Proeftuin Amersfoort
|
|
|
- Nelly Cools
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 GrondRR, Witteveen en Bos Proeftuin Amersfoort In opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu/ Deltaprogramma Nieuwbouw en Herstructurering
2 colofon De rapportage is geschreven door Ursula Kirchholtes (Witteveen en Bos) en Vincent Grond (GrondRR) met bijdragen van: Paul Camps, gemeente Amersfoort Martin van Meurs, waterschap Vallei & Veluwe Opdrachtgever Jan Elsinga, ministerie Infrastructuur en Milieu/Deltaprogramma Nieuwbouw en Herstructurering Literatuurverwijzing Grond, V., Kirchholtes, U., (2012). Proeftuin Amersfoort, GrondRR en Witteveen+Bos in opdracht van het ministerie van I&M, Ede. Ede/ Rotterdam, 11 juni 2013
3 Voorwoord Het deelprogramma Nieuwbouw en Herstructurering van het Deltaprogramma (DPNH) van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) is gericht op de sporen Ruimtelijke inrichting en waterveiligheid en De klimaatbestendige stad. Met de proeftuinen stimuleert en faciliteert het deelprogramma interactief ontwerpend onderzoek bij andere overheden. Samen met andere betrokken partijen wordt gezocht naar praktijkoplossingen voor de opgaven van waterveiligheid, wateroverlast, droogte en hitte. De proeftuin Amersfoort heeft geresulteerd in een gemeenschappelijk visie van gemeente Amersfoort en waterschap Vallei en Veluwe op de contouren en functies in en rondom de stadlandzone. Dat is een nieuw belangrijk onderdeel van de toekomstige groenstructuur, die in de nieuwe structuurvisie kan worden opgenomen. In de proeftuin zijn drie oplossingsrichtingen uitgewerkt en is daarbij een eerste indicatie gegeven van potentiële baten en baathouders. Ook is een aanzet gegeven om twee succesvolle hulpmiddelen voor klimaatplanning te integreren: de TEEB stad methode en de gidsmodellen Lagenbenadering. Daarmee is een eerste stap gezet om rekenen en tekenen methodisch met elkaar te verbinden. Maar het belangrijkste succes van deze proeftuin is misschien wel dat de samenwerking tussen het waterschap en de gemeente is verbreed en verdiept. En dat geldt ook voor de samenwerking tussen verschillende afdelingen van de gemeente. Deze samenwerking is gebaseerd op de alliantiebenadering, waarin bodem, water, groen en landschap én klimaat vroegtijdig in het planproces worden geïntegreerd. Deze benadering is voor waterschap Vallei & Veluwe de huisstijl geworden waarmee de vroegtijdige en integrale inbreng van water, bodem, groen en klimaat in ruimtelijke planvorming wordt geborgd. Hierbij ervaart het waterschap dat de benadering ook door zijn partners in planprocessen als logisch en vanzelfsprekend warm wordt onthaald. C.J.M. (Cees) van Eijk Wethouder Amersfoort - Sociale zaken, Onderwijs & Duurzaamheid
4
5 Samenvatting Binnen de proeftuin Amersfoort is een visie ontwikkeld op de ligging en inrichting van een nieuwe hoofdstructuur in de opzet van de stad: de stadlandzone. Deze zone vormt een doorgaande groenblauwe structuur in de stad, waarin het voormalige waterwingebied en het Schothorstpark op vanzelfsprekende wijze zijn opgenomen. Binnen de proeftuin zijn twee workshops gehouden. De eerste workshop was vooral gericht op een verkenning van de gebiedsopgaven. Hierbij was veel aandacht voor de klimaaturgenties, zoals die zich op verschillende schaalniveaus manifesteren, maar ook voor andere urgenties, zoals het dalende voorzieningenniveau in de woonwijk en de kwaliteit van de bebouwing en de openbare ruimte op het bedrijventerrein. Ook vond een kennismaking met de TEEB methode plaats, een manier om kosten en baten analyses mee te nemen in een ruimtelijke planproces. In de tweede workshop heeft het accent gelegen op het schetsen, aan de hand van de gidsmodellen Lagenbenadering. Dit zijn ruimtelijke schema s die richting geven aan ruimtelijke ingrepen, die effectief zijn voor klimaatadaptatie met economische meerwaarden. Hierbij is dankbaar gebruik gemaakt van inzichten en ideeën van deskundigen van gemeente en waterschap, maar ook van bewoners en bedrijven. Hiermee zijn in de proeftuin verschillende sporen bewandeld: 1. Methodisch: kennismaking met en integratie van TEEB methode en gidsmodellen Lagenbenadering; 2. Gebiedsproces: samenwerking bedrijven, bewoners, gemeente en waterschap; 3. Probleemanalyse: verbeterkansen die in potentie grote baten opleveren; 4. Ontwerpmatig: drie oplossingsrichtingen voor de stadlandzone, vanuit de invalshoeken Waterveiligheid, Verbindingen en Groene Scheg. Tevens is een nieuwe strategie ontwikkeld voor de manier waarop de doorwerking van de oplossingsrichtingen in de structuurvisie gerealiseerd kan worden. In deze strategie wordt uitgegaan van de methode van natuurlijke alliantie, die bodem, water en groen/landschap integreert aan het begin van een planproces. De natuurlijke alliantie combineert de belangen van bodem, water en groen/landschap en maakt dat ze sterker staan tegenover andere belangen. De natuurlijke alliantie wordt uitgewerkt en geconcretiseerd in een apart beleidsrapport (Strategie NA). In dit plan wordt ook de manier van doorwerking in structuurvisie en andere visies aangeduid. De laatste drie sporen worden door gemeente en waterschap verder uitgediept. Het eerste spoor bleek lastiger dan vooraf ingeschat. Aan I&M/DPNH wordt geadviseerd om in een volgende proeftuin de verworven kennis en ervaring te benutten, uit te diepen en te concretiseren. Voor concretisering hiervan wordt verwezen naar hoofdstuk 4. 5
6
7 Inhoudsopgave Samenvatting 1 Aanleiding en context 1 2 Resultaat 1: Ruimtelijke opgaven Opgaven vanuit klimaat en water Opgaven vanuit de natuurlijke alliantie voor Amersfoort Opgaven vanuit het gebied zelf 7 3 Resultaat 2: Oplossingsrichtingen Oplossingsrichting Waterveiligheid Oplossingsrichting Verbindingen Oplossingsrichting Groene scheg 19 4 Resultaat 3: Reflectie en adviezen Nieuwe strategie Gebruik en koppeling tools Doorwerking Opzet en organisatie 24 Bijlagen 25 1 Gidsmodellen Lagenbenadering 27 2 Methodiek TEEB-stad 28 3 Verloop van de proeftuin 30 4 Deelnemers 31
8 Kaart 1: Gebiedsafbakening Het gebied van de proeftuin kan worden gezien als een 3e lijn door de stad. De 1e lijn wordt gevormd door de historische binnenstad met haar omwalling, de 2e lijn wordt gevormd door de waterstructuur van de grachten en het Valleikanaal, de 3 e lijn, de Stadlandzone, is de groene lijn vanuit de Gelderse Vallei langs het waterwingebied, Park Schothorst en de overgang naar de Eemvallei (zie kaart 1). Voor de deelnemers aan de proeftuin is een filmpje gemaakt, dat een visuele indruk geeft van het gebied( watch?v=s3lsoqe66rs). Kaart 2: Ruimtelijke hoofdstructuur in Structuurvisie Amersfoort uit 2009
9 1 Aanleiding en context Het klimaat in Nederland verandert: zeespiegel en rivierpeilen stijgen en de bodem daalt. Natte en droge perioden worden extremer en gemiddeld wordt het warmer. Met het Deltaprogramma wil het kabinet Nederland veilig en aantrekkelijk maken, nu en morgen. Deltaprogramma Nieuwbouw en Herstructurering Het deelprogramma Nieuwbouw en Herstructurering van het Deltaprogramma is gericht op de sporen Ruimtelijke inrichting en waterveiligheid en De klimaatbestendige stad. Met de proeftuinen stimuleert en faciliteert het deelprogramma interactief ontwerpend onderzoek bij andere overheden. Samen met andere betrokken partijen wordt gezocht naar praktijkoplossingen voor de opgaven van waterveiligheid, wateroverlast, droogte en hitte. Dit is niet alleen van belang voor het gebied zelf, maar ook voor de formulering van de Deltabeslissing Ruimtelijke Adaptatie in 2014 en het beschikken over goede praktijkvoorbeelden. Kernwoorden in deze aanpak zijn: samenhang, verbinding, verbeelding en samenwerking. Het Deltaprogramma Nieuwbouw en Herstructurering (DPNH) heeft het verzoek van de gemeente om een proeftuin te houden gehonoreerd, omdat deze de kans biedt om te onderzoeken op welke wijze de klimaaturgenties in de structuurvisie Amersfoort 2030 verwerkt kunnen worden. Dit past in de doelstellingen van DPNH om goede praktijkvoorbeelden te verzamelen met toepassing van de ontwikkelde hulpmiddelen en samenwerking met andere overheden te bevorderen. Amersfoort De gemeente Amersfoort is bezig met de opstelling van de structuurvisie Amersfoort De structuurvisie uit 2009 was vooral gericht op de thema s wonen, werken en verkeer. De contouren van de uitvoeringsstrategie werden bepaald door een ruimtelijke hoofdstructuur. Deze hoofdstructuur was vooral geënt op de huidige ligging van woongebieden, werkgebieden, groengebieden en infrastructuur. Groen en water kwamen slechts beperkt en sectoraal aan de orde, bodem werd niet genoemd. In 2010 is een aanvang gemaakt met de nieuwe structuurvisie. In september 2010 is de startnotitie voor deze structuurvisie Amersfoort 2030 vastgesteld door de gemeenteraad In februari 2011 is de Koers door de raad vastgesteld. Daarmee zijn de ruimtelijke doelstellingen en opgaven voor de structuurvisie benoemd. Waterschap Vallei en Veluwe Het waterschap Vallei en Veluwe is na haar fusie in 2012 gestart met een impuls om water beter in de gemeentelijke structuurvisie te verankeren als belangrijkste planinstrument voor ruimtelijke integratie op gemeentelijk niveau. Het waterschap Vallei en Veluwe heeft geconcludeerd dat veel van de huidige waterplannen te sectoraal en te technisch zijn, waardoor de nieuwste uitdagingen van het waterbeleid onvoldoende behartigd kunnen worden. Deze uitdagingen hebben met name betrekking op de integratie van water met RO en het robuust maken van ons land met betrekking tot de klimaatveranderingen. Water is hierin een belangrijk item, denk aan overstromingsgevaar, wateroverlast door hevige regenbuien, droogte en brandgevaar. Natuurlijke alliantie 1
