monkie groep 0 t/m 2 (Peuters & kleuters)

Kleuren. Warming-up Doel: Losmaken van lijf en stem; concentratie vergroten; richten op leraar voor de klas.

Dieren deel 1 luisteren en noteren X Muziek noteren X Luisteren O Individueel X Duo 1. Inleiding: Oriëntatie: 3. Delen oefenen:

Muziekmethode voor basisonderwijs Docentenhandleiding groep 1 en 2. Jennemieke Snijders. Uitgeverij Lambo telefoon:

Wij gaan bouwen, wij gaan bouwen, Doe je mee, doe je mee, Pak dan ook je spullen, pak dan ook je spullen Zaag, plank, schroef, zaag, plank, schroef.

Schoolbrede start (15 min) Zie hoofdstuk Schoolbrede start.

Hoe kunnen we WAT ACTIE zodat IETS VERANDERT

Lesbrief bij het theaterconcert met de liedjes van Jeroen Schipper

Groep "Nog 100 nachtjes slapen" (prentenboek)

PROJECTBESCHRIJVING METAMORFOSE IN BEELD

China. Stadsgeluiden in China. 3 lessen rond geluiden in een Chinese stad. Vakgebied: Muziek. Lesduur: 60 minuten per les

Spinners. Veel plezier! Juf Els en juf Anke

Muziekmethode voor basisonderwijs Docentenhandleiding voor groep 3. Jennemieke Snijders. Uitgeverij Lambo telefoon:

Benodigdheden: A. Inleiding: kringgesprek 15 minuten.

PROJECTBESCHRIJVING DUIZEND-EN-EEN-NACHT

PROJECTBESCHRIJVING BOEKENHELDEN

Tip. In de herfst en winter is de maan vroeg in de ochtend goed te zien.

maken de kinderen een waterorgel en laten elke lettergreep uit een lied horen op dit orgel. Groep 1 Groep 2 samengestelde woorden in

Red met jouw klas de wereld! Handleiding van het digitale educatiepakket bij de voorstelling: Wij redden de wereld

KUNSTLES Suzan Overmeer Jazz4kids

Tips voor Taal Hoe stimuleer je de taalontwikkeling van je kind?

De kinderen zitten in een hoefijzeropstelling, omdat er iets gaan gebeuren vooraan in de klas. Iedereen moet dat goed kunnen zien.

LES 23. GROEP: 3 t/m 8 Bewegen op muziek.

Stappenplan: maken van een beloningskaart Je kind stimuleren door aanmoediging

PROJECTBESCHRIJVING BACK TO THE FUTURE

Warming-up Doel: Losmaken van lijf en stem; concentratie vergroten; richten op leraar voor de klas.

Kun je Herfst* winter, lente, zomer horen? gr 1-2

OPA EN OMA DE OMA VAN OMA

PROJECTBESCHRIJVING POPPENKAST

PROJECTBESCHRIJVING DROMEN

Auto. Warming-up Doel: Losmaken van lijf en stem; concentratie vergroten; focus op de leerkracht.

LEVE(N)DE MUZIEK Lesbrief voor groep 1 t/m 3

Werkwijzer Verslagkring:

PLEINGEIN SPELENDERWIJS IN GESPREK OVER HET SCHOOLPLEIN

HANDBOEK POWER OF PLAY MAAK JE EIGEN SPEELMATERIAAL VOOR MIDDEN- EN BOVENBOUW VOORBEELD PAGINA S

Superboom. Kinderen onderzoeken op basis van een detail op een afbeelding hoe de volledige

Onder ieder opdracht staan de benodigdheden. Deze zijn meestal op school te vinden. Alleen de muziek moet nog gedownload worden.

Onlangs heeft u met uw klas een bezoek gebracht aan het Kinderboekenmuseum. Wij hopen dat u dit heeft ervaren als een leuk en leerzaam bezoek.

Ga aan de slag met de hoedjes van Edward de Bono. The 6 thinking heads.

PROJECTBESCHRIJVING THE CIRCLE OF LIFE

DOCENT. Thema: natuur BOMEN BIJ MIJN SCHOOL. groep 3 en 4. Stadshagen

Voor jezelf? Les 1 Welkom!

