Interval-debulking Inleiding Binnenkort wordt u in het AMC opgenomen op de afdeling Gynaecologie (H5-Zuid) voor een interval-debulking operatie. In deze brochure vindt u informatie over deze operatie in het AMC. Wat is een intervaldebulking? Een interval-debulking operatie is een buikoperatie die wordt uitgevoerd bij patiënten met eierstokkanker (ovariumcarcinoom) en eerst met een aantal (meestal 3 ) kuren chemotherapie zijn behandeld. Een dergelijke operatie wordt meestal gepland 4 weken na de 3 e kuur. Het doel van de operatie is zoveel mogelijk tumorweefsel te verwijderen. De buik wordt geopend met een snee die loopt van het schaambeen.tot boven de navel. Bij een interval-debulking operatie worden behalve de eierstokken, ook de baarmoeder en het inwendige vetschort verwijderd. Zo nodig worden er lymfeklieren verwijderd als er aanwijzingen zijn dat de tumor zich hierin heeft uitgezaaid. Wanneer de tumor is doorgegroeid in de darm, kan de gynaecoloog een deel van de darm wegnemen. Soms is het noodzakelijk om een tijdelijk of definitief darmstoma aan te leggen. Een stoma is een kunstmatige uitgang van de darm in de huid van de buik. De operatie duurt 3 tot 5 uur. Na de operatie krijgt u opnieuw drie kuren chemotherapie. Voorbereiding op de polikliniek Voordat u wordt geopereerd, bezoekt u meerdere keren het AMC voor o.a.: Een intakegesprek met de arts en de verpleegkundige; bloedonderzoek; een röntgenfoto van de longen; een hartfilmpje (ECG), voor patiënten ouder dan 60 jaar; eventueel een longfunctieonderzoek eventueel een CT-scan, MRI of PET-scan. een afspraak op de Poli Anesthesiologie Poli Anesthesiologie U krijgt een afspraak bij de anesthesioloog om de narcose tijdens uw operatie te bespreken. Een anesthesioloog, specialist op het gebied van narcose en pijnbestrijding, zal u vragen stellen over uw algemene gezondheidstoestand, eerdere operaties, uw medicijngebruik, doorgemaakte ziektes, eventuele overgevoeligheid voor bepaalde medicijnen en ervaringen met eerdere narcose. Uw bloeddruk wordt opgemeten en aanvullende onderzoeken kunnen worden afgesproken. Folder intervaldebulking september 2012 1/6
Maatschappelijk werk Als u er behoefte aan hebt, kunt u vóór uw opname al kennis maken met één van de maatschappelijk werkers van de afdeling Gynaecologie. De maatschappelijk werker kan u en uw familie begeleiding en ondersteuning bieden bij het verwerken van uw ziekte. Ook kan de maatschappelijk werker informatie en advies geven bij de praktische gevolgen van uw ziekte. Planning Ongeveer 1 week voor de geplande opname krijgt u hiervan telefonisch bericht. De voorbereidingen op de verpleegafdeling U wordt de dag voor de operatie opgenomen op de verpleegafdeling H5Zuid. De totale opnameduur is moeilijk te voorspellen, maar is gemiddeld 5 tot 7 dagen. Gesprekken en onderzoeken op de opnamedag Uw verpleegkundige zal een kennismakingsgesprek met u voeren. In dit gesprek wordt onder andere gevraagd naar uw medicijngebruik. Het is belangrijk dat u al uw medicijnen in de originele verpakking(en) meeneemt bij uw opname. Ook worden er afspraken gemaakt over het innemen van uw medicijnen. Verder wordt er geïnformeerd naar eventuele allergieën, uw algemene gezondheidstoestand en uw thuissituatie. Ook wordt de naam en het telefoonnummer van uw contactpersoon gevraagd. Dit is de persoon die na de operatie gebeld wordt om te bevestigen dat de operatie achter de rug is. U kunt uw partner, familielid of goede vriend(in) opgeven als contactpersoon. Een coassistent zal een medische vragenlijst met u doornemen en zal bloed bij u afnemen. De gynaecoloog en/of de arts-assistent die de operatie uit gaan voeren, komen bij u langs om nogmaals de operatie met u door te nemen. Zij zullen u eventueel opnieuw inwendig gynaecologisch onderzoeken. Een maatschappelijk werker komt bij u langs voor een