Beleidsplan Openbare Verlichting

Vergelijkbare documenten
Helder licht op Beesel Beleidsplan Openbare Verlichting 2016 t/m2023 Pagina van 22

*D * D

dhr. T. de Vries - Openbare werken 3. Beheer openbare ruimte

GEMEENTE BOEKEL. Onderwerp : Beleidsbeheerplan openbare verlichting 2016 gemeente Boekel

Bureau Openbare Verlichting. Lek - Merwede

Aan de Raad. 2.1 Geeft meer veiligheid voor burgers en weggebruikers.

BIJLAGE 4 TOELICHTING HOE TE VERLICHTEN BINNEN DE BEBOUWDE KOM EN BUITEN DE BEBOUWDE KOM

Landelijke regelgeving Openbare Verlichting in de gemeente Dronten

Presentatie Beleidsplan Openbare verlichting

Openbare verlichting: hoe kan het efficiënter?

Bijlage 1 bij Beleidsplan Openbare verlichting

Wegen. Foto: N374 in Borger. Gebiedsontsluitingsweg binnen de kom. Gemeente Borger-Odoorn besluit gemeenteraad: 8 maart 2018; nr. 18.

Fietspad/wandelpad. Openbare Verlichting & Verkeersregelinstallaties. >> Als het gaat om energie en klimaat

Slimme openbare verlichting Tips voor Drentse provincie en gemeente

Kwaliteit & Kosten Verlichting Openbare Ruimte

: Verantwoord en Duurzaam verlichten. Inhoudsopgave. Ontwerpbesluit pag. 3. Toelichting pag. 5. Bijlage(n): 1

Uitvoeringsplan Openbare Verlichting

Gemeente Schinnen. Openbare Verlichting gemeente Valkenburg a/d Geul

Onderwerp : Beleidsplan Openbare Verlichting

Beleidsplan OVL 2013 t/m Gemeente Eijsden-Margraten. Juli Pagina van 68

BELEIDSPLAN OVL 2014 T/M 2018

Wegen. - Erftoegangswegen. Binnen de kom in principe 30 km/uur en buiten de kom in principe 60 km/uur.

Woongebieden. Foto: Gorenweg in Buinen. Lantaarnpaal schijnt volop in het huis. Dat kan anders.

Raadsvoorstel. 1. Aanleiding

Gemeente Stein. Beleidsplan Openbare Verlichting

Onderwerp: Beleidsplan Openbare Verlichting

BIJLAGE 3 TOELICHTING ENERGIEVERBRUIK EN ENERGIEBESPARINGSOPTIES

gemeente Bunnik Bijlage 1 Notitie vervanging openbare verlichting

Raadsstuk. Onderwerp: Beleidsplan openbare verlichting Reg.nummer: 2016/ Inleiding

Duurzaamheid, Energie en Milieu

Openbare verlichting

Advies aan de gemeenteraad

Beleidskader meerjarige onderhoudsplannen

Hardenberg. Gemeente. Zaakkenmerk: Raad: 15 november 2011 Afdelingshoofd: G.D. van Lenthe

Monitoring Energieakkoord. Snel gids Invullen monitoringslijst. Snel gids Monitoring OVLVRI Energieakkoord September 2014 Pagina 1

Bestuurlijke Samenvatting. Beleidsplan Openbare Verlichting

Beleidsplan Openbare Verlichting gemeente Midden - Drenthe

Beleids- en beheerplan Openbare verlichting

Startnotitie beleidsplan en beheerplan gemeente Goeree-Overflakkee. Versie: V2_0 Status: definitief 7 december Vught, Apeldoorn, Leek

Beleidsplan Openbare verlichting

Verantwoord Verlichten. Roger van Ratingen, Consultant Ziut

Ontwikkelen. Beleidsplan. Openbare verlichting. Gemeente Haren

Beleidsplan Openbare Verlichting 2013 t/m Gemeente Bergen. Januari Pagina van 67

LED OP HET LICHT OP STRAAT. Openbare verlichting voor veiligheid maar houdt ook rekening met nachtdieren

Bedrijventerreinen. Veel parkeerterreinen bij bedrijven zijn afgesloten als het bedrijf gesloten is. Toch brandt het licht dan nog volop.

*ZE9F6A93BD7* Raadsvergadering d.d. 26 mei 2015

Inhoudsopgave. Beleidsplan Openbare Verlichting gemeente Gulpen-Wittem 2

Uitgangspuntennotitie Licht in de Openbare Ruimte gemeente Dronten

Beleid Openbare verlichting (OVL) Gemeente Stadskanaal. Henk Ensing Beleidsadviseur Team Stadsbeheer Gemeente Stadskanaal

nieuwkoop raadsvoorstel G G.A.H. Eikhuizen Beheer Openbare Ruimte ( Frans Lamfers/Cees Tas)

Gemeente Venlo. Uitvoeringsplan Openbare Verlichting

Natuur beschermd verlichten met kunstlicht

Beleidsplan Openbare Verlichting Gemeente Voerendaal 2016 t/m 2020

Foto: Het reclamebord aan de gevel is zo felverlicht dat het niet meer leesbaar is.

Evaluatie Beleidsuitgangspunten. Openbare Verlichting. Gemeente Geertruidenberg

Beheerplan Openbare verlichting

Transcriptie:

Beleidsplan Openbare Verlichting Gemeente Nederweert 2016 t/m 2020 Juli 2016 1 Pagina van 38

Documentnummer: 1 Documentversie: 1.0 Concept Datum: 28 juli 2016 Opsteller: Jac Broens Pagina 2 van 38

Voorwoord In 1999 is het eerste beleidsplan Openbare Verlichting (OV) vastgesteld. Doel van dit beleidsplan was de verlichting in de openbare ruimte te verbeteren, slechte onverzinkte lichtmasten en energieverslindende armaturen te vervangen. Om de verlichting in bestaande straten te verbeteren werden in het plan financiële middelen opgenomen, zodat de OV daadwerkelijk zou verbeteren door lichtmasten bij te plaatsen (verdichten). Echter na enkele jaren werd in het kader van noodzakelijke bezuinigen besloten de openbare verlichting niet meer te verdichten, maar uitsluitend bij knelpunten enkele masten bij te plaatsen. De overheid heeft met diverse partijen waaronder de VNG een nieuwe doelstelling op het gebied van energiebesparing afgesloten, het zogenaamde Energieakkoord. Voor gemeenten is de doelstelling op het gebied van de OV 20% energie te besparen in 2020 (peildatum 1-1-2013) en 50% in 2030. Daarnaast dient in 2020 40% van de bestaande OV voorzien te worden van slim energiemanagement (dimmen, avond-nacht, e.d.). Hier wordt in Nederweert al aan voldaan. In dit beleidsplan heeft de raad een aantal keuzes. Keuze 1: Het huidig beleid voortzetten,om de 20 jaar het armatuur vervangen en om de 45 jaar de mast. Hier gaan we de doelstelling van het Energieakkoord niet mee halen! Keuze 2: Voldoen aan het Energieakkoord, te realiseren door een gedeelte ombouwen en daarna huidig beleid handhaven. Keuze 3: In 2017gedeelte ombouwen om aan het Energieakkoord te voldoen en in 2018 alle conventionele armaturen ombouwen en vervangen door LED als er meer marktwerking is. De diverse opties zijn doorgerekend waarbij we voorstellen voor optie 3 te kiezen, direct +/-30% om te bouwen naar LED om aan het Energieakkoord te voldoen en in 2018 de gehele OV te voorzien van LED armaturen. Buiten de forse energiebesparingen is optie 3 ook financieel de aantrekkelijkste optie. Aan de gemeenteraad de keuze om hiermee in te stemmen danwel voor een andere optie te kiezen. Pagina 3 van 38

Samenvatting Inleiding De kwaliteit van de openbare verlichting is van groot belang voor de sociale veiligheid, de verkeersveiligheid en de leefbaarheid. Duisternis verhoogt de kans op vandalisme en geweld en vermindert het veiligheidsgevoel (onder andere in het verkeer). Een openbare verlichtingsinstallatie vervult in dit opzicht een belangrijke functie, mits ze aan specifieke eisen voldoet. De wegbeheerder (lees: gemeente) dient sinds de invoering van het nieuw Burgerlijk Wetboek rekening te houden met gewijzigde aansprakelijkheid. Eerder dan voorheen kan schade op de wegbeheerder worden verhaald. Dit brengt een grotere verantwoordelijkheid voor de gemeente met zich mee. Het is daarom gewenst om de openbare verlichting af te stemmen op landelijke en Europese normen en aanbevelingen. Als uitgangspunt voor deze beleidsnota is gekozen voor de Nederlandse Richtlijn Openbare Verlichting 2011, hierna genoemd ROVL-2011, uitgegeven door de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSvV) en het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN). Hoewel (nog) niet dwingend voorgeschreven, worden de aanbevelingen wel landelijk toegepast. Eerder beleid om geen lichtmasten meer bij te plaatsen, zorgt ervoor dat in bestaande straten niet altijd aan de aanbevelingen wordt voldaan. Nieuwbouw dient wel aan de ROVL 2011 te voldoen. Vanuit het oogpunt van duurzaamheid en het hiermee samenhangend belang om de CO 2 uitstoot te verminderen, is het noodzakelijk om nieuwe technologische ontwikkelingen te volgen en toe te passen. LED speelt hierbij een belangrijke rol. LED is energiezuinig en het materiaal heeft een lange levensduur. Dit levert enerzijds energiebesparing en anderzijds vermindering van onderhoud op (duurzaam). Voornamelijk de onderhoudsbesparing levert financiële voordelen op. Lichttechnisch is LED-verlichting volledig gelijkwaardig ten opzichte van conventionele verlichting met minder strooilicht en geeft zelfs een betere kleurherkenning (sociaal veiliger). Beleidspunten Het beleid voor de periode 2016 t/m 2020 is erop gericht om efficiënt invulling te geven aan de gestelde beleidskaders, zoals vastgesteld in deze evaluatie. Op basis van deze beleidskaders en de staat van de openbare verlichting is gekozen voor onderstaande beleidspunten voor de periode 2016-2020. Het in stand houden van de huidige openbare verlichting, waarbij de technische levensduur voor masten wordt gesteld op 45 jaar en voor armaturen op 20 jaar. Masten die de technische levensduur hebben bereikt, maar nog in goede staat verkeren, worden niet vervangen. Het gedeeltelijk (+/- 30%) ombouwen van paaltoparmaturen op basis van een technische levensduur (niet ouder dan 15 jaar). Hiermee wordt voldaan aan het Energieakkoord. Alle conventionele armaturen in 2018 vervangen of zoveel mogelijk ombouwen naar LED. Geen straten verdichten naar de aanbevelingen ROVL 2011. Voor knelpunten en vandalisme een budget aanhouden van 4.000,- per jaar en dit opnemen in de exploitatiebegroting. Bij nieuwbouw en reconstructie van wegen zijn aanbevelingen ROVL 2011 uitgangspunt. De besparingen op energie en onderhoud te korten op de exploitatie openbare verlichting. Bij lichtmasten in de bebouwde kommen avond/nacht schakeling toepassen of dimmen bij hogere vermogens. Soepel omgaan met verzoeken voor nachtverlichting (als straten al niet voldoen aan de aanbevelingen ROVL 2011), zeker voor het buitengebied waar niet alle masten op nacht staan. Pagina 4 van 38

