Stichting SURF Jaarplan en Begroting 2011

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Stichting SURF Jaarplan en Begroting 2011"

Transcriptie

1 Stichting SURF Jaarplan en Begroting 2011 Utrecht, 18 november 2010 SURF Versienummer 1.0

2

3 Inhoud Jaarplan 2011 Voorwoord 5 Inleiding 7 1 Platform ICT en Onderwijs 9 Inleiding Innovatieprogramma s en projecten Toetsing en Toetsgestuurd Leren Studiekeuzegesprekken Nationaal Actieplan e-learning Open Educational Resources Digitale Leer- en Werkomgeving e-accessibility Professionaliseren SURFacademy De Onderwijsdagen Creëren en faciliteren van netwerken Special Interest Groups Studiereizen Communicatie en relatiebeheer Informatie beschikbaar stellen Catalogus projectresultaten SURFspace Evaluatie en inzicht in impact Verkennen en signaleren Begroting 39 2 Platform ICT en Onderzoek 40 Inleiding SURFshare programma Selectie en implementatie van een landelijk onderzoeksinformatiesysteem Onderzoek naar het gebruik van repositories Europese projecten Overige activiteiten Activiteiten SURFshare programma Selectie en implementatie van een landelijk onderzoeksinformatiesysteem Onderzoek naar het gebruik van repositories Europese projecten Overige activiteiten Begroting 55 3 Platform ICT en Bedrijfsvoering 56 Inleiding Onderwijslogistiek Organiseren van ondersteuning vraagsturing in onderwijslogistiek Onderwijsplanning- en roostering Ontsluiting van opleidings- en vakinformatie SISlink-conferentie Beveiliging, Identity Management en Security (BIS) SURFaudit 66 3

4 3.2.2 Privacy Identity & Access Management Kennisdisseminatie Security jaarcongres Leidraden en Best Practices Groene ICT en duurzame ontwikkeling ICT Governance Sourcing Begroting 76 4 Internationale Zaken 77 Inleiding Profilering van Nederlandse aanpak en ICT oplossingen Kennisverwerving (en deling) via branche- en expertise organisaties Strategische partnerschappen Internationale radarfunctie Europa Begroting 81 5 Innovatieprogramma SURFdiensten 82 Inleiding Thema s Activiteiten in SURFworks 84 7 SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma 87 8 GigaPort E-Science Research Center Commissie Projectbewaking Wetenschappelijk Technische Raad Samenstelling van de WTR Activiteiten WTR Bedrijfsbureau 94 Inleiding Bedrijfsvoering algemeen ICT Communicatie Inleiding Externe (Corporate) Communicatie SURF Interne (Corporate) Communicatie van SURF Externe Communicatie SURFfoundation Interne Communicatie SURFfoundation Financiën Personeelszaken Facilitaire dienstverlening Begroting 99 Begroting Bijlage A 107 Bijlage B 113 Bijlage C 115 4

5 Voorwoord Stichting SURF is de samenwerkingsorganisatie van het hoger onderwijs en onderzoek op het gebied van netwerkdienstverlening en informatie- en communicatietechnologie (ICT) in Nederland. In SURF werken de universiteiten, hogescholen, researchcentra en de centra voor documentaire informatievoorziening samen met SURFfoundation, SURFnet en SURFdiensten. De missie van SURF is het exploiteren en innoveren van een gezamenlijke geavanceerde ICTinfrastructuur, zodat de mogelijkheden die ICT biedt om de kwaliteit van het hoger onderwijs en onderzoek te verbeteren ten volle worden benut. Dit met name op die terreinen waar door samenwerking resultaten kunnen worden bereikt die de mogelijkheden van individuele instellingen overstijgen. Om haar missie zo goed mogelijk te realiseren, worden de innovatie-activiteiten belegd en gefinancierd door Stichting SURF, terwijl de dienstverlening is belegd bij SURFnet en SURFdiensten, twee besloten vennootschappen in volledig eigendom van Stichting SURF. Stichting SURF kent als statutaire organen het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de Wetenschappelijk Technische Raad. Jaarplan 2011 Het jaarplan begint met een inleidend deel over de algemene koers voor 2011 en de relatie met het lopende en komende SURF-Meerjarenplan. In dit inleidende deel worden de hoofdthema s genoemd die richting geven aan de activiteiten van SURF in De activiteiten van SURF zijn geclusterd in drie platforms bij SURFfoundation, rondom onderzoek, onderwijs en organisatie. In de hoofdstukken 1, 2, 3, en 4 worden de plannen voor 2011 van deze platforms en programma s geschetst. De plannen worden afgesloten met de jaarbegroting voor het betreffende platform. Gestart wordt met de plannen van het platform ICT en Onderwijs. De inleiding van dit hoofdstuk heeft een algemeen karakter en is ook op de andere platforms van toepassing. In de hoofdstukken 5 t/m 8 worden de innovatieprojecten beschreven die bij SURFnet en SURFdiensten in uitvoering zijn. In hoofdstuk 9 worden de plannen beschreven rondom de oprichting van het e-science Research Center en de bijdrage van SURF hier aan. De activiteiten van de Commissie Projectbewaking, de Wetenschappelijk Technische Raad (WTR) en van het Bedrijfsbureau van SURF worden respectievelijk in hoofdstuk 10, 11 en 12 behandeld. Begroting 2011 Aansluitend aan het jaarplan volgt de begroting Hierin zijn respectievelijk opgenomen: de samenvattende begroting 2011 voor SURFfoundation, een exploitatieoverzicht van de overige onderdelen, alsmede een overzicht van de OHW posities van de projecten en van de reserves van de stichting. Bijlage A bevat een recent overzicht van de samenstelling van de organen en besturen van Stichting SURF en SURFfoundation. De bijdrage van de SURF-participanten in de samenwerkingskosten 2011 zijn te vinden in bijlage B. In bijlage C is een lijst met veelgebruikte afkortingen opgenomen. 5

6

7 Inleiding In 2011 start voor SURF de nieuwe meerjarenplan periode De activiteiten in 2011 kenmerken zich daarom in hoge mate doordat invulling gegeven wordt aan de thema s uit het nieuwe Meerjarenplan: Samen excelleren. Bij de invulling van de MJP-thema s gelden een aantal algemene uitgangspunten. De belangrijkste worden hier genoemd. Meer dan voorheen zal er zal binnen SURF (zowel binnen SURFfoundation als tussen de dochters) moeten worden samengewerkt bij het plannen van nieuwe innovatieactiviteiten. Bij het opstellen van de jaarplannen van de verschillende platforms en werkmaatschappijen zijn daarom de MJP-thema s leidend geweest en is waar nodig gekozen voor taakverdeling en afstemming. Deze intensieve samenwerking zal door de directies van de werkmaatschappijen de komende jaren worden doorgezet. Nieuwe thema s aanpakken betekent ook dat, waar dat passend is, bestaande activiteiten moeten worden afgebouwd. Er zullen modellen, hulpmiddelen en expertise moeten worden opgebouwd als het gaat om het afbouwen van oude of lopende initiatieven. De afronding van een initiatief moet onderdeel zijn van plannen en voorstellen. SURF is in toenemende mate een centrum waar de expertise die nationaal en internationaal aanwezig is wordt gebundeld en doorgegeven. Behalve de bestaande activiteiten in expertise-communities zal dat worden vormgegeven in het uitbrengen van white papers over belangrijke onderwerpen. Daarnaast zal steeds vaker een innovatieprogramma worden begeleid door professionaliseringsactiviteiten in de SURFacademy. De internationale activiteiten van SURFfoundation waren tot nu toe georganiseerd als platform overstijgende activiteit, met een van de platforms als penvoerder. Om beter sturing te kunnen geven aan de internationale activiteiten zijn zij vanaf 2011 georganiseerd in een apart programma met een eigen jaarplan en begroting. Ten slotte: het blijkt dat medewerkers van instellingen vaak moeite hebben met het onderscheid tussen SURF en de verschillende werkmaatschappijen. Dit vraagt om een meer coördinatie van communicatie-uitingen op holding niveau. In deze inleiding zullen de belangrijkste activiteiten van 2011 kort worden besproken aan de hand van de thema s uit het MJP/ Het optimaliseren van beveiligings- en privacyaspecten in de digitale wereld Het platform ICT en Bedrijfsvoering werkt samen met SURFnet aan het BIS-programma waarin een expertisenetwerk en een knowledge-base met een toolbox voor het uitvoeren van scans en audits, en best practices op het terrein van informatiebeveiliging. Het platform richt daarbij vooral op de beveiligingsaudits. SURFaudit is in de afgelopen jaren voorbereid en uitgestest in de pilotfase en zal nu sectorbreed ingezet worden als instrument voor de verbetering van informatiebeveiliging bij alle instellingen. SURFnet en SURFfoundation zijn samen in 2010 gestart om een juridische kennisbank op te zetten waar bij privacy een van de eerste onderwerpen is. De kennisbank is primair bedoeld voor de instellingen, maar is ook daar buiten beschikbaar. Dit project bouwt voort op de kennis en ervaring die is opgebouwd in het SURFdirect project. Alternatieve vormen van sourcing en duurzaamheid bevorderen Duurzaamheid is een omvattend thema dat in verschillende programma s zijn plaats moet krijgen. Het platform ICT en Bedrijfsvoering zal in 2011 in samenwerking met het het Agentschap.nl werken aan een programma om het energiegebruik instellingen inzichtelijk te maken en hieruit best practices te ontwikkelen. Het bieden van een infrastructuur voor digitale content De Europese Commissie hecht steeds meer belang aan openheid van met publieke middelen gefinancierd onderzoek. Daarvoor nodigen ze partijen uit om met projecten bijdragen te leveren dit zo goed mogelijk te realiseren en met een goede kennisinfrastructuur te 7

8 faciliteren. SURF heeft inmiddels belangstelling gewekt in Brussel voor zijn initiatief om een accreditatiesysteem op te zetten ten behoeve van Open Access wetenschappelijke tijdschriften. Het platform ICT en Onderzoek zal hier in 2011 vervolg aan geven. Het lopende SURFshare programma van het platform ICT en Onderzoek sluit direct aan bij dit MJP-thema. Het programma richt zich op het organiseren van laagdrempelige voorzieningen voor communicatie, samenwerking, (niet publieke) dataopslag en publieke presentatie van onderzoek. Bijzondere aandacht zal in 2011 uitgaan naar de invoering van een onderzoeksinformatiesysteem voor universiteiten, universitaire medische centra en HBOinstellingen, waarvoor eind 2010 een Europese aanbesteding wordt gepland die in 2011 moet leiden tot de eerste (pilot)implementaties bij de instellingen. De aanbesteding is voorbereid vanuit het SURFshare programma maar de implementatie van een systeem zal in 2011 in een zelfstandig project worden ondergebracht. Ontwikkelen van een nationale transparante en competitieve ICT- onderzoeksinfrastructuur SURF zal in samenwerking met NWO zorgen voor het realiseren van de noodzakelijk randvoorwaarden opdat het e-science Research Center (esrc) daadwerkelijk van start kan gaan. Daarnaast worden support maatregelen genomen zodat activiteiten op het gebied van capacity computing en Grid voorzieningen die nu projectmatig gesubsidieerd worden een meer structureler karakter kunnen krijgen. In 2011 worden ook de activiteiten voortgezet op de vorming van een SURF werkmaatschappij gericht op het bieden van computer en data faciciliteiten voor wetenschappelijk onderzoek. De werkelijke oprichting van een dergelijke werkmaatschappij is afhankleijk van het beschikbaar komen van de benodigde financiering. Technology Enhanced Education, verhogen kwaliteit en rendement in hoger onderwijs In het platform ICT en Bedrijfsvoering wordt een meerjarig programma uitgevoerd gericht op het brede onderwerp onderwijslogistiek Het programma beoogt daar waar mogelijk onderwijsondersteunende processen beter toegankelijk te maken voor medewerkers en door slim gebruik van ICT te komen tot een verlichting van organisatorische en administratieve lasten voor studenten, docenten en medewerkers. De basisbehoefte van studenten, docenten en onderzoekers van uiteenlopende disciplines om samen te kunnen werken komt voor een groot deel overeen. Daarom werken de platforms ICT en Bedrijfsvoering, ICT en Onderzoek, ICT en Onderwijs en SURFnet samen binnen het innovatieprogramma Digitale Leer- en Werkomgeving. SURF kan samen met de instellingen inventariseren welke diensten generiek zijn, en onderzoeken of een dergelijke voorzieningen voor het hoger onderwijs wellicht zou moeten worden aangeboden. Het platform ICT en Onderwijs geeft in 2011 invulling aan het programma Toetsing en Toetsgestuurd Leren. Het programma beoogt een impuls te geven aan de ontwikkeling en inzet van digitaal toetsen in het hoger onderwijs. Daarnaast levert het een bijdrage aan de kwaliteit van toetsing door kennis over toetsen te ontwikkelen, te bundelen en beschikbaar te stellen in een landelijk expertisenetwerk. Een nationale technische infrastructuur biedt onderdak aan succesvolle nationale initiatieven op het gebied van toetsing en bijspijkeren. Het aanbieden van kosteneffectieve professionele shared services SURF zal in 2011 zorgen voor het operationeel worden van een nieuwe werkmaatschappij: SURF Shared Professional Services (SURFsps). De werkmaatshappij zal starten met het bieden van de gevraagde ondersteunende diensten voor Studielink en Studiekeuze123 starten. Om een dergelijke werkmaatschappij levensvatbaar te maken zullen ook andere partijen worden gezocht die van vergelijkbare diensten gebruik zouden willen maken. 8

9 1 Platform ICT en Onderwijs Inleiding Uitgangspunt voor het Jaarplan 2011 van het Platform ICT en Onderwijs is het SURF Meerjarenplan Het Meerjarenplan geeft een beeld van de ontwikkelingen die het hoger onderwijs en onderzoek op het terrein van ICT te wachten staan voor de periode , en belicht de prioriteiten die SURF voor deze periode stelt. Het Jaarplan van het Platform ICT en Onderwijs vertaalt deze algemene ambities in doelstellingen en concrete activiteiten voor Missie De missie van het Platform ICT en Onderwijs is het verhogen van de kwaliteit van het hoger onderwijs door ICT-innovatie. Door samen te werken in SURF realiseren de hogeronderwijsinstellingen vernieuwingen die het belang van een individuele instelling overstijgen. Instrumenten voor innovatie Om invulling te geven aan deze missie wil het Platform ICT en Onderwijs een stimulerende omgeving voor onderwijsprofessionals bieden, en innovatieprocessen in gang zetten en faciliteren. In dat proces vervult het Platform ICT en Onderwijs - in samenwerking met de Platforms Organisatie en Onderzoek, SURFnet en SURFdiensten - verschillende rollen: verkennen en signaleren, verzamelen en beschikbaar stellen van informatie, creëren en faciliteren van netwerken, professionaliseren, uitvoeren van innovatieprogramma s en projecten, en het stimuleren van implementatie. Innovatie is geen lineair proces, dat loopt van het signaleren van nieuwe kansen naar het implementeren van ontwikkelde instrumenten. Het Platform ICT en Onderwijs bepaalt, in nauwe samenwerking met de instellingen, op verschillende momenten in innovatietrajecten welke rollen en instrumenten het meest passend zijn om de instellingen zo goed mogelijk te faciliteren. Een belangrijke taak van het platform ICT en Onderwijs is het uitvoeren van innovatieprogramma s en projecten. Binnen deze programma s spelen de instrumenten en rollen van het platform een belangrijke en ondersteunende rol. Het Platform zorgt ervoor dat er een voortdurende wisselwerking bestaat tussen de verschillende activiteiten, en dat de activiteiten in samenhang worden uitgevoerd. 9

10 Figuur 1: de verschillende rollen die SURF vervult om de kwaliteit van het Nederlandse Hoger Onderwijs met behulp van ICT te verbeteren 1. Uitvoeren van subsidie- en innovatieprogramma s SURF voert samen met instellingen voor hoger onderwijs subsidie- en innovatieprogramma s uit. SURF stelt instellingen in staat projecten uit te voeren door projectsubsidies beschikbaar te stellen. In de projecten ontwikkelen SURF en de instellingen diverse diensten en producten die beschikbaar zijn voor het hoger onderwijs als geheel. In 2011 worden verschillende programma s uitgevoerd, gericht op het verhogen van studiesucces: Toetsing en Toetsgestuurd Leren, Nationaal Actieplan e-learning, Studiekeuzegesprekken, wat werkt? Daarnaast worden programma s uitgevoerd gericht op het faciliteren van leren: Digitale studie- en werkomgeving, Open Educational Resources en e-accessibility. 2. Verkennen en signaleren SURF verkent en signaleert nieuwe ontwikkelingen en mogelijkheden. In 2011 volgen de medewerkers van het Platform ICT en Onderwijs nationale en internationale ontwikkelingen en nemen waar relevant het initiatief tot het schrijven van een white paper met een visie op het onderwerp. 3. Creëren en faciliteren van netwerken Het Platform ICT en Onderwijs creëert en faciliteert netwerken van mensen rondom specifieke thema s. Deze netwerken zorgen ervoor dat experts en innovators een klankbord vinden bij hun collega s van andere onderwijsinstellingen. In 2011 worden vier Special Interest Groups gefaciliteerd vanuit het Platform ICT en Onderwijs, die direct ondersteunend zijn aan de inhoudelijke thema s van 2011: toetsing, digitale studie- en werkomgeving, Open Educational Resources en het faciliteren van studenten met een functiebeperking. Daarnaast wordt geïnvesteerd in SURFspace, de portal voor professionals op het gebied van ICT en onderwijs en onderzoek in het hoger onderwijs. SURFspace wordt een plaats waar zij kennis delen 10

11 en kennis vinden over ICT-innovatie in het hoger onderwijs en onderzoek. Het is bovendien een voorziening voor en door het veld om met elkaar te netwerken. De investeringen moeten het mogelijk maken dat SURFspace bestaande communities faciliteert en nieuwe communities laat ontstaan. 4. Verzamelen en beschikbaar stellen van informatie Het platform verzamelt kennis en informatie, en stelt deze beschikbaar voor het hoger onderwijs. Op een centrale plek kunnen eenvoudig uiteenlopende soorten informatie worden geraadpleegd, zoals publicaties, projectresultaten, good practices en aankondigingen van bijeenkomsten. In 2011 wordt geïnvesteerd in een infrastructuur die de projectresultaten van subsidieprogramma s en resultaten die voortkomen uit o.a. SURFacademy en de Special Interest Groups op een eenvoudige en eenduidige manier ontsluit voor belangstellenden vanuit het hoger onderwijs. Idealiter worden via deze infrastructuur ook de projectresultaten van andere SURF-onderdelen ontsloten. 5. Professionaliseren Het platform ICT en onderwijs levert een bijdrage aan de professionalisering van medewerkers van hogeronderwijsinstellingen, met een aanbod dat is samengesteld uit de kennis en ervaring die de instellingen gezamenlijk hebben opgedaan. In 2011 biedt het platform een kwalitatief hoogwaardig professionaliseringsprogramma aan binnen SURFacademy. De programmering is afgestemd op de inhoudelijke thema s uit het Jaarplan 2011 en het SURF Meerjarenplan. De Onderwijsdagen bieden een overzicht van de nieuwste ontwikkelingen en trends, en de mogelijkheid om kennis te nemen van succesvolle toepassingen van ICT in het onderwijs. 6. Stimuleren van implementatie SURF stimuleert en faciliteert de implementatie en exploitatie van succesvolle innovatieprojecten binnen het hoger onderwijs. 11

12 1.1 Innovatieprogramma s en projecten In 2011 voert het Platform ICT en Onderwijs zes innovatieprogramma s uit die zich richten op het verhogen van studiesucces en het faciliteren van leren. De subsidieprogramma s Toetsing en Toetsgestuurd Leren, Nationaal Actieplan e-learning en Studiekeuzegesprekken, wat werkt? bieden onderwijsinstellingen de mogelijkheid projecten uit te voeren die door de inzet van ICT een bijdrage leveren aan het verbeteren van het studiesucces van studenten. De programma s richten zich ieder op verschillende aspecten van de aansluitingsproblematiek. Subsidieprogramma s zijn een krachtig middel om innovatie te stimuleren. Met behulp van projectsubsidies kunnen innovatieve ideeën daadwerkelijk vorm krijgen, en wordt het mogelijk om succesvolle resultaten van kleinschalige projecten op te schalen. Daarnaast zet het Platform ICT en Onderwijs in op het faciliteren van leren, met de innovatieprogramma s Open Educational Resources en e-accessibility, voor studenten met een functiebeperking. Voor deze innovatieprogramma s is (nog) geen subsidie beschikbaar. Het platform werkt in deze programma s samen met de instellingen voor hoger onderwijs aan kennisdeling en professionalisering, en spant zich in om ook voor deze programma s subsidie te verwerven. Het Platform ICT en Onderwijs particitpeert in het innovatieprogramma Digitale Studie- en Werkomgeving van SURF. Dit programma richt zich voor een belangrijk deel op onderwijslogistieke vragen, en wordt daarom binnen het Platform ICT en Bedrijfsvoering uitgevoerd. De activiteiten van het Platform ICT en Onderwijs, meer gericht op didactiek en de vragen van docenten, zijn daarin ondersteunend en aanvullend. 12

13 1.1.1 Toetsing en Toetsgestuurd Leren Het programma Toetsing en Toetsgestuurd Leren is een subsidieprogramma met een looptijd van vier jaar, met een totaal budget van Het programma is gestart in het najaar van 2010, en biedt instellingen voor hoger onderwijs de gelegenheid met projectsubsidies in samenwerking succesvolle initiatieven op het gebied van digitaal toetsen op te schalen. De beschikbare subsidie wordt in twee subsidierondes toegekend aan instellingen voor hoger onderwijs. In 2010 is een eerste tender uitgeschreven, in 2011 wordt de tweede tender uitgeschreven. Het programma geeft een impuls aan de ontwikkeling en inzet van digitaal toetsen in het hoger onderwijs. Daarnaast levert het een bijdrage aan de kwaliteit van toetsing door kennis over toetsen te ontwikkelen, te bundelen en beschikbaar te stellen in een landelijk expertisenetwerk. Een nationale technische infrastructuur biedt onderdak aan succesvolle nationale initiatieven op het gebied van toetsing en bijspijkeren. Het programma levert resultaten op het gebied van digitaal toetsen op, die beschikbaar zijn voor het hele hoger onderwijs. Daarnaast levert het programma een professionaliseringsprogramma en good practices rondom de kwaliteit van toetsen op. Doelstellingen 1. Verminderen van de studie-uitval van studenten in het hoger onderwijs, door: - verbeteren van de aansluiting van het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs op het hoger onderwijs, door gezamenlijk diagnostische toetsen en bijspijker- en opfrismateriaal te ontwikkelen; - verbeteren van de voortgang van studenten door het inzetten van voortgangstoetsen; - verbeteren van de aansluiting van het hoger onderwijs naar het werkveld, door gezamenlijk toetsbanken te ontwikkelen die bijvoorbeeld kunnen worden ingezet ter voorbereiding op stages. 2. Verminderen van de werkdruk van docenten, door: - verminderen van ontwikkeltijd van toetsen door in samenwerkingsverbanden van docenten van verschillende instellingen kwalitatief goede digitale toetsbanken te ontwikkelen; - verminderen van de nakijktijd van toetsen door inzet van digitaal toetsen, waarmee resultaten geautomatiseerd gecontroleerd kunnen worden; - verminderen van de investering in het bijspijkeren van studenten die over onvoldoende voorkennis beschikken om een cursus met succes af te ronden, door bijspijkermateriaal van goede kwaliteit online beschikbaar te stellen zodat studenten hun kennis zelfstandig kunnen bijspijkeren; - aanbieden van expertise en professionalisering op het gebied van toetsing voor docenten, en ondersteuning bij het gezamenlijk ontwikkelen van toetsbanken. 13

14 3. Verbeteren van de kwaliteit van toetsen in het hoger onderwijs, door praktijkonderzoek te doen naar bijvoorbeeld: - effecten van digitaal toetsen en toetsgestuurd leren op vermindering van studieuitval en werkdruk van docenten; - optimaliseren van het kwaliteitszorgproces rondom toetsen en toetsbanken; - optimaliseren van automatisch gegenereerde feedback; - benchmarking en longitudinaal onderzoek; - de huidige kwaliteitsborging van toetsing in het hoger onderwijs, gericht op het formuleren van maatregelen ter verbetering; - identificeren van toetsitems die niet betrouwbaar en/of valide zijn. 4. Bundeling van bestaande nationale toets- en bijspijkerprojecten, door: - Het onderzoeken of een nationale technische infrastructuur een meerwaarde vormt voor nationale toets- en bijspijkerprojecten, en voorziet in een behoefte; - Indien dat zo is, het in samenspraak met belanghebbenden formuleren van de specificaties voor een nationale technische infrastructuur waar succesvolle, nationale toets- en bijspijkerprojecten een plek vinden; - het uitvoeren van een aanbesteding voor de nationale technische infrastructuur volgens de opgestelde specificaties; - het opstellen van een businessmodel voor duurzame exploitatie van de nationale technische infra- en beheerstructuur; - het ondersteunen van projecten bij de migratie naar de nationale technische infrastructuur. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN begeleiding geselecteerde projecten uit eerste subsidieronde begeleiding projectleiders in uitvoering projecten 2. inrichten expertisenetwerk benoemen deskundigenpanel voor inhoudelijke ondersteuning projectmanager voor het ondersteunen van de community gebruik maken van vernieuwde SURFspace zoals die ontwikkeld wordt in het najaar van 2010 gebruik maken van de projectcatalogus voor het beschikbaar stellen van resultaten/beschrijvingen en handreikingen rondom toetsen voorbereiden en organiseren diverse bijeenkomsten projectleiders en deskundigenpanel, zowel voor training/ondersteuning projectleiders als voor onderhoud en aanvullen portal opzet en uitvoering professionaliseringsprogramma binnen SURFacademy planning bijdragen aan congressen, zoals de Onderwijsdagen 3. Onderzoeken van de wenselijkheid voor het inrichten technische infrastructuur Behoefteonderzoek onder deelnemende projecten realiseren plan van aanpak opstellen specificaties infrastructuur uitvoeren aanbesteding realiseren samenwerking met platform organisatie standaarden 4. uitvoeren tweede subsidieronde uitschrijven tender organiseren beoordelingsprocedure Personele inzet 2011: 2,3 FTE Financiële inzet 2011:

15 1.1.2 Studiekeuzegesprekken Het programma `Studiekeuzegesprekken, wat werkt? is een subsidieprogramma met een totaal budget van voor de periode Het programma biedt instellingen voor hoger onderwijs de gelegenheid te experimenteren met het voeren van studiekeuzegesprekken middels projectsubsidies. De beschikbare subsidie is in drie rondes toegekend, in 2009 en In totaal worden 28 projecten binnen het programma uitgevoerd, waarvan in 2011 nog achttien projecten lopen. De projecten leveren praktijkbeschrijvingen op van het voeren van studiekeuzegesprekken binnen verschillende contexten van het hoger onderwijs. Op basis van deze beschrijvingen laat SURF een cross-case analyse uitvoeren die zoekt naar patronen in succesvolle arrangementen. Daarnaast leveren de projecten concrete instrumenten op die relevant zijn voor de uitvoering van de gesprekken, zoals gespreksprotocollen, voorbeeld uitnodigingsbrieven, onderzoek naar risicoprofielen voor studieuitval etc. De praktijkbeschrijvingen en instrumenten zijn beschikbaar voor alle instellingen voor hoger onderwijs. In 2011 staat de afsluiting van het programma en verzilvering van de opbrengsten centraal. Doelstellingen Het programma `Studiekeuzegesprekken, wat werkt? wil instellingen voor hoger onderwijs inzicht bieden in manieren waarop studiekeuzegesprekken met aankomende studenten georganiseerd kunnen worden, en concrete handvaten en instrumenten opleveren voor het uitvoeren van studiekeuzegesprekken. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN begeleiding afronding subsidieprojecten voortgangsbewaking en formele afronding van 18 nog lopende projecten (tweede en derde tender), deels in samenwerking met Commissie Projectbewaking begeleiding van projectleiders bij toepassing van formats voor praktijkbeschrijvingen en effectmeting faciliteren van community van projectleiders (online werkomgeving etc.) 2. oplevering cross-case analyse nameting naar kwantitatieve effecten van studiekeuzegesprekken op studiesucces (m.b.t. projecten eerste tender) tweede analyseslag: verifiëren van initiële hypotheses aan de hand van uitkomsten tweede tenderronde breed presenteren van conclusies cross-case analyse, o.a. in begeleidingscommissie met OCW, VSNU en HBO-raad 15

16 3. beschikbaar stellen projectresultaten online ontsluiten van opgeleverde praktijkbeschrijvingen en overige documentatie communicatieplan voor bekendmaking van beschikbaarheid projectresultaten 4. afsluiting programma presentatie van eindconclusies bij stakeholders (HO-bestuurders en politiek) promotie van programmaresultaten op relevante congressen en in vakbladen organisatie van een afsluitend symposium evt. herhaling van de SURFacademy activiteiten op dit themagebied financiële en inhoudelijke eindverantwoording naar opdrachtgever OCW Personele inzet 2011: 0,5 FTE Financiële inzet 2011:

17 1.1.3 Nationaal Actieplan e-learning Het Nationaal Actieplan e-learning is een subsidieprogramma met een budget van voor de periode Het programma biedt instellingen voor hoger onderwijs de mogelijkheid om (opschalings)projecten uit te voeren gericht op het verbeteren van het studiesucces en het verbeteren van de in- door- en uitstroom van studenten in het hoger onderwijs. De projectsubsidies zijn in drie rondes uitgekeerd: in 2006, 2007 en In totaal zijn er 22 projecten uitgevoerd. De 13 projecten uit de eerste twee rondes zijn in 2009 en 2010 afgerond. In 2011 worden de laatste negen projecten afgerond. De resultaten van het Nationaal Actieplan e-learning zijn beschikbaar voor het hele hoger onderwijs. De projectleiders hebben hun eigen verantwoordelijkheid voor het verspreiden van hun projectresultaten. Daarnaast stelt SURF de beschrijvingen en resultaten van alle projecten beschikbaar via de projectcatalogus. Ook organiseert SURF verschillende activiteiten om de resultaten onder de aandacht van een brede groep stakeholders te brengen, waaronder publicaties over effectmeting en behaalde resultaten en een slotsymposium. Het programmamanagement van het Nationaal Actieplan e-learning faciliteert verschillende professionaliseringsactiviteiten voor projectleiders, waaronder een speciaal voor SURFfoundation ontwikkelde training projectmanagement en ondersteuning van projectleiders bij het uitvoeren van de effectmeting. Doelstellingen Het Nationaal Actieplan e-learning wil een bijdrage leveren aan het verhogen van het studiesucces van studenten in het hoger onderwijs. De binnen het programma ontwikkelende oplossingen voor een soepele doorstroom naar en binnen het hoger onderwijs zijn beschikbaar voor alle instellingen voor hoger onderwijs. Door onderzoek te doen naar het effect en de impact van de innovatieprojecten wil het programma inzicht geven in succesfactoren bij de inzet van ICT in het onderwijs. 17

18 ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN begeleiding en afronding subsidieprojecten voortgangsbewaking en formele afronding van de negen projecten nog lopende projecten (tender 2008), in samenwerking met de Commissie Projectbewaking organisatie van twee trainingen projectmanagement voor de projectleiders ondersteuning projectleiders bij het uitvoeren van de effectmeting 2. beschikbaar stellen projectresultaten tender 2008 online ontsluiten van opgeleverde praktijkbeschrijvingen en overige documentatie via projectcatalogus communicatieplan voor bekendmaking van beschikbaarheid projectresultaten 3. beschikbaar stellen resultaten effectmeting projectresultaten opleveren van een artikelenreeks (gedrukt en online) over de impact van de verschillende innovatieprojecten, waarin onder meer de resultaten van de effectmetingen zijn opgenomen breed presenteren van de conclusies, o.a. in interne en externe media en tijdens congressen 4. afsluiting programma presentatie van resultaten en eindconclusies bij stakeholders (o.a. VSNU, HBOraad, OCW) promotie van programmaresultaten in publicatie, op relevante congressen en in vakbladen organisatie van een slotsymposium om de resultaten en impact van het programma onder de aandacht van de stakeholders te brengen eventueel organisatie van een SURFacademy bijeenkomst financiële en inhoudelijke eindverantwoording naar opdrachtgever OCW Personele inzet 2011: 0,7 FTE Financiële inzet 2011:

19 1.1.4 Open Educational Resources In dit geglobaliseerde informatietijdperk zijn onderwijsinstellingen niet meer de enige bron van kennis. Het past daarom in deze tijd dat instellingen hun kennis ook buiten de eigen muren beschikbaar stellen. In navolging van internationale voorbeelden zetten ook Nederlandse onderwijsinstellingen de eerste stappen op het gebied van het vrij beschikbaar stellen van onderwijsmateriaal: Open Educational Resources. Het open beschikbaar stellen van kennis zorgt voor nieuwe ontwikkelingen op veel gebieden. Instellingen kunnen zich onderscheiden door de specifieke vakgebieden waarbinnen zij materialen beschikbaar stellen, en, niet onbelangrijk, de kwaliteit van het materiaal. Het geeft een breed internationaal publiek toegang tot kennis, waar dat voor een deel van dat publiek voorheen wellicht onmogelijk was. Het maakt ook het verrijken van kennis mogelijk: vakgenoten, experts uit de praktijk kunnen het materiaal aanvullen en hergebruiken. Open Educational Resources zetten de deur open voor een inhoudelijke dialoog met de rest van de wereld. Deze ontwikkelingen roepen ook weer nieuwe vragen op. Wat is de rol van een onderwijsinstelling nog als al het onderwijsmateriaal voor iedereen vrij beschikbaar is? Is het financieel haalbaar? En hoe blijft materiaal ook herkenbaar afkomstig van de aanbiedende instelling, ook als het geïntegreerd is in nieuw ontwikkeld materiaal door derden? En hoe kan een instelling intern de kwaliteitszorg van het open materiaal organiseren? En wat is er technisch nodig om cursussen open beschikbaar te stellen? SURF kan instellingen faciliteren bij de visievorming rondom open onderzoeksmaterialen en leermiddelen, bij het ontwikkelingen van productiemodellen en businessmodellen. Daarbij is kennisuitwisseling en het beschikbaar stellen van ontwikkelde kennis van cruciaal belang. Met de HBO Kennisbank, NARCIS en LOREnet biedt SURF voorzieningen om open materialen op nationaal niveau beschikbaar te stellen. SURF kan een rol spelen in het verbeteren van de service rondom het aanbieden van materiaal: hoe blijft vrij beschikbaar materiaal herkenbaar en traceerbaar? Vraagstukken rondom standaardisering, metadatering en auteursrechten kunnen op nationaal niveau aangepakt worden. SURF kan bovendien zorgen voor afstemming met nationale en internationale initiatieven. Binnen het OpenCourseWare Consortium delen wereldwijd honderden instellingen gezamenlijk cursussen met de rest van de wereld, en wisselen zij ervaringen uit. Het project Wikiwijs heeft een landelijk zoekportaal voor open leermiddelen voor het basis- en voortgezet onderwijs opgeleverd. Leermaterialen uit het hoger onderwijs zullen ook via WikiWijs ontsloten kunnen worden. SURF onderhoudt samen met de instellingen contacten met deze intiatieven. 19

