Groenvisie. Gemeente Zuidhorn
|
|
|
- Gerda de Valk
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Groenvisie 2015 Gemeente Zuidhorn
2 Groenvisie 2015 januari 2011 Inhoudsopgave: 1. Onze visie Inleiding Onze bomen Ons ecologisch groen Onze woon- en gebruikgebieden Onze sportvelden Onze begraafplaatsen De bestrijding van onkruid Zwerfvuil Communicatie en Participatie Uitwerking van de groenvisie De financiering Bijlage: Kwaliteitscatalogus Onze visie Wij streven naar een samenhangende groenstructuur met aandacht voor aantrekkelijk, karakteristiek en kwalitatief goed onderhouden groen. Met deze aandachtpunten willen wij de identiteit(en) en onze kernwaarden rust, ruimte en gemeenschapszin versterken. Wij willen met de groenvisie het woon- en leefklimaat, de veiligheid, de herkenbaarheid van de 15 kernen en de aansluiting van het groen op het omringende (natuur-)landschap versterken en waarborgen. 1.1 Inleiding Deze groenvisie is het kader voor toekomstig groenbeleid en beheer en geldt voor de periode De groenvisie is ons uitgangspunt voor toekomstig ontwerp, aanleg en beheer van de groenvoorzieningen in onze gemeente. Hierdoor vormt het de basis voor onze uitvoeringsplannen op het gebied van inrichting en beheer van groenvoorzieningen in onze gemeente. In de groenvisie geven we aan: - Waarom we een groenvisie willen; - Welke relatie deze heeft met onze toekomstvisie; - Welke groenstructuur bij onze gemeente past; - Welk kwaliteitsprofiel we realiseren met het beschikbare budget. Waarom een groenvisie. In de afgelopen jaren is in onze gemeente een veelheid aan beleid geschreven. Dit beleid betreft specifiek groenbeleid, of heeft in meer of mindere mate raakvlakken met groen, groenstructuur of landschap. Dit beleid is door de jaren heen opgesteld conform doelstellingen, kaders en richtlijnen. Adviesbureau Oranjewoud heeft in 2009 al onze plannen geïnventariseerd en geanalyseerd op inhoud, doelen, gebruik in de praktijk. Het bureau concludeert dat er een totaalvisie op groen ontbreekt. Er is geen sprake van samenhangend beleid. Het overzicht en de samenhang tussen onze beleidsnotities ontbreekt en verder is er sprake van inhoudelijk verschil tussen de stukken. Het ene stuk is sterk vanuit een integrale visie geschreven en een ander stuk juist heel specifiek vanuit een specialistische blik. Ook is een aantal stukken niet meer relevant of verouderd. Met het vaststellen van deze nota zijn de volgende beleidsdocumenten vervallen: - het landschapsbeleidsplan gemeente Zuidhorn (1993); - het groenstructuurplan (1993). Op basis van het onderzoek van Oranjewoud willen we samenhang brengen in ons groenbeleid. Dit willen we doen door het schrijven van een (korte) totaalvisie op groen. Groenvisie in relatie tot onze toekomstvisie. Met onze groenvisie willen we dat de kwaliteit van onze leefomgeving in de brede zin: wonen, ecologie, beheer en veiligheid met een goed groenbeleid wordt ondersteund en versterkt. We kiezen hierbij voor goed onderhoud van groen, zodat we de identiteit(en) en onze kernwaarden rust, ruimte en gemeenschapszin willen versterken. Ook willen wij met de visie het woon- en leefklimaat, de 2
3 Veiligheid, de herkenbaarheid van de 15 kernen en de aansluiting van het groen op het omringende (natuur-)landschap versterken en waarborgen. Welke groenstructuur past bij onze gemeente. De structuur van ons groen bestaat uit een ruimtelijk systeem van lijnen en vlakken. Lijnen worden vooral gevormd door hoge beplantingen als bomenrijen, hagen en houtsingels. Dit zijn oriëntatiepunten. Vlakken worden vooral gevormd door lage beplanting zoals gras en bodembedekkers. Hierdoor wordt de gewenste ruimte gecreëerd. Dit ruimtelijk systeem is ontstaan uit de stedenbouwkundige opzet van onze vijftien woonkernen en de kenmerkende landschapselementen, zoals het specifieke karakter van het Middag Humsterland, het Wierdenlandschap en ons polderlandschap. De groenvisie wordt concreet door het vastleggen van de bovengenoemde groenstructuur. Aan deze groenstructuur worden o.a. beplantingstypen en onderhoudsniveaus gekoppeld. Onze groenstructuur wordt in hoofdzaak gevormd door de volgende onderdelen: - onze bomen; - ons ecologisch groen; - onze woon- en gebruikgebieden; - onze sportvelden; - onze begraafplaatsen. Onze bestaande groenstructuur, zoals die nu in onze gemeente aanwezig is, willen we zoveel mogelijk behouden en zo mogelijk versterken. Welk kwaliteitsprofiel realiseren we met het beschikbare budget. Beperkte financiële middelen dwingen tot keuzes, ook wat betreft het kwaliteitsprofiel van het groenonderhoud. In deze groenvisie geven we aan wat het aangepaste profiel is voor het groenonderhoud voor de eerstkomende jaren tot Bovenstaande onderdelen worden in de groenvisie nader uitgewerkt. Drie aspecten die in de notitie aandacht krijgen noemen we hier nog expliciet: 1. De bestrijding van onkruid. Bestrijdingsmiddelen dragen bij aan het beeldbepalend karakter van onze groenstructuur. Daarom krijgt het bestrijden van onkruid expliciet aandacht in deze visie. 2. Zwerfvuil. Zwerfvuil doet afbreuk aan de verzorgde staat van ons openbaar groen. De gevolgen van een lager kwaliteitsniveau worden in deze nota inzichtelijk gemaakt. 3. Communicatie en participatie. Wij willen onze bewoners, daar waar mogelijk, betrekken bij de groenstructuur van onze gemeente. Ook goede communicatie is van groot belang. Zowel participatie als communicatie wordt uitgewerkt in deze groenvisie. 3
4 Overleg onder een linde (Niehove) 1.2 Onze bomen Algemeen Het landschap en onze kernen hebben vanuit de historie bepaalde kenmerken, die de identiteit bepalen. Bomen nemen daarbij een speciale plaats in. Ze vormen de ruggengraat van de groenstructuur door hun aanwezigheid (hoogte, vorm, kleur). Bepaalde plekken in de dorpen en in het landschap worden vaak herkend door bomen en ontlenen daaraan hun identiteit, bijvoorbeeld de bomen rond onze dorpen, kerken, kerkhoven, wegen, kanalen en de erfbeplantingen in het buitengebied. Beheer Al naar gelang de standplaats, functie, veiligheid en beschermde status worden de bomen op een specifieke manier onderhouden. Bomen die langs de autoweg staan worden op een andere manier onderhouden dan bomen in een ecologisch gebied. Langs de weg hebben we te maken met een vrije doorrijhoogte voor vrachtauto s (verkeerskundige functie). In een ecologisch gebied kunnen de bomen veel meer vrij uitgroeien (ecologische functie). Een veilig bomenbestand is belangrijk om de gemeente zoveel mogelijk te vrijwaren van aansprakelijkheid. In dit kader heeft de gemeente wettelijke zorgplicht voor bomen. Bestrijden van ziektes is in dit kader ook belangrijk. Vooralsnog hebben wij met de Stichting Iepenwacht Groningen afspraken gemaakt over het bestrijden van de iepziekte om zoveel mogelijk iepen te behouden. Inmiddels worden we steeds meer geconfronteerd met nieuwe boomziekten zoals kastanjebloedingsziekte, de Massariaziekte onder de platanen en de opkomst van de eikenprocessierups en wilgenhoutrups. Ons beheer is er opgericht om zoveel mogelijk bomen te behouden, dan wel bomen her te planten. Randvoorwaarden. Hoe willen wij de bomen, onze ruggengraat van de groenstructuur, voor de komende jaren bewaren/borgen? Wij willen dit doen door het stellen van een aantal randvoorwaarden: 4
5 - Boomstructuren moeten bijdragen aan de kenmerken van ons landschap; - Bij nieuwe projecten moet rekening worden gehouden met gewenste boomstructuren. Groen mag bij de plannen soms zelfs leidend zijn en herplant is in principe noodzakelijk. Ingeval dit niet mogelijk is moet elders compensatie plaatsvinden. - Registratie van gegevens ten behoeve van bomenbeheer is essentieel voor een efficiënt beheer, een veilig bomenbestand en voor de ontwikkeling van toekomstige plannen. - Om onze ruggengraat van onze groenstructuur zoveel mogelijk te garanderen, maar ook vanuit het oogpunt van veiligheid, moet er aandacht zijn voor bestaande en dreigende boomziektes. - Een boom mag soms (tijdelijk) overlast veroorzaken. Bomen geven in de herfst vallende bladeren, lindes geven in de zomer honingdauw, berken geven zaadjes en extra rommel en sommige populieren pluizen. Dit kan voor inwoners van onze gemeente lastig zijn, het is niet direct gevaarlijk of levenbedreigend. Draagvlak. Bomen zijn vaak een bron van discussie tussen de gemeente en de bewoners. Schaduwwerking, afval dat de bomen produceert (honingdauw, pluizen of zaadjes), overhangende takken, veiligheid, wel of niet kappen, enz. Begrip voor elkaars standpunten krijgen we door goede voorlichting en tijdige communicatie, zo nodig educatie. Beleid. We zetten de komende jaren vooral in op: - Behoud en versterking en daar waar nodig aanpassing van de bomenstructuur. De bomenstructuur moet bijdragen aan onze groenstructuur. Ingeval de bezuinigingen ons hiertoe dwingen, kiezen we voor kwaliteit in plaats van kwantiteit. Niet tien kleine boompjes met het risico dat deze worden vernield, maar liever vijf stevige bomen die ook daadwerkelijk uitgroeien tot volwassen bomen. - Voldoende aandacht schenken aan de groenstructuur bij (her)inrichtingsplannen. Soms mag het groen zelfs leidend zijn of moet groen worden gecompenseerd. - De veiligheid van de bomen. Verbetering op dit punt willen we vooral bereiken door een structurele aanpak van het bomenbeheer. Aan de hand van een beheerplan en door goede monitoring maken wij keuzes met betrekking tot het tijdig beheren van onze bomen. - De aanpak van boomziektes, door samen op te trekken met andere gemeenten en/of de provincie. - Minder bestrijden van overlast van bomen die een natuurlijk product afgeven (zoals lindes, berken en populieren). Onze financiële situatie dwingt ons er toe zo weinig mogelijk maatregelen te treffen en deze (tijdelijke) overlast te accepteren. Bij (her)plant van bomen houden we, in overleg met de omwonenden, rekening met het toepassen van boomsoorten die minder overlast veroorzaken. - Een helder en eenvoudig kapvergunningen beleid. Minder regels voor onze inwoners zonder dat wij risico s lopen dat onze groenstructuur wordt aangetast/bedreigd. 1.3 Ons ecologisch groen Algemeen. Het ecologisch groen geeft meerwaarde. Het voegt iets toe aan de standaard. Het is gericht op het vergroten van de natuurlijke soortenrijkdom (inheemse planten- en dierensoorten) en draagt bij aan de kernwaarden (rust, ruimte en gemeenschapzin) van onze gemeente. Momenteel kennen wij een zevental ecologische gebieden in onze gemeente. Het betreft de ecologische parken: Johan Smitpark te Zuidhorn, het oeverpark Hoendiep langs de Fanerweg, het waterpark langs de Sloep in Zuidhorn, Waterschapheuvel te Zuidhorn, het plan-oost te Grijpskerk en het Noorderriet en het Veranderende Land te Kommerzijl. Ten opzichte van andere gemeenten onderscheiden wij ons op het gebied van ecologisch groen. We hebben relatief veel en op diverse plekken in onze gemeente gevarieerd ecologisch groen. Buiten de ecologische parken worden de bermen vanaf 1994 ook ecologisch beheerd. Beheer. Het eindbeeld ecologisch groen wordt niet alleen behaald door inheemse soorten te kiezen (bijvoorbeeld orchideeën en andere zeldzame planten van de rode lijst), het is een kwaliteit die behaald wordt door groen op een bepaalde wijze te beheren. Dit beheer is meestal gericht op minimaal ingrijpen, verschraling (dus afvoeren van de vegetatie) en het niet gebruiken van chemische middelen. Ecologisch groen bestaat voornamelijk uit gras en bosplantsoen (struweel met 5