Financiën In de begroting 2016 is voor de openbare verlichting voor de exploitatiekosten een bedrag opgenomen van 175.826,-, 71.000,- voor toevoeging aan de voorziening openbare verlichting en 10.417,- als rentetoevoeging aan de voorziening OV. De exploitatiekosten zijn de kosten voor energie, beheer en onderhoud. De voorziening is bedoeld voor de vervangingsinvesteringen van masten en armaturen. In 2013 is besloten de investeringen niet meer te activeren maar voortaan te sparen voor vervangingen en deze investeringen direct af te boeken. Ook is besloten de besparingen op energie en onderhoud ten gunste van de voorziening te brengen, dit laatste is echter niet gebeurd omdat de besparingen gering waren en deze moeilijk vast te stellen waren door areaaluitbreiding. Recente nieuwe regels van de BBV geven i.v.m. transparantie aan dat direct afboeken niet meer is toegestaan. Hierbij komt ook nog het besluit van de raad om geen rente toe te rekenen aan de voorziening OV en bij activering ook geen rentelast te berekenen. Gezien voorgaande argumenten wordt besloten de huidige (complexe) voorziening met alle onzekerheden(op de langere termijn) anders in te richten. Voorgesteld wordt de investeringen in 2016 nog direct af te boeken van de voorziening OV en vanaf 2017 de investeringen te activeren en de jaarlasten op te nemen in de begroting een jaar later als het uitvoeringsjaar zonder rentelast. We stellen ook voor de jaarlast en besparing over 20 jaar te berekenen in plaats van eerst 45 jaar. Door de voorziening om de 2 jaar door te rekenen kunnen schommelingen in de investeringen tijdig worden opgevangen. Na aftrek van de gemaakte kosten in 2016 kan de voorziening, dotatie 2016 en rentetoerekening vrijvallen aan de algemene middelen. Uitgangspunt voor de berekening van de diverse opties zijn (prijspeil 2016): index armaturen en masten 1,5%; gemiddeld vervangingsprijs voor armaturen bedraagt bij huidig beleid 518,-/stuk; ombouwprijs 127,50; bij vervanging alles in 1 keer bedraagt de eenheidsprijs 478,- (marktwerking); de meeste PL- Armaturen jonger dan 15 jaar kunnen omgebouwd worden; door ombouw wordt de restlevensduur van het armatuur verlengd tot 15 jaar; gemiddelde besparing per jaar per armatuur is 3,- op energie en 12,- op het onderhoud; het saldo in de voorziening bedraagt per 1-1-2016 398.834,-. Hiervan valt vrij 334.583,-. Tevens valt vrij 71.000,- + 10.417,- totaal 416.000,- naar de algemene middelen; technische levensduur armatuur 20 jaar en lichtmast 45 jaar; armaturen, ombouw armaturen en masten worden afgeschreven op hun levensduur resp. 20, 15 en 45 jaar; bij investeringen wordt een jaar later begonnen met afschrijven zonder rente; besparingen worden een jaar later dan de investering in mindering gebracht op de exploitatiekosten; in de berekening is geen rekening gehouden met areaal uitbreiding. Pagina 5 van 38

De volgende scenario s zijn mogelijk. Optie 1: Huidig beleid handhaven = masten en armaturen pas vervangen na de technische levensduur van 20 jaar respectievelijk 45 jaar De (geïndexeerde) investering in 2017 en 2018 bedraagt respectievelijk 43.113,- en 36.822,-. De besparing op de onderhoudskosten bedragen in 2019 4.311,-. De energiebesparing op korte termijn is beperkt. Het Energieakkoord in 2020 wordt maar voor 50% behaald (10 % t.o.v. 2013). Nadeel Geringe besparing op exploitatiekosten Meer uitval lampen Gehele ombouw duurt nog 15 jaar Voldoet maar 50% aan Energieakkoord Voordeel Geen kapitaalvernietiging (vervangen op levensduur) Optie 2: Voldoen aan Energieakkoord = gedeelte ombouwen en huidig beleid handhaven De(geïndexeerde) investering in 2017 en 2018 bedraagt resp. 118.244,- en 36.822,-. De (geïndexeerde) besparing op de onderhoudskosten bedragen in 2019 15.098,-. We besparen direct +/- 22% van het totale energieverbruik t.o.v. 2013. Met deze optie halen we de doelstelling in het Energieakkoord in 2020 voor 100%. Nadeel Gehele ombouw duurt nog 15 jaar Voordeel Geen kapitaalvernietiging (vervangen op levensduur) Minder uitval lampen dan optie 1 Ombouwen is duurzaam Voldoen aan Energieakkoord in 2020 Optie 3: Alles ombouwen en vervangen door LED De (geïndexeerde) investering in 2017 en 2018 bedraagt resp. 138.244,- en 690.119,-. De (geïndexeerde) besparing op de onderhoudskosten bedragen in 2018 13.824,- en in 2019 41.832,-. De energiebesparing is direct 40%. Met deze optie halen we de doelstelling van het Energieakkoord voor 100%. Nadeel Kapitaalvernietiging armaturen Voordeel Nagenoeg geen uitval meer van lampen Financieel meest gunstige optie Maximale besparing op exploitatiekosten Ruim voldoen aan Energieakkoord in 2020 Meer kleurherkenning door wit licht (sociaal veiliger) Duurzaamheidsuitstraling Gemeente Nederweert Zoveel mogelijk ombouwen is duurzaam Cumulatief bedragen de jaarlasten en besparingen voor de periode van 20 jaar: Jaarlast Besparing Verschil Optie 1 1.120.007,- 633.508,- 486.499,- Optie 2 1.026.713,- 691.652,- 335.061,- Optie 3 1.135.468,- 925.631,- 209.837,- Pagina 6 van 38

Inhoudsopgave 1 Inleiding... 9 2 Functies openbare verlichting... 10 2.1 Sociale veiligheid... 10 2.2 Verkeersveiligheid... 11 2.3 Leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit... 11 2.4 Raakvlakken openbare verlichting... 12 2.4.1 Aanstraalverlichting... 12 2.4.2 Reclameverlichting... 12 2.4.3 Visuele oriëntatie geleiding... 13 2.4.4 Donkerte... 13 3 Wet, Regelgeving en Politieke ontwikkelingen... 14 3.1 Wet en Regelgeving... 14 3.2 Ontwikkelingen... 15 3.3 Energieakkoord... 15 3.4 NSVV... 15 3.5 Raakvlakken ander gemeentelijk beleid... 17 3.6 Duurzaam Inkopen en aanbesteding onderhoudscontract... 17 4 Evaluatie... 18 4.1 Verlichtingsmiddelen... 18 4.2 Brandrooster... 18 4.3 Gerealiseerde energiebesparing... 19 5 Huidige situatie... 20 5.1 Situatieschets... 20 5.2 Verlichtingsarsenaal in cijfers... 21 5.2.1 Masten... 22 5.2.2 Armaturen... 22 5.2.3 Huidige nieuwwaarde lichtmasten en armaturen... 23 5.2.4 Energie... 24 5.2.5 Onderhoud... 24 6 Terugblik oude beleid... 25 6.1 Beleid 2011 t/m 2015... 25 7 Beleidspunten periode 2016 t/m 2020... 26 7.1 Vervangen masten en armaturen o.b.v. technische levensduur 45-20 (huidig beleid)... 26 7.1.1 Energiebesparing huidig beleid... 27 7.1.2 Energieverbruik gemeente Nederweert... 28 7.2 Kegelarmaturen met een leeftijd tussen de 12 en 15 jaar ombouwen naar LED... 29 7.2.1 Energiebesparing na ombouw bestaande kegelarmaturen naar LED... 29 7.3 Alles vervangen cq ombouwen naar LED... 30 7.3.1 Energiebesparing na alles vervangen door LED en ombouwen naar LED... 31 8 Communicatie... 32 8.1 Voorlichting beleidsplan... 32 Pagina 7 van 38

9 Beheer en onderhoud... 33 9.1 Preventief onderhoud.... 33 9.2 Correctief onderhoud.... 33 9.3 Vervangingen.... 34 9.4 Storingsafhandeling... 34 9.5 Schade door aanrijdingen en vandalisme.... 35 9.6 Beheerssysteem.... 35 10 Financiën... 36 11 Conclusies... 38 Pagina 8 van 38

