OPEL AMPERA. Infotainment System
|
|
|
- Stefanie van de Veen
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 OPEL AMPERA Infotainment System
2
3 Inhoud Inleiding... 4 Radio Audiospelers Navigatie Stemherkenning Telefoon Trefwoordenlijst
4 4 Inleiding Inleiding Inleiding... 4 Antidiefstalfunctie... 4 Overzicht bedieningselementen... 4 Gebruik Geluidsinstellingen Volume-instellingen Inleiding De informatie in deze handleiding vult de Gebruikershandleiding aan. Deze handleiding beschrijft functies waarover uw voertuig al dan niet beschikt aangezien deze optioneel zijn of vanwege wijzigingen na het afdrukken van deze handleiding. Raadpleeg de aankoopdocumentatie om na te gaan of alle functies op de auto aanwezig zijn. Mogelijk zijn bepaalde omschrijvingen, waaronder die voor beeldscherm- en menufuncties, niet op uw auto van toepassing wanneer er sprake is van een modelvariant, afwijkende landenspecificaties of speciale uitrustingen of accessoires. In deze handleiding worden auto's getoond met het stuur links. De bediening van auto's met het stuur rechts is vergelijkbaar. Bewaar deze handleiding samen met de Gebruikershandleiding in het voertuig voor eventuele naslag later. Als het voertuig wordt verkocht, laat u deze handleiding in het voertuig. Antidiefstalfunctie De antidiefstalfunctie werkt door een deel van het voertuigidentificatienummer (VIN) door te geven aan het infotainmentsysteem. Het infotainmentsysteem werkt niet als het is gestolen of verplaatst naar een ander voertuig. Overzicht bedieningselementen Overzicht bedieningselementen (met navigatie) Raadpleeg "Navigatieknoppen" onder "Navigatiesysteem gebruiken" 3 56 voor meer informatie.
5 Overzicht bedieningselementen Inleiding 5
6 6 Inleiding 1. RADIO BAND (AM of FM) FAV (Favorieten) Druk op deze knop om het huidige paginanummer boven de voorkeuzeknoppen weer te geven. De opgeslagen zenders voor elke lijst verschijnen op de aanraakgevoelige voorkeuzetoetsen onder in het scherm. 3. HDD/DVD/AUX (bron) Druk op deze knop om audiobronnen, bijv. AMen FM-radio, CD/DVD, USB en AUX, te veranderen. 4. TUNE/MENU draai deze knop om een functie te markeren. Druk op de knop om de gemarkeerde functie te activeren. Draai de knop om handmatig een radiostation te selecteren. 5. 9BACK druk op deze knop om terug te gaan naar het vorige scherm in een menu. Als u een pagina rechtstreeks hebt geopend met een knop op de console of de toets Startpagina, drukt u op 9 BACK om weer naar het vorige menu te gaan. 6. TONE Druk hierop om het geluidsmenu te openen en de bass, middentonen en treble aan te passen. 7. CONFIG (Configureren)...78 Druk op deze knop om functies voor de radio, het beeldscherm, de telefoon, het voertuig en de tijd aan te passen. 8. R (Uitwerpen) Druk op om een schijf uit de cd-speler te werpen 9. AS 1 2 (Autostore) Autostore-pagina's 10. RPT (Herhalen)...56 Druk op deze knop om de laatste prompt van de gesproken begeleiding te herhalen. 11. NAV Navigatie)...56 Druk op de knop om het navigatiekaartscherm te bekijken of om te schakelen tussen een gedeelde kaart/ audioweergave en een volledige kaartweergave. 12. ]SEEK of SEEK[ (Omlaag zoeken/ Omhoog zoeken)...22 Druk op deze knop om de vorige/volgende titel te zoeken.
7 Inleiding 7 Houd ingedrukt om een titel terug/door te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. Druk op de knop om de vorige/volgende zender met goede ontvangst te zoeken als u naar AM- of FM-radio luistert DEST (Bestemming)...56 Druk op deze knop om een route te plannen. Als de routebegeleiding actief is, drukt u op de knop om het menu Route te openen. 14. INFO (Informatie) VOL/m (Volume/Aan/uit)...22 Druk op deze knop om het Infotainmentsysteem in en uit te schakelen. Draai de knop om het volume af te stellen. 16. r (Afspelen/Pauzeren) Druk op deze knop om het afspelen te starten, pauzeren en te hervatten. 17. orec Indrukken om een muzieknummer of alle muzieknummers op de harde schijf op te nemen. 18. DEL (Verwijderen) Indrukken om een muzieknummer of een lijst van de harde schijf te wissen. 19. TP (Verkeersinformatie) Indrukken voor toegang tot Verkeersinformatie. 20. : (Telefoon/Dempen) Bluetooth Overzicht bedieningselementen (zonder navigatie) Overzicht infotainmentsysteem Het infotainmentsysteem in het voertuig wordt bediend met de knop TUNE/MENU, voorkeuzeknoppen en andere knoppen op de console. De knop TUNE/MENU kan worden gedraaid en dan ingedrukt om een van de gemarkeerde functies op het scherm uit te voeren. De voorkeuzeknoppen kunnen worden ingedrukt om de gepaste functie van de toets op het beeldscherm te selecteren.
8 8 Inleiding
9 Inleiding 9 1. ; (Startpagina) SOURCE Druk op deze knop om audiobronnen, bijv. AMen FM-radio, CD en AUX, te veranderen. 3. ( (Telefoon) Bluetooth 4. TUNE/MENU draai deze knop om een functie te markeren. Druk op de knop om de gemarkeerde functie te activeren. Draai de knop om handmatig een radiostation te selecteren. 5. 9BACK druk op deze knop om terug te gaan naar het vorige scherm in een menu. Als u een pagina rechtstreeks hebt geopend met een knop op de console of de toets Startpagina, drukt u op 9 BACK om weer naar het vorige menu te gaan. 6. TONE Druk hierop om het geluidsmenu te openen en de bass, middentonen en treble aan te passen. 7. CONFIG (Configureren):...78 Druk op deze knop om functies voor de radio, het beeldscherm, de telefoon, het voertuig en de tijd aan te passen. 8. R (Uitwerpen) Druk op om een schijf uit de cd-speler te werpen 9. ]SEEK (Omlaag zoeken)...32 Druk op deze knop om de vorige titel te zoeken. Houd ingedrukt om door een titel terug te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. Druk op de knop om de vorige zender met goede ontvangst te zoeken als u naar AM- of FM-radio luistert FAV (Favoriete pagina's 1-6): Druk op deze knop om het huidige paginanummer boven de voorkeuzeknoppen weer te geven. De opgeslagen zenders voor elke lijst verschijnen op de aanraakgevoelige voorkeuzetoetsen onder in het scherm.
10 10 Inleiding 11. AS Autostore-pagina's 12. INFO (Informatie)...22 Druk op deze knop om een scherm met audioinformatie op te roepen. 13. VOL/m (Volume/Aan/uit)...22 Druk op deze knop om het Infotainmentsysteem in en uit te schakelen. Draai de knop om het volume af te stellen. 14. r (Afspelen/Pauzeren) Druk op deze knop om het afspelen te starten, pauzeren en te hervatten. 15. TP (Verkeersinformatie) Indrukken voor toegang tot Verkeersinformatie. 16. : (Dempen) SEEK[ (Omhoog zoeken)...32 Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. Houd ingedrukt om door een titel te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. Druk op de knop om de volgende zender met goede ontvangst te zoeken als u naar AM- of FM-radio luistert Afstandsbediening op stuurwiel Bij voertuigen met stuurbedieningsknoppen voor audio kunnen sommige audio-instellingen worden aangepast via het stuur. 3 (Druk om te spreken): bij voertuigen met Bluetooth of een navigatiesysteem, drukt u op deze knop voor interactie met die systemen. Bluetooth (Gesprek beëindigen/ Dempen): druk op deze knop om alleen de luidsprekers in het voertuig te dempen. Opnieuw indrukken om de knipperlichten uit te schakelen. Bij
11 Inleiding 11 voertuigen met een Bluetooth-systeem drukt u op de knop om een inkomend gesprek te weigeren of om het huidige gesprek te beëindigen. d SRCc (Draaiwieltje): druk op d of c om een radioband of audiobron te selecteren. Draai d of c om de/het volgende of vorige favoriete radiozender, cd-titel, dvd-titel/hoofdstuk of mp3 te selecteren. Druk op SRC om te schakelen tussen radio en cd of dvd. + X - (Volume): druk op + om het volume luider in te stellen. Druk op - om het volume lager in te stellen. Gebruik Overzicht (met navigatie) Lees deze handleiding zorgvuldig door om vertrouwd te geraken met de werking van het navigatiesysteem. Het navigatiesysteem beschikt over navigatie- en audiofuncties. 9 Waarschuwing Het gebruik van het navigatiesysteem vrijwaart de bestuurder niet van zijn verantwoordelijkheid correct en oplettend aan het verkeer deel te nemen. De overeenkomstige verkeersregels moeten zonder uitzondering in acht worden genomen. Voer alleen iets in (bijv. een adres) terwijl de auto stilstaat. Wanneer de routebegeleiding tegen de verkeersregels ingaat, moet u altijd de verkeersregels volgen. Let steeds op de weg en houd uw gedachten bij de rit voor een veilige rijervaring. Het navigatiesysteem heeft ingebouwde functies die u hierbij helpen door enkele functies uit te schakelen terwijl u rijdt. Een functie die in het grijs wordt weergegeven, is niet beschikbaar wanneer het voertuig beweegt. Alle functies zijn beschikbaar wanneer het voertuig is geparkeerd. Doe het volgende voordat u begint te rijden: Maak uzelf vertrouwd met de werking van het navigatiesysteem, knoppen op de console en de toetsen op het touchscreen. Configureer de audio door favoriete zenders op voorhand in te stellen, de tonen te configureren en de luidsprekers af te stellen. Configureer de navigatiefuncties, zoals de invoer van een adres of een voorkeuzebestemming. Configureer telefoonnummers op voorhand zodat u ze gemakkelijk kunt bellen met één enkele druk op een toets of één enkel commando voor navigatiesystemen uitgerust met een telefoonfunctie. 9 Waarschuwing Het infotainmentsysteem moet worden gebruikt zodat er te allen tijde veilig met de auto kan worden
12 12 Inleiding gereden. Zet bij twijfel uw auto aan de kant en bedien het infotainmentsysteem terwijl u stilstaat. Gebruik het navigatiesysteem om: Een route te plannen. Een bestemming te selecteren via diverse methoden en keuzes. Navigatieroute en kaartbegeleiding met gesproken prompts volgen, enkel indien toegestaan door de verkeersinstanties, bedieningsorganen en de omstandigheden. Uitgezonden RDS-berichten ontvangen. 9 Waarschuwing In sommige gebieden zijn eenrichtingsstraten en andere wegen en inritten (bijv. voetgangerszones) waar u niet mag inrijden niet op de kaart aangegeven. In dergelijke gebieden geeft het infotainmentsysteem een waarschuwing die moet worden geaccepteerd. Hier moet u in het bijzonder letten op eenrichtingsstraten, wegen en inritten waar u niet mag inrijden. Wees steeds alert en volg de verkeersreglementering en -instructies, ongeacht de begeleiding van het navigatiesysteem. Aangezien het navigatiesysteem informatie over het wegennet gebruikt dat niet alle verkeersbeperkingen of de laatste aanpassingen aan het wegennet bevat, stelt het mogelijk een weg voor die nu gesloten is wegens werkzaamheden of een afslag die verboden is door verkeersborden bij het kruispunt. Evalueer steeds indien het volgen van de aanwijzingen van het systeem veilig en wettig is voor de huidige omstandigheden. Wanneer het navigatiesysteem wordt ingeschakeld, verschijnt mogelijk een scherm met informatie die u moet lezen en aanvaarden voordat u sommige navigatiefuncties gebruikt. Na de bevestiging van de opstartinformatie zijn de functies NAV (Navigatie) en DEST (Bestemming) toegankelijk. Informatie kan nu worden ingevoerd of verwijderd en andere functies zijn toegankelijk. Raadpleeg de instructies verderop in dit hoofdstuk. Elke 50 keer dat het voertuig wordt gestart en het navigatiesysteem wordt ingeschakeld, verschijnt het scherm Let op!. Na het lezen van de waarschuwing selecteert u Ok om de informatie op de dvd met kaarten te laden. Als u Ok niet selecteert, zijn alle bedieningsknoppen behalve NAV (Navigatie) en DEST (Bestemming) toegankelijk. Wanneer u aan de slag gaat, stelt u voorkeuren in of verwijdert u informatie in het navigatiesysteem met behulp van diverse opties. NAV (navigatie)-menu Gebruik het navigatiemenu om de instellingen van het navigatiesysteem te openen 3 56.
13 Inleiding 13 Druk op de knop NAV om het navigatiescherm te zien. De kaart en de huidige locatie van het voertuig verschijnen. Druk op de knop NAV om te schakelen tussen een gedeelde kaart/ audioweergave en een volledige kaartweergave. Config.menu Druk op de knop CONFIG om het Config.menu weer te geven. Het Config.menu wordt gebruikt om de instellingen voor de audio, navigatieweergave, telefoon, voertuigconfiguratie en tijdsfunctie te wijzigen. Draai de knop TUNE/MENU om te scrollen door de beschikbare configuratieopties. Zodra de gewenste functie verschijnt, drukt u op de knop TUNE/MENU of drukt u op de gewenste functie op het scherm om meer opties binnen die functie weer te geven. Talen Als u de taal van het beeldscherm wilt wijzigen, raadpleegt u "Persoonlijke instellingen" in het Instructieboekje. Het voertuig ondersteunt Engels, Frans, Spaans, Duits, Italiaans, Zweeds, Nederlands, Hongaars, Tsjechisch, Slowaaks, Deens, Portugees, Noors, Fins en Turks. De standaardtaal is Engels. Omzetting tussen Engelse en metrieke stelsel Als u de weergave van de waarden op het beeldscherm wilt wijzigen tussen het Engelse en metrieke stelsel, raadpleegt u "Driver Information Center (DIC)" in het Instructieboekje. Persoonlijke informatie verwijderen Het navigatiesysteem kan bestemmingen en persoonlijke informatie registreren en opslaan, zoals namen en adressen.
14 14 Inleiding U wordt aanbevolen deze informatie te verwijderen wanneer u het voertuig verkoopt of weg doet: Vorige bestemmingen Adresboek, Favoriete route, Voorkeuzebestemmingen en HDDmuziekbestanden Alle zendervoorkeuren Tot wel 36 voorkeuzestations kunnen worden opgeslagen. 1. Druk VOL/m om het systeem in te schakelen. Als u een kaart op het scherm ziet, drukt u op de knop RADIO BAND. 2. Selecteer de band. 3. Zoek of stem af op het gewenste station om het te selecteren. 4. Houd één van de voorkeuzetoetsen op het scherm meer dan twee seconden ingedrukt. 5. Herhaal de stappen voor elke voorkeuze. Als u het aantal pagina's met voorkeuzes wilt wijzigen, raadpleegt u "Gemengde voorkeuzes" onder AM/ FM-radio Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan Het voertuig moet zich in de stand P (Parkeren) bevinden om deze handelingen uit te voeren. Een adres invoeren Een stad of staatnaam gemakkelijk vinden: Voer de straatnaam vóór de stadsnaam in of omgekeerd. Voer meer tekens in of herleid het aantal tekens om de beschikbare opties te herleiden of uit te breiden. Een bestemming instellen door een straatnaam in te voeren: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de knop Adres invoeren op het touchscreen. 3. Selecteer het veld van de straatnaam. Straatnaam invoeren: Voer geen richtingsinformatie of straattype in. Gebruik de toets Spatie T tussen straat- en stadsnamen. Gebruik de toets Backspace _ om een onjuist teken te verwijderen. Een lijst verschijnt indien vier of minder namen beschikbaar zijn. Bij meer dan vier resultaten wordt het aantal overeenkomsten met de beschikbare straten weergegeven. Druk op de toets Lijst op het scherm om de lijst te bekijken en de straat te selecteren. 4. Druk op het veld Landnaam op het touchscreen om het te wijzigen. De naam van het laatste land worden automatisch opnieuw opgeroepen. 5. Selecteer de stad uit de lijst of voer de stadsnaam in. 6. Huisnummer invoeren: Dit veld wordt automatisch geselecteerd. 7. Druk op de toets Ok. Het scherm met adresinformatie toont het ingevoerde adres. 8. Druk op de toets Start indien de gegevens juist zijn. De route wordt berekend. 9. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Het systeem accentueert de route. 10. Druk op de toets Start en de route wordt berekend.
15 Inleiding 15 "Adresinvoer" onder Bestemming Bijzondere bestemming (POI) invoeren Een bestemming instellen door een POI in te voeren: 1. Druk VOL/m om het systeem in te schakelen. 2. Mogelijk verschijnt een waarschuwing. Druk op Ok om door te gaan. 3. Druk op de DEST-toets. 4. Druk op de toets POI. 5. Voer de specifieke naam van de POI in het POI-veld in. Als vier of minder namen beschikbaar zijn, verschijnt een lijst. Bij meer dan vier resultaten wordt het aantal overeenkomsten met een cijfer weergegeven dat het aantal beschikbare POI-namen voorstelt. Druk op de toets Lijst om de lijst te bekijken. Selecteer de POI. 6. Druk op de toets Start. Het systeem berekent de route. 7. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Het systeem accentueert de route. 8. Druk op de toets Start. De route is nu klaar om te worden gestart. Bestemming Voorkeuzebestemmingen opslaan 1. Druk VOL/m om het systeem in te schakelen. 2. Als een waarschuwing verschijnt, drukt u op de toets Ok om door te gaan. 3. Druk op de DEST-toets. 4. Voer een bestemming in. Bestemming Druk op Opslaan op het scherm met de kaart om de huidige eindbestemming toe te voegen aan het adresboek. 6. Druk op de toets Bewerk en druk dan op het veld Naam wijzigen op het scherm. Er verschijnt een alfatoetsenbord. Voer de naam in. 7. Houd één van de toetsen onder in het scherm ingedrukt totdat de tekst in de knop wijzigt. De ingevoerde naam in het adresboek verschijnt in die toets met de voorkeuzebestemming en kan nu worden geselecteerd in het scherm Bestemming invoeren. Raadpleeg "Opgeslagen voorkeuzebestemmingen gebruiken" verderop in dit hoofdstuk om de bestemming te gebruiken. "Voorkeuzebestemming" onder Bestemming Opgeslagen voorkeuzebestemmingen gebruiken Deze bestemmingen kunnen tijdens het rijden worden geselecteerd. 1. Druk VOL/m om het systeem in te schakelen. 2. Mogelijk verschijnt een waarschuwing. Druk op de toets Ok om door te gaan.
16 16 Inleiding 3. Druk op de DEST-toets. 4. Druk op één van de beschikbare toetsen met voorkeuzebestemmingen. Het systeem berekent de route. 5. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Het systeem accentueert de route. 6. Druk op de toets Start. De route is nu klaar om te worden gestart. "Voorkeuzebestemming" onder Bestemming Begeleiding annuleren De begeleiding wordt gestopt op de eindbestemming. De begeleiding vóór aankomst op eindbestemming stoppen: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Annuleer tracé. 3. Druk op de toets Ja om de annulering te bevestigen. Gesproken begeleiding Het volume van de prompts bij gesproken begeleiding aanpassen: 1. Druk op de knop CONFIG om de menufuncties te openen. 2. Draai de knop TUNE/MENU totdat Nav verschijnt. 3. Druk op de knop TUNE/MENU om Nav te selecteren of druk op de toets Nav om meer opties binnen deze functie weer te geven. 4. Gesproken aanwijzing indrukken. 5. Stemvolume indrukken. 6. Druk op toetsen + of - om het volume van de gesproken prompts luider of zachter in te stellen. Gebruik Beeldscherm schoonmaken Let op Het gebruik van schuurmiddelen voor de reiniging van glasoppervlakken kan het glas krassen. Wanneer u het glas reinigt, gebruikt u een zachte doek en sproeit u geen reinigingsmiddel rechtstreeks op het systeem. Veeg de middenconsole niet schoon met een harde doek of een vluchtige vloeistof. Dit kan immers het oppervlak krassen of de tekens op de knop wissen. Overzicht (zonder navigatie) Let steeds op de weg en houd uw gedachten bij de rit voor een veilige rijervaring. Het infotainmentsysteem heeft ingebouwde functies die u hierbij helpen door enkele functies uit te schakelen terwijl u rijdt. Een uitgegrijsde functie is niet beschikbaar wanneer het voertuig beweegt. Alle functies zijn beschikbaar wanneer het voertuig is geparkeerd. Doe het volgende voordat u begint te rijden: Maak uzelf vertrouwd met de werking van het infotainmentsysteem, de knoppen op de console en de toetsen op het touchscreen.
17 Inleiding 17 Configureer de audio door favoriete zenders op voorhand in te stellen, de tonen te configureren en de luidsprekers af te stellen. Configureer telefoonnummers op voorhand zodat u ze gemakkelijk kunt bellen met één enkele druk op een toets of één enkel commando voor voertuigen uitgerust met een telefoonfunctie. 9 Waarschuwing Als u te lang of te vaak niet op de weg let wanneer u het navigatiesysteem gebruikt, kunt u een ongeluk veroorzaken dat u en anderen kan verwonden of doden. Richt uw aandacht steeds op het rijden en beperk de blikken op de bewegende kaart op het navigatiescherm. Gebruik gesproken begeleiding wanneer mogelijk. Infotainmentbedieningsknoppen De knoppen op de console worden gebruikt om de voornaamste functies te starten terwijl u het Infotainmentsysteem gebruikt 3 4. Toetsen van touchscreen De toetsen van het touchscreen bevinden zich op het scherm en zijn geaccentueerd wanneer een functie beschikbaar is. Sommige wisseltoetsen zijn geaccentueerd wanneer ze actief zijn en worden grijs weergegeven wanneer ze inactief zijn. Functies van Startpagina Diverse functies zijn uitgeschakeld wanneer het voertuig beweegt. Druk op de toets Now Playing om de actieve bronpagina te tonen. De beschikbare bronnen zijn AM, FM, CD, USB/iPod en AUX. Druk op de toets Telefoon om de hoofdpagina Telefoon weer te geven. Bluetooth Druk op de toets voor Config om de hoofdpagina Config weer te geven. In dit scherm kunt u functies zoals tijd en datum, radio, telefoon, voertuig en beeldscherm aanpassen. Druk op de toets Tone om de hoofdpagina Tone weer te geven. Stel de toon en luidsprekers af door op de toetsen te drukken die de geluidsniveaus van treble, middentonen, bass, fade en balans wijzigen. Geluidsinstellingen Druk op de toets FM om de hoofdpagina FM te tonen en te luisteren naar de huidige of laatst afgestemde FMzender. AM/FM-radio Druk op de toets AM om de hoofdpagina AM te tonen en te luisteren naar de huidige of laatst afgestemde AMzender. AM/FM-radio Druk op de toets Cd om de hoofdpagina Cd te tonen en te luisteren naar de huidige of laatst geselecteerde cdtitel. Cd-speler Druk op de toets USB om de hoofdpagina USB te tonen en te luisteren naar de huidige of laatst geselecteerde titel 3 51.
18 18 Inleiding Druk op de toets AUX voor toegang tot een aangesloten randapparaat. Randapparatuur Tijd- en datuminstellingen Druk op de toets Tijd- en datuminstellingen om het menu voor Tijd- en datuminstellingen weer te geven. Tijd instellen: Druk op pijl omhoog of omlaag om de uren en minuten op de klok hoger of lager te zetten. Datum instellen: Druk op de pijlen omhoog of omlaag om de dag te wijzigen. Tijdnotatie instellen: Druk op de toets 12 uur voor de standaardtijd en 24 uur voor de militaire tijd. Datumnotatie instellen: Afhankelijk van de regio zijn de volgende datumnotaties beschikbaar: MM/DD/JJJJ, DD.MM.JJJJ of JJJJ/MM/DD. Digitale klok tonen: druk op Scherm om de weergave van de klok op het scherm in te stellen op Aan of Uit. Radio-instelling Druk op de knop voor Config op de Startpagina of de knop CONFIG op de console om de menuopties te openen. Draai de knop TUNE/MENU of tik op de schuifbalk om door de beschikbare opties te scrollen. Druk op de knop TUNE/MENU of druk op Radio-instelling om het menu met de radio-instellingen te tonen. Druk op deze functie om wijzigingen aan weergegeven radio-informatie, voorkeuzepagina's en Radio-instelling toe te brengen. De Radio-instelling zijn: Snelheidsafhankelijk volume Opstartvolume: druk hierop om het maximale volumeniveau bij de opstart in te stellen. Dit volume zal worden gebruikt zelfs als een hoger volume was ingesteld wanneer de radio werd uitgeschakeld. Radiofavorieten: druk hierop om het Aantal favorietenpagina's radio te selecteren dat u wilt gebruiken in het systeem. Telefooninstellingen Bluetooth Voertuiginstellingen Raadpleeg voor meer informatie "Persoonlijke instellingen" in het Instructieboekje. Display-instellingen Druk op de knop Config op de Startpagina of de knop CONFIG op de console en selecteer dan Displayinstelling in de lijst. U kunt de volgende opties zien: Weergaveopties: druk hierop om de achtergrond van het scherm te wijzigen. De instelling Automatisch past de achtergrond van het scherm automatisch aan volgens de rijverlichting. Als u de algemene helderheid van het beeldscherm wilt wijzigen, gebruikt u de regelbare instrumentenverlichting voor de binnenverlichting.
19 Inleiding 19 Talen Het voertuig ondersteunt de volgende talen: Engels Spaans Frans Nederlands Italiaans Zweeds Nederlands Pools Hongaars Tsjechisch Slowaaks Deens Portugees Noors Fins Turks Draai de knop TUNE/MENU om de taal te markeren. Druk op TUNE/ MENU om de taal van het beeldscherm te wijzigen. De standaardtaal is Engels. Als u de taal van het beeldscherm wilt wijzigen, raadpleegt u "Persoonlijke instellingen" in het Instructieboekje voor meer informatie. Omzetting tussen Engelse en metrieke stelsel Als u de weergave van de waarden op het beeldscherm wilt wijzigen tussen het Engelse en metrieke stelsel, raadpleegt u "Driver Information Centre (DIC)" in de gebruikershandleiding van het voertuig voor meer informatie. Geluidsinstellingen Audiosysteem van navigatie Menu Geluidsinstellingen Als u het menu Geluidsinstellingen wilt openen, drukt u op de toets TONE. Gebruik het menu Geluidsinstellingen om de volgende functies aan te passen: Tijd instellen Luidsprekers afstellen Tijd instellen De tonen aanpassen via het menu Geluidsinstellingen: Lage: druk op + of - om het niveau te wijzigen. Midden (Middentonen): druk op + of - om het niveau te wijzigen. Hoge: druk op + of - om het niveau te wijzigen. Luidsprekers afstellen De balans van de luidsprekers aanpassen via het menu Geluidsinstellingen: Houd ] ingedrukt voor meer geluid uit de linkse luidsprekers of [ voor meer geluid uit de rechtse luidsprekers. De positie in het midden balanceert het geluid tussen de linkse en rechtse luidsprekers. De luidsprekerfade aanpassen: Houd { ingedrukt voor meer geluid uit de luidsprekers vooraan en } voor meer geluid uit de luidsprekers achteraan. De positie in het midden balanceert het geluid tussen de luidsprekers vooraan en achteraan.