6 of zonder bomen) die van nature hoort bij de ter plaatse aanwezige bodemkundige kwaliteiten enwaterhuishouding. Een ecologische meerwaarde wordt pas behaald als dit beheer consequent gedurende minimaal 5 jaar wordt uitgevoerd. Voor het onderhoud en beheer zijn beheerplannen opgesteld en het beheer en onderhoud vindt op verschillende plaats. Ecologisch beheer is gericht op minimaal ingrijpen. Het is echter niet zo dat ecologisch beheer ook goedkoper is dan traditioneel beheer. De frequentie van het beheer is vaak lager, echter zijn de werkhandelingen vaak arbeidsintensiever. Er worden andere werktuigen gebruikt en er is meer handmatig werk. Ook het afvoeren en storten van het groenafval brengt extra kosten met zich mee. Randvoorwaarden. Op verschillende locaties is in onze gemeente is ruimte benut om het groen ecologisch te beheren. Deze ecologische gebieden voldoen aan een aantal belangrijke voorwaarden: - De ecologische gebieden zijn van enige omvang zodat ze ook daadwerkelijk een ecologische meerwaarde geven; - In het ecologisch gebied vindt relatief weinig verstoring plaats en het gebied zelf wordt niet intensief gebruikt door omwonenden (burgers hebben wel toegang tot het gebied); - De gebieden worden niet bedreigd door verkeer, huis-, tuin- en zwerfafval, bemesting en chemische bestrijdingsmiddelen; - Voor het uitvoeren van de beheerplannen is specialistische kennis nodig; - Ons ecologisch groen sluit aan bij ecologische verbindingszones buiten de bebouwde kom of gebieden en/of stroken met enige ecologische waarde of potentie. Hiermee is enige potentie met betrekking tot zowel flora en fauna gegarandeerd. - Goed contact met aangrenzende gebiedseigenaren is van wezenlijk belang, bijvoorbeeld agrariërs en waterschappen. Maar ook het contact met lokale natuur- en milieuorganisaties is van belang. Draagvlak. Ecologisch groenbeheer staat of valt met begrip en welwillendheid van omwonenden en gebruikers. Daarom is goede voorlichting en educatie van wezenlijk belang, zowel voor de beheerders als voor de aanwonende of zelfs alle burgers in onze gemeente. Een periodiek educatief programma kan bijdragen aan het gewenste draagvlak. Beleid. Waar zetten wij de komende jaren vooral op in: - Het handhaven van het aantal ecologische gebieden (vooralsnog een status quo); - We willen in samenwerking met het beleidsveld water zoeken naar nieuwe ecologische kansen; - Als gevolg van de bezuinigingen zetten we komende jaren vooral in op alternatieve beheervormen en minimaal beheer. Dit betekent dat we op het punt van ecologische waarde van onze gebieden inleveren. - Blijven communiceren over de meerwaarden van onze ecologische gebieden. 6
7 Johan Smitpark in Zuidhorn, herfstbeeld 1.4 Onze woon- en gebruikgebieden Algemeen. Onze woongebieden bestaan uit dorpen en woonwijken, dit zijn gebieden met vooral een hoge sociaal-maatschappelijke waarde. Daarnaast hebben we een zeer uitgestrekt woongebied in het landschap rondom de dorpen. Het gaat hier om centra, woongebieden, kantoorgebieden, bedrijfsterreinen en hoofdstructuren (zie uitwerking groenvisie; kwaliteitsprofiel). De beplanting in de woongebieden heeft als doel de bewoners een veilige en prettige woonomgeving te bieden. De beplanting dient sierwaarde te hebben en sociaal veilig te zijn. De beplanting dient als herkenningspunten in wijken, bovendien heeft beplanting in woonwijken vaak een vertragend effect op het verkeer. In die situaties waar overhangend groen een gevaar voor het wegverkeer opleverd, moet de beplanting, conform de APV (art. 4:12), worden aangepast. Er worden sierheesters toegepast, ook heesters welke in de winter voor een groene uitstraling zorgen; de zogenaamde groenblijvers. Naast groenblijvers worden hoge, middelhoge en lage sierheesters toegepast. Naast heesters worden er vaste planten, bloembollen en grassen toegepast. In de woongebieden komen ook veel bomen voor die al naar gelang hun functie op een bepaalde manier gesnoeid worden. Beheer. De gebruiksgebieden, zoals onze bedrijfsterreinen, zijn openbare gebieden die alleen voor bedrijven van belang zijn. Dit zijn gebieden met een lage sociaal-maatschappelijke waarde en een hoge economische waarde; hier vindt weinig tot geen bewoning plaats. Deze gebieden komen niet in al onze dorpen voor. De beplanting in de bedrijfsterreinen dient puur als aankledinggroen en hoeft geen sierwaarde te hebben. Minder fraaie bedrijfsterreinen kunnen, in overleg met de ondernemers, met groen verborgen worden. Te denken valt aan bosplantsoen en ruw gras. Om rekening te houden met de aanwezige flora en fauna is een goed beheer noodzakelijk. In de Flora- en Faunawet worden de wettelijke kaders daarvoor aangegeven. 7
8 Randvoorwaarden. In de woongebieden gelden de volgende randvoorwaarden: - Het groen moet bijdragen aan het sociaal en maatschappelijk karakter van het dorp of de wijk; - Het groen moet het veiligheidsgevoel versterken; - Het groen moet iets extra bieden (sierwaarde); - Vooraf voorwaarden stellen aan de inrichting van nieuwe plannen; - Bij het beheer en onderhoud van het groen zal rekening gehouden moeten worden met de Floraen Faunawet. Draagvlak. De scheidslijn met betrekking tot het groenbeheer moet duidelijk zijn. Er moet sprake zijn van een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Communicatie is in dit verband het sleutelwoord. Voor wat betreft de gebruikgebieden moet het groen vooral bijdragen aan de functie van het desbetreffende gebied. Ook hierbij is het van belang dat goed overleg plaatsvindt met de gebruikers van het terrein en dat de verantwoordelijkheid goed is verdeeld. Beleid. Waar zetten wij de komende jaren vooral op in: - Aandacht schenken aan de groenstructuur bij (her)inrichtingsplannen. Soms mag het groen zelfs leidend zijn en moet groen worden gecompenseerd. Dit betekent dat de groenafdeling gesprekspartner is bij het ontwikkelen van nieuwe plannen omtrent woonwijken en dergelijke. - Ook willen we heldere afspraken maken over ieders verantwoordelijkheid en voor zover noodzakelijk meer handhavend optreden, zodat de norm voor ieder nog meer duidelijk is. Overhangend groen wordt niet meer getolereerd. - De bezuinigingen dwingen ons er toe om het ambitieniveau op onderdelen bij te stellen. Daarnaast willen we met onze inwoners zoeken naar alternatieve beheervormen en afspraken maken over het op onderdelen verminderen van het beheer of het anders beheren van ons groen in de dorpen en wijken. Hierbij willen wij vooral insteken op gezamenlijk verantwoordelijkheid, door bijvoorbeeld heldere afspraken te maken over het zelf opruimen en afvoeren van blad en niet zoals het nu vaak gebeurt, de zaak simpelweg over de schutting gooien van de gemeente. Naast de charme en voordelen van de gemeentelijke bomen, ook als burger de lasten voor je rekening nemen. Ook kan worden gedacht aan het gezamenlijk als inwoners adopteren van groenstroken en deze dus ook onderhouden of als buurt de eigen woonomgeving zelf schoonhouden. Verder kan worden gedacht aan het in rekening brengen van schoonmaakkosten van sloten. - De wettelijke kaders van de flora- en faunawet implementeren in de bedrijfsvoering. 1.5 Onze sportvelden Algemeen. De gemeente heeft in veel kernen volwaardige sportaccommodaties, vaak met een royale groene infrastructuur/omlijsting. Het goed faciliteren van sportbeoefening is voor de onze gemeente altijd belangrijk geweest. Het verhoogt de leefbaarheid en saamhorigheid in onze kernen. Door hun landschappelijke karakter zijn de sportaccommodaties duidelijk aanwezig in de dorpen. Daarnaast dragen ze bij aan de identiteit van ons gemeentelijk landschap en de identiteit van onze kernen. In vergelijking met de meeste plattelandgemeenten onderscheidt de gemeente Zuidhorn zich nu door het doen van alle taken van het sportveldonderhoud. Beheer. De sportaccommodaties worden bijna geheel onderhouden door de gemeente. Deels door eigen inzet en deels onder regie van de gemeente. Het betreft het onderhoud van alle sportvelden en een renbaan. De ijsbanen worden vanaf 2011 volledig beheerd door de verenigingen. Ook het groen rondom de sportaccommodaties wordt door de gemeente beheerd (o.a. de groensingels rondom de velden). Randvoorwaarden. De sportvelden dragen bij aan de groenstructuur van onze gemeente. Om dit naar de toekomst te kunnen blijven garanderen is een aantal voorwaarden van belang: - Voor het onderhouden van de sportvelden is specialistische kennis vereist; 8
