FOSSIELE BRANDSTOFFEN



Vergelijkbare documenten
Energievoorziening Rotterdam 2025

Biomassa: brood of brandstof?

Net voor de Toekomst. Frans Rooijers

Onze energievoorziening in feiten: mythes, nieuwtjes en kansen. Heleen de Coninck, 13 september 2011

Wat zijn voor Nederland de argumenten voor en tegen CO2-afvang en -opslag (CCS*)?

Gas als zonnebrandstof. Verkenning rol gas als energiedrager voor hernieuwbare energie na 2030

Energy2050NL Klimaatneutraal energiesysteem. Frans Rooijers - directeur CE Delft

Emissiekentallen elektriciteit. Kentallen voor grijze en niet-geoormerkte stroom inclusief upstream-emissies

Waterstof: de energiedrager van de toekomst. Frank de Bruijn. Waterstof. Een Gas Kleurloos;Geurloos;Niet Giftig; Brandbaar

Waterstof, het nieuwe gas. Klimaatneutraal is de toekomst Frans Rooijers directeur CE Delft

WORLD ENERGY TECHNOLOGY OUTLOOK 2050 (WETO-H2) KERNPUNTEN

Overzicht lessenserie Energietransitie. Lessen Energietransitie - Thema s en onderwerpen per les.

Boeren met energie. 11 November 2010

Duurzame biomassa. Een goede stap op weg naar een groene toekomst.

Duorsume enerzjy yn Fryslân. Energiegebruik en productie van duurzame energie

werkdocument rijksdienst voor de ijsselrneerpolders J. Nicolai Cdw ministerie van verkeer en waterstaat

Inleiding: energiegebruik in bedrijven en gebouwen

Alternatieve energiebronnen

WKK en decentrale energie systemen, in Nederland

NEW BUSINESS. Guy Konings

Rendementen en CO -emissie van elektriciteitsproductie in Nederland, update 2012

H-vision Blauwe waterstof voor een groene toekomst Alice Krekt, programmadirecteur Deltalinqs Cimate Program

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN

Leerlingenhandleiding

H2ECOb/Blm HOE KAN DE ENERGIETRANSITIE WORDEN GEREALISEERD? Probleemstelling

Insights Energiebranche

Klimaatneutrale gemeenten. Frans Rooijers - directeur CE Delft

Productie van hernieuwbare energie in de woning/wijk

Kernenergie. kernenergie01 (1 min, 22 sec)

De warmtemarkt van morgen: rol van gas, elektriciteit en warmtedistributie bij verwarming van woningen.

Grootschalige introductie van micro wkk systemen. Harm Jeeninga ECN Beleidsstudies

RACEN met... WC-papier

MIC / LEI. 15 augustus Maarten Bouwer

Hernieuwbare Energie na Frans Rooijers - directeur CE Delft

Zonder kernenergie of fossiel, kan dat? Frans Rooijers directeur CE Delft

Vloeibaar aardgas - Liquid Natural Gas (LNG) Voordelen en uitdagingen. Jan Van Houwenhove 3 December 2015

van aardgasbuffer naar energiehub

Intersteno Ghent Correspondence and summary reporting

Brandstofcel in Woning- en Utiliteitsbouw

Gas is geen aardgas, en hard nodig. Frans Rooijers - 4 november 2016

Gas op Maat. Postbus 250, 3190 AG Hoogvliet Rotterdam Telefoon +31(0)

Beleggen in de toekomst. de kansen van beleggen in klimaat en milieu

Duurzame Industrie. De ombouw van energie-intensief naar energie-efficiënt

Prof. Jos Uyttenhove. E21UKort

Power to gas onderdeel van de energietransitie

1.5 Alternatieve en gasvormige brandsstoffen

WAAR MOETEN WE VERSNELLEN?

Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso,

De kleur van stroom: de milieukwaliteit van in Nederland geleverde elektriciteit

Lessenserie Energietransitie

De energietransitie in internationaal perspectief Dr. Ir. Martien Visser, lector energietransitie, Hanzehogeschool Groningen.

