ECLI:NL:CRVB:2017:246

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "ECLI:NL:CRVB:2017:246"

Transcriptie

1 ECLI:NL:CRVB:2017:246 Instantie Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/6800 WWB Socialezekerheidsrecht Hoger beroep Afgewezen aanvraag. Schending inlichtingenverplichting. ten aanzien van op geld waardeerbare werkzaamheden verrichten. Recht wel schattenderwijs vast te stellen op basis van verklaring ouders en vriend. Wetsverwijzingen Vindplaatsen Wet werk en bijstand Wet werk en bijstand 11 Wet werk en bijstand 31 Wet werk en bijstand 32 Rechtspraak.nl USZ 2017/102 met annotatie van M.W. Venderbos Uitspraak WWB Datum uitspraak: 10 januari 2017 Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 1 september 2015, 14/4829 (aangevallen uitspraak) Partijen:

2 [appellante] te [woonplaats] (appellante) het college van burgemeester en wethouders van Slochteren (college) PROCESVERLOOP Namens appellante heeft mr. H.J. Griede, advocaat, hoger beroep ingesteld. Het college heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 november Appellante is verschenen, bijgestaan door mr. Griede. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. I.M. Klok. OVERWEGINGEN 1. De Raad gaat uit van de volgende in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden Appellante heeft zich op 23 oktober 2013 gemeld voor een aanvraag om bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (WWB), met als gewenste ingangsdatum 1 juli Op 11 november 2013 heeft appellante de daartoe strekkende aanvraag ingediend. Op het aanvraagformulier heeft appellante vermeld dat zij bijstand aanvraagt omdat haar schulden oplopen, zij geen rekeningen kan betalen en zij gedeeltelijk wordt onderhouden door haar ouders Naar aanleiding van de aanvraag heeft een medewerker van de gemeente Slochteren een onderzoek ingesteld naar de financiële situatie van appellante. In dat kader heeft hij internetonderzoek verricht, waarbij uit het Facebook-account van appellante is gebleken dat zij werkzaam is in de tatoeageshop van haar vader, [naam shop]. Daarnaast staat op de website van [naam shop] vermeld dat appellante daar werkzaam is als floormanager. Appellante heeft voorts op haar LinkedIn-profiel vermeld dat zij sinds april 2011 in de functie van floormanager bij [naam shop] werkzaam is. Daarnaast blijkt uit het Facebook-account van [naam] dat appellante op 16 maart 2014 samen met haar vriend een tatoeageshop onder deze naam in [gemeente] heeft geopend. Naar aanleiding van deze bevindingen hebben twee medewerkers van de gemeente Slochteren op 1 april 2014 gesproken met appellante en daarna een huisbezoek op haar huisadres afgelegd. Appellante heeft in het gesprek verklaard dat ze niet werkt, dat zij geen tatoeages mag zetten en dat zij alles op Facebook heeft gezet en een conventie heeft georganiseerd, omdat de buitenwereld niet mag weten dat het heel slecht met haar gaat. Verder heeft zij verklaard dat het haar beter leek een eigen zaak samen met haar vriend te openen, dat zij af en toe een weekend in [gemeente] is en dat zij op 25 februari 2014 in [gemeente] heeft getatoeëerd.