9 - Voor wat betreft het beheer van de sportcomplexen moeten de verschillende partijen gezamenlijke verantwoordelijkheid nemen; - Over het in stand houden en onderhouden van de sportvoorzieningen moeten duidelijke afspraken worden gemaakt met de verenigingen over ieders rol met betrekking tot het beheer (wie is voor welk deel van het beheer verantwoordelijk, wie heeft de regie en wie ziet toe op het eindresultaat). Draagvlak. Samen verantwoordelijkheid dragen is van wezenlijk belang om de sportaccommodatie ook voor de toekomst te behouden. Dit betekent dat verenigingen meer onderhoud gaan doen op de sportcomplexen. Deze beleidswijziging van verantwoordelijkheden voor het onderhoud moet gebaseerd zijn op draagvlak binnen de verenigingen. Beleid. Waar zetten we de komende jaren vooral in: - De leefbaarheid van de kernen bewaken door samen met de sportverenigingen de verantwoordelijkheid te nemen voor het onderhoud van de sportcomplexen. Uitgangspunt is dat de verenigingen een grotere rol krijgen in hun verantwoordelijkheid dan nu het geval is. Hierbij denken wij aan het schoonhouden van terreinen door de verenigingen en het onderhoud voor een deel overdragen aan de verenigingen. Ieder onderhoudt een deel van de sportvelden. De gemeente blijft het onderhoud van de sportvelden sec uitvoeren en de verenigingen gaan meer het onderhoud rond de velden zelf doen (mogelijk onder begeleiding van iemand van de gemeente). Ingeval er door de verenigingen extra activiteiten worden georganiseerd, bij voorbeeld FC Groningen wordt uitgenodigd voor een oefenduel, dan worden de extra onderhoudskosten die hiermee zijn gemoeid, volledig betaald door de vereniging. 1.6 Onze begraafplaatsen Algemeen. Begraafplaatsen zijn binnen de gebruiksgebieden toch een aparte eend in de bijt. Het zijn relatief grote groengebieden met veel kleinschalig groen dat intensief wordt onderhouden. Sommige begraafplaatsen in onze gemeente hebben zelfs een zeer geïsoleerde ligging in het buitengebied. Begraafplaatsen kunnen we indelen in historische- en niet historische algemene begraafplaatsen. Historische begraafplaatsen hebben een cultuurhistorische waarde en er wordt niet of nauwelijks nog begraven (bijvoorbeeld de begraafplaats aan de Jellemaweg). Op niet historische algemene begraafplaatsen vinden nog reguliere begrafenissen plaats (bijvoorbeeld de begraafplaats te Noordhorn en Visvliet). De begraafplaatsen hebben over het algemeen een parkachtig karakter en liggen er verzorgd bij. Door de parkachtige uitstraling bepalen de begraafplaatsen voor een deel de identiteit van het landschap en kernen. Beheer. Het onderhoud van de groenvoorziening (bomen, gazon en beplantingen) op alle begraafplaatsen ligt op een hoog niveau. Bezoekers van de begraafplaatsen vinden het belangrijk dat de graven in een verzorgde omgeving liggen. De werkzaamheden worden volledig door de gemeente uitgevoerd (deels op regiebasis). Randvoorwaarden. Alle begraafplaatsen hebben nu een hoog beheerniveau. Gezien de functie van de begraafplaatsen zijn er nuances aan te brengen in de beheerniveaus. Hierbij zijn de volgende randvoorwaarden van toepassing: - Begraafplaatsen waar nog begrafenissen zijn moeten er verzorgd uitzien; - Historische begraafplaatsen waar niet meer begraven wordt hoeven er minder verzorgd uitzien. Draagvlak. Andere beheervormen op de begraafplaatsen betekent een ander beeld. Vooral op begraafplaatsen ligt dit gevoelig. Daarom kiezen wij er voor om op begraafplaatsen waar nu nog wordt begraven, het ambitieniveau niet bij te stellen. De historische begraafplaatsen kunnen ons inziens qua ambitieniveau naar beneden worden bijgesteld (van hoog naar basis). Dit ligt in de regel minder gevoelig. Goede communicatie op dit punt is wel vereist. 9
10 Beleid. Waar zetten we de komende jaren vooral op in: - Behoud van onze begraafplaatsen zodat deze een bijdrage blijven leveren aan de groenstructuur van onze gemeente; - Onderzoek naar alternatieve beheervormen van de verschillende begraafplaatsen; - Het ambitieniveau met betrekking tot het onderhoud van onze historische begraafplaatsen naar beneden bijstellen (van hoog naar basis). 1.7 De bestrijding van onkruid Algemeen. Wij willen het woon- en leefklimaat graag aantrekkelijk houden door aantrekkelijk en veilig groen. De openbare ruimte moet er enigszins verzorgd uitzien. Door de aanwezigheid van ongewenste kruiden wordt dit beeld verstoord en ontstaat er een rommelig beeld van de openbare ruimte. Daarom willen wij aandacht blijven besteden aan onkruidbestrijding. Beheer. Het afstemmen van het onderhoud van groen en verharding met betrekking tot onkruidbestrijding en veegwerkzaamheden is wenselijk. Vooral om te voorkomen dat werkzaamheden elkaar nadelig beïnvloeden. Groen en grijs grenzen namelijk nauw aan elkaar. Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen vindt in het huidig onderhoud nog steeds plaats. Ook in de toekomst sluiten wij het gebruik nog niet volledig uit. Wel zal de bestrijding steeds meer zijn gericht op duurzame onderhoudmethodes en het minimaliseren van het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Leidend zijn de milieuregels welke landelijk gelden en telkens strenger worden. Randvoorwaarden. Om de onkruidbestrijding ook naar de toekomst te kunnen garanderen is het volgende van belang: Bij de aanleg of herinrichting van verharding of plantsoenen wordt rekening gehouden met het feit dat onkruid zich zo weinig mogelijk kan ontwikkelen. Heldere afspraken over het gewenste beeld. Hoe verzorgd moet de openbare ruimte zijn. Helder met inwoners communiceren over het gewenste beeld van de openbare ruimte. Het beheer of de bestrijding van exoten (niet inheemse plantensoorten zoals berenklauw, ambrosia) en snelvermeerderende akkerkruiden (zoals Jakobs kruiskruid) blijven voortzetten. Hierbij gaan we de landelijke trend/weg volgen. We houden rekening met landelijke milieuregels. Draagvlak. Draagvlak kan worden gecreëerd door regelmatig met de burgers te communiceren over het gewenste beeld van de openbare ruimte. Ook het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen door burgers en de gemeente wordt hierin meegenomen. Beleid. Waar zetten we de komende jaren vooral op in: - Andere vormen van onkruidbestrijding. Meer duurzame bestrijdingsmethodes, preventieve maatregelen en minder gebruik maken van chemische bestrijdingsmiddelen. Wij sluiten het gebruik van chemische middelen nog niet volledig uit. - Vermindering van onkruidbestrijding in onze ecologische gebieden (lagere frequentie); - Bij (her)inrichtingsplannen kiezen we voor materialen en structuren waarbij onkruid zo weinig mogelijk kans krijgt zich te ontwikkelen. 1.8 Zwerfvuil De hoeveelheid zwerfvuil zegt iets over de verzorgende staat van onze openbare ruimte. Zwerfvuil komt niet alleen voor in het groen maar ook op verharding (grijs). Het gaat hier om onnatuurlijk vuil dat door mensen is achtergelaten. Door te kiezen voor een lager kwaliteitsniveau zal de openbare ruimte er minder verzorgd uitzien. Bij de uitwerking van het nieuwe kwaliteitsprofiel (zie uitwerking van de groenvisie) wordt dit zichtbaar. 10
11 1.9 Communicatie en Participatie Communicatie over het aanwezige groen in de gemeente is belangrijk en zorgt voor draagkracht en bewustwording. Goed met onze inwoners communiceren zorgt er voor dat er bewust met het gemeentelijk groen wordt omgegaan. Dat met goede communicatie illegale stortingen, vernielingen aan bomen en heesters, vernielingen aan (park) meubilair en rondslingerend afval niet meer voorkomen is een utopie, maar een stuk minder zou al heel mooi zijn. Alleen informatie verstrekken is niet voldoende. Er is telkens evaluatie en feedback nodig. Komt de boodschap aan, heeft de manier waarop er is gecommuniceerd effect? Communicatie kost geld (vooral inzet van menskracht). Per saldo kost goed communiceren minder dan we denken. Dit komt omdat we met een goede en natuurlijke communicatie er voor kunnen zorgen dat er beter omgegaan wordt met ons gemeentelijk groen. Ons gemeentelijk groen zal er dan minder gehavend uitzien. Ook zijn er minder reparaties nodig en minder inboet van dode/vernielde planten. Communicatie verdient zich terug door een reductie van de beheerkosten. Juist met communicatie kunnen we draagvlak creëren. Draagvlak behouden is echter ook essentieel. Als iets goed gaat of als een wijk er ook echt uitspringt door goed en gezond groen is dit een compliment waard aan onze inwoners of aan het dorp of de wijk. Ondanks bovenstaande bewustwording hoe burgers omgaan met hun eigen leefomgeving, is communicatie over het bijgestelde ambitieniveau ook noodzakelijk. Beleid. Waar zetten we de komende jaren vooral op in: - Informatie verstrekken op een pakkende manier. Uitleg van ons beheer en inzichten. Met voorbeelden laten zien welke acties gevolgen hebben in onze groene ruimte. - Inwoners (lees dorpen of wijken) complimenteren die een extra bijdrage leveren aan het goed onderhouden van het groen. Dit kan bijvoorbeeld door het jaarlijks uitreiken van een gemeentelijke groen pluim. - Omdat we onze ambitie op onderdelen naar beneden bij stellen is goede communicatie noodzakelijk. Participatie is naast communicatie van belang. Stimuleren, motiveren en betrekken. Geen wij of zij maar samen een bepaald doel nastreven. In onze gemeente wordt al flink geparticipeerd. Bij groenrenovaties wordt vaak samen met buurtbewoners naar concept plannen gekeken, daarna wordt een definitief plan gemaakt en uitgevoerd. De totaalrenovatie van Lauwerzijl (civiel en groen) is een voorbeeld. Samen met de bewoners is gekozen voor een fruitdorp. Nu 10 jaar later zijn vele bewoners nog nauw betrokken met het gemeentelijk groen. Fruit wordt geoogst en bomen worden (na een cursus) in samenspraak gesnoeid. Ook op het gebied van beheer is participatief medebeheer in de toekomst mogelijk. Om deze vorm van participatie goed te kunnen laten slagen is er tijd nodig. Tijd van de burger maar ook zeker tijd van desbetreffende ambtenaren. Er moet tijd worden vrijgemaakt om naar elkaar te luisteren. Naast tijd is er duidelijkheid nodig. Participatie betekent niet dat elk (burger)initiatief ook werkelijk in gang moet worden gezet. Naast een plan willen we bewoners stimuleren ook zelf activiteiten te gaan doen. We willen stimuleren dat bewoners zich verantwoordelijk voelen voor het behoud van groen en daarmee de leefbaarheid in het dorp. Burgers kunnen dit bij voorkeur ook zelf organiseren. Belangrijk is dat dit structureel wordt geborgd. Het gaat namelijk niet om een eenmalige actie. Participatie heeft eigenlijk alles met draagvlak te maken. Door middel van goede participatie willen we koersen op betrokken burgers die ook zelf de handen, zij het op een goede wijze, uit de mouwen steken. Naast dat wij inzetten op participatie van onze burgers, zien wij voor onze gemeente ook een rol weggelegd met betrekking tot re-integratie. Inwoners die om welke reden uit het arbeidsproces zijn geraakt of niet volledig kunnen functioneren binnen een reguliere werkomgeving, willen wij kansen bieden. Wij zien hiertoe mogelijkheden binnen ons groenbeheer. Momenteel wordt het zwerfvuil in onze gemeente al opgeruimd via het zogenaamde cleanteam. Het cleanteam is een instrument om uitkeringsgerechtigden door te laten stromen naar reguliere/duurzame arbeid. In de komende vijf jaar willen met meer van dit soort projecten invulling geven door onze maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen. 11
