Buitengewoon... Spelen!
|
|
|
- Stefan Dekker
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Buitengewoon... Spelen! Speelruimteplan gemeente Giessenlanden BELEIDS- en BEHEERPLAN voor SPEELRUIMTE
2
3 Buitengewoon... Spelen! Speelruimteplan gemeente Giessenlanden BELEIDS- en BEHEERPLAN voor SPEELRUIMTE OBB Ingenieursbureau
4 Titel: Buitengewoon... Spelen! Subtitel: Speelruimteplan gemeente Giessenlanden Omschrijving: BELEIDS- en BEHEERPLAN voor SPEELRUIMTE Opdrachtgever: Gemeente Giessenlanden Opdrachtnemer: OBB Ingenieursbureau Postbus AV Deventer Opgesteld door: ing. P.J. Wegdam Datum: mei 2009 Project: Aantal pagina s: 137 OBB Ingenieursbureau
5 INHOUDSOPGAVE 1. SAMENVATTING Beleidsuitgangspunten Analyse speelruimte in het kort Financiën in het kort In het kort Kop 7 voor witregel in inhoudsopgave INLEIDING Waarom een speelruimteplan? Speelplaatsenplan Vervolg van het speelruimteplan Leeswijzer voor het speelruimteplan ONDERZOEKSOPZET Doelstelling en visie Plan van aanpak Betrokkenheid doelgroepen Begripsbepaling 20 DEEL I BELEID SPEELRUIMTE BELEID SPEELRUIMTE Het recht op spelen Het nieuwe spelen Spelen is leren Speelruimte, voor wie? De relatie informele en formele speelruimte De informele speelruimte Vormgeving informele speelruimte De formele speelruimte Vormgeving formele speelruimte Samen werken aan speelruimte Duurzame speelruimte Speelruimte in nieuwbouwsituaties en herstructurering De zorg voor speelvoorzieningen Periode en evaluatie speelruimtebeleid p 7 ingevoegd voor witregel in inhoudsopgave DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE LEESWIJZER ANALYSE SPEELRUIMTE Bij het lezen van de analyse Leeftijden en termen Onderverdeling in dorpen Opbouw teksten Tekstwolken naast de tekst BOVENWIJKSE ASPECTEN VAN SPEELRUIMTE Kinderaantallen Georganiseerd sport en spel Bovenwijkse voorzieningen jeugd Hondenpoepprobleem Voorzieningen voor jongeren SPELEN IN GIESSENLANDEN Speelruimte in Arkel Speelruimte in Giessenburg Speelruimte in Giessen-Oudekerk Speelruimte in Hoogblokland Speelruimte in Hoornaar Speelruimte in Noordeloos Speelruimte in Schelluinen 66 OBB Ingenieursbureau
6 8. REALISATIE STREEFBEELD EN JAARLIJKSE KOSTEN Realiseren streefbeeld Eenmalige en bijkomende kosten Vervangingswaarde Structurele kosten Kort samengevat Kop 7 ingevoegd voor witregel inhoudsopgaven DEEL III BEHEERRAPPORT INLEIDING Waarom een beheerrapport speelvoorzieningen? Doelstelling HUIDIGE INVENTARIS Speelplekken Speeltoestellen Ondergronden Investeringswaarde DE VEILIGHEID VAN SPEELVOORZIENINGEN Veiligheid en uitdaging! De veiligheidsinspecties De logboeken HET ONDERHOUDEN VAN SPEELVOORZIENINGEN Structureel of inspectief onderhoud Klein en groot onderhoud Relatie materiaalkeuze en onderhoud Onderhoudsschema Relatie onderhoud en vervanging Onderhoudskosten Het onderhoudsniveau Conclusie HET BEHEREN VAN SPEELVOORZIENINGEN Beheer Opstellen speelruimtevisies Ontwerpen en bestekken Onderhoud en veiligheid Gegevensbeheer Inspraak Klachtenafhandeling en ideeën Beheerkosten HET VERVANGEN VAN SPEELVOORZIENINGEN Levensduur Jaar van vervanging Vervangingskosten Aandachtspunten bij vervanging DE BENODIGDE BUDGETTEN Uitgangspunten budgetten Het onderhoudsbudget Het beheerbudget Het vervangingsbudget Structurele budgetten Inhoudsopgave OBB Ingenieursbureau
7 DEEL IV BIJLAGEN 95 BIJLAGE I. ONTWIKKELING VAN HET KIND 97 BIJLAGE II. AANTAL EN KOSTEN SPEELTOESTELLEN 99 BIJLAGE III. MODEL LOGBOEK ATTRACTIEBESLUIT 101 BIJLAGE IV. GEGEVENSTABEL WIJKEN 103 BIJLAGE V. BESLISBOOM SPEELPLEK 105 BIJLAGE VI. SPEELPLEKKEN EN MAATREGELEN 107 BIJLAGE VII. INFORMELE ONTMOETING JONGEREN 111 BIJLAGE VIII. SPEELPRIKKELS 113 BIJLAGE IX. VOORBEELD BEHEEROVEREENKOMSTEN 115 BIJLAGE X. VOORBEELD PVE NIEUWBOUW 123 BIJLAGE XI. RESULATEN ENQUETE 127 BIJLAGE XII. TEKENING 135 TABELLEN Tabel 1 Speelvoorzieningen Arkel 9 Tabel 2 Speelvoorzieningen Giessenburg 10 Tabel 3 Speelvoorzieningen Giessen-Oudekerk 10 Tabel 4 Speelvoorzieningen Hoogblokland 11 Tabel 5 Speelvoorzieningen Hoornaar 11 Tabel 6 Speelvoorzieningen Noordeloos 12 Tabel 7 Speelvoorzieningen Schelluinen 12 Tabel 8 Eenmalige kosten realisatie per dorp 13 Tabel 9 Inventarisatie en vervangingswaarde 13 Tabel 10 Structurele kosten 14 Tabel 11 Uitgangspunten informele speelruimte 30 Tabel 12 Uitgangspunten formele speelruimte 35 Tabel 13 Verloop kinderpiek 42 Tabel 14 Kosten realisatie streefbeeld 70 Tabel 15 Eenmalige kosten realisatie per dorp 72 Tabel 16 Inventarisatie en vervangingswaarde 72 Tabel 17 Structurele kosten 73 Tabel 18 aantal plekken per kern 78 Tabel 19 aantal toestellen per toesteltype 79 Grafiek 20 leveranciers van de toestellen 80 Tabel 21 inventaris gemeente Giessenlanden 81 Tabel 22 gemiddelde onderhoudskosten per jaar 86 Grafiek 23 toestellen naar plaatsingsjaar 90 Grafiek 24 aantal te vervangen toestellen 91 Grafiek 25 kosten voor vervanging per jaar 92 Tabel 26 inventarisatie en vervangingswaarde 93 Grafiek 27 Vervanging ten opzichte van structureel 94 Tabel 28 structureel benodigde budgetten per jaar 94 Tabel 29 Beslisboom analyse speelruimte 105 Tabel 30 Verkorte normentabel 123 Tabel 31 Verloop kinderpiek 125 Tabel 32 Kosten per plek 125 OBB Ingenieursbureau
8 OBB Ingenieursbureau
9 1. SAMENVATTING Dit rapport geeft allereerst de beleidsuitgangspunten weer die in het speelruimteplan worden vastgesteld. Vervolgens beschrijft dit rapport kort wat het toepassen van de uitgangspunten betekent voor de beoordeling van het huidige speelruimteniveau en wat de financiële gevolgen van verbetering zijn. OBB Ingenieursbureau
10 1.1. Beleidsuitgangspunten Aan de hand van voorliggend speelruimteplan zal er voor het spelen in de openbare ruimte meer aandacht gevraagd worden door: bij het inrichten en beheren van de openbare ruimte rekening te houden met de bespeelbaarheid en hoe deze vergroot dan wel verbeterd kan worden. De geformuleerde (speel)beleidsuitgangspunten: (blz.) Beleidsuitgangspunt 1. De 0- tot 18-jarigen in Giessenlanden hebben recht op speelruimte. 25 Beleidsuitgangspunt 2. De gemeente onderkent het belang van speelruimte en wil zowel het informele als het formele spelen stimuleren. 25 Beleidsuitgangspunt 3. De gemeente wil voldoende ontwikkelingsmogelijkheden aan de kinderen, jeugdigen en jongeren bieden door voldoende variatie in inrichting, speeltoestellen en speelprikkels aan te bieden. 26 Beleidsuitgangspunt 4. Beleidsuitgangspunt 5. Beleidsuitgangspunt 6. Beleidsuitgangspunt 7. Beleidsuitgangspunt 8. Beleidsuitgangspunt 9. Beleidsuitgangspunt 10. Beleidsuitgangspunt 11. Beleidsuitgangspunt 12. Beleidsuitgangspunt 13. Beleidsuitgangspunt 14. De gemeente wil voldoende informele speelruimte aanbieden aan de kinderen, jeugdigen en jongeren. Waar deze informele ruimte tekortschiet in kwantiteit of kwaliteit wordt zij zo mogelijk aangevuld met formele speelruimte (speelplekken). 27 De gemeente wil, om nu en in de toekomst de kwantiteit en kwaliteit te waarborgen, landelijk getoetste uitgangspunten voor informele speelruimte hanteren. 29 Bij ontwerp en onderhoud van de openbare ruimte wordt nagegaan hoe de bespeelbaarheid verhoogd kan worden. 31 De gemeente wil in verblijfsgebieden meer aandacht voor de bespeelbaarheid van straten, stoepen, pleinen e.d. 31 De gemeente wil meer aandacht voor bespeelbaarheid van groenvoorzieningen (gras, bosplantsoen, (speel)bos, water, hondenpoep, braakliggende terreinen e.d.) 32 De gemeente wil, om nu en in de toekomst de kwantiteit en kwaliteit te waarborgen, landelijk getoetste uitgangspunten voor formele speelruimte hanteren. 34 De gemeente heeft de wettelijke verplichting het Attractiebesluit uit te voeren en moet kunnen aantonen dat zij alles in het werk heeft gesteld de toestellen veilig te plaatsen en in stand te houden. 36 Bij het ontwerpen en realiseren van speelplekken wordt rekening gehouden met medegebruik van de doelgroep met een beperking. 38 De gemeente wil de bewustwording van bespeelbare openbare ruimte vergroten. 38 De gemeente wil bewoners vragen betrokken te zijn bij de speelruimte door gebreken te melden en door mee te denken over de inrichting van speelplekken. 38 Waar mogelijk ondersteunt de gemeente de bestaande twee speeltuinverenigingen. 39 Beleidsuitgangspunt 15. De gemeente wil een duidelijk programma van eisen voor (her)ontwikkeling van woongebieden om voldoende kwantiteit en kwaliteit van de (in)formele speelruimte te waarborgen. 40 Beleidsuitgangspunt 16. Beleidsuitgangspunt 17. Beleidsuitgangspunt 18. Beleidsuitgangspunt 19. Beleidsuitgangspunt 20. Beleidsuitgangspunt 21. De gemeente wil een duurzaam netwerk aan speelplekken bieden met een inrichting en een centrale ligging die hier op zijn afgestemd. 40 De gemeente neemt in toekomstige bestemmingsplannen en in het programma van eisen bij stedenbouwkundige plannen de uitgangspunten voor speelruimte op. 42 Bij meldingen inzake onveilige en onwenselijke situaties worden binnen 48 uur passende maatregelen genomen. 43 Giessenlanden hanteert een onderhoudsniveau van 65% voor de speelvoorzieningen. 43 Vervanging van speelvoorzieningen vindt plaats zoals omschreven in de beheervisie. 43 Dit speelruimteplan wordt vastgesteld voor een periode van tien jaar en na vijf jaar geëvalueerd. 44 OBB Ingenieursbureau
11 1.2. Analyse speelruimte in het kort Kinderaantal Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 998 jeugdigen 6-11 jr jongeren jr Totaal Plek [A 6A] Voor de analyse van de speelruimte in Giessenlanden is gekeken naar de aanwezige kinderen, jeugdigen en jongeren. Het totaal van de 0- tot 18-jarigen levert de doelgroep op voor de gemeente. De gebruikte gegevens hebben als peildatum 30 november Het huidige kinderaantal laat een daling zien, het aantal kinderen 0-5 jaar is immers zichtbaar lager dan het aantal jeugdigen 6-11 jaar. Het aantal jeugdigen zal dan ook de komende jaren afnemen. Of het aantal kinderen zal stijgen of dalen is moeilijk te voorspellen. Het aantal jeugdigen is in verhouding tot het aantal jongeren redelijk hoog, de verwachting is dan ook dat de komende vijf tot tien jaar het aantal jongeren eerst zal stijgen en daarna zal afnemen. In de analyse is rekening gehouden met het verloop van het kinderaantal Speelruimte in Arkel Informele speelruimte Over het algemeen is de speelruimte in privétuinen alleen geschikt voor kinderen, en in sommige delen eveneens geschikt voor de jongere jeugdigen. Het merendeel van de straten in het dorp heeft geen functie voor doorgaand verkeer. Hierdoor is spelen op straat mogelijk, voorwaarde is dan wel dat er weinig auto s geparkeerd staan. Bespeelbaar groen in de openbare ruimte is veelal aan de rand van het dorp te vinden. Zeker in het noordoostelijk deel van het dorp is weinig openbaar groen in de straten aanwezig. Formele speelruimte In Arkel zijn acht speelplekken aanwezig voor kinderen, jeugdigen en jongeren. Het merendeel van deze plekken ligt in het zuidelijk deel van het dorp. In het noordelijk deel is de openbare ruimte beperkt. De huidige speelplekken bieden veelal speelmogelijkheden voor meerdere doelgroepen. Vooral voor de jeugdigen levert dit veel en saaie plekken op. Door plekken meer leeftijdsspecifiek te maken, kan een meer uitdagende inrichting worden geboden. Het voorstel is dan ook om drie speelplekken meer leeftijdsspecifiek voor kinderen te maken. De overige plekken dienen verbeterd te worden, met name voor de jeugd. Verder is er een plek secundair aangewezen, en zouden er twee nieuwe plekken aangelegd moeten worden. Een van deze zoekgebieden is bedoeld voor kinderen in het noordelijk deel van Arkel. De beperkte ruimte maakt het echter niet mogelijk deze te realiseren. Het tweede zoekgebied is gewenst om voorzieningen voor jongeren in Arkel uit te breiden. In het streefbeeld levert dit negen plekken op. Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken 8 9 aantal speeltoestellen Tabel 1 Speelvoorzieningen Arkel OBB Ingenieursbureau
12 Informele speelruimte bij de scholen Speelruimte in Giessenburg Informele speelruimte Voor het informele spelen zal de jeugd voornamelijk de openbare ruimte gebruiken. Straatspel kan op het merendeel van de straten plaatshebben doordat met uitzondering van de Kerkweg en Dorpsstraat de meeste straten alleen een functie voor aanwonenden en buurtbewoners hebben. Vooral de snelheid van het verkeer zorgt ervoor dat de kinderen en een deel van de jeugd niet zelfstandig door het hele dorp mogen. Het aanwezige groen in het dorp wordt in beperkte mate betrokken in het spel van de jeugdigen in Giessenburg. Formele speelruimte De kinderen, jeugdigen en jongeren in Giessenburg kunnen op acht plekken terecht voor formeel spel. De meest uitgebreide plek is speeltuin Kindervreugd die centraal in het dorp ligt. Het merendeel van de speelplekken ligt goed verspreid over het dorp. Hierdoor sluiten de plekken goed aan op waar de kinderen, jeugdigen en jongeren wonen. Wel zijn er aan de oostzijde van de Kerkweg meer speelplekken voor kinderen gewenst dan nu aanwezig. De huidige ligging en inrichting van de aanwezige speelplekken behoeft weinig aanpassing. Een plek wordt als secundair aangewezen door een beperkte functie van de plek. Voor verbetering van het speelvoorzieningenniveau in Giessenburg is het gewenst om twee nieuwe plekken voor kinderen te realiseren in het dorp. Daarnaast is het gewenst om de ontmoetingsmogelijkheden voor jongeren in het dorp te verbeteren. In totaal zouden er zo negen speelplekken in het dorp moeten zijn. Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken 8 9 aantal speeltoestellen Oudkerkseweg Tabel 2 Speelvoorzieningen Giessenburg Speelruimte in Giessen-Oudekerk Informele speelruimte Kinderen vinden hun informele speelruimte met name in de privétuinen, of in de woonstraten. Langs het merendeel van de woonstraten staan rijtjeswoningen waardoor de hoeveelheid speelruimte in de privétuin beperkt is en slechts voor kinderen geschikt. De jeugd zal voornamelijk spelen op straat of in het aanwezige groen. Dit groen wordt veelal gebruikt voor avontuurlijk spel. Voorwaarde voor gebruik van deze groene ruimte is wel dat zij vrij is van hondenpoep. Formele speelruimte Voor de 0- tot 18-jarigen in Giessen-Oudekerk zijn er op drie plekken, formele speelmogelijkheden aanwezig. De meest uitgebreide plek ligt bij de school, en omvat een toestel en een trapveld voor jeugdigen en jongeren. Door de bestaande plekken te verbeteren, worden er voldoende speelmogelijkheden geboden in het dorp. Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken 3 3 aantal speeltoestellen 8 11 Tabel 3 Speelvoorzieningen Giessen-Oudekerk OBB Ingenieursbureau
13 Speelplek t Hoog Speelruimte in Hoogblokland Informele speelruimte De jeugdigen in het dorp zijn aangewezen op de openbare ruimte voor hun informele speelruimte. Met uitzondering van de Dorpsweg, Hoogbloklandseweg en Beemdweg zijn de meeste straten in het dorp geschikt voor spel. Bespeelbare groene ruimte is in Hoogblokland in beperkte mate aanwezig. Vaak zijn de aanwezige groene ruimten reeds ingericht als formele speelplek, of zijn ze privé-eigendom. Als er al groen aanwezig is waarop gespeeld kan worden, dan ligt hier doorgaans veel hondenpoep. Formele speelruimte In Hoogblokland zijn er op vijf speelplekken voorzieningen aanwezig voor de 0- tot 18-jarigen in het dorp. Van deze plekken zijn de voorzieningen bij het zwembad aan t Hoog het meest uitgebreid. Hier bevindt zich onder meer het trapveld. Door de huidige speelplekken te verbeteren voor de verschillende leeftijden sluiten deze beter aan op de doelgroep(en). Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken 5 5 aantal speeltoestellen Tabel 4 Speelvoorzieningen Hoogblokland Speelruimte in Hoornaar Informele speelruimte Voor de kleinste kinderen is de speelruimte in de privétuin een belangrijke plek om zich te ontwikkelen en te spelen. Voor de jeugd is de straat een belangrijke plek voor informele speelruimte. Gezien de opbouw zijn met name straten als Giessenland, De Schans, Fazantstraat en Oudendijk geschikt voor straatspel. Bespeelbaar groen is er in beperkte mate binnen het dorp. Het meeste groen ligt aan de rand van het dorp, of bestaat uit kleinere groenstroken binnen de buurten. Formele speelruimte De kinderen, jeugdigen en jongeren in Hoornaar hebben de beschikking over zeven formele speelplekken. Onder deze plekken zijn meerdere plekken met toestellen en twee voetbalmogelijkheden. Door een aantal plekken meer leeftijdsspecifiek in te richten of te verbeteren, wordt meer uitdaging geboden aan de 0- tot 18-jarigen in het dorp. Daarnaast is er een plek secundair aangewezen, en wordt voorgesteld een nieuwe plek voor kinderen in te richten om een betere spreiding van speelplekken te realiseren. Biggentuin Hoornaar Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken 7 7 aantal speeltoestellen Tabel 5 Speelvoorzieningen Hoornaar OBB Ingenieursbureau
14 Speelruimte in Noordeloos Informele speelruimte Doordat veel huizen in rijtjes staan, is de informele speelruimte in de privétuinen in Noordeloos redelijk beperkt. Kinderen zullen hier echter nog wel een belangrijk deel van hun informele speelruimte vinden. De ruimte in het openbaar gebied is namelijk nogal verschillend van omvang. Met uitzondering van de Botersloot en Noordzijde zijn de meeste straten bedoeld voor aanwonenden en hierdoor meer verkeersluw. De jeugdigen in Noordeloos zullen dan ook gebruikmaken van deze ruimte om te spelen. Naast de straten en tuinen is er nog bespeelbaar groen dat gebruikt kan worden bij het spelen. Daar waar mogelijk wordt in bomen geklommen of worden struiken gebruikt als verstopplek. Formele speelruimte Informele speelruimte op straat In de huidige situatie zijn er vijf speelplekken ingericht voor de 0- tot 18-jarigen in Noordeloos. Onderdeel van deze plekken is een skatemogelijkheid en een trapveld. Door drie plekken te verbeteren en een plek meer leeftijdsspecifiek aan te wijzen, kan voor de jeugd en jongeren worden voorzien. Voor de kinderen is het gewenst om een extra voorziening te realiseren aan de noordkant van het dorp. Hiermee stijgt het aantal plekken en speeltoestellen in het streefbeeld. Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken 5 6 aantal speeltoestellen Trapveld Schelluinen Tabel 6 Speelvoorzieningen Noordeloos Speelruimte in Schelluinen Informele speelruimte De jeugdigen in Schelluinen zullen hun informele speelruimte voornamelijk vinden in het openbaar gebied. Met uitzondering van de Voordijk en Nolweg zijn de wegen in het dorp verkeersluw en geschikt voor straatspel. Voor de kinderen is met name de privétuin geschikt als informele speelruimte. Verspreid door en aan de rand van het dorp zijn er verder groene plekken te vinden die de jeugdigen uitdagen tot avontuurlijk spel. Een voorbeeld hiervan is het groen aan de oostkant van de Jan van Goerlstraat. Formele speelruimte Voor de 0- tot 18-jarigen in Schelluinen zijn er op vier plekken speelmogelijkheden. Speeltuin Wip-Wap is hierbij de meest uitgebreide speelvoorziening voor kinderen en jeugdigen in het dorp. Daarnaast zijn nog twee kleinere speelplekken en een voetbalveld in het dorp aanwezig. Het aantal speelplekken volstaat door zijn ligging, wel is het gewenst om op drie plekken verbeteringen toe te passen. Met de realisatie van deze wijzigingen worden er voldoende speelmogelijkheden geboden in het dorp. Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken 4 4 aantal speeltoestellen Tabel 7 Speelvoorzieningen Schelluinen OBB Ingenieursbureau
15 1.3. Financiën in het kort Aanpassing van het speelvoorzieningenniveau kan niet plaatsvinden zonder eenmalige, en structurele investeringen. In hoofdstuk 8 staat de volledige financiële onderbouwing beschreven Eenmalige investering Voor het uitvoeren van de aanpassingen van de speelruimte die voortkomen uit de analyse is een eenmalige investering gewenst. Voor het aanbrengen van speelprikkels en zitaanleidingen, het realiseren van nieuwe plekken en verbeteren van bestaande plekken is eenmalig nodig. Het gaat hierbij echter om een eerste aanname en verwachte inrichting. De definitieve uitwerking en invulling zal pas plaatsvinden tijdens de inspraak- en uitvoeringsperiode. De eenmalige investering per dorp wordt weergegeven in Tabel 8. Dorp Het aantal jarigen In de huidige situatie aanwezig In de analyse voorgesteld om nieuw te realiseren In de analyse als secundair aangewezen Het aantal in het streefbeeld De kosten voor de nieuwe plekken en de maatregelen. plekken toestellen plekken toestellen aanleidingen maatregelen plekken toestellen plekken toestellen Arkel Giessenburg Giessen-Oudekerk Hoogblokland Hoornaar Noordeloos Schelluinen Tabel 8 besparing door hergebruik toestellen Eenmalige kosten realisatie per dorp uitvoeringkosten afrondingsverschil -100 Totaal Structurele budgetten De aanpassingen in het speelvoorzieningenniveau zijn eveneens van invloed op de budgetten die jaarlijks nodig zijn voor onderhoud, beheer en vervanging. De totale vervangingswaarde van de toespeelvoorzieningen wijzigt eveneens. Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken aantal speeltoestellen aanschafwaarde toestellen aanschafwaarde ondergronden Aanschafwaarde totaal Tabel 9 Inventarisatie en vervangingswaarde OBB Ingenieursbureau
16 Aan de hand van de aanwezige toesteltypen en de geformuleerde onderhoudsbedragen in de normen kan het huidige onderhoudsbudget worden berekend. In het beleidsdeel wordt een onderhoudsniveau van 65% aangegeven. Op basis van ervaring en de uitgevoerde veldinventarisatie is dit percentage bepaald. Hierbij gaat het om een percentage van de (norm)onderhoudsbedragen uit Bijlage II. Voor het beheer is een ervaringsgetal geformuleerd op basis van reeds opgestelde beleidsplannen. Dit percentage ligt op 3,5% van de aanschafwaarde van de toestellen. Binnen dit beheerbudget vallen alle bureauzaken als gegevensbeheer, werkvoorbereiding, klachtenafhandeling en beleidstechnische werkzaamheden. Het vervangingsbudget is berekend aan de hand van de levensduur en de aanschafwaarde van een toestel. In principe wordt een toestel vervangen nadat de afschrijvingstermijn is verstreken. Het moment van de daadwerkelijke vervanging van een toestel wordt mede bepaald door de staat van het toestel. Wanneer blijkt dat een toestel na de gestelde afschrijvingstermijn nog één of meer jaren veilig kan functioneren, kan de vervanging worden uitgesteld. Structurele kosten Budget Huidig Bedrag huidig OBB Raming huidig niveau Bedrag streef OBB Raming streefbeeld 2009 Kosten Uren Kosten Uren onderhoud op niveau 65% beheer vervanging Totaal Tabel 10 Structurele kosten In de berekening van de ramingen met kosten en uren uit Tabel 10 is uitgegaan van: 60% uren en 40% kosten bij onderhoud ( 55,- / uur); 90% uren en 10% kosten bij beheer ( 55,-/ uur); het gegeven: dat vervanging een reservering is, zodat geen uren nodig zijn. De kolommen bedrag huidig OBB en bedrag streef OBB geven het totaal bedrag aan voor zowel kosten als uren In het kort Normen voor speelruimte Voor het opstellen van de analyse en het voorgestelde streefbeeld wordt gebruikgemaakt van door OBB landelijk getoetste normen voor speelruimte. Deze normen zijn sindsdien in meer dan 60 speelruimtebeleidsplannen van verschillende gemeente opgenomen en toegepast. De basis van deze normen zijn de landelijk bekende afstandscirkels, die de actieradius van een leeftijdsgroep aangeven. OBB Ingenieursbureau
17 OBB heeft deze afstandscirkels uitgebreid met een norm voor het aantal kinderen, jeugdigen of jongeren per plek. De gedachte hierbij is, dat wanneer er geen kinderen, jeugdigen of jongeren ergens wonen het niet noodzakelijk is om hier speelmogelijkheden aan te bieden. Daarnaast is uit ervaring gebleken dat wanneer er minder dan een bepaald aantal kinderen, jeugdigen of jongeren binnen de afstandscirkel woonachtig zijn er maar sporadisch gebruikgemaakt wordt van een speelplek. Boven een bepaald aantal is de speeldruk op een speelvoorziening dermate groot dat extra voorzieningen gewenst zijn. Hierbij speelt de aanwezige informele speelruimte een belangrijke rol, zodat hiervoor eveneens normen zijn opgesteld. Het specificeren van deze informele speelruimte blijkt in de praktijk nogal lastig. Uit ervaringen is echter gebleken dat er bij een beperkte hoeveelheid informele speelruimte, meer vraag/speeldruk is op formele speelplekken. Formele speelruimte kan dan ook niet zonder informele speelruimte worden gezien Verhouding tot andere gemeenten Op het gebied van het aantal speelvoorzieningen in Giessenlanden doet de gemeente het redelijk goed. Dit blijkt wel uit de beperkte stijging van het aantal speelplekken. Dat er over het geheel gezien meer plekken voor jongeren moeten komen, is eveneens een gegeven dat landelijk gezien in meer gemeenten zichtbaar is. Het punt waar Giessenlanden iets achter blijft ten opzichte van het landelijk gemiddelde is de mate van onderhoud en vervanging. Landelijk gezien is een onderhoudspercentage van 70% gebruikelijk. In Giessenlanden ligt dit percentage op 65%. Op het gebied van vervanging is er een achterstand zichtbaar, met name door het ontbreken van voldoende budget. Dit vertaalt zich dan ook in een stijging van de geraamde budgetten Aanleiding investering De voorgestelde eenmalige investering is bedoeld om het huidige speelvoorzieningenniveau beter te laten aansluiten op de kinderen, jeugdigen en jongeren in Giessenlanden. Onder meer voor het meer leeftijdsspecifiek maken, het verplaatsen van plekken en het uitbreiden van speelmogelijkheden is de investering gewenst. Daarnaast is stijging van de structurele budgetten gewenst, ook als de eenmalige investering niet wordt uitgevoerd. Doordat de huidige budgetten niet voldoende blijken, is er langere tijd onvoldoende onderhoud en vervanging uitgevoerd. Met de uitvoering van de voorgestelde maatregelen zal het speelvoorzieningenniveau wijzigen waardoor de structurele budgetten een beperkte verdere stijging behoeven. Het niet uitvoeren van de voorgestelde wijzigingen leidt er toe dat de speelmogelijkheden niet overal aansluiten op de behoefte. Het zal er daarnaast voor zorgen dat de speelmogelijkheden niet meer evenredig worden gespreid over de gemeente. Wanneer ervoor wordt gekozen om de structurele budgetten niet te doen stijgen, kan dit gevolgen hebben voor de veiligheid en/of de hoeveelheid speelmogelijkheden. De mogelijkheid bestaat dat toestellen minder goed worden onderhouden, en hierdoor mogelijk minder veilig worden. Daarnaast zal het er toe kunnen leiden dat toestellen worden verwijderd, zonder dat er nieuwe geplaatst kunnen worden door het ontbreken van vervangingsbudget. Kop 7 voor witregel in inhoudsopgave OBB Ingenieursbureau
18 2. INLEIDING Dit rapport Buitengewoon... Spelen! geeft het beleid van Giessenlanden inzake de openbare speelvoorzieningen weer. Het beleidsdeel omschrijft de relevante richtlijnen voor het te vormen beleid. Het analysedeel geeft een beeld van de huidige speelruimte, het wenselijke en het huidige openbare speelvoorzieningenniveau, de te nemen maatregelen, aan de hand van het te voeren beleid. Het beheergedeelte omschrijft hoe de gemeente omgaat met beheer, onderhoud en vervanging van speelvoorzieningen. Om het leesgemak van deze beleidsnota te verhogen is een leeswijzer opgenomen Waarom een speelruimteplan? In gemeente Giessenlanden leeft de wens om te komen tot breed gedragen gemeentelijk speelruimtebeleid. Het huidig beleid biedt onvoldoende handvatten ten aanzien van het realiseren (beleid) en onderhouden (beheer) van speelvoorzieningen. Met behulp van het speelruimteplan zal behoefte aan speelmogelijkheden gerelateerd aan demografische gegevens, ontwikkelingen en aan de mate van informele speelruimte per dorp inzichtelijk worden. Door middel van het beheerplan kan de gemeente inzicht krijgen in de structurele werkzaamheden en vervanging rondom de speeltoestellen, zoals de benodigde beheeractiviteiten, de inspectie- en onderhoudswerkzaamheden, de jaarlijkse kosten voor beheer, onderhoud en vervanging en de verschillende mogelijke onderhoudsniveaus Speelplaatsenplan Het huidige speelplaatsenplan gaat uit van het realiseren van een centrale (grote) speelplek binnen een dorp, met enkele kleinere satellietplekken er omheen. Mede ten aanzien van financiële middelen is voor deze werkwijze gekozen, en niet voor het realiseren van plekken op basis van behoefte/leeftijden van kinderen rondom de speelplek. In het speelplaatsenplan wordt daarnaast uitdrukkelijk gewezen op het feit dat de financiën slechts een sobere inrichting mogelijk maken. Participatie in het speelplaatsenplan is met name gericht op de speeltuinverenigingen en niet op inspraak van bewoners per plek. Het belang van deze verenigingen wordt onderkend omdat zij subsidie ontvangen van de gemeente, maar ook subsidie kunnen aanvragen bij externe instanties (zoals Jantje Beton). De subsidie van de gemeente aan de verenigingen is in het speelplaatsenplan opnieuw vastgelegd. Daarom ontvangen de verenigingen 50% van het totaalbedrag voor vervanging om veiligheidsredenen, inclusief nieuwe ondergrond, dan wel 30% van het totaalbedrag voor reguliere vervanging met een maximum van het opgenomen bedrag in het speelplaatsenplan. Spelen is leren Met het speelruimteplan Buitengewoon Spelen! wordt een hernieuwde invulling gegeven aan het speelruimtebeleid van Giessenlanden. De indeling van centrale plekken en satellietplekken wordt verbeterd door ook te kijken naar de aanwezige doelgroep/leeftijdsgroepen in de dorpen. Voor de speeltuinverenigingen zal er een maximum subsidiebedrag per jaar worden vastgesteld. Hierbij zal er gekeken moeten worden hoe zich dit verhoudt tot de openbare speelplekken en het gemiddeld aantal speeltoestellen per plek. OBB Ingenieursbureau
19 2.3. Vervolg van het speelruimteplan Dit speelruimteplan biedt een goede basis voor het verbeteren, aanpassen, inrichten en aanvullen van de speelvoorzieningen in Giessenlanden. Het plan zal worden vastgesteld door het college en de gemeenteraad Leeswijzer voor het speelruimteplan Bovenstaande doelstelling en visie zijn uitgewerkt in het speelruimteplan. Na een samenvatting in hoofdstuk 1 en een inleiding in hoofdstuk 2, en onderzoeksopzet in hoofdstuk 3 beslaat deel I van dit rapport het eigenlijke speelruimtebeleid. In hoofdstuk 4 wordt het te voeren beleid voor de speelruimte voor 2009 tot en met 2018 beschreven. Vooral dit deel van het speelruimteplan is het gedeelte dat bestuurlijk moet worden vastgesteld. Deel II is de uitwerking van het voorgestelde beleid. In de hoofdstukken 5 tot en met 7 wordt aan de hand van het geformuleerde beleid een analyse gemaakt van de mate waarin de aanwezige speelruimte voldoet aan de geformuleerde uitgangspunten voor beleid. Met andere woorden: hoe ziet het openbaar speelvoorzieningenniveau eruit? Daarbij worden de noodzakelijke aanpassingen en financiële consequenties beschreven in hoofdstuk 8. Dit deel biedt een leidraad voor de aanpassingen aan de speelruimte in Giessenlanden. Het beheerplan in deel III omschrijft de manier van omgaan met beheer, onderhoud en vervanging van de speelvoorzieningen. Hierin wordt duidelijk hoe de huidige situatie in Giessenlanden is, en op welke manier in de toekomst hier invulling aangegeven wordt. In deel IV worden de bijlagen weergegeven. Deze tabellen bevatten (norm)cijfers, ramingen en voorbeelden behorende bij de huidige en wenselijke speelsituatie in Giessenlanden. OBB Ingenieursbureau
20 3. ONDERZOEKSOPZET 3.1. Doelstelling en visie Het doel is te komen tot een praktisch en breed gedragen speelruimteplan dat invulling geeft aan een evenredige verdeling van speelvoorzieningen over de diverse dorpen en behoeften van de verschillende categorieën gebruikers. Daarbij wordt rekening gehouden met de mate van informele bespeelbaarheid van de verschillende dorpen. De bijbehorende visie is dat er in de openbare ruimte van Giessenlanden voldoende en veilige speelruimte is. Spelen is voor kinderen erg belangrijk. Spelen stimuleert de motorische en de sociaal emotionele ontwikkeling van kinderen. Door veel buiten spelen leren kinderen hun eigen leefomgeving te ontdekken, leren zij omgaan met andere kinderen en leren zij hun motoriek te beheersen. Buiten spelen levert ook een bijdrage aan een gezonde lichaamsbeweging. Is de speelruimte bereikbaar? Speelruimte moet dan ook voor alle kinderen in Giessenlanden in de openbare ruimte voldoende aanwezig zijn. Tevens moet deze speelruimte veilig zijn. Verder zal het plan duidelijkheid bieden in de benodigde werkzaamheden rondom speeltoestellen en de financiële aspecten om passend beheer, onderhoud en meerjarenplanning voor vervanging te kunnen toepassen Plan van aanpak Het speelruimteplan is opgesteld aan de hand van een plan van aanpak waarin de verschillende werkzaamheden stonden gepland. De werkzaamheden zijn begeleid door de ambtelijke werkgroep speelruimteplan die bij aanvang van de werkzaamheden is opgericht Ambtelijke werkgroep speelruimteplan De diverse onderdelen van het speelruimtebeleid hebben raakvlakken met onderscheiden verantwoordelijkheden. Daarom is het plan in breed overleg opgesteld en is een projectgroep ingesteld met vertegenwoordiging vanuit alle afdelingen die betrokken zijn bij spelen: Maatschappelijke Zaken Ruimte en Projecten Beheer en Onderhoud Middelen Communicatie. In de ambtelijke werkgroep wordt het speelruimteplan uitvoerig besproken en aangescherpt. Na deze aanscherping zal het plan op de reguliere manier door de gemeenteraad worden vastgesteld. Door aan de werkgroep deel te nemen wordt voor de verschillende afdelingen duidelijker wat hun taken zijn binnen het speelruimteplan en hoe zij hun bijdrage kunnen leveren aan de speelruimte in Giessenlanden. OBB Ingenieursbureau
21 Rondgang met basisschool leerlingen Veldinventarisatie Om een goede indruk te krijgen van de bespeelbaarheid van de verschillende dorpen heeft een aanvullende uitgebreide veldinventarisatie plaatsgevonden. Hierin werd gekeken waar de jeugdigen spelen (zowel speelplekken als informele speelruimte) en welke routes ze gebruiken. Er werd ook gekeken naar bereikbaarheid van speelplekken, speelwaarde, geschiktheid voor leeftijdscategorieën, welke fysieke en sociale barrières er (kunnen) zijn en dergelijke. Mede aan de hand van deze inventarisatie is invulling gegeven aan de analyse van de Giessenlandse speelruimte (hoofdstuk 7) Overige beleidsvelden Naast het overleg met de projectgroep, de veldinventarisatie en de inspraak (zie 3.3) zijn beleidsstukken, onderzoeken en rapporten van gemeente Giessenlanden, die relevant zijn voor spelen, meegenomen in de afweging van het speelruimteplan. Stukken die meegenomen zijn: Algemene Plaatselijke Verordening; Speelplaatsenplan Samen met andere partijen Voor het uitvoeren van het voorgestelde speelruimteplan is het van belang om samenwerking met KleurrijkWonen en de betrokken schoolbesturen (verder) uit te werken. Op deze manier kunnen er afspraken over beheer, onderhoud en vervanging van speelvoorzieningen worden gemaakt. Daarnaast kan gezamenlijk invulling worden gegeven aan het speelvoorzieningenniveau in Giessenlanden Betrokkenheid doelgroepen Er is gekozen om verschillende doelgroepen intensief bij de analyse en planvorming te betrekken: jeugdigen van 6 tot en met 11 jaar (KinderKlankBord); buurt- en dorpsverenigingen, via een enquête; speeltuinverenigingen, via een enquête Jeugdigen Het KinderKlankBord is een middel om te weten te komen wat de jeugd belangrijke speelruimte en -mogelijkheden vindt. Dit instrument bestaat uit drie onderdelen: de rondgang, de speelmogelijkhedenenquête en het maken van een buurtplattegrond. Rondgang: om een indruk te krijgen hoe de jeugd haar woonomgeving gebruikt om te spelen, zijn voor het opstellen van het speelruimtebeleidsplan rondwandelingen met de jeugdigen gemaakt. In Giessenlanden hebben er rondgangen met alle elf basisscholen plaatsgevonden. Er werd gekeken waar ze niet mogen of kunnen spelen, hoe ze in het groen, bij het water en op de straat kunnen spelen, wat ze goede en slechte speelplekken vinden en waar ze naartoe gaan om spannende dingen te doen of hutten te bouwen. Verder konden de jeugdigen aangeven wat de grote problemen zijn bij het spelen, wat ze het meest zouden missen als ze zouden verhuizen en waar ze behoefte aan hebben. Enquête: aan alle scholen is een enquêteformulier toegezonden. Deze enquête gaat over de verschillende buitenspeelmogelijkheden. De enquêteformulieren werden onder begeleiding van de leerkrachten door de jeugdigen vanaf groep vier ingevuld. De resultaten van de enquêtes zijn opgenomen in Bijlage XI. OBB Ingenieursbureau