Het stappenplan om snel en goed iets nieuws in te studeren

Lespakket. Ssst de tijger slaapt. Door: Maike Douglas jufmaike.nl. De lessen met een * ervoor zijn alleen geschikt voor kleuters. ã jufmaike.

PROJECTBESCHRIJVING HAAGSE VOGELS

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken

Naam:. Namen groepsleden:... Begeleider:

Rol van de leerkracht

Transcriptie:

PROJECTBESCHRIJVING MIJN SCHATKIST Leerlijn Muziek Thema Utopie Groep 1 en 2 24 april 2017

Cultuuronderwijs op zijn Haags Leerlijn Muziek Thema Utopie Groep 1 en 2 24 april 2017 Deze projectbeschrijving wordt regelmatig geactualiseerd. Kijk voordat u ermee aan de slag gaat op www.cultuurschakel.nl/coh voor de nieuwste versie. Hierbij treft u een projectbeschrijving: waarmee u een project van 6-8 lessen van 45 min. kunt uitvoeren; waarin veel ruimte is voor uw eigen inbreng; waarop u uw lesvoorbereidingen kunt baseren. De structuur van de projectbeschrijving is gebaseerd op het doorlopen van het creatief proces. Na de introductie van het project oriënteert de leerling zich op de inhoud van het thema. Hierbij doorloopt de leerling drie deelopdrachten waarin hij steeds onderzoekt, uitvoert, presenteert en evalueert. Bij elke stap van het creatief proces zijn reflectievragen geformuleerd. Maak hieruit een keuze of formuleer zelf passende vragen. Gebruik ook vooral uw eigen inzicht en ervaring bij andere onderdelen, zoals het filosofisch gesprek en de evaluatievragen. Lees allereerst de korte beschrijving van het project in het document Informatie voor de leerkracht, zodat u een goed beeld krijgt van de opdrachten, werkwijze en context. 2

Inhoudsopgave 1. Introductie van het project: Schatkist vol herinneringen... 4 2. Oriëntatie... 4 2.1. Het filosofisch gesprek... 4 2.2. Oriëntatie op het thema... 5 3. Deelopdracht 1: Het Mooiste liedje... 6 3.1. Onderzoek... 6 3.2. Uitvoeren... 7 3.3. Presenteren... 7 4. Deelopdracht 2: De Mooiste muziek... 8 4.1. Onderzoek... 8 4.2. Uitvoeren... 8 4.3. Presenteren... 9 5. Deelopdracht 3: De Mooiste beweging... 10 5.1. Onderzoek... 10 5.2. Uitvoeren... 10 5.3. Presenteren... 11 5.4. Evalueren... 11 6. Algemene beoordeling... 11 3

MIJN SCHATKIST 1. Introductie van het project: Schatkist vol herinneringen Dit project gaat over het verzamelen van schatten in een schatkist. De leerlingen krijgen per deelopdracht kleine schatten, die ze in hun eigen gemaakte kistje kunnen stoppen. Elke schat staat voor een muzikaal moment. We gaan op zoek naar het leukste lied, de mooiste muziek en de mooiste beweging. De schatten zijn nadrukkelijk geen beloningen, maar staan voor herinneringen aan een lied, muziek of beweging. Het prentenboek Frederick van Leo Lionni en H. Laurey (Vbk Media, 2011) vormt de leidraad voor het thema Utopie in groep 1-2. De kinderen gaan net als muis Frederick schatten (herinneringen) verzamelen, die ze in aan het eind van het project en in barre tijden tevoorschijn kunnen halen. Kies één van de volgende mogelijkheden: Lees Frederick voor. Speel dit filmpje waarin Frederick voorgelezen wordt (YouTube). Speel dit filmpje met de tekst van Frederick (YouTube) zonder geluid af en lees voor vanaf het scherm. Naar keuze: laat de leerlingen een tekening van Frederick maken (of plakken met stukjes papier zoals in het originele boek). Speel ter ondersteuning de volgende muziek: Die Moldau van Bedřich Smetana. 2. Oriëntatie 2.1. Het filosofisch gesprek Het filosofisch gesprek richt zich op dingen die van waarde voor je zijn en die je wilt bewaren. Dat kunnen voorwerpen zijn maar ook mensen of herinneringen. Heb je een schatkist thuis of een doosje waarin je dingen bewaart? Welke schatten zitten daarin? Stel: je hebt een schatkist die heel erg groot is. Wat zou je daarin willen bewaren? En waarom? Andere invalshoek Heb je wel eens iets meegemaakt waarvan je wilde dat het niet voorbij ging? Wat was dat? Zou je dat in een schatkist kunnen stoppen? Hoe zou je dat kunnen doen? Als je iets niet in een schatkist kunt stoppen, (hoe) kun je er dan voor zorgen dat je het niet vergeet? Andere invalshoek Is er een kleur die je het mooiste vindt? Waar doet je die aan denken? Kun je kleuren in een schatkist verzamelen? Kun je net als Frederick zonnestralen verzamelen? Kun je gedachten / herinneringen verzamelen? 4

