ministerie van verkeer en waterstaat rijksdienst voor de ijsselmeerpolders rijp rapport

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "ministerie van verkeer en waterstaat rijksdienst voor de ijsselmeerpolders rijp rapport"

Transcriptie

1 ministerie van verkeer en waterstaat rijksdienst voor de ijsselmeerpolders rijp rapport r

2 ministerie van verkeer en waterstaat rijksdienst voor de ijsselmeerpolders B'B'. rijp rapport wide inzaai van granen en koolzaad op het grootlandbouwbedrijf door j. a. I. m. kamp cb I rijp-rapporten zijn in principe interne communicatiemiddelen ; hun inhoud varieert sterk en kan zowel betrekking hebben op een weergave van cijferreeksen, als op een discussie van onderzoeksresultaten 13A12 r j i() postbus AP lelystad smedinghuis zuiderwagenplein 2 tel. (03200) telex 40115

3 Referaat De inzaai van granen en koolzaad op het Grootlandbouwbedrijf / door J.A.L.M. Kamp ; met medew. van W. Middelbos, T.C. Rademaker, A.H. van Rossum ; Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders. - Lelystad R.IJ.P., p. : fig., tab. ; 30 cm. - (R.IJ.P. rapport ; Cb) Met lit. opg. In 1984 is door de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders in Zuidelijk Flevoland een vergelijkingsproef van zaaimachines uitgevoerd. Hierbij zijn een vijftal zaaimachines met bijbehorend materieel voor de zaaibedbereiding beoordeeld op functionele, technische, ergonomische en bedrijfseconomische aspecten. Uit de vergelijking is gebleken dat de zogenaamde gecombineerde zaaimethode, waarbij zowel de zaaibedbereiding als het zaaien in een werkgang plaats heeft, onder sterk uiteenlopende omstandigheden steeds de beste perspectieven biedt. Op basis van de relatie zaaitijdstip-gewasopbrengst is de optimale zaaiperiode-lengte berekend voor de situatie, waarbij het Grootlandbouwbedrijf van de R.IJ.P. ca ha zomergranen zaait. Het onderzoek wijst uit dat een uitbreiding van de zaaicapaciteit met 50% ten opzichte van de aanwezige capaciteit bedrijfseconomisch verantwoord is. De gemiddelde zaaiperiode-lengte wordt hierdoor verkort van 3 naar 2 weken.

4

5 Inhoud Biz. 1. Samenvatting 7 2. Inleiding 9 3. Het huidige zaaisysteem Proefopzet voor vergelijking van zaaisystemen Proefresultaten Gerealiseerde produkties en bewerkingskosten Beoordeling van grondbewerkingskwaliteit Kwaliteit van het zaaien Ergonomische beoordeling Technische beoordeling Organisatorische gevolgen Uitwisseling van personeel en trekkers Werkorganisatie Inzetbaarheid Evaluatie van de beproeving Berekening van de optimale zaaicapaciteit Inleiding Zaaitijdenproeven Opbrengststijging door capaciteitsuitbreiding Kosten van capaciteitsuitbreiding Bepaling van de optimale zaaicapaciteit Organisatorische effecten van een verhoogde 37 zaaicapaciteit Literatuur 39 Bijlagen 1 t/m 7 41

6

7 1. Samenvatting Zaaimachine-beproeving In 1984 is een beproeving gestart, waarin twee zaaisystemen vergeleken zijn: 1) zaaibereiding en zaaien in aparte werkgangen en een zaaibreedte van 6 m. Naast de aanwezige Hassia zaaimachine zijn 2 proefmachines gehuurd (Accord, Roger). 2) zaaibedbereiding en zaaien in een werkgang. Hierbij zijn twee combinaties beproefd, een bestaande uit een rotorkopeg met opgebouwde zaaimachine (Accord), een met de rotorkopeg in de fronthefinrichting en een zaaimachine (Amazone) achter de trekker. Beide combinaties hebben een werkbreedte van 4 m. Beide systemen zijn uitgebreid beproefd tijdens de voorjaarsinzaai, de koolzaadinzaai en de najaarsinzaai van Hierbij is aandacht besteed aan: de bewerkingskosten van zaaibedbereiding en zaaien - de kwaliteit van het zaaibed - de zaaikwaliteit, gerealiseerd door de zaaimachines - de technische kwaliteit van deze machines - ergonomische voor- en nadelen - verschillen in inzetbaarheid (werkbaarheid) - organisatorische consequenties Uit de beproeving is gebleken dat het combineren van zaaibedbereiding en zaaien in een werkgang bedrijfseconomisch interessant is. In elke zaaiperiode geeft dit systeem een daling van de bewerkingskosten per ha, varierend van f. 4, in het voorjaar tot f. 30, in het najaar. De combinatie van een rotorkopeg met opgebouwde Accord zaaimachine daarbij, zowel op het technische als op het functionele vlak, als meest aantrekkelijk beoordeeld. is

8 Optimale zaaicapiciteit Uit zaaitijdenproeven blijkt dat tijdig gezaaide zomergranen hogere opbrengsten geven dan laat gezaaide zomergranen. Daarom is een onderzoek ter bepaling van de optimale zaaicapaciteit gestart. Hieruit blijkt dat, gezien de gekozen uitgangspunten, een uitbreiding van de zaaicapaciteit met 50% zondermeer aantrekkelijk is. Bij het huidige park van 17 zaaimachines (werkbreedte 6 m) betekent dit een uitbreiding van het aantal met 8 zaaimachines. Organisatorische gevolgen In dit rapport is tenslotte aandacht besteed aan de organisatorische gevolgen van de uitbreiding van de zaaicapaciteit tijdens de voorjaarsinzaai Uit de berekeningen blijkt dat een uitbreiding van de zaaicapaciteit met 50%, te samen met de invoering van het gecombineerde zaaisysteem een gelijkblijvende behoefte aan personeel en trekkers met zich meebrengt. De personeelsuitwisseling tussen afd. Exploitatie en de overige afdeiingen binnen de Cultuurtechnische Afdeling kan daarom tijdens de zaaiperiode op het zelfde niveau gehandhaafd blijven. Een belangrijk voordeel is, dat door verkorting van de zaaiperiode de uitwisseling van kortere duur zal zijn.

9 2. Inleiding Door de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders wordt sedert 1977 gezaaid met zaaimachines van het merk Hassia met een werkbreedte van 6 meter. De zaaibedbereiding hieraan voorafgaand vindt in principe plaats met triltandcultivatoren met dezelfde werkbreedte. Door zich langzaam wijzigende bodemomstandigheden is een dubbele voorbewerking met cultivatoren of een voorwerking met rotorkopeggen steeds vaker noodzakelijk. Technische ontwikkelingen hebben sedert 1977 niet stil gestaan. Naast pneumatisch zaadtransport en toepassing van centrale voorraadbakken vindt het combineren van zaadbedbereiding en zaaien in een werkgang steeds meer toepassing. Daarom is in 1984 een uitgebreide beproeving gestart. Een viertal gehuurde zaaimachines met bijbehorend grondbewerkingsmaterieel is ingezet bij de inzaai van zomergranen, koolzaad en wintergranen in Zuidelijk Flevoland. Dit rapport bevat de ervaringen opgedaan met de beproefde zaaisystemen (met systeem wordt bedoeld de specifieke combinatie van zaaibedbereiding, gevolgd door het zaaien) onder sterk uiteenlopende omstandigheden in de drie zaaiperioden. Om bedrijfseconomische en organisatorische redenen wordt voor een aantal werkzaamheden op het grootlandbouwbedrijf (G.L.B.) gekozen voor een relatief lange bewerkingsperiode, waardoor met een relatief lage zaaicapaciteit kan worden volstaan. Momenteel wordt nog uitgegaan van een zaaiperiode-lengte in het voorjaar van ca. 3 weken, in de zomer eveneens van 3 weken en in het najaar van 4 weken. Bij deze uitgangspunten is het mogelijk op jaarbasis ca ha te zaaien met een zaaimachine met een werkbreedte van 6 meter. Uit zaaitijdenproeven van afd. Plantenteeltkundig Onderzoek blijkt steeds weer, dat tijdig gezaaide zomergranen hogere opbrengsten geven dan laat gezaaide gewassen. Daarom is onderzoek verricht naar de bedrijfseconomisch optimale zaaicapaciteit. Verder is nagegaan welke organisatorische gevolgen een wijziging in zaaicapaciteit heeft, waarbij tevens een relatie is gelegd met de resultaten van de zaaimachine-beproeving

10 ?. Het huidige zaaisysteem Voor het zaaien van granen, koolzaad en enkele handelsgewassen beschikt de Rijksdienst thans over de volgende machines. Merk en type Werkbreedte Aantal Hassia Dua 6-36 Hassia Dua 6-72* 6 m 6 m 14 3 * vlasuitvoering; ook ingezet bij inzaaien van gras De werkorganisatie bij de inzaai verschilt per periode en is tevens afhankelijk van de bodemomstandigheden. In alle gevallen is sprake van werkploegen (evt. ploegen - grondbewerking - zaaien), waarbij de onderlinge afstemming van de bewerkingscapaciteit van groot belang is. De machine met de laagste produktie bepaalt immers de produktie van de werkploeg. In tabel 1 is de samenstelling van de meest voorkomende werkploegen weergegeven. Tabel 1. Benodigd aantal trekkers en werktuigen bij de inzaai van de zomergranen, koolzaad en wintergranen, alsmede de onder gemiddelde omstandigheden realiseerbare produktie van het werktuig, gekoppeld aan een MB-trac 1300 wieltrekker. Periode van inzaai Voorjaar Zomer Najaar aantal stuks norm ha/uur aantal stuks norm ha/uur aantal stuks norm ha/uur Ploegen (7-sch. ) Cultivator (6m) Rotorkopeg (loonwerk) Zaaimachine (6 m) 1 a 2 1 4, 10 4,00 3 a ,90-5,20 4, 10 5, ,90 3,75 3,75 Produktie combinatie 4,00 3,90 a 4, 10 3,75 10