22 Buurtplattegrond op enquête Buurtplattegrond: alle scholen werd verzocht mee te werken aan het maken van een buurtplattegrond. Dit is een opdracht die de leerkrachten met de jeugdigen konden uitvoeren. Een mogelijkheid was om de kinderen in groepjes van ongeveer zeven kinderen op een groot vel (bijvoorbeeld flip-overformaat) een eigen plattegrond van hun buurt of dorp te laten tekenen. De plattegrond hoefde niet geografisch juist te zijn, maar moest wel laten zien welke plekken een grote belevingswaarde voor de jeugdigen hebben. Ook het tekenen van de gedroomde speelplek behoorde tot de mogelijkheden. Vijf verschillende scholen hebben buurtplattegronden gemaakt. De scholen Den Beemd (Hoogblokland), Samen op Weg (Hoornaar), De Lingewaar (Arkel), Giessen-Oudekerk (Giessen-Oudekerk) en Het Tweespan (Schelluinen) hebben door enkele leerlingen buurtplattegronden laten maken. De opmerkingen vanuit de rondgangen, enquêtes en buurtplattegronden zijn zoveel mogelijk meegenomen in de analyse Jongeren Ook de jongeren van 12 tot en met 18 jaar verblijven in de openbare ruimte. Er is dus een behoefte aan speel-, ontmoetings- en sportmogelijkheden te verwachten. Om de verschillende (on)mogelijkheden om buiten leeftijdsgenoten te ontmoeten en om eventuele problemen in beeld te brengen, is dit meegenomen in het ambtelijk overleg. In de loop van 2009 zal er in het kader van een ander project meer uitgebreid inspraak plaats vinden met jongeren in Giessenlanden Belanghebbenden Aan de aanwezige buurtverenigingen en de twee speeltuinverenigingen van Giessenlanden is medewerking gevraagd door het laten invullen van een enquête. Op deze manier is het mogelijk om bij deze verenigingen bekende problemen en verzoeken mee te nemen in het speelruimteplan. Van de ruim 45 aanwezige verenigingen heeft ruim de helft de enquête ingevuld en teruggestuurd. Van de speeltuinverenigingen heeft Kindervreugd een enquête ingevuld Begripsbepaling Speelruimte Het is belangrijk om te realiseren dat fysieke ruimte de bepalende factor is bij het spelen en niet zozeer de aanwezigheid van speeltoestellen. Speelruimte betreft ten eerste de ruimte die fysiek aanwezig is om te spelen, zowel in de openbare ruimte als op ingerichte speelplekken. Ten tweede gaat speelruimte over de spreekwoordelijke ruimte die de doelgroep gegund wordt, met andere woorden: waar mag hij of zij spelen? (In)formele speelruimte Binnen de openbare ruimte kan ook onderscheid gemaakt worden tussen informele en formele speelruimte. Oftewel: de ruimte die van nature aanwezig is zoals pleinen, straten en parken, en de ruimte die specifiek voor spelen is ingericht zoals speelplekken. Met informele speelruimte wordt de ruimte aangeduid waar de doelgroep leeft, woont en (veilig) kan spelen, zoals de straat, de stoep, het plantsoen en het water, maar waar geen specifieke speeltoestellen staan. Met formele speelruimte wordt de ruimte aangeduid die specifiek en exclusief is ingericht voor de speelfunctie (de speelplekken met voorzieningen). OBB Ingenieursbureau
23 In dit speelruimteplan staat de formele speelruimte niet los van de informele speelruimte, maar vullen zij elkaar aan. Wanneer er veel informele ruimte voorhanden is, wordt de behoefte aan formele ruimte kleiner Speelprikkel en speeltoestel Bij speelruimte wordt onderscheid gemaakt tussen speelprikkels en speeltoestellen. Speelprikkels zijn objecten die niet specifiek voor het spelen geplaatst zijn, maar een scala aan speelmogelijkheden bieden in de informele en formele speelruimte. Speeltoestellen zijn de voorzieningen in de formele speelruimte die specifiek voor het spelen geplaatst zijn en gemaakt zijn voor een bepaalde speelmogelijkheid. In Bijlage VIII wordt nader ingegaan op het begrip speelprikkel Openbaar speelvoorzieningenniveau In de analyse wordt gesproken over een openbaar speelvoorzieningenniveau. Het openbaar speelvoorzieningenniveau is het beeld van speelplekken dat recht doet aan een eerlijke verdeling van speelvoorzieningen over de leeftijdscategorieën van de doelgroep en de verschillende dorpen Secundaire voorzieningen Er wordt gesproken over secundaire speelplekken of toestellen De als secundair aangeduide voorzieningen hebben geen functie (meer) in het voorgestelde openbare speelvoorzieningenniveau. In overleg met bewoners kunnen deze plekken opgeheven worden. Er moet een keuze gemaakt worden ten aanzien van de wijze en snelheid waarmee de secundaire speeltoestellen en plekken opgeheven worden. Dit kan door in de uitvoeringsplannen vorm te geven aan de maatregelen uit het speelruimteplan. Invulling met speelprikkels Toestellen kunnen blijven staan totdat ze aan vervanging toe zijn. Het kan ook zijn dat gezien de kosten de secundaire toestellen verwijderd moeten worden of ergens anders herplaatst moeten worden om invulling te geven aan het openbaar speelvoorzieningenniveau. Een voordeel van het langzaam verwijderen van speeltoestellen is dat deze langer ter beschikking van de doelgroep blijven. Een nadeel is dat één of een enkel toestel dat niet uitgebreid onderhouden wordt een negatieve invloed kan hebben op het aanzicht van de openbare ruimte. Het in één keer verwijderen van alle secundaire toestellen is organisatorisch het eenvoudigst en voorkomt dat er iedere keer opnieuw uitleg moet worden gegeven aan bewoners en doelgroep. Wanneer de toestellen door het secundair worden van een plek verwijderd worden, is het erg belangrijk dat er een bespeelbare ruimte achterblijft die niet wordt gebruikt voor parkeren, siergroen of om honden uit te laten. Zeker in de buurten met een hoge kinderdichtheid is het van belang dat deze ruimten als informele speelruimte beschikbaar blijven. Als dit in de voorlichting benadrukt wordt, zullen er bovendien minder bezwaren gemaakt worden bij het opheffen van een plek. In de analyse en in Bijlage VI is per speelplek de huidige en toekomstige leeftijdscategorie, dan wel secundaire status aangegeven. OBB Ingenieursbureau
24 Leeftijdsaanduidingen In het speelruimteplan wordt de volgende indeling in leeftijdscategorieën gehanteerd: kinderen = van 0 tot en met 5 jaar jeugdigen = van 6 tot en met 11 jaar jongeren = van 12 tot en met 18 jaar OBB Ingenieursbureau
25 DEEL I BELEID SPEELRUIMTE Buitengewoon... Spelen! Speelruimteplan gemeente Giessenlanden OBB Ingenieursbureau
26 OBB Ingenieursbureau
27 Beleidsuitgangspunt 1. De 0- tot 18-jarigen in Giessenlanden hebben recht op speelruimte. Beleidsuitgangspunt 2. De gemeente onderkent het belang van speelruimte en wil zowel het informele als het formele spelen stimuleren. 4. BELEID SPEELRUIMTE Dit speelruimteplan Buitengewoon... Spelen! gaat over het spelen in Giessenlanden. Wat is er natuurlijker dan spelen? Spel is onlosmakelijk verbonden met leven, met samenzijn, met het functioneren als individu en met het functioneren als lid van een groep. Natuurlijk, roept iedereen, spel is belangrijk en er moet ruimte zijn voor spel, veilig spel wel te verstaan. In voorliggend hoofdstuk worden de beleidsaspecten inzake de speelruimte weergegeven Het recht op spelen Kinderen, jeugdigen en jongeren (de doelgroep) hebben recht op speelruimte. Er is (nog) geen expliciete wet die overheden verplicht om speelplekken aan te leggen. Wel is er het verdrag inzake de Rechten van het kind dat werd aangenomen door de Verenigde Naties op 20 november Het omvat alle kinderrechten, geldt wereldwijd en heeft dezelfde kracht als een wet in Nederland. Het verdrag is eigenlijk een contract tussen de overheden en hun minderjarige bevolking. Het is de plicht van elke overheid om daarmee rekening te houden. Lid 1 van Artikel 31 van het verdrag Rechten van het kind De Staten die partij zijn, erkennen het recht van het kind op rust en vrije tijd, op deelneming aan spel en recreatieve bezigheden passend bij de leeftijd van het kind, en op vrije deelneming aan het culturele en artistieke leven Het nieuwe spelen Door de SP (Mw. Agnes Kant) is twee jaar geleden een initiatiefwet over speelruimte ingediend. Deze initiatiefwet met daarin de zogenoemde 3%-norm 1 voor speelruimte heeft het niet gehaald tot wet. Wel heeft minister Dekker naar aanleiding van dit wetsvoorstel een brief rondgestuurd aan de Nederlandse gemeenten. In deze brief wordt de zorg van de regering uitgesproken over het feit dat de kinderen ogenschijnlijk minder buiten spelen en dat dit zou komen door een tekort aan speelruimte en ontwikkelingsmogelijkheden. De gemeenten wordt verzocht alsnog invulling te geven aan deze 3%-norm, met als aandachtspunt de verantwoordelijkheid voor een integrale ruimtelijke ontwikkeling. Dus er dienen niet alleen speelplekken gemaakt te worden, maar ook trapveldjes, sportvelden, parken, waterkanten, natuurgebieden, en schoolpleinen en pleinen dienen geschikt en bereikbaar te zijn voor kinderen om te spelen. De minister vraagt om ruimte voor informeel spel. Giessenlanden voldoet door haar ruimtelijke opbouw wel aan deze 3%-norm. Zo is er groen in en voornamelijk rond de dorpen te vinden, zijn er de speelplekken en trapvelden, en hebben meerdere dorpen water binnen de kom, dat betrokken kan worden bij het spelen. Echter, nadere invulling van de kwaliteit van deze speelruimte en een link met de kinderaantallen is nog niet gelegd in deze 3%-norm. 1 Van de openbare ruimte zou 3% de bestemming speelruimte moeten krijgen. Bezwaren daarbij waren dat bij deze norm elke vorm van kwalificatie ontbrak en er geen rekening werd gehouden met het aantal kinderen. Ook zouden de kinderen dan in speelhokjes worden gezet in plaats van een integratie van het spelen in de openbare ruimte. OBB Ingenieursbureau
28 Leren en spelen Beleidsuitgangspunt 3. De gemeente wil voldoende ontwikkelingsmogelijkheden aan de kinderen, jeugdigen en jongeren bieden door voldoende variatie in inrichting, speeltoestellen en speelprikkels aan te bieden Spelen is leren Spelen is in al haar vormen van wezenlijk belang voor de ontplooiing van de opgroeiende doelgroep en is de basis voor haar geestelijke en lichamelijke ontwikkeling. Om de ontwikkeling maximaal te kunnen stimuleren, is het nodig inzicht te hebben in de functies die spelen daarbij heeft (zie Bijlage I). Tijdens het spel spelen ingewikkelde mentale processen een belangrijke rol. Door te spelen verkent het kind zijn omgeving. Hij of zij ontmoet andere kinderen, jeugdigen en jongeren, bekende en onbekende volwassenen, allerlei materialen, allerlei mogelijkheden, structuren en situaties. Het omgaan met de voorwerpen en situaties in zijn of haar omgeving is een belangrijke voorwaarde voor de ontwikkeling van de waarneming, het denken, het probleem oplossen en de geheugenfuncties. Door tijdens het spelen grenzen te verleggen leert de doelgroep meer vertrouwen te hebben in zichzelf. Zelfvertrouwen is erg belangrijk bij het leggen van sociale contacten. Ieder mens is uniek en heeft een eigen ontwikkelingspatroon. Dit is ook afhankelijk van bijvoorbeeld cultuur of beperking. Daarom is het bij het realiseren van speelruimte belangrijk om rekening te houden met deze verschillen en daar de speelmogelijkheden en speelfuncties op af te stemmen. Om een evenwichtig aanbod in de verschillende speelfuncties te hebben is het belangrijk ervoor te zorgen dat er voldoende speelmogelijkheden zijn. Dit kan door veel te variëren in de inrichting van de speelplek met hoogteverschillen, materialen, toestellen en speelprikkels. Deze variatie zorgt er tevens voor dat er altijd voldoende uitdaging is op de speelplek voor de kinderen om er weer terug te komen. De variatie op de speelplek kan een aanvulling zijn op de al geboden speelfuncties in de openbare ruimte, zoals het bouwen van hutten in het bos Speelruimte, voor wie? Het is van belang te weten welke doelgroepen er gebruikmaken van informele en formele speelruimte en hoe deze doelgroepen de speelruimte gebruiken. Men moet ervan uitgaan dat baby s zo gauw ze gaan lopen tot en met de jongeren van circa achttien jaar gebruikmaken van de aanwezige speelruimte. De scheidslijnen van de leeftijdscategorieën zijn niet haarscherp, maar bij de beoordeling van een speelruimte wordt een indeling in leeftijdscategorieën gehanteerd naar de schoolindeling. Voor het aantal kinderen, jeugdigen en jongeren per dorp wordt verwezen naar Bijlage IV. Speelruimte 0-5 jaar De kinderen (0 tot en met 5 jaar) Voor kinderen tot en met circa drie jaar is de speelplek zeker een plaats waar hij of zij onder begeleiding van een oudere veilig kan liggen, kruipen, staan of rondstruinen. Het alleen en zelfstandig spelen van een dergelijk jong kind vindt plaats in de besloten omgeving van de woning, bijvoorbeeld in de tuin, de woonkamer of eventueel direct bij de voordeur. OBB Ingenieursbureau
29 Speelruimte 6-18 jaar Ruimte en formeel spel Beleidsuitgangspunt 4. De gemeente wil voldoende informele speelruimte aanbieden aan de kinderen, jeugdigen en jongeren. Waar deze informele ruimte tekortschiet in kwantiteit of kwaliteit wordt zij zo mogelijk aangevuld met formele speelruimte (speelplekken). Als de kinderen naar groep één en twee van de basisschool gaan worden ze langzaamaan steeds zelfstandiger en willen en mogen ze hun omgeving verder verkennen. Dat gebeurt eerst dicht bij huis zodat de ouders nog enig zicht op het kind hebben, maar al snel verder de straat in, waar het kind steeds meer nieuwe mogelijkheden vindt om te spelen. Binnen de bebouwde kom van Giessenlanden wonen circa 998 kinderen 2. De jeugdigen (6 tot en met 11 jaar) De groep die in dit rapport als jeugdigen wordt aangeduid, betreft de kinderen uit de groepen drie tot en met acht van de basisschool. Op deze leeftijd gaan ze steeds meer op ontdekkingstocht uit en doen ze dit vaker in groepsverband. Jeugdigen uit de onderbouw mogen vaak nog geen drukke straten oversteken en moeten dichter bij huis blijven. Vanaf een jaar of acht echter zwermen ze uit over het gehele dorp. Het schoolplein is voor hen vaak een belangrijke speel- en ontmoetingsplek. Binnen Giessenlanden wonen circa jeugdigen. De jongeren (12 tot en met 18 jaar) Eenmaal op het voortgezet onderwijs treedt er meestal weer een gedrags- en interesseverandering op. De jongeren blijken de al dan niet daartoe ingerichte openbare ruimte vaak te gebruiken om zich te verzamelen, rond te hangen en te sporten. Ze verplaatsen zich hiervoor zelfstandig over het gehele dorp. In Giessenlanden wonen circa jongeren De relatie informele en formele speelruimte Als kinderen, jeugdigen of jongeren willen spelen, kunnen zij in een gevarieerde omgeving met gras, struiken, bomen, pleinen, stoepen en water vrijwel alle vormen van spel uitoefenen. Speeltoestellen kunnen dan ook gezien worden als een vervanging van de mogelijkheden die van nature aanwezig zijn. Men ziet dan ook vaak dat de noodzaak van speelplekken toeneemt naarmate de fysieke ruimte om te spelen afneemt. Uiteraard zal gestreefd moeten worden naar zoveel mogelijk informele speelruimte. Het zou ideaal zijn als iedereen voldoende natuurlijke informele ruimte in zijn omgeving heeft om te spelen, zonder dat hiervoor speciale voorzieningen aangebracht hoeven te worden. De praktijk is echter dat dit op veel plaatsen niet het geval is. De ruimte om te spelen binnen het bebouwde gebied neemt steeds verder af. Het (auto)verkeer, de verdichting van de woningen, voorzieningen voor volwassenen, hondenpoep en vuil, bezuinigingen en onveiligheid door criminaliteit en vandalisme (sociale veiligheid) leggen een steeds groter beslag op de beschikbare openbare speelruimte. De uitgangspunttabellen voor informele en formele speelruimte in Tabel 11 op pagina 30 en Tabel 12 op pagina 35 zijn dusdanig opgesteld dat zowel de hier gestelde hoeveelheid informele als de formele ruimte in een dorp aanwezig dient te zijn voor een evenwichtig aanbod aan basisvoorzieningen. 2 Peildatum aantal kinderen, jeugd en jongeren OBB Ingenieursbureau
30 Speelsporen op trottoir In Bijlage V is aan de hand van een beslisboom een toelichting op het toepassen van de uitgangspunten weergegeven. Bij het toepassen van de uitgangspunten bepaalt de omvang van de aanwezige doelgroep binnen de actieradius plus de hoeveelheid informele speelruimte of er een formele speelplek noodzakelijk is. In de praktijk blijkt verder dat als er veel informele speelruimte is, de norm van 30 kinderen binnen de actieradius van een plek bijna nooit gehaald wordt. Is er zeer veel informele speelruimte dan zal het dus niet nodig zijn om speelplekken aan te bieden. Speelruimte blijft gezien de verschillen in opbouw en structuur echter maatwerk per dorp! 4.6. De informele speelruimte Kwantiteit en kwaliteit De informele speelruimte in een dorp laat zich niet makkelijk kwantificeren. De hoeveelheid informele speelruimte wordt in ieder geval bepaald door de opbouw van het dorp. De hoeveelheid, structuur en samenstelling van het openbaar groen, het water en de wegen bepalen de bespeelbaarheid. Is er veel groen en water en zijn er 30 kilometerwegen met stoepen en doodlopende straten, zijn deze toegankelijk en nodigen ze uit tot medegebruik, dan is er veel informele speelruimte. Is er weinig groen en water, zijn de wegen druk en is het moeilijk om ze over te steken of er langs te spelen, dan is er minder informele speelruimte. Uiteraard spelen zaken als het aantal kinderen, jeugdigen en jongeren, het veiligheidsgevoel en de kwaliteit van de informele ruimte een belangrijke rol in de kwantificering van de informele ruimte. Ook heeft elke leeftijdscategorie zijn eigen eisen en wensen met betrekking tot de informele speelruimte Informeel spel kinderen De kinderen spelen dicht bij huis, bij wijze van spreken onder het keukenraam. Dit is vaak goed te zien aan het speelgoed dat rondom het huis ligt op een mooie zomerdag: een fiets, een bal, stoepkrijt en veel rommeldingetjes als stokken, stenen, doeken en klein speelgoed van binnen. Meestal spelen de kinderen op zichzelf of met een buurmeisje of -jongen. Voor een kind valt al heel wat te beleven op twintig vierkante meter! Omdat een kind geen of moeilijk gevaren kan inschatten, is het belangrijk dat er geen of zeer weinig auto s, brommers en fietsers rijden over zijn of haar informele speelruimte. Daarom zijn de tuin, de oprit, de stoep, de (doodlopende) straat, het achterplein en het grasveldje aangrenzend aan de voordeur de belangrijkste bron van informele speelruimte. Een voorbeeld van fijne speelruimte voor deze leeftijdsgroep zijn woonerven en doodlopende straten. Goede voorbeelden hiervan zijn delen van de Dr. Gravemeijerstraat in Giessen-Oudekerk en De Schans in Hoornaar. Het is echter wel van belang dat er in deze straten rustig wordt gereden om speelruimte voor de kinderen te bieden. Belangrijke factor in dit alles is de dichtheid van de bebouwing en het soort woningen dat aanwezig is. Zo is het spelen op eigen erf bij een flatwoning niet echt aan de orde, maar zijn de vaak grote (groene) ruimtes tussen flats uitermate geschikt voor spelen wanneer zij vrij van verkeer zijn. OBB Ingenieursbureau
31 Informeel spel jeugd De jeugdigen gaan steeds verder het dorp door. Hun verkenningsgebied is vrijwel de gehele openbare ruimte. Wanneer men door een dorp loopt waar veel jeugdigen wonen, zal men vrijwel in ieder plantsoen, langs iedere sloot, op elk stuk rustige verharding en op menige blinde muur de sporen van spel aantreffen. De jeugd speelt meer dan kinderen in groepjes, met jeugdigen van school of uit de buurt. Per jeugdige is circa 10m2 groene en 10m2 verharde ruimte nodig, maar dan wel gebundeld met de ruimte van vijf andere jeugdigen, zodat er ruimtes van circa 50m2 ontstaan. Van groot belang voor deze leeftijdsgroep is de mogelijkheid om balspelen te doen. Per speelbuurt (loopafstand tot 350 meter) moet er een verharding of grasveldje van minimaal 50 vierkante meter aanwezig zijn, waar na schooltijd en na het eten met een groepje van circa vijf jeugdigen gevoetbald kan worden. Zowel de jongens als de meisjes vinden dit belangrijk. De acceptatie van bewoners voor straatspel wordt landelijk gezien wel kleiner hiervoor. Daarnaast moet er voldoende plantsoen en ruigte zijn waar ze bloemen kunnen plukken en hutten kunnen en mogen bouwen. De Veilige speelruimte groenvoorzieningen en pleinen in Giessenlanden bieden hiervoor mogelijkheden. Ook verkeersluwe wegen, stoepen, hofjes en pleintjes voor straatspelen als knikkeren, touwtjespringen, speurtochten en tiken verstopspelen zijn nodig voor deze leeftijdsgroep. Mooie voorbeelden van deze speelruimte zijn bij de Randlaan en van Marlotstraat in Giessenburg en het Hoefpad in Arkel. Verder groeit in deze leeftijd onder de meisjes de behoefte aan kletsplekjes Informeel spel jongeren Voor de jongeren is het ontmoeten van leeftijdsgenoten zeer belangrijk. Dit gebeurt voor een groot deel in de openbare ruimte. Hoe vaak zijn er na schooltijd niet diverse groepjes jongeren te vinden die met elkaar de laatste nieuwtjes staan uit te wisselen! Als indicator kan genomen worden dat per groep van circa 15 jongeren ergens in hun woonomgeving een plek zal zijn waar de jongeren hun leeftijdsgenoten ontmoeten. Ook zijn voor jongeren grasveldjes geschikte plekken om te ontmoeten en te sporten in de informele ruimte. In Giessenlanden zijn er van nature voldoende informele ontmoetingsplekken aanwezig. Denk hierbij aan de speelplekken, groenvoorzieningen, pleintjes en andere plekken waar het mogelijk is even bij elkaar te Voorbeeld informeel ontmoeten staan of te zitten. Het uitgangspunt is dan ook om geen voorzieningen te realiseren voor het ontmoeten, tenzij dit in combinatie gebeurt met een sport- of spelmogelijkheid. Een voorbeeld hiervan is de voetbalkooi/speelkooi in Hoornaar, aan het Dirk IV plein Uitgangspunten voor informele ruimte Door het toepassen van de landelijk getoetste uitgangspunten (zie in Beleidsuitgangspunt 5. De gemeente wil, om nu en in de geven aan een evenredige verdeling van informele speelruimte over Tabel 11 op pagina 30 en Tabel 12 op pagina 35) wordt invulling ge- toekomst de kwantiteit en kwaliteit te waarborgen, landelijk maatregelen getroffen worden die de openbare ruimte beter be- de doelgroepen en dorpen. Bij weinig informele speelruimte moeten getoetste uitgangspunten voor speelbaar maken. In Tabel 11 zijn de uitgangspunten voor informele informele speelruimte hanteren. ruimte samengevat. Voor voorbeelden van speelprikkels wordt verwezen naar Bijlage VIII. OBB Ingenieursbureau
32 Uitgangspunten oppervlakte (minimaal) ligging geschikt voor Minimale eisen verkeer Kinderen 0 tot en met 5 jaar LEEFTIJDSCATEGORIE Jeugdigen 6 tot en met 11 jaar 20 m 2 per kind 20 m 2 per jeugdige; 10 m 2 voor spelen op straat en 10 m 2 voor spelen in het groen aaneengesloten ruimte direct grenzend aan woning leren fietsen en skaten, rommelen, fantasiespel (koken, hutje), stoepkrijten, in zon/schaduw zitten doodlopend, ontsluiting voor max. 15 tot 20 woningen niet bij fietsdoorgang binnen/rand dorp, eind van de straat, veldje bij de flats, pleintje achter huizen, overzichtelijk, bereikbaar in groepjes; verstoppertje, speurtocht door dorp, touwspringen, balletje trappen, kastanjes zoeken, hut bouwen max. 30 km en max. 12 auto s per uur; geen constante stroom van brommers en fietsers overlast n.v.t. niet direct bij muur of raam van woning/gebouw/garageboxen schoon gras of verharding; geen poep, afval, prikkende of giftige struiken ruimte geborgen, maar niet te benauwd (vnl. stoepen en hofjes) Potentieel geschikte ruimten tuin/erf (grote) eigen tuin is goud waard grasveld/gazon mits droog en schoon gras of verharding; geen poep, afval, prikkende of giftige struiken grotere ruimten voor spelvormen en verkeersluw dorp voor bereikbaarheid indien groot en uitdagend genoeg mits geen poep. bosjes/ruigten niet aantrekkelijk ideaal om te verstoppen en hutten te bouwen stoep/hofje mits groot genoeg voor verplaatsing belangrijk plein/ parkeerplaats geschikt als er apart rustig hoekje is mits overzichtelijk en weinig rijdende en geparkeerde auto s Jongeren 12 tot en met 18 jaar 1 ontmoetingsplek per 15 jongeren (ca 15 m 2 met ontmoetingsaanleiding) in eigen sociale omgeving/dorp, op hoek van straat, pleintje; beschut, min of meer in zicht elkaar ontmoeten, zitten kletsen, showen, competitie, kijken naar voorbijgangers; brommertje en fiets niet op de rijbaan niet direct voor de deur van woningen minder van belang, wel schone kleren kunnen houden overzichtelijk met zitaanleiding nee geschikt, mits paadje naar plek toe mits open kant naar weg of plein afhankelijk van situatie mits auto kan passeren zonder dat ze moeten verkassen sloten/poelen 3 nee zeer aantrekkelijk n.v.t. vijvers/meren 3 nee aantrekkelijk voor vissen, varen, schaatsen zwemwater, vissen, schaatsen dorpscentrum nee eventueel ja Tabel 11 Uitgangspunten informele speelruimte 3 Waterkwaliteit is soms een probleem door botulisme. OBB Ingenieursbureau
33 Beleidsuitgangspunt 6. Bij ontwerp en onderhoud van de openbare ruimte wordt nagegaan hoe de bespeelbaarheid verhoogd kan worden Vormgeving informele speelruimte Anders denken over de openbare ruimte De wijze waarop een dorp is opgebouwd bepaalt hoeveel ruimte er is om te spelen. Daarom is het belangrijk om te blijven nagaan in hoeverre de openbare ruimte geschikt is om te spelen. Speelprikkels spelen hierin een belangrijke rol. Ze geven aan dat er gespeeld kan en mag worden, ze stimuleren dat er gespeeld wordt en ze vergroten de bespeelbaarheid van de openbare ruimte. Zie voor voorbeelden hiervan Bijlage VIII. Uit deze gehele paragraaf 4.7 kan geconcludeerd worden dat het uitgangspunt bij de vormgeving van de openbare ruimte dient te zijn dat er nog meer aandacht voor spelen moet zijn vanuit het gemeentebestuur, de ambtenaren en de burgers. De kern is dat bij het nemen van een maatregel in de openbare ruimte de invloed hiervan op de bespeelbaarheid in ogenschouw wordt genomen. In onderstaande subparagrafen wordt een toelichting gegeven op de bespeelbaarheid van verschillende onderdelen van de openbare ruimte Spelen op straat De toename van de automobiliteit zorgt ervoor dat zowel het rijdend verkeer als de geparkeerde auto s een groot beslag leggen op de bespeelbare ruimte van gemeente Giessenlanden. Binnen alle dorpen van gemeente Giessenlanden zijn alle wegen als 30 kilometerzone aangewezen. Het is goed om in het verkeersveiligheidsplan, dat eind 2009 wordt opgesteld aandacht te geven aan spelen en verkeer. Is er speelruimte op straat? Is bij de inrichting aan spelen gedacht? Beleidsuitgangspunt 7. De gemeente wil in verblijfsgebieden meer aandacht voor de bespeelbaarheid van straten, stoepen, pleinen e.d. Maar niet alleen de snelheid waarmee verkeer door de straat rijdt heeft invloed op de mogelijkheid om op straat te spelen. Minstens zo belangrijk is de frequentie waarmee het spel gestoord wordt door passerende en geparkeerde auto s. Daarom is het voor de speelruimte niet altijd voldoende om verkeersremmende maatregelen te nemen. Doodlopende of verkeersluwe straten zijn van groot belang voor de kinderen en jeugdigen. Enkele voorbeelden hiervan zijn delen van Giessenland en De Schans in Hoornaar, of Heul, Diep en Boezem in Giessenburg. De aantrekkelijkheid van het spelen op straat kan op eenvoudige wijze worden vergroot. Zo kunnen verkeerstechnische elementen door deze iets aan te passen of anders te plaatsen een speelfunctie krijgen. Het maakt bijvoorbeeld niet uit welk soort verharding wordt toegepast. In plaats van grijze standaardtegels van 30 x 30 kan gedacht worden aan afwisseling met gekleurde tegels, zodat er vakken of patronen ontstaan. Daarnaast kan er veel speelruimte ontsloten worden door onnodige verkeersstromen te voorkomen, veilige oversteekpunten te creëren, meer centraal te parkeren en hofjes aan te brengen in nieuwbouwsituaties en bij herinrichting ook in bestaande situaties. In straten waar de kinderen en jeugdigen wonen, zou ruimte moeten zijn voor autoloze dagen, speelstraten en de Nationale Straatspeeldag. Ouders en gemeente kunnen hier samen vorm aan geven. OBB Ingenieursbureau
34 Spelen in het groen Groenvoorzieningen zijn al van oudsher een belangrijk onderdeel van de woonomgeving. De kinderen, jeugdigen en jongeren zijn voor het spelen doorgaans aangewezen op dit groen. Voorbeelden van ruim opgezette buurten met veel variatie in beplanting (bos, bosplantsoen en gras) en een goede bereikbaarheid zijn onder meer de zuidkant van Arkel en in Hoogblokland te vinden. Door de landelijke ligging van de dorpen is eigenlijk bij alle dorpen wel een plek te vinden waar bespeelbaar groen te bereiken is. Is het groen bespeelbaar? Beleidsuitgangspunt 8. De gemeente wil meer aandacht voor bespeelbaarheid van groenvoorzieningen (gras, bosplantsoen, (speel)bos, water, hondenpoep, braakliggende terreinen e.d.) Hier is onze geheime hut Algemene opmerking jeugd Er zijn veel mogelijkheden om het groen meer uitdagend te maken om te betrekken in het spel. Denk eens aan hoogteverschillen in het gazon, het vaker toepassen van bloemenmengsels en het gefaseerd maaien van gras. In heestervakken en blokhagen kunnen uitsparingen worden gemaakt waar kinderen en jeugdigen hun hutje kunnen hebben. Het neerleggen van boomstammen als een voetbaldoel, evenwichtsbalk of zitelement, of een avontuurlijke speelplek van boomstammen. Vaak is het mogelijk om hagen op verschillende hoogten te snoeien en niet recht, maar golvend aan te planten. Op deze manier ontstaat voor kinderen en jeugdigen al snel een soort kasteelmuur. Door groenblijvers in bosplantsoenen aan te brengen ontstaan al snel natuurlijke hutten, of een aanleiding daarvoor. Daarnaast kan, door aan de groenvoorzieningen de nevenfunctie spelen te geven, aan bewoners duidelijk worden gemaakt dat overal en altijd zal worden gespeeld en dat bij meldingen het belang wordt afgewogen tussen de benodigde speelruimte en de andere functies van het groen. Bij het opstellen en actualiseren van groenplannen moet aandacht aan speelruimte besteed worden. Per dorp zijn er in de huidige situatie groene ruimtes aan te wijzen die met name de jeugd ruimte bieden voor avontuurlijk spel. Per dorp zijn dat onder andere: omgeving zwembad Hoogblokland; omgeving trapveld / skatebaan aan de Kerkweg in Giessenburg; Groen J. van Goerlstraat in Schelluinen. Je kan je hond leren om op een krant zijn behoefte te doen. Martin Gaus, dierentrainer interview Radio 1 Daarnaast zijn er nog veel meer ecologische zones binnen Giessenlanden die uitnodigen tot meer avontuurlijk spelen, zoals die langs de verschillende waterlopen te vinden zijn. Op deze plekken komt de doelgroep op een eigen manier in contact met de natuur. Afstemming met betrokken (natuur)beheerinstanties is hierbij van groot belang. Verder is het goed mogelijk om groene speelruimte te realiseren in samenwerking met dergelijke instanties. Denk hierbij aan een speelbos of speelzone in samenwerking met Staatsbosbeheer. Verder zijn er mogelijkheden om groene speelplekken te ontwikkelen in samenwerking met Natuurmonumenten, het waterschap of de provincie Spelen en hondenpoep Hondenpoep vormt in verscheidene dorpen van Giessenlanden een (groot) probleem voor het spelen. Tijdens de rondgang gaven de jeugdigen regelmatig aan dat vooral hondenpoep op de stoep of op grasveldjes erg vervelend wordt gevonden. Daar waar hondenpoep ligt, kan eigenlijk de speelruimte voor een groot gedeelte afgeschreven worden. OBB Ingenieursbureau
35 Is er ruimte voor de honden? Het beleid van de gemeente Giessenlanden ten aanzien van hondenpoep zoals omschreven in de APV Verordening 2008 is als volgt: Loslopende honden (art ) Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: binnen de bebouwde kom op de weg zonder dat die hond aangelijnd is; op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats. Verontreiniging door o.a. honden (art ) De eigenaar of houder van een hond is verplicht ervoor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet: op een gedeelte van de weg dat is bestemd of mede is bestemd voor het verkeer van voetgangers; op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide. In principe zou een hond zijn behoefte niet op een speelplek of speelweide/trapveld mogen doen. Dat dit in de huidige situatie wel voorkomt (zoals gehoord tijdens rondgangen) geeft aan dat in het bijzonder op het gebied van bekendheid van het beleid dan wel handhaving hiervan een punt van verbetering nodig is. Verder kan het noodzakelijk zijn dat bij constatering van een situatie met hondenpoep, een schoonmaakactie uit te voeren op de bewuste speelplek. Door het hondenbeleid kenbaar te maken aan alle hondenbezitters binnen bouwde kommen van Giessenlanden kan de bespeelbaarheid van de informele speelruimte mogelijk verbeteren Spelen in, op en met water Ook, of juist, water daagt kinderen, jeugdigen en soms ook jongeren uit tot spel. Bij, in of op het water spelen ze met modder, spatten ze elkaar nat, laten ze bootjes varen, wordt gevist en vlotgevaren en worden veel meer spelen verzonnen. Sommige volwassenen hebben hier misschien hun bedenkingen bij: ze voorzien vieze en natte kleren. Ook zien veel volwassenen risico s: hun kinderen lopen wellicht sneller een verkoudheid op of ze glijden uit, met alle gevolgen van dien. Niet bij het water of veiliger bij het water Toch zou het jammer zijn als deze bezwaren het spelen met water onmogelijk zouden maken. Door een juiste inrichting en een passend beheer van informele en formele waterspeelplekken zijn de risico s te voorkomen of te beperken. Vooral het talud, de diepte, de waterkwaliteit en de overzichtelijkheid van water zijn veiligheidsaspecten waarmee rekening moet en kan worden gehouden. Een voorbeeld van een geschikte inrichting is een zeer flauw talud met ondiep water langs de kant en zonder beplanting of riet. Vaak maakt een steiger of ander vlak deel direct langs het water het spelen gemakkelijker en veiliger. Veel is afhankelijk van het type water en welke functie dit vervult. In Giessenlanden zijn er verschillende vormen van water aanwezig. Zo zijn er de doorgaande waterlopen als de Giessen, Kromme Giessen en verschillende Vlieten, en zijn er kleinere waterlopen en sloten binnen de bebouwde kommen. Tijdens rondgangen gaven de jeugdigen aan dat ze wel eens zwommen in de grotere waterlopen. OBB Ingenieursbureau
36 Hekwerken langs het water kunnen een schijnveiligheid geven; begeleiders zijn geneigd om minder op te letten, maar na jaren blijken er vaak openingen in de hekken te ontstaan. Kinderen gebruiken de hekken bovendien als speelprikkel en de hekken belemmeren hulpverleners. Dit betekent dat deze zo min mogelijk moeten worden toegepast. Door bij het ontwerp en beheer van waterpartijen, vlonders, sloten, dammen, bruggen enzovoort rekening te houden met zowel vaar- en schaatsroutes, vissen en zwemmen als met spelen langs de waterkant, wordt er veel uitdagende speelruimte ontsloten De formele speelruimte De hoeveelheid formele speelruimte laat zich makkelijker kwantificeren. De laatste jaren is er door verschillende organisaties die betrokken zijn bij speelruimte intensief samengewerkt om te komen tot het opstellen van richtlijnen voor de aanleg en het onderhoud van speelvoorzieningen. Vooral het uitgeven van het Handboek Veiligheid van Speelvoorzieningen heeft bijgedragen aan het tot stand komen van landelijk aanvaarde normen en richtlijnen. Dit handboek heeft onder andere geleid tot het vastleggen van de afstand die de doelgroep tot een speelvoorziening kan afleggen en de wenselijke oppervlakte van een speelvoorziening. Naast dit handboek geven vooral ervaringscijfers inzicht in hoe een speelplek functioneert. Hierdoor konden door OBB Ingenieursbureau uitgangspunten gesteld worden voor het aantal kinderen van een bepaalde leeftijdscategorie dat binnen een actieradius woont en een speelplek zelfstandig zou moeten kunnen bereiken, zonder elkaar op de speelplek in de weg te lopen. De belangrijkste, landelijk getoetste uitgangspunten en richtlijnen zijn in Tabel 12 op pagina 35 samengevat weergegeven. Veiligheid van speelgelegenheden Beleidsuitgangspunt 9. De gemeente wil, om nu en in de toekomst de kwantiteit en kwaliteit te waarborgen, landelijk getoetste uitgangspunten voor formele speelruimte hanteren. De oppervlakten voor de speelplekken zoals in Tabel 12 op pagina 35 genoemd betreffen de oppervlakte van het speelterrein zelf. Daarnaast moet er nog ruimte zijn voor paden er naar toe, de omliggende beplanting, de toegangen en de omgeving. Bij de uitgangspunten voor formele speelruimte moet benadrukt worden dat jonge kinderen tot en met drie jaar niet zelfstandig, maar onder begeleiding van een ouder/verzorger op een openbare speelplek spelen. Deze heel jonge kinderen kunnen goed gebruikmaken van de speelplekken die ingericht zijn voor de kinderen tot en met vijf jaar. Het plaatsen van een speeltoestel waarop kinderen van nul tot en met drie jaar zonder begeleiding kunnen spelen, is geen verantwoordelijkheid van de gemeente. Door het toepassen van de uitgangspunten wordt invulling gegeven aan een evenredige verdeling van speelvoorzieningen over de doelgroepen en de dorpen. Deze uitgangspunten kunnen gezien worden als een aanvulling op de informele uitgangspunten. Daar waar veel informele ruimte is, zijn minder speelplekken nodig. OBB Ingenieursbureau
