Werkprotocol visbemonsteringen KRW
|
|
|
- Katrien ten Wolde
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Visserij Service Nederland sterk in viswerk Werkprotocol visbemonsteringen KRW Bemonstering, verwerking gegevens, rapportage Opgesteld: Januari 2012 Update februari 2014
2 Visserij Service Nederland, Groot-Ammers Dit werkprotocol is eigendom van Visserij Service Nederland. Niets hieruit mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Visserij Service Nederland, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor de uitvoering van werkzaamheden door een ander dan Visserij Service Nederland.
3 Inhoudsopgave 1 Achtergrond Voorbereiding bemonstering Uitvoering bemonstering Verwerking van de vis Rapportage Meer informatie Literatuur Bijlage I Bepalen kerngebieden en deelgebieden Bijlage II Bemonsteringsinspanning kuilvisserij Bijlage III Strategie KRW-bemonsteringen per watertype Bijlage IV Aantallen en percentages bij verwerken vis Bijlage V Veldformulier visstandbemonstering Bijlage VI Standaard rendementen KRW-bemonsteringen Bijlage VII Berekeningsmethode KRW-score methodes 2007 en
4 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - 1 Achtergrond Sinds 2002 is de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht. Het doel van de KRW is om de waterkwaliteit in Europa te verbeteren. Eén van de kwaliteitsparameters binnen de KRW is de visstand. In Nederland betekent dit concreet dat de visstand in aangewezen KRW-waterlichamen wordt getoetst aan de hiervoor opgestelde maatlatten. De KRW heeft een resultaatverplichting. Dit houdt in dat de visstand in 2015 moet voldoen aan de in de KRW-beheerplannen gestelde doelen. Als dit niet het geval is, is er mogelijkheid tot uitstel tot 2021 of Omdat veel oppervlaktewateren nog niet aan de gestelde doelen voldoen, wordt momenteel door veel waterbeheerders gewerkt aan de waterbeheerplannen voor de periode Er zijn vismaatlatten opgesteld voor verschillende categorieën, waarbij het belangrijkste onderscheid wordt gevormd door M-typen (meren), R-typen (rivieren), O-typen (overgangswateren) en K-typen (kustwateren). De stilstaande binnenwateren behoren tot de M-typen (32 typen) en de stromende wateren tot de R-typen (18 typen). Er zijn twee O-typen en drie K-typen. Bij het vaststellen van de maatlatten wordt er onderscheid gemaakt tussen natuurlijke wateren en kunstmatige/sterk veranderde wateren. De visstand in natuurlijke wateren moet voldoen aan de zogenaamde Goede Ecologische Toestand (GET). Voor kunstmatige en sterk veranderde wateren zijn hiervan afgeleide maatlatten vastgesteld. In dit geval moet de visstand voldoen aan het Goed Ecologisch Potentieel (GEP). Binnen de KRW-systematiek zijn er verschillende soorten monitoring te onderscheiden, namelijk: - Toestand en trendmonitoring; - Operationele monitoring; - Monitoring voor nader onderzoek. Toestand en trendmonitoring is bedoeld om de algemene toestand van een waterlichaam te beoordelen. Door deze monitoring met tussenpozen uit te voeren kunnen veranderingen worden gesignaleerd. Toestand en trendmonitoring moet minimaal één keer in de zes jaar worden uitgevoerd. Operationele monitoring wordt toegepast om te beoordelen of genomen maatregelen ter verbetering van de visstand het gewenste effect hebben. Deze monitoring moet één keer in de drie jaar plaatsvinden. Monitoring voor nader onderzoek kan nodig zijn bij bijvoorbeeld calamiteiten, of als onduidelijk is waarom de gewenste ecologische toestand niet wordt bereikt. In het algemeen komt het er in de praktijk op neer dat de meeste KRWwaterlichamen één keer in de zes jaar worden bemonsterd. Richtlijnen voor het uitvoeren van KRW-bemonsteringen zijn vastgelegd in het Handboek Hydrobiologie (STOWA, 2010). Meer informatie hierover is te vinden op: Visserij Service Nederland hanteert in dit werkprotocol de richtlijnen uit het handboek. Visserij Service Nederland sterk in viswerk 4
5 - Voorbereiding bemonstering - 2 Voorbereiding bemonstering Voorafgaand aan een visbemonstering voor de KRW moeten diverse voorbereidende werkzaamheden worden uitgevoerd. Dit zijn de volgende: - Bepalen totale oppervlakte waterlichaam; - Bepalen kerngebieden en/of deelgebieden op basis van habitats (zie bijlage I); - Vaststellen te gebruiken vistuigen en bemonsteringslocaties; - Berekening benodigde bemonsteringsinspanning. In veel gevallen worden bovenstaande gegevens door de waterbeheerder aangeleverd, waarbij de bemonsteringslocaties gelijk worden gehouden aan al eerder uitgevoerde KRW-visbemonsteringen. Als dit niet het geval is, gebruikt Visserij Service Nederland een speciaal hiervoor ontwikkelde rekenhulp (Excel), waarmee de benodigde inspanning per vistuig eenvoudig, snel en overzichtelijk kan worden berekend. Hierbij wordt uitgegaan van de gegevens in onderstaande tabel. Watertype Lijnvormig, Breedte <8m. Lijnvormig, Breedte 8-20 m. Stilstaand. Lijnvormig, Breedte 8-20 m. Stromend. Lijnvormig, Breedte m. Lijnvormig, Breedte >100m. Meervormig, Breedte <8m. Meervormig, Oppervlakte <10 hectare. Meervormig, Oppervlakte ha. Meervormig, Oppervlakte > 100 ha. Oeverzone Open Minimale Trajectlengte / opp. water inspanning zegentrek Elektro Elektro 7,5% oppervlakte Elektro 250 m. Elektro Zegen* 7,5% oever 7,5% open water Elektro 250 m. Zegentrek 250 m. Elektro Elektro 7,5% oppervlakte Elektro 250 m. Elektro Zegen en/of kuil 7,5% oever 7,5% zegen of 3% stortkuil Elektro Kuil 7,5% oever 3% open water Elektro 250 m. Zegen 3183 m 2. (zegenlengte 200 m.) Kuil 1000 m. (min. 350m.) Elektro 250 m. Kuil 1000 m. (min. 350m.) Elektro Elektro 20% oppervlakte Elektro 250 m. (indien mogelijk) Elektro Zegen 10% oever** 20% open water** Elektro Zegen en/of kuil 5% oever 10% zegen of 4-6% stortkuil*** Elektro Kuil 5% oever 0,5-4% stortkuil*** Elektro 250 m. Zegen 3183 m 2. (zegenlengte 200 m.) Elektro 250 m. Zegen m 2 (l. 500 m.) Kuil 1000 m. (min. 350 m.) Elektro 250 m. Kuil 1000 m. (min. 350 m.) * Bij zeer veel vegetatie (meer dan 50% bedekking) volstaat elektrovisserij tussen keernetten. **Percentages voor zomerbemonstering. In de winter is een grotere inspanning vereist. *** Percentage afhankelijk van oppervlakte. Zie bijlage II Visserij Service Nederland