M A R K T M O N I T O R E N E R G I E - juni 2012

Presenta/e door Jan de Kraker - 5 mei Energie in Beweging

Elektrische auto stoot evenveel CO 2 uit als gewone auto

Transport in 2050 binnen strenge CO2 grenzen

Raadsakkoord energietransitie. April 2019

Provinciaal klimaat- en energiebeleid: doelen, emissies, maatregelen. Robert Koelemeijer - PBL

Biomassa. Pilaar in de energietransitie. Uitgangspunt voor de biobased economie

Duurzame energie in balans

ELW. Dé compacte oplossing in uw energievraagstuk. Productinformatie Remeha ELW

Waterstof. Hoe het kleinste element in het periodiek systeem een grote drijvende kracht vormt voor de energie- en chemische industrie transitie

De kosten van de energietransitie, en: kansen voor de gasindustrie. Martien Visser Lector Energietransitie & Netwerken. Hanzehogeschool Groningen

Universiteitsdagp. Nanomaterialen voor een duurzame toekomst? zaterdag 1 april Prof. Petra de Jongh Jessi van der Hoeven

De ontwikkeling van Smart grids. Our common future. Prof.dr.ir. Han Slootweg. 30 september 2016

Curaçao Carbon Footprint 2015

Energievoorziening nieuwbouw. Hans van Wolferen 24 november Wageningen

LNG is meer dan een nieuwe brandstof Het is pure concurrentiekracht... LNG, de brandstof van de toekomst is nu beschikbaar

Transitie naar een. CO -neutrale toekomst

de 6 belangrijkste misvattingen op de weg naar een 100% duurzame energievoorziening

Nulmeting energiegebruik en duurzame energie

Elektrische energie. energie01 (1 min, 47 sec)

De opwarming van de aarde

1 Nederland is nog altijd voor 92 procent afhankelijk van fossiele brandstoffen

VOORSTEL VAN RESOLUTIE

De opkomst van all-electric woningen

Men gebruikt steeds meer windenergie in Nederland. Er wordt steeds meer windenergie gebruikt in Nederland.

Van fossiele brandstoffen naar waterstof: de overgang

Transcriptie:

FOSSIELE BRANDSTOFFEN

De toekomst van fossiele energiebronnen W.J. Lenstra Inleiding Fossiele energiebronnen hebben sinds het begin van de industriele revolutie een doorslaggevende rol gespeeld in onze energievoorziening. Fossiele energie is compact, goedkoop en ruim voorradig in vergelijking met de bronnen die voorheen werden gebruikt (windkracht, dierkracht, turf, watermolens). Ook de spreiding van de vindplaatsen over de wereld is ruim. Vrijwel elk Europees land kon vroeger beschikken over eigen kolenvoorraden tegen kosten die toen relatief laag waren. De fossiele bronnen hebben ook schaduwzijden. Ze bevatten zwavel, waardoor bij verbranding SO, ontstaat. Kolen in het bijzonder bevatten veel onverbrandbare bestanddelen die in de vorm van stof, as en reststoffen een probleem kunnen vormen. Bij verbranding van brandstoffen treedt ook oxydatie op van stikstof die in de verbrandingslucht of brandstof aanwezig is. De NO,, die zo ontstaat levert, net als SO, een bijdrage aan de verzuringsproblematiek. Een belangrijk bezwaar van het gebruik van fossiele bronnen is het ontstaan van CO,, hetgeen een bijdrage levert aan de klimaatproblematiek. Los aan deze milieunadelen bestaat het nadeel van de instabiele prijzen. Het verzachten van deze prijsrisico's is tot op heden een belangrijk doel van het energiebeleid geweest. Ontwikkeling van vroeger tot nu Het fossiel energiegebruik begon met kolen. Deze brandstof had vrijwel elk industrieland in de eigen bodem. Naarmate de ontwikkeling toenam begon men over de grenzen naar goedkopere bronnen to zoeken. Olie werd steeds belangrijker, met alle bijbehorende transport en raffinage capaciteit. Daarna kwam het aardgas dat een internationaal vertakt netwerk van buisleiding nodig maakte. Gesteld kan worden dat deze ontwikkeling mogelijk was door de steeds toenemende internationale samenwerking (vgl. de Europese Gemeenschap voor kolen en 119