20 Doelstellingen Door een Special Interest Group Open Educational Resources op te richten zorgt het Platform ICT en Onderwijs ervoor dat instellingen voor hoger onderwijs kennis kunnen delen en ervaringen kunnen uitwisselen rondom dit onderwerp. Samenwerking van SURF met nationale en internationale initiatieven zoals Wikiwijs en het OpenCourseWare Consortium zorgt voor aanvulling op de kennis die instellingen ontwikkelen. Het ontwikkelen van productiemodellen en businessmodellen voor Open Educational Resources binnen de Special Interest Group verbetert de processen van instellingen die al werken met Open Educational Resources. De beschikbaarheid van modellen en good practices helpt instellingen bij de visievorming rondom Open Educational Resources. Door het op basis van concrete behoefte verbeteren van de huidige nationale infrastructuur en het verbeteren van de service rondom het aanbieden van Open Educational Resources ondersteunt SURF de instellingen voor hoger onderwijs bij het herkenbaar beschikbaar stellen van hun leermaterialen en cursussen. Met behulp van grassrootsprojecten worden instellingen uitgenodigd op kleine schaal te experimenteren met Open Educational Resources. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Verzamelen en ontwikkelen en uitwisselen van kennis Oprichten van een Special Interest Group Open Educational Resources, uitnodigen van inhoudelijk deskundige als vertegenwoordiger van SIG, opbouwen netwerk, opstellen jaarplan Ontwikkelen van productiemodellen voor Open Educational Resources, met aandacht voor aspecten als auteursrechten (samen met SURFDirect), standaardisering, metadatering, kwaliteitszorg Ontwikkelen van businessmodellen voor Open Educational Resources, met aandacht voor opbrengsten als (internationale) contacten, betrokkenheid in onderzoeksprogramma s, (onderzoeks)opdrachten uit bedrijfsleven, en indirecte baten als kwaliteitsverbetering van onderwijs(materiaal) Het beschikbaar stellen van (internationale) modellen en good practices via SURFspace 2. Stimuleren en professionaliseren Beschikbaar stellen van middelen voor het uitvoeren van grassrootsprojecten, waarmee instellingen docenten in de gelegenheid stellen laagdrempelig aan de slag gaan met het beschikbaar stellen en (her)gebruiken van Open Educational Resources. Aanbieden van professionaliseringstrajecten rondom aspecten van Open Educational Resources binnen SURFacademy 3. Verbeteren van de vindbaarheid, interoperabiliteit en toegankelijkheid van Open Educational Resources Vertalen van de landelijke afspraken omtrent standaarden en metadatering naar praktische toepassingen voor instellingen i.s.m. de Special Interest Group Open Educational Resources. Onderzoek naar de mogelijkheid van automatische metadatering van leermiddelen Onderzoek naar de mogelijkheid om er voor te zorgen dat materiaal herkenbaar afkomstig van auteur/instelling en traceerbaar blijft Op basis van concrete behoefte verbeteren van de huidige nationale infrastructuur voor Open Educational Resources. Personele inzet 2011: 0,7 FTE Financiële inzet 2011:

21 1.1.5 Digitale Leer- en Werkomgeving In het Nederlands hoger onderwijs is de electronische leeromgeving niet meer weg te denken, een voorziening die instellingen studenten en docenten bieden ter ondersteuning van het leerproces. Veel van de functionaliteiten die de vaak omvangrijke systemen bevatten, worden tegenwoordig ook aangeboden in de cloud. Studenten maken gebruik van mobiele apparatuur, waarop ze toegang willen hebben tot een eigen, gepersonaliseerde leeromgeving. Ook willen zij toegang houden tot materiaal na afloop van hun opleiding. De huidige systemen bieden deze mogelijkheden niet. Daarnaast vervagen de scheidslijnen tussen de generieke activiteiten in onderwijs, onderzoek en ondersteunende processen, waar voorzieningen als mail, chat, videoconferentie, samenwerken aan documenten, uitwisselen van informatie en data, tekstverwerking, presentatie van resultaten of voortgang nodig zijn. Het toenemende generieke karakter van veel ICT functionaliteiten en het grote aanbod van functionaliteiten maken een herbezinning op de traditionele electronische leeromgeving noodzakelijk. Een digitale studie- en werkomgeving, waarin ook faciliteiten voor onderzoekers kunnen worden aangeboden, kan het werk van studenten, docenten, onderzoekers en beheerpersoneel ondersteunen. Deze ontwikkelingen maken het niet meer vanzelfsprekend dat instellingen kiezen voor standaardsystemen om studenten en docenten een electronische leeromgeving te bieden. De basisbehoefte van studenten, docenten en onderzoekers van uiteenlopende disciplines om samen te kunnen werken komt voor een groot deel overeen. Daarom werken de platforms ICT en Bedrijfsvoering, ICT en Onderzoek, ICT en Onderwijs en SURFnet samen binnen het innovatieprogramma Digitale Leer- en Werkomgeving. SURF kan samen met de instellingen inventariseren welke diensten generiek zijn, en, gezien de positieve ervaringen met SURFgroepen, onderzoeken of een dergelijke voorziening voor het hoger onderwijs wellicht zou moeten worden aangeboden. In het denken over een digitale studie- en werkomgeving gaat het voor een belangrijk deel over goede en geïntegreerde dienstverlening voor ondersteunende processen. De penvoerder van het innovatieprogramma Digitale Leer- en Werkomgeving is daarom het Platform ICT en Bedrijfsvoering. Betere en beter geïntegreerde ondersteunende processen, gefaciliteerd door ICT, scheppen rust en ruimte voor dat waar het feitelijk om gaat: onderzoek, onderwijs en studie. Het levert de gebruikers ruimte voor diversiteit en flexibiliteit waar het gaat om de inhoudelijke kant van hun activiteiten. De mogelijkheden en wensen voor de inzet van specifieke ICT voor didactische doeleinden verschillen per opleiding, per cursus(deel) en zelfs per docent. En minstens zo belangrijk is de aandacht voor de kennis en vaardigheden van docenten en studenten om met de toenemende diversiteit aan (nieuwe) ICT-voorzieningen om te kunnen gaan. 21

22 Doelstellingen Instellingen en docenten worden ondersteund in de keuze voor een op hun specifieke wensen afgestemde samenwerkingstools voor de ondersteuning van hun onderwijs. Het aanbieden van een professionaliseringsprogramma op maat binnen SURFacademy verbetert de technische en didactische kennis van docenten voor het gebruik van ICTvoorzieningen in het onderwijs. Het zwaartepunt ligt daarbij niet op de laatste nieuwe gadgets, maar in basale kennis en vaardigheden van voorzieningen zoals het digitale schoolbord en een goed gebruik van presentatieapplicaties. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Ontwikkelen en aanbieden van een professionaliseringsprogramma binnen SURFacademy voor docenten, met een aanbod op maat gericht op het verbeteren van de technische en didactische kennis voor het gebruik van ICT in het onderwijs 2. Afstemming met de Special Interest Group DLWO wat de behoeften zijn op didactisch gebied omtrent de DLWO, en daar waar mogelijk invulling aan geven. 3. Afstemming met de Platforms Bedrijfsvoering en Onderzoek en SURFnet over activiteiten rondom DLWO. Personele inzet 2011: 0,2 FTE Financiële inzet 2011: gefinancierd vanuit Platform ICT en Bedrijfsvoering 22

23 1.1.6 e-accessibility Zo n 20% van de studenten in het hoger onderwijs heeft een functiebeperking. ICT kan voor veel van deze studenten ondersteuning bieden in hun leerproces. Maar tegelijkertijd kan het veelvuldig gebruik van ICT in het onderwijs juist obstakels opleveren voor studenten met een functiebeperking, zoals leeromgevingen en websites die niet toegankelijk zijn. Vanaf 2011 wordt de fysieke en digitale toegankelijkheid onderdeel van de nieuwe accreditatiekaders van opleidingen in het hoger onderwijs. Instellingen hebben daarmee de verplichting het onderwijs toegankelijk te maken voor studenten en medewerkers met een functiebeperking. Dit geldt voor alle middelen in het onderwijsproces, dus ook de inrichting van de digitale studie- en werkomgeving en de daar aangeboden materialen. Het Platform ICT en Onderwijs ondersteunt instellingen hierbij binnen het programma e-accessibility. Dit programma richt zich op voorlichting en professionalisering van studentendecanen, webmasters en beleidsmedewerkers. Het programma zorgt ervoor dat relevante partijen ervaringen en kennis uitwisselen. Het levert tevens praktische richtlijnen op voor het toegankelijk maken van gebruikte ICT-middelen binnen instellingen en het inzetten van ICT om studeren voor alle studenten te verrijken. Een voorbeeld hiervan is het ondertitelen van weblectures. Nederland loopt op het gebied van digitale toegankelijkheid achter op andere landen in de westerse wereld. Veel kennis en ervaring is al opgedaan in bijvoorbeeld Groot-Brittannië, België, Scandinavië en de Verenigde Staten. Het Expertisecentrum handicap + studie, Stichting Accessibility en Dedicon hebben veel veel kennis op het gebied van studeren met een functiebeperking hebben. Het Expertisecentrum Handicap en Studie stimuleert dat jongeren met een functiebeperking succesvol kunnen studeren in de opleiding van hun keuze in het hoger onderwijs. Stichting Accessibility is het expertisecentrum voor toegankelijkheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen op het gebied van internet, software en elektronische toepassingen. De stichting informeert instellingen, bedrijven en overheid over de manieren waarop zij het internet en internetbased multimedia toegankelijk kunnen maken voor iedereen, specifiek voor mensen met een functiebeperking. Dankzij het netwerk van SURF kan het platform ICT en Onderwijs als linking pin zorgen voor het verzamelen en verspreiden van die kennis en ervaring voor de instellingen voor hoger onderwijs. Binnen SURFacademy kunnen, in nauwe samenwerking met Handicap en Studie en Accessibility, een op het hoger onderwijs toegesneden professionaliseringsactiviteiten worden aangeboden. Doelstellingen Door kennis en ervaring die wordt verzameld door Handicap en Studie en Accessibility te bundelen en beschikbaar te stellen kan SURF instellingen ondersteunen bij het invulling geven aan de nieuwe accreditatiekaders met betrekking tot de fysieke en digitale toegankelijkheid van het hoger onderwijs, en onderzoeken hoe er zo optimaal mogelijk gebruik kan worden gemaakt van ICT in het onderwijs zonder dat daar mensen door worden buitengesloten, hoe ICT een obstakel kan zijn voor studenten met een 23

24 functiebeperking en hoe die obstakels kunnen worden weggenomen, en hoe ICT juist ondersteunend kan zijn voor studenten met een functiebeperking en daarmee bijdragen aan het verhogen van het studiesucces van deze doelgroep. Door het aanbieden van informatie en professionaliseringsactiviteiten over digitale toegankelijkheid draagt het programma e-accessibility bij aan bewustwording bij en professionalisering van instellingen voor hoger onderwijs. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Verzamelen en uitwisselen van kennis Verder uitbouwen van het netwerk van de Special Interest Group. Samenwerking met nationale en internationale partners zoals Handicap en Studie en Accessibility Beschikbaar stellen van good practices via SURFspace 2. Professionaliseren Het aanbieden van trainingen binnen SURFacademy, bijvoorbeeld over het toepassen van nieuwe webrichtlijnen voor internet binnen onderwijsinstellingen. 3. Verankeren van e-accessibility in (subsidie)projecten van SURF, bijvoorbeeld in de subsidievoorwaarden Personele inzet 2011: 0,1 FTE Financiële inzet 2011:

25 1.2 Professionaliseren Het Platform ICT en onderwijs levert een bijdrage aan de professionalisering van medewerkers van hogeronderwijsinstellingen, met een aanbod dat is samengesteld uit de kennis en ervaring die de instellingen gezamenlijk hebben opgedaan SURFacademy SURFacademy biedt een professionaliseringsprogramma voor en door medewerkers in het hoger onderwijs en onderzoek. Binnen SURFacademy worden schools, masterclasses, workshops en expertiseseminars aangeboden over actuele ICT-thema's in het hoger onderwijs. De focus ligt op intensieve overdracht van kennis en vaardigheden. De bijeenkomsten worden georganiseerd door SURFnet en SURFfoundation, in samenwerking met de instellingen voor hoger onderwijs. Via het SURF netwerk wordt een grote groep in het hoger onderwijs bereikt om te participeren als deelnemer of als spreker. Het gaat om de wisselwerking tussen het halen en brengen van kennis vanuit het hoger onderwijs. Dit maakt SURFacademy tot een uniek en succesvol concept. Met het aanbod uit de SURFacademy worden medewerkers in het hoger onderwijs in staat gesteld zich nieuwe ICT-ontwikkelingen eigen te maken en toe te passen in hun onderwijs en onderzoek. Ook in 2011 biedt SURFacademy weer een kwalitatief hoogwaardig en divers professionaliseringsprogramma. De programmering is afgestemd op de inhoudelijke thema s uit het SURF Meerjarenplan , de jaarplannen 2011 van de drie platforms van SURFfoundation en van SURFnet, en de wensen van de doelgroep. De bijeenkomsten versterken de inhoudelijke SURF-programma s en -projecten, en bieden voldoende ruimte voor nieuwe trends en ontwikkelingen. Doelstellingen Doelstelling van SURFacademy is een aantrekkelijk professionaliseringsprogramma rondom ICT in het hoger onderwijs te bieden voor en door professionals in het hoger onderwijs en onderzoek dat: - van hoge kwaliteit is, - inhoudelijk divers en instellingoverstijgend is, - zich richt op actuele ICT-gerelateerde thema's in het hoger onderwijs en onderzoek die aansluiten bij het SURF Meerjarenplan en de wensen van de doelgroep, - de inhoudelijke SURF-programma s en projecten versterkt, - zicht richt op het verwerven van kennis en vaardigheden, - kennis en expertise vanuit het onderwijsveld bundelt, - bijdraagt aan de professionalisering van medewerkers in het hoger onderwijs en onderzoek, - bijdraagt aan het gebruik van innovatieve ICT-toepassingen in het onderwijs en onderzoek. 25

26 ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 Het Platform ICT en onderwijs stelt in nauw overleg met de andere platforms en SURFnet het SURFacademy programma voor 2011 op en coördineert de uitvoering daarvan. Concreet krijgt dit vorm in de volgende activiteiten: 1. Faciliteren van projectleiders bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van bijeenkomsten uit het programma 2011, bestaande uit: meerdaagse schools en masterclasses expertiseseminars en workshops van een (dag)deel online webinars 2. Uitvoering van het communicatieplan 2011 om het aanbod binnen SURFacademy onder de aandacht van de doelgroep te brengen. Speerpunten zijn: focus op verdere professionalisering van de digitale media, met als middelpunt de SURFacademy website standaardisering in communicatie-uitingen en efficiënte organisatie van de communicatie actief gebruik van intermediairs om het SURFacademy aanbod onder de aandacht van een bredere doelgroep binnen de onderwijsinstellingen te brengen 3. samenstellen jaarplan 2012, met daarin: programma bijeenkomsten 2012 communicatiestrategie 2012 begroting 2012 organisatie planning 4. evaluatie SURFacademy 2011 evaluatie van de afzonderlijke bijeenkomsten middels een gestandaardiseerde online enquête overall evaluatie van het programma 2011 Personele inzet 2011: 0,6 FTE Financiële inzet 2011:

27 1.2.2 De Onderwijsdagen De Onderwijsdagen, het jaarlijkse congres over ICT en Onderwijs, belichten de stand van zaken op het gebied van onderwijsvernieuwingen. Het congres biedt ruimte voor inspiratie en vergezichten, geeft een overzicht van succesvolle toepassingen, en is dé ontmoetingsplaats voor onderwijsvernieuwers. De Onderwijsdagen worden samen met Kennisnet georganiseerd, en bieden daarom een overzicht van vernieuwingen door de hele onderwijskolom. De Onderwijsdagen worden jaarlijks door zo n 800 professionals uit de hele onderwijskolom bezocht. Na elf jaar Onderwijsdagen in de Jaarbeurs in Utrecht, vindt het congres vanaf 2011 plaats in Nieuwegein. Hiermee wordt een forse kostenbesparing gerealiseerd. Voor 2011 wordt ingezet op een sterk vereenvoudigde organisatiestructuur. Doelstelling De Onderwijsdagen 2011 bieden een inspirerend overzicht van de actuele trends en ontwikkelingen op het gebied van ICT en Onderwijs. Het is een ontmoetingsplek voor ICT en Onderwijs professionals. De Onderwijsdagen bieden een platform voor de resultaten en ontwikkelingen uit de inhoudelijke programma s die het Platform ICT en Onderwijs uitvoert. De doelgroep van de Onderwijsdagen, in het bijzonder uit het hoger onderwijs, beoordeelt het congres als kwalitatief hoogstaand en vernieuwend, met voldoende ruimte tot netwerken. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN samen met Kennisnet vaststellen van een nieuwe vereenvoudigde organisatiestructuur 2. vaststellen van een inhoudelijk interessant en vernieuwend programma, met voldoende raakvlakken voor zowel de achterban van SURF als van Kennisnet 3. organiseren van De Onderwijsdagen 2011 voor tenminste 1000 deelnemers, met ten minste 600 deelnemers uit het hoger onderwijs Personele inzet 2011: 0,9 FTE Financiële inzet 2011:

28 1.3 Creëren en faciliteren van netwerken Het Platform ICT en Onderwijs creëert en faciliteert netwerken van mensen rondom specifieke thema s. Deze netwerken zorgen ervoor dat experts en innovators een klankbord vinden bij hun collega s van andere onderwijsinstellingen Special Interest Groups Special Interest Groups zijn kennisgemeenschappen rondom specifieke thema s die gerelateerd zijn aan ICT en het hoger onderwijs en onderzoek. Binnen een Special Interest Group maken experts die soms geïsoleerd binnen een instelling opereren deel uit van een community waar zij met collega s uit andere instellingen kunnen samenwerken en kennis en ervaringen delen. Een Special Interest Group: - zorgt voor communityvorming rondom actuele thema s met betrekking tot ICT en Onderwijs en Onderzoek; - zorgt voor een gestructureerde interactie tussen SURF en de instellingen voor hoger onderwijs in de planning en uitvoering van activiteiten; - faciliteert kennisdeling en collegiale ondersteuning binnen de community; - is een platform voor kennisontwikkeling en visievorming; - biedt inhoudelijke bijdragen aan SURFacademy; - verspreidt kennis, bijvoorbeeld tijdens de Onderwijsdagen; - biedt een platform om tot samenwerking tussen instellingen te komen; - is een mogelijke gesprekspartner voor externe partijen, zoals bijvoorbeeld leveranciers. SURF faciliteert Special Interest Groups rond thema s die gerelateerd zijn aan de inhoudelijke programma s van de verschillende SURF-onderdelen. Daarbij wordt de volgende constructie gehanteerd: - De projectmanager van het (subsidie)programma waaraan de SIG gerelateerd is draagt zorg voor de praktische organisatie van de SIG: ledenadministratie, communicatie, organiseren van bijeenkomsten etc. De SIG kan voor het organiseren van bijeenkomsten een beroep doen op een budget dat voor alle SIGs beschikbaar is. - Een kernteam van inhoudelijke deskundigen uit de instellingen voor hoger onderwijs stellen in samenspraak met de community en de projectmanager van SURF jaarlijks een jaarplan op. - Elke Special Interest Group wijst één inhoudelijk deskundige aan als vertegenwoordiger van de SIG. Twee maal per jaar organiseert SURF een afstemmingsoverleg tussen alle inhoudelijk deskundigen en de betrokken projectmanagers. - SURF organiseert jaarlijks een SIG-Netwerkdag voor alle Special Interest Groups, rondom een voor alle SIGs relevant thema. 28

29 Doelstelling In 2011 faciliteert het Platform ICT en Onderwijs drie Special Interest Groups: - Digitaal Toetsen (op te richten, samen met de huidige SIG s NL Portfolio en SIGMA) - Open Educational Resources (op te richten) - e-accessibility De Special Interest Groups Duurzaam Hoger Onderwijs en Digitale Studie- en Werkomgeving worden door het Platform ICT en Bedrijfsvoering gefaciliteerd. Het Platform ICT en Onderzoek faciliteert de Special Interest Group Direct. SURFnet faciliteert de Special Interest Groups Webstroom en Virtuality. Het Platform ICT en Onderwijs participeert in de SIGs Digitale Studie- en Werkomgeving en Direct, en onderhoudt nauw contact met de overige SIGs. De SIGs bundelen de aanwezige kennis rondom de inhoudelijke thema s van het Platform, en dragen zo bij aan de kennisopbouw binnen de programma s van het Platform en de planning en uitvoering van activiteiten. Het Platform heeft via de SIGs toegang tot een uitgebreid en relevant netwerk van experts. Nieuwe ideeën en innovaties die binnen een SIG ontstaan, kunnen hun weg vinden binnen (subsidie)programma s. De SIGs versterken door hun inhoudelijke bijdrage het aanbod van de SURFacademy en de Onderwijsdagen. Met behulp van een bescheiden innovatieregeling kunnen de SIGs via een tenderprocedure concrete samenwerkingsprojecten uitvoeren. Deze innovatieregeling wordt samen met SURFnet uitgevoerd. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN oprichten van de SIGs Digitaal Toetsen en Open Educational Resources, aanstellen van een inhoudelijk deskundige als vertegenwoordiger van deze SIGs, opbouwen netwerk 2. samen met community opstellen jaarplannen van SIGs, afgestemd op de inhoudelijke programma s van het Platform 3. organiseren inbreng SIGs binnen SURFacademy en Onderwijsdagen 4. samen met andere SURF-onderdelen organiseren van kennis- en informatieuitwisseling tussen SIG-coördinatoren 5. samen met andere SURF-onderdelen organiseren van een SIG Netwerkdag rondom inhoudelijk thema 6. uitvoeren van een innovatieregeling voor Special Interest Groups met een tenderprocedure, samen met de andere SURF-onderdelen Personele inzet 2011: 0,2 FTE Financiële inzet 2011:

30 1.3.2 Studiereizen Het Platform ICT en Onderwijs organiseert jaarlijks twee studiereizen naar internationale congressen op het gebied van onderwijsinnovatie: de jaarlijkse conferentie van Educause in de Verenigde Staten, en Online Educa Berlijn. Naast het congresbezoek organiseert het Platform ICT en Onderwijs een inhoudelijk programma, met bijvoorbeeld een bezoek aan een instelling, een social event, en zorgt zij voor gezamenlijke verslaglegging van de conferentie. Doelstelling De studiereizen die het Platform ICT en Onderwijs in 2011 organiseert, vervullen een belangrijke netwerkfunctie voor ICT en Onderwijs professionals in het hoger onderwijs, en zorgen voor inhoudelijke verdieping bij de deelnemers. Ook versterken zij door hun samenbindend effect de contacten tussen SURF en de leden van de bredere community. Studiereizen die binnen een van de inhoudelijke (subsidie)programma s worden georganiseerd zorgen voor kennisuitwisseling en samenwerking tussen de projectleiders van de verschillende projecten. Deze studiereizen bieden projectleiders inzicht in internationale trends en ontwikkelingen. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Organisatie en coördinatie studiereis bestuurders Platform ICT en Onderwijs en ICT en Bedrijfsvoering, maart Organisatie en coördinatie studiereis Educause, oktober Organisatie en coördinatie studiereis Online Educa Berlijn, december 2011 Personele inzet 2011: 0,1 FTE Financiële inzet 2011:

31 1.3.3 Communicatie en relatiebeheer Een goede relatie met relevante spelers uit de instellingen voor hoger onderwijs is voorwaardelijk voor het goed kunnen uitvoeren van de missie van het Platform ICT en Onderwijs. Een aantal relaties zijn geformaliseerd, in bijvoorbeeld Special Interest Groups of programmacommissies. Ook heeft iedere instelling voor hoger onderwijs een contactpersoon aangewezen, die als linking pin tussen het Platform ICT en Onderwijs en de instelling fungeert. Daarnaast is er een grote groep die op de hoogte blijft van de activiteiten van het Platform via de website en nieuwsbrieven. Het Platform ICT en Onderwijs heeft de ambitie om relaties met de centrale beleidsafdelingen Onderwijs en Onderzoek van de instellingen voor hoger onderwijs op te bouwen, en de resultaten van projecten breed te verspreiden binnen de instellingen. Het Platform zorgt voor verschillende communicatiemiddelen voor verschillende doelgroepen, zoals de website, nieuwsbrieven, publicaties en bijeenkomsten zoals de kwartaalbijeenkomsten voor alle contactpersonen. Daarnaast is een goede relatie met stakeholders als VSNU, HBO-raad, OCW, AgentschapNL van groot belang. Het Platform ICT en Onderwijs stelt zich actief op in het onderhouden van bestaande en leggen van nieuwe relaties. Doelstellingen Door (her)benoeming van de juiste functionarissen binnen de instellingen als contactpersonen, en het beter in kaart brengen van de voor het platform relevante doelgroepen, wordt het hoger onderwijs beter voorzien van relevante informatie, kunnen (project)resultaten breder worden ingezet, en informatie breder worden gedeeld. Stichting SURF en de activiteiten van het Platform ICT en Onderwijs in het bijzonder zijn bekend bij mogelijke subsidieverstrekkers en andere externe relaties. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN beheren en actualiseren van informatie op SURFfoundation.nl 2. verzenden maandelijkse nieuwsbrief 3. opschonen en aanvullen relatiebestand 4. (her)benoemen contactpersonen voor een periode van twee jaar 5. kennismaken met afdelingen Onderwijs en Onderzoek van ten minste tien instellingen 6. informatieuitwisseling met en presentatie van resultaten voor mogelijke subsidieverstrekkers Personele inzet 2011: 0,25 FTE Financiële inzet 2011:

32 1.4 Informatie beschikbaar stellen Het Platform ICT en Onderwijs wil innovators in het hoger onderwijs van relevante nationale en internationale informatie rondom ICT en Onderwijs voorzien. Een overzicht van nieuwe ontwikkelingen biedt de mogelijkheid om vernieuwingen de adopteren, en kan een bron van inspiratie zijn. Daarnaast hebben de instellingen voor hoger onderwijs in de loop der jaren een enorm aanbod van relevante projectresultaten opgeleverd. Alleen al binnen het onderwijsvernieuwingsprogramma zijn sinds 1999 bijna 70 projecten afgerond die diverse resultaten hebben opgeleverd, en ook de huidige subsidieprogramma s Nationaal Actieplan e-learning, `Studiekeuzegesprekken, wat werkt? en Toetsing en Toetsgestuurd Leren leveren een schat van informatie en resultaten op. Het is van belang dat deze resultaten gemakkelijk toegankelijk zijn voor alle onderwijsinstellingen. Het Platform ICT en Onderwijs wil, in samenspraak met de andere SURF-onderdelen, informatie en projectresultaten rondom diverse thema s op een logische plek beschikbaar stellen. Op een centrale plek kunnen eenvoudig uiteenlopende soorten informatie worden geraadpleegd, zoals publicaties, projectresultaten, good practices en aankondigingen van bijeenkomsten Catalogus projectresultaten Innovatieprojecten die binnen (subsidie)programma s van Stichting SURF worden uitgevoerd, leveren waardevolle resultaten op, die interessant en nuttig kunnen zijn voor het hele hoger onderwijs. Dat kan gaan om bruikbare toepassingen, maar ook om opgedane ervaringen. Het Platform ICT en Onderwijs wil de kennisuitwisseling over de resultaten van subsidietrajecten sterker dan voorheen regisseren. Onderdeel hiervan is het bieden van de mogelijkheid om projectresultaten centraal beschikbaar te stellen en gemakkelijk vindbaar te maken via een online catalogus. Voor gesubsidieerde projecten wordt de ontsluiting van de projectresultaten via deze SURF-projectcatalogus verplicht onderdeel van de projectafronding. Er wordt naar gestreefd via de projectcatalogus samen met andere SURF-onderdelen te ontwikkelen, en resultaten van de verschillende onderdelen via één plek beschikbaar te stellen. De projectcatalogus kan ondersteunend zijn aan professionaliserings- en voorlichtingsactiviteiten; ter voorbereiding op of na afloop van bijeenkomsten zijn thematisch geordende informatie en producten eenvoudig terug te vinden. 32

33 Doelstelling In 2011 zorgt het Platform ICT en Onderwijs voor de ontwikkeling van een catalogus van projectresultaten. De catalogus kan een bijdrage leveren aan de bredere inzet van de resultaten van SURF-projecten binnen de onderwijsinstellingen. Op deze manier wordt het rendement van de subsidieprogramma s vergroot. Idealiter worden in de projectcatalogus ook resultaten van andere SURF-onderdelen beschikbaar gesteld. De projectcatalogus is ondersteunend aan een disseminatieplan voor behaalde resultaten. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN vaststellen welke informatie en resultaten van (subsidie)projecten beschikbaar moet worden gesteld en voor welke doelgroepen 2. maken van een inventarisatie van al bij SURF beschikbare middelen om resultaten beschikbaar te stellen 3. formuleren van functionele en technische specificaties voor de projectcatalogus, idealiter in samenspraak met andere SURF-onderdelen 4. inrichten van de projectcatalogus 5. opstellen van bijbehorende teksten zoals richtlijnen voor uploaden of voor gebruik van de (in de catalogus gevonden) projectresultaten 6. organisatorisch verankeren van het verzamelen en ontsluiten van projectresultaten: formuleren van de subsidievoorwaarden die garanderen dat projectresultaten via de catalogus beschikbaar worden gesteld 7. uitwerken van systeem voor metadatering en kwaliteitsbewaking van content 8. beschrijven van de rollen en verantwoordelijkheden voor het beschikbaar stellen van projectresultaten tussen projectleiders en projectmanagers van SURF 9. beschikbaar stellen van al opgeleverde resultaten van afgeronde en lopende subsidieprogramma s via de projectcatalogus 10. ontwikkelen van communicatieplan voor promotie van de producten in de catalogus Personele inzet 2011: 0,25 FTE Financiële inzet 2011:

34 1.4.2 SURFspace SURFspace biedt professionals die zich bezighouden met innovatie van het onderwijs met behulp van ICT een netwerk- en kennisvoorziening. SURFspace biedt professionals de mogelijkheid zelf artikelen, berichten en nieuwsitems op de site te plaatsen en op elkaar te reageren. SURFspace heeft een hoofdredactie en een themaredacteur voor elk van de acht inhoudelijke thema s. OP SURFspace worden praktijkvoorbeelden van afgeronde innovatieprojecten gepubliceerd. Met deze voorziening is een grote sprong voorwaarts gemaakt ten opzichte van het verleden, waar informatie voor ICT-professionals verspreid over verschillende sites te vinden was. In haar tweejarig bestaan wordt de site goed bezocht, met zo n bezoekers per maand. SURFspace faciliteert in de huidige vorm echter nog onvoldoende de bestaande communities, zoals bijvoorbeeld de Special Interest Groups. Ook het actief aandragen van kennis door experts in het veld vindt nog maar beperkt plaats. Dit heeft ondermeer te maken met het gebrek aan flexibiliteit en mogelijkheden van het huidige CMS (Sharepoint). SURFspace zou veel meer voldoen aan de behoefte van professionals als het een open platform is waar zij elkaar kunnen ontmoeten en met elkaar kunnen discussiëren. Daarnaast bestaat er onduidelijkheid bij gebruikers waar welke informatie te vinden is: op de verschillende websites van Stichting SURF, of op SURFspace. Het is de ambitie van het Platform ICT en Onderwijs om meer lijn in de digitale communicatiemiddelen te brengen, en daarmee ook de rol van SURFspace helder af te bakenen. Doelstellingen In 2011 wordt SURFspace omgevormd tot een open platform dat uitnodigt tot deelnemen en waar de verschillende communities rondom SURF met hun leden zichtbaar zijn. SURFspace facilteert in deze nieuwe vorm bestaande communities en maakt het mogelijk dat nieuwe communities ontstaan. Het biedt een plaats waar experts op het gebied van ICT-innovatie in het hoger onderwijs, onderzoek en bedrijfsvoering elkaar kunnen vinden, en kennis kunnen uitwisselen. SURFspace stelt kennis en informatie beschikbaar, en biedt de mogelijkheid tot gerichte informatievoorziening voor specifieke groepen. Er is een duidelijke relatie met de innovatieprogramma's en Special Interest Groups. Waar relevant wordt een link gelegd met andere websites van SURF, waar bijvoorbeeld bijeenkomsten en professionaliseringsactiviteiten worden aangekondigd. Ook wordt een link met de te ontwikkelen projectcatalogus gelegd. 34

35 ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN een heldere afbakening formuleren tussen de verschillende bestaande digitale communicatiemiddelen van SURFfoundation, in overleg met SURFnet en SURFdiensten 2. samen met gebruikers herdefiniëren van de gewenste functie van SURFspace, in relatie tot andere websites van SURF 3. vaststellen van de gewenste specificaties voor SURFspace op basis van de gewenste functie 4. migratie van SURFspace naar gebruikersvriendelijker CMS volgens vastgestelde specificaties 5. integratie activiteiten Special Interest Groups en inhoudelijke programma s SURFfoundation binnen SURFspace Personele inzet 2011: 0,3 FTE Financiële inzet 2011:

36 1.4.3 Evaluatie en inzicht in impact Een goede innovatieorganisatie is ook een lerende organisatie: wat heeft er gewerkt en wat niet, en wat betekent dat voor de te nemen vervolgstappen? Voortdurende evaluatie is daarom een belangrijk onderdeel van alle activiteiten van het Platform ICT en Onderwijs. Evaluaties vinden plaats op verschillende niveaus. Alle processen en procedures van projecten en subsidieprogramma s die het Platform uitvoert worden geëvalueerd en waar nodig bijgesteld. Datzelfde geldt voor activiteiten zoals de Onderwijsdagen, studiereizen, de bijeenkomsten van SURFacademy en diensten zoals SURFspace en de Special Interest Groups. Een grondige evaluatie van langlopende activiteiten zoals SURFacademy en de Onderwijsdagen vindt periodiek plaats. Daarnaast heeft de vraag naar aantoonbare effecten de laatste jaren meer nadruk gekregen, zowel vanuit de instellingen voor hoger onderwijs, als vanuit subsidieverstrekkers zoals het ministerie van OCW. Samen met de instellingen voor hoger onderwijs onderzoekt het Platform ICT en Onderwijs op welke manier er een zinvolle uitspraak kan worden gedaan over de impact van de innovatieprojecten die met behulp van subsidie van SURF worden uitgevoerd. Doelstellingen Door evaluatie van alle activiteiten die het Platform ICT en Onderwijs organiseert, en het waar nodig aanpassen van de activiteiten op basis van de resultaten van de evaluatie, vindt er voortdurende professionalisering van de activiteiten plaats. Door in de subsidievoorwaarden voor het uitvoeren van projecten de verplichting op te nemen voor het uitvoeren van effectmeting, en door het zorgen voor kennisuitwisseling op dit onderwerp, ontstaat er meer inzicht in de impact van innovatiestrategieën in het hoger onderwijs. Door het ontwikkelingsproces van het Platform ICT en Onderwijs en de instellingen voor hoger onderwijs rondom effectmeting gestructureerd in beeld te brengen, en op basis van een evaluatie daarvan de voorwaarden van subsidieprogramma s aan te passen, vindt er professionalisering plaats in het uitvoeren van innovatieprojecten. 36

37 ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN evaluatie tender 2008 Nationaal Actieplan e-learning na afronding projecten 2. evaluatie tender 2009 en 2010 Studiekeuzegesprekken na afronding projecten, en evaluatie programma 3. evaluatie tender 2010 Toetsing en Toetsgestuurd Leren na afronding beoordelingsprocedure 4. evaluatie afzonderlijke bijeenkomsten SURFacademy, en jaarlijkse evaluatie programmering en organisatie SURFacademy 5. evaluatie Onderwijsdagen (organisatie, programmering en samenwerking met Kennisnet) 6. evaluatie studiereizen Educause en Online Educa Berlijn 7. evaluatie SURFspace 8. bronartikel over de (on)mogelijkheid van het meten van impact van innovatieprojecten, en publicatie van ten minste twee artikelen op basis van dit bronartikel 9. workshops over effectmeting binnen subsidieprogramma Toetsing en Toetsgestuurd Leren en SURFacademy Personele inzet 2011: 0,1 FTE Financiële inzet 2011:

38 1.5 Verkennen en signaleren Het signaleren van nieuwe ICT-ontwikkelingen en het nagaan welke mogelijkheden deze ontwikkelingen bieden voor het hoger onderwijs is een belangrijke taak voor SURF. Door trends en ontwikkelingen te volgen en te verspreiden, biedt SURF de onderwijsinstellingen inspiratie hoe zij nieuwe ontwikkelingen kunnen aanwenden om hun onderwijs en onderzoek te verbeteren. Bij het uitvoeren van haar signaleringstaak kijkt SURF nadrukkelijk over de grenzen heen. Om buitenlandse ontwikkelingen te volgen organiseert SURF onder meer studiereizen naar internationale conferenties. Daarnaast maakt SURF deel uit van internationale netwerken en wordt op relevante thema s samengewerkt, bijvoorbeeld binnen Knowledge Exchange. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN medewerkers van het Platform ICT en Onderwijs volgen actief nationale en internationale ontwikkelingen en nemen waar relevant het initiatief tot het schrijven van een white paper met een visie op het onderwerp 2. organisatie bestuursreis naar de Verenigde Staten rondom het thema Cloud Computing 3. organisatie studiereizen naar internationale conferenties als Educause en Online Educa Berlijn 4. presentatie nieuwe ontwikkelingen op de Onderwijsdagen

39 1.6 Begroting ICT en Onderwijs: Exploitatierekening Projectkosten Projectinkomsten Saldo Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal subsidies inkomsten mutatie samenw. programma inzet kosten kosten derden OHW bijdrage inkomsten =(2+3) =(5 t/m 8) Netwerken en professionaliseren Onderwijsdag SIG's Conferenties internationaal SURFacademy Catalogus en projectresultaten SURFspace Inzicht in Impact Communicatie en relatiebeheer e-accessability Open Educational Resources Subtotaal Netwerken en professionaliseren Studiekeuzegesprekken - Activiteiten SKG II Projectmanagement SKG II Tender SKG II Subtotaal Studiekeuzegesprekken Toetsing en Toetsgestuurd Leren Pijler I Pijler II - - Pijler III - - Programma-management Subtotaal Toetsing en Toetsgestuurd Leren NAP elearning - - NAP II Activiteiten NAP II Projectmanagement Subtotaal NAP elearning Platform Algemeen Totaal Platform Resultaat ultimo Platformreserve ultimo Platformreserve ultimo

40 2 Platform ICT en Onderzoek MEERJARENPLAN SURF JAARPLAN 2011 Platform ICT en Onderzoek werkprogramma met doelstellingen platform en concrete activiteiten Inleiding Onderzoek, zowel wetenschappelijk als toegepast, is onder invloed van ICT sterk aan verandering onderhevig. Met ICT en internet zijn er veel mogelijkheden bijgekomen voor het doen van onderzoek, het toegankelijk maken en (snel) verspreiden van de resultaten, het hergebruiken en voortbouwen op eerdere resultaten. Door de grote toename van digitale informatie groeit de aandacht voor het bewaren en vindbaar maken van onderzoeksresultaten ICT introduceert ook nieuwe vormen van kwaliteitscontrole en waardering van onderzoeksresultaten. Het platform ICT en Onderzoek speelt met het vierjarige SURFshare programma op deze ontwikkelingen in door een infrastructuur te realiseren die de toegankelijkheid en de uitwisseling van onderzoeksinformatie bevordert. De kennis uit het SURFshare programma wordt door het platform ICT en Onderzoek ook ingezet in verscheidene Europese projecten en het samenwerkingsverband Knowledge Exchange. In 2011 wordt het SURFshare programma afgerond. In dit afsluitende jaar van het programma wordt rekening gehouden met de aanbevelingen van de Wetenschappelijk Technische Raad van SURF, die op verzoek van SURFfoundation een evaluatie heeft uitgevoerd over de eerste helft van het SURFshare programma. Het jaar 2011 is tegelijkertijd de start van het nieuwe meerjarenplan van SURF, Samen excelleren, waarin ook op het terrein van ICT en Onderzoek enkele belangrijke speerpunten zijn geformuleerd. Aan het eind van een meerjarenprogramma is het van groot belang de balans op te maken van de behaalde resultaten. Wat is goed gegaan en volgens de oorspronkelijke opzet en planning, en wat is anders gelopen? Behaalde successen mogen zeker in het zonnetje worden gezet. Dit is van belang zowel voor de bij de activiteiten direct betrokkenen als voor de grotere gemeenschap. Best practices moeten binnen het HO in ruime zin onder de aandacht worden gebracht Voorts zal met name het SURFshare programma in 2011 vast moeten stellen welke de lessons learnt zijn. Ten slotte is van groot belang dat van evaluaties gebruik wordt gemaakt om tot een nuttige effectmeting van de verrichte werkzaamheden te komen. De ervaring van projecten gedurende een groot aantal jaren heeft geleerd dat hierin in talrijke gevallen nog geen hoofdstuk is opgenomen over het consolideren van de behaalde resultaten. Vaak is het nodig om beheer in te richten over nieuwe producten en diensten en om de bijbehorende exploitatielasten al aan de orde te stellen in het projectplan. Waar dit aan de orde is maar er in de lopende projecten nog geen aandacht aan besteed wordt, zal op dit terrein binnen de (vooral financiële en organisatorische) mogelijkheden die er zijn een inhaalslag gemaakt moeten worden. Hierbij speelt mee dat het kunnen 40

41 overdragen van beheer of andersoortige verantwoordelijkheid in toenemende mate een medebepalende succesfactor zal zijn. In het nieuwe SURF meerjarenplan Samen excelleren zijn voor het terrein van ICT en Onderzoek met name de volgende twee speerpunten van belang: 1.het vernieuwen van de nationale infrastructuur voor onderzoeksinformatie, en 2.het creëren van een (inter)nationale geïntegreerde infrastructuur voor digitale content. Activiteiten rond deze speerpunten worden opgezet binnen enkele van de thema s in het nieuwe meerjarenplan, met name de thema s Netwerkinfrastructuur en Beschikbaar stellen en ontsluiten van e- content. In 2011, het eerste jaar van de looptijd van het nieuwe meerjarenplan, zal hiermee een start worden gemaakt. Merk op dat op het tweede thema samengewerkt zal worden met het platform ICT en Onderwijs. Immers: terwijl de hoeveel digitale content snel groeit, neemt de vervaging van de grenzen tussen onderwijs en onderzoek verder toe. Enkele concrete activiteiten die uit het nieuwe meerjarenplan voortvloeien en waarmee in 2011 een begin zal worden gemaakt, betreffen repositories en standaarden. Zo zullen metadata gestandaardiseerd moeten worden ten behoeve van samenwerking over de landsgrenzen heen, zullen er standaarden voor repositories worden opgesteld en moet een onafhankelijk onderzoek uitgevoerd worden naar de succes- en faalfactoren bij het gebruik van repositories. Op het terrein van Open Access moet binnen enkele jaren in samenwerking met de uitgevers een verdienmodel worden ontwikkeld. Naast periodiek overleg met SURFnet, zal afstemming benodigd zijn tussen het platform ICT en Onderzoek en het op te richten escience Research Center en met partijen als SARA en NCF over de integratie van supercomputingfaciliteiten in een nieuw op te richten dochter van SURF, SURFcdf. 2.1 SURFshare programma SURFshare werkt aan vernieuwing van de samenwerking tussen onderzoekers, het samenstellen van complexe ( verrijkte ) publicaties en het review- en publicatieproces. In dit proces veranderen de rollen en taken van onderzoekers, lectoren, instellingen, universiteitsbibliotheken en uitgeverijen. Het onderzoek- en publicatieproces raakt nog meer verweven. Hierdoor en door de toegenomen mogelijkheden op het gebied van kennisdeling en disseminatie, verdwijnt het harde onderscheid tussen onderzoeksdata en de traditionele publicatie als onderzoeksoutput. Om de volle potentie van onderzoek te benutten, streeft SURFshare naar open toegang tot onderzoeksresultaten, vooral daar waar onderzoek is uitgevoerd met publieke middelen. Het SURFshare programma ondersteunt en stimuleert kennisuitwisseling binnen hoger onderwijs en onderzoek en kennisoverdracht naar het bedrijfsleven, beroepsbeoefenaren en de samenleving door middel van: Verrijkte publicaties: vernieuwing van onderdelen van de wetenschappelijke communicatie-infrastructuur gericht op verrijkte publicaties, publicaties inclusief onderliggende datasets en visualisaties met aandacht voor juridische consequenties; Virtuele werkomgevingen: communicatie tijdens het onderzoeksproces door middel van virtuele werkomgevingen als collaboratories en digitale werkbanken, waarmee onderzoekers hun bronnen kunnen delen en kunnen samenwerken; Open toegang, kwaliteit en impact: ontwikkelen en toepassen van nieuwe vormen van publiceren, middelen voor kwaliteitscontrole en impactmetingen die de onderzoeker in een Open Access-omgeving ondersteunen met aandacht voor economische aspecten, auteursrechten en digitale duurzaamheid; Architectuur en infrastructuur: ontwikkeling van een samenhangende architectuur en infrastructuur inclusief registratie van onderzoeksdata met oog voor internationale standaarden en interoperabiliteit. Voor Nederland wordt gestreefd naar een landelijk Research Informatie Systeem en handige tools en widgets voor administratie en presentatie van onderzoeksgegevens; 41

42 Versterking van de HBO kennisdisseminatie: realisatie van een repositoryinfrastructuur en aanverwante diensten bij hogescholen met als doel de kennisdeling tussen hogescholen en naar het bedrijfsleven en de publieke sector te versterken; Digitale duurzaamheid en datacuratie: opslag en digitale toegankelijkheid in de toekomst van onderzoeksdata. Bovengenoemde themagebieden zijn ondergebracht in zes aparte werkpakketten. Het zevende werkpakket richt zich op communicatie over en disseminatie van activiteiten, resultaten en producten in het programma. Waar in de eerste drie jaren van het SURFshare programma de focus vooral op exploreren, definiëren, verdiepen en ontwikkelen lag, staat in het afsluitende jaar 2011 verbreden en verankeren centraal. In dit jaar moet vooral geoogst worden van wat in de vorige fasen is opgezet. Zo moeten nieuwe diensten en producten geoperationaliseerd worden en moet de hoeveelheid open content aanzienlijk toenemen. De WTR heeft in 2010 op verzoek van SURFfoundation een tussentijdse evaluatie uitgevoerd van het lopende SURFshare programma. Het rapport van de WTR is inmiddels beschikbaar gekomen. Op basis van de aanbevelingen in het rapport én op basis van een reeks bevindingen die binnen het SURFshare programma zelf eind 2009 zijn verkregen, zullen de focus en aanpak van het SURFshare programma in zijn laatste jaar op een aantal punten worden aangepast. Overigens zal het rapport van de WTR pas zijn grootste waarde kunnen bewijzen tijdens de formulering van een geheel nieuw programma, dat pas na afloop van het huidige SURFshare zal kunnen starten. WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma Dit kader schetst de context van de WTR-evaluatie van het SURFshare programma. Het SURFshare programma volgt de beproefde SURF-methode, zoals hieronder schematisch weergegeven. Door vanaf het begin nauw samen te werken met instellingen, wordt toegewerkt naar uiteindelijke verankering van de geleverde ICT-oplosingen. In najaar 2009 werd de WTR verzocht om een evaluatie van Fase 1 van het SURFshare programma, met als doel het programma bij te stellen in de aanvraag voor subsidie voor Fase 2. Door verschillende oorzaken vond deze WTR evaluatie echter pas plaats nadat de subsidie voor Fase 2 al was verkregen. 42

43 Nu het evaluatierapport van de WTR is verschenen, kan geconstateerd worden dat de belangrijkste aanbevelingen van de WTR goed stroken met de door SURFshare eind 2009 zelf geconstateerde omissies in het programma en de daarop al ingezette aanpassingen. Bij wijze van respons op de aanbevelingen van de WTR evaluatie zijn de omschrijvingen van SURFshare-activiteiten in het huidige jaarplan extra aangescherpt. De gepleegde aanpassingen worden per werkpakket in een apart kader toegelicht. 43

44 2.2 Selectie en implementatie van een landelijk onderzoeksinformatiesysteem Bijzondere aandacht zal in 2011 uitgaan naar de invoering van een onderzoeksinformatiesysteem voor universiteiten, universitaire medische centra en HBOinstellingen, waarvoor eind 2010 een Europese aanbesteding wordt gepland die in 2011 moet leiden tot de eerste (pilot)implementaties bij de instellingen. De aanbesteding is voorbereid vanuit het SURFshare programma maar de implementatie van een systeem zal in 2011 in een zelfstandig project worden ondergebracht. Beoogd eindresultaat is dat Nederland begin 2013 beschikt over een landelijk geïmplementeerde kennisinfrastructuur voor hoger onderzoek en onderwijs, bestaand uit interoperabele ICT-bouwstenen voor verrijkte publicaties en de organisatie van de toegang tot onderzoekers en hun kennis. De primaire aanleiding tot de selectie en implementatie van een landelijk onderzoeksinformatiesysteem is het feit dat het door de universiteiten sinds jaar en dag gebruikte systeem METIS verouderd en aan vervanging toe is. Met de invoering van een nieuw, landelijk systeem, dat breed in het Nederlands hoger onderwijs wordt toegepast, wordt tevens gestreefd naar een verhoging van de kwaliteit van de gegevens over de wetenschappelijke output. Bovendien moet de invoering van het nieuwe systeem leiden tot een besparing van tijd en kosten voor de invoer en controle van de publicatiedata. 2.3 Onderzoek naar het gebruik van repositories In 2011 zal een onafhankelijk onderzoek opgezet en uitgevoerd worden naar de succesen faalfactoren die het gebruik van repositories door onderzoekers kenmerken. Het onderzoeksrapport zal aanbevelingen moeten bevatten die de instellingen, maar ook SURF, kunnen helpen om het daadwerkelijk gebruik van repositories te bevorderen en verbeteren. Een dergelijk onderzoek is onder andere nodig omdat de repositorytechniek weliswaar beschikbaar is maar het doorzoeken en delen van onderzoeksdata via repositories nog lang geen gemeengoed is onder onderzoekers. 2.4 Europese projecten De ontwikkelingen van ICT en internet op onderzoek en de toegankelijkheid van onderzoeksresultaten beperken zich niet tot Nederland: internationaal gezien gebeurt er heel veel. SURFshare houdt alle ontwikkelingen nauwlettend in de gaten en participeert waar mogelijk in de ontwikkeling van nieuwe standaarden voor de repositoryinfrastructuur. De ervaringen en resultaten van het SURFshare programma worden ingezet in het Europese samenwerkingsverband Knowledge Exchange en diverse Europese projecten om breed draagvlak te creëren, kennis te kunnen delen en samen sterk te staan. De Europese Commissie hecht steeds meer belang aan openheid van met publieke middelen gefinancierd onderzoek. Daarvoor nodigt ze partijen uit om met projecten bijdragen te leveren dit zo goed mogelijk te realiseren en met een goede kennisinfrastructuur te faciliteren. SURF heeft inmiddels belangstelling gewekt in Brussel voor zijn initiatief om een accreditatiesysteem op te zetten ten behoeve van Open Access wetenschappelijke tijdschriften. 2.5 Overige activiteiten Het Platform ICT en Onderzoek is lid van FOBID, de koepelorganisatie van bibliotheken in Nederland, waarbinnen het participeert in de Juridische Commissie. De verantwoordelijkheid voor de onderwijsrepository LOREnet en de digitale rechten expertise community SURFdirect gaan met ingang van 2011 over van het Platform ICT en Onderzoek naar het Platform ICT en Onderwijs respectievelijk het Platform ICT en Bedrijfsvoering (voorheen ICT en Organisatie). 44

45 De verantwoordelijkheid van het Platform ICT en Onderzoek voor enkele bijzondere internationale activiteiten, met name het samenwerkingsverband Knowledge Exchange, gaat per 2011 over naar een nieuw programma ICT en Internationalisering binnen SURFfoundation. 2.6 Activiteiten 2011 De al in de Inleiding genoemde activiteiten worden hieronder achtereenvolgens toegelicht: 1. SURFshare programma: 1. Verrijkte publicaties 2. Collaboraties (Virtuele Onderzoeks Omgeving) 3. Kwaliteit en Impact bij Open toegang 4. Architectuur en Infrastructuur 5. HBO-kennisdisseminatie 6. Digitale duurzaamheid en datacuratie 7. SHAREcommunity, kennisdisseminatie en communicatie 2. Selectie en implementatie van een landelijk onderzoeksinformatiesysteem 3. Onderzoek naar het gebruik van repositories 4. Europese projecten 5. Overige activiteiten Per themagebied wordt aangegeven wat de doelstelling is, welke relaties met andere thema s en werkpakketten er zijn, welke activiteiten in 2011 uitgevoerd zullen worden en welke resultaten beoogd worden SURFshare programma Het SURFshare programma bestrijkt verschillende themagebieden, die zijn ondergebracht in aparte werkpakketten Verrijkte publicaties, onderzoeksresultaten in samenhang (Werkpakket 1) Onderzoek is rijker dan publicaties alleen. Meer onderzoeksoutput in samenhang toegankelijk betekent meer inzicht, meer kwaliteit en meer mogelijkheden voor de wetenschap. Doelstelling 1. Onderzoekers (en docenten) faciliteren in het in samenhang toegankelijk maken van onderzoeksresultaten. 2. (Inter)nationale bekendheids- en kennisverbreding van Verrijkte Publicaties als voorbeeld van het toegankelijk maken van onderzoeksresultaten in samenhang op basis van klassiek gepubliceerde en ge-peer-reviewde artikelen. 3. Opbouwen van kritische massa aan Verrijkte Publicaties in het Nederlands Hoger Onderwijs. Dit werkpakket heeft relaties met alle andere werkpakketten binnen SURFshare, aangezien Verrijkte Publicaties een uitgelezen middel zijn om het doel van het SURFshare programma, te weten: meer onderzoeksoutput open en in samenhang toegankelijk te maken te verwezenlijken. WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma Verrijkte Publicaties zijn bij onderzoekers onbekend. Wel zoeken zij oplossingen voor het selecteren, archiveren en toegankelijk maken van onderzoeksresultaten. 45

46 Aanpassingen activiteiten: -meer nadruk op het in samenhang toegankelijk maken van onderzoeksresultaten -activiteiten meer richten op onderzoeksgroepen. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN De SURFshare community en de onderzoekswereld zijn bekend met en enthousiast over het in samenhang toegankelijk maken van hun onderzoeksresultaten. - Verbreden van de (inter)nationale Verrijkte Publicatie Community. - Organiseren van workshops over het aanbrengen en opslaan van de relaties tussen verschillende onderzoeksresultaten. - Ontwikkelen en verspreiden van promotiemateriaal van Verrijkte Publicaties (filmpjes, publicaties, flyers etc.). - Coördineren van een Verrijkte Publicatie Campagne (met verschillende activiteiten, bijvoorbeeld VP van de maand; Onderzoeker met de meeste VP s, Verrijken van publicaties van leden van de Young Academy). 2. Instellingen en onderzoekers kunnen middels Verrijkte Publicaties hun diverse onderzoeksresultaten en de onderlinge samenhang opslaan (in geschikte repositories), presenteren (middels een visualiser) en delen (via een nationaal portal). - Projecten subsidiëren die hulpmiddelen opleveren om gemakkelijk onderzoeksresulaten in samenhang op te slaan, te presenteren en te delen. 3. Er is een actieve kerncommunity met ambassadeurs voor de Verrijkte Publicaties bestaande uit ervaringsdeskundigen en onderzoekers. - Coördineren klankbordgroep Verrijkte Publicaties. - Voorlichten van onderzoekers door SURF en de instellingen over het in samenhang toegankelijk maken van onderzoeksresultaten Verrijkte Publicaties verspreid over verschillende disciplines (Kwantiteit), waarvan er 15 zijn uitgewerkt tot showcases (Kwaliteit). - Coördineren kortlopende projecten (uitgeschreven in najaar 2010). - Coördineren en subsidiëren van projecten die de relaties tussen databases en publicaties identificeren, opslaan en presenteren. Personele inzet 2011: 0,6 fte Collaboratories en digitale werkbank (Werkpakket 2) Onderzoek is een product van samenwerking; betere samenwerking is sneller en beter onderzoek. Doelstellingen 1. De onderzoeker de mogelijkheid bieden in een (inter)nationale omgeving online samen te werken, en zodoende het onderzoeksproces te versnellen en het onderzoek te verrijken middels collaboratories. 2. Onderzoekers faciliteren in het kiezen en naar eigen wensen inrichten van een digitale werkbank, waarin men kan werken aan en communiceren over onderzoeksresultaten. 3. Opbouwen van een substantiële groep gebruikers van Collaboratories in het Nederlands Hoger Onderwijs. 4. Verbreden van de kennis over en mogelijkheden van Collaboratories. Dit werkpakket heeft zowel interne (andere werkpakketten) als externe (andere platforms SURFfoundation, e-science en Research Center en SURFnet) relaties, aangezien online samenwerken centraal staat in het Meerjaren plan van heel SURF. 46

47 WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma Aanpassingen activiteiten: -reeds in Fase 1 van het SURFshare programma is het idee losgelaten om een complete collaboratory te ontwikkelen. Met behulp van een Starterskit wordt meer ingespeeld op de behoeften van de zogenaamde A-categorie wetenschappers (weinig ICT-affiniteit). Er wordt nauw samengewerkt met SURFnet en het daar gestarte project COIN. -In de communicatie over SURFshare collaboratories wordt meer nadruk gelegd op onderzoekscommunicatie en het delen van en communiceren over onderzoeksresultaten, ter onderscheid van het e-science Research Centre, waarin het onderzoeksproces zelf wordt ondersteund. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN De SURFshare community is bekend met en enthousiast over online samenwerken middels collaboratories en weet de faciliteiten en de expertise te vinden. - Organiseren van workshops (onder meer SURFacademy) over het introduceren/starten van Collaboratories. - Voorlichting bieden aan onderzoekers door SURF en de instellingen over de mogelijkheden die Collaboratories aan onderzoekers in het Hoger Onderzoeke en Onderwijs. - Realiseren van een SURFshare publicatie met behaalde resultaten op het gebied van Collaboratories. 2. Een centrale online omgeving waar onderzoekers en onderzoeksondersteuners informatie kunnen vinden over verschillende samenwerkingsomgevingen, integratie van tools, eerdere projectervaringen en standaarden voor informatieuitwisseling. - Coördineren van een online platform voor informatie over (samenwerkings)tools voor onderzoekers en verschillende samenwerkingsomgevingen. - Faciliteren uitwisseling van Collaboratory projectresultaten en gebruikersrevaringen en communityvorming rondom online samenwerken. - Verbreden van de (inter)nationale Collaboratory Community - Integreren van de Starterskit (najaar 2010) in het online platform als een module waar onderzoekers en onderzoeksondersteuners gefaciliteerd worden bij het opzetten van een Collaboratory. 3. Verspreid over verschillende disciplines is 20 Collaboratories (Kwantiteit) in gebruik, waarvan er een viertal is uitgewerkt tot showcases (Kwaliteit). - Uitschrijven en financieren kortlopende projecten in WO en HBO - Financieren van gerichte projecten voor de ontwikkeling van door onderzoekers aangedragen functionaliteiten. - Coördineren van een Collaboratories Campagne (met verschillende activiteiten, bijvoorbeeld Collab van de maand). Personele inzet 2011: 0,6 fte Open Toegang, Kwaliteit en Impact (Werkpakket 3) Open toegankelijkheid tot de resultaten tot publiek gefinancierd onderzoek, geeft nieuwe kansen aan onderwijs, professionals en kenniswerkers buiten de universiteiten, patiëntenverenigingen, adviseurs en andere belanghebbenden in de maatschappij. Doelstelling Het identificeren van nieuwe systemen voor kwaliteitscontroles (vergelijkbaar met peer review van de klassieke publicatie) en het meten van impact, voor publicaties en datasets in een Open Access omgeving. 47

48 WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma Dit werkpakket speelt in op toekomstige ontwikkelingen rond onderzoekscommunicatie, kwaliteitsbewaking van onderzoeksresultaten en waardering van onderzoekers. Aangezien deze niet vanuit de technologie kunnen worden opgedrongen, is enige terughoudendheid op zijn plaats. In Fase 1 is reeds besloten meer aandacht te richten op Open Access en de rol van de verschillende stakeholders in de transitiefase. In het Jaar van Open Access waren de activiteiten gericht op onderzoekers, bibliotheken, rectoren en besturen, koepelorganisaties, NWO, overheid en Europese Commissie. Aanpassingen activiteiten: -Naar aanleiding van de (concept) WTR-evaluatie is al in de rapportage van 2010 (1) aan de subsidiegever gerapporteerd dat in WP3 geen webdiensten zullen worden ontwikkeld. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Alternatieven voor de huidige vorm van kwaliteitscontrole van wetenschappelijke publicaties zijn geïdentificeerd: a. Identificatie van mogelijke nieuwe impact- of citatiemetingen gerelateerd aan Open Access (mede op basis van opgedane ervaring in het JISC-project Citation Services ); ontwikkelen en uitvoeren van een pilotproject. b. Fase 2 van het project SURE op het gebied van usage statistics 2. Voorlichting over vormen van kwaliteitscontrole van onderzoeksdata: a. Uitwerking van de aanbevelingen uit de studie Kwaliteitsbeoordeling van onderzoeksdata (Van der Graaf & Waaijers 2010) tot richtlijnen. b. Bevorderen van Open Access tot onderzoeksdata (in de jaarlijkse internationale Open Access week en op de Nederlandse Open Access website). 3. Kwaliteitsbeoordelingmechanismen voor het HBO zijn geïdentificeerd: a. Project Herkenbaarheid en Vindbaarheid van Hanzehogeschool Groningen (gestart in 2010). b. Workshop(s) voor onderzoekers over good practices van het zichtbaar maken van kwaliteit. Personele inzet 2011: 0,6 fte Architectuur en Infrastructuur (Werkpakket 4) Een heldere presentatie van de architectuur van de samenhang tussen processen, organisatie, content en technologie ondersteunt het bereiken van de strategische doelstellingen op de meest economische en effectieve manier, onder minimaal risico. Doelstellingen 1. Realisatie van een gebruiksvriendelijke instellingsoverstijgende informatieinfrastructuur die processen van verrijkte publicaties ondersteunt. 2. Borging van (inter)nationale interoperabiliteit tussen informatiesystemen in het informatiedomein Verrijkte Publicaties en direct aanpalende domeinen. 3. Kennisoverdracht en professionalisering rondom standaarden en architectuur voor Verrijkte Publicaties binnen het Nederlands Hoger Onderwijs. 4. Overdracht van gerealiseerde producten in en aan het werkveld. Dit Werkpakket heeft relaties met alle andere Werkpakketten. WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma 48

49 Bovengenoemde doelstellingen liggen in lijn met het projectplan voor PRIMA-subsidie, de interne kadernotitie van SURFfoundation en het Meerjarenplan van SURF. Het werkpakket is ondersteunend aan vooral WP1,2,3 en 5 door de ontwikkeling van infrastructuurcomponenten in diverse projecten te bewaken. In het Jaarplan 2010 werd de ontwikkeling van een new generation repository en daarbij horende webservices aangekondigd. In het projectplan voor PRIMA-subsidie voor Fase 2 is reeds gas teruggenomen op de innovativiteit van de te leveren infrastructuur. De beloofde infrastructuur voor archivering, presentatie en toegang tot samengestelde objecten zoals Verrijkte Publicaties, is gebaseerd op de huidige repository infrastructuur van de instellingen. De BIK gaf in januari 2010 positief advies over de twee trajecten escidoc en Escape. In overleg met de betrokken instellingen is halverwege het jaar afgezien van het ontwikkeltraject rond escidoc. Het product is veelbelovend, maar bleek nog niet rijp genoeg om binnen SURFshare tot een oplossing te kunnen leiden. In plaats daarvan is het meer haalbare project Enhanced Journals Made Easy (EJME) gestart. Het uit de twee tenderrondes voortkomende Escape maakt gebruik van de huidige repositoryinfrastructuur in de instellingen. De WTR geeft aan geen heil te zien in ontwikkelingen van semantisch-web achtige oplossingen. Dit is ook niet aan de orde, SURFshare ontwikkelt webservices volgens Web 2.0 technologie*. Om in dit html-tijdperk toch samenhang van objecten te kunnen vastleggen en presenteren wordt volgens de standaard OAI-ORE (Object Re-use and Exchange) een machine-leesbare resource-map samengesteld en apart opgeslagen in een centrale repository. *Web 2.0 wandelt keurig de Hype cycle van Immerging Technologies van Gartner door van de peak of inflated expectations in 2006 tot de slope of enlightment in In de Hype Cycle van 2010 is Web 2.0 geen issue meer, het heeft dan het plateau of productivity bereikt. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN De architectuur bestaande uit principes, modellen en afspraken over het gebruik van standaarden van de verrijkte publicatie-infrastructuur is gedefinieerd en afgestemd met de stakeholders van het informatiedomein Verrijkte Publicaties en is gepubliceerd en vindbaar. a. Afstemming van architectuur (referentie)modellen voor processen rond samengestelde objecten, zoals Verrijkte Publicaties (onderzoeksresultaten in samenhang) en het onderliggend applicatie landschap. b. Vastleggen van richtlijnen rondom het gebruik (toepassingsprofielen) van standaarden voor repositories en de uitwisseling van Verrijkte Publicaties en interoperabiliteit tussen onderzoeksinformatiesystemen en repositories (CRIS/OAR) en virtuele onderzoeksomgevingen zoals collaboratories. c. Facilitering van de ontwikkeling en implementatie van standaarden voor Persistent Identifiers roadmap en voorbeeld infrastructuur. d. Communicatie rondom architectuur en standaarden 2. Er zijn applicaties die het maken, opslaan, presenteren en valideren van verrijkte publicaties ondersteunen. a. Ontwikkeling van voorbeelden van applicaties waaronder een Verrijkte Publicatie Editor met Repository functionaliteit (project Escape) en een Verrijkte Publicatie Journal System (project EJME). b. Coördinatie van een Persistent Identifier Resolver als ondersteunende dienst (project PersID-NL). c. Ontwikkeling van prototypes voor een Verrijkte Publicatie Visualiser en een Verrijkte Publicatie Validator. 3. De nieuw gerealiseerde architectuur en infrastructuur houden rekening met de 49