6 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - 3 Uitvoering bemonstering Nadat de voorbereidende werkzaamheden zijn uitgevoerd, kan de bemonstering plaatsvinden. Bij de bemonsteringen wordt gevist volgens de Bevist Oppervlak Methode (BOM). Dit houdt in dat een representatief deel van het water wordt bevist, waarna het aan de hand van de gevangen hoeveelheid vis en de bemonsterde oppervlakte mogelijk is om een berekening te maken van de aanwezige biomassa en aantallen per hectare voor het hele waterlichaam. De KRW-bemonsteringen worden afhankelijk van het watertype uitgevoerd in de volgende periode van het jaar: - Smalle lijnvormige wateren (<20 m breed): Half juli eind oktober; - Brede lijnvormige wateren (>20 m breed): Half juli eind september; - Kleine volledig geïsoleerde wateren (<10 ha): hele jaar, afgezien van paaiperiode (half maart half juli); - Grote meervormige wateren (>10 ha): Half juli eind september. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de gehanteerde richtlijnen bij het gebruik van de meest gangbare vistuigen. Een overzicht van de bemonsteringsstrategie per watertype is opgenomen in bijlage III. Elektrovisserij - Bemonstering vindt plaats in de oeverzone of bij kleine, niet te diepe wateren over de hele breedte; - Maximale effectieve bemonsteringsdiepte elektrovisserij 1 tot 1,5 meter (afhankelijk van zichtdiepte en geleiding van het water); - Er worden trajecten met een lengte van 250 meter bevist (tussen 2 keernetten); - Per waterlichaam worden (indien de afmetingen van het waterlichaam dit mogelijk maken) minimaal twee trajecten bevist, die representatief zijn voor de aanwezige oevertypen; - De totaal bemonsterde oeverlengte en daarmee het aantal trajecten is afhankelijk van de richtlijnen die in hoofdstuk 2 zijn opgenomen; - Bemonstering vindt plaats vanuit een boot die handmatig of met een buitenboordmotor wordt voortbewogen; - Bij wateren die te ondiep of klein zijn om vanuit een boot te vissen wordt wadend of vanaf de oever gevist met een draagbaar elektrovisapparaat; - De coördinaten en lengte van de bemonsterde trajecten worden vastgelegd door middel van een GPS; - De gevangen vissen worden per bemonsterd traject op een apart turfformulier genoteerd; - De elektrovisserij wordt uitgevoerd door gecertificeerd personeel met een jarenlange praktijkervaring. Visserij Service Nederland sterk in viswerk 6
7 - Uitvoering bemonstering - Zegenvisserij - Zegenvisserij vindt plaats in open water zonder obstakels en met weinig of geen stroming; - In de meeste gevallen wordt de zegen rondgevist. Een uitzondering vormen watergangen met een breedte tussen de 8 en 20 meter. Hier wordt de zegen tussen twee keernetten over een lengte van 250 meter voortgetrokken. - Per waterlichaam worden minimaal twee zegentrekken uitgevoerd, tenzij met één zegentrek al meer dan 25% van de wateroppervlakte is bevist. In dit geval wordt volstaan met één zegentrek; - Bij grote watersystemen worden de locaties van de zegentrekken zo gekozen dat in elk onderscheiden deelgebied (habitat) in het open water minimaal één zegentrek wordt uitgevoerd; - De totaal bemonsterde oppervlakte en het aantal trekken is afhankelijk van de richtlijnen die in hoofdstuk 2 zijn opgenomen; - De zegenlengte wordt gekozen afhankelijk van de wateroppervlakte. Visserij Service Nederland heeft zegens met een lengte van 35 tot 500 meter; - De hoogte van de zegen is afhankelijk van de waterdiepte. Richtlijn is dat de gebruikte zegen minimaal 25% hoger is dan de maximaal te bemonsteren waterdiepte; - De maximale waterdiepte die effectief bemonsterd kan worden is circa 6,5 meter; - De gebruikte maaswijdten (hele maas) van de zegen zijn 40 millimeter gestrekte maaswijdte in de vleugels, 25 millimeter aan weerszijden van de zak en 20 millimeter knooploos in de zak; - De locatie, omtrek en oppervlakte van de zegentrekken worden vastgelegd door middel van een GPS; - De gevangen vissen worden per zegentrek op een apart turfformulier genoteerd; - De zegenvisserij wordt uitgevoerd door personeel met een jarenlange praktijkervaring. Kuilvisserij - Kuilvisserij vindt plaats in grote wateren en is ook geschikt voor de bemonstering van wateren die te diep zijn voor zegenvisserij; - Er wordt gebruik gemaakt van een stortkuil met een vissende breedte van 10 meter; - De visserij wordt in het donker uitgevoerd; - Indien mogelijk worden trajecten van meter lengte bevist (minimale trajectlengte is 350 meter); - Zo mogelijk worden de locaties van de kuiltrekken zo gekozen dat in elk onderscheiden deelgebied (habitat) in het open water minimaal één kuiltrek wordt uitgevoerd; - De kuil wordt voortbewogen door twee boten met beide een motorvermogen van minimaal 50 pk; - Bij een trajectlengte van meter wordt met elke trek 1 hectare water bevist. De totaal beviste oppervlakte is afhankelijk van de totale Visserij Service Nederland
8 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - wateroppervlakte en wordt vastgesteld aan de hand van de richtlijnen uit het Handboek Hydrobiologie; - De coördinaten en lengte van de kuiltrajecten worden vastgelegd door middel van een GPS; - De gevangen vissen worden per kuiltrek op een apart turfformulier genoteerd; - De kuilvisserij wordt uitgevoerd door personeel met een jarenlange praktijkervaring. Alternatieve vistuigen In specifieke gevallen, als de inzet van bovengenoemde vistuigen door bepaalde omstandigheden niet mogelijk is, beschikt Visserij Service Nederland over vistuigen als wonderkuil, boomkor, kieuwnetten, diverse typen fuiken, schepnetten en sonar. De noodzaak voor de inzet van alternatieve vistuigen wordt in overleg met de opdrachtgever bepaald. Ontheffingen visserijkundig onderzoek Visserij Service Nederland beschikt over een doorlopende ontheffing voor het uitvoeren van visserijkundige onderzoeken. Daarom is het niet nodig om deze voorafgaand aan een bemonstering aan te vragen. Daarnaast heeft Visserij Service Nederland ook een ontheffing voor het bemonsteren van vissoorten die beschermd zijn in de Flora- en Faunawet. Zie voor meer info het Werkprotocol visbemonsteringen FF-wet. Ook beschikt Visserij Service Nederland over de juiste papieren voor het afvangen en verplaatsen van vis. Deze laatste ontheffing is voorbehouden aan visserijbedrijven die minimaal 250 hectare viswater bezitten. Hiervoor wordt voor meer informatie verwezen naar het Werkprotocol Afvissingen. Niet alleen voor KRW-bemonsteringen, maar ook voor alle andere viswerkzaamheden kan Visserij Service Nederland u dus van dienst zijn. Visserij Service Nederland sterk in viswerk 8