staal, en het Europese Energie charter). Het is ook geen toeval dat de milieu-effecten die samenhangen met het gebruik van deze brandstoffen minder worden in de reeks kolen - olie - gas. Het gebruik van kolen op de markten waar nu gas wordt ingezet zou milieueffecten hebben zoals die nu zichtbaar worden in Oost-Europa. De nabije toekomst Twee elementen gaan de toekomst van de fossiele bronnen in hoge mate beinvloeden: heffingen en CO, verwijdering. Heffingen zullen de prijzen van de fossiele bronnen hoger en stabieler maken, en daarmee een belangrijke bijdrage leveren aan het besparingsbeleid. Het gebruik van fossiele energie zal dientengevolge gaan afnemen. Hiervoor zijn echter we] hoge heffingen nodig, vergelijkbaar met de huidige accijnzen op motorbrandstoffen. De in to voeren heffingen zullen naar alle waarschijnlijkheid een CO, component in de heffingsbasis kennen. Hierdoor zullen koolstofrijke brandstoffen zoals kolen relatief duurder worden ten opzicht van olie en gas. De penetratie van aardgas zal daardoor worden bevorderd. Het heffingenbeleid zal weinig vat hebben op de verkeerssector, vooral omdat de bestaande accijnzen hier al zeer hoog zijn en daardoor de nieuwe heffingen voor relatief beperkte prijsstijgingen zullen zorgen. De positie van olie op de markt voor het autoverkeer zal dan ook niet substantieel worden bedreigd. Door toepassing van de techniek van C02 verwijdering is het mogelijk om de CO, die bij het gebruik van fossiele brandstoffen ontstaat, of to vangen en elders, buiten de atmosfeer op to slaan. Aardgasvelden lenen zich uitstekend voor de opslag van zeer grote hoeveelheden CO2. Toepassing van deze techniek kan de markt voor fossiele brandstoffen substantieel beinvloeden, althans in de industriele wereld. Het enige probleem bij de techniek is de relatief hoge prijs. Het verwijderen en opslaan van een ton CO, zal f 30,- tot f 60,- gaan kosten. De produktiekosten van I Kwh elektriciteit zullen daardoor 3 tot 6 cent stijgen. Op zichzelf is dat een groot bedrag maar in verhouding tot de hoogte van de heffingen die hiervoor zijn besproken is het zelfs weinig. Gesteld kan worden dat bij een heffingenbeleid waarbij de energieprijzen voor de gebruikers met 50 tot 100% worden verhoogt en waarbij de heffing voor 50% wordt gebaseerd op CO2, het verwijderen van CO, 120

rendeert. Hierbij wordt aangenomen dat het CO2-deel van de heffing in zulke gevallen zal worden vrijgesteld. De lange termijn De techniek zal langs deze weg de invloed van de heffingen op de relatieve positie van fossiele brandstoffen op de energiemarkten, verzachten. Volledig schoongemaakte energiedragers zullen uiteindelijk het beeld bepalen, weliswaar voorzien van een heffing op de energieinhoud om de beoogde maximale efficientie to bevorderen. Per gebruiksmarkt zullen de schone bronnen verschillende kansen hebben. Grootschalige elektriciteitsopwekking leent zich goed voor technieken zoals COz verwijdering. Naast de groeiende bijdrage van duurzame bronnen zoals wind- en zonne-energie, zal schoongemaakte fossiele energie in deze sector nog Lang op een rendabele toepassing kunnen rekenen. In de industrie zal het beeld in eerste instantie worden gedomineerd door maximale inzet van aardgas ten koste van kolen en olie. In sommige processen zal het afvoeren van CO2 om heffingen uit to sparen aantrekkelijk worden. Ook het gebruik van centraal geproduceerde waterstof, meestal uit fossiele energie gecombineerd met COZ verwijdering, kan een bruikbaar alternatief zijn. Op de warmtemarkt zal het effect van de hogere energieprijzen, vanwege de heffingen, naar verwachting een sterke groei zijn van het gebruik van restwarmte. Restwarmte-producenten zijn to vinden bij de elektriciteitsopwekking en in de industrie. Het overige warmtegebruik zal nog lang worden gedekt door aardgas. Door verschillende mensen is reeds voorgesteld om door het aardgas een bepaalde hoeveelheid waterstof to mengen om de COz emissie per energie-eenheid verder to verlagen. In de transportsector is het vermijden van de COZ emissies moeilijk en duur. Olie zal dan ook nog lang de belangrijkste bron zijn voor deze sector. Op termijn valt to denken aan een toenemende rol voor aardgas, bio-fuels, waterstof en elektriciteit. Een op CO, en energieinhoud gebaseerd heffingenbeleid zal voorlopig weinig greep hebben op de motorbrandstoffen. De accijnzen die hier nu reeds worden geheven verhogen de kostprijs van de motorbrandstoffen al met circa 200%, zodat de marginale uitwerking van een extra energieheffing klein zal blijven. 121