Technische handleiding

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Technische handleiding"

Transcriptie

1 Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services * _0415* Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren EDR Uitvoer 04/ /NL

2 SEW-EURODRIVE Driving the world

3 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Algemene aanwijzingen Gebruik van de documentatie Opbouw van de waarschuwingen Garantieaanspraken Beperking van aansprakelijkheid Productnamen en merken Auteursrechtelijke opmerking Veiligheidsaanwijzingen Inleidende opmerkingen Algemeen Doelgroep Reglementair gebruik Relevante documenten Veiligheidsaanwijzigen op de motor Transport/opslag Opstelling Elektrische aansluiting Veilige scheiding Inbedrijfstelling/bedrijf Opbouw van de motor Schematische opbouw DR Schematische opbouw EDR Schematische opbouw EDR Schematische opbouw EDR..250/ Schematische opbouw EDR Typeplaatje, typeaanduiding Mogelijke uitvoeringen en opties Mechanische installatie Voordat u begint Langdurige opslag motoren Aanwijzingen voor het opstellen van de motor Toleranties bij montagewerkzaamheden Aandrijfcomponenten optrekken Aanbouw van niet-sew-encoders Encoderaanbouwinrichting XV.. aan motoren EDR monteren Encoder aan aanbouwinrichting EV../AV.. aan motoren EDR..250/280 monteren Encoderaanbouwinrichtingen XH Klemmenkast draaien Lakken Opties Elektrische installatie Aanvullende bepalingen Aansluitschema s en bezettingsschema's gebruiken Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 3

4 Inhoudsopgave 5.3 Kabelinvoeren Potentiaalvereffening Aanwijzingen voor de bedrading Bijzonderheden tijdens bedrijf met frequentieregelaar Verbetering van de aarding (EMC) Bijzonderheden bij het schakelbedrijf Omgevingsomstandigheden tijdens bedrijf Motoren van de uitvoering 2G, 2GD, 3D en 3GD Aanwijzingen voor het aansluiten van de motor Motor aansluiten via klemmenbord Motor aansluiten via klemmenbord Rem aansluiten Opties Bedrijfssoorten en grenswaarden Toegestane bedrijfssoorten Bedrijf op netvoeding Frequentieregelaarbedrijf Veilig bedrijf van motoren van categorie 2 op de frequentieregelaar Veilig bedrijf van motoren van categorie 3 op de frequentieregelaar Typische toepassing Speciale applicatie Groepsaandrijving Inbedrijfstelling Vóór de inbedrijfstelling Tijdens de inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren uit de categorie Blokkeerrichting wijzigen bij motoren met terugloopblokkering Inspectie/onderhoud Inspectie- en onderhoudsintervallen Lagersmering Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Technische gegevens Radiale krachten Schakelarbeid, lichtspleet, remkoppels Toewijzing van de remkoppels Bedrijfsstroomwaarden Weerstanden Remaansturing Toegestane schakelarbeid van de rem BE voor draaistroommotoren Toegestane schakelarbeid van de BE-rem in geval van nooduitschakeling Toegestane typen wentellagers Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

5 Inhoudsopgave 9.10 Smeermiddeltabellen Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen Encoder Bedrijfsstoringen Storingen aan de motor Storingen aan de rem Storingen tijdens bedrijf met frequentieregelaar Afvoeren Klantenservice Appendix Schema's Encoder ES7./AS7./EG7./AG Klemmenstroken 1 en Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator Conformiteitsverklaringen Draaistroommotoren EDR in de uitvoering 2G en 2D Draaistroommotoren EDR in de uitvoering 3G en 3D Onafhankelijk aangedreven ventilator VE Adreslijst Trefwoordenindex Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 5

6 1 Algemene aanwijzingen Gebruik van de documentatie 1 Algemene aanwijzingen 1.1 Gebruik van de documentatie Deze documentatie is bestanddeel van het product. De documentatie is geschreven voor alle personen die montage-, installatie-, inbedrijfstellings- en onderhoudswerkzaamheden aan het product uitvoeren. Stel de documentatie in leesbare toestand ter beschikking. Zorg ervoor dat personen die verantwoordelijk zijn voor de installatie en het bedrijf, alsmede personen die zelfstandig aan de installatie werken de documentatie helemaal gelezen en begrepen hebben. Neem bij onduidelijkheden of behoefte aan meer informatie contact op met SEW EURODRIVE B.V. 1.2 Opbouw van de waarschuwingen Betekenis van de signaalwoorden Onderstaande tabel laat de onderverdeling en betekenis van de signaalwoorden en de waarschuwingen zien Signaalwoord Betekenis Gevolgen bij niet-inachtneming GEVAAR Onmiddellijk gevaar Dood of zwaar letsel WAAR- SCHUWING VOORZICH- TIG Mogelijk gevaarlijke situatie Mogelijk gevaarlijke situatie Dood of zwaar letsel Licht letsel LET OP Mogelijke materiële schade Beschadiging van het aandrijfsysteem of zijn omgeving AANWIJZING VOOR DE EX- PLOSIEBEVEI- LIGING AANWIJZING Belangrijke aanwijzingen voor de explosiebeveiliging Nuttige aanwijzing of tip: vereenvoudigt de bediening van het aandrijfsysteem. Opheffen van de explosiebeveiliging en daaruit voortvloeiende gevaren Opbouw van de thematische waarschuwingen De thematische waarschuwingen gelden niet alleen voor één speciale handeling, maar voor meerdere handelingen binnen een thema. De gebruikte gevarensymbolen duiden op een algemeen of specifiek gevaar. Hieronder ziet u de formele opbouw van een thematische waarschuwing: SIGNAALWOORD! Soort gevaar en bron van het gevaar. Mogelijke gevolgen bij niet-inachtneming. Maatregel(en) ter voorkoming van het gevaar. 6 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

7 Algemene aanwijzingen Garantieaanspraken 1 Betekenis van de gevarensymbolen De gevarensymbolen die in de waarschuwingen staan hebben de volgende betekenis: Gevarensymbool Betekenis Algemeen gevaarlijk punt Waarschuwing voor gevaarlijke elektrische spanning Waarschuwing voor hete oppervlakken Waarschuwing voor gevaar voor beknelling Waarschuwing voor zwevende lasten Waarschuwing voor automatische start Opbouw van de geïntegreerde waarschuwingen De geïntegreerde waarschuwingen zijn direct in de handelingsinstructies vóór de gevaarlijke handeling ingebed. Hieronder ziet u de formele opbouw van een geïntegreerde waarschuwing: SIGNAALWOORD! Soort gevaar en bron van het gevaar. Mogelijke gevolgen bij niet-inachtneming. Maatregel(en) ter voorkoming van het gevaar. 1.3 Garantieaanspraken Let op de informatie in deze documentatie. Dit is de voorwaarde voor het storingsvrije bedrijf en de honorering van eventuele garantieaanspraken. Lees eerst de documentatie, voordat u met het apparaat gaat werken! Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 7

8 1 Algemene aanwijzingen Beperking van aansprakelijkheid 1.4 Beperking van aansprakelijkheid Let op de informatie in deze documentatie! Dit is de basisvoorwaarde voor het veilige bedrijf. De producten werken alleen onder deze voorwaarde volgens de aangegeven producteigenschappen en vermogensspecificaties. SEW-EURODRIVE is niet aansprakelijk voor persoonlijk letsel, schade aan installaties of eigendommen die ontstaan door het niet naleven van deze technische handleiding. SEW EURODRIVE sluit in dergelijke gevallen een aansprakelijkheid voor gebreken uit. 1.5 Productnamen en merken De in deze documentatie vermelde productnamen zijn merken of gedeponeerde handelsmerken van de desbetreffende houders. 1.6 Auteursrechtelijke opmerking 2015 SEW-EURODRIVE. Alle rechten voorbehouden. De (gedeeltelijke) verveelvoudiging, bewerking, verspreiding en overig gebruik zijn, in welke vorm dan ook verboden. 8 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

9 Veiligheidsaanwijzingen Inleidende opmerkingen 2 2 Veiligheidsaanwijzingen 2.1 Inleidende opmerkingen De volgende fundamentele veiligheidsaanwijzingen dienen ter voorkoming van persoonlijk letsel en materiële schade. De gebruiker moet garanderen dat de fundamentele veiligheidsaanwijzingen worden gelezen en opgevolgd. Verzekert u zich ervan dat personen die verantwoordelijk zijn voor de installatie en de werking, en personen die zelfstandig aan het apparaat werken de documentatie helemaal gelezen en begrepen hebben. Neem bij onduidelijkheden of behoefte aan meer informatie contact op met SEW EURODRIVE. De volgende veiligheidsaanwijzingen hebben vooral betrekking op de toepassing van het apparaat dat in deze technische handleiding wordt beschreven. Neem bij de toepassing van meerdere componenten van SEW EURODRIVE tevens de veiligheidsaanwijzingen voor de desbetreffende componenten in de bijbehorende documentatie in acht. Houd ook rekening met de aanvullende veiligheidsaanwijzingen in de verschillende hoofdstukken van deze documentatie. 2.2 Algemeen WAARSCHUWING Tijdens het bedrijf kan het apparaat, overeenkomstig zijn beschermingsgraad, spanningvoerende, ongeïsoleerde en eventueel bewegende of roterende delen en hete oppervlakken hebben. Dood of zwaar letsel. Alle werkzaamheden ten behoeve van transport, opslag, opstelling/montage, aansluiting, inbedrijfstelling en onderhoud mogen alleen door gekwalificeerd, vakkundig personeel worden verricht met onvoorwaardelijke inachtneming van de bijbehorende uitvoerige document(en) de waarschuwings- en veiligheidsstickers op het apparaat alle andere bijbehorende configuratiedocumenten, inbedrijfstellingsvoorschriften en schakelschema's de voor de installatie specifieke bepalingen en vereisten de nationale/regionale voorschriften voor veiligheid en ongevallenpreventie Installeer nooit beschadigde producten. Meld beschadigingen direct bij het transportbedrijf. Bij niet-toegestane verwijdering van de vereiste afdekking, ondeskundig gebruik, bij onjuiste installatie of bediening bestaat gevaar voor ernstig persoonlijk letsel of ernstige schade aan installaties. Meer informatie vindt u in de volgende hoofdstukken: Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 9

10 2 Veiligheidsaanwijzingen Doelgroep 2.3 Doelgroep Mechanische werkzaamheden mogen alleen door geschoold personeel worden verricht. Geschoold personeel zijn volgens deze documentatie personen die vertrouwd zijn met de opbouw, de mechanische installatie, het verhelpen van storingen en de reparatie van het product, en de volgende kwalificaties hebben: succesvol afgesloten scholing op het gebied van mechanica (bijvoorbeeld als mecanicien of mechatronicus) kennis van deze documentatie Elektrotechnische werkzaamheden mogen alleen door een geschoolde elektricien worden verricht. Elektriciens zijn volgens deze documentatie personen die vertrouwd zijn met de elektrische installatie, de inbedrijfstelling, het verhelpen van storingen en de reparatie van het product, en de volgende kwalificaties hebben: succesvol afgesloten scholing op het gebied van elektrotechniek (bijvoorbeeld als elektronicus of mechatronicus) kennis van deze documentatie Deze personen moeten bovendien vertrouwd zijn met de geldende veiligheidsvoorschriften en wetten, en in het bijzonder met de vereisten van de performance levels conform DIN EN ISO en de andere in deze documentatie genoemde normen, richtlijnen en wetten. De genoemde personen moeten de uitdrukkelijk door het bedrijf verleende autorisatie hebben om apparaten, systemen en stroomkringen conform de normen van de veiligheidstechniek in bedrijf te stellen, te programmeren, te parametreren, te markeren en te aarden. Alle werkzaamheden op het gebied van transport, opslag, bedrijf en afvoer mogen uitsluitend worden uitgevoerd door goed opgeleide personen. 2.4 Reglementair gebruik De explosiebeveiligde elektromotoren zijn bestemd voor commerciële installaties. Bij de inbouw in machines is de inbedrijfstelling, d.w.z. de ingebruikname conform de voorschriften, van de motoren niet toegestaan, voordat is vastgesteld dat de machine voldoet aan de bepalingen van de EG-richtlijn 94/9/EG (ATEX-richtlijn). AANWIJZING De motor mag alleen onder de in het hoofdstuk "Inbedrijfstelling" beschreven voorwaarden gebruikt worden. De motor mag alleen met een frequentieregelaar worden gebruikt als de vereisten van de EG-prototypecertificaten en/of van deze documentatie en de gegevens op het typeplaatje van de motor, indien aanwezig, aangehouden worden! Er mogen geen agressieve stoffen in de onmiddellijke omgeving aanwezig zijn, die de lak en de afdichtingen kunnen aantasten. De motoren mogen niet in gebieden/toepassingen worden gebruikt waardoor processen plaatsvinden die een sterke lading op de motorbehuizing genereren, bijv. binnenin een buisleiding als ventilatormotor, indien in de buisleiding stof wordt getransporteerd. Dit kan namelijk tot elektrostatische oplading van de gelakte oppervlakken leiden. 10 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

11 Veiligheidsaanwijzingen Relevante documenten 2 Luchtgekoelde uitvoeringen zijn bedoeld voor omgevingstemperaturen van -20 C tot +40 C alsmede installatiehoogtes 1000 m boven zeeniveau. Let op afwijkende specificaties op het typeplaatje! De omstandigheden op de plaats van opstelling moeten overeenkomen met de specificaties op het typeplaatje. 2.5 Relevante documenten Voor alle aangesloten apparaten gelden de bijbehorende documentaties. 2.6 Veiligheidsaanwijzigen op de motor VOORZICHTIG In de loop van de tijd kunnen de veiligheidsaanwijzingen en borden vervuild raken of op een andere manier onleesbaar worden. Gevaar voor letsel door onleesbare symbolen. Houd alle veiligheid-, waarschuwings- en bedieningsaanwijzing steeds in een goed leesbare toestand. Vervang beschadigde veiligheidsaanwijzingen of stickers/plaatjes. De op de motor aangebrachte veiligheidsaanwijzingen dienen in acht genomen te worden. Zij hebben de volgende betekenis: Veiligheidsaanwijzing 90 C Betekenis In het regelaarbedrijf met lage frequenties of een hoge omgevingstemperatuur moeten kabeldoorvoeren worden gebruikt die voor temperaturen van 90 C geschikt zijn. De gebruikte kabels moeten wat betreft temperatuurbestendigheid worden geslecteerd op basis van hun normatieve voorschriften en toepassingsvoorwaarden. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 11

12 2 Veiligheidsaanwijzingen Transport/opslag 2.7 Transport/opslag Controleer de levering direct na ontvangst op mogelijke transportschade. Transportschade dient onmiddellijk bij het transportbedrijf gereclameerd te worden. De inbedrijfstelling moet eventueel worden opgeschort. De transportogen moeten goed vastgemaakt worden. Ze zijn alleen berekend op het gewicht van de reductor/motor/motorreductor; er mogen geen extra lasten worden aangebracht. De ingebouwde hijsogen voldoen aan DIN 580. De in deze norm genoemde lasten en voorschriften moeten altijd in acht worden genomen. Als op de reductor/motor/motorreductor twee of vier hijsogen resp. oogbouten aangebracht zijn, moet het transport aan alle hijsogen resp. oogbouten worden gehangen. De trekrichting van de aanslagmiddel mag dan volgens DIN 580 niet meer dan 45 afwijken. Gebruik, indien nodig, geschikte en voldoende bemeten transportmiddelen. Gebruik deze opnieuw voor verder transport. Als de reductor/motor/motorreductor niet meteen wordt ingebouwd, moet hij droog en stofvrij worden opgeslagen. De reductor/motor/motorreductor mag niet buiten en niet op de ventilatorkap worden opgeslagen. De reductor/motor/motorreductor kan max. negen maanden worden opgeslagen zonder dat vóór de inbedrijfstelling bijzondere maatregelen getroffen moeten worden. 2.8 Opstelling Zorg voor vlakke opslag, goede voet- en flensmontage en exacte uitlijning bij rechtstreekse koppeling. Zorg dat de montage niet leidt tot resonanties met de draaifrequentie en de dubbele netfrequentie. Rem lichten (bij motoren met aangebouwde rem), rotor met de hand draaien, op ongewone sleepgeluiden letten. Controleer de draairichting in ontkoppelde toestand. (De-)monteer riemschijven en koppelingen uitsluitend met apparatuur die daarvoor geschikt is (verwarmen!) en dek ze af met een aanraakbeveiliging. Vermijd ontoelaatbare spanningen op de riem. Zorg zo nodig voor de vereiste pijpaansluitingen. Voorzie uitvoeringen met het aseinde naar boven van een afdekking, zodat vreemde voorwerpen niet in de ventilator kunnen vallen. De ventilatie mag niet worden belemmerd en de uitlaatlucht, ook die van aggregaten in de buurt, mag niet meteen weer worden aangezogen. Houd u aan de aanwijzingen in het hoofdstuk "Mechanische installatie"! 12 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

13 Veiligheidsaanwijzingen Elektrische aansluiting Elektrische aansluiting Alle werkzaamheden mogen alleen door gekwalificeerd vakpersoneel worden uitgevoerd. De laagspanningsmachine dient hierbij stil te staan, vrijgeschakeld te zijn en tegen onbedoeld opnieuw inschakelen te worden beveiligd. Dit geldt ook voor hulpstroomkringen (bijv. stilstandverwarming of onafhankelijk aangedreven ventilator). Controleer of de spanning eraf is! Het overschrijden van de tolerantiegrenzen in EN (VDE 0530, deel 1) spanning +5 %, frequentie +2 %, curvevorm, symmetrie zorgt voor meer warmte en is van invloed op de elektromagnetische compatibiliteit. Houd u bovendien aan DIN IEC en EN (indien nodig, nationale bijzonderheden in acht nemen, bijv. DIN VDE 0105 voor Duitsland). Naast de algemeen geldende veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties moeten de bijzondere bepalingen voor het realiseren van elektrische installaties in explosiegevaarlijke omgevingen in acht genomen worden (bedrijfsveiligheidsverordening in Duitsland; EN en voor de installatie specifieke bepalingen). Neem de schakelspecificaties en de afwijkende specificaties op het typeplaatje en het aansluitschema in de klemmenkast in acht. Bij de aansluiting moet voor een duurzaam veilige, elektrische verbinding worden gezorgd (geen uitstekende draadeinden); gebruik de juiste kabeleinddoppen. Zorg voor veilige aardverbindingen. In aangesloten toestand mogen de afstanden tussen onder spanning staande onderdelen en tussen onder spanning staande onderdelen en geleidende onderdelen niet onder de minimum waarden volgens EN/IEC en -15 en volgens de nationale voorschriften komen. De minimum waarden mogen volgens de overeenkomstige normen, zie volgende tabel, niet worden onderschreden: Nominale spanning U nom Afstand voor motoren van categorie 3 (EN/IEC ) Afstand voor motoren van categorie 2 (EN/IEC ) 500 V 5 mm 8 mm > 500 V tot 690 V 5.5 mm 10 mm In de klemmenkast mogen geen vreemde voorwerpen, vuil of vocht aanwezig zijn. Sluit kabelinvoeropeningen die niet worden gebruikt en de kast zelf stof- en waterdicht af. Borg de spie voor het proefdraaien zonder overbrengingscomponenten. Bij laagspanningsmachines moet voor de inbedrijfstelling de juiste werking worden gecontroleerd. Let op de aanwijzingen in het hoofdstuk "Elektrische installatie"! 2.10 Veilige scheiding Het apparaat voldoet aan alle vereisten voor de veilige scheiding tussen vermogensen elektronica-aansluitingen volgens EN Alle aangesloten stroomcircuits moeten eveneens aan de eisen voor een veilige scheiding voldoen om de veilige scheiding te kunnen waarborgen. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 13

14 2 Veiligheidsaanwijzingen Inbedrijfstelling/bedrijf 2.11 Inbedrijfstelling/bedrijf VOORZICHTIG Verbrandingsgevaar door hete oppervlakken van het apparaat en de aangesloten opties, bijv. remweerstanden. Letsel Scherm hete oppervlakken af met afdekkingen. Installeer de beveiligingsinrichtingen volgens de voorschriften. Controleer de beveiligingsinrichtingen regelmatig. Laat het apparaat en de aangesloten opties voor aanvang van de werkzaamheden afkoelen. Stel de bewakings- en beveiligingsvoorzieningen ook tijdens het proefdraaien niet buiten bedrijf. Bij afwijkingen ten opzichte van het normale bedrijf (bijv. verhoogde temperaturen, geluiden, trillingen) dient het apparaat bij twijfel uitgeschakeld te worden. Stel de oorzaak vast en overleg eventueel met SEW EURODRIVE. Installaties waarin het apparaat is ingebouwd, dienen eventueel te worden uitgerust met aanvullende bewakings- en beveiligingsinrichtingen overeenkomstig de geldende veiligheidsvoorschriften, bijv. de wettelijke bepalingen m.b.t. technisch materiaal, veiligheidsvoorschriften, etc. Bij toepassingen met verhoogde veiligheidsrisico's kunnen aanvullende veiligheidsmaatregelen nodig zijn. Steeds als de configuratie veranderd wordt, moet de werking van de beveiligingsvoorzieningen worden gecontroleerd. Raak spanningvoerende componenten en vermogensaansluitingen niet onmiddellijk aan, nadat het apparaat is losgekoppeld van de voeding, omdat de condensatoren nog opgeladen kunnen zijn. Houd u aan de minimale uitschakeltijd van 10 minuten. Neem hiervoor ook de desbetreffende informatiestickers op het apparaat in acht. In ingeschakelde toestand staan op alle vermogensaansluitingen en de hierop aangesloten kabels en motorklemmen gevaarlijke spanningen. Dit is ook het geval als het apparaat geblokkeerd is en de motor stilstaat. Als de bedrijf-led's en andere indicaties uitgaan, betekent dit niet automatisch dat het apparaat van het net gescheiden en spanningsloos is. Mechanische blokkeringen of veiligheidsfuncties in het apparaat kunnen tot gevolg hebben dat de motor tot stilstand komt. Als de storing is verholpen of een reset wordt uitgevoerd, kan dit ertoe leiden dat de aandrijving vanzelf weer aanloopt. Als dit voor de aangedreven machine om veiligheidsredenen niet is toegestaan, moet het apparaat van het net gescheiden worden voordat u de storing verhelpt. 14 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

15 Opbouw van de motor Inbedrijfstelling/bedrijf 3 3 Opbouw van de motor AANWIJZING De volgende afbeeldingen zijn schematische tekeningen. Zij dienen als hulpmiddel bij de onderdelenlijsten. Afwijkingen al naargelang motorbouwgrootte en uitvoering zijn mogelijk. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 15

16 3 Opbouw van de motor Schematische opbouw DR Schematische opbouw DR In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR met veerdrukklemmen: [117] [118] [116] [119] [122] [123] [124] [112] [111] [452] [113] [132] [131] [262] [616] [137] [148] [128] [140] [139] [129] [134] [715] [707] [716] [705] [706] [454] [13] [30] [35] [9] [12] [42] [16] [41] [22] [44] [36] [32] [107] [106] [90] [109] [24] [108] [3] [1] [100] [11] [7] [103] [93] [10] [2] [1] Rotor [35] Ventilatorkap [112] Onderbouw van de klemmenkast [137] Schroef [2] Borgring [36] Ventilator [113] Lenskopschroef [139] Zeskantbout [3] Spie [41] Compensatieplaat [116] Klembeugel [140] Veerring [7] Flenslagerschild [42] B-lagerschild [117] Zeskantbout [148] Klembeugel [9] Afsluitschroef [44] Groefkogellager [118] Veerring [262] Klem [10] Borgring [90] Fundatieplaat [119] Lenskopschroef [392] Afdichting [11] Groefkogellager [93] Schroef met verzonken kop [122] Borgring [452] Klemmenbord [12] Borgring [100] Zeskantmoer [123] Zeskantbout [454] Draagrail [13] Cilinderschroef [103] Tapeind [124] Borgring [616] Bevestigingsplaat [16] Stator [106] Lipseal-afdichting [128] Klembeugel [705] Regendak [22] Zeskantbout [107] Slingerschijf [129] Afsluitschroef [706] Afstandhouder [24] Oogbout [108] Typeplaatje [131] Afdichting voor deksel [707] Lenskopschroef [30] Lipseal-afdichting [109] Kerfnagel [132] Klemmenkastdeksel [715] Blinde klinknagel [32] Borgring [111] Afdichting voor onderbouw [134] Afsluitschroef [716] Schijf Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

17 Opbouw van de motor Schematische opbouw EDR Schematische opbouw EDR In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR met antiverdraaiingsframe: [123] [219] [118] [116] [117] [124] [132] [131 ] [262] [616] [137] [119] [122] [1213] [128] [140] [134] [129 ] [112] [139] [707] [706] [111] [705] [715] [16] [9] [30] [30] [19] [12] [17] [22] [109] [108] [7] [106] [36] [42] [32] [44] [41] [31] [24] [107] [93] [94] [1] [15] [100] [90] [3] [14] [11] [103] [104] [10] [2] [1] Rotor [30] Afdichtingsring [106] Lipseal-afdichting [131] Afdichting voor deksel [2] Borgring [31] Spie [107] Slingerschijf [132] Klemmenkastdeksel [3] Spie [32] Borgring [108] Typeplaatje [134] Afsluitschroef [7] Flens [35] Ventilatorkap [109] Kerfnagel [139] Zeskantbout [9] Afsluitschroef [36] Ventilator [111] Afdichting voor onderbouw [140] Schijf [10] Borgring [41] Schotelveer [112] Onderbouw van de klemmenkast [219] Zeskantmoer [11] Groefkogellager [42] B-lagerschild [116] Waaierschijf [705] Regendak [12] Borgring [44] Groefkogellager [117] Tapeind [706] Afstandhouder [14] Schijf [90] Voet [118] Schijf [707] Zeskantbout [15] Zeskantbout [91] Zeskantmoer [119] Cilinderschroef [715] Zeskantbout [16] Stator [93] Schijf [122] Borgring [1213] Kit 1) [17] Zeskantmoer [94] Cilinderschroef [123] Zeskantbout [19] Cilinderschroef [100] Zeskantmoer [124] Borgring [22] Zeskantbout [103] Tapeind [128] Waaierschijf [24] Oogbout [104] Draagring [129] Afsluitschroef 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 17

18 3 Opbouw van de motor Schematische opbouw EDR Schematische opbouw EDR In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR met antiverdraaiingsframe: [219] [118] [116] [117] [123] [124] [132] [131 ] [119] [122] [1213] [128] [140] [139] [707] [705] [112] [111] [129] [109] [706] [134] [715] [108] [30] [25] [16] [9] [36] [32] [35] [26] [40] [19] [105] [44] [43] [21] [42] [22] [31] [106] [107] [24] [1] [90] [93] [103] [100] [3] [11] [93] [2] [1] Rotor [31] Spie [107] Slingerschijf [131] Afdichting voor deksel [2] Borgring [32] Borgring [108] Typeplaatje [132] Klemmenkast deksel [3] Spie [35] Ventilatorkap [109] Kerfnagel [134] Afsluitschroef [7] Flens [36] Ventilator [111] Afdichting voor onderbouw [139] Zeskantbout [9] Afsluitschroef [40] Borgring [112] Onderbouw van de klemmenkast [140] Schijf [11] Groefkogellager [42] B-lagerschild [116] Waaierschijf [219] Zeskantmoer [15] Cilinderschroef [43] Draagring [117] Tapeind [705] Regendak [16] Stator [44] Groefkogellager [118] Schijf [706] Afstandsbout [19] Cilinderschroef [90] Voet [119] Cilinderschroef [707] Zeskantbout [21] Afdichtingsringflens [93] Schijf [122] Borgring [715] Zeskantbout [22] Zeskantbout [94] Cilinderschroef [123] Zeskantbout [1213] Kit 1) [24] Oogbout [100] Zeskantmoer [124] Borgring [25] Cilinderschroef [103] Tapeind [128] Waaierschijf [26] Afdichtingsschijf [105] Schotelveer [129] Afsluitschroef [30] Lipseal-afdichting [106] Lipseal-afdichting 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren 18 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

19 Opbouw van de motor Schematische opbouw EDR..250/ Schematische opbouw EDR..250/280 In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR..250/280 met antiverdraaiingsframe: [123] [124] [132] [219] [119] [131] [117] [118] [122] [116] [112] [111] [114] [113] [115] [144] [134] [159] [160] [129] [162] [161] [1453] [139] [140] [128] [705] [715] [706] [707] [1457] [143] [15] [9] [42] [19] [30] [26] [25] [35] [22] [21] [32] [36] [40] [43] [44] [105] [16] [24] [108] [109] [1] [31] [106] [100] [107] [103] [90] [93][94] [7] [2] [11] [3] [1] Rotor [35] Ventilatorkap [111] Afdichting voor onderbouw [134] Afsluitschroef [2] Borgring [36] Ventilator [112] Onderbouw van de klemmenkast [139] Zeskantbout [3] Spie [40] Borgring [113] Cilinderschroef [140] Schijf [7] Flens [42] B-lagerschild [114] Borgring [143] Tussenplaat [9] Afsluitschroef [43] Draagring [115] Kit 1) [144] Cilinderschroef [11] Groefkogellager [44] Groefkogellager [116] Waaierschijf [159] Verbindingsstuk [15] Cilinderschroef [90] Voet [117] Tapeind [160] Afdichting verbindingsstuk [16] Stator [93] Schijf [118] Schijf [161] Zeskantbout [19] Cilinderschroef [94] Cilinderschroef [119] Cilinderschroef [162] Borgring [21] Afdichtingsringflens [100] Zeskantmoer [122] Borgring [219] Zeskantmoer [22] Zeskantbout [103] Tapeind [123] Zeskantbout [705] Regendak [24] Oogbout [105] Drukveer [124] Borgring [706] Afstandsbout [25] Cilinderschroef [106] Lipseal-afdichting [128] Waaierschijf [707] Zeskantbout [26] Afdichtingsschijf [107] Slingerschijf [129] Afsluitschroef [715] Zeskantbout [30] Lipseal-afdichting [108] Typeplaatje [131] Afdichting voor deksel [1457] Draadstift [31] Spie [109] Kerfnagel [132] Klemmenkast deksel [1453] Afsluitschroef Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 19

20 3 Opbouw van de motor Schematische opbouw EDR..250/280 [32] Borgring 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren 20 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

21 Opbouw van de motor Schematische opbouw EDR Schematische opbouw EDR..315 In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR..315 met antiverdraaiingsframe: [123] [124] [9] [132] [131] [119] [122] [112] [111] [113] [114] [115] [16] [144] [143] [15] [219] [118] [116] [117] [139] [140] [128] [134] [160] [129] [159] [162] [161] [24] [42] [19] [108] [109] [30] [22] [26] [25] [35] [1] [31] [715] [706] [705] [21] [707] [43] [40] [44] [36] [32] [250] [106] [107] [609] [608] [105] [604] [100] [103] [7] [90] [93] [94] [2] [11] [3] [1] Rotor [35] Ventilatorkap [112] Onderbouw van de klemmenkast [140] Schijf [2] Borgring [36] Ventilator [113] Cilinderschroef [143] Tussenplaat [3] Spie [40] Borgring [114] Borgring [144] Cilinderschroef [7] Flens [42] B-lagerschild [115] Kit 1) [159] Verbindingsstuk [9] Afsluitschroef [43] Draagring [116] Waaierschijf [160] Afdichting verbindingsstuk [11] Groefkogellager [44] Groefkogellager [117] Tapeind [161] Zeskantbout [15] Cilinderschroef [90] Voet [118] Schijf [162] Borgring [16] Stator [93] Schijf [119] Cilinderschroef [219] Zeskantmoer [19] Cilinderschroef [94] Cilinderschroef [122] Borgring [250] Lipseal-afdichting [21] Afdichtingsringflens [100] Zeskantmoer [123] Zeskantbout [604] Smeerring [22] Zeskantbout [103] Tapeind [124] Borgring [608] Afdichtingsringflens [24] Oogbout [105] Schotelveer [128] Waaierschijf [609] Lipseal-afdichting [25] Cilinderschroef [106] Lipseal-afdichting [129] Afsluitschroef [705] Regendak [26] Afdichtingsschijf [107] Slingerschijf [131] Afdichting voor deksel [706] Afstandsbout [30] Lipseal-afdichting [108] Typeplaatje [132] Klemmenkast deksel [707] Zeskantbout [31] Spie [109] Kerfnagel [134] Afsluitschroef [715] Zeskantbout [32] Borgring [111] Afdichting voor onderbouw [139] Zeskantbout 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 21

22 3 Opbouw van de motor Typeplaatje, typeaanduiding 3.6 Typeplaatje, typeaanduiding EDR..-motor in uitvoering 2GD De volgende afbeelding laat als voorbeeld het typeplaatje van een motor EDR.. in uitvoering 2GD zien: [6] [1] [2] [3] EDRS71M4/FF/2GD/KCC/TF/AL PTB 10 ATEX 3025/01 eff % 71.8 Hz50 r/min1375 V Δ/ Y IA/IN 3.9 kw 0.37 S1 A 1.82/1.05 Cosφ 0.76 te s 60 [7] [8] II2G Ex e IIC T3 Gb eff%0.0 II2D Ex tb IIIC T120 C Db [4] [9] [5] IM B5 IP 65 Th.Kl 155(F) 3~IEC Zone A kg Ta C UTIL 130(B) Jahr 2014 Made in Germany [10] De tekens ( 2 23) aan de bovenkant van het typeplaatje staan daar alleen als de motor over de desbetreffende certificaten of componenten beschikt. [1] Naam/adres fabrikant [6] Markering explosiebeveiliging [2] Catalogusaanduiding [7] CE-markering [3] Serienummer [8] Nummer van het afgiftepunt voor kentekens [5] Thermische benutting motor [10] Isolatietraject II = apparaatgroep II (bovengronds) II = apparaatgroep II (bovengronds) 2 = apparaatgroep 2 2 = apparaatgroep 2 [4] G = zones waarin explosieve gas-, dam-, nevel-lucht-mengsels aanwezig zijn Ex e = ontstekingsbeschermingswijze [9] D = voor zones waarin stof explosieve atmosferen kan vormen Ex tb = ontstekingsbeschermingswijze IIC = gasgroep IIIC = stofgroep T3 = temperatuurklasse (gas) T120 C = oppervlaktetemperatuur (stof) Gb = EPL (Equipment Protection Level) Gb = EPL (Equipment Protection Level) 22 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

23 Opbouw van de motor Typeplaatje, typeaanduiding Motor EDR.. met frequentieregelaar De volgende afbeelding is een voorbeeld van een extra typeplaatje van een motor EDR.. van de uitvoering 2GD voor frequentieregelaarbedrijf (afgekort extra FR-typeplaatje): [1] [2] EDRS71M4/FF/2GD/KCC/TF/AL PTB 11 ATEX3002/02X Usys400 V VFC Imax 2.75 A VFC Imax 1.57 A Hz r/min V A Nm Hz r/min V A Nm [3] [4] [A] [B] [C] [D] [E] [1] Systeemspanning netspanning van de frequentieregelaar [2] (Voltage Mode Flux Control) spanningsgestuurde regelmethode van de frequentieregelaar [3] EG-prototypecertificering voor frequentieregelaarbedrijf [4] Maximaal toegestane piekstroom, bijv. bij het versnellen met VFC-regelmethode [A] [B] [C] [D] [E] Het extra FR-typeplaatje vormt in tabelvorm de thermische grenskarakteristieken ( 2 87) van de motor vanaf (punten A E), met inachtneming van spanning en frequentie. Afhankelijk van de opties kan een afwijkende minimale frequentie het resultaat zijn Aanduidingen op het typeplaatje De volgende tabel licht alle aanduidingen toe die op het typeplaatje kunnen staan. Aanduiding Betekenis CE-teken als verklaring van overeenstemming met Europese richtlijnen zoals de laagspanningsrichtlijn ATEX-teken als verklaring van overeenkomst met de Europese richtlijn 94/9/EG resp. 2014/34/EU VIK-teken als verklaring van overeenkomst met de richtlijn van het Verband der industriellen Energie- und Kraftwirtschaft e.v. (V.I.K.) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 23

24 3 Opbouw van de motor Typeplaatje, typeaanduiding Typeaanduiding motor EDR.. Volgend diagram laat als voorbeeld een typeaanduiding zien: EDRS71S4 BE2 /FI /2GD /KCC /TF /ES7S E Explosieveilige uitvoering DR Draaistroommotoren basisserie DR.. S Rendementsklasse IE1 71 Motorbouwgrootte (ashoogte) S Bouwlengte 4 Aantal polen BE2 Rem /FI Opties uitgaande as /2GD Uitvoering explosiebeveiliging /KCC Alternatieve aansluitingen TF Thermische motorbeveiliging /ES7S Encoder Serienummer In het volgende diagram is een voorbeeld van een serienummer te zien: Voorbeeld: Verkooporganisatie Ordernummer (8 cijfers) 01. Orderregel (2 cijfers) 0001 Aantal (4 cijfers) 14 Laatste cijfer van het bouwjaar (2 cijfers) 24 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

25 Opbouw van de motor Mogelijke uitvoeringen en opties Mogelijke uitvoeringen en opties Explosieveilige draaistroommotor van de serie Aanduiding EDRS.. EDRE.. De volgende tabel laat de mogelijke uitvoeringen van de draaistroommotoren zien: Uitvoering Explosieveilige draaistroommotor, Standard-Efficiency IE1 Explosieveilige draaistroommotor, High-Efficiency IE /2G, /2GD, Motorbouwgroottes (ashoogtes): 71 / 80 / 90 / 100 / 112 / 132 / /3D, /3GD 160 / 180 / 200 / 225 / 250 / 280 / 315 S L, LC 4 Aantal polen Bouwlengtes: S = kort / M = middel / L = lang LC = rotoren met koperen kabel Uitvoeringen uitgang De volgende tabel geeft de mogelijkheden van de aandrijfuitvoeringen: Aanduiding Uitvoering Optie /FI /FG /FF /FT /FL /FM /FE /FY /FK /2G, /2GD, /3D, /3GD IEC-voetmotor met vermelding van de ashoogte Reductor-aanbouwmotor uit de 7e serie, als solomotor IEC-flensmotor met boring IEC-flensmotor met schroefdraden Algemene flensmotor (IEC afwijkend) Aanbouwmotor voor reductoren van de 7-serie met IEC-voeten, evt. vermelding van de ashoogte IEC-flensmotor met boring en IEC-voeten, evt. vermelding van de ashoogte IEC-flensmotor met schroefdraad en IEC-voeten, evt. vermelding van de ashoogte Alg. flensmotor (IEC afwijkend) met voeten, evt. vermelding van de ashoogte Mechanische aanbouwcomponenten De volgende tabel laat de mogelijke uitvoeringen van de mechanische aanbouwcomponenten zien: Aanduiding Uitvoering Optie BE.. Veerdrukrem met vermelding van de grootte HR Handremlichter, automatisch terugspringend /3GD, /3D HF Handremlichter, vastzetbaar /RS Terugloopblokkering Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 25

26 3 Opbouw van de motor Mogelijke uitvoeringen en opties Temperatuurvoelers/temperatuurmeting De volgende tabel laat de mogelijke uitvoeringen van de thermische beveiligingen zien: Aanduiding Uitvoering Optie /TF /KY /PT /2G, /2GD, /3D, /3GD Temperatuurvoeler (PTC-temperatuurvoeler of PTC-weerstand) Eén KTY sensor Eén/drie PT100-sensor(en) Encoders De volgende tabel geeft de uitvoermogelijkheden van de encoders: Aanduiding Uitvoering Optie /ES7S, /EG7S, /EV7S, /EH7S /ES7R, /EG7R, /EV7R, /EH7R /ES7C, /EG7C, /EV7C, EH7C /AS7W, /AG7W, /AV7W /AS7Y, /AG7Y, /AV7Y, /AH7Y /ES7A /EG7A /XV.A /XV.. EH7T ES7A, EG7A /EV2T, /EV2R, /EV2S, /EV2C /3D, /3GD Aanbouwtoerental-encoder met sin/cos-interface Aanbouw-toerentalencoder met TTL-(RS-422)-interface, U = 9-26 V Aanbouw-toerentalencoder met HTL-interface Absolute aanbouw-encoder, RS-485-interface (multiturn) Absolute aanbouw-encoder, SSI-interface (multiturn) Aanbouwinrichting voor toerental-encoders uit het SEW-portfolio Aanbouwinrichting voor niet-sew-toerental-encoders Aangebouwde niet-sew-toerental-encoders Aanbouw-toerentalencoder met TTL(RS-422)-interface Aanbouwvoorziening voor toerentalencoder met volle as Incrementele aanbouwencoder met volle as Alternatieve aansluitingen De volgende tabel laat de mogelijke uitvoeringen van de aansluitingen zien: Aanduiding Uitvoering Bij de levering inbegrepen /KCC /2G, /2GD, Klemmenbord met veerdrukklemmen (EDR ) /3D, /3GD Klemmenbord met antiverdraaiingsframe 26 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

27 Opbouw van de motor Mogelijke uitvoeringen en opties Ventilatie De volgende tabel laat de mogelijke uitvoeringen van de ventilatoren zien: Aanduiding Uitvoering Optie /VE /3D, /3GD Onafhankelijk aangedreven ventilator voor motoren conform 94/9/EG, categorie 3 (gas/stof) /AL /2G, /2GD, Metalen ventilator /C /3D, /3GD Regendak voor de ventilatorkap Explosiebeveiligde motoren Catalogusaanduiding Categorie De volgende tabel laat de mogelijke uitvoeringen van de explosiebeveiligingscategorieën zien: Optie /2G Motoren conform richtlijn 94/9/EG, categorie 2 (gas) /2GD Motoren conform richtlijn 94/9/EG, categorie 2 (gas/stof) /3D Motoren conform richtlijn 94/9/EG, categorie 3 (stof) /3GD Motoren conform richtlijn 94/9/EG, categorie 3 (gas/stof) Opslag De volgende tabel laat de mogelijke uitvoeringen van de lagers voor motoren: Aanduiding Uitvoering Optie /NS Nasmeervoorziening /ERF /3D, /3GD Versterkte lagering A-zijde met rollager /NIB Geïsoleerde lagering B-zijde Overige extra voorzieningen De volgende tabel laat een extra voorziening zien: Aanduiding Uitvoering Optie /2W /2G, /2GD, /3D, /3GD Tweede aseinde aan de motor/remmotor Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 27

28 4 Mechanische installatie Voordat u begint 4 Mechanische installatie AANWIJZING Let bij de mechanische installatie altijd op de veiligheidsaanwijzingen in hoofdstuk 2 van deze technische handleiding! 4.1 Voordat u begint LET OP Zorg ervoor dat de montage conform de uitvoering, cq. de gegevens op het typeplatje is! Monteer de aandrijving alleen als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: De gegevens op het typeplaatje van de aandrijving komen overeen met het elektriciteitsnet of met de uitgangsspanning van de frequentieregelaar. De aandrijving is onbeschadigd (geen schade door transport of opslag). Alle transportbeveiligingen zijn verwijderd Gegarandeerd is dat aan de volgende voorwaarden voldaan wordt: omgevingstemperatuur tussen -20 C en +40 C Houd er rekening mee dat ook het temperatuurbereik van de reductor beperkt kan zijn (zie technische handleiding reductoren). Let op afwijkende specificaties op het typeplaatje! De omstandigheden op de plaats van opstelling moeten overeenkomen met de specificaties op het typeplaatje. Geen oliën, zuren, gassen, dampen, stralingen, enz. Opstellingshoogte max m boven zeeniveau Let op het hoofdstuk Opstellingshoogte" Beperkingen voor encoders in acht nemen Speciale constructie: aandrijving aangepast aan omgevingscondities De hierboven genoemde gegevens hebben betrekking op standaardbestellingen. Als u aandrijvingen bestelt die van de standaard afwijken, kunnen de genoemde voorwaarden anders zijn. Raadpleeg daarom de orderbevestiging voor de afwijkende voorwaarden. 28 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