Inleiding Het beleidsplan openbare verlichting is opgesteld voor de instandhouding van de openbare verlichting voor de lange termijn en om de kwaliteit van de openbare verlichting in de gemeente Nederweert de komende jaren richting te geven. Energieverbruik Het energieverbruik van de openbare verlichting wordt teruggebracht door onder meer het gebruik van betere materialen, zoals energiezuinige armaturen en eventueel dimmers. Met innovatieve lichttechnieken kan bij een relatief laag energieverbruik een hoog verlichtingsniveau worden gerealiseerd. Hierbij wordt het licht door een reflector of lensjes precies naar die plek gestuurd waar het nodig is. Dit beleidsplan schetst een beeld van de huidige situatie van de openbare verlichting in de gemeente Nederweert. Achtergronden en uitgangspunten worden toegelicht en vertaald naar toekomstig beleid met bijbehorende financiële gevolgen. Op basis hiervan kan besluitvorming op hoofdlijnen plaatsvinden. Pagina 9 van 38

Functies openbare verlichting Openbare verlichting heeft tot hoofddoel om het openbare leven bij duisternis (ca. 47% van het jaar) zo goed mogelijk te laten functioneren. Het niveau van daglicht kan met openbare verlichting niet bereikt worden, dit laatste is ook niet het doel van de openbare verlichting. Goede openbare verlichting levert een belangrijke bijdrage aan een sociaal veilige, verkeersveilige en leefbare leefomgeving (ook wel omschreven als ruimtelijke kwaliteit). functies van de openbare verlichting sociale veiligheid verkeersveiligheid leefbaarheid esthetica veilig gevoel bij burger vermindering kans op vandalisme en criminaliteit vlotte en veilige afwikkeling verkeer lage risicoaansprakelijkheid verlaging kans op ongevallen waardoor minder schades sfeer: lichtkleur vormgeving kwaliteit van de openbare verlichting De functies van de openbare ruimte bepalen mede de kwaliteitscriteria en verlichtingsniveaus van de openbare verlichting. De gemiddelde leeftijd van de Nederlandse bevolking neemt toe. Dit heeft tot gevolg dat er relatief meer senioren aan het verkeer deel gaan nemen. Mobiliteit is voor hen van groot belang voor hun kwaliteit van leven. Het is daarom van groot belang dat senioren in de gelegenheid worden gesteld om zolang mogelijk op een veilige wijze aan het verkeer deel te kunnen blijven nemen. De landelijk geaccepteerde lichttechnische eisen zijn gebaseerd op het verlichtingsniveau die een gemiddeld persoon van ca. 40 jaar nodig heeft om voldoende te kunnen waarnemen. Bij een lagere dan wel hogere leeftijd neemt dit benodigde niveau resp. af en (sterk) toe. Uit onderzoek blijkt dat met wit licht eerder gezichten herkend worden. Het eerder herkennen van gezichten vergroot het gevoel van sociale veiligheid. Daarnaast is aangetoond dat mensen zich veiliger voelen bij wit licht. Datzelfde geldt voor het toepassen van dimverlichting in plaats van avond/nacht verlichting. Dit geeft namelijk een betere gelijkmatigheid. 2.1 Sociale veiligheid Een sociaal veilige omgeving is een omgeving waarin men zich zonder direct gevoel voor dreiging of gevaar voor confrontatie met geweld kan bewegen. Bij duisternis is eerder sprake van vandalisme, openlijke bedreiging, geweld e.d. dan op klaarlichte dag (= objectieve onveiligheid). Tevens is bij duisternis eerder een gevoel van dreiging en/of gevaar aanwezig dan bij daglicht (= subjectieve onveiligheid). De openbare verlichting speelt een belangrijke rol bij het bevorderen van zowel de subjectieve als de objectieve sociale veiligheid. Pagina 10 van 38

Met het oog op de sociale veiligheid moet het verlichtingsniveau voldoende zijn en moet de verlichting evenwichtig over de ruimte verdeeld zijn (het voorkomen van 'zwarte gaten' en donkere hoekjes). Bovendien moet de openbare verlichting het mogelijk maken om tegemoet komende personen op een redelijke afstand te herkennen, waarbij ook voldoende kleurherkenning mogelijk moet zijn. Dit stelt specifieke eisen aan de openbare verlichtingsinstallatie. De meest ideale verlichting uit het oogpunt van de sociale veiligheid heeft: een polychromatische lichtbron (kleurherkenning); een breedstralend armatuur (herkenning op afstand); een relatief kleine brandpuntafstand; voldoende verlichtingssterkte; een goede lichtsterkteverdeling; een geringe verblinding; gelijkmatige verlichting. 2.2 Verkeersveiligheid Onder verkeersveiligheid wordt een veilige en vlotte afwikkeling van het verkeer verstaan. Een goed ontworpen openbare verlichtingsinstallatie zorgt voor een verkeersveiligere omgeving bij duisternis. De weg moet zodanig verlicht worden dat de situatie in de rijrichting goed te overzien is. De verkeersdeelnemers moeten het verloop van de weg en de aanwezigheid van zijwegen kunnen waarnemen. Vooral bij ingewikkelde wegsituaties zoals kruispunten en rotondes is het van groot belang om veel aandacht te besteden aan de geleiding van de weg. De eigen verlichting van auto's of fietsen verlicht slechts een klein weggedeelte en geeft pas in een laat stadium aan in welke richting de weg loopt. Het 'grootlicht' van auto's kan dit bezwaar ondervangen, maar kan zelden worden gebruikt in verband met verblinding van tegenliggers. Een evenwichtige spreiding van de verlichting is ook voor de verkeersveiligheid gewenst. Grote verschillen in verlichtingsniveau op het wegdek (donkere plekken) worden door de weggebruiker als hinderlijk ervaren en kunnen het waarnemingsvermogen negatief beïnvloeden. Een goede luminantie van het wegdek kan een belangrijke bijdrage leveren aan de zichtbaarheid van het verloop van de weg; naast verlichtingssterkte speelt hierbij ook de reflectie en doorlatingsfactor van de verharding een belangrijke rol. Deze samenhang tussen verlichtingsinstallatie en verhardingsoppervlak mag niet uit het oog verloren worden. Daarnaast dient opgemerkt te worden dat de openbare verlichting aan de ene kant de verkeersveiligheid vergroot, terwijl aan de andere kant de lichtmasten bij verkeersongevallen een gevaar kunnen vormen voor de weggebruikers. Bij de materiaalkeuze van de masten kan hiermee rekening worden gehouden. Gezien de hoogste categorie wegen gebiedsontsluitingswegen zijn, passen we geen botsvriendelijke lichtmasten toe. De meest ideale verlichting vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid heeft: een goede verlichtingssterkteverdeling (spreiding) vooral bij de wegen met overwegend een verkeersfunctie; geen verblinding; een minimale verlichtingssterkte, afhankelijk van de wegcategorie en het verhardingsoppervlak; bij de relatie tussen snel en langzaam verkeer bij doorgaande verzamelwegen zal daarentegen een hogere lichtsterkte gewenst zijn. 2.3 Leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit Een omgeving met een hoge ruimtelijke kwaliteit is een omgeving waarin de verschillende ruimtes een herkenbare en prettige sfeer hebben die past bij de functie van de ruimtes. Het is een omgeving waar men zich prettig voelt en waar men zich goed kan oriënteren. Openbare verlichting speelt een belangrijke rol bij het versterken van de herkenbaarheid, de kwaliteit, de sfeer en het karakter van de verschillende openbare ruimtes. Pagina 11 van 38

Het bewust kiezen voor verschillende soorten verlichting (qua kleur, lichtsterkte, armatuur, mast en plaatsing) voor verschillende soorten openbare ruimte benadrukt het karakter van de betreffende ruimtes en versterkt zo de 'leesbaarheid' van de stad: het vermogen om je in de stad te kunnen oriënteren. Openbare verlichting is dus een middel waarmee de ruimtelijke en functionele structuur van een stad ondersteund en benadrukt kan worden. Voorts werkt het -selectief - aanstralen van monumentale panden, bijzondere bomen en kunstwerken sfeerverhogend, evenals het toepassen van karakteristieke verlichting op bijzondere plekken (Citybeautyfication). In de praktijk blijkt meestal dat minder aanstralen juist meer opbrengt mits op de juiste wijze ontworpen. De keuze c.q. vormgeving van het armatuurtype (en eventueel de mast) als onderdeel van het straatmeubilair speelt ook uitdrukkelijk een rol bij de bijdrage die de openbare verlichting kan leveren aan de leefbaarheid. In de praktijk blijkt dat voor plaatsen waar een lager verlichtingsniveau geldt, in de regel warm wit licht als aangenamer ervaren wordt dan koel wit licht. Een ander aandachtspunt met betrekking tot de leefbaarheid bij het ontwerp van de openbare verlichting is voorts het voorkomen van instraling in woningen (lichthinder). Aandachtspunten m.b.t. het aspect leefbaarheid: vormgeving van masten en armaturen; plaatsing van de lichtpunten; kleur van het licht; wisselwerking tussen de verlichting en de te verlichten ruimte; de verhouding tot de verlichting van de omliggende ruimtes. In Nederweert bestaat het gros van de lage lichtmasten in de woongebieden uit een kegelarmatuur. Dit armatuur is functioneel/decoratief en economisch meest geschikte armatuur. Door de komst van LED armaturen komen er meer afwijkende alternatieven. Het kegelarmatuur is met name geschikt voor ombouw naar LED. Gezien de brede toepassing van LED wordt in de toekomst uitsluitend wit licht toegepast. 2.4 Raakvlakken openbare verlichting 2.4.1 Aanstraalverlichting Het aanlichten van objecten, zoals gevels en kunstwerken, kerktorens, heeft veelal als doel om het object beter zichtbaar te maken en een bijdrage te leveren aan de sfeer van de ruimte. Het onjuist aanlichten van objecten kan ertoe leiden dat de duisternis wordt aangetast. Het is van groot belang dat een lichtbundel niet buiten het te verlichten object valt. Door een object van bovenaf of van binnenuit te verlichten kan voor een groot deel worden voorkomen dat mensen, dieren en planten hinder ondervinden van eventueel strooilicht. Eerder zijn de torenverlichtingen van Ospel en Nederweert vervangen. Door met name het strooilicht te beperken is hier meer dan 60% energie bespaard. Het vervangen van de aanstraalverlichting is niet in dit plan opgenomen. 2.4.2 Reclameverlichting Reclameverlichting wordt als bijzondere verlichting soort besproken omdat dit soort verlichting niet primair bedoeld is voor het verlichten van de omgeving. Er is wel een raakvlak met de openbare verlichting, op het moment dat deze wordt gebruikt als stroombron. In Nederweert branden de meeste reclame uitingen op het OV-net en komen voor rekening van de gemeente. De gemeente heeft per 1-1-2015 een contract tot 31-12-2021 met NPB voor de exploitatie van lichtmastreclame wat voor de gemeente zorgt voor (beperkte) inkomsten. In Nederweert zijn deze inkomsten beperkt omdat de meeste doorgaande wegen in de gemeente, die interessant zijn voor lichtmastreclame, wegen zijn van andere overheden die geen lichtmastreclame toestaan. Medio 2015 zijn de bestaande lichtmastreclames vervangen door energiezuinige uitvoeringen. Helaas is de vraag naar lichtmastreclame beperkt waardoor de inkomsten beperkt zijn tot enkele duizenden euro s per jaar. Ook andere reclame uitingen komen voor zoals (bus)abri s of billboards maar hier komen de electra kosten voor derden. Pagina 12 van 38