10
11 De gemeente Amersfoort en het Waterschap Vallei en Veluwe werken samen aan de inbreng voor de structuurvisie van de gemeente Amersfoort en de lange termijnvisie van het Waterschap in de vorm van de Natuurlijke Alliantie. Daarbij is de gedachte, dat de structuren van water, groen en bodem leidend zijn voor de kansen en mogelijkheden die het gebied biedt voor uitdagingen zoals klimaatveranderingen, waterveiligheid, wateroverlast, droogte en duurzaamheid. Door naar de structuren van water, groen en bodem te kijken op de verschillende schaalniveaus van regio, stad en wijk ontstaat een beter zicht op de doorwerking van de structuur. Daarbij is aansluiting gezocht bij de lagenbenadering en is gebruik gemaakt van de gidsmodellen. In deze proeftuin ligt het accent op de toepassing en het combineren van de Gidsmodellen Lagenbenadering (zie bijlage 1) en de TEEB-stad methode (zie bijlage 2). 3
12 kaart 3, kwetsbaarhedenkaart Amersfoort (uit: De natuurlijke alliantie van Amersfoort ) kaart 4, Bodem en water op regionaal niveau (uit: De natuurlijke alliantie van Amersfoort )
13 2 Resultaat 1: Ruimtelijke opgaven 2.1 Opgaven vanuit klimaat en water In en om de stad spelen vele urgenties vanuit de klimaatveranderingen. Deze urgenties zijn verbeeld op de kwetsbaarhedenkaart Amersfoort uit her rapport De natuurlijke alliantie van Amersfoort (zie kaart 3). Op deze kaart staan de gebieden in de gemeente, waar de gevolgen van de klimaatveranderingen het sterkste voelbaar zijn. Het betreft: Waterveiligheid: gebied dat onderloopt bij overstromingen vanuit de Nederrijn, Grondwateroverlast door de toename van kwel vanuit de Utrechtse heuvelrug,, achteruitgang van kwaliteit oppervlaktewater mede door hogere watertemperatuur; Hitte: de overlast door de opwarming van de aarde zal in bebouwde gebieden het meest gevoeld worden, in de centra is het effect extra sterk. Droogte: op de Utrechtse heuvelrug neemt de droogte sterk toen, en daardoor ook de kans op oncontroleerbare branden in de omgeving van stedelijke gebieden. De kwetsbaarheden vanuit het klimaat spelen zich op verschillende schaalniveaus af. De waterveiligheid wordt bijvoorbeeld sterk bepaald door de Rijndijk bij Wageningen, de toevoer van water naar de stad door het beeksysteem van de Gelderse Vallei als geheel. Dit regionale denken is in de kwetsbaarhedenkaart uitgewerkt. In het genoemde rapport is dit onder andere gevisualiseerd met een vereenvoudigde regionale bodem en waterkaart (zie kaart 4) Opgaven vanuit de natuurlijke alliantie voor Amersfoort Zoals aangegeven werkt de gemeente Amersfoort samen met het waterschap Vallei en Veluwe aan de invulling van de natuurlijke alliantie van Amersfoort (zie kaart 5). De kaart geeft concrete handreikingen voor gemeente, waterschap en andere partners om een samenhangende structuur van bodem, water en groen te realiseren. Er zijn 3 perspectieven voor die concrete acties, die zoveel mogelijk gecombineerd tot uitvoering gebracht kunnen worden. I Gebied stuurt Hier staan de belangrijkste groene en blauwe structuurdragers, die op dit moment aanwezig zijn. De structuur kent een aantal losse gebieden, in de visietekening worden ze met elkaar verbonden met de groene schakels. Dat zijn de gele verbindingen ( pleisters ). II Veerkracht De gevolgen van de klimaatveranderingen voor Amersfoort zijn groot. Ze zijn gevisualiseerd in de kwetsbaarhedenkaart van Amersfoort (zie kaart 3). De kaart geeft aan de aard van de effecten en ook in welke gebieden de effecten zullen optreden. Onder het perspectief Veerkracht (zie kaart 5) staan de structuren vermeld, die helpen om de robuustheid van Amersfoort voor de klimaatveranderingen te vergroten. Dat heeft ook een financiële noodzaak. Alterra heeft globaal ingeschat dat de kosten van niets doen voor het proeftuingebied en stedelijke omgeving (ca een kwart van de stad) kunnen oplopen tot enkele tientallen miljoenen euro s. 5
14 kaart 5: De natuurlijke alliantie van Amersfoort
15 III Regionale economie Amersfoort wil dat het begrip uitnodigingsplanologie leidend gaat worden in haar structuurvisie. Dat betekent dat men meer dan voorheen de verantwoordelijkheden voor de groei van de stad wil delen met burgers en bedrijven. De gemeente wil de structuurvisie zo opzetten dat burgers en bedrijven delen van de structuurvisie gaan regisseren, uitvoeren, beheren etc. In het derde perspectief staan een aantal opties hiervoor vermeld. Opgaven De stadlandzone is een belangrijke nieuw element in de visie op de natuurlijke alliantie van Amersfoort. De zone is geel omkaderd op kaart 5. Vanuit deze visie zijn de volgende gebiedsopgaven te destilleren: 1. Continuïteit realiseren in de zone, overbrugging van spoorlijnen; 2. Stadlandverbindingen: ecologische en recreatieve relaties met buitengebieden, en vanuit de overgangen ook door de stad heen; 3. Onderzoek naar mogelijkheden voor afvoer hoog water bij calamiteiten; 4. Omgaan met kruising van groene radialen; 5. Rol voor waterbeheer omliggende wijken, afvoer, berging, verhoging waterkwaliteit Opgaven vanuit het gebied zelf De deelgebieden van de zone worden kort beschreven, met opgaven vanuit de literatuur en aangevuld met ervaringen vanuit de gemeente, het waterschap en de overige deelnemers van de werksessies, zoals Vrienden van het waterwingebied (zie kaart 6). 1. Stadlandverbinding oost: de entree van het water tot de stad vanuit het recreatiegebied de Schammer en de achterliggende Gelderse Vallei wordt belemmerd door de snelweg A28. De snelweg ligt op de overgang van het waterwingebied naar het buitengebied, en vormt daar een forse barrière voor mensen die voor recreatie naar het buitengebied willen. Opgave: een Stad-landverbinding voor de verbetering van recreatie, bereikbaarheid en natuur. 2. Voormalig waterwingebied: een prachtig afwisselend en rustig groen gebied dat de scheiding vormt tussen de wijken Liendert en Rustenburg. Wel is er een tekort aan recreatiemogelijkheden, er zijn mogelijkheden voor waterberging. Opgave: versterking van de recreatieve en groene functies van het waterwingebied als onderdeel van de natuurlijke alliantie. 3. Bedrijventerrein de Hoef: een perifere locatie aan knooppunt Hoevelaken (snelwegen A1 en A28), en zichtlocatie vanaf de snelweg en spoor. Het is een locatie met zowel kantoren als (middelgrote tot grote) bedrijven. De variatie is groot: zakelijke dienstverlening, handel, logistiek, reparatiebedrijven, non-profit en ICT. Ook zijn er nationale en internationale ondernemingen. De kantoorpanden hebben overwegend een goede kwaliteit (voornamelijk aan zuidwestkant). Er zijn geen wijkvoorzieningen. Opgave: verduurzamen van het bedrijventerrein, verminderen leegstand, functiemenging, verbeteren kwaliteit openbare ruimte. 4. Station Schothorst: een bescheiden station langs de spoorlijn Amersfoort/Zwolle. De omgeving van dit station is toe aan revitalisering; op het gebied van de hoeveelheid en kwaliteit van de bedrijfsgebouwen, de kwaliteit van de openbare ruimte en het aantal voorzieningen zijn verbeteringen dringend gewenst. Opgave: uitbreiding voorzieningen rondom station, verbeteren brugfunctie tussen wijken, groene gebieden en de Hoef 7
16 Kaart 6: Combinatie kwetsbaarheden en gebiedsopgaven Gebiedsknelpunten/ ontwikkelingen 8 1
