I. B E W E G I G E E A S S E S T E L S E L S
|
|
|
- Melissa Mulder
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 I. B E W E G I G E E A S S E S T E L S E L S Beweging is relatief. Beweging is een positieverandering van "iets" ten opzichte van "iets anders". Voor "iets" kan van alles worden ingevuld: een punt, een lijn, een vlak of een voorwerp, zoals bijvoorbeeld een wervel. Bij de invulling van "iets anders" zijn wij vrij in de keuze: het ene referentiekader is niet beter of slechter dan het ander. De keuze hangt af van het doel dat men met de bewegingsbeschrijving wil bereiken; het inzicht dat men wil verkrijgen. De beweging ten opzichte van het ene kader kan namelijk fundamenteel verschillen van dat van een ander. Stel een fysiotherapeut en een patiënt lopen naast elkaar door een gang. Plotseling versnelt de fysiotherapeut de pas. De patiënt beweegt dan ten opzichte van de fysiotherapeut naar achter, doch blijft ten opzichte van de gang naar voren gaan. Welke referentie gekozen wordt, de gang of de fysiotherapeut, hangt af van de vraag of men erin geïnteresseerd is waar de fysiotherapeut naar toe gaat, of dat men wil weten of de patiënt zijn behandelaar nog kan inhalen. Indien iemand loopt en men wil weten waar deze persoon naar toe gaat, beschrijven wij de verandering van positie van het lichaam ten opzichte van de omgeving. In zo'n geval wordt gekozen voor een rechthoekig assenstelsel, dat ten opzichte van die omgeving niet meebeweegt. Als wij echter geïnteresseerd zijn in de mate waarin zo iemand de armen meezwaait, wordt de verandering van positie van de bovenste extremiteiten beschreven ten opzichte van een assenstelsel, bevestigd op de rest van het lichaam. Willen we daarbij weten hoe de onderarm zich verplaatst ten opzichte van de bovenarm, dan gebruiken we een assenstel, bevestigd op de humerus. Als we, tenslotte, geïnteresseerd zijn in de wijze waarop de gewrichtsvlakken van de radius en de ulna zich verplaatsen over de bijbehorende gewrichtsvlakken van de humerus, dan dient een assenstelsel op de gewrichtsvlakken van de humerus geplaatst te worden. In het algemeen onderscheiden we, gezien het voorgaande, de volgende assenstelsels. Om bewegingen van een deel van het lichaam te beschrijven ten opzichte van de rest van het lichaam, wordt gebruik gemaakt van het descriptief anatomisch assenstelsel. Voor het beschrijven van de bewegingen van een botstuk ten opzichte van een aanliggend (articulerend) botelement, wordt een osteokinematisch assenstelsel gebruikt. Om de verplaatsingen van twee gewrichtsprofielen ten opzichte van elkaar weer te geven, wordt gebruik gemaakt van een arthrokinematisch assenstelsel. 1
2 ASSE STELSELS Descriptief anatomisch assenstelsel Dit wordt binnen de fysiotherapie het meest gebruikt. De bewegingen van lichaamsdelen worden beschreven ten opzichte van een assenstelsel zoals gedefinieerd in de zogenaamde anatomische houding (figuur 1). "Anteflexie van de arm in het sagittale vlak om een frontale as", "abductie van het been in het frontale vlak om een sagittale as" en "rotatie van de nek in het transversale (horizontale) vlak om een longitudinale (verticale) as" zijn hier voorbeelden van. De genoemde assen en vlakken zijn gebaseerd op het feit dat een mens een duidelijk herkenbare voor- en achterkant, boven- en onderkant en linker- en rechterzijde heeft, zoals zo treffend wordt uitgedrukt in het schone lied: "ik ben zo blij, zo blij, dat mijn neus van voren zit en niet opzij". Het maakt dan ook niet uit hoe iemand staat, zit of ligt. Bewegingen en posities worden steeds "terugvertaald" naar de anatomische houding. Zowel bij iemand die op de buik ligt als bij iemand in ruglig, bevindt de achillespees zich aan de "dorsale" zijde van het onderbeen. Ook bij een acrobaat die omgekeerd aan de rekstok hangt, bevindt de thorax zich, evenals bij een rechtopstaand iemand, "craniaal" van het bekken. De romp kan descriptief anatomisch de volgende bewegingen uitvoeren: flexie, extensie, lateraalflexie naar links/rechts en rotatie linksom/rechtsom. Figuur 1 Terzijde zij opgemerkt dat het innemen van de anatomische houding in werkelijkheid niet mogelijk is. Deze houding is immers slechts een denkbeeldige, tussen anatomen afgesproken, positie. De anatomische houding dient als referentiekader, zodat bewegingen en onderlinge relaties van lichaamsdelen éénduidig kunnen worden beschreven. In deze houding werken geen krachten: noch de zwaartekracht, noch spierkrachten of uitwendige belastingen. Bij afspraak wordt dan ook geen contact gemaakt met de onderlaag; het lichaam hangt dus in de lucht. De origo van een spier wordt verondersteld "gefixeerd" te zijn, enz.. Verder in dit stuk bedoelen wij met de anatomische houding de rechtopstaande stand, zoals in werkelijkheid kan worden ingenomen. 2
3 Flexie en extensie worden uitgevoerd rond een frontale as in het sagittale vlak (figuur 2). Figuur 2 Rotaties vinden plaats rond een longitudinale as in het transversale (horizontale) vlak (figuur 3). Figuur 3 3
4 Lateroflexies worden uitgevoerd rond een sagittale as in het frontale vlak (figuur 4). Figuur 4 4