9 - Verwerking van de vis - 4 Verwerking van de vis Voor de verwerking van de gevangen vis worden de volgende richtlijnen gehanteerd: - Alle gevangen vissen worden op soortniveau gedetermineerd; - Een representatief deel van de vangst wordt doorgemeten, zodat het mogelijk is om per vissoort een lengtefrequentieverdeling (leeftijdopbouw) en een goede bestandsschatting te maken (zie bijlage IV voor aantallen en percentages); - Bij een grote hoeveelheid vis wordt een monster gewogen en geteld/doorgemeten, waarna het aantal vissen van de rest van de vangst wordt bepaald door ze te wegen en om te rekenen naar aantallen met behulp van het doorgemeten monster (zie bijlage IV voor aantallen en percentages). Dit om een snelle verwerking van de vis te garanderen en onnodige sterfte van vis te voorkomen; - De gegevens van de doorgemeten vissoorten worden op een turfformulier genoteerd. Voor elk bemonsterd traject/trek wordt een apart turfformulier gebruikt. Een voorbeeld van het turfformulier is opgenomen in bijlage V. - Om sterfte te voorkomen wordt de gevangen vis in een bun of in ruime teilen die regelmatig van vers water worden voorzien bewaard; - De vis wordt zo kort mogelijk in opslag gehouden. Daarom wordt de vis zoveel mogelijk direct na de vangst in de boot doorgemeten en in hetzelfde water teruggezet; - Als het noodzakelijk is om de vis op de oever door te meten, moet de verwerkingsplaats zo dicht mogelijk bij de bemonsteringslocatie(s) liggen; - Als de opdrachtgever aanvullende informatie wenst, bijvoorbeeld over de lengte-gewichtsverhouding van de vis (dit geeft informatie over de conditie), is dit in overleg mogelijk. Visserij Service Nederland beschikt over alle benodigde materialen voor een professionele verwerking van de vangst. Ook hebben de medewerkers een jarenlange ervaring met determinatie van vis, waardoor goed werk wordt geleverd Visserij Service Nederland
10 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - 5 Rapportage De gegevens van de bemonsteringen worden door Visserij Service Nederland verwerkt in een overzichtelijke rapportage. We hechten veel belang aan een duidelijke rapportage, die voor iedereen begrijpelijk is en waarin alleen datgene is opgenomen wat noodzakelijk is. In de rapportage worden in hoofdlijnen de volgende onderwerpen behandeld: - Werkwijze; - Bemonsterde locaties; - Soortensamenstelling visstand; - Bestandsschatting in kilogrammen per hectare en aantallen per hectare; - Lengteopbouw van meest voorkomende vissoorten; - KRW-score; - Eventueel vergelijking met eerdere bemonsteringen; - Conclusie en aanbevelingen. Eventuele aanvullende informatie kan in overleg met de opdrachtgever in het rapport worden verwerkt. Piscaria Voor het verwerken van de visgegevens in de rapportage maakt Visserij Service Nederland gebruik van het computermodel Piscaria, dat is ontwikkeld door de STOWA en Sportvisserij Nederland. Met behulp van dit computerprogramma is het mogelijk om gegevens als bestandsschatting en lengtefrequentieverdeling op een vrij eenvoudige en gestandaardiseerde manier weer te geven. Voor het kunnen berekenen van de bestandsschatting wordt gebruik gemaakt van de rendementen van vistuigen zoals die in het Handboek Hydrobiologie zijn opgenomen. Het gebruik van aangepaste rendementen wordt alleen gedaan als hier een dringende reden voor is. Dit wordt altijd in de rapportage vermeld. Zie bijlage VI voor overzicht van de standaard rendementen uit het Handboek Hydrobiologie. QBWat Voor het berekenen van de KRW-scores wordt gebruik gemaakt van het computerprogramma QBWat. Dit programma is ontwikkeld door de STOWA, in samenwerking met Onderzoeks- en adviesbureau Roelf Pot. Door middel van het invoeren van de bestandsschatting, rekent QBWat de bijbehorende KRW-score uit. Er vindt regelmatig een update van QBWat plaats. Voorafgaand aan het berekenen van een KRW-score wordt door Visserij Service Nederland altijd gecheckt of er updates beschikbaar zijn. Daardoor wordt altijd gebruik gemaakt van de meest actuele versie van QBWat. Beoordelingsmethode 2007 en 2013 In 2013 zijn de nieuwe KRW-maatlatten vastgesteld. Grootste verschil met de maatlatten van 2007 is dat er bij diverse M- en R-typen een score per bemonsterd traject wordt berekend, waarna de KRW-score voor het gehele waterlichaam wordt Visserij Service Nederland sterk in viswerk 10
11 - Meer informatie - bepaald door een gewogen gemiddelde van de scores per traject. In QBWat kan gekozen worden tussen de oude (2007) en nieuwe (2013) berekeningsmethode. Afhankelijk van de wens van de waterbeheerder wordt voor één van de methodes gekozen, of wordt de KRW-score volgens beide methodes berekend. In bijlage VII is een overzicht van de berekeningsmethode van de KRW-score volgens de methodes van 2007 en 2013 opgenomen. 6 Meer informatie Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Jan-Willem Kroon of Bram van Wijk van Visserij Service Nederland. Naam Telefoon Jan-Willem Kroon [email protected] Bram van Wijk [email protected] 7 Literatuur Voor het opstellen van dit werkprotocol is gebruik gemaakt van: - Bijkerk, R. (red), Handboek Hydrobiologie. Biologisch onderzoek voor de ecologische beoordeling van Nederlandse zoete en brakke oppervlaktewateren. Rapport , Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer, Amersfoort. - Herpen, F.C.J. van. & R. Pot, Verschillendocument KRW maatlatten SGBP 1 en SGBP 2. Projectnummer 9X5373. Royal Haskoning DHV in opdraht van Rijkswaterstaat WVL. - Molen, D.T van der., R. Pot, C.H.M. Evers & L.L.J. Nieuwerburgh (red), Referenties en maatlatten voor natuurlijke watertypen voor de Kaderrichtlijn Water STOWA Rapportnummer , ISBN Evers, C.H.M., R.A.E. Knoben & F.C.J. van Herpen (red), Omschrijving MEP en maatlatten voor sloten en kanalen voor de Kaderrichtlijn Water STOWA Rapportnummer , ISBN Molen, D.T van der., R. Pot, C.H.M. Evers, R. Buskens & F.C.J. van Herpen (red), Referenties en maatlatten voor overige wateren (geen KRWwaterlichamen). STOWA Rapportnummer , ISBN Visserij Service Nederland