50 aansluiting van bestaande infrastructuurcomponenten. a. Aansluiting met bestaande infrastructuur door het gereedmaken van de onderzoeksportal NARCIS als nationaal aggregatiepunt voor de koppeling met de Verrijkte Publicatie infrastructuur. Personele inzet 2011: 1,1 fte HBO kennisinfrastructuur (Werkpakket 5) Doelstellingen 1. Versterken van de kennisinfrastructuur van hogescholen door het bieden van ondersteuning bij het inrichten en uitbreiden van een stelsel van interoperabele repositories en het consolideren en beleggen van de daarop ontwikkelde diensten. 2. Bewust maken van de betrokken doelgroepen ten aanzien van de benodigdheden en mogelijkheden voor het ontsluiten van de resultaten van het praktijkgericht onderzoek van hogescholen. Dit Werkpakket heeft relaties met alle andere Werkpakketten. WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma De WTR heeft dit werkpakket niet in de evaluatie van het SURFshare programma betrokken. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 Consolideren van infrastructuur en diensten Vergroten draagvlak en uitbreiden repository netwerk door voorlichting en samenwerking met relevante partijen (HBO-raad, strategische werkgroep onderzoeksbeleid, SIA, Forum voor Praktijkgericht Onderzoek). Realiseren van digitale duurzaamheid van de collecties van hogescholen in samenwerking met KB. Implementeren van Digital Author Identification (DAI) binnen hogescholen. Opzetten van pilots gericht op het zichtbaar maken van kwaliteit van onderzoeksresultaten die via Open Access beschikbaar zijn. Ondersteunen van de inrichting van een professionele beheer- en onderhoudsomgeving voor de HBO kennisbank en het beleggen van de HBO Kennisbank en de repositoryservice Sharekit bij derden. Stimuleren gebruik van diensten en collectievorming: Stimuleren van gebruik van diensten via een grassrootsaanpak. Stimuleren van collectievorming door gerichte campagnes. Ondersteunen en stimuleren van collaboratories die samenwerking tussen onderzoekers binnen kenniskringen versterken. Opzetten van pilots gericht op het in samenhang presenteren van de resultaten van praktijkgericht onderzoek Opzetten van pilots gericht op het thema- en doelgroepgericht ontsluiten van de HBO Kennisbank via brancheorganisaties, themawebsites en de Kamer van Koophandel. Voorlichting, communicatie en evaluatie Ontwikkelen van voorlichtings- en communicatieactiviteiten voor de diverse doelgroepen binnen de instellingen. Ondersteunen van de werkgroepen (metadata, auteursrechten, communicatie) en gebruikersgroepen (HBO Kennisbank, repositoryservice Sharekit). Ondersteunen van contactpersonen en uitbreiden en verankering community. Voorlichting ontwikkelen voor diverse doelgroepen ten aanzien van thema Kwaliteit en Open Access. Evaluatie van activiteiten gericht op het ontsluiten van praktijkgericht onderzoek en opstellen van rapport met geleerde lessen. 50

51 Personele inzet 2011: 1,0 fte Toegang tot onderzoeksdata (Werkpakket 6) Toegang tot onderzoeksdata in context faciliteert de kwaliteitscontrole van onderzoek en stimuleert hergebruik van moeizaam verkregen datasets in onderwijs en onderzoek. Doelstellingen 1. Bewustwording creëren over digitale duurzaamheid en datacuratie 2. Mogelijkheden scheppen om het preserveren en de blijvende toegankelijkheid van onderzoeksdata te waarborgen. Dit werkpakket is ondersteunend aan de innovaties in andere werkpakketten. 3. Komen tot afstemming met de activiteiten van nationale Coalitie Digitale Duurzaamheid (NCDD), DANS en het datacentrum van 3TU op het terrein van digitale duurzaamheid en datacuratie via het Onderzoeksdata Forum. WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma In Fase 1 van het SURFshare programma waren de onderwerpen digitale duurzaamheid en datacuratie ondergebracht in WP3 Toegang, kwaliteit en impact. In het projectplan voor Fase 2 zijn deze als apart werkpakket beschreven. Aanpassingen activiteiten: -de oorspronkelijk geplande activiteiten rond Eigendom van data en datasets zijn daarbij geschrapt. -Activiteiten rond Kosten van digitale duurzaamheid en businessmodellen zijn belegd bij NCDD. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 Afstemming activiteiten NCDD, DANS en datacentrum 3TU Voorzitterschap van de coördinatiegroep van het Onderzoeksdata Forum. Bewustwording creëren Uitbouw van het Onderzoeksdata Forum en coördinatie van de activiteiten van de drie werkgroepen van het Forum. Beleidsvoorstellen en praktijkvoorbeelden voor blijvende toegankelijkheid van data, mede om hergebruik te stimuleren Uitgewerkte set van richtlijnen voor instellingen, financiers en onderzoekers voor selecteren en bewaren van data; Projecten rond de vraagstukken: Verantwoordelijkheden diverse betrokkenen, met aandacht voor onderzoeksgroepen en onderzoekers; Centrale of decentrale opslag digitale data; per instelling, clustering van data of data curation centres; Gebruik metadata/ resolvers en preservering hiervan. Personele inzet 2011: 0,3 fte SHARE community, kennisdisseminatie en communicatie (Werkpakket 7) Doelstellingen 1. Het vergroten van de bewustwording onder onderzoekers, lectoren, beleidsmakers, uitgevers en anderen van het nut van vrije toegang tot de resultaten van wetenschappelijk onderzoek en het motiveren om beschikbare (ICT) toepassingen te gebruiken. 51

52 2. Synergie behalen door bewaken van samenhang tussen activiteiten en promotie van ontwikkelde infrastructuur en tools. 3. Zorgen dat de ontwikkelde expertise, resultaten en ontwikkelingen uit het SURFshare programma worden gedeeld met de community. Afstemmen activiteiten met het veld om te zorgen dat er voldoende draagvlak voor de activiteiten is. 4. Kennisuitwisseling tussen alle bij SURFshare betrokken instellingen en de maatschappij. Dit werkpakket is ondersteunend en adviserend aan de andere werkpakketten. Dit werkpakket heeft verder relaties met 1. SURFdirect, de digitale rechten expertise community van SURF 2. SURFacademy, het professionaliseringsprogramma van SURF rondom ICT in het hoger onderwijs en onderzoek. WTR aanbevelingen en daarop aansluitende aanpassingen in het SURFshare programma In 2010 zijn op basis van de resultaten uit de tweede ronde tenderprojecten vooral onderzoekers aan het woord gelaten. In videoclips en de SURFshare-serie worden de ervaringen van deze onderzoekers uitgelicht. In grassroot projecten in het HBO en in de OA-week van 2010 hebben instellingen daar spontaan nieuwe videoclips en voorlichtingsactiviteiten aan toegevoegd. In 2011 worden deze materialen breed ingezet in campagnes om de onderzoekers te bereiken. Hierbij worden Verrijkte Publicaties niet als doel gecommuniceerd, maar als middel om te beginnen met selectie, archivering en presentatie van onderzoeksresultaten in samenhang. Het klassieke, ge-peer-reviewde artikel dient daarbij als context voor de daarmee samenhangende datasets, databanken, fotoseries, figuren en multimediaobjecten. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 Resultaten uit het SURFshare programma zijn bekend en vindbaar voor onderzoekers, beleidsmakers en intermediairs: beschikbaar maken van de resultaten uit de andere werkpakketten (zoals rapporten, guidelines, best practices, voorbeelden, modellen, applicaties, prototypes etc.) en deze verspreiden en promoten. Alle resultaten zullen uiteindelijk in een resource guide gebruiksvriendelijk en in context worden aangeboden. ontwikkelen en inzetten van voorlichtingsmateriaal, zoals websites, factsheets, (multimedia) publicaties, korte filmpjes, persberichten, presentaties, bijeenkomsten, nieuwsbrieven en boeken in de SURFshare serie. verzorgen van communicatie rondom pilot en grassroots projecten en campagnes. afstemmen communicatie onder meer in een klankbordgroep onderzoekers en in overleggen met intermediairs. Kennis en ervaringen worden uitgewisseld in de SURFshare community, ook tussen HO en WO: faciliteren met SURFshare community website, vergaderingen en workshops organiseren van een Onderzoeksdag, als afsluiting van het SURFshare programma onderhouden contacten met de community, met onderzoekers, pers, beleidsmakers en een breder publiek. Een groep onderzoekers en intermediairs (bij met name bibliotheken en mediatheken) fungeren als SHARE ambassadeurs in de instellingen: adviseren, faciliteren en voorlichtingsmateriaal aanreiken. Instellingen zijn enthousiast om te participeren in werkgroepen en (tender)projecten en daarover te rapporteren: verbinden van experts en organiseren en faciliteren van vergaderingen en bijeenkomsten. 52

53 Inzicht in behoeften in het veld en succes van het behalen van de SURFshare doelen: (laten) uitvoeren van een eindevaluatie (laten) uitvoeren van de SURFshare eindmeting, in vervolg op SURFshare nulmeting: 'Nederlandse academische repositories' oprichten klankbordgroep onderzoekers bezoeken van de instellingen. Personele inzet 2011: 1,1 fte Selectie en implementatie van een landelijk onderzoeksinformatiesysteem Doelstelling Transparante registratie en rapportage van onderzoeksresultaten met behulp van een interoperabel Current Research Information System (CRIS). Bij interoperabiliteit gaat het om repositories (metadata van de onderzoeksresultaten), interne systemen voor HRM, workflow en rapportage, de NWO-projectadministratie, NARCIS en het Europese D-NET. In het najaar 2010 zal de Stuurgroep CRIS, na raadpleging van de koepelorganisaties VSNU, HBO-raad en NFU en op basis van intekening door de individuele instellingen, een besluit nemen over het starten van een formele aanbestedingsprocedure. Met het oog op het verwezenlijken van een landelijk CRIS voor het Nederlands Hoger Onderwijs is een PRIMA-subsidieaanvraag ingediend voor een bedrag van in totaal M 1,4, waarvan M 0,5 voor Fase 1 (2011) en M 0,9 voor Fase 2 (2012). ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 Uitvoeren van pilotimplementaties bij een aantal HO-instellingen Evalueren van de pilotimplementaties Implementeren van het CRIS bij andere instellingen Voorjaar 2012 moet het nieuwe CRIS bij ca. 50% van de deelnemende instellingen geïmplementeerd zijn. Personele inzet 2011: 0,5 fte Onderzoek naar het gebruik van repositories Doelstellingen 1. Helder in kaart brengen op welke schaal repositories ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek gebruikt worden. 2. De succes- en faalfactoren vaststellen 3. Aanbevelingen doen voor bevordering van het gebruik van repositories ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 Aan een onafhankelijke instantie wordt opdracht verleend om het onderzoek op te stellen en uit te voeren Het eindrapport wordt in brede kring verspreid N.B.: Het hier bedoelde onderzoek kent een ruimere opzet dan de eindmeting die binnen het SURFshare programma wordt uitgevoerd. Zie aldaar onder WP7. Personele inzet 2011: 0,2 fte Europese projecten Samen met de instellingen participeert SURF in projecten van de Europese Unie. Doelstelling 53

54 Op termijn (aansluiting op) een internationaal netwerk realiseren van onderzoekerplatforms waarin nieuwe toepassingen kunnen worden geïntegreerd conform afgesproken open standaarden, protocollen en formaten. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 PEER (Open Access tot postprint publicaties van een grote serie): Richtlijnen (Guidelines) voor uitgevers deponeren in repositories. Helpdeskactiviteiten. Looptijd: Bijzonderheden: in dit project wordt samengewerkt met belangrijke uitgevers Personele inzet 2011: 0,1 fte openaire: 38 partners uit alle 27 Europese landen werken samen aan OA op basis van de in DRIVER ontwikkelde repository infrastructuur en de portal DNET. Bijzonderheden: in dit project worden enkele duizenden rapporten opgeleverd in EU projecten, online toegankelijk gemaakt Looptijd: september 2009 tot september 2012 Bijzonderheden: in dit project staat de onderlinge afstemming van repositories centraal Personele inzet 2011: 0,2 fte einfranet: beleidsadvies aan de Europese Commissie over ontwikkeling van de European Research Area. Looptijd: einde 2009 tot einde 2012 Personele inzet 2011: 0,1 fte COAR: Confederation of Open Access Repositories met ca. 50 leden, waarin naast Europese landen ook Japan en Canada participeren. Mogelijke nieuwe initiatieven: In samenwerking met de Europese Commissie: het opzetten van een accreditatiesysteem ten behoeve van kwalitatief hoogstaande OA tijdschriften Overige activiteiten FOBID De FOBID Juridische Commissie (FJC) is een van de vaste commissies van FOBID, Netherlands Library Forum, dé koepelorganisatie van bibliotheken in Nederland. De FJC houdt zich bezig met de juridische aspecten die van belang zijn voor bibliotheken, informatie- en documentatiecentra De FJC heeft twee belangrijke opdrachten: informatie uitwisselen over ontwikkelingen met betrekking tot het auteursrecht met de aangesloten leden, dat wil zeggen: de koepelorganisaties die samen FOBID vormen, stichting SURF en OCLC-PICA de belangen van de leden behartigen door de ontwikkelingen te volgen en daarop op gepaste wijze te reageren. Platform ICT en Onderzoek verleent ondersteuning aan FOBID en ontvangt daar een (niet helemaal dekkende) vergoeding voor. Personele inzet 2011: 0,2 fte 54

55 2.7 Begroting ICT en Onderzoek: Exploitatierekening Projectkosten Projectinkomsten Saldo Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal subsidies inkomsten mutatie samenw. programma inzet kosten kosten derden OHW bijdrage inkomsten =(2+3) =(5 t/m 8) SHARE ( ) Verrijkte publicaties (wp1) Collaboraties & Digitale Werkbank (wp2) Kwaliteit, Disseminatie en Impact (wp3) HBO kennisdissiminatie (wp5) Architectuur/infrastructuur (wp4) Datacuratie en digitale duurzaamheid (wp6) Communicatie en Roadmap (wp7) Programma-management (wp8) Subtotaal Share Europa - PEER openaire einfranet Subtotaal Europa Fobid Juridische Commissie NL-RIS Onderzoek repositories Platform algemeen Subtotaal platformprojecten Totaal Platform Resultaat ultimo Platformreserve ultimo Platformreserve ultimo

56 3 Platform ICT en Bedrijfsvoering MEERJARENPLAN SURF JAARPLAN 2011 Platform ICT en Bedrijfsvoering werkprogramma met doelstellingen platform en concrete activiteiten Inleiding Het programma ICT en Bedrijfsvoering richt zich op de bedrijfsvoering van hogescholen en universiteiten. Met name de ondersteunende processen voor onderwijs en onderzoek, maar ook overkoepelende vraagstukken als beveiliging en strategisch informatiebeleid. Het gaat daarbij steeds om de vraag hoe samenwerking tussen de instellingen bij innovatie, ontwikkeling en implementatie van ICT behulpzaam kan zijn. Steeds duidelijker wordt dat ICT in meer of mindere mate een cruciale rol vervult in vrijwel alle primaire en ondersteunende processen binnen het hoger onderwijs en onderzoek. Voorts wordt steeds nadrukkelijk om een integrale benadering gevraagd, dat wil zeggen de inhoudelijke en organisatorische domeinen doorsnijdend. Tegelijkertijd staan de instellingen voor omvangrijke uitdagingen met betrekking tot verhoging van de kwaliteit en verlaging van de kosten. In het programma ICT en Bedrijfsvoering gaan we met de instellingen op zoek naar hoe de ICT kan bijdragen aan beheersing en verlaging van kosten door standaardisering en samenwerking en tegelijkertijd (daarmee!) ruimte bieden aan het onderwijs en onderzoek om binnen die standaards eigen keuzen te maken, te werken aan kwaliteitsverhoging en profilering. Een mooie en uitdagende opgave. Het domein ICT en Bedrijfsvoering omvat een groot werkgebied. Afbakening van activiteiten en prioriteitstelling is daarom noodzakelijk. Een aantal thema s uit het Bedrijfsvoeringsdomein zullen we daarom (nu) niet vanuit SURFfoundation oppakken: Personeelsadministratie, Financiële administratie, CRM, Communicatie en Voorlichting, Inkoop, Huisvesting. Voor deze thema s geldt dat ze niet heel specifiek zijn voor het hoger onderwijs en onderzoek (m.a.w. elke grotere organisatie heeft ermee te maken) en er is reeds veel kennis en ondersteuning op de markt of in de sector zelf beschikbaar. De keuze van de thema s die we wel gaan behandelen is gebaseerd op het SURFmeerjarenplan en de aangegeven behoeften vanuit de instellingen. Het zijn de thema s waar bij uitstek resultaat wordt verwacht van het bundelen van kennis en kracht binnen de HO-sector. Op basis hiervan is de volgende prioritering voor 2011 gemaakt: - Onderwijslogistiek - BIS - Groene ICT - ICT-Governance - Sourcing Kort voor het afronden van dit jaarplan verscheen het advies van de WTR over de Digitale Studie en Werk Omgeving. Het Platformbestuur vindt dit een belangwekkend advies en onderschrijft het advies op hoofdlijnen. Het wil aan de uitvoering en uitwerking van dat advies de hoogste prioriteit geven. Daarbij zal nadrukkelijk samenwerking worden 56

57 gezocht met de andere platforms, de andere organisatieonderdelen van SURF en last but not least de instellingen. Hoewel het DSWO-thema breder is dan onderwijslogistiek heeft het als paragraaf onder dat thema de eerste plaats gekregen in het jaarplan. De thema s architectuur en standaarden hebben in tegenstelling tot voorgaande jaren geen prominente plaats gekregen in het jaarplan. Dat wil niet zeggen dat deze thema s niet meer belangrijk zijn of geen aandacht meer krijgen. Het is echter bewust beleid om architectuur en standaarden zo min mogelijk als techniek te benaderen, maar te gebruiken (en dan ook zo op te benaderen) als instrument om inhoudelijke doelen te realiseren en activiteiten te ondernemen. 57

58 3.1 Onderwijslogistiek Onderwijslogistiek is de verzamelnaam voor een scala aan processen, systemen en informatiestromen die het mogelijk maken dat het onderwijs kan worden uitgevoerd en gemanaged. 1 Onderwijslogistiek heeft niet alleen te maken met processen die direct met het onderwijs zijn geassocieerd, zoals planning, roostering en toetsing, maar ook met administratieve en bestuurlijke processen en thema s die voorwaardenscheppend zijn voor het onderwijs, bijvoorbeeld inschrijving en de ontwikkeling van een examenreglement Organiseren van ondersteuning In het Nederlands hoger onderwijs is ICT niet meer weg te denken, elektronische leer omgevingen, student informatie systemen, rooster applicaties, etc. Ook het leren en het onderzoek worden in het primaire proces ondersteund met behulp van ICT. Veel van de functionaliteiten die de vaak omvangrijke systemen bevatten, worden tegenwoordig ook aangeboden in de cloud. Studenten, maar ook onderzoekers en docenten maken gebruik van mobiele apparatuur, waarop ze toegang willen hebben tot een eigen, gepersonaliseerde leer- en werkomgeving. Ook willen zij toegang houden tot materiaal na afloop van hun opleiding. De huidige systemen bieden deze mogelijkheden niet. Daarnaast vervagen de scheidslijnen tussen de generieke activiteiten in onderwijs, onderzoek en ondersteunende processen, waar voorzieningen als mail, chat, videoconferentie, samenwerken aan documenten, uitwisselen van informatie en data, tekstverwerking, presentatie van resultaten of voortgang nodig zijn. Het toenemende generieke karakter van veel ICT functionaliteiten en het grote aanbod van functionaliteiten maken een herbezinning op de traditionele elektronische leeromgeving noodzakelijk. Een digitale studie- en werkomgeving, waarin ook faciliteiten voor onderzoekers kunnen worden aangeboden, kan het werk van studenten, docenten, onderzoekers en beheerpersoneel ondersteunen. Deze ontwikkelingen maken het niet meer vanzelfsprekend dat instellingen kiezen voor standaardsystemen om studenten en docenten een elektronische leeromgeving te bieden. Organiseren van ondersteuning is een programma dat gedurende de hele meerjaren planning mee loopt. Het programma vloeit voort uit het WTR advies voor de Digitale leeren werkomgeving, en richt zich op het verbeteren van de ondersteuning van onderwijs en onderzoek. Binnen het programma worden kansrijke samenwerkingsverbanden geïdentificeerd op het gebied van de ondersteuning van onderwijs en onderzoek. Criteria hiervoor zijn: de generieke bruikbaarheid van het proces én het belang van het proces voor meerdere hoger onderwijsinstellingen 2. Hierbij kan het gaan om processen die zo belangrijk zijn dat alle instellingen ze al hebben vormgegeven of processen die zo algemeen voorhanden zijn, zoals (cloud)sourcing, dat de marges voor concurrentie op deze processen uiterst smal zijn. De verwachting is dat door de ondersteuning van deze secundaire processen met innovatieve ICT voorzieningen, meer aandacht kan worden besteed aan onderwijs, onderzoek en studie. Daarnaast levert het op orde hebben van de 1 J. de Boer, Onderwijs en logistiek; een gedwongen huwelijk, presentatie van KPMG. 2 Dit komt overeen met de zogenaamde Qualifying en Underpinning processes in het model van Edwards en Peppard - Edwards, C. & Peppard, J., A critical issue in business process re-enginering: focussing the initiative, Cranfield School of management,

59 secundaire processen de instellingen de ruimte voor diversiteit en flexibiliteit waar het gaat om de inhoudelijke kant van hun activiteiten 3. De gewenste kwaliteit en efficiëntie zal alleen bereikt kunnen worden wanneer overzicht over de processen en informatiestromen bestaat en de informatie daadwerkelijk uitgewisseld kan worden. Dit kan o.a. worden bewerkstelligd door het gebruik van architectuur en standaarden. Daarom zal SURFfoundation de architectuur community of practice ondersteunen om zo met behulp van architectuur kansrijke processen om op samen te werken te identificeren. Om optimaal aan te sluiten bij bestaande (cloud)diensten op de markt zal het zoeken naar generieke functionaliteiten parallel lopen aan het in kaart brengen van bestaand aanbod van diensten door SURFNet. Daarnaast is integratie van dienstverlening nodig om studenten, docenten en onderzoekers een totaal pakket aan diensten aan te kunnen bieden. Integratie van dienstverlening vraagt om afstemming van enerzijds processen en informatie binnen de instellingen en anderzijds van aansluiting op processen en informatie van buiten de instellingen. Om deze integratie mogelijk te maken zullen bestaande best practices in kaart worden gebracht alsmede zullen nieuwe innovatieve integratiemethodieken zoals COIN (SURFnet) nader onderzocht worden op toepasbaarheid. Minstens zo belangrijk is de aandacht voor de kennis en vaardigheden om met de toenemende diversiteit aan (nieuwe) ICT-voorzieningen om te kunnen gaan. Hierin speelt het Platform ICT en Onderwijs een rol. Studenten, docenten en onderzoekers van uiteenlopende disciplines hebben verschillende behoeften op samenwerkingsgebied: one size fits all bestaat niet. De mogelijkheden en wensen voor de inzet van specifieke ICT voor didactische doeleinden verschillen per opleiding, per cursus(deel) en zelfs per docent. SURF kan samen met de instellingen inventariseren welke diensten generiek zijn, en, gezien de positieve ervaringen met SURFgroepen, onderzoeken of een dergelijke voorziening voor het hoger onderwijs, al dan niet gefaciliteerd vanuit de cloud, kan worden aangeboden. Een model waarbij de gebruikers ondersteund worden in hun keuze en/of gebruik van diensten, afhankelijk van de complexiteit van hun behoefte is daarbij denkbaar: SURF ontwikkelt de collaboratories starterskit voor onderzoekers om hulp en advies te bieden bij het kiezen en inrichten van een collaboratory. Onderwijs sluit hierbij aan. Naast onderzoekers worden ook docenten, studenten en medewerkers uit het onderwijsveld ondersteund bij het kiezen van geschikte online samenwerkings- en communicatiemiddelen die aansluiten op hun wensen en eisen. Voor gebruikers die genoeg hebben aan een aantal basisfunctionaliteiten, kan een generieke online samenwerkingsomgeving uitkomst bieden met voorzieningen als documenten delen, versiebeheer en webconferencing. Gebruikers die daarnaast behoefte hebben aan aanvullende of meer geavanceerde functionaliteiten krijgen deze middels de collaboraties starterskit aangereikt. COIN maakt een dergelijke flexibele online samenwerking op maat mogelijk. 3 WTR advies Digitale Leer- en Werkomgeving 59

60 Doelstelling Door samen te werken op processen waarop concurrentie geen zin heeft wordt efficiency bereikt voor het hele HO. Het is hierbij noodzakelijk om deze processen inzichtelijk te krijgen, daarom zal een functionaliteiten/processen matrix worden gemaakt voor de gewenste/gevraaagde functionaliteiten. Deze matrix kan vervolgens worden gebruikt om diensten of processen die worden aangeboden op te positioneren. De samenwerking van instellingen om diensten te delen zal verder doorstralen in het HO doordat aanpalende activiteiten ook aan kunnen haken bij gezamenlijk gemaakte afspraken, zodat diensten eenvoudiger kunnen worden geïmplementeerd. Door best practices als handreikingen aan te bieden voor gestandaardiseerde integratie van processen en informatie binnen en buiten de instellingen, krijgen studenten en docenten een betere dienstverlening op maat, hierbij valt te denken aan het beschrijven van de toepasbaarheid van COIN, maar ook het beschrijven van best practices bij instellingen of samenwerkingsverbanden van instellingen. Door het ontwikkelen en aanbieden van een collaboratories starterskit worden docenten, studenten en medewerkers ondersteund in de keuze voor een op hun specifieke wensen afgestemde samenwerkingstools voor de ondersteuning van hun onderwijs. Het aanbieden van een professionaliseringsprogramma op maat binnen SURFacademy verbetert de technische en didactische kennis van docenten voor het gebruik van ICTvoorzieningen in het onderwijs. Het zwaartepunt ligt daarbij niet op de laatste nieuwe gadgets, maar in basale kennis en vaardigheden van voorzieningen zoals het digitale schoolbord en een goed gebruik van presentatieapplicaties. Het Platformbestuur zal nadrukkelijk worden betrokken bij het (eerst) nader operationaliseren van de wijze waarop uitvoering zal worden gegeven aan het DSWOadvies van de WTR. Ook de andere platform(s)(besturen) zullen daarbij worden betrokken. Activiteiten en beoogde resultaten in Uitvoeren van het WTR-advies: Kansrijke onderwijslogistieke processen te identificeren, waarbij instellingsoverstijgende samenwerking loont en deze overzichtelijk in een functionaliteiten matrix onderbrengen, in samenwerking met SURFNet 2. Beschrijven van best practices op het gebied van integratieve dienst- en informatievoorziening, in samenwerking met SURFNet 3. Architectuur documenten van instellingen vergelijken en generieke principes/informatiedomeinen en processen in kaart brengen. (5k) 4. Een standaardenoverzicht maken voor informatie afstemming tussen verschillende generieke systemen (SIS en DLWO, Roostering en Planning, etc) (5k) 5. Ontwikkelen en aanbieden van een collaboratories starterskit om docenten, studenten en medewerkers te ondersteunen bij het kiezen en inrichten van geschikte online samenwerkings- en communicatiemiddelen voor de ondersteuning van het onderwijs. (5k) 6. Ontwikkelen en aanbieden van een programma binnen SURFacademy voor het ondersteunen van instellingen bij het professionaliseren van docent, met een aanbod op maat gericht op het verbeteren van de technische en didactische kennis voor het gebruik van ICT in het onderwijs 7. Afstemming met de Special Interest Group DSWO wat de behoeften zijn op didactisch gebied omtrent de DSWO, en daar waar mogelijk invulling aan geven. (5k) 8. Afstemming met de Platforms Onderwijs en Onderzoek en SURFnet over activiteiten rondom DSWO. Personele inzet 2011: 0,6 fte Financiële inzet 2011:

61 3.1.2 vraagsturing in onderwijslogistiek Het hoger onderwijs wordt geconfronteerd met een steeds grotere vraag naar onderwijs in studenten aantallen evenals een steeds grotere en steeds meer diverse groep studenten. Hierbij kan gedacht worden aan zij-instroom, MBO-doorstroom en studenten die opzoek zijn naar bijscholing bijvoorbeeld in het kader van levenslang leren. Daarnaast is ook in het HO een steeds beperktere hoeveelheid middelen beschikbaar om de aktiviteiten uit te voeren. Dit verhoogt de druk op de traditionele wijze van het organiseren van onderwijs. Wanneer het advies van Veerman 4 wordt opgevolgd om in te spelen op leerstijlen en achtergronden van studenten, door onderwijsprogramma s flexibeler te maken wordt de druk op de huidige wijze van organiseren alsmeer groter. Veerman roept instellingen en studenten op samen afspraken te maken over de aanpak hiervan. In de thuiszorg vindt een kleine revolutie plaats door toepassing van een nieuw serviceconcept. In plaats van dat managers en andere ondersteunende medewerkers (logistiek) bepalen welke thuiszorg wordt geleverd en de organisatie daarvan regelen, gaan cliënten en de zorgverleners dit zelf samen doen. In onderling overleg bepalen zij de zorgbehoefte en in onderling overleg en met behulp van moderne ICT-middelen doen ze ook de logistieke organisatie. Het belangrijkste effect hiervan is, naast een hogere productiviteit en lagere overhead door optimalisatie van bedrijfsprocessen, dat de organisatie een hogere servicegraad realiseert. Cliënten voeren regie op hun eigen zorgbehoefte en professionals doen wat zij graag doen, namelijk inhoud geven aan hun vak door zorg te leveren. Dit programma beoogt in een tijdsbestek van twee jaar zicht te krijgen of dergelijke serviceconcepten ook in het (hoger) onderwijs toegepast kunnen worden. Om dit mogelijk te maken zal allereerst in samenwerking met experts uit het veld worden onderzocht welke vraagstukken en kansen op het gebied van vraagsturing liggen. Zodat vrij vroeg in het proces mogelijke quickwins kunnen worden geïdentificeerd. Op basis van de verkregen inzichten zal vervolgens in de praktijk ervaring worden opgedaan met behulp van livinglabs in de vorm van een tender. Zou de (logistieke) organisatie van het onderwijs niet veel meer dan nu een zaak van student en docent gezamenlijk kunnen worden, waarbij de rol van allerlei ondersteunende afdelingen wordt teruggebracht? Hoe zou dat er dan uit kunnen zien? En wat betekent dat voor de ral van de onderwijsondersteunende medewerker? Doelstelling Verhogen van de flexibiliteit en organiseerbaarheid van het onderwijs, naar analogie van nieuwe service-concepten in de Thuiszorg. Uitwerken van nieuw experimenteel concept van vraagsturing in de onderwijslogistiek, waarbij het onderwijs niet wordt gepland door management en roosteraars, maar door teams van studenten en docenten. Vervolgens experimenteren in bij voorkeur meerdere kleine living labs binnen een aantal instellingen. 4 Veerman e.a., Differentiëren in drievoud, Advies van commissie Toekomst Bestendig Hogeronderwijs Stelsel, Den Haag, April 2010, p

62 Activiteiten en beoogde resultaten in Met het veld komen tot quickwins op het gebied van vraagsturing in de onderwijslogistiek 2. Opzetten van minimaal twee livinglabs op het gebied van vraagsturing in de onderwijslogistiek Personele inzet 2011: 0,4 fte Financiële inzet 2011:

63 3.1.3 Onderwijsplanning- en roostering In een studie van het Lectoraat ICT en Onderwijs van Windesheim wordt over de gehele linie een groot aantal knelpunten gesignaleerd in de plannnings- en roosterprocessen bij Hogescholen. Als gevolg hiervan worden onderwijsruimtes niet efficiënt gebruikt, roostersystemen worden suboptimaal ingezet en veel studenten zijn ontevreden over de roosters. 5 Verwacht mag worden dat met ontwikkelingen als vraaggestuurd leren en competentie gericht onderwijs de knelpunten zullen toenemen. Het onderwijsplanning- en roostering domein is een complex domein. De activiteiten en informatiestromen vanuit meerdere organisatieonderdelen komen er samen. Bovendien heeft iedere instelling zijn plannings- en roosterprocessen op een eigen manier georganiseerd. Dit geeft weinig houvast voor een instellingsoverstijgende aanpak MEERJARENPLAN SURF Onderwijsplanning- & roostering Wij concentreren ons op de ICT systemen voor planning en roostering als het uitgangspunt. Deze vertegenwoordigen binnen dit thema het gemeenschappelijke element van HO instellingen. De afgelopen periode hebben wij een kennis- en informatieplatform opgebouwd rond een roosterpakket. Tevens hebben wij in samenwerking met de leverancier en SURFdiensten een eerste versie van een model service-overeenkomst opgesteld en de mogelijkheid onderzocht deze als landelijk geldend aan te bieden. Doelstellingen In 2011 willen wij deze activiteiten voortzetten. Daarnaast willen wij de integratie van de verschillende systemen die worden gebruikt binnen het plannings- en roosterproces verbeteren. Naast deze concrete activiteiten willen wij onderzoeken of er meer generieke oplossingen zijn voor het afstemmen van plannings- en roosterprocessen. Wij willen hierbij onderzoeken welke ervaringen binnen aanpalende onderwijssectoren bestaan, bijvoorbeeld met het Triple A Onderwijsprocesmodel worden opgedaan, dat is ontwikkeld met het oog op de invoering van competentiegericht onderwijs. 6 De looptijd van dit project bedraagt vooralsnog één jaar. Na afloop zal worden geëvalueerd of er voldoende aanknopingspunten zijn voor verlenging. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN In samenwerking met SURFdiensten en een vertegenwoordiging van Syllabus+ gebruikers komen tot een afspraak met de leverancier voor een landelijk geldend Service Level Agreement. 2 In overleg met COMIT en KAAIWO nagaan welke acties op het onderzoek naar de knelpunten in het Plannings- en roosterproces ondernomen zijn of kunnen worden. (Whitepaper) 5 van t Riet, Knelpunten in de plannings- en roosteringsprocessen van de hogescholen (Zwolle, 2009) 6 Zie 63