29 Mechanische installatie Langdurige opslag motoren Langdurige opslag motoren Let erop dat de vetgebruiksduur van de kogellagers na een opslagtijd van meer dan een jaar per jaar 10 % korter is. Motoren met een nasmeervoorziening die langer dan vijf jaar worden opgeslagen moeten voor de inbedrijfstelling worden nagesmeerd. Neem de gegevens op het typeplaatje van de motor in acht. Controleer of de motor door de langere opslagtijd vocht heeft opgenomen. Daartoe moet de isolatieweerstand worden gemeten (meetspanning 500 V). De isolatieweerstand (zie onderstaande afbeelding) is sterk afhankelijk van de temperatuur! Als de isolatieweerstand niet voldoende is, moet de motor worden gedroogd. [M ] , [ C ] Als de gemeten weerstand, afhankelijk van de omgevingstemperatuur, in het gedeelte boven de grenskarakteristiek, dan is er voldoende isolatieweerstand. Als de waarde onder de grenskarakteristiek ligt, moet de motor gedroogd worden. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 29

30 4 Mechanische installatie Langdurige opslag motoren Motor drogen Motor verwarmen: Met warme lucht of Met een scheidingstransformator: Wikkelingen in serie schakelen (zie onderstaande afbeelding) Hulpwisselspanning max. 10 % van de nominale spanning met max. 20 % van de nominale stroom Schakeling bij schema R13: [1] [1] Transformator Schakeling bij schema C13: [1] [1] Transformator Beëindig de droogprocedure als de minimale isolatieweerstand wordt overschreden. Controleer de klemmenkast om vast te stellen of: de binnenkant droog en schoon is de aansluit- en bevestigingsonderdelen vrij van corrosie zijn de afdichting en afdichtingsvlakken in orde zijn de kabelwartels dicht zijn (anders reinigen of vervangen) 30 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

31 Mechanische installatie Aanwijzingen voor het opstellen van de motor Aanwijzingen voor het opstellen van de motor VOORZICHTIG Scherpe randen door open spiebaan. Licht lichamelijk letsel. Spie in spiebaan plaatsen. Beveiligingsslang over de as trekken. VOORZICHTIG Door ondeskundige montage kan de motor beschadigd raken. Mogelijke materiële schade! Let op de onderstaande aanwijzingen. LET OP Zorg ervoor dat de voor de uitvoering geschikte montage overeenkomstig de gegevens op het typeplaatje wordt uitgevoerd! De motoraseinden moeten grondig worden gereinigd om corrosiewerende middelen, verontreinigingen e.d. te verwijderen (in de handel verkrijgbaar oplosmiddel gebruiken). Het oplosmiddel mag niet in contact komen met lagers of afdichtingsringen materiaalschade! U mag de motorreductor alleen op een vlakke, schokvrije en torsiestijve fundering inbouwen. Zorg ervoor dat de druklagers van de klant zich vrij en soepel kunnen bewegen. Lijn de motor en machine zorgvuldig uit om te voorkomen dat de uitgaande as te zwaar wordt belast. Let op de toelaatbare radiale en axiale krachten. Vermijd stoten en slagen op het aseinde. Let erop dat de koelluchttoevoer voor de motor/remmotor niet wordt gehinderd en dat er geen afvoerlucht van andere apparaten wordt aangezogen. Let hierbij op de onderstaande minimumafstanden: Motor/remmotor h Motortype h in mm EDR..71, EDR EDR..90, EDR EDR..112, EDR EDR EDR EDR..200, EDR EDR..250, EDR EDR Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 31

32 4 Mechanische installatie Aanwijzingen voor het opstellen van de motor Zorg er achteraf voor dat de op de as te monteren onderdelen met een halve spie worden uitgebalanceerd (motorassen zijn met een halve spie uitgebalanceerd). Als de hendel van de terugspringende handremlichter wordt gebruikt bij de inbedrijfstelling, moet deze voor het bedrijf weer worden weggehaald. Deze kan in de hiervoor bestemde houder aan de buitenzijde van de motorbehuizing worden opgeborgen. AANWIJZING Als er riemschijven worden toegepast: Alleen riemen gebruiken die niet elektrostatisch kunnen worden opgeladen. De maximaal toegestane radiale kracht mag niet worden overschreden; voor motoren zonder reductoren, zie hoofdstuk "Radiale krachten" ( 2 162). Motoren in verticale bouwvorm (bijv. M4/V1) zijn standaard van een regendak/c voorzien. Op wens van de klant is levering ook zonder regendak ook mogelijk. In dat geval moet bij de installatie van de aandrijving een afdekking in de installatie/ machine worden aangebracht die voorkomt dat er voorwerpen in kunnen vallen. Neem hierbij de eisen uit EN/IEC en EN/IEC in acht. Door deze afdekking mag de koelstroom niet worden belemmerd. Bij de bouwvorm met uitgaande as van de motor omhoog (bijv. M2 / V3) moet een geschikte afdekking voorkomen dat er kleine onderdelen in de ventilatorkap vallen, zie ook EN/IEC Door deze afdekking mag de koelstroom niet worden belemmerd Opstelling in vochtige ruimten of buiten Gebruik voor de voedingskabel passende kabelwartels (evt. verloopstukken toepassen) conform de installatievoorschriften. Plaats de klemmenkast zodanig dat de kabelinvoeropeningen naar beneden gericht zijn. Dicht de kabelinvoer goed af. Reinig de afdichtingsvlakken van de klemmenkast en het deksel van de klemmenkast grondig vóór de hermontage; broze afdichtingen moeten vervangen worden! Werk de corrosiewerende lak zo nodig bij (met name bij de transportogen). Controleer de beschermingsgraad. As met geschikt corrosiemiddel beschermen tegen corrosie. 32 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

33 Mechanische installatie Toleranties bij montagewerkzaamheden Toleranties bij montagewerkzaamheden aseinde Diametertolerantie conform EN ISO j6 bij Ø 28 mm ISO k6 bij Ø 38 mm tot 48 mm ISO m6 bij Ø 55 mm Centreerboring conform DIN 332, vorm DR.. Flens Centreerrandtolerantie conform EN ISO j6 bij Ø 250 mm ISO h6 bij Ø 300 mm 4.5 Aandrijfcomponenten optrekken Aandrijfcomponenten die op het motoraseinde worden getrokken, zoals rondsels, moeten door middel van verwarming worden gemonteerd, zodat bijv. de encoder bij enkelvoudige motoren niet beschadigd raakt. LET OP Motor mag alleen met erop getrokken aandrijfelementen in bedrijf worden genomen. Dat geldt ook voor de extra uitrusting 2e aseinde. Als de motor in het proefbedrijf zonder erop getrokken aandrijfelementen wordt gebruikt, moeten de pasveer(/-veren) van de uitgaande aseindes geschikt worden geborgd. 4.6 Aanbouw van niet-sew-encoders Als u een aandrijving met een niet-sew-encoder heeft besteld, levert SEW- EURODRIVE de aandrijving met de bijgaande koppeling. Bij gebruik zonder een niet- SEW-encoder mag de koppeling niet worden gemonteerd. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 33

34 4 Mechanische installatie Encoderaanbouwinrichting XV.. aan motoren EDR monteren 4.7 Encoderaanbouwinrichting XV.. aan motoren EDR monteren Als u de encoderaanbouwinrichting XV.. heeft besteld, worden de adapter en koppeling bij de motor meegeleverd en op de plaats van opstelling gemonteerd. Onderstaande afbeelding laat als voorbeeld de montage van de koppeling en adapter zien: [212] [225] [E] [D] [C] [B] [A] [220] [269] [22] [361] / [170] [F] [E] [D] [C] [B] [A] [251] [232] [22] Schroef [361] Afdekkap [170] Kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [269] Tule [212] Flenskap [A] Adapter [220] Encoder [B] Bevestigingsbout [225] Tussenflens (komt bij XV1A te vervallen) [C] Centrale bevestigingsbout [232] Bouten (alleen bij XV1A en XV2A) [D] Koppeling (spanas- of volle-askoppeling) [251] Spanschijven (alleen bij XV1A en XV2A) [E] Bevestigingsbout [F] Schroef Indien aanwezig, afdekkap [361] of kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] demonteren. 2. Bij XV2A en XV4A: tussenflens [225] demonteren. 3. Koppeling [D] met bout [C] in de encoderboring van de motoras schroeven. EDR : schroef [C] met een aanhaalmoment van 3 Nm vastdraaien. EDR : schroef [C] met een aanhaalmoment van 8 Nm vastdraaien. 4. Adapter [A] op de encoder [220] steken en met de bevestigingsschroef [B] met een aanhaalmoment van 3 Nm vastdraaien. 5. Bij XV2A en XV4A: tussenflens [225] met schroef [F] met een aanhaalmoment van 3 Nm monteren. 6. Encoder met de adapter op de koppeling [D] steken en de bevestigingsschroef [E] met een aanhaalmoment van 3 Nm vastdraaien. 7. Bij XV1A en XV2A: spanschijven [251] met bevestigingsschroeven [232] plaatsen en in de ringgroef van de encoder [220] leggen en met een aanhaalmoment van 3 Nm vastdraaien. 34 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

35 Mechanische installatie Encoderaanbouwinrichting XV.. aan motoren EDR monteren 4 8. Bij XV3A en XV4A: montage bij de klant door de boringen op de enncoderplaat. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 35

36 [1458] [233] [225] [226] [220] [251] 4 Mechanische installatie Encoder aan aanbouwinrichting EV../AV.. aan motoren EDR..250/280 monteren 4.8 Encoder aan aanbouwinrichting EV../AV.. aan motoren EDR..250/280 monteren Als u de encoderaanbouwinrichting EV../AV.. heeft besteld, wordt de koppeling bij de motor meegeleverd en bij de klant gemonteerd. Onderstaande afbeelding laat als voorbeeld de montage van de koppeling zien: [35] [A] [232] [269] [361] [22] [1496] [1459] [1460] [1461] [1462] [1497] [1498] [1489] [33] [34] [22] Schroef [361] Afdekkap (normaal/lang) [33] Schijf [1458] Schroef [34] Schroef [1459] Kooimoer [35] Ventilatorkap [1460] Waaierschijf [220] Encoder [1461] Schijf [225] Tussenflens (optioneel) [1462] Schroef [226] Schroef [1489] Aardingsband [232] Schroeven (bij.v1a en.v2a meegeleverd) [1496] Waaierschijf [233] Koppeling [1497] Schijf [251] Spanschijven (bij.v1a en.v2a meegeleverd) [1498] Schroef [269] Tule [A] Encoderaanbouwinrichting 1. Indien aanwezig, afdekkap [361] demonteren. Schroeven [34] losdraaien. Bij optie onafhankelijk aangedreven ventilator /VE: ventilatorkap [170] demonteren. Schroeven [22] losdraaien. 2. Koppeling [233] met diameter 14 mm op de tap van de encoderaanbouwinrichting [A] steken. Door de sleuf in de encoderaanbouwinrichting [A] de schroef van de klemnaaf van de koppeling [233] met 3 Nm aandraaien. 3. Bij optie EV.., AV..: tussenflens [225] met schroeven [226] op encoderaanbouwinrichting [A] monteren. Het aanhaalmoment moet 3 Nm bedragen. 4. Spanschijven [251] met schroeven [232] op encoderaanbouwinrichting [A] monteren. Schroeven [232] slechts losjes aandraaien. 36 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

37 Mechanische installatie Encoderaanbouwinrichtingen XH Encoder [220] op encoderaanbouwinrichting [A] resp. tussenflens [225] bevestigen. As van de encoder [220] in de koppeling [233] steken. Spanschijven in de houder van de encoder [220] draaien en schroeven [232] met 3 Nm aandraaien. Schroef voor de klemnaaf van de koppeling [233] aan de encoderzijde met 3 Nm aandraaien. 6. Kabel van de encoder [220] door de kabeltule [269] steken. Kabeltule [269] in de afdekkap [361] voeren. Bij optie onafhankelijk aangedreven ventilator /VE: kabeltule in de kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] voeren. 7. Afdekkap met schroeven [34] en schijven [33] aan de ventilatorkap monteren. Bij optie onafhankelijk aangedreven ventilator /VE: kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] met de schroeven [22] monteren. 4.9 Encoderaanbouwinrichtingen XH.. De encoderaanbouwinrichtingen XH1A, XH7A en XH8A voor holle-asencoders zijn reeds bij de levering van de aandrijving compleet gemonteerd. Ga bij de aanbouw van de encoder te werk zoals beschreven in het hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 37

38 4 Mechanische installatie Klemmenkast draaien 4.10 Klemmenkast draaien Klemmenkast met vermogensaansluiting in veerdrukklemtechniek /KCC De volgende afbeelding laat de opbouw van de klemmenkast in de optie met veerdrukklemtechniek /KCC zien: [123] [131] [119] [117] [a] [a1] [a2] [b] [140] [111] [c] [113] [111] Afdichting [113] Lenskopschroef bevestiging draagrail [117] Zeskantbout aarding binnen [119] Bevestigingsschroeven klemmenkast + borgringen (per stuk 4x) [123] Bevestigingsschroeven klemmenkastdeksel + borgringen (per stuk 4x) [131] Afdichting [140] Zeskantbout aarding buiten [a] Klemmenstrook 1 [a1] Schroef optionele klem/gelijkrichter [a2] Platkopschroef optionele klem [b] Klemmenstrook 2 + bevestigingsplaat [c] Vermogensklem Het soort en aantal klemmenstroken varieert al naar gelang de klemmenkastuitvoering en opties. Ga als volgt te werk om de klemmenkast te draaien: 1. Schroeven [123] op het deksel van de klemmenkast losdraaien en deksel verwijderen. 2. Maak bevestigingsbouten [119] en klemmenkast los. 3. Afdichtingsvlakken op de borst van de stator en tussen de onderbouw van de klemmenkast en deksel reinigen. 38 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

39 Mechanische installatie Klemmenkast draaien 4 4. Afdichtingen [111] en [131] op beschadigingen controleren en zo nodig vervangen. 5. Klemmenkast in gewenste positie draaien. 6. Als de klemmenstrook 2 [b] met de bevestigingsschroeven van de klemmenkast [119] is vastgeschroefd, moet de klemmenstrook 2 [b] ook na het draaien van de klemmenkast weer op de voorzijde van de vermogensklem worden gemonteerd. AANWIJZING De alternatieve aansluitingen bij 2 klemmenstroken [a] en [b] vindt u in de appendix. 7. Draai de onderbouw van de klemmenkast met de schroeven [119] en de borgringen met een van de volgende aanhaalmomenten vast: EDR : 5 Nm EDR : 25,5 Nm 8. Draai het klemmenkastdeksel met de schroeven [123] en de borgringen met overeenkomstig het passende aanhaalmoment vast. Let erop dat de afdichting goed zit! Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 39

40 4 Mechanische installatie Klemmenkast draaien Klemmenkast met klemmenbord en verdraaibeveiligingslijst De volgende afbeelding laat als voorbeeld de opbouw van een klemmenkast met verdraaiingsbeveiligingslijst zien: K1M6 / K1M8 in uitvoering van aluminium of gietijzer K1M12S in uitvoering van gietijzer [123] [131] [a] [2] [1213] [119] [a1] [a2] [1213] [2] [61] [b] [117] [119] [140] [111] [140] [2] Moer aansluitbout [111] Afdichting [117] Zeskantbout aarding binnen [119] Bevestigingsschroeven klemmenkast + borgringen (per stuk 4x) [123] Bevestigingsschroeven klemmenkastdeksel + borgringen (per stuk 4x) [131] Afdichting [140] Zeskantbout aarding buiten [a] Klemmenstrook 1 [a1] [a2] Schroef optionele klem/gelijkrichter Platkopschroef optionele klem [1213] Kit (1 verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren) Het soort en aantal klemmenstroken varieert al naar gelang de klemmenkastuitvoering en opties. Ga als volgt te werk om de klemmenkast te draaien: 1. Schroeven [123] op het deksel van de klemmenkast losdraaien en deksel verwijderen. 2. Bevestigingsbouten [119] van de klemmenkast losdraaien. 40 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

41 Mechanische installatie Klemmenkast draaien 4 3. Afdichtingsvlakken op de borst van de stator, onderbouw en deksel van de klemmenkast reinigen. 4. Afdichtingen [111 en 131] op beschadigingen controleren en zo nodig vervangen. 5. De eenheid van klemmenbord en verdraaiingsbeveiligingslijst uit de klemmenkast nemen. Evt. reeds aangesloten kabels vóór het verwijderen van de eenheid losmaken. 6. De klemmenkast in de gewenste positie draaien. 7. De eenheid van klemmenbord en verdraaiingsbeveiligingbeveiligingslijst net als de klemmenkast draaien en weer plaatsen. De opschriften op de klemmenborden U1, V1 en W1 moeten na het plaatsen weer in de richting van de kabeluitgangen wijzen. 8. Draai de onderbouw van de klemmenkast met de schroeven [119] en de borgringen met een van de volgende aanhaalmomenten vast: EDR : 5 Nm EDR : 25,5 Nm 9. Evt. gedemonteerde leidingen conform de volgende tabel weer aansluiten: geel wit bruin zwart rood blauw W2/T4 U2/T5 V2/T6 U1/T1 V1/T2 W1/T3 10.De moeren op de aansluitbouten met het passende aanhaalmoment ( 2 44) vastdraaien. AANWIJZING De leidingen mogen na het aansluiten geen knikken en verdraaiingen vertonen. Let op de correcte volgorde van het aansluitmateriaal, zie hoofdstuk "Motor aansluiten via klemmenbord" ( 2 59). 11.Draai het klemmenkastdeksel met de schroeven [123] en de borgringen met overeenkomstig het passende aanhaalmoment ( 2 44) vast. Let erop dat de afdichting goed zit! WAARSCHUWING Mogelijke beschadiging van de wikkelinguitlopers bij het draaien van het klemmenbord. Mogelijke materiële schade. Voer, om er zeker van te zijn dat de leidingen niet beschadigd zijn, na een succesvolle montage een isolatietest uit, zie hoofdstuk "Langdurige opslag motoren" ( 2 30). Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 41

42 4 Mechanische installatie Klemmenkast draaien Klemmenkast met en zonder antiverdraaiingsframe EDR De volgende afbeelding laat als voorbeeld de opbouw van een klemmenkast met verdraaiingsbeveiligingslijst zien: K1M12S met antiverdraaiingsframe in gietijzeren uitvoering 1M16 zonder antiverdraaiingsframe in gietijzeren uitvoering [123] [b] [b1] [a] [a1] [131] [2] [119] [119] [140] [111] [2] [2] Moer aansluitbout [111] Afdichting [117] Zeskantbout aarding binnen [119] Bevestigingsschroeven klemmenkast + borgringen (per stuk 4x) [123] Bevestigingsschroeven klemmenkastdeksel + borgringen (per stuk 4x) [131] Afdichting [140] Zeskantbout aarding buiten [a] Klemmenstrook 1 [a1] Schroef optionele klem/gelijkrichter [b] Klemmenstrook [b1] Schroef optionele klem Het soort en aantal klemmenstroken varieert al naar gelang de klemmenkastuitvoering en opties. Ga als volgt te werk om de klemmenkast te draaien: 1. Schroeven [123] op het deksel van de klemmenkast losdraaien en deksel verwijderen. 2. Bevestigingsschroeven [119] van de klemmenkast losdraaien. 42 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

43 Mechanische installatie Klemmenkast draaien 4 3. Afdichtingsvlakken op de borst van de stator, onderbouw en deksel van de klemmenkast reinigen. 4. Afdichtingen [111] en [131] op beschadigingen controleren en zo nodig vervangen. 5. De klemmenkast in de gewenste positie draaien. 6. Draai de onderbouw van de klemmenkast met de schroeven [119] en de borgringen met een van de volgende aanhaalmomenten vast: EDR : 54 Nm 7. Evt. gedemonteerde leidingen conform de volgende tabel weer aansluiten: geel wit bruin zwart rood blauw W2/T4 U2/T5 V2/T6 U1/T1 V1/T2 W1/T3 8. De moeren op de aansluitbouten met het passende aanhaalmoment ( 2 44) vastdraaien. AANWIJZING De leidingen mogen na het aansluiten geen knikken en verdraaiingen vertonen. Let op de correcte volgorde van het aansluitmateriaal, zie hoofdstuk "Motor aansluiten via klemmenbord" ( 2 59). 9. Draai het klemmenkastdeksel met de schroeven [123] en de borgringen met overeenkomstig het passende aanhaalmoment ( 2 44) vast. Let erop dat de afdichting goed zit! WAARSCHUWING Mogelijke beschadiging van de wikkelinguitlopers bij het draaien van het klemmenbord. Mogelijke materiële schade. Voer, om er zeker van te zijn dat de leidingen niet beschadigd zijn, na een succesvolle montage een isolatietest uit, zie hoofdstuk "Langdurige opslag motoren" ( 2 30). Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 43

44 4 Mechanische installatie Lakken Aanhaalmomenten Regelnummer De volgende tabel laat alle aanhaalmomenten zien die nodig zijn om de aansluitklemmenkast te draaien: Schroef Geldigheidsgebied Aanhaalmoment [2] Moer aansluitbout Bout M6 3 Nm Bout M8 6 Bout M Bout M16 30 [61] Lenskopschroef optionele klem EDR [113] Lenskopschroef bevestiging draagrail EDR , [117] Zeskantbout aarding binnen EDR EDR EDR (aluminium) 25.5 EDR (gietijzer) 50 EDE [119] Lenskopschroef klemmenkast EDR EDR EDE [123] Zeskantbout klemmenkastdeksel EDR EDR EDR (aluminium) 10.3 EDR (gietijzer) 25.5 EDR [140] Zeskantbout aarding buiten EDR EDR [a1] Schroef optionele klem/gelijkrichter EDR [a2] Platkopschroef optionele klem EDR Lakken AANWIJZING SEW-EURODRIVE levert de aandrijvingen met een laklaag die bestand is tegen de elektrostatische oplading overeenkomstig EN/IEC Bij het opnieuw lakken van de motoren of motorreductoren moeten de vereisten ter vermijding van elektrostatische oplading overeenkomstig EN/IEC worden nageleefd. Verder moet de informatie op het typeplaatje in acht worden genomen omdat anders de conformiteit volgens conformiteitsverklaring niet meer geldig is. 44 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

45 Mechanische installatie Opties Opties Afdekkap 2e aseinde Als de optie "2e aseinde" besteld is, levert SEW-EURODRIVE deze met geplaatste, transportbeveiligde pasveren. Standaard wordt er geen afdekking meegeleverd. Voor de bouwgrootten EDR kan deze optioneel worden besteld. Als er geen aandrijfelement op het 2e aseinde wordt getrokken, moet ter plaatse een beschermende afdekking worden aangebracht. Bij de berekening en montage van de beschermkap moeten de vereisten van EN/IEC over stootvastheid worden nageleefd. VOORZICHTIG Ontbrekende of verkeerd uitgevoerde beschermkap. Zwaar lichamelijk letsel en/of de dood kan het gevolg zijn. Beschermkap alleen door geschoold personeel laten monteren. Motor alleen met correcte beschermkap in gebruik nemen. AANWIJZING De motor mag alleen met een geschikte beveiliging van de spie worden gebruikt (zie hoofdstuk "Aandrijfcomponenten optrekken ( 2 33)"). De volgende afbeeldingen laten de afmetingen van de afdekkingen zien: Standaard voor bouwgrootten EDR , EDR..250/280 Optioneel voor bouwgrootten EDR Standaard vooor bouwgrootten EDR [361] EA L1 [4] [79] EA DA DA [4] [83] [1553] [34] LB/LBS 1) X LB/LBS 1) L3 L2 L [4] Spiebaan [361] Afdekkap [34] Plaatschroef [1553] Kooimoer [79] Afdekkap LB/LBS Lengte van de motor/remmotor [83] Zeskantbout 1) Afmetingen, zie catalogus "Draaistroommotoren" Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 45

46 4 Mechanische installatie Opties Maten Motorbouwgrootte DA EA L1 L2 L3 L4 X EDR EDR..71 /BE 88 EDR EDR..80 /BE 94.5 EDR EDR..90 /BE 81 EDR EDR..100 /BE 81 EDR EDR /BE EDR EDR..160 /BE 187 EDR EDR..180 /BE 236 EDR EDR /BE 246 EDR..250/ Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

47 Elektrische installatie Aanvullende bepalingen 5 5 Elektrische installatie WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door elektrische schok. Dood of zwaar letsel! Let op de onderstaande aanwijzingen. Let bij het installeren beslist op de veiligheidsaanwijzingen in hoofdstuk 2! Gebruik voor het schakelen van de motor schakelcontacten van gebruikscategorie AC-3 volgens EN Houd u bij door een omvormer gevoede motoren aan de desbetreffende bekabelingsaanwijzingen van de omvormerfabrikant. Raadpleeg de technische handleiding van de omvormer. 5.1 Aanvullende bepalingen Bij het opzetten van elektrische installaties dienen de algemeen geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische laagspanningsinstallaties (bijv. DIN IEC 60364, DIN EN 50110) in acht te worden genomen. 5.2 Aansluitschema s en bezettingsschema's gebruiken De motor moet worden aangesloten volgens het (de) bij de motor meegeleverde aansluitschema('s). Als dit aansluitschema ontbreekt, mag de motor niet aangesloten en in bedrijf gesteld worden. De juiste aansluitschema's kunt u gratis bestellen bij SEW- EURODRIVE. 5.3 Kabelinvoeren Vlakke verzinking in mm De aansluitklemmenkasten zijn uitgevoerd met metrische draadgaten volgens EN of met NPT-draadgaten volgens ANSI B Bij de levering zijn alle boringen voorzien van explosiebeveiligde afsluitstoppen. Voor een correcte kabelinvoer, moeten de afsluitdoppen door kabelwartels met trekontlasting worden vervangen, die toegelaten zijn voor gebruik in de betreffende explosiebeveiligde zone. De kabelwartel moet geselecteerd worden overeenkomstig de buitendiameter van de gebruikte kabel. Het aanhaalmoment van de kabelinvoer vindt u in de technische handleiding/installatiehandleiding of in het EG-prototypecertificering van de kabelwartels. De IP-beschermingsgraad van de kabelinvoer moet minimaal overeenkomen met de IP-beschermingsgraad van de motor. Gebruik alleen wartels, waarvan de boutkoppen in de vlakke verzinkingen passen. De volgende tabel laat de afmetingen van de vlakke verzinkingen met de bijbehorende schroefgrootten zien: Wartel M12 M16 M20 M25 M32 M40 M50 M63 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 47

48 5 Elektrische installatie Potentiaalvereffening Alle niet gebruikte kabelinvoeringen moeten na het afronden van de installatie met een afsluitdop worden afgesloten om de beschermingsgraad aan te houden. Bij het vervangen van een afsluitstop moet weer een explosiebeveiligde stop worden gebruikt. 5.4 Potentiaalvereffening Conform EN kan de aansluiting op een potentiaalvereffeningssysteem vereist zijn. Let op het hoofdstuk "Verbetering van de aarding (EMC) ( 2 49)". 5.5 Aanwijzingen voor de bedrading Let bij het installeren op de veiligheidsaanwijzingen Beveiliging tegen storingen in de remaansturingen Om de remaansturingen tegen storingen te beschermen mogen de remkabels nooit samen met andere onafgeshermde remkabels met geschakelde stroom worden gelegd. Vermogenskabels met geschakelde stroom zijn vooral: Uitgangskabels van frequentie- en servoregelaars, softstarters en remapparatuur Voedingskabels voor remweerstanden e.d. Bij motoren die op netvoeding werken en bij het gebruik van de gelijk- en wisselstroomzijdige uitschakeling, moet de verbinding tussen remgelijkrichter en externe veiligheidsschakelaar in een separate vermogenskabel gescheiden van de motorspanningstoevoer worden uitgevoerd Beveiliging tegen storingen in de motorbeveiligingsinrichtingen Om SEW-motorbeveiligingsapparatuur (temperatuurvoeler TF) te beveiligen tegen storing mogen: apart afgeschermde voedingsleidingen samen met vermogensleidingen in één kabel worden gelegd, niet-afgeschermde voedingsleidingen niet gemeenschappelijk met leidingen met geschakelde spanning in één kabel gelegd worden. 48 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

49 Elektrische installatie Bijzonderheden tijdens bedrijf met frequentieregelaar Bijzonderheden tijdens bedrijf met frequentieregelaar Bij motoren die op een frequentieregelaar zijn aangesloten, moeten de desbetreffende aansluitvoorschriften van de regelaarfabrikant worden aangehouden. Volg altijd de instructies in het hoofdstuk "Bedrijfsmodi en grenswaarden" en de technische handleiding van de frequentieregelaar op. Als een aandrijving op een voedingsaansluiting een aardingsstroom van meer dan AC of DC 10 ma heeft, moet er aan een/meerdere van de volgende punten voor het beveiligingsgeleidersysteem worden voldaan: De aardleiding moet een minimale doorsnede van 10 mm 2 bij koper of 16 mm 2 bij aluminium over de gehele lengte hebben. Waar de aardleiding een doorsnede van minder dan 10 mm 2 bij koper of 16 mm 2 bij aluminium heeft, moet een 2e aardleiding met minstens dezelfde doorsnede tot het punt worden aangebracht, waar de doorsnede van de aardleiding niet minder dan 10 mm 2 bij koper of 16 mm 2 bij aluminium heeft. Eventueel moet de aandrijving met een gescheiden aansluiting voor een 2e aardleiding worden uitgerust. 5.7 Verbetering van de aarding (EMC) Voor een betere aarding met een lage impedantie bij hoge frequenties worden de volgende aansluitingen aanbevolen. SEW-EURODRIVE adviseert corrosiewerende verbindingselementen te gebruiken. De HF-aarding is niet standaard gemonteerd. De optie HF-aarding kan worden gecombineerd met de NF-aarding op de klemmenkast. Als naast de HF-aarding een NF-aarding moet worden aangebracht, kan de geleider op dezelfde plaats worden verbonden. De optie HF-aarding kan als volgt worden besteld: af fabriek compleet gemonteerd of als kit "Aardklem" voor montage bij de klant; artikelnummers, zie volgende tabel. Motorbouwgrootte EDR..71S/M EDR..80S/M EDR..90M/L EDR..100M EDR..100L 132 EDR met aluminium klemmenkast Artikelnummer kit "Aardklem" Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 49

50 5 Elektrische installatie Verbetering van de aarding (EMC) Bouwgrootte EDR..71S/M 80S/M met HF(+NF)-aarding De volgende afbeelding laat de montage van de aarding zien: [1] [2] [3] [4] [3] [5] [1] Gebruik van de voorgegoten boring [4] Aardingsband (niet bij de levering inbegrepen) aan de statorbehuizing [2] Waaierschijf [5] Zelftappende bout DIN 7500 M6 x 16, [3] Schijf 7093 aanhaalmoment 10 Nm Bouwgrootte EDR..90M/L met HF(+NF)-aarding De volgende afbeelding laat de montage van de aarding zien: [1] [2] [3] [4] [3] [5] [1] Gebruik van de voorgegoten boring [4] Aardingsband (niet bij de levering inbegrepen) aan de statorbehuizing [2] Waaierschijf [5] Zelftappende bout DIN 7500 M6 x 16, [3] Schijf 7093 aanhaalmoment 10 Nm 50 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

51 Elektrische installatie Verbetering van de aarding (EMC) Bouwgrootte EDR..100M met HF(+NF)-aarding De volgende afbeelding laat de montage van de aarding zien: [1] [2] [3] [4] [3] [5] [1] Gebruik van de voorgegoten boring [4] Aardingsband (niet bij de levering inbegrepen) aan de statorbehuizing [2] Waaierschijf [5] Zelftappende bout DIN 7500 M6 x 16, [3] Schijf 7093 aanhaalmoment 10 Nm Bouwgrootte EDR..100L 132 met HF(+NF)-aarding De volgende afbeelding laat de montage van de aarding zien: [1] [2] [3] [4] [3] [5] [1] Gebruik van het draadgat voor hijsogegrepen) [4] Aardingsband (niet bij de levering inbe- [2] Waaierschijf DIN 6798 [5] Zeskantbout ISO 4017 M8 x 18, aanhaalmoment [3] Schijf 7089 / Nm Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 51

52 5 Elektrische installatie Bijzonderheden bij het schakelbedrijf Bouwgrootte EDR met HF(+NF)-aarding De volgende afbeelding laat de montage van de aarding zien: [1] [2] [3] [4] [3] [5] [1] Gebruik van het draadgat aan de klemmenkast [2] Waaierschijf DIN 6798 [3] Schijf 7089 / 7090 [4] Aardingsband (niet bij de levering inbegrepen) [5] Zeskantbout ISO 4017 M8 x 18 (bij aluminium klemmenkast van de bouwgrootten EDR ), aanhaalmoment 10 Nm Zeskantbout ISO 4017 M10 x 25 (bij gietijzeren klemmenkast van de bouwgrootten EDR ), aanhaalmoment 10 Nm Zeskantbout ISO 4017 M12 x 30 (klemmenkast van de bouwgrootte EDR ), aanhaalmoment 15.5 Nm Bij de bouwgrootte EDR met gietijzeren klemmenkast is de aarding reeds bij de levering van de aandrijving gemonteerd. Bij aluminium klemmenkasten van de bouwgrootten EDR kan de kit "Verbindingselement" via het artikelnummer worden besteld. 5.8 Bijzonderheden bij het schakelbedrijf Bij het schakelbedrijf van de motoren moeten mogelijke storingen in het schakelapparaat door passende bedradingen worden uitgesloten. De richtlijn EN (Elektrische uitrusting van machines) stelt dat de motorwikkeling moet worden ontstoord ter beveiliging van numerieke of plc-besturingen. SEW-EURODRIVE adviseert de beveiligingsschakeling bij de schakelelementen aan te brengen, omdat het meestal schakelingen zijn die storingen veroorzaken. 52 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

53 Elektrische installatie Omgevingsomstandigheden tijdens bedrijf Omgevingsomstandigheden tijdens bedrijf Omgevingstemperatuur Indien niet anders vermeld op het typeplaatje, moet ervoor worden gezorgd dat het temperatuurbereik van -20 C tot +40 C wordt aangehouden. Bij motoren die geschikt zijn voor hogere of lagere omgevingstemperaturen worden speciale specificaties op het typeplaatje vermeld. Als de motoren bij een omgevingstemperatuur van meer dan +40 C (max. +60 C) worden gebruikt, moeten de gebruikte leidingen en leidingwartels bestand zijn tegen temperaturen 90 C. Bij temperaturen van minder dan -20 C (max. -40 C) moet een stilstandsverwarming worden gebruikt. Bovendien moeten de kabels en wartels tegen deze temperaturen bestand zijn Relatie tussen motorvermogen en opstellingshoogte De volgende grafiek laat zien met welke factor f H het motorvermogen in relatie tot de opstellingshoogte moet worden gereduceerd. De grafiek geldt alleen voor categorie 3. In categorie 2 bedraagt de maximale opstellingshoogte 1000 m f H H [m] De berekening wordt gemaakt aan de hand van de volgende formule: P H = f H P nom De in te stellen stroom wordt als volgt berekend: I H = f H I nom Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 53

54 5 Elektrische installatie Omgevingsomstandigheden tijdens bedrijf Schadelijke straling De motoren mogen niet aan schadelijke straling (bijv. ioniserende straling) worden blootgesteld. Neem eventueel contact op met SEW-EURODRIVE Schadelijke gassen, dampen en stof Explosiebeveiligde motoren zijn bij gebruik overeenkomstig de voorschriften niet in staat om explosieve gassen, dampen of stof te ontsteken. Zij mogen echter niet worden blootgesteld aan gassen, dampen of stofsoorten die de bedrijfsveiligheid in gevaar brengen door bijvoorbeeld: Corrosie Beschadiging van de beschermende laklaag Beschadiging van het afdichtingsmateriaal enz. Keuze van de afdichtingen Als de motor in omgevingen met een hogere milieubelasting zoals hogere ozonwaarden wordt gebruikt, kunnen de motoren EDR.. naar keuze worden voorzien van hoogwaardige afdichtingen. Neem bij twijfel aan de bestendigheid van de afdichtingen tegen de milieubelasting contact op met SEW-EURODRIVE. 54 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

55 Elektrische installatie Motoren van de uitvoering 2G, 2GD, 3D en 3GD Motoren van de uitvoering 2G, 2GD, 3D en 3GD Algemene aanwijzingen De explosiebeveiligde SEW-EURODRIVE-motoren uit de series EDR.. zijn bestemd voor de volgende toepassingsgebieden: Catalogustekening van de motor 2G 2GD 3D 3GD Toepassing Gebruik in zone 1 of 2 mogelijk Gebruik in zone 1 of 2, en zone 21 of 22 mogelijk Gebruik in zone 22 mogelijk Gebruik in zone 2 of 22 mogelijk AANWIJZING Motoren EDR.. mogen niet in de buurt van hybride mengsels worden gebruikt. Hybride mengsels zijn mengsels van lucht en brandbare stoffen in verschillende aggregaattoestanden Speciale markering "X" Indien de speciale markering "X" achter het goedkeuringsnummer van het prototypecertificering staat, dan wordt verwezen naar bijzondere voorwaarden voor de veilige toepassing van de motoren binnen deze goedkeuring. Bij motoren EDR.. uit de categorie 2 is het regelaarbedrijf een bijzondere bedrijfsvoorwaarde. Daarom staat de speciale markering "X" achter het goedkeuringsnummer. De bijzonderde bedrijfsvoorwaarden omvatten het toegestande toerentalbereik en de regelaareigenschappen die in de prototypecertificering gedefinieerd zijn Temperatuurklassen U vindt de temperatuurklasse van de motor in de uitvoering 3GD op het typeplatje of in de conformiteitsverklaring in de appendix. U vindt de temperatuurklasse van de motor in de uitvoeringen 2G en 2GD op het typeplaatje of in het prototypecertificering die bij elke motor wordt meegeleverd Oppervlaktetemperatuur U vindt de oppervlaktetemperatuur van de motor in de uitvoeringen 3D en 3GD op het typeplaatje of in de conformiteitsverklaring in de appendix. De oppervlaktetemperatuurvan de motor in de uitvoering 2GD vindt u op het typeplaatje of in het prototypecertificering die bij elke motor wordt meegeleverd. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 55

56 5 Elektrische installatie Motoren van de uitvoering 2G, 2GD, 3D en 3GD Beveiliging tegen ontoelaatbaar hoge oppervlaktetemperatuur Beveiliging uitsluitend met motorbeveiligingsschakelaar Let bij de installatie van motoren met S1-markering met motorbeveiligingsschakelaar volgens EN op het volgende: Bij uitvoering 2G en 2GD: De aanspreektijd van de motorbeveiligingsschakelaar moet bij de aanspreekstroomverhouding I A /I nom korter zijn dan de opwarmtijd t E van de motor. De motorbeveiligingsschakelaar moet bij uitval van een fase in alle polen uitschakelen. De motorbeveiligingsschakelaar moet goedgekeurd zijn door een erkende instantie en van een overeenkomstig testnummer voorzien zijn. De motorbeveiligingsschakelaar moet ingesteld zijn op de nominale motorstroom overeenkomstig het typeplaatje. Bij de categorie 2G en 2GD staat de toegestane nominale motorstroom bovendien op het bouwmodeltestcertificaat. Beveiliging uitsluitend met PTC-temperatuurvoeler (TF) Motoren met S1, S4-50 %-markering die met PTC-temperatuurvoeler uitgerust zijn: De PTC-temperatuurvoeler dient bewaakt te worden door een geschikt apparaat. De geldende installatievoorschriften hiervoor dienen te worden aangehouden. VOORZICHTIG Beschadiging van de temperatuurvoelers door te hoge spanning. Mogelijke vernieling van de temperatuurvoelers. Geen spanningen > 30 V aansluiten. De PTC-temperatuurvoelers voldoen aan DIN Controle-weerstandsmeting (meetinstrument met U 2,5 V of I < 1 ma): Meetwaarde normaal: Ω, warmteweerstand > 4000 Ω De PTC-temperatuurvoeler (TF) is nodig voor de handhaving van een bedrijfsveilige isolatie en voor de thermische bewaking. De analysefunctie van de temperatuurbewaking moet in combinatie met het temperatuurvoeler-meetcircuit geactiveerd zijn en bij overtemperatuur absoluut in werkin treden. 56 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

57 Elektrische installatie Motoren van de uitvoering 2G, 2GD, 3D en 3GD Beveiliging met motorbeveiligingsschakelaar en extra PTC-temperatuurvoeler De bovengenoemde condities bij beveiliging alleen met motorbeveiligingsschakelaar gelden ook hier. De beveiliging met temperatuurvoelers (TF) betekent alleen een aanvullende veiligheidsmaatregel, die voor de goedkeuring onder omgevingsvoorwaarden met explosiegevaar geen betekenis heeft. AANWIJZING Controleer bij de inbedrijfstelling of het aanspreken van de beveiligingsinrichting tot een correcte uitschakeling van de aandrijving leidt. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 57

58 5 Elektrische installatie Aanwijzingen voor het aansluiten van de motor 5.11 Aanwijzingen voor het aansluiten van de motor AANWIJZING Houd u aan het geldige aansluitschema! Ontbreekt dit document, dan mag de motor niet aangesloten of in bedrijf gesteld worden. De juiste aansluitschema's kunt u gratis bestellen bij SEW-EURODRIVE. AANWIJZING In de klemmenkast mogen zich geen vreemde voorwerpen, vuil of vocht bevinden. Niet-benodigde kabelinvoeropeningen en de kast zelf dienen stof- en waterdicht afgesloten te worden. Houd u bij het aansluiten van de motor aan de volgende punten: Kabeldoorsnede controleren Klembruggen correct aanbrengen Aansluitingen en aardleiding goed vastschroeven Aansluitleidingen liggen vrij om beschadigingen van de leidingisolatie te voorkomen Luchttrajecten aanhouden In de klemmenkast: wikkelingsaansluitingen controleren en zo nodig vastdraaien Volgens het meegeleverde schema aansluiten Uitstekende draadeinden voorkomen Motor met de desbetreffend voorgeschreven draairichting aansluiten De volgende aansluitschema s kunnen met opgave van het bestelnummer van de motor (zie hoofdstuk "Typeplaatje, typeaanduiding ( 2 22)") bij SEW-EURODRIVE worden besteld: Serie Aantal polen Schakeling Bijbehorend schema (benaming/nummer) xx = jokerteken voor versie EDR..71 EDR m / W C13: 68184xx08 R13: 68001xx06 Afhankelijk van de bouwgrootte en de elektrische uitvoering worden de motoren in verschillende soorten geleverd en aangesloten. Let op het aansluittype in de volgende tabel: Serie EDR..71 EDR..132 EDR..160 EDR..315 Aansluiting Bij U < 500 V en I < 17 A: Motoraansluiting via veerdrukklem Bij U > 500 V of I > 17 A: Motoraansluiting via klemmenbord Motoraansluiting via klemmenbord 58 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

