IK, LEREN EN WERKEN Loopbaanoriëntatie en -begeleiding Loopbaanlogboek voor fase 3 Transitie
Colofon Uitgeverij: Edu Actief b.v. 0522-235235 info@edu-actief.nl www.edu-actief.nl Auteur: Helma Klein Nagelvoort Inhoudelijke redactie: Daphne Ariaens Titel: Ik, leren en werken Loopbaanoriëntatie en -begeleiding Fase 3 ISBN: 978 90 3721 330 0 Edu Actief b.v. 2014 Behoudens de in of krachtens de Auteurswet gestelde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. Voor zover het maken van reprografische verveelvoudigingen uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16h Auteurswet dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan de Stichting Reprorecht (www.reprorecht.nl). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in compilatiewerken op grond van artikel 16 Auteurswet kan men zich wenden tot de Stichting PRO (www.stichting-pro.nl). De uitgever heeft ernaar gestreefd de auteursrechten te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die desondanks menen zekere rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de uitgever wenden. Door het gebruik van deze uitgave verklaart u kennis te hebben genomen van en akkoord te gaan met de specifieke productvoorwaarden en algemene voorwaarden van Edu Actief, te vinden op www.edu-actief.nl. 2
Inhoud Voorwoord 4 Hoofdstuk 1 Periode 1 7 Hoofdstuk 2 Periode 2 25 Hoofdstuk 3 Periode 3 42 Hoofdstuk 4 Eindopdracht en reflectie 59 3
Voorwoord Dit is een leer-werkboek voor verslagen en vragen over je ontwikkeling. Het heet een loopbaanlogboek. Elk onderdeel van het loopbaanlogboek heeft te maken met je loopbaan. Je moet leren voor je loopbaan. Ook ontwikkel je je om te kunnen werken. Je moet later zelfstandig kunnen wonen. En je leert om een zelfstandig burger te kunnen worden. Zelf-redzaam te worden. Voor al deze onderdelen ben je je aan het ontwikkelen. Je krijgt begeleiding bij je loopbaanontwikkeling. Daarvoor heb je ontwikkelgesprekken. Een periode is de tijd tussen 2 gesprekken over je loopbaanontwikkeling. Je gaat in dit leer-werkboek verslag doen over je ontwikkeling. En je gaat plannen, wat je in de volgende periode wilt ontwikkelen. De volgende 2 vragen zijn belangrijk: Wat heb je geleerd in de periode die geweest is? En wat ga je in de volgende periode leren? In dit leer-werkboek staan 3 hoofdstukken. Elke periode gebruik je 1 hoofdstuk. Na 3 periodes is dit leer-werkboek vol. Er zijn 3 verschillende leer-werkboeken: een loopbaanlogboek voor fase 1 waarin je je oriënteert op doorleren en werken een loopbaanlogboek voor fase 2 waarin je je voorbereidt op doorleren en werken een loopbaanlogboek voor fase 3 waarna je aan het eind de stap zet naar doorleren of werken. Dit leer-werkboek is een loopbaanlogboek voor fase 3. Picto In dit boek zie je bij sommige opdrachten een picto. Een picto geeft je informatie over de opdracht. Hierna lees je wat de picto s betekenen. Bij dit picto ga je nadenken over een opdracht. Je denkt na over wat je straks gaat doen. Je gaat de opdracht voorbereiden. Bij dit picto ga je de opdracht uitvoeren. Je gaat bijvoorbeeld iets maken. Of je gaat iets doen. 4
Bij dit picto ga je de opdracht evalueren. Je controleert of je de opdracht goed hebt gedaan. Wat ging er goed en wat ging er minder goed? Wat vond je van de opdracht? Wat kon je eerst niet, wat je nu wel kunt? Wat ga je de volgende keer anders doen? Bij dit picto ga je reflecteren. Je denkt na over wat je hebt geleerd. En wat dat betekent voor je toekomst. Wat ga je nu doen? Hoe gaat het verder? Bij dit picto ga je in gesprek. Bij het gesprek kun je de StruX-kaarten gebruiken. Bij dit picto ga je iets bekijken op de website van StruX. Dit kan bijvoorbeeld een foto, formulier of film zijn. 1. Ga naar www.strux.nl. 2. Klik op de knop deelnemersmateriaal. 3. Klik op Ik, leren en werken. 4. Klik op de foto van dit leer-werkboek. 5. Klik op de link bij de opdracht. Beeldwoordenboek In dit boek staan gekleurde woorden. Gekleurde woorden moet je kennen. Het zijn belangrijke woorden. Deze woorden kun je opzoeken in het beeldwoordenboek. Ga naar www.beeldwoordenboek.strux.nl. 5