3 1.3. Vervolgens heeft het college bij brief van 2 april 2014 appellante verzocht nadere gegevens over te leggen, waaronder een verklaring waarin zij aangeeft hoe vaak en hoe lang zij vanaf 23 oktober 2013 tot heden in de zaak van haar ouders was en wat zij daar deed, en hoe vaak zij vanaf 16 maart 2014 tot heden in de zaak in [gemeente] was en wat zij daar deed. Daarnaast dient appellante aan te geven welke werkzaamheden zij in de functie van floormanager verricht bij [naam shop]. Appellante heeft de gevraagde gegevens niet overgelegd. De onderzoeksbevindingen zijn vastgelegd in een rapportage van 17 april Naar aanleiding van de onderzoeksresultaten heeft het college bij besluit van 17 april 2014 de aanvraag van appellante afgewezen op de grond dat zij niet heeft aangetoond dat zij geen op geld waardeerbare werkzaamheden heeft verricht waardoor het recht op bijstand niet is vast te stellen. Bij besluit van 23 april 2014 heeft het college de verstrekte voorschotten ter hoogte van een bedrag van 2.100,- teruggevorderd Bij brief van 3 juli 2014 heeft het college, na overleg met mr. Griede, appellante een hersteltermijn geboden om de gevraagde gegevens alsnog over te leggen. Appellante heeft op 17 juli 2014 twee verklaringen overgelegd, een van haar ouders en een van haar vriend Bij besluit van 25 september 2014 (bestreden besluit) heeft het college de bezwaren tegen de besluiten van 17 en 23 april 2014 ongegrond verklaard. Aan de besluitvorming heeft het college ten grondslag gelegd dat appellante de inlichtingenverplichting heeft geschonden door geen melding te maken van de werkzaamheden bij [naam shop] en [naam]. Tevens heeft appellante onvoldoende inzichtelijk gemaakt hoe vaak zij werkzaamheden heeft verricht in beide zaken, waardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld. 2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. 3. Appellante heeft zich in hoger beroep op de hierna te bespreken gronden tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. 4. De Raad komt tot de volgende beoordeling De hier te beoordelen periode loopt van 1 juli 2013, de door appellante gewenste ingangsdatum, tot en met 17 april 2014, de datum van het besluit tot afwijzing van de aanvraag Het gaat in dit geding om een besluit tot afwijzing van een aanvraag om bijstand. Een aanvrager moet in het algemeen de feiten en omstandigheden aannemelijk maken die nopen tot inwilliging van die aanvraag. In dat kader dient de aanvrager de nodige duidelijkheid te verschaffen en volledige openheid van zaken te geven. Vervolgens is het aan het bijstandverlenend orgaan om in het kader van de onderzoeksplicht deze inlichtingen op juistheid en volledigheid te controleren. Voldoet de betrokkene niet aan de wettelijke inlichtingen- of medewerkingsverplichting, dan is dit een grond voor weigering van de bijstand indien als gevolg daarvan het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld Tussen partijen is niet in geschil dat appellante in de te beoordelen periode regelmatig aanwezig was in de tatoeageshops van haar vader en haar vriend en dat zij daar ondersteunende taken ten behoeve van de bedrijfsvoering heeft verricht, zoals het te woord staan van klanten en het inplannen van afspraken Appellante heeft aangevoerd dat geen sprake is van op geld waardeerbare werkzaamheden omdat sprake is van een opleidingstraject. Zij heeft geen vergoeding ontvangen voor de werkzaamheden. Deze beroepsgrond slaagt niet. Volgens vaste rechtspraak (uitspraak van 21 oktober 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:3412) rechtvaardigt de aanwezigheid tijdens reguliere arbeidsuren op een werkplek de vooronderstelling dat de desbetreffende persoon ook