12 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - Bijlage I Bepalen kerngebieden en deelgebieden Voor een effectieve en zo representatief mogelijke bemonstering is het noodzakelijk om een KRW-waterlichaam op te delen in deelgebieden die afzonderlijk worden bevist. Bij (zeer) grote wateren gaat hier nog een stap aan vooraf, namelijk het bepalen van kerngebieden. Kerngebieden Hele grote waterlichamen zijn te omvangrijk om helemaal te bemonsteren. In plaats daarvan worden één of meerdere kerngebieden geselecteerd die bemonsterd worden. Een kerngebied is een gebied dat representatief geacht wordt voor het gehele waterlichaam. Het indelen in kerngebieden wordt in overleg met de waterbeheerder gedaan. Voor het vaststellen van kerngebieden worden de volgende stappen doorlopen: 1. Vaststellen begrenzing van het te bemonsteren water of waterlichaam. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van informatie van de waterbeheerder en zo nodig van topografische kaarten; 2. Grote waterlichamen worden opgesplitst in één of meer kerngebieden, die (alleen of met elkaar) representatief zijn voor het waterlichaam. Dit gebeurt in samenspraak met de waterbeheerder; 3. Kiezen van een meetpunt in het centrum of zwaartepunt van het water of elk van de onderscheiden kerngebieden; 4. Bij voorkeur wordt een meetpunt gekozen dat eerder is bemonsterd. In onderstaande tabel zijn richtlijnen opgenomen voor de grootte van de kerngebieden. Het gewenste, totale oppervlakte-aandeel van de kerngebieden hangt af van de uniformiteit van het waterlichaam en de totale grootte. Bij veel variatie in habitat moet men het aandeel van de kerngebieden groter zijn dan bij een water met weinig variatie. Watertype Oppervlakte/lengte Aandeel kerngebieden Stelsels van meren en plassen < ha 100% (geen kerngebieden) ha 30 40% van oppervlakte ha 25 30% van oppervlakte > ha 20 25% van oppervlakte Lijnvormige wateren < 60 km 100% (geen kerngebieden) km 50 60% van lengte km 40 50% van lengte > 120 km 30 40% van lengte Deelgebieden Een water of een gekozen kerngebied wordt opgedeeld in deelgebieden. Dit gebeurt uiterst zorgvuldig en in overleg met de waterbeheerder. Zorgvuldigheid is noodzakelijk, omdat het vaststellen van de deelgebieden direct van invloed is op het resultaat. In de afzonderlijke deelgebieden kan de visstand namelijk sterk verschillen. De deelgebieden worden vastgesteld aan de hand van de habitattypen die binnen het water(lichaam) aanwezig zijn en die voor vis een belangrijk onderscheid kunnen maken. Een eerste onderscheid is de oeverzone en het open Visserij Service Nederland sterk in viswerk 12
13 - Bijlage I Bepalen kerngebieden en deelgebieden - water. Binnen de oeverzone en het open water zijn in veel gevallen meerdere deelgebieden te onderscheiden, waarbij de belangrijkste criteria de diepte, breedte, substraattype en structuur zijn. De deelgebieden worden zo vastgesteld dat alle relevante habitattypen vertegenwoordigd zijn. Nadat het water of het kerngebied is ingedeeld in deelgebieden, wordt het oppervlakteaandeel per deelgebied vastgesteld. De oppervlakte van de gezamenlijke deelgebieden is gelijk aan de totale oppervlakte van het waterlichaam/kerngebied Visserij Service Nederland
14 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - Bijlage II Bemonsteringsinspanning kuilvisserij Het minimale percentage te bemonsteren oppervlakte bij de kuilvisserij is afhankelijk van de totale oppervlakte van het water. In onderstaande tabel is de minimale bemonsteringsinspanning in percentage van de totale wateroppervlakte weergegeven. Deze tabel is afkomstig uit het Handboek Hydrobiologie. Visserij Service Nederland sterk in viswerk 14
15 - Bijlage III Strategie KRW-bemonsteringen per watertype - Bijlage III Strategie KRW-bemonsteringen per watertype In onderstaande tabel is de strategie van de bemonstering per watertype schematisch weergegeven. Watertype Lijnvormig, Breedte <8m. Lijnvormig, Breedte 8-20 m. Stilstaand. Lijnvormig, Breedte 8-20 m. Stromend. Lijnvormig, Breedte m. Lijnvormig, Breedte >100m. Meervormig, Breedte <8m. Meervormig, Oppervlakte < 10 hectare. Meervormig, Oppervlakte ha. Meervormig, Oppervlakte > 100 ha. Strategie Elektrovisserij over de hele breedte naar keernet. Traject van 250 meter afzetten met keernetten. Eerst zegenvisserij over de hele lengte en breedte, daarna elektrovisserij langs de oevers. Elektrovisserij over de hele breedte naar grofmazig keernet toe. Zegen (rondvissen) en/of kuil in open water, elektrovisserij langs de oevers. Kuilvisserij wordt s nachts uitgevoerd. Kuilvisserij in open water ( s nachts), Elektrovisserij langs de oevers. Elektrovisserij over de hele breedte. Zegenvisserij in het open water, elektrovisserij langs de oevers. Zegen en/of kuil in het open water, elektrovisserij langs de oevers. Kuilvisserij wordt s nachts uitgevoerd. Kuilvisserij in open water ( s nachts), Elektrovisserij langs de oevers Visserij Service Nederland
16 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - Bijlage IV Aantallen en percentages bij verwerken vis Als een grote hoeveelheid vis wordt gevangen is het vanuit oogpunt van vissenwelzijn niet wenselijk om elke vis individueel te meten of te tellen. Bij het doormeten van vis worden de volgende richtlijnen gehanteerd: - Per vissoort en lengteklasse van 5 centimeter worden minimaal 25 exemplaren doorgemeten. De overige exemplaren worden geteld; - Bij wegen van individuele vissen worden per lengteklasse van 1 centimeter 3 exemplaren gewogen. Dit is in het algemeen voldoende om de conditie te kunnen bepalen. Het wegen gebeurt bij de meeste bemonsteringen niet, maar als dit wenselijk is, is het aanvullend mogelijk. Als de hoeveelheid gevangen vis zo groot is dat tellen van de vis teveel tijd in beslag neemt, wordt een deelmonster gewogen en in zijn geheel gewogen, waarna de overige hoeveelheid vis wordt bepaald door te wegen en om te rekenen naar aantallen. De deelmonsters moeten voldoen aan de volgende richtlijnen: - Kleine vis tot 15 centimeter lengte: minimaal 3% van het totale vangstgewicht met een minimum van 1 kilo. - Vis van 15 centimeter en groter: minimaal 10% van het totale vangstgewicht met een minimum van veertig exemplaren. Visserij Service Nederland sterk in viswerk 16