Semi-openbare ruimte Het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) is een initiatief vanuit de politieorganisatie ter voorkoming van criminaliteit in de woonomgeving. De essentie van dit keurmerk is dat de veiligheidssituatie van een wijk wordt beoordeeld. Naast een pakket van maatregelen die betrekking hebben op woningen, worden ook eisen gesteld aan de omgevingskwaliteit van de openbare en semi-openbare ruimten (achterpaden). Het deelcertificaat Veilige Omgeving omvat ook de openbare verlichting in verblijfsgebieden inclusief eventueel aangrenzende achterpaden. De kwaliteit waaraan deze verlichting moet voldoen zijn gebaseerd op de aanbevelingen van de NSVV. De verlichting van de achterpaden is een verantwoordelijkheid van de eigenaar. De gemeente heeft nauwelijks achterpaden in eigendom. Wel zijn er in de gemeente achterpaden in eigendom van de woningbouwcorporatie die deze deels ook verlicht heeft conform PKVW. De gemeente heeft verbindingspaden die veelal voorzien zijn van oriëntatieverlichting omdat alternatieve verlichte routes beschikbaar zijn. 2.4.3 Visuele oriëntatie geleiding In bepaalde gevallen is het niet zozeer noodzakelijk om de straten aan te lichten, maar is een lichtpuntje (oriëntatiepunt) al afdoende om het doel van de verlichting (veiligheid) te waarborgen. Er zijn twee manieren om oriëntatieverlichting toe te passen, passief en actief. Passieve oriëntatieverlichting maakt gebruik van verlichting afkomstig van de auto s of fietsers zelf of markeringen en wegbebakening. Actieve oriëntatieverlichting beschikt over een eigen lichtbron. Zowel de passieve als de actieve oriëntatieverlichting worden toegepast op bepaalde obstakels (zoals rotondes en vluchtheuvels en kruispunten) en bij bochten in de op de belijning (in de vorm van kattenogen) of aan de kanten van de weg. 2.4.4 Donkerte Donkerte is in de buitenwijken en buitengebieden belangrijk voor het dierlijke nachtelijke leven. De gemeente is daarom zeer terughoudend met het verlichten van (wegen in) natuur- en buitengebieden. Hiermee wil zij de balans tussen licht en duisternis zoveel mogelijk in stand houden. Daar waar uit oogpunt van zwaarwegende verkeersveiligheidsredenen signalering gevraagd of vereist is, overweegt de gemeente eerst of zij het beoogde effect ook kan bereiken met het toepassen van oriëntatieof accentueringverlichting. Wanneer openbare verlichting noodzakelijk blijkt, beperkt de gemeente eventueel strooilicht zoveel mogelijk. Omdat in het buitengebied beperkt verlichting staat in bochten, kruispunten en bij clusters van woningen wordt geadviseerd deze wel de gehele nacht te laten branden. Als het bevorderen van de verkeersveiligheid het noodzakelijk maakt om verlichting te plaatsen, geldt als algemene regel dat deze moet worden afgestemd op de lichtbehoefte van de belangrijkste gebruikers en op het verlichtingsniveau van de omgeving. De gemeente hanteert het uitgangspunt dat het realiseren van een functionele verlichtingskwaliteit noodzakelijk is als de veiligheid van weggebruikers direct in het geding is. De verlichting moet voldoende zijn voor de betreffende situatie en zoveel mogelijk geconcentreerd op het geen daadwerkelijk verlicht dient te worden. Verder moet gebruik gemaakt worden van technologisch zo optimaal mogelijke middelen. Indien de verlichting enkel tot doel heeft navigeren makkelijker te maken, moet worden overwogen of in die situatie verlichting noodzakelijk is of dat een vorm van accentuering eveneens zou kunnen volstaan. Zeker tijdens de rustige uren gedurende de nacht Pagina 13 van 38

Wet, Regelgeving en Politieke ontwikkelingen 3.1 Wet- en Regelgeving Naast het vervullen van bovengenoemde functie moet de openbare verlichting ook voldoen aan kaders die daarvoor gesteld zijn in diverse wet- en regelgeving. Indien nieuwe wet en regelgeving van kracht wordt gedurende de looptijd van het beleidsplan is deze hiermee deze automatisch van toepassing op het onderliggende beleidsplan. Ten tijde van het opstellen van dit beleidsplan is de relevante wet- en regelgeving te onderscheiden in: landelijke inbreng o Nederlands Burgerlijk Recht: De wegbeheerder is in beginsel aansprakelijk voor door derden geleden schade als de uitrusting van de weg niet voldoet aan de eisen die daaraan in de gegeven omstandigheden gesteld mogen worden ter voorkoming van gevaar voor personen of zaken. De wegbeheerder kan in een dergelijk geval wegens nalatigheid worden aangesproken op een onrechtmatige daad (artikel 6:174 B.W.). o Elektriciteitswet: De wet omvat onder meer beheer en instandhouding van het kabelnet; de netbeheerder is belast met het in goede staat houden van dit net. De gemeente Nederweert maakt voor energievoorziening van de openbare verlichting gebruik van het gereguleerde domein (elke lichtmast vormt een aansluiting op het elektriciteitsnet). o Flora en fauna wet: De wet beschermt leefgebieden van diverse planten- en diersoorten. Als verlichting aantoonbaar verstorend is voor bepaalde soorten, kan op basis van de deze wet worden besloten dat de lichtbron aangepast of zelfs verwijderd moet worden. o Natuurbeschermingswet 2005: De wet regelt bescherming van de Nederlandse beschermde natuurmonumenten en wetlands en van de Europese Natura-2000- gebieden. o Wegcategorisering: Het wegennet in Nederland is ingedeeld in stroom-, gebiedsontsluitings- en erftoegangwegen. Europese inbreng o Afvalstoffenlijst: Op basis hiervan horen gasontladingslampen 1 tot chemisch afval, dat betekent dat ze via erkende verwerkingsbedrijven afgevoerd moeten worden. o Vogel- en Habitatrichtlijn: Hierin is aangegeven welke soorten en natuurgebieden beschermd moeten worden. De richtlijnen zijn vertaald naar de Natuurbeschermingswet (gebiedsbescherming) en Flora- en faunawet (soortbescherming). o Milieudoelstellingen: Voortvloeiend uit het Verdrag van Kyoto is afgesproken dat uitstoot van broeikasgassen zoals CO 2 in 2012 teruggebracht is tot 6% en in 2020 tot 20% onder het niveau van 1990. Tevens is afgesproken dat in 2020 20% van de verbruikte energie afkomstig moet zijn uit duurzame bronnen. (licht)technische eisen zoals ontwerprichtlijnen en constructie-eisen o Richtlijnen Openbare Verlichting ROVL 2011 1 Hieronder vallen fluorescentie-, natrium- en kwiklampen Pagina 14 van 38