20 20 Inleiding EQ-instellingen Opties audiosignaal EQ-instellingen (Equalizer): de EQinstellingen worden geselecteerd via het menu Geluidsinstellingen. Als het voertuig is uitgerust met het Bose Energy Efficient Series-geluidssysteem, biedt EQ een aantal Handmatig of Praat. instellingen. Volume-instellingen In het menu Radio zijn verschillende volume-instellingen beschikbaar U kunt het menu Radio op twee manieren openen: Druk achtereenvolgens op de knop CONFIG en de toets Radio. Draai de knop TUNE/MENU totdat Radio verschijnt. Druk op de knop TUNE/MENU om Radio te selecteren of druk op de toets Radio om meer opties binnen deze functie weer te geven. Met dit menu kunt u de functies voor geluidsindicaties wijzigen. Opties audiosignaal worden gebruikt om de bestuurder te verwelkomen in het voertuig en om aan te geven wanneer het voertuig gereed is om te rijden.
21 Inleiding 21 Volume audiosignaal: druk op de toetsen + of - om het volume van geluidsindicaties aan te passen. Het Volume audiosignaal heeft een minimumvolume. Een pop-up Limit reached verschijnt wanneer het volume lager dan het minimumvolume is ingesteld. Druk op de toets Volume audiosignaal om het geselecteerde geluidsniveau te horen. De Audiosignalen kunnen ook met de knop TUNE/MENU worden aangepast. Audiosignalen: druk op de knop om de Audiosignalen in of uit te schakelen. Een vinkje geeft aan dat de Audiosignalen zijn ingeschakeld. Snelheidsafhankelijk volume Selecteer Uit, Laag, Midden of Hoog voor de gevoeligheid om het volume automatisch aan te passen om zo de effecten van ongewenste achtergrondruis te minimaliseren die kunnen voorkomen uit het wijzigende wegoppervlakken, rijsnelheden of open ruiten. Deze functie werkt het best bij een laag volume waarbij de achtergrondruis doorgaans luider dan het volume van het geluidssysteem is. Opstartvolume druk hierop om het maximale volumeniveau bij de opstart in te stellen. Dit volume zal worden gebruikt zelfs als een hoger volume was ingesteld wanneer de radio werd uitgeschakeld.
22 22 Radio Radio AM/FM-radio Radio-ontvangst Multibandantenne AM/FM-radio AM/FM-radio (met navigatie) Luisteren naar radio Menu voor audiobron VOL/m (Volume/Aan/uit): 1. Druk op de knop om de radio in of uit te schakelen. 2. Draai de knop om het volume luider of zachter in te stellen. Het volume wordt aangepast voor de huidige audiobron, actieve gesproken navigatiebegeleiding, gesproken prompts of geluidsindicaties. De stuurbedieningsknoppen kunnen ook worden gebruikt om het volume aan te passen. Stuurbedieningsknoppen 3 4 voor meer informatie. TUNE/MENU: draai deze knop om het radiostation te veranderen. Raadpleeg hierna "Een station zoeken" voor meer informatie. RADIO/BAND: druk op deze knop om AM, FM of DAB (Digital Audio Broadcasting) te selecteren. De audiobronnen kunnen ook met de stuurbedieningsknoppen worden gewijzigd. Stuurbedieningsknoppen 3 4 voor meer informatie. HDD/DVD/AUX: druk hierop totdat de gewenste bron is geselecteerd. TP (Verkeersinformatie): druk op TP om de ingestelde verkeersservice van de radio te wijzigen. Als de audiobron is ingeschakeld terwijl u een kaart bekijkt, verschijnt een toets die de bron aangeeft boven in de kaart.
23 Radio 23 Druk achtereenvolgens op de knop CONFIG en de toets Radio. Druk op de bronknop om de huidige audiobron te tonen. Het beeldscherm toont een gedeeld scherm met de audiobron links en de kaart of de begeleiding rechts. Druk op de toets Kaartweergave op het scherm om de gedeelde weergave te verlaten. Menu Radio U kunt het menu Radio op twee manieren openen: Draai de knop TUNE/MENU totdat Radio verschijnt. Druk op de knop TUNE/MENU om Radio te selecteren of druk op de toets Radio om meer opties binnen deze functie weer te geven. Aantal favorietenpagina's radio Wijzig het aantal voorkeuzepagina's van verschillende banden wanneer de knop FAV wordt gebruikt. Druk op 1 tot en met 6 om het aantal voorkeuzelijsten te selecteren. HDD FAV-modi Selecteer de categorieën zoals Afspeellijst, Artiest, Album en Genre die u wilt gebruiken als favoriete categorie tijdens de HDD-modus. DivX VOD 1. Druk op de toets DivX(R) VOD om het menu DivX(R)-video op verzoek weer te geven.
24 24 Radio 2. Druk op de toets Registratiecode om de gegevens van de Registratiecode weer te geven. 3. Druk op de Optie deactivering om de registratie van dit apparaat ongedaan te maken. Opties RDS Hiermee selecteert u de Opties RDS voor de FM-tuner. Een station zoeken Als u de band wilt selecteren, raadpleegt u "Menu voor audiobron" in dit hoofdstuk. Draai de knop TUNE/MENU om een radiostation te zoeken. Als u een vooraf ingesteld station wilt selecteren, drukt u op de overeenkomstige voorkeuzetoets. Raadpleeg "Gemengde voorkeuzes" verderop voor meer informatie. Een zender opslaan Druk op ] SEEK of SEEK [ om een station te zoeken. Lijst met lokale stations zoeken Druk op TUNE/MENU voor een lijst met plaatselijke zenders binnen het huidige golfbereik. De radio zoekt dan naar beschikbare zenders. Gemengde voorkeuzes Tot wel 36 voorkeuzestations kunnen worden opgeslagen. Elke pagina kan zes voorkeuzestations opslaan. De voorkeuzes op een pagina kunnen verschillende radiobanden hebben. Als u wilt scrollen door de pagina's, drukt u op de knop FAV. Het huidige paginanummer verschijnt boven de toetsen van de voorkeuzes. De opgeslagen stations voor elke lijst verschijnen op de voorkeuzetoetsen onder in het scherm. Het aantal FAV-voorkeuzelijsten kan worden gewijzigd. Een radiostation opslaan in een lijst met gemengde voorkeuzes: 1. Druk op de knop RADIO BAND en dan op AM, FM of DAB om de gewenste band te selecteren. 2. Stem af op het station. 3. Druk op de knop FAV om naar de lijst te scrollen.
25 Radio Houd één van de voorkeuzetoetsen meer dan twee seconden ingedrukt. De frequentie van het station verschijnt op de voorkeuzetoets onder in het beeldscherm. 5. Herhaal de stappen voor elke voorkeuze op elke pagina. Een voorkeuzestation op een FAVpagina oproepen: 1. Druk op de knop FAV om naar de pagina te scrollen. 2. Druk op de voorkeuzetoets. Het opgeslagen voorkeuzestation wordt opgeroepen. Timeshift De Timeshift-functie begint audio automatisch op te nemen wanneer u naar de radio luistert. Met de opname kunt u inhoud afspelen die u hebt gemist. Timeshift neemt tot wel 20 minuten inhoud op. Na 20 minuten verwijdert de functie de oudste inhoud en gaat deze verder met nieuwe inhoud op te nemen. Wanneer u naar de radio luistert, drukt u op r (Afspelen/Pauzeren) om niet langer informatie via de luidspreker te horen. Tijdens deze pauze blijft Timeshift opnemen. Een statusbalk geeft de lengte van de opname aan. Als u verder wilt luisteren naar de uitzending vanaf het punt waar u was gestopt, drukt u opnieuw op r. Timeshift stopt de opname en wist de buffer wanneer het voertuig wordt uitgeschakeld of het station of de bron wordt gewijzigd. Voordat u het voertuig uitschakelt, drukt u op r zodat Timeshift 20 minuten langer blijft opnemen. Als het voertuig na 20 minuten nog steeds is uitgeschakelt, stopt het systeem de opname en gaat alle informatie verloren. Als de accu van 12 volt bijna leeg is, stopt Timeshift de opname en wordt alle informatie gewist. Radio Data System (RDS) TP (Verkeersinformatie): zenders met radioverkeerinformatieservice zijn RDS-zenders die verkeersinformatie uitzenden. Verkeersinformatie in- of uitschakelen Om de stand-by verkeersberichtenfunctie van het Infotainmentsysteem in- en uit te schakelen: Druk op de TP-toets. Als de verkeersinformatieservice wordt ingeschakeld, licht TP op het beeldscherm op. Er worden alleen verkeersinformatiezenders weergegeven. Als de actuele zender geen verkeersinformatiezender is, wordt er automatisch naar de volgende verkeersinformatiezender gezocht. Als een radiozender met een verkeersinformatieservice wordt gevonden, licht TP op het beeldscherm op. Verkeersberichten wordt afgespeeld op het ingestelde stemvolume door de knop CONFIG in te
26 26 Radio drukken en vervolgens op de toetsen Nav en Gesproken aanwijzing te drukken. Als de radioverkeersinformatieservice wordt ingeschakeld, wordt het afspelen van cd's/dvd's en externe bronnen onderbroken gedurende het verkeersbericht. Alleen naar verkeersberichten luisteren Schakel de radioverkeerinformatieservice in en draai het volume van het Infotainmentsysteem helemaal terug. EON (Enhanced Other Networks) Met EON kunt u naar verkeersberichten luisteren ook als de zender waarnaar u luistert zelf geen verkeersinformatie uitzendt. Als zulk een station wordt ingesteld, wordt het weergegeven als TP. Radio Data System (RDS) Radio Data System (RDS) is een service van FM-zenders die de gewenste zender helpt vinden met een goede ontvangst. RDS-zenders worden herkend aan de programmanamen en niet aan de uitzendfrequentie. RDS configureren Om het menu voor de RDSconfiguratie op te roepen: 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Selecteer Radio en vervolgens Opties RDS. RDS in-/uitschakelen Zet RDS op Aan of Uit. Activeren van RDS biedt de volgende voordelen: Op het display verschijnt de programmanaam van de geselecteerde zender i.p.v. de frequentie. Het infotainmentsysteem stelt met behulp van AF (Alternative Frequency) altijd automatisch af op de zendfrequentie met de beste ontvangst van de geselecteerde zender. Afhankelijk van de ontvangen zender toont het Infotainmentsysteem radiotekst op het display die bijvoorbeeld informatie over het huidige programma kan bevatten. In- en uitschakelen van regio-instelling RDS moet zijn geactiveerd voor de regio-instelling. Soms zenden RDSzenders op verschillende frequenties programma's uit die regionaal van elkaar verschillen. 1. Zet Regio op Aan of Uit. Alleen alternatieve frequenties (AF) van dezelfde regionale programma's worden geselecteerd. 2. Is de regio-instelling uitgeschakeld, worden alternatieve frequenties voor de zenders geselecteerd zonder rekening te houden met regionale programma's.
27 Radio 27 RDS-scrolltekst Sommige RDS-zenders gebruiken de regels voor het aangeven van de programmanaam en tevens voor het weergeven van extra informatie. Gedurende dit proces wordt de programmanaam verborgen. Als u de weergave van extra informatie wilt blokkeren, stelt u de blokkering van lopende tekst in op Aan. DAB Het digitale radiosysteem DAB (Digital Audio Broadcasting) is een universeel uitzendsysteem. DAB-zenders worden aangeduid met de programmanaam i.p.v. met de zendfrequentie. Algemene aanwijzingen Met DAB kunnen verschillende programma s (diensten) op dezelfde frequentie worden uitgezonden (ensemble). Naast hoogwaardige diensten voor digitale audio is DAB ook in staat om programmagerelateerde gegevens en een veelheid aan andere dataservices uit te zenden, inclusief reis - en verkeersinformatie. Zolang een bepaalde DAB-ontvanger een signaal van een zender op kan vangen (ook al is het signaal erg zwak), is de geluidsweergave gewaarborgd. Er is geen sprake van fading (verzwakking van het geluid) dat kenmerkend is voor AM- of FM-ontvangst. Het DAB-signaal wordt op een constant volume gereproduceerd. Als het DAB-signaal te zwak is om door de radio te worden geïnterpreteerd, wordt de weergave geheel onderbroken. Dit incident kan worden vermeden met de activering van Automatisch koppelen en/of Automatisch koppelen DAB-FM. Raadpleeg "Configureren DAB" verderop. Interferentie door zenders op naburige frequenties (een verschijnsel dat typisch is voor AM- en FM-ontvangst) doet zich bij DAB niet voor. Als het DAB-signaal door natuurlijke obstakels of door gebouwen wordt weerkaatst, verbetert dit de ontvangstkwaliteit van DAB, terwijl AM- en FM-ontvangst in die gevallen juist aanmerkelijk verslechtert. De radio is ook geschikt voor het ontvangen van DAB+ en DMB-audio. DAB configureren 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Selecteer Radio en vervolgens DAB. De volgende opties zijn beschikbaar in het configuratiemenu: Automatisch koppelen: als deze functie is geactiveerd, schakelt het apparaat over naar een andere service van het actieve DAB-ensemble (indien beschikbaar) wanneer het DAB-signaal te vaag is om door de ontvanger te worden geïnterpreteerd.
28 28 Radio Automatisch koppelen DAB-FM: als deze functie is geactiveerd, schakelt het apparaat over naar een overeenkomstig FM-station van de actieve DAB-service (indien beschikbaar) wanneer het DABsignaal te vaag is om door de ontvanger te worden geïnterpreteerd. Dynamische audioregeling: als deze functie geactiveerd is, wordt het dynamische bereik van het DAB-signaal gereduceerd. Dat houdt in dat het volume van hard geluid wel, maar dat van zacht geluid niet wordt gereduceerd. Daardoor kan het volume van het Infotainment zo worden afgesteld dat zacht geluid goed hoorbaar is zonder dat hard geluid te hard klinkt. Frequentieband: na de selectie van deze optie kunnen de te ontvangen DAB-golfbanden door het Infotainmentsysteem worden gedefinieerd. DAB-berichten Naast de muziekprogramma s zenden talloze DAB-zenders diverse categorieën berichten uit. Het afspelen van de radio of cd/mp3 wordt onderbroken wanneer er berichten zijn. Diverse soorten berichten tegelijkertijd selecteren: 1. Selecteer DAB-berichten. 2. Activeer de gewenste berichtcategorieën. AM/FM-radio (zonder navigatie) Luisteren naar radio Audiobron VOL/m (Volume/Aan/uit): 1. Druk op de knop om de radio in of uit te schakelen. 2. Draai deze knop om het volume van de actieve bron (bijv. huidige audiobron, actieve gesproken begeleiding bij navigatie of verkeersmeldingen) luider of stiller in te stellen. De stuurbedieningsknoppen kunnen ook worden gebruikt om het volume aan te passen. Stuurbedieningsknoppen 3 4. Als u de hoofdpagina van de radio wilt openen, drukt u op de knop SOURCE op de console, op de toets Now Playing of op één van de audiotoetsen op de Startpagina. Terwijl de hoofdpagina voor audio wordt weergegeven, drukt u herhaaldelijk op de knop Source om de beschikbare bronnen (AM, FM, CD, USB/iPod en AUX) te tonen en te wijzigen. Een station zoeken Als u de band wilt selecteren, raadpleegt u "Audiobron" eerder in dit hoofdstuk. Draai de knop TUNE/MENU om een radiostation te zoeken. Als u een voorkeuzestation wilt selecteren, drukt u op de knop FAV en kiest u een voorkeuzeknop.
29 Radio 29 Een zender opslaan Druk op t of v om een station te zoeken. AM 1. Druk op de toets AM op de startpagina of selecteer AM uit het pop-upvenster voor de bron om de AM-hoofdpagina te tonen. 2. Druk in het scherm AM op de toets Menu om de AM-stations te tonen. 3. Selecteer de gewenste optie. Als u de lijst met stations wilt bijwerken, drukt u op Verversen. FM 1. Druk op de toets FM op de startpagina of selecteer FM uit het pop-upvenster voor de bron om de FM-hoofdpagina te tonen. 2. Selecteer op het scherm FM de toets Menu om de FM-zenders te tonen. 3. Selecteer de gewenste optie. Als u de lijst met stations wilt bijwerken, drukt u op Verversen. Bronnen wijzigen Als u de audiobronnen van een hoofdpagina voor audio (AM, FM, CD, USB/iPod of AUX) wilt wijzigen, drukt u op de knop SOURCE op de console of de toets Source om een pop-up met beschikbare audiobronnen weer te geven. Druk herhaaldelijk op de knop SOURCE op de console om de gewenste bron te wijzigen. Radiostations als voorkeuzes opslaan U kunt voorkeuzes op enkele manieren opslaan. U kunt tot wel 36 voorkeuzestations uit AM en FM gemengd opslaan. 1. Selecteer vanuit de hoofdpagina AM of FM door aan de knop TUNE/MENU te draaien en houd vervolgens een van de voorkeuzetoetsen onderaan het scherm ingedrukt. Na enkele seconden hoort u een pieptoon en verschijnt de nieuwe voorkeuze-informatie op die toets. 2. Selecteer een voorkeuzetoets om de huidige actieve zender op te slaan. Na enkele seconden hoort u een pieptoon en verschijnt de nieuwe voorkeuze-informatie in een klein pop-upvenster onder in het scherm. 3. Herhaal de stappen voor elke voorkeuze. Als u het aantal pagina's met voorkeuzes wilt wijzigen, raadpleegt u "Gemengde voorkeuzes" hierna voor meer informatie. Een voorkeuzestation oproepen Als u een voorkeuzestation wilt oproepen uit een FAV-pagina, doet u het volgende: Druk op de knop FAV op de console om de pop-up FAV weer te geven. Selecteer de gewenste voorkeuze uit de pop-up. Druk op de toets FAV in de bovenste balk om de pop-up met voorkeuzes weer te geven die onder in de pagina verschijnt. Druk op een
30 30 Radio van de voorkeuzetoetsen om naar het geselecteerde voorkeuzestation te gaan. In de hoofdpagina AM of FM selecteert u één van de voorkeuzetoetsen om naar de geselecteerde voorkeuzezender te gaan. Gemengde voorkeuzes Elke pagina kan zes voorkeuzestations opslaan. De voorkeuzes op een pagina kunnen verschillende radiobanden hebben. Als u wilt scrollen door de pagina's, drukt u op de knop FAV op de console of selecteert u de toets FAV in de bovenste balk. Het huidige paginanummer verschijnt boven de toetsen van de voorkeuzes. De opgeslagen stations voor elke FAV-pagina verschijnen op de voorkeuzetoetsen onder in het scherm. Het aantal weergegeven FAV-pagina's kan worden gewijzigd in de Radio-instelling in het Config.menu. Digital Audio Broadcasting (DAB) DAB is beschikbaar bij sommige stations en wordt aangegeven wanneer de naam van het station verschijnt en niet de frequentie. Verkeersinformatie (TP) Zenders met radioverkeerinformatieservice zijn RDS-zenders die verkeerinformatie uitzenden. Druk op de knop TP om het programma te starten. Radio-ontvangst Frequentie- en atmosferische storing kunnen optreden tijdens de normale radio-ontvangst als items zoals opladers van mobiele telefoons, hulpaccessoires voor het voertuig en externe elektronische apparaten worden aangesloten op de 12 V-aansluiting. Bij frequentie- of atmosferische storing koppelt u het item los van de hulpvermogensuitgang. FM FM-signalen hebben een bereik van slechts 16 tot 65 km. Hoewel de radio beschikt over een ingebouwd elektronisch circuit dat automatisch in werking treedt om storing te herleiden, kan atmosferische storing plaatsvinden, in het bijzonder rondom hoge gebouwen of heuvels, waardoor het geluid toe- en afneemt. AM Het bereik voor de meeste AM-stations is groter dan bij FM, in het bijzonder 's avonds. Het grotere bereik kan ervoor zorgen dat stationfrequenties onderlinge storing veroorzaken. Atmosferische storing kan optreden wanneer de radio-ontvangst wordt verstoord door onweer en stoomlijnen. Wanneer dit gebeurt, moet u de hogetonenregelaar van de radio lager afstellen. Gebruik van mobiele telefoon Het gebruik van mobiele telefoons kan zorgen voor storing met de radio van het voertuig.
31 Radio 31 Multibandantenne De multibandantenne bevindt zich op het dak van het voertuig. De antenne wordt gebruikt voor de AM/FM-radio en de GPS (Global Positioning System) als het voertuig over deze functies beschikt. Zorg voor een goede ontvangst dat de antenne niet wordt gehinderd. Als het voertuig een zonnedak heeft dat open is, kunnen de prestaties van de AM/FM-radio en de GPS worden beïnvloed. Diversity Antenna System De FM-antenne is een verborgen zelfafstemmend systeem. Het optimaliseert de FM-signalen voor de positie van het voertuig en de bron van het radiostation. Onderhoud of aanpassingen zijn niet nodig.
32 32 Audiospelers Audiospelers Cd-speler Cd-/dvd-speler Mp Apparaat met harde schijf Randapparatuur Cd-speler De speler kan worden gebruikt voor cd's en mp3's. Wanneer het contact is ingeschakeld, plaatst u een cd in de sleuf met het label naar boven. De speler trekt de cd in en begint deze af te spelen. Het voertuig moet zich in de stand P (Parkeren) bevinden opdat video wordt weergegeven. Het systeem kan het volgende afspelen: Meeste audio-cd's Cd-r Cd-rw Mp3 of onbeschermde WMA-indelingen Wanneer u een compatibele beschrijfbare schijf afspeelt, kan de geluidskwaliteit afnemen door de schijfkwaliteit, de opnamemethode, de kwaliteit van opgenomen muziek of video of de hantering van de schijf. Schade aan de cd-speler vermijden: Gebruik geen gekraste of beschadigde schijven. Plak geen etiketten op schijven. De etiketten kunnen vast komen te zitten in de speler. Plaats slechts één schijf per keer. Houd de laadsleuf vrij van vreemde stoffen, vloeistoffen en vuil. Als u beschrijvend etiket nodig hebt, kunt u de bovenkant van de schijf beschrijven met een markeerpen. Schijven laden en uitwerpen Een schijf laden: 1. Schakel het contact in. 2. Plaats een schijf in de sleuf. De speler trekt deze volledig naar binnen. Als de schijf is beschadigd of onjuist wordt geladen, ziet u een fout en wordt de schijf uitgeworpen. De schijf speelt automatisch af na het laden.
33 Audiospelers 33 Druk op R om een schijf uit de cdspeler te werpen. Als de schijf niet snel wordt verwijderd, wordt deze automatisch terug in de speler getrokken. Een audio-cd afspelen 1. Druk op de toets Cd op de startpagina of selecteer Cd uit het popupvenster voor de bron om de Cdhoofdpagina te tonen. 2. Druk in het scherm Cd op de toets Menu om de menuopties te tonen. 3. Druk om de gewenste optie te selecteren. Op de Cd-hoofdpagina verschijnt een titelnummer aan het begin van elke titel. Informatie over het muzieknummer, de artiest en het album verschijnt indien beschikbaar. Gebruik de volgende bedieningen om de schijf af te spelen: r (Afspelen/Pauzeren): druk op deze knop om het afspelen te starten, pauzeren of te hervatten. ]SEEK (Omlaag zoeken): Druk op deze knop om het begin van de huidige of vorige titel te zoeken. Als de titel minder dan vijf seconden werd afgespeeld, wordt de vorige titel gezocht. Bij meer dan vijf seconden start de huidige titel vanaf het begin. Houd ingedrukt om een titel terug te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. SEEK [ (Omhoog zoeken): Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. Houd ingedrukt om een titel door te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. TUNE/MENU: Draai deze knop rechts of links om de volgende of vorige titel te selecteren. Druk op deze knop om de lijst te selecteren. Als een titel wordt geselecteerd uit het menu, speelt het systeem de titel af en gaat het terug naar het scherm Cd. Foutmeldingen Als Disc Read Error verschijnt en/of de schijf wordt uitgeworpen, is dit mogelijk vanwege één van de volgende redenen: De schijf heeft een ongeldige of onbekende indeling. De schijf komt niet uit de juiste regio. De schijf is heel warm. Probeer de schijf opnieuw wanneer de temperatuur terug normaal is. De weg is heel ruw. Probeer de schijf opnieuw wanneer het wegoppervlak beter is. De schijf is vuil, gekrast, nat of is omgekeerd geplaatst. De lucht is heel vochtig. Probeer de schijf later opnieuw. Er is een probleem opgetreden bij het branden van de schijf. Het etiket zit vast in de cd-speler. Als de cd niet juist afspeelt om een andere reden, probeert u een cd waarvan u weet dat die goed werkt.
34 34 Audiospelers Als de foutmeldingen aanhouden, neemt u contact op met uw dealer. Cd-/dvd-speler Cd-/dvd-speler (met navigatie) De speler kan wordt gebruikt voor cd's, mp3's en dvd-audio en als dvdvideospeler. Wanneer het contact is ingeschakeld, plaatst u een cd/dvd in de sleuf met het label naar boven. De speler trekt de cd in en begint deze af te spelen. Tijdens het afspelen is het navigatiesysteem beschikbaar. Het voertuig moet zich in de stand P (Parkeren) bevinden opdat video wordt weergegeven. De dvd-speler is alleen compatibel met dvd's uit de juiste regio. De regiocode vindt u op het hoesje van de meeste dvd's. Het systeem kan het volgende afspelen: Meeste audio-cd's Cd-r Cd-rw Mp3 of onbeschermde WMA-indelingen Dvd-video Dvd-audio Dvd-r/rw Dvd+r/rw Wanneer u een compatibele beschrijfbare schijf afspeelt, kan de geluidskwaliteit afnemen door de schijfkwaliteit, de opnamemethode, de kwaliteit van opgenomen muziek of video of de hantering van de schijf. Ook problemen met doorspoelen, opnemen van titels, zoeken van titels/ hoofdstukken en/of laden en uitwerpen kunnen zich optreden. Als u deze problemen ervaart, controleert u de schijf op schade en probeert u een schijf waarvan u weet dat die goed werkt. Schade aan de cd-/dvd-speler vermijden: Gebruik geen gekraste of beschadigde schijven. Plak geen etiketten op schijven. De etiketten kunnen vast komen te zitten in de speler. Plaats slechts één schijf per keer. Houd de laadsleuf vrij van vreemde stoffen, vloeistoffen en vuil. Gebruik een markeerpen om de bovenkant van de schijf te labelen. Schijven laden en uitwerpen Een schijf laden: 1. Schakel het contact in. 2. Plaats een schijf in de sleuf met het label naar boven. De speler trekt deze volledig naar binnen. Als de schijf is beschadigd of onjuist wordt geladen, ziet u een fout en wordt de schijf uitgeworpen. De schijf speelt automatisch af na het laden. Druk op R om een schijf uit de cd-/ dvd-speler te werpen. Cd/dvd afspelen Een schijf moet geladen zijn om de bron te selecteren. Wanneer een schijf is geladen, verschijnt het schijfpictogram.