17 - Bijlage V Veldformulier visstandbemonstering - Bijlage V Veldformulier visstandbemonstering Visserij Service Nederland
18 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - Visserij Service Nederland sterk in viswerk 18
19 - Bijlage VI Standaard rendementen KRW-bemonsteringen - Bijlage VI Standaard rendementen KRW-bemonsteringen In onderstaande tabel zijn de standaard rendementen van vistuigen opgenomen, zoals die bij de KRW-bemonsteringen worden gehanteerd. Watertype Vangtuig Tijdstip Rendement Lijnvormig, Breedte <8m. Elektro Dag 60% voor alle vis Lijnvormig, Breedte 8-20 m. Zegen Dag 100% voor alle vis Stilstaand. Elektro Dag 30% voor snoek 20% voor overige vis Lijnvormig, Breedte 8-20 m. Elektro Dag 20% voor alle vis Stromend. Lijnvormig, Breedte m. Elektro Dag 30% voor snoek 20% voor overige vis Zegen Dag 80% voor alle vis Kuil Nacht 80% voor vis <25 cm. 60% voor vis >25 cm. Lijnvormig, Breedte >100 m. Elektro Dag 30% voor snoek 20% voor overige vis Kuil Nacht 80% voor vis <25 cm. 60% voor vis >25 cm. Meervormig, Breedte <8m. Elektro Dag 60% voor alle vis Meervormig, Oppervlakte < 10 hectare. Meervormig, Oppervlakte ha. Meervormig, Oppervlakte > 100 ha. Elektro Dag 30% voor snoek 20% voor overige vis Zegen Dag 80% voor alle vis Elektro Dag 30% voor snoek 20% voor overige vis Zegen Dag 80% voor alle vis Kuil Nacht 80% voor vis <25 cm. 60% voor vis >25 cm. Elektro Dag 30% voor snoek 20% voor overige vis Kuil Nacht 80% voor vis <25 cm. 60% voor vis >25 cm Visserij Service Nederland
20 - Werkprotocol visbemonsteringen KRW - Bijlage VII Berekeningsmethode KRW-score methodes 2007 en 2013 In onderstaande tabel is voor de verschillende R- en M-typen aangegeven hoe de KRW-score wordt berekend volgens de methodes van 2007 en In de tabel zijn de verschillende methodes met een code opgenomen. Deze code verwijst naar de tekst onder de tabel, waar de berekeningsmethode wordt beschreven. In de laatste kolom van de tabel is aangegeven voor welke KRW-watertypen de betreffende berekeningsmethode geldt. Watertype R- typen M- typen Type Methode 2007 Methode 2013 Geldig voor typen Kleine rivieren R07.1 R13.1 R4, R5, R6, R11, R12, R13, R14, R15, R17, R18 Grote rivieren R07.1 R13.2 R7, R8, R16 Overig ((vrijwel) visloos) - - R1, R2, R3, R9, R10 Meren/plassen M07.1 M13.1 M5, M11, M14, M15, M16, M17, M19, M20, M21, M22, M23, M25, M27 Vennen M07.1 M13.2 M12, M26 Sloten/kleine kanalen M07.1 M13.3 M1, M3, M4, M8, M10 Grote kanalen M07.1 M13.4 M6, M7 Brakke/zoute wateren M07.2 M13.5 M30, M31, M32 Overig ((vrijwel) visloos) - - M2, M9, M18, M24, M28, M29 Methode 2007 R07.1 Score berekenen voor totale vangst (aantal) voor hele waterlichaam. M07.1 Score berekenen aan de hand van bestandschatting (kg/ha) voor hele waterlichaam. M07.2 Score berekenen aan de hand van soortensamenstelling en bestandsschatting (kg/ha) voor hele waterlichaam. Methode 2013 R13.1 Score berekenen voor vangst (aantal) per traject. Daarna gewogen gemiddelde voor hele waterlichaam. R13.2 Score berekenen voor totale vangst (aantal) voor hele waterlichaam (niet gewijzigd). M13.1 Score berekenen aan de hand van bestandschatting (kg/ha) voor hele waterlichaam. Zo nodig correctie snoekbaars. M13.2 Score berekenen aan de hand van bestandschatting (kg/ha) voor hele waterlichaam (niet gewijzigd). M13.3 Score berekenen voor bestandsschatting (kg/ha) per traject. Daarna gewogen gemiddelde voor hele waterlichaam. M13.4 Score berekenen voor bestandsschatting (kg/ha) per traject. Daarna gewogen gemiddelde voor hele waterlichaam. Zo nodig correctie snoekbaars. M13.5 Score berekenen aan de hand van soortensamenstelling en bestandsschatting (kg/ha) voor hele water (niet gewijzigd). Visserij Service Nederland sterk in viswerk 20
21
22 Visstandonderzoek Afvissingen Vismigratieonderzoek Natuurtoetsen en QuickScans Calamiteitenservice Advies en begeleiding Rapportage Transport en opslag van vis
Werkprotocol visbemonsteringen FF-wet
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Werkprotocol visbemonsteringen FF-wet Bemonstering, vaststellen ecologisch effect, aanvragen ontheffing Opgesteld: Januari 2012 Update februari 2014 Visserij
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Visinventarisatie 2014
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Visinventarisatie 2014 KRW-visbemonstering Tochten lage afdeling NOP en Vaarten NOP Rapport VSN 2014.05 In opdracht van Waterschap Zuiderzeeland 4 december 2014
KRW-visstandmonitoring Noord-Willemskanaal 2013
KRW-visstandmonitoring Noord-Willemskanaal 2013 Rapport 2013-091 W. Patberg G. Wolters KRW-visstandmonitoring Noord-Willemskanaal 2013 Rapport 2013-091 W. Patberg G. Wolters bezoekadres oosterweg 127
KRW visstandmonitoring Woldmeer 2016
KRW visstandmonitoring Woldmeer 2016 Rapport 2016-112 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters KRW visstandmonitoring Woldmeer 2016 Rapport 2016-112 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters bezoekadres
KRW-visstandmonitoring Eemskanaal / Winschoterdiep 2014
KRW-visstandmonitoring Eemskanaal / Winschoterdiep 2014 Rapport 2014-097 G. Wolters W. Patberg KRW-visstandmonitoring Eemskanaal / Winschoterdiep 2014 Rapport 2014-097 G. Wolters W. Patberg bezoekadres
KRW visstandmonitoring Kanalen Oldambt 2016
KRW visstandmonitoring Kanalen Oldambt 2016 Rapport 2016-110 W. Patberg G. Wolters KRW Visstandmonitoring Kanalen Oldambt 2016 Rapport 2016-110 W. Patberg G. Wolters bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres
KRW visstandmonitoring Oldambtmeer 2016
KRW visstandmonitoring Oldambtmeer 2016 Rapport 2016-111 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters KRW visstandmonitoring Oldambtmeer 2016 Rapport 2016-111 J.H. van der Heide W. Patberg G. Wolters bezoekadres
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2014
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2014 21 waterlichamen J.H. Bergsma P.B. Broeckx D.M. Soes Ecologie & landschap KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2014 21 waterlichamen ir
Visstandonderzoek in vier waterlichamen in het beheergebied van waterschap Zuiderzeeland 2013