37 Kinderen 0 tot en met 5 jaar LEEFTIJDSCATEGORIE Jeugdigen Jongeren 6 tot en met 11 jaar 12 tot en met 18 jaar 1. Relatie leeftijd, spelbereik en verzorgingsgebied afstand tot woning 100 meter 300 tot 400 meter > meter niveau straat/blok buurt dorp minuten lopen 2 minuten 5 minuten 15 minuten verzorgingsgebied 3 hectare 50 hectare 300 hectare 2. Aantal per speelplek aantal woonachtig 15 tot tot tot 100 binnen actieradius 3. Inrichting speelplek oppervlakte 100 tot 500 m tot m tot m 2 Ontwerp speelplek voorzieningen voorbeelden voorzieningen voorbeelden speelprikkels en zitaanleidingen stimulatie en begeleiding ontwikkeling 3 toestellen 3 speelprikkels bank, afvalbak zandbak huisje wip(veer) glijbaantje schommel betonpoefs betonbielzen verschillende bodemmaterialen hoogteverschillen bankjes veel variatie veel fantasie duidelijke grenzen grove motoriek 3 toestellen 4 speelprikkels trapveld klimtoestel schommel kabelbaan duikelrek betonpoefs paaltjes hoogteverschillen bosjes (verstoppen) zand en water meting resultaten groepsbesef toename creativiteit grotere doelgerichtheid Tabel 12 Uitgangspunten formele speelruimte 4.9. Vormgeving formele speelruimte 4 toestellen 4 zitaanleidingen trapveld skateboardbaan basketbalveld zitaanleidingen schommel betonpoefs banken muurtjes pad of plein van glad asfalt informele ontmoeting bevestiging zoeken sportieve krachtmeting keuzes maken Ontwerpen en aanleggen van speelvoorzieningen Het valt buiten het kader van dit speelruimteplan om alle richtlijnen voor het technisch ontwerp van een speelplek en de omgeving te beschrijven. Hiervoor wordt verwezen naar uw eigen ervaringen, inspraakresultaten en de diverse richtlijnen, zoals onder andere beschreven in het Handboek Veiligheid van Speelgelegenheden en de toesteldocumentatie die door de leveranciers van speelvoorzieningen bij een toestel wordt geleverd. Uitgangspunt is dat gemeente Giessenlanden haar speelplekken door een deskundig ontwerper laat inrichten. Enkele aspecten waarover de ontwerper zal nadenken, zijn bijvoorbeeld de functie en mogelijkheden van een toestel. Verder is de locatiekeuze van even groot belang als de uiteindelijke inrichting. Afstemming tussen de diverse afdelingen binnen de gemeente is hierbij belangrijk, onder meer om te voorkomen dat bijvoorbeeld onderhoud wordt bemoeilijkt door slechte bereikbaarheid. 4 Bij minder dan 15 kinderen verdwijnt een speelplek en bij meer dan 30 kinderen wordt een extra speelplek aangelegd. In deze afweging worden de dichtheid van de bebouwing en de aanwezige barrières (speelbuurten) meegenomen. OBB Ingenieursbureau
38 Een aandachtspunt hierbij is het veranderende aanbestedingsbeleid. Het aanbestedingsbeleid laat in steeds mindere mate ruimte voor het voorschrijven van specifieke producten en leveranciers; vaak wordt de zin of vergelijkbaar opgenomen. Hierdoor wordt het moeilijker om het gewenste beeld en de gewenste kwaliteit te waarborgen. Ook ontstaan er problemen rond de inspraak met bewoners, die niet meer een speeltoestel (bijvoorbeeld gele T-schommel van Nijha) kunnen kiezen, maar alleen kunnen aangeven dat het een schommel moet zijn. De bestekschrijvers en ontwerpers zullen dus creatief moeten zijn in het tekenen en omschrijven van het gewenste resultaat. De gemeente Giessenlanden wil hiervoor in de toekomst gaan werken met een groslijst aan leveranciers. Hierbij wordt gedacht aan; Kompan, Boer, Nijha, Speelwijzer en Eibe voor de toestellen en Pelikaan, Velopa, Stedon, Proludic en Replay voor de voetbalkooien. Voor de ruimte en het aantal speeltoestellen dat per speelplek aanwezig moet zijn, is in Tabel 12 op pagina 35 een aantal richtlijnen gegeven. Daarbij moet men onderscheid maken tussen de specifieke speeltoestellen en de speelprikkels. In Bijlage VI wordt globaal de voorgestelde inrichting omschreven per plek en in Bijlage VIII wordt meer informatie gegeven over mogelijk aan te brengen speelprikkels Veiligheid en uitdaging! De doelgroep (en hun ouders) moet erop kunnen rekenen dat de speciaal voor spelen aangebrachte speelvoorzieningen in de openbare ruimte veilig zijn. Daarmee wordt overigens niet bedoeld dat alle risico s vermeden kunnen worden. Risico s zijn nooit volledig uit te sluiten en tevens zijn ze een wezenlijk onderdeel van het spelen en horen ze bij het leerproces en de ontwikkeling. De risico s dienen echter beheersbaar en herkenbaar te zijn voor de doelgroep. Beleidsuitgangspunt 10. De gemeente heeft de wettelijke verplichting het Attractiebesluit uit te voeren en moet kunnen aantonen dat zij alles in het werk heeft gesteld de toestellen veilig te plaatsen en in stand te houden. De wettelijke verplichting voor de veiligheid van speeltoestellen is in het bijzonder geregeld in het Besluit Veiligheid van Attractie- en Speeltoestellen van maart 1997 en de Europese Normen (o.a. NEN- EN tot en met en 1177). In dit zogenoemde Attractiebesluit zijn de wettelijke bepalingen voor aansprakelijkheid en veiligheid vastgelegd. Indien er sprake is van een ongeval door een gebrek aan het speeltoestel of een onveilige ondergrond, dan is degene die het speeltoestel voorhanden heeft altijd als eerste aansprakelijk. Deze verantwoordelijkheid is conform aan en aanvullend op de risicoaansprakelijkheid die wordt omschreven in het Burgerlijk Wetboek. Het aanbieden van onveilige speeltoestellen wordt gezien als het plegen van een onrechtmatige daad. Er is (gelukkig) nog weinig jurisprudentie rondom de aansprakelijkstelling voor speeltoestellen. Vooralsnog moet ervan worden uitgegaan dat de eigenaar van het speeltoestel als eerste aansprakelijk is. De eigenaar van het toestel moet kunnen aantonen dat alles in het werk is gesteld om de veiligheid te waarborgen. Om aan de gestelde eisen te kunnen voldoen is een aantal handelingen noodzakelijk, waaronder de inspectie van speeltoestellen en de registratie van relevante gegevens in een logboek. OBB Ingenieursbureau
39 Veilig spelen of niet? Indien een speeltoestel op gemeentelijke grond wordt geplaatst door bijvoorbeeld een particulier, school of speeltuinvereniging, wordt het toestel automatisch eigendom van de gemeente. De juridische term hiervoor is natrekking. De gemeente kan bij ongevallen medeaansprakelijk worden gesteld. Daarom kan de gemeente de plaatsing van toestellen op gemeentelijk eigendom door derden niet gedogen zonder dat de aansprakelijkheid goed geregeld is. Een mogelijkheid om deze aansprakelijkheid te regelen, is het afsluiten van een overeenkomst (opstalrecht) tussen de gemeente en de plaatser van het toestel. Voorbeelden hiervan zijn het vestigen van een opstalrecht waarbij de aansprakelijkheid bij de plaatser blijft, of het aangaan van een beheercontract waarin afspraken worden gemaakt over beheer, onderhoud en aansprakelijkheid Het combineren van leeftijdscategorieën Er zijn veel speelplekken ingericht met toestellen die geschikt zijn voor zowel kinderen als jeugdigen. Soms staan hier ook nog toestellen voor jongeren. Dit geeft vooral problemen als de ruimte te klein is. Omdat er toestellen voor jeugdigen en jongeren staan, gaan beide groepen de plek als die van hen beschouwen. De toestellen voor de jongste kinderen bieden hun echter geen uitdaging meer; op een wipveer zijn ze wel uitgespeeld en ze zijn al op alle mogelijke manieren van de glijbaan afgegleden. Men kan het de jeugdigen en jongeren dan niet kwalijk nemen dat ze de aanwezige toestellen voor kinderen wel gebruiken in hun proces van grenzen verkennen: eens kijken met hoeveel tegelijk ze op een wipveer kunnen. Een ander nadeel van het combineren van leeftijdsgroepen is dat jongere jeugdigen mogelijk ongewenst gedrag van de oudere jeugdigen en jongeren overnemen. Een speelplek voor alle leeftijden Aan de andere kant is het combineren van leeftijdsgroepen op één speelplek zowel voor sociale als lichamelijke ontwikkeling aan te raden. Een speelplek kan immers functioneren als ontmoetingsplek voor jong en oud uit het hele dorp. Het combineren van leeftijdscategorieën kan alleen gerealiseerd worden als er voldoende ruimte is. Daarnaast moet er binnen deze ruimte een zonering aangebracht worden, met in elke zone voor de verschillende leeftijdscategorieën de voorzieningen. Op deze wijze zullen de verschillende leeftijdsgroepen hun eigen plek en uitdagingen hebben. De jeugdigen en jongeren zullen dan wel respect hebben voor de speelplek van de kinderen en de toestellen weinig of niet misbruiken. Voldoende ruimte, duidelijke zonering en uitdagende voorzieningen per leeftijdsgroep maken een gezamenlijke speelplek tot een succes. Een goed voorbeeld van een gecombineerde speelplek voor alle leeftijden van de doelgroep in Giessenlanden is de speelplek [HB 1B] en trapveld [HB 1SV] bij t Hoog 18 in Hoogblokland. Toch gaven de jeugdigen tijdens de rondgangen aan dat er soms nog wel wat problemen zijn tussen de verschillende leeftijdsgroepen. Voorgesteld wordt om alleen gecombineerde speelplekken aan te leggen indien er ruimte is voor voldoende toestellen en goede zonering. 5 Aansprakelijkheid zal juridisch moeten worden getoetst op erfpacht e.d. OBB Ingenieursbureau
40 Integratie van de doelgroep met beperkingen Binnen de doelgroepen wonen, verspreid over gemeente Giessenlanden, ook mensen die in meer of mindere mate een beperking Beleidsuitgangspunt 11. Bij het ontwerpen en realiseren van hebben. Ook voor hen is het belangrijk om samen met anderen te speelplekken wordt rekening kunnen spelen. Dit betekent dus niet dat iedere speelplek en ieder gehouden met medegebruik speeltoestel voor alle vormen van beperking geschikt moeten zijn, van de doelgroep met een beperking. een brede doelgroep geschikt kan zijn. maar wel dat nagedacht moet worden over hoe een speelplek voor Zo kan bijvoorbeeld overwogen worden om een netschommel aan te brengen in plaats van een traditionele schommel. Een dergelijk toestel heeft zowel voor de doelgroep met als zonder een beperking grote speelwaarde. Op dit moment zijn er in de gemeente enkele toestellen of plekken aanwezig die geschikt zijn voor medegebruik door kinderen met een beperking. Een goed voorbeeld is speelplek De Bogaert [04.12]. Beleidsuitgangspunt 12. De gemeente wil de bewustwording van bespeelbare openbare ruimte vergroten. Beleidsuitgangspunt 13. De gemeente wil bewoners vragen betrokken te zijn bij de speelruimte door gebreken te melden en door mee te denken over de inrichting van speelplekken Samen werken aan speelruimte Het creëren van speelruimte is een zorg van de hele gemeente; binnen de gemeentelijke organisatie moeten afdelingen hiertoe samenwerken. Maar ook andere personen en instanties hebben invloed op de inrichting van de (buiten)ruimte: bewoners, buurt-, en wijkverenigingen, scholen, sportverenigingen en private partijen zoals projectontwikkelaars en de woningcorporaties hebben een verantwoordelijkheid De taakverdeling bij de gemeente De gemeente is verantwoordelijk voor het speelruimtebeleid voor zowel kinderen, jeugdigen als jongeren en draagt zorg voor tijdige evaluatie van dit beleid. Dit betekent dat er initiatief genomen moet worden voor de uitvoering van de beleidsuitgangspunten en de realisatie van het openbaar speelvoorzieningenniveau. Daarbij dient er afstemming plaats te (blijven) vinden van de realisatiekosten met de jaarlijkse budgetten, zodat er passend beheer, onderhoud en vervanging van het speelvoorzieningenniveau kan plaatsvinden door dit zelf uit te voeren of uit te besteden. De gemeente is ook verantwoordelijk voor het stimuleren van activiteiten die het buitenspelen bevorderen. Zo wordt het buitenspelen gestimuleerd door bijvoorbeeld het promoten van en meewerken aan de landelijke Straatspeeldag (Stichting Kinderen Voorrang), het stimuleren van sport, het meewerken aan de organisatie van de huttenbouwweek enzovoort. Zeker wanneer dergelijke initiatieven vanuit de doelgroep zelf of door bewoners worden voorgesteld, is steun vanuit de gemeente voor zover mogelijk van belang. Het speelruimteplan dient bij de verschillende afdelingen onder de aandacht te worden gebracht om de betrokkenheid bij het speelruimtebeleid te vergroten De rol van bewoners Ook de omwonenden van speelplekken hebben een taak in het aanbieden van speelruimte. Allereerst moeten zij accepteren dat er in het dorp en op de speelplekken gespeeld wordt. Maar zij zijn ook degenen die dagelijks langs de speelplekken lopen. Van bewoners mag verwacht worden dat ze de speelplekken niet vervuilen en dat ze ernstige gebreken en gevaren op speelplekken zien en deze ook melden aan de gemeente. OBB Ingenieursbureau
41 Kan, en mág er gespeeld worden op het schoolplein? Belangrijke voorwaarde voor deze bereidheid en alertheid is betrokkenheid bij de speelplekken. Bij grote wijzigingen in de inrichting van de speelplek wordt bewoners de mogelijkheid geboden om mee te denken over de inrichting. Kleinere maatregelen in het kader van onderhoud, reguliere vervanging en het veilig houden van de toestellen worden door de gemeente uitgevoerd. Bij het (her)inrichten van een speelplek worden de bewoners uitgenodigd om in te spreken door middel van bijvoorbeeld een enquête, een inloopmoment of andere reguliere inspraakprocedures Spelen op het schoolplein De (speel)ruimten bij basisscholen met hun voorzieningen vormen vaak een belangrijk deel van de speelruimte. Voor, tijdens en na schooltijd wordt er veel gespeeld en de weg er naartoe is goed bekend. In gemeente Giessenlanden zijn de schoolpleinen in principe niet openbaar. Het onderhoud en inspectie aan de toestellen op de schoolpleinen wordt uitgevoerd door of in opdracht van de scholen. Duidelijke afspraken over de werkzaamheden aan toestellen en de vervanging/uitbreiding van het toestellenbestand is van groot belang, zeker als schoolpleinen na schooltijd gebruikt (mogen) worden. Het advies is dan ook dat de gemeente per school(bestuur) een overeenkomst opstelt over het te voeren beleid en de bijbehorende financiering. Uitgangspunt hierbij kan zijn dat de gemeente regie voert op de werkzaamheden en overleg pleegt met de diverse scholen. In Bijlage IX is een voorbeeld ingevoegd van een beheerovereenkomst zoals die opgesteld kan worden tussen gemeente en scholen. Jantje Beton heeft een boekje uitgegeven om het spelen op schoolpleinen weer te stimuleren. Landelijk gezien is dit spelen namelijk slechts op weinig plekken mogelijk, terwijl het schoolplein vaak een belangrijke buurtfunctie heeft en goede en veilige speelruimte biedt De rol van een speeltuinvereniging Door het vormen van speeltuinverenigingen is het mogelijk om burgers meer te betrekken bij de speelplekken. Voor het verwerven van subsidies is het ook noodzakelijk dat deze door een vereniging worden aangevraagd, waarbij meestal de eis gesteld wordt dat de gemeente bijdraagt. Een bijkomend aspect is dat via speeltuinverenigingen allerlei sociale verbanden in een kern versterkt worden. Speeltuin Kindervreugd Beleidsuitgangspunt 14. Waar mogelijk ondersteunt de gemeente de bestaande twee speeltuinverenigingen. In gemeente Giessenlanden zijn twee speeltuinvereniging actief. In Giessenburg is dit Kindervreugd en in Schelluinen De Wip-Wap. Het belang van deze verenigingen wordt onderkend, omdat zij subsidie ontvangen van de gemeente, maar ook subsidie kunnen aanvragen bij externe instanties (zoals Jantje Beton). De tegemoetkoming van de gemeente aan de verenigingen is in het speelplaatsenplan opnieuw vastgelegd. De speeltuinverenigingen De Wip Wap en Kindervreugd: kunnen 50% van het totaalbedrag bij vervanging van een toestel en/of ondergrond declareren indien een toestel en/of ondergrond door het veranderen van de regelgeving en veiligheidsredenen niet meer voldoet. kunnen 30% van het totaalbedrag bij vervanging van een toestel en/of ondergrond declareren indien een toestel en/of ondergrond de maximale levensduur heeft bereikt en om deze reden vervangen dient te worden. OBB Ingenieursbureau
42 De financiële tegemoetkoming van de gemeente aan een speeltuinvereniging heeft een maximum van 5000,00 per jaar per speeltuinvereniging. De uitbetaling van de tegemoetkoming vindt alleen plaats na het overleggen van een kopie van de factuur van de betreffende vervanging. De jaarlijkse veiligheidsinspectie en maandelijkse visuele inspectie worden door de gemeente uitgevoerd. De gemeente licht de verenigingen in over de uitkomst van deze inspecties. Onderhoud ligt in eerste instantie bij de speeltuinvereniging maar de gemeente houdt hierin wel een adviserende taak en controleert of het onderhoud daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Aansprakelijkheid kan worden vastgelegd in een contract dat met de speeltuinen is overeengekomen. Bijlage IX bevat een voorbeeldovereenkomst. Bij initiatieven tot het oprichten van een speeltuinvereniging en het realiseren van een speeltuin zal de gemeente moeten bekijken wat zij hiervoor kan betekenen Samen met de woningbouwvereniging In Giessenlanden is stichting KleurrijkWonen als woningbouworganisatie actief. Daarnaast zijn er diverse projectontwikkelaars die werken Beleidsuitgangspunt 15. De gemeente wil een duidelijk programma van eisen voor woonwijken er uitzien, zijn ook zij medeverantwoordelijk voor het aan- aan projecten binnen de gemeente. Doordat zij mede bepalen hoe (her)ontwikkeling van woongebieden om voldoende kwanti- Indien de woningcorporatie of de projectontwikkelaar en de gebieden van speelruimte. teit en kwaliteit van de meente zich gezamenlijk kunnen inzetten voor de hoeveelheid speelruimte in de dorpen waar de corporatie of ontwikkelaar actief is, zal (in)formele speelruimte te waarborgen. dit ten eerste de doelgroep ten goede komen. Daarnaast kan het speelvoorzieningenniveau door afstemming en wederzijdse overdracht van kennis nog beter en eventueel uitgebreider aansluiten op de specifieke situatie. Op deze wijze kunnen er aantrekkelijker en hoogwaardiger dorpen worden gerealiseerd. Hierbij gaat het om het aanbieden van voorzieningen die passen bij de woonwensen van de te huisvesten doelgroep. De uitgangspunten voor beleid uit dit speelruimteplan kunnen in een Programma van Eisen voor het (her)ontwikkelen/renoveren van (woon)gebieden worden opgenomen. Zie hiervoor het voorbeeld Programma van Eisen in Bijlage X Duurzame speelruimte Structuur van speelplekken In Tabel 12 op pagina 35 worden uitgangspunten gegeven voor het aantal kinderen in de verschillende leeftijdscategorieën dat binnen een actieradius moet wonen voordat er een speelplek gerealiseerd dient te worden. Beleidsuitgangspunt 16. De gemeente wil een duurzaam netwerk aan speelplekken bieden met een inrichting en een centrale ligging die hier op zijn afgestemd. In alle dorpen is het kinderaantal zich aan het stabiliseren en laat het soms een lichte daling zien. Uitzondering hierop zijn de kernen Hoornaar en Schelluinen waar nog een lichte stijging in het kinderaantal te zien is. Hier wordt dan ook gekeken naar het totaal aantal kinderen, en het bijbehorend aantal speelplekken. Naast het aantal kinderen binnen een bepaalde actieradius, wordt in bestaande wijken bovendien de ligging en toekomstige potentie van plekken meegerekend. OBB Ingenieursbureau
43 Structuur van speelplekken Meestal wonen in nieuwe uitbreidingen veel kinderen en neemt dit aantal in de loop der jaren af. De speelplekken voor deze leeftijdsgroep dienen dan ook om de vijf jaar geëvalueerd te worden op kinderaantal. In de dorpen van Giessenlanden zijn er kleine fluctuaties in het kinderaantal mogelijk. Dit is echter niet zo sterk als bij nieuwbouwwijken in grotere dorpen en steden. Zelden wonen er in een wijk of buurt die ouder is dan 20 jaar meer dan 25 kinderen binnen een actieradius van een speelplek. Concreet betekent dit dat in een nieuwbouwwijk waar veel kinderen (komen te) wonen eerst drie tot vijf speelplekken met overlappende actieradius nodig zijn. Na verloop van tijd kan de meest centrale plek als basisvoorziening dienen. Deze centrale plek moet aantrekkelijk zijn voor de hele wijk. Dit houdt in dat de plek: goed bereikbaar is; goed zichtbaar is (mensen weten de plek te vinden); voldoende ruimte biedt; extra veel toestellen en speelprikkels bevat. De overige vier speelplekken kunnen dan meer gericht zijn op de direct aanwonende kinderen of kunnen komen te vervallen. De ervaring leert dat een speelplek voor kinderen ongeveer even lang noodzakelijk is als de levensduur van de meeste toestellen. Doordat de jeugdigen en jongeren vanuit een grotere omgeving (dorp) gebruikmaken van één of enkele speelplekken, varieert het aantal jeugdigen en jongeren dat binnen de actieradius woont veel minder. Uit onderzoek en ervaring blijkt dat er rond een centraal gelegen, goed functionerende speelplek voor deze leeftijdscategorieën vrijwel nooit te weinig jeugdigen of jongeren wonen, zelfs niet in de loop van 25 jaar. Dit betekent dat voor de jeugdigen en voor de jongeren over het algemeen duurzame speelplekken verspreid over de dorpen aangelegd kunnen worden. Het is belangrijk hiervoor een goede, permanente structuur te ontwerpen, omdat deze plekken groot, uitdagend en aantrekkelijk moeten zijn. De uitgangspunten in Tabel 11 op pagina 30 en Tabel 12 op pagina 35 bieden daarvoor de uitgangspunten Speelruimte in nieuwbouwsituaties en herstructurering Stedenbouwkundige plannen Er is een duidelijke relatie tussen het ontbreken van sport- en ontmoetingsvoorzieningen voor de jongeren en de overlast en het vandalisme in een dorp. Dit is eenvoudig te verklaren uit het feit dat de jongeren dan aangewezen zijn op de (school)pleinen, parken en speelplekjes voor de kinderen en jeugdigen. Het is niet mogelijk hen naar hun eigen plek te verwijzen en zij hebben het gevoel dat er niets voor hen is. In stedenbouwkundige plannen wordt het gebruik van de ruimte grotendeels vastgelegd. Het blijkt dat als er in de stedenbouwkundige plannen onvoldoende rekening is gehouden met de noodzaak van speelruimte, er in de toekomst problemen te verwachten zijn. Het is dus zeer belangrijk dat in het programma van eisen voor het opstellen van stedenbouwkundige plannen en bestemmingsplannen de uitgangspunten voor speelruimte c.q. het speelruimtebeleid worden opgenomen. OBB Ingenieursbureau
44 Beleidsuitgangspunt 17. De gemeente neemt in toekomstige bestemmingsplannen en in het programma van eisen bij stedenbouwkundige plannen de uitgangspunten voor speelruimte op. Van belang is het aantal kinderen, jeugdigen en jongeren op het piekmoment. De kinderpiek begint circa vier jaar na de realisatie van het grootste aandeel woningen in een fase. De piek duurt voor elke leeftijdscategorie ongeveer zes jaar. Meestal begint aan het eind van de kinderpiek ook gelijk de jeugdpiek en ongeveer vier jaar na de jeugdpiek de jongerenpiek. In een schema ziet dit er als volgt uit: kinderpiek (0-5 jaar) jeugdpiek (6-11 jaar) jongerenpiek (12-18 jaar) jaar na aanleg Tabel 13 Verloop kinderpiek De bewering dat de leeftijdsgroepen opschuiven is dus niet juist. Er komen namelijk vaak mensen in een dorp wonen die al kinderen hebben. Het maximaal voorzieningenniveau zal hier dus op afgestemd moeten worden. Na de piek kan het voorzieningenniveau dan weer iets dalen of, als er ruimte is, omgevormd worden tot voorzieningen voor oudere leeftijdsgroepen en uiteindelijk informele speelruimte Aantal kinderen Het aantal kinderen, jeugdigen en jongeren op het piekmoment kan vaak worden achterhaald via prognoses voor scholen of andere nieuwbouwwijken in de gemeente waar de kinderpiek reeds is begonnen (zie Tabel 13 Verloop kinderpiek). Door deze kinderaantallen uit te zetten tegen het aantal woningen kan een inschatting worden gemaakt van het aantal kinderen in een buurt. Dit kinderaantal kan vervolgens weer getoetst worden aan de uitgangspuntentabellen Tabel 11 op pagina 30 en Tabel 12 op pagina 35. Zo kan het aantal speelplekken per leeftijdsgroep worden bepaald en kan geschat worden hoeveel ruimte hiervoor nodig is. Ook kan het aantal vierkante meters informele speelruimte worden uitgerekend Bestemmingsplan In een bestemmingsplan moet voldoende beleidsvrijheid zijn om op nieuwe ontwikkelingen en behoeften in te springen zonder dat hiervoor het plan moet worden aangepast. Dit betekent dat de voorschriften voor openbare ruimte zodanig zijn opgesteld dat er voor het realiseren van een nieuwe speelplek in veel gevallen geen bestemmingswijziging nodig is. Het voorliggend speelruimteplan biedt na bestuurlijke vaststelling een prima basis voor integratie in de toelichting van het bestemmingsplan, zeker gezien de uitwerking per dorp. Voorgesteld wordt om tevens het te verwachten kinderaantal in de verschillende leeftijdscategorieën voor de komende twintig jaar aan te geven in de toelichting. Op deze manier wordt duidelijk hoe invulling wordt gegeven aan de uitgangspunten zoals in voorliggend speelruimteplan vastgesteld. In Bijlage X is een voorbeeldprogramma van eisen opgenomen zoals kan worden toegepast op nieuwe stedenbouwkundige- en bestemmingsplannen De zorg voor speelvoorzieningen In Bijlage II is een overzicht gegeven van het aantal en de waarde van de huidige speeltoestellen. Hierbij zijn ook de jaarlijkse kosten voor het onderhoud, de vervanging en het beheer opgenomen. Deel III van dit rapport bevat een beheerplan voor de speelvoorzieningen in Giessenlanden en gaat verder in op onderhoud, beheer en vervanging. OBB Ingenieursbureau
45 Afhandeling meldingen en ideeën De gemeente kan niet altijd en overal zijn. De omwonenden en gebruikers van de speelplekken hebben ook een verantwoordelijkheid Beleidsuitgangspunt 18. Bij meldingen inzake onveilige en onwenselijke situaties worden bintoestellen te melden. In gemeente Giessenlanden kunnen bewoners om gevaarlijke en onwenselijke zaken op speelplekken en aan speelnen 48 uur passende maatregelen genomen. tehuis die de bewoner doorverbindt met de betrokken beheerder. De hun meldingen en ideeën indienen via de receptie van het gemeen- beheerder verzorgt de verdere afhandeling van de melding en zorgt voor registratie hiervan in het SIM-systeem. Daarnaast bestaat er via de website de mogelijkheid om gebruik te maken van het meldpunt Openbare Ruimte. Bij urgente meldingen (onveilige speeltoestellen) wordt er naar gestreefd om binnen 48 uur een oplossing te bieden. Dit houdt niet altijd in dat de klacht dan is verholpen. Bij spoedmeldingen wordt zelfs een termijn van 24 uur gehanteerd. Meldpunt Openbare Ruimte op de gemeente website Een snelle klachtafhandeling is van groot belang voor het veilig houden van in het bijzonder de speeltoestellen. Het is verplicht dat van de klacht, het gebrek en de genomen actie een aantekening in het logboek wordt opgenomen Het onderhouden en beheren van speelvoorzieningen Deel III van dit speelruimteplan omvat het beheerplan voor de speelvoorzieningen in Giessenlanden. Hierin is het beleid omschreven om- Beleidsuitgangspunt 19. Giessenlanden hanteert een onderhoudsniveau van 65% voor de gen. Hierbij wordt uitgegaan van onderhoudsniveau van 65% voor de trent het onderhouden, beheren en vervangen van speelvoorzienin- speelvoorzieningen. speelvoorzieningen in Giessenlanden. Aan de hand van de rondgangen, veldinventarisatie en het ambtelijk overleg wordt ingeschat dat het niveau lager ligt dan het landelijk gemiddelde van 70%. Beleidsuitgangspunt 20. Vervanging van speelvoorzieningen vindt plaats zoals omschreven in de beheervisie Het vervangen van speelvoorzieningen Om een goed vervangingsbeleid te kunnen voeren is een flexibel vervangingsschema noodzakelijk. In principe wordt een toestel vervangen nadat de afschrijvingstermijn is verstreken. Het moment van de daadwerkelijke vervanging van een toestel wordt mede bepaald door de staat van het toestel. Wanneer blijkt dat een toestel na de gestelde afschrijvingstermijn nog één of meer jaren veilig kan functioneren, kan de vervanging worden uitgesteld. Indien blijkt dat een toestel voor de gestelde afschrijvingstermijn niet meer veilig is of wanneer de onderhoudskosten te hoog worden, bijvoorbeeld door vandalisme, dan moet de vervanging vervroegd worden uitgevoerd (flexibele vervanging) De benodigde budgetten Bij het vaststellen van de budgetten voor aanleg, onderhoud, beheer en vervanging van speelvoorzieningen zal er gezocht moeten worden naar de juiste onderlinge verhouding tussen deze posten. Indien dit niet het geval is, zullen bijvoorbeeld door de aanleg van nieuwe speelplekken de onderhoudskosten steeds verder stijgen, zonder dat daarvoor budget aanwezig is en dus de staat van onderhoud en de veiligheid afneemt. De onderhouds-, beheer- en vervangingsbudgetten moeten daarom aangepast worden nadat er extra of duurdere speeltoestellen zijn geplaatst of speeltoestellen zijn verwijderd. Onderhoud van speeltoestellen Belangrijk is dat de totale waarde van de toestellen in gemeente Giessenlanden niet moet stijgen zonder dat er voldoende onderhouds-, beheer- en vervangingsbudgetten beschikbaar zijn. OBB Ingenieursbureau
46 Beleidsuitgangspunt 21. Dit speelruimteplan wordt vastgesteld voor een periode van tien jaar en na vijf jaar geëvalueerd. De structurele budgetten die de gemeente jaarlijks reserveert voor het onderhouden, beheren en vervangen van speelvoorzieningen zullen dus gerelateerd worden aan de werkelijke situatie. Wanneer speelplekken na (her)inrichting van buurten in beheer komen bij de gemeente zullen de budgetten moeten stijgen. Worden er plekken opgeheven dan kunnen de hiervoor geldende kosten in mindering worden gebracht op de budgetten. Bij de aanleg van nieuwe speelplekken binnen uit- of inbreidingswijken worden de benodigde financiële middelen beschikbaar gesteld voor zowel de realisatiekosten (eenmalig) als voor de structurele kosten. De hoogte van het budget wordt bepaald op basis van werkelijke kosten, inclusief voorbereidings- en inspraakkosten. Het budget voor het onderhoud van de speelvoorzieningen wordt gebaseerd op het gekozen onderhoudsniveau (zie paragraaf ). De speeltoestellen kunnen daarbij in een goede staat worden gehouden. De hoogte van het beheerbudget wordt gebaseerd op de totale vervangingswaarde van de speelvoorzieningen. In de huidige situatie wordt het beheerpercentage geschat op 3,5% van de vervangingswaarde. Omdat de investeringen in speelvoorzieningen jaarlijks variëren en de afschrijvingstermijnen van de verschillende typen toestellen niet gelijk zijn, variëren de werkelijke kosten voor vervanging per jaar. Aan de hand van de afschrijvingstermijn, het plaatsingsjaar en de vervangingswaarde kunnen voor de komende jaren de benodigde budgetten worden bepaald. De budgetten die noodzakelijk zijn voor het aanbieden van openbare speelruimte moeten jaarlijks worden geïndexeerd. Zie verder de analyse van de financiële aspecten in hoofdstuk 8 Realisatie streefbeeld en jaarlijkse kosten Periode en evaluatie speelruimtebeleid Het voorliggend speelruimteplan geeft het beleid weer voor de wijze waarop de komende tien jaar met de speelruimte in het openbare gebied kan worden omgegaan. De gemeente is in beweging. Daarom zal na vijf jaar een evaluatie van het voorliggend speelruimtebeleid en de voortgang van de uitwerking plaatsvinden. Tegelijkertijd zullen opnieuw de demografische gegevens en de aanwezige speelruimte per dorp conform de werkwijze van dit plan tegen elkaar worden afgezet. p 7 ingevoegd voor witregel in inhoudsopgave OBB Ingenieursbureau
47 DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE Buitengewoon... Spelen! Speelruimteplan gemeente Giessenlanden OBB Ingenieursbureau
48 OBB Ingenieursbureau
49 5. LEESWIJZER ANALYSE SPEELRUIMTE In dit hoofdstuk worden de geformuleerde beleidspunten vertaald naar de situatie in de verschillende dorpen van de gemeente. Er wordt geanalyseerd hoeveel informele en formele speelruimte er is (huidige situatie) en hoeveel dit moet zijn voor een evenredige verdeling van speelruimte en -voorzieningen over de doelgroep en de dorpen. In Bijlage VI staan tabellen met daarin de maatregelen die voor het realiseren van dit openbare speelvoorzieningenniveau nodig zijn Bij het lezen van de analyse Aangeraden wordt om bij het lezen van de analyse de tekening(en) uit Bijlage XII en de tabel met speelplekken uit Bijlage VI van het betreffende dorp erbij te houden. Regelmatig wordt een gebied aangeduid met straatnamen. Het is daarom handig om tijdens het lezen een straatnamenkaart bij de hand te houden. In de analysetekst staan de speelpleknummers tussen haakjes [**]. Dit zijn de nummers van de huidige speelplekken. Deze corresponderen met de speelpleknummers op de tekeningen. Daarnaast staan er aanduidingen als [Z ** (dorpcode)] in de tekst. Dit zijn de nieuwe plekken/zoekgebieden. Verder zijn met [M ** (dorpcode)] de voorgestelde maatregelen ter verbetering van de informele speelruimte aangeduid. De eerste paragraaf geeft een beeld van het huidige kinderaantal en het verwachte verloop. De tweede paragraaf bevat informatie over de rondgang(en) met scholen. Daarna volgt de analyse van de informele en formele speelruimte door OBB Leeftijden en termen In de tekst wordt gesproken over drie leeftijdscategorieën zoals ook beschreven in het beleidsplan: kinderen = van 0 tot en met 5 jaar jeugdigen = van 6 tot en met 11 jaar jongeren = van 12 tot en met 18 jaar doelgroep = van 0 tot en met 18 jaar 5.3. Onderverdeling in dorpen In Giessenlanden wordt er geen onderscheid gemaakt in wijken of buurten binnen de dorpen. Voor het schrijven van de analyse is er dan ook gekeken per dorp in de gemeente. Voor de doelgroep kunnen er overigens wel grenzen zijn; naast harde grenzen zoals wegen, watergangen en grote groengebieden, zijn ook sociale of gevoelsmatige barrières belangrijk. Door de rondgangen met de jeugdigen is een beeld van deze grenzen verkregen. Soms is het nodig om dorpen te beschrijven in kleinere blokken. Deze zogenoemde speelbuurten ontstaan doordat de ruimtelijke opbouw verschilt, er een drukke weg ligt of er een sociale barrière is. Dit zijn vaak grenzen die door ouders ook als fysieke grenzen meegegeven worden aan de kinderen en jeugdigen bij het zelfstandig spelen. De kinderen en jeugdigen tot en met 8 jaar moeten vaak binnen deze buurtjes blijven. Binnen een speelbuurt moeten minimaal 15 kinderen wonen om een speelplek te behouden. Bij meer dan 30 kinderen in een speelbuurt kan een nieuwe speelplek worden aangelegd. OBB Ingenieursbureau
50 Tekstwolken. bron 5.4. Opbouw teksten De analyse is opgesteld aan de hand van de uitgangspunten uit Tabel 11 en Tabel 12. Aan de hand van de hoeveelheid informele ruimte en de exacte verdeling van de doelgroep over het dorp worden de uitgangspunten voor formele speelruimte toegepast. Zo wordt gekeken hoeveel jeugdigen binnen de actieradius van een speelplek moeten wonen, wil deze plek gerechtvaardigd zijn. Daarnaast wordt gekeken naar de gebieden waar veel kinderen, jeugdigen en jongeren wonen, maar geen speelplek aanwezig is. Per dorp wordt indien nodig eerst aangegeven welke bijzonderheden van belang kunnen zijn bij de analyse. Doordat ieder dorp een eigen opbouw heeft en de plekken voor de verschillende leeftijden nauw met elkaar verweven zijn, is er in enkele gevallen voor gekozen om de analyse volgens een andere indeling te schrijven Tekstwolken naast de tekst In de linkerkantlijn staan tekstwolken. In deze wolken staan opmerkingen die de doelgroep maakte tijdens de rondgangen, op de buurtplattegronden en de enquêteformulieren. Ook zijn dit reacties uit de vragenformulieren of relevante opmerkingen vanuit de projectgroep. De wolkjes hebben betrekking op het dorp, speelplek en/of het aspect dat daarnaast wordt beschreven. OBB Ingenieursbureau
51 6. BOVENWIJKSE ASPECTEN VAN SPEELRUIMTE In dit hoofdstuk worden per leeftijdscategorie beschreven de belangrijkste aspecten die betrekking hebben op de hele gemeente en de belangrijkste punten die bij de verschillende inspraak naar voren kwamen Kinderaantallen Het aantal kinderen in Giessenlanden is de afgelopen jaren afgenomen, terwijl het aantal jeugdigen en jongeren een lichte stijging laat zien. Per speelbuurt voor de kinderen of dorp voor jeugdigen en jongeren is rekening gehouden met een prognose in de zin van: het aantal blijft gelijk of neemt af of toe. Hierop is het voorzieningenniveau voor de komende tien jaar afgestemd Georganiseerd sport en spel In Giessenlanden is een ambulant jongerenwerker actief, die samen met jongeren activiteiten organiseert. Daarnaast vindt er buurtsportwerk plaats in Noordeloos en Schelluinen. In Arkel wordt voor de jeugd een timmerdorp georganiseerd door De Doe-Rakkers. Door speeltuin Kindervreugd wordt in Giessenburg een timmerdorp georganiseerd Bovenwijkse voorzieningen jeugd Voor de jeugdigen zijn een aantal voorzieningen met extra aantrekkingskracht aanwezig. Deze voorzieningen zijn niet te vatten onder de openbare speelruimte. De aanwezigheid ervan zorgt echter wel voor een verlichting van de speeldruk op bestaande speelplekken. Een natuurbad, zoals de Donk in Hoornaar, is een voorbeeld van een dergelijke locatie Hondenpoepprobleem Afgaand op de rondgangen met jeugdigen en de veldinventarisatie wordt duidelijk dat het huidig beleid omtrent hondenpoep niet afdoende is. Het huidig beleid omschrijft voornamelijk waar honden niet mogen loslopen of hun behoefte mogen doen. De handhaving hiervan zal dan ook van groot belang zijn. Daarnaast zijn er gebieden en routes aangegeven waar honden onder begeleiding mogen loslopen. Het is van belang om kwalitatieve informele speelruimte ontsloten te houden voor de kinderen en jeugdigen door het aandeel hondenpoep te verminderen. Eigenlijk kan een grasveld afgeschreven worden als trapveld als er hondenpoep ligt. Het veld zal niet of nauwelijks gebruikt worden. De hondenpoep is in ieder geval een punt waar verbetering mogelijk is. Onder meer door goede handhaving, het inrichten van uitlaatstroken/uitlaatroutes of betere afscherming van speelplekken kan er meer gestuurd worden op het probleem. Op deze manier is het mogelijk zoveel mogelijk informele speelruimte beschikbaar te houden. OBB Ingenieursbureau