35 Audiospelers 35 Er zijn twee manieren om een cd/dvd af te spelen: Plaats de schijf en het afspelen start automatisch. Druk op de knop HDD/DVD/AUX en druk dan op de toets Schijf. Een audio-cd afspelen Een titelnummer verschijnt aan het begin van elke titel. Informatie over het muzieknummer, de artiest en het album verschijnt indien beschikbaar. Gebruik de volgende bedieningen om de schijf af te spelen: r (Afspelen/Pauzeren): gebruik om het afspelen te starten, pauzeren of te hervatten. SEEK[: Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. Houd ingedrukt om een titel door te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. ]SEEK: Druk op deze knop om het begin van de huidige of vorige titel te zoeken. Als de titel minder dan vijf seconden werd afgespeeld, wordt de vorige titel gezocht. Bij meer dan vijf seconden start de huidige titel vanaf het begin. Houd ingedrukt om een titel terug te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. TUNE/MENU: draai rechtsom of linksom om de lijst met titels te tonen. Draai opnieuw om door de lijst te navigeren. Druk op deze knop om de titel te selecteren. Het systeem speelt de geselecteerde titel af en gaat terug naar het scherm Cd. Menu cd Druk op de toets Menu cd om het Menu cd weer te geven. Door elkaar: druk op deze toets om de titels in willekeurige volgorde en niet opeenvolgend af te spelen. Druk opnieuw om willekeurige volgorde te stoppen. Een vinkje geeft aan dat willekeurige volgorde is ingeschakeld. Tracklijst: druk op de toets om de lijst met titels op de schijf te tonen. Selecteer een titel uit de lijst. De geselecteerde titel wordt afgespeeld en het scherm Cd verschijnt.
36 36 Audiospelers Audio- en video-dvd afspelen Als u de dvd-video wilt bekijken, moet het voertuig in de stand P (Parkeren) staan of moet de handrem aangehaald zijn. Na het laden van de dvd verschijnen de menuopties op het dvd-scherm. De menuopties verdwijnen en een volledig scherm verschijnt na ongeveer 10 seconden. Druk ergens op het scherm van het navigatiesysteem of druk op de knop FAV, HDD/DVD/ AUX of 9 BACK om het menuscherm opnieuw te bekijken. Gebruik de voorkeuzesleutels of druk op toetsen om de dvd-opties te bedienen. Er zijn twee pagina's met dvdopties. Druk op de pijlknop rechts onder in het scherm om naar de andere pagina te gaan. Alleen de geaccentueerde functies zijn beschikbaar. Sommige menuopties zijn alleen beschikbaar wanneer de schijf niet wordt afgespeeld. Dvd-opties Volledig scherm: 1. Druk op de toets om de dvd-opties te verbergen en het volledige videobeeld weer te geven. 2. Druk ergens op het scherm van het navigatiesysteem of druk op de knop FAV, HDD/DVD/AUX, 9 BACK om de toetsen voor de bron op het videobeeld te tonen. Cursor: Druk op de toets om het menu Cursor te openen. Met de pijlen en andere aanwijzeropties kunt u navigeren door de dvd-menuopties. De opties van het menu Cursor zijn alleen beschikbaar als een dvd beschikt over een menu. k, R, l, S (Pijlknoppen): gebruik deze toetsen om door het dvd-menu te navigeren. r(afspelen/pauzeren): gebruik om het afspelen te starten, pauzeren of te hervatten. SEEK[: 1. Druk op de knop om het volgende hoofdstuk te zoeken. 2. Druk meer dan eens om vooruit door de schijf te navigeren. 3. Houd ingedrukt om een schijf door te spoelen. Wanneer het doorspoelen bezig is, drukt u opnieuw om de snelheid te wijzigen. De verstreken tijd verschijnt. ]SEEK: 1. Druk op de knop om het begin van het huidige of vorige hoofdstuk te zoeken. Als het hoofdstuk minder dan vijf seconden is afgespeeld, gaat u naar het vorige hoofdstuk. Als het hoofdstuk meer dan vijf seconden is afgespeeld, wordt het huidige hoofdstuk opnieuw gestart. Met meer dan één druk gaat u verder met de achterwaartse navigatie door de schijf.
37 Audiospelers Houd ingedrukt om een schijf terug te spoelen. Wanneer het terugspoelen bezig is, drukt u opnieuw om de snelheid te wijzigen. De verstreken tijd verschijnt. 3. Druk op r om het afspelen te hervatten. TUNE/MENU: druk op ] SEEK of SEEK [ om naar het volgende of vorige hoofdstuk te gaan. U kunt ook wijzigen van hoofdstuk door de knop TUNE/MENU te draaien na het scherm aan te raken. Stoppen: 1. Druk op het beeldscherm om de beschikbare knoppen te tonen. Druk op de knop Stop om de dvd te stoppen. 2. Als u het afspelen van de dvd wilt hervatten vanaf het punt waar deze is gestopt, drukt u op r. 3. Druk tweemaal op r om de dvd vanaf het begin te starten. 9 Door elkaar: 1. Druk op deze toets om de titels in willekeurige volgorde en niet opeenvolgend af te spelen. 2. Druk opnieuw om opeenvolgend af te spelen. Deze knop is beschikbaar voor audio-dvd's. Hoofdmenu: druk op de toets om het eerste menu van de dvd te tonen. Deze functie is beschikbaar volgens dvd. Menu: druk op de toets om het menu voor het huidig afgespeelde deel van de dvd te tonen. Deze functie is beschikbaar volgens dvd en is niet beschikbaar voor audio-dvd's. Toetsenblok: druk op de toets om het toetsenblok weer te geven en te zoeken in het hoofdstuk-, titel- of menunummerscherm. Voer op het toetsenblok het titel- of hoofdstuknummer of het groeps- of titelnummer in. Zoeken: druk op de toets om een titel te zoeken. Hoek: druk tijdens het afspelen om de kijkhoek van de dvd aan te passen. Dit varieert per dvd. Blijf drukken om door de kijkhoeken te bladeren. Audio: druk op de toets om de audiostream en de audiotaal tijdens het afspelen te wijzigen. Blijf drukken om door de beschikbare audiostreams en -talen te bladen. Dit varieert per dvd. Ondertiteling: druk tijdens het afspelen van een dvd om de weergave van ondertitels in of uit te schakelen of om de taal van de ondertitels te wijzigen. Blijf drukken om door de beschikbare ondertiteltalen te bladeren en om de ondertitels uit te schakelen. Dit varieert per dvd. Pan & Scan: druk op de toets om breedbeeldfilms zo aan te passen dat ze verhoudingsgewijs passen op het dvd-scherm. Druk op deze toets om Pan & Scan in te schakelen.
38 38 Audiospelers Foutmeldingen Als Disc Read Error verschijnt en/of de schijf wordt uitgeworpen, is dit mogelijk vanwege één van de volgende redenen: De schijf heeft een ongeldige of onbekende indeling. De schijf komt niet uit de juiste regio. De schijf is heel warm. Probeer de schijf opnieuw wanneer de temperatuur terug normaal is. De weg is heel ruw. Probeer de schijf opnieuw wanneer het wegoppervlak beter is. De schijf is vuil, gekrast, nat of is omgekeerd geplaatst. De lucht is heel vochtig. Probeer de schijf later opnieuw. Er is een probleem opgetreden bij het branden van de schijf. Het etiket zit vast in de cd-/dvd-speler. Als de cd of dvd niet juist afspeelt om een andere reden, probeert u een cd of dvd waarvan u weet dat die goed werkt. Als de foutmeldingen aanhouden, neemt u contact op met uw dealer. Mp3 Mp3-indelingen Bij het maken van een mp3-schijf moeten bepaalde richtlijnen worden gevolgd; anders speelt de cd mogelijk niet af. De richtlijnen zijn als volgt: Samplefrequentie: 8 khz, 16 khz, 22,05 khz, 24 khz, 32 khz, 44,1 khz en 48 khz. Ondersteunde bitsnelheden: 8, 16, 24, 32, 40, 48, 56, 64, 80, 96, 112, 128, 144, 160, 192, 224, 256 en 320 kbps. Maximum aantal mappen is 256 met een maximale hiërarchie van acht mappen. Maximum 1024 bestanden op een schijf. Opgenomen op een cd-r of cd-rw met een maximumcapaciteit van 700 MB. De informatie over de artiest/het album/de muzieknummers/het genre vereist dat een cd volledig wordt gescand voordat de muzieknavigator werkt met deze menu's. De schijf wordt niet gescand wanneer ze wordt afgespeeld. Mp3-cd afspelen (zonder navigatie) Wanneer een mp3 wordt geladen in de speler, verschijnt MP3. Als een schijf al is geladen en u luistert naar een andere audiobron, drukt u op SOURCE om naar de schijfbron te gaan. Een titelnummer verschijnt aan het begin van elke titel op het beeldscherm. r (Afspelen/Pauzeren): druk op de knop om het afspelen van een geladen schijf te starten, pauzeren of te hervatten.
39 Audiospelers 39 SEEK [ (Volgende/Doorspoelen): 1. Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. 2. Druk opnieuw om vooruit door de schijf te navigeren. 3. Houd ingedrukt om het afspelen snel door te spoelen. 4. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. ] SEEK (Vorige/Terugspoelen): 1. Druk op deze knop om het begin van de huidige of vorige titel te zoeken. Als de titel minder dan vijf seconden is afgespeeld, gaat u naar de vorige titel. Bij meer dan vijf seconden herstart de huidige titel. 2. Druk opnieuw om achteruit door de schijf te navigeren. 3. Houd deze knop ingedrukt om het afspelen snel terug te spoelen. 4. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. TUNE/MENU: 1. Draai rechtsom of linksom om de lijst met titels te tonen. 2. Draai opnieuw om door de lijst te navigeren. 3. Druk op TUNE/MENU om de titel te selecteren. Het systeem speelt de geselecteerde titel af en gaat terug naar het scherm Cd. Muziekmenu Mp3 Druk op de toets Menu terwijl die bron actief is om het menu te openen. Druk op een van de volgende toetsen in het mp3-menu: Door elkaar: druk hierop om de titels in willekeurige volgorde af te spelen. Druk opnieuw om willekeurige volgorde te stoppen. Afspeellijsten: druk op deze toets om de opgeslagen afspeellijsten op de schijf te bekijken. Selecteer een afspeellijst om de lijst met alle muzieknummers uit die afspeellijst te bekijken. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Selecteer een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Artiesten: druk op de toets om de lijst met opgeslagen artiesten op de schijf te bekijken. Selecteer de naam van een artiest om een lijst met alle muzieknummers van de artiest te bekijken. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Selecteer een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Albums: druk op de toets om de albums op de schijf te bekijken. Selecteer het album om een lijst met alle muzieknummers in het album te bekijken. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Selecteer een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Titels liedjes: druk op de toets om een lijst met alle muzieknummers op de schijf weer te geven. Muzieknummers worden weergegeven als opgeslagen op de schijf. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Als u het afspelen wilt beginnen, selecteert u een muzieknummer uit de lijst. Genres: druk hierop om de genres te bekijken. Selecteer een genre om een lijst met alle muzieknummers van
40 40 Audiospelers dat genre te bekijken. Selecteer een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Mappen/Afspeellijsten: druk hierop om een lijst met mappen te openen om zo toegang tot bestanden in de mappenstructuur te hebben. Hoofdmap De hoofdmap wordt als een map beschouwd. Alle bestanden in de hoofdmap worden vóór andere mappen in de hoofdmap geopend. Lege mappen Als de hoofdmap of een map leeg is of alleen mappen bevat, gaat de speler naar de volgende map in de bestandsstructuur die een gecomprimeerd audiobestand bevat. De lege map(pen) worden niet weergegeven of genummerd. Geen map Wanneer de cd alleen gecomprimeerde audiobestanden bevat zonder mappen of afspeellijsten, bevinden alle bestanden zich in de hoofdmap. Bestandssysteem en namen De muzieknummers, artiesten, albums en genres worden gehaald uit de ID3-tag van het bestand en worden alleen weergegeven indien ze voorkomen in de tag. Als de titel van een muzieknummer niet aanwezig is in de ID3-tag, toont de radio de bestandsnaam als de titel. Voorgeprogrammeerde afspeellijsten De radio herkent voorgeprogrammeerde afspeellijsten maar biedt geen ondersteuning om lijsten te bewerken. Deze afspeellijsten worden beschouwd als speciale mappen met gecomprimeerde audiobestanden. Mp3-cd en -dvd afspelen (met navigatie) Wanneer een mp3 wordt geladen in de speler, verschijnt MP3. Als een schijf al is geladen maar u ziet momenteel een kaart op het scherm of u luistert naar een andere audiobron, drukt u op de knop HDD/DVD/ AUX om over te schakelen naar de schijfbron. Een titelnummer verschijnt aan het begin van elke titel op het beeldscherm. Een schijf afspelen: r (Afspelen/Pauzeren): gebruik om het afspelen van een geladen schijf te starten, pauzeren of te hervatten. SEEK[: 1. Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. 2. Druk opnieuw om vooruit door de schijf te navigeren.
41 Audiospelers Houd ingedrukt om het afspelen snel door te spoelen. 4. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. ]SEEK: 1. Druk op deze knop om het begin van de huidige of vorige titel te zoeken. Als de titel minder dan vijf seconden is afgespeeld, gaat u naar de vorige titel. Bij meer dan vijf seconden herstart de huidige titel. 2. Druk opnieuw om achteruit door de schijf te navigeren. 3. Houd deze knop ingedrukt om het afspelen snel terug te spoelen. 4. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. TUNE/MENU: 1. Draai rechtsom of linksom om de lijst met titels te tonen. 2. Draai opnieuw om door de lijst te navigeren. 3. Druk op TUNE/MENU om de titel te selecteren. Het systeem speelt de geselecteerde titel af en gaat terug naar het scherm Cd. Muziekmenu Mp3 Druk op de toets DISC of druk op de knop TUNE/MENU op de console terwijl het scherm Schijfaudio wordt weergegeven om het Menu muziek cd te tonen. Druk op een van de volgende categorieknoppen op het Menu muziek cd om het desbetreffende categoriescherm te tonen: Door elkaar: druk op deze toets om de titels in willekeurige volgorde en niet opeenvolgend af te spelen. Mappen/Afspeellijsten Druk op de toets om de opgeslagen mappen op de schijf te bekijken. Selecteer een map om de lijst met alle muzieknummers in die map te bekijken. Selecteer het muzieknummer in de lijst en het wordt afgespeeld. Tracklijst Druk op de toets om een lijst met alle muzieknummers op de schijf te bekijken. Selecteer een muzieknummer in de lijst en het wordt afgespeeld. Muzieknummers worden weergegeven op basis van de mapen bestandsstructuur die de cdbrander gebruikte. Artiesten Druk op de toets om de lijst met opgeslagen artiesten op de schijf te
42 42 Audiospelers bekijken. Selecteer de naam van een artiest om een lijst met alle muzieknummers van de artiest te bekijken. Selecteer het gewenste muzieknummer in de lijst en het wordt afgespeeld. Albums Druk op de toets om de albums op de schijf te bekijken. Selecteer het album om een lijst met alle muzieknummers in het album te bekijken. Selecteer een muzieknummer in de lijst en het wordt afgespeeld. Genres Druk op de toets om de genres op de schijf te bekijken. Selecteer een genre om een lijst met alle muzieknummers van dat genre te bekijken. Selecteer een muzieknummer in de lijst en het wordt afgespeeld. Titels liedjes Druk op de toets om een lijst met alle muzieknummers op de schijf weer te geven. Selecteer een muzieknummer in de lijst en het wordt afgespeeld. Muzieknummers verschijnen in alfabetische volgorde op basis van de ID3-tag van het muzieknummer (indien beschikbaar). Mappen Hoofdmap De hoofdmap wordt als een map beschouwd. Alle bestanden in de hoofdmap worden vóór andere mappen in de hoofdmap geopend. Lege hoofdmap of map Als de hoofdmap of een map leeg is of alleen mappen bevat, gaat de speler naar de volgende map in de bestandsstructuur die een gecomprimeerd audiobestand bevat. De lege map(pen) worden niet weergegeven of genummerd. Geen map Wanneer de cd alleen gecomprimeerde audiobestanden bevat zonder mappen of afspeellijsten, bevinden alle bestanden zich in de hoofdmap. Bestandssysteem en namen De weergegeven titel van het muzieknummer wordt uit de ID3-tag van het bestand gehaald. Als de titel van een muzieknummer niet aanwezig is in de ID3-tag, toont de radio de bestandsnaam als de titel. Voorgeprogrammeerde afspeellijsten De radio herkent voorgeprogrammeerde afspeellijsten maar biedt geen ondersteuning om lijsten te bewerken. Deze afspeellijsten worden beschouwd als speciale mappen met gecomprimeerde audiobestanden. Apparaat met harde schijf Apparaat met harde schijf (HDD) (met navigatie) Via een apparaat met harde schijf (HDD) kunt u muzieknummers opnemen. Ondersteunde indelingen door het HDD: MP3 MP3-Pro WMA Audible.com M4A
43 Audiospelers 43 U kunt muzieknummers opnemen vanaf een cd-speler of een media-apparaat met massaopslag dat is aangesloten via een USB-connector. Voor optimale opnameprestaties zorgt u ervoor dat de schijf schoon en onbeschadigd is. In het andere geval kan de titel slechts deels worden opgenomen door het systeem. Audiobron van harde schijf selecteren: Druk op de knop HDD/DVD/AUX. Navigeer dan door de beschikbare audiobronnen tot de HDD-bronnen verschijnen of druk nogmaals op de knop HDD/DVD/AUX en druk vervolgens op de bronknop HDD. Opnemen vanaf cd op harde schijf De snelheid van de opname neemt toe als u luistert naar een andere bron terwijl u opneemt. Alle titels op de schijf opnemen: 1. Laad een cd of druk op de knop HDD/DVD/AUX totdat het scherm DISC verschijnt. 2. Druk op de knop o REC. 3. Een bevestiging verschijnt. 4. Selecteer Alle liedjes om alle titels op te nemen. Een voortgangsbalk verschijnt. Geselecteerde titels op de schijf opnemen: 1. Laad een cd of druk op de knop HDD/DVD/AUX totdat het scherm DISC verschijnt. 2. Druk op ] SEEK of SEEK [ of Menu muziek cd om een op te nemen muzieknummer te selecteren. 3. Druk op de knop o REC. 4. Een bevestiging verschijnt. 5. Selecteer de naam van het op te nemen muzieknummer. Een voortgangsbalk verschijnt. Opnemen vanaf USB-apparaat op harde schijf Alle titels vanaf het USB-apparaat kopiëren: 1. Sluit een USB-apparaat aan of druk op de knop HDD/DVD/AUX totdat het scherm DISC het scherm USB toont. 2. Druk op de knop o REC.
44 44 Audiospelers 3. Een bevestiging verschijnt. 4. Selecteer Alle liedjes om alle titels te kopiëren. Een voortgangsbalk verschijnt. Geselecteerde titels opnemen: 1. Sluit een USB-apparaat aan of druk op de knop HDD/DVD/AUX totdat het scherm DISC het scherm USB toont. 2. Gebruik ] SEEK of SEEK [ of HDD muziek menu om een op te nemen muzieknummer te selecteren. 3. Druk op de knop o REC. 4. Een bevestiging verschijnt. 5. Selecteer de naam van het op te nemen muzieknummer. Een voortgangsbalk verschijnt. Dubbele inhoud Wanneer de opnamefunctie start, wordt gecontroleerd of de inhoud al op de harde schijf staat. Als de volledige inhoud van de cd op de harde schijf staat, wordt de inhoud niet opgenomen. Als een deel of niets van de inhoud al aanwezig is, wordt alleen de ontbrekende inhoud gekopieerd naar de harde schijf. Als hetzelfde bestand wordt opgenomen vanaf USB en cd, bestaan er mogelijk dubbele titels. CD UITWERPEN Als de cd wordt uitgeworpen voordat het opnameproces wordt voltooid, worden alleen volledig opgenomen titels opgeslagen op de harde schijf. Onvolledige titels worden verwijderd. Energiemodus Als het systeem wordt uitgeschakeld tijdens het opnemen vanaf cd of USB, stopt het. Wanneer de radio terug wordt ingeschakeld, wordt het opnameproces niet automatisch hervat. Inhoud op harde schijf afspelen Als u functies van de harde schijf wilt bedienen terwijl de HDD-bron actief is, gebruikt u de volgende knoppen of toetsen: r (Afspelen/Pauzeren): druk op deze knop om de huidige mediabron te starten, pauzeren of te hervatten. SEEK[: 1. Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. 2. Houd ingedrukt om het afspelen snel door te spoelen. 3. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt.
45 Audiospelers 45 ]SEEK: 1. Druk op deze knop om het begin van de huidige of vorige titel te zoeken. Als de titel minder dan vijf seconden werd afgespeeld, wordt de vorige titel afgespeeld. Bij meer dan vijf seconden herstart de huidige titel. 2. Houd deze knop ingedrukt om het afspelen snel terug te spoelen. 3. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. TUNE/MENU: 1. Draai rechtsom of linksom om Alle liedjes te tonen. 2. Draai opnieuw om door de lijst te navigeren. 3. Druk op de TUNE/MENU-knop om de gemarkeerde optie te selecteren. Het systeem speelt het geselecteerde muzieknummer af en gaat terug naar het scherm Cd. DEL (Verwijderen): 1. Selecteer het muzieknummer in het scherm HDD muziek menu dat u wilt verwijderen. 2. Druk op de DEL-toets. Als u een volledige lijst met Artiesten, Albums of Genres wilt verwijderen, selecteert u de categorie in het scherm HDD muziek menu. Druk op de DEL-toets. HDD muziek menu Druk in het scherm HDD op de toets HDD muziek menu om in het scherm HDD het HDD muziek menu te tonen. Druk op een van de volgende toetsen in het HDD muziek menu: Door elkaar: druk op deze toets om de titels in willekeurige volgorde en niet opeenvolgend af te spelen. Meer van deze: Druk op deze toets om de Gracenote -technologie voor muziekherkenning en gerelateerde gegevens te gebruiken om een lijst met muzieknummers te maken die vergelijkbaar zijn met het huidige muzieknummer. Selecteer een zender uit de lijst. Deze functie is alleen beschikbaar voor muzieknummers die vanaf audio-cd's zijn opgenomen op het HDD, dus niet voor mp3's en andere gecomprimeerde audio. Wanneer u cd's opneemt op het HDD, zijn er mogelijk vertragingen om de lijst samen te stellen totdat alle bestanden zijn gecomprimeerd.
46 46 Audiospelers Afspeellijsten: 1. Druk op deze toets om de afspeellijsten op de harde schijf te bekijken. 2. Selecteer een afspeellijst om een lijst met alle muzieknummers uit de afspeellijst te bekijken. 3. Selecteer een muzieknummer uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Afspeellijst. Artiesten: 1. Druk op deze toets om de artiesten op de harde schijf te bekijken. 2. Selecteer een artiest om een lijst met alle muzieknummers van die artiest te bekijken. 3. Selecteer een zender uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: artiest. Albums: 1. Druk op deze toets om de albums op de harde schijf te bekijken. 2. Selecteer een album om een lijst met alle muzieknummers in het album te bekijken. 3. Selecteer een zender uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Album. Alle liedjes: 1. Druk op deze toets om een lijst met alle muzieknummers op de harde schijf te bekijken. 2. Selecteer een zender uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Alle liedjes. Genres: 1. Druk op deze toets om de genres op de harde schijf te bekijken. 2. Selecteer een genre om een lijst met alle muzieknummers van dat genre te bekijken. 3. Selecteer een zender uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Genre. Recent opgeslagen: Druk op deze toets om een lijst met de 50 recentste muzieknummers op de HDD te bekijken. Na de selectie verschijnt Modus: Onlangs opgeslagen. Favorieten op harde schijf opslaan Het huidige muzieknummer tijdens het afspelen vanaf HDD opslaan naar een voorkeuzecategorie: 1. Druk op de knop FAV totdat de afspeellijstcategorie FAV verschijnt. 2. Houd een voorkeuzeknop onder in het scherm ingedrukt totdat het bericht Favoriet opgeslagen verschijnt. Een Artiest, Album of Genre geheel opslaan naar een FAV-voorkeuzecategorie: 1. Druk op de knop FAV totdat de juiste FAV-categorie verschijnt. 2. Houd een voorkeuzeknop onder in het scherm ingedrukt.
47 Audiospelers 47 Favorieten op harde schijf afspelen U kunt favorieten op twee manieren afspelen: Druk op de knop FAV totdat de gepaste FAV HDD-categorie verschijnt. Druk op een voorkeuzeknop onder aan het scherm FAV HDD. Selecteer FAV uit het HDD muziek menu. Artiest, Album en Genre bevinden zich in de overeenkomstige lijst. Ondersteunde USB-apparaten De USB-connector gebruikt het volgende: USB 2.0. USB-flashsticks of -pendrives. Draagbare USB-harde schijven. De stroomvoorziening van deze apparaten (USB-busvoeding versus externe voeding) vereist speciale aandacht. Draagbare media-adapters die SD Flash, Compact Flash of SD Micro ondersteunen. Afhankelijk van het USB-apparaat voor massaopslag worden sommige apparaten mogelijk niet herkend. Muziek kan rechtstreeks vanaf het USB-apparaat worden afgespeeld en bediend via functies en een menu voor mp3-bediening. Afspelen vanaf USB Een USB-apparaat voor massaopslag kan worden aangesloten op de USB-poort om gecomprimeerde audiobestanden te kopiëren naar de harde schijf. De inhoud kan tevens rechtstreeks vanaf het USB-apparaat worden afgespeeld. De USB-poort bevindt zich in de vloerconsole. Het USB-pictogram verschijnt wanneer het USB-apparaat is aangesloten. Afspelen vanaf een USB-apparaat: Sluit het USB-apparaat aan en het afspelen start. Druk achtereenvolgens op HDD/ DVD/AUX en de toets USB. Terwijl de USB-bron actief is, gebruikt u het volgende om de USB-functie te bedienen: r (Afspelen/Pauzeren): druk op deze knop om de huidige mediabron te starten, pauzeren of te hervatten. SEEK[: 1. Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. 2. Houd ingedrukt om het afspelen snel door te spoelen. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. ]SEEK: 1. Druk op deze knop om het begin van de huidige of vorige titel te zoeken. Als de titel minder dan vijf
48 48 Audiospelers seconden werd afgespeeld, wordt de vorige titel afgespeeld. Bij meer dan vijf seconden herstart de huidige titel. 2. Houd deze knop ingedrukt om het afspelen snel terug te spoelen. 3. Laat de knop los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. TUNE/MENU: 1. Draai rechtsom of linksom om de lijst met titels te tonen. 2. Draai opnieuw om door de lijst te navigeren. 3. Druk op de knop TUNE/MENU om de titel te selecteren. Het systeem speelt de geselecteerde titel af en gaat terug naar het scherm USB. Menu USB Druk op de toets Menu USB of druk op de knop TUNE/MENU terwijl het scherm USB Audio wordt weergegeven om het Menu USB te tonen. Selecteer een van de volgende toetsen in het Menu USB: Door elkaar: druk op deze toets om de titels in willekeurige volgorde en niet opeenvolgend af te spelen. Selecteer opnieuw om deze functie te stoppen. Mappen/Afspeellijsten: selecteer deze optie om de opgeslagen afspeellijsten op het USB-apparaat te zien. Selecteer een map/afspeellijst om een lijst met alle muzieknummers in de map/afspeellijst te bekijken. Selecteer een muzieknummer uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Map/Afspeellijst. Tracklijst: druk op deze toets om een lijst met muzieknummers en hun bijhorende categorie te bekijken. Artiesten: druk op deze toets om de opgeslagen artiesten op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer een artiest om een lijst met alle muzieknummers van de artiest te bekijken. Selecteer een zender uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: artiest. Albums: druk op deze toets om de opgeslagen albums op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer een album om een lijst met alle muzieknummers in het album te bekijken. Selecteer een zender uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Album. Alle liedjes: druk op deze toets om een lijst met alle opgeslagen muzieknummers op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer een muzieknummer uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Alle liedjes.