5 Osteokinematische bewegingsbeschrijving Hierbij worden bewegingen van een botstuk beschreven ten opzichte van het aanliggende element. Hiervoor is het nodig een lokaal stelsel van assen en vlakken te definiëren, dat als het ware op dit aanliggende element is geplakt. Evenals bij de descriptief anatomische vlakken, wordt ook hierbij gebruik gemaakt van primaire vormkenmerken. Een wervel bijvoorbeeld, heeft een duidelijk herkenbare voor- en achterkant, onder- en bovenkant en linker- en rechterzijde. Op basis hiervan kan voor een wervel een assenstelsel worden gedefinieerd, met behulp waarvan de bewegingen van een aanliggende wervel worden beschreven. In figuur 5 wordt het assenstelsel gegeven van de wervels waarmee de bewegingen van de corpora ten opzichte van elkaar beschreven worden. figuur 5 Arthrokinematische bewegingsbeschrijving Deze vorm van bewegingsbeschrijving richt zich op de wijze waarop de contactpunten tussen gewrichtsprofielen verplaatsen. Hierbij speelt de relatie tussen de ligging van kromtemiddelpunten en de ligging van de momentane draaipunten van een gewricht een bepalende rol. 5
6 BEWEGI GE VA ROMP E WERVELS Wanneer iemand met rugklachten naar de fysiotherapeut wordt verwezen, vormt het aktief bewegen van de wervelkolom een vast onderdeel van het onderzoek. Hierbij is het gebruikelijk de hiervoor beschreven descriptief anatomische bewegingen te laten uitvoeren. Bij het laten uitvoeren en interpreteren van deze bewegingen wordt het volgende nogal eens over het hoofd gezien: er bestaat een belangrijk verschil tussen de bewegingen van de romp en de hierbij optredende bewegingen tussen de wervels onderling. Dit wordt veroorzaakt door het feit dat de wervelkolom niet recht is maar gekromd. Over het algemeen bezitten mensen twee lordotische en een kyfotische kromming. Dit algemeen bekende feit heeft belangrijke consequenties voor de wijze waarop in de wervelkolom wordt bewogen bij flexie/extensie, rotaties en lateraalflexies. Wanneer alle wervels horizontaal zouden staan, dus evenwijdig aan het transversale (horizontale) lichaamsvlak, dan zou een rotatie van de romp (zoals in figuur 3) zich in hetzelfde vlak afspelen als de hierbij optredende rotaties van de wervels ten opzichte van elkaar. Dit zou betekenen dat, tijdens de rotatie, ieder punt van een wervel zowel ten opzichte van het horizontale lichaamsvlak als ten opzichte van het horizontale vlak van de onderliggende wervel op gelijke afstand blijft. Bij een lateraalflexie zou, eveneens bij een (gedachte) horizontale positie van de wervels, ieder punt van een wervel, zowel ten opzichte van het frontale lichaamsvlak als ten opzichte van het frontale vlak van de onderliggende wervel, op gelijke afstand blijven. Echter, de (meeste) wervels staan niet evenwijdig aan het horizontale lichaamsvlak, doch voor- of achterover gekanteld (figuur 6). Dit betekent dat het osteokinematische assenstelsel van de wervels zowel ten opzichte van het horizontale als het frontale lichaamsvlak scheef staan (figuur 7). Het voorgaande heeft belangrijke consequenties voor de wijze waarop een wervel beweegt ten opzichte van de onderliggende, indien de romp bijvoorbeeld een descriptief anatomische rotatie of lateraalflexie uitvoert. Een beweging van een wervel ten opzichte van de descriptief anatomische lichaamsvlakken en assen kan fundamenteel verschillen van de beweging die de wervel op dat moment maakt ten opzichte van een aanliggende wervel. 6 Figuur 6
7 Figuur 7 In hoeverre deze twee bewegingen van elkaar afwijken of met elkaar overeenstemmen wordt volledig bepaald door de stand van de rotatie-as ten opzichte van het referentiekader. In eerste instantie zullen, teneinde enkele principes nader te verduidelijken, enkele bewegingen van de corpora vertebrae ten opzichte van elkaar worden beschreven. Het referentie-assenstelsel wordt dus op het corpus vertebrae opgericht. Later zullen de osteokinematische bewegingen van de gewrichtsvlakken van de wervels uitvoerig worden geanalyseerd. Om het hiernavolgende gemakkelijker te begrijpen verdient het aanbeveling een eenvoudig model te vervaardigen. U heeft hiervoor nodig: vier lucifersdoosje en een breipen of satéstokje. U rijgt de doosjes aan de pen zoals voorgesteld in figuur 8. De bovenste twee doosjes stellen de hoger gelegen, ten opzichte van de horizontaal achterover gekantelde, wervels voor; de onderste twee de lager gelegen, voorover gekantelde wervels. Het model is alleen goed bruikbaar voor de hieronder beschreven rotaties: een horizontale lateraalflexie-as is lastiger te realiseren. De principes van beide bewegingen zijn echter gelijk. Figuur 8 7
8 ROTATIE E LATEROFLEXIE VA ROMP E WERVELS Rotatie In figuur 9a wordt iemand voorgesteld die een descriptief anatomische rotatie van de romp uitvoert. Deze beweging vindt plaats rond de verticale lichaamsas. Het blokje in de romp stelt een laag lumbale wervel voor. Deze staat ten opzichte van het horizontale lichaamsvlak voorover gekanteld (figuur 9b). Ten opzichte van dit horizontale lichaamsvlak voert de wervel een zuivere rotatie omdat de rotatie-as ten opzichte Figuur 9 van dit vlak zuiver verticaal staat. Dit is goed te zien aan de weergave in figuur 9c, waarbij we als het ware evenwijdig aan het horizontale lichaamsvlak een foto hebben gemaakt (zoals voorgesteld in figuur 9b). We zien dat de wervel evenwijdig blijft staan aan het horizontale lichaamsvlak en alleen geroteerd heeft: het linker zijvlak is zichtbaar, de voor-onderrand van de wervel is evenwijdig gebleven aan het horizontale lichaamsvlak. In figuur 10a wordt dezelfde beweging voorgesteld, doch nu beschouwen wij de beweging van de wervels ten opzichte van elkaar, in plaats van ten opzichte van het lichaamsvlak. Opnieuw is er sprake van laag lumbale wervels welke voorovergekanteld staan ten opzichte van het lichaamsvlak.de bovenste wervel voert dus een linksom rotatie uit ten opzichte van de onderliggende, om een as welke ten opzichte van de lichaamsvlakken en assen zuiver verticaal loopt. Maar omdat de onderste Figuur 10 8