64 3 Ondersteunen van de Landelijke gebruikersgroep Syllabus+ en het gedeeltelijk verbreden van de scope van de landelijke gebruikersdagen. 4 Onderzoeken van de toepasbaarheid van (elementen van) de TripleA architectuur. (Onderzoeksrapport) 5 Contact uitbouwen met vendors van rooster-, SIS- en planningspakketten en het IMS om de mogelijkheden van uitwisselstandaarden van roosterinformatie te onderzoeken. Personele inzet 2011: 0,2 fte Financiële inzet 2011: Whitepaper actie knelpunten Ondersteuning Gebruikersgroep roostering Ontsluiting van opleidings- en vakinformatie De vak- en opleidingsinformatie van instellingen vormen het beginpunt van een lange informatieketen. Deze keten vormt de basis van allerhande informatievoorzieningen gericht op het werven en informeren van (internationale) studenten en medewerkers van instellingen, zoals Kies Op Maat, Studiekeuze 123 en de Decanengids. Deze voorzieningen stellen schoolverlaters en studenten in staat hun studieloopbaan te plannen. 7 Instellingen kunnen op basis van deze gegevens toetsen welke doorstroom criteria gelden. 8 Bovendien biedt een goed georganiseerde informatieketen instellingen de mogelijkheid om hun studie aanbod efficiënt via meerdere kanalen te publiceren, bijvoorbeeld op de eigen website, Studiekeuze 123 of bij commerciële marktpartijen MEERJARENPLAN SURF Ontsluiting van opleidings- en vakinformatie In 2010 heeft het platform ICT en Bedrijfsvoering de Hodex onder de hoede genomen, een infrastructuur voor de opslag en ontsluiting van opleidingsinformatie. 9 Daarnaast heeft het een onderzoek gedaan naar (internationaal) gehanteerde standaarden voor het beschrijven van onderwijs aanbod. 10 Gestandaardiseerde infrastructuren voor opleidings- en vakinformatie zijn van groot belang. Zij vormen een belangrijke voorwaarde voor het onderhouden en uitbreiden van voorzieningen als Studie Keuze 123 en Kies Op Maat. Deze voorzieningen sluiten bovendien thematisch aan bij die in aanpalende domeinen, zoals Lorenet en de HBO Kennisbank, waarmee leermiddelen digitaal toegankelijk zijn en zouden op termijn gecombineerd kunnen worden. Wij ontwikkelen daarom een aantal activiteiten op het gebied van standaardisatie die breder zijn dan het thema van opleidings- en vakinformatie, maar wel daaraan gelieerd. Hierdoor verijken wij de onderliggende informatie infrastructuur, borgen wij de continuïteit voor het HO en stimuleren wij de ontwikkeling van innovatieve informatie voorzieningen. Doelstelling Het realiseren van voor een organisatiemodel voor het open beheer van de Hodex met oog voor de mogelijkheden tot ketenintegratie met andere voorzieningen, zowel 7 Als voorbeeld hiervan dient Studiekeuze123. Zie 8 Een voorbeeld hiervan is de doorstroommatrix die voor de drie Technische Universiteiten op basis van de Hodex infrastructuur tot stand is gebracht, Zie 9 Zie 10 Boterenbrood, F. (2010), Ontwerpcriteria voor standaarden in het hoger onderwijs, lectoraat ICT en Onderwijsinnovatie,Opgehaald van op26 aug

65 functioneel als beheersmatig. In het verlengde daarvan willen we de continuïteit van bestaande informatie infrastructuren borgen door een expertisecentrum op te zetten voor het beheer van standaarden binnen het gehele Onderwijsdomein of delen daarvan. Daarnaast willen wij de gebruikersgemeenschap rond de Hodex uitbouwen en de infrastructuur uitbreiden met voorzieningen om tegemoet te komen aan de informatiebehoefte van (buitenlandse) studenten. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Continueren en structureren van de bestaande samenwerking met de Nuffic 2 Onderhouden en uitbreiden Hodex 3 Organiseren Hodex gebruikersdagen/masterclass 4 Onderzoek ontwerpcriteria voor ontsluiting vakinformatie (rapport) 5 In samenwerking met het platform Onderzoek en Kennisnet ontwikkelen van expertisecentrum generiek beheer van informatiestandaarden 6 Organisatie van de IMS Quarterly Meeting Personele inzet 2011: 0,2 fte Financiële inzet 2011: Hodex Expertisecentrum standaarden IMS Quarterly Meeting Lidmaatschappen (o.a. IMS) SISlink-conferentie Binnen de onderwijslogistiek zijn studenten en voornamelijk informatie rondom het studeren van deze studenten het aandachtspunt. De jaarlijkse SISLink is dé plek waar de nieuwste ontwikkelingen en ervaringen rondom studentenadministratie, onderwijslogistiek en Studielink worden gepresenteerd en besproken. Bovendien is het de ontmoetingsplek voor instellingen en leveranciers op het gebied van studentenadministratie en onderwijslogistiek. De bijeenkomst trekt jaarlijks ongeveer 400 deelnemers. In samenspraak met het veld worden de hoofd thema s van de conferentie bepaald, waarna de instellingen worden geraadpleegd voor mogelijke presentaties rondom deze thema s ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Geslaagde jaarlijkse conferentie Personele inzet 2011: 0,2 fte Financiële inzet 2011: 0 (bijdragen deelnemers en sponsors) 65

66 3.2 Beveiliging, Identity Management en Security (BIS) Op het vlak van ICT raken HO instellingen meer en meer verbonden. Een voorbeeld hiervan is de SURFfederatie, waarin systemen voor identiteitsbeheer gekoppeld zijn. Dat maakt allerhande voorzieningen mogelijk. Zo heeft nu het hele hoger onderwijs via het eigen instellingsaccount toegang tot diensten als GoogleApps en Live at Edu van Microsoft. De onderlinge verbondenheid levert nieuwe mogelijkheden voor een efficiënte toegang tot nieuwe diensten. Tegelijkertijd neemt de wederzijdse afhankelijkheid van de instellingen toe. Een beveiligingslek of een niet goed functionerend Identity Management systeem bij één instelling is van invloed op de kracht en mogelijkheden van de hele keten. Het platform ICT & Bedrijfsvoering is samen met SURFnet en SURFdiensten in 2009 een aantal activiteiten gestart op het gebied van Beveiliging, Identity management en Security incident management. Onder de titel BIS proberen wij te komen tot coördinatie van de activiteiten die de verschillende SURF-onderdelen op het vlak van Beveiliging en Identity Management ontplooien. De activiteiten en projecten binnen het programma zijn er op gericht individuele instellingen hulpmiddelen aan te bieden zodat zij hun eigen beveiliging en Identity Management op een hoger plan kunnen tillen en daarmee de gemeenschappelijke slagkracht van de onderling verbonden HO gemeenschap te vergroten Binnen BIS richt SURFnet zich vooral op projecten waarin technische vraagstukken rond beveiliging worden aangepakt. Deze worden in het jaarplan van SURFnet beschreven. SURFdiensten richt zich op de opzet van licentiemodellen rond de ontwikkelde diensten. Ons platform richt zich met name op de strategische en beleidsmatige aspecten van BIS. Bij de keuze voor activiteiten binnen BIS hebben de HO instellingen grote invloed. Vooral het SURFibo (een onder de SURF-paraplu functionerend samenwerkingsverband van Informatiebeveiligers) en het CIO-beraad spelen hierbij een belangrijke rol. BIS gaat nu zijn derde jaar in. De organisatorische componenten staan en werken. De eerste inhoudelijke componenten, zoals een plan voor SURFaudit, de Leiddraden en het Model Beveiligingsbeleid, zijn in 2010 beschikbaar gekomen. In 2011 zal worden gewerkt aan de uitbouw van deze componenten. Met het BIS programma levert het platform een wezenlijke bijdrage aan het thema Security en Privacy, één van de zeven strategische thema s in het SURFmeerjarenplan SURFaudit Speerpunt binnen BIS is de zogenaamde SURFaudit. SURFaudit is een meetinstrument dat inzicht geeft hoe een instelling er individueel en ten opzichte van de andere HO instellingen voor staat op het gebied van informatiebeveiliging, Identity management en Security Incident Management. Het instrument bevat een meetmethode die modulair en uitbreidbaar is en nu, naast het brede gebied van informatiebeveiliging, de verdiepingen Indentity Management en Incident Management bevat. Op basis van de uitkomsten van de meting krijg de instelling een individueel verbeteradvies. Beoogd wordt dat iedere instelling eens in de twee a drie jaar haar beveiligingsniveau laat toetsen. De metingen worden door de instelling zelf bekostigd. Met de SURFaudit dienen Instellingen niet alleen hun eigen belang op het gebied van beveiliging, ook dienstverleners als Google, Microsoft en Elsevier stellen steeds hogere eisen op dit vlak aan samenwerkingsverbanden (zoals de SURFfederatie) die van hun diensten gebruik willen maken. Voor SURFaudit is een stuurgroep ingesteld met vertegenwoordigers van het CIO beraad, CvDUR en COMIT, en van SURFfoundation, Studielink, SURFnet en SURFdiensten. 66

67 MEERJARENPLAN SURF SURFAudit SURFaudit is voorbereid en uitgetest in de pilotfase en zal nu sectorbreed ingezet worden als instrument voor de verbetering van informatiebeveiliging bij alle instellingen. Doelstellingen Het leveren van een permanente bijdrage aan een veilige informatiehuishouding en identity management bij instellingen afzonderlijk en daarmee aan die van de gemeenschappelijke informatie infrastructuur. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Overdracht uitvoering SURFaudit aan marktpartijen 2 Doen uitvoeren en begeleiden van tenminste 20 SURFaudits 3 Evaluatie van de resultaten van de metingen per instelling, zo nodig gerichte ondersteuning naar individuele instellingen opzetten om zwakke plekken te bestrijden 4 Evalueren en bijstellen van het toetsingskader, meetproces, meetmethode van de SURFaudit 5 Bijhouden van ontwikkelingen op het gebied van beveiligings audits en (inter) nationale initiatieven Personele inzet 2011: 0,4 fte (ook algemene coördinatie BIS) Financiële inzet 2011: Privacy Aan het verwerken en beschikbaar stellen van digitale persoonsinformatie zijn regels verbonden zoals de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Instellingen hebben in hun informatiesystemen veel persoonlijke gegevens van medewerkers, studenten en gasten opgeslagen, doorgaans gekoppeld aan een verwerkingsdoel. Met het SURFdirect project hebben SURFnet en SURfoundation gezamenlijk ervaring opgedaan met het verzamelen en ontsluiten van juridische informatie rond ondermeer auteursrechten en de voorwaarden waaronder materiaal mag worden hergebruikt. Met dit project onder de BIS paraplu willen wij gebruik makend van de expertise, de community en de ervaring van SURFdirect, instellingen handvatten bieden voor een correcte omgang met privacybelangen, zodat voldaan kan worden aan de regels van de overheid, of overige voor de HO-sector geldende normen voor goed gegevensbeheer Zie ook met name het antwoord op vraag 3. 67

68 MEERJARENPLAN SURF Privacy SURFnet en SURFfoundation zijn in 2010 begonnen een juridische kennisbank op te zetten waar bij privacy een van de eerste onderwerpen is. De kennisbank is primair bedoeld voor de instellingen, maar is ook daar buiten beschikbaar. Dit project bouwt voort op de kennis en ervaring die is opgebouwd in het SURFdirect project. Dit project heeft als looptijd: Doelstelling Dit project heeft als doel voor medewerkers op verschillende afdelingen bestaande kennis over privacy-regels te bundelen en verder uit te breiden en toegankelijk te maken, eenvoudig referentie materiaal over privacy wetgeving op te stellen en te verkennen of het mogelijk is privacy-enhancing technologies (PET) toe te passen bij het verwerken van persoonlijke informatie ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Uitbreiden onderwerpen binnen het thema Privacy in de juridische kennisbank en koppelen aan SURFdirect 2 Breed toegankelijk maken van de juridische kennisbank 3 Vooronderzoek toepasbaarheid PET technieken, bijvoorbeeld zoals deze door UvT- TILT onderzocht worden. Bruikbare uitkomsten zullen worden gebruikt in leidraden en Best Practices. Personele inzet 2011: 0,4fte Financiële inzet 2011: (vanuit SURFnet) Identity & Access Management Het beheer van informatie over gebruikers voor verschillende systemen kost tijd en kan complex zijn. Door het gebruik van centrale Identity Management (IdM) systemen kunnen instellingen gebruikers met een enkele gebruikersnaam toegang geven tot verschillende toepassingen. Met behulp van (Role Based) Access Management (RBAC) kunnen centraal de rechten in verschillende toepassingen aan een gebruiker worden toegekend of ontnomen. Zo leidt toepassing van Identity- en RBAC Management tot efficiënter beheer en grotere transparantie van gebruikersrechten. Daaraan is een groeiende behoefte. Onder meer door aansluiting op de SURFfederatie en toenemende interesse in het gebruik van cloud-oplossingen neemt de behoefte toe om op instellingsniveau identiteiten te beheren en daaraan rechten voor toepassingen te kunnen koppelen. 68

69 MEERJARENPLAN SURF Identity & Access Management Veel instellingen hebben al oplossingen op het gebied van IdM en zijn nu toe aan de ontwikkeling van Role Based Access. Het gebruik van RBAC-achtige toepassingen staat echter nog in de kinderschoenen. De activiteiten rond dit onderwerp zijn vooral gericht op onderzoek en kennisontwikkeling. Dit project heeft als looptijd: Doelstelling Doel van dit project is om samen met SURFnet bestaande knelpunten op het gebied van Identity Management in kaart te brengen en te zoeken naar en experimenteren met innovatieve oplossingen, zowel binnen de instellingen, als in relatie tot de SURFfederatie. De aandacht van SURFnet zal vooral liggen op het vlak van IdM. Voor ons zal het zwaartepunt liggen op het ontwikkelen van kennis en verzamelen en verspreiden van ervaringen op het gebied van (Role Based) Access Management. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Onderzoeken of en hoe bij instellingen pilots kunnen worden gefaciliteerd die zich richten op cloud en multi-sourcing oplossingen voor Identity en Accessmanagement 2 Waar gewenst en mogelijk pilots op het gebied van Identity en Accessmanagement voor cloud-oplossingen daadwerkelijk faciliteren. 3 Kennisseminar over innovatieve oplossingen op het gebeid van IdM en RBAC (in samenwerking met SURFfederatie) 4 Beschrijven en delen van ervaringen in het Hoger Onderwijs en daarbuiten (zorg, overheid). Bruikbare uitkomsten zullen worden gebruikt in leidraden en Best Practices. Personele inzet 2011: 0,1 fte Financiële inzet 2011: Kennisdisseminatie Een van de doelstellingen van BIS is het verzamelen en verspreiden van kennis en ervaring, zowel uit het hoger Onderwijs als daar buiten Hieronder volgen de twee voornaamste activiteiten op dit vlak MEERJARENPLAN SURF Kennis disseminatie Security jaarcongres SURFcert, het Computer Emergency Response Team van SURFnet, en SURFibo organiseren jaarlijks een tweedaags beveiligingscongres voor informatiebeveiligers van de HO instellingen met gerenommeerde (inter)nationale sprekers. 69

70 - Stichting SURF Jaarplan en begroting 2011 Doelstelling Het organiseren van een platform voor de uitwisseling van kennis en ervaring en het creëren van netwerken. Bovendien is het de gelegenheid op kennis te nemen van de nieuwste ontwikkelingen op het vakgebied. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Security jaar congres Personele inzet 2011: 0 fte (valt onder projectleiding BIS / SURFaudit) Financiële inzet 2011: Leidraden en Best Practices Er is veel kennis en ervaring bij de informatiebeveiligers in het Hoger Onderwijs. Om deze kennis toegankelijk te maken worden voor verschillende themagebieden Best Practices en Leidraden gemaakt en bijgesteld. Hierdoor hebben ook andere instellingen en minder ervaren collega s toegang tot deze ervaring en kunnen zij dit gebruiken om binnen hun eigen instelling informatiebeveiliging verder te ontwikkelen. De kennis en ervaring van de instellingen worden zo nodig aangevuld met externe expertise tot Best Practices, - leidraden en starterkits. Zij vormen tezamen het van beveiligings framework voor het Hoger Onderwijs. De werkgroep Informatiebeveiliging van het CIO beraad adviseert, mede op basis van adviezen van SURFibo, de prioriteit van de nieuwe componenten van het beveiligingsframework Doelstellingen Uitbreiden beveiligingsframework Hoger Onderwijs Verzamelen en delen ervaringen uit de praktijk Inkopen expertise voor uitbreiding van de gemeenschappelijke kennis ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN 2011 Volgende prioriteiten zijn gesteld voor 2011: Opstellen baseline maatregelen informatiebeveiliging Opstellen Best Practices Risico analyse en risico management Vooronderzoek naar koppelingsmogelijkheden van risico assessment van informatiesystemen of organisatieonderdelen aan Baseline maatregelen, in een self-assessment vorm. Personele inzet 2011: 0 fte Financiële inzet 2011:

71 3.3 Groene ICT en duurzame ontwikkeling MEERJARENPLAN SURF GROENE ICT EN DUURZAME ONTWIKKELING ICT neemt wereldwijd ongeveer 2% van de CO 2 uitstoot voor zijn rekening, dat is meer dan in de luchtvaartsector, waar al vele maatregelen zijn genomen om de CO 2 uitstoot in te dammen. Daarnaast is ICT verantwoordelijk voor ongeveer 10% van het energiegebruik, waarbij aangetekend kan worden dat tussen 2006 en 2008 het ICTgerelateerde energieverbruik tweemaal zo snel steeg als het totale energieverbruik. In het hoger onderwijs zijn er schattingen dat het ICT-aandeel 20% is. ICT kan derhalve een belangrijke rol spelen in het terugdringen van het energieverbruik van instellingen voor hoger onderwijs. Hierbij kan gedacht worden aan vergroening van ICT en vergroening door ICT in onderwijs, onderzoek en bedrijfsvoering. Daarnaast is er vanuit bedrijfsleven, overheid en maatschappelijke organisaties een toenemende behoefte aan - afgestudeerden met kennis en vaardigheden op het terrein duurzame ontwikkeling. Het belang van dit onderwerp heeft er toe geleid dat het één van de speerpunten is geworden in het SURF Meerjarenplan In 2010 is SURFfoundation gestart met een pilotprogramma Groene ICT en Duurzame Ontwikkeling om hogescholen en universiteiten te ondersteunen, die zich in 2008 committeerden aan de meerjarenafspraak energiebesparing om jaarlijks 2% energie te besparen. In dit pilotprogramma wordt samengewerkt met SURFnet, Agentschap NL en de stichting Duurzaam Hoger Onderwijs, DHO. De resultaten van een aantal pilotprojecten binnen hogescholen en universiteiten rondom energiegebruik van ICT zullen eind 2010 gepresenteerd worden. In 2011 wil SURFfoundation de resultaten van de pilotactiviteiten omzetten tot een meerjarenprogramma Groene ICT en Duurzame Ontwikkeling in het hoger onderwijs. Doelstelling: Het stimuleren en bevorderen van duurzaamheid in en door ICT Het bewerkstelligen van een kostenreductie van ICT-gerelateerd energieverbruik Uitwerking: Zowel op het terrein van vergroening van ICT als vergroening door ICT: - vervolg geven aan de resultaten van de pilotprojecten om het energiegebruik van ICT terug te dringen via: o het realiseren van quick wins en good practices o de verbreding van betrokkenheid van andere instellingen - het identificeren nieuwe ontwikkelingen en mogelijkheden om vergroening van en door ICT te realiseren - het identificeren en betrekken van de relevante stakeholders en faciliteren van een Special Interest Group - het ondersteunen van de kennisontwikkeling en overdracht - identificeren waar door bundeling van krachten duurzaamheid bevorderd kan worden - het bevorderen van de integratie van duurzame ontwikkeling in de curricula, in het bijzonder van ICT gerelateerde opleidingen - practice as you preach : vergroening van beleid en praktijk binnen SURFfoundation en de rest van de SURFfamilie. 71

72 De doelstellingen en activiteiten zullen in de loop van 2010 verder vorm en inhoud worden gegeven, mede op basis van de resultaten uit de eind november 2010 af te ronden pilotprojecten. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Uitvoeren van een aantal innovatieprojecten ter realisatie van quick wins en good practices om het energiegebruik van ICT terug te dringen 2 Verbreden van de betrokkenheid van instellingen 3 Studie en strategienotitie ten behoeve van de contouren van een meerjarenprogramma en Roadmap 4 Samen met de relevante stakeholders een meerjarenprogramma en roadmap ontwikkelen en vaststellen 5 Identificeren en verwerven van additionele financiering voor de uitvoering van projecten en activiteiten om vergroening van en door ICT te realiseren 6 Stimuleren van de uitwisseling van informatie, kennis en good practices onder relevante doelgroepen en het vergroten van de bewustwording via het opzetten en faciliteren van een Special Interest Group Groene ICT en duurzame ontwikkeling 7 Verzamelen en beschikbaar stellen van informatie via websites, publicaties, bijeenkomsten 8 Identificeren van gebieden om door bundeling van krachten duurzaamheid te bevorderen, zoals voorwaarden bij (een gezamenlijk) duurzaam ICT-inkoopbeleid 9 Professionaliseren van medewerkers van hoger onderwijsinstellingen via het SURFacademy programma 10 Opzetten en uitvoeren van pilot-activiteiten die een bijdrage leveren aan de inbedding van duurzame ontwikkeling in curricula, in het bijzonder van ICT gerelateerde opleidingen 11 Ontwikkeling van een groen (ICT-)beleid en praktijk binnen de SURFfamilie, bijvoorbeeld in de tendervoorwaarden en in de jaarplannen van de platforms Personele inzet 2011: 0,5 fte Materiele kosten: Innovatieprojecten: pm 12 Studie: K 10 Meerjarenprogramma en Roadmap: K 10 SIG Groene ICT: K 10 Website, publicaties, bijeenkomsten: K 10 SURFacademy: pm Pilots curricula: K 10 Groen binnen SURF: p.m. Inkomsten: externe financiers en matching: pm Samenwerking: Samenwerking van het platform ICT & Bedrijfsvoering met een groot aantal partijen is voorzien. Hierbij valt o.a. te denken aan SURFnet, Agentschap NL en stichting Duurzaam Hoger Onderwijs (DHO). Binnen SURFfoundation zal met de verschillende platforms en bedrijfsonderdelen worden samengewerkt om vergroening met behulp van ICT in onderwijs, onderzoek en bedrijfsvoering gestalte te geven. 12 De (meeste) kosten voor innovatieprojecten moeten via externe financiers gedekt worden; het bedrag is daar dus van afhankelijk. 72

73 3.4 ICT Governance Hoe kunnen wij binnen het HO daadwerkelijk de vruchten plukken van de innovatieve kracht van ICT en tegelijkertijd zorgen dat ICT beheersbaar blijft en de resultaten voldoende geborgd zijn binnen het bestaande ICT landschap? Dat is de centrale vraag die wij binnen het thema ICT Governance willen beantwoorden Het tempo van de ontwikkeling binnen de ICT ligt hoog. Nieuwe technologieën, zoals de smartphone, worden snel na hun introductie gemeengoed, het aantal digitale informatiebronnen neemt toe, evenals de beschikbare bandbreedte. Deze ontwikkelingen scheppen mogelijkheden voor ICT innovaties binnen de HO sector. Bepaalde voorzieningen, bijvoorbeeld de , kunnen in de cloud worden uitbesteed. Opleidings- en vakinformatie kan eenmaal worden opgeslagen en via verschillende media, analoog en digitaal, worden gepubliceerd. Deze ontwikkelingen scheppen verwachtingen. Studenten en medewerkers zijn eraan gewend geraakt dat steeds meer informatie op steeds meer verschillende platformen ter beschikking staat, vierentwintig uur per dag. Het is bovendien vanzelfsprekend geworden dat de informatie uit verschillende bronnen gecombineerd kan worden. Studenten willen opleidingsinformatie via een PC of smartphone kunnen opvragen, dan door te kunnen springen naar vakinformatie, vervolgens het rooster op te kunnen vragen en tenslotte na gaan hoe deze informatie zich verhoudt tot de inhoud van de eigen agenda of het regionale aanbod van popconcerten. De besturing en organisatie van de ICT, zowel de bestaande als de ontwikkeling en implementatie van nieuwe ICT, is een uitdagende opgave. ICT kan niet geïsoleerd worden beschouwd, maar moet in samenhang met de processen worden bestuurd, omdat inmiddels vrijwel alle processen op één of andere wijze door ICT worden ondersteund. Er is steeds meer noodzaak tot integrale benadering, over de grenzen van de inhoudelijke en organisatorische domeinen heen. Tenslotte is ICT technisch complex en voortdurend aan vernieuwing onderhevig. In deze themalijn wil het Platform ICT en Bedrijfsvoering kennis over ICT-Governance ontwikkelen, bundelen en ontsluiten. Voorts worden onder dit thema de activiteiten benoemd die te maken hebben met overleg en afstemming met diverse gremia binnen het hoger onderwijs en binnen de andere onderwijssectoren die tot doel hebben om te komen tot afstemming en samenwerking inzake ICT en Bedrijfsvoering én (als het gaat om de andere onderwijssectoren) gemeenschappelijk strategisch ICT-beleid MEERJARENPLAN SURF ICT Governance Doelstelling Wij stellen ons ten doel generieke kennis rond het thema ICT Governance te ontwikkelen en deze te publiceren in een white paper. Hierin moeten de specifieke kenmerken van ICT Governance en de samenhang tussen bedrijfsprocessen en ICT innovatie belicht worden. Het gaat hierbij nadrukkelijk niet alleen om innovatie en de gevolgen van de introductie van nieuwigheden. Weliswaar kan het beheer van bestaande ICT voorzieningen onderscheiden worden van innovatieve projecten ICT projecten, maar het zijn binnen dit thema geen gescheiden gebieden. Innovatie moet wortelen in dat wat er al is. Vernieuwing komt to stand door dat wat reeds voor handen is, op een nieuwe manier in te zetten, al dan niet met gebruik van nieuwe technologieën. Daarnaast willen wij ook praktisch aan de slag door samen met bestuurders en informatie managers uit het veld te komen tot een toetsingskader en een checklist bedoeld voor de 73

74 implementatie van ICT voorzieningen. Het is de bedoeling dat deze checklist al doende wordt ontwikkeld. Voorts willen we de slagkracht van het platform bij de ontwikkeling van activiteiten en bij de ontwikkeling van visie en beleid vergroten door te zoeken naar afstemming en samenwerking met relevante gremia in het hoger onderwijsveld. Het gaat daarbij specifiek om het CIO-beraad, de COMIT, de KAAIWO en de CvDur. De eerste drie gremia worden ook vanuit het platform secretarieel ondersteund. Het zwaartepunt in het streven naar samenwerking en afstemming ligt bij het CIO-beraad. Tenslotte wordt vanuit het Platform geparticipeerd in het zogeheten Samenwerkingsplatform Informatie i.o.. Dit is een samenwerking van de Raden van alle onderwijssectoren, Kennisnet en SURFfoundation om te komen tot gemeenschappelijk beleid of operationele samenwerking m.b.t. ICT-zaken die de afzonderlijke sectoren overstijgen. In het najaar van 2010 zal worden besloten door de Raden of het Samenwerkingsplatform daadwerkelijk wordt doorgezet. Op basis van die besluitvorming zal SURFfoundation (ons platform) bepalen of en hoe aan het platform verder zal worden meegewerkt. ACTIVITEITEN EN BEOOGDE RESULTATEN IN Samenbrengen van bestuurders en CIO s met specifieke interesse op dit vlak Opbouw kennis- en informatieplatform ICT Governance 6. Onderzoek naar samenhang borging van bestaande voorzieningen en innovatieve ICT projecten Definiëren en uitzetten onderzoek, i.s.m. hiervoor genoemde kennis- en informatieplatform ICT Governance in opbouw, Lectoraat ICT en Onderwijs Windesheim en Governance en innovatiedynamiek van de HAN Whitepaper ICT Governance met Best practices t.a.v. ICT borging en innovatie 7. Implementatietoets Identificeren van instellingen die hieraan mee willen doen. Uitvoeren van implementatie toets, waarbij gaandeweg een checklist moet onstaan en inzicht in de do s en dont s 8. Samenwerkingsplatform Informatie Afhankelijk van besluitvorming door de Raden van de diverse onderwijssectoren ondersteunen van het Samenwerkingsplatform Informatie. Beoogd resultaat: samenwerking met andere sectoren en kennisnet in beleid en/of operationeel voor sector-overstijgende ICT-zaken. 9. Ondersteuning CIO-beraad, KAAIWO, COMIT Voortzetten secretariaatsfunctie Personele inzet 2011: 0,7 fte Opbouw kennis & Inf. Platform 0,1 Onderzoek Innovatie & Borging 0,1 Implementatietoets 0,1 Ondersteuning gremia 0,4 Financiële inzet 2011: Onderzoek Innovatie & Borging Ondersteuning gremia

75 3.5 Sourcing Het ICT landschap rondom HO instellingen veranderd voortdurend. Studenten brengen vaak hun eigen faciliteiten, zoals laptops, smartphones en andere systemen met zich mee. De vraag is dan ook in hoeverre instellingen zelf nog moeten voorzien in hardware, maar ook in bijvoorbeeld netwerkvoorzieningen, als studenten met eigen telefoonabonnementen informatie van het internet ophalen, zelf hun eigen omgeving mee brengen en de hardware van deze studenten in een aantal gevallen beter is dan wat een instelling voor hen kan bieden. Deze ontwikkeling staat haaks op de prijs ontwikkelingen voor instellingen met betrekking tot de kosten per werkplek. In de ondersteuning van het onderwijs liggen dak ook veel mogelijke kosten besparingen door te kiezen voor andere vormen van het faciliteren van studenten en medewerkers. Door als instelling zelf de regie te hebben op de eigen processen en vervolgens gebruik te maken van generieke proces aanbieders of generieke cloud diensten voor deze processen wordt een instelling flexibeler. Het thema sourcing gaat dieper in op de centrale vraag: Wat doe je als instelling zelf nog waar ligt de toegevoegde waarde van de instelling. Hoe ga je om met veranderingen en een diensten aanbod dat van buiten komt? In navolging van het afschaffen van PC-shops en thuisaansluitingen voor internet zal voor meer diensten bepaald moeten worden wat tot de verantwoordelijkheid van de instelling behoort en wat niet, en welke diensten men extra wil bieden uit overwegingen van profilering. 13 Daarnaast biedt het thema sourcing aanknopingspunten op vraagstukken rondom duurzaamheid en de robuustheid van de eigen IT oplossingen. In veel gevallen biedt en generieke aanpak van processen als voordeel dat de ze processen als kavel uitbesteed kunnen worden, dan wel gezamenlijk ingekocht kunnen worden door instellingen. Een gezamenlijke aanpak zal leiden tot schaalvoordeel en kan daarnaast gebruikt worden om meer duurzame oplossingen te eisen van aanbieders. Doelstelling Dit thema beoogd instellingen hulp te bieden bij sourcingsvraagstukken. Onder andere door kennis deling op dit gebied maar ook door deze kennis om te zetten in tastbare handreikingen bij sourcingsvraagstukken. Daarnaast wordt binnen het thema onderzoek gedaan naar de mogelijkheden en aandachtspunten van cloud computing voor het onderwijs. Activiteiten en beoogde resultaten in Naar aanleiding van de studiereis bestuurders platform ICT en Onderwijs en ICT en Organisatie (19 t/m 26 maart 2011) ontwikkelen van een programma rondom cloud computing (10k) 2. Organiseren van architectuur masterclass op het gebied van sourcing (5k) 3. Opzetten van Best practices rondom sourcing beschikbaar stellen (5k) 4. In samenwerking met SURFnet sourcingsvraagstukken beschrijving op het gebied van on-line applicaties. Personele inzet 2011: 0,2 fte Financiële inzet 2011: WTR rapport advies Digitale Leer- en Werkomgeving 75

76 3.6 Begroting ICT en Bedrijfsvoering Exploitatierekening Projectkosten Projectinkomsten Saldo Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal subsidies inkomsten mutatie samenw. programma inzet kosten kosten derden OHW bijdrage inkomsten =(2+3) =(5 t/m 8) Onderwijslogistiek SIS-Link DLWO Subtotaal Onderwijslogistiek BIS Privacy Subtotaal BIS Groene ICT Subtotaal Groene ICT ICT-Governance Subtotaal ICT-Governance Sourcing Subtotaal Sourcing Platform Algemeen Totaal Platform Resultaat ultimo Platformreserve ultimo Platformreserve ultimo

77 4 Internationale Zaken MEERJARENPLAN SURF JAARPLAN 2011 Internationale Zaken werkprogramma met doelstellingen programma en concrete activiteiten Inleiding Met ingang van 2011 brengt SURFfoundation internationale ambities en activiteiten, zoals beschreven in dit jaarplan, onder in een zelfstandig programma Internationale Zaken. Het programma Internationale Zaken zich op een vijftal aandachtsgebieden: 1. positieve profilering van de in Nederland binnen SURF door samenwerkende instellingen gerealiseerde ICT oplossingen voor hoger onderwijs en onderzoek 2. kennisverwerving (en deling) via internationaal relevante belangrijke branche- en expertise organisaties; 3. strategische samenwerking met internationale partners; 4. vervullen van de internationale radarfunctie ; 5. beïnvloeden van bepaalde EU initiatieven, beperkt participeren hierin. Belangrijk uitgangspunt is dat de internationale agenda s van organisaties als VSNU en HBO-raad leidend zijn en dat SURF alleen optreedt wanneer de vraagstelling nadrukkelijk ICT en/of SURF gerelateerd is. Daarnaast is transparantie en afstemming van belang tussen de SURFfoundation, SURFnet en SURFdiensten en andere SURF offsprings (bijvoorbeeld Studiekeuze123) ten aanzien van internationale activiteiten, ter bevordering van synergie en voorkomen van verrassingen. Het programma Internationale Zaken neemt het initiatief tot wederzijds uitwisselen van internationale activiteiten. Lidmaatschappen van internationale organisaties en de bijbehorende activiteiten zijn zoveel mogelijk ondergebracht bij de Platforms. De rol van Internationale Zaken is afstemming en evaluatie. Internationale Zaken kan (zeer beperkt) ingezet worden voor het managen van internationale samenwerkingsinitiatieven of projecten. Op dit moment is de manager Internationale Zaken project manager van het project gericht op het gebruik van persistent identifiers. Dit is een deels in opdracht van Knowledge Exchange, deels in opdracht van SURF uitgevoerd project om tot een eerste internationale operationele samenwerking en een roadmap voor verdere ontwikkeling te komen t.a.v. het gebruik van URN-NBN gebaseerde persistent identifiers. Dit project loopt (naar verwachting) medio 2011 af. 4.1 Profilering van Nederlandse aanpak en ICT oplossingen Profilering, of het opbouwen van een goede reputatie, beoogt twee dingen: ten eerste om de expertise van SURF bij waardevolle partners in beeld te brengen en ten tweede om, waar dat aansluit bij de missie van SURF, de bereidheid tot samenwerking te laten zien. 77