11 Toelichting: Voorjaar: De wijze waarop de grondbewerking plaats heeft is sterk afhankelijk van de toestand van de bodem na de winterperiode. Bij voldoende vorst in de winter en redelijk voorjaarsweer kan met een bewerking volstaan worden. In de andere gevallen zijn al snel 2 bewerkingen met een cultivator nodig. Zomer: Hoewel in het verleden de grondbewerking veelal plaatsvond met een schijveneg, gevolgd door een cultivatorbewerking, is de laatste jaren steeds veelvuldig gebruik gemaakt van rotorkopeggen (loonwerk). De steeds stugger wordende grond maakt dit noodzakelijk. Op gedraineerd land wordt veelal met 3 ploegers gewerkt, op begreppeld land doorgaans met 4. Najaar: In deze periode vindt ploegen, grondbewerken en zaaien direct achter elkaar plaats. Neerslag op wel bewerkte maar nog niet ingezaaide grond geeft nl. veel problemen. Op begreppeld land wordt doorgaans met 4 ploegtrekkers gewerkt. In zijn algemeenheid kan nog gesteld worden, dat naarmate de werkploeg groter wordt, de stagnatiekosten zullen stijgen bij storing van Sen van de trekkers resp. werktuigen. Ook neemt het belang van een goede onderlinge afsteming van produkties toe, waardoor een flexibele organisatie noodzakelijk is voor realisering van een optimale inzet van het gehele werktuigenpark. 11

12 12

13 4. Proetopzet voor vergelijking van zaaisystemen De in 1984 gehouden beproeving heeft ten doel de algehele kwaliteit van zaaibedbereiding en inzaai te verbeteren. De huidige methode, varierend per zaaiperiode, heeft hierbij als nulobject gediend. Na uitgebreid marktonderzoek zijn een viertal zaaimachines geselecteerd, waarmee het mogelijk is 2 zaaisystemen (systeem d.w.z. zaaibedbereiding, gevolgd door zaaien) onderling te vergelijken, namelijk: 1. - De zaaibedbereiding vindt op dezelfde wijze plaats als voorheen d.w.z. met 6 m brede cultivatoren (voorjaar, najaar) of met 4 m brede rotorkopeggen (koolzaadinzaai). - Het zaaien geschiedt met 6 m brede zaaimachines. Naast de reeds jarenlang gebruikte Hassia machine (figuur 1) zijn twee proefmachines gehuurd van het merk Accord en het merk Roger (figuur 2 en 3). Figuur 1. Hassia DUA-zaaimachine 2. Beproeving van een tweetal systemen, beide bestaande uit een rotorkopeg en een zaaimachine gekoppeld aan een trekker: - een 4 m brede rotorkopeg aan de fronthefinrichting van een MBtrac-trekker en een 4 m brede Amazone-zaaimachine achter dezelfde trekker (figuur 4). - een 4 m brede rotorkopeg met daarop gemonteerd een 4 m brede Accord-zaaimachine, beide achter dezelfde trekker (figuur 5). 13

14 Figuur 2. Accord DT-zaaimachine Figuur 3. Roger XP-zaaimachine 14

15 Figuur 4. Amazone D7 Garant zaaimachine en Pegoraro Vortico RD rotorkopeg Figuur 5. Accord DA-zaaimachine op Pegoraro Vortico RD rotorkopeg gebouwd Hi

16 In tabel 2 zijn de trekker-werktuig-combinaties nog eens op een gezet. rij Tabel 2. Beproefde trekker-werktuig-combinaties Grondbewerkingswerktuig Zaaimachine Type trekker Pegoraro rotorkopeg (4 m)* Amazone ( 4 m) MB-trac 1300 Pegoraro rotorkopeg (4 m) Accord (4 m) MB-trac 1300 Vaderstad cultivator (6 m) - White FB Vaderstad cultivator (6 m) - MB-trac Roger (6 m) MB-trac Accord (6 m) MF Hassia (6 m) MF 1250 * gemonteerd in fronthefinrichting van een MB-trac-trekker. De beproeving is uitgevoerd in drie zaaiperioden, vallend in eenzelfde jaar, waarbij de zaaisystemen op de volgende punten beoordeeld zijn: - gerealiseerde produkties en bewerkingskosten per oppervlakte-eenheid - kwaliteit van het zaaibed (vlakligging, fijnheid, bewerkingsdiepte) - zaaikwaliteit (standdichtheid, standregelmaat, zaaidiepte) - ergonomie - inzetbaarheid (gevoeligheid voor bodem- resp. weersomstandigheden) - technische kwaliteit (constructie, doseersysteem etc.). Bij de interpretatie van de beproevingsresultaten moet rekening gehouden worden met de specifieke omstandigheden en de verschillende zaaiperioden. Deze kunnen als volgt omschreven worden: 1) voorjaar: - eerst een gemakkelijk bewerkbare, enigszins opgevroren bodem - later, na enige neerslag, een "redelijk goed" bewerkbare bodem 2) zomer: _ droge, stugge, moeilijk bewerkbare bodem 3) najaar: _ i n het algemeen een zeer natte bodem, die daardoor moeilijk bewerkbaar is. 16 De bodem ter plaatse kan getypeerd worden als een kleigrond met een lutumgehalte van 25-35% (code 8). Om een veelzijdig beeld te krijgen zijn de machines op zowel gedraineerde als begreppelde kavels ingezet.

17 5 Proefresultaten 5.7. Gerealiseerde produkties en bewerkingskosten In tabel 3 is een overzicht gegeven van gerealiseerde produkties en bewerkingskosten in de verschillende zaaiperioden. Tabel 3. Produktie-normen en bewerkingskosten per hectare van de verschillende zaaimethoden in 3 zaaiperioden (1984) Voorjaar Zomer Najaar Omschrijving combinatie prod, ha/u kosten gld./ha prod, ha/u kosten gld./ha Aantal Aantal Aantal prod, ha/u kosten gld./ha 1. Ploegen (7 sch.) Rotorkopeg/Amazone (4 m) 1 2, , Ploegen (7 sch.) Rotorkopeg/Accord (4 m) 1 2, , , Ploegen (7 sch.) Cultivator (6 m) Rotorkopeg (4 m) Roger (6 m) 1 1 4, , Als 3. maar nu met Accord (6m) 1 4, , , Als 3. maar nu met Hassia (6 m) 1 4, , , In tabel 3 ontbreken gegevens van de rotorkopeg/amazone-combinatie en van de Roger zaaimachine in de najaarsperiode. Beide machines zijn stiigezet vanwege een steeds vollopende kooirol resp. een serie technische en technisch/functionele nadelen (zie bijlage 1 Najaarsinzaai en bijlage 2 Technische aspecten). Uit tabel 3 blijkt dat het gecombineerde grondbewerking-zaaisysteem (Rotorkopeg/Accord) in alle perioden bedrijfseconomisch aantrekkelijker is dan de zaaisystemen met 6 m zaaimachine. Hierbij moet het volgende aangetekend worden. 17

18 1) In ongeveer 50% van de jaren is in het voorjaar een dubbele voorbewerking nodig om een goed zaaibed te verkrijgen. In dat geval zullen de bewerkingskosten van het 6 m zaaisysteem toenemen tot f. 88, per ha. Door een verwachte daling in produktie (door slechte bodemomstandigheden) van de rotorkopeg/accord combinatie zal het verschil in bewerkingskosten tussen beide zaaisystemen toenemen tot ca. f. 29, per ha (zie bijlage 1, tabel 2). 2) Door de natte grond heeft de zaaibedbereiding in het najaar van 1984 vrijwel uitsluitend met rotorkopeggen plaats gevonden. Onder betere omstandigheden kan bij het 6 m zaaisysteem met een cultivatorbewerking volstaan worden. De bewerkingskosten bedragen dan ca. f. 152, per ha. Uitgaand van een geringe stijging in produktie van het rotorkopeg/accord systeem, zullen de verschillen in bewerkingskosten tussen beide systemen onder goede omstandigheden, verwaarloosbaar klein zijn Beoordeling van de grondbewerkingskwaliteit Zoals in hoofdstuk 2 reeds is aangegeven vindt de grondbewerking plaats, afhankelijk van de bodemomstandigheden, m.b.v. cultivatoren of rotorkopeggen. In het voorjaar wordt doorgaans met 1 of 2 cultivatorbewerkingen volstaan, in de zomer worden rotorkopeggen ingezet (grotendeels loonwerk) en in het najaar is een cultivatorbewerking voldoende. De algemene tendens t.a.v. de zaaibedbereiding is dat, naarmate de grond ouder wordt, het steeds moeilijker wordt een goed zaaibed te verkrijgen. In 1984 zijn de volgende voor- en nadelen van de verschillende grondbewerkingssystemen naar voren gekomen (zie ook bijlage 1): 1. Triltandcultivator - voorjaar:. levert bij goede bodemomstandigheden in een werkgang een acceptabel zaaibed;. bij iets nattere, weinig kruimelige grond zijn 18 meestal 2 werkgangen noodzakelijk;