59 Elektrische installatie Motor aansluiten via klemmenbord Motor aansluiten via klemmenbord Afhankelijk van de elektrische uitvoering worden de motoren in verschillende soorten geleverd en aangesloten. Monteer de klembruggen volgens het schema en schroef deze stevig vast. Let op de in de volgende tabellen vermelde aanhaalmomenten: Motorbouwgrootte EDR..71 EDR..132 Aansluiting klant Aansluitbout Aanhaalmoment zeskantmoer Uitvoering Aansluittype Ø Doorsnede Ø M6 3.0 Nm 6 mm 2 1 Ringkabelschoen/ massieve draad Aansluiting klant Motorbouwgrootte EDR..160 M6 3.0 Nm 35 mm 2 1 Ringkabelschoen Aansluitbout Aanhaalmoment zeskantmoer Uitvoering Aansluittype In zakje meegeleverd Omvang van de levering aansluiting kleine onderdelen PE-aansluitbout Uitvoering M5 2 M5 2 Ø Doorsnede Ø M6 3.0 Nm 6 mm 2 1 Ringkabelschoen/ massieve draad M6 3.0 Nm 35 mm 2 1 Ringkabelschoen In zakje meegeleverd Omvang van de levering aansluiting kleine onderdelen PE-aansluitbout Uitvoering M8 2 M8 2 M10 2 Motorbouwgrootte EDR..180 EDR..225 Aansluiting klant M8 6.0 Nm 70 mm 2 1 Ringkabelschoen Aansluitbout Aanhaalmoment zeskantmoer Uitvoering Aansluittype Ø Doorsnede Ø M6 3.0 Nm 6 mm 2 1 Ringkabelschoen/ massieve draad M8 6.0 Nm 70 mm 2 1 Ringkabelschoen In zakje meegeleverd M Nm 35 mm 2 1 Ringkabelschoen 95 mm 2 Voorgemonteerd Omvang van de levering aansluiting kleine onderdelen PE-aansluitbout Uitvoering M8 2 M8 2 M12 2 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 59

60 5 Elektrische installatie Motor aansluiten via klemmenbord Motorbouwgrootte EDR..250 EDR..315 Aansluiting klant Aansluittype Omvang van de levering Ø Doorsnede Ø M16 30 Nm 35 mm 2 1 Ringkabelschoen M Nm 35 mm 2 1 Ringkabelschoen 95 mm 2 Voorgemonteerd In zakje meegeleverd Aansluitbout Aanhaalmoment zeskantmoer Uitvoering PE-aansluitbout Uitvoering M12 2 M12 2 De vetgedrukte uitvoeringen gelden in het S1-bedrijf voor de standaardspanningen en standaardfrequenties volgens de informatie in de catalogus. Bij afwijkende uitvoeringen zijn andere aansluitingen mogelijk, zoals andere diameters van de aansluitbouten en/of een andere omvang van de levering. AANWIJZING Kabelschoenen conform DIN mogen niet worden gebruikt, aangezien de minimaal toelaatbare luchtspleten onderschreden kunnen worden. 60 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

61 Elektrische installatie Motor aansluiten via klemmenbord Uitvoering 1 In de volgende afbeelding ziet u 2 mogelijke uitvoeringen van de klantaansluiting: Klantaansluiting met kabelschoen: [8] [6a] [5] [4] [3] [2] [1] [10] [9] Klantaansluiting met massieve draad: [8] [7] [6b] [5] [4] [3] [2] [1] [10] [9] [1] Vlakke sluitring [6b] Wekkelingsaansluiting met massieve draad U-vormig gebogen [2] Waaierschijf [7] Waaierschijf [3] Wikkelingaansluiting met [8] Bovenste moer ringkabelschoen [4] Onderste moer [9] Aansluitbout [5] Waaierschijf [10] Antiverdraaiingsframe voor het waarborgen van de luchtwegen (niet bij K1M16) [6a] Wikkelingsaansluiting met ringkabelschoen, bijv. conform DIN of DIN Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 61

62 5 Elektrische installatie Motor aansluiten via klemmenbord Uitvoering 2 In de volgende afbeelding ziet u de uitvoering voor de PE-aansluiting: [1] [2] [3] [4] [5] [1] [2] [3] [6] [1] Zeskantmoer [4] Waaierschijf [2] Schijf [5] Tapeind [3] PE-geleider met kabelschoen [6] Klemmenkast [4] [5] [6] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

63 Elektrische installatie Motor aansluiten via klemmenbord Motor aansluiten via klemmenbord Klemmenbord KCC Volgens het meegeleverde schema Maximale kabeldoorsnede controleren: 4 mm 2 star 4 mm 2 flexibel 2,5 mm 2 flexibel met adereindhuls In de klemmenkast: wikkelingsaansluitingen controleren en zo nodig vastdraaien Afstriplengte mm Plaats van de klembruggen bij W-schakeling Plaats van de klembruggen bij m-schakeling Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 63

64 5 Elektrische installatie Rem aansluiten 5.14 Rem aansluiten De rem wordt elektrisch gelicht. De rem valt mechanisch in zodra de spanning is uitgeschakeld. WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling, bijv. door omlaagvallend hijswerk. Zwaar lichamelijk letsel en/of de dood kan het gevolg zijn. Houd rekening met de geldende voorschriften van de arbeidsinspectie voor de fasenuitvalbeveiliging en de bijbehorende schakeling(swijziging)! Sluit de rem volgens het bijgevoegde schema aan. Vanwege de te schakelen gelijkspanning en de hoge stroombelasting moeten er speciale remmagneetschakelaars of wisselstroommagneetschakelaars met contacten van gebruikscategorie AC-3 volgens EN worden gebruikt Remaansturing aansluiten De gelijkstroomschijfrem wordt door een remaansturing met beveiligingsschakeling gevoed of kan in afzonderlijke bouwgrootten direct van gelijkspanning worden voorzien. Schema's van de remaansturing vindt u in het hoofdstuk "Appendix" ( 2 210). Het bedrijf met directe gelijkspanning zonder SEW-remaansturing is alleen voor de remgrootten BE05 BE2 in uitvoering 3GD en 3D toegestaan. Als bij motoren van de uitvoering 3GD een remaansturing van SEW-EURODRIVE wordt gebruikt, moet deze altijd in de schakelkast geïntegreerd zijn. Bij remmotoren van de uitvoering 3D kan de remaansturing van SEW- EURODRIVE naar keuze in de aansluitruimte van de motor of in de schakelkast geïntegreerd zijn. Sluit de rembesturing volgens het meegeleverde schakelschema aan. Kabeldoorsneden controleren remstromen (zie hoofdstuk "Technische gegevens ( 2 162)"). Remmen mogen bij stilstaande motor niet voortdurend elektrisch worden geopend. 64 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

65 Elektrische installatie Opties Opties De opties moeten worden aangesloten volgens het (de) bij de motor meegeleverde aansluitschema('s). Als dit aansluitschema ontbreekt, mag de optie niet aangesloten en in bedrijf worden gesteld. De geldige schema's kunt u gratis bestellen bij SEW-EURODRIVE De hierna vermelde opties worden afhankelijk van de categorie toegepast, zie volgende tabel: Optie Categorie 2 Categorie 3 Temperatuurvoelers /TF x x Temperatuurmeting /KY x x Temperatuurmeting /PT x x Onafhankelijk aangedreven ventilator /VE x Aanbouw-encoder x Stilstandsverwarming x x Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 65

66 5 Elektrische installatie Opties Temperatuurvoelers /TF LET OP Zware beschadiging van de temperatuurvoelers door oververhitting. Mogelijke beschadiging van het aandrijfsysteem. Geen spanningen > 30 V op temperatuurvoeler TF aansluiten. De PTC-temperatuurvoelers voldoen aan DIN Controle-weerstandsmeting (meetinstrument met U 2,5 V of I < 1 ma): Meetwaarde normaal: Ω, warmteweerstand > 4000 Ω Bij het gebruik van een temperatuurvoeler voor de thermische bewaking moet de analysefunctie zijn geactiveerd om de bedrijfsveilige isolatie van het temperatuurvoelercircuit te handhaven. Bij een te hoge temperatuur moet absoluut een thermische beveiligingsfunctie in werking treden. Als voor de temperatuurvoeler TF een tweede klemmenkasten aanwezig is, moet de aansluiting van de temperatuurvoeler hierin plaatsvinden. Neem bij de aansluiting van de temperatuurvoeler TF absoluut het meegeleverde schema in acht. Als het schema niet bijgevoegd is, kunt u het gratis bij SEW- EURODRIVE opvragen. AANWIJZING Op temperatuurvoeler TF mogen geen spanningen > 30 V worden gezet! Hieronder is de karakteristiek van de TF in relatie tot de nominale aanspreektemperatuur (hier T NF genoemd) weergegeven. R [Ω] [T] -20 C T NF - 20 K T NF - 5 K T NF + 5 K T NF T NF + 15 K Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

67 Elektrische installatie Opties Temperatuursensor /KY (KTY84 130) LET OP Beschadiging aan de isolatie van de temperatuursensor en de motorwikkeling door een te sterke opwarming van de temperatuursensor. Mogelijke beschadiging van het aandrijfsysteem. Voorkom stroomwaarden > 4 ma in het stroomcircuit van de KTY. Let erop dat de KTY goed wordt aangesloten om te garanderen dat de signalen van de temperatuursensor correct verwerkt worden. Let op de polariteit. De karakteristieke curve in de volgende afbeelding laat het weerstandsverloop in relatie tot de motortemperatuur zien bij een meetstroom van 2 ma en een juiste polariteit R [Ω] T [ C] Technische gegevens KTY Aansluiting Rood (+) Blauw (-) Totale weerstand bij C Teststroom 540 Ω < R < 640 Ω < 3 ma Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 67

68 5 Elektrische installatie Opties Temperatuurmeting /PT (PT100) LET OP Beschadiging aan de isolatie van de temperatuursensor en de motorwikkeling door een te sterke opwarming van de temperatuursensor. Mogelijke beschadiging van het aandrijfsysteem. Voorkom stroomwaarden > 4 ma in het stroomcircuit van de PT100. Let erop dat de PT100 goed wordt aangesloten om te garanderen dat de signalen van de temperatuursensor correct verwerkt worden. Let op de polariteit. De karakteristieke curve in de volgende afbeelding laat het weerstandsverloop in relatie tot de motortemperatuur zien R [Ω] T [ C] Technische gegevens Aansluiting Weerstand bij C per PT100 Teststroom PT100 Rood-wit 107 Ω < R < 110 Ω < 3 ma Onafhankelijk aangedreven ventilator /VE Motoren van uitvoering 3GD en 3D kunnen optioneel worden uitgerust met een onafhankelijk aangedreven ventilator. De aanwijzingen voor de aansluiting en veilige werking vindt u in de technische handleiding van de onafhankelijk aangedreven ventilator VE ( 2 220). 68 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

69 Elektrische installatie Opties Overzicht aanbouw-encoder voor categorie 3 Raadpleeg de aansluitschema's voor aanwijzingen over de aansluiting van de incrementele encoders: Encoder Motorbouwgrootte Aanbouwinrichting Type encoder Aanbouwwijze ES7S EDR ES7A 1) Incrementeel Asgecentreerd ES7R EDR ES7A 1) Incrementeel Asgecentreerd AS7W EDR ES7A 1) Absolute waarde AS7Y EDR ES7A 1) Absolute waarde ES7C EDR ES7A 1) Incrementeel Asgecentreerd Asgecentreerd Asgecentreerd EG7S EDR EG7A 1) Incrementeel Asgecentreerd EG7R EDR EG7A 1) Incrementeel Asgecentreerd AG7W EDR EG7A 1) Absolute waarde AG7Y EDR EG7A 1) Absolute waarde EG7C EDR EG7A 1) Incrementeel Asgecentreerd Asgecentreerd Asgecentreerd EH7C EDR..315 EH7A Incrementeel Asgecentreerd EH7R EDR..315 EH7A Incrementeel Asgecentreerd EH7S EDR..315 EH7A Incrementeel Asgecentreerd EH7T EDR..315 EH7A Incrementeel Asgecentreerd AH7Y EDR..315 EH7A Incrementeel Asgecentreerd EV2C EDR XV1A Incrementeel Flensgecentreerd EV2R EDR XV1A Incrementeel Flensgecentreerd EV2S EDR XV1A Incrementeel Flensgecentreerd EV2T EDR XV1A Incrementeel Flensgecentreerd EV7C EDR XV7A Incrementeel Asgecentreerd Voeding Signaal Schema in V DC Vss sin/cos 68180xx TTL (RS 422) 68179xx HTL / TTL (RS 422) Vss sin/cos (RS 485) Vss sin/cos + SSI 68179xx xx xx Vss sin/cos 68180xx TTL (RS 422) 68179xx HTL / TTL (RS 422) Vss sin/cos (RS 485) Vss sin/cos + SSI 68179xx xx xx HTL 08511xx TTL (RS-422) 08511xx Vss sin/cos 08511xx08 5 TTL (RS-422) 08511xx TTL+SSI (RS-422) 08259xx HTL 9 26 TTL (RS-422) Vss sin/cos 5 TTL (RS 485) HTL / TTL (RS 422) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 69

70 5 Elektrische installatie Opties Encoder Motorbouwgrootte Aanbouwinrichting Type encoder Aanbouwwijze EV7R EDR XV7A Incrementeel Asgecentreerd AV7W EDR XV7A Absolute waarde AV7Y EDR XV7A Absolute waarde EV7S EDR XV7A Incrementeel Flensgecentreerd Asgecentreerd Asgecentreerd Voeding Signaal Schema in V DC 7 30 TTL (RS 422) Vss sin/cos Vss sin/cos (RS 485) Vss sin/cos + SSI 1) voor uitrusting achteraf 70 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

71 Elektrische installatie Opties 5 Encoderaansluiting Naast de meegeleverde schema's en aanwijzingen in deze technische handleiding dient u bij de aansluiting van de encoders op de regelaars eventueel de technische handleiding/schema's van de desbetreffende regelaar en eventueel de meegeleverde technische handleiding en schema's van de niet-sew-encoder in acht te nemen. Het schema vindt u in de appendix ( 2 218). Maximale kabellengte (regelaar tot encoder): 100 m bij een kabelcapaciteit ader afscherming 110 nf/km 100 m bij een kabelcapaciteit ader ader 85 nf/km Aderdoorsnede: 0,20 0,5 mm 2, advies 0,25 mm 2 Afgeschermde kabel met paarsgewijs getwiste aders gebruiken en afscherming aan beide zijden met een groot contactoppervlak aarden: In de kabelwartel van het aansluitdeksel van de encoder of in de encoderstekker Bij de regelaar aan de elektronicaschermklem of aan de behuizing van de sub- D-connector Leg de encoderkabels ruimtelijk gescheiden van vermogenskabels met een afstand van minimaal 200 mm. Vergelijk de bedrijfsspanning met het toegestane bedrijfsspanningsbereik op het typeplaatje van de encoder. Afwijkende bedrijfsspanningswaarden kunnen tot beschadiging van de encoder en daardoor ontoelaatbaar hoge temperaturen van de encoder leiden. Neem het klembereik van 5 tot 10 mm voor de kabelwartel van het aansluitdeksel in acht. Bij gebruik van leidingen met een afwijkende diameter moet de meegeleverde kabelwartel door een andere geschikte kabelwartel worden vervangen. Voor de kabelinvoer alleen kabel- en leidingwartels gebruiken die aan de volgende punten voldoet: Het klembereik is geschikt voor de gebruikte kabel/leiding. De IP-beschermingsgraad van de encoderaansluiting komt minstens overeen met de IP-beschermingsgraad van de encoder. Gebruik is overeenkomstig Ex-categorie/-zone toegestaan Het bereik van de gebruikstemperatuur is geschikt voor het beoogde bereik van de omgevingstemperatuur. Let er bij de montage van het aansluitdeksel op dat de dekselafdichting in goede toestand is en correct zit. Haal de schroeven van het aansluitdeksel aan met een koppel van 2 Nm stilstandsverwarming Bij het gebruik van de explosiebeveiligde motoren bij omgevingstemperaturen van minder dan -20 C moet er een stilstandsverwarming worden gebruikt. Bij temperaturen van meer dan -20 C kan de stilstandverwarming, in gevallen waarin waarschijnlijk condensvorming optreedt, optioneel worden gebruikt. Houd u bij het aansluiten van de stilstandverwarming aan de toegestane aansluitspanning voor de verwarmingsband overeenkomstig het typeplaatje van de motor evenals het aansluitschema van de motor. Neem eveneens in acht dat de verwarmingsband niet mag worden bijgeschakeld, zolang de motor ingeschakeld is. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 71

72 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Toegestane bedrijfssoorten 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden 6.1 Toegestane bedrijfssoorten Toegestane bedrijfsmodi en beveiligingsconcept voor motoren uit de categorie 2 Uitvoering Bedrijfsmodi vlgs. typeplatje Extra FRtypeplaatje Toegestane bedrijfsmodi Beveiliging tegen ontoelaatbare verwarming Markering op het typeplaatje S1 Bedrijf op netvoeding: S1 Motorbeveiligingsschakelaar 1) t E -tijd en verhouding I A /I N 2G 2GD VFC Bedrijf op netvoeding: S1 S1 VFC Frequentieregelaarbedrijf PTC-temperatuurvoeler 2) + toerentalafhankelijke stroombegrenzing in de frequentieregelaar 3) Motorbeveiligingsschakelaar 1) Extra FR-typeplaatje: X-markering en weergave van de toegestane continue stromen van de frequentie t E -tijd en verhouding I A /I N S1, S4 50 % Bedrijf op netvoeding: S1, S4 50 % PTC-temperatuurvoeler 2) t A -tijd, PTC DIN44082, relais op functie gecontroleerd II(2)G 1) Motorbeveiligingsschakelaar conform richtlijn 94/9/EG 2) Catalogusbenaming voor PTC-temperatuurvoeler is "TF". Bewaking van de PTC-temperatuurvoeler door een thermistor-motorbeveiliging-uitschakelapparaat conform richtlijn 94/9/EG 3) De frequentieregelaar moet aan de eisen van de EG-prototypecertificering voldoen 72 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

73 Bedrijfssoorten en grenswaarden Toegestane bedrijfssoorten Toegestane bedrijfsmodi en beveiligingsconcept voor motoren uit de categorie 3 Uitvoering Bedrijfsmodi vlgs. typeplatje Extra FRtypeplaatje Toegestane bedrijfsmodi Beveiliging tegen ontoelaatbare verwarming Markering op het typeplaatje S1 Bedrijf op netvoeding: S1 Motorbeveiligingsschakelaar 1) S1 Bedrijf op netvoeding: Schakelbedrijf, softstarter, zware aanloop PTC-temperatuurvoeler 2) Catalogusaanduiding "TF" 3D 3GD VFC (alleen 3D) Frequentieregelaarbedrijf, groepasaandrijving PTC-temperatuurvoeler 2) Extra FR-typeplaatje: weergave van de toegestane continue stromen van de frequentie S1 VFC Bedrijf op netvoeding: Schakelbedrijf, softstarter, zware aanloop PTC-temperatuurvoeler 2) Extra FR-typeplaatje: weergave van de toegestane continue stromen van de frequentie 1) Motorbeveiligingsschakelaar conform richtlijn 94/9/EG 2) Catalogusbenaming voor PTC-temperatuurvoeler is "TF". Bewaking van de PTC-temperatuurvoeler door een thermistor-motorbeveiliging-uitschakelapparaat conform richtlijn 94/9/EG AANWIJZING Alle motoren moeten volgens ATEX-richtlijn 94/9/EG tegen ontoelaatbare verwarming worden beschermd. Ook de veiligheidsinrichtingen die voor het veilige bedrijf nodig zijn vallen onder deze richtlijn en moeten daarom gecertificeerd zijn. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 73

74 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Bedrijf op netvoeding 6.2 Bedrijf op netvoeding Explosiebeveiligde motoren uit de serie EDR.. zijn met S1 of S1, S4 50 % gemarkeerd. De met S1-gemarkeerde motoren uit de categorie 2 mogen in de bedrijfsmodus S1 worden gebruikt. De met S1, S4-50 % gemarkeerde motoren uit de categorie 2 mogen in de bedrijfsmodus S1 en S4-50 % worden gebruikt. Bij bedrijfsmodus S4 moet rekening worden gehouden met de aanloop en de belastingswissel. Dit wordt gewaarborgd met de berekening van de toegestane schakelfrequentie. De berekening wordt volgens de formule voor de berekening van de schakelfrequentie ( 2 75) uitgevoerd. In de EG-prototypecertificering is de toegestande nullastschakelfrequentie aangegeven. De met S1-gemarkeerde motoren uit de categorie 3 mogen in de bedrijfsmodus S1 en S2 worden gebruikt omdat bij categorie 3 de aanloop conform EN niet hoeft te worden nageleefd. Bij de bedrijfsmodi S3 - S10 moet rekening worden gehouden met de aanloop en de belastingswissel. Dit wordt gewaarborgd met de berekening van de toegestane schakelfrequentie. De berekening wordt volgens de formule voor de berekening van de schakelfrequentie ( 2 75) uitgevoerd Bedrijfsmodus S1 - continubedrijf De bedrijfsmodus S1 is het bedrijf met een constante belasting, die duurt tot de machine de thermische evenwichtstoestand heeft bereikt Bedrijfsmodus S4 periodiek intermitterend bedrijf met invloed van de aanloopprocedure De bedrijfsmodus S4 wordt aangevuld door de relatieve inschakelduur, het massatraagheidsmoment van de motor (J M ) en het massatraagheidsmoment van de belasting (J ext ), beide hebben betrekking op de motoras. Deze modus, die is samengesteld uit een serie identieke spelingen, waarvan elke speling een merkbare aanlooptijd, een bedrijfstijd met constante belasting en een stilstandtijd met stroomloze wikkelingen omvat. Let op: Periodiek bedrijf betekent dat er tijdens de belastingsduur geen thermische evenwichtstoestand wordt bereikt. Voorbeeld: S4 25 % J M = 0,15 kg x m 2 J ext = 0,7 kg x m 2 74 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

75 Bedrijfssoorten en grenswaarden Bedrijf op netvoeding Berekening van de schakelfrequentie De toelaatbare schakelfrequentie Z van de motor in schakelingen/uur kunt u met de volgende formule berekenen: Z = Z 0 K J K M K P De factoren K J, K M en K P kunt u aan de hand van de volgende diagrammen bepalen: Afhankelijk van het extra massatraagheidsmoment Afhankelijk van het tegenwerkend koppel bij het aanlopen Afhankelijk van het statische vermogen en de relatieve inschakelduur ID J X som van alle externe massatraagheidsmomenten M H aanloopkoppel van de motor m.b.t. de motoras J Z massatraagheidsmoment verzwaarde ventilator P stat benodigd vermogen na aanloop (statisch vermogen) J M massatraagheidsmoment van de motor P N nominaal vermogen van de motor M L tegenkoppel gedurende aanloop % ED relatieve inschakelduur Z0 is de door de fabrikant gedefinieerde toegestane nullastschakelfrequentie. De toegestane schakelfrequentie Z van een motor wordt volgens de formule voor de berekening van de schakelfrequentie uitgevoerd. Z0 geeft aan hoe vaak de motor het massatraagheidsmoment van zijn rotor zonder tegenkoppel per uur naar het toerental versnellen kan Softstarters Het gebruik van softstarters is voormotoren uit categorie 3 toegestaan als de motoren met een temperatuurvoeler TF zijn uitgerust en de voorwaarden conform EN moeten worden nageleefd. Het effect van de temperatuurbewaking en het correcte aanlopen van de motor moet bij de inbedrijfstelling aangetoond en gedocumenteerd worden. Als de beveiligingsinrichting wordt aangesproken, moet de motor gescheiden worden van het voedingsnet. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 75

76 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Frequentieregelaarbedrijf 6.3 Frequentieregelaarbedrijf Toegestane spanningsbelasting bij bedrijf met de frequentieregelaar Het bedrijf van motoren van SEW EURODRIVE met frequentieregelaars is toegestaan als de hieronder weergegeven impulsspanningen op de motorklemmen niet worden overschreden. [A] ,2 0,4 0,6 0,8 1,0 1,2 1,4 [A] Toegestane impulsspanning U LL in V [B] Stijgtijd in µs [1] Toegestane impulsspanning voor motoren EDR.. AANWIJZING [1] [B] De maximaal toegestane leider-aarde-spanning van 1200 V mag bij gebruik op het IT-net ook in geval van storingen niet worden overschreden. AANWIJZING Als de toegestane impulsspanning wordt overschreden, moeten er begrenzende maatregelen worden getroffen. Neem hiervoor contact op met de fabrikant van de frequentieregelaar. AANWIJZING De maximaal toegestane nominale spanning van de motor bij het bedrijf met frequentieregelaar bedraagt 500 V. 76 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

77 Bedrijfssoorten en grenswaarden Frequentieregelaarbedrijf 6 Frequentieregelaar van SEW-EURODRIVE Bij gebruik van frequentieregelaars van SEW-EURODRIVE en bij netspanning van maximaal 500 V worden de maximaal toegestane grenswaarden van de motortypes EDR.. aangehouden. De maximaal toegestane motorkabellengte is 100 m. Er moet altijd een remweerstand worden geconfigureerd en een 4Q-inbedrijfstelling worden uitgevoerd om te voorkomen dat de tussenkringspanning bij een storing in het 1Q-bedrijf tot een ontoelaatbare waarde stijgt. Er mogen geen externe compontenten, zoals een ferrietkern, worden gebruikt. Terugvoeding Het gebruik van de terugvoedingsmodule van MOVIDRIVE of MOVIAXIS met de daarvoor noodzakelijke opties is zonder beperkingen mogelijk. De terugvoeding voorkomt een hoge tussenkringspanning en daardoor een overschrijding van de maximaal toegestane grenswaarden. Frequentieregelaar van andere fabrikanten Als de maximaal toegestane grenswaarden met frequentieregelaars van andere fabrikanten niet kunnen worden aangehouden, moeten er begrenzende maatregelen worden getroffen. Neem hiervoor contact op met de fabrikant van de frequentieregelaar. IT-stelsel Bij een IT-stelsel wordt een isolatiefout tussen een fase en aarde getolereerd. De aardsluiting op de motor zou in het generatorische bedrijf kunnen leiden tot een overschrijding van de maximaal toelaatbare grenswaarde voor fase/aarde van 1200 V. Om dit effectief te voorkomen moeten tussen de frequentieregelaar en de motor dienovereenkomstige beveiligingsschakelingen worden aangebracht. Meestal worden hiervoor sinusfilters tussen de frequentieregelaar en de motor gebruikt. Neem contact op met de fabrikant van de frequentieregelaar voor de details m.b.t. de selectie van componenten en hun bedrading. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 77

78 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 2 op de frequentieregelaar 6.4 Veilig bedrijf van motoren van categorie 2 op de frequentieregelaar De configuratie is basisvoorwaarde voor de veilige werking van explosiebeveiligde motoren. Hierbij moeten de volgende punten in acht worden genomen: Controle van de voorwaarden van de typische applicatie Bij afwijkingen van de typische applicatie: Motorklemspanning berekenen Thermische koppel-grenskarakteristiek aanhouden Dynamisch grenskoppel aanhouden Motorgrensfrequentie aanhouden Passende frequentieregelaar selecteren Onafhankelijk van de bedrijfsmodus moet er een remweerstand worden gebruikt Belasting van de radiale en axiale kracht van de motoras bij enkelvoudige motoren controleren Maximaal ingaand toerental van de reductor in acht nemen, zie n emax op het typeplaatje Maximaal uitgaand koppel van de reductor in acht nemen, zie n amax op het typeplatje Motorklemspanning De berekening van de motorklemspanning is een belangrijk onderdeel van de configuratie. Als de voorwaarden afwijken van de typische applicatie, moeten het begin van de veldverzwakking f D*, het koppel M E* en de stroomgrens I E* worden berekend, zie hoofdstuk "Speciaal toepassingsgeval" ( 2 90) Maximaal toelaatbare koppels De thermische koppel-grenskarakteristiek geeft de maximaal toegestane koppels aan waarmee de motor permanent mag worden gebruikt. Het kortstondig overschrijden van deze waarden is toegestaan als het effectieve werkpunt onder de thermische grenskarakteristiek ligt. Het maximaal toegestane dynamische grenskoppel wordt bepaald door de kortstondige stroombegrenzing (150 % I N motor ). U vindt de waarde I N Motor in de EG-prototypecertificering en/of op het typeplaatje Maximaal en minimaal toegestane frequenties De maximale en minimale frequenties vindt u in de EG-prototypecertificering en/of op het typeplaatje. Over- en onderschrijdingen zijn niet toegestaan. 78 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

79 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 2 op de frequentieregelaar Combinatie motor-regelaar voor motoren van de uitvoering 2G en 2GD MOVITRAC B kan voor het basisregelbereik gebruikt worden. Vanaf versie ) kan MOVITRAC B ook voor het veldverzwakkingsgebied worden gebruikt. MOVIDRIVE B is alleen geschikt voor het basisregelbereik. Dat betekent dat de parameter Maximaal toerental tot het begin van de veldverzwakking moet worden begrensd. Er mogen alleen frequentieregelaars worden gebruikt die aan het vermelde voorwaarden in de EG-prototypecertificering voldoen. I NFrequentieregelaar 2 I Nmotor Combinaties voor motorspanningen die afwijken van 230/400 V zijn verkrijgbaar in overleg met SEW-EURODRIVE. 1) De parameter P076 bevat de infromatie van de firmwareversie Motor inw-schakeling bij motorspanning 230/400 V: Motortype 2G/2GD P N I N n max Regelaarvermogen kw A rpm kw EDRS71S x EDRS71M o x o o EDRS80S o o x o EDRE80M4 0, o o x o EDRE80M o o x o EDRE90M o o x o EDRE90L o x o o EDRE100M o x o o EDRE100L4 2, o x o o EDRE100LC o x o o EDRE112M o x o o EDRE132S o x o o EDRE132M o x o Motortype 2G/2GD P N I N n max Regelaarvermogen kw A rpm kw EDRE160S o x o EDRE160M o x o EDRE180S o x o EDRE180M o x o EDRE180L o x o EDRE200L o x o o o EDRE225S o x o o o EDRE 225M o x o o o x = aanbevolen o = toegestaan = niet toegestaan Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 79

80 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 2 op de frequentieregelaar Motor inm-schakeling bij motorspanning 230/400 V: Motortype 2G/2GD P N n max I nom Regelaarvermogen kw rpm A kw EDRS71S o x o o EDRS71M o o x o o EDRS80S o x o o EDRE80M o x o o EDRE80M o o x o EDRE90M o o x o EDRE90L o x o EDRE100M o x o o EDRE100L o x o o EDRE100LC o x o EDRE112M o x o EDRE132S o x o EDRE132M o x o Motortype 2G/2GD P N n max I nom Regelaarvermogen kw rpm A kw EDRE160S o x o EDRE160M o x o EDRE180S o x o o EDRE180M o x o o EDRE180L o o x o o EDRE200L o o x o o EDRE225S o o x o o o EDRE225M o o x o o x = aanbevolen o = toegestaan = niet toegestaan AANWIJZING Bij motorreductoren kan het toerental eventueel lager worden. Kijk in geval van twijfel voor de toegestane waarden op het typeplaatje. 80 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

81 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 2 op de frequentieregelaar Aanwijzingen voor veilig gebruik Algemeen Installeer de frequentieregelaar buiten de explosiegevaarlijke omgeving. Thermische motorbeveiliging De thermische motorbeveiliging wordt door de volgende maatregelen gegarandeerd: Bewaking van de wikkelingstemperatuur door middel van temperatuurvoelers (TF) die in de wikkeling ingebouwd zijn. De TF moet bewaakt worden via een bewakingsrelais dat aan de voorwaarden van richtlijn 94/9/EG voldoet en de Ex-markering II(2)Gd/ II(2)G heeft. Bewaking van de motorstroom volgens de gegevens van de EG-prototypekeuring. Begrenzing van het motorkoppel volgens de gegevens van het EG-prototypekeuring. Overspanning op de motorklemmen Neem bij het gebruik van de motoren met frequentieregelaars het hoofdstuk "Toegestane spanningsbelasting bij bedrijf met de frequentieregelaar". EMC-maatregelen Voor de frequentieregelaars van de series MOVIDRIVE en MOVITRAC zijn de volgende componenten toegestaan: Netfilters van de serie NF Ferrietkernen van de serie HD... Uitgangsfilters (sinusfilters) HF.. Bij het gebruik van een uitgangsfilter moet rekening worden gehouden met het spanningsverlies via de filter. Neem het hoofdstuk "Speciaal toepassingsgeval" ( 2 90) in acht. Reductor Bij de parametrering van door frequentieregelaars geregelde motorreductoren moeten de karakteristieke waarden n emax en M amax van de reductor in acht worden genomen. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 81

82 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 3 op de frequentieregelaar 6.5 Veilig bedrijf van motoren van categorie 3 op de frequentieregelaar De configuratie is basisvoorwaarde voor de veilige werking van explosiebeveiligde motoren. Hierbij moeten de volgende punten in acht worden genomen: Controle van de voorwaarden van de typische applicatie Bij afwijkingen van de typische applicatie: Motorklemspanning berekenen Thermische koppel-grenskarakteristiek aanhouden Dynamisch grenskoppel aanhouden Motorgrensfrequentie aanhouden Passende frequentieregelaar selecteren Onafhankelijk van de bedrijfssoort moet er een remweerstand worden gebruikt De maximaal toegestane remarbeid per schakeling of per noodstop moet aangehouden worden, zie hoofdstuk "Toegestane schakelarbeid van de rem BE voor draaistroommotoren" ( 2 191). Belasting van de radiale en axiale kracht van de motoras bij enkelvoudige motoren controleren Maximaal ingaand toerental van de reductor in acht nemen, zie n emax op het typeplaatje Maximaal uitgaand koppel van de reductor in acht nemen, zie n amax op het typeplatje Motorklemspanning De berekening van de motorklemspanning is een belangrijk onderdeel van de configuratie. Als de voorwaarden afwijken van de typische applicatie, moeten het begin van de veldverzwakking f D* en het koppel M E* worden berekend, zie hoofdstuk "Speciaal toepassingsgeval" ( 2 90) Maximaal toelaatbare koppels De thermische koppel-grenskarakteristiek geeft de maximaal toegestane koppels aan waarmee de motor permanent mag worden gebruikt. Het kortstondig overschrijden van deze waarden is toegestaan als het effectieve werkpunt onder de thermische grenskarakteristiek ligt, zie hoofdstuk "Typische toepassing" ( 2 87). Het maximale, dynamische grenskoppel van de motoren van categorie 3 mag niet groter zijn dan 150 % van M nom Maximaal en minimaal toegestane frequenties De maximale en minimale frequenties vindt u op het typeplaatje. Over- en onderschrijdingen zijn niet toegestaan. 82 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

83 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 3 op de frequentieregelaar Combinatie motor-regelaar voor motoren van de uitvoering 3D en 3GD Er kunnen ook frequentieregelaars gebruikt worden die wat betreft uitgangsstroom en uitgangsspanning vergelijkbare waarden hebben. Meer informatie vindt u in de norm EN Combinaties voor motorspanningen die afwijken van 230/400 V zijn verkrijgbaar in overleg met SEW-EURODRIVE. Motor in W-schakeling bij motorspanning 230/400 V: Motortype 3GD/3D P N I nom n max Regelaarvermogen (400 V-regelaar) kw A rpm kw EDRS71S o EDRS71S o EDRS71S x o o EDRS71M o x o o EDRS71M o x o o EDRS80S o o x o o EDRE80M o o x o o EDRE80M o o x o o EDRE90M o o x o o EDRE90L o x o o EDRE100M o x o o EDRE100L o x o o EDRE100LC o x o o EDRE112M o x o o EDRE132S o x o o EDRE132M o x o o Motortype 3GD/3D P N I nom n max Regelaarvermogen (400 V-regelaar) kw A rpm kw EDRE160S o x o o EDRE160M o x o o EDRE180S o x o o EDRE180M o x o o o EDRE180L o x o o o EDRE200L o x o o o o EDRE225S o x o o o o EDRE225M o x o o o o EDRE250M o x o o o o EDRE280S o x o o o o EDRE280M o x o o o o EDRE315K o x o o o o EDRE315S o x o o o o EDRE315M o o x o o o EDRE315L o o x o o x = aanbevolen o = toegestaan = niet toegestaan Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 83

84 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 3 op de frequentieregelaar Motor in m-schakeling bij motorspanning 230/400 V: Motortype 3GD P N I nom n max Regelaarvermogen (400 V-regelaar) kw A rpm kw EDRS71S o o EDRS71S x o o o EDRS71S x o o o EDRS71M o x o o o EDRS71M o x o o o EDRS80S o x o o o EDRE80M o x o o o EDRE80M o x o o o EDRE90M o o x o o EDRE90L o x o o EDRE100M o x o o EDRE100L o x o o EDRE100LC o x o o EDRE112M o x o o EDRE132S o x o o EDRE132M o x o o Motortype 3GD P N I nom n max Regelaarvermogen (400 V-regelaar) kw A rpm kw EDRE160S o x o o EDRE160M o o x o o EDRE180S o x o o o EDRE180M o x o o o EDRE180L o o x o o o EDRE200L o o x o o o EDRE225S o o x o o o o EDRE225M o o x o o o o EDRE250M o x o o o o EDRE280S o o x o o o EDRE280M o x o o o EDRE315K o o x o o EDRE315S o o x o EDRE315M o o x EDRE315L o o x = aanbevolen o = toegestaan = niet toegestaan AANWIJZING De waarden voor het maximale toerental kunnen, afhankelijk van opties en een ervoor geschakelde reductor, lager uitvallen. 84 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

85 Bedrijfssoorten en grenswaarden Veilig bedrijf van motoren van categorie 3 op de frequentieregelaar Aanwijzingen voor veilig gebruik Algemeen Installeer de frequentieregelaar buiten de explosiegevaarlijke omgeving. Thermische motorbeveiliging Om te voorkomen dat de toelaatbare grenstemperatuur wordt overschreden zijn voor het bedrijf met de frequentieregelaar alleen motoren toegestaan die voorzien zijn van een PTC-temperatuurvoeler (TF). Deze moet worden bewaakt door een geschikt apparaat. Motoren die geschikt zijn voor het bedrijf met een frequentieregelaar, hebben een extra typeplaatje voor de frequentieregelaar. Overspanning op de motorklemmen Neem bij het gebruik van de motoren met frequentieregelaars het hoofdstuk "Toegestane spanningsbelasting bij bedrijf met de frequentieregelaar". EMC-maatregelen Voor de frequentieregelaars van de series MOVIDRIVE en MOVITRAC zijn de volgende componenten toegestaan: Netfilters van de serie NF Ferrietkernen van de serie HD... Uitgangsfilters (sinusfilters) HF.. Bij het gebruik van een uitgangsfilter moet rekening worden gehouden met het spanningsverlies via de filter. Neem het hoofdstuk "Speciaal toepassingsgeval" ( 2 90) in acht. Reductor Bij de parametrering van door frequentieregelaars geregelde motorreductoren moeten de karakteristieke waarden n emax en M amax van de reductor in acht worden genomen. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 85

86 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Typische toepassing 6.6 Typische toepassing Er moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan: U [V] Nettolerantie: ±5 % Installatie met en zonder externe netfilter type NF Frequentieregelaar: MOVITRAC B MOVIDRIVE B Installatie zonder netsmoorspoel en zonder sinusfilter Lengte motorkabel max. 100 m Max. toegestaan spanningsverlies: 10 V Nominale motorspanning 1) : V / V of 230 / 400 V (hier bij U net = 400 V) 1) De nominale motorspanning moet afhankelijk van de netspanning worden gekozen Motorklemspanning De thermische koppel-grenskarakteristieken zijn gebaseerd op het aanhouden van alle voorwaarden van de typische applicatie. Alleen als er niet aan de voorwaarden van de typische applicatie wordt voldaan, moet de motor-klemspanning geconfigureerd worden. Overleg in dat geval met SEW- EURODRIVE. 86 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

87 Bedrijfssoorten en grenswaarden Typische toepassing Grenskarakteristieken van de motoren EDRS en EDRE bij regelaarbedrijf De thermische koppel-grenskarakteristieken geven de maximaal toegestane koppels aan waarmee de motor permanent mag worden gebruikt. Het kortstondig overschrijden van deze waarden is toegestaan als het effectieve werkpunt onder de thermische grenskarakteristiek ligt. Categorie 3 In het volgende diagram staat de typische grenskarakteristiek voor de categorie 3 voor de motoren EDR Kijk voor de exacte waarden op het typeplaatje: M/Mn [7] A B [2] [1] C D* Y D Y [4] [1] D* D [5] [3] E E* E Y E* Y [6] [1] Sterschakeling [6] Werkfrequentie van de motor [2] VE-ventilatoren [7] Koppelverhouding M/M N [3] Driehoeksschakeling [4] Typische toepassing sterschakeling [5] Typische toepassing driehoeksschakeling f in Hz Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 87

88 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Typische toepassing In het volgende diagram staat de typische grenskarakteristiek voor de categorie 3 voor de motoren EDR Kijk voor de exacte waarden op het typeplaatje: M/Mn 1,20 [8] 1,00 D* Y D Y [3] [4] D* =E* D =E 0,80 [2] [1] C [1] [6] 0,60 A B [5] E Y 0,40 E* Y 0,20 0, [7] f/hz [1] Sterschakeling bij EDR.. [5] Typische toepassing sterschakeling 250/280 [2] Sterschakeling bij EDR..315 [6] Typische toepassing driehoeksschakeling [3] VE-ventilatoren [7] Werkfrequentie van de motor [4] Driehoeksschakeling [8] Koppelverhouding M/M N 88 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

89 Bedrijfssoorten en grenswaarden Typische toepassing 6 Categorie 2 In het volgende diagram staat de typische grenskarakteristiek voor de categorie 2. Kijk voor de exacte waarden op het typeplaatje: M/Mn [6] 1,20 1,00 0,80 0,60 A [2] [1] B C D* Y D Y [3] [1] [2] D* [4] D =E E* E Y 0,40 E* Y 0,20 Punten A, B en C Punten D, E Punten D*, E* (typische toepassing) 0, [5] [1] Sterschakeling [5] Werkfrequentie van de motor [2] Driehoeksschakeling [6] Koppelverhouding M/M N [3] Typische toepassing sterschakeling [4] Typische toepassing driehoeksschakeling f/hz Deze 3 punten begrenzen het koppel in het onderste toerentalbereik, om de motor te beschermen tegen overtemperatuur door de gereduceerde koeling. Ze hoeven niet geconfigureerd te worden. De waarden zijn in de inbedrijfstellingssoftware opgeslagen en worden automatisch bij de inbedrijfstelling met de toegestane waarden beschreven. De 2 punten beschrijven het verloop van de koppelkarakteristiek in de veldverzwakking als de motorklemspanning overeenkomt met de nominale motorspanning. De veldverzwakking begint in punt D. Punt E geeft het toegestane koppel bij het grenstoerental aan. De typische toepassing onderscheidt zich doordat vanwege het spanningsverlies niet de gehele voedingsspanning op het motorklemmenbord beschikbaar is. Daardoor verschuift het verloop de veldverzwakking. De veldverzwakking begint in punt D*. Bij het grenstoerental ontstaat er door de verschuiving van de karakteristiek een gereduceerd koppel E*. Beide punten D* en E* worden door de inbedrijfstellingssoftware voor de typische applicatie berekend en de bijbehorende parameters worden ingesteld. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 89

90 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie 6.7 Speciale applicatie Als de voorwaarden van de typische applicatie niet worden nageleefd, kan dit tot afwijkende motorklemspanningen en als verder gevolg tot een ontoelaatbare verwarming van de motor leiden. Door de afwijkende motorklemspanning verandert het verloop van de thermische karakteristiek. De berekening van de punten D (veldverzwakking f D* ) en E (stroomgrens I E* en koppel M E* ) en het in acht nemen ervan bij de inbedrijfstelling, voorkomt een ontoelaatbare verwarming van de motor. Daarbij hoeft de stroomgrens I E* alleen bij aandrijvingen in categorie 2 berkend te worden. De configuratie wordt als volgt uitgevoerd: Bepaling van de maximale klemspanning Berekening van de veldverzwakking f D* Berekening van het koppelverloop M E* 90 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

