De Grieken en Macedonië

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De Grieken en Macedonië"

Transcriptie

1 Esther Ikink april-juni 2012 De Grieken en Macedonië DE IMPACT VAN EEN NAAM Het in juni 2011 onthulde standbeeld Krijger te paard in Skopje, door alle partijen gezien als Alexander de Grote. Analyse van oorzaken in de naamkwestie van 1991 tot 2012

2 1

3 INHOUD Inhoud 2 Chronologie van relevante gebeurtenissen vanaf Inleiding 6 1 De context: Toelichting begrippen 24 Visies van de betrokken partijen 26 Griekenland 26 FYROM/Macedonië 29 EU 31 NAVO 33 De bemiddelaar 35 2 Vergelijkend onderzoek van beide verklaringen aan de hand van empirie 37 Analyse briefwisseling Gruevski en Karamanlis 38 1 Het uitroepen van de onafhankelijkheid van Macedonië, 8/ De Griekse boycot van de nieuwe republiek, tot Het Interim Akkoord, Erkenning van Macedonië door de VS, Nieuwe benamingen van de luchthavens, Conclusie 55 Literatuurlijst - 60 Appendix

4 CHRONOLOGIE VAN RELEVANTE GEBEURTENISSEN VANAF De Balkanoorlogen. Nederlaag van de Turken in de Eerste Balkanoorlog. In Tweede Balkanoorlog twisten de winnende legers van Griekenland, Servië en Bulgarije om Macedonië In het Verdrag van Boekarest wordt Macedonië verdeeld tussen Servië, Griekenland en Bulgarije Eerste Wereldoorlog. Zware gevechten aan het Macedonische front nadat Bulgarije een groot deel van Macedonië heeft bezet. Na de vijandelijkheden komt het noorden van Macedonië bij Servië en wordt zo deel van Zuid- Servië binnen het eerste Joegoslavië, het Koninkrijk van de Serven, Kroaten en Slovenen. Griekenland krijgt Aegeaisch Macedonië terug, dat snel bewoond wordt door christelijke vluchtelingen uit Klein-Azië. In de Servische monarchistenstaat wordt Macedonische politieke activiteit verboden. De IMRO begint een terreurcampagne tegen Joegoslavië Joegoslavië wordt een dictatuur Onderdrukking van de IMRO in Bulgarije. In Marseille wordt koning Alexander vermoord door een IMRO-lid Duitse bezetting van Joegoslavië. Bulgarije annexeert een groot deel van Macedonië. Joegoslavisch Macedonië wordt door de Bulgaren in twee provincies verdeeld; Skopje en Bitola (Monastir) Verzetsstrijd tegen de bezetting start in Macedonië onder leiding van Tito Bekendmaking van een Macedonische Volksrepubliek op 2 augustus. Bevrijding van Griekenland van de Duitse bezetting Debat tussen de Joegoslavische en Bulgaarse communistische partijen over een mogelijke oplossing van het Macedonische probleem via een Balkan Federatie Vorming van een Macedonische Volksrepubliek binnen het tweede, socialistische Joegoslavië, met Skopje als hoofdstad Griekse burgeroorlog met in het noorden (Grieks-Macedonië) het communistische zwaartepunt Verplaatsing van de beenderen van IMRO s populairste leider en volksheld Gotse Delchev van Sofia naar Skopje Sluiting van de Grieks-Macedonische grens (Griekenland-Joegoslavië) Geleidelijke groei industrie en toerisme in Joegoslavisch Macedonië. 3

5 Kolonelsregime in Griekenland; verbeterde betrekkingen met Joegoslavië, verslechtering in de betrekkingen met de EEG, waar Griekenland uitstapt Griekenland weer lid van de EEG In januari wordt Kiro Gligorov president van Macedonië. In september kiest 74,4 % van de bevolking voor onafhankelijkheid en afscheiding van de Joegoslavische Federatie. In november wordt de nieuwe Grondwet aangenomen. Op 17 september is het land onafhankelijk De eerste landen erkennen de nieuwe staat (o.a. Bulgarije en Turkije) FYROM wordt lid van de NAVO op 8 april Op 16 februari stelt Griekenland een blokkade in na de mislukte pogingen om tot een acceptabele naam te komen Op 13 september ondertekening van het Interim Akkoord onder auspiciën van de VN door beide partijen met daarin acceptatie van grenzen, soevereiniteit en territoriale integriteit en de toevoeging dat Macedonië de Ster van Vergina uit de vlag verwijdert en Griekenland de blokkade per 15 oktober opheft De IMRO in Macedonië wint de verkiezingen, etnische Albanese partijen groeien In Macedonië diverse inmengingen en afspraken met de NAVO, Griekenland en Bulgarije i.v.m. de onrust in Kosovo Onrust en doden tussen Macedonië en de Albanese minderheid met NAVO-ingrijpen tot gevolg. Verdrag van Ohrid Macedonië en de EU ondertekenen het Stabilisatie- en Associatie Akkoord (SAA) op 9 april, waarbij Macedonië door de Griekse lobby wordt gesteund, onder meer door de groei van het economische verkeer tussen de twee landen. Griekenland steunt Macedonië in het zoeken naar een oplossing voor de crisis met de Albanese minderheid De EU neemt het standpunt in dat de westelijke Balkanlanden potentiële kandidaten zijn voor lidmaatschap. De Griekse visie op de naam blijft echter onveranderd (Macedonië mag de naam Macedonië niet gebruiken in officiële betrekkingen) Op 3 november erkennen de VS Macedonië in bilaterale betrekkingen onder de constitutionele naam Republiek van Macedonië tot ergernis van Griekenland. Vanaf dit moment is de oplossing van de naamkwestie door de Grieken verbonden met de toelating tot de EU. 4

6 2005 Tijdens onderhandelingen blijkt dat Griekenland minder strikt vasthoudt aan de eis dat het woord Macedonië niet in de nieuwe naam mag voorkomen Macedonië kondigt op 29 december aan de luchthavens van Skopje en Ohrid te vernoemen naar respectievelijk Alexander de Grote en Sint Paulus, waardoor Griekenland de Macedonische regering als irredentistisch en nationalistisch ziet Op 30 september neemt Griekenland afstand van de maximalistische positie over de naam Macedonië en stelt vast dat die naam onderdeel kan uitmaken van de nieuwe naam, door de politiek gesteund maar tegen de mening van 68 % van de bevolking. Ook blijft de weg naar lidmaatschap van EU en NAVO voor Macedonië geblokkeerd als er niet eerst een gezamenlijke oplossing voor de naamkwestie komt. Tot slot leggen de Grieken de connectie tussen de naam en goed nabuurschap, waardoor de actie van de luchthavens een schending van het Interim Akkoord betekent Tijdens zowel de NAVO-top van 4 en 5 april in Boekarest als de top van de Europese Raad van 19 en 20 juni wordt Macedonië nog niet uitgenodigd voor het (kandidaat-) lidmaatschap vanwege de naamkwestie. Op 14 en 19 juli briefwisseling tussen Gruevski van Macedonië en Karamanlis van Griekenland die de verschillende opvattingen benadrukt De Europese Commissie en het Europese Parlement zijn positief over de vooruitgang in Macedonië en adviseren de Raad op 14 oktober met de onderhandelingen te starten. Op 7 en 8 december neemt de Raad dit advies niet over en blijft bij het standpunt van Op 5 december doet het Internationaal Gerechtshof uitspraak over de eerdere aanklacht van Macedonië tegen Griekenland en het oordeel luidt dat Griekenland artikel 11 paragraaf 1 van het Interim Akkoord heeft geschonden door Macedonië te verhinderen lid te worden van internationale organisaties. Door het niet opleggen van sancties heeft de uitspraak geen effect op de standpunten van Griekenland, de EU en de NAVO. 1 1 Gebaseerd op Pettifer (inleiding) en Tziampiris, The Macedonian name dispute and European Union accession. 5

7 INLEIDING Het veto van Griekenland over de naamgeving van Macedonië is sinds de onafhankelijkheid van Macedonië in 1991 een drempel voor de toetreding van het land tot de EU. De alternatieve benaming waaronder het land nu lid is van de NAVO is de FYROM wat staat voor Former Yugoslav Republic Of Macedonia. Deze benaming wordt gebruikt als een tijdelijke oplossing. In deze thesis wordt de naam FYROM alleen toegepast als het om specifieke situaties gaat, anders wordt de naam Macedonië gebruikt zoals die nu in het algemeen gebezigd wordt. Gaat het om het Griekse deel, dan wordt het voorvoegsel Grieks- gebruikt. Beide landen voeren voornamelijk historische bewijzen aan die de naam Macedonië omstreden maken. Voorbeelden zijn de antiquisatie; de claims die zowel Grieken als Macedoniërs aan het antieke Macedonië verbinden en daarmee hun eisen voor hun rechten op de naam legitimeren. 2 Dit gebeurt onder meer door het verbinden van de naam aan personen als Alexander de Grote en moderne vrijheidsstrijders. Ook worden taalkundige en culturele redenen aangevoerd in het publieke debat. Deze bewijzen worden door politici en in de media gebruikt, maar ook door wetenschappers. 3 Overkoepelende redenen die voor de naamstrijd worden aangevoerd zijn onder meer de identiteit en de continuïteit in de geschiedenis. Ook de mogelijke territoriale aanspraken van Macedonië en de angsten hierover van Griekenland spelen een rol. Deze redenen worden gesymboliseerd door twee hoofdthema s. De eerste is de zogenoemde Ster van Vergina en de tweede is de persoon Alexander de Grote. 4 Beiden zijn voor politieke doeleinden ingezet door beide partijen met bijbehorende eigen interpretaties. Alleen al dit gegeven leidt tot de vraag hoe het kan dat beiden deze symbolen kunnen gebruiken om de naam te claimen. Het zijn typische symbolen om de Macedonische identiteit te claimen, maar het geeft ook aan dat die identiteit en de legitimiteit een Gordiaanse knoop vormen die door de geschiedenis van de westelijke Balkan is ontstaan. Het conflict over de naam verdient een nuancering en een plaatsing in de context van de situatie. De geschiedenis vanaf 1991 kent een gecompliceerde aanloop, die duidelijk maakt dat etnische claims voor beide kanten zowel te beargumenteren en te ontkrachten zijn. Diverse bezettingen en eigendomsrechten vanaf de antieke tijd 2 Aristotle Tziampiris, Greece and the Macedonian Question: an assessment of recent claims and criticisms in: Southeast European and Black Sea Studies, volume 11, issue 1 (maart 2011) Zie voor details over het debat over het klassieke Macedonië N.L.G. Hammond, The language of the Macedonians in: Worthington, Ian ed., Alexander the Great, a reader, (New York 2007) Loring M. Danforth, Alexander the Great and the Macedonian Conflict in: J. Roisman ed., Brills Companion to Alexander the Great (Leiden 2003)