78 Een goede reputatie, bij binnen- en buitenlandse stakeholders, ontstaat door resultaten die beantwoorden aan de missie: de kwaliteit van hoger onderwijs en onderzoek moet zichtbaar en meetbaar omhoog door de programma s en dienstverlening van SURF. Het realiseren van de resultaten is de verantwoordelijkheid van de programma s en diensten, evenals het presenteren/promoten van innovaties en innovatieve oplossingen binnen de eigen internationale netwerken van programma s. diensten en betrokken instellingen. Overkoepelend werkt Internationale Zaken breed en generiek aan een positief imago van (het geheel van) Nederlandse resultaten en de samenwerkingsaanpak en aan het verbreiden van de strategische visie van SURF op ICT in onderwijs en onderzoek. Tevens exploreert Internationale Zaken voor internationale allianties/participaties waar SURF strategische winst kan behalen. Activiteiten en beoogde resultaten Representatie en hosting - Voorbereiding/vertegenwoordiging SURF bij internationale meetings - Organisatie, hosting van bezoek buitenlandse delegaties Planning/prioritering profiel en PR - Periodiek overleg met Platforms en Communicatie, dochters Communicatie naar instellingen/nl community - Kanalen selecteren, informatiestroom genereren 4.2 Kennisverwerving (en deling) via branche- en expertise organisaties Verhoging van kwaliteit van onderwijs en onderzoek met ICT staat wereldwijd op de agenda, en niet alleen bij onderwijs en onderzoeksinstellingen (al of niet in onderlinge samenwerking) Ook overheden (ministeries, agencies), branche- en expertise organisaties (IMS, CNI) en bedrijven/leveranciers proberen kennis te verwerven en te construeren. Voor een goede, op up-to-date kennis gebaseerde, dienstverlening aan de instellingen moet SURF met een selectie van deze kennis resources intensieve relaties onderhouden. Deze relaties (lidmaatschappen, vertegenwoordigingen) gericht op kennisverwerving en -constructie zijn meestal gebaseerd op wederkerigheid: SURF zal ook (pro actief) kennis moeten inbrengen. In de loop van 2011 zullen lidmaatschappen en participaties worden heroverwogen. Bij te continueren verbintenissen is het streven deze onder te brengen in activiteiten en budget van de Platform programma s. Internationale Zaken bewaakt afstemming en coördinatie van de relaties en de evaluatie van de samenwerking. Activiteiten en beoogde resultaten Inventarisatie, evaluatie, voortgang lidmaatschappen - Met de platforms nagaan welke subscripties lopen; de kosten/baten analyse maken en besluiten over al of niet voortgang zo ja: inclusief formulering hoe de relatie/het lidmaatschap optimaal wordt benut en verwachte opbrengst. - Check op en waar nodig bijdrage aan (overleg met organisatie over) uitvoering van afspraken en plannen - Afstemming lidmaatschappen/subscripties en periodieke evaluatie 4.3 Strategische partnerschappen 78

79 Er zijn internationaal degelijk organisaties aan te merken met (deels) vergelijkbare doelen, methoden en uitdagingen als die van SURF. Sommige van deze organisaties zijn van strategisch belang. Samenwerking met dergelijke organisaties, bilateraal (bijvoorbeeld JISC) of in een meerpartner verband (zoals Knowledge Exchange) biedt gelegenheid voor grotere impact: een door meerdere organisaties met one voice uitgedragen beleidsvisie; of een gedeeld risico: bijvoorbeeld t.a.v. een innovatieve pilot, een white paper of een internationaal seminar. Voor de SURF organisatie betekent een partnerschap met een peer-organisatie de kans om te reflecteren op zaken als bijvoorbeeld werkwijze, doelgroepbinding, resultaatmeting, stakeholder-issues, etc. Het gaat hier om partnerschappen die qua raakvlak en relevantie breder zijn dan een enkel (platform)programma of dienst. Internationale werkcontacten, thematische projecten/organisaties waarmee in programmaverband internationaal wordt samengewerkt vallen onder verantwoordelijkheid van het Platform. Voor de Knowledge Exchange geldt dat SURF een 0,4 fte community manager levert. De kosten hiervoor ontvangt SURF retour van dit samenwerkingsverband. Activiteiten en beoogde resultaten Knowledge Exchange initiative - Community manager KE (KR) - Check op uitvoering geven aan afspraken Strategy Forum (6-7 oktober 2010) - Check op rendement/bijdrage aan SURF missie - Bijdrage aan SURF vertegenwoordiging in Knowledge Exchange JISC SURF MoU - Check op uitvoering geven aan MoU en afspraken JISC-SURF SMT York (1-2 september 2010) - regulier partnershipmanagers contact - deelname aan JISC conference 2011 (maart/april 2011) - Planning en organisatie JISC-SURF SMT 2011 Educause en ECAR (en CNI) - Verstevigen relatie met belangrijke strategische US partijen - Coördineren deelname ECAR symposium, Educause conferentie, CNI meetings 4.4 Internationale radarfunctie De meest duidelijk gearticuleerde wens van instellingen t.a.v. de internationale activiteiten van SURF is het vervullen van de rol van radar. Men verwacht dat SURF internationale ontwikkelingen en trends signaleert, analyseert en duidt. Welke betekenis en mogelijke impact hebben ontwikkelingen elders voor de Nederlandse situatie? Welke vraagstukken en andere innovaties hebben een internationale (oplossings)dynamiek? Dit vergt beleid t.a.v. monitoring, analyse en disseminatie activiteiten. Het doel is om (internationaal) verworven kennis en inzichten met de instellingen te delen zodat gepaste actie kan worden ondernomen. Een inventarisatie en heroverweging van radar activiteiten die door SURF ondernomen worden vindt plaats in De output van radarwerk kan verhoogd door internationale ontwikkelingen die zijn geanalyseerd voor specifieke adviesrapportages (bv door de WTR aan een instelling, door Platform voor een subsidieaanvraag) basis te laten zijn voor een paper gericht op instellingen en/of een paper dat het buitenland informeert over onze interpretatie van - en reactie op ontwikkelingen. Daarmee neemt SURF zichtbaar(der) de positie in van (producerend) kenniscentrum. Activiteiten en beoogde resultaten Congressen en seminars - rapportages 79

80 - Bij de platforms nagaan welke congressen/seminars bezocht gaan worden; rapportages daarvan opvragen; samen analyseren hoe terugkoppeling naar collegae en instellingen plaatsvindt. Thematische visie/advies papers (pilot 2011) - Thematische prioriteit vaststellen (SURF, WTR, instellingen) voor specifiek te bezoeken instellingen/organisaties/congressen/seminars door (bijvoorbeeld) klein WTR en expert gezelschap; planning analyse en paper/publicatie. - Nagaan bij WTR/Platforms op welke terreinen t.b.v. specifieke opdrachten voldoende internationale input is verzameld voor verwerking tot thematische visie of advies paper/publicatie Resultaat in 2011: Vijf rapportages van internationale conferences, twee thematische visie/advies papers. Gebaseerd op internationale input, alle online toegankelijk, bij voorkeur in het Engels, en alle platforms vertegenwoordigd. 4.5 Europa Ook op hoger onderwijs en onderzoek terrein manifesteert Europa zich in regelgeving en subsidieprogramma s vanuit de Europese Commissie. SURF en instellingen participeren in Europese projectprogramma s en er zijn beleidsterreinen waarop SURF gaarne de EC van input voorziet, al dan niet via eerder genoemde strategische partnerschappen. De ervaringen met participeren in Europa zijn wisselend. De SURF missie focust op het belang van de instellingen, maar de inspanningen die het kost om in Europees verband iets in die richting te bereiken blijken vaak buitenproportioneel. Het politiek strategisch belang van Europa en de beschikbare resources nopen SURF continu tot een behoedzame afweging. Activiteiten en beoogde resultaten Afstemming/uitwisseling - VSNU, HBO-raad, anderen - Europese Policy Officer(s) van relevante DGs - SURFnet, SURFdiensten - Instellingen 80

81 4.6 Begroting Internationale Zaken Exploitatierekening Projectkosten Projectinkomsten Saldo Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal subsidies inkomsten mutatie samenw. programma inzet kosten kosten derden OHW bijdrage inkomsten =(2+3) =(5 t/m 8) Internationalisering Subtotaal Intern. Zaken Resultaat ultimo

82 5 Innovatieprogramma SURFdiensten Inleiding Iedere vier jaar ontwikkelt SURFdiensten (in aansluiting op het Meerjarenplan van SURF) een programma waarin de plannen zijn opgenomen met betrekking tot de innovatie van de dienstverlening. E-Services wordt met oplevering van het project Licentiemodellen Next Generation (LMNG) in mei 2011 afgerond. Komend jaar kan dus echt gewerkt gaan worden met nieuwe en flexibele licentiemodellen. Daarnaast start SURFdiensten in 2011 met een nieuw innovatieprogramma ( ). Onder voorbehoud (het innovatieprogramma moet ten tijde van het schrijven van dit jaarplan nog worden goedgekeurd) worden de plannen hier kort weergegeven. 5.1 Thema s Het innovatieprogramma omvat 5 thema s, te weten: 1. Licentiemodellen Next Generation Extended: Binnen dit thema wordt de LMNGomgeving geoptimaliseerd en worden nieuwe self service modules gerealiseerd waarmee de klanten van SURFdiensten naar tevredenheid kunnen (blijven) werken; 2. SURFspot.nl als distributieplatform: Binnen dit thema wordt SURFspot.nl getransformeerd van webwinkel naar een distributieplatform waar studenten en medewerkers terecht kunnen als zij software nodig hebben, in welke vorm dan ook (cd/dvd, download, SaaS); 3. Via SaaS (Software as a Service) aanbieden van onderwijs- en onderzoekapplicaties: Dit project leidt tot een SaaS-oplossing die aanbieders kunnen inzetten om hun ( traditionele ) applicatie in de vorm van SaaS aan de instellingen te kunnen aanbieden; 4. Meten is weten: Na afronding van dit project biedt SURFdiensten een SAM- en een ERM-oplossing die het gehele hoger onderwijs kan inzetten voor resp. Software Asset Management en Electronic Resource Management; 5. Virtuele licentiecontactpersoon: Binnen dit thema wordt een gepersonaliseerde online hulpmodule gerealiseerd die de licentiecontactpersonen optimaal ondersteunt bij licentieadministratie en beheer. 5.2 Activiteiten in 2011 In mei 2011 gaat een nieuwe fase in de dienstverlening van SURFdiensten in; Systeem LMNG wordt dan in gebruik genomen. Dan zijn nieuwe licentiemodellen, van individuele tot en met consortiumlicenties, geïmplementeerd in de (business-to-business) dienstverlening van SURFdiensten en kunnen nieuwe gebruiks- en afrekenmodellen efficiënt worden gefaciliteerd, waaronder Software as a Service (SaaS). De onderwijsinstellingen en aanbieders die met SURFdiensten zaken doen krijgen zo veel meer flexibiliteit, waardoor licenties beter op de gebruiksbehoefte kunnen worden afgestemd. Instellingen kunnen dan ook gaan werken met de Digitale Licentie Calculator (DLC), een tool waarmee instellingen door het beantwoorden van een aantal vragen de in het aanbod van SURFdiensten aanwezige licentiemogelijkheden met bijbehorende kosten krijgen getoond ter ondersteuning van de besluitvorming. De nieuwe mogelijkheden zullen een nieuwe manier van werken met zich meebrengen. Het introduceren daarvan en het begeleiden van instellingen en aanbieders zal in 2011 een belangrijke rol spelen. In de tweede helft van 2011, als er ervaring is opgedaan met de nieuwe omgeving, zal SURFdiensten onderzoeken welke behoefte de instellingen en aanbieders hebben ten aanzien van de nieuwe omgeving. Vervolgens wordt in het 4 e kwartaal gestart met een 82

83 nieuwe release van Systeem LMNG welke medio 2012 zal worden opgeleverd. Medio 2013 tot en met medio 2014 staat nog een release op de planning. SURFdiensten gaat in 2011 ook aan de slag met de ontwikkeling van SURFspot.nl naar een distributieplatform. Dit is een logisch vervolg op LMNG; daarmee is immers SURFdiensten.nl geschikt gemaakt om te werken met nieuwe en flexibele licentiemodellen. Voor SURFspot.nl moet dat ook ingericht worden. In het 1e kwartaal van 2011 zal SURFdiensten een haalbaarheidsstudie uitvoeren om vast te stellen welke behoefte er precies is bij studenten, medewerkers en instellingen en hoe een en ander eruit zou moeten gaan zien. In het 2e kwartaal zal een projectplan worden opgesteld en zal tevens worden gestart met de uitvoering van het project. Dit zal eind 2012 leiden tot een gebruikersplatform waar studenten en medewerkers terecht kunnen als zij software nodig hebben, in welke vorm dan ook (cd/dvd, download, SaaS). Binnen het thema SaaS (thema 3) zal in 2011 onderzoek worden gedaan naar de juridische aspecten (privacy e.d.) van cloud computing. De overige thema s in het innovatieprogramma worden opgestart vanaf

84 6 SURFworks SURFworks is het innovatie programma van SURFnet dat zicht richt op grensverleggende samenwerking. Het draagt bij aan het verwezenlijken van het SURF Meerjarenplan voor , waar samen excelleren centraal staat. SURFworks doet geen vrijblijvend onderzoek naar nieuwe technische en organisatorische mogelijkheden, maar dekt de keten van eerste idee tot succesvolle adoptie af. De uitdaging van het SURFworks programma is dan ook enerzijds technologie te vertalen in geavanceerde ICT voorzieningen die aansluiten bij de wensen en eisen van de doelgroep, en anderzijds om wensen en eisen van de doelgroep te vertalen in geavanceerde ICT voorzieningen met inzet van de technologische mogelijkheden. Internet en ICT veranderen in hoog tempo. Studenten, docenten, onderzoekers en medewerkers in hoger onderwijs en onderzoek, nemen hun eigen devices mee naar de campus. Ze willen naast de voorzieningen vanuit hun eigen instelling, een scala aan externe diensten (cloud services) benutten bij hun werk en studie. Ook onderwijs en onderzoek worden dynamischer, met een instellingsoverstijgend cursusaanbod en samenwerking in virtuele organisaties. Deze werelden combineren en elkaar laten versterken, is een uitdaging. SURFnet wil hier met het SURFworks meerjarenprogramma voor zorgen. De ambitie is om aan het einde van de meerjarenperiode een omgeving te hebben gerealiseerd waarin gebruikers uit hoger onderwijs en onderzoek, eenvoudig en veilig online kunnen samenwerken: met elkaar en met hun relaties buiten de SURFnet doelgroep; nationaal en internationaal. Zij beschikken over een breed scala aan communicatie faciliteiten van vele aanbieders, die via een verbindingslaag met elkaar interacteren en gebruikt kunnen worden via diverse devices en interfaces. Hoger onderwijs en onderzoek instellingen kunnen zo gezamenlijk en op een efficiënte wijze, regie voeren en zorgen voor een open en veilige ICT infrastructuur, waar studenten en medewerkers samen excelleren. Een dergelijke krachtenbundeling is al eens eerder ingezet, op het vlak van de netwerkinfrastructuur. Ook hier waren instelllngsoverstijgende structuren nodig om hoger onderwijs en onderzoek in de juiste positie te brengen. Het markeerde de oprichting van SURFnet. Bovenop deze hoogwaardige netwerkinfrastructuur dient nu een 'collaboration infrastructure' te worden gerealiseerd, die vele 'collaboration services' integreert, en van waaruit de juiste adoptie van online samenwerken kan worden bewerkstelligd. SURFworks introduceert in 2011 de grensverleggende samenwerkingsomgeving. SURFworks kent drie hoofdlijnen: Collaboration Infrastructure, Collaboration Services en Collaboration Adoption. A. Collaboration Infrastructure Realiseren van een voor gebruikers zo goed als onzichtbare middleware basis infrastructuur, die de naadloze verbindingen legt tussen deze gebruikers, hun teamverbanden en de samenwerkingsfunctionaliteiten die zij inzetten. Gebruikers kunnen met hun instellingsaccount inloggen bij diverse online samenwerkingsvoorzieningen. Gebruikers kunnen in dezelfde teamsamenstelling in deze online diensten terecht. Activiteiten 2011 De invoering van de Collaboration Infrastructure als operationele dienst in het dienstenpakket van SURFnet. De ontwikkeling van voorzieningen voor goede services interactie, met speciale aandacht voor berichtenuitwisseling. Bijdragen aan internationale standaarden. B. Collaboration Services Zorgdragen voor de aanwezigheid binnen de Collaboration Infrastructure van een rijke set aan online samenwerkingsfunctionaliteiten: Collaboration Services. 84

85 Het gaat hierbij om generieke diensten zoals document sharing, instant messaging (presence) en web conferencing, en specifieke tools voor onderzoekers en onderwijs. Deze diensten worden aangeboden door onderwijs- en onderzoeksinstellingen, National Research and Education Networks (NREN s) en marktpartijen. Ook SURFnet biedt voorzieningen aan, op tijdelijke basis, voor zaken waar marktpartijen of instellingen nog niet in voorzien (impuls Collaboration Services). Activiteiten 2011 Een goed beeld van Collaboration Services die instellingen en marktpartijen invullen. De koppeling van twee generieke Collaboration Services. Vanuit SURFnet voorzien in twee mashup-services; een combinatie van twee of meer gekoppelde services (impuls service). Vaststellen van de requirements voor een distributiekanaal waarmee Collaboration Services verspreid kunnen worden (een App Store ). C. Collaboration Adoption Met de achterban wordt gezamenlijk opgetrokken richting marktpartijen en gezorgd voor de juiste adoptie van de grensverleggende samenwerkingsomgeving. Activiteiten 2011 Een showcase portal die de mogelijkheden in de praktijk toont en als voorbeeld en inspiratie dient. Goede afstemming met de SURFnet achterban. Een extern uitgedragen en breed gedeelde visie over grensverleggend samenwerken. Een heldere positionering van de grensverleggende samenwerkingsomgeving: intern en extern, nationaal en internationaal. Ondersteunen van instellingen bij een goede implementatie van de grensverleggende samenwerkingsomgeving. Voor die drie lijnen is een aantal randvoorwaarden relevant. Elementen die een enkele lijn overstijgen en vanwege dit overkoepelende karakter een eigen onderwerp vormen: D. Governance Sturen van de opzet, werking en richting van de grensverleggende samenwerkingsomgeving, en er op toezien dat deze voldoet aan de juiste voorwaarden. Activiteiten 2011 Realisatie van governance voor de besturing van de grensverleggende samenwerkingsomgeving. E. Beveiliging en privacy Borgen dat de grensverleggende samenwerkingsomgeving een veilige studie en werk omgeving biedt, waar privacy verzekerd is. Activiteiten 2011 Richtlijnen voor een veilig gebruik van de grensverleggende samenwerkingsomgeving. Campagne over veilig online samenwerken, waaraan ten minste 20 instellingen deelnemen Daarmee kent SURFworks vijf programmalijnen. Tevens heeft SURFworks relaties met het GigaPort3 programma en het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma. Gigaport3 levert onderliggende gebruikersauthenticatie en groepsbeheer bouwblokken aan de Collaboration Infrastructure. Ook zorgt GigaPort3 voor de aansluiting van specialistische Collaboration Services van en voor onderzoekers. 85

86 Het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma zorgt ervoor dat de grensverleggende samenwerkingsomgeving wordt benut in het onderwijs, en koppelt educatieve services aan de Collaboration Infrastructure. Verder wordt nauw samengewerkt met SURFfoundation en SURFdiensten. Begroting in K Euro 2011 A: Collaboration Infrastructure 650 B: Collaboration Services 600 C: Collaboration Adoption 450 D: Governance 100 E: Beveiliging en privacy 100 F. Programmamanagement

87 7 SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma Doel van het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma SURFnet en Kennisnet werken al meer dan 5 jaar, samen met onderwijsinstellingen uit alle sectoren, aan ICT innovatie in het onderwijs. Door de samenwerking tussen SURFnet en Kennisnet en instellingen intersectoraal, ontstaat een kruisbestuiving van ICT toepassingen die anders niet of in mindere mate plaatsvindt. Het algemene doel van het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma is om een impuls te geven aan ICT-vernieuwing in het onderwijs. Onderwijsinstellingen moeten inspiratie kunnen halen uit het innovatieprogramma ter voorbereiding op te toekomst. Om dit doel te bereiken is in 2009 een meerjarige weg ingeslagen die de online digitale leer- en (samen)werkomgeving van de toekomst centraal stelt. Het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma draagt met het Jaarplan 2011 bij aan de creatie van deze leeromgeving. Jaarplan 2011 De stuurgroep van het SURFnet/Kennisnet Innovatieprogramma komt bijeen op 3 november 2010 om de hoofdlijnen van het jaarplan 2011 te bepalen. Het jaarplan wordt vervolgens op 1 december 2010 afgerond. Deze hoofdlijnen worden uitgewerkt aan de hand van de door de stuurgroep van het programma vastgestelde grondregels: o o o o o Verkennen, onderzoeken en aanjagen van nieuwe technologieën binnen jaarlijks vast te stellen trends Vertalen van de nieuwste trends naar toepassing in het onderwijs Waar mogelijk een doorkijk geven in de toekomst (3-5 jaar vooruit kijken) Focus op projecten gericht op technologieverkenningen, pilots en haalbaarheidsstudies Samenwerken met de voorlopers in onderwijsinstellingen en marktpartijen De voor 2011 vastgestelde trends zijn: o o o o o o o o Virtuele organisaties Altijd en overal Sharing ICT van product naar Dienst (cloud computing) Zoeken en vinden Differentiatie Vervagende grenzen waarin online samenwerken steeds belangrijker wordt Rol van de docent. 87

88 8 GigaPort3 GigaPort3 is de opvolger van het Gigaport Next Generation Networkproject dat op 31 december 2008 eindigde. Gigaport3 implementeert het SURFnet7 netwerk dat voortbouwt op de succesvolle voltooiing van SURFnet6, s werelds eerste landelijk dekkende optische en packet switching netwerkinfrastructuur. GigaPort3 zorgt er voor dat het hoger onderwijs en onderzoek in Nederland gebruik kan blijven maken van een state of the art netwerk, terwijl gelijktijdig de grenzen worden verkend van de beschikbare netwerktechnologie. Het GigaPort3-programma bouwt voort op de activiteiten en resultaten die voortkomen uit de eerdere GigaPort projecten, SURFworks en andere innovatieprojecten. Op basis daarvan wordt in GigaPort3 de komende drie jaar het SURFnet netwerk verder ontwikkeld. Werkplan voor 2011 De Governing Board van GigaPort3 komt bijeen op 29 november Het werkplan voor 2011 wordt momenteel afgerond en zal tijdens die vergadering worden vastgesteld. Tevens zal de Governing Board een onafhankelijke commissie benoemen, bestaande uit drie internationaal erkende experts, om in 2011 een midterm-evaluatie uit te voeren van het GigaPort3 project. Het werkplan voor 2011 bestaat uit de volgende zeven werkpakketten: 1. Photonics - In 2011 GigaPort3 will use the photonic capabilities introduced in 2010 to facilitate both the implementation of the Next Generation Ethernet network and the roll-out of high-bandwidth dynamic services by adding bandwidth where required. Furthermore the evolution of photonic technologies will be closely monitored to assess the steps required to take the network to the next step. 2. Next Generation Ethernet (NGE) - After contracting the NGE industry partner in the first half of the year the implementation will start. Testing, developing detailed architectures and a complete service specification will be followed by a careful transition. The current services will be transitioned with minimal impact, and the new services will be made available to the connected institutions. 3. Enabling Dynamic Services In order to support the service composition of eresearch applications and resources a federated service and resource broker will be introduced to facilitate the trend towards an integrated e-infrastructure service that can be delivered to virtual organizations. 4. Netherlight and global connectivity NetherLight s leading role and position will be reinforced by introducing Next Generation Ethernet. Global connectivity will be further enhanced by introducing multidomain dynamic lightpath technology, by strengthening the Cross Border Fiber infrastructure and participation in intercontinental connectivity projects. 5. Mobility and Fixed-Wireless - The GigaPort3 ambition is to implement the anywhere, anytime and any device paradigm. Starting from addressing local wireless scalability issues and extending this to innovative solutions we will work towards a seamless collaboration across domains. 6. IP innovation - GigaPort3 will continuously monitor developments in the domains of both IP (e.g. IPv6, secure routing) and DNS (e.g. DNSsec) and share the expertise gained with institutions and peers. Future Internet developments will be followed closely. 7. User Participation and Knowledge dissemination - GigaPort3 will work in close partnerships with advanced users and user groups from different scientific disciplines to investigate and explore novel uses of networking and e-research services and will ensure that all know-how created through GigaPort3 will become widely available. 88

89 Samenstelling van de GigaPort3 Governing Board Chairman Dr.R.J. van Duinen Former President of the ESF and of NWO Members Dr. J.J. Engelen President NWO Drs. R.J.M. Hopstaken Vice-President Board of Directors, AMC Prof.dr.ir. J.G.H. Joosten Director Corporate Technology, DSM Dr. W.B.G. Liebrand General Director SURF Foundation Dr. S.J. Noorda President VSNU Dhr. D. Terpstra President HBO-raad Secretary Dr. L.A. Plugge 89

90 9 E-Science Research Center In december 2008 heeft ICTRegie het rapport De ICT-infrastructuur voor het wetenschappelijk onderzoek in Nederland aangeboden aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de staatssecretaris van Economische Zaken, die om dit rapport hadden gevraagd. Het rapport doet voorstellen voor de ontwikkeling en instandhouding van geavanceerde ICT-faciliteiten voor het nationale wetenschappelijk onderzoek, met daarin een belangrijke plaats voor e-science. Het rapport doet de volgende aanbevelingen: o breng Ontwikkeling en Uitvoering van ICT-infrastructuur voor wetenschappelijk onderzoek onder één paraplu (van SURF) o borg het vernieuwende onderzoek (en de kwaliteit daarvan) via NWO, dat hiertoe een e-science Research Center zal inrichten o Europese samenwerking, waaronder mogelijke status van NL als Supernode. In dit verband heeft SURF in 2009 de voorbereidingen gestart van de inrichting van het e- Science Research Center (esrc). De voorbereidingen zijn erop gericht dat het esrc per formeel van start kan gaan. Het esrc staat onder verantwoordelijkheid van SURF en NWO. Beide organisaties zullen het esrc financieren. Het esrc beoogt multidisciplinaire samenwerking tussen verschillende onderzoeksgroepen (en infrastructuren) op verschillende locaties en heeft tot doel het stimuleren en coördineren van discipline-overstijgend system-level onderzoek naar principes, modellen en gereedschappen ter verrijking van de ICT-infrastructuur met services voor wetenschappelijk onderzoek. Het esrc zal fungeren als nationaal expertiseen kenniscentrum voor principes, modellen en gereedschappen die in veel verschillende disciplines kunnen worden ingezet, al dan niet aangepast aan de specifieke eisen binnen een discipline. Het gaat daarbij om generieke probleemstellingen en oplossingsrichtingen, naast specifiek onderzoek en ontwikkeling voor ICT-gebruik binnen een specifieke onderzoekdiscipline. Voor de financiering van de nationale ICT infrastructuur voor escience maakt SURF gebruik van de structurele uitbreiding van de subsidie van OCW voor innovatieactiviteiten ad 5,247 miljoen per jaar. Van de subsidiebijdrage van SURF wordt 2 miljoen ingezet voor de continuïteit van een deel van de BiG Grid-faciliteiten, met name die op het terrein van de applicatiegerichte ondersteuning. Het BiG Grid project draagt zorg voor het opzetten van een e-science infrastructuur voor wetenschappelijk onderzoek in Nederland. Het betreft zowel de facilitering van hardware infrastructuur alsook de applicatie-gerichte ondersteuning van onderzoekers. Het project bedient een breed scala aan wetenschappelijke disciplines in Nederland. Penvoerder van het project is NCF, met als consortiumpartners Nikhef en NBIC. SARA is de belangrijkste operationele partner. Het project is gestart in januari 2007 en eindigt per eind december De looptijd wordt echter naar verwachting (bij gelijkblijvende middelen) met een jaar verlengd tot eind

91 10 Commissie Projectbewaking De Commissie Projectbewaking bewaakt ook in 2011 de voortgang van SURFprojecten. De portefeuille omvat in 2011 in ieder geval de lopende projecten uit de Tenders 2007 en 2008 van het programma NAP elearning, de innovatieprojecten van SURF en de projecten uit de Tranches 2 en 3 van het programma Studiekeuzegesprekken. Daarnaast bewaakt de Commissie de projecten waaraan SURF eind 2010 subsidie toekent in het kader van de twee recente tenders van het programma Toetsing en Toetsgestuurd Leren. De Commissie streeft bij haar werkzaamheden onverminderd naar het leveren van kwalitatief hoogstaande adviezen aan de directie van Stichting SURF. Continue aandachtspunten zijn het beleid ten aanzien van de projectbewaking, het waar nodig leveren van maatwerk binnen de gestelde kaders, communicatie over de werkwijze (o.a. website, voorlichtingsbijeenkomsten), optimalisatie van werkwijze en functioneren door regelmatige evaluaties alsook de evaluatie van de resultaten van de projecten. In 2011 zal vanuit de Commissie ook een bijdrage worden geleverd aan de interne scholing bij SURFfoundation op het terrein van werken met projecten en programma s. Bijlage Benoemingen Commissie Projectbewaking (CP) De Commissie Projectbewaking bewaakt in opdracht van de directeur van Stichting SURF de voortgang van de projecten die SURF subsidieert. Zij informeert de directeur van Stichting SURF over haar bevindingen en besluitvorming, en adviseert de directeur o.a. over (continuering van) beschikbaarstelling van subsidie. De Commissie Projectbewaking is een onafhankelijke commissie bestaande uit maximaal 12 personen. De leden zijn op persoonlijke titel geselecteerd op basis van hun deskundigheid en ervaring. De directeur van Stichting SURF benoemt de leden. De projectbewaking vindt plaats op een aantal vooraf vastgestelde momenten en op basis van vooraf vastgestelde criteria. De Commissie stelt (in overleg met SURF) bij de start van elk project de werkwijze voor dat project vast. Zij houdt daarbij rekening met o.a. aard, omvang en doorlooptijd van het project. De bewaking door de Commissie vormt een aanvulling op de dagelijkse projectbewaking door onder andere het platformmanagement van SURFfoundation en de projectleiders bij de instelling. Samenstelling (benoemingstermijn drie jaar, maximaal twee termijnen) De leden worden benoemd door de directeur van SURF. Naam leden: Benoemingsdatum: Tot: Bloemendaal, drs. P.M Borg-Spitholt, drs. W.E. ter Goldschmeding, dr. J.T Houwen, D.J. (voorzitter) (laatste termijn) Molenaars, drs. D.C.H Paulissen, Drs. A.A.F (laatste termijn) Rexwinkel, dr. R Veenstra, drs. W.M Wal, H.J.H. van der Zwarthoed, drs. G.A.A. nvt nvt vacature vacature 91

92 11 Wetenschappelijk Technische Raad 11.1 Samenstelling van de WTR In 2010 heeft de WTR afscheid genomen van de heer Van Bergen en mevrouw Heemstra de Groot, respectievelijk lid sinds 2006 en Per 1 juli 2010 is Prof.dr.ir. C.T.A.M. (Cees) de Laat toegetreden tot de WTR. Tabel 1 Samenstelling van de WTR ultimo 2010 Prof.dr. F. (Frans) Leijnse (voorzitter) Dr. E. (Ellen) van den Berg Prof.dr. J. (Jos) van Hillegersberg Prof.dr. P.A. (Paul) Kirschner Dr. F. (Fopke) Klok Prof.dr.ir. C.T.A.M. (Cees) de Laat Prof.dr. J.S. (John) Mackenzie Owen Dr. I.J. (Ingrid) Mulder Prof.mr.dr. J.M. (Jan) Smits Prof.ir. J. (Jaap) van Till Trendrapport 11.2 Activiteiten WTR staat grotendeels in het teken van het nieuwe trendrapport dat eind 2011 zal verschijnen. Daarin wordt opnieuw bekeken welke nationale en internationale trends de komende jaren van belang zullen zijn voor het hoger onderwijs en onderzoek in Nederland. De aanpak voor het opstellen van het trendrapport wordt in november vastgesteld. Seminar In vervolg op de white paper ICT naar Olympisch niveau, het advies over de Digitale Studie- en Werkomgeving en de ontwikkelingen rondom cloud services wordt een integrerend seminar voorbereid. Doelstelling van het seminar is om de diverse ontwikkelingen in samenhang te presenteren en bestuurders een overzicht te verschaffen en te ondersteunen in het maken van keuzes en het uitzetten van een aanpak om in te spelen op de nieuwe ontwikkelingen. Onderwerpen daarin zijn de verwachtingen van gebruikers ten aanzien van ICT-dienstverlening en ondersteunende processen, de toenemende complexiteit en afhankelijkheid van ICT en de mogelijkheden om gebruik te maken van diensten die bij derden afgenomen kunnen worden uit de cloud, i.e. via internet. White paper De WTR heeft het voornemen om een white paper te publiceren over de ontwikkelingen rond de positie en functie van (universitaire) bibliotheken. De functie van de universitaire bibliotheek is het afgelopen decennium onder invloed van de ICT geleidelijk veranderd, maar een er ontbreekt nog een duidelijke visie op de consequenties daarvan op de positie van de bibliotheken binnen de instellingen en op nationaal niveau. Adviezen De verwachting is dat SURF ook in 2011 weer een beroep zal doen op de WTR voor adviezen over verschillende onderwerpen, zoals de tweede tender voor het programma Toetsing en Toetsgestuurd Leren. De WTR pleit er voor dat, in navolging van de evaluatie van het SURFshare-programma, SURF meer structureel innovatieprogramma s laat evalueren. Evaluaties geven de bestuurders meer inzicht of en in welke mate gestelde doelen en gekozen aanpak van innovatieactiviteiten de gewenste effecten hebben. 92