12 Wel is het belangrijk dat aan deze projecten heldere voorwaarden worden gesteld: - Het mag niet ten koste gaan van regulier werk en de kwaliteit die moet worden geleverd. Daarom is het verstandig om te kiezen voor aanvullend werk. - Er moet sprake zijn van een goede balans tussen regulier werk/bezetting en additioneel werk/bezetting (maximale verhouding 10% additioneel tegen 90% regulier). Hierbij is begeleiding een vereiste. - Binnen het groenbeheer moet goed worden gecommuniceerd zodat deze keuze ook wordt gedragen door de buitendienstmedewerkers van de gemeente en onze inwoners (de leiding dient zorg te dragen voor de gewenste cultuur). - Projecten moeten tijdig worden geëvalueerd en ingeval het niet succesvol is moeten we durven stoppen. Beleid. Waar zetten we de komende jaren vooral op in: - Onderzoek of d.m.v. convenanten en/of overeenkomsten met verenigingen van dorpsbelangen of wijken het groenbeheer mogelijk meer decentraal geregeld kan en/of moet worden; - Continuering van dorps- en wijkschouwen en we willen met de inwoners bindende afspraken maken over de op te lossen punten die tijdens de schouw naar voren komen. Hierbij kiezen we voor een gezamenlijk insteek om de problemen of verbeterpunten op te pakken. - In de komende vijf jaar willen we met re-integratieprojecten blijk geven van het feit dat wij ook met deze vorm van participatie onze maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen. Een excursie in Zuidhorn (thema was paddenstoelen) 12
13 2. Uitwerking van de groenvisie In 2001 is een ambitie vastgesteld om het groen volgens een bepaald kwaliteitsprofiel te beheren en hiermee is ons ambitieniveau per onderdeel bepaald. Dit gebeurt volgens de zogenaamde BORsystematiek (Beheer Openbare Ruimte). Het beheer van de groene ruimte valt in twee onderdelen uiteen: het zorgen voor een goede technische staat van diverse onderdelen, en het verzorgen/verwijderen van een aantal vervuilende elementen. Schematisch gezien bestaat het beheer dan uit de volgende onderdelen: - onderhouden van de technische staat van het cultuurlijk groen: o gazon; o bomen; o beplanting: heesters en sierheesters. - onderhouden van de technische staat van het straat- en parkmeubilair. - verzorgen van de omgeving door het verwijderen van: o zwerfvuil (zowel op verharding als in het groen); o onkruid op verharding; o onkruid in het groen. Per structuurelement (centra, woongebieden, hoofdstructuren, bedrijfsterreinen, kantoorgebieden, begraafplaatsen, sportparken en ecologische parken) is aangegeven volgens welk kwaliteitsniveau het beheer wordt uitgevoerd. Gelet op de al ingezette bezuinigingen, zowel op materieel, personeel als inhuur van derden, en de nieuwe bezuinigingen die het Rijk de komende jaren op de gemeenten afwentelt, zien wij ons genoodzaakt om het tot dusver gehanteerde kwaliteitsniveau op onderdelen bij te stellen. Bijstelling is noodzakelijk om bovengenoemde voorstellen te kunnen realiseren en goed voorbereid te zijn op de toekomst. In onderstaande tabel wordt het nieuwe kwaliteitsniveau weergegeven. Wanneer sprake is van aanpassing van het kwaliteitsniveau staat het voorheen gehanteerde niveau tussen haakjes in rood vermeld. Technische staat Cultuurlijk Groen Straat- en parkmeubilair Verzorging Zwerfvuil Onkruid op verharding Onkruid in het groen Centra / Laag () / Laag () Begraafplaatsen Hoog Hoog Historische begraafplaatsen Sportpar-ken Woongebieden Hoofdstructuur Bedrijfsterreinen Kantoorgebieden Ecoparken N.v.t. Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog Hoog N.v.t. Bovenstaand kwaliteitsniveau betekent concreet: Centra. In de centra van de dorpen verandert over de gehele linie het hoge kwaliteitsniveau in een basis niveau voor wat betreft de technische staat en in de verzorgende staat van zwerfvuil. In de centra zal het er minder verzorgd uit gaan zien; meer zwerfvuil, straatmeubilair gaat er minder verzorgd uitzien en het gazon wordt minder vaak gemaaid. Voor wat betreft onkruidbestrijding blijft het niveau onverkort hoog. 13
14 Woongebieden. In de woongebieden blijft de technische staat van het cultuurlijk groen voor een groot deel op een basis niveau. Het onderdeel bijmaaien rond en langs obstakels en het maaien van bermen in het buitengebied zal van basis naar een laag niveau veranderen. Meer en vaker plukken gras rond bomen en obstakels is het gevolg. Verder zullen de bermen in het buitengebied meer verruigen. De technische staat van het straat- en parkmeubilair verandert van een hoog naar een basis niveau. Kanttekening hierbij is dat beheer van straat- en parkmeubilair een dure voorziening is. De verzorging in de woongebieden van zwerfvuil gaat van een hoog naar een basis niveau. Er zal daardoor meer zwerfvuil op verharding en in het groen te zien zijn. Voor wat betreft onkruidbestrijding blijft het niveau onverkort hoog. Hoofdstructuur. De technische staat van het cultuurlijk groen en straat- en parkmeubilair blijft op een basis niveau. De verzorging in de hoofdstructuur van zwerfvuil gaat van een hoog naar een basis niveau. Er zal daardoor meer zwerfvuil op verharding en in het groen te zien zijn. Voor wat betreft onkruidbestrijding blijft het niveau onverkort hoog. Bedrijfsterreinen. Het basis niveau blijft over de gehele linie een basis niveau, Het onderdeel bijmaaien rond en langs obstakels zal van basis naar een laag niveau veranderen. Meer en vaker plukken gras rond bomen en obstakels is het gevolg. Kantoorgebieden. De technische staat rondom de kantoren verandert over de gehele linie het hoge kwaliteitsniveau in een basis niveau. De verzorgende staat van zwerfvuil rondom de kantoren zal er minder verzorgd uit gaan zien; meer zwerfvuil en het gazon wordt minder vaak gemaaid. Voor wat betreft onkruidbestrijding blijft het niveau onverkort hoog. Begraafplaatsen. Op de historische begraafplaatsen verandert over de gehele linie het hoge kwaliteitsniveau in een basis niveau voor wat betreft de technische staat en in de verzorgende staat van zwerfvuil. Deze begraafplaatsen zullen er iets minder verzorgd gaan uit zien; het gazon wordt minder vaak gemaaid. Voor wat betreft de begraafplaatsen waar nu nog wordt begraven blijft het ambitieniveau over de hele linie hoog. Voor wat betreft onkruidbestrijding blijft het niveau op de historische begraafplaatsen ook onverkort hoog. Sportparken. De verzorging van zwerfvuil verandert van een hoog niveau naar een basis niveau. Op het onderdeel bijmaaien gaat het niveau van hoog naar basis. Op sportparken komt straks meer zwerfvuil voor. Voor wat betreft onkruidbestrijding blijft het niveau onverkort hoog. Ecoparken. De verzorging van zwerfvuil en onkruid op verharding verandert van een hoog niveau naar een basis niveau. Hier komt mogelijk straks meer onkruid en zwerfvuil voor. In bijlage 1 is in beeld aangegeven wat een verandering in kwaliteit concreet betekent. 2.1 De financiering In 2010 is op het groenbeleid bezuinigd. Na effectuering van deze bezuiniging was voor het groenbeleid in 2010 totaal structureel beschikbaar. In dit budget onderscheiden we een budget voor de personeelskosten buitendienst, groot en een budget voor overige kosten, zoals uitbesteed werk en materialen, groot Van dit bedrag ( ) is bij taakstellende bezuiniging van in 2011 een budget beschikbaar van Door een kleine herschikking van uren is voor personele kosten minder beschikbaar in De personele kosten buitendienst zijn dan voor Totaal is voor 2011 een budget van beschikbaar voor het groenbeheer. 14
15 Samengevat: Budget 2010 Personeelskosten buitendienst Overige kosten (uitbesteed werk en materialen) Totaal budget voor groenbeleid Budget Personeelskosten buitendienst Herschikking uren personeelskosten Totaal beschikbaar voor personeel buitendienst Overige kosten(uitbesteed werk en materialen) Bezuiniging vanuit begroting Totaal beschikbaar voor overige kosten Totaal budget groenvisie In de groenvisie is bovendien rekening gehouden met de taakstellende bezuiniging op personeel conform de (meerjaren)begroting. Hiervan is in de periode toegerekend aan groenpersoneel. Tot slot Met deze groenvisie beschikken we over een kader waarmee de taakstellende bezuinigingen 2010 en 2011, als ook de in de meerjarenraming voorziene bezuinigingen, gerealiseerd kunnen worden en hebben we een aangepast kwaliteitsprofiel vastgesteld ingaande Daarmee leggen we een samenhangend sterk maar wel versoberd groenbeleid vast voor de komende jaren. 1 5
16 3. Bijlage: Kwaliteitscatalogus 16
17 Bijlage 1: Kwaliteitscatalogus
18 Gazon 1. Het gras is goed gesloten en heeft weinig beschadigingen of kale plekken 2. Er zijn weinig oneffenheden en/of rijsporen 3. Het gras is goed begaanbaar, minder bij regen 4. Het maaibeeld is kort en gelijkmatig en incidenteel komt propvorming voor 5. Het gras is gelijkmatig gemaaid 6. Obstakels zijn altijd bijgemaaid 7. De graskanten zijn strak, de rand van de verharding is goed zichtbaar Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Geslotenheid < 5% dood/schade 2. Vlakheid < 5% plaatsel. oneffenh. 3. Begaanbaarheid goed,minder bij regen 4. Maaibeeld kort/gelijkmatig/ incid. prop 5. Maaihoogte < 5 cm 6. Bijgemaaid rond obstakels Ja zelfde hoogte als gazon 7. Graskanten strak incid. max. 10 cm Hoog 1. Het gras is redelijk gesloten en heeft hier en daar beschadigingen of kale plekken 2. Hier en daar zijn oneffenheden en/of rijsporen 3. Het gras is redelijk goed begaanbaar, minder bij regen 4. Het maaibeeld is redelijk kort, hier en daar is propvorming aanwezig 5. Het gras is redelijk gelijkmatig gemaaid 6. Enkele obstakels zijn niet bijgemaaid 7. De graskanten zijn enigszins overgroeid, de rand van de verharding is redelijk zichtbaar Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Geslotenheid < 20% dood/schade 2. Vlakheid < 20% plaatsel. oneffen 3. Begaanbaarheid goed,minder bij regen 4. Maaibeeld redelijk gelijkm. zichtb. prop 5. Maaihoogte < 7 cm 6. Bijgemaaid rond obstakels Enkele keren niet 2x hoogte gazon 7. Graskanten enigsz. overgr., < 10 cm. < 20% 1. Het gras is nauwelijks gesloten en heeft redelijk veel beschadigingen of kale plekken 2. Er zijn redelijk veel oneffenheden en/of rijsporen 3. Het gras is grote delen van het jaar beperkt begaanbaar 4. Het gras is niet kort en ongelijkmatig, schade door propvorming 5. Het gras is redelijk gelijkmatig gemaaid 6. Obstakels zijn langdurig niet bijgemaaid 7. De graskanten zijn structureel overgroeid, de rand van de verharding is nauwelijks zichtbaar Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Geslotenheid < 40% dood/schade 2. Vlakheid < 40% plaatsel. oneffen. 3. Begaanbaarheid beperk, minderbij regen 4. Maaibeeld niet kort/ong. sch. door prop 5. Maaihoogte < 10 cm 6. Bijgemaaid rond obstakels langdurig niet Meer dan 2x hoogte gazon 7. Graskanten struct. overgr., > 10 cm. < 40% Laag