19 - zomer:. niet toepasbaar; - najaar:. onder niet te natte omstandigheden is een werkgang voldoende. 2. Rotorkopeg met kooirol - algemeen:. in alle perioden bestaat bij relatief natte grond, de kans dat de kooirol vol loopt met grond; - voorjaar:. levert onder vrijwel alle omstandigheden in een bewerking een acceptabel zaaibed; - zomer:. idem; - najaar:. heeft in deze periode snel last met vollopen van de rol (zie algemene opmerking). 3. Rotorkopeg met aandruksteunrol - algemeen:. door de toepassing van schrapers wordt aankleving van grond aan de aandruksteunrol voorkomen; - voorjaar:. geeft onder alle omstandigheden een goed zaaibed; - zomer:. idem; - najaar:. idem. 4. Gecombineerd grondbewerking-zaaisysteem met: a. rotorkopeg (met kooirol) voorop en zaaimachine achter de trekker - algemeen:. de trekker rijdt evenals bij de 6 m zaaisystemen over bewerkte grond, waardoor dezelfde mate van insporing geconstateerd wordt als bij de 6m zaaisystemen;. de kooirol loopt vol bij nattere omstandigheden (vanwege het hoge gewicht is toepassing van een aandruksteunrol niet mogelijk); - voorjaar:. acceptabel zaaibed; - zomer:. kwaliteit zaaibed gelijk aan de kwaliteit van de andere rotorkopeggen; - najaar:. machine heeft een laag aantal werkbare uren vanwege vollopen van de kooirol; 19

20 b. rotorkopeg (met aandruksteunrol) en opgebouwde zaaimachine - algemeen:. de inzaai vindt direct plaats na de zaaibedbereiding, zodat niet meer over bewerkte grond gereden wordt;. door de rotorkopeg voldoende diep te laten werken, worden trekkersporen weggewerkt zodat een vlak zaaibed ontstaat; - voorjaar:. zeer goed en vlak zaaibed; - zomer:. kwaliteit zaaibed vergelijkbaar met die van andere combinaties; - najaar:. geeft ook onder zeer slechte omstandigheden nog een acceptabel zaaibed. Het aantal werkbare uren ligt relatief hoog. In het najaar is de trekker met rotorkopeg/accord combinatie voorzien van dubbelluchtbanden met als doel: 1) structuurbederf op de kopakkers te beperken 2) de insporing te verminderen tijdens het zaaien 3) de bewerkingsdiepte van de rotorkopeg enigszins te verminderen. Was het in het verleden zo dat de bewerkingsdiepte bepaald werd door de mate van insporing (i.v.m. wegwerken van de sporen), door toepassing van dubbelluchtbanden zal de bewerkingsdiepte bepaald worden door teelttechnische eisen. De ervaringen hiermee opgedaan zijn positief Kwaliteit van het zaaien In de drie perioden is ook steeds getracht de zaaikwaliteit te beoordelen (visueel en m.b.v. metingen). In bijlage 1 is dit aspect per periode behandeld. Uit de verzamelde informatie in de zomer en najaar zijn geen duidelijke verschillen af te leiden. In het voorjaar zijn wel enige verschillen geconstateerd in de standregelmaat (zie tabel 5, bijlage 1). Hieruit blijkt dat met name de Roger machine een tegenvallende verde- 20 ling neeft. Rekening houdend met de wijze van voorbewerking, zijn de

21 gemeten verschillen in standregelmaat erg klein, zodat bij de overige machines zeker van een goede zaaikwaliteit gesproken kan worden. Door afd. Plantenteeltkundig onderzoek is de standdichtheid en de standregelmaat in het voorjaar beoordeeld. Deze beoordeling is in feite een resultante van de kwaliteit van het zaaibed en de kwaliteit van de zaaimachine. In tabel 4 zijn de beoordelingscijfers weergegeven. Tabel 4. Beoordeling van de standdichtheid en standregelmaat van het gewas op GZ 60 door afd. Plantteeltkundig onderzoek Omschrijving werkmethoden beoordelingscijfer standdichtheid standregelmaat Rotorkopeg voor, Amazone 4 m achter Rotorkopeg, Accord 4 m opgebouwd Cultivator - Roger 6 m Cultivator - Accord 6 m Cultivator - Hassia 6 m 7 7 1/2 6 1/ / Verwacht mag worden dat de kwaliteit van het zaaisysteem van invloed is op de gewasgroei. Daarom is op 20 en 22 juni 1984 een beoordeling van de gewasgroei van zomergerst uitgevoerd op een onder goede omstandigheden gezaaide gedraineerde kavel (LZ 3 en 4) en op een onder matige omstandigheden gezaaide greppelkavel (GZ 60). In tabel 5 is de beoordeling weergegeven. 21

22 Tabel 5. Beoordeling van de gewasgroei van zomergerst op kavel LZ 3 en 4 en kavel GZ 60 per zaaisysteem Omschrijving zaaisysteem Beoordeling op kavel LZ 3 en 4 GZ Rotorkopeg/Amazone Rotorkopeg/Accord Roger 6 m Accord 6 m Hassia 6 m heel goed (egaal gewas) ++ goed (nagenoeg egaal) + voldoende (zaaisporen terug te vinden door enige achterstand in ontwikkeling) 0 matig (zaaisporen duidelijk zichtbaar, enigszins bont gewas) slecht (slechte groei in sporen, bont gewas) 5.4. Ergonomische beoordeling 22 Ergonomische verschillen tussen de zaaimachines zijn te herleiden tot verschillen t.a.v.: 1. het vullen van de machine 2. het bedienen van de machine (bijv. instellen van zaaizaadhoeveelheid) Ad 1. Voor het vullen van de machines zijn (deels in de loop van het jaar) de beide Accord-machines en de Amazone-zaaimachines van een loopbrug voorzien, zodat vullen vanaf de wagen vrij eenvoudig mogelijk is. Bij een goede afstemming in hoogte tussen zaadbak, loopbrug en wagen is dit vullen goed te doen. De Hassia-zaaimachine heeft een bredere, niet trechtervormige bak, zodat toepassing van de loopbrug niet mogelijk is. Het vullen vraagt dan meer energie. Doordat de Roger voortijdig uit de beproeving is genomen, heeft deze machine alleen zonder loopbrug gedraaid. Toepassing ervan is in principe wel mogelijk.

23 Ad 2. De bediening van de machines geeft, uitgezonderd de Roger zaaimachine, geen problemen (voor meer details, zie bijl. 2 en tabel 8). Samenvattend mag geconcludeerd worden dat aan de Roger en de Hassia enige ergonomische nadelen verbonden zijn, terwijl aan de overige 3 machines geen bezwaren zijn geconstateerd Technische beoordeling In bijlage 2 en 3 is naast een korte beschrijving een overzicht gegeven van sterke en zwakke punten van de zaaimachines en rotorkopeggen. In tabel 6 is getracht een overzicht te geven van de technische kwaliteit van de beproefde zaaimachines Organisatorische gevolgen Uitwisseling van personeel en trekkers Binnen de Cultuurtechnische Afdeling wordt vanuit een pool personeel en materieel toegewezen aan de afdeiingen, afhankelijk van het werkaanbod. Met name tijdens de zaaiperioden en de oogstperiode is de vraag groot. Bij de beoordeling van de beproefde zaaisystemen vormt daarom de personeels- resp. trekkerbehoefte een belangrijk aspect. In tabel 7 is een overzicht gegeven van personeels-(=trekker-)behoefte per oppervlakte-eenheid in de verschillende zaaiperioden. 23

24 Tabel 6. Waardering van technische en technisch-functionele van beproefde zaaimachines aspecten Merk Amazone Accord Roger Accord Hassia Werkbreedte 4 m 4 m 6 m 6 m 6 m Aanspanning - n.v.t Systeem van pneumatisch transport n.v.t n.v.t. Doseersysteem Doseersysteem fijne zaden Afdraaimechanisme Constructie aandrijfmechanisme Afstelling bodemkleppen + n.v.t. - n.v.t. + Vullen zaadbak ++* ++* Ledigen zaadbak Constructie zaaipijpen Constructie zaadbak Constructie frame Constructie kouters Afdekking zaadbak Verfkwaliteit Constructie markeurs Constructie achtereg * met loopbrug en platform uitgerust +++ = zeer goed ++ goed + = voldoende 0 = matig = slecht Tabel 7. Omvang van het werkverband en personeels-(=trekker-)behoefte van het 4 m zaaisysteem t.o.v. het 6 m zaaisysteem per periode, afhankelijk van de wijze van voorbewerking Periode Wijze van voorbewerking bij 6 m zaaisysteem Personeelsbehoefte 4 m comb. 6 m systeem m/mach. m.u./ha m/mach. m.u./ha Voorjaar Zomer Najaar 1 x cultivator 2 x cultivator rotorkopeggen 1 x cultivator rotorkopeggen ,42 0,45 1,35 1,25 1, ,5 0,75 1,47 1,33 1,64 24 Uit tabel 7. blijkt, dat het gecombineerde (4 m) systeem onder alle omstandigheden minder personeel en dus ook minder trekkers vraagt dan het 6 m zaaisysteem. In tabel 8 is weergegeven welk effect op de personeelsbehoef te (in absolute zin) verwacht mag worden.

