blijdschap na droefheid Het evangelie naar Johannes 16:16-33
Terugblik (1) Jh 1:1-34: intro van het Woord (Jezus) en van zijn heraut (Johannes de Doper) Jh 1:35-12:50: openbare optreden van Jezus 7 (wonderen die iets be-) tekenen veel gesprekken, o.a. n.a.v. die tekenen Jh 13-17: intiem bijeenzijn met Zijn directe volgelingen (12>11): Zijn liefde voor hen oproep onderlinge liefde Zijn vertrek: doel & nut, gevolg komst van de Heilige Geest 03-11-2015
Terugblik (2) Zijn liefde (voetwassing, geduld met Judas) Zijn liefde, en die van de Vader, blijft bij ons oproep in die liefde te blijven en elkaar lief te hebben vanuit verbondenheid met Hem vrucht dragen Zijn vertrek: plaats klaarmaken in het Vaderhuis de Heilige Geest sturen waarschuwing voor vijandschap van de wereld De Heilige Geest (voorspraak, trooster) komt: als getuige van Jezus (met/in de discipelen) om de discipelen in herinnering te brengen en in de waarheid te leiden de toekomst en de schatten van de Zoon verkondigen 03-11-2015
Ik ga heen/weg (en daar) kunnen jullie niet komen (13:33) (en daar) kun je Mij nu niet volgen (later wel) (13:36) om jullie plaats te bereiden (en kom daarna terug) (14:2-3) de weg er naar toe weten jullie (14:4) wie in Mij gelooft zal (daarom) grotere werken doen (14:12) en kom tot jullie (terug) (14:28a, vgl. 14:18) naar de Vader (14:28b) naar Hem die Mij heeft gestuurd (16:5) en zal de Voorspraak naar jullie sturen (16:7) is een bewijs van gerechtigheid (16:10)
Ik ga heen/weg (2) Een korte tijd en u ziet Mij niet, en weer een korte tijd en u zult Mij zien (vs16) discipelen:??korte tijd wel/niet zien; naar de Vader?? (vs17) vs 20-22 korte tijd niet zien als Jezus gestorven is en in het graf ligt voor de discipelen tijd van droefheid te vergelijken met barensweeën weer zien na Jezus opstanding dan zal er blijdschap zijn zoals wanneer het kind geboren is
Ik ga heen/weg (3) Ik ben van de Vader uitgegaan en ben in de wereld gekomen; Ik verlaat de wereld weer en ga heen naar de Vader. (vs28) discipelen: nu snappen we het! (vs29 v.v.)
beloften over bidden /vragen (1) Alles wat jullie zullen bidden in mijn naam, dat zal Ik doen. (14:13,14) als, bidt alles wat jullie maar willen en het zal jullie gebeuren (15:7) opdat alles wat jullie de Vader zullen vragen in mijn naam, Hij jullie dat geeft. (15:16)
beloften over bidden /vragen (2) 23 En op die dag zult u Mij niets vragen. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Alles wat u de Vader zult bidden in Mijn Naam, zal Hij u geven. 24 Tot nu toe hebt u niets gebeden in Mijn Naam; bid, en u zult ontvangen, opdat uw blijdschap volkomen zal worden. 26 Op die dag zult u in Mijn Naam bidden, en Ik zeg u niet dat Ik de Vader voor u vragen zal, 27 want de Vader Zelf heeft u lief, omdat u Mij hebt liefgehad en hebt geloofd dat Ik van God ben uitgegaan. die dag: als Jezus is opgestaan beloften: in Jezus naam: de Vader zelf heeft ons lief omdat wij Jezus liefhebben en Hem geloven
Jezus doel met dit gesprek Jezus wil zijn discipelen bemoedigen: jullie droefheid zal tot blijdschap worden (vs20) jullie hart zal zich verblijden en niemand neemt dat weg (vs22) opdat jullie blijdschap volkomen zal zijn (vs24) Ik heb dit tot jullie gesproken opdat jullie in Mij vrede hebben (vs33) Heb goede moed: Ik heb de wereld overwonnen (vs33)
Vragen?
gespreksvragen 1. In dit laatste intieme bijeenzijn praat Jezus herhaaldelijk over Zijn weggaan. Kun je je de reactie van de discipelen (vs17) voorstellen? Waarom wel/niet? Waarom zag Jezus er naar uit om weg te gaan (zie ook 14:28; 16:5)? Waar ziet jouw geloof naar uit? 2. In dit bijeenzijn geeft Jezus grote beloften over gebedsverhoring. Welke redenen geeft Hij daarvoor? En welke voorwaarden? (lees 14:13-14; 15:7,16; 16:23-26) Hoe ervaar jij deze beloften? 3. Met welke 3 dingen wil Jezus zijn discipelen een hart onder de riem steken (vs22, 33a, 33b)? Welke 2 dingen zie je terug in de aansporing van Paulus in Fp 4:4-7? Hoe zie je het derde terug in Hand. 23:11? Hoe hangen ze samen? Ervaar jij ze ook? 4. Jezus zegt: Ik heb de wereld overwonnen (vs 33). Wat voor conclusie trekt Paulus daar uit (Rom. 8:37)? Voel jij je een overwinnaar?