52 6.5. Voorzieningen voor jongeren Informele ontmoetingsmogelijkheden Voor de jongeren kun je niet echt spreken van spelen; het verblijf van deze leeftijdscategorie in de openbare ruimte richt zich op het sporten en ontmoeten van leeftijdsgenoten. Het ontmoeten gebeurt veelal informeel, op spontaan ontstane plekken en veel minder op speciale speel- en ontmoetingsplekken. In Bijlage VII is een uitgebreide beschrijving gegeven van de verschillende soorten en eisen waaraan de informele ontmoetingsmogelijkheden moeten voldoen. De volgende categorieën zijn te onderscheiden: Kiss and Greetplek = willekeurig gekozen afspreek- of afscheidsplekken van nature aanwezig in de openbare ruimte; What s Upplek = kleine plek voor 5 tot 10 jongeren die bij elkaar komen en bijpraten; Stay Aroundplek = plek waar jongeren echt afspreken en zitten te praten of andere activiteiten doen; No Problemplek = plek niet direct bij woningen zodat hier geen overlast voor omwonenden te verwachten is. De jongeren kiezen voor ontmoeting meestal plekken waar ze een beetje kunnen zitten om met elkaar te praten. Dat zijn plaatsen in het zicht, maar waar ze ook een beetje privacy hebben. Door vanuit deze visie met jongeren om te gaan, geeft men hun fysiek een plaats ín de maatschappij en niet langs de rand van de maatschappij. Enkele kenmerken van geschikte locaties voor het informele ontmoeten voor de jongeren zijn: met de fiets/scooter gemakkelijk bereikbaar; langs routes naar school of sport; bij een straatlantaarn (timer); in het zicht langs de weg zodat vrienden kunnen zien dat je 'er bent'; in het zicht zodat toezichthouders snel kunnen zien wat er gebeurt zonder te hoeven uitstappen; niet in de open vlakte; niet te dicht bij de woningen; ergens op kunnen zitten en/of tegenaan hangen. In de analyse is per dorp aangegeven welke informele ontmoetingsmogelijkheden aanwezig zijn en wat er gedaan kan worden om meer ontmoetingsmogelijkheden te creëren. OBB Ingenieursbureau
53 Formele ontmoetingsmogelijkheden In de analyse wordt uitgegaan van een goede verdeling van sporten ontmoetingsvoorzieningen voor jongeren, gerelateerd aan de speelbuurten en dorpen. Visie hierbij is dat een deel van de jongeren gewoon in het eigen dorp in de openbare ruimte wil sporten en leeftijdsgenoten wil ontmoeten. In de analyse worden daarom per dorp de sport- en ontmoetingsmogelijkheden beschreven. De inrichting en ligging van enkele van deze voorzieningen zal echter een grotere aantrekkingskracht hebben dan alleen op de jongeren uit eigen dorp. Deze zogenoemde bovenwijkse locaties trekken ook jongeren uit andere dorpen aan. Per wijk/dorp is met een tabel weergegeven wat er aan voorzieningen is voor jongeren, en wat er gedaan kan worden om het streefbeeld te bereiken. Hierbij wordt aangegeven wat er voor What s Up, Stay Around en No Problem gewenst is. Categorie plek Aantal Status What s Up Stay Around No Problem OBB Ingenieursbureau
54 OBB Ingenieursbureau
55 Naast speelplekken zouden er ook hondenveldjes moeten zijn Rondgang Rondgang door Arkel De trimbaan is een erg leuke plek, en mag niet bebouwd worden. Rondgang 7. SPELEN IN GIESSENLANDEN Dit hoofdstuk geeft een beeld van de huidige situatie en het voorgestelde streefbeeld van de speelvoorzieningen in Giessenlanden. Per dorp wordt aangegeven wat de prognose is voor het kinderaantal, welke informele speelruimte aanwezig is en hoe de formele speelruimte voor kinderen, jeugdigen en jongeren er uitziet, en zou moeten uitzien. De dorpen worden op alfabetische volgorde beschreven Speelruimte in Arkel Arkel is het meest oostelijke dorp van de gemeente Giessenlanden. Het dorp bevat de meeste industrie van de gemeente. Het treinstation van de gemeente ligt in Arkel. Net als de meeste dorpen in Giessenlanden speelt water een belangrijke rol: Arkel ligt namelijk ingeklemd tussen het Merwedekanaal en de Linge / Zederikkanaal Kinderaantallen Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 195 jeugdigen 6-11 jr. 256 jongeren jr. 286 Het kinderaantal in Arkel laat een daling zien. De verwachting is dat dit de komende vijf tot tien jaar niet verder zal dalen, maar zich stabiliseert. Bij uitbreiding van het dorp bestaat de mogelijkheid dat het kinderaantal tijdelijk weer licht gaat stijgen Rondgang scholen Door een groot deel van Arkel heeft een rondgang plaatsgevonden met 8 leerlingen van basisschool De Lingewaard. Tijdens deze rondgang zijn er diverse opmerkingen gemaakt over de speelplekken in het dorp. Deze opmerkingen zijn (daar waar mogelijk) meegenomen in de analyse. Verder zijn er opmerkingen gemaakt over de gehele openbare ruimte waar de leerlingen gebruik van maken om te spelen. Over deze informele speelruimte zijn vooral opmerkingen gemaakt ten aanzien van hondenpoep, jongeren en de vermindering van deze ruimte. De leerlingen vinden het dan ook maar niets dat in hun ogen alle veldjes worden volgebouwd in Arkel Informele speelruimte In aansluiting op de verscheidenheid aan bebouwing, is ook de informele speelruimte in de privétuinen verschillend. Over het algemeen is deze speelruimte alleen geschikt voor kinderen, en in sommige delen eveneens geschikt voor de jongere jeugdigen. Grenzend aan de eigen tuin zijn er vaak trottoirs of achterpaden die voor kinderen en jeugdigen de mogelijkheid bieden de buurt te verkennen. Het merendeel van de straten in het dorp heeft geen functie voor doorgaand verkeer. Hierdoor is spelen op straat mogelijk. Voorwaarde is dan wel dat er weinig auto s geparkeerd staan. Enkele voorbeelden hiervan zijn de doodlopende delen van de Waldhoornstraat, het Plein 983 en de eenrichtingsstraten in het noordoostelijk deel van het dorp. Bespeelbaar groen in de openbare ruimte is veelal aan de rand van het dorp te vinden. Zeker in het noordoostelijke deel van het dorp is weinig openbaar groen in de straten aanwezig. Ten zuiden van de Folkertsstraat is er meer groen aanwezig in het openbaar gebied, zoals het veld bij Plein 983, in de Fagotstraat en de trimbaan die werd genoemd tijdens de rondgang. Met deze laatste wordt het groen bedoeld aan de zuidrand van het dorp, bij de Kersendreef / Frambozendreef / Kastanjelaan. In dit groen wordt onder meer hutten gebouwd en op het veld bij Plein 983 wordt jaarlijks een timmerdorp georganiseerd. OBB Ingenieursbureau
56 Plek [A 6A] Plek [A 5A] Speelruimte kinderen Circa 160 van de 195 kinderen wonen binnen het dorp Arkel, de overige kinderen wonen rondom het dorp. Voor deze kinderen binnen het dorp zijn er op zeven speelplekken voorzieningen aanwezig. Plek Kersendreef 10 [A 1A] is specifiek voor kinderen ingericht. De plekken Kastanjelaan 2 [A 2A], Bessendreef 30 [A 3A], Fagotstraat 1 [A 5B], Folkertsstraat 23 [A 6A], Koningin Emmastraat 30 [A 7A] en Perendreef 1 [A 8A] bieden speelmogelijkheden voor kinderen en jeugdigen. Gezien het aantal kinderen en de uitgangspunten voor speelruimte zouden er vijf tot tien speelplekken moeten zijn. De spreiding van de huidige speelplekken is niet geheel evenredig verdeeld over het dorp. Zo zijn er in het deel ten noorden van de Folkertsstraat twee speelplekken voor circa 75 kinderen. In het zuidelijke deel van het dorp zijn er voor ongeveer 70 kinderen op vijf speelplekken voorzieningen aanwezig. Het advies is om plek [A 1A] als secundair aan te wijzen, en de plekken [A 3A] en [A 8A] specifiek voor kinderen in te richten. Plek [A 2A] blijft een plek voor kinderen met enkele toestellen voor de jeugd. Plek [A 7A] zou een inrichting moeten hebben die meer op kinderen is gericht. De overige plekken hoeven voor de kinderen niet te wijzigen. Wel is er in het noordelijke deel van Arkel een nieuwe plek voor kinderen gewenst. Een mogelijke locatie voor deze plek [Z 1A] zal dan nog gevonden moeten worden. De mogelijkheid bestaat om dit mee te nemen bij herinrichting of herstructurering van dit deel van Arkel. Mocht dit onmogelijk blijken dan is het een optie om de informele speelruimte te verbeteren met speelprikkels op trottoirs en dergelijke Speelruimte jeugdigen Voor de circa 250 jeugdigen in en rondom Arkel zijn er op zeven speelplekken voorzieningen aanwezig. Van deze plekken deelt de jeugd er een met jongeren en de overige met kinderen. Het schoolplein is na schooltijd nog maar een korte tijd bespeelbaar, waarna het wordt afgesloten. Gezien het aantal jeugdigen en de uitgangspunten voor speelruimte kan er volstaan worden met drie tot vier speelplekken. Door het leeftijdsspecifiek maken van de plekken [A 3A], [A 7A] en [A 8A] voor kinderen blijven er voor de jeugd nog vier plekken met voorzieningen over. Met verbetering van de voorzieningen voor jeugdigen op de plekken Kastanjelaan 2 [A 2A], Hoefpad 10 [A 4SK], Fagotstraat 1 [A 5B] en Folkertsstraat 23 [A 6A] worden voldoende speelmogelijkheden geboden. Door het realiseren van enkele kleinere voetbalmogelijkheden op de plekken [A 5B] en [A 6A] biedt dit een goede aanvulling op de voetbalkooi [A 4SK] die ze delen met de jongeren. OBB Ingenieursbureau
57 Plek [A 4SK] Jongeren Ruim 285 jongeren in en rond Arkel maken gebruik van de openbare ruimte voor spel, sport en ontmoeting. Voor het informele ontmoeten in het dorp zijn er diverse plekken geschikt, van straathoek en Plein 983, tot plekken langs het Merwedekanaal. Op dergelijke plekken zijn ook geen specifieke voorzieningen nodig, het ontmoeten is op dergelijke plekken doorgaans van korte duur. Voor een ander deel van het ontmoeten is het gewenst dat er voorzieningen aanwezig zijn op een plek. Met het huidige aantal jongeren en de uitgangspunten voor speelruimte zouden er negen What s Upplekken gewenst zijn. Onderdeel van deze plekken zijn de Stay Aroundplekken, waar zowel sport als ontmoeting kan plaatsvinden. De verwachting is dat de What s Upplekken reeds aanwezig zijn in het dorp. Als Stay Aroundplek fungeert nu plek Hoefpad 10 [A 4SK] waar zowel voetbal als skaten mogelijk is. Gezien het aantal jongeren zouden er twee of drie van deze plekken moeten zijn. Het advies is om een tweede Stay Aroundplek voor jongeren te realiseren. Mogelijke locaties voor deze plek [Z 2A] zijn: Plein 983, Kanaaldijk, Raadhuisplein of aan de Dam. Categorie plek Aantal Status What s Up 7 reeds aanwezig Stay Around 2 een bestaand [A 4SK] en een nieuw realiseren [Z 2A] 7.2. Speelruimte in Giessenburg Het dorp Giessenburg is het grootste dorp binnen de gemeente Giessenlanden. Hier wonen dan ook de meeste kinderen, jeugdigen en jongeren van de gemeente. Van het totaal van in dit rapport gebruikte aantal kinderen, jeugdigen en jongeren woont circa 30% in en rondom Giessenburg Kinderaantallen Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 275 jeugdigen 6-11 jr. 371 jongeren jr. 388 Binnen het dorp Giessenburg is het kinderaantal aan het dalen. Zonder verdere uitbreiding van het dorp is het de verwachting dat het kinderaantal op het huidige niveau zal stabiliseren Rondgang scholen Door Giessenburg hebben er twee rondgangen plaatsgevonden voor Hier bij de garagedeuren worden het beoordelen van de speelruimte. Met acht leerlingen van basisschool De Hoeksteen is de ronde in het westelijk deel van het dorp we weggestuurd als we voetballen Rondgang uitgevoerd. Een groep van vier leerlingen is meegegaan voor de rondgang in het oostelijk deel van het dorp. De meest gehoorde opmerkingen hadden betrekking op de aanwezigheid van hondenpoep op grasveldjes, en het ontbreken aan iets voor de jeugd. OBB Ingenieursbureau
58 Rondgang door Giessenburg Op het doodlopende stukje Heul wordt vaak door kinderen gespeeld Enquête buurtverenigingen Informele speelruimte Voor het informele spelen kunnen de kinderen en jeugdigen in Giessenburg in eerste instantie terecht in de privétuinen. De omvang van deze tuinen is doorgaans beperkt en hierdoor voornamelijk geschikt voor kinderen. De jeugd zal de openbare ruimte gebruiken voor het informele spelen. Straatspel kan op het merendeel van de straten plaatshebben omdat (met uitzondering van de Kerkweg en Dorpsstraat) de meeste straten slechts een functie voor aanwonenden en buurtbewoners hebben. Vooral de snelheid van het verkeer zorgt ervoor dat de kinderen en een deel van de jeugd niet zelfstandig door het hele dorp mogen. Het aanwezige groen in het dorp wordt in beperkte mate betrokken in het spel van de jeugdigen in Giessenburg. Dit komt met name door de hondenpoep op het aanwezige gras, zoals aangegeven tijdens de rondgang. Langs de Middelwetering wordt nog wel af en toe gevist of gebruikgemaakt van het groen rondom het naastgelegen sportcomplex Speelruimte kinderen In en rondom Giessenburg wonen circa 275 kinderen, van wie er ongeveer 200 in het gedeelte ten zuiden van de Giessen wonen. Voor deze groep kinderen zijn er op vijf speelplekken voorzieningen aanwezig. De plekken Liesveld 6 [G 1A] en Emmalaan 25 [G 8A] zijn specifiek voor kinderen ingericht. De plekken Bogerd 60 [G 2B], Van Marlotstraat 60 [G 4A] en J. de Kreijstraat 28 [G 7A] delen ze met de jeugd. Van deze plekken is plek [G 2B] het meest uitgebreid; hier is speeltuin Kindervreugd gevestigd. Gezien het aantal kinderen, in combinatie met de uitgangspunten voor speelruimte, zou er bijna het dubbele aantal plekken moeten zijn. Opmerking die hierbij gemaakt moet Speeltuin Kindervreugd [G 2B] worden, is dat de speeltuin door zijn zeer uitgebreide inrichting de functie van meerdere speelplekken vervuld. De speeltuin Kindervreugd heeft een functie voor circa 30 kinderen in de directe omgeving. Daarnaast zullen er kinderen komen uit andere delen van het dorp, al dan niet onder begeleiding. Geadviseerd wordt om plek [G 1A] als secundair aan te wijzen, gezien de ligging ten opzichte van de speeltuin. Ongeveer 30 kinderen kunnen gebruikmaken van plek [G 4A]. Enige aanpassing van deze plek is gewenst. Voor ongeveer 20 kinderen is plek [G 7A] nagenoeg zelfstandig te bereiken en behoeft deze geen directe aanpassing. Rondom plek [G 8A] wonen bijna 30 kinderen. De plek heeft dan ook een duidelijke functie. Voor circa 30 kinderen rondom de Van Wenastraat aan de oostkant van de Kerkweg is momenteel geen speelplek beschikbaar. Een mogelijke locatie van deze nieuwe plek [Z 1G] zal dan ook nog gezocht moeten worden. Het is mogelijk dit mee te nemen bij eventuele herinrichting(en) van de buurt. Mocht dit niet haalbaar Plek [G 7A] zijn, dan is verbetering van de informele speelruimte een optie. Voor nog eens ruim 20 kinderen aan de westkant van de Kerkweg zou er een plek gerealiseerd kunnen worden. Deze nieuwe plek [Z 2G] kan in het groen tussen Randlaan en Giessenlaan gerealiseerd worden. In totaal komt hiermee het aantal plekken voor kinderen op zes, wat gezien de verdeling en inrichting van de plekken voldoende is. OBB Ingenieursbureau
59 Plek [G 3A] Plattegrond Giessenburg Het trapveld bij de wetering [G 5SV] is slecht Rondgang Ontmoetingsmogelijkheid in winkelgebied Speelruimte jeugdigen Circa 370 jeugdigen wonen in en rondom Giessenburg en maken gebruik van de aanwezige speelmogelijkheden. Momenteel zijn er op zes speelplekken voorzieningen voor jeugdigen aanwezig. Drie plekken delen ze met kinderen: Bogerd 60 [G 2B], Van Marlotstraat 60 [G 4A] en J. de Kreijstraat 28 [G 7A]. De andere plekken delen ze met jongeren: Van Marlotstraat 39 [G 3A], Wetering 36 [G 5SV] en Kerkweg 10 [G 6A] waarbij het gaat om twee trapvelden en een skatemogelijkheid. Gezien het aantal jeugdigen in combinatie met de uitgangspunten voor speelruimte kan worden volstaan met vijf tot zes plekken. Het huidig aantal plekken volstaat dan ook voor het dorp en het aantal jeugdigen. Doordat de jeugd de plekken deelt met andere leeftijden is aanpassing van de plekken mogelijk gewenst. Tijdens de rondgangen kwam dit onder meer naar voren in het gegeven dat de jeugdigen iets voor henzelf missen op speelplekken. Omdat ze de toestelplekken [G 2B], [G 4A] en [G 7A] delen met kinderen staan hier vaak toestellen die de jeugdigen al snel als kinderachtig en niet uitdagend beschouwen. De twee voetbalplekken [G 3A] en [G 5SV] bieden voldoende voetbalmogelijkheden voor de jeugd in het dorp. Wel is verbetering van het grasveld op plek [G 5SV] gewenst volgens de rondgangen. De skatemogelijkheden op plek [G 6A] worden beperkt gebruikt door de jeugdigen, maar behoeven geen aanpassingen. Op deze manier wordt met zes plekken in het dorp, voldoende speelmogelijkheid voor de jeugd geboden Jongeren Voor de ruim 385 jongeren in en rondom Giessenburg zijn er verschillende mogelijkheden voor informeel ontmoeten aanwezig. Allereerst zal dit plaatsvinden op plekken die reeds aanwezig zijn in de openbare ruimte. Hierbij gaat het om ruime straathoeken, pleintjes, winkelgebied of andere ruimten waar jongeren kort bij elkaar kunnen staan en kunnen afspreken. Naast het kort afspreken op plekken zijn voor jongeren ook plekken van belang waar ze mogelijk sport, spel en ontmoeting kunnen combineren. Rekening houdend met een toekomstig aantal jongeren van naar verwachting 350 en de uitgangspunten voor speelruimte zouden er op tien plekken ontmoetingsmogelijkheden moeten zijn. Voor het grootste deel zullen deze What s Upplekken reeds aanwezig zijn in de openbare ruimte. Een kleine aanvulling hierop, in samenspraak met jongeren, kan mogelijk gewenst zijn middels een maatregel [M 1G]. Onderdeel van deze tien plekken zijn circa drie Stay Aroundplekken waar ontmoeten gecombineerd wordt met sport en spel. Hiervoor kunnen de bestaande plekken Van Marlotstraat 39 [G 3A], Wetering 36 [G 5SV] en Kerkweg 10 [G 6A] waar nodig verbeterd worden. Met de voorgestelde aanpassingen worden voldoende voorzieningen voor jongeren in Giessenburg geboden. Plek [G 5SV] Categorie plek Aantal Status What s Up 7 grotendeels aanwezig; eventueel aanvullen [M 1G] Stay Around 3 bestaande plekken [G 3A], [G 5SV] en [G 6A] verbeteren OBB Ingenieursbureau
60 7.3. Speelruimte in Giessen-Oudekerk Giessen-Oudekerk is een van de dorpen langs de Giessen en heeft mede hierdoor een langgerekte bebouwing. Door de ligging langs de waterloop is er veel water in het dorp aanwezig Kinderaantallen Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 68 jeugdigen 6-11 jr. 116 jongeren jr. 113 Het kinderaantal in Giessen-Oudekerk laat een daling zien voor de komende vijf tot tien jaar. De verwachting is niet dat deze daling zich in de huidige snelheid zal doorzetten, maar dat het kinderaantal zich stabiliseert Rondgang scholen Met een vijftal leerlingen uit meerdere groepen van basisschool Giessen-Oudekerk heeft er een rondgang door het dorp plaatsgevon- Dat mensen de hondenpoep niet opruimen vindt ik best gek den. Tijdens deze rondgang zijn er verschillende opmerkingen gemaakt over de speelmogelijkheden in het dorp. Een van de belang- Rondgang rijkste opmerkingen was dat de leerlingen alles eigenlijk als speelplek gebruiken. Voorwaarde is wel dat ze er mogen komen van hun ouders. Met name het groen in het dorp wordt veel gebruikt, voor het bouwen van hutten, verstoppen in de struiken, slootje springen en spelen op het gras. Wel is er op de verschillende grasveldjes vaak hondenpoep te vinden Informele speelruimte Kinderen vinden hun informele speelruimte vooral in de privétuinen of in de woonstraten. Voor de kinderen en een deel van de jeugd zal de Oudkerkseweg te druk zijn om deze zelfstandig over te steken. Langs het merendeel van de woonstraten staan rijtjeswoningen, waardoor de hoeveelheid speelruimte in de privétuin beperkt is en slechts voor kinderen geschikt. Langs de Kloevelaan staan vrijstaande woningen met grote tuinen en is de straat autoluw en hierdoor geschikt voor spel. De jeugd zal vooral spelen op straat of in het aanwezige groen. Het groen in het dorp wordt door de jeugdigen veelal gebruikt voor avontuurlijk spel, zoals aangegeven tijdens de rondgang. Voorwaarde voor gebruik van deze groene ruimte is wel dat zij vrij is van hon- Speelsporen op straat denpoep Speelruimte kinderen Van de ongeveer 70 kinderen in Giessen-Oudekerk wonen er circa 30 binnen het dorp. De overige kinderen wonen onder meer verspreid langs de Binnendamseweg en Neerpolderseweg. De kinderen in het dorp hebben de beschikking over plek Dokter Gravemeijerstraat 11 [GO 2B] waar enkele speeltoestellen staan. Gezien het aantal kinderen in het dorp en de uitgangspunten voor speelruimte kan worden volstaan met één speelplek. Gezien het verspreid wonen van de kinderen en de (beperkte) mogelijkheden op plek [GO 2B] is het raadzaam om ook op plek Van Dijkstraat 1 [GO 1A] enkele speelmogelijkheden voor kinderen te realiseren. Door beide locaties van een beperkte inrichting te voorzien Plek [GO 1A] kan worden volstaan voor de kinderen in Giessen-Oudekerk. OBB Ingenieursbureau
61 Rondgang door Giessen-Oudekerk Uitbreiding van de speelmogelijkheden is wel gewenst in het dorp. Enquête buurtverenigingen Trapveld [GO 1SV] Een afscheiding langs de sloot bij het trapveld is wenselijk Enquête buurtverenigingen Speelruimte jeugdigen Voor de circa 115 jeugdigen in het dorp zijn er speelmogelijkheden op plek Van Dijkstraat 1 [GO 1A] en [GO 1SV], waarbij het trapveld eveneens een functie heeft voor de jongeren. Tijdens de rondgang gaven de leerlingen van basisschool Giessen-Oudekerk aan dat ze ook na schooltijd regelmatig gebruikmaken van het schoolplein dat naast plek [GO 1A] is gelegen. Gezien het aantal jeugdigen en de verwachte daling kan worden volstaan met een plek met toestellen en een trapveld. De huidige plekken [GO 1A] en [GO 1SV] bieden de mogelijkheden voor de jeugdigen in Giessen-Oudekerk. Verbetering van de huidige speel- en voetbalmogelijkheden is hierbij gewenst, onder meer op het gebied van uitdaging in spel en de afscherming van het voetbalveld (genoemd tijdens de rondgang). Met verbetering van de huidige voorzieningen worden er voldoende mogelijkheden geboden voor de jeugd in het dorp, zeker in combinatie met de informele speelruimte die aanwezig is Jongeren In en rondom het dorp wonen circa 115 jongeren die gebruikmaken van de openbare ruimte voor spel, sport en ontmoeten. Voor een belangrijk deel zullen zij gaan naar plekken die van nature al in het dorp aanwezig zijn. Voorbeelden hiervan zijn onder meer de ruimte rondom het kerkplein en de steiger langs de Giessen. Mogelijk dat een deel van de jongeren ook gebruikmaakt van voorzieningen in Giessenburg of Giessendam. Voor het voorzieningenniveau wordt uitgegaan van een afname van het aantal jongeren tot rond de 100 in de komende vijf tot tien jaar. Rekenend met de uitgangspunten voor speelruimte betekent dit dat er op drie plekken ontmoetingsvoorzieningen voor jongeren gewenst zijn. Op een van deze plekken zal gezien het aantal jongeren eveneens een sport- of spelmogelijkheid nodig zijn. Uit het veldbezoek is gebleken dat het aantal What s Upplekken volstaat. Voor de formele sport- en ontmoetingsmogelijkheid zal plek Van Dijkstraat 1 [GO 1SV] verbeterd moeten worden. Op deze manier worden voldoende mogelijkheden voor jongeren in het dorp geboden. Categorie plek Aantal Status What s Up 2 reeds aanwezig Stay Around 1 bestaande plek [GO 1SV] verbeteren 7.4. Speelruimte in Hoogblokland Hoogblokland is waarschijnlijk het meest langgerekte dorp van de gemeente. De bebouwing loopt grotendeels van Hoornaar tot aan het treinstation bij Arkel. De kern van het dorp ligt tussen de snelweg A27 en t Hoog. De overige bebouwing langs de Dorpsweg is dermate verspreid dat deze niet wordt meegenomen in de analyse Kinderaantallen Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 89 jeugdigen 6-11 jr. 109 jongeren jr. 134 Het kinderaantal in het dorp Hoogblokland laat een daling zien. Zonder verdere uitbreidingen van het dorp zal het kinderaantal zich waarschijnlijk de komende jaren gaan stabiliseren. OBB Ingenieursbureau
62 `Dit veld is slecht, en er ligt vaak hondenpoep (plek [HB 1SV]) Rondgang Verkeer in de straat Plek [HB 4A] De plek bij het zwembad [HB 1B] is sociaal onveilig, hier wordt beperkt door kinderen gespeeld. Enquête buurtverenigingen Rondgang scholen Zowel van basisschool Den Beemd als van De Wegwijzer zijn een zestal leerlingen meegegaan voor de rondgangen door het dorp. Vanuit de rondgang zijn zowel positieve als negatieve opmerkingen naar voren gekomen. Het zwembad, het timmerdorp in de zomer en de schoolpleinen worden als positief beoordeeld. De leerlingen waren niet positief over de hoeveelheid verkeer, de hondenpoep in het groen en een deel van de speelplekken Informele speelruimte De privétuinen in het dorp bieden voornamelijk informele speelmogelijkheden aan kinderen. De jeugdigen in het dorp zijn voor hun informele speelruimte aangewezen op de openbare ruimte. Met uitzondering van de Dorpsweg, Hoogbloklandseweg en Beemdweg zijn de meeste straten in het dorp geschikt voor spel doordat zij voornamelijk een functie voor aanwonenden hebben. Voorwaarde is dan wel dat er weinig verkeer rijdt en er weinig auto s geparkeerd staan. Tijdens de rondgangen gaven de jeugdigen aan dat met name het aantal auto s hen belemmert om op straat te spelen. Bespeelbare groene ruimte is in Hoogblokland in beperkte mate aanwezig. Vaak zijn de aanwezige groene ruimten reeds ingericht als formele speelplek of zijn ze privé-eigendom. Een voorbeeld hiervan is de weide aan de Mr. D.C. Goesstraat die eigendom is van een boer. De aanwezige groene ruimte bij het zwembad is al grotendeels ingericht als formele speelplek. Als er al groen aanwezig is waarop gespeeld kan worden, dan ligt hier doorgaans veel hondenpoep, volgens de leerlingen die mee zijn geweest met de rondgangen Speelruimte kinderen Binnen het dorp wonen circa 80 kinderen, net buiten het dorp wonen nog eens 10 kinderen. Voor deze kinderen zijn er momenteel op vier plekken formele speelmogelijkheden aanwezig. De plekken t Hoog 18 [HB 1B] en Vlietstraat 2 [HB 2A] zijn zowel voor kinderen als jeugdigen ingericht. De plekken Schoolstraat 10 [HB 3A] en Mr. D.C. Goesstraat 8 [HB 4A] zijn meer specifiek voor de kinderen ingericht. Met het huidige kinderaantal en de uitgangspunten voor speelruimte kan volstaan worden met circa drie speelplekken voor kinderen in het dorp. Gezien de ligging van plek [HB 1B] is deze minder geschikt voor gebruik door kinderen. Het advies is dan ook om in dit deel van het dorp de voorzieningen voor kinderen op de plekken [HB 3A] en [HB 4A] te concentreren en deze plekken hiertoe te verbeteren. Beide plekken liggen niet erg centraal in het dorp, maar zijn gerealiseerd op die locaties waar ruimte is. Plek [HB 2A] heeft een functie voor circa 20 kinderen aan de westkant van de Beemdweg en behoeft geen aanpassingen Speelruimte jeugdigen Ruim 100 jeugdigen in en om Hoogblokland maken gebruik van de formele speelplekken. Op drie plekken zijn er voorzieningen aanwezig voor deze doelgroep. De plekken t Hoog 18 [HB 1B] en Vlietstraat 2 [HB 2A] delen ze nu met de kinderen. Het trapveld t Hoog 18 [HB 1SV] delen ze met de jongeren in het dorp. Verder werd tijdens de rondgangen aangegeven dat er ook na schooltijd wel eens op beide schoolpleinen wordt gespeeld of gevoetbald. Gezien het aantal jeugdigen en de verwachte daling in aantal, in combinatie met de uitgangspunten voor speelruimte, kan volstaan worden met een of twee plekken in het dorp. Schoolplein De Wegwijzer OBB Ingenieursbureau
63 Voetbalveld [HB 1SV] Het advies is om de toestel- en voetbalplek [HB 1B/SV] voor jeugd en jongeren in te richten. Aan de westzijde van het dorp kan met de voorziening van plek [H 2A] worden volstaan. Daarnaast zijn er plannen voor het realiseren van een voetbalkooi in het dorp. Mogelijke locaties hiervoor zijn het bestaande trapveld bij het zwembad of meer centraal bij basisschool Den Beemd Jongeren In en rondom Hoogblokland wonen momenteel ruim 130 jongeren. De verwachting is dat dit aantal de komende jaren daalt naar 110. Voor het merendeel zullen de jongeren gebruikmaken van de openbare ruimte om elkaar te ontmoeten. De straathoeken en zeker het parkeerterrein bij de snackbar aan de Schoolstraat zijn hiervan goede voorbeelden. Waarschijnlijk zal een deel van de jongeren ook gebruikmaken van voorzieningen in Arkel, Hoornaar of Gorinchem. Rekening houdend met het toekomstig aantal jongeren zouden er op circa vier plekken specifieke ontmoetingsmogelijkheden moeten zijn. Daarnaast zou in het dorp er een plek met een sport- of spelmogelijkheid moeten zijn. De zogenaamde What s Upplekken zijn naar verwachting ruim voldoende aanwezig in het dorp. Als sportplek fungeert het voetbalveld [HB 1SV], waar een geschikte ontmoetingsmogelijkheid gewenst is. Categorie plek Aantal Status What s Up 3 reeds aanwezig Stay Around 1 bestaande plek [HB 1SV] verbeteren 7.5. Speelruimte in Hoornaar Het dorp is relatief het meest centrale dorp van de gemeente en herbergt onder andere het gemeentehuis. Het noordelijke deel van het dorp is meer uitgerekt langs de dorpsweg. Ten zuiden van de Kromme Giessen is het dorp meer compact gebouwd Kinderaantallen Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 137 jeugdigen 6-11 jr. 132 jongeren jr. 133 Het kinderaantal in Hoornaar laat een lichte stijging zien voor de komende jaren. Deze stijging hangt naar verwachting samen met uitbreidingen die de laatste jaren zijn gedaan. Waarschijnlijk daalt over circa tien jaar het kinderaantal weer licht, tenzij er nieuwe uitbreidingen plaatsvinden Rondgang scholen Met een zestal leerlingen van basisschool Samen op Weg heeft een rondgang plaatsgevonden in het zuidelijke deel van het dorp. In het noordelijke deel van Hoornaar is de rondgang met een zestal leerlingen van basisschool Klim-Op uitgevoerd. Tijdens deze rondgangen zijn er diverse opmerkingen gemaakt over de speelplekken in Hoornaar die zijn meegenomen in de analyse. Daarnaast zijn er verscheidene opmerkingen gemaakt over het harde rijden van auto s, (hang)jongeren in het dorp maar er werd ook gezegd dat de speelkooi in het dorp helemaal goed is. Ondanks alle Gewenste speelplek in Hoornaar opmerkingen mogen de leerlingen van de rondgang zich redelijk zelfstandig door het dorp begeven. OBB Ingenieursbureau
64 Rondgang door Hoornaar Op de Groeneweg en in de Dorpsweg wordt heel hard gereden Rondgang Plek [H 3A] Plek [H 5A] Informele speelruimte De als eerst beschikbare informele speelruimte is in de privétuinen aanwezig. Zeker voor de kleinste kinderen is dit een belangrijke plek om zich te ontwikkelen en te spelen. De omvang van deze informele speelruimte is verschillend in Hoornaar, doordat er zowel rijtjeswoningen als vrijstaande en twee-onder-een-kapwoningen staan. Voor de jeugd is de straat een belangrijke plek voor informele speelruimte, die zij ook gebruiken. Tijdens de rondgangen werd aangegeven dat spelen op straat wel kan, maar dat op veel plekken hard wordt gereden. Gezien de opbouw zijn met name straten als Giessenland, De Schans, Fazantstraat en Oudendijk geschikt voor straatspel. Op de doorgaande wegen Dorpsweg, Groeneweg en Lage/Hoge Giessen is spelen niet mogelijk gezien de drukte en snelheid van het verkeer. Bespeelbaar groen is er in beperkte mate binnen het dorp. Tijdens de rondgangen werd dan ook geen favoriete huttenbouwplek of iets dergelijks aangegeven. Wel zijn er enkele plekken waar gevist wordt of waar slootje wordt gesprongen. Het meeste groen ligt aan de rand van het dorp, of het bestaat uit kleinere groenstroken binnen de buurten. Rondom het Dirk IV plein en Oudendijk is er meer groen en water aanwezig Speelruimte kinderen Naar verwachting wonen van de bijna 140 kinderen in en om Hoornaar circa 110 kinderen binnen het dorp. Voor deze kinderen zijn er op vijf speelplekken voorzieningen aanwezig. Alle plekken delen ze met de jeugdigen. Dit zijn Oudendijk 8 [H 1A], De Schans 1 [H 2B], Visserland 10 [H 3A], Giessenland 37 [H 4A] en Leeuwerikshof 9 [H 5A]. Van deze plekken wordt plek [H 1A] ook wel de Biggentuin genoemd. Gezien het verwachte aantal kinderen binnen het dorp kan volstaan worden met ongeveer vier speelplekken. De Biggentuin [H 1A] heeft een duidelijke functie voor het noordelijk deel van Hoornaar, waar ongeveer 35 kinderen wonen. De plek zelf behoeft dan ook geen aanpassing, maar aandacht voor de bereikbaarheid van de plek is mogelijk wel gewenst. De plekken [H 2B], [H 3A] en [H 4A] bieden samen aan circa 60 kinderen speelmogelijkheden. Aangezien de drie plekken dicht bij elkaar liggen is het advies om de plekken [H 3A] en [H 4A] specifiek voor kinderen in te richten en plek [H 2B] voor kinderen en jeugd te behouden. Plek [H 5A] heeft een duidelijke functie voor het zuidelijke deel van Hoornaar, echter hier wonen slechts 10 kinderen. Er zal bekeken moeten worden of deze plek op termijn gehandhaafd moet blijven of secundair kan worden. Voor een deel van de kinderen aan De Schans en de kinderen aan Hoge en Kromme Giessen (totaal circa 25 kinderen) zal een nieuwe plek gerealiseerd kunnen worden. Een mogelijke locatie voor deze plek [Z 1H] zal in de buurt van de Kromme Giessen / De Schans gezocht kunnen worden. Op deze manier worden er voldoende voorzieningen voor kinderen geboden Speelruimte jeugdigen Ruim 130 jeugdigen wonen in en rondom Hoornaar en maken gebruik van de speelplekken in het dorp. Het aantal jeugdigen in verhouding tot de uitgangspunten voor speelruimte maakt twee plekken gewenst binnen het dorp. Momenteel zijn er voor de jeugd speelmogelijkheden op alle zeven speelplekken in het dorp. Daarnaast maken de jeugdigen die mee zijn geweest met de rondgang ook af en toe na schooltijd gebruik van het schoolplein. Naast de plekken voor kinderen en jeugd [H 1A], [H 2B], [H 3A], [H 4A] en [H 5A] kan de jeugd gebruikmaken van de voetbalmogelijkheid op plek Leeuwerikshof 9 [H 5SV] en de voetbalkooi op plek Dirk IV plein [H 6SK]. Deze twee sportmogelijkheden delen ze met de jongeren. OBB Ingenieursbureau
65 Rekening houdend met de voorzieningen voor kinderen is het advies om de plekken [H 1A] en [H 2B] als toestelplek aan te wijzen voor kinderen en jeugdigen. De overige plekken verliezen daarmee hun toestelfunctie voor de jeugd. Deze twee plekken aangevuld met de voetbalmogelijkheden op de plekken [H 5SV] en [H 6SK] bieden ruim voldoende mogelijkheden voor de jeugd in Hoornaar Jongeren Binnen en rondom Hoornaar wonen nu ruim 130 jongeren. De verwachting is dat dit aantal de komende jaren zal stijgen tot circa 150. Informeel ontmoeten kan op meerdere plekken plaatsvinden binnen het dorp. Voorbeelden hiervoor zijn onder meer straathoeken, maar ook het Dirk IV plein en de parkeerplekken op de hoek van Groenweg en Hoge Giessen. Met het oog op het verwachte aantal jongeren zouden er binnen het dorp circa tien plekken voor ontmoeten moeten zijn. De helft van deze plekken is van nature al aanwezig in het openbaar gebied. De overige vijf plekken behoeven een inrichting, waarbij op een à twee plekken meer te doen is, zoals een sportmogelijkheid. De huidige voetbalmogelijkheden op plek [H 5SV] en [H 6SK] bieden deze mogelijkheden met enige aanpassing voor ontmoeten. Categorie plek Aantal Status What s Up 3 reeds aanwezig. Stay Around 2 bestaande plekken [H 5SV] en [H 6SK] verbeteren Speelruimte in Noordeloos Noordeloos is het meest noordelijke dorp van de gemeente en kenmerkt zicht door zijn ligging aan beide zijden van de waterloop Noordeloos/Giessen. Door deze ligging is Noordeloos een langgerekt dorp Kinderaantallen Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 136 jeugdigen 6-11 jr. 185 jongeren jr. 217 In Noordeloos laat het kinderaantal een daling zien. De verwachting is dat dit niet in de huidige mate doorzet, maar dat het kinderaantal zich stabiliseert Rondgang scholen De rondgang in Noordeloos heeft met beide scholen plaatsgevonden. Acht leerlingen van de School met de Bijbel en een zestal leer- hier stond een goede klimboom jammer dat hij weg is gehaald lingen van De Buurtschool hebben meegedaan aan de rondgangen door het dorp. Over het algemeen waren de opmerkingen over Rondgang de speelruimte in Noordeloos positief te noemen. Waar mogelijk zijn de opmerkingen meegenomen in de voorstellen voor de speelruimte in Noordeloos. OBB Ingenieursbureau