25 Tabel 8. Gevolgen voor personeels- en trekkerbehoefte van het toepassen van een gecombineerd (4 m) zaaisysteem in vergelijking met het 6 m zaaisysteem (1985) Periode Voor; aar Zomer Na; aar Zaaisysteem 4 m 6 m 4 m 6 m 4 m 6 m Oppervlakte (ha) Lengte zaaiperiode (weken) Prod./machine (ha/periode) Aantal zaaimachines Pers. behoefte/machine 1 2,5* ,5* Pers. behoefte (absoluut)** (manweken) * Vanwege het uitgangspunt dat in 50% van de jaren zowel in het voorjaar als in het najaar een intensievere grondbewerking nodig is, zullen gemiddeld resp. 2,5 en 5,5 personen per zaaimachine nodig zijn. ** De trekkerbehoefte (zware trekkers) is hieraan gelijk. Uit tabel 8 blijkt, dat het gecombineerde zaaisysteem in het voorjaar een aanzienlijk lagere personeels- en trekkerbehoefte met zich meebrengt, terwijl in de zomer en najaar een gering voordeel behaald wordt. Ten opzichte van de huidige situatie wordt daarom een vermindering van de personeels- en trekkeruitwisseling verwacht, waarmee de voortgang van het werk bij de andere afdeiingen, op minimaal hetzelfde niveau als voorheen, gewaarborgd is Werkorganisatie Bij de beoordeling van de organisatorische gevolgen voor de werkuitvoering staat het begrip flexibtliteit centraal. Het is van groot belang adequaat te kunnen reageren op plotseling wijzigende omstandigheden, zoals bijv. uitvallen van een bepaald werktuig of trekker, wijzigende weersomstandigheden, overschakelen op andere werkzaamheden etc. 25

26 Een belangrijk criterium vormt de omvang van een werkploeg. Immers, hoe kleiner de samenwerkende groep is, hoe geringer de organisatieverliezen zijn bij wijziging van de omstandigheden, in welke vorm dan ook. Bij het 6 ra zaaisysteem is efficient werken alleen mogelijk als alle elementen van de samenwerkende groep aanwezig zijn. Op basis van produkties weergegeven in tabel 1 en bewerkingskosten per ha (zie tabel 3) kunnen de gevolgen van het ontbreken van een trekker met werktuig berekend worden, (uitgedrukt in een stijging van de bewerkingskosten). In tabel 7 is een overzicht gegeven van o.a. de omvang van de samenwerkende ploeg mensen resp. trekker met werktuig, afhankelijk van de wijze van zaaibedbereiding. Hieruit blijkt, dat de werkploeg-omvang bij het 6 m zaaisysteem gemiddeld 2x zo groot is als het 4 m gecombineerd zaaisysteem. Op basis hiervan mag verwacht worden, dat met het gecombineerde zaaisysteem relatief nog efficienter en daardoor goedkoper gewerkt kan worden dan berekend op basis van gerealiseerde produkties tijdens de beproeving (zie tabel 3) Inzetbaarheid Met name in het najaar is gebleken, dat de inzetmogelijkheden onder slechte omstandigheden per zaaisysteem verschillen (zie par. 5.2). De rotorkopeg met aandruksteunrol, voorzien van schrapers, blijkt zeer lang kwalitatief goed werk te leveren. Hoewel het op basis van een jaar moeilijk te schatten is, geeft deze grotere inzetbaarheid een verhoging van het aantal effectieve uren per zaaiperiode en daardoor verlaging van aan het zaaien toe te rekenen indirecte kosten. Een grotere inzetbaarheid verlaagt het risico, dat door bijv. weersomstandigheden het zaaien niet tijdig afgerond kan worden. Daarnaast mag met betrekking tot de voorjaarsinzaai een hogere opbrengst verwacht worden, als tijdig gezaaid kan worden (zie hfdst. 7). Wel moet hierbij de kanttekening geplaatst worden, dat een grondbewerking uitgevoerd onder slechte omstandigheden ook tot structuurbederf kan 26 leiden. Hiervoor moet te alien tijde gewaakt worden.

27 6. Evaluatie van de beproeving Als afsluiting van de beproevingsresultaten kunnen de ervaringen per beproevingsaspect als volgt samengevat worden. Grondbewerking 1. Rotorkopeg in fronthefinrichting: heeft als belangrijke nadelen, dat ten eerste toch nog over bewerkte grond gereden moet worden en ten tweede, dat de werkbaarheid a.g.v. vollopen van de spijlenrol te laag is. 2. Rotorkopeg achter de trekker met opgebouwde zaaimachine blijkt op alle punten (bewerkingskosten, kwaliteit zaaibed, werkbaarheid, brede inzetbaarheid) erg goed te scoren. 3. In 1984 is bewezen dat met een rotorkopeg onder vrijwel alle omstandigheden in een werkgang een acceptabel zaaibed te verkrijgen is. Bij inzet van cultivatoren is vaak een extra voorbewerking nodig; in de zomerperiode is de werking ervan onvoldoende. De bewerkingskosten bij grondbewerking en zaaien in aparte werkgangen blijkt duurder te zijn dan de combinatie in een werkgang. Zaaimachines 1. Amazone (4 m) zaaimachine - goede zaaikwaliteit - technisch iets minder gewaardeerd dan Accord 2. Accord (4 m) zaaimachine - goede kwaliteit - technisch als "goed" gewaardeerd 3. Roger (6 m) zaaimachine - matige zaaikwaliteit - technisch en ergonomisch als "matig tot slecht" gewaardeerd 4. Accord (6m) - zie Accord (4 m) 5. Hassia (6m) - zaaikwaliteit, gewaardeerd als "voldoende" - technisch en technisch-functioneel als "voldoende tot goed" gewaardeerd. Aangezien de uiteindelijke keuze bepaald wordt door de beoordeling van het zaaisysteem als geheel, is in tabel 9 een totaal overzicht gegeven van de waardering per zaaisysteem. Voor een juiste interpretatie van onderlinge verschillen is het van belang terug te grijpen op informatie vermeld in hoofdstuk 5 en bijlage 1. 27

28 Tabel 9. Beoordeling van de zaaisystemen 1= rotorkopeg in fronthefinrichting, Amazone achter dezelfde trekker 2= rotorkopeg met opgebouwde Accord zaaimachine 3= zaaibedbereiding met cultivator of rotorkopeg (apart), Roger 6 m zaaimachine 4= zaaibedbereiding met cultivator of rotorkopeg (apart), Accord 6 m zaaimachine 5= zaaibedbereiding met cultivator of rotorkopeg (apart), Hassia 6 m zaaimachine Beoordelingsaspect Waarderi ng van systeem zaaibedbereiding - vlakligging* fijnheid onder matige omstandigheden*** bewerkings(on)diepte Zaaien - zaaidiepte** standdichtheid r+ + - standregelmaat Gewasgroei*** f + 0 Ergonomie Technische kwaliteit zaaimachine Organisatorische gevolgen Inzetbaarheid (werkbare uren) o r = heel goed; ++ = goed; + = voldoende= 0 = matig - = onvoldoende; = slecht * de vlakligging is beoordeeld na de inzaai, gebaseerd op uitvoering met MB-trac trekker ** ondiep en regelmatig is als goed beoordeeld *** alleen goed beoordeeld tijdens of na inzaai van voorjaarsgewassen 28 Conclusie Op basis van bedrijfseconomische, functionele en technische redenen mag geconcludeerd worden, dat de rotorkopeg met opgebouwde Accord zaaimachine als meest aantrekkelijk zaaisysteem uit de beproeving naar voren is gekomen. In tegenstelling tot de overige zaaisystemen is dit zaaisysteem op geen enkel punt "matig" of "slecht" beoordeeld.

Beperkte grondbewerking spaart structuur en geld

Beperkte grondbewerking spaart structuur en geld Beperkte grondbewerking spaart structuur en geld Grond minder diep bewerken Een ploegdiepte van 28 tot 30 cm is gangbaar, maar niet nodig. Dieper dan 25 cm ploegen geeft geen hogere opbrengst. In het voorjaar

Nadere informatie

Aan de slag met erosie

Aan de slag met erosie Aan de slag met erosie Ploegloze grondbewerking in beweging 2004-2006 Ing. J.G.M. Paauw Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Business-unit Akkerbouw, Groene Ruimte en Vollegrondsgroente PPO nr. 325115105

Nadere informatie

Benut de rooicapaciteit en

Benut de rooicapaciteit en F.G.J. Tijink Voorkom verdichting van de ondergrond Benut de rooicapaciteit en Tijdens de bietenoogst is er een verhoogde kans op verdichting van de ondergrond. Problemen zijn te voorkomen door zuinig

Nadere informatie

Teelthandleiding. 2.2 lage bandspanning spaart bodemstructuur

Teelthandleiding. 2.2 lage bandspanning spaart bodemstructuur Teelthandleiding 2.2 lage bandspanning spaart bodemstructuur 2.2 Lage bandspanning spaart bodemstructuur... 1 2 2.2 Lage bandspanning spaart bodemstructuur Versie: juni 2015 De lucht in de bouwvoor wordt

Nadere informatie

Boerenexperiment No 4 aanvulling

Boerenexperiment No 4 aanvulling Boerenexperiment No 4 aanvulling Aardappels op zware grond, aanvulling op rapport Aanvulling en Resultaten en ervaringen van de groenbemestervelden op zware klei, najaar 2012 Achtergrond De toepassing

Nadere informatie

Rijpaden, een systeem voor duurzaam bodembeheer

Rijpaden, een systeem voor duurzaam bodembeheer Inhoud Rijpaden, een systeem voor duurzaam bodembeheer Bert Vermeulen Ervaringen met rijpadenteelt op kleigrond Bodemvriendelijk oogsten in rijpadenteelt Actueel: minder grondbewerken in rijpadenteelt

Nadere informatie

BODEMBEWERKING BIJ SUIKERBIETEN WELKE KIEZEN?