49 Audiospelers 49 Genres: druk op deze toets om de opgeslagen genres op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer een genre om een lijst met alle muzieknummers van dat genre te bekijken. Selecteer een zender uit de lijst. Na de selectie verschijnt Modus: Genre. USB uitwerpen: druk wanneer het USB-apparaat moet worden verwijderd. Als het USB-apparaat wordt verwijderd zonder USB uitwerpen te selecteren, kunnen de bestanden beschadigd raken. Afspelen vanaf een ipod Deze functie ondersteunt de volgende ipod-modellen: ipod nano (1e/2e/3e /4e generatie) ipod classic ipod met video ipod nano (1e, 2e, 3e, 4e, 5e en 6e generatie) iphone 4 iphone 3GS iphone 3G iphone Voor een juiste werking zorgt u ervoor dat de ipod beschikt over de nieuwste firmware van Apple. ipod-firmware kan worden bijgewerkt met de nieuwste versie van itunes. Voor meer informatie bezoekt u Opnemen vanaf de ipod op het HDD wordt niet ondersteund. Media moet worden opgenomen met een USBapparaat voor massaopslag. Als u een ipod wilt aansluiten en bedienen, sluit u een uiteinde van de standaard USB-kabel van de ipod aan op de dockconnector van de ipod. Sluit het andere uiteinde aan op de USB-poort in de middenconsole. Informatie over de muziek op de ipod verschijnt op het beeldscherm van de radio en de muziek wordt afgespeeld via het audiosysteem van het voertuig. De batterij van de ipod herlaadt automatisch wanneer het contact is ingeschakeld. Wanneer het contact wordt uitgeschakeld terwijl een ipod is aangesloten met de USB-kabel van de ipod, herlaadt de batterij van de ipod niet langer en schakelt de ipod automatisch uit. Als uw ipod niet wordt ondersteund, kunt u de muziek erop nog steeds beluisteren door de ipod aan te sluiten op de AUX-ingang met een standaard stereokabel van 3,5 mm. Randapparatuur 3 51.
50 50 Audiospelers Menu ipod Druk op een van de volgende knoppen op het Menu ipod om het desbetreffende scherm te tonen: Door elkaar: 1. Druk op deze toets om de titels in willekeurige volgorde en niet opeenvolgend af te spelen. 2. Druk opnieuw op de knop om deze functie te stoppen. Afspeellijsten: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen afspeellijsten op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een afspeellijst om een lijst met alle muzieknummers uit de afspeellijst te bekijken. 3. Kies de gewenste taal uit de lijst. Zodra een muzieknummer is geselecteerd, verschijnt Modus: Afspeellijst op het ipod-hoofdscherm. Artiesten: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen artiesten op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een artiest om een lijst met alle muzieknummers van de artiest te bekijken. 3. Kies de gewenste taal uit de lijst. Zodra een muzieknummer is geselecteerd, verschijnt Modus: artiest op het ipod-hoofdscherm. Albums: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen albums op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een album om een lijst met alle muzieknummers in het album te bekijken. 3. Kies de gewenste taal uit de lijst. Zodra een muzieknummer is geselecteerd, verschijnt Modus: Album op het ipod-hoofdscherm. Alle liedjes: 1. Druk op deze toets om een lijst met alle opgeslagen muzieknummers op de ipod te bekijken. 2. Kies de gewenste taal uit de lijst. Zodra een muzieknummer is geselecteerd, verschijnt Modus: Alle liedjes op het ipod-hoofdscherm.
51 Audiospelers 51 Genres: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen genres op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een genre om een lijst met alle muzieknummers van dat genre te bekijken. 3. Kies de gewenste taal uit de lijst. Zodra een muzieknummer is geselecteerd, verschijnt Modus: Genre op het ipod-hoofdscherm. Componisten: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen muziekauteurs op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een muziekauteur om een lijst met alle muzieknummers van die muziekauteur te bekijken. 3. Kies de gewenste taal uit de lijst. Zodra een muzieknummer is geselecteerd, verschijnt Modus: Componist op het ipod-hoofdscherm. Podcasts verschijnen bij de algemene muziek. Ze hebben geen eigen categorie. U kunt ze, net als andere muziekbestanden, zoeken op titel, artiest en album. ipod uitwerpen Druk op deze toets om de ipod te verwijderen. Als de ipod is losgekoppeld zonder deze knop te selecteren, kunnen de bestanden op de ipod beschadigd raken. Randapparatuur AUX-ingang Dit voertuig heeft een AUX-ingang in de vloerconsole. Mogelijke externe audiobronnen zijn: Laptop Mp3-speler Cassettespeler Deze aansluiting is geen audio-uitgang. Sluit geen hoofdtelefoon aan op de AUX-ingang. Sluit hulpapparaten aan terwijl het voertuig in de stand P (Parkeren) staat. Sluit een 3,5 mm-kabel aan van het hulpapparaat op de AUX-ingang. Wanneer een apparaat wordt aangesloten, begint het systeem automatisch audio vanaf het apparaat af te spelen via de luidsprekers van het voertuig. Als een hulpapparaat al is aangesloten maar een andere bron is momenteel actief, drukt u op de toets Now Playing op de Startpagina. Dan drukt u herhaaldelijk op Source om te navigeren door alle beschikbare audiobronnen totdat het bronscherm AUX is geselecteerd. Afspelen vanaf USB Een USB-apparaat voor massaopslag of Microsoft Transfer Protocol (MTP) kunnen worden aangesloten op de USB-poort. De USB-poort bevindt zich in de middenconsole. Het USB-pictogram verschijnt wanneer het USB-apparaat is aangesloten.
52 52 Audiospelers USB mp3-speler en USB-drives De aangesloten USB mp3-speler en USB-drives moeten aan de USB MSC-specificatie voldoen (USB Mass Storage Class). Alleen USB mp3-spelers en USBdrives met een sectoromvang van 512 bytes en een clusteromvang die kleiner is dan of gelijk is aan 32 kb in het FAT32-bestandssysteem worden ondersteund. Harde schijven worden niet ondersteund. De volgende beperkingen gelden voor de gegevens die opgeslagen zijn op een USB mp3-speler of een USB-apparaat: Maximale mapstructuurdiepte: 11 niveaus. Maximaal aantal mp3/wma-bestanden dat kan worden weergegeven: Wma-bestanden beveiligd met Digital Rights Management (DRM) van online muziekwinkels kunnen niet worden afgespeeld. Wma-bestanden kunnen alleen worden afgespeeld als ze werden gemaakt met Windows Media Player versie 8 of hoger. Gepaste extensies voor afspeellijsten:.m3u,.pls. De afspeellijstitems moeten als relatieve paden zijn opgemaakt. Het systeemkenmerk voor mappen/bestanden dat audiogegevens bevat, mag niet ingesteld zijn. Als u een USB-apparaat wilt afspelen, gaat op een van de volgende manieren te werk: Sluit het USB-apparaat aan en het afspelen start. Druk op de toets Now Playing op de Startpagina en druk dan herhaaldelijk op de knop SOURCE op de console om te navigeren door alle beschikbare audiobronnen totdat het USB-bronscherm is geselecteerd. Terwijl de USB-bron actief is, gebruikt u het volgende om de USB-functie te bedienen: r (Afspelen/Pauzeren): druk op deze knop om de huidige mediabron te starten, pauzeren of te hervatten. ] SEEK (Omlaag zoeken): 1. Druk op deze knop om het begin van de huidige of vorige titel te zoeken. Als de titel minder dan vijf seconden werd afgespeeld, wordt de vorige titel afgespeeld. Bij meer dan vijf seconden herstart de huidige titel. 2. Houd de knop ingedrukt om het afspelen snel terug te spoelen. 3. Laat los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. SEEK [ (Omhoog zoeken): 1. Druk op deze knop om de volgende titel te zoeken. 2. Houd ingedrukt om het afspelen snel door te spoelen. Laat los om de afspeelsnelheid te hervatten. De verstreken tijd verschijnt. Menu USB Druk op een van de volgende toetsen in het Menu USB:
53 Audiospelers 53 Door elkaar: druk hierop om de titels in willekeurige volgorde af te spelen. Druk opnieuw om willekeurige volgorde te stoppen. Afspeellijsten: druk op deze toets om de opgeslagen afspeellijsten op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer een afspeellijst om de lijst met alle muzieknummers in die afspeellijst te bekijken. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Selecteer een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Artiesten: druk op deze toets om de lijst met opgeslagen artiesten op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer de naam van een artiest om een lijst met alle albums van de artiest te bekijken. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Als u een muzieknummer wilt selecteren, tikt u op Alle liedjes en selecteert u een muzieknummer of tikt u op een album en selecteert u dan een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Albums: druk op deze toets om de albums op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer het album om een lijst met alle muzieknummers in het album te bekijken. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Selecteer een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Titels liedjes: druk hierop om een lijst met alle muzieknummer op het USBapparaat te bekijken. Muzieknummers worden weergegeven als opgeslagen op de schijf. Er is mogelijk een vertraging bij de weergave van de lijst. Als u het afspelen wilt beginnen, selecteert u een muzieknummer uit de lijst. Genres: druk op deze toets om de genres op het USB-apparaat te bekijken. Selecteer een genre om een lijst met alle muzieknummers van dat genre te bekijken. Selecteer een muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Mappen/Afspeellijsten: druk hierop om een lijst met mappen te openen om zo toegang tot bestanden in de mappenstructuur te hebben. Bestandssysteem en namen De muzieknummers, artiesten, albums en genres worden gehaald uit de ID3-tag van het bestand en worden alleen weergegeven indien ze voorkomen in de tag. Als de titel van een muzieknummer niet aanwezig is in de ID3-tag, toont de radio de bestandsnaam als de titel. Afspelen vanaf een ipod Deze functie ondersteunt de volgende ipod-modellen: ipod nano (1e, 2e, 3e en 4e generatie) ipod met video (generatie 5.0 en 5.5) Video wordt niet weergegeven; alleen audio wordt ondersteund. ipod classic (6e generatie) ipod touch (1e en 2e generatie)
54 54 Audiospelers In de volgende gevallen kunnen er storingen tijdens de bediening en werking optreden: U sluit een ipod aan waarop een nieuwere firmware-versie geïnstalleerd is dan de versie die het Infotainmentsysteem ondersteunt. U sluit een ipod met firmware van andere leveranciers aan. Als u een ipod wilt aansluiten en bedienen, sluit u een uiteinde van de standaard USB-kabel van de ipod aan op de dockconnector van de ipod. Sluit het andere uiteinde aan op de USB-poort in de middenconsole. Informatie over de muziek op de ipod verschijnt op het beeldscherm van de radio en de muziek wordt afgespeeld via het audiosysteem van het voertuig. De batterij van de ipod herlaadt automatisch wanneer het voertuig is ingeschakeld. Wanneer het voertuig wordt uitgeschakeld terwijl een ipod is aangesloten met de USB-kabel van de ipod, herlaadt de batterij van de ipod niet langer en schakelt de ipod automatisch uit. Als uw ipod niet wordt ondersteund, kunt u de muziek erop nog steeds beluisteren door de ipod aan te sluiten op de AUX-ingang met een standaard stereokabel van 3,5 mm. Menu ipod Door elkaar: druk hierop om de titels in willekeurige volgorde af te spelen. Druk opnieuw om willekeurige volgorde te stoppen. Druk op een van de volgende toetsen in het Menu ipod: Afspeellijsten: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen afspeellijsten op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een afspeellijst om een lijst met alle muzieknummers uit de afspeellijst te bekijken. 3. Selecteer het gewenste muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Artiesten: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen artiesten op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een artiest om een lijst met alle muzieknummers van de artiest te bekijken. 3. Selecteer het gewenste muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Albums: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen albums op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een album om een lijst met alle muzieknummers van het album te bekijken of selecteer Alle liedjes om alle muzieknummers van de artiest te bekijken. 3. Selecteer het gewenste muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen.
55 Audiospelers 55 Titels liedjes: 1. Druk op deze toets om een lijst met alle opgeslagen muzieknummers op de ipod te bekijken. 2. Selecteer het gewenste muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Genres: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen genres op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een genre om een lijst met artiesten van dat genre te bekijken. 3. Selecteer een artiest om albums te bekijken of Alle liedjes om alle muzieknummers van dat genre te bekijken. 4. Selecteer een album om muzieknummers te bekijken. 5. Selecteer het gewenste muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Podcasts: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen podcasts op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een podcast om de gewenste podcast af te spelen. Componisten: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen muziekauteurs op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een muziekauteur om een lijst met alle muzieknummers van die muziekauteur te bekijken. 3. Selecteer het gewenste muzieknummer uit de lijst om het afspelen te beginnen. Luisterboek: 1. Druk op deze toets om de opgeslagen audioboeken op de ipod te bekijken. 2. Selecteer de naam van een audioboek om een lijst met alle audioboeken te bekijken. 3. Selecteer het gewenste audioboek uit de lijst om het afspelen te beginnen. Afspelen vanaf een iphone Deze functie ondersteunt het volgende iphone-model: iphone (3G - 3GS) Als u de iphone wilt gebruiken, volgt u dezelfde instructies als eerder vermeld bij het gebruik van een ipod.
56 56 Navigatie Navigatie Gebruik Kaarten Symbolenoverzicht Bestemming Menu Configuratie Globaal Positioning System (gps) Voertuiglokalisatie Problemen met routebegeleiding Onderhoud aan het navigatiesysteem Navigatie-cd's/-dvd's aanschaffen Uitleg bij databasedekking Gebruik Gebruik de knoppen van het navigatiesysteem en de beschikbare toetsen op het navigatiescherm om het systeem te bedienen. Overzicht bedieningselementen 3 4. Diverse functies zijn uitgeschakeld wanneer het voertuig beweegt. Infotainmentbedieningsknoppen De knoppen op de console worden gebruikt om de voornaamste functies te starten terwijl u het infotainmentsysteem gebruikt. Overzicht bedieningselementen 3 4. TUNE/MENU: draai deze knop om een functie te markeren. Druk op de knop om de gemarkeerde functie te activeren. 9 BACK: druk op deze knop om terug te gaan naar het vorige scherm in een menu. De knop 9 BACK werkt niet in de voornaamste schermen, zoals de kaart-, audio, blad- of klimaatschermen. CONFIG (Configureren): druk op deze knop om functies voor de radio, de navigatie, het beeldscherm, de telefoon, het voertuig en de tijd aan te passen. Menu Configuratie TP (Verkeersinformatie): druk op deze knop om radiozenders met een verkeersinformatieservice te ontvangen. VOL/m (Volume/Aan/uit): druk op deze knop om het systeem in en uit te schakelen. Draai deze knop om het volume voor de audio, stembegeleiding en stemherkenning aan te passen. DEST (Bestemming): druk op deze knop om een route te plannen met behulp van het menu Bestemming invoeren. Als de routebegeleiding actief is, drukt u op de knop om het menu Route te openen. Bestemming NAV (Navigatie): druk op de knop om de huidige positie van het voertuig op het kaartscherm te bekijken. Blijf drukken om te schakelen tussen de volledige kaart- en gedeelde weergave. Kaartweergave toont het
57 Navigatie 57 scherm in volledige weergave terwijl Gedeeld scherm zowel de kaart als audio-informatie toont. RPT (Navigatie herhalen): druk op deze knop om de laatste prompt van de gesproken begeleiding te herhalen. Toetsen van touchscreen De toetsen van het touchscreen bevinden zich op het scherm en zijn geaccentueerd wanneer een functie beschikbaar is. Sommige toetsen zijn geaccentueerd wanneer ze actief zijn en worden grijs weergegeven wanneer ze inactief zijn. Alfanumeriek toetsenbord Letters van het alfabet, symbolen, interpunctie en cijfers worden, wanneer beschikbaar, weergegeven op het navigatiescherm als een alfa of numeriek toetsenbord. Het alfatoetsenbord verschijnt wanneer gegevens moeten worden ingevoerd. Alle tekens zijn toetsen op het touchscreen. Tik op een toets om er een te selecteren. À-Ý (Alfabet met accenten): voor de selectie van letters met accenten. A-Z (Alfabet): voor de selectie van letters uit het alfabet. Symbolen: voor de selectie van symbolen. T (Spatie): voor de invoer van een spatie tussen tekens of de woorden van een naam. k (Backspace): voor de verwijdering van een onjuist teken dat werd geselecteerd. Om de selectie van namen te vereenvoudigen, markeert het systeem alleen tekens die beschikbaar zijn na het eerder ingevoerde teken. Als geen naam verschijnt na de invoer, probeert u deze anders in te voeren. De kaartendatabase bevat mogelijk niet alle informatie. Navigatie-instellingen Het scherm van het Config.menu geeft u toegang tot de instellingen van het navigatiesysteem. Openen: 1. Druk op de knop CONFIG om het Config.menu weer te geven. 2. Draai de knop TUNE/MENU om te scrollen door de beschikbare configuratieopties. Druk op de knop TUNE/MENU of druk op de toets Nav om andere opties van deze functie weer te geven.
58 58 Navigatie 3. Selecteer de navigatie-instelling die u wilt wijzigen. Gesproken prompt Met dit menu kunt u de spraakfuncties wijzigen. Als het volume wordt veranderd naar het laagste niveau, neemt het standaard een minimumwaarde aan zodat de pieptoon van de stemherkenning nog steeds hoorbaar is. De beschikbare toetsen van het touchscreen zijn: Stemvolume: pas het stemvolume voor prompts van de begeleiding en stemherkenning aan door op de toetsen - of + te drukken of de knop VOL/ m van het infotainmentsysteem te draaien. Druk op de toets Volumetest om een voorbeeld van het geselecteerde geluidsniveau te horen. Spraakbegeleiding: druk op deze toets om de gesproken routebegeleiding in of uit te schakelen. Een vinkje geeft een ingeschakelde toestand aan. Feedback spraakherkenning: druk op deze toets om de feedback bij stemherkenning in of uit te schakelen. Een vinkje geeft een ingeschakelde toestand aan. Gesproken aanwijzing verkeer: druk op deze toets om gesproken TMCberichten in of uit te schakelen. Als de gesproken prompts zijn ingeschakeld en een Melding van naderende verkeersgebeurtenissen verschijnt, wordt de gerelateerde gesproken prompt voorzien. Een vinkje geeft een ingeschakelde toestand aan. Routevoorkeuren Druk op de toets Routevoorkeuren om de route-opties te wijzigen wanneer een route wordt berekend.
59 Navigatie 59 Snelweg verwijderen: snelwegen worden vermeden. Tolweg vermijden: tolwegen worden vermeden. Veerboot vermijden: veerboten worden vermeden. Mijden wegen met tijds/seizoensbeperking: tijds- en seizoensgebonden wegen worden vermeden. Tunnels vermijden: tunnels worden vermeden. Autotrein vermijden: autoslaaptreinen worden vermeden. TMC-opties TMC: druk op deze toets om de verkeersbegeleiding in of uit te schakelen. Pictogrammen voor verkeer weergeven: druk op deze toets om gewenste pictogrammen tijdens verkeersgebeurtenissen te tonen en in of uit te schakelen. Waarschuwing bij betere route: druk op deze toets om begeleiding die actief wijzigt of ontwikkelt in of uit te schakelen. Melding van naderende verkeersgebeurtenissen: druk op deze toets om waarschuwingen voor naderende verkeersgebeurtenissen in of uit te schakelen. Zender met verkeersinformatie: druk op deze toets om TMC-zenders te tonen die automatische of handmatige zoekopdrachten naar TMC-zenders toestaan. Druk op Auto om het automatisch zoeken in- of uit te schakelen. Druk op Handmatig voor het handmatig zoeken en selecteren van stations die verkeersinformatie uitzenden.
60 60 Navigatie Trajectpunten Druk op de toets Trajectpunten om de registratie en weergave van de afgelegde weg in en uit te schakelen of te verwijderen. Tracectpunten weergeven: wanneer deze optie actief is, wordt de afgelegde weg weergegeven. Trajectpunten opslaan: wanneer deze optie actief is, wordt de afgelegde weg geregistreerd. Trajectpunten verwijderen: de geregistreerde weg wordt verwijderd. Kaartinformatie Hiermee ziet u de versie van de kaartendatabase. Druk op de toets Dekking om het grootste gedekte stedelijke gebied te bekijken. Laag brandstofpeil Wanneer u deze optie selecteert, verschijnt een pop-upvenster met tankstations op de kaart of met een lijst met de vijf dichtste tankstations. Modus Off-road Wanneer u deze optie selecteert, is de terreinfunctie ingeschakeld. Wanneer de terreinmodus is ingeschakeld, toont het navigatiesysteem de afgelegde weg door het voertuig wanneer u zich niet op een aangeduide weg bevindt. 3D-punt weergeven Wanneer deze optie is geselecteerd, verschijnen 3D-oriëntatiepunten op de kaart. Kaarten Dit hoofdstuk bevat basisinformatie over de kaartendatabase. Dekking van kaarten De navigatiekaarten zijn op de harde schijf opgeslagen. Voor meer informatie over de mapdekking raadpleegt u Uitleg bij databasedekking Copyrightinformatie over kaartenschijf 2011 DENSO CORPORATION NAVTEQ Bundesamt für Eich-und Vermessungswesen bron: Géoroute IGN France & BD Carto IGN France Die Grundlagendaten wurden mit Genehmigung der zuständigen Behörden entnommen.
61 Navigatie 61 Gebaseerd op Crown Copyrightmateriaal La Banca Dati Italiana è stata prodotta usando quale riferimento anche cartografia numerica ed al tratto prodotta e fornita dalla Regione Toscana. Copyright 2000; Norwegian Mapping Authority bron: IgeoE - Portugal Información geográfica propiedad del CNIG Gebaseerd op elektronische gegevens National Land Survey Sweden Topografische Grundlage: Bundesamt für Landestopographie Alle rechten voorbehouden. Bijwerken van kaarten voorbereiden BELANGRIJK De dvd's voor het bijwerken van kaarten in dit pakket kunnen alleen worden gebruikt voor uw specifiek navigatiesysteem. Gebruik deze schijven niet om andere navigatiesystemen bij te werken. Afbeeldingen in het pakket kunnen enigszins verschillen van wat u ziet op het navigatiesysteem. Volg de stapsgewijze instructies in deze handleiding om uw kaartgegevens bij te werken. OPGELET Werp de dvd niet handmatig uit voordat de kaartupdate is voltooid. Als u de schijf uitwerpt voordat de update is voltooid, moet u mogelijk de update van de kaartgegevens vanaf de eerste stap herstarten. OPMERKINGEN U hebt een sleutel nodig om de kaartgegevens bij te werken. Raadpleeg de meegeleverde documentatie bij dit kaartenpakket. Tijdens de update kunt u geen functies zoals HDD-audio, USB/iPod -audio, Navigatie, Timeshift van AM/FM en stemherkenning gebruiken. Als de motor wordt uitgeschakeld tijdens het updateproces, hervat de update vanaf de laatste positie zodra het voertuig terug wordt ingeschakeld. Kaartgegevens bijwerken 1. Schakel de motor van het voertuig in. 2. Wacht totdat de beginanimatie is gedaan. 3. Plaats Schijf 1 in de schijfsleuf. Het bericht "Nieuwe kaartgegevens controleren... " verschijnt.
62 62 Navigatie 4. Na ongeveer 30 seconden tot 3 minuten wordt u gevraagd of u de kaartupdate wilt starten. Druk op de toets Ja. 6. Het scherm Starting Update verschijnt. 8. Nadat de update via Schijf 1 is voltooid, wordt de schijf automatisch uitgeworpen. Verwijder deze snel. 9. Plaats Schijf 2 in de schijfsleuf. 5. Voer de sleutel voor de kaartupdate in en druk op de toets Ok. 7. Het beeldscherm toont nu een scherm met de melding Kaart wordt bijgewerkt... De update duurt ongeveer 80 minuten. 10. Na ongeveer 30 seconden tot 3 minuten toont het beeldscherm Kaart wordt bijgewerkt...
63 Navigatie Nadat de update via Schijf 2 is voltooid, wordt de schijf automatisch uitgeworpen. Verwijder deze snel. 12. Het scherm Map update completed verschijnt. Druk op de toets Ok om het systeem opnieuw op te starten en de nieuwe kaartgegevens te activeren. 13. Bevestig dat de beginanimatie wordt weergegeven. Dvd met kaarten hanteren Hanteer de schijf heel voorzichtig om vervuiling of beschadiging te vermijden. Anders worden de signalen mogelijk niet correct gelezen. Gebruik een zachte doek als de schijf vuil raakt en veeg deze voorzichtig vanaf het midden van de schijf naar de buitenkant af. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen. Gebruik de schijf niet als steun terwijl u schrijft of tekent met een schrijfmiddel, noch bevestig etiketten aan de zijden van de schijf. Bewaar de schijf niet in rechtstreeks zonlicht, hoge temperaturen of vochtigheid. Plaats de schijf terug in het originele hoesje na gebruik. Aanpassingen aan kaarten U kunt de schaal van de kaarteergave aanpassen. Schaal van kaarten U kunt de schaal van de kaarten op twee manieren wijzigen: 1. Draai de knop TUNE/MENU rechtsom of linksom om uit en in te zoomen. 2. Druk op de schaalknop op de Kaart links onder in het kaartscherm om het zoomniveau te wijzigen. De schaalbalk op de kaart wordt inactief als het zoomniveau binnen enkele seconden niet wordt gewijzigd. De schaal heeft een bereik van 50 m tot 400 km. Als u het Engelse stelsel wilt veranderen naar het metrieke
64 64 Navigatie stelsel, raadpleegt u "Driver Information Centre (DIC)" in de inhoudsopgave van de handleiding van uw voertuig. Scrolfuncties Druk op NAV om het scrollen in de kaart te stoppen en terug te gaan naar de huidige locatie van het voertuig op de kaart. Tijdens het scrollen in de kaart kan dit symbool de afstand tot het dradenkruis tonen. Symbolenoverzicht Navigatiesymbolen Hierna vindt u veelvoorkomende symbolen die op een kaartscherm verschijnen. Als u wilt scrollen in de kaart, drukt u ergens op het kaartscherm en het scrolsymbool verschijnt. Tik op de kaart om die locatie op het scherm in het midden te plaatsen. Houd een vinger in een richting buiten het scrolsymbool en de kaart blijft scrollen in die richting totdat u uw vinger weghaalt. De scrolsnelheid neemt toe wanneer u dichter bij de rand het scherm drukt. Voorbeeld: dit toont dat de kaart 160 m is gescrold vanaf de huidige positie van het voertuig. Het voertuigsymbool geeft de huidige positie en de richting van het voertuig op de kaart aan. Het bestemmingssymbool duidt de eindbestemming na de planning van een route aan.