o Politiekeurmerk Veilig Wonen: Het keurmerk stelt onder meer eisen aan verlichting van de openbare ruimte en achterpaden en aan de wijze waarop de openbare ruimte is ingericht. Installatieverantwoordelijke De gemeente dient conform artikel 3.4 van het ARBO besluit een installatieverantwoordelijke (IW) aan te wijzen die verantwoordelijk is dat alle elektrische installaties conform NEN3140 worden onderhouden. In deze planperiode dient schriftelijk een installatieverantwoordelijke aangewezen te worden met beschrijving van zijn verantwoordelijkheden en bevoegdheden. Zonder aanwijzing van een IW is de gemeente secretaris verantwoordelijk. Deze IW is dus verantwoordelijk voor alle gemeentelijke installaties inclusief de openbare verlichting. Overigens kan indien de gemeente de kennis niet heeft een externe aanwijzen als installatie verantwoordelijke. 3.2 Ontwikkelingen De gemeente Nederweert sluit met dit beleidsplan aan op deze laatste ontwikkelingen op het gebied van openbare verlichting. De gemeente volgt en vertaalt actief de ontwikkeling van beschikbare beleids- en beheerinstrumenten en de beschikbare kennis en inzichten op het gebied van openbare verlichting. De gemeente maakt voor de stroomvoorziening voor de OV gebruik van een onbemeten net. Met allerlei nieuwe ontwikkelingen zoals detectie en op afstand besturen en allerlei brede toepassingen op masten (denk aan oplaadpunt-wifi e.d) is dat niet mogelijk. Het ombouwen naar een bemeten net kost al gauw een investering van 30.000,- en weegt voorlopig nog niet op tegen de voordelen en energiebesparing van deze vaak dure en storingsgevoelige opties. Om deze reden zal in de planperiode niet omgebouwd worden naar een bemeten net. Ook komen er steeds meer LED lampen als vervanging. Echter hier kijken we naar proefprojecten in de omgeving of dit een alternatief is voor ombouwen. Er is namelijk twijfel of het lichtniveau en lichtsturing is. 3.3 Energieakkoord De politiek besteedt steeds meer aandacht aan openbare verlichting. Vooral het reduceren van energieverbruik en lichthinder krijgen hierbij aandacht. Minister Kamp van Economische Zaken heeft, namens het kabinet, in september 2013 het zogeheten Energieakkoord voor duurzame groei ondertekent. Het Energieakkoord is een product van ruim 40 organisaties waaronder onder anderen de Rijksoverheid, VNG, IPO, natuur- en milieuorganisaties, vakbonden, energieproducenten, netbeheerders, de bouwsector, woningcorporaties, financiële instellingen, de chemiesector en vertegenwoordigers van burgerinitiatieven. Het proces om tot dit akkoord te komen is ondersteund door de Sociaal Economische Raad. Energiebesparing vormt een kernpunt binnen dit akkoord. Het coalitie akkoord geeft aan dat het Energieakkoord wordt ondersteund. Het Energieakkoord heeft een bindend karakter. Voor de openbare verlichting wordt gestreefd naar een versnelde renovatie van het huidige, grotendeels verouderde park. Het Energieakkoord heeft daarnaast de volgende doelstellingen: ten opzichte van 2013 20% besparing leveren in 2020 ten opzichte van 2013 50% besparing leveren in 2030 in 2020 is minimaal 40% van het bestaande openbare verlichtingspark voorzien van slim energiemanagement en energiezuinige (LED-) verlichting Rijkswaterstaat verplicht zich ertoe dat per 2014 in tunnels energiezuinige verlichting wordt toegepast bij nieuwbouw en renovatie waarbij de verlichting wordt vervangen 3.4 NSVV De NSVV Commissie Openbare Verlichting houdt zich bezig met het opstellen van richtlijnen voor goede openbare verlichting. Deze commissie is samengesteld uit vertegenwoordigers van de belangenverenigingen, die in dit vakgebied werkzaam zijn, zoals beheerders, industrie en de onderzoekswereld. Daarnaast is de NSVV commissie ook gelieerd aan de NEN commissie Licht waarbij zij Pagina 15 van 38

de rol van klankbord op het gebied van Europese Standaardisatie vervult. De commissie initieert het ontwikkelen van kennisoverdracht in de vorm van congressen en workshops en stuurt werkgroepen aan die Richtlijnen en Aanbevelingen ontwikkelen. Een lijst van nu actuele richtlijnen en aanbevelingen op het gebied van openbare verlichting is op deze site www.nsvv.nl te vinden. Pagina 16 van 38

3.5 Raakvlakken ander gemeentelijk beleid De openbare verlichting heeft nog raakvlakken op ander gemeentelijk beleid zoals het Integraal Veiligheidsbeleid 2010-2013. Het doel van dit beleid is er op gericht het waarborgen van een zo veilig mogelijke gemeente (in subjectieve en objectieve zin), in samenwerking met alle partners. Ook heeft de OV raakvlakken met het openbaar groen. Bij nieuwbouw dient namelijk het bomenplan afgestemd te worden op het verlichtingsplan. Gezien de opgave dit zo efficiënt mogelijk te doen is de OV leidend. Ook vindt afstemming plaats over snoeien van bomen en struiken nabij lichtmasten. De Gemeente Nederweert wordt om de 2 jaar beoordeeld door waar staat je gemeente hierbij wordt de straatverlichting door de burger als wijkbewoner beoordeeld. Voor 2013 wordt de gemeente met een score van 7,4 beoordeeld waarbij een 7,3 de gemiddelde score is. De Gemeente Nederweert wordt dus bovengemiddeld beoordeeld. Verder heeft de OV raakvlakken met verkeersveiligheid en in mindere mate met stedenbouwkundige invulling. 3.6 Duurzaam Inkopen en aanbesteding onderhoudscontract De overheid wil concrete stappen zetten naar een duurzame samenleving en geeft zelf het goede voorbeeld. Jaarlijks besteden overheidsorganisaties meer dan 40 miljard euro aan inkopen en diensten. Door als overheid duurzaam in te kopen, krijgt de markt voor duurzame producten een stevige impuls. Rijksdienst voor ondernemend Nederland (RVO)l heeft een website (www.pianoo.nl) document ontwikkeld waarin u criteria vindt voor de productgroep Openbare Verlichting (OVL). Ook vindt u in dit document aandachtspunten voor de fase vóór en ná de inkopen, achtergrondinformatie, afwegingen bij de criteria. Op 31-12-2017 beëindigt het onderhoudscontract met servicebedrijf Ziut. De intentie is om het onderhoud op een duurzame manier aan te besteden. In ieder geval zal het beheer en onderhoud niet meer bij een partij komen te liggen. Medio 2016 en 2017 zal samen met de gemeente Leudal die dan ook contractvrij is het beheer en onderhoud apart worden aanbesteed. De gemeente maakt voor de OV al jaren gebruik van duurzame energie. Pagina 17 van 38

Evaluatie 4.1 Verlichtingsmiddelen Om inzicht te krijgen in de noodzakelijke financiële inspanningen gedurende de beleidsperiode 2016 t/m 2020, zal de actuele situatie moeten worden vastgesteld. Deze wordt gerelateerd aan de uitgangspunten van het beleidsplan 2011. De actuele situatie is gebaseerd op het OVL-bestand, peildatum juni 2015. Jaar Masten Armaturen 2011 2.998 3137 2015 3.157 3.218 Toename 159 81 Masten exclusief mastsysteem: grondspot, ANWB, wand- en gevelarmatuur, tunnelarmaturen. Armaturen exclusief: ANWB wijzers Masten (peildatum april 2014) Van de 3.157 masten hebben 18 stuks (0,6%) een technische levensduur van 45 jaar of ouder, in de beleidsperiode 2016 t/m 2020 zullen 163 masten (5,2%) hun technische levensduur bereiken. Armaturen (peildatum april 2014) Van de 3.218 armaturen hebben 9 armaturen (0,3%) een technische levensduur van 20 jaar of ouder, in de beleidsperiode 2016 t/m 2020 zullen 472 armaturen (14,7%) hun technische levensduur bereiken. 4.2 Brandrooster In de loop van 2011 is het brandrooster veranderd. Eerder brandde de verlichting tot 01.15 uur en werd in de ochtend de avondverlichting tijdelijk ingeschakeld. In 2011 stond ongeveer 67% van de verlichting op het nachtrooster geschakeld en 33% is geschakeld op het brandrooster A8 (avondverlichting). Dit heeft ondanks een uitbreiding van het areaal met een 20 tal armaturen geleid tot een vermindering van het stroomverbruik van +/- 24.500 Kwh. Er zijn naar aanleiding van de wijziging van het brandrooster weinig klachten van burgers ontvangen. Momenteel staat ongeveer 74% van de verlichting op het nachtrooster geschakeld, waarvan 30% wordt gedimd en 26% is geschakeld op het brandrooster A8. Avondverlichting wordt een half uur voor zonsondergang ingeschakeld en wordt om 00.00u uitgeschakeld. Nachtverlichting wordt een half uur voor zonsondergang ingeschakeld en gaat een half uur voor zonsopkomst uit. Pagina 18 van 38

rooster Schakeling Verlichting gehele verlichting Avond verlichting "In" "Uit" ma t/m zo (uur) ma t/m zo (uur) A8 00:00 = astronomisch "in" bij zonsondergang 4.3 Gerealiseerde energiebesparing Een van de beleidsuitgangspunten is en was om door inzet van energiezuinige armaturen (LED) met elektronische voorschakelapparatuur energie te besparen. Hierdoor wordt enerzijds een kostenbesparing gerealiseerd (stroomkosten) en anderzijds wordt het milieu minder belast. Onderstaand treft u cijfers aan van de energiebesparing, gebaseerd op het energieverbruik 2010 en 2015, thans gerealiseerd omdat bij vervanging en nieuwsplaatsing enkel nog LED wordt toegepast. 2010 2015 Besparing Aantal armaturen 3137 3218 +81 Verbruik in kwh 522.318 448.922-73.396 Gemiddeld verbruik per armatuur 167 140-27 Uit bovenstaande gegevens blijkt dat, ondanks de uitbreiding van het aantal armaturen met 81 stuks, het gemiddelde energieverbruik per armatuur in 2015 met 27 kwh per armatuur is gedaald. Door continuering van het huidige beleid zal het energieverbruik, ondanks eventuele toename van armaturen, verder afnemen. Het landelijkverbruik per lichtmast is 180 kwh. Milieu Door het huidige beleid is de uitstoot van broeikasgas, CO 2 (kooldioxide), in 2015 met 15,12 kg per armatuur gedaald. Dit is een indicatieve besparing, gebaseerd op het energieverbruik in 2015 en 2010 en toename van het aantal armaturen. Moderne verlichting en vernieuwende technieken besparen energie, verminderen de CO 2 uitstoot, gaan lichtvervuiling tegen en besparen geld voor de gemeente. Pagina 19 van 38