Visstandonderzoek in vier waterlichamen in het beheergebied van waterschap Zuiderzeeland 2013 Rapportnummer: 20130405/rap01 Status rapport: Definitief Datum rapport: 6-3-2014 Auteur: Projectleider: Kwaliteitscontrole:
Oppervlaktewater in Nederland
Indicator 20 januari 2009 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link [1] bekijken. Nederland heeft een grote verscheidenheid
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Glasaalonderzoek Kinderdijk
Visserij Service Nederland sterk in viswerk Glasaalonderzoek Kinderdijk Onderzoek aanbod glas- en pootaal met glasaaldetector Rapport VSN 2016.06 In opdracht van Waterschap Rivierenland 19 juli 2016 Glasaalonderzoek
Inventarisatie beschermde vissoorten Vreeland
Inventarisatie beschermde vissoorten Vreeland Rapport: VA2008_11 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV Maart, 2008 door: R. Caldenhoven Statuspagina Statuspagina Titel: Inventarisatie beschermde
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Vijvers Vlaams-Brabant Rapportnummer: 265/3 Status rapport: Definitief Datum rapport: 5 maart 22 Auteur: Gecontroleerd:
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater,
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater, 1991 2008 Indicator 15 juli 2010 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt
KRW visstandmonitoring Lauwersmeer 2014
KRW visstandmonitoring Lauwersmeer 2014 Rapport 2014-094 W. Patberg KRW visstandmonitoring Lauwersmeer 2014 Rapport 2014-094 W. Patberg bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres postbus 111 9750 AC Haren
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest. Openbare Scheldemeanders West-Vlaanderen
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Openbare Scheldemeanders West-Vlaanderen Rapportnummer: 26/ Status rapport: Definitief Datum rapport: maart 22 Auteur:
KRW- doelen voor de overige wateren in Noord- Brabant: een pragma:sche uitwerking
KRWdoelen voor de overige wateren in NoordBrabant: een pragma:sche uitwerking Frank van Herpen (Royal HaskoningDHV), Marco Beers (waterschap Brabantse Delta), Ma>hijs ten Harkel en Doesjka Ertsen (provincie
Waterkwaliteit KRW, 2015
Indicator 12 januari 2016 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens kunt u via deze link [1] bekijken. De meeste waterlichamen voldoen
KRW visstandmonitoring Drentsche Aa 2016
KRW visstandmonitoring Drentsche Aa 2016 Rapport 2016-109 W. Patberg KRW Visstandmonitoring Drentsche Aa 2016 Rapport 2016-109 W. Patberg bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres postbus 111 9750 AC
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest. Leiemeanders Oost-Vlaanderen
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Leiemeanders Oost-Vlaanderen Rapportnummer: 265/4 Status rapport: Definitief Datum rapport: 5 maart 22 Auteur: Gecontroleerd:
Aanpassing KRW Maatlatten
Ministerie van Infrastructuur en Milieu RWS Waterdienst Aanpassing KRW Maatlatten Eddy Lammens RWS Waterdienst 1 Ministerie van Verkeer en Ministerie Waterstaat van Infrastructuur 12-4-20128-9 en Milieu
Rapportnummer: /rap02 Status rapport: Definitief Datum rapport:
Onderzoek naar het visbestand in de stilstaande en kleine wateren Scheldemeander Meerseput, Scheldemeander Het Anker, Leiemeander te Oeselgem, Oude Durme te Hamme en de Rupelmondse Kreek, 22 Provincie
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater,
Natuurkwaliteit van macrofauna in oppervlaktewater, 1991 2010 Indicator 27 november 2012 U bekijkt op dit moment een archiefversie van deze indicator. De actuele indicatorversie met recentere gegevens
Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel
Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel veldwerkverslag 2008 Rapport 2009-023 J.H. Wanink Visstandbemonsteringen in het beheergebied van Waterschap Regge en Dinkel veldwerkverslag
Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar
Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar december 2006 Versie 1 door: Kemper Jan H. Statuspagina Titel Onderzoek naar de visdichtheid in de Twentekanalen m.b.v. sonar Samenstelling:
Onderzoek naar de visstand in Tochten H en J
KRW VISSTANDONDERZOEK ZUIDERZEELAND 2013 Onderzoek naar de visstand in Tochten H en J N. van Kessel B. Niemeijer In opdracht van: Waterschap Zuiderzeeland 23 januari 2014 N A T U U R B A L A N S L I M
Vijver Hoge Neerstraat te Etten-Leur
Vijver Hoge Neerstraat te EttenLeur Algemene beschrijving Coördinaten: Grootte: Max. diepte: Gem. breedte: Watertype: Opgenomen in: Naam HSV/HSF: Plaats HSV/HSF: 51.57012576279971, 4.6518672466278455 1,4
NVO's en vis. Wat is het effect van NVO s op de visstand? 32 tigste bijeenkomst Vissennetwerk: KRW, Vis & Maatregelen
NVO's en vis Wat is het effect van NVO s op de visstand? 32 tigste bijeenkomst Vissennetwerk: KRW, Vis & Maatregelen Amersfoort, 24 november 2011 Carlo Rutjes & Michelle de la Haye Scoren met natuurvriendelijke
Biomassaschatting van de pelagische visstand in een haven van de Antwerpse Linkerscheldeoever
Biomassaschatting van de pelagische visstand in een haven van de Antwerpse Linkerscheldeoever Mei 2007 Versie 1 door: Kemper, Jan H. Statuspagina Statuspagina Titel Biomassaschatting van de pelagische
Onderzoek naar het visbestand in stilstaande viswateren, Scheldemeander Nederename, Eine de Ster-Noord & Zuid, Heurne den Heuvel en Spettekraai 2018.
Onderzoek naar het visbestand in stilstaande viswateren, Scheldemeander Nederename, Eine de Ster-Noord & Zuid, Heurne den Heuvel en Spettekraai 218. Provincie Oost-Vlaanderen Rapportnummer: 218379/rap1_OVL
Orde in de digitale dossierkast leidt tot meer begrip van aquatische ecosystemen
Orde in de digitale dossierkast leidt tot meer begrip van aquatische ecosystemen Martin Droog (Witteveen+Bos ), Laura Moria (Waternet) Waternet heeft in samenwerking met Witteveen+Bos de ordening en infrastructuur
KRW-visstandmonitoring Oldambtmeer 2010
KRW-visstandmonitoring Oldambtmeer 2010 Rapport 2010-103 G.H. Bonhof G. Wolters koeman en bijkerk bv ecologisch onderzoek en advies KRW-visstandmonitoring Oldambtmeer 2010 Rapport 2010-103 G.H. Bonhof
Onderzoek naar het visbestand in enkele meervormige viswateren in provincie Antwerpen, najaar 2013.