65 Navigatie 65 Het viapuntsymbool duidt een ingesteld viapunt aan en is genummerd volgens het aantal ingestelde punten. Een viapunt is een tussenstop die aan de geplande route is toegevoegd. Dit symbool geeft aan dat de kaartweergave is ingesteld op Noorden boven: bij Noorden boven bevindt het noorden zich altijd bovenaan het scherm, ongeacht de richting waarin het voertuig zich begeeft. Selecteer dit symbool om de weergave te veranderen naar Richting boven of 3D. Druk op dit schermsymbool om te veranderen naar de 3D-modus. Het 3D-symbool is gelijk aan het symbool voor Richting boven, maar de kaart wordt in 3D weergegeven. Het symbool Geen GPS verschijnt wanneer er geen GPS (Global Positioning System)-signaal wordt ontvangen. Als viapunten zijn toegevoegd aan de huidige route, toont elk viapunt de geschatte tijd en afstand tot de bestemming. Dit symbool geeft aan dat de kaartweergave is ingesteld op Richting boven. De weergave Richting boven toont de richting waarin het voertuig zich begeeft bovenaan het kaartscherm. De driehoek met schaduw geeft het noorden aan.
66 66 Navigatie Het bovenste symbool geeft aan dat de informatie rechts op de kaart kan worden weergegeven. Het onderste symbool geeft aan dat de informatie kan worden verborgen om de volledige kaart weer te geven. Dit symbool geeft aan dat een menu beschikbaar is dat links in het scherm kan worden weergegeven. Druk op dit symbool of op de knop TUNE/ MENU om het schermmenu te openen. Een route afleggen Wanneer u een route aflegt, verschijnt de volgende manoeuvre op de kaart. Deze manoeuvre kan een dringende of niet-dringende manoeuvre zijn. Dringende manoeuvre Een dringende manoeuvre verschijnt wanneer de volgende manoeuvre 0,8 km of minder is verwijderd op een normale weg of 1,5 km is verwijderd op een snelweg. Rijden op een snelweg Rijden op een normale weg Niet-dringende manoeuvre Er is sprake van een niet-dringende manoeuvre wanneer uw afstand tot de volgende manoeuvre groter is dan 0,8 km wanneer u rijdt op een normale weg of groter is dan 1,5 km wanneer u rijdt op een snelweg. Dit wordt aangegeven met een kleine pijl rechts boven in het scherm. Opties van kaartscherm Tijdens het afleggen van de route zijn diverse opties beschikbaar terwijl u de kaart bekijkt. Dit menu openen: Druk op de knop TUNE/MENU om het menu links weer te geven.
67 Navigatie 67 Raadpleeg "Kaartrichting" onder Bestemming 3 68 om te leren hoe u de kaartweergave verandert naar Noorden boven, Richting boven of 3Dweergave. Wanneer dit symbool is geselecteerd, verschijnen de resterende afstand en tijd vanaf de huidige positie van het voertuig tot het eerste viapunt. vanaf de huidige positie van het voertuig tot een van de ingestelde viapunten of de eindbestemming weer te geven. Opslaan: druk op de toets om een specifieke locatie in het adresboek op te slaan. Weergeven POI: druk op de toets om POI-informatie in de buurt van en op de route te bekijken. Bewerk: druk op de toets om een lijst met POI-pictogrammen weer te geven. 1. Selecteer het POI-pictogram dat u wilt bewerken. Het POI-pictogram wordt vervangen door een ander pictogram geselecteerd uit het volgende menu. Er zijn verschillende voorkeuzeopties onder in het scherm. Dit menu verschijnt als het symbool en de viapunten zijn ingevoerd. Selecteer de hoofdweergave van de kaart om de resterende afstand en tijd
68 68 Navigatie 2. Selecteer het nieuwe POI-pictogram. 3. Het nieuwe pictogram bevindt zich in het menu Pictogrammen POI's weergeven. Lijst: toont alle beschikbare POI's. Wissen: wist alle geselecteerde POI's. Dichtbij: toont tot wel 200 van de geselecteerde POI's binnen een straal van 32 km van de huidige positie van het voertuig. De POI's kunnen op afstand, pictogram of type worden gesorteerd. Verbergen: druk op de toets om de POI's te verbergen op de kaart. Voor de weergave ervan gaat u naar het menu Kaart en drukt u achtereenvolgens op het menu Pictogrammen POI's weergeven en de optie Weergeven. Raadpleeg "Opties van kaartscherm" eerder in dit hoofdstuk voor meer informatie over de weergave van POI's. Druk op deze knop om de volledige weergave van de kaart te veranderen naar een gedeelde weergave met de kaart en informatie over de afslag. Verkeer: druk op de toets om verkeersinformatie en -gebeurtenissen in de buurt van de geplande route te voorzien. Volledige route: druk op de toets om opties voor de volledige route te kiezen. Annuleer tracé: druk op de toets om de begeleiding voor de huidige route te annuleren. Bestemming Wanneer de bestemming niet is ingesteld, drukt u op de knop DEST om het scherm Bestemming invoeren te openen. Diverse opties kunnen worden geselecteerd om een route te plannen door bestemmingen in te voeren. Adresinvoer Stel een route in door de naam van het land, de stad, de straat en het huisnummer in te voeren. Country: voer de naam van een land in. Plaats: voer de naam van een stad in. Straatnaam:: voer de naam van een straat in. Huisnummer: voer een geldig adresnummer in. Dwarsstraat: voer de naam van een straat in die kruist met de geselecteerde straat.
69 Navigatie 69 Een vinkje verschijnt rechts wanneer het veld is geselecteerd en de bestemming kan worden ingevoerd. Nadat de invoer is voltooid, gaat het vinkje naar het volgende item. De stadsnaam eerst invoeren: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Voer, indien nodig, de naam van het land in. Het laatste land worden automatisch opnieuw opgeroepen. 3. Voer de naam de stad in. Het veld Stad wordt automatisch geselecteerd. 4. Straatnaam invoeren: Dit veld wordt automatisch geselecteerd. Voer geen richtingsinformatie of straattype in. Gebruik de toets Spatie T tussen straat- en stadsnamen. Gebruik de toets Backspace _ om een onjuist ingevoerd teken te verwijderen. Een lijst verschijnt indien vier of minder namen beschikbaar zijn. Bij meer dan vier resultaten wordt het aantal overeenkomsten met de beschikbare straten weergegeven. Druk op de toets Lijst op het scherm om de lijst te bekijken en de straat te selecteren. 5. Huisnummer invoeren: Dit veld wordt automatisch geselecteerd. 6. Druk op de toets Ok. Het scherm met adresinformatie toont het ingevoerde adres. 7. Druk op Start op het bevestigingsscherm als de informatie juist is. De route wordt berekend. 8. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. De gekozen routevoorkeur wordt gemarkeerd. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de toets Start en de route wordt berekend. De straatnaam eerst invoeren: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Voer, indien nodig, de naam van het land in. De naam van het land wordt automatisch opnieuw opgeroepen. 3. Selecteer het veld van de straatnaam. Straatnaam invoeren. Voer geen richtingsinformatie of straattype in. Gebruik de toets Spatie tussen straat- en stadsnamen. Gebruik de toets Backspace k om een onjuist teken te verwijderen. Een lijst verschijnt indien vier of minder namen beschikbaar zijn. Bij meer dan vier resultaten wordt het aantal overeenkomsten met de beschikbare straten weergegeven. Druk op de toets Lijst op het scherm om de lijst te bekijken en de straat te selecteren.
70 70 Navigatie 4. Selecteer de stad uit de lijst of voer de stadsnaam in. 5. Huisnummer invoeren: Dit veld wordt automatisch geselecteerd. 6. Druk op de toets Ok. 7. Druk op Start op het bevestigingsscherm als de informatie juist is. De route wordt berekend. 8. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. De gekozen routevoorkeur wordt gemarkeerd. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de toets Start en de route wordt berekend. POI Via de POI-bestemming kunt u een bestemming kiezen door de naam van een POI of een stad op te geven of door uit de POI-lijst te selecteren. Invoer van POI-naam/telefoonnummer: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Selecteer POI. 3. Voer de naam in of kies het telefoonnummer. Een lijst verschijnt indien vier of minder namen beschikbaar zijn. Bij meer dan vier resultaten wordt het aantal overeenkomsten met de beschikbare POI-namen weergegeven. Druk op de toets Lijst om de lijst te bekijken. 4. Selecteer de POI-naam uit de lijst. 5. Druk op Start op het bevestigingsscherm als de informatie juist is. 6. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. 7. Druk op de toets Start en start de route. POI invoeren via stadsnaam: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Selecteer POI. 3. Druk op de toets Bladeren. 4. Druk op de toets Plaats wijzigen. 5. Voer de nieuwe staat en stad in. 6. Selecteer achtereenvolgens een categorie en een subcategorie. De beschikbare POI-namen verschijnen. 7. Selecteer de POI-naam. 8. Als het POI juist is, drukt u op de toets Start. De route wordt berekend. 9. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. 10. Druk op de toets Start en start de route.
71 Navigatie 71 Kiezen uit een POI-categorie 1. Druk op de DEST-toets. 2. Selecteer POI. 3. Druk op de toets Bladeren. 4. Selecteer achtereenvolgens een categorie en een subcategorie. De beschikbare POI-namen verschijnen. 5. Selecteer de POI-naam. 6. Als het POI juist is, drukt u op de toets Start. De route wordt berekend. 7. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. 8. Druk op de toets Start en start de route. Vorige bestemmingen Selecteer een bestemming uit een lijst met vorige bestemmingen. Tot wel 15 eerder ingevoerde punten kunnen opnieuw worden opgeroepen. Als de lijst vol is, worden de oudste bestemmingen automatisch verwijderd zodra de nieuwste bestemmingen zijn toegevoegd. 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op Vorige bestemmingen. Een lijst toont de vorige bestemmingen. 3. Selecteer de gewenste bestemming. 4. Druk op Start op het bevestigingsscherm als de informatie juist is. De route wordt berekend. 5. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de toets Start en start de route. Adresboek Kies een bestemming door een adres te selecteren dat is opgeslagen in het adresboek. 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op Adresboek. Een lijst toont de gegevens uit het adresboek. 3. Selecteer de bestemming uit de lijst. 4. Druk op Start op het bevestigingsscherm als de informatie juist is. De route wordt berekend.
72 72 Navigatie 5. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de toets Start en start de route. Selecteren op kaart Selecteer een bestemming door in de kaart te scrollen. 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Selecteren op kaart. Een scherm met een kaart en een scrolsymbool verschijnt. 3. Druk op pijlen In-/uitzoomen op het scherm en druk op de kaart om de te selecteren bestemming te lokaliseren. Houd een vinger op de kaart om snel scrollen te activeren. 4. Druk op Start op het bevestigingsscherm als de informatie juist is. De route wordt berekend. 5. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de toets Start en start de route. Breedte-/ lengtegraadcoördinaten Kies een bestemming op basis van lengte- en breedtecoördinaten. Voer de locatie in als coördinaten voor de geografische lengte en breedte. 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Breedte-/ lengtegraad. 3. Voer de coördinaten voor de bestemming in graden, minuten en seconden in. 4. Druk op Start op het bevestigingsscherm als de informatie juist is. De route wordt berekend. 5. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de toets Start en start de route. Voorkeuzebestemming Stel een bestemming in door één van de zes eerder opgeslagen bestemmingen te selecteren. Als een bestemming niet is ingesteld voor één van de toetsen, doven de toetsen en zijn ze niet beschikbaar. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de DEST-toets.
73 Navigatie Selecteer één van de beschikbare toetsen voor Preset Destination. De toetsen werden opgeslagen onder de gekozen naam. De route wordt berekend. 3. Selecteer de route bij voorkeur: Snelste, Kortste of Eenvoudig. Zie "Adres en POI invoeren en voorkeuzebestemmingen opslaan" onder Gebruik Druk op de toets Start en start de route. Aan de slag met de route Diverse functies kunnen worden uitgevoerd nadat een bestemming is ingevoerd. Druk op de toets DEST om het scherm Menuopties te openen. Annuleer tracé Druk in het scherm Menuopties op Annuleer tracé om de huidige route te annuleren. Druk op Ja op het bevestigingsscherm om de route te annuleren of op Nee om de begeleiding verder te zetten. Gesproken prompt Selecteer Stemvolume om het volume van gesproken prompts en stemherkenning te wijzigen. Selecteer de toetsen Spraakbegeleiding, Feedback spraakherkenning of Gesproken aanwijzing verkeer om gesproken prompts in of uit te schakelen voor elke categorie. Zie "Navigatie-instellingen" onder Gebruik Omleiding Terwijl u rijdt op gewone wegen, selecteert u een omleiding voor de huidige route door eerst het scherm Route te selecteren en dan een omleiding van 1, 8 of 16 km te kiezen. Terwijl u rijdt op de snelweg, kiest u een omleiding van 8, 24 of 40 km. Selecteer Volledige route voor een omleiding van de volledige route. Dit is alleen beschikbaar terwijl u een route aflegt. Lijst met afslagen Als u de lijst met manoeuvres van de volledige route wilt bekijken, selecteert u Lijst met afslagen in het scherm Menuopties. Viapunten
74 74 Navigatie Tot wel drie viapunten kunnen tussen het startpunt en de eindbestemming worden toegevoegd aan de huidige route. De viapunten kunnen worden bewerkt of verwijderd. Een viapunt toevoegen: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Routepunt toevoegen. Deze knop is alleen beschikbaar als de route is berekend. 3. Voer het viapunt in met een van de methoden om een bestemming toe te voegen. Bestemming Het systeem berekent en accentueert de route, waarna de route kan worden gestart. 4. Als u meer viapunten wilt toevoegen, drukt u op de knop DEST. Druk op de toets Routepunt toevoegen om het viapunt in de gewenste volgorde toe te voegen aan de route. Het systeem berekent en accentueert de route, waarna de route kan worden gestart. Een viapunt verwijderen: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Routepunt verwijderen. 3. Selecteer het viapunt dat u wilt verwijderen door het scherm aan te raken. 4. Een bevestigingsbericht verschijnt. Druk op de toets Ja om het viapunt te verwijderen; druk op Nee als u deze handeling wilt annuleren. Het systeem berekent en accentueert de route, waarna de route kan worden gestart. Routevoorvertoning Bekijk een voorvertoning van de gehele route in beide richtingen. U V (Achteruit of vooruit springen): Druk op de pijl om achteruit te gaan als u naar het startpunt wilt gaan. Druk op de pijl om vooruit te gaan als u naar de eindbestemming wilt gaan. S (Achteruit of vooruit scrollen): Druk op de pijl om snel achteruit te scrollen als u naar het startpunt wilt gaan. Druk op de pijl om snel vooruit te scrollen als u naar de eindbestemming wilt gaan. Deze knoppen verschijnen zodra u de toetsen voor het achteruit/vooruit scrollen hebt geselecteerd. <> (Achteruit of vooruit scrollen): Druk op de pijl om achteruit te scrollen als u naar het startpunt wilt gaan. Druk op de pijl om vooruit te scrollen als u naar de eindbestemming wilt gaan. / (Pauzeren): pauzeert de voorvertoning van de route tijdens het snel of normaal achteruit of vooruit scrollen.
75 Navigatie 75 Routebegeleiding onderbreken / Routebegeleiding hervatten Druk op de toets Routebegeleiding onderbreken/routebegeleiding hervatten om de begeleiding van de huidige route te onderbreken of te hervatten. Vorige bestemmingen - verwijderen Alle vorige bestemmingen verwijderen uit het systeem: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Vorige bestemmingen. 3. Druk op de toets Alles wissen. 4. Druk op Ok voor de handeling Alle vorige bestemmingen wissen? of druk op de toets Annuleren om deze handeling te annuleren. Adresboek Opties voor opslaan in het Adresboek: Scrolling on Map of Selecteren op kaart in het Dest Menu: Scrol naar de locatie. Druk op de knop TUNE/ MENU op de console. Een menu verschijnt links in het scherm. Druk op de toets Opslaan en de locatie wordt opgeslagen. Adres invoeren: voer een bestemming in via het menu Adres invoeren. Druk op de toets Start. De toets Opslaan verschijnt onder in het scherm. Druk op de toets Opslaan om deze locatie op te slaan in het adresboek. POI Menu: selecteer een POI. Druk op Opslaan onder in het informatiescherm. Vorige bestemmingen: selecteer in het menu Vorige bestemmingen de bestemming die u wilt opslaan. Druk op Opslaan onder in het informatiescherm. Het kaartpictogram van een adresboekgegeven wijzigen: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Adresboek. Een lijst toont de gegevens uit het adresboek. 3. Selecteer het gegeven uit het adresboek dat u wilt wijzigen. 4. Druk op Bewerk onder in het scherm. 5. Pictogram wijzigen indrukken. 6. Selecteer een pictogram uit de lijst. 7. Druk op de toets Ok om de wijzigingen op te slaan. De naam van een adresboek bewerken: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Adresboek. Een lijst toont de gegevens uit het adresboek. 3. Selecteer het gegeven uit het adresboek dat u wilt wijzigen. 4. Druk op Bewerk onder in het scherm.
76 76 Navigatie 5. Druk op de optie Naam wijzigen. 6. Gebruik het alfatoetsenbord om de naam in te voeren. 7. Druk op de toets Ok om de wijzigingen op te slaan. Het telefoonnummer van een adresboekgegeven wijzigen of er een toevoegen: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Adresboek. Een lijst met adresboekgegevens verschijnt. 3. Selecteer het gegeven uit het adresboek dat u wilt wijzigen. 4. Druk op Bewerk onder in het scherm. 5. Druk op de optie Telefoonnummer wijzigen. 6. Gebruik het numerieke toetsenbord om het telefoonnummer in te voeren of te wijzigen. 7. Druk op de toets Ok om de wijzigingen op te slaan. Een spraaklabel toevoegen aan een adresboekgegeven: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Adresboek. Een lijst toont de gegevens uit het adresboek. 3. Selecteer het gegeven uit het adresboek dat u wilt wijzigen. 4. Druk op Bewerk onder in het scherm. 5. Druk op de toets Spraaklabel toevoegen. 6. Spreek de naam in na de pieptoon en binnen vier seconden. De naam wordt herhaald. Een adresboekgegeven verwijderen: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Adresboek. Een lijst toont de gegevens uit het adresboek. 3. Selecteer het gegeven uit het adresboek dat u wilt verwijderen. 4. Druk op de toets Invoer verwijderen. Een bevestigingsbericht verschijnt. Een voorkeuzebestemming toevoegen vanaf het adresboek: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Adresboek. 3. Selecteer het gegeven uit het adresboek dat u wilt toevoegen als een voorkeuze. Het scherm Adresgegevens verschijnt. 4. Druk op Bewerk onder in het scherm. 5. Houd één van de zes toetsen onder in het scherm ingedrukt totdat de tekst in de knop wijzigt. 6. De naam verschijnt in die toets met de voorkeuzebestemming en kan worden geselecteerd via de toets Bestemming invoeren. Favoriete route 1. Na de planning van de route drukt u op de knop NAV totdat de volledige kaart wordt weergegeven. 2. Druk de toets TUNE/MENU in. Een menu verschijnt.
77 Navigatie Scroll omlaag en selecteer Volledige route. De volledige kaart met de route wordt weergegeven. 4. Druk op de toets Add Route. De route wordt als een favoriet opgeslagen. De routenaam wijzigen, een spraaklabel toevoegen of een favoriete route verwijderen: 1. Druk op de DEST-toets. 2. Druk op de toets Favoriete route. 3. Selecteer de route. 4. Druk op Bewerk onder in het scherm. 5. Kies uit: Routenaam wijzigen, Spraaklabel toevoegen of Favoriete route verwijderen. De routenaam wijzigen: 1. Selecteer Routenaam wijzigen. 2. Voer de naam in met het toetsenblok. 3. Selecteer de Favoriete route die u wilt bewerken. 4. Druk op de toets Ok. De nieuwe naam verschijnt in het menu Favoriete route. Een spraaklabel toevoegen: 1. Druk op de toets Spraaklabel toevoegen. 2. Spreek de naam binnen vier seconden na de pieptoon in. De naam wordt herhaald. Een favoriete route verwijderen: 1. Druk op Favoriete route verwijderen. Het bevestigingsscherm verschijnt. 2. Druk op de toets Ja om de route te verwijderen en op Nee om de verwijdering van de route te annuleren. Menu-toets Diverse instellingen van het navigatiesysteem zijn beschikbaar via de toets Menu. Sommige opties zijn alleen beschikbaar nadat een route is gepland. 1. Druk op de knop NAV om het scherm Kaart te bekijken. 2. Druk op de toets Menu of op de knop TUNE/MENU op de console. Kaartoriëntatie
78 78 Navigatie Druk op de toets om de weergave te veranderen naar Noorden boven, Richting boven of 3D-modus. Symbolenoverzicht TMC: druk hierop om het scherm TMC te bekijken. Menu Configuratie Opslaan: druk op de toets om een locatie in het adresboek op te slaan. Weergeven POI: druk op de toets om POI-pictogrammen op de kaart weer te geven. Kies uit een lijst met zes voorgeprogrammeerde POI-subcategorieën. Scrol door een lijst met categorieën of kies opties in de buurt en op de route. Druk op deze toets om het begeleidingsvenster te minimaliseren en het kaartvenster te maximaliseren. Volledige route: druk op de toets om de volledige route vanaf het startpunt tot de bestemming op de kaart te bekijken. Annuleer tracé: druk op deze toets om de huidige route te stoppen. Menu Configuratie Pas functies en voorkeuren aan via het Config.menu. Het laatst geselecteerde menuscherm verschijnt. Pas functies aan voor Geluidsinstellingen, Radio, Nav (navigatie), Scherm of Tijdinstelling. Radio Druk op de knop CONFIG om de Menu-opties te openen. Draai de knop TUNE/MENU om te scrollen door de beschikbare menuopties. Druk op de knop TUNE/MENU of druk op Radio om de radio-instellingen te tonen. Gebruik deze functie om wijzigingen toe te brengen, zoals voorkeuzepagina's, Snelheidsafhankelijk volume en Opties audiosignaal. Nav (navigatie) Druk op de knop CONFIG om de Menu-opties te openen. Draai de knop TUNE/MENU om te scrollen door de beschikbare menuopties. Druk achtereenvolgens op de knop TUNE/MENU en de toets Nav.
79 Navigatie 79 Scherm Druk op de knop CONFIG om de menuopties te openen. Draai de knop TUNE/MENU om te scrollen door de beschikbare configuratieopties. Druk op de knop TUNE/ MENU of druk op de toets Scherm om de andere opties van deze functie weer te geven. Beeldschermopties Als u de algemene helderheid van het beeldscherm wilt wijzigen, gebruikt u de beeldschermoptie voor de interieurverlichting van het voertuig. Deze opties zijn: Automatische modus: de achtergrond van het scherm wordt automatisch aangepast volgens de toestand van de rijverlichting. Dagmodus: de helderheid van de kaartachtergrond neemt toe. Nachtmodus: de helderheid van de kaartachtergrond neemt af. Scherm uit Druk deze toets om de beeldschermoptie in- of uit te schakelen. Een vinkje geeft aan indien de optie is ingeschakeld. Klok instellen De tijd instellen: 1. Druk op de knop CONFIG en selecteer Tijdinstelling in de lijst. 2. Druk op + en - om de weergegeven uren en minuten op de klok te wijzigen. 12 uur / 24 uur notatie: Selecteer de toets 12 uur voor de standaardtijd en 24 uur voor de militaire tijd. Dag + of Dag -: Druk op de toetsen Dag + of Dag - om de dag te wijzigen. Scherm: druk op de toets Scherm om de weergave van de klok op het scherm in of uit te schakelen.
80 80 Navigatie Globaal Positioning System (gps) De positie van het voertuig wordt bepaald door het gebruik van satellietsignalen, diverse voertuigsignalen en kaartgegevens. Andere storingen zoals de satelliettoestand, de wegconfiguratie, de toestand van het voertuig en/of andere omstandigheden kunnen hinderen bij de bepaling van een nauwkeurige positie van het voertuig door het navigatiesysteem. De GPS toont de huidige positie van het voertuig met behulp van signalen verzonden door de GPS-satellieten. Wanneer het voertuig geen signalen van de satellieten ontvangt, verschijnt een symbool op het scherm van de kaart. Symbolenoverzicht Dit systeem is mogelijk niet beschikbaar of storingen kunnen optreden in de volgende gevallen: Signalen worden gehinderd door hoge gebouwen of bomen, grote trucks of een tunnel. Satellieten worden gerepareerd of verbeterd. Als de GPS niet naar behoren werkt, raadpleegt u Problemen met routebegeleiding 3 81 en Onderhoud aan het navigatiesysteem 3 81 voor meer informatie. Voertuiglokalisatie Soms kan de positie van het voertuig onnauwkeurig zijn vanwege één van de volgende redenen: Het wegennet is gewijzigd. Het voertuig rijdt op gladde wegoppervlakken zoals in zand, gravel en/of sneeuw. Het voertuig rijdt op kronkelige of lange rechte wegen. Het voertuig nadert een hoog gebouw of voertuig. De straten lopen parallel naast een snelweg. Het voertuig wordt vervoerd door een transporteur of een veerboot. De kalibratie van de huidige positie is onjuist. Het voertuig rijdt aan hoge snelheid. Het voertuig wijzigt meer dan eens van richting of draait rond in een parking. Het voertuig gaat een al dan niet overdekte parking binnen of buiten. Het GPS-signaal wordt niet ontvangen. Een dakdrager is geïnstalleerd op het voertuig, Sneeuwkettingen zijn geïnstalleerd. De banden zijn vervangen of versleten. De bandenspanning is verkeerd. Dit is de eerste navigatie na het bijwerken van de kaartgegevens.