BODEMBEWERKING BIJ SUIKERBIETEN WELKE KIEZEN? BODEMBEWERKING BIJ SUIKERBIETEN WELKE KIEZEN? Ronald Euben Wat vraagt de biet? 2 Bij de zaai Enkele (kleine) kluiten bovenaan (dichtslaan, erosie) Verkruimelde, aangedrukte laag (contact zaad bodem) Vaste,

Nadere informatie

Groen Blauw Stimuleringskader Zaaikaart

Groen Blauw Stimuleringskader Zaaikaart Groen Blauw Stimuleringskader Zaaikaart 2013 Bloemrijke rand, kruidenrijke zoom, graslandflora- en faunarand en akkerflora- en faunarand Aanleiding Deze zaaikaart is opgesteld voor de pakketten bloemrijke

Nadere informatie

werkdocument -,p.- rljksdienst voor de ijsselmeerpolders rnlntsterle van verkeer en waterstaat ~eideperiode van de graskavels door Ing. P.J.

werkdocument -,p.- rljksdienst voor de ijsselmeerpolders rnlntsterle van verkeer en waterstaat ~eideperiode van de graskavels door Ing. P.J. -,p.- rnlntsterle van verkeer en waterstaat rljksdienst voor de ijsselmeerpolders werkdocument I ~eideperiode van de graskavels EZ 20 en E'Z :2 1 in 1982 door Ing. P.J. Huesmann mei, 1984-94 Abw postbus

Nadere informatie

Meer en beter gras van Eigen land met onze nieuwe graslandverzorgingsmachine

Meer en beter gras van Eigen land met onze nieuwe graslandverzorgingsmachine Nieuwsbrief nr.1 maart 2015 Technieken en wetgeving veranderen continu. Middels de nieuwsbrief gaan we proberen u een aantal keer per jaar op de hoogte te houden van de actualiteiten en nieuwe ontwikkelingen

Nadere informatie

SPNA SPNA. Laboratorium. Directzaai. Directzaai 12-1-2011. Minimale grondbewerking in het Oldambt Ervaringen SPNA 2003 2010

SPNA SPNA. Laboratorium. Directzaai. Directzaai 12-1-2011. Minimale grondbewerking in het Oldambt Ervaringen SPNA 2003 2010 12-1-211 SPNA Stichting Proefboerderijen Noordelijke Akkerbouw: 12-1-211 Minimale grondbewerking in het Oldambt Ervaringen SPNA 23 21 Masterclass Niet-Kerende Grondbewerking Jaap van t Westeinde www.spna.nl

Nadere informatie

STRIPTILL IN DE MAISTEELT, MEER ERVARINGEN

STRIPTILL IN DE MAISTEELT, MEER ERVARINGEN STRIPTILL IN DE MAISTEELT, MEER ERVARINGEN Gert Van de Ven (Hooibeekhoeve/LCV) Koen Vrancken (PIBO Campus vzw) Jill Dillen (BDB) Mathias Abts (Departement Landbouw en Visserij) In het buitenland wordt

Nadere informatie

Teelthandleiding. Grondbewerking

Teelthandleiding. Grondbewerking Teelthandleiding Grondbewerking 2 Grondbewerking/zaaibedbereiding... 1 2.1 Grondbewerking en zaaibedbereiding voor suikerbieten... 1 2.2 Lage bandspanning spaart bodemstructuur... 5 2.3 Rijpaden in suikerbieten:

Nadere informatie

versie: januari 2011

versie: januari 2011 Rijsnelheid Het zaairesultaat wordt niet alleen bepaald door de perfectie en afstelling van de machine, maar ook door de rijsnelheid. De gewenste rijsnelheid is bij buitenvullers ongeveer 5 km per uur,

Nadere informatie

INDUSTRIELE CICHOREI

INDUSTRIELE CICHOREI 23/05/2002 COMITE VOOR DE SAMENSTELLING VAN DE NATIONALE RASSENCATALOGUS VOOR LANDBOUWGEWASSEN Criteria voor het onderzoek van rassen met het oog op hun toelating tot de catalogus INDUSTRIELE CICHOREI

Nadere informatie

Onderzoeksverslag. Mechanische onkruidbestrijding in de mengteelt van tarwe en veldboon

Onderzoeksverslag. Mechanische onkruidbestrijding in de mengteelt van tarwe en veldboon Onderzoeksverslag Mechanische onkruidbestrijding in de mengteelt van tarwe en veldboon Titelblad Auteur: Marina de Rooij, Albert Ruben Ekkelenkamp, Michiel Sinkgraven Titel: Onderzoeksverslag Ondertitel:

Nadere informatie

Voorburg, 21 januari 197~ Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV

Voorburg, 21 januari 197~ Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV CONSULT aan Rijkswaterstaat MOGELIJKE VERMINDERING VAN HET BENZINEVERBRUIK DOOR DE INSTELLING VAN SNELHEIDSBEPERKINGEN R-7~-3 Voorburg, 21 januari 197~ Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid

Nadere informatie

Groenbemesters 2015-2016. Een vruchtbare investering

Groenbemesters 2015-2016. Een vruchtbare investering Groenbemesters 2015-2016 Een vruchtbare investering Beste akkerbouwer, Gezondheid, structuur en een goed bodemleven van de bodem verbeteren de opbrengst van teeltgewassen en hiermee ook uw bedrijfsresultaat.

Nadere informatie

Zaaibedcombinaties Systeem-Kompaktor en Systeem-Korund

Zaaibedcombinaties Systeem-Kompaktor en Systeem-Korund Zaaibedcombinaties Systeem-Kompaktor en Systeem-Korund LEMKEN Systeem-Kompaktor en Systeem-Korund: Het concept De moeilijke kosten- en arbeidssituatie van vele landbouwbedrijven vraagt om werktuigen met

Nadere informatie

Rijenbemesting met mengmest bij maïs

Rijenbemesting met mengmest bij maïs Rijenbemesting met mengmest bij maïs Auteurs Gert Van de Ven 14/03/2014 www.lcvvzw.be 2 / 10 INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave... 3 Inleiding... 4 De technieken... 5 Mest toedienen voor het zaaien... 5 Rijenbemesting

Nadere informatie

COMBILINER INTEGRA 3003-4003

COMBILINER INTEGRA 3003-4003 COMBILINER INTEGRA 3003-4003 ZA A I EN OP MA AT! INTEGRA MECHANISCHE OPBOUWZAAIMACHINE Mechanische opbouwzaaimachine INTEGRA Met de nieuwe zaaicombinatie INTEGRA stijgt het concurrerend vermogen en de

Nadere informatie

Achtergrondinformatie bij het artikel: Rooikosten verlagen door het beter benutten van rooiers en kippers.

Achtergrondinformatie bij het artikel: Rooikosten verlagen door het beter benutten van rooiers en kippers. Achtergrondinformatie bij het artikel: Rooikosten verlagen door het beter benutten van rooiers en kippers. Dit document is opgesteld als achtergrondinformatie bij het artikel Lagere rooikosten bij betere

Nadere informatie

MLHD onkruidbestrijding in suikerbieten. ing. K.H. Wijnholds en ing.h.w.g. Floot, PAV-NNO

MLHD onkruidbestrijding in suikerbieten. ing. K.H. Wijnholds en ing.h.w.g. Floot, PAV-NNO MLHD onkruidbestrijding in suikerbieten Door: ing. K.H. Wijnholds en ing.h.w.g. Floot, PAV-NNO Inleiding MLHD betekent Minimum Letale Herbicide Dosering. De MLHD-methode stelt akkerbouwers in staat om

Nadere informatie

HANDLEIDING ANALYSE FINANCIËLE EFFECTEN VERVOERSSYSTEMEN

HANDLEIDING ANALYSE FINANCIËLE EFFECTEN VERVOERSSYSTEMEN HANDLEIDING ANALYSE FINANCIËLE EFFECTEN VERVOERSSYSTEMEN 2010 Policy Research Corporation, namens de sociale partners inhet beroepsgoederenvervoer over de weg en de logistiek (CNV, FNV, TLN en VVT) Meer

Nadere informatie

Mechanische aanbouwzaaimachines PREMIA. www.kuhn.com. be strong, be KUHN

Mechanische aanbouwzaaimachines PREMIA. www.kuhn.com. be strong, be KUHN Mechanische aanbouwzaaimachines PREMIA www.kuhn.com be strong, be KUHN PREMIA MECHANISCHE AANBOUWZAAIMACHINES WE DOEN ALLES VOOR EEN PERFECTE ZAAIKWALITEIT KUHN beschikt over een jarenlange ervaring als

Nadere informatie

Inleiding... 3 Australie algemeem... 3 Geografie... 3 Klimaat... 3. Waarom investeren in Australische farms?... 4

Inleiding... 3 Australie algemeem... 3 Geografie... 3 Klimaat... 3. Waarom investeren in Australische farms?... 4 Inhoud Inleiding... 3 Australie algemeem... 3 Geografie... 3 Klimaat... 3 Waarom investeren in Australische farms?... 4 De Farms... 5 Situering...5 Een voorbeeld: Careunga 3540ha... 6 Het Boeren... 7 Zaaien...7

Nadere informatie

Verbetering rendement suikerbietenteelt

Verbetering rendement suikerbietenteelt IRS Postbus 3 600 AA Bergen op Zoom www.irs.nl / hanse@irs.nl Op naar 3 x Verbetering rendement suikerbietenteelt Bram Hanse jaar suiker kostprijs 0 ton/ha /ton biet Ligging van deelnemende bedrijfsparen