Onderzoek naar het visbestand in enkele meervormige viswateren in provincie Antwerpen, najaar 2013. Project: VA2013_04 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos april 2014 door: Q.A.A. de
Wijzigingsvoorstel (RfC) voor de Aquo domeintabel KRW-typologie (KRW-watertypes)
Wijzigingsvoorstel (RfC) voor de Aquo domeintabel KRW-typologie (KRW-watertypes) Indiener: IDsW / KRW - nationale werkgroep Doelstellingen Oppervlaktewater Kenmerk: W-0803-0006 Documentbeheer Wijzigingshistorie
RWS Waterdienst. Visstandonderzoek Volkerak-Zoomeer november-december Projectnummer:
RWS Waterdienst Visstandonderzoek Volkerak-Zoomeer november-december 28 Projectnummer: 281446 Status Definitief Datum januari 29 Opgesteld door J. Kampen, M. Koole Gecontroleerd P. Rutjes AquaTerra KuiperBurger
HOOFDSTUK 3. Oppervlaktewater
HOOFDSTUK 3 Oppervlaktewater Het oppervlaktewater in het Schelde-stroomgebied wordt ingedeeld in waterlichamen. Deze indeling is belangrijk, want voor ieder waterlichaam moeten doelstellingen geformuleerd
Hydrobiologische Monitoring
Opzet presentatie Hydrobiologische Monitoring Dille Wielakker & Jos Spier Wat is Hydrobiologie? Historie van de Hydrobiologie Monitoringsmethodieken Belang van standaardisatie Door Bureau Waardenburg bv
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Hazewinkel, De Bocht en Den Aerd, 2012
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Hazewinkel, De Bocht en Den Aerd, 22 Provincie Antwerpen Rapportnummer: 22369/rap Status rapport: Definitief Datum rapport: 2-2-23 Auteur:
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest. Rivierenhof en Blaasveld Broek
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Rivierenhof en Blaasveld Broek Rapportnummer: 200605/002 Status rapport: Definitief Datum rapport: 3 april 202 Auteur:
Onderzoek naar het visbestand in de Scheldemeanders Kriephoek, Nedername en de Mesureput, najaar 2013.
Onderzoek naar het visbestand in de Scheldemeanders Kriephoek, Nedername en de Mesureput, najaar 2013. Project: VA2013_04 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos April 2014 door: Vis,
Vistoets Opsterlandse Compagnonsvaart
Vistoets Opsterlandse Compagnonsvaart Rapport: VA2012_36 Opgesteld in opdracht van: Tijhuis Ingenieurs BV 22 november 2012 door: Q.A.A. de Bruijn Statuspagina Statuspagina Titel: Vistoets Opsterlandse
Onderzoek naar het visbestand in de Leiemeanders Wevelgem, Bavikhove en de oude Leiearm Ooigem- Desselgem, najaar 2013.
Onderzoek naar het visbestand in de Leiemeanders Wevelgem, Bavikhove en de oude Leiearm Ooigem- Desselgem, najaar 2013. Project: VA2013_04 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos April
Provincie Vlaams Brabant. Rapportnummer: /VBR_rap02 Status rapport: Definitief Datum rapport: Diestsepoort 6 bus Leuven
Onderzoek naar het visbestand in stilstaande viswateren en waterloopsystemen, Kleine vijver Horst, Webbekomsbroek, Meer van Weerde en Vallei van de Drie Beken 2018. Provincie Vlaams Brabant Rapportnummer:
Workshop KRW Maatlatten
Workshop KRW Maatlatten IHW netwerkdag 2018 Frank van Herpen (Royal HaskoningDHV) Marcel Tonkes (provincie Overijssel) 7 November 2018 Programma Opwarmen 15 min Technische toelichting 30 min Aan de slag
Waterleidingbedrijf Amsterdam
Waterleidingbedrijf Amsterdam De uitdunning van de visstand in de plas Loenderveen Oost / Projectnummer: AT..796 Datum: Oktober Status: Definitief Opgesteld: S. Vernooij Gecontroleerd: J. Kampen AquaTerra
De visstand in vaarten en kanalen
De visstand in vaarten en kanalen Jochem Hop Bijeenkomst Vissennetwerk 6 juni 2013, Bilthoven Inhoudsopgave Inleiding Materiaal en Methode Analyse Trends Inleiding KRW-watertypen M3, M10, M6 en M7 M3 gebufferde
Visstandonderzoek in enkele prioritaire viswateren in het Vlaams Gewest, 2015.
Visstandonderzoek in enkele prioritaire viswateren in het Vlaams Gewest,. Statuspagina Statuspagina Titel: Samenstelling: Auteur(s): Visstandonderzoek in enkele prioritaire viswateren in het Vlaams Gewest,.
Bijlage 3: Notitie Aanvullend onderzoek vissen wijzigingsplannen N359, knooppunten Winsum, Húns-Leons en Hilaard
Bijlage 3: Notitie Aanvullend onderzoek vissen wijzigingsplannen N359, knooppunten Winsum, Húns-Leons en Hilaard Notitie aanvullend onderzoek vissen - aanpassingen kruisingen N359 De provincie Fryslân
Visstand meren (M14/M27) en de KRW
Visstand meren (M14/M27) en de KRW Met het oog op SGBP II 2016-2021, III 2022-2027 Donderdag 25 september 2014 Roelof Veeningen, cluster Gegevensbeheer 1 - Monitoring - Analyse - Prognose - Maatregelen
Inventarisatie vissen in de Harderhoek en de Stille Kern, Flevoland
Inventarisatie vissen in de Harderhoek en de Stille Kern, Flevoland Een rapportage van RAVON in opdracht Waterschap Zuiderzeeland (mede namens Natuurmonumenten en de provincie Flevoland) J. Kranenbarg
Visstandmonitoring Zuidlaardermeer (KRW) en Foxholstermeer 2009
Visstandmonitoring Zuidlaardermeer (KRW) en Foxholstermeer 29 Rapport 21-21 G.H. Bonhof G. Wolters Visstandmonitoring Zuidlaardermeer (KRW) en Foxholstermeer 29 Rapport 21-21 G.H. Bonhof G. Wolters bezoekadres
Onderzoek naar het visbestand in het Donkmeer en enkele viswateren in het Berlarebroek, najaar 2013.
Onderzoek naar het visbestand in het Donkmeer en enkele viswateren in het Berlarebroek, najaar 2013. Project: VA2013_04 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos April 2014 door: Q.A.A.
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest
Onderzoek naar het visbestand in enkele stilstaande viswateren in het Vlaamse Gewest Rapportnummer: 200605/00 Status rapport: Definitief Datum rapport: 3 april 202 Auteur: Gecontroleerd: J. Hop J. Kampen
Resultaten veldwerk t.b.v. de ontwikkeling van kansenkaarten voor beschermde vissoorten in Flevoland
Resultaten veldwerk t.b.v. de ontwikkeling van kansenkaarten voor beschermde vissoorten in Flevoland REPTIELEN AMFIBIEËN VISSEN ONDERZOEK NEDERLAND Resultaten veldwerk t.b.v. de ontwikkeling van kansenkaarten
Rapport Visserijkundig Onderzoek. Gemeentewateren te Scherpenzeel
Rapport Visserijkundig Onderzoek Gemeentewateren te Scherpenzeel Rapport Visserijkundig Onderzoek Gemeentewateren te Scherpenzeel Op 10 en 11 december 2013 uitgevoerd in opdracht van Hengelsportvereniging
Onderzoek naar het visbestand in oude kanaaldelen, Oud Kanaal Bocholt, Oud Kanaal Bree-beek, Oud Kanaal Lanklaar en Oud Kanaal Dilsen 2018.
Onderzoek naar het visbestand in oude kanaaldelen, Oud Kanaal Bocholt, Oud Kanaal Bree-beek, Oud Kanaal Lanklaar en Oud Kanaal Dilsen 208. Provincie Limburg Rapportnummer: 2080379/rap02 Status rapport:
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 2012
KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 212 D.M. Soes J.H. Bergsma W. Lengkeek B. van den Boogaard P.B. Broeckx J.L. Spier D. Beuker KRW visstandbemonstering Waterschap Rivierenland 212 D.M.