Huidige situatie 5.1 Situatieschets De gemeente Nederweert telt 16.793 inwoners (1 jan 2016, bron: CBS). De gemeente Nederweert is een agrarische plattelandsgemeente met een oppervlak van 10.178 ha. Buiten de hoofdkern Nederweert/ Budschop heeft zij nog enkele kleinere kernen en veel (agrarische) woonbebouwing in het buitengebied. De gemeente heeft haar ambities vastgelegd in een strategische visie. Het doel is o.a. een prettige woonomgeving te vormen met een aantrekkelijk centrum en buitengebied. We willen een forensengemeente zijn en groeien naar 18.500 inwoners in 2020. In het coalitieakkoord 2014-2018 richting geven, ruimte bieden en verbinden is duurzaamheid als onderdeel van het speerpunt toekomstbestendige omgeving benoemd en wordt ook verwezen naar het Energieakkoord dat de VNG gesloten heeft. Pagina 20 van 38

5.2 Verlichtingsarsenaal in cijfers In de gemeente Nederweert zijn 3.157 lichtmasten met 3.218 armaturen. Plaatsingsjaar Masten Armaturen <=1970 18 0 1971-1975 163 0 1976-1980 347 0 1981-1985 160 0 1986-1990 294 0 1991-1995 473 9 1996-2000 411 472 2001-2005 648 1360 2006-2010 325 602 2011-2015 318 775 Totaal 3.157 3.218 Peildatum april 2015 Projectmatige vervanging 2015 verwerkt in aantallen Pagina 21 van 38

5.2.1 Masten Van de 3.157 masten hebben 18 stuks 2 (0,6%) een technische levensduur van 45 jaar of ouder, in de beleidsperiode 2016 t/m 2020 zullen 163 masten (5,2%) hun technische levensduur bereiken. Inspectie masten Jaarlijks voert de onderhoudspartij een inspectie aan de lichtmasten uit. Tijdens deze inspectie krijgen de lichtmasten een van onderstaande drie statussen: Goed (peildatum juli 2015 100%) Matig. Slecht. Lichtmasten die de status slecht krijgen dienen direct te worden vervangen. Deze slechte lichtmasten worden aangeboden aan de gemeente ter vervanging. De lichtmasten met status matig hoeven niet direct vervangen te worden maar krijgen extra aandacht. Deze zullen minimaal 1 keer per jaar onderworpen worden aan een inspectie. Masten met de status goed verkeren in een zodanig goede staat dat deze niet jaarlijks geïnspecteerd hoeven te worden. 5.2.2 Armaturen Van de 3.218 armaturen hebben 9 armaturen (0,3%) een technische levensduur van 20 jaar of ouder, in de beleidsperiode 2016 t/m 2020 zullen 472 armaturen (14,7%) hun technische levensduur bereiken. Hier is geen sprake van achterstand maar zijn enkele speciale armaturen (bv onder viaduct) nog geschikt om langer te functioneren. 2 Inspectie toont aan dat deze nog aan de eisen voldoen. Pagina 22 van 38

5.2.3 Huidige nieuwwaarde lichtmasten en armaturen De totale vervangingswaarde van de lichtmasten en armaturen bedraagt circa 3,2 miljoen. Uitgangspunt is de gemiddelde vervangingswaarde voor zowel armaturen als masten 500,-. Peildatum april 2015 Bestand Armaturen Lampsoort Systeemvermogen(W) Aantal Huidige nieuwwaarde LED 17-27 511 255.500 PL/SL/TL 26-36 2.035 1.017.500 SON 60-100 627 313.500 SOX 101 14 7.000 CPO 70-100 17 8.500 CD 35-150 14 7.000 3.218 1.609.000 Hoge lichtopbrengst, hogere wattages, worden toegepast op verkeerswegen Hoge lichtopbrengst, efficiente lamp t.b.v. verkeerswegen Hoge lichtopbrengst, energiezuinig, kleurherkenning Tabel: Armatuur bestand, aantallen armaturen en de huidige nieuwaarde Grafiek: Armatuur bestand, aantallen armaturen en de huidige nieuwaarde Pagina 23 van 38

Bestand Masten Masthoogte Aantal Huidige nieuwwaarde 0-4 m 306 153.000 4-5 m 1.434 717.000 5-7 m 1.079 539.500 7-8 m 289 144.500 8-12 m 49 24.500 3.157 1.578.500 Tabel: mastbestand, aantallen masten en de huidige nieuwaarde 5.2.4 Energie Het totale jaarverbruik van de openbare verlichting (exclusief de torenverlichting) bedroeg in 2015 448.922 kwh, gemiddeld 140 kwh per armatuur. De energiekosten (levering en transport) bedroegen in 2015 47.300,-, gemiddeld 14,70 per armatuur. 5.2.5 Onderhoud De totale kosten voor beheer en onderhoud bedroegen in 2015 117.738,-. Hierbij zijn de kosten van vervanging niet inbegrepen. Per lichtmast bedragen de onderhoudskosten gemiddeld 37,30. Pagina 24 van 38

Terugblik oude beleid 6.1 Beleid 2011 t/m 2015 De belangrijkste beleidsdoelstellingen in het beleidsplan 2011-2015 zijn: vervangingstermijn masten 45 jaar; vervangingstermijn armaturen 20 jaar; bij nieuwbouwplannen voldoen aan de ROVL-2011; bij renovatieprojecten 1 op 1 vervanging toepassen; bij nieuwbouwplannen masten niet schilderen; reeds geschilderde masten en centrummasten worden geschilderd; verzamelwegen dimverlichting toepassen, avond/nachtverlichting uitfaseren; woongebieden huidig brandschema (A/N) aanhouden na ombouw naar LED; toepassen van LED verlichting voor verblijfsgebieden. Pagina 25 van 38

Beleidspunten periode 2016 t/m 2020 In dit hoofdstuk worden de volgende beleidsvoorstellen nader uitgewerkt: In stand houden huidige openbare verlichting op basis van de gehanteerde technische levensduur van 45 jaar 3 voor de thermisch verzinkte mast en 20 jaar 4 voor het armatuur Energiebesparing huidig beleid Kegelarmaturen met een leeftijd tussen de 12 en 15 jaar ombouwen naar LED Energiebesparing na ombouw bestaande kegelarmaturen naar LED Alle niet-led-armaturen vervangen cq. ombouwen naar LED 7.1 Vervangen masten en armaturen o.b.v. technische levensduur 45-20 (huidig beleid) In onderstaande tabellen zijn de volgende codes gebruikt: M+A = mast en armatuur vervangen A = vervangen van armatuur op basis van 20 jaar M = vervanging van mast op basis van 45 jaar Plaatsingsjaar Huidig Aantal Uit te voeren actie Investering M A 1990 1995 2000 2005 2010 2015 2020 <=1970 18 0 A M M+A 1971-1975 163 0 A M M+A 1976-1980 347 0 A A 1981-1985 160 0 A 1986-1990 294 0 A A 1991-1995 473 9 A A 1996-2000 411 472 A A 2001-2005 648 1360 A A 2006-2010 325 602 2011-2015 318 775 Totaal 3.157 3.218 330.000 Prijspeil 2016 M(ast) prijs =,473,- en A(rmatuurprijs)= 518,- Uit bovenstaande tabel blijkt dat de achterstand per 2020 gedurende de vervangingsperiode van 5 jaar op basis van een levensduur van 45 jaar voor de mast en 20 jaar voor het armatuur, 330.000,- excl. BTW bedraagt. De besparing op de energie- en onderhoudskosten bedraagt voor de periode 2016 t/m 2020 in 2021 dan 7. 658,-. 3 45 jaar op basis van huidig inzicht en inspectie 4 20 jaar op basis van energie & lichtopbrengst Pagina 26 van 38

7.1.1 Energiebesparing huidig beleid Voor de openbare verlichting wordt gestreefd naar een versnelde renovatie van het huidige armaturenbestand naar LED armaturen. Het Energieakkoord heeft daarnaast de volgende doelstellingen: ten opzichte van 2013 20% besparing leveren in 2020 ten opzichte van 2013 50% besparing leveren in 2030 in 2020 is minimaal 40% van het bestaande openbare verlichtingspark voorzien van slim energiemanagement en energiezuinige (LED) verlichting Jaarverbruik 2013 gemeente Nederweert: 470.532 kwh 20% energiebesparing: 94.106 kwh Met het huidige beleid is de totale energiebesparing t/m 2020 46.620 kwh (Energiebesparing 10%). De uitstoot van broeikasgas, CO 2 (kooldioxide), zal hierdoor met 26.107 kg afnemen Doelstelling energieverbruik wordt voor 50% behaald. Pagina 27 van 38

7.1.2 Energieverbruik gemeente Nederweert Pagina 28 van 38

7.2 Kegelarmaturen met een leeftijd tussen de 12 en 15 jaar ombouwen naar LED De leeftijd van bestaande kegelarmaturen jonger dan 15 jaar kan worden opgerekt met 15 jaar door het binnenwerk te vervangen door een LED-unit. Oudere armaturen zijn niet geschikt om nog om te bouwen. Dit kan worden gerealiseerd met kegelarmaturen met een leeftijd tussen de 12 en 15 jaar oud. Er kunnen 698 kegelarmaturen worden omgebouwd naar LED om aan het Energieakkoord te voldoen. En kunnen ook nog 152 jongere kegelarmaturen omgebouwd worden. 698 x Retro LED-unit De investering voor het ombouwen van deze 698 kegelarmaturen bedraagt 90.330,-. De besparing op de energie- en onderhoudskosten voor de periode 2016 t/m 2020 bedraagt 10.470,- per jaar. Rekening houdend met de reguliere armaturen die aan vervanging toe zijn bedraagt de besparing van 13.824,- in 2018 tot 18.770,- in 2021. 7.2.1 Energiebesparing na ombouw bestaande kegelarmaturen naar LED De energiebesparing door het ombouwen van 698 kegelarmaturen naar LED bedraagt 58.632 kwh. Deze ombouw levert een extra energiebesparing van 12,5%. De uitstoot van broeikasgas, CO 2 (kooldioxide), zal hierdoor met 32.834 kg afnemen. Bij deze ombouw in aanvulling op de armatuurvervanging op basis van leeftijd zal de doelstelling in het Energieakkoord, 20% energiebesparing in 2020 t.o.v. 2013, voor 100% gehaald worden. Pagina 29 van 38