91 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie Motorklemspanning berekenen De berekening van de motorklemspanning is een belangrijk onderdeel bij de configuratie. De resultaten moeten tijdens de inbedrijfstelling meeberekend worden en, indien nodig, gecorrigeerd worden om ontoelaatbare verwarming van de motor te voorkomen. U [V] U Net, Toleranties in acht nemen Netsmoorspoel Δ U NS Netfilter Δ U NF U I_FR = U Net Δ U NS Δ U NF Regelaar U U_FR = 0,925 x U I_FR Uitgangsfilter Δ U HF Δ U toel Motor U motorklemspanning = U U_FR Δ U HF Δ U toel U I_FR = Ingangsspanning regelaar in V Δ U toel = Spanningsverlies over voedingskabel van de motor in V U U_FR = Uitgangsspanning regelaar in V Δ U NS = Spanningsverlies over netsmoorspoel in V Δ U HF = Spanningsverlies over sinusfilter in V Δ U NF = Spanningsverlies over netfilter in V De motorspanning is in het regelaarbedrijf als volgt samengesteld: Umotor = Unet ( Unetfilter / netsmoorspoel + UFR + Uuitg.filter + Ukabel) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 91

92 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie Netspanning U net De netspanning wordt door een directe meting met een multimeter of alternatief door aflezing van de tussenkringspanning (U RT ) in de regelaar ( U net = U RT/ 2 ) bepaald. Spanningsverlies aan de netsmoorspoel Δ U netsmoorspoel De berekening van het spanningsverlies kan op twee manieren worden uitgevoerd: 1. Berekening met behulp van een vergelijking 2. Met behulp van tabelwaarden Beide mogelijkheden worden hierna getoond. 1. Spanningsverlies aan de netsmoorspoel De hoogte van het spanningsverlies wordt door de hoofdinductieviteit en het ohmsche aandeel van de inductie bepaald. Typische schakelschema: U1 V1 W1 PE U2 V2 W2 Vergelijking voor de berekening van het spanningsverlies: 2 2 NS E FR ND NS ΔU = I _ 3 ( 2 p f L ) + R L ND U NS ΔU NS I E_FR Inductiviteit netsmoorspoel in H Ohmsche weerstand netsmoorspoel in Ω Spanningsverlies over netsmoorspoel in V Nominale ingangsstroom van de regelaar De waarden voor de inductiviteit L en de ohmsche weerstand R van de indictiviteit vindt u in de documentatie voor de netsmoorspoel. 92 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

93 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie 6 2. Tabel "Procentueel spanningsverlies bij het gebruik van een netsmoorspoel" Bij gebruik van een netsmoorspoel geeft de volgende tabel de hoogte van het spanningsverlies in procenten van de netspanning aan. Vermogen regelaar Nominale ingangsstroom regelaar Netsmoorspoel Spanningsverlies kw A %U net ND ND ND ND ND ND ND Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 93

94 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie Spanningsverlies bij het netfilter Het netfilter bestaat uit door stroom gecompenseerde draadloze ontstoringssmoorspoelen. De stroom stroomt door de wikkeling van de smoorspoelen en de daaruit resulterende magnetische velden verdwijnen. Daarom wordt de regelaarstroom die door het netfilter stroomt alleen door het ohmsche aandeel van de inductiviteit zelf en door de strooi-inductiviteit gedempt. De strooi-inductiviteit is zeer laag vergeleken met de hoofdinductiviteit. Daardoor is het spanningsverlies via de netfilter te verwaarlozen. Typische schakelschema: L1 L2 L3 L1 L2 L3 PE PE Vergelijking voor de berekening van het spanningsverlies: ΔU = I 3 ( 2 p f L ) + U 2 2 NF E_ FR strooi NF ΔU NF I E_FR L strooi U NF Spanningsverlies over netfilter in V Nominale ingangsstroom van de regelaar in A Strooi-inductiviteit in H Ohmsche weerstand in Ω Ingangsspanning van de regelaar bepalen Bepalen van de ingangsspanning van de regelaar via: meting van de netspanning of berekening van de spanning volgens de formule UE_ FR = Unet ΔUNS ΔUNF of aflezen van de tussenkringspanning in de frequentieregelaar Spanningsverlies bij de regelaar U FR Het spanningsverlies op de regelaar wordt bepaald door: de spanningen over de gelijkrichterafstand de spanningen op de eindtransistor het omvormingsprincipe van de net- in tussenkringspanning en weer in de draaistroomspanning de door de schakelfrequentie van de eindtrap noodzakelijke anti-overlappingstijden en de ontbrekende spanningstijdvlakken de modulatiemethode de belastingstoestand en de energieopname van de tussenkringcondensatoren AANWIJZING Ter vereenvoudiging kunt u op een waarde van 7,5 % van de netingangsspanning rekenen, waarbij deze waarde als maximaal mogelijk spanningsverlies op de regelaar beschouwd moet worden. Dit maakt een betrouwbare configuratie mogelijk. 94 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

95 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie 6 Spanningsverlies bij uitgangsfilter Δ U uitg.filter Het spanningsverlies bij het uitgangsfilter is proportioneel ten opzicht van de gemoduleerde uitgangsgrondfrequentie en de motorstroom, en moet apart opgevraagd worden bij de fabrikant van de uitgangsfilters. Het spanningsverlies bij SEW-uitgangsfilters vindt u in de tabel. 2 2 Uuitg.filter = I 3 ( 2 π fl ) + R Aangezien de weerstand R verwaarloosbaar klein is tegenover de inductiviteit L, levert dat de volgende vereenvoudiging op: Uuitg.filter = I 32π fl Filter Smoorspoel Spanningsverlies Type BG I nom400 I nom500 L U = 400 V U = 500 V 50 Hz 60 Hz 87 Hz 50 Hz 60 Hz 87 Hz A A mh V V V V V V HF HF HF HF HF HF HF HF HF HF Uitgangssmoorspoelen HD.. Bij uitgangssmoorspoelen (HD..) van SEW-EURODRIVE is het spanningsverlies verwaarloosbaar (door stroom gecompenseerd). Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 95

96 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie Spanningsverlies bij de motorkabel Δ U kabel Het spanningsverlies op de voedingskabel naar de motor is afhankelijk van de motorstroom en van de doorsnede, de lengte en het materiaal van de kabel. Het spanningsverlies vindt u in de volgende tabel. Doorsnede kabel mm 2 Belasting met I A Koper Spanningsverlies ΔU in V bij lengte = 100 m en ϑ = 70 C ) ) ) 1) 2) 2) 2) 2) ) 1) 2) 2) 2) 16 1) 2) 2) ) ) Deze waarde wordt niet door SEW-EURODRIVE aanbevolen. 2) Belasting overeenkomstig IEC niet toegestaan. Doorsnede kabel mm 2 Belasting met I A Koper Spanningsverlies ΔU in V bij lengte = 100 m en ϑ = 70 C 1.5 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 2.5 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 4 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 6 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) ) 1) 1) 1) 1) 1) 1) 1) ) 1) 1) 1) 1) 1) ) 1) 1) 1) 1) ) 1) 1) ) 1) 1) ) 1) ) ) Belasting overeenkomstig IEC niet toegestaan. 96 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

97 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie 6 AANWIJZING Het spanningsverlies via de leiding wordt door de IxR-compensatie opgeheven. Bij frequentieregelaars van SEW-EURODRIVE wordt deze waarde in de modus "Automatic calibration ON" aangepast bij elke start van de frequentieregelaar. Om ervoor te zorgen dat de frequentieregelaar een spanningsreserve voor deze vereffening heeft, moet er met het spanningsverlies via de motorkabel bij de berekening rekening worden gehouden. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 97

98 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie Berekening van de veldverzwakking en het koppelverloop Voor de hierna getoonde berekeningen zijn waarden uit de EG-prototypecertificering nodig. In het volgende diagram is een voorbeeld van de S1-grenskarakteristiek van de ED- RE90L4 uit categorie 2 te zien. Nm C D* D 5 A B E E* Hz Veldverzwakking De veldverzwakking wordt als volgt berekend: f D UMotorklemspanning * = f U Nominale motorspanning Kantel f D f E f D* Begin van de veldverzwakking (ideaal) Maximumtoerental Begin van de veldverzwakking (afhankelijk van de reële motorklemspanning) Koppelverloop Het koppelverloop wordt als volgt berekend: Nm 15 f f M = M E* nom f + D fe D* * E C D* D 5 B A E E* Hz Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

99 Bedrijfssoorten en grenswaarden Speciale applicatie 6 f D f E M E* Begin van de veldverzwakking (ideaal) Maximumtoerental Gereduceerd koppel bij maximaal toerental (afhankelijk van de reële motorklemspanning) AANWIJZING Voor de bepaling van een precies curveverloop moeten er een paar hulppunten worden berekend. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 99

100 6 Bedrijfssoorten en grenswaarden Groepsaandrijving 6.8 Groepsaandrijving Het gelijktijdige gebruik van meerdere motoren op de uitgang van één frequentieregelaar wordt aangeduid met groepsaandrijving. AANWIJZING De volgende motoren mogen over het algemeen niet als groepsaandrijving worden gebruikt: Motoren uit de serie EDR.. in de uitvoering 3GD Motoren uit de serie EDR.. in de uitvoering 2G of 2GD De motoren in de uitvoering 3D mogen als groepsaandrijvingen in de zone 22 worden gebruikt als elke afzonderlijke motor van de groep voor het frequentieregelaarbedrijf geconfigureerd, uitgevoerd en gemarkeerd is. Daarbij gelden de volgende beperkingen: Applicaties mogen uitsluitend een slipvrije, krachtsluitende of vormsluitende verbinding met de afzonderlijke motoren hebben. Er mogen uitsluitend identieke motoren met dezelfde nominale waarden (vermogen, toerental, spanning en frequentie) worden gebruikt. Aan deze voorwaarde moet worden voldaan: nominale regelaaruitgangsstroom 1,5 x som van de nominale motorstromen Elke motor moet met een thermische motorbeveiliging (PTC-temperatuurvoeler) worden uitgevoerd. Elke temperatuurvoeler moet extern door een separate analyse-eenheid afzonderlijk worden bewaakt. Als een analyse-eenheid geactiveerd wordt, moeten alle motoren uit de grope worden stopgezet. 100 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

101 Inbedrijfstelling Groepsaandrijving 7 7 Inbedrijfstelling AANWIJZING Let tijdens de installatie altijd op de veiligheidsaanwijzingen in hoofdstuk 2. Neem bij problemen het hoofdstuk "Bedrijfsstoringen" in acht! WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door elektrische schok. Dood of zwaar letsel! Gebruik voor het schakelen van de motor schakelcontacten van gebruikscategorie AC-3 volgens EN Houd u bij door een omvormer gevoede motoren aan de desbetreffende bekabelingsaanwijzingen van de omvormerfabrikant. Raadpleeg de technische handleiding van de omvormer. VOORZICHTIG De oppervlakken van de aandrijving kunnen tijdens het bedrijf hoge temperaturen bereiken. Gevaar voor verbranding. Vóór aanvang van de werkzaamheden de motor laten afkoelen. LET OP Begrens het maximumtoerental en de stroomgrens op de regelaar. Aanwijzingen voor de procedure vindt u in de documentatie van de omvormer. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 101

102 7 Inbedrijfstelling Vóór de inbedrijfstelling 7.1 Vóór de inbedrijfstelling Controleer voor de inbedrijfstelling het volgende: de aandrijving is onbeschadigd en niet geblokkeerd. eventueel aanwezige transportbeveiligingen zijn verwijderd. de maatregelen na een langere opslagperiode zijn overeenkomstig het hoofdstuk "Langdurige opslag motoren" ( 2 29) getroffen. alle aansluitingen zijn correct uitgevoerd. de draairichting van de motor/motorreductor is juist motor rechtsom: U, V, W (T1, T2, T3) naar L1, L2, L3 alle beschermkappen zijn correct geïnstalleerd. alle motorbeveiligingen zijn actief en op de nominale motorstroom ingesteld. er zijn geen andere gevaren aanwezig. de toelaatbaarheid van de vastzetbare handremlichter is gegarandeerd. losse elementen zoals spieën zijn op een juiste manier geborgd. 7.2 Tijdens de inbedrijfstelling Controleer tijdens de inbedrijfstelling of de motor naar behoren draait, d.w.z. geen overbelasting geen toerentalvariaties geen opvallende geluidsontwikkeling geen opvallende trillingen enz. het remkoppel overeenkomt met de betreffende toepassing. Let hierbij op het hoofdstuk "Technische gegevens" ( 2 162) en het typeplaatje. AANWIJZING Bij remmotoren met een terugspringende handremlichter moet de hendel na de inbedrijfstelling worden verwijderd! Deze kan in de hiervoor bestemde houder aan de buitenzijde van de motorbehuizing worden opgeborgen. 102 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

103 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie 2 AANWIJZING Voor de inbedrijfstelling van de frequentieregelaars moet de desbetreffende technische handleiding en bij motorreductoren bovendien de technische handleiding van de reductor in acht worden genomen Vóór de inbedrijfstelling Vóór de inbedrijfstelling moet gecontroleerd worden of alle voorwaarden voor de typische toepassing ( 2 86) worden nageleefd. Bij afwijkingen van de voorwaarden is vóór de inbedrijfstelling een berekening van de maximale klemspanning, de veldverzwakking en het koppelverloop nodig. Het effectieve werkpunt moet onder de nieuwe thermische karakteristiek liggen Inbedrijfstellingsprocedure voor MOVITRAC 07B Let bij de inbedrijfstelling op de volgende punten: Gebruik de software MOVITOOLS MotionStudio, versie 6.10 of hoger, voor de geleide inbedrijfstelling. De inbedrijfstelling is door de stroombegrenzingsfunctie voor motoren uit categorie 2 alleen in parameterset 1 activeerbaar. In de systeemconfiguratie is alleen de afzonderlijke aandrijving toegestaan. Als regelmethode kan zowel "V/f" als "Vectorgeregeld" worden ingesteld. Bij de keuze van de applicatie is alleen de toerentalsturing mogelijk. De opties "Hijswerk", "DC-remmen" of "Vangfunctie" mogen niet gebruikt worden. De bedrijfssoort moet altijd op "4-kwadrantbedrijf" worden ingesteld. De overeenkomstige motorserie wordt in het venster "Motortype" geselecteerd. In het venster "Motorselectie" wordt tevens de motor, de apparaatcategorie, de netspanning, de motorspanning, de schakeling en het soort installatieconfiguratie geselecteerd. Stroomgrens De parameter Stroomgrens wordt door de inbedrijfstellingswizard in het applicatievenster op 150 % I nom mot gezet. Deze waarde moet overeenkomstig het maximaal toegestane koppel aan de uitgaande as bij de reductor M amax worden gereduceerd. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 103

104 7 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie 2 Stroombewaking De in te stellen waarden voor de parametrering van de stroombewaking zijn afhankelijk van de motor. X 1,5 I n (motor) I 1 I ü I n (motor) B C D Afhankelijk van motortype A I 2 E f A f B f C f D f E f [Hz] I n Nominale stroom in A X Stroombegrenzing I 1 Max. toegestande stroom in A f Frequentie in Hz I 2 Toegestan bereik continue stroom in A A, B, C, D, E Begrenzende punten Overbelastingsstroom in A I O Na de inbedrijfstelling van de motor is stroombegrenzing I 1 actief. De stroombegrenzing l 2 beschrijft de continu toegelaten stroom. De stroombegrenzingsfunctie voor Exe-motoren wordt bij motoren van SEW-EURODRIVE uit de categorie 2 door de inbedrijfstelling automatisch geactiveerd. De toerentalafhankelijke stroomgrens wordt door de overeenkomstige motorkeuze geactiveerd en alle parameters uit de groep P560 voor de punten A tot E ingesteld, zie volgende tabel. Daarnaast vindt u de waarden in de EG-prototypekeuring. Parameter Punt A Punt B Punt C Punt D Punt E Frequentie in Hz P561 P563 P565 P567 P570 Berekening door inbedrijfstellingssoftware Stroomgrens in P562 P564 P566 P568 P571 % I nom FR Berekening door inbedrijfstellingssoftware Bij afwijkingen van de typische applicatie, moeten de parameters van de punten D (veldverzwakking f D ) en E (stroomgrens I E ) overeenkomstig opnieuw worden berekend en handmatig worden aangepast, zie volgende tabel: Parameter Punt A Punt B Punt C Punt D Punt E Frequentie in Hz P561 P563 P565 P567 P570 Berekening door inbedrijfstellingssoftware is vereist + handmatige invoer van f D* door inbedrijfstellingssoftware Stroomgrens P562 P564 P566 P568 P571 in % I nom FR 104 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

105 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie 2 7 Parameter Punt A Punt B Punt C Punt D Punt E Berekening door inbedrijfstellingssoftware is vereist + handmatige invoer van f E* I E* = I E x M E* /M E Maximumtoerental In het venster "Systeemgrenzen" moet het maximale motortoerental worden begrensd. Bij de instelling van de parameter Maximumtoerental moet u op het volgende letten: Maximaal toerental motorgrenstoerental (zie extra typeplaatje voor frequentieregelaar) en maximumtoerental maximaal toerental ingaande as n emax (zie typeplaatje reductor) Automatic adjustment Bewakingsfunctie: De parameter Automatische afstelling wordt geactiveerd door de inbedrijfstellingswizard. Hierdoor stelt de frequentieregelaar bij elke vrijgave de parameter IxR waarde automatisch in. Handmatige wijziging is niet toegestaan. Een 24 V-hulpbedrijf voorkomt bij uitschakelingen van de netvoeding het resetten van de stroom-tijd-bewaking, zie hoofdstuk "Overbelastingsbeveiliging ( 2 108)". Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 105

106 7 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie Inbedrijfstellingsprocedure voor MOVIDRIVE B AANWIJZING De apparaten MOVIDRIVE B zijn in principe alleen voor het basisregelbereik geschikt, d.w.z. de aangesloten motor mag niet in de veldverzwakking worden gebruikt. Let bij de inbedrijfstelling op de volgende punten: Gebruik de software MOVITOOLS MotionStudio, versie 6.10 of hoger, voor de geleide inbedrijfstelling. De inbedrijfstelling is door de stroombegrenzingsfunctie voor motoren uit categorie 2 alleen in parameterset 1 activeerbaar. Bij de eerste inbedrijfstelling moet er altijd een complete inbedrijfstelling worden uitgevoerd. In de motorconfiguratie is alleen de afzonderlijke aandrijving toegestaan. Als regelmethode kan zowel "V/f" als "Vectorgeregeld" (VFC) worden ingesteld. De overeenkomstige motorserie wordt in het venster "Motortype" geselecteerd. In het venster "SEW-motortype 1" moeten naast de keuze van de motor met de apparaatcategorie, de nominale motorspanning, het aansluittype en de netspanning worden geselecteerd. Bij de keuze van de toepassingsmogelijkheden is alleen de toerentalregeling mogelijk. De functies "Hijswerk", "DC-remmen" of "Vangfunctie" mogen niet gebruikt worden. De bedrijfssoort moet altijd op "4-kwadrantbedrijf" worden ingesteld. Stroomgrens De parameter Stroomgrens wordt door de inbedrijfstellingswizard in het parametervenster 1 op 150 % I nom mot gezet. Deze waarde moet overeenkomstig het maximaal toegestane koppel aan de uitgaande as bij de reductor (M amax ) worden gereduceerd. 106 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

107 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie 2 7 Stroombewaking De in te stellen waarden voor de parametrering van de stroombewaking zijn afhankelijk van de motor. X 1,5 I n (motor) I 1 I ü I n (motor) I ü B C Afhankelijk van motortype A I 2 f A f B f C f E f [Hz] I n Nominale stroom in A X Stroombegrenzing I 1 Max. toegestande stroom in A f Frequentie in Hz I 2 Toegestan bereik continue stroom A, B, Begrenzende punten in A C Overbelastingsstroom in A I O Na de inbedrijfstelling van de motor is stroombegrenzing I 1 actief. De stroombegrenzing l 2 beschrijft de continu toegelaten stroom. De stroombegrenzingsfunctie voor Exe-motoren wordt bij motoren van SEW-EURODRIVE uit de categorie 2 door de inbedrijfstelling automatisch geactiveerd. De karakteristiek bij MOVIDRIVE B wordt door de werkpunten A, B en C beschreven. De parameters uit de groep P560 worden bij de inbedrijfstelling vooraf ingesteld, zie volgende tabel. Daarnaast vindt u de waarden in de EG-prototypekeuring. Parameter Punt A Punt B Punt C Frequentie in Hz P561 P563 P565 Stroomgrens in % I nom FR P562 P564 P566 Maximumtoerental In het venster "Systeemgrenzen" moet het maximale motortoerental worden begrensd. Bij de instelling van de parameter Maximumtoerental moet u op het volgende letten: Maximum toerental begin van de veldverzwakking Maximum toerental motorgrenstoerental en Maximum toerental maximum toerental ingaande as n emax (zie typeplaatje reductor) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 107

108 7 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren van categorie 2 Automatic adjustment Bewakingsfunctie: De parameter Automatische afstelling wordt geactiveerd door de inbedrijfstellingswizard. Hierdoor stelt de frequentieregelaar bij elke vrijgave de parameter IxR waarde automatisch in. Handmatige wijziging is niet toegestaan. Een 24 V-hulpbedrijf voorkomt bij uitschakelingen van de netvoeding het resetten van de stroom-tijd-bewaking, zie hoofdstuk "Overbelastingsbeveiliging ( 2 108)" Overbelastingsbeveiliging Het bedrijf boven het toegestane stroombereik is gedurende 60 seconden toegestaan. Om een plotselinge reductie van de stroombegrenzing en dus de koppelimpulsen te voorkomen wordt de stroom na ca. 50 seconden binnen 10 seconden langs een integrator gereduceerd tot de toegestane waarde. De stroomwaarde kan pas na een hersteltijd van 10 minuten weer opnieuw worden verhoogd tot boven het toegestane bereik. Het bedrijf onder 5 Hz is gedurende één minuut toegestaan. Daarna wordt het apparaat uitgeschakeld op grond van de fout F110 Ex-e-beveiliging met foutreactie noodstop. De binaire uitgangen P62_kunnen geparametreerd worden op "Ex-e-stroombegrenzing actief". Voorwaarden voor het zetten van de uitgang ("1"-signaal): stroomgrens 1 wordt overschreden hersteltijd nog niet afgelopen bedrijf < 5 Hz gedurende langer dan één minuut De stroomtijdbewaking wordt door een foutreset niet gereset. De stroomtijdbewaking is zowel bij netbedrijf als bij 24V-hulpvoeding actief. AANWIJZING Als het net zonder 24V-hulpvoeding uitgeschakeld wordt, wordt de bewakingsfunctie volledig gereset. 108 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

109 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren uit de categorie Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren uit de categorie 3 AANWIJZING Voor de inbedrijfstelling van de frequentieregelaars moet de desbetreffende technische handleiding en bij motorreductoren bovendien de technische handleiding van de reductor in acht worden genomen Vóór de inbedrijfstelling Vóór de inbedrijfstelling moet gecontroleerd worden of alle voorwaarden voor de typische toepassing ( 2 86) worden nageleefd. Bij afwijkingen van de voorwaarden is vóór de inbedrijfstelling een berekening van de maximale klemspanning, de veldverzwakking en het koppelverloop nodig. Het effectieve werkpunt moet onder de nieuwe thermische karakteristiek liggen Inbedrijfstellingsprocedure voor MOVITRAC 07B Let bij de inbedrijfstelling op de volgende punten: Gebruik de software MOVITOOLS MotionStudio, versie 6.10 of hoger, voor de geleide inbedrijfstelling. De inbedrijfstelling en het bedrijf van motoren van categorie 3 is mogelijk in parameterset 1 en 2. Als regelmethode kan zowel "V/f" als "Vectorgeregeld" worden ingesteld. Bij het selecteren van de toepassing zijn de toerentalbesturing en de hijswerktoepassing mogelijk. De opties "DC-remmen" of "Vangfunctie" mogen niet worden gebruikt. De bedrijfssoort moet altijd op "4-kwadrantbedrijf" worden ingesteld. De overeenkomstige motorserie wordt in het venster "Motortype" geselecteerd. In het venster "Motorselectie" moeten naast de keuze van de motor de apparaatcategorie, de netspanning, de motorspanning en het type schakeling worden geselecteerd. Stroomgrens De parameter Stroomgrens wordt door de inbedrijfstellingswizard in het applicatievenster op 150 % I nom mot gezet. Deze waarde moet overeenkomstig het maximaal toegestane koppel aan de uitgaande as bij de reductor M amax worden gereduceerd. Maximumtoerental In het venster "Systeemgrenzen" moet het maximale motortoerental worden begrensd. Bij de instelling van de parameter Maximumtoerental moet u op het volgende letten: Maximum toerental motorgrenstoerental en maximumtoerental maximaal toerental ingaande as n emax (zie typeplaatje reductor) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 109

110 7 Inbedrijfstelling Parameterinstelling: frequentieregelaar voor motoren uit de categorie 3 Automatic adjustment De parameter Automatische afstelling wordt geactiveerd door de inbedrijfstellingswizard. Hierdoor stelt de frequentieregelaar bij elke vrijgave de parameter IxR waarde automatisch in. Handmatige wijziging is niet toegestaan Inbedrijfstellingsprocedure voor MOVIDRIVE B Let bij de inbedrijfstelling op de volgende punten: Gebruik de software MOVITOOLS MotionStudio, versie 6.10 of hoger, voor de geleide inbedrijfstelling. De inbedrijfstelling en het bedrijf van motoren van categorie 3 is mogelijk in parameterset 1 en 2. Bij de eerste inbedrijfstelling moet altijd een complete inbedrijfstelling worden uitgevoerd. Als regelmethode kan zowel "V/f" als "Vectorgeregeld" (VFC) worden ingesteld. De overeenkomstige motorserie wordt in het venster "Motortype" geselecteerd. In het venster "SEW-motortype 1" moeten naast de keuze van de motor met de apparaatcategorie, de nominale motorspanning, het aansluittype en de netspanning worden geselecteerd. Bij het selecteren van de toepassingsmogelijkheden zijn alleen de "Toerentalregeling" en de functie "Hijswerk" mogelijk. De functies "DC-remmen" of "Vangfunctie" mogen niet worden gebruikt. De bedrijfssoort moet alijd op "4-kwadrantbedrijf" worden ingesteld (parameter P820/P821). Stroomgrens De parameter Stroomgrens wordt door de inbedrijfstellingswizard in parametervenster 1 op 150 % I nom mot gezet. Deze waarde moet overeenkomstig het maximaal toegestane koppel aan de uitgaande as bij de reductor M amax worden gereduceerd. Maximumtoerental In parametervenster 2 moet het maximale motortoerental worden begrensd. Bij de instelling van de parameter Maximumtoerental moet u op het volgende letten: Maximum toerental motorgrenstoerental en maximumtoerental maximaal toerental ingaande as n emax (zie typeplaatje reductor) Automatic adjustment De parameter Automatische afstelling wordt geactiveerd door de inbedrijfstellingswizard. Hierdoor stelt de frequentieregelaar bij elke vrijgave de parameter IxR waarde automatisch in. Handmatige wijziging is niet toegestaan. 110 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

111 Inbedrijfstelling Blokkeerrichting wijzigen bij motoren met terugloopblokkering Blokkeerrichting wijzigen bij motoren met terugloopblokkering Voorbeeld van de opbouw EDR met terugloopblokkering [44][41] [392] [42] [190] [75] [77] [37] [62] [74] [48] [36] [35] [78] [35] Ventilatorkap [44] Groefkogellager [77] Schroef [36] Ventilator [48] Afstandsring [78] Bordje draairichting [37] Afdichtingsring [62] Borgring [190] Vilten ring [41] Compensatieplaat [74] Ring van klemlichaam compleet [392] Afdichting [42] Lagerschild van de terugloopblokkering [75] Afdichtflens Voorbeeld van de opbouw EDR met terugloopblokkering [78] [48] [74] [703] [37] [702] [190] [62] [36] [35] [35] Ventilatorkap [62] Borgring [190] Vilten ring [36] Ventilator [74] Ring van klemlichaam compleet [702] Behuizing van de terugloopblokkering compleet [37] Afdichtingsring [78] Bordje draairichting [703] Cilinderschroef [48] Afstandsring Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 111

112 7 Inbedrijfstelling Blokkeerrichting wijzigen bij motoren met terugloopblokkering Blokkeerrichting wijzigen Door de terugloopblokkering wordt de draairichting van de motor geblokkeerd resp. uitgesloten. De draairichting wordt met een pijl op de ventilatorkap van de motor of op de behuizing van de motorreductor aangegeven. Let bij het aanbouwen van de motor aan de reductor op de draairichting van de eindas en het aantal trappen. De motor mag niet in de blokkeerrichting aanlopen (op faseverschuiving bij de aansluiting letten). Voor controledoeleinden kan de terugloopblokkering met de halve motorspanning één keer in de blokkeerrichting geactiveerd worden. WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Schakel de motor en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos, voordat u met de werkzaamheden begint. Tegen onbedoeld inschakelen beveiligen. Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! Ga als volgt te werk om de blokkeerrichting te wijzigen: 1. Demonteer, indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de encoder. Zie hoofdstuk "Inspectie/onderhoud ( 2 114)". 2. Flens- of ventilatorkap [35] demonteren. 3. Bij EDR : afdichtflens [75] demonteren. Bij EDR : behuizing van de terugloopblokkering compleet [702] demonteren. 4. Borgring [62] losmaken. 5. Ring van klemlichaam compleet [74] via schroeven in de afdrukdraadgaten resp. met trekker demonteren. 6. Afstandring [48] blijft, indien aanwezig, gemonteerd 7. Ring voor klemlichaam compleet [74] draaien, oud vet controleren en zo nodig volgens de informatie hieronder vervangen en ring voor klemlichaam weer vastduwen. 8. Borgring [62] monteren. LET OP! Schade door verkeerde montage Materiaalschade Geen druk of stoten op het klemlichaam 9. Bij EDR : afdichtflens [75] met SEW L Spezial insmeren en monteren. Indien nodig, vilten ring [190] en afdichtring [37] vervangen. Bij EDR : afdichting [901], vilten ring [190] en afdichtingsring [37] eventueel vervangen en behuizing van terugloopblokkering compleet [702] monteren. 10.Gedemonteerde onderdelen weer aanbrengen. 11.Sticker [78] voor de markering van de draairichting vervangen. 112 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

113 Inbedrijfstelling Blokkeerrichting wijzigen bij motoren met terugloopblokkering 7 Smering van de terugloopblokkering De terugloopblokkering is af fabriek met het corrosiewerende vloeibare vet Mobil LBZ gesmeerd. Als u een ander vet wilt gebruiken, moet het voldoen aan de NLGI-klasse 00/000 met een basisviscositeit voor oliën van 42 mm 2 /s bij 40 C en gebaseerd zijn op lithiumzeep en minerale olie. Het temperatuurbereik loopt van -50 C tot +90 C. Onderstaande tabel laat de benodigde hoeveelheid vet zien. Motortype / / Vethoeveelheid in g De tolerantie van de hoeveelheid vet is ±30 %. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 113

114 8 Inspectie/onderhoud Blokkeerrichting wijzigen bij motoren met terugloopblokkering 8 Inspectie/onderhoud WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door vallend hijswerk of ongecontroleerd gedrag van de apparatuur. Dood of zwaar letsel. Hijswerkaandrijvingen borgen of neerlaten (om te voorkomen dat ze neerstorten) Machine borgen en/of afsluiten Schakel voor aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator spanningsloos en beveilig deze tegen onbedoeld opnieuw inschakelen! Uitsluitend originele onderdelen uit de desbetreffende, geldige onderdelenlijst gebruiken! Bij vervanging van de remspoel moet de remaansturing ook altijd worden vervangen! VOORZICHTIG De oppervlakken van de aandrijving kunnen tijdens het bedrijf hoge temperaturen bereiken. Gevaar voor verbranding. Vóór aanvang van de werkzaamheden de motor laten afkoelen. VOORZICHTIG De omgevingstemperatuur en de lipseal-afdichtingen zelf mogen bij de montage niet kouder zijn dan 0 C, omdat de lipseal-afdichtingen anders beschadigd kunnen raken. AANWIJZING Askeerringen voor de montage in de buurt van de afdichtingslip met vet insmeren, zie hoofdstuk "Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen" ( 2 196). 114 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

115 Inspectie/onderhoud Blokkeerrichting wijzigen bij motoren met terugloopblokkering 8 AANWIJZING Gebruik uitsluitend originele onderdelen die voorkomen in de geldige onderdelenlijst. Anders vervalt de Ex-toelating van de motor. Als u motoronderdelen vervangt die betrekking hebben op de explosiebeveiliging, is een nieuwe routinetest noodzakelijk. Let er na de onderhouds- en reparatiewerkzaamheden op of de motor correct is gemonteerd en alle openingen zorgvuldig zijn afgesloten. Motoren in omgevingen met explosiegevaar regelmatig reinigen. Voorkom stofafzettingen van meer dan 5 mm. De explosiebeveiliging is in belangrijke mate afhankelijk van de handhaving van de IP-beschermingsgraad. Let daarom tijdens alle werkzaamheden op een juiste plaatsing en foutloze toestand van alle afdichtingen. De explosiebeveiliging kan alleen bij correct onderhouden motoren worden gehandhaafd. Bij het opnieuw lakken van de motoren of motorreductoren moeten de vereisten ter vermijding van elektrostatische oplading overeenkomstig EN / IEC worden nageleefd, zie hoofdstuk "Lakken" ( 2 44). Voor motoren met een bouwgrootten EDR die volgens het typeplaatje geschikt zijn voor temperaturen onder -20 C tot minimaal -40 C, moeten trekstangen met een sterkte van 8.8 worden gebruikt. Voor toepassingen in lage temperaturen van -20 C tot minimaal -40 C worden bouten met een sterkteklasse van minstens 8.8 gebruikt. AANWIJZING Voor het veilige bedrijf van de motor is regelmatig onderhoud voorwaarde. Voor het onderhoud van de aandrijving is de exploitant verantwoordelijk, die daarbij zowel rekening moet houden met de bedrijfsveiligheidsverordening als met EN Reparaties Reparaties aan explosieveilige apparaten moeten met inachtneming van landspecifieke voorschriften worden uitgevoerd. In Duitsland geldt de bedrijfsveiligheidsverordening (BetrSichV) en de productveiligheidswet (ProdSG). Bij een reparatie moet rekening worden gehouden met de normen EN en EN , die belangrijke informatie over de onderwerpen controle en onderhoud van elektrische installaties resp. reparatie en revisie van elektrische apparaten bevatten. Reparaties aan de motor mogen alleen door de klantenservice van SEW- EURODRIVE of door reparatiewerkplaatsen uitgevoerd worden die over de vereiste kennis beschikken. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 115

116 8 Inspectie/onderhoud Inspectie- en onderhoudsintervallen 8.1 Inspectie- en onderhoudsintervallen De volgende tabel laat de inspectie- en onderhoudsintervallen zien: Apparaat/ onderdeel Tijdsinterval Hoe gaat u te werk? Rem BE Bij toepassing als stoprem: Minstens om de 3000 bedrijfsuren 1) Bij toepassing als houdrem: Afhankelijk van de belasting om de 0,5 tot 2 jaar 1) Motor Om de bedrijfsuren Motor 2) 3) Rem inspecteren Dikte van de remschijf meten Remschijf, remvoering Lichtspleet meten en instellen Ankerschijf Meenemer/vertanding Drukringen Slijpsel afzuigen Schakelcontacten inspecteren en evt. vervangen (bijv. bij afbrandsel) inspecteren: Lipseal-afdichting vervangen Koelluchtkanalen reinigen Aandrijving Verschillend 2) Aflak-/corrosiewerende verf bijwerken of opnieuw aanbrengen Indien aanwezig, condenswaterboring op het diepste punt van de ventilatorkap reinigen Afgesloten boringen reinigen 1) Standtijden worden door vele factoren beïnvloed en kunnen kort zijn.de vereiste inspectie-/onderhoudsintervallen moeten per installatie volgens de configuratiedocumenten (bijvoorbeeld "Aandrijvingen configureren") door de installateur worden berekend. 2) Het tijdsinterval is afhankelijk van externe invloeden en kan zeer kort zijn, bijv. bij een hoog stofgehalte in de omgeving. 3) Bij EDR met nasmeervoorziening dient u op de kortere nasmeerintervallen in het hoofdstuk "Lagersmering EDR " te letten. Als de motorruimte tijdens de inspectie of het onderhoud wordt geopend, moet deze voor het sluiten eerst gereinigd worden Aansluitkabel Controleer de aansluitkabel regelmatig op beschadigingen en vervang deze indien nodig. 116 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

117 Inspectie/onderhoud Lagersmering Lagersmering Lagersmering EDR Standaard zijn de motorlagers voorzien van een levensduursmering Lagersmering EDR Motoren van de bouwgrootte EDR kunnen zijn uitgerust met een nasmeervoorziening. In de volgende afbeelding zijn de posities van de nasmeerinrichtingen in vorm A conform DIN te zien: Bij normale bedrijfsvoorwaarden en een omgevingstemperatuur van -20 C tot +40 C gebruikt SEW-EURODRIVE voor de eerste smering een hoogwaardig, mineraal vet op basis van polycarbamide, ESSO Polyrex EM (K2P-20 DIN 51825). Voor motoren die bij lage temperaturen tot -40 C werken, wordt het vet SKF GXN gebruikt, eveneens een mineraal vet op basis van poly-ureum. Nasmering De vetten kunnen in patronen van 400 g als apart onderdeel bij SEW-EURODRIVE worden besteld. Bestelgegevens vindt u in het hoofdstuk "Smeerstoftabellen ( 2 196)". AANWIJZING Meng alleen vetten die dezelfde verdikkingssoort, oliebasis en consistentie hebben (NLGI-klasse)! De motorlagers dienen te worden gesmeerd conform de aanwijzingen op het smeerplaatje aan de motor. Het verbruikte vet hoopt zich op in de binnenruimte van de motor en moet na zes tot acht keer nasmeren tijdens een inspectie worden verwijderd. Als de lagers opnieuw worden gesmeerd, dient het lager ongeveer voor 2/3 te worden gevuld. Nadat ze opnieuw zijn gesmeerd, de motoren zo mogelijk langzaam laten aanlopen om een gelijkmatige verdeling van het vet te realiseren. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 117

118 8 Inspectie/onderhoud Lagersmering Nasmeringstermijn De nasmeringstermijn van de lagers moet onder de volgende voorwaarden volgens onderstaande tabel worden uitgevoerd: een omgevingstemperatuur van -20 C tot +40 C nominaal toerental, van een 4-polige draaistroommotor normale belasting Door hogere omgevingstemperaturen, hogere toerentallen of hogere belastingen zijn kortere nasmeerintervallen noodzakelijk. Gebruik bij de eerste vulling het 1,5-voudige van de aangegeven hoeveelheid. Horizontale uitvoering Verticale uitvoering Duur Motortype Duur Hoeveelheid Hoeveelheid EDR /NS 5000 h 50 g 3000 h 70 g EDR /ERF /NS 3000 h 50 g 2000 h 70 g 118 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

119 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Schakel vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos. Tegen onbedoeld inschakelen beveiligen Encoder van de EDR demonteren De volgende afbeelding laat als voorbeeld de demontage van de encoder ES7. zien: [362] [733][367] [619] [B] [220] [A] [35] [34] [361] [34] Plaatschroef [367] Bevestigingsbout [35] Ventilatorkap [619] Encoderdeksel [220] Encoder [733] Schroeven [361] Afdekkap [A] Schroeven [362] Reactiearm [B] Conus ES7.- en AS7.-encoder demonteren 1. Demonteer afdekkap [361]. 2. Draai de aansluitdeksel [619] los en verwijder deze. De aansluitkabel van de encoder hoeft niet te worden afgeklemd! 3. Schroeven [733] losdraaien. 4. Centrale bevestigingsbout [367] met ca. 2 tot 3 omwentelingen losdraaien en conus van de spanas losmaken door lichtjes op de kop van de bout te slaan. Conus [B] hierbij niet verliezen. 5. Expansieanker van de reactiearm [362] voorzichtig van het kaprooster en de encoder van de rotor trekken. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 119

120 8 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Hermontage Let bij de hermontage op het volgende: 1. Draai de centrale bevestigingsschroef [367] aan met een aanhaalmoment van 2,9 Nm. 2. Draai de schroef [733] in het expansieanker aan met een aanhaalmoment van max. 2,0 Nm. 3. Encoderdeksel [619] monteren en de schroeven [A] met een aanhaalmoment van 2 Nm vastdraaien. 4. Afdekkap [361] met de schroeven [34] monteren. 120 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

121 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Encoder van de EDR (de)monteren De volgende afbeelding laat de demontage aan de hand van de encoder EG7. zien: [715] [35] [1] [220][232] [619] [706] [657] [707] [361] [367] [34] [1] Rotor [367] Bevestigingsbout [34] Plaatschroef [619] Aansluitdeksel [35] Ventilatorkap [657] Regendak [220] Encoder [706] Afstandsbout [232] Schroeven [707] [715] Schroeven [361] Afdekkap [A] Schroeven EG7.- en AG7.-encoder demonteren 1. Schroeven [22] losdraaien en afdekkap [170] demonteren. 2. Kabeltule [269] met encoderkabel uit de kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] trekken 3. Draai de schroeven [232] en [936] los en verwijder de reactiearm [935]. 4. Draai de centrale bevestigingsbout [A] van de encoder [220] los en trek de encoder van de rotor [1]. Hermontage 1. Encoder op de rotor [1] plaatsen en met de centrale bevestigingsbout van de encoder [A] in de boring trekken. Het aanhaalmoment moet 8 Nm bedragen. 2. Reactiearm [935] op afstandshulzen [934] plaatsen en schroeven [936] met 11 Nm aandraaien. 3. Reactiearm van de encoder [A] met schroeven [232] aan de reactiearm [935] bevestigen. Het aanhaalmoment moet 6 Nm bedragen. 4. Kabel van de encoder [220] door de kabeltule [269] steken. Kabeltule [269] in de kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] steken. 5. Reactiearm [170] monteren en schroeven [22] met 28 Nm aandraaien. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 121

122 8 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Encoder van de EDR..315 demonteren De volgende afbeelding laat de demontage aan de hand van de encoder EH7. en AH7. zien: [734] [367] [220] [35] [1] [659] [657] EH7. AH7. [748] [367] [220] [35] Ventilatorkap [659] Schroef [220] Encoder [734] Moer [367] Bevestigingsbout [748] Schroef [657] Afdekplaat EH7.-encoder demonteren 1. Afdekplaat [657] demonteren door de bouten [659] los te draaien. 2. Encoder [220] losmaken van de ventilatorkap door de moer [734] los te draaien. 3. Bevestigingsbout [367] aan de encoder [220] losdraaien en encoder [220] lostrekken van de rotor [1]. AH7.-encoder demonteren 1. Afdekkap [657] demonteren door de bouten [659] los te draaien. 2. Encoder [220] losmaken van de ventilatorkap door de bouten [748] los te draaien. 3. Draai de bevestigingsbout [367] aan de encoder [220] los en trek de encoder [220] van de as. 122 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

123 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem 8 Hermontage 1. Ventilatorkap [35] monteren. 2. Encoder [220] op de as steken en met de bevestigingsbout [367] met een aanhaalmoment volgems onderstaande tabel aanhalen: Encoder EH7. AH7. Aanhaalmoment 0.7 Nm 3.0 Nm 3. Schroef [748] en moer [734] monteren. 4. Afdekplaat [657] monteren. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 123