4 daadwerkelijk op geld waardeerbare arbeid heeft verricht. Daarvan is in het geval van appellante sprake. Uit de verklaringen van haar ouders en haar vriend blijkt dat appellante meestal van dinsdag tot en met zaterdag tijdens openingstijden, van uur tot uur, aanwezig is in de tatoeageshops en dan de in 4.3 genoemde activiteiten verricht. Haar ouders verklaren dat dit niet elke week hetzelfde is omdat appellante thuis blijft als zij zich niet goed voelt. Daarnaast verklaart de vriend van appellante dat zij niet op vaste dagen aanwezig is en komt als ze zin heeft Gelet op de aard en de omvang van de door appellante verrichte activiteiten is in de te beoordelen periode sprake van op geld waardeerbare werkzaamheden. Volgens vaste rechtspraak (uitspraak van 8 mei 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW5646) is het verrichten van op geld waardeerbare activiteiten een omstandigheid die voor het recht op bijstand van belang kan zijn, ongeacht de intentie waarmee die werkzaamheden worden verricht en ongeacht of uit die werkzaamheden daadwerkelijk inkomsten worden genoten. Van betekenis voor de verlening van bijstand is, gelet op het bepaalde in artikel 31, eerste lid, in verbinding met artikel 32, eerste lid, van de WWB, niet alleen het inkomen waarover de betrokkene daadwerkelijk beschikt, maar ook het inkomen waarover hij redelijkerwijs kan beschikken Het had appellante redelijkerwijs duidelijk kunnen zijn dat haar activiteiten in de tatoeageshops voor de verlening van bijstand van belang konden zijn. Anders dan appellante heeft aangevoerd, is niet gebleken dat zij het college hiervan op de hoogte heeft gesteld. Daarmee is gegeven dat appellante de op haar rustende inlichtingenverplichting heeft geschonden Indien na een schending van de inlichtingenverplichting de door de betrokkene gestelde en aannemelijk gemaakte feiten geen grondslag bieden voor een precieze vaststelling van het recht op bijstand, dan is het bijstandverlenend orgaan gehouden schattenderwijs vast te stellen tot welk bedrag de betrokkene in ieder geval wel recht op bijstand zou hebben, op basis van de vaststaande feiten. Het eventuele nadeel voor de betrokkene, voortvloeiende uit de resterende onzekerheden, mag daarbij wegens schending van de inlichtingenverplichting voor diens rekening worden gelaten. Vergelijk de uitspraak van de Raad van 27 september 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BT Uit de verklaringen genoemd onder 4.4 blijkt dat appellante van dinsdag tot en met zaterdag dagelijks zes uur, derhalve in totaal 30 uur per week, aanwezig was bij [naam shop] en [naam]. De ouders van appellante en haar vriend hebben verklaard dat zij niet altijd op deze dagen aanwezig was. Appellante heeft echter niet aan de hand van controleerbare gegevens aannemelijk gemaakt hoeveel uur, op welke dagen en in welke weken zij in de te beoordelen periode aanwezig was in de tatoeageshops. Gelet hierop komt het eventuele nadeel van het schattenderwijs vaststellen van het recht op bijstand dan ook voor rekening van appellante Uit 4.7 en 4.8 volgt dat het college gehouden was het recht op bijstand van appellante vast te stellen. Daarbij mag het college uitgaan van 30 uur per week tegen het voor appellante toepasselijke wettelijk minimumloon. Dit betekent tevens dat de afwijzing van de aanvraag van appellante om bijstand op een ontoereikende grondslag berust. De rechtbank heeft dit niet onderkend, zodat de aangevallen uitspraak voor vernietiging in aanmerking komt. Doende wat de rechtbank zou behoren te doen, zal de Raad het beroep van appellante tegen het bestreden besluit gegrond verklaren en dat besluit vernietigen wegens strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) Nu de Raad onvoldoende financiële gegevens heeft om zelf in de zaak te voorzien, ziet hij in dit geval, nu het nog slechts gaat om een financiële uitwerking van wat in 4.9 is overwogen, af van de zogeheten bestuurlijke lus om te komen tot definitieve geschillenbeslechting en zal het college worden opgedragen opnieuw te beslissen op het bezwaar tegen het besluit van 17 april Op basis hiervan dient het college het aanvullend recht op bijstand van appellante over de te beoordelen periode vast te stellen. Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat het college tevens opnieuw dient te beslissen over de terugvordering van de verstrekte voorschotten ter hoogte van

5 een bedrag van 2.100, Met het oog op een efficiënte afdoening van het geschil ziet de Raad verder aanleiding om met toepassing van artikel 8:113, tweede lid, van de Awb te bepalen dat tegen het nieuwe besluit slechts bij hem beroep kan worden ingesteld. 5. Aanleiding bestaat het college te veroordelen in de kosten van appellante. Deze kosten worden begroot op 990,- in bezwaar, 990,- in beroep en 990,- in hoger beroep, derhalve in totaal 2.970,- voor verleende rechtsbijstand. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep - vernietigt de aangevallen uitspraak; - verklaart het beroep gegrond; - vernietigt het besluit van 25 september 2014; - draagt het college op een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen met inachtneming van deze uitspraak en bepaalt dat beroep tegen dit besluit slechts bij de Raad kan worden ingesteld; - veroordeelt het college in de kosten van appellante tot een bedrag van 2.970,-; - bepaalt dat het college aan appellante het in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal 168,- vergoedt. Deze uitspraak is gedaan door W.H. Bel, in tegenwoordigheid van J. Tuit als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 10 januari (getekend) W.H. Bel (getekend) J. Tuit HD