93 Daarnaast zullen ook de individuele deelnemers van Stichting SURF in voorkomende gevallen weer een beroep doen op de expertise van de WTR. In de vergadering van 24 november wordt het jaarplan door de WTR besproken en vastgesteld. 93

94 12 Bedrijfsbureau Inleiding In 2010 zijn veel nieuwe bedrijfsmiddelen ingevoerd: een nieuwe inschrijfportal, systemen voor relatiebeheer en documentbeheer, een nieuwe telefooncentrale, een wikitool, een nieuw CMS voor delen van de webomgeving van SURF. In 2011 zal veel tijd en aandacht besteed worden aan het inrichten van de nieuwe middelen en de verbeteringen van werkprocessen doorvoeren die daarmee mogelijk worden. Het Bedrijfsbureau SURF wordt een belangrijke leverancier van SURFsps, de nieuwe werkmaatschappij die ondersteunende diensten gaat bieden aan partijen als Studielink en Studiekeuze123. Nu al biedt het Bedrijfsbureau diensten aan partijen als het SaNS Expertisecentrum, Stichting Pica, het GII consortium, SURFdiensten. Het is de ambitie van het Bedrijfsbureau de kwaliteit en continuïteit van de ondersteuning aan de platforms te verbeteren door de schaalvergroting die mogelijk is door dienstverlening aan derde partijen die dicht bij SURF staan. Daartoe zal het Bedrijfsbureau een goede kwaliteit dienstverlening moeten bieden tegen een redelijke prijs. Voor het brede terrein van de bedrijfsvoering wordt 2011 een derde fase van professionalisering van de ondersteuning. In de eerste fase zijn veel ondersteunende processen gestart of opnieuw ingericht. In de tweede fase zijn veel nieuwe werkwijzen en middelen ingevoerd. In de derde fase gaat het om het vullen van lacunes in de dienstverlening en een verdergaande aansluiting bij het werk in de platforms Bedrijfsvoering algemeen Voor de verdere professionalisering van de bedrijfsvoering staan in 2011 de volgende trajecten centraal: Ondersteunen van de inrichting van een e-science Research Center samen met NWO. De ondersteunende dienstverlening laten aansluiten bij de ontwikkeling van SURFsps. Automatiseren en documenteren van ondersteunende werkprocessen. Flexibiliseren en aanpassen van websites. Organiseren en begeleiden van themabijeenkomsten rondom werken met projecten. Enkele meer specifieke onderwerpen die zullen worden verbeterd zijn: De inrichting van een subsidieadministratie. De inrichting van een projectenadministratie. De inrichting van relatiebeheer. Digitale archivering. Hieronder worden per afdeling de onderwerpen benoemd waarvoor vernieuwing en verbetering van de dienstverlening plaatsvindt ICT Voor de dienstverlening op het terrein van ICT zijn voor 2011 de volgende verbeteractiviteiten gepland: 1. Ingebruikname van de nieuwe bedrijfssystemen Synergy en Mendix a. Verder afwerken en inrichten van de bedrijfsprocessen in deze systemen (zoals het registreren en accorderen van verplichtingen en het registreren van contracten en subsidies?). b. Opstellen van gebruikersdocumentatie voor de bedrijfssystemen. 2. Opnieuw aanbesteden van het contract met onze IT service provider. 94

95 3. Bijdragen aan de omzetting van het content management systeem van de SURFspace en SURFfoundation websites. 4. Inrichten van een nieuw intranet buiten SURFgroepen en mogelijk in samenwerking met SURFnet en SURFdiensten. 5. Inrichten en beschikbaar stellen van de wikitool. 6. Opstellen van een handboek functioneel beheer. 7. Bijdragen aan het inrichten van een SURFcatalogus voor projectresultaten. 8. Ontwerpen van een oplossing voor de synchronisatie van off line gecreëerde bestanden. 9. Bijdragen aan de selectie en implementatie van een systeem voor elektronische personeelsdossiers Communicatie Inleiding De communicatieactiviteiten van de afdeling Communicatie van SURFfoundation vallen uiteen in vier hoofdterreinen (die soms overlappen): 1. Externe (Corporate) Communicatie SURF 2. Interne (Corporate) Communicatie SURF 3. Externe Communicatie SURFfoundation 4. Interne Communicatie SURFfoundation Externe (Corporate) Communicatie SURF Doelgroepen 1. Bestuurders/leden van SURF 2. Sector Hoger Onderwijs en Onderzoek: Professionals op het terrein van ICT en onderwijs/onderzoek (personen die binnen instellingen actief zijn op het terrein van ICT en onderwijs of onderzoek). Managers in het hoger onderwijs en onderzoek (opleidingsdirecteuren, faculteitsdirecteuren, - decanen, etc.) Marketing- en communicatieprofessionals binnen het hoger onderwijs en onderzoek. 3. Politiek/samenleving: Politici, beleidsambtenaren en beslissers bij ministeries, samenleving (publieke opinie). Doelstelling SURF helder en eenduidig neerzetten in de buitenwereld, waardoor haar naamsbekendheid groter wordt, de activiteiten van SURF en de meerwaarde van SURF voor hoger onderwijs en onderzoek, alsmede de samenleving bekend raken. Kernboodschappen: ad 1: Investeringen in SURF dragen bij aan de versterking van de positie van hoger onderwijs en onderzoek. ad 2: SURF is een samenwerkingsorganisatie van en voor het hoger onderwijs, gericht op ICT-innovatie. SURF versterkt de kennispositie van Nederland. SURF beschikt over relevante kennis, expertise en middelen op het terrein van ICT-innovatie in het hoger onderwijs en onderzoek. ad 3: SURF is een samenwerkingsorganisatie van en voor het hoger onderwijs, gericht op ICT-innovatie. SURF versterkt de kennispositie van Nederland. Investeringen in SURF dragen bij aan het versterken van de positie van hoger onderwijs en onderzoek. De spin-off van SURF heeft meerwaarde voor Nederland, zowel in economisch als maatschappelijk opzicht (Amsterdam IEX, DigiD, DigiBob, etc.) Activiteiten 1. Branding a. Inschakelen hands-on branding-bureau, dat op basis van enkele sessies met in- en externe partijen een advies oplevert aan directie van SURF. b. productie corporate middelen. 2. Relatiemanagement: a. Benaderen woordvoerders tweede kamer voor werkbezoek. b. Instellingsbezoeken van de directie en Executive Seminar. Resultaten 1. Branding a. Heldere afspraken over positionering en branding van de SURF-onderdelen. b. Nieuwe corporate middelen voldoen aan nieuwe afspraken. 2 a. Woordvoerders kennen SURF en haar meerwaarde. b. Instellingen blijven overtuigd van meerwaarde SURF en ervaren SURF als 95

96 c. Ondersteunen netwerk Marketing- Communicatie-contactpersonen. 3. Persbenadering op basis van SURFthema s (de white paper thema s). 4. Uitbrengen SURF-magazine 4 x per jaar + SURF Jaarverslag. 5. Online presence scan; verder verbeteren (ander CMS?); traffic building. 6. Regie communicatietrajecten Dé Onderwijsdagen en SURFacademy. eigen. c. Marketing-communicatiepersonen bij instellingen kennen SURF en zijn bereid relevante informatie/campagnes te verspreiden binnen de instelling. 3. De meerwaarde en rol van SURF op het terrein van de thema s raakt bekend bij politiek en samenleving. 4. Activiteiten, resultaten en meerwaarde SURF is bekend bij externe doelgroepen SURF. 5. Informatie over SURF en haar resultaten is gemakkelijk toegankelijk voor de doelgroepen. 6. Communicatie-uitingen zijn conform randvoorwaarden SURF-branding Interne (Corporate) Communicatie van SURF Doelgroep: medewerkers van de drie organisatieonderdelen Doelstellingen: Medewerkers zijn op de hoogte van de wijze waarop SURF zich wil neerzetten in de buitenwereld. Medewerkers kennen op hoofdlijnen de missie en kerntaken van SURF en haar onderdelen. Medewerkers weten elkaar daar waar het werk raakvlakken heeft te vinden. Activiteiten Resultaten 1. Internal branding 1. Richtlijnen voor positionering van SURF in de buitenwereld zijn bij medewerkers bekend. 2. SURFlink 4 x per jaar 2. Medewerkers hebben een beeld bij mensen en activiteiten van de andere SURF-onderdelen. 3. SURFstart ieder voor- en najaar 3. Nieuwe medewerkers zijn bekend met de SURF-organisatie en haar onderdelen en weten waar die voor staat. En ze krijgen een gevoel erbij te horen. 4. Opzetten smoelenboek 4. Medewerkers kunnen via het smoelenboek achterhalen wie bij de verschillende onderdelen werken en wat hun kennis/expertise is. 5. SURF-familiedag 5. Interne binding tussen medewerkers is versterkt. 6. Teambuilding SURFenCO 4 x per jaar 6. Communicatiemedewerkers van de onderdelen delen kennis en versterken elkaar. 96

97 Externe Communicatie SURFfoundation Doelgroepen SURFfoundation richt zich met name op de afnemers van voorzieningen: docenten, onderzoekers, beleids-, ICT- en bibliotheekmedewerkers van instellingen. Studenten bereikt zij slechts indirect. Doelstelling De activiteiten en resultaten van SURFfoundation zijn bekend bij de doelgroepen. Kernboodschap: SURFfoundation werkt samen met instellingen aan innovatie van de primaire en ondersteunende processen in onderwijs en onderzoek. De resultaten die dit oplevert zijn duurzaam, innovatief en geschikt voor algemeen gebruik in het hoger onderwijs. SURFfoundation bereikt haar resultaten enerzijds via tenderprogramma s en anderzijds via samenwerkingsverbanden, uitwisselingsplatforms en de promotie van projectresultaten. Activiteiten Resultaten 1. Beheer, ontwikkeling en onderhoud 1. Doelgroepen kennen de websites en websites ( kunnen relevante informatie gemakkelijk campagnesites) vinden. 2. SURFfoundation nieuwsbrief 10 x 2. Doelgroepen ontvangen maandelijks een update van relevante informatie. 3. Persbenadering 3. De activiteiten en resultaten van SURFfoundation zijn bekend bij het brede publiek. 4. Ondersteuning en advisering platforms 4. Communicatieactiviteiten van platforms vinden plaats conform professionele normen en kaders afdeling Communicatie. Platforms ontvangen advies over aanpak grotere communicatietrajecten. 5. Jaarverslag SURFfoundation 5. Platformbesturen zijn geïnformeerd over resultaten SURFfoundation Interne Communicatie SURFfoundation Doelgroep Medewerkers SURFfoundation (en soms ook Studielink en Studiekeuze123) Doelstelling Medewerkers voelen zich verbonden met de organisatie, weten waar de organisatie voor staat en weten op hoofdlijnen wat collega s doen. Activiteiten Resultaten 1. Graadtmeter, iedere 2 weken 1. Medewerkers zijn op de hoogte van personele zaken, belangrijke ontwikkelingen in het ondersteunende proces en resultaten van SURFfoundation. Medewerkers voelen zich onderdeel van de organisatie. 3. Initiëren en bewaken inhoud 3. Medewerkers hebben een idee van de bijeenkomsten met medewerkers: werkzaamheden van hun collega s. Ieder Maandelijkse SURFbreak kwartaal worden medewerkers Kwartaalbijeenkomsten geïnformeerd door onderwerpen op (Heidagen, Uitje, Feestdagen-activiteiten directieniveau. worden uitgevoerd via Facilitair) 97

98 12.4 Financiën Voor de dienstverlening op het terrein van financiën zijn voor 2011 de volgende verbeteractiviteiten gepland: 1. De verdere ontwikkeling van standaard rapportages en een set aan rapportages op aanvraag. 2. Verdere verbijzondering van kosten naar diensten (vastgelegd in een kostenverdeelstaat). 3. Invoering van een nieuwe administratie voor SURFsps en eventuele nieuwe administraties voor klanten van SURFsps. 4. Stroomlijnen van het proces van facturering aan deelnemers van bijeenkomsten Personeelszaken Voor de dienstverlening op het terrein van personeelszaken zijn voor 2011 de volgende verbeteractiviteiten gepland: 1. Herzien van het inwerkprogramma. 2. Selectie en implementatie van een systeem voor elektronische personeelsdossiers. 3. Nieuwe voorlichtingsbijeenkomst over werkplekken. 4. Evaluatie van de R&O-cyclus, met name het gebruik van de POP s en PJP s. 5. Faciliteren van stageplaatsen Facilitaire dienstverlening Voor de dienstverlening op het facilitair terrein zijn voor 2011 de volgende verbeteractiviteiten gepland: 1. Synergy gebruiken om meer interne zaken te stroomlijnen: aanvragen reizen, hotels, vergaderingen etc. 2. Uitzoeken of een vouwmachine/vulmachine voor mailingen aangeschaft kan worden. 3. Aanschaffen/leasen van kunst voor aan de muur in de gangen. 4. Onderzoeken van verdere mogelijkheden/onderhandelen tot samenwerking met hotelpartners. 98

99 12.7 Begroting Bestuur en Concernstaf Exploitatierekening Projectkosten Projectinkomsten Saldo Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal subsidies inkomsten mutatie samenw. Interne programma inzet kosten kosten derden OHW bijdrage doorberekening inkomsten =(2+3) =(5 t/m 9) Bestuur en concernstaf Totaal Platform Resultaat ultimo Overige onderdelen Exploitatierekening Projectkosten Projectinkomsten Saldo Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal subsidies inkomsten mutatie samenw. inzet kosten kosten derden OHW bijdrage inkomsten =(2+3) =(5 t/m 8) Overige Organen E-services (SURFdiensten) SURFworks (SURFnet) e-science Research Centre Subtotaal Overige Organen Algemene Reserve - Deposito's (1) Subtotaal Algemene reserve Subtotaal Algemene reserve Resultaat ultimo noot : 1) Rente inkomsten van deposito's Algemene reserve Projecten ultimo Algemene reserve Projecten ultimo

100 Bedrijfsbureau Exploitatierekening Projectkosten Projectinkomsten Saldo Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal subsidies inkomsten mutatie samenw. Interne programma inzet kosten kosten derden OHW bijdrage doorberekening inkomsten =(2+3) =(5 t/m 9) Bedrijfsvoering algemeen Projecten bedrijfsbureau Facilitair Bureau IT Communicatie Finance Doorberekening werkplekken en interne dienstverlening Totaal Platform Resultaat ultimo Algemene reserve BUREAU ultimo Resultaat Bestuur en Concernstaf 37- Resultaat Bedrijfsbureau

101 Uitsplitsing salaris en Personele kosten Exploitatierekening Projectkosten Bedragen (X 1.000,-) salaris Totaal kosten kosten Totale salarisbetaling Salarissen Sociale lasten Inleen personeel Overige personeelskosten Totale salarisbetaling

102 SURFfoundation Salarissen Bedragen (X 1.000,-) fte Salaris 2010 Dienst verlening Werkplek Interne doorberekening totaal =(2+3) 5=(1+4) ICT en Onderzoek 8, ICT en Onderwijs 8, ICT en Bedrijfsvoering 4, Internationale zaken 1, Studielink 4, Studiekeuze123 5, Bestuur en Concernstaf 4, SURF Bedrijfsbureau 14, Totaal 52,

103 Begroting 2011 SURFfoundation totaaloverzicht Exploitatierekening kosten inkomsten Resultaat Bedragen (X 1.000,-) personele materiële Subtotaal Subsidies Inkomsten mutatie samenw. Interne subtotaal platform/ inzet kosten Kosten derden OHW bijdrage doorberekening inkomsten programma =(2+3) =( ) 11=(10-4) ICT & Onderzoek ICT & Onderwijs ICT & Bedrijfsvoering Internationale Zaken Overige onderdelen Subtotaal Programma Bestuur en concernstaf Bedrijfsbureau Subtotaal Bureau Totaal SURF

104 SURFfoundation Projectgelden OHW Bedragen (X 1.000,-) Stand per Verwachte eindstand per Mutaties in Beoogde eindstand per dec dec =(3-4) Onderhandenwerk Projectgelden Platform ICT & Onderzoek Platform ICT & Onderwijs Nationaal Actieplan (NAP) Kies op Maat WTR Innovatieprojecten Tenders ICT en Onderzoek Tenders ICT en Onderwijs Toetsing en Toetsgestuurd Leren Studiekeuzegesprekken I en II (excl. tenders) Bureauprojecten SURF Totaal OHW

105 SURFfoundation (payroll en inleen) Bestuur en concernstaf 4,7 4,7 Bedrijfsbureau Bedrijfsvoering algemeen 4,4 4,4 Facilitair Bureau 4,2 4,2 IT 0,7 0,7 Communicatie 2,7 2,7 Finance 2,8 2,8 Subtotaal Bedrijfsbureau 14,7 14,7 SURF platforms en programma's ICT en Onderzoek 10,95 8,75 ICT en Onderwijs 7,7 8,7 ICT en Bedrijfsvoering 3,05 4,5 Internationale Zaken 0,0 1,4 Derden Stichting Studiekeuze123 5,4 5,4 Stichting Studielink 4,6 4,6 Totaal 51,05 52,75 Noot: 2010: Stand fte augustus : Verwachte bezetting

106 SURFfoundation Reserve Overzicht Bedragen (X 1.000,-) Stand per Verwachte beginstand 1 jan Verwachte mutaties in 2011 Beoogde eindstand per 31 dec =(3+4) Reserves ICT & Onderzoek ICT & Onderwijs ICT & Bedrijfsvoering Innovatie reserve Algemene reserve projecten Algemene Reserve Bureau Totaal Reserves

107 Bijlage A Benoemingen SURF Algemeen Bestuur SURF (AB) Het Algemeen Bestuur heeft onder meer tot taak algemene beleidsnota s, een ontwikkelingsplan annex meerjarenbegroting voor de middellange termijn, de jaarlijkse begroting, het jaarverslag en de jaarrekening vast te stellen. Het Algemeen Bestuur van SURF heeft ook tot taak de strategische visie op het ICT-gebruik in de toekomst en de invloed daarvan op onderwijs en onderzoek vast te stellen. Het Algemeen Bestuur vergadert tenminste 1 maal per jaar (in de praktijk 2x/jaar) Het Algemeen Bestuur bestaat uit maximaal 34 leden. De universitaire leden (14) en de leden afkomstig uit het HBO (10) worden door de universiteiten respectievelijk de HBO-raad benoemd (kwaliteitszetels). Daarnaast zijn er Niet kwaliteitszetels. Er is een categorie Niet universitaire, niet commerciële research (vijf zetels). In deze categorie benoemen NWO en TNO ieder een zetel. Er is een categorie Universitaire Medische Centra (twee zetels) en een categorie Overig (drie zetels). De NFU benoemt twee bestuursleden voor de eerstgenoemde categorie. In de categorie Overig wordt één bestuurder door KNAW en één bestuurder door de Koninklijke Bibliotheek benoemd. De door het SURF-bestuur te benoemen leden (niet kwaliteitszetels: 3x niet universitaire, niet commerciële Research en 1x Overig ) worden voor een periode van drie jaar benoemd. De voorzitter (Algemeen en Dagelijks Bestuur) is onafhankelijk en wordt voor een periode van twee jaar benoemd met een maximum van drie termijnen. Naam Categorie Benoemingsdatum: Tot: Akker, drs. T.H. van den (HS De Kempel) HBO Amman, prof.dr. H.M. (UU) WO Ast, ir. K.J. van (UT) WO Bol, drs. H.H.J. (UMC) NFU Breukink, dr. IJ.J.H. (WU) WO Brouwer, drs.ing. C.J. (OU) WO Buck, ir. A.P. de (HS Zeeland) HBO Dam Mieras, drof.dr. M.C.E. van (UL) WO Doop, drs. P.W. (UVA) WO Duppen, prof.dr. K. (RUG) WO Franken, dr.ir. A.A.J.M. (RU) WO Gaast, drs. C.J. van der (TNO) TNO Giessen, G.K.T. van der (Codarts) HBO Ham, mr. J.P. van (TUE) WO Heijne, drs. M.A.M. (TUD/UKB) Overig Hopstaken, drs. R.J.M. (AMC) NFU Kalmthout, drs. F.J.M. van (Avans) HBO Labruyère, L.N. (INHOLLAND) HBO Lundqvist, ing. A.H. Voorzitter Maanen, drs. E.P. van (HS Leiden) HBO Oldeniel, mr. H.G.M. van (Saxion) HBO Oorschot, mr. H.M.C.M. van (UVT) WO Postema, drs. A. (UM) WO Roelof, J.G. (Hogeschool Rotterdam) HBO Rullmann, drs. P.M.M. (TUD) WO Rutten, mr. H.J. (VU) WO Savenije, drs. J.S.M. (KB) Overig Straatman, drs. B.J.H. (EUR) WO

108 Veenstra MBA, R. (Stenden HS) HBO Visser, dr. C. de (NWO) NWO Vries, drs. M. de (KNAW) Overig Maes, drs. A.J.M.M. (Kennisnet) Waarnemer Vacatures: Vacature HBO Vacature: Niet uni., niet comm. research Vacature: Niet uni., niet comm. research Vacature: Niet uni., niet comm. research Dagelijks Bestuur SURF (DB) Het Dagelijks Bestuur van SURF heeft tot taak de vergaderingen van het Algemeen Bestuur voor te bereiden en is belast met de uitvoering van de besluiten van het Algemeen Bestuur. Het Dagelijks Bestuur ziet toe op het functioneren van het Bureau, de uitvoering en voorbereiding van jaarplannen en de verslaglegging hieromtrent. Het Dagelijks Bestuur komt circa tien maal per jaar bijeen. Samenstelling (benoemingstermijn twee jaar, maximaal drie termijnen) (Besluitenlijst 176 ste DB, Statutenwijziging benoemingstermijn DB-leden en voorzitter SURF, drie jaar, maximaal twee termijnen) De leden worden benoemd door het Algemeen Bestuur van SURF. Naam Benoemingsdatum: Benoemd tot: Aftreding: Beest, drs. H.W. te Brouwer, drs.ing. C.J Dekker, drs. R.J.P Doop, drs. P.W Lundqvist, ing. A.H (voorzitter) Maanen, drs. E.P. van (penningmeester) Oldeniel, mr. H.G.M. van (vice-voorzitter) Platforms In aansluiting op het Meerjarenplan is de organisatie van SURF per 2003 opnieuw ingericht. De belangrijkste verandering in structuur is gelegen in de vorming van drie bestuurlijke Platforms, voor de domeinen Onderzoek, Onderwijs en Organisatie. Deze bestuurlijke Platforms nemen ieder op hun domein voor hun rekening: De vertaling van het SURF-Meerjarenplan naar projecten en activiteiten, op basis van inhoudelijke afwegingen, prioriteiten en keuzes. Het communiceren met betrokkenen binnen de instellingen en het verwerven van draagvlak voor de projecten en activiteiten. Het houden van toezicht op de realisatie van de projecten en activiteiten. De bestuurders en adviseurs van de drie Platforms zijn door het Dagelijks Bestuur benoemd voor een periode van drie jaar en voor maximaal twee perioden. Samenstelling Platform ICT en Onderzoek (benoemingstermijn drie jaar, maximaal twee termijnen) De leden worden benoemd door het Dagelijks Bestuur van SURF. Ter kennisname aan het AB. Naam bestuurders Benoemingsdatum: Tot: Akker, prof.dr. W.J. van den Cornelissen, prof. dr. A.W.C.A Doop, drs. P.W (voorzitter) Franken, dr.ir. A.A.J.M Hooimeijer, prof.dr. P (laatste termijn) Jong, prof.mr. H.M. de (laatste termijn) 108

109 Savenije, drs. J.S.M Voermans, prof.dr. W.J.M (laatste termijn) Vacature Naam adviseurs Benoemingsdatum: Tot: Heijne, drs. M.A.M Oudega, prof.dr. B (laatste termijn) Samenstelling Platform ICT en Onderwijs (benoemingstermijn drie jaar, maximaal twee termijnen) De leden worden benoemd door het Dagelijks Bestuur van SURF. Ter kennisname aan het AB. Naam bestuurders Benoemingsdatum: Tot: Brinksma, prof.dr. H Buck, ir. A.P Eijlander, prof.dr. Ph Kalmthout, drs. J.F.M. van (laatste termijn) Oldeniel, mr. H.G.M. van (voorzitter) Menéndez, dr. M.S Rullmann, drs. P.M.M (laatste termijn) Straatman drs. B.J.H vacature Naam adviseurs Benoemingsdatum: Tot: Smit, mevr. drs. A Samenstelling Platform ICT en Organisatie (benoemingstermijn drie jaar, maximaal twee termijnen) De leden worden benoemd door het Dagelijks Bestuur van SURF. Ter kennisname aan het AB. Naam bestuurders Benoemingsdatum: Tot: Ast, ir. K.J. van Bormans, drs. M.J.G (laatste termijn) Brouwer, drs.ir. C.J. (voorzitter) Ham, mr. J.P. van Kamsma MBA/MBI, drs. M.M.J (laatste termijn) Postema, drs. A Keizer Mastenbroek, drs. A.C Vacature Naam adviseurs Benoemingsdatum: Tot: Riet, dr. S.P. van t Molenaars, drs. D.C.H Wetenschappelijk Technische Raad (WTR) De Wetenschappelijk Technische Raad brengt gevraagd en ongevraagd advies uit aan het bestuur van SURF en aan de bij SURF betrokken instellingen. De WTR bereidt vierjaarlijks een trendstudie voor. De WTR vergadert circa zeven maal per jaar. Samenstelling Bestaat uit maximaal 12 leden (benoemingstermijn drie jaar, maximaal twee termijnen. Benoemingstermijn adviseurs drie jaar, maximaal één termijn) De leden worden op voorstel van het DB à titre personnel benoemd door het Algemeen Bestuur van SURF. Naam Benoemingsdatum: Tot: Berg, dr. E. van den Hillegersberg, prof.dr. J. van (laatste termijn) 109

110 Kirschner, prof.dr. P.A Klok, dr. F Laat, prof.dr.ir. C.T.A.M. de Leijnse, prof.dr. F. (voorzitter) Mulder, dr. I Smits, prof.dr.mr. J.M (laatste termijn) Till, prof.ir. J.W.J. van (laatste termijn) Commissie Projectbewaking (CP) De Commissie Projectbewaking bewaakt in opdracht van de directeur van Stichting SURF de voortgang van de projecten die SURF subsidieert. Zij informeert de directeur van Stichting SURF over haar bevindingen en besluitvorming, en adviseert de directeur o.a. over (continuering van) beschikbaarstelling van subsidie. De Commissie Projectbewaking is een onafhankelijke commissie bestaande uit 15 personen. De leden zijn op persoonlijke titel geselecteerd op basis van hun deskundigheid en ervaring. De directeur van Stichting SURF benoemt de leden. De projectbewaking vindt plaats op een aantal vooraf vastgestelde momenten en op basis van vooraf vastgestelde criteria. De Commissie stelt (in overleg met SURFfoundation) bij de start van elk project de werkwijze voor dat project vast. Zij houdt daarbij rekening met o.a. aard, omvang en doorlooptijd van het project. De bewaking door de Commissie vormt een aanvulling op de dagelijkse projectbewaking door onder andere het platformmanagement van SURFfoundation en de projectleiders bij de instelling. Samenstelling (benoemingstermijn drie jaar, maximaal twee termijnen) De leden worden benoemd door de directeur van SURF. Naam leden: Benoemingsdatum: Tot: Bloemendaal, drs. P.M Borg-Spitholt, drs. W.E. ter Goldschmeding, dr. J.T Houwen, D.J. (voorzitter) (laatste termijn) Molenaars, drs. D.C.H Paulissen, drs. A.A.F (laatste termijn) Rexwinkel, dr. R.B Veenstra, drs. W.M Wal, H.J.H. van der Zwarthoed, drs. G.A.A. nvt nvt vacature vacature Stuurgroep GigaPort3 Samenstelling De leden worden benoemd door het Dagelijks Bestuur van SURF. Per zijn de leden van de Stuurgroep GigaPort3 benoemd voor de looptijd van het project. Naam bestuurders Duinen, dr. R.J. van (voorzitter) Hopstaken, drs. R.J.M. Noorda, dr. S.J. Joosten, prof.dr.ir. J.G.H. Terpstra, D. Engelen, dr. J.J. Liebrand, dr. W.B.G Plugge, dr. L.A (secretaris) Organisatie Ex-ESF NFU NVSU DSM HBO-raad NWO SURF SURF 110

111 Raad van Commissarissen SURFnet Samenstelling De AVA SURFnet benoemt de commissarissen. Het Dagelijks Bestuur van SURF bereidt de benoeming voor. De president-commissaris wordt benoemd voor een termijn van drie jaar met een maximum van drie termijnen achtereen. Naam bestuurders Benoemingsdatum: President-commissaris Beest, drs. H.W. te tot (president) Lundqvist, ing. A.H Liebrand, dr. W.B.G Raad van Commissarissen SURFdiensten Samenstelling De AVA SURFdiensten benoemt de commissarissen. Het Dagelijks Bestuur van SURF bereidt de benoeming voor. De president-commissaris wordt benoemd voor een termijn van drie jaar met een maximum van drie termijnen achtereen. Naam bestuurders Benoemingsdatum: President-commissaris Beest, drs. H.W. te tot (president) Lundqvist, ing. A.H Liebrand, dr. W.B.G Raad van Commissarissen SURFsps Samenstelling De AVA SURFsps benoemt de commissarissen. Het Dagelijks Bestuur van SURF bereidt de benoeming voor. De president-commissaris wordt benoemd voor een termijn van drie jaar met een maximum van drie termijnen achtereen. Naam bestuurders Benoemingsdatum: President-commissaris Brouwer, drs.ing. C.J tot (president) Lundqvist, ing. A.H Liebrand, dr. W.B.G Stichting Pica Benoemingen SURF in Bestuur Stichting Pica Stichting SURF benoemt vier leden in het bestuur van Stichting Pica, waaronder de voorzitter. Deze leden dienen afkomstig te zijn uit de kringen van wetenschappelijk onderwijs, de Koninklijke Bibliotheek en de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Een van deze leden moet een vertegenwoordiger van de Koninklijke Bibliotheek zijn. Op grond van de statuten (art. 3.6.) bepaalt het bestuur van Stichting Pica zelf het aftreedrooster. Stichting SURF kan bij de benoeming een aanbeveling doen; deze wordt in de praktijk meestal overgenomen, zij het dat bestuurstermijnen bij voorkeur lopen van 111

112 juli juli, in verband met goedkeuring en verantwoordelijkheid voor jaarrekening over het kalenderjaar daarvoor. De bestuurstermijn is drie jaar. Naam bestuurders Benoemingsdatum Benoemd tot Amman, Prof.dr. H.M Beest, Drs. H.W. te (voorzitter) Heijne, Drs. M.A.M Pronk, R.J Savenije, drs. J.S.M Kok, H. de

113 Bijlage B Bijdrage samenwerkingskosten Stichting SURF 2011 (deze voorlopige berekening is gebaseerd op de rijksbijdrage WO 2010 en de HBO-studentenaantallen 2009) Hieronder is het rekenschema van de samenwerkingskosten 2011 opgenomen. Ook de uitgangspunten van de berekeningsmethodiek zijn vermeld. Instelling Bijdragen bijdrage cfm RB/FS 2010 Bijdrage SURF nullast in Rijksbijdr. in miljoen Prop. deel in 2011 in WO+ Erasmus Universiteit Rotterdam , Open Universiteit Heerlen , Radboud Universiteit Nijmegen , Rijksuniversiteit Groningen , Technische Universiteit Delft , Technische Universiteit Eindhoven , Universiteit Leiden , Universiteit Maastricht , Universiteit Twente , Universiteit Utrecht , Universiteit van Amsterdam , Universiteit van Tilburg , Vrije Universiteit , Wageningen Universiteit , Totaal WO , HBO ingeschreven Prop. deel in % studenten 2009 Aeres Groep , Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten , Avans Hogeschool , Christelijke Hogeschool De Driestar , Christelijke Hogeschool Ede , Christelijke Hogeschool Windesheim , Design Acedemy 518 0, Fontys Hogescholen , Gereformeerde Hogeschool , Haagse Hogeschool , Hanzehogeschool Groningen , HAS Den Bosch , Hogeschool Domstad, katholieke erarenopleiding basisonderwijs 871 0, Hogeschool Edith Stein, Onderwijscentrum Twente , Hogeschool Helicon 263 0, Hogeschool INHOLLAND , Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar , Hogeschool Leiden , Hogeschool Rotterdam , Hogeschool Utrecht , Hogeschool van Amsterdam , Hogeschool van Arnhem en Nijmegen , Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans , Hogeschool voor de Kunsten Utrecht , Hogeschool Zeeland , Hogeschool Zuyd , Hotelschool Den Haag, Int. Hogeschool voor Hotelmanagement , Iselinge, Educatieve Faculteit 496 0, NHTV, internationale hogeschool Breda , Noordelijke Hogeschool Leeuwarden , PC Hogeschool Marnix Academie , Pedagogische Hogeschool De Kempel 875 0, Saxion Hogescholen , Stenden Hogeschool , Stichting ArtEz , Van Hall Instituut , HBO totaal , Overigen KB KNAW NWO Politieacademie TNO Universiteit van de Humanistiek Totaal overigen Totaal-generaal

114 Toelichting op de berekeningsmethodiek De berekeningsmethodiek voor de verdeling van de bijdragen in de samenwerkingskosten van de Stichting SURF ziet er als volgt uit: De totale jaarlijkse samenwerkingskosten van de Stichting SURF zijn De samenwerkingskosten kunnen voor de jaren 2011 tot en met 2014 worden geïndexeerd op basis van de prijscompensatie in de Rijksbijdrage aan het HO. Voor de verdeling van de samenwerkingskosten tussen het WO en HBO wordt in 2011 een verdeelsleutel gehanteerd van 60 : 40. Bij ( minus voor KB, KNAW, NWO, Politieacademie, TNO en de Universiteit van de Humanistiek) betekent dit een verdeling van : De verdeling binnen het WO is gebaseerd op de Rijksbijdrage 2011 waarbij, na de gelijke nullast, het resterende deel van de samenwerkingsbijdrage WO volgens het evenredig deel van de Rijksbijdrage per universiteit wordt verdeeld. Deze grondslag wordt ook gehanteerd bij de vaststelling vsn de contributie voor de VSNU. De verdeling binnen het HBO zal berekend worden op basis van het aantal ingeschreven studenten per jaar. In bovenstaande tabel zijn de aantallen RB 2010 verwerkt. Deze grondslag wordt ook gehanteerd bij de van de contributie voor de HBO-raad. De categorie Overigen (KB, KNAW, NWO, Politieacademie, TNO en de Universiteit van de Humanistiek) krijgt een vaste bijdrage doorberekend. 114

115 Bijlage C Veel gebruikte afkortingen AB - Algemeen Bestuur ALT - Association for Learning Technology in GB Cetis - the Centre for Educational Technology Interoperability Stan- dards, de door JISC ondersteunde standaardisatie-organisatie CIO - Chief Information Officer COMIT - Coördinerend Overleg Managers Informatie Technologie CP - Commissie Projectbewaking CSIRT - Computer Security Incident Response Team CvDUR - Coördinatievergadering van Directies Universitaire Rekencentra DARE - Digital Academic Repositories DB - Dagelijks Bestuur DiRECt - Digitale Rechten Expertise Centrum DU - Digitale Universiteit ECAR - EDUCAUSE Center for Applied Research EDUCAUSE - Transforming Education Through Information Technologies, de SURF van de VS ELO - elektronische leeromgeving ESD - Elektronische Softwaredistributie ESP - Educational Service Provider EU - Europese Unie FAQ - Frequently Asked Questions FOBID - Federatie van Organisaties in het Bibliotheek-, Informatie-, en Documentatiewezen IDS - Intrusion Detection System JISC - Joint Information Systems Committee, de SURF van GB KAAIWO - Kontaktgroep Administratieve Automatisering Instellingen voor Wetenschappelijk Onderwijs KNAW - Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen LUKB - Licentiebureau UKB NAP - Nationaal Actieplan e-learning NEN - Nederland Normalisatie Insituut NVAO - Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie NWO - Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek OCW - Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen PKI - Public Key Infrastructure SaNS - Samenwerken aan een Nieuw SIS 115

116 SHB - Samenwerkingsverband Hogeschool Bibliotheken SIG - Special Interest Group SIS - Student Informatie Systemen SOA - Service Oriented Architecture SPARC - Scholarly Publishing and Academic Resources Coalition UKB - Samenwerkingsverband van de dertien Nederlandse universi- teits bibliotheken, de Koninklijke Bibliotheek en de bibliotheek van het NIWI UVIPA - Universiteiten vervangen IPA (salarissysteem) VoIP - Voice over IP (internettelefonie) VSNU - Vereniging van Universiteiten WP - werkpakket(ten) WTR - Wetenschappelijk Technische Raad 116

INHOUDSOPGAVE... 2 INLEIDING...

