H1 HOOFDSTUK 1 6 OUDHEID Schepping 3000 2000 1000
Verleden en heden Een prachtige ontdekking! Het is warm, vreselijk warm in Egypte. Howard Carter tilt zijn hoed op en veegt het zweet van zijn voorhoofd. Hij is een beetje moedeloos. Al sinds het begin van het jaar 1922 is de Engelse archeoloog met een groep Egyptische arbeiders aan het graven in het Dal der Koningen aan de oevers van de Nijl. En inmiddels is het alweer najaar. Hij denkt aan wat andere archeologen tegen hem gezegd hebben: Howard, denk je nu echt dat jij ontdekt waar wij al jaren naar gezocht hebben? Dat hele Dal der Koningen is al ondersteboven gehaald. Er zijn al zoveel graven gevonden: van Ramses de Tweede, Ramses de Zesde en Ramses de Negende en nog een heleboel andere graven van farao s. Je denkt toch niet dat er nog meer liggen?! HOOFDVRAAG Wat weten we over het begin van de geschiedenis en de oude culturen in Mesopotamië en Egypte? Hoe kun je iets over het verleden te weten komen? 1 Howard weet wel dat ze een punt hebben. Al meer dan twintig jaar zijn archeologen aan het zoeken geweest. Maar hij is koppig. Tenslotte heeft een van hen in 1906 een beker gevonden met de naam Toetanchamon erop. Híér, in dit dal! Dan moet het graf van farao Toetanchamon hier toch ergens zijn. En bovendien, Howard heeft al jaren gegraven, ook op andere plaatsen langs de Nijl. Meer naar het noorden bijvoorbeeld, waar de grote piramides staan. Die kolossen, waarvan de grootste bijna 150 meter hoog was. Maar nog nooit is het hem gelukt een ontdekking te doen die echt spectaculair was. En daar droomt hij wel van Hoe ontstonden de eerste beschavingen langs een rivier? Hoe dachten de Egyptenaren over het leven na de dood? 2 3 Hoe leefden de jagers en boeren in de tijd na de zondvloed in Europa? 4 Hoe wordt er gedacht over het ontstaan van de aarde en het leven? 5 MIDDELEEUWEN VROEG MODERNE TIJD MODERNE TIJD Voor Christus Na Christus 500 1000 1500 1800 2000 7
1.1 Op zoek naar het verleden Hoe kun je iets over het verleden te weten komen? Midden in de stad ligt een saai, vergeten stukje grond. Daar kun je s avonds maar beter niet in je eentje rondlopen. Straks komt er een parkeergarage. Maar nu is het plein helemaal ondersteboven gehaald door archeologen. En vandaag komt iedereen kijken waarom dat zo belangrijk was! Johan buigt ver voorover om in de diepte te kijken. Houten balken, bijna zwart, sommige brokkelig. Maar de smalle, puntige vorm waarin ze liggen, vertelt een duidelijk verhaal: daar beneden ligt een schip uit de Romeinse tijd. Als Johan zijn ogen half dichtdoet, kan hij zich zó voorstellen hoe snel dat schip door de golven ging. Geschiedenis is het verhaal van mensen We kennen allemaal wel verhalen over mensen die vroeger geleefd hebben. Al die mensen hebben hun sporen nagelaten. Denk eens aan die oude kerk bij jou in de buurt. Honderden jaren geleden kwamen daar al mensen samen om te bidden. Of dat kasteel, waar ridders en jonkvrouwen, maar ook dienstmeisjes en knechten hebben rondgelopen. Misschien ligt er bij jullie thuis zo n heel oude Statenbijbel. In 1637 zaten daar al mensen in te lezen. Geschiedenis is het verhaal van mensen. Mensen die door de Heere God zijn geschapen. Hij heeft hun leven bestuurd, zoals Hij ook jouw leven leidt. Ook daarover denken we in de geschiedenisles na. Bron 1 Romeins schip opgegraven in Woerden Onderzoek naar het verleden Hoe kunnen we nu iets te weten komen over het verleden? Het zou prachtig zijn als we in een soort tijdmachine zouden kunnen stappen om naar het verleden terug te gaan. Even kijken hoe de kroning van Karel de Grote tot keizer nu echt gegaan is. Maar dat kan