Verdieping Als je iets in je schatkist hebt verzameld, en je haalt het er later uit, is het dan precies hetzelfde? 2.2. Oriëntatie op het thema De oriëntatie bestaat uit twee opdrachten: het maken van een doosje (de schatkist) en het zingen van een lied. U kunt zelf beslissen in welke volgorde u ze doet. De schatkist In Bijlage 1 vindt u een bouwplaat voor een doosje. Laat de leerlingen het doosje uitknippen en in elkaar plakken. Ze versieren het, zodat het helemaal hun eigen doosje wordt. Let op: het doosje moet open en dicht kunnen! U kunt ook lege eierdoosjes (voor 6 eieren) nemen en die versieren. De doosjes kunnen op een mooie plek in het lokaal neergezet worden of gedurende het project bij de leerlingen op tafel blijven staan. Kies wat u prettiger vindt. Het lied Zing het lied Ik heb een doosje in mijn hand voor. Stel vragen over het lied en zing het nog een aantal keer voor, totdat de leerlingen het mee kunnen zingen. Gebruik eventueel de bijlagen: o Bijlage 2: een pdf met het notenbeeld van het lied. o Bijlage 2a: een midifile met alleen de melodie. o Bijlage 2b: een midifile met de begeleiding van het lied. Reflectievragen Oriëntatie Mijn schatkist Hoe kan iedereen zien welk doosje van jou is? Wat heb je afgebeeld op je doosje? Waarom juist dat? Heeft het iets met schatten te maken? Kun je al een schat bedenken die je in het doosje wilt doen? Wat gebeurt er met het doosje in het liedje? 5

3. Deelopdracht 1: Het Mooiste liedje 3.1. Onderzoek In het doosje worden gedurende het project schatten verzameld. U moet daarvoor een verzameling aanleggen waaruit ze kunnen kiezen. Dat moeten allemaal kleine spulletjes zijn. Bijvoorbeeld: kralen in verschillende kleuren, plakkertjes, stukjes stof, steentjes en knipsels. De bijlagen Bijlage 3: notenbeeld van Liedje 1 Bijlage 3a: de melodie van Liedje 1 op piano Bijlage 3b: Liedje 1 met begeleiding, een paar coupletten Bijlage 4: notenbeeld van Liedje 2 Bijlage 4a: de melodie van Liedje 2 op piano Bijlage 4b: Liedje 2 met begeleiding, een paar coupletten Bijlage 5: het blad met smiley s Opdracht Voer onderstaande opdrachten in volgorde uit: 1. Laat de kinderen de schatten zien die ze gaan verzamelen. Maak in woord en gebaar duidelijk dat het waardevolle schatten zijn of gaan worden. 2. De schatten verzamelen ze nadat ze iets gedaan hebben: een liedje gezongen, mooie muziek beluisterd of een dansje gedaan. 3. Laat de leerlingen de kleur benoemen van de schatten die voor hen liggen en kondig aan dat ze een liedje over kleuren gaan zingen. 4. Kies één van de twee kleurenliedjes om voor te dragen of voor te zingen. U kunt ze ook beide voordragen of zingen en de leerlingen laten kiezen welke ze het mooiste vinden. Liedje 1 Weet je welke kleur ik in m n handen hou? Geel, groen, rood of blauw? Jij mag tellen, kijk en zie Een, twee, drie. Liedje 2 Geel, rood, groen en blauw Dat zijn de kleuren waar ik van hou De zon is geel, de zon is warm Gele, warme zon, ik zou je pakken als ik kon 5. Bespreek de tekst van het liedje. Welke kleuren komen erin voor? Welke kleur vind je de mooiste daarvan? Welke voorwerpen, dieren, planten of bomen hebben die kleur? Welke kleuren ken je nog meer? Reflectievragen Onderzoek Het mooiste liedje Welke kleuren kun je opnoemen? Welke kleur vind je het mooist? Van welke kleur word je vrolijk? Welke kleur draag je het liefst? Waarom? 6