66 Tekening favoriete speelplek Een speelplek voor kinderen in de omgeving van de kerkweg is zeker gewenst. De plek bij het zwembad [N 3B] is te ver weg. Enquête buurtverenigingen Muziektent Noordeloos Informele speelruimte De informele speelruimte in de privétuinen is in Noordeloos redelijk beperkt doordat veel huizen in rijtjes staan. Kinderen zullen hier echter nog wel een belangrijk deel van hun informele speelruimte vinden. De ruimte in het openbaar gebied is namelijk nogal verschillend van omvang. Zo zijn er meerdere straten waar een beperkt, of helemaal geen trottoir aanwezig is. Een breed trottoir dicht bij huis biedt namelijk voor kinderen en jeugdigen een mogelijkheid om relatief veilig, dicht bij huis te spelen buiten de privétuin. Met uitzondering van de Botersloot en Noordzijde zijn de meeste straten bedoeld voor aanwonenden en hierdoor meer verkeersluw. De jeugdigen in Noordeloos zullen dan ook gebruikmaken van deze ruimte om te spelen. Tijdens de rondgang werd aangegeven dat er wordt gespeeld in de muziektent in het dorp. Naast de straten en tuinen is er nog bespeelbaar groen dat gebruikt kan worden bij het spelen. Dit groen is voornamelijk te vinden aan de noordkant van het dorp, rondom de kerk(en) en bij het zwembad. Daar waar mogelijk wordt in bomen geklommen of worden struiken gebruikt als verstopplek, zoals werd aangegeven bij de rondgangen. Het water centraal door het dorp wordt soms gebruikt om te vissen Speelruimte kinderen Van de circa 135 kinderen in en rondom Noordeloos wonen er naar verwachting ongeveer 100 binnen de kom van het dorp. Hiervan wonen er 30 aan de zuidzijde en 60 aan de noordzijde van de waterloop Noordeloos. Op twee plekken zijn er voorzieningen aanwezig die geschikt zijn voor kinderen. Plek Dreef 8 [N 1A] delen ze met de jeugd en plek Dreef 17 [N 2A] is specifiek voor kinderen ingericht. Deze twee speelplekken zijn in het zuidelijk deel van het dorp gelegen. Kinderen aan de noordzijde van het dorp zijn aangewezen op plek Van Brederodestraat 2 [N 3B] die meer voor de jeugd bedoeld is. Gezien het aantal kinderen zouden er drie speelplekken gewenst zijn, de indeling van het dorp maakt het echter meer geschikt om twee plekken te hebben. Hierbij zou er dan een in noord en een in zuid Noordeloos gewenst zijn. Plek [N 2A] is aan de zuidkant van het dorp het meest geschikt voor kinderen. Plek [N 1A] zou hierbij een beperkte functie voor kinderen hebben en meer voor de jeugd worden. Aan de noordkant van het dorp zal een nieuwe plek voor kinderen gezocht moeten worden. Deze wens wordt eveneens door meerdere buurtverenigingen uitgesproken in de enquête die zij hebben ingevuld. Mogelijke locaties voor deze speelplek [Z 01N] zijn in de buurt van het Dorpshuis, de parkeerplaats bij het kerkhof of ergens aan de Van Brederodestraat. Op deze manier wordt er een beter voorzieningenniveau aangeboden aan de kinderen in het dorp. Plek [N 2A] OBB Ingenieursbureau
67 Speelruimte jeugdigen In en rondom Noordeloos wonen ongeveer 185 jeugdigen die gebruikmaken van de speelruimte in het dorp. Waarschijnlijk wonen er circa 135 jeugdigen binnen het dorp zelf. Dit betekent dat er met twee plekken voor de jeugd kan worden volstaan binnen het dorp. Momenteel kan de jeugd gebruikmaken van de plek Dreef 8 [N 1A] die ze deelt met kinderen, Van Brederodestraat 2 [N 3B] die specifiek voor haar is ingericht en de plekken Van Brederodestraat 2 [N 4SV] en Kerkweg [N 5A] die ze deelt met de jongeren. De twee plekken aan de Van Brederodestraat liggen naast elkaar en fungeren voor de jeugd als een plek. De skateplek [N 5A] is een specifieke voorziening voor skaters. Daarnaast maakt de jeugd gebruik van de beide schoolpleinen om te spelen, zoals ze aangaven tijdens de rondgangen. Het plein van De Buurtschool is nagenoeg openbaar, en het plein van School met de Bijbel sluit nadat er geen leerkrachten meer aanwezig zijn. Het totaal aantal plekken ligt hiermee op meer dan het dubbele dan wat benodigd is met het huidige aantal jeugdigen. Het advies is om de huidige voorziening aan de Dreef [N 1A] als toestelplek voor de jeugd aan te wijzen. De plekken aan de Van Brederodestraat [N 3B] en [N 4SV] kunnen verbeterd worden voor ge- Rondgang door het dorp bruik door de jeugdigen. Een van de opties is om het voetbalveld te Het voetbalveld is na regen vaak verbeteren, zodat het ook in natte periodes bespeelbaar is. Ook kan blubber en minder bespeelbaar het toestellengedeelte worden verbeterd of aangepast, eventueel in Enquête buurtverenigingen combinatie met vervanging van het huidige toestel. De skatebaan [N 5A] behoeft volgens de jeugdigen van de rondgang geen aanpassing aangezien hier voornamelijk jongeren gebruik van maken Jongeren In en rondom Noordeloos wonen ruim 215 jongeren die gebruikmaken van de openbare ruimte voor spel, sport en ontmoeting. Hiervoor zijn er in het dorp meerdere plekken aanwezig waar de jongeren elkaar informeel kunnen ontmoeten, zoals in de omgeving van de kerken en bij het dorpshuis. Gezien het aantal jongeren zouden er voor hen circa tien plekken moeten zijn. Op de helft van deze plekken moet iets meer staan, bijvoorbeeld een bankje. Als onderdeel van deze vijf plekken zouden er twee Stay Aroundplekken moeten zijn waar jongeren zowel kunnen ontmoeten en actief bezig zijn. Voor de overige plekken kan volstaan worden met een What s Upplek. De verwachting is dat het merendeel van deze What s Upplekken al aanwezig is in het dorp. Als Stay Aroundplekken zijn er het trapveld [N 4SV] en de skatebaan [N 5A] die mede gebruikt kunnen worden door de jeugdigen. Deze voorzieningen, aangevuld met de informele Trapveld [N 4SV] ontmoetingsruimte, bieden voldoende mogelijkheden voor jongeren in Noordeloos. Categorie plek Aantal Status What s Up 3 reeds aanwezig Stay Around 2 bestaande plekken [N 4SV] en [N 5A] volstaan. OBB Ingenieursbureau
68 7.7. Speelruimte in Schelluinen Het dorp Schelluinen ligt aan de Schelluinse Vliet, kort bij de A15 en Gorinchem. Vooral door een kleinere omvang van lintbebouwing is het dorp compact in vergelijking met bijvoorbeeld Noordeloos of Hoornaar Kinderaantallen Leeftijdsgroep Aantal kinderen 0-5 jr. 98 jeugdigen 6-11 jr. 93 jongeren jr. 106 Het kinderaantal in Schelluinen is nagenoeg stabiel. De verwachting is dat hier geen grote wijzigingen in plaatsvinden. Bij uitbreidingen van het dorp is afhankelijk van het type nieuwbouw een (tijdelijke) stijging van het kinderaantal mogelijk. Voor het speelvoorzieningenniveau wordt dan ook uitgegaan van de huidige situatie Rondgang scholen hier kun je je goed verstoppen en Met een zestal leerlingen van Basisschool Het Tweespan heeft een rondgang door Schelluinen plaatsgevonden. De opmerkingen die zijn hutten bouwen! gemaakt over de speelvoorzieningen en speelruimte in Schelluinen Rondgang zijn zoveel mogelijk meegenomen in de analyse. Rondgang Schelluinen Een speelplek op straat helpt misschien wel tegen het harde rijden! Rondgang Informele speelruimte De informele speelruimte begint voor kinderen en jeugdigen in de tuin die grenst aan de woning. De verscheidenheid in woningtypen zorgen voor verschillende omvang van de privétuinen. Bij de vrijstaande en twee-onder-een-kapwoningen is de tuin groter en geschikter voor spel van kinderen dan bij de rijtjeswoningen. De jeugdigen in Schelluinen zullen hun informele speelruimte voornamelijk vinden in het openbaar gebied. Met uitzondering van de Voordijk en Nolweg zijn de wegen in het dorp verkeersluw en geschikt voor straatspel. Wel gaven de jeugdigen tijdens de rondgang aan dat er nog wel eens hard wordt gereden. Verspreid door en aan de rand van het dorp zijn er verder groene plekken te vinden die de jeugdigen uitdagen tot avontuurlijk spel. Een voorbeeld hiervan is het groen aan de oostkant van de Jan van Goerlstraat, waarover tijdens de rondgang opmerkingen zijn gemaakt. Daarnaast wordt er door de jeugd nog wel eens gevist aan de Schelluinse Vliet. De hoeveelheid informele speelruimte in Schelluinen lijkt over het geheel zeker voldoende te zijn. Veel is afhankelijk van de bespeelbaarheid. Denk hierbij aan hondenpoep en verkeer, maar ook aan tolerantie van volwassenen Speelruimte kinderen Van de circa 100 kinderen in Schelluinen wonen er ongeveer 80 binnen de dorpskern zelf. De overige kinderen wonen verspreid en verder buiten de bebouwde kom. In de huidige situatie zijn er op drie plekken voorzieningen voor kinderen aanwezig. Plek Jan Snouckstraat 28 [S 1SV] biedt een voetbalmogelijkheid voor jeugd en een toestel voor kinderen. Plek Vlietstraat 1a [S 2B] is de speeltuin Wip-Wap voor kinderen en jeugd. Op plek Kievitstraat 22 [S 4A] staan enkele toestellen specifiek voor kinderen. Gezien het aantal kinderen en de informele speelruimte kan worden volstaan met drie speelplekken. Ook de huidige verdeling sluit goed Speeltuin De Wip-Wap [S 2B] aan bij de barrières die aanwezig zijn in het dorp. Het advies is om de plekken [S1 SV] en [S 4A] te verbeteren voor gebruik door kinderen. OBB Ingenieursbureau
69 Buurtplattegrond Schelluinen de bal rolt nu steeds weg, misschien zijn een hek of bosjes wel beter Rondgang Trapveld [S 3SV] Speelruimte jeugdigen Ruim 90 jeugdigen wonen in en rondom Schelluinen. Voor hen zijn er speelmogelijkheden in de speeltuin [S 2B] en is er een trapveld op plek Kerkboomstraat 1 [S 3SV] die zij delen met de jongeren. Plek [S 4A] biedt een beperkte voetbalmogelijkheid. Dit maakt een totaal van drie speelplekken voor jeugdigen. Daarnaast spelen de jeugdigen met enige regelmaat op het schoolplein, zoals werd aangegeven tijdens de rondgang door het dorp. Voor het huidig aantal jeugdigen kan volstaan worden met twee plekken met voorzieningen, waaronder een trapveld. De huidige speelplekken bieden hiervoor in potentie voldoende speelmogelijkheden. De speeltuin is ruim voorzien van toestellen en behoeft geen verbetering. De jeugdigen zouden echter wel graag een kabelbaan willen in de speeltuin. Vanuit de rondgang zijn er wel wensen kenbaar gemaakt voor verbetering van het trapveld [S 3SV]. Aangezien de jongeren eveneens gebruikmaken van het trapveld is deze verbetering gewenst. De kleine voetbalmogelijkheid op plek [S 1SV] blijft behouden Jongeren In en rondom Schelluinen wonen ruim 100 jongeren die gebruikmaken van de openbare ruimte voor sport, spel en ontmoeting. Allereerst vindt dit plaats op plekken die van nature aanwezig zijn in het dorp. Deze informele ontmoetingsplekken zijn ruim voldoende aanwezig in Schelluinen. Voorbeelden hiervan zijn de ruime straathoeken of het kerkplein. Verder zal een deel van de jongeren gebruikmaken van voorzieningen in Gorinchem, of gaat hier uit. Op circa zes plekken in het dorp zou het voor de jongeren mogelijk moeten zijn om elkaar te ontmoeten. Op drie locaties zouden de jongeren ook moeten kunnen zitten praten. Naar aanleiding van de rondgang en het veldbezoek wordt verwacht dat deze locaties wel beschikbaar zijn. Als onderdeel hiervan zou er een plek met een extra voorziening moeten zijn. Als deze zogenaamde Stay Aroundplek kan het huidige trapveld[s 3SV] volstaan met enige aanpassing. Op deze manier wordt voldoende invulling gegeven aan voorzieningen voor jongeren in Schelluinen. Categorie plek Aantal Status What s Up 2 reeds aanwezig Stay Around 1 bestaande plek [S 3SV] verbeteren OBB Ingenieursbureau
70 OBB Ingenieursbureau
71 8. REALISATIE STREEFBEELD EN JAARLIJKSE KOSTEN Aan de hand van de normen in Bijlage II en de beschreven maatregelen uit Bijlage VI Speelplekken en maatregelen worden in dit hoofdstuk de eenmalige en de structurele kosten weergegeven. De genoemde bedragen zijn exclusief btw Realiseren streefbeeld Verbeteren informele ruimte In hoofdstuk 7 van dit speelruimteplan is een analyse gegeven van de speelruimte zoals die nu in Giessenlanden aanwezig is. Daarbij is het voorgestelde beleid toegepast op de situatie in de dorpen. Er zijn per dorp voorstellen gedaan waarmee zowel de informele als de formele speelruimte verbeterd kunnen worden. De kosten hiervoor zijn geraamd en weergegeven in Tabel 14. De maatregelen voor het verbeteren van de informele speelruimte zijn niet exact te ramen. Het belangrijkste is dat er bij de inrichting en het beheer van de openbare ruimte rekening wordt gehouden met bespeelbaarheid. Bij ontwikkelingen moet nagedacht worden of en hoe kinderen mede gebruik kunnen maken van de inrichting van de openbare ruimte. Veel van de maatregelen die het spelen ten goede komen, hoeven geen extra geld te kosten. Het is bijvoorbeeld goed mogelijk om grond die vrijkomt bij bouwwerkzaamheden te gebruiken om de speelwaarde van een speelplek of het plantsoen te verhogen door het realiseren van heuvels in het gras. Ook kunnen bij (her)bestrating van een rustige weg bijvoorbeeld trefbalvakken aangelegd worden. Zie ook Bijlage VIII Speelprikkels Om de informele speelruimte te verbeteren worden speelprikkels toegepast; voor de jonge kinderen en jeugdigen om op te spelen en voor de jeugdigen en jongeren om op te zitten en ontmoeten. Deze speelprikkels zijn een teken voor de gebruikers dat de ruimte gebruikt mag worden voor spel. Niet alleen bij zoekgebieden, maar ook bij de bestaande speelplekken zijn in de analyse vaak nog speelprikkels toegevoegd. Dit is om de bestaande ruimte op en om de speelplek nog aantrekkelijker en uitdagender te maken voor spel. Voor de gemiddelde aanlegprijs van een speelprikkel is uitgegaan van 250 per stuk. Kijk voor meer voorbeelden van speelprikkels in Bijlage VIII Nieuwe en te verbeteren plekken De huidige speelplekken zijn redelijk traditioneel te noemen op het gebied van inrichting. Van de 199 toestellen zijn er circa 60 wipveren en wippen, 20 duikelrekken, 8 klimelementen, 16 schommels en 22 glijbanen. In verhouding tot veel gemeenten in Nederland is het toestellenbestand redelijk divers. Toch is het aandeel uitgebreide speelcombinaties laag, wat zich vertaalt in saaie plekken voor de jeugd. In het streefbeeld worden nieuwe speelplekken voorgesteld. Bij een nieuw aan te leggen plek wordt uitgegaan van gemiddeld drie tot vier toestellen en evenveel aanleidingen per plek, zoals ook in Tabel 12 op pagina 35 omschreven is. Ook op bestaande locaties wordt van deze drie tot vier toestellen uitgegaan. Staan er veel meer toestellen dan worden deze secundair en staan er minder of te weinig voor de doelgroep dan worden er toestellen bijgeplaatst. In wijken waar het kinderaantal per plek hoger is, zullen extra toestellen per plek geplaatst worden. OBB Ingenieursbureau
72 De gemiddelde toestelprijs zonder veiligheidsondergrond bedraagt in Giessenlanden op dit moment circa Dit valt binnen het landelijk gemiddelde dat tussen en ligt. De prijs is iets aan de lage kant door het gebruik van goedkopere toestellen, en het beperkt aantal (duurdere) combinatietoestellen. Voor het aanbrengen van eventuele valdempende ondergronden wordt in de nieuwe situatie uitgegaan van 40% van de totale investering in speeltoestellen. Dit staat ongeveer voor het toepassen van rubber tegels (zoals nu gebeurt) of bijvoorbeeld kunstgras. In de nieuwe situatie zijn toestellen geraamd met een prijs van gemiddeld exclusief de kosten van een valdempende ondergrond Bezuiniging door hergebruik secundaire toestellen Van de huidige toestellen zijn 33 toestellen als secundair aangewezen. De reden hiervoor kan zijn dat de speelplek waar ze staan secundair wordt, ze teveel zijn op een plek of dat ze niet geschikt zijn voor de leeftijdscategorie in het streefbeeld. Van deze toestellen is er aan de hand van de leeftijd, het type en de staat van onderhoud een inschatting gemaakt of het toestel geschikt is om nog te verplaatsen. Geschat is dat 7 van de 33 secundaire toestellen kunnen worden hergebruikt om het streefbeeld te realiseren, waardoor er een besparing ontstaat op de investeringskosten Eenmalige en bijkomende kosten De aanpassingen van de speelruimte die worden gedaan in de analyse geven Tabel 14 als resultaat. De aantallen en bijbehorende bedragen zijn aannames van de benodigde inrichting. Bij de definitieve invulling van speelplekken kunnen deze aantallen en bedragen nog wijzigen. Eenmalige kosten realiseren streefbeeld het verbeteren van informele speelruimte voor 0 tot en met 18 jaar: 106 nieuwe speel en zitaanleidingen het realiseren van 6 zoekgebieden + verbeteren plekken: 39 nieuwe toestellen het hergebruiken van 7 van de in totaal 33 secundaire toestellen (besparing) de bijkomende kosten veiligheidsondergrond (40%) subtotaal bijkomende (her)inrichtingskosten de kosten voor de uitvoering van het speelruimteplan 8% van de eenmalige investeringskosten Totaal Tabel 14 Kosten realisatie streefbeeld In paragraaf is weergegeven hoe de eenmalige investering is verdeeld over de verschillende wijken van Giessenlanden Omvormen van de speelvoorzieningen De raming van de eenmalige kosten gaat uit van het plaatsen van toestellen. Daarnaast zijn er ook nog bijkomende kosten. Deze kosten zijn afhankelijk van de locatie en plannen voor de plek en zijn grof geraamd. Daarbij kan gedacht worden aan het aanbrengen of aanpassen van groen en bestrating op en rondom een speelplek, het nemen van verkeersmaatregelen, het plaatsen van speelprikkels enzovoort. Daarnaast is per secundaire speelplek een bedrag geraamd om de vrijgekomen speelplek opnieuw (informeel bespeelbaar) in te richten. In veel gevallen bestaat dit alleen uit het opnemen van het toestel en gras inzaaien of enkele tegels aanbrengen. OBB Ingenieursbureau
73 Er zijn echter ook enkele locaties waar een grotere herinrichting nodig zal zijn. Aangezien deze kosten sterk verschillen per speelplek en afhankelijk zijn van de uitvoeringswijze en het ambitieniveau voor de achterblijvende ruimte betreft dit slechts een grove raming. Deze kosten behoren niet volledig uit het speelvoorzieningenbudget te worden betaald. Het betreft hier namelijk inrichtingen en maatregelen die in het kader van verhardingen/wegen en groen zouden moeten worden betaald. In de berekening is 100% meegenomen voor een volledig beeld. Naar inschatting zou maximaal 80% van de kosten vanuit het speelvoorzieningenbudget moeten komen. Het resterende deel van deze kosten zal vanuit groen en/of civiel betaald moeten worden. Verder kan nog gedacht worden aan het koppelen van de uitvoering van het speelruimteplan aan lopende projecten en renovaties. Als er in een bepaalde buurt een herinrichting van wegen of groen voorzien is, kan het realiseren van wijkspeelplannen wellicht hieraan gekoppeld worden. Door het financieren van de uitvoering uit andere budgetten en het koppelen aan lopende projecten kan er een besparing worden gerealiseerd op de omschreven eenmalige investering. Deze besparing is voor een gedeelte een echte besparing, maar meer een spreiding van de investering. Naast de genoemde kosten kunnen er nog overige uitvoeringskosten ontstaan. Denk daarbij aan het opstellen van inrichtingsschetsen, het opstellen van diverse uitvoeringsplannen, het verplaatsen van toestellen en het voorbereiden van het plaatsen van banken en speelprikkels. Voor de raming is uitgegaan van 8% van de kosten van de eenmalige investering Uitvoeringssnelheid en eenmalige investering Opgemerkt moet worden dat de werkelijke eenmalige kosten sterk afhankelijk zijn van hoe snel de voorstellen kunnen worden uitgevoerd, door wie de werkzaamheden worden uitgevoerd, of er werk met werk gemaakt kan worden enzovoort. Als alles in de loop der jaren via de reguliere vervanging zou gaan, kost het natuurlijk minder of wordt het uit de lopende budgetten betaald. Als de geraamde investering niet in één keer wordt gedaan, duurt het lang voordat het streefbeeld gerealiseerd is. Hierbij moeten de investeringen in de nieuwe toestellen via het vervangingsbudget worden gerealiseerd. Deze werkwijze heeft tot gevolg dat er achter de feiten (lees de actuele kinderaantallen) aangelopen wordt. Aan de hand van deze sterfhuisconstructie kan het voorkomen dat op een oude speelplek één of enkele toestellen nog enkele jaren staan te wachten totdat ze via reguliere vervanging elders worden herplaatst. Deze speelplekken zullen dan niet erg aantrekkelijk zijn en uitlokken tot vandalisme. Verder zijn er meer meldingen en vragen vanuit bewoners te verwachten, enerzijds omdat er geen speelplekken zijn in gebieden waar wel jeugdigen wonen, anderzijds komen er meldingen over de slecht uitziende speelplekken en zijn er vragen of deze niet opgeknapt kunnen worden. OBB Ingenieursbureau
74 Overzicht per dorp In Tabel 15 zijn de eenmalige realisatiekosten per dorp weergegeven. Het gaat hierbij echter om een eerste aanname en verwachte inrichting. De definitieve uitwerking en invulling zal pas plaats vinden tijdens de inspraak- en uitvoeringsperiode. Dorp Het aantal jarigen In de huidige situatie aanwezig In de analyse voorgesteld om nieuw te realiseren In de analyse als secundair aangewezen Het aantal in het streefbeeld De kosten voor de nieuwe plekken en de maatregelen. plekken toestellen plekken toestellen aanleidingen maatregelen plekken toestellen plekken toestellen Arkel Giessenburg Giessen-Oudekerk Hoogblokland Hoornaar Noordeloos Schelluinen Tabel 15 Eenmalige kosten realisatie per dorp 8.3. Vervangingswaarde besparing door hergebruik toestellen Totaal vervangingswaarde Aan de hand van de inventarisatie en de normen zoals in Bijlage II is weergegeven, is de totale vervangingswaarde berekend voor zowel de huidige situatie als het streefbeeld, met Tabel 16 als resultaat. Inventaris Huidig Streefbeeld aantal speelplekken aantal speeltoestellen aanschafwaarde toestellen aanschafwaarde ondergronden Aanschafwaarde totaal Tabel 16 Inventarisatie en vervangingswaarde uitvoeringkosten afrondingsverschil -100 Totaal In deze aanschafwaarde is voor zowel het huidige als het na te streven beeld een stelpost opgenomen voor de veiligheidsondergronden. Deze bedraagt 40% van de vervangingswaarde van de toestellen in de huidige en toekomstige situatie. Dit staat ongeveer voor het toepassen van rubbertegels (zoals nu gebeurt) of bijvoorbeeld kunstgras. OBB Ingenieursbureau
75 8.4. Structurele kosten Raming structurele kosten Aan de hand van de aanwezige toesteltypen en de geformuleerde onderhoudsbedragen in de normen kan het huidige onderhoudsbudget worden berekend. In het beleidsdeel wordt een onderhoudsniveau van 65% aangegeven. Voor het beheer is een ervaringsgetal geformuleerd op basis van reeds opgestelde beleidsplannen. Dit percentage ligt op 3,5% van de aanschafwaarde van de speelvoorzieningen. Binnen dit beheerbudget vallen alle bureauzaken als gegevensbeheer, werkvoorbereiding, klachtenafhandeling en beleidstechnische werkzaamheden. Het vervangingsbudget is berekend aan de hand van de levensduur en de aanschafwaarde van een toestel. In principe wordt een toestel vervangen nadat de afschrijvingstermijn is verstreken. Het moment van de daadwerkelijke vervanging van een toestel wordt mede bepaald door de staat van het toestel. Wanneer blijkt dat een toestel na de gestelde afschrijvingstermijn nog één of meer jaren veilig kan functioneren, kan de vervanging worden uitgesteld. Indien blijkt dat een toestel voor de gestelde afschrijvingstermijn niet meer veilig is of de onderhoudskosten te hoog worden, bijvoorbeeld door vandalisme, dan moet de vervanging vervroegd worden uitgevoerd (flexibele vervanging). Hiervoor is een flexibel vervangingsschema noodzakelijk. Er kan van het genoemde budget een fonds worden gevormd waaruit de vervangingen betaald kunnen worden. Structurele kosten Budget Huidig Bedrag huidig OBB Raming huidig niveau Bedrag streef OBB Raming streefbeeld 2009 kosten uren kosten uren onderhoud op niveau 65% beheer vervanging Totaal Tabel 17 Structurele kosten In de berekening van de ramingen met kosten en uren uit Tabel 17 is uitgegaan van: 60% uren en 40% kosten bij onderhoud ( 55,-/uur); 90% uren en 10% kosten bij beheer ( 55,-/uur); het gegeven: vervanging is een reservering, zodat geen uren nodig zijn. De kolommen bedrag huidig OBB en bedrag streef OBB geven het totaal bedrag aan voor zowel kosten als uren. De structurele kosten voor het streefbeeld zijn geraamd aan de hand van de percentages die uit het huidig beeld naar voren komen Verschil in budget Uit het overzicht in Tabel 17 blijkt dat in Giessenlanden het huidig budget dat in de begroting is opgenomen voor het onderhouden, beheren en vervangen van speelvoorzieningen lager ligt dan wat geraamd is voor de huidige situatie. OBB Ingenieursbureau
76 In de huidige begroting 2009 is in totaal opgenomen. Gezien de normen moet er minimaal beschikbaar zijn om het huidig speelvoorzieningenniveau te onderhouden, te beheren en te vervangen. Dat het huidige budget lager is dan het geraamde budget valt te verklaren uit het feit dat er slechts beperkt middelen worden gereserveerd voor vervanging. Daarnaast zijn de eisen aan het onderhoud van een speeltoestel en speelomgeving de laatste jaren sterk toegenomen en zijn de toestellen zelf aanzienlijk duurder geworden. In het streefbeeld ligt het budget op Wanneer wordt gekozen voor uitvoer van de voorstellen uit de analyse dan zal dit budget eveneens beschikbaar moeten worden gesteld. Gebeurt dit niet dan is er onvoldoende geld beschikbaar voor het onderhouden, beheren en vervangen van het gewijzigde areaal van voorzieningen Kort samengevat Verbeteren informele bespeelbaarheid: het nadenken over de inrichting en het beheer van het groen, het water en de wegen; het aanbrengen van 106 speelprikkels, zit- en ontmoetingsaanleidingen; het nemen van 1 maatregel om de openbare ruimte beter bespeelbaar te maken. Aanpassen formele speelplekken: het zoeken naar mogelijkheden om 6 nieuwe speelplekken aan te leggen; het als secundair aanwijzen van 3 speelplekken; het gevolg dat het aantal speelplekken toeneemt van 40 naar 43. het aanpassen van het aantal speeltoestellen dat hierdoor toeneemt van 199 naar 205; het in meer of mindere mate aanpassen van circa 35 van de huidige speelplekken (toestellen erbij, verplaatsen of op termijn verwijderen en niet herplaatsen) zodat de speelruimte aantrekkelijker wordt of beter is afgestemd op de leeftijd en het gebruik. Voor de aanpassing van het huidige speelvoorzieningenniveau in één keer is nodig voor: het verbeteren van informele speelruimte voor 0 tot en met 18 jaar: 106 nieuwe speel- en zitaanleidingen; het realiseren van 6 zoekgebieden + verbeteren plekken: 39 nieuwe toestellen; de bijkomende kosten veiligheidsondergrond (40%). Daarbij is rekening gehouden met: het hergebruiken van 7 van de in totaal 33 secundaire toestellen (besparing). De vervangingswaarde van de voorzieningen in het voorgestelde streefbeeld bedraagt De huidige waarde van de voorzieningen bedraagt Dit betekent dat er nog niet voldoende geïnvesteerd is in speeltoestellen. Verder zal er een herverdeling van voorzieningen over de buurten en kinderen moeten plaatsvinden. Kop 7 ingevoegd voor witregel inhoudsopgaven OBB Ingenieursbureau
77 DEEL III BEHEERRAPPORT Buitengewoon... Spelen! Speelruimteplan gemeente Giessenlanden OBB Ingenieursbureau
78 OBB Ingenieursbureau
79 9. INLEIDING Als onderdeel van het rapport Buitengewoon spelen! is er een beheerrapport voor de openbare speelvoorzieningen in gemeente Giessenlanden opgesteld Waarom een beheerrapport speelvoorzieningen? Gemeente Giessenlanden wil inzicht krijgen in de structurele werkzaamheden rondom speeltoestellen, zoals de benodigde beheeractiviteiten, de inspectie en onderhoudswerkzaamheden, in de jaarlijkse kosten voor beheer, onderhoud en vervanging en in de verschillende mogelijke onderhoudsniveaus. De gemeente heeft reeds inzicht in de inventaris van de speelvoorzieningen. Het ontbreekt echter aan een overzicht van de huidige beheersituatie en de kosten daarvan Doelstelling Het doel is te komen tot een praktisch (deel)rapport, waarin duidelijk wordt welke werkzaamheden en financiële middelen er rondom speeltoestellen noodzakelijk zijn. OBB Ingenieursbureau
80 10. HUIDIGE INVENTARIS In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in het huidige toestellenbestand, de omvang, de soort veiligheidsondergronden en de samenstelling daarvan. Deze samenstelling bepaalt de investeringswaarde van het toestellenbestand Speelplekken Momenteel zijn er in Giessenlanden 40 speelplekken ingericht. Alle plekken zijn in beheer en onderhoud bij de gemeente. Gemiddeld staan er 4,2 toestellen per plek. Dit ligt boven het landelijk gemiddelde van circa 3,5 à 4 toestellen per plek. Dit komt met name door de speeltuinen Wip-Wap met 14 toestellen en Kindervreugd met 21 toestellen. Verder zijn er ook 10 plekken die 6 tot 9 toestellen hebben en heeft minder dan de helft van de plekken 1 tot 4 toestellen. Kern Aantal plekken Arkel 8 Giessenburg 8 Giessen-Oudekerk 3 Hoogblokland 5 Hoornaar 7 Noordeloos 5 Schelluinen 4 Totaal 40 Tabel 18 aantal plekken per kern De helft van de speelplekken is ingericht voor kinderen en jeugdigen samen. 7 speelplekken zijn specifiek voor kinderen en 2 plekken specifiek voor de jeugd. De overige plekken zijn voor de jeugd en jongeren geschikt en omvatten voornamelijk trapvelden, voetbalkooien en skatetoestellen. OBB Ingenieursbureau
81 10.2. Speeltoestellen Huidig toestellenbestand Op dit moment staan er verspreid over de 40 speelplekken in totaal 199 speeltoestellen. Speelplek [H 3A] Vissersland Type toestel Aantal Procentueel wipveren en wippen 60 30,2% duikelrekken en bruggen 20 10,1% evenwicht- en balanceertoestellen 11 5,5% bokspringpalen/-sets 2 1,0% glijbanen 22 11,1% schommels 16 8,0% draaitoestellen en looptonnen 12 6,0% klimtoestellen en ruimtenetten 8 4,0% huisjes 11 5,5% combinatietoestellen 4 2,0% sporttoestellen en jongerentoestellen 22 11,1% skate-elementen 9 4,5% zandbakken en -speeltoestellen 2 1,0% speelaanleidingen en kruipbuizen 2 1,0% Totaal % Tabel 19 aantal toestellen per toesteltype Uit Tabel 19 blijkt dat er relatief veel wiptoestellen aanwezig zijn: circa 30% van het toestellenbestand. Verder is het een gevarieerd bestand. Wel is het aandeel klimtoestellen en combinatietoestellen met totaal 6% aan de lage kant. Dit vertaalt zich in het feit dat de jeugdigen de speelplekken als saai bestempelen. Houten toestel In Bijlage II is een compleet overzicht gegeven van het huidig aantal speeltoestellen en de waarde daarvan. Hierbij zijn ook de jaarlijkse kosten voor het onderhoud, de vervanging en het beheer opgenomen. Op deze manier wordt duidelijk welke investering op welke plaats zinvol kan zijn bij vervanging van de toestellen en er wordt een beeld verkregen van de terugkerende kosten voor onderhoud en beheer. De gemiddelde toestelprijs bedraagt Hierbij is uitgegaan van de huidige nieuwprijs van toestellen. Deze toestelprijs valt lager uit dan de gemiddelde landelijke toestelprijs van circa Dit komt vooral door het gebruik van houten toestellen en het aandeel kleine wiptoestellen en sporttoestellen. Wanneer er meer combinatietoestellen worden toegepast, zal de gemiddelde prijs stijgen Materiaalkeuze Het overgrote deel van de aanwezige toestellen is van (geverfd) hout. Een kleiner deel is van metaal en/of kunststof. Verder staan er een aantal betonnen tafeltennistafels. De materiaalkeuze bepaalt voor een groot deel de aanschafwaarde, vervangingstermijn en afschrijving van de toestellen. Verder speelt de leeftijd van de toestellen een grote rol bij de materiaalsoort. Tegenwoordig wordt landelijk gezien veel meer gewerkt met kunststof en metaal, gezien de duurzaamheid en de vraag van de markt. OBB Ingenieursbureau
82 Toestelleveranciers In de gemeente Giessenlanden wordt gewerkt met verschillende toestelleveranciers. Het voordeel hiervan is dat het aanbod van toestellen zeer gevarieerd is. Het merendeel van de huidige toestellen is van Kompan of Boer en een kleiner deel van Nijha zoals in Grafiek 20 te zien is. Aantal toestellen per leverancier ABC-Team Action 4 Kids Boer Eibe Europlay Huck Kompan Nijha Pelikaan v. Besouw Grafiek 20 leveranciers van de toestellen Voor de toekomst wil de gemeente werken met een groslijst aan leveranciers. Hierbij wordt gedacht aan Kompan, Boer, Nijha, Speelwijzer en Eibe voor de toestellen en Pelikaan, Velopa, Stedon, Proludic en Replay voor de voetbalkooien Ondergronden Speeltoestellen dienen veilig te zijn voor het verwachte gebruik (zie hoofdstuk 11). De veiligheid wordt voor een groot gedeelte bepaald door het type ondergrond. Wanneer de valhoogte van een toestel groter is dan 60 cm op verharding of 100 cm op gras, is een specifieke veiligheidsondergrond gewenst 6. De precieze hoeveelheid veiligheidsondergrond in Giessenlanden is niet bekend. Daar waar de hoogte van de toestellen leidt tot een verplichte veiligheidsondergrond wordt deze doorgaans uitgevoerd in rubber tegels. Uitzondering hierop zijn de twee speeltuinen die voornamelijk een zandondergrond onder hun toestellen hebben. Verder staan er in Giessenlanden veel lage toestellen in gras die geen specifieke veiligheidsondergrond nodig hebben. 6 Het moment dat een veiligheidsondergrond benodigd is, ligt vast in de WAS. OBB Ingenieursbureau
83 10.4. Investeringswaarde Het totale toestellenbestand vertegenwoordigt momenteel een waarde van Hierin zijn ook de veiligheidsondergronden meegenomen. Inventaris: Speelplekken totaal aantal speelplekken 40 aantal speeltoestellen 199 aanschafwaarde toestellen aanschafwaarde ondergronden Aanschafwaarde totaal Tabel 21 inventaris gemeente Giessenlanden Van de veiligheidsondergrond zijn geen hoeveelheden bekend, daarom is er gewerkt met ervaringscijfers. Uit ervaring van OBB blijkt dat wanneer er voornamelijk rubbertegels/kunststof ondergronden worden toegepast, dit gelijk staat aan 40-45% van de toestelprijs die gerekend moet worden voor de veiligheidsondergrond. Voor Giessenlanden wordt gerekend met 40% aangezien er ook veel toestellen staan zonder veiligheidsondergrond. Bij het ontwerpen en aanleggen van speelplekken dient hiermee rekening te worden gehouden. Toestellen met rubbertegels OBB Ingenieursbureau
84 Particuliere speeltoestellen in het openbaar gebied 11. DE VEILIGHEID VAN SPEELVOORZIENINGEN Veiligheid en uitdaging! Recht op een buil De doelgroep (en de ouders) moeten erop kunnen rekenen dat de speciaal voor spelen aangebrachte speelvoorzieningen veilig zijn. Daarmee wordt overigens niet bedoeld dat alle risico s vermeden kunnen worden. Risico s zijn nooit volledig uit te sluiten en ze vormen een wezenlijk onderdeel van het spelen. Ze horen bij het leerproces en de ontwikkeling. De risico s dienen wel beheersbaar en herkenbaar te zijn voor de doelgroep. De wettelijke verplichtingen voor de veiligheid van speeltoestellen zijn in het bijzonder geregeld in het Warenwetbesluit Attractie- en Speeltoestellen van maart 1997 en de Europese Normen (o.a. NEN-EN tot en met en 1177). In dit zogenoemde Attractiebesluit zijn de wettelijke bepalingen voor aansprakelijkheid en veiligheid vastgelegd Eigenaar van het toestel Indien er sprake is van een ongeval met blijvend of ernstig letsel door een gebrek aan het speeltoestel of een onveilige ondergrond, dan is degene die het speeltoestel voorhanden heeft als eerste aansprakelijk. Deze verantwoordelijkheid is conform aan en aanvullend op de risicoaansprakelijkheid die wordt omschreven in het Burgerlijk Wetboek. Vooralsnog moet ervan worden uitgegaan dat de eigenaar van het speeltoestel als eerste aansprakelijk is. Indien de eigendomssituatie van een speeltoestel niet via een contract of overeenkomst is vastgelegd, is de eigenaar van de ondergrond in principe de eigenaar van het toestel. 7 De vastlegging in een contract of overeenkomst kan impliciet of expliciet zijn. De verantwoordelijkheid voor een speeltoestel dat niet in eigendom is van de eigenaar van de ondergrond is vergelijkbaar met die voor bijvoorbeeld gebouwen die verhuurd worden of in erfpacht zijn uitgegeven. De gemeente blijft dus verantwoordelijk voor de correcte plaatsing van een toestel (volgens certificaat), zelfs als dit door de leverancier geplaatst wordt. Vervolgens is de gemeente ervoor verantwoordelijk dat het toestel blijft voldoen aan de normen in het, bij het toestel behorende, certificaat. Degene die het toestel voorhanden heeft, moet kunnen aantonen dat alles in het werk is gesteld om de veiligheid te waarborgen. Veiligheidsinspecties en het bijhouden van logboeken zijn daarbij belangrijke handelingen. 7 Indien een speeltoestel op gemeentelijke grond wordt geplaatst door bijvoorbeeld een particulier of een speeltuinvereniging, wordt het toestel automatisch eigendom van de gemeente. De juridische term hiervoor is natrekking. De gemeente kan bij ongevallen (ten minste mede-)aansprakelijk worden gesteld. Daarom kan de gemeente de plaatsing van toestellen door derden op gemeentelijk eigendom niet gedogen zonder dat de aansprakelijkheid goed geregeld is. Een mogelijkheid om deze aansprakelijkheid te regelen, is het afsluiten van een overeenkomst (opstalrecht) tussen de gemeente en de plaatser van het toestel. Voorbeelden hiervan zijn het vestigen van een opstalrecht waarbij de aansprakelijkheid bij de plaatser blijft, of het aangaan van een beheercontract waarin afspraken worden gemaakt over beheer, onderhoud en aansprakelijkheid. OBB Ingenieursbureau