9 (referentie)wervel scheef staat ten opzichte van deze lichaamsvlakken en assen, staat de rotatie-as ook scheef ten opzichte van deze referentiewervel (figuur 10b). Zo goed als de wervel voorover staat gekanteld ten opzichte van de verticaal, staat de verticale rotatieas achterover ten opzichte van de wervel. Wanneer wij nu evenwijdig aan het vlak van de onderliggende wervel opnieuw een "foto" zouden nemen dan ontstaat het beeld van figuur 10c. Duidelijk is te zien dat de wervel ten opzichte van zijn onderliggende, behalve de linksom rotatie, tevens een lateraalflexie naar links heeft gemaakt. Indien U het voorgestelde model heeft gemaakt, verdient het aanbeveling niet "scheef" langs de wervel te kijken, zoals voorgesteld in figuur 9b. In plaats daarvan kunt U beter het gehele model kantelen tot de doosjes horizontaal staan. De as staat dan scheef ten opzichte van de horizontaal. Voor de onderlinge beweging van de wervels maakt dit geen verschil, doch de waarneming wordt wat eenvoudiger. Dat wordt veroorzaakt doordat wij in het dagelijks leven heel sterk gewend zijn aan het descriptief anatomische referentiekader: de vloer is voor ons "de" horizontaal, een muur van de kamer "de" verticaal. 9
10 In figuur 11a wordt op dezelfde wijze de beweging van een hoger gelegen lumbale wervel weergegeven bij een linksom rotatie van de romp rond de verticale lichaamsas. D e z e w e r v e l s t a a t achterover gekanteld ten o p z i c h t e v a n h e t horizontale lichaamsvlak (figuur 11b). Ten opzichte van dit lichaamsvlak voert de wervel een zuivere rotatie uit, zoals te zien in figuur 11c: het linker zijvlak is zichtbaar, de achter-onderrand van het de wervel voorstellende blokje blijft evenwijdig lopen aan het horizontale lichaamsvlak. Dit komt weer doordat de rotatie-as ten opzichte van het Figuur 11 lichaamsvlak z uiver verticaal staat. In figuur 12a wordt opnieuw gekeken naar de bewegingen van de wervels onderling, bij de identieke beweging als in figuur 11a. Om te kunnen zien welke beweging de bovenliggende wervel heeft gemaakt ten opzichte van de onderliggende, moet wederom evenwijdig aan het wervelvlak worden gekeken (figuur 12b). Deze figuur (12b) laat tevens zien dat de rotatie-as scheef staat ten opzichte van de onderliggende wervel. Omdat de referentie-wervel (de onderliggende) achterover staat ten opzichte van de verticaal, staat de verticaal verlopende rotatie-as dus voorover ten opzichte van de wervel. In figuur 12c wordt getoond dat de bovenliggende wervel ten opzichte van de onderliggende hierdoor, behalve een linksom rotatie, tevens een lateraalflexie naar rechts heeft Figuur 12 gemaakt. 10
11 Lateraal flexie Figuur 13 toont de situatie wanneer iemand een descriptief anatomische lateraalflexie naar links uitvoert.het blokje stelt weer een laaggelegen, ten opzichte van de horizontaal voorover gekantelde, lumbale wervel voor. De beweging vindt plaats om een zuiver horizontale (sagittale) as. Omdat deze as evenwijdig loopt aan h e t h o r i z o n t a l e lichaamsvlak (figuur 13b) is er ten opzichte van dit vlak sprake van een zuivere lateraalflexie. Dit is te zien in figuur 13c. De zijvlakken van de wervel zijn niet zichtbaar, er is slechts sprake van lateraalflexie. Figuur 13 In figuur 14a beschouwen wij de beweging die de wervel heeft gemaakt ten opzichte van zijn onderliggende. De beweging van de romp in deze figuur is identiek aan die in figuur 13a. Figuur 14b laat zien dat de rotatie-as achterover gekanteld staat ten opzichte van de referentiewervel, omdat deze wervel voorover gekanteld staat ten opzichte van de horizontaal. Dit heeft tot gevolg dat, ten opzichte van de onderliggende, de lateraalflexie naar links gepaard gaat met een rechtsom-rotatie: het rechter zijvlak van de wervel is zichtbaar (figuur 14c). Figuur 14 11
12 In figuur 15a laten we dezelfde lateraalflexie zien als in beide voorgaande figuren, doch we richten ons nu weer op de hoger gelegen, achterover gekantelde lumbale wervels. Ten opzichte van het horizontale lichaamsvlak is er wederom sprake van een zuivere lateraalflexie. D e h o r i z o n t a l e rotatie-as loopt immers evenwijdig aan dit vlak (figuur 15b). In figuur 15c is goed te zien dat geen begeleidende rotatie is opgetreden; de zijvlakken van de wervel zijn niet zichtbaar. Figuur 15 In figuur 16a beschouwen we de beweging die de wervel heeft gemaakt ten opzichte van zijn aanliggende. De beweging is weer identiek aan die in figuur 15a. Figuur 16b laat zien dat de in het horizontale lichaamsvlak verlopende rotatie-as ten opzichte van de referentiewervel voorover gekanteld staat, omdat deze wervel ten opzichte van het horizontale vlak achterover gekanteld is. Het blijkt dat (figuur 16c) de wervel ten opzichte van zijn onderliggende, behalve de lateraalflexie naar links, tevens een linksom rotatie heeft gemaakt: het linker zijvlak van de wervel is zichtbaar Figuur 16 geworden. 12