8 onder de Romeinen maken het leggen van een wetenschappelijk verband tussen de oude en de moderne Macedoniër vrijwel onmogelijk. Vanaf 1870 ontstond er strijd over het patriarchaat van Macedonië tussen Servië, Bulgarije en Griekenland, waarbij Bulgarije (onder auspiciën van het Ottomaanse Rijk) een groot deel van het territorium verkreeg. Na de verdrijving van de Turken tijdens de Eerste Balkanoorlog van 1912 werd er in de Tweede in 1913 strijd geleverd om Macedonië door de drie eerder genoemde landen. Het Verdrag van Boekarest verdeelt het gebied onder de drie, maar in de Eerste Wereldoorlog veroverde Servië het grootste deel. Hierna bleef het grootste deel Servisch binnen de eerste Joegoslavische Republiek, maar Griekenland kreeg Aegeïsch Macedonië, dat werd bevolkt met voornamelijk Griekse christenen uit Klein-Azië. Na de Tweede Wereldoorlog maakte het Servische Macedonië deel uit van de socialistische republiek Joegoslavië onder Tito. 5 De bevolking bestaat in het huidige geografische Macedonië in meerderheid uit Slavische volkeren, waarvan de herkomst moeilijk te traceren is. Ook is de tendens in de voormalige republiek om bij de zuivere Macedonische lijn te horen iets van de laatste decennia, toen de Macedonische kwestie een belangrijk punt werd. 6 Het verloop van de onderhandelingen en beslissingen vanaf 1991 laat een golfbeweging zien van voorstellen, toenaderingen en distantiëring. De kwestie, die aspecten van geschiedenis, identiteit, cultuur, symbolen en economie in zich draagt, is voor diplomaten die zich met de naamstrijd bezighouden een bijna onoplosbaar probleem. 7 Aristotle Tziampiris deelt de tijd vanaf 1991 in vier perioden in. Vanaf 17 september 1991, na het uitroepen van de onafhankelijkheid, was er in Griekenland stevige kritiek op de onafhankelijkheid en de keuze voor de naam Macedonië, zowel bij het publiek als bij de politieke top. Eisen voor de Griekse erkenning van de Macedonische staat waren het afzien van de naam, het afzien van territoriale claims op het Griekse deel van het geografische Macedonië en de erkenning dat er binnen Griekenland geen Macedonische minderheid bestaat. Vertaald naar Europese eisen die voor alle onafhankelijke republieken zouden gelden werd dit: geen territoriale claims richting naburige staten en geen vijandige propaganda inclusief een benaming die territoriale claims impliceert. Het officiële en zeer populaire Griekse standpunt vanaf 13 april 1992 was dat de term Macedonië geen deel 5 James Pettifer ed., The new Macedonian Question (Palgrave Londen 2001) xxiv-xxv. 6 Elisabeth Barker, The origin of the Macedonian dispute in: Pettifer, James ed., The new Macedonian Question (Palgrave Londen 2001) Aristotle Tziampiris, The Macedonian name dispute and European Union accession in: Southeast European and Black Sea Studies (maart 2012) Vol. 12:1, 153. De nu volgende beschrijving van het conflict is een samenvatting van het gehele artikel, pagina

9 mocht uitmaken van de nieuwe naam van het voormalige Joegoslavische deel. Drie opeenvolgende internationale voorstellen werden door de Grieken afgewezen, waarna de diplomatieke afstand toenam door de Griekse boycot van Macedonië in februari Deze eerste periode ( ) wordt gekenmerkt door de groeiende distantiëring tussen de twee staten. Op 13 september 1995 werd het Interim Akkoord ondertekend met als doel de relatie te normaliseren. Er werden belangrijke besluiten vastgelegd, zoals de erkenning van FYROM door de Grieken op internationaal niveau, de beëindiging van het embargo en de aanpassing van de vlag. Twee zeer belangrijke artikelen voor de toekomst waren artikel 11 en 14. Hierin staat respectievelijk dat Griekenland het eventuele lidmaatschap van FYROM tot internationale, multilaterale en regionale organisaties waarvan Griekenland al deel uitmaakt, niet zal tegenwerken en dat beide partijen de ontwikkeling tot goed nabuurschap en vriendschappelijke relaties zullen aanmoedigen. Dit leidde tot een diplomatiek verband tussen de EU en FYROM en tot verbeterde bilaterale economische banden tussen Griekenland en Macedonië. Deze ontwikkelingen gingen voorspoedig, zodat de behoefte om het probleem rond de naam op te lossen groter werd en er bijna een akkoord was om het land Gornamakedonia (Opper-Macedonië) te noemen. Deze vooruitgang in het naamdispuut werd verstoord door het uitbreken van een gewapend etnisch conflict in Macedonië in Typisch is, dat Griekenland Macedonië wel bleef steunen in het bereiken van het lidmaatschap van de EU als onderdeel van het plan alle westelijke Balkanlanden toe te laten. Er werd een Stabilisatie en Associatie Akkoord getekend tussen de EU en FYROM. Deze tweede periode ( ) werd gekenmerkt door toenadering en steun, wat leidde tot FYROMs aanvraag tot lidmaatschap van de EU op 22 maart Het naamdispuut bleef echter bestaan. Het werd zelfs een groter issue toen de VS onder de tweede regering Bush besloot de FYROM te erkennen onder de constitutionele naam Republiek Macedonië op 3 november Nu was het voor het eerst dat Griekenland de internationale toekomst van de republiek verbond aan de naam met de dreiging van een veto. De Griekse premier Karamanlis stelde dat een toetreding zonder Griekse instemming met de naam geen optie was. Onderhandelingen hierover onder leiding van VN-vertegenwoordiger Matthew Nimetz mislukten, omdat Skopje (hoofdstad van Macedonië) nu tegenstemde. Karamanlis was vóór de naam Republika Makedonija-Skopje. Dit was een teken dat de harde Griekse opstelling over het gebruik van Macedonië werd verzacht. Een tweede voorstel van Nimetz 8

10 ketste in Griekenland af. 8 Nu ging Griekenland over van de dreiging met een veto naar het houden van een referendum. Feitelijk betekende dit de verandering van een korte termijn dreigement naar één op de lange duur later in het proces van toetreding. Dat hield de FYROM niet tegen om gewoon door te gaan met de voorbereidingen voor de kandidaatstelling voor de EU bij de Europese Raad in december In die vergadering was het Griekse standpunt weer verhard; toetreding kon nu alleen onder de naam FYROM en anders niet. Op 15 en 16 december kwam het Raadsbesluit om de kandidaatstelling goed te keuren op basis van goede relaties tussen de buurlanden, waarbij het naamdispuut in het kader van goed nabuurschap viel. Het Europees Parlement was in het Voortgangsrapport van 2006 iets meer uitgesproken: Nieuwe pogingen om de naamkwestie op te lossen via een constructieve weg moeten leiden tot een acceptabele naam die bijdraagt aan goede relaties tussen de buurlanden. Diplomatiek verzwakt (onder meer door de erkenning door de VS en het kandidaatschap van FYROM) werd het Griekse standpunt in deze periode ( ) harder en ook uitgebreider, omdat de naamgeving nu was ingebed in het kader van goed nabuurschap. Ook de dreiging van veto en referendum maakten het probleem rond de naam gecompliceerder. De laatste periode werd ingeluid door een beslissing uit Skopje, die twee nationale luchthavens omdoopte tot Alexander de Grote en Sint-Paulus, wat door Athene gezien werd als een provocatie en bewijs van irredentisme. 9 Het beleid van de Griekse regering werd de carrot-and-stick benadering in drie stappen. Eerst liet de regering (tegen de meerderheid van de bevolking in) weten niet meer tegen het gebruik van Macedonië als onderdeel van een benaming te zijn, wat inhoudt dat ze voor een geografische omschrijving waren. Dit was de wortel die werd voorgehouden. Vervolgens zei Karamanlis dat zolang Skopje niet bereid was om tegemoet te komen in een voor beiden acceptabele naam er geen sprake was van toetreding tot zowel EU als de NAVO. Deze stap was de stok die de situatie in beweging moest krijgen. Tot slot lag de Griekse focus niet meer alleen bij de naamgeving, maar werd de visie verbreed tot het respecteren en implementeren van goed nabuurschap, waarbij werd aangetekend dat Skopje met de nieuwe namen voor de luchthavens artikel 7 van het Interim Akkoord uit 1995 had geschonden. Resultaat was dat 8 Het gebruik van twee verschillende namen, waarvan één (met de toevoeging Skopje achter Macedonië) door Griekenland en de ander door de rest van de internationale wereld was onacceptabel. In de appendix staat een lijst met alle voorstellen van april 1992 tot oktober Het streven naar herwinning van vroeger tot de staat behorend grondgebied. Oorsprong in Italië.: Italia irredenta = het nog niet teruggewonnen deel van Italië. In algemene zin wordt met irredentisme verwezen naar een situatie waarin een grote etnische minderheid die zichzelf in een lijdende positie ziet zich meer identificeert met een ander - naburig - land. 9

11 het dispuut nu niet meer om abstracte argumentaties rondom geschiedenis en cultuur ging, maar om sabotage van de goede relaties met het buurland. Dit beïnvloedde de internationale ambities van Macedonië negatief, omdat ook de EU het Interim Akkoord steunde, met name de zinsnede dat acties die de goede relaties kunnen schaden voorkomen dienen te worden. Zowel het kandidaatschap voor de NAVO als het lidmaatschap van de EU liepen stuk op de eis dat de naamgeving eerst opgelost moest zijn. Twee nieuwe onderhandelingspogingen om aan de eis te voldoen mislukten. De NAVO-uitnodiging voor Macedonië werd unaniem verworpen door de vergadering, ook zonder dat Griekenland zijn veto had gebruikt. Tijdens de top van de Europese Raad werd geen datum vastgesteld voor de toetredings-onderhandelingen voor Macedonië. De reactie van Skopje was dat het standpunt nationalistische werd; ze grepen terug op de antiquisatie. Ook werd Griekenland in juli 2008 beschuldigd van het discrimineren van de Macedonische minderheid binnen Griekenland en in november werd het land door Macedonië aangeklaagd bij het Internationale Hof in Den Haag. Insteek was, dat Griekenland het Interim Akkoord had geschaad door de toetreding van Macedonië tegen te houden (artikel 11). Intussen waren weer twee pogingen voor de naam mislukt, maar in de herfst van 2009 werd de deur naar toetredings-onderhandelingen met de EU opengezet en kregen de Macedoniërs toestemming zonder visum in de EU te reizen. Op 5 december 2011 kwam de uitspraak van het Hof die stelde dat Griekenland inderdaad het artikel had geschonden, maar in de praktijk had de uitspraak nauwelijks gevolgen voor de bestaande situatie. 10 Deze laatste fase ( ) laat zien dat de bilaterale verhouding was verslechterd door de verharde politieke en publieke opinie in Griekenland en het groeiende nationalisme in FYROM. Nimetz bemiddelingen leidden tot niets en de naamkwestie groeide uit tot een goede-buren-kwestie, waardoor de toetreding van FYROM verder bemoeilijkt werd. Het Griekse standpunt wordt door Tziampiris verklaard door de mogelijkheid dat als Macedonië een gelijkwaardige partner binnen de internationale wereld is, zij ook doelen kunnen nastreven die nadelig uit kunnen pakken voor Griekenland. Dit is de reden om kwesties zoals de naam, maar ook claims, propaganda en symbolen goed uit te onderhandelen en vast te leggen Internationaal Gerechtshof (International Court of Justice) 5 december Dossier aanklacht en uitspraak Interim Akkoord van 13 September 1995 (De Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië vs Griekenland). 11 Tziampiris, Greece and the Macedonian Question,

12 In diverse artikelen over de naamkwestie zijn twee richtingen aan te wijzen. De eerste heeft een nationalistische achtergrond, de tweede is breder en omvat politieke, diplomatieke en economische redenen voor de Griekse beslissing om te dreigen met een veto. De eerder aangegeven redenen (identiteit, continuïteit in de geschiedenis en territoriale aanspraken en angsten) hebben de overeenkomst dat ze kenmerken zijn van nationalistische uitgangspunten. De nationalistische redenen zijn een aannemelijke verklaring voor de vasthoudendheid van het Griekse veto op de naam Macedonië. De bestaande historiografie over dit specifieke onderwerp is gericht op nationale belangen en historische bewijzen die het recht op de naam voor beide partijen claimen. Deze aanpak past zo in de bredere geschiedschrijving zoals die ontstond na de oorlog in voormalig Joegoslavië. Veel literatuur over de Balkan is geschreven door regionale wetenschappers en historici, die vaak in het Engels publiceren, hoewel er ook geschreven wordt in de eigen taal voor een kleiner publiek. Deze subjectieve vorm van geschiedschrijving maakt meer en meer plaats voor onderzoekers zoals historici en sociologen die kritischer zijn en nieuwe of andere standpunten innemen. Onderwerpen van onderzoek zijn bijvoorbeeld nationale identiteit, herdenkingen en historische narratieven en literatuur. Ook is er oog voor een herziening van oudere historiografische werken. In het conflict waar het hier om gaat overheerst echter de meer nationalistische vorm. 12 Deze manier van geschiedschrijving staat in dienst van de nationale overtuiging van de twee landen. Het is verantwoordelijk voor het gebruik van de belangrijkste symbolen van het typisch Macedonische dat door beiden geclaimd wordt, namelijk de Ster van Vergina en Alexander de Grote. Archeologische vondsten zijn in de berichtgeving, maar vooral in de wetenschappelijke literatuur gebruikt om de Griekse claim te versterken. Tot de verbeelding sprekend zijn Manolis Andronikos opgravingen in Vergina (1977) van het graf van mogelijk Philippos II, Alexanders vader. Al snel ontstond bij collega-archeologen twijfel over de identiteit van de personen die in het graf lagen, maar de Griekse regering steunde Andronikos visie onder meer door de Ster van Vergina te gebruiken op een postzegel en een munt. Historici gaan in op de continuïteit in de geschiedenis wat de afstamming van Macedoniërs betreft. 13 Bovenstaande voorbeelden geven alleen een nationalistische verklaring, maar de zoektocht gaat over een achterliggende oorzaak. Hiervoor is het noodzakelijk om zowel de nationalistische als de andere mogelijke oorzaken met een politieke, economische en diplomatieke achtergrond nauwkeuriger te bekijken. 12 Roumen Daskalov, The Balkans, Identities, Wars, Memories in: Contemporary European History, Vol. 13, No. 4, Theme Issue: Political Legitimacy in Mid-Twentieth Century Europe (november 2004) Danforth, Alexander the Great and the Macedonian Conflict, ,

13 ETNISCHE EN NATIONALISTISCHE VERKLARINGEN EN OORZAKEN Loring Danforth kijkt met een antropologische blik en behandelt in zijn boek over het Macedonische conflict voornamelijk de etnisch-nationalistische oorzaken van de naamkwestie. Danforth richt zich op het complete Macedonische conflict en hij wil beide partijen begrijpen. 14 Maar ook zijn visie gaat uit van voornamelijk nationalistische waarden als identiteit en historische claims. Hij betrekt hierbij niet alleen de regio in de Balkan, maar het grootste deel van zijn boek wordt in beslag genomen door de gebeurtenissen, visies en meningen van de Macedonische en Griekse diaspora in Canada en Australië. Hij begint met het probleem van de definitie van wat Macedonië is; een eenduidige omschrijving is er niet behalve dat het een gebied is zonder grenzen dat binnen verschillende landen ligt, net zoals bijvoorbeeld Koerdistan of Palestina. Het conflict gaat over de betekenis van de naam met daaraan gekoppeld de discussie over de vlag, de geschiedenis en het territorium. Hierbij is identiteit de overkoepelende factor. De betekenis van de naam krijgt van Danforth een onderverdeling op een nationale, regionale en etnische basis. Hij gaat op de laatste dieper in als oorzaak van het Macedonisch-Griekse conflict. 15 Hij legt verband tussen de etnische kant van het Macedonische en het Griekse beleid. Dit beleid gaat uit van de nationalistische ideologie van etnische homogeniteit, waarmee de Macedonische minderheid binnen Griekenland niet erkend wordt. Dit heeft gevolgen voor de internationale positie van Griekenland en van Macedonië. Danforth ziet de oplossing in het delen van de gezamenlijke primordiale sentimenten 16 zodat de twee culturen naast de symbolen ook de naam Macedonië kunnen delen; de Republiek Macedonië en de Griekse regio Macedonië. 17 Een schoolvoorbeeld van de etnisch-nationalistisch visie is Evangelos Kofos. Twee bronnen van zijn hand, een artikel uit 2001 en een lezing uit 2010 laten zien dat zijn uitgangspunt voornamelijk nationalistische en etnische grondslagen heeft, ondanks het feit dat hij zeer genegen is tot een oplossing te komen. 18 Een citaat van Kofos uit een interview geeft een rake typering met precies de onderdelen van een nationalistische visie. Hij zegt over het stelen van de naam Macedonië: Het is alsof een overvaller in mijn huis 14 Danforth, The Macedonian Conflict, xiii-xiv. 15 Loring M. Danforth, The Macedonian Conflict, Ethnic nationalism in a transnational world (New Jersey 1995) Clifford Geertz, door Danforth aangehaald, heeft primordialiteit omschreven als het ontlenen van een groepsidentiteit aan bepaalde fundamentele, irrationele verbintenissen tussen mensen die gebaseerd zijn op religie, taal, cultuur etc.. Deze identiteit is historisch geëvolueerd, waardoor erfelijkheid, voorvaderen en geschiedenis een sleutelrol spelen. 17 Danforth, The Macedonian Conflict, Pettifer, The new Macedonian Question, xxxiv. Kofos functie was onder meer adviseur van de Griekse regering over Balkan-kwesties waardoor hij een zekere invloed heeft gehad op de standpuntbepaling van de Griekse politieke spelers 12

14 binnendringt en mijn waardevolste juwelen steelt mijn geschiedenis, mijn cultuur, mijn identiteit. 19 In zijn wetenschappelijke werk schrijft hij in 1999: De Griekse tegenstand om de naam FYROM door de Republiek van Macedonië te vervangen in officiële internationale betrekkingen versterkte het nationalistische ressentiment in FYROM. Deze reactie was niet het resultaat van de moeilijkheden met de Grieken alleen. Sinds de onafhankelijkheid waren er onenigheden met de Albaniërs, de Bulgaren en de Serven die allen met nationalistische gevoeligheden hadden te maken. Deze gevoeligheden waren direct verbonden met de kwestie van het bestaan van een aparte Macedonische nationale identiteit. [ ] Ondanks officiële diplomatieke ontkenning werd de doctrine van een verenigd Groot- Macedonische staat in het onderwijskundige curriculum opgenomen. 20 [Deze doctrine was] een toevoeging van een irriterend ingrediënt in de relatie tussen twee volken die gevoelig zijn voor identiteitskwesties. 21 Uit zijn lezing in 2010 in Skopje komt zijn nationalistische standpunt via de identiteitsproblematiek nadrukkelijk en als enige bron voor een oplossing naar voren: De traditionele Macedonische kwestie van de laatste decennia in de negentiende eeuw tot halverwege de twintigste eeuw was een strijd die zich voornamelijk toespitste op territoria en was zodoende een zaak van regionale en internationale veiligheid. Gedurende de laatste helft van de twintigste eeuw tot nu heeft het zich ontwikkeld tot een kwestie van vooral identiteiten. De betwiste identiteiten [zijn] moeilijk te ontrafelen, zeker door buitenstaanders die de strijd rondom identiteit vaak zien als onbegrijpelijk en hinderlijk. Zo was ons falen om de verschillende identiteiten te ontwarren die achter de identieke namen schuilgaan de tweede fout. 22 [ ] Er zijn drie soorten van identiteiten die een heldere definitie behoeven voordat kan worden overgegaan tot een oplossing van de naamkwestie : 19 Danforth, Alexander the Great and the Macedonian Conflict, 351 en: Danforth, The Macedonian Conflict, Deze doctrine breidt de geschiedenis van de Macedonische staat uit van dertien eeuwen dat wil zeggen vanaf de afkomst van de Slavische volken op de Balkan als oorsprong van de Slavische Macedoniërs die in de communistische tijd de nationale doctrine was naar de klassieke Macedoniërs uit de tijd Alexander de Grote; een redelijk naïeve exercitie. 21 Evangelos Kofos, Greek policy considerations over FYROM independence and recognition in: James Pettifer e.d., The new Macedonian Question (Palgrave Londen 2001) Evangelos Kofos, Prospects for resolving the name issue, NATO Parliamentary Assembly s Rose-Roth Seminar, Skopje 20 oktober De eerste fout volgens Kofos was het te lang negeren van een oude wijsheid van een tijdgenoot van Sokrates, Antisthenis, die zei dat het fundament van wijsheid ligt in de definitie van namen. d.d. 23 april

15 De identiteit van het land, de identiteiten van de volkeren die met dit land verbonden zijn en de identiteit van het erfgoed, dit in overeenstemming met Danforths focus op identiteit, een cruciaal onderdeel van het etnisch-nationalistische uitgangspunt. Peter Hill behandelt in zijn artikel over de huidige Macedonische minderheid in Griekenland de kenmerken die bij de etnische identiteit horen; cultuur, taal en religie. Hij omschrijft nauwgezet hoe en wanneer de minderheid door de Griekse overheid tekort wordt gedaan, zoals het wijzigen van de namen van dorpen en de naamgeving van kinderen, die alleen Grieks mogen zijn en door de Grieks-orthodoxe kerk worden erkend. 23 Hij geeft echter ook aan dat deze minderheid niet bij Macedonië wil horen, maar dat ze alleen een einde aan de Griekse onderdrukking wil en bepaalde rechten die hun identiteit als Macedoniër recht doet. 24 John Agnew behandelt de Macedonische kwestie in het kader van grensconflicten in de wereld. Hij laat zich kritisch uit over het toenemende onderliggende nationalisme, maar hij geeft geen alternatieve oorzaken, waardoor hij bij de groep nationalisten hoort. Over historici als Kofos zegt hij, dat zij bij de groep horen die vinden dat de Grieken het alleenrecht op de naam Macedonië hebben. Agnew vervolgt dat intellectuele Grieken zich actief bezighouden met het verzamelen van archeologische, schriftelijke en historische argumenten die voor dit standpunt pleiten. Als reden voor de Griekse houding ziet hij de verandering van de betekenis van Europa voor Griekenland. Sinds landen die in Griekse ogen minder Europees zijn ook kans hebben in de EU te worden opgenomen past dit niet meer in het Grieks-Europese Hellenisme. Nu die Helleense geschiedenis bedreigd wordt, is de grens belangrijk, omdat zich aan de andere kant een onbekende bedreiging bevindt. 25 Jenny Engströms visie op het centrale probleem gaat om de oorsprong van de volkeren in Macedonië (met de Albanese minderheid in het achterhoofd), maar ook om het recht op de naam en het gebied. De manier waarop Bulgaren, Grieken en Macedoniërs de Macedonische identiteit interpreteren zijn deel van het probleem. Om de wortels van het conflict te ontcijferen neemt ze Kofos als uitgangspunt, die de naam als onderdeel van het 23 Peter Hill, Macedonians in Greece and Albania: A comparative study of recent developments in: Nationalities Papers: The Journal of Nationalism and Ethnicity, volume 27, issue 1 (1999), Hill, Macedonians in Greece and Albania, John Agnew, No Borders, No Nations: Making Greece in Macedonia in: Annals of the Association of American Geographers, volume 97, issue 2 (2007)

16 Griekse erfgoed ziet. Ze geeft een multi-etnische mogelijke oplossing, maar is sceptisch wat betreft de houding van de buren, inclusief Griekenland, jegens hun natiestaat. 26 De laatste bron is een internationale denktank die geregeld adviezen uitbrengt om wereldwijd conflicten te vermijden of op te lossen. Deze International Crisis Group legt de kern van het probleem bij nationalistische oorzaken neer en geeft zes stappen aan die naar een mogelijke oplossing leiden. 27 In vier van de zes suggesties komen de naam, de taal, de geschiedenis en de identiteit naar voren, zonder veel aandacht voor alternatieven. 28 POLITIEKE, ECONOMISCHE EN DIPLOMATIEKE VERKLARINGEN EN OORZAKEN De etnische en nationalistische verklaringen voor de weigering van Griekenland om de naam Macedonië te erkennen zijn in de media en de politiek overduidelijk aanwezig. Toch is al uit het verloop van het conflict zoals Tziampiris dit beschrijft gebleken dat hij de verklaring ook bij praktische zaken als politieke stabiliteit, economische groei en regionale samenwerking zoekt. Een puur nationalistische verklaring is te beperkt om de vasthoudendheid van Griekenland te begrijpen, omdat er internationale en bilaterale aspecten van het conflict zijn. Deze aspecten zijn nu nog moeilijk te beschrijven door de complexe voorgeschiedenis, maar in het onderzoek van Basil Gounaris wordt ingegaan op de diepere oorzaken van het Macedonische conflict. Hij gaat in tegen het heersende concept van de etniciteit in de historische dimensie als fundamenteel onderdeel van de Macedonische kwestie. Gounaris geeft vier andere kwesties die de valkuilen van de etnische nationaliteit laten zien. Hij ziet etnische redenen als diplomatieke drogredenen in de discussie over identiteit en de naam. Hierdoor kan etniciteit geen parameter zijn in de verklaring van het conflict over de naam en de identiteit. Aan de hand van de geschiedenis van de langdurige diplomatie, het nationale beleid van onafhankelijkheid en eenwording, de culturele deling 26 Jenny Engström, The Power of Perception: The Impact of the Macedonian Question on Inter-ethnic Relations in the Republic of Macedonia in: The Global Review of Ethnopolitics Vol. 1, nr. 3, maart 2002, 5-9, In het kort zijn dit de stappen: 1) Skopje draait de naamgeving van de vliegvelden terug en weerhoudt zich in de toekomst van soortgelijke acties. 2) Skopje en Athene zorgen voor een gezamenlijke visie op hun geschiedenis en voorkomen beledigende onderdelen in het onderwijskundige curriculum. 3) Beiden committeren zich opnieuw aan het Interim Akkoord, waarna de naam FYROM gehandhaafd blijft bij multilaterale betrekkingen en Athene de dreiging met veto s voor toetreding intrekt. 4) Skopje accepteert het laatste VN-voorstel voor de naam Noord-Macedonische Republiek voor al het internationaal gebruik. 5) Athene erkent de nationale identiteit en de taal van hun noorderbuur als Macedonisch en accepteert Skopjes garantie dat dit geen exclusieve of territoriale claim op Grieks-Macedonië impliceert. 6) Andere NAVO- en EU-leden moedigen Athene aan de blokkade tot integratie op te heffen en reageren positief op Skopjes concessie wat betreft de naam. 28 International Crisis Group, Macedonia s Name: Breaking the Deadlock, Policy Briefing Europe Briefing N 52 Pristina/Brussels, 12 January 2009, 2-3,

17 van arbeid na 1912 en de effecten van moderne staatsvorming en modernisering verklaart hij de totstandkoming van de huidige kwestie. Zijn eerste punt over diplomatie is, dat pas toen de negentiende-eeuwse oorlogen plaatsvonden er vragen werden gesteld over de etniciteit van de volkeren. Natievormimg was aan de orde in die tijd en men zocht naar verbindende elementen. Dit gebeurde toen de westerse wereld interesse kreeg in de economische kracht van Macedonisch graan en katoen. Het tweede argument is van belang om de noodzaak voor een eigen identiteit te begrijpen. In de eerste helft van de twintigste eeuw leidden territoriale aanspraken tot een revisionistische blik in de betrokken Balkanlanden om de claims op Macedonië te legitimeren. Ook de redenen om te komen tot onafhankelijkheid worden duidelijk gemaakt, het gaat hierbij om stabilisatie van de chaotische situatie na het vertrek van de Turken. Het derde argument van de arbeidsdeling gaat in op de economische situatie, waarin de scheiding niet zozeer tussen verschillende volkeren wordt gemaakt, maar tussen arm en rijk, platteland en stad, nieuwe bewoners (terugkerende Grieken) en oude bewoners, christenen en moslims. Tot slot is de staatsvorming met modernisering van het politieke landschap een oorzaak. Vooral na de twee wereldoorlogen was er behoefte aan stabiliteit in de Balkan, maar de Griekse burgeroorlog, waarin vooral de noordelijke Macedoniërs de kant van de communisten kozen, heeft geleid tot een harde Griekse opstelling naar de Griekse Macedoniërs. 29 De vraag die Gounaris openlaat is waar het alibi voor dient en welke doelen diplomaten en politici via dit alibi willen bereiken. John S. Koliopoulos ziet het nationalisme als een visie die de positie van Griekenland in de Balkan tegenwerkt, omdat hij vanuit de geschiedenis van de Balkan heeft gereconstrueerd dat Griekenland een voorbeeldfunctie in de regio vervult. Ook geeft hij aan de het land de banden met andere volken in de regio kan aanhalen, niet door een dood verleden te laten herleven, maar door het bieden van een aantrekkelijk alternatief, namelijk Europa als systeem van principes en waarden. De leidende rol van Griekenland op het gebied van handel, onderwijs en cultuur kan worden gebruikt om de andere landen vooruit te helpen en het communistische verleden een plaats te geven, maar niet door een identiteit en richting te kiezen die ingaat tegen de gecultiveerde identiteit het Verenigde Europa Basil C. Gounaris, Macedonian Questions in: Southeast European and Black Sea Studies, volume 2, issue 3 (2002), John S. Koliopoulos, Greece and the Balkans: A historical perspective in: Southeast European and Black Sea Studies (2002) vol. 2, issue 3, 26, Andere bronnen die de Griekse positie behandelen zijn: - Stephen F. Larrabee, Greece s Balkan Policy in a New Strategic Era in: Southeast European and Black Sea Studies Vol. 5, No. 3, september Ian O. Lesser, Greece s New Geopolitical Environment in: Southeast European and Black Sea Studies Vol. 5, No. 3, september

18 Aristotle Tziampiris reageert in 2010 op een publicatie van de nationalistische historicus Andrew Rossos, Macedonia and the Macedonians: A History uit Rossos is een van origine Macedonische professor en aanhanger van het standpunt van de Macedonische regering. Tziampiris gaat op vier punten in die door Rossos gezien worden als legitimatie voor de Macedonische nationalistische aanspraken. De eerste claim, een niet-griekse identiteit van de antieke Macedoniërs, is onderdeel van de antiquisatie van de kwestie. Omdat er in de academische wereld tot op heden nog geen overeenstemming is of de antieke Macedoniërs nu wel of niet Grieks waren 32 en omdat Rossos ook zelf aangeeft dat benamingen niet altijd een etnische of nationale betekenis hebben en regelmatig worden misbruikt in het politieke debat, vindt Tziampiris het een ongeldig argument. Rossos tweede claim is dat het geografische gebied in zijn geheel tot de Macedoniërs behoort en dat het na de Balkanoorlogen bezet en verdeeld is en daarmee de territoriale integriteit van het moderne Macedonië geschonden is [cursief door Tziampiris]. Tziampiris heeft verschillende argumenten, waaronder kritiek op het ontbreken van bronnen die de continuïteit van etnisch Macedonische bewoning ondersteunen, de verstrengeling van de afkomst en de identiteiten van degenen die zich tot de Macedoniërs rekenen en de met magere en selectieve statistiek onderbouwde buitenproportionele en niet-houdbare aanspraak op het territorium. De derde claim is het bestaan van een grote Macedonische minderheid in Griekenland. Aangezien Tziampiris politieke verkiezingen als graadmeter neemt om de wil van het volk te peilen, gebruikt hij cijfers van de verkiezingsuitslagen. De resultaten voor de Regenboogpartij (met rechten voor de Grieks- Slavofonische minderheid als hoofdpunt in het partijprogramma) zijn duidelijk. Tijdens vijf verkiezingen tussen 1994 en 2009 (waarvan vier voor het Europese Parlement) haalde de partij 0,05 tot 0,1 procent van de stemmen. 33 Volgens Tziampiris is er zodoende geen minderheid in Griekenland, behalve in de ogen van enkele activisten en academici. De laatste claim is de verdenking van Rossos dat Griekenland en Servië direct na de - Dimitrios Triantaphyllou, The Priorities of Greek Foreign Policy Today in: Southeast European and Black Sea Studies Vol. 5, No. 3, september Tziampiris, Greece and the Macedonian Question, Eugene Borza, een classicus die door Rossos wordt aangehaald, geeft aan dat zowel de connectie met de antieke Macedoniërs als met de Slaven een moeilijk te bewijzen zaak is. In het geval van de antieken bijvoorbeeld blijkt uit bronnen dat zowel de Macedoniërs als de Grieken in Alexanders tijd de eersten niet als Grieks zagen, maar de plaatsnamen, goden en eigennamen van de Macedoniërs waren weer wel Grieks. Het lijkt er echter op, dat alleen de cultuur van de Grieken is overgenomen. Er waren onderdelen van de Macedonische samenleving die uniek en niet-grieks zijn. Pas na Alexander (tijdens het Hellenisme) werden de Macedoniërs als noordelijke Grieken gezien (Tziampiris, Greece and the Macedonian Question, en Danforth, The Macedonian Conflict ). 33 De Regenboogpartij doet in Europees verband mee. Tijdens nationale verkiezingen in 2004 en 2007 deed de partij niet mee. 17

19 onafhankelijkheid afspraken om de FYROM te destabiliseren, op te splitsen en te verdelen tussen Servië en Griekenland. Na september 1991 trokken vele Serviërs naar de FYROM, waarna Milosevic het voorstel tot splitsing deed met een vage toespeling op een militaire aanval. De Griekse minister van BuZa Samaras wees het pas later af omdat hij met president Mitsotakis wilde overleggen. Kortom, door diplomatie, geopolitiek, economie en modernisering is de huidige situatie ontstaan en liggen etnische en nationalistische oorzaken niet aan de basis, maar zijn ze een middel die door de partijen worden gebruikt om druk op elkaar uit te oefenen. Aangezien de economie als oorzaak een rol lijkt te spelen, heeft Laza Kekic dit de laatste decennia onderzocht waarbij ook rekening is gehouden met niet-economische factoren. Door de positie vanuit de redelijk zelfstandige economische positie van Joegoslavië in het Oostblok lag de effectiviteit van de economie iets onder het niveau van vergelijkbare markteconomieën als Griekenland en Turkije. Macedonië had vanaf 1991 wel problemen zoals over-industrialisatie, zwarte markt en afhankelijkheid van de Raad voor Onderlinge Economische Ondersteuning. Een ander probleem is de omgang met minderheden, waarvan de Albanese minderheid in ,7 procent van de bevolking uitmaakte. Dit had invloed op de gehele economische en politieke ontwikkelingen. Naast het wegvallen van financiële steun na de onafhankelijkheid, de problemen met de Kosovooorlog in 1999 (met als gevolg Albanese vluchtelingen) en de interne Albanische opstand in 2001 voor de handel, had ook het Griekse embargo van 1994 een negatief effect. Het embargo sloot de vierde grootste exportmarkt, waarbij de beperkte EU-steun tot 1995 nauwelijks soelaas bood. 34 Ritsa Panagiotou behandelt de positieve kant van de betrekkingen tussen Griekenland en Macedonië en verbindt er de conclusie aan dat de goede economische banden gevaar kunnen lopen als de kwestie niet wordt opgelost. Door de diplomatieke onrust en de uitdagende retoriek wordt de zorgvuldig opgebouwde en effectieve handelsrelatie vaak over het hoofd gezien. Sinds de moeilijke eerste periode tot en met het embargo van 1994 is Griekenland de belangrijkste handelspartner van Macedonië geworden. [ ] Vanuit de Griekse visie biedt de lacune van kwalitatief goede producten een uitgelezen kans om die markt op te gaan met Griekse producten, gezien de trage concurrentie vanuit andere westerse leveranciers. Ook vormt Macedonië een poort naar andere Balkanlanden, mede door de lage lonen. Bovendien is Griekenland aantrekkelijk voor 34 Laza Kekic, Former Yugoslav Republic of Macedonia (FYROM) in: Southeast European and Black Sea Studies (2001) vol. 1, issue 1,

20 Macedonische toeristen, vooral door de kusten van het noorden. [ ] Men kan echter niet voorbijgaan aan het feit dat de onopgeloste kwestie van de naam een probleem blijft wat de bilaterale betrekkingen betreft. [ ] Zorgen de diplomatieke wegversperringen, politieke spanningen en vijandige retoriek voor een ontsporing op economisch vlak? 35 Uit de laatste zin blijkt, dat Panagiotou de economie verbindt aan de politiek, hoewel ze goede redenen aangeeft waardoor juist die economie een redelijk stabiele factor is. In dezelfde tijd verscheen het artikel van Dimitri Mardas en Christos Nikas, die een analyse bieden van de stand van de economische betrekkingen in De nadruk ligt op de economische, maar ook op de politieke onderlinge afhankelijkheid. Het resultaat van hun onderzoek luidt: Ons werk heeft geprobeerd te laten zien dat de economische betrekkingen tussen Griekenland en Macedonië op indrukwekkende wijze zijn uitgebreid. Ondanks de nog onopgeloste bilaterale verschillen, is de onderlinge economische afhankelijkheid tussen de twee landen in zowel kwantitatieve als kwalitatieve termen gestegen. 36 De inspanningen van beide partijen om de statistieken te misbruiken voor eigenbelang of ze op verschillende manieren te interpreteren, suggereren dat beide regeringen proberen hun respectievelijke onderhandelingsposities te versterken gedurende de onderhandelingen over de naam. 37 Uit deze en voorgaande economische verklaringen blijkt dat een economische oorzaak voor de weigering van Griekenland over de naam in de afgelopen decennia te verwaarlozen is. In 1997 verscheen het onderzoek van Efstathios Fakiolas over de rol van Griekenland in de Balkan, een visie vanuit de neo-realistische benadering. 38 Uit de inleiding 35 Ritsa A. Panagiotou, Greece and FYROM: the dynamics of economic relations in: Southeast European and Black Sea Studies (2008) 8:3, 227, De vijf belangrijkste conclusies zijn: 1) Elk land is een belangrijke handelspartner van de ander, waarbij de handel tussen beide landen gestaag groeit. De relatieve vertraging van deze groei in een korte periode moet worden geïnterpreteerd als een teken van volwassenheid in plaats van andere oorzaken. 2) Griekenland is een belangrijke leverancier aan de FYROM en Macedonië vormt een aantrekkelijke en opkomende markt voor Griekse goederen en diensten. Bovendien lijkt de groeiende dienstensector potentieel de handel in producten te overstijgen. 3) De handelsstructuur tussen de twee partijen lijkt meer volwassen te zijn en meer gericht op de lange termijn. In het algemeen weerspiegelt het de vooruitgang in de overgang en de geleidelijke integratie van de FYROM in de Europese economie. 4) De mobiliteit van mensen en het aantal grensovergangen breiden uit in weerwil van de kwestie over visa en Schengen. [In juli 2009 werd de grens opengesteld]. Emigratie is echter nooit een onderwerp in de economische agenda. 5) De aanwezigheid van Grieks kapitaal in de FYROM is van groot belang, heeft wederzijdse voordelen en heeft een lange-termijn karakter. Verder betekent dit kapitaal veel voor de strategische sectoren van de economie en kan zij functioneren als een katalysator voor de economische ontwikkeling en de Europese koers van de FYROM. 37 Dimitri Mardas & Christos Nikas, Trading and investing in the name of...: economic relations between Greece and FYROM in: Southeast European and Black Sea Studies (2008) volume 8, issue 3, 253, De basis hiervan is de manier waarop staten in een bepaald systeem zijn geplaatst. Deze positie in het systeem heeft een beperkende kracht op het gedrag van iedere staat. Omdat de structuur van een bepaald 19

maatschappijwetenschappen pilot vwo 2015-I

maatschappijwetenschappen pilot vwo 2015-I Opgave 1 Kroatië toegetreden tot de EU Bij deze opgave horen de teksten 1 tot en met 3 en figuur 1. Inleiding Kroatië is een van de staten in de Balkan die voorheen tot Joegoslavië behoorden. In 1991 verklaarde

Nadere informatie

HONDERD JAAR GELEDEN. Nieuws uit de krant van 10 tot 15 maart 1913

HONDERD JAAR GELEDEN. Nieuws uit de krant van 10 tot 15 maart 1913 HONDERD JAAR GELEDEN aflevering 12 Nieuws uit de krant van 10 tot 15 maart 1913 Een vast onderwerp waaraan in de kranten aandacht werd besteed, was de oorlog op de Balkan. Turkije was er bij betrokken

Nadere informatie

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Korte omschrijving: Leerlingen gaan aan de slag met actuele Europese dilemma s. Er zijn vijf dilemma s. U kunt zelf kiezen welke dilemma s u aan de orde stelt.

Nadere informatie

TRANSATLANTIC TRENDS 2004 NETHERLANDS

TRANSATLANTIC TRENDS 2004 NETHERLANDS TRANSATLANTIC TRENDS 2004 NETHERLANDS Q1. Denkt u dat het voor de toekomst van Nederland het beste is als wij actief deelnemen in de wereldpolitiek of moeten wij ons niet in de wereldpolitiek mengen? 1

Nadere informatie

De dood van Joegoslavië ( )

De dood van Joegoslavië ( ) Geschiedenis van de laatste 50 jaar De dood van Joegoslavië (1990-1995) Bas Levinsohn 1 Inleiding Overzicht colleges Titel college Thema college Tijdsperiode 1 De Cubaanse rakketencrisis Beslissingen tijdens

Nadere informatie

- Dossier 10.1: Globalisering en de behoefte aan versterking van de nationale identiteit

- Dossier 10.1: Globalisering en de behoefte aan versterking van de nationale identiteit 1 - Dossier 10.1: Globalisering en de behoefte aan versterking van de nationale identiteit (hoofdstuk 10, MtH) In het begin van de eenentwintigste eeuw bleek dat een groeiende groep Nederlanders behoefte

Nadere informatie

Interventie Syrië. Faculteit der Rechtsgeleerdheid Afdeling Internationaal en Europees recht

Interventie Syrië. Faculteit der Rechtsgeleerdheid Afdeling Internationaal en Europees recht Faculteit der Rechtsgeleerdheid Afdeling Internationaal en Europees recht Oudemanhuispoort 4-6 1012 CN Amsterdam Postbus 1030 1000 BA Amsterdam T 020 5252833 Interventie Syrië Datum 29 augustus 2013 Opgemaakt

Nadere informatie

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Examen VMBO-KB 2005 tijdvak 1 woensdag 25 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 35 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 50 punten

Nadere informatie

De Europese Unie is niet alleen een munt of een markt, maar ook een Unie die gebouwd is op gemeenschappelijke waarden.

De Europese Unie is niet alleen een munt of een markt, maar ook een Unie die gebouwd is op gemeenschappelijke waarden. Debat over Polen in het Europees Parlement Interventie van de heer Koenders - minister van Buitenlandse Zaken - Nederlands voorzitterschap Dank u meneer de voorzitter, De Europese Unie is niet alleen een

Nadere informatie

Examenopgaven VMBO-KB 2004

Examenopgaven VMBO-KB 2004 Examenopgaven VMBO-KB 2004 tijdvak 1 dinsdag 25 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING VBO-MAVO-C Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit

Nadere informatie

SCHOOLONDERZOEK GESCHIEDENIS

SCHOOLONDERZOEK GESCHIEDENIS SCHOOLONDERZOEK Tijdvak I GESCHIEDENIS Dit onderzoek bestaat uit 40 vragen. Bij dit onderzoek behoort een antwoordblad. Beantwoord de antwoorden uitsluitend op het antwoordblad. Meerkeuze antwoorden worden

Nadere informatie

MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG!

MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG! MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG! I.I De geboorte van de Europese Unie Zoals jullie waarschijnlijk wel weten zijn er de vorige eeuwen veel oorlogen in Europa geweest. Vooral de Eerste en de Tweede Wereldoorlog

Nadere informatie

Bijlage VMBO-KB. geschiedenis en staatsinrichting CSE KB. tijdvak 1. Bronnenboekje b

Bijlage VMBO-KB. geschiedenis en staatsinrichting CSE KB. tijdvak 1. Bronnenboekje b Bijlage VMBO-KB 2008 tijdvak 1 geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Bronnenboekje Staatsinrichting van Nederland bron 1 Uit een openbare brief van iemand die zich zorgen maakt over de ontwikkelingen

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2008-I

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2008-I LET OP: De cursieve regel achter de vraagzin kan afhankelijk van de feitelijke vraag bijvoorbeeld vermelden: dat een verklaring een situatiebeschrijving en een algemene regel (= verklarend principe) moet

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis vwo 2007-I

Eindexamen geschiedenis vwo 2007-I Van kind tot burger: Volksopvoeding via het onderwijs in Nederland (1780-1920) Patriotten gaven aan het begrip burger een nieuwe betekenis. 2p 1 Noem deze nieuwe betekenis en geef aan tot welke visie op

Nadere informatie

Maatschappijwetenschappen 2e fase DE GENOCIDE IN SREBRENICA 1995 KNIPVELLEN

Maatschappijwetenschappen 2e fase DE GENOCIDE IN SREBRENICA 1995 KNIPVELLEN Maatschappijwetenschappen 2e fase DE GENOCIDE IN SREBRENICA 1995 KNIPVELLEN NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies OPDRACHT 2 HET FEITENRELAAS Zet de feiten op een rijtje door een

Nadere informatie

Kijktip: Nieuwsuur in de Klas

Kijktip: Nieuwsuur in de Klas Kijktip: Nieuwsuur in de Klas Korte omschrijving werkvorm De leerlingen beantwoorden vragen over de Europese politiek aan de hand van korte clips van Nieuwsuur in de Klas. Leerdoel De leerlingen leren

Nadere informatie

Wat is een constitutie?

Wat is een constitutie? Wat is een constitutie? Veel landen op de wereld worden op een democratische manier bestuurd. Een democratie staat echter niet op zichzelf. Bij een democratie hoort namelijk een rechtsstaat. Democratie

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis havo 2009 - II

Eindexamen geschiedenis havo 2009 - II Ten oorlog! Europese oorlogen 1789-1919. Oorlog als maatschappelijk fenomeen In 1792 begon de eerste Coalitieoorlog. 1p 1 Welk politiek doel streefde Oostenrijk met de strijd tegen Frankrijk na? Gebruik

Nadere informatie

MODULE V. Ben jij nou Europees?

MODULE V. Ben jij nou Europees? MODULE V Ben jij nou Europees? V.I Wat is Europees? Wat vind jij typisch Europees? En wie vind jij typisch Europees? Dat zijn moeilijke vragen, waarop de meeste mensen niet gelijk een antwoord hebben.

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis vwo 2008-II

Eindexamen geschiedenis vwo 2008-II De koloniale relatie tussen Nederland(ers) en Nederlands-Indië In 1596 bereikte een Nederlandse expeditie onder Cornelis de Houtman Bantam. 2p 1 Leg uit welk verband er bestaat tussen deze expeditie en

Nadere informatie

MINISTERIE VAN DEFENSIE

MINISTERIE VAN DEFENSIE MINISTERIE VAN DEFENSIE Militaire Inlichtingendienst Postbus 20701 2500 ES 's-gravenhage Aan; Zie verzendlijst Telefoon 070-3 18 73 87 Telefax 070-3 18 79 51 Uw brief Uw kenmerk Ons nummer Datum DIS/96/12.13.4/858

Nadere informatie

SO 1. Tijdvak II AVONDMAVO 2013-2014. Historisch Overzicht

SO 1. Tijdvak II AVONDMAVO 2013-2014. Historisch Overzicht SO 1 Tijdvak II AVONDMAVO 2013-2014 Historisch Overzicht 1. Welke doelstelling had Wilhelm II bij zijn aantreden als Keizer van Duitsland? 2. Welk land behoorde niet tot de Centralen tijdens de Eerste

Nadere informatie

buza020090 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken 1 maart 2002

buza020090 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken 1 maart 2002 buza020090 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken 1 maart 2002 Graag bied ik u naar aanleiding van het verzoek gedaan tijdens het Algemeen Overleg met de Vaste Commissies voor

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/25770 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/25770 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/25770 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Van Thuy, Pham Title: Beyond political skin : convergent paths to an independent

Nadere informatie

Eindkwalificaties van de bacheloropleiding Geschiedenis

Eindkwalificaties van de bacheloropleiding Geschiedenis Eindkwalificaties van de bacheloropleiding Geschiedenis Afgestudeerden van de opleiding hebben de onderstaande eindkwalificaties bereikt: I. Kennis Basiskennis en inzicht: 1. kennis van en inzicht in het

Nadere informatie

De nieuwe landen in het oosten

De nieuwe landen in het oosten De nieuwe landen in het oosten Sinds het einde van de Koude Oorlog is de kaart van Europa ingrijpend gewijzigd. Sommige staten zijn verdwenen om op te gaan in een groter geheel ( denk aan de DDR), maar

Nadere informatie

AEG deel 3 Naam:. Klas:.

AEG deel 3 Naam:. Klas:. AEG deel 3 Naam:. Klas:. 1-Video Grensverleggend Europa; Het moet van Brussel. a-in welke Europese stad staat Jan Jaap v.d. Wal? b-beschrijf in het kort waarom een betere Europese samenwerking nodig was.

Nadere informatie

Voorwoord 9. Inleiding 11

Voorwoord 9. Inleiding 11 inhoud Voorwoord 9 Inleiding 11 deel 1 theorie en geschiedenis 15 1. Een omstreden begrip 1.1 Inleiding 17 1.2 Het probleem van de definitie 18 1.3 Kenmerken van de representatieve democratie 20 1.4 Dilemma

Nadere informatie

Tijdvak I. 31 oktober 2013 8: 30-10:00.

Tijdvak I. 31 oktober 2013 8: 30-10:00. 1 SCHOOLONDERZOEK Tijdvak I GESCHIEDENIS 31 oktober 2013 8: 30-10:00. Dit onderzoek bestaat uit 38 vragen. Bij dit onderzoek behoort een antwoordblad. Beantwoord de antwoorden uitsluitend op het antwoordblad.

Nadere informatie

Examen HAVO. Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl)

Examen HAVO. Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl) Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl) Examen HAVO Vragenboekje Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 1 Woensdag 22 mei 9.00 12.00 uur 20 02 Voor dit examen

Nadere informatie

geschiedenis geschiedenis

geschiedenis geschiedenis Examen HAVO 2009 tijdvak 2 woensdag 24 juni 9.00-12.00 uur tevens oud programma geschiedenis geschiedenis Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 29 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis vwo II

Eindexamen geschiedenis vwo II Dynamiek en stagnatie in de Republiek Gebruik bron 1. Twee uitspraken: Met deze bevolkingsgegevens van het gewest Holland in het westen en het gewest Overijssel in het oosten van de Republiek kun je laten

Nadere informatie

Collectievormingsprofiel (CVP) Geschiedenis

Collectievormingsprofiel (CVP) Geschiedenis Collectievormingsprofiel (CVP) Geschiedenis Actuele relatie met O&O De geschiedenis collectie is vooral bedoeld ter ondersteuning van onderzoek en onderwijs in het Instituut voor Geschiedenis. Het Instituut

Nadere informatie

Resultaten en conclusies Israël onderzoek (uitgebreid)

Resultaten en conclusies Israël onderzoek (uitgebreid) Resultaten en conclusies Israël onderzoek (uitgebreid) Hieronder volgen de resultaten van het Israël onderzoek wat de EO in de afgelopen weken heeft laten uitvoeren. Veel stellingen zijn in een 5- puntsschaal

Nadere informatie

2016D05361 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG

2016D05361 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG 2016D05361 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Binnen de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken bestond bij enkele fracties de behoefte de Minister van Buitenlandse Zaken enkele vragen en opmerkingen

Nadere informatie

maatschappijwetenschappen pilot vwo 2015-I

maatschappijwetenschappen pilot vwo 2015-I Opgave 1 Kroatië toegetreden tot de EU 1 maximumscore 2 beschrijving van het eerste kenmerk van staatsvorming (interne soevereiniteit) ondersteund door een gegeven uit de inleiding 1 beschrijving van het

Nadere informatie

Jagers & boeren Waarvan leefden de jagers-verzamelaars? Jagers & boeren Waarvan leefden de boeren? Van de jacht en van vruchten en planten

Jagers & boeren Waarvan leefden de jagers-verzamelaars? Jagers & boeren Waarvan leefden de boeren? Van de jacht en van vruchten en planten Jagers & boeren Waarvan leefden de jagers-verzamelaars? Jagers & boeren Waarvan leefden de boeren? Van de jacht en van vruchten en planten Van de oogst van hun land en van hun dieren Jagers & boeren Wat

Nadere informatie

Het mysterie: Moord op Lumumba

Het mysterie: Moord op Lumumba Het mysterie: Moord op Lumumba Lumumba was de eerste premier van onafhankelijk Congo in 1960. Twee weken na zijn aantreden werden Lumumba en zijn regering afgezet tijdens een staatsgreep en werd Lumumba

Nadere informatie

Dagboek Sebastiaan Matte

Dagboek Sebastiaan Matte Vraag 1 van 12 Dagboek Sebastiaan Matte Uit het dagboek van Sebastiaan Matte: "Ik ben vandaag bij een hagenpreek geweest, in de duinen bij Overveen. Wel duizend mensen uit de stad waren bij elkaar gekomen

Nadere informatie

Wat is een constitutie?

Wat is een constitutie? Wat is een constitutie? 2 Veel landen op de wereld worden op een democratische manier bestuurd. Een democratie staat echter niet op zichzelf. Bij een democratie hoort namelijk een rechtsstaat. Democratie

Nadere informatie

Opgave 4 Conflict Noord-Korea en Zuid-Korea

Opgave 4 Conflict Noord-Korea en Zuid-Korea Opgave 4 Conflict Noord-Korea en Zuid-Korea Bij deze opgave horen figuur 3 en de teksten 7 tot en met uit het bronnenboekje. Gebruik tekst 7. Er zijn twee vormen van dictaturen: autoritaire en totalitaire

Nadere informatie

Hoop op democratie in het Midden Oosten

Hoop op democratie in het Midden Oosten De Toestand in de Wereld 3 Hoop op democratie in het Midden Oosten Egypte: De kater na de Arabische lente Bas Levinsohn 1 Inleiding Vraagstelling Wat wordt bedoeld met de Arabische lente? Wat is de betekenis

Nadere informatie

Rotterdam, 8 februari 2011.

Rotterdam, 8 februari 2011. Rotterdam, 8 februari 2011. Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid mevrouw A.G. Fähmel-van der Werf (Leefbaar Rotterdam) over Beantwoording schriftelijke vragen d.d. 28 september

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis vwo 2009 - I

Eindexamen geschiedenis vwo 2009 - I Ten oorlog! Europese oorlogen 1789-1919. Oorlog als maatschappelijk fenomeen In de landen die Napoleon veroverde, voerde hij een beleid dat: enerzijds paste binnen het gelijkheidsideaal van de Franse Revolutie

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer 2 vmbo gl/tl II

Eindexamen maatschappijleer 2 vmbo gl/tl II BEOORDELINGSMODEL Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 punt toegekend. MASSAMEDIA 1 maximumscore 2 Juiste antwoorden zijn (twee van de volgende redenen): De opera s (programma s) zijn

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis havo I

Eindexamen geschiedenis havo I Dynamiek en stagnatie in de Republiek Tussen het ontstaan van de moedernegotie en de opkomst van de gecommercialiseerde landbouw in Holland bestond een verband. 3p 1 Licht dit verband toe door: een omschrijving

Nadere informatie

ALTERNATIEVEN 4. OBSTAKELS OP WEG NAAR VREDE 5. HOUDING VAN VS EN EUROPA 6. CONCLUSIE

ALTERNATIEVEN 4. OBSTAKELS OP WEG NAAR VREDE 5. HOUDING VAN VS EN EUROPA 6. CONCLUSIE OPZET LEZING: 1.KORT HISTORISCH OVERZICHT 2. URGENTIE VAN HET VRAAGSTUK 3. TWEE-STATENOPLOSSING EN ALTERNATIEVEN 4. OBSTAKELS OP WEG NAAR VREDE 5. HOUDING VAN VS EN EUROPA 6. CONCLUSIE 1. MANDAATGEBIED

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis vwo II

Eindexamen geschiedenis vwo II Ten oorlog! Europese oorlogen 1789-1919. Oorlog als maatschappelijk fenomeen Vanaf de zomer van 1789 trokken veel Franse vluchtelingen naar Oostenrijk. 1p 1 Waarom vormde dit voor het Franse revolutionaire

Nadere informatie

Leerlingen hand-out stadswandeling Amsterdam

Leerlingen hand-out stadswandeling Amsterdam Leerlingen handout stadswandeling Amsterdam Groep 1: de Surp Hoki Armeens Apostolische kerk Adres: Kromboomsloot 22, Amsterdam Namen leerlingen: In deze handout staat alle informatie die je nodig hebt

Nadere informatie

Faculteit der Rechtsgeleerdheid Amsterdam Center for International Law Postbus 1030 1000 BA Amsterdam

Faculteit der Rechtsgeleerdheid Amsterdam Center for International Law Postbus 1030 1000 BA Amsterdam Faculteit der Rechtsgeleerdheid Amsterdam Center for International Law Postbus 1030 1000 BA Amsterdam T 020 535 2637 Advies Luchtaanvallen IS(IS) Datum 24 september 2014 Opgemaakt door Prof. dr. P.A. Nollkaemper

Nadere informatie

Wie bestuurt de Europese Unie?

Wie bestuurt de Europese Unie? Wie bestuurt de Europese Unie? De Europese Unie (EU) is een organisatie waarin 28 landen in Europa samenwerken. Eén ervan is Nederland. Een aantal landen werkt al meer dan vijftig jaar samen. Andere landen

Nadere informatie

De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. Twee grote processen

De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. Twee grote processen Koude Oorlog Amerikaanse buitenlandse politiek communisme rivaliteiten tussen de Sovjet-Unie en China nationalistische bewegingen dekolonisatie Twee grote processen Koude oorlog Nationalisme en dekolonisatie

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis havo II

Eindexamen geschiedenis havo II Dynamiek en stagnatie in de Republiek In de late middeleeuwen waren er weinig aanwijzingen voor de economische bloei van Holland in de zestiende eeuw. 2p 1 Geef aan: dat natuurlijke omstandigheden in de

Nadere informatie

2. Hoeveel procent van de totale uitgaven in de kinderbijslag werd in 2015 uitgekeerd aan kinderen die niet in ons land werden opgevoed

2. Hoeveel procent van de totale uitgaven in de kinderbijslag werd in 2015 uitgekeerd aan kinderen die niet in ons land werden opgevoed SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 331 van TOM VAN GRIEKEN datum: 9 februari 2016 aan JO VANDEURZEN VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Kinderbijslag - Kinderen opgevoed in het buitenland De kinderbijslag

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 23.5.2013 2012/0271(E) *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 114 Goedkeuring van de op 27 juni 2014 te Brussel tot stand gekomen Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting De Protestantse Kerk in Nederland (PKN) onderhoudt middels de organisaties Kerk in Actie (KiA) en ICCO Alliantie contacten met partners in Brazilië. Deze studie verkent de onderhandelingen

Nadere informatie

Wie bestuurt de Europese Unie?

Wie bestuurt de Europese Unie? Wie bestuurt de Europese Unie? De Europese Unie (EU) is een organisatie waarin 28 landen in Europa samenwerken. Eén ervan is Nederland. Een aantal landen werkt al meer dan vijftig jaar samen. Andere landen

Nadere informatie

Artikel Europakunde. Carla van der Poel 20 juni 2007. Susanne de Jong Communicatie 2A

Artikel Europakunde. Carla van der Poel 20 juni 2007. Susanne de Jong Communicatie 2A Artikel Europakunde Carla van der Poel 20 juni 2007 Susanne de Jong Communicatie 2A Toetreding Turkije tot de EU Wat moet er allemaal voor gebeuren? Sinds 3 oktober 2005 zijn Turkije en de EU de onderhandelingen

Nadere informatie

Dit proefschrift betoogt dat een veel ruimere blik nodig is op de historische ontwikkeling van de Verenigde Staten om te begrijpen waarom het testen

Dit proefschrift betoogt dat een veel ruimere blik nodig is op de historische ontwikkeling van de Verenigde Staten om te begrijpen waarom het testen Samenvatting In dit proefschrift staat de vraag centraal waarom de gestandaardiseerde intelligentiemeting in Amerika zo'n hoge vlucht heeft genomen en tot zulke felle debatten leidt. Over dit onderwerp

Nadere informatie

De 1 e Wereldoorlog. inleiding (9.1) HC onderdelen: conferentie van Berlijn (1884-85) + vlootwet (1898)

De 1 e Wereldoorlog. inleiding (9.1) HC onderdelen: conferentie van Berlijn (1884-85) + vlootwet (1898) De 1 e Wereldoorlog inleiding (9.1) HC onderdelen: conferentie van Berlijn (1884-85) + vlootwet (1898) Onderzoeksvraag: Wat waren de oorzaken van de 1 e Wereldoorlog en wat maakte deze oorlog uniek in

Nadere informatie

Samenvatting (Summary)

Samenvatting (Summary) Zijn de internationale besturen in Bosnië-Herzegovina (Bosnië) en Kosovo er in geslaagd om in beide gebieden duurzame politieke instituties op te zetten die los van verdere buitenlandse bemoeienis zelf

Nadere informatie

Toespraak Voorzitter bij het in ontvangst nemen van het Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2012 op 20 november 2012 in de Oude Zaal

Toespraak Voorzitter bij het in ontvangst nemen van het Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2012 op 20 november 2012 in de Oude Zaal Toespraak Voorzitter bij het in ontvangst nemen van het Jaarboek Parlementaire Geschiedenis 2012 op 20 november 2012 in de Oude Zaal Dames en heren, Allereerst dank ik het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis

Nadere informatie

TRANSATLANTIC TRENDS - NETHERLANDS

TRANSATLANTIC TRENDS - NETHERLANDS TRANSATLANTIC TRENDS - NETHERLANDS VRAAG 10 Denkt u dat het voor de toekomst van Nederland het beste is als wij actief deelnemen in de wereldpolitiek of moeten wij ons niet in de werelpolitiek mengen?

Nadere informatie

Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl)

Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl) Geschiedenis (nieuwe stijl) en geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl) Examen VWO Vragenboekje Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 18 juni 9.00 12.00 uur 20 03 Voor dit examen

Nadere informatie

Geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl) en geschiedenis (nieuwe stijl)

Geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl) en geschiedenis (nieuwe stijl) Geschiedenis en staatsinrichting (oude stijl) en geschiedenis (nieuwe stijl) Examen VWO Vragenboekje Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Voor dit examen zijn maximaal 90 punten te behalen; het examen

Nadere informatie

Het overheidsbeleid in de periode van de economische opbouw na WO II. - Welke rol heeft de overheid in het sturen van de economie?

Het overheidsbeleid in de periode van de economische opbouw na WO II. - Welke rol heeft de overheid in het sturen van de economie? Hoofdstuk 5 Vadertje Drees Na de crisis in de jaren 30 volgt de Duitse bezetting (1940-1945). I jaren 30 economische malaise tamelijk passieve rol van de overheid op economisch gebied door de klassiek-liberale

Nadere informatie

Instructie: Landenspel light

Instructie: Landenspel light Instructie: Landenspel light Korte omschrijving werkvorm In dit onderdeel vormen groepjes leerlingen de regeringen van verschillende landen. Ieder groepje moet uiteindelijk twee werkbladen (dus twee landen)

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2005

Examen VMBO-GL en TL 2005 Examen VMBO-GL en TL 2005 tijdvak 1 woensdag 25 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 38 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

MINISTERIE VAN DEFENSIE Militaire Inlichtingendienst

MINISTERIE VAN DEFENSIE Militaire Inlichtingendienst MINISTERIE VAN DEFENSIE Militaire Inlichtingendienst Postbus 20701 2500 ES 's-gravenhage Aan: Zie verzendlijst Telefoon 070-3 18 81 88 Telefax 070-3 18 79 51 Uw brief Uw kenmerk Ons nummer DIS/94/095/1208

Nadere informatie

van Katia Segers, Güler Turan en Tine Soens

van Katia Segers, Güler Turan en Tine Soens ingediend op 1029 (2016-2017) Nr. 1 21 december 2016 (2016-2017) Voorstel van resolutie van Katia Segers, Güler Turan en Tine Soens betreffende de recente ontwikkelingen in Polen en de verdediging van

Nadere informatie

Het medezeggenschapsreglement mag het aantal aaneengesloten zittingsperiodes in de MR niet beperken. UITSPRAAK

Het medezeggenschapsreglement mag het aantal aaneengesloten zittingsperiodes in de MR niet beperken. UITSPRAAK 107381 Het medezeggenschapsreglement mag het aantal aaneengesloten zittingsperiodes in de MR niet beperken. in het geding tussen: UITSPRAAK de medezeggenschapsraad van A, gevestigd te G, H en J, verzoeker,

Nadere informatie

Leila Jordens-Cotran RIMO 2013

Leila Jordens-Cotran RIMO 2013 Leila Jordens-Cotran RIMO 2013 Uitgangspunt is definitie art. 1 Verdrag status staatlozen 1954: Staatloze is een persoon die door geen enkele Staat, krachtens diens wetgeving, als onderdaan wordt beschouwd

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis havo 2007-I

Eindexamen geschiedenis havo 2007-I Van kind tot burger: Volksopvoeding in Nederland (1780-1901) De Calvinisten hechtten er veel belang aan dat de mensen zelf de Bijbel konden lezen. 1p 1 Welk gevolg had dit voor het onderwijs in de Republiek?

Nadere informatie

Hoe hieraan exact wordt vormgegeven binnen onze school, wordt duidelijk in dit document.

Hoe hieraan exact wordt vormgegeven binnen onze school, wordt duidelijk in dit document. SOCIALE COHESIE EN BURGERSCHAP Inleiding Een school maakt deel uit van de maatschappij en bouwt mee aan de vorming van jonge burgers. Een groot deel van de dag, brengen jongeren door op school. Zij krijgen

Nadere informatie

Onderzoek: Crisis Griekenland'

Onderzoek: Crisis Griekenland' 30 juni 2015 Onderzoek: ' Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 45.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag van de

Nadere informatie

Examen VWO. maatschappijwetenschappen (pilot) tijdvak 1 vrijdag 22 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen VWO. maatschappijwetenschappen (pilot) tijdvak 1 vrijdag 22 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VWO 2015 tijdvak 1 vrijdag 22 mei 13.30-16.30 uur maatschappijwetenschappen (pilot) Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 30 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 68 punten te

Nadere informatie

NOL H1, EIR 91, EIR 3

NOL H1, EIR 91, EIR 3 HC 1A. Inleiding NOL H1, EIR 91, EIR 3 Internationaal recht Het internationale publieke recht leidt vooral tot vrijwilligheid. Het vrijwillig onderwerpen aan het internationale recht. Het gaat over boven

Nadere informatie

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt.

Als bij een vraag een verklaring of uitleg gevraagd wordt, worden aan het antwoord geen punten toegekend als deze verklaring of uitleg ontbreekt. Examen VWO 2008 tijdvak 2 woensdag 18 juni 9.00-12.00 uur geschiedenis Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 25 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 76 punten te behalen. Voor elk vraagnummer

Nadere informatie

Gevolgen van Brexit voor de besluitvorming in de EU

Gevolgen van Brexit voor de besluitvorming in de EU VIVES BRIEFING 2016/06 Gevolgen van Brexit voor de besluitvorming in de EU Klaas Staal Karlstad Universitet 1 GEVOLGEN VAN BREXIT VOOR DE BESLUITVORMING IN DE EU Klaas Staal INLEIDING Op 23 juni 2016 stemmen

Nadere informatie

Manifest voor de Rechten van het kind

Manifest voor de Rechten van het kind Manifest voor de Rechten van het kind Kinderen vormen de helft van de bevolking in ontwikkelde landen. Ongeveer 100 miljoen kinderen leven in de Europese Unie Het leven van kinderen in de hele wereld wordt

Nadere informatie

Puzzel: Wat is een staatsgreep?

Puzzel: Wat is een staatsgreep? Puzzel: Wat is een staatsgreep? Korte omschrijving werkvorm In de zomer van 2016 is er een mislukte poging tot een staatsgreep gedaan in Turkije. Maar wat is een staatsgreep eigenlijk? De leerlingen bekijken

Nadere informatie

Algemene beschouwing

Algemene beschouwing Algemene beschouwing Arbeidsmigratiebeleid begint bij Nederlands arbeidsmarktbeleid Voor de Nederlandse economie en dus voor bedrijven en werknemers is het van belang om de juiste mensen op de juiste arbeidsplek

Nadere informatie

Macht en waarden in de wereldpolitiek

Macht en waarden in de wereldpolitiek Rik Coolsaet Macht en waarden in de wereldpolitiek Actuele vraagstukken in de internationale politiek Editie 2006-2007 2 Inhoud Inleiding... Deel 1. De jaren 90: het transitiedecennium 1. Van illusie naar

Nadere informatie

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Examen VMBO-KB 2010 tijdvak 1 vrijdag 21 mei 9.00-11.00 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 39 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 54 punten

Nadere informatie

betreffende de herdenking van de honderdste verjaardag van de Armeense genocide

betreffende de herdenking van de honderdste verjaardag van de Armeense genocide ingediend op 328 (2014-2015) Nr. 1 22 april 2015 (2014-2015) Voorstel van resolutie van Karim Van Overmeire, Ward Kennes, Jean-Jacques De Gucht, Marc Hendrickx, Bart Somers en Karl Vanlouwe betreffende

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal De heer J. Voordewind Binnenhof 4 Den Haag. Den Haag, 26 juni 2008

Tweede Kamer der Staten-Generaal De heer J. Voordewind Binnenhof 4 Den Haag. Den Haag, 26 juni 2008 Tweede Kamer der Staten-Generaal De heer J. Voordewind Binnenhof 4 Den Haag Den Haag, 26 juni 2008 Dank voor het verslag van uw bezoek begin april aan Noord-Irak dat u mij 10 juni jl. aanbood. Uw reis

Nadere informatie

Advies. over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking

Advies. over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking Brussel, 5 juli 2006 050706_Advies_kaderdecreet_Vlaamse_ontwikkelingssamenwerking Advies over het ontwerp van kaderdecreet Vlaamse ontwikkelingssamenwerking 1. Inleiding Op 24 mei 2006 heeft Vlaams minister

Nadere informatie

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Examen VMBO-KB 2008 1 tijdvak 1 donderdag 22 mei 9.00-11.00 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 39 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 55 punten

Nadere informatie

DEFINITIES COMPETENTIES

DEFINITIES COMPETENTIES DEFINITIES COMPETENTIES A. MENSEN LEIDINGGEVEN A1 Sturen Geeft op een duidelijke manier richting aan een team, neemt de leiding op zich, zet mensen en middelen zodanig in dat doelen met succes worden bereikt.

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Uw Referentie 2015Z10166 en 2015Z10168

Nadere informatie

Inleiding geschiedenis Griekenland

Inleiding geschiedenis Griekenland Europa rond de Middellandse Zee rond 500 v. Chr. Sint-Janslyceum s-hertogenbosch, Theo Manders Inleiding geschiedenis Griekenland Rond 2000 v. Chr. Stedelijke centra: Op Kreta, Minoische cultuur Op Griekse

Nadere informatie

Eindexamen geschiedenis en staatsinrichting vmbo gl/tl II

Eindexamen geschiedenis en staatsinrichting vmbo gl/tl II Historisch overzicht vanaf 1900 14 maximumscore 2 Kaart A: 1 (= 1900-1914) 1 Kaart B: 2 (= 1919-1937) 1 15 maximumscore 2 Afbeelding 1 verwijst naar het bondgenootschap tussen Duitsland en Oostenrijk-Hongarije

Nadere informatie

Eindexamen vwo maatschappijwetenschappen 2013-I

Eindexamen vwo maatschappijwetenschappen 2013-I Opgave De eurocrisis Bij deze opgave horen de teksten 9 en. Inleiding De situatie rond de gemeenschappelijke munt, de euro, is tien jaar na de introductie verre van stabiel (mei 2012). In tekst 9 beschrijft

Nadere informatie

Samenwerking als ideaal voor een verscheurd Europa

Samenwerking als ideaal voor een verscheurd Europa Samenwerking als ideaal voor een verscheurd Europa INE MEGENS EIGENTIJDSE GESCHIEDENIS Opbouw college: Vooruitgangsgeloof 19 e eeuw Nationalisme en politieke kaart van Europa Eerste Wereldoorlog Cultuurpessimisme

Nadere informatie

Verenigde Staten Ontwikkeling van de burgerrechten

Verenigde Staten Ontwikkeling van de burgerrechten Verenigde Staten Ontwikkeling van de burgerrechten 1.2-2.3-3.3 Inleiding Deze opdracht gaat over de ontwikkeling van de burgerrechten. Hierbij staat de status van de zwarte bevolking in de Verenigde Staten

Nadere informatie

Herdenking Capitulaties Wageningen

Herdenking Capitulaties Wageningen SPEECH SYMPOSIUM 5 MEI 2009 60 jaar NAVO Clemens Cornielje Voorzitter Nationaal Comité Herdenking Capitulaties Wageningen Dames en heren, De détente tussen oost en west was ook in Gelderland voelbaar.

Nadere informatie

Journalistiek en radicalisering Wat is het verband?

Journalistiek en radicalisering Wat is het verband? Journalistiek en radicalisering Wat is het verband? Omgaan met radicalisering Doelen Deze aanbevelingen zijn bedoeld voor journalisten. Het is niet uw taak om de samenleving te veranderen of om radicalisering

Nadere informatie

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD I. EUROPESE COMMISSIE Brussel, 21.12.2016 COM(2016) 816 final MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD Stand van zaken en mogelijke verdere stappen met betrekking tot de situatie

Nadere informatie