ECLI:NL:CRVB:2016:4659

ECLI:NL:CRVB:2016:4659 ECLI:NL:CRVB:2016:4659 Instantie Datum uitspraak 06-12-2016 Datum publicatie 12-12-2016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 16/1577 PW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2016:3181

ECLI:NL:CRVB:2016:3181 ECLI:NL:CRVB:2016:3181 Instantie Datum uitspraak 22-08-2016 Datum publicatie 29-08-2016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 16/3877 PW-VV Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:2487

ECLI:NL:CRVB:2017:2487 ECLI:NL:CRVB:2017:2487 Instantie Datum uitspraak 18-07-2017 Datum publicatie 24-07-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 17/3961 PW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2012:BY4292

ECLI:NL:CRVB:2012:BY4292 ECLI:NL:CRVB:2012:BY4292 Instantie Datum uitspraak 27-11-2012 Datum publicatie 28-11-2012 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 11-1813 WWB + 11-1953

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2014:1035

ECLI:NL:CRVB:2014:1035 ECLI:NL:CRVB:2014:1035 Instantie Datum uitspraak 20-03-2014 Datum publicatie 07-04-2014 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 13-4228 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2016:3143

ECLI:NL:CRVB:2016:3143 ECLI:NL:CRVB:2016:3143 Instantie Datum uitspraak 23-08-2016 Datum publicatie 29-08-2016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/2337 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2015:872

ECLI:NL:CRVB:2015:872 ECLI:NL:CRVB:2015:872 Instantie Datum uitspraak 24-03-2015 Datum publicatie 25-03-2015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 14-2865 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2015:1257

ECLI:NL:CRVB:2015:1257 ECLI:NL:CRVB:2015:1257 Instantie Datum uitspraak 14-04-2015 Datum publicatie 23-04-2015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 13-4493 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2009:BJ1071

ECLI:NL:CRVB:2009:BJ1071 ECLI:NL:CRVB:2009:BJ1071 Instantie Datum uitspraak 04-06-2009 Datum publicatie 01-07-2009 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 07-5093 WWB Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:2833

ECLI:NL:CRVB:2017:2833 ECLI:NL:CRVB:2017:2833 Instantie Datum uitspraak 09-08-2017 Datum publicatie 18-08-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/8007 ZVW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:2012

ECLI:NL:CRVB:2017:2012 ECLI:NL:CRVB:2017:2012 Instantie Datum uitspraak 06-06-2017 Datum publicatie 12-06-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 16/5652 PW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:1551

ECLI:NL:CRVB:2017:1551 ECLI:NL:CRVB:2017:1551 Instantie Datum uitspraak 11-04-2017 Datum publicatie 26-04-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/1071 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2014:2191

ECLI:NL:CRVB:2014:2191 ECLI:NL:CRVB:2014:2191 Instantie Datum uitspraak 26-06-2014 Datum publicatie 01-07-2014 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 13-1859 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2016:4664

ECLI:NL:CRVB:2016:4664 ECLI:NL:CRVB:2016:4664 Instantie Datum uitspraak 07122016 Datum publicatie 09122016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/2455 WMO Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2014:1812

ECLI:NL:CRVB:2014:1812 ECLI:NL:CRVB:2014:1812 Instantie Datum uitspraak 27-05-2014 Datum publicatie 03-06-2014 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 12-4126 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2015:2828

ECLI:NL:CRVB:2015:2828 ECLI:NL:CRVB:2015:2828 Instantie Datum uitspraak 12-08-2015 Datum publicatie 28-08-2015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 13/5439 WW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:2494

ECLI:NL:CRVB:2017:2494 ECLI:NL:CRVB:2017:2494 Instantie Datum uitspraak 11-07-2017 Datum publicatie 24-07-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 16/2600 PW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2010:BO7264

ECLI:NL:CRVB:2010:BO7264 ECLI:NL:CRVB:2010:BO7264 Instantie Datum uitspraak 10-12-2010 Datum publicatie 14-12-2010 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 10-3338 WSF Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2015:1003