124 8 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Encoder van de EDR met optie onafhankelijk aangedreven ventilator /VE demonteren De volgende afbeelding laat de demontage aan de hand van de encoder EG7. zien: [934] [A] [935] [232] [936] [269] [170] [22] [1] [22] Schroef [935] Reactiearm [170] Kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [936] Schroef [232] Schroeven [934] Afstandshuls [269] Tule [A] Encoder EG7.- en AG7.-encoder demonteren 1. Schroeven [22] losdraaien en afdekkap [170] demonteren. 2. Kabeltule [269] met encoderkabel uit de kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] trekken 3. Draai de schroeven [232] en [936] los en verwijder de reactiearm [935]. 4. Draai de centrale bevestigingsbout [220] van de encoder [220] los en trek de encoder [220] van de rotor [1]. Hermontage 1. Encoder op de rotor [1] plaatsen en met de centrale bevestigingsbout van de encoder [A] in de boring trekken. Het aanhaalmoment moet 8 Nm bedragen. 2. Reactiearm [935] op afstandshulzen [934] plaatsen en schroeven [936] met 11 Nm aandraaien. 3. Reactiearm van de encoder [A] met schroeven [232] aan de reactiearm [935] bevestigen. Het aanhaalmoment moet 6 Nm bedragen. 4. Kabel van de encoder [220] door de kabeltule [269] steken. Kabeltule [269] in de kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] steken. 5. Reactiearm [170] monteren en schroeven [22] met 28 Nm aandraaien. 124 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

125 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Encoder met aanbouwinrichting XV.. van de EDR (de)monteren De volgende afbeelding laat de demontage aan de hand van een niet-sew-encoder zien: [212] [225] [220] [269] [22] [361] / [170] [E] [D] [251] [232] [A] [B] [22] Schroef [361] Afdekkap (normaal/lang) [170] Kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [269] Tule [212] Flenskap [A] Adapter [220] Encoder [B] Klemschroef [225] Tussenflens (komt bij XV1A te vervallen) [D] Koppeling (spanas- of volle-askoppeling) [232] Schroeven (meegeleverd bij XV1A en XV2A) [E] Klemschroef [251] Spanschijven (meegeleverd bij XV1A en XV2A) EV..-, AV..- en XV..-encoder demonteren 1. Afdekkap [361] door het losdraaien van de schroefen [22] of onafhankelijk aangedreven ventilator [170] demonteren. 2. Draai de bevestigingsbouten [232] los en draai de spanschijven [251] naar buiten. 3. Klemschroef [E] van de koppeling losmaken. 4. Adapter [A] en encoder [220] verwijderen. Hermontage 1. Ga te werk zoals in "Encoderaanbouwinrichting XV.. aan motoren EDR monteren ( 2 34)" om de encoder aan te bouwen. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 125

126 [1458] [233] [225] [226] [220] [251] 8 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Encoder met aanbouwinrichting XV.A van de EDR..250/280 (de)monteren De volgende afbeelding laat de demontage aan de hand van een niet-sew-encoder zien: [35] [A] [232] [269] [361] [22] [1496] [1459] [1460] [1461] [1462] [1497] [1498] [1489] [33] [34] [22] Schroef [361] Afdekkap (normaal/lang) [33] Schijf [1458] Schroef [34] Schroef [1459] Kooimoer [35] Ventilatorkap [1460] Waaierschijf [220] Encoder [1461] Schijf [225] Tussenflens (optioneel) [1462] Schroef [226] Schroef [1489] Aardingsband [232] Schroeven (bij.v1a en.v2a meegeleverd) [1496] Waaierschijf [233] Koppeling [1497] Schijf [251] Spanschijven (bij.v1a en.v2a meegeleverd) [1498] Schroef [269] Tule [A] Encoderaanbouwinrichting Encoderaanbouwinrichting demonteren 1. Schroeven [34] en schijven [33] aan de afdekkap losmaken. Afdekkap [361] verwijderen. 2. Encoder demonteren. Zie hiervoor hoofdstuk "Encoder demonteren" ( 2 127). 3. Aardingsband van de encoderaanbouwinrichting [A] met waaierschijf [1496], schijven [1497] en schroef [1498] losmaken. 4. Schroeven [22] losdraaien en afdekkap [35] demonteren. 126 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

127 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem 8 5. Encoderaanbouwinrichting [A] met schroef [1458] in de encoderboring van de rotor losdraaien en verwijderen. Indien de encoderaanbouwinrichting moeilijk los te maken is: Draadstift met lengte mm in de rotorboring schroeven (boring voor schroef [1458]) en stevig met de hand vastdraaien. Draadstift M8 met lengte > 10 mm of schroef M8 met lengte min. 80 mm in dezelfde boring schroeven en encoderaanbouwinrichting [A] van rotor [1] eraf duwen. Daarna draadstift M6 weer uit de rotor verwijderen. EV..-, AV..-encoder demonteren 1. Schroeven [34] losdraaien en afdekkap [361] verwijderen. 2. Kabeltule [269] met encoderkabel uit de afdekkap [361] trekken. 3. Schroeven [232] losdraaien en spanschijven van de encoder [220] naar buiten draaien. Door de sleuf in de encoderaanbouwinrichting [A] de schroef voor de klemnaaf van de koppeling [233] aan de encoderzijde losmaken. 4. Encoder [220] van encoderaanbouwinrichting [A] resp. tussenflens [225] losmaken. Hermontage 1. Ga bij de aanbouw van de encoder te werk zoals in "Encoderaanbouwinrichting XV.. aan motoren EDR monteren ( 2 34)" beschreven. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 127

128 8 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Encoder met aanbouwinrichting EV../AV../XV.. van de DR met optie onafhankelijk aangedreven ventilator /VE (de-)montieren De volgende afbeelding laat de demontage aan de hand van een niet-sew-encoder zien: [934] [A] [936] [226] [220] [251] [232] [269] [170] [22] [935] [1463] [1458] [233] [225] [22] Schroef [269] Tule [170] Kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [934] Afstandshuls [220] Encoder [935] Reactiearm [225] Tussenflens (optioneel) [936] Schroef [226] Schroef [1458] Schroef [232] Schroeven (bij.v1a en.v2a meegeleverd) [1463] Schroef [233] Koppeling [A] Encoderaanbouwinrichting [251] Spanschijven (bij.v1a en.v2a meegeleverd) Encoderaanbouwinrichting demonteren 1. Schroeven [22] losdraaien en afdekkap [170] demonteren. 2. Kabeltule [269] uit de ventilatorkap [170] trekken. 3. Schroeven [232] losdraaien en spanschijven [251] naar de zijkant draaien. Schroef voor de klemnaaf van de koppeling [233] aan de encoderzijde losmaken en encoder [220] verwijderen. Tussenflens [225] en schroeven [226] kunnen aan de encoderaanbouwinrichting [A] blijven zitten. 4. Schroeven [1458] en [936] losdraaien en encoderaanbouwinrichting [A] verwijderen. De reactiearmen [935] en schroeven [1463] kunnen aan de encoderaanbouwinrichting [A] blijven zitten. Indien de encoderaanbouwinrichting [A] moeilijk los te maken is: Draadstift M6 met lengte mm in de rotorboring schroeven (boring schroef [1458]) en stevig met de hand vastdraaien. Dan draadstift M8 met lengte > 10 mm of schroef M8 met lengte min. 80 mm in dezelfde boring schroeven en encoderaanbouwinrichting [A] zo van de rotor [1] afduwen. Daarna draadstift M6 weer uit de rotor verwijderen. 128 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

129 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem 8 EV..-, AV..- en XV..-encoder demonteren 1. Schroeven [22] losdraaien en afdekkap [170] demonteren. 2. Kabeltule [269] met encoderkabel uit de kap van de onafhankelijk aangedreven ventilator [170] trekken 3. Spanschijven van de encoder [220] naar buiten draaien en schroeven [232] losdraaien. Schroef voor de klemnaaf van de koppeling [233] aan de encoderzijde losdraaien. 4. Encoder [220] van encoderaanbouwinrichting [A] resp. tussenflens [225] losmaken. Hermontage 1. Ga bij de aanbouw van de encoder te werk zoals in hoofdstuk "Encoderaanbouwinrichting XV.. aan motoren EDR monteren ( 2 34)" beschreven. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 129

130 8 Inspectie/onderhoud Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem Onafhankelijk aangedreven ventilator VE monteren In de volgende afbeelding ziet u een onafhankelijk aangedreven ventilator VE: [1] [1] Onafhankelijk aangedreven ventilator Vóór de montage van de onafhankelijk aangedreven ventilator [1] het ventilatorwiel en de ventilatormotor controleren op beschadigingen. 2. Na de montage ervoor zorgen dat het ventilatorwiel niet aanloopt door aan het ventilatorwiel te draaien. De afstand tussen het ventilatorwiel en de vaststaande onderdelen moet ten minste 1 mm bedragen. AANWIJZING Neem de technische handleiding van de onafhankelijk aangedreven ventilator ( 2 220) in acht. 130 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

131 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Schematische opbouw DR In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR met veerdrukklemmen: [117] [118] [116] [119] [122] [123] [124] [112] [111] [452] [113] [132] [131] [262] [616] [137] [148] [128] [140] [139] [129] [134] [715] [707] [716] [705] [706] [454] [13] [30] [35] [9] [12] [42] [16] [41] [22] [44] [36] [32] [107] [106] [90] [109] [24] [108] [3] [1] [100] [11] [7] [103] [93] [10] [2] [1] Rotor [35] Ventilatorkap [112] Onderbouw van de klemmenkast [137] Schroef [2] Borgring [36] Ventilator [113] Lenskopschroef [139] Zeskantbout [3] Spie [41] Compensatieplaat [116] Klembeugel [140] Veerring [7] Flenslagerschild [42] B-lagerschild [117] Zeskantbout [148] Klembeugel [9] Afsluitschroef [44] Groefkogellager [118] Veerring [262] Klem [10] Borgring [90] Fundatieplaat [119] Lenskopschroef [392] Afdichting [11] Groefkogellager [93] Schroef met verzonken kop [122] Borgring [452] Klemmenbord [12] Borgring [100] Zeskantmoer [123] Zeskantbout [454] Draagrail [13] Cilinderschroef [103] Tapeind [124] Borgring [616] Bevestigingsplaat [16] Stator [106] Lipseal-afdichting [128] Klembeugel [705] Regendak [22] Zeskantbout [107] Slingerschijf [129] Afsluitschroef [706] Afstandhouder [24] Oogbout [108] Typeplaatje [131] Afdichting voor deksel [707] Lenskopschroef [30] Lipseal-afdichting [109] Kerfnagel [132] Klemmenkastdeksel [715] Blinde klinknagel [32] Borgring [111] Afdichting voor onderbouw [134] Afsluitschroef [716] Schijf Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 131

132 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Schematische opbouw EDR In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR met antiverdraaiingsframe: [123] [219] [118] [116] [117] [124] [132] [131 ] [262] [616] [137] [119] [122] [1213] [128] [140] [139] [134] [129 ] [112] [707] [706] [111] [705] [715] [16] [9] [30] [30] [19] [12] [17] [22] [109] [108] [7] [106] [36] [42] [32] [44] [41] [31] [24] [107] [93] [94] [1] [15] [100] [90] [3] [14] [11] [103] [104] [10] [2] [1] Rotor [30] Afdichtingsring [106] Lipseal-afdichting [131] Afdichting voor deksel [2] Borgring [31] Spie [107] Slingerschijf [132] Klemmenkastdeksel [3] Spie [32] Borgring [108] Typeplaatje [134] Afsluitschroef [7] Flens [35] Ventilatorkap [109] Kerfnagel [139] Zeskantbout [9] Afsluitschroef [36] Ventilator [111] Afdichting voor onderbouw [140] Schijf [10] Borgring [41] Schotelveer [112] Onderbouw van de klemmenkast [219] Zeskantmoer [11] Groefkogellager [42] B-lagerschild [116] Waaierschijf [705] Regendak [12] Borgring [44] Groefkogellager [117] Tapeind [706] Afstandhouder [14] Schijf [90] Voet [118] Schijf [707] Zeskantbout [15] Zeskantbout [91] Zeskantmoer [119] Cilinderschroef [715] Zeskantbout [16] Stator [93] Schijf [122] Borgring [1213] Kit 1) [17] Zeskantmoer [94] Cilinderschroef [123] Zeskantbout [19] Cilinderschroef [100] Zeskantmoer [124] Borgring [22] Zeskantbout [103] Tapeind [128] Waaierschijf [24] Oogbout [104] Draagring [129] Afsluitschroef 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren 132 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

133 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Schematische opbouw EDR In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR met antiverdraaiingsframe: [219] [118] [116] [117] [123] [124] [132] [131 ] [119] [122] [1213] [128] [140] [139] [707] [705] [112] [111] [129] [109] [706] [134] [715] [108] [30] [25] [16] [9] [36] [32] [35] [26] [40] [19] [105] [44] [43] [21] [42] [22] [31] [106] [107] [24] [1] [90] [93] [103] [100] [3] [11] [93] [2] [1] Rotor [31] Spie [107] Slingerschijf [131] Afdichting voor deksel [2] Borgring [32] Borgring [108] Typeplaatje [132] Klemmenkast deksel [3] Spie [35] Ventilatorkap [109] Kerfnagel [134] Afsluitschroef [7] Flens [36] Ventilator [111] Afdichting voor onderbouw [139] Zeskantbout [9] Afsluitschroef [40] Borgring [112] Onderbouw van de klemmenkast [140] Schijf [11] Groefkogellager [42] B-lagerschild [116] Waaierschijf [219] Zeskantmoer [15] Cilinderschroef [43] Draagring [117] Tapeind [705] Regendak [16] Stator [44] Groefkogellager [118] Schijf [706] Afstandsbout [19] Cilinderschroef [90] Voet [119] Cilinderschroef [707] Zeskantbout [21] Afdichtingsringflens [93] Schijf [122] Borgring [715] Zeskantbout [22] Zeskantbout [94] Cilinderschroef [123] Zeskantbout [1213] Kit 1) [24] Oogbout [100] Zeskantmoer [124] Borgring [25] Cilinderschroef [103] Tapeind [128] Waaierschijf [26] Afdichtingsschijf [105] Schotelveer [129] Afsluitschroef [30] Lipseal-afdichting [106] Lipseal-afdichting 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 133

134 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Schematische opbouw EDR..250/280 In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR..250/280 met antiverdraaiingsframe: [123] [124] [132] [219] [119] [131] [117] [118] [122] [116] [112] [111] [114] [113] [115] [144] [134] [159] [160] [129] [162] [161] [1453] [139] [140] [128] [705] [715] [706] [707] [1457] [143] [15] [9] [42] [19] [30] [26] [25] [35] [22] [21] [32] [36] [40] [43] [44] [105] [16] [24] [108] [109] [1] [31] [106] [100] [107] [103] [90] [93][94] [7] [2] [11] [3] [1] Rotor [35] Ventilatorkap [111] Afdichting voor onderbouw [134] Afsluitschroef [2] Borgring [36] Ventilator [112] Onderbouw van de klemmenkast [139] Zeskantbout [3] Spie [40] Borgring [113] Cilinderschroef [140] Schijf [7] Flens [42] B-lagerschild [114] Borgring [143] Tussenplaat [9] Afsluitschroef [43] Draagring [115] Kit 1) [144] Cilinderschroef [11] Groefkogellager [44] Groefkogellager [116] Waaierschijf [159] Verbindingsstuk [15] Cilinderschroef [90] Voet [117] Tapeind [160] Afdichting verbindingsstuk [16] Stator [93] Schijf [118] Schijf [161] Zeskantbout [19] Cilinderschroef [94] Cilinderschroef [119] Cilinderschroef [162] Borgring [21] Afdichtingsringflens [100] Zeskantmoer [122] Borgring [219] Zeskantmoer [22] Zeskantbout [103] Tapeind [123] Zeskantbout [705] Regendak [24] Oogbout [105] Drukveer [124] Borgring [706] Afstandsbout [25] Cilinderschroef [106] Lipseal-afdichting [128] Waaierschijf [707] Zeskantbout [26] Afdichtingsschijf [107] Slingerschijf [129] Afsluitschroef [715] Zeskantbout [30] Lipseal-afdichting [108] Typeplaatje [131] Afdichting voor deksel [1457] Draadstift [31] Spie [109] Kerfnagel [132] Klemmenkast deksel [1453] Afsluitschroef 134 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

135 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR [32] Borgring 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 135

136 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Schematische opbouw EDR..315 In de volgende afbeelding staat een voorbeeld van de basisopbouw EDR..315 met antiverdraaiingsframe: [123] [124] [9] [132] [131] [119] [122] [112] [111] [113] [114] [115] [16] [144] [143] [15] [219] [118] [116] [117] [139] [140] [128] [134] [160] [129] [159] [162] [161] [24] [42] [19] [108] [109] [30] [22] [26] [25] [35] [1] [31] [715] [706] [705] [21] [707] [43] [40] [44] [36] [32] [250] [106] [107] [609] [608] [105] [604] [100] [103] [7] [90] [93] [94] [2] [11] [3] [1] Rotor [35] Ventilatorkap [112] Onderbouw van de klemmenkast [140] Schijf [2] Borgring [36] Ventilator [113] Cilinderschroef [143] Tussenplaat [3] Spie [40] Borgring [114] Borgring [144] Cilinderschroef [7] Flens [42] B-lagerschild [115] Kit 1) [159] Verbindingsstuk [9] Afsluitschroef [43] Draagring [116] Waaierschijf [160] Afdichting verbindingsstuk [11] Groefkogellager [44] Groefkogellager [117] Tapeind [161] Zeskantbout [15] Cilinderschroef [90] Voet [118] Schijf [162] Borgring [16] Stator [93] Schijf [119] Cilinderschroef [219] Zeskantmoer [19] Cilinderschroef [94] Cilinderschroef [122] Borgring [250] Lipseal-afdichting [21] Afdichtingsringflens [100] Zeskantmoer [123] Zeskantbout [604] Smeerring [22] Zeskantbout [103] Tapeind [124] Borgring [608] Afdichtingsringflens [24] Oogbout [105] Schotelveer [128] Waaierschijf [609] Lipseal-afdichting [25] Cilinderschroef [106] Lipseal-afdichting [129] Afsluitschroef [705] Regendak [26] Afdichtingsschijf [107] Slingerschijf [131] Afdichting voor deksel [706] Afstandsbout [30] Lipseal-afdichting [108] Typeplaatje [132] Klemmenkast deksel [707] Zeskantbout [31] Spie [109] Kerfnagel [134] Afsluitschroef [715] Zeskantbout [32] Borgring [111] Afdichting voor onderbouw [139] Zeskantbout 1) 1 Verdraaiingsbeveiligingslijst, 1 klemmenbord, 4 hulzen, 2 schroeven, 2 moeren 136 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

137 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Stappen inspectie motor EDR WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! 1. Demonteer, indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de encoder. Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem ( 2 119)". 2. Demonteer de ventilatorkap [35] en de ventilator [36]. 3. Stator demonteren: Bouwgrootte EDR : demonteer de cilinderschroeven [13] van het flenslagerschild [7] en het remlagerschild [42], demonteer de stator [16] van het flenslagerschild [7]. Bouwgrootte EDR : cilinderschroeven [19] losdraaien en remlagerschild [42] demonteren. Zeskantbout [15] losdraaien en stator van het flenslagerschild demonteren. Zeskantbout [15] losdraaien en flenslagerschild [7] van de stator demonteren. Bij motorreductoren: slingerschijf [107] eraf trekken. Cilinderschroeven [19] losdraaien en de rotor compleet [1] samen met het B-lagerschild [42] demonteren. Cilinderschroeven [25] losdraaien en de rotor compleet [1] van het B-lagerschild [42] losmaken. Bouwgrootte EDR..250/280 zonder optie /ERF of /NS Cilinderschroeven [15] losdraaien en flens [7] demonteren. Bij motorreductoren de slingerschijf [107] verwijderen. Cilinderschroeven [19] losdraaien en B-lagerschild [42] samen met de rotor [1] demonteren. Cilinderschroeven [25] losdraaien en B-lagerschild [42] van de rotor [1] aftrekken. met optie /ERF of /NS Draai de cilinderschroeven [19] en [25] los en verwijder het B-lagerschild (42). Cilinderschroeven [15] losdraaien en flens [7] samen met de rotor [1] demonteren. Zeskantbouten [609] losdraaien en flens [7] van de rotor [1] aftrekken. Bij motorreductoren de slingerschijf [107] verwijderen. Bouwgrootte EDR..315: Draai de cilinderschroeven [25] en [19] los en verwijder het remlagerschild [42]. Draai de cilinderschroeven [15] los van de flens [7] en demonteer de complete rotor [1] samen met de flens. Verwijder bij motorreductoren slingerschijf [107]. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 137

138 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden motor EDR Draai de bouten [609] los en verwijder de rotor in zijn geheel van de flens [7]. Bescherm de afdichtingszitting, alvorens deze te demonteren, bijvoorbeeld door middel van plakband of een schuthuls tegen beschadiging. 4. Visuele controle: zit er vocht of reductorolie in de statorruimte? Als geen van beide zichtbaar is, ga dan verder met stap 7. Als er vocht zichtbaar is, ga dan verder met stap 5. Als er reductorolie zichtbaar is, moet de motor door een bevoegd reparateur worden gerepareerd. 5. Als er vocht in de stator zit: Bij motorreductoren: demonteer de motor van de reductor. Bij motoren zonder reductor: demonteer de A-flens Demonteer de rotor [1]. 6. Wikkeling reinigen, drogen en elektrisch controleren, zie hoofdstuk "Motor drogen ( 2 30)". 7. Groefkogellagers [11], [44] door toegestane kogellagers vervangen. Zie hoofdstuk "Toegestane typen wentellagers ( 2 195)". 8. Dicht de as opnieuw af: Aan A-zijde: vervang lipseal-afdichting [106] Aan B-zijde: vervang lipseal-afdichting [95] Afdichtingslip met vet (zie hoofdstuk "Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen ( 2 196)") insmeren. 9. Dicht de statorzitting opnieuw af: Afdichtingsvlak met een afdichtmiddel van duroplastic (gebruikstemperatuur -40 C tot +180 C) bijv. "SEW L Spezial", afdichten. Bij bouwgrootte EDR : afdichting [392] vervangen. 10.Monteer motor en opties. 138 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

139 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Schematische opbouw remmotor EDR [157] [66] [68] [49] [718] [71] [70] [1] [35] [51] [62] [22] [53] [95] [67] [65] [54] [61] [60] [58] [57] [56] [36] [1] Motor met remlagerschild [56] Tapeind [66] Afdichtband [22] Zeskantbout [57] Conische veer [67] Drukveer [35] Ventilatorkap [58] Stelmoer [68] Remschijf [36] Ventilator [59] Cilinderstift [70] Meenemer [49] Ankerschijf [60] Tapeind 3x [71] Spie [50] Remveer [61] Zeskantmoer [95] Afdichtingsring [51] Hendel [62] Borgring [157] Bandklemmen 2x [53] Lichterbeugel [65] Drukring [718] Dempingschijf [54] Spoelhuis compl. [50] [59] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 139

140 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Schematische opbouw remmotor EDR [35] [62] [70] [900] [550] [95] [53] [51] [36] [22] [901] [71] [1] [58] [57] [56] [59] [62] [1] Motor met remlagerschild [53] Lichterbeugel [70] Meenemer [22] Zeskantbout [56] Tapeind [71] Spie [32] Borgring [57] Conische veer [95] Afdichtingsring [35] Ventilatorkap [58] Stelmoer [550] Rem voorgemonteerd [36] Ventilator [59] Cilinderstift [900] Schroef [51] Hendel [62] Borgring [901] Afdichting 140 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

141 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Schematische opbouw remmotor EDR [55] [35] [36] [51] [900] [62] [70] [31] [901] [71] [550] [95] [47] [53] [32] [22] [1] [58] [57] [56] [698] [1] Motor met remlagerschild [51] Hendel [70] Meenemer [22] Zeskantbout [53] Lichterbeugel [71] Spie [31] Spie [55] Afsluitend onderdeel [95] Afdichtingsring [32] Borgring [56] Tapeind [550] Rem voorgemonteerd [35] Ventilatorkap [57] Conische veer [698] Steker compleet (alleen BE20 BE32) [36] Ventilator [58] Stelmoer [900] Schroef [47] O-ring [62] Borgring [901] O-ring Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 141

142 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Stappen inspectie remmotor EDR WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! 1. Demonteer, indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de encoder. Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). 2. Demonteer de ventilatorkap [35] en de ventilator [36]. 3. Stator demonteren: Bouwgrootte EDR : demonteer de cilinderschroeven [13] van het flenslagerschild [7] en het remlagerschild [42]; demonteer de stator [16] van het flenslagerschild [7]. Bouwgrootte EDR : draai de cilinderschroeven [19] los en demonteer het remlagerschild [42]. Zeskantbout [15] losdraaien en stator van het flenslagerschild demonteren. Zeskantbout [15] losdraaien en flenslagerschild [7] van de stator demonteren. Bij motorreductoren: slingerschijf [107] eraf trekken. Cilinderschroeven [19] losdraaien en complete rotor [1] met het B-lagerschild [42] demonteren. Cilinderschroeven [25] losdraaien en complete rotor [1] van het B-lagerschild [42] halen. 4. Remkabel losmaken: BE05 BE11: demonteer de klemmenkastdeksel en maak de remkabel van de gelijkrichter los. BE20 BE122: borgbouten van de remstekerverbinding [698] losmaken en stekerverbinding eraf trekken. 5. Rem van de stator afduwen en voorzichtig verwijderen. 6. Stator ca. 3 tot 4 cm eraf trekken. 7. Visuele controle: zit er vocht of reductorolie in de statorruimte? Als geen van beide zichtbaar is, ga dan verder met stap 10. Als er vocht zichtbaar is, ga dan verder met stap 8. Als er reductorolie zichtbaar is, moet de motor door een bevoegd reparateur worden gerepareerd. 8. Als er vocht in de stator zit: Bij motorreductoren: demonteer de motor van de reductor. Bij motoren zonder reductor: demonteer de A-flens Demonteer de rotor [1]. 9. Wikkeling reinigen, drogen en elektrisch controleren, zie hoofdstuk "Motor drogen" ( 2 30). 142 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

143 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Groefkogellagers [11], [44] door toegestane kogellagers vervangen. Zie hoofdstuk "Toegestane typen wentellagers" ( 2 195). 11.Dicht de as opnieuw af: Aan A-zijde: vervang lipseal-afdichting [106] Aan B-zijde: vervang lipseal-afdichting [95] Afdichtingslip met vet (zie hoofdstuk "Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen" ( 2 196)) insmeren. 12.Dicht de statorzitting opnieuw af: Afdichtingsvlak met een afdichtmiddel van duroplastic (gebruikstemperatuur - 40 C tot +180 C) bijv. "SEW L Spezial", afdichten. Bij bouwgrootte EDR : afdichting [392] vervangen. 13.Motorbouwgrootte EDR : O-ring [901] tussen remlagerschild [42] en voorgemonteerde rem [550] vervangen. Rem [550] voorgemonteerd monteren. 14.Motor, rem, opties monteren. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 143

144 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Basisopbouw remmen BE05 BE2 (EDR ) [157] [66] [61] [60] [54] [68] [50]/[276] [718] [49] [65] [67] [42] [42] Remlagerschild [61] Zeskantmoer [68] Remschijf [49] Ankerschijf [65] Drukring [157] Bandklemmen 2x [50] Remveer (normaal) [66] Afdichtband [276] Remveer (blauw) [54] Spoelhuis compleet [67] Drukveer [718] Dempingsplaat [60] Tapeind 3x 144 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

145 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Basisopbouw rem BE1 - BE11 (EDR ) [157] [66] [54] [50]/[276] [60] [61] [69] [68] [718] [49] [67] [65] [63] [702] [49] Ankerschijf [63] Poolplaat [69] Ringveer [50] Remveer (normaal) [65] Drukring [157] Bandklemmen 2x [54] Spoelhuis compleet [66] Afdichtband [276] Remveer (blauw) [60] Tapeind 3x [67] Drukveer [702] Wrijvingsring [61] Zeskantmoer [68] Remschijf [718] Dempingsplaat Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 145

146 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Schematische opbouw rem BE20 (DR ) [157] [66] [61] [28] [60] [54] [718] [50]/[276] [69] [68] [67] [65] [49] [702] [28] Afsluitkap [61] Zeskantmoer [69] Ringveer [49] Ankerschijf compleet [65] Drukring [157] Bandklemmen 2x [50] Remveer (normaal) [66] Afdichtband [276] Remveer (blauw) [54] Spoelhuis compleet [67] Drukveer [702] Wrijvingsring [60] Tapeind 3x [68] Remschijf [718] Dempingsplaat Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

147 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Basisopbouw rem BE30 - BE122 (EDR ) [49] [68b] [69b] [50]/[276] [60] [54] [157] [28] [61] [66] [68] [52] [67] [69] [702] [28] Afsluitkap [60] Tapeind 3x [69] Ringveer [49] Ankerschijf compleet [61] Zeskantmoer [157] Bandklemmen 2x [50] Remveer (normaal) [66] Afdichtband [276] Remveer (blauw) [52] Remlamel [67] Stelhuls [702] Wrijvingsring [54] Spoelhuis compleet [68] Remschijf Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 147

148 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Lichtspleet van de remmen BE05 BE122 instellen WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! 1. Demonteer: indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de incrementele encoder Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). flens- of ventilatorkap [35] 2. Verschuif de afdichtband [66]: Bandklemmen [157] losdraaien Zuig slijpsel af 3. Meet de remschijf [68]: Minimumdikte van de remschijf, zie hoofdstuk "Technische gegevens" ( 2 162). Eventueel de remschijf vervangen, zie hoofdstuk "Remschijf van de remmen BE05 - BE122 vervangen ( 2 151)". 4. BE30 BE122: draai de stelhulzen [67] los door in de richting van het remlagerschild te draaien. 5. Meet lichtspleet A (zie onderstaande afbeelding) (met voelermaat, op drie plaatsen die zich 120 van elkaar bevinden): bij BE05 11: tussen ankerschijf [49] en dempingsplaat [718] 148 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

149 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR bij BE20 122: tussen ankerschijf [49] en spoelhuis [54] A BE05 BE20: trek de zeskantmoeren [61] verder aan tot de lichtspleet goed ingesteld is, zie hoofdstuk "Technische gegevens" BE30 BE122: trek de zeskantmoeren [61] verder aan tot de lichtspleet eerst 0,25 mm bedraagt. 7. Stel bij BE32, BE62, BE122 in de verticale uitvoering de 3 veren van de remlamel in op de volgende maat: Bouwvorm X in mm BE32 BE62 BE122 Rem boven Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 149

150 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Bouwvorm X in mm BE32 BE62 BE122 Rem onder [49] [52b] [68b] [900] X [68] X [49] Ankerschijf [52b] Remlamel (alleen BE32, BE62, BE122) [68] Remschijf [68b] Remschijf (alleen BE32, BE62, BE122) [900] Zeskantmoer BE30 BE122: schroef de stelhulzen [67] vast tegen het spoelhuis tot de lichtspleet goed ingesteld is, zie hoofdstuk "Technische gegevens" ( 2 162). 9. Zeskantmoeren [61] met afdichtmiddel van duroplastic bijv. "SEW L Spezial" afdichten. 10.Breng afdichtband [66], bandklemmen [157] en de gedemonteerde onderdelen weer aan. 150 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

151 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Remschijf van de rem BE05 BE122 vervangen Controleer bij het vervangen van de remschijf naast de in de kolom "Rem BE" genoemde remelementen, zie hoofdstuk "Inspectie- en onderhoudsintervallen ( 2 116)" ook de zeskantmoeren [61] op slijtage. De zeskantmoeren [61] moeten bij het vervangen van de remschijf altijd worden vervangen. WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! AANWIJZING Bij motorgrootte EDR kan de rem niet van de motor worden gedemonteerd, omdat de rem BE direct op het remlagerschild van de motor is aangebouwd. Bij motorgrootte EDR kan de rem bij de vervanging van de remschijf niet van de motor worden gedemonteerd, omdat rem BE direct via een wrijvingsring aan het remlagerschild van de motor voorgemonteerd is. 1. Demonteer: indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de incrementele encoder Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). flens- of ventilatorkap [35], borgring [32/62] en ventilator [36]. 2. Maak de remkabel los BE05 BE11: demonteer de klemmenkastdeksel en maak de remkabel van de gelijkrichter los. BE11 BE122: draai de borgbouten van de remstekerverbinding [698] los en trek de connector eraf. 3. Afdichtband [66] en bandklemmen [157] verwijderen. 4. Draai zeskantmoeren [61] los, verwijder spoelhuis [54] voorzichtig (remkabel!), verwijder remveren [50]. 5. BE05 BE11: demonteer de dempingsplaat [718], de ankerschijf [49] en de remschijf [68]. BE20 BE30, BE60, BE120: demonteer de ankerschijf [49] en de remschijf [68]. BE32, BE62, BE122: demonteer de ankerschijf [49] en de remschijven [68] en [68b]. 6. Remonderdelen reinigen, op beschadigingen controleren en indien nodig vervangen. 7. Monteer de nieuwe remschijf/remschijven. 8. Remonderdelen weer monteren: Met uitzondering van de ventilator en de ventilatorkap, omdat eerst de lichtspleet moet worden ingesteld, zie hoofdstuk "Lichtspleet van de remmen BE instellen ( 2 148)". Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 151

152 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Dicht de as opnieuw af: Afdichtingsring [95] vervangen. Afdichtingslip met vet (zie hoofdstuk "Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen" ( 2 196)) insmeren. 10.Bij handremlichter: stel met de stelmoeren de lengtespeling "s" tussen de conische veren (platgedrukt) en de stelmoeren in (zie volgende afbeelding). WAARSCHUWING Ontbrekende remwerking door verkeerd ingestelde lengtespeling "s". Dood of zwaar letsel. Lengtespeling "s" overeenkomstig de volgende afbeelding en tabel juist instellen, zodat bij slijtage van de remvoering de ankerschijf kan opschuiven. 11. s Rem Lengtespeling s in mm BE05, BE1, BE2, 1.5 BE5 1.7 BE11, BE20, BE30, BE32, BE60, BE62, BE120, BE Zeskantmoeren [61] met afdichtmiddel van duroplastic bijv. "SEW L Spezial" ( 2 196) afdichten. 13.Hermonteer afdichtband [66], bandklemmen [157] en de gedemonteerde onderdelen. AANWIJZING De vaste handremlichter (type HF) is al gelicht als bij het aandraaien van de draadstift weerstand voelbaar is. De terugspringende handremlichter (type HR) kan normaal gesproken eenvoudig met de hand worden gelicht. Bij remmotoren met terugspringende handlichter moet de hendel na inbedrijfstelling/onderhoud altijd worden verwijderd! Deze kan in de hiervoor bestemde houder aan de buitenzijde van de motor worden bewaard. 2 AANWIJZING Let op: Na vervanging van de remschijf wordt het maximale remkoppel pas na enkele schakelingen bereikt. 152 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

153 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Remkoppel van de rem BE wijzigen Het remkoppel kan stapsgewijs worden gewijzigd: door het soort en aantal remveren door het vervangen van het spoelhuis in zijn geheel (alleen mogelijk bij BE05 en BE1) door het vervangen van de rem (vanaf motorgrootte DR..90, DRN90) door de rem om te bouwen in een tweeschijfsrem (alleen mogelijk bij BE30) Raadpleeg het hoofdstuk "Technische gegevens" ( 2 162) voor de mogelijke remkoppelfaseringen. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 153

154 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Remveren vervangen bij rem BE05 BE122 WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! 1. Demonteer: indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de incrementele encoder Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). flens- of ventilatorkap [35], borgring [32/62] en ventilator [36]. 2. Maak de remkabel los BE05 BE11: demonteer de klemmenkastdeksel en maak de remkabel van de gelijkrichter los. BE20 BE122: draai de borgbouten van de remstekerverbinding [698] los en trek de connector eraf. 3. Afdichtband [66] en bandklemmen [157] verwijderen, zo nodig de handremlichter demonteren: stelmoeren [58], conische veren [57], tapeinden [56], lichterbeugel [53], eventueel cilinderstift [59] 4. Zeskantmoeren [61] losmaken en spoelhuis [54] eraf trekken Met ca. 50 mm (voorzichtig, remkabel!) 5. Remveren [50/276] vervangen of aanvullen Remveren symmetrisch aanbrenge, zie hoofdstuk "Remarbeid, lichtspleet, remkoppels" ( 2 172) 6. Remonderdelen weer monteren Met uitzondering van de ventilator en de ventilatorkap, omdat eerst de lichtspleet moet worden ingesteld, zie hoofdstuk "Lichtspleet van de remmen BE05 BE122 instellen ( 2 148)". 7. Bij handremlichter: stel met de stelmoeren de lengtespeling "s" tussen de conische veren (platgedrukt) en de stelmoeren in (zie volgende afbeelding). WAARSCHUWING Ontbrekende remwerking door verkeerd ingestelde lengtespeling "s". Dood of zwaar letsel. Lengtespeling "s" overeenkomstig de volgende afbeelding en tabel juist instellen, zodat bij slijtage van de remvoering de ankerschijf kan opschuiven. 154 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

155 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR s Rem Lengtespeling s in mm BE05, BE1, BE2, 1.5 BE5 1.7 BE11, BE20, BE30, BE32, BE60, BE62, BE120, BE Zeskantmoeren [61] met afdichtmiddel van duroplastic bijv. "SEW L Spezial" ( 2 196) afdichten. 10.Hermonteer afdichtband [66], bandklemmen [157] en de gedemonteerde onderdelen. AANWIJZING Vervang bij herhaalde demontage de stelmoeren [58] en de zeskantmoeren [61]! 2 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 155

156 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Spoelhuis vervangen bij rem BE05 BE122 WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! 1. Demonteer: indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de incrementele encoder Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). flens- of ventilatorkap [35], borgring [32/62] en ventilator [36]. 2. Maak de remkabel los BE05 BE11: demonteer de klemmenkastdeksel en maak de remkabel van de gelijkrichter los. BE20 BE122: draai de borgbouten van de remstekerverbinding [698] los en trek de connector eraf. 3. Afdichtband [66] en bandklemmen [157] verwijderen, zo nodig de handremlichter demonteren: stelmoeren [58], conische veren [57], tapeinden [56], loshendel [53], eventueel cilinderstift [59] 4. Maak de zeskantmoeren [61] los, verwijder het complete spoelhuis [54] en demonteer de remveren [50/276]. 5. Monteer het nieuwe spoelhuis met de remveren. Raadpleeg het hoofdstuk "Technische gegevens" ( 2 162) voor de mogelijke remkoppelfaseringen. 6. Remonderdelen reinigen, op beschadigingen controleren en indien nodig vervangen. 7. Remonderdelen weer monteren Met uitzondering van de ventilator en de ventilatorkap, omdat eerst de lichtspleet moet worden ingesteld, zie hoofdstuk "Lichtspleet van de remmen BE instellen ( 2 148)". 8. Dicht de as opnieuw af: Afdichtingsring [95] vervangen. Afdichtingslip met vet (zie hoofdstuk "Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen" ( 2 196)) insmeren. 9. Bij handremlichter: stel met de stelmoeren de lengtespeling "s" tussen de conische veren (platgedrukt) en de stelmoeren in (zie volgende afbeelding). WAARSCHUWING Ontbrekende remwerking door verkeerd ingestelde lengtespeling "s". Dood of zwaar letsel. Lengtespeling "s" overeenkomstig de volgende afbeelding en tabel juist instellen, zodat bij slijtage van de remvoering de ankerschijf kan opschuiven. 156 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

157 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR s Rem Lengtespeling s in mm BE05, BE1, BE2, 1.5 BE5 1.7 BE11, BE20, BE30, BE32, BE60, BE62, BE120, BE Zeskantmoeren [61] met afdichtmiddel van duroplastic bijv. "SEW L Spezial" ( 2 196) afdichten. 12.Hermonteer afdichtband [66], bandklemmen [157] en de gedemonteerde onderdelen. 13.Vervang de remaansturing bij het uitvallen van de rem door het einde van de winding of het spoelhuis. AANWIJZING Vervang bij herhaalde demontage de stelmoeren [58] en de zeskantmoeren [61]! 2 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 157

158 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Remmen vervangen bij EDR WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! 1. Demonteer: indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de incrementele encoder Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). flens- of ventilatorkap [35], borgring [32/62] en ventilator [36]. 2. Maak het deksel van de klemmenkast en de remkabel van de gelijkrichter los, bevestig eventueel de sleepdraad aan de remkabel. 3. Draai de trekstangen [13] los en haal het remlagerschild met de rem van de stator. 4. Banklemmen [157] losdraaien en bewaren. 5. Remkabel van de nieuwe rem in de klemmenkast voeren. 6. Nieuwe rem plaatsen, daarbij op de uitrichting van de nok van het remlagerschild letten. 7. Ren net trekstangen [13] van de motor monteren. 8. De bewaarde bandklemmen [157] op de nieuwe rem monteren. 9. Dicht de as opnieuw af: Afdichtingsring [95] vervangen. Afdichtingslip met vet (zie hoofdstuk "Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen" ( 2 196)) insmeren. 10.Bij handremlichter: stel met de stelmoeren de lengtespeling "s" tussen de conische veren (platgedrukt) en de stelmoeren in (zie volgende afbeelding). WAARSCHUWING Ontbrekende remwerking door verkeerd ingestelde lengtespeling "s". Dood of zwaar letsel. Lengtespeling "s" overeenkomstig de volgende afbeelding en tabel juist instellen, zodat bij slijtage van de remvoering de ankerschijf kan opschuiven. 11. s Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

159 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Rem Lengtespeling s in mm BE05, BE1, BE Zeskantmoeren [61] met afdichtmiddel van duroplastic bijv. "SEW L Spezial" ( 2 196) afdichten. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 159

160 8 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR Remmen vervangen bij EDR WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar letsel. Maak vóór aanvang van de werkzaamheden de motor, de rem en, indien aanwezig, de ventilator spanningsloos en borg deze tegen onbedoelde inschakeling! Houd u nauwkeurig aan de volgende procedure! 1. Demonteer: indien aanwezig, de onafhankelijk aangedreven ventilator en de incrementele encoder Zie hoofdstuk "Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem" ( 2 119). flens- of ventilatorkap [35], borgring [32/62] en ventilator [36]. 2. Maak de remkabel los BE05 BE11: demonteer de klemmenkastdeksel en maak de remkabel van de gelijkrichter los. BE20 BE122: draai de borgbouten van de remstekerverbinding [698] los en trek de connector eraf. 3. Draai de schroeven [900] los en haal de rem van het remlagerschild. 4. Banklemmen [157] losdraaien en bewaren. 5. EDR : let op de uitlijning van de afdichting [901]. 6. Remkabel van de nieuwe rem verbinden. 7. Nieuwe rem plaatsen, daarbij op de uitrichting van de nok van de wrijvingsring letten. 8. Rem met schroeven [900] monteren. 9. De bewaarde bandklemmen [157] op de nieuwe rem monteren. 10.Dicht de as opnieuw af: Afdichtingsring [95] vervangen. Afdichtingslip met vet (zie hoofdstuk "Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen" ( 2 196)) insmeren. 11.Bij handremlichter: stel met de stelmoeren de lengtespeling "s" tussen de conische veren (platgedrukt) en de stelmoeren in (zie volgende afbeelding). WAARSCHUWING Ontbrekende remwerking door verkeerd ingestelde lengtespeling "s". Dood of zwaar letsel. Lengtespeling "s" overeenkomstig de volgende afbeelding en tabel juist instellen, zodat bij slijtage van de remvoering de ankerschijf kan opschuiven. 160 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

161 Inspectie/onderhoud Inspectie-/onderhoudswerkzaamheden remmotor EDR s Rem Lengtespeling s in mm BE05, BE1, BE2, 1.5 BE5 1.7 BE11, BE20, BE30, BE32, BE60, BE62, BE120, BE Zeskantmoeren [61] met afdichtmiddel van duroplastic bijv. "SEW L Spezial" ( 2 196) afdichten. 2 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 161