3.2. Uitvoeren Maak een keuze uit onderstaande mogelijkheden: Zing het gekozen liedje of zing ze verdeeld over de week allebei. Zing in beide gevallen de liedjes net zo vaak voor totdat de leerlingen vanzelf meezingen. De liedjes hebben een verschillende verwerkingsvorm: 1. Als de leerlingen het liedje voluit mee kunnen zingen: neem telkens een gele, groene, rode of blauwe schat in uw handen achter uw rug. De leerlingen moeten raden welke schat het is. Laat ook een leerling een kleurige schat kiezen en achter zijn rug houden. Maak een volgend couplet met een andere kleur in de tweede regel. 2. Vraag na het zingen van het eerste couplet wat de kleur van de lucht is. Zing vervolgens het tweede couplet. Doe hetzelfde met gras. U kunt de verschillende coupletten op andere momenten in de week aanleren. Vraag de leerlingen vervolgens welk couplet ze het mooist vinden. Laat de leerlingen het gekozen couplet zingen. Voor beide liedjes: Laat Bijlage 5 met de smiley s zien. Wat betekenen de smiley s? Welke emoties drukken ze uit? Zing nu het liedje met een bepaalde emotie, bijvoorbeeld alsof je heel boos of heel verdrietig bent. Bespreek dat na. Wat verandert er dan in het zingen? Reflectievragen Uitvoeren Het mooiste liedje Welk liedje (of welk couplet) zing je het liefst? Waarom? Wat verandert er als je met een andere smiley zingt? Welke smiley vind jij het grappigst om te zingen? Waarom? Met welke smiley zingt de klas het mooist? Wat is er dan mooi? 3.3. Presenteren Presenteer het allerleukste lied in een kring voor elkaar. Pak het blad van de emoties erbij en vraag een leerling om een smiley uit te kiezen. Zing het lied vervolgens op die manier. Kies nog een paar leerlingen. Laat aan het eind iedere leerling voor zich kiezen: een couplet en/of een smiley en/of een favoriete kleur een schat die daarbij hoort uit de verzameling voor in hun doosje Toelichting Dit is de eerste keer dat de leerlingen een schat kiezen. Het zal vaker voorkomen. Benadruk dat het doosje een schatkist wordt met een verzameling van schatten die zij zelf kiezen. De schat is telkens gekoppeld aan een activiteit. Een activiteit die ze zich dan beter zullen herinneren. Het is dus nadrukkelijk niet een beloning (voor goed meedoen of iets dergelijks). Reflectievragen Presenteren Het mooiste liedje Wat ging heel goed bij het zingen van het lied? Was er iets dat je heel makkelijk of juist heel moeilijk vond? Wat heb je gekozen voor je schatkist? Waarom heb je juist dat gekozen? Als ik dat over een paar weken uit jouw schatkist haal, weet je dan nog waar het voor was? 7