13 Overzicht De hierboven beschreven bewegingscombinaties van de wervellichamen onderling bij rotaties en lateraalflexies van de romp in de anatomische vlakken, worden hieronder in een tabel weergegeven (tabel 1). Tabel 1 13
Auteur(s): C. Riezebos, A. Lagerberg Titel: Bewegingen van romp en wervels Jaargang: 12 Jaartal: 1994 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 17-42
Auteur(s): C. Riezebos, A. Lagerberg Titel: Bewegingen van romp en wervels Jaargang: 12 Jaartal: 1994 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 17-42 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
I. BEWEGI GE E ASSE STELSELS
I. BEWEGI GE E ASSE STELSELS Beweging is relatief. Beweging is een positieverandering van "iets" ten opzichte van "iets anders". Voor "iets" kan van alles worden ingevuld: een punt, een lijn, een vlak
Auteur(s): E. Koes Titel: De scheve wervel Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 5 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): E. Koes Titel: De scheve wervel Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 5 Oorspronkelijke paginanummers: 299-307 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt worden voor
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 20 e jrg 2002, no. 6 (pp )
Auteur(s): A. Lagerberg Titel: Bewegen is relatief Jaargang: 20 Jaartal: 2002 Nummer: 6 Oorspronkelijke paginanummers: Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt worden voor
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 19e jrg 2001, no. 4 (pp )
Auteur(s): P. van der Meer, H. van Holstein Titel: Meten van de heupadductie Jaargang: 19 Jaartal: 2001 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 206-216 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 10e jrg 1992, no. 1 (pp )
Auteur(s): C. Riezebos, A. Lagerberg, E. Koes, F. Krijgsman Titel: Kompensaties bij de beperkte heupextensie. Jaargang: 10 Jaartal: 1992 Nummer:1 Oorspronkelijke paginanummers: 24-51 Deze online uitgave
Gesloten vragen Functionele Anatomie II
Gesloten vragen Functionele Anatomie II 2013-2014 1. Ab- en adductie vindt plaats om een longitudinale as 2. In de anatomische houding is, in het sagittale vlak van de wervelkolom, lumbaal een lordose
Auteur(s): A. Lagerberg Titel: Rotatie in de lumbale wervelkolom Jaargang: 12 Jaartal: 1994 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers:
7 Auteur(s): A. Lagerberg Titel: Rotatie in de lumbale wervelkolom Jaargang: 12 Jaartal: 1994 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers: 119-139 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Auteur(s): F. van de Beld Titel: Bekkenkanteling in het frontale vlak als huiswerkoefening Jaargang: 27 Maand: april Jaartal: 2009
Auteur(s): F. van de Beld Titel: Bekkenkanteling in het frontale vlak als huiswerkoefening Jaargang: 27 Maand: april Jaartal: 2009 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt
Het Rotatievlak een platte oplossing voor een ruimtelijk probleem Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 6 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): Titel: Faber H, Lagerberg A Het Rotatievlak een platte oplossing voor een ruimtelijk probleem Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 6 Oorspronkelijke paginanummers: 329-353 Deze online uitgave
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 16e jrg 1998, no. 2 (pp )
Auteur(s): P. van der Meer, H. van Holstein Titel: Mobiliseren van het onderste spronggewricht Jaargang: 16 Jaartal: 1998 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 63-74 Deze online uitgave mag, onder duidelijke
Auteur(s): C. Riezebos Titel: Scoliose, wervelposities en mobilisatie Jaargang: 4 Jaartal: 1986 Nummer: 5 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): C. Riezebos Titel: Scoliose, wervelposities en mobilisatie Jaargang: 4 Jaartal: 1986 Nummer: 5 Oorspronkelijke paginanummers: 209-238 Dit artikel is oorspronkelijk verschenen in Haags Tijdschrift
23-Oct-14. 6) Waardoor wordt hyperextensie van het kniegewricht vooral beperkt? A) Banden B) Bot C) Menisci D) Spieren
Vlak As Beweging Gym Frontaal Sagitale Ab-adductie Radslag Latero flexie Ulnair-radiaal deviatie Elevatie-depressie Sagitaal Frontale Flexie-extensie Salto Transversale Ante-retro flexie Dorsaal flexie
VERSUS, Tijdschrift voor fysiotherapie, 20e jaargang 2002, no.1(3-17)
Auteur(s): Henk van Holstein; Paul van der Meer Titel: Mobiliteit en Mobilisatie van het Art. Acromioclavicularis Jaargang:20 Jaartal:2002 Nummer:1 Oorspronkelijke paginanummers: Deze online uitgave mag,
Auteur(s): P. van der Meer Titel: Schijnbewegingen in de enkel Jaargang: 25 Jaartal: 2007 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 63 74
Auteur(s): P. van der Meer Titel: Schijnbewegingen in de enkel Jaargang: 25 Jaartal: 2007 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 63 74 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt
Gebruiksaanwijzing Rafys Digitale Goniometer
Gebruiksaanwijzing Rafys Digitale Goniometer ABS/zero knop. Meten in de ABS stand, ABS staat voor absoluut Je kunt meten in de ABS stand dat is de stand waarbij ABS rechtsboven in beeld staat (pijl). Je
Auteur(s): H. Faber Titel: Scoliose: een instabiele wervelkolom Jaargang: 16 Jaartal: 1998 Nummer: 6 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): H. Faber Titel: Scoliose: een instabiele wervelkolom Jaargang: 16 Jaartal: 1998 Nummer: 6 Oorspronkelijke paginanummers: 251-260 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 22 e jrg 2004, no. 2 (pp )
Auteur(s): F. van de Beld Titel: De excentrische crank Jaargang: 22 Jaartal: 2004 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 79-89 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt
Auteur(s): Frank van de Beld Titel: Iliumkanteling tijdens het gaan Jaargang: 2001 Jaartal: 19 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): Frank van de Beld Titel: Iliumkanteling tijdens het gaan Jaargang: 2001 Jaartal: 19 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers: 149-160 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Auteur(s): Ruys, C.C., Sombekke, C.A.M Titel: Roteert de clavicula? Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 4-21
Auteur(s): Ruys, C.C., Sombekke, C.A.M Titel: Roteert de clavicula? Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 4-21 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij
Auteur(s): E. Koes Titel: Bekkenmobiliteit in zit Jaargang: 17 Jaartal: 1999 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): E. Koes Titel: Bekkenmobiliteit in zit Jaargang: 17 Jaartal: 1999 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers: 156-169 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt worden
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie,19e jrg 2001, no.6 (pp. 315 322)
Auteur(s): Titel: A. Lagerberg De beperkte schouder. Functie-analyse van het art. humeri met behulp van een röntgenfoto Jaargang: 19 Jaartal: 2001 Nummer: 6 Oorspronkelijke paginanummers: 315-322 Deze
Auteur(s): E. Koes Titel: De schouderhoogstand Jaargang: 18 Jaartal: 2000 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): E. Koes Titel: De schouderhoogstand Jaargang: 18 Jaartal: 2000 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 100-113 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt worden
andere been wordt gebogen opzij gelegd. Met de romp en de handen ter hoogte van het onderbeen, de enkel of de tip van
1) Zit, bekken voorwaarts gekanteld, 1 been gestrekt, het andere been wordt gebogen opzij gelegd. Met de romp en de armen reikt men voorwaarts op het gestrekte been, de handen ter hoogte van het onderbeen,
De grootste last... Massa. Registratie. Massaverdeling. Mensenmassa
Mensenmassa 1 De grootste last... Bij fysieke belasting denken de meeste mensen meteen aan zwaar til-, duw- en trekwerk. En een kratje pils van 15 kg vinden velen dan al redelijk zwaar. Toch stelt zo'n
Mobiliserende oefeningen voor thuis
Mobiliserende oefeningen voor thuis Oefeningen om het lichaam zo soepel mogelijk te houden Oefeningen Cervicale wervelkolom HCWK 1) Extensie: Ga rechtop zitten op een stoel en plaats de middelvingers van
Theorie-examen Anatomie 13 januari 2006.
Theorie-examen Anatomie 13 januari 2006. 1. Wat is de diafyse van een pijpbeen? A. Het uiteinde van een pijpbeen. B. Het middenstuk van een pijpbeen. C. De groeischijf. 2. Waar bevindt zich de pink, ten
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 14e jrg 1996, no. 5 (pp )
Auteur(s): J. Mens, C. Riezebos, A. Lagerberg, P. van der Meer Titel: Reaktie op: Biokinematica van de sacroiliacale keten Jaargang: 14 Jaartal: 1996 Nummer: 5 Oorspronkelijke paginanummers: 266-277 Deze
Lichamelijk onderzoek
Hoofdstuk 3 Lichamelijk onderzoek Het lichamelijk onderzoek omvat de volgende onderdelen: -- inspectie in rust -- passief en actief uitgevoerd onderzoek naar de beweeglijkheid van de cervicale wervelkolom,
Schuitemaker fysiotherapie en manuele therapie bv www.fysio.net - Amsterdam
Uit: Egmond-Schuitemaker schouderprotocol (conform Kibler, Cools en Walraven) Excentrische oefeningen rotatorencuff schouder www.fysio.net (nog niet op de huiswerkfilmpjes.) Toe te passen bij stabiliseren
Het doorbewegen bij een dwarslaesie. Tetraplegie
Het doorbewegen bij een dwarslaesie Tetraplegie Inhoud Inleiding 3 Algemene opmerkingen 3 Zelfstandig doorbewegen 4 Doorbewegen door een hulppersoon 9 De Sint Maartenskliniek 24 Colofon 24 Inleiding In
1 Buikplank (2 benen) Oefentherapie bekken en romp Pagina 1 van 5
Pagina 1 van 5 Welke spieren zijn van belang bij deze oefentherapie? De spieren rondom het bekken en de romp kunnen grofweg worden verdeeld in 2 groepen: de globale en de lokale spieren. De globale spieren
Auteur(s): Frank van de Beld Titel: Fietsen met een knieflexiebeperking Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): Frank van de Beld Titel: Fietsen met een knieflexiebeperking Jaargang: 13 Jaartal: 1995 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 203-217 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
SPORTMASSAGE les 1 woensdag 190907. Hoofdstuk 1. Anatomie of ontleedkunde: Kennis van de bouw van het menselijk lichaam