INHOUDSOPGAVE... 2 INLEIDING... Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE... 2 INLEIDING... 3 1. OMGEVING EN CONTEXT... 7 2. INNOVATIEPROGRAMMA S... 8 2.1 TOETSING EN TOETSGESTUURD LEREN... 9 2.2 OPEN EDUCATIONAL RESOURCES... 12 2.3 DIGITALE LEER-

Nadere informatie

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: COMMUNITY MANAGEMENT

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: COMMUNITY MANAGEMENT INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: COMMUNITY MANAGEMENT ACTIVITEITENPLAN 2015 WWW.SURF.NL/ONDERWIJS Innovatieprogramma Onderwijs op Maat Project: Communitymanagement 2 INHOUD 1. Community management

Nadere informatie

SIG Digitaal Toetsen Jaarplan 2015

SIG Digitaal Toetsen Jaarplan 2015 SIG Digitaal Toetsen Jaarplan 2015 Mission statement Bevordering van kwantiteit en kwaliteit van digitale toetsing in het Hoger Onderwijs, door het bij elkaar brengen van experts en belangstellenden en

Nadere informatie

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Doel Zorgdragen voor de vorming van beleid voor de eigen functionele discipline, alsmede zorgdragen voor de organisatorische en personele aansturing van een of

Nadere informatie

Innovatie met impact. De methode SURF

Innovatie met impact. De methode SURF Innovatie met impact De methode SURF De Nederlandse instellingen voor hoger onderwijs bundelen al 25 jaar hun krachten binnen SURF om ICT-innovatie vorm te geven. Innovatie gaat om verandering, en verandering

Nadere informatie

Van duizend bloeiende bloemen tot geleide groei

Van duizend bloeiende bloemen tot geleide groei Sinds eind jaren negentig stimuleert SURF de samenwerkingsorganisatie van instellingen in het hoger onderwijs en onderzoek ICT-innovatie in het hoger onderwijs, met als doel de kwaliteit van het onderwijs

Nadere informatie

WELKOM BIJ SURF MBO TREEDT TOE TOT SURF

WELKOM BIJ SURF MBO TREEDT TOE TOT SURF WELKOM BIJ SURF MBO TREEDT TOE TOT SURF Paul Rullmann, vz SURF Barneveld, 18 september 2014 Grensverleggende ICT-innovaties In SURF werken hoger onderwijsen onderzoeksinstellingen samen aan de verbetering

Nadere informatie

STRATEGISCHE AGENDA DE WAARDE(N) VAN WETEN EN OPEN ONDERWIJS

STRATEGISCHE AGENDA DE WAARDE(N) VAN WETEN EN OPEN ONDERWIJS STRATEGISCHE AGENDA DE WAARDE(N) VAN WETEN EN OPEN ONDERWIJS Netwerk SIG Open Education 9 oktober 2015 1 SPEERPUNTEN 1. Kleinschalige leergemeenschappen 2. Rijke leeromgeving 3. Kwalitatief goede en inspirerende

Nadere informatie

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: PROEFTUIN

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: PROEFTUIN INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: PROEFTUIN ACTIVITEITENPLAN 2015 WWW.SURF.NL/ONDERWIJS Innovatieprogramma Onderwijs op Maat Project: Proeftuin 2 INHOUD 1. Proeftuin 3 1.1 Doelen 3 2. Werkwijze

Nadere informatie

Cloud services: aantrekkelijk, maar implementeer zorgvuldig

Cloud services: aantrekkelijk, maar implementeer zorgvuldig Cloud services: aantrekkelijk, maar implementeer zorgvuldig Auteur: Miranda van Elswijk en Jan-Willem van Elk Dit artikel is verschenen in COS, mei 2011 Cloud services worden steeds meer gebruikelijk.

Nadere informatie

Waarom we dit gemaakt hebben. surf. surf. surfshare

Waarom we dit gemaakt hebben. surf. surf. surfshare in 10 vragen. surf SURF is de samenwerkingsorganisatie voor het hoger onderwijs en onderzoek waarbinnen de Nederlandse universiteiten, hogescholen en onderzoeksinstellingen gezamenlijk investeren in ICT-innovatie.

Nadere informatie

Expertisecentrum handicap + studie ondersteunt hogescholen en universiteiten bij het toegankelijk maken van onderwijs voor studenten met een

Expertisecentrum handicap + studie ondersteunt hogescholen en universiteiten bij het toegankelijk maken van onderwijs voor studenten met een Expertisecentrum handicap + studie ondersteunt hogescholen en universiteiten bij het toegankelijk maken van onderwijs voor studenten met een functiebeperking. In deze folder leest u wat Expertisecentrum

Nadere informatie

DIGI-ZORG. Jaarplan 2008 Informatie en activiteiten. Management DIGI-ZORG: Wil de Groot-Bolluijt MScN. [email protected]. Penvoerende instelling:

DIGI-ZORG. Jaarplan 2008 Informatie en activiteiten. Management DIGI-ZORG: Wil de Groot-Bolluijt MScN. wil@grootbolwerk.nl. Penvoerende instelling: Jaarplan 2008 Informatie en activiteiten. DIGI-ZORG Management DIGI-ZORG: Wil de Groot-Bolluijt MScN. [email protected] Penvoerende instelling: Hogeschool Rotterdam Directeur Instituut Gezondheidszorg:

Nadere informatie

Visieworkshop Zuyd Hogeschool

Visieworkshop Zuyd Hogeschool Visieworkshop Zuyd Hogeschool VANUIT ONDERWIJSVISIE NAAR EEN VISIE OP DLWO Harry Renting Lianne van Elk Aanleidingen programma Mogelijkheden van SURFconext Web2.0 applicatie vrij beschikbaar Ontwikkelingen

Nadere informatie

Samen inclusief hoger onderwijs realiseren. Beleidsplan

Samen inclusief hoger onderwijs realiseren. Beleidsplan Samen inclusief hoger onderwijs realiseren Beleidsplan 2017-2019 Goedgekeurd door de stuurgroep dd. 20.03.2017 Voorwoord Het Steunpunt Inclusief Hoger Onderwijs (SIHO) zet met zijn beleidsplan samen inclusief

Nadere informatie

Werksessie DLWO. 25 juni 2013. Nico Juist, Danny Greefhorst en Lianne van Elk

Werksessie DLWO. 25 juni 2013. Nico Juist, Danny Greefhorst en Lianne van Elk Werksessie DLWO 25 juni 2013 Nico Juist, Danny Greefhorst en Lianne van Elk Aanleidingen programma Mogelijkheden van SURFconext Ontwikkelingen rondom cloud Kansen voor samenwerking kennisinstellingen Behoeften

Nadere informatie

IT Governance & programma ICT&O

IT Governance & programma ICT&O IT Governance & programma ICT&O Kom verder. Saxion. Henny Groot Zwaaftink Saxion Deventer Hengelo Enschede Apeldoorn Bij de vier vestigingen van Saxion in Apeldoorn, Deventer, Enschede en Hengelo studeren

Nadere informatie

Taskforce Informatiebeveiligingsbeleid.

Taskforce Informatiebeveiligingsbeleid. Taskforce Informatiebeveiligingsbeleid. Cursus 1 2015-2016 plus overnachting Aanleiding: Om het deskundigheidsniveau van instellingen te vergroten, zal een masterclass Privacy georganiseerd worden. Deze

Nadere informatie

Een Persoonlijke & Flexibele Leer en Werkomgeving voor Hogeschool Leiden

Een Persoonlijke & Flexibele Leer en Werkomgeving voor Hogeschool Leiden Een Persoonlijke & Flexibele Leer en Werkomgeving voor Hogeschool Leiden Nico Juist, IM, B&S, Hogeschool Leiden voor Challengeday, project FPLO, SURFnet, 7 maart 2017 Hogeschool Leiden 12000 studenten

Nadere informatie

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: TOETSING EN TOETSGESTUURD LEREN

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: TOETSING EN TOETSGESTUURD LEREN INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: TOETSING EN TOETSGESTUURD LEREN ACTIVITEITENPLAN 2015 WWW.SURF.NL/ONDERWIJS Innovatieprogramma Onderwijs op Maat Project: Toetsing en Toetsgestuurd Leren 2

Nadere informatie

Startbijeenkomst SIG Onderwijslogistiek

Startbijeenkomst SIG Onderwijslogistiek Startbijeenkomst SIG Onderwijslogistiek 28 februari 2013 #SIG_OL // WiFi: AA7349FCF8 Startbijeenkomst SIG Onderwijslogistiek Twitter: #SIG_OL www.surf.nl/onderwijslogistiek http://www.surfspace.nl/ WiFi:

Nadere informatie

1. De opbrengsten van de aanbevelingen van de commissie Bruijn

1. De opbrengsten van de aanbevelingen van de commissie Bruijn Bestuurlijke afspraken tussen de HBO-raad en de Minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap, naar aanleiding van het advies Vreemde ogen dwingen van de Commissie externe validering examenkwaliteit hoger

Nadere informatie

Informatiepakket Leerlabs

Informatiepakket Leerlabs Informatiepakket Leerlabs Informatiepakket Leerlabs De vraag naar gepersonaliseerd onderwijs en het gebruik van ict in de klas groeit. Veel scholen werken aan initiatieven gericht op gepersonaliseerd leren

Nadere informatie

SURFshare. Shared application services & expertise. Edwin van der Zalm directeur SURFshare

SURFshare. Shared application services & expertise. Edwin van der Zalm directeur SURFshare SURFshare Shared application services & expertise Edwin van der Zalm directeur SURFshare Wat is en wat biedt SURFshare? Agenda 1. Achtergrond 2. Doel en domein 3. Meerwaarde 4. Welke diensten biedt SURFshare

Nadere informatie

Position Paper. Samenwerking Noord. Samenwerken door Samen te Doen!

Position Paper. Samenwerking Noord. Samenwerken door Samen te Doen! Position Paper Samenwerking Noord Samenwerken door Samen te Doen! Mei 2015 Samenwerking Noord is een netwerkorganisatie van (semi)overheidsorganisaties gericht op een duurzame ontwikkeling van de ICT functie

Nadere informatie

Het Studiesuccescentrum Koersen op succes 2015-2016

Het Studiesuccescentrum Koersen op succes 2015-2016 Ik wil succesvol studeren! Het Studiesuccescentrum saxion.nl/succesvolstuderen saxion.nl/studysuccessfully Het Studiesuccescentrum (SSC) coacht, ondersteunt en verbindt zodat de student zo succesvol mogelijk

Nadere informatie

Opleidingsprogramma DoenDenken

Opleidingsprogramma DoenDenken 15-10-2015 Opleidingsprogramma DoenDenken Inleiding Het opleidingsprogramma DoenDenken is gericht op medewerkers die leren en innoveren in hun organisatie belangrijk vinden en zich daar zelf actief voor

Nadere informatie

Strategische Personeelsplanning. Basisdocument

Strategische Personeelsplanning. Basisdocument Strategische Personeelsplanning Basisdocument Strategische Personeelsplanning Basisdocument SPP als pijler van hr-beleid Om als organisatie in een dynamische omgeving met veel ontwikkelingen en veranderingen

Nadere informatie

van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen Directeur onderwijsinstituut

van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen Directeur onderwijsinstituut Opleidingsmanager Doel Ontwikkelen van programma( s) van wetenschappenlijk onderwijs en (laten) uitvoeren en organiseren van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen de faculteit, uitgaande van een faculteitsplan

Nadere informatie

Op weg naar EUR-strategie online leren

Op weg naar EUR-strategie online leren Op weg naar EUR-strategie online leren SURF Symposium Open en Online Education, 11 maart 2014 Dr. Gerard Baars Directeur Risbo en projectleider deelprogramma online leren EUR Bouwstenen strategie online

Nadere informatie

Succesvolle overgang van vo naar ho. voor leerlingen met een specifieke ondersteuningsbehoefte

Succesvolle overgang van vo naar ho. voor leerlingen met een specifieke ondersteuningsbehoefte Succesvolle overgang van vo naar ho voor leerlingen met een specifieke ondersteuningsbehoefte Programma + Welkom + Aanleiding - Ervaringen - Cijfers + Handreiking + Dialoog Aanleiding Ervaringen en cijfers

Nadere informatie

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: OPEN EN ONLINE ONDERWIJS

INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: OPEN EN ONLINE ONDERWIJS INNOVATIEPROGRAMMA ONDERWIJS OP MAAT PROJECT: OPEN EN ONLINE ONDERWIJS ACTIVITEITENPLAN 2015 WWW.SURF.NL/ONDERWIJS Innovatieprogramma Onderwijs op Maat Project: Open en Online Onderwijs 2 INHOUD 1 Open

Nadere informatie

SIG Research Information & SURF programma Open Access OPTIMAAL BENUTTEN DOOR AFSTEMMING

SIG Research Information & SURF programma Open Access OPTIMAAL BENUTTEN DOOR AFSTEMMING SIG Research Information & SURF programma Open Access OPTIMAAL BENUTTEN DOOR AFSTEMMING Samenwerken, Open Access en Data voor onderzoek 23 maart 2015 SIG Research Information: stand van zaken De SIG-RI

Nadere informatie

De impact en implementatie van de outsourcing op de bedrijfsvoering is als één van de 6 deelprojecten ondergebracht binnen het project outsourcing.

De impact en implementatie van de outsourcing op de bedrijfsvoering is als één van de 6 deelprojecten ondergebracht binnen het project outsourcing. Bijlagen 1 en 2: Aanbevelingen en opvolging Gateway Reviews (corsa 2018017934) Bijlage 1: Aanbevelingen en opvolging Gateway Review 2018 Aanbeveling Opvolging Status Opmerking 1. Richt een apart project

Nadere informatie

Plan van aanpak Zone Evidenceinformed Onderwijsvernieuwing met ICT in het hoger onderwijs

Plan van aanpak Zone Evidenceinformed Onderwijsvernieuwing met ICT in het hoger onderwijs Plan van aanpak Zone Evidenceinformed Onderwijsvernieuwing met ICT in het hoger onderwijs Aanvoerder: Fleur Prinsen Het is onze overtuiging dat versnelling bereikt kan worden door: Meer aandacht en ondersteuning

Nadere informatie

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 Functie-informatie Functienaam Docent LD Type 1 Salarisschaal 12 Functiebeschrijving Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen een instelling voor voortgezet

Nadere informatie

DIGI-ZORG. Jaarplan 2007. Domein Zorg. Programmacoördinator: Wil de Groot-Bolluijt MScN. [email protected]. Penvoerende instelling:

DIGI-ZORG. Jaarplan 2007. Domein Zorg. Programmacoördinator: Wil de Groot-Bolluijt MScN. wil@grootbolwerk.nl. Penvoerende instelling: Jaarplan 2007 DIGI-ZORG Domein Zorg Programmacoördinator: Wil de Groot-Bolluijt MScN. [email protected] Penvoerende instelling: Hogeschool Rotterdam Directeur Instituut Verpleegkunde en Verloskunde:

Nadere informatie

Basiselementen duurzame organisatie instellingsoverstijgende toetsen. Opbouw Workshop. 1. Organisatie instellingsoverstijgende toetsbank

Basiselementen duurzame organisatie instellingsoverstijgende toetsen. Opbouw Workshop. 1. Organisatie instellingsoverstijgende toetsbank Basiselementen duurzame organisatie instellingsoverstijgende toetsen Sprekers: Wil de Groot-Bolluijt MScN [email protected] Marcel van Brunschot [email protected] Toetsbank: Stichting

Nadere informatie

Het succes van samen werken!

Het succes van samen werken! White paper Het succes van samen werken! Regover B.V. Bankenlaan 50 1944 NN Beverwijk [email protected] www.regover.com Inleiding Regover B.V., opgericht in 2011, is gespecialiseerd in het inrichten en

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

Voorwoord. Nienke Meijer College van Bestuur Fontys Hogescholen

Voorwoord. Nienke Meijer College van Bestuur Fontys Hogescholen 3 Voorwoord Goed onderwijs is een belangrijke voorwaarde voor jonge mensen om uiteindelijk een betekenisvolle en passende plek in de maatschappij te krijgen. Voor studenten met een autismespectrumstoornis

Nadere informatie

Functieprofiel: Lector Functiecode: 0101

Functieprofiel: Lector Functiecode: 0101 Functieprofiel: Lector Functiecode: 0101 Doel Zorgdragen voor de ontwikkeling en uitvoering van praktijkgericht onderzoek, uitgaande van de strategische speerpunten van de HU en de maatschappelijke relevantie,

Nadere informatie

Project Regie in de cloud Managementsamenvatting

Project Regie in de cloud Managementsamenvatting Project Regie in de cloud Managementsamenvatting 10 oktober 2012 Omschrijving van het project In het project Regie in de Cloud gaan de hogescholen, universiteiten en SURF een gemeenschappelijke I-strategie

Nadere informatie

KlantVenster. Klantgericht werken met KlantVenster LAAT ICT VOOR U WERKEN! Een veelzijdig platform ter ondersteuning van uw bedrijfsdoelstellingen

KlantVenster. Klantgericht werken met KlantVenster LAAT ICT VOOR U WERKEN! Een veelzijdig platform ter ondersteuning van uw bedrijfsdoelstellingen KlantVenster Klantgericht werken met KlantVenster Een veelzijdig platform ter ondersteuning van uw bedrijfsdoelstellingen Een modulair opgebouwde oplossing, die de basis vormt voor online dienstverlening

Nadere informatie

Samenwerken aan een toekomstbestendige retailsector

Samenwerken aan een toekomstbestendige retailsector Samenwerken aan een toekomstbestendige retailsector Wie wij zijn Het Retail Innovation Platform helpt de innovatie- en concurrentiekracht van de retailsector te versterken. Samen met retailers en andere

Nadere informatie

Competenties directeur Nije Gaast

Competenties directeur Nije Gaast Competenties directeur Nije Gaast De s voor directeuren van Nije Gaast zijn vertaald in vijf basiss. De beschrijving is gebaseerd op de schoolleiderscompententies die landelijk zijn vastgesteld en zijn

Nadere informatie

BIJ12. Meerjarenagenda 2015-2018 & Jaarplan 2015 Versie 0.6 (10 juli 2016)

BIJ12. Meerjarenagenda 2015-2018 & Jaarplan 2015 Versie 0.6 (10 juli 2016) BIJ12 Meerjarenagenda 2015-2018 & Jaarplan 2015 Versie 0.6 (10 juli 2016) 1 Inhoudsopgave 1 Inleiding 1.1 Voorwoord 1.2 Opzet gecombineerde Meerjarenagenda & Jaarplan Pagina 2 Thema s 2.1 Natuurinformatie

Nadere informatie

Verbinden van wetenschap en samenleving. NWO-strategie

Verbinden van wetenschap en samenleving. NWO-strategie Verbinden van wetenschap en samenleving NWO-strategie 2019-2022 Verbinden van wetenschap en samenleving Dit strategisch plan beschrijft de koers van NWO voor de jaren 2019 tot en met 2022. NWO legt hierin

Nadere informatie

Campus Challenge 2013: HBO en MBO

Campus Challenge 2013: HBO en MBO Aankondiging Datum: 26 april 2013 Radboudkwartier 273 3511 CK Utrecht Postbus 19035 3501 DA Utrecht 030-2 305 305 [email protected] www.surfnet.nl Deutsche Bank 46 57 33 506 KvK Utrecht 30090777 BTW NL

Nadere informatie

Opdrachtgever project Werknemer in opleiding : ministerie van OCW

Opdrachtgever project Werknemer in opleiding : ministerie van OCW Datum: 20 februari 2012 Ons kenmerk: JK1.12.009 Begeleidingsmodel Werknemer in opleiding Opdrachtgever project Werknemer in opleiding : ministerie van OCW Wout Schafrat Gijs van de Beek Preventie en duurzaamheid

Nadere informatie

Toekom(st)room LOB Een stroompunt loopbaangericht onderwijs

Toekom(st)room LOB Een stroompunt loopbaangericht onderwijs SAMENVATTING Toekom(st)room LOB Een stroompunt loopbaangericht onderwijs Advies over hoe LOB na 5 jaar Stimulering LOB verder moet. Utrecht, 1 december 2014 ACHTERGROND Van studie kiezen naar loopbaan

Nadere informatie

Stichting Ieder mbo een practoraat

Stichting Ieder mbo een practoraat Jaarverslag 2016 Verslag van de realisatie van de activiteiten Stichting Ieder mbo een practoraat Voor u ligt het jaarverslag 2016 van de Stichting Ieder mbo een practoraat. In dit jaarverslag staat wie

Nadere informatie

Directeur onderwijsinstituut

Directeur onderwijsinstituut Directeur onderwijsinstituut Doel College van van Bestuur Zorgdragen voor de ontwikkeling van het facultair en uitvoering en organisatie van onderwijs en onderwijsondersteuning binnen de faculteit, uitgaande

Nadere informatie

werkwijze PLG werkkaart

werkwijze PLG werkkaart werkwijze PLG werkkaart FOCUS PAS TOE 2 Bepaal het thema, het gewenste resultaat 8 Implementeer en borg de nieuwe aanpak GROEP 1 Formeer de groep TEST KIJK DEEL 5 Probeer uit 3 Onderzoek wat er speelt

Nadere informatie

Werkplan 1 juli 2009 1 juli 2011

Werkplan 1 juli 2009 1 juli 2011 Expertisecentrum Onderwijs & ICT Suriname UTSN Twinning Project 2008/1/E/K/005 Werkplan 1 juli 2009 1 juli 2011 Bijlage C bij het Rapport Haalbaarheidsstudie Wim de Boer (SLO), Pieter van der Hijden (Sofos

Nadere informatie

Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie DURVEN DELEN OP WEG NAAR EEN TOEGANKELIJKE WETENSCHAP

Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie DURVEN DELEN OP WEG NAAR EEN TOEGANKELIJKE WETENSCHAP Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie DURVEN DELEN OP WEG NAAR EEN TOEGANKELIJKE WETENSCHAP Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie!! " # "# $ -. #, '& ( )*(+ % & /%01 0.%2

Nadere informatie

FIT-traject onderwijsvernieuwing met ICT en sociale media. draagvlak inspiratie motivatie vernieuwing 21st century skills borging

FIT-traject onderwijsvernieuwing met ICT en sociale media. draagvlak inspiratie motivatie vernieuwing 21st century skills borging FIT-traject onderwijsvernieuwing met ICT en sociale media draagvlak inspiratie motivatie vernieuwing 21st century skills borging Via het Klavertje 4 Model zet u sociale media en ICT breed in Didactische

Nadere informatie

Beleid Horizontale dialoog Hogeschool Viaa

Beleid Horizontale dialoog Hogeschool Viaa Beleid Horizontale dialoog Hogeschool Viaa Vastgesteld door het college van bestuur op 4 januari 2016 Positief advies beleidsoverleg 13 oktober 2015 Goedgekeurd door de raad van toezicht 18 december 2015

Nadere informatie

Standaardisatie versus maatwerk

Standaardisatie versus maatwerk Standaardisatie versus maatwerk Peter van Helsdingen Manager Mediacentrum / Bureau Evenementen https://nl.linkedin.com/in/peter-van-helsdingen-28982613 procvanhelsdingen [email protected]

Nadere informatie

BoKS nationale itembank ontwikkeling HBO-V. SIG Digitaal Toetsen 3 oktober 2013

BoKS nationale itembank ontwikkeling HBO-V. SIG Digitaal Toetsen 3 oktober 2013 BoKS nationale itembank ontwikkeling HBO-V. SIG Digitaal Toetsen 3 oktober 2013 Dit project is tot stand gekomen met steun van Stichting SURF, de organisatie die ICT vernieuwingen in het hoger onderwijs

Nadere informatie

Informatiemanager. Doel. Context

Informatiemanager. Doel. Context Informatiemanager Doel Ontwikkelen, in stand houden, evalueren, aanpassen en regisseren van het informatiemanagement, de digitale informatievoorziening en de ICT-facilitering van de instelling en/of de

Nadere informatie

Tilburg University 2020 Toekomstbeeld. College van Bestuur, april 2013

Tilburg University 2020 Toekomstbeeld. College van Bestuur, april 2013 Tilburg University 2020 Toekomstbeeld College van Bestuur, april 2013 Strategie in dialoog met stakeholders Open voor iedere inbreng die de strategie sterker maakt Proces met respect en waardering voor

Nadere informatie

Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08

Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08 Welkom in TECHNUM! KwaliteitsKring Zeeland 14-02-08 TECHNUM in vogelvlucht Wat is Technum Welke participanten Waarom noodzakelijk Waar we voor staan Wat onze ambities zijn TECHNUM Zelfstandige onderwijsvoorziening

Nadere informatie

Functieprofiel: Docent Functiecode: 0104

Functieprofiel: Docent Functiecode: 0104 Functieprofiel: Docent Functiecode: 0104 Doel Voorbereiden en uitvoeren van ontwikkelde onderwijsonderdelen en participeren in uitvoering van onderwijsevaluaties en ontwikkeling en/of onder begeleiding

Nadere informatie

Docenten effectiever professionaliseren dankzij ICT. Wilfred Rubens

Docenten effectiever professionaliseren dankzij ICT. Wilfred Rubens Docenten effectiever professionaliseren dankzij ICT Wilfred Rubens Programma Introductie Huidige situatie docentprofessionalisering digitale didactiek Perspectieven op een alternatief Voorbeelden en leervragen

Nadere informatie

ICT-VAARDIGHEDEN DOCENTEN HO

ICT-VAARDIGHEDEN DOCENTEN HO ICT-VAARDIGHEDEN DOCENTEN HO Masterclass ICT-docentprofessionalisering 12 september 2011 Anna Tomson, Erwin Faasse, Peter J. Dekker 1 OPZET 1. Startpunt: HvA-beleid vanaf 2007 Peter 2. Inhoud: Voorbeeld

Nadere informatie

Samenvatting F-Scan. Onderzoek naar de effectiviteit en efficiency van de kerntaken binnen NOC*NSF. April 2011

Samenvatting F-Scan. Onderzoek naar de effectiviteit en efficiency van de kerntaken binnen NOC*NSF. April 2011 Samenvatting F-Scan Onderzoek naar de effectiviteit en efficiency van de kerntaken binnen NOC*NSF 1 Inhoud 1. Achtergrond en doelstelling 2. Effectiviteit NOC*NSF 3. Organisatie- en efficiency analyse

Nadere informatie

Op weg naar de (academische) opleidingsschool

Op weg naar de (academische) opleidingsschool Discussienota Nationalgeographic.nl Adviescommissie ADEF OidS Mei 2014 1 Inhoudsopgave Inleiding 1. Uitgangspunten Samen Opleiden 2. Ambities van (academische) opleidingsscholen 3. Concept Samen Opleiden

Nadere informatie

Beleidsplan Visie, missie en organisatie Teamspirit rondom cliënt

Beleidsplan Visie, missie en organisatie Teamspirit rondom cliënt Beleidsplan Visie, missie en organisatie Teamspirit rondom cliënt OZOverbindzorg biedt een online communicatie en coördinatie platform. De organisatie van zorg en ondersteuning van het sociaal medisch

Nadere informatie

BELEIDSPLAN. Brederodestraat 104 4 1054 VG Amsterdam Nederland. www.stichtingopen.nl [email protected] Rabobank: NL44RABO0143176986

BELEIDSPLAN. Brederodestraat 104 4 1054 VG Amsterdam Nederland. www.stichtingopen.nl info@stichtingopen.nl Rabobank: NL44RABO0143176986 BELEIDSPLAN Brederodestraat 104 4 1054 VG Amsterdam Nederland www.stichtingopen.nl [email protected] Rabobank: NL44RABO0143176986 BELEIDSPLAN STICHTING OPEN 1 1. INLEIDING Voor u ligt het beleidsplan

Nadere informatie

Toll-net: samenwerken aan e-leren en gecombineerd leren voor volwassenen

Toll-net: samenwerken aan e-leren en gecombineerd leren voor volwassenen AFSTANDSLEREN EN ICT GECOMBINEERD ONDERWIJS 4 1 Toll-net: samenwerken aan e-leren en gecombineerd leren voor volwassenen Steven De Pauw Coördinator Toll-net Steven Verjans Universitair docent Open Universiteit

Nadere informatie

TeleTrainer: training in de e van het leren

TeleTrainer: training in de e van het leren TeleTrainer: training in de e van het leren TeleTrainer voor elke docent die betrokken is bij ICT in het onderwijs geschikt voor beginner, gevorderde en specialist geschikt voor verschillende rollen rondom

Nadere informatie

Taskforce Informatiebeveiliging en Privacy (IBP) Een roadmap op basis van best practices in de MBO sector.

Taskforce Informatiebeveiliging en Privacy (IBP) Een roadmap op basis van best practices in de MBO sector. Taskforce Informatiebeveiliging en Privacy (IBP) Een roadmap op basis van best practices in de MBO sector. Doel Aanbieden handreikingen, op basis van best practices uit het Hoger Onderwijs en MBO sector,

Nadere informatie

Scenario s voor Leren op Afstand in het MBO

Scenario s voor Leren op Afstand in het MBO Scenario s voor Leren op Afstand in het MBO 1 / 14 Scenario s voor Leren op Afstand in het MBO 2010 Kennisnet.nl Scenario s voor Leren op Afstand in het MBO 2 / 14 Samenvatting Scenario s voor Leren op

Nadere informatie

GOVERNANCE, RISK & COMPLIANCE WHITEPAPER

GOVERNANCE, RISK & COMPLIANCE WHITEPAPER GOVERNANCE, RISK & COMPLIANCE De wereld van vandaag wordt gekenmerkt door de snelle ontwikkeling van nieuwe technologieën en disruptieve marktomstandigheden. Deze ontwikkelingen hebben verregaande gevolgen

Nadere informatie

Organisatie: Samenwerkingsverband Stichting Samenwerkingsverband RiBA ( Ridderkerk, Barendrecht, Albrandswaard)

Organisatie: Samenwerkingsverband Stichting Samenwerkingsverband RiBA ( Ridderkerk, Barendrecht, Albrandswaard) Functie-informatie Functienaam: Directeur samenwerkingsverband Organisatie: Samenwerkingsverband 28.05 Stichting Samenwerkingsverband RiBA ( Ridderkerk, Barendrecht, Albrandswaard) Werkterrein: Management

Nadere informatie

Steenwinkel Kruithof Associates Management en Informatica Consultants. Opzetten en inrichten Shared Service Center in de zorg

Steenwinkel Kruithof Associates Management en Informatica Consultants. Opzetten en inrichten Shared Service Center in de zorg Opzetten en inrichten Shared Service Center in de zorg Hoe zet je gezamenlijk een nieuw en succesvol (ICT) Shared Service Center (SSC) op? En hoe zorg je ervoor dat de samenwerking tussen de deelnemende

Nadere informatie

Beleidsplan Tellus Film Fundering

Beleidsplan Tellus Film Fundering Beleidsplan 2018-2022 Tellus Film Fundering Indeling: 1. Samenvatting 2. Inleiding 3. Missie en visie 4. Wat biedt de stichting? 5. Speerpunten voor de komende jaren 6. Professionalisering van de organisatie

Nadere informatie