162 9 Technische gegevens Radiale krachten 9 Technische gegevens 9.1 Radiale krachten Toegestane radiale kracht De toegestane radiale kracht F Rx voor de EDR-draaistroom(rem)motor ziet u in de volgende diagrammen. Om de toegestane radiale kracht uit het diagram te kunnen aflezen, moet u weten hoe groot afstand x is, die de krachtaangrijping van de radiale kracht F R tot de asborst heeft. In de volgende afbeelding ziet u het krachtaangrijppunt van de radiale kracht. l x F A F Rx x = afstand van het krachtaangrijppunt tot de asborst l = lengte van het aseinde F Rx = radiale kracht op het krachtaangrijppunt F A = axiale kracht Het volgende diagram laat aan de hand van een voorbeeld zien hoe u de radiale kracht uit het diagram kunt aflezen: F Rx [N] [2] [1] Ø14x30 Ø19x [1] [2] x [mm] [1] Motor met asdiameter 14 mm, krachtaangrijping x bij 22 mm, toegestane radiale kracht F Rx = 600 N [2] Motor met asdiameter 19 mm, krachtaangrijping x bij 30 mm, toegestane radiale kracht F Rx = 700 N 162 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

163 Technische gegevens Radiale krachten 9 Toegestane axiale kracht voor EDR-motoren De toegestane axiale kracht F A kunt u dan aan de hand van de eerdere berekende radiale kracht F Rx bepalen: F A = 0,2 F Rx Diagram radiale kracht van de 4-polige EDR-motoren Diagram radiale kracht EDR EDR..71 Ø14x30 Ø19x40 F Rx [N] x [mm] Diagram radiale kracht EDR..71 bij het 2e aseinde 400 EDR..71 /2W 350 Ø11x23 Ø11x23 BE/RS FRx[N] x [mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 163

164 9 Technische gegevens Radiale krachten Diagram radiale kracht EDR EDR..80 F Rx [N] Ø19x40 Ø24x x [mm] Diagram radiale kracht EDR..80 bij het 2e aseinde 600 EDR..80 /2W 500 Ø14x30 Ø14x30 BE/RS 400 FRx[N] x [mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

165 Technische gegevens Radiale krachten 9 Diagram radiale kracht EDR..90 en EDR EDR Ø24x50 Ø28x60 F Rx [N] x [mm] Diagram radiale kracht EDR..90 en EDR..100 bij het 2e aseinde 700 EDR /2W Ø14x30 Ø14x30 BE/RS FRx[N] x [mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 165

166 9 Technische gegevens Radiale krachten Diagram radiale kracht EDR..112 en EDR EDR F Rx [N] Ø28x60 Ø38x x [mm] Diagram radiale kracht EDR..112 en EDR..132 bij het 2e aseinde 900 EDR /2W FRx [N] Ø19x40 Ø19x40 BE/RS x [mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

167 Technische gegevens Radiale krachten 9 Diagram radiale kracht EDR EDR..160 F Rx [N] Ø38x80 Ø42x x [mm] Diagram radiale kracht EDR..160 bij het 2e aseinde EDR..160 /2W Ø28x60 Ø28x60 BE/RS 2000 FRx[N] x[mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 167

168 9 Technische gegevens Radiale krachten Diagram radiale kracht EDR..180 F [N] Rx EDR x [mm] Ø42x110 Ø48x110 Ø55x Diagram radiale kracht EDR..180 bij het 2e aseinde 4500 EDR..180 /2W Ø38x80 Ø38x80 BE/RS 3000 FRx[N] x[mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

169 Technische gegevens Radiale krachten 9 Diagram radiale kracht EDR..200 en EDR EDR Ø48x110 Ø55x110 Ø60x140 / Ø65x140 F [N] Rx x [mm] Diagram radiale kracht EDR..200 en EDR..225 bij het 2e aseinde 6000 EDR /2W 5000 Ø48x110 Ø48x110/BE/RS 4000 FRx[N] x[mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 169

170 9 Technische gegevens Radiale krachten Diagram radiale kracht EDR..250/ FRx [N] EDR..250/280 Ø60x140 Ø60x140 ERF Ø65x140 Ø65x140 /ERF Ø75x140 Ø75x140 /ERF Begrenzing voet AH x [mm] Diagram radiale kracht EDR..250/280 bij het 2e aseinde 7000 EDR..250/280 /2W Ø55x110 Ø55x110 BE/RS FRx [N] x [mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

171 Technische gegevens Radiale krachten 9 Diagram radiale kracht EDR EDR Ø80x170../ERF/NS Ø80x170 F [N] Rx AANWIJZING x [mm] De omrekening van de radiale kracht naar de axiale kracht mag niet bij versterkte lageringen (../ERF) worden gehanteerd. Diagram radiale kracht EDR..315 bij het 2e aseinde EDR..315 /2W Ø70x140../2W Ø70x140..BE../2W FRx[N] x[mm] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 171

172 9 Technische gegevens Schakelarbeid, lichtspleet, remkoppels 9.2 Schakelarbeid, lichtspleet, remkoppels Rem Type Luchtspleet Remarbeid tot de onderhoudsbeurt Remschijf Artikelnummer dempingsplaat/ poolplaat mm mm Remkoppel 10 6 J min. 1) max. min. Nm normaal Instellingen remkoppels Soort en aantal remveren Bestelnummer van de remveren blauw wit normaal blauw wit BE X BE X BE BE BE BE BE BE BE BE BE BE ) Let bij het controleren van de lichtspleet op het volgende: na het proefdraaien kunnen er op grond van parallelliteitstoleranties van de remschijf afwijkingen van ± 0,15 mm optreden. 172 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

173 Technische gegevens Schakelarbeid, lichtspleet, remkoppels 9 In de volgende tabel staat de indeling van de remveren: BE05 11: 6 veren veren veren veren 4 veren 3 veren BE20: 6 veren veren veren 4 veren 3 veren BE30 122: 8 veren veren veren 6 veren 4 veren Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 173

174 9 Technische gegevens Toewijzing van de remkoppels 9.3 Toewijzing van de remkoppels Motorbouwgrootte EDR Motortype Remtype Remkoppelfasering in Nm EDR..71 BE BE EDR..80 BE BE BE EDR..90 BE BE BE EDR..100 BE BE BE Motorbouwgrootte EDR Motortype Remtype EDR..112 BE BE EDR..132 BE BE EDR..160 BE Remkoppelfasering in Nm BE EDR..180 BE EDR.. 200/225 BE BE BE BE BE BE Motorbouwgrootte EDR..250/280, EDR..315 Motortype Remtype Remkoppelfasering in Nm EDR..250/280 BE BE BE BE EDR..315 BE BE Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

175 Technische gegevens Bedrijfsstroomwaarden Bedrijfsstroomwaarden Legenda De volgende tabellen laten de bedrijfsstromen van de remmen bij verschillende spanningen zien. De acceleratiestroom I B (= inschakelstroom) stroomt gedurende korte tijd (ca. 160 ms bij BE05 32) bij het lichten van de rem. Bij het toepassen van de remaansturing BG, BS24 of BMS en bij directe gelijkspanningsvoeding zonde remaansturing (alleen mogelijk bij motorgrootte BE05 - BE2) treedt er geen verhoogde inschakelstroom op. De waarden voor de houdstroom I H zijn effectieve waarden. Gebruik voor de stroommeting alleen apparaten die voor de meting van effectieve waarden geschikt zijn. De volgende waarden worden aangegeven: U nom I H I G I B I B /I H I B /I G Nominale spanning (nominaal spanningsbereik) van de rem in V (AC of DC) Houdstroom in A. Effectieve waarde van de remstroom in de voedingskabel naar de SEW-remaansturing met sneluitgang Gelijkstroom in A in de remkabel bij directe gelijkspanningstoevoer of gelijkstroom in A in de remkabel bij DC-24-V-voeding via BS24, BSG of BMV. Versnellingsstroom in A (AC of DC) bij bedrijf met SEW-remaansturing voor snelle bekrachtiging Inschakelstroomverhouding ESV Inschakelstroomverhouding ESV bij DC-24-V-voeding met BSG of BMV Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 175

176 9 Technische gegevens Bedrijfsstroomwaarden Rem BE05, BE1, BE2 BE05/BE1 BE2 Max. remkoppel in Nm 3.5/7 14 Remvermogen in W Inschakelstroomverhouding ESV 4 4 Nominale spanning U nom BE05, BE1 BE2 AC V DC V I H AC A I G I H I G DC A AC A DC A 24 1) (57-63) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ) Bedrijf met remaansturing BSG, BS24, BMV 176 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

177 Technische gegevens Bedrijfsstroomwaarden Rem BE5, BE11, BE20, BE30, BE32, BE60, BE62 Max. remkoppel in Nm BE5 BE11 BE20 BE30, BE32 BE60, BE / /1000 Remvermogen in W Inschakelstroomverhouding ESV Nominale spanning BE5 BE11 BE20 BE30, U nom BE32 BE60, BE62 AC V DC V I H AC A I G DC A I H AC A I G DC A 24 1) (57-63) ( ) 147 ( ) 184 ( ) 208 ( ) 230 ( ) 254 ( ) 290 ( ) 330 ( ) 360 ( ) 400 ( ) 460 ( ) 500 ( ) I H AC A I G DC A I H AC A I G DC A I H AC A I G DC A ) Bedrijf met remaansturing BSG, BMV Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 177

178 9 Technische gegevens Bedrijfsstroomwaarden Rem BE120, BE122 De in de tabel aangegeven stroomwaarden I H (houdstroom) zijn effectieve waarden. Gebruik alleen instrumenten waarmee effectieve waarden kunnen worden gemeten. De inschakelstroom (versnellingsstroom) I B stroomt maar heel kort (max. 400 ms) tijdens het lichten van de rem. Directe voeding is niet mogelijk. BE120, BE122 Max. remkoppel in Nm 800/1600 Remvermogen in W 200 Inschakelstroomverhouding 4.8 I B /I H Nominale spanning U nom AC V BE120 I H AC A 230 ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

179 Technische gegevens Weerstanden Weerstanden Weerstandsmeting BE05 BE122 AANWIJZING Voor de weerstandsmeting moeten de gekleurde aders van de remspoelvan hun klempunten worden losgemaakt, aangezien er anders verkeerde meetresultaten kunnen optreden. Bij aandrijvingen van de uitvoering 3GD moet de remaansturing altijd in de schakelkast worden geïntegreerd. Remaansturing in de schakelkast De volgende afbeelding toont de weerstandsmeting aan de uiteinden van de remspoel op de hulpklemmenstrook in de klemmenkast, als de remaansturing in de schakelkast geïntegreerd is: RD BU WH R B WH RD BU R T R B Weerstands lostrekspoel bij 20 C [Ω] RD rood R T Weerstand deelspoel bij 20 C [Ω] WH wit BU blauw Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 179

180 9 Technische gegevens Weerstanden Remaansturing in de klemmenkast De volgende afbeelding toont de weerstansmeting als de remaansturing in de klemmenkast geïntegreerd is (wisselstroomzijdige uitschakeling): RD WH R B BU BU R T RD WH De volgende afbeelding toont de weerstansmeting als de remaansturing in de klemmenkast geïntegreerd is (gelijk- en wisselstroomzijdige uitschakeling): RD WH R B BU BU R T RD WH R B Weerstands lostrekspoel bij 20 C [Ω] RD rood R T Weerstand deelspoel bij 20 C [Ω] WH wit BU blauw 180 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

181 Technische gegevens Weerstanden Legenda De volgende waarden worden aangegeven: R B R T P B I B /I H U nom Weerstands lostrekspoel bij 20 C [Ω] Weerstand deelspoel bij 20 C [Ω] Elektrische vermogensopname van de remspoel in W Inschakelstroomverhouding ESV Nominale spanning (nominaal spanningsbereik) van de rem in V (AC of DC) Rem BE05, BE1, BE2, BE5 BE05, BE1 BE2 BE5 Max. remkoppel Nm 3.5/ Remvermogen W Inschakelstroomverhouding ESV Nominale spanning U nom BE05, BE1 BE2 BE5 AC V DC V R B R T R B R T R B R T 24 1) (57-63) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ) Bedrijf met remaansturing BSG, BS24, BMV Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 181

182 9 Technische gegevens Weerstanden Rem BE11, BE20, BE30, BE32, BE60, BE62 BE11 BE20 BE30, BE32 BE60, BE62 Max. remkoppel Nm / /1000 Remvermogen W Inschakelstroomverhouding ESV Nominale spanning U nom BE11 BE20 BE30, BE32 BE60, BE62 AC V R B R T R B R T R B R T R B R T 60 (57-63) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

183 Technische gegevens Weerstanden Rem BE120, BE122 BE120, BE122 Max. remkoppel Nm 800/1600 Remvermogen W 200 Inschakelstroomverhouding ESV Nominale spanning U nom 4.8 BE120, BE122 AC V R B R T 60 (57-63) 120 ( ) 147 ( ) 184 ( ) 208 ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) ( ) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 183

184 9 Technische gegevens Remaansturing 9.6 Remaansturing Montage in de schakelkast In de volgende tabellen ziet u de technische gegevens van de remaansturingen voor de montage in de schakelkast en de toewijzingen naar motorgrootte en aansluittechniek. De verschillende behuizingen hebben verschillende kleuren (= kleurcode) om ze gemakkelijker te kunnen onderscheiden. AANWIJZING Remaansturingen zijn bij motoren EDR.. in de uitvoering 3GD in de aansluitruimte niet toegestaan. Bij motoren EDR.. in de uitvoering 3D zijn remaansturingen in de aansluitruimte van de motor en in de schakelkast toegestaan. Motorbouwgrootte EDR In de volgende tabel ziet u de selecteerbare standaardcombinaties van rem en remgelijkrichter voor de inbouw in de schakelkast: BE05 BE1 BE2 BE5 BE11 BE20 BE30, BE32 BE60, BE62 BE120, BE122 BMS X X X BME X X X X X BMH BMP X BMK BMV X X X X X X Selecteerbaar X Serie bij uitvoering 3GD Niet toegestaan BMS BME BMH Enkelzijdige gelijkrichter zonder elektronische omschakeling Eenfasegelijkrichter met elektronische omschakeling Halvebruggelijkrichter met elektronische omschakeling en verwarmingsfunctie I Hmax in A Type Functie Spanning Houdstroom Bouwgrootte Artikelnummer Kleurcode AC V 1.5 BMS zwart AC V 3.0 BMS bruin AC V 1.5 BME rood AC V 3.0 BME X blauw AC V 1.5 BMH X groen AC V 3.0 BMH geel 184 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

185 Technische gegevens Remaansturing 9 BMP BMK BMV Halvebruggelijkrichter met elektronische omschakeling, geïntegreerd spanningsrelais voor de gelijkstroomzijdige uitschakeling Enkelzijdige gelijkrichter met elektronische omschakeling, DC 24V-stuuringang en gelijkstroomzijdige schakeling Remaansturing met elektronische omschakeling, DC 24V-stuuringang en snelle uitschakeling I Hmax in A Type Functie Spanning Houdstroom Bouwgrootte Artikelnummer Kleurcode AC V 1.5 BMP wit AC V 3.0 BMP lichtblauw AC V 1.5 BMK aquablauw AC V 3.0 BMK lichtrood DC 24 V 5.0 BMV wit Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 185

186 9 Technische gegevens Remaansturing Montage in de aansluitruimte van de motor alleen motoren uit de caategorie 3D De volgende tabellen verstrekken de technische gegevens van de remaansturingen voor de inbouw in de aansluitruimte van de motor en de verdeling naar motorgrootte en aansluittechniek. De verschillende behuizingen hebben verschillende kleuren (= kleurcode) om ze gemakkelijker te kunnen onderscheiden. Motorbouwgrootte EDR In de volgende tabel ziet u de selecteerbare standaardcombinaties van rem en remgelijkrichter voor de inbouw in de aansluitruimte van de motor: BE05 BE1 BE2 BE5 BE11 BE20 BE30, BE32 BE60, BE62 BE120, BE122 BG X X X BGE X X X X X BS X X X BSG X X X Selecteerbaar X Serie bij uitvoering 3D Niet toegestaan Type Functie Spanning Houdstroom BG BGE BS BSG BMP Enkelzijdige gelijkrichter zonder elektronische omschakeling Eenfasegelijkrichter met elektronische omschakeling Klemmenblok met varistor-veiligheidsschakeling Remaansturing met elektronische omschakeling Halvebruggelijkrichter met elektronische omschakeling, geïntegreerd spanningsrelais voor de gelijkstroomzijdige uitschakeling 1) alleen bouwgrootteen 280M, 315 AC V I Hmax in A Type Artikelnummer Kleurcode 1.5 BG zwart AC V 3.0 BG bruin AC V 1.5 BGE rood AC V 3.0 BGE blauw DC 24 V 5.0 BS aquablauw DC 24 V 5.0 BSG wit AC V 2.8 BMP 3.1 1) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

187 Technische gegevens Remaansturing Montage in de aansluitruimte van de motoren EDR met extra schakelrelais BSR, BUR alleen motoren van de uitvoering 3D In de volgende tabellen vindt u de technische gegevens van de remaansturingen BSR en BUR, allemaal bestaand uit de remaansturing BGE en een stroomrelais SR.E of een spanningsrelais UR.E. De relais dienen daarbij voor de realisatie van de gelijk- en wisselstroomzijdige uitschakeling zonder extra schakelcontacten in de schakelkast. Bij de remaansturing BSR wordt de voedingsspanning van de rem direct van het motorklemmenbord genomen, waardoor ze alleen bij aandrijvingen in het bedrijf op netvoeding (constante spanning) mogen worden gebruikt. De aansturing BUR mag ook bij toerentalvariabele aandrijvingen worden ingezet (frequentieregelaarbedrijf). Remaansturing BSR De toewijzing van de SR.E is afhankelijk van de nominale stroom van de motor in sterschakeling: In de volgende tabel staat de toewijzing van het stroomrelais SR bij de nominale motorstroom I N in W-schakeling en de maximale houdstroom van de rem I Hmax. I Hmax = I H 1.3 A Ac EDR Stroomrelais Nominale motorstroom I N in A in W-schakeling Max. houdstroom van de rem I Hmax in A SR10E SR11E SR15E EDR Stroomrelais Nominale motorstroom I N in A in W-schakeling Max. houdstroom van de rem I Hmax in A SR15E SR19E Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 187

188 9 Technische gegevens Remaansturing Type Functie Spanning Houdstroom I Hmax Type Artikelnummer Kleurcode BSR Halvebruggelijkrichter + stroomrelais voor gelijkstroomzijdige uitschakeling AC V A BGE SR10E BGE SR11E BGE SR15E BGE SR19E BGE 3 + SR10E BGE 3 + SR11E BGE 3 + SR15E BGE 3 + SR19E rood rood rood rood blauw blauw blauw blauw 188 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

189 Technische gegevens Remaansturing 9 Remaansturing BUR De remaansturing BUR combineert de remaansturing BGE met een elektrisch spanningsrelais. De remaansturing BGE wordt daarbij separaat van spanning voorzien omdat op het motorklemmenbord geen constante spanning staat (motoren op de frequentieregelaar). Met de wisselstroomzijdige uitschakeling stelt het spanningsrelais UR vrijwel zonder vertraging de gelijkstroomzijdige uitschakeling van de remspoel met bijzonder snelle reminval in werking. De remspanning wordt zonder verdere gegevens van de klant automatisch met de spanning over de motorwikkeling vastgelegd. Naar keuze kunnen ook andere remspanningen worden gedefinieerd, in overeenstemming met de volgende tabel. Rem BUR (BGE + UR..) voor remaansturing in AC V BE05 BE1 BE2 BE5 BE11 BE20 BE30 BE32 UR15 UR11 Niet uitvoerbaar De toewijzing van de UR.E is afhankelijk van de geselecteerde remspanning. Type Functie Spanning Houdstroom I Hmax Type Artikelnummer Kleurcode BUR Eenfasegelijkrichter + spanningsrelais voor gelijkstroomzijdige uitschakeling AC V A BGE UR15E BGE 3 + UR11E rood blauw Voedingsspanning van de rem van het motorklemmenbord De directe ter beschikkingstelling van de voedingsspanning aan de rem van het motorklemmenbord resp. klemmenbord KCC is bij motoren van het type EDR (categorie 3) alleen bij aandrijving met vast toerental toegestaan. Bij hijswerken en hijswerkachtige toepassingen is dit soort voeding alleen met een extra stroomrelais (aansturing BSR) toegestaan om ook in de neergaande beweging van de applicatie snel invallen van de rem te kunnen waarborgen. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 189

190 9 Technische gegevens Remaansturing AANWIJZING Bij motoren die regelbaar op basis van toerental zijn is de afname van de remspanning van het motorklemmenbord over het algemeen niet toegestaan, aangezien daar geen vaste spanning op staat Parallel bedrijf van meerdere remmen met een aansturing AANWIJZING Bij motoren EDR.. is de parallele voeding van twee of meerdere remmen via een enkele remaansturing vanwege de verhoogde vereiste aan de explosiebeveiliging niet toegestaan, d.w.z. voor elke rem moet altijd een separate remaansturing worden gebruikt. 190 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

191 Technische gegevens Toegestane schakelarbeid van de rem BE voor draaistroommotoren Toegestane schakelarbeid van de rem BE voor draaistroommotoren Als u een remmotor gebruikt, moet u controleren of de rem voor de vereiste schakelfrequentie Z is toegestaan. De volgende diagrammen laten voor de verschillende remmen en nominale toerentallen de maximaal toelaatbare schakelarbeid W max zien per schakeling. De opgave is afhankelijk van de vereiste schakelfrequentie Z in schakelingen/uur (1/h) min W max (J) BE122.E BE120.E BE62.E BE60.E BE32.E BE30.E BE20.E BE11.E BE5.E BE2.E BE05/1.E Z (1/h) Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 191

192 9 Technische gegevens Toegestane schakelarbeid van de rem BE voor draaistroommotoren 1800 min W max (J) BE122.E BE120.E BE62.E BE60.E BE32.E BE30.E BE20.E BE11.E BE5.E BE2.E BE05/1.E AANWIJZING Z (1/h) Voor de remmen BE30 - BE122 zijn remprocessen van meer dan 1800 rpm niet toegestaan! 192 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

193 Technische gegevens Toegestane schakelarbeid van de BE-rem in geval van nooduitschakeling Toegestane schakelarbeid van de BE-rem in geval van nooduitschakeling De toegestane schakelarbeid van de remmen van SEW-EURODRIVE is voor de toerentallen 1500 en 1800 rpm door de bekende W max /Z-diagrammen gedefinieerd. Bij geregelde aandrijvingen (hijswerken, hijswerkachtige aandrijvingen, rijwerken) zijn vaak ook de waarden voor tussentoerentallen nodig. Het volgende diagram en de waardetabel gelden voor de schakelfrequentie Z = 1/h en geven de maximaal toegestane schakelarbeid in het geval van nooduitschakeling, afhankelijk van het toerental aan. Diagram: maximaal toegestane schakelarbeid voor hijs- en rijwerken bij nooduit-remacties. Wmax (J) BE122.E BE120.E BE62.E BE60.E BE32.E BE30.E BE20.E BE11.E BE5.E BE2.E BE05/1.E n in 1/min (rpm) Waardetabel: maximaal toegestane schakelarbeid voor hijs- en rijwerken bij nooduitremacties. W max in J BE05/1 BE2 BE5 BE11 BE20 BE30 BE32 BE60 BE62 BE120 BE Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 193

194 9 Technische gegevens Toegestane schakelarbeid van de BE-rem in geval van nooduitschakeling n in 1/min W max in J BE05/1 BE2 BE5 BE11 BE20 BE30 BE32 BE60 BE62 BE120 BE Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

195 Technische gegevens Toegestane typen wentellagers Toegestane typen wentellagers Typen wentellagers voor motorbouwgrootte EDR Motortype A-lager B-lager IEC-motor Motorreductor Draaistroommotor Remmotor EDR Z-J-C Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR Z-J-C Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR..250/ Z-J-C Z-J-C RS-J-C3 EDR..315K 6319-J-C J-C J-C J-C3 EDR..315S EDR..315M 6322-J-C J-C3 EDR..315L Motoren met versterkte lagering /ERF voor motorbouwgrootte EDR Motortype A-lager B-lager IEC-motor Motorreductor EDR..250/280 NU317E-C Z-J-C3 EDR..315K NU319E 6319-J-C J-C3 EDR..315S EDR..315M 6322-J-C3 EDR..315L Stroomgeïsoleerde wentellagers /NIB voor motorbouwgrootte EDR Motortype B-lager Draaistroommotor Remmotor EDR J-C3-EI 6314-J-C3-EI EDR..250/ Z-J-C3-EI 6315-Z-J-C3-EI EDR..315K 6319-J-C3-EI 6319-J-C3 EDR..315S EDR..315M 6322-J-C3 EDR..315L Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 195

196 9 Technische gegevens Smeermiddeltabellen 9.10 Smeermiddeltabellen Smeermiddelentabel voor wentellagers AANWIJZING Als de verkeerde lagervetten worden gebruikt, kan dit tot meer motorgeluiden leiden. Motorbouwgrootte EDR De lagers zijn als gesloten lager 2Z of 2RS uitgevoerd en kunnen niet worden nagesmeerd. Omgevingstemperatuur Fabrikant Type DIN-aanduiding Motorwentellagers 20 C tot +80 C Esso Polyrex EM 1) K2P C tot +100 C Klüber Barrierta L55/2 2) KX2U 40 C tot +60 C Kyodo Yushi Multemp SRL 2) K2N-40 1) Mineraal smeermiddel (= wentellagervet op minerale basis) 2) Synthetisch smeermiddel (= wentellagervet op synthetische basis) Motorbouwgrootte EDR..315 De bouwgrootte EDR..315 is altijd met open lagers uitgevoerd Bestelgegevens voor smeermiddelen en corrosiewerende middelen De smeermiddelen en corrosiewerende middelen kunnen rechtstreeks bij SEW- EURODRIVE worden besteld onder opgave van het volgende bestelnummers. Gebruik Fabrikant Type Verpakkingseenheid Bestelnummer Smeermiddel voor wentellagers Afdichtmiddel van duroplastic Esso Polyrex EM 400 g SKF GXN 400 g Marston Domsel SEW L Spezial 80 g Smeermiddel voor afdichtingsringen Klüber Klübersynth HLR voor [95] 6 ml Klüber Petamo GHY 133 voor [30], [37], [106] 10 g Corrosiewerende middelen en glijmiddelen Fuchs Renolit CX-Tom 15 voor [30], [37], [106] Op aanvraag Op aanvraag SEW-EURODRIVE NOCO FLUID 5.5 g Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

197 Technische gegevens Encoder Encoder Encoder ES7. / AS7. / EG7. en AG7. Deze tabel geeft algemeen geldende technische gegevens voor de encoder: Aanduiding Waarde Omgevingstemperatuur motor -20 C tot +40 C Opslagtemperatuur -15 C tot +70 C Maximale hoekversnelling 10 4 rad/s Incrementele encoder met span- en opsteekas Encodertype ES7S EV7S EG7S ES7R EV7R EG7R ES7C EV7C EG7C Voor motoren EDR EDR EDR EDR EDR EDR EDR EDR Voedingsspanning U B DC 7 V 30 V DC 7 30 V DC V Max. stroomverbruik I in 140 ma RMS 160 ma RMS 240 ma RMS Max. impulsfrequentie f max 150 khz 120 khz 120 khz EDR Perioden per omwenteling Uitgangsamplitude per kanaal A, B C U high 1 V SS DC 2.5 V DC 2.5 V U low DC 0.5 V DC 1.1 V Signaaluitgang Sin/cos TTL HTL Uitgangsstroom per kanaal I out 10 ma RMS 25 ma RMS 60 ma RMS Tastverhouding Sin/cos 1 : 1 ± 10 % 1 : 1 ± 10 % Faseverschuiving A : B 90 ± 3 90 ± ± 20 Trillingsbestendigheid 100 m/s² 100 m/s² 200 m/ s² Schokbestendigheid 1000 m /s² 1000 m /s² 2000 m /s² 1000 m/s² 2000 m /s² 100 m/s² 1000 m/s² Maximaal toerental n max 6000 rpm 6000 rpm 6000 rpm Beschermingsgraad IP66 IP66 IP66 Aansluiting Klemmenkast op incrementele encoder Klemmenkast op incrementele encoder 2000 m /s² Klemmenkast op incrementele encoder Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 197

198 9 Technische gegevens Encoder Encoders AS7Y, AV7Y en AG7Y Encodertype AS7Y AV7Y AG7Y Voor motoren EDR EDR EDR Voedingsspanning U B DC 7 30 V Max. stroomverbruik I in 140 ma RMS Max. impulsfrequentie f limiet 200 khz Perioden per omwenteling A, B 2048 Uitgangsamplitude per kanaal Signaaluitgang Uitgangsstroom per kanaal Tastverhouding U high U low C I out 1 V SS Sin/cos 10 ma RMS Sin/cos Faseverschuiving A : B 90 ± 3 Scancode Singleturn-resolutie Multiturn-resolutie Data-overdracht Seriële data-uitgang Seriële impulsingang Modulatiefrequentie Gray-code 4096 stappen/omwenteling 4096 omwentelingen Synchroon serieel Driver volgens EIA RS-422 Aanbevolen ontvanger conform EIA RS-422 Toegestaan bereik: khz (max. 100 m kabellengte bij 300 khz) Impulspauzetijd µs Trillingsbestendigheid 100 m/s² Schokbestendigheid 1000 m/s² 2000 m/s² Maximaal toerental n max 6000 rpm Beschermingsgraad Aansluiting IP66 Klemmenstrook in opsteekbaar aansluitdeksel 198 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

199 Technische gegevens Encoder Encoders AS7W, AV7W en AG7W Encodertype AS7W AV7W AG7W Voor motoren EDR EDR EDR Voedingsspanning U B DC 7 30 V Max. stroomverbruik I in 150 ma RMS Max. impulsfrequentie f max 200 khz Perioden per omwenteling A, B 2048 C - Uitgangsamplitude per kanaal U high 1 V SS U low Signaaluitgang Uitgangsstroom per kanaal Tastverhouding I out Sin/cos 10 ma RMS Sin/cos Faseverschuiving A : B 90 ± 3 Scancode Singleturn-resolutie Multiturn-resolutie Data-overdracht Seriële data-uitgang Seriële impulsingang Modulatiefrequentie Binaire code 8192 stappen/omwenteling omwentelingen RS485 Driver volgens EIA RS-485 Aanbevolen driver conform EIA RS baud Impulspauzetijd - - Trillingsbestendigheid 100 m/s² 200 m/s² Schokbestendigheid 1000 m/s² 2000 m/s² Maximaal toerental n max 6000 rpm Beschermingsgraad Aansluiting IP66 Klemmenstrook in opsteekbaar aansluitdeksel Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 199

200 9 Technische gegevens Encoder Encoder EH7. Encodertype EH7R EH7T EH7C EH7S Voor motoren EDR..315 Voedingsspanning U B DC 10 V 30 V DC 5 V DC 10 V 30 V Max. stroomverbruik I in 140 ma 225 ma 140 ma Max. pulsfrequentie khz f max Perioden per omwenteling A, B 1024 C 1 Uitgangsamplitude U high 2.5 U b -2 1 V ss U low Signaaluitgang TTL (RS-422) HTL Sinus/cosinus Uitgangsstroom per kanaal I out 20 ma 30 ma 10 ma Tastverhouding 1 : 1 ± 20 % 90 ± 10 Faseverschuiving A : B Trillingsbestendigheid bij 10 Hz 2 khz 90 ± m/s 2 (EN ) Schokbestendigheid 2000 m/s 2 (EN ) Maximaal toerental rpm 6000, 2500 bij 60 C n max Beschermingsgraad IP65 (EN 60529) Aansluiting 12-polige stekerverbinding 200 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

201 Technische gegevens Encoder Encoder AH7. Encodertype AH7Y Voor motoren EDR..315 Voedingsspanning U B DC 9 V 30 V Max. stroomverbruik I in 150 ma Perioden per omwenteling A, B 2048 C - Uitgangsamplitude high 2.5 V SS Max. impulsfrequentie Signaaluitgang U low 0.5 V SS 120 khz TTL (RS-422) Uitgangsstroom per kanaal I out 20 ma Tastverhouding 1 : 1 ± 20 % Faseverschuiving A : B 90 ± 20 Absolute scancode Resolutie singleturn Resolutie multiturn Data-overdracht absolute waarde Seriële data-uitgang Seriële impulsingang Cycle rate Impulspauzetijd Trillingsbestendigheid bij 10 Hz 2 khz Gray-code 4096 stappen/omwenteling 4096 omwentelingen Synchroon, serieel (SSI) Driver volgens EIA RS-485 Optorelais, aanbevolen driver volgens EIA RS-485 Toelaatbaar bereik: khz (max. 100 m kabellengte met 300 khz) 12 ms 30 ms 100 m/s 2 (EN ) Schokbestendigheid 2000 m/s 2 (EN ) Maximaal toerental n max n max 3500 rpm Beschermingsgraad IP56 (EN 60529) Aansluiting Klemmenstrook op encoder Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 201

202 9 Technische gegevens Encoder incrementele pulsgever met volle as Encodertype EV2T EV2S EV2R EV2C Voor motoren EDR..71 EDR..280 Voedingsspanning U B DC 5 V DC 9 V 26 V Max. stroomverbruik I in 160 ma RMS 140 ma RMS 160 ma RMS 240 ma RMS Max. impulsfrequentie f max 120 khz Perioden per omwenteling A, B 1024 Uitgangsamplitude per kanaal C 1 U high DC 2.5 V 1 V SS DC 2.5 V U B DC V U low DC 0.5 V DC 0.5 V DC 1.5 V Signaaluitgang TTL Sin/cos TTL HTL Uitgangsstroom per kanaal I out 25 ma RMS 10 ma RMS 25 ma RMS 60 ma RMS Tastverhouding 1 : 1 ± 20 % Sin/cos 1 : 1 ± 20 % Faseverschuiving A : B 90 ± ± 20 Datageheugen - Trillingsbestendigheid Schokbestendigheid 100 m/s² 1000 m/s² Maximaal toerental n max 6000 rpm Massa m 0.36 kg Beschermingsgraad Aansluiting IP66 Klemmenkast op incrementele encoder 202 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

203 Technische gegevens Encoder Aanbouwinrichting Aanbouwinrichting XV0A XV1A XV2A XV3A XV4A Voor motoren EDR Type aanbouw van de encoder Flensgecentreerd met koppeling Uitvoering Encoderas Naar keuze 6 mm 10 mm 12 mm 11 mm Geschikt voor encoders Centrering Naar keuze 50 mm 50 mm 80 mm 85 mm Door de klant of op verzoek van de klant door SEW-EURODRIVE ter beschikking gesteld. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 203

204 10 Bedrijfsstoringen Storingen aan de motor 10 Bedrijfsstoringen WAARSCHUWING Gevaar voor beknelling door onbedoeld aanlopen van de aandrijving. Dood of zwaar lichamelijk letsel. Schakel de motor spanningsloos, voordat u met de werkzaamheden begint. Beveilig de motor tegen onbedoelde inschakelingen. VOORZICHTIG De oppervlakken van de aandrijving kunnen tijdens het bedrijf hoge temperaturen bereiken. Gevaar voor verbranding. Vóór aanvang van de werkzaamheden de motor laten afkoelen. LET OP Door het ondeskundig verhelpen van storingen kan de aandrijving beschadigd raken. Mogelijke materiële schade. Let op de volgende aanwijzingen. Gebruik uitsluitend originele onderdelen die voorkomen in de geldige onderdelenlijst! Neem absoluut de veiligheidsaanwijzingen in de afzonderlijke hoofdstukken in acht! 10.1 Storingen aan de motor Storing Mogelijke oorzaak Maatregel Motor loopt niet aan Voedingskabel onderbroken Aansluitingen en (tussen-)aansluitklemmen controleren en, indien nodig, corrigeren Rem licht niet Smeltveiligheid voedingskabel doorgebrand Motorbeveiliging (schakelaar) is geactiveerd Motorbeveiliging springt niet aan Fout in de besturing of in het besturingsproces Zie hoofdstuk "Storingen aan de rem" Smeltveiligheid vervangen Motorbeveiliging(sschakelaar) controleren op juiste instelling; stroomspecificaties op typeplaatje Aansturing van de motorbeveiliging controleren Schakelvolgorde controleren en eventueel corrigeren 204 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

205 Bedrijfsstoringen Storingen aan de motor 10 Storing Mogelijke oorzaak Maatregel Motor loopt niet of moeilijk aan Motor loopt in sterschakeling niet aan, alleen in driehoekschakeling Motorvermogen geconfigureerd voor driehoekschakeling, maar geschakeld in ster. Motorvermogen geconfigureerd voor dubbelsterschakeling, maar alleen in ster geschakeld. Spanning of frequentie wijkt minstens bij het inschakelen sterk af van het spanning Koppel bij sterschakeling is niet voldoende Storing in contacten van ster-driehoekschakelaar Verkeerde draairichting Motor verkeerd aangesloten Motor bromt en neemt veel stroom op Smeltveiligheden branden door of motorbeveiliging schakelt meteen uit Aanzienlijke toerentalvermindering bij belasting Rem licht niet Wikkeling is defect Rotor loopt aan. Kortsluiting in de voedingskabel naar de motor Voedingskabels verkeerd aangesloten Kortsluiting in de motor Aardsluiting bij de motor Overbelasting van de motor Spanning valt weg Schakeling corrigeren van ster naar driehoek; op het schema letten Schakeling corrigeren van ster naar dubbelster; op het schema letten Voor een betere voeding zorgen en net minder belasten Doorsnede van de voedingskabel controleren en eventueel dikkere kabels aanbrengen Als de inschakelstroom van de driehoekschakeling niet te hoog is (op de voorschriften van de leverancier letten) direct op driehoek inschakelen. Configuratie controleren en eventueel een grotere motor of speciale uitvoering gebruiken. Neem contact op met SEW- EURODRIVE. Schakelaar controleren, evt. vervangen Aansluitingen controleren Twee fasen van de voedingskabel naar de motor verwisselen Zie hoofdstuk "Storingen aan de rem" Motor moet voor reparatie naar de werkplaats Kortsluiting opheffen Schakelaar corrigeren; zie schema Storing in de werkplaats laten verhelpen. Vermogensmeting uitvoeren, configuratie controleren en eventueel grotere motor inzetten of belasting reduceren Doorsnede van de voedingskabel controleren en eventueel dikkere kabels aanbrengen Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 205

206 10 Bedrijfsstoringen Storingen aan de motor Storing Mogelijke oorzaak Maatregel Motor wordt te warm (temperatuur meten) Geluidsontwikkeling te groot Overbelasting Koeling onvoldoende Omgevingstemperatuur te hoog Motor in driehoek geschakeld i.p.v. in ster (zoals bedoeld) Onbetrouwbaar contact in de voedingskabel (er ontbreekt een fase) Smeltveiligheid doorgebrand Voedingsspanning wijkt meer dan 5 % (bereik A) / 10 % (bereik B) af van de nominale motorspanning. Nominale bedrijfsmodus (S1 tot S10, DIN 57530) is overschreden, bijv. door te hoge schakelfrequentie Kogellager loopt stroef, is vervuild of beschadigd Roterende onderdelen trillen Voorwerpen in de koelluchtkanalen Vermogensmeting uitvoeren, configuratie controleren en eventueel grotere motor inzetten of belasting reduceren Koellucht toevoeren of koelluchtkanalen vrijmaken. Eventueel onafhankelijk aangedreven ventilator aanbrengen Luchtfilters controleren, eventueel schoonmaken of vervangen Toegestaan temperatuurbereik controleren, eventueel minder belasten Schakelaar corrigeren; zie schema Los contact vastzetten, aansluiting controleren; zie schema Oorzaak opsporen en verhelpen (zie boven); smeltveiligheid vervangen Motor aanpassen aan voedingsspanning Nominale bedrijfssoort van motor aanpassen aan vereiste bedrijfsomstandigheden; evt. deskundige raadplegen voor de juiste aandrijving Motor en machine opnieuw uitlijnen ten opzichte van elkaar, wentellagers inspecteren, eventueel wentellagers vervangen. Zie hoofdstuk "Toegestane typen wentellagers" ( 2 195). Oorzaak opsporen, eventuele onbalans verhelpen, op balansmethode letten Koelluchtkanalen reinigen 206 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

207 Bedrijfsstoringen Storingen aan de rem Storingen aan de rem Storing Mogelijke oorzaak Maatregel Rem licht niet Verkeerde spanning op de remaansturing Remaansturing is uitgevallen Max. toelaatbare lichtspleet overschreden vanwege slijtage van de remvoering Spanningsverlies langs de kabel > 10 % Haperende koeling, rem wordt te heet. Remspoel heeft sluiting in de wikkeling of met het huis. Gelijkrichter is defect De juiste spanning gebruiken; remspanningsspecificatie op het typeplaatje Remaansturing vervangen, weerstanden en isolatie van de remspoel controleren (voor de weerstandswaarden zie hoofdstuk "Weerstanden") Schakelapparatuur controleren, eventueel vervangen Lichtspleet meten en eventueel instellen Zie volgende hoofdstuk: "Lichtspleet van de rem BE05-BE32 instellen" Als de remschijf te dun is geworden, de remschijf vervangen. Zie volgende hoofdstuk: "Remschijf van de rem BE05-BE32 vervangen" Zorgen voor de juiste aansluitspanning (gegevens over de remspanning op het typeplaatje), kabeldoorsnede van de remkabel controleren, eventueel dikkere kabel gebruiken Koellucht toevoeren of koelluchtkanalen vrijmaken, luchtfilter controleren, eventueel reinigen of vervangen. Remgelijkrichter type BG of BMS door type BGE of BME vervangen Weerstanden en isolatie van de remspoel controleren (voor de weerstandswaarden zie hoofdstuk "Weerstanden") Complete rem met remaansturing vervangen (werkplaats) Schakelapparatuur controleren, eventueel vervangen Gelijkrichter en remspoel vervangen, eventueel is het goedkoper om de complete rem te vervangen Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 207

208 10 Bedrijfsstoringen Storingen aan de rem Storing Mogelijke oorzaak Maatregel Rem remt niet Lichtspleet niet juist Lichtspleet meten en eventueel instellen Rem remt niet Rem valt vertraagd in Geluid in de buurt van de rem Remvoering versleten Remkoppel verkeerd Lichtspleet is zo groot dat de instelmoeren van de handremlichter geen speling meer hebben Handremlichter niet juist ingesteld Rem door handremlichter HF gedefinieerd Rem wordt alleen aan de wisselspanningszijde geschakeld Slijtage van de vertanding aan de remschijf of meenemer door schokkende aanloop Pendelkoppels door verkeerd ingestelde frequentieregelaar. Zie volgende hoofdstuk: "Lichtspleet van de rem BE05-BE32 instellen" Als de remschijf te dun is geworden, de remschijf vervangen. Zie volgende hoofdstuk: "Remschijf van de rem BE05-BE32 vervangen" Remschijf volledig vervangen Zie volgende hoofdstuk: "Remschijf van de rem BE05-BE32 vervangen" Configuratie controleren en eventueel het remkoppel wijzigen, zie hoofdstuk "Technische gegevens" > "Remarbeid, lichtspleet, remkoppels" Door het soort en aantal remveren. Zie volgende hoofdstuk: "Remkoppel van de rem BE05-BE32 wijzigen" ( 2 153) Door een andere rem te kiezen. Zie hoofdstuk "Toewijzing van de remkoppels" Lichtspleet instellen Zie volgende hoofdstuk: "Lichtspleet van de rem BE05-BE32 instellen" Stelmoeren van de handremlichter juist instellen Zie volgende hoofdstuk: "Remkoppel van de rem BE05-BE32 wijzigen" ( 2 153) Draadstift losdraaien, eventueel verwijderen Gelijk- en wisselspanningszijdig schakelen; zie het schema Configuratie controleren, eventueel remschijf vervangen Zie volgende hoofdstuk: "Remschijf van de rem BE05-BE32 vervangen" Meenemer laten vervangen in de werkplaats Instelling van de frequentieregelaar volgens de technische handleiding ervan controleren, eventueel corrigeren. 208 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