kennismakingsgesprek indien dit nog niet heeft plaatsgevonden op de polikliniek. Dit is geheel vrijblijvend. Indien de gynaecoloog verwacht dat u een darmstoma krijgt, komt de stomaverpleegkundige de dag voor de operatie bij u langs om u te informeren over een darmstoma. Ook zal de plek waar het stoma eventueel komt te zitten, op uw buik getekend worden. Voorbereiding voor de operatie - De avond voor de operatie krijgt u een klysma om uw darmen zo leeg mogelijk te maken. - Ter voorkoming van trombose (bloedstolstels in de bloedvaten) zal u een onderhuidse injectie Fraxiparine worden toegediend in de buik. Dit zal de gehele opname elke avond plaatsvinden. - Tot 2 uur voor de operatie mag u iets drinken en tot 6 uur voor de operatie een lichte maaltijd (bijv. beschuit of cracker) eten. De dag van de operatie Op de operatiedag kunt u zich gewoon douchen. U krijgt van de verpleegkundige operatiekleding. Sieraden, make-up en nagellak moeten verwijderd zijn. Indien u contactlenzen heeft, moeten deze uitgedaan worden voordat u naar de operatiekamer gaat. Folder intervaldebulking september 2012 2/6
Ongeveer een uur voor de operatie krijgt u medicatie ter voorbereiding op de narcose. Dit is voorgeschreven door de anesthesioloog. Het betreft pijnstillers en een tablet om te ontspannen. Hierna brengt de verpleegkundige u in uw bed naar de wachtruimte van de operatiekamer (de verkoever). In de wachtruimte neemt een andere verpleegkundige de zorg over. De anesthesioloog en diens assistent halen u op van de wachtruimte en brengen u naar de operatiekamer. Daar staat een team van artsen en operatieassistenten klaar om u te opereren. Voordat u gaat slapen worden in het kader van een veiligheidsprocedure vragen aan u gesteld: uw naam, uw geboortedatum, of u allergisch bent voor medicijnen en wanneer u voor het laatst heeft gegeten. Op de operatiekamer krijgt u: - een infuus voor het toedienen van vocht en medicatie. Ook worden narcosemiddelen via het infuus toegediend waardoor u in slaap valt. - een epiduraal (ruggenprik), als u dit heeft afgesproken met de anesthesioloog tijdens het voorgesprek op de polikliniek. Tijdens de operatie bent u onder algehele narcose. Dit wil zeggen dat u niet bij bewustzijn bent. Voordat de narcosemiddelen worden toegediend, wordt u aangesloten op een bewakingsmonitor. Er wordt een beademingsbuisje in uw keel ingebracht voor de beademing tijdens de narcose. Hierdoor kunt u na de operatie enkele dagen last van uw keel hebben. De operatie duurt ongeveer 3 tot 5 uur. Na afloop van de operatie gaat u naar de verkoever (uitslaapkamer). Hier blijft u enige tijd ter observatie. Gespecialiseerde verpleegkundigen zien erop toe dat u rustig bijkomt van de operatie. U bent aangesloten op bewakingsapparatuur en indien nodig krijgt u extra zuurstof via een slangetje naar de neus. Een verpleegkundige van de verkoever neemt telefonisch contact op met uw contactpersoon om diegene te informeren dat de operatie klaar is. Er wordt door de verpleegkundige geen inhoudelijke informatie over het verloop van de operatie gegeven. De gynaecoloog die de operatie heeft uitgevoerd neemt ook contact op met uw contactpersoon om het verloop van de operatie te bespreken. Later komt de gynaecoloog bij u langs om u te informeren over het verloop van de operatie. Zodra uw lichamelijke situatie het toelaat, wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling. Soms is een verblijf gedurende de eerste nacht op de uitslaapkamer noodzakelijk. De bezoektijd op de verkoever op H1-Noord is van 19.15 tot 19.45 uur (maximaal 2 personen). De eerste dagen na de operatie Na de operatie kunt u het volgende verwachten: Zuurstof Indien nodig krijgt u tijdelijk extra zuurstof toegediend via de neus. Maagsonde Vaak wordt er tijdens de operatie een maagsonde (dun slangetje naar de maag) via de neus en keelholte ingebracht om de maagsappen af te voeren. De maagsonde is nodig om braken te Folder intervaldebulking september 2012 3/6