85 11.2. De veiligheidsinspecties Over het algemeen worden er drie verschillende typen inspecties onderscheiden, waarbij wordt gekeken naar het toestel en naar de eventueel aanwezige veiligheidsondergrond: technische inspectie (circa 1x/jaar); operationele inspectie (circa 4x/jaar); visuele inspectie (dagelijks/wekelijks). De technische inspectie is de meest uitgebreide inspectie. Hiervoor wordt vaak een gespecialiseerd bedrijf ingeschakeld. Dit bedrijf bekijkt aan de hand van de actuele normen in detail of er afwijkingen aan het toestel zijn. Bij de operationele of ook wel beheerinspectie wordt nagegaan of het toestel veilig en bespeelbaar is. Het is een vrij technische inspectie op detailonderdelen die van belang zijn voor het veilig functioneren van de speelmogelijkheden van het toestel. Iemand die een toestel onderhoudt, is goed in staat deze inspectie uit te voeren. Deze inspectie vereist kennis van het toestel en van het gebruik. Bij de visuele inspectie wordt niet zozeer naar het technische deel van het toestel gekeken, maar meer naar het visueel ontbreken van onderdelen of visuele beschadigingen die veilig spelen in de weg staan. Ook het verwijderen van glas en andere rommel op/in de veiligheidsondergrond hoort hierbij. Deze inspectie kan eventueel door bewoners worden uitgevoerd. Ook in Giessenlanden wordt er gewerkt met de genoemde drie typen inspecties. Per jaar wordt er een technische inspectie en worden twee onderhoud/operationele inspecties uitgevoerd door een extern bedrijf in opdracht van de gemeente. Daarnaast wordt er iedere maand een visuele inspectie uitgevoerd door een eigen medewerker. Opmerkingen en gebreken die hieruit voortvloeien, worden geregistreerd en verwerkt in het logboek (zie paragraaf 11.3). Kleine reparaties worden waar mogelijk uitgevoerd tijdens de visuele inspectie door de eigen medewerker. Grotere gebreken worden verzameld en via een opdracht door een extern bedrijf uitgevoerd. Deze manier van werken vindt naar tevredenheid plaats en behoeft geen aanpassing De logboeken De logboeken kunnen van belang zijn voor de wettelijke aansprakelijkheid bij ongevallen. Wordt de gemeente aansprakelijk gesteld dan zal de rechter kijken naar de werkzaamheden die de gemeente heeft uitgevoerd om het toestel veilig te houden. Behalve het logboek zal het kennisniveau van de medewerker(s) beoordeeld worden. In het logboek dienen globaal de volgende gegevens bijgehouden te worden: eigendomsgegevens van het toestel; aantekeningen betreffende inspectie en onderhoud; keuringsrapport/certificaat van het toestel; gegevens betreffende ongevallen. De eigendoms- en keuringsgegevens hoeven slechts eenmalig te worden vastgelegd en ongevallen zullen, als het goed is, weinig tot niet gebeuren. De inspecties en onderhoudswerkzaamheden vergen echter regelmatige administratieve handelingen. Logboek Hoornaar OBB Ingenieursbureau
86 Zo dienen bij elke inspectie de datum, de naam van de inspecteur, de eventueel geconstateerde gebreken en de te nemen vervolgacties opgenomen te worden in het logboek, al dan niet voorzien van een onderverdeling naar ernst van het mogelijke gevaar dat het gebrek oplevert. Dit laatste bepaalt voor een groot deel de snelheid waarmee een gebrek verholpen dient te worden. Het verhelpen van verstrikkingsgevaar is immers dringender dan het verwijderen van wat splinters. Wanneer een gebrek is verholpen, dient dit in het logboek opgetekend te worden. Op deze manier kan inzichtelijk gemaakt worden wat de gemeente heeft gedaan om het toestel aan de normen te laten voldoen. In Bijlage III is het model logboek opgenomen zoals dit aan het Attractiebesluit is toegevoegd. OBB Ingenieursbureau
87 Onderhoud aan een toestel 12. HET ONDERHOUDEN VAN SPEELVOORZIENINGEN Het onderhoud bestaat uit de werkzaamheden die door de onderhoudsmedewerker fysiek aan het toestel en de omgeving uitgevoerd moeten worden Structureel of inspectief onderhoud Onder structureel onderhoud wordt verstaan: regelmatig terugkerend onderhoud om het toestel in optimale esthetische en functionele staat te houden. Daarbij moet gedacht worden aan het schoonmaken, verven, smeren en tijdig vervangen van toestelonderdelen, alles gericht op het voorkomen van gebreken. Bij inspectief onderhoud vindt er alleen onderhoud aan toestellen en ondergronden plaats wanneer er een gebrek is geconstateerd. Dit inspectief onderhoud kan alleen goed worden uitgevoerd als het toestellenbestand niet te oud is en het toestel redelijk frequent wordt geïnspecteerd. Het mag niet zo zijn dat een gebrek optreedt en er pas drie maanden later een inspectie is waarbij het gebrek opnieuw wordt geconstateerd en verholpen Klein en groot onderhoud Onderhoud dat voortvloeit uit de geconstateerde gebreken tijdens de inspecties kan vaak worden onderverdeeld in groot en klein onderhoud. De grote en/of speelspecialistische werkzaamheden worden vaak gebundeld na de jaarinspectie en uitbesteed aan een gespecialiseerde aannemer. Het klein onderhoud is vaak overzichtelijk en kan eventueel gelijktijdig met de inspectie worden uitgevoerd door de eigen dienst of een vertrouwde aannemer. Wanneer een gebrek acuut gevaar oplevert, dient direct actie ondernomen te worden door de inspecteur. Deze meldt het gebrek bij de opdrachtgever die ervoor zorgt dat het gebrek door de eigen dienst of een aannemer snel wordt opgelost Relatie materiaalkeuze en onderhoud De mate van onderhoudsintensiviteit hangt veelal samen met de materiaalkeuze. Dit geldt zowel voor de toestellen als voor de (valdempende) ondergronden van toestellen. Houten speeltoestellen zijn doorgaans sneller onderhevig aan aantasting. Hierbij gaat het om houtrot, brandschade (vandalisme) en stabiliteitsproblemen door uitdroging van het hout. Toestellen van metaal en kunststof zijn hier vaak minder gevoelig voor en zijn tevens minder slijtagegevoelig. Ten opzichte van kunstgras of gegoten rubber heeft een zandondergrond meer speelwaarde. Deze is ook gemakkelijker aan te passen aan een nieuwe situatie. Aan de andere kant vergt zand meer werkzaamheden om veilig te blijven Onderhoudsschema De beste werkwijze om te voorkomen dat er een gebrek optreedt aan het toestel is door regelmatig onderhoud uit te voeren. Dit kan deels ingevuld worden op basis van de onderhoudsinformatie op het bij het toestel geleverde certificaat, maar zal ook naar eigen inzicht ingevuld moeten worden, afhankelijk van de personeelsbezetting Relatie onderhoud en vervanging Hoe ouder het toestel wordt des te meer onderhoud is er over het algemeen noodzakelijk om het toestel veilig te houden. Het gebruik, het weer en eventueel vandalisme zorgen voor slijtage van het toestel. OBB Ingenieursbureau
88 Het is van belang te bepalen wanneer er te hoge kosten voor het onderhoud worden gemaakt. Als stelregel geldt dat als er structureel meer onderhoudsgelden worden uitgegeven dan de eigenlijke vervangingsreservering, er beter vervangen kan worden. Uiteraard kan een keuze worden gemaakt tussen een laag onderhoudsniveau en vroege vervanging of een hoog onderhoudsniveau en late vervanging Onderhoudskosten De kosten voor het onderhoud zijn moeilijk van te voren te bepalen. Uitgaande van het onderhoudsschema kan voor alle toesteltypen samen een gemiddelde onderhoudsprijs worden aangegeven. Voetbalkooi Arkel Type toestel Gemiddeld onderhoud per jaar Tijdsbesteding (min) Materiaalkosten wipveer meerpersoons wipveer wip enkel duikelrek 11 4 meerdelig duikelrek 14 9 brug 14 6 schommel speciale schommel evenwichtsbalk 7 1 bokspringpaal (set) 6 2 balanceertoestel 9 9 glijbaan klein glijbaan groot 18 9 klimglijbaan zandspeeltoestel loopton draaitoestel klein draaitoestel groot klimelement speelhuisje laag combinatie klein jong combinatie groot tafeltennistafel 7 11 voetbaldoel portaal 7 5 voetbaldoel tralie voet-/basketbalkooi basketbalpaal skateboard groot skateboard middel 23 9 skateboard klein 18 9 speelaanleiding/ toestel/fantasie 2 5 Tabel 22 gemiddelde onderhoudskosten per jaar OBB Ingenieursbureau
89 Welk onderhoudsniveau wordt nagestreefd? Het onderhoudsniveau De wijze van onderhoud, zoals beschreven in voorgaande paragrafen, moet ervoor zorgen dat de plek en het toestel schoon, heel en veilig zijn. Dit houdt in dat zolang het toestel altijd schoon is, goed in de verf zit, goed functioneert en voldoet aan de geldende veiligheidseisen, de gemeente een dikke 10 als rapportcijfer krijgt. De gemeente Giessenlanden zal dit 100% onderhoudsniveau niet nastreven. Er kan van uitgegaan worden dat de werkzaamheden die ervoor zorgen dat een toestel altijd veilig is, ook zorgen voor een bepaalde mate van heelheid en schoonheid. Het onderhoudsniveau is dan circa 60%. Worden daarnaast meer werkzaamheden gedaan om het toestel heel en schoon te houden, dan kan dit onderhoudsniveau toenemen. Het landelijk gemiddelde ligt rond de 75%. De onderhoudskosten uit Tabel 22 worden voor Giessenlanden geschat op 65%. De toestellen worden in de huidige situatie niet overal goed onderhouden maar zijn wel veilig Conclusie De kern is dat er regelmatig iemand bij het toestel komt om eventuele gebreken te constateren, deze indien nodig direct of op een later tijdstip op te (laten) lossen en het klein regulier onderhoud uit te voeren. Het groot onderhoud kan gebundeld worden in een bestek. OBB Ingenieursbureau
90 Ontwerp van een speelplek 13. HET BEHEREN VAN SPEELVOORZIENINGEN Het beheer bestaat uit de overige werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden om speelvoorzieningen veilig te houden Beheer Onder beheer vallen alle activiteiten met betrekking tot speelvoorzieningen die niet bij onderhoud of beleid horen. Denk daarbij aan: het opstellen van visies op beleid, beheer en onderhoud; het maken van ontwerpen en bestekken; het aansturen van onderhoud en veiligheid; het beheren van gegevens; het verzorgen van inspraak; het afhandelen van klachten. Veel van deze activiteiten vinden op kantoor plaats en resulteren in kosten voor uren. Hierdoor zijn deze kosten minder zichtbaar. Toch zijn dit onmisbare schakels in het geheel. Zonder deze acties wordt immers geen uitvoer gegeven aan het gestelde beleid en worden bestaande voorzieningen niet onderhouden Opstellen speelruimtevisies Gemeente Giessenlanden zal moeten bevorderen dat haar kinderen zich kunnen ontwikkelen tot mensen met een volwaardige plaats in de maatschappij. Het welzijn van kinderen hangt sterk samen met de geschiktheid van hun woonomgeving om goed op te groeien. Het speelruimtebeleid vervult dan ook een belangrijke rol in het verkrijgen van woonmilieus waarin kinderen voldoende ruimte hebben om te kunnen spelen en op te groeien. Na of tijdens de realisatie van een nieuwe uitbreiding van een dorp worden mogelijk speelplekken aangelegd. Hiervoor is een goede visie nodig op de kwaliteit en kwantiteit van de speelplekken. De gemeente moet voor deze visie op de speelruimte zorgen en is de stimulator achter de uitvoering van het beleid Ontwerpen en bestekken In de ontwerpfase van een speelplek zal de gemeente moeten (laten) onderzoeken wat de bewoners willen, hoe de plek optimaal kan worden ingericht en wat de (toekomstige) speelbehoeften in de wijk voor de verschillende leeftijdscategorieën zijn. Met de resultaten van dit onderzoek kan de gemeente komen tot een passende speelplek. Van de huidige plekken hebben diverse de vorm van een aantal speeltoestellen in een grasveldje, zonder dat de omgeving van de speelplek daarbij als speelruimte betrokken is Onderhoud en veiligheid Als de speeltoestellen eenmaal volgens certificaat geplaatst zijn, is het zaak deze duurzaam en veilig te houden. Hiertoe dienen gedegen onderhoud en regelmatige inspecties plaats te vinden. Dit werk moet goed worden gepland en het moet afgestemd zijn op de pleken toestelspecifieke omstandigheden Gegevensbeheer Om goed te kunnen sturen op beleid, beheer, onderhoud en veiligheid is goed gegevensbeheer van belang. De administratie rond de inventaris, het onderhoud en de veiligheidslogboeken moet goed voor elkaar zijn. Ook de urenregistratie van de medewerkers moet hierop aansluiten om goede begrotingen en planningen te kunnen maken. In Giessenlanden vindt het gegevensbeheer nog niet optimaal plaats. De informatie is doorgaans wel digitaal, maar niet in een oogopslag zichtbaar. Er wordt nog gewerkt aan een database waarin alle inventarisatie-, inspectie- en logboekgegevens samen staan. OBB Ingenieursbureau
91 Webformulier Giessenlanden Inspraak Inspraak is van groot belang voor het welzijnsgevoel van de gebruikers van de openbare ruimte. Ook zorgt betrokkenheid van burgers vaak voor een betere zorg voor hun woonomgeving. De speelplekken in de buurten worden via inspraakprocedures vaak aangelegd in overleg met de bewoners, buurtverenigingen en de kinderen, jeugdigen en jongeren Klachtenafhandeling en ideeën De gemeente kan niet altijd en overal zijn. De omwonenden en gebruikers van de speelplekken hebben ook een verantwoordelijkheid om gevaarlijke en onwenselijke zaken op speelplekken en aan speeltoestellen te melden. In gemeente Giessenlanden kunnen bewoners hun meldingen en ideeën indienen via de receptie van het gemeentehuis, die de bewoner doorverbindt met de betrokken beheerder. De beheerder verzorgt de verdere afhandeling van de melding en zorgt voor registratie hiervan in het SIM-systeem. Een snelle klachtenafhandeling en passende reacties op ideeën zijn van groot belang voor het veilig houden van de speeltoestellen en de blijvende betrokkenheid van de burgers. Aandachtspunt voor de gemeente Giessenlanden is wel om de gegevens van deze communicatie eenduidig te registreren en digitaal vast te leggen. Op deze manier is namelijk na een langere termijn inzichtelijk of verzoeken herhaaldelijk voorkomen, en hoe hiermee is omgegaan Beheerkosten Er is weinig bekend over beheerkosten. Aangezien iedere gemeente anders werkt, zijn deze moeilijk vergelijkbaar. Wel is duidelijk dat als er meer speelplekken en speeltoestellen zijn, de beheerkosten evenredig toenemen. Ook zullen bij gemeenten die veel aan ontwerp en participatie doen, meer beheerkosten zijn dan bij gemeenten waar dit niet wordt gedaan. Zou het spelen als volwaardige beleidstak worden behandeld met alle werkzaamheden van dien, dan moet rekening gehouden worden met beheerkosten die circa 5% van de investeringswaarde van de speeltoestellen en ondergronden bedragen. Waar spelen beschouwd wordt als onderdeel van het groen en waar weinig planmatig wordt gewerkt, kan met 3% van de investeringswaarde goed worden voorzien in de beheerkosten. Voor Giessenlanden is uitgegaan van 3,5%. OBB Ingenieursbureau
92 14. HET VERVANGEN VAN SPEELVOORZIENINGEN Levensduur In gemeente Giessenlanden hebben de toestellen op dit moment een gemiddelde levensduur van circa 12 jaar. Landelijk ligt het gemiddelde rond de 12 jaar, maar dit loopt langzaam op naar 15 jaar. Deze stijging vindt onder meer plaats doordat veel gemeenten meer kiezen voor duurzame toestellen van metaal en kunststof die een langere levensduur hebben dan hout. Veel speeltoestellen hebben volgens ervaringscijfers een theoretische levensduur van tussen de 8 en 20 jaar. Van een deel van de toestellen in Giessenlanden is niet bekend wanneer deze geplaatst zijn. Hierbij gaat het voor een belangrijk deel om sporttoestellen die mogelijk geen typeplaatje hebben waardoor het plaatsingsjaar niet is af te lezen. Toestellen naar plaatsingsjaar onbe kend Aantal Grafiek 23 toestellen naar plaatsingsjaar Het is algemeen bekend dat de toestellen die ongeveer 10 tot 15 jaar geleden zijn geplaatst, een gemiddelde levensduur van 10 jaar hadden bij normaal onderhoud en iets langer bij intensief onderhoud. Daarbij is geen rekening gehouden met vandalisme, wel met slijtage door gebruik en eventuele speelschade. Uit Grafiek 23 blijkt dat circa 60 toestellen in of voor 1997 zijn geplaatst. Dit houdt in dat circa 30% van de toestellen de afschrijvingstermijn van 12 jaar genaderd of gepasseerd is. Hiermee is ook de theoretische levensduur van de toestellen bereikt of gepasseerd. Samen met de onbekende toestellen is van de helft van de speeltoestellen in Giessenlanden de (rest)levensduur niet bekend Jaar van vervanging Het moment van de daadwerkelijke vervanging van een toestel wordt mede bepaald door de staat van het toestel. Wanneer blijkt dat een toestel na de gestelde afschrijvingstermijn nog één of meer jaren veilig kan functioneren, kan de vervanging worden uitgesteld. Indien blijkt dat een toestel voor de gestelde afschrijvingstermijn niet meer veilig is of wanneer de onderhoudskosten te hoog worden, bijvoorbeeld door vandalisme, dan moet de vervanging vervroegd worden uitgevoerd (flexibele vervanging). OBB Ingenieursbureau
93 Door voor het huidige toestellenbestand het plaatsingsjaar te verhogen met de theoretische levensduur zoals in de normen 8 omschreven, wordt zichtbaar in welk jaar een toestel waarschijnlijk vervangen moet worden. In Grafiek 24 is te zien dat 45 toestellen eigenlijk al vervangen hadden moeten zijn. Dit betreft circa 22% van het toestellenbestand. Bij veel gemeenten in Nederland is er een achterstand in vervanging van gemiddeld 20% tot 33%. Dit hoeft geen probleem te zijn. Bij een hoog onderhoudsniveau komt het voor dat toestellen langer (veilig) meegaan dan de theoretische levensduur. Jaar van vervanging onbeke nd voor Aantal Grafiek 24 aantal te vervangen toestellen Vervangingskosten In Grafiek 25 zijn voor de toestellen zoals die in Grafiek 24 zijn vermeld de vervangingswaarden weergegeven. Dit is de benodigde totaalinvestering in toestellen voor het betreffende jaar. Aangezien de aanlegjaren van de ondergronden niet bekend zijn, wordt uitgegaan van een situatie zonder achterstand en wordt ervan uitgegaan dat ieder jaar circa 8% van de ondergronden wordt vervangen. De totale vervangingswaarde van deze achterstallige toestellen en eventuele ondergronden tot en met 2008 is Dit is ruim 6% van de totale investeringswaarde. Daarbovenop zullen er uitvoeringskosten en uren begeleiding en inspraak komen die kunnen oplopen tot 20% van de vervangingswaarde. De onbekende toestellen vertegenwoordigen een waarde van ,wat aanzienlijk meer is. Dit komt onder meer doordat hier een aantal dure skatevoorzieningen bij zitten die bijna de helft van dit bedrag vertegenwoordigen. 8 Zie Bijlage II Aantal en kosten speeltoestellen in de kolom vervangingstermijn OBB Ingenieursbureau
94 Kosten vervanging onbekend v oor Toestellen Ondergronden Grafiek 25 kosten voor vervanging per jaar In deze tabel is alleen de eenmalige vervanging opgenomen. Uiteraard komen toestellen tussen de 8 en 15 jaar later weer in het schema terecht. Zouden bijvoorbeeld in 2009 veel toestellen worden vervangen, dan zou in circa 2020 een piek in de vervanging te zien zijn. In het geval van Giessenlanden is het waarschijnlijk voldoende de komende vijf jaar de achterstand weg te werken in combinatie met de reguliere vervanging. De theoretische levensduur van de toestellen zal de komende jaren gaan stijgen vanwege het toepassen van meer duurzame materialen en verbeterd onderhoud Aandachtspunten bij vervanging Bij de keuze van het type toestel wordt uitgegaan van de doelgroep van de betrokken speelplek, waarbij de wenselijke speelmogelijkheden, de benodigde speelfuncties en de actuele bevolkingssamenstelling van de buurt of het dorp in ogenschouw worden genomen. Dit kan betekenen dat de herinvestering beter op een andere speelplek in de gemeente plaatsvindt. Het is belangrijk dat bij vervanging van speeltoestellen in principe toestellen worden geplaatst met eenzelfde vervangingswaarde. Met eenzelfde vervangingswaarde wordt bedoeld de geïndexeerde financiële vervangingswaarde. Dit betekent overigens niet dat er eenzelfde type toestel moet worden geplaatst. Het kan ook voorkomen dat meerdere toestellen vervangen worden door één ander toestel voor een geheel andere leeftijdscategorie op een andere locatie, zodat invulling gegeven kan worden aan wensen vanuit bewoners of voorgesteld beleid. Bij vervanging worden de toestellen in principe door de leveranciers geplaatst. Door de leveranciers te laten plaatsen kan ervan worden uitgegaan dat de toestellen goed worden geplaatst en er niet snel problemen met stabiliteit optreden. Bijkomend voordeel van het plaatsen door leveranciers is de garantie die wordt afgegeven, zodat bij gebreken minder discussie kan ontstaan over aansprakelijkheid door eventueel foutief plaatsen vanuit de eigen dienst. OBB Ingenieursbureau
95 15. DE BENODIGDE BUDGETTEN Voor onderhoud, beheer en vervanging van de huidige speelvoorzieningen is geld nodig Uitgangspunten budgetten Raming vervangingswaarde en budgetten Als basis voor de volgende berekeningen wordt gebruikgemaakt van Bijlage II Aantal en kosten speeltoestellen. Bij het vaststellen van de budgetten voor aanleg, onderhoud, beheer en vervanging van speelvoorzieningen zal er gezocht moeten worden naar de juiste onderlinge verhouding tussen deze posten. Indien deze juiste verhouding niet aanwezig is, zullen bijvoorbeeld door de aanleg van nieuwe speelplekken de onderhoudskosten steeds verder stijgen, zonder dat daarvoor budget aanwezig is en zal dus de staat van onderhoud en de veiligheid afnemen. De onderhouds-, beheeren vervangingsbudgetten moeten daarom aangepast worden als er extra en of duurdere speeltoestellen zijn geplaatst of als er speeltoestellen zijn verwijderd. Aan de hand van de afschrijvingstermijn, het plaatsingsjaar en de vervangingswaarde kunnen voor de komende jaren de benodigde budgetten worden bepaald. De budgetten die noodzakelijk zijn voor het aanbieden van openbare speelruimte moeten jaarlijks worden geïndexeerd De vervangingswaarde Aan de hand van de inventarisatie is de totale vervangingswaarde berekend voor de huidige situatie. Inventaris: Speelplekken totaal aantal speelplekken 40 aantal speeltoestellen 199 aanschafwaarde toestellen aanschafwaarde ondergronden Aanschafwaarde totaal Tabel 26 inventarisatie en vervangingswaarde Het onderhoudsbudget Aan de hand van de aanwezige toesteltypen en de geformuleerde onderhoudsbedragen in de normen kan het huidige onderhoudsbudget worden berekend. Hierbij wordt uitgegaan van een onderhoudsniveau van 65%. Zie voor een raming van de onderhoudskosten per speeltoestel Bijlage II Het beheerbudget Voor het beheer is een ervaringsgetal geformuleerd op basis van reeds opgestelde beleids- en beheerplannen. Dit percentage ligt op 3,5% van de aanschafwaarde en bestaat uit urenbesteding. Binnen dit beheerbudget vallen alle bureauzaken als gegevensbeheer, werkvoorbereiding, klachtenafhandeling, beleidstechnische werkzaamheden en inspecties. OBB Ingenieursbureau
96 15.4. Het vervangingsbudget In paragraaf 14.3 is exact uitgerekend wat de benodigde budgetten zijn voor de vervanging. Dit is van belang om te weten bij situaties waarin achterstand is in de vervanging. In een situatie waarin de vervanging goed geregeld is, kan uitgegaan worden van het gemiddelde vervangingsbudget, gebaseerd op de toesteltypen en hun gemiddelde levensduur, zoals weergegeven in Bijlage II Aantal en kosten speeltoestellen. Vervanging en jaarlijkse raming onbekend voor Ondergronden Toestellen Jaarlijks budget Grafiek 27 Vervanging ten opzichte van structureel Wanneer het reguliere vervangingsbudget wordt vergeleken met de werkelijke vervanging is Grafiek 27 het resultaat. Het aandeel onbekende toestellen steekt hierin sterk af ten opzichte van het structurele budget (lijn in de grafiek) dat geraamd is. Het is dan ook nodig dat de gemeente ook van deze toestellen de leeftijd opneemt, zodat het vervangingsschema compleet is Structurele budgetten De benodigde structurele budgetten voor onderhoud, beheer en vervanging in de gemeente Giessenlanden zijn in onderstaande tabel weergegeven. Deze tabel gaat uit van een situatie zonder achterstand. Structurele kosten Budget Huidig Raming huidig niveau 2009 kosten uren onderhoud op niveau 65% beheer vervanging Totaal Tabel 28 structureel benodigde budgetten per jaar In de berekening van Tabel 28 is uitgegaan van: 60% uren en 40% kosten bij onderhoud ( 55,- / uur); 90% uren en 10% kosten bij beheer ( 55,-/ uur); het gegeven dat vervanging een reservering is, zodat geen uren nodig zijn. Inhoudsopgave OBB Ingenieursbureau
97 DEEL IV BIJLAGEN Buitengewoon... Spelen! Speelruimteplan gemeente Giessenlanden OBB Ingenieursbureau
98 OBB Ingenieursbureau
99 BIJLAGE I. ONTWIKKELING VAN HET KIND Globaal kunnen er drie typen ontwikkeling worden onderscheiden: Het spel bevordert de motorisch-lichamelijke ontwikkeling: De ontwikkeling van de grove en fijne motoriek, vaardigheden opdoen, zoals lopen, zwemmen, springen, klimmen en klauteren, manipulatie van kleine voorwerpen en materialen, werpen, vangen. Maar ook visuele, auditieve waarnemingen en tastwaarnemingen zoals geheugen, discriminatie, analyse, synthese, waarnemen van textuur, temperatuur, trillingen. Het spel bevordert de sociaal-emotionele ontwikkeling: Ontwikkeling op sociaal en emotioneel vlak: ontwikkeling van zelfbeeld: behorende tot een groep (familie, etnische groep); ontwikkeling van eigen gevoelens: angst, drift en vriendschap; ontwikkeling van zelfstandigheid: het maken van eigen keuzes, trouw blijven aan eigen keuzes, uitvoeren van eigen keuzes, met of zonder hulp van anderen; ontwikkeling van sociale vaardigheden: het omgaan met anderen (het leggen, onderhouden en beëindigen van contacten), het omgaan met regels, het omgaan met gezagsverhoudingen; ontwikkeling van sociale zelfredzaamheid: zorgen voor uiterlijke verschijningsvorm en lichamelijke verzorging, vaardig worden in het zorgen voor de omgeving; ontwikkeling van waarden en normen: het ontwikkelen van waarden en normen is van groot belang en staat ook centraal in de visie van de overheid. Het spel bevordert de cognitief-psychische ontwikkeling: Logisch denken en probleem oplossen zoals classificatie, in serie zetten, oorzaak-gevolg; structurering van ruimte zoals grenzen van wat is hoog, laag, ver, dichtbij, hard of zacht worden daarbij verlegd, kennis van eigen lichaam; structurering van tijd beleven: dag en nacht, seizoenen en het afwachten van een regenbui, dag-, week-, jaarindeling/seizoenen, heden/verleden/toekomst, opeenvolging van gebeurtenissen, activiteiten en werkzaamheden; creatieve competentie vindt overal plaats. Randvoorwaarden zijn uitdaging en variatie. De aanwezigheid van een uitdagende en gevarieerde speelruimte verruimt de mogelijkheden op dit gebied. Daarnaast analyseren, beoordelen, vormgeven. Bron: samenvatting diverse pedagogische boeken OBB Ingenieursbureau
100 OBB Ingenieursbureau
101 BIJLAGE II. AANTAL EN KOSTEN SPEELTOESTELLEN In deze bijlage is een overzicht gegeven van de aantallen en de kosten van de speeltoestellen. Om de ramingen overzichtelijk te maken is gekozen voor een verdeling van de toestellen (met de daarbij behorende normcijfers) over de typen speelvoorzieningen. De gebruikte normen zijn gemiddelden voor alle toestellen die binnen dit type vallen. De voornaamste redenen voor de onderscheiding van de typen zijn gebruik (speelmogelijkheid), leeftijd en aanschafwaarde. Per type is in de eerste kolommen weergegeven: de leeftijdscategorie die over het algemeen van het toesteltype gebruik maakt; de gemiddelde vervangingstermijn (levensduur) van het toesteltype; de geraamde aanschafwaarde van het toesteltype (nieuwwaarde exclusief btw en exclusief kosten voor ontwerp, plaatsing e.d.); de gemiddelde onderhoudskosten per jaar voor het toestel (gebaseerd op max. 10% van de aanschafwaarde (in verband met levensduur) en de vandalismegevoeligheid van het toesteltype). In de volgende kolommen wordt het in Giessenlanden aanwezige aantal toestellen binnen dit type doorgerekend met de genoemde normen. Hierdoor wordt inzicht verkregen in de totale aanschafwaarde en de bijbehorende onderhouds- en vervangingsbudgetten. De genoemde normcijfers van de toesteltypen in de tabel gaan uit van een onderhoudsniveau van 100%. Dit betekent onder andere dat de speeltoestellen altijd optimaal in de verf zitten, er altijd proper uitzien, in perfecte technische staat verkeren en dat graffiti regelmatig verwijderd wordt. In het beleid wordt echter een onderhoudsniveau bepaald. Dit niveau wordt verrekend met het totaalbudget. Een onderhoudsniveau zoals in paragraaf 12.7 beschreven, betekent dat 65% van de berekende normbudgetten nodig is voor onderhoud. OBB Ingenieursbureau
102 type toestel normen totaal huidige situatie Giessenlanden eenheid leeftijds- vervanging- aanschaf- onderhoud aantal omvang aanschaf- onderhoud afschrijving beheer categorie termijn waarde per jaar (100%) toestellen waarde per jaar per jaar per jaar wipveer stuk 0 t/m 5 jaar meerpersoons wipveer stuk 0 t/m 5 jaar wip stuk 0 t/m 11 jaar enkel duikelrek stuk 6 t/m 11 jaar meerdelig duikelrek stuk 6 t/m 11 jaar brug stuk 6 t/m 11 jaar schommel stuk 0 t/m 11 jaar speciale schommel stuk 6 t/m 11 jaar evenwichtsbalk stuk 0 t/m 11 jaar bokspringpaal (set) stuk 6 t/m 11 jaar balanceertoestel stuk 0 t/m 11 jaar glijbaan klein stuk 0 t/m 5 jaar glijbaan groot stuk 6 t/m 11 jaar taludglijbaan stuk 0 t/m 11 jaar klimglijbaan stuk 0 t/m 11 jaar zandspeeltoestel stuk 0 t/m 5 jaar zandbak stuk 0 t/m 5 jaar loopton stuk 6 t/m 11 jaar draaitoestel klein stuk 0 t/m 11 jaar draaitoestel groot stuk 0 t/m 11 jaar klimboog stuk 0 t/m 18 jaar hang/draaitoestel stuk 0 t/m 11 jaar klimelement stuk 0 t/m 11 jaar ruimtenet stuk 0 t/m 11 jaar speelhuisje laag stuk 0 t/m 5 jaar combinatie klein jong stuk 0 t/m 5 jaar combinatie klein oud stuk 6 t/m 11 jaar combinatie klein stuk 0 t/m 11 jaar combinatie groot jong stuk 0 t/m 5 jaar combinatie groot oud stuk 6 t/m 11 jaar combinatie groot stuk 0 t/m 11 jaar uitgebreide speelcombinatie stuk 0 t/m 11 jaar speelelement jongeren/overkapping stuk 12 t/m 18 jaar waterspeelplaats stuk 0 t/m 5 jaar tafeltennistafel stuk 6 t/m 18 jaar voetbaldoel portaal stuk 6 t/m 18 jaar voetbaldoel tralie stuk 6 t/m 18 jaar multi doelwand stuk 6 t/m 18 jaar pannakooi stuk 6 t/m 18 jaar voet-/basketbalkooi stuk 6 t/m 18 jaar basketbalpaal stuk 6 t/m 18 jaar volleybalset stuk 6 t/m 18 jaar kabelbaan stuk 6 t/m 11 jaar skateboard groot stuk 6 t/m 18 jaar skateboard middel stuk 6 t/m 18 jaar skateboard klein stuk 6 t/m 18 jaar speelaanleiding/poef/betonelement/diverse stuk 0 t/m 11 jaar speelaanleiding/toestel/fantasie stuk 0 t/m 11 jaar bank stuk n.v.t picknickset stuk n.v.t prullenbak stuk n.v.t ballenvanger stuk n.v.t stelpost valdempende ondergrond 40% van am2 n.v.t onderhoud 100% totaal toestellen en ondergronden totaal toestellen onderhoud 65% totaal ondergronden totaal toestellen en ondergronden OBB Ingenieursbureau
103 BIJLAGE III. MODEL LOGBOEK ATTRACTIEBESLUIT Bijlage III behoort bij artikel 14 van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen. Deze bijlage bevat een MODEL LOGBOEK met in ieder geval: a. de volgende gegevens: de naam en het adres van de eigenaar en degene die het attractie- of speeltoestel voorhanden heeft; een beschrijving van het attractie- of speeltoestel; de naam van de fabrikant en van de importeur; het bouwjaar; de serie- of typeaanduiding; het serienummer, voor zover van toepassing. b. de volgende aantekeningen betreffende inspecties en onderhoud: de data en de tijdstippen waarop inspecties en voor de veiligheid relevant onderhoud hebben plaatsgevonden, alsmede de naam van degene die de inspecties of het onderhoud heeft uitgevoerd; de hierbij geconstateerde gebreken of veranderingen in de staat van het toestel die de veiligheid in gevaar kunnen brengen; de naam van degene die een reparatie uitvoert; de vervanging van voor de veiligheid kritieke onderdelen, alsmede de leverancier van deze onderdelen. c. de volgende gegevens omtrent keuringen: de datum en de uitslag van de keuring; de aangewezen instelling die de keuring heeft verricht; de geldigheidsduur van het certificaat of het merk van goedkeuring; de relevante informatie voor het beheer van de attractie, naar aanleiding van de keuring. d. voor attractietoestellen die reeds in gebruik zijn op het moment van de inwerkingtreding van het besluit de volgende gegevens omtrent de resultaten van het onderzoek voor zover van toepassing: de datum en de uitslag van het onderzoek; de aangewezen instelling die het onderzoek heeft verricht; de datum van het eerstvolgende onderzoek; de relevante informatie voor het beheer van het attractietoestel, naar aanleiding van het onderzoek. e. gegevens over opgetreden ongevallen, indien van toepassing: de oorzaak of vermoedelijke oorzaak; het opgetreden persoonlijk letsel; de naar aanleiding van het ongeval genomen maatregelen. OBB Ingenieursbureau
104 OBB Ingenieursbureau
105 BIJLAGE IV. GEGEVENSTABEL WIJKEN In deze bijlage staan per wijk de uitgangspunten voor informele en formele speelruimte uitgewerkt voor de verschillende leeftijdscategorieën. De tabel kan als samenvatting en toelichting voor de analyse van informele en formele speelruimte gezien worden. Op basis van deze cijfers en de daadwerkelijke inrichting van de wijk en de inspraak die heeft plaatsgevonden, wordt het openbare speelvoorzieningenniveau bepaald. OBB Ingenieursbureau
106 kwantitatief inventarisatie dorp wijk uitgangspunten streef informeel beeld kinderen oppvl kind/ha kind/plek kind/plek ha/plek verschil knd per tst per tst per 0-5jr: 20m2/ plekken plek 100 knd plek 6-11jr: 20m2 / t.o.v. doorrekenen normen voor speelruimte formeel 12-18jr: 1 st / streef toestellen plekken [aantal] [ha] [aant/ha] [plek] [plek] [plek] [plek] [plek] [aantal] [plek] [aantal] [aantal] [aantal] Arkel Arkel , ,5 0 t/m 5 jaar 195 1,8 3900m ,7 6 t/m 11 jaar 256 2,4 5120m ,6 12 t/m 18 jaar 286 2,7 19st ,0 Giessenburg Giessenburg , ,3 0 t/m 5 jaar 275 2,9 5500m ,4 6 t/m 11 jaar 371 3,9 7420m ,3 12 t/m 18 jaar 388 4,1 26st ,7 Giessen-Oudekerk Giessen-Oudekerk , ,7 0 t/m 5 jaar 68 1,1 1360m ,0 6 t/m 11 jaar 116 1,8 2320m ,5 12 t/m 18 jaar 113 1,8 8st ,0 Hoogblokland Hoogblokland , ,6 0 t/m 5 jaar 89 2,7 1780m ,0 6 t/m 11 jaar 109 3,4 2180m ,0 12 t/m 18 jaar 134 4,1 9st ,0 Hoornaar Hoornaar , ,6 0 t/m 5 jaar 137 2,5 2740m ,8 6 t/m 11 jaar 132 2,4 2640m ,6 12 t/m 18 jaar 133 2,4 9st ,5 Noordeloos Noordeloos , ,8 0 t/m 5 jaar 136 3,3 2720m ,5 6 t/m 11 jaar 185 4,5 3700m ,5 12 t/m 18 jaar 217 5,2 14st ,5 Schelluinen Schelluinen , ,3 0 t/m 5 jaar 98 2,9 1960m ,3 6 t/m 11 jaar 93 2,8 1860m ,0 12 t/m 18 jaar 106 3,1 7st ,0 Giessenlanden Totaal , ,0 27% 0 t/m 5 jaar 998 2, m ,2 35% 6 t/m 11 jaar , m ,2 38% 12 t/m 18 jaar ,2 92st ,8 OBB Ingenieursbureau
107 BIJLAGE V. BESLISBOOM SPEELPLEK Tabel 29 Beslisboom analyse speelruimte Toelichting op de beslisboom: het gaat erom dat er een evenredige verdeling van informele en formele speelruimte ontstaat. Genoeg informele ruimte is daar waar kinderen goed kunnen spelen op de stoep en de straten, in het groen en langs het water. Daar zijn minder speelplekken nodig dan in wijken waar kinderen aan drukke straten met smalle stoepjes wonen. Om te bepalen of er voldoende informele ruimte is, wordt gekeken naar de uitgangspunten in de uitgangspuntentabel voor informele speelruimte, bijvoorbeeld voor de jongste doelgroep per kind minimaal 20 m² aan stoep, grasveld of plein, aansluitend aan de woning. Is er genoeg informele ruimte dan moeten er circa 30 kinderen bij elkaar wonen om een speelplek voor te behouden of aan te leggen. Is er echt te weinig informele ruimte dan moeten er circa 15 kinderen bij elkaar wonen om een speelplek voor te behouden of aan te leggen. Iedereen die betrokken is bij het ontwikkelen van speelvoorzieningen kan aan de hand van bovenstaande beslisboom een afweging maken of het noodzakelijk/gewenst is een speelplek aan te leggen. Uiteraard kan er in specifieke situaties, met goede argumenten worden afgeweken van de beslisboom. Bron: OBB Ingenieursbureau OBB Ingenieursbureau
108 OBB Ingenieursbureau
109 BIJLAGE VI. SPEELPLEKKEN EN MAATREGELEN In deze bijlage staat weergegeven welke rol de plek speelt in het openbare speelvoorzieningenniveau en welke acties nodig zijn om deze rol te kunnen vervullen. In de tabel staan de huidige plekken, de nieuw te maken plekken (zoekgebieden) en de te nemen overige maatregelen. De eerste vier kolommen bieden gegevens over de inventaris in de huidige situatie en in het openbare speelvoorzieningenniveau. In de eerste kolom staat een speelpleknummer. Betreft de plek een zoekgebied of maatregel dan is dit aangegeven met respectievelijk een Z of een M. De tweede kolom is de locatie waar de speelplek te vinden is. De locatienaam is overgenomen uit de beheergegevens van gemeente Giessenlanden. Aan de hand van de aanwezige speeltoestellen, de uitstraling en de aanwezige ruimte op de locaties is per speelplek de huidige leeftijdscategorie bepaald. Dit is weergegeven in de derde kolom. In de vierde kolom genaamd categorie wordt, is aangegeven voor welke leeftijdscategorie de speelplek in het openbare speelvoorzieningenniveau ingericht moet worden. In de vijfde kolom genaamd 'eigendom', is aangegeven of de speelplek in participatie wordt beheerd. De laatste kolommen bevatten gegevens over de maatregelen die genomen moeten worden om de plek te laten voldoen aan de eisen van het openbare speelvoorzieningenniveau. Ook hier wordt uitgegaan van de uitgangspunten voor informele en formele ruimte. In de kolom 'maatregelen' wordt kort aangeduid wat de kern is van de maatregelen die genomen moeten worden. In aansluiting hierop staat in de kolom nieuwe speelprikkels en de kolom nieuwe toestellen hoeveel speelprikkels en/of toestellen er nodig zijn bij deze maatregel. Als laatste is er een raming gegeven van bijkomende kosten die voor een deel ten laste van spelen komen, maar voor 20-30% ten laste van groen en wegen moeten komen. OBB Ingenieursbureau