Persoonlijke gegevens Familienaam: Voornamen: Roepnaam: Adres: Postcode en woonplaats: Telefoonnummer: E-mailadres: Stamboom Teken je stamboom. Kun jij 2 generaties teruggaan? Hoe heten de ouders van je ouders? Welk werk deden ze of doen ze allemaal? mijn naam mijn beroep 6
Hoofdstuk 1 Periode 1 Dit leer-werkboek is een loopbaanlogboek voor fase 3. In dit loopbaanlogboek komen verslagen. Het zijn verslagen over de periodes waarin je de stap zet naar doorleren of werken. Dit is periode 1. 7
Hoofdstuk 1 Periode 1 Wie ben ik? In deze paragraaf werk je aan kwaliteiten-reflectie. Je denkt na over wat je kunt. En hoe je dit kunt gebruiken in je loopbaan. Je werkt aan de volgende dingen: Ik weet waar ik goed in ben. Ik weet waar ik minder goed in ben. Ik weet welke kwaliteiten ik kan gebruiken voor het werk dat ik nu doe in stage/bpv. Ik weet welke kwaliteiten mijn baas graag ziet bij zijn personeel. Opdracht 1 Waar heb je gewerkt? Wat voor werk deed je? Schrijf 3 punten op waar je goed in bent op je werk. 1. 2. 3. Schrijf 3 punten op waar je minder goed in bent op je werk. 1. 2. 3. Ik doe dit werk graag/niet graag omdat: 8
Hoofdstuk 1 Periode 1 Opdracht 2 Beschrijf 2 dingen die je hebt gedaan waar je trots op bent. Vraag jezelf af waarom je hier zo tevreden over bent. Schrijf daarna op welke kwaliteiten jij hebt laten zien bij deze dingen. Bijvoorbeeld Dit heb ik gedaan: Ik ben er trots op omdat: Daar blijken deze kwaliteiten uit: een klant in de winkel geholpen. ik dit nog nooit had gedaan en het meteen goed ging. lef, klantvriendelijkheid. Prestatie 1 Dit heb ik gedaan: Ik ben er trots op omdat: Daar blijken deze kwaliteiten uit: 9
Hoofdstuk 1 Periode 1 Prestatie 2 Dit heb ik gedaan: Ik ben er trots op omdat: Daar blijken deze kwaliteiten uit: Opdracht 3 Je werkt steeds vaker. Bijvoorbeeld in een bedrijf, een keuken, een fabriek, een instelling of een winkel. Steeds meer competenties worden belangrijk. En je moet de competenties steeds beter beheersen. Een competentie is wat jij kent. En wat jij kunt. Als je iets kent of kunt als je het nodig hebt, ben je competent. Dit zijn de competenties die je moet hebben: Competenties 1. Samenwerken en overleggen 10. Aandacht en begrip tonen 2. Ethisch en integer handelen 11. Materialen en middelen inzetten 3. Formuleren en rapporteren 12. Je op de behoeften en verwachtingen van de klant richten 10
Hoofdstuk 1 Periode 1 4. Instructies en procedures opvolgen 13. Plannen en organiseren 5. Kwaliteit leveren 14. Beslissen en activiteiten initiëren 6. Relaties bouwen en netwerken 15. Presenteren 7. Leren 16. Onderzoeken 8. Creëren en innoveren 17. Met druk en tegenslag omgaan 9. Omgaan met verandering en aanpassen Let op! Wil jij weten wat je moet kennen en kunnen? Vraag je begeleider naar de StruX-kaarten. Aan welke competenties van de eerste kolom heb je afgelopen periode gewerkt op je werk? Hoe heb je aan deze competenties gewerkt? Waarom wilde je deze competenties oefenen? 11
Hoofdstuk 1 Periode 1 Met welke competenties ga je in de komende periode aan de slag? Opdracht 4 Hoe zet jij je in voor duurzaamheid op je stage of werk? Trek een lijn naar elke zin die bij jou past. Ik draag bij aan een goede werksfeer. Ik ben collegiaal. Ik zorg voor een overzichtelijke werkplek. Ik zorg voor minder afval. Ik krijg mijn loon eerlijk uitbetaald. Ik spaar geld voor mijn toekomst. Wat wil jij nog meer gaan doen aan duurzaamheid tijdens je stage of werk? Wat wil ik? Opdracht 5 Aan welke onderwerpen heb je de afgelopen periode gewerkt? Opdracht 6 Wat vond je heel moeilijk om te doen? Maar heb je toch gedaan? 12