209 Bedrijfsstoringen Storingen tijdens bedrijf met frequentieregelaar Storingen tijdens bedrijf met frequentieregelaar Als de motor met een frequentieregelaar werkt, kunnen ook de in het hoofdstuk "Storingen aan de motor ( 2 204)" beschreven symptomen optreden. De betekenis van de problemen en de mogelijke oplossingen vindt u in de technische handleiding van de frequentieregelaar Afvoeren Motoren moeten op basis van de aard en bestaande voorschriften worden afgevoerd, bijv. als: ijzer aluminium koper kunststof elektronische onderdelen olie en vet (niet mengen met oplosmiddelen) 10.5 Klantenservice Als u geholpen wilt worden door onze klantenservice, verzoeken wij u de volgende gegevens te verstrekken: Alle gegevens op het typeplaatje Aard en omvang van de storing Tijdstip van de storing en begeleidende omstandigheden Vermoedelijke oorzaak Omgevingscondities zoals: omgevingstemperatuur luchtvochtigheid opstellingshoogte vuil etc. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 209

210 11 Appendix Schema's 11 Appendix 11.1 Schema's AANWIJZING De motor mag uitsluitend worden aangesloten volgens het aansluitschema of de bezettingsplattegrond die bij de motor zijn gevoegd. In het volgende hoofdstuk vindt u een selectie van de gangbare aansluitvarianten. Het juiste aansluitschema kunt u gratis bij SEW-EURODRIVE of bij SEW-EURODRIVE opvragen Aansluitschema R13 (68001 xx 06) Driehoeksschakeling De volgende afbeelding laat de m-schakeling voor laagspanning zien. U2 (T4) [1] V2 (T5) W2 (T6) W2 (T6) [2] U2 (T4) V2 (T5) U1 (T1) V1 (T2) W1 (T3) U1 [3](T1) V1 (T2) W1 (T3) [1] Motorwikkeling [3] Voedingskabels [2] Motorklemmenbord L1 L2 L Sterschakeling De volgende afbeelding laat de W-schakeling voor hoogspanning zien. [1] [2] U2 V2 W2 W2 U2 V2 (T4) (T5) (T6) (T6) (T4) (T5) U1 (T1) V1 (T2) W1 (T3) [3] U1 (T1) V1 (T2) [1] Motorwikkeling [3] Voedingskabels [2] Motorklemmenbord L1 L2 W1 (T3) L Omkering van de draairichting: verwisseling van twee voedingskabels, L1-L Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

211 Appendix Schema's Aansluitschema C13 (68184 xx 08) Driehoeksschakeling De volgende afbeelding laat de m-schakeling voor laagspanning zien. [1] U1 W2 V1 U2 W1 V2 U2 V2 W2 [2] U1 V1 W1 [3] PE L1 L2 L [1] Motorwikkeling [3] Voedingskabels [2] Motorklemmenbord Sterschakeling De volgende afbeelding laat de W-schakeling voor hoogspanning zien. [1] U1 W2 V1 U2 W1 V2 U2 V2 W2 [2] U1 V1 W1 [3] PE L1 L2 L [1] Motorwikkeling [3] Voedingskabels [2] Motorklemmenbord Omkering van de draairichting: verwisseling van twee voedingskabels, L1-L2. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 211

212 75 11 Appendix Schema's Remaansturingen BG, BGE, BS, BSG BMS, BME, BMH, BMP, BMK, BMV 1) BM [1] Montagerailbevestiging EN Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

213 Appendix Schema's 11 Stroomrelais SR10E - SR15E SR19E 6 12 Afgestript Afgestript RD Adereindhulzen Adereindhulzen 190 BU WH M25 x Ø30 Typeplaatje O-ring RD BU WH Typeplaatje M50 x 1.5 O-ring Ø43 SW 50 Ø SR10E SR11E SR15E SR19E Max. toegest. gelijkstroom 1 A A A A A Artikelnummer Max. converterstroom Omgevingstemperatuur -15 tot +40 C 1) Opslagtemperatuur -25 tot +125 C 1) Omgevingstemperatuur van de aandrijving Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 213

214 6 11 Appendix Schema's Spanningsrelais UR11E - UR15E Afgestript 190 RD BU WH Adereindhulzen Typeplaatje M25 x O-ring 3 Ø30 56 Ø Max. toegest. gelijkstroom Toegestane wisselspanning UR11E 1 A UR15E V V Artikelnummer Omgevingstemperatuur 1) -15 tot +40 C Opslagtemperatuur -25 tot +125 C 1) Omgevingstemperatuur van de aandrijving 214 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

215 Appendix Schema's Remaansturing schema's Legenda AC DC DC AC Wisselstroomzijdige uitschakeling (normaal invallen van de rem) Gelijkstroomzijdige uitschakeling (snel invallen van de rem) Gelijk- en wisselstroomzijdige uitschakeling (snel invallen van de rem) Rem BS TS BS = lostrekspoel TS = deelspoel 1a 2a 3a 4a 5a Hulpklemmenstrook in de klemmenkast Motor in driehoekschakeling Motor in sterschakeling Begrenzing van de schakelkast WH RD BU BN BK wit rood blauw bruin zwart Verdere schema's van remaansturingen ontvangt u op aanvraag. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 215

216 11 Appendix Schema's Remaansturing BGE AC U AC M BS WH RD BGE TS BU DC AC AC M BS WH RD BGE TS BU Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

217 Appendix Schema's 11 Remaansturing BME AC U AC M BS WH RD 1a 2a 3a BME TS BU 4a 5a DC AC AC M BS WH RD 1a 2a 3a BME TS BU 4a 5a Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 217

218 11 Appendix Encoder ES7./AS7./EG7./AG Encoder ES7./AS7./EG7./AG7. Let bij het aansluiten van de encoder op de aanwijzingen in het hoofdstuk "Encoderaansluiting". +U B A A B B C C D D UB A AS7W, AG7W AS7Y, AG7Y ES7C, EG7C, ES7R, EG7R ES7S, EG7S A B B C C D D U B +U B +U B +U B DGND DGND DGND DGND Cos+ Cos+ A Cos+ Cos- Cos- A Cos- Sin+ Sin+ B Sin+ Sin- Sin- B Sin- Clock+ C C Clock- C C Data + Data + Data + Data- Data- Data- 218 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

219 Appendix Klemmenstroken 1 en Klemmenstroken 1 en 2 In de volgende afbeelding ziet u de indeling van de klemmenstrook voor EDR met rem met aluminium klemmenkast in verschillende klemmenkastposities. Klemmenkastpositie 1 en 3 naar voorbeeld 3 1) Klemmenkastpositie X en 2 naar voorbeeld X 2) [2] [b] [3] [1] [a] [x] [a] ) Als de klemmenstrook 1 niet aanwezig is, kan in plaats daarvan klemmenstrook 2 op de plaats van klemmenstrook 1 of van de gelijkrichter worden gemonteerd. 2) Als de klemmenstrook 1 niet aanwezig is, kan in plaats daarvan klemmenstrook 2 op de plaats van klemmenstrook 1 of van de gelijkrichter worden gemonteerd. [1] Klemmenkastpositie 1 [X] Klemmenkastpositie X [2] Klemmenkastpositie 2 [a] Klemmenstrook 1 (of gelijkrichter bij categorie 3) [3] Klemmenkastpositie 3 [b] Klemmenstrook 2 Afhankelijk van de klemmenkastuitvoering en de aangesloten opties kunnen de klemmen er verschillend uitzien en verschillend uitgerust zijn. AANWIJZING Evt. al aangesloten kabels vóór het verwijderen van de klemmenstrook 2 losmaken. De kabels moeten na het opnieuw aansluiten vrij zijn van knikken, verdraaiingen enz. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 219

220 11 Appendix Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator 11.4 Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator 220 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

221 Appendix Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator 11 GEBRUIKS- EN ONDERHOUDSINSTRUCTIE EXPLOSIEVEILIGE, KUNSTMATIGE WISTRO-VENTILATOREN voor toepassing in stoffige omgevingen of in ontploffingsgevaarlijke omgevingen met gas SERIE FLAI formaat II 3 G Ex na IIC T3 Gc IP20 Apparaten voor toepassing in de overige ontploffingsgevaarlijke omgevingen (bovengronds) Categorie 3 voor Zone 2 en 22 EX-atmosfeer G: GAS / D: ontvlambare stof - atmosfeer Explosiebeveiliging Type ontploffingsbescherming na: bedrijfsstof dat geen vonken verspreidt t : Bescherming door behuizing Explosiegroep IIC: Gassen uit de groep IIC IIIC: geleidende stof Temperatuurklasse/maximale oppervlaktetemperatuur T3 = 200 C Beschermingsniveau apparatuur stofklasse (DC), gasklasse (GC) De beschermingklasse IP20-inlaat en IP10-uitlaat hebben betrekking op de luchtinlaat-en luchtuitlaatzijde. De kunstmatige ventilator is bedoeld om elektrische motoren in explosieve omgevingen, in de zones 2 of 22, te koelen. De te koelen motor moet aan de richtlijn 94/9 EG voldoen. De max. toegelaten oppervlaktetemperatuur bedraagt 120 C voor de apparatuurklasse II 3D en T3 voor de apparatuurklasse II 3G. De beschermingsklasse voor de motor en de klemkast is IP66. Het aggregaat is principieel niet geschikt voor toepassingen in chemische atmosfeer en is tevens niet geschikt voor transport van ontvlambare vloeistoffen. De apparaten dienen trillingsvrij te worden opgesteld. X - De omgevingstemperatuur voor de afzonderlijke formaten vindt u in bijlage 2. - De maximale oppervlaktetemperatuur werd conform IEC gemeten met een spanningsafwijking van ±5%, zonder veiligheidsfactor en zonder stoflaag. De veiligheidsvoorschrift ter zake met betrekking tot de aanrakingsbescherming van bewegelijke delen (DIN EN ISO 13857) is vervuld. Voor het inbouwen moet erop worden gelet, dat de beluchtingsrotor iets doordraait en dat de bladen van de beluchtingsrotor niet vervormen of worden verbogen. Hierdoor kan onbalans ontstaan die een negatieve invloed op de levensduur hebben. De beschermingsklasse IP 10, aan de luchtuitlaatzijde, moet door de gebruiker ter plaatse conform IEC worden voorzien. Het apparaat dient bij een niet explosieve atmosfeer door geschoold personeel worden geïnstalleerd en door een geautoriseerde worden gekeurd en gedocumenteerd. Atex_BA_kategorie.3DG_ _NL Pagina 1 van 4 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 221

222 11 Appendix Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator De elektrische aansluiting wordt naargelang het bedrijf (1-fasig of 3-fasig) overeenkomstig het elektrische schema uitgevoerd (zie bijlage). Het elektrische schema is tevens op het klemkastdeksel ingestempeld resp. opgeplakt. Tijdens de aansluiting dienen de gegevens van EN in acht te worden genomen. De aansluitingen aan de binnenkant worden door schroefklemmen (aanhaalkoppel 1,2 + 1,5Nm) aangebracht, de kabels moeten worden voorzien van geïsoleerde kabelkousen of geïsoleerde zeilringen. De gemonteerde sluitstop (schroefdraad M16 x 1,5) is uitsluitend bedoeld voor transport. Bij reglementaire gebruik moet deze worden vervangen door kabeldoorvoeren resp. sluitstoppen die voor toepassingen in explosieve omgevingen met gas, stoom, nevel minimaal volgens het type ontploffingsbescherming n en voor toepassing in explosieve omgevingen met ontvlambare stof volgens het type ontploffingsbescherming Bescherming door behuizing t zijn toegelaten. De kabeldoorvoeren resp. sluitstoppen moeten minimaal aan de op de eerste pagina genoemde actuele normen en aan IP 66 voldoen. Bovendien moeten de kabeldoorvoeren resp. sluitstoppen geschikt zijn voor het omgevingstemperatuurbereik. De kabeldoorvoeren moeten geschikt zijn voor de kabeldiameter. De kabeldoorvoer moet zo aangebracht worden, dat de naleving van de beschermingsklasse IP66 gegarandeerd is. Het aggregaat moet via de aardingsaansluiting in de behuizing worden geaard. De max. toegelaten spanningen vindt u in de tabel Spanningsbereik serie IL (zie bijlage). Door het lage stroomverbruik van de typen motoren B20 t/m C60 kan nu ook met een PTC-weerstand voor de oppervlaktetemperatuur de temperatuur worden bewaakt. Deze PTC-weerstand mag dan uitsluitend met een geschikte uitschakelinrichting worden gebruikt. Het klemkastdeksel moet na de elektrische aansluiting met de bouten en een aanhaalkoppel van 5,5 6 Nm worden vastgeschroefd. Na het inbouwen en tijdens de inbedrijfstelling moet proef worden gedraaid. Hierbij erop letten, dat de draairichting van de beluchtingsrotor met de draairichtingspijl op de binnenkant van het luchtaanzuigrooster overeenkomt en zo via de te koelen motor wordt geblazen. Let op: Bij een verkeerde draairichting is het koelvermogen aanzienlijk minder. Kans op oververhitting van de te koelen motor. Tijdens het bedrijf moet erop worden gelet, dat vooral in stoffige omgevingen de bladen van de beluchtingsrotor niet te veel stofafzettingen veroorzaken, omdat ook hierdoor onbalans kan ontstaan die invloed op de levensduur heeft en wrijvingen worden veroorzaakt die tot een ontsteking kunnen leiden. Dit geldt ook voor omgevingen met stofdeeltjes zoals bv. In de houtverwerkende industrie of ook bij kolenmolens. Voor deze of soortgelijke toepassingen wordt een beschermingsdak aanbevolen. Een beschermingsdak (Wistro-accessoire) kan ook op een later tijdstip eenvoudig worden gemonteerd door de vier flensbouten (instar-bouten) los te draaien, de montagehoek erin te schuiven en de bouten weer vast te draaien. WISTRO-aggregaten worden in de regel klaar voor montage geleverd. De lagers zijn onderhoudsvrij vervaardigd voor een levensduur van bedrijfsuren. Bij een langere gebruiksduur dient de kunstmatige beluchtingsrotor door een nieuwe eenheid te worden vervangen. Reparaties of wijzigingen aan apparaten dienen uitsluitend in overleg met WISTRO worden uitgevoerd. Producent: WISTRO Elektro - Mechanik GmbH Berliner Allee D Langenhagen Atex_BA_kategorie.3DG_ _NL Pagina 2 van Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

223 Appendix Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator 11 Atex_BA_kategorie.3DG_ _NL Pagina 3 van 4 Elektrische aansluiting, serie IL B20...C60 Elktrischer Anschluß Motortyp B20...C60 3~ Sterschakeling PE T1 T2 L1 L2 Sternschaltung U1 U2 3~ Dreieckschaltung Driehoekschakeling PE T1 T2 L1 U1 U2 1~ ( ) Driehoek PE T1 T2 L1 Dreieck Steinmetz Steinmetz U1 U2 V1 L3 W1 V2 W2 L2 L3 V1 W1 V2 W2 N V1 W1 V2 W2 U1 (T1) = schwarz W1(T3) = braun V1 (T2) = hellblau lichtblauw V2 (T5) = weiß W1 (T3) U1 U2 (T4) (T1) = grün = zwart (T6) V1 = (T2) gelb = = bruin W2 U2 (T4) = groen V2 (T5) = wit W2 (T6) = geel C W2 U2 V2 U1 V1 W1 L1 L2 L3 W2 U2 V2 U1 V1 W1 L1 L2 L3 C W2 U2 V2 U1 V1 W1 L N T T1 T T1 T T1 Elektrische aansluiting, serie IL D48...F50 Elktrischer Anschluß Motortyp D48 und F50 3~ Sterschakeling Sternschaltung PE L1 L2 L3 U1 V1 W1 U2 V2 W2 3~ Driehoekschakeling Dreieckschaltung PE L1 L2 L3 U1 V1 W1 U2 V2 W2 U1 (T1) = = schwarz zwart W1(T3) V1 = (T2) braun= lichtblauw V1 (T2) = hellblau W1 (T3) = bruin = grün W2 (T6) = gelb V2 (T5) = weiß U2 (T4) = groen V2 (T5) = wit W2 (T6) = geel W2 U2 V2 U1 V1 W1 L1 L2 L3 W2 U2 V2 U1 V1 W1 L1 L2 L3 Bijlage 1 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 223

224 11 Appendix Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator Bijlage 2 Spanningsbereik serie IL Draaistroommotor 3~230V/400V Bedrijfsmodus Formaat Type motor Ventilatordiameter (mm) 50Hz Spanningsbereik 60Hz Max. toegelaten stroom (A) max. krachtontneming (W) max. toegelaten omgevingstemp. 1~ ^(r) 3~ Y 63 B , B , B , B , B , B , C , C , C , C , B , B , B , B , B , B , C , C , C , C , D , F , ~r 63 B , B , B , B , B , B , C , C , C , C , D , F , met b-zijdige lagerplaat Atex_BA_kategorie.3DG_ _NL Pagina 4 van Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

225 Conformiteitsverklaringen Technische handleiding en onderhoudshandleiding voor onafhankelijk aangedreven WISTRO-ventilator Conformiteitsverklaringen AANWIJZING De EG-prototypetestcertificaat wordt bij de aandrijving meegeleverd. Raadpleeg het meegeleverde EG-prototypetestcertificaat voor de genoemde plaats en de technische details. Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 225

226 12 Conformiteitsverklaringen Draaistroommotoren EDR in de uitvoering 2G en 2D 12.1 Draaistroommotoren EDR in de uitvoering 2G en 2D EG-conformiteitsverklaring Vertaling van de originele tekst SEW EURODRIVE GmbH & Co KG Ernst-Blickle-Straße 42, D Bruchsal verklaart als enige verantwoordelijke de conformiteit van de volgende producten motoren van de serie in de uitvoering Categorie Aanduiding EDRS71...EDRE225 /2GD 2G 2D II2G Ex e IIB T3 Gb II2G Ex e IIC T3 Gb II2G Ex e IIB T4 Gb II2G Ex e IIC T4 Gb II2D Ex tb IIIC T120 C Db II2D Ex tb IIIC T140 C Db conform Atex-richtlijn 94/9/EG toegepaste, geharmoniseerde normen: EN :2009 EN :2007 EN :2004 EN :2009 Bruchsal Johann Soder Plaats Datum Bedrijfsleider Techniek a) b) a) Gevolmachtigde om deze verklaring namens de fabrikant op te stellen b) Gevolmachtigde voor de samenstelling van de technische documentatie met identiek adres van de fabrikant 226 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

227 Conformiteitsverklaringen Draaistroommotoren EDR in de uitvoering 3G en 3D Draaistroommotoren EDR in de uitvoering 3G en 3D EG-conformiteitsverklaring Vertaling van de originele tekst SEW EURODRIVE GmbH & Co KG Ernst-Blickle-Straße 42, D Bruchsal verklaart als enige verantwoordelijke de conformiteit van de volgende producten motoren van de serie in de uitvoering Categorie Aanduiding EDRS71...EDRE315 /3GD /3D 3G 3D II3G Ex na IIB T3 Gc II3G Ex na IIC T3 Gc II3D Ex tc IIIB T120 C Dc II3D Ex tc IIIB T140 C Dc II3D Ex tc IIIC T120 C Dc II3D Ex tc IIIC T140 C Dc conform Atex-richtlijn 94/9/EG toegepaste, geharmoniseerde normen: EN : A11:2013 EN :2010 EN :2010 EN :2014 Bruchsal Johann Soder Plaats Datum Bedrijfsleider Techniek a) b) a) Gevolmachtigde om deze verklaring namens de fabrikant op te stellen b) Gevolmachtigde voor de samenstelling van de technische documentatie met identiek adres van de fabrikant Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 227

228 12 Conformiteitsverklaringen Onafhankelijk aangedreven ventilator VE 12.3 Onafhankelijk aangedreven ventilator VE EU-conformiteitsverklaring EC-Declaration of Confirmity WISTRO Elektro - Mechanik GmbH Berliner Allee 29-31, D Langenhagen Product: Groep: Categorie: Kunstmatige beluchtingsaggregaten, type B20- - IL/ t/m type F50-..-IL/ II 3DG WISTRO verklaart het bovengenoemde product in overeenstemming met de volgende richtlijnen: 94/9/EG Toegepaste normen: EN :2010, EN 14986:2007, EN : A11:2013, EN :2010, EN :2009 WISTRO draagt de enige verantwoordelijkheid voor de certificering van deze EU- Conformiteitsverklaring. Deze verklaring is geen toezeggen in de zin van productaansprakelijkheid. Product: Group: Category: Forced ventilation units IL type B IL/ to type F50-..-IL/ II 3DG WISTRO herewith declares the conformity of a. m. product with following directive: 94/9/EC Applied standards: EN :2010, EN 14986:2007, EN : A11:2013, EN :2010, EN :2009 WISTRO has the sole responsibility for issuing this EC declaration of conformity. This declaration is not an assurance as defined by product liability. Langenhagen, Directeur (W. Strohmeyer) General Manager Atex_Ko_kategorie.3DG_ _NL.doc 228 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

229 Adreslijst Adreslijst Duitsland Hoofdkantoor Fabriek Verkoop Fabriek / Industriële tandwielkast Bruchsal Bruchsal SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Ernst-Blickle-Straße 42 D Bruchsal Postbusadres Postfach 3023 D Bruchsal SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Christian-Pähr-Str. 10 D Bruchsal Fabriek Graben SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Ernst-Blickle-Straße 1 D Graben-Neudorf Postbusadres Postfach 1220 D Graben-Neudorf Service Competence Center Drive Technology Center Östringen Mechanics / Mechatronics Elektronisch Noord Oost Zuid West SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG, Werk Östringen Franz-Gurk-Straße 2 D Östringen SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Ernst-Blickle-Straße 1 D Graben-Neudorf SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Ernst-Blickle-Straße 42 D Bruchsal SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Alte Ricklinger Straße D Garbsen (Hannover) SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Dänkritzer Weg 1 D Meerane (Zwickau) SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Domagkstraße 5 D Kirchheim (München) SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Siemensstraße 1 D Langenfeld (Düsseldorf) Drive Center Berlin SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Alexander-Meißner-Straße 44 D Berlin Ludwigshafen Saarland Ulm Würzburg Drive Service Hotline / 24 uurs-service Frankrijk Fabriek Verkoop Service Haguenau SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG c/o BASF SE Gebäude W130 Raum 101 D Ludwigshafen SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Gottlieb-Daimler-Straße 4 D Schwalbach Saar Hülzweiler SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Dieselstraße 18 D Dornstadt SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG Nürnbergerstraße 118 D Würzburg-Lengfeld SEW-USOCOME route de Soufflenheim B. P F Haguenau Cedex Fabriek Forbach SEW-USOCOME Zone industrielle Technopôle Forbach Sud B. P F Forbach Cedex Tel Fax [email protected] Tel Fax Tel Fax Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] SEWHELP Tel Fax [email protected] Tel Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 229

230 13 Adreslijst Frankrijk Assemblage Verkoop Service Brumath Bordeaux Lyon Nantes Paris SEW-USOCOME 1 rue de Bruxelles F Mommenheim SEW-USOCOME Parc d'activités de Magellan 62 avenue de Magellan B. P. 182 F Pessac Cedex SEW-USOCOME Parc d'affaires Roosevelt Rue Jacques Tati F Vaulx en Velin SEW-USOCOME Parc d activités de la forêt 4 rue des Fontenelles F Le Bignon SEW-USOCOME Zone industrielle 2 rue Denis Papin F Verneuil I'Étang Tel Tel Fax Tel Fax Tel Fax Tel Fax Algerije Verkoop Algiers REDUCOM Sarl 16, rue des Frères Zaghnoune Bellevue El Harrach Alger Tel Fax [email protected] Argentinië Assemblage Verkoop Buenos Aires SEW EURODRIVE ARGENTINA S.A. Ruta Panamericana Km 37.5, Lote 35 (B1619IEA) Centro Industrial Garín Prov. de Buenos Aires Tel Fax [email protected] Australië Assemblage Verkoop Service Melbourne Sydney SEW-EURODRIVE PTY. LTD. 27 Beverage Drive Tullamarine, Victoria 3043 SEW-EURODRIVE PTY. LTD. 9, Sleigh Place, Wetherill Park New South Wales, 2164 Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Bangladesch Verkoop Bangladesch SEW-EURODRIVE INDIA PRIVATE LIMITED 345 DIT Road East Rampura Dhaka-1219, Bangladesh Tel [email protected] België Assemblage Verkoop Service Service Competence Center Brussel Industriële tandwielkast SEW-EURODRIVE n.v./s.a. Researchpark Haasrode 1060 Evenementenlaan 7 BE-3001 Leuven SEW-EURODRIVE n.v./s.a. Rue de Parc Industriel, 31 BE-6900 Marche-en-Famenne Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Brazilië Fabriek Verkoop Service Assemblage Verkoop Service São Paulo Rio Claro SEW-EURODRIVE Brasil Ltda. Estrada Municipal José Rubim, 205 Rodovia Santos Dumont Km 49 Indaiatuba SP SEW-EURODRIVE Brasil Ltda. Rodovia Washington Luiz, Km 172 Condomínio Industrial Conpark Caixa Postal: Rio Claro / SP Tel [email protected] Tel Fax [email protected] 230 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

231 Adreslijst 13 Brazilië Joinville SEW-EURODRIVE Brasil Ltda. Rua Dona Francisca, Pirabeiraba Joinville / SC Tel Fax [email protected] Bulgarije Verkoop Sofia BEVER-DRIVE GmbH Bogdanovetz Str.1 BG-1606 Sofia Tel Fax [email protected] Canada Assemblage Verkoop Service Toronto Vancouver Montreal SEW-EURODRIVE CO. OF CANADA LTD. 210 Walker Drive Bramalea, ON L6T 3W1 SEW-EURODRIVE CO. OF CANADA LTD. Tilbury Industrial Park 7188 Honeyman Street Delta, BC V4G 1G1 SEW-EURODRIVE CO. OF CANADA LTD Rue Leger Lasalle, PQ H8N 2V9 Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Chili Assemblage Verkoop Service Santiago SEW-EURODRIVE CHILE LTDA Las Encinas 1295 Parque Industrial Valle Grande LAMPA RCH-Santiago de Chile Postbusadres Casilla 23 Correo Quilicura - Santiago - Chile Tel Fax [email protected] China Fabriek Assemblage Verkoop Service Assemblage Verkoop Service Verkoop Service Tianjin Suzhou Kanton Shenyang Taiyuan Wuhan Xi'An Hong Kong SEW-EURODRIVE (Tianjin) Co., Ltd. No. 78, 13th Avenue, TEDA Tianjin SEW-EURODRIVE (Suzhou) Co., Ltd. 333, Suhong Middle Road Suzhou Industrial Park Jiangsu Province, SEW-EURODRIVE (Guangzhou) Co., Ltd. No. 9, JunDa Road East Section of GETDD Guangzhou SEW-EURODRIVE (Shenyang) Co., Ltd. 10A-2, 6th Road Shenyang Economic Technological Development Area Shenyang, SEW-EURODRIVE (Taiyuan) Co,. Ltd. No.3, HuaZhang Street, TaiYuan Economic & Technical Development Zone ShanXi, SEW-EURODRIVE (Wuhan) Co., Ltd. 10A-2, 6th Road No. 59, the 4th Quanli Road, WEDA Wuhan SEW-EURODRIVE (Xi'An) Co., Ltd. No. 12 Jinye 2nd Road Xi'An High-Technology Industrial Development Zone Xi'An SEW-EURODRIVE LTD. Unit No , 8th Floor Hong Leong Industrial Complex No. 4, Wang Kwong Road Kowloon, Hong Kong Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 231

232 13 Adreslijst Colombia Assemblage Verkoop Service Bogotá SEW-EURODRIVE COLOMBIA LTDA. Calle 22 No Bodega 6, Manzana B Santafé de Bogotá Tel Fax [email protected] Denemarken Assemblage Verkoop Service Kopenhagen SEW-EURODRIVEA/S Geminivej DK-2670 Greve Tel Fax [email protected] Egypte Verkoop Service Cairo Copam Egypt for Engineering & Agencies 33 EI Hegaz ST Heliopolis, Cairo Tel Fax [email protected] Estland Verkoop Tallin ALAS-KUUL AS Reti tee 4 EE Peetri küla, Rae vald, Harjumaa Filippijnen Verkoop Makati P.T. Cerna Corporation 4137 Ponte St., Brgy. Sta. Cruz Makati City 1205 Finland Assemblage Verkoop Service Hollola SEW-EURODRIVE OY Vesimäentie 4 FIN Hollola 2 Service Hollola SEW-EURODRIVE OY Keskikankaantie 21 FIN Hollola Fabriek Assemblage Karkkila SEW Industrial Gears Oy Santasalonkatu 6, PL 8 FI Karkkila, Karkkila Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Gabon wordt voorgesteld door Duitsland. Griekenland Verkoop Athene Christ. Boznos & Son S.A. 12, K. Mavromichali Street P.O. Box GR Piraeus Tel Fax [email protected] Groot-Brittannië Assemblage Verkoop Service Hongarije Verkoop Service Normanton SEW-EURODRIVE Ltd. DeVilliers Way Trident Park Normanton West Yorkshire WF6 1GX Tel Fax [email protected] Drive Service Hotline / 24 uurs-service Tel Budapest SEW-EURODRIVE Kft. Csillaghegyí út 13. H-1037 Budapest Tel Fax [email protected] 232 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

233 Adreslijst 13 Ierland Verkoop Service Dublin Alperton Engineering Ltd. 48 Moyle Road Dublin Industrial Estate Glasnevin, Dublin 11 Tel Fax [email protected] Ijsland Verkoop Reykjavik Varma & Vélaverk ehf. Knarrarvogi 4 IS-104 Reykjavík Tel Fax ) [email protected] India Geregistreerd Bureau Assemblage Verkoop Service Assemblage Verkoop Service Vadodara Chennai Pune SEW-EURODRIVE India Private Limited Plot No. 4, GIDC POR Ramangamdi Vadodara Gujarat SEW-EURODRIVE India Private Limited Plot No. K3/1, Sipcot Industrial Park Phase II Mambakkam Village Sriperumbudur Kancheepuram Dist, Tamil Nadu SEW-EURODRIVE India Private Limited Plant: Plot No. D236/1, Chakan Industrial Area Phase- II, Warale, Tal- Khed, Pune , Maharashtra Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel [email protected] Indonesië Verkoop Jakarta PT. Cahaya Sukses Abadi Komplek Rukan Puri Mutiara Blok A no 99, Sunter Jakarta Jakarta Medan Soerabaja Soerabaja PT. Agrindo Putra Lestari JL.Pantai Indah Selatan, Komplek Sentra Industri Terpadu, Pantai indah Kapuk Tahap III, Blok E No. 27 Jakarta PT. Serumpun Indah Lestari Jl.Pulau Solor no. 8, Kawasan Industri Medan II Medan Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax / / [email protected] [email protected] PT. TRIAGRI JAYA ABADI Tel Jl. Sukosemolo No. 63, Galaxi Bumi Permai G6 Fax No. 11 [email protected] Surabaya CV. Multi Mas Jl. Raden Saleh 43A Kav. 18 Surabaya Tel Fax [email protected] Israël Verkoop Tel-Aviv Liraz Handasa Ltd. Ahofer Str 34B / Holon Tel Fax [email protected] Italië Assemblage Verkoop Service Solaro SEW-EURODRIVE di R. Blickle & Co.s.a.s. Via Bernini,14 I Solaro (Milano) Tel Fax [email protected] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 233

234 13 Adreslijst Ivoorkust Verkoop Abidjan SEW-EURODRIVE SARL Ivory Coast Rue des Pècheurs, Zone 3 26 BP 916 Abidjan 26 Tel Fax [email protected] Japan Assemblage Verkoop Service Iwata SEW-EURODRIVE JAPAN CO., LTD 250-1, Shimoman-no, Iwata Shizuoka Tel Fax [email protected] [email protected] Kameroen wordt voorgesteld door Duitsland. Kazachstan Verkoop Alma-Ata SEW-EURODRIVE LLP A, Tole bi street , Almaty Tel. +7 (727) Fax +7 (727) [email protected] Tasjkent Ulaanbaatar Kenia wordt voorgesteld door Tanzania. SEW-EURODRIVE LLP Representative office in Uzbekistan 96A, Sharaf Rashidov street, Tashkent, SEW-EURODRIVE LLP Representative office in Mongolia Suite 407, Tushig Centre Seoul street 23, Sukhbaatar district, Ulaanbaatar Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Kroatië Verkoop Service Zagreb KOMPEKS d. o. o. Zeleni dol 10 HR Zagreb Tel Fax [email protected] Letland Verkoop Riga SIA Alas-Kuul Katlakalna 11C LV-1073 Riga Libanon Verkoop Libanon Beirut Gabriel Acar & Fils sarl B. P Bourj Hammoud, Beirut Verkoop / Jordanië / Koeweit / Saudi-Arabien / Syrië Litouwen Beirut Middle East Drives S.A.L. (offshore) Sin El Fil. B. P Beirut Verkoop Alytus UAB Irseva Statybininku 106C LT Alytus Luxemburg Assemblage Verkoop Service Brussel SEW-EURODRIVE n.v./s.a. Researchpark Haasrode 1060 Evenementenlaan 7 BE-3001 Leuven Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] 234 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

235 Adreslijst 13 Macedonië Verkoop Skopje Boznos DOOEL Dime Anicin 2A/7A 1000 Skopje Madagaskar Verkoop Antananarivo Ocean Trade BP21bis. Andraharo Antananarivo 101 Madagascar Tel Fax Tel Fax Maleisië Assemblage Verkoop Service Johor SEW-EURODRIVE SDN BHD No. 95, Jalan Seroja 39, Taman Johor Jaya Johor Bahru, Johor West Malaysia Tel Fax [email protected] Marokko Verkoop Service Mohammedia SEW-EURODRIVE SARL 2 bis, Rue Al Jahid Mohammedia Tel /81 Fax [email protected] Mexico Assemblage Verkoop Service Quéretaro SEW-EURODRIVE MEXICO SA DE CV SEM M93 Tequisquiapan No. 102 Parque Industrial Quéretaro C.P Quéretaro, México Tel Fax [email protected] Mongolië Verkooppunten Ulaanbaatar SEW-EURODRIVE LLP Representative office in Mongolia Suite 407, Tushig Centre Seoul street 23, Sukhbaatar district, Ulaanbaatar Namibië Verkoop Swakopmund DB Mining & Industrial Services Einstein Street Strauss Industrial Park Unit1 Swakopmund Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Nederland Assemblage Verkoop Service Rotterdam SEW-EURODRIVE B.V. Industrieweg 175 NL-3044 AS Rotterdam Postbus NL-3004 AB Rotterdam Tel Fax Service : 0800-SEWHELP [email protected] Nieuw-Zeeland Assemblage Verkoop Service Nigeria Auckland Christchurch SEW-EURODRIVE NEW ZEALAND LTD. P.O. Box Greenmount drive East Tamaki Auckland SEW-EURODRIVE NEW ZEALAND LTD. 30 Lodestar Avenue, Wigram Christchurch Verkoop Lagos EISNL Engineering Solutions and Drives Ltd Plot 9, Block A, Ikeja Industrial Estate ( Ogba Scheme) Adeniyi Jones St. End Off ACME Road, Ogba, Ikeja, Lagos Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel [email protected] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 235

236 13 Adreslijst Noorwegen Assemblage Verkoop Service Moss SEW-EURODRIVE A/S Solgaard skog 71 N-1599 Moss Tel Fax Oekraïne Assemblage Verkoop Service Dnjepropetrovsk ООО «СЕВ-Евродрайв» ул.рабочая, 23-B, офис Днепропетровск Tel Fax Oezbekistan Verkooppunten Tasjkent SEW-EURODRIVE LLP Representative office in Uzbekistan 96A, Sharaf Rashidov street, Tashkent, Tel Fax Oostenrijk Assemblage Verkoop Service Wien SEW-EURODRIVE Ges.m.b.H. Richard-Strauss-Strasse 24 A-1230 Wien Tel Fax [email protected] Kroatië Zagreb KOMPEKS d. o. o. Zeleni dol 10 HR Zagreb Roemenië Bucureşti Sialco Trading SRL str. Brazilia nr Bucuresti Servië Beograd DIPAR d.o.o. Ustanicka 128a PC Košum, IV floor SRB Beograd Slovenië Celje Pakman - Pogonska Tehnika d.o.o. UI. XIV. divizije 14 SLO Celje Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Tel / Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Pakistan Verkoop Karachi Industrial Power Drives Al-Fatah Chamber A/3, 1st Floor Central Commercial Area, Sultan Ahmed Shah Road, Block 7/8, Karachi Tel Fax [email protected] Paraguay Verkoop Fernando de la Mora SEW-EURODRIVE PARAGUAY S.R.L De la Victoria 112, Esquina nueva Asunción Departamento Central Fernando de la Mora, Barrio Bernardino Tel Fax [email protected] Peru Assemblage Verkoop Service Lima SEW EURODRIVE DEL PERU S.A.C. Los Calderos, Urbanizacion Industrial Vulcano, ATE, Lima Tel Fax [email protected] Polen Assemblage Verkoop Service Łódź SEW-EURODRIVE Polska Sp.z.o.o. ul. Techniczna 5 PL Łódź Service Tel Fax Tel Fax [email protected] 24 uurs-service Tel ( SEW SEW) [email protected] 236 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

237 Adreslijst 13 Portugal Assemblage Verkoop Service Coimbra SEW-EURODRIVE, LDA. Av. da Fonte Nova, n.º 86 P Mealhada Tel Fax Roemenië Verkoop Service Bucureşti Sialco Trading SRL str. Brazilia nr Bucuresti Tel Fax Rusland Assemblage Verkoop Service St. Petersburg ZAO SEW-EURODRIVE P.O. Box 36 RUS St. Petersburg Tel / Fax [email protected] Senegal Verkoop Dakar SENEMECA Mécanique Générale Km 8, Route de Rufisque B.P. 3251, Dakar Servië Verkoop Beograd DIPAR d.o.o. Ustanicka 128a PC Košum, IV floor SRB Beograd Tel Fax [email protected] Tel / Fax [email protected] Singapore Assemblage Verkoop Service Singapore SEW-EURODRIVE PTE. LTD. No 9, Tuas Drive 2 Jurong Industrial Estate Singapore Tel Fax [email protected] Slovenië Verkoop Service Celje Pakman - Pogonska Tehnika d.o.o. UI. XIV. divizije 14 SLO Celje Tel Fax [email protected] Slowakije Verkoop Bratislava SEW-Eurodrive SK s.r.o. Rybničná 40 SK Bratislava Košice SEW-Eurodrive SK s.r.o. Slovenská ulica 26 SK Košice Tel , 217, 201 Fax [email protected] Tel Fax Mobiele tel [email protected] Spanje Assemblage Verkoop Service Bilbao SEW-EURODRIVE ESPAÑA, S.L. Parque Tecnológico, Edificio, 302 E Zamudio (Vizcaya) Tel Fax [email protected] Sri Lanka Verkoop Colombo SM International (Pte) Ltd 254, Galle Raod Colombo 4, Sri Lanka Swaziland Verkoop Manzini C G Trading Co. (Pty) Ltd PO Box 2960 Manzini M200 Tel Fax Tel Fax [email protected] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 237

238 13 Adreslijst Taiwan (R.O.C.) Verkoop Taipei Ting Shou Trading Co., Ltd. 6F-3, No. 267, Sec. 2 Tung Huw S. Road Taipei Nan Tou Ting Shou Trading Co., Ltd. No. 55 Kung Yeh N. Road Industrial District Nan Tou 540 Tel Fax Telex [email protected] Tel Fax [email protected] Tanzania Verkoop Dar es Salaam SEW-EURODRIVE PTY LIMITED TANZANIA Plot 52, Regent Estate PO Box Dar Es Salaam Tel Fax [email protected] Thailand Assemblage Verkoop Service Chonburi SEW-EURODRIVE (Thailand) Ltd. 700/456, Moo.7, Donhuaroh Muang Chonburi Tel Fax [email protected] Tjechische Republiek Assemblage Verkoop Service Hostivice Drive Service Hotline / 24 uurs-service SEW-EURODRIVE CZ s.r.o. Floriánova Hostivice Tel Fax [email protected] (800 SEW SEW) Service Tel Fax [email protected] Tunesië Verkoop Tunis T. M.S. Technic Marketing Service Zone Industrielle Mghira 2 Lot No Fouchana Tel Fax [email protected] Turkije Assemblage Verkoop Service Kocaeli-Gebze SEW-EURODRİVE Hareket Sistemleri San. Ve TIC. Ltd. Sti Gebze Organize Sanayi Böl. 400 Sok No Gebze Kocaeli Tel Fax [email protected] Uruguay Assemblage Verkoop Montevideo SEW-EURODRIVE Uruguay, S. A. Jose Serrato 3569 Esqina Corumbe CP Montevideo Tel Fax [email protected] Venezuela Assemblage Verkoop Service Valencia SEW-EURODRIVE Venezuela S.A. Av. Norte Sur No. 3, Galpon Zona Industrial Municipal Norte Valencia, Estado Carabobo Tel Fax [email protected] [email protected] Verenigde Arabische Emiraten Verkoop Service Schardscha Copam Middle East (FZC) Sharjah Airport International Free Zone P.O. Box Sharjah Tel Fax [email protected] 238 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

239 Adreslijst 13 Verenigde Staten Fabriek Assemblage Verkoop Service Assemblage Verkoop Service Zuidoosten Noordoosten SEW-EURODRIVE INC Old Spartanburg Highway P.O. Box 518 Lyman, S.C SEW-EURODRIVE INC. Pureland Ind. Complex 2107 High Hill Road, P.O. Box 481 Bridgeport, New Jersey Middenwesten SEW-EURODRIVE INC West Main Street Troy, Ohio Zuidwesten Westen SEW-EURODRIVE INC Platinum Way Dallas, Texas SEW-EURODRIVE INC San Antonio St. Hayward, CA Tel Fax Verkoop Fax Fabriek Fax Assemblage Fax Tel Fax Tel Fax Tel Fax Tel Fax Andere adressen van service-werkplaatsen in Verenigde Staten op aanvraag. Vietnam Verkoop Ho Chi Minhstad Hanoi Nam Trung Co., Ltd Huế - Zuid-Vietnam / Materiaal 250 Binh Duong Avenue, Thu Dau Mot Town, Binh Duong Province HCM office: 91 Tran Minh Quyen Street District 10, Ho Chi Minh City MICO LTD Quảng Trị - Noord-Vietnam / Alle branches behalve Materiaal 8th Floor, Ocean Park Building, 01 Dao Duy Anh St, Ha Noi, Viet Nam Tel Fax [email protected] Tel Fax [email protected] Wit-Rusland Verkoop Minsk Foreign Enterprise Industrial Components RybalkoStr. 26 BY Minsk Tel / Fax [email protected] Zambia wordt voorgesteld door Zuid-Afrika. Zuid-Afrika Assemblage Verkoop Service Johannesburg SEW-EURODRIVE (PROPRIETARY) LIMITED Eurodrive House Cnr. Adcock Ingram and Aerodrome Roads Aeroton Ext. 2 Johannesburg 2013 P.O.Box Bertsham 2013 Kaapstad Durban SEW-EURODRIVE (PROPRIETARY) LIMITED Rainbow Park Cnr. Racecourse & Omuramba Road Montague Gardens Cape Town P.O.Box Chempet 7442 SEW-EURODRIVE (PROPRIETARY) LIMITED 48 Prospecton Road Isipingo Durban P.O. Box 10433, Ashwood 3605 Tel Fax [email protected] Tel Fax Telex [email protected] Tel Fax [email protected] Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 239