SPORTMASSAGE les 1 woensdag 190907 Hoofdstuk 1 Anatomie of ontleedkunde: Kennis van de bouw van het menselijk lichaam 1.1 plaatsbepalende uitdrukkingen anatomische stand ( de stand die gebruikt wordt voor
Auteur(s): Lagerberg A, Riezebos C. Titel: Het paradoxale kiepfenomeen Jaargang: 14 Jaartal: 1996 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): Lagerberg A, Riezebos C. Titel: Het paradoxale kiepfenomeen Jaargang: 14 Jaartal: 1996 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 194-211 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
TIPS EN OEFENINGEN OM UW RUG STERK EN FIT TE MAKEN
TIPS EN OEFENINGEN OM UW RUG STERK EN FIT TE MAKEN Maximale ontspanning voor uw rug De rug is zo maximaal ontspannen. De armen liggen langs het lichaam. De knieën zijn 90 graden gebogen en liggen op een
Uitgangshouding Uitvoering Aandachtspunten Ruglig, benen opgetrokken Eén hand in lordose van de lage rug
Houding Low load o o o Ruglig, benen opgetrokken Eén hand in lordose van de lage rug Kantel je bekken naar achter en vlak hierdoor je rug af Kantel je bekken naar voor en maak hierdoor je rug hol Enkel
Bouw van een skeletspier
Reina Welling WM/SM-theorieles 5 Met dank aan Jolanda Zijlstra en Bart van der Meer Bouw van een skeletspier faculty.etsu.edu Welke eigenschappen horen bij type I en welke bij type II spiervezels? Vooral
Bewegingsleer Deel III De romp en wervelkolom
Bewegingsleer Deel III De romp en wervelkolom Bewegingsleer Deel III De romp en de wervelkolom I.A. Kapandji Bohn Stafleu van Loghum Houten 2009 Ó 2009 Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Uitgeverij
2. Bevestiging spieren. 3. Stevigheid (samen met spieren) 4. Beweeglijkheid (samen met spieren) 5. Aanmaak rode bloedcellen in beenmerg
Anatomy is destiny Sigmund Freud Belangrijkste botten Nomenclatuur Reina Welling WM/SM-theorieles 1 Osteologie bekken en onderste extremiteit Myologie spieren bovenbeen Met dank aan Jolanda Zijlstra en
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 19e jrg 2001, no. 4 (pp. 183-205)
Auteur(s): C. Riezebos Titel: De slotrotatie van de knie: mechanisme en mobilisatie Jaargang: 19 Jaartal: 2001 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 183-205 Deze online uitgave mag, onder duidelijke
PECTUS REVALIDATIE. De pectoralisspieren. De rugspieren
PECTUS REVALIDATIE Het doel van de pectus revalidatie (training borst- en rugspieren) is het versterken van de spieren van de borst en de rug en hiermee het verbeteren van je lichaamshouding. De volgende
Anatomie. Hier volgen 50 opgaven. Bij elke opgave zijn drie antwoorden gegeven. Slechts één van deze antwoorden is het goede.
Examenstichting Perimedische Opleidingen Diploma: sportmassage, massage, wellness massage 22 januari 2010, Beschikbare tijd: 60 minuten Anatomie Aanwijzing: Hier volgen 50 opgaven. Bij elke opgave zijn
Theorie-examen anatomie 25 januari 2008
Theorie-examen anatomie 25 januari 2008 1. Welke van de volgende spieren is eenkoppig? A. De m. biceps brachii. B. De m. coracobrachialis. C. De m. gastrocnemius. 2. Welke van de volgende spieren geeft
Theorie-examen anatomie 12 januari 2007
Theorie-examen anatomie 12 januari 2007 1. Welke uitspraak met betrekking tot spiercontracties is altijd juist? A. Bij concentrische contracties wordt de spanning in de spier kleiner. B. Bij excentrische
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie,14e jrg 1996, no.5 (pp )
Auteur(s): Lagerberg A, Riezebos C. Titel: Heupmobiliteit, Beenlengte en Lichaamshouding Jaargang: 14 Jaartal: 1996 Nummer: 5 Oorspronkelijke paginanummers: 250-264 Deze online uitgave mag, onder duidelijke
Instructie. Motor Assessment Scale Auteur: Carr J.H Scoring. Testvolgorde en instructies
Instructie Motor Assessment Scale Auteur: Carr J.H. 1985 3 Scoring De therapeut scoort ieder motorische vaardigheid op een schaal van o tot 6. De test moet in een rustige ruimte worden uitgevoerd. De patiënt
2 De romp. Zichtbare en palpabele oriëntatiepunten van de romp
6 Merck Manual 2 De romp De romp is het centrale deel van het lichaam. In dit boek zullen we alleen ingaan op de romp als deel van het bewegingsapparaat en niet op de interne organen. De wervelkolom (columna
Auteur(s): R. Backelandt Titel: Ribbewegingen tijdens de ademhaling Jaargang: 4 Jaartal: 1986 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 10-36
Auteur(s): R. Backelandt Titel: Ribbewegingen tijdens de ademhaling Jaargang: 4 Jaartal: 1986 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 10-36 Dit artikel is oorspronkelijk verschenen in Haags Tijdschrift
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 16 e jrg 1998, no. 2 (pp )
Auteur(s): Frank van de Beld Titel: De frozen hip Jaargang: 16 Jaartal: 1998 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 97-103 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt worden
GRONDOEFENINGEN LIFE STYLE CLINIC: ALGEMENE SPIERVERSTEVIGING
GRONDOEFENINGEN LIFE STYLE CLINIC: ALGEMENE SPIERVERSTEVIGING SPIERVERSTEVIGENDE OEFENINGEN Start voor alle oefeningen met de rug in neutrale positie (lage rug lichtjes hol) + basisspanning corset spieren
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 23 e jrg 2005, no. 2 (pp. 103 119)