7.3 Alles vervangen cq ombouwen naar LED Men kan er ook voor kiezen om in 2018 alle armaturen te vervangen cq. om te bouwen naar LED. Er dienen dan 2579 armaturen te worden vervangen door een LED armatuur waarvan 850 kegelarmaturen en 455 opschuifarmaturen kunnen worden omgebouwd naar LED. Dit zijn meer ombouw armaturen dan optie 2 omdat optie 2 uitgaat van het behalen van het Energieakkoord. In de aantallen is de vervanging van 2016 niet opgenomen! De totale investering voor het vervangen van 1274 armaturen bedraagt 612.252,- De totale investering voor het ombouwen van 698 kegelarmaturen naar LED bedraagt 88.995,- De totale investering voor het ombouwen van 152 kegelarmaturen + 455 armaturen 77.393,- Totale investering (prijspeil 2016) 778.640,- Kegelarmaturen ombouwen naar LED Opschuifarmaturen ombouwen naar LED Armaturen vervangen door LED Totaal aantal armaturen 850 stuks 455 stuks 1.274 stuks 2.579 stuks 1305 x Retro LED-unit 1274 armaturen vervangen door LED De besparing op de energie- en onderhoudskosten bedraagt 40.605,- (prijspeil 2016). Gedurende de periode 2016 t/m 2020 bereiken 181 lichtmasten de leeftijd van 45 jaar waarvan er 20 vervangen moeten worden in 2016. Maar uit inspecties blijkt dat ze nog in goede staat zijn. Bij de ombouw zal kritisch gekeken worden om er toch een aantal te vervangen. Daarom gaan we uit van 58 stuks te vervangen (werk met werk maken!). Pagina 30 van 38

Inspectie masten Jaarlijks wordt een inspectie aan de lichtmasten uitgevoerd. Tijdens deze inspectie krijgen de lichtmasten een van onderstaande drie statussen: Goed Matig Slecht Lichtmasten die de status slecht krijgen dienen direct te worden vervangen. Deze slechte lichtmasten worden aangeboden aan de gemeente ter vervanging. De lichtmasten met status matig hoeven niet direct vervangen te worden maar krijgen extra aandacht. Deze zullen minimaal 1 keer per jaar onderworpen worden aan een inspectie. Masten met de status goed verkeren in een zodanig goede staat dat deze niet jaarlijks geïnspecteerd hoeven te worden. 1 keer in de vijf jaar zullen alle masten worden geïnspecteerd. 7.3.1 Energiebesparing na alles vervangen door LED en ombouwen naar LED De energiebesparing door het ombouwen van 850 kegelarmaturen en 455 opschuifarmaturen naar LED en het vervangen van 1.274 armaturen door LED bedraagt 189.490 kwh. Deze vervanging levert een totale energiebesparing op van 40%. De uitstoot van broeikasgas, CO 2 (kooldioxide), zal hierdoor met 106.114 kg afnemen. Dit is de meest duurzame optie. Bij deze ombouw in aanvulling op de armatuurvervanging op basis van leeftijd zal de doelstelling in het Energieakkoord, 20% energiebesparing in 2020 t.o.v. 2013, voor 100% gehaald worden. Bij deze ombouw in aanvulling op de armatuurvervanging op basis van leeftijd zal de doelstelling in het Energieakkoord, 50% energiebesparing in 2030 t.o.v. 2013, voor 80% gehaald worden. Pagina 31 van 38

Communicatie In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het belang van goede communicatie over de openbare verlichting. Op het gebied van verlichting zijn er veel belanghebbenden. Burgers nemen een belangrijke plaats in, maar ook interne afdelingen betreffende veiligheid, energiebeleid en openbaar groen. Omdat het voornamelijk gaat over het verduurzamen van het areaal zijn burgers er vooraf niet bij betrokken. Wel is het noodzakelijk hun goed te informeren over de keuzen die gemaakt worden. Tevens kan de gemeente hiermee een goede voorbeeldfunctie vervullen door energiebesparende maatregelen te nemen. Draagvlak De realisatie van dit beleidsplan hangt mede af van de mate van politiek draagvlak. Het politieke draagvlak moet er zijn omdat in het coalitie akkoord 2014-2018 duurzaamheid en het Energieakkoord zijn benoemd. Ook heeft de raad al eerder gevraagd naar het verduurzamen van de openbare verlichting. 8.1 Voorlichting beleidsplan Het is belangrijk dat er duidelijkheid heerst bij de inwoners, bedrijven en instellingen over de inhoud en de gevolgen van het plan. Hiertoe is het noodzakelijk dat de essentiële onderdelen van het plan, die directe gevolgen hebben voor bewoners, bedrijven en in de gemeente gevestigde instellingen, gepubliceerd worden op de gemeentelijke website of weekblad. Ook zal het rapport ter inzage worden gelegd op het gemeentehuis en via de website raadpleegbaar zijn. Indien er in het kader van dit plan, of in samenhang met andere gemeentelijke Projecten, werkzaamheden worden verricht, dan worden burgers vooraf geïnformeerd via de gebruikelijke kanalen als weekblad, website en twitter. Pagina 32 van 38

Beheer en onderhoud Om de gemeente onder andere zoveel mogelijk te vrijwaren voor aanspraken op basis van gevolgen van slechte openbare verlichting, moet ze de openbare verlichting in een goede staat houden door het verrichten van onderhoud. Daartoe moet er niet alleen een plan tot vervanging van oude masten en armaturen bestaan, maar tevens moeten de bestaande componenten bij gebreken incidenteel vervangen worden en storingen worden opgelost. De gemeente is economisch eigenaar van de verlichtingsinstallaties. De verantwoordelijkheid voor de openbare verlichting is bij de gemeente ondergebracht bij de afdeling Samenleving. Aanleg, beheer en onderhoud van de verlichting wordt door Provider Ziut BV uitgevoerd op basis van lopende contracten. De overeenkomsten met MEGA Limburg, de rechtsvoorganger van Ziut BV, zijn aangegaan in 1993 door alle gemeenten in Limburg. In 1998 heeft de gemeente een wijzigingscontract gesloten waarin de werkzaamheden en voorwaarden zijn opgenomen. Het contract is in 2013 opgezegd en loopt t/m 31 dec 2017. Het onderhoud kan worden opgesplitst in drie delen. 9.1 Preventief onderhoud Hieronder verstaan we: het schilderen van de stalen lichtmasten (waar nog van toepassing); het groepsgewijs vervangen van lampen (groepsremplace). Armaturen worden gelijktijdig met de vervanging van de lampen gereinigd. Tevens vindt gelijk inspectie plaats; het invetten van sluitingen van de deurtjes in de masten tijdens de groepsgewijze lampvervangingen; schouwen van de OV in de nachtelijke uren. Indien gekozen wordt voor vervanging door LED is geen sprake meer van groepsremplace. 9.2 Correctief onderhoud Hieronder verstaan we: het vervangen van defecte onderdelen van lichtmastcombinaties; het herstellen van storingen in het OVL-net in samenwerking met de netbeheerder; het vervangen van materialen als gevolg van aanrijdingen en vernielingen; het periodiek opnemen van de status van de lichtmastcombinaties. Pagina 33 van 38

Omdat het beheer en onderhoud opnieuw wordt aanbesteed en de nieuwe beheerpartij ons gaat adviseren hoe het onderhoud het beste in de markt gezet kan worden kunnen bovenstaande werkzaamheden vanaf 2018 anders ingevuld worden. Zeker als we straks uitsluitend LED armaturen hebben zal het onderhoud iets anders georganiseerd worden. 9.3 Vervangingen Vervangingen zijn de meest verregaande vorm van onderhoud. Enerzijds is er in dit geval sprake van vervanging van lichtmasten en armaturen vanwege einde levensduur, anderzijds gaat het bij vervangingen om grootschalige omvormingen, respectievelijk aanpassingen van de bestaande verlichtingsmiddelen en soms verlichtingsniveaus om deze te laten voldoen aan het vastgestelde beleid in dit beleidsplan. 9.4 Storingsafhandeling Ten behoeve van het verhelpen van storingen en schades aan de openbare verlichting dienen ambtenaren, burgers van Nederweert en politie terecht te kunnen bij het storingsmeldpunt van de serviceprovider dat vierentwintig uur per dag en zeven dagen per week bereikbaar is. Urgente storingen die een gevaarlijke situatie veroorzaken dienen direct of uiterlijk binnen enkele uren na melding veiliggesteld te worden. Iedere storings- en schademelding dient geregistreerd en afgehandeld te worden in een beheersysteem. Bovendien dient de gemeente te allen tijde toegang te hebben tot het beheersysteem, zodat de managementinformatie vrij beschikbaar is voor de gemeente Nederweert. Uitgevoerde werkzaamheden dienen te worden vastgelegd in het beheersysteem en worden weergegeven op een maandelijkse rapportage of via het systeem door de gemeente op te vragen zijn. Storingsmeldpunt Correctief onderhoud dient bij de serviceprovider 24 uur per dag, 7 dagen in de week te worden gemeld. Op dit moment kan de burger zijn melding alleen kwijt via het KCC die vervolgens de melding in een webportal kan plaatsen. Bij de aanbesteding van een nieuwe beheerder moet ook een burger online een melding direct kunnen plaatsen in een webportal. Ondergrondse storingen (Enexis) Storingen in de openbare verlichting zijn te verdelen in twee categorieën. De eerste categorie is een storing in de lichtmast zelf, het zogenaamde bovengrondse deel. De tweede categorie storingen heeft betrekking op het zogenaamde ondergrondse deel. Hieronder wordt verstaan het OV-net of de aansluiting van de lichtmast. De servicenormen met betrekking tot de storingen zijn alleen van toepassing op de storingen in het ondergrondse deel. Voor het oplossen van de storingen in het ondergrondse deel is Enexis Netwerk verantwoordelijk. Om de voortgang bij storingen en communicatie bij het oplossen van OV-storingen aan het ondergrondse deel te bevorderen is er een servicenorm geïntroduceerd door Enexis Netwerk. Deze servicenorm geldt voor het hele verzorgingsgebied van Enexis Netwerk en het belangrijkste element in deze norm is de communicatie tussen gemeente en Enexis netwerk over aanmelding, prioritering en het inplannen van elke OV-storing. Pagina 34 van 38

9.5 Schade door aanrijdingen en vandalisme Ten behoeve van de schadeafhandeling worden de volgende werkzaamheden uitgevoerd: het vastleggen van schadegevallen; het beoordelen op basis van expertise of er sprake is van schade door vernieling of schade als gevolg van een aanrijding; het verzamelen van dossierstukken conform de richtlijnen van het Waarborgfonds; het verzorgen van de aangifte en het opvragen van het proces-verbaal bij de politie; het indienen van een kopie van het schadeaanrijdingsformulier / Europees schadeformulier, rapportage en een raming van de herstelwerkzaamheden aanrijdingschade; zorg dragen voor het vervangen van alle defecte onderdelen inclusief de hoofdonderdelen (mast, uithouder en armatuur). Indien van toepassing het overzetten van gemonteerde bebording en/of lichtbakken, en het eventueel hernummeren van de lichtmast; in overleg treden met de directie, voor het plaatsen van een tijdelijke mast of armatuur indien het niet reguliere materialen betreft en het schadeherstel niet kan plaatsvinden; het muteren in het geautomatiseerde beheersysteem. 9.6 Beheersysteem De gemeente beschikt (via de provider) over een beheersysteem hetgeen een internetapplicatie is waarmee het volledige storingen/schade proces door de gemeente kan worden gevolgd. Daarnaast zijn de actuele bestandsgegevens te downloaden. Dit betekent dat de belangrijkste informatie altijd beschikbaar is. In het beheersysteem vindt men de volgende elementen terug: het lichtmastnummer; de locatie (gemeente, plaats/kern, straat, indien bekend huisnummer, type van het lichtpunt); materiaal, hoogte van de lichtmast en plaatsingsdatum, status in bedrijf of niet; fabrikaat, type, aantal en plaatsingsdatum van de armatuur; fabrikaat, type, vermogen aantal en plaatsingsdatum van de lamp; remplacedatum; schilderdatum; brandrooster e.d.; datum van melding storing; datum van herstel; ondergrond met bolletjestekening. De onderstaande werkzaamheden kunnen met behulp van het beheersysteem worden uitgevoerd, t.w.: het registreren en bijhouden van het digitale OV bestand van de openbare verlichting; het muteren van geplaatste, verwijderde of gewijzigde masten, armaturen en/of lampen in het OV-bestand; het verzorgen van statistische gegevens uit het statistiekbestand; het bijhouden van de bolletjestekening. Pagina 35 van 38

Financiën In de begroting 2016 is voor de openbare verlichting een bedrag opgenomen van 175.826,- voor de exploitatiekosten en 71.000,- voor dotatie aan de voorziening OV en 10.417,- rentetoerekening aan de voorziening OV. De exploitatiekosten zijn de kosten voor energie en onderhoud en de voorziening is bedoeld voor de (toekomstige) vervangingsinvesteringen van masten en armaturen. Bij vaststelling van het beleidsplan 2011 2015 is besloten de investeringen niet meer te activeren maar voortaan te sparen voor vervangingen en deze investeringen direct af te boeken. Ook is afgesproken de besparingen ten gunste van de voorziening te brengen, dit laatste is echter niet gebeurd omdat de besparingen gering waren en door areaaluitbreiding de besparingen lastig vast te stellen zijn. Doordat de rente door marktomstandigheden is verlaagd van 4 naar 2,5% is de voorziening in 2015 verhoogd van 65.000,- naar 71.000,-. Door recente nieuwe regels van de BBV is het niet meer toegestaan om investeringen ineens af te boeken. De gemeente wil geen rente meer toerekenen aan de voorziening OV en geen rente berekenen over de jaarlast van de investering. Om deze redenen adviseren we de voorziening na van aftrek van gemaakte kosten in 2016 en de dotatie en rente toerekening vrij te laten vallen aan de algemene middelen. De (complexe)voorziening niet meer door te rekenen over een periode van 45 maar 20 jaar. Gezien de ontwikkelingen op het gebied van LED zijn in het beleidsplan 3 opties doorgerekend en gaan we uit van de volgende uitgangspunten: index energie en onderhoud 1,5%; index armaturen en masten 1,5%; geen rente toe rekenen aan de jaarlast; gemiddeld armatuurprijs bij huidig beleid 518,- en bij alles in een keer 478,-; ombouwprijs 127,50 met een restlevensduur van 15 jaar! (armaturen 5-15 jaar oud!); gemiddelde besparing per jaar per armatuur is 3,- op energie en 12,- op onderhoud; het bedrag in de voorziening openbare verlichting bedraagt per 1-1-2016 398.834,-; technische levensduur armatuur 20 jaar en lichtmast 45 jaar; er wordt op de levensduur afgeschreven zonder rentelast; er wordt over een periode van 20 jaar een berekening gemaakt van jaarlast en besparingen; in de berekening is geen rekening gehouden met areaal uitbreiding!; om de 2 jaar de berekening actualiseren en benodigde kredieten met hun afschrijving bijstellen. Optie 1 huidig beleid handhaven = masten en armaturen pas vervangen na de technische levensduur van 20 jaar resp. 45 jaar De (geïndexeerde) investering in 2017 en 2018 bedraagt resp. 43.113,- en 36.822,-. De besparing op de onderhoudskosten bedragen in 2019 4.311,-. Pagina 36 van 38

Optie 2 Voldoen aan Energieakkoord = gedeelte ombouwen en huidig beleid handhaven De(geïndexeerde) investering in 2017 en 2018 bedraagt resp. 138.244,- en 36.822,-. De (geïndexeerde) besparing op de onderhoudskosten bedragen in 2019 15.098,-. Optie 3 alles ombouwen en vervangen door LED De (geïndexeerde) investering in 2017 en 2018 bedraagt resp. 138.244,- en 690.119,-. De (geïndexeerde) besparing op de onderhoudskosten bedragen in 2019 41.832,-. Gaan we nu de beschouwde periode van 20 jaar bekijken en de jaarlast en besparing cumuleren Jaarlast besparing verschil Optie 1 1.120.007,- 633.508,- 486.499,- Optie 2 1.026.713,- 691.652,- 335.061,- Optie 3 1.135.468,- 925.631,- 209.837,- Voorgesteld wordt te kiezen voor optie 3, alles ombouwen en vervangen als meest gunstige optie zowel financieel gezien als qua energiebesparing. Daarbij komt nog dat de in de begroting opgenomen dotatie, rentetoerekening en de voorziening na aftrek van kosten in 2016 kunnen vrijvallen voor de algemene middelen. De begrote exploitatiekosten 2018 en 2019 van 181.140,- resp. 183.856,- kunnen dan dalen met 13.824,- en 41.832,-. Voor 2017 bedragen de kredieten: Masten 4.801,- met een jaarlast van 107,- (45 jaar) Armaturen 43.113,- met een jaarlast van 2.156,- (20 jaar) Ombouw armaturen 90.330,- met een jaarlast van 6.022,- (15 jaar) Voor 2018 bedragen de kredieten: Masten 23.390,- met een jaarlast van 520,- (45 jaar) Armaturen 586.997,- met een jaarlast van 29.350,- (20 jaar) Ombouw armaturen 79.732,- met een jaarlast van 5.315,- (15 jaar) Pagina 37 van 38

Conclusies 1. Bestaand beleid handhaven Nadelen Voldoet maar voor 50% aan het Energieakkoord in 2020 Gehele ombouw naar LED duurt nog 15 jaar Geringe besparing op exploitatiekosten Meer uitval van lampen Voordelen Geen kapitaalvernietiging Alleen armaturen vervangen op basis van einde technische levensduur 2. Bestaand beleid handhaven en aanvullend armaturen ombouwen in 2016 Nadelen: Minder uitval van lampen t.o.v. optie 1 Gehele ombouw naar LED duurt nog 15 jaar Voordelen: Doelstellingen energiedoelstelling worden gehaald (20% in 2020 t.o.v. 2013) Oprekken van leeftijd armaturen door ombouwen naar LED is duurzaam Meer besparing op exploitatiekosten t.o.v. optie 1 Geen kapitaalvernietiging 3. Alles vervangen door LED armaturen en zoveel mogelijk ombouwen in 2016 Nadelen: Voordelen Kapitaalvernietiging armaturen. Nagenoeg geen uitval defecte lampen Doelstellingen Energieakkoord in 2020 worden gehaald Financieel meest gunstige scenario Maximale besparing op exploitatiekosten Meest duurzame oplossing Oprekken van leeftijd armaturen door zoveel mogelijk ombouwen naar LED Meer kleurherkenning (alles wit licht). Modern OVL areaal Duurzaamheidsuitstraling Gemeente Nederweert Pagina 38 van 38