4. Deelopdracht 2: De Mooiste muziek 4.1. Onderzoek Voer onderstaande opdrachten in volgorde uit: 1. In de kring: de kinderen doen hun ogen dicht en de leerkracht maakt een geluid. Bijvoorbeeld: water drinken papier scheuren pen laten vallen Kunnen ze raden welk geluid het is? 2. Zet een aantal instrumenten in de kring en doe hetzelfde. Kunnen ze raden welk instrument het is? 3. Speel de instrumenten nu nog eens (of laat een leerling een instrument bespelen), maar met de ogen open. Waar moet je aan denken als je dat geluid hoort? Zie je iets in je hoofd, of denk je aan een kleur, of aan een smiley? Wat vinden ze het mooiste geluid dat ze gehoord hebben? 4. De leerlingen kiezen ieder voor zich het mooiste geluid en kiezen een schat uit die daarbij past. Zing het doosjeslied nog een keer. Reflectievragen Onderzoek De mooiste muziek Was het moeilijk of makkelijk om te horen wat de juffrouw/meester deed? Was het moeilijk of makkelijk om te horen welk instrument er bespeeld werd? Bij welke instrumenten twijfelde je? Vind je het makkelijk om één geluid te kiezen? Of zijn er meer geluiden die je mooi vindt? 4.2. Uitvoeren In dit stadium van het project kunt u een kunstenaar in de klas uitnodigen. In de projectbeschrijving hieronder staan vier links naar contrasterende muziek. Als er een kunstenaar in de klas is, kan deze live contrasterende muziek spelen en samen met de leerlingen daarover praten. Als er geen kunstenaar in de klas komt, kunt u de volgende opdracht het beste over verschillende momenten in de week verdelen, niet te ver uit elkaar en telkens een minuut of vijf. Voer onderstaande opdrachten in volgorde uit: 1. Geef iedere leerling een leeg vel papier (A4). Laat ze dat vel één keer vouwen zodat er een boekje ontstaat. 2. Laat een muziekfragment horen. Geef de leerlingen de opdracht te tekenen wat ze voor zich zien bij die muziek. Laat dat zo vrij mogelijk. 3. Doe hetzelfde bij de andere fragmenten. Elk muziekstuk is één pagina in het boekje. 4. Als alle fragmenten geweest zijn: laat op een later tijdstip een fragment nogmaals horen. Welke tekening heb je daarbij gemaakt? Laat leerlingen elkaar hun tekening zien en uitleggen waarom ze dat getekend hebben. 5. Herhaal de andere fragmenten ook kort. 6. Vraag de leerlingen aan het einde van het fragment om de tekening te kiezen die ze het mooist vinden. 7. Kopieer de gekozen tekeningen verkleind, zodat ze opgevouwen in de doosjes passen. Of: laat de leerlingen een schat kiezen die bij de tekening en muziek hoort voor in het doosje. Zing het doosjeslied. 8

De fragmenten o The Piano van Michael Nyman o Afrikaanse volksmuziek o Clair de Lune van Claude Debussy o CanCan van Jacques Offenbach U kunt andere fragmenten kiezen. Let er dan op dat het contrasterende fragmenten zijn, het liefst zonder zang (tekst). Reflectievragen Uitvoeren De mooiste muziek Welke muziek heb je gekozen? Waarom? Waarom past jouw tekening helemaal bij die muziek? Zijn er anderen in jouw klas die eenzelfde idee hadden? Was het moeilijk om de mooiste muziek te kiezen? Waarom vond je dat moeilijk of juist makkelijk? 4.3. Presenteren Maak vier groepjes in de klas gebaseerd op de luisterfragmenten. Elke leerling zit bij de andere leerlingen die hetzelfde fragment hebben gekozen. De leerlingen presenteren hun tekeningen aan elkaar en vertellen hun idee of verhaal bij de muziek. Reflectievragen Presenteren De mooiste muziek Zijn er veel leerlingen die hetzelfde fragment hebben gekozen als jij? Als je alles gehoord en gezien hebt: zou je dan een ander fragment willen kiezen? In jouw groep: zijn er leerlingen die een heel ander gevoel, idee of verhaal hadden bij jouw muziek? Hoe kan dat, denk je? 9