Auteur(s): A.Lagerberg Titel: Mobiliteitsmetingen met behulp van digitale fotografie. Jaargang: 23 Jaartal: 2005 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 103-119 Deze online uitgave mag, onder duidelijke
Trainingsrichtlijn Core Stability -Basics-
Trainingsrichtlijn Core Stability -Basics- Uitleg voor de patiënt Oefening 1 en 2 zijn gericht op het activeren van de musculus tranversus abdominis (TVA). Middels het bewust en gecontroleerd aanspannen
Patiënteninformatie. Bewegen bij gewrichtsklachten. Aanbevolen door de reumatoloog
Patiënteninformatie Bewegen bij gewrichtsklachten Aanbevolen door de reumatoloog Inhoud Inleiding 3 Bewegen voor gewrichten.3 Oefeningen bij nekklachten...4 Oefeningen bij schouderklachten.8 Oefeningen
Meet the Specialist Day. Mieke De Geyter 1 maart 2011
Meet the Specialist Day Mieke De Geyter 1 maart 2011 Spondylitis Ankylosans / Bechterew Kenmerkend Bamboospine Kyfotische Houding Praktijk zeldzaam door : Vroegtijdige detectie Farmaceutische middelen
Auteur(s): C. Riezebos, A. Lagerberg Titel: RSI: een pronatieprobleem Jaargang: 15 Jaartal: 1997 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 16-40
Auteur(s): C. Riezebos, A. Lagerberg Titel: RSI: een pronatieprobleem Jaargang: 15 Jaartal: 1997 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 16-40 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Oefenbundel Einde. Opwarming beweeglijkheidsoefeningen en stretching 1. RUGLIG. Richtlijnen bij het verderzetten en onderhoud van uw rugprogramma
Oefenbundel Einde Richtlijnen bij het verderzetten en onderhoud van uw rugprogramma Opwarming beweeglijkheidsoefeningen en stretching 1. RUGLIG : hol/bol maken van wervelkolom 10x. Stretching 1 knie: neem
ERASMUS MC MODIFICATIE VAN DE (REVISED) NOTTINGHAM SENSORY ASSESSMENT Handleiding
De Erasmus MC Modificatie van de (revised) Nottingham Sensory Assessment (EmNSA) 1 is een meetinstrument om bij patiënten met intracraniële aandoeningen de tastzin, de scherp-dof discriminatie en de propriocepsis
Preventieve en correctieve mobiliserende gymnastiek bij chronische respiratoire aandoeningen
Preventieve en correctieve mobiliserende gymnastiek bij chronische respiratoire aandoeningen Bij een aantal chronische respiratoire aandoeningen zien we (soms reeds bij of kort na de geboorte) vervormingen
Auteur(s): H. Faber Titel: De polyarticulaire buikspieren Jaargang: 16 Jaartal: 1996 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers:
Auteur(s): H. Faber Titel: De polyarticulaire buikspieren Jaargang: 16 Jaartal: 1996 Nummer: 3 Oorspronkelijke paginanummers: 119-133 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding, vrij gebruikt
Oefenprogramma Core Stability
Oefenprogramma Core Stability Een woordje uitleg Wat wordt er eigenlijk bedoeld met Core? Dit is in feite het gebied van de rug, de buik en het bekken. De romp is het centrum van de functionele bewegingsketen
SEO. Beelden op te slaan voor SEO protocol 2.0
SEO Beelden op te slaan voor SEO protocol 2.0 beeldkwaliteit het logboek bestaat grotendeels uit optimale beelden, het is niet de verwachting dat deze kwaliteit van de beelden bij iedere zwangere te bereiken
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 17e jrg 1999, no. 2 (pp )
Auteur(s): H. Faber, B. van der Zwaard Titel: Osteokinematica van het schoudercomplex bij elevatie van de arm Jaargang: 17 Jaartal: 1999 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 43-60 Deze online uitgave
Cursus Ontspanningsmassage. Bijlage spieren. Trapezius
Cursus Ontspanningsmassage Bijlage spieren. Trapezius De trapezius (monnikskapspier) is een ruitvormige spier boven aan de achterkant van het lichaam. De trapezius loopt van de schedelbasis tot aan het
- duidelijkheid in terminologie: - overzicht van begrippen - opbouw in het verhaal - aangeven welke begrippen verwarring kunnen veroorzaken
Voorwoord De aanleiding voor het beginnen van het project met dit onderwerp was de onduidelijkheid die vaak optreedt bij het begrip zelfstudie. Er wordt van de studenten vereist dat zij door middel van
Symposium : Rheumatologie : Dr. Vandevyvere Klaas. 01-03-11
Symposium : Rheumatologie : Dr. Vandevyvere Klaas. 01-03-11 Kinesitherapeutisch onderzoek : Voorwoord : Bij de Ziekte van Bechterew of Spondylitis ankylosans(sa) denken we snel aan de bamboospine, een
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 21 e jrg 2003, no. 4 (pp )
Auteur(s): C. Riezebos Titel: De arm als open en gesloten kinematische keten Jaargang: 21 Jaartal: 2003 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 197-228 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Adviezen en oefeningen na een halsklierdissectie. (verwijderen van de lymfeklieren uit de hals)
Adviezen en oefeningen na een halsklierdissectie (verwijderen van de lymfeklieren uit de hals) Inhoudsopgave A. Inleiding... 1 B. Verloop van het herstel... 2 C. Adviezen voor het dagelijks leven... 2
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 7e jrg 1989, no. 2 (pp )
Auteur(s): A. Lagerberg, F. Krijgsman, C. Riezebos Titel: Lengtespanningstesten van polyarticulaire spieren Jaargang: 7 Jaartal: 1989 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 92-108 Deze online uitgave
Veel voorkomende specifieke rugaandoeningen zijn een lumbale hernia en een wervelkanaal vernauwing.