110 spnr locatie dorp categorie beheer huidig aantal huidig advies maatregelen nieuw overig kosten totaal huidig wordt tst prik prikkel tst kosten (100%) A 1A Kersendreef 10 Arkel 0 t/m 5 jaar secundair gemeente 4 Toestellen niet meer vervangen, of ergens hergebruiken. Plek met een zeer beperkte functie. P.m. A 2A Kastanjelaan 2 Arkel 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 6 Plek voor kinderen en jeugd. Uitdagend toestel (klim/glij/schommel) voor jeugd bijplaatsen. Enkele speelprikkels aanbrengen. A 3A Bessendreef 30 Arkel 0 t/m 11 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Plek voor kinderen. Wipveer en evenwichtbalk vervangen voor een ander toestel (draai/huisje/schommel). Speelprikkels op verharding aanbrengen. A 4SK Hoefpad 10 Arkel 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 4 Zitmogelijkheid voor jongeren aanbrengen bij het veld. A 5B Fagotstraat 1 Arkel 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 9 Plek voor kinderen en jeugd. Klein trapveldje realiseren met minigoals en wat groen als afscheiding A 6A Folkertstraat 23 Arkel 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 6 Evenwichtbalk en draaitoestel verplaatsen naar overige toestellen. Op vrijgekomen deel een pannaveldje realiseren voor de jeugd. A 7A Koningin Emmastraat 30 Arkel 0 t/m 11 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Plek voor kinderen. Bokspringpalen niet meer vervangen. Enkele speelprikkels aanbrengen op verharding A 8A Perendreef 1 Arkel 0 t/m 11 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Plek voor kinderen. Duikelrek en dubbele wipveer vervangen voor ander toestel (huisje/glij/schommeltje). Z 1A Noordelijk Arkel zoekgebied Arkel geen 0 t/m 5 jaar gemeente Plek voor kinderen. 3 toestellen (huisje/ wip / draai / klim) en enkele speelprikkels. Plek voor de langere termijn / herstructurering P.m. Z 2A Plein 983 / Kanaaldijk / Dam / Raadhuisplein zoekgebied Arkel geen 12 t/m 18 jaar gemeente Stay Around plek voor jongeren realiseren. Ontmoeting en sport G 1A Liesveld 6 Giessenburg 0 t/m 5 jaar secundair gemeente 2 Gezien inrichting en ligging t.o.v. speeltuin opheffen. Zeer beperkte functie. P.m. G 2B Bogerd 60 Giessenburg 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 21 Speeltuin 'Kindervreugd'. Zeer uitgebreide plek, met een functie voor het hele dorp. Geen aanpassingen vanuit speelruimteplan. G 3A Van Marlotstraat 39 Giessenburg 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 2 Zitmogelijkheid voor jongeren aanbrengen bij het veld. G 4A Van Marlotstraat 60 Giessenburg 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 6 Plek voor kinderen en jeugd. Uitdagend toestel (klim/glij/schommel) voor jeugd bijplaatsen. Enkele speelprikkels aanbrengen. G 5SV Wetering 36 Giessenburg 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 2 Veld verbeteren. Mogelijkheid voor een voetbalkooi. Zitmogelijkheid voor jongeren bij het veld realiseren. G 6A Kerkweg 10 Giessenburg 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 4 Geen aanpassingen vanuit speelruimteplan. G 7A J. de Kreijstraat 28 Giessenburg 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 8 Geen aanpassingen vanuit speelruimteplan. G 8A Emmalaan 25 Giessenburg 0 t/m 5 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Geen aanpassingen vanuit speelruimteplan. Z 1G Oostelijk Giessenburg zoekgebied Giessenburg geen 0 t/m 5 jaar gemeente Plek voor kinderen. 3 toestellen (huisje/ wip / draai / klim) en enkele speelprikkels. Plek voor de langere termijn / herstructurering P.m. Z 2G Randlaan / Giessenlaan zoekgebied Giessenburg geen 0 t/m 5 jaar gemeente Plek voor kinderen. 3 toestellen (huisje/ wip / draai / klim) en enkele speelprikkels M 1G Gehele dorp maatregel Giessenburg n.v.t. 12 t/m 18 jaar gemeente In overleg met jongeren(werk) eventueel 3 extra What's Up plekken realiseren in het dorp GO 1A Van Dijkstraat 1 Giessen-Oudekerk 6 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 1 Plek uitbreiden met 3 toestellen voor kinderen en jeugd (schommel/klim/draai/wip/duikel). Enkele speelprikkels op verharding of schoolplein aanbrengen OBB Ingenieursbureau
111 spnr locatie dorp categorie beheer huidig aantal huidig advies maatregelen nieuw overig kosten totaal huidig wordt tst prik prikkel tst kosten (100%) GO 1SV Van Dijkstraat 1 Giessen-Oudekerk 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 2 Veld verbeteren, goals bij vervanging vervangen voor tralie goals. Afscherming langs de sloot met hek of groen / ballenhaak. Zitmogelijkheid voor jongeren aanbrengen GO 2B Dokter Gravenmeijerstraat 11 Giessen-Oudekerk 0 t/m 5 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Plek aanvullen met 1 toestel (huisje/draai). HB 1B t Hoog 18 Hoogblokland 0 t/m 11 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 7 1 Toestelplek voor jeugd en jongeren. Bij vervanging van toestellen hier rekening mee houden door meer uitdaging te bieden. Plek aanvullen met een (overdekte) zitmogelijkheid voor jongeren HB 1SV t Hoog 18 Hoogblokland 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 2 Trapveld verbeteren. Goals vervangen voor traliegoals, en betere afscherming van het veld. Mogelijke locatie voor de voetbalkooi van het dorp. HB 2A Vlietstraat 2 Hoogblokland 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 4 Enkele speelprikkels op de verharding aanbrengen. HB 3A Schoolstraat 10 Hoogblokland 0 t/m 5 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Plek voor kinderen. Wip en wipveer vervangen voor 2 nieuwe toestellen (draai/klim/schommel). Huisje vervangen voor nieuw huisje. Enkele speelprikkels op het pleintje voor de speelplek aanbrengen HB 4A Mr. D.C. Goesstraat 8 Hoogblokland 0 t/m 5 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Geen aanpassingen vanuit speelruimteplan. H 1A Oudendijk 8 Hoornaar 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 8 1 Voor de jeugd informele voetbalmogelijkheid creeren, mogelijk in de biggentuin of ander deel van de buurt H 2B De Schans 1 Hoornaar 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 5 Toestelplek voor kinderen en jeugd. Recent opnieuw ingericht. Geen aanpassingen. H 3A Visserland 10 Hoornaar 0 t/m 11 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 9 Plek voor kinderen. Wip, schommel, tafeltennistafel en brug niet meer vervangen of hergebruiken. Enkele speelprikkels opverharding aanbrengen H 4A Giessenlan 37 Hoornaar 0 t/m 11 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 7 Plek voor kinderen. Duikelrek en evenwichtsbalk niet meer vervangen of hergebruiken. Enkele speelprikkels opverharding aanbrengen. H 5A Leeuwerikshof 9 Hoornaar 0 t/m 11 jaar secundair gemeente 7 Plek heeft een beperkte functie, slechts 10 kinderen. Toestellen niet meer vervangen of ergens hergebruiken H 5SV Leeuwerikshof 9 Hoornaar 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 2 Veld verbeteren, betere afscherming met groen/ballenvangers, nieuwe goals. H 6SK Dirk IV-plein Hoornaar 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 1 Plek uitbreiden met (overdekte) zitmogelijkheid voor jongeren. Ook stuk verharding naar kooi toe en bij zitmogelijkheid realiseren Z 1H Kromme Giessen / De Schans zoekgebied Hoornaar geen 0 t/m 5 jaar gemeente Plek voor kinderen. 3 toestellen (huisje/ wip / draai / klim) en enkele speelprikkels N 1A Dreef 8 Noordeloos 0 t/m 11 jaar 6 t/m 11 jaar gemeente 5 Plek voornamelijk voor de jeud. Net nieuw ingericht. Mogelijk wat speelprikkels aanbrengen N 2A Dreef 17 Noordeloos 0 t/m 5 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 5 Plek voor kinderen in zuidkant van Noordeloos. Recent opnieuw ingericht, geen aanpassingen. N 3B Van Brederodestraat 2 Noordeloos 6 t/m 11 jaar 6 t/m 11 jaar gemeente 1 Extra toestel voor jeugd plaatsen (schommel / draai). Enkele speelprikkels aanbrengen N 4SV Van Brederodestraat 2 Noordeloos 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 2 Veld verbeteren, betere afscherming met groen, nieuwe goals (eventueel als speelkooi). Mogelijk ook met all-wheater vloer OBB Ingenieursbureau
112 spnr locatie dorp categorie beheer huidig aantal huidig advies maatregelen nieuw overig kosten totaal huidig wordt tst prik prikkel tst kosten (100%) N 5A Kerkweg Noordeloos 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 1 Geen aanpassingen vanuit speelruimteplan. Bij vervanging van de half-pipe bekijken of hier nog vervanging nodig is, of een andere inrichting voor jongeren. Z 1N Noordkant van het dorp. V. Brederodestraat / Dorpshuis / parkeerplaats kerkhof. zoekgebied Noordeloos geen 0 t/m 5 jaar gemeente Plek voor kinderen aan noordkant van Noordeloos. 4 toestellen (huisje/ wip / draai / klim) en enkele speelprikkels S 1SV Jan Schnoukstraat 28 Schelluinen 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 2 Speelplek voor kinderen, met een klein trapveldje voor jeugd. Doel vervangen voor 2 minidoelen. Aanvullen met 2 toestellen voor kinderen (glij/klim/draai). Mogelijk wat groen als afscheiding tussen voetbal en spel en speelprikkels S 2B Vlietstraat 1a Schelluinen 0 t/m 11 jaar 0 t/m 11 jaar gemeente 14 Speeltuin 'De Wip-Wap'. Goede centrale voorziening met zeer veel speeltoestellen. Geen aanpassingen vanuit speelruimteplan. Jeugd wil graag een kabelbaan, mogelijkheid meenemen in vervanging. S 3SV Kerkboomstraat 1 Schelluinen 6 t/m 18 jaar 6 t/m 18 jaar gemeente 3 Tafeltennistafel verwijderen of ergens hergebruiken. Voetbalveld verbeteren (eventueel speelkooi), traliegoals plaatsen ter vervanging huidige goals. Extra ballenvanger(s) of groen om bal op het veld te houden. Zit mogelijkheid voor jongeren realiseren bij het veld S 4A Kievitstraat 22 Schelluinen 0 t/m 5 jaar 0 t/m 5 jaar gemeente 2 Klim-glij toestel vervangen voor nieuw toestel (huisje/glij) en extra toestel erbij (draai/klim/schommeltje). Speelprikkels in de verharding aanbrengen OBB Ingenieursbureau
113 Kiss and Greet What s Up What s Up BIJLAGE VII. INFORMELE ONTMOETING JONGEREN Als norm voor hangen kan gesteld worden dat voor elke 15 (hang)jongeren uit de hangleeftijd er één plek in de openbare ruimte aan te wijzen moet zijn waar hij of zij kan ontmoeten met andere (hang)jongeren. Vervolgens kan gesteld worden dat voor 50% van het hangen geen specifieke voorzieningen noodzakelijk zijn. Dit gebeurt op plekken in de wijk waar 2 tot 4 jongeren even een kwartiertje staan te kletsen, afscheid nemen of afspreken om op elkaar te wachten als ze samen ergens heen gaan (Kiss and Greet). De ontmoetingsplekken die een inrichting vereisen, zijn onder te verdelen in drie categorieën. Plek categorie I: What s Up Dit zijn kleinere plekken voor 5 tot 10 jongeren die bij elkaar komen en bijpraten. s Zomers is te zien dat er jongeren langs deze plekken (brom)fietsen op zoek naar een praatje. Aantal: 30% van de plekken Ligging: goed gespreid over de dorpen langs doorgaande routes (echt in de wijk) en niet te dicht op woningen; in zicht zodat er snel gezien kan worden wie er op de plek aanwezig is; Verkeer: op voldoende afstand van doorgaande weg (2 tot 10 meter); Locatie: verharde ruimte met plek voor 5 tot 10 jongeren en wat fietsen en scooters; Inrichting: verhard gedeelte goed bereikbaar; een aantal zit- en ontmoetingsaanleidingen, afvalbakken en eventueel verlichting; gemakkelijk te verwijderen en herplaatsen en passend in straatbeeld; Regels: APV en aanvullende regels door jongeren en omwonenden zo nodig op te stellen; bij overtreding verwijzen naar plek categorie II; Flexibiliteit: meer locaties categorie I aanwijzen dan inrichten. Op deze manier kan de plek eventueel nog eens verplaatst worden naar een andere locatie als de overlast te groot wordt (de jongeren houden zich niet aan de regels) of als de jongeren er helemaal niet meer komen. Toets: Geen toets bestemmingsplan nodig. Voorzieningen vallen onder straatmeubilair of speeltoestellen. Functie en gebruik passen binnen huidige bestemmingen. Stay Around Plek categorie II: Stay Around Dit betreft grotere plekken voor 10 tot circa 40 jongeren waar jongeren echt afspreken om bij elkaar te komen en te zitten praten of ander activiteiten te ontplooien. Vaak gaan deze plekken samen met goed ingerichte sportplekken (bijvoorbeeld skateplekken), maar als die er te weinig zijn, kunnen de plekken ook apart goed functioneren (de JOP). Aantal: Ligging: Verkeer: 20% van de plekken min de No Problemplekken; op voldoende afstand van woningen, bijvoorbeeld aan de rand van het de kern of in een groter park/plantsoen; in de omgeving van andere geluidsbron; op/bij formele sport/speelplek; goed bereikbaar, maar niet te dicht bij de doorgaande weg; OBB Ingenieursbureau
114 Stay Around Locatie: Inrichting: Regels: Flexibiliteit: Toets: groot genoeg voor een grotere groep jongeren met fietsen/scooters en groot genoeg voor een aantal voorzieningen; afwegen of auto er of niet mag en kan komen (trekt oudere jongeren aan); zit- en ontmoetingsaanleidingen en beschutting in de vorm van wandje of beplanting; verharde ondergrond; verlichting; duurzaam en vandalismebestendig; APV en in overleg met omwonenden of andere betrokkenen aanvullende regels m.b.t. gedrag opstellen. De plek moet geen overmatige input vergen om in stand te houden. inrichting plek voor langere termijn; bij overmatig vandalisme en teveel overlast een welzijnstraject doorlopen met daders ; geen toets bestemmingsplan nodig. Voorzieningen vallen onder straatmeubilair of speeltoestellen. Functie en gebruik passen binnen huidige bestemmingen. No Problem No Problem Plek categorie III: No Problem Dit zijn plekken die zo ver buiten de bebouwde omgeving liggen dat hier geen overlast voor omwonenden te verwachten is. De jongeren kunnen bij problemen in de wijk altijd naar deze plekken verwezen worden. Aantal: voor elke 500 jongeren één No Problemplek; Ligging: op voldoende afstand van woningen, zodat verwachte overlast op basis van ligging kan worden uitgesloten; Verkeer: goed bereikbaar, maar niet te dicht bij de doorgaande weg (minimaal 50 meter afstand); Locatie: groot genoeg voor een grotere groep jongeren met fietsen/scooters en groot genoeg voor een aantal voorzieningen; afwegen of auto er wel of niet mag en kan komen (trekt oudere jongeren aan); Inrichting: zit- en ontmoetingsaanleidingen en beschutting in de vorm van een overkapping; eventueel mogelijkheden voor graffiti; verharde ondergrond; verlichting; duurzaam en vandalismebestendig; Regels: APV en in overleg met jongeren, politie, gemeente jongerenwerk andere regels m.b.t. gedrag opstellen. De plek moet geen overmatige input vergen om in stand te houden. Flexibiliteit: inrichting plek voor langere termijn; bij overmatig vandalisme en teveel overlast een welzijnstraject doorlopen met daders ; Toets: geen toets bestemmingsplan nodig. Voorzieningen vallen onder straatmeubilair of speeltoestellen, mits geen bouwvergunning nodig is. Is dit het geval dan ook bestemmingsplantoets. OBB Ingenieursbureau
115 Muurtje als speelprikkel Speelprikkels Aangepaste verharding Stap- en zitstenen BIJLAGE VIII. SPEELPRIKKELS Speelprikkels zijn objecten in de openbare ruimte die aanleiding geven tot spel. Zij kunnen bewust als bespeelbaar element zijn geplaatst, maar ook onderdeel zijn van een tot ander doel ingericht stuk van de openbare ruimte. De opzet van deze speelprikkels is dat ze veel speelwaarde hebben, niet onder het Attractiebesluit vallen en hooguit een risicoanalyse vergen. Speelprikkel bewust als bespeelbaar element geplaatst Vaak komen speelprikkels voor op en rondom de speelplek of worden ze gebruikt om kinderen te (bege)leiden. Voorbeelden hiervan zijn allerlei soorten verharding, knikkertegels, hinkeltegels, gekleurde tegels en tegels met cijfers, letters en dierenvoetstappen. Door het aanbrengen van deze verharding of patronen en door het gebruik van verschillende soorten verharding kunnen tal van speelmogelijkheden ontstaan. Een ander voorbeeld zijn betonelementen zoals poefs, bielzen, palen, bollen en muurtjes, al dan niet gekleurd. Deze elementen bieden tal van mogelijkheden zoals erop klimmen, eraf en erover springen, op zitten, een touw aan vastknopen, tegen voetballen, bokspringen enzovoorts. Meer natuurlijke speelprikkels zijn bomen en boomstammen, grasheuveltjes, hagen en struiken. Ook het beschilderen van muren op een speelplek kan een prikkel geven tot spel. Speelprikkel als onderdeel van de openbare ruimte Voor het inrichten van de openbare ruimte worden tal van elementen gebruikt. Soms zijn deze elementen voor kinderen aantrekkelijk om mee te spelen. Echter lang niet altijd worden hiervoor elementen gekozen die ook bespeelbaar zijn. Als er toch een paal geplaatst moet worden, waarom dan niet een paal met een ronde kop in plaats van een scherpe? Waarom niet wat groenblijvers in het bosplantsoen? De kern van het denken over speelprikkels is, om bij elk plan of elke actie in de openbare ruimte na te gaan of de elementen die gebruikt worden ook geschikt zijn voor medegebruik door kinderen. Natuurlijk kan het voorkomen dat dit om bijvoorbeeld veiligheidsredenen niet mogelijk is. Uitgangspunt is echter de bespeelbaarheid en het moet gemotiveerd worden als hiervoor niet wordt gekozen. Voorbeelden van dit soort speelprikkels zijn: afscheidingen zoals hekwerken, muurtjes, hagen en bielzen; straatmeubilair zoals banken en andere zitelementen; betonelementen zoals betonpoefs/bollen, paaltjes, stoepranden en parkeerbanden en sierelementen kunst; toepassen van groenblijvers (hulst, laurier); toepassen van vruchtdragende bomen (eik, kastanje, beuk); toepassen van vruchtdragende struiken; toepassen van (gedraineerd) gazon; toepassen van hoogteverschillen in gras en verharding. Veel van dergelijke elementen kunnen voor de kinderen een speelprikkel vormen om te zitten of aan te hangen, maar ook om vanaf, over of op te springen. Ze kunnen er een elastiek aan vast maken, hutten mee bouwen, ze gebruiken die als evenwichtsbalk enzovoorts. OBB Ingenieursbureau
116 Groen om te spelen Een ruimte als speelprikkel Door veel kinderen wordt een braakliggend terrein met een bult zand en ruigte hoog gewaardeerd. Daar zijn veel speelmogelijkheden en functies aanwezig. Niet alleen braakliggend terrein, maar ook hoeken plantsoen en straat zijn soms favoriet bij een groep kinderen. Eenvoudige aanpassingen aan beheer en onderhoud en duidelijke voorlichting naar burgers kunnen deze speelruimte behouden. Voorbeelden hiervan zijn: hutten niet opruimen (zeker niet in vakanties); stukken ruigte zo lang mogelijk laten bestaan; waarschuwingsborden voor automobilisten plaatsen; niet op elke klacht van omwonenden over spelende kinderen ingaan. Sturen in het medegebruik van het openbaar groen kan door sortimentskeuze. Struiken met grote doornen zijn absoluut niet aantrekkelijk voor kinderen en planten met giftige vruchten/bladen/schors mogen niet worden toegepast. Andere eenvoudige voorbeelden van het beter bespeelbaar maken van openbaar groen zijn hoogteverschillen in het gazon (werken ook goed antivoetbal), vaker toepassen van bloemenmengsels en het gefaseerd maaien van gras. In heestervakken en blokhagen kunnen uitsparingen worden gemaakt waar kinderen hun hutje kunnen hebben. Hagen kunnen op verschillende hoogten gesnoeid en niet recht maar golvend aangeplant worden. Het toepassen van groenblijvers in bosplantsoen of solitair draagt ook bij aan de bespeelbaarheid van openbaar groen. Samengevat Juist het aanbrengen van hoogteverschillen, randen en eenvoudige objecten prikkelen de fantasie van kinderen om zelf spelen te verzinnen of bestaande spelen aan te passen. Anders gezegd: speelprikkels vergroten de speelruimte. Ruimte voor spel OBB Ingenieursbureau
117 BIJLAGE IX. VOORBEELD BEHEEROVEREENKOMSTEN Overeenkomst met een school: OVEREENKOMST INZAKE HET BEHEER EN ONDERHOUD VAN SCHOOLPLEIN #Adres/naam school# Ondergetekenden, a. De gemeente #, te dezen vertegenwoordigd door burgemeester/wethouder #, handelend ter uitvoering van het collegebesluit van 24 november 2006, hierna te noemen gemeente"; b. #school#, statutair vertegenwoordigd door #naam/persoon#. Hierna te noemen "beheerder"; overwegende dat - vanuit de wens om speelruimte voor de jeugd te realiseren heeft de gemeente op ondergrond in eigendom van de beheerder de navolgende speelvoorzieningen geplaatst: #soort/hoeveelheid/omschrijving#; - het dagelijks en klein onderhoud van de onderhavige speeltoestellen zoals beschreven in punt 9 geschiedt door de beheerder; - partijen de behoefte hebben de rechten en plichten over en weer formeel vast te leggen. verklaren het volgende te zijn overeengekomen: Ten aanzien van gebruik en eigendom 1. De beheerder verleent aan de gemeente en de gemeente aanvaardt van de beheerder een recht als vermeld in artikel 5:101 van het Burgerlijk wetboek, ten behoeve van het gebruik en de instandhouding van de speeltoestellen, gelegen op het schoolplein van #School + adres# te #gemeente#, in het perceel kadastraal bekend gemeente #omschrijving#, zoals met groen ingevulde vakken aangegeven op de aan deze overeenkomst gehechte en door beide partijen gewaarmerkte tekening met nummer #, van d.d. #. Het werk is partijen voldoende bekend, zodat zij geen nadere beschrijving daarvan behoeven. 2. Het recht van opstal wordt gevestigd tot op het tijdstip waarop de gemeente voor de vooromschreven doeleinden geen gebruik meer wenst te maken van de grond en dit schriftelijk door de gemeente aan de beheerder is medegedeeld. In dat geval dienen de speeltoestellen binnen twee maanden na beëindiging van het opstalrecht op kosten van de gemeente te worden verwijderd waarbij de gemeente verplicht is de grond in de oorspronkelijke staat terug te brengen. 3. De kosten van de notariële akte tot vestiging van het recht van opstal, van de inschrijving in de openbare registers, de kosten van afstand c.q. aantekening van het tenietgaan van het recht van opstal en alle overige kosten, voortvloeiend uit deze overeenkomst, komen voor rekening van de gemeente. 4. De gemeente stelt aan de school de genoemde speeltoestellen en veiligheidsondergronden om niet in bruikleen aan de beheerder. De eigendom van de speeltoestellen alsmede het materiaal van de bijbehorende veiligheidsondergronden zijn en blijven eigendom van de gemeente. 5. De beheerder stelt haar eigendom, de ondergrond, ter beschikking aan de gemeente zonder de kosten daarvan in rekening te brengen bij de gemeente. 6. De beheerder draagt zorg dat de speeltoestellen openbaar toegankelijk zijn voor kinderen tot circa # jaar, buiten schooltijd, inclusief vakanties en weekenden, vanaf uiterlijk # uur tot circa # uur. 7. De beheerder draagt zorg voor passend sleutelbeheer welke opgedragen kan zijn aan de buurtvereniging of omwonenden. OBB Ingenieursbureau
118 Ten aanzien van onderhoud en beheer 8. De gemeente is belast met het groot onderhoud van de onderhavige speeltoestellen en ondergrond. Zij houdt daarvan een logboek bij, zoals voorgeschreven in het onder punt 9 genoemde besluit. 9. De beheerder is belast met het dagelijks en klein onderhoud van de onderhavige speeltoestellen en ondergrond. Hij houdt daarvan een logboek bij, zoals voorgeschreven in het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen. Bij een ongeval op het schoolplein dient de beheerder het logboek desgevraagd meteen ter inzage te geven aan de daartoe bevoegde ambtenaar van de gemeente Alphen aan den Rijn. Deze bepaalt aan de hand van het logboek of ten aanzien van de veiligheid van de speeltoestellen c.q. ondergrond voldoende zorgvuldig is gehandeld (zoals vastgelegd in de artikelen 16 en 17a van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen. Het voldoen aan de overige bepalingen in het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen is een verantwoordelijkheid van de gemeente). 10. Onder het onder punt 8 genoemde groot onderhoud wordt verstaan: a. inspectief onderhoud. - functionele inspectie (éénmaal per 1 à 3 maanden) Dit is een meer uitgebreide inspectie. Tijdens deze inspectie dient het functioneren, de stabiliteit en sterkte van de inrichting (toestellen, overige constructies, bodemafwerking) gecontroleerd te worden. Voorbeelden daarvan: zitten de verbindingen nog vast, functioneren lagers nog goed, hoe is de toestand van de verflaag, is de zand- of houtsnipperlaag nog voldoende. - grote inspectie (ten minste éénmaal per jaar) Tijdens deze inspectie wordt de algemene veiligheid van de speelgelegenheid gecontroleerd. Bovendien moet actie ondernomen worden om alles weer op orde te brengen. Tijdens de inspectie met name letten op corrosie, houtrot en andere negatieve effecten van weersinvloeden en tussentijds uitgevoerde reparaties. Daarbij kan het nodig zijn funderingen uit te graven of toestellen en andere constructies te demonteren. b. herstelwerkzaamheden. Dit onderhoud omvat onder andere: - vervangen van verbindingen; - (opnieuw) lassen; - vervangen van versleten en/of kapotte onderdelen; - vervangen van kapotte constructieonderdelen; - verwijderen van gebroken glas of ander schadelijk c.q. gevaarlijk vuil/afval (zie ook onder visuele inspectie); - herstellen en of vernieuwen van de bodemafwerking. 11. Onder het onder punt 9 genoemde dagelijks en klein onderhoud wordt verstaan: a. inspectief onderhoud. - visuele inspectie (dagelijks tot wekelijks) Bij visuele inspectie dient te worden nagegaan of er ten gevolge van het gebruik, vandalisme, weersomstandigheden, e.d. gevaarlijke situaties zijn ontstaan. Zo kunnen er bijvoorbeeld onderdelen gebroken zijn of er liggen glasscherven. Deze inspectie is snel uit te voeren. Wel dient het regelmatig te gebeuren omdat gevaarlijke situaties anders te lang onopgemerkt blijven. Op speelgelegenheden die intensief gebruikt worden of waar veel vandalisme voor komt, moet een visuele inspectie dagelijks gebeuren. b. preventief onderhoud. Het preventief onderhoud is om te voorkomen dat zaken stuk gaan en om slijtage te beperken. Dit onderhoud omvat onder andere: - aandraaien van verbindingen (bouten, moeren, schroeven); - vernieuwen van een verflaag en andere oppervlaktebehandelingen; - verzorgen en onderhouden van (schokdempende) bodemafwerkingen; - smeren van lagers; - schoon en netjes houden van de speelplek. 12. De gemeente zal de, voor het verrichten van het noodzakelijke dagelijks en klein onderhoud en inspecties, nodige materialen en eventuele andere benodigdheden om niet ter beschikking stellen. 13. De beheerder en gemeente leveren de nodige arbeid en het toezicht, waarbij de gemaakte kosten voor hun eigen rekening zijn. OBB Ingenieursbureau
119 14. De gemeente blijft eindverantwoordelijk voor de speeltoestellen en is uit dien hoofde bevoegd zich ter plekke op de hoogte te stellen van de staat van onderhoud van de speeltoestellen en zonodig daarover aanwijzingen te geven. De beheerder dient deze aanwijzingen direct uit te voeren. De gemeente kan naar aanleiding van het niet opvolgen van de aanwijzingen de toestellen en veiligheidsondergronden verwijderen. Daarbij zal het terrein met betontegels hersteld worden. Ten aanzien van ingang en beëindig overeenkomst 15. Deze overeenkomst gaat in vanaf #datum# en eindigt per #datum#. Daarna wordt de overeenkomst ieder jaar stilzwijgend met één jaar verlengd. 16. Opzegging van deze overeenkomst door een van de partijen dient per aangetekend schrijven te geschieden, waarbij een opzegtermijn van een drie maanden geldt. 17. Bij beëindiging van deze overeenkomst behoudt de gemeente het recht voor de speeltoestellen en veiligheidsondergronden te verwijderen. Voor de tenuitvoerlegging van deze overeenkomst kiezen partijen domicilie ten kantore van een door de gemeente aangewezen notaris, te weten notariskantoor #naam notaris#. Aldus in drievoud overeengekomen te #gemeente#, Namens Burgemeester en Wethouders van de gemeente #naam#, burgemeester #naam#, datum ondertekening; Namens de #school# de beheerder #naam# datum ondertekening; OBB Ingenieursbureau
120 OBB Ingenieursbureau
121 Overeenkomst met een speeltuinvereniging: OVEREENKOMST INZAKE BEHEER EN ONDERHOUD VAN OPENBARE SPEELVOORZIENINGEN IN DE GEMEENTE GIESSENLANDEN De ondergetekenden: de gemeente Giessenlanden, (hierna te noemen gemeente) het bestuur van: Speeltuinvereniging. (hierna te noemen bestuur) verklaren in hoofdlijnen het volgende te zijn overeengekomen ten aanzien van het beheer en onderhoud van speelvoorziening: Locatie:.. - Klein onderhoud aan speeltoestellen wordt uitgevoerd door het bestuur, waarvoor zij van de gemeente een jaarlijkse vergoeding krijgt. - Groot onderhoud aan speeltoestellen wordt voor de verantwoordelijkheid van de gemeente uitgevoerd, hetzij door de gemeente, hetzij door een door de gemeente in te schakelen derde, gefinancierd door de gemeente. - Zaken die te maken hebben met het bijhouden van logboeken worden uitgevoerd door of in opdracht van de gemeente. - Onderhoud van de terreinen vindt plaats door gemeente en bestuur. - De verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de speelvoorziening ligt bij de gemeente. Ter uitvoering hiervan zijn de volgende bepalingen overeengekomen: A. ALGEMEEN 1. Deze overeenkomst gaat in per 1 januari 200# en heeft een looptijd van drie jaar en eindigt derhalve per 1 januari 200#. 2. Opzegging van deze overeenkomst kan uitsluitend schriftelijk geschieden met inachtneming van een opzegtermijn van 12 maanden. 3. Namens het bestuur treedt op als contactpersoon: Naam: Adres: Woonplaats: Telefoon: 4. De jaarlijkse vergoeding kan worden overgemaakt naar: Rekeningnr: Van: Te: OBB Ingenieursbureau
122 B. ONDERHOUD KLEIN ONDERHOUD. 1. Klein onderhoud aan en rondom speeltoestellen wordt uitgevoerd door het bestuur. De volgende werkzaamheden vallen onder klein onderhoud: bijmaaien, vuilnis verwijderen, schoonhouden speeltoestel, egaliseren en vervangen of bijvullen van zandbakzand of bodemmateriaal. 2. Partijen zijn zich er van bewust dat deze omschrijvingen niet uitputtend zijn. Naar aanleiding van nadere evaluatie tussen bestuur en gemeente Oost-Gelre kan de lijst van werkzaamheden, die vallen onder klein onderhoud, aangepast worden. Het bestuur wordt op de hoogte gebracht van eventuele wijzigingen. 3. Voor het uitvoeren van het klein onderhoud krijgt het bestuur jaarlijks een vergoeding uitgekeerd van de gemeente. Deze hoogte van deze algemene subsidie is 2.500,- GROOT ONDERHOUD. 4. Groot onderhoud aan de speeltoestellen wordt uitgevoerd door of in opdracht van de gemeente. 5. Ter bepaling van wat er aan groot onderhoud moet worden uitgevoerd, vindt er minimaal eens per jaar een grote inspectie van de speelvoorziening plaats door of in opdracht van de gemeente. 6. Van de schriftelijke rapportage van deze inspectie ontvangt het bestuur een afschrift. 7. Afhankelijk van het soort groot onderhoud dat verricht moet worden, zal het bestuur een bijdrage leveren in de vorm van zelfwerkzaamheid. 8. De wijze van financiering van dit groot onderhoud vindt plaats overeenkomstig de regeling zoals die is opgenomen in deze overeenkomst, dis is afgesloten tussen de gemeente en het bestuur, voor zover de betreffende begrotingsposten dit toelaten. C. LOGBOEK. 1. Het uit het Attractiebesluit voortvloeiende logboek per speeltoestel wordt bijgehouden door of in opdracht van de gemeente. 2. Minimaal eens per jaar vindt er een grote inspectie van de speelvoorziening plaats door of in opdracht van de gemeente. 3. Eenmaal per twee maanden draagt het bestuur zorg voor de invulling en inzending van een inspectieformulier over de speelvoorziening. De gemeente zorgt dat inspectieformulieren en adres voor verzending bij het bestuur in bezit zijn. 4. Het bestuur verplicht zich tot het regelmatig in de gaten houden van de staat, waarin de speelvoorziening zich bevindt. D. ONDERHOUD TERREINEN. 1. Het periodiek (gedurende het groeiseizoen ongeveer wekelijks) machinaal maaien van het gras geschiedt door de gemeente. 2. Het bestuur draagt zorg voor het bijmaaien, dit is het maaien van die delen van het gras, die voor de gemeentelijke grasmaaier moeilijk bereikbaar zijn. 3. Het onderhoud van beplanting en singels geschiedt door de gemeente. 4. Het verwijderen van vuilnis e.d. geschiedt door het bestuur. 5. Het zandbakkenzand en bodemmateriaal onder speeltoestellen dat nodig is, wordt door de gemeente afgeleverd op een logische plek, zoals aangegeven door het bestuur. 6. Het daadwerkelijk bijvullen en vervangen van het zand in de zandbak of bodemmateriaal onder speeltoestellen geschiedt door het bestuur. Dit bijvullen geschiedt naar behoefte, waarbij bij zandbakken uit hygiënische overwegingen wordt uitgegaan van een keer per twee jaar. OBB Ingenieursbureau
123 E. VEILIGHEID. 1. De gemeente is eindverantwoordelijk voor de veiligheid van de speelvoorziening inclusief de daarop aanwezige speeltoestellen. 2. De gemeente sluit voor zijn rekening een aansprakelijkheidsverzekering af. 3. De vereniging is verantwoordelijk en aansprakelijk voor schade voortvloeiend uit ongevallen als zij zich niet houdt aan het bepaalde in C3 en D5. 4. Het bestuur zal, voor zover dit redelijkerwijs mogelijk is, ten aanzien van elke ontstane situatie, die risico s voor de veiligheid met zich meebrengt, de gemeente inlichten. 5. Het bestuur zal bij ongevallen en in geval van vandalisme of gebreken hiervan schriftelijk melding doen, overeenkomstig de daarvoor bestemde formulieren. F. OVERIG. 1. In geval van vandalisme aan een speeltoestel en deze redelijkerwijs te repareren valt, zal onmiddellijke reparatie of vervanging van onderdelen plaatsvinden door en voor rekening van de gemeente. 2. In geval van tenietgaan van een speeltoestel door vandalisme of afkeuring na inspectie of anderszins zal voordat wordt overgegaan tot vervanging overleg plaatsvinden tussen gemeente en bestuur. 3. Wijzigen of toevoegen van toestellen is niet toegestaan zonder overleg met de gemeente. 4. De speelvoorziening dient openbaar toegankelijk te zijn. G. SPECIFIEK. Aldus getekend te: op: Namens het bestuur, Namens de gemeente, OBB Ingenieursbureau
124 OBB Ingenieursbureau
125 BIJLAGE X. VOORBEELD PVE NIEUWBOUW Kinderen hebben recht op zowel de informele als formele speelruimte. Deze dient dan ook in voldoende mate aanwezig te zijn voor de leeftijdsgroepen 0 tot en met 5 jaar (peuters en kleuters), 6 tot en met 11 jaar (basisschooljeugd) en 12 tot en met 18 jaar (jongeren). Voor alle leeftijdsgroepen moet het basisnetwerk aan voorzieningen worden gerealiseerd of anders in ruimte gereserveerd en aangemerkt worden. In nieuwbouwsituaties moet tevens voor de eerste tien jaar aangegeven worden hoe de piekaantallen kinderen, jeugdigen en jongeren opgevangen worden. Bij nieuwbouw of reconstructie is de aanwezigheid van fysieke ruimte (groenvoorzieningen, pleinen, etc.) het belangrijkste. Verder kan in drie fasen gewerkt worden aan een goede verdeling van speelvoorzieningen over deze fysieke ruimte. De voorkeur gaat uit naar een basisnetwerk met grotere duurzame plekken met voldoende speelmogelijkheden. Fase 1 globale planvorming In deze fase dient aangegeven te worden hoeveel informele en formele ruimte geboden wordt per kind dat er komt wonen. Hiervoor kan de gemeente normen hanteren zoals omschreven in dit speelruimteplan. De 3%-norm kan daarbij als minimum voor formele speelruimte worden gezien 9. Leeftijdsgroep Informeel Formeel 0-5 jaar peuters en kleuters 6-11 jaar basisschooljeugd jaar jongeren 20 m² per kind aansluitend aan woning (tuin, stoep, plein, grasveldje) 50 m² per vijf jeugdigen speelgroen en 50 m² per vijf jeugdigen grasveld of plein (voetbal, straatspel) een ontmoetingsplek per 30 jongeren (zithoek) Tabel 30 Verkorte normentabel een speelplek per 35 kinderen opp: m² loopafstand: ca. 100 m drie toestellen en vier speelprikkels een speelplek per 70 jeugdigen opp: m² loopafstand: ca. 350 m drie toestellen en vier speelprikkels een sportplek per 100 jongeren opp: m² loopafstand: geen, daar waar jongeren wonen vier sporttoestellen en vier zitaanleidingen 9 De 3%-norm alleen toepassen als er nog geen enkele gegevens beschikbaar zijn met betrekking tot het aantal kinderen of aantal woningen, met in het achterhoofd de normentabel. Zo gauw er meer gegevens bekend zijn komt de 3%-norm te vervallen. OBB Ingenieursbureau