81 Navigatie 81 De accu van 12 volt is verscheidene dagen losgekoppeld. Het voertuig rijdt in druk verkeer aan lage snelheid waarbij het voertuig periodiek stopt en start. Problemen met routebegeleiding Onjuiste routebegeleiding is mogelijk bij één of meerdere van de volgende toestanden: U vergat te draaien op de aangegeven weg. Routebegeleiding is mogelijk niet beschikbaar bij automatische herberekening van de route voor de volgende afslag rechts of links. De route wijzigt mogelijk niet wanneer automatische herberekening van de route wordt gebruikt. Er is geen routebegeleiding bij het draaien op een kruispunt. Meervouden van plaatsen kunnen periodiek worden vernoemd. De bediening van de automatische herberekening van de route kan lang duren tijdens het rijden aan hoge snelheid. Automatische herberekening van de route toont mogelijk een route die teruggaat naar het ingestelde wegpunt indien u rijdt naar een bestemming zonder het ingestelde wegpunt voorbij te gaan. De route verbiedt de toegang van een voertuig wegens een tijds- of seizoensgebonden voorschrift of een ander voorschrift. Sommige routes worden niet gezocht. De route naar de bestemming wordt mogelijk niet weergegeven als er nieuwe of recent gewijzigde wegen zijn of als bepaalde wegen niet voorkomen in de kaartgegevens. Kaarten Als u de positie van het voertuig op de kaart opnieuw wilt kalibreren, parkeert u het voertuig met de motor ingeschakeld gedurende twee tot vijf minuten totdat de positie van het voertuig wordt bijgewerkt. Onderhoud aan het navigatiesysteem Als het navigatiesysteem service nodig heeft en de hier vermelde stappen zijn gevolgd maar u ervaart nog steeds problemen, raadpleegt u uw dealer voor assistentie. Navigatie-cd's/-dvd's aanschaffen De kaartgegevens in het voertuig zijn de recentste beschikbare gegevens wanneer het voertuig werd gemaakt. De kaartgegevens worden periodiek bijgewerkt, op voorwaarde dat de kaartinformatie is gewijzigd. Als u vragen hebt over de werking van het navigatiesysteem of het updateproces, neemt u contact op met uw dealer. Na de ontvangst van de bijgewerkte schijf raadpleegt u "Dvd met kaarten installeren" onder Kaarten 3 60.
82 82 Navigatie Uitleg bij databasedekking De beschikbare details van de kaarten variëren per gedekt gebied. Sommige gebieden zijn meer gedetailleerd dan andere. Als dit het geval is, duidt dit niet op een probleem met het systeem. Naarmate de kaartgegevens worden bijgewerkt, worden meer details mogelijk beschikbaar voor gebieden die vroeger niet zo gedetailleerd waren. Navigatie-cd's/- dvd's aanschaffen 3 81.
83 Stemherkenning 83 Stemherkenning Stemherkenning Stemherkenning Met de stemherkenning van het navigatiesysteem kunt u de functies van het navigatie- en audiosysteem handsfree bedienen. Stemherkenning werkt alleen als de kaartendatabase is geïnstalleerd in het systeem. Als de radio is uitgeschakeld, zijn de enige commando's Hands Free en help. Gesproken commando's voor navigatie zijn niet beschikbaar totdat de knop I Agree is geselecteerd. Stemherkenning kan worden gebruikt wanneer het contact is ingeschakeld of wanneer vertraagde uitschakeling stroom actief is. Raadpleeg voor meer informatie "Vertraagde uitschakeling stroom" in de inhoudsopgave van de handleiding van het voertuig. Stemherkenning gebruiken 1. Druk de knop 3 op het stuur even in. Het audiosysteem wordt gedempt en u hoort een pieptoon. U hoort mogelijk de gesproken prompt "Begin na de piep te spreken.". Als u geen pieptoon hoort, verzekert u zich ervan dat de het stemvolume niet zacht is gezet. Menu Configuratie Wanneer stemherkenning actief is, toont het systeem het symbool w. 2. Spreek één van de commando's, die later in dit hoofdstuk worden vermeld, duidelijk uit. Stemherkenning annuleren 1. Druk de bedieningsknop 4 op het stuur even in om een commando te annuleren of als de reactie van het systeem niet overeenstemt met het gesproken commando. 2. Het systeem antwoordt "Spraakherkenning geannuleerd." Als u op een andere bedieningsknop dan de volumeknop van de
84 84 Stemherkenning radio of op het stuur drukt, annuleert u de sessie. 3. Druk 3 even in om de sessie voor stemherkenning te herstarten. Nuttige hints voor gesproken commando's Wanneer meerdere commando's beschikbaar zijn, kiest u het commando dat u het gemakkelijkst vindt. Woorden tussen rechte haakjes zijn optioneel. Voorbeeld: voor het commando "Weergeven [geef help weer]" kunt u zowel "Weergeven geef help weer" als "Display" zeggen. Woorden gescheiden door een ( ) duiden op een keuze bij het gebruik van een woord vóór of na de verticale balk. Voorbeeld: voor het commando (CD C D DVD D V D disk) help kunt u zeggen "CD (help)", "DVD (help)" of "Disk help." Wanneer het systeem het commando herkent, voert het systeem de functie uit of vraagt het de keuze te bevestigen door duidelijk "Ja" of "Nee" te zeggen. Wanneer het systeem het commando niet herkent, verstuurt het systeem een foutmelding zoals "Sorry" of "commando niet herkend". Het systeem kan ook "Spraakherkenning geannuleerd." zeggen. Als het systeem problemen heeft met het herkennen van een commando, bevestig dan dat het commando juist is. Probeer het commando duidelijk te zeggen of wacht even na de pieptoon. Achtergrondlawaai zoals een klimaatregelingventilator die op hoog staat, open ruiten en zeer hard lawaai buiten, zelfs als de ruiten gesloten zijn, kan ertoe leiden dat spraakcommando's verkeerd begrepen worden. Het systeem kan ook commando's in verschillende talen herkennen. Het systeem herkent alleen commando's op basis van de geselecteerde taal. Als u het stemvolume tijdens een sessie voor stemherkenning wilt verhogen of verlagen, draait u de volumeknop van de radio of drukt u op de volumeknoppen op het stuur. Als het volume wordt aangepast tijdens een sessie voor stemherkenning, verschijnt een balk voor het stemvolume op het scherm dat het niveau van het stemvolume toont naarmate het wordt aangepast. Dit wijzigt ook het volume van de gesproken begeleiding. Hulp voor stemherkenning Als u de hulpsessie wilt starten, spreekt u één van de hulpcommando's duidelijk uit. help: het systeem speelt meer specifieke helpcommando's af (zoals Radio help, Weergeven geef help weer, Navigatie help ) waaruit de gebruiker kan kiezen.
85 Stemherkenning 85 radio [help]: het systeem speelt nuttig advies over radiocommando's af alsook enkele veelgebruikte beschikbare radiocommando's. Gebruik dit commando om meer te vernemen over hoe u een band (AM of FM) selecteert en hoe u van radiostation wijzigt (door frequentienummers te zeggen). (CD C D DVD D V D disk) help: het systeem speelt nuttig advies over schijfcommando's af alsook enkele veelgebruikte beschikbare schijfcommando's. Gebruik dit commando om meer te vernemen over hoe u een schijfmodus selecteert en hoe u van titel wijzigt. Weergeven [geef help weer]: het systeem speelt nuttig advies over beeldschermcommando's af alsook enkele veelgebruikte beeldschermcommando's om de beeldscherminstellingen aan te passen. Navigatie [help]: het systeem speelt nuttig advies over navigatiecommando's af alsook enkele veelgebruikte beschikbare navigatiecommando's. Commando's voor stemherkenning De volgende lijst toont de beschikbare gesproken commando's voor het navigatiesysteem en een bijhorende korte beschrijving. De commando's worden vermeld met de optionele woorden tussen vierkante haakjes. Raadpleeg de eerder vermelde instructies voor het gebruik van de gesproken opdrachten. Commando's voor beeldscherm weergeven (geef dagstand weer stel dagstand in selecteer dagstand geef dag weer stel dag in selecteer dag): dit commando geeft het systeem de opdracht om over te schakelen naar de dagmodus van het beeldscherm. weergeven (geef nachtstand weer stel nachtstand in selecteer nachtstand geef nacht weer stel nacht in selecteer nacht): dit commando geeft het systeem de opdracht om over te schakelen naar de nachtmodus van het beeldscherm. weergeven (geef automatische stand weer stel automatische stand in selecteer automatische stand geef automatisch weer stel automatisch in selecteer automatisch): dit commando geeft het systeem de opdracht om over te schakelen naar de automatische modus van het beeldscherm. Weergeven [geef help weer]: dit commando geeft het systeem de opdracht om nuttig advies over beeldschermcommando's af te spelen alsook enkele veelgebruikte beeldschermcommando's om de beeldscherminstellingen aan te passen. Commando's voor radio Radio [Radioband] (AM A M), Radio FM, Radio [Radioband] (FM F M): deze commando's geven het systeem de opdracht om de AM- of FMradiobanden te selecteren. Radio selecteer <frequency> (AM A M), Radio selecteer <frequency> (FM F M): Deze commando's geven het systeem de opdracht om naar een specifieke frequentie op de AM- of
86 86 Stemherkenning FM-band te gaan. Voorbeeld: radio selecteer zevenennegentig punt een FM of radio selecteer tien veertig AM. radio [help]: dit commando geeft het systeem de opdracht om nuttig advies over radiocommando's af te spelen alsook enkele veelgebruikte radiocommando's voor de gebruiker. Commando's voor cd/dvd/schijf De volgende commando's zijn alleen beschikbaar wanneer een cd, mp3 of dvd wordt geladen. Radio (CD C D DVD D V D disk): deze commando's geven het systeem de opdracht om de schijfmodus te activeren. Radio (CD C D DVD D V D disk) selecteer <y>: deze commando's geven het systeem de opdracht om een specifieke titel op de schijf af te spelen. Voorbeeld: Radio (CD C D DVD D V D disk) selecteer (tien een nul). Dit commando ondersteunt tot 254 titels. (CD C D DVD D V D disk) help: dit commando geeft het systeem de opdracht om nuttig advies over schijfcommando's af te spelen alsook enkele veelgebruikte beschikbare schijfcommando's. Commando's voor algemene navigatie Feedback aan, Feedback uit: dit commando geeft het systeem de opdracht om de feedback bij stemherkenning in en uit te schakelen. Wanneer feedback is ingeschakeld, antwoordt het systeem op commando's met een reactie. Wanneer feedback is uitgeschakeld, antwoordt het systeem op commando's met een toon. Navigatie (stembegeleiding stem) aan, Navigatie (stembegeleiding stem) uit: dit commando geeft het systeem de opdracht om de gesproken begeleiding tijdens de routebegeleiding in en uit te schakelen. annuleren: dit geeft het systeem de opdracht om het commando te annuleren. Commando's voor POI's (Point of Interest) Hierna volgt een lijst met POI-commando's. POI's verschijnen alleen op het kaartscherm als de schaal van de kaart 800 m of minder is. Als POI's verschijnen op een kaart met de verkeerde schaal, herinnert het systeem u eraan dat dit niet mogelijk is. De beschikbare POI-commando's zijn: Navigatie geef Benzinestation[s] weer, Navigatie verberg Benzinestation[s]: deze commando's geven het systeem de opdracht om de POI-categorie tankstations te tonen en te verbergen op het kaartscherm. Navigatie geef Restaurant[s] weer, Navigatie verberg Restaurant[s]: deze commando's geven het systeem de opdracht om de POI-categorie restaurants te tonen en te verbergen op het kaartscherm. Navigatie geef hotel[s] weer, Navigatie verberg hotel[s] : deze commando's geven het systeem de
87 Stemherkenning 87 opdracht om de POI-categorie hotels te tonen en te verbergen op het kaartscherm. Navigatie geef Luchthaven[s] weer, Navigatie verberg Luchthaven[s]: deze commando's geven het systeem de opdracht om de POI-categorie luchthavens te tonen en te verbergen op het kaartscherm. Navigatie geef Winkelen weer, Navigatie verberg Winkelen: deze commando's geven het systeem de opdracht om de POI-categorie winkels te tonen en te verbergen op het kaartscherm. Commando's voor bestemming en begeleiding Navigatie [ga naar] voorkeurbestemming [nummer] een (een, twee, drie, vier, vijf of zes): deze commando's geven het systeem de opdracht om één van de voorkeuzebestemmingen (één tot en met zes) te gebruiken als de nieuwe bestemming. Navigatie (verwijderen verwijder (bestemming route volgende routepunt)): dit commando's geeft het systeem de opdracht om de bestemming, de route of het volgende viapunt te verwijderen. Het systeem vraagt een bevestiging van welk item moet worden verwijderd (bestemming, route of volgend viapunt). Postcode: Met dit commando kunt u, afhankelijk van de gebruikte taal, bestemmingen voor gebieden met beperkte ondersteuning zoeken. Alle andere talen behalve de volgende worden niet ondersteund door deze functie. Taalcommando's voor postcodes Het ondersteunde gebied voor het zoeken van adressen wordt tussen haakjes weergegeven. Brits Engels (Verenigd Koninkrijk) Post code: dit commando geeft het systeem de opdracht dat de gebruiker een bestemming wilt invoeren met stemherkenning. Na de vermelding van dit commando toont het systeem het zoekgebied. Als de op te geven bestemming zich in het weergegeven gebied bevindt, zegt u de eerste helft van de gewenste postcode. In het andere geval zegt u "wijzig gebied" en zegt u de naam van het gebied waarin de zoekopdracht moet plaatsvinden. Zeg dan het volgende cijfer van de gewenste postcode wanneer u hierom wordt gevraagd en zeg vervolgens de gewenste straatnaam en het gewenste huisnummer wanneer u hierom wordt gevraagd. Duits (Duitsland en Oostenrijk) Postleitzahl: dit commando geeft het systeem de opdracht dat de gebruiker een bestemming wilt invoeren met stemherkenning. Na de vermelding van dit commando vraagt het systeem een land voor de huidige zoekopdracht: Duitsland of Oostenrijk. Als de op te geven bestemming zich in het huidige land van de zoekopdracht bevindt, zegt u de gewenste postcode. Anders zegt u "wijzig land" om te schakelen tussen de twee beschikbare landen. Zeg dan de gewenste straatnaam en het gewenste huisnummer wanneer u hierom wordt gevraagd.
88 88 Stemherkenning Frans (Frankrijk, inclusief Monaco en Andorra) Code postal: dit commando geeft het systeem de opdracht dat de gebruiker een bestemming wilt invoeren met stemherkenning. Na de vermelding van dit commando zegt u de gewenste postcode. Zeg dan de gewenste straatnaam en het gewenste huisnummer wanneer u hierom wordt gevraagd. Italiaans (Italië, inclusief Vaticaanstad en San Marino) Codice postale: dit commando geeft het systeem de opdracht dat de gebruiker een bestemming wilt invoeren met stemherkenning. Na de vermelding van dit commando zegt u de gewenste postcode. Zeg dan de gewenste straatnaam en het gewenste huisnummer wanneer u hierom wordt gevraagd. Spaans (Spanje) Código postal: dit commando geeft het systeem de opdracht dat de gebruiker een bestemming wilt invoeren met stemherkenning. Na de vermelding van dit commando zegt u de gewenste postcode. Zeg dan de gewenste straatnaam en het gewenste huisnummer wanneer u hierom wordt gevraagd. Commando's voor spraaklabels Naamlabels zijn opgenomen zinnen die u in het navigatiesysteem kunt opslaan. Deze naamlabels wordt gekoppeld aan gegevens in het adresboek en zodra deze naamlabels zijn opgeslagen, kunnen ze worden gebruikt als onderdeel van een commando voor stemherkenning dat het specifieke gegeven uit het adresboek instelt als een bestemming. Raadpleeg "Adresboek" eerder in deze handleiding voor informatie over instructies voor het opslaan van een naamlabel in het systeem. Navigatie [ga naar] <Naamlabel>: Met dit commando kunt u een bestemming kiezen die is opgeslagen onder een naamlabel. Het systeem speel het naamlabel af en vraagt u te bevestigen door "Ja" of "Nee" te zeggen. Als een bestemming is ingesteld op "Thuis", zegt u "Navigatie ga naar Thuis". Nadat het systeem het naamlabel afspeelt en dit wordt bevestigd, stelt het systeem "Thuis" in als de bestemming. Hulpcommando's help radio [help] (CD C D DVD D V D disk) help Weergeven [geef help weer] Navigatie [help] Commando's voor beeldscherm weergeven (geef dagstand weer stel dagstand in selecteer dagstand geef dag weer stel dag in selecteer dag) weergeven (geef nachtstand weer stel nachtstand in selecteer nachtstand geef nacht weer stel nacht in selecteer nacht) weergeven (geef automatische stand weer stel automatische stand in selecteer automatische
89 Stemherkenning 89 stand geef automatisch weer stel automatisch in selecteer automatisch) Commando's voor radio Radio [Radioband] (AM A M) Radio [Radioband] (FM F M) Radio selecteer <frequency> (AM A M) Radio selecteer <frequency> (FM F M) Commando's voor cd/dvd/schijf Radio (CD C D DVD D V D disk) Radio (CD C D DVD D V D disk) selecteer <y> Commando's voor algemene navigatie Feedback aan Feedback uit Navigatie (stembegeleiding stem) aan Navigatie (stembegeleiding stem) uit annuleren tot ziens afsluiten Commando's voor POI's (Point of Interest) Navigatie geef Benzinestation[s] weer / Navigatie verberg Benzinestation[s] Navigatie geef Restaurant[s] weer / Navigatie verberg Restaurant[s] Navigatie geef hotel[s] weer / Navigatie verberg hotel[s] Navigatie geef Luchthaven[s] weer / Navigatie verberg Luchthaven[s] Navigatie geef Winkelen weer / Navigatie verberg Winkelen Commando's voor bestemming en begeleiding Navigatie [ga naar] voorkeurbestemming [nummer] een Herhaal nummers twee tot en met zes. Navigatie (verwijderen verwijder (bestemming route volgende routepunt)) Route (gebruikt samen met ander commando) Volgende routepunt (gebruikt samen met ander commando) Voeg toe aan routepunt (gebruikt samen met ander commando) Vervang bestemming (gebruikt samen met ander commando) Ja (gebruikt samen met ander commando) Nee (gebruikt samen met ander commando) Bestemming (alleen gebruikt voor bestemming bij stemherkenning; alleen beschikbaar in Engels) Commando's voor naamlabels Navigatie [ga naar] <Naamlabel>
90 90 Telefoon Telefoon Bluetooth Bluetooth Bij voertuigen met Bluetooth-technologie kan het systeem communiceren met vele mobiele telefoons. Zo kunt u: Gesprekken handsfree starten en ontvangen. Het adresboek of de contactenlijst van de mobiele telefoon delen met het voertuig. Om eventuele afleiding tot een minimum te herleiden, moet u vóór het rijden wanneer het voertuig is geparkeerd het volgende doen: Vertrouwd raken met de functies van de mobiele telefoon. Telefoonboek en contactenlijsten duidelijk organiseren, alsook dubbele of zelden gebruikte gegevens verwijderen. Programmeer indien mogelijk de snelkiesfunctie of andere snelkoppelingen. Bedieningen en werking van het infotainmentsysteem controleren. Mobiele telefoon(s) koppelen met het voertuig. Het systeem werkt mogelijk niet met alle mobiele telefoons. Raadpleeg "Een telefoon koppelen" in dit hoofdstuk voor meer informatie. Als de mobiele telefoon beschikt over voicedialing, leert u die functionaliteit gebruiken om het adresboek of de contactenlijst te openen. Raadpleeg "Voice pass-thru" in dit hoofdstuk voor meer informatie. Raadpleeg "Telefoonnummers opslaan en verwijderen" in dit hoofdstuk voor meer informatie. 9 Waarschuwing Wanneer u mobiele telefoon gebruikt, wordt u mogelijk afgeleid wanneer u te lang of te vaak kijkt naar het scherm van de telefoon of het infotainment(navigatie)systeem. Als u te lang of te vaak niet op de weg let, kunt u een ongeluk veroorzaken dat kan leiden tot letsels of de dood. Richt uw aandacht op het rijden.
91 Telefoon 91 Algemene aanwijzingen Voertuigen met een Universal Handsfree Phone (UHP)-systeem kunnen een Bluetooth -compatibele mobiele telefoon met een handsfree profiel gebruiken om telefoongesprekken te voeren en te ontvangen. Het infotainmentsysteem en stembediening worden gebruikt om het systeem te bedienen. Het systeem kan worden gebruikt wanneer het contact in de stand ON/RUN of ACC/ACCESSORY staat. Het bereik van het UHP-systeem bedraagt maximum 10 meter. Niet alle telefoons ondersteunen alle functies, noch werken met het UHP-systeem. Andere informatie Het Bluetooth-woordmerk en -logo zijn eigendom van de Bluetooth SIG, Inc. en het gebruik van zulke merken door General Motors/Opel vindt plaats onder licentie. Andere handelsmerken en handelsnamen zijn eigendom van hun respectieve eigenaars. UHP-bedieningen Gebruik de knoppen op het infotainmentsysteem en het stuur om het UHP-systeem te bedienen. Afstandsbediening op stuurwiel U kunt stuurbedieningsknoppen gebruiken om: Inkomende gesprekken te beantwoorden. Systeeminformatie te bevestigen. Stemherkenning te starten. Een gesprek te beëindigen. Een gesprek te weigeren. Een handeling te annuleren. Uitgaande gesprekken te voeren met behulp van de gesprekkenlijst. 3 (Druk om te spreken): druk op de knop om inkomende gesprekken te beantwoorden, systeeminformatie te bevestigen en stembediening te starten. Houd twee tot drie seconden ingedrukt om de gesprekkenlijst te openen. 4 (Gesprek beëindigen/ Dempen): druk op de knop om een gesprek te beëindigen, een gesprek te weigeren of een handeling te annuleren. Uitgaande gesprekken voeren met behulp van de gesprekkenlijst: 1. Druk op de 3-toets. 2. Markeer het telefoonnummer door de SRC-schakelaar naar boven of onder te bewegen. 3. Bel het gemarkeerde nummer door op de knop 3 te drukken. Infotainmentsysteembedieningen :: druk op de knop om het hoofdmenu van de Telefoon te openen. Stembediening Het stembedieningssysteem gebruikt commando's om het systeem te bedienen en telefoonnummers te kiezen. Ruis: het systeem herkent gesproken commando's mogelijk niet als er veel achtergrondruis is.
92 92 Telefoon Wanneer spreken: u hoort een toon die aangeeft dat het systeem gereed is voor een gesproken commando. Wacht op de toon en spreek dan. Hoe spreken: spreek duidelijk op een kalme en natuurlijke wijze. Audiosysteem Wanneer u het UHP-systeem gebruikt, komt het geluid uit de luidsprekers vooraan in het voertuig en wordt het audiosysteem gedempt. Gebruik de knop VOL/m tijdens een gesprek om het volume te wijzigen. Het aangepaste volume wordt onthouden voor latere gesprekken. Het systeem heeft een minimumvolume. Bluetooth in- of uitschakelen 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Druk op : van een navigatieradio. 3. Selecteer Bluetooth. 4. Selecteer Activering. Bluetooth-code wijzigen De standaard Bluetooth-code dient met de meeste mobiele telefoons te werken. Als u problemen ondervindt bij het koppelen van uw mobiele telefoon, kunt u de code op elk ogenblik wijzigen. 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Druk op : van een navigatieradio. 3. Selecteer Bluetooth. 4. Selecteer Bluetooth-code wijzigen. 5. Voer een nieuwe code van vier cijfers in en selecteer dan Ok. Beltoon Drie verschillende beltonen zijn beschikbaar voor het UHP-systeem. De beltoon wijzigen: 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Druk op : van een navigatieradio. 3. Selecteer Beltoon. 4. Selecteer Beltoon 1, Beltoon 2 of Beltoon 3. Standaardinstellingen Als u deze optie selecteert, stelt u de beltonen en de Bluetooth-code opnieuw in. Koppelen Een mobiele telefoon waarbij Bluetooth is ingeschakeld moet eerst met het UHP-systeem worden gekoppeld en dan verbonden met het voertuig voordat het kan worden gebruikt. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de fabrikant van de mobiele telefoon voor Bluetooth-functies voordat u de mobiele telefoon koppelt. Informatie over koppelen: Maximum vijf mobiele telefoons kunnen met het UHP-systeem worden gekoppeld. Het koppelingsproces wordt geblokkeerd, wanneer het voertuig rijdt. Het UHP-systeem verbindt met de eerste beschikbare gekoppelde mobiele telefoon in de volgorde van gekoppelde telefoons.