voorkomen. De maagsonde wordt meestal aan het einde van de ingreep verwijderd. Soms wordt besloten om de maagsonde toch in te laten tot enige tijd na de operatie. Infuus Via een infuus krijgt u de eerste 3 tot 4 dagen vocht en zo nodig medicatie toegediend. Het infuus mag pas verwijderd worden wanneer de epiduraal (ruggenprik) of de morfinepomp verwijderd zijn. Pijnklachten na de operatie De anesthesioloog heeft voor de operatie met u besproken welke vorm van pijnbestrijding u krijgt. Meestal wordt deze vorm van pijnstilling enkele dagen na de operatie verwijderd en krijgt u tabletten om de pijn te onderdrukken. Blaaskatheter Tijdens de operatie wordt via de plasbuis een dun slangetje in de blaas gebracht. Door middel van een ballonnetje aan het eind van deze slang blijft de katheter in de blaas zitten. De katheter zorgt ervoor dat de urine afloopt in een urinezak, zodat u niet naar het toilet hoeft. De urinekatheter wordt verwijderd wanneer de ruggenprik of morfinepomp wordt verwijderd. Dagelijkse verzorging en wondverzorging Hulp bij de dagelijkse verzorging. De eerste dagen na de operatie zal uw verpleegkundige u hulp en ondersteuning bieden bij de dagelijkse verzorging. Na een dag of drie bent u weer grotendeels zelfstandig. Wondverzorging. De verpleegkundige zal dagelijks uw buikwond inspecteren en verzorgen. Stoma verzorging Als u een stoma hebt gekregen, zal de verpleegkundige dagelijks uw stoma inspecteren en verzorgen. Bovendien krijgt u uitleg hoe u de stoma zelf kunt verzorgen. Eetlust. Na de operatie wordt afhankelijk van uw eetlust uw dieet uitgebreid, totdat u weer normaal kunt eten. De eerste dagen zult u misschien wat minder eten dan u gewend bent. Ontlasting Meestal duurt het enkele dagen voor de ontlasting weer op gang komt. Enkele oorzaken hiervan zijn: de narcose, weinig beweging en een veranderd eetpatroon. Om de darmen wat te stimuleren krijgt u laxerende medicatie. Ook wordt u geadviseerd om vezelrijk te eten. Hechtingen. Indien uw buik met krammetjes is dichtgemaakt, moeten deze op de 8 ste dag na de operatie verwijderd worden. Waarschijnlijk bent u op de 8 ste dag al met ontslag. U kunt dan een afspraak met uw huisarts maken om ze te laten verwijderen. Indien u dicht bij het AMC woont, kunnen de krammetjes ook op de afdeling Gynaecologie worden verwijderd. Indien de huid is gesloten met onderhuidse hechtingen hoeft geen hechtmateriaal te worden verwijderd. Ontslag Als de genezing normaal verloopt, kunt u 5 tot 7 dagen na de operatie met ontslag. Wanneer tijdens de opname blijkt dat u nog zorg nodig heeft na ontslag, zal uw verpleegkundige dit organiseren. Een verpleegkundige van de afdeling Transfer komt dan bij u langs op de afdeling om te bespreken welke zorg geboden kan worden. Folder intervaldebulking september 2012 4/6
Indien u tijdelijk naar een verpleeghuis of een zorghotel gaat, kan de maatschappelijk werkende dit voor u regelen. Uitslag van weefselonderzoek en nabehandeling Ongeveer 10 tot 12 dagen na de operatie krijgt u de uitslag van weefselonderzoek. Wanneer u met ontslag gaat, krijgt u hier een afspraak voor. Het weefsel dat bij de operatie is weggenomen wordt op het pathologisch laboratorium onderzocht. In het algemeen zal voor u worden afgesproken dat u na de operatie doorgaat met chemotherapie. U krijgt dan nog eens 3 kuren op dezelfde wijze en op dezelfde plaats waar u de eerste 3 kuren heeft gekregen. Uw eigen internist oncoloog zal u daar weer bij begeleiden. De gevolgen van de operatie Zwangerschap en overgang Wanneer de baarmoeder en eierstokken zijn verwijderd, is het niet meer mogelijk zwanger te worden. Voor vrouwen die nog niet in de overgang waren, betekent verwijdering van de eierstokken en de