19 Bomen 1. Nauwelijks lichte schade/onevenwichtige kroon, zoals enkele te zware takken, zuigers etc 2. Inboet doet geen breuk aan beeld/uitstraling 3. Stamschade komt nauwelijks voor 4. Er is nauwelijks snoeiachterstand 5. Bijna alle boompalen/banden zijn aanwezig en vertonen nauwelijks schade 6. Er is weinig wortel- stamopschot 7. De vitaliteit van de bomen is goed 8. De bomenrij is nagenoeg volledig 1. Habitus/ kroon <5% schade/onevenw 2. Inboet: overeenst. maat en soort goed 3. Schade stam < 5% stamschade 4. Snoeibehoefte <5% urgent 5. Boompaal/boomband <5%schade 6. Wortel- en stamopschot < 20cm 7. Vitaliteit bomen <5% niet vitaal 8. Volledigheid bomenrijen <5% onvolledig Hoog 1. Enige lichte schade/onevenwichtige kroon, zoals enkele te zware takken, zuigers etc 2. Inboet doet enige afbreuk aan beeld/uitstraling 3. Er is enige stamschade 4. Er is in enige mate snoeiachterstand 5. Enkele boompalen/banden ontbreken en/of vertonen schade 6. Er is in enige mate wortel- stamopschot 7. De vitaliteit van de bomen is voldoende 8. De bomenrij redelijk volledig 1. Habitus/ kroon <20% schade/onevenw 2. Inboet: overeenst. maat en soort grotendeels goed 3. Schade stam < 20% stamschade 4. Snoeibehoefte <20% urgent 5. Boompaal/boomband <20% schade 6. Wortel- en stamopschot < 50cm 7. Vitaliteit bomen < 20% niet vitaal 8. Volledigheid bomenrijen <20% onvolledig 1. Redelijk veel lichte schade/onevenwichtige kroon, zoals enkele te zware takken, zuigers etc 2. Inboet past grotendeels niet bij beeld/uitstraling 3. Stamschade is regelmatig zichtbaar 4. Er is redelijk veel snoeiachterstand 5. Redelijk veel boompalen/banden ontbreken en/of vertonen schade 6. Er is redelijk veel wortel- stamopschot 7. De vitaliteit van de bomen is matig 8. De bomenrij is niet geheel volledig 1. Habitus/ kroon <40% schade/onevenw 2. Inboet: overeenst. maat en soort niet goed 3. Schade stam < 40% stamschade 4. Snoeibehoefte <40% urgent 5. Boompaal/boomband <40% schade 6. Wortel- en stamopschot <100cm 7. Vitaliteit bomen < 40% niet vitaal 8. Volledigheid bomenrijen <40% onvolledig Laag
20 Beplanting/Heesters 1. De beplanting voldoet aan het gewenste eindbeeld en vertoont nauwelijks snoeiachterstand 2. De vitaliteit van de beplanting is goed 3. Schade komt nauwelijks voor 4. De vakken zijn gesloten, kale plekken komen nauwelijks voor 5. Oneigenlijke snoeimaatregelen komen nauwelijks voor 6. Er is nauwelijks urgente snoeibehoefte 7. Inboet doet geen breuk aan beeld/uitstraling 8. De afzonderlijke standplaats van planten is herkenbaar (niet bij bodembedekkers) 1. Beeld (jeugdfase/eindbeeld) <5% niet goed/achterstand 2. Vitaliteit <5% matig/slecht 3. Schade <5% schade 4. Volledigheid rijen/vakken <5% onvolledig 5. Oneigenlijke maatregelen zichtbaar nee 6. Snoeibehoefte <5% urgent 7. Inboet: overeenst. maat en soort goed 8. Verdringing/vakvreemde soorten <5% verdringing Hoog 1. De beplanting voldoet redelijk aan het gewenste eindbeeld en vertoont enige snoeiachterstand 2. De vitaliteit van de beplanting is voldoende 3. Schade is vaak zichtbaar 4. De vakken zijn gesloten, kale plekken komen hier en daar voor 5. Oneigenlijke snoeimaatregelen komen incidenteel voor 6. Er is enige urgente snoeibehoefte 7. Inboet doet enige afbreuk aan beeld/uitstraling 8. De afzonderlijke standplaats van planten is herkenbaar (niet bij bodembedekkers) 1. Beeld (jeugdfase/eindbeeld) <20% niet goed/achterstand 2. Vitaliteit <20% matig/slecht 3. Schade <20% schade 4. Volledigheid rijen/vakken <20% onvolledig 5. Oneigenlijke maatregelen zichtbaar incidenteel/ beperkt 6. Snoeibehoefte <20% urgent 7. Inboet: overeenst. maat en soort grotendeels goed 8. Verdringing/vakvreemde soorten <20% verdringing 1. De beplanting voldoet matig aan het gewenste eindbeeld en vertoont een duidelijke snoeiachterstand 2. De vitaliteit van de beplanting is matig 3. Schade is regelmatig zichtbaar 4. De vakken zijn niet geheel gesloten, kale plekken komen regelmatig voor 5. Oneigenlijke snoeimaatregelen komen regelmatig voor 6. Er is urgente snoeibehoefte 7. Inboet past grotendeels niet bij beeld/uitstraling 8. De afzonderlijke standplaats van planten is niet duidelijk herkenbaar (wel het geval bij bodembedekkers) 1. Beeld (jeugdfase/eindbeeld) <40% niet goed/achterstand 2. Vitaliteit <40%matig/slecht 3. Schade <40% schade 4. Volledigheid rijen/vakken <40% onvolledig 5. Oneigenlijke maatregelen zichtbaar duidelijk 6. Snoeibehoefte <40% urgent 7. Inboet: overeenst. maat en soort niet goed 8. Verdringing/vakvreemde soorten <40% verdringing Laag
21 Sierheesters 1. De beplanting voldoet aan het gewenste eindbeeld en vertoont nauwelijks snoeiachterstand 2. De vitaliteit van de beplanting is goed 3. Schade komt nauwelijks voor 4. De vakken zijn gesloten, kale plekken komen nauwelijks voor 5. Er is nauwelijks urgente snoeibehoefte 6. Inboet doet geen breuk aan beeld/uitstraling 7. Er zijn geen dode bloemen 1. Beeld <5% niet goed/achterstand 2. Vitaliteit <5% matig/slecht 3. Schade/uitval <5% schade 4. Volledigheid rijen/vakken <5% onvolledig 5. Snoeibehoefte <5% urgent 6. Inboet: overeenst. maat en soort goed 7. Dode bloemen 0% per 100m2 Hoog 1. De beplanting voldoet redelijk aan het gewenste eindbeeld en vertoont enige snoeiachterstand 2. De vitaliteit van de beplanting is voldoende 3. Schade is vaak zichtbaar 4. De vakken zijn gesloten, kale plekken komen hier en daar voor 5. Er is enige urgente snoeibehoefte 6. Inboet doet enige afbreuk aan beeld/uitstraling 7. Er zijn incidenteel dode bloemen 1. Beeld <20% niet goed/achterstand 2. Vitaliteit <20% matig/slecht 3. Schade/uitval <20% schade 4. Volledigheid rijen/vakken <20% onvolledig 5. Snoeibehoefte <20% urgent 6. Inboet: overeenst. maat en soort gedeeltelijk goed 7. Dode bloemen <25% per 100m2 1. De beplanting voldoet matig aan het gewenste eindbeeld en vertoont een duidelijke snoeiachterstand 2. De vitaliteit van de beplanting is matig 3. Schade is regelmatig zichtbaar 4. De vakken zijn niet geheel gesloten, kale plekken komen regelmatig voor 5. Er is urgente snoeibehoefte 6. Inboet past grotendeels niet bij beeld/uitstraling 7. Er zijn redelijk veel dode bloemen 1. Beeld <40% niet goed/achterstand 2. Vitaliteit <40%matig/slecht 3. Schade/uitval <40% schade 4. Volledigheid rijen/vakken <40% onvolledig 5. Snoeibehoefte <40% urgent 6. Inboet: overeenst. maat en soort niet goed 7. Dode bloemen <40% per 100m2 Laag
22 Straatmeubilair 1. Het meubilair is zichtbaar en leesbaar 2. Het meubilair is zeer licht beschadigd 3. Het meubilair staat iets scheef 4. Het schilderwerk is goed 5. Het meubilair is nauwelijks beplakt of beklad 6. Het meubilair is uniform van vorm en kleur 7. Het meubilair is zeer goed reflecterend 8. Het meubilair is nauwelijks bevuild door aanslag 1. Zichtbaar/leesbaar alles 2. Beschadigingen zeer licht 3. Vast/loodrecht licht scheef 4. Schilderwerk (constructie/optisch) goed 5. Graffiti <2% graff./beplak. 6. Uniformiteit (plaats/hoogte) aanwezig 7. Reflectieklasse Diamont Grade 8. Vuil/aanslag <5% vuil/aanslag Hoog 1. Het meubilair is zichtbaar en leesbaar 2. Het meubilair is licht beschadigd 3. Het meubilair staat duidelijk waarneembaar scheef 4. Het schilderwerk heeft kleine beschadigingen 5. Het meubilair is enigszins beplakt of beklad 6. Het meubilair heeft een lichte afwijking in vorm en kleur 7. Het meubilair is goed reflecterend 8. Het meubilair is enigszins bevuild door aanslag 1. Zichtbaar/leesbaar alles 2. Beschadigingen lichte besch. 3. Vast/loodrecht duidelijk scheef 4. Schilderwerk (constructie/optisch) redelijk kleine besch. 5. Graffiti <5% graff./beplak. 6. Uniformiteit (plaats/hoogte) lichte afwijking 7. Reflectieklasse NEN2 8. Vuil/aanslag <10% vuil/aanslag 1. Het meubilair is incidenteel niet zichtbaar of leesbaar 2. Het meubilair is matig beschadigd 3. Het meubilair staat fors scheef 4. Het schilderwerk is minimaal en nauwelijks bijgewerkt 5. Het meubilair is sterk beplakt of beklad 6. Het meubilair is niet uniform in vorm en kleur 7. Het meubilair is matig reflecterend 8. Het meubiliair is fors bevuild door aanslag 1. Zichtbaar/leesbaar max 10% niet 2. Beschadigingen matige besch. 3. Vast/loodrecht fors scheef 4. Schilderwerk (constructie/optisch) minimaal niet bijgewerk 5. Graffiti <10% graff./beplak. 6. Uniformiteit (plaats/hoogte) niet aanwezig 7. Reflectieklasse NEN1 8. Vuil/aanslag <20% vuil/aanslag Laag
23 Parkmeubilair 1. Het meubilair is zeer licht beschadigd 2. Er zijn geen gevaarlijke situaties door schade 3. Het meubilair staat iets scheef 4. Het schilderwerk is goed 5. Het meubilair is nauwelijks beplakt of beklad 6. Het meubilair is nauwelijks bevuild door aanslag 1. Beschadigingen nauwelijks besch. 2. Gevaarlijke situaties door schade geen 3. Vast/loodrecht licht scheef 4. Schilderwerk (constructie/optisch) goed 5. Graffiti <2% graff./beplak. 6. Vuil/ aanslag <5% vuil/aanslag Hoog 1. Het meubilair is licht beschadigd 2. Er zijn geen gevaarlijke situaties door schade 3. Het meubilair staat duidelijk waarneembaar scheef 4. Het schilderwerk heeft kleine beschadigingen 5. Het meubilair is enigszins beplakt of beklad 6. Het meubilair is enigszins bevuild door aanslag 1. Beschadigingen lichte besch. 2. Gevaarlijke situaties door schade geen 3. Vast/loodrecht duidelijk scheef 4. Schilderwerk (constructie/optisch) redelijk kleine besch. 5. Graffiti <5% graff./beplak. 6. Vuil/ aanslag <10% vuil/aanslag 1. Het meubilair is matig beschadigd 2. Er zijn gevaarlijkse situaties door schade 3. Het meubilair staat fors scheef 4. Het schilderwerk is minimaal en nauwelijks bijgewerkt 5. Het meubilair is sterk beplakt of beklad 6. Het meubiliair is fors bevuild door aanslag 1. Beschadigingen matige besch. 2. Gevaarlijke situaties door schade aanwezig 3. Vast/loodrecht fors scheef 4. Schilderwerk (constructie/optisch) minimaal niet bijgewerk 5. Graffiti <10% graff./beplak. 6. Vuil/ aanslag <20% vuil/aanslag Laag