17 5. Bebouwing ten noorden van station Schothorst: bebouwing van woonhuizen, niet slecht maar ook niet bijzonder, en beperkt geïsoleerd. Opgave: versterken sociale cohesie, verbeteren verbindingen, verduurzamen. 6. Park Schothorst: prachtig groot park rond oud landgoed en gelegen op een oude dekzandrug. Het Park vormt door zijn centrale ligging tussen 5 woonwijken een spilfunctie voor natuur, recreatie en waterberging. Het aanwezig milieucentrum is in 2009 afgebrand en wordt herbouwd. Opgave: versterking van de recreatieve en groene functies van het park als onderdeel van de natuurlijke alliantie en versterking als knooppunt. 7. Stadlandverbinding west. De barrière hier wordt gevormd door de Bunschoterstraat (N199). Ten zuiden van die plek wordt het nieuwe ziekenhuis gebouwd. Het stedelijk landschap gaat vanuit het Park over in de Eemvallei en via Hoogland West en oude landgoederen zoals Coelhorst over in het nationale landschap Arkemheen. Opgave: een stadlandverbinding voor de verbetering van recreatie, bereikbaarheid en natuur. 8. Zuidelijke wijken: Schothorst, Schuilenburg en Liendert. Dit zijn typische jaren zestig en zeventig wijken met het karakter van een buitenstedelijke tuinstad. Er zijn aparte zones voor wonen, werken, voorzieningen en recreatie. De wijken kenmerken zich door veel gestapelde bouw, met over het algemeen een sobere architectonische vormgeving. De wijken zijn ruim van opzet, open en groen, met het waterwingebied aan de oostkant en de groen- en voorzieningenstrook aan de westkant langs het Valleikanaal. Liendert en Schuilenburg gelden de laatste jaren als achterstandswijken met sociale problemen. Opgave: versterken sociale cohesie, verduurzamen. 9. Noordelijke wijken: Rustenburg en Zielhorst. Dit zijn jaren tachtig en negentig wijken. Er is beperkt gestapelde bouw, diverse architectonische vormgeving. De wijken zijn al minder ruim van opzet en worden begrensd door de snelweg (Rustenburg) of vormen de overgang naar noordelijker gelegen wijken zoals Kattenbroek, Nieuwland en Vathorst. Opgave: versterken sociale cohesie, betere verbindingen. 10. Snelwegen en spoorlijnen: deze zones zijn grenzen en barrière, het lawaai zal verder toenemen door de verbreding snelwegen. De bereikbaarheid, maar ook de kans op wateroverlast zal toenemen door de verbreding van de snelwegen A1 en A28 en de vergroting van het Knooppunt Hoevelaken. Opgave: verbeteren leefomgeving wijken langs snelwegen, verbeteren waterberging. De opgaven zijn volgens de methodiek TEEB Stad vertaald in potentiële batensprongen en per wijk toegedeeld. Uit de potentiële batensprongen kunnen twee zaken worden afgeleid: 1) welke potentiële baathouders moeten in het vervolgproces betrokken worden 2) wat zijn in potentie grote baten waarop ontworpen moet worden. In de proeftuin is onderdeel één uitgevoerd en was er onvoldoende tijd om onderdeel twee uit te voeren. In tabel 1 staan de potentiële kwaliteitverbeteringen en batensprongen genoemd. Achter elke baat staat de wijk vermeld waar de baat optreedt. De specifieke locaties uit kaart 6 staan in de tabel achter de wijk genoemd. De beschrijving van de opgave met de potentiële kwaliteitsverbeteringen en baten (tabel 1) en de grafische weergave daarvan (kaart 6) zijn aan de deelnemers aangeboden als input voor schetsontwerpen. 9
18 Tabel 1: De opgaven: potentiële kwaliteitsverbeteringen en batensprongen per wijk kwaliteitsverbetering1 baat baathouder Wijk Schothorst, locatie 4, 5, 6, 7, 10 Rustenburg,, locatie 1, 2, 9, 10 Liendert, locatie 8, 10 De Hoef, locatie 3, 10 Natuur en milieukwaliteit minder kans op grondwateroverlast vermeden schade wateroverlast eigenaren gebouwen, infra; bewoners, bedrijven, gemeente x x Meer recreatiemogelijkhedelevingswaarde meer recreatieve be- recreanten x x x meer waterkwaliteit (geur) meer woongenot bewoners x meer uitzicht op water meer woongenot gebouweigenaren; bewoners x x meer warmtebuffercapaciteit energiebesparing en gebouweigenaren; bewoners, bodem klimaatveiligheid bedrijven, overheid minder hittestress meer gezondheid bedrijven x x x minder lawaai (trein, auto) meer gezondheid bewoners, bedrijven ** x x x Kwaliteit bebouwde ruimte meer inrichtingskwaliteit straten meer onderhoudskwaliteit straten meer nabijheid voorzieningen meer gebouwkwaliteit bedrijven meer isolatiewaarde gebouwen Sociale kwaliteit vermeden leegstandkosten gebouweigenaren x x meer woongenot gebouweigenaren; bewoners x reistijdwinst en vermeden vervoerskosten vermeden leegstandkosten kantoren Energiebesparing, klimaatveiligheid bewoners en gemeente x x x x gebouweigenaren NL x x x x x x x x meer sociale participatie (jong, oud) meer gezondheid bewoners, gemeente** x x x meer sociaal vertrouwen en toezicht Individu kwaliteit vermeden kosten delicten en verhuizingen bewoners, gemeente, corporatie, politie x meer zelfredzaamheid vermeden zorgkosten x x x * meer visplekken, netwerkroutes en aantrekkelijke inrichting **indirect bedrijven en ziekteverzekering
19 3 Resultaat 2: Oplossingsrichtingen Tijdens de tweede workshop van proeftuin is geschetst aan de mogelijke ruimtelijke invullingen van de stadlandzone. Input vormden de kaart 6 met kwetsbaarheden en gebiedsopgaven en het gidsmodel Dekzand. Het schetsen is gebeurd in verschillende groepen, waardoor er variatie aan ideeën en oplossingsrichtingen is verkregen. Er zijn drie oplossingsrichtingen ontwikkeld: 1. Waterveiligheid: de mogelijkheden en kansen van de stadlandzone om het risico van overstroming van Amersfoort te verminderen. 2. Verbindingen: de kansen om het waterwingebied en het Schothorstpark op te nemen in een doorlopend groengebied, waarbij dus woonbebouwing en bedrijfsbebouwing rond het station Schothorst verwijderd moet worden. 3. Groene scheg: de mogelijkheden om het bedrijventerrein de Hoef te upgraden, waarbij aansluiting wordt gezocht op de stadlandzone Deze drie oplossingsrichtingen worden in dit hoofdstuk toegelicht. Voor elke richting zijn twee tekeningen gemaakt. Eerst is geschetst op de zone als geheel, vervolgens is het idee uitgewerkt voor het gebied waar de verbinding tussen het waterwingebied en Park Schothorst zou moeten worden gerealiseerd. Dit stedelijke gebied (bestaande uit deel van de Hoef en een woonbuurt ten noorden van het station) wordt hierna als koppelgebied aangeduid. Bij de beschrijving wordt ingegaan op analyses en ideeën vanuit de redeneerlijn baten van de methodiek TEEB-Stad. 11
20 Kaart 7: Oplossingsrichting Veiligheid (Stadlandzone) veiligheid stadlandzone 1 Snelweg als waterkering bij overstroming 2 Outputweg verhoogd als vluchtroute 5 3 Robuuste waterloop als alternatief voor afvoer hoogwater, ook verbeteren waterkwaliteit 4 4 Vijver, ook voor tijdelijke waterberging Aansluiting op watersysteem de Hoef 6 Station verplaatsen, spoor in tunnel 2 Kaart 8: Oplossingsrichting Veiligheid (Koppelgebied) Veiligheid Koppelgebied 1 Robuuste doorgaande waterlopen 2 Grote vijver voor extra wateropvang, s 4 3 Station toch gehandhaafd, extra wateropvang tevens entree 4 Robuuste watersupystreem in de Hoef
21 3.1. Oplossingsrichting Waterveiligheid Veiligheid voor hoog water is een belangrijk speerpunt voor het DPNH. In de proeftuin is gekeken op welke wijze de stadlandzone een bijdrage kan leveren aan de vermindering van het overstromingsrisico voor Amersfoort. Stadlandzone (kaart 7) 1. De snelweg ligt relatief hoog, en kan gebruikt worden als waterkering bij overstromingen. 2. De Outputweg wordt aangepast, als deze weg een hogere ligging krijgt kan hij dienen als vluchtweg als de omgeving zou overstromen. 3. Het oppervlaktewater in het waterwingebied wordt verbonden en verbreed tot een robuuste waterloop, met flauw aflopende oevers. Op deze wijze kan overtollig water worden afgevoerd en de omgeving ontzien worden. Park Schothorst ligt op een zandrug, daardoor kan de waterloop niet door het park. Daarom wordt de bestaande lager gelegen waterloop in de wijk Schothorst geschikt gemaakt. 4. De opvangcapaciteit wordt vergroot door een grote vijver bij de spoorlijn. 5. Deze vijver wordt functioneel en ook ruimtelijk aangesloten op het watersysteem van de Hoef, zodat ook de waterberging van de Hoef een bijdrage kan leveren. 6. Het station wordt verplaatst in zuidelijke richting, zodat het station geen belemmering vormt voor de afvoer van water, en bij overstroming geen extra problemen ontstaan voor de bereikbaarheid. Koppelgebied (kaart 8) 1. De ligging van de robuuste doorgaande waterloop is verder gedetailleerd 2. De grote vijver heeft een natuurlijke vorm gekregen, waardoor de natuur- en belevingswaarden van het gebied worden bevorderd. 3. Bij de uitwerking is onderzocht of het station toch gehandhaafd kon blijven, het station moet dan een hoge ligging krijgen. Aan de westzijde is een tweede vijver bedacht, die voor extra waterberging zorgt en het station een mooie uitstraling geeft. 4. Voor de aansluiting op het watersysteem van de Hoef kunnen bestaande waterlopen gebruikt worden; De deelnemers van de workshop hebben als baten van deze oplossingsrichting aangegeven de vermeden schade aan objecten en personen door minder kans op overstromen. De baathouders zijn inwoners, bedrijven en overheden. Door het innen van belastingen door het rijk en het waterschap (heffing) kunnen de veiligheidsmaatregelen worden bekostigd. 13
22 Kaart 9: Oplossingsrichting Verbindingen (Stadlandzone) verbindingen stadlandzone 1 Stadland verbinding oost 2 Stadland verbinding west Ecoduct / tunnel bij spoor 4 Uitbreiding Schothorstpark 5 Grondwateroverlast voorkomen, afioer water, ook berging in wegprofielen 7 6 Omvormen tot natuurlijk ogende beek 7 Station verplaatsen, alternatieve aanvoer auto;s, OV en fietsers Groene zone buffer, onderdeel van verbinding over Hogeweg 9 Waterbuffer, in de zomer gebruiken voor bevloeiing. Kaart 10: Oplossingsrichting Verbindingen (Koppelgebied) Verbindingen Koppelgebied 1 Waterwingebied 2 Vergroenen, gebouwen verplaatsen 3 Uitbreiden van Schothorstpark 3 4 Robuuste doorgaande waterloop, brede oevers 5 Grote vijver tussen sporen 6 verplaatsen station 7 7 stadslandbouw als overgang
23 3.2. Oplossingsrichting Verbindingen Als tweede oplossingsrichting is de betekenis van de zone als doorgaande stadsstructuur uitgewerkt. Men heeft de zone als een doorlopende groenzone ontworpen, en men sluit de zone goed aan op het buitengebieden ten oosten en westen van de stad (de stadlandverbindingen). Stadlandzone (kaart 9) 1. De snelweg vormt een barrière tussen het waterwingebied en het buitengebied, zowel ecologisch als recreatief. Hier zal een brede onderdoorgang gemaakt moeten worden. 2. Ook aan de westzijde is een betere aansluiting nodig, hoewel het probleem hier minder groot is; 3. Een ecoduct borgt de verbinding over de spoorlijn naar Apeldoorn 4. Dit geldt ook voor de verbinding over de spoorlijn naar Zwolle. 5. De groene verbinding kan niet helemaal aan de blauwe verbindingen worden gekoppeld, omdat het park Schothorst daarvoor te hoog ligt. Daarom wordt de waterloop door wijk Schothorst verbreed, die lager is gelegen. 6. Andere sloten in de wijk worden verbreed en krijgen natuurlijke oeverstroken, voor meer waterberging en natuur. 7. Het station wordt verplaatst, en krijgt aangepaste toegangswegen. 8. De omgeving van het zwembad wordt vergroend en sluit zo aan op de nieuwe recreatieve verbinding over de Hogeweg. 9. Een grote vijver in de Hoef kan water bergen, dat in droge perioden gebruikt kan worden voor bevloeiing. Koppelgebied (kaart 10) 1. De ecologische en recreatieve betekenis van het waterwingebied wordt versterkt; 2. Het zuidelijke deel van de Hoef wordt geheel omgevormd, de groene continuïteit is leidend, gebouwen kunnen worden ingepast bijvoorbeeld door ondergronds te bouwen of met of met groene gevels naar het zuiden en open gevels naar het noorden; 3. Het Schothorstpark wordt fysiek aan de zone gekoppeld, hiervoor moeten bebouwingen gesloopt worden. 4. De locatie van doorgaande waterloop is ingetekend; 5. Extra waterberging ontstaat door een grote vijver, in het midden kan een blikvangend gebouw worden gerealiseerd. 6. Nieuwe locatie van het station Schothorst, op het kruispunt van 2 spoorlijnen; 7. Stadslandbouw kan een groene overgang vormen tussen het groene en het andere deel van de Hoef. 15
24
25 Deze oplossingsrichting leverde de meeste ideeën op voor potentiële baten en baathouders. Als nieuwe functies is onder andere gedacht aan kleinschalig wonen en studentenflats aan de randen (baathouders woningzoekenden en studenten), veel functies rond het station (zoals horeca, sportschool, fysiotherapeut, school Lodenstein,transferium, functies, ecoduct, (baathouders zijn NS, grondeigenaren, winkeliers, bewoners, gebruikers, gemeente, fauna, scholen). De baten van oplossingsrichting verbindingen zijn met name recreatieve belevingswaarde door meer recreatiemogelijkheden en vermeden schade door minder kans op wateroverlast. Mogelijk stijgt ook het sociaal toezicht, waardoor de baten vermeden kosten van delicten en verhuizingen ontstaan. Wanneer groen of waterstructuren worden doorgetrokken, kan het uitzicht op natuur of water en de waterkwaliteit (geur) verbeteren. Hierdoor zal de baat woongenot ontstaan. Door het innen van waterschapsheffingen worden de waterbergingsmaatregelen bekostigd. Extra woongenot wordt door de gemeente geïnd via de onroerend goed belasting. En wanneer er nieuwbouw wordt gepleegd kunnen er via de GREX kosten worden verhaald op ontwikkelaars. Ook kan het beheer ook worden meegenomen in de exploitatie. Mogelijk kunnen zorgverzekeraars meebetalen aan gezondheidsmaatregelen. Ook kunnen afdelingen van de gemeente onderling meefinancieren als het project ook bijdraagt aan de doelen van andere afdelingen. Zo leidt stadslandbouw tot sociale baten en werkgelegenheidsbaten. Dat is interessant voor de afdeling welzijn. Daarnaast kan men een revolving fund voor de wijk opzetten waarmee duurzame maatregelen voor de wijk worden gefinancierd tegen lage rentekosten. Dit geldt bijvoorbeeld voor energiemaatregelen. Bij een revolving fund wordt er eenmalig geld gestort in een fonds. Uit dat fonds kunnen goedkope leningen worden gesloten tegen lage rente. 17
26 Kaart 11: Oplossingsrichting Groenen scheg (Stadlandzone) groene scheg stadlandzone De Hoef als groene scheg 2 Gebouwd centrum/ accent 3 Lanen naar Schothorstpark 4 Natuur/waterzones 5 Waterwingebied 6 Schothorstpark 5 Kaart 12: Oplossingsrichting Groene scheg (Stadlandzone) 1 Groene scheg Koppelgebied 1 Vergroening de Hoef 2 station met plein als spin in het web 3 Brede groenblauwe structuren door de Hoef naar het buitengebied 4 Formele groene bomenlanen tussen station en parken
27 3.3. Oplossingsrichting Groene scheg De derde oplossingsrichting is ontstaan vanuit de dynamiek van de ondernemers van de Hoef zelf. De volgende aanbevelingen zijn gevisualiseerd: Stadlandzone (kaart 11) 1. Het hele gebied wordt vergroend, en vormt daardoor een groene scheg vanuit de omgeving in het stedelijke gebied van Amersfoort met picknickplaatsen en natuurspeelplekken, stadslandbouw (ook voor sociale cohesie), ecologisch groenbeheer (met vrijwilligers, ook voor reïntegratie, wmo/ awbz en dagbesteding).; 2. Als spin in het web wordt een beeldbepalend gebouw gerealiseerd; 3. Strak vormgegeven bomenlanen verbinden het gebouw met park Schothorst; 4. Brede en natuurrijke waterlopen verbinden het gebouw met de noordelijke omgeving. 5. Het waterwingebied wordt ecologisch en recreatief versterkt 6. Dit geldt ook voor het Schothorstpark; Koppelgebied (kaart 12) 1. Detaillering van groene contouren van de Hoef 2. Het gebouw is hier gecombineerd met de stationsfunctie. Het kan een markant plein krijgen, dat de centrale uitstraling versterkt. 3. Detaillering van de ligging van de natuurlijke en brede waterlopen in de Hoef 4. De bomenlanen kunnen behalve naar park Schothorst ook naar het waterwingebied worden gerealiseerd, dit versterkt belang en zichtbaarheid van het station. De deelnemers van de workshop hebben als baten van deze oplossingsrichting aangegeven het maken van ommetjes water/groen door de Hoef (met picknickplaatsen en natuurspeelplekken), stadslandbouw (ook voor sociale cohesie), ecologisch groenbeheer (met vrijwilligers, ook voor reïntegratie, WMO/ AWBZ en dagbesteding). De groep vond het verder logisch dat een zonering zou worden doorgevoerd in de Hoef, met naar het westen toe zones voor creatieve brain, en nog verderop bedrijven uit de zwaardere milieucategorieën 3 en 4. Voor het gebouw werd een combinatie met horeca logisch gevonden (tweetwin, lunchroom, café, pannekoek, ook WIFI), waarbij op het dak zonnepanelen kunnen worden gelegd (of aansluiten op centrale WKO voorziening). Voorbeelden van baten zijn vermeden schade van wateroverlast door meer waterberging, vermeden kosten van leegstand door meer gebouwkwaliteit, vermeden kosten van delicten en verhuizingen door meer sociaal toezicht door minder leegstand en meer activiteiten in de openbare ruimte (bv. stadslandbouw) en energiebesparingen. Een verdienmodel voor bedrijventerrein De Hoef is het instellen van een Bedrijveninvesteringszone (BIZ). De gemeente int dan een extra heffing bij alle ondernemers en stopt dit in een fonds. De ondernemers beslissen samen over de besteding van het geld, bijvoorbeeld het vergroenen van de openbare ruimte. 19
28 Urgentie Vergezicht Verdieping en perspectieven Strategie Doen Realiseren,be heren, onderhouden Projecten NA Regisseren Facilteren Structuurvisie Monitoren Overig
29 4 Resultaat 3: Reflectie en adviezen 4.1. Nieuwe strategie Advies 1 (DPNH): In nieuwe proeftuinen nieuwe strategie uitproberen De proeftuin is ingezet met de ambitie om twee losse hulpmiddelen te koppelen. De proeftuin heeft aangetoond dat de koppeling van gidsmodellen en TEEB-stad op inrichtingsniveau effectief is, na beperkte methodische aanpassingen (zie adviezen 3, 4 en 5). De manier om ze te koppelen ten behoeve van een structuurvisie is niet helder geworden. De keuze van de juiste koers hierin kan beter worden gemaakt als er eerst een idee is over de hoofdstrategie en over de wijze waarop een planproces voor dat niveau het beste kan worden georganiseerd. Strategie structuurvisie in algemene zin De proeftuin heeft een nieuw inzicht gegeven over de wijze waarop de bestaande visie op de natuurlijke alliantie van Amersfoort in de structuurvisie verwerkt kan worden. De natuurlijke alliantie kan niet als één geheel in de structuurvisie opgenomen worden, dit vraagt een strategische vertaling (wat wel, wat niet, hoe, waar). Ook speelt de afstemming met vele andere belangen en inzichten een rol. In de nieuwe strategie wordt een aparte beleidscyclus voor de natuurlijke alliantie georganiseerd. Die mondt uit in een strategie NA, vanuit dit document wordt bekeken welke onderdelen in de structuurvisie terecht kunnen komen en op welke manier. Planproces Het planproces zelf kan worden georganiseerd via een cyclus van : Urgentie (wat is het probleem?) Vergezicht (hoofdlijn van oplossingsrichtingen) Verdieping en perspectieven (echt weten wat er speelt) Strategie (daadwerkelijke hoofdkoers) Projecten (bodem/ groen/ blauw, onderling gecoördineerd) Doen Dit is in nevenstaand schema weergegeven. Dit voorstel bouwt voort op ervaringen vanuit de proeftuin, maar ook op talrijke andere project ervaringen. In de proeftuin zijn de stappen urgentie en vergezicht doorlopen. 21
30 4.2. Gebruik en koppeling tools Advies 2 (DPNH): Beter voorbereiden Bij de TEEB-stad methodiek is het cruciaal dat van tevoren in een werksessie met een kleine groep met deskundigen wordt besproken, waar de grootste batensprongen kunnen worden gemaakt. De TEEB-stad methodiek draagt op deze wijze bij aan het in een vroeg stadium zicht krijgen op waardencreatie. Vanuit die waarden wordt gerichter naar batige oplossingen gezocht. En omdat meteen inzichtelijk wordt wie baathouder is, gaan partijen beter samenwerken. Kortom oplossingen die wel batig zijn worden sneller gevonden en oplossingen die niet batig zijn worden vermeden. Dit voorkomt hoge plankosten. Het is niet gelukt om de deskundigen vooraf bij elkaar te krijgen, waardoor het bepalen van batensprongen in de proeftuin moest geschieden. In volgende proeftuinen moet meer aandacht/tijd worden genomen voor de voorbereiding van de 1e sessie. De gidsmodellen kunnen in deze voorbereiding worden toegelicht, zodat de mensen bij de sessies zelf al beter vertrouwd zijn met de tool. Advies 3 (DPNH): Integreren analyse (tbv stappen Urgentie en Vergezicht) De tabel en kaart met gebiedsuitdagingen uit de TEEB methode kan worden geïntegreerd met de klimaatkwetsbaarhedenkaart. Dan heb je één duidelijke urgentiekaart als gemeenschappelijke basiskaart, die input is voor de stap Vergezicht uit het planschema. Kaart 6 is hiervoor een eerste aanzet. Hierdoor bereik je tevens dat sociale en maatschappelijke aspecten vroegtijdig in het planproces betrokken worden. Deze zijn noodzakelijk om tot daadwerkelijke uitvoering te kunnen komen. Advies 4 (DPNH): Gidsmodellen verbeteren (tbv stap Vergezicht) De gidsmodellen dragen bij aan (1) integratie van bodem/blauw/groen, aan (2) het realiseren van veerkrachtige landschappen (bijvoorbeeld met extra waterberging, compartimenten voor waterveiligheid, windcorridors om hittestress te verminderen) én (3) aan economische impulsen (zoals energie uit verwarmd water halen, stadslandbouw in groenblauwe zones). De impulsen in de huidige gidsmodellen zijn niet altijd goed onderbouwd. Met hulp van de TEEB-stad methodiek kan de lijst van impulsen worden verbeterd en onderbouwd. Sommige mensen wilden meer informatie over de effectiviteit van de voorstellen uit de gidsmodellen. Als men bijvoorbeeld water beter wil vasthouden in een brongebied van een beek kan men kiezen tussen bodemverbetering in een groot gebied, of door pleksgewijs moerassen te herstellen. Het is gewenst om te weten welke variant het beste is om het probleem op te lossen. De TEEB methode kan helpen om de effectiviteit voor economische en maatschappelijke doelen te identificeren. De gidsmodellen worden door sommige mensen als abstract ervaren. Het is daarom gewenst na te gaan of een koppeling kan worden gelegd tussen de legenda en de maatregelenmatrix van I&M en tevens aan inspirerende foto s en voorbeeldprojecten. Hierbij kan extra aandacht worden gegeven aan de oplossingen, die vanuit de TEEB methode als effectief worden gezien. Advies 5 (DPNH): TEEB methode verbeteren Als ludieke kennismaking met de TEEB methode is een kostenbaten spel beschikbaar. Dit spel is in de eerste sessie gespeeld. Het kostenbaten spel leerde de deelnemers dat het verstandig is om vanaf het begin rekening te houden met baten en om ook de potentiële baathouders vroegtijdig in een planproces te betrekken. Het spel is niet geïntegreerd met de gidsmodellen, terwijl de
31 onderwerpen deels vergelijkbaar zijn. Door een aangepaste versie van het kosten baten spel te maken met de (aangepaste) legenda-eenheden van het gidsmodel leert men bij het spelen ook het gidsmodel kennen. Binnen de TEEB methode worden zowel maatschappelijke kosten/ baten als financiële kosten/ baten betrokken. Dit leverde verwarring op, omdat de gemeente vanuit haar ambitie voor uitnodigingsplanologie inzicht wilde krijgen in de mogelijke concrete baten voor ondernemers. Het is gewenst om in de werksessies de maatschappelijke kosten en baten te benoemen, los van die financiële kosten en baten. In de werksessies 1 en 2 van de proeftuin was hier geen tijd voor Doorwerking Advies 6 (SKB showcase): oogst proeftuin benutten In de proeftuin Amersfoort lag de nadruk op divergeren om snel overzicht te krijgen. Er is breed geïnventariseerd wat de knelpunten, potentiële baten, wensen van betrokkenen en ideeën voor oplossingen waren. In de eerstvolgende stap (bijv. de SKB-showcase) zou de nadruk moeten liggen op convergeren. Dit kan gebeuren door het plangebied van de SKB showcase te laten aansluiten op dat van de proeftuin (is inmiddels gebeurd) en door de resultaten als startpunt voor het SKB traject aan te bieden (is ook gebeurd). Advies 7 (gemeente Amersfoort): nieuwe strategie uitproberen In de nieuwste (concept structuurvisie 19 maart 2013) is een lagenkaart opgenomen en een kaartbeeld ondergrond, kaartbeeld netwerk, kaartbeeld groen. De natuurlijke alliantie is daar min of meer in verwerkt, dus ook het regionaal perspectief. Er is tevens een verwijzing naar de Natuurlijke Alliantie in de bronvermelding opgenomen. Hierdoor is de natuurlijke alliantie direct en indirect onderdeel van de structuurvisie. Men overlegt met het Waterschap om te onderzoeken of de in de proeftuin ontworpen waterstructuur is aan te passen in het kader van klimaatbestendigheid. Men onderzoekt bijvoorbeeld of in het waterwingebied een extra brede stadsrivier kan worden aangelegd uit oogpunt van waterveiligheid. Er worden inmiddels gesprekken gevoerd met bedrijvenkring de Hoef en met opleidingsinstituut SOMT over de vestiging van een Universiteit. De oplossingsrichtingen uit de proeftuin zijn daarbij onderwerp van de gesprekken. De gemeente heeft de resultaten van de proeftuin dus al voortvarend opgepakt. Het is gewenst om de overige onderdelen te borgen in een apart beleidsdocument door te ontwikkelen, dat analyses, visies en uitvoering vanuit bodem, water en groen/ landschap integreert en coördineert. Dit document kan bijvoorbeeld worden aangeduid als Koepeldocument natuurlijke alliantie Amersfoort. Hiermee kan monitoring plaatsvinden m.b.t. de verdere beïnvloeding van de gemeentelijke structuurvisie en andere beleidssporen. Dit document slaat de brug tussen abstracte visies en concrete projecten. Het kan een belangrijk voorbeeldproject worden voor andere grote gemeenten in Nederland. 23
32 Advies 8 (waterschap Vallei en Veluwe) Het waterschap is al geruime tijd betrokken bij de doorontwikkeling van de natuurlijke alliantie en het gebruik van gidsmodellen als hulpmiddel. Mede vanuit deze betrokkenheid is de samenwerking met de gemeente geïntensiveerd en de proeftuinopgave verhelderd. De proeftuin heeft geen koerswijziging opgeleverd maar wel de goede lijn bevestigd, de nieuwe strategie ( eigen koers van de natuurlijke alliantie ) wordt in gesprekken met andere gemeenten nadrukkelijk betrokken. Dit alles wordt onder andere ingebracht in een regionale agenda voor de samenwerking met het Waterschap, waarbij o.a. waterveiligheid, watercompensatie, SKB showcase/proeftuin Amersfoort, en de Coalitie Openbare Ruimte (Deltaprogramma) onderdeel zijn Opzet en organisatie Advies 9 (gemeente en waterschap): bewoners en bedrijven Bewoners en vertegenwoordigers van bedrijven zijn bij de tweede sessies uitgenodigd. Het is gewenst om hen intensief te betrekken bij de voorbereiding, en ook uit te nodigen voor de eerste sessie. Advies 10 (DPNH): organisatie De proeftuin is uitgevoerd door twee bureaus met elk een eigen opdracht. Het is gewenst om een bureau als hoofdaannemer te benoemen. Dit schept duidelijkheid met betrekking tot onderlinge verantwoordelijkheden en inbreng. De proeftuin is bezocht door verschillende vertegenwoordigers van I&M. Het is gewenst dat een van de aanwezige personen ook de formele opdrachtgever is. Hierdoor kan al tijdens de sessies beter afgestemd worden.
33 Bijlagen 25
34
35 1 Gidsmodellen Lagenbenadering Gidsmodellen geven een schematische en beeldende indicatie van de wijze waarop bodem, water en groen als ruimtelijke structuur en verschijningsvorm in landschappen hun eigen rol spelen. Ook zijn er suggesties opgenomen op de wijze waarop ruimtelijke structuren van bodem, water en groen helpen om een gebied klimaatrobuust te maken, en daar ook de economische kansen van te plukken. Er zijn 11 gidsmodellen voor 11 landschapstype. Als voorbeeld is hiernaast het gidsmodel dekzand en beekdalen opgenomen, dit model is ook in de proeftuin Amersfoort gebruikt. Het gidsmodel is opgebouwd in 4 lagen/ schaalniveaus: 1. De onderste laag geeft de situatie aan van bodem en ondergrond in dat landschap, met suggesties voor functioneel gebruik van de bodem, zoals energie, archeologie en waterwinning. 2. De tweede laag geeft de regionale context weer. Bij ruimtelijke planning is dit schaalniveau voor bodem, water het belangrijkste, omdat de water- en bodemsystemen zich op dit schaalniveau afspelen. Daarom zal ook een effectief klimaatrobuust gebied gestoeld moeten zijn op behoud of aanpassingen op systeemniveau. Denk aan bijvoorbeeld herstel van moerassen aan bovenlopen van beken voor waterretentie en aan verhoging van waterberging in en nabij beekdalen. 3. De derde laag visualiseert oplossingsrichtingen op stadsniveau, zoals groenzones voor infiltratie en afvoer van water én open zones om koele wind in de centra te krijgen (windcorridors). 4. De bovenste laag representeert tenslotte het niveau van wijk of buurt, het niveau waarop veel ruimtelijke processen concreet worden. Op dit niveau krijgen de structuren van de andere lagen hun doorwerking, en worden aangevuld met bijvoorbeeld goten en suggesties voor inrichting van erven en voor groene daken of gevels. De gidsmodellen zijn een hulpmiddel bij ruimtelijke processen, en helpen om met een brede groep van betrokkenen een ruimtelijke hoofdrichting te vinden aan het begin van een planproces. De denkwijze van de gidsmodellen komt uit de koker van een groep onderzoekers rond Sybrand Tjallingi in het begin van de jaren 90 en is daarna doorontwikkeld, onder andere door het waterschap Rivierenland en het ministerie van I&M. 27
36 2 Methodiek TEEB-stad TEEB (The Economics of Ecosystems and Biodiversity) is een internationaal project waarin meerdere EU landen meedoen, ook Nederland. TEEB-Stad is een werkgemeenschap van gemeenten om kosten en baten van gebiedsontwikkeling beter in ruimtelijke planprocessen te betrekken. De TEEB-Stad methode is gebaseerd op de maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) 1. Bij het denken in baten staat de drietrap Maatregel - Kwaliteit Baat centraal. Het betrekken van baten in het planproces gebeurt door een drietal werkzaamheden: 1. Redeneren met baten: a) bedenken welke verbeteringen van sociale en fysieke kwaliteiten in potentie de meeste baten opleveren en wie de batenhouders zijn (van kwaliteit naar baat). b) vanuit baten bedenken welke maatregelen nodig zijn (van baat naar maatregel). c) opnieuw baten benoemen van de concrete maatregelen, omdat maatregelen vaak meerdere baten hebben (van maatregel naar baat). 2. Rekenen met baten: de waarde van de kosten, baten en het saldo van het project en per partij berekenen. Hierdoor is een afweging of verdere optimalisatie mogelijk. 3. Verdienen met baten: aanreiken van verdienmodellen om de baathouders aan te spreken mee te investeren. Het doel van deze stap is om niet-inbare baten inbaar te maken, waardoor een business case rond komt. De aanvulling van de TEEB-Stad methode ten opzichte van de bestaande MKBA methode is dat TEEB-Stad gericht is op het betrekken van baten in het gehele planproces. Dus vooraan in het planproces ontwerpen vanuit baten om duurzame maatregelen te vinden en betrekken van baathouders om mee te denken en investeren. Ook laat de TEEB-Stad methode zien hoe op grond van kosten en baten bepaald kan worden of een project bijdraagt aan duurzaamheid. Verder is TEEB-Stad een light versie van de zwaardere MKBA versie van het rijk. Zie handleiding TEEB-Stad op Kosten baten spel In de eerste werksessie is het batenspel van de leefomgeving gespeeld om te oefenen met baten. Het kosten-batenspel is een tritetspel om spelenderwijs kennis te maken met de kern van de MKBA: het maken van Maatregel-Effect-Baat combinaties. De winnaar is diegene die de meeste tritetten legt. Dit spelelement maakt de deelnemers zeer creatief in het vinden van baten. Doordat elke baat uiteraard wel onderbouwd moet worden is het spel bovendien ook leerzaam.. Het batenspel kan door iedereen gespeeld worden. 1 De TEEB methode is verankerd in de Nederlandse leidraad voor maatschappelijke kosten-batenanalyses (MKBA)die wordt toegepast bij de evaluatie van ruimtelijke projecten of beleid. De leidraad heet leidraad OEI (overzicht effecten infrastructuur) en is ondertekend door de ministers I&M, EZ, Fin.
37 3 Verloop van de proeftuin Stap 1: Voorbereiding (door: projectleiders DPNH, gemeente, waterschap, adviseurs) Doelen vaststellen voor I&M en Amersfoort en waterschap Gebiedsinfo: selectie gegevens Organisatorische afstemming Methodische afstemming benoemen dagvoorzitter: Paul Camps Stap 2: Workshop 11 oktober 2012 Intro doelen I&M, waterschap en gemeente (door projectleiders gemeente en waterschap: Paul Camps en Martin van Meurs) kader van structuurvisie (door projectleider structuurvisie Arno Goosen) Info gebiedsinfo bodem, water, groen (door diverse specialisten gemeente en waterschap) info gidsmodellen (door GrondRR) info TEEB (door Witteveen en Bos) KeB spel (gespeeld door allen, begeleiding door Witteveen en Bos) Toepassing op gebied (discussie, begeleid door Witteveen en Bos) Reflectie (door allen) Stap 3: Huiswerk Methodisch: zoektocht integratie methoden (door GrondRR en Witteveen en Bos) Filmpje over gebied (gemaakt door Paul Camps en GrondRR) Voorbereiden kaartmateriaal (door Paul Camps en GrondRR) Stap 4: Workshop 5 december 2012 Intro reflectie eerste workshop (door allen) stand van zaken structuurvisie (door projectleider structuurvisie Arno Goosen) Schetsronde 1: gebied sturend en veerkracht (toelichting en begeleiding GrondRR) groenblauwe zone als geheel visie koppelgebied Intermezzo Visie van de ondernemers op het gebied (door Jeroen Osendarp) KeB adviezen (door Witteveen en Bos) Schetsronde 2: regionale economie (toelichting en begeleiding GrondRR) groenblauwe zone als geheel visie koppelgebied Terugkoppeling schetsen (door allen) Reflectie en afsluiting (door allen) Stap 5: Rapportage en afronding opdracht 29
38 4 Deelnemers Gemeente Amersfoort Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling Arno Goossens Mildred van der Linden Charles Rijschbosch Martijn Dee Afdeling Milieu Renee van Assema Sandra Sijbrandij Paul Camps Afdeling Stedelijk Beheer Gijsbert Bunk Jan van t Klooster Han Lensink Afdeling Veiligheid & Wonen Douwe Offringa Waterschap Vallei en Veluwe Martin van Meurs Elmi Vermeij Almer Bolman I&M/DRO/DPNH Christiaan Wallet Mayke Hoogbergen Marianne Mantel Overig Tjibbe Winkler (SKB en GIDO) Jeroen Osendarp (Agnova architecten) Petra Bakker (Bodem plus) Jos Timmermans (Amersfoortse Tuinmakelaar, Burger, Park Schothorst) Roelie Norp (Vrienden van het waterwingebied) Kees Quaadgras (Vrienden van het waterwingebied) Merlijn Simonse (burger) Ron Nap (gemeente Apeldoorn/burger) Dorien Derks (DHV) Hasse Goosen (Alterra) Ursula Kirchholtes (Witteveen en Bos) Vincent Grond (GrondRR)
39 31
40 ! Jan Elsinga, ministerie Infrastructuur en Milieu/Deltaprogramma Nieuwbouw en Herstructurering, Ursula Kirchholtes, Witteveen en Bos, Grond Vincent Grond, GrondRR,
SKB-Duurzame Ontwikkeling Ondergrond Showcase Amersfoort
SKB-Duurzame Ontwikkeling Ondergrond Showcase Amersfoort Water, bodem en groen vormen de groene alliantie. De gemeente Amersfoort borgt de alliantie in drie etalagegebieden én in haar structuurvisie, het
Waterkwartier duurzaam in pilotstudie voor een wijkgerichte aanpak
Waterkwartier duurzaam in 2050 pilotstudie voor een wijkgerichte aanpak 2 Inhoud 1 Doel en methode... 5 2 Kwaliteiten en knelpunten... 9 2.1. Natuurlijke alliantie/ klimaat... 9 2.2. Mens en maatschappij...
Klimaatbestendige stad
Klimaatbestendige stad Nú bouwen aan de stad van de toekomst Deltaprogramma Nieuwbouw & Herstructurering Hoe is het begonnen? Veel onderzoek Nationale adaptatiestrategie Advies van Commissie Veerman Deltaprogramma
Klimaatbestendige stad
Klimaatbestendige stad Joke van Wensem Samenwerken aan water en klimaat Programmaplan en kennisagenda Algemeen en programmering: Deltaprogramma RA/IenM, STOWA, RWS, CAS, Deltares Projectentournee: Deltaprogramma
Raak onderzoek 2015, 2016 Wiebe Bakker
De klimaatbestendige stad, inrichting in de praktijk Raak onderzoek 2015, 2016 Wiebe Bakker Een hot item Aandacht voor klimaatadaptatie Deltaprogramma Nieuwbouw en herstructurering Klimaatbestendige Stad
DIVERSITEIT ALS TROEF REGIONAAL OMGEVINGSBEELD REGIO ALKMAAR
DIVERSITEIT ALS TROEF REGIONAAL OMGEVINGSBEELD REGIO ALKMAAR REGIONALE RAADSAVOND 5 april 2017 AGENDA Oogst van de ronde door de regio Lezing van de regio Het Omgevingsbeeld voor de regio Alkmaar 2 OMGEVINGSBEELD
TEEB-stad. Wat is het en hoe draagt het bij aan nieuwe partnerschappen en investeringen? Lian Merkx Programmanager TEEB-stad Platform31
TEEB-stad Wat is het en hoe draagt het bij aan nieuwe partnerschappen en investeringen? Lian Merkx Programmanager TEEB-stad Platform31 27 februari Kick off vervolg TEEB stad achtergrond TEEB: the Economics
(hoofdstuk uit Inspiratiegids Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit Provincie Utrecht)
Bijlage: Projecten in de provincie Utrecht (hoofdstuk uit Inspiratiegids Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit Provincie Utrecht) Inleiding In de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013-2028 en de Verordening
Veelgestelde vragen Transformatie Schieoevers-Noord
Veelgestelde vragen Transformatie Schieoevers-Noord Wat is het plan voor Schieoevers? In 2010 heeft het college van B&W van de gemeente Delft de gebiedsvisie Schieoevers 2030 vastgesteld. De gebiedsvisie
CAMPUS-park Delft TU Noord
TU Noord klimaatadaptatie & gebiedsontwikkeling - Kanaalweg 2 SCHIE DUWO Botanische Tuin OPGAVE KLIMAATADAPTATIE In het kader van het project Klimaatadaptatie Delft is een studie verricht naar de gebiedsontwikkeling
Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie
Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie Het Deltaprogramma: een nieuwe aanpak Een goede kwaliteit van de leefomgeving is een basisvoorwaarde voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat
De klimaatbestendige stad: hoe doe je dat?
De klimaatbestendige stad: hoe doe je dat? De klimaatbestendige stad Klimaatadaptatie van stedelijk gebied staat sinds kort prominent op de publieke agenda. Op Prinsjes dag heeft het kabinet de Deltabeslissing
Plan van aanpak uitwerking gebiedsgerichte risicobenadering of MLV
memo Opdrachtgever: DPNH, DPV, STOWA Plan van aanpak uitwerking gebiedsgerichte risicobenadering of MLV Voorstel voor uitwerking in de regionale deltaprogramma s Auteurs: B. Kolen (HKV) R. Ruijtenberg
beschrijving plankaart.
06. plan. "Op en langs het voormalige tracé van de A9 wordt de vrijkomende ruimte gebruikt om nieuwe hoogwaardige woongebieden te realiseren binnen de bebouwde kom van Badhoevedorp. Deze gebieden krijgen
Deltaprogramma Nieuwbouw en herstructurering. Intentieverklaring
Deltaprogramma Nieuwbouw en herstructurering Intentieverklaring Deltawet (2011) Deltaprogramma met deelprogramma s Deltafonds Een pot geld Deltacommissaris Wim Kuijken Deltabeslissingen Deltaprogramma
Station Nieuwe Meer Het internationale & inclusieve woon- en werkgebied van Nieuw West
Station Nieuwe Meer Het internationale & inclusieve woon- en werkgebied van Nieuw West 2030 Station Nieuwe Meer is niet alleen een nieuwe metrostation verbonden met Schiphol, Hoofddorp, Zuidas en de Amsterdamse
WAAROM STEDELIJKE KLIMAATADAPTATIE?
WAAROM STEDELIJKE KLIMAATADAPTATIE? 13 november 2018 waarom stedelijke klimaatadaptatie wat verandert er aan ons klimaat meer: wateroverlast hitte droogte toenemende verstedelijking, meer verharding en
(Regionale) gebiedsinformatie over huidig watersysteem
Memo DM 1013497 Aan: Marktpartijen uitwerking plannen het Burgje, gemeente Bunnik Van: Beke Romp, Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden Datum: 13 januari 2016 Onderwerp: Notitie gebiedskenmerken (waterthema
ACTUALISATIE STRUCTUURVISIE BLADEL
ACTUALISATIE STRUCTUURVISIE BLADEL Gemeente Bladel Memo wijzigingen in Ruimtelijk Casco ten opzichte van DRS en Dorpenplan Medio 2004 heeft de gemeenteraad van Bladel de StructuurvisiePlus, bestaande uit
KLIMAATADAPTATIE IN DE STAD. Proeftuinen Den Haag en Arnhem
KLIMAATADAPTATIE IN DE STAD Proeftuinen Den Haag en Arnhem BOSCH SLABBERS Klimaatadaptatie in de stad Proeftuinen Den Haag en Arnhem Opdrachtgever Ministerie van VROM In samenwerking met Gemeenten Den
Ondergrondse opslag. Kansen en dilemma s
Ondergrondse opslag Kansen en dilemma s Nut en noodzaak? 2 Historisch perspectief Aanname alles is optimaal geregeld, water volgt functie; Nu voldoende water door externe aanvoer; Weinig urgentie voor
Naar een klimaatbestendig Eindhoven. Luuk Postmes 19 mei 2015
Naar een klimaatbestendig Eindhoven Luuk Postmes Speerpunten Eindhoven op watergebied Klimaatverandering Wateroverlast zomerse buien Hittestress Droogtestress Duurzame stad: Energie neutraal Grondstoffen
Raadsvoorstel van het college inzake Agenda groen voor de stad 2016
Registratienummer DSB 2016.297 RIS294705 Raadsvoorstel van het college inzake Agenda groen voor de stad 2016 De wereld om ons heen is in beweging en ook onze stad verandert. Den Haag is echter nog steeds
Beter groen. naar een kwaliteitsimpuls voor recreatiegebieden in Zuid-Holland. provinciaal adviseur ruimtelijke kwaliteit in zuid-holland
Beter groen naar een kwaliteitsimpuls voor recreatiegebieden in Zuid-Holland provinciaal adviseur ruimtelijke kwaliteit in zuid-holland Beter groen. Naar een kwaliteitsimpuls voor recreatiegebieden in
Tynaarlo. Bron:
Tynaarlo Bron: www.tynaarlobouwt.nl Introductie Tynaarlo is een klein dorp in de gelijknamige Drentse gemeente waarvan o.a. ook Eelde en Zuidlaren deel uitmaken. Er wonen ongeveer 1800 inwoners. In deze
Omgevingsvisie Giessenlanden. Plan van aanpak V1.3. Inleiding
Omgevingsvisie Giessenlanden Plan van aanpak V1.3 Inleiding De omgevingsvisie van de gemeente Giessenlanden moet inspireren, ruimte bieden en uitnodigen. Een uitnodiging aan burgers, bedrijven en instellingen
CHECKLIST ONDERGRONDKANSEN: AANTREKKELIJK WONEN EN WERKEN IN APELDOORN
CHECKLIST : AANTREKKELIJK WONEN EN WERKEN IN APELDOORN Versterk de identiteit van de Buitenstad door landschappelijke, aardkundige en archeologische waarden zichtbaar op te nemen in de ruimtelijke inrichting
voor een aantal woonwijken zoals De Whee 1 en Tuindorp.
9. Recreatie en ontspanning 10. Groen en water 11. Milieu en duurzaamheid 12. Cultuurhistorie 13. Uitvoeringsparagraaf 14. Maatschappelijke haalbaarheid Ruimtelijke kwaliteit 4.1 HUIDIGE SITUATIE 4.2 RUIMTELIJKE
1. Branding en voorzieningen in gehele subregio Cultuurhistorie benadrukken Toegankelijkheid zorg vergroten (sociaal, fysiek) Wie: overheid,
Transformatie van de woningvoorraad Een afname van het aantal huishoudens heeft gevolgen voor de woningvoorraad. Dit geldt ook vergrijzing. Vraag en aanbod sluiten niet meer op elkaar aan. Problemen van
HERONTWIKKELING MOLENWAL
STARTNOTITIE HERONTWIKKELING MOLENWAL (VOORMALIGE BUSREMISE) Maart 2011 Gemeente Oudewater Sector REV 1 Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE... 2 1 INLEIDING... 3 2 PLANGEBIED... 4 2.1 HET PLANGEBIED... 4 2.2 PROGRAMMA...
Rotterdamse adaptatiestrategie. John Jacobs Afdeling Water Rotterdam Climate Proof
John Jacobs Afdeling Water Rotterdam Climate Proof Adaptatie is niet nieuw! Effecten klimaatverandering Rotterdam: er is urgentie om te handelen Strategie gericht op functioneren van de stad Bebouwing
WELKOM Agenda van de avond
WELKOM WELKOM Agenda van de avond Welkom Wat is de bedoeling Wat is een Open Club Maatschappelijke opbrengst Gebiedsontwikkeling Toekomst Open Club Klimmen Vragen / discussie DOELSTELLING 8 november 2016
1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen. Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen
1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen 2 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen Bestuurlijke overeenkomst voor Samenwerking
Gevolgen van watertekorten voor stedelijk gebied. Marco Hoogvliet Projectmanager Stedelijk water en bodembeheer. Opdrachtgever: het Deltaprogramma
Gevolgen van watertekorten voor stedelijk gebied Focus op funderingsschade Marco Hoogvliet Projectmanager Stedelijk water en bodembeheer Opdrachtgever: het Deltaprogramma Doel Deltaprogramma Garanderen
Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer. 1. Inleiding
Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer 1. Inleiding Zoetermeer wil zich de komende jaren ontwikkelen tot een top tien gemeente qua duurzaam leefmilieu. In het programma duurzaam Zoetermeer
Scholder an Scholder Verenigen voor de toekomst Werken met de methodiek scholder an scholder 2.0
Scholder an Scholder 2.0 - Verenigen voor de toekomst Werken met de methodiek scholder an scholder 2.0 Opdracht Bestuurlijk Overleg Sport; 7 december 2016 Evaluatie van scholder an scholder (1.0) leert
De waterbestendige stad
De waterbestendige stad Samenvatting plan van aanpak Zeedijk in 2100 januari 2011 definitief De waterbestendige stad Samenvatting plan van aanpak dossier : BA1963-101-100 versie : 1.0 januari 2011 definitief
ONDERZOEK RUIMTELIJKE KWALITEIT Zoektocht Drinkwater Twente. 2e ontwerpatelier. locaties: Goor Lochemseberg Daarle Vriezenveen Sallandse Heuvelrug
ONDERZOEK RUIMTELIJKE KWALITEIT Zoektocht Drinkwater Twente 2e ontwerpatelier locaties: Goor Lochemseberg Daarle Vriezenveen Sallandse Heuvelrug 5 locatiesin beeld Proces Principes waterwinning Bestaande
Stad en landschap verbonden
Afstudeerpresentatie - 19 april 2013 Stad en landschap verbonden Het inpassen van het bedrijventerrein van Haarlem in de omliggende structuren voor het recreatieve langzaam verkeer Jenny Nauta - 1303163
HAAGSE AANPAK DUURZAME STEDENBOUW
HAAGSE AANPAK DUURZAME STEDENBOUW duurzame economie sociaal culturele duurzaamheid ecologische duurzaamheid DUURZAME STEDENBOUW Inhoud presentatie Opgave Werkwijze 4 thema's Resultaten en vervolgproces
Waterschap De Dommel. Waterberging. De visie tot 2050 op hoofdpunten
Waterschap De Dommel Waterberging De visie tot 2050 op hoofdpunten Inhoud 2 De waterbergingsvisie van Waterschap De Dommel; doel, kader en status 4 Werknormen wat zijn dat? 5 Waterschap De Dommel kan niet
het plan in hoofdlijnen
an badhoevedorp het plan in hoofdlijnen vhet toekomstbeeld De A9 gaat om! Een langgekoesterde wens van de inwoners van Badhoevedorp en de gemeente Haarlemmermeer gaat in vervulling. Het nieuwe tracé van
Geel in omgevingsvisies
Geel in omgevingsvisies De RWS-bijdrage aan de nationale, provinciale en gemeentelijke omgevingsvisies Peter Harmsen Adviseur ruimtelijke ontwikkelingen Waar zijn we van? 2 RWS BEDRIJFSINFORMATIE Duurzame
Klimaatbestendige ontwikkeling van Nederland. Is het rijk aan zet? Willem Ligtvoet, 19 april 2011
Klimaatbestendige ontwikkeling van Nederland Is het rijk aan zet? 1 Voorstudie PBL (2009) Speerpunten klimaatbestendige ruimtelijke ontwikkeling: 1. Waterveiligheid 2. Zoetwatervoorziening 3. Klimaatbestendige
Proeftuin meerlaagsveiligheid Walcheren Zuid Beveland eindpresentatie
Proeftuin meerlaagsveiligheid Walcheren Zuid Beveland eindpresentatie Proeftuin Meerlaagsveiligheid: Hoe kunnen we overstromingsrisico s minimaliseren door toepassing van het concept meerlaagsveiligheid?
Doelstellingen Gemeente Delft
Doelstellingen Gemeente Delft Gemeente - Binnen de Spoorzone Sterke economie Kennisintensieve bedrijvigheid Bind de kenniswerker Bereikbare en gastvrije stad Autoparkeren eenduidig en gastvrij Afronden
OntwerpLab voor de Klimaatrobuuste Stad
OntwerpLab voor de Klimaatrobuuste Stad Conferentie Klimaatadaptatie Zuid Nederland Deelsessie Integraal Ontwerpen Ruud Koch 27 juni 2019 OntwerpLab voor de Klimaatrobuuste Stad 3 jarig samenwerkingsverband
Format Ruimtelijke Onderbouwing (versie 1, aug 2014) INHOUDSOPGAVE
Format Ruimtelijke Onderbouwing (versie 1, aug 2014) INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING 1.1. Algemeen 1.2. Aanleiding en doel 1.3. Plangebied 1.4. Leeswijzer 2. PLANBESCHRIJVING 2.1. Bestaande situatie 2.2. Gewenste
bedrijventerrein t58 tilburg Bedrijvenpark te midden van groen en water, aan de rand van de snelweg
bedrijventerrein t58 tilburg Bedrijvenpark te midden van groen en water, aan de rand van de snelweg Bedrijvenpark Noord Surfplas Bedrijvenpark zuid Bedrijventerrein T58 Bedrijvenpark te midden van groen
MASTERCLASS Participatief plannen van groenblauwe netwerken voor ecosysteemdiensten
MASTERCLASS Participatief plannen van groenblauwe netwerken voor ecosysteemdiensten Radio Kootwijk, 7 september 2011 Sabine van Rooij, Ingrid Coninx, Gilbert Maas, Eveliene Steingröver (Alterra) Judith
Park Vliegbasis Soesterberg
Plannen voor Vliegbasis Soesterberg (2009-2012) Aan de ruimtelijke planvorming voor de Vliegbasis Soesterberg is de afgelopen jaren hard gewerkt door de betrokken overheden en verschillende gebiedspartijen.
Kennisagenda NKWK- KBS. Groeidocument versie 0.1
Kennisagenda NKWK- KBS Groeidocument versie 0.1 November 2015 Voorwoord Dit is de eerste versie (versie 0.1) van het Groeidocument van de Kennisagenda NKWK- KBS. Dit document is een eerste aanzet voor
Rotterdamse adaptatiestrategie. John Jacobs Programmabureau Duurzaam Rotterdam Climate Proof
John Jacobs Programmabureau Duurzaam Rotterdam Climate Proof Adaptatie? Effecten klimaatverandering Rotterdam: er is urgentie om te handelen Strategie gericht op functioneren van de stad Bebouwing Nutsnetwerken
memo Verlegging rode contour ter plaatse van de Driebergsestraatweg 63 en 65 te Doorn
memo aan: van: c.c.: Inge Eising Gemeente Utrechtse Heuvelrug Mariël Gerritsen Pieter Birkhoff Van Wijnen Groep N.V. datum: 14 december 2015 betreft: Verlegging rode contour ter plaatse van de Driebergsestraatweg
Gebiedsontwikkeling. The Missing Link. Een gebied op de kaart zetten met identiteit
Gebiedsontwikkeling Een gebied op de kaart zetten met identiteit Overtuigende plannen met het verhaal van de plek Een plek met een herkenbare identiteit draagt bij aan het welzijn van de mensen die er
HET POORTJE; Toelichting stedenbouwkundige inpassing Datum:
HET POORTJE; Toelichting stedenbouwkundige inpassing Datum: 14-4-2009 Huidige situatie De locatie maakt deel uit van het ontwikkelingsgebied Heerenveen Noordoost; een langgerekt gebied tussen grofweg de
Stedenbouwkundig advies reclamemast Facilitypoint Gemeente Hardinxveld-Giessendam
Stedenbouwkundig advies reclamemast Facilitypoint 2 Studiegebied voor het beoogde Facilitypoint tussen de Peulenlaan en de A15 Stedenbouwkundig advies reclamemast Facilitypoint STEDENBOUWKUNDIG ADVIES
INFOBROCHURE Schouwen-Duiveland
INFOBROCHURE Schouwen-Duiveland SCHOUWEN-DUIVELAND KLIMAATBESTENDIG Het klimaat verandert, de zeespiegel stijgt en de neerslag neemt toe. Studies brachten de huidige en toekomstige uitdagingen in kaart,
Startnotitie Omgevingsvisie Nijmegen
Startnotitie Omgevingsvisie Nijmegen Inleiding In juni van dit jaar is met de gemeenteraad gesproken over de Nijmeegse Omgevingsvisie aan de hand van de Menukaart Omgevingsvisie (zie bijlage). Afgesproken
HET KLIMAAT PAST OOK IN UW STRAATJE
1 HET KLIMAAT PAST OOK IN UW STRAATJE Landelijk dag over Ruimtelijke adaptatie 19 januari 2017 Jeroen Kluck en Laura Kleerekoper Hogeschool van Amsterdam En een heel team Lisette klok Wiebe Bakker Ronald
Water in Tiel. 1 Naast regionale wateren die in beheer zijn bij de waterschappen, zijn er rijkswateren (de hoofdwateren
Water in Tiel Waterbeleid Tiel en Waterschap Rivierenland Water en Nederland zijn onafscheidelijk. Eigenlijk geldt hetzelfde voor water en Tiel, met de ligging langs de Waal, het Amsterdam Rijnkanaal en
Verslag rondetafel klimaatbestendige stad en erfgoed. 16 februari 2017
Verslag rondetafel klimaatbestendige stad en erfgoed 16 februari 2017 2 Klimaatbestendige stad en erfgoed Dat erfgoed plekken betekenis geeft, weten we. Daarnaast kan inzicht in het gebruik van erfgoed
Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta)
Agenda Stad Concernstaf CSADV Stadhuis Grote Kerkplein 15 Postbus 538 8000 AM Zwolle Telefoon (038) 498 2092 www.zwolle.nl Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta) Hoe houden we onze delta leefbaar
IJsselsprong Zutphen. Nota Ruimte budget 20 miljoen euro. Planoppervlak 160 hectare
Nota Ruimte budget 20 miljoen euro Planoppervlak 160 hectare IJsselsprong Zutphen Trekker Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer Waterveiligheid als motor Bescherming tegen
Werkplan Centrum XL 2015/2016
Werkplan Centrum XL 2015/2016 Maart 2015, Amsterdam Inleiding: toekomstperspectief Centrum XL Er zijn veel ontwikkelingen gaande in Amsterdam op het gebied van economie, logistiek en duurzaamheid die van
Concept programma van eisen. Laan naar Emiclaer 2
Concept programma van eisen Laan naar Emiclaer 2 Naam Strategisch Vastgoed Locatie Laan naar Emiclaer 2 Wijk Zielhorst Bestuurlijk opdrachtgever Wethouder P. van den Berg Opdrachtgever V. Labordus Datum
De Omgevingsvisie van Steenwijkerland een samenvatting
De Omgevingsvisie van Steenwijkerland een samenvatting Vooraf Hoe ziet onze leefomgeving er over 15 jaar uit? Of eigenlijk: hoe ervaren we die dan? Als inwoner, ondernemer, bezoeker of toerist. De tijd
ERFGOED, ERFBETER, ERFBEST. Cultuurhistorische waarden: inventariseren, vastleggen en ontwerpen Februari 2012
ERFGOED, ERFBETER, ERFBEST Cultuurhistorische waarden: inventariseren, vastleggen en ontwerpen Februari 2012 Cultureel Erfgoed Wat is er aan de hand De bescherming van het cultureel erfgoed koppelen aan
MEMO. Sweerts de Landasstraat 50 6814 DG Arnhem 026 35 23 125 [email protected] www.buro-sro.nl. - Gemeente Gemert-Bakel
MEMO Aan: - Gemeente Gemert-Bakel Van: - Buro SRO Datum: - 20-11-2012 Onderwerp: - Watermemo De Hoef 16 Gemert Sweerts de Landasstraat 50 6814 DG Arnhem 026 35 23 125 [email protected] www.buro-sro.nl
De Deventer Omgevingsvisie
29-5- De Deventer Omgevingsvisie Hoe zien de binnenstad en de vooroorlogse wijken er straks uit? 14 mei 1 In gesprek met Liesbeth Grijsen (wethouder) 2 1 29-5- Programma van vanavond Over Omgevingswet
4 Groenstructuur 4 GROENSTRUCTUUR
4 GROENSTRUCTUUR 4 Groenstructuur In dit hoofdstuk is de gewenste groenstructuur binnen de wijken van de gemeente Naarden vastgelegd. Hierbij zijn drie niveaus te onderscheiden, Stadsstructuur, Wijkstructuur
Poldervaart Fietsroute deelgebied 9 en 10
Poldervaart Fietsroute deelgebied 9 en 10 Plaats over deze achtergrondfoto uw eigen [kleuren]foto op de voorgrond......gebruik vervolgens onderstaande tool om uw foto op maat te knippen......zo, dat de
Waterparken. Tijdelijke oplossingen voor braakliggende terreinen. Voorbeeldenboek
Waterparken Tijdelijke oplossingen voor braakliggende terreinen 1 Voorbeeldenboek Voorbeeldenboek 2 Overal in Nederland kom je ze tegen, op het platteland, in bedrijventerreinen of midden in het stedelijk
Reactie KCAP op opmerkingen van de Participatiegroep
Reactie KCAP op opmerkingen van de Participatiegroep MODEL GROENE POORT/BUURT-AS OPMERKINGEN VERKEER Advies: ook overgang Hogeweg-Stadsring aanpakkenvoor veiligheid. Dit valt buiten ons projectgebied maar
De Deventer Omgevingsvisie
De Deventer Omgevingsvisie Hoe zien de bedrijventerreinen er straks uit? 16 mei 2019 1 Programma van vanavond Over Omgevingswet en Omgevingsvisie Een verhaal over de bedrijventerreinen Wat staat er in