93 Telefoon 93 Slechts één gekoppelde mobiele telefoon kan tegelijkertijd verbonden zijn met het UHP-systeem. Het koppelen dient doorgaans slechts eenmaal te worden uitgevoerd, tenzij wijzigingen aan de koppelingsinformatie zijn toegebracht of de mobiele telefoon werd verwijderd. SAP-modus (SIM Access Profile-modus) Als deze functie aanwezig is, beschikt het telefoonportaal over een ruimere functionaliteit (functies voor beveiliging en berichten). De functies zijn afhankelijk van de netwerkaanbieder. In de SAP-modus bevindt de telefoon zich in de stand-bymodus en zijn alleen de Bluetooth-verbinding en de simkaart actief. Dit leidt tot een lager energieverbruik. Telefoon verbinden via SAP 1. Schakel het infotainmentsysteem in. 2. Druk op de CONFIG-toets. 3. Selecteer Apparaat voor SIMtoegang toevoegen (SAP). Het systeem scant op beschikbare apparaten en toont een lijst met gevonden apparaten. 4. Selecteer de mobiele telefoon uit de lijst. De prompt met de SAP-wachtwoordcode wordt op het infotainmentbeeldscherm getoond met een 16-cijferige code. 5. Voer de weergegeven SAPwachtwoordcode in de mobiele telefoon in (zonder spaties). De pincode van de mobiele telefoon wordt in het infotainmentbeeldscherm getoond. Als de functie voor de vraag naar de pincode is geactiveerd op de mobiele telefoon, moet de pincode voor de simkaart worden ingevoerd. UHP gebruiken met infotainmentbedieningen Een telefoon koppelen Als uw mobiele telefoon beschikt over functies voor een eenvoudige koppeling of automatische detectie, moeten deze worden uitgeschakeld voordat de mobiele telefoon kan worden gekoppeld met het UHP-systeem. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de fabrikant van de mobiele telefoon voor informatie over deze functies. 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Druk op : van een navigatieradio. 3. Selecteer Bluetooth. 4. Selecteer Koppelen of Apparaat toevoegen (handsfree). Een viercijferig nummer verschijnt op het beeldscherm en het UHP-systeem gaat in de detectiemodus. 5. Start het koppelingsproces op de mobiele telefoon die wordt gekoppeld met het voertuig. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de
94 94 Telefoon fabrikant van de mobiele telefoon voor informatie over dit proces. Zoek het apparaat met de naam UHP gevolgd door een viercijferig nummer in de lijst op de mobiele telefoon en volg de instructies op de mobiele telefoon. Voer, indien nodig, de viercijferige code in die door het systeem werd opgegeven. Volg dan de instructies op het infotainmentbeeldscherm. 6. Herhaal stappen 1 tot en met 5 om andere mobiele telefoons te koppelen. Alle gekoppelde en verbonden telefoons bekijken Alle beschikbare mobiele telefoons bekijken die zijn gekoppeld met het UHP-systeem: 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Druk op : van een navigatieradio. 3. Selecteer Bluetooth. 4. Selecteer Apparaatlijst. 5. Herhaal stappen 1 tot en met 4 om andere mobiele telefoons te koppelen. Gekoppelde telefoon verwijderen Een gekoppelde mobiele telefoon verwijderen uit het UHP-systeem: 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Druk op : van een navigatieradio. 3. Selecteer Bluetooth. 4. Selecteer Apparaatlijst. 5. Selecteer de te verwijderen mobiele telefoon en volg de aanwijzingen op het scherm. Verbinden met andere telefoon Als u wilt verbinden met een andere gekoppelde mobiele telefoon, moet de nieuwe mobiele telefoon zich in het voertuig bevinden en gereed zijn om verbonden te worden met het UHP-systeem voordat het proces wordt gestart. Verbinden met een andere telefoon: 1. Druk op de CONFIG-toets. 2. Druk op : van een navigatieradio. 3. Selecteer Bluetooth. 4. Selecteer Apparaatlijst. 5. Selecteer de nieuwe mobiele telefoon waarmee u wilt verbinden en volg de aanwijzingen op het scherm. Als Verwijderen is geselecteerd, wordt de gemarkeerde mobiele telefoon verwijderd. Gesprek voeren met telefoonboek en gesprekkenlijst Bij bobiele telefoons met ondersteuning voor telefoonboeken en gesprekkenlijsten kan het UHP-systeem de contacten en de gesprekkenlijsten op uw mobiele telefoon gebruiken om gesprekken te voeren. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de fabrikant van uw mobiele telefoon of neem contact op met uw
95 Telefoon 95 draadloze aanbieder om na te gaan indien deze functie wordt ondersteund door uw mobiele telefoon. De benodigde tijdsduur voor het downloaden van de telefoonboek en de gesprekkenlijst vanaf uw mobiele telefoon naar het UHP-systeem kan variëren volgens de grootte van het telefoonboek en de gesprekkenlijst op uw mobiele telefoon. Wanneer een mobiele telefoon ondersteuning biedt voor telefoonboeken en gesprekkenlijsten, worden de menu's Tele. Boek en Oproepenlijsten automatisch beschikbaar. Met het menu Tele. Boek kunt u het telefoonboek op uw mobiele telefoon gebruiken om een gesprek te voeren. Met het menu Oproepenlijsten kunt u de telefoonnummers van de Inkomende oproepen, Uitgaande oproepen en Gemiste oproepen op uw mobiele telefoon gebruiken om een gesprek te voeren. Een gesprek voeren met het menu Tele. Boek: 1. Druk op :. 2. Selecteer Tele. Boek. 3. Zoek in de lijst door de letter te selecteren waarmee de vermelding in het telefoonboek begint. Draai de knop TUNE/MENU om verder te scrollen door de volledige lijst. 4. Selecteer de naam of het nummer voor het te voeren gesprek. Een gesprek voeren met het menu Oproepenlijsten: 1. Druk op :. 2. Selecteer Oproepenlijsten. 3. Selecteer de lijst met Inkomende oproepen, Uitgaande oproepen of Gemiste oproepen. 4. Selecteer de naam of het nummer voor het te voeren gesprek. Een gesprek voeren Een gesprek voeren: 1. Druk op :. 2. Druk de nummers op het infotainmentscherm. 3. Selecteer Oproep om het nummer te bellen. Een gesprek aanvaarden of weigeren Wanneer u een inkomend gesprek ontvangt, dempt het infotainmentsysteem en hoort u een beltoon in het voertuig. Als u de inkomende oproep wilt aanvaarden, draait u de knop TUNE/ MENU naar Beantwoorden en drukt u op de knop TUNE/MENU of drukt u op de knop 3 van de stuurbedieningsknoppen. Als u de inkomende oproep wilt weigeren, draait u de knop TUNE/ MENU naar Weigeren en drukt u op de knop TUNE/MENU of drukt u op de knop 3 van de stuurbedieningsknoppen.
96 96 Telefoon Gesprek in wachtstand Gesprek in wachtstand moet worden ondersteund door de mobiele telefoon en moet door de draadloze aanbieder ingeschakeld zijn opdat deze functie werkt. Als u de inkomende oproep wilt aanvaarden, draait u de knop TUNE/ MENU naar Beantwoorden en drukt u op de knop TUNE/MENU of drukt u op de knop 3 van de stuurbedieningsknoppen. Als u de inkomende oproep wilt weigeren, draait u de knop TUNE/ MENU naar Weigeren en drukt u op de knop TUNE/MENU of drukt u op de knop 4 van de stuurbedieningsknoppen. Wisselen van gesprek met gesprek in wachtstand: 1. Druk op :. 2. Selecteer Gesprek wisselen in het menu. Conferentiegesprek Conferentiegesprekken moeten worden ondersteund door de mobiele telefoon en moet door de draadloze aanbieder ingeschakeld zijn opdat deze functie werkt. Een conferentiegesprek starten tijdens een gesprek: 1. Druk op de knop TUNE/MENU en selecteer Nummer invoeren. 2. Voer de tekens in en selecteer dan Bel. 3. Na het bellen drukt u op de knop TUNE/MENU en kiest u Oproepen samenvoegen. 4. Als u meer bellers wilt toevoegen aan het conferentiegesprek, herhaalt u stappen 1 tot en met 3. Het aantal bellers die kunnen worden toegevoegd, is beperkt door uw draadloze aanbieder. Als u het gesprek met een beller wilt beëindigen tijdens het conferentiegesprek, selecteert u Oproep loskoppelen in het menu en selecteert u het nummer waarvoor het gesprek afgelopen is. Een gesprek beëindigen Druk op de knop TUNE/MENU en selecteer Ophangen of druk op de knop 4 van de stuurbedieningsknoppen. Een gesprek dempen Druk op de knop TUNE/MENU en selecteer Oproep dempen. Dempen opheffen Druk op de knop TUNE/MENU en selecteer Oproep dempen. DTMF-tonen (Dual Tone Multi- Frequency-tonen) Het UHP-systeem kan nummers versturen tijdens een gesprek. Dit wordt gebruikt bij het bellen naar een menugestuurd telefoonsysteem. Dit systeem starten: 1. Druk op de knop TUNE/MENU en selecteer Nummer invoeren. 2. Voer de tekens in.
97 Telefoon 97 UHP bedienen met stembediening De stembediening van het UHP-systeem stelt u in staat diverse functies van de mobiele telefoon te bedienen met uw stem. Het UHP-systeem gebruikt gesproken commando's om het systeem te bedienen en telefoonnummers te kiezen. Na het geven van het commando leidt het infotainmentsysteem u door de dialoog met behulp van de benodigde vragen en feedback om de gewenste handeling uit te voeren. De commando's en nummers kunnen zonder pauze tussen de afzonderlijke woorden worden uitgesproken. Daarnaast kunt u telefoonnummers opslaan onder een door u geselecteerd naamlabel. Met deze naam kunt u een telefoonverbinding tot stand brengen. Bij onjuist gebruik of onjuiste invoer geeft de stembediening u gesproken feedback en vraagt deze u het gewenste commando te herhalen. Bovendien bevestigt de stembediening belangrijke commando's en stelt deze zo nodig een vraag hierover. De stembediening start niet totdat deze is geactiveerd zodat gesprekken in het voertuig niet leiden tot de onbedoelde gesproken activering van de mobiele telefoon. Stembediening activeren Druk op de knop 3 op het stuur om de stembediening van het UHP-systeem te activeren. Het systeem reageert met een toon. Na de toon zegt u "Kiezen". Gedurende het gesprek wordt elke actieve audiobron gedempt en worden geen verkeersmeldingen weergegeven. Het volume van de stemoutput instellen Draai aan de volumeknop van het infotainmentsysteem of druk op de knoppen + / - op het stuur. Dialoog annuleren U kunt op drie manieren de stembediening deactiveren en de dialoog annuleren: Druk op de knop 4 van de stuurbedieningsknoppen. Zeg het commando "Annuleren". Geef gedurende een bepaalde tijd geen commando. Het commando wordt na drie pogingen niet herkend. Commando's voor hoofdmenu Het UHP-systeem heeft een aantal commando's voor het hoofdmenu die beschikbaar zijn na de activering van stembediening. Een korte toon na de activering van stembediening geeft aan dat het stembedieningssysteem wacht op een commando. Beschikbare commando's: "Kiezen" "Bellen" "Opnieuw kiezen" "Opslaan" "Verwijderen"
98 98 Telefoon "Lijst" "Koppelen" "Selecteer apparaat" "Gesproken feedback" "Help" "Annuleren" Vaakgebruikte commando's Hieronder vindt u een lijst met vaakgebruikte commando's: "Help": de dialoog wordt beëindigd en alle in deze context beschikbare opdrachten worden opgesomd. "Annuleren": de stembediening wordt gedeactiveerd. "Ja": afhankelijk van de context wordt een geschikte actie ondernomen. "Nee": afhankelijk van de context wordt een geschikte actie ondernomen. Gesproken feedback Elke gesproken invoer wordt door het infotainmentsysteem beantwoord of becommentarieerd met een aan de situatie aangepaste gesproken uitvoer. Als u de gesproken uitvoer wilt in- of uitschakelen, zegt u "Gesproken feedback" of drukt u op 3. Telefoon uit de apparatenlijst koppelen, opslaan of verwijderen Met het commando "Koppelen" kunt u een mobiele telefoon opslaan in of verwijderen uit de apparatenlijst van het UHP-systeem. Het UHP-systeem wijst bij na het koppelen een apparaatnummer aan de mobiele telefoon toe. Beschikbare commando's: "Toevoegen" "Verwijderen" "Help" "Annuleren" Voorbeeld van een dialoog Gebruiker: "Koppelen." Stemoutput: "Wilt u een apparaat toevoegen of verwijderen?" Gebruiker: "Toevoegen." Gesproken uitvoer: "Probeer te koppelen aan <1234> in het externe apparaat" (Start nu het koppelingsproces op de mobiele telefoon die wordt gekoppeld met het voertuig. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de fabrikant van de mobiele telefoon voor informatie over dit proces. Zoek het apparaat met de naam UHP gevolgd door een viercijferig nummer in de lijst op de mobiele telefoon en volg de instructies op de mobiele telefoon en voer de door het systeem opgegeven viercijferige code in). Stemoutput: "Wilt u het apparaat koppelen?" Gebruiker: "Ja." Gesproken uitvoer: "Gekoppeld, sessie beëindigen".
99 Telefoon 99 Telefoon uit apparatenlijst selecteren Het commando "Selecteer apparaat" kan worden gebruikt om een andere gekoppelde mobiele telefoon te selecteren. Het UHP-systeem vraagt naar een apparaatnummer dat na de koppeling werd toegewezen door het UHP-systeem aan de mobiele telefoon. Voorbeeld van een dialoog Gebruiker: "Selecteer apparaat." Gesproken uitvoer: "Zeg het nummer van het apparaat dat uw wilt selecteren." Gebruiker: <apparaat_nummer>. Gesproken uitvoer: "Wilt u apparaatnummer <apparaatnummer> selecteren?." (De apparaatnaam verschijnt op het infotainmentbeeldscherm) Gebruiker: "Ja." Gesproken uitvoer: "Eén moment. Het systeem zoekt het geselecteerde apparaat." Gesproken uitvoer: "Apparaatnummer <app_num> is geselecteerd, sessie beëindigen". Telefoonnummer kiezen Na het commando "Kiezen" vraagt de stembediening dat u een nummer opgeeft. Het telefoonnummer moet in normaal tempo worden uitgesproken, zonder kunstmatige pauzes tussen de cijfers. De spraakherkenning werkt het best als er tussen elke drie tot vijf cijfers een pauze van minimaal een halve seconde wordt ingelast. Het Infotainmentsysteem herhaalt vervolgens de herkende cijfers. Beschikbare commando's: "Kiezen": de invoer is geaccepteerd. "Cijfers": een numerieke waarde van 0 tot 9 wordt ingevoerd. "Verwijderen": het laatst ingevoerde cijfer of de laatst ingevoerde cijferreeks wordt gewist. "Plus": een "+" wordt voor het nummer geplaatst voor telefoneren met het buitenland. "Controleren": de invoer wordt door de stemoutput gerepeteerd. "Sterretje": er wordt een sterretje "*" ingevoerd. "Hekje": er wordt een hekje "#" ingevoerd. "Pauze": er wordt een pauze in de tekenreeks ingevoerd. "Help" "Annuleren" Het ingevoerde telefoonnummer mag een maximale lengte van 25 cijfers hebben. Als u naar het buitenland wilt bellen, kunt u aan het begin van uw nummer het woord "Plus" (+) zeggen. De plus stelt u in staat om vanuit elk willekeurig land te bellen zonder dat u de internationale toegangscode kent van het land waarin u zich bevindt. Zeg vervolgens het gewenste landnummer. Voorbeeld van een dialoog Gebruiker: "Kiezen." Gesproken uitvoer: "Zeg het nummer dat u wilt bellen." Gebruiker: "Plus Vier Negen." Gebruiker: "Zeven Drie Eén."
100 100 Telefoon Gesproken uitvoer: "Zeven Drie Eén." Gebruiker: "Eén Eén Negen Negen." Gesproken uitvoer: "Eén Eén Negen Negen." Gebruiker: "Kiezen." Gesproken uitvoer: "Het nummer wordt gekozen." Gesprek voeren met naamlabel Wanneer het commando "Bellen" wordt gebruikt, wordt een telefoonnummer ingevoerd dat is opgeslagen in het telefoonboek onder een naamlabel. Beschikbare commando's: "Ja" "Nee" "Help" "Annuleren" Voorbeeld van een dialoog Gebruiker: "Bellen." Gesproken uitvoer: "Zeg de naam die u wilt bellen." (Voor informatie over naamlabels raadpleegt u "Een naamlabel opslaan" verderop in dit hoofdstuk). Gebruiker: <Naam>. Gesproken uitvoer: <Naam> Gebruiker: "Ja." Gesproken uitvoer: "Bellen." Een tweede gesprek starten Druk op 3 om tijdens een actief telefoongesprek een tweede gesprek te starten. Beschikbare commando's: "Verzenden": handmatig DTMF (toondruktoets-kiezen) inschakelen, bijv. voor voic of telefonisch bankieren. "Naam verzenden": DTMF (toondruktoetskiezen) inschakelen door een naamlabel in te voeren. "Kiezen" "Bellen" "Opnieuw kiezen" "Help" "Annuleren" Voorbeeld van een dialoog Gebruiker: Druk op 3 bij een actief telefoongesprek. Gebruiker: "Verzenden." Stemoutput: "Zeg het nummer dat u wilt verzenden" (Voor informatie over de invoer van nummers raadpleegt u het dialoogvoorbeeld van "Gesprek voeren met telefoonnummer" eerder in deze sectie). Gebruiker: "Verzenden." Opnieuw kiezen Het commando "Opnieuw kiezen" belt terug naar het laatst gekozen nummer. Naamlabel opslaan Het commando "Opslaan" wordt gebruikt voor het opslaan van een telefoonnummer in het telefoonboek onder een naamlabel. De ingevoerde naam moet een keer worden herhaald. De toonhoogte en de uitspraak moeten telkens zo gelijk mogelijk zijn. Anders verwerpt de stembediening de invoer. Maximum 50 naamlabels kunnen in het telefoonboek worden opgeslagen.
101 Telefoon 101 Naamlabels zijn afhankelijk van de spreker (d.w.z. dat alleen de persoon die het naamlabel heeft ingesproken deze kan openen). Om te voorkomen dat het begin van de opname van een opgeslagen naam wordt afgesneden, moet er na een verzoek om invoer een korte pauze in acht worden genomen. Als u het naamlabel onafhankelijk van de locatie (d.w.z. ook in andere landen) wilt gebruiken, moeten alle telefoonnummers met een "plus" en een landnummer worden ingevoerd. Beschikbare commando's: "Opslaan": de invoer is geaccepteerd "Opnieuw kiezen": de laatste invoer wordt herhaald "Help" "Annuleren" Voorbeeld van een dialoog Gebruiker: "Opslaan." Gesproken uitvoer: "Zeg het nummer dat u wilt opslaan." (Voor informatie over de invoer van nummers raadpleegt u het dialoogvoorbeeld van "Gesprek voeren met telefoonnummer" eerder in deze sectie). Gebruiker: "Opslaan." Gebruiker: "Naamlabel" (geef naamlabel op). Gesproken uitvoer: "Herhaal de naam om te bevestigen." Gebruiker: "Naamlabel" Gesproken uitvoer: "Naam opslaan." Naamlabel verwijderen Het commando "Verwijderen" wordt gebruikt om een eerder opgeslagen naamlabel te verwijderen. Beschikbare commando's: "Ja" "Nee" "Help" "Annuleren" Luisteren naar opgeslagen naamlabels Het commando "Lijst" wordt gebruikt om alle opgeslagen naamlabels te beluisteren. Beschikbare commando's: "Bellen": het telefoonnummer van het laatst voorgelezen spraaklabel wordt geselecteerd. "Verwijderen": de invoer van het laatst voorgelezen spraaklabel wordt gewist.
102 102 Trefwoordenlijst A Aan de slag met de route Aanpassingen aan kaarten Adresboek Afspelen vanaf een ipod Afspelen vanaf USB Alfanumeriek toetsenbord AM AM/FM-radio Antenne, multiband Antidiefstalfunctie... 4 Apparaat met harde schijf Apparaten, hulp Audioboek Audio- en video-dvd afspelen Audiosysteem van navigatie B Band selecteren Bedieningsknoppen Bedieningstoetsen Beeldscherm Beeldscherm schoonmaken Begeleiding annuleren Beschikbare opties op het kaartscherm Bestemming Bluetooth C Cd/dvd afspelen Cd-/dvd-speler Cd-menu Cd-speler Commando's voor algemene navigatie Commando's voor bestemming en begeleiding Commando's voor cd/dvd/schijf Commando's voor POI's (Point of Interest) Commando's voor radio Commando's voor spraaklabels...83 Commando's voor stemherkenning Conferentiegesprek Configuratiemenu D Dekking van kaarten Dimmodus DTMF-tonen (Dual Tone Multi- Frequency-tonen) Dubbele inhoud Dvd-/cd-speler Dvd met kaarten hanteren Dvd met kaarten installeren... 60
103 103 E Een audio-cd afspelen Een cd laden Een cd verwijderen Een gesprek aanvaarden of weigeren Een gesprek al dan niet dempen.. 90 Een gesprek beëindigen Een gesprek ontvangen Een gesprek voeren Een route afleggen Een station zoeken Een telefoon koppelen Een telefoon verbinden Extra ingang F Favorieten op harde schijf afspelen Favoriete route FM Foutmeldingen G Gebruik... 11, 56 Gebruik van mobiele telefoon Geluidsinstellingen Gesprek in wachtstand Gesproken feedback Globaal Positioning System (gps) H Hulp voor stemherkenning I Inhoud op harde schijf afspelen...42 Inleiding... 4 K Kaarten Kiezen op kaart Klok instellen L Lengte/breedtecoördinaten Luisteren naar opgeslagen nummers Luisteren naar radio M Menu Configuratie Menu-toets Mp Multibandantenne Muziekmenu USB N Navigatie-cd's/-dvd's aanschaffen Navigatie-instellingen Navigatieknoppen Navigatiesymbolen Navigatiesysteem gebruiken Navigatiesysteem, het systeem gebruiken Nav (navigatie) Nuttige hints voor gesproken commando's O Omzetting tussen Engelse en metrieke stelsel Onderhoud aan het navigatiesysteem Ondersteunde USB-apparaten Opnemen op harde schijf Overzicht bedieningselementen... 4 Overzicht van navigatiesysteem P Persoonlijke informatie verwijderen Problemen met routebegeleiding. 81
104 104 R Radio-instellingen Radiomenu's Radio-ontvangst Randapparatuur RDS (Radio Data System) Routevoorvertoning S Schaal van kaarten Scrolfuncties SIM-toegangsprofiel (SAP) Stemherkenning Stemherkenning annuleren Stemherkenning gebruiken Stemherkenning gebruiken voor koppelen Symbolenoverzicht T Talen Telefoon, Bluetooth Timeshift Toetsen van touchscreen U Uitleg bij databasedekking V Voertuiglokalisatie Volume-instellingen Voorkeuzebestemming Vorige bestemming W Willekeurige volgorde... 34
105 Copyright by ADAM OPEL AG, Rüsselsheim, Germany. De gegevens in deze publicatie waren correct op de onderstaande uitgiftedatum. Wijzigingen in de techniek, uitrusting of vorm van de auto's ten opzichte van de gegevens in deze publicatie, alsmede wijzigingen van deze publicatie zelf blijven Adam Opel AG voorbehouden. Uitgave: juli 2012, ADAM OPEL AG, Rüsselsheim. Gedrukt op chloorvrij gebleekt papier. KTA-2725/3-nl juli 2012 *KTA-2725/3-NL*
1. AM/FM-radio gebruiken
De tuner gebruiken 1. AM/FM-radio gebruiken Toets SOURCE MENU RECALL (BRONMENU OPHALEN) Stationsvoorkeuzetoetsen FUNCTION-toets BAND AUTO.P POWER-toets VOL-knop TUNE TRACKtoetsen Luisteren naar de AM/FM-radio
OPEL AMPERA. Infotainment System
OPEL AMPERA Infotainment System Inhoud Inleiding... 4 Radio... 18 CD-speler... 25 Externe apparaten... 28 Navigatie... 40 Stemherkenning... 63 Telefoon... 70 Trefwoordenlijst... 82 4 Inleiding Inleiding
Algemene aanwijzingen
Inhoud Inleiding... 2 Radio... 26 Cd-/dvd-speler... 42 AUX-ingang... 49 USB-poort... 51 Navigatie... 56 Stemherkenning... 87 Telefoon... 92 Trefwoordenlijst... 114 2 Inleiding Inleiding Algemene aanwijzingen...
Algemene aanwijzingen
Inhoud Inleiding... 2 Radio... 25 Cd-/dvd-speler... 41 AUX-ingang... 48 USB-poort... 50 Navigatie... 54 Stemherkenning... 85 Telefoon... 90 Trefwoordenlijst... 112 2 Inleiding Inleiding Algemene aanwijzingen...
OPEL MERIVA. Infotainment System
OPEL MERIVA Infotainment System Inhoud Inleiding... 4 Radio... 29 Cd-speler... 46 AUX-ingang... 52 USB-poort... 54 Digitale fotolijst... 58 Navigatie... 61 Spraakherkenning... 109 Telefoon... 125 Trefwoordenlijst...
BeoSound 9000. Bedieningshandleiding
BeoSound 9000 Bedieningshandleiding BeoVision Avant Guide BeoVision Avant Reference book Inhoud van de bedieningshandleiding 3 U hebt de beschikking over twee boekjes die u helpen vertrouwd te raken met
BehervanhetnavigatiesystemviaBlue&Me
BehervanhetnavigatiesystemviaBlue&Me INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE...2 INLEIDING...3 BEDIENINGEN OP HET STUURWIEL...4 BLUE&ME VERBINDING...6 NAVIGATIEMENU...7 AANKOMSTINFORMATIE...7 SIMULATIE...8 ONDERBREKEN
web edition quick guide RSE
web edition quick guide RSE REAR SEAT ENTERTAINMENT SYSTEM Uw auto is voorzien van een exclusief multimediasysteem. Het Rear Seat Entertainment System (dat verder wordt aangeduid als het RSEsysteem) breidt
QUICK GUIDE - RSE REAR SEAT ENTERTAINMENT SYSTEM VOLVO WEB EDITION
VOLVO QUICK GUIDE - RSE WEB EDITION REAR SEAT ENTERTAINMENT SYSTEM Uw auto is voorzien van een exclusief multimediasysteem. Het Rear Seat Entertainment System (dat verder wordt aangeduid als het RSE-systeem)
Bedieningen Dutch - 1
Bedieningen 1. Functieschakelaar Cassette/ Radio/ CD 2. Golfband schakelaar 3. FM antenne 4. CD deur 5. Schakelaar om zender af te stemmen 6. Bass Boost toets 7. CD skip/ voorwaarts toets 8. CD skip/ achterwaarts
Download de WAE Music app
NEDERLANDS 3 5 12 2 6 1 8 7 9 10 11 13 4 1. Laad de speaker volledig op voor eerste gebruik Laad de WAE Outdoor 04Plus FM speaker volledig op voordat u hem de eerste keer gebruikt. Sluit de micro-usb connector
BeoSound Handleiding
BeoSound 3000 Handleiding BeoSound 3000 Guide BeoSound 3000 Reference book Inhoud van de handleiding 3 U hebt de beschikking over twee boekjes die u helpen vertrouwd te raken met uw Bang & Olufsen-product.
Traffic Message Channel (TMC)
WERKINGSPRINCIPE Radio Data System Traffic Message Channel (RDS-TMC) (verkeersinformatiekanaal RDS-TMC ) is een functie waarmee verkeersopstoppingen in uw regio worden gemeld. De functie gebruikt radioprogramma
1. RDS-TMC-informatie
1. -informatie (afkorting van Radio Data System Traffic Message Channel) geeft verkeersinformatie over o.a. files, ongelukken en wegwerkzaamheden op de kaartschermen weer via ontvangst van FM multiplex
Spraakbediening WERKINGSPRINCIPE DE SPRAAKBEDIENING GEBRUIKEN. Het systeem activeren
Spraa kbe diening WERKINGSPRINCIPE Met stemcommando s kunt u de geluidsinstallatie en het telefoonsysteem gebruiken zonder uw aandacht van de weg af te halen. U kunt instellingen veranderen en feedback
OPEL Movano / Vivaro Handleiding Infotainment
OPEL Movano / Vivaro Handleiding Infotainment Inhoud Inleiding... 4 Radio... 30 Cd-speler... 39 AUX-ingang... 44 USB-poort... 46 Streaming audio via Bluetooth... 49 Navigatie... 56 Stemherkenning... 74
Waarschuwingen. Controleer dat uw positie stabiel is voordat u uw reis begint.
De onderstaande symbolen worden in de handleiding en op het apparaat zelf gebruikt als waarschuwing. Hiermee wordt getoond hoe het product veilig en correct wordt gebruikt om persoonlijk letsel aan u en
BLUETOOTH DOUCHE LUIDSPREKER
ENVIVO BLUETOOTH DOUCHE LUIDSPREKER GEBRUIKERSHANDLEIDING INHOUDSOPGAVE PRODUCT OVERZICHT... 4 KNOPPEN... 6 BLUETOOTH MODUS... 6 Bluetooth Paren... 6 Muziek afspelen in Bluetooth modus...10 Handenvrij
Handleiding Glashart Media ipad applicatie
Handleiding Glashart Media ipad applicatie V 2.0 Alle mogelijkheden van de Glashart Media app:* - Een persoonlijk overzicht: het 'dashboard' - Meerdere Set-Top boxen kunnen gekoppeld worden (woonkamer,
Hallo, laten we beginnen. Sound Rise Draadloze Speaker & Wekkerklok
Hallo, laten we beginnen. Sound Rise Draadloze Speaker & Wekkerklok Welkom bij uw nieuwe Sound Rise! Wij hebben Sound Rise ontwikkeld voor muziekliefhebbers zoals u. Begin de dag met uw favoriete muziek,
Cd-speler CD S LADEN CD 1 14 : 54 CD 2 14 : 54. Please Wait. Eén cd in de speler doen. Meerdere cd s in de speler doen
CD S LADEN Eén cd in de speler doen VOORZICHTIG U mag de cd niet in de sleuf forceren. Zorg dat het label van de cd zich aan de bovenkant bevindt, waarna u de cd gedeeltelijk in de sleuf steekt. Het mechanisme
Inhoud van de handleiding
BeoSound 3000 Guide BeoSound 3000 Reference book Inhoud van de handleiding 3 U hebt de beschikking over twee boekjes die u helpen zich vertrouwd te maken met uw Bang & Olufsen-product. De Het bedie- referentiehandboeningshandleiding
CD 600 IntelliLink, Navi 650, Navi 950 IntelliLink Veelgestelde vragen
Inhoud 1. Audio... 1 2. Navigatie (alleen en Navi 650)... 2 3. Telefoon... 3 4. Spraakherkenning (alleen CD 600 IntelliLink en )... 4 5. Overige vragen... 5 1. Audio V: Hoe kan ik schakelen tussen radio
Inhoudsopgave: Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 Televisie menu. 4 Radio menu. 6 MiniGids. 8 TV Gids . Programma informatie oproepen. Kiezen en Kijken...
TV Menu Inhoudsopgave: Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 Televisie menu. 4 Radio menu. 6 MiniGids. 8 TV Gids. 11 Programma informatie oproepen. 20 Kiezen en Kijken... 22 Bedienen van Kiezen en Kijken.. 24 Eredivisie
1. Deze handleiding gebruiken
1. Deze handleiding gebruiken Onderwerp Aan elk onderwerp zijn een nummer en titel toegewezen. Onderdeel Aan elk onderdeel is een titel toegewezen. Bedieningshandeling Aan elke bedieningshandeling is een
** Deze functies zijn alleen beschikbaar voor klanten die beschikken over een digitale ontvanger met harddisk recorder.
Handleiding Glashart Media IPad applicatie Alle mogelijkheden van de Glashart Media app:* - Een persoonlijk overzicht: het 'dashboard' - Meerdere Set-Top boxen kunnen gekoppeld worden (woonkamer, slaapkamer)
Handleiding voor snelle aansluiting en bediening
2-890-158-41(1) Handleiding voor snelle aansluiting en bediening HDD Network Audio System NAS-50HDE In deze handleiding worden de algemene aansluitingen en handelingen beschreven waarmee u muziek kunt
BeoSound 4. Aanvulling
BeoSound 4 Aanvulling Menusysteem Deze aanvulling bevat correcties voor uw BeoSound 4-handleiding. Dankzij nieuwe software is uw muzieksysteem nu uitgerust met nieuwe functies. Het menusysteem is gewijzigd
GEBRUIKERSHANDLEIDING
GEBRUIKERSHANDLEIDING Inhoudsopgave 02 INHOUDSOPGAVE 03 INFORMATIE 04 OVERZICHT FRONTPANEEL 06 OVERZICHT ACHTERPANEEL 08 BEDIENING VAN DE R5 08 WEKKERINSTELLINGEN 09 SLEEP TIMER INSTELLINGEN 09 DIM 09
SENSUS Web edition. Infotainment guide WELKOM BIJ SENSUS INFOTAINMENT
Infotainment guide SENSUS Web edition WELKOM BIJ SENSUS INFOTAINMENT Dit supplement is bedoeld om een beknopt overzicht te geven van de meest gebruikte Sensus Infotainment-functies en om u te helpen zoveel
GPS NAVIGATION SYSTEM QUICK START USER MANUAL
GPS NAVIGATION SYSTEM QUICK START USER MANUAL DUTCH Van start gaan Als u de navigatiesoftware de eerste keer gebruikt, wordt een automatisch proces gestart voor het instellen van de basisinstellingen.
Handleiding Glashart Media Android applicatie
Handleiding Glashart Media Android applicatie Alle mogelijkheden van de Glashart Media app:* - Een persoonlijk overzicht: het 'dashboard' - Meerdere Set-Top boxen kunnen gekoppeld worden (woonkamer, slaapkamer)
Radio - werking RADIO - WERKING
M 4 0 - werking - werking RADIO - WERKING Hoofdmenu Instellingen Navigatie N.B. Als de geluidsinstallatie wekt in functie "1-HOUR" (1 UUR), kunnen de bedieningsknoppen op het stuurwiel niet worden gebruikt.
Radio R 4.0 IntelliLink Veelgestelde vragen
Inhoud 1. Audio... 1 2. Telefoon... 2 3. Apple CarPlay... 2 4. Android Auto... 5 5. Films en foto's... 8 6. Overige vragen... 8 1. Audio V: Hoe kan ik overschakelen tussen verschillende audiobronnen (bv.
Quick Guide WEB EDITION
RSE Quick Guide WEB EDITION REAR SEAT ENTERTAINMENT SYSTEM DUAL SCREEN Uw auto is voorzien van een exclusief multimediasysteem. Het Rear Seat Entertainment System (dat verder wordt aangeduid als het RSE-systeem)
Handleiding voor snelle aansluiting en bediening HDD Network Audio Component NAC-HD1E
3-213-272-41(1) Handleiding voor snelle aansluiting en bediening HDD Network Audio Component NAC-HD1E In deze handleiding worden de algemene aansluitingen en handelingen beschreven waarmee u muziek kunt
De Konftel 250 Korte handleiding
Conference phones for every situation De Konftel 250 Korte handleiding NEDERLANDS Beschrijving De Konftel 250 is een conferentietelefoon die kan worden aangesloten op analoge telefoonaansluitingen. Zie
Veelgestelde vragen Audio
Veelgestelde vragen 2017- Audio 1 Honda Connect - Veelgestelde vragen - Audio. Vraag: Waarom kan ik niet door alle albums/muzieknummers enz. Browsen wanneer ik Bluetooth-audio gebruik? A: Deze functie
HS-2R Radio-hoofdtelefoon van Nokia Gebruikershandleiding. 9355495 Uitgave 2
HS-2R Radio-hoofdtelefoon van Nokia Gebruikershandleiding 9355495 Uitgave 2 CONFORMITEITSVERKLARING NOKIA CORPORATION verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat het product HS-2R conform is aan de bepalingen
Bediening van de Memory Stick-speler
Bediening Bediening van de Memory Stick-speler Over Memory Sticks Stel Memory Sticks niet bloot aan statische elektriciteit en elektrische bronnen. Dit om te voorkomen dat gegevens op de stick verloren
De Konftel 300W Korte handleiding
Conference phones for every situation De Konftel 300W Korte handleiding NEDERLANDS Beschrijving De Konftel 300W is een draadloze conferentietelefoon op batterijen, die kan worden aangesloten op DECT-systemen,
Aan de slag. Multimedia / Multimedia Navi Pro. Persoonlijke instellingen configureren
Aan de slag Multimedia / Multimedia Navi Pro Via het startscherm gaat u gemakkelijk naar alle toepassingen. Via de onderste balk gaat u snel naar: Start Audio Telefoon Navigatie Klimaat Persoonlijke instellingen
Bediening van de CD-speler
Bediening van de CD-speler Over compact discs De cd wordt door een laserstraaltje gelezen; het CD-oppervlak komt dus met niets in aanraking. Krassen op de cd of een kromme cd veroorzaken een slechte geluidskwaliteit
Gebruik van de afstandsbediening
Gebruik van de afstandsbediening Voorzorgsmaatregelen voor het gebruik van de afstandsbediening Wees voorzichtig met de afstandsbediening, hij is licht en klein. Als hij valt kan hij kapot gaan, de batterij
ENVIVO. Mini bluetooth speaker USER MANUAL ENV-1435
ENVIVO Mini bluetooth speaker USER MANUAL INHOUDSOPGAVE WELKOM... 4 PRODUCT OVERZICHT... 6 AAN DE SLAG... 8 FM FREQUENTIE AANPASSEN... 9 TELEFOONGESPREKKEN... 10 LIJN IN... 11 SPECIFICATIES... 12 VEEL
SonicHub Audio Server. Gebruiksaanwijzing
SonicHub Audio Server Gebruiksaanwijzing NL Inhoud Inleiding... 3 Instellen van de SonicHub... 6 Audio activeren... 6 Selecteren van AM/FM tuner regio... 6 SonicHub mediabalk panelen... 7 Bediening van
DAB+ FM-RADIO DAB-42 GEBRUIKSHANDLEIDING
DAB+ FM-RADIO DAB-42 GEBRUIKSHANDLEIDING Lees deze gebruikshandleiding a.u.b. zorgvuldig door voorafgaand aan gebruik en bewaar de instructies als eventueel naslagwerk. PRODUCTOVERZICHT 1 Aan/Uit/Modus-knop
BLUETOOTH-AUDIO-ONTVANGER/Z ENDER
BLUETOOTH-AUDIO-ONTVANGER/Z ENDER Snel installatiegids DA-30501 Inhoud Vóór gebruik... 2 1. Informatie over de DA-30501... 2 2. Systeemeisen... 2 3. Overzicht... 2 Aan de slag... 3 1. De batterij van de
Touch & Go Touch & Go Plus. Handleiding audio, navigatie, Bluetooth en achteruitrijcamerasysteem
Touch & Go Touch & Go Plus Handleiding audio, navigatie, Bluetooth en achteruitrijcamerasysteem 1. BASISINFORMATIE Inleiding UITVOERING touchscreen CONTROLEREN Deze handleiding bestaat uit 2 delen. In
V 2.0. Handleiding Glashart Media Android applicatie
V 2.0 Handleiding Glashart Media Android applicatie Alle mogelijkheden van de Glashart Media app:* - Een persoonlijk overzicht: het 'dashboard' - Meerdere Set-Top boxen kunnen gekoppeld worden (woonkamer,
Audio en telematica Internetdiensten. Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3
Audio en telematica Niveau Niveau 2 Niveau 3 Internetbrowser Druk op om de hoofdpagina weer te geven. 3 Audio en telematica Druk op " Internetbrowser " om de startpagina van de internetbrowser weer te
Spraakbediening WERKINGSPRINCIPE. Uzelf duidelijk verstaanbaar maken. Belangrijke informatie
WERKINGSPRINCIPE Belangrijke informatie Met spraakbediening kunt u belangrijke functies van het navigatiesysteem activeren zonder de bedieningselementen handmatig te hoeven aanraken. Hiermee kunt u zich
HET MODELNUMMER FIESTA2. Mp3 speler met luidspreker. Instructiehandleiding
Mp3 speler met luidspreker HET MODELNUMMER FIESTA2 Instructiehandleiding Lees deze instructies svp goed door alvorens dit apparaat in gebruik te nemen. NL Gebruiksaanwijzing TOETS AANDUIDINGEN 9 1 3 2
Verwarming en ventilatie
Verwarming en ventilatie BEDIENINGSELEMENTEN 1. Temperatuurregeling. Afzonderlijk instelbaar voor de bestuurder en de passagier voorin. 2. Programma voor maximaal ontdooien. 3. Luchtverdeling. In de geselecteerde
Handleiding. Sinner bluetooth scooterhelm
Handleiding Sinner bluetooth helm Sinner bluetooth skihelm Sinner bluetooth scooterhelm Inhoudsopgave 1 Introductie bluetooth 1.1 Bluetooth helm controle knop 1.2 Ondersteunende profielen en functies 1.3
OPEL Ampera Handleiding Infotainment
OPEL Ampera Handleiding Infotainment Inhoud Inleiding... 4 Basisbediening... 13 Radio... 22 CD-speler... 29 Externe apparaten... 32 Navigatie... 43 Stemherkenning... 61 Telefoon... 68 Trefwoordenlijst...
OPEL MERIVA Handleiding Infotainment
OPEL MERIVA Handleiding Infotainment Inhoud Navi 950/650 / CD 600... 5 CD 400plus/400/300... 89 Navi 950/650 / CD 600 Inleiding... 6 Basisbediening... 17 Radio... 25 Cd-speler... 32 Externe apparaten...
NAVIGATIE. Quick Start Guide X-302MH. Nederlands. Rev 1.0
NAVIGATIE Quick Start Guide X-302MH Nederlands Rev 1.0 Van start gaan Als u de navigatiesoftware de eerste keer gebruikt, wordt een automatisch proces gestart voor het instellen van de basisinstellingen.
OPEL CASCADA. Infotainment System
OPEL CASCADA Infotainment System Inhoud Navi 950/650 / CD 600... 5 CD 400plus/400/300... 85 Navi 950/650 / CD 600 Inleiding... 6 Basisbediening... 17 Radio... 25 CD-speler... 32 Externe apparaten...
DT-120/DT-180. NL Revision 1
DT-120/DT-180 NL Revision 1 31 Bedieningselementen 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 POWER / BAND LCD-display DBB / STEP Mono / Stereo/Tijd instellen Afstemmen omhoog / omlaag Volumeknop Lock-schakelaar Batterijcompartiment
Toyota Touch & Go/Plus Multimediasysteem Quick Guide
Toyota Touch & Go/Plus Multimediasysteem Quick Guide 1 Registreren 3 Koppelen telefoon 4 Muziek versturen met Bluetooth 5 Muziek afspelen 5 Bellen 6 Navigatie 7 POI's zoeken 8 USB navigatiebestemming 9
Handleiding M532 HD-recorder
Handleiding M532 HD-recorder Als de M532 HD-recorder voor de eerste maal in gebruik genomen wordt zal de benodigde software op de M532 geïnstalleerd worden De Harde schijf wordt na het laden van de software
Bediening van de tuner
Bediening Bediening van de tuner FM ontvangstkenmerken Over het algemeen biedt FM een veel betere klankkwaliteit dan AM. FM en FM stereo hebben met andere karakteristieke problemen te kampen die AM niet
Gebruikershandleiding voor Nokia Display-hoofdtelefoon HS Uitgave 1
Gebruikershandleiding voor Nokia Display-hoofdtelefoon HS-6 9232426 Uitgave 1 CONFORMITEITSVERKLARING NOKIA CORPORATION verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat het product HS-6 conform is aan de bepalingen
Mp3 speler met luidspreker Instructiehandleiding. Lees deze instructies svp goed door alvorens dit apparaat in gebruik te nemen.
Mp3 speler met luidspreker Instructiehandleiding Lees deze instructies svp goed door alvorens dit apparaat in gebruik te nemen. NL Gebruiksaanwijzing TOETS AANDUIDINGEN 9 1 3 2 5 6 4 8 7 1 Vermogen AAN/UIT
V 3.0. Handleiding Glashart Media Android applicatie
V 3.0 Handleiding Glashart Media Android applicatie Alle mogelijkheden van de Glashart Media app:* - Een persoonlijk overzicht: het 'dashboard' - Meerdere Set-Top boxen kunnen gekoppeld worden (woonkamer,
HP Mobile Remote Control (alleen bepaalde modellen) Gebruikershandleiding
HP Mobile Remote Control (alleen bepaalde modellen) Gebruikershandleiding Copyright 2008 Hewlett-Packard Development Company, L.P. Windows en Windows Vista zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken
FIAT DUCATO 603.46.926 NL
FIAT DUCATO 603.46.926 NL HANDSFREE FUNCTIE MET SPRAAKHERKENNING Het belangrijkste kenmerk van Blue&Me is het geavanceerde spraakherkenningssysteem ook als de mobiele telefoon daar niet mee is uitgerust.
Pocket Radio R16 DT-160
Pocket Radio R16 DT-160 Version 1 31 Bedieningselementen 1 Oortelefoonuitgang 2 Voorkeurzender 1/Tijd instellen 3 Voorkeurzender 2/STEP 4 Voorkeurzender 3 5 Voorkeurzender 4/Mono/Stereo 6 Voorkeurzender
Veiligheid ! WAARSCHUWING. ! VOORZICHTIG i. Beoogd gebruik. Pictogrammen in deze handleiding. Algemene veiligheidsvoorschriften
35 1. 1.1 Veiligheid Beoogd gebruik 1.2 Pictogrammen in deze handleiding! WAARSCHUWING! VOORZICHTIG i 1.3 Algemene veiligheidsvoorschriften! WAARSCHUWING! VOORZICHTIG! WAARSCHUWING! VOORZICHTIG i L 14
Magic Remote GEBRUIKERSHANDLEIDING
GEBRUIKERSHANDLEIDING Magic Remote Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de afstandsbediening gebruikt en bewaar de handleiding om deze naderhand te kunnen raadplegen. AN-MR650A www.lg.com ACCESSOIRES
INSTELLINGS EN GEBRUIKERSHANDLEIDING SENIOREN GSM MET PANIEKKNOP EN LOKALISATIE
INSTELLINGS EN GEBRUIKERSHANDLEIDING SENIOREN GSM MET PANIEKKNOP EN LOKALISATIE In deze handleiding beperken we ons tot de functionaliteiten zoals ze beschreven zijn op de website seniorenalarmen.be. Vooraleer
FORD TOURNEO CUSTOM / TRANSIT CUSTOM Geluidsinstallatie Instructieboekje
FORD TOURNEO CUSTOM / TRANSIT CUSTOM Geluidsinstallatie Instructieboekje De informatie in deze publicatie was correct ten tijde van het ter perse gaan. In het belang van de continue productontwikkeling
Welkom bij de Picture Package Producer 2. Picture Package Producer 2 starten en afsluiten. Stap 1: Beelden selecteren
Welkom bij de Picture Package Producer 2 Picture Package Producer 2 starten en afsluiten Stap 1: Beelden selecteren Stap 2: Geselecteerde beelden controleren Stap 3: Voorbereidingen treffen om een korte
Uw gebruiksaanwijzing. BLAUPUNKT RIO RCR 87 http://nl.yourpdfguides.com/dref/3310440
U kunt de aanbevelingen in de handleiding, de technische gids of de installatie gids voor BLAUPUNKT RIO RCR 87. U vindt de antwoorden op al uw vragen over de BLAUPUNKT RIO RCR 87 in de gebruikershandleiding
Welkom bij de Picture Package Producer 2
Handleiding voor Picture Package Producer2 Welkom bij de Picture Package Producer 2 Welkom bij de Picture Package Producer 2 Picture Package Producer 2 starten en afsluiten Stap 1: Beelden selecteren Stap
Bediening van de CD-speler
Bediening van de CD-speler Over compact discs De cd wordt door een laserstraaltje gelezen; het CD-oppervlak komt dus met niets in aanraking. Krassen op de cd of een kromme cd veroorzaken een slechte geluidskwaliteit
Gebruikershandleiding. 2GB Auto MP3 Speler Met FM zender
Gebruikershandleiding 2GB Auto MP3 Speler Met FM zender De gesprekskosten bedragen 0,18 /minuut 2 INHOUDSOPGAVE 1. VOORWOORD... 4 2. OPMERKINGEN... 4 3. FUNCTIES... 4 4. KNOPPEN EN SCHERM... 4 4.1 Functies
Uw gebruiksaanwijzing. LENCO MES-221 http://nl.yourpdfguides.com/dref/2321283
U kunt de aanbevelingen in de handleiding, de technische gids of de installatie gids voor LENCO MES-221. U vindt de antwoorden op al uw vragen over de LENCO MES-221 in de gebruikershandleiding (informatie,
3. Video, DVD en radio
77 3. Video, DVD en radio Windows Media Player 10 kan voor meer gebruikt worden dan het beluisteren van muziek. Ook voor het bekijken van videofilmpjes is het programma zeer geschikt. Met Windows Media
NL Jam Plus. Hartelijk dank voor de aanschaf van de HMDX Jam Plus draadloze luispreker. Waar je een Jam vindt, vind je een feest!
NL Jam Plus Hartelijk dank voor de aanschaf van de HMDX Jam Plus draadloze luispreker. Waar je een Jam vindt, vind je een feest! Lees deze instructies door en bewaar ze om ze later te kunnen raadplegen.
InterVideo Home Theater Snel op weg-gids Welkom bij InterVideo Home Theater!
InterVideo Home Theater Snel op weg-gids Welkom bij InterVideo Home Theater! InterVideo Home Theater is een complete oplossing voor digitaal entertainment om tv te kijken en op te nemen, foto's te bekijken
Groep 10 IMD42 Niels Cremers Marc Hensen Sander Keurentjes Mathijs Mejan. De Handleiding
Groep 10 IMD42 Niels Cremers Marc Hensen Sander Keurentjes Mathijs Mejan De Handleiding Index Inleiding... 3 De meters... 4 Het stuur... 6 Het navigatie systeem... 9 De Console... 10 De radio... 11 2 Inleiding
Parrot MINIKIT+ Gebruikershandleiding
Parrot MINIKIT+ Gebruikershandleiding Index Index... 2 Het eerste gebruik... 4 Voordat u begint... 4 Inhoud van de doos... 4 De taal veranderen... 4 De handsfree-set installeren... 5 Batterij... 5 De Parrot
FUSION MS-NRX300 NEDERLANDS
FUSION MS-NRX300 MARINE WIRED REMOTE GEBRUIKERSHANDLEIDING NEDERLANDS FUSIONENTERTAINMENT.COM 2016 2017 Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen Alle rechten voorbehouden. Volgens copyrightwetgeving mag
WEKKERRADIO MET IPOD DOCK. Handleiding. Lees deze handleiding zorgvuldig voor het verbinden en bedienen van het product, en bewaar de handleiding voor
WEKKERRADIO MET IPOD DOCK IPD-3500 Handleiding Lees deze handleiding zorgvuldig voor het verbinden en bedienen van het product, en bewaar de handleiding voor toekomstige referentie. Voor informatie en
HP Media Remote Control (alleen bepaalde modellen) Gebruikershandleiding
HP Media Remote Control (alleen bepaalde modellen) Gebruikershandleiding Copyright 2008 Hewlett-Packard Development Company, L.P. Windows en Windows Vista zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken
Inhoud. De Beo4-afstandsbediening gebruiken, 3. De Beo4-knoppen in detail, 4 Dagelijkse en geavanceerde bediening met Beo4-knoppen
Beo4 Handleiding Inhoud De Beo4-afstandsbediening gebruiken, 3 De Beo4-knoppen in detail, 4 Dagelijkse en geavanceerde bediening met Beo4-knoppen De Beo4 aanpassen, 5 Een extra 'knop' toevoegen Extra 'knoppen'
Afbeelding: V1.0. Klantenservice: 0165-751308 [email protected]. 2. Uitleg van de toetsen Gebruik de afbeelding V1.
Afbeelding: V1.0 2. Uitleg van de toetsen Gebruik de afbeelding V1.0 voor deze tabel De groene hoorn met OK erop Enter/beantwoorden Bellen In stand-by: Toegang naar bellijst In menu: enter knop De rode
Afstandsbediening Telis 16 RTS
Afstandsbediening Telis 16 RTS Bedieningshandleiding Telis 16 RTS Pure Art.nr. 1811020 Telis 16 RTS Silver Art.nr. 1811021 Afstandsbediening Telis 16 RTS 16 Kanaals zender met display Telis 16 RTS Pure
Waarschuwingen. Het onderstaande symbool geeft belangrijke of nuttige informatie aan die u in gedachte dient te houden.
De onderstaande symbolen worden in de handleiding en op het apparaat zelf gebruikt als waarschuwing. Hiermee wordt getoond hoe het product veilig en correct wordt gebruikt om persoonlijk letsel aan u en
Nederlands Tiny Audio C11 DAB+ digitale adapter met ingebouwde antenne bypass FM-modulator HANDLEIDING Lees dit aandachtig door voor gebruik
Nederlands Tiny Audio C11 DAB+ digitale adapter met ingebouwde antenne bypass FM-modulator HANDLEIDING Lees dit aandachtig door voor gebruik 1 Veiligheidsinstructies Stel deze radio niet bloot aan regen
HP Mobile Remote Control (alleen bepaalde modellen) Gebruikershandleiding
HP Mobile Remote Control (alleen bepaalde modellen) Gebruikershandleiding Copyright 2008 Hewlett-Packard Development Company, L.P. Windows en Windows Vista zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken
Let op: - Houd, zoals hieronder getoond, voor een goede ventilatie, genoeg ruimte rondom het apparaat vrij: (add line drawing)
Let op: - Houd, zoals hieronder getoond, voor een goede ventilatie, genoeg ruimte rondom het apparaat vrij: (add line drawing) - Verwijder a.u.b. niet het plastic kapje van de FM-antenne (A) aan de achterzijde
Handleiding M532 PVR maart 2011
Handleiding M532 PVR maart 2011 Als de M532 Personal Video Recorder voor de eerste maal in gebruik genomen wordt zal de benodigde software op de M532 geïnstalleerd worden. De Harde schijf wordt na het
NEDERLANDS. Snelstartgids GPS 100 GLOBAL POSITIONING SYSTEM ONTVANGER. Instructies om u op weg te helpen! Niets overtreft een Cobra
NEDERLANDS Snelstartgids GPS 100 GLOBAL POSITIONING SYSTEM ONTVANGER Instructies om u op weg te helpen! Niets overtreft een Cobra GPS 100 GLOBAL POSITIONING SYSTEM UITZOOMEN- KNOP UITZOOMEN- KNOP Bevestigingspunt
TomTom Hands-Free Car Kit Documentatiegids
TomTom Hands-Free Car Kit Documentatiegids Inhoud Overzicht 3 Wat zit er in de doos? 4 Wat zit er in de doos?... 4 Aan de slag 6 De TomTom Hands-Free Car Kit in de auto bevestigen... 6 De TomTom Hands-Free
BEDIENING & AANSLUITINGEN
BEDIENING & AANSLUITINGEN VOORKANT ZIJ- EN ACHTERKANT 1. Volumeknop 2. Mode knop 3. Stand-by knop 4. Preset/ Prog knop 5. LCD scherm 6. Casetteknop 7. Casetteklep 8. Scan/ Play pauze knop 9. Menu knop
OPEL CORSA Handleiding Infotainment
OPEL CORSA Handleiding Infotainment Inhoud IntelliLink... 5 CD 3.0 BT / R 3.0... 63 FlexDock... 107 IntelliLink Inleiding... 6 Radio... 21 Externe apparaten... 31 Spraakherkenning... 44 Telefoon... 46