24 Zwerfafval in het groen 1. Grof zwerfafval: weinig 2. Fijn zwerfafval: weinig 3. Drijfvuil: geen Kwaliteitsnorm: 1. Grof zwerfafval 1-3 (> 10 cm*, per 100 m²)* 2. Fijn zwerfafval 1-3 (> 1, < 10 cm, per 1 m²) 3. Drijfvuil 1 ( per 100 m²) Hoog * Bovengrens = afval groter dan 25 L en zwaarder dan 10 kg 1. Grof zwerfafval: redelijk veel 2. Fijn zwerfafval: redelijk veel 3. Drijfvuil: enkele stukjes Kwaliteitsnorm: 1. Grof zwerfafval 4-10 (> 10 cm*, per 100 m²)* 2. Fijn zwerfafval 4-10 (> 1, < 10 cm, per 1 m²) 3. Drijfvuil 2-4 ( per 100 m²) * Bovengrens = afval groter dan 25 L en zwaarder dan 10 kg 1. Grof zwerfafval: veel 2. Fijn zwerfafval: veel 3. Drijfvuil: meerdere stukjes Kwaliteitsnorm: 1. Grof zwerfafval (> 10 cm*, per 100 m²)* 2. Fijn zwerfafval (> 1, < 10 cm, per 1 m²) 3. Drijfvuil 5-10 ( per 100 m²) Laag * Bovengrens = afval groter dan 25 L en zwaarder dan 10 kg
25 Zwerfafval op verharding 1. Grof zwerfafval: weinig 2. Fijn zwerfafval: weinig 3. Natuurlijk vuil: weinig Kwaliteitsnorm: 1. Grof zwerfafval 1-3 (> 10 cm*, per 100 m²)* 2. Fijn zwerfafval 1-3 (> 1, < 10 cm, per 1 m²) 3. Natuurlijk vuil <5% ( per 100 m²) Hoog * Bovengrens = afval groter dan 25 L en zwaarder dan 10 kg 1. Grof zwerfafval: redelijk veel 2. Fijn zwerfafval: redelijk veel 3. Natuurlijk vuil: redelijk veel Kwaliteitsnorm: 1. Grof zwerfafval 4-10 (> 10 cm*, per 100 m²)* 2. Fijn zwerfafval 4-10 (> 1, < 10 cm, per 1 m²) 3. Natuurlijk vuil <20% ( per 100 m²) * Bovengrens = afval groter dan 25 L en zwaarder dan 10 kg 1. Grof zwerfafval: veel 2. Fijn zwerfafval: veel 3. Natuurlijk vuil: veel Kwaliteitsnorm: 1. Grof zwerfafval (> 10 cm*, per 100 m²)* 2. Fijn zwerfafval (> 1, < 10 cm, per 1 m²) 3. Natuurlijk vuil <50% ( per 100 m²) Laag * Bovengrens = afval groter dan 25 L en zwaarder dan 10 kg
26 Onkruid op verharding 1. Er is nauwelijks onkruid aanwezig op gesloten verharding 2. Er is nauwelijks onkruid aanwezig op elementenverharding (voeglengte < 5m/m2) 3. Er is nauwelijks onkruid aanwezig op elementenverharding (voeglengte 5-15m/m2) 4. Er is nauwelijks onkruid aanwezig op elementenverharding (voeglengte > 15m/m2) 5. Er is nauwelijks onkruid aanwezig in de goot 6. Er is nauwelijks onkruid aanwezig op ongebonden verharding 7. Er is nauwelijks onkruid aanwezig rondom obstakels, muren en afrasteringen 8. Er is nauwelijks polvorming aanwezig 9. De kruidenhoogte is nauwelijks storend Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Gesloten verharding max. 3% 2. Elementenverharding (voeglengte < 5m/m2) max. 15% 3. Elementenverharding (voeglengte 5-15m/m2) max. 10% 4. Elementenverharding (voeglengte > 15m/m2) max. 5% 5. Goot < 1% van 10 m1 6. Ongebonden verharding max. 3% 7. Rond obstakels, muren en afrasteringen max. 10 % 8. Polvorming geen 9. Kruidenhoogte max. 10 cm Hoog 1. Er is onkruid in lichte mate aanwezig op de gesloten verharding 2. Er is onkruid in lichte mate aanwezig op elementenverharding (voeglengte < 5m/m2) 3. Er is onkruid in lichte mate aanwezig op elementenverharding (voeglengte 5-15m/m2) 4. Er is onkruid in lichte mate aanwezig op elementenverharding (voeglengte > 15m/m2) 5. Er is onkruid in lichte mate aanwezig in de goot 6. Er is onkruid in lichte mate aanwezig op ongebonden verharding 7. Er is onkruid in lichte mate aanwezig rondom obstakels, muren en afrasteringen 8. Er is polvorming in lichte mate aanwezig 9. De kruidenhoogte is enigszins storend Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Gesloten verharding max. 15% 2. Elementenverharding (voeglengte < 5m/m2) max. 40% 3. Elementenverharding (voeglengte 5-15m/m2) max. 30% 4. Elementenverharding (voeglengte > 15m/m2) max. 15% 5. Goot < 10% van 10 m1 6. Ongebonden verharding max. 15% 7. Rond obstakels, muren en afrasteringen max. 25% 8. Polvorming max. 100 pollen 9. Kruidenhoogte max. 30 cm 1. Er is redelijk veel onkruid aanwezig op de gesloten verharding 2. Er is redelijk veel onkruid aanwezig op elementenverharding (voeglengte < 5m/m2) 3. Er is redelijk veel onkruid aanwezig op elementenverharding (voeglengte 5-15m/m2) 4. Er is redelijk veel onkruid aanwezig op elementenverharding (voeglengte > 15m/m2) 5. Er is redelijk veel onkruid aanwezig in de goot 6. Er is redelijk veel onkruid aanwezig op ongebonden verharding 7. Er is redelijk veel onkruid aanwezig rondom obstakels, muren en afrasteringen 8. Er is redelijk veel polvorming aanwezig 9. De kruidenhoogte is storend Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Gesloten verharding max. 25% 2. Elementenverharding (voeglengte < 5m/m2) max. 50% 3. Elementenverharding (voeglengte 5-15m/m2) max. 40% 4. Elementenverharding (voeglengte > 15m/m2) max. 25% 5. Goot < 25% van 10 m1 6. Ongebonden verharding max. 25% 7. Rond obstakels, muren en afrasteringen max. 50 % 8. Polvorming max. 200 pollen 9. Kruidenhoogte max. 50 cm Laag
27 Onkruid in het groen 1. Er is nauwelijks onkruid/opslag aanwezig 2. De kruidenhoogte is nauwelijks storend 3. Er zijn weinig verspreide kruidenresten aanwezig 4. Er zijn geen verzamelde hopen met kruidenresten aanwezig Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Oppervlak kruidenbedekking max. 20% 2. Kruiden/opslag hoogte max. 10 cm 3. Verspreide resten van kruiden max. 10% 4. Hopen kruidenresten geen Hoog 1. Er is lichte mate onkruid/opslag aanwezig 2. De kruidenhoogte is enigszins storend 3. Er zijn hier en daar verspreide kruidenresten aanwezig 4. Er zijn geen verzamelde hopen met kruidenresten aanwezig Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Oppervlak kruidenbedekking max. 40% 2. Kruiden/opslag hoogte max. 30 cm 3. Verspreide resten van kruiden max. 25% 4. Hopen kruidenresten geen 1. Er is redelijk veel onkruid/opslag aanwezig 2. De kruidenhoogte is storend 3. Er zijn redelijk veel verspreide kruidenresten aanwezig 4. Er zijn enkele verzamelde hopen met kruidenresten aanwezig Kwaliteitsnorm: per 100 m² 1. Oppervlak kruidenbedekking > 40% 2. Kruiden/opslaghoogte max. 50 cm 3. Verspreide resten van kruiden > 25% 4. Hopen kruidenresten enkele Laag
Beheer openbare ruimte. Kwaliteitscatalogus Gemeente Zuidhorn
Beheer openbare ruimte Kwaliteitscatalogus Gemeente Zuidhorn 411180 Beleid Inhoud Bomen Heesters Sierheesters Gazon Berm/Kruidenrijk gras Straatmeubilair Parkmeubilair Zwerfafval in het groen Zwerfafval
Annex I Kwaliteitscatalogus
Annex I Kwaliteitscatalogus Bomen Er is weinig wortel- en stamopschot Kwaliteitsnorm: per stuk Bedekking stamoppervlak door wortel- en stamopschot < 5 % Gemiddelde lengte wortel- en stamopschot < 20 cm
BOMEN JEUGD SNOEI WEL NIET
BEHEERPASPOORT BOMEN JEUGD SNOEI Een mooie duurzame boom, bomenrij of groep met één doorgaande stam en een voor die locatie gewenste takvrije stam. Er wordt tijdens deze fase gestreefd om de boom zich
Verharding-zwerfafval fijn en grof A+ A B C D. Er ligt redelijk veel fijn zwerfafval. Er ligt redelijk veel grof zwerfafval.
Verharding-zwerfafval fijn en grof Er ligt geen fijn Er ligt weinig fijn Er ligt redelijk veel fijn Er ligt veel fijn Er ligt zeer veel fijn fijn zwerfafval ( 10 cm) fijn zwerfafval ( 10 cm) fijn zwerfafval
Kwaliteitscatalogus openbare ruimte bijlage bij kadernota 2013-2016
Kwaliteitscatalogus openbare ruimte bijlage bij kadernota 2013-2016 projectnr. 14362-259809 revisie D2 16 mei 2013 auteur(s) R. Kloppenborg D. Nuus Opdrachtgever Gemeente Stadskanaal Postbus 140 9500 AC
Kwaliteitscatalogus Gemeente Veere Beoordeling kwaliteit openbare ruimte
Kwaliteitscatalogus Gemeente Veere 2012 Beoordeling kwaliteit openbare ruimte Kwaliteitscatalogus VEERE Aan de hand van deze kwaliteitscatalogus kunnen we de openbare ruimte van de gemeente Veere beoordelen.
Beelden van de openbare ruimte. Pocketversie Beheercatalogus
Beelden van de openbare ruimte Pocketversie Beheercatalogus Inleiding De gemeente Hengelo doet er alles aan om de kwaliteit van de openbare ruimte op peil te houden. Maar wat is precies op peil? Dat is
De verschillen tussen de onderhoudsniveaus basis en accent zijn aangegeven in de tekst door middel van een onderstreping.
BIJLAGE A. BEELDBOEK GROEN KERNEN In de wijken krijgt de openbare ruimte een gemiddelde kwaliteit. Dit onderhoudsniveau noemen we basis. In de wijken dragen inwoners vervolgens zelf bij aan het beheer
Kwaliteitshandboek. onderhoud openbare ruimte
Kwaliteitshandboek onderhoud openbare ruimte 2014 Voorwoord De openbare ruimte is een verzamelnaam voor plekken die we allemaal gebruiken. Bijvoorbeeld straten, parken, pleinen en voet- en fietspaden.
Kwaliteitshandboek. onderhoud openbare ruimte. gemeente Steenwijkerland
Kwaliteitshandboek onderhoud openbare ruimte gemeente Steenwijkerland Voorwoord Voorwoord Met elkaar kijken hoe onze openbare ruimte erbij ligt. Dat is de kern van de Burgerschouw. Zien de speeltuinen
MEETLAT. Kwaliteit Beheer Openbare Ruimte
MEETLAT Kwaliteit Beheer Openbare Ruimte Inhoud Voorwoord 4 Integrale kwaliteit in de openbare ruimte 5 Kwaliteit Openbare Ruimte: meetbaar en herkenbaar 6 Verharding Asfalt 8 Verharding Elementen 10
Schouwcatalogus Beheer en onderhoud groen openbare ruimte
Schouwcatalogus eheer en onderhoud groen openbare ruimte Gemeente de ilt atum: Mei 2013 Project: P 459-01 Kenmerk: 2013465 Toelichting schouwcatalogus eze catalogus is een eerste versie voor de nulmeting
GROENBEHEERPLAN GEMEENTE BEUNINGEN
GROENBEHEERPLAN GEMEENTE BEUNINGEN In Beuningen is naar verhouding veel groen aanwezig. Deze groene inrichting draagt bij aan een gezonde, fraaie, plezierige woon- en werkomgeving. Als gemeente zijn we
Beeldkwaliteitplan. Beeldkwaliteitplan Groen
Beeldkwaliteitplan Beeldkwaliteitplan Groen Titel: Beeldkwaliteitplan groen Opgesteld door: Wilka Guelen Datum: juli 2012 2 Inhoud Inleiding... 4 Samenvatting... 6 1. Groen... 7 1.2 Uitmaaien bosplantsoen...