(Chronische) lage rugklachten en rompstabiliteit Zeven tot acht op tien personen krijgen ooit te maken met (a)specifieke lage rugpijn. Aspecifieke rugklachten zijn te definiëren als pijn in het gebied
Verdiepingsmodule. Vaardigheid schouderonderzoek. Schoudersklachten: Vaardigheid schouderonderzoek. 1. Toelichting. 2. Doel, doelgroep en tijdsduur
Schoudersklachten: 1. Toelichting Deze verdiepingsmodule is gebaseerd op de NHG Standaard van oktober 2008 (tweede herziening). De anatomie van de schouder is globaal wel bekend bij de huisarts. Veelal
ADVIEZEN EN OEFENINGEN NA HALSKLIERDISSECTIE (VERWIJDEREN VAN LYMFEKLIEREN UIT DE HALS) Ontwikkeld door de :
ADVIEZEN EN OEFENINGEN NA HALSKLIERDISSECTIE (VERWIJDEREN VAN LYMFEKLIEREN UIT DE HALS) Ontwikkeld door de : Gevolgen van de operatie Door de operatie is de nek en of schouder vaak pijnlijk. Na het verwijderen
Positieafhankelijke draaiduizeligheid
Positieafhankelijke draaiduizeligheid Benigne Paroxysmale Positie Duizeligheid (BPPD) Bij u is de diagnose Benigne Paroxysmale Positie Duizeligheid (BPPD) gesteld door de Neuroloog of KNO-arts. In deze
Bekkenkanteling: maak afwisselend een bolle- en holle rug, waarbij romp en hoofd stil blijven liggen op de onderlaag.
www.gezondbewegen.nl Rugoefeningen Algemene adviezen: Creëer een vaste plaats en een vast tijdstip en voer de oefeningen twee keer per dag uit Realiseer u, indien de klachten verminderd of verdwenen zijn,
Het doorbewegen bij een dwarslaesie. Paraplegie
Het doorbewegen bij een dwarslaesie Paraplegie Inhoud Inleiding 3 Algemene opmerkingen 3 Zelfstandig doorbewegen 5 Doorbewegen door een hulppersoon 11 Colofon 20 Inleiding In deze brochure laten we de
B.A.S.S. (Belgium's-A-StaticScience) ESD prevention - IEC 61340-5-1/5-2
ERGONOMIE 1. Het belang van gezond zitten Vooraleer we ons verdiepen in de werking van de Axia -stoelen, moet er even stilgestaan worden bij de biomechanica van het lichaam. Het is immers onmogelijk uit
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 17e jrg 1999, no. 4 (pp. 220-236)
Auteur(s): H. van Holstein, E. Koes Titel: Beperking van het onderste spronggewricht en knieklachten Jaargang: 17 Jaartal: 1999 Nummer: 4 Oorspronkelijke paginanummers: 220-236 Deze online uitgave mag,
Versus Tijdschrift voor Fysiotherapie, 21 e jrg 2003, no. 5 (pp )
Auteur(s): A. Lagerberg, C. Riezebos Titel: Vorm en beweging van de wervelkolom Jaargang: 21 Jaartal: 2003 Nummer: 5 Oorspronkelijke paginanummers: 264-289 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Auteur(s): Lagerberg A, Riezebos C Titel: Ganganalyse van een poliopatiënt Jaargang: 15 Jaartal: 1997 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 6-15
Auteur(s): Lagerberg A, Riezebos C Titel: Ganganalyse van een poliopatiënt Jaargang: 15 Jaartal: 1997 Nummer: 1 Oorspronkelijke paginanummers: 6-15 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Auteur(s): A. Lagerberg, H. Faber Titel: Fitness, kracht en lenigheid Jaargang: 14 Jaartal: 1996 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 79-91
Auteur(s): A. Lagerberg, H. Faber Titel: Fitness, kracht en lenigheid Jaargang: 14 Jaartal: 1996 Nummer: 2 Oorspronkelijke paginanummers: 79-91 Deze online uitgave mag, onder duidelijke bronvermelding,
Opgave 2 Een kracht heeft een grootte, een richting en een aangrijpingspunt.
Uitwerkingen 1 Opgave 1 Het aangrijpingspunt van een kracht is de plaats waar de kracht op het voorwerp werkt. De werklijn van een kracht is de denkbeeldige (rechte) lijn die samenvalt met de bijbehorende
Oefenvragen les 7. 1) Wat voor soort gewricht is het art radiocarpea? A) Eigewricht B) Kogelgewricht C) Lengtescharnier D) Zadelgewricht
1) Wat voor soort gewricht is het art radiocarpea? A) Eigewricht B) Kogelgewricht C) Lengtescharnier D) Zadelgewricht Oefenvragen les 7 2) Hoe is een ware rib (costavera) met de wervelkolom verbonden?
Statische stretching
Statische stretching We hebben een aantal statische stretchoefeningen op een rijtje gezet, gesorteerd op welke spieren je stretcht: 1. arm- en schouderspieren 2. onderarmen 3. borstspieren 4. schouders,
Controle van de romp bij lagerugpijnpatiënten
Controle van de romp bij lagerugpijnpatiënten In hoofdstuk 1 worden de achtergrond en de doelen van mijn onderzoek beschreven. Lage rugpijn is een belangrijk maatschappelijk probleem, zowel op het gebied
1- Stretchen Flexie - Sets:3 / Vasthouden:10sec / Rust:10sec. 2- Passieve ROM Extensie - Sets:3 / Vasthouden:10sec / Rust:10sec.
Notities: 1- Stretchen Flexie - Sets:3 / Vasthouden:10sec / Rust:10sec Ga op handen en knieën liggen (vierpuntspositie) met je knieën recht onder je heupen en je handen recht onder je schouders. Je rug
Afdeling revalidatie. De wervelfractuur
Afdeling revalidatie De wervelfractuur Deze folder geeft algemene informatie over de behandeling bij een (in)stabiele wervelfractuur. Deze folder geeft aan hoe de meeste patiënten kunnen worden behandeld,
Romphouding en Beweeglijkheid Bureaustoel versus Flexchair
Romphouding en Beweeglijkheid Bureaustoel versus Flexchair Thijs Hartveld Stagiair McRoberts Opleiding Bewegingstechnologie Den Haag Februari 2013 Achtergrond Veldon VelDon is gestart met een dynamisch