baarmoeder, dat er een eind komt aan de menstruatie. Na verwijdering van de eierstokken kunnen er vervroegd overgangsklachten optreden; dit kunt u bespreken met uw gynaecoloog. Seksualiteit Bij de eerste nacontrole op de polikliniek, 6 tot 8 weken na uw operatie, kijkt de gynaecoloog of de wond in de schede is genezen. Wanneer dit het geval is, dan is er lichamelijk gezien geen belemmering om geslachtsgemeenschap te hebben. Door de operatie kunnen er veranderingen optreden in de beleving van de seksualiteit. Aanpassing aan de nieuwe situatie kan moeilijk zijn voor zowel u als uw eventuele partner. Aarzel niet om dit te bespreken met uw arts of verpleegkundige. De gynaecoloog kan u doorverwijzen naar de seksuoloog. Plassen en ontlasting Dit kan veranderd zijn, maar dat is vaak van tijdelijke aard. Vooral voor de darmen kunnen voldoende beweging, veel drinken en een vezelrijk dieet tot steun zijn. Als u een stoma heeft, kunt u contact met de stomaverpleegkundige houden voor allerlei vragen en informatie. Vermoeidheid Na een grote operatie als deze kan het zijn dat u lange tijd last heeft van vermoeidheid. Soms houdt dit zelfs meer dan een jaar aan. De vermoeidheid is een gevolg van zowel de ziekte als de behandelingen tegen de ziekte. Het is belangrijk dat u zorgt voor een goede lichamelijke conditie door regelmatig aan lichaamsbeweging te doen en zo gezond mogelijk te eten. Herstel Het herstellen van de operatie kan enkele maanden duren. Indien u nabehandeld moet worden, moet u rekenen op een langere herstelperiode. Voor de eerste zes weken gelden de volgende leefregels: niet zwaar tillen, niet zwemmen of in bad, geen tampons gebruiken en geen geslachtsgemeenschap. Zolang u niet in goede conditie bent en niet zwaar mag tillen, kan huishoudelijke hulp wenselijk zijn. Indien u geen partner of thuiswonende volwassen kinderen hebt, kunt u dit voor uw operatie vast aanvragen bij het WMO-loket van uw gemeentehuis. Hieraan is wel een eigen bijdrage verbonden. Uiteraard kunt u ook zelf huishoudelijke hulp regelen. Folder intervaldebulking september 2012 5/6
Nazorg Om u te ondersteunen bij uw herstel zal uw verpleegkundige na uw ontslag telefonisch contact met u opnemen. Hij/zij kan dan eventuele vragen beantwoorden. Na uw operatie blijft u gedurende vijf jaar onder medische controle bij de gynaecoloog. Na een ingrijpende behandeling als deze heeft u tijd nodig om alles wat gebeurd is te verwerken. Het is niet ongewoon dat de maanden na de operatie gepaard gaat met periodes van lusteloosheid, verdriet, opstandigheid en angst. Waarschijnlijk zult u, en ook uw naaste omgeving, dan ook meer aandacht nodig hebben. Als u behoefte heeft om over al deze dingen met een deskundige te praten, kunt u dit met uw behandelende gynaecoloog bespreken. Deze kan u eventueel doorverwijzen. Tot slot Wanneer u na het lezen van de folder nog vragen hebt, kunt u altijd contact opnemen met de polikliniek of de verpleegafdeling. Op de website van KWF Kankerbestrijding is veel informatie over eierstokkanker te vinden. Ook Stichting Olijf heeft veel nuttige informatie voor vrouwen met gynaecologische kanker. Adressen en telefoonnummers AMC Poli gynaecologie A1 Telefoon 020-5664292 Verpleegafdeling gynaecologie H5Zuid Telefoon 020-5663665 Maatschappelijk Werk Telefoon: 020-5669111 vragen naar sein 58502 Telefonisch spreekuur seksuologie 020-5664490 dinsdag/ donderdag/vrijdag van 11.00-12.00 uur Overige KWF kankerbestrijding Gratis 0800-022662 www.kwfkankerbestreiding.nl Vrouwen gezondheidcentra Amsterdam telefoon: 020-6934358 Utrecht: 030-2312850 Stichting Olijf, netwerk van vrouwen met gynaecologische kanker Hulplijn: 0800-022662 Secretariaat: 033-4633299 www.olijf.nl Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie www.nvog.nl Herstel en Balans www.herstelenbalans.nl Folder intervaldebulking september 2012 6/6