Nadere informatie

Tips voor het uitvoeren van bemestingsproeven

Tips voor het uitvoeren van bemestingsproeven Commissie Bemesting Grasland en Voedergewassen Tips voor het uitvoeren van bemestingsproeven Inleiding De CBGV baseert haar adviezen bij voorkeur op zoveel mogelijk proefresultaten. Resultaten moeten daarbij

Nadere informatie

Randvoorwaarden Erosie. Martien Swerts Dienst land en Bodembescherming Departement LNE

Randvoorwaarden Erosie. Martien Swerts Dienst land en Bodembescherming Departement LNE Randvoorwaarden Erosie Dienst land en Bodembescherming Departement LNE Context Erosie 100,000 ha 2,000,000 ton bodem/jaar 400,000 ton slib/jaar naar waterlopen na 10 jaar erosiebeleid : beleidsindicator

Nadere informatie

Randvoorwaarden erosie. Jan Vermang, Martien Swerts Departement LNE Dienst Land en Bodembescherming

Randvoorwaarden erosie. Jan Vermang, Martien Swerts Departement LNE Dienst Land en Bodembescherming Randvoorwaarden erosie Jan Vermang, Martien Swerts Departement LNE Dienst Land en Bodembescherming Randvoorwaarden Erosie: Wat kunnen we doen? Bodem bedekt houden Teelt die jaar rond volledige bedekking

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde B 1 havo 2009 - I

Eindexamen wiskunde B 1 havo 2009 - I Vetpercentage Al heel lang onderzoekt men het verband tussen enerzijds het gewicht en de lengte van volwassen mensen en anderzijds hun gezondheid. Hierbij gebruikt men vaak de Body Mass Index (BMI). De

Nadere informatie

Werkdocument 1975-496 Bbp BEGROTINGSUITGAVEN PAKHUIS- EN VERKOOPKOSTEN

Werkdocument 1975-496 Bbp BEGROTINGSUITGAVEN PAKHUIS- EN VERKOOPKOSTEN Werkdocument 1975-496 Bbp BEGROTINGSUITGAVEN PAKHUIS- EN VERKOOPKOSTEN -- 1. 'I b I. Inleidlk.--- In deze nota is een prognose gegeven over 1975 van de begrotingsuitgaven van de post pakhuis- en verkoopkosten

Nadere informatie

Rollen. Een goede keus!

Rollen. Een goede keus! Rollen Een goede keus! Buizenrollen Evers Rollen Evers is met recht de fabrikant die de buizenrol heeft doorontwikkeld tot een onmisbaar onderdeel bij de grondbewerkingsmachines. Daar waar andere partijen

Nadere informatie

voor iedere trekker vanzelfsprekend!

voor iedere trekker vanzelfsprekend! voor iedere trekker vanzelfsprekend! DE KRACHT VAN SPECIALISATIE binnen de Zuidberg Techniek Holding Zuidberg Engineering ontwikkelt met moderne, geavanceerde software voor vrijwel ieder model trekker

Nadere informatie

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 Sparrenheuvel, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 offertebureau@mxi.nl www.mxi.nl Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Zevende ronde ICT Benchmark Gemeenten 2011 3 1.2 Waarom

Nadere informatie

Overzicht Beheerpakketten Agrarisch Natuur- & Landschapsbeheer 2016. SCAN versie 1.5d. FAC versie 1.2

Overzicht Beheerpakketten Agrarisch Natuur- & Landschapsbeheer 2016. SCAN versie 1.5d. FAC versie 1.2 Bijlage 2. Overzicht Beheerpakketten Agrarisch Natuur- & Landschapsbeheer 2016 SCAN versie 1.5d 1 december 2015 FAC versie 1.2 14 december 2015 ANLb Opbouw van de beheerpakketten De pakketten zijn opgebouwd

Nadere informatie

>01/2015-NL 406042-05

>01/2015-NL 406042-05 >01/2015-NL 406042-05 1 2 EEN RONDUIT INDRUKWEKKENDE SERIE XT 100 XT 130 XT 160 XT 160H XT 210H XT 240H De nieuwe generatie XT verlegt de grenzen van het prestatievermogen. Deze getrokken kunstmeststrooiers

Nadere informatie

*I. VOOR DE IJSSEIMEERPOWERS

*I. VOOR DE IJSSEIMEERPOWERS RIJKSDIENST *I. VOOR DE IJSSEIMEERPOWERS Werkdocument 1975 432 Bbw.. ONKRUIDBESTRIJDINC IN WINTERKOOLZAAD, OOGSTSEIZOEN 1974 door L.J.A. Wouters Inleiding.. Graanopslag, muur' en grassen zijn ook in 1974

Nadere informatie

WAARDERINGSKAMER RAPPORT. Betreft: Datum: 1 februari 2012. Onderzoek invloed "no-cure-no-pay-bezwaren" op uitvoering Wet WOZ

WAARDERINGSKAMER RAPPORT. Betreft: Datum: 1 februari 2012. Onderzoek invloed no-cure-no-pay-bezwaren op uitvoering Wet WOZ WAARDERINGSKAMER RAPPORT Betreft: Onderzoek invloed "no-cure-no-pay-bezwaren" op uitvoering Wet WOZ Datum: 1 februari 2012 1 1. Inleiding De Waarderingskamer heeft in opdracht van de staatssecretaris van

Nadere informatie

Kramer ProSeeder HS 21/22 hand-duw zaaimachine

Kramer ProSeeder HS 21/22 hand-duw zaaimachine Kramer ProSeeder HS 21/22 hand-duw zaaimachine HS 21/22 De Kramer ProSeeder hand-duw zaaimachine voor alle zaaizaden PRECISIE HAND-DUW ZAAIMACHINE OPTIMAAL IN GEBRUIK EN MAXIMAAL IN KWALITEIT Een echte

Nadere informatie

Onderzoek naar bruikbare herbiciden in knolbegonia

Onderzoek naar bruikbare herbiciden in knolbegonia Onderzoek naar bruikbare herbiciden in knolbegonia Vervolgonderzoek in 2005 P.J. van Leeuwen, A.Th.J. Koster en J.P.T. Trompert Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector Bloembollen maart 2006 PPO

Nadere informatie

CORBO Organisatie, Advies en Expertise B.V. Rollenremmentestbank VS Tweeplaatsremmentestbank

CORBO Organisatie, Advies en Expertise B.V. Rollenremmentestbank VS Tweeplaatsremmentestbank Rollenremmentestbank VS Tweeplaatsremmentestbank Inhoudsopgave 1. Inleiding...3 2. Proces...4 2.1 Proces rollenremmentestbank in beeld...4 2.2 Proces tweeplaatsremmentestbank in beeld...5 2.3 Processtappen

Nadere informatie

de weerstandscoëfficiënt van de bochten is nagenoeg onafhankelijk van het slangtype.

de weerstandscoëfficiënt van de bochten is nagenoeg onafhankelijk van het slangtype. TNO heeft een onderzoek naar de invloed van een aantal parameters op de wrijvings- en weerstandscoëfficiënten van DEC International -slangen en -bochten uitgevoerd (rapportnummer 90-042/R.24/LIS). De volgende

Nadere informatie

Reken af met duist in stappen

Reken af met duist in stappen Reken af met duist in stappen Zo blijft resistente duist beheersbaar Duist is een lastig onkruid in wintertarwe. Dat komt met name doordat het een directe concurrent is voor het gewas. Het ontneemt voedsel

Nadere informatie

Break-even analyse C2020 1. Ir. drs. M. M. J. Latten

Break-even analyse C2020 1. Ir. drs. M. M. J. Latten Break-even analyse C2020 1 Break-even analyse Ir. drs. M. M. J. Latten 1. Inleiding C2020 3 2. Principe C2020 3 2.1. Analytisch C2020 3 2.2. Grafisch C2020 4 3. Realiteitsgehalte C2020 6 3.1. Aannames

Nadere informatie

HANDLEIDING ANALYSE FINANCIELE EFFECTEN ROOSTERVORMEN

HANDLEIDING ANALYSE FINANCIELE EFFECTEN ROOSTERVORMEN HANDLEIDING ANALYSE FINANCIELE EFFECTEN ROOSTERVORMEN 2010 Policy Research Corporation, namens de sociale partners inhet beroepsgoederenvervoer over de weg en de logistiek (TLN, KNV, VVT, FNV en CNV) Meer

Nadere informatie

Cultuur- en gebruikswaardeonderzoek industriespinazie 2002 Voorjaarszaai. H. de Putter

Cultuur- en gebruikswaardeonderzoek industriespinazie 2002 Voorjaarszaai. H. de Putter Cultuur- en gebruikswaardeonderzoek industriespinazie 2002 Voorjaarszaai H. de Putter Praktijkonderzoek Plant & Omgeving BV. Projectrapport nr. 110118 2001 Wageningen, Praktijkonderzoek Plant & Omgeving

Nadere informatie

College 3. Opgaven. Opgave 2

College 3. Opgaven. Opgave 2 College 3 Opgaven Opgave 2 Tabel bij opgave 2 Schepen Marg. kosten Totale kosten Tot. opbr. Marg. opbr. Netto opbr. 3 200 600 900 900 300 4 200 800 1600 700 800 5 200 1000 2000 300 1000 6 200 1200 2100

Nadere informatie

TEELT VAN VEZELVLAS 1. Perceelskeuze Vezelvlas groeit goed op gronden van 15 35% afslipbaar.op zeer zware gronden kan de gewaslengte in droge jaren tegenvallen. Voor vlas is een goede vochthoudende grond

Nadere informatie

Het watergehalte in verse en gerookte haringfilets

Het watergehalte in verse en gerookte haringfilets MINISTERIE VAN LANDBOUW Bestuur voor Landbouwkundig Onderzoek Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek - Gent PROEFSTATION VOOR ZEEVISSERIJ Directeur : P. Hovart Nr 6 Het watergehalte in verse en gerookte