Uitwerking maatlatten voor vissen. Marcel Klinge
Uitwerking maatlatten voor vissen Marcel Klinge Opbouw Wat is er gedaan tot nu? Hoe zien de maatlatten er globaal uit? Natuurlijke watertypen Sterk Veranderde watertypen Kunstmatige watertypen (kanalen)
Onderzoek naar het visbestand in kanaal Leuven-Dijle, najaar 2011
Onderzoek naar het visbestand in kanaal Leuven-Dijle, najaar 211 Project: VA211_17 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos 24 februari 212 door: Spierts Igor L.Y. & Vis, Hendry Statuspagina
Onderzoek naar het visbestand in enkele meervormige viswateren in de Provincie Limburg, najaar 2015.
Onderzoek naar het visbestand in enkele meervormige viswateren in de Provincie Limburg, najaar 15. Statuspagina Statuspagina Titel: Samenstelling: Auteur(s): Onderzoek naar het visbestand in enkele meervormige
RWS Waterdienst. Monitoring van de visstand in 4 afgeschermde en 4 open kribvakken in de Lek bij Everdingen in Projectnummer:
RWS Waterdienst Monitoring van de visstand in 4 afgeschermde en 4 open kribvakken in de Lek bij Everdingen in 28 Projectnummer: 28219 Status Definitief Kenmerk 28219/rap1 Datum 19 november 28 Opgesteld
Visstandbemonstering Vollenhover- en Kadoelermeer Rapportnummer: /rapp001 Status rapport: Definitief Datum rapport: juli 2010
Visstandbemonstering Vollenhover- en Kadoelermeer 21 Waterschap Zuiderzeeland Rapportnummer: 291265/rapp1 Status rapport: Definitief Datum rapport: juli 21 Auteur: J. Hop paraaf: Gecontroleerd: J. Kampen
KRW-visstandmonitoring Schildmeer 2009
KRW-visstandmonitoring Schildmeer 2009 Rapport 2010-20 G.H. Bonhof G. Wolters KRW-visstandmonitoring Schildmeer 2009 Rapport 2010-020 G.H. Bonhof G. Wolters bezoekadres oosterweg 127 Haren postadres postbus
Onderzoek naar het visbestand in enkele meervormige viswateren in provincie Vlaams- Brabant, najaar 2013.
Onderzoek naar het visbestand in enkele meervormige viswateren in provincie Vlaams- Brabant, najaar 2013. Project: VA2013_04 Opgesteld in opdracht van: Agentschap voor Natuur en Bos Februari 2014 door:
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Schoendalebocht, Oude Leiearm te St-Baafsvijve en het Waggelwater, 2012
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Schoendalebocht, Oude Leiearm te St-Baafsvijve en het Waggelwater, 22 Provincie West Vlaanderen Rapportnummer: 22369/rap4 Status rapport:
Van helder naar troebel..en weer terug. en de rol van actief visstandbeheer hierbij
Van helder naar troebel..en weer terug en de rol van actief visstandbeheer hierbij Marcel Klinge 26 augustus 2008 1 Aanleiding OBN Onderzoek Laagveenwateren en de vertaling hiervan in het STOWA-boekje
Onderzoek naar het visbestand in de prioritaire viswateren Kanaal Brussel-Charleroi, Kanaal Roeselare-Leie en Kanaal Moervaart Durme, 2017
Onderzoek naar het visbestand in de prioritaire viswateren Kanaal Brussel-Charleroi, Kanaal Roeselare-Leie en Kanaal Moervaart Durme, 217 Provincies West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant Rapportnummer:
Onderzoek visbestand in het kanaal Dessel-Turnhout-Schoten. Najaar 2010
Onderzoek visbestand in het kanaal Dessel-Turnhout-Schoten Najaar 2 9 mei 2 Onderzoek visbestand in het kanaal Dessel-Turnhout-Schoten Najaar 2 Kenmerk R-4738369QJB-ibs-V3-NL Verantwoording Titel Onderzoek
Evaluatie Afleiden Ecologische Doelen. Eddy Lammens RWS Waterdienst
Evaluatie Afleiden Ecologische Doelen Eddy Lammens RWS Waterdienst Afleiden doelen En toen waren er referentiemaatlatten En God zei: ga heen en leid uw doelen af Waarom worden doelen afgeleid? Als het
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Meer van Rotselaar, Demermeander Schoonhoven en de Vallei van de drie beken, 2014
Onderzoek naar het visbestand in de kleine en stilstaande wateren Meer van Rotselaar, Demermeander Schoonhoven en de Vallei van de drie beken, 214 Provincie Vlaams Brabant Rapportnummer: 21439_VLB/rap1
Met DNA visstand monitoren op de grote rivieren
Met DNA visstand monitoren op de grote rivieren Wouter Patberg (Koeman en Bijkerk), Jan Warmink (Sylphium molecular ecology), Hans Ruiter (Rijkswaterstaat), Bart Wullings, Edwin Kardinaal (KWR Watercycle
Onderzoek naar het visbestand in enkele viswateren in de Provincie West-Vlaanderen, najaar 2017.
Onderzoek naar het visbestand in enkele viswateren in de Provincie West-Vlaanderen, najaar 7. Statuspagina Statuspagina Titel: Samenstelling: Auteur(s): Onderzoek naar het visbestand in enkele viswateren
KRW visstandonderzoek in dertig waterlichamen in het beheergebied van Waterschap Rivierenland in 2018
KRW visstandonderzoek in dertig waterlichamen in het beheergebied van Waterschap Rivierenland in 2018 Rapport 2: Toetsing en beoordeling van de visstand voor de KRW In opdracht van: Waterschap Rivierenland
RWS Waterdienst. Visstandbemonstering Volkerak-Zoommeer. Projectnummer:
RWS Waterdienst Visstandbemonstering Volkerak-Zoommeer Projectnummer: 851 Status Definitief Kenmerk 851/rap1 Datum oktober Opgesteld door Jouke Kampen Gecontroleerd Johan van Giels AquaTerra - KuiperBurger
Langlopend onderzoek naar het visbestand in de Boven-Schelde
Langlopend onderzoek naar het visbestand in de Boven-Schelde Najaarsonderzoek 2015 Rapportnummer: 20130096_3/rap01 Status rapport: Definitief Datum rapport: 2 december 2015 Auteur: Projectleider: Kwaliteitscontrole:
titel Opbouw Vis, exoten en KRW Visexoten en achtergrond MWTL 2008 Visexoten in Nederland Oorzaken
Opbouw Vis, exoten en KRW visexoten- achtergrond en ecologie KRW-maatlatten en visexoten andere exoten (rivierkreeften) en vis signalering nieuwe visexoten Themadag exoten en de KRW 10 dec 09 Willie van
AquaTerra Water en Bodem B.V
AquaTerra Water en Bodem B.V Visstandonderzoek in het beheersgebied van Waterschap Veluwe in Projectnummer: AT3..7 Datum: April 6 Status: Definitief Opgesteld: P. Rutjes Gecontroleerd: M. Beers, J.Kampen