ECLI:NL:CRVB:2015:1003 ECLI:NL:CRVB:2015:1003 Instantie Datum uitspraak 31032015 Datum publicatie 02042015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 132022 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2014:3463

ECLI:NL:CRVB:2014:3463 ECLI:NL:CRVB:2014:3463 Instantie Datum uitspraak 21-10-2014 Datum publicatie 28-10-2014 Zaaknummer Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 12-3170

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2013:2879

ECLI:NL:CRVB:2013:2879 ECLI:NL:CRVB:2013:2879 Instantie Datum uitspraak 17-12-2013 Datum publicatie 19-12-2013 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 13-211 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:1708

ECLI:NL:CRVB:2017:1708 ECLI:NL:CRVB:2017:1708 Instantie Datum uitspraak 10-05-2017 Datum publicatie 11-05-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/5106 AWBZ Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:1283

ECLI:NL:CRVB:2017:1283 ECLI:NL:CRVB:2017:1283 Instantie Datum uitspraak 23-03-2017 Datum publicatie 07-04-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/4862 ANW Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2012:BV0179

ECLI:NL:CRVB:2012:BV0179 ECLI:NL:CRVB:2012:BV0179 Instantie Datum uitspraak 04-01-2012 Datum publicatie 05-01-2012 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 10-4246 WMO Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2011:BQ3016

ECLI:NL:CRVB:2011:BQ3016 ECLI:NL:CRVB:2011:BQ3016 Instantie Datum uitspraak 19-04-2011 Datum publicatie 02-05-2011 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 09-6342 WWB Bestuursrecht

Nadere informatie

Uitspraak.

Uitspraak. ECLI:NL:CRVB:2015:2617 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecli:nl:crvb:2015:2617 Instantie Centrale Raad van Beroep Datum uitspraak 04-08-2015 Datum publicatie 05-08-2015 Zaaknummer

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2017:1803

ECLI:NL:CRVB:2017:1803 ECLI:NL:CRVB:2017:1803 Instantie Datum uitspraak 17-05-2017 Datum publicatie 18-05-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 16/3344 WMO15 Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2013:1259

ECLI:NL:CRVB:2013:1259 ECLI:NL:CRVB:2013:1259 Instantie Datum uitspraak 31-07-2013 Datum publicatie 05-08-2013 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 12-2423 AWBZ Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2014:39. Uitspraak. Centrale Raad van Beroep. Datum uitspraak Datum publicatie

ECLI:NL:CRVB:2014:39. Uitspraak. Centrale Raad van Beroep. Datum uitspraak Datum publicatie ECLI:NL:CRVB:2014:39 Instantie Datum uitspraak 15-01-2014 Datum publicatie 17-01-2014 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 11-7549 WAJONG Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2013:BY9138

ECLI:NL:CRVB:2013:BY9138 ECLI:NL:CRVB:2013:BY9138 Instantie Datum uitspraak 22-01-2013 Datum publicatie 24-01-2013 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 11-937 WWB Bestuursrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:RVS:2015:3038

ECLI:NL:RVS:2015:3038 ECLI:NL:RVS:2015:3038 Instantie Raad van State Datum uitspraak 30-09-2015 Datum publicatie 30-09-2015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie 201500566/1/A2 Bestuursrecht Hoger

Nadere informatie

ECLI:NL:RBNHO:2017:3051

ECLI:NL:RBNHO:2017:3051 ECLI:NL:RBNHO:2017:3051 Instantie Datum uitspraak 04-04-2017 Datum publicatie 14-04-2017 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer AWB - 16 _ 22 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2016:3297

ECLI:NL:CRVB:2016:3297 ECLI:NL:CRVB:2016:3297 Instantie Datum uitspraak 06-09-2016 Datum publicatie 12-09-2016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/1772 WWB Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie

ECLI:NL:CRVB:2015:4258

ECLI:NL:CRVB:2015:4258 ECLI:NL:CRVB:2015:4258 Instantie Datum uitspraak 26-10-2015 Datum publicatie 03-12-2015 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 14/3047 WAO Socialezekerheidsrecht

Nadere informatie