5. Deelopdracht 3: De Mooiste beweging 5.1. Onderzoek Het leukste liedje uit deelopdracht 1 en de mooiste muziek uit deelopdracht 2 worden nu in beweging omgezet. Voer onderstaande opdrachten in volgorde uit: 1. Welke soort beweging past het beste bij de vier luisterfragmenten? Laat elk fragment opnieuw horen en vraag de leerlingen welke bewegingen of dans bij de muziek zou passen. Laat ze dat (vanaf hun stoel) beschrijven of heel dicht op de plaats uitbeelden. 2. Herhaal het lied uit deelopdracht 1. Bespreek: Welke bewegingen passen bij het liedje? Welke woorden kunnen we uitbeelden? Oefen het lied met bewegingen. Reflectievragen Onderzoek De mooiste beweging Dans je graag? Welke muziek vind je heel duidelijk om op te bewegen? Welke minder? Vind je nog steeds hetzelfde fragment het mooist? Of wil je liever een ander kiezen? Hoe ging het uitvoeren van het lied met beweging? Blijf je dan nog goed zingen? 5.2. Uitvoeren Oefen in de kleine kring de bewegingen of dansen bij de luisterfragmenten. Iedere leerling bij zijn fragment van keuze. Probeer tot afspraken te komen over gemeenschappelijke bewegingen zodat het een gezamenlijke dans wordt. Voer onderstaande opdrachten in volgorde uit: 1. Zing met de hele klas het lied nog eens. Eventueel met verschillende coupletten en (dus) verschillende bewegingen. 2. Bespreek met de leerlingen wat een goede volgorde voor de presentatie wordt. Het meest voor de hand ligt: muziek/dans 1 lied muziek/dans 2 lied (volgend couplet) muziek/dans 3, etc. In welke volgorde kunnen de dansen het beste uitgevoerd worden? 3. Vertel aan het einde van de oefenfase dat mensen soms een knoop in hun zakdoek leggen om iets te onthouden. Geef een voorbeeld: ik moet eraan denken om vanmiddag aardappelen te kopen. Weet je wat? Ik leg een knoop in mijn zakdoek. Waarom helpt dat? Want een knoop in je zakdoek heeft niets met aardappelen te maken. 4. Laat de leerlingen een schat uitkiezen voor in hun doosje. Met het kiezen van die speciale schat nemen ze zich voor om de volgorde van de uitvoering te onthouden. Reflectievragen Uitvoeren De mooiste beweging Weet je hoe je jouw dans gaat uitvoeren? Waar moet je van te voren goed aan denken? Wat komt er voor en na jouw dans? Hoe is het om al die dansen na elkaar te zien? Welke vind je heel mooi geworden? Waarom? Waar moet je goed aan denken bij de volgorde van de presentatie straks? 10

5.3. Presenteren Nodig publiek uit voor de presentatie. Neem van tevoren een moment van rust met de leerlingen. Laat ze de schat uit hun doosje pakken en eerst voor zichzelf, daarna hardop bedenken wat de volgorde van de presentatie is. Spreek af waar de groepen zitten die niet aan de beurt zijn met bewegen. Het zingen doe je altijd staand. Reflectievragen Presenteren De mooiste beweging Lukte het om aan de volgorde vast te houden? Wat ging beter en wat ging slechter dan bij het oefenen? Vind je jouw muziek nog steeds de mooiste muziek? Kun je uitleggen waarom? 5.4. Evalueren De kinderen pakken hun doosje en halen alle schatten eruit. Ze proberen om ze op volgorde van verzamelen te leggen. Weten ze nog waar elke schat voor staat? Wat vinden ze de mooiste schat en herinnering? Waarom? 6. Algemene beoordeling Voor het beoordelen van de leerlingprestaties kunt u gebruikmaken van het beoordelingsformulier voor (de) leerkracht (en leerling). De vier beoordelingscriteria zijn afgestemd op de kerndoelen kunstzinnige oriëntatie en de uitgangspunten van COH. De leerlingprestaties in het gehele project worden meegenomen in de beoordeling. Voor het gebruik van de formulieren is een korte toelichting beschikbaar. De beoordelingsformulieren voor de leerkracht (en leerling) en de toelichting op het beoordelingsmodel vindt u in de bijlagen van het document Informatie voor de leerkracht. 11