Kwaliteit openbare ruimte Nijmegen Het Marikenniveau
Kwaliteit openbare ruimte Nijmegen Het Marikenniveau Wat kunnen bewoners en ondernemers verwachten van het basisniveau van onderhoud? Voor participatie Een veilige, toegankelijke openbare ruimte waar mensen
Beheer Openbare Ruimte (BOR) Gemeente Noordenveld Versie 2016
Beheer Openbare Ruimte (BOR) Gemeente Noordenveld Versie 2016 Inhoudsopgave Inhoud 1 Groen 3 1.1 3 1.2 Verzorgingsgraad 11 2 Verharding 12 2.1 12 2.2 Verzorgingsgraad 17 3 Meubilair 21 3.1 21 3.2 Verzorgingsgraad
Ontwerpbesluit: Toekomstige beheerscenario s openbare ruimte
Ontwerpbesluit: Toekomstige beheerscenario s openbare ruimte 2013-2018 Registratienummer 2013-03115 Versie 1 Status Concept Opdrachtgever Inge Meindertsma Adviseur Hendrik Hoekstra Voor akkoord Voor akkoord
B ijlage Referentieboek
B ijlage Referentieboek Behorende bij Groen moet je doen Gemeente Borger Odoorn Afdeling Bouwkunde, Openbare Werken en Groen (BOWG) 2 Bijlage Referentieboek Bijlage Referentieboek Referentieboek voor bepaling
Oplegnotitie Prioritering Groenbeleid Gemeente Leusden bij Groene rijkdom in beeld, Groenbeleidsplan gemeente Leusden
Oplegnotitie Prioritering Groenbeleid Gemeente Leusden bij Groene rijkdom in beeld, Groenbeleidsplan gemeente Leusden Inleiding In 2005 is het beleidsplan Groene rijkdom in beeld, Groenbeleidsplan gemeente
G EMEENTE. Samenleven. in de buitenruimte
G EMEENTE Samenleven in de buitenruimte Wethouder Jan Overweg De openbare ruimte is van ons allemaal. Dus hoe mooi zou het zijn als iedereen in Leusden zich verantwoordelijk voelt voor zijn of haar woonomgeving.
Bijlage 10 Planning en kosten renovaties
Bijlage 10 Planning en kosten renovaties Integrale herinrichtingen 2014 2015 2016 2017 2018 Koningshof fase 5, 6, 7, 8 50.000 50.000 50.000 50.000 35.000 Vrouwtjeslant fase 3, 4 45.000 45.000 45.000 ----
Kwaliteitscatalogus Beheer en onderhoud openbare ruimte
Kwaliteitscatalogus eheer en onderhoud openbare ruimte Gemeente Hattem Versie: 2 Status: concept atum: 10 april 2009 Project: P295 01 Kenmerk: 2009137 INHOUSOPGVE 1 Inleiding 2 Schouwinstructie 3 Maatlatten
Hoe groen zijn de partijprogramma s
Hoe groen zijn de partijprogramma s Een onderzoek over wat er door de verschillende partijen is opgeschreven voor de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart 2014 Werkwijze Alle 8 partijprogramma s zijn
Nijmegen. schoon, heel & veilig?!
Nijmegen schoon, heel & veilig?! INHOUDSOPGAVE Verharding 1. Heel en veilig - rijbaan 2. Heel en veilig - trottoirs en fietspaden 3. Schoon - onkruid op verharding 4. Schoon - zwerfvuil op verharding en
GROEN - staat boom. Basis De boom ziet er gezond en verzorgd uit en is groeikrachtig. De boom en paal. Laag. Hoog. meetlatten
0 GROEN - staat boom De boom ziet er gezond en verzorgd uit en is groeikrachtig. De boom en paal staan recht. De boom ziet er redelijk gezond en verzorgd uit en is redelijk groeikrachtig. De boom en paal
Gemeente Amsterdam stadsdeel Noord rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer J.A.M. van Moorsel, Afdelingsmanager Wijkbeheer West
Beheerovereenkomst Gemeente Amsterdam stadsdeel Noord rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer J.A.M. van Moorsel, Afdelingsmanager Wijkbeheer West hierna te noemen: het stadsdeel en , gevestigd
Kwaliteitshandboek. onderhoud openbare ruimte. gemeente Steenwijkerland
Kwaliteitshandboek onderhoud openbare ruimte gemeente Steenwijkerland Voorwoord Voorwoord Met elkaar kijken hoe onze openbare ruimte erbij ligt. Dat is de kern van de Burgerschouw. Zien de speeltuinen
Uw partner in groen. Beeldbestek volgens CROW catalogus
Uw partner in groen Beeldbestek volgens CROW catalogus Inhoudsopgave 1. Wat kunnen/mogen we van Axentgroen verwachten... 2 2. Inleiding... 3 3. Schaalbalken... 3 4. Beter communiceren met beelden... 3
f. OW BIJ beleidsplan Onderhoud Groen 2014-O.docx Grip op groen.veilig en heel
f. OW BIJ beleidsplan Onderhoud Groen 2014-O.docx Grip op groen.veilig en heel Versie 24-09-2014 Openbare Werken Beleidsplan wegen Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 1 Inleiding... 2 2 Situatie gemeentelijk
meetlat integrale kwaliteit
meetlat integrale kwaliteit g e m e e n t e g e n n e p inleiding Meetlat INTEGRALE kwaliteit Gennep De gemeente Gennep benadert het beheer en onderhoud van de openbare ruimte op basis van beeldkwaliteit.
Bijlage I. Werkomschrijving SCHOUWPLAN
Bijlage I Werkomschrijving SCHOUWPLAN beheerovereenkomst onderhoud Groenvoorzieningen en Schoon Bijlage bij Uitvoeringsovereenkomst BIZ 2011 t/m 2015 Bedrijventerrein Spoorzicht INHOUDSOPGAVE 1 AANLEIDING...
Doel Met de antwoorden kan de gemeente Wageningen een algemeen beeld formuleren van de groenbeleving door de bewoners van Wageningen Hoog.
Enquête Wageningen Hoog. U vindt hier het overzicht van de resultaten uit de bewonersenquête voor de wijk Wageningen Hoog. De enquête kon zowel digitaal als schriftelijk worden ingevuld tot 9 december
K W A L I T E I T S C A T A L O G U S
K W A L I T E I T S C A T A L O G U S e n s c h e d e INHOUDSOPGAVE pag TECHNISCHE STAATVERHARDING asfalt 1 TECHNISCHE STAATVERHARDING TECHNISCHE STAAT TECHNISCHE STAAT TECHNISCHE STAAT TECHNISCHE STAAT
OPENBARE RUIMTE SCHOUWWAAIER. 2014_45544_Stadsleven_Schouwwaaier_DEF.indd :13
2016 OPENRE RUIMTE SHOUWWIER 2014_45544_Stadsleven_Schouwwaaier_EF.indd 1 02-03-16 12:13 OPENR OPENR Zwerfvuil en/of hondenpoep omen op verharding, beplanting en zwerfvuil in water Perfect: er is geen
In het onderhoud van de openbare ruimte meerdere disciplines te herkennen.
Fractie: PU Naam: T. van Steen Onderwerp: Onderhoudsniveaus Datum indiening vragen: 2 december 2016 Opmerking Gerrit Taal: Donderdag 1 december telefonisch gesproken met dhr. Van Steen. Vragen hebben betrekking
EVALUATIE BOMENVERORDENING 2005
RIS.2893 EVALUATIE BOMENVERORDENING 2005 Foto: J.Sibon Gemeente Emmen Dienst Gebied November 2007 1 1. Aanleiding In 2005 is een herziene Bomenverordening vastgesteld. Daarin is de diametergrens verhoogd
Visie Beheer Openbare Ruimte
Visie Beheer Openbare Ruimte De openbare ruimte bestaat uit de ondergrondse en bovengrondse voorzieningen die in beheer zijn de gemeenten en bestaat uit riolering, plantsoenen, bomen, wegen, straten, pleinen,
Panelonderzoek inwoners en openbaar groen
Panelonderzoek inwoners en openbaar groen Gemeente Amersfoort Marlies Visser 2 juni 2015 De meeste panelleden zijn positief over het burgerinitiatief tot het opstellen van een Groenvisie. Men vindt over
Veel gemeenten bezuinigen op groenonderhoud en onderhoud van de openbare ruimte
Veel gemeenten bezuinigen op groenonderhoud en onderhoud van de openbare ruimte 1. Gemeentelijk gras wordt nog wel gemaaid maar niet meer afgevoerd; men gaat vaak over op klepelen of sikkelen. Dode bomen
BOOMBEHEER GEMEENTE BARENDRECHT
BOOMBEHEER GEMEENTE BARENDRECHT 29 maart 2017 Dirk Vermaat wethouder beheer openbare ruimte Bomen zijn belangrijk Integrale Visie Openbare Ruimte (IVOR) - bomen zijn belangrijk voor de groenstructuur van
~atwijk. Voorstel. :Burgemeester en Wethouders. : Openbaar j Ter besluitvorming : Dienstverlening :P.C. van den Berg. : Nee. :Wienen,J.
Voorstel ~atwijk Aan :Burgemeester en Wethouders Zaaknummer :2013-5128 Status Afdeling Medewerk(st)er : Openbaar j Ter besluitvorming : Dienstverlening :P.C. van den Berg Datum Paraaf medewerk(st)er: :
GEMEENTE WAALWIJK natuurlijk groen
GEMEENTE WAALWIJK natuurlijk groen Hoe groen kunt u het De laatste jaren heeft de gemeente Waalwijk regelmatig met inwoners en andere belanghebbenden gesproken over de uitstraling van de openbare ruimte.
Inspraak januari Groenbeleidsplan
Inspraak januari 2016 Groenbeleidsplan 2016-2025 Groenbeleidsplan Wat is het groenbeleidsplan Openbaar groen in de bebouwde kommen Beleid in hoofdlijnen voor de komende 10 jaar Belangrijk was de inbreng
Afstudeeropdracht. Win - Win
Agenda Afstudeeropdracht Aanleiding Twee elementen uitgelicht Methodologische verantwoording Normenkader Beheerplan wegen Richtlijnen en doelstellingen Kwaliteit van de doelstellingen De praktijk Conclusies
Waarom actualisatie van het bomenbeleid?
Pitch Rob Poelman/RaalterBomen 15 maart 2016. Waarom actualisatie van het bomenbeleid? De gemeente Raalte heeft zich uitgesproken voor het creëren van een gezond, gevarieerd, duurzaam en kwalitatief goed
notitie voor: GROENBEHEERPLAN 2014, NOTITIE KOSTEN
notitie voor: GROENBEHEERPLAN 2014, NOTITIE KOSTEN projectnummer: SI-207.000 datum: 01-07-2014 NOTITIE: Project: Projectnummer: Groenstructuurplan / Groenbeheerplan 2014, Kosten SI-207.000 Datum notitie:
Zelfbeheer Openbaar Groen
Beleidsnotitie Zelfbeheer Openbaar Groen Datum: Januari 2014 Naam: Beleidsnotitie Zelfbeheer Openbaar Groen, afdeling Omgeving Sectie: Openbaar Groen VOORWOORD In het kader van Oldebroek voor mekaar wordt
Startnotitie (gewijzigd) ACTUALISATIE GROENBELEIDSPLAN
Startnotitie (gewijzigd) ACTUALISATIE GROENBELEIDSPLAN Portefeuillehouder: A. de Waard Ambtelijk opdrachtgever: L. Mourik Primaathouder: D.J.B. Sakko Versie: 02, d.d. 13 februari 2014 Inhoudsopgave Startnotitie
Groenbeleidsplan Alkmaar Deel 1: Groenvisie en -programma
Deel 1: Groenvisie en -programma Versie: 26 september 2005 (vastgesteld) Auteur(s) Oranjewoud: Godfried Vis Cora van Zwam Gemeente Alkmaar: Willem van Douwen Pauline Lambalk Opdrachtgever Gemeente Alkmaar
Dé Groene visie Groen Lochem, duidelijk en herkenbaar. Gemeente Lochem Afd. Openbare werken 26 juni 2006
Dé Groene visie Groen Lochem, duidelijk en herkenbaar Gemeente Lochem Afd. Openbare werken 26 juni 2006 Inhoudsopgave Samenvatting... 3 Voorwoord... 3 1. Inleiding... 4 1.1 Aanleiding... 4 1.2 Doel...
Verschillen versterken
30 VELDEN door verschillen te versterken ontstaan velden met een aantrekkelijke variatie aan karakters Verschillen versterken De begraafplaats Orthen onderscheidt zich van de andere begraafplaatsen in
Notitie Verlagen maaifrequentie bermen 2013
Notitie Verlagen maaifrequentie bermen 2013 Inleiding. Met de vaststelling van de Perspectiefnota 2013-2016 (PPN) heeft de gemeenteraad ingestemd met het voorstel (TBB 3.6.8 Voorstel 7) om voor het deel
Plan van aanpak zwerfafval
Plan van aanpak zwerfafval 1 Inleiding Niemand wil wonen, werken of recreëren in een vervuilde leefomgeving. Zwerfafval ontstaat niet vanzelf! Met zijn allen zijn we verantwoordelijk. In 2001 is door de
t bouwhuis enschede Masterplan geeft zorgterrein kwaliteiten van landgoed terug
t bouwhuis enschede Masterplan geeft zorgterrein kwaliteiten van landgoed terug Masterplan t Bouwhuis Masterplan geeft zorgterrein kwaliteiten van landgoed terug 1. landgoederen Zorgterrein t Bouwhuis
Beheerplan onderhoud groen
Beheerplan onderhoud groen 1. Inventarisatie openbaar groen Het openbaar groen in de gemeente is geïnventariseerd en in beeld gebracht met het software beheerspakket DGdialog. Onder het openbaar groen
HOOFDWEGEN. Wat: Routes de stad in en uit Helpen om je te oriënteren in de stad Hebben status
HOOFDWEGEN Routes de stad in en uit Helpen om je te oriënteren in de stad Hebben status Twee of meer bomenrijen Grote bomen (1 e orde, tot 20 meter hoog) In ecologische verbindingszones alleen inheemse
Groenbeheerplan. Sliedrecht. Afdeling Plantsoenen en Reiniging Sliedrecht, juni 2004
Groenbeheerplan 2004 Sliedrecht Afdeling Plantsoenen en Reiniging Sliedrecht, juni 2004 Groenbeheerplan 2004 Sliedrecht Afdeling Plantsoenen en Reiniging Sliedrecht, juni 2004 Samenvatting HET GROENBEHEERPLAN
Duurzaam inkopen groenvoorziening
Duurzaam inkopen groenvoorziening Joop Spijker Bijeenkomst Praktijknetwerken Onkruidbestrijding Utrecht Houten, 8 december 2008 Inhoud 1. Duurzaam inkopen (algemeen) 2. Productgroep Groenvoorziening 3.
Kwaliteitsgids BOR. Gemeente Landgraaf Meet- & communicatieinstrument kwaliteit van de openbare ruimte
Kwaliteitsgids BOR Meet- & communicatieinstrument kwaliteit van de openbare ruimte Versie In opdracht van Afdeling BOR Datum: Bezoekadres: gemeente Landgraaf afdeling BOR Raadhuisplein 1 6370 AA Landgraaf
Project: Gecompileerde meetlatten op basis van CROW schaalbalken Auteurs: Rob Roodbol en Arjan de Bruin Datum: december 2013
colofon Project: Gecompileerde meetlatten op basis van CROW schaalbalken Auteurs: Rob Roodbol en Arjan de Bruin Datum: december 2013 Cyber bv, Adviseurs voor buitenruimte en organisatie vestiging Bodegraven
Collegevoorstel Inleiding: Feitelijke informatie: Terugdringen chemiegebruik onkruidbestrijding
Collegevoorstel Inleiding: De gemeente Heusden wil de chemische onkruidbestrijding terugdringen en op termijn zelfs totaal afschaffen, uit milieuoverwegingen, maar ook omdat de gemeente een groene gemeente
Burgerparticipatie en openbaar groen. Presentatie bewonersavond kern Heibloem 22 september 2016
Burgerparticipatie en openbaar groen Presentatie bewonersavond kern Heibloem 22 september 2016 Agenda 1. Opening 2. Aanpassingen groenonderhoud 2015-2016 3. Onderhoud gazons en plantsoenen 4. Onkruidbestrijding
Groen- en grijsonderhoud
December 2015 Advies in hoofdlijnen Het advies Over het algemeen zijn de BAG-deelnemers tevreden over het onderhoud, maar adviseren wel meer te differentiëren in het onderhoudsniveau voor de verschillende
Betaalbaar Natuurlijk Groenbeheer in Eindhoven. Frank Verhagen Beheerder natuurlijke gebieden
Betaalbaar Natuurlijk Groenbeheer in Eindhoven Frank Verhagen Beheerder natuurlijke gebieden Natuurlijk Groenbeheer in Eindhoven: Maaibeheer stedelijk gebied en wegbermen Maaibeheer natuurterreinen Bosbeheer/
Rapport kwaliteitscontrole terreinonderhoud
Rapport kwaliteitscontrole terreinonderhoud controle locatie controledatum: controleur: soort controle: aanwezig namens opdrachtgever: aanwezig namens opdrachtnemer: uitvoerende partij: perceel: naam:
Evaluatie Maai- en graasplan uitvoering 2016
Evaluatie Maai- en graasplan uitvoering 2016 Kenmerk: IT17.01282 datum: 22 maart 2017 Pagina 1 van 8 Inhoud Inhoud... 1 Samenvatting... 3 1. Evaluatie uitvoering maai- en graasplan... 5 1.1. Inleiding...
Kwaliteit Openbare Ruimte Krimpen aan den IJssel 2008
Kwaliteit Openbare Ruimte Krimpen aan den IJssel 2008 projectnr. 179990 November 2008 Powered by: Auteur: Bonne Keizer Ricardo Beckers Opdrachtgever: Gemeente Krimpen aan den IJssel Inleiding 2 Inhoudsopgave
Gemeente Bloemendaal. Technische staat groen gemeente Bloemendaal
Gemeente Bloemendaal Technische staat groen gemeente Bloemendaal Gemeente Bloemendaal Technische staat groen gemeente Bloemendaal Joeri Kuis TerraSpect Waalwijk Inhoud 1 Inleiding 4 2 Algemeen 5 2.1 Aanleiding
Groenbeheer Westeinde. Presentatie: Nico Kelderhuis 12 november 2015
Groenbeheer Westeinde Presentatie: Nico Kelderhuis 12 november 2015 Programma De waarde van Groen Nieuwe groenbeleidsplan Ontwikkelingen Leeuwarden Beheer Leeuwarden Het groen in Westeinde Tips voor de
Afdeling: Beleid en Projecten Leiderdorp,
Afdeling: Beleid en Projecten Leiderdorp, 5-11-2007 Onderwerp: Bomenbeleidsplan Leiderdorp Aan de raad. Beslispunten 1 vaststellen van het bomenbeleidsplan Leiderdorp (bijlage 1) 2 vaststellen van de beleidsregel
Bermenplan Assen. Definitief
Definitief Opdrachtgever: Opdrachtgever: Gemeente Assen Gemeente Mevrouw Assen ing. M. van Lommel Mevrouw M. Postbus van Lommel 30018 Noordersingel 940033 RA Assen 9401 JW T Assen 0592-366911 F 0592-366595
Zakelijk. Inzicht geeft uitzicht
Zakelijk Inzicht geeft uitzicht Voorwoord Inhoudsopgave Groen wordt steeds belangrijker als rustgevende en sociale component in ons bestaan. Groen is duurzaam, zorgt voor rust en inspiratie. In een omgeving
Raadsstuk. Onderwerp: Herziening kwaliteitsambitie Openbare Ruimte BBV nr: 2014/340726
Raadsstuk Onderwerp: Herziening kwaliteitsambitie Openbare Ruimte BBV nr: 2014/340726 1. Inleiding In de Visie en strategie beheer en onderhoud (2012/398572) ligt vast welke kwaliteitsambitie de gemeente
Beleidsregel ter uitvoering van artikel 43 APV (kapverbod) Typen en beschermde status van bomen in Hoogeveen
Beleidsregel ter uitvoering van artikel 43 APV (kapverbod) In april 2007 heeft de gemeenteraad van Hoogeveen besloten om de regeldruk voor haar inwoners te verminderen. In het verlengde hiervan is besloten
Beheerplan groen. Opdrachtgever. gemeente Oostzaan. Gemeente Oostzaan Kerkbuurt BD Oostzaan. projectnr revisie D2 23 februari 2010
Beheerplan groen gemeente Oostzaan projectnr. 201639 revisie D2 23 februari 2010 Opdrachtgever Gemeente Oostzaan Kerkbuurt 4 1511 BD Oostzaan datum vrijgave beschrijving revisie D2 goedkeuring vrijgave
Bomenbeleidsplan Sliedrecht
Bomenbeleidsplan Sliedrecht Bomenbeleidsplan Sliedrecht Afdeling Plantsoenen en Reiniging Sliedrecht, 2009 Inhoud 1. Inleiding 1 2. Definiëring boomcategorieën en status 2 3. Herplant- en compensatiebeleid
Burgerschouw wijk 4 Oost-Souburg en Ritthem
Burgerschouw wijk 4 Oost-Souburg en Ritthem 29-3-2017 Inleiding Op 29 maart 2017 heeft de 1e burgerschouw 2017 in de wijk Oost-Souburg en Ritthem plaatsgevonden. In overleg met de deelnemers is besloten
Schouwgids Kwaliteitstoets Vlist
Februari 2013 Schouwgids Kwaliteitstoets Vlist Meet- en communicatie instrument voor de kwaliteit van de openbare ruimte Schouwgids Kwaliteitstoets Oegstgeest Meet- en communicatie instrument voor de kwaliteit
Volksbelang: Midden tussen haar klanten
Zorgeloos tuinieren Volksbelang: Midden tussen haar klanten Zorgeloos huren en wonen, dat is waar Volksbelang voor staat. Als sociale organisatie die midden tussen haar klanten staat, vindt Volksbelang
Beheer Begraafplaatsen
Beheer Begraafplaatsen Bestek 2009-2013 Beheer Begraafplaatsen Bestek 2009-2013 Opdrachtgever: Auteur: gemeente Scherpenzeel sector Grondgebied J. Boertjes Datum: 18 september 2008 (laatste versie: 18
GROENCOMPENSATIEPLAN DE VERBORGEN KAMER BRAAMWEG 1 ARNHEM
GROENCOMPENSATIEPLAN DE VERBORGEN KAMER BRAAMWEG 1 ARNHEM Groencompensatieplan Braamweg 1 Arnhem, i.o.v. Giesbers Arnhem 1 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding Giesbers Arnhem is voornemens het plangebied De Verborgen
Cibor gids. Standaard schouwgids Meet- en communicatie instrument voor de kwaliteit van de openbare ruimte. Schouwgids juni 2011
Cibor gids Standaard schouwgids Meet- en communicatie instrument voor de kwaliteit van de openbare ruimte Schouwgids COLOFON Project: 51223WE, gemeente IJsselstein Integraal BKP Auteurs: Annemarie Keern
Nota van B&W. onderwerp Actualisering Beheerkwaliteitplan Openbare Ruimte (BKP)
gemeente Haarlemmermeer Nota van B&W onderwerp Actualisering Beheerkwaliteitplan Openbare Ruimte (BKP) Portefeuillehouder Marjolein Steffens-van de Water Collegevergadering 1 3 december 2016 inlichtingen
Versie Groencommissie: Franc Magnee Dirk Wendt Frans van der Meijden
Groenplan Rozendaal Versie 20160414. Groencommissie: Franc Magnee Dirk Wendt Frans van der Meijden Inleiding: Dit groenplan is opgesteld door de groencommissie in 2015 in opdracht van het DB. Het plan
MEMO maaibeleid. Beheergroep Streefbeeld en maairegime Waar kan dit voorkomen Gazon
MEMO maaibeleid Met ingang van 1 januari 2016 is het maaibeleid voor grassen in de fysieke openbare njimte gewijzigd. Dit had ie maken met een verschuiving van middelen binnen het programma kwaliteit fysieke
Aanwijsregels voor bomen per statuscategorie, gemeente Lisse
GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Lisse. Nr. 128898 31 december 2015 Aanwijsregels voor bomen per statuscategorie, gemeente Lisse Burgemeester en wethouders hebben de kaders en richtlijnen voor