126 Fase 2 (concept) stedenbouwkundig plan In deze fase dient het aantal kinderen dat naar verwachting in de toekomst in het projectgebied komt te wonen, aangegeven te worden. Op basis daarvan kan berekend worden: 1) hoeveel (in)formele speelruimte 0-11 jaar er in het basisnetwerk totaal aanwezig dient te zijn en waar deze in grote lijnen komt te liggen (blok-, buurt- en wijkniveau); 2) bij nieuwbouw: hoeveel tijdelijke voorzieningen (plus op het basisnetwerk voor eerste tien jaar) nodig zijn om de kinderpiek op te vangen. Fase 3 uitwerking stedenbouwkundig plan In deze fase dient op plekniveau aangegeven te worden: 1) waar de verschillende speelplekken komen te liggen en voor welke leeftijd deze plekken zijn; 2) wat in grote lijnen de omvang en inrichting is van deze speelruimte en wat de kosten voor realisatie zijn (in verband met reservering beheer- en onderhoudsgelden en later vervangingsreservering). Toelichtingen bij programma van eisen Aantallen kinderen, jeugdigen en jongeren Er zijn drie verschillende ingangen om het aantal kinderen dat in de toekomst in het projectgebied komt te wonen in te schatten. 1) Afhankelijk van het bouwprogramma kan de opsteller van het stedenbouwkundig plan een prognose geven van de gemiddelde gezinssamenstelling (CBS-gegevens) en daarmee het verwachte aantal kinderen op lange termijn. Dit aantal kinderen kan gebruikt worden voor het basisnetwerk aan voorzieningen. 2) Vaak wordt ten behoeve van de onderwijsvoorzieningen een prognose gegeven voor de basisgeneratie (leeftijdsgroep die naar de basisschool gaat circa 4 tot en met 12 jaar). Deze prognoses worden met name opgesteld in nieuwbouwsituaties en grote reconstructies. Dit aantal kinderen kan gebruikt worden voor zowel het basisnetwerk als de piekvoorzieningen. 3) Er kan op basis van eerder gerealiseerde nieuwbouw- en/of reconstructieprojecten in de gemeente nagegaan worden hoeveel kinderen er per woning gemiddeld wonen (bevolkingsgegevens) in verschillende jaren na realisatie. Deze zouden vertaald kunnen worden naar een prognose van het aantal kinderen per woning voor het betreffende project. Dit aantal kan gebruikt worden voor zowel het basisnetwerk als de piekvoorzieningen. OBB Ingenieursbureau
127 Kinderpiek bij nieuwbouw Bij nieuwbouwsituaties is een duidelijke kinderpiek aanwezig. De kinderpiek begint circa vier jaar na de realisatie van het grootste aandeel woningen. De piek duurt voor elke leeftijdscategorie ongeveer zes jaar. Meestal begint aan het eind van de kinderpiek ook gelijk de jeugdpiek en ongeveer vier jaar na de jeugdpiek meteen de jongerenpiek. In een schema ziet dit er als volgt uit: kinderpiek (0-5 jaar) jeugdpiek (6-11 jaar) jongerenpiek (12-18 jaar) jaar na aanleg Tabel 31 Verloop kinderpiek Het voorzieningenniveau zal hier de eerste tien jaar dus op afgestemd dienen te worden. Kosten per plek Voor de aanschaf en aanlegkosten kan uitgegaan worden van onderstaande tabel. 0-5 jaar 6-11 jaar jaar gemiddeld gemiddeld aantal toestellen per plek ,3 gemiddeld aantal speelprikkels per plek gemiddelde prijs per toestel gemiddelde prijs per speelprikkel % kosten ondergrond t.o.v. het toestel 35% 65% 35% 45% gemiddelde prijs per toestel incl. ondergrond gemiddelde aanschafwaarde per speelplek (speelvoorzieningen samen) % kosten groen/verhardingen e.d. t.o.v. de speelvoorzieningen 20% 20% 20% 20% gemiddelde kosten groen/verhardingen e.d totale vervangingswaarde per plek % kosten overige uitvoeringskosten t.o.v. de voorzieningen 20% 20% 20% 20% gemiddelde aanlegkosten er plek totale kosten aanschaf en aanleg speelplek Tabel 32 Kosten per plek Op de helft van de plekken voor 6- tot en met 18-jarigen dient een trapveldje aanwezig te zijn. De verharde trapvelden (eventueel kooien) zijn een voorziening voor jongeren van 12 tot en met 18 jaar. Hiervan dient er voor elke circa 500 jongeren een te zijn. OBB Ingenieursbureau
128 OBB Ingenieursbureau
129 BIJLAGE XI. RESULATEN ENQUETE In deze bijlage worden de resultaten weergegeven van de enquêtes die aan de basisscholen in Giessenlanden zijn gestuurd. Deze uitkomsten zijn zoveel mogelijk meegenomen in de analyse, en kunnen dienen als uitgangspunt voor (nieuw) in te richten speelruimte. Kinderklankbord Het KinderKlankBord is een middel om te weten te komen wat de jeugd belangrijke speelruimte en -mogelijkheden vindt. Dit instrument bestaat uit drie onderdelen: de rondgang, de speelmogelijkhedenenquête en het maken van een buurtplattegrond. Rondgang: om een indruk te krijgen hoe de jeugd haar woonomgeving gebruikt om te spelen, zijn voor het opstellen van het speelruimtebeleidsplan rondwandelingen met de jeugdigen gemaakt. In Giessenlanden hebben er rondgangen met alle elf basisscholen plaatsgevonden. Enquête: bij de uitnodiging voor deelname aan de rondgang is aan alle scholen een tweetal enquêtes meegezonden. Hierbij zat een enquête voor de groepen 4 en 5, en een enquête voor de groepen 6 tot en met 8. Deze enquête gaat over de verschillende buitenspeelmogelijkheden, en hoe de kinderen dit beleven. In dit hoofdstuk worden de resultaten van deze enquêtes besproken. Buurtplattegrond: alle scholen werd verzocht mee te werken aan het maken van een buurtplattegrond. Dit is een opdracht die de leerkrachten met de jeugdigen konden uitvoeren. Een mogelijkheid was om de kinderen in groepjes van ongeveer zeven kinderen op een groot vel (bijvoorbeeld flip-overformaat) een eigen plattegrond van hun buurt of dorp te laten tekenen. Enquête groep 4 en 5 Voor de groepen 4 en 5 is een enquête opgesteld die voor het merendeel uit meerkeuze vragen bestaat. Naast de geijkte vragen over woonplaats, leeftijd en geslacht zijn de volgende negen vragen opgenomen: 1) Wat is je leeftijd? 2) Ben je een jongen of meisje? 3) In welk dorp woon je? 4) Wat doe je het liefst in je vrije tijd, bijvoorbeeld op woensdagmiddag of zaterdag? 5) Wat doe je het liefst als je buiten speelt? 6) Waar speel je het liefst buiten? 7) Wat vind je goed of leuk aan het buiten spelen in Giessenlanden? 8) Wat vind je slecht aan het buiten spelen in Giessenlanden? 9) Hoe zou jouw leukste speelplek eruit moeten zien? Je mag ook een tekening maken van jouw leukste speelplek. OBB Ingenieursbureau
130 Aan de hand van de antwoorden is het volgende op te maken: 1) Wat is je leeftijd? De gemiddelde leeftijd van de respondenten is 8 jaar. 2) Ben je een jongen of meisje? In totaal hebben 260 leerlingen de enquête ingevuld, waarvan 140 jongens en 120 meisjes. 3) In welk dorp woon je? Arkel: 76 Giessenburg: 27 Giessen-Oudekerk: 23 Hoogblokland: 25 Hoornaar: 30 Noordeloos: 46 Schelluinen: 33 Totaal: 260 Op het totaal aantal jeugdigen van 6 t/m 11 jaar in Giessenlanden heeft 20% de enquête ingevuld. 4) Wat doe je het liefst in je vrije tijd, bijvoorbeeld op woensdagmiddag of zaterdag? Activiteit Aantal Meisjes Jongens Sporten Club Muziek Lezen Computeren TV Vrienden Buiten spelen Binnen spelen Jongens en meisjes hebben nagenoeg een evenredige voorkeur voor buiten spelen als activiteit. Opvallend is verder dat een grote groep van vooral jongens de voorkeur geeft aan computeren. Meisjes zijn met name bezig met het ontmoeten van vriend(in)en of muziek maken. Binnen spelen is als bezigheid op zich in elk geval niet erg favoriet. 5) Wat doe je het liefst als je buiten speelt? Activiteit Aantal Meisjes Jongens Actief spel Straatspel Toestel Niets Dieren Hut Ondanks dat meisjes wat meer aandacht aan vriend(in)en besteden (vraag 4) zijn jongens bij voorkeur bezig met actief spel, vaak met anderen. Hierbij kan gedacht worden aan onder meer voetbal. Meisjes hebben een lichte voorkeur voor straatspel en speeltoestellen. Jongens hebben daarnaast weer meer de voorkeur om niets te doen, wat ook hangen kan zijn. OBB Ingenieursbureau
131 6) Waar speel je het liefst buiten? Locatie Aantal Meisjes Jongens Tuin Speeltuin Straat Veldje Groen Water Overal Schoolplein Meest favoriete plek voor de jeugdigen om te spelen is de speeltuin / speelplek. De verdeling tussen jongens en meisjes is hierin nagenoeg gelijk. Datzelfde geldt voor het spelen op straat of in de eigen tuin. Jongens hebben duidelijk een voorkeur voor spelen in het groen of op het (trap)veldje in de buurt. Opvallend is dat alleen enkele meisjes het schoolplein hebben aangemerkt als favoriete speellocatie. 7) Wat vind je goed of leuk aan het buiten spelen in Giessenlanden? (3 invulmogelijkheden) 1e 2 e 3e Goed m/j m/j m/j Totaal Zwemmen 3/5 3/7 2/4 24 Speeltuin 34/24 13/11 5/5 92 Groen 5/9 5/10 1/6 36 Ruimte 19/18 18/16 6/5 82 Klimmen 3/2 2/3 2/1 13 Speelmogelijkh. 21/13 8/9 4/2 57 Veel mensen 6/6 10/5 1/0 28 Natuur 3/7 2/2 1/2 17 Veilig 3/4 4/4 3/2 20 Rustig 3/0 4/4 2/2 15 Schoolplein 4/1 0/1 3/2 11 Trapveldje 3/36 8/21 3/5 76 Het meest gewaardeerd aan het buiten spelen in Giessenlanden zijn de speeltuinen, de ruimte en de trapveldjes. De meisjes waarderen de speeltuinen meer dan jongens, terwijl jongens een duidelijke voorkeur geven aan de trapveldjes. Zowel jongens als meisjes waarderen de aanwezige ruimte in de gemeente Giessenlanden. De waardering voor het zwemmen zal samenhangen met de aanwezigheid van de verschillende zwembaden in meerdere kernen. OBB Ingenieursbureau
132 8) Wat vind je slecht aan het buiten spelen in Giessenlanden? Slecht Aantal Meisjes Jongens Hondenpoep Auto's (parkeren) Verkeer Grote kinderen Groen Niks Speeltoestellen Het overgrote deel van de jongens en meisjes hebben voornamelijk last van hondenpoep in de openbare ruimte en op speelplekken. Een goede tweede zijn de grote kinderen. Dit kan er op duiden dat met name voor de jongeren er onvoldoende speel- en ontmoetingsmogelijkheden zijn waardoor zij de plek bezet houden die voor jeugdigen bedoeld is. Bij elkaar is ook verkeer en auto s voor veel jeugdigen een probleem. Dit kan zijn door geparkeerde auto s in de straat, maar ook door het (te) hard rijden van verkeer. 9) Hoe zou jouw leukste speelplek eruit moeten zien? Je mag ook een tekening maken van jouw leukste speelplek. Leukste plek Aantal Meisjes Jongens Hut Speeltuin Groen Toestellen Sportplekken Dieren Skatebaan Pretpark Zwembad Meisjes richten hun favoriete speelplek bij voorkeur in met toestellen als een traditionele speeltuin / speelplek. Jongens hebben bij voorkeur een sportplek, in de vorm van trapvelden, sportkooien of andere voorzieningen. De opmerking moet gemaakt worden dan circa 100 kinderen deze vraag niet hebben beantwoord. OBB Ingenieursbureau
133 Enquête groep 6 t/m 8 Voor de groepen 6 tot en met 8 is een enquête opgesteld die voor het merendeel uit open vragen bestaat. De vragen zijn nagenoeg identiek als voor de groepen 4 en 5, maar dan met een open invulling en geen meerkeuze. De volgende vragen zijn gesteld: 1) Wat is je leeftijd? 2) Ben je een jongen of meisje? 3) In welk dorp woon je? 4) Wat doe je het liefst in je vrije tijd, bijvoorbeeld op woensdagmiddag of zaterdag? 5) Wat doe je het liefst als je buiten speelt? 6) Waar speel je het liefst buiten? 7) Wat vind je goed of leuk aan het buiten spelen in Giessenlanden? 8) Waar baal je van als je buiten speelt in Giessenlanden? 9) Hoe zou jouw leukste speelplek eruit moeten zien? Je mag ook een tekening maken van jouw leukste speelplek. Aan de hand van de antwoorden is het volgende op te maken: 1) Wat is je leeftijd? De gemiddelde leeftijd is 10 jaar 2) Ben je een jongen of meisje? In totaal hebben 450 leerlingen de enquête ingevuld, waarvan 233 meisjes en 217 jongens. 3) In welk dorp woon je? Arkel: 63 Giessenburg: 170 Giessen-Oudekerk: 29 Hoogblokland: 47 Hoornaar: 37 Noordeloos: 69 Schelluinen: 35 Totaal: 450 Op het totaal aantal jeugdigen van 6 t/m 11 jaar in Giessenlanden heeft 36% de enquête ingevuld. 4) Wat doe je het liefst in je vrije tijd, bijvoorbeeld op woensdagmiddag of zaterdag? Activiteit Aantal Meisjes Jongens Buiten spelen Binnen spelen Computeren TV Lezen Vrienden Sporten Van de meest beschreven activiteiten is het buiten spelen overduidelijk favoriet bij zowel jongens als meisjes. Een gedeelte van de meisjes heeft een voorkeur voor binnen spelen of het ontmoeten van vriend(in)en. Jongens geven bij binnen spelen meer de voorkeur aan computeren. Bij sporten is het aantal jongens hoger dan meisjes. OBB Ingenieursbureau
134 5) Wat doe je het liefst als je buiten speelt? Activiteit Aantal Meisjes Jongens Actief spel Met anderen Hut Toestel Alle uitgebrachte antwoorden van de leerlingen zijn onder gebracht in de bovenstaande benamingen. Duidelijk zichtbaar is dat de jongens een grotere voorkeur voor actief spel hebben, zoals voetbal. Meisjes spelen ook graag samen met anderen, maar dit hoeft niet per se actief spel te zijn. Daarnaast hebben meisjes een grotere voorkeur voor speeltoestellen dan jongens. Jongens spelen van deze groep het liefst in een (geheime) hut. 6) Waar speel je het liefst buiten? Locatie Aantal Meisjes Jongens Schoolplein Trapveldje Speeltuin Park Weiland Bos In de tuin In de buurt Op straat Het merendeel van de leerlingen heeft een voorkeur voor het spelen dicht bij huis. Dit kan zijn in de buurt, op straat of in de eigen tuin. Meisjes hebben verder een voorkeur voor de speeltuin en jongens spelen liever op het trapveldje. De verwachting is wel dat deze eveneens in de buurt liggen. In tegenstelling tot de groepen 4 en 5 spelen leerlingen uit de groepen 6 tot en met 8 meer op het schoolplein. 7) Wat vind je goed of leuk aan het buiten spelen in Giessenlanden? (3 invulmogelijkheden) 1e 2 e 3e Goed m/j m/j m/j Totaal Veel ruimte 46/38 26/22 9/8 149 Trapveldje 23/63 18/35 11/7 157 Speeltuin 47/25 47/24 19/ Schoolplein 6/7 5/4 2/5 29 Veel speelmog. 20/10 16/15 8/5 74 Veilig 12/5 12/13 5/2 49 Niet druk 6/4 7/5 1/5 28 Zwembad 23/8 18/15 7/3 74 Groen 16/24 23/12 12/8 95 Veel mensen 7/7 3/3 8/2 30 Omheining 0/0 0/1 1/0 2 Net als bij een aantal eerdere vragen komt hier duidelijk naar voren dat jongens een voorkeur voor trapveldjes hebben en deze positief beoordelen. De meisjes beoordelen de speeltuin / speelplek meer positief dan de jongens. Bij de overige antwoorden zijn jongens en meisjes het nagenoeg eens. OBB Ingenieursbureau
135 8) Waar baal je van als je buiten speelt in Giessenlanden? 1e 2 e 3e Slecht m/j m/j m/j Totaal Hondenpoep 24/20 9/6 2/0 61 Verkeer 28/17 6/5 0/0 56 Grote kinderen 14/11 2/1 0/0 28 Meer groen 7/8 2/7 0/0 25 Weinig jeugd 4/1 0/2 0/0 7 Niks 28/31 0/0 0/0 59 Modder 10/12 3/2 0/0 27 Plek bezet 4/9 5/3 0/1 22 Afval 10/4 5/0 1/0 20 Verlichting 0/2 1/2 0/0 5 Saai 58/50 8/10 0/0 126 Auto's 8/9 4/3 0/1 25 Weinig ruimte 0/4 0/2 0/0 6 Van de leerlingen die slechte punten hebben aangegeven is saai het meest gebruikt. Dit is van toepassing op alle onderdelen van het buiten spelen en niet enkel op de speelplekken. Verder zijn er veel leerlingen die last hebben van hondenpoep, stilstaand of rijdend verkeer en afval of modder. Er is echter ook een grote groep die vindt dat er niks mis is met de speelruimte in Giessenlanden. 9) Hoe zou jouw leukste speelplek eruit moeten zien? Je mag ook een tekening maken van jouw leukste speelplek. 1e 2 e 3e Favoriete plek m/j m/j m/j Totaal Sportplekken 28/80 10/10 2/0 130 Veel variatie 28/18 11/8 2/2 69 Klimmen 20/6 17/7 0/0 50 Speeltoestellen 70/38 17/6 1/0 133 Groen 19/27 5/4 3/1 60 Water 3/1 2/0 0/0 6 Kort samengevat Jongens geven een duidelijke voorkeur aan sportplekken, waarbij het kan gaan om trapveldjes, sportkooien of skateplekken. Meisjes zien liever een speelplek voorzien van speeltoestellen, bij voorkeur met veel variatie. Meer dan de helft van alle 6-11 jarigen in Giessenlanden heeft de enquête ingevuld; Buiten spelen is een favoriete invulling van vrije tijd; Meisjes geven de voorkeur aan de speeltuin, jongens zijn meer voor balspelmogelijkheden; Spelen gebeurd veelal dicht bij huis, meisjes op de speelplek, jongens op het trapveldje; De speelplekken, trapveldjes en de aanwezige ruimte en rust zijn positief; Hondenpoep en verkeer zijn negatieve dingen aan het buitenspelen. Daarnaast vinden de oudere jeugdigen de speelmogelijkheden vaak saai; Meisjes hebben het liefst een speelplek met toestellen en veel variatie. Jongens gaan voor een sportplek voor voetbal en andere sporten. OBB Ingenieursbureau
136 OBB Ingenieursbureau
137 BIJLAGE XII. TEKENING OBB Ingenieursbureau
138 * * * EINDE SPEELRUIMTEPLAN * * * OBB Ingenieursbureau
Samen spelen samen ontmoeten
Samen spelen samen ontmoeten Speelruimteplan gemeente Doesburg BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Samen spelen samen ontmoeten Speelruimteplan gemeente Doesburg BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van
Buitenspelen, ja leuk!
Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Schiedam BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Schiedam BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE
Buitenspelen.kom. Speelruimteplan. gemeente Dronten. BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE
Buitenspelen.kom Speelruimteplan gemeente Dronten BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buitenspelen.kom Speelruimteplan gemeente Dronten BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE OBB Ingenieursbureau
Ruimte voor Spelen. Speelruimteplan gemeente Baarn. BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE
Ruimte voor Spelen Speelruimteplan gemeente Baarn BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Ruimte voor Spelen Speelruimteplan gemeente Baarn BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Titel: Subtitel:
DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE. Samenspel. Advies voor. speelplekken en speeltuinen. Wijk NOORD
DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE Samenspel Advies voor speelplekken en speeltuinen Wijk NOORD Leeswijzer: Deze internetversie van het speelruimteplan is voor leesbaarheid opgedeeld in een rapport met het beleid
Commissie Bestuurlijk Domein. Commissie Ruimtelijk Domein. Commissie Sociaal en Economisch Domein. Informerende Commissie. Bespreken.
Raad VOORBLAD Onderwerp Speelruimtebeleid Agendering Commissie Bestuurlijk Domein x Gemeenteraad Commissie Ruimtelijk Domein Lijst ingekomen stukken x Commissie Sociaal en Economisch Domein Informerende
Buitenspelen.kom. Speelruimteplan. gemeente Boxtel. BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE
Buitenspelen.kom Speelruimteplan gemeente Boxtel BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buitenspelen.kom Speelruimteplan gemeente Boxtel BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE OBB Ingenieursbureau
DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE. Samenspel. Advies voor. speelplekken en speeltuinen. Wijk OOST-ZUID
DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE Samenspel Advies voor speelplekken en speeltuinen Wijk OOST-ZUID Leeswijzer: Deze internetversie van het speelruimteplan is voor leesbaarheid opgedeeld in een rapport met het
Buitenspelen, ja leuk!
Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Oost-Gelre BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Oost-Gelre BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE
RAADSVOORSTEL Agendanummer 7.4. Onderwerp: Nota Speelruimtebeleid Spelen in Moerdijk
VANWEGE STAKEN VAN STEMMEN BIJ HET AMENDEMENT VAN ONAFHANKELIJK MOERDIJK OVER DIT ONDERWERP WORDT DIT OPNIEUW GEAGENDEERD IN DE RAADSVERGADERING VAN 25 FEBRUARI 2010. RAADSVOORSTEL Agendanummer 7.4 Raadsvergadering
Spelen Bewegen Ontmoeten
Spelen Bewegen Ontmoeten gemeente Leusden Speelruimteplan 2012-2022 Titel: Opdrachtgever: Opdrachtnemer: Opgesteld door: Speelruimteplan Gemeente Leusden OBB Ingenieursbureau Postbus 805 7400 AV Deventer
Buitenspelen, ja leuk!
Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente BELEIDSPLAN en ANALYSE voor SPEELRUIMTE Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente BELEIDSPLAN en ANALYSE voor SPEELRUIMTE Titel: Subtitel: Omschrijving:
Buitenspelen, ja leuk!
Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Alphen aan den Rijn BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Alphen aan den Rijn BELEIDSPLAN voor en ANALYSE
*Z0230DEDA67* Raadsvoorstel. Aan de raad. : Speelruimteplan Beverwijk, Beverwijk speelt buiten
Raadsvoorstel Documentnummer Afdeling Onderwerp *Z0230DEDA67* Aan de raad : INT-15-22008 : Ruimte : Speelruimteplan Beverwijk, Beverwijk speelt buiten Inleiding Hoe staat het met de speelruimte in Beverwijk,
Kwaliteit door buitenspel! Speelruimteplan gemeente Waddinxveen
Kwaliteit door buitenspel! Speelruimteplan gemeente Waddinxveen BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE OBB Ingenieursbureau 787.03 0 Kwaliteit door buitenspel! Speelruimteplan gemeente Waddinxveen
Dordrecht SPEELPLEK OP VERZOEK. Interim beleid speelvoorzieningen Gemeente Dordrecht Sector Stadswerken
SPEELPLEK OP VERZOEK Interim beleid speelvoorzieningen Gemeente Dordrecht Sector Stadswerken 1 Interimbeleid speelvoorzieningen Dordrecht De sector Stadswerken heeft een interim beleid speelplekken geformuk
DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE. Samenspel. Advies voor. speelplekken en speeltuinen. Wijk WEST
DEEL II ANALYSE SPEELRUIMTE Samenspel Advies voor speelplekken en speeltuinen Wijk WEST Leeswijzer: Deze internetversie van het speelruimteplan is voor leesbaarheid opgedeeld in een rapport met het beleid
Buiten zijn, ja leuk!
Buiten zijn, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Mook en Middelaar BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buiten zijn, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Mook en Middelaar BELEIDSPLAN voor en ANALYSE
Buitenspelen, ja leuk!
Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Lingewaard BELEIDSPLAN, BEHEERVISIE voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buitenspelen, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Lingewaard BELEIDSPLAN, BEHEERVISIE
Aanpassing Speelruimtebeleidsplan (2012) Advies Jongerenraad Utrechtse Heuvelrug (JRUH)
Aanpassing Speelruimtebeleidsplan (2012) Advies Jongerenraad Utrechtse Heuvelrug (JRUH) Advies op de uitgangspunten (memo 12 november) 1. Speelplekken zijn heel, veilig en uitdagend en bij voorkeur ook
Spelend door de tijd. Speelruimteplan. gemeente Leiderdorp
Spelend door de tijd Speelruimteplan gemeente Leiderdorp BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE 2013-2022 Spelend door de tijd Speelruimteplan gemeente Leiderdorp BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van
Bijlagen. Bijlage 1: Het belang van speelruimte. Bijlage 2: Vervangingswaarde van speeltoestellen
Bijlagen Bijlage 1: Het belang van speelruimte Bijlage 2: Vervangingswaarde van speeltoestellen Bijlage 3: Berekening bijdrage Speeltoestellen op Schoolpleinen Bijlage 4: Exploitatie begroting Speeltoestellen
Buiten is zoveel te beleven! Schommelen op een speelplek, hutten bouwen in de bosjes, voetballen op het veldje en een rondje skaten door de buurt.
Inspraaknotitie DENK MEE OVER SPELEN (SPEELRUIMTEPLAN) Buiten is zoveel te beleven! Schommelen op een speelplek, hutten bouwen in de bosjes, voetballen op het veldje en een rondje skaten door de buurt.
Uitvoeringsnotitie Speelruimtebeleid Gemeente Hoogeveen Afdeling Mens en Werk
Uitvoeringsnotitie Speelruimtebeleid 2007-2010 Gemeente Hoogeveen Afdeling Mens en Werk 1. Inleiding...2 2. Het belang van een gemeentelijk integraal speelruimtebeleid...2 3. Missie en doelstellingen van
Speelplan 2017 Gemeente Velsen
Speelplan 2017 Gemeente Velsen Inleiding Elk jaar wordt u het investeringsplan voor speelplekken voorgelegd; het zogenoemde Speelplan. Het Speelplan toont een overzicht van de speelplekken die in aanmerking
Analyse Enquête Speelruimte en Speelinfrastructuur gemeenten 2017
Branchevereniging Spelen en Bewegen, 20/3/17 Respondenten en De Onderzoekerij Over de analyse van de antwoorden is contact geweest met De Onderzoekerij. Zij gaven aan dat met behulp van platte analyse
SAMENVATTING. Ruimte voor Spelen Gemeente Barendrecht januari 10 1
SAMENVATTING Het huidige speelruimtebeleid is vastgelegd in het beleidsplan Speelvoorzieningen, dat in 1995 is geschreven. Dit beleidsplan is sterk gericht op het beheer en de veiligheid van speelvoorzieningen.
Speelplan 2016 Gemeente Velsen
Speelplan 2016 1 Speelplan 2016 Gemeente Velsen Inleiding Elk jaar wordt u het investeringsplan voor speelplekken voorgelegd; het zogenoemde Speelplan. Het Speelplan toont een overzicht van de speelplekken
Buiten zijn, ja leuk!
Buiten zijn, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Maasdriel BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE Buiten zijn, ja leuk! Speelruimteplan gemeente Maasdriel BELEIDSPLAN voor en ANALYSE van SPEELRUIMTE
CONCEPT VISIE SPEELRUIMTE IN KERKEHOUT WASSENAAR 1. INLEIDING 2. SPEELRUIMTEANALYSE
CONCEPT VISIE SPEELRUIMTE IN KERKEHOUT WASSENAAR 1. INLEIDING Veel van de speeltoestellen in Kerkehout beginnen al iets ouder te worden en zijn aan vervanging toe. Ook de samenstelling van de wijk verandert
Speelvisie gemeente Anna Paulowna
Speelvisie gemeente Anna Paulowna 2009-2012 Anna Paulowna, 10 februari 2009 Samenvatting De nota Speelvisie Gemeente Anna Paulowna 2009-2012 stelt de kaders van het speelbeleid. De speelvisie beschrijft
Startnotitie Actieplan spelen, sporten en ontmoeten in de buitenruimte van Woudenberg 2016-2020
2015 Startnotitie Actieplan spelen, sporten en ontmoeten in de buitenruimte van Woudenberg 2016-2020 Afdeling Beleid en Ontwikkeling Demiencke Brinkman 24-03-2015 Inhoud 1. Inleiding... 3 2.Opdracht 2.1.
Speelplaatsenbeleid Gemeente Bergen
Speelplaatsenbeleid 2012-2022 Gemeente Bergen 24 januari 2012 Voorwoord Bergen streeft naar een aantrekkelijke woonomgeving met voldoende ruimte voor veilig spelen en bewegen in eerste instantie voor de
Samen buitenspelen.kom
Kerkplein 2 T (0343) 56 56 00 Postbus 200 F (0343) 41 57 60 3940 AE Doorn E [email protected] Samen buitenspelen.kom Speelruimtebeleidsplan 2009 2018 Datum 3 maart 2009 Afdeling Afdeling Openbare Ruimte
Voordat ik daarmee begin wil ik graag mezelf voorstellen.
Juli 2017 heeft u een motie ingediend. In deze presentatie geef ik graag een terugkoppeling op de motie, aan de hand van verhalen en beelden uit de praktijk, met daarin bijzonder aandacht voor de samenwerking
speelruimte beleidsplan
speelruimte beleidsplan Gemeente Barneveld Januari 2009 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Geschiedenis 3 3. Doel 3 4. Afwegingen 3 4.1 gebieden die buiten het onderzoek vallen 3 4.2 normen 4 5. Doelgroepen
(semi-)openbare gebouwen
datu,m: 13 februari 2017 A32 N924 VERKEER BEBOUWING OPENBAAR GROEN SPEELPLEKKEN Spoorlijn Woningen Waterwegen A en N wegen Scholen Kattebos Entree s van de wijk (semi-)openbare gebouwen Wijkontsluiting
Reactienota. Behorende bij de Structuurvisie "Wernhout 2025"
Reactienota Behorende bij de Structuurvisie "Wernhout 2025" 1. Inleiding De ontwerp structuurvisie "Wernhout 2025" is op dinsdag 22 oktober 2013 gepresenteerd aan de bewoners en de Dorpsraad van Wernhout.
Speelruimteplan Gorinchem. Een leven lang plezier!
Speelruimteplan 2016-2025 Gorinchem Een leven lang plezier! Speelruimteplan 2016-2025 Gorinchem Een leven lang plezier! Actualisatie beleid en analyse van speelruimte Titel: Speelruimteplan Subtitel: Speelruimteplan
Let op! De beschreven voorstellen zijn nog niet definitief. Hier kunnen dus geen rechten aan ontleend worden.
Project Uitvoeringsplan Aalten Onderwerp Toelichting Uitvoeringsplan Aalten Oost en Aalten Zuid Datum 19 september 2016 STATUS Op basis van de speelruimtenota is in 2015 al een eerste agenda opgesteld
Straten in Groningen
Straten in Groningen Laura de Jong Januari 2017 Marjolein Kolstein www.os-groningen.nl Inhoud Inhoud... 1 Samenvatting... 2 1. Inleiding... 3 2. Resultaten... 4 2.1 Verschillende groepen... 4 2.2 Tevredenheid
Beleidsplan Spelen 2016-2025 1
Beleidsplan Spelen 2016-2025 1 Inhoud 1. Algemeen... 3 1.1 Inleiding... 3 1.2 Aanleiding... 3 1.3 Begripsbepalingen... 3 1.4 Wettelijk kader... 3 1.5 Vormen van spelen... 4 2 Visie en ambitie... 5 2.1
Kansen voor spelen! Speelruimtebeleidsplan. gemeente Heerhugowaard
Kansen voor spelen! Speelruimtebeleidsplan Kansen voor spelen! Speelruimtebeleidsplan 2011-2016 Analyse van en beleid voor de speelruimte 1 INHOUDSOPGAVE 1. inleiding 3 1.1. Aanleiding 3 1.2. Doel 3 1.3.
Samenspel Advies voor speelplekken en speeltuinen gemeente Kerkrade
Samenspel Advies voor speelplekken en speeltuinen gemeente Kerkrade Samenspel Advies voor speelplekken en speeltuinen gemeente Kerkrade Leeswijzer: Deze internetversie van het speelruimteplan is voor leesbaarheid
De Gemeenteraad van Wijchen
De Gemeenteraad van Wijchen 12 IZ 120 Gewijzigde versie Beslisnota Evaluatie speelbeheerplan Wijchen Wijchen, 27 maart 2012 Geachte leden van de raad, Beslispunten 1. Gewijzigd streefbeeld speelvoorziening
Beheerplan onderhoud groen
Beheerplan onderhoud groen 1. Inventarisatie openbaar groen Het openbaar groen in de gemeente is geïnventariseerd en in beeld gebracht met het software beheerspakket DGdialog. Onder het openbaar groen
Inleiding Elk jaar wordt het investeringsplan voor speelplekken vastgesteld; het zogenoemde Speelplan.
Speelplan 2018 Speelplan 2018 Inleiding Elk jaar wordt het investeringsplan voor speelplekken vastgesteld; het zogenoemde Speelplan. Het Speelplan toont een overzicht van de speelplekken die in aanmerking
UITVOERINGSPLAN
Project Onderwerp Uitvoeringsplan speelplaatsen gemeente Aalten Toelichting Uitvoeringsplan Bredevoort UITVOERINGSPLAN 2016-2017 In juni 2017 is in Bredevoort een informatiebijeenkomst en een buurtwandeling
Omgevingsvisie Giessenlanden. Plan van aanpak V1.3. Inleiding
Omgevingsvisie Giessenlanden Plan van aanpak V1.3 Inleiding De omgevingsvisie van de gemeente Giessenlanden moet inspireren, ruimte bieden en uitnodigen. Een uitnodiging aan burgers, bedrijven en instellingen
Scholen in het groen. Nieuwe wijken krijgen veel te weinig en te kleine speelhoekjes! Veldjes missen we echt.
Nieuwe wijken krijgen veel te weinig en te kleine speelhoekjes! Veldjes missen we echt. Scholen in het groen 1 Scholen in het groen Opgroeien in een groene omgeving is belangrijk voor kinderen en draagt
UITVOERINGSPROGRAMMA SPEELRUIMTE 2012-2020
UITVOERINGSPROGRAMMA SPEELRUIMTE 2012-2020 In de Nota Speelruimte 2013 2020 onderkent de gemeente Bussum het belang van speelen ontmoetingsruimte. Kinderen hebben immers recht op (buiten) spelen. De gemeente
Nota Veegplannen 2014 gemeente Valkenswaard
Nota Veegplannen 2014 gemeente Valkenswaard gemeente Valkenswaard Team Ruimtelijke ontwikkeling en economie 25-09-2013 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 3 2. Definitie 3 3. Vergelijking veegplannen en postzegelbestemmingsplannen
Gevraagde beslissing Vaststellen van het beleidsplan Spelen, bewegen en ontmoeten voor alle leeftijden.
Raadsvoordracht Onderwerp: Beleid Spelen, bewegen en ontmoeten voor alle leeftijden 2019 Datum: 23 april 2019 Portefeuillehouder: Jorrit Nuijens & Jeroen Klaasse Afdeling: Ruimtelijk beheer Steller: Ilse
Goed spelen. Voorstel voor een ruimer speelruimtebeleid
Goed spelen Voorstel voor een ruimer speelruimtebeleid Voorwoord De raadsfracties van het CDA en de PvdA zijn al geruime tijd bezig met onderzoek naar speelgroen in de gemeente Leeuwarden. In veel wijken
Voortgangsrapportage Speelruimteplan
PROGRAMMA 7 MAART 2015 13.00 uur Welkomstwoord wethouder Jo Schlangen 13.10 uur Korte toelichting stand van zaken 13.30 uur Start rondgang speelplekken 14.45 uur Korte pauze Eijgelshoven 15.15 uur Vervolg
Heerhugowaard Stad van kansen. Bestuursdienst I advies aan Burgemeester en Wethouders
Heerhugowaard Stad van kansen Bestuursdienst I advies aan Burgemeester en Wethouders Reg.nr: BW13-0053 Sector/afd.: Stadsbeheer/Wijkbeheer Portefeuillehouder: L.H.M. Dickhoff Casenr.: Cbb 130041 Steller/tst.:
Uitwerking van oplossingen m.b.t. herinrichting
Bijlage 2 straten Uitwerking van oplossingen m.b.t. herinrichting In deze bijlage zijn principe-oplossingen uitgewerkt, waarin door herinrichting van straten ruimte wordt gecreëerd voor extra parkeerplaatsen.
Speelruimteplan Gorinchem. Een leven lang plezier!
Speelruimteplan 2018-2027 Gorinchem Een leven lang plezier! Speelruimteplan 2018-2027 Gorinchem Een leven lang plezier! Actualisatie beleid en analyse van speelruimte Titel: Speelruimteplan Subtitel: Speelruimteplan
s t r u c t u u r v i s i e G o o r Goor 202
VISIEKAART 8 9 s t r u c t u u r v i s i e G o o r 2 0 2 5 structuu Goor 202 rvisie 5 1. Structuurvisie Goor 2025 2. Analyse 3. Visie en ambitie: Goor in 2025 4. Ruimtelijke kwaliteit 5. Wonen 6. Economie
Ruimte voor jongeren Appendix Speelruimte Beleidsplan 2009
Ruimte voor jongeren Appendix Speelruimte Beleidsplan 2009 Gemeente Helmond Ruimte voor jongeren Appendix Speelruimte Beleidsplan 2009 Vastgesteld: 21 juli 2009 Samenvatting In het Speelruimtebeleidsplan
Zelfbeheer Openbaar Groen
Beleidsnotitie Zelfbeheer Openbaar Groen Datum: Januari 2014 Naam: Beleidsnotitie Zelfbeheer Openbaar Groen, afdeling Omgeving Sectie: Openbaar Groen VOORWOORD In het kader van Oldebroek voor mekaar wordt
Waar kun je buiten spelen?
Speelruimteplan Waar kun je buiten spelen? Inhoudsopgave: Aanleiding Veiligheidseisen Het belang van spelen Ruimtelijke spreiding Doelgroepen Actualiteit speelplekken Spreiding speeltoestellen per kern
Beheerplan spelen 2015-2018
Beheerplan spelen 2015-2018 Inhoudsopgave 1 Inleiding 1 1.1 Doel 1 1.2 Doelstelling 1 1.3 Resultaat 1 2 Kaders 2 2.1 Wettelijke kaders 2 2.2 Beleidskaders 3 2.3 Normen en richtlijnen 3 3 Kwantiteit en
Nummer : Uithuizen, 23 februari AAN DE RAAD. Inleiding
Nummer : 09-04.2012 Onderwerp : Buurtschouw Korte inhoud : In 2011 zijn er twee pilots buurtschouw georganiseerd in Uithuizermeeden en Kantens. Het doel van de buurtschouw is om burgers meer zeggenschap
Spelen goed voor elkaar! Speelruimteplan 2014-2023
Spelen goed voor elkaar! Speelruimteplan 2014-2023 - Spelen goed voor elkaar! Speelruimteplan 2014-2023 Gemeente Dalfsen Titel: Spelen goed voor elkaar! Subtitel: Speelruimteplan 2014-2023 Opdrachtgever:
Speelplan 2012 Gemeente Velsen
1 Speelplan 2012 Gemeente Velsen Inleiding Jaarlijks wordt u het investeringsplan voor speelplekken voorgelegd; het zogenoemde Speelplan. Het Speelplan bestaat uit speelplekken die in aanmerking komen
Onderwerp Aanvullend krediet t.b.v. renovatie basisschool De Regenboog
Raadsvoorstel Agendapunt: Onderwerp Aanvullend krediet t.b.v. renovatie basisschool De Regenboog Datum voorstel Datum raadsvergadering Bijlagen Ter inzage 28 mei 2014 8 juli 2014 Activiteitenplan+ kostenraming
Bestuurlijke Klankbordgroep Groenvisie. 15 maart 2016
Bestuurlijke Klankbordgroep Groenvisie 15 maart 2016 Agenda Ontwikkelingen vanaf november Planning Raadsvoorstel Sluiting Ontwikkelingen vanaf november 2015 Het ambtelijke schrijfteam heeft de opdracht
GEMEENTE HOOGEVEEN. Voorstel voor burgemeester en wethouders. Onderwerp: Inzet kredieten speeltuinverenigingen 2007, restant 2006 en 2008
Onderwerp: Inzet kredieten speeltuinverenigingen 2007, restant 2006 en 2008 Voorgesteld besluit: 1. Het in 2007 beschikbare krediet (7001782) ad. 21.600,- in te zetten voor vervanging en verbetering van
Natuurlijk buiten spelen!
Natuurlijk buiten spelen! Beleidskader voor een beweegvriendelijke woonomgeving Versie dd 23/10/17 2 Samenvatting Sinds de vaststelling van het Speelruimtebeleidsplan 2003-2010 is veel geïnvesteerd in
Evaluatie Blauwe zone Dorpsplein / Dorpsweg in Rockanje. d.d
Dorpsplein / Dorpsweg in Rockanje d.d. 18-09-2015 Voorwoord Voor u ligt de evaluatie van de Blauwe zone op het Dorpsplein / Dorpsweg in Rockanje. De raad heeft aan het college gevraagd om de mogelijkheden
VOORBLAD VOOR RAADSBUNDEL, bundelnummer: 13 11ini01642
VOORBLAD VOOR RAADSBUNDEL, bundelnummer: 13 11ini01642 1. Onderwerp: Speelruimtebeleid 2. Voor welke raadscyclus: 3. Agendering: 4. Behandelwijze: 5. Indien raadsrotonde, hoeveel behandeltijd is naar schatting
f. OW BIJ beleidsplan Onderhoud Groen 2014-O.docx Grip op groen.veilig en heel
f. OW BIJ beleidsplan Onderhoud Groen 2014-O.docx Grip op groen.veilig en heel Versie 24-09-2014 Openbare Werken Beleidsplan wegen Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 1 Inleiding... 2 2 Situatie gemeentelijk
V E R G A D E R I N G G E M E E N T E R A A D 2 0 1 2
V E R G A D E R I N G G E M E E N T E R A A D 2 0 1 2 V O O R S T E L Registratienummer Bijlage(n) Onderwerp R-2012-0159 Speelvoorzieningenbeleid Middenbeemster, 23 oktober 2012 Aan de raad Inleiding en
Raadsvoorstel. Agendanummer: Datum raadsvergadering: Onderwerp: beleids- en beheerplan kleine civiele kunstwerken. Gevraagde Beslissing:
Raadsvoorstel Agendanummer: Datum raadsvergadering: Onderwerp: beleids- en beheerplan kleine civiele kunstwerken Gevraagde Beslissing: Te besluiten om: 1. Het beleids- en beheerplan civiele kunstwerken
Quickscan speelruimte. gemeente Leerdam
Quickscan speelruimte gemeente Leerdam 1 Titel: "Quickscan Speelruimte gemeente Leerdam" Opdrachtgever: Gemeente Leerdam Opdrachtnemer: OBB Ingenieursbureau Postbus 805 7400 AV Deventer 0570 61 60 05 [email protected]
Rho adviseurs voor leefruimte
45 Bijlage 4 Reactienota Rho adviseurs voor leefruimte Reactienota Voorontwerpbestemmingsplan Herstructurering woongebied centrum Reactienota 1 Inspraak 1.1 Algemeen Het voorontwerpbestemmingsplan Herstructurering
Raadsvoorstel. : Voorstel integraal minimabeleid inclusief Klijnsma middelen Datum college : 11 juli 2017
*Z022867205E* documentnr.: ADV/RC/17/00341 zaaknr.: Z/C/17/43987 Raadsvoorstel Onderwerp : Voorstel integraal minimabeleid inclusief Klijnsma middelen Datum college : 11 juli 2017 Portefeuillehouder :
B e l e i d s n o t a M a a k r u i m t e v o o r s p e l e n! G e m e e n t e W o u d r i c h e m a p r i l
B e l e i d s n o t a M a a k r u i m t e v o o r s p e l e n! G e m e e n t e W o u d r i c h e m a p r i l 2 0 0 8 Beleidsnota Ruimte voor spelen Gemeente Woudrichem - 1 - Inhoudsopgave pagina Hoofdstuk
Gemeenten en de spreiding van opdrachten voor schilderwerk
Gemeenten en de spreiding van opdrachten voor schilderwerk Gemeenten en de spreiding van opdrachten voor schilderwerk september 2005 COLOFON Samenstelling Drs. M.H. (Mark) Gremmen drs. A.J.H. (Bert Jan)