nu eenmaal niet. Bron 2 Als je de geschiedenis kent, begrijp je waarom Rotterdam geen oude huizen heeft. BRONWIJZERTJE Een toerist die het centrum van Rotterdam bezoekt, zal daar vooral moderne gebouwen tegenkomen, terwijl hij in het centrum van Amsterdam bijna alleen maar heel oude gebouwen ziet. Om te weten hoe dat komt, is kennis van het verleden nodig. In de Tweede Wereldoorlog is het centrum van Rotterdam gebombardeerd, waardoor de meeste oude gebouwen verdwenen zijn. In Amsterdam is dat niet gebeurd en daarom vinden we daar nog wel veel oude panden. 8
Bron 3 Grottekening Gelukkig zijn er wel dingen uit het verleden bewaard gebleven. De overblijfselen uit het verleden noemen we bronnen. We verdelen de bronnen in verschillende soorten: geschreven en ongeschreven bronnen. Een geschreven bron is bijvoorbeeld een scheepsdagboek van Columbus, een ongeschreven bron een ketting uit de tijd van de hunebedden. Er zijn mensen die voor hun beroep deze bronnen onderzoeken. Iemand die vooral geschreven bronnen onderzoekt om te weten hoe het vroeger geweest is, noemen we een historicus. Iemand die in de grond graaft op zoek naar bronnen, noemen we een archeoloog; meestal vindt hij of zij ongeschreven bronnen. Onze jaartelling Om te zien wanneer iets gebeurd is, maken we gebruik van een tijdbalk. Deze tijdbalk verdelen we in tien tijdvakken. Een tijdvak is een periode uit de geschiedenis met heel eigen kenmerken. Kijk bijvoorbeeld maar naar de tijdbalk aan het begin en het einde van het hoofdstuk of op pagina 93 van je tekstboek. Om duidelijk te maken welke gebeurtenissen kortgeleden gebeurd zijn of juist langer geleden, gebruiken we jaartallen. Het begin van onze jaartelling is de geboorte van de Heere Jezus. De geschiedenis zelf begint al eerder, bij de schepping. Het einde van de geschiedenis komt bij de wederkomst van de Heere Jezus. VERDIEPING Andere jaartellingen Waar begin je in de geschiedenis met tellen? Dat is niet voor elk volk hetzelfde. De jaartelling heeft veel te maken met het geloof. Mensen beginnen met tellen bij de gebeurtenis die ze het belangrijkst vinden. Joden tellen vanaf de schepping van de wereld; 2017 valt bijvoorbeeld in het Joodse jaar 5777. Het Joodse jaar is niet precies even lang als het christelijke jaar. De Islam heeft ook een eigen jaartelling, die begint bij het vertrek van Mohammed van Mekka naar Medina. Een islamitisch jaar is elf dagen korter dan een jaar zoals wij dat kennen. De feestmaanden van Joden en moslims die in Nederland wonen, schuiven dus elk jaar een stukje op. HOOFDSTUK 1 9
1.2 Tussen Eufraat en Tigris Hoe ontstonden de eerste beschavingen langs een rivier? Yari, maak jij vandaag het riool eens goed schoon!, zegt de meester tegen zijn slaaf. Yari baalt. Fijn hoor, dat zijn meester een echte wc heeft! Meestal is hij trots dat hij bij een volk met veel knappe uitvindingen hoort, maar vandaag even niet. Yari moet zijn behoefte gewoon in een gat in de grond doen. Zijn meester gebruikt een wc. Maar wie mag het riool schoonmaken? Hij natuurlijk! Hij bindt een lap voor zijn neus en mond, pakt een schep en licht het deksel van de put. Hij ziet het al: de hele boel zit verstopt. Zuchtend laat hij zich in de stinkende smurrie zakken Bron 4 Een van de zeven wereldwonderen: de hangende tuinen van Babylon. Samenleven langs een rivier Zo n kleine 6000 jaar geleden woonden er al mensen in Egypte en Mesopotamië. In Egypte woonden de mensen langs de rivier de Nijl. De Mesopotamiërs woonden langs de rivieren Eufraat en Tigris. De samenlevingen zoals in Mesopotamië en Egypte noemen we rivierdalbeschavingen. We spreken van een beschaving omdat