Uitkomststuring in de Wmo workshop symposium de Menselijke Maat - Arcon 25 November 2013 Lucienne Berenschot Leo van der Geest
Inleiding NYFER doet onderzoek naar de mogelijkheden om uitkomststuring te introduceren in de WMO, gefinancierd door het Transitiebureau Wmo en de gemeenten Alkmaar, Apeldoorn, Enschede, Tilburg en Zaanstad. De aanpak voor uitkomststuring bestaat uit: meetbaar maken van zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie van mensen met een beperking, zodat de maatschappelijke uitkomsten van de Wmo ondersteuning zichtbaar worden en bruikbaar als leidraad voor beleidsontwikkeling en inkoop ; maatschappelijke uitkomsten, financiering en organisatie van de ondersteuning aan elkaar relateren zodat gemeenten doelgericht kunnen sturen. IPA als meetinstrument Het rapport Sturing op uitkomsten in de Wmo investeren in maatschappelijke participatie is gepubliceerd op de website van het Transitiebureau Begeleiding in de Wmo. De Impact op Participatie en Autonomie vragenlijst is een bestaand instrument dat (zelf)redzaamheid en participatie meet bij de betrokken mensen zelf, en vanuit hun eigen perspectief. De resultaten van de IPA maken inzichtelijk hoe mensen functioneren op het gebied van zelfverzorging, mobiliteit, sociale contacten en relaties, opleiding, werk en inkomen, het voeren van een huishouding, vrijetijdsbesteding. Periodieke toepassing van de IPA maakt het mogelijk om de effecten van ondersteuning en beroep op eigen kracht te volgen en zo inzicht te ontwikkelen in de effectiviteit van het gevoerde beleid. Dat is belangrijke feedback om de omslag in maatschappelijke ondersteuning - van zorgen voor naar zorgen dat, op verantwoorde wijze door te ontwikkelen in de komende jaren. NYFER voert een pilot met de IPA uit onder doelgroepen die van de Awbz naar de Wmo gaan. De resultaten daarvan zijn voorjaar 2014 bekend.
Uitkomstmeting, financiering en organisatie Sturing op maatschappelijke uitkomsten vergt, naast het meten van de uitkomsten, ook dat de organisatie en financiering van maatschappelijke ondersteuning zo worden ingericht dat zij optimale uitkomsten bevorderen. In de economische organisatietheorie wordt dit geïllustreerd met het model van de kruk : elk van de drie poten moet afgestemd zijn op de doelstellingen en de poten moeten onderling in balans zijn. Gemeenten moeten proberen de gecreëerde maatschappelijke waarde per geïnvesteerde euro te optimaliseren (zie figuur) bij een gegeven budget. Dat is een wezenlijk andere invalshoek dan sturen op beheersing van het budget alleen! Zelfredzaamheid, Maatschappelijke participatie Minder collectieve uitgaven Uitkomstmeting Organisatie Financiering. waarde van ondersteuning Naarmate meer inzicht bestaat in de gerealiseerde uitkomsten, kan in de organisatie meer vrijheid aan aanbieders worden gegeven. Doorslaggevend is de beloningssystematiek: een premie op ontzorgen is de sleutel om bevordering van zelfredzaamheid ook voor aanbieders interessant te maken. Uitkomstmeting bij cliënten is daarbij een noodzakelijke randvoorwaarde om onverantwoord ontzorgen te voorkómen
Oefening aan de hand van stellingen Uitkomststuring vergt een wezenlijke omslag in het denken over mensen met een beperking, maatschappelijke ondersteuning en de inrichting van het stelsel. In de praktijk blijkt het niet mee te vallen om ingesleten patronen in denkwijzen en handelen los te laten. Toch is dat een vereiste om de decentralisatie Awbz-Wmo van een transitie tot een transformatie te maken. Met alleen een transitie gaan gemeenten de Awbz aansturen maar verandert er verder wezenlijk niet veel. Door de budgetkorting wordt het wel minder, maar niet anders: het bezuinigingsmodel. Bij een transformatie worden wezenlijke veranderingen nagestreefd: niet de professionals, maar de betrokken mensen zélf worden centraal gesteld. Niet de ondersteuning, maar het maatschappelijk functioneren van mensen met een beperking is het doel. De dominante richting is niet vanuit de maatschappij naar zorg en ondersteuning, maar mét zorg en ondersteuning een volwaardige rol in de maatschappij behouden of herwinnen. Niet het beheersen van de uitgaven, maar het optimaliseren van de resultaten die met een gegeven budget worden bereikt staat voorop. Zorg en welzijn zijn geen apart domein maar werken samen met andere beleidsvelden om een inclusieve samenleving te bevorderen en de maatschappelijke welvaart te vergroten. Aan de hand van stellingen hebben deelnemers gediscussieerd welke denkbeelden passen bij een transitie- dan wel transformatiemodel.
Discussiestellingen HOOFDDOEL = KOSTENBEHEERSING HOOFDDOEL = ZELFREDZAAMHEID en MEETELLEN IN DE SAMENLEVING MEER INTEGRALITEIT BIJ AANBIEDERS INWONERS MOETEN HUN GEDRAG VERANDEREN ZELFREDZAAM BEN JE, OF NIET MEER INTEGRALITEIT IN GEMEENTELIJK BELEID EN FINANCIERING PROFESSIONALS MOETEN HUN WERKWIJZE VERANDEREN ZELFREDZAAMHEID KAN JE LEREN 1 E LIJN VÓÓR 2 E LIJN 1E EN 2E LIJN ZIJN FICTIEVE BEGRIPPEN IN DE WMO SPECIALISTISCHE KENNIS IS DUUR MINDER MENSEN IN DE ZORG (2 E LIJNS ONDERSTEUNING) GEMEENTE EN AANBIEDERS EVALUEREN ONDERSTEUNING MINDER AANBIEDERS BEVORDERT EFFICIËNTIE IN WMO DE GEMEENTE BEPAALT VERGOEDING O.B.V. BUDGET EN VRAAG EIGEN KRACHT = KAPITAALKRACHT ( ) OF BESCHEIDENHEID POORTWACHTERS BESPAREN GELD SPECIALISTISCHE KENNIS IS WAARDEVOL MEER MENSEN KOMEN STERKER UIT DE ONDERSTEUNING MENSEN ZELF EVALUEREN HUN DAGELIJKS FUNCTIONEREN VEEL AANBIEDERS BEVORDERT EFFICIËNTIE IN DE WMO GEMEENTE LAAT AANBIEDERS OFFREREN OP AANPAK, UITKOMSTEN EN KOSTPRIJS EIGEN KRACHT = EEN VOLWAARDIGE ROL VERVULLEN POORTWACHTERS KOSTEN GELD WMO BUDGET IS BEGRENSD WMO en PARTICIPATIEWET: 1 + 1 = 3 BELONEN VOOR VERRICHTE ARBEID BELONEN VOOR RESULTAAT