Nadere informatie

Rapportage Eindresultaten 2014

Rapportage Eindresultaten 2014 Rapportage Eindresultaten 2014 Wat zijn de prestaties van onze scholen? Colofon datum 7 mei 2014 auteur Jan Vermeulen status Definitief Rapportage eindresultaten 2014 pagina 2 van 8 status concept Inhoudsopgave

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde A1,2 (nieuwe stijl)

Examen VWO. wiskunde A1,2 (nieuwe stijl) wiskunde A1,2 (nieuwe stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 23 juni 13.30 16.30 uur 20 04 Voor dit examen zijn maximaal 83 punten te behalen; het examen bestaat

Nadere informatie

Invloed van ventilatie-instellingen op vochtverliezen en kwaliteit in zand aardappelen

Invloed van ventilatie-instellingen op vochtverliezen en kwaliteit in zand aardappelen Invloed van ventilatie-instellingen op vochtverliezen en kwaliteit in zand aardappelen Ing. D. Bos en Dr. Ir. A. Veerman Praktijkonderzoek Plant & Omgeving B.V. Sector AGV PPO 5154708 2003 Wageningen,

Nadere informatie

Wat is niet-kerende bodembewerking? Resultaten Interreg-project Prosensols

Wat is niet-kerende bodembewerking? Resultaten Interreg-project Prosensols Jan Vermang Afdeling Land en Bodembescherming, Ondergrond, Natuurlijke Rijkdommen Departement Leefmilieu, Natuur en Energie Studiedag Erosie: niet-kerende bodembewerking, 27 augustus 2013 Ruraal Netwerk

Nadere informatie

GJ/C10748/2014/0147. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van Sociaal Fonds Taxi. Zoetermeer, november 2014

GJ/C10748/2014/0147. Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van Sociaal Fonds Taxi. Zoetermeer, november 2014 Overzicht kostenontwikkelingen taxi vervoer 2015 GJ//2014/0147 Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van Sociaal Fonds Taxi Zoetermeer, november 2014 De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust bij

Nadere informatie

3 november 2014. Inleiding

3 november 2014. Inleiding 3 november 2014 Inleiding In 2006 publiceerde het KNMI vier mogelijke scenario s voor toekomstige veranderingen in het klimaat. Het Verbond van Verzekeraars heeft vervolgens doorgerekend wat de verwachte

Nadere informatie

METHODE VOOR HET VASTSTELLEN VAN OOGSTVERLIEZEN. door. - -H. Sloots Afdeling Bedrijfsadministratie C.A. 1976-268 Bbc november

METHODE VOOR HET VASTSTELLEN VAN OOGSTVERLIEZEN. door. - -H. Sloots Afdeling Bedrijfsadministratie C.A. 1976-268 Bbc november W E R K D O C U M E N T METHODE VOOR HET VASTSTELLEN VAN OOGSTVERLIEZEN door - -H. Sloots Afdeling Bedrijfsadministratie C.A. 1976-268 Bbc november 91 54 V O O R D E I J S S E L M E E R P O L D E R S S

Nadere informatie

Kengetallen. E-5 MPR-Kwaliteit. Inleiding. MPR 24 uur. 4 Betekenis van MPR 24 uur

Kengetallen. E-5 MPR-Kwaliteit. Inleiding. MPR 24 uur. 4 Betekenis van MPR 24 uur Kengetallen E-5 MPR-Kwaliteit Inleiding Via Melkproductieregistratie (MPR) worden gegevens over de melk-, vet en eiwitproductie van de veestapel verzameld. Deze gegevens zijn de basis van managementinformatie

Nadere informatie

VOORBEELDEN REKENEN IN DE BEROEPSGERICHTE VAKKEN GROENHORST COLLEGE

VOORBEELDEN REKENEN IN DE BEROEPSGERICHTE VAKKEN GROENHORST COLLEGE VOORBEELDEN REKENEN IN DE BEROEPSGERICHTE VAKKEN GROENHORST COLLEGE 1.1 Rekenopgave Dier Het begrip verhoudingen met de breuken en procenten is lastig voor de niveau 2 deelnemers dier. Wanneer leerlingen

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde A1

Examen VWO. wiskunde A1 wiskunde A1 Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Woensdag 25 mei 13.30 16.30 uur 20 05 Voor dit examen zijn maximaal 83 punten te behalen; het examen bestaat uit 21 vragen. Voor

Nadere informatie

Overheadkosten agrarisch collectief i.r.t. taken en omzet

Overheadkosten agrarisch collectief i.r.t. taken en omzet STICHTING COLLECTIEF AGRARISCH NATUURBEHEER Overheadkosten agrarisch collectief i.r.t. taken en omzet Elk agrarisch collectief doet middels een gebiedsaanvraag een aanbod aan de provincie waarin het collectief

Nadere informatie

Klimaatverandering & schadelast. April 2015

Klimaatverandering & schadelast. April 2015 Klimaatverandering & schadelast April 2015 Samenvatting Het Centrum voor Verzekeringsstatistiek, onderdeel van het Verbond, heeft berekend in hoeverre de klimaatscenario s van het KNMI (2014) voor klimaatverandering

Nadere informatie

Examen HAVO. wiskunde A. tijdvak 1 dinsdag 18 mei 13.30-16.30 uur

Examen HAVO. wiskunde A. tijdvak 1 dinsdag 18 mei 13.30-16.30 uur Examen HAVO 2010 tijdvak 1 dinsdag 18 mei 13.30-16.30 uur wiskunde A Dit examen bestaat uit 23 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 82 punten te behalen. Voor elk vraagnummer staat hoeveel punten met

Nadere informatie

Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse

Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse Modal shift en de rule of half in de kosten-batenanalyse Sytze Rienstra en Jan van Donkelaar, 15 januari 2010 Er is de laatste tijd bij de beoordeling van projecten voor de binnenvaart veel discussie over

Nadere informatie

Opvallend in deze figuur is het grote aantal bedrijven met een vergunning voor exact 340 stuks melkvee (200 melkkoeien en 140 stuks jongvee).

Opvallend in deze figuur is het grote aantal bedrijven met een vergunning voor exact 340 stuks melkvee (200 melkkoeien en 140 stuks jongvee). Ontwikkeling melkveebedrijven in Utrecht, Gelderland en Brabant Analyse van mogelijke groei van melkveebedrijven op basis van gegevens van CBS en provincies Het CBS inventariseert jaarlijks de feitelijk

Nadere informatie

Ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt tot 1 juli 2004.

Ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt tot 1 juli 2004. Ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt tot 1 juli 2004. 1 In deze notitie wordt een beeld geschetst van de ontwikkelingen op de agrarische grondmarkt over de periode vanaf 1 januari tot 1 juli 2004.

Nadere informatie

KENNISBUNDEL. Biologische aardappelen. Mei 2013 KOSTPRIJZEN AARDAPPELEN. www.dlvplant.nl

KENNISBUNDEL. Biologische aardappelen. Mei 2013 KOSTPRIJZEN AARDAPPELEN. www.dlvplant.nl KENNISBUNDEL Biologische aardappelen Mei 2013 TEELTTECHNISCHE ASPECTEN LOOFDODEN ZIEKTEN EN PLAGEN / INSECTEN ZIEKTEN EN PLAGEN / VIRUSZIEKTEN ZIEKTEN EN PLAGEN / PHYTOPHTHORA INFESTANS ZIEKTEN EN PLAGEN

Nadere informatie

R-89-25 Ir. A. Dijkstra Leidschendam, 1989 Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV

R-89-25 Ir. A. Dijkstra Leidschendam, 1989 Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV SCHEIDING VAN VERKEERSSOORTEN IN FLEVOLAND Begeleidende notitie bij het rapport van Th. Michels & E. Meijer. Scheiding van verkeerssoorten in Flevoland; criteria en prioriteitsstelling voor scheiding van

Nadere informatie

Teelthandleiding. 5.5 preventie van schade door winderosie

Teelthandleiding. 5.5 preventie van schade door winderosie Teelthandleiding 5.5 preventie van schade door winderosie 5.5 Preventie van schade door winderosie... 1 2 5.5 Preventie van schade door winderosie Versie: mei 2015 Ruim 10% van de Nederlandse landbouwgrond

Nadere informatie

Precisielandbouw: voet aan wal in Nederland

Precisielandbouw: voet aan wal in Nederland Precisielandbouw: voet aan wal in Nederland Herman Krebbers DLV Plant Nederlandse telers Koplopers in Productiviteit Hoge productie per hectare Goede kwaliteit producten Hoge productie per arbeidseenheid

Nadere informatie

ir. H. Hoeve door 1980-133 Abw april

ir. H. Hoeve door 1980-133 Abw april DE ONTWIKKELINGEN IN DE OPPERVLAKTE LANDBOUW- GROND VAN NEDERLAND MET EN ZONDER MARKERWAARD Notitie ten behoeve van K.B.A.-nota Markerwaard van 3 D.G.'s door ir. H. Hoeve 1980-133 Abw april 1. INLEIDING,

Nadere informatie

SAMENVATTING JAARVERSLAG 2015 STICHTING VAMEX

SAMENVATTING JAARVERSLAG 2015 STICHTING VAMEX SAMENVATTING JAARVERSLAG 2015 STICHTING VAMEX TERUGBLIK De laatste drie jaar is er sprake van een stabilisatie van de examenaantallen. Ook in 2015 gaat het om in totaal ongeveer 26.000 examens. In de periode

Nadere informatie

Annemarie van Beek Milieu en Natuurplanbureau Annemarie.van.Beek@mnp.nl Jan Hooghwerff M+P raadgevende ingenieurs JanHooghwerff@mp.

Annemarie van Beek Milieu en Natuurplanbureau Annemarie.van.Beek@mnp.nl Jan Hooghwerff M+P raadgevende ingenieurs JanHooghwerff@mp. 1/8 Annemarie van Beek Milieu en Natuurplanbureau Annemarie.van.Beek@mnp.nl Jan Hooghwerff M+P raadgevende ingenieurs JanHooghwerff@mp.nl Samenvatting Door M+P Raadgevende Ingenieurs is een onderzoek uitgevoerd

Nadere informatie

Lezing: De QALY als maatstaf voor smartengeld

Lezing: De QALY als maatstaf voor smartengeld Lezing: De QALY als maatstaf voor smartengeld Louis Visscher (RILE) Erasmus School of Law Erasmus Universiteit Rotterdam Visscher@law.eur.nl FuturNIStisch: 35-jarig jubileum NIS 10 september 2015, Amerongen

Nadere informatie

Kosten en uren Menukaart Kinderen sportief op gewicht (KSG)

Kosten en uren Menukaart Kinderen sportief op gewicht (KSG) Naam interventie: RealFit Naam interventie- eigenaar: Huis voor de Sport Limburg Doelgroep: 12-18 jarigen Leeswijzer In onderstaand kosten en uren overzicht wordt de volgende termen gehanteerd: Structurele

Nadere informatie

ROCKWOOL BRANDOVERSLAG REKENTOOL

ROCKWOOL BRANDOVERSLAG REKENTOOL ROCKWOOL BRANDOVERSLAG REKENTOOL Om snel een inschatting te maken van het risico op brandoverslag bij industriële hallen kunt u de ROCKWOOL brandoverslag Rekentool gebruiken. Hiermee kan de benodigde brandwerendheid

Nadere informatie

CO2-reductieplan 2015

CO2-reductieplan 2015 CO2-reductieplan 2015 Samen zorgen voor minder CO2 Rapportage 2015 1 Inleiding Dit CO₂-reductieplan heeft, net zoals het volledige energiemanagementsysteem, zowel betrekking op de totale bedrijfsvoering

Nadere informatie

Fysieke Vaardigheid Toets DJI

Fysieke Vaardigheid Toets DJI Fysieke Vaardigheid Toets DJI Naar normering van toetstijden dr. R.H. Bakker dr. G.J. Dijkstra TGO, februari 2013 TGO Fysieke Vaardigheid Toets DJI: naar normering van toetstijden 1 TGO Fysieke Vaardigheid

Nadere informatie

Onderwerpen. Veranderingen en uitdagingen. Proefopzet BASIS (1) 1/12/2011. Proefopzet BASIS Resultaten 2009-2010 Eerste bevindingen

Onderwerpen. Veranderingen en uitdagingen. Proefopzet BASIS (1) 1/12/2011. Proefopzet BASIS Resultaten 2009-2010 Eerste bevindingen 1/12/211 Onderwerpen Masterclass NKG 13 januari 211 Derk van Balen (derk.vanbalen@wur.nl) Proefopzet BASIS Resultaten 2921 Eerste bevindingen Veranderingen en uitdagingen Meer bodembedekking, gbm overwinteren,

Nadere informatie

DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw

DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw DOPERWT vergelijking efficiëntie fungiciden tegen valse meeldauw Vergelijking van de efficiëntie van fungiciden tegen valse meeldauw in groene erwt - eigen onderzoek 1 Efficiëntie van middelen tegen valse

Nadere informatie

Antwoorden. Onderwerp: Beantwoording vragen van de fractie Velsen lokaal over Wet Waardering Onroerende Zaken(WOZ) en Onroerend Zaken Belasting(OZB)

Antwoorden. Onderwerp: Beantwoording vragen van de fractie Velsen lokaal over Wet Waardering Onroerende Zaken(WOZ) en Onroerend Zaken Belasting(OZB) Vragen van de raad Raadsvragen 19 van 2011 Antwoorden Datum 05-04-2011 Registratienummer Rs11.00335 Portefeuillehouder R. Vennik Onderwerp: Beantwoording vragen van de fractie Velsen lokaal over Wet Waardering

Nadere informatie

Koninklijke Nederlandse Voetbalbond District West I. Gemeente Bergen: Toekomstige Behoeftebepaling Zeevogels & Egmondia

Koninklijke Nederlandse Voetbalbond District West I. Gemeente Bergen: Toekomstige Behoeftebepaling Zeevogels & Egmondia Koninklijke Nederlandse Voetbalbond District West I Gemeente Bergen: Toekomstige Behoeftebepaling Zeevogels & Egmondia Maart 2011 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 1.1 Achtergrond... 3 1.2 Werkwijze... 3

Nadere informatie

Praktijkproef Super FK in Paprika 2010 bij de start van de teelt.

Praktijkproef Super FK in Paprika 2010 bij de start van de teelt. Praktijkproef Super FK in Paprika 20 bij de start van de teelt. Inleiding: Het doseren van Super FK zorgt primair voor een actiever/vegetatiever gewas, een betere en vollere gewasstand, met een betere

Nadere informatie

NKG IN DE PRAKTIJK VAN TIGGELEN - GANGBARE AKKERBOUW OP ZAND EN KLEI

NKG IN DE PRAKTIJK VAN TIGGELEN - GANGBARE AKKERBOUW OP ZAND EN KLEI NKG IN DE PRAKTIJK VAN TIGGELEN - GANGBARE AKKERBOUW OP ZAND EN KLEI 'r' / a\ ì1' 'i :ñ l1 /, NKG in Nederland Een l

Nadere informatie

GE-Force Hakenfrees, de ideale start

GE-Force Hakenfrees, de ideale start GE-Force Hakenfrees, de ideale start De perfecte voorbereiding voor een rijke oogst Een goede start is de ideale basis voor een goed eindresultaat. Goede bodembewerking leidt tot goede groeiomstandigheden,

Nadere informatie

STUDIE (F)110506-CDC-1062

STUDIE (F)110506-CDC-1062 Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. 02/289.76.11 Fax 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS STUDIE

Nadere informatie

Klimaatverandering en klimaatscenario s in Nederland

Klimaatverandering en klimaatscenario s in Nederland Page 1 of 6 Klimaatverandering en klimaatscenario s in Nederland Hoe voorspeld? Klimaatscenario's voor Nederland (samengevat) DOWNLOAD HIER DE WORD VERSIE In dit informatieblad wordt in het kort klimaatverandering

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde B1

Examen VWO. wiskunde B1 wiskunde B Eamen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak Dinsdag 3 mei 3.3 6.3 uur 5 Voor dit eamen zijn maimaal 87 punten te behalen; het eamen bestaat uit vragen. Voor elk vraagnummer is

Nadere informatie

Examen VWO. Wiskunde A1,2 (nieuwe stijl)

Examen VWO. Wiskunde A1,2 (nieuwe stijl) Wiskunde A1,2 (nieuwe stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 18 juni 13.3 16.3 uur 2 3 Voor dit examen zijn maximaal zijn 88 punten te behalen; het examen bestaat

Nadere informatie

Folkert Buiter 2 oktober 2015

Folkert Buiter 2 oktober 2015 1 Nuchter kijken naar feiten en trends van aardbevingen in Groningen. Een versneld stijgende lijn van het aantal en de kracht van aardbevingen in Groningen. Hoe je ook naar de feitelijke metingen van de

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde A1-2 vwo 2004-II

Eindexamen wiskunde A1-2 vwo 2004-II APK Auto s moeten elk jaar gekeurd worden. Deze wettelijk verplichte keuring wordt APK, Algemene Periodieke Keuring, genoemd en wordt uitgevoerd door garagebedrijven. Om na te gaan of de garagebedrijven

Nadere informatie

Parkeerbehoefte berekenen, niet schatten

Parkeerbehoefte berekenen, niet schatten (Bijdragenr. 71) Parkeerbehoefte berekenen, niet schatten Sjoerd Stienstra (ir. Sj. Stienstra Adviesbureau stedelijk verkeer BV) Samenvatting: Parkeerkentallen geven slechts een globale benadering van

Nadere informatie

De bepaling van de positie van een. onderwatervoertuig (inleiding)

De bepaling van de positie van een. onderwatervoertuig (inleiding) De bepaling van de positie van een onderwatervoertuig (inleiding) juli 2006 Bepaling positie van een onderwatervoertuig. Inleiding: Het volgen van onderwatervoertuigen (submersibles, ROV s etc) was in

Nadere informatie

JAARVERSLAGEN ANALYSE 2010 Intrakoop

JAARVERSLAGEN ANALYSE 2010 Intrakoop JAARVERSLAGEN ANALYSE 2010 Intrakoop De inkoopcoöperatie van de zorg Datum : september 2011 Versie : 0.1 Auteurs : Intrakoop i.s.m. Marlyse-Research Inhoud 1. Resultatenrekening... 2 1.1 Personeelskosten

Nadere informatie

Klinische verloskunde in het dokter J.H.Jansenziekenhuis te Emmeloord: een verkenning.

Klinische verloskunde in het dokter J.H.Jansenziekenhuis te Emmeloord: een verkenning. Klinische verloskunde in het dokter J.H.Jansenziekenhuis te Emmeloord: een verkenning. C.J. Dekker, huisarts te Urk. Februari 2003. Inleiding De haalbaarheid van een klinische afdeling gynaecologie-verloskunde

Nadere informatie