er een hoge ontwikkeling was op het gebied van techniek, wetenschap en cultuur. Langs de rivieren was de grond erg vruchtbaar. Dit kwam doordat de rivieren elk jaar overstroomden en een vruchtbaar laagje slib op het land achterlieten. Omdat het in deze gebieden vaak lang droog was, werd het water opgevangen in enorme bewaarbakken, die we spaarbekkens noemen. Via een heel netwerk van kanaaltjes liet men het water dan naar het land lopen. Bron 5 Kaartje van Egypte en Mesopotamië MESOPOTAMIË Tigris Ninevé Eufraat Assur Babylon EGYPTE Ur Nijl 10
Samenwerken en wetten maken Voor het aanleggen van het stelsel van spaarbekkens en kanaaltjes moesten veel mensen samenwerken. Er moesten afspraken gemaakt worden over de verdeling van het water. Daarom was het nodig dat alles goed geregeld werd en er wetten werden gemaakt. In sommige gebieden kwam er daarom een koning. Een samenleving waarin een koning regeert, noem je een monarchie. Een koning was oppermachtig en daarom werd hij vaak als god vereerd. Het leger stond onder zijn bevel. Soms gebeurde het dat bij zijn begrafenis ook zijn dienaren begraven werden om hem te blijven dienen. Steden en handel De koningen in Mesopotamië regeerden niet over een land, maar over een of meer steden. Belangrijke steden waren Ur, Assur, Ninevé en Babel. In Ur stonden prachtige paleizen en tempels vol goud en zilver. Om te bouwen gebruikten de mensen een soort bakstenen: klei die was gebakken in de zon. Hout en andere bouwmaterialen haalden ze uit andere gebieden. De handel was in Ur dan ook heel belangrijk. kwam rond 625 het Babylonische Rijk met Nebukadnezar. Ook zijn rijk is niet blijven bestaan. Het Babylonische Rijk werd in 539 opgeslokt door het rijk van de Meden en de Perzen. In 331 veroverden de Grieken, over wie het in het volgende hoofdstuk gaat, dit rijk op hun beurt. BRONWIJZERTJE Wist je dat in Mesopotamië meer dan 4000 jaar geleden: al wc s bestonden, compleet met rioleringen, waar slaven doorheen kropen om ze schoon te houden (zie introverhaaltje)? al parfums en allerlei soorten make-up gebruikt werden? al oogoperaties werden uitgevoerd? de tijd al nauwkeurig werd aangegeven met een waterklok, die in tegenstelling tot de zonnewijzer ook s nachts en bij bewolkt weer gebruikt kon worden? Wereldrijken Rond 800 voor Christus veroverde Assur veel andere steden en andere landen. Zo ontstond het Assyrische Rijk, met Ninevé als hoofdstad. Het Assyrische leger was gevreesd om zijn strijdwagens. Bovendien waren de Assyriërs erg wreed tegen hun vijanden: soms verminkten ze hen of vilden hen levend. Hele volken werden in ballingschap gebracht. Na het Assyrische Rijk VERDIEPING Ontstaan van het schrift De eerste mensen die schreven, gebruikten niet meteen een alfabet. Ze maakten kleine tekeningetjes van dingen uit het dagelijks leven: een koe, een vis, graan. Maar de mensen in de rivierdalbeschavingen, waar het schrift ontstond, wilden steeds meer woorden opschrijven. Dat was belangrijk voor de handel en voor de wetten. Daarom veranderden de tekentjes langzamerhand in letters, die gecombineerd konden worden tot nieuwe woorden. Mesopotamiërs maakten inkepingen op kleitabletten; we noemen dat spijkerschrift. Egyptenaren schreven in hiërogliefen in steen of op papyrus, dat werd gemaakt van riet dat langs de Nijl groeide. Bron 6 Egyptische hiërogliefen op een muur. HOOFDSTUK 1 11
1.3 Het leven na de dood Hoe dachten de Egyptenaren over het leven na de dood? Voorzichtig steekt een Egyptenaar een haak door de neus van de dode farao. Daarmee trekt hij de hersens uit zijn hoofd. Daarna snijdt hij de buik open en haalt de ingewanden van de farao eruit. Straks, als het lichaam van de farao gebalsemd is, wordt het schitterende dodenmasker opgezet. Tijdens zijn leven heeft de farao al een grote piramide laten bouwen. In de grafkamer zijn alle dingen aanwezig die hij nodig heeft tijdens zijn reis door het dodenrijk. Tenslotte wordt de gestorven farao koning van het dodenrijk. Dan kan hij natuurlijk niet zonder lichaam! Veel goden De belangrijkste god van de Egyptenaren was de zonnegod Amon-Re. Naast de zon werden ook de maan en de Nijl vereerd. Dat is goed te begrijpen, want zonder de zon en de Nijl zou er in Egypte weinig groeien. De goden moesten dus te vriend gehouden worden door offers. In totaal werden door het hele land heen zo n tweeduizend goden gediend. Ook dieren zoals krokodillen, katten, koeien en mestkevers werden als god aangebeden. Voor sommige dieren werden zelfs tempels gebouwd. VERDIEPING Monotheïsme De Egyptenaren vereerden veel goden, net zoals de meeste andere volkeren in die tijd. Het dienen van veel goden heet polytheïsme. Het volk Israël was anders, doordat het maar één God diende; we noemen dat monotheïsme. Er zijn nu nog steeds drie belangrijke monotheïstische godsdiensten: het Christendom, het Jodendom en de Islam. Bron 7 Mummificering 1. De hersenen en ingewanden worden uit het lichaam gehaald. 2. Het lichaam wordt in zeer zout water gelegd. 3. Het lichaam wordt gewassen met olie en kruiden en in linnen gewikkeld. Het leven na de dood De Egyptenaren geloofden dat de ziel na de dood het lichaam verliet en dan onzichtbaar verder leefde. De ziel had wel spullen nodig en daarom legden de Egyptenaren allerlei Bron 8 De piramides zijn de bekendste koningsgraven van Egypte. 12
Bron 9 Dodengericht grafgiften bij de dode. Je moet dan denken aan eten, gereedschap, wapens, recepten, kleding, toiletartikelen en meubels. Men geloofde dat de ziel na de dood verder leefde in een plaats waar hij landarbeid verrichtte. De oogst was daar altijd overvloedig. Om de ziel te helpen, werden allerlei beeldjes in het graf gelegd. Deze dienaren moesten voor de dode handenarbeid doen, hem beschermen tegen dieven en voor hem dansen en zingen. Om dit allemaal mogelijk te maken, moest het lichaam van de dode heel blijven. Daarom werden de Egyptische doden gebalsemd tot een mummie. Arme mensen konden dit niet betalen. Zij werden in het droge woestijnzand begraven. Bron 10 Dodenmasker van farao Toetanchamon Het dodengericht De Egyptenaren geloofden dat direct na het sterven het dodengericht volgde. De dode moest dan verschijnen voor Osiris, de koning van het dodenrijk. Samen met 42 rechters bepaalde hij of de dode het dodenrijk binnen mocht komen. Daarvoor werd het hart van de dode in een weegschaal gewogen. Bij een goede uitslag werd hij welkom geheten in het dodenrijk. Als de dode niet goed geleefd had, werd hij door het monster Ammit meegenomen om verslonden te worden. De graven van koningen De Egyptische koningen, de farao s, waren erg belangrijk in de Egyptische samenleving. Dat bleek wel uit het graf waarin ze na hun dood werden gelegd. Veel farao s werden in grote piramides begraven. Grote steenblokken werden uit rotsen gehakt en over de Nijl aangevoerd. Farao Cheops kreeg de grootste piramide. Zijn graf werd maar liefst 146 meter hoog en bestaat uit 2,3 miljoen steenblokken. De Egyptenaren noemden de piramides huizen der eeuwigheid, omdat ze geloofden dat het leven daar na de dood verderging. Vanaf 2000 voor Christus werden geen piramides meer gebouwd. Farao s lieten toen hun graven uithakken in een rotswand in het Dal der Koningen. Bron 11 Het graf van de enige vrouwelijke farao (Hapsetsut) in het Dal der Koningen. HOOFDSTUK 1 13
1.4 Leven in de prehistorie Hoe leefden de jagers en boeren in de tijd na de zondvloed in Europa? Vol bewondering kijkt vader Award naar zijn zoon Sven. Voor hen op de grond ligt een rendier. Een pijl steekt recht door zijn kop. Twee weken had Sven gevijld aan een stukje vuursteen. Het werd een vlijmscherpe pijlpunt. Nu ligt de eerste buit voor hen. Jij wordt een groot jager, mijn zoon. Ik weet het niet, zegt Sven. Misschien ga ik nog wel eens tamme dieren houden, net als de stammen in het zuiden. Volgens mij krijgen we het dan veel makkelijker. Prehistorie Vaak wordt de Tijd van Jagers en Boeren de prehistorie genoemd. De prehistorie is een periode waarvan geen geschreven bronnen zijn. Maar dat geldt niet voor alle volkeren uit de Tijd van Jagers en Boeren. De Egyptenaren en Mesopotamiërs gebruikten het schrift toen al wel. Bron 12 Het mannetje van Willemstad Vondsten uit de prehistorie Gelukkig hebben archeologen vondsten gedaan uit de prehistorie. Archeologen bedenken aan de hand van deze bronnen hoe het leven er in die tijd uitgezien zou kunnen hebben. Maar zeker weten we het niet. Zo denken sommige archeologen dat het eikenhouten beeldje dat bij Willemstad werd gevonden (bron 12), speelgoed was, terwijl anderen geloven dat het een godsdienstige betekenis had. Van deze vondsten kunnen we veel leren. Allereerst laten ze zien dat er in de prehistorie belangrijke ontdekkingen werden gedaan. Gereedschap en wapens waren eerst vooral Bron 13 Kralensnoer gevonden in Exloo, met kralen uit allerlei gebieden. Deze bron bewijst dat er overzeese handel was. Bron 14 Hunebedbouwers 14
BRONWIJZERTJE Bron 15 Een tekening van jagers en verzamelaars van steen. Later kwamen de mensen erachter hoe een vuur zo heet gemaakt kon worden dat ze brons konden maken. Daarna ontdekten ze dat ijzer nog sterker was. De prehistorie wordt daarom ingedeeld in steentijd, bronstijd en ijzertijd. Ten tweede leren we van de bronnen uit de prehistorie dat de handel toen al heel belangrijk was. Omdat koper, tin en ijzer lang niet overal in de grond zitten, moest men het ergens anders vandaan halen. Handelaren trokken van dorp tot dorp om hun spullen te verkopen. Jagers en boeren in Europa Ook in Europa zijn na verloop van tijd mensen komen wonen. In Noord-Europa was landbouw eerst niet mogelijk, doordat op veel plaatsen een dikke laag ijs lag. Daarom gingen de mensen op jacht en zochten ze eetbare planten. Zij leefden als rondtrekkende jagers in groepen van maximaal 25 personen. De mannen hielden zich vooral bezig met de jacht. De vrouwen verzamelden eetbare knollen en paddenstoelen. Toen het klimaat minder koud werd, bleven de mensen meer op één plaats wonen. Ze gingen het land bewerken. Daarnaast werden runderen, geiten en schapen getemd. Zo ontstond er geleidelijk een agrarische samenleving met akkerbouw en veeteelt. In 1990 werd op het land van de Noord- Hollandse boer Cees van Berkel een bijzondere vondst gedaan: een skelet uit de steentijd dat heel goed bewaard was. Het skelet werd Cees genoemd. Later hebben wetenschappers langdurig onderzoek gedaan op het skelet en hebben zij het lichaam van Cees nagebouwd. We noemen dat reconstructie. Zelfs het gezicht van Cees is nagemaakt op basis van de botten die gevonden waren. De steentijdman is nu te zien in een museum. Ook in ons land woonden eeuwen geleden al mensen. Aan de bronnen die we van hen hebben gevonden, kun je zien dat het boeren waren die op één plek leefden. De hunebedden bijvoorbeeld zijn graven van boeren die in het huidige Drenthe leefden. De hunebedbouwers worden ook wel het trechterbekervolk genoemd, omdat ze voor het koken en bewaren van voedsel potten gebruikten die de vorm van een trechter hadden. Bron 16 Reconstructie van Cees de steentijdman VERDIEPING Agrarische revolutie Dat jagers boeren werden, is een heel belangrijke verandering. De leefwijze van de mensen werd totaal anders. Ze bleven op één plek wonen, bouwden huizen en dorpen en maakten zware voorwerpen. De gevolgen waren enorm! Zo n ingrijpende verandering in de geschiedenis noemen we een revolutie. Een revolutie hoeft niet snel te gaan, maar ze verandert wel voorgoed de samenleving. De verandering van jagers naar boeren heet de landbouwrevolutie of de agrarische revolutie. HOOFDSTUK 1 15 9
1.5 Schepping of evolutie? Hoe wordt er gedacht over het ontstaan van de aarde en het leven? Charles Darwin weet het zeker. Na jarenlange reizen en studie kan hij maar één conclusie trekken. Hij heeft het met eigen ogen gezien op de Galapagoseilanden. Dezelfde vinken, maar op elk eiland hebben hun snavels een andere vorm, die past bij het voedsel dat op dat eiland te vinden is. Het kan niet anders! Deze vogels hebben zich aangepast aan hun omgeving. En als dat zo is, kan er na een tijd uit één diersoort een hele andere diersoort ontstaan. Totaal nieuwe ideeën, die Darwin lange tijd voor zich houdt, omdat hij bang is voor de gevolgen. Want wie zegt dan nog dat God mens en dier wel gemaakt heeft? En de aarde? Evolutietheorie Charles Darwin concludeerde uit zijn onderzoek dat God de soorten niet geschapen heeft, maar dat ze vanzelf ontwikkeld zijn uit andere soorten. Dit noemen we de evolutietheorie. Andere wetenschappers gingen daarna verder met Darwins inzichten en zo ontstonden nieuwe theorieën. Bijvoorbeeld dat er een oerknal is geweest, dat de aarde in miljoenen jaren vanzelf is ontstaan en dat de mens gewoon de slimste soort zoogdier is. De meeste wetenschappers geloven dit tegenwoordig. Sommige christenen geloven ook dat er evolutie is geweest; zij zeggen dat God de evolutie geleid heeft. Bron 17 Charles Darwin Micro- en macro-evolutie Wetenschappers zeggen dat er twee soorten evolutie zijn: micro-evolutie en macro-evolutie. Micro-evolutie betekent een langzame verandering binnen de soort. De vinken die Darwin heeft gezien, zijn daarvan een voorbeeld. Het bestaan van verschillende hondenrassen met hun aparte eigenschappen is ook een vorm van micro-evolutie. Darwin heeft de micro-evolutie uitgebreid met de macro-evolutie: soorten die in andere soorten veranderen. Het bewijs daarvoor is nog nooit echt geleverd. Geloven in de Bijbel en de schepping kan niet samengaan met geloof in macro-evolutie. Maar het betekent niet dat je je ogen moet sluiten voor het feit dat Darwin vinken met verschillende soorten snavels heeft gezien. 16 Argumenten tegen de evolutietheorie Je kunt de evolutietheorie bestrijden met argumenten voor de schepping. Sommige van die argumenten heeft Darwin zelf ook al genoemd. Zo schreef hij ooit dat hij zich onpasselijk voelde worden als hij nadacht over de pauwenveer. In zijn theorie kon hij niets beginnen met de pauwenveer: zoiets moois wat geen duidelijk nut had voor de pauw, hoe kon dat ooit vanzelf ontstaan zijn? Eigenlijk is het niet logisch dat de natuur, die zo ongelooflijk mooi en ingewikkeld is, toevallig ontstaan is. Er zijn mensen die zich bezighouden met het zoeken van bewijzen voor de waarheid van de schepping. Wij noemen deze mensen creationisten. Zij zeggen dat de zondvloed een belangrijke verklaring is voor de veranderingen in diersoorten waarover Darwin schreef. Door de zondvloed is het leven op aarde heel anders geworden en dat heeft grote gevolgen gehad voor mens en dier.
Bron 18: Darwin zag op het ene eiland vinken met een korte stompe snavel, op het andere eiland juist vinken met een lange scherpe snavel. Darwin concludeerde dat dit te maken had met het aanwezige voedsel op het eiland en dus een bewijs was voor de evolutie theorie. Vertrouwen Het is erg moeilijk om te bewijzen dat God alles geschapen heeft. Gelukkig is dat ook niet nodig. Eigenlijk is de evolutietheorie ook een geloof, dat geen echte bewijzen heeft. Als christen mogen we erkennen dat we veel dingen niet weten, maar dat we wel mogen vertrouwen op de God van de Bijbel. In de Bijbel zien we de Heere, Die alles goed heeft gemaakt en Die Zelf de zonde en de verwoesting op Zich neemt. We mogen weten dat niemand op aarde hier toevallig is, zoals de evolutionisten geloven. We weten ook dat alles op aarde niet oneindig doorgaat, maar dat de Heere Jezus terugkomt om een nieuwe aarde en een nieuwe hemel te scheppen. Een geloof vol troost, waar de Bijbel onze bron voor is! Bron 19 Spotprent over de evolutietheorie: Darwin legt met een spiegel de evolutietheorie uit aan een aap. Bron 20 Kaart van de Galapagos-eilanden, waar Darwin zijn belangrijkste ontdekking deed. HOOFDSTUK 1 17
H1 Dit moet je weten 1.1 Begrip Bronnen Historicus Archeoloog Tijdvak Betekenis Overblijfselen van het verleden Iemand die de geschiedenis onderzoekt aan de hand van geschreven bronnen Iemand die de geschiedenis onderzoekt aan de hand van ongeschreven bronnen Periode in de geschiedenis met heel eigen kenmerken A Wat is een bron bij het vak geschiedenis? B Noem twee soorten bronnen. C Noem van allebei de soorten bronnen een voorbeeld. D Wat is een historicus? E Wat is een archeoloog? F Wat bedoelen we met een tijdvak bij geschiedenis? G Noem drie verschillende jaartellingen. H Leg uit dat de jaartelling die mensen gebruiken, met geloof te maken heeft. 1.2 Begrip Rivierdalbeschaving Monarchie Betekenis De oudste samenleving langs de Nijl, Eufraat en de Tigris Een samenleving waar een koning regeert A Noem de twee belangrijkste rivieren van Mesopotamië. B Noem de belangrijkste rivier van Egypte. C Wat is een rivierdalbeschaving? D Leg uit hoe het land in een rivierdalbeschaving vruchtbaar werd door de rivier. E Leg uit hoe het kwam dat mensen in rivierdalbeschavingen gingen samenwerken. F Wat is een monarchie? G Hoe kwam het dat in sommige rivierdalbeschavingen een monarchie ontstond? H Noem vier belangrijke steden uit het oude Mesopotamië. I Noem drie wereldrijken uit de Oudheid. J Noem twee zaken waarvoor het schrift werd gebruikt. K Hoe heette het schrift in Mesopotamië en hoe heette het in Egypte? 18
TIJDBALK OUDHEID 3500-3000 voor Christus: hunebedbouwers in Drenthe Schepping - 3000 voor Christus: Tijd van Jagers en Boeren 3000 voor Christus - 500 na Christus: Tijd van Grieken en Romeinen 4000 3500 3000 2500 2000 1500 1000 500 Schepping 3500 voor Christus: ontstaan stad Ur, bloeitijd Mesopotamië 2500 voor Christus: bouw piramide van Cheops 2000 voor Christus: begin bloeitijd Egypte 1800 voor Christus: Abraham Voor Chr. Na Chr. Begrip Mummie Dodengericht Piramide Polytheïsme Monotheïsme Betekenis Een lijk dat speciaal behandeld wordt om te zorgen dat het niet verteert Het oordeel waarbij de ziel van de dode voor Osiris moest verschijnen Een enorm graf van de farao, van rotsblokken gemaakt Het dienen van meerdere goden Het dienen van één god 1.3 A Noem vier goden van de Egyptenaren. B Hoe leefde volgens de Egyptenaren de ziel na de dood verder? C Wat is een mummie? D Waarom was het zo belangrijk dat de dode werd gemummificeerd? E Wat is het dodengericht? F Noem twee soorten graven van de farao s. G Wat is polytheïsme? H Wat is monotheïsme? Begrip Prehistorie Steentijd Bronstijd IJzertijd Agrarische samenleving Agrarische revolutie Betekenis Periode in de geschiedenis van een volk waarvan er geen geschreven bronnen zijn Periode in de geschiedenis van een volk waarin gereedschap en wapens van steen gemaakt worden Periode in de geschiedenis van een volk waarin gereedschap en wapens van brons gemaakt worden Periode in de geschiedenis van een volk waarin gereedschap en wapens van ijzer gemaakt worden Samenleving waarin de meeste mensen leven van akkerbouw en veeteelt Ingrijpende verandering waarbij jagers boeren worden 1.4 A Wat is de prehistorie? B Welke twee dingen kunnen we leren van de vondsten uit de prehistorie? C Noem drie periodes uit de prehistorie, in de goede volgorde. D Hoe kwamen de mensen aan eten toen er ijs lag in Noord-Europa? E Wat voor soort samenleving ontstond er in Europa toen jagers boeren werden? F Noem een groep boeren die in de prehistorie in het gebied leefden dat nu Nederland is. G Noem twee bronnen die van deze groep boeren gevonden zijn. H Wat is de agrarische revolutie? HOOFDSTUK 1 19