Leve de rechtsstaat! VMBO
|
|
|
- Siebe Peters
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Leve de rechtsstaat! VMBO Korte omschrijving van de werkvorm Er worden 10 stellingen met betrekking tot de machtenscheiding/rechtsstaat voorgelegd. Leerlingen selecteren welke 5 stellingen passen in een rechtsstaat en welke 5 niet. Toelichting en discussie na antwoorden. Leerdoel Leerlingen leren de kenmerken van een rechtsstaat herkennen. Duur minuten Wat doet de docent? Stap 1 Verdeel de klas in groepjes van twee. Deel de stellingen uit. Stap 2 Elk groepje maakt een selectie. Bespreek de antwoorden klassikaal. Wat doen de leerlingen? Bespreek de stellingen in groepjes van twee. Kenmerken rechtsstaat Aan welke kenmerken moet een rechtsstaat voldoen? Hier staan ze nog even kort op een rijtje. 1. Grondwet Hierin staan de belangrijkste wetten en grondrechten. 2. Legaliteitsbeginsel Je kunt alleen gestraft worden voor iets dat in de wet staat. 3. Burgers hebben gelijke rechten Iedereen is gelijk volgens de wet. 4. Machtenscheiding Wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht zijn gescheiden 5. Onafhankelijke rechtspraak De rechter is onafhankelijk
2 Opdracht Rechtsstaat Aan welke kenmerken moet een rechtsstaat voldoen? Hier staan ze nog even kort op een rijtje. 1. Grondwet Hierin staan de belangrijkste wetten en grondrechten. 2. Legaliteitsbeginsel Je kunt alleen gestraft worden voor iets dat in de wet staat. 3. Burgers hebben gelijke rechten Iedereen is gelijk volgens de wet. 4. Machtenscheiding Wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht zijn gescheiden 5. Onafhankelijke rechtspraak De rechter is onafhankelijk Bekijk de onderstaande 12 stellingen. Welke stelling past bij een rechtsstaat en welke niet? 1. Ministers bemoeien zich niet met lopende rechtszaken. 2. Ook het koningshuis moet zich aan de wet houden. 3. Een politicus moet voor de rechtbank verschijnen. De minister van justitie wil dat de zaak niet doorgaat en belt met de Officier van Justitie. 4. Politieagenten die verdacht worden van een misdrijf moeten ook voor de rechter komen. 5. Het maakt niet uit of een rechter lid is van een politieke partij. 6. Een wet kan tegengehouden worden als een meerderheid van de rechters hem niet wil uitvoeren. 7. Een rechter vindt de wet niet streng genoeg. Hij besluit een verdachte een hogere straf te geven dan in de wet staat. 8. De verdachte van een moord wordt door de rechter vrijgesproken. De Tweede Kamer is het hier niet mee eens en eist van de minister van justitie dat de verdachte wordt gestraft. 9. De minister-president is aangeklaagd. Een meerderheid van het parlement beslist dat hij niet vervolgd mag worden. 10. De Tweede Kamer kan niet tijdens een strafproces de wet wijzigen, om een verdachte een hogere straf te geven. 11. Een politieke partij wil alle andere partijen verbieden. 12. Een rechter mag lid zijn van de Tweede Kamer. Rechtsstaat: Geen rechtsstaat: 2
3 Antwoorden Rechtsstaat 1. Ministers bemoeien zich niet met lopende rechtszaken. 2. Ook het koningshuis moet zich aan de wet houden 4. Politieagenten die verdacht worden van een misdrijf moeten ook voor de rechter komen. 5. Het maakt niet uit van welke politieke partij een rechter lid is. 10. De Tweede Kamer kan niet tijdens een strafproces de wet wijzigen, om een verdachte een hogere straf te geven. Geen rechtsstaat 3. Een politicus moet voor de rechtbank verschijnen. De minister van justitie wil dat de zaak niet doorgaat en belt met de Officier van Justitie. 6. Een wet kan tegengehouden worden als een meerderheid van de rechters hem niet willen uitvoeren. 7. Een rechter vindt de wet niet streng genoeg. Hij besluit een verdachte een hogere straf te geven dan in de wet staat. 8. De verdachte van een moord wordt door de rechter vrijgesproken. De Tweede Kamer is het hier niet mee eens en eist van de minister van justitie dat de verdachte wordt gestraft. 9. De minister-president wordt aangeklaagd. Een meerderheid van het parlement beslist dat hij niet vervolgd mag worden. 11. Een politieke partij wil alle andere partijen verbieden. 12. Een rechter mag lid zijn van de Tweede Kamer. 3
4 Leve de rechtsstaat! H/V Korte omschrijving van de werkvorm Korte omschrijving werkvorm De leerlingen worden ingedeeld in groepjes van 4 á 6 leerlingen. Elk groepje krijgt een eigen casus waarin twee grondrechten met elkaar botsen. Elk groepje bedenkt argumenten waarom het ene grondrecht in dit geval belangrijker is dan het andere grondrecht en andersom. Vervolgens presenteren ze beide kanten van het verhaal aan de rest van de klas. Na de presentatie brengen de overige leerlingen individueel een stem uit op welk grondrecht zij in dit geval belangrijker vinden. Na de stemming volgt een korte discussie over de uitkomst. Leerdoel Het idee is dat dit onderdeel de leerlingen tot nadenken stemt. We hebben allemaal grondrechten, maar wat nu als twee grondrechten botsen? Leerlingen zien zo niet alleen het belang van grondrechten voor henzelf en anderen, maar ook het spanningsveld wat kan ontstaan tussen grondrechten. Extra achtergrondinformatie Ter achtergrondinformatie kunt u de leerlingen uitleggen dat botsingen tussen grondrechten daadwerkelijk in de praktijk van alledag voor dilemma s zorgen. Het ene grondrecht is namelijk niet zomaar altijd belangrijker dan het andere grondrecht. Bij een botsing beslist de rechter per geval. Wat vinden de leerlingen ervan dat er geen hiërarchie is in grondrechten? Kunnen ze bedenken waarom dat niet zo is? Als leuke inleider of bij de nabespreking kunt u eventueel gebruik maken van een Amerikaans gezegde: De vrijheid van jouw vuist eindigt waar mijn neus begint. Wat vinden de leerlingen van dit gezegde? Duur minuten Wat doet de docent? Stap 1: Materiaal 1. Per groepje een A4tje met de casus 2. Per groepje een vel papier op A3 formaat 3. Per groepje 1 of 2 stiften om argumenten op vel papier te schrijven Stap 2: Indeling leerlingen Deel de leerlingen op in groepjes. Stap 3: Leg uit wat de bedoeling is Vertel dat elk groepje met een andere casus aan de slag gaat. In de casus botsen twee grondrechten met elkaar, bijvoorbeeld de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst. Elk groepje bedenkt argumenten waarom het ene grondrecht belangrijker is, maar ook argumenten waarom het andere grondrecht belangrijker is. Ze werken dit uit op een groot vel en bedenken hoe ze het vervolgens duidelijk kunnen presenteren aan de rest van de groep. Stap 4: In groepjes aan de slag Zorg dat de groepjes aan de slag gaan en loop, eventueel samen met de docent(en), rond om vragen te beantwoorden en de groepjes te motiveren goed aan de slag te gaan. 4
5 Stap 5: presentaties en discussie Laat de groepjes om de beurt een presentatie geven. Ze lichten eerst kort de casus toe en presenteren dan de argumenten voor beide grondrechten. Vervolgens stemt iedereen in de klas individueel door bijvoorbeeld de hand op te steken. Welk grondrecht vindt de meerderheid van de klas in dit geval het belangrijkst? Vervolgens is er een korte discussie of de uitkomst. Let op: het is uiteraard geen probleem wanneer leerlingen moeilijk een keuze kunnen maken. Het idee is juist dat ze het spanningsveld snappen en zich realiseren dat dit soort botsingen lastig zijn. Wat doen de leerlingen? De leerlingen gaan zelfstandig in groepjes aan de slag en doen daarna actief mee aan de discussie in de hele klas. Praktische tips/ Wat te doen als Mocht u weinig tijd hebben voor dit onderdeel, dan kunt u er ook voor kiezen om in grotere groepen aan de slag te gaan. Wanneer tijdens een stemming blijkt dat iedereen hetzelfde grondrecht het meest belangrijk vindt, kunt u de klas wellicht de volgende vragen stellen: Kun je mensen bedenken die wellicht het andere grondrecht belangrijker vinden? en Heb je begrip voor deze groep mensen?. Tenslotte is de discussie rondom een casus vrij gemakkelijk uit te breiden door de casus iets te veranderen. Zo kun je bij de casus waar mensen voor kut-marokkaan zijn uitgescholden vragen of de mening van leerlingen verandert wanneer er bijvoorbeeld kut-allochtoon of kut-hollander was geroepen. Bij bespreking van de casus over het afluisterapparaat kun je de leerlingen vragen of het verschil maakt dat Albert Verlinde een bekende Nederlander is. Ook bij de andere casussen zijn verschillende vragen te bedenken om de discussie nog iets mee te verdiepen. 5
6 1) Casus Afluisterapparaat Jongerenomroep BNN heeft met een afluisterapparaat gesprekken tussen presentator Albert Verlinde en zijn man opgenomen. Dit deden ze door Albert Verlinde zogenaamd een prijs te geven voor zijn journalistieke prestaties. In de prijs zat een afluisterapparaat verstopt. BNN wilde delen van de gesprekken uitzenden in het tv-programma VOC, dat staat voor Verbond van Ongeleide Correspondenten. De rechter heeft echter besloten dat BNN niets van de gesprekken mag uitzenden. Welke grondrechten botsen hier? 1) Vrijheid van meningsuiting 2) Recht op privacy (ook wel eerbiediging persoonlijke levenssfeer genoemd) In de grondwet staat hier het volgende over: Artikel 7 gaat over de vrijheid van meningsuiting. In dit artikel staat over radio en televisie: De wet stelt regels omtrent radio en televisie. Er is geen voorafgaand toezicht op de inhoud van een radio- of televisie-uitzending. Artikel 10 gaat over de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. In dit artikel staat onder andere: Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer. 1) Bedenk argumenten waarom jullie het wel of niet eens zijn met de uitspraak van de rechter. Voor welk grondrecht heeft de rechter in dit geval gekozen? 2) Werk op het grote vel papier uit waarom je in dit geval zou kunnen kiezen voor de vrijheid van meningsuiting en waarom je zou kunnen kiezen voor de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. 6
7 2) Casus Homoseksuele leraar Een homoseksuele leraar solliciteert op een christelijke basisschool. In zijn sollicitatiegesprek vertelt hij eerlijk dat hij een relatie met een man heeft. De directeur van de basisschool besluit dat de leraar daarom niet op de school mag komen werken. Volgens de directeur is het gedrag van de homoseksuele leraar in strijd met de grondslag van de school. Welke grondrechten botsen hier? 1) Vrijheid van onderwijs (en daarbij vrijheid van godsdienst) 2) Verbod op discriminatie (gelijkheidsbeginsel) In de grondwet gaat artikel 1 over het verbod op discriminatie. Daar staat dat iedereen in gelijke gevallen gelijk behandeld moet worden. Discriminatie, op welke grond dan ook, is niet toegestaan. In de grondwet staat ook (in artikel 23) dat scholen een godsdienstige (in dit geval christelijke) grondslag mogen hebben. Op deze school vindt men dat in de Bijbel staat dat homoseksualiteit verboden is. Over de vrijheid van godsdienst (in artikel 6) staat geschreven dat ieder het recht heeft zijn godsdienst of levensovertuiging vrij te belijden. 1) Bedenk argumenten waarom jullie het wel of niet eens zijn met het besluit van de directeur. Voor welk grondrecht heeft de directeur in dit geval gekozen? 2) Werk op het grote vel papier uit waarom je in dit geval zou kunnen kiezen voor de vrijheid van onderwijs/godsdienst en waarom je zou kunnen kiezen voor het gelijkheidsbeginsel. 7
8 3) Casus Discriminatie Een groepje autochtone jongeren loopt dagelijks langs een huis waar mensen van Marokkaanse afkomst wonen. Ze roepen elke keer hard kut-marokkanen. Het gezin van Marokkaanse afkomst doet hierop aangifte, want ze voelen zich gediscrimineerd. De jongeren vinden echter dat ze hun mening vrij mogen uiten. Welke grondrechten botsen hier? 1) Verbod op discriminatie (gelijkheidsbeginsel) 2) Vrijheid van meningsuiting In de grondwet gaat artikel 1 over het verbod op discriminatie. Daar staat dat iedereen in gelijke gevallen gelijk behandeld moet worden. Discriminatie, op welke grond dan ook, is niet toegestaan. Artikel 7 in de grondwet gaat over de vrijheid van meningsuiting. Daarin staat dat je binnen de kaders van de wet vrij bent om je gedachten of gevoelens te uiten. 1) Bedenk argumenten waarom jullie het wel of niet eens zijn met het besluit van het gezin om aangifte te doen. Voor welk grondrecht zouden jullie in dit geval kiezen? 2) Werk op het grote vel papier uit waarom je in dit geval zou kunnen kiezen voor de vrijheid van meningsuiting en waarom je zou kunnen kiezen voor het verbod op discriminatie. 8
9 4) Casus Maatregelen terreurbestrijding In 2008 stelde de Nederlandse regering voor om telefoon- en internetgegevens 18 maanden te bewaren. Volgens een Europese richtlijn moet dat om terrorisme beter te kunnen bestrijden. Sinds een grote terroristische aanslag in 2001 in Amerika zijn in veel westerse landen verschillende maatregelen genomen die de privacy van burgers inperken. Argument hiervoor is meestal dat de veiligheid van burgers hierdoor toeneemt. Welke grondrechten botsen hier? 1) Het recht op privacy 2) Het recht op bescherming door de overheid Het recht op privacy (bescherming van de persoonlijke levenssfeer) is in de Nederlandse grondwet vastgelegd in artikel tien tot en met dertien. Artikel dertien gaat over het recht om vertrouwelijk te kunnen communiceren via brief, telefoon, en andere gebruikelijke communicatiemiddelen. Naast recht op privacy heb je als burger ook recht op bescherming door de overheid, bijvoorbeeld tegen de dreiging van een terreuraanslag. 1) Bedenk argumenten waarom jullie het wel of niet eens zijn met het voorstel van de Nederlandse regering om telefoon- en internetgegevens te bewaren. Zouden jullie in dit geval kiezen voor privacy of niet? 2) Werk op het grote vel papier uit waarom je in dit geval zou kunnen kiezen voor het recht op privacy en waarom je zou kunnen kiezen voor het recht op bescherming door de overheid. 9
10 5) Casus privé-foto s Koninklijk Huis Prins Willem Alexander, prinses Maxima en hun kinderen zijn op vakantie in Argentinië. Een fotograaf maakt, zonder toestemming te vragen aan de Koninklijke familie, een paar foto s. Het zijn leuke foto s, waarop je ziet dat de prinsesjes veel plezier hebben. De foto s worden gepubliceerd in een tijdschrift. De prins stapt hierop naar de rechter, want hij vindt dat privé-foto s van zijn familie niet gepubliceerd mogen worden. Privéfoto s mogen naar zijn mening alleen gemaakt worden tijdens georganiseerde fotosessies door het Koninklijk Huis zelf. Welke grondrechten botsen hier? 1) Recht op privacy (ook wel eerbiediging persoonlijke levenssfeer genoemd) 2) Persvrijheid In de grondwet staat hier het volgende over: Artikel 10 gaat over de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. In dit artikel staat onder andere: Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer. Artikel 7 gaat over de vrijheid van meningsuiting. In dit artikel staat over de drukpers (kranten en tijdschriften): Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet. 1) Bedenk argumenten waarom jullie vinden of de foto s wel of niet gepubliceerd mogen worden. Voor welk grondrecht zouden jullie in dit geval gekozen? 2) Werk op het grote vel papier uit waarom je in dit geval zou kunnen kiezen voor het recht op privacy en waarom je zou kunnen kiezen voor de vrijheid van meningsuiting. 10
11 6) Historische Casus Koning Gorilla Aan het einde van de Negentiende eeuw was de Willem III koning der Nederlanden. Hij stond bekend om zijn opvliegende karakter. Het blad Recht voor allen van de socialistische politicus Ferdinand Domela Nieuwenhuis bekritiseerde het optreden van de koning. Regelmatig verschenen er weinig vleiende artikelen in het blad. In 1886 verschijnt er een satirisch artikel over het bezoek van Willem III aan Amsterdam. Domela Nieuwenhuis wordt opgepakt en veroordeeld tot een half jaar cel. Welke wetsartikelen botsen hier? 1) Persvrijheid 2) Majesteitsschennis (belediging van het koningshuis) Artikel 7 gaat over de vrijheid van meningsuiting. In dit artikel staat over de drukpers (kranten en tijdschriften): Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet. Artikel 111 Wetboek van Strafrecht gaat over de opzettelijke belediging van de koning: Opzettelijke belediging van de Koning wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van de vierde categorie. Artikel 113 Wetboek van Strafrecht gaat over het verspreiden van artikelen over de koning: Hij die een geschrift of afbeelding waarin een belediging voorkomt voor de Koning verspreidt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie. 1) Bedenk welke argumenten men in de rechtszaal voor en tegen de veroordeling van Domela Nieuwenhuis zou hebben gehad. 2) Werk op het grote vel papier uit waarom je (in die tijd) zou kunnen kiezen voor de persvrijheid en waarom je zou kunnen kiezen voor de majesteitsschennis 11
Docentenhandleiding Botsende grondrechten
Docentenhandleiding Botsende grondrechten Korte omschrijving programma-onderdeel: De leerlingen worden ingedeeld in groepjes van elk 4 à 6 leerlingen. Afhankelijk van de grootte van de klas ontstaan er
AAN DE SLAG MET DE RECHTSSTAAT
OKTOBER 2018 AAN DE SLAG MET #3 WAT HEB JE NODIG? PowerPoint Per groepje twee werkbladen met opdrachten van verschillende landen DE WERKVORM IN HET KORT Eerst leg je aan de hand van een PowerPointdia uit
Instructie: Landenspel light
Instructie: Landenspel light Korte omschrijving werkvorm In dit onderdeel vormen groepjes leerlingen de regeringen van verschillende landen. Ieder groepje moet uiteindelijk twee werkbladen (dus twee landen)
Instructie Machtenscheidingsquiz
Instructie Machtenscheidingsquiz Korte omschrijving werkvorm De leerlingen worden ingedeeld in teams. Elk team strijdt om de meeste punten. Er zijn kennisvragen en blufvragen. Bij kennisvragen kiest elk
Discriminatie? vmbo12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.
Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 26 May 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/77316 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein
Module 7 Staatsinrichting en rechtsstaat
Module 7 Staatsinrichting en rechtsstaat 7.1 Onze democratie Tekst 1: Wie is de baas in Nederland? Nederland is een democratie. Dat betekent: de bevolking is de baas. Maar je kunt niet 16,7 miljoen bazen
ZOEKPLAAT GRONDRECHTEN
ZOEKPLAAT GRONDRECHTEN FEBRUARI 2016 AAN DE SLAG MET #2 WAT HEB JE NODIG? De zoekplaat staat op de volgende pagina en is in kleur te downloaden op www.prodemos.nl/popolitiek. DE WERKVORM IN HET KORT Nederland
Monarchie? vmbo. Korte omschrijving werkvorm Leerlingen maken zelf een nieuwe grondwet en debatteren over deze nieuwe grondwet.
Monarchie? vmbo Korte omschrijving werkvorm Leerlingen maken zelf een nieuwe grondwet en debatteren over deze nieuwe grondwet. Leerdoel De leerlingen leren de kenmerken van een staatsbestel met een erfelijk
Deze werkvorm kan goed gebruikt worden als verdieping op de werkvorm De vier vrijheden in beeld.
VRIJHEIDSDEBAT KORTE OMSCHRIJVING Aan de basis van de rechtsstaat ligt het gegeven dat burgers bepaalde vrijheden hebben en dat deze zijn vastgelegd in de grondwet. Deze vrijheden zijn echter niet onbegrensd
7,7. Samenvatting door een scholier 1909 woorden 22 oktober keer beoordeeld. Maatschappijleer
Samenvatting door een scholier 1909 woorden 22 oktober 2009 7,7 37 keer beoordeeld Vak Methode Maatschappijleer Delphi 1.1 Een rechtsstaat heft speciale kenmerken. Een staat is gekenmerkt door het hoogste
Handboek Politiek 2. Derde Kamer der Staten-Generaal
Handboek Politiek 2 Derde Kamer der Staten-Generaal Hallo Kamerlid, Jij bent lid van de Derde Kamer der Staten-Generaal. Als politicus moet je natuurlijk wel verstand hebben van politiek. Samen met je
Instructie: Rollenspel mishandeling
Instructie: Rollenspel mishandeling Korte omschrijving werkvorm: De leerlingen gaan samen een strafrechtszaak naspelen. In deze rechtszaak is het onderwerp mishandeling door ex-vriend. De leerlingen worden
Instructie rollenspel Belediging op internet
Instructie rollenspel Belediging op internet Korte omschrijving programmaonderdeel De leerlingen gaan samen een strafrechtszaak naspelen. In deze rechtszaak is het onderwerp belediging op internet. De
Instructie rollenspel Belediging op internet
Instructie rollenspel Belediging op internet Korte omschrijving programmaonderdeel De leerlingen gaan samen een strafrechtszaak naspelen. In deze rechtszaak is het onderwerp belediging op internet. De
Puzzel: Wie is wie in de kinderrechtszaal?
Puzzel: Wie is wie in de kinderrechtszaal? Korte omschrijving werkvorm De docent en leerlingen bekijken samen wie waar zit en wat doet in de rechtszaal. Hierbij staat de rol van het kind in de rechtszaal
2.1 Omcirkel het juiste antwoord.
2.1 Vraag 1 Het Parlement in Nederland bestaat uit... A. Eerste en Tweede Kamer B. Tweede Kamer en Provinciale Staten C. Provinciale staten en Gemeenteraad D. Tweede Kamer en Gemeenteraad Vraag 2 Waarom
Stap 1: Verdeel de leerlingen in groepjes van 4 tot 6 leerlingen. Er zijn 5 casussen, dus maximaal 5 groepjes. Geef elk groepje een casus.
Botsende Belangen Korte omschrijving: Dwars door politieke verbanden heen wordt soms verschillend gedacht over het nationale en het Europese belang. Voorstellen van de Europese Commissie kunnen door de
Debat: Rollenspel Mishandeling
Debat: Rollenspel Mishandeling Korte omschrijving werkvorm: De leerlingen gaan samen een strafrechtszaak naspelen. In deze rechtszaak is het onderwerp mishandeling door ex-vriend. Omdat het onderwerp van
Derde Kamer Handboek Politiek 2
Derde Kamer Handboek Politiek 2 Derde Kamer der Staten-Generaal Hallo Kamerlid, Jij bent lid van de Derde Kamer der Staten-Generaal. Als politicus moet je natuurlijk wel verstand hebben van politiek. Samen
Hoe beleven leerlingen de rechtsstaat? Workshop: rechtsstaat in de les; leerlingen activeren
Hoe beleven leerlingen de rechtsstaat? Workshop: rechtsstaat in de les; leerlingen activeren Rollenspel Befje op Befje af Hoger Lager Dilemma s Hoe lossen we dit op? Opgepakt, wat dan? Rechtenteller Landenspel
Handboek Politiek 2. Derde Kamer der Staten-Generaal
Handboek Politiek 2 Derde Kamer der Staten-Generaal Plak hier je pasfoto Derde Kamerlid Dit Handboek Politiek is van: Naam Klas Leeftijd Fractie Fotografie & cartoons: - Hans Kouwenhoven - RVD: p. 17 -
Onderzoek: 200 jaar Grondwet
Onderzoek: 200 jaar Grondwet Publicatiedatum: 27-3- 2014 Over dit onderzoek Het 1V Jongerenpanel, onderdeel van EenVandaag, bestaat uit 7000 jongeren van 12 t/m 24 jaar. Aan dit online onderzoek, gehouden
Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk rechtsstaat &4-6-7
Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk rechtsstaat &4-6-7 Samenvatting door Aylin 1392 woorden 7 maart 2018 8,5 3 keer beoordeeld Vak Methode Maatschappijleer Thema's maatschappijleer 4 Strafrecht: de
Een politieke partij oprichten
Een politieke partij oprichten Korte omschrijving werkvorm Verdeel de leerlingen in groepjes van vier. Ieder groepje richt een politieke partij op. Elke partij mag acht standpunten kiezen. Vijf standpunten
Examen VMBO-GL en TL 2006
Examen VMBO-GL en TL 2006 tijdvak 1 woensdag 31 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 37 vragen. Voor dit examen zijn maximaal
DE DEMOCRATIE-INDEX GROEP 1: 1815-1848. 3. Hebben alle partijen min of meer gelijke kansen in de campagneperiode?
DE DEMOCRATIE-INDEX GROEP 1: 1815-1848 ACHTERGRONDINFORMATIE PERIODE 1815-1848 DE EERSTE JAREN VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN Tussen 1795 en 1813 was Nederland overheerst geweest door de Fransen. In
Verdieping: argumenten van voor- en tegenstanders
Verdieping: argumenten van voor- en tegenstanders Korte omschrijving werkvorm Welke argumenten dragen voor- en tegenstanders van de Wet op de inlichtingen en veiligheidsdiensten (Wiv) aan? In kleine groepjes
ProDemos. voor docenten burgerschap, maatschappijleer, maatschappijwetenschappen
ProDemos voor docenten burgerschap, maatschappijleer, maatschappijwetenschappen 1 Inhoud workshop 1. Wat is ProDemos? 2. Wat doen wij voor docenten maatschappijleer? 3. Rechtsstaat en rechtspraak: leuke
Wat is een rechtsstaat?
Wat is een rechtsstaat? Nederlanders hebben veel vrijheid. We hebben bijvoorbeeld vrijheid van meningsuiting: we mogen zeggen en schrijven wat we willen. Toch heeft deze vrijheid grenzen. Zo staat er in
Puzzel: De rechtszaal
Puzzel: De rechtszaal Korte omschrijving werkvorm: De leerlingen vullen in wie waar zit of staat in de rechtszaal. Leerdoel: De leerlingen kennen de opstelling van een rechtszaal en ze weten welke actoren
LB Project 2 Politiek-Juridische dimensie. 2 e schooljaar periode 8 voor AA en DA. LB 2 e jaar periode 8 cohort 2013 voor AA, DA maart 2015 / 1 van 8
LB Project 2 Politiek-Juridische dimensie 2 e schooljaar periode 8 voor AA en DA LB 2 e jaar periode 8 cohort 2013 voor AA, DA maart 2015 / 1 van 8 LB 2 e jaar periode 8 cohort 2013 voor AA, DA maart 2015
WIE ZIT WAAR IN DE RECHTBANK?
WIE ZIT WAAR IN DE RECHTBANK? APRIL 2015 - POLITIEK IN PRAKTIJK #2 DE WERKVORM IN HET KORT De leerlingen vullen bij een plaatje van de rechtszaal in waar de rechter zit, en waar de verdachte, de advocaat,
1Nederland als democratie
Thema 1Nederland als democratie en rechtsstaat 1.1 Inleiding Nederland is een democratie. Wij kiezen bepaalde mensen - de volksvertegenwoordigers - die namens ons regeren. Zij nemen besluiten en besturen
Eindexamen vmbo gl/tl geschiedenis en staatsinrichting II
Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Staatsinrichting van Nederland 1p 1 De nieuwe grondwet van 1848 zorgde voor een verandering in het kiessysteem. De leden van de
Puzzel: Wie zit waar in de Ridderzaal?
Puzzel: Wie zit waar in de Ridderzaal? Korte omschrijving werkvorm De leerlingen lezen een tekst en maken een puzzel in de vorm van de plattegrond van de Ridderzaal op Prinsjesdag. Afhankelijk van het
Wie ben jij? HANDLEIDING
HANDLEIDING Wie ben jij? Korte omschrijving lesactiviteit Iedereen legt vijf vingers op tafel. Om de beurt vertel je iets over jezelf, waarvan je denkt dat het uniek is. Als het inderdaad uniek is, dan
7 posters met de opties. U kunt de posters downloaden op https://www.prodemos.nl/leren/hoelossen-we-op-rechtsstaat/
HOE LOSSEN WE DIT OP? KORTE OMSCHRIJVING WERKVORM U beschrijft steeds een conflictsituatie. Daarna vraagt u hoe de leerlingen dit probleem zouden oplossen. Zouden ze naar de politie stappen? Een advocaat
Lesbrief bij Mijn broer is een boef van Netty van Kaathoven voor groep 7 en 8
Lesbrief bij Mijn broer is een boef van Netty van Kaathoven voor groep 7 en 8 Inhoud van deze lesbrief - Thema s in het boek - Lesopzet - Doel van de les - Uitwerking - Bijlage: opdrachtenblad Thema s
Politiek in Nederland
Politiek in Nederland Dit werkboek is van Klas M. VAN SON, DE CSV/ HET PERRON, Spoorlaan 11-13, Veenendaal. Beste leerling, Dit is jouw werkboek Politiek in Nederland. Over een paar jaar mag jij ook stemmen
AAN DE SLAG MET PRINSJESDAG
AAN DE SLAG MET PRINSJESDAG SEPTEMBER 2016 - AAN DE SLAG MET #4 WAT HEB JE NODIG? Dobbelsteen Koffertje Lijst met bedragen (bijlage 1) Ministeriekaartjes (bijlage 2) Zes stapeltjes met 33 briefjes van
WIE GOED ONTMOET DISCUSSIELES OVER EEN MAATSCHAPPELIJK DILEMMA DAT GEPAARD GAAT MET DIEPE HERSENSTIMULATIE
WIE GOED ONTMOET DISCUSSIELES OVER EEN MAATSCHAPPELIJK DILEMMA DAT GEPAARD GAAT MET DIEPE HERSENSTIMULATIE 1 INLEIDING Ontwikkelingen in wetenschap en techniek leiden soms tot maatschappelijke vraagstukken
Datum 28 februari 2013 Onderwerp Beantwoording kamervragen over vervolgingen en veroordelingen wegens majesteitsschennis
1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den
AAN DE SLAG MET DICTATUUR
AAN DE SLAG MET DICTATUUR JULI 2014 AAN DE SLAG MET #2 WAT HEB JE NODIG? Werkblad A, B, C en D. Schaar Pen en papier DE WERKVORM IN HET KORT LEERDOEL Aan de hand van twee korte verhaaltjes leren de leerlingen
UNICEF en kinderrechten
UNICEF en kinderrechten Informatie voor een gastles Leerdoelen (groep 7 & 8) Leerlingen weten waar UNICEF voor staat en wat UNICEF doet Leerlingen weten dat zij rechten hebben en kunnen een aantal rechten
Leerlingen weten dat er in een democratische rechtsstaat verschillende manieren zijn om conflicten op te lossen en dat rechtspraak daar één van is.
HOE LOSSEN WE DIT OP? DE WERKVORM IN HET KORT Wat doe je als je een probleem of ruzie hebt? In het ergste geval moet je naar een rechter. Die bepaalt dan wie er gelijk heeft. Maar meestal kun je problemen
Instructie: Landenspel
Instructie: Landenspel Korte omschrijving werkvorm In deze werkvorm ervaren leerlingen dat een democratische rechtsstaat niet vanzelfsprekend is. Groepjes leerlingen vormen de regeringen van verschillende
Monarchie! vmbo. Leerdoel De leerlingen zien welke taken/regels onze huidige koning(in) heeft.
Monarchie! vmbo Sinds 1848 heeft de koning geen politieke macht meer. Hij moet zich houden aan de grondwet. Hieronder staan 20 regels voor het koningshuis. Welke 8 regels passen er bij ons huidige koningshuis?
Kijktip: Collegetour & Zondag met Lubach
Kijktip: Collegetour & Zondag met Lubach Korte omschrijving werkvorm Leerlingen bekijken gezamenlijk een fragment van College Tour en van Zondag met Lubach. Beide uitzendingen gaan over de Wet op de inlichtingen-
Samenvatting Geschiedenis Samenvatting Staatsinrichting hoofdstuk 1 VMBO
Samenvatting Geschiedenis Samenvatting Staatsinrichting hoofdstuk 1 VMBO Samenvatting door Marieke 1467 woorden 30 april 2015 7,4 34 keer beoordeeld Vak Methode Geschiedenis Werkplaats Hoofdstuk 1: Het
e Kamer Derde Kamer Handboek Politiek 2 der Staten-Generaal
erde Kamer Derde Kamer e Kamer Handboek Politiek 2 Derde Kamer der Staten-Generaal Hallo Kamerlid, Jij bent lid van de Derde Kamer der Staten-Generaal. Als politicus moet je natuurlijk wel verstand hebben
Proeftoets E2 havo
Proeftoets E2 havo 5 2016 1. Een verdachte kan te maken krijgen met een aantal personen en instanties. Wat is de juiste volgorde? A. 1. de politie 2. de rechter 3. de officier van justitie. B. 1. de officier
Proeftoets E1 vwo 4. 1 Wat is een waarde en wat is een norm? I. Liefde. II. Regels. III. Veiligheid. IV. Plicht.
1 Wat is een waarde en wat is een norm? I. Liefde. II. Regels. III. Veiligheid. IV. Plicht. A. I en II zijn waarden; III en IV zijn normen. B. I en III zijn waarden; II en IV zijn normen. C. I en II zijn
GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB
Examen VMBO-KB 2006 tijdvak 1 woensdag 31 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 35 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 51 punten
Wetten maken. Benodigdheden: Het werkblad Wetten maken óf De losse bladen van wetten maken. Duur 20 minuten. Handleiding:
Wetten maken Korte omschrijving werkvorm In Nederland zijn er regels waar iedereen zich aan moet houden. Deze regels noemen we ook wel wetten. Deze werkvorm gaat over hoe deze wetten gemaakt worden. De
200 JAAR STATEN-GENERAAL
200 JAAR STATEN-GENERAAL NOVEMBER 2015 - POLITIEK IN PRAKTIJK #7 WAT HEB JE NODIG Knipblad met jaartallen (gekleurd papier) Knipblad met foto s/uitleg (wit papier) Magneetjes + magneetbord Uitgeknipte
HOE LOSSEN WE DIT OP
HOE LOSSEN WE DIT OP APRIL 2014 - POLITIEK IN PRAKTIJK DE WERKVORM IN HET KORT U beschrijft aan de leerlingen een conflictsituatie. Daarna vraagt u hoe zij dit probleem zouden oplossen. Zouden ze naar
Wat is burgerschap? Een inleiding
Wat is burgerschap? Een inleiding Dhr. C.G.R. Ledes Wat gaan we doen? Introductie & kennismaken Absenties opnemen Afspraken maken Verwachtingen en planning van deze periode Wat is burgerschap? - opdracht
1. Democratie blz De staatsinrichting van Nederland blz Het kabinet en het parlement. 3. De Grondwet blz
Inhoudsopgave 1. Democratie blz. 3 2. De staatsinrichting van Nederland blz. 4 2.1. Het kabinet en het parlement 3. De Grondwet blz. 6 3.1. De Grondrechten 4. Europa blz. 7 Afsluitende opdracht De Klassengrondwet
Samenvatting Geschiedenis Hoofdstuk 2
Samenvatting Geschiedenis Hoofdstuk 2 Samenvatting door D. 971 woorden 31 mei 2013 5,7 2 keer beoordeeld Vak Methode Geschiedenis Memo 1848 Censuskiesrecht Grondrechten Ministeriele verantwoordelijkheid
DE WERKVORM IN HET KORT
BESLISSINGEN NEMEN AUGUSTUS 2018 - POLITIEK IN PRAKTIJK #2 WAT HEB JE NODIG? Voor elke leerling beide werkbladen 3 briefjes met op elk één tvzender geschreven. DE WERKVORM IN HET KORT Leerlingen maken
AAN DE SLAG MET POLITIEKE TAAL
AAN DE SLAG MET POLITIEKE TAAL OKTOBER 2014 - AAN DE SLAG MET #5 TAALGEBRUIKSPELPRINSJESDAG WAT HEB JE NODIG? Bespreekvel met filmlinks Speelkaartjes Klokje/aftelklok DE WERKVORM IN HET KORT De leerlingen
DEMOCRATIE OF DICTATUUR?
JUNI 2015 - POLITIEK IN PRAKTIJK #4 WAT HEB JE NODIG (Kleuren)prints van de leestekst en werkbladen A en B. Elke leerling een pen of potlood. DE WERKVORM IN HET KORT Aan de hand van twee korte verhaaltjes
Samenvatting Maatschappijleer Politiek - Democratie en rechtstaat
Samenvatting Maatschappijleer Politiek - Democratie en rechtstaat Samenvatting door een scholier 1047 woorden 16 maart 2008 5,7 7 keer beoordeeld Vak Maatschappijleer Democratie en rechtstaat Hoofdstuk
DE RECHTERS ZIJN GESCHEIDEN
DE RECHTERS ZIJN GESCHEIDEN www.rechtvoorjou.nl Hoofdstuk 3.0 Wat is een democratische rechtsstaat? Maak de volgende oefeningen met behulp van de informatie op de website. Naam Leerling: Klas:. 3.0 a.
5,9. Samenvatting door een scholier 1292 woorden 15 februari keer beoordeeld. Maatschappijleer
Samenvatting door een scholier 1292 woorden 15 februari 2005 5,9 76 keer beoordeeld Vak Maatschappijleer Samenvatting Hoofdstuk 2 Politieke Besluitvorming Democratie bestaat uit 2 basisprincipes: Vrijheid
Leerjaar 3: Lesopbouw en suggesties (incl. bewijzenblad) voor leerroute A
Leerjaar 3: Lesopbouw en suggesties (incl. bewijzenblad) voor leerroute A Thema 10: Rechten en plichten van burgers Praktijkkern c: Omgaan met regels en wetten Thema Praktijkkern 10. Rechten en plichten
Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk 1 en 2
Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk 1 en 2 Samenvatting door een scholier 1954 woorden 19 november 2009 8,1 55 keer beoordeeld Vak Methode Maatschappijleer Delphi Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk
Samenvatting Maatschappijleer rechtsstaat
Samenvatting Maatschappijleer rechtsstaat Samenvatting door een scholier 2438 woorden 8 mei 2017 6,6 5 keer beoordeeld Vak Maatschappijleer MAATSCHAPPIJLEER SAMENVATTING RECHTSSTAAT 2.1 Hoeveel vrijheid
Handboek Politiek deel 2
Handboek Politiek deel 2 Derde Kamer der Staten-Generaal Hallo Kamerlid van de Derde Kamer der Staten-Generaal, Gefeliciteerd! Deze week ben jij een politicus. Je gaat samen met je klasgenoten discussiëren
PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING
PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING VAK : : Maatschappijleer 2 METHODE : Essener Criminaliteit druk 4 KLAS: : 3 NIVEAU : BASIS CONTACTUREN PER WEEK 3 X MINUTEN PER WEEK UDIEJAAR : 205-206 EINDCIJFER KLAS
Belangen: Wel of niet ingrijpen in Syrië?
Belangen: Wel of niet ingrijpen in Syrië? Korte omschrijving werkvorm: Leerlingen moeten zich inleven in een permanent lid van de Veiligheidsraad van de VN. Ze gaan aan de slag met het vraagstuk of de
Doelen: - De leerlingen weten dat talent, hard werken en een goede voorbereiding belangrijk zijn als je beroemd wilt worden;
Lesbrief 1 Beroemd worden Voorbereiding Doelen: - De leerlingen weten dat talent, hard werken en een goede voorbereiding belangrijk zijn als je beroemd wilt worden; - De leerlingen kennen de verschillende
Mediawijsheid. Auteursrecht bij foto s. Voorbereiding. - De leerlingen begrijpen het verschil tussen eigen gebruik van een foto en een
Lesbrief 4 Auteursrecht bij foto s Voorbereiding Doelen: - De leerlingen weten in welke situatie je toestemming moet vragen aan de originele fotograaf, als je een foto wilt publiceren. - De leerlingen
OP DE STOEL VAN DE RECHTER
OP DE STOEL VAN DE RECHTER OKTOBER 2018 - POLITIEK IN PRAKTIJK #3 DE WERKVORM IN HET KORT De leerlingen leren dat een rechter verschillende afwegingen moet maken om tot een passende straf te komen. WAT
De leerlingen herhalen op speelse wijze voorkennis over Prinsjesdag. De leerlingen worden uitgedaagd om verbanden te herkennen.
QUIZ: DE SLIMSTE LEERLING PRINSJESDAG 2019 KORTE OMSCHRIJVING WERKVORM De slimste leerling is een kennisquiz over Prinsjesdag in het format van het bekende tv-programma De slimste mens. De slimste leerling
Workshop Tweede Kamerverkiezingen
Workshop Tweede Kamerverkiezingen Korte omschrijving workshop In deze workshop leren de deelnemers wat de Tweede Kamer doet, hoe ze moeten stemmen en op welke partijen ze kunnen stemmen. De workshop bestaat
Hoofdstuk 3.0 Wat is een democratische rechtsstaat?
Scheiding der machten De rechters zijn gescheiden www.rechtvoorjou.nl Hoofdstuk 3.0 Wat is een democratische rechtsstaat? Maak de volgende oefeningen met behulp van de informatie op de website*. Naam Leerling:...Klas:...
Doelen: - De leerlingen leren zoveel mogelijk verschillende dingen te doen als je daar talent voor hebt, en dit al op school uit te proberen;
Lesbrief 3 Beroemd blijven Voorbereiding Doelen: - De leerlingen leren zoveel mogelijk verschillende dingen te doen als je daar talent voor hebt, en dit al op school uit te proberen; - De leerlingen leren
Verdieping: Positie van het slachtoffer
Verdieping: Positie van het slachtoffer Korte omschrijving werkvorm: In de afgelopen jaren is de positie van het slachtoffer in het strafrecht almaar versterkt, maar in de huidige wetgeving is er geen
1. Vrijheid, rechten en plichten blz Wat mag en moet jij?
Inhoudsopgave 1. Vrijheid, rechten en plichten blz. 3 1.1. Wat mag en moet jij? 2. Regels en wetten. 2.1. Wetboeken 2.2. Regels voor de rechter blz. 4 2.3. Het Wetboek van Strafrecht blz. 5 3. Het Nederlandse
Activiteit Campagne voeren
Activiteit Campagne voeren Toelichting op de activiteit In het participatieproject binnen Meer Democratie mogen kinderen meedenken over een beslissing die hen aangaat of waar zij bij betrokken zijn (schoolreisje,
Duur van de les Introductie (verdeling items) 10 minuten Kern (maken van werkblad) 20 minuten Afsluiting (uitleg redactievergadering) 10 minuten
Les 4 Nieuwsproductie samenstellen Voorbereiding Als voorbereiding bekijkt u de ingezonden thema s en bepaalt u wat thema wordt van de nieuwsproductie. Het meest voorkomende thema ligt voor de hand. Ook
5,7. Begrippenlijst door F. 972 woorden 17 maart keer beoordeeld. Maatschappijleer Thema's maatschappijleer. Paragraaf 1:
Begrippenlijst door F. 972 woorden 17 maart 2013 5,7 9 keer beoordeeld Vak Methode Maatschappijleer Thema's maatschappijleer Paragraaf 1: Recht: iets kunnen of mogen volgens de wet Maatschappelijke gedragsregel:
LESBRIEF GROEP THEMA: DEMOCRATIE Verwerkingsopdrachten & kopieerbladen voor Samsam nr. 2, 2017
LESBRIEF GROEP 5 + 6 THEMA: DEMOCRATIE Verwerkingsopdrachten & kopieerbladen voor Samsam nr. 2, 2017 Zo gebruikt u Samsam in de klas Weinig tijd: bekijk de filmpjes bij opdracht 1. Verdieping: kopieer
Samenvatting Geschiedenis Staatsinrichting van Nederland
Samenvatting Geschiedenis Staatsinrichting van Nederland Samenvatting door M. 1255 woorden 6 mei 2015 5,8 23 keer beoordeeld Vak Methode Geschiedenis Memo Geschiedenis Staatsinrichting van Nederland Grondwet
Instructie: Rollenspel EU
Instructie: Rollenspel EU Korte omschrijving werkvorm In dit rollenspel bestaat het Europees Parlement uit vijf fracties die uit verschillende nationaliteiten bestaan. Van elk van de bijbehorende regeringen
Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk 1 + 2
Samenvatting Maatschappijleer Hoofdstuk 1 + 2 Samenvatting door een scholier 2405 woorden 29 oktober 2013 1 1 keer beoordeeld Vak Methode Maatschappijleer Delphi HOOFDSTUK 1 De maatschappijàhet samenleven
;k;lk. Les 1 Verschillende soorten nieuws
Les 1 Verschillende soorten nieuws Voorbereiding: U kunt zich aanmelden voor de Nieuwsservice op http://www.nieuwsindeklas.nl/mijn-account/bestellingen en kosteloos dagen weekbladen aanvragen. Deze krijgt
