Waterschap Hunze en Aa's
|
|
|
- Emma Moens
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Waterschap Hunze en Aa's KRW visstandbemonstering kerngebieden kanalen Westerwolde 28 Projectnummer: Status Definitief Datum januari 29 Opgesteld door Matthijs Koole Gecontroleerd Jouke Kampen AquaTerra KuiperBurger ATKB Geldermalsen Poppenbouwing 34, 4191 NZ Geldermalsen
2 SAMENVATTING Waterschap Hunze en Aa's heeft AquaTerra - KuiperBurger B.V. gevraagd een visstandbemonstering uit te voeren in het KRW-waterlichaam kanalen Westerwolde. De bemonstering heeft tot doel een representatief beeld te krijgen van de visstand. Om deze doelstelling te realiseren en te voldoen aan de eisen van de KRW moet de bemonstering antwoord geven op de volgende vragen: - Wat is de soortensamenstelling van de visstand? - Wat is de omvang (abundantie) van de visstand, zowel in aantallen als in biomassa? - Wat is de lengtesamenstelling (leeftijdsopbouw) van de visstand? - Wat is de score van de visstand op de KRW-maatlatten? Het kanalensysteem omvat een groot aantal kanalen. Voor het onderhavige onderzoek is het waterlichaam opgedeeld in een viertal kerngebieden: Mussel Aa kanaal, Vereenigd- of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal, zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal en Zijwateren. De totale lengte van het kanalensysteem bedraagt bijna 8 km. Het waterlichaam is getypeerd als M6a, grote ondiepe kanalen zonder scheepvaart. De bemonstering is uitgevoerd van 12 t/m 19 september 28. De kanalen zijn vrijwel allemaal met de combinatie van zegen en elektrovisapparaat bemonsterd. De belangrijkste resultaten van het onderzoek zijn: - De omvang van de visbiomassa in de kerngebieden varieert van 6,7 kg/ha in de Zijwateren tot 143,4 kg/ha in het Mussel Aa kanaal. De gewogen gemiddelde visstand bedraagt 96,5 kg/ha en stuks/ha. - De samenstelling van de visstand wordt gedomineerd door eurytope soorten met een gemiddeld gewichtsaandeel van 77 %. Naast eurytopen zijn voornamelijk de exoot graskarper en limnofiele soorten aangetroffen. - Van de individuele soorten heeft brasem in de meeste kerngebieden het grootste gewichtsaandeel. - Het aantal aangetroffen soorten in het kanalensysteem Westerwolde bedraagt 16 (exclusief hybride). - Over het algemeen kunnen in de lengte-frequentieverdelingen alleen de jongste jaarklassen van de meest algemene soorten worden onderscheiden. Het aandeel + vis is relatief gering. - Bij toetsing aan de natuurlijke maatlat wordt de visstand in de kerngebieden beoordeeld van ontoereikend tot matig. De visstand is getoetst aan de natuurlijke referentie voor meervormige wateren (type M14) waardoor de beoordeling een vertekend beeld kan geven. - De gewogen gemiddelde visstand in het kanalensysteem wordt op de natuurlijke maatlat voor M14 beoordeeld als matig en op de afgeleide maatlatten voor M6a en M6b wordt voldaan aan respectievelijk GEP en MEP. Aanbevolen wordt om een specifieke MEP/GEP af te leiden voor het waterlichaam met een hoger ambitieniveau. Op basis van de aangetroffen visstand ligt het voor de hand om te kiezen voor een MEP met een lager gewichtsaandeel brasem+karper, een hoger gewichtsaandeel plantminnende vis en een groter aantal plantminnende en migrerende soorten. Voor de natuurlijke maatlat heeft het waterschap het ambitieniveau reeds naar beneden bijgesteld (GET=,53). Tevens wordt aanbevolen om de oevers van de kanalen natuurlijker in te richten wat een positief effect zal hebben op de vegetatieontwikkeling en daarmee op de diversiteit van de visstand. Het waterschap is voornemens om 1 km oever (enkelzijdig) natuurlijker in te richten. Tevens zal een belangrijk migratieknelpunt worden opgeheven.
3 INHOUDSOPGAVE Samenvatting Inleiding Materiaal en methode Onderzoeksgebied Bemonsteringsperiode Vangtuigen en wijze van bemonsteren Verwerking van de vangsten Verwerking van de gegevens Berekening omvang visbestand Presentatie gegevens Beoordeling met maatlatten Resultaten Algemene opmerkingen Bestandschattingen Lengtesamenstelling Beoordeling met maatlatten Beschermde soorten Exoten Discussie Uitvoering bemonstering Omvang visstand Maatlatbeoordelingen Knelpuntenanalyse Conclusies en aanbevelingen Conclusies Aanbevelingen...19 Literatuur...21 Bijlagen...22
4 1. INLEIDING Aanleiding In de Europese Unie is de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) in het nationale waterbeheer van kracht. Het doel van deze richtlijn is de toestand van aquatische ecosystemen (en daarmee verband houdende ecosystemen en gebieden) waar mogelijk te verbeteren. Duurzaam gebruik van water wordt hierdoor bevorderd. Monitoring van ecologische en chemische parameters moet aantonen of een watersysteem voldoet aan het gestelde doel van een goede toestand. Met de invoering van de KRW heeft vis een vaste plaats gekregen in de beoordeling van de ecologische waterkwaliteit. Voor het afleiden van de doelen voor vis voor sterk veranderde wateren is informatie over de actuele visstand gewenst. In 27 heeft in het beheersgebied van waterschap Hunze en Aa s onder andere een visstandonderzoek plaatsgevonden in het kanalensysteem Duurswold en in de Drentsche Aa (ref. 5 en 6). Als onderdeel van het KRW-monitoringsprogramma van waterschap Hunze en Aa s is in 28 de visstand in het waterlichaam kanalen Westerwolde door ATKB bemonsterd. Doel Doel van het onderzoek is te komen tot een representatief beeld van de visstand in de kerngebieden van het kanalensysteem Westerwolde. Voor de KRW moeten drie indicatoren van de visstand worden vastgesteld; de soortensamenstelling, abundantie en leeftijdsopbouw. Het visstandonderzoek geeft per onderscheiden kerngebied antwoord op de volgende vragen: - Wat is de soortensamenstelling van de visstand? - Wat is de omvang (abundantie) van de visstand, zowel in aantallen als in biomassa? - Wat is de lengtesamenstelling (leeftijdsopbouw) van de visstand? - Wat is de score van de visstand op de KRW-maatlatten? Leeswijzer In het voorliggende rapport wordt verslag gedaan van de visstandbemonstering. Het rapport is als volgt opgebouwd: - in hoofdstuk 2 worden het onderzoeksgebied, de gehanteerde bemonsteringsstrategie en vangtuigen, verrichte inspanning en de verwerking van de gegevens beschreven; - de resultaten van het onderzoek worden gegeven in hoofdstuk 3; - in hoofdstuk 4 worden de resultaten besproken; - conclusies en aanbevelingen worden in hoofdstuk 5 gegeven; - in de bijlagen zijn de kaarten (onderzoeksgebied en bemonsterde trajecten), grafieken (lengtefrequentieverdelingen) en tabellen (indelingen in gildes, bestandschattingen deelgebieden en maatlatgegevens) opgenomen, waar in de hoofdtekst naar wordt verwezen. ATKB Geldermalsen 4
5 2. MATERIAAL EN METHODE 2.1. Onderzoeksgebied Het kanalensysteem Westerwolde omvat verscheidene kanalen: Vereenigd- of BL Tijdenskanaal, Ruiten Aa kanaal, Mussel Aa kanaal, Boezemkanaal, Bourtangerkanaal noord, Veendiep en Voedingsleiding. Het kanalensysteem is gelegen in het oosten van Groningen en strekt zich uit van Ter Apel in het zuiden tot aan de Dollard in het noorden. Voor de visstandbemonstering is het waterlichaam opgedeeld in vier kerngebieden (zie tabel 2.1). De lengte van de kerngebieden bedraagt de helft van de totale lengte van het kanalensysteem. Tabel 2.1. Onderscheiden kerngebieden in het kanalensysteem Westerwolde met bijbehorende lengte en bemonsteringsinspanning. Kerngebied Lengte (km) Aantal trajecten Inspanning (%) Mussel Aa kanaal 9,1 2 6,6 Vereenigd- of BL Tijdenskanaal 9,2 3 9,8 noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal 1,8 4 11,1 Zijwateren* 1,4 5 14,4 Totaal Westerwolde 39,5 14 * Tot het kerngebied zijwateren behoren de wateren Veendiep, Boezemkanaal, Voedingsleiding, Bourtangerkanaal noord en de zijtak van het BL Tijdenskanaal. In elk van deze vijf wateren is één traject bemonsterd. Het waterlichaam kanalen Westerwolde is getypeerd als M6, grote ondiepe kanalen. De ligging van de diverse kanalen is weergegeven op de kaart in bijlage 1. In deze bijlage zijn tevens de bemonsterde trajecten weergegeven. De totale lengte van het waterlichaam bedraagt bijna 8 km. De breedte van de kanalen varieert van ca. 8 tot 3 m. De diepte bedraagt in de meeste kanalen 1,5 tot 3 m en het doorzicht varieert van,4 tot,9 m. De oevers van de kanalen zijn deels afgestort met steen. Submerse en drijfblad vegetatie was tijdens de bemonstering in geringe mate aanwezig. In het zuidelijke deel van de het Ruiten Aa kanaal was de meeste vegetatie aanwezig in de vorm van grof hoornblad, smalle waterpest, gele plomp, waterlelie en kikkerbeet. Emergente vegetatie was in de vorm van o.a. riet, lisdodde, liesgras en grote egelskop goed ontwikkelt. In bijlage 3 is een overzicht gegeven van een aantal milieuparameters en de aangetroffen vegetatie welke per bemonsterd traject zijn genoteerd Bemonsteringsperiode Volgens de STOWA-richtlijnen dient een visstandbemonstering uitgevoerd te worden in de periode half juli tot half september, wanneer de vis willekeurig verspreid over het water voorkomt (ref. 8). De bemonstering van het kanalensysteem Westerwolde is uitgevoerd van 12 tot en met 19 september 28 en voldoet daarmee aan de richtlijnen Vangtuigen en wijze van bemonsteren De bemonstering is uitgevoerd in samenwerking met twee medewerkers van visserijbedrijf E. Westerhuis. Op twee trajecten na zijn alle trajecten bemonsterd met de combinatie zegen+elektrovisserij. Eén traject is uitsluitend elektrisch bemonsterd en op één traject is er driemaal met de zegen rondgevist waarna de oevers elektrisch zijn bevist. De uitvoering van de visstandbemonstering is gebaseerd op de Bevist-Oppervlak-Methode uit het STOWA-handboek (ref. 8). Met deze methode wordt een bepaald oppervlak bevist met een vangtuig waarvan het vangstrendement bekend is. Uit de vangsten en de beviste oppervlaktes wordt met behulp van de rendementen een schatting van de omvang en samenstelling van de visstand berekend. De wijze van bemonsteren en de gehanteerde vangtuigen verschillen voor de diverse onderzochte delen van het kanalensysteem. De aanpak wordt als volgt samengevat: ATKB Geldermalsen 5
6 In de smalle delen van de boezem (breedte tot ongeveer 8 m) is aan het begin van het traject een keernet overdwars geplaatst. Vervolgens is een stuk van 3 m uitgemeten (GPS) en met het elektrovisapparaat vanuit een boot afgevist. Eventueel vluchtende vis wordt door het keernet tegengehouden. In de bredere kanalen is een traject van 3 m aan weerszijden met keernetten afgezet. Het traject is eerst met een zegen afgevist door het net over de gehele lengte van het traject door het water te slepen. Vervolgens is de visstand in de oeverzone bemonsterd met het elektrovisapparaat. Op één traject was het niet mogelijk de zegen over 3 m voort te trekken en is de zegen 'rondgevist'. In dat geval is de zegen langs een oever uitgevaren en vervolgens naar de andere oever toegetrokken en binnengehaald. Onderstaand volgt een korte toelichting op de gehanteerde vangtuigen en de bijbehorende rendementen. Voor meer informatie wordt verwezen naar ref. 8. Elektrovisapparaat De oeverzones van de kanalen zijn bemonsterd met een 5 kw elektrovisapparaat vanuit een boot. Daarnaast is de smalle, dichtbegroeide zijtak van het BL Tijdenskanaal over de hele breedte elektrisch bemonsterd. Het rendement van het elektrovisapparaat is voor oeverzones vastgesteld op 3% voor snoek en 2% voor de overige vissoorten. Voor wateren die over de volledige breedte worden bevist, is het rendement vastgesteld op 6% voor alle vissoorten (ref. 8). Figuur 2.1 Schematische weergave elektrovisserij (ref. 8) en foto van elektrovisserij vanuit de boot. Zegen Voor de bemonstering van de meeste kanalen is een zegen ingezet. De zegen is een staand net, samengesteld uit een grote zak met aan beide zijden een lange vleugel. Voor het onderzoek zijn de lijnvormige wateren met een zegen bemonsterd door het net over de gehele breedte van de watergang uit te leggen. Vervolgens is de zegen aan weerszijden van het water over een lengte van 3 m naar een keernet toegetrokken. Aan het einde van het traject is de zegen langs het keernet naar één van de oevers getrokken en daar binnengehaald. Tijdens het voorttrekken en binnenhalen wordt de omsloten vis naar de zak van de zegen geleid. In het Veendiep was het niet mogelijk de zegen over 3 m voort te trekken en is er 'rondgevist'. In die gevallen is de zegen langs een oever uitgevaren en vervolgens naar de andere oever toegetrokken en binnengehaald. ATKB Geldermalsen 6
7 Figuur 2.2 Schematische weergave van een zegen (ref. 8) en het binnenhalen van een zegen langs een keernet. Voor de bemonstering is gebruik gemaakt van een zegen van ATKB met een lengte van 75 m. De maaswijdte van de zegen is in de vleugels 4 mm hele maas, afnemend tot 12 mm in de zak. Het rendement van de zegen is voor alle vissoorten vastgesteld op 8%. Voor een met keernetten afgezet traject dat over de volledige lengte eerst met zegen en daarna met elektrovisapparaat is bevist, wordt voor de zegen met een rendement van 1% gerekend. Aangenomen wordt dat de vis die niet wordt gevangen met de zegen in de oever vlucht en met het elektrovisapparaat wordt bemonsterd. Het rendement voor het elektrovisapparaat blijft in dit geval 3% voor snoek en 2% voor overige vis (ref. 8) Verwerking van de vangsten De gevangen vissen zijn op soort gesorteerd, gemeten (in cm totaallengte) en geteld. Uit grote vangsten zijn eerst bijzondere soorten en grote vissen geselecteerd. De overige vissen zijn gesorteerd in functionele lengtegroepen, waarna op gewichtsbasis monsters zijn genomen. De vissen in de monsters zijn vervolgens gesorteerd, gemeten en geteld Verwerking van de gegevens De vangstgegevens zijn per traject ingevoerd in het databeheerprogramma Piscaria. Dit programma is in opdracht van de STOWA ontwikkeld voor het beheer en opslag van gegevens van visstandbemonsteringen. Piscaria bevat standaard lengte-gewicht relaties van alle vissoorten voor het omrekenen van aantallen vissen naar biomassa. Met deze relaties is voor elke soort het aantal vissen per cm-klasse omgerekend naar biomassa Berekening omvang visbestand Voor het maken van de bestandschattingen zijn de oppervlaktes van de wateren en de verschillende deelgebieden nodig. De oppervlaktes zijn bepaald door de lengte van het kanaal (of deel van het betreffende kanaal) af te lezen in GIS en te vermenigvuldigen met de gemeten (gemiddelde) breedte in het veld. De gehanteerde oppervlaktes staan in tabel 2.1 en de beviste oppervlaktes zijn opgenomen in bijlage 2. Met behulp van Piscaria zijn de vangsten omgerekend naar bestandschattingen. De bestanden zijn conform de beschrijving in het STOWA-handboek op de volgende wijze berekend (ref. 8): 1. Per onderscheiden deelgebied is de vangst van de afzonderlijke trajecten/trekken per vangtuig gesommeerd; 2. De som van stap 1 is gedeeld door het totaal beviste oppervlak van het betreffende deelgebied. ATKB Geldermalsen 7
8 3. De resultaten verkregen onder stap 2 zijn gedeeld door de rendementen van de betreffende vangtuigen, wat resulteert in een schatting per deelgebied. 4. Het visbestand voor de verschillende kanalen en het waterlichaam als geheel is berekend door het naar oppervlak gewogen gemiddelde te nemen van de schattingen per deelgebied. Voor de deelgebieden waarin trajecten van 3 m over de gehele lengte met de combinatie van zegen en elektrovisapparaat zijn bemonsterd, wordt een afwijkende berekeningswijze gehanteerd. Eerst zijn per traject de vangsten met het elektrovisapparaat gecorrigeerd voor het rendement (rendement zegen wordt op 1% gesteld). Vervolgens zijn de vangsten met zegen en elektrovisapparaat per traject gesommeerd. Het gemiddelde van de resultaten per traject geeft het bestand per deelgebied, waarna het bestand per kanaal berekend kan worden (zie stap 4) Presentatie gegevens Voor het presenteren van de bestandschattingen zijn de gevangen vissoorten ingedeeld in ecologische groepen en gilden. De indeling in ecologische groepen wordt beschreven in het STOWA-handboek. De ecologische groepen zijn voornamelijk gebaseerd op de voedselvoorkeur en hangen samen met de lengte van de vissoorten. Voor snoek wijkt de indeling af van de overige vissoorten, omdat deze vooral uitgaat van de voorkeur van deze vissoort voor een bepaald habitat. Naast ecologische groepen zijn de vissoorten ingedeeld in de stromingsgilden volgens de indeling die volgens de KRW-maatlatten worden gehanteerd (zie bijlage 4). Met behulp van Piscaria zijn lengte-frequentieverdelingen (LF s) van de gevangen vissen gegenereerd. De LF s worden per kerngebied gepresenteerd. In de bijlage is de bestandschatting voor de Zijwateren ook uitgesplitst per zijwater. Alle foto s, figuren, kaarten en tabellen uit de rapportage staan tevens op een bijgeleverde CD Beoordeling met maatlatten Na het berekenen van het bestand per hectare is de visstand per kanaal getoetst aan een natuurlijke referentie en de default-mep/gep's voor een groot ondiep kanaal (M6). Kanalen zijn kunstmatige wateren waarvoor vanzelfsprekend geen natuurlijke referentie bestaat. Daarom zijn de kanalen beoordeeld met de natuurlijke maatlat voor het meest overeenkomende type; ondiepe gebufferde plas (M14). De maatlatbeoordelingen zijn uitgevoerd met het programma QBWat (ref. 12). De maatlatten werken volgens de principes van de index voor de biotische integriteit. De score op de maatlat is een waarde tussen en 1. Bij score vertoont de visstand een slechte overeenkomst met het streefbeeld (natuurlijke referentie of MEP) en bij score 1 komt deze volledig overeen met het streefbeeld. Onderstaande tekstkaders behandelen de opbouw van de gehanteerde maatlatten. De navolgende figuur geeft een overzicht van de klassen op de natuurlijke maatlat. ATKB Geldermalsen 8
9 Opbouw natuurlijke maatlat M14 ondiepe gebufferde plas Voor een uitgebreide beschrijving van de maatlat wordt verwezen naar ref. 9 en voor de indeling in gilden naar bijlage 4. Voor het beoordelen van de visstand in natuurlijke wateren van type M14 worden de volgende deelmaatlatten gehanteerd: - Aantal soorten. - Brasem; het biomassa-aandeel brasem. - Baars+blankvoorn; het biomassa-aandeel baars en blankvoorn van alle eurytopen. - Plantminnende vis; het biomassa-aandeel aan snoek, ruisvoorn, zeelt, kroeskarper, bittervoorn, giebel, grote modderkruiper, kleine modderkruiper, tiendoornige stekelbaars en vetje. - Zuurstoftolerante vis; het biomassa-aandeel aan zeelt, grote modderkruiper en kroeskarper. De scores op de vijf deelmaatlatten tellen even zwaar mee in de totaalbeoordeling. Opbouw default-mep/gep M6 groot ondiep kanaal Voor een uitgebreide beschrijving van de default-mep/gep wordt verwezen naar ref. 7. Voor de indeling in gilden wordt verwezen naar bijlage 4. De default-mep/gep s voor kanalen en sloten zijn gebaseerd op de natuurlijke maatlat voor meren. Een aantal deelmaatlatten bleek niet geschikt te zijn voor lijnvormige wateren en deze zijn aangepast of vervangen. Dit heeft geresulteerd in de volgende deelmaatlatten voor het type M6: - Brasem+karper. - Plantminnende vis. - Aantal migrerende en plantminnende soorten. De scores op de drie deelmaatlatten tellen even zwaar mee in de totaalbeoordeling. Voor type M6 is een MEP opgesteld voor kanalen met scheepvaart en een MEP voor kanalen zonder scheepvaart. De aangetroffen visstand is aan beide MEP s getoetst. 1,8,6 Zeer Goede Ecologische Toestand Goede Ecologische Toestand (GET) 1,8,6 Goed Ecologisch Potentieel (GEP) Matig Matig,4,4 Ontoereikend Ontoereikend,2,2 Slecht Slecht Natuurlijke maatlat Afgeleide maatlat Figuur 2.3 De klassen van de natuurlijke en afgeleide maatlat met bijbehorende kleurcodering (voor de afgeleide maatlat geldt dat het MEP gelijk is aan 1, de bovengrens van het GEP). ATKB Geldermalsen 9
10 3. RESULTATEN 3.1. Algemene opmerkingen Bij de bemonstering van het kanalensysteem werd veel hinder ondervonden van vuil (fietsen, oude beschoeiing, planken e.d.) in het water. Hierdoor werd het vissen met de zegen bemoeilijkt en ging soms een deel van de vangst verloren. Over het algemeen werd relatief weinig vis gevangen. Figuur 3.1 Twee van de bemonsterde trajecten in het kanalensysteem Westerwolde (links Veendiep, rechts Vereenigd of BL Tijdenskanaal) Bestandschattingen De onderstaande tabellen en figuren presenteren de bestandschattingen in de onderscheiden kerngebieden en het kanalensysteem Westerwolde als geheel. In bijlage 6 zijn de schattingen voor alle kerngebieden uitgewerkt per ecologische groep. Voor de kerngebieden varieert de aangetroffen biomassa van ruim 6 kg/ha in de Zijwateren tot ruim 143 kg/ha in het Mussel Aa kanaal. In aantallen fluctueren de bestandschattingen van stuks/ha in het BL Tijdenskanaal tot 5.26 stuks/ha in het Ruiten Aa kanaal. De gewogen gemiddelde bestandschatting voor het kanalensysteem Westerwolde bedraagt 96,5 kg/ha en stuks/ha. Een dergelijke schatting is aan de lage kant voor kanalen. De schatting is wel van vergelijkbare omvang als de bestandschatting voor het kanalensysteem Hunze-Veenkoloniën 28 en het kanalensysteem Duurswold in 27 (ref. 6). ATKB Geldermalsen 1
11 Tabel 3.1. Bestandschattingen in kg/ha voor de onderscheiden kerngebieden en het kanalensysteem als geheel in 28. Mussel Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zijwateren Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Gilde Soortnaam Eurytoop Aal/Paling 17,2 3,2 2,9 2,8 15, Alver,1,,3,1,1 Baars 8,9 1,8 12, 2, 6, Blankvoorn 21,6 4,7 27,9 5,1 14,4 Brasem 35,5 11,4 28,9 26,9 23,9 Driedoornige stekelbaars - - -,, Hybride - - -,, Kleine modderkruiper, - -,, Kolblei 6,3,1 4,1 12,2 4,7 Pos,3,4,7 1,8,7 Snoek 11,2,9 1,4 1,4 5,6 Snoekbaars,3 1,3, 3,1 4,1 Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn 4,5 2,8 1,2,5 2,3 Vetje - - -,2, Zeelt 11,9 3,9 5,8 1,6 5,6 Rheofiel Riviergrondel, -,1,2,1 Exoot Graskarper 25,6-3,3 2,8 13,9 Totaal 143,4 66,5 124,6 6,7 96,5, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen In totaal zijn bij de bemonstering 16 soorten aangetroffen, exclusief hybride. Het eurytope gilde is met elf soorten het sterkst vertegenwoordigd. Daarnaast zijn drie limnofiele soorten, één rheofiele soort en één exoot aangetroffen. In biomassa overheersen eurytope soorten de visstand in het kanalensysteem met een gewichtsaandeel van 77%. Het aandeel van de limnofiele soorten in de biomassa bedraagt ruim 8% en van de exoten (graskaper) 14%. Het aandeel van de rheofiele soort riviergrondel is daarmee verwaarloosbaar klein. De visstand in de kerngebieden laat op hoofdlijnen een vergelijkbaar beeld te zien. Op basis van aantallen is de dominantie van het eurytope gilde in de visstand met 97% nog groter. Het aandeel van de overige gilden is zeer beperkt. De visstand in de kerngebieden laat hetzelfde beeld zien. Van de individuele soorten heeft de eurytope brasem in de meeste kerngebieden een redelijk aandeel in de biomassa (17 tot 24%). Ook blankvoorn heeft met 7 tot 22% een aanzienlijk gewichtsaandeel. Van de limnofiele soorten heeft zeelt het grootste aandeel in de biomassa. De exoot graskarper heeft in het Mussel Aa kanaal en het Ruiten Aa kanaal met respectievelijk 18 ATKB Geldermalsen 11
12 en 24% een groot gewichtsaandeel. Opvallend is het hoge gewichtsaandeel van paling in het BL Tijdenskanaal (45%). In aantallen domineert baars de visstand in het Mussel Aa kanaal (47%) en het Ruiten Aa kanaal (55%). In het BL Tijdenskanaal en de zijwateren domineert brasem met 55 en 44%. Daarnaast heeft blankvoorn een behoorlijk aantalsaandeel. De overige soorten hebben meestal een aandeel kleiner dan 1%. Tabel 3.2. Bestandschattingen in aantal/ha voor de onderscheiden kerngebieden en het kanalensysteem als geheel in 28. Mussel Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zijwateren Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Gilde Soortnaam Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Driedoornige stekelbaars Hybride Kleine modderkruiper Kolblei Pos Snoek Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Vetje Zeelt Rheofiel Riviergrondel Exoot Graskarper Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 12
13 16, kg/ha 12, 8, 4, Paling Blankvoorn Brasem Kolblei Snoek Overig eurytoop Zeelt Overig Limnofiel Rheofiel Exoot, Mussel Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zijwateren Gew. gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Figuur 3.2 Biomassaverdeling van de visstand in de onderscheiden kerngebieden en het kanalensysteem als geheel in Lengtesamenstelling Bijlage 7 presenteert de lengte-frequentieverdelingen (LF s) van de vangst per kerngebied. Bij een evenwichtige opbouw bestaat de visstand uit veel kleine, jonge vissen en een afnemend aantal grotere, oude vissen. Bij de meeste soorten in het kanalensysteem Westerwolde is het aandeel + vis relatief gering, dit duidt op onregelmatige recrutering (aanwas van jonge vis). In de LF s van baars, blankvoorn, brasem, kolblei, pos en ruisvoorn zijn veelal wel de verschillende jongste jaarklassen (één- en tweezomerige vis) te onderscheiden. Van de overige soorten zijn te weinig exemplaren gevangen om iets over de lengteopbouw te kunnen concluderen Beoordeling met maatlatten De aangetroffen visstand in de kanalen is beoordeeld met een natuurlijke maatlat voor een ondiepe gebufferde plas (M14), een afgeleide maatlat voor een ondiep groot kanaal zonder scheepvaart (M6a) en een ondiep groot scheepvaartkanaal (M6b). De toegepaste maatlatten worden in hoofdstuk Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. beschreven en onderstaande tabel presenteert de beoordelingen. De resultaten worden per KRW-type in een grafiek gepresenteerd en toegelicht. In bijlage 8 zijn per kerngebied tabellen opgenomen met de score per deelmaatlat. ATKB Geldermalsen 13
14 Tabel 3.3. Beoordeling van de visstand in het kanalensysteem met maatlatten; M14 = ondiepe gebufferde plas; M6a = kanaal zonder scheepvaart, M6b = kanaal met scheepvaart. Maatlattype M14 M6a M6b Kerngebied Score Klasse Score Klasse Score Klasse Mussel Aa kanaal,51 matig,65 GEP 1, MEP Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal,37 ontoereikend,58 matig,87 GEP Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal,54 matig,59 matig,87 GEP Zijwateren,3 ontoereikend,71 GEP,82 GEP Kanalen Westerwolde totaal,49 matig,79 GEP 1, MEP Ondiepe gebufferde plas (M14) Op de natuurlijke maatlat wordt de visstand in de kanalen beoordeeld in de klasse ontoereikend tot matig. De relatief lage beoordelingen zijn te wijten aan matige scores op alle deelmaatlatten. Vooral het relatief hoge biomassa-aandeel brasem en een gering gewichtsaandeel baars+blankvoorn en plantminnende vis resulteren in een matige beoordeling. 1,8,6,4 Aantal soorten Brasem Baars+blankvoorn Plantminnende vis Zuurstoftolerante vis,2 Referentie M14 Mussel Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zijwateren Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Figuur 3.3 Beoordeling van de visstand op de maatlat voor M14 (ondiepe gebufferde plas). Ondiep groot kanaal zonder scheepvaart (M6a) Bij beoordeling van de visstand op de afgeleide maatlat voor M6a zijn de scores duidelijk hoger dan op de natuurlijke maatlat voor M14. Het kanalensysteem als geheel voldoet aan het GEP en de visstanden in de afzonderlijke kerngebieden voldoen bijna allemaal aan het GEP. Op de deelmaatlat aandeel brasem+karper behalen alle kerngebieden en het systeem als geheel de maximale score. De score op de deelmaatlat aandeel plantminnende vis blijft achter. ATKB Geldermalsen 14
15 1,8 Brasem+karper Plantminnende vis Aantal plantminnende en migrerende soorten,6,4,2 MEP M6a Mussel Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zijwateren Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Figuur 3.4 Beoordeling van de visstand op de maatlat voor M6a (ondiep groot kanaal zonder scheepvaart) Ondiep groot scheepvaartkanaal (M6b) De beoordeling op de maatlat voor M6b wijkt duidelijk af van de andere maatlatten. Alle kanalen voldoen ruimschoots aan het GEP en het Mussel Aa kanaal en het systeem als geheel halen zelfs het MEP. De hoge beoordelingen zijn het gevolg van goede scores op alle drie de deelmaatlatten. Opgemerkt moet worden dat de streefwaarden voor een scheepvaartkanaal van het type M6b laag zijn. Zo wordt op de deelmaatlat brasem+karper al een maximale score behaald als het aandeel van beide soorten kleiner is dan 5%. ATKB Geldermalsen 15
16 1,8,6 Brasem+karper Plantminnende vis,4 Aantal plantminnende en migrerende soorten,2 MEP M6b Mussel Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zijwateren Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Figuur 3.5 Beoordeling van de visstand op de maatlat voor M6b (ondiep groot kanaal met scheepvaart) 3.5. Beschermde soorten Bij de bemonstering is één soort aangetroffen die bescherming geniet vanuit de Flora- en faunawet (tabel 2). Het betreft de kleine modderkruiper die in lage dichtheden is aangetroffen in het Mussel Aa kanaal en de Zijwateren. Van de gevangen soorten staat vetje vermeld op de Rode lijst met als aanduiding kwetsbaar (zie ook bijlage 5). Vetje is in behoorlijke aantallen aangetroffen in de Zijwateren Exoten Bij de bemonstering werd in de vorm van graskarper één exoot waargenomen. Graskarper werd aangetroffen in alle kerngebieden met uitzondering van het Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal. In aantallen is de dichtheid van deze soort beperkt, maar door de hoge individuele gewichten is de biomassa aan graskarper aanzienlijk. Graskarper is in Nederland niet in staat zichzelf voort te planten en zal in de loop van de tijd dan ook weer uit het systeem verdwijnen. ATKB Geldermalsen 16
17 4. DISCUSSIE 4.1. Uitvoering bemonstering Bij de bemonstering met de zegen werd hinder ondervonden van vuil in het water waardoor soms een deel van de vangst verloren ging. Vooral grote vissen (brasem, karper e.d.) weten soms te ontsnappen als een zegentrek niet goed verloopt. Dit heeft mogelijk effect gehad op de resultaten van het onderzoek. Bij trekken die niet goed verliepen is het rendement naar beneden bijgesteld Omvang visstand Zoals aangegeven is het aangetroffen visbestand voor kanalen aan de lage kant. Niet uitgesloten kan worden dat de omvang van het visbestand is onderschat als gevolg van bovenstaande problemen bij de uitvoering van de bemonstering. Het visbestand is wel iets hoger dan het visbestand op het kanalensysteem Duurswold in 27 (ref. 6). Het visbestand in Duurswold was echter waarschijnlijk onderschat omdat de bemonstering laat in het najaar werd uitgevoerd en (een deel van) de vis in winterclustering zat. Als de omvang van de visstand wordt vergeleken met bestandschattingen uit 27 voor een tweetal Drentse kanalen (Oranjekanaal;15 kg/ha, Linthorst-Homankanaal; 3kg/ha) (ref. 1), en een tweetal Friese kanalen (Van Panhuyskanaal;22 kg/ha, Schoterlandse Compagnonsvaart;34 kg/ha) (ref. 11), zijn de schattingen voor het kanalensysteem Westerwolde laag te noemen. Als gevolg van een relatief korte verblijftijd van het water in het kanalensysteem kan het zijn dat de omstandigheden voor vis minder gunstig zijn. In wateren met een korte verblijftijd en daarmee een aanzienlijke (periodieke) stroming is de visbiomassa vaak lager dan op basis van de draagkracht (aan de hand van het fosfaatgehalte) verwacht mag worden. Dit beeld heeft ATKB bij tal van andere wateren bevestigd gezien Maatlatbeoordelingen De kanalen bezitten de status kunstmatig en daarom bestaan er per definitie geen natuurlijke referenties voor dit watertype. Besloten is de visstand in de kanalen te beoordelen met de meest overeenkomende natuurlijke maatlat, namelijk de maatlat voor type M14, een ondiepe gebufferde plas. Uit onze ervaringen met het beoordelen van de visstand in vaarten, sloten en kanalen met natuurlijke maatlatten voor plassen is gebleken dat de visstand meestal (te) hoog scoort. In lijnvormige wateren vormt de oeverzone relatief een veel groter deel dan in meervormige wateren. Dit weerspiegelt zich in de visstand vaak in de vorm van relatief grote aandelen plantminnende en zuurstoftolerante vis en daarmee hoge beoordelingen. Een uitspraak over de kwaliteit van de visstand in waterlichamen kan daarom beter gebaseerd worden op de resultaten van de toetsing aan een MEP voor stagnante, lijnvormige wateren. Voor de natuurlijke maatlat heeft het waterschap het ambitieniveau reeds naar beneden bijgesteld (GET=,53). Bij het gebruik van de afgeleide default-mep/gep s (in dit geval voor type M6a en M6b) valt op dat vaak een erg hoge score wordt behaald. De visstand in twee van de vier kerngebieden voldoet op de maatlat voor M6a bijvoorbeeld aan het GEP terwijl dat op basis van de omstandigheden (weinig ontwikkelde oevers, beperkte aanwezigheid vegetatie) in deze wateren niet werd verwacht. Geconcludeerd kan worden dat de default-mep/gep s voor sloten, vaarten en kanalen weinig onderscheidend zijn en daarmee resulteren in (te) hoge beoordelingen. Dergelijke onverwachte hoge beoordelingen van de visstand in sloten, vaarten en kanalen zien wij ook terug in andere visstandonderzoeken die ATKB uitvoerde in dergelijke wateren. Dit kwam bijvoorbeeld naar voren bij grootschalige bemonsteringen in de beheersgebieden van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (ref. 4), Waternet (ref. 3) en Waterschap Rivierenland (ref. 2). De gehanteerde default-mep/gep s voor sloten, vaarten en kanalen zijn pas recentelijk afgeleid. Het verdient daarom aanbeveling eerst een grondige evaluatie uit te voeren alvorens conclusies aan de beoordelingen te verbinden. ATKB Geldermalsen 17
18 4.4. Knelpuntenanalyse De hoge maatlatbeoordelingen doen vermoeden dat de visgemeenschap evenwichtig is opgebouwd. In de praktijk blijkt dit niet altijd zo te zijn. Ook uit de resultaten van de habitatinventarisaties (bijlage 3) blijkt dat er knelpunten in de wateren aanwezig zijn. Vooral de beperkte presentie van (onder)watervegetatie, onder andere als gevolg van de oeververdediging, een gering doorzicht en de aanwezigheid van graskarper, kan een knelpunt zijn. De meeste kanalen zijn erg kaal waardoor er een beperkt areaal aan paai- en opgroeigebied en beperkte schuilmogelijkheden voor vis aanwezig zijn. Het waterschap is voornemens om 1 km oever (enkelzijdig) natuurlijker in te richten. Tevens zal een belangrijk migratieknelpunt worden opgeheven. Hoewel er dus duidelijke knelpunten zijn, blijkt dit niet uit de resultaten van de toetsing aan de default-mep/gep. Daarom wordt aanbevolen zelf doelstellingen voor deze wateren af te leiden waarbij de landelijke default MEP/Gep kritisch worden beschouwd. ATKB Geldermalsen 18
19 5. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN 5.1. Conclusies - De omvang van de visbiomassa in de kerngebieden varieert van 6,7 kg/ha in de Zijwateren tot 143,4 kg/ha in het Mussel Aa kanaal. De gewogen gemiddelde visstand bedraagt 96,5 kg/ha en stuks/ha. - De samenstelling van de visstand wordt gedomineerd door eurytope soorten met een gewichtsaandeel van 7 % in het zuidelijke deel van het Ruiten Aa kanaal tot 91 % in de Zijwateren. Naast eurytopen zijn voornamelijk graskarper en limnofiele soorten aangetroffen. - Als exoot is graskarper aangetroffen in alle kerngebieden met uitzondering van het Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal. Het gewichtsaandeel van graskarper bedraagt over het hele systeem ruim 14%. - Van de individuele soorten heeft brasem in de meeste kerngebieden het grootste gewichtsaandeel. Naast brasem hebben blankvoorn, paling en graskarper een aanzienlijk gewichtsaandeel. - Het aantal aangetroffen soorten in het kanalensysteem Westerwolde bedraagt 16 (exclusief hybride). Het aantal soorten per kerngebied varieert van 11 tot De lengtesamenstelling van de visstand verschilt per kerngebied. Over het algemeen kunnen in de lengte-frequentieverdelingen alleen de jongste jaarklassen van de meest algemene soorten worden onderscheiden. Het aandeel + vis is relatief gering. - Bij toetsing aan de natuurlijke maatlat wordt de visstand in de kerngebieden beoordeeld van ontoereikend tot matig. De visstand is getoetst aan de natuurlijke referentie voor meervormige wateren (type M14) waardoor de beoordeling een vertekend beeld kan geven. - De visstand wordt bij toetsing aan de afgeleide maatlatten hoger beoordeeld dan met de natuurlijke maatlat. De beoordelingen op de maatlat voor M6a (zonder scheepvaart) variëren van matig tot GEP. In twee kerngebieden en het kanalensysteem als geheel voldoet de visstand aan het GEP. Bij beoordeling met de afgeleide maatlat type M6b (scheepvaartkanaal) voldoet de visstand in alle kerngebieden aan het GEP. Het Mussel Aa kanaal en het systeem als geheel behalen zelfs de hoogste beoordeling (MEP). - Gezien de aangetroffen visstand worden de beoordelingen op de afgeleide maatlatten te hoog geacht. Dit hangt samen met de weinig ambitieuze default-mep/gep s voor kanalen. - Kleine modderkruiper is de enige beschermde soort die is aangetroffen. Daarnaast is met vetje één Rode lijst soorten waargenomen Aanbevelingen - De visstand in de bemonsterde kerngebieden voldoet in bijna alle gevallen aan het GEP of MEP terwijl de kanalen over het algemeen kaal zijn met weinig ontwikkelde oevers. Hieruit wordt geconcludeerd dat de default-mep/gep s weinig onderscheidend te zijn. Daarom wordt aanbevolen een gebiedspecifieke MEP/GEP af te leiden met een hoger ambitieniveau. Op basis van de aangetroffen visstand verdient het aanbeveling om te kiezen voor een MEP met een lager aandeel brasem+karper en een hoger aandeel plantminnende vis. ATKB Geldermalsen 19
20 Uitgaande van het aantal aangetroffen soorten kan ook overwogen worden het MEP voor het aantal plantminnende en migrerende soorten naar boven bij te stellen. Hiervoor dient nader gekeken te worden naar soorten die redelijkerwijs verwacht mogen worden en naar historische referenties. - Een meer natuurlijke inrichting van de oevers van de kanalen kan bijdragen aan een hogere waterplantenbedekking en daarmee aan een grotere diversiteit in de visstand. Dit kan ook een positief effect hebben op de paai- en opgroeimogelijkheden. ATKB Geldermalsen 2
21 LITERATUUR 1. Beers, M.C. & M. Koole, 28. Vismonitoring waterlichamen Reest en Wieden in 26 en 27. AquaTerra - KuiperBurger B.V., Geldermalsen. 2. Beers, M.C. & M. Koole, 28. Visstandbemonstering in twee deelgebieden van Waterschap Rivierenland in 27. AquaTerra - KuiperBurger B.V., Geldermalsen. 3. Beers, M.C, 27. KRW-visstandbemonstering waterlichamen Waternet 26. AquaTerra Water en Bodem B.V., Geldermalsen. 4. Beers, M.C, J.L. Spier, P.B. Broeckx & G. H. Bonhof, 27. Vismonitoring De Stichtse Rijnlanden 26. AquaTerra - KuiperBurger B.V. & Bureau Waardenburg B.V., Geldermalsen. 5. Bruinsma, T & M. Beers, 28. Visstandbemonstering kerngebieden Drentsche Aa 27. AquaTerra - KuiperBurger B.V., Geldermalsen. 6. Bruinsma, T & M. Beers, 28. Visstandbemonstering kanalensysteem Duurswold 27. AquaTerra - KuiperBurger B.V., Geldermalsen. 7. Evers, C.H.M., A.J.M. van den Broek, R. Buskens & A. van Leerdam, 27. KRWmaatlatten sloten en kanalen. Concept eindrapport 25 september 27. De deelstroomgebieden Rijn-West, Rijn-Midden, Rijn-Noord, Rijn-Oost, Eems en Maas, STOWA en CSN. Royal Haskoning, Taken Landschapsplanning & Allards Wateradvies. 's-hertogenbosch. 8. Klinge, M., G. Hensens, A. Brenninkmeijer & L. Nagelkerke, 23. Handboek Visstandbemonstering. Voorbereiding, bemonstering, beoordeling. STOWA, Utrecht. 9. Molen, D.T. van der & R. Pot (red.), 27. Referenties en maatlatten voor natuurlijke watertypen voor de Kaderrichtlijn Water, versie december 27, rapportnummer STOWA, Utrecht. 1. Noble, R. & I. Cowx, 22. FAME Work Package 1 - Development of a river-type classification system (D1) & Compilation and harmonisation of fish species classification (D2). Final report. University of Hull, United Kingdom. 11. Vernooij, S & J. Kampen, 27. Monitoring van de visstand in een aantal wateren binnen het beheersgebied van Wetterskip Fryslân, 26. AquaTerra Water en Bodem B.V., Geldermalsen ATKB Geldermalsen 21
22 BIJLAGEN Bijlage 1. Overzicht onderzoeksgebied en bemonsterde trajecten (1)...23 Bijlage 2. Aantal bemonsterde trajecten per waterloop...25 Bijlage 3. Karakteristieken milieuparameters en vegetatie...26 Bijlage 4. Soortenlijst zoete wateren en indeling (FAME)...27 Bijlage 5. Status aangetroffen soorten...29 Bijlage 6. Bestandschattingen...3 Bijlage 7. Lengtefrequentieverdelingen...4 Bijlage 8. Beoordeling visstand volgens maatlatten...45 ATKB Geldermalsen 22
23 Bijlage 1. Overzicht onderzoeksgebied en bemonsterde trajecten (1) ATKB Geldermalsen 23
24 Overzicht onderzoeksgebied en bemonsterde trajecten (2) ATKB Geldermalsen 24
25 Bijlage 2. Aantal bemonsterde trajecten per waterloop Kerngebied Waterloop Trajecten bemonsterde oppervlakte (ha) Vangtuig (aantal trajecten) Mussel Aa kanaal Mussel Aa kanaal Z9,1 en E9,1 1,8 zegen+elektro (2) Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Z1,2,8 en E1,2,8 2,1 zegen+elektro (3) Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Z11 t/m 14 en E11 t/m 14 1,89 zegen+elektro (4) Zijwateren Veendiep Z1a/b/c, E5,56 zegen 1 (3), elektro (1) Boezemkanaal Z3, E3,84 zegen+elektro (1) Voedingsleiding Z6, E6,54 zegen+elektro (1) Bourtangerkanaal noord Z7, E7,45 zegen+elektro (1) Zijtak BL Tijdenskanaal E4,24 elektro (1) Totaal 7,7 1 'rondgooi' met zegen ATKB Geldermalsen 25
26 Bijlage 3. Karakteristieken milieuparameters en vegetatie kerngebied waterloop traject x y diepte (m) doorzicht (m) talud substraat Mussel Aa kanaal Mussel Aa kanaal Z9, E Z1, E Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal dikte sliblaag (m) type beschoeiing % beschoeid Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Z1, E ,-3,6 steil zand stortsteen 1 Z2, E ,5-3,7 steil zand stortsteen 1 Z8, E ,5,7 steil zand stortsteen 1 Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Z11, E ,8,5 slib op klei Z12, E ,7,5 steil veen/klei,2 Z13, E ,5 matig steil slib op veen/klei Z14, E ,5 Zijwateren Veendiep Z1a/b/c, E ,5,5 steil klei/zand,3 Boezemkanaal Z3, E ,5-3,4 steil klei stortsteen 1 Voedingsleiding Z6,E ,6,5 steil zand,3 Bourtangerkanaal noord Z7, E ,5,7 flauw zand stortsteen 5 Zijtak BL Tijdenskanaal E ,5,9 steil klei/zand emerse vegetatie submerse vegetatie drijfblad vegetatie kerngebied waterloop traject bedekking (%) soorten bedekking (%) soorten bedekking (%) soorten Mussel Aa kanaal Mussel Aa kanaal Z9, E9 Z1, E1 1 liesgras, pijlkruid, grote egelskop 5 grof hoornblad, smalle waterpest 5 gele plomp Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Z1, E1 1 riet, liesgras, rietgras Z2, E2 1 riet, liesgras, lisdodde, waterzuring Z8, E8 1 riet Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Z11, E11 1 lisdodde, riet, grote egelskop, waterkers 5 grof hoornblad, smalle waterpest 1 gele plomp, kikkerbeet, veenwortel Z12, E12 1 riet, liesgras, pijlkruid, kalmoes, grote egelskop 5 grof hoornblad, smalle waterpest 1 waterlelie, gele plomp, kikkerbeet Z13, E13 1 riet, liesgras, pijlkruid, kalmoes 3 grof hoornblad, smalle waterpest 1 gele plomp, waterlelie, kikkerbeet, kroos Z14, E14 1 riet, liesgras, kalmoes, pijlkruid, 5 grof hoornblad, smalle waterpest 5 kroos, kikkerbeet grote egelskop Zijwateren Veendiep Z1a/b/c, E5 2 riet, kalmoes, russen 5 gele plomp Boezemkanaal Z3, E3 1 riet, kalmoes, russen Voedingsleiding Z6, E6 1 liesgras, riet, pijlkruid, waterzuring, 1 ranonkel 5 gele plomp zegges Bourtangerkanaal noord Z7, E7 1 riet Zijtak BL Tijdenskanaal E4 1 riet, liesgras, pijlkruid ATKB Geldermalsen 26
27 Bijlage 4. Soortenlijst zoete wateren en indeling (FAME) Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Stromingsgilde Aal Anguilla anguilla EURY Alver Alburnus alburnus EURY Baars Perca fluviatilis EURY Barbeel Barbus barbus RH Beekforel Salmo trutta fario RH Beekprik Lampetra planeri RH Bermpje Barbatula barbatula RH Bittervoorn Rhodeus sericeus LI Blankvoorn Rutilus rutilus EURY Bot Platichthys flesus LI Brasem Abramis brama EURY Driedoornige stekelbaars Gasterosteus aculeatus EURY Elft Alosa alosa RH Elrits Phoxinus phoxinus RH Fint Alosa fallax RH Gestippelde alver Alburnoides bipunctatus RH Giebel Carassius gibelio EURY Grote marene Coregonus lavaretus EURY Grote modderkruiper Misgurnus fossilis LI Houting Coregonus oxyrinchus LI Karper Cyprinus carpio EURY Kleine modderkruiper Cobitis taenia EURY Kolblei Blicca bjoerkna EURY Kopvoorn Leuciscus cephalus RH Kroeskarper Carassius carassius LI Kwabaal Lota lota EURY Meerval Silurus glanis EURY Pos Gymnocephalus cernuus EURY Rivierdonderpad Cottus gobio RH Riviergrondel Gobio gobio RH Rivierprik Lampetra fluviatilis RH Roofblei (exoot) Aspius aspius EURY Ruisvoorn Scardinius erythrophthalmus LI Serpeling Leuciscus leuciscus RH Sneep Chondrostoma nasus RH Snoek Esox lucius EURY Snoekbaars Sander lucioperca EURY Spiering Osmerus eperlanus LI Steur Acipenser sturio RH Tiendoornige stekelbaars Pungitius pungitius LI Vetje Leucaspius delineatus LI Vlagzalm Thymallus thymallus RH Winde Leuciscus idus RH Zalm Salmo salar RH Zeeforel Salmo trutta trutta RH Zeelt Tinca tinca LI Zeeprik Petromyzon marinus RH ATKB Geldermalsen 27
28 Toelichting bij de tabel De bovenstaande indeling is afgeleid voor het FAME-project. De afkorting FAME staat voor Fish-based Assessment Method for the Ecological status of European rivers. De soorten in de tabel zijn voor stagnante en stromende Nederlandse zoete wateren geselecteerde soorten uit de totale FAME-lijst. Alleen de indeling naar stromingsgilde is voor het onderhavige project relevant en is daarom in de tabel opgenomen. Onderstaand worden de gilden kort toegelicht. Voor de volledige indeling en een uitgebreide toelichting wordt verwezen naar ref. 1. Stromingsgilde LI Limnofiel; voorkeur voor stilstaand water RH Rheofiel; voorkeur voor stromend water EURY Eurytoop; zonder voorkeur voor stilstaand of stromend water ATKB Geldermalsen 28
29 Bijlage 5. Status aangetroffen soorten Vissoort Status 1 Visserijwet 2 Beschermd 3 Rode lijst 4 Aal/paling Inheems + (28 cm) Alver Inheems + Baars Inheems + (22 cm) Blankvoorn Inheems + Brasem Inheems + Driedoornige stekelbaars Inheems + Graskarper Exoot Kleine modderkruiper Inheems ++ II Kolblei Inheems + Pos Inheems + Riviergrondel Inheems + Ruisvoorn/rietvoorn Inheems + (15 cm) Snoek Inheems + (45 cm) Snoekbaars Ingeburgerd + (42 cm) Vetje Inheems + Kwetsbaar Zeelt Inheems + (25 cm) 1. Inheemse soorten komen van oorsprong in Nederland voor; ingeburgerde soorten vormen meer dan 1 jaar een zichzelf in stand houdende populatie; exoten komen minder dan 1 jaar in Nederland voor of zijn voor het voorkomen afhankelijk van uitzettingen = Genoemd in Regeling aanwijzing vissen, schaal- en schelpdieren 1982 (minimummaat gegeven in Reglement minimummaten en gesloten tijden 1985) = Soort beschermd volgens de Flora- en Faunawet en staat in tabel 2; +++ = idem in tabel 3; II = soort genoemd in bijlage II van de EU-Habitatrichtlijn, voor deze soorten moeten de lidstaten beschermde gebieden aanwijzen; IV = soort genoemd in bijlage IV, soorten die strikt moeten worden beschermd. 4. Besluit Rode lijsten flora en fauna 5 november 24. ATKB Geldermalsen 29
30 Bijlage 6. Bestandschattingen Mussel Aa kanaal Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 17,2 - -,2 2,8 14,2 Alver,1 -,,1 - - Baars 8,9 3,8 4,3,8 - - Blankvoorn 21,6,2 11,2 9,4,8 - Brasem 35,5,,4,7 6,7 27,6 Kleine modderkruiper, -, Kolblei 6,3,1 2,6 3,1,5 - Pos,3,, Snoekbaars, ,3 - Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn 4,5-1,2 3,3 - - Zeelt 11, ,9 Rheofiel Riviergrondel, -, Exoot Graskarper 25, ,6 Subtotaal 132,2 4,1 2, 17,6 11,1 79,3 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek 11,2,2 1,2 2,9 5, 1,9 Totaal 143,4, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Kleine modderkruiper Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Zeelt Rheofiel Riviergrondel Exoot Graskarper Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 3
31 Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 3,2 -,,4 9,8 2,1 Alver, -,, - - Baars 1,8,9,4,5 - - Blankvoorn 4,7,1,7 3,9 - - Brasem 11,4 1,1,3,9 3, 6,2 Kolblei,1, - -,1 - Pos,4,1, Snoekbaars 1,3, ,2 Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn 2,8,,6 1,4,7 - Zeelt 3, , 2,8 Subtotaal 65,6 2,2 2,3 7,1 14,6 39,3 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek,9,1,5 -,3 - Totaal 66,5, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Zeelt Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 31
32 Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 2, ,6 2,3 Alver,3, -,3 - - Baars 12, 7,6 4,1,3 - - Blankvoorn 27,9,6 21,7 5,6 - - Brasem 28,9,2 1, 2,1 4,7 2,8 Kolblei 4,1,,6 3,3,1 - Pos,7,2, Snoekbaars,, Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn 1,2,,6,6 - - Zeelt 5,8, - - 2,1 3,7 Rheofiel Riviergrondel,1,, Exoot Graskarper 3, ,3 Subtotaal 114,2 8,6 28,7 12,2 7,5 57,1 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek 1,4,1 2,5,2 2,6 5, Totaal 124,6, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Zeelt Rheofiel Riviergrondel Exoot Graskarper Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal 5.26 = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 32
33 Zijwateren Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 2,8 - -,,9 1,9 Alver,1,, Baars 2, 1,2,7,2 - - Blankvoorn 5,1,3 3,2 1,4,2 - Brasem 26,9 3,2 1, 1,9 6, 14,9 Driedoornige stekelbaars,,, Hybride,,, Kleine modderkruiper, -, Kolblei 12,2, 1,2 3,2 7,8 - Pos 1,8 1,,7, - - Snoekbaars 3,1 1,2 -,, 1,9 Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn,5,,5, - - Vetje,2,, Zeelt 1,6 -, - 1,5 - Rheofiel Riviergrondel,2,, Exoot Graskarper 2, ,8 Subtotaal 59,3 6,9 7,7 6,7 16,4 21,5 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek 1,4,,9,4,1 - Totaal 6,7, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Driedoornige stekelbaars Hybride Kleine modderkruiper Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Vetje Zeelt Rheofiel Riviergrondel Exoot Graskarper Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal 3.92 = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 33
34 Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 15, -,,2 4,2 1,6 Alver,1,,,1 - - Baars 6, 3,4 2,2,4 - - Blankvoorn 14,4,3 9, 5,,2 - Brasem 23,9 1,,6 1,4 4,8 16,1 Driedoornige stekelbaars,,, Hybride,,, Kleine modderkruiper, -, Kolblei 4,7,,9 2,1 1,6 - Pos,7,3,5, - - Snoekbaars 4,1,2 -,,1 3,8 Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn 2,3,,7 1,3,2 - Vetje,,, Zeelt 5,6,, - 1,2 4,3 Rheofiel Riviergrondel,1,, Exoot Graskarper 13, ,9 Subtotaal 9,9 5,2 14, 1,5 12,3 48,7 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek 5,6,1 1,3,7 1,8 1,7 Totaal 96,5, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Driedoornige stekelbaars Hybride Kleine modderkruiper Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Vetje Zeelt Rheofiel Riviergrondel Exoot Graskarper Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 34
35 Zijwateren -- Veendiep Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 1, ,9 - Alver,1,, Baars 1,9 1,4, Blankvoorn 1,9,6,6,7 - - Brasem 14,9 2,1 2,3 2,2 8,3 - Hybride,1,, Kolblei,1,1, Pos 2,4 1,9, Snoekbaars,, Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn,8,,6,1 - - Vetje,,, Zeelt 2, ,3 - Rheofiel Riviergrondel,,, Totaal 26,4 6,1 4,7 3, 12,5 -, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Hybride Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Vetje Zeelt Rheofiel Riviergrondel Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 35
36 Zijwateren -- Boezemkanaal Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Baars,8,6, Blankvoorn,, Brasem 29,6 5,2 -,7 5,6 18,1 Driedoornige stekelbaars,,, Kolblei 21,9, 1, 5,1 15,7 - Pos,3, Snoekbaars 2,4 2, Limnofiel Vetje,3 -, Totaal 55,3 8,5 1,5 5,8 21,3 18,1, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Baars Blankvoorn Brasem Driedoornige stekelbaars Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Vetje Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 36
37 Zijwateren -- Zijtak BL Tijdenskanaal Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 3, ,7 2,8 Baars,7,1, Blankvoorn 2,9,1 2, Brasem 5,9 -, ,7 Kolblei,6 - -,6 - - Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn,6 -, Subtotaal 14,2,2 4,3,6,7 8,5 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek,7 -, Totaal 14,9, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Baars Blankvoorn Brasem Kolblei Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal 334 = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 37
38 Zijwateren -- Voedingsleiding Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 6,7 - -,1 3, 3,5 Alver,3 -, Baars 1, 5, 3,5 1,5 - - Blankvoorn 13,8,8 1,5 2,5 - - Brasem 62,9, 3,3 6, 5,7 47,8 Kleine modderkruiper, -, Kolblei 7,7,1 4,2 1,5 2, - Pos 9,2 3,7 5,1,4 - - Snoekbaars,5,1 -,1,2 - Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn 1,4-1, Vetje, -, Zeelt 8, ,2 - Rheofiel Riviergrondel 1,1-1, Exoot Graskarper 11, ,6 Subtotaal 133,4 9,7 29,4 12,1 19,1 62,9 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek 7,2-5,1,9 1,1 - Totaal 14,6, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Alver Baars Blankvoorn Brasem Kleine modderkruiper Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Vetje Zeelt Rheofiel Riviergrondel Exoot Graskarper Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 38
39 Zijwateren -- Bourtangerkanaal noord Biomassa in kg/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling 23, ,3 22,4 Baars 3,3 1,7 1,,5 - - Blankvoorn 53,5,7 31,8 18,2 2,8 - Brasem 43,3 2,2 1,2 7,7 8,9 23,3 Kleine modderkruiper, -, Kolblei 14,7,1 5,2 9,4 - - Pos 4, 1,3 2, Snoekbaars 33,6, ,5 Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn 2,5,1 2, Zeelt 4,2 -,4-3,8 - Rheofiel Riviergrondel,8 -, Exoot Graskarper 32, , Subtotaal 215,5 6,2 45,6 35,8 16,8 111,2 ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek 12,3,2 6,4 5,8 - - Totaal 227,8, = <,5 kg/ha; - = niet aangetroffen Aantal/ha Gilde Vissoort Totaal + > >4 Eurytoop Aal/Paling Baars Blankvoorn Brasem Kleine modderkruiper Kolblei Pos Snoekbaars Limnofiel Rietvoorn/Ruisvoorn Zeelt Rheofiel Riviergrondel Exoot Graskarper Subtotaal ecologische indeling voor snoek Totaal >54 Eurytoop Snoek Totaal = <,5 stuks/ha; - = niet aangetroffen ATKB Geldermalsen 39
40 Bijlage 7. Lengtefrequentieverdelingen 1 Mussel Aa kanaal Baars Blankvoorn Brasem Kolblei Aal/Paling Pos Rietvoorn/Ruisvoorn Snoek Ter beperking van het aantal grafieken zijn alleen de LF en van de meest aangetroffen soorten gepresenteerd. ATKB Geldermalsen 4
41 Vereenigd- of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Baars Blankvoorn Brasem Kolblei Aal/Paling Pos Rietvoorn/Ruisvoorn Snoek ATKB Geldermalsen 41
42 Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Alver Baars Blankvoorn Brasem Kolblei Pos Rietvoorn/Ruisvoorn Snoek ATKB Geldermalsen 42
43 Zijwateren Alver Baars Blankvoorn Brasem Kolblei 5 Aal/Paling Pos Riviergrondel ATKB Geldermalsen 43
44 (vervolg Zijwateren) Rietvoorn/Ruisvoorn Snoek Snoekbaars 15 Vetje ATKB Geldermalsen 44
45 Bijlage 8. Beoordeling visstand volgens maatlatten Natuurlijke maatlat M14 Mussel Aa kanaal Zijwateren Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aantal soorten,6,12 Aantal soorten,73,15 Aandeel brasem,4,8 Aandeel brasem,42,8 Aandeel baars+blankvoorn,6,12 Aandeel baars+blankvoorn,27,5 Aandeel plantminnende vis,39,8 Aandeel plantminnende vis,7,1 Aandeel zuurstoftolerante vis,55,11 Aandeel zuurstoftolerante vis,3,1 TOTAAL SCORE,51 TOTAAL SCORE,3 BEOORDELING Matig BEOORDELING Ontoereikend Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Gewogen gemiddelde Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aantal soorten,4,8 Aantal soorten,73,15 Aandeel brasem,49,1 Aandeel brasem,4,8 Aandeel baars+blankvoorn,22,4 Aandeel baars+blankvoorn,55,11 Aandeel plantminnende vis,26,5 Aandeel plantminnende vis,3,6 Aandeel zuurstoftolerante vis,48,1 Aandeel zuurstoftolerante vis,48,1 TOTAAL SCORE,37 TOTAAL SCORE,49 BEOORDELING Ontoereikend BEOORDELING Matig Zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aantal soorten,53,11 Aandeel brasem,42,8 Aandeel baars+blankvoorn 1,,2 Aandeel plantminnende vis,3,6 Aandeel zuurstoftolerante vis,45,9 TOTAAL SCORE,54 BEOORDELING Matig ATKB Geldermalsen 45
46 Default MEP/GEP M6a Default MEP/GEP M6b Mussel Aa kanaal Mussel Aa kanaal Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel plantminnende vis,46,15 Aandeel plantminnende vis 1,,33 Aantal plantminnende en,5,17 Aantal plantminnende en 1,,33 migrerende soorten migrerende soorten TOTAAL SCORE,65 TOTAAL SCORE 1, BEOORDELING GEP BEOORDELING MEP Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Vereenigd of BL Tijdenskanaal noordelijke deel Ruiten Aa kanaal Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel plantminnende vis,33,11 Aandeel plantminnende vis 1,,33 Aantal plantminnende en,4,13 Aantal plantminnende en,6,2 migrerende soorten migrerende soorten TOTAAL SCORE,58 TOTAAL SCORE,87 BEOORDELING Matig BEOORDELING GEP zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal zuidelijke deel Ruiten Aa kanaal Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel plantminnende vis,38,13 Aandeel plantminnende vis 1,,33 Aantal plantminnende en,4,13 Aantal plantminnende en,6,2 migrerende soorten migrerende soorten TOTAAL SCORE,59 TOTAAL SCORE,87 BEOORDELING Matig BEOORDELING GEP Zijwateren Zijwateren Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel plantminnende vis,12,4 Aandeel plantminnende vis,46,15 Aantal plantminnende en 1,,33 Aantal plantminnende en 1,,33 migrerende soorten migrerende soorten TOTAAL SCORE,71 TOTAAL SCORE,82 BEOORDELING GEP BEOORDELING GEP Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Gewogen gemiddelde kanalensysteem Westerwolde Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Deelmaatlat score deelmaatlat gewogen score Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel brasem+karper 1,,33 Aandeel plantminnende vis,38,13 Aandeel plantminnende vis 1,,33 Aantal plantminnende en 1,,33 Aantal plantminnende en 1,,33 migrerende soorten migrerende soorten TOTAAL SCORE,79 TOTAAL SCORE 1, BEOORDELING GEP BEOORDELING MEP ATKB Geldermalsen 46
Soortenlijst zoete wateren en FAME-indeling voor gilden
BIJLAGE Soortenlijst zoete wateren en FAME-indeling voor gilden Nederlandse naam Wetenschappelijke naam Stromingsgilde Aal Anguilla anguilla EURY Alver Alburnus alburnus EURY Baars Perca fluviatilis EURY
Waterschap Hunze en Aa's
Waterschap Hunze en Aa's Projectnummer: 20071132 Status Definitief Datum 13 februari 2008 Opgesteld door Tom Bruinsma & Marco Beers Gecontroleerd door Matthijs Koole AquaTerra-KuiperBurger ATKB Geldermalsen
Waterschap Hunze en Aa's
Waterschap Hunze en Aa's KRW visstandbemonstering kerngebieden kanalen Hunze-Veenkoloniën 28 Projectnummer: 28631 Status Definitief Datum januari 29 Opgesteld door Matthijs Koole Gecontroleerd Jouke Kampen
De visstand in vaarten en kanalen
De visstand in vaarten en kanalen Jochem Hop Bijeenkomst Vissennetwerk 6 juni 2013, Bilthoven Inhoudsopgave Inleiding Materiaal en Methode Analyse Trends Inleiding KRW-watertypen M3, M10, M6 en M7 M3 gebufferde
RWS Waterdienst. Monitoring van de visstand in 4 afgeschermde en 4 open kribvakken in de Lek bij Everdingen in Projectnummer:
RWS Waterdienst Monitoring van de visstand in 4 afgeschermde en 4 open kribvakken in de Lek bij Everdingen in 28 Projectnummer: 28219 Status Definitief Kenmerk 28219/rap1 Datum 19 november 28 Opgesteld
Visstandonderzoek in vier waterlichamen in het beheergebied van waterschap Zuiderzeeland 2013
Visstandonderzoek in vier waterlichamen in het beheergebied van waterschap Zuiderzeeland 2013 Rapportnummer: 20130405/rap01 Status rapport: Definitief Datum rapport: 6-3-2014 Auteur: Projectleider: Kwaliteitscontrole:
Rivierherstel, KRW en het effect op vissen van het stromende water. Tom Buijse Rijkswaterstaat - RIZA
Rivierherstel, KRW en het effect op vissen van het stromende water Tom Buijse Rijkswaterstaat - RIZA Europese Kaderrichtlijn Water Doelstelling Goede Ecologische en Chemische Toestand (GET/GCT) voor al
Visstandonderzoek Oostvaardersplassen Rapportnummer: /01 Status rapport: Concept Datum rapport: Januari 2011
Visstandonderzoek Oostvaardersplassen 1 Rapportnummer: 1888/1 Status rapport: Concept Datum rapport: Januari 11 Auteur: J. Hop paraaf: Gecontroleerd: J. Kampen paraaf: Opdrachtgever: Waterschap Zuiderzeeland
Visstandbemonstering Vollenhover- en Kadoelermeer Rapportnummer: /rapp001 Status rapport: Definitief Datum rapport: juli 2010
Visstandbemonstering Vollenhover- en Kadoelermeer 21 Waterschap Zuiderzeeland Rapportnummer: 291265/rapp1 Status rapport: Definitief Datum rapport: juli 21 Auteur: J. Hop paraaf: Gecontroleerd: J. Kampen
Rapportnummer: /rap02 Status rapport: Definitief Datum rapport:
Onderzoek naar het visbestand in de stilstaande en kleine wateren Scheldemeander Meerseput, Scheldemeander Het Anker, Leiemeander te Oeselgem, Oude Durme te Hamme en de Rupelmondse Kreek, 22 Provincie
Werkprotocol visbemonsteringen FF-wet
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Werkprotocol visbemonsteringen FF-wet Bemonstering, vaststellen ecologisch effect, aanvragen ontheffing Opgesteld: Januari 2012 Update februari 2014 Visserij
KRW visstandonderzoek in dertig waterlichamen in het beheergebied van Waterschap Rivierenland in 2018
KRW visstandonderzoek in dertig waterlichamen in het beheergebied van Waterschap Rivierenland in 2018 Rapport 2: Toetsing en beoordeling van de visstand voor de KRW In opdracht van: Waterschap Rivierenland
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Visinventarisatie 2014
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Visinventarisatie 2014 KRW-visbemonstering Tochten lage afdeling NOP en Vaarten NOP Rapport VSN 2014.05 In opdracht van Waterschap Zuiderzeeland 4 december 2014
KRW-visstandmonitoring Noord-Willemskanaal 2013
KRW-visstandmonitoring Noord-Willemskanaal 2013 Rapport 2013-091 W. Patberg G. Wolters KRW-visstandmonitoring Noord-Willemskanaal 2013 Rapport 2013-091 W. Patberg G. Wolters bezoekadres oosterweg 127
KRW visstandmonitoring Woldmeer 2016
KRW visstandmonitoring Woldmeer 2016 Rapport 2016-112 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters KRW visstandmonitoring Woldmeer 2016 Rapport 2016-112 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters bezoekadres
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Schoendalebocht, Oude Leiearm te St-Baafsvijve en het Waggelwater, 2012
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Schoendalebocht, Oude Leiearm te St-Baafsvijve en het Waggelwater, 22 Provincie West Vlaanderen Rapportnummer: 22369/rap4 Status rapport:
RWS Waterdienst. Visstandonderzoek Volkerak-Zoomeer november-december Projectnummer:
RWS Waterdienst Visstandonderzoek Volkerak-Zoomeer november-december 28 Projectnummer: 281446 Status Definitief Datum januari 29 Opgesteld door J. Kampen, M. Koole Gecontroleerd P. Rutjes AquaTerra KuiperBurger
Onderzoek naar het visbestand in de Grote en Kleine Keignaert, 2014
Onderzoek naar het visbestand in de Grote en Kleine Keignaert, 2014 Provincie West-Vlaanderen Rapportnummer: 20140539_W-VL/rap01 Status rapport: Definitief Datum rapport: 23 maart 2015 Auteur: Projectleider:
Onderzoek naar het visbestand in de stilstaande wateren De Volharding en Mellevijver 2014
Onderzoek naar het visbestand in de stilstaande wateren De Volharding en Mellevijver 2014 Provincie Antwerpen Rapportnummer: 20140778_Antw/rap01 Status rapport: Definitief Datum rapport: 22 april 2015
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest. Leiemeanders Oost-Vlaanderen
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Leiemeanders Oost-Vlaanderen Rapportnummer: 265/4 Status rapport: Definitief Datum rapport: 5 maart 22 Auteur: Gecontroleerd:
Onderzoek naar het visbestand in oude kanaaldelen, Oud Kanaal Bocholt, Oud Kanaal Bree-beek, Oud Kanaal Lanklaar en Oud Kanaal Dilsen 2018.
Onderzoek naar het visbestand in oude kanaaldelen, Oud Kanaal Bocholt, Oud Kanaal Bree-beek, Oud Kanaal Lanklaar en Oud Kanaal Dilsen 208. Provincie Limburg Rapportnummer: 2080379/rap02 Status rapport:
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2014
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2014 21 waterlichamen J.H. Bergsma P.B. Broeckx D.M. Soes Ecologie & landschap KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2014 21 waterlichamen ir
Vertroebeling en (verarming van) de visstand in het Julianakanaal. Jasper Arntz 6 juni 2013
Vertroebeling en (verarming van) de visstand in het Julianakanaal Jasper Arntz 6 juni 2013 Inhoud Karakteristieken Julianakanaal Grensmaasproject Effecten van vertroebeling Abiotische monitoring Biotische
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Hazewinkel, De Bocht en Den Aerd, 2012
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Hazewinkel, De Bocht en Den Aerd, 22 Provincie Antwerpen Rapportnummer: 22369/rap Status rapport: Definitief Datum rapport: 2-2-23 Auteur:
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest. Openbare Scheldemeanders West-Vlaanderen
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Openbare Scheldemeanders West-Vlaanderen Rapportnummer: 26/ Status rapport: Definitief Datum rapport: maart 22 Auteur:
Steeknet & Hengelvangstregistratie
Steeknet & Hengelvangstregistratie Schepnetvissers & hengelaars gezamenlijk op pad? Jan Kranenbarg & Toine Aarts Opbouw presentatie 1. Hengelaars & schepnetters bekeken 2. Wat wordt er zoal gevangen? 3.
Onderzoek naar het visbestand in stilstaande viswateren, Scheldemeander Nederename, Eine de Ster-Noord & Zuid, Heurne den Heuvel en Spettekraai 2018.
Onderzoek naar het visbestand in stilstaande viswateren, Scheldemeander Nederename, Eine de Ster-Noord & Zuid, Heurne den Heuvel en Spettekraai 218. Provincie Oost-Vlaanderen Rapportnummer: 218379/rap1_OVL
KRW visstandmonitoring Drentsche Aa 2016
KRW visstandmonitoring Drentsche Aa 2016 Rapport 2016-109 W. Patberg KRW Visstandmonitoring Drentsche Aa 2016 Rapport 2016-109 W. Patberg bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres postbus 111 9750 AC
KRW-visstandmonitoring Eemskanaal / Winschoterdiep 2014
KRW-visstandmonitoring Eemskanaal / Winschoterdiep 2014 Rapport 2014-097 G. Wolters W. Patberg KRW-visstandmonitoring Eemskanaal / Winschoterdiep 2014 Rapport 2014-097 G. Wolters W. Patberg bezoekadres
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Vijvers Vlaams-Brabant Rapportnummer: 265/3 Status rapport: Definitief Datum rapport: 5 maart 22 Auteur: Gecontroleerd:
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Meer van Rotselaar, Demermeander Schoonhoven en de Vallei van de drie beken, 2014
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Meer van Rotselaar, Demermeander Schoonhoven en de Vallei van de drie beken, 214 Provincie Vlaams Brabant Rapportnummer: 21439_VLB/rap1
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Paalse Plas, Meynekomplas en Heerenlaak, 2014
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Paalse Plas, Meynekomplas en Heerenlaak, Provincie Limburg Rapportnummer: 9_LI/rap Status rapport: Definitief Datum rapport: 9 maart Auteur:
RWS Waterdienst. Visstandbemonstering Volkerak-Zoommeer. Projectnummer:
RWS Waterdienst Visstandbemonstering Volkerak-Zoommeer Projectnummer: 851 Status Definitief Kenmerk 851/rap1 Datum oktober Opgesteld door Jouke Kampen Gecontroleerd Johan van Giels AquaTerra - KuiperBurger
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest. Rivierenhof en Blaasveld Broek
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Rivierenhof en Blaasveld Broek Rapportnummer: 200605/002 Status rapport: Definitief Datum rapport: 3 april 202 Auteur:
KRW visstandmonitoring Kanalen Oldambt 2016
KRW visstandmonitoring Kanalen Oldambt 2016 Rapport 2016-110 W. Patberg G. Wolters KRW Visstandmonitoring Kanalen Oldambt 2016 Rapport 2016-110 W. Patberg G. Wolters bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren E3-Put Oostakker en Oude Leie Astene, 2014
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren E3-Put Oostakker en Oude Leie Astene, 214 Provincie Oost Vlaanderen Rapportnummer: 214539_O-VL/rap1 Status rapport: Definitief Datum rapport:
Visstandbemonstering Randmeren- Oost In opdracht van Rijkswaterstaat Directie IJsselmeergebied
Visstandbemonstering Randmeren- Oost 21 In opdracht van Rijkswaterstaat Directie IJsselmeergebied 23 december 21 Verantwoording Titel Visstand bemonstering Randmeren- Oost 21 Opdrachtgever Dienst IJsselmeergebied
Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel
Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel veldwerkverslag 2008 Rapport 2009-023 J.H. Wanink Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel veldwerkverslag
Visstandmonitoring Zuidlaardermeer (KRW) en Foxholstermeer 2009
Visstandmonitoring Zuidlaardermeer (KRW) en Foxholstermeer 29 Rapport 21-21 G.H. Bonhof G. Wolters Visstandmonitoring Zuidlaardermeer (KRW) en Foxholstermeer 29 Rapport 21-21 G.H. Bonhof G. Wolters bezoekadres
Onderwerp: Voorlopige resultaten doortrekmetingen vislift H&Z polder Datum: 24-6-2013 Kenmerk: 20121066/not02 Status: Definitief Opsteller: J.
Aan: P.C. Jol Onderwerp: Voorlopige resultaten doortrekmetingen vislift H&Z polder Datum: 24-6-2013 Kenmerk: 20121066/not02 Status: Definitief Opsteller: J. Hop Inleiding Omstreeks begin mei 2013 is de
Rode Lijst Zoetwatervissen 2010: veranderingen ten opzichte van Frank Spikmans 42 ste bijeenkomst vissennetwerk Zwolle, 5 juni 2014
Rode Lijst Zoetwatervissen 2010: veranderingen ten opzichte van 1998 Frank Spikmans 42 ste bijeenkomst vissennetwerk Zwolle, 5 juni 2014 Inhoud Historie Rode Lijst Zoetwatervissen Aanpak Rode Lijst analyses
Soorten monitoren met Environmental DNA in de praktijk Jelger Herder
14:30 Soorten monitoren met Environmental DNA in de praktijk Jelger Herder 14:45 DNA monitoring Kees van Bochove 15:00 Vragen 1/17 Soorten monitoren met Environmental DNA in de praktijk Jelger Herder Eindhoven,
Vis en Kaderrichtlijn Water in Zeeland
Vis en Kaderrichtlijn Water in Zeeland St. Zeeschelp M. Dubbeldam Waterschap Zeeuwse Eilanden W. Quist Inhoudsopgave Waterschap Zeeuwse Eilanden Beleidskader (kort) Huidige situatie Gewenste beeld Maatregelen
Waterschap Rijn & IJssel
Waterschap Rijn & IJssel KRW-bemonstering 19 beken Waterschap Rijn en IJssel Projectnummer: 20070629 Status Definitief Paraaf Datum februari 2008 Opgesteld door Patrick Rutjes Renata Fortuin Gecontroleerd
KRW-visstandmonitoring Oldambtmeer 2010
KRW-visstandmonitoring Oldambtmeer 2010 Rapport 2010-103 G.H. Bonhof G. Wolters koeman en bijkerk bv ecologisch onderzoek en advies KRW-visstandmonitoring Oldambtmeer 2010 Rapport 2010-103 G.H. Bonhof
Inventarisatie vissen in de Harderhoek en de Stille Kern, Flevoland
Inventarisatie vissen in de Harderhoek en de Stille Kern, Flevoland Een rapportage van RAVON in opdracht Waterschap Zuiderzeeland (mede namens Natuurmonumenten en de provincie Flevoland) J. Kranenbarg
KRW visstandmonitoring Oldambtmeer 2016
KRW visstandmonitoring Oldambtmeer 2016 Rapport 2016-111 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters KRW visstandmonitoring Oldambtmeer 2016 Rapport 2016-111 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters bezoekadres
Inventarisatie beschermde vissoorten Vreeland
Inventarisatie beschermde vissoorten Vreeland Rapport: VA2008_11 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV Maart, 2008 door: R. Caldenhoven Statuspagina Statuspagina Titel: Inventarisatie beschermde
Visstand Haringvliet en Voordelta - heden -
Visstand Haringvliet en Voordelta - heden - Johan van Giels Bijeenkomst Vissennetwerk 19 mei 2016, Haringvliet Inhoudsopgave Inleiding/achtergrond Materiaal en Methode Soortensamenstelling Omvang visbestand
NVO's en vis. Wat is het effect van NVO s op de visstand? 32 tigste bijeenkomst Vissennetwerk: KRW, Vis & Maatregelen
NVO's en vis Wat is het effect van NVO s op de visstand? 32 tigste bijeenkomst Vissennetwerk: KRW, Vis & Maatregelen Amersfoort, 24 november 2011 Carlo Rutjes & Michelle de la Haye Scoren met natuurvriendelijke
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2012
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 212 D.M. Soes J.H. Bergsma W. Lengkeek B. van den Boogaard P.B. Broeckx J.L. Spier D. Beuker KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 212 D.M.
INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING...
SAMENVATTING Het Waterschap Rivierenland heeft in haar meetprogramma 2010 de doelstelling KRW waterlichamen te inventariseren op vis. Hiervoor heeft zij ATKB gevraagd om een visstand bemonstering uit te
KRW-visstandmonitoring Schildmeer 2009
KRW-visstandmonitoring Schildmeer 2009 Rapport 2010-20 G.H. Bonhof G. Wolters KRW-visstandmonitoring Schildmeer 2009 Rapport 2010-020 G.H. Bonhof G. Wolters bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres postbus
Vissen met een potje water edna metabarcoding
Vissen met een potje water edna metabarcoding Jelger Herder, Mark Scheepens en Marco Beers Den Bosch, 3 November 2016 Environmental DNA (edna) Hoe werkt het? Alle soorten in het water laten DNA sporen
Flora- en faunabemonstering Capreton en Linge
Flora- en faunabemonstering Capreton en Linge Rapport: VA 2010_06 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV Juni, 2010 door: I.L.Y. Spierts Statuspagina Statuspagina Titel: Flora- en faunabemonstering
edna vismonitoring van grote modderkruiper naar soortsamenstelling (KRW)
edna vismonitoring van grote modderkruiper naar soortsamenstelling (KRW) Jelger Herder Utrecht, 9 april 2015 Sommige soorten zijn lastig te monitoren Grote modderkruiper (Misgurnus fossilis) Vrijwilligers
Wetenschappelijk onderzoek naar het visbestand en de vismigratie in de Grensmaasregio in het Vlaamse Gewest
Wetenschappelijk onderzoek naar het visbestand en de vismigratie in de Grensmaasregio in het Vlaamse Gewest Rapportnummer: 3/rap Status rapport: Definitief Datum rapport: februari Auteur: J. Hop paraaf:
Vistoets Opsterlandse Compagnonsvaart
Vistoets Opsterlandse Compagnonsvaart Rapport: VA2012_36 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV 22 november 2012 door: Q.A.A. de Bruijn Statuspagina Statuspagina Titel: Vistoets Opsterlandse
Onderzoek naar de visstand in Tochten H en J
KRW VISSTANDONDERZOEK ZUIDERZEELAND 2013 Onderzoek naar de visstand in Tochten H en J N. van Kessel B. Niemeijer In opdracht van: Waterschap Zuiderzeeland 23 januari 2014 N A T U U R B A L A N S L I M
Provincie Vlaams Brabant. Rapportnummer: /VBR_rap02 Status rapport: Definitief Datum rapport: Diestsepoort 6 bus Leuven
Onderzoek naar het visbestand in stilstaande viswateren en waterloopsystemen, Kleine vijver Horst, Webbekomsbroek, Meer van Weerde en Vallei van de Drie Beken 2018. Provincie Vlaams Brabant Rapportnummer:
Vissen in kanalen en sloten (KRW-Verkenner)
Vissen in kanalen en sloten (KRW-Verkenner) Vissen in beken en kleine rivieren 04 Fish (KRW-Verkenner) Vissen in meren (KRW-Verkenner) Vissen in kanalen en sloten 1. Inleiding De kennisregels hebben betrekking
Langlopend onderzoek naar het visbestand in de Boven-Schelde
Langlopend onderzoek naar het visbestand in de Boven-Schelde Najaarsonderzoek 2015 Rapportnummer: 20130096_3/rap01 Status rapport: Definitief Datum rapport: 2 december 2015 Auteur: Projectleider: Kwaliteitscontrole:
Onderzoek naar het visbestand in de prioritaire viswateren Kanaal Brussel-Charleroi, Kanaal Roeselare-Leie en Kanaal Moervaart Durme, 2017
Onderzoek naar het visbestand in de prioritaire viswateren Kanaal Brussel-Charleroi, Kanaal Roeselare-Leie en Kanaal Moervaart Durme, 217 Provincies West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant Rapportnummer:
Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar
Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar december 2006 Versie 1 door: Kemper Jan H. Statuspagina Titel Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar Samenstelling:
Europese meerval (Silurus glanis) in de Westeinderplassen
Europese meerval (Silurus glanis) in de Westeinderplassen Aanwezigheid van een bijzondere veenreus Bart Schaub; Hoogheemraadschap van Rijnland Martin Hoorweg; Sportvisserij Nederland Samen met Gerrit van
NATUURATLAS ZAANSTAD VISSEN
NATUURATLAS ZAANSTAD VISSEN Opdrachtgever Stichting Natuur & Milieu Educatie Zaanstreek Postbus 223 1500 EE Zaandam Telefoon: 075-6312020 Fax: 075-6312468 E-mail: [email protected] Samenstelling Natuuratlas
Internationale Scheldecommissie (ISC) Arnould Lefébure
Internationale Scheldecommissie (ISC) Arnould Lefébure Inhoud van het Master Plan (1/2) Hfstk.1: Context (hydrografisch, historisch, wettelijk en bestuurlijk) Hfstk.2: Aanwezigheid trekvissen in het Scheldedistrict
Onderzoek naar het visbestand in de grote prioritaire viswateren Kanaal naar Beverlo, Schelde- Rijnkanaal en Leopoldkanaal, 2014
Onderzoek naar het visbestand in de grote prioritaire viswateren Kanaal naar Beverlo, Schelde- Rijnkanaal en Leopoldkanaal, 214 Provincies Limburg, Antwerpen, Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen Rapportnummer:
Onderzoek naar het visbestand in de Leiemeanders Wevelgem, Bavikhove en de oude Leiearm Ooigem- Desselgem, najaar 2013.
Onderzoek naar het visbestand in de Leiemeanders Wevelgem, Bavikhove en de oude Leiearm Ooigem- Desselgem, najaar 2013. Project: VA2013_04 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos April
Onderzoek naar het visbestand in de prioritaire viswateren Kanaal Dessel-Turnhout-Schoten, Kanaal Bossuit-Kortrijk en Kanaal Leuven-Dijle, 2017
Onderzoek naar het visbestand in de prioritaire viswateren Kanaal Dessel-Turnhout-Schoten, Kanaal Bossuit-Kortrijk en Kanaal Leuven-Dijle, 2017 Provincies Antwerpen, West-Vlaanderen en Vlaams- Brabant
Vissen in de Palmerswaard, met advies voor toekomstige inrichting
Vissen in de Palmerswaard, met advies voor toekomstige inrichting REPTIELEN AMFIBIEËN VISSEN ONDERZOEK NEDERLAND Stichting RAVON Vissen in de Palmerswaard, met advies voor toekomstige inrichting Een rapportage
KRW-visstandmonitoring Hondshalstermeer 2009
KRW-visstandmonitoring Hondshalstermeer 2009 Rapport 2010-019 G.H. Bonhof G. Wolters KRW-visstandmonitoring Hondshalstermeer 2009 Rapport 2010-019 G.H. Bonhof G. Wolters bezoekadres oosterweg 127 Haren
Vismonitoring Hollandse IJssel 2003
Ministerie van Verkeer en Waterstaat Vismonitoring Hollandse IJssel 3 8 juni 4 Ministerie van Verkeer en Waterstaat Vismonitoring Hollandse IJssel 3 8 juni 4 3 Vismonitoring Hollandse IJssel . Inleiding
AquaTerra Water en Bodem B.V
AquaTerra Water en Bodem B.V Visstandonderzoek in het beheersgebied van Waterschap Veluwe in Projectnummer: AT3..7 Datum: April 6 Status: Definitief Opgesteld: P. Rutjes Gecontroleerd: M. Beers, J.Kampen
Uitwerking maatlatten voor vissen. Marcel Klinge
Uitwerking maatlatten voor vissen Marcel Klinge Opbouw Wat is er gedaan tot nu? Hoe zien de maatlatten er globaal uit? Natuurlijke watertypen Sterk Veranderde watertypen Kunstmatige watertypen (kanalen)
Werkprotocol visbemonsteringen KRW
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Werkprotocol visbemonsteringen KRW Bemonstering, verwerking gegevens, rapportage Opgesteld: Januari 2012 Update februari 2014 Visserij Service Nederland, Groot-Ammers
Kader Richtlijn Water
Kader Richtlijn Water Visstandbemonsteringen waterlichamen Delfland Rapport VA2006_44 Opgesteld in opdracht van: Hoogheemraadschap van Delfland 5 februari 2007 Definitieve versie door: M.J. Kroes & F.T.
Onderzoek naar het visbestand in de Scheldemeanders Kriephoek, Nedername en de Mesureput, najaar 2013.
Onderzoek naar het visbestand in de Scheldemeanders Kriephoek, Nedername en de Mesureput, najaar 2013. Project: VA2013_04 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos April 2014 door: Vis,
Visstandonderzoek in enkele prioritaire viswateren in het Vlaams Gewest, 2015.
Visstandonderzoek in enkele prioritaire viswateren in het Vlaams Gewest,. Statuspagina Statuspagina Titel: Samenstelling: Auteur(s): Visstandonderzoek in enkele prioritaire viswateren in het Vlaams Gewest,.