240 13 Adreslijst Zuid-Afrika Nelspruit SEW-EURODRIVE (PROPRIETARY) LIMITED 7 Christie Crescent Vintonia P.O.Box 1942 Nelspruit 1200 Tel Fax [email protected] Zuid-Korea Assemblage Verkoop Service Ansan Busan SEW-EURODRIVE KOREA CO., LTD. 7, Dangjaengi-ro, Danwon-gu, Ansan-si, Gyeonggi-do, Zip SEW-EURODRIVE KOREA CO., LTD. 28, Noksansandan 262-ro 50beon-gil, Gangseo-gu, Busan, Zip Tel Fax [email protected] Tel Fax Zweden Assemblage Verkoop Service Jönköping SEW-EURODRIVE AB Gnejsvägen 6-8 S Jönköping Box 3100 S Jönköping Tel Fax [email protected] Zwitserland Assemblage Verkoop Service Basel Alfred lmhof A.G. Jurastrasse 10 CH-4142 Münchenstein bei Basel Tel Fax [email protected] 240 Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

241 Trefwoordenindex /NL 04/15 Trefwoordenindex Numeriek 2e aseinde A Aanbouw van niet-sew-encoders Aanbouw-encoder Aanbouwinrichting... 34, 36 XV , 126, 128 Aandrijfcomponenten, optrekken Aanduidingen, typeplaatje Aanhaalmomenten klemmenkast Aansluiting Aanwijzingen Encoder Kabel Motor PE Rem Schema Aansluittypen motor Aanwijzingen Aanduiding in de documentatie... 6 Betekenis gevarensymbolen... 7 Aarding... 48, 49 Aardleiding Absolute encoder demonteren , 126, 128 Afdekkap Afdichtingen Afvoeren AG AH Alternatieve aansluitingen Applicatie configuratie speciaal typische AS ATEX-teken Auteursrechtelijke opmerking... 8 Axiale kracht, toegestane B BE05 BE BE1 BE BE BE30 BE Bedrading Bedrijf Veiligheidsaanwijzingen Bedrijf met een frequentieregeling... 49, 76 Bedrijfsmodi Bedrijfsstoringen Bedrijfsstromen Beperking van aansprakelijkheid... 8 Beschermingsgraad Beveiligingsinrichting Bewaking Bij lage temperaturen Bijzonderheden bij het schakelbedrijf Blokkeerrichting wijzigen C Categorie 2 Veilig bedrijf van motoren Categorie 3 veilig bedrijf van motoren CE-teken Combinatie motor/regelaar Uitvoering 2GD Uitvoering 3GD Configuratie Configuratieaanwijzingen Axiale kracht Radiale krachten Conformiteitsverklaring D Dampen Doelgroep Draadgaten Draairichting van de motor Driehoeksschakeling C R Drogen, motor E EG EH Elektrische aansluiting Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 241

242 Trefwoordenindex Elektrische installatie... 0 Elektrostatische oplading EMC... 49, 81, 85 Encoder Aanbouw van niet-sew-encoders Aansluiting Aansluitschema AG AH AS EG EH ES Technische gegevens Encoder demonteren , 121, 122, 124, 125, 126, 128 EG7. en AG , 124 EH7. en AH ES7. en AS EV.., AV.. en XV , 126, 128 Encoderaanbouwinrichting... 34, 36 ES Explosieveilige motoren Extra voorzieningen F Frequentieregelaar Bedrijf Combinaties voor uitvoering 2GD Combinaties voor uitvoering 3GD Parameters instellen voor categorie Parameters instellen voor uitvoering 2GD Frequentieregelaarbedrijf G Garantieaanspraken... 7 Gassen Geïntegreerde veiligheidsaanwijzingen... 7 Gevarensymbolen Betekenis... 7 Grenskarakteristiek... 87, 89 Groepsaandrijving H Holle-asencoder Hoogte, opstelling Hulpklemmen, overzicht I Impulsspanning Inbedrijfstelling Veiligheidsaanwijzingen Inbedrijfstelling: Incrementele encoder demonteren , 126, 128 EV.., AV.. en XV , 126, 128 Indeling klemmenstroken Inspectie Inspectie motor EDR Inspectie remmotor EDR..71 EDR Inspectie-intervallen Installatie Elektrisch... 0 Mechanisch Intervallen voor inspectie en onderhoud Isolatieweerstand K Kabelinvoeren Kabelschoen, aansluiting Kabelschoenen KCC-klemmenbord Klantenservice Klemmenbord... 59, 63 KCC Klemmenkast Aanhaalmomenten Draaien Met klemmenbord en verdraaibeveiligingslijst Met veerdrukklem Klemmenstroken, indeling Klemspanning... 86, 90 Berekenen Koelluchttoevoer KTY L Laagspanningsinstallaties Lagersmering Laklaag... 44, /NL 04/ Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

243 Trefwoordenindex /NL 04/15 Langdurige opslag Lipseal-afdichtingen Luchtspleet BE05 BE122 instellen M Massieve draad, aansluiting Mechanische aanbouwcomponenten Mechanische installatie Merken... 8 Milieubelasting Montage Encoderaanbouwinrichting XH Encoderaanbouwinrichting XV Toleranties Montage, voorwaarden Montageuitvoeringen Motor Aansluiten via klemmenbord Droging Langdurige opslag Opstelling Uitvoering 2GD en 3GD Motor aansluiten Klemmenbord Klemmenbord KCC Via klemmenbord Motorbeveiliging... 56, 81, 85 Motorbeveiligingsschakelaar Motorbeveiligingsinrichting Motorbeveiligingsschakelaar Categorie 2G, 2D en 2GD Motorlager Motorreductoren... 81, 85 MOVITRAC B N Nasmering Nasmeringstermijnen Netspanning O Omgevingscondities Schadelijke straling Omgevingsvoorwaarden Omgevingstemperatuur Onafhankelijk aangedreven ventilator Aansluiten in uitvoering 3GD Technische handleiding en onderhoudshandleiding WISTRO Onafhankelijk aangedreven ventilator VE Monteren Onderhoud Onderhoudsintervallen Opbouw EDR , 132 EDR met BE EDR , 133 EDR..250/ , 134 EDR , 136 EDR , 131 EDR met BE EDR met BE Motor... 16, 17, 18, 19, 21, 131, 132, 133, 134, 136 Remmotor , 140, 141 Opbouw remmotor EDR EDR EDR Opbouw van de motor Oppervlaktetemperatuur Uitvoering 2GD en 3GD Opslag, langdurig Opstelling... 12, 31 In vochtige ruimten of buiten Opstellingshoogte Opties... 25, 65 P Parameterinstelling Frequentieregelaar voor de categorie Frequentieregelaar voor uitvoering 2GD PE-aansluiting Potentiaalvereffening Productnamen... 8 Prototypekeuring PT PTC-temperatuurvoeler Uitvoering 2GD en 3GD Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 243

244 Trefwoordenindex R Radiale krachten, toelaatbare Reductor Regelaartoewijzing Uitvoering 2GD Uitvoering 3GD Regendak Reglementair gebruik Reiniging Rem BE BE05 BE BE1 BE BE BE30 BE Luchtspleet Maatschetsen BG, BGE, BS, BSG Maatschetsen BMS, BME, BMH, BMP, BMK, BMV Remkoppels Schakelarbeid Remaansluiting Remaansturing... 48, 64 BGE BME Remaansturing BE-rem Montage in de aansluitruimte van de motor Schakelkast Remarbeid rem BE Remkoppel wijzigen BE Remkoppels , 174 Remmen vervangen EDR..71 EDR EDR..90 EDR Remschijf vervangen BE05 BE Remveren vervangen BE05 BE Reparatie Reparaties Reserveonderdelen Riemschijven RS S Schakelarbeid Schakelbedrijf Schakelcontacten... 47, 101 Scheiding, veilige Scheidingstransformator Schema's... 58, 210 Driehoekschakeling C Driehoekschakeling R Encoder Sterschakeling C Sterschakeling R Serienummer Signaalwoorden in veiligheidsaanwijzingen... 6 Slijtage Smeermiddelentabel Smering Lager Softstarter Speciale constructie Speciale encoder demonteren , 126, 128 Spoelhuis vervangen BE05 BE Sterkteklasse, bouten Sterschakeling C R Stilstandsverwarming... 53, 71 Stof Storingen aan de motor Storingen aan de rem Storingen tijdens bedrijf met frequentieregelaar T Technische gegevens Aanbouwinrichting Absolute encoder Absolute encoder SSI Incrementele encoder met opsteekas Incrementele encoder met spanas Incrementele encoder met volle as Temperatuur Temperatuurklasse Uitvoering 2GD en 3GD /NL 04/ Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren

245 Trefwoordenindex /NL 04/15 Temperatuurmeting PT Temperatuursensor KTY Temperatuurvoeler / temperatuurmeting Temperatuurvoeler TF Uitvoering 2GD en 3GD Temperatuurvoelers TF Terugloopblokkering RS Smering Terugvoeding TF Thematische veiligheidsaanwijzingen... 6 Thermische motorbeveiliging Uitvoering 2GD Uitvoering 3GD Toleranties bij montagewerkzaamheden Transport Tussenkringspanning Tweede aseinde Typeaanduiding Temperatuurmeting Typeaanduiding EDR Motorserie Typeaanduiding EDR.. Aansluitvarianten Encoder Explosieveilige motoren Lager Mechanische aanbouwcomponenten Overige extra voorzieningen Temperatuurvoelers en temperatuurmeting Uitvoeringen uitgang Ventilatie Typen wentellagers Typeplaatje Aanduiding Extra FR-typeplaatje Frequentieregelaar U Uitgangsfilter Uitvoering 2GD en 3GD Motorbeveiligingsschakelaar Oppervlaktetemperatuur Temperatuurklassen Temperatuurvoeler (TF) Uitvoering 3GD Onafhankelijk aangedreven ventilator aansluiten Temperatuurvoeler (TF) Uitvoeringen Overzicht Uitvoeringen uitgang V VE, onafhankelijk aangedreven ventilator Veerdrukklem Veilig bedrijf Motoren uit categorie Motoren uit categorie Veilige scheiding Veiligheidsaanwijzingen Aanduiding in de documentatie... 6 Algemene... 9 Elektrische aansluiting Inleidende opmerkingen... 9 Opbouw van de geïntegreerde... 7 Opbouw van de thematische... 6 Opstelling Reglementair gebruik Transport Veiligheidsbepalingen Ventilatie Verbetering van de aarding Verwarmingsband VIK-teken Vlakke verzinkingen Voorbereiding voor het onderhoud van motor en rem W Waarschuwingen Betekenis gevarensymbolen... 7 Weerstanden Weerstandsmeting rem WISTRO onafhankelijk aangedreven ventilator. 220 X XH.. monteren XV.. monteren Z Zachte aanloop Technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren 245

246

247

248 SEW-EURODRIVE Driving the world SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG P.O. Box BRUCHSAL GERMANY Phone Fax

Aanvulling op de technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren DR63/eDR63, DVE250, DVE280

Aanvulling op de technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren DR63/eDR63, DVE250, DVE280 Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Aanvulling op de technische handleiding Explosiebeveiligde draaistroommotoren DR63/eDR63, DVE250, DVE280 Uitgave 11/2012 19494882

Nadere informatie

Aanvulling op de technische handleiding

Aanvulling op de technische handleiding Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services *22141472_0615* Aanvulling op de technische handleiding SEWEURODRIVE GmbH & Co KG P.O. Box 3023 76642 Bruchsal/Germany Phone +49

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services *21927243_0715* Technische handleiding Draaistroommotoren DR..71 315, DRN80 315 Uitvoer 07/2015 21927243/NL SEW-EURODRIVE Driving

Nadere informatie

Aanvulling op de technische handleidingen

Aanvulling op de technische handleidingen Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Aanvulling op de technische handleidingen SEWEURODRIVE GmbH & Co KG P.O. Box 3023 D76642 Bruchsal/Germany Phone +49 7251 750 Fax

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services *22760334_0816* Technische handleiding Draaistroommotoren DR..71 315, DRN80 315 Uitvoer 08/2016 22760334/NL SEW-EURODRIVE Driving

Nadere informatie

Technische handleiding Draaistroommotoren DR , 315

Technische handleiding Draaistroommotoren DR , 315 Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Technische handleiding Draaistroommotoren DR.71-225, 315 Uitgave 12/2009 16880889 / NL SEW-EURODRIVE Driving the world Inhoudsopgave

Nadere informatie

Aanvulling op de technische handleiding. MOVIMOT -opties MLU.1A, MLG.1A, MBG11A, MWA21A. Uitgave 06/2008 16663675 / NL. www.sew-eurodrive.

Aanvulling op de technische handleiding. MOVIMOT -opties MLU.1A, MLG.1A, MBG11A, MWA21A. Uitgave 06/2008 16663675 / NL. www.sew-eurodrive. Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service SEW-EURODRIVE GmbH & Co KG P.O. Box 3023 D-76642 Bruchsal / Germany Phone +49 7251 75-0 Fax +49 7251 75-1970 [email protected]

Nadere informatie

Aanvulling op de technische handleiding MOVIFIT basic omkeerstarter MBS2RA

Aanvulling op de technische handleiding MOVIFIT basic omkeerstarter MBS2RA Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Aanvulling op de technische handleiding MOVIFIT basic omkeerstarter MBS2RA Uitgave 11/2013 20187807 / NL SEW-EURODRIVE Driving

Nadere informatie

* _0817* Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services. Correcties. Decentrale aandrijfsystemen MOVIMOT MM..

* _0817* Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services. Correcties. Decentrale aandrijfsystemen MOVIMOT MM.. Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services *23583320_0817* Correcties Decentrale aandrijfsystemen MOVIMOT MM..D Uitvoer 08/2017 23583320/NL SEW-EURODRIVE Driving the world

Nadere informatie

Aanvulling op de Technische Handleiding Motor/remmotor DT/ET56..+/BMG. Attentie: veiligheidsbril gebruiken - risico door brokstukken!

Aanvulling op de Technische Handleiding Motor/remmotor DT/ET56..+/BMG. Attentie: veiligheidsbril gebruiken - risico door brokstukken! Deze informatie vervangt niet de uitvoerige Technische Handleiding! Alleen installeren door elektrotechnisch geschoold personeel met inachtneming van de geldende veiligheidsvoorschriften en de Technische

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Motorreductoren \ Industrial Gears \ Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Service Draaistroommotoren DRS/DRE/DRP Uitgave 07/2007 11651873 / NL Technische handleiding SEW-EURODRIVE Driving the

Nadere informatie

Adapters en verloopmoeren van metaal

Adapters en verloopmoeren van metaal Adapters en verloopmoeren van metaal Bedieningshandleiding Extra talen www.stahl-ex.com Inhoudsopgave 1 Algemene gegevens...3 1.1 Fabrikant...3 1.2 Gegevens over de bedieningshandleiding...3 1.3 Andere

Nadere informatie

Explosiebeveiligde draaistroommotoren, draaistroomremmotoren

Explosiebeveiligde draaistroommotoren, draaistroomremmotoren Explosiebeveiligde draaistroommotoren, draaistroomremmotoren Uitgave 07/2003 Technische handleiding 11216689 / NL SEWEURODRIVE Inhoudsopgave 1 Belangrijke aanwijzingen... 5 2 Veiligheidsaanwijzingen...

Nadere informatie

Inhoud. 1. Veiligheidsinstructies

Inhoud. 1. Veiligheidsinstructies 1 2 Inhoud 1. Veiligheidsinstructies... 3 2. Gebruik volgens de voorschriften... 4 3. Omschrijving... 4 4. Toepassingstabel... 4 5. Montage... 4 5.1 Omschrijving van de onderdelen... 5 5.2 Meeneemring

Nadere informatie

Uitgave. MOVIDRIVE compact 04/2002. Systeemhandboek / NL

Uitgave. MOVIDRIVE compact 04/2002. Systeemhandboek / NL MOVIDRIVE compact Uitgave 04/2002 Systeemhandboek 1053 3877 / NL SEW-EURODRIVE 1 Belangrijke aanwijzingen... 6 1 2 Systeembeschrijving... 8 2 kva f i n P Hz P6.. P60. P600 3 Technische gegevens en afmetingen...

Nadere informatie

Technische handleiding. Explosiebeveiligde draaistroommotoren, asynchrone servomotoren. Uitgave 10/2008 16715284 / NL

Technische handleiding. Explosiebeveiligde draaistroommotoren, asynchrone servomotoren. Uitgave 10/2008 16715284 / NL Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Explosiebeveiligde draaistroommotoren, asynchrone servomotoren Uitgave 10/2008 16715284 / NL Technische handleiding SEW-EURODRIVE

Nadere informatie

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING

GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING GASTRO BUFFET - SALADEBAR GEBRUIKSAANWIJZING EN ONDERHOUDSHANDLEIDING SBM3 / 125.505 SBM4 / 125.510 SBM6 / 125.520 INHOUDSOPGAVE 1. DOEL en BEREIK 2. AANSPRAKELIJKHEID 3. AANWIJZINGEN 4. BASISEIGENSCHAPPEN

Nadere informatie

Gebruiks- en onderhoudsaanwijzing- NL

Gebruiks- en onderhoudsaanwijzing- NL Elektrische Infrarood Verwarming Model 93485 Gebruiks- en onderhoudsaanwijzing- NL 1 Algemene veiligheidsinstructies LEES DE GEBRUIKSAANWIJZING Alvorens de radiateur in bedrijf te nemen, moet u deze gebruiks

Nadere informatie

Tuincontactdoos met piket

Tuincontactdoos met piket NL Handleiding GS 2 DE GS 4 DE Belangrijk! Lees deze handleiding en bewaar ze. Neem de veiligheidsaanwijzingen in acht. Inhoudsopgave pagina 1 Inleiding... 29 2 Leveringsomvang... 29 3 Conform gebruik...

Nadere informatie

* _0616* Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services. Correcties. Explosieveilige draaistroommotoren EDR..

* _0616* Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services. Correcties. Explosieveilige draaistroommotoren EDR.. Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services *22509127_0616* Correcties Explosieveilige draaistroommotoren EDR..71 315 Uitvoer 06/2016 22509127/NL SEW-EURODRIVE Driving the

Nadere informatie

HANDLEIDING ATEX Explosionproof

HANDLEIDING ATEX Explosionproof Nederlands Versie10/2016 Blz. 1/16 393165.00 Inhoudsopgave 1. Fabrikant 3 2. Voorwoord 3 3. Beschrijving 4 4. Certificering en Markering 4 5. Voorwaarden voor veilig gebruik 4 6. Typesleutel 5 7. Omschrijving

Nadere informatie

TDS 20/50/75/120 R. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer

TDS 20/50/75/120 R. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer TDS 20/50/75/120 R NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer TRT-BA-TDS R -TC-001-NL TROTEC GmbH & Co. KG Grebbener Straße 7 D-52525 Heinsberg Tel.: +49 2452 962-400 Fax: +49 2452 962-200 www.trotec.com

Nadere informatie

TDS 75. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer

TDS 75. NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer TDS 75 NL Gebruikshandleiding Elektrische warmeluchtblazer TRT-BA-TDS 75 -TC-001-NL TROTEC GmbH & Co. KG Grebbener Straße 7 D-52525 Heinsberg Tel.: +49 2452 962-400 Fax: +49 2452 962-200 www.trotec.com

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services *21926840_0915* Technische handleiding Explosiebeveiligde servomotoren CMP40 63, CMP.71 100 Uitvoer 09/2015 21926840/NL SEW-EURODRIVE

Nadere informatie

Installatie-, onderhouds- en bedrijfsvoorschriften voor elektromotoren.

Installatie-, onderhouds- en bedrijfsvoorschriften voor elektromotoren. Installatie-, onderhouds- en bedrijfsvoorschriften voor elektromotoren. - Aanbouwmaten. Download hiervoor onze motoren App (app-store). Hierin zijn alle aanbouwmaten van motoren maar ook bij behorende

Nadere informatie

Uitgave. Explosiebeveiligde aandrijvingen 12/2003. Catalogus / NL

Uitgave. Explosiebeveiligde aandrijvingen 12/2003. Catalogus / NL Explosiebeveiligde aandrijvingen Uitgave 12/2003 Catalogus 11223871 / NL SEW-EURODRIVE Inhoudsopgave 1 De SEW-EURODRIVE-organisatie...7 1 2 Productbeschrijving en typenoverzicht...9 2 3 Selectie explosiebeveiligde

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Motorreductoren \ Industrial Gears \ Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Service Explosiebeveiligde draaistroommotoren, asynchrone servomotoren Uitgave 04/2007 11559489 / NL Technische handleiding

Nadere informatie

Glijringpakking dubbelwerkend, overeenkomstig DIN EN 12756

Glijringpakking dubbelwerkend, overeenkomstig DIN EN 12756 Serie SCK MONTAGE- EN GEBRUIKSAANWIJZING Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing Glijringpakking dubbelwerkend, overeenkomstig DIN EN 12756 Bewaren voor toekomstig gebruik! Deze gebruiksaanwijzing

Nadere informatie

Bedieningshandleiding

Bedieningshandleiding Bedieningshandleiding Sluitdop > Inhoudsopgave 1 Inhoudsopgave 1 Inhoudsopgave...2 2 Algemene gegevens...2 3 Symbolen...2 4 Veiligheidsaanwijzingen...3 5 Normconformiteit...3 6 Functie...3 7 Technische

Nadere informatie

Technische handleiding. Explosiebeveiligde reductoren typeserie R..7, F..7, K..7, S..7, Spiroplan W. Uitgave 05/2008 11630280 / NL

Technische handleiding. Explosiebeveiligde reductoren typeserie R..7, F..7, K..7, S..7, Spiroplan W. Uitgave 05/2008 11630280 / NL Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Explosiebeveiligde reductoren typeserie R..7, F..7, K..7, S..7, Spiroplan W Uitgave 05/2008 11630280 / NL Technische handleiding

Nadere informatie

Installatie en bedieningsvoorschriften

Installatie en bedieningsvoorschriften Installatie en bedieningsvoorschriften Luchtbehandelingskast KG / KGW in ATEX-uitvoering voor Ex-toepassing Belangrijke informatie voor de gebruiker Wolf GmbH Postfach 1380 84048 Mainburg Tel. 08751/74-0

Nadere informatie

Productnietlangerleverbaar'

Productnietlangerleverbaar' Speciale veiligheidsinstructie Tankmeetsysteem Speciale veiligheidsinstructie ATEX Productnietlangerleverbaar' www.rosemount-tg.com Speciale veiligheidsinstructie Rosemount TankRadar REX Inhoudsopgave

Nadere informatie

Bestnr Toerentalregelaar voor ventilator

Bestnr Toerentalregelaar voor ventilator Bestnr. 53 73 73 Toerentalregelaar voor ventilator Alle rechten, ook vertalingen, voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een automatische gegevensbestand, of openbaar

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding TTV4500 HP Dryfast Kreekweg 22 NL - 3133 AZ - Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: + 31-(0)104730011 Website: www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Dryfast Klein Siberiëstraat

Nadere informatie

Handleiding Explosieveilig timerrelais Type AR-023. II 3 D Ex tc IIIC T80ºC Dc

Handleiding Explosieveilig timerrelais Type AR-023. II 3 D Ex tc IIIC T80ºC Dc Handleiding Explosieveilig timerrelais Type AR-023 II 3 G Ex na mc IIC T6 Gc II 3 D Ex tc IIIC T80ºC Dc 1. Veiligheidsinstructies Het AR-023 timerrelais is een explosieveilig product dat geschikt is voor

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Technische handleiding Explosiebeveiligde synchrone servomotoren CMP40 / 50 / 63 Uitgave 12/2012 20014228 / NL SEW-EURODRIVE Driving

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Aandrijfcomponenten \ Motion Control \ Systemen \ Service & Reparatie Explosiebeveiligde draaistroommotoren DR/DV/DT, asynchrone servomotoren CT/CV GA410000 Uitgave 07/2004 11292288 / NL Technische handleiding

Nadere informatie

Glijringpakking RG-4 stationair, enkelwerkend

Glijringpakking RG-4 stationair, enkelwerkend Serie SCK MONTAGE- EN GEBRUIKSAANWIJZING Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing Glijringpakking RG-4 stationair, enkelwerkend Bewaren voor toekomstig gebruik! Deze gebruiksaanwijzing voor

Nadere informatie

Programmeerbare elektronische tijdschakelklok

Programmeerbare elektronische tijdschakelklok G E B R U I K S A A N W I J Z I N G Bestnr.: 62 24 60 Programmeerbare elektronische tijdschakelklok Omwille van het milieu 100% recyclingpapier Impressum Alle rechten, ook vertalingen, voorbehouden. Niets

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding TTV 4500 Dryfast BV Kreekweg 22 3133AZ Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: +31- (0)104730011 www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Inhoudsopgave 1. Algemene informatie 2. Veiligheid

Nadere informatie

Terminator. ZP-PTD100-WP Aansluitset temperatuursensor. The Heat Tracing Specialists INSTALLATIEMETHODEN

Terminator. ZP-PTD100-WP Aansluitset temperatuursensor. The Heat Tracing Specialists INSTALLATIEMETHODEN Terminator TM ZP-PTD100-WP Aansluitset temperatuursensor The Heat Tracing Specialists PN50835D.indd 1 02/05/2016 10:31:50 a.m. De volgende installatiemethoden zijn aanbevolen richtlijnen voor de installatie

Nadere informatie

ABB i-bus KNX Magneetcontact EnOcean, 868 MHz MKE/A 1.868.1, 2CDG 120 048 R0011

ABB i-bus KNX Magneetcontact EnOcean, 868 MHz MKE/A 1.868.1, 2CDG 120 048 R0011 Technische gegevens 2CDC508163D3101 ABB i-bus KNX Productbeschrijving Het Magneetcontact EnOcean is een opbouwapparaat voor de montage op ramen en deuren. en herkent wanneer ramen of deuren geopend of

Nadere informatie

HANDLEIDING. Sesame. Thermoplastic Tank Technologies

HANDLEIDING. Sesame. Thermoplastic Tank Technologies HANDLEIDING Sesame Thermoplastic Tank Technologies INSTALLATIE- EN GEBRUIKSAANWIJZING INHOUD 1. ALGEMEEN 3 2. BELANGRIJK 3 3. INSTALLATIE EXPANSIEVAT 4 4. GEBRUIK EXPANSIEVAT 5 5. VERVANGEN LUCHTCEL 5

Nadere informatie

Tijdschakelklok. Bestnr.: 61 00 57 (groen) 61 00 58 (oranje) 61 00 82 (transparant) 61 00 83 (blauw) Omwille van het milieu 100% recyclingpapier

Tijdschakelklok. Bestnr.: 61 00 57 (groen) 61 00 58 (oranje) 61 00 82 (transparant) 61 00 83 (blauw) Omwille van het milieu 100% recyclingpapier G E B R U I K S A A N W I J Z I N G Bestnr.: 61 00 57 (groen) 61 00 58 (oranje) 61 00 82 (transparant) 61 00 83 (blauw) Tijdschakelklok Omwille van het milieu 100% recyclingpapier Impressum Alle rechten,

Nadere informatie

Handleiding. Explosieveilige schemerschakelaar Type AR-022. II 3 G Ex nr IIC T6 Gc II 3 D Ex tc IIIC T80ºC Dc

Handleiding. Explosieveilige schemerschakelaar Type AR-022. II 3 G Ex nr IIC T6 Gc II 3 D Ex tc IIIC T80ºC Dc Handleiding Explosieveilige schemerschakelaar Type AR-022 II 3 G Ex nr IIC T6 Gc II 3 D Ex tc IIIC T80ºC Dc 1. Veiligheidsinstructies De AR-022 schemerschakelaar is een explosieveilig product dat geschikt

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding TTV/DAF2500 Dryfast Kreekweg 22 NL - 3133 AZ - Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: + 31-(0)104730011 Website: www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Dryfast Klein Siberiëstraat

Nadere informatie

MOD-I-XP. Vooraanzicht. Kenmerken. MOD-I-XP_ _NL Technische wijzigingen voorbehouden Pagina 1 van 8. Modem voor externe gegevensoverdracht

MOD-I-XP. Vooraanzicht. Kenmerken. MOD-I-XP_ _NL Technische wijzigingen voorbehouden Pagina 1 van 8. Modem voor externe gegevensoverdracht Vooraanzicht Kenmerken ISDN-industriemodem (digitaal gebruik) voor externe gegevensoverdracht in systeemoplossingen met de Frigodata XP-software Aansluiting op de gateway GTW-XP via lintkabel Aansluiting

Nadere informatie

URN 2. Gebruiksaanwijzing 810537-00 Netvoedingsapparaat URN 2

URN 2. Gebruiksaanwijzing 810537-00 Netvoedingsapparaat URN 2 URN 2 Gebruiksaanwijzing 810537-00 Netvoedingsapparaat URN 2 Afmetingen / functionele elementen 128,5 169 30,01 (6TE) Fig. 1 A C B MAX 70 C MAX 95 % Fig. 2 2 Legenda A B C 32-polige klemmenstrook LED bedrijf

Nadere informatie

OPSTEEK AANDRIJVINGEN SIK-SERIE

OPSTEEK AANDRIJVINGEN SIK-SERIE De veilige & compacte oplossing! OPSTEEK AANDRIJVINGEN SIK-SERIE Voor het aansturen van roldeuren en rolhekken welke tegen een valbeweging beveiligd moeten zijn en waar een beperkte montageruimte aanwezig

Nadere informatie

Moeller schakelschemaboek 02/05. Nokkenschakelaar

Moeller schakelschemaboek 02/05. Nokkenschakelaar Moeller schakelschemaboek / Blz. Overzicht - AAN-UIT schakelaar, hoofdschakelaar, werkschakelaar - Omschakelaar, omkeerschakelaar - (Omkeer-) sterdriekhoekschakelaar - Poolomschakelaar - Vergrendelingsschakelingen

Nadere informatie

3 WEG- OMSCHAKELKLEP. Installatie- en gebruikershandleiding. voor warmtapwaterlading. USV 1" bu USV 5/4" bu USV 6/4" bi

3 WEG- OMSCHAKELKLEP. Installatie- en gebruikershandleiding. voor warmtapwaterlading. USV 1 bu USV 5/4 bu USV 6/4 bi Installatie- en gebruikershandleiding NL 3 WEG- OMSCHAKELKLEP voor warmtapwaterlading USV 1" bu USV 5/4" bu USV 6/4" bi A.u.b. eerst lezen Deze handleiding bevat belangrijke aanwijzingen voor het gebruik

Nadere informatie

Commando- en meldingsapparaten

Commando- en meldingsapparaten Commando- en meldingsapparaten Bedieningshandleiding Additional languages www.stahl-ex.com Algemene gegevens Inhoudsopgave 1 Algemene gegevens...2 1.1 Fabrikant...2 1.2 Gegevens over de bedieningshandleiding...2

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding TTV4500 Dryfast Kreekweg 22 NL - 3133 AZ - Vlaardingen Tel: +31-(0)10-4261410 Fax: + 31-(0)104730011 Website: www.dryfast.nl E-mail: [email protected] Dryfast Noorderlaan 111, bus 10

Nadere informatie

voorschrift Voor de installateur Interface 0-10 V --> ebus AAN DE INSTALLATEUR

voorschrift Voor de installateur Interface 0-10 V --> ebus AAN DE INSTALLATEUR Installatie voorschrift AAN DE INSTALLATEUR Voor de installateur Installatiehandleiding Met het toestel dat u gaat plaatsen, installeert u een kwaliteitsproduct. Ondanks de bekendheid met het AWBconcept

Nadere informatie

Keystone OM13 - EPI-2 driedraads module Handleiding voor installatie en onderhoud

Keystone OM13 - EPI-2 driedraads module Handleiding voor installatie en onderhoud Voor installatie moeten deze instructies volledig zijn gelezen en begrepen Inhoud 1 Optionele module 13: driedraads module.. 1 2 Installatie... 2 3 OM13-module instellen en configureren... 8 4 OM13-pakketten...

Nadere informatie

Installatie en bedieningsvoorschriften

Installatie en bedieningsvoorschriften Installatie en bedieningsvoorschriften Luchtbehandelingskast KG / KGW in ATEX-uitvoering voor Ex-toepassing Belangrijke informatie voor de gebruiker (Vertaling van het orgineel) Wolf GmbH Postfach 1380

Nadere informatie

Gebruikershandleiding Festec FNS hydraulische moerensplijter

Gebruikershandleiding Festec FNS hydraulische moerensplijter 1 1.0 Ontvangstcontrole Controleer alle onderdelen op transportschade. Indien er sprake is van transportschade waarschuw dan onmiddellijk de vervoerder. Transportschade valt niet onder de garantie. De

Nadere informatie

Alarmsirene. Bestnr.: 75 00 08 75 00 09 75 01 36. Omwille van het milieu 100% recyclingpapier

Alarmsirene. Bestnr.: 75 00 08 75 00 09 75 01 36. Omwille van het milieu 100% recyclingpapier G E B R U I K S A A N W I J Z I N G Bestnr.: 75 00 08 75 00 09 75 01 36 Alarmsirene Omwille van het milieu 100% recyclingpapier Impressum Alle rechten, ook vertalingen, voorbehouden. Niets uit deze uitgave

Nadere informatie

THR9 Ex. Veiligheidsinstructies

THR9 Ex. Veiligheidsinstructies THR9 Ex Veiligheidsinstructies 01.04/NL PS11203ANLAD01 1 Inhoud 1 Toepassing... 3 2 Veiligheidsmaatregelen... 3 3 Gebreken en schade... 3 4 Veiligheidsvoorschriften... 4 5 Bijkomende voorschriften voor

Nadere informatie

LED signaallamp. Reeks 8010. Bedieningshandleiding NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL

LED signaallamp. Reeks 8010. Bedieningshandleiding NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL NL LED signaallamp Bedieningshandleiding Additional languages www.stahl-ex.com Algemene gegevens Inhoudsopgave 1 Algemene gegevens...2 1.1 Fabrikant...2 1.2 Gegevens over de bedieningshandleiding...2 1.3

Nadere informatie

Handleiding. Explosieveilige SpotLED Type AR-040. II 3 G Ex na IIC T4 Gc II 3 D Ex tc IIIC T135ºC Dc

Handleiding. Explosieveilige SpotLED Type AR-040. II 3 G Ex na IIC T4 Gc II 3 D Ex tc IIIC T135ºC Dc Handleiding Explosieveilige SpotLED Type AR-040 II 3 G Ex na IIC T4 Gc II 3 D Ex tc IIIC T135ºC Dc 1. Veiligheidsinstructies De AR-040 SpotLED is een explosieveilig product dat geschikt is voor gebruik

Nadere informatie

Aanvulling op de technische handleiding

Aanvulling op de technische handleiding Aandrijftechniek \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Services *21281866_0914* Aanvulling op de technische handleiding Draaistroommotoren DR.71.J DR.100.J met LSPM-technologie Uitvoer 09/2014

Nadere informatie

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Jaloeziemanagement Motorstuureenheid Universeel AC 230 V ~ Art. nr. 232 ME. Bedieningshandleiding

1 Veiligheidsinstructies. 2 Constructie apparaat. Jaloeziemanagement Motorstuureenheid Universeel AC 230 V ~ Art. nr. 232 ME. Bedieningshandleiding Art. nr. 232 ME Bedieningshandleiding 1 Veiligheidsinstructies De inbouw en montage van elektrische apparaten mag alleen door een elektromonteur worden uitgevoerd. Ernstig letsel, brand of materiële schade

Nadere informatie

VIESMANN. Montagehandleiding. Uitbreidingsset mengklep. Veiligheidsvoorschriften. Productbeschrijving. voor de vakman

VIESMANN. Montagehandleiding. Uitbreidingsset mengklep. Veiligheidsvoorschriften. Productbeschrijving. voor de vakman Montagehandleiding voor de vakman VIESMANN Uitbreidingsset mengklep Open Therm voor Vitodens 100-W en 111-W Veiligheidsvoorschriften Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van

Nadere informatie

Montage- en technische handleiding

Montage- en technische handleiding Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Montage- en technische handleiding Explosiebeveiligde reductoren Typeseries R..7, F..7, K..7, S..7, SPIROPLAN W Uitgave 09/2012

Nadere informatie

INSTALLATIE INSTRUCTIES Alleen geschikt als permanente installatie, onderdelen genoemd in de handleiding kunnen niet buiten gemonteerd worden.

INSTALLATIE INSTRUCTIES Alleen geschikt als permanente installatie, onderdelen genoemd in de handleiding kunnen niet buiten gemonteerd worden. NETVOEDINGEN AC-1200 1200.190813 1201EL, 1202EL, 1203EXL, 1205EXL ALGEMENE INFORMATIE Deze netvoedingen zijn alleen bedoeld voor installatie door gekwalificeerde installateurs. Er zijn geen door de gebruiker

Nadere informatie

Correcties. MOVIDRIVE MDX61B Besturingskaart MOVI-PLC DHP11B. Uitgave 09/2005 FA / NL

Correcties. MOVIDRIVE MDX61B Besturingskaart MOVI-PLC DHP11B. Uitgave 09/2005 FA / NL Motorreductoren \ Industrial Gears \ Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Service MOVIDRIVE MDX61B Besturingskaart MOVI-PLC DHP11B FA361510 Uitgave 09/2005 11456671 / NL Correcties SEW-EURODRIVE

Nadere informatie

Montage- en technische handleiding

Montage- en technische handleiding Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Montage- en technische handleiding Reductoren typeseries R..7, F..7, K..7, S..7, SPIROPLAN W Uitgave 06/2010 16970489 / NL SEW-EURODRIVE

Nadere informatie

Montage- en gebruiksaanwijzing

Montage- en gebruiksaanwijzing Montage en gebruiksaanwijzing Cooper Safety BV Postbus 3397 4800 DJ Breda Nederland Tel. +31 (0)76 750 53 00 Fax +31 (0)76 587 14 22 www.coopersafety.nl Pagina 1 1. Algemene opmerkingen 1.1 Korte beschrijving

Nadere informatie

Handleiding. Extra elektronica. Overspanningsbeveiliging. Document ID: 46670

Handleiding. Extra elektronica. Overspanningsbeveiliging. Document ID: 46670 Handleiding Extra elektronica Overspanningsbeveiliging Document ID: 46670 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 1 Over dit document 1.1 Functie... 3 1.2 Doelgroep... 3 1.3 Gebruikte symbolen... 3 2 Voor uw veiligheid

Nadere informatie

VIESMANN. Montage- en servicehandleiding. Uitvoer met veerbladen. Veiligheidsinstructies. voor de vakman. voor Vitoligno 300-H

VIESMANN. Montage- en servicehandleiding. Uitvoer met veerbladen. Veiligheidsinstructies. voor de vakman. voor Vitoligno 300-H Montage- en servicehandleiding voor de vakman VIESMANN Uitvoer met veerbladen voor Vitoligno 300-H Veiligheidsinstructies Volg deze veiligheidsvoorschriften nauwkeurig op ter voorkoming van lichamelijk

Nadere informatie

Technische handleiding

Technische handleiding Aandrijfcomponenten \ Motion Control \ Systemen \ Service & Reparatie Tweeschijfsrem voor theatertoepassingen BMG..T A6.C86 Uitgave 06/2004 11295287 / NL Technische handleiding SEW-EURODRIVE Driving the

Nadere informatie

URN 1. Gebruiksaanwijzing Stroomomvormer URN 1

URN 1. Gebruiksaanwijzing Stroomomvormer URN 1 URN 1 Gebruiksaanwijzing 810536-00 Stroomomvormer URN 1 Aansluitschema URN 1b 24 V= ± 25 % max. 15 W 24 V ±5% 10 VA Fig. 1 2 Overzicht A MAX 50 C Alarm MAX 95 % Entriegeln RESET Fig. 2 A B D E 112 85 C

Nadere informatie

Handleiding. UT 16A en UT 18A Afzuigboxen

Handleiding. UT 16A en UT 18A Afzuigboxen Handleiding UT 16A en UT 18A Afzuigboxen Inhoudsopgave Montage en ingebruikname...3 Storing en reparatie...4 Garantie...5 Conformiteitverklaring...6 Montage en ingebruikname Controleer alle onderdelen

Nadere informatie

, , Montagehandleiding. Montagehandleiding. Voor de installateur. BEnl. Uitgever/fabrikant Vaillant GmbH

, , Montagehandleiding. Montagehandleiding. Voor de installateur. BEnl. Uitgever/fabrikant Vaillant GmbH Montagehandleiding Voor de installateur Montagehandleiding 0020028665, 0020028666, 0020057214 BEnl Uitgever/fabrikant Vaillant GmbH Berghauser Str. 40 D-42859 Remscheid Telefon 021 91 18 0 Telefax 021

Nadere informatie

Beschermings- en scheidingsvonkbruggen

Beschermings- en scheidingsvonkbruggen Beschermings en scheidingsvonkbruggen Wanneer beschermingsvonkbrug, wanneer scheidingsvonkbrug?.............. blz. 100 Scheidingsvonkbruggen 480 en 481.................................... blz. 102 Beschermingsvonkbrug

Nadere informatie

ALVORENS DE KOOKPLAAT TE GEBRUIKEN Blz. 19. ADVIEZEN VOOR MILIEUBESCHERMING Blz. 19. WAARSCHUWINGEN EN ALGEMENE WENKEN Blz. 19

ALVORENS DE KOOKPLAAT TE GEBRUIKEN Blz. 19. ADVIEZEN VOOR MILIEUBESCHERMING Blz. 19. WAARSCHUWINGEN EN ALGEMENE WENKEN Blz. 19 NL INHOUD ALVORENS DE KOOKPLAAT TE GEBRUIKEN Blz. 19 ADVIEZEN VOOR MILIEUBESCHERMING Blz. 19 WAARSCHUWINGEN EN ALGEMENE WENKEN Blz. 19 ADVIEZEN VOOR ENERGIEBESPARING Blz. 20 REINIGING EN ONDERHOUD VAN

Nadere informatie

LAADZUIL ELEKTRISCHE MONTAGE EN GEBRUIK Deze handleiding is van toepassing op een DIC laadzuil met plug and play systeem

LAADZUIL ELEKTRISCHE MONTAGE EN GEBRUIK Deze handleiding is van toepassing op een DIC laadzuil met plug and play systeem LAADZUIL ELEKTRISCHE MONTAGE EN GEBRUIK VOERTUIGEN HANDLEIDING Deze handleiding is van toepassing op een DIC laadzuil met plug and play systeem INHOUDSOPGAVE DIC laadzuil met plug and play systeem 1 Veiligheidsvoorschriften

Nadere informatie

Montage- en technische handleiding

Montage- en technische handleiding Aandrijfelektronica \ Aandrijfautomatisering \ Systeemintegratie \ Service Montage- en technische handleiding Explosiebeveiligde industriële tandwielkasten Planetaire motorreductoren Serie P002 P082 Uitgave

Nadere informatie

Bedieningshandleiding. Netgelijkrichter 24 V, 5 A met UPS Oproepsysteem 834

Bedieningshandleiding. Netgelijkrichter 24 V, 5 A met UPS Oproepsysteem 834 Bedieningshandleiding Netgelijkrichter 24 V, 5 A met UPS 2973 00 Oproepsysteem 834 Veiligheidsaanwijzingen Inbouw en montage van elektrische apparaten mogen uitsluitend worden uitgevoerd door een elektrotechnicus.

Nadere informatie

* /1 * /1 * x40

* /1 * /1 * x40 Item: *710.020 1/1 *710.021 2/1 *710.022 60x40 1. Inhoud 1. Instructie waarschuwingen... 2 2. Waarschuwingen voor een veilig en juist gebruik... 2 3. Garantie... 2 4. Installatie... 3 4.1 Technische eigenschappen...

Nadere informatie

Montagevoorschrift. UBA3-module xm10 voor montage in de verwarmingsketel evenals voor wandmontage /2004 NL Voor de vakman

Montagevoorschrift. UBA3-module xm10 voor montage in de verwarmingsketel evenals voor wandmontage /2004 NL Voor de vakman 60 84 06/004 NL Voor de vakman Montagevoorschrift UBA-module xm0 voor montage in de verwarmingsketel evenals voor wandmontage Zorgvuldig lezen vóór de montage Inhoudsopgave Veiligheid